MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten aerobag als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Simple Minds - Sons and Fascination (1981)

poster
3,0
Simple Minds is voor mij een wat harde noot om te kraken. Begin jaren 80 had de band in vergelijking met zijn tijdgenoten op eerste gehoor niet het venijn van de (hardcore) punk scene, niet de broeierige gekheid van post-punkers als een Joy division en Pere Ubu en ook niet de uitgesproken creative durf van een Talking Heads of Ultravox. Het zweeft ergens tussen deze stijlen in. (Dit zijn natuurlijk wel slechts de observaties van iemand die de jaren ’80 niet meegemaakt heeft, en slechts de retrospectieve kennis uit diverse lijstjes haalt )

Na meerdere luisterbeurten wordt wel evident dat Simple Minds op Sons and Fascination iets bewonderenswaardigs probeert door de duistere post-punk ambiance uit te dossen in een toegankelijker, maar majestejeus pop rock jasje. In mijn optiek een wat ondankbare taak: Het zijn twee genres met uiterste ambiances, krijg die maar eens tot een coherent geheel.

Het resultaat is dan ook wat gemixed, het album kent zijn momenten maar dreigt ook een vrij onschuldig luisterspel te vormen. Het weet me grotendeels nooit echt volledig te prikkelen of te overdonderen. Iets meer variatie in de zeer aanwezige drum ritmes was ook zeer welkom geweest.

Máár ik ben iets te negatief, met vlagen is het potentieel van de band zeker te horen. De funky salvo’s van Sweat in Bullet, de meerdere verweven zanglijnen op 70 Cities as Love Brings the Fall, de snijdende gitaren op Love Song, de futuristische en melodieuze ambiance van Seeing Out the Angel… Genoeg positieve (hoogte)punten op te merken aan dit album.  

Overigens heb ik dit album als dubbelaar met Sisters Feelings Call geluisterd en ik wil nog even noemen: Theme for Great Cities en The American zijn wat mij betreft twee positieve uitschieters waar de beoogde sound van Simple Minds ook zeer goed uit de verf komt. Deze kant van Simple Minds spreekt me ook meer aan dan wat nog komen gaat.

Soul Coughing - Ruby Vroom (1994)

poster
4,5
Ik luisterde vroeger zo af en toe naar Soul Coughing, maar ze zijn daarna wat in vergetelheid geraakt bij mij. De laatste tijd zag ik users in het 'Wat Draai Je Nu'-topic albums van Soul Coughing droppen en dat waren de aanstekelijke aerosolen die mijn ziel ook weer volmondig lieten hoesten.

Dit debuut van deze coole snuiters heb ik weer volledig herontdekt. Het is een sterk onderscheidend album, op zijn eerste plaats uiteraard door die verslavende jazzy jams en de charismatische teksten van Mike Doughty. Stream-of-consciousness poetry blijkbaar, aldus de mensen die meer verstand van poezië hebben dan ik. Hoe dan ook, het klinkt fantastisch en ik ga helemaal op in de teksten.

De ritmesecties zijn lekker dynamisch en het baswerk (jaja, met een contrabas) ook genieten. Het excentrieke sample-werk van M'ark De Gli Antoni mag ook niet ongenoemd gaan, dat geeft dit album wel een extra dimensie.

Maar de manier waarop Doughty zijn teksten voordraagt, dat is zeker subliem! 'And the radioman laughs because the radioman fucks a model tooooo'

Ook een album waarbij ik moeite heb om favoriete nummers aan te wijzen, dat is in mijn boekje meestal een goede zaak. Een variété aan qualité betekent dat vaak. De ambitieuze epos Screenwriter's Blues, het cartooneske energiebommetje Bus to Beelzebub, de funky jam Down to This, het ingetogen maar beladen True Dreams of Wichita.. en zo zou ik bij elk nummer wel iets aparts kunnen noemen.

Mooi album/fijne band dit, ik zal ze nu niet snel meer vergeten.

