MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten henrie9 als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Barcelona Gipsy Balkan Orchestra - Nova Era (2020)

poster
4,5
Lang geleden dat ik nog eens op zo'n zomerse balkan/klezmer/gipsyplaat mocht stoten. Maar dit is het dus weer helemaal : een schare internationale muzikanten die met volle overgave en passie aanstekelijke wereldmuziek brengen. Naast instrumentals hoort je servisch, roemeens, grieks, turks.
En zelfs al begrijp je misschien geen jota, op een podium is dit 100% ambiance.

Bastille - Give Me the Future (2022)

Alternatieve titel: Give Me the Future + Dreams of the Past

poster
4,0
Een interessante plaat van een geëvolueerd Bastille, dat er met z'n powerpop vol gekende hooks toch weer in slaagt relevant en verteerbaar te blijven. Blij en fantasierijk zoekt Bastille je een uitweg uit sombere tijden, getuige bijvoorbeeld het 'No Bad Days' en hun nieuwe slogan 'The world is burning, but fuck it', die je opvangt in het parlando-intermezzo 'Promises'! Die rooskleurige toekomstkijk willen ze nu ook bij jou injecteren. Geslaagd hoor, zo'n anti-coronaprik!

Beach House - Once Twice Melody (2022)

poster
4,5
Sfeer en opwinding te over op dit 'Once Twice Melody' van Beach House. Vanaf de eerste noten van deze opener en titelnummer, voel je het al. Iedere song van het duo bevat z'n bevallige melodie. Die hele mastodontplaat lang heeft ze alle verleidelijkheden in zich die we al van Beach House kenden, terwijl ook evenveel betoverende nieuwigheden zijn toegevoegd, alles samen in één grote verscheidenheid. Vier episodes lang breedbeeldsongs. Relaxerend. Intimistisch. Teatraal. Zacht huilende melancholie. Dansbare somberte. Deze op die manier weergaloos rijke plaat wordt een zegetocht na de lange opsluiting. Achttien dream(pop)songs die toch nergens voorspelbaar binnenkomen, schitterend gearrangeerd. Bijna anderhalf uur lang laat je je er zonder tegenstand in onderdompelen. Warme fluwelen stemmen, jawel, maar niet enkel die ingetogenheid. Akoestische instrumenten en strijkers, jawel, maar ook elektronica, synths en drummachines om tot die fraaie texturen te komen. Het golft filmisch over je heen, als aardse zonsop- of zonsondergangen of je voelt je bij verre vallende sterren, hoog in het universum. Je wandelt, zweeft onder een nostalgisch aandoend firmament, een droomtrip, kleurrijk psychedelisch, weelderig ingekleed. Maar met moeilijk te doorgronden lyrics over complexe relaties, vreugde, verdriet en eenzaamheid. Bitter en zoet. Romantisch licht tegenover het droef van wanhoop, een ontredderd zwanenmeer van treurnis.
Zo maakt Beach House zijn sonische meesterwerken, creatief, groots en zo goed als dit 'Once Twice Melody'.

Beirut - Hadsel (2023)

poster
4,0
Vanaf die eerste diepe kerkorgelaanslagen en wat verder dat vertrouwd zuivere trompetgeschal op Beirut's nieuwe, 'Hadsel', voel je het al: de fragiele Zack Condon is weer very alive and kicking. Daarvóór evenwel zat onze muzikale globetrotter al een tijdje heel diep en had ook hij dus nood aan een heus Bon Ivertje. Inderdaad, wat een herbronningstrip uiteindelijk niet kan teweegbrengen. In de kou turen over kabbelende wateren van besneeuwde fjorden, helemaal in een schemerige achterhoek van de Noorse Vesterålen. Precies in Hadsel's oud staafkerkje daar ver boven de poolcirkel onstonden dan ook nog eens verrassend twaalf nieuwe melancholische Beirut-hymnes. Neem nu 'January 18th', gaat over de voorzichtige terugkeer van de noorderzon. Ook tal van andere songs verwijzen in titels en plaatsnamen naar het verblijf in die barre witte omgeving. Dit is een album met de weelderige instrumentatie Beirut eigen: nu met orgels, blazers, synths, piano, akoestisch getokkel op ukelele, Zuid-Amerikaanse toetsen. En vooral over dit alles heen Condon's etherisch hoogcroonende stem. Ja, die stembanden van hem klinken weer volmaakt intact en ook mentaal lijkt hij er weer helemaal bij. Een genezen man die in de afzondering wel niet de zin om te touren maar wel zeker vrolijkheid en spelplezier heeft teruggevonden en meteen de aandacht weer weet vast te grijpen.

'Hadsel' is een minimalistisch gestript album van Beirut, vol met van die klassieke Zack Condon-harmonieën die heerlijk, haast sacraal, in lagen over elkaar heen wentelen.

Een comeback dus van een veelzijdig overlever die met het verstild album 'Hadsel' bewijst dat zijn creativiteit nog verre van opgedroogd is. Zijn zesde is zelfs een van de sterkste geworden uit zijn discografie. In ijzige omstandigheden is een teder en warm album onstaan. Dat al van ver aantrekt als ware het groen dansend noorderlicht.

Hoogtepunten : opener 'Hadsel', het ingetogen 'The Tern', de covid-song 'So Many Plans'.

Bell Orchestre - House Music (2021)

poster
4,0
Twee kernleden van Arcade Fire wagen samen een avontuurlijk trip in vrij musiceren. En net als bij A.F. : met een heel uiteenlopend acoustisch instrumentarium én met elektronica. Echt, een boeiende luisterervaring zonder meer. Big Mac met 10 laagjes.

Beth Hart - A Tribute to Led Zeppelin (2022)

poster
4,0
Beth Hart, vogeltje dat al jaren prachtig zingt zoals het gebekt is, maar dat uit de lockdown gekomen, spanning en bakken frustraties verdringend, er hier toch heel wat feller tegenaan gaat. Pakte daarom losgeslagen in haar optredenstille uren het magische Led Zeppelin aan. Jongens! Beth Hart, wil de volle honneurs van Robert Plant waarnemen, hadden we echt niet zien aankomen. "Heb jaren gewerkt om ze recht te raken. Om Zep te doen moet je echt pissig zijn, jaren woede hebben weggestopt." Led Zeppelin's geweldige messcherpe power op een Beth Hart-niveau. Beth, let's go!

Beth Hart is met haar energieke stem effectief en resoluut diep in het heavy personage van Plant gekropen en, jawel, aansluitend bij de vibes van de originele songs, weet ze die met haar vibrato, ondanks alle risico's harerzijds, minstens te evenaren en ze zelfs in subtiliteit te overtreffen. Wat een fan moet je zijn geweest om dit hier te presteren!

Zeker, ze heeft met de juiste flair een aantal grote klassiekers gekozen, kippenvel als bij haar rauw knallende 'Black Dog', haar eerlijk furieuze versie van 'Whole Lotte Love' met wilde strijkers, het zelfverzekerd droge 'Kashmir' of het elegant beklijvende ''Stairway To Heaven', maar evengoed ook bij een aantal mindere goden uit het Zep-songbook als het funky rockend 'The Crunge', het liefdevolle 'Dancing Days' of het fraai georkestreerde 'No Quarter'. Ze weet in een grote beweging het volledige, geweldige spectrum van de band te omvatten en die pak nostalgie stuk voor stuk met verve boven het maaiveld uit te tillen. Klemtoon hierbij op haar machtige zang, eerder dan op de elektrische verwevenheid. Waar nodig is het precies zij die er vlammend en energiek tegenaan gaat en tegelijk ook heel trouw blijft aan het oorspronkelijke aura rond die nummers en de onvervalste performing van Plant. Man of vrouw, hier nu potige Beth, even donderend en bliksemend dus waar het moet, balladerend en loungy-flemend, zoals in 'Rain Song', daar waar ook Plant zelf aan het croonen sloeg.

Samen met haar klasseband, weet ze hiermee finaal met een grootse emotionaliteit alleen maar opeenvolging van nieuwe wow-momenten te sprokkelen. Nu, zo vreemd is alles ook weer niet helemaal voor wie Beth Hart's discografie een beetje kent, vooral voor wie al verslingerd is aan haar begeesterde samenwerkingen met even ruige bluesboys als Joe Bonamassa. Weet je meteen met welke uitzonderlijke presence dit katje soms op het podium rondswingt en songs naar haar hand zet. Met haar fabuleuze keelgeluid vol blues en soul weet ze echt het werk van Zeppelin zelfs nog te verdiepen. Geeft ze meteen aan hoe best, vele decennia na datum, Zep's klassiekers aan volgende generaties te presenteren, hoe met waardigheid en authenticiteit aan die erfenis zelfs nog een frisse, eigentijdse twist te geven.

Dit is Beth Hart's moedige gevecht van technisch sublieme zangeres met demonen, het is bovendien echt het meest ideale eerbetoon mogelijk bij de inkadering van de Led Zeppelin-legende. We love Led Zeppelin. We love Beth Hart.

Beyoncé - RENAISSANCE (2022)

Alternatieve titel: Act I

poster
4,0
Uiteindelijk landde de geheimzinnige 'B7', na slechts een klein lek twee dagen eerder, netjes op 29 juli in de zomer van 2022. Zo werd 'Renaissance' al tal van weken de méést gehypete supersterrenplaat en de zevende van Beyoncé Giselle Knowles-Carter. Op de albumhoes paradeert Yoncé alvast in minimale outfit op een lichtgevend zilveren paard en ze steekt op die manier op vlak van nadrukkelijk vertoon zelfs Poetin op zijn strijdros glansrijk de loef af. Maar neen, zoals nog beter te zien op de cover van de jongste Vogue, refereert haar royale pose wellicht toch eerder naar een ouwe seventiesfoto van Bianca Jagger en straalt Beyoncé's flitsende versie alleen maar zelfverzekerd uit wat je op haar plaat dubbel en extra staat op te wachten aan weelderigheid, sensualiteit, seks, lak aan fatsoen, smachtende passie, opschepperigheid, triomf en nog zo een paar van die hete eigenschappen.

'Renaissance' wordt daarmee het eerste nieuwe album van onze Queen of Pop sedert haar grensverleggende, vrijwel onovertrefbare 'Lemonade' van 2016. Beloofde Queen B een jaar geleden al in de post-lockdownperiode voor een bron van bevrijding te zullen zorgen, een hoogst persoonlijk statement te zullen maken na die lange beknepen periode van corona-isolement en al dat heersend maatschappelijk onrecht. Voorafgaand aan de titel zette ze er bovendien 'Act I' bij. Hetgeen dus blij deed veronderstellen dat er voor de fans wel eens nóg meer moois klaar zou kunnen liggen dan alleen maar die zestien nieuwelingen op 'Renaissance'. En heel inderdaad, het wordt een eerste van een worp van drie, een gedoseerd loslaten van haar formidabel samenwerkingsproject dat ze uitbroedde tijdens haar 'pandemiesessies'.

