MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten ThirdEyedCitizen als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Dawn Richard - Second Line (2021)

poster
4,0
Onder leiding van Sean Combs AKA Puff Daddy vorm je als uit New Orleans afkomstig zijnde Dawn Richard op MTV programma Making The Band een pop/RnB meidengroep genaamd Danity Kane. Zoals wel vaker gebeurt met dat soort jongere acts valt de groep al snel uit elkaar. Gelukkig heeft Daddy een rusteloos entrepreneursbrein en je carrièrepiek blijft doorgaan met het uitkomen van electronic/RnB album Last Train to Paris onder de banner Diddy – Dirty Money. Maar plots is ook dat opeens klaar, wat doe je dan? Het ongebruikelijk antwoord van Dawn Richard luidde: Ik ga geheel onafhankelijk mijn eigen weg. Ik regel mijn eigen shows, veel eigen danseressen, mijn eigen video ideetjes en eigen album artwork plus concepten. Kortom, alles zelf doen. Waar mainstream succes wordt ingeleverd, krijgt ze alle creatieve vrijheid terug die ze maar wilt en dat is ook wat waard.

Second Line is voor Richard het vervolg op New Breed en onderdeel van een trilogie dat conceptueel handelt over haar opvoeding, plaats in de wereld en hoe de New Orleans cultuur met Afro-Amerikaanse-, Creoolse en Indiaanse invloeden haar als persoon gemaakt hebben tot hoe ze nu is. Ook met betrekking tot de kunst- en muziekwereld. New Breed belichtte die Mardi Gras invloeden en haar familiale banden met de Washitaw indianen. Eveneens speelde haar vader in de soul/funkband Chcocolate Milk, die met Groove City een hit te pakken had die vaak gedraaid werd op Mardie Gras feesten. Met Second Line is de Creoolse kant aan de beurt. Het album staat dan ook vol met stukjes interview waarbij Dawn en haar moeder het hebben over de cultuur in relatie tot haar moeders leven. Onderwerpen gaan van de uitleg wat een “Second Line” is tot de liefde tussen haar moeder en vader. Een authentieke, erg persoonlijk uitwerking die erg doet denken aan wat Solange eerder deed op haar album A Seat at the Table.

Maar ze zou zichzelf niet zijn als dit al het complete plaatje zou wezen. Nee, daaromheen draait ook een futuristisch concept waarbij robots en mensen beide een duidelijke eigen plek hebben en samen vechten voor vrijheid en vernieuwing binnen deze cultuur. Dit concept is vooral audiovisueel van belang. Waar je het visueel al terug ziet in het album artwork, maar vooral ook de uitbundig bevreemdende clips die doen denken aan films als Blade Runner en The Fifth Element. Muzikaal is er een duidelijke tweedeling tussen de “robot-kant” van het album en de menselijke kant.

Na een kort intro beginnen we de robotkant, als Nostalgia minimal techno synths met pompende deephouse mengt en haar vocalen uit een oude telefoonspeaker lijken te komen. Meer eclectisch wordt het in Pressure waar ogenschijnlijk platte 90’s Dance mengt met RnB en er opeens Drum-‘n-bass om de hoek komt kijken als we het niet verwachten. Na een kort stukje interview kruisen RnB en Reggeaton vervolgens in Jacuzzi. Veel traditionele muziek horen we niet, maar er is wel aandacht voor de New Orleans “bounce-sound” in Pilot en FiveOhFour (A Lude). Deze kant kenmerkt zich door veelvuldig gebruik van vocale lagen, vocoders en autotune. Samen met al het elektronische geweld is dit gedeelte van het album iets kouder, afstandelijker.