Squid - Bright Green Field (2021)

poster
4,0
Wat een debuut van Squid, maar al het voorwerk en de singles kondigde deze opkomst vol bravoure al aan natuurlijk. Draai hem deze ochtend nu al voor de 5e keer.

Het zijn nummers met een drive met hoofdletter D, build-ups en verdiende pay-offs uit het boekje. De meervoud van om elkaar kronkelende gitaarlijntjes kan ik maar niet genoeg van krijgen. De toevoegingen van blazers zijn doordacht en niet enkel daar om chaos te introduceren. Die jodelende en krakende vocalen van Ollie Judge, die dus ook de drummer is, passen perfect bij de muziek.

Album toont gelijk het bereik en durf van de band; Het semi-funky-in-de-overdrive Paddling, dat vervreemdende slotstuk van Boy Racers, het indringende dance-punky Peel St, het dark-jazzy Global Groove.

Narrator blijft een dijk van een nummer, begin tot eind een rollercoaster rit. Kundige opbouw, dragende feature van Martha Skye en een zinderend slotstuk. Die doet alvast een gooi naar beste nummer van het jaar voor mij.

Fanatiek in elkaar gedraaid album die zowat uit elkaar klapt door de buslading aan creativiteit die het met zich mee brengt. Het zijn echt weer spannende dagen in de rock-scene

Stereolab - Transient Random-Noise Bursts with Announcements (1993)

poster
4,5
Stereolab, dat is een groep naar mijn hart geworden. Dan te bedenken dat ik een aantal jaren geleden de band maar flauwtjes vond en ze links heb laten liggen. Stereolab bewandelt 2 paden tegelijk, een been maakt passen in onschuldige en aanstekelijke melodieën, terwijl het andere ledemaat voet zet in innovatieve, haast avant-gardistische composities. Daarbij vertrouwt de sound nadrukkelijk op een elektronische trukendoos en de dromerige Franstalige vocalen van Laetitia Sadier.

Het resultaat is uitgesproken, spectaculair en fleurig. En dan waren ze op dit album ook nog zo behaaglijk onstuimig. Stereolab maakt er op dit album een surrealistisch luisterspel van. Ze brengen je onder narcose met de hypnotiserende melodieën, maar schudden je vervolgens abrupt wakker met een plotselinge wending of een schurende gitaarpartij. Opener Tone Burst begint jangle poppy, maar eindigt in een orkaan van tsjilpende gitaren. Pack Yr Romantic Mind heeft haast lounge-achtige proporties, maar ook dit nummer kent kort-maar-krachtige dynamische passages. 2 prachtige nummers overigens.

Maar de sfeer wordt ook gezet door kleine toevoegingen. Zoals op Golden Ball, als halverwege het nummer heel even de naald op de plaat lijkt over te slaan, maar als de muziek terugkeert zit er een minimale verandering in de klanken van de muziek. Of hoe op analogue Rock de stem van Sadier verwerven wordt met een tintelende synthesizer lijn. Slimme manieren om de luisteraar subtiel te desoriënteren.

Halverwege het album worden we geconfronteerd met Jenny Ondioline, een uitputtingsslag van jewelste, maar een muzikale reis als geen ander. Stereolab verdient het hier om het woord ‘Transient’ in de albumtitel te mogen plakken.

Een excentrieke release met durf. Naar mijn o zo bescheiden mening is Transient Random-Noise Bursts essentieel luistervoer voor elke open minded muziekliefhebber.

Steve Reich, Kronos Quartet & Pat Metheny - Different Trains / Electric Counterpoint (1989)

poster
4,5
Ah Steve Reich, ik moet bekennen: Ik ken eigenlijk maar weinig werk van hem. Van al zijn composities is alleen zijn meest bejubelde ‘Music For 18 Musicans’ mij bekend. Gezien zijn voorliefde voor experimenteel/minimalisme is het wel een artiest die in mijn muzikale straatje zou moeten passen, dus de tip van Barney Rubble is een welkome uitnodiging om meer van Reich te ontdekken. Het album bestaat uit twee verschillende composities. De eerste compositie, Different Trains, wordt uitgevoerd door het Kronos Quartet, die ik al had leren kennen vanwege hun werk op de indrukwekkende soundtrack van Requiem For A Dream. Het tweede muziekstuk, Electric Counterpoint, is een uitvoering van gitarist Pat Metheny, die ik toevallig kan van zijn album From This Place uit 2019.

