menu

Hier kun je zien welke berichten WoNa als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Veruca Salt - Eight Arms to Hold You (1997)

4,5
geplaatst:
In een interview met de dames van Veruca Salt in Guitar World stond ooit hoe ze door hun producer Bob Rock gedwongen werden om telkens een nieuwe melodie te verzinnen en nog een en daarna nog een. Waarschijnlijk tot aan gekheidmakend toe. Het heeft wel gewerkt, want op de plaat die hiervoor zit en die daarna, de dames gingen uit elkaar, dus Louise Post met wisselende bandleden, werd dit niveau bij verre niet meer aangetikt. Bob Rock heeft er alles uitgeperst wat er in zat en dat is te horen.

Ik weet niet meer hoe lang geleden, misschien wel 10 jaar geleden, draaide ik de plaat en was er ineens klaar mee. Ik hoorde inderdaad de lompe rock zoals hierboven, alweer 14 jaar geleden beschreven staat. En verder niets (voor mij en het schrijven over Eight Arms To Hold You).

Vandaag zette ik hem toch maar weer eens op. Alles wat ik direct in 1997 hoorde kwam weer terug. Het spelplezier, al die fijne wendingen en melodielijntjes. Het lompe, diepe geluid dat toch zo lekker en melodieus klinkt, de kirrend, jubelende zang van de dames Post en Gordon. Alles past zo ontzettend goed.

Het album schurkt tegen metal aan, maar ook tegen de alternatieve rock van de jaren 90 en grunge. Tegelijkertijd valt op te maken dat de dames niet vies waren van een goede popmelodie. Dat alles komt samen op deze plaat, waar ik van voor tot achter weer intens zat te genieten.

Vita Bergen - Retriever (2017)

3,0
Retriever is een album dat op een paar gedachten lijkt te hinken. De Zweden van Vita Bergen tappen uit een aantal zeer herkenbare vaatjes om in het gevlei van de luisteraar te komen. Van de iets bombastische pop anno de jaren zoals een band als The Boxer Rebellion, terwijl heel dikke knipogen worden gegeven aan The Killers, Arcade Fire en vele andere indie rockers van U.K. en V.S. signatuur.

Dat zou erg zijn als het daarbij bleef. Dat doet het niet. Vita Bergen gooit een hoop energie in zijn muziek en knalt er geregeld stevig in. Wel met het oogmerk om op te vallen en daar gebruikt het bekende geluiden voor. In die zin doet het mij denken (ook door de zang) aan het doorbraak album van Mando Diao, waar ieder nummer een bekend nummer als basis leek te hebben vanwaaruit de band zijn eigen nummer invulde.

Mijn indruk is dat het eigen gezicht meer naar voren komt in het slotnummer, 'Black Satellite'. Dit is veel donkerder en steekt erg af bij de rest van het album. Het is dan een van mijn favorieten. De rest mag er zeker zijn, maar een iets meer eigen gezicht had wellicht een halve * meer opgeleverd. Nu blijft het bij aardig, degelijk en geregeld, zeer, aanstekelijk.

Het hele verhaal staat hier op WoNo Magazine.