Hier kun je zien welke berichten King of Dust als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Nick Cave & The Bad Seeds - Skeleton Tree (2016)

4,5
16
geplaatst: 25 augustus 2017, 03:19 uur
Nick Cave & The Bad Seeds – Skeleton Tree
Op 16 mei 2015 zag ik Nick Cave voor het eerst live. Het was in het World Forum Theater in Den Haag, een magische show. Ik had van tevoren geen voorstelling van hoe Nick in zo’n show zou zijn.
‘The Man in black’, niet al te vrolijke muziek, een zanger achter zijn piano. Maar ook de publiekstrekker van The Birthday Party. Een wilde, manische dichter, die haast angstwekkend energiek te keer gaat.
We kregen ze die avond allebei te zien: hij was in topvorm. Als bewonderaar van zijn gehele oeuvre werd ik die avond verwend. Krachtige vertolkingen van nummers uit de Tender Prey-jaren.
Prachtige ballads van The Good Son en The Boatman’s Call en een heleboel Push The Sky Away. Nick maakte grapjes, bezweerde en ontroerde. Het had haast niet beter kunnen zijn.
Daarna meteen 10,000 Days On Earth gekeken.
Daarin zag ik een artiest die met gepaste trots en weemoed terugkeek op zijn leven en carrière.
Hij had zichzelf naar buiten gedroomd.
Twee maanden later volgde een nachtmerrie. Het noodlot van Arthur Cave was absurdistisch wreed.
In een boek had het als vergezocht geklonken. Experimenteren met LSD bij de kliffen van Brighton...
Oerstom natuurlijk, maar je zou het Arthur, Nick en zijn hele familie hebben gegund dat het daarbij gebleven was. Een leerervaring, met de staart tussen de benen naar huis, een week huisarrest.
Het liep helaas anders af.
Toen ik het nieuws hoorde, trok ik gelijk het Nick Cave-shirt wat ik in mei gekocht had aan.
Uit een soort solidariteit met mijn held. Nutteloos natuurlijk, maar zo voelde het wel.
Ik walgde even van mezelf toen er een stemmetje in mijn hoofd klonk:
‘Maar wat zal het een muziek opleveren…’¨
Niemand had het Nick Cave kwalijk genomen als dat juist niet gebeurt was. Als hij nooit meer een piano had aangeraakt. Maar ik geloofde toen al niet dat dat het geval zou zijn. Vroeg of laat, zo dacht ik, zou Nick in de muziek houvast proberen te zoeken… en ontzettend mooie muziek maken.
En dat gebeurde.
Niet alle fans zullen tevreden zijn.
Niet iedereen was zo gecharmeerd door Push The Sky Away als ik, met de tape-loops en de minimalistische composities: die stijl zet zich voort op Skeleton Tree, zij het op geheel andere wijze. Maar iedereen moet het er toch over eens zijn dat het ongelofelijk knap is dat dit album zo snel na Arthur’s dood al op de planken lag… met een film erbij.
Vervuld van een intensiteit die bijna beklemmend is.
In Nick Cave’s oeuvre is het een mijlpaal, omdat het iets laat zien wat denk ik zo erg bij het leven hoort (wat weet ik er nou van...) Zowat iedere plaat van Cave klinkt anders, er zit voortdurend ontwikkeling in, vol energie, maar ook emotionele zwaartekracht.
Skeleton Tree is het stil staan.
Het komt niet voort uit een drang om jezelf opnieuw uit te vinden.
Het komt voort uit het onvermijdelijke stilstaan van al het leven, wanneer er zich een verdriet aandient wat zo groot is, dat het al het andere klein laat lijken. Het is moeilijk voor te stellen wat voor een impact Arthur’s dood op de ontwikkeling van deze plaat, die toen al in aantocht was, heeft gehad. De muziek doet vermoeden dat het roer radicaal is omgegooid, dat er nieuwe nummers zijn geschreven, nieuwe opnames hebben plaats gevonden. Aan de andere kant was Cave nooit wars van het donkere. De titeltrack van Push The Sky Away had bijvoorbeeld zeker niet misstaan op Skeleton Tree met zijn fatalistische sfeer. Toch was er toen nog niets aan de hand, zou je zeggen, dus wie weet…
Het is al even moeilijk voor te stellen hoe een dergelijk verdriet moet voelen, als je nog nooit zoiets hebt meegemaakt. Maar hoewel Skeleton Tree misschien wel Nick’s meest persoonlijke plaat is, kan er door het algemene thema van de rouw toch nog mee te identificeren zijn.
Iedereen maakt wel eens wat mee.
Het abrupte einde van een veelbelovende liefde, de onverwachte dood van familie.
Alleen zijn op momenten van groot verdriet: dan kan een plaat zoals deze helpen.
Juist omdat het wonden erkent die je anders zou willen negeren.
De confrontatie met jezelf die tot kunst verheven wordt.
Jesus Alone heeft gelijk dat confronterende in zich.
Donkere wolken trekken zich samen, alles verduistert.
Tot alleen de nachtmerrie nog zichtbaar is… want die is echt aan de gang.
Smekende fluitende tonen suizen door het nummer heen.
Weeklagend gezang naar het einde toe. Zacht, gebroken, maar zo intens.
Er kan niet verder geleefd worden, je bent in je vlucht naar beneden gehaald.
Er moet verwerkt worden, en dat moet je alleen doen.
Tegen het einde lijkt Nick haast uit elkaar te vallen van verdriet.
Rings of Saturn ligt wat lichter op de maag.
Even lijkt de rouw niet het thema de plaat te worden.
Het doet meer denken aan Mermaids van de voorganger.
Misplaatst is het niet. Het past in de sfeer van de plaat, zonder gelijk de moed te drukken.
Goed dat het het tweede nummer is.
Er volgen aktes die moeilijk op te volgen zijn.
De Nick Cave van 2013, van Mermaids en Rings of Saturn, is niet meer geloofwaardig voor wie Girl in Amber heeft gehoord.
Girl in Amber doet mijn hart stilstaan.
Het staat qua intensiteit aan de top, met nummers als The Mercy Seat… maar op geheel andere wijze. Het is innig somber en hartverscheurend mooi. Verlies doet alle momenten van geluk nietig lijken. Het maakt niet uit wat er te beleven valt, hoe intens je ergens van geniet. Uiteindelijk eindigt alles met mensen die sterven en mensen die achterblijven, gepijnigd door het verdriet van onomkeerbaar verlies.
Totdat je uiteindelijk zelf sterft.
Ondertussen vraag je de dood om nog even te wachten. Niet zozeer met jezelf, maar eerder met het wegnemen van de mensen van wie je houdt. Maar het is onverbiddelijk: je gaat mensen verliezen.
Als ik rouwende mensen wil troosten, weet ik nooit wat ik moet zeggen.
Als ik zelf rouw weet ik ook niet wat ik moet zeggen. En ondertussen zijn er dan al die mensen die denken dat het ‘er-constant-over-praten’ zal helpen. Je pijn degraderen met overzichtelijke woorden...
Soms is dat juist niet wat je nodig hebt.
Soms wil je een hele dag in bed liggen en alleen maar janken:
‘Don’t touch me, don’t touch me’
Nick geeft ons geen boodschap, geen filosofisch inzicht in zijn rouw.
De woorden zijn hier niet overzichtelijk, ze willen geen verhaal vertellen.
Prachtige, droevige regels tekst kruipen door elkaar heen.
Om in een klein, eerlijk moment iets weer te geven van de onbegrijpelijkheid van leven en dood, rouw en afscheid.
'If you wanna leave, don’t breathe a word, just step away and let the world turn’
Nick zingt het en laat zich gelijk weer meesleuren door zijn rouwende regels, met brekende stem:
'The phone it rings no more, the phone it rings and you won’t stay'
M’n moeder heeft het nummer van mijn oma nog steeds in haar telefoon staan, bij de favorieten.
Maar ze zal haar nooit meer kunnen bellen – die vanzelfsprekendheid is door een plotselinge herseninfarct voorgoed verdwenen. Ze kan alleen nog maar herinneren.
Ik troost haar en hou mijn eigen verdriet voor me.
’s Avonds verwerk ik het voor mezelf.
In het donker, luisterend naar Nick's Skeleton Tree.
Girl in Amber luister ik twee keer.
Magneto is al even ontregelend.
Het is een ontregeling die ik op zoek als ik somber ben.
Het is het gat, de leegte, die is achtergebleven.
Het afscheid dat door mijn geest nog niet genomen is.
Mijn maag draait haast om als Nick zijn immense verdriet beschrijft.
De ellende van het dagelijkse leven dat zich door de rouw heen perst.
Een nieuw symbool doet zijn intrede in Nick’s poëzie: The supermarket
Het symbool voor iets dat zo normaal is dat het pijn doet voor de rouwende ziel.
Het zal later nog terugkomen.
Anthrocene kenmerkt zich door abstractere poëzie.
De toon is niet zozeer droevig, meer dromerig. Het is wat lichter van toon, maar wederom niet misplaatst. Toch is ook hier de zwaarte te horen. Het vermoeide zuchten van de synths enerzijds.
Schrille keyboard-klanken van de hogere machten anderzijds: There are powers at play more forceful than we
Het duurt iets te lang, waardoor het een wat mindere onderbreking wordt.
Maar het minpunt is van korte duur.
Nick zingt nog: close your eyes, little world, and brace yourself…
Brace yourself...
Passender kan het niet.
We worden gewaarschuwd ons klaar te maken.
Een emotionele mokerslag volgt.
Vanuit de verte keert de nachtmerrie terug, begeleidt door de synths. Zware, drukkende tonen maken zich meester van het nummer. Nick valt in op zijn breekbaarst. Er volgt geen poëtische spraakwaterval zoals in oudere nummers. De regels worden langzaam gezongen, regels worden herhaald. De schrijver in Nick blijft bij dezelfde regels terugkeren: Nothing really matters when the one you love is gone
Het contrast met zijn gebruikelijke stijl is in I Need You het pijnlijkst duidelijk.
De supermarkt blijf terugkeren: de arena voor Cave’s dagelijkse gevecht met de buitenwereld die gewoon doorgaat.
Voor mij is deze plaat meer geworden dan gewoon een nieuw buitengewoon mooi album van Nick Cave. Met name Girl in Amber en I Need You roepen gevoelens en beelden bij mij op.
Het laatste gesprek met mijn oma dat ik een maand geleden via Skype had. Geen vuiltje aan de lucht, zo leek het. Wel leek ze veel ouder op een scherm. Matige beeldkwaliteit legde opeens een nadruk op de waarheid: ze wás veel ouder geworden.
Op dat moment, kampte ik nog met een liefdesverdriet. I Need You zette ik daarbij graag op.
De worsteling die erin doorklinkt, vond ik bij m’n gevoel passen. De worsteling met onvervulde verlangens, die je maar niet wil vergeten. M’n ex was waar ik met m’n hoofd was, dat laatste gesprek.
M’n oma, m’n familie voelde vanzelfsprekender: de onvoorwaardelijke liefdes. Een week later kreeg ik een telefoontje dat ze niet meer lang zou leven. En toen kreeg alles een heel andere lading.
In die laatste dagen, en daarna, bleef ik Skeleton Tree veel draaien.
Het deed me nog steeds veel, maar nu op een andere manier. Plotseling had ik te maken met een definitief afscheid. Een afscheid van een heel andere orde. Dit verdriet ging niet over een relatie, over een korte en voortdurend intense periode, die opeens moest eindigen. Dit ging over iets dat 21 jaar geduurd had, niet voortdurend intens was, maar waarin kleine mooie momenten, verspreid over zoveel tijd, hun eigen intensiteit hadden opgebouwd. Een intensiteit die opeens heel duidelijk wordt als het te laat lijkt. Plotseling is daar die drang naar nog een laatste gesprek, een moment tussen mij en mijn oma om die 21 jaar mooi af te sluiten. Maar dat moment komt nooit, hoe oneerlijk je je ook door de dood behandeld voelt.
I will miss you when you’re gone away… forever
De steeds herhalende pijnlijke akkoorden van I Need You drukken dat uit: de onverbiddelijke vergankelijkheid, een mens, opgeslokt door de eeuwigheid.
Je verdwijning begint bij je oorsprong.
Als The Boatman’s Call ging over het loslaten van een liefde, dan gaat Skeleton Tree over het definitief loslaten van een geliefde. In Green Eyes maande Nick zijn anonieme liefde de deur te sluiten, hem achter te laten in zijn kamer, om zijn liefdesverdriet te verwerken.
In Distant Sky is het Nick die de vleugels neemt. Om op te stijgen en nooit meer terug te komen.
Het klinkt als een wens, het leven laten voor wat het is en zijn zoon navolgen.
Eric Clapton zong over hetzelfde thema in zijn Tears in Heaven.
Clapton zong in prachtige bewoordingen over hoe hij wist dat hij uiteindelijk door alle rouw moest zien te leven, omdat hij nog niet thuishoorde in de hemel.
In Distant Sky wordt dat gedeelte niet letterlijk gezongen.
Maar het is het gevoel wat ik krijg als ik de finale van het nummer hoor.
Daar zit het afscheid in, omdat Nick weet dat hij door moet en daardoor Arthur moet laten voor wat hij nu is: een herinnering. Met de nodige ellende die daarbij komt kijken.
Vanwege die tekstloze verwoording van dat gevoel vind ik Distant Sky meesterlijk.
Het enige minpunt is de aanwezigheid van Else Torp.
Thematisch gezien mooi, omdat je zou kunnen zeggen dat ze Susie een stem geeft.
Ook zeker mooi gezongen, maar toch trek ik het soms maar matig. Het contrast van de gebroken, zwaar emotionele zang van Nick Cave met haar engelengeluid is misschien te groot.
Maar dat zijn allemaal details.
Uiteindelijk zet Nick Cave een hele bijzondere plaat neer. Met de titeltrack wordt die waardig afgesloten. Een rouwend nummer, maar ook troostend. Een spaarzaam moment van acceptatie dat de dingen gaan zoals ze gaan: And it’s alright now
Het ‘now’ duurt maar even, maar is waardevol.
Ik wens Nick toe dat die momenten steeds vaker zullen voorkomen. Zijn meest persoonlijke plaat is ook mijn meest persoonlijke Nick Cave-plaat geworden. De muziek ervan is verweven met grote momenten van mijn verdriet. Maar mijn verdriet hoort bij het leven, en het tast mijn levenslust niet aan. Arthur’s dood had nooit zo vroeg moeten gebeuren: het ‘hoort er niet bij’. Maar het is gebeurd en ik wens Nick alle kracht toe in de verwerking ervan. Als dat betekent, dat we de komende jaren niks meer van hem horen, dan is dat zo. Dan is Skeleton Tree een waardig afscheid geweest.
Maar wie weet…
Aldus een recensie die ik schreef in December 2016. Toen kon ik de moed niet opbrengen om iets dat zo persoonlijk was online te zetten. Maar als Nick Cave dat met Skeleton Tree kon doen, dan is dit daarbij vergeleken een schijntje. En daarom voel ik zo'n dankbaarheid voor deze man. Voor de momenten waarop ik mijn liefdesverdriet niet met een 'Yesterday' kon dichten, maar naar dit zwaardere werk moest grijpen. En nog dankbaarder ben ik voor de steun die deze muziek gaf toen ik een vlucht naar huis moest nemen, toen opeens mijn oma op sterven lag. De reis werd daardoor iets waarbij ik troost bij mezelf kon zoeken. En ook tijdens de autoritten - terug van het ziekenhuis - pratend met m'n vader over de dood, over donkere snelwegen. Ook toen stond dit album op.
Nu is dat alweer een aantal maanden geleden en haal ik die gevoelens weer naar boven door te luisteren naar Skeleton Tree. Met wat bier bij de hand, zodat het allemaal net wat harder binnenkomt. En ik kan niks anders dan bewondering hebben voor deze man.
Ook omdat hij weer van zich heeft laten horen: hij is weer aan het toeren. En ik zal erbij zijn als hij in oktober naar Antwerpen komt. Nu in een andere hoedanigheid dan alleen maar als fan, zoals bij dat ene mei-concert in Den Haag. Want door al die lagen artiest is die menselijkheid van 'm nu wel dubbel en dwars doorgedrongen.
Op 16 mei 2015 zag ik Nick Cave voor het eerst live. Het was in het World Forum Theater in Den Haag, een magische show. Ik had van tevoren geen voorstelling van hoe Nick in zo’n show zou zijn.
‘The Man in black’, niet al te vrolijke muziek, een zanger achter zijn piano. Maar ook de publiekstrekker van The Birthday Party. Een wilde, manische dichter, die haast angstwekkend energiek te keer gaat.
We kregen ze die avond allebei te zien: hij was in topvorm. Als bewonderaar van zijn gehele oeuvre werd ik die avond verwend. Krachtige vertolkingen van nummers uit de Tender Prey-jaren.
Prachtige ballads van The Good Son en The Boatman’s Call en een heleboel Push The Sky Away. Nick maakte grapjes, bezweerde en ontroerde. Het had haast niet beter kunnen zijn.
Daarna meteen 10,000 Days On Earth gekeken.
Daarin zag ik een artiest die met gepaste trots en weemoed terugkeek op zijn leven en carrière.
Hij had zichzelf naar buiten gedroomd.
Twee maanden later volgde een nachtmerrie. Het noodlot van Arthur Cave was absurdistisch wreed.
In een boek had het als vergezocht geklonken. Experimenteren met LSD bij de kliffen van Brighton...
Oerstom natuurlijk, maar je zou het Arthur, Nick en zijn hele familie hebben gegund dat het daarbij gebleven was. Een leerervaring, met de staart tussen de benen naar huis, een week huisarrest.
Het liep helaas anders af.
Toen ik het nieuws hoorde, trok ik gelijk het Nick Cave-shirt wat ik in mei gekocht had aan.
Uit een soort solidariteit met mijn held. Nutteloos natuurlijk, maar zo voelde het wel.
Ik walgde even van mezelf toen er een stemmetje in mijn hoofd klonk:
‘Maar wat zal het een muziek opleveren…’¨
Niemand had het Nick Cave kwalijk genomen als dat juist niet gebeurt was. Als hij nooit meer een piano had aangeraakt. Maar ik geloofde toen al niet dat dat het geval zou zijn. Vroeg of laat, zo dacht ik, zou Nick in de muziek houvast proberen te zoeken… en ontzettend mooie muziek maken.
En dat gebeurde.
Niet alle fans zullen tevreden zijn.
Niet iedereen was zo gecharmeerd door Push The Sky Away als ik, met de tape-loops en de minimalistische composities: die stijl zet zich voort op Skeleton Tree, zij het op geheel andere wijze. Maar iedereen moet het er toch over eens zijn dat het ongelofelijk knap is dat dit album zo snel na Arthur’s dood al op de planken lag… met een film erbij.
Vervuld van een intensiteit die bijna beklemmend is.
In Nick Cave’s oeuvre is het een mijlpaal, omdat het iets laat zien wat denk ik zo erg bij het leven hoort (wat weet ik er nou van...) Zowat iedere plaat van Cave klinkt anders, er zit voortdurend ontwikkeling in, vol energie, maar ook emotionele zwaartekracht.
Skeleton Tree is het stil staan.
Het komt niet voort uit een drang om jezelf opnieuw uit te vinden.
Het komt voort uit het onvermijdelijke stilstaan van al het leven, wanneer er zich een verdriet aandient wat zo groot is, dat het al het andere klein laat lijken. Het is moeilijk voor te stellen wat voor een impact Arthur’s dood op de ontwikkeling van deze plaat, die toen al in aantocht was, heeft gehad. De muziek doet vermoeden dat het roer radicaal is omgegooid, dat er nieuwe nummers zijn geschreven, nieuwe opnames hebben plaats gevonden. Aan de andere kant was Cave nooit wars van het donkere. De titeltrack van Push The Sky Away had bijvoorbeeld zeker niet misstaan op Skeleton Tree met zijn fatalistische sfeer. Toch was er toen nog niets aan de hand, zou je zeggen, dus wie weet…
Het is al even moeilijk voor te stellen hoe een dergelijk verdriet moet voelen, als je nog nooit zoiets hebt meegemaakt. Maar hoewel Skeleton Tree misschien wel Nick’s meest persoonlijke plaat is, kan er door het algemene thema van de rouw toch nog mee te identificeren zijn.
Iedereen maakt wel eens wat mee.
Het abrupte einde van een veelbelovende liefde, de onverwachte dood van familie.
Alleen zijn op momenten van groot verdriet: dan kan een plaat zoals deze helpen.
Juist omdat het wonden erkent die je anders zou willen negeren.
De confrontatie met jezelf die tot kunst verheven wordt.
Jesus Alone heeft gelijk dat confronterende in zich.
Donkere wolken trekken zich samen, alles verduistert.
Tot alleen de nachtmerrie nog zichtbaar is… want die is echt aan de gang.
Smekende fluitende tonen suizen door het nummer heen.
Weeklagend gezang naar het einde toe. Zacht, gebroken, maar zo intens.
Er kan niet verder geleefd worden, je bent in je vlucht naar beneden gehaald.
Er moet verwerkt worden, en dat moet je alleen doen.
Tegen het einde lijkt Nick haast uit elkaar te vallen van verdriet.
Rings of Saturn ligt wat lichter op de maag.
Even lijkt de rouw niet het thema de plaat te worden.
Het doet meer denken aan Mermaids van de voorganger.
Misplaatst is het niet. Het past in de sfeer van de plaat, zonder gelijk de moed te drukken.
Goed dat het het tweede nummer is.
Er volgen aktes die moeilijk op te volgen zijn.
De Nick Cave van 2013, van Mermaids en Rings of Saturn, is niet meer geloofwaardig voor wie Girl in Amber heeft gehoord.
Girl in Amber doet mijn hart stilstaan.
Het staat qua intensiteit aan de top, met nummers als The Mercy Seat… maar op geheel andere wijze. Het is innig somber en hartverscheurend mooi. Verlies doet alle momenten van geluk nietig lijken. Het maakt niet uit wat er te beleven valt, hoe intens je ergens van geniet. Uiteindelijk eindigt alles met mensen die sterven en mensen die achterblijven, gepijnigd door het verdriet van onomkeerbaar verlies.
Totdat je uiteindelijk zelf sterft.
Ondertussen vraag je de dood om nog even te wachten. Niet zozeer met jezelf, maar eerder met het wegnemen van de mensen van wie je houdt. Maar het is onverbiddelijk: je gaat mensen verliezen.
Als ik rouwende mensen wil troosten, weet ik nooit wat ik moet zeggen.
Als ik zelf rouw weet ik ook niet wat ik moet zeggen. En ondertussen zijn er dan al die mensen die denken dat het ‘er-constant-over-praten’ zal helpen. Je pijn degraderen met overzichtelijke woorden...
Soms is dat juist niet wat je nodig hebt.
Soms wil je een hele dag in bed liggen en alleen maar janken:
‘Don’t touch me, don’t touch me’
Nick geeft ons geen boodschap, geen filosofisch inzicht in zijn rouw.
De woorden zijn hier niet overzichtelijk, ze willen geen verhaal vertellen.
Prachtige, droevige regels tekst kruipen door elkaar heen.
Om in een klein, eerlijk moment iets weer te geven van de onbegrijpelijkheid van leven en dood, rouw en afscheid.
'If you wanna leave, don’t breathe a word, just step away and let the world turn’
Nick zingt het en laat zich gelijk weer meesleuren door zijn rouwende regels, met brekende stem:
'The phone it rings no more, the phone it rings and you won’t stay'
M’n moeder heeft het nummer van mijn oma nog steeds in haar telefoon staan, bij de favorieten.
Maar ze zal haar nooit meer kunnen bellen – die vanzelfsprekendheid is door een plotselinge herseninfarct voorgoed verdwenen. Ze kan alleen nog maar herinneren.
Ik troost haar en hou mijn eigen verdriet voor me.
’s Avonds verwerk ik het voor mezelf.
In het donker, luisterend naar Nick's Skeleton Tree.
Girl in Amber luister ik twee keer.
Magneto is al even ontregelend.
Het is een ontregeling die ik op zoek als ik somber ben.
Het is het gat, de leegte, die is achtergebleven.
Het afscheid dat door mijn geest nog niet genomen is.
Mijn maag draait haast om als Nick zijn immense verdriet beschrijft.
De ellende van het dagelijkse leven dat zich door de rouw heen perst.
Een nieuw symbool doet zijn intrede in Nick’s poëzie: The supermarket
Het symbool voor iets dat zo normaal is dat het pijn doet voor de rouwende ziel.
Het zal later nog terugkomen.
Anthrocene kenmerkt zich door abstractere poëzie.
De toon is niet zozeer droevig, meer dromerig. Het is wat lichter van toon, maar wederom niet misplaatst. Toch is ook hier de zwaarte te horen. Het vermoeide zuchten van de synths enerzijds.