Maar wordt dit dan ook helemaal dé plaat van de zomer 2022? Het schokkerige zesde nummer, 'Break My Soul', hebben we in alle geval al gehad. Daarin keerde Bey verrassend prominent terug naar de stijlvolle house van de jaren negentig. Het nummer schoot als vooruitgeschoven single pijlsnel de hitlijsten in, kreeg en passant nog een a capella versie en diverse remixes voor de clubs. Een springerige mid-tempo keyboard-song met een eindeloos verslavende hook. De eerste grootse noten van Beyoncé's gekend fenomenale stem klinken er tussen al die house veraf van haar r&b, maar was zij niet voor niks toch ook al de pionier van de gerapte lyrics? Ze valt daar perfect in op een vrij uit zijn 'Explode' samplelende hiphopper Big Freedia. Met een song vol vertrouwen voor al wie zoekende is, vol stichtende woorden als 'foundation' en 'motivation' en met Big-Freediaboodschappen als 'release your mind, your job, your time, your trade, the stress, the love, forget the rest'. Eromheen, vrolijk jumpende piano en fraai achtergrondkoor. Vooral onthouden we er een nieuwe B-quote voor de eeuwigheid: "Bey is back and I'm sleeping real good at night"...
Maar de song drijft dus expliciet op 'Show Me Love' van Robin S., procédé dat ze op 'Renaissance' als bijna volleerde 'Stars on 45' meermaals 'schaamteloos' zal mogen herhalen. Het valt immers niet te ontkennen dat er met 'Renaissance' een opwindende dancepop-tsunami over je heen wervelt, samen met de uitgestoken Bey-hand om met haar intens deelgenoot te worden van het zolang gekoesterde ontsnappingsgevoel. Dit 'Renaissance' wordt bovendien meer dan ooit het regelrechte up-tempofeest van de zwarte muziek uit de underground. Met een Beyoncé die er zich expliciet openstelt voor de levendige Afro-Amerikaanse culturen en subculturen allerhande, voor mensen van nu en vroeger en die op die manier verenigt en raakt. Alles continu mengen, veel meer nog dan voorheen gangbaar, het ene met het andere. Aan de lopende band zien we Queen B muzikale salto's maken gewoon voortbroderend op die hits van anderen. Ze geeft ze een frisse update en stopt ze in die sexy mix van nieuwe house-, dance- en techno-georiënteerde soundscapes.

De Bey van nu graait overgulzig de herwonnen vrijheid bijeen en tegelijk overziet ze met lede ogen rondom haar ook een wereld vol uitgesproken zwart maatschappelijk onrecht. In die mate zagen we Beyoncé's bevlogenheid echt nog niet eerder in haar muziek opflakkeren, noch haar lyrics zich zo betrokken in samples versmelten met het ideeëngoed van voorvechters.

'Renaissance' is eclectisme ten top in zestien songs. In 'I’m That Girl' levert ze als een krolse kat een meer dan zwoele akte van zelfvertrouwen af. Zo zit ze er ook bij, met de borsten vooruit en zingt: ik trek op in deze kleren en zie er goed uit. Voorbij de parels en diamanten ben ik vooral gewoon het wulpse meisje. In 'Cozy', funky topnummer voor de danceclub, gaat dit torenhoge zelfvertrouwen onder heerlijke beat en gelaagde shuffles over in een echte liefdesverklaring aan zichzelf. Met ook een sample van transvrouw TS Madison: "In this motherfucking place I'm probably one of the blackest motherfuckers in this house" en ook de queery oproep om de hele wereld 'pussy roze' te schilderen. Binstdien heeft, in de VS alvast, het 'parental advisory'-team allang toegeslagen. In dansnummer 'Alien Superstar' typeert Queen B zichzelf ook als 'bad bitch'. Tegen een achtergrond van synthesizers beluisteren we een sample van een Black Theatretoespraak over empowerment, maar even leuk komt de tune van Right Said Fred's ouwe 'I'm Too Sexy' de aandacht opeisen. 'Cuff It', gloedvol boppend disconummer met de trombones en funky gitaren van Nile Rogers van Chic en percussie van Sheila E. Het even funky bassend 'Energy' is bovendien geschreven door The Neptunes (Williams en Hugo), met vocals van Jamaicaance rapper Beam en met samples van Kelis' 'Get Along With You'. Dan gaat op 'Virgo’s Groove' maagd Beyoncé zes minuten lang hunkerend loose in één ononderbroken vleselijke liefdesverklaring richting Jay-Z. Het iets tragere 'Church Girl' is nog zo'n voorbeeldje van hemelse vertolking van totaal aangebrande lyrics op een bedje van stuiterende New Orleans bounce. Hoe evangelisch is dit kerkmeisje dan eigenlijk? Ook ondeugend is afkoeler 'Plastic Off The Sofa'. Lief achtergrondgezang en huppelende gitaarnoten, een vurige lovesong met Beyoncé's soulstem op haar best.

In het memorabel provocerende 'Move' liet Grace Jones voor Beyoncé dan toch maar haar voorbehoud varen om zich als legende in samenwerkingen gewoon 'te laten leegzuigen'. Op pulserende bastonen draaft ze zelfs best fel op naast Nigeriaanse nieuwkomer Tems. In 'Heated', een lange hitsige breakdown, zit een verwijzing naar 'uncle Jonny made my dress', haar ten gevolge van aids overleden oom. Ook het verdere 'Pure/Honey' is, aldus Beyoncé, eerbetoon aan oom Jonny, de voor haar zo belangrijke 'godmother', die haar als eerste blootstelde aan heel wat van de cultuur en de muziek die tot het album inspireerden.
'Thique' dan, weer vier minuten verlangen en zinnelijke bevrediging. 'America Has a Problem' zet je glad op het verkeerde been. Geen politiek, het verwijst enkel naar het gelijknamige rapnummer van ene Kilo Ali, waarmee Beyoncé uitgebreid een metafoor opzet tussen haar eigen sexappeal en de rol van een drugsbaron.
De titel van de energiebooster 'Summer Renaissance' tenslotte dekt een dubbele lading. Een zomerse popsong is tegelijk decadente hommage aan erotische disco-queen Donna Summer en baadt integraal in de seventies Moroder-feel van 'I Feel Love'.

'Renaissance'. Beyoncé maakt hier right in the face duidelijk dat haar muziek niet altijd zo kuis, braaf en romantisch mainstream zal zijn als het beeld dat algemeen over haar wordt opgehangen. Een ster die met acrobatische tremolo's voor presidenten zingt en ontroert, die ballades voor iedereen kweelt, die algemeen beschaafd soulful en funky is, die wel boze overspelsongs uitzingt, maar voor het overige een eerder a-politiek en zeker geen militant profiel heeft. Maar intussen is ze al veel langer dan vandaag geïnspireerd door Afrikaanse pop en afrobeats en ook haar sociaal bewustzijn is sinds enkele jaren steeds meer aan het schuiven. Krijgen we zo op haar veertigste in lengten van jaren de zwartste Beyoncé ooit. Daarnaast staat hier ook een zelfbewuste vrouw die net als Kendrick Lamar laatst resoluut weigert om verwachtingen die op schouders van iconen als hen beiden worden gelegd zomaar slaafs in te volgen.

Hier wordt met die massa ingrediënten en 'zonder enige dwang tot perfectionisme en overdreven reflectie', een knaldanceplaat afgeleverd door een van de grootste supersterren van deze tijd. Geen rode draad meer zoals bij voorganger 'Lemonade'. Alleen de hedonistische fysiek van de dance waarmee ze hier gretig buiten de lijntjes kleurt. Alles klinkt daarbij zo magisch, vitaal en herboren dat we er, zoals de keuze voor de plaattitel het ook verraadt, effectief Beyoncé's 'Renaissance' in moeten zien. Onnodig dus om zoiets avontuurlijks verder helemaal kapot te gaan analyseren. Het is, buiten kijf, al de dj-set van de zomer 2022. Voel je zelf vrij als Beyoncé om er eventueel ook nog de andere seizoenen aan vast te knopen.
Op naar 'B8'...

"I'm one of one, I'm number one, I'm the only one. Don't even waste your time trying to compete with me. (Don't do it.)..." ' - Beyoncé, 'Alien Superstar'

Big Red Machine - How Long Do You Think It's Gonna Last? (2021)

poster
4,0
Hoe schattig! Op de plaathoes kijken kleine Aaron en Bryce Dessner, de tweeling van The National, zusje Jessica en hun oma je vanuit diginevels aan. Voel je meteen hier, in deze 'Big Red Machine'-samenwerking met Bon Iver's Justin Vernon, klopt ergens hevig Aaron's hart.

Inderdaad. Aaron heeft bovendien voor zijn grote project, deel twee, de touwtjes weer flink in handen.

Van hem allereerst ook de intimiteit van de plaattitel. 'Hoelang, denk je, blijft dit nog  duren?' Aaron kijkt immers melancholisch z'n kindertijd aan, zoekt er betekenissen in, helemaal tot vóór de tijd van het verlies van de onschuld, vóór de komst van druk, angsten en onzekerheden eigen aan zijn fragiele volwassenheid. Daarom zingt gitarist Aaron het dan ook in 'Brycie' hoogst uitzonderlijk eens zelf en op z'n gevoeligst toe naar z'n broer, nog steeds zijn grootste toeverlaat. 'Lift me up when I'm feeling down. Help me stay above the ground'!

Al houdt het veelzijdige stemgeluid van Justin Vernon meer een uur lang lang de bovenhand, nu geven ze met een nog veel mooiere bende vocalisten en muzikanten harmonieus samenzingend acte de présence. Anaïs Michell, Fleet Foxes, Taylor Swift, Ilsey, Naeem, Sharon Van Etten, Lisa Hannigan, Shara Nova , La Force, Ben Howard, This Is The Kit, niet de minsten... Velen zijn bevriende artiesten uit Aaron's en Justin's '37d03d'-community en dito platenlabel of het zijn artiesten wiens recente werk Aaron produceerde (Swift, Howard, Hannigan, This Is The Kit).

Ze komen, solo of samen, met een sfeervolle, ingetogen mix van pareltjes pop, folk en rock. De experimentele electronica van de eersteling is wel gereduceerd, maar het blijft toch wel uitgesproken Dessner en Bon Iver. Duidelijk heel veel meer najaarstoetsen in de arrangementen, akoestische gitaar, piano en eenvoudige percussie.

Hoogtepunten, naast 'Brycie' zijn o.m. de prachtige samenzinger 'Hutch', de Fleet Foxes- performance in 'Phoenix', 'Latter Days' met Anaïs Mitchell, 'Renegade' met Taylor Swift', 'The Ghost Of Cincinnati of 'Easy To Sabotage' met Naeem.

