menu

Hier kun je zien welke berichten kemm als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

D'Angelo and the Vanguard - Black Messiah (2014)

4,5
Black Messiah is een prachtig statement. En dan niet de titel, want hoewel er een mooie gedachte kan achterliggen, wekt het eerder aloude controverse op waarvan de relevantie wegebbende is. In de begeleidende perstekst zit evenmin een groots statement, het is eerder een kijk op onzekere tijden die voor een magere link naar de titel moet zorgen. D’Angelo mompelt zoals vanouds weer heerlijk binnensmonds, waardoor zijn statement ook in de songteksten amper doorschemert. De release dan, daar begint het verhaal. Black Messiah dropt middenin een tumultueus Amerika, na 15 jaar en eigenlijk nog onnodig vervroegd, aangezien bedenkelijke oordelen en daaropvolgende rellen het nieuws blijven maken. Black Messiah is vooral een prachtig statement vanwege zijn sound. De muziek, zowaar. Dik opeengepakte rijen aan geluid, daarin zit de opstand. Ongehoorde verweving van instrumentatie, dat schept de verwarring. De drums klinken gevaarlijk aanvallend, de trillingen van de bassen dreigen ganse menigtes onderuit te halen. Stille schreeuwen komen uit z’n keyboard, bevreemdende handclaps bepalen het ritme. De zangstijl van D’Angelo is bedrieglijk moeiteloos, letterlijk amper de moeite nemend om te articuleren. Hij bezit dan ook de kracht om met woorden zonder woorden zijn punt te maken, of hij nu de massa toespreekt of zijn geliefde bevangt. D’Angelo brengt met Black Messiah een nieuwe kijk op alle elementen die hem groot maakten. Dat resulteert in onverwachte composities en verrassend donkere parels als 1000 Deaths, Really Love en Back to the Future. Tegelijkertijd gloeien er na al die tijd nog sprankelende Voodoo-vlammetjes in zijn muziek. Vooral Sugah Daddy is daar een mooie, eigentijdse vertaling van, met dank aan die levendige Pino Palladino-bassen en nostalgische trompetten die enkel door Roy Hargrove kunnen gespeeld worden. D’Angelo kijkt vooruit, en durft daarbij al eens achterom te loeren. Tijd is een illusie, hij is hier, nu, laat dat een statement zijn.

Daft Punk - Random Access Memories (2013)

3,0
Dan toch gezwicht. Om deze een paar luisterbeurten te geven. Nochtans spreken zowel de huidige single Get Lucky als de oudere nummers me niet per se aan. Toffe radiohits, maar al snel over hun hoogtepunt heen door -wat ik enkel kan bestempelen als- een bepaalde inhoudelijke leegte. Maar Random Access Memories klinkt niet leeg. Er is nagedacht, over de flow, de opbouw, het instrumentgebruik, de gasten, de referenties, gewoon: de algehele invulling van een schijf die 80 minuten aankan. Het past. Is het niet de muziek zelf, dan maakt het totaalplaatje de rit de moeite wel waard.

Want de muziek zelf... Disco/funk/soul is het combogenre dat het vaakst wordt aangehaald, en de belangrijkste reden voor mijn zwichten. Om te luisteren. Maar Random Access Memories klinkt niet zo. Of wel, maar dan kan evengoed en even vaak een combogenre als dance/pop/rock aangehaald worden. Daar worden de baslijnen ook niet minder prominent van. Voornamelijk het gebrek aan pit en de soms wel heel softe uitwerking -akkoord, op zich niks genregebonden- zijn toch geen associaties die je bij een goeie discoplaat wil maken? Het heeft dan ook meer weg van de dweperige pop uit dezelfde periode, die misschien wel de inslag kreeg maar niet de ziel had van het echte spul.

Het gaat natuurlijk niet om genres, hooguit een beetje om waar genres voor staan. En dan vinkt Random Access Memories weleens de foute kenmerken aan; als het emo-gehalte weer even te hoog wordt, of de overdachte uitwerking wat plastiek gaat aanvoelen. Daar valt geen lekker prominente baslijn tegenin te brengen. Nummers gaan vaak de gepaste beladenheid voorbij. Niet altijd, zoals in het stuwend eervolle Giorgio by Moroder of het gedoseerd luchtige Fragments of Time, en zo kent de plaat absoluut enkele muzikale klassemomenten. Verdomme, dan toch gezwicht. Aan de hype, voor Daft Punk niet helemaal.