De menselijke kant doet niet abrupt zijn intrede, maar laat zich al kort horen in een onder de electronic verstopte gitaar in Voodoo. Het komt pas echt naar buiten in Mornin/Streetlights, twee tracks in één: Mornin is een warme RnB-track met gitaar en lome beats en Streetlights komt met psychedelische triphop, waar in beide tracks haar stem minder gemanipuleerd klinkt – menselijker. Maar belangrijker, in dit gedeelte heeft Richard als songwriter meer te vertellen. Le Petit Morte (A lude) is muzikaal een vreselijk mislukte ballad waar haar vader Beethovens Mondscheinsonate speelt op piano en zij eroverheen kreunt: “This is the last time I’m gonna write a song about you”. Het is gokken over wie of wat dit gaat, maar gezien het verloop van de tracks hierna, is de kans groot dat ze het over haar carrière en de muziekindustrie zelf heeft. Radio Free begint namelijk nogal negatief met, They only love her if she makin’ money, When it stop, they lookin’ for the next honey. Now you walkin’ ’round sayin’, “Fuck the industry”. Numb to the pain, like you drinkin’ codeine”. Maar al snel komt ze trots tot de conclusie “Play your free loud”, vrij van het verstikkende mainstream leven, vrij om te doen waar je zelf zin in hebt. Een gevoel van eigenwaarde dat ze doortrekt in The Potter, maar ook het naar orkaan Katrina refererende Perfect Storm: “I went from homeless to livin’ this, y’all” , waar ze na een tijdelijk moeilijke periode van evacuatie in Baltmore, Maryland nu eindelijk weer terig is in New Orleans met een leven dat weer goed gaat. Track 15 en 16 sluiten af met wat ze zelf noemt Outermission: het afsluiten van dit album en een kijkje naar de stijl van het derde album in de trilogie? Waar gaat het heen?

Dawn Richard laat met Second Line wederom horen wat de fans al jaren weten: ze laat zich niet in een genre-hokje duwen met haar vooruitstrevende kijk op moderne popmuziek, zowel muzikaal als conceptueel. Al laat ze zich hier meer en meer gelden als electronic artiest en dat is bijzonder, gezien haar voornamelijk RnB en hiphop verleden. Met de steun van gerenommeerd cultlabel Merge wordt ze meer gepromoot dan ooit. Hopelijk krijgt ze langzaamaan de aandacht en waardering die ze verdient.

Mijn recensie zoals verschenen op: Dawn Richard - Second Line | Electronic | Written in Music - writteninmusic.com

Dead - We Won't Let You Sleep (2016)

poster
4,0
Een obscuur Australisch noiserockduo bestaande uit bassist en drummer. Maar dan niet in de Lightning Bolt-stijl, nee denk eerder aan de bandjes van Amphetamine Reptile. Heerlijk lomp, zwaar en distorted. Deze release kent ook de toevoeging van Kevin Rutmanis (Cows, Melvins) op meer bass en Toshi Kasai (producer Melvins, ex-bandlid Men of Porn) op gitaar, vocals en productie.

Heerlijk dit. Wellicht niet zo makkelijk te koop, maar wel goed te vinden op spotify en andere kanalen, Persoonlijk kreeg ik een reissue exemplaar als promo opgestuurd, hand genummerd: 86 van 200 met een hoes gemaakt van recycled karton of zo. Bizar.

Dead Letter Circus - This Is the Warning (2010)

poster
4,0
Een vergelijking met Karnivool lijkt onvermijdelijk. Beide bands Australisch, progressief van aard, hoog zingend. Toch doet Dead Letter Circus het een stuk anders (en beter).

Die Karnivool vergelijking drop ik straks gelijk, maar moet nog even kwijt dt die band iets teveel geproduceerd is, waardoor het niet meer als een band klinkt. Terwijl ik denk dat deze gasten live heel goed uit de verf zouden komen. DLC is ook wel geproduceerd, maar behoud het bandgevoel.

Dead Letter Circus klinkt als een kruising tussen Circa Survive en A Perfect Circle, vooruit ook een beetje Karnivool. Btekent dus dat de band meer song gericht te werk gaat. De sound kent ook nogal wat electronic invloeden op de achtergrond, leuke toevoeging.
Hoewel de productie wel echt als een productie klinkt is het bandgevoel wel aanwezig (denk Circa Survive). Luistert makkelijk weg en gaat zelfs aardig fel tekeer.

Een verlaging zit er nog wel in, maar het album is te leuk momenteel.

