MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten Sandokan-veld als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Vampire Weekend - Father of the Bride (2019)

poster
4,0
Het duurde even voordat de nieuwe Vampire Weekend in mijn systeem zat. Hun vorige album is wellicht mijn favoriete plaat van de laatste tien jaar, dus dat is altijd lastig opvolgen. Het is bovendien nogal een bulk muziek die de band ons hier voorschotelt, natuurlijk. Ik moest bij beluistering soms denken aan Jeff Tweedy, die de tweede plaat van zijn band Wilco, het dubbelalbum Being There (1996), omschreef als ‘a big, messy celebration.’ Hij was vader geworden, ging een nieuwe fase van zijn creatieve loopbaan in, en had geen zin om zich te beperken.

Ezra Koenig is ook voor het eerst vader geworden, zes jaar weggeweest, en verloor het bandlid waarmee hij de sound van de band had ontworpen. Fans als ik waren bang dat zonder Rostam Batmanglij de band aan diepgang zou inboeten, en tot op zekere hoogte was die angst terecht. Koenig vond zelf de vorige plaat ‘insular’, eiland-achtig zeg maar, en daar zit iets in. Op deze opvolger worden daarom de ramen wijd open gezet, en de wereld krijgt een dikke knuffel aangeboden. De hele indie-trukendoos wordt over 18 tracks leeg gekieperd: rare instrumenten en samples, gehop van genre naar genre, kekke features en nog veel meer van zulks.

Over dit alles ligt de ‘midas touch’ van Koenig, die in het huidige poplandschap bijna geen gelijke kent in zijn gave aanstekelijke liedjes uit zijn mouw te schudden. Echt slechte liedjes zijn er op de plaat niet te vinden, net als bij vorige platen hangt het luistergenot meer samen met je tolerantie tegen alle maniertjes van de band dan met de kwaliteit van songwriting. Voor mij persoonlijk ligt die tolerantie vrij hoog, al doet ‘We Belong Together’ mij te veel denken aan poeziealbums en The Kelly Family (dat nummer is dan weer één van de weinige nummers waar Batmanglij nog aan meewerkte, dus tot zover die theorie).

Ook grijpt de band hier meer dan op het vorige album terug op de wereldpop-succesformule uit de begindagen, wat op sommige momenten kan voelen als een stap achteruit. De melancholie en levenswijsheid die de band sinds haar studentikoze begindagen heeft opgedaan, is echter allerminst verdwenen. De teksten zijn het duidelijkste bewijs hiervan. We horen over twee geliefden die nog een laatste nacht samen hebben voordat de vrouw met iemand anders gaat trouwen. Over slangen op een plek die als eerbaar werd beschouwd. Even later neemt iemand afscheid van ene Bambina, ‘until the violence ends’. En dan zijn we nog maar bij track 3. Je moet wel heel slecht luisteren om dit als leeghoofdigheid te interpreteren.

Die melancholie vormt een apart maar boeiend contrast met het oorwurm-gehalte van de liedjes, en dat is de belangrijkste kwaliteit van Father Of The Bride. Eerlijk gezegd vind ik de plaat na een paar maanden luisteren nog steeds onderdoen voor zijn voorganger, vooral qua samenhang en doeltreffendheid. Maar de dikke knuffel die Koenig hiermee de wereld in stuurt, neem ik met plezier in ontvangst.

Vampire Weekend - Modern Vampires of the City (2013)

poster
4,5
Voordat je je vinger van de playknop van de speler kan halen, zit je al midden in de melancholie van 'Obvious Bicycle':
'Morning’s come/ you watch the red sunrise/ the early day still flickers in your eyes/ oh, you ought to spare your face the razor/ because no one’s gonna spare the time for you.'

Drama, maar geen stroperig drama. Weltschmerz gekanaliseerd in een doelgericht, compact popliedje. Het tempo zit er sowieso goed in op deze plaat. Voordat je het weet zijn we alweer twaalf scherpe, aanstekelijke popliedjes verder. Niet alle nummers zullen iedereen kunnen bekoren, maar echte missers heb ik niet kunnen vinden. De achteloosheid waarmee de liedjes worden opgediend is op zich al indrukwekkend. De gemiddelde band mag al tevreden zijn als ze willekeurig welke drie van deze liedjes op één plaat kunnen krijgen.

Het is bijna de antithese van het 'moeilijke derde'-complex die gehypte bandjes als Vampire Weekend traditioneel krijgen aangewreven. De stijl van de band is niet wezenlijk veranderd sinds ze in 2008 zich aan de wereld presenteerden, hooguit is de band iets gelikter geworden, zich meer bewust van de sonische mogelijkheden, subtieler sturend op de kleine details. Het geluid waar ze beroemd meer werden, gitaarpop met ruimte voor wereld- en dansmuziek, is op zich ook breed genoeg dat ze erop door kunnen variëren zonder eentonig te worden, en er geen reden is om geforceerd nieuwe richtingen in te slaan.

Dus doen ze hier 'gewoon' waar ze goed in zijn: fijne, intelligente, licht eclectische popliedjes opnemen die in je hoofd blijven plakken, een festivalpubliek kunnen laten kolken en beluisterd over de koptelefoon regelmatig tot nadenken stemmen. Ze bewijzen daarmee zonder zichtbare moeite, zonder rare fratsen, dat ze iets te zoeken hebben in het pantheon der grote bands, gewoon door een van de leukste platen van de afgelopen tijd te maken. Het klinkt voor de hand liggend, maar in feite is het heel bijzonder en zeldzaam. En in dit geval is het ook romantisch, aanstekelijk, onweerstaanbaar, spiritueel, een beetje duister, enigmatisch en ontroerend.