MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten kemm als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Bat for Lashes - The Haunted Man (2012)

poster
4,0
Uitgekleed, maar met manmacht op haar schouders. Ze houdt haar blote ziel toch een dikke mantel voor. Sterker dan haarzelf, mankracht op de schouders. Met dat verschil dat ook de mantelman uitgekleed over haar heen hangt.

Zie dat kettinkje om haar hals, ze laat het niet volledig los. Wat de solopiano en subtiele strijkers in Laura ons ook probeerden wijs te maken. Naakt aangekleed recht vooruit turend om haar balans te vinden, een balans waar ze man en macht voor nodig heeft. Maar ze staat recht.

Met zichzelf in gevecht, mannen over haar schouders gooiend. Maar ze staat recht. De vrouw kan zelfs stappen zetten, linkervoet vooruit op de beat van de drum. Rechtervoet ernaast slepend over de gitaarsnaren. Met Adam en Atlas in haar nek. Linkervoet vooruit op de beat van de drumcomputer, rechtervoet ernaast slepend over de synthtoetsen. Een strijkerbos dat adem aanlevert.

Stilstaand. Niet de man over haar schouder, maar de mannen in haar hoofd houden haar tegen. Strijdend met teveel wapens wordt het teveel, hoe bevrijd ze ook ten oorlog trekt. Maar zelfs met de knieën dichter tot de grond gaat ze, linker vooruit, rechter ernaast. Recht vooruit, marcherend, bevend, man en wereld niet te negeren.

Naakt bloedstollend ingedekt. Puur zingt ze complexloze refreinen. Met de mantel der liefde, der verdriet, der kracht, bedekt. Rauwe tonen van machtige kleuren, de ware kleuren onontdekt. The Haunted Man is de essentie van Bat For Lashes, zonder de weg ernaartoe te hebben toegedekt.

Betty Davis - Is It Love Or Desire (2009)

poster
4,5
Na 2 platen op het kleinere Just-Sunshine-label, vond Betty Davis’ derde de weg naar het veel grotere Island. Ook de opnamen van een vierde album leken van een leien dakje te gaan; men had het over ‘haar beste werk tot nu toe’. Kortom, de toekomst lachte Betty Davis toe. Ergens onderweg ging het echter mis met het grote label, waardoor de opnames voor de geplande vierde release, Crashin’ From Passion, in de kast kwamen te zitten en Davis zelf in de obscuriteit verdween. Nu, 33 jaar na datum, is hij onder een andere titel via een ander label toch in de platenwinkel te vinden. Heeft zo’n release dan eigenlijk nog belang?

Met de drie releases uit de seventies kan je je al een duidelijk beeld vormen van de artiest Betty Davis. Een dame die geen blad voor de mond neemt, het funken naar een heel ander niveau weet te brengen en gewoon een heel intrigerende figuur is.
Dit album blijkt al snel verre van een herhaling te zijn op haar vorige werk, eerder een mooie aanvulling. De titeltrack laat ons even herinneren wat deze zangeres zo fantastisch maakt; de uitdagende funk van voorganger Nasty Gal komt weer tot leven! Op deze plaat gaat ze zo mogelijk nog een stapje verder: kijk naar de titel Whorey Angel en weet hoe laat het is. Jeff Mills, die normaal de keyboards voor zijn rekening neemt, krijgt ook een iets prominentere rol als zanger (wat op Nasty Girl nog beperkt bleef). Samen met Betty is hij het perfecte duo voor deze songs.
Betty zelf weet ook een aantal keren te verrassen. Zo gevoelig als op When Romance Says Goodbye klonk ze bijvoorbeeld nooit eerder. Begeleid door o.a. een Spaanse gitaar (of all funk-instruments) weet Davis op de juiste manier haar emoties over te brengen. Let’s Get Personal is dan weer de geilste blues ooit op plaat gezet en zelfs zoiets tegenstrijdig doet ze erg overtuigend! De meest opzwepende track is zonder twijfel Bar Hoppin’, een dronkemanslied met heerlijke electric keys, een smerige Betty en onze man Jeff Mills again. Op Stars Starve, You Know, nog eens een flinke veeg uit de pan aan alle critici, komen we ook meteen te weten waarom Island Records toch maar afhaakte: ‘Ain’t no business like show business, That’s why we stay broke all the time, We need some money, Oh hey hey Island’.