Schrille keyboard-klanken van de hogere machten anderzijds: There are powers at play more forceful than we
Het duurt iets te lang, waardoor het een wat mindere onderbreking wordt.
Maar het minpunt is van korte duur.
Nick zingt nog: close your eyes, little world, and brace yourself…
Brace yourself...
Passender kan het niet.
We worden gewaarschuwd ons klaar te maken.
Een emotionele mokerslag volgt.
Vanuit de verte keert de nachtmerrie terug, begeleidt door de synths. Zware, drukkende tonen maken zich meester van het nummer. Nick valt in op zijn breekbaarst. Er volgt geen poëtische spraakwaterval zoals in oudere nummers. De regels worden langzaam gezongen, regels worden herhaald. De schrijver in Nick blijft bij dezelfde regels terugkeren: Nothing really matters when the one you love is gone
Het contrast met zijn gebruikelijke stijl is in I Need You het pijnlijkst duidelijk.
De supermarkt blijf terugkeren: de arena voor Cave’s dagelijkse gevecht met de buitenwereld die gewoon doorgaat.
Voor mij is deze plaat meer geworden dan gewoon een nieuw buitengewoon mooi album van Nick Cave. Met name Girl in Amber en I Need You roepen gevoelens en beelden bij mij op.
Het laatste gesprek met mijn oma dat ik een maand geleden via Skype had. Geen vuiltje aan de lucht, zo leek het. Wel leek ze veel ouder op een scherm. Matige beeldkwaliteit legde opeens een nadruk op de waarheid: ze wás veel ouder geworden.
Op dat moment, kampte ik nog met een liefdesverdriet. I Need You zette ik daarbij graag op.
De worsteling die erin doorklinkt, vond ik bij m’n gevoel passen. De worsteling met onvervulde verlangens, die je maar niet wil vergeten. M’n ex was waar ik met m’n hoofd was, dat laatste gesprek.
M’n oma, m’n familie voelde vanzelfsprekender: de onvoorwaardelijke liefdes. Een week later kreeg ik een telefoontje dat ze niet meer lang zou leven. En toen kreeg alles een heel andere lading.
In die laatste dagen, en daarna, bleef ik Skeleton Tree veel draaien.
Het deed me nog steeds veel, maar nu op een andere manier. Plotseling had ik te maken met een definitief afscheid. Een afscheid van een heel andere orde. Dit verdriet ging niet over een relatie, over een korte en voortdurend intense periode, die opeens moest eindigen. Dit ging over iets dat 21 jaar geduurd had, niet voortdurend intens was, maar waarin kleine mooie momenten, verspreid over zoveel tijd, hun eigen intensiteit hadden opgebouwd. Een intensiteit die opeens heel duidelijk wordt als het te laat lijkt. Plotseling is daar die drang naar nog een laatste gesprek, een moment tussen mij en mijn oma om die 21 jaar mooi af te sluiten. Maar dat moment komt nooit, hoe oneerlijk je je ook door de dood behandeld voelt.
I will miss you when you’re gone away… forever
De steeds herhalende pijnlijke akkoorden van I Need You drukken dat uit: de onverbiddelijke vergankelijkheid, een mens, opgeslokt door de eeuwigheid.
Je verdwijning begint bij je oorsprong.
Als The Boatman’s Call ging over het loslaten van een liefde, dan gaat Skeleton Tree over het definitief loslaten van een geliefde. In Green Eyes maande Nick zijn anonieme liefde de deur te sluiten, hem achter te laten in zijn kamer, om zijn liefdesverdriet te verwerken.
In Distant Sky is het Nick die de vleugels neemt. Om op te stijgen en nooit meer terug te komen.
Het klinkt als een wens, het leven laten voor wat het is en zijn zoon navolgen.
Eric Clapton zong over hetzelfde thema in zijn Tears in Heaven.
Clapton zong in prachtige bewoordingen over hoe hij wist dat hij uiteindelijk door alle rouw moest zien te leven, omdat hij nog niet thuishoorde in de hemel.
In Distant Sky wordt dat gedeelte niet letterlijk gezongen.
Maar het is het gevoel wat ik krijg als ik de finale van het nummer hoor.
Daar zit het afscheid in, omdat Nick weet dat hij door moet en daardoor Arthur moet laten voor wat hij nu is: een herinnering. Met de nodige ellende die daarbij komt kijken.
Vanwege die tekstloze verwoording van dat gevoel vind ik Distant Sky meesterlijk.
Het enige minpunt is de aanwezigheid van Else Torp.
Thematisch gezien mooi, omdat je zou kunnen zeggen dat ze Susie een stem geeft.
Ook zeker mooi gezongen, maar toch trek ik het soms maar matig. Het contrast van de gebroken, zwaar emotionele zang van Nick Cave met haar engelengeluid is misschien te groot.
Maar dat zijn allemaal details.
Uiteindelijk zet Nick Cave een hele bijzondere plaat neer. Met de titeltrack wordt die waardig afgesloten. Een rouwend nummer, maar ook troostend. Een spaarzaam moment van acceptatie dat de dingen gaan zoals ze gaan: And it’s alright now
Het ‘now’ duurt maar even, maar is waardevol.
Ik wens Nick toe dat die momenten steeds vaker zullen voorkomen. Zijn meest persoonlijke plaat is ook mijn meest persoonlijke Nick Cave-plaat geworden. De muziek ervan is verweven met grote momenten van mijn verdriet. Maar mijn verdriet hoort bij het leven, en het tast mijn levenslust niet aan. Arthur’s dood had nooit zo vroeg moeten gebeuren: het ‘hoort er niet bij’. Maar het is gebeurd en ik wens Nick alle kracht toe in de verwerking ervan. Als dat betekent, dat we de komende jaren niks meer van hem horen, dan is dat zo. Dan is Skeleton Tree een waardig afscheid geweest.
Maar wie weet…
Aldus een recensie die ik schreef in December 2016. Toen kon ik de moed niet opbrengen om iets dat zo persoonlijk was online te zetten. Maar als Nick Cave dat met Skeleton Tree kon doen, dan is dit daarbij vergeleken een schijntje. En daarom voel ik zo'n dankbaarheid voor deze man. Voor de momenten waarop ik mijn liefdesverdriet niet met een 'Yesterday' kon dichten, maar naar dit zwaardere werk moest grijpen. En nog dankbaarder ben ik voor de steun die deze muziek gaf toen ik een vlucht naar huis moest nemen, toen opeens mijn oma op sterven lag. De reis werd daardoor iets waarbij ik troost bij mezelf kon zoeken. En ook tijdens de autoritten - terug van het ziekenhuis - pratend met m'n vader over de dood, over donkere snelwegen. Ook toen stond dit album op.
Nu is dat alweer een aantal maanden geleden en haal ik die gevoelens weer naar boven door te luisteren naar Skeleton Tree. Met wat bier bij de hand, zodat het allemaal net wat harder binnenkomt. En ik kan niks anders dan bewondering hebben voor deze man.
Ook omdat hij weer van zich heeft laten horen: hij is weer aan het toeren. En ik zal erbij zijn als hij in oktober naar Antwerpen komt. Nu in een andere hoedanigheid dan alleen maar als fan, zoals bij dat ene mei-concert in Den Haag. Want door al die lagen artiest is die menselijkheid van 'm nu wel dubbel en dwars doorgedrongen.
Nick Cave & The Bad Seeds - The Boatman's Call (1997)

5,0
9
geplaatst: 31 december 2019, 17:51 uur
Nick Cave & The Bad Seeds - The Boatman's Call
Het werd zoetjesaan tijd dat ik iets over dit album ging schrijven...
Een album dat in het teken staat van romantiek en liefdesverdriet.
Naar mijn ervaring kwam dit album in mijn leven op het moment dat ik het het hardste nodig had: tijdens mijn eerste liefdesverdriet toen ik 17 jaar oud was.
Dit album zei alles dat gezegd moest worden. Het voelde haast als gezonden van bovenaf.
Toen ik die gedachte een keer tegen een vriendin uitsprak, antwoordde ze dat dat was wat ik er in mijn hoofd van gemaakt had. Ik luisterde nou eenmaal naar dit album toen ik zwaar liefdesverdriet had, dus dat maakte het niet meer dan normaal dat ik deze muziek met dat liefdesverdriet associeerde.
Ik was het niet eens met haar uitleg. Rationeel had ze misschien gelijk, maar het strookt niet met hoe ik het - tot op de dag van vandaag - beleef. Daar kan iemand die daar niet bij was niks over zeggen.
Dit is een van de weinige albums die ik niet rationeel kan recenseren.
Het is te zeer verweven met mijn gevoel om er de nodige kritische afstand van te nemen.
De plaat is zowat in mijn ziel gebrand. Zeggen dat iets op deze cd anders zou moeten, zou hetzelfde zijn als zeggen dat ik iets in mijn leven anders gevoeld of gedacht heb, terwijl ik donders goed weet hoe het echt zit.
Dit gaat dus een iets andere bespreking worden. Thought-writing voor bij The Boatman's Call.
Dit album gaat voor mij over liefde, waaronder de liefde voor het eerste liefdesverdriet.
Een tijd geleden kwam in de serie Louis van Louis C.K. een zin langs die me erg raakte.
Een psycholoog zei deze zin tegen een door liefdesverdriet getergde Louis:
'Wees blij met je liefdesverdriet. Je bent verdorie een wandelend gedicht'.
Prachtig verwoord en zo waar.
Ook ik zie de romantiek in van mijn eerste liefdesverdriet - hoe rot en vervelend het ook was.
Ik kan er zelfs - vreemd genoeg - naar terugverlangen. Vooral als ik naar deze prachtplaat van Nick Cave beluister. Mijn wereld die om die ene onbereikbare persoon draaide - niets anders deed er verder echt toe. Dat had iets romantisch en het gaf vreemd genoeg een zekere betekenis aan mijn leven:
Up those stone steps I climb
Hail this joyful day's return
Gek wat de liefde voor een ander met je kan doen.
Met het meisje in kwestie had ik een tijd iets gehad. Toen het uitging, betekende dat nog niet dat ze uit beeld was. Een gemeenschappelijke vriendengroep maakte dat ik haar meer bleef zien dan goed voor me was. Ook toen ze na mij 'verder ging'.
We zien elkaar nu soms nog steeds, maar het gevoel van toen is weg.
Ik voel nog wel een glimp van de liefde die we ooit voor elkaar bewaarden, maar mijn wereld draait niet meer om haar.
Die tijd is voorgoed voorbij.
Dat liefhebben en dat 'missen van' was deels voelen.
Maar ik ervoer het ook als een hele hoop níet voelen - en een hele hoop niet toelaten.
Eerst was er de ontkenning: uiteindelijk zal het met ons wel goed komen. Into My Arms zag ik als een laatste strohalm.
De voorzienigheid die haar terug bij me brengt. Misschien als ik dat nummer voor haar zong, dan zou het bij haar wel doordringen...
Maar die 'mooie hoop' stompte vooral veel af. Als ik haar weer zag, was ik even heel blij bij haar in de buurt te zijn. Van binnen verwarmd.
De eenzaamheid daarna was vervolgens een mokerslag. Ik stopte met het genieten van andere dingen, andere momenten. Dingen die me eerst blij maakten, deden dat niet meer.
Ik praatte daar weinig met anderen over - ik had vooral veel discussies met mezelf.
Daar had ik in die periode veel tijd voor: ik bezorgde 6 dagen in de week de krant om 5 uur 's ochtends.
De momenten dat er nog niemand op was en ik al buiten rondliep waren goede momenten om innerlijke gesprekken te voeren. Ik luisterde toen veel naar dit album, maar niet tijdens het werk. De muziek zat echter constant in mijn hoofd. Het gaf mijn gevoelens te goed weer.
Dat gevoel te zijn verraden - en dat vervolgens doortrekken naar iedereen die wel gelukkig was, of dat leek te zijn.
It's all just bullshit: people just ain't no good - Cave said it.
Dat verraden gevoel - op The Boatman's Call keert het zo vaak terug...
Soms hartverscheurend mooi, perfect verwoord zoals alleen Nick Cave dat kan:
O, we will know, won't we: the stars will explode in the sky
But they don't do they? Stars have their moment and they die
Dat verraden gevoel - het kon zich ook meer op de persoon richten. Het meisje dat me pijn had gedaan. Ook daarvoor droeg Cave woorden aan:
Did you ever care for me? Were you ever there for me?
De haat was vaak zo'n perfecte vlucht naar voren: je was al die tijd al nep, dus hoef ik niks om je te geven...
Maar als ik me daar op mijn krantenroute van had weten te overtuigen en me zogenaamd ietsje beter voelde, werd ik vervolgens weer ingehaald door die hopeloze, altijd aanwezige liefde die ik nog steeds voor haar voelde.
Die mateloze liefde voor de ander, die het universum is, waar alles om draait:
For you dear, I was born. For you I was raised. For you I will live and for you I will die. For you I'm dying now
Cave verwoordt het ook zo mooi in Black Hair. Een rouwende accordeon op de achtergrond. Rouw waarin geen plek is voor haat die niet wordt gemeend. En dan plots die verscheurende realisatie dat ik nog steeds om haar gaf en dat mijn ontkenning geen zin had. De realisatie dat ik bovenal diep gekwetst was door iemand die ik nog steeds geweldig vond:
Where her head and all its black hair did rest, today she took a train to the west...
De zinnen en de muziek van The Boatman's Call... Ze waren de zinnen van de eindeloze discussies in mijn hoofd.
Ik hield mezelf voor de gek met cynische bespiegelingen uit People Ain't No Good en Far From Me om vervolgens ingehaald te worden door de gekwetste liefde in Black Hair en Into My Arms.
Maar de haat en de liefde waren tenminste nog dingen die ik kon voelen.
Vaak genoeg voelde mijn ziel afgestompt aan, beurs, lusteloos en levenloos. Koud en leeg.
Moegestreden van de eindeloze discussies, waarmee het me nooit lukte om de knopen in mijn emoties te ontwarren.
Die sluier van grauwe vermoeidheid - het verdriet gewoon zó ontzettend beu zijn - die sluier, die mist hangt over heel The Boatman's Call heen.
Mijn slaaprovende bijbaan waarbij ik teveel tijd kreeg om na te denken, maakte me soms zo moe. Zo emotioneel uitgeput omdat er geen einde in zicht leek. En omdat geen enkel verdedigingsmechanisme in staat leek om me uit mijn sombere sleur te halen, waarin ik van niets meer kon genieten.
Die vermoeidheid ging vervolgens de hele dag op school door. Dat vermoeide hopen op het keerpunt, dat zit ook zó erg in The Boatman's Call.
Die serene orgeltonen in Brompton Oratory.
De accordeon in Black Hair.
De jankende viool in Far From Me.
Het zit in iedere vezel van het album. Dat maakt het voor mij zo goed.
Maar ik luisterde deze muziek niet op school, net zomin als ik hem op mijn oren had tijdens mijn krantenroutes.
Ik luisterde hem thuis - vaak als ik net terug kwam van kranten bezorgen en nog een paar uurtjes kon slapen voor ik naar school toe moest. Eerst een paar nummers Cave om mijn ziel tot bedaren te brengen.
En daarop terugkijkend moet ik concluderen dat dit album nog over een andere soort liefde ging.
Mijn liefdesverdriet leerde me meer over mijn liefde voor een ander, maar ook over de liefde voor mezelf.
Want daar kwam die stem die tegen mezelf praatte uit voort.
En ook dat - het wordt een patroon - hoor ik terug in The Boatman's Call.
In de hoop waarmee Cave zingt over het koninkrijk dat er gewoon móet zijn... de betere periode die gewoon móest aanbreken. Die hoop was een veel gezondere hoop dan de strohalm van Into My Arms.
Maar ook in Where Do We Go But Nowhere? voelde ik die drang tot zelfbehoud.
Wake up, my love. My lover, wake up...
Dat ging voor mij niet meer over mijn onbereikbare liefde. De 'geliefde' dat was ikzelf. Cave gaf woorden waarmee ik mezelf steun kon geven. Want ik was zelf degene die wakker moest worden.
Ik kon een bepaalde knop in mezelf niet meer omzetten, ik bleef hangen in een sombere roes.
Maar een ander deel van mezelf was vastbesloten die knop in mezelf om te zetten.
Wake up, my love. My lover, wake up...
De sombere roes die ik voelde werd perfect verbeeld door de haast onhoorbare bekkens... de jankende viool...
'Love sickness' - zo ervoer ik het ook. Ziek zijn... en weer beter willen worden.
Ik bad er haast om dat dat keerpunt zou komen. Zoals Cave zingt in Idiot Prayer:
All things come to pass: glory, hallelujah...
Een gebed om beter te worden... wat uiteindelijk verhoord werd.
Ik was misschien depressievig, maar depressief was ik niet.
Ik was de sleutel tot die omslag, de toegang tot die knop, eventjes kwijt, maar ik stond nog dicht genoeg bij mezelf om die uitweg als een doel voor ogen te houden.
Zelden stond ik zo dicht bij mezelf als in die periode.
Wat de knop uiteindelijk omzette, weet ik niet meer.
Het gebeurde gevoelsmatig van de ene op de andere dag.
Wat ik wel weet, is dat Cave's teksten en de prachtige muziek op dit album mijn gevoel een woordenboek gaven - en daarmee van grote waarde zijn geweest.
Daarom kan ik dit album ook niet bekritiseren: ik voel er een te grote liefde voor.
Het zal voor altijd met mijn gevoelsleven versmolten zijn.
Zelfs nu - bijna zeven jaar later - merk ik dat dit album niet voorbij kan gaan zonder dat ik terugdenk aan de emoties die toen door me heen gingen.
Daarom wilde ik dit ook opschrijven: het is een monument voor gevoelens en herinneringen die gaan vervagen.
Al zal ik daar ook altijd The Boatman's Call voor hebben.
Mijn lieve vriendin van toen zie ik voort los van dat gevoel.
Los dan van dat kleine traantje wat ik altijd bij haar zal voelen.
Mijn herinneringen aan die tijd koester ik, maar ze bestaan voort los van haar persoon.
Be quiet as you are leaving...
En een beetje romantisch is dat zeker.
Daarom vind ik het mooi dat The Boatman's Call het laatste album is dat ik dit decennium heb geluisterd.
Iedere keer als ik naar The Boatman's Call luister bedenk ik me dat ik als romanticus altijd uitkijk naar de volgende verliefdheid - maar ook een beetje naar het liefdesverdriet.
Weer een wandelend gedicht zijn - net als toen.
Dat ik nog ooit naar die periode terug zou verlangen, had ik toen nooit gedacht...
Dank je wel voor de soundtrack, Nick.
Het werd zoetjesaan tijd dat ik iets over dit album ging schrijven...
Een album dat in het teken staat van romantiek en liefdesverdriet.
Naar mijn ervaring kwam dit album in mijn leven op het moment dat ik het het hardste nodig had: tijdens mijn eerste liefdesverdriet toen ik 17 jaar oud was.
Dit album zei alles dat gezegd moest worden. Het voelde haast als gezonden van bovenaf.
Toen ik die gedachte een keer tegen een vriendin uitsprak, antwoordde ze dat dat was wat ik er in mijn hoofd van gemaakt had. Ik luisterde nou eenmaal naar dit album toen ik zwaar liefdesverdriet had, dus dat maakte het niet meer dan normaal dat ik deze muziek met dat liefdesverdriet associeerde.
Ik was het niet eens met haar uitleg. Rationeel had ze misschien gelijk, maar het strookt niet met hoe ik het - tot op de dag van vandaag - beleef. Daar kan iemand die daar niet bij was niks over zeggen.
Dit is een van de weinige albums die ik niet rationeel kan recenseren.
Het is te zeer verweven met mijn gevoel om er de nodige kritische afstand van te nemen.
De plaat is zowat in mijn ziel gebrand. Zeggen dat iets op deze cd anders zou moeten, zou hetzelfde zijn als zeggen dat ik iets in mijn leven anders gevoeld of gedacht heb, terwijl ik donders goed weet hoe het echt zit.
Dit gaat dus een iets andere bespreking worden. Thought-writing voor bij The Boatman's Call.
Dit album gaat voor mij over liefde, waaronder de liefde voor het eerste liefdesverdriet.
Een tijd geleden kwam in de serie Louis van Louis C.K. een zin langs die me erg raakte.
Een psycholoog zei deze zin tegen een door liefdesverdriet getergde Louis:
'Wees blij met je liefdesverdriet. Je bent verdorie een wandelend gedicht'.
Prachtig verwoord en zo waar.
Ook ik zie de romantiek in van mijn eerste liefdesverdriet - hoe rot en vervelend het ook was.
Ik kan er zelfs - vreemd genoeg - naar terugverlangen. Vooral als ik naar deze prachtplaat van Nick Cave beluister. Mijn wereld die om die ene onbereikbare persoon draaide - niets anders deed er verder echt toe. Dat had iets romantisch en het gaf vreemd genoeg een zekere betekenis aan mijn leven:
Up those stone steps I climb
Hail this joyful day's return
Gek wat de liefde voor een ander met je kan doen.
Met het meisje in kwestie had ik een tijd iets gehad. Toen het uitging, betekende dat nog niet dat ze uit beeld was. Een gemeenschappelijke vriendengroep maakte dat ik haar meer bleef zien dan goed voor me was. Ook toen ze na mij 'verder ging'.
We zien elkaar nu soms nog steeds, maar het gevoel van toen is weg.
Ik voel nog wel een glimp van de liefde die we ooit voor elkaar bewaarden, maar mijn wereld draait niet meer om haar.
Die tijd is voorgoed voorbij.
Dat liefhebben en dat 'missen van' was deels voelen.
Maar ik ervoer het ook als een hele hoop níet voelen - en een hele hoop niet toelaten.
Eerst was er de ontkenning: uiteindelijk zal het met ons wel goed komen. Into My Arms zag ik als een laatste strohalm.
De voorzienigheid die haar terug bij me brengt. Misschien als ik dat nummer voor haar zong, dan zou het bij haar wel doordringen...
Maar die 'mooie hoop' stompte vooral veel af. Als ik haar weer zag, was ik even heel blij bij haar in de buurt te zijn. Van binnen verwarmd.
De eenzaamheid daarna was vervolgens een mokerslag. Ik stopte met het genieten van andere dingen, andere momenten. Dingen die me eerst blij maakten, deden dat niet meer.
Ik praatte daar weinig met anderen over - ik had vooral veel discussies met mezelf.
Daar had ik in die periode veel tijd voor: ik bezorgde 6 dagen in de week de krant om 5 uur 's ochtends.
De momenten dat er nog niemand op was en ik al buiten rondliep waren goede momenten om innerlijke gesprekken te voeren. Ik luisterde toen veel naar dit album, maar niet tijdens het werk. De muziek zat echter constant in mijn hoofd. Het gaf mijn gevoelens te goed weer.
Dat gevoel te zijn verraden - en dat vervolgens doortrekken naar iedereen die wel gelukkig was, of dat leek te zijn.
It's all just bullshit: people just ain't no good - Cave said it.
Dat verraden gevoel - op The Boatman's Call keert het zo vaak terug...
Soms hartverscheurend mooi, perfect verwoord zoals alleen Nick Cave dat kan:
O, we will know, won't we: the stars will explode in the sky
But they don't do they? Stars have their moment and they die
Dat verraden gevoel - het kon zich ook meer op de persoon richten. Het meisje dat me pijn had gedaan. Ook daarvoor droeg Cave woorden aan:
Did you ever care for me? Were you ever there for me?
De haat was vaak zo'n perfecte vlucht naar voren: je was al die tijd al nep, dus hoef ik niks om je te geven...
Maar als ik me daar op mijn krantenroute van had weten te overtuigen en me zogenaamd ietsje beter voelde, werd ik vervolgens weer ingehaald door die hopeloze, altijd aanwezige liefde die ik nog steeds voor haar voelde.
Die mateloze liefde voor de ander, die het universum is, waar alles om draait:
For you dear, I was born. For you I was raised. For you I will live and for you I will die. For you I'm dying now
Cave verwoordt het ook zo mooi in Black Hair. Een rouwende accordeon op de achtergrond. Rouw waarin geen plek is voor haat die niet wordt gemeend. En dan plots die verscheurende realisatie dat ik nog steeds om haar gaf en dat mijn ontkenning geen zin had. De realisatie dat ik bovenal diep gekwetst was door iemand die ik nog steeds geweldig vond:
Where her head and all its black hair did rest, today she took a train to the west...
De zinnen en de muziek van The Boatman's Call... Ze waren de zinnen van de eindeloze discussies in mijn hoofd.
Ik hield mezelf voor de gek met cynische bespiegelingen uit People Ain't No Good en Far From Me om vervolgens ingehaald te worden door de gekwetste liefde in Black Hair en Into My Arms.
Maar de haat en de liefde waren tenminste nog dingen die ik kon voelen.
