MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten Norrage als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Salad Boys - Metalmania (2015)

poster
3,5
Dream Date is wel de knaller ja
---

Dankzij het wel erg veel goede suggesties biedende Discover Weekly van Spotify viel mijn oog/oor op Salad Boys. Salad Boys is een rock-bandje uit Nieuw Zeeland die meteen mijn aandacht trok met puntige en heerlijke popnummertjes. Het album waar deze nummers opstaan, Metalmania, brachten ze vorig jaar nog uit, maar metal is het niet.

Hun debuutalbum Metalmania is hoog tempo. Dat horen we op álle nummers. Zo vliegt openingsnummer Here's No Use er met zweverige zomerse Beach Boys vokalen direct in. Maar vooral het tweede nummer Dream Date pakte mij direct. Het is de eerste single en is zo energiek dat je nauwelijks de kans krijgt naar adem te happen. Het schreeuwt om vergelijkingen met bijvoorbeeld The Feelies, maar ook met het Nederlandse The Feelies-achtige bandje Naive Set. En zo bezit Metalmania tal van dit soort nummers. Soms zijn deze wat experimenteler en instrumentaler zoals op No Taste Bomber, maar meestal zijn ze net zo opzwepend als Dream Date zoals bijvoorbeeld I'm a Mountain. Slechts twee keer kunnen we een beetje naar adem happen: op het prachtig dromerig gezongen Better Pickups en de een beetje ballad-achtige afsluiter First Eight.

Ik hoef er niet veel woorden meer aan vuil te maken. De Salad Boys leggen hier een aller-aardigst album op de mat dat niet erg vernieuwend is maar wel heerlijk is om te luisteren.

Pat-sounds: Album Salad Boys - MetalMania (2015) - pat-sounds.blogspot.nl

School Is Cool - Nature Fear (2014)

poster
4,0
Heel erg goed. Het haalt nu nog net geen 4.5, maar ik denk dat een paar extra luisterbeurten het wel naar 4.5 opstuwen.

----

Weer zo'n Belgisch bandje. En weer zo'n goed Belgisch bandje. Dat was School is Cool twee jaar terug met debuut Entropology; een catchy alternatief indie-rock bandje. Entropology luisterde lekker weg, maar echt bijzonder was het niet. Kennelijk vonden ze dat zelf ook een beetje, en hebben ze zichzelf op Nature Fear opnieuw uitgevonden. Dat bleek wel uit de eerste single die op het net verscheen: Black Dog Painting. Een donker elektronisch nummer met sterke percussie waarop de oorspronkelijke sound van de band in geen velden of wegen meer te bekennen is. Een bijzondere maar zeer geslaagde zet: het is een weergaloos sterk nummer. Het trok dan ook snel de aandacht van heel muziekminnend België, en ook Nederland. Wat is er op de rest van het album van overgebleven?

Op Nature Fear valt de rest van de nummers wel weer wat meer terug op de sound van hun debuut, al is de stap voorwaarts duidelijk hoorbaar. Gelukkig maar zouden we zeggen, want ze waren wel heel erg onherkenbaar geworden. En dat maakt van dit hele album een sterke opvolger. Na het fenomenale Black Dog Painting is het tweede nummer Wide-Eyed & Wild-Eyed meer up-beat, dansbaar, en doet het denken aan de speelvreugde van Vampire Weekend maar vooral aan die vorige eigen plaat. Ook op de rest van de plaat zijn leuke muzikale toevoegingen te horen: belletjes, banjo's, pakkende synths, donkere electronica, en nog veel meer. Toch klinkt het allemaal wel erg losbandig en weinig samenhangend. Je komt er niet goed achter wat de band hier nou wilt bereiken. Zoals op die eerste single, is de band het krachtigst als het wat donkerder klinkt en als het tempo omlaag gaat met die onheilspellende bas en drums. Dat lukt ze bijvoorbeeld zeer goed op Hollow Hill dat halverwege als een zonsopgang openbreekt, of op het door percussie gedragen Tusks waar ze zelfs met zware sax komen aanzetten.

