Hier kun je zien welke berichten kemm als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Gary Clark Jr. - Blak and Blu (2012)

3,0
0
geplaatst: 25 november 2012, 15:02 uur
Naast de recentste van The Black Keys heeft hij het afgelopen jaar ongetwijfeld ook Channel Orange aangeschaft. Gary Clark Jr. heeft geen ooglappen op en weet, ondanks zijn terugkijkend bluesgeluid, wat er gaande is in het huidige muziekwereldje. Het is altijd mooi als een artiest zich vanuit gevarieerde hoeken kan laten inspireren, het ware talent zit echter in de verzoening van die verschillende referenties, om je eigen geluid duidelijk vorm te geven. Op dat vlak wordt het groen achter de oren van deze artiest zichtbaar.
Blak and Blu is opgebouwd uit brokstukken hippe r&b-funk, retrosoul en uitgesponnen bluesrock, maar er is geen lijm die het geheel in stand houdt. Genoeg brokken hebben voldoende te bieden om het album toch niet meteen links te leggen. Zo knalt de soulvolle bluesopener Ain’t Messin’ ‘Round er lekker in en wordt het titelnummer tof en modern uitgewerkt zonder zijn traditionele waarden te omzeilen. Het energiepeil van deze muziek zit grotendeels goed. De nummers apart beschouwd zitten ook prima in elkaar, maar zijn vaak net niet sterk genoeg om een vuist te maken. De nummers die de 5 minuten overschrijden laten daarbij een beetje te veel van het goede horen, met een gitaarsolo te lang of de drumbeat te langdradig. Het album mist duidelijk een goed plan, waardoor de songs niet optimaal uitgewerkt zijn en het album bovendien de songs niet optimaal tot hun recht laat komen. Twee belangrijke punten die het overduidelijke talent van Gary Clark Jr. niet overduidelijk laten overkomen.
Qua pure songwriting zit het best goed met de man, maar zijn verschillende invloeden werken op Blak and Blu tegen hem. Het blijft mooi om je vanuit gevarieerde hoeken te laten inspireren, maar om een allegaartje te voorkomen moeten er keuzes gemaakt worden. Niet om een artiest in een hokje te kunnen steken, laat dat duidelijk zijn, maar gewoon om een consistenter album te bekomen. Gary Clark Jr. heeft de goede bouwstenen, het is de constructie die wat te wensen overlaat.
Blak and Blu is opgebouwd uit brokstukken hippe r&b-funk, retrosoul en uitgesponnen bluesrock, maar er is geen lijm die het geheel in stand houdt. Genoeg brokken hebben voldoende te bieden om het album toch niet meteen links te leggen. Zo knalt de soulvolle bluesopener Ain’t Messin’ ‘Round er lekker in en wordt het titelnummer tof en modern uitgewerkt zonder zijn traditionele waarden te omzeilen. Het energiepeil van deze muziek zit grotendeels goed. De nummers apart beschouwd zitten ook prima in elkaar, maar zijn vaak net niet sterk genoeg om een vuist te maken. De nummers die de 5 minuten overschrijden laten daarbij een beetje te veel van het goede horen, met een gitaarsolo te lang of de drumbeat te langdradig. Het album mist duidelijk een goed plan, waardoor de songs niet optimaal uitgewerkt zijn en het album bovendien de songs niet optimaal tot hun recht laat komen. Twee belangrijke punten die het overduidelijke talent van Gary Clark Jr. niet overduidelijk laten overkomen.
Qua pure songwriting zit het best goed met de man, maar zijn verschillende invloeden werken op Blak and Blu tegen hem. Het blijft mooi om je vanuit gevarieerde hoeken te laten inspireren, maar om een allegaartje te voorkomen moeten er keuzes gemaakt worden. Niet om een artiest in een hokje te kunnen steken, laat dat duidelijk zijn, maar gewoon om een consistenter album te bekomen. Gary Clark Jr. heeft de goede bouwstenen, het is de constructie die wat te wensen overlaat.