Dead Raven Choir - My Firstborn Will Surely Be Blind (2007)

poster
3,5
Metal. Een blikje giitaren, drums, bas en het liefst veel herkenbare zag om mee te zingen. Voldoet het niet aan dit stramien, is het al gauw Prog-Metal. Zitten er geen gitaren bij, vind men het al snel geen Metal meer.

Dit klinkt een beetje flauw, maar dit is toch waarom ik een haat liefde verhouding met Metal heb. Het is teveel verbonden aan regels naar mijn idee.
Muziek zou helemaal niet verbonden moeten zijn aan regels. Wil je gaan beatboxen tijdens een Metal nummer, prima. Wil je een xylofoon laten klinken in combinatie met een grunt, ga je gang. Muziek en dus ook Metal, is vrijheid.

Dat is hier in ieder geval goed begrepen. Kom we laten de gitaren weg en ach, die drums zijn eigenlijk ook niet zo nodig. Er is echter wel een erg zwarte krijs, een slepende cello en een bakje ruis. Sfeer genoeg en als er een album is wat de titel BLACK verdient, is dit het wel.
Toch vind ik ook, dat een beetje afwisseling geen kwaad had gekund. Hoogst sfeervol album en origineel genoeg om me te boeien, maar variatie zit er nauwelijks in. Die cello blijft doorzagen, ruis blijft ruizen en die man maar doorkrijsen op diezelfde toon.

Een beetje jammer dat ik hier geen hogere score aan kan geven. Origineel en tenminste niet zo standaard als de meeste Metal albums. Het eentonige, tempert mijn cijfer toch lichtelijk.

Death Grips - Exmilitary (2011)

poster
4,5
Vooral niet te zacht draaien ook!

Denk aan Techno Animal, Dalek, Food for Animals en eigenlijk ook niets vergelijkbaars. Heftig spul. Een muur aan geluid dat op je afkomt, met een rapper die erover heen brult alsof zijn leven ervan afhangt.
Veel geschreuw, weinig wol, lijkt een makkelijke conclusie dan, maar maatschappijkritiek is ook niet van de lucht. Wel simpel, maar doeltreffend. Luister maar naar Guillotine, of het bizarre Culture Shock (die clip haha). Misschien iets te lang en een beetje onevenwichtig, maar wel uniek. Komt er bij dat dit een mixtape is, vol met samples uit de alternatieve muziek. Ik neem aan dat er nog wel een echt album komt.

Leuk feitje: Zach Hill (Hella) staat aan de basis van alles wat ritmisch is hier en de productie.

Deerhoof - Mountain Moves (2017)

poster
3,5
De band klinkt hier dikwijls cynisch en argwanend. De muzikale aankleding is vaak nog steeds vrolijk en aanstekelijk, maar daarachter zitten donkere wolken. Dat steekt een beetje bij me, want ik link Deerhoof het liefst aan naïeve, kinderlijke vrolijkheid en het toppunt van escapisme. Op het moment dat zelfs Deerhoof het nodig vindt om sociaalkritisch uit de hoek te komen is er dus echt iets goed mis. Dat is ook wel zo, maar de band was er naar mijn mening juist voor om dat allemaal even lekker te vergeten.

We dance merrily, for we are sad

Singalong Junk is prachtig, maar dat had ik ook wel verwacht met de vocalen van Xenia Rubinos. Hoewel je het nog steeds kunt zien als een klein politiek statement is het lied Mountain Moves ook lekker gek en Roberts sax past er prima bij. Wat is Begin Countdown? gaat dat over het verlangen om een kat te zijn? Of simpelweg het vermogen om als mens veerkrachtiger uit de hoek te komen? In ieder geval, dat is ook een lekker maf en positief liedje. Nine nine nine nine nine nine nine!

Dessa - A Badly Broken Code (2010)

poster
4,0
Gewoon omdat het er even uit moest, noem het een ode aan 1 van mijn favoriete artiesten van dit moment (val niet over rare benamingen en vergelijkingen, ik schrijf ook maar wat):

Mensen die me een beetje kennen zien in mij niet direct een Hiphop fan. Artiesten als Dalek, P.O.S. , Sage Francis en El-P (om een paar voorbeelden te noemen) geven mij wel steeds meer waardering voor het genre. Daarover later meer.