Nature Fear is een gewaagd album en vliegt door alle muziekstijlen heen. Van dansbare indie-pop, tot donkere doom-elektronica, jaren '80 new-wave en simpele folk inclusief banjo. Ze doen hier een beetje hetzelfde als Arcade Fire deed met Reflektor. Een enorme veelzijdige epic willen neerzetten, die schijt heeft aan het geluid dat ze eerder hebben opgebouwd. Dat is ze opvallend goed gelukt, en net als met Reflektor zal het denk ik wel even duren tot de ware pracht van deze plaat zich openbaart. Nature Fear zou zo eens hele hoge ogen kunnen gooien dit jaar.
Pat-sounds: Album School is Cool - Nature Fear (2014) - pat-sounds.blogspot.nl

Sharon Van Etten - Are We There (2014)

poster
4,0
Daar is dan het 4e album van Sharon van Etten, de enigszins onbekende singer-songwriter uit de VS. De echte liefhebbers van Amerikaanse indie-folk kennen haar waarschijnlijk wel, dankzij haar goed bekritiseerde indie-albums waar vooral het vorige album Tramp tot de verbeelding sprak. Schitterend georchestreerde melancholiek die doet denken aan Angel Olsen of een down-tempo Eleanor Friedberger. En hier is Are We There, en we kunnen meteen al met de deur in huis vallen: dit is vooralsnog het absolute hoogtepunt in haar oeuvre.

Die klasse horen we meteen op de eerste twee nummers: twee nummers die zo twee klassiekers zouden kunnen worden. Het door haar schitterende piano-spel gedragen Afraid of Nothing is melancholieke folk op zijn best. Haar stem wordt uitmuntend gebruikt en klonk niet eerder zo sterk, de orkestratie is bezwerend en het nummer spat uit je luidsprekers; met sfeervolle strijkers en een briljante opbouw van de drums, gecombineerd met subtiele gitaarlijntjes. Op opvolgend nummer Taking Chances domineert ineens de bas (en die horen we op dit album overal sterk terug), en horen we ineens een hele andere Sharon van Etten. Met een lekkere funky maar ook dreigende bas en synths en heerlijk keyboard gebruik weet ze hier opnieuw te imponeren. Maar nergens wordt het voorspelbaar. Er wordt moedig van tempo gewisseld en de ene keer klinkt het rockend, de andere keer ingetogen. Maar haar stem gaat voorop. Dat horen we op het hele album, en het lijkt alsof alle puzzelstukjes op hun plaats vallen. Combineer op deze manier een tig aan geslaagde songs met een overtuigende afwisseling door het hele album (op Tarifa komen ook blazers dominant op de voorgrond) en we hebben een van de betere albums van 2014 te pakken.

Sharon van Etten levert met Are You There haar eerste meesterwerkje af. Een afwisselend folk-album, met rockende, ingetogen en bijzonder georkestreerde songs. Maar vooral haar stem imponeert, en dat hoorden we ook op haar door enorme passie gedragen solo-piano optreden bij Jools Holland afgelopen week. Een waanzinnige plaat, en hopelijk de definitieve doorbraak van Sharon van Etten naar het kritische indie-publiek. Liefhebbers van het zeer positief beoordeelde album van Angel Olsen (ook van dit jaar) raad ik deze plaat met name aan. En mijns inziens ontstijgt van Etten die plaat bij verre.
Pat-sounds: Album Sharon van Etten - Are We There (2014) - pat-sounds.blogspot.nl

Shearwater - Jet Plane and Oxbow (2016)

poster
3,5
Na een kort cover-uitstapje (Fellow Travelers) is Shearwater terug met een volwaardig eigen album. Onder leiding van de karakteristieke en illustere stem van John Meiburg klinkt de band altijd herkenbaar: als de muzikale vertolking van natuurkrachten. Toch is het eerste wat opvalt aan Jet Plane and Oxbow dat ze een nieuwe meer elektronische weg zijn ingeslagen.