Georgia Anne Muldrow - Owed to Mama Rickie (2011)

3,5
0
geplaatst: 7 januari 2012, 15:03 uur
Moeders. Naar het schijnt komen we er allemaal vandaan. En die van Georgia heet Rickie. Nu haar eigen gezin steeds meer lijkt uit te breiden speelt familie steeds een belangrijkere rol en daar draait het op dit album voornamelijk rond. Gelukkig wordt de meligheid grotendeels vermeden (een uitzondering als Love Letter daargelaten) en krijgen we de typische funky Muldrow-beats. Het concept zorgt ervoor dat dit haar meest doordachte album is sinds Umsindo en ook echt als een volwaardig album klinkt. Het niveau is constant, maar de indruk toch minder blijvend. Het songmateriaal is niet bepaald verpletterend, het nummer dat nog het meest in het oog springt is de remix van More & More dat muzikaal ver verwijderd is van de rest van de plaat. De beat wordt ingewisseld voor heerlijk soulvolle instrumentatie, met een aanstekelijke orgel op kop! Hier mag ze gerust een keer een heel album op verder bouwen!
Haar uitgebreide discografie kent eigenlijk slechts een handvol volwaardige albums, het andere handje is vaak eveneens genietbaar, maar eerder een samenraapsel van pogingen. Owed to Mama Rickie is zonder twijfel weer eens een volwaardig album, alleen minder essentieel als een Olesi of Umsindo. Daarvoor beklijven de songs te weinig. Dat kan ze beter. Wel is het mooi om te zien dat ze tussen al haar projecten door haar focus weet te behouden om een concept als dit tot een goed einde te brengen.
Haar uitgebreide discografie kent eigenlijk slechts een handvol volwaardige albums, het andere handje is vaak eveneens genietbaar, maar eerder een samenraapsel van pogingen. Owed to Mama Rickie is zonder twijfel weer eens een volwaardig album, alleen minder essentieel als een Olesi of Umsindo. Daarvoor beklijven de songs te weinig. Dat kan ze beter. Wel is het mooi om te zien dat ze tussen al haar projecten door haar focus weet te behouden om een concept als dit tot een goed einde te brengen.
Georgia Anne Muldrow - Umsindo (2009)

5,0
0
geplaatst: 9 augustus 2009, 19:30 uur
Afrika. Naar het schijnt komen we er allemaal vandaan. Een album gewijd aan “the motherland” en “it’s ancestors”, het zou dus tot elk van ons betrekking kunnen hebben. Na een onschuldig staaltje van ‘her first Swahili lessons’ wordt echter snel duidelijk dat Georgia haar inspiratie niet altijd zover terug in de geschiedenisboeken gaat zoeken. Met als kernpunt de opkomst van de slavernij ginds en de gevolgen daarvan (als Afro-Amerikaanse is ze zelf een gevolg) wordt het opeens veel minder toegankelijk; des te persoonlijker wel. Een album voor iedereen die het WIL horen. Een album dat iedereen zou moeten horen.
Hoewel Umsindo wat traag op gang komt, schetst het wel meteen een goed beeld van waar het album naar toe gaat. Het verhaal van Georgia Anne Muldrow (en haar voorouders) wordt op gang getrokken. Dat ze daarbij zulke synthy sounds gebruikt is best verrassend gezien het Afrikaanse thema. Muldrow hoeft dan ook niet in cliché’s te vervallen; haar songs ademen Afrika. Het zit gewoon in haar.
Met ‘Daisies’ gaat Umsindo echt van start. Een positieve song, die haar liefde voor het moederland tentoon spreidt. De overwegende noot van het album is trouwens positief te noemen. Bitsig wordt het enkel als er betrekking wordt gemaakt tot Muldrows huidige residentie: The United States of America, of dat nu via de vroegere slavernij is of via het huidige beleid. In ‘Caracas’ laat Georgia Anne Muldrow er geen twijfel over bestaan: “I’m not a part of this country, there ain’t no America in me”.
Naarmate het album vordert lijkt de klemtoon steeds meer van het universele naar het persoonlijke te verschuiven. Voor haar is het een kleine stap, van Afrika naar Georgia; of zelfs géén stap at all. Die kentering is merkbaar in ‘Roses’, misschien wel dé toptrack van het album. Mochten radiostations deze song oppikken, het werd gegarandeerd een hit in de charts. En ‘Roses Pt. 2’ een banger in de clubs (in de Tiësto-remix welteverstaan). Ook andere topsongs als ‘Idlozi’, ‘E.S.P.’ en ‘De Wiz’ (hoewel misschien minder hitgevoelig) tonen op een bijzondere manier een diepere kijk in de ziel van Georgia Anne Muldrow.
