Via deze pagina blijf je op de hoogte van recente stemmen, meningen en recensies van erwinz. Standaard zie je de activiteiten in de huidige en vorige maand. Je kunt ook voor een van de volgende perioden kiezen: januari 2025, februari 2025, maart 2025, april 2025, mei 2025, juni 2025, juli 2025, augustus 2025, september 2025, oktober 2025, november 2025, december 2025, januari 2026, februari 2026, maart 2026, april 2026, mei 2026, juni 2026
Quiet Light - Blue Angel Sparkling Silver 2 (2026) 4,0
29 april, 16:01 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Quiet Light - Blue Angel Sparkling Silver 2 - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Quiet Light - Blue Angel Sparkling Silver 2
Onthoud van af nu de naam Riya Mahesh, want met de muziek die ze maakt onder de naam Quiet Light kan de Amerikaanse muzikante en producer wel eens snel uit gaan groeien tot een van de grote popsterren van het moment
Bestaat er zoiets als een lo-fi popalbum? Ik dacht tot voor kort van niet, maar Blue Angel Sparkling Silver 2 van Quiet Light is er wat mij betreft een. Luister naar het zoveelste album in korte tijd van de Texaanse muzikante Riya Mahesh, en je hoort het ene goede idee naar het andere en continu flarden van geweldige popsongs. Die popsongs zijn nog niet helemaal uitgewerkt op Blue Angel Sparkling Silver 2, maar net als een lo-fi rockalbum kan ook een lo-fi popalbum je heel blij maken. Ik ben dankzij Pitchfork op het spoor gekomen van Riya Mahesh en haar project Quiet Light en er is een schatkist vol moois en bijzonders opengegaan. En ik weet zeker dat het allemaal nog veel mooier en interessanter gaat worden.
De Amerikaanse muziekwebsite Pitchfork was de afgelopen week zeer lovend over het album Blue Angel Sparkling Silver 2 van Quiet Light. Het is een naam die ik nog niet eerder had gehoord, maar het blijkt het alter ego van de Amerikaanse muzikante Riya Mahesh. Pitchfork noemt Quiet Light “a thoroughly beguiling new voice in American indie pop” en dat maakte mij direct nieuwsgierig naar Blue Angel Sparkling Silver 2.
Het is tot mijn verbazing al het zesde (!) album van Quiet Light in nauwelijks drie jaar tijd. Nu is 'album' misschien wat te veel gezegd, want bijna alles dat Riya Mahesh tot dusver heeft uitgebracht klokt rond de twintig minuten. Desondanks heeft ze nog altijd een prestatie van formaat geleverd.
Blue Angel Sparkling Silver 2 bevat overigens ongeveer 30 minuten muziek en dat geldt ook voor het in de zomer van 2023 verschenen Blue Angel Sparkling Silver. Het nieuwe album van Quiet Light wordt door Pitchfork een mixtape genoemd en dat is een type album waarmee ik niet bekend ben. Ik hoor wel dat Blue Angel Sparkling Silver 2 geen standaard album is, want het album bevat vooral hele korte songs.
Riya Mahesh ziet er op de cover van haar nieuwe album jonger uit dan ze in werkelijkheid is, want ze is niet alleen multi-instrumentalist, klassiek geschoold pianiste, zangeres en producer, maar ook student geneeskunde. Voor haar studie heeft ze haar thuisbasis Austin, Texas, tijdelijk verruild voor Boston, Massachusetts, maar ze kijkt ook al uit naar haar plekje in de muziekscene van Los Angeles.
Pitchfork ziet Riya Mahesh al uitgroeien tot een van de grote (indie)popsterren van de komende jaren en daar kan de Amerikaanse muziekwebsite wel eens gelijk in krijgen. Dat is opvallend, want Blue Angel Sparkling Silver 2 is zeker geen standaard (indie)popalbum. Als ik luister naar Blue Angel Sparkling Silver 2 hoor ik absoluut de kwaliteit of zelfs genialiteit van Riya Mahesh, maar de Amerikaanse muzikante heeft zeker geen perfect popalbum gemaakt.
Bij beluistering van Blue Angel Sparkling Silver 2 hoor ik heel veel goede ideeën en met grote regelmaat flarden van perfecte popsongs, maar een echt perfecte popsong kom je nog niet tegen op het album, al komt Berlin aardig in de buurt. Op het nieuwe album van Quiet Light staan wel flink wat schetsen van perfecte popsongs.
In alle tracks op Blue Angel Sparkling Silver 2 hoor je wel iets waar liefhebbers van goed gemaakte popmuziek gelukkig van kunnen worden. De ene keer een direct memorabele melodie, de volgende keer een bijzondere break, dan weer de start van een onvergetelijk refrein of precies de juiste sfeer. Het is niet eens zo makkelijk om uit te leggen wat zo goed is aan het nieuwe album van Quiet Light, want eigenlijk is er bijna niets af.
Aan de andere kant loopt het album over van het talent van Riya Mahesh, die je met veel bravoure de dansvloer op sleept, maar zich ook kwetsbaar durft op te stellen. Het doet af en toe wel wat denken aan het unieke eigen geluid waarmee Billie Eilish ooit opdook, maar de muziek van Quiet Light klinkt ook totaal anders.
Ik geniet zeer van de genialiteit van de Amerikaanse muzikante en de manier waarop ze met goede ideeën strooit, maar ik wens haar ook net wat meer geduld en focus. Met wat meer geduld en focus acht ik Riya Mahesh in staat om een sensationeel goed popalbum af te leveren. Het is het album waarover Blue Angel Sparkling Silver 2 ons alvast laat dromen. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Julia Cumming - Julia (2026) 3,5
29 april, 15:48 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Julia Cumming - Julia - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Julia Cumming - Julia
Sunflower Bean zangeres Julia Cumming maakt op haar eerste soloalbum totaal andere muziek dan met haar band en heeft met Julia een album gemaakt dat veel beter is dan je bij eerste beluistering zult vermoeden
Bij beluistering van het eerste soloalbum van Julia Cumming moest ik aanvankelijk aan wat zoete en weinig opwindende softpop uit de jaren 70 denken. Dat is muziek die ik niet had verwacht van de zangeres van Sunflower Bean, waardoor ik het album Julia snel had afgeschreven. Wat later op de avond deed het album het echter een stuk beter. Het album van Julia Cumming is voorzien van warme en aangename klanken en ze is een uitstekende zangeres. In de songs op Julia komt haar stem misschien wel beter tot zijn recht dan in de muziek van haar band en wat op het eerste gehoor wat oubollig klinkt, is uiteindelijk toch mooier en interessanter dan je dacht, zeker op de juiste momenten.
Julia Cumming, die deze week haar debuutalbum Julia heeft uitgebracht, kennen we als de zangeres van de populaire Amerikaanse band Sunflower Bean. Het is een band die ik lange tijd niet zo heel interessant vond, maar Mortal Primetime, het bijna een jaar geleden verschenen vierde album van Sunflower Bean, vond ik uiteindelijk goed genoeg voor een plekje op De Krenten uit de Pop.
Zo’n plekje leek bij mijn eerste beluistering van Julia ver buiten het bereik van Julia Cumming te liggen, want bij snelle beluistering vond ik het eerste soloalbum van de Amerikaanse muzikante nogal glad en ook wel wat zoetsappig klinken. Op het vorig jaar verschenen Mortal Primetime maakte Julia Cumming met Sunflower Bean prima rockmuziek met uiteenlopende invloeden, maar op Julia laat de Amerikaanse muzikante de rockmuziek echt volledig los.
Bij eerste beluistering vond ik Julia klinken als een album van een “middle of the road” zangeres uit de jaren 70 of 80 en dat is zeker geen compliment. Sheena Easton was een naam die het meest bij me opkwam, maar die kreeg uiteindelijk nog het voordeel van de twijfel van Prince, dus ik wilde Julia Cumming niet direct afschrijven, al verdween Julia een paar keer bijna definitief van de stapel.
Julia van Julia Cumming is een album dat snel in hokjes als AM pop of easy-listening zal worden geduwd en dat zijn hokjes waarin je als serieus te nemen muzikant niet terecht wilt komen, al is dat ook maar een mening. Julia Cumming verruilde voor het opnemen van haar soloalbum New York tijdelijk voor Los Angeles en zocht daar de samenwerking met producers Brian Robert Jones en Chris Coady, die ik allebei nog niet eerder ben tegengekomen.
De Amerikaanse muzikante zocht de inspiratie voor haar eerste soloalbum naar verluidt bij Burt Bacharach, Carole King, Joni Mitchell, Carly Simon, The Carpenters en Brian Wilson. Dat getuigt niet direct van bescheidenheid, maar wel van lef. Ik hoor overigens niet al te veel van de bovenstaande namen in de muziek van Julia Cumming, maar ik ben Julia wel meer gaan waarderen naarmate ik het album vaker hoorde.
Julia Cumming heeft in muzikaal opzicht onverwachte keuzes gemaakt, maar het zijn wel keuzes die goed passen bij haar stem. De stem van de Amerikaanse muzikante doet het prima in de rockmuziek van haar band, maar in het wat rustiger en gepolijst klinkende geluid op haar soloalbum komt haar stem wat mij betreft beter tot zijn recht. Julia is in vocaal opzicht een sterk album, want wat klinkt de stem van Julia Cumming lekker in het wat zoete repertoire op Julia en wat varieert de Amerikaanse muzikante aangenaam met haar stem.
In muzikaal opzicht hoor ik op Julia vooral invloeden uit de jaren 70 en dan vooral uit de radiovriendelijke softpop uit dit decennium. Het is muziek die smaakvol is geproduceerd door de twee mij onbekende producers, die Julia hebben voorzien van een warm en uiteindelijk fraai en verzorgd geluid.
