Hier kun je zien welke berichten Metalhead99 als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Brainstorm - Scary Creatures (2016)

3,0
0
geplaatst: 17 januari 2016, 11:17 uur
Degelijk uitgevoerde Power Metal, niets meer en niets minder. De vocale prestaties van Andy B. Franck vind ik wel goed, maar hij weet er niet uit te springen. De instrumentatie is solide en strak uitgevoerd, maar ook hier weet men niet echt een 'eigen sound' te creëren en/of een memorabele prestatie neer te zetten.
Een plaatje die de liefhebbers van het genre wel zal bevredigen, maar verwacht geen topper.
Een plaatje die de liefhebbers van het genre wel zal bevredigen, maar verwacht geen topper.
Brighton Rock - Young, Wild and Free (1986)

3,5
0
geplaatst: 17 november 2015, 23:25 uur
Een erg lekkere, enthousiast gebrachte rock plaat. Jammer genoeg werd deze band indertijd ondergesneeuwd door het grote aantal soortgelijke bands.
Zo moet ik eerlijk toegeven dat de band misschien niet bijster origineel. Het stemgebruik van zanger Gerry McGhee doet wat denken aan Tom Keifer (Cinderella). Verder zijn de melodielijnen ook niet baanbrekend te noemen.
Maar toch weet deze plaat me te pakken. Ze beginnen met het lekker uptempo "Young, Wild and Free", waarbij qua zang en melodie opbouw ik in het begin aan AC/DC moest denken. Later weten ze door de toevoeging van melodieuze keyboards toch wat meer een eigen stempel erop te drukken.
"We Came to Rock" vind ik qua opbouw echt geweldig. Het begint met een rustig zingende McGhee, ondersteund door eerst niet meer het spel van keyboardist Johnny Rogers. In een minuut voegen ze steeds meer instrumentatie toe om aan te zwellen naar het sterke refrein, die echt om meezingen vraagt.
In "Change of Heart" komt het gitaarspel van Greg Fraser wat centraler te staan. Iets dat zeker geen ramp is, want zijn spel is strak, mooi en melodieus. Daarnaast zorgt de catchy melodielijn en de simpele lyrics die McGhee zingt ervoor dat je haast weer mee wil beginnen te zingen. Daarnaast krijg ik moeite met stilzitten tijdens een dergelijk nummer, want dit vraagt gewoon bijna om een dansje.
De ballad "Can't Wait for the Night" vind ik het minste nummer van het album. Het lijkt een beetje gemaakt te zijn, omdat het in die tijd "in het genre hoorde". McGhee's stemgeluid leent zich namelijk niet echt voor deze ballad en ik vind het dan ook wat corny overkomen.
Met "Assault Attack" begint men gelukkig weer wat (midtempo) te rocken. Een gemiddeld nummer verder dat in het midden nog verfraaid word door een gitaarsolo van Fraser.
"Jack is Back" begint met wat sound effects die bij een horrorfilm zouden passen. De lyrics gaan dan ook over de terugkeer van de befaamde Jack the Ripper. Een figuur dat tot op de dag van vandaag nog voor veel inspiratie heeft gezorgd voor films, muziek en andere kunstvormen.
Leuk hoe ze met het keyboard de horror vibe erin houden.
"Save Me" nijgt dan weer meer naar een powerballad, al is hij misschien nog net wat te rockend om hem echt als dusdanig te omschrijven.
In "Nobody's Hero" laat McGhee zich weer van zijn beste kant horen en hij weet dit nummer een fijn, wat rauwer randje te geven. De keyboards zo op 2/3 van de track vind ik wat minder fraai, maar dat weten ze daarna weer te compenseren met een gitaarsolo. Misschien wel de meest bombastische van het stel nummers dat op deze plaat te horen is.
"Barricade" is dan wederom zo'n lekkere rocker. Deze keer een wat minder meezing gehalte, maar men rockt wel lekker van begin tot eind.