Maar helemaal niet voor de hand liggend toch zo'n hele schare juweeltjes van songs te kunnen oogsten. De nog grotere schare van vrienden-vocalisten en muzikanten binnen dit Big Red Machine presteerde het niettemin,  liefdevol, met plezier, maar vooral met klasse, solide, samenhangend en uitgebanceerd. Noem Aaron Dessner maar op alle vlak de ster van zijn eigen samenwerkingsplaat. Van die Brycie's, daar willen we er overigens zo gerust nog wel een paar.

Het plezier is dus wederzijds, we oogsten dit herfsttapijt zelfs meer dan een passend seizoen lang.

Big Thief - Dragon New Warm Mountain I Believe in You (2022)

poster
4,5
Met twintig onweerstaanbare songs krijgen we hier een regelrecht pièce de résistence aangeboden door Big Thief. Fragiele folkrock en americana op een wijze die je nog niet vaak tegenkwam, netjes opgestoken in een kleurrijk boeket van stijlen. Ballades, dansjes, indierockers, bij een eerste luisterbeurt krijg je ze nog overrompelend, soms verwarrend right in your face. Maar aan welke kant van het universum je Big Thief daarna bij nieuwe kennismaking ook weer terugziet, die eenvoudige songs nestelen zich stuk voor stuk. En van dan af werken ze zo heerlijk verslingerend.

Hun indivuele prestaties waren al niet min, maar met z'n vieren gaat Big Thief dan toch nog een stuk verder. Met die som van talenten hebben ze elkaar hier gevonden en ze gaan er totaal voor. Ze creëren een spectrum nog weidser dan dat van de groep die we net ervoor nog kenden. Blijkbaar verkeren ze nu in een goed momentum, want, net als die Fabulous Four ooit op het hoogtepunt van hun kunnen, hebben ook zij ineens een dubbelalbum vast, al gebeurde dit in hun geval wellicht zelfs voor ze het goed en wel beseften...

Vooral Adrianne Lenker is het die zich hier als spirituele songschrijfster prominent een centrale plaats weet te geven. Met haar soms licht eentonig, dan weer engelachtig Joanna Newsom-stemmetje draagt zij de poëzie van het gros der nummers. Neem zo nu al de naam van de plaat en het titelnummer. 'Dragon New Warm Mountain I Believe in You', de song is psychedelische inbeelding over het bespelen van een mysterieuze draak met zilveren tong... Gaat dit dan over een liefje? Of is het eerder een ode aan de magie van dat groeiende, verbindende Big Thief? In 'Spud Infinity' zitten dan weer extraterrestrials. In 'Sparrow' een 'giftig' geworden Eva na de beet in de appel, weet je wel. Wat een fantasie, want ja, Big Thief's wereld 'is altijd wel 'a little bit magic'! Hun plaat luistert als een reis vol vriendschap, levenswijsheid, bont verlangen naar liefde en verbondenheid. Aan wie het gebruiken kan zullen ze hier het oppeppertje meegeven.

Een plaat toch ook onvoorstelbaar vol krakkemikkige fragiliteit, zo spontaan en open klinkt alles, alsof Big Thief je met hun muziek bewust live deelgenoot wilden maken van die ongekunstelde making-of van dit 'Dragon New Warm Mountain I Believe in You'. Terwijl de band vol karakter inspeelt op de verspringende lyrics van Lenker, wervelen de songs rusteloos door elkaar, vreugde, grappen, studiogebabbel. Zo ongedwongen kom je dus tot een fantastisch nieuw geluid.

Enkele songs. Openhartige opener 'Change' is een als gestripte Neil Young klinkende, slenterende akoestische gitaarsong voor ingetogen avondlijk meedeinen op dat zomerse kamp. Lenker er gewoon kinderlijk vooruitkijkend als op haar zevenjarige zelf. Het experimenterende 'Time Escaping' loopt zo lekker funky als een loslopend Afrikaans ketelorchestra, helemaal Lenker achterna. 'Spud Infinity', of hoe je met krassende viool, mondharp en marsroffels een geniaal wegwerpdeuntje uittekent tot meezinger van dylaneske proporties. Of 'Certainty', hoe een volledig akoestische hippieregensong over Lenker's passies zich ontwikkelt tot lo-fi-juweeltje gevuld met fraai harmonieuze samenzang en akkoorden. 'Little Things' met die rammelende drums, handjeklaps en zwervende gitaren. Adrianne Lenker weer totaal verliefd en compromisloos gericht op zowel de goede als kwade kant van een relatie.

Big Thief doet het nu ook wat meer met elektronica, zoals in 'Heavy Bend', die ultrakorte elektropopsong. Of bijvoorbeeld in 'Blurred View', met z'n verwrongen beats en synths, verdrietige lovesong vol beelden. In 'Flower of Blood' gaan de drums en elektrische gitaren op de poëzie van een hoogst erotisch gedicht van Lenker dan weer lekker op shoegazetoer. En in 'Red Moon', gaan ze op een drafje voor de volle ambiance van een knusse Kate & Anna McGarrigle-countrysong. Daarbij op de opname toch ook even leuk grandma Diane Lee meevermelden en kattenvals meefluiten, geen enkel probleem.

Ook in 'Dried Roses' sierlijke violen en intieme harmonieën en in het betraande 'No Reason' is er een heel memorabele hoofdrol voor geïnspireerde seventies-fluitsolo's en hoog koorsamenzang. Warme roadsong 'Wake Me Up to Drive' zet je vervolgens op 't verkeerde been met z'n drummachine, want het nummer wordt eigenlijk atypisch gedragen door accordeon en verder een calypso-gitaartje. Ook het kleine, akoestische 'Promise Is a Pendulum' zal zich langzaam ontbolsteren in schoonheid.

'12,000 Lines' - horen we daar soms Joni Mitchell? - is een prachtige, romantische mijmering over tussen de lijnen vertaalde verboden liefde. 'Simulation Swarm', Adrianne Lenker terugkijkend op intense ervaringen van heel vroeger tot recenter, haar persoonlijke crash, haar problematische jeugdjaren met haar afwezige broertje 'little Andy', met eerst akoestische, dan excellerende elektrische gitaren. 'Love Love Love', warrig bluesgitaarnummer met, de titel getrouw, van wanhoop om liefde huilende Lenker. 'The Only Place', Lenker's zoveelste, hier fingerpickende lovesong. Waarna een swingende rootssong mag afsluiten, 'Blue Lightning', over verwerking van de kindertijd.

We omarmen dit 'Dragon New Warm Mountain I Believe in You' hartelijk als Big Thief's meesterwerk so far. Met deze bijna intimistische sound worden ze ongetwijfeld nog meer 'next big thing', voor ons worden ze intussen absolute blijver. Lievelingen aanduiden onder deze schare van twintig in spontaniteit opwellende songs is eigenlijk ieders individueel werk en zal dan ook gebeuren naargelang ze je persoonlijke zelf het meest raken. Op ons al te onvolledig lijstje staan nu al 'Spud Infinity', 'Certainty', 'Red Moon', '12000 Lines' en 'Blue Lightning'.

Het album heeft precies die eenheid en geestdrift van een vrijgevochten vriendengroep die elkaar net rond het kampvuur heeft teruggezien. Vier rasmuzikanten met een gedegen muziekopleiding. En hier dus maar experimenteren met weirde geluiden, instrumenten en teksten met intense gevoelens. Zo wordt iedere nieuwe song wel een nieuwe verrassing. Anyway, het is, eventueel na die extra-luisterbeurt, zowel rustbrengend als hartverwarmend, het wordt music for all places. Als allerlaatste woorden op de plaat vang je dan nog net op... "Gorgeous set, okay, what sound we do now?"

Als je't ons vraagt, een groep met dit élan van Big Thief? Dan is gewoon zo verder doen nu toch een verdomde plicht? See you in Werchter!

Bill Callahan - YTI⅃AƎЯ (2022)

Alternatieve titel: Reality

poster
4,0
Jammer toch, op een rijk oeuvre kunnen bogen als dat van Bill Callahan, singersongwriter en wijs romanticus en dan moeten terugkijken op een haast goed bewaard geheim. Naast mannen als Adrian Crowley, Sivert Høyem of Sean Rowe heeft deze Amerikaan uit Maryland nochtans een van de mooiste diepwarme baritons die er zijn. De altijd ingetogen performende bard, die ooit ook nog met de bijnaam Smog door het leven ging, stelt niettemin al meer dan dertig jaar heel weinigen teleur. Een understatement. De laatste jaren is hij bovendien zelfs productiever dan ooit in zijn samenwerkingen, maar vooral in het afleveren van schitterende luisterervaringen.
Ook nu weer met het cryptische 'YTI⅃AƎЯ' - de 'reality' op zijn kop? - wordt het zalig om in de knusheid van gedimd avondlicht een heerlijk uur met hem vol te maken.
Creatieve Bill duikt deze keer, extatisch bijna, in zijn eigen leven, een fascinerende levendige werkelijkheid, bruisende liefdes- en geluksmomenten. Noem het zijn 'post-coronaplaat'. Of zoals hij het bij de release aangaf, hij voelde zich tot een oppepper als deze verplicht. Het kopje van de luisteraar weer monter en fris krijgen, liefde en vriendelijkheid opwekken, verdwaasde
zintuigen weer aan de praat krijgen met verheffende muziek en dito lyrics. Maar het blijven raadselachtige ontdekkingsverhalen, zijdezachte visioenen die hij evoceert. Grilligheid opgedist op filmisch indrukwekkende wijze, zowel akoestisch als in de fraai gearrangeerde muzikale weelde van sierlijk triomferende blazers, een zes of zeven begeleidende stemmen, jawel, tot achtergrondzangeressen toe. Extra muzikanten ook die allen harmonisch ten dienste staan en die ook mogen scheuren daar waar het past. Met Bill's omfloerste lyriek zit je finaal wel met het ongewisse van de vervormende spiegeling. Want 'YTI⅃AƎЯ' staat eerder tegenover hetgeen zich in de harde feitelijkheid voordoet. Van de man weet je dan wel dat hij je hoe dan ook meesleept in de flow van weer twaalf kleurrijke, speelse songs. Nu eens verlopen ze rustig kabbelend, melancholisch, vrolijk, dan weer wordt het opzwepender.

Pure morgensong 'First Bird', de opener, is een verheerlijkende mijmering over gezinsgeluk, spaarzaam fladderende sax rond even minimale gitaren. Zo zijn er meerdere zesminutensongs die schitteren. Het vrolijke 'Bowevil', een onophoudelijke voetstamper die alleen maar in intensiteit toeneemt. Sterk. Het hilarische 'Coyotes' is even krachtig, levendig en jolig, leuke piano, 'Coyotes', over de oude hond die droomt ooit coyote te mogen zijn. Het transcenderende 'Partition', met klarinet en orgel, zie je kronkelend voorbijglijden als de avondtrein in Maryland op weg naar zijn terminus. 'Lily' gaat teder over de geest van zijn overleden moeder die over haar kleinzoon waakt.