Het valt op dat Umsindo als geheel bijzonder aangenaam wegluistert, daar waar haar eerste langspeler nog een ietwat schokkender tempo had. Muldrow heeft duidelijk evenveel tijd gestoken in het maken van een goed album als in het maken van goede songs. Zo kan je hier heel wat ‘tussenstukken’ terugvinden, die twee liedjes naadloos met elkaar verbinden (vaak de tracks onder de 2 minuten). Het is zowat het tegenovergestelde van een interlude, wat meer iets onderbrekends, vaak vervelend en compleet nutteloos is. Als songs op zich zouden deze tracks wat magertjes uitvallen, maar binnen deze context zijn ze perfect. Het is de lijm die het geheel bijeen houdt.
Een hele bank vooruit met deze release, en da’s niet enkel muzikaal gesproken! Na een vijftal releases als uitvoerend artiest sinds 2006, lijkt het alsof we met Umsindo voor het eerst Georgia Anne Muldrow echt als persoon leren kennen. Het mag dan verkocht worden als een Afrika-tribute, in werkelijkheid heeft dit album maar één bestemming: Georgia!
Hoewel Umsindo wat traag op gang komt, schetst het wel meteen een goed beeld van waar het album naar toe gaat. Het verhaal van Georgia Anne Muldrow (en haar voorouders) wordt op gang getrokken. Dat ze daarbij zulke synthy sounds gebruikt is best verrassend gezien het Afrikaanse thema. Muldrow hoeft dan ook niet in cliché’s te vervallen; haar songs ademen Afrika. Het zit gewoon in haar.
Met ‘Daisies’ gaat Umsindo echt van start. Een positieve song, die haar liefde voor het moederland tentoon spreidt. De overwegende noot van het album is trouwens positief te noemen. Bitsig wordt het enkel als er betrekking wordt gemaakt tot Muldrows huidige residentie: The United States of America, of dat nu via de vroegere slavernij is of via het huidige beleid. In ‘Caracas’ laat Georgia Anne Muldrow er geen twijfel over bestaan: “I’m not a part of this country, there ain’t no America in me”.
Naarmate het album vordert lijkt de klemtoon steeds meer van het universele naar het persoonlijke te verschuiven. Voor haar is het een kleine stap, van Afrika naar Georgia; of zelfs géén stap at all. Die kentering is merkbaar in ‘Roses’, misschien wel dé toptrack van het album. Mochten radiostations deze song oppikken, het werd gegarandeerd een hit in de charts. En ‘Roses Pt. 2’ een banger in de clubs (in de Tiësto-remix welteverstaan). Ook andere topsongs als ‘Idlozi’, ‘E.S.P.’ en ‘De Wiz’ (hoewel misschien minder hitgevoelig) tonen op een bijzondere manier een diepere kijk in de ziel van Georgia Anne Muldrow.
Het valt op dat Umsindo als geheel bijzonder aangenaam wegluistert, daar waar haar eerste langspeler nog een ietwat schokkender tempo had. Muldrow heeft duidelijk evenveel tijd gestoken in het maken van een goed album als in het maken van goede songs. Zo kan je hier heel wat ‘tussenstukken’ terugvinden, die twee liedjes naadloos met elkaar verbinden (vaak de tracks onder de 2 minuten). Het is zowat het tegenovergestelde van een interlude, wat meer iets onderbrekends, vaak vervelend en compleet nutteloos is. Als songs op zich zouden deze tracks wat magertjes uitvallen, maar binnen deze context zijn ze perfect. Het is de lijm die het geheel bijeen houdt.
Een hele bank vooruit met deze release, en da’s niet enkel muzikaal gesproken! Na een vijftal releases als uitvoerend artiest sinds 2006, lijkt het alsof we met Umsindo voor het eerst Georgia Anne Muldrow echt als persoon leren kennen. Het mag dan verkocht worden als een Afrika-tribute, in werkelijkheid heeft dit album maar één bestemming: Georgia!