Had men mij verteld dat Betty dit jaar opnieuw in de studio was gedoken en Is It Love Or Desire het reslutaat daarvan was, had ik dat zonder enige weerstand aanvaard. De muziek klinkt nog altijd even fris en relevant zoals dat 3 decennia terug het geval was, wat eigenlijk opgaat voor heel haar oeuvre. Wat deze release bijzonder maakt is de nieuwe, meer persoonlijke, kanten die we te zien krijgen van een rasartieste als Betty Davis. Zulke opnamen zouden nooit 33 jaar in een kast mogen doorbrengen!

Betty Wright - Live (1978)

poster
2,5
10.000 man in een voetbalarena en Betty Wright die haar bindteksten uitbrengt als stond ze thuis tegen haar badkamermuren te praten, nee als live-album is dit twee keer niks. Schaamtelijk zelfs.

Dan maar vanuit een muzikaal standpunt bekijken en daar valt met een complete band achter een zangeres als Betty weinig op aan te merken. Ze doet haar job zoals het moet en zingt de longen uit haar lijf als het kan. De instrumentatie mocht wat speelser zijn, zeker als ze een echt live-optreden willen simuleren (sorry, ik kan het niet laten). Ook blijft het na de bijzonder lekkere start met Lovin' Is Really My Game met de twee uitgesponnen opvolgers te lang in een gezapige mid-tempo-groove. Als er een publiek was (nogmaals sorry) en ik stond er tussen, zou ik hier al nerveus heen en weer staan schuifelen. Het geweldige Clean Up Woman na amper anderhalve minuut afbreken om een medley der soulklassiekers te beginnen was ook niet de beste keuze, aangezien mevrouw het nodig vindt elk nummer ook nog eens uitgebreid in te leiden en ze uiteindelijk de helft van de tijd staat te kwebbelen, terwijl het muzikaal verder maar wat aanmoddert. Ik snap de toegevoegde waarde niet.

Weet je hoe soms op een écht optreden (sorry, laatste keer) een prachtig intiem moment tussen jou en performer wordt verstoord door het gefezel van de mensen achter je? Hier moet Betty tijdens het mooie You Can't See for Lookin' na een driedubbele salto de winnende goal hebben gescoord, aan het gejuich van het publiek te horen. Op dit moment stoort het me het hardst. En wanneer ze vertelt dat ze een van haar grootste hits gaat zingen waar ze een Grammy voor heeft gekregen, blijft het muisstil... Als het echt was (oeps, toch nog één keer, sorry)...

Het album heb ik al minstens twee jaar in mijn kast staan en in die tijd al minstens twee maal beluisterd. Toen dit Soulalbum van de week werd dacht ik dat het enkel omwille van de storende publiek-opname was, maar uit de afgelopen weken is gebleken dat het ook als album te min is voor dit soort artieste. De opbouw is weinig doordacht en qua uitvoering worden er meerdere foute keuzes gemaakt. Ik zal niet ontkennen dat hier en daar wat leuke momenten vallen te rapen, maar het zou me niet verbazen als het weer twee jaar zal duren alvorens ze weer terug te horen.

Beyoncé - Beyoncé (2013)

poster
4,5
En weer loopt Beyoncé achter de feiten aan. Trendfollower staat haar dan ook beter dan de rol van trendsetter die ze vaak krijgt toegeschreven. Maar de manier waarop ze hier achterop hinkelt en vooral de kwaliteit van haar bijbenen doen de interesse in deze ietwat belegen wereldster helemaal opleven!

