Hier kun je zien welke berichten henrie9 als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Valerie and the rain - Your Name (2026)

4,0
0
geplaatst: 12 april, 21:02 uur
De rust van een spaarzaam tokkelende akoestische gitaar trekt je binnen in het debuutalbum Your Name van het Belgische Valerie and the Rain. In River O, die openingssong waar zangeres Valerie Van Roey’s dwarrelende stem een mysterieuze rivier om kalmte vraagt, om een mirakel voor iemand die dringend beter worden moet. En de hele ruimte vult zich jazzy, atmosferisch, vol eindeloos verzonnen stemklanken. Aan dat klaterende water van River O bevestig je het dan spontaan, dit voelt oprecht, eerlijk, rustgevend, organisch. Naar het einde toe komt in de achtergrond ook het streepje ijle elektronica van producer Felix Machtelinckx mooi binnenkruipen. Welkom daarmee in de magische wereld van Valerie and the rain.
Valerie and the rain, passend lyrisch pseudoniem dat Engelse vrienden voor Valerie kozen in de aanloop naar de release van het album. ‘Valerie and the Rain’, dat dan ook gouddicht aansluit bij de diepe gevoelswereld van dit hele Your Name. Ze brengt er loepzuivere singer-songwriterfolk getooid in een sober hedendaags klankenkleed, een fris amalgaam van indie, jazz en klassieke compositie. Ze studeerde af aan de conservatoria van Antwerpen en Gent, werd een geschoolde multi-instrumentaliste en ondernemende stemcoach. Bovendien draait ze al een eind mee in de Antwerpse jazzscene.
We komen na River O met het dromerige Canada al direct bij de sleutelsong van het album. Zo breekbaar, gebracht als vanuit het persoonlijk universum waarin enkel delicate, akoestische klanken thuishoren. Valerie daar dus op haar moeder’s Spaanse gitaar, met haar eigen gelaagde stemmenpracht en met verder enkel een vederlichte elektronische toets. De tijd draait terug naar haar dappere negentienjarige zelf die toen overzee haar innerlijke sterkte vond in het ongerepte, onbekende Canada. Waar ze mooie mensen ontmoette en de songwriter vrij in haar kwam te ontluiken. Met Canada dat daarna de kiem legde voor nog meer songs die als vanzelf volgden. Die haar uiteindelijk pas jaren later deden beslissen om voluit te gaan voor het performen met dat eigen songbook.
Dankbaar word je bijna van een hoog uitvliegende song als Little Soul, die galmend, echoënd wenkt naar het leven, de ongeboren levenskracht, ongetemde levensvreugde. De rust in de opbouw ervan geeft alle ruimte aan die sierlijk boven alles zwevende kopstem van haar. Samen met weer Felix ‘Tin Fingers’ Machtelinckx weeft ze Little Soul uit tot een hoogstandje van intense droomfolk. Zowaar zelfs een pur sang nevelige Sigur Rós-ervaring, die overvalt je, met Valerie als de Jónsi van dienst.
Al die composities ontvouwen zich als kleine kettingstukjes microkosmos. We betreden ruimten vol onverwachte klankkleuren, stembuigingen en de creativiteit ervan verrast met iedere nieuwe song. Hoor je, om maar de titelsong te noemen, nu eens de passie van een in een jazz-textuur gegoten liefdesgedicht, evengoed pakt je elders ineens de melancholie van het oosters natrillende Crazy Hazy. Droefklinkend als een Lisa Gerrard-score, een eigentijds requiem welhaast voor het geknechte Iraanse volk. Een veel te kort kleinood trouwens dat sowieso haar voorliefde voor fijnbesnaarde perzische melodieën bevestigt.
Verderop laat ze vanaf een sterke, melodische Red Carpet Floor haar fragiliteit even helemaal uitwaaien. Weifelend gestart, maar dan zo iel als een Kate Bush sopraant ze zich helemaal tot bij die mooi aangroeiende synths. De stem gaat in het nachtelijke Silent Lover dan weer schalks fluisterend een stuk lager en met haar vocalen neemt ze er en passant ook maar even wat percussie bij. In Winter Is Gone zit nog zo’n knap staaltje van jazzy stemimprovisatie. Geflankeerd door een rits klagende elektronicastriemen zingt ze alle voorbije verwarring van zich af, hunkerend uitziend naar een nakende nieuwe start.
In het slotstukje van die andere dartel meanderende lovesong Meet Me in the Dark brengen haar vocalen je in een flits zelfs bij de magie van de iconische, woordloze zangpartij van Clare Torry in Floyd’s The Great Gig in The Sky. Een eigen Dark Side of the Moon-track dus ook nog eens, voilà.
De wiegende folky mijmering Waiting on a Plane zit vol galopperende Sufjan Stevens-style fingerpicking. Het is haar eigenste ‘home sweet home’-song. Volgt daarop nog het esthetisch miniatuurtje Caution, dat even catchy binnenkomt als fraai.
Welt in een duistere onderstroom dan finaal het broeierige Tricky Thing op. Ook hier valt de hemelse samenzang weer in. Zitten we in het onderbewuste, in een droom, een nachtmerrie? Lynchiaans filmisch, met dank alweer aan Machtelinckx’ elektronische support die in weidsheid gelijke tred zoekt met Valerie’s akoestische gitaar en wegdeemsterende vocalen. Hoe dan ook, perfect mysterieuze sfeerschepping bij het afsluiten van het album. Een indrukwekkende soundscape, met golvende stemmenweelde wervelend als laagscherende zwaluwen vóór de regen. Het ontegensprekelijke hoogtepunt van dit Your Name.
Valerie Van Roey ademt op haar debuut dus ongeforceerd de uitgepuurde muziek uit die ze al bijna een levenlang in haar hart draagt. Zij, volbloedzangeres die indruk maakt met een betoverend veelzijdige stem waarvan ze zich als ware het haar instrument zo natuurlijk en vrij bedient en ook haar storytelling daarbij is even hartverwarmend als onroerend poëtisch.