Het prachtige met steeds jazzier piano opgebouwd 'Naked Souls', rond de trieste kant van blijkbaar velen onder ons, het vervliegt geleidelijk in mooi dwarrelend samenspel van instrumenten. 'Natural Information', is een feelgood-dagdroom over vaderschap. Het is nog zo'n springlevende topper. Op het hemels ingetogen 'Planets' hoor je pas hoe Bill met alles vrede heeft en hoe hij zijn zoete overpijnzingen naadloos laat overvloeien in jazzy improvisatie. Rustigst mogelijke afsluiter dan is 'Last One at the Party', waar hij zijn sierlijke poëzielijnen met zijn even gezellig gitaartje de plaat laat uitkabbelen. Allemaal wondermooi toch en vintage Callahan!

Kortom Bill Callahan blijft de alternativo uit de muzikale eredivisie door wiens songs je je vanaf noot één ongedwongen kunt laten vastgrijpen en meedrijven. Met dit geschenk 'YTI⅃AƎЯ', met Bill in een toch weer bijgekleurde sound, zijn we dus niet minder dan een nieuwe Callahan-klassieker rijker. Zelfs de cover is een kunstig juweeltje.

Bill Ryder-Jones - Iechyd Da (2024)

poster
4,5
De Brit Bill Ryder-Jones was als jonge tiener al de mede-oprichter en leadgitarist van het guitige The Coral vóór hij als singer-songwriter succesvol solo ging en daaropvolgend even geslaagd producer werd van o.a. Arctic Monkeys en Michael Head. Neem het meesterwerk 'Dear Scott' van deze laatste er dus ooit ook maar eens bij, hier heeft hij bovendien een cameo in de song '... And The Sea...', waar hij een stukje Ullysses van James Joyce voorleest. Gewapend met dat pak technische muzikale bagage en vijf jaar na zijn vorige soloplaat brengt Ryder-Jones nu trots dit 'Iechyd Da' uit, door Google voor ons bemoedigend uit het Welsh vertaald als 'Gezondheid! Proost'. Verder ook nog de net zo hartelijk klinkende slotsong in 't Welsh. 'Nos Da', 'Welterusten!'

Van Ryder-Jones is nochtans geweten dat hij al van kindsaf zwaar getraumatiseerd werd, dat hij zijn broer Daniel een gruwelijke doodsmak zag maken vanaf een klif. Sindsdien teisterden hem depressies, paniekaanvallen, agorafobie. Ook recenter nog, een niet aflatende stroom muizenissen, relatiebreuk en het koortsachtig weer rechtkrabbelen tijdens de coronalockdown. En dan nóg dit alles imponerend, stijlvol en statig muzikaal kunnen uitspreiden op het haast optimistische, hoopvolle klanktapijt van dit 'Iechyd Da'. Hoe fragiel, bijna fluisterend en vol melancholie hij daar ook staat, vanuit zijn ongrijpbare droefheid vloeit alles rustig en relaxt naar je toe. Alles is heel divers ook, met die met samples, spoken-wordintermezzo's, violen en sierlijke piano opgesmukte ballades, tot en met die jengelende brokken folkrock en pop. Je vangt heel verscheiden flarden op van verrukkelijke Coldplay, Grandaddy, Mercury Rev, Pavement of weelderig georkestreerde Sufjan Stevens. En koren, ja, aangrijpende, verheffende kinderkoren, zo op 'We Don’t Need Them' of 'Nothing to Be Done'.

Tal van songs over vele variaties van liefde en vriendschap. Valse romantiek in het bedwelmende 'I Know That It’s Like This (Baby)', verpakt in luchtige sixties pop, die na de ritmeverandering halverwege op- en neergaat door zelftwijfel. Het ontroerende 'A Bad Wind Blows in My Heart Pt. 3' is een terugkeer naar zijn tweede solo-album. Het zit vol intense Coldplay-piano. Part 1 en 2 stonden op het gelijknamig album van 2013 en nu vormen ze een prachtig drieluik. Wie ze kent, ook de toenmalige personages Christinha en Anthony keren terug in het nieuwe verhaal. Een van de mooiste songs is 'If Tomorrow Starts Without Me', nochtans verpletterend somber, maar met breekbare stem dansend op zalige cello's en strijkers.

Wanhoop in de liefde, verlies, pijn en vaak een diepe duisternis groeien met 'Iechyd Da' uit tot een meesterlijk album, gegoten in supergevoelige, intieme liedjes, middenin een betoverend opstijgend klankenpalet. Een golf van tederheid en vreugdevolle weelde weze dit als groot soulaas voor wie er nood aan heeft. Een majestueuse overwinning op zijn persoonlijke black dogs is het al. Een muzikale triomf bovendien waar Ryder-Jones' zegevierend zijn hele grote producerstalent kon in neerleggen.
'Iechyd Da'. Een buitengewone luisterervaring om niet te laten voorbijgaan. Hier is de eerste grote singer-songwriterplaat van 2024. Gezondheid en welterusten!

Billie Eilish - Happier Than Ever (2021)

poster
4,0
Met o.a. 't vooruitgeschoven 'my future' was er al een tipje op van de sluier... Maar nu, van bij de openingsnoten weet je 't zeker. Billie maakt hier haar reis naar intimiteit, deel twee. 'Happier Than Ever', plaat met een voor een stuk ironische titel, is een uitgesproken ingetogene, gedempt loungy suddering met 'n behoorlijke vracht goed overdachte tekst. Nemen we al 'my future', 't meesterlijkste staaltje jazzy-nachthitscoren. Echte melancholische  luisterplaat in z'n geheel van Billie die echt nog heel wat te zeggen heeft en het je net zo roerend en zacht toezingt. Minder nachtmerrie, maar niettemin, 'Getting Older', 'n adolescente, 19 jaar, volwassen en tegelijk keiberoemd geworden. Ook zij heeft haar jonge leven te dragen, liefde en relaties, met extra-druk, nieuwe worstelingen, de industrie, de camera's, de (social) media.  Bepaald veel rozengeur ontwaart ze nog niet, eerder nog 'n pak tristesse, die verpakt ze bijvoorbeeld in 'Overheated', 'Everybody Dies', 'Your Power' of  'Not My Responsibility', song met 't kosmisch Tindersticksparlando. Maar zelfs in 'Everybody Dies' klinkt ze al weer hoopvol, ondersteunerd, en 'Not My Responsibility' is tegelijk haar opgestoken middelvinger.
Muzikaal is 't een geslaagd harmonische spreidstand, nu eens 't zachtere, 't zelfs akoestische instrumentarium passend bij de rust, de jazz, de bossa nova, dat dan weer tegenover de synths voor de house, de dance en de discobeats. De weg naar bestudeerde stadionkrakers weet ze evenwel, samen met broer Finneas, gelukkig weer over te slaan en de vraag is retorisch of 't gros van de fanbase zich dit ook maar iets zal betreuren. De plaat bevat hoe dan ook voldoende eigen wegen naar de heilige charts, met inclusief daarvoor die behoorlijk ontvlambare stuff als 'NDA', 'Oxitocin' en 'Therefore I Am'. 'GOLDWING' zette je nog even op 't verkeerde been, maar ook na het oorstrelend ingezet elfenkoortje beland je nog 'n keertje op de dansvloer.
De titelsong achteraan opent als zwoele oorlogsklassieker die dan fraai muteert in declamerende 'Muse-bombast' en een Billie die therapeutisch haar longen uitschreeuwt.
Last-minute akoestische afsluiter, de ballade 'Male Fantasy', post-scriptumreflectie over 'n voorbije overheersende relatie, weet haar prachtige plaat toch niet in somberte of boosheid af te ronden, "I know I should, but I could never hate you..."
Billie Eilish heeft met haar toch verblijdende tweede risico's genomen. Als jonge singer-songwriter weet ze nu al, zonder naïviteit, hoe haar lijnen uit te zetten. Z' is intussen een grote performer geworden, even interessant als op haar eersteling. Met meer durf en meer subtiliteit heeft ze beslist méér inhoud gekregen en méér klasse. Word je voor minder 'Happier Than Ever'...

Black Box Revelation - Poetic Rivals (2023)

poster
4,5
Laaiende hoes in de prominent felle kleuren van een echte vliegtuig-Black Box: de Black Box Revelation maakt een vuist. De lichtschuwe Belgische garagerockers die met hun grillig afgekloven songs al achttien jaar waar ook ter wereld de rockpodia onveilig maken. Bebaarde schreeuwlelijk zanger-gitarist en prille VTM-BV Jan Paternoster, meer timide kale knikker-drummer Dries van Dijck, strak in de leren jacks en met hun muzikale gedachten constant verdwaald ergens 'on the American highways', ze zijn hier warempel dan toch weer met een verse schep vuige blues en ongefilterd dampende rock'n roll. Die blues zitten zo al in de geheel uitgepuurde titelsong 'Poetic Rivals' of in het 'Margarita' met zijn hijgend bluesy schurende gitaar. Maar hier ligt rijkelijk de klemtoon op de rock, want nee, ook op dit heftige zesde album geven ze niet af, gaan ze als rechtstreekse descendenten van The Stones, Led Zeppelin, The Doors, The Stooges en Foo Fighters resoluut terug naar hun bron.

De typische Black Box Revelation-sound van het duo haal je er zo uit. Dieplijzig insnijdende zang, rauwe gitaren, groezelige bas en energiek splijtende drums als recht uit doffe Detroitse garages. Al mag het nu van tijd tot tijd ook eens donker of experimenteel. De nieuwe plaat is niet voor niks in Londen geproduceerd door Andy Savours, man van o.a. Arctic Monkeys en The Killers. Vooral diens fenomenale werk voor Black Country, New Road en de energie die van hun debuut afspatte, maakte Savours voor Paternoster onmiddellijk de producer-'most wanted'. Het initieerde Black Box Revelation in de elektronica-experimenten, in synths en drumcomputers. En het derde groepslid, multi-instrumentalist-keyboards- en basspeler Jasper Morel, die wordt er voor de podia stilaan onmisbaar mee. Black Box Revelation live definitief in 3D, de extra-'Neil Young-Crazy Horse'-toets, zeg maar.

Kanjer 'Wrecking Bed Posts' kennen we al, trekken ze op 'Poetic Rivals' daarmee onmiddellijk hun muzikale en poëtische oorlog op gang. Volgt 'Heads or Tails', bevreemdende fantasie van Paternoster, kop of munt opgooien op de uitkomst van een relatietje, doorgaan daamee of niet. Tijdens de making-of van dit repetitief pulserende 'Heads or Tails', verrassend ingeleid door scanderende meisjesstem, bloeiden hun eerste experimenten met drumcomputer, maar uiteindelijk ging alles toch helemaal terug naar het pure van het fysieke drumstel. Single 'Mr. Big Mouth', jongens, da's een gedurfde knaller en zo agressief ook komen ze binnen. Over het hebben van een 'big mouth' en de vraag hoe met plastieken lui om te gaan. Als een Paternoster en van Dijck best misschien, je goed voelen in je nederige zelf, zingen van "I am the person that I want to be" en met, ondanks alle verbale hevigheid, hard en luid, ook zo zorgeloos mogelijk pompende authenticiteit overal in het rond.