Het openingsnummer valt meteen op: Prime begint met een elektronisch riedeltje. Maar al snel vallen de herkenbare meanderende gitaren erin en zet Meiburg ons weer op aarde met zijn typische stem. Dit is Shearwater als vanouds, maar met een elektronisch sausje. Ook op de rest van het album is dit sausje te horen. Zo is lead-single Quiet Americans een Shearwater nummer met swingende synths en een speelse dance-beat. Ook horen we hier meer traditionele instrumenten; vooral de piano die het nummer een luchtige sfeer geeft valt op, maar zeker ook de xylofoon/triangel. Het tempo is zeer hoog in deze nummers, en op het meerendeel van de rest van het album. Dit is een logisch vervolg van hun vorige langspeler Animal Joy, dat al een aaneenschakeling was van het ene krachtpats-nummer na het andere. Waar dat album echter halverwege inzakte wegens gebrek aan afwisseling, is Jet Plane and Oxbow langer boeiend. Backchannels is als een rustig kabbelend beekje waar de akoestische gitaren meer op de voorgrond treden. Maar vooral Only Child is Shearwater als vanouds en had zo op de vorige (ingetogenere) albums kunnen staan. Verder horen we nog psychedelische krautrock op het langgerekte Filaments, en filmische muziek op album-afsluiter Stray Lights at Clouds Hill. En tenslotte weten we met A Long Time Away en Pale Kings ook weer dat Shearwater heel hard kan rocken. Het album biedt daarmee ruimvoldoende afwisseling.

We horen op Jet Plane and Oxbow een vernieuwd Shearwater. Met veel meer ruimte voor elektronische arrangementen en een wat instrumentaal afwisselender album dan de vorige doet Shearwater goede zaken. Toch is er geen enkel nummer dat er keihard boventuit steekt. Het album meandert een beetje voort naar het einde, blijft continu boeiend, maar is tegelijkertijd ook een beetje saai en richtingloos.

Pat-sounds: Album Shearwater - Jet Plane and Oxbow (2016) - pat-sounds.blogspot.nl

Snarky Puppy - We Like It Here (2014)

poster
3,5
Ondanks dat Snarky Puppy onlangs gewoon een fucking Grammy won, hebben ze hier in Nederland alsnog een introductie nodig. Jazz-collectief (gemiddeld 40 man!) Snarky Puppy timmert al jaren heel succesvol aan hun bijzonder energieke, veelzijdige en waanzinnige live-sound. Dat geluid proberen ze doorgaans ook op hun studio-albums te vangen, en die albums, hoewel ook erg goed, doen geen recht aan hun briljante en opzwepende live-act. Daarom koos het collectief ook voor een samenwerking met de Nederlandse Kytopia stal, waar ze gedurende 4 avonden hun live-album We Like It Here hebben opgenomen. Jazeker, dat zegt wel wat over de kwaliteit van Kytopia en daar mogen we als Nederlanders trots op zijn. Mogen we ook trots zijn op dit album?



We Like It Here is weer kenmerkend veelzijdig en ontzettend vol van geluid. Dat blijkt al op de opener Shofukan (zie clip beneden) dat afwisselt tussen down-tempo jazz, up-tempo afro-beat en een lekkere funky feel over het hele nummer. Dat Snarky Puppy niet een doorsnee jazz-band is, is te merken op het tweede nummer What About Me? Ondanks de blazers, is dit gewoon een keihard rock-nummer met harde gitaar-solo's. Gedurende het hele album vliegt Snarky Puppy van de ene stijl de andere in, en waar het ene moment keihard rockt, is het andere moment ineens opmerkelijk ingetogen en het volgende moment ineens ontzettend experimenteel. Deze losbandigheid kenmerkt de klasse van de band op het podium, maar werkt simpelweg wat minder goed op een album waar je de improvisaties en het samenspel van de band niet kan zien. Gelukkig zit er bij deze CD ook een DVD met schitterende live-beelden, maar daar baseer ik deze recensie niet op.