Your Name werd een heel persoonlijke soundtrack die ooit startte met een jeugdige trip naar Canada. Die liefst een paar decennia op het ritme van haar leven mee moest groeien en afrijpen. Het vertrouwen van haar muzikale omgeving en die enkele intense opnamedagen in 2024 in een minimale setting, in een onbestemd verweerd berghuisje in Zuid-Frankrijk zorgden uiteindelijk voor het ultieme duwtje. Eindelijk een release en dan nog op Nicolas Rombouts’ avontuurlijke Mokuhi Sonorities, zowaar een kwaliteitslabel.
Het resultaat is een ingetogen avondplaat, debuut van een vocaal multitalent dat als vanzelf thuishoort op intieme setlists als die van Ayco Duyster en Eppo Janssen. Meer nog evenwel vraagt Your Name nu om, koptelefoon op, Valerie and the Rain’s muzikale reis vanaf Canada ook maar eens helemaal zelf te verkennen. Weer muziek dus… voor mensen die oren hebben.
Pluim overigens ook voor het stijlvolle artwork van alleskunner Henri Ardui.
Felix Machtelinckx, productie, engineering, mixing,
Nicolas Rombouts, mixing,
D.James Goodwin, mastering.
Huidige live-band: Morgan Val Baker, Martin Jackson, Treve Nicol, Henri Ardui.
Lees deze en ook andere van mijn meningen op Written in Music: Valerie and the Rain - Your Name | Jazz | Written in Music - writteninmusic.com
Valerie and the rain, passend lyrisch pseudoniem dat Engelse vrienden voor Valerie kozen in de aanloop naar de release van het album. ‘Valerie and the Rain’, dat dan ook gouddicht aansluit bij de diepe gevoelswereld van dit hele Your Name. Ze brengt er loepzuivere singer-songwriterfolk getooid in een sober hedendaags klankenkleed, een fris amalgaam van indie, jazz en klassieke compositie. Ze studeerde af aan de conservatoria van Antwerpen en Gent, werd een geschoolde multi-instrumentaliste en ondernemende stemcoach. Bovendien draait ze al een eind mee in de Antwerpse jazzscene.
We komen na River O met het dromerige Canada al direct bij de sleutelsong van het album. Zo breekbaar, gebracht als vanuit het persoonlijk universum waarin enkel delicate, akoestische klanken thuishoren. Valerie daar dus op haar moeder’s Spaanse gitaar, met haar eigen gelaagde stemmenpracht en met verder enkel een vederlichte elektronische toets. De tijd draait terug naar haar dappere negentienjarige zelf die toen overzee haar innerlijke sterkte vond in het ongerepte, onbekende Canada. Waar ze mooie mensen ontmoette en de songwriter vrij in haar kwam te ontluiken. Met Canada dat daarna de kiem legde voor nog meer songs die als vanzelf volgden. Die haar uiteindelijk pas jaren later deden beslissen om voluit te gaan voor het performen met dat eigen songbook.
Dankbaar word je bijna van een hoog uitvliegende song als Little Soul, die galmend, echoënd wenkt naar het leven, de ongeboren levenskracht, ongetemde levensvreugde. De rust in de opbouw ervan geeft alle ruimte aan die sierlijk boven alles zwevende kopstem van haar. Samen met weer Felix ‘Tin Fingers’ Machtelinckx weeft ze Little Soul uit tot een hoogstandje van intense droomfolk. Zowaar zelfs een pur sang nevelige Sigur Rós-ervaring, die overvalt je, met Valerie als de Jónsi van dienst.
Al die composities ontvouwen zich als kleine kettingstukjes microkosmos. We betreden ruimten vol onverwachte klankkleuren, stembuigingen en de creativiteit ervan verrast met iedere nieuwe song. Hoor je, om maar de titelsong te noemen, nu eens de passie van een in een jazz-textuur gegoten liefdesgedicht, evengoed pakt je elders ineens de melancholie van het oosters natrillende Crazy Hazy. Droefklinkend als een Lisa Gerrard-score, een eigentijds requiem welhaast voor het geknechte Iraanse volk. Een veel te kort kleinood trouwens dat sowieso haar voorliefde voor fijnbesnaarde perzische melodieën bevestigt.
Verderop laat ze vanaf een sterke, melodische Red Carpet Floor haar fragiliteit even helemaal uitwaaien. Weifelend gestart, maar dan zo iel als een Kate Bush sopraant ze zich helemaal tot bij die mooi aangroeiende synths. De stem gaat in het nachtelijke Silent Lover dan weer schalks fluisterend een stuk lager en met haar vocalen neemt ze er en passant ook maar even wat percussie bij. In Winter Is Gone zit nog zo’n knap staaltje van jazzy stemimprovisatie. Geflankeerd door een rits klagende elektronicastriemen zingt ze alle voorbije verwarring van zich af, hunkerend uitziend naar een nakende nieuwe start.
In het slotstukje van die andere dartel meanderende lovesong Meet Me in the Dark brengen haar vocalen je in een flits zelfs bij de magie van de iconische, woordloze zangpartij van Clare Torry in Floyd’s The Great Gig in The Sky. Een eigen Dark Side of the Moon-track dus ook nog eens, voilà.
De wiegende folky mijmering Waiting on a Plane zit vol galopperende Sufjan Stevens-style fingerpicking. Het is haar eigenste ‘home sweet home’-song. Volgt daarop nog het esthetisch miniatuurtje Caution, dat even catchy binnenkomt als fraai.
Welt in een duistere onderstroom dan finaal het broeierige Tricky Thing op. Ook hier valt de hemelse samenzang weer in. Zitten we in het onderbewuste, in een droom, een nachtmerrie? Lynchiaans filmisch, met dank alweer aan Machtelinckx’ elektronische support die in weidsheid gelijke tred zoekt met Valerie’s akoestische gitaar en wegdeemsterende vocalen. Hoe dan ook, perfect mysterieuze sfeerschepping bij het afsluiten van het album. Een indrukwekkende soundscape, met golvende stemmenweelde wervelend als laagscherende zwaluwen vóór de regen. Het ontegensprekelijke hoogtepunt van dit Your Name.