Vaak genoeg voelde mijn ziel afgestompt aan, beurs, lusteloos en levenloos. Koud en leeg.
Moegestreden van de eindeloze discussies, waarmee het me nooit lukte om de knopen in mijn emoties te ontwarren.
Die sluier van grauwe vermoeidheid - het verdriet gewoon zó ontzettend beu zijn - die sluier, die mist hangt over heel The Boatman's Call heen.
Mijn slaaprovende bijbaan waarbij ik teveel tijd kreeg om na te denken, maakte me soms zo moe. Zo emotioneel uitgeput omdat er geen einde in zicht leek. En omdat geen enkel verdedigingsmechanisme in staat leek om me uit mijn sombere sleur te halen, waarin ik van niets meer kon genieten.
Die vermoeidheid ging vervolgens de hele dag op school door. Dat vermoeide hopen op het keerpunt, dat zit ook zó erg in The Boatman's Call.
Die serene orgeltonen in Brompton Oratory.
De accordeon in Black Hair.
De jankende viool in Far From Me.
Het zit in iedere vezel van het album. Dat maakt het voor mij zo goed.
Maar ik luisterde deze muziek niet op school, net zomin als ik hem op mijn oren had tijdens mijn krantenroutes.
Ik luisterde hem thuis - vaak als ik net terug kwam van kranten bezorgen en nog een paar uurtjes kon slapen voor ik naar school toe moest. Eerst een paar nummers Cave om mijn ziel tot bedaren te brengen.
En daarop terugkijkend moet ik concluderen dat dit album nog over een andere soort liefde ging.
Mijn liefdesverdriet leerde me meer over mijn liefde voor een ander, maar ook over de liefde voor mezelf.
Want daar kwam die stem die tegen mezelf praatte uit voort.
En ook dat - het wordt een patroon - hoor ik terug in The Boatman's Call.
In de hoop waarmee Cave zingt over het koninkrijk dat er gewoon móet zijn... de betere periode die gewoon móest aanbreken. Die hoop was een veel gezondere hoop dan de strohalm van Into My Arms.
Maar ook in Where Do We Go But Nowhere? voelde ik die drang tot zelfbehoud.
Wake up, my love. My lover, wake up...
Dat ging voor mij niet meer over mijn onbereikbare liefde. De 'geliefde' dat was ikzelf. Cave gaf woorden waarmee ik mezelf steun kon geven. Want ik was zelf degene die wakker moest worden.
Ik kon een bepaalde knop in mezelf niet meer omzetten, ik bleef hangen in een sombere roes.
Maar een ander deel van mezelf was vastbesloten die knop in mezelf om te zetten.
Wake up, my love. My lover, wake up...
De sombere roes die ik voelde werd perfect verbeeld door de haast onhoorbare bekkens... de jankende viool...
'Love sickness' - zo ervoer ik het ook. Ziek zijn... en weer beter willen worden.
Ik bad er haast om dat dat keerpunt zou komen. Zoals Cave zingt in Idiot Prayer:
All things come to pass: glory, hallelujah...
Een gebed om beter te worden... wat uiteindelijk verhoord werd.
Ik was misschien depressievig, maar depressief was ik niet.
Ik was de sleutel tot die omslag, de toegang tot die knop, eventjes kwijt, maar ik stond nog dicht genoeg bij mezelf om die uitweg als een doel voor ogen te houden.
Zelden stond ik zo dicht bij mezelf als in die periode.
Wat de knop uiteindelijk omzette, weet ik niet meer.
Het gebeurde gevoelsmatig van de ene op de andere dag.
Wat ik wel weet, is dat Cave's teksten en de prachtige muziek op dit album mijn gevoel een woordenboek gaven - en daarmee van grote waarde zijn geweest.
Daarom kan ik dit album ook niet bekritiseren: ik voel er een te grote liefde voor.
Het zal voor altijd met mijn gevoelsleven versmolten zijn.
Zelfs nu - bijna zeven jaar later - merk ik dat dit album niet voorbij kan gaan zonder dat ik terugdenk aan de emoties die toen door me heen gingen.
Daarom wilde ik dit ook opschrijven: het is een monument voor gevoelens en herinneringen die gaan vervagen.
Al zal ik daar ook altijd The Boatman's Call voor hebben.
Mijn lieve vriendin van toen zie ik voort los van dat gevoel.
Los dan van dat kleine traantje wat ik altijd bij haar zal voelen.
Mijn herinneringen aan die tijd koester ik, maar ze bestaan voort los van haar persoon.
Be quiet as you are leaving...
En een beetje romantisch is dat zeker.
Daarom vind ik het mooi dat The Boatman's Call het laatste album is dat ik dit decennium heb geluisterd.
Iedere keer als ik naar The Boatman's Call luister bedenk ik me dat ik als romanticus altijd uitkijk naar de volgende verliefdheid - maar ook een beetje naar het liefdesverdriet.
Weer een wandelend gedicht zijn - net als toen.
Dat ik nog ooit naar die periode terug zou verlangen, had ik toen nooit gedacht...
Dank je wel voor de soundtrack, Nick.
Nick Drake - Five Leaves Left (1969)

5,0
0
geplaatst: 19 januari 2014, 00:03 uur
Five Leaves Left
Pink Moon wordt vaak geprezen vanwege zijn puurheid. Het is alleen Nick Drake met zijn gitaar en verder geen poespas. Zijn andere 2 albums worden daarmee meteen geschaard onder de albums die die poespas wel hebben. Dit klopt ook wel, maar toch zit er tussen de 2 voorgangers van Pink Moon een groot verschil. Bryter Layter is wat commerciëler: veel nummers bevatten duidelijke coupletjes en refreintjes en er wordt meer een popgeluid nagestreefd. Bij de instrumentatie van Bryter Layter weet ik niet altijd wat ik ervan moet vinden: ik vind het op zich wel mooi, maar soms iets te gelikt. In mijn optiek is het teveel gepolijst; iets wat Five Leaves Left niet heeft. Op Five Leaves Left is de instrumentatie puur ter ondersteuning van Nick Drake: het concurreert niet met hem. De instrumentatie is ook veel aardser; het past er beter bij. Om die redenen vind ik Five Leaves Left, momenteel, de beste Nick Drake-plaat die ik heb.
Five Leaves Left is echt zo'n plaat die mooi is om op lp te hebben. Het geeft dat beetje extra romantiek, dat deze muziek nodig heeft. De naald die in het vinyl zakt, het zachtjes ritselen van de lp en dan die eerste noten.
Time Has Told Me
De droevige ziel die Pink Moon zou maken is hier al te horen
Maar nu nog vervult met optimisme
Time has told me, not to ask for more
For some day our ocean will find it's shore
Nick Drake staat nog aan het begin van zijn carrière en heeft er nog vertrouwen in
Geduld is een schone zaak
Op Pink Moon zou de wanhoop doorklinken
De wanhoop omdat zijn oceaan haar kust nog steeds niet heeft gevonden
Het uitblijven van succes was fataal voor Drake's optimisme
Maar ook Five Leaves Left heeft zijn trieste momenten
De hoes geeft dat eigenlijk al weer:
Nick Drake die triestig uit het raam kijkt
Hij bekijkt het leven met een soms droevig makende romantiek
River Man is een nummer voor op regenachtige dagen
Zo'n dag waarop je alleen maar binnen kan blijven
De gitaar klinkt sereen, als vallende regendruppels
Drakes stem is als een zalf die over het geheel uitgesmeerd wordt
De strijkers creëren een deprimerende sfeer
Maar Nick Drake is er de man niet voor om tegen neerslachtigheid te vechten
In zijn muziek klinkt altijd gelatenheid door
Hij weet dat hij er niets aan kan veranderen
En accepteert dat, maar niet zonder tranen
Die tranen klinken vaker door op het album
Way To Blue en Day Is Done hebben diezelfde sfeer
Op de achterkant staat Nick Drake rustig naar een rennende man te kijken
Gefascineerd hoe mensen zich zo kunnen storten in een jachtige maatschappij
Maar misschien ook deels jaloers
Alsof hij soms ook zo zou willen zijn
Soms is bij de dingen stil staan niet fijn
Dan zou je willen dat je ze zo van je af kon laten glijden
When the day is done….
Dat over de dingen nadenken, dat filosoferen, kan soms even tot trieste conclusies leiden
Als de dag voorbij is, is er nog steeds niks veranderd
Het is allemaal zinloos
Maar Nick Drake had geen keuze
Hij was de rust, hij was de observerende, degene die bij de dingen stilstond
Anders kun je deze muziek niet maken
Maar waar Pink Moon het relaas is van een uitgeputte ziel
Is er op Five Leaves Left meer aanwezig
In Three Hours ontpopt Nick Drake zich als een sjamaan
Die met zijn gitaar bezweert, bij een kampvuur gezeten: je kunt alleen maar luisteren
Het vloeiende gitaarspel is als de wind
Waarin ik een blaadje ben dat rond dwarrelt
Even wordt je steeds hoger geblazen
Dan gaat de wind weer liggen en dwarrel je weer naar beneden
Nick zet met betoverende timing het intro weer in, en rust komt weer over je heen
Pure schoonheid
Cello Song klinkt weer heel opgewekt
Vlot gitaarspel gecombineerd met Drake's zalvende stem
Het geeft een heel warm en verzadigend effect
Alsof je in een warm bad wordt gedompeld
Nu leiden de gedachten niet tot triestheid
Maar juist tot een gevoel van geluk, van balans
Dat is Five Leaves Left
Bij vlagen triest, bij vlagen opgewekt, maar altijd rustig
Een blauwdruk van Nick Drake's persoonlijkheid, denk ik
Op Bryter Layter was daar te veel bemoeienis van producers voor
Op Pink Moon zat hij voort gevangen in de negatieve spiraal van zijn eigen gedachten
Op Five Leaves Left is Drake optimistischer
Hij lijkt over zichzelf the zingen: The man in the shed, the fruit tree
En soms klinkt hij droevig, maar ik denk dat Nick Drake een man was die juist de schoonheid van triestheid begreep en dat ook kon waarderen
Net zoals ik dat zelf ook doe
Het is niet voor niets dat ik naar hem luister
Het album eindigt met Saturday Sun
Soms is het interessant na te denken welke muziek je op je begrafenis zou willen hebben
Vooral als muziek echt een belangrijk deel van je leven is
Ik zou voor Saturday Sun kiezen
Droevig, maar troostend
Erkennend dat er mensen op de wereld komen, en dat er mensen verdwijnen
Dat het soms beter is iets te verliezen, dan het nooit te hebben gehad
En dat de schoonheid van het leven bepaald wordt door het geluk in je hart
Maar ook de tranen in je hart
Als je dat niet wilt accepteren, dan is de muziek van Nick Drake er om je daarbij te helpen. Hijzelf is er niet meer, maar muziek gaat voorbij de dood om de harten van mensen te raken.
En zo ook Five Leaves Left
Pink Moon wordt vaak geprezen vanwege zijn puurheid. Het is alleen Nick Drake met zijn gitaar en verder geen poespas. Zijn andere 2 albums worden daarmee meteen geschaard onder de albums die die poespas wel hebben. Dit klopt ook wel, maar toch zit er tussen de 2 voorgangers van Pink Moon een groot verschil. Bryter Layter is wat commerciëler: veel nummers bevatten duidelijke coupletjes en refreintjes en er wordt meer een popgeluid nagestreefd. Bij de instrumentatie van Bryter Layter weet ik niet altijd wat ik ervan moet vinden: ik vind het op zich wel mooi, maar soms iets te gelikt. In mijn optiek is het teveel gepolijst; iets wat Five Leaves Left niet heeft. Op Five Leaves Left is de instrumentatie puur ter ondersteuning van Nick Drake: het concurreert niet met hem. De instrumentatie is ook veel aardser; het past er beter bij. Om die redenen vind ik Five Leaves Left, momenteel, de beste Nick Drake-plaat die ik heb.
Five Leaves Left is echt zo'n plaat die mooi is om op lp te hebben. Het geeft dat beetje extra romantiek, dat deze muziek nodig heeft. De naald die in het vinyl zakt, het zachtjes ritselen van de lp en dan die eerste noten.
Time Has Told Me
De droevige ziel die Pink Moon zou maken is hier al te horen
Maar nu nog vervult met optimisme
Time has told me, not to ask for more
For some day our ocean will find it's shore
Nick Drake staat nog aan het begin van zijn carrière en heeft er nog vertrouwen in
Geduld is een schone zaak
Op Pink Moon zou de wanhoop doorklinken
De wanhoop omdat zijn oceaan haar kust nog steeds niet heeft gevonden
Het uitblijven van succes was fataal voor Drake's optimisme
Maar ook Five Leaves Left heeft zijn trieste momenten
De hoes geeft dat eigenlijk al weer:
Nick Drake die triestig uit het raam kijkt
Hij bekijkt het leven met een soms droevig makende romantiek
River Man is een nummer voor op regenachtige dagen
Zo'n dag waarop je alleen maar binnen kan blijven
De gitaar klinkt sereen, als vallende regendruppels
Drakes stem is als een zalf die over het geheel uitgesmeerd wordt
De strijkers creëren een deprimerende sfeer
Maar Nick Drake is er de man niet voor om tegen neerslachtigheid te vechten
In zijn muziek klinkt altijd gelatenheid door
Hij weet dat hij er niets aan kan veranderen
En accepteert dat, maar niet zonder tranen
Die tranen klinken vaker door op het album
Way To Blue en Day Is Done hebben diezelfde sfeer
Op de achterkant staat Nick Drake rustig naar een rennende man te kijken
Gefascineerd hoe mensen zich zo kunnen storten in een jachtige maatschappij
Maar misschien ook deels jaloers
Alsof hij soms ook zo zou willen zijn
Soms is bij de dingen stil staan niet fijn
Dan zou je willen dat je ze zo van je af kon laten glijden
When the day is done….
Dat over de dingen nadenken, dat filosoferen, kan soms even tot trieste conclusies leiden
Als de dag voorbij is, is er nog steeds niks veranderd
Het is allemaal zinloos
Maar Nick Drake had geen keuze
Hij was de rust, hij was de observerende, degene die bij de dingen stilstond
Anders kun je deze muziek niet maken
Maar waar Pink Moon het relaas is van een uitgeputte ziel
Is er op Five Leaves Left meer aanwezig
In Three Hours ontpopt Nick Drake zich als een sjamaan
Die met zijn gitaar bezweert, bij een kampvuur gezeten: je kunt alleen maar luisteren
Het vloeiende gitaarspel is als de wind
Waarin ik een blaadje ben dat rond dwarrelt
Even wordt je steeds hoger geblazen
Dan gaat de wind weer liggen en dwarrel je weer naar beneden
Nick zet met betoverende timing het intro weer in, en rust komt weer over je heen
Pure schoonheid
Cello Song klinkt weer heel opgewekt
Vlot gitaarspel gecombineerd met Drake's zalvende stem
Het geeft een heel warm en verzadigend effect
Alsof je in een warm bad wordt gedompeld
Nu leiden de gedachten niet tot triestheid
Maar juist tot een gevoel van geluk, van balans
Dat is Five Leaves Left
Bij vlagen triest, bij vlagen opgewekt, maar altijd rustig
Een blauwdruk van Nick Drake's persoonlijkheid, denk ik
Op Bryter Layter was daar te veel bemoeienis van producers voor
Op Pink Moon zat hij voort gevangen in de negatieve spiraal van zijn eigen gedachten
Op Five Leaves Left is Drake optimistischer
Hij lijkt over zichzelf the zingen: The man in the shed, the fruit tree
En soms klinkt hij droevig, maar ik denk dat Nick Drake een man was die juist de schoonheid van triestheid begreep en dat ook kon waarderen
Net zoals ik dat zelf ook doe
Het is niet voor niets dat ik naar hem luister
Het album eindigt met Saturday Sun
Soms is het interessant na te denken welke muziek je op je begrafenis zou willen hebben
Vooral als muziek echt een belangrijk deel van je leven is
Ik zou voor Saturday Sun kiezen
Droevig, maar troostend
Erkennend dat er mensen op de wereld komen, en dat er mensen verdwijnen
Dat het soms beter is iets te verliezen, dan het nooit te hebben gehad
En dat de schoonheid van het leven bepaald wordt door het geluk in je hart
Maar ook de tranen in je hart
Als je dat niet wilt accepteren, dan is de muziek van Nick Drake er om je daarbij te helpen. Hijzelf is er niet meer, maar muziek gaat voorbij de dood om de harten van mensen te raken.
En zo ook Five Leaves Left
Nick Drake - Pink Moon (1972)

4,5
1
geplaatst: 22 december 2013, 16:50 uur
Op Pink Moon is Nick Drake het zat en wil hij niet meer in deze jachtige wereld leven.
Dat is, denk ik, de kern van Pink Moon. De hoes geeft dit weer, maar de muziek ook. Vanaf de eerste noot.
In het eerste nummer keert Drake zijn rug al naar de maatschappij. Hij is een romanticus in een onromantische wereld en trekt zich daarom terug. Ziek van het razen der auto's, de prestatiedruk van de maatschappij, richt hij zich op een roze maan. Alleen met zijn gitaar beschrijft hij de schoonheid die daarvan uitgaat. Op het eerste nummer is hij al verloren in zijn romantiek; niemand ziet diezelfde schoonheid. Het zou ervoor zorgen dat hij zich terug zou trekken in zijn ouderlijk huis en een afgezonderd leven zou gaan leiden.
Pink Moon (het nummer) is een geval apart, omdat Drake zich hier helemaal afzondert van de rest. Er is geen 'you' in dit liedje. The 'you' van Pink Moon is going to get you all is geen 'you' waar Drake ook maar enige affiniteit meeheeft. Het is eerder hem tegen de rest, maar het is geen strijd die Drake bereid is te leveren.
Op Place To Be is Drake minder teruggetrokken. Hij zingt al met meer liefde over de 'you'.
Now I'm weaker than the palest blue, oh so weak in this need for you
Maar toch is ook dit weer een droevig nummer, met een zeer trieste tekst. Drake verlangt terug naar de momenten waarop hij nog gelukkig was, maar weet dat hij daar niet meer naar kan terugkeren. Hij voelt zich gevangen in het heden. Waar hij op Five Leaves Left en Bryter Layter nog macht voelde over zijn eigen leven, neemt hij daar hier afstand van.
Hij is de hulpeloze clown op de hoes die met smekende, vermoeide ogen zegt:
Just hand me down, give me a place to be
Dan volgt Road. Ook een geval apart op dit album, omdat het positiever van toon is. Er klinkt nog wat levenslust in door. In de eerste plaats door het geweldige en levendige gitaarwerk, maar ook door de tekst. Hier past de achterkant van Five Leaves Left wel goed bij. Drake die gefascineerd naar de rennende man staat te kijken, en dan zijn conclusie trekt:
You can take a road that takes you to the stars, now I will take a road that will see me through
Pink Moon is er, op dit nummer na, misschien wel een constatering van dat die weg hem niet naar het geluk heeft geleidt.
Een ander centraal thema op Pink Moon is afwijzing: Drake voelt zich afgewezen. Of dit afwijzing in de liefde is, wordt opengelaten, maar het gevoel is duidelijk te herkennen in nummers zoals Which Will, Know en Free Ride. Natuurlijk voelde Nick Drake zich ook afgewezen. Hij wilde doorbreken met zijn muziek, maar dat wilde niet lukken. Hij voelde zich onbegrepen. Tegen zijn producer beklaagde hij zich over het feit dat hij geniaal genoemd werd, maar toch onbekend was. Tegen zijn familie zei hij dat hij 'gefaald' had. Drake vatte het uitblijven van bekendheid heel persoonlijk op. De afwijzing die doorklinkt op Pink Moon is daar misschien wel het gevolg van.
Horn is een klein kunststukje, wat naar mijn idee een opmaat is voor het prachtige Things Behind The Sun. Het einde van Horn houdt een bepaalde spanning vast. In de stilte die na Horn volgt verwacht ik meer te horen. En uit die stilte verrijst dan ook het prachtige intro van Things Behind The Sun. Tokkelend op zijn gitaar gooit Drake al zijn frustraties eruit. Zijn frustraties over 'het niet eerlijk zijn' van de wereld. Niet veel artiesten kunnen zoveel zeggen met alleen gitaarspel, maar Nick Drake is er een meester in. De tekst van Things Behind The Sun is misschien wel het dichtste wat Drake bij een boodschap komt. Mat wat voor boodschap? Zeggen wat je wilt, jezelf durven zijn? Het zou kunnen, maar het blijft cryptisch. Een aantal zinnen springen er voor mij uit, door hun zware emotionele lading.
Look around, you find the ground is not so far from where you are
Dat er 'bijna zijn', maar niet weten om er echt te komen is denk ik heel typerend voor Nick Drake. Dat zelfde er 'bijna zijn' maakt deze regel zo triest, omdat het geluk hier voelt als een kleine stap die je toch niet kunt maken. Ook de zin Who'll hear what I say grijpt naar de keel, omdat het bekend is dat Drake zijn tijdgenoten met zijn muziek wilde bereiken, wat toen niet lukte. Wat hij wou zeggen, werd tijdens zijn leven niet gehoord en dat heeft hij gevoeld.
Het observerende karakter van Drakes muziek en teksten komt weer duidelijk naar voren in Parasite. De stille Drake kijkt nog eenmaal naar de wereld om hem heen en ziet dat die er niet mooier op geworden is; dat hij er nog steeds niet in past. Drake was een zeer stille man: hij sprak zijn gedachten niet vaak uit tegen anderen. Dat stille wateren diepe gronden hebben blijkt wel in Parasite. Doordat hij niet spraakzaam was, moet Drake veel geobserveerd hebben. Anders kun je nooit zo'n nummer als Parasite schrijven. In dit nummer valt ook op dat er een relatie lijkt te zijn tussen muziek en albumhoes.
Lifting the mask from a local clown, feeling down like him
Identificeert Nick Drake zich hier met de clown op de albumhoes? Zag hij de somberheid van dit beeld, en raakte het hem zo dat hij er deze regel aan wijdde? Het heeft hier zeker toegevoegde waarde om te weten of het idee voor deze albumhoes er al was toen Drake Parasite opnam. Anders is het een geniale inval geweest van degene die deze hoes voor Pink Moon uitkoos. Heel Pink Moon ademt de sfeer van de hoes, en Parasite, onder andere, in het bijzonder.
Verdere pogingen om over de wereld om hen heen te schrijven doet Drake niet. Hij keert zijn rug er weer naartoe en zoekt de romantiek in zichzelf weer op. Waar hij het album begint met het beschrijven van de schoonheid van een roze maan, sluit hij het af met het beschrijven van een prachtige zonsopgang. Hier is Drake weer alleen met zijn romantische zelf. Niemand die diezelfde schoonheid kan begrijpen. Op Pink Moon lijkt het soms alsof Drake op zoek is naar een zielsverwant, iemand die naast hem kan zitten als hij naar die opgaande zon kijkt. De conclusie van het album is dat diegene niet wordt gevonden, en daarom is Drake alleen met de morgen. En kijkend naar die opgaande zon, even de lelijke wereld vergetend, is hij gelukkig en wenst hij dat het altijd zo zou kunnen blijven. Dat hij zijn lichaam zou kunnen ontstijgen om zich te bevinden in the endless coloured ways.
Misschien besloot Nick Drake op zo'n morgen, op 25 november 1974, om zich bij die prachtige zon te voegen.
Dat is, denk ik, de kern van Pink Moon. De hoes geeft dit weer, maar de muziek ook. Vanaf de eerste noot.
In het eerste nummer keert Drake zijn rug al naar de maatschappij. Hij is een romanticus in een onromantische wereld en trekt zich daarom terug. Ziek van het razen der auto's, de prestatiedruk van de maatschappij, richt hij zich op een roze maan. Alleen met zijn gitaar beschrijft hij de schoonheid die daarvan uitgaat. Op het eerste nummer is hij al verloren in zijn romantiek; niemand ziet diezelfde schoonheid. Het zou ervoor zorgen dat hij zich terug zou trekken in zijn ouderlijk huis en een afgezonderd leven zou gaan leiden.
Pink Moon (het nummer) is een geval apart, omdat Drake zich hier helemaal afzondert van de rest. Er is geen 'you' in dit liedje. The 'you' van Pink Moon is going to get you all is geen 'you' waar Drake ook maar enige affiniteit meeheeft. Het is eerder hem tegen de rest, maar het is geen strijd die Drake bereid is te leveren.
Op Place To Be is Drake minder teruggetrokken. Hij zingt al met meer liefde over de 'you'.
Now I'm weaker than the palest blue, oh so weak in this need for you
Maar toch is ook dit weer een droevig nummer, met een zeer trieste tekst. Drake verlangt terug naar de momenten waarop hij nog gelukkig was, maar weet dat hij daar niet meer naar kan terugkeren. Hij voelt zich gevangen in het heden. Waar hij op Five Leaves Left en Bryter Layter nog macht voelde over zijn eigen leven, neemt hij daar hier afstand van.