Met "Rock 'N' Roll Kid" laten de heren nog eenmaal horen dat dergelijke uptempo rockers misschien wel het type rocknummer is dat ze het beste kunnen brengen. Ze knallen namelijk 4 minuten nog even lekker. Een wat subtielere rol voor de keyboards om het gitaarwerk wat centraler te stellen, met deze keer ook een lekkere bassound.
Toch wel een erg fijn plaatje voor liefhebbers van dergelijke melodieuze rock.
Zo moet ik eerlijk toegeven dat de band misschien niet bijster origineel. Het stemgebruik van zanger Gerry McGhee doet wat denken aan Tom Keifer (Cinderella). Verder zijn de melodielijnen ook niet baanbrekend te noemen.
Maar toch weet deze plaat me te pakken. Ze beginnen met het lekker uptempo "Young, Wild and Free", waarbij qua zang en melodie opbouw ik in het begin aan AC/DC moest denken. Later weten ze door de toevoeging van melodieuze keyboards toch wat meer een eigen stempel erop te drukken.
"We Came to Rock" vind ik qua opbouw echt geweldig. Het begint met een rustig zingende McGhee, ondersteund door eerst niet meer het spel van keyboardist Johnny Rogers. In een minuut voegen ze steeds meer instrumentatie toe om aan te zwellen naar het sterke refrein, die echt om meezingen vraagt.
In "Change of Heart" komt het gitaarspel van Greg Fraser wat centraler te staan. Iets dat zeker geen ramp is, want zijn spel is strak, mooi en melodieus. Daarnaast zorgt de catchy melodielijn en de simpele lyrics die McGhee zingt ervoor dat je haast weer mee wil beginnen te zingen. Daarnaast krijg ik moeite met stilzitten tijdens een dergelijk nummer, want dit vraagt gewoon bijna om een dansje.
De ballad "Can't Wait for the Night" vind ik het minste nummer van het album. Het lijkt een beetje gemaakt te zijn, omdat het in die tijd "in het genre hoorde". McGhee's stemgeluid leent zich namelijk niet echt voor deze ballad en ik vind het dan ook wat corny overkomen.
Met "Assault Attack" begint men gelukkig weer wat (midtempo) te rocken. Een gemiddeld nummer verder dat in het midden nog verfraaid word door een gitaarsolo van Fraser.
"Jack is Back" begint met wat sound effects die bij een horrorfilm zouden passen. De lyrics gaan dan ook over de terugkeer van de befaamde Jack the Ripper. Een figuur dat tot op de dag van vandaag nog voor veel inspiratie heeft gezorgd voor films, muziek en andere kunstvormen.
Leuk hoe ze met het keyboard de horror vibe erin houden.
"Save Me" nijgt dan weer meer naar een powerballad, al is hij misschien nog net wat te rockend om hem echt als dusdanig te omschrijven.
In "Nobody's Hero" laat McGhee zich weer van zijn beste kant horen en hij weet dit nummer een fijn, wat rauwer randje te geven. De keyboards zo op 2/3 van de track vind ik wat minder fraai, maar dat weten ze daarna weer te compenseren met een gitaarsolo. Misschien wel de meest bombastische van het stel nummers dat op deze plaat te horen is.
"Barricade" is dan wederom zo'n lekkere rocker. Deze keer een wat minder meezing gehalte, maar men rockt wel lekker van begin tot eind.
Met "Rock 'N' Roll Kid" laten de heren nog eenmaal horen dat dergelijke uptempo rockers misschien wel het type rocknummer is dat ze het beste kunnen brengen. Ze knallen namelijk 4 minuten nog even lekker. Een wat subtielere rol voor de keyboards om het gitaarwerk wat centraler te stellen, met deze keer ook een lekkere bassound.
Toch wel een erg fijn plaatje voor liefhebbers van dergelijke melodieuze rock.
Bruno Nicolai - Indio Black, Sai Che Ti Dico: Sei un Gran Figlio Di... (1971)
Alternatieve titel: Indio Black

4,0
0
geplaatst: 27 juni 2016, 19:48 uur
De main theme regeert wat op deze soundtrack, maar het is dan ook een sterk staaltje muziek dat in de buurt komt van Morricone's klassieke werk. Prachtig stukje western muziek dat helaas wat in de vergetelheid is geraakt. Toch zeer de moeite waard voor de liefhebbers van de muziek van de Spaghetti klassiekers. Een aanrader!