Valerie Van Roey ademt op haar debuut dus ongeforceerd de uitgepuurde muziek uit die ze al bijna een levenlang in haar hart draagt. Zij, volbloedzangeres die indruk maakt met een betoverend veelzijdige stem waarvan ze zich als ware het haar instrument zo natuurlijk en vrij bedient en ook haar storytelling daarbij is even hartverwarmend als onroerend poëtisch.
Your Name werd een heel persoonlijke soundtrack die ooit startte met een jeugdige trip naar Canada. Die liefst een paar decennia op het ritme van haar leven mee moest groeien en afrijpen. Het vertrouwen van haar muzikale omgeving en die enkele intense opnamedagen in 2024 in een minimale setting, in een onbestemd verweerd berghuisje in Zuid-Frankrijk zorgden uiteindelijk voor het ultieme duwtje. Eindelijk een release en dan nog op Nicolas Rombouts’ avontuurlijke Mokuhi Sonorities, zowaar een kwaliteitslabel.
Het resultaat is een ingetogen avondplaat, debuut van een vocaal multitalent dat als vanzelf thuishoort op intieme setlists als die van Ayco Duyster en Eppo Janssen. Meer nog evenwel vraagt Your Name nu om, koptelefoon op, Valerie and the Rain’s muzikale reis vanaf Canada ook maar eens helemaal zelf te verkennen. Weer muziek dus… voor mensen die oren hebben.
Pluim overigens ook voor het stijlvolle artwork van alleskunner Henri Ardui.
Felix Machtelinckx, productie, engineering, mixing,
Nicolas Rombouts, mixing,
D.James Goodwin, mastering.
Huidige live-band: Morgan Val Baker, Martin Jackson, Treve Nicol, Henri Ardui.
Lees deze en ook andere van mijn meningen op Written in Music: Valerie and the Rain - Your Name | Jazz | Written in Music - writteninmusic.com
Ventilateur - Rage de Vivre (2025)

4,0
0
geplaatst: 1 april 2025, 17:11 uur
Het Belgische VENTILATEUR is een samenwerking tussen drummer Iben Stalpaert, bassist Jasper Hollevoet en gitarist Daan Soenens. Een jonge band van Bruggelingen die in Gent resideren en die het in zich hebben om de doorgaans zo nederige instrumentale jazzscene op te schudden en zich vanuit die kleine biotoop helemaal in de schijnwerkers van de rock en postpunk en zelfs van de popmainstraim te catapulteren.
Met hun tweede album 'Rage de Vivre' hebben ze immers royaal geëxperimenteerd met instrumenten en hun sound, zodat wat ze nu brengen al onmiskenbaar schuilt onder de brede paraplu van jazz, rock, postpunk en fusion. Alles bijeengenomen is het zelfs zo'n onmiddellijk toegankelijke potpourri dat je er ook wel een breder publiek à la Vlaamse Radio 1-Vox moet kunnen mee bereiken.
Kijk maar hoe hapklaar ze een nummer als 'Volk' daarvoor hebben weten in te blikken. In die onmiskenbare uitschieter, aandachtstrekker ook, hebben ze Bekende Vlaming Sebastien Dewaele, acteur o.a. in 'Eigen Kweek' en 'Bevergem' en vuilbekkende zanger van Preuteleute, voorgespannen. In wat één lang dolkomisch parlando is gaat het daar over een glasbak die doorheen een slapend huis nog moet worden buitengezet. Verwerkt trouwens in een knappe video, want hun hele 'Rage'-project is van a tot z, van video's tot artwork, kunstig en af. Nu, een primeur is zo'n parlando ook weer niet. Maaike 'Chantal' Cafmeijer maakte in hetzelfde sappige Westvlaamse dialect voor De Ertebrekers ook al 'De Zji' tot een regelrechte klassieker. Maar op de spitsvondige manier hier ligt meteen wel de hele sprankelende jazzklankband van VENTILATEUR, een zalig hypnotiserende jazzscore in wisselwerking tussen gitaar, bas en drums, in al zijn mooie glorie in de etalage.
Dit VENTILATEUR staat garant voor een gevarieerd maar symbiotisch geluid vol energie en tegenstellingen. Wat je hoort zijn potige ritmes tot vloeiend uitdijende soundscapes alles in een wolk van in muziekstof uitwaaiende gitaarlicks. Hier wordt vlotjes geschakeld tussen post-jazz en post-punk alsof het niks is. Neem zo die scharnierkrakende, rafelende opener 'Esmer' dat ingetogen 'Dans Dans'end het album binnenwalst. Maar na twee minuten weet je ook ineens waarvoor stomende jazzrock staat en beleef je zelfs, bijna tegen de grens van metal, minstens een regelrechte clash van jazz en noisy postpunk.
Levenslust, rage de vivre, opstandigheid en verbinding, dat zijn deze keer immers VENTILATEUR's overal onderliggende ordewoorden, vandaar de plaattitel. Om die bruisende inborst ook zo mooi uit de sound van 'Rage de Vivre' te laten spatten hebben ze ter versterking de sax van een indrukwekkende Nathan Daems en het levendige vioolspel van Patricia Vanneste moeten inroepen. Voor het eerst duiken er daarom ook vocalisten op: de zang en (pracht)stemmen van Luca Missiaen en Naomi Sijmons (Reena Riot) en de al genoemde Sebastien Dewaele. De assertieve vocale inbreng wordt geleverd door Luca Missiaen in 'For Better Days' en door Reena Riot als een nieuwe Björk in 'Rage de Vivre'.
