MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten AOVV als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Ænigmatum - Deconsecrate (2021)

poster
4,0
Laatste dagen een paar keer gedraaid, en dit is toch wel een lekkere plaat geworden. Het helpt natuurlijk wel dat de opener een verschrikkelijk sterke compositie is, waarin de band al z'n troeven uitspeelt. Kronkelend riffwerk, adembenemende drums (ik ben zeker geen kenner, maar dit klinkt geweldig goed) en overtuigende vocalen. En, niet te vergeten: epische baslijntjes, zowaar!

De albumhoes ziet er bloederig, goor en mysterieus uit, en deed me wat aan de Alien-films van Ridley Scott denken - dit zou weleens de hal kunnen zijn waar de leider van het beruchte ras op de thuisplaneet zetelt. Tekstueel kan het deels in die contreien gezocht worden, al ontwaar ik ook wat meer filosofische concepten (al zitten die ook in de latere Alien-films mooi verweven). Die teksten zijn leuk om een keertje te lezen, maar je kan er natuurlijk alle kanten mee op, wat dan weer vrij mooi bij de muziek aansluit.

Deze plaat vraagt zeker en vast meerdere luisterbeurten, want er valt genoeg te ontdekken. Wat me na een eerste keer luisteren al opviel, was de dynamiek, de wisselwerking tussen de verschillende instrumenten en de overvloedige aanwezigheid van detaillistische subtiliteiten allerhande - en dat was dan nog een luisterbeurt zonder de koptelefoon op. Daarna heb ik wijselijk besloten deze enkel nog met koptelefoon of oortjes te beluisteren. Dat zal voor eenieder wellicht anders zijn, maar ik kan dan meer genieten van de kleine details (baslijntje hier, drumroffel of -fill daar). Daarin ligt de meerwaarde van dit Deconsecrate wel.

Ondanks de vele wendingen en details, zou je wel kunnen zeggen dat elke song - met uitzondering van interludium Floods Within a Splintered Cortex - zo'n beetje hetzelfde stramien volgt. Maar dat ervaar ik eerder als een positief iets. Elke song kronkelt, elke compositie verrast, zelfs na een paar keer luisteren. De opener steekt er qua herkenbaarheid misschien een tikkeltje bovenuit (lees: blijft wat beter hangen), maar overall is dit toch vooral een ontzettend consistente plaat. De overgangen tussen de songs zijn daarenboven naadloos, wat maakt dat je deze ook gewoon als één lang nummer zou kunnen luisteren (of op z'n minst verschillende songs aan elkaar zou kunnen plakken).

Naast de opener gaat mijn voorkeur vooral uit naar de songs die na het interludium volgen. Op die manier kent de plaat een erg sterke finale, en blijf ik steeds met een opgetogen gevoel (beetje vreemd of te zeggen bij dit soort muziek misschien, maar het is niet anders) achter. Er zijn ergere dingen in het leven!

4 sterren

Ólafur Arnalds - .​.​.​and they have escaped the weight of darkness (2010)

poster
4,0
Mooie, sfeervolle plaat van deze IJslander. Het leunt erg aan bij klassieke muziek, en in de meeste songs wordt de op de voorgrond staande piano gecombineerd met aanvullende strijkers.

Het tweede nummer doet me vaag denken aan de serie 'Lost', althans een muzikale passage die daar het verhaal ondersteunt.

In het derde nummer wordt er ook gebruik gemaakt van percussie, eerst bescheiden, en naarmate het nummer vordert, wordt dat gebruik opgebouwd, om na een climax weer af te bouwen. Mooi, heel erg mooi.

Op de andere nummers valt eigenlijk niks op af te dingen, het lijkt allemaal wel wat veel op elkaar, maar dat hindert me niet echt, ideale sluit-je-ogen-en-geniet-muziek!

Dat ik de laatste tijd meer en meer open sta voor klassieke muziek, zal er ook wel wat mee te maken hebben dat ik dit erg fraai vind, en zeker kan waarderen. Mijn favoriete componisten zijn momenteel Tjajkovski, Satie en Chopin; de eerste blinkt uit in strijkersarrangementen, de andere twee in het bespelen van de piano. Geen wonder dat ik dit dus goed vind.

Mag ik daar nog even aan toevoegen dat ik 'Undan Hulu' werkelijk magistraal vind? Dat nummer raakt me het meest van al, een sprookje op zich. Die prachtig melancholische, ontroerende strijkers verweven zich op dit nummer meesterlijk onder het hemels pianospel van deze mens.

Wat ook opmerkelijk is: deze man heeft vroeger nog gedrumd bij diverse metalbands! Dat had ik nou toch echt niet verwacht..