Buddy Guy - Born to Play Guitar (2015)

4,0
1
geplaatst: 3 augustus 2015, 14:49 uur
Tjah, als iemand nog weet hoe hij "Delta Blues" moet maken dan is het wel de 79(!)-jarige Buddy Guy. Je hoort hier en daar wel dat hij wat ouder is, maar laat dit nou perfect bij deze throwback naar de hoogtijdagen van de Blues passen. Hij begint met een verhaal over hemzelf, want in "Born to Play Guitar" omschrijft hij goed hoe hij zelf tegen zijn muzikant schap aankijkt. Lekker gitaarwerk en door het de piano heeft het gelijk een heerlijk klassiek Blues geluid.
Op "Wear You Out" doet de eerste gast van het album mee: niemand minder dan Billy Gibbons van ZZ Top. Vanzelfsprekend is dit nummer wat sneller en meer rock georiënteerd. Ik heb het idee dat het gros van het gitaarwerk dat op dit nummer te horen is van Gibbons afkomstig is. Qua vocalen wisselen ze elkaar af en klinken ze haast nog als gretige jonge honden. Ze weten elkaar geweldig aan te vullen en Guy haalt hier echt op een geweldige wijze zijn noten. Zeer indrukwekkend, zeker gezien zijn leeftijd.
Met "Back Up Mama" brengt hij wederom een lekker old school Blues nummer, daar waar hij in "Too Late" iets meer Rock & Roll invloeden vermengt. Heerlijk om die (elektrische?) mondharmonica te horen. "Whiskey, Beer & Wine" vind ik dan qua lyrics weer niet zo bijzonder, maar het gitaarwerk klinkt dan wel weer erg lekker. Op "Kiss Me Quick" word het tempo op een sterke wijze weer iets verhoogd.
Hierna brengt hij een mooi, wat teerder Blues nummer "Crying Out of One Eye". Hij klinkt hier wat weemoedig en breekbaar, wat wederom erg goed bij het nummer past. Tijdens dit nummer begon het pas ook tot me door te dringen hoe geweldig deze productie is. Kraakhelder en zo vol qua sound dat je soms bijna het idee krijgt dat hij met een band in je huiskamer staat.
Op het duet met Joss Stone weet het soulvolle stemgeluid van Stone de aandacht te trekken. Lekker zwoel. Ik moet eerlijk zeggen dat ik niks van haar werk ken, maar ik begrijp na het luisteren van dit nummer wel een beetje hoe ze aan de inmiddels indrukwekkende, lange lijst met samenwerkingen komt. Ze kan namelijk best goed zingen en klinkt hier en door haar stijl (echte Soul klank) heb je soms het idee dat je naar een zwarte zangeres aan het luisteren bent (niet bedoeld als rassendiscriminatie, maar veel van de (oude) Soul zangeressen waren nou eenmaal African American women).
In de hierop volgende nummers weet Guy door wat kleine variaties in stijl en tempo de aandacht er goed bij te houden. Hier vraag ik me vooral af wat voor microfoon hij bij "Smarter Than I Was" gebruikt heeft, want hij lijkt op dit nummer wat anders te klinken dan op alle andere nummers. Soms heb je een beetje het idee of hij door een soort megafoon staat te zingen, want zijn stem klinkt hier wat elektrisch (met gebrek aan een betere bewoording).
Op de laatste twee nummers blikt Guy terug. Eerst samen met Morrison om een prachtig duet te zingen waar ik bijna een traantje bij moest laten. Beide mannen lijken hier hun ziel en zaligheid in te geven en dat is eraan terug te horen.
Daarnaast blikt hij met de afsluiter "Come Back Muddy" nog even op een nostalgische wijze terug naar zijn mede Blues muzikant Muddy Waters. In het midden van de track laat hij nog wat sterk akoestisch jam werk horen.