'For Better Days' is een compositie die baadt in een sfeer van hoogopgaande postpunk en de onrustige zangstijl van Luca Missiaen schurkt hier wel heel dicht aan bij die van onvolprezen Whispering Sons' frontvrouw Fenne Kuppens. Het weerbarstige en kort afgebeten 'Rage de Vivre' betrekt dan weer piano, drums en een sleurende bas, maar het echte energieshot erin wordt toch door de vocaal hevig jagende Reena Riot gegeven. Waardoor het album helemaal op het einde ook heel bewust in de sfeer van de plaattitel mag afsluiten.
Tussenin zitten er nog zo'n aantal prima gedurfde muziekstukken. Zo gaat met ijzerklank in de gitaaraanslagen, 'Aloam', het Westvlaams voor het stevig gereedschap van mannen die hun handen durven vuilmaken, over in de eerste heerlijke saxperformance van Nathan Daems. Diens heerlijke sax komt ook nog terug in 'Steenweg', dat gitaarpingelend opstart maar zijn hevige saxstoten gelaagd laat opbloeien naar een massief en fuzzy Urban Sax-geluid onder als stortregen neerkletterende percussie.
Ook topsingle 'Brûl met zijn onvermoeibaar pompende percussie en gitaren is even spitsvondig als meeslepend. Met de slingerende sax van Daems in de hoofdrol gaat de hele processie swingend op en neer. Net zo'n sluipende glans- en dansrol voor de sax in het vreemd chillende 'New Houses, Lost Memories' en hun 'Hysbak' wordt een transcenderend nummer vol percussie, holle gitaren, viool, kortom helemaal met de vibes van een Zuid-Afrikaanse lift.
'Rage de Vivre' is een uitzonderlijke plaat van een elegante en veelzijdige band. Weg bij hen de conventies. Met, in de plaats daarvan, een lef die siert laten ze in een inventieve mix van tempo's wisselend filmische, kleurrijke composities op je los. Daarin licht de rijkdom van hun jazz met verve op, maar even duidelijk is dat in dit 'Rage de Vivre' ook het hart van nog altijd experimenterende postpunkgroepen als Black Midi of Black Country, New Road hevig klopt. Dit met hun intelligente jazz doen samengaan is de geslaagste zet geworden in dit 'Rage de Vivre'.
Vermits 'Ventilateur' toch het Westvlaams is voor 'windmachine', mag VENTILATEUR vanaf deze moeilijke tweede ook echt turbo in vooruit. Met al die frisse muzikale wind, zoals Bruggelingen zeggen, helemaal van achteren.
Met hun tweede album 'Rage de Vivre' hebben ze immers royaal geëxperimenteerd met instrumenten en hun sound, zodat wat ze nu brengen al onmiskenbaar schuilt onder de brede paraplu van jazz, rock, postpunk en fusion. Alles bijeengenomen is het zelfs zo'n onmiddellijk toegankelijke potpourri dat je er ook wel een breder publiek à la Vlaamse Radio 1-Vox moet kunnen mee bereiken.
Kijk maar hoe hapklaar ze een nummer als 'Volk' daarvoor hebben weten in te blikken. In die onmiskenbare uitschieter, aandachtstrekker ook, hebben ze Bekende Vlaming Sebastien Dewaele, acteur o.a. in 'Eigen Kweek' en 'Bevergem' en vuilbekkende zanger van Preuteleute, voorgespannen. In wat één lang dolkomisch parlando is gaat het daar over een glasbak die doorheen een slapend huis nog moet worden buitengezet. Verwerkt trouwens in een knappe video, want hun hele 'Rage'-project is van a tot z, van video's tot artwork, kunstig en af. Nu, een primeur is zo'n parlando ook weer niet. Maaike 'Chantal' Cafmeijer maakte in hetzelfde sappige Westvlaamse dialect voor De Ertebrekers ook al 'De Zji' tot een regelrechte klassieker. Maar op de spitsvondige manier hier ligt meteen wel de hele sprankelende jazzklankband van VENTILATEUR, een zalig hypnotiserende jazzscore in wisselwerking tussen gitaar, bas en drums, in al zijn mooie glorie in de etalage.
Dit VENTILATEUR staat garant voor een gevarieerd maar symbiotisch geluid vol energie en tegenstellingen. Wat je hoort zijn potige ritmes tot vloeiend uitdijende soundscapes alles in een wolk van in muziekstof uitwaaiende gitaarlicks. Hier wordt vlotjes geschakeld tussen post-jazz en post-punk alsof het niks is. Neem zo die scharnierkrakende, rafelende opener 'Esmer' dat ingetogen 'Dans Dans'end het album binnenwalst. Maar na twee minuten weet je ook ineens waarvoor stomende jazzrock staat en beleef je zelfs, bijna tegen de grens van metal, minstens een regelrechte clash van jazz en noisy postpunk.
Levenslust, rage de vivre, opstandigheid en verbinding, dat zijn deze keer immers VENTILATEUR's overal onderliggende ordewoorden, vandaar de plaattitel. Om die bruisende inborst ook zo mooi uit de sound van 'Rage de Vivre' te laten spatten hebben ze ter versterking de sax van een indrukwekkende Nathan Daems en het levendige vioolspel van Patricia Vanneste moeten inroepen. Voor het eerst duiken er daarom ook vocalisten op: de zang en (pracht)stemmen van Luca Missiaen en Naomi Sijmons (Reena Riot) en de al genoemde Sebastien Dewaele. De assertieve vocale inbreng wordt geleverd door Luca Missiaen in 'For Better Days' en door Reena Riot als een nieuwe Björk in 'Rage de Vivre'.
'For Better Days' is een compositie die baadt in een sfeer van hoogopgaande postpunk en de onrustige zangstijl van Luca Missiaen schurkt hier wel heel dicht aan bij die van onvolprezen Whispering Sons' frontvrouw Fenne Kuppens. Het weerbarstige en kort afgebeten 'Rage de Vivre' betrekt dan weer piano, drums en een sleurende bas, maar het echte energieshot erin wordt toch door de vocaal hevig jagende Reena Riot gegeven. Waardoor het album helemaal op het einde ook heel bewust in de sfeer van de plaattitel mag afsluiten.