Hij is de hulpeloze clown op de hoes die met smekende, vermoeide ogen zegt:
Just hand me down, give me a place to be
Dan volgt Road. Ook een geval apart op dit album, omdat het positiever van toon is. Er klinkt nog wat levenslust in door. In de eerste plaats door het geweldige en levendige gitaarwerk, maar ook door de tekst. Hier past de achterkant van Five Leaves Left wel goed bij. Drake die gefascineerd naar de rennende man staat te kijken, en dan zijn conclusie trekt:
You can take a road that takes you to the stars, now I will take a road that will see me through
Pink Moon is er, op dit nummer na, misschien wel een constatering van dat die weg hem niet naar het geluk heeft geleidt.
Een ander centraal thema op Pink Moon is afwijzing: Drake voelt zich afgewezen. Of dit afwijzing in de liefde is, wordt opengelaten, maar het gevoel is duidelijk te herkennen in nummers zoals Which Will, Know en Free Ride. Natuurlijk voelde Nick Drake zich ook afgewezen. Hij wilde doorbreken met zijn muziek, maar dat wilde niet lukken. Hij voelde zich onbegrepen. Tegen zijn producer beklaagde hij zich over het feit dat hij geniaal genoemd werd, maar toch onbekend was. Tegen zijn familie zei hij dat hij 'gefaald' had. Drake vatte het uitblijven van bekendheid heel persoonlijk op. De afwijzing die doorklinkt op Pink Moon is daar misschien wel het gevolg van.
Horn is een klein kunststukje, wat naar mijn idee een opmaat is voor het prachtige Things Behind The Sun. Het einde van Horn houdt een bepaalde spanning vast. In de stilte die na Horn volgt verwacht ik meer te horen. En uit die stilte verrijst dan ook het prachtige intro van Things Behind The Sun. Tokkelend op zijn gitaar gooit Drake al zijn frustraties eruit. Zijn frustraties over 'het niet eerlijk zijn' van de wereld. Niet veel artiesten kunnen zoveel zeggen met alleen gitaarspel, maar Nick Drake is er een meester in. De tekst van Things Behind The Sun is misschien wel het dichtste wat Drake bij een boodschap komt. Mat wat voor boodschap? Zeggen wat je wilt, jezelf durven zijn? Het zou kunnen, maar het blijft cryptisch. Een aantal zinnen springen er voor mij uit, door hun zware emotionele lading.
Look around, you find the ground is not so far from where you are
Dat er 'bijna zijn', maar niet weten om er echt te komen is denk ik heel typerend voor Nick Drake. Dat zelfde er 'bijna zijn' maakt deze regel zo triest, omdat het geluk hier voelt als een kleine stap die je toch niet kunt maken. Ook de zin Who'll hear what I say grijpt naar de keel, omdat het bekend is dat Drake zijn tijdgenoten met zijn muziek wilde bereiken, wat toen niet lukte. Wat hij wou zeggen, werd tijdens zijn leven niet gehoord en dat heeft hij gevoeld.
Het observerende karakter van Drakes muziek en teksten komt weer duidelijk naar voren in Parasite. De stille Drake kijkt nog eenmaal naar de wereld om hem heen en ziet dat die er niet mooier op geworden is; dat hij er nog steeds niet in past. Drake was een zeer stille man: hij sprak zijn gedachten niet vaak uit tegen anderen. Dat stille wateren diepe gronden hebben blijkt wel in Parasite. Doordat hij niet spraakzaam was, moet Drake veel geobserveerd hebben. Anders kun je nooit zo'n nummer als Parasite schrijven. In dit nummer valt ook op dat er een relatie lijkt te zijn tussen muziek en albumhoes.
Lifting the mask from a local clown, feeling down like him
Identificeert Nick Drake zich hier met de clown op de albumhoes? Zag hij de somberheid van dit beeld, en raakte het hem zo dat hij er deze regel aan wijdde? Het heeft hier zeker toegevoegde waarde om te weten of het idee voor deze albumhoes er al was toen Drake Parasite opnam. Anders is het een geniale inval geweest van degene die deze hoes voor Pink Moon uitkoos. Heel Pink Moon ademt de sfeer van de hoes, en Parasite, onder andere, in het bijzonder.
Verdere pogingen om over de wereld om hen heen te schrijven doet Drake niet. Hij keert zijn rug er weer naartoe en zoekt de romantiek in zichzelf weer op. Waar hij het album begint met het beschrijven van de schoonheid van een roze maan, sluit hij het af met het beschrijven van een prachtige zonsopgang. Hier is Drake weer alleen met zijn romantische zelf. Niemand die diezelfde schoonheid kan begrijpen. Op Pink Moon lijkt het soms alsof Drake op zoek is naar een zielsverwant, iemand die naast hem kan zitten als hij naar die opgaande zon kijkt. De conclusie van het album is dat diegene niet wordt gevonden, en daarom is Drake alleen met de morgen. En kijkend naar die opgaande zon, even de lelijke wereld vergetend, is hij gelukkig en wenst hij dat het altijd zo zou kunnen blijven. Dat hij zijn lichaam zou kunnen ontstijgen om zich te bevinden in the endless coloured ways.
Misschien besloot Nick Drake op zo'n morgen, op 25 november 1974, om zich bij die prachtige zon te voegen.
Nine Inch Nails - Ghosts I-IV (2008)

3,5
0
geplaatst: 14 juni 2014, 00:21 uur
Ghosts I-IV is een van die albums die een zekere, intrinsieke waarde hebben die los staat van de muziek zelf. Die waarde zit hem erin dat Trent Reznor gewoon ongelofelijk veel lef heeft getoond door dit album uit te brengen. Als gesettelde artiest zou hij door kunnen blijven gaan met het maken van albums zoals With Teeth. Albums die goed zijn, maar wel vast blijven houden aan het oude. Conceptueel maakte Trent al een omslag met Year Zero. Het ging niet langer over zijn eigen problemen, maar over de problemen van een gedoemde wereld. Met Ghosts I-IV neemt hij een veel groter risico: een bijna 2 uur durend album met alleen maar instrumentale nummers. Het is een garantie voor een commerciële flop; dit album is dan ook echt voor de hardcore fans gemaakt.
Toch is het ook weer niet zo'n grote stap. Nine Inch Nails is altijd al meesterlijk geweest op het gebied van instrumentale nummers. Waar de teksten van Trent Reznor soms te kort schieten zijn de instrumentale nummers altijd overtuigend. Teksten lijken voor Trent toch altijd op de tweede plaats te komen; het gaat in eerste plaats om de muziek. Op Ghosts laat Trent zich niet afleiden door het schrijven van teksten en focust hij zich op waar hij het beste in is: het creëren van klankenlandschappen.
Toch nam Trent een risico. Het risico dat het album de luisteraar zou gaan vervelen. Helaas moet ik zeggen dat dit toch wel enigszins waarheid is geworden. Op Ghosts staan prachtige stukken, maar boeien van begin tot eind doet het niet. De eerste schijf (Ghosts I en II) is prachtig. Deze kan ik met volle aandacht afluisteren. De tweede schijf is toch een stuk minder. Ik begin met volle aandacht, maar na een tijdje dwaal ik af. M'n aandacht keert bij vlagen terug, maar het houdt me niet 100% vast. Dit kan er natuurlijk aan liggen dat het de tweede schijf is: je gaat er toch met minder aandacht in dan bij de eerste. Ik denk dat de tweede schijf op zichzelf toch wat minder is. Sommige nummers beginnen interessant, maar duren te lang. Bepaalde nummers vind ik gewoon niet zo interessant, zeker niet na al ruim een uur luisteren. Ik hoop echt dat ik de tweede schijf en het geheel meer ga waarderen na nog wat meer luisterbeurten. Toch denk ik dat Ghosts een album waarover je al vrij snel een oordeel kunt vellen. De muziek is vaak gebouwd op een steeds herhalend thema; de spanning komt van de vele lagen die daar over heen worden gelegd. Op die manier is het vrij snel te horen welke stukken boeiend zijn en welke stukken niet.
Ghosts is een goede naam voor dit album. De nummers zijn allemaal individuele kunstwerkjes: allemaal geesten die in een paar minuten tijd van zich laten horen. Geesten met verschillende karakters en geluiden. Een ijzersterk geheel moet je dus zeker niet verwachten: individualiteit is hier het sleutelwoord. Die individualiteit zorgt er echter ook voor dat het album op een gegeven moment gaat vervelen. The Fragile (een NIN-album van vergelijkbare lengte) is een concept, een geheel. Je raakt in een bepaalde flow waardoor je ieder nummer in zijn verband ziet en daarin gaat waarderen. Bij Ghosts raak je niet in één bepaalde flow. Het is telkens weer afwachten of je bij een nummer in de flow komt. Bij veel nummers lukt dat, maar bij een aantal nummers ook niet.
Ik ben echter helemaal niet negatief over Ghosts. Het album is een unieke beleving. Uniek ten opzichte van andere NIN-albums, maar ook ten opzichte van alle andere albums die ik heb gehoord. De eerste schijf is super en bezweert je, en ook op de tweede schijf staan stukken die erg goed zijn. Mijn favorieten zijn 1, 6, 12, 13, 17, 21, 25, 28, 30 en 36. Als NIN-fan is het toch een verrijking om dit album te kennen. Het laat maar weer even zien hoe goed deze artiest is. Ik respecteer Trent vanwege het lef dat hij hiermee getoond heeft. Dat het album niet zonder gebreken is, is het risico van het vak. Maar dat Trent weet wat hij doet en geniaal is in wat hij doet is op dit album zeker te horen. Ik hoop het album toch nog meer te gaan waarderen dan ik het nu doe. En als dat zo is, zal ik met veel plezier een herbeschouwing schrijven.
Toch is het ook weer niet zo'n grote stap. Nine Inch Nails is altijd al meesterlijk geweest op het gebied van instrumentale nummers. Waar de teksten van Trent Reznor soms te kort schieten zijn de instrumentale nummers altijd overtuigend. Teksten lijken voor Trent toch altijd op de tweede plaats te komen; het gaat in eerste plaats om de muziek. Op Ghosts laat Trent zich niet afleiden door het schrijven van teksten en focust hij zich op waar hij het beste in is: het creëren van klankenlandschappen.
Toch nam Trent een risico. Het risico dat het album de luisteraar zou gaan vervelen. Helaas moet ik zeggen dat dit toch wel enigszins waarheid is geworden. Op Ghosts staan prachtige stukken, maar boeien van begin tot eind doet het niet. De eerste schijf (Ghosts I en II) is prachtig. Deze kan ik met volle aandacht afluisteren. De tweede schijf is toch een stuk minder. Ik begin met volle aandacht, maar na een tijdje dwaal ik af. M'n aandacht keert bij vlagen terug, maar het houdt me niet 100% vast. Dit kan er natuurlijk aan liggen dat het de tweede schijf is: je gaat er toch met minder aandacht in dan bij de eerste. Ik denk dat de tweede schijf op zichzelf toch wat minder is. Sommige nummers beginnen interessant, maar duren te lang. Bepaalde nummers vind ik gewoon niet zo interessant, zeker niet na al ruim een uur luisteren. Ik hoop echt dat ik de tweede schijf en het geheel meer ga waarderen na nog wat meer luisterbeurten. Toch denk ik dat Ghosts een album waarover je al vrij snel een oordeel kunt vellen. De muziek is vaak gebouwd op een steeds herhalend thema; de spanning komt van de vele lagen die daar over heen worden gelegd. Op die manier is het vrij snel te horen welke stukken boeiend zijn en welke stukken niet.
Ghosts is een goede naam voor dit album. De nummers zijn allemaal individuele kunstwerkjes: allemaal geesten die in een paar minuten tijd van zich laten horen. Geesten met verschillende karakters en geluiden. Een ijzersterk geheel moet je dus zeker niet verwachten: individualiteit is hier het sleutelwoord. Die individualiteit zorgt er echter ook voor dat het album op een gegeven moment gaat vervelen. The Fragile (een NIN-album van vergelijkbare lengte) is een concept, een geheel. Je raakt in een bepaalde flow waardoor je ieder nummer in zijn verband ziet en daarin gaat waarderen. Bij Ghosts raak je niet in één bepaalde flow. Het is telkens weer afwachten of je bij een nummer in de flow komt. Bij veel nummers lukt dat, maar bij een aantal nummers ook niet.
Ik ben echter helemaal niet negatief over Ghosts. Het album is een unieke beleving. Uniek ten opzichte van andere NIN-albums, maar ook ten opzichte van alle andere albums die ik heb gehoord. De eerste schijf is super en bezweert je, en ook op de tweede schijf staan stukken die erg goed zijn. Mijn favorieten zijn 1, 6, 12, 13, 17, 21, 25, 28, 30 en 36. Als NIN-fan is het toch een verrijking om dit album te kennen. Het laat maar weer even zien hoe goed deze artiest is. Ik respecteer Trent vanwege het lef dat hij hiermee getoond heeft. Dat het album niet zonder gebreken is, is het risico van het vak. Maar dat Trent weet wat hij doet en geniaal is in wat hij doet is op dit album zeker te horen. Ik hoop het album toch nog meer te gaan waarderen dan ik het nu doe. En als dat zo is, zal ik met veel plezier een herbeschouwing schrijven.
Nine Inch Nails - Pretty Hate Machine (1989)

4,5
0
geplaatst: 3 augustus 2012, 15:22 uur
Ik kwam op het spoor van dit album via YouTube. Bij een tribute-video werd Something I Can Never Have gedraaid. Ik vond dat meteen een heel mooi nummer en ben meteen gaan opzoeken van wie het was en op welk album het stond. Een paar maanden later kocht ik het album, samen met zijn opvolger The Downward Spiral. Ik kende toen inmiddels ook al Head Like A Hole, Terrible Lie en Sanctified van deze plaat: alle drie uitstekende nummers. Ik ben hem met veel verwachtingen gaan luisteren en ik werd toch een beetje teleurgesteld. Ik kwam tot de conclusie dat de vier willekeurige nummers die ik van deze plaat geluisterd had ook de vier beste van de plaat waren en dat de rest wat minder was.
Head Like A Hole is een uitstekende opener. Een mooi gelaagd intro waarna een NIN-tirade start die ook nog eens swingend is. Dit vloeit heel mooi over in het woedende en dreigende Terrible Lie. In het refrein creëert Trent Reznor met zijn keyboard een naargeestig, kaal landschap. Een angstige muis rent over deze vlaktes heen, op zoek naar een verstopplek, terwijl een bloeddorstige arend over de vlaktes heen vliegt en zich klaar maakt om zich op zijn weerloze prooi te storten. Ik weet bij dit nummer nooit of ik de muis ben of de arend.
Dan komt Down In It. Begint heel interessant, maar maakt zijn pretenties niet 100 % waar. Wel een goede tekst en hoewel het een van de mindere nummers van de plaat is hoor je toch dat Reznor heel creatief is. Bij Down In It luister ik mijn oren uit, als ik het zo mag noemen. Zoveel geluidjes en melodielijntjes.
Dan zijn we aanbelandt bij de twee beste nummers van de plaat, die het mooiste zijn als je ze in combinatie met elkaar luistert: Sanctified en Something I Can Never Have. Dit omdat ze zo mooi in elkaar zijn vervlochten, zo erg bij elkaar horen, dat ze net zo goed als een lang nummer op de plaat hadden kunnen staan. Sanctified: een beklemmend klaaglied. Reznor is wanhopig omdat hij een kant op gaat die hij niet wil, maar er zelf geen controle over heeft. Ik stel me zo voor: een alcoholist die zijn verslaving nooit heeft willen erkennen, altijd heeft gezegd zo te kunnen stoppen, altijd in de waan is gebleven dat hij de controle nog had, die als hij wil stoppen tot de ontdekking komt dat hij echt verslaafd is en dat de controle nu heel ergens anders ligt. Sanctified gaat niet over een drugs-, rook- of alcoholverslaving, maar over verslaafd zijn aan een meisje. Reznor zit verstrikt in een liefde die zijn leven langzaam afbreekt, maar kan niet meer ontsnappen. Tussen alle wanhoop in, klinken in de verte al geluiden van Something I Can Never Have. Als iets dat op de loer ligt, in het verschiet ligt, maar nog niet helemaal te voor schijn komt. Reznor is woest op zichzelf; doet zichzelf pijn; probeert zijn woede te bekoelen met bloederige wonden. Dan bereikt Reznors lied van zelfbeklag zijn climax. I AM SANCTIFIED INSIDE YOU zingt hij wanhopig, en dat is het moment waarop hij op zijn knieën zakt en verdoofd op de grond gaat liggen, toegevend aan de roep van de diepte. Het bloed stroomt uit zijn zelf veroorzaakte wonden, de levenslust loopt uit hem weg, terwijl hij hulpeloos op de koude vloer ligt. Hij doet geen poging meer om zijn triestheid weg te drukken en laat alles over hem heen komen in de vorm van de donkere nacht. De tv klinkt nog zachtjes op de achtergrond, maar alles gaat nu aan hem voorbij. Alleen hij, zijn depressie en zijn trieste herinneringen zijn er nu nog. Snijdende geluiden klinken, geluiden die door merg en been gaan, als een grote zaag die door hem heen getrokken wordt en die op zijn moordende weg zoveel moois kapot maakt. Pianotonen klinken, donkere bastonen werken hierop in. Something I Can Never Have is begonnen. Hij denkt terug aan tijden toen het beter was... en hij denkt aan hoe hij dat alles vernield heeft.
You'll make this all go away, you'll make this all go away
Hij smeekt om genade, om een eind aan al zijn pijn. Hij smeekt om nog een kans, om alles nu beter te doen. Maar hij weet dat hij dat nooit kan krijgen, en dat dat zijn vloek is. De vloek die hij de rest van zijn leven zal moeten meedragen. Het einde van het nummer is als een bijna dood-ervaring. Een aantal seconden staat de hoofdpersoon direct in contact met het hiernamaals, met de dood, maar het nummer eindigt weer terug op de aarde, waar hij nog steeds hoort.
Na dit nummer kan ik niet meer echt lyrisch zijn over dit album. Kinda I Want To, Sin, Ringfinger: het zijn best goede nummers maar ze doen me veel minder dan het latere werk van NIN en ook minder dan de eerdere nummers van dit album. En dat maakt Pretty Hate Machine voor mij een beetje een vreemd album. Het merendeel zijn wel aardige nummers, maar niet ontzettend goed. Een beetje zoals een debuut voor mij wel mag klinken, namelijk een artiest/band die de ambities al wel heeft, maar ze nog niet op volle kunnen uitwerkt. Een debuut met wat experimenten in een pril stadium. Maar dan opeens staan er twee dijken van nummers op (moet ik zeggen welke ik bedoel?
) die zo bovennatuurlijk goed zijn, en die eigenlijk tot het beste werk van NIN behoren, zodat het lijkt alsof deze band zojuist zijn grootste meesterwerk heeft afgeleverd. Daarom een ongebruikelijk debuut. Mijn eindscore is een 4.0 omdat Sanctified/Something I Can Never Have echt heel veel goed maken.
Head Like A Hole is een uitstekende opener. Een mooi gelaagd intro waarna een NIN-tirade start die ook nog eens swingend is. Dit vloeit heel mooi over in het woedende en dreigende Terrible Lie. In het refrein creëert Trent Reznor met zijn keyboard een naargeestig, kaal landschap. Een angstige muis rent over deze vlaktes heen, op zoek naar een verstopplek, terwijl een bloeddorstige arend over de vlaktes heen vliegt en zich klaar maakt om zich op zijn weerloze prooi te storten. Ik weet bij dit nummer nooit of ik de muis ben of de arend.
Dan komt Down In It. Begint heel interessant, maar maakt zijn pretenties niet 100 % waar. Wel een goede tekst en hoewel het een van de mindere nummers van de plaat is hoor je toch dat Reznor heel creatief is. Bij Down In It luister ik mijn oren uit, als ik het zo mag noemen. Zoveel geluidjes en melodielijntjes.
Dan zijn we aanbelandt bij de twee beste nummers van de plaat, die het mooiste zijn als je ze in combinatie met elkaar luistert: Sanctified en Something I Can Never Have. Dit omdat ze zo mooi in elkaar zijn vervlochten, zo erg bij elkaar horen, dat ze net zo goed als een lang nummer op de plaat hadden kunnen staan. Sanctified: een beklemmend klaaglied. Reznor is wanhopig omdat hij een kant op gaat die hij niet wil, maar er zelf geen controle over heeft. Ik stel me zo voor: een alcoholist die zijn verslaving nooit heeft willen erkennen, altijd heeft gezegd zo te kunnen stoppen, altijd in de waan is gebleven dat hij de controle nog had, die als hij wil stoppen tot de ontdekking komt dat hij echt verslaafd is en dat de controle nu heel ergens anders ligt. Sanctified gaat niet over een drugs-, rook- of alcoholverslaving, maar over verslaafd zijn aan een meisje. Reznor zit verstrikt in een liefde die zijn leven langzaam afbreekt, maar kan niet meer ontsnappen. Tussen alle wanhoop in, klinken in de verte al geluiden van Something I Can Never Have. Als iets dat op de loer ligt, in het verschiet ligt, maar nog niet helemaal te voor schijn komt. Reznor is woest op zichzelf; doet zichzelf pijn; probeert zijn woede te bekoelen met bloederige wonden. Dan bereikt Reznors lied van zelfbeklag zijn climax. I AM SANCTIFIED INSIDE YOU zingt hij wanhopig, en dat is het moment waarop hij op zijn knieën zakt en verdoofd op de grond gaat liggen, toegevend aan de roep van de diepte. Het bloed stroomt uit zijn zelf veroorzaakte wonden, de levenslust loopt uit hem weg, terwijl hij hulpeloos op de koude vloer ligt. Hij doet geen poging meer om zijn triestheid weg te drukken en laat alles over hem heen komen in de vorm van de donkere nacht. De tv klinkt nog zachtjes op de achtergrond, maar alles gaat nu aan hem voorbij. Alleen hij, zijn depressie en zijn trieste herinneringen zijn er nu nog. Snijdende geluiden klinken, geluiden die door merg en been gaan, als een grote zaag die door hem heen getrokken wordt en die op zijn moordende weg zoveel moois kapot maakt. Pianotonen klinken, donkere bastonen werken hierop in. Something I Can Never Have is begonnen. Hij denkt terug aan tijden toen het beter was... en hij denkt aan hoe hij dat alles vernield heeft.
You'll make this all go away, you'll make this all go away
Hij smeekt om genade, om een eind aan al zijn pijn. Hij smeekt om nog een kans, om alles nu beter te doen. Maar hij weet dat hij dat nooit kan krijgen, en dat dat zijn vloek is. De vloek die hij de rest van zijn leven zal moeten meedragen. Het einde van het nummer is als een bijna dood-ervaring. Een aantal seconden staat de hoofdpersoon direct in contact met het hiernamaals, met de dood, maar het nummer eindigt weer terug op de aarde, waar hij nog steeds hoort.
Na dit nummer kan ik niet meer echt lyrisch zijn over dit album. Kinda I Want To, Sin, Ringfinger: het zijn best goede nummers maar ze doen me veel minder dan het latere werk van NIN en ook minder dan de eerdere nummers van dit album. En dat maakt Pretty Hate Machine voor mij een beetje een vreemd album. Het merendeel zijn wel aardige nummers, maar niet ontzettend goed. Een beetje zoals een debuut voor mij wel mag klinken, namelijk een artiest/band die de ambities al wel heeft, maar ze nog niet op volle kunnen uitwerkt. Een debuut met wat experimenten in een pril stadium. Maar dan opeens staan er twee dijken van nummers op (moet ik zeggen welke ik bedoel?
) die zo bovennatuurlijk goed zijn, en die eigenlijk tot het beste werk van NIN behoren, zodat het lijkt alsof deze band zojuist zijn grootste meesterwerk heeft afgeleverd. Daarom een ongebruikelijk debuut. Mijn eindscore is een 4.0 omdat Sanctified/Something I Can Never Have echt heel veel goed maken.Nine Inch Nails - The Downward Spiral (1994)

5,0
10
geplaatst: 5 mei 2014, 00:15 uur
The Downward Spiral
Toen ik het album leerde kennen, had ik al veel trieste muziek gehoord. Ik kende al veel albums met depressie als hoofdthema en dit schrok mij dan ook niet af. Maar de manier waarop dit thema op dit conceptalbum naar voren komt is uniek. Waar veel artiesten het beperken tot zelfbeklag, een schreeuw om hulp, een bekentenis aan de luisteraar, slaat The Downward Spiral een hele andere weg in. Ook dit album begint als een schreeuw om hulp, maar als die hulp uitblijft wordt de hoofdpersoon al snel bezeten door een maniakale razernij. En dat is wat anders is aan The Downward Spiral: deze hoofdpersoon wordt een maniak, iemand die gevaarlijk wordt voor zijn omgeving. Hij draait door, grijpt naar extreme middelen om zijn frustraties af te reageren, maar wordt uiteindelijk zo in het nauw gedreven door zijn demonen dat hij alleen nog maar kan smeken om zijn dood.