Julia van Julia Cumming bevindt zich een groot deel van de tijd buiten mijn muzikale comfort zone, maar zeker wat later op de avond dringt het album zich aangenaam op en trekt de uitstekende zang van Julia Cumming me keer op keer over de streep. Sunflower Bean heeft de pauzeknop even ingedrukt om even totaal andere dingen te doen en dat is Julia Cumming zeker gelukt. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Kaya - In the Belly of the Whale (2026) 4,0
28 april, 20:18 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Kaya - In the Belly of the Whale - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Kaya - In the Belly of the Whale
De Amsterdamse singer-songwriter Kaya bracht nog geen drie maanden geleden haar eerste track uit en maakt nu indruk met de in meerdere opzichten bijzonder mooie en interessante EP In the Belly of the Whale
Ik was de naam van Juyane Kaya of Kaya nog niet eerder tegengekomen, maar de omschrijving van haar deze week verschenen eerste EP maakte me nieuwsgierig naar haar muziek. Het is nieuwsgierigheid die al snel omsloeg in bewondering, want Kaya tikt op In the Belly of the Whale een opvallend hoog niveau aan. De songs van de Amsterdamse muzikante zijn interessant en de fantasierijke inkleuring van deze songs voorziet de eerste EP van Kaya van een bijzondere sfeer. Het is een sfeer die nog wat verder wordt versterkt door de mooie maar ook interessante stem van de Nederlandse muzikante. Deze eerste EP doet uitzien naar het debuutalbum van Kaya, dat zowel nationaal als internationaal wel eens zeer in de smaak kan gaan vallen.
Er verschijnen momenteel zoveel interessante nieuwe albums dat ik de verschenen EP’s vrijwel altijd laat liggen. Soms verschijnt er echter een EP die zoveel indruk maakt dat ik er niet omheen kan en als het dan ook nog eens een EP van eigen bodem is, vergeet ik even de regel dat albums voorgaan op De Krenten uit de Pop. Het overkwam me deze week met In the Belly of the Whale van Kaya.
Achter de naam Kaya gaat de Amsterdamse singer-songwriter Juyane Kaya schuil. De conservatoriumgeschoolde muzikante koos oorspronkelijk voor de harp, maar de afgelopen jaren maakte ze ook indruk met haar gitaarspel, onder andere bij de Nederlandse indiefolk belofte Sarah Julia, wiens later dit jaar te verschijnen debuutalbum wel eens voor een sensatie kan gaan zorgen.
Juyane Kaya doet dat deze week al met de onder de naam Kaya uitgebrachte EP In the Belly of the Whale. Het is een EP met vijf tracks en ruim 18 minuten muziek en in die 18 minuten laat Kaya horen dat de Nederlandse muziekscene er een zeer getalenteerde vrouwelijke singer-songwriter bij heeft. Kaya is niet alleen zeer getalenteerd, maar ook eigenzinnig, want de songs op haar eerste EP klinken anders dan die van al die jonge vrouwelijke singer-songwriters die momenteel aan de weg timmeren.
Wat direct opvalt bij beluistering van In the Belly of the Whale is dat de songs van Kaya in muzikaal opzicht van hoog niveau zijn. Volgens de informatie op Spotify laat Kaya zich op haar eerste EP begeleiden door een drummer en een bassist en neemt ze zelf de gitaarpartijen en de bijdragen van de harp voor haar rekening. De ritmesectie speelt subtiel maar trefzeker, maar vooral het gitaarspel van Juyane Kaya trekt de aandacht bij beluistering van In the Belly of the Whale.
Ik las ergens dat de Amsterdamse muzikante haar gitaren bespeelt zoals ze de harp bespeelt, wat misschien verklaart waarom het gitaarspel zo nadrukkelijk de aandacht trekt. Bij het luisteren naar de muziek van Kaya hoor je ook wel dat ze het conservatorium heeft doorlopen, want in muzikaal opzicht kiest ze nooit voor de makkelijkste weg, wat overigens niet betekent dat In the Belly of the Whale vol staat met muzikaal spierballenvertoon of moeilijkdoenerij.
De muziek op de EP van Kaya is vijf tracks lang bijzonder mooi en dat geldt ook voor de arrangementen die Kaya heeft bedacht voor haar songs. De muziek en de arrangementen op In the Belly of the Whale zorgen voor een wat donkere sfeer en het is een sfeer waarmee Kaya zich weet te onderscheiden van alle honingzoete folk die momenteel wordt gemaakt.
Met haar songs en de inkleuring hiervan klinkt Kaya eigenlijk geen moment als een debuterende muzikante en steekt ze meteen flink wat gelouterde folkies naar de kroon. Dat doet de Amsterdamse muzikante misschien nog wel het meest met haar stem, want die maakt op mij nog meer indruk dan al het andere moois dat Kaya op In the Belly of the Whale te bieden heeft.
Juyane Kaya is nog een twintiger, maar haar stem klinkt rijper en doorleefder dan die van de meeste van haar leeftijdsgenoten. Het is een stem met een bijzondere klank, die de songs van Kaya nog wat onderscheidender maakt dan ze al waren. Nederland heeft momenteel absoluut geen gebrek aan talentvolle vrouwelijke singer-songwriters, maar met Kaya hebben we er een hele interessante en zeer talentvolle bij. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
The Milk Carton Kids - Lost Cause Lover Fool (2026) 4,5
28 april, 15:30 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: The Milk Carton Kids - Lost Cause Lover Fool - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: The Milk Carton Kids - Lost Cause Lover Fool
Kenneth Pattengale en Joey Ryan lieten zich in eerste instantie inspireren door de harmonieën van The Everly Brothers, maar laten ook op het deze week verschenen Lost Cause Lover Fool weer een duidelijker eigen geluid horen
Het Amerikaanse duo The Milk Carton Kids gaat inmiddels zo’n vijftien jaar mee en heeft inmiddels zes albums op haar naam staan. Zeker de laatste drie van deze albums zijn van hoog niveau. Ook op Lost Cause Lover Fool werkt het Amerikaanse duo aan een duidelijker eigen geluid, dat bestaat uit sobere klanken, mooie zang en subtiel ingezette harmonieën. Het klinkt allemaal behoorlijk sober, maar eenvoud is de kracht van de muziek van The Milk Carton Kids. Ik was zeer gecharmeerd van het drie jaar geleden verschenen I Only See the Moon, maar het deze week verschenen Lost Cause Lover Fool schat ik nog net wat hoger in en is vooralsnog de kroon op het werk van Kenneth Pattengale en Joey Ryan.
Toen het Amerikaanse duo The Milk Carton Kids in 2011 debuteerde met het album Prologue hoorde ik twee hele mooie stemmen en af en toe betoverend mooie harmonieën, maar toch was ik niet heel erg onder de indruk van het album. Er waren destijds nogal wat duo’s en bands die met gouden kelen het werk van The Everly Brothers en in iets mindere mate Simon & Garfunkel eerden en ik vond The Milk Carton Kids minder aansprekend dan bijvoorbeeld The Cactus Blossoms of Don en Phil Everly zelf.
The Milk Carton Kids, oftewel Kenneth Pattengale en Joey Ryan, overtuigden me pas met hun vierde album, het in 2018 verschenen All the Things That I Did and All the Things That I Didn’t Do. Door het succes van de eerdere albums in met name de Verenigde Staten, kon het duo voor dit album een beroep doen op een aantal geweldige muzikanten en op topproducer Joe Henry, die het geluid van The Milk Carton Kids een geweldige boost gaf. Op All the Things That I Did and All the Things That I Didn’t Do zijn nog flink wat echo’s van de muziek van The Everly Brothers te horen, maar het duo voegt ook wat toe aan alle invloeden uit het verleden.
Op het na een stilte van bijna vijf jaar in 2023 uitgebrachte I Only See the Moon kozen Kenneth Pattengale en Joey Ryan voor een meer ingetogen en wat veelzijdiger geluid, dat afweek van het geluid op de eerder uitgebrachte albums. I Only See the Moon laat een meer eigen geluid horen, dat minder vertrouwt op de harmonieën van de eerdere albums. Dat lijkt misschien een wonderlijk besluit, maar het pakt op het vijfde album van The Milk Carton Kids uitstekend uit.
Ook op het deze week verschenen Lost Cause Lover Fool zetten Kenneth Pattengale en Joey Ryan de harmonieën slechts spaarzaam in. Dat is aan de ene kant jammer, maar aan de andere kant is de ingetogen leadzang prachtig en komen de harmonieën misschien nog wel harder binnen als ze slechts sporadisch worden ingezet.
Op het drie jaar geleden verschenen I Only See the Moon koos het Amerikaanse duo voor een meer ingetogen geluid en die lijn wordt doorgetrokken op Lost Cause Lover Fool. De songs op het nieuwe album van het tweetal zijn spaarzaam ingekleurd met vooral banjo, mandoline en gitaar, wat het geluid van The Milk Carton Kids wat meer de kant van de Amerikaanse rootsmuziek opduwt.
Dat kan soms behoorlijk traditioneel klinken, met hier en daar raakvlakken met de Appalachenfolk. De muzikale erfenis van Don en Phil Everly is inmiddels behoorlijk uit beeld verdwenen uit de muziek van het duo uit Los Angeles. Als ik relevant vergelijkingsmateriaal moet bedenken kom ik misschien nog wel het meest uit bij de albums van Gillian Welch en David Rawlings, maar Kenneth Pattengale, die Lost Cause Lover Fool fraai produceerde, en Joey Ryan hebben inmiddels ook een duidelijk eigen geluid.
Het is een geluid dat overigens niet eens zo heel ver is verwijderd van dat op het eerder genoemde debuutalbum Prologue, dat ik vijftien jaar geleden echt niet op de juiste waarde heb geschat. Dat geldt in iets mindere mate ook voor de twee albums die volgden, wat de conclusie rechtvaardigt dat het oeuvre van The Milk Carton Kids inmiddels absoluut indrukwekkend mag worden genoemd. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Anana Kaye - Are You There? (2026) 3,5
28 april, 11:57 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Anana Kaye - Are You There? - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Anana Kaye - Are You There?