Ik zal er niet om heen draaien, ik ben behoorlijk onder de indruk van dit album. Different Trains is een uitdagend stuk vakmanschap, waarbij een strijkkwartet op een innovatieve wijze samengevoegd wordt met samples van treingeluiden en spraak-opnames uit interviews. Het muziekstuk is sterk verhalend, tijdens de verschillende passages wordt een parallel getrokken tussen de Amerikaanse treinen waar een jonge Steve Reich in rondreisde en de gruwelijke treinreizen richting de concentratie kampen in Europa. De gebruikte spraak-opnames zijn o.a. afkomstig van holocaust-survivors, wat het geheel nog indrukwekkender en (sur)realistischer maakt.

Ik luister mijn tips voor dit topic meestal gefaseerd. Mijn eerste luisterbeurt probeer ik zo blanco mogelijk in te gaan en vervolgens ga ik pas wat achtergrondinformatie op zoeken. Tijdens de eerste luisterbeurt waande ik mij direct op een treinreis en bemerkte ik een sterk verschil in ambiance tussen het meer vrijgevochten eerste stuk en het drukkende tweede deel. De emoties die Reich dus probeert op te roepen, kwamen bij mij al direct binnen. In mijn ogen is dit het bewijs van de kracht van dit stuk, hij weet de boodschap effectief te bezorgen.

Dacht ik al behoorlijk onder de indruk te zijn van de eerste compositie van Reich, blijkt er nog een wonderlijke staaltje muziek op mij te wachten. De repeterende (en daardoor hypnotiserende) high-pitched tonen van Electric Counterpoint doen me al een stuk meer denken aan 18 musicans, maar Pat Metheny levert hier ook nog eens subliem gitaarwerk af. Metheny neemt de ene na de andere gitaarmelodie op en laat deze over elkaar heen rollen tot een prachtig geheel.

Een strijkkwartet omgetoverd tot een voortdravende trein inclusief diens noodlottige passagiers en een Pat Metheny die opspeelt tegen eerder opgenomen gitaarstukken van hemzelf. Het contrast is misschien groot, maar beide stukken zijn o zo geslaagd. Ik was onder de indruk tijdens mijn eerste luisterbeurt en de waardering is alleen maar gegroeid. Soms weet muziek je gewoon bij je lurven te grijpen en dat krijgt dit album voor elkaar

Suuns - Images Du Futur (2013)

poster
3,0
Dan zijn we bij de Super Tip-Topper van Vlad, Montreal-based rock formatie SUUNS. Onbekenden voor mij, dus onbevlekt wandel ik ze tegemoet, maar als de indie-lover van weleer, wel met opgewekte stappen.

Powers of Ten is een scherpe opener en schud me gelijk wakker, chaotisch rollende gitaren met mompel-vocalen die nog behoorlijk venijnig zijn. Alsof leadzanger Ben Shemie met op elkaar geklampte kaken zijn frustratie de wereld in slingert. Dan volgt de track met de naam 2020, het jaar van het hier en nu. Een nummer met een heerlijke psychedelische drive, die wil er bij mij wel in. Een pulserend crescendo-decrescendo groove is de rode draad van dit nummer en dat maakt dit zeker tot een van de hoogtepunten van het album.

Sowieso zijn deze pulserende klanken voor mij wel de blikvangers van het album, zoals ook op highlight-tracks Bambi en Music Won’t Save You, waar over de gehele speelduur van de nummers een pakkende elektronische drive te vinden is. Het vormt een mooie samenspel met de jammende gitaarritmes en leidt tot een hypnotiserend effect. Live zal dit vast en zeker ook wel genieten zijn.

