MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten Metalhead99 als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

1349 - Massive Cauldron of Chaos (2014)

poster
4,0
Soms komt een bepaalde plaat gewoon op het juiste moment aan de beurt om te beluisteren. Zo was het zojuist een aantal keren de beurt aan het nieuwe wapenfeit van 1349, een band die voor de liefhebbers van Black Metal waarschijnlijk al een belletje zal doen rinkelen.
"Massive Cauldron of Chaos" is zoals een Black Metal plaat zou moeten zijn. In een hoog tempo word er een grote muur van geluid op de beluisteraar afgevuurd. De productie is lekker gruizig en de stem van de zanger druipt van een allesverwoestende haat. Hier en daar komt er nog behoorlijk sterk riffwerk voorbij en alles past goed bij elkaar.
Is de plaat dan helemaal perfect? Nee, een aantal dingen voelen namelijk wel een beetje overbodig. Zo probeert men halverwege nog een boodschap met cleane stem over te brengen, maar dat hadden ze gezien de kwaliteit van de productie maar beter achterwege kunnen laten, want er is toch amper wat van te verstaan.
Voor mensen die eens van een rechttoe rechtaan Black Metal plaat zonder al te veel geneuzel en geëxperimenteer willen genieten is dit gewoon de aangewezen plaat. Fijn werk voor de liefhebbers.

23 Acez - Redemption Waves (2015)

poster
3,5
23 Acez is een Vlaamse (uit Wachtebeke) band, opgericht door frontman 'Zors' (echte naam is Benny Wilaert), met achter de drumkit Flix Serwir (Jonathan Braeckman), waarmee Zors eerder al in de band Black Snow zat. Op het debuut speelde Zors zelf bijna alle gitaar/bass stukken in. Daarna vroeg hij echter aan bassist Tom Mundez en gitarist Tom Tas of ze zich bij de band wilden sluiten.
"Redemption Waves" is het tweede album van deze Vlamingen en bevat 10 stevige nummers die op de grens tussen hard rock en heavy metal schommelen. Op albumopener "Loopholes" laten de mannen een redelijk modern klinkende rock horen. Zors start met een uithaal waar Kevin DuBrow jaloers op geweest zou zijn. Daarna laat hij horen goed te kunnen zingen en de mannen laten horen dat ze inderdaad "riffgeoriënteerde" rock spelen. De ene vette solo volgt de andere op en het klinkt allemaal erg goed en lekker strak. De gitaren staan ook mooi vol in de mix, waardoor de accentuatie nog net een stuk duidelijker word.
"Alone" bevat wat meer keyboards, maar is over het algemeen een lekker stevige rocker net als zijn voorganger.
De mannen weten op een goede manier nostalgisch klinkende rock (jaren '80) met een wat moderner rockgeluid te vermengen. Het album bevat geen slechte songs en luistert gewoon erg fijn weg. Dit is vooral smullen voor de liefhebbers van gitaarmuziek, want we worden erg verwend met prachtig soleerwerk.
Ik hoop dat de mannen wat gaan touren om dit album te promoten, want dit zal live een waar feestje zijn. Een veelbelovende, redelijk nieuwe act in de rock scene. Ik kijk uit naar wat er (hopelijk) nog meer komen gaat!

2Pac - All Eyez on Me (1996)

poster
4,0
Ik heb nog niet veel "gangster rap" gehoord, maar ik moet zeggen dat ik dit een heel sterk album vind. Misschien wel het beste hip-hop album dat ik tot dusver gehoord heb.
De teksten zijn sterk, de instrumentatie klinkt vaak erg lekker en vol, hier zit een mooie productie achter. Door de vele rappers die meedoen nog redelijk wat (vocale) variatie en de toevoeging van achtergrondzangeressen kan ik ook waarderen.
Relaxt, hier en daar scherp en een betere verheerlijking van het gangsterleven heb je bijna niet.
Voor nu 4*, maar misschien nog wat hoger als ik hem vaker beluisterd heb.