Anana Kay leverde vorige maand een album af dat helaas niet heel breed is opgepikt, maar het bijzonder klinkende Are You There? is een onderscheidend album dat absoluut de aandacht verdient
Ik heb lang getwijfeld over Are You There? van Anana Kaye en niet omdat ik twijfelde aan de kwaliteit van het album. Anana Kaye is een uitstekende zangeres en een getalenteerde songwriter en ook in muzikaal en productioneel opzicht hoor je de kwaliteit van haar nieuwe album. Het is wel een album dat wat lastig te plaatsen is, want waar past Are You There? precies in? Daarbij gaat het zowel om genres als om de tijd. De muziek van Anana Kaye past niet goed in een hokje en lijkt zich vrijelijk door de tijd te bewegen, met soms zeer nostalgische en soms eigentijdse klanken. Ik heb het album hierdoor een paar keer opzij gelegd, tot ik opeens wel hoorde waar Anana Kaye naartoe wil.
Vorige maand verscheen Are You There? van de van oorsprong Georgische muzikante Anana Kaye. Het is een album waar ik de afgelopen weken maar geen vat op kon krijgen en als ik eerlijk ben is dat me nog steeds niet helemaal gelukt. Het is een album dat volgens mij beschikt over de potentie om een heel groot publiek aan te spreken, maar het is ook een album dat zomaar compleet tussen wal en schip kan vallen omdat het niet goed past in een van de gangbare hokjes.
Anana Kaye opereert vanuit Nashville, Tennessee, waar ze intensief samenwerkt met de muzikant Irakli Gabriel. Kennelijk zelfs zo intensief dat de twee op de bandcamp-pagina van Anana Kaye worden aangeprezen als duo. Dat Nashville de thuisbasis is van Anana Kaye hoor je in de invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek die zijn te horen op Are You There?, maar het is zeker geen standaard rootsalbum.
Op de bandcamp pagina van Anana Kaye staat ook een beschrijving van haar muziek en deze is als volgt: “Anana Kaye and Irakli Gabriel deliver a unique and distinctly European sound rarely experienced in such potent doses today. With influences including Kate Bush, Nick Cave and David Bowie their music is a genre bending experience akin to twisting kaleidoscope”.
Dat Anana Kaye en Irakli Gabriel hun muziek omschrijven als Europees heeft te maken met het feit dat ze oorspronkelijk uit Georgië komen, maar Nashville is inmiddels een paar jaar de thuisbasis van de twee. Anana Kaye heeft eerder al een aantal albums gemaakt en maakte ook een album met David Olney.
Are You There? is mijn eerste kennismaking met de muziek van Anana Kaye en het is zoals gezegd een ingewikkelde kennismaking. Laat ik beginnen met de opmerking dat ik niet veel hoor van Kate Bush, Nick Cave en David Bowie in de songs op Are You There?, maar wat hoor ik dan wel?
Het is niet eenvoudig om de muziek van Anana Kaye te omschrijven. Het is zoals gezegd muziek met invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek, maar invloeden uit de pop zijn minstens even belangrijk. De muziek van Anana Kaye bevat ook absoluut invloeden uit de soul en ik hoor ook nog wel wat subtiele Georgische invloeden op het album.
Het is een mix van invloeden die je, buiten de Georgische invloeden, wel vaker hoort, maar toch laat het nieuwe album van Anana Kaye zich lastig vergelijken met andere albums van het moment. Are You There? heeft iets zwaar nostalgisch, wat het album voorziet van een bijzondere sfeer en een bijzonder geluid.
Waar dat nostalgische precies in zit kan ik niet precies zeggen, maar het heeft ongetwijfeld te maken met de stem en de zang van Anana Kaye. Het is wat atypische zang, maar het klinkt ook wel bekend, al zou ik niet weten waar ik het van ken. De stem van Anana Kaye drukt een zwaar stempel op Are You There? en het is zang die je mooi vindt of niet. Ik twijfelde daar zelf over, maar op een gegeven moment was ik overtuigd van de schoonheid van de stem van de muzikante uit Nashville.
Vervolgens gaat het snel, want het album is voorzien van mooie arrangementen en prachtige klanken en ook op de soms bijna Daniel Lanois-achtige productie van Anana Kaye en Irakli Gabriel maakt makkelijk indruk. Je moet Are You There? echt een paar keer horen voor je het album op de juiste waarde kunt schatten, maar vervolgens kun je alleen maar concluderen dat Anana Kaye heel fraai werk heeft afgeleverd. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Mikaela Davis - Graceland Way (2026) 4,0
27 april, 17:37 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Mikaela Davis - Graceland Way - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Mikaela Davis - Graceland Way
De Amerikaanse muzikante Mikaela Davis leek een jaar of acht geleden klaar voor een carrière in de pop, maar doet sindsdien nadrukkelijk haar eigen ding, wat deze week met Graceland Way een zeer overtuigend album oplevert
Je hebt van die albums die bij beluistering steeds weer andere associaties oproepen en Graceland Way van Mikaela Davis is zo’n album. De Amerikaanse muzikante laat zich ook dit keer vooral beïnvloeden door Amerikaanse rootsmuziek, maar sleept er echt van alles bij op haar nieuwe album. Los Angeles is de basis van al deze invloeden en de inspiratie komt uit meerdere decennia muziekgeschiedenis. Het levert een bijzonder lekker klinkend album op, dat ook nog eens onderstreept hoe getalenteerd Mikaela Davis is. Het siert de Amerikaanse muzikante dat ze steeds andere keuzes maakt en de keuzes op Graceland Way pakken alleen maar uitstekend uit.
Op YouTube kom je nog altijd de filmpjes tegen die Mikaela Davis heel lang geleden online zette. Het zijn filmpjes waarin ze songs van onder andere Elliott Smith covert, waarbij ze zichzelf begeleidt op de harp, het instrument waarin ze is geschoold. De harp speelt ook een belangrijke rol op het in 2012 verschenen titelloze debuutalbum van Mikaela Davis, dat overigens niet meer is te vinden op de streamingplatforms, maar dat ook nog op YouTube opduikt.
Ik ontdekte de Amerikaanse muzikante overigens zelf pas in 2018 toen het album Delivery verscheen. Het is een album waarop Mikaela Davis de harp heeft verruild voor met name gitaren en de piano. Ik heb sindsdien niet vaak meer naar Delivery geluisterd, maar toen ik dat onlangs weer eens deed was ik aangenaam verrast door het niveau van het album, dat ik in mijn recensie vergeleek met Til Tuesday, de eerste band van Aimee Mann.
Met het door niemand minder dan John Congleton geproduceerde Delivery schaarde Mikaela Davis zich in 2018 onder de aanstormende talenten binnen de popmuziek, maar die popmuziek liet ze achter zich op het pas in 2023 uitgebrachte And Southern Star. Op And Southern Star ging Mikaela Davis nadrukkelijk haar eigen weg en liet ze zich niet langer in het keurslijf van de pop persen.
Ze produceerde het album zelf en verruilde de pop voor een vooral door countryrock beïnvloed geluid, al is er ook op And Southern Star ruimte voor een randje pop. And Southern Star viel zeer in de smaak bij liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek, maar klonk ook anders dan andere albums in het genre, bijvoorbeeld omdat Mikaela Davis de harp weer inzette.
De muzikante uit Catskill, New York, keert deze week terug met een nieuw album, Graceland Way. Het nieuwe album van Mikaela Davis werd opgenomen in Los Angeles en heeft zich absoluut laten beïnvloeden door de rijke muziekgeschiedenis van de Amerikaanse stad en de omgeving ervan. Ook op Graceland Way kiest Mikaela Davis voor meer invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek dan uit de pop, al zijn ook laatstgenoemde invloeden zeker hoorbaar op het album.
Graceland Way begint bij de countryrock uit de jaren 70, maar Mikaela Davis verrijkt haar geluid vervolgens met invloeden uit de kosmische country, de Laurel Canyon folk en invloeden uit zowel de psychedelische als de tijdloze popmuziek en rockmuziek die de afgelopen decennia in Californië werd gemaakt. Graceland Way klinkt als de perfecte soundtrack voor een roadtrip door Californië, maar doet het ook wat dichter bij huis uitstekend.
Het nieuwe album van Mikaela Davis klinkt echt prachtig, zeker wanneer ze de harp inzet, maar wat mij betreft nergens te gepolijst. Hetzelfde geldt voor de stem van de Amerikaanse muzikante, die veel rijker en warmer klinkt dan in de jonge jaren die nog op YouTube te vinden zijn. Het is wat mij betreft een van de mooiere stemmen van het moment.
Graceland Way werd gemaakt met flink wat muzikanten, van wie onder andere Madison Cunningham en Karly Hartzman (Wednesday) ook vocalen bijdragen, maar Mikaela Davis is de ster. Mikaela Davis zette flinke stappen op haar vorige album en doet dit nogmaals op Graceland Way, dat je ruim veertig minuten lang aan de speakers gekluisterd houdt met muziek die zich door van alles en nog wat heeft laten beïnvloeden, maar die ook fris en eigentijds klinkt. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Fellow Mortals - Stella's Birth-Day (2026) 4,0
27 april, 10:33 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Fellow Mortals - Stella's Birth-day - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Fellow Mortals - Stella's Birth-day
De Amerikaanse muziekwebsite AllMusic.com komt over het algemeen niet met erg spannende aanbevelingen, maar met Stella's Birth-day van Fellow Mortals gaf het deze week een hele bijzondere tip
Laat Stella's Birth-day van Fellow Mortals uit de speakers komen en je wordt heen en weer geslingerd tussen 80s pop en chamber pop. Het duo dat bestaat uit Francis Reader (Trash Can Sinatras) en Simon Dine (Noonday Underground) heeft zich in de teksten laten inspireren door een aantal stokoude gedichten, maar vindt muzikale inspiratie dichterbij in de tijd. Stella's Birth-day valt op door fraaie arrangementen en warme klanken en deze worden nog wat verder opgetild door de mooie stem van Francis Reader, die zingt als een volleerd crooner. Er is heel weinig aandacht voor dit album, maar Stella's Birth-day van Fellow Mortals verdient absoluut een beter lot.