Tekstueel zit er zeker meer poëtische diepgang in de jonge lyrics van Paternoster en Beverly Jo Scott. Samen trokken ze op geestelijk avontuur. Je speurt verlangen ook, alles geschreven in de lockdown van een pandemie weetjewel. Neem de ingetogen prachtsingle 'Losing a Friend', het emotionele houvast bij verlies van dierbaren, of breder, het kwijtraken van banden. Een Paternoster ingetogen twijfelend, alles inzingend in zijn laagste register ooit. Verder al rockend flirtend met euforiserende middelen in 'Alcohol' of in single 'Margarita'. Of mijmerend in 'Coastline', beetje The Scabs, energiek verbouwde akoestische song, met toevoeging van synths.

De bloedbroeders blijven zo in de huidige muziek-ratrace hun eigen Black Box-revelatie waarmaken. Ze zijn anno 2023 dan wel minder losbol in het muziekmaken, maar het plezier van het ongekunsteld rechttoe rechtaan spelen, hoor je zo, dat blijft pal centraal, de energie van de rammende jonge honden die ze waren toen ze starten als minderjarige tieners. Waren ze toen landskampioen performen met 220 optredens per jaar, nu zijn het verantwoordelijke huisvaders en elk ouder van twee kids. Maar hun wilde inborst is gebleven. Jong van geest blikten ze een frisse mainstreamgitaarplaat in, op-en-top up-tempo, vol met gebalde, catchy songs in evenveel variaties van postcorona-adrenaline.

Karakterzanger Paternoster heeft zijn 'The Voice'-jurylidvingertje zelfs wat voor zijn eigen zangvermogen gehanteerd. Er zit variatie in de zanglijnen en vaak zijn ze met hun harmoniën mooi met z'n drieën in het getouw. De live-energie zit er, met dank aan producer Savours, goed in en de nieuwe songs hebben ook de vuurproef in een mini-Amerikaanse tour van Seattle tot San Diego doorstaan.

In afwachting van de release van hun nieuwste, speelde Black Box Revelation enkele dagen geleden in het Antwerpse Sportpaleis dan ook nog eens 'My Hero' van de Foo Fighters als Studio Brussel's indrukwekkend eerbetoon aan hun overleden drummer Taylor Hawkins. De video van het gezelschap en die honderd (!) simultaan meemeppende drummers gaat nog steeds de wereld rond.
Op 1 mei gaat er dan ook Black Box Revelation Live in Rockpalast op WDR op antenne. Alle hens aan dek dus, want weer wind genoeg in de zeilen.

De opvolgers van anthems als 'Rattle My Heart', 'My Perception', 'War Horse', 'Tattooed Smiles' en vele andere, je vindt ze royaal op deze 'Poetic Rivals'. De rock 'n roll van de Black Box Revelation is alive and kicking en hun concertagenda staat weer vol. Pak daar dus, tenzij je 't meer voor 't biergooien hebt, straks maar weer de luchtgitaren op en go full speed ahead met... 'Our Heroes'.

Black Country, New Road - Ants from Up There (2022)

poster
4,5
Klein loflied voor een groot Black Country, New Road... Tegelijk met het vertrek van je zanger een regelrecht eigenzinnige klassieker afleveren, het is niet iedere groep gegeven. Na zeeën van lauweren voor je eersteling For The First Time, alle hype en verwachtingen afschudden, rechtstaan en gewoon verder doen en afwerken, dan ben je toch alleen uit het beste hout gesneden. Juist dit alles samen, clair-obscur van ontsteltenis en euforie, dat overkomt hen nu, het Britse Black Country, New Road. Hun nieuwe, totaal bezielde plaat werd dus zelfs nog stukken beter dan dat debuut. Ooit vertrokken ze van de spirit van Arcade Fire of een Scott Walker, steken ze hun meesterstuk Ants From Up There nu hier zelfverzekerd weer overvol verbluffende geluidsexperimenten, lyrisch ongekunstelde warmte en eerlijkheid. Alles bijeen moet dit wel het allerbeste voorstellen, het meest verrassende van postrock, postpunk, of hoe je dit hedendaagse alternatieve kind van indierock ook benoemen wilt. Allesbehalve hapklaar zeker, maar wat een klankrijkdom. Saxofoons. Violen. Gitaren. Piano. Afbijtend gezang. Wat een melodieën. Wat een arrangementen. Wat een ideeën. Wat een pompende, stuiterende vernieuwingsdrang.
Bijna elke song is een anthem. Je luistert dit hartverscheurende, verwarrende muzikale werkstuk zomaar in één ruk uit. Na dergelijke triomf van perfect georganiseerde confusie rest enkel onthutst, uitgeteld, voldaan na-ademen en breekt overal oorverdovend de bijval los. En dan er ook onweerstaanbaar steeds naar terugkeren. Nieuwe luistervaringen reveleren de subtiele diepten, steeds intenser spoelt aan melancholie en intrinsieke, universele kwetsbaarheid.
Maar nu, Black Country, New Road, ja, wat nu dus vanaf 2022? Afschudden vlug maar weer zowel opdoffers als verwachting. Ongestoord, in een verse slagorde van zeven of zo, bladzijde omslaan, andermaal verder zoeken naar vernieuwde samenhang, inslaan dan gauw bij A New Road in chaos. Het gewoon weer wagen, nieuwe grote sprong maken in het onbekende. Wentelen wij ons zolang in dit fenomenale opus, Ants From Up There.

black midi - Cavalcade (2021)

poster
4,5
BM zat al lengtes voor als trendsetter voor de huidige postpunk-/mathrockgitaarbands. Met hen liep de speelplaats rap vol met schitterende volgers als Squid, Fontaines D.C., Black Country, New Road. Maar intussen, zo blijkt, vinden ze zichzelf gewoon opnieuw uit en varen ze een experimenterende cruise richting extremiteiten. Net zoals indertijd andere grote chaoten King Krimson en Zappa erin uitblonken met sterk muzikaal gekronkel. Zappa's theatrale cabareteske ongerijmdheden hoor je terug, eigenzinnig croonende Scott Walker ook. Voorts stijlen zat eigenlijk, dito mogelijke referenties. Achter het bizarre gedebiteer freaken en improviseren mitraillerende riffs en drums, chaotische piano en keyboards, nerveuze violen en bijtende sax. Dan weer neemt een sereen Dietriechwalsje je op sleeptouw of hemelse prog in de afsluiter. BM creëert hier een prachtig, spannend kunstwerk van het donkerste jazzrockgehalte. Ondeelbaar hoogtepunt het hele album! Onder dwang halen we er toch het sublieme 'Chrondramalacia Patella' uit.
  

black midi - Hellfire (2022)

poster
5,0
Tijdens de onvolprezen voorganger die 'Cavalcade' was, raakte een mens al bijna in ademnood door de ijle hoogte waarop het werk zich continu indrukwekkend ontplooide en door het gewicht van de superlatieven die dan ook moesten worden aangesleept. Met de chaotische spanning en de grinta die ook nu weer onverminderd opklinkt uit black midi's schitterende nummer drie, dit freaky 'Hellfire', wordt de sinds 'Schlagenheim' nochtans al goed in emoties verwende muziekliefhebber andermaal vol weggeblazen. Constant brutaal en zonder echte pauzes opgejaagd door al even gekke, rusteloze als elegante black-midi-tegenstellingen. Op verbluffend frisse en heldere wijze blijft het trio Geordie Greep, Cameron Picton en Morgan Simpson hier dus toch maar weer hun hele generatie aan postpunk-/mathrocksoortgenoten een ferme stap voor. Met een complex 'Hellfire' dat in se vooral ruimdenkend, dapper en ambitieus verdergaat waar 'Cavalcade' verleden jaar eindigde. Met vernieuwing en experiment als de ordewoorden en peper en zout erbij om elke banale herhaling bij voorbaat uit te sluiten. De progrockingrediënten zijn op en top klassiek black midi. Met een geniaal '27 Questions', bijvoorbeeld, dat zo opnieuw weer doet denken aan die seventies soundscapes van King Krimson. Maar niet in het minst is er vanaf de turbulente opener de nerveuze dynamiek van totale onvoorspelbaarheid, het grillig parlando, de Zappaïaanse ritmes, de stroomversnellingen, de experimenterende smeltkroes aan heerlijk groteske, macabere jazzrock, de aangename noise, punk, de avant-garde van Scott Walker, de wals, de tango tot en met het orkest en de croon à la Frank Sinatra in het chilly 'The Defence'.

We krijgen andermaal een totaal losgeslagen volmodern luisterstuk, over een doldwaze 'Welcome to hell'-wereld, vol personages niet anders dan klootzakken met een hele hoek af en een concept met de meest zuivere voorsmaak van kakofonisch vlammend 'hellevuur'. Des te intenser waan je je in black midi's spannende epische actiefilm waar ondeelbaar en in één ruk de lange geschiedenis van de rock regelrecht naar het gaatje rusht. Waarna, eindeloos en onvermijdelijk, niet een 'Sugar/Tsu'-knock-out, maar enkel gelukzaligheid en de repeatknop wacht. Intussen was het er in één en al opperste bewondering al uitgestoten: hoe waanzinnig levendig en creatief toch is dit talent van black midi en dan wordt de toekenning van de eerste vijf sterren dit jaar toch onvermijdelijk en als vanzelf een feit? En dan achteraf even op adem komen, ja, dat dus toch ook weer.

Blackmore's Night - Nature's Light (2021)

poster
4,0
Uitgesproken sfeervolle plaat met middeleeuwse feel, met ook toetsen van Morricone ('Darker Shade Of Black') en Deep Purple ('Der Letzte Musketier'). Meer, Richie Blackmore bewijst in dit nummer dat hij de Deep Purple-sound nog steeds in hoge mate in de vingers heeft. Zéér sterk in zijn totaliteit.

blackwave. - no sleep in LA (2022)

poster
4,0
blackwave. is een beloftevol Belgisch duo, met aan het roer Willem Ardui, zanger-producer, en rapper Jay Atohounen. We kennen ze zeker nog van 'BIG Dreams' en 'Elusive' uit hun debuutplaat 'ARE WE STILL DREAMING?', songs die hier te lande vlot de weg naar de radio vonden. blackwave blijkt intussen ook niet voor niks tot de beste liveband van de Belgische hiphop te zijn uitgegroeid. Samen met nog een extra zestal gedegen muzikanten-vrienden timmeren ze hier al jaren aan de weg en maken ze van de frist mogelijke funky hiphop met een groovy beat. Een sound die enerzijds alleen maar van henzelf is, maar die anderzijds ook zomers vanuit L.A. lijkt aan te waaien. Dat laatste is ook echt zo, want de twee kijken met wijd open mind over landsgrenzen heen en precies voor de making-of van deze positief klinkende plaat brachten ze kort na het succes van hun vorige drie weken door in L.A.