Images du Futur is dynamisch, kent een interessant basisgeluid, rijkelijk gevuld met effecten en kent ook zeker zijn momenten, alleen had ik gehoopt iets meer van dit soort creatieve slimmigheden zoals op 2020 terug te vinden waren op dit album. Er zit meer in, naar mijn bescheiden mening dan. Sommige nummers missen iets eigens, iets onderscheidends. SUUNS zou ook iets meer kunnen spelen met de percussie-ritmes, die over het algemeen wat recht toe recht aan zijn, om de nummers nog meer chaotische zwaarte mee te geven.

SUUNS tovert op Minor Work halverwege overigens ineens een aanstekelijk gitaarmelodie uit de hoed die me zo bekend voor kwam en na wat verder onderzoek kwam ik erachter: Het is precies het gitaarwerk op Clinic’s The Second Line. (maar ik lees ook bij de reacties dat ik niet de enige ben die aan Clinic moet denken)

Swans - Children of God (1987)

poster
4,0
Recensie voor de Super Tip-Topper

Als een getrainde bloedhond rook Niels94 direct dat er een experimentele rock-hiaat in mijn luisterkennis te vinden was, namelijk het vroege werk van de altijd positieve en immer jolige Swans. Als muzieknerd(je) zijnde ken ik Swans natuurlijk wel en word ik ook zeker gegrepen door hun werk, vooral door To Be Kind, maar ik ken verder eigenlijk alleen het ’10s werk + Soundtrack for the Blind. Maar daar komt dus Niels, zwaaiend met een corrigerend vingertje, die mij eens verzoekt heel snel richting de jaren ’80 Swans af te dalen.

Meegaand als ik ben, richtte ik mij op Children of God. Het gevoel bekroop me echter direct dat ik de ontwikkeling van de band gemist heb en daardoor de context van dit album niet helemaal op waarde kon schatten. Er zit nogal een verschil tussen Children of God en To Be Kind. Het was tijd om de discografie eens langs te gaan en nog een aantal mijlpalen mee te pakken als Filth, Cop, White Light en The Great Annihilator. Nogal een taak, aangezien kort en bondig nu niet tot de desoriënterende vocabulaire van Swans behoort.

Mijn conclusie na deze zwanenjacht: Children of God is een essentieel album geweest voor Swans en slaat de brug tussen de vroege, smerige, zware industriële Swans sound en de meer melodieuze, breed-geörienteerde sound van de aankomende albums. Met vlagen wordt ook al de fundatie gelegd voor de rock epos van de veel latere Swans avonturen. Ook de samenwerking met Jarboe staat hier in volle bloei.

Een van de krachten van Swans, wat wel altijd als rode draad in hun muziek terug komt, is dat ze ook weer niet zó ontoegankelijk zijn, ondanks hun roemruchte reputatie. Oké oké, ze neigen nogal zwaarmoedig te zijn en Gira en co zien er ook geen probleem in om de luisteraars uit te dagen met 20+ minuten durende lappen muziek die sterk vertrouwen op de kracht van repetitie en opbouwen naar een schurend slotstuk, maar ze bieden genoeg conventionele structuren om de luisteraar de o zo nodige houvast te geven. Van dat gaande is Swans net een rare vriend die tijdens een drugstrip je naar het randje van een bad trip brengt en in je oor schreeuwt ‘The sex in your soul will damn you to hell!’, maar wel je reis dusdanig goed begeleidt dat je nog steeds wat controle voelt en ze zorgen er ook voor dat je uiteindelijk weer met beide benen op aarde terugkeert.

Een groot compliment voor Children of God: Het flowt opvallend goed. Opener ‘New Mind’ knarst en kraakt, maar gaat vervolgens over in de majestueuze oase van rust ‘In My Garden’. Dit spel van intensiteit echoot door gedurende het gehele album en dat komt dit project absoluut ten goede; De twee uitersten versterken elkaar. Het maakt een blok als Like a Drug - You're Not Real, Girl - Beautiful Child - Blackmail tot een uitzonderlijk gebalanceerde luisterervaring.