Nog zo'n artiest is Dessa. Sinds het uitkomen van het album werd ik helemaal omver geblazen. Ze deed weer wat nieuws, iets fris. Dan kom je daar als blanke vrouw in de scene en meng je zomaar even Rap, Rnb en Spoken Word tot een vloeiend geheel. Nu is hiphop allang niet meer zo gedomineerd door de donkere huidskleur als eerst (althans de verandering is bezig), maar wat zij doet is nog steeds erg fris en vooral ook vloeiend te noemen.
De naam Lauryn Hill heb ik al in menig recensie horen vallen en persoonlijk kan ik daar wel inkomen. De makkelijke brug is te leggen in de rap-zang combinatie (die gaat niet eens zo heel erg op aangezien Hill toch iets toegankelijker is), maar nog meer ligt de vergelijking in de verhalende stijl. Elke song heeft zo weer zijn eigen verhaal, dat erg persoonlijk overkomt, of het nu waar gebeurd is of deels verzonnen. Dit heeft als gevolg dat het album wel je aandacht opeist. Bij het schrijven van recensies zet ik graag het album in kwestie op, maar hier ging dat ten koste van mijn concentratie. Telkens weer word je meegezogen in de verhalen van Dessa. Eerlijkheid en emotie voorop. Daarnaast legt ze een loepzuivere uitspraak aan de dag. Uitspraak in combinatie met zinnen die ik niet eens over mijn lippen krijg. Ondanks de gigantische woordenstroom die elke song bevat, komt alles ook nog eens zeer melodieus haar mond uit.
Dit alles over beats die verre van gebruikelijk zijn. Waar ik me nogal eens aan stoor bij hiphop is dat alles zo klinisch klinkt. De beats uit een doosje, zeg maar. Label genoot P.O.S. deed het een stuk beter, maar ook hier wordt er weer niet standaard met de beats omgesprongen. Gitaar, cello, viool, en achtergrondzang worden onder andere gebruikt om hier een organisch geheel van te maken.

Persoonlijk en slim, iets wat ik vaak mistte in Hiphop. MTV hielp goed mee om het imago "Bitches, Money & Weed" op de kaart te zetten. De pest voor artiesten die serieus iets te vertellen hebben, lijkt me. Als je de tv aanzet en je krijgt de ene "Suck me bitch" of Pass me that joint"na de andere om je oren, dan denk je als buitenstaander inderdaad dat de scene maar oppervlakkig is, terwijl mensen als P.O.S., Dessa en nog vele anderen zich in het zweet lopen te werken om serieus hun verhaal en emoties over te brengen. Zoals Dessa het zelf zegt in The Bullpen:

"it's been assumed I'm soft or irrelevant
cause I refuse to down play my intelligence
but in a room of thugs and rap veterans
why am I the only one
who's acting like a gentleman".


Een rhyme van iemand die zich toch niet altijd thuis voelt in de scene waarin ze zich beweegt, of misschien wel gewoon het publiek wil veranderen? Wil ze mensen meer laten nadenken over hun eigen gedrag, woorden en emoties? Zo zag ik eens een live video waarin iemand heel hard en overdreven schreeuwde: "I love your face!" waarop Dessa zei: "It's not the face that is important, it's what's behind your face that matters, alright". De rust en de zelfbewustheid die deze opmerking uitstraalde sprak boekdelen.

Dessa heeft mij dus weer een stukje meer vertrouwen gegeven in het bestaan van goeie, slimme en emotievolle Hiphop. . Echter zolang labels als Doomtree, Definitve Jux, Rhymesayers en andere soortgelijken bestaan zit dat wel goed denk ik.
Ik ben benieuwd naar haar volgende stap, maar voorlopig ben ik nog lang niet uitgeluisterd!