Als ik deze speelse CD dan een eindoordeel moet geven, vind ik het toch allemaal wat teveel van het goede. Dat neem ik ze absoluut niet kwalijk, want de kwaliteit van de band is ongekend en duidelijk aanwezig. Snarky Puppy móet je gewoon live zien. Op plaat komen ze gewoonweg niet 100% tot hun recht. En als je ze live wilt zien? 16 mei staan ze in Paradiso, 17 Mei staan ze in de Melkweg en 18 mei in de Oosterpoort.
Pat-sounds: Album Snarky Puppy - We Like It Here (2014) - pat-sounds.blogspot.nl

Snowapple - Illusion (2015)

poster
3,5
Een veel betere tweede plaat nu van Snowapple:

---
Een Nederlandse band met 3 meiden die muziek maken een beetje in de stijl van Katzenjammer? Interessant. En dat is deze tweede plaat van het gezelschap Snowapple zeker. Een plaat met een mix van zoveel mogelijk genres zullen ze hebben gedacht. Een mix van theater, folk, pop, electronica en zelfs een gezonde dosis experimenteerdrift: een album om dus even goed voor te gaan zitten.

Illusion begint met een straight-forward down-to-earth folk-nummertje, waarin de dames met een mooie en galmende samenzang beginnen: een spannend begin, maar wellicht een beetje kitcherig. Die kitsch blijft door het album heen wel hangen, en dat komt vooral door die theatrale samenzang met een wat deftig aangezet accent. De veelzijdigheid van het trio overwint dit manko echter met overtuiging. Nadat het openingsnummer Small Stone langzaamaan meer begint te overtuigen gaat het nummer over in de eerste single: California. En daar komt de kracht van de band dan schitterend naar voren: een samenspel van wat minder aangezette stemmen, heerlijk intiem en donker gehouden, en met bijna hypnotiserende en dampende percussie. Dat samen met een een doordringende opbouw en een verscheidenheid aan instrumenten, en je kan alleen maar enorm onder de indruk zijn. En als het nummer dan ook nog ontspoort in een brei van experiment in de vorm van trompet, fluit, viool en gitaar (en dan hoop ik alles goed gehoord te hebben) kunnen we Snowapple en deze plaat simpelweg met dit nummer samenvatten. Niet overal is het geluid zo overtuigend als op California, maar overal is het gewoonweg bijzonder knap wat de band ten toon spreidt.

Kortom: Illusion is een geslaagde tweede plaat van Snowapple. Een zéér vindingrijke, muzikale en bijzondere plaat met een drie-stemmigheid die het een uniek geluid geeft. Bij vlagen een beetje theatraal, kitscherig en wellicht over de top, maar wel een kunststukje dat van begin tot eind boeit. En vanavond, ten tijde van het publiceren van deze recensie, staan ze in Tivoli Utrecht!

Pat-sounds: Album Snowapple - Illusion (2015) - pat-sounds.blogspot.nl

Spoon - They Want My Soul (2014)

poster
4,0
Spoon. Het Amerikaanse lievelingetje van de indie-rock. De underground band die waarschijnlijk altijd underground zal blijven, maar die iedereen stiekem toch wel kent. Kwaliteit na kwaliteit hebben ze al geleverd. Het wervelende Ga Ga Ga Ga Ga, het psychedelische Transference of het riffende Girls Can Tell. Elk album was een tikkeltje anders, maar telkens typisch Spoon. Lekkere gitaar, heerlijke melodieën en één en al aanstekelijkheid. En na een korte hiatus van 4 jaar, is hier dan They Want My Soul.

They Want My Soul doet meteen al denken aan de no-nonsense indie-pop van vooral Ga Ga Ga Ga Ga. Moeilijk doen met gitaar-solo's, lange outro's of semi-ballads doen ze niet op deze plaat. Dat horen we het beste op dat eerste nummer, Rent I Pay. Al eerder uitgebracht als single, en de fans lekker makend voor het uiteindelijke album, was Rent I Pay al meteen raak. Heerlijke drums, een dansbare beat en pakkende gitaarriffs. Fantastisch. Hierna wordt dit afgewisseld met een meer down-tempo nummer als Inside Out, dat met synths, piano en dromerig keyboard-spel je weer even terug op aarde zet. Maar daarna knalt het album weer moeiteloos door. Ietwat cheesy vocals op het catchy en oh zo vrolijke Do You, gefluit en losbandig tempo-gewissel op het knallende Knock Knock Knock of psychedelica op Outlier. Telkens slaagt Spoon er hier weer in om pakkende pop-knallers te maken, met genoeg afwisseling om de gehele 37 minuten te blijven boeien. Dat komt ook omdat leadzanger Britt Daniel in opperbeste vorm is met zijn karakteristieke stemgeluid, dat zoals altijd weer sterk de stempel drukt op de pakkende muziek. Maar ook omdat het hele album gewoonweg dat heerlijke melodische, dwarse en vreugdevolle Spoon-geluid kent.