Tussenin zitten er nog zo'n aantal prima gedurfde muziekstukken. Zo gaat met ijzerklank in de gitaaraanslagen, 'Aloam', het Westvlaams voor het stevig gereedschap van mannen die hun handen durven vuilmaken, over in de eerste heerlijke saxperformance van Nathan Daems. Diens heerlijke sax komt ook nog terug in 'Steenweg', dat gitaarpingelend opstart maar zijn hevige saxstoten gelaagd laat opbloeien naar een massief en fuzzy Urban Sax-geluid onder als stortregen neerkletterende percussie.
Ook topsingle 'Brûl met zijn onvermoeibaar pompende percussie en gitaren is even spitsvondig als meeslepend. Met de slingerende sax van Daems in de hoofdrol gaat de hele processie swingend op en neer. Net zo'n sluipende glans- en dansrol voor de sax in het vreemd chillende 'New Houses, Lost Memories' en hun 'Hysbak' wordt een transcenderend nummer vol percussie, holle gitaren, viool, kortom helemaal met de vibes van een Zuid-Afrikaanse lift.
'Rage de Vivre' is een uitzonderlijke plaat van een elegante en veelzijdige band. Weg bij hen de conventies. Met, in de plaats daarvan, een lef die siert laten ze in een inventieve mix van tempo's wisselend filmische, kleurrijke composities op je los. Daarin licht de rijkdom van hun jazz met verve op, maar even duidelijk is dat in dit 'Rage de Vivre' ook het hart van nog altijd experimenterende postpunkgroepen als Black Midi of Black Country, New Road hevig klopt. Dit met hun intelligente jazz doen samengaan is de geslaagste zet geworden in dit 'Rage de Vivre'.
Vermits 'Ventilateur' toch het Westvlaams is voor 'windmachine', mag VENTILATEUR vanaf deze moeilijke tweede ook echt turbo in vooruit. Met al die frisse muzikale wind, zoals Bruggelingen zeggen, helemaal van achteren.
Vince Staples - Vince Staples (2021)

4,0
1
geplaatst: 13 juli 2021, 22:37 uur
Vince Staples was eigenlijk altijd al kort van stof. De meeste van zijn releases trekken het een goeie twintig minuutjes. Zo ook deze nieuweling, uit drie jaar na z'n 'FM!' : 22 minuutjes. 10 korte nummers dus. Opvallend deze keer, de plaattitel. Deze keer is 't gewoon 'Vince Staples', maar verre van toevallig! De lyrics zijn essentieel. Hier krijg je gewoon een glamourloos, ijzingwekkend open boek door Vince over Vince zelf. In plaats van door te bazelen over gewoon dezelfde verhaaltjes, laat ie weten dat een mens met ouder te worden anders aankijkt op wat voorbij is. En man, al van bij de opener word je deelgenoot van 'de echt criminele shit' die z'n jeugd diep inkerfde, die afschuwelijke golf waar ie als 'een beach boy' op meereed. Over z'n paranoia intussen daardoor voor vergeldingen, tot en met angstvallige wapendracht en z'n huiver om fans te benaderen. "We gaan gebroken de dood tegemoet of we leven met gebroken harten", horen we op 'The Shining'.
Bij uitzondering wordt 'Law and Average' gekleurd door een Bon Iver-verwante sample. Voor het overige is deze plaat performance door Vince en Vince alleen, recht in het midden. Hoogst persoonlijke, intieme, deprimerende songs. Ze lijken muzikaal helemaal gestript, absoluut geen featuring guests, ze drijven vrijwel alleen maar ijskoud en tegelijk zo verzengend op trage hooks, met vaak lief lijkende gangsta funkmuziekjes en de flow van zijn rapstemgeluid. Een bijzonder beklijvende manier van rapperformance hier. Vince blijkt op deze plaat andermaal niet voor één gat te vangen! Z'n moeder krijgt wel een plaatsje in 'The Apple and the Tree', het 'de appel-valt-niet-ver-van-de-boom-intermezzo', waar we horen hoe ze ook al z'n vader uit de bajes moest proberen te liegen. En ook een jeugdvriend krijgt een minuutje met z'n hachelijke getuigenis op 'Lakewood Mall'.
Beklijvende muziek maken op zo'n authentieke manier, het getuigt van grote klasse. Na Tyler, The Creator laatst, is dit een nieuw absoluut rap-hoogtepunt dit jaar van een talent dat resoluut z'n eigen weg gaat!
Bij uitzondering wordt 'Law and Average' gekleurd door een Bon Iver-verwante sample. Voor het overige is deze plaat performance door Vince en Vince alleen, recht in het midden. Hoogst persoonlijke, intieme, deprimerende songs. Ze lijken muzikaal helemaal gestript, absoluut geen featuring guests, ze drijven vrijwel alleen maar ijskoud en tegelijk zo verzengend op trage hooks, met vaak lief lijkende gangsta funkmuziekjes en de flow van zijn rapstemgeluid. Een bijzonder beklijvende manier van rapperformance hier. Vince blijkt op deze plaat andermaal niet voor één gat te vangen! Z'n moeder krijgt wel een plaatsje in 'The Apple and the Tree', het 'de appel-valt-niet-ver-van-de-boom-intermezzo', waar we horen hoe ze ook al z'n vader uit de bajes moest proberen te liegen. En ook een jeugdvriend krijgt een minuutje met z'n hachelijke getuigenis op 'Lakewood Mall'.
Beklijvende muziek maken op zo'n authentieke manier, het getuigt van grote klasse. Na Tyler, The Creator laatst, is dit een nieuw absoluut rap-hoogtepunt dit jaar van een talent dat resoluut z'n eigen weg gaat!