De thematiek van de eerste helft van The Downward Spiral is een tweestrijd in de ziel van de hoofdpersoon. Aan de ene kant heb je de 'goede' die zijn redelijkheid ondanks alles wil behouden, aan de andere kant heb je de 'psychopaat', het monster dat zich steeds meer aan hem opdringt: Mr. Self Destruct.
Die tweestrijd is al meteen aanwezig; er is geen rustige proloog. In Mr Self Destruct moet de hoofdpersoon harde strijd leveren om zijn redelijkheid te bewaren. Zijn demonische alter-ego wordt steeds sterker in alle radeloosheid die hij voelt. Het monster dat de mens uiteindelijk zal worden is meteen voorgesteld. Maar dat de hoofdpersoon aan het begin van het album nog menselijkheid kent is duidelijk. In Piggy zingt hij over zijn wanhoop; smekend om iets wat hem uit zijn neerwaartse spiraal kan halen, zodat hij zichzelf niet verliest.
Als hij zingt Nothing can stop me now, cause I don't care anymore hoopt hij eigenlijk op iets dat hem wel kan stoppen, iets dat hem weer om het leven laat geven.
Het monster komt daarna aan de oppervlakte.
Your God is dead, and no one cares
If there is a hell, I'll see you there
I wanna break it up, I wanna smash it up, I wanna fuck it up, I wanna watch it come down
I wanna fuck you like an animal
Het zijn allemaal loze leuzen. Een uithaal naar de 'normale mensen', voortkomend uit de frustratie dat hij zelf niet normaal is. Het is allemaal pure woede, omdat niemand hem kan helpen. In zijn razernij schrikt hij echter iedereen af die hem zou kúnnen helpen. Ondanks dat is er nog steeds een tweestrijd aan de gang. Het monster in hem heeft nog niet gewonnen. Zelfs in razende nummers als March of the Pigs en Closer hoor je bij vlagen nog steeds een redelijkere kant, die alleen maar wil ontsnappen uit zijn sleur van depressie. Dat die vlagen vervolgens weer verdreven worden door zijn harde, agressieve kant maakt de tweestrijd alleen maar duidelijker.
In Ruiner geeft de hoofdpersoon zijn demoon een naam: de Ruiner. Dat is degene tegen wie hij vecht; degene die in al zijn radeloosheid steeds sterker wordt. In de climax van Ruiner komt de Ruiner als winnaar van de tweestrijd naar voren. Terwijl het thema herhaalt wordt, komt langzaam een tekstregel naar voren:
You didn't hurt me, nothing can hurt me, you didn't hurt me, nothing can stop me now
Deze tekstregel doemt op uit al het geluid, als een silhouet uit de mist. Het stof verdwijnt van het slagveld, de overwinnaar wordt langzamerhand zichtbaar. Uiteindelijk wint het monster het van de mens. In The Becoming is de 'goede' nog even te horen. Inmiddels ernstig verzwakt uit hij nog een laatste wanhoopsschreeuw. Langzamerhand wordt hij een nachtmerrie ingetrokken, waarin zijn innerlijke maniak de overhand krijgt. I do not want this zingt hij, waaruit hij blijkt dat hij alles zou doen voor een geneesmiddel van zijn ziekte. Maar dan neemt de Ruiner het definitief over. I Do Not Want This eindigt met een uiting van het verlangen van deze Ruiner om iets verschrikkelijks te doen, zichzelf te manifesteren, wraak te nemen op de gewone wereld die hij zo haat.
Dit verschrikkelijk gebeurt in het daaropvolgende nummer. De hoofdpersoon schiet in het rond, bezeten door een moordende razernij. Hij zaait dood en verderf, woedend schreeuwend: NOTHING CAN STOP ME NOW!
De moordpartij duurt maar anderhalve minuut. Daarna gaat hij liggen. Omringt door de door hem gemaakte doden zet hij het geweer tegen zijn hoofd. Alle hoop is definitief opgegeven. Het geweld is geëindigd, de bodem van de neerwaartse spiraal is bereikt, de trekker hoeft nog maar één keer overgehaald te worden. Hij verheugt zich op het einde, verlangt naar het hiernamaals, een warme plek die hij op aarde nooit kon krijgen, een plaats waar zijn ziel rust kan krijgen.
Maar uiteindelijk bezit hij toch niet het lef om de trekker die ene keer nog over te halen. Hij wordt opgepakt, in een cel gegooid. Daar blijkt dat de bodem van de neerwaartse spiraal nog niet bereikt is. Een nieuwe hel begint, in limbo. Zijn daad heeft nieuwe demonen gecreëerd: de schuldgevoelens, de realisatie dat hij nu zijn lot als paria bezegeld heeft. Niemand zal hem nu nog kunnen of willen helpen. De warme plek blijkt een hel, een grote woestijn. In brandende hitte voelt hij zich gedwongen door te lopen, te kruipen. Zijn enige gezelschap zijn de gieren, die geduldig wachten tot hun prooi het opgeeft. Maar deze hel schenkt hem geen genade. Het zal nog lang duren voor de hoofdpersoon zijn rust bereikt.
Hij smeekt wanhopig om dood te mogen: ERASE ME!
Het woestijnachtige, helse klankenlandschap dat in Eraser wordt opgeroepen verstomt, om plaats te maken voor de geluiden van een grote machine. Een insectachtige machine die mensen keurt die op een lopende band onder hem door komen. Mensen als onze hoofdpersoon krijgen een groot keurmerk 'FOUT' op zich gebrandmerkt. Zij gaan van de lopende band af, recht de prullenbak van de maatschappij in. Onze hoofdpersoon wordt echter niet gebrandmerkt om zijn gruweldaden, maar puur om het feit dat hij niet gelukkig en 'normaal' is. In een als een machine werkende maatschappij is geen aandacht voor deze lieden. Zij worden afgekeurd. Op de afvalhoop ermee.
Dan begint het titelnummer. De 'goede' is nu volledig geïsoleerd van de rest. Niemand kan hem meer helpen, maar niemand hoeft hem meer te helpen. Hij staat aan het einde. Hij heeft de bodem van zijn neerwaartse spiraal bereikt en weet nu dat hij op niets beters kan rekenen. Hij kan nog maar op een ding rekenen: rust, rust voor zijn ziel, de rust van de dood. Zijn haat jegens de wereld, zijn zelfhaat, al zijn helse ervaringen geven hem het laatste duwtje. Hij maakt er een eind aan, trapt de stoel weg, maakt de sprong, haalt de trekker over, eindigt alles.
He couldn't believe how easy it was
Hurt is de epiloog. Het is de conclusie van het album. Het is de kern van het album, de kern van de strijd en de gruweldaden van de hoofdpersoon in een nummer gegrepen. Het is zijn vaarwel aan deze wereld. Hij laat ons enkel zijn verhaal na:
You can have it all, my empire of dirt
Niets van onze wereld kan hem nu nog raken. Hij heeft de wereld waarin hij niet gelukkig kon zijn achter zich gelaten en zinkt nu weg in de rust die hij heel het album zocht. De onheilspellende toon waarmee het album eindigt, geeft naar mijn idee niet weer dat de hoofdpersoon zijn rust niet vindt. Het is het geluid van zijn haat jegens onze wereld. Het geeft weer dat hij absoluut niemand zal missen, dat hij onze wereld verafschuwt, dat hij blij zal zijn als onze wereld zal vergaan. Het geluid is de klank van iemand wiens schreeuw om hulp we negeerden omdat hij niet in onze hokjes paste.
Het einde van het album is een middelvinger naar de 'normale wereld'. Even hoor je niets dan haat en woede. En daarna is er alleen nog maar ruis. De naklanken van een leven dat beëindigt is.
Toen ik het album leerde kennen, had ik al veel trieste muziek gehoord. Ik kende al veel albums met depressie als hoofdthema en dit schrok mij dan ook niet af. Maar de manier waarop dit thema op dit conceptalbum naar voren komt is uniek. Waar veel artiesten het beperken tot zelfbeklag, een schreeuw om hulp, een bekentenis aan de luisteraar, slaat The Downward Spiral een hele andere weg in. Ook dit album begint als een schreeuw om hulp, maar als die hulp uitblijft wordt de hoofdpersoon al snel bezeten door een maniakale razernij. En dat is wat anders is aan The Downward Spiral: deze hoofdpersoon wordt een maniak, iemand die gevaarlijk wordt voor zijn omgeving. Hij draait door, grijpt naar extreme middelen om zijn frustraties af te reageren, maar wordt uiteindelijk zo in het nauw gedreven door zijn demonen dat hij alleen nog maar kan smeken om zijn dood.
De thematiek van de eerste helft van The Downward Spiral is een tweestrijd in de ziel van de hoofdpersoon. Aan de ene kant heb je de 'goede' die zijn redelijkheid ondanks alles wil behouden, aan de andere kant heb je de 'psychopaat', het monster dat zich steeds meer aan hem opdringt: Mr. Self Destruct.
Die tweestrijd is al meteen aanwezig; er is geen rustige proloog. In Mr Self Destruct moet de hoofdpersoon harde strijd leveren om zijn redelijkheid te bewaren. Zijn demonische alter-ego wordt steeds sterker in alle radeloosheid die hij voelt. Het monster dat de mens uiteindelijk zal worden is meteen voorgesteld. Maar dat de hoofdpersoon aan het begin van het album nog menselijkheid kent is duidelijk. In Piggy zingt hij over zijn wanhoop; smekend om iets wat hem uit zijn neerwaartse spiraal kan halen, zodat hij zichzelf niet verliest.
Als hij zingt Nothing can stop me now, cause I don't care anymore hoopt hij eigenlijk op iets dat hem wel kan stoppen, iets dat hem weer om het leven laat geven.
Het monster komt daarna aan de oppervlakte.
Your God is dead, and no one cares
If there is a hell, I'll see you there
I wanna break it up, I wanna smash it up, I wanna fuck it up, I wanna watch it come down
I wanna fuck you like an animal
Het zijn allemaal loze leuzen. Een uithaal naar de 'normale mensen', voortkomend uit de frustratie dat hij zelf niet normaal is. Het is allemaal pure woede, omdat niemand hem kan helpen. In zijn razernij schrikt hij echter iedereen af die hem zou kúnnen helpen. Ondanks dat is er nog steeds een tweestrijd aan de gang. Het monster in hem heeft nog niet gewonnen. Zelfs in razende nummers als March of the Pigs en Closer hoor je bij vlagen nog steeds een redelijkere kant, die alleen maar wil ontsnappen uit zijn sleur van depressie. Dat die vlagen vervolgens weer verdreven worden door zijn harde, agressieve kant maakt de tweestrijd alleen maar duidelijker.
In Ruiner geeft de hoofdpersoon zijn demoon een naam: de Ruiner. Dat is degene tegen wie hij vecht; degene die in al zijn radeloosheid steeds sterker wordt. In de climax van Ruiner komt de Ruiner als winnaar van de tweestrijd naar voren. Terwijl het thema herhaalt wordt, komt langzaam een tekstregel naar voren:
You didn't hurt me, nothing can hurt me, you didn't hurt me, nothing can stop me now
Deze tekstregel doemt op uit al het geluid, als een silhouet uit de mist. Het stof verdwijnt van het slagveld, de overwinnaar wordt langzamerhand zichtbaar. Uiteindelijk wint het monster het van de mens. In The Becoming is de 'goede' nog even te horen. Inmiddels ernstig verzwakt uit hij nog een laatste wanhoopsschreeuw. Langzamerhand wordt hij een nachtmerrie ingetrokken, waarin zijn innerlijke maniak de overhand krijgt. I do not want this zingt hij, waaruit hij blijkt dat hij alles zou doen voor een geneesmiddel van zijn ziekte. Maar dan neemt de Ruiner het definitief over. I Do Not Want This eindigt met een uiting van het verlangen van deze Ruiner om iets verschrikkelijks te doen, zichzelf te manifesteren, wraak te nemen op de gewone wereld die hij zo haat.
Dit verschrikkelijk gebeurt in het daaropvolgende nummer. De hoofdpersoon schiet in het rond, bezeten door een moordende razernij. Hij zaait dood en verderf, woedend schreeuwend: NOTHING CAN STOP ME NOW!
De moordpartij duurt maar anderhalve minuut. Daarna gaat hij liggen. Omringt door de door hem gemaakte doden zet hij het geweer tegen zijn hoofd. Alle hoop is definitief opgegeven. Het geweld is geëindigd, de bodem van de neerwaartse spiraal is bereikt, de trekker hoeft nog maar één keer overgehaald te worden. Hij verheugt zich op het einde, verlangt naar het hiernamaals, een warme plek die hij op aarde nooit kon krijgen, een plaats waar zijn ziel rust kan krijgen.
Maar uiteindelijk bezit hij toch niet het lef om de trekker die ene keer nog over te halen. Hij wordt opgepakt, in een cel gegooid. Daar blijkt dat de bodem van de neerwaartse spiraal nog niet bereikt is. Een nieuwe hel begint, in limbo. Zijn daad heeft nieuwe demonen gecreëerd: de schuldgevoelens, de realisatie dat hij nu zijn lot als paria bezegeld heeft. Niemand zal hem nu nog kunnen of willen helpen. De warme plek blijkt een hel, een grote woestijn. In brandende hitte voelt hij zich gedwongen door te lopen, te kruipen. Zijn enige gezelschap zijn de gieren, die geduldig wachten tot hun prooi het opgeeft. Maar deze hel schenkt hem geen genade. Het zal nog lang duren voor de hoofdpersoon zijn rust bereikt.
Hij smeekt wanhopig om dood te mogen: ERASE ME!
Het woestijnachtige, helse klankenlandschap dat in Eraser wordt opgeroepen verstomt, om plaats te maken voor de geluiden van een grote machine. Een insectachtige machine die mensen keurt die op een lopende band onder hem door komen. Mensen als onze hoofdpersoon krijgen een groot keurmerk 'FOUT' op zich gebrandmerkt. Zij gaan van de lopende band af, recht de prullenbak van de maatschappij in. Onze hoofdpersoon wordt echter niet gebrandmerkt om zijn gruweldaden, maar puur om het feit dat hij niet gelukkig en 'normaal' is. In een als een machine werkende maatschappij is geen aandacht voor deze lieden. Zij worden afgekeurd. Op de afvalhoop ermee.
Dan begint het titelnummer. De 'goede' is nu volledig geïsoleerd van de rest. Niemand kan hem meer helpen, maar niemand hoeft hem meer te helpen. Hij staat aan het einde. Hij heeft de bodem van zijn neerwaartse spiraal bereikt en weet nu dat hij op niets beters kan rekenen. Hij kan nog maar op een ding rekenen: rust, rust voor zijn ziel, de rust van de dood. Zijn haat jegens de wereld, zijn zelfhaat, al zijn helse ervaringen geven hem het laatste duwtje. Hij maakt er een eind aan, trapt de stoel weg, maakt de sprong, haalt de trekker over, eindigt alles.
He couldn't believe how easy it was
Hurt is de epiloog. Het is de conclusie van het album. Het is de kern van het album, de kern van de strijd en de gruweldaden van de hoofdpersoon in een nummer gegrepen. Het is zijn vaarwel aan deze wereld. Hij laat ons enkel zijn verhaal na:
You can have it all, my empire of dirt
Niets van onze wereld kan hem nu nog raken. Hij heeft de wereld waarin hij niet gelukkig kon zijn achter zich gelaten en zinkt nu weg in de rust die hij heel het album zocht. De onheilspellende toon waarmee het album eindigt, geeft naar mijn idee niet weer dat de hoofdpersoon zijn rust niet vindt. Het is het geluid van zijn haat jegens onze wereld. Het geeft weer dat hij absoluut niemand zal missen, dat hij onze wereld verafschuwt, dat hij blij zal zijn als onze wereld zal vergaan. Het geluid is de klank van iemand wiens schreeuw om hulp we negeerden omdat hij niet in onze hokjes paste.
Het einde van het album is een middelvinger naar de 'normale wereld'. Even hoor je niets dan haat en woede. En daarna is er alleen nog maar ruis. De naklanken van een leven dat beëindigt is.
Nine Inch Nails - The Fragile (1999)

5,0
0
geplaatst: 8 oktober 2012, 17:45 uur
The Fragile (Right)
Het einde van The Great Below klinkt als het eind van een album.
De hoofdpersoon is dood. Wat moet er nu nog komen?
Het antwoord is een hele rechterschijf.
Maar hoe kan dat?
Hoe kan er na de muzikale zelfmoord in The Great Below nog een vervolg komen?
De verwachtingen waren hooggespannen.
Zou de rechterschijf een stuk minder zijn dan links? Zou het juist een heel goede cd zijn, waarvan je achteraf zegt: die had beter als apart album uit kunnen komen?
Of zou het een geloofwaardig vervolg zijn, wat samen met de linkerschijf een harmonieus geheel vormt?
Ik hoopte op het laatste, maar wist wel dat Trent daarvoor iets heel knaps van de plank moest halen.
En dat deed Trent, tegen al mijn verwachtingen in, ook.
Hij weet een geloofwaardig vervolg in te leiden, door zich te wenden tot het bovennatuurlijke.
De reden waarom dit album voor mij nu de nummer 1 is: de aanwezigheid van het bovennatuurlijke.
In The Way Out Is Through ontwaakt Trent, helemaal alleen, in een andere wereld, na zijn 'dood'.
Een wereld bestaande uit puur, verblindend licht. Trent opent langzaam zijn ogen. Dan kijkt hij om zich heen waar hij is.
Onder de begeleiding van zwevende muziektonen, begint zich een landschap voor hem uit te strekken. Trent begint langzaam te lopen, aangetrokken door een mysterieuze kracht.
Hij begint omhoog te lopen, naar de bron van dat verblindende licht.
Naarmate Trent hoger komt, bouwt de muziek verder op.
Tot de climax komt.
En die is geweldig.
Als je datgene wat wij God noemen, datgene wat ervoor gezorgd dat wij hier zijn, een aantal seconden recht in het gezicht zou kunnen kijken, dan zouden die seconden klinken als de climax van The Way Out Is Through.
En Trent kijkt deze God dan ook recht in de ogen, en wordt overmand door een overweldigend gevoel van besef. Zoveel inzicht dat zijn brein het niet aankan. De hele zin van zijn bestaan dringt in zijn puurste vorm tot zijn brein door.
UNDERNEATH IT ALL
WE FEEL SO SMALL
THE HEAVENS FALL
BUT STILL WE CRAWL!
En dan zendt het 'Grote Iets' hem terug naar de aarde, omdat Trent daar nog niet klaar is.
Hij mag nog niet dood.
En in een bovennatuurlijk goed outro valt Trent weer naar beneden
Begeleid door pianotonen, terug naar de aarde.
Het tweede nummer klinkt dan ook, heel toepasselijk, heel aards.
Met The Way Out Is Through heeft Trent een perfecte brug geslagen tussen The Great Below en Into The Void. Ongelofelijk dan ook dat sommige mensen het opvulsel noemen of zeggen dat het van het album geknipt had moeten worden. Naar mijn inziens is het juist het belangrijkste (en beste!) nummer van de plaat. Zonder het nummer waren het twee losse schijven geweest; The Way Out Is Through verbindt het tot een geheel.
Om niet een heel boek te publiceren ga ik een paar fantastische nummers (Into The Void t/m Please
) waar ik minder beelden bij had, overslaan in mijn recensie. Ik ga verder bij Starfuckers Inc.
Ook op zijn vorige album liet Trent zijn hoofdpersoon een muzikaal misdaadpad opgaan. Dat doet hij nu weer. Nu in een enkel nummer: Starfuckers Inc. Na zijn terugkeer op aarde heeft Trent nog heel wat vervelends meegemaakt, en in dit nummer besluit hij dat het genoeg is geweest. Hij besluit de kans op een normaal leven te vergooien en in een grote vlam op te branden. De maatschappij zijn venijn laten voelen en dan te sterven. Met nog wat anderen krankzinnigen vormt hij de Starfuckers. Een groep a la de Droogs in A Clockwork Orange. Ze stormen kerken binnen en slaan alles aan gort. Ze stormen huizen binnen en mishandelen de bewoners. De nieuwe Trent is een maniak. De dichtslaande deur is de deur van toekomst-perspectief: dat is er niet meer. Na zo'n vreselijke daden zal Trent alleen nog maar de wraak van de maatschappij wachten.
In Complication rijdt Trent, midden in de nacht, in zijn auto. Zijn misdaden zullen vlug worden ontdekt, maar vluchten hoeft niet meer. Het einde is dichtbij. Vannacht zal het gebeuren. Hij wil al het gevoel (zoals spijt) weghouden, maar in I'm Looking Forward To Joining You, Finally komen ze nog een voor een terug. De spijt, het verdriet omdat het allemaal is misgegaan, de heimwee naar vroeger, het verlangen om dood te zijn:
I've done all I can do
Could I please come with you?
Sweet smell of sunshine
I remember sometimes
In The Big Come Down pleegt Trent naar mijn idee definitief zelfmoord. In dit nummer klinkt dat veel snijdender en gemener dan in The Great Below. Hij wordt nog eenmaal opgejaagd door zijn demonen (The Big Come Down, isn't that what you really wanted?
Trent parkeert zijn wagen in het holst van de nacht op een verlaten spoorweg. En wacht rustig af hoe het licht van de trein dichterbij komt. Bam!
Underneath It All is de conclusie van The Fragile.
All I do, I can still feel you!
You remain, I'm stained
Trent is dood, op zijn reis naar het hiernamaals, door de ruimte.
Langzaam verdwijnt hij in het zwart, de poort naar zijn hiernamaals.
En dan
Ripe With Decay]
Wat mij betreft het briljantste albumeinde ooit gemaakt.
Trent wordt wakker in zijn definitieve hiernamaals.
Niet het lichte hiernamaals in The Way Out Is Through, maar een slecht hiernamaals.
De hel, als je het zo wilt noemen.
Het heeft de sfeer van helemaal alleen in een enorm pikdonker bos wakker worden, niet wetend waar je bent.
In deze wereld is Trent de prooi van een roofdier. Het roofdier speelt een spelletje met hem, geeft hem hoop om te ontkomen, maar pakt hem daarna net zo hard weer vast. Struikelend over boomstronken vlucht Trent weg, wordt bijna gegrepen, maar ontsnapt dan toch op het nippertje. Als hij zijn weg verder voorzet wordt hij door iets geroepen, iets bovennatuurlijks.
'Het' laat Trent midden in het woud een groot huis vinden. Met de belofte daar zijn muze te vinden, waar hij zo lang op heeft gewacht.
Trent gaat het huis binnen, kijkt rond en begint de trappen op te lopen.
Maar door het huis rennen verschillende Trents: alle aspecten van zijn persoonlijkheid die op het hele album zijn langsgekomen. Het is een chaos. De muziek klinkt alsof Trent zich in een huis van Escher bevindt, waar de trappen vreemde draaiingen maken en waar het een groot labyrint is. Hij komt uiteindelijk uit bij een deur waarachter een geel licht schijnt. Trent rent ernaar toe. Maar het roofdier is er eerder. Het is te laat. De deur wordt dichtgeslagen. Trent blijft machteloos achter in het donkere hal, voor de deur. Het eindigt allemaal in een piepende climax, die abrupt wordt afgesneden. Het licht dooft in een flits. 'De Breekbare' is gebroken]
Haakjes sluiten
Het einde van The Great Below klinkt als het eind van een album.
De hoofdpersoon is dood. Wat moet er nu nog komen?
Het antwoord is een hele rechterschijf.
Maar hoe kan dat?
Hoe kan er na de muzikale zelfmoord in The Great Below nog een vervolg komen?
De verwachtingen waren hooggespannen.
Zou de rechterschijf een stuk minder zijn dan links? Zou het juist een heel goede cd zijn, waarvan je achteraf zegt: die had beter als apart album uit kunnen komen?
Of zou het een geloofwaardig vervolg zijn, wat samen met de linkerschijf een harmonieus geheel vormt?
Ik hoopte op het laatste, maar wist wel dat Trent daarvoor iets heel knaps van de plank moest halen.
En dat deed Trent, tegen al mijn verwachtingen in, ook.
Hij weet een geloofwaardig vervolg in te leiden, door zich te wenden tot het bovennatuurlijke.
De reden waarom dit album voor mij nu de nummer 1 is: de aanwezigheid van het bovennatuurlijke.
In The Way Out Is Through ontwaakt Trent, helemaal alleen, in een andere wereld, na zijn 'dood'.