Gil Scott-Heron - I'm New Here (2010)

4,5
0
geplaatst: 22 februari 2010, 14:54 uur
Vier weken geleden botste ik midden in de nacht in een zoveelste verwoede poging een leak van dit album te vinden op een leak van dit album. Twee weken geleden was het tijd om naar de winkel te lopen voor de officiële release van de cd. Vandaag luister ik naar I’m New Here op vinyl. Je kan je afvragen waarom zoveel geld spenderen voor iets dat er eerder én goedkoper (gratis) was. Mensen die vandaag naar de vinyl luisteren weten het antwoord al. Een geheel nieuwe bonus-LP (met herwerkingen van oude songs en het nooit eerder uitgebrachte jazzy ‘My Cloud’) is het begin, het mooi vormgegeven pakket het vervolg.
Bijgevoegd daarbij zitten twee losse foto-afdrukken. De ene toont een lantaarnpaal op de hoek van 125th Street en Lenox Avenue, verwijzend naar Gil Scott-Heron’s baanbrekende debuutplaat. Op de andere zien we de man himself 40 jaar later aan de voet van zijn even baanbrekende vijftiende release. Duidelijk getekend door the sign of the ages, en dus met bijbehorende bompapet, zien we een artiest die elk woord dat hij ooit voortbracht ook geleefd heeft, maar nooit te beroerd zal zijn om nog een speelse pruillip te trekken.
Z’n vijftiende album “I’m New Here” noemen, kan ook als een speelse knipoog opgevat worden. Het gaat wel verder dan dat. Ouwe Gil begeeft zich immers niet enkel muzikaal in nieuwe wateren, tekstueel geeft hij zich meer bloot dan ooit tevoren. Gil Scott-Heron houdt zich voor dit album z’n reeds 60-jarige spiegel voor, zonder het proberen te verbergen van de barsten. Kan ook moeilijk anders met deze, door allerlei vuiligheid gebroken, stem. Het komt de songs over zelfreflectie alleen maar ten goede en maakt al wat hij hier voortbrengt eens zo oprecht.
Het is misschien vreemd om je meest persoonlijke album dusver te beginnen met een sample van Kanye West en een drietal covers, maar in wezen vertellen deze nummers evenveel over Gil dan z’n zelfgeschreven songs. Een nieuwe start nemen, waar het in het titelnummer (oorspronkelijk van Smog) over gaat, is een boodschap op zijn lijf geschreven. Want hij mag dan jarenlang de stem zijn geweest van de minder bedeelden en steeds het onrecht in deze wereld hebben aangevochten, een heilige is Gil nooit geweest. Hij erkent ook zijn fouten via Robert Johnson’s ‘Me and the Devil’. Deze twee covers alsook ‘I’ll Take Care of You’ van Bobby Bland zijn naast inhoudelijk goede keuzes tevens sterk uitgevoerde composities die zonder probleem naast de fantastische originelen kunnen staan, en zelfs meer dan dat. De minimale industrial boom bap versterkt de boodschap en zorgt voor een intrigerend contrast tussen de koele aanpak, maar het o zo warme eindresultaat.
Een man die ongetwijfeld een belangrijke rol speelde in deze nieuwe stijl is producer en aanzetter tot dit project, Richard Russell, de baas van XL Records. Hij schreef ook een aantal van de composities op dit album. Gelukkig deed hij zijn job met het oog op een Gil Scott-Heron-plaat. Teksten zijn, afgezien van de drie covers, natuurlijk wel geheel afkomstig van Gil. In de interludes komen we ook heel wat te weten over de artiest en zijn visie. Hoewel het simpelweg stukjes van opgenomen gesprekken zijn, klinkt ook dat gewoon erg poëtisch. Alles bij elkaar is dit maar een goeie minuut; een halfuur praten met hem moet gewoon Verlichting zijn. Concurreren met de echte songs kunnen de interludes natuurlijk niet, maar ze maken het album wel completer.
Twee songs heeft Gil wel volledig zelf geschreven, niet toevallig mijn favorieten. ‘Where Did the Night Go’ is een treffende weergave van een slapeloze nacht veroorzaakt door een vol hoofd. De dreigende muzikale ondertonen zorgen voor een beleving van zo’n slapeloze nacht op eender welk moment van de dag. “I should have been asleep when I turned the stack of records over and over, so I wouldn’t be up by myself”, het zal getroubleerde muziekliefhebbers niet vreemd in de oren klinken. Z’n andere eigen compositie, ‘New York Is Killing Me’, is een heuse spiritual anno 2010. Begeleidt door handclaps en bescheiden percussie, versterkt met wat vrouwelijk stemgeluid, komen de problemen van de 21ste eeuw naar voren. Het verlangen van een ouder wordende man in de alsmaar drukkere, maar ook steeds eenzamer wordende, grootstad verschuift naar nieuwe luxezaken als rust en vrede. Gelukkig weet Gil waar dat te vinden: Jackson, Tennessee.