They Want My Soul is typisch Spoon. Niet vernieuwend, maar pakkender dan ooit, en ik ben benieuwd of ze hier dan toch eindelijk mee zullen doorbreken. Maar misschien hebben we dat liever niet, en blijft Spoon voor eeuwig deze pretentieloze kwaliteit produceren.
Pat-sounds: Album Spoon - They Want My Soul (2014) - pat-sounds.blogspot.nl

St. Vincent - St. Vincent (2014)

poster
3,5
St. Vincent (Annie Clark) is in een aantal jaar van een veelbelovende zangeres in de band van Sufjan Stevens veranderd in een redelijk pretentieuze maar steengoede muzikale duizendpoot. Ze heeft al meermaals haar waarde bewezen, en deed dat afgelopen jaar nog samen met David Byrne. Al was dat album mijns inziens een wat inhoudsloze hobbyplaat. Het bleek in ieder geval de opmars naar deze nieuwe, waarbij net als vorig jaar ook ruimte is voor blazers en die David Byrne/Talking Heads punk-groove. En dit solo-album is ook heel wat coherenter dan die zenuwachtige brass-plaat. Zo wisselt ze die heftige en zeer complexe up-tempo nummers als opener Rattlesnake of single Digital Witness dit keer ook af met rustige ballads als het prachtige I Prefer Your Love. Ruimte is er ook nog voor allerlei andere stijlen, allen met elektronische invloeden, en voorop staat dat St. Vincent hier een enorm veelzijdig album aflevert. Precies zoals we haar ondertussen kennen.

Maar is dit album er eentje die zal beklijven? De tijd zal het leren. Het komt na een paar luisterbeurten nog wel erg hak op de tak over, en het is wel een echt album voor de liefhebbers. Bovendien valt er wat weinig spontaniteit op te ontdekken en blijft het allemaal ondanks de experimenteer-drift en een echte 'indie'-feel allemaal wel erg binnen de lijntjes. Hoe gaan we het dan beoordelen? Als een echt St. Vincent album, als een album van een oprechte klasbak en als een album van iemand die er op gebrand was een perfecte plaat af te leveren. Voor mijn persoonlijke smaak niet helemaal geschikt, daarom een wat lager cijfer, maar een kandidaat voor de jaarlijstjes zal het door de kwaliteit zeker wel zijn.
Pat-sounds: Album St. Vincent - St. Vincent (2014) - pat-sounds.blogspot.nl

Sufjan Stevens - Carrie & Lowell (2015)

poster
4,0
Sufjan Stevens zijn muziek-carriere is een muzikale achtbaan. Van avant-gardistisch experiment, naar intieme minimalistische folk-muziek tot aan uitbundig georchestreerde folk-rock, elke keer vindt hij zichzelf opnieuw uit. Door het overlijden van zijn moeder Carrie zit hij momenteel even niet in een achtbaan-looping, en zoekt hij het ingetogen folk-experiment weer op Carrie & Lowell.