Downtown Boys - Cost of Living (2017)

poster
3,5
Weer goed spul. Maatschappelijk en politiek gerichte punk met invloeden van funk en postpunk. De productie van Guy Piciotto zorgt dit keer voor een duidelijk Dischord-achtig geluid, dat refereert aan zowel Fugazi als Nation of Ulysses. Qua focus dit keer meer gericht op bas en drums dan gitaar en blazers. Al zijn laatstgenoemden wel nog steeds duidelijk belangrijk in het totaalplaatje. Het klinkt enkel allemaal wat strakker, beheerster en minder hardcore, minder chaotisch. Gelukkig schreeuwt Victoria Ruiz nog steeds op confronterende wijze haar teksten.

Dream Unending / Worm - Starpath (2023)

poster
4,0
Waarom dit een split moest wezen is me een compleet raadsel, want eigenlijk past het niet bij elkaar, haha. Het resultaat is hoe dan ook uitstekend.

Over Dream Unending kan ik hier wel kort wezen: als je een beetje Pink Floyd in je death/doom wil en niet vies bent van jazzy uitstapjes - ga je gang. Klinkt lekker, maar ik vraag me af hoelang ik dit nog interessant blijf vinden. Niet toevallig vroeg ik me dat ook al af bij de laatste Tomb Mold, dat hiermee het belangrijkste lid deelt.

Worm heeft met diens album 'Foreverglade' een (toekomstige?) progressieve death/doom klassieker op zijn naam. Maar besloot op 'Bluenothing' wat prog toe te laten, maar vooral ook een flinke scheut black. Die black wordt hier nog meer toegelaten, als ware het bijna Emperor. De verrassing is waarmee ze het mixen: het doet me stevig denken aan 'Dance of December Souls van Katatonia en 'Wildhoney' van Tiamat. Het resultaat is best wel stoffig, maar ik kan het wel heel goed smaken. Worm is zo'n band die me blijft verrassen en ik ben gewoon benieuwd wat ze de volgende keer gaan doen!

Drive-By Truckers - American Band (2016)

poster
3,0
Mja..en tekstueel daar gaat het mis bij mij (persoonlijk hoor ik liever de intiem persoonlijke verhalen met Southern Gothic twist, een wat literair tintje: Raymond Carver meets Daniel Woodrell) . Waardoor er gelijk al een afstand is tussen deze nieuwe van de Truckers en mijn gevoel. Ze gaan hier onbeschaamd en direct voor een politiek album: het duidelijkst te horen op What It Means, natuurlijk en titel en artwork rammen dat nog eens door je strot. Ik snap best dat de band boos, teleurgesteld, wantrouwend en terneergeslagen is, maar wat doet het je als band voor goeds om dat naar buiten te brengen, juist in deze tijd? Er zijn al genoeg reacties te lezen van journalisten en fans die nu duidelijk een kant kiezen: OF DBT zijn helemaal KUT en hoe durven ze, OF dit is het meest doordachte statement van het jaar en de band zijn een stel dappere helden.

Nadeel van dit alles is dat het gesprek rondom de band nu al om "randzaken" gaat en niet om de muziek. Muziek die goed is, maar niet geweldig. Het klinkt allemaal wat mat, ook al is er niets mis mee: leuke gitaartjes, een mooie hoofdrol voor keyboards, afwisselende zang en wederom een glansrol voor de rauwe productie.

Mja, ik weet het dus nog niet, maar ik gun dit album zeker nog een paar luisterbeurten. Hopelijk is dit een tijdelijke omweg, een conceptalbum wat de band nauw aan het hart ging en zodoende naar buiten werd gebracht.

Drive-By Truckers - English Oceans (2014)

poster
4,5
Snap de negativiteit ook niet zo, wat Hendrik al aangaf. Toen ik dit voor het eerst hoorde, in veel slechtere kwaliteit, deed ik een gooi naar een omschrijving en zei "Een kruising tussen Alabama Ass Whoopin' en Brighter Than Creation's Dark". Dat is een omschrijving waar ik nog steeds wel achter sta.