Het album Stella's Birth-day van Fellow Mortals kwam ik de afgelopen week eigenlijk alleen op de website van AllMusic.com tegen. De Amerikaanse muziekwebsite deelde flink wat sterren uit aan het album en koos het bovendien als een van de meest interessante albums van deze week.
Reden genoeg om te gaan luisteren naar het album, al bracht de omschrijving van AllMusic me nog even aan het twijfelen. Het op muziek zetten van gedichten van de Ierse schrijver Jonathan Swift klinkt immers nogal pretentieus en op pretentieuze albums ben ik meestal niet gek.
Het verhaal achter deze gedichten is overigens wel mooi, want het zijn gedichten die Jonathan Swift (1667-1745), die overigens vooral bekend is van het boek Gulliver’s Travels, jaarlijks stuurde aan de vrouw die hij Stella noemde, maar die volgens historici Esther heette.
Fellow Mortals is een project van Francis Reader, zanger van de band Trash Can Sinatras en de van de band Noonday Underground bekende muzikant en producer Simon Dine. Het zijn twee namen die me eerlijk gezegd onbekend waren, maar ook dat hield me niet tegen om te luisteren naar Stella's Birth-day van Fellow Mortals.
Het album is een mooie ontdekking van AllMusic, dat een album heeft gevonden dat verder vrijwel nergens aandacht heeft gekregen. Dat is jammer, want Stella's Birth-day van Fellow Mortals is een album dat niet alleen prachtig uitgevoerd schijnt te zijn, maar het is ook een album dat een breed publiek moet kunnen aanspreken.
Ik heb me bij beluistering van de muziek van Fellow Mortals niet gefocust op de teksten, want ik ga ervan uit dat die van een prima niveau zijn. Mijn focus lag bij de muziek en de zang en ook hiermee wisten Francis Reader en Simon Dine me snel te overtuigen met verzorgde klanken en een mooie stem.
Bij beluistering van Stella's Birth-day heb ik vooral associaties met muziek uit de jaren 80, al valt het niet mee om direct de juiste namen te vinden. Marc Almond is een naam die ik zeker moet noemen en dat heeft vooral te maken met de zang. Ook het latere werk van Talk Talk is het noemen waard en dat ligt dan weer vooral aan de muziek op het album. Heel trefzeker is het vergelijkingsmateriaal echter niet.
Als ik de muziek op Stella's Birth-day moet omschrijven kom ik ergens tussen 80s pop en chamber pop uit. In welk hokje de muziek van Fellow Mortals terecht komt wisselt per track. Het album bevat een aantal rijk georkestreerde tracks die aansluiten bij de kaders van de chamber pop, maar als het geluid van het tweetal wat elektronischer is ingekleurd en voorzichtig dansbaar wordt, heb ik vooral associaties met 80s pop en vaak met wat zoetige 80s pop.
Ik ken de band Trash Can Sinatras niet, maar Francis Reader is een prima zanger, die niet onderdoet voor de crooners uit de jaren 80 en 90. Ook in muzikaal opzicht ademt het eerste album van Fellow Mortals kwaliteit. Simon Dine heeft de veertien tracks op Stella's Birth-day voorzien van steeds weer net andere klanken, die vaak een totaal andere sfeer oproepen.
Zonder de aanbeveling van AllMusic was ik dit album echt nooit tegengekomen en ondanks het feit dat het een album is dat zich deels buiten mijn comfort zone begeeft, zeker als het wat de zoete kant op gaat, ben ik blij met het ontdekken van dit album, dat in ieder geval anders klinkt dan de andere albums van het moment, en dat meer dan eens goed is voor aangename nostalgische gevoelens. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Rosalía - Los Ángeles (2017) 4,0
26 april, 20:06 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Rosalía - Los Ángeles (2017) - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Rosalía - Los Ángeles (2017)
Voordat Rosalía definitief een wereldster werd, bracht ze in 2017 haar debuutalbum Los Ángeles uit, waarop ze traditionele Spaanse flamencomuziek terugbrengt tot de essentie en imponeert als zangeres
Rosalía is met haar album LUX en de wereldtournee die volgt op het album definitief uitgegroeid tot een van de allergrootste en meest interessante popsterren van het moment. Dat was een jaar of tien geleden wel anders, want een jonge Rosalía kreeg maar lastig een voet aan de grond in de Spaanse muziekscene. Dat veranderde in Spanje met haar debuutalbum Los Ángeles, maar de rest van de wereld zou pas een album later kennismaken met het unieke talent van Rosalía. Op Los Ángeles hoor je het talent van Rosalía al, al is het nog wat ruw en minder veelzijdig dan op haar latere albums. Die albums zijn absoluut indrukwekkender, maar ook Los Ángeles is goed voor een indrukwekkende luisterervaring.
Ik ben nog altijd diep onder de indruk van het in alle opzichten imponerende concert dat de Spaanse muzikante Rosalía de afgelopen week gaf in de Amsterdamse Ziggo Dome. Het is een concert dat ik schaar onder de meest memorabele en meest indrukwekkende concerten die ik de afgelopen decennia heb gezien en de lat lag hoog. Het concert van Rosalía komt hiermee in een illuster rijtje.
Ik heb de laatste maanden echt heel veel geluisterd naar LUX, het laatste album en wat mij betreft onbetwiste meesterwerk van de Spaanse muzikante en een album dat alleen maar indrukwekkender wordt wanneer je er vaker naar luistert, maar ik heb de afgelopen dagen ook haar andere albums weer eens intensief beluisterd.
MOTOMAMI uit 2022 was in muzikaal opzicht misschien niet echt mijn ding, maar het blijft in alle opzichten een razend knap en baanbrekend album. El Mal Querer uit 2018 ontdekte ik aan het eind van dat jaar via een aantal zeer aansprekende jaarlijstjes, waaronder die van The Guardian, en is het album waarmee Rosalía terecht een wereldster werd. Naar het in 2017 verschenen debuutalbum van Rosalía had ik tot een paar dagen geleden nog nooit geluisterd, maar als je het werk van de Spaanse muzikante compleet wilt doorgronden is ook Los Ángeles verplichte kost.
Rosalía kwam in 2017 net van het conservatorium, maar probeerde op dat moment al een aantal jaren voet aan de grond te krijgen als muzikante. Ze deed op haar vijftiende mee aan een talentenjacht op de Spaanse televisie, maar de jury was niet onder de indruk van haar zang, waardoor ze veroordeeld leek tot het zingen in bars en restaurants.
Langzaam maar zeker trok Rosalía echter steeds meer aandacht en het definitieve keerpunt kwam toen ze in contact kwam met de Spaanse muzikant en producer Raül Refree. Samen maakten ze het album Los Ángeles, waarmee Rosalía in eigen land door zou breken.
Toen de wereldwijde doorbraak ruim een jaar later kwam met El Mal Querer werd weinig meer gesproken over het debuutalbum van Rosalía, dat werd weggezet als een traditioneel flamencoalbum. Dat is niet zo gek, want Los Ángeles is in muzikaal opzicht heel ver verwijderd van het veelzijdige en baanbrekende El Mal Querer. Vergeleken met de flamencoalbums die ik ken is Los Ángeles echter wel een heel sober flamencoalbum.
Rosalía maakte het album zoals gezegd samen met Raül Refree, die bijdroeg aan de songs en tekende voor de muziek, de productie en de arrangementen op het album. In de meeste tracks op het album bestaat de muziek bijna uitsluitend (in de openingstrack zijn strijkers te horen) uit het akoestische gitaarspel van Raül Refree. Het is vaak behoorlijk stevig aangezet gitaarspel, dat de songs op Los Ángeles voorziet van dynamiek en passie, maar de Spaanse muzikant kan ook prachtig ingetogen spelen.
Ik ben geen kenner van Spaanse muziek, maar in de Spaanse muziek die ik ken speelt percussie een belangrijke rol. Percussie is afwezig op Los Ángeles, dat traditionele Spaanse muziek terugbrengt tot de essentie. Rosalía vertolkt op haar debuutalbum vooral traditionals met de dood als thema, wat van Los Ángeles een donker en intens album maakt.
De Spaanse muzikante, die een paar jaar eerder nog werd weggezet als een vals zingende bakvis in een talentenjacht, maakt op Los Ángeles diepe indruk als zangeres en slaagt er, net als op haar volgende albums, in om te ontroeren met haar stem, die de traditionals op het album voorziet van emotionele lading.
Het is allemaal nog een stuk ruwer dan op de albums die zouden volgen en het is door het sobere en traditionele karakter van de muziek ook wat minder toegankelijk, maar het unieke talent van Rosalía en haar vermogen om je diep te raken met haar stem is ook al hoorbaar op Los Ángeles, dat overigens prachtig wordt afgesloten met een indringende versie van Bonnie “Prince” Billy’s I See A Darkness. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Rosalía - El Mal Querer (2018) 5,0
26 april, 20:05 uur
stem gewijzigd, oorspronkelijke stem was 4,0 sterren
» details
Gia Margaret - Singing (2026) 4,0
26 april, 12:16 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Gia Margaret - Singing - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Gia Margaret - Singing
Het debuutalbum van Gia Margaret is inmiddels alweer acht jaar oud, maar krijgt nu pas een echt vervolg met het mooie maar ook spannende Singing, waarop de Amerikaanse muzikante de belofte van haar debuut waarmaakt
Gia Margaret raakte een paar jaar geleden haar stem kwijt en maakte noodgedwongen twee voornamelijk instrumentale albums, waarvan de laatste met de track Hinoki Wood een onverwachte TikTok hit opleverde. Op Singing keert de stem van Gia Margaret terug, wat een prachtig album oplevert. Singing maakt de belofte van There's Always Glimmer absoluut waar en overtuigt met prachtige klanken, spannende songs en de mooie stem van Gia Margaret. De Amerikaanse muzikante neemt de ervaringen van haar vorige twee albums mee en verrast met hele bijzondere klanken, die echter verrassend goed passen bij haar stem en de aansprekende songs op het album.