Uitgerekend het opsnuiven en beleven van verse authentieke muzikale vibes was hetgeen ze eind 2019, na 'ARE WE STILL DREAMING?', nodig hadden, een escape naar een muzikale topbiotoop als L.A. met maar één missie: muziek en verse demo's maken voor een nieuwe plaat. De kennismaking met musici die altijd klaarstonden om met hen te werken, met hen van gedachten te wisselen bracht al vlug de broodnodige nieuwe ideeën. Meer, de Californische geestdrift bracht hen uiteindelijk -are they still dreaming!- zelfs tot in de professionele entourage van Beyoncé, Kanye West en J.Cole. De trip leverde, ongelooflijk, een dertigtal sessies op.

blackwave. daar down in L.A.... Neem het downtempo 'Perfume' in samenwerking met de Californische rapper Caleborate. Het klinkt als een en al onderkoelde soul. Willem schreef het geïnspireerd door de behaaglijke geuren tijdens een vroege zonnige ochtendwandeling naar de Starbucks in L.A. Een strijkersarrangement werd aan het tweede deel toegevoegd en hij vond Caleborate bereid om er een geweldige finishing touch aan te geven.

Maar het pad dat dan nadien vlot naar 'No Sleep In L.A.' moest leiden verliep vanaf 2020 plots veel minder over rozen. Alle ritmische zonneschijn nu op 'No Sleep In L.A.' verbergt verre van verholen dat ze na hun reis, door pandemie en lockdown gekortwiekt, door een diep dal moesten. Het album werd een zoektocht naar zichzelf, zowel muzikaal als persoonlijk. Je krijgt eerlijke teksten die lezen als een dagboek. Persoonlijke en relationele beslommeringen, verhuis, elkaar bijna uit het oog verliezen, het stond ze thuis op te wachten... tot het bijna uiteenvallen van blackwave. toe.

Vrijwel alle nieuwe songs getuigen daarover. Neem opener 'Back on Track': “This is the album of the year, we’re back on track” Of het snelle 'Good Day', dat achter opbeurende en melodieuze instrumentatie ook gospelinvloeden in de samples bevat en mooie trompetjes, piano en zang op het einde, maar daarin worden alleen maar gevoelens van depressie en verlies verwerkt.
Of de typische blackwave.-song 'I Miss', met mooi pianootje, gaat over de altijd achter de hoek dreigende sleur in het muzikantenbestaan. Het waren alle zoveel pogingen van blackwave. om zichzelf toch weer op de rails te krijgen.

Hoe dan ook, weer thuis hadden ze tijd zat om uit de hele verzamelde massa L.A.-materiaal het beste te selecteren en het plaatwaardig te polijsten. 'recluse' was het nummer dat de knoop ontwarde en het eerste wat ze medio 2021 eindelijk hun studio uitkregen. De even prima singles 'good day' en 'a-okay' met Abhi The Nomad volgden snel en werden supergoed ontvangen. 'Good day', symbolisch om te zeggen: ellendige periode hiermee afgesloten. Alles zit verwerkt in pakkende mijmeringen of songs die regelrecht verwijzen naar de dansvloer. De plaat die dus volledig in eigen beheer werd uitgebracht is een neerslag van die toch wel heel uiteenlopende L.A.-sessies. Neem het zwoele nachtelijke 'Lost in Translation', vlak erna neemt het album een hele switch naar als andere wereld, de rock van het knappe 'Desire.

Intussen spelen onze 'Kendrick Lamars of Kanye Wests' van blackwave. hier in de Lage Landen al voor festivalmassa's van meer dan 40000... terwijl veel van hun inspirerende hiphopklassebakken uit de city of dreams het dan toch steevast met heel wat mindere opkomst moeten doen.

Het gaat dan ook hard voor blackwave. Hun nummer 'a-okay' met Abhi the Nomad werd net als 'Fils de Joy' van klepper Stromae geselecteerd voor de soundtrack van de populaire PlayStation-game FIFA 23. En er komt ook écht een parfum uit op basis van hun song 'Perfume'. Benieuwd, hoe je muziek vertaald naar een geur!

Optredens blackwave. najaar :
- 7 oktober - Ancienne Belgique Brussel
- 8 oktober - Melkweg Amsterdam
-14 oktober - De Roma Antwerpen (uitverkocht)

Blanck Mass - In Ferneaux (2021)

poster
4,0
Met deze 'Echoes van Pink Floyd voor zwaar gevorderden' glijd je in een nieuwe, even ongedefinieerde space odyssey kosmisch door tot ergens nabij een Dantesk inferno en weer terug. De klankband : fascinerende, extatische, soms heel dreigende ambient die je begeleidt langs abstracte, afstaande, zelf in te vullen taferelen. BM doet het met synthesizer, ruimtelijk, in trance of vol industriële ruis, met fragmenten van menselijke geluiden en communicatie, lieflijk melodieuze piano, gitaren, beats en drums. Eenmaal op je positieven na die bevreemdende rit in twee grote etappes, kijk je als avontuurlijke ruimtereiziger toch maar weer naar de repeat. Heel gedurfd van BM, heel boeiend!

Blood Incantation - Absolute Elsewhere (2024)

poster
4,5
In de seventies thuisgekomen na een avondje stappen wilde de ietwat diehard-muziekfan in de losse kleine uurtjes alles toch nog wel eens diep transcenderend afronden, idealiter dus vanaf zijn draaitafel. Pink Floyd's toen succesvolle 'Atom Heart Mother' kwam daar al eens uitstekend voor in aanmerking, hun 'Meddle' evengoed, bijvoorbeeld, maar ook dat pak conceptalbums als Yes' bijna verguisde mammoetproject 'Tales From Topographic Oceans'. Het waren dan de uitgelezen momenten om diep tot de ziel van die complexe, vaak ruimtelijke vinylstukken door te dringen. Bij dit kransje hoorde ergens in diezelfde tijd - 1976 - ook de band Absolute Elsewhere, dat in de schaduw van Yes en King Crimson met zijn 'In Search of Ancient Gods' eerder de verre kosmos en de mogelijkheden van paleocontact viseerde. Geholpen daarbij door heel veel nevelige keyboards en prominente dwarsfluit ...

Grote sprong voorwaarts nu naar de psychedelische deathmetallers van Blood Incantation uit het Amerikaanse Denver, een viertal dat al van bij aanvang al het bloederige van hun metalcollega's resoluut schuwt en dat zelfs anno 2024 nog veel liever met de muzikale en spirituele erfenis van dat Absolute Elsewhere uit 1976 aan de slag gaat. Op hun nieuwste album, dat ze toepasselijk en heel respectvol 'Absolute Elsewhere' doopten is zo de tijd gekomen voor een deathmetal van het allernieuwste soort waarin tegelijk ongekunsteld de gelukzaligheid van de meest extreme space-odessey wordt verweven. We zeggen het, op onnavolgbare wijze. Met schitterende klanktapijten inderdaad, maar enkel mits je bereid bent daarvoor dus eerst en bij herhaling doorheen hun flarden kolkende deathmetal-maalstroom te flaneren.

Ze presenteren hun 'Absolute Elsewhere' à l'ancienne, in twee driedelige composities, 'The Stargate' en ''The Message', elk goed voor een goeie twintig minuten en telkens verder opgedeeld in drie muzikale bewegingen vol verrassende details (zelfbenoemd als 'tablets'). Samen met producer Arthur Rizk en een pak extra synth-apparatuur zijn ze hiervoor naar de legendarische Hansa-studio's in Berlijn getrokken, waar naast vele andere muzikale grootheden ooit Tangerine Dream, Brian Eno, David Bowie ('Heroes') of U2 ('Achtung Baby') hen voorgingen en waar zoals we ook vaststellen alles nu nog steeds op akoestisch volmaakte wijze kan worden opgenomen.

Je houdt je klaar dus voor een gezelschap dat hier technisch zowel als electronisch gewapend, voorzien van gitaren, drums en synthesizers uit de kosmos en met frontman Paul Riedl's extreem plooibare stemgeluid voorop, zijn grenzen verlegt, dat je meeneemt op een onvergetelijke trektocht door onbekende universums. Dat hoe extreem ook erin slaagt de volstrekte harmonie te bereiken tussen de zich almaar opeenvolgende genres en stijlen.

Neem nu in 'The Stargate [Tablet I]'. Dat bijt af met pure opwinding met al dat diep gegrom, die dodelijke drums met hun onhoudbare versnellingen en loodzware technische riffs die doen duizelen. Hou toch maar vol. Want die avontuurlijke stortvloed van verpletterende wildness, blastbeats en riffs gaat op een bepaald moment ineens rimpelloos over in onverholen Pink Floyd-ambient met weidse Gilmour-verwante gitaren. Of in 'The Stargate [Tablet II] waar met zijn oldskool-elektronica zelfs het oude Tangerine Dream-lid Thorsten Quaesching lijfelijk mee aanschuift in de studio. Onverwacht volgt dan ook nog een verrukkelijke pastorale dwarsfluitpassage die kort erop zal ontaarden in krautrock van het meest helse soort. Herbeleef al die muzikale luister integraal in de uitstekende begeleidende video van 'The Stargate'.

Blood Incantation doet tijdens zijn sciencefiction-trip verder gewoon alles wat het wil. In 'The Message', wat een compositie! Op zoek naar bewustzijnsverruiming en nieuwe verbindingen voor het begrip van het aardse leven is het op de tablets I en III van 'The Message' tijd voor een heuse clash van de metal, waarbij de beste black- and thrashmetal elkaar heerlijk woest de loef afsteken. In het etherische middenstuk is het dan weer resoluut aan de onvermengde psychrock en aan Riedl's nostalgisch cleane gezangen waarin de pure ijlte van David Gilmour-verwante vocalen openlijk nagalmt.
Na een apocalyps vol galopperend metalgeweld in de afsluitende kolos 'Tablet III', met tussendoor weer zo'n passage met Ian Anderson's altmodische dwarsfluit of het getik van Pink Floyd's tijdmachine, kraakt er in de eindminuten van 'The Message' - helemaal niks getrukeerd - een levensecht warmteonweer los over de Berlijnse studio en besluit het album ongedwongen met het uitstervend geluid van de opgewekte Oekraïense oorlogskinderen buiten plenzend in het nat.