Het slotnummer sluit een beetje aan bij 'Undan Hulu', maar het breekt in het midden van de song open met de drums. Ik vind het ook een beetje sneu dat op het einde andere instrumenten worden bovengehaald, zoals de trombone. Niet in de zin van 'het staat me niet aan', want dat zeker wel; ik kan enkel mijmeren over het feit dat hij er zo lang mee heeft gewacht, van mij had er dus iets meer variatie mogen inzitten, maar dat is dan ook het enige punt van kritiek.

Een hedendaagse klassieke componist, ik hoop (en verwacht) nog vele mooie dingen van hem, en ga zeker z'n vorige werk eens checken!

4 sterren

Ólafur Arnalds - Living Room Songs (2011)

poster
3,5
IJsland is het land waar eigenzinnige artiesten als Sigur Rós en Björk vandaan komen. Aanvankelijk kende ik niets uit dit land, waarvan ik wel altijd de naam van de hoofdstad en diens schrijfwijze onthield, omdat dit weleens handig is op een quiz. Sedertdien heb ik toch enkele leuke artiesten uit dit landje mogen ontdekken, en Arnalds is er eentje van.

Zijn vorige plaat '...And They Have Escaped the Weight of Darkness' was in 2010 een leuke verrassing, sfeervol en redelijk sober, op het gemoed werkend. Dat is met 'Living Room Songs' niet anders; het concept van één song per dag opnemen in de woonkamer spreekt me wel aan, en het is des te knapper dat er dan ook nog eens mooie songs uit voortvloeien. Arnalds experimenteert (hoewel, experimenteren is een groot woord) hier wat meer met elektronica, zoals te horen op 'Near Light', al blijft hij zijn kernwaarden trouw; sober pianospel en melancholische strijkers.

'Near Light' was mijn eerste kennismaking met dit album, ik kreeg het voor de kiezen in één of ander topic (weet niet meer welk), en het ging erin als zoete koek. Iets wat ik vooraf wel verwacht had natuurlijk, maar toch. Ik heb de indruk dat de strijkers hier iets nadrukkelijker aanwezig zijn, en de piano zelf niet meer dé hoofdrol speelt, maar één van de hoofdrollen.

Zeven nummers staan er op dit EP'tje, en elk nummer heeft z'n bestaansrecht. 'Film Credits' heeft bijvoorbeeld een erg toepasselijke titel, want het klinkt gewoon erg filmisch (denk: ontroerende scène), en zorgt af en toe toch wel voor rillingen. 'Tomorrow's Song' klinkt dan weer erg breekbaar en klein. Het pianospel van Arnalds staat weer wat meer in de spotlights, en lijkt de andere instrumenten even op hun plaats te willen zetten: "Hé, hier ben ik!".

Het plaatje duurt niet al te lang, en dat vind ik ook wel een pluspunt ergens. Het zorgt ervoor dat, als je eens even de tijd hebt, je dit album gewoon lekker in z'n geheel kan beluisteren, 23 minuten muziek, daar vind je algauw de tijd en ruimte voor. Qua sfeer zit het dus weer helemaal snor, maar de grandeur, dat tikkeltje extra dat ik in zijn vorige plaat wel terug hoorde, is hier een klein beetje zoek. Enfin, ik vind het niet meteen. Ik begin dan ook met een voorzichtige score, met kans op verhoging.

3,5 sterren

Øresund Space Collective - Four Riders Take Space Mountain (2020)

poster
3,5
Deze band heeft zijn naam alvast niet gestolen; dit collectief kent volgens hun website weliswaar een aantal min of meer vaste bandleden, maar bestaat vooral uit muzikanten die komen en gaan; in de laatste 10 jaar zouden er meer dan 50 mensen deel hebben uitgemaakt van de groep.

De band heeft zijn thuisbasis in Kopenhagen, hoofdstad van Denemarken en gelegen nabij de Øresund Bridge, die liefhebbers van nordic noir ongetwijfeld zullen kennen van de topreeks The Bridge.

Om de derde term in de bandnaam te kunnen duiden, is het nodig daadwerkelijk naar de muziek te luisteren. Ik ben niet meteen bekend met eerder werk, maar dit Four Riders Take Space Mountain klinkt alvast als een behoorlijk intrigerende trip van ruim 80 minuten, waarbij het constant schipperen is tussen sterke improvisaties en wat oeverloos gejam. Gelukkig merk ik dat de balans positief uitslaat tijdens het luisteren; dit is een plaat waar je makkelijk in kan verdwalen, maar dat de omgeving altijd fraai en kleurrijk is, maakt veel goed.

3,5 sterren