Vincent Corjanus - Een Melancholische Dans door de Nacht (2024)

3,5
1
geplaatst: 15 oktober 2024, 16:03 uur
Al meer dan tien jaar al gaat in Nederland een jonge Zwolse woordkunstenaar Vincent Corjanus te lande met zijn pure gedichten de boer op. Om het bij die gelegenheden nog boeiender te maken begon hij er ooit tedere popliedjes bij te verzinnen. Na zijn 'Lichtbreuk' van verleden jaar zit hij zo alweer aan een nieuw album, 'Een Melancholische Dans Door De Nacht' en weer is het opgenomen in eigen beheer. Deze keer ging onze reiziger hiervoor meer dan ooit inspiratie zoeken in Parijs, in het Quartier Latin, broedplaats voor kunstenaars als hij.
Waar Boudewijn de Groot er zijn koffer indertijd achterliet, raakte Vincent Corjanus er evenwel zijn hele handel met opnameapparatuur kwijt. Enkel dankzij goedhartige Parijse vinders kon hij toch met zijn queeste verder en kon de plaat overwegend opgenomen worden in de stad zijner dromen.
Hoever moet je van huis zijn om de helden te kunnen zien en er een melancholische dans mee aan te gaan, vraagt hij zich onverdund romantisch af in opener 'Maison Blanche I', waarna hij de luisteraar bij de hand neemt en ze door middel van zijn kleine, fragiele, melodieuze pop- en rockliedjes intiem laat proeven van de weemoedige dagen in de Franse hoofdstad. Melancholisch lijkt het daar zeker, maar bij uitbreiding heeft hij het met zijn klare zangstem vooral over het leven, de liefde en hoe dit allemaal voorbijgaat.
Er staan best ook leuke songs op zijn album, die je wel met graagte een paar keer hun rondjes zult laten draaien vooraleer ze zich langzaam zullen nestelen.
Zelf zegt hij al jaren verslingerd te zijn op Frank Boeijen, die tijdens een optreden van hem ooit ook een van zijn pubergedichten voorlas. Maar, bedekt met een dekentje van elektronica, ademt dit album evengoed het geluid van Vreemde Kostgangers, Armand, Stef Bos, Raymond van het Groenewoud, Alex Roeka of zelfs Bram Vermeulen. Hoe dan ook, vaak een sound uit de mooie vervlogen 'kleinkunst'-tijden. Of om deze dromerige man met zijn gitaar zelf te parafraseren, in zijn song 'Eeuwig Leven' : een oude ziel in een jong lichaam. Maar daarmee is hij nu al charmant genoeg om alvast enkele nummers 'voor de eeuwigheid' aan te leveren. Voor m'n Lage Landen 4000 bijvoorbeeld ( https://open.spotify.com/playlist/5vMRiujzojCpI1uLhpEn2I?si=SKpLPlaCTAuEg4Rl-H2Cuw&pi=NR2fFmRqTvadI ).
Verkozen met stip: 'Eeuwig Leven', 'Een Melancholische Dans Door De Nacht', 'Mijn Dagen In Parijs' en 'Crisis Surprises'.
Al is het vaak even wennen met Vincent Corjanus, aan zijn gezongen 'Nederlands Frans' of aan het metrum van zijn poëzie op al die muzieklijnen, maar het gaat intussen toch helemaal crescendo met zijn liedkunst. Getuige daarvan dit 'Een Melancholische Dans Door De Nacht', hij gaat dapper zijn eigen weg en zal uiteindelijk uit de schaduw komen te treden. Goed omringd en gesteund bijvoorbeeld door andere ervaren muzikale woordenkunstenaars, à la Frank Boeijen of een Stef Bos zouden we zelfs het beste voor zijn toekomst durven verhopen.
Waar Boudewijn de Groot er zijn koffer indertijd achterliet, raakte Vincent Corjanus er evenwel zijn hele handel met opnameapparatuur kwijt. Enkel dankzij goedhartige Parijse vinders kon hij toch met zijn queeste verder en kon de plaat overwegend opgenomen worden in de stad zijner dromen.
Hoever moet je van huis zijn om de helden te kunnen zien en er een melancholische dans mee aan te gaan, vraagt hij zich onverdund romantisch af in opener 'Maison Blanche I', waarna hij de luisteraar bij de hand neemt en ze door middel van zijn kleine, fragiele, melodieuze pop- en rockliedjes intiem laat proeven van de weemoedige dagen in de Franse hoofdstad. Melancholisch lijkt het daar zeker, maar bij uitbreiding heeft hij het met zijn klare zangstem vooral over het leven, de liefde en hoe dit allemaal voorbijgaat.
Er staan best ook leuke songs op zijn album, die je wel met graagte een paar keer hun rondjes zult laten draaien vooraleer ze zich langzaam zullen nestelen.
Zelf zegt hij al jaren verslingerd te zijn op Frank Boeijen, die tijdens een optreden van hem ooit ook een van zijn pubergedichten voorlas. Maar, bedekt met een dekentje van elektronica, ademt dit album evengoed het geluid van Vreemde Kostgangers, Armand, Stef Bos, Raymond van het Groenewoud, Alex Roeka of zelfs Bram Vermeulen. Hoe dan ook, vaak een sound uit de mooie vervlogen 'kleinkunst'-tijden. Of om deze dromerige man met zijn gitaar zelf te parafraseren, in zijn song 'Eeuwig Leven' : een oude ziel in een jong lichaam. Maar daarmee is hij nu al charmant genoeg om alvast enkele nummers 'voor de eeuwigheid' aan te leveren. Voor m'n Lage Landen 4000 bijvoorbeeld ( https://open.spotify.com/playlist/5vMRiujzojCpI1uLhpEn2I?si=SKpLPlaCTAuEg4Rl-H2Cuw&pi=NR2fFmRqTvadI ).
Verkozen met stip: 'Eeuwig Leven', 'Een Melancholische Dans Door De Nacht', 'Mijn Dagen In Parijs' en 'Crisis Surprises'.