Een muzikant in hart en ziel en dat laat hij hier (wederom) horen. Sterk!
Op "Wear You Out" doet de eerste gast van het album mee: niemand minder dan Billy Gibbons van ZZ Top. Vanzelfsprekend is dit nummer wat sneller en meer rock georiënteerd. Ik heb het idee dat het gros van het gitaarwerk dat op dit nummer te horen is van Gibbons afkomstig is. Qua vocalen wisselen ze elkaar af en klinken ze haast nog als gretige jonge honden. Ze weten elkaar geweldig aan te vullen en Guy haalt hier echt op een geweldige wijze zijn noten. Zeer indrukwekkend, zeker gezien zijn leeftijd.
Met "Back Up Mama" brengt hij wederom een lekker old school Blues nummer, daar waar hij in "Too Late" iets meer Rock & Roll invloeden vermengt. Heerlijk om die (elektrische?) mondharmonica te horen. "Whiskey, Beer & Wine" vind ik dan qua lyrics weer niet zo bijzonder, maar het gitaarwerk klinkt dan wel weer erg lekker. Op "Kiss Me Quick" word het tempo op een sterke wijze weer iets verhoogd.
Hierna brengt hij een mooi, wat teerder Blues nummer "Crying Out of One Eye". Hij klinkt hier wat weemoedig en breekbaar, wat wederom erg goed bij het nummer past. Tijdens dit nummer begon het pas ook tot me door te dringen hoe geweldig deze productie is. Kraakhelder en zo vol qua sound dat je soms bijna het idee krijgt dat hij met een band in je huiskamer staat.
Op het duet met Joss Stone weet het soulvolle stemgeluid van Stone de aandacht te trekken. Lekker zwoel. Ik moet eerlijk zeggen dat ik niks van haar werk ken, maar ik begrijp na het luisteren van dit nummer wel een beetje hoe ze aan de inmiddels indrukwekkende, lange lijst met samenwerkingen komt. Ze kan namelijk best goed zingen en klinkt hier en door haar stijl (echte Soul klank) heb je soms het idee dat je naar een zwarte zangeres aan het luisteren bent (niet bedoeld als rassendiscriminatie, maar veel van de (oude) Soul zangeressen waren nou eenmaal African American women).
In de hierop volgende nummers weet Guy door wat kleine variaties in stijl en tempo de aandacht er goed bij te houden. Hier vraag ik me vooral af wat voor microfoon hij bij "Smarter Than I Was" gebruikt heeft, want hij lijkt op dit nummer wat anders te klinken dan op alle andere nummers. Soms heb je een beetje het idee of hij door een soort megafoon staat te zingen, want zijn stem klinkt hier wat elektrisch (met gebrek aan een betere bewoording).
Op de laatste twee nummers blikt Guy terug. Eerst samen met Morrison om een prachtig duet te zingen waar ik bijna een traantje bij moest laten. Beide mannen lijken hier hun ziel en zaligheid in te geven en dat is eraan terug te horen.
Daarnaast blikt hij met de afsluiter "Come Back Muddy" nog even op een nostalgische wijze terug naar zijn mede Blues muzikant Muddy Waters. In het midden van de track laat hij nog wat sterk akoestisch jam werk horen.
Een muzikant in hart en ziel en dat laat hij hier (wederom) horen. Sterk!
BulletBoys - Elefanté (2015)

2,0
0
geplaatst: 9 juli 2015, 17:19 uur
Oef, ik heb het zelden, maar ik had met deze plaat gewoon moeite om hem tot het einde te beluisteren.
Gelukkig begint de plaat direct met naar mijn mening het meest afschuwelijke nummer van deze plaat.
Instrumentaal gezien niet heel erg bijzonder, maar nog wel degelijk. Marq Torien klinkt hier gewoon (...) als ik heel eerlijk mag zijn. Ze gaan met dit eerste nummer voor een soort poging om Myles Kennedy te combineren met een vleugje Sid Vicious (Sex Pistols). Eigenlijk is het over het algemeen Torien's stemgeluid die ervoor zorgt dat ik moeite heb met deze plaat.