Davina - Best of Both Worlds (1998)

5,0
Mochten mannetjes van Mars ooit neerdalen op onze planeet (of vrouwwezens van Venus wat dat betreft...) en zich vragen stellen bij dat fenomeen genaamd “R&B”, stop dan gewoon dit album in hun handachtige ledematen. Alle aspecten essentieel voor een gemiddeld R&B-album komen op Best of Both Worlds beter dan ooit uit de verf! Aanstekelijke melodieën die je amper een vers ver je hoofd niet meer uitkrijgt. Check. Soulvolle beats om de vreugde te vieren dan wel de pijn te verzachten. Check. Teksten over de ups en downs, het liefdesleven van een soapster waardig. Check. Een zoete stem met net het nodige karakter om de stroop wat te zouten. Check. Met dit lijstje draagt Best of Both Worlds de definitie van het hele genre in zich.

Wat Davina niet is, is het product van een rij prefabproducers. Een lief gezichtje dat misschien nog net de nummers zelf mag inzingen. Die haar leeghoofdige dansnummers en betekenisloze zemelballades playbackt in tv-shows. Een alternatieve definitie van deze veelbesproken muziekstijl, maar hier absoluut niet van toepassing. Davina stelt op dit album al het goede van het genre tentoon en overstijgt eender welke defintie ervan. R&B valt niks te verwijten, Best of Both Worlds laat duidelijk zien hoe het kan, hoe het moet! En Davina laat dat helemaal zelf zien!

Als er staat dat ze alles zelf heeft geschreven zijn dat niet wat rijmpjes die ze uit haar dagboek heeft gevist, maar is ze in controle over het hele proces. Zowat de hele plaat is (Prince-gewijs) ‘produced, arranged, composed and performed by’ Davina. Zulke credits zijn een vreemd verschijnsel binnen het fenomeen R&B, maar voor deze zangeres is het de normaalste zaak van de wereld. Dat ze terwijl een warm en eigenzinnig geluid aan de dag weet te leggen lijkt al even vanzelsprekend, maar maakt het zeker niet minder indrukwekkend. De muziek op dit debuut is mooi compact, maar ook met de nodige ruimte geconstrueerd. Davina is tevens meester op de keyboards waarmee ze een heerlijk jazzy geluid weet te bekomen. Opgevat als een hedendaagse R&B-plaat, maar met open blik naar de oorsprong. De nadrukkelijke invloeden van jazz, blues, soul en funk geven Best of Both Worlds zijn unieke invalshoek. De interactie tussen beide tijdswerelden zorgt voor een tijdloos geluid. Dat komt goed uit aangezien het album in 1998 grotendeels genegeerd werd en dit album het dus vooral moet hebben van latere fans.

De eerste single So Good kwam nog het dichtst bij een hitstatus. Het verscheen op de soundtrack van Hoodlum en wist nog een klein publiek te trekken, mede dankzij featurings van Raekwon en Xzibit. Op de albumversie worden gelukkig de overbodige raps achterwege gelaten. Het nummer is intens en krachtig genoeg om op zichzelf te staan. Met die speelse Spaanse intro en de dreigende keys onder Davina’s hartstochtelijke woorden is het onmogelijk de verleiding te weerstaan. Overgeven aan de zonde is dan de enige juiste oplossing! Tweede single Come Over to My Place is al even uitdagend. Hier lokt ze je met een zinderend sexy trompetje over de pittige beat. Gelukkig verwerpt Davina de algemene R&B-voorwaarden, want ook naast de singles bevat het album sterk materiaal in overvloed! Werkelijk alle nummers bezitten een prikkelend randje en worden bijzonder smaakvol naar voren gebracht. De subtiele variaties in uitwerking en rijke palet aan melodieën binnen zijn constante tempo zorgt voor een album van constant hoog niveau. Van de live instrumentatie -compleet met funky orgel- die het liefdespleidooi Give Me Love begeleidt tot de knallende drumcomputer van -wat een waar R&B-anthem zou moeten zijn- The Way I Feel About You, alles wat Davina in haar hoofd haalt lijkt te werken. Zelfs de ballades (voor een keer eens niet talrijk aanwezig, hallelujah!) klinken niet als een verplichting en behoren gewoon mee tot de pareltjes waar dit album vol mee staat. Vooral de cryin’ blues van afsluiter My Cryin’ Blues onderstreept nogmaals de muzikaliteit van deze dame en dit project.