Al is het vaak even wennen met Vincent Corjanus, aan zijn gezongen 'Nederlands Frans' of aan het metrum van zijn poëzie op al die muzieklijnen, maar het gaat intussen toch helemaal crescendo met zijn liedkunst. Getuige daarvan dit 'Een Melancholische Dans Door De Nacht', hij gaat dapper zijn eigen weg en zal uiteindelijk uit de schaduw komen te treden. Goed omringd en gesteund bijvoorbeeld door andere ervaren muzikale woordenkunstenaars, à la Frank Boeijen of een Stef Bos zouden we zelfs het beste voor zijn toekomst durven verhopen.
Voivod - Synchro Anarchy (2022)

4,0
1
geplaatst: 26 februari 2022, 11:47 uur
Voivod is een overlever van het beste soort. Na tien jaar is er dan anno 2022 opnieuw heerlijk complex werk van het progressieve Canadese gezelschap! In al hun stekelige, dissonante herkenbaarheid ontwikkelt zich dit als een dolle rit doorheen een ingewikkeld netwerk van thrash, death, prog, doom, stoner en nogal wat andere gespierde stijlen, w.o. punk, grunge en Frank Zappa-jazz. Meshuggah en de mathrock van The Dillinger Escape Plan zijn bovendien helemaal niet ver weg. Alles wordt creatief en vakkundig samengebracht met voor een groep met zo'n lange staat van dienst onvoorstelbaar geweldige energie. 'Synchro Anarchy' is een wervelend continuum van bijtende tempo's, hooks en bevallige melodieën, toegankelijk, scary en toch gedistingeerd. Vertrouwd zijn de abstracte teksten over toekomsttechnologieën, fictie over gekend moeilijke onderwerpen als bijvoorbeeld desintegratie, assimilatie en... synchro anarchy. Nu, zo futuristisch klinkt een en ander intussen tegenwoordig ook al niet meer.
Sterke prestatie met de uithangborden voor het hele werkstuk en het zwaartepunt toch helemaal vooraan bij de openende composities. Het vervaarlijk loodzwaar inzwaaiend 'Paranormalium' gaat beukend, stampend en gepeperd riffend over in één vervaarlijk lang kosmisch duet van excentrieke zang en improviserende gitaren, sterk! Titelnummer 'Synchro Anarchy', schiet op een bijna constante onderlaag van zwevende of stuiterende harmonieën regelrecht naar het einde der tijden. 'Planet Eaters', een groovy hint naar de pandemie, met z'n hypnotiserend debiterende vocals, riffs en solo's, opgejaagd als een donkere voortdenderende sneltrein. 'Mind Clock', ondanks de grungy opstart, ook al een en al onheilspellend scanderende duisternis.
Voivod, uniek, onverzettelijk en zonder concessies consolideert hier zijn statuut van baanbrekende band die ze altijd al waren. Met dit opnieuw creatieve en fantasierijke 'Synchro Anarchy' laat het viertal veertig jaar na datum nog steeds niet minder dan een verpletterend gedreven indruk na. Anarchie of niet, de enige constante in het hele verhaal is Voivod zelf.
Sterke prestatie met de uithangborden voor het hele werkstuk en het zwaartepunt toch helemaal vooraan bij de openende composities. Het vervaarlijk loodzwaar inzwaaiend 'Paranormalium' gaat beukend, stampend en gepeperd riffend over in één vervaarlijk lang kosmisch duet van excentrieke zang en improviserende gitaren, sterk! Titelnummer 'Synchro Anarchy', schiet op een bijna constante onderlaag van zwevende of stuiterende harmonieën regelrecht naar het einde der tijden. 'Planet Eaters', een groovy hint naar de pandemie, met z'n hypnotiserend debiterende vocals, riffs en solo's, opgejaagd als een donkere voortdenderende sneltrein. 'Mind Clock', ondanks de grungy opstart, ook al een en al onheilspellend scanderende duisternis.
Voivod, uniek, onverzettelijk en zonder concessies consolideert hier zijn statuut van baanbrekende band die ze altijd al waren. Met dit opnieuw creatieve en fantasierijke 'Synchro Anarchy' laat het viertal veertig jaar na datum nog steeds niet minder dan een verpletterend gedreven indruk na. Anarchie of niet, de enige constante in het hele verhaal is Voivod zelf.
Volbeat - Servant of the Mind (2021)

4,0
2
geplaatst: 31 december 2021, 15:50 uur
Met hun achtste, 'Servant Of The Mind', zo net in de staart van 2021, blijkt ook het Deense Volbeat sterk en plezierig bezig te zijn geweest met een eigenste lockdownalbum. Ja, zeker en vast, Volbeat is alive and kicking terug met z'n gekende catchy mix van bekoorlijke Metallica-riffs en punky rockabilly. Toch maken ze er hier dan ook weer iets voldoende nieuws en op en top spannends van. Als felle en driest beukende duivels drijven stichter/frontman Michael Poulsen en z'n kompanen de melodie en de altijd resonerende rockstem weer alle kanten uit. Met lyrics overigens die doordrenkt zijn van niet alledaagse vertelsels over geesten, duivels en heksen.
De songs vliegen je aangenaam rond de oren, in hun diversiteit lijkt het een veelkleurige sneltrein wel. Openingsnummer, 'Temple Of Ekur', of hoe je zelfs over een oude monumentale Iraakse tempel, zo heilig als de Olympusberg, een even imposant, catchy as hell topnummer maakt.
De zoveelste Volbeat-hit, 'Wait A Minute My Girl', knalt dan fris van de lever, een vroege rock and roller op speed, geïnjecteerd met Springsteen-honky-tonk en -sax. Een en al catchy tempowisselingen en modulaties. Applaus. Met 'The Sacred Stones' dan weer, pittig topnummer, sloom openend met een zware M-riff, schiet je met 'the spirit of evil' headbangend onbestemde Black Sabbath-duisternis in.
Ook de melodieuze thrasher 'Shotgun Blues', drijvend op industrieel opzwepende repetitiviteit, is top. Het zwaarste metalgeweld van het album tot nu hier, compleet, met zelfs een zeldzame grunt.
Ook 'The Devil Rages On' is weer topklasse. De reverbgitaar neemt je regelrecht op sleeptouw in een vreemde, donkere rock and roller vol heerlijke tempowisselingen en met Poulsen als duivelse Elvis van dienst. Volgt 'Say No More', de zoveelste lekkere up-tempo Metallica à la Volbeat..
'Heaven's Descent' dan, met zijn catchy hooks, klettert in het rond als hijgende Sex Pistols. 'Dagen Før', hoogst aanstekelijke 'ABBA-popsingle', featuring Stine Bramsen in fraai duet met Poulsen, alles overgoten met Volbeat-metalsaus. 'The Passenger,' Volbeat in 't metaljasje van Mötörhead, middenin de gitaren prominent voluit en op 't einde nog die vurige solo om het af te leren.
'Step Into Light', weer die psychedelisch naar een hoogtepunt voorthossende reverbgitaar, schitterend rockabilly-riffend als The Shadows goes metal en andermaal die verrassende sax en honkytonktoetsen in de background. Alle stukjes passen perfect!
'Becoming' is een vernuftig opgebouwde M-topsong met andermaal loodzwaar pompend metaalgeweld, nu eens klagend slepend dan weer flitsend vurende metaalnoten. 'Mindlock', nog zo'n volmaakte heavy metalsong, met memorabele riff incluis.
Alsluiten met een nog een hoogtepunt. 'Lasse's Birgitta', goed lekker opzwepende heksensong, klepper van zomaar acht minuten. Wordt plechtig met klokken en extreme nattigheid uitgeluid.
Volbeat zit met zijn dwingende groove al lang heel vooraan in de mainstream van de heavy metal en verzamelde er al wat blinkt aan goud en platina. Het heeft, vooral met zijn unieke flexibele zangstem, een uit de duizend herkenbare sound, maar het levert hier desondanks weer een creatief, hoogst gedreven, zeg maar keigoed album af. Volbeat's melodieuze wilde metal voert hier dan wel pienter terug naar al wat het voorheen al goed deed, evenwel zonder het te reproduceren. Die mannen beheersen bovendien hun excentrieke cross-overmomenten als geen ander. In tegenstelling tot de plaathoes zal hier dus niemand gezichtsverlies lijden. Integendeel, dit is zonder meer een solide album, het staat als een huis.
De songs vliegen je aangenaam rond de oren, in hun diversiteit lijkt het een veelkleurige sneltrein wel. Openingsnummer, 'Temple Of Ekur', of hoe je zelfs over een oude monumentale Iraakse tempel, zo heilig als de Olympusberg, een even imposant, catchy as hell topnummer maakt.
De zoveelste Volbeat-hit, 'Wait A Minute My Girl', knalt dan fris van de lever, een vroege rock and roller op speed, geïnjecteerd met Springsteen-honky-tonk en -sax. Een en al catchy tempowisselingen en modulaties. Applaus. Met 'The Sacred Stones' dan weer, pittig topnummer, sloom openend met een zware M-riff, schiet je met 'the spirit of evil' headbangend onbestemde Black Sabbath-duisternis in.
Ook de melodieuze thrasher 'Shotgun Blues', drijvend op industrieel opzwepende repetitiviteit, is top. Het zwaarste metalgeweld van het album tot nu hier, compleet, met zelfs een zeldzame grunt.
Ook 'The Devil Rages On' is weer topklasse. De reverbgitaar neemt je regelrecht op sleeptouw in een vreemde, donkere rock and roller vol heerlijke tempowisselingen en met Poulsen als duivelse Elvis van dienst. Volgt 'Say No More', de zoveelste lekkere up-tempo Metallica à la Volbeat..
'Heaven's Descent' dan, met zijn catchy hooks, klettert in het rond als hijgende Sex Pistols. 'Dagen Før', hoogst aanstekelijke 'ABBA-popsingle', featuring Stine Bramsen in fraai duet met Poulsen, alles overgoten met Volbeat-metalsaus. 'The Passenger,' Volbeat in 't metaljasje van Mötörhead, middenin de gitaren prominent voluit en op 't einde nog die vurige solo om het af te leren.
'Step Into Light', weer die psychedelisch naar een hoogtepunt voorthossende reverbgitaar, schitterend rockabilly-riffend als The Shadows goes metal en andermaal die verrassende sax en honkytonktoetsen in de background. Alle stukjes passen perfect!
'Becoming' is een vernuftig opgebouwde M-topsong met andermaal loodzwaar pompend metaalgeweld, nu eens klagend slepend dan weer flitsend vurende metaalnoten. 'Mindlock', nog zo'n volmaakte heavy metalsong, met memorabele riff incluis.
Alsluiten met een nog een hoogtepunt. 'Lasse's Birgitta', goed lekker opzwepende heksensong, klepper van zomaar acht minuten. Wordt plechtig met klokken en extreme nattigheid uitgeluid.
Volbeat zit met zijn dwingende groove al lang heel vooraan in de mainstream van de heavy metal en verzamelde er al wat blinkt aan goud en platina. Het heeft, vooral met zijn unieke flexibele zangstem, een uit de duizend herkenbare sound, maar het levert hier desondanks weer een creatief, hoogst gedreven, zeg maar keigoed album af. Volbeat's melodieuze wilde metal voert hier dan wel pienter terug naar al wat het voorheen al goed deed, evenwel zonder het te reproduceren. Die mannen beheersen bovendien hun excentrieke cross-overmomenten als geen ander. In tegenstelling tot de plaathoes zal hier dus niemand gezichtsverlies lijden. Integendeel, dit is zonder meer een solide album, het staat als een huis.