Het is opmerkelijk, het verhaal van I’m New Here: Gil Scott-Heron die na jarenlange afwezigheid gewoon weer leuk terugkomt met een enorm vooruitstrevend album dat ook daadwerkelijk iets toevoegt en relevant is binnen de hedendaagse muziekscene. Het is opmerkelijk, omdat dit nu de tweede keer is, na Spirits uit 1994, dat hij zoiets weet te flikken. Een derde geniale comeback hoeft echter niet voor mij, want topplaten als die twee mogen gerust met een zekere regelmaat verschijnen!
Bijgevoegd daarbij zitten twee losse foto-afdrukken. De ene toont een lantaarnpaal op de hoek van 125th Street en Lenox Avenue, verwijzend naar Gil Scott-Heron’s baanbrekende debuutplaat. Op de andere zien we de man himself 40 jaar later aan de voet van zijn even baanbrekende vijftiende release. Duidelijk getekend door the sign of the ages, en dus met bijbehorende bompapet, zien we een artiest die elk woord dat hij ooit voortbracht ook geleefd heeft, maar nooit te beroerd zal zijn om nog een speelse pruillip te trekken.
Z’n vijftiende album “I’m New Here” noemen, kan ook als een speelse knipoog opgevat worden. Het gaat wel verder dan dat. Ouwe Gil begeeft zich immers niet enkel muzikaal in nieuwe wateren, tekstueel geeft hij zich meer bloot dan ooit tevoren. Gil Scott-Heron houdt zich voor dit album z’n reeds 60-jarige spiegel voor, zonder het proberen te verbergen van de barsten. Kan ook moeilijk anders met deze, door allerlei vuiligheid gebroken, stem. Het komt de songs over zelfreflectie alleen maar ten goede en maakt al wat hij hier voortbrengt eens zo oprecht.
Het is misschien vreemd om je meest persoonlijke album dusver te beginnen met een sample van Kanye West en een drietal covers, maar in wezen vertellen deze nummers evenveel over Gil dan z’n zelfgeschreven songs. Een nieuwe start nemen, waar het in het titelnummer (oorspronkelijk van Smog) over gaat, is een boodschap op zijn lijf geschreven. Want hij mag dan jarenlang de stem zijn geweest van de minder bedeelden en steeds het onrecht in deze wereld hebben aangevochten, een heilige is Gil nooit geweest. Hij erkent ook zijn fouten via Robert Johnson’s ‘Me and the Devil’. Deze twee covers alsook ‘I’ll Take Care of You’ van Bobby Bland zijn naast inhoudelijk goede keuzes tevens sterk uitgevoerde composities die zonder probleem naast de fantastische originelen kunnen staan, en zelfs meer dan dat. De minimale industrial boom bap versterkt de boodschap en zorgt voor een intrigerend contrast tussen de koele aanpak, maar het o zo warme eindresultaat.
Een man die ongetwijfeld een belangrijke rol speelde in deze nieuwe stijl is producer en aanzetter tot dit project, Richard Russell, de baas van XL Records. Hij schreef ook een aantal van de composities op dit album. Gelukkig deed hij zijn job met het oog op een Gil Scott-Heron-plaat. Teksten zijn, afgezien van de drie covers, natuurlijk wel geheel afkomstig van Gil. In de interludes komen we ook heel wat te weten over de artiest en zijn visie. Hoewel het simpelweg stukjes van opgenomen gesprekken zijn, klinkt ook dat gewoon erg poëtisch. Alles bij elkaar is dit maar een goeie minuut; een halfuur praten met hem moet gewoon Verlichting zijn. Concurreren met de echte songs kunnen de interludes natuurlijk niet, maar ze maken het album wel completer.