Een wereld bestaande uit puur, verblindend licht. Trent opent langzaam zijn ogen. Dan kijkt hij om zich heen waar hij is.
Onder de begeleiding van zwevende muziektonen, begint zich een landschap voor hem uit te strekken. Trent begint langzaam te lopen, aangetrokken door een mysterieuze kracht.
Hij begint omhoog te lopen, naar de bron van dat verblindende licht.
Naarmate Trent hoger komt, bouwt de muziek verder op.
Tot de climax komt.
En die is geweldig.
Als je datgene wat wij God noemen, datgene wat ervoor gezorgd dat wij hier zijn, een aantal seconden recht in het gezicht zou kunnen kijken, dan zouden die seconden klinken als de climax van The Way Out Is Through.
En Trent kijkt deze God dan ook recht in de ogen, en wordt overmand door een overweldigend gevoel van besef. Zoveel inzicht dat zijn brein het niet aankan. De hele zin van zijn bestaan dringt in zijn puurste vorm tot zijn brein door.
UNDERNEATH IT ALL
WE FEEL SO SMALL
THE HEAVENS FALL
BUT STILL WE CRAWL!
En dan zendt het 'Grote Iets' hem terug naar de aarde, omdat Trent daar nog niet klaar is.
Hij mag nog niet dood.
En in een bovennatuurlijk goed outro valt Trent weer naar beneden
Begeleid door pianotonen, terug naar de aarde.
Het tweede nummer klinkt dan ook, heel toepasselijk, heel aards.
Met The Way Out Is Through heeft Trent een perfecte brug geslagen tussen The Great Below en Into The Void. Ongelofelijk dan ook dat sommige mensen het opvulsel noemen of zeggen dat het van het album geknipt had moeten worden. Naar mijn inziens is het juist het belangrijkste (en beste!) nummer van de plaat. Zonder het nummer waren het twee losse schijven geweest; The Way Out Is Through verbindt het tot een geheel.
Om niet een heel boek te publiceren ga ik een paar fantastische nummers (Into The Void t/m Please
) waar ik minder beelden bij had, overslaan in mijn recensie. Ik ga verder bij Starfuckers Inc.Ook op zijn vorige album liet Trent zijn hoofdpersoon een muzikaal misdaadpad opgaan. Dat doet hij nu weer. Nu in een enkel nummer: Starfuckers Inc. Na zijn terugkeer op aarde heeft Trent nog heel wat vervelends meegemaakt, en in dit nummer besluit hij dat het genoeg is geweest. Hij besluit de kans op een normaal leven te vergooien en in een grote vlam op te branden. De maatschappij zijn venijn laten voelen en dan te sterven. Met nog wat anderen krankzinnigen vormt hij de Starfuckers. Een groep a la de Droogs in A Clockwork Orange. Ze stormen kerken binnen en slaan alles aan gort. Ze stormen huizen binnen en mishandelen de bewoners. De nieuwe Trent is een maniak. De dichtslaande deur is de deur van toekomst-perspectief: dat is er niet meer. Na zo'n vreselijke daden zal Trent alleen nog maar de wraak van de maatschappij wachten.
In Complication rijdt Trent, midden in de nacht, in zijn auto. Zijn misdaden zullen vlug worden ontdekt, maar vluchten hoeft niet meer. Het einde is dichtbij. Vannacht zal het gebeuren. Hij wil al het gevoel (zoals spijt) weghouden, maar in I'm Looking Forward To Joining You, Finally komen ze nog een voor een terug. De spijt, het verdriet omdat het allemaal is misgegaan, de heimwee naar vroeger, het verlangen om dood te zijn:
I've done all I can do
Could I please come with you?
Sweet smell of sunshine
I remember sometimes
In The Big Come Down pleegt Trent naar mijn idee definitief zelfmoord. In dit nummer klinkt dat veel snijdender en gemener dan in The Great Below. Hij wordt nog eenmaal opgejaagd door zijn demonen (The Big Come Down, isn't that what you really wanted?
Trent parkeert zijn wagen in het holst van de nacht op een verlaten spoorweg. En wacht rustig af hoe het licht van de trein dichterbij komt. Bam!
Underneath It All is de conclusie van The Fragile.
All I do, I can still feel you!
You remain, I'm stained
Trent is dood, op zijn reis naar het hiernamaals, door de ruimte.
Langzaam verdwijnt hij in het zwart, de poort naar zijn hiernamaals.
En dan
Ripe With Decay]
Wat mij betreft het briljantste albumeinde ooit gemaakt.
Trent wordt wakker in zijn definitieve hiernamaals.
Niet het lichte hiernamaals in The Way Out Is Through, maar een slecht hiernamaals.
De hel, als je het zo wilt noemen.
Het heeft de sfeer van helemaal alleen in een enorm pikdonker bos wakker worden, niet wetend waar je bent.
In deze wereld is Trent de prooi van een roofdier. Het roofdier speelt een spelletje met hem, geeft hem hoop om te ontkomen, maar pakt hem daarna net zo hard weer vast. Struikelend over boomstronken vlucht Trent weg, wordt bijna gegrepen, maar ontsnapt dan toch op het nippertje. Als hij zijn weg verder voorzet wordt hij door iets geroepen, iets bovennatuurlijks.
'Het' laat Trent midden in het woud een groot huis vinden. Met de belofte daar zijn muze te vinden, waar hij zo lang op heeft gewacht.
Trent gaat het huis binnen, kijkt rond en begint de trappen op te lopen.
Maar door het huis rennen verschillende Trents: alle aspecten van zijn persoonlijkheid die op het hele album zijn langsgekomen. Het is een chaos. De muziek klinkt alsof Trent zich in een huis van Escher bevindt, waar de trappen vreemde draaiingen maken en waar het een groot labyrint is. Hij komt uiteindelijk uit bij een deur waarachter een geel licht schijnt. Trent rent ernaar toe. Maar het roofdier is er eerder. Het is te laat. De deur wordt dichtgeslagen. Trent blijft machteloos achter in het donkere hal, voor de deur. Het eindigt allemaal in een piepende climax, die abrupt wordt afgesneden. Het licht dooft in een flits. 'De Breekbare' is gebroken]
Haakjes sluiten
Nine Inch Nails - The Slip (2008)

4,0
1
geplaatst: 19 juni 2014, 01:13 uur
The Slip
The Slip is onder te verdelen in twee delen.
In het eerste deel keert Trent Reznor qua stijl terug naar het oudere werk. De typische NIN-pianootjes, de dreigende ondertonen, de bombastische refreinen. Hij geeft dit echt een commercieel jasje waardoor het een stuk toegankelijker is dan de 'klassiekers' van de jaren '90. Hetzelfde doet hij ook op de eerste helft van With Teeth. Op The Slip werk het echter beter. Waar de muziek en de teksten op With Teeth vaak klinken alsof Trent Reznor vast wil blijven houden aan het imago dat hij opgebouwd heeft, hoor ik op The Slip een reëlere Trent. Iemand die weet dat hij niet meer dezelfde persoon is als toen en daarom ook niet meer dezelfde muziek kan maken. Iemand die minder moeite doet om zijn muziek op die van vroeger te laten lijken. Het lijkt er wel een beetje op, maar dit klinkt niet geforceerd. En daarom overtuigd het.
Trent lijkt hier ook veel meer achter die commerciëlere benadering te staan dan op With Teeth. Het klinkt veel zelfverzekerder. Een nummer als Echoplex bijvoorbeeld lijkt echt bedoeld om catchy te zijn. Sommige fans zullen dit niet kunnen waarderen. Ik kan er prima naar luisteren. Het wat toegankelijkere geluid vind ik niet storend (een paradox, ik weet het). Deze nummers zijn geen hoogvliegers, maar toch zitten er hele mooie dingen in die mij als luisteraar weten te boeien.
Head Down is van deze eerste helft echter wél een hoogvlieger. De kracht van dit nummer is dat het de eerste keer enorm verassend is. Het begint vrij macho; het lijkt niet veel anders te gaan worden dan de voorafgaande nummers. En dan dat refrein! Opeens blijkt in die ruwe holster een blanke pit te zitten. Het refrein van Head Down is melodisch, gevoelig en compleet anders dan het couplet. Dit is simpelweg een van de mooiste refreinen van Nine Inch Nails! De tweede keer dat je het nummer luistert kun je ook van het couplet genieten omdat je dan het nummer begrijpt. Het macho couplet staat voor het knokken tegen het verdriet en de pijn: niet over nadenken, door blijven gaan, head down. Het refrein is de realisatie van het feit dat je dit niet kunt. Dat de pijn soms te sterk is om te negeren. Head Down bezit de kwaliteit van het oudere NIN-werk en verraste me enorm tussen alle andere nummers. De instrumentale herhaling van het refrein, de afbouw van het nummer: het hele nummer zit vol oprechte pijn, en dat maakt het zo mooi. En daarom verdient Head Down een aparte alinea in mijn recensie!
En dan begint het tweede deel. Ik verdeel The Slip onder in twee delen omdat er zo'n duidelijk onderscheid is. Halverwege de plaat verdwijnen Reznors ambities om een toegankelijker geluid te bereiken als sneeuw voor de zon. Dit is het moment waarop menig nieuwsgierige NIN-leek de cd afzet en tevens het moment waarop de doorgewinterde NIN-fan het volume omhoog draait (als dat bij Head Down al niet gebeurt is).
Lights In The Sky is zo duister als Nine Inch Nails-muziek kan worden.
Maar dat op een hele subtiele manier.
Prachtig hoe subtiel Trent die achtergrond geluiden na het eerste refrein in beeld brengt.
En ditmaal wordt de geweldige muziek gecombineerd met een prachtige tekst.
Waar de eerste 5 nummers van The Slip wel leuk zijn om te horen, worden hier weer beelden geschetst:
Een groot meer bij nacht
Een volle maan verlicht het water
Trent staat er bij
Ziet in het water een oude geliefde
Hypnotiserend maanlicht zuigt hem mee
Hij verdwijnt in het water
Onder water dringt het maanlicht nog door
Verder naar beneden wordt het pikkedonker
Trent geeft zich over aan het water
Zinkt naar beneden, naar de duistere diepten
Zinkt mee met zijn geliefde
The lights in the sky are waving goodbye
And I am staying right beside you
Corona Radiata verbeeld het zinken naar de diepten
De onderwaterreis naar de pikdonkere bodem
Terwijl het licht van de maan op het wateroppervlak steeds kleiner lijkt te worden
Steeds verder afzinkend naar de diepten, verdrinkend in het diepe meer
Het bewustzijn valt uit, de reflexen nemen het over
Het lichaam doet nog een poging om te overleven
Om nog boven water te geraken
Maar het is te diep, het licht is te ver weg
Reddeloos verloren in de diepte
De dood treedt in.
Als The Four Of Us Are Dying begint, meteen na Corona Radiata, is het alsof ik uit een trance ontwaak. Lights In The Sky en Corona Radiata vormen samen een concept.
Een duister verhaal dat midden in het album verteld wordt.
Hoewel The Four Of Us Are Dying een sterke instrumental is, verliest het wel aan kracht naarmate je het vaker hoort. Corona Radiata heeft dat bijvoorbeeld helemaal niet. Hoewel The Four Of Us Are Dying minder lang duurt heb ik hierbij het gevoel dat het wat te lang duurt; bij eerder genoemde heb ik daar absoluut geen last van.
Ook Demon Seed is een verhaal op zich.
De tekst is als gedachtes die door een hoofd heen schieten.
De muziek grooft lekker, wat enigszins hypnotiserend is.
In het midden wordt het nog interessanter.
De muziek lijkt weg te vallen, flarden komen nog langs.
Er wordt afgeteld.
En dan komt de climax.
In combinatie met het wegvallen van de muziek en het aftellen werkt die heel goed.
Je hebt echt het idee dat het album, of specifieker: het nummer, tot een conclusie komt.
Ook Demon Seed boet aan kracht in naarmate je het vaker hoort, maar het blijft een interessant nummer. Ik begrijp op zich wel waarom het de afsluiter is.
Uiteindelijk is mijn conclusie de volgende:
The Slip werkt als album goed mede door zijn lengte.
Het duurt niet te lang: als het afgelopen is heb ik gehoord wat ik wilde horen.
Als het langer had geduurd, hadden er gegarandeerd wat echte missers op gestaan.
Het album heeft nu ook wat minder boeiende nummers (1,000,000 en Discipline), maar die worden ruimschoots goedgemaakt door de rest.
Het is ook goed dat het album halverwege totaal veranderd.
Als het was doorgegaan in de trend waarmee het album begint, dan was het niet boeiend gebleven.
Als geheel blijft het album voor mij, ondanks die switch, toch overeind. Het is nu alsof je een lp omdraait waarbij iedere kant zijn eigen sound heeft en dat kan ik wel waarderen.
Van de NIN-albums na The Fragile vind ik vaak dat de plaat tegen het einde steeds beter wordt om briljant te eindigen. The Slip is echter briljant in het midden. Het begin en het einde zijn gewoon goed.
Het briljante midden maakt mijn waardering 0,5 hoger.
The Slip is zeker weer een goed album dat met zijn kortere duur niet onderdoet voor de 3 voorgangers.
The Slip is onder te verdelen in twee delen.
In het eerste deel keert Trent Reznor qua stijl terug naar het oudere werk. De typische NIN-pianootjes, de dreigende ondertonen, de bombastische refreinen. Hij geeft dit echt een commercieel jasje waardoor het een stuk toegankelijker is dan de 'klassiekers' van de jaren '90. Hetzelfde doet hij ook op de eerste helft van With Teeth. Op The Slip werk het echter beter. Waar de muziek en de teksten op With Teeth vaak klinken alsof Trent Reznor vast wil blijven houden aan het imago dat hij opgebouwd heeft, hoor ik op The Slip een reëlere Trent. Iemand die weet dat hij niet meer dezelfde persoon is als toen en daarom ook niet meer dezelfde muziek kan maken. Iemand die minder moeite doet om zijn muziek op die van vroeger te laten lijken. Het lijkt er wel een beetje op, maar dit klinkt niet geforceerd. En daarom overtuigd het.
Trent lijkt hier ook veel meer achter die commerciëlere benadering te staan dan op With Teeth. Het klinkt veel zelfverzekerder. Een nummer als Echoplex bijvoorbeeld lijkt echt bedoeld om catchy te zijn. Sommige fans zullen dit niet kunnen waarderen. Ik kan er prima naar luisteren. Het wat toegankelijkere geluid vind ik niet storend (een paradox, ik weet het). Deze nummers zijn geen hoogvliegers, maar toch zitten er hele mooie dingen in die mij als luisteraar weten te boeien.
Head Down is van deze eerste helft echter wél een hoogvlieger. De kracht van dit nummer is dat het de eerste keer enorm verassend is. Het begint vrij macho; het lijkt niet veel anders te gaan worden dan de voorafgaande nummers. En dan dat refrein! Opeens blijkt in die ruwe holster een blanke pit te zitten. Het refrein van Head Down is melodisch, gevoelig en compleet anders dan het couplet. Dit is simpelweg een van de mooiste refreinen van Nine Inch Nails! De tweede keer dat je het nummer luistert kun je ook van het couplet genieten omdat je dan het nummer begrijpt. Het macho couplet staat voor het knokken tegen het verdriet en de pijn: niet over nadenken, door blijven gaan, head down. Het refrein is de realisatie van het feit dat je dit niet kunt. Dat de pijn soms te sterk is om te negeren. Head Down bezit de kwaliteit van het oudere NIN-werk en verraste me enorm tussen alle andere nummers. De instrumentale herhaling van het refrein, de afbouw van het nummer: het hele nummer zit vol oprechte pijn, en dat maakt het zo mooi. En daarom verdient Head Down een aparte alinea in mijn recensie!
En dan begint het tweede deel. Ik verdeel The Slip onder in twee delen omdat er zo'n duidelijk onderscheid is. Halverwege de plaat verdwijnen Reznors ambities om een toegankelijker geluid te bereiken als sneeuw voor de zon. Dit is het moment waarop menig nieuwsgierige NIN-leek de cd afzet en tevens het moment waarop de doorgewinterde NIN-fan het volume omhoog draait (als dat bij Head Down al niet gebeurt is).
Lights In The Sky is zo duister als Nine Inch Nails-muziek kan worden.
Maar dat op een hele subtiele manier.
Prachtig hoe subtiel Trent die achtergrond geluiden na het eerste refrein in beeld brengt.
En ditmaal wordt de geweldige muziek gecombineerd met een prachtige tekst.
Waar de eerste 5 nummers van The Slip wel leuk zijn om te horen, worden hier weer beelden geschetst:
Een groot meer bij nacht
Een volle maan verlicht het water
Trent staat er bij
Ziet in het water een oude geliefde
Hypnotiserend maanlicht zuigt hem mee
Hij verdwijnt in het water
Onder water dringt het maanlicht nog door
Verder naar beneden wordt het pikkedonker
Trent geeft zich over aan het water
Zinkt naar beneden, naar de duistere diepten
Zinkt mee met zijn geliefde
The lights in the sky are waving goodbye
And I am staying right beside you
Corona Radiata verbeeld het zinken naar de diepten
De onderwaterreis naar de pikdonkere bodem
Terwijl het licht van de maan op het wateroppervlak steeds kleiner lijkt te worden
Steeds verder afzinkend naar de diepten, verdrinkend in het diepe meer
Het bewustzijn valt uit, de reflexen nemen het over
Het lichaam doet nog een poging om te overleven
Om nog boven water te geraken
Maar het is te diep, het licht is te ver weg
Reddeloos verloren in de diepte
De dood treedt in.
Als The Four Of Us Are Dying begint, meteen na Corona Radiata, is het alsof ik uit een trance ontwaak. Lights In The Sky en Corona Radiata vormen samen een concept.
Een duister verhaal dat midden in het album verteld wordt.
Hoewel The Four Of Us Are Dying een sterke instrumental is, verliest het wel aan kracht naarmate je het vaker hoort. Corona Radiata heeft dat bijvoorbeeld helemaal niet. Hoewel The Four Of Us Are Dying minder lang duurt heb ik hierbij het gevoel dat het wat te lang duurt; bij eerder genoemde heb ik daar absoluut geen last van.
Ook Demon Seed is een verhaal op zich.
De tekst is als gedachtes die door een hoofd heen schieten.
De muziek grooft lekker, wat enigszins hypnotiserend is.
In het midden wordt het nog interessanter.
De muziek lijkt weg te vallen, flarden komen nog langs.
Er wordt afgeteld.
En dan komt de climax.
In combinatie met het wegvallen van de muziek en het aftellen werkt die heel goed.
Je hebt echt het idee dat het album, of specifieker: het nummer, tot een conclusie komt.
Ook Demon Seed boet aan kracht in naarmate je het vaker hoort, maar het blijft een interessant nummer. Ik begrijp op zich wel waarom het de afsluiter is.
Uiteindelijk is mijn conclusie de volgende:
The Slip werkt als album goed mede door zijn lengte.
Het duurt niet te lang: als het afgelopen is heb ik gehoord wat ik wilde horen.
Als het langer had geduurd, hadden er gegarandeerd wat echte missers op gestaan.
Het album heeft nu ook wat minder boeiende nummers (1,000,000 en Discipline), maar die worden ruimschoots goedgemaakt door de rest.
Het is ook goed dat het album halverwege totaal veranderd.
Als het was doorgegaan in de trend waarmee het album begint, dan was het niet boeiend gebleven.
Als geheel blijft het album voor mij, ondanks die switch, toch overeind. Het is nu alsof je een lp omdraait waarbij iedere kant zijn eigen sound heeft en dat kan ik wel waarderen.
Van de NIN-albums na The Fragile vind ik vaak dat de plaat tegen het einde steeds beter wordt om briljant te eindigen. The Slip is echter briljant in het midden. Het begin en het einde zijn gewoon goed.
Het briljante midden maakt mijn waardering 0,5 hoger.
The Slip is zeker weer een goed album dat met zijn kortere duur niet onderdoet voor de 3 voorgangers.
Nine Inch Nails - With Teeth (2005)

4,0
0
geplaatst: 20 oktober 2012, 02:00 uur
Na weergaloze kunstwerken van Nine Inch Nails in mijn hart gesloten te hebben, zoals The Downward Spiral en The Fragile besloot ik me aan opvolger With Teeth te wagen. Ik wist dat dit album uitkwam nadat Reznor afgekickt was van de cocaïne, waar hij bij zijn meesterwerk The Fragile nog zwaar verslaafd aan was. Over het algemeen zou het beter gaan met Trent. Hoe fijn ik dat voor hem persoonlijk ook vond (bij TF was hij suïcidaal), ik vreesde dat dit zijn creativiteit niet ten goede zou komen en dat The Fragile misschien het laatste echt goede NIN album zou zijn. Maar dat bleek toch niet het geval. With Teeth is iets minder dan zijn voorgangers, maar die waren dan ook van zeer hoog niveau. Gelukkig betekend 'minder zijn' in dit geval 'minder maar nog steeds goed', en niet 'een teleurstelling'.
With Teeth gaat verder op de typische NIN koers: de teksten gaan over eigen problemen en gevoelens. Maar dat klinkt nu veel lichter als op het werk wat in de jaren '90 is uitgekomen. En daarom is het ook een stuk toegankelijker. Mooie plaat als je zin hebt in mooie NIN muziek, maar ook niet wil hebben dat het te zwaar op de maag ligt.
All The Love In The World is hierboven een slechte opener genoemd. Ik vind dat wel meevallen. Het is een ongebruikelijke opener in het NIN-oeuvre. Normaal gesproken begint een album van deze band met een keiharde krachtstoot: je zit er meteen in. Bij dit album krijg je eerst een wat zachtere opwarmer voorgeschoteld. Met 'opwarmer' bedoel ik niet dat het minder is: ik vind All The Love In The World een heel mooi nummer. De keiharde krachtstoot komt daarna in de vorm van You Know What You Are. Dit nummer zit een beetje in de Head Like A Hole/Wish-hoek. Een heel sterk en woedend refrein wat je lekker mee kunt schreeuwen, met wat meer angst en paranoia in het middenstuk. Het eindigt ook heel mooi. The Collector heeft een sterk ritme en het is een fijn nummer om naar te luisteren, maar verder is het niet veel bijzonders. The Hand That Feeds doet me nooit zoveel, evenals het titelnummer. Love Is Not Enough vind ik daarentegen weer heel sterk.
Dan is er ook een tweetal nummers (Every Day Is Exactly The Same en Only) waarbij ik de muziek sterk vindt en de tekst op zich ook wel, maar waar het naar mijn idee niet goed samengaat. Het zijn beiden extreme teksten vind ik (Every day is exactly the same....There is no fucking you there is only me, teksten die op Pretty Hate Machine, Broken, The Downward Spiral of The Fragile hadden kunnen staan, terwijl de muziek veel gematigder klinkt. Dat maakt het een beetje ongeloofwaardig. Als Trent zingt Every day is exactly the same wil ik ook geloven dat hij het leven ziet als een saaie, nooit veranderde sleur. Ik wil niet denken dat hij het zingt, om iets extreems te zingen. De muziek, en dan vooral de te gemaakt klinkende zanglijnen in de refreins, maakt het niet geloofwaardig. Dat is een minpuntje, terwijl het verder hele mooie nummers zijn. Ik vind Only een erg sterke opbouw hebben.
Getting Smaller vind ik echt een flauw nummer. Het doet me niets, ik vind het flauw klinken. Dit nummer hadden ze beter van het album kunnen knippen.
Dan begint Sunspots, en dat is meteen het begin van een reeks zeer sterke nummers die het album prachtig afsluiten. De meeste nummers zijn een 4.0 of een 3.5 waard, maar op het eind vind ik With Teeth echt een 5.0 waard. Deze nummers bezitten de duisternis die ik zo mooi vindt aan Nine Inch Nails. Sunspots is echt een geweldig nummer, met een heerlijke knorrende bas op het begin. Het nummer heeft een geweldige opbouw, die leidt tot het fantastische middenstuk. Daarna: The Line Begins To Blur. Ook een nummer wat ik erg waardeer. Hier geloof ik Trent weer in wat hij zingt. Hier werken de muziek en de tekst wel samen. Een heerlijk duister nummer. Het gaat over is het hypnotiserende Beside You In Time. Wederom een heel goed nummer. En net als ik denk dat het bij het bezwerende couplet blijft (This goes on and on and on....), komt er nog een grandioos einde aan. Ik vind het ook zo'n mooie tekst hebben. En dan de dramatische afsluiter op het reguliere album: Right Where It Belongs . Ook dit nummer heeft een hele mooie tekst, waar een gedachte achter zit die ook wel eens in mijn hoofd rondspookt (What if everything around you is an elaborate dream?. En dan dat laatste refrein, met dat applaus: kippenvel. Net alsof je aan het slot van je leven staat, en iedereen klapt voor de persoon die je geweest bent de korte tijd dat je op de aarde mocht zijn. Een prachtig slot.