'Absolute Elsewhere', dit conceptalbum is het ontzaglijke magnum opus so far van een grandioos Blood Incantation. Zoals ze het zelf aangeven mag hier alles vrij stromen, als één grote, grenzeloze massa.
Gebaseerd als het is, enerzijds, op een o zo rijk apocalyptisch verhaal met een ongekende epiek is het anderzijds muzikaal vooral een allesbehalve conventionele creatie die als geheel in een verbluffend ongekunstelde symbiose landt. In het bijzonder de uitdaging om de spacey progrockers mee te krijgen in een bruut deathmetalframe als dit vergt zelfs vandaag ongetwijfeld nog de nodige muzikale flexibiliteit. Al zijn er in de progressieve rock, ondanks verschillen, al eerdere voorbeelden - neem de vroege werken van Opeth voorop - waar dit samengaan resultaten gaf die volop sprankelden. Eigenlijk is zelfs 'Absolute Elsewhere' een prog-album ten voeten uit waarbij de metal gebruikt wordt om de loop van het verhaal karaktervol en met kracht op en neer te stuwen en misschien spreken we daarom beter ook niet alleen over de regelrechte verheffing hier van de deathmetal. Want precies het omgekeerde bevat evengoed zijn waarheid. Met name het zelfverzekerde 'Absolute Elsewhere' dat hier de progrock tot een nieuw uiterste verheft met zijn impressionante injecties van de frisse dynamiek van de deathmetal. Het resultaat is hoe dan ook een sfeervolle, absoluut niet te mislopen jaarplaat vol oogverblindende Pink Floyd-blues op deathmetalniveau.

Line-up:
Paul Riedl - zang, gitaar
Morris Kolontyrsky - gitaar
Jeff Barrett - bas
Isaac Faulk - drums

Bony Man - Cinnamon Fields (2021)

poster
4,5
Hij schrijft zijn prachtsongs daar helemaal vanuit zijn huisje-tuintje in Reykjavik, met fabuleus zicht op roodgloeiende Ijslandse vulkanen...Guđlaugur Jón Árnason, aka Bony Man.

Met dat debuut out of nowhere is het, 'Cinnamon Fields', dat hij je nu zo intuïtief raakt. Zit daar soms wat Damien Rice in de opbouw? Is dat geen frasering als van een Lambchop? Die vibes, iets als van The Slow Show? Het is zeker zijn unieke warme stem die je meesleept in die sierlijke, mooi aangeklede songs over verlies en grimmige somberte. Het is die ingetogen warme mistroostigheid van de gevoelige singersongwriter met z'n gitaar, gelardeerd met geweldige strijkers. 't Is hier allemaal zo delicaat en zuiver in die gestripte melodische popsongs, folksongs. Maar jongens, met wat een schare topnummers. Welaan, this bony man, he's got soul!

Neem het diep hartrakend, golvend 'Hole in the World', met zijn zwierige melodische stemuithalen, nederig akoestisch opstartend en als een vloedgolf steeds in kracht toenemend tot z'n orkestrale apotheose en tot z'n uitgeleide met blazers. Blijkbaar ode aan het leven na de geboorte van een eerste kind,  warme mijmering over voorbije jeugdjaren bij het komende vaderschap, maar wat een nummer.

Of 'Unforgiven', die wondermooi verfijnde soundtrack voor een onbestaande film. Minimaal optrekkend met z'n altijd pakkende stem in 't midden, droeve strijkers, eenzame man met gitaar in smart de ijszee en z'n rotsen toezingend...

'Better Off', verstillende, donkere ballade als over de veerman op de cover van de single, over diep water weer een nieuwe ziel afvoerend naar het rijk der doden...

Het zachte vuur van 'The Bottom'. Krachtig instrumentaal openend, akoestische gitaar, zachte drums, rijke, huilende stem. Ze sleept je mee in pure melancholie. Bony Man, je vloog te dicht bij de maan en je raakte bevroren. Nog zo'n dramatische meditatie over leven en dood. Prachtige strijkers, betoverend arrangement. Neem dan ook maar de even beklijvende unplugged YouTube-versie van dit 'The Bottom' onder de 'Stofa Sessions'.

'Cinnamon Fields'. De geweldigste song van de plaat, met subtiel stapvoets inkomende vocals van Bony Man, z'n minutenlang minimalistisch gitaargetokkel, sinister fluitend bij een duister gedeclameerd visioen over duivels en wanhopige liefde, gaandeweg evoluerend naar een louterende finale, met voorzichtig naar de grens van de Cinnamon Fields meestappende drums en in meerstemmigheid schitterend uitwaaierend à la Damien Rice. Wat een weergaloze song en dito wonderschone poezie. Als ware hij de Ijslandse Adrian Crowley zelve.

Bony Man is nog niet begonnen en hij rijdt al een foutloos parcours, levert zomaar geheel in de schaduw een meesterwerk. Dit is een authentieke plaat over getroubleerde emotionaliteit. Plaat vol geweldige singles en enkel uitstekende nummers, fijnbesnaard en eerlijk. Alles past, zowel de minimalistisch intieme fragmenten als de prachtige arrangementen. Composities vol mooie muzikale wentelingen, afgewerkt en in een glasheldere productie.

De mooiste parels liggen verborgen tussen de keien. Daar onder het witte schuim van de IJslandse  branding... Topplaat!

Boudewijn de Groot - Windveren (2022)

poster
4,0
Afscheid van het podium in 2016. Geluk bij een ongeluk, dat ultieme solo-optreden van hem in Roeselare nemen ze ons niet meer af. Groeiende onzekerheid, de zenuwen, slapeloosheid, faalangst, dan ineens heb je er geen zin meer in. Bleek z'n muzikale carrière evenwel toch nog verre van afgesloten, de man was ook helemaal niet verdwenen. Kwamen er zelfs vlug tóch weer optredens, met de vrienden van Vreemde Kostgangers. Maar toch, wijfelend perfectionisme, angst voor het podium, onderhuids sluimerend... Tot corona hem resoluut te hulp schoot en het echt definitief stil werd op de scene.

De wereld draaide wel door. Terwijl die van hem uiteenvalt, hij zijn goede vrienden, Henny, Simon, Jan, George, Rob..., als donkerbruin verwelkte bladeren van de herfstbomen een voor een ziet afvallen of door ellendige ziekten onverbiddelijk ziet wegkwijnen. En toch. Zo terwijl kijkt hij, levende Lage Landen-legende Boudewijn de Groot, met z'n spierwitte bij wind nog royaal opwaaiende haren, nog het allerliefst op naar zijn jongere zelf, houdt hij hard en bruisend aan het leven, aan zijn nieuwe projecten, steevast draaiend rond carrière en muziek. Nuchtere manier van fit en levendig ouder worden. Samen met Jaco van der Steen, gewezen bassist van de Dutch Eagles, rondt deze vrije 78-jarige met zijn blijvende knaldrang onlangs nog een kinderliedjesplaat af, 'Soms Als Ik Een Vlinder Zie'. Werkt hij waardig aan het laatste, nog te verschijnen album 'Mist' van Vreemde Kostgangers, waarvoor George en Henny zowat samen de muziek nog schreven en hij, naast Henny, de teksten leverde. Of is hij ook druk met dat eigen grootse Boudewijn-overzichtboek dat er in mei volgend jaar zijn moet. En laat hij zich dan toch weer vastpinnen op zenuwslopende deadlines: de liedjes schrijven voor een grote theatervoorstelling nog, volgend jaar.

Komt daar uiteindelijk zo helemaal ertussenin dan ook, fier, het veertiende soloalbum 'Windveren', dat nu, door corona, in plaats van voorheen in de studio, veel meer solitair in huisarbeid moest opgroeien, met over en weer naar Nederland's topproducer Gordon Groothedde te verzenden tracks en met talloze uitpuringen op afstand tot alles juist zat. 'Windveren', verschijnt voor wie het wil, bovendien met een boek waarin o.a. alles over de hele making-of te lezen staat.

We krijgen op dit vlakaf geweldige 'Windveren' een bonte, aangenaam vertrouwde reeks Boudewijnsongs. Twaalf stuks, wendbaar in een veelheid van genres, ballads, een countryrocksong, alles dooreen, alle met een eigen stemming en met vooral veel nostalgie in de noten en de tekst. Jawel, hij zingt het wat gruiziger en freler, maar, geef toe, zelfs met die falsetto van hem scoort hij nog prima. De teksten zijn over een heel lange periode heen ontstaan. Indringend gaan ze over de teloorgang van milieu en klimaat, machtsmisbruik mundiaal, liefde, eenzame vrijheid, dood of hunkerend verlangen. Boudewijn is nu meer schrijver geworden, de spirituele teksten stromen nog zomaar uit zijn pen. De componist daarentegen, die vindt het soms wat moeilijker. 'Windveren' is dus ook veel samenwerken: aan de muziek, met Christon Kloosterboer ('Aarde'), Jaco Van Der Steen ('Enge Mannen', 'Als Je Huilen Wilt'), George Kooymans ('Hoe Meer Ik Dichter Kom'), aan de lyrics, met Peter Colpaert ('Lente'), Bies van Eede (Piazza di Chirico') en zowaar ook Lennaert Nijgh ('Als Je Stil Bent').

In die sombere piano-opener 'Aarde', zijn eigenste 'Inconvenient Truth'-klimaatsong, hem aangepraat door en samengemaakt met componist Christon Kloosterboer, komt de bard die ooit zijn carrière startte met Dylan-barricadenliederen als 'Welterusten Meneer de President', warempel weer met een prachtig regelrecht protestnummer op de proppen. En of het binnenkomt! Met een spiegelende epische boodschap waarmee hij de mensheid een geweten schopt, versterkt met orgel ook, gaandeweg met een onheilspellend weids Pink Floyd-gitaarsfeertje en gelukkig, vóór het finale piano-akkoord, toch één gelaten suggestie: "Laat haar met rust, laat haar gewoon wat door de ruimte zweven." Opstandige Boudewijn steekt in 'Enge Mannen' nogmaals grotesk de kop op, in het sprankelend up-temponummer over schadelijke mannen door de eeuwen heen. Humoristisch cabarettesk, in een vriendensfeertje en met een gedrevenheid à la Vreemde Kostgangers. En ja, het 'Welterusten'-woord zit hier wel degelijk ook in de tekst. 'Lente' dan is een vintage seventies soundtrack met retro-Boudewijn de Groot in volle tijdloze ingetogenheid. Weer een droeve mijmering over de kille grijze straat in Nederland, waar, in troosteloos beton, lentegroen of ontluikende bloemen niet meer hoeven. Ja, Moeder Natuur doorweeft 'Windveren'. Volgt een fraaie, sobere pianosong over haar schoonheid, de liefde ook en de vrijheid van 'Wilde Ganzen'. Volledig van de hand van Boudewijn ook is het schitterende emotionele verhaal van buitenleven en nogmaals die vrijheid en liefde, 'Raven Boven Wales'. Meer dan zes heerlijke minuten in het folkbad van Welshe sferen.

Het lichtvoetige up-tempo 'De Dame Met het Hondje' is een alternatieve 'Annabel'-song, vol sierlijke fluitkrullen. 'Sheherazade' is mysterieus, gaat over de vrouw van duizend en één nacht, met achtergrondvocals van kleindochter Aysha 'Meis' de Groot, ook zangeres bij Eefje de Visser. Had net zo goed een prachtige Elly en Rikkert-song kunnen zijn. Aysha suggereerde modernere opsmuk van het nummer met introductie van een zachte beat in dubbel tempo onder de lyrics, opa luisterde en zag bewonderend dat het goed was. Zachte piano dan op liefdessong 'Piazza di Chirico', met lieflijk hese Boudewijn, laverend tussen romantisch Italiaans accordeon.