Ze hebben hem gewoon niet lekker in de mix gezet en ik vind hem bijna slecht zingen. Enkel op "Symphony" klinkt hij ineens best goed, maar zelfs in dit nummer schiet hij op het einde "wat uit te bocht". Verder hadden ze het smeurtje electronic/industrial dat ze er soms doorheen mengen van mij ook wel achterwege mogen laten.
BulletBoys anno 2015 is niet mijn ding, maar wie weet zijn er mensen die hier anders over denken.
Gelukkig begint de plaat direct met naar mijn mening het meest afschuwelijke nummer van deze plaat.
Instrumentaal gezien niet heel erg bijzonder, maar nog wel degelijk. Marq Torien klinkt hier gewoon (...) als ik heel eerlijk mag zijn. Ze gaan met dit eerste nummer voor een soort poging om Myles Kennedy te combineren met een vleugje Sid Vicious (Sex Pistols). Eigenlijk is het over het algemeen Torien's stemgeluid die ervoor zorgt dat ik moeite heb met deze plaat.
Ze hebben hem gewoon niet lekker in de mix gezet en ik vind hem bijna slecht zingen. Enkel op "Symphony" klinkt hij ineens best goed, maar zelfs in dit nummer schiet hij op het einde "wat uit te bocht". Verder hadden ze het smeurtje electronic/industrial dat ze er soms doorheen mengen van mij ook wel achterwege mogen laten.
BulletBoys anno 2015 is niet mijn ding, maar wie weet zijn er mensen die hier anders over denken.
Burning Rain - Epic Obsession (2013)

4,0
0
geplaatst: 12 december 2013, 22:17 uur
Eindelijk eens tijd gehad om deze plaat te beluisteren!
Ik kende zanger Keith St. John nog niet, maar wat een heerlijk strot heeft die man zeg! Lichtelijk rauwe zang die prima past bij deze gitaar gedreven rock.
"Sweet Little Baby Thing" knalt gelijk al lekker uit de boxen. De prachtige, heldere productie van Frontiers records valt gelijk al positief uit. In het eerste nummer is vooral het samenspel van Doug Aldrich (ook bekend als de lead gitarist van Whitesnake) en bassist Sean McNabb wel erg lekker.
De plaat blijft met de twee opvolgende nummers ook nog lekker uptempo, om met Heaven Gets Me By een prachtige ballad af te leveren (al moet ik toegeven dat ik de akoestische versie nog mooier vind, hier komt St. John's zang naar mijn idee beter tot zijn recht).
De rest van het album is ook van hoogstaande kwaliteit, waarbij voor mij het haast nostalgisch klinkende "Too Hard to Break" en het groots klinkende "Out In The Cold Again" nog extra aanspreken.
Een erg fijn en mooi geproduceerd rock album voor de liefhebbers van jaren '80 rock.
Ik kende zanger Keith St. John nog niet, maar wat een heerlijk strot heeft die man zeg! Lichtelijk rauwe zang die prima past bij deze gitaar gedreven rock.
"Sweet Little Baby Thing" knalt gelijk al lekker uit de boxen. De prachtige, heldere productie van Frontiers records valt gelijk al positief uit. In het eerste nummer is vooral het samenspel van Doug Aldrich (ook bekend als de lead gitarist van Whitesnake) en bassist Sean McNabb wel erg lekker.
De plaat blijft met de twee opvolgende nummers ook nog lekker uptempo, om met Heaven Gets Me By een prachtige ballad af te leveren (al moet ik toegeven dat ik de akoestische versie nog mooier vind, hier komt St. John's zang naar mijn idee beter tot zijn recht).
De rest van het album is ook van hoogstaande kwaliteit, waarbij voor mij het haast nostalgisch klinkende "Too Hard to Break" en het groots klinkende "Out In The Cold Again" nog extra aanspreken.
Een erg fijn en mooi geproduceerd rock album voor de liefhebbers van jaren '80 rock.