Daarna komen er nog 2 bonustracks en normaal heb ik het nooit zo op bonustracks, maar wat is Home ongelofelijk goed zeg. Ik heb hem gemarkeerd als een van mijn favoriete nummers. Ook dit nummer is lekker donker. Ik zet meestal mijn cd's af als het reguliere album klaar is, en laat dan de bonustracks achterwege. Maar bij With Teeth neem ik Home met plezier op de kop toe; ik zie het eigenlijk gewoon als deel van het reguliere album. Ik had hem graag in geruild gezien voor Getting Smaller. Het had het reguliere album wat omhoog getrokken. De tweede versie van RWIB is ook wel mooi, maar die sla ik toch vaak over. Twee keer, kort na elkaar, hetzelfde nummer horen gaat me toch wat te ver. Maar toch een mooie uitvoering van het slotnummer.
Conclusie: With Teeth haalt over het algemeen het niveau van zijn voorgangers niet (maar wel bij de laatste 5 nummers: Sunspots t/m Home
), maar stelt ook niet teleur. Het is een goed album en Nine Inch Nails waardig.
4.0*
With Teeth gaat verder op de typische NIN koers: de teksten gaan over eigen problemen en gevoelens. Maar dat klinkt nu veel lichter als op het werk wat in de jaren '90 is uitgekomen. En daarom is het ook een stuk toegankelijker. Mooie plaat als je zin hebt in mooie NIN muziek, maar ook niet wil hebben dat het te zwaar op de maag ligt.
All The Love In The World is hierboven een slechte opener genoemd. Ik vind dat wel meevallen. Het is een ongebruikelijke opener in het NIN-oeuvre. Normaal gesproken begint een album van deze band met een keiharde krachtstoot: je zit er meteen in. Bij dit album krijg je eerst een wat zachtere opwarmer voorgeschoteld. Met 'opwarmer' bedoel ik niet dat het minder is: ik vind All The Love In The World een heel mooi nummer. De keiharde krachtstoot komt daarna in de vorm van You Know What You Are. Dit nummer zit een beetje in de Head Like A Hole/Wish-hoek. Een heel sterk en woedend refrein wat je lekker mee kunt schreeuwen, met wat meer angst en paranoia in het middenstuk. Het eindigt ook heel mooi. The Collector heeft een sterk ritme en het is een fijn nummer om naar te luisteren, maar verder is het niet veel bijzonders. The Hand That Feeds doet me nooit zoveel, evenals het titelnummer. Love Is Not Enough vind ik daarentegen weer heel sterk.
Dan is er ook een tweetal nummers (Every Day Is Exactly The Same en Only) waarbij ik de muziek sterk vindt en de tekst op zich ook wel, maar waar het naar mijn idee niet goed samengaat. Het zijn beiden extreme teksten vind ik (Every day is exactly the same....There is no fucking you there is only me, teksten die op Pretty Hate Machine, Broken, The Downward Spiral of The Fragile hadden kunnen staan, terwijl de muziek veel gematigder klinkt. Dat maakt het een beetje ongeloofwaardig. Als Trent zingt Every day is exactly the same wil ik ook geloven dat hij het leven ziet als een saaie, nooit veranderde sleur. Ik wil niet denken dat hij het zingt, om iets extreems te zingen. De muziek, en dan vooral de te gemaakt klinkende zanglijnen in de refreins, maakt het niet geloofwaardig. Dat is een minpuntje, terwijl het verder hele mooie nummers zijn. Ik vind Only een erg sterke opbouw hebben.
Getting Smaller vind ik echt een flauw nummer. Het doet me niets, ik vind het flauw klinken. Dit nummer hadden ze beter van het album kunnen knippen.
Dan begint Sunspots, en dat is meteen het begin van een reeks zeer sterke nummers die het album prachtig afsluiten. De meeste nummers zijn een 4.0 of een 3.5 waard, maar op het eind vind ik With Teeth echt een 5.0 waard. Deze nummers bezitten de duisternis die ik zo mooi vindt aan Nine Inch Nails. Sunspots is echt een geweldig nummer, met een heerlijke knorrende bas op het begin. Het nummer heeft een geweldige opbouw, die leidt tot het fantastische middenstuk. Daarna: The Line Begins To Blur. Ook een nummer wat ik erg waardeer. Hier geloof ik Trent weer in wat hij zingt. Hier werken de muziek en de tekst wel samen. Een heerlijk duister nummer. Het gaat over is het hypnotiserende Beside You In Time. Wederom een heel goed nummer. En net als ik denk dat het bij het bezwerende couplet blijft (This goes on and on and on....), komt er nog een grandioos einde aan. Ik vind het ook zo'n mooie tekst hebben. En dan de dramatische afsluiter op het reguliere album: Right Where It Belongs . Ook dit nummer heeft een hele mooie tekst, waar een gedachte achter zit die ook wel eens in mijn hoofd rondspookt (What if everything around you is an elaborate dream?. En dan dat laatste refrein, met dat applaus: kippenvel. Net alsof je aan het slot van je leven staat, en iedereen klapt voor de persoon die je geweest bent de korte tijd dat je op de aarde mocht zijn. Een prachtig slot.
Daarna komen er nog 2 bonustracks en normaal heb ik het nooit zo op bonustracks, maar wat is Home ongelofelijk goed zeg. Ik heb hem gemarkeerd als een van mijn favoriete nummers. Ook dit nummer is lekker donker. Ik zet meestal mijn cd's af als het reguliere album klaar is, en laat dan de bonustracks achterwege. Maar bij With Teeth neem ik Home met plezier op de kop toe; ik zie het eigenlijk gewoon als deel van het reguliere album. Ik had hem graag in geruild gezien voor Getting Smaller. Het had het reguliere album wat omhoog getrokken. De tweede versie van RWIB is ook wel mooi, maar die sla ik toch vaak over. Twee keer, kort na elkaar, hetzelfde nummer horen gaat me toch wat te ver. Maar toch een mooie uitvoering van het slotnummer.
Conclusie: With Teeth haalt over het algemeen het niveau van zijn voorgangers niet (maar wel bij de laatste 5 nummers: Sunspots t/m Home
), maar stelt ook niet teleur. Het is een goed album en Nine Inch Nails waardig. 4.0*
Nine Inch Nails - Year Zero (2007)

3,5
0
geplaatst: 20 oktober 2012, 17:13 uur
Year Zero
Een belangrijke plaat voor Nine Inch Nails. Dit omdat Trent op dit album het roer om gooit. Voorheen gingen al zijn albums over persoonlijke problemen, innerlijke frustraties en de duistere fantasieën die daaruit voortkwamen. Deze poel van zelfhaat en narigheid vormde in de jaren '90 voor Trent een onuitputtelijke bron van inspiratie. Zwaar depressief als hij was schudde hij het ene na het andere briljante nummer uit de mouw. De muziek en de teksten klonken heel puur: je kon gewoon met de man meevoelen. Maar hoewel de neerwaartse spiraal voor inspiratie en dus goede muziek zorgde, was het ook een gevaarlijke bron. Dat zag Trent op een gegeven moment ook in en daarom besloot hij stappen te ondernemen. Toen hij in 2005 With Teeth uit bracht was het al te horen. Hoewel de plaat nog steeds over innerlijke pijn en frustraties ging, klonk de muziek al veel lichter. Trent was aan de beterende hand, en moet ingezien hebben dat zijn gemoedstoestand als inspiratiebron aan het verzwakken was. Daarom besloot hij het met Year Zero anders aan te pakken.
Op Year Zero kijkt Trent niet in zichzelf, maar naar de wereld om hen heen. Hij bekritiseert die wereld, maar doet dat wel op de typische NIN-manier en die is niet al te positief. Hij schetst een doemscenario van de wereld over een aantal jaren als alles zo doorgaat, en het album eindigt naar mijn idee met het einde van het leven op aarde. Een heel interessante verandering van het concept, die tekstueel goed is uitgepakt. Maar hoe zit het met de muziek?
Die is op dit album zeer elektronisch. Soms pakt dat goed uit, soms wat minder. Het album opent lekker stevig met Hyperpower, en daarna komen nog een aantal erg sterke nummers. Vessel is het eerste minpunt. Het is een goed nummer, maar op het eind komt er een lang instrumentaal, electronisch stuk wat ik niet veel aan het nummer toe vindt voegen. En dat is een probleem wat meerdere malen op dit album voorkomt. Me I'm Not, My Violent Heart, God Given, The Great Destroyer: allemaal nummers die op zich goed zijn, maar eindigen met veel te lang elektronisch geneuzel. Vooral bij The Great Destroyer stoort dit. Het is echt een heel goed nummer, tot dat Trent op het einde een uithaal doet en een keihard stampende beat begint, die wat mij betreft meer stoort dan toevoegt.
Ook de intro's stellen op dit album teleur. Het is veel van hetzelfde. Bijna ieder nummer begint met een elektronische beat, waarna de riff invalt en het nummer volgt. Waar is de tijd gebleven van de We're In This Togethers en de Erasers, met hun uitgesponnen en innovatieve intro's? Het lijkt wel alsof Trent het maken van een goed intro op dit album tijdverspilling vond. Hetzelfde geld voor de outro's, want veel nummers eindigen niet heel bijzonder. Dat deed Trent vroeger ook veel beter. Hij kon een nummer lekker langzaam en zweverig laten eindigen, of dat heel abrupt doen, maar wel op een manier dat het einde verrassend en goed is. Dat is niet bij alle nummers het geval, maar wel het bij het merendeel, en dat is misschien nog wel het grootste minpunt van dit album.
Hierboven mogen dan wat kritische noten staan die dat idee geven, maar ik vind Year Zero helemaal niet slecht. Veel nummers zijn namelijk wel echt goed en de plaat is weer lekker duister. Wat ik ook heel mooi vind om te horen, is dat Trent op deze plaat weer lekker experimenteert (waar With Teeth het meer bij het oude hield). Hij heeft niet zoiets van 'mijn bedje is al gespreid, nu gewoon even eens in de zoveel jaar een album uitbrengen en klaar is kees'. Hij heeft nog steeds de ambitie om zijn stijl te verbreden. Hij kiest er niet voor om bij het veilige te blijven en een onberispelijke plaat te maken, maar maakt een plaat die niet helemaal perfect is, maar wel weer anders is. Dat moet ik Trent wel nageven.
En Trent weet Year Zero meesterlijk af te sluiten. Op het eind stijgt het niveau naar mijn gevoel. The Greater Good vind ik een prachtig experimenteel kunstwerkje, wat meerdere luisterbeurten nodig heeft om het te doorgronden (als dat al kan). Het onbehaaglijke gevoel wat je ook bij platen als Broken, The Downward Spiral en The Fragile krijgt, is hier weer volop aanwezig. De mensen zijn te ver gegaan met hun milieuonvriendelijke spelletjes: nu moeten ze de prijs gaan betalen. In This Twilight zegt het al: het is een voor twaalf voor het menselijk leven. Zowel muziek als tekst laten de rillingen over je rug lopen:
Watch the sun as it crawls across a final time
And it feels like, like it was a friend
Het afscheid van de zon en dus ons doodvonnis. Terwijl de mensen het einde afwachten, denkt Trent na over zijn hele aardse leven:
Night descends
Could I have been a better person?
If I could only do it all again
Het refrein heeft weer wat hoop in zich. Het geeft mij een beetje het idee van nog even helemaal los gaan, wetend dat je er over een paar uur niet meer bent. De wereld nog even helemaal op de kop zetten, terwijl het einde nadert.
Zero-Sum is het einde van de wereld. De zuurstof op aarde is bijna op, degenen die nog niet dood zijn, verkeren in hevige ademnood. En in deze laatste minuten realiseert de mensheid zich hoe fout ze zijn geweest en wensen ze dat ze nog een kans konden krijgen.
Shame on us
Doomed from the start
May God have mercy
On our dirty little hearts
Shame on us
For all we've become
And all we ever were
Just zeros and ones
De mensheid overdenkt zijn zonden in de laatste minuten. Maar het heeft geen zin. Op het einde is al het leven weg en het oog van de verteller zoomt weer uit van de aarde die nu niks speciaals meer is. Een dode planeet, zoals zovelen in het universum.
De bittere conclusie van dit toch wel goede album.
Een belangrijke plaat voor Nine Inch Nails. Dit omdat Trent op dit album het roer om gooit. Voorheen gingen al zijn albums over persoonlijke problemen, innerlijke frustraties en de duistere fantasieën die daaruit voortkwamen. Deze poel van zelfhaat en narigheid vormde in de jaren '90 voor Trent een onuitputtelijke bron van inspiratie. Zwaar depressief als hij was schudde hij het ene na het andere briljante nummer uit de mouw. De muziek en de teksten klonken heel puur: je kon gewoon met de man meevoelen. Maar hoewel de neerwaartse spiraal voor inspiratie en dus goede muziek zorgde, was het ook een gevaarlijke bron. Dat zag Trent op een gegeven moment ook in en daarom besloot hij stappen te ondernemen. Toen hij in 2005 With Teeth uit bracht was het al te horen. Hoewel de plaat nog steeds over innerlijke pijn en frustraties ging, klonk de muziek al veel lichter. Trent was aan de beterende hand, en moet ingezien hebben dat zijn gemoedstoestand als inspiratiebron aan het verzwakken was. Daarom besloot hij het met Year Zero anders aan te pakken.
Op Year Zero kijkt Trent niet in zichzelf, maar naar de wereld om hen heen. Hij bekritiseert die wereld, maar doet dat wel op de typische NIN-manier en die is niet al te positief. Hij schetst een doemscenario van de wereld over een aantal jaren als alles zo doorgaat, en het album eindigt naar mijn idee met het einde van het leven op aarde. Een heel interessante verandering van het concept, die tekstueel goed is uitgepakt. Maar hoe zit het met de muziek?
Die is op dit album zeer elektronisch. Soms pakt dat goed uit, soms wat minder. Het album opent lekker stevig met Hyperpower, en daarna komen nog een aantal erg sterke nummers. Vessel is het eerste minpunt. Het is een goed nummer, maar op het eind komt er een lang instrumentaal, electronisch stuk wat ik niet veel aan het nummer toe vindt voegen. En dat is een probleem wat meerdere malen op dit album voorkomt. Me I'm Not, My Violent Heart, God Given, The Great Destroyer: allemaal nummers die op zich goed zijn, maar eindigen met veel te lang elektronisch geneuzel. Vooral bij The Great Destroyer stoort dit. Het is echt een heel goed nummer, tot dat Trent op het einde een uithaal doet en een keihard stampende beat begint, die wat mij betreft meer stoort dan toevoegt.
Ook de intro's stellen op dit album teleur. Het is veel van hetzelfde. Bijna ieder nummer begint met een elektronische beat, waarna de riff invalt en het nummer volgt. Waar is de tijd gebleven van de We're In This Togethers en de Erasers, met hun uitgesponnen en innovatieve intro's? Het lijkt wel alsof Trent het maken van een goed intro op dit album tijdverspilling vond. Hetzelfde geld voor de outro's, want veel nummers eindigen niet heel bijzonder. Dat deed Trent vroeger ook veel beter. Hij kon een nummer lekker langzaam en zweverig laten eindigen, of dat heel abrupt doen, maar wel op een manier dat het einde verrassend en goed is. Dat is niet bij alle nummers het geval, maar wel het bij het merendeel, en dat is misschien nog wel het grootste minpunt van dit album.
Hierboven mogen dan wat kritische noten staan die dat idee geven, maar ik vind Year Zero helemaal niet slecht. Veel nummers zijn namelijk wel echt goed en de plaat is weer lekker duister. Wat ik ook heel mooi vind om te horen, is dat Trent op deze plaat weer lekker experimenteert (waar With Teeth het meer bij het oude hield). Hij heeft niet zoiets van 'mijn bedje is al gespreid, nu gewoon even eens in de zoveel jaar een album uitbrengen en klaar is kees'. Hij heeft nog steeds de ambitie om zijn stijl te verbreden. Hij kiest er niet voor om bij het veilige te blijven en een onberispelijke plaat te maken, maar maakt een plaat die niet helemaal perfect is, maar wel weer anders is. Dat moet ik Trent wel nageven.
En Trent weet Year Zero meesterlijk af te sluiten. Op het eind stijgt het niveau naar mijn gevoel. The Greater Good vind ik een prachtig experimenteel kunstwerkje, wat meerdere luisterbeurten nodig heeft om het te doorgronden (als dat al kan). Het onbehaaglijke gevoel wat je ook bij platen als Broken, The Downward Spiral en The Fragile krijgt, is hier weer volop aanwezig. De mensen zijn te ver gegaan met hun milieuonvriendelijke spelletjes: nu moeten ze de prijs gaan betalen. In This Twilight zegt het al: het is een voor twaalf voor het menselijk leven. Zowel muziek als tekst laten de rillingen over je rug lopen:
Watch the sun as it crawls across a final time
And it feels like, like it was a friend
Het afscheid van de zon en dus ons doodvonnis. Terwijl de mensen het einde afwachten, denkt Trent na over zijn hele aardse leven:
Night descends
Could I have been a better person?
If I could only do it all again
Het refrein heeft weer wat hoop in zich. Het geeft mij een beetje het idee van nog even helemaal los gaan, wetend dat je er over een paar uur niet meer bent. De wereld nog even helemaal op de kop zetten, terwijl het einde nadert.
Zero-Sum is het einde van de wereld. De zuurstof op aarde is bijna op, degenen die nog niet dood zijn, verkeren in hevige ademnood. En in deze laatste minuten realiseert de mensheid zich hoe fout ze zijn geweest en wensen ze dat ze nog een kans konden krijgen.
Shame on us
Doomed from the start
May God have mercy
On our dirty little hearts
Shame on us
For all we've become
And all we ever were
Just zeros and ones
De mensheid overdenkt zijn zonden in de laatste minuten. Maar het heeft geen zin. Op het einde is al het leven weg en het oog van de verteller zoomt weer uit van de aarde die nu niks speciaals meer is. Een dode planeet, zoals zovelen in het universum.
De bittere conclusie van dit toch wel goede album.
Nirvana - In Utero (1993)

5,0
0
geplaatst: 11 februari 2012, 14:51 uur
In Utero, de zwanenzang van Kurt Cobain, is geen Closer, maar zeker net zo goed. Ik ben het gaan luisteren alsof het een concept-album is. Want zo klinkt het: een verhaal met begin en eind. Het begin wordt voor je voeten neergesmeten, slechts voorafgegaan door enkele afteltikken. En vanaf dat moment zit ik erin, tot het prachtige, ingetogen einde. Een reis door de persoon Kurt Cobain, in het laatste stadium van zijn leven. Ik hoor er een depressieve en wanhopige man in. Het zit 'm in de krankzinnige razernij van Scentless Apprentice, Milk It (met zijn grommende bas), Radio Friendly Unit Shifter en Tourette's. Ik hoor het in het melancholische en op een mooie manier verveeld klinkende Dumb. In Dumb hoor ik een man die het leven duidelijk saai vindt en verlangt naar geluk.
Datzelfde wanhopige verlangen is duidelijk aanwezig in het prachtige Pennyroyal Tea. Dit nummer heeft een zeer mooie afwisseling van hard en zacht en een prachtige gitaarsolo. De reutelende gitaarsolo van Pennyroyal Tea klinkt vermoeid, zeurend, als een vervelende kwaal die alsmaar voortduurt en energie opslurpt. Tot het weer terugkeert naar een zacht couplet. I'm on warm milk and laxatives, cherry flavoured antacids Een uitgeputte man die nog een keer opstaat voor een ijzersterk refrein: Sit and drink pennyroyal tea. Waarna echt alle energie verdwenen is, de zanger, uitgeput kreunend, in elkaar zakt en de muziek vertraagt, als een hart dat steeds langzamer gaat kloppen. Dit alles eindigt in een laatste akkoord van eenzaamheid.
De lege romanticus die achterblijft aan het eind van Pennyroyal Tea, wordt weer vervuld van energie in de 2 keiharde nummers die daarna volgen. Het lawaaierige, buitenaardse Radio Friendly Unit Shifter, waarbij de climax lijkt vast te lopen, maar wordt gevolgd door donkere bas/gitaartonen die mysterieus aandoen. En dan Tourette's. Kurt Cobain gaat voor een laatste keer helemaal los, in een poging zijn triestheid en pijn te verdrukken met keiharde razernij. Een razernij waarin geen plaats meer lijkt voor emoties. Maar schijn bedriegt. Want de laatste kreet ontmondt in een zachte, melodieuze, uitstoot. De ruwe bolster verdwijnt en de blanke pit komt tevoorschijn. En hier klinkt de wanhoop in door, het verlangen naar de liefde en de aandacht die maar niet in de juiste vorm willen komen. Een radeloze zanger, die voelt dat hij al het mogelijke geprobeerd heeft en nog steeds geen waar geluk kent. Die laatste smekende uithaal waarmee Tourette's eindigt heeft zoveel emotie in zich. Het is de snik die vlak voor de overgave komt.
En daarom is het ook zo mooi, zo perfect, dat All Apologies hierop volgt. Want dit lied is de overgave, de berusting in de dood: dat zegt de gitaar, dat zegt de cello, dat zegt de tekst, de titel en bovenal de trieste maar toch warme sfeer. Na zijn woede eruit geschreeuwd te hebben tijdens Tourette's, kruipt de zanger in mekaar, in foetushouding, in utero. Om te eindigen. De gevoelige gitaarriff zet in en het slotstuk begint. Nirvana op zijn breekbaarst. Kurt laat de mensen van wie hij houdt weten dat hij alles geprobeerd heeft en dat hij op is. What else should I be? All apologies Ik zie het als dat hij zijn verontschuldigingen aanbiedt omdat hij niet meer kan zijn, niet meer kan geven, dan hij nu gedaan heeft. Verontschuldigingen omdat hij het opgegeven heeft. Alsof hij sorry zegt voor alle pijn die zijn dood zal brengen bij zijn geliefden. Het heeft de sfeer van een bitterzoet afscheid, dat afsluit met de woorden all in all is all we are. Een zin die klinkt als een inzicht in de essentie van de mens, van het leven, door iemand die op zijn sterfbed ligt. We beginnen in utero, en eindigen hier: aan het slot. All instrumenten vallen weg, want Kurt moet alleen eindigen. Zijn stem is het laatste wat overblijft. All in all is all we are, en met die woorden vervaagt Kurts warme stem, en daarna volgt stilte....
Datzelfde wanhopige verlangen is duidelijk aanwezig in het prachtige Pennyroyal Tea. Dit nummer heeft een zeer mooie afwisseling van hard en zacht en een prachtige gitaarsolo. De reutelende gitaarsolo van Pennyroyal Tea klinkt vermoeid, zeurend, als een vervelende kwaal die alsmaar voortduurt en energie opslurpt. Tot het weer terugkeert naar een zacht couplet. I'm on warm milk and laxatives, cherry flavoured antacids Een uitgeputte man die nog een keer opstaat voor een ijzersterk refrein: Sit and drink pennyroyal tea. Waarna echt alle energie verdwenen is, de zanger, uitgeput kreunend, in elkaar zakt en de muziek vertraagt, als een hart dat steeds langzamer gaat kloppen. Dit alles eindigt in een laatste akkoord van eenzaamheid.
De lege romanticus die achterblijft aan het eind van Pennyroyal Tea, wordt weer vervuld van energie in de 2 keiharde nummers die daarna volgen. Het lawaaierige, buitenaardse Radio Friendly Unit Shifter, waarbij de climax lijkt vast te lopen, maar wordt gevolgd door donkere bas/gitaartonen die mysterieus aandoen. En dan Tourette's. Kurt Cobain gaat voor een laatste keer helemaal los, in een poging zijn triestheid en pijn te verdrukken met keiharde razernij. Een razernij waarin geen plaats meer lijkt voor emoties. Maar schijn bedriegt. Want de laatste kreet ontmondt in een zachte, melodieuze, uitstoot. De ruwe bolster verdwijnt en de blanke pit komt tevoorschijn. En hier klinkt de wanhoop in door, het verlangen naar de liefde en de aandacht die maar niet in de juiste vorm willen komen. Een radeloze zanger, die voelt dat hij al het mogelijke geprobeerd heeft en nog steeds geen waar geluk kent. Die laatste smekende uithaal waarmee Tourette's eindigt heeft zoveel emotie in zich. Het is de snik die vlak voor de overgave komt.