Carrie & Lowell is een bijzonder duistere maar tevens hoopgevende plaat, waarbij Stevens' niks teveel doet, in de stijl van de akoestische nummers van de vorige plaat + EP als Futile Devices en Heirloom. Alle nummers worden gedragen door rustgevend gitaargetokkel en Stevens' zijn fluisterende en religieus aandoende stem. En ondanks dat Stevens zo'n soort plaat eerder heeft gemaakt met Seven Swans, of met Michigan, klinkt hij hier door subtiele details en zorgvuldig gekozen instrumentatie toch weer uniek en nieuw. Op het hypnotiserende All Of Me Wants You, of het korte meesterwerkje No Shade In The Shadow of the Cross of in de instrumentale, soms zelfs elektronische, stukken tussen de nummers door, overal weet Stevens een hemelse sfeer te creëren. Nergens ontspoort de plaat, en bij vlagen kan je het misschien wat saai gaan vinden, zeker na die krachtuitspattingen als Age of Adz en de EP All Delighted People. Maar Stevens zou Stevens niet zijn, als hij ook van deze plaat weer een perfecte parel heeft gemaakt waar alles aan klopt, en waar zelfs de meest kritische fan op een gegeven moment weer verliefd op wordt. En als we dan die fans toch nog moeten overtuigen: luister de hoogtepunten van de plaat dan keer op keer opnieuw: het met een hele subtiele electro-beat ingekleurde Should Have Known Better bijvoorbeeld, dat elke luisterbeurt meer ontroert. Of het uitwaaierende Blue Bucket Of Gold, waarmee Stevens het album op een bijna positieve, troostende manier afsluit, en waarna je direct het eerste nummer van de plaat weer opzet.

We kennen Sufjan Stevens ondertussen erg goed. Elke plaat die hij maakt is anders en uniek in zijn genre, en elke plaat die hij maakt openbaart zich pas na vele luisterbeurten. Ook met Carrie & Lowell is dit het geval, maar al snel was duidelijk dat ook deze plaat weer bol staat van perfecte melancholiek. Een nieuw meesterwerkje in het oeuvre van een van de meest bijzondere artiesten van de afgelopen tijd.

Pat-sounds: Album Sufjan Stevens - Carrie & Lowell (2015) - pat-sounds.blogspot.nl

Sun Kil Moon - Benji (2014)

poster
4,0
En dan maar mijn recensie! ik hoop dat ik het aantal taalfouten heb weten te beperken

Mark Kozelek is jaren niet meer zo productief geweest als het laatste jaar. Waren er daar vorig jaar al drie platen (met Desertshore, Jimmy Lavalle en een solo-album op eigen naam Mark Kozelek) hier is dan alweer de vierde. Maar dit keer is het als Sun Kil Moon, en dan is hij mijns inziens op zijn allerbest. Zelfs beter dan de Red House Painters waar hij ooit in is begonnen. En dan trekt hij volledig mijn aandacht.

Het is een tragisch, droevig en zelf-reflecterend album geworden over dood en verderf. Op elk nummer gaat er wel iemand dood. Zoals op de schitterend droevige opener Carissa, waar hij zingt over zijn overleden nichtje en met een schitterende regel afsluit: "Meant to give her life poetry, make sure her name is known across every city." En dat is eigenlijk wel de boodschap van het hele album. Het klinkt aan alle kanten ontzettend donker, maar de muziek komt over als hoop in bange dagen. Mark Kozelek wil een boodschap achterlaten achter al deze tragiek, en doet dat op briljante wijze. Tekstueel was hij nog niet vaak zó sterk, zo hoopvol en zo beeldend. En tussen alles in, weet hij toch ook gewoon weer droogkomisch uit de bus te komen, bijvoorbeeld op (sowieso al heerlijke getitelde) I Love My Dad waarin hij (niet voor de eerste keer) een Nels Cline grapje weet te maken: "I can play just fine. I still practice a lot. But not as much as Nels Cline."
Naast die fantastische teksten, is zijn gitaarspel natuurlijk ook weer zo karakteristiek mediterend, simpel en meeslepend. Weer zijn de nummers lang uitgesponnen (ook een keer té lang op het 10:30 durende I Watched The Film The Song Remains The Same, een nummer dat inderdaad over de Led Zeppelin live-registratie gaat) en weet hij gedurende iets meer dan een uur een onheilspellende sfeer neer te zetten. Normaliter weet hij door dit soort album-lengtes niet continu mijn aandacht vast te houden, maar hier komt alles bij elkaar. De Sun Kil Moon klik is daar. Zeker op prijsnummer Richard Ramirez Died Today of Natural Causes over seriemoordenaar Richard Ramirez (waar hij en-passant James Gandolfini (Tony Soprano) nog even eert) maar waar hij vooral even keihard die gitaren laat spreken.