Twee songs heeft Gil wel volledig zelf geschreven, niet toevallig mijn favorieten. ‘Where Did the Night Go’ is een treffende weergave van een slapeloze nacht veroorzaakt door een vol hoofd. De dreigende muzikale ondertonen zorgen voor een beleving van zo’n slapeloze nacht op eender welk moment van de dag. “I should have been asleep when I turned the stack of records over and over, so I wouldn’t be up by myself”, het zal getroubleerde muziekliefhebbers niet vreemd in de oren klinken. Z’n andere eigen compositie, ‘New York Is Killing Me’, is een heuse spiritual anno 2010. Begeleidt door handclaps en bescheiden percussie, versterkt met wat vrouwelijk stemgeluid, komen de problemen van de 21ste eeuw naar voren. Het verlangen van een ouder wordende man in de alsmaar drukkere, maar ook steeds eenzamer wordende, grootstad verschuift naar nieuwe luxezaken als rust en vrede. Gelukkig weet Gil waar dat te vinden: Jackson, Tennessee.
Het is opmerkelijk, het verhaal van I’m New Here: Gil Scott-Heron die na jarenlange afwezigheid gewoon weer leuk terugkomt met een enorm vooruitstrevend album dat ook daadwerkelijk iets toevoegt en relevant is binnen de hedendaagse muziekscene. Het is opmerkelijk, omdat dit nu de tweede keer is, na Spirits uit 1994, dat hij zoiets weet te flikken. Een derde geniale comeback hoeft echter niet voor mij, want topplaten als die twee mogen gerust met een zekere regelmaat verschijnen!
Gil Scott-Heron and Jamie xx - We're New Here (2011)

4,0
0
geplaatst: 9 februari 2011, 20:21 uur
Was z’n comebackplaat vorig jaar al een grote schok voor vele Scott-Heron-fans, zal dit remixproject misschien wel een hartattack links of rechts weten te veroorzaken (we wachten vol spanning af...). Met de meester zelve heeft dit album immers nog maar weinig te maken; het is Jamie Smith van The xx die hier de plak zwaait! Zelfs voor de vocalen moest Gil z’n zetel niet meer uit, alles komt rechtstreeks van I’m New Here. De oude man vindt het best en laat het allemaal maar gebeuren...
De eerste single NY Is Killing Me was meteen raak. De aanwezigheid van Gil wordt herleidt tot een enkel zinnetje en gelinkt aan een sample van iets dat het midden houdt tussen een getormenteerde baby en een triestig schaap, dit alles tegen een muur van de meest waanzinnige electro-sirene-noise-achtige toestanden en de eerste Scott-Heron-fan-hartattack is binnen. Ik ben er na vele malen luisteren weer bovenop en kan nu wel helemaal opgaan in deze hardere sound. Dat gezegd zijnde kwam de tweede single toch wel als een godsgeschenk. I’ll Take Care of U was een beleefd compromis van Jamie en liet de zanger waar het hier zogezegd om draait weer even de zanger zijn waar het hier om draait. Deze song is ook een juistere voorbode voor de rest van het album. Jamie gooit alle remmen los, maar laat Gil prominent meespelen.
Qua geluid is We’re New Here eigenlijk niet zo gek anders als I’m New Here of (vooral) xx, het gaat alleen sneller, harder en geschifter! Er zit veel plezier in dit project, dat merk je gewoon! Jamie xx speelt het een beetje als de kleine jongen in de snoepjeswinkel. De albumopener geeft gelijk het voorbeeld als we naast Gil een sample van Gloria Gaynor tegenkomen. Een grotere mismatch bestaat er waarschijnlijk niet, maar het levert wel prachtige dialogen op:
“I met him at a party”
“Met a woman in a bar”
“He said the sweetest things”
“Told her I was hard to get to know”
“I was lonely and naive”
“And nearby impossible to forget”
“I guess that’s why I believed every word he said”
Hoe hij het in zijn hoofd haalt de discodiva erbij te halen en er toch mee wegkomt, is vrij geniaal. En ook gewoon ontzettend grappig! Humor is een belangrijke factor in dit remixalbum. De beats en bliepjes achter de schorre zanger, het levert soms maffe combinaties op. Het toont dat Smith het originele album helemaal uitgepluisd heeft en alles door en door kent, want het werkt gewoon! Ook tof is dat hij materiaal gebruikt van de bonus-LP, waardoor een prachtnummer als My Cloud voor velen (in een weliswaar andere gedaante) voor het eerst te horen valt.