De aard van de wind keert. Volgt 'Als Je Huilen Wilt', dat aangedreven rockend begeleid wordt door de superfans van The Kik, die in 2018 als naarstige monniken nog helemaal zijn albums 'Voor de Overlevenden' en 'Picknick' coverden en opnamen. Aardig beatlesgitaartje en fraai samenzang van die mannen. Net zoals ook elders op het album altijd met hints te over naar zijn omvangrijke songbook: 'Verdronken Vlinder' bijvoorbeeld hier, of naar 'Wat Geweest Is, Is Geweest'.

Het verrassende 'Als Je Stil Bent', wellicht een allerlaatste teruggevonden sonnettenpareltje van overleden compagnon de route Lennaert Nijgh. Kort maar zalige postume reünie dus, voorzichtig gebracht in de sfeer van hun beginjaren, hemels eenvoudige akkoordenreeksen op enkel akoestische gitaar.

De avondlijk jazzy keyboardsong 'Vals Licht', roept, door het raam starend, kleuren op van de weeromslag, verre beelden en tinten van de (stief)moederlijke liefde. "Was dit het licht dat ik zal zien aan de andere kant van de heuvel? Zie ik haar dan weer?...Waar zij mij zal wiegen als die allereerste keer?" Het leidt naadloos naar het magnifieke, even persoonlijke slotstuk 'Hoe Meer Ik Dichterbij Kom', met muziek van de zieke George Kooymans. Een onuitgegeven positieve, ontroerende tekst van de 'oud en grijs' geworden Boudewijn, de 'ongelovige', die voor de laatste maal in een aangrijpende, melancholieke ode zelf op reis gaat naar de vrome moeder die hij nu al 77 jaar mist. En dichterkomend -'Kijk, mama, kijk!'- almaar vaker fantaseert over mogelijke hereniging ooit, verlegen naar haar wenkend, daar in haar 'hemelse paradijs'. Intiem pareltje!

Boudewijn de Groot blijkt hier op 'Windveren' nog maar eens een groot verhalenverteller. Zijn beeldende, directe poëzie is van zeldzaam grootse kwaliteit, net als die van bijna leeftijdsgenoot Alex Roeka. Neen, die krimpende generatie laat zich dus nog steeds gelden en zit nog vol plannen en ideeën over songs die nog zullen komen. Solo-optreden met 'Windveren' zit er niet meer in. Maar de eenzame zanger op de plaathoes, die kromgebogen tegen de wind in altijd beresterk zijn eigen gang gaat... die staat op dit 'Windveren' zonder meer glanzend op eenzame hoogte. Blijf je eeuwige jeugd maar vieren, Boudewijn.

boygenius - The Record (2023)

poster
4,5
Bij deze drie jonge Amerikaanse dames werd in 2018 ondanks hun jeugdigheid al onmiddellijk het predicaat 'supergroep' bovengehaald, Phoebe Bridgers, alhier het best bekend, Lucy Dacus en Julien Baker. Want inderdaad als de singer-songwriters van hun generatie hebben ze individueel, nu intussen zeker en vast, elk een carrière die er echt toe doet. Toen bleken het ineens ook nog eens drie muzikale zielen in één zak. Na hun eerste titelloze e.p. van 2018 waar ze voor het eerst hun songwritingskunsten samenlegden doen ze dit dus nu opnieuw, met een even kaalklinkende plaattitel: 'the record'. Dit sterke debuut, waarbij ze gaandeweg ook hun queeridentiteit verder uitdiepten, valt op door zijn uitzonderlijke melodieën, dromerige harmonieën van altijd samenpassende vocalen en zijn verhalen vol wilde waarheden en fragiliteit. Kortom, allemaal toch heel bijzonder als je het vergelijkt met wat de 'doorsnee' supergroep echt voorstelt. Hier enkel verhalen met een kloppend hart, gebracht in een hoogmis van hechte vriendschap. Er wordt samen gezongen ver weg van opdringerige ego's. Hier wordt, meer dan in welke andere supergroep ooit naast elkaars vriendschap ook alles van ieders individuele sterkten ingebracht. Alles is 'true blue' - daarover straks meer - als in een coolblauw competitieloos evenwicht.

Dat voel je dus meteen met de puur verstilde elegantie van gestroomlijnde opener, de pakkende a-capellafolksong 'Without You Without Them'. Hier staat een trio dat zich emotioneel verbonden weet en dat die intimiteit met zijn drieën tijdloos klaarzet in het frame van hun 'the record'. Ze zingen het daar vanaf de eerste seconden al uit: "Geef me alles wat je hebt, ik neem wat ik kan krijgen, ik wil je verhaal horen en er deel van uitmaken..."

Dan volgen de drie gekende singles, die elk al de eigenheid van de drie individuele schrijfsters blootleggen. Zo wordt de a capella brutaal weggevaagd door het grillig scheve '$20' en krijgen we terstond een vurige Julien Baker - wie anders? - die met keihard geweld van gitaren en drums zowat een schreeuwerige grungerocker inzet over haar jeugdige escapades, waaronder brandstichtingen. Julien Baker, hallo! Een song niettemin die ondanks de wervelwind van chaos toch feilloos vocaal ondersteuning vindt in de delicaat aanleunende harmonietjes van haar beide zielsvriendinnen. Dan gaat het daarna met z'n drieën even solidair en harmoniserend over naar het zachte berouwvolle 'Emily I'm Sorry', speels geïnstrumenteerd, waar een in wanhoop en onzekerheid nasmeulende pijnlijke verkenning wacht van de voorbije relatie van Phoebe Bridgers met ene Emily Bannon.

Het scherpzinnige 'True Blue" van Lucy Dacus is aansluitend voorzien van een zachte zoetvloeiende groove en even vlekkeloze harmonieën. "It feels good to be known so well" klinkt het overgelukkig uit de groeven. Een toegewijd, authentiek feelgoodrelaas over een respectvolle 'blauwe' relatie, zoals Dacus het noemt, waarin partners het beste van elkaar naar boven weten te halen. 'Cool About It' is dan een klassiek akoestisch nummer dat bewust en heel opvallend afbijt met de intro van 'The Boxer' van Simon&Garfunkel. Hier gaat het over ontmoetingen tussen ex-partners die blijkbaar steevast moeten uitdraaien op kromme en giftige communicaties. Elkeen krijgt, met de nodige strijkers op de achtergrond, zijn eigen strofe om een dergelijk pijnlijk verhaal voor het voetlicht te brengen en finaal vloeit alles gedrietjes weer mooi in elkaar.

In het tot gitaren en drums gestripte uitbundige 'Not Strong Enough' - het kon warempel evengoed een K-Choice-song zijn! - snijdt de drieëenheid zelftwijfel aan, gekoppeld aan hun feministische strijdkreet 'always an angel, never a god'. Dit thema wordt als een mantra veelvuldig herhaald: een vrouw zal altijd maar de engel kunnen zijn, want de goddelijke plaats is de man voorbehouden. Niet voor niks dus ook de keuze voor een bijtende groepsnaam als 'boygenius'.

In de ingetogen folksong 'Revolution 0' waren zowel de geesten van Elliot Murphy als John Lennon rond. Bridgers' intieme zang wordt, samen met de strijkers, andermaal geflankeerd door het eensgezinde vriendinnenkoor. Het korte akoestische roadtripnummer 'Leonard Cohen' refereert dan weer aan hun verbondenheid met de alomgeprezen folkbard die, vernemen we, zijn zenpoëzie vol seksuele toespelingen stak. Ook een onvergetelijke dichtlijn van hem zit in hun song verweven : "Er zit een barst in alles, zo kan het licht daar naar binnen". Maar bovenal gaat het Dacus hier over de dynamiek van hun met drie samen-zijn en de euforie van "I never thaught you'd happen to me." Begrijpelijk dan ook dat Bridgers, Dacus en Baker er vanop hun liefdeswolk, in aanloop van de plaat ook relatiecounseling bijriepen. Die barst toch het liefst vermijden, zeg maar, en hun heilige driestelrelatie bij voorbaat liefst zo ongeschonden mogelijk houden. Rocker 'Satanist' is daaropvolgend nóg een Baker-brutaaltje, over de vraag of onvoorwaardelijkheid in relaties wel kan standhouden. "Zou het je lukken om samen met mij ook satanist, bourgeoisievermoordende anarchist of nihilist te worden?", vraagt Baker zich filosofisch af.

Dan is er de serene akoestische ontroering van 'We're in Love' met vooral de lieve stem van Dacus. Gitaar en piano voor een liefdesbrief aan elkaar, vooral dankzij deze globale verbondenheid met een hart kon dit debuut uitmonden in de artistieke pracht van 'the record'. En opnieuw, net als in 'The Satanist', weerkerend vertwijfelde vragen: "Zal je nog steeds van me houden, als ik ook krankzinnig zou blijken te zijn?" Met een in gelukzaligheid stijgend rockgeluid lardeert het messcherpe 'Anti-Curse' vervolgens nogmaals de vele turbulenties in Baker's leven en haar emoties na een bijnadoodervaring. De finale pianosong 'Letter to an Old Poet', knipoogt even naar Rainer Maria Rilke's boek 'Letters To A Young Poet', het is deze keer een uniek emotioneel statement van Bridgers over een toxische relatie. Met haar deinen verwarrende violen uit in een filmische climax tot en bij de joelende massa op het einde.

Hints naar de muzikale voorgangers van Baker, Bridgers en Dacus liggen op 'the record' voor het rapen: The Beatles ('Generation 0'), Simon&Garfunkel ('Cool About It'), Sheryll Crow en The Cure ('Not Strong Anough') of Leonard Cohen en Iron&Wine (op 'Leonard Cohen'). Maar vooral is 'the record' een muzikaal levendige zoektocht van drie individuen naar elkaar, als mens en als kunstenaar. Het resultaat is heel kleurrijk en divers. Elk nummer bevat toetsen van elkaars kleurenpalet en je hoort de echo's van ieders eigen repertoire. Inhoudelijk legden ze vrijwel hun dagboeken samen. Respectvol gedeelde ervaringen, teder, zacht, over liefde, angst en schaamte. Drie iconen van de indiemuziek hebben er dus samen goed plezier in gehad en vonden zo samen de chemie en de magie van de ware supergroep. Of houden we het bij de magie van de vriendschap? Een voortijdig zomeralbum om nu al te ontdekken.

Bryan Ferry - Royal Albert Hall 2020 (2021)

poster
4,0
Verleden jaar trakteerde hij ons met de release van zijn live-optreden 1974 in diezelfde tempel. Nu horen we hoe stevig Bryan ook 46 jaar later nog steeds klinkt. Met een songbook, met Roxy Music en solo, dat intussen nog indrukwekkender is geworden. Klassebak!