There's Always Glimmer, het debuutalbum van de Amerikaanse muzikante Gia Margaret, verscheen in de zomer van 2018, maar ik ontdekte het album zelf pas aan het begin van 2020. Ik schreef uiteindelijk een zeer lovende recensie over het album op De Krenten uit de Pop, maar toen ik There's Always Glimmer deze week weer eens beluisterde vond ik deze recensie eerlijk gezegd nog wat aan de zuinige kant.
Op haar debuutalbum maakt Gia Margaret immers veel indruk met vaak wat dromerige popsongs met zowel invloeden uit de folk als uit de indierock. Het zijn songs die bijzonder mooi zijn ingekleurd met zowel gitaren als synths, die samenvloeien in een wat atmosferisch klinkend geluid. Het is een geluid dat fraai kleurt bij de aansprekende stem van Gia Margaret, die de songs op There's Always Glimmer nog wat mooier en dromeriger maakt.
De afgelopen jaren verschenen nog twee albums van Gia Margaret, maar dat zijn albums waar ik niet zo veel mee kon. Op het titelloze tweede album van de muzikante uit Chicago uit 2020 waren alleen synths, piano en soundscapes te horen en ook op het in 2023 uitgebrachte Romantic Piano was geen rol weggelegd voor de stem van Gia Margaret.
Ik heb beide albums snel opzij geschoven zonder me verder te verdiepen in de achtergrond en dat had ik misschien wel moeten doen. Gia Margaret maakte immers twee instrumentale albums omdat ze na de release van There's Always Glimmer haar stem kwijt raakte. Ze zocht de uitdaging in klanken en sferen en leverde twee albums af die wel wat meer aandacht verdiend hadden, ook van mij.
Gia Margaret heeft haar stem inmiddels gelukkig terug, waardoor haar deze week verschenen nieuwe album toepasselijk de titel Singing heeft meegekregen. De Amerikaanse muzikante zingt op haar nieuwe album vooral zacht, maar de stem van Gia Margaret is op Singing ook mooi en gevoelig.
Gia Margaret heeft zich de afgelopen jaren noodgedwongen moeten focussen op de muziek op haar albums en dat werpt ook op Singing zijn vruchten af. Ook het nieuwe album van de Amerikaanse muzikante is, net als de twee vorige albums, voorzien van fantasierijke en beeldende klanken, waarvoor flink wat muzikanten uit de kast zijn getrokken.
Het raakt af en toe aan ambient, maar echt heel zweverig wordt het nooit. Het zijn wel klanken die het beeldende en dromerige karakter van de muziek van Gia Margaret verder versterken en die haar songs voorzien van meerdere lagen. Het is muziek die de fantasie prikkelt en uitnodigt tot dagdromen, maar de prachtige klanken staan op Singing meestal in dienst van de stem en van de songs van Gia Margaret, al bevat het album ook een aantal tracks zonder zang.
De bijzondere muziek op Singing voorziet het nieuwe album van de Amerikaanse muzikante van een duidelijk eigen geluid en het is een heel mooi en sfeervol geluid. Er gebeurt echt van alles in de songs op Singing, maar Gia Margaret heeft de songs met een kop en een staart nooit helemaal uit het oog verloren, waardoor Singing wat mij betreft een behoorlijk toegankelijk album is.
Ook de zang op het album is overigens bijzonder mooi, zeker wanneer deze in meerdere lagen is opgenomen of subtiel wordt vervormd. Het levert een album op dat verwondert en betovert en dat alleen maar mooier wordt wanneer je er vaker naar luistert. Ik ben heel blij met deze terugkeer van Gia Margaret. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
The Reds, Pinks & Purples - Acknowledge Kindness (2026) 4,5
25 april, 10:10 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: The Reds, Pinks & Purples - Acknowledge Kindness - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: The Reds, Pinks & Purples - Acknowledge Kindness
Glenn Donaldson blijft met zijn band The Reds, Pinks & Purples het ene na het andere prachtalbum uit de hoge hoed toveren en ook het net wat meer ingetogen Acknowledge Kindness is weer wonderschoon
Een jaar of zes geleden luisterde ik bij toeval naar het tweede album van de band The Reds, Pinks & Purples en ik was direct verkocht. Glenn Donaldson nam me met zijn songs mee terug naar de jaren 80, maar overtrof de bands die ik destijds liefhad. Sindsdien volgen de albums van The Reds, Pinks & Purples elkaar in rap tempo op, maar de kwaliteit blijft hoog. Ook het deze week verschenen album Acknowledge Kindness staat weer vol met songs die ik eindeloos wil koesteren, maar op zijn zoveelste album in slechts een paar jaar tijd zet Glenn Donaldson wederom stappen. Acknowledge Kindness voegt daarom weer iets toe aan het inmiddels imponerende oeuvre van The Reds, Pinks & Purples en dat is razend knap.
Anxiety Art, het debuutalbum van The Reds, Pinks & Purples, heb ik in 2019 niet opgemerkt, maar sinds het verschijnen van You Might Be Happy Someday in 2020 volg ik de verrichtingen van de band van Glenn Donaldson op de voet. De muzikant uit San Francisco heeft inmiddels een respectabel stapeltje albums op zijn naam staan en ik vind ze allemaal even mooi.
Dat heeft deels te maken met de nostalgische gevoelens die de muziek van The Reds, Pinks & Purples bij mij oproept. Met al zijn albums neemt Glenn Donaldson me direct mee terug naar de jaren 80. Het is het decennium waarin ik volwassen werd, ging studeren, op kamers ging en uiteindelijk begon aan een werkend bestaan. Het is ook het decennium van eerste liefdes, minder serieuze en uiteindelijk ook serieuze relaties en het decennium van grootse dromen en serieuze teleurstellingen.
Maar de jaren 80 is voor mij ook zeker het decennium waarin mijn liefde voor de muziek tot bloei kwam. Ik luister nog regelmatig naar muziek uit de jaren 80, wat altijd goed is voor mooie herinneringen. Het bijzondere van de muziek van The Reds, Pinks & Purples is dat muziek die pas de afgelopen vijf jaar is gemaakt deze herinneringen net zo makkelijk naar boven brengt en misschien zelfs wel makkelijker.
In mijn recensies van de vorige albums van de band kwam ik standaard met een flinke lijst aan jaren 80 bands waarvan ik echo’s hoorde in de muziek van The Reds, Pinks & Purples. Dat deed ik vorig jaar, toen Glenn Donaldson op The Past Is a Garden I Never Fed een greep deed uit zijn archieven, eens niet, want je doet de albums van The Reds, Pinks & Purples ook tekort met vergelijken.
Ik ben inmiddels zo verknocht aan de muziek van de band dat ik wel durf te stellen dat The Reds, Pinks & Purples in de jaren 80 met afstand mijn favoriete band zou zijn geweest. Deze week verscheen alweer een nieuw album, want Glenn Donaldson heeft over inspiratie niet te klagen.
Ook Acknowledge Kindness had maar een paar noten nodig om me een paar decennia terug te werpen in de tijd. Dat nostalgische gevoel blijft heerlijk, maar met het steeds weer benadrukken dat Glenn Donaldson de sfeer van de jaren 80 zo goed weet te vangen doe ik de Amerikaanse muzikant tekort.
Ook op Acknowledge Kindness strooit hij immers weer met bitterzoete popsongs die niet alleen in de jaren 80 tot grote hoogte waren gestegen, maar dat ook hadden gedaan in de jaren 90, 00 en 10 en dat doen in de jaren 20. Acknowledge Kindness laat een inmiddels bekend geluid horen, maar het album voegt absoluut iets toe aan al die prachtige voorgangers.
Op zijn nieuwe album kiest Glenn Donaldson net iets vaker voor ingetogen songs en het zijn songs waarin de melancholie het even wint van de zonnestralen. Ik hou zielsveel van de uptempo gitaarsongs van The Reds, Pinks & Purples, maar ook het wat meer ingetogen en deels piano gedreven werk van de band is van een bijzondere schoonheid.
In muzikaal opzicht streelt ook Acknowledge Kindness weer genadeloos het oor en dat doen ook de betoverend mooie songs van Glenn Donaldson, die ook dit keer de verleiding compleet maakt met zijn stem. Ook Acknowledge Kindness is weer een album dat uitnodigt tot wandelen door een zonnig Leiden met de muziek van The Reds, Pinks & Purples door de oortjes, waarna verleden, heden en toekomst op bijzondere wijze samensmelten. Wat een prachtig album weer. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Kathryn Mohr - Carve (2026) 4,0
24 april, 19:24 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Kathryn Mohr - Carves - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Kathryn Mohr - Carves
De Amerikaanse muzikante Kathryn Mohr houdt niet van zonnige popsongs die je na één keer horen koestert, maar haar donkere, intense en ruwe songs dringen zich uiteindelijk toch verrassend makkelijk op
Laat je niet misleiden door de openingstrack van het deze week verschenen album Carves van Kathryn Mohr, want de Amerikaanse muzikante heeft zich niet laten verleiden tot het maken van een album vol lastig te plaatsen klanken. Vanaf de tweede track regeren de songs en die zijn net als op het ruim een jaar geleden verschenen Waiting Room donker en dreigend, maar ook mooi en intens. Het zijn songs die behoorlijk ruw en stevig kunnen klinken, maar de songs van Kathryn Mohr zijn op een of andere manier ook sober. Je moet even het juiste moment vinden voor dit toch behoorlijk donkere album, maar uiteindelijk heeft Kathryn Mohr weer heel veel te bieden op Carves.