De remixes zinderen en beven, maar weten soms ook nog de gevoelige snaar te raken en omvatten, als je goed luistert, nog een bepaalde essentie van de originelen.
De oude man bekijkt het vanop afstand. Die jonkies met hun techno, ze doen maar; na jaren in de cel kan hij vast nog een extra zakcentje gebruiken. En voor even rolt zijn naam weer over ieders tongen. Met dank aan de vakkundige techno (en het nodige respect) van Jamie xx!
De eerste single NY Is Killing Me was meteen raak. De aanwezigheid van Gil wordt herleidt tot een enkel zinnetje en gelinkt aan een sample van iets dat het midden houdt tussen een getormenteerde baby en een triestig schaap, dit alles tegen een muur van de meest waanzinnige electro-sirene-noise-achtige toestanden en de eerste Scott-Heron-fan-hartattack is binnen. Ik ben er na vele malen luisteren weer bovenop en kan nu wel helemaal opgaan in deze hardere sound. Dat gezegd zijnde kwam de tweede single toch wel als een godsgeschenk. I’ll Take Care of U was een beleefd compromis van Jamie en liet de zanger waar het hier zogezegd om draait weer even de zanger zijn waar het hier om draait. Deze song is ook een juistere voorbode voor de rest van het album. Jamie gooit alle remmen los, maar laat Gil prominent meespelen.
Qua geluid is We’re New Here eigenlijk niet zo gek anders als I’m New Here of (vooral) xx, het gaat alleen sneller, harder en geschifter! Er zit veel plezier in dit project, dat merk je gewoon! Jamie xx speelt het een beetje als de kleine jongen in de snoepjeswinkel. De albumopener geeft gelijk het voorbeeld als we naast Gil een sample van Gloria Gaynor tegenkomen. Een grotere mismatch bestaat er waarschijnlijk niet, maar het levert wel prachtige dialogen op:
“I met him at a party”
“Met a woman in a bar”
“He said the sweetest things”
“Told her I was hard to get to know”
“I was lonely and naive”
“And nearby impossible to forget”
“I guess that’s why I believed every word he said”
Hoe hij het in zijn hoofd haalt de discodiva erbij te halen en er toch mee wegkomt, is vrij geniaal. En ook gewoon ontzettend grappig! Humor is een belangrijke factor in dit remixalbum. De beats en bliepjes achter de schorre zanger, het levert soms maffe combinaties op. Het toont dat Smith het originele album helemaal uitgepluisd heeft en alles door en door kent, want het werkt gewoon! Ook tof is dat hij materiaal gebruikt van de bonus-LP, waardoor een prachtnummer als My Cloud voor velen (in een weliswaar andere gedaante) voor het eerst te horen valt.
De remixes zinderen en beven, maar weten soms ook nog de gevoelige snaar te raken en omvatten, als je goed luistert, nog een bepaalde essentie van de originelen.
De oude man bekijkt het vanop afstand. Die jonkies met hun techno, ze doen maar; na jaren in de cel kan hij vast nog een extra zakcentje gebruiken. En voor even rolt zijn naam weer over ieders tongen. Met dank aan de vakkundige techno (en het nodige respect) van Jamie xx!
Goapele - Break of Dawn (2011)

4,0
0
geplaatst: 5 november 2011, 15:39 uur
Zes jaar sinds haar laatste album toont Goapele nog steeds op de hoogte te zijn van het gebeuren in de muziekwereld! Ze verkent de nieuwe paden in R&B, doordrenkt van electronics en synthesizers, en koppelt dat aan haar geliefde soulsound, beladen met groovende bassen en funky drums. Ook tekstueel mag het allemaal wat spannender. Weg zijn de white tee’s en jeans, in de plaats stimuleert ze de luisteraar met een paar stijlvolle pumps en een klassevol cocktailjurkje! Mocht u de nieuwste single Play nog niet gehoord hebben of (vooral) de bijbehorende clip nog niet gezien: haar sex-appeal wordt ten volle uitgespeeld, maar op een uiterst suggestieve sensuele manier, een wereld van verschil met de geschifte ranzigheid die in de huidige hitlijsten terug te vinden is. Giet daar het eigenzinnige laidback Goapele-sausje over en je krijgt met Break of Dawn een eigentijdse en relevante sound van een artieste die meegaat met de tijd en nieuwe facetten tentoon spreidt zonder zichzelf te verloochenen.