En daarom is het ook zo mooi, zo perfect, dat All Apologies hierop volgt. Want dit lied is de overgave, de berusting in de dood: dat zegt de gitaar, dat zegt de cello, dat zegt de tekst, de titel en bovenal de trieste maar toch warme sfeer. Na zijn woede eruit geschreeuwd te hebben tijdens Tourette's, kruipt de zanger in mekaar, in foetushouding, in utero. Om te eindigen. De gevoelige gitaarriff zet in en het slotstuk begint. Nirvana op zijn breekbaarst. Kurt laat de mensen van wie hij houdt weten dat hij alles geprobeerd heeft en dat hij op is. What else should I be? All apologies Ik zie het als dat hij zijn verontschuldigingen aanbiedt omdat hij niet meer kan zijn, niet meer kan geven, dan hij nu gedaan heeft. Verontschuldigingen omdat hij het opgegeven heeft. Alsof hij sorry zegt voor alle pijn die zijn dood zal brengen bij zijn geliefden. Het heeft de sfeer van een bitterzoet afscheid, dat afsluit met de woorden all in all is all we are. Een zin die klinkt als een inzicht in de essentie van de mens, van het leven, door iemand die op zijn sterfbed ligt. We beginnen in utero, en eindigen hier: aan het slot. All instrumenten vallen weg, want Kurt moet alleen eindigen. Zijn stem is het laatste wat overblijft. All in all is all we are, en met die woorden vervaagt Kurts warme stem, en daarna volgt stilte....
Nirvana - MTV Unplugged in New York (1994)

5,0
5
geplaatst: 13 juli 2015, 02:43 uur
Nirvana - MTV Unplugged In New York
Deze plaat heeft, samen met In Utero, die verandering in gang gezet. MTV Unplugged is Nirvana, en daarmee onlosmakelijk verbonden Kurt Cobain, op zijn kwetsbaarst. Desondanks luistert het album lekker weg. MTV Unplugged is een van die albums die je zowat op ieder moment van de dag kan opzetten. Toch heeft het duidelijk ook een zwaardere lading. Dat is op cd al te horen, maar je kunt er de vinger iets beter op leggen als je kennis hebt van de context en daarmee de tv-registratie van het concert bekijkt.
De zwaardere lading van het album ís Kurt Cobain en dat is heel goed te zien op de registratie van dit optreden. Kurt heeft de leiding; de rest van de band volgt hem en ondersteund hem uitstekend, maar zit duidelijk met een andere instelling te spelen. Voor Krist Novoselic en Dave Grohl is MTV Unplugged gewoon een optreden, waarbij het voornaamste verschil met andere optredens toch vooral de unplugged-setting is. Voor Kurt is het allesbehalve 'zomaar een optreden': hij heeft een missie.
MTV Unplugged en In Utero lijken op elkaar in de zin dat het beiden pogingen waren van Kurt om zichzelf en zijn band opnieuw uit te vinden. In Utero moest met het veel rauwere geluid een deel van de gigantische fanbase van Nevermind afschrikken en was bedoeld als een aankondiging van een Nirvana dat muzikaal meer experimentele wegen zou gaan bewandelen. Waar In Utero deze koerswijziging aankondigt via geluid, doet MTV Unplugged dit ook via beeld. En misschien nog wel overtuigender!
Voila, dat is dus de missie: met geluid en beeld een nieuw tijdperk voor Nirvana aankondigen. Kurt nam het zeer serieus. Zo gaf hij goed uitgedachte instructies voor het decor: de setting moest op die van een begrafenis lijken. Maar als MTV Unplugged een begrafenis is, dan is het er een met hoop. Het is de begrafenis van het oude Nirvana, met aan het einde een geboorte van een nieuw Nirvana. Of in ieder geval een nieuwe Kurt Cobain. De set is daarop berekend. Hoewel het werk van Nirvana zeker niet uitsluitend zwaarmoedig is, zijn de uitvoeringen op MTV Unplugged dat wel allemaal. In ieder nummer klinkt wel een bepaalde worsteling door, die je bij de originele nummers ontgaan zou kunnen zijn.
Neem nou de uitvoering van On A Plain. Het origineel op Nevermind is meer opzwepend dan triest, meer spottend dan serieus. Het origineel lijkt de spot te drijven met singer-songwriter clichés. Op MTV Unplugged klinkt het opeens serieus, omdat Kurt serieuzer is geworden. Hij klinkt meer als de singer-songwriter waar hij zich in de vroege dagen tegen af leek te zetten. Nirvana's tijd als rebellerende tiener is afgelopen; er voor in de plaats lijkt een Nirvana te komen dat nog steeds rebelleert, maar op een andere doordachtere manier.
Dat nieuwe Nirvana lijkt er een waar nog niet iedereen in de zaal helemaal vrede mee heeft. Ook de andere bandleden zelf niet. Ja, het concert werd goed ontvangen en natuurlijk hebben Krist en Dave er ook wel een zeker vertrouwen in deze richting gehad, anders was het nooit zo goed geworden, maar er zijn momenten waar zich een duidelijke scheiding aftekent tussen zowel Kurt en publiek, als Kurt en band.
Een van die momenten speelt zich af tussen All Apologies en Where Did You Sleep Last Night? in. Het ingetogen All Apologies is net afgelopen en heeft ruim gebaand voor de intieme climax van de set. Kurt vraagt aan de zaal of er verzoekjes zijn, maar het klinkt weinig overtuigend. In zijn hoofd weet hij al dat het tijd is voor het laatste nummer en hij heeft geen intentie om van zijn route af te wijken. Hij lijkt niet echt geïnteresseerd in wat het publiek wil horen. Verzoekjes zoals Sliver en In Bloom doet hij zelfs een beetje geïrriteerd af. Het publiek vraagt om hits, terwijl Kurt die nou juist vaarwel wil zeggen. Krist en Dave zijn een stuk enthousiaster en doen (aldan serieus of niet) pogingen om wat verzoekjes in te zetten. Hier tekent zich een conflict af tussen Kurt Cobain en zijn band. Kurt doet niet met de rest mee, op een gegeven moment kijkt Krist zelfs een beetje gefrustreerd zijn richting in. Alsof hij niet helemaal begrijpt, waarom Kurt zo afstandelijk naar het publiek en naar hen doet. De camera vangt op dat moment wat Krist niet ziet: Kurts gezichtsuitdrukking. Die is onmiskenbaar somber, maar ook vastberaden. Als op een missie. Met zijn hoofd is Kurt al bij Leadbelly en dat is waar ze naar toe gaan. Kenmerkend is hoe hij deze afsluiter aankondigt:
Fuck you all, this is the last song of the evening!
Where Did You Sleep Last Night? is overweldigend. Een betere afsluiter had er niet kunnen zijn. In de hele Unplugged-set zit een worsteling verscholen, maar de kern klinkt er nog niet zo duidelijk in door. Dan komt All Apologies, een nummer wat eindigt bij de kern. Where Did You Sleep Last Night? is die kern. Dat voelt heel natuurlijk aan, omdat het een stokoud bluesnummer is en dus ten grondslag heeft gelegen aan de moderne muziek. Nirvana pakt dat gevoel hier op briljante wijze beet. Vlak voor het eind van het nummer valt alles terug op de persoon waar dit optreden toch wel om draait: Kurt Cobain. De hard-zacht techniek waarmee hij beroemd is geworden geeft hij hier een andere lading die veel pijnlijker is. Het krijsen na het zachte zingen, is niet langer meer een uiting van agressie. Want hoewel er wel agressie in zit, krijgt de pijn in zijn stem de overhand. De pijn die, ik kom toch weer terug bij hetzelfde woord, misschien wel de kern was van veel van zijn eerdere werk.
Het is een zangprestatie die je met je gevoel moet luisteren en niet met je verstand. Mijn verstand zegt hier dat deze man zijn stem aan het verkloten is en dat is natuurlijk ook waar. Voor mijn gevoel kan het echter niet beter. Kurt Cobain benut zijn stem hier tot het uiterste om te doen wat je als zanger moet doen: je gevoel uiten. Die uiting is hier onthutsend. Kurt gooit er alles uit; alles moet open en bloot, voor de ogen van het publiek. Die korte blik die hij de zaal inwerpt voor hij zijn laatste woorden zingt, bevat misschien wel wat opluchting en voldoening. De bron van zijn worstelingen is op tafel gegooid en daarmee kan een periode worden afgesloten en kan er ruimte komen voor een nieuw Nirvana of een compleet nieuwe artistieke richting.
Die hoopvolle conclusie wordt natuurlijk in zekere zin te niet gedaan door wat er nauwelijks een half jaar later volgde. Tragischer kan het niet. Zo'n mooie belofte werd hier met dit optreden gedaan, maar onze daardoor gecreëerde verlangens werden onbevredigd achter gelaten. De druk van het sterrendom, een hardnekkige drugsverslaving, schuldgevoelens en onzekerheden.... zo perfect als de omstandigheden samenkwamen in 1991, toen Nirvana's Nevermind een hit werd, zo tragisch vielen ze samen in 1994, toen Kurt geen andere uitweg meer zag dan het beëindigen van zijn leven. Maar dat neemt niet weg dát het een samenloop van omstandigheden betreft en dat wordt vaak vergeten.
Wat ik jammer vind bij veel besprekingen van dit album is dat het direct gelinkt wordt aan Kurt dood, een half jaar later. ''Je ziet het al aankomen: die trieste blik die hij heeft, het deprimerende karakter van de liedjes, die laatste blik de zaal in bij het laatste nummer. Hij staat hier echt al met een been in de dood''. Daarmee wordt naar mijn idee verloochend wat dit album daadwerkelijk is. Want zoals ik al zei: het is een begrafenis waar een nieuw begin op moest volgen. Kurt Cobain toont hier een nieuwe muzikale richting die hem interesseert. De Meat Puppets worden uitgenodigd om wat van hun nummers mee te spelen, wat er op duidt dat Kurt geïnteresseerd was in andere muzikale projecten dan alleen Nirvana. Oud wordt met nieuw verenigd, om aan te duiden dat het verleden niet vergeten zal worden, maar dat er dingen moeten veranderen. Ja, Kurt lijkt wat triestig, maar hij lijkt ook vastbesloten. De drang om te vernieuwen en de drang om muziek te maken is hier nog in alle oprechtheid aanwezig en daarmee ook zijn levenslust.
Maar MTV Unplugged vond plaats te midden van Nirvana's In Utero tour. Het is schrijnend om te zien hoe Kurt na dit grootse en intieme concert, terug moest keren naar de overvolle stadia, waar hij een routine klusje op moest voeren. Want dat is wat ik zie als ik beelden van die latere concerten bekijk: een man die iets staat te doen wat hij helemaal niet meer wil. Krist, Dave, Pat Smear... allen hebben ze het nog naar hun zin. Maar Kurt is er voort klaar mee en heeft er geen plezier meer in. En misschien ging hij wel denken dat dat voor zijn hele leven zou gelden.
Ik kan niet in Kurts hoofd kijken; ook al had ik hem gekend. Al wat ik weet, is dat ik zou willen dat die vervloekte brief die hij op 5 april 1994 schreef inderdaad alleen maar een vaarwel was aan de muziekindustrie, zoals veel complotdenkers beweren. En dat hij na het schrijven van die brief, Nirvana vaarwel had gezegd en in andere samenwerkingsverbanden nog veel meer van dit soort prachtige muziek had gemaakt. In plaats daarvan schreef hij een afscheidsbrief aan het leven en is hij inmiddels al weer 21 jaar weg; al langer dan ik besta.
Dat is de harde waarheid en daar zullen we het mee moeten doen, net zoals we het met het handjevol albums dat Kurt heeft uitgebracht zullen moeten doen. Daarom is het zo belangrijk dat we dit album luisteren voor wat het is: de documentatie van een artiest en mens die hoopvol een nieuwe weg in wil slaan. Het is zo zonde om dit album te zien als het werk van een depressieve artiest die zijn dagen al af zit te tellen. Dat heb ik lang gedaan en ik begin me nu pas te realiseren hoe kortzichtig ik daarmee ben geweest.
Deze plaat heeft, samen met In Utero, die verandering in gang gezet. MTV Unplugged is Nirvana, en daarmee onlosmakelijk verbonden Kurt Cobain, op zijn kwetsbaarst. Desondanks luistert het album lekker weg. MTV Unplugged is een van die albums die je zowat op ieder moment van de dag kan opzetten. Toch heeft het duidelijk ook een zwaardere lading. Dat is op cd al te horen, maar je kunt er de vinger iets beter op leggen als je kennis hebt van de context en daarmee de tv-registratie van het concert bekijkt.
De zwaardere lading van het album ís Kurt Cobain en dat is heel goed te zien op de registratie van dit optreden. Kurt heeft de leiding; de rest van de band volgt hem en ondersteund hem uitstekend, maar zit duidelijk met een andere instelling te spelen. Voor Krist Novoselic en Dave Grohl is MTV Unplugged gewoon een optreden, waarbij het voornaamste verschil met andere optredens toch vooral de unplugged-setting is. Voor Kurt is het allesbehalve 'zomaar een optreden': hij heeft een missie.
MTV Unplugged en In Utero lijken op elkaar in de zin dat het beiden pogingen waren van Kurt om zichzelf en zijn band opnieuw uit te vinden. In Utero moest met het veel rauwere geluid een deel van de gigantische fanbase van Nevermind afschrikken en was bedoeld als een aankondiging van een Nirvana dat muzikaal meer experimentele wegen zou gaan bewandelen. Waar In Utero deze koerswijziging aankondigt via geluid, doet MTV Unplugged dit ook via beeld. En misschien nog wel overtuigender!
Voila, dat is dus de missie: met geluid en beeld een nieuw tijdperk voor Nirvana aankondigen. Kurt nam het zeer serieus. Zo gaf hij goed uitgedachte instructies voor het decor: de setting moest op die van een begrafenis lijken. Maar als MTV Unplugged een begrafenis is, dan is het er een met hoop. Het is de begrafenis van het oude Nirvana, met aan het einde een geboorte van een nieuw Nirvana. Of in ieder geval een nieuwe Kurt Cobain. De set is daarop berekend. Hoewel het werk van Nirvana zeker niet uitsluitend zwaarmoedig is, zijn de uitvoeringen op MTV Unplugged dat wel allemaal. In ieder nummer klinkt wel een bepaalde worsteling door, die je bij de originele nummers ontgaan zou kunnen zijn.
Neem nou de uitvoering van On A Plain. Het origineel op Nevermind is meer opzwepend dan triest, meer spottend dan serieus. Het origineel lijkt de spot te drijven met singer-songwriter clichés. Op MTV Unplugged klinkt het opeens serieus, omdat Kurt serieuzer is geworden. Hij klinkt meer als de singer-songwriter waar hij zich in de vroege dagen tegen af leek te zetten. Nirvana's tijd als rebellerende tiener is afgelopen; er voor in de plaats lijkt een Nirvana te komen dat nog steeds rebelleert, maar op een andere doordachtere manier.
Dat nieuwe Nirvana lijkt er een waar nog niet iedereen in de zaal helemaal vrede mee heeft. Ook de andere bandleden zelf niet. Ja, het concert werd goed ontvangen en natuurlijk hebben Krist en Dave er ook wel een zeker vertrouwen in deze richting gehad, anders was het nooit zo goed geworden, maar er zijn momenten waar zich een duidelijke scheiding aftekent tussen zowel Kurt en publiek, als Kurt en band.
Een van die momenten speelt zich af tussen All Apologies en Where Did You Sleep Last Night? in. Het ingetogen All Apologies is net afgelopen en heeft ruim gebaand voor de intieme climax van de set. Kurt vraagt aan de zaal of er verzoekjes zijn, maar het klinkt weinig overtuigend. In zijn hoofd weet hij al dat het tijd is voor het laatste nummer en hij heeft geen intentie om van zijn route af te wijken. Hij lijkt niet echt geïnteresseerd in wat het publiek wil horen. Verzoekjes zoals Sliver en In Bloom doet hij zelfs een beetje geïrriteerd af. Het publiek vraagt om hits, terwijl Kurt die nou juist vaarwel wil zeggen. Krist en Dave zijn een stuk enthousiaster en doen (aldan serieus of niet) pogingen om wat verzoekjes in te zetten. Hier tekent zich een conflict af tussen Kurt Cobain en zijn band. Kurt doet niet met de rest mee, op een gegeven moment kijkt Krist zelfs een beetje gefrustreerd zijn richting in. Alsof hij niet helemaal begrijpt, waarom Kurt zo afstandelijk naar het publiek en naar hen doet. De camera vangt op dat moment wat Krist niet ziet: Kurts gezichtsuitdrukking. Die is onmiskenbaar somber, maar ook vastberaden. Als op een missie. Met zijn hoofd is Kurt al bij Leadbelly en dat is waar ze naar toe gaan. Kenmerkend is hoe hij deze afsluiter aankondigt:
Fuck you all, this is the last song of the evening!
Where Did You Sleep Last Night? is overweldigend. Een betere afsluiter had er niet kunnen zijn. In de hele Unplugged-set zit een worsteling verscholen, maar de kern klinkt er nog niet zo duidelijk in door. Dan komt All Apologies, een nummer wat eindigt bij de kern. Where Did You Sleep Last Night? is die kern. Dat voelt heel natuurlijk aan, omdat het een stokoud bluesnummer is en dus ten grondslag heeft gelegen aan de moderne muziek. Nirvana pakt dat gevoel hier op briljante wijze beet. Vlak voor het eind van het nummer valt alles terug op de persoon waar dit optreden toch wel om draait: Kurt Cobain. De hard-zacht techniek waarmee hij beroemd is geworden geeft hij hier een andere lading die veel pijnlijker is. Het krijsen na het zachte zingen, is niet langer meer een uiting van agressie. Want hoewel er wel agressie in zit, krijgt de pijn in zijn stem de overhand. De pijn die, ik kom toch weer terug bij hetzelfde woord, misschien wel de kern was van veel van zijn eerdere werk.
Het is een zangprestatie die je met je gevoel moet luisteren en niet met je verstand. Mijn verstand zegt hier dat deze man zijn stem aan het verkloten is en dat is natuurlijk ook waar. Voor mijn gevoel kan het echter niet beter. Kurt Cobain benut zijn stem hier tot het uiterste om te doen wat je als zanger moet doen: je gevoel uiten. Die uiting is hier onthutsend. Kurt gooit er alles uit; alles moet open en bloot, voor de ogen van het publiek. Die korte blik die hij de zaal inwerpt voor hij zijn laatste woorden zingt, bevat misschien wel wat opluchting en voldoening. De bron van zijn worstelingen is op tafel gegooid en daarmee kan een periode worden afgesloten en kan er ruimte komen voor een nieuw Nirvana of een compleet nieuwe artistieke richting.
Die hoopvolle conclusie wordt natuurlijk in zekere zin te niet gedaan door wat er nauwelijks een half jaar later volgde. Tragischer kan het niet. Zo'n mooie belofte werd hier met dit optreden gedaan, maar onze daardoor gecreëerde verlangens werden onbevredigd achter gelaten. De druk van het sterrendom, een hardnekkige drugsverslaving, schuldgevoelens en onzekerheden.... zo perfect als de omstandigheden samenkwamen in 1991, toen Nirvana's Nevermind een hit werd, zo tragisch vielen ze samen in 1994, toen Kurt geen andere uitweg meer zag dan het beëindigen van zijn leven. Maar dat neemt niet weg dát het een samenloop van omstandigheden betreft en dat wordt vaak vergeten.
Wat ik jammer vind bij veel besprekingen van dit album is dat het direct gelinkt wordt aan Kurt dood, een half jaar later. ''Je ziet het al aankomen: die trieste blik die hij heeft, het deprimerende karakter van de liedjes, die laatste blik de zaal in bij het laatste nummer. Hij staat hier echt al met een been in de dood''. Daarmee wordt naar mijn idee verloochend wat dit album daadwerkelijk is. Want zoals ik al zei: het is een begrafenis waar een nieuw begin op moest volgen. Kurt Cobain toont hier een nieuwe muzikale richting die hem interesseert. De Meat Puppets worden uitgenodigd om wat van hun nummers mee te spelen, wat er op duidt dat Kurt geïnteresseerd was in andere muzikale projecten dan alleen Nirvana. Oud wordt met nieuw verenigd, om aan te duiden dat het verleden niet vergeten zal worden, maar dat er dingen moeten veranderen. Ja, Kurt lijkt wat triestig, maar hij lijkt ook vastbesloten. De drang om te vernieuwen en de drang om muziek te maken is hier nog in alle oprechtheid aanwezig en daarmee ook zijn levenslust.
Maar MTV Unplugged vond plaats te midden van Nirvana's In Utero tour. Het is schrijnend om te zien hoe Kurt na dit grootse en intieme concert, terug moest keren naar de overvolle stadia, waar hij een routine klusje op moest voeren. Want dat is wat ik zie als ik beelden van die latere concerten bekijk: een man die iets staat te doen wat hij helemaal niet meer wil. Krist, Dave, Pat Smear... allen hebben ze het nog naar hun zin. Maar Kurt is er voort klaar mee en heeft er geen plezier meer in. En misschien ging hij wel denken dat dat voor zijn hele leven zou gelden.
Ik kan niet in Kurts hoofd kijken; ook al had ik hem gekend. Al wat ik weet, is dat ik zou willen dat die vervloekte brief die hij op 5 april 1994 schreef inderdaad alleen maar een vaarwel was aan de muziekindustrie, zoals veel complotdenkers beweren. En dat hij na het schrijven van die brief, Nirvana vaarwel had gezegd en in andere samenwerkingsverbanden nog veel meer van dit soort prachtige muziek had gemaakt. In plaats daarvan schreef hij een afscheidsbrief aan het leven en is hij inmiddels al weer 21 jaar weg; al langer dan ik besta.
Dat is de harde waarheid en daar zullen we het mee moeten doen, net zoals we het met het handjevol albums dat Kurt heeft uitgebracht zullen moeten doen. Daarom is het zo belangrijk dat we dit album luisteren voor wat het is: de documentatie van een artiest en mens die hoopvol een nieuwe weg in wil slaan. Het is zo zonde om dit album te zien als het werk van een depressieve artiest die zijn dagen al af zit te tellen. Dat heb ik lang gedaan en ik begin me nu pas te realiseren hoe kortzichtig ik daarmee ben geweest.
Nirvana - Nevermind (1991)

4,0
0
geplaatst: 17 augustus 2012, 12:34 uur
Ik heb Nirvana heel lang een matig rockbandje gevonden. Een jaar geleden kreeg ik echter een openbaring op het gebied van Nirvana en drong er zelfs een Nirvana-plaat door in mijn top 10. Mijn openbaring werd niet veroorzaakt door de grote Nirvana-klassieker Nevermind, maar door zijn meer experimentele opvolger. Nadat ik In Utero talloze malen geluisterd had besloot ik dan maar eens aan Nevermind te beginnen. Ik heb de nummers leren kennen doordat ik ze via mijn iPod luisterde en heb de cd daarna meerdere keren als geheel geluisterd. Mijn conclusie is een 4.0. Nevermind is best een goed album. Van de grijsgedraaide hits Smells Like Teen Spirit en Come As You Are wordt ik niet meer warm of koud, maar naast deze nummers staat er nog heel wat moois op Nevermind.
Zoals het verveeld triestige, maar ook woedende Lithium, wat een van de sterkste Nirvana-riffs bezit. Of de teneergeslagen akoestische ballads Polly en Something In The Way, met daartussen krachtstoten zoals Territorial Pissings en Drain You (wat een hele mooie opbouw in het middenstuk heeft). Eigenlijk staan er op Nevermind alleen maar goede nummers, maar als geheel vind ik de plaat een beetje tegenvallen omdat het toch wel veel van hetzelfde is. Als ik de cd zo opzet en en ga luisteren, weet ik bij het zoveelste nummer al wel hoe de cd klinkt. Het wordt dan voorspelbaar, en dat gaat ten koste van hoe ik van de latere nummers geniet (hoewel daar hele goede nummers voorkomen). Dan heb ik toch liever In Utero die wat rauwer en gevarieerder is. Desondanks: een goed album van Nirvana. Favorieten zijn: Lithium, Territorial Pissings, Drain You, On A Plain en Something In The Way.
Zoals het verveeld triestige, maar ook woedende Lithium, wat een van de sterkste Nirvana-riffs bezit. Of de teneergeslagen akoestische ballads Polly en Something In The Way, met daartussen krachtstoten zoals Territorial Pissings en Drain You (wat een hele mooie opbouw in het middenstuk heeft). Eigenlijk staan er op Nevermind alleen maar goede nummers, maar als geheel vind ik de plaat een beetje tegenvallen omdat het toch wel veel van hetzelfde is. Als ik de cd zo opzet en en ga luisteren, weet ik bij het zoveelste nummer al wel hoe de cd klinkt. Het wordt dan voorspelbaar, en dat gaat ten koste van hoe ik van de latere nummers geniet (hoewel daar hele goede nummers voorkomen). Dan heb ik toch liever In Utero die wat rauwer en gevarieerder is. Desondanks: een goed album van Nirvana. Favorieten zijn: Lithium, Territorial Pissings, Drain You, On A Plain en Something In The Way.