Ævangelist - Enthrall to the Void of Bliss (2015)

poster
3,0
Reuben Jordan, alias Matron Thorn is een zeer bezige bij. Tot en met 2013 maakte hij flink wat materiaal met zijn project "Benighted in Sodom", daartussen maakte hij nog wat onder de noemer "Midwinter Storm" en sinds 2010 dus ook onder de noemer Ævangelist (dit jaar alleen al 2 EP's en deze langspeler).
Deze keer echter met de hulp van Carter Page, alias Ascarsis. Die hielp hem al eerder tijdens wat optredens onder het Benighted in Sodom banier en zingt sinds 2009 ook live voor Velnias.
Het album begint gelijk al met wat misschien wel het meest complexe nummer van de hele plaat is. "Arcanæ Manifestia" begint met een aantal geraffineerd door elkaar lopende, zware riffs. Dit aangevuld met wat noise dat men in de studio wel toegevoegd zal hebben, plus nog wat en geroffel op wat volgens Metal Archives een harp moet zijn.
Na ruim tweeënhalve minuut voegt men de drums en de grunts toe en word de muziek iets toegankelijker voor zij die van zware, logge Black/Doom Metal houden.
"Cloister of the Temple of Death" gaat eigenlijk op dezelfde voet verder. Ook hier horen we hier en daar het gepingel op een snaarinstrument waarvan ik persoonlijk toch twijfel of dit een harp is (daar ik zelf een harp heel anders vind klinken, maar nu vergelijk ik het wel met de Ierse harp en er zijn ongetwijfeld talloze andere harp types). Daarnaast klinken er hier en daar wat bellen (lijkt me een toevoeging uit een keyboard). De grunts zijn laag en onverstaanbaar. In het midden van de track laten ze nog een galmend stemgeluid horen die eveneens niet goed te volgen is. Dit word ook mede veroorzaakt doordat het minder prominent in de mix staat dan de instrumentatie, dus men lijkt het wat met opzet te hebben gedaan.
Halfweg "Gatekeeper's Scroll" ben ik het getokkel op het snaarinstrument, dat nog prominenter in de mix lijkt te staan dan de overige instrumentatie, wel een beetje beu.
"Alchemy" vormt daarom ook even een fijn intermezzo. Het begint met een hele elektronische klank en de vocalen zijn deze keer eindelijk eens te verstaan. Na iets minder dan een minuut word een gitaar toegevoegd en deze keer blijft de stem nog steeds verstaanbaar. Deze staat dan ook een stuk prominenter in de mix dan in de voorgaande tracks. Die rommelende bas die hier en daar in "de beat" (zo kan je het in dit geval haast wel noemen) opduikt klinkt ook wel aangenaam moet ik zeggen.
De overgang naar "Levitating Stones" is dan weer behoorlijk abrupt, maar daar houd de maker volgens mij wel van gezien het knallende begin van de plaat. "Levitating Stones" begint wat melodieuzer en men heeft in het begin van de track het geluid van een blaffende hond erin verwerkt (ja, dit meen ik serieus). Na zo'n anderhalve minuut maken de lage grunts hun terugkeer, die op een woordje hier en daar wederom niet zo goed te verstaan zijn. Helaas kiest men er halverwege ook weer voor om het harp getokkel weer toe te voegen.
Het begin van "Emanation" is gitzwart. Een zwaar gitaargeluid, iemand die begint met een krijs die overgaat in een gorgelend geluid wat klinkt als iemand die aan het verstikken is. Het kleine beetje harp tokkelen dat ze in dit stuk verwerkt hebben klinkt deze keer wel gepast. Na iets minder dan een anderhalve minuut horen we even een verstaanbare stem, waarna men overgaat op hard gitaargeweld, aangevuld met een blastbeat op de drums en wat sound effects. Daarnaast duiken hier en daar wat onmenselijk klinkende stemgeluiden/grunts op. Veruit de meest duistere track van de plaat die je echt even mee lijkt te nemen naar de onderste regionen van de hel.
Ze sluiten af met "Meditation of Transcendental Evil", een track die veruit de langste track van het album is (iets meer dan 4 minuten langer dan de daarna langste track). Men heeft wat vioolwerk in het begin toegevoegd (wat ook weleens door een keyboard o.i.d. voortgebracht zou kunnen worden trouwens). Daarnaast horen we een vrouw wanhopig schreeuwen om hulp. Dit gaat zo ruim 3 minuten door, om daarna onder rommelend drumwerk de zware grunts weer te laten horen. Spijtig genoeg moet dit ook weer gepaard gaan met het getokkel op de harp. Wat later is de tweede grunter ook nog te horen en keert de schreeuwende vrouw terug. Daarnaast komen er in het midden van de track ook nog wat cleane vocalen voorbij. Daarna word het voornamelijk instrumenteel geweld, waarin alle eerder gebruikte elementen nog eenmaal de revue passeren.
Het harp getokkel had men van mij achterwege mogen houden en sommige nummers hadden wel wat korter gekund. Soms gaat men naar mijn idee net iets te lang door in sommige tracks.
Mede door het wat experimentele geluid van de muziek zal dit waarschijnlijk niet iedere Black Metal liefhebber kunnen bekoren. Voor zij die open staan voor dergelijke projecten is dit misschien wel de moeite waard om eens een keer te proberen.