Is er dan nog meer te zeggen ja? Ik zou het album op dit punt, na Richard Ramirez, een welverdiende 4 sterren hebben gegeven. Maar het was nog niet afgelopen. Op het laatste nummer doet Mark Kozelek nog even iets bijzonders. Waarom vond ik Mark al die jaren nét niet helemaal? Omdat het allemaal zo emotioneel moet klinken, en allemaal (ik durf het bijna niet te zeggen) meer van hetzelfde. En wat doet hij verdomme op dat laatste nummer? Ben's My Friend is waanzinnig, volstrekt niet verwacht en ongekend fantastisch. Mark klinkt ineens opzwepend, dansbaar, vol van geluid, mét prominente bas en inspirerend. Maar vooral: Saxofoon! Dit nummer is zó niet des Sun Kil Moons, en toch zo ontzettend wel. Dit is voor nu het nummer van het jaar, en het stuwt dit album naar de eerste door mij gerecenseerde 4.5e ster. En is ook voorlopig album van het jaar.

Pat-sounds: Album Sun Kil Moon - Benji (2014) - pat-sounds.blogspot.nl

Suuns and Jerusalem in My Heart - Suuns and Jerusalem in My Heart (2015)

poster
3,5
Het Canadese Suuns is ondertussen al een paar jaar een soort huis-band van het Utrechtse muziekfestival Le Guess Who?. De band combineert op bijzondere wijze psychedelische elektronica met experimentele (kraut)rock en is daarmee vooral live een sesnatie. Hun nieuwste hersenspinsel presenteerden ze op afgelopen Le Guess Who?: samen met de Libanese songwriter Jerusalem In My Heart creëerden ze een intrigerend project, waarbij er naast het gebruikelijke Suuns-geluid nu ook folk uit het midden oosten wordt ingemixt.

De plaat begint direct met de hypnotiserende compositie 2amoatou 17tirakan, een nummer dat niet alleen qua titel complex aandoet. Met krautende synths, meanderende gitaren en een pulserende electrobeat zet het nummer meteen de toon, maar het luistert bepaald niet makkelijk weg. Ook daarna wordt de plaat weinig dansbaar, zoals de vorige Suuns platen wel waren. Op de kort maar krachtige rocker Metal domineert de instrumentale repetitie opnieuw, en komen vooral de krachtige drums/percussie naar de voorgrond. Hierna wordt het allemaal langzaamaan iets melodieuzer, maar dit gebeurt zonder af te wijken van de bijzonder onheilspellende en experimentele sfeer van het album. Op Self begint Jerusalem in my Heart voor het eerst ook mee te zingen, al verstaan we er niet veel van, en gitaar-ritmes worden pakkender. In In Touch horen we dan vervolgens voor het eerst echt het vertrouwde oude Suuns-geluid, als subtiele akoestische gitaar wordt gemixed met een heerlijke spacy house-beat, en frontman Ben Shemie dan eindelijk zijn stem ten gehore brengt. Jammergenoeg horen we verder nergens deze euforie; zelfs niet op de langgerekte afsluiter 3attam Babey, dat desalniettemin een imponerende psychedelische krautrocker is.

De samenwerking van Suuns met Jerusalem in my Heart is een ambitieuze. Suuns weet hier opnieuw een krachtige, originele en imponerende plaat op de mat te leggen, maar nergens haalt het het niveau van eerdere Suuns platen. Maar misschien was dat ook wel niet hun insteek. Deze samenwerking is dan ook vooral een hele interessante, die de nodige concentratie vergt, en dan op talrijke momenten zeer de moeite waard is. Maar de volgende keer graag weer een 'normale' Suuns.

Pat-sounds: Album Suuns - Suuns and Jerusalem in my Heart (2015) - pat-sounds.blogspot.nl