Hood zei in veel interviews al dat ze zich hebben laten beïnvloeden door het geluid van de reissue 'Alabama Ass Whoopin' en het valt te horen. Het geluid op dit album is simpelweg gewoon rauwer, spontaner. Het beste te horen in de drums, die flink vuig klinken. Ook het aftellen van het nummer, wat meerdere keren gebeurd, voelt oprecht aan. Helemaal wanneer het een keer fout gaat op Natural Light. De gitaren op dit album zijn dikwijls meer naar achteren gemixt, wat zorgt voor een relaxter geluid. Ook zit er meer ruimte in de nummers, het is niet vol of druk. Live zullen de gitaren wel meer bnaar voren komen en zal het meer rocken. Zoals het er nu naar uit ziet, ben ik daar helaas niet bij.

Die 'Brighter Than Creation's Dark' invloed zit hem in de grote rol van Cooley hier en ook vooral de manier waarop ie klinkt. Ik denk dat hij voor de meeste nummers op dit album een oude microfoon gebruikt, zo eentje van vervlogen tijden, die er voor zorgt dat zijn stem een blikkerig randje heeft. Gespeeld als door een simpele radio en de zender is duidelijk AM in plaats van FM. Ik vind het fijn.

Het album begint hier een beetje te vallen, helemaal nu ik de promo via mijn eindredacteur bij WrittenInMusic gehoord heb. Ja, het rockt minder dan de grote trilogie, maar dat waren toch al niet mijn favoriete albums. Bij de Cooley nummers ((vooral Natural Light) waan ik me in een lege bar, met een whisky in mijn hand. Hood gaat wat zeurderiger te werk, maar rockt wat meer.

Favorieten: Shit Shots Count , Made Up English Oceans, Natural Light, When Walter Went Crazy
Skipper: Hanging On

Wat betreft invloeden van anderen; Isbell mis ik ook niet, ik denk dat hij solo beter tot zn recht komt dan bij de Truckers. Shonna Tucker is een apart geval, vond haar irritant op Go-Go Boots maar geweldig op het al eerder genoemde 'Brighter'. Vooral Neff bepaalde het geluid met zijn Pedal "gehuil" en zijn afwezigheid hoor je wel. Storen doet het gelukkig niet.

Binnenkort de recensie op WrittenInMusic, voor de geïnteresseerden....

Dub Thompson - 9 Songs (2014)

poster
4,0
De core van deze band zijn 2 19-jarige jongens. Muzikaal ligt lo-fi garagerock en een scheut postpunk aan de basis. Dit is alleen de vertrekbasis, want invloeden van krautrock, psychedelische folk, dub, country en vrolijke popdeuntjes worden met groot gemak er doorheen gemixt. Het resultaat is chaotisch , maar nergens rommelig. Elk nummer kent zo zijn eigen gekke, verrassende wendingen. Het album is op die manier nooit saai en altijd in beweging.

Dune - Dune (1995)

poster
4,0
Dit zat ook in mij Casette verzameling. Vreemd wel, want dat betekent dat ik nog vrij lang met casettes bezig was, maar ik weet het wel bijna zeker dat het klopt. De cd van de bieb gehaald, gekopieerd, want hoe anders kom je gratis aan het album?

Verder was dit blije muziek, maar wel blije muziek die gerespecteerd werd. Op elk schoolfeest kwam er 3 jaar lang minstens wel 3x per avond een nummer van Dune terug. Je kon er goed op Hakkuh en stampen, dus het was toegestaan tussen al het Thunderdome werk.

Opvallend is dan, dat ik jaren later die Thunderdome plaatjes niet eens meer opgezocht heb, maar die Happy Hardcore plaatjes nog steeds hoor. Ik wisselde rond mijn 14e van school en daar bevriende ik iemand die groot fan was van het genre. Dune, Charly Lownoise & mental theo, dj paul elstak kwamen allemaal weer voorbij. Naast het feit dat we allemaal een grote band hadden met Stars van Charlie Lownoise.... vonden we Dune van al die cd's toch nog steeds het vetst.
Nu kan ik dit nog steeds goed aanhoren en word ik er zelfs erg vrolijk van.

later meer verhalen, bij Techno Trance 4 en de Bonzai compilaties