Meer dan de leuke single had Beyoncé niet, daar ben ik vier albums van overtuigd geweest. En dan is dit de truuk om non-believers in de val te lokken. Geen singles, geen sexy albumhoes, geen multimillion-hit YouTube-clip, gewoon, Beyoncé. De rest krijg je als je besluit de cd in huis te halen en het eerste dat naar je staart, wanneer je de blanco zwarte hoes verwijdert, weer d’r dikke, naakte reet is. Ach ja, girls will be girls...

Om, gewoon, Beyoncé te kunnen zijn, moet ze wel een heleboel mensen aanspreken. Ze komt ook meer over als een meester touwtjestrekker dan een muzikaal genie. Als het allemaal in het teken staat van het gewenste eindresultaat, waarom niet. Pharrell Williams, Timbaland, Drake, Frank Ocean, ze werken allemaal voor de Queen B, ongetwijfeld goed gebrieft voor wat en voor wie ze werken. Blow kon zo op The 20/20 Experience, en toch weer niet. Mine kon zo op Nothing Was the Same, en toch weer niet.

Voor een, gewoon, Beyoncé album beweegt ze zich ver buiten haar comfort zone. Ze is minder, maar daarmee ook meer. Minder prominent, meer vuilbekkend. Ze ontdekt de schoonheid van het kleine, het lelijke zelfs, en trekt zich op de meest stijlvolle manier van niks aan. Genoeg hits, cribs en million dollar bills verdient. Niet dat ze met dit album niet weer wat van dat alles zal verwerven, maar er ligt een andere intentie aan de dag. Een dieper gravend geheel, een visie die voor een betekenisvollere nalatenschap moet zorgen. Meer een stap die je van Rihanna eindelijk eens zou verwachten, maar blijkbaar komt het met de leeftijd.

Het visuele aspect van dit, gewoon, Beyoncé concept boekt nog de minste progressie. Daar zien we zoals gewend weer alles vanvoor, vanachter, opzij en -op een haar na- vanbinnen. Al versterkt het af en toe, zo tussen de billen door, de achterliggende gedachte en krijgen we beschaafd een echte kijk binnenin. Geen must, voor de creatieve invulling noch de succesvolle marketingstunt, maar een zeer appetijtelijke bonus niettemin. Er zijn vreselijkere dingen gebeurd met dat greintje gezonde grootheidswaanzin.

Zoek voor het hopeloos subtiele in de muziek, maar laat je evenzeer overvallen door het grof expliciete. Het is, gewoon, Beyoncé, die uitersten uitspeelt om haar innerlijke demonen te bevrijden. Ze volgt de trend van de dag, maar op een geloofwaardige, persoonlijke manier. Een noodzakelijke ‘maar’ die het totnogtoe te vaak moest ontgelden in haar werk.

Niks nieuws onder de zon, enkel voor Beyoncé is, gewoon, het ganse universum verschoven.

Bilal - A Love Surreal (2013)

poster
2,5
Geen soulgrootheid of John Coltrane (met deze albumtitel) is Bilals grote inspiratiebron voor zijn derde officiële langspeler, wel Salvador Dalí, de excentrieke surrealistische kunstschilder. Altijd gevaarlijk als muziek zich aan beeldende kunst gaat toetsen en ook Bilal komt hier niet zonder kleerscheuren uit.

Zijn eigen muzikale ‘surrealistische’ zoektocht leidt tot een grote hutsepot aan geluid. De mix van soul, funk, electronica en psychedelica creëert op zich een mooi geluid, in de trant van zijn Airtight’s Revenge, alleen gaat hij in zijn stap verder soms een stap te ver. Om de kunstzinnige kant te waarborgen lijkt het nodig de muziek vol te stouwen met uiteenlopende impressies en soundscapes, met een slepende verzameling stuurloze nummers tot gevolg. Klonk het niet zo scherp betrof het hier je reinste muzak. Bilal heeft op dit album meer in eigen handen gehad, maar houdt het daarmee niet altijd in de hand. Iemand om tijdig de rem in te drukken was wellicht een welbesteed loon geweest. Mogelijk geval van goeie zanger, beperkt producer/songwriter? Het album mist alleszins duidelijkheid, over wat het nu precies wil zijn.