Best of Both Worlds brengt duidelijk R&B, maar doet dat op zulk atypische wijze dat het lijdt onder die aanduiding. Davina is een artieste in een wereld van zangeressen. Niet begrepen in haar tijd en omgeving, en toch simpelweg het beste wat dit genre te bieden heeft. Als de apocalyps komt en mannen weer naar Mars moeten is dit het R&B-album dat mee moet. Dat de vrouwen ook maar een exemplaar voorzien voor Venus... Het buitenaardse zal snel genoeg weten wat ékte R&B is!

Dr. John - Locked Down (2012)

3,5
Er was een cameo in de fantastische serie Teme voor nodig om tot het besef te komen dat Dr. John niet was weggespoeld door de desbetreffende orkaan. Sterker nog, hij is helemaal nooit gestopt met platen maken! Waarom Locked Down dan wel in het oog springt van menig muziekliefhebber heeft alles te maken met de hand van The Black Keys frontman Dan Auerbach in dit project. Hij heeft het hele album geproduceerd en zich daarbij allerminst geschroomd om er zijn eigen stempel op te drukken. Uiteraard is Dr. John een te groots muzikant om zich als een pop aan touwtjes te laten bespelen, waardoor de standvastige bluesrocksound van de Keys voorzien wordt van de nodige smerige swampelementen.

Met de aangepaste instrumentatie herleeft de geest van New Orleans. Met grote rollen voor keyboards en backing vocals komen we weer dicht in de buurt van de hybride aan stijlen, met r&b, blues, rock en funk, die de hoogdagen van Dr. John kenmerkte. De stem van de meester zelf lijkt eveneens nauwelijks onderworpen aan tekenen van ouderdom sinds zijn debuut van weleer, ondanks een tijdspanne van 44 jaar (!). Het nieuwe album kent enkele frisse songs zijn vocale levendigheid waardig, in zoverre de knipogen naar het verleden het toelaten natuurlijk. De nummers zijn duidelijk met grote liefde en veel kennis van zaken ineen geknutseld. Een diep respect is duidelijk aanwezig, maar misschien heeft dat tevens voor een afstand gezorgd. New Orleans herleeft in alle aanwezige elementen, alleen gaat de (te) doordachte uitwerking weleens langs zijn essentie. Auerbach heeft een uitstekende studie gemaakt, maar de ziel van de levendige muziekstad weet hij niet volledig te vatten. Of misschien is het de eens zo levendige stad zelf, die met Katrina een stukje van zijn eigen ziel heeft verloren... De productie klinkt alleszins te rechtlijnig en laat weinig ruimte voor spontaniteit, soms op het steriele af. Elke zogenaamde uispatting lijkt vooraf eerst op papier te hebben vastgestaan. Het staat goed vast, laat daar geen twijfel over bestaan, maar wat ademruimte voor een misse noot of een andere uitschuiver was wel welkom geweest.

Dr. John staat na al die jaren nog bijzonder scherp en de sterke nummers op Locked Down zijn dan ook naargelang. Het is het zwaarwichtige karakter van de muurvaste productie dat me weerhoudt deze goede muziek geweldig te vinden. In die zin ligt Locked Down ook dichter bij The Black Keys dan bij Dr. John. Standvastige bluesrock voorzien van de nodige smerige swampelementen, ik had het graag nét andersom gezien.

Drake - Nothing Was the Same (2013)

4,5
Drake is de heilige drievuldigheid, in de naam van The realest nā˜…ā˜…ā˜…a alive, The furthest thing from perfect en The world’s biggest douchebag. Amen

Maar hij ís dit alles, en Nothing Was the Same is helemaal van hem. Zonder angst zich een spiegel voor te houden. Wat er ook reflecteert. Zijn wereld lijkt ver van alles af te staan, maar als goede Man reikt hij de hand aan ons Adams, Sistine style! De rich kid blues klonken nog nooit zo aannemelijk.

Rechtdoor, met een catchy lijntje, treffend beatje, nog een graaf vloekwoordje ertussen, maar overtuigend. Daarom is het voldoende, komt hij er mee weg. Zijn raps en zangstijl, hoewel niet ’s werelds geniaalste, staan volledig op punt. Met de verschroeiende drumbeats en kort afgesneden samples worden zijn twijfels en statements treffend begeleidt. In alle opzichten vertelt hij zijn eigen verhaal, in zijn eigen stijl.

Nothing Was the Same laat zijn drievuldigheid zien, en meer. De complete Drake, te nemen of te laten, hard en helder.