Een van de opwindenste tracks van de afgelopen jaren gaat niet voor de goedkope verleiding, maar spreekt op een bijzonder aantrekkelijke manier de verbeelding aan. Play wordt gedreven door onderhuidse, uiterst zachte synths waarover Goapele langzaam heen glijdt. Haar gevarieerde vocalen gaan naar ongekende plaatsen en vloeien intens soepel over de muziek heen. Lenigheid is troef in zulke situaties! Zowat alle nummers bevatten zowel electronische elementen als analoge instrumentatie, de nadruk durft wel eens te verschuiven en dat maakt het bijzonder interessant. Zo krijgt Money, de andere topper van het album, in tegenstelling tot Play meer een live soulkarakter, zoals vanouds. Met zijn ultieme baslijn en geldcrisislyrics resulteert dat in een lekker actuele funksong:
“It might seem like money’s got it all, But money took a fall, It ain’t failproof, Like our love is” en zo kan je er nog een liefdesverklaring van maken! Bijzonder lekker en doordacht nummer!
De meeste nummers worden mooi uitgebalanceerd tussen een moderne en een traditionele wereld, alletwee werelden waar Goapele zich duidelijk thuis voelt. De minste nummers van Break of Dawn zijn dan ook degene die te fors naar de hippe kant willen leunen. Met name Right Here en Milk & Honey klinken te geforceerd modern en vallen opvallend uit de boot met de rest van het materiaal. Niet toevallig gaat het om twee singles die al een tweetal jaar geleden gereleased werden. Intussentijd evolueerde de sound van Goapele wel verder, dus was het misschien verstandiger geweest deze nummers te vervangen. Verder blijft Break of Dawn een prachtige prestatie van een zangeres die iedereen misschien reeds uit het oog verloren was, wat dus zeker onterecht blijkt te zijn! Ze blijft als artiest nog steeds herkenbaar, maar is duidelijk niet ter plaatse blijven trappelen. Goapele betekent niet voor niks “to move forward” in het Tswana!
Een van de opwindenste tracks van de afgelopen jaren gaat niet voor de goedkope verleiding, maar spreekt op een bijzonder aantrekkelijke manier de verbeelding aan. Play wordt gedreven door onderhuidse, uiterst zachte synths waarover Goapele langzaam heen glijdt. Haar gevarieerde vocalen gaan naar ongekende plaatsen en vloeien intens soepel over de muziek heen. Lenigheid is troef in zulke situaties! Zowat alle nummers bevatten zowel electronische elementen als analoge instrumentatie, de nadruk durft wel eens te verschuiven en dat maakt het bijzonder interessant. Zo krijgt Money, de andere topper van het album, in tegenstelling tot Play meer een live soulkarakter, zoals vanouds. Met zijn ultieme baslijn en geldcrisislyrics resulteert dat in een lekker actuele funksong:
“It might seem like money’s got it all, But money took a fall, It ain’t failproof, Like our love is” en zo kan je er nog een liefdesverklaring van maken! Bijzonder lekker en doordacht nummer!
De meeste nummers worden mooi uitgebalanceerd tussen een moderne en een traditionele wereld, alletwee werelden waar Goapele zich duidelijk thuis voelt. De minste nummers van Break of Dawn zijn dan ook degene die te fors naar de hippe kant willen leunen. Met name Right Here en Milk & Honey klinken te geforceerd modern en vallen opvallend uit de boot met de rest van het materiaal. Niet toevallig gaat het om twee singles die al een tweetal jaar geleden gereleased werden. Intussentijd evolueerde de sound van Goapele wel verder, dus was het misschien verstandiger geweest deze nummers te vervangen. Verder blijft Break of Dawn een prachtige prestatie van een zangeres die iedereen misschien reeds uit het oog verloren was, wat dus zeker onterecht blijkt te zijn! Ze blijft als artiest nog steeds herkenbaar, maar is duidelijk niet ter plaatse blijven trappelen. Goapele betekent niet voor niks “to move forward” in het Tswana!