Een beeldend artistieke visie naar geluid vertalen is niet evident, en eerlijk gezegd als concept op zich nogal bedenkelijk. Als dan ook de inhoudelijke invulling achterwege blijft heeft het album eigenlijk geen enkel been om op te staan.

Billie Black - Teach Me (2015)

poster
4,0
Waar drift en lust nooit ver weg zijn bij de meeste van haar stijl- en generatiegenoten, prikkelt deze zangeres eerder met haar gesofisticeerde sound bol van liefdesperikelen en stijlvolle beats. Het nummer dat het meest in het oog springt is Going Under, dat na een bedrieglijk sereen intro transformeert in een vurig dansnummer. Het subtielere Disclosure-werk zeg maar. Ook het titelnummer laat haar mooiste kan zien, dankzij de haast tot opera gestileerde zang en een beat die niet weet of hij pure soul of throwback garage wil zijn. Luchtig of donker, ze geeft de perfecte beladenheid aan de muziek, terwijl de producties tegelijk ongecompliceerd en inventief in elkaar zitten. Haar twee EP's (check zeker ook 000 100) zijn meer dan visitekaartjes, het is een claim op een plek die enkel de hare is. Billie Black, tag die naam.

Billie Holiday - Lady in Satin (1958)

poster
3,0
Strings moest ze hebben. En Lady Day kreeg strings. Was het een beetje grootheidswaanzin, zo’n heel orkest achter je voorzien? Of gewoon de werkwijze van de tijd, bigbands op overschot? Of toch om haar gebroken stem wat op te honingen? Haar stem leek naar het einde toe als kalksteen af te brokkelen, en aan de grove happen te horen zat ze hier tegen het einde aan...

Gorgelend, spuwend en naar adem happend over de meest feeërieke symfonieën, Billie over deze bigband is een enorme mismatch. Lady doet sophisticated, maar da’s met reden nooit echt haar titel geweest. De werelden tussen hoofdpersonage en decor liggen zo extreem ver uiteen dat het ergens wel intrige opwekt. Was het een beetje grootheidswaanzin, of gewoon de werkwijze van de tijd, of toch om haar gebroken stem wat op te honingen?

Haar schurende stem scheurt het satijnen laken aan flarden, terwijl verheven strijkers haar extramenselijk stemgeluid op een surrealistisch voetstuk heffen. Het klopt niet. Als een coupe champagne met een scheutje cassis. Je kapt het gemakkelijk naar binnen tijdens die sombere feestdagen, maar het prikkelt lang niet zoals het pure goedje.

Lady in Satin is nooit wie Billie Holiday is geweest. Ze was altijd meer Lady die de Blues zong en dat zal ze ook voornamelijk blijven!

Billie Holiday - Lady Sings the Blues (1956)

poster
5,0
In 1956 had Billie Holiday haar leven al geleden. En dat leven-lijden maakt Lady Sings the Blues. Je kan de begeleidende gelijknamige biografie lezen, maar uiteindelijk vertelt haar stem alles. Er zit een wereld van verschil tussen haar eerste opname van Strange Fruit in 1939 en de versie op dit album. Alsof ze zelf intussen een paar keer tot de populieren is verwezen. Je ruikt een crime scene, proeft de bitterheid, voelt de impact, op Billie, in Billie, in de pianoaanslagen, in de koperaanval, door Billie, dankzij Billie. Gruwelijk intens.

Mrs. Holiday bepaalt het tempo, dit is haar levensverhaal. Elke whisky die ze naar binnen kapte zal de klarinettist geroken hebben, elk traan die viel zal de trompettist geproefd hebben, elke trap die ze incasseerde zal de pianist gevoeld hebben. Billie laat je er niet om heen, de muzikanten zullen het vatten. Een publiek leek nog niet eens nodig, met deze therapeutische uitval aan emotie en zelfreflectie. Zou ze het zelf geweten hebben?

Eigenlijk had Billie Holiday in 1956 nog maar een schim van zichzelf moeten zijn. In de plaats lijkt het alsof met elke tegenslag haar geluid intensifieerde. Haar lichaam wankelde, maar haar gevoel viel nog nooit ze duidelijk met de vinger te duiden. Billie Holiday, Lady Sings the Blues, heldere gedachten in troebele gedaante.

Black Dub - Black Dub (2010)

poster
4,0
Met Black Dub gaat Daniel Lanois de nostalgische toer op. Knipoogjes naar de oudere rock, soul, blues en dub zijn volop aanwezig, maar het blijkt toch nog iets anders te zijn: nostalgie naar het muziek maken zelf.

Het was al duidelijk uit de filmpjes die nu reeds een jaar op YouTube circuleren: het plezier van een band hebben en samen spelen is de essentie van veel muziek, van Black Dub alleszins. Een gevoel dat Lanois, voornamelijk producer zijnde, misschien te vaak heeft gemist. Hij mag dan ook hier zo goed als alles geschreven en geproduceert hebben, op het eindproduct is hij toch vooral one of the band. De Canadees staat daarin naast drummer Brian Blade, bassist Daryl Johnson en zangeres Trixie Whitley: stuk voor stuk topmuzikanten, want met plezier kom je natuurlijk maar zo ver.
Als je voor het eerst het album draait is het nog even schrikken als er hier en daar wat echo’tjes achter de vocals zijn gezet en het keyboard net iets opvallender wordt gebruikt, maar verder wordt de live-feel van de eerdere filmpjes sterk behouden. Met zijn verschillende invloeden wordt door deze aanpak de samenhang bewaard en krijg je een aangename en boeiende rit.
De soul van dit project zit ‘m vooral in de vocalen. Trixie Whitley heeft een ontzettend lekkere grol in haar diepe, soms hese stem, wat maakt dat deze twintiger met gemak overeind blijft op de muziek van haar ietsjes oudere collega’s. Deze mannen weten trouwens ook wat soul is en laten dat doorschijnen in hun samenzang en andere vocale toetsen. Vooral de zanger die even komt meezingen op ‘Last Time’ weet hier duidelijk ‘t een en ’t ander vanaf: Brady Blade Sr., dat moet wel pappie van de drummer zijn.

Het is verder onnodig de nummers bij naam te gaan noemen, want dit titelloos debuut vormt een consistent geheel, waar elk nummer zijn eigen identiteit heeft en elk onderdeel van de groep zijn moment heeft om te schitteren. Black Dub overbrugt generatiekloven. Ik kan dan ook geen ziel bedenken hier op MusicMeter die deze muziek niet zou kunnen waarderen.

Blood Orange - Cupid Deluxe (2013)

poster
4,5
Meteen op de back cover staat per nummer al te lezen wie wat heeft bijgedragen aan het album. Zelfs het idee dat Adam Bainbridge (Kindness) blijkbaar had voor de break in Chamakay staat als dusdanig gecrediteerd. Het zegt veel over het soort album dat Cupid Deluxe is geworden: Devonté Hynes als de pater familias van een self-made family die zijn living room jams in een aantal sterke liedjes heeft gegoten. Het resulteert in een warm bad van aalgladde R&B met een rauwe rock & roll attitude en een vettige funkinslag.

Zelden verantwoord, zijn omgeving absorberend vindt Blood Orange de weg in zijn glossy gedachten en guwelijke gevoelens. Een breakupsong als Chamakay een rijk tropisch karakter meegeven, het lijkt meer iets voor de eighties, maar bij Hynes steekt het allerminst af. In het vervagen van cheesy keyboardsounds met de hemelse uitslaken van gastzangeres Caroline Polacheck (Chairlift) versmelt een sound tot een gevoel. De ietwat naïef romantische saxofoon tegenover de vage drums en bassen versterkt deze illusie. Een avontuurlijke aanpak die zijn effect niet mist, en toch nergens vreemd of plastiek overkomt. De kleur die eigenlijk het hele album uitslaat.

De zangeressen, met naast Polacheck ook Samantha Urbani (Friends), spelen een even grote rol als Hynes’ zangpartijen. Ze openen de dialoog die verschillende nummers in richtingen brengen waar ze anders nooit waren geraakt. Hetzelfde geldt voor de twee nineties-rappers, die recht uit een in ‘91 ingevroren clausule lijken te zijn ontsnapt om Cupid Deluxe extra te kruiden. Om van de sporadisch terugkerende Kindness nog maar te zwijgen; hij deed duidelijk meer dan een break verzinnen en laat met zijn funky post-post(en ja doe nog maar één)-postdisco sound de nodige sporen na. Met verschillende individuen die hun moment krijgen om een stempel drukken, verliest het album al zijn voorspelbaarheid. Het resulteert juist in spannende, organische composities die onder het oog van Dev Hynes tot een verstaanbaar album worden gekneed.

Time Will Tell is de ideale afsluiter. Het vat niet alleen verschillende elementen binnen het album samen, het dubbel onderstreept nogmaals de warme en eigenzinnige DIY-WALHFF sound die Cupid Deluxe zo kenmerkt, de Do-It-Yourself-With-A-Little-Help-From-Friends sound.

Bobby Womack - The Bravest Man in the Universe (2012)

poster
4,0
Tijd voor een vergelijkende studie. Want het is me nog niet gelukt dit album te beluisteren zonder I’m New Here van Gil Scott-Heron in het achterhoofd te houden. Als zelfs label, producersnamen en sound dezelfde zijn is dat geen wonder natuurlijk. Twee verouderde stemmen in strijd met de nieuwe electronica, maar uiteindelijk toch verre van inwisselbaar met elkaar...

Sowieso is Bobby Womack altijd meer een traditionele soulzanger geweest en dat komt ook in zijn geüpdate versie nog duidelijk naar voren. Die traditie heeft hem een aantal soul- en funkklassiekers opgeleverd, maar als je dan bekijkt welke van zijn albums je absoluut in de kast moet hebben staan als liefhebber blijft een resoluut antwoord uit. Daarvoor heeft geen enkel album globaal een grote impact gehad. Bij Gil Scott-Heron blijft eigenlijk ook een finaal antwoord uit, maar dan meer omdat meerdere platen nu een betekisvolle rol kunnen toegeschreven worden. Is het niet de definitieve klassieker Pieces of a Man dan wel een underground lieveling of een van zijn andere onbekende maar vernieuwende platen. Dat ik als soulfan alle platen van Gil Scott-Heron in de kast heb staan, en geen enkele van Bobby Womack gaat dan misschien ook net iets verder dan smaak... In dat opzicht trekken beide comebackplaten de lijn van hun voorbije discografieën door. I’m New Here ging over Gil Scott-Heron, van begin tot einde, letterlijk, tekstueel, maar zeker ook muzikaal. Wat hij nu precies in de pap te brokken had tijdens het productieproces blijft nogal onduidelijk, feit blijft dat niemand ander deze plaat had kunnen maken. Met niemand anders dan Gil Scott-Heron. Bobby Womack weet minder zijn stempel te drukken op de sound, misschien omdat hij minder specifiek een stempel heeft. Uiteindelijk had ook een andere, ietwat ouder wordende, zanger kunnen gecast worden. De authentieke soulzangers worden natuurlijk elk jaar schaarser en het leek wel te klikken met Damon Albarn tijdens Stylo, dus werd Bobby Womack de gelukkige. En waarom niet, het karakter in zijn stem is hij nooit kwijt gespeeld, het is enkel, zoals het hoort, een paar keer vertrappeld geweest. Wat met I’m New Here in retrospect een overduidelijke zwanenzang was, verwacht je met Bobby’s prestaties en songmateriaal op The Bravest Man in the Universe dat hij nog wel een paar jaar zal blijven doorgaan, ondanks dat zijn gezondheid tegenwoordig niet al te best is.

En zo verdwijnt met elke luisterbeurt I’m New Here weer een beetje meer uit het achterhoofd. De clash tussen soul en electronic is wat de albums bindt, zelfs een bepaald gebruik ervan is gelijklopend, maar de betekenis verschilt behoorlijk. Gils bijdrage is dan ook meer een knipoog dan een zinvolle bijdrage. Eigenlijk geldt dat ook voor de overige gastartiesten. Fatoumata Diawara en vooral Lana Del Rey onderstrepen onnodig het eigentijdse karakter van The Bravest Man in the Universe. Lana lijkt zoals altijd nog steeds niet ontwaakt uit haar Video Game en de Malinese Fatoumata laten zo onbegrijpelijk in het Engels opdraven, letterlijk onbegrijpelijk. Terwijl Bobby en de electronics eigenlijk al het hele verhaal vertellen. Niet zo opzienbarend, lang niet zo vooruitstrevend en zeker niet zo apart als die ene van de ander, maar gewoon intrigerend sereen, hoe die heerlijk rasp op een mooie manier die maffe bliepjes volgt. Hoe maffer de bliepjes en hoe sneller het tempo wordt opgedreven, hoe beter Bobby uit de verf komt. Across 110th Street ook altijd beter bevonden dan If You Think You’re Lonely Now - uiteraard. Al ben ik er nog niet helemaal uit of de jazzy eurodance van Love Is Gonna Lift You Up een stap te ver is, of dat ik juist een heel album van dit verlang! Misschien binnen de behoorlijk homogene context van deze plaat toch een stapje te ver, wat niet wegneemt dat zo’n album gerust mag komen! Het feit dat iets jazzy eurodance te noemen valt alleen al... Het laatste nummer zet daarvoor finaal het licht op groen, release in 2013 aub!

Los van het in het leven roepen van een nieuw subgenre, zal ook dit niet de plaat worden die Bobby Womack zijn impact geeft als artiest. Uitstekende zang en overwegend goede nummers zijn daarvoor nu eenmaal niet voldoende. Om een plek in mijn platenkast te veroveren volstaat het dan wel weer ruimschoots! ‘t Heeft lang genoeg geduurd...

Boscoe - Boscoe (1973)

poster
4,5
Fluisterend worden grooves ingezet, grooves die sneller doven dan losbarsten. En nog sneller weer losbarsten. Schreeuwend gaat een individu tekeer, om even plots een broederlijke arm over je schouder te leggen. Om zo plotseling eens broederlijk in je gezicht te rochelen.

Niet zelden is Boscoe weinig aangenaam. Zielen plezieren zijn hun zorgen niet. Rood is hun muziek. Gedreven door zeer, bitter door het verleden. Bitter door het heden. Bebloed door eeuwenlange pijlen, pijnen die nog goed voelbaar zijn. De donkerrode klanken gecreëerd door onmenselijkheid en onmenselijk geachte emoties, mensen zonder plaats op aard creërend. Klanken die hierom schreeuwen en huilen, soms niets meer kunnen enkel fluisteren.

Spiegelbeeld na spiegelbeeld. Eén gevoel. Na spiegelbeeld na. Eén groep, ook Boscoe. Zwart is hun muziek. Samen zingend, bewust spelend. Strak en oprecht als een eenheid, veelzijdig als een veelheid. Duidelijk is een visie, zwart is het nieuwe zwart. Overtuigd van een kracht weggenomen door onmenselijkheid. Onmenselijk geachte emoties zorgden voor onmenselijk geachte krachten. Geloof in eigen kunnen. Geen opsmuk, gewoon levering van het moment.

Een plaats wordt zichtbaar, op aard, herinnerend aan de vergane. Zoekend vindt Boscoe zijn oerplaats. Groen is hun muziek. Erend om zijn natuurlijk en magische oerkrachten. Woorden worden klanken, instrumenten worden geluiden. Frisse winden, woudse regens, tropische stormen. De zon! Vrede was nooit zo dichtbij, met de wereld, met de ander, met zichzelf. Boscoe is thuis. Zo veraf...

tags: Fluisterend Schreeuwend plots broederlijke broederlijk weinig aangenaam Rood Gedreven bitter Bitter Bebloed donkerrode onmenselijk geachte creërend Zwart Strak oprecht veelzijdig Duidelijk nieuwe Overtuigd Onmenselijk geachte onmenselijk geachte zichtbaar herinnerend Zoekend Groen Erend natuurlijk magische Frisse woudse tropische dichtbij veraf

Brittany Bosco - Spectrum (2008)

poster
4,5
Verpakt in gouden bubblewrap met Brittany-Bosco-sticker zit een effen wit cd-doosje met zelfde sticker. Het booklet telt welgeteld 1 velletje en als je goed kijkt op het cd-schijfje zelf, zie je onder het artwork nog Sony CD-R staan, gekocht in de plaatselijke supermarkt. Uiterst charmant.

Laat je vooral niet misleiden, want muzikaal gezien zit het erg professioneel in elkaar, alsof ze al jaren bezig is. Dit meisje kent duidelijk haar muziekgeschiedenis, maar geeft wel een heel eigen twist daaraan. Eigenlijk vat de titel van de intro, Welcome To Funkyolon, het goed samen. Dit is hoe funk klinkt in de wereld van Brittany Bosco. Funk doorspekt met flarden soul, pop, electro, jazz, blues, hiphop, … noem maar op.

Eenmaal die intro de toon heeft gezet, blijft het genieten tot de laatste minuut. Zo roept Black Keys herinneringen op aan Roy Ayers en klinkt 8-Trak als Betty Davis die ligt te rotzooien met de mannen van Cymande. Het niveau blijft maar stijgen met o.a. het spacey City Of Nowhere. Of wat te denken van het bluesy Blues For Blue, a whole lotta blue, maar mijn god, als het zulke pareltjes oplevert wens ik Brittany van harte een driedubbele depressie toe. En dan hebben we dé toptrack nog niet eens gehad: It Was You. Een lovesong met lekker jazzy trompetje en een refrein besmettelijker dan de vogelgriep (what ever happened to de vogelgriep? Bestaat dat nog?).

Samengevat: Brittany Bosco is the future. Maar je hoeft dit niet zomaar blindelings van mij aan te nemen. Deze Spectrum EP wordt door haar zelve gratis aangeboden, dus ga vooral zelf eens luisteren. Als je digt wat je hoort, haal dan zeker een bubblewrap-exemplaar in huis (met bonustrack), en wees gecharmeerd.

Bruno Mars - Unorthodox Jukebox (2012)

poster
4,0
'k Dacht 'k luister 'ns een Bruno Mars plaat. Doe je niet zomaar natuurljk; zijn vorige reeks singles klonken dan best aardig op de radio, het infantiele karakter stond hogere ambities in de weg. Met Locked Out of Heaven en nu When I Was Your Man lijkt er op het eerste gehoor nog niet eens zoveel veranderd aan de formule, met dat verschil dat er nu een duidelijker plan lijkt achter te zitten. Beide nummers klinken haast verwant, alsof ze van hetzelfde album komen, van dezelfde artiest, maak dat mee. Een eerste voor Mars, en extra bijzonder omdat het toch behoorlijk verschillende nummers zijn, een hip feelgood nummer versus een klassieke pianoballad. Het is de overgave, zijn performance, de specifieke clipstijl die ook helpt, en gewoon de kwaliteit, nondedomme. Zelfs buiten de radio om. En de belofte wordt ingelost. Unorthodox Jukebox is een album. Bruno Mars blijkt een artiest. Zijn muziek blijft een clash aan stijlen: de reggae, die frisse r&b, het aloude soulgevoel, de pure MJ-pop,... Het wordt hier juist aangestuurd en uitgewerkt. De variatie werkt net omdat er consistentie is in de instrumenten, het album in een aangenaam tempo zit en Bruno Mars als zanger alles moeiteloos draagt. Zijn capaciteiten zijn er niet per se beter op geworden, evenmin zijn materiaal complexer ineen steekt, er is gewoon dieper over alles nagedacht. Het speelt nog steeds de radio plat, maar nu is er behoefte naar meer. Unorthodox Jukebox brengt net dat!