Öröm - O (2015)

poster
3,5
Na een stilte van (ruim) 9 jaar bracht het Hongaarse trio op 28 mei dit album uit in een zeer beperkte oplage (88 stuks). Persoonlijk was ik wel nieuwsgierig of de heren na al die tijd mij nog wisten te grijpen met hun mengeling van Doom Metal met invloeden uit o.a. het Neo-Folk genre en de typische narratie van Vízió (echte naam: István Kalinka). Jazeker, men kan dit echt geen zingen noemen, maar het is meer vertellend, al wijkt hij soms af naar een wat grunts.
De plaat begint gelijk goed met het sfeervolle "Hajnal": een fluitende wind, aangevuld door een simpele gitaarmelodie en sfeervolle strijkers (waarschijnlijk uit het keyboard van Tibor Mile). Het zware stemgeluid van Kalinka zorgt ervoor dat de aandacht erbij blijft. Zijn stem weet mij zeer te boeien, ondanks dat ik er niks van kan verstaan (hij vertelt zijn verhalen in het Hongaars) hang ik haast aan zijn lippen.
2081.09.03 is vooral sterk door het effectieve keyboard gebruik dat een beetje aan de latere Summoning doet denken.
De toevoegende waarde van "Csend" ontgaat me dan weer wat. Hierin krijgen we ruim 2 minuten om de paar seconden dezelfde pianonoot te horen. Het breekt de plaat op een aparte manier doormidden. Wat mij betreft hadden ze het wel wat korter of helemaal eruit kunnen laten.
"1." is met name door de sfeervolle strijkers ook weer een best mooi nummer. Verder is hier duidelijk te horen dat men voor de drums een drumcomputer gebruikte, maar echt veel hinderen doet het niet. Verder laat "VZ" hier nog wat sterk gitaarwerk horen dat me een beetje aan John Haughm (Agalloch) deed denken.
"Föld" is wederom een sterk en sfeervol nummer, maar deze keer wel wat minimaler dan het voorgaande nummer. De elektrische gitaar is ingewisseld voor wat mooi akoestisch gitaarspel en de geluiden uit het keyboard zijn iets meer naar de achtergrond gezet.
Voor "Úr" maakte men dan weer enkel gebruik van een stukje verhaal van Kalinka en verder wat experimentele, elektronische geluiden. Hier en daar deed het me aan industriële machines denken, maar later in de track word het nog wat experimenteler en laat men allerlei geluiden voorbij komen.
Over het algemeen weet men de sound constant en gewoon goed te houden. Een toffe plaat voor zij die weer eens wat anders willen proberen.