Over het begin vorig jaar verschenen album Waiting Room van Kathryn Mohr schreef ik op De Krenten uit de Pop het volgende: “Waiting Room van de Amerikaanse muzikante Kathryn Mohr zal een winterdepressie eerder versterken dan verzwakken, maar onder de donkere klanken op het album zit ook veel schoonheid verstopt”. Het zijn woorden waar ik nog steeds achter sta en inmiddels weet ik ook dat het album ook mooi is gebleven toen de lente en de zomer hun intrede deden in Nederland.
Er was dan ook geen reden voor de Amerikaanse muzikante om haar muziek aan te passen nu haar nieuwe album in de lente is verschenen en dat heeft Kathryn Mohr dan ook niet gedaan. Ook het deze week verschenen Carves is weer een donker tot aardedonker album, maar ook dit keer zijn de songs van de Amerikaanse muzikante op een bijzondere manier mooi. Dat hoor je overigens nog niet in de openingstrack, die vooral uit een bak wat ondefinieerbare herrie bestaat, maar als de stem van Kathryn Mohr in de tweede track invalt, begeeft Carves zich weer op redelijk bekend terrein.
Ik noem de muziek van Kathryn Mohr hierboven mooi, maar zo zal niet iedereen de behoorlijk ruwe klanken op het album beschrijven. Zeker als Kathryn Mohr kiest voor stevigere gitaren klinkt haar muziek behoorlijk rauw en hard. Ik vergeleek het vorig jaar met de muziek van een jonge PJ Harvey en dat is nog steeds relevant vergelijkingsmateriaal.
Ook wanneer Kathryn Mohr zich omringt met stevigere gitaren vind ik haar songs folky genoeg om ze folksongs te noemen, al zijn het wel andere folksongs dan gebruikelijk in het genre. Niet alleen PJ Harvey draagt relevant vergelijkingsmateriaal aan, want ik hoor soms ook wel wat van Hole. Die band had dankzij de aanwezigheid van Courtney Love de schijn enorm tegen, maar was bij vlagen een geweldige band. Zeker wanneer de muziek van Kathryn Mohr nog wat donkerder en deprimerender klinkt, moet ik ook denken aan Grouper, al bevat Carves relatief veel songs met een kop en een staart en een min of meer standaard structuur.
Kathryn Mohr kwam na de tour die volgde op haar vorige album in de Mojavewoestijn terecht en werd gegrepen door de schoonheid van het landschap. Gewapend met een gitaar en eenvoudige opnameapparatuur keerde ze terug naar de woestijn om de basis van haar nieuwe album op te nemen in een Airbnb. Het in een isolement opnemen van een album zorgt meestal voor een bijzondere sfeer en dat is op Carves niet anders.
Het nieuwe album van Kathryn Mohr klinkt donker en eenzaam, maar ook puur en intens. Het gitaarspel van de Amerikaanse muzikante zorgt voor een ruwe onderlaag, die zo nu en dan bijna klinkt als de drones die door een aantal bands worden geproduceerd. Het maakt van de beluistering van Carves een intense luisterervaring, maar uiteindelijk vind ik de nieuwe songs van Kathryn Mohr zeker niet ontoegankelijk.
Het zijn wel songs die beter tot zijn recht komen wanneer je ze wat vaker hebt gehoord, wat vooral geldt voor de songs waarin Kathryn Mohr het experiment wat meer opzoekt. En natuurlijk is Carves van Kathryn Mohr geen album dat je opzet in de aangename lentezon van het moment, maar wat later op de dag is het gelukkig nog altijd behoorlijk kil en donker en begint dit album snel te groeien. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Eaves Wilder - Little Miss Sunshine (2026) 4,0
24 april, 14:45 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Eaves Wilder - Little Miss Sunshine - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Eaves Wilder - Little Miss Sunshine
Eaves Wilder is een piepjonge Britse muzikante, die met Little Miss Sunshine een leuk en fascinerend debuutalbum heeft afgeleverd, dat zich niet in een hokje laat duwen en steeds doet wat je niet had verwacht
Ik wist niet precies wat ik moest verwachten van Little Miss Sunshine van Eaves Wilder, maar wat bij eerste beluistering uit de speakers kwam had ik in ieder geval niet verwacht. De jonge muzikante uit Londen maakt muziek die zich lastig laat omschrijven. Dat heeft deels te maken met de bijzondere stem van Eaves Wilder, maar ook haar muziek past niet in een van de gangbare hokjes. Het is muziek die soms wat opschuift richting indierock, maar die ook binnen de pop een breed terrein bestrijkt. Ik moest er, zeker in het begin, erg aan wennen, maar op een gegeven moment valt alles op zijn plek en is de zoete verleiding van Eaves Wilder niet langer te weerstaan.
In het notitieboekje waarin ik de titels van albums opschrijf die ik de komende tijd in de gaten moet houden, kwam ik Little Miss Sunshine van Eaves Wilder tegen. Het album verscheen deze week en kon door de notering in het notitieboekje direct op mijn aandacht rekenen.
Ik denk dat het album een positieve recensie heeft gekregen in een van de recente edities van de Britse muziektijdschriften Mojo of Uncut en die recensie ga ik er weer eens bij zoeken. Ik ben namelijk wel benieuwd hoe de muziek van Eaves Wilder in deze recensie is beschreven. Ik moest zelf wel even wennen aan Little Miss Sunshine en was er bij mijn eerste kennismaking met het album zeker niet van overtuigd dat de muziek van Eaves Wilder iets voor mij is.
Bij beluistering van het debuutalbum van de Britse muzikante vallen twee dingen op. Allereerst is er de stem van Eaves Wilder die nogal lieflijk klinkt. De term ‘meisjesachtig’ kwam ook even bij me op, maar dat is misschien wat denigrerend, al werd de term in de jaren 90 veelvuldig gebruikt bij het recenseren van door vrouwen aangevoerde indierockbands.
Vergeleken met deze rockbands uit de jaren 90 doet Eaves Wilder er nog wel een schepje bovenop met haar bijzondere stem. Het is een stem die het heel goed zou doen in suikerzoete popmuziek, maar dat is niet de muziek die op Little Miss Sunshine is te horen, een enkele uitzondering daargelaten.
Het tweede dat opvalt bij beluistering van het album is immers dat Eaves Wilder behoorlijk stevige muziek kan maken. Het is muziek die af en toe tegen de indierock uit het verleden en van het moment aanschurkt, maar de Britse muzikante heeft ook een enorm zwak voor tijdloze popmuziek. Het is pop die dan weer wel is verschenen op het over het algemeen vrij alternatieve Secretly Canadian label. Alleen al het bovenstaande maakt van Little Miss Sunshine al een vat vol tegenstrijdigheden, maar er is nog veel meer.
Zo deed de muzikante uit Londen voor de productie van haar debuutalbum een beroep op Andy Savours. Deze leerling van roemruchte producers Alan Moulder en Flood heeft inmiddels een indrukwekkend CV en werkte onder andere met My Bloody Valentine. Daar hoor je misschien flarden van terug op Little Miss Sunshine, maar het album laat ook flarden redelijk conventionele rockmuziek uit de jaren 70 en 80 horen.
Ik moet heel eerlijk toegeven dat ik in eerste instantie niet zo veel kon met de muziek van Eaves Wilder, maar de bonte mix van invloeden en de suikerzoete stem van de muzikante uit Londen intrigeerden me ook. Eaves Wilder doet op haar debuutalbum in ieder geval haar eigen ding en dat is heel wat waard. Little Miss Sunshine lijkt hierdoor niet op de bulk van de albums in de indierock en indiepop van het moment en dat is een groot goed.
Bovendien hoor je wanneer je vaker naar het album luistert dat Eaves Wilder beter zingt dan op het eerste gehoor het geval lijkt en ze schrijft ook betere songs dan je bij eerste beluistering ervaart. Little Miss Sunshine drong zich bij mij langzaam op, maar inmiddels heb ik wel wat met het album. Het blijft zo dat de muziek van Eaves Wilder aan de ene kant verleidt en aan de andere kant tegen de haren instrijkt, maar als de Britse muzikante met een briljant popliedje als The Great Plains op de proppen komt heeft ze mijn hart definitief gewonnen. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Grace Ives - Girlfriend (2026) 4,5
23 april, 20:22 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Grace Ives - Girlfriend - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Grace Ives - Girlfriend
Grace Ives kan in de Verenigde Staten rekenen op uitstekende recensies voor haar tweede album Girlfriend en daar valt vanwege de onweerstaanbare maar ook interessante popsongs echt niets op af te dingen
Ik was het debuutalbum van Grace Ives, het bijna vier jaar oude Janky Star, eerlijk gezegd alweer vergeten en ook het vorige maand verschenen Girlfriend kwam niet direct binnen. Dat is inmiddels wel anders, want waar de albums van de Amerikaanse muzikante op het eerste gehoor misschien klinken als standaard popalbums, blijkt bij herhaalde beluistering al snel dat de popsongs van Grace Ives veel meer zijn dan standaard popsongs. De muzikante uit New York laat ook op Girlfriend weer haar eigenzinnigheid horen, waardoor het album voor mij inmiddels is uitgegroeid tot een van de betere popalbums van het moment. Dat wisten de betere Amerikaanse muziekwebsites al lang, maar ik weet het nu ook.
Een maand geleden verscheen Girlfriend, het tweede album van Grace Ives (het in 2019 verschenen 2nd zie ik toch meer als een mini-album). Het is een album dat bij mij op de stapel terecht kwam, tot ik het vorige week, geïnspireerd door een aantal zeer positieve recensies, toch een nieuwe kans gaf. Girlfriend is een album dat misschien niet helemaal mijn smaak is, maar het is ook een album dat me op een of andere manier intrigeert.
Het intrigeerde me deze week nog een stuk meer dan een maand geleden, toen ik het album uiteindelijk niet goed genoeg vond. Deze week kwam Girlfriend van Grace Ives wel makkelijk door mijn selectie en ging ik op zoek naar meer informatie over de Amerikaanse muzikante. Hierbij kwam ik, echt tot mijn grote verbazing, terecht bij mijn eigen recensie van het bijna vier jaar geleden verschenen Janky Star, het debuutalbum van Grace Ives. Het is een album waar ik in eerste instantie geen duidelijke herinnering aan had, tot ik er weer eens naar luisterde.
Over Janky Star schreef ik in de zomer van 2022 het volgende: “Bij hele vluchtige beluistering leek Janky Star van de New Yorkse muzikante Grace Ives me een aangenaam maar niet heel bijzonder popalbum, maar na een keer aandachtig luisteren wist ik wel beter. Grace Ives schrijft lekker in het gehoor liggende popliedjes, maar het zijn ook popliedjes die op alle mogelijke manieren buiten de lijntjes kleuren. Soms is het pure pop, soms is het synthpop en soms neigt het naar R&B of bedroom pop, maar op een of andere manier smeedt Grace Ives alles aan elkaar in songs die haar bijzondere handtekening dragen. Hoe beter je luistert, hoe meer bijzonders je hoort. Volkomen terecht overladen met jubelrecensies in de Verenigde Staten”.
Het zijn woorden die grotendeels ook van toepassing zijn op het tweede album van de muzikante uit New York. Grace Ives ging na het succes van Janky Star in mentaal en fysiek opzicht door een zware periode, wat je terughoort in de teksten van de songs, maar haar popsongs zijn nog net zo onweerstaanbaar als vier jaar geleden.
Ook op Girlfriend maakt Grace Ives popmuziek waarmee ze de wereld aan haar voeten zou moeten kunnen krijgen, maar de songs van de Amerikaanse muzikante zijn ook nog altijd lekker eigenzinnig. Het is een bijzondere combinatie die maar weinig popzangeressen gegeven is, maar Grace Ives heeft het.
Vergeleken met het debuutalbum klinkt Girlfriend iets conventioneler, maar het is absoluut geen mainstream popalbum. Hiervoor zijn de songs van Grace Ives te wispelturig en te eigenwijs, al bevatten haar songs zeker ingrediënten van perfecte popsongs.
Vergeleken met de meeste grote popalbums is Girlfriend voorzien van een vrij sobere productie, die het album iets intiems geeft. Ik moet bij beluistering van het tweede album van Grace Ives vaak aan Lorde denken en dat is wat mij betreft een groot compliment voor Girlfriend (al is het maar omdat het laatste album van Lorde vorig jaar mijn jaarlijstje aanvoerde).
Ook Grace Ives is op haar album niet vies van stevige aangezette en soms wat tegendraadse elektronica, wat Girlfriend voorziet van een wat donkere sfeer. Het is een album dat af en toe een jaren 90 vibe heeft, maar Grace Ives maakt ook popmuziek van het moment en af en toe popmuziek van de toekomst. Ik was niet direct om, maar vind ook dit weer een razendknap album van Grace Ives. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Wendy Eisenberg - Wendy Eisenberg (2026) 4,5
22 april, 15:37 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Wendy Eisenberg - Wendy Eisenberg - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Wendy Eisenberg - Wendy Eisenberg
Wendy Eisenberg heeft een album gemaakt dat bij eerste beluistering misschien nog wat tegen de haren instrijkt, maar dat mooier en interessanter wordt naarmate je de bijzondere folksongs op het album vaker hoort
Wendy Eisenberg heeft al meerdere albums gemaakt, maar het onlangs verschenen nieuwe en titelloze album krijgt meer aandacht dan zijn voorgangers en kan rekenen op zeer positieve recensies. Deze recensies hebben me aangemoedigd om wat vaker te luisteren naar het album en dat was ook nodig om het kwartje te laten vallen. Zowel in muzikaal als vocaal opzicht is het album van Wendy Eisenberg immers geen alledaags album. Het is een album dat raakt aan de psychedelische folk uit de jaren 60 en 70 en het is folk waarin improvisatie en experiment niet uit de weg worden gegaan. Ook de stem van Wendy Eisenberg vraagt om enige gewenning, tot het moment dat opeens alles op zijn plek valt.
De Amerikaanse singer-songwriter Wendy Eisenberg, die zichzelf overigens identificeert als non-binair en queer, heeft de afgelopen jaren al een handvol albums gemaakt. Het zijn albums waarvan ik er zeker een aantal heb beluisterd, maar tot een plekje op De Krenten uit de Pop kwam het tot dusver nog niet. Ook het begin deze maand verschenen nieuwe album van Wendy Eisenberg leek in eerste instantie buiten de boot te vallen, maar dankzij een tweetal net wat slappere weken qua releases kreeg het album van mij alsnog de aandacht die het zeker verdient.
Het onlangs verschenen titelloze nieuwe album van Wendy Eisenberg is, net als eerdere albums, een album dat zich, in ieder geval bij mij, niet direct opdringt. De ingetogen songs van de muzikant uit Brooklyn, New York, moeten het niet hebben van aanstekelijke refreinen of direct memorabele melodieën, waardoor je ook het nieuwe album weer wat vaker moet horen voor het beklijft.
Wat ook niet helpt voor een onuitwisbare eerste indruk is dat Wendy Eisenberg ervan houdt om via improviseren tot songs te komen, wat er voor zorgt dat de songs van de Amerikaanse muzikant vol bijzondere wendingen zitten. En omdat de muzikant uit Brooklyn ook makkelijk schakelt tussen genres bieden de albums ook in dat opzicht weinig houvast.
Vergeleken met de vorige albums is het nieuwe album wel wat stijlvaster, want de meeste songs op het album zijn te typeren als folksongs. Wendy Eisenberg is een uitstekende gitarist, maar op het deze maand verschenen nieuwe album is het geluid wat voller dan gebruikelijk en is er ook ruimte voor andere instrumenten. Co-producer Mari Rubio voegt pedal steel, synths en strijkersarrangementen toe aan het geluid op het album en ook een ritmesectie is het hele album van de partij.
In een aantal songs is de instrumentatie redelijk rechttoe rechtaan en moet Wendy Eisenberg het vooral hebben van fraai en inventief gitaarspel en subtiele bijdragen van andere instrumenten, maar in een aantal andere songs op het album gaat Wendy Eisenberg improvisatie en experiment niet uit de weg. Het maakt beluistering van het album in eerste instantie niet makkelijk, maar uiteindelijk wel interessant.
Folk vormt de basis van de songs op het album, maar het is zeker geen dertien in een dozijn folk die Wendy Eisenberg maakt. Het heeft af en toe wel wat van de psychedelische folk uit de jaren 60 en 70 en niet alleen vanwege de muziek. Ook de zang van Wendy Eisenberg is immers wat atypisch en het is zang die ik in eerste instantie niet heel mooi vond. Ook de zang van de Amerikaanse muzikant lijkt af en toe wat te improviseren en klinkt dan wat onvast, maar na enige gewenning vind ik de stem van Wendy mooi en het is zeker een karakteristieke stem. Ook qua zang doet de muzikant uit Brooklyn overigens wel wat denken aan de psychedelische folkies uit de jaren 60 en 70.
Ik ben al met al blij dat het nieuwe album van Wendy Eisenberg alsnog is komen bovendrijven. Het is een album vol bijzonder klinkende songs, waarin je lang nieuwe dingen blijft ontdekken en waarin Wendy Eisenberg meer dan eens een andere afslag neemt dan je had verwacht. Liefhebbers van in artistiek opzicht interessante folk vallen zich zeker geen buil aan dit bijzondere album, dat door Pitchfork overigens is beloofd met een dikke 8. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Jessie Ware - Superbloom (2026) 3,5
21 april, 16:12 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Jessie Ware - Superbloom - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Jessie Ware - Superbloom
Jessie Ware verruilde een paar jaar geleden de soulvolle pop van het moment voor een geluid vol invloeden uit de jaren 70 in het algemeen en de soul en disco in het bijzonder en dat geluid domineert ook weer op Superbloom
Het vorige album van de Britse muzikante Jessie Ware was goed voor een heerlijk feestje. Met That! Feels Good! sleepte Jessie Ware je de dansvloer op met een wat nostalgisch klinkende mix van soul, funk en vooral heel veel disco. Het is een geluid dat deels terugkeert op Superbloom, maar het nieuwe album klinkt wat elektronischer en Jessie Ware kiest ook wat vaker voor soul. Ze zingt zoals altijd fantastisch en stookt het vuurtje nog wat verder op met broeierige teksten. De volgende keer mag Jessie Ware van mij weer eens een totaal ander album maken, maar tot het zover is, is het feest met Superbloom, dat nog wat overtuigender klinkt dan zijn terecht zo bejubelde voorganger.
Devotion, het debuutalbum van de Britse muzikante Jessie Ware, verscheen in de zomer van 2012, maar ik ontdekte het album pas maanden later. Op basis van alle lovende woorden van de Britse muziekpers had ik te snel geconcludeerd dat Jessie Ware hitgevoelige maar niet per se interessante popmuziek met een vleugje soul a la Adele maakte. Devotion bleek echter een fantastisch album, waarop de Britse muzikante niet alleen indruk maakte als zangeres, maar bovendien allerlei invloeden combineerde in songs met een interessant maar ook origineel geluid.
Ik vind Devotion nog steeds het beste album van Jessie Ware, maar ook haar andere albums zijn zeker interessant. Tough Love uit 2014 schoof flink op richting de dansvloer, maar was qua zang nog beter dan Devotion, waarna Glass House in 2017 juist weer bol stond van de invloeden en veelzijdige pop liet horen. What's Your Pleasure? uit 2020 is het enige album van Jessie Ware dat ik niet heb besproken op De Krenten uit de Pop, maar het album waarop Jessie Ware voor het eerst de liefde betuigde aan disco en soul uit het verleden ben ik later wel gaan waarderen.
Jessie Ware koos op het in 2023 verschenen That! Feels Good! met nog wat meer overtuiging voor invloeden van de disco en soul uit de jaren 70 en funk en soul uit de jaren 80. De funky basloopjes, catchy gitaarakkoorden en stuwende blazers klonken fantastisch en ook vocaal maakte Jessie Ware weer makkelijk indruk met haar soepele en lekker soulvolle stem. Ik ben op zich niet gek op jaren 70 disco (destijds verafschuwde ik het genre zelfs als puber), maar That! Feels Good! van Jessie Ware kon ik maar moeilijk weerstaan, waardoor het album uiteindelijk zelfs mijn jaarlijstje haalde.
De Britse muzikante heeft deze week haar zesde album Superbloom uitgebracht en op basis van haar eerdere albums zou je misschien verwachten dat de Britse muzikante weer eens een nieuwe weg in slaat. Aan de andere kant is het ook niet onlogisch om vast te houden aan het zo succesvolle geluid van That! Feels Good! en What's Your Pleasure?.
Jessie Ware kiest op Superbloom voor het laatste, want ook op haar nieuwe album combineert ze disco, soul, funk en pop in songs die je de dansvloer op slepen, of je dat nu wilt of niet. Ik zeg min of meer, want Superbloom legt net wat andere accenten dan That! Feels Good! en hangt misschien net wat minder zwaar op invloeden uit de discomuziek uit de jaren 70. Ook invloeden uit de jaren 80 en 90 hebben hun weg gevonden naar het album, waardoor Superbloom ergens tussen That! Feels Good! en What's Your Pleasure? in zit, al zit er ook meer soul in de nieuwe songs van Jessie Ware.
Van een stap terug is dan ook zeker geen sprake, want wat klinkt Superbloom fantastisch. Voor het album werd een flink gevuld blik producers opengetrokken en verder schoof een heel legioen muzikanten aan. De ritmesectie staat centraal op Superbloom en speelt echt fantastisch. Het geweldige bas- en drumwerk wordt vooral omringd met synths, waardoor Superbloom net wat anders klinkt dan het vorige album.
Jessie Ware heeft zich ook dit keer omringd met fantastische achtergrondzangeressen, maar zingt ook zelf weer geweldig op Superbloom en behoort absoluut tot de beste zangeressen die het Verenigd Koninkrijk momenteel rijk is. Het levert een album op dat klinkt als een mixtape uit de jaren 70, 80 en 90, maar Superbloom klinkt niet alleen authentiek en nostalgisch maar ook fris. Het levert een heerlijk album op voor een feestje, maar ook wandelen in de lentezon is heerlijk met dit aanstekelijke album. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Kacey Musgraves - Same Trailer Different Park (2013) 4,0
19 april, 20:08 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Kacey Musgraves - Same Trailer Different Park (2013)
Als ik mijn favoriete muzikante van het moment zou moeten noemen, ga ik waarschijnlijk voor Kacey Musgraves, wiens uitstekende Same Trailer Different Park uit 2013 ik pas sinds heel kort op de juiste waarde schat
Sinds haar album Pageant Material uit 2015 koester ik de muziek van Kacey Musgraves. Aan het album dat hieraan voorafging, het in 2013 verschenen Same Trailer Different Park heb ik nooit zoveel aandacht besteed. Ten onrechte, want sinds ik wat beter heb geluisterd naar het album waarmee de Amerikaanse muzikante doorbrak, vind ik Same Trailer Different Park niet heel veel minder dan Pageant Material en wat mij betreft verdient het album dan ook een plekje tussen de albums van Kacey Musgraves die ik koester. Ook op Same Trailer Different Park verleidt de Texaanse muzikante meedogenloos met haar unieke stem en het album bevat een serie uitstekende songs. Het was al die jaren zo dichtbij, maar eindelijk heb ik ook Same Trailer Different Park omarmd.
In 2013 besteedde ik op De Krenten uit de Pop in slechts een paar regels aandacht aan Same Trailer Different Park van de voor mij op dat moment totaal onbekende Kacey Musgraves. Ik was best te spreken over het album en voorspelde dat Kacey Musgraves wel eens heel groot zou kunnen worden.
Ik kon toen nog niet vermoeden dat ze in een paar jaar tijd zou uitgroeien tot een van mijn favoriete muzikanten en vijf jaar later mijn jaarlijstje zou aanvoeren met Golden Hour, een van mijn favoriete albums aller tijden. En ze zou uiteraard uitgroeien tot de wereldster die ze inmiddels al meer dan tien jaar is.
Same Trailer Different Park is het oudste album van Kacey Musgraves dat op de streamingplatforms is te vinden, maar het is niet haar debuutalbum. Kacey Musgraves was pas 12 jaar oud toen ze samen met Alina Tatum een album uitbracht onder de naam Texas Two Bits. Vanuit het piepkleine Golden in Texas maakte ze ook nog drie albums als tiener, voor ze na de middelbare school naar Austin, Texas, vertrok.
De eerste drie albums van Kacey Musgraves zijn nog wel op het internet te vinden en alleen op het titelloze album uit 2007 hoor je iets van belofte. Het zou vervolgens vijf jaar duren voor Kacey Musgraves door zou breken naar een groot publiek en dat deed ze in de Verenigde Staten met Same Trailer Different Park, dat uiteindelijk twee Grammy’s binnen sleepte.
In Nederland trok Kacey Musgraves pas een wat groter publiek met het in 2015 uitgebrachte Pageant Material en dat is ook het album dat mij een groot Kacey Musgraves fan maakte. Pageant Material haalde de top 5 van mijn jaarlijstje, waarna Golden Hour in 2018 en Deeper Well in 2024 de eerste plaats in mijn jaarlijstje bereikten. Haar breakup album Star-crossed vond ik in 2021 een tegenvaller, al ben ik het album later wel meer gaan waarderen.
Over twee weken verschijnt het nieuwe album van Kacey Musgraves en in afwachting van Middle of Nowhere ben ik weer wat in haar oude werk gedoken. Ik heb in het verleden maar zelden naar Same Trailer Different Park geluisterd, dat ik altijd zag als een aanloop naar haar echt goede albums, maar nu ik het album de afgelopen weken wat vaker heb beluisterd ben ik behoorlijk gehecht geraakt aan het eerste album dat de Texaanse muzikante in haar volwassen leven opnam.
Natuurlijk was ik al bekend met een paar tracks van de keren dat ik Kacey Musgraves op het podium heb gezien, maar Same Trailer Different Park bevat ook een aantal tracks die ik niet of nauwelijks kende. Same Trailer Different Park heeft eigenlijk alles dat mijn liefde voor de muziek van Kacey Musgraves de afgelopen 13 jaar zo groot heeft gemaakt.
De songs bevatten flink wat invloeden uit de folk en de country, maar zijn ook niet vies van pop. Vergeleken met haar latere albums hoor je wat meer country in de songs op Same Trailer Different Park en het album klinkt ook wat minder geproduceerd dan latere albums, al ben ik gek op de producties van Ian Fitchuk en Daniel Tashian.
Het album bevat met Silver Lining, Merry Go 'Round en Follow Your Arrow een aantal klassieke Kacey Musgraves songs en ook de andere songs op het album mogen er zijn. En natuurlijk hoor je op Same Trailer Different Park haar uit duizenden herkenbare engelenstem, die voor een belangrijk deel het unieke Kacey Musgraves geluid bepaalt.
Ik ben echt heel erg benieuwd naar het nieuwe album van Kacey Musgraves, maar door het (her)ontdekken van Same Trailer Different Park heb ik er al minstens één mooi album van de Amerikaanse muzikante bij. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Tiwayo - Outsider (2026) 4,0
19 april, 10:40 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Tiwayo - Outsider - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Tiwayo - Outsider
De Franse muzikant Tiwayo maakte met Desert Dream de soundtrack van de zomer van 2023 en levert deze maand met Outsider een fantastisch klinkend soulalbum af, met wederom zijn geweldige stem als kers op de taart
Als ik denk aan de zomer van 2023, denk ik aan Desert Dream van Tiwayo. De muzikant uit Parijs leverde met zijn tweede album een plaat af die de zomer onmiddellijk omarmde en nog net wat mooier maakte. Ook op zijn nieuwe album Outsider maakt Tiwayo muziek die de temperatuur laat stijgen, maar samen met producer Adrian Quesada kiest hij dit keer vooral voor een authentiek klinkend soulgeluid. De muziek en de productie van Outsider zijn als door een ringetje te halen, maar de Franse muzikant maakt op zijn derde album weer vooral indruk met zijn heerlijke soulstem. Met Desert Dream maakte Tiwayo een onuitwisbare eerste indruk en deze bevestigt hij met het uitstekende Outsider.
Alweer bijna drie jaar geleden ontstond op het Nederlandse muziekplatform MusicMeter een bescheiden hype rond het tweede album van de Franse muzikant Tiwayo. Nu ga ik meestal met een flinke boog om hypes heen, maar onbekende albums die op MusicMeter opeens zeer uitvoerig worden geprezen kun je over het algemeen maar beter in de gaten houden, want dat zijn vrijwel zonder uitzondering hele mooie albums.
Dat gold ook zeker voor Desert Dream van Tiwayo, dat me tot op de dag van vandaag dierbaar is. Het album van de Franse muzikant was niet alleen de perfecte soundtrack voor een warme, zorgeloze en eindeloze zomer, maar het was ook een album dat in kwalitatief opzicht zeer de moeite waard was, al was het maar vanwege de karakteristieke en soulvolle stem van de muzikant uit Parijs.
Ook in muzikaal opzicht was Desert Dream een interessant album met een mooie mix van soul, zomerse klanken en Franse pop uit de jaren 60 en 70. Na Desert Dream ontdekte ik ook nog The Gypsy Soul of Tiwayo, het in 2019 verschenen en eveneens uitstekende debuutalbum van Tiwayo, maar aan Desert Dream bewaar ik de beste herinneringen en als ik naar het album luister is het direct weer zomer.
Vorige week verscheen het derde album van Tiwayo, dat moet zien op te boksen tegen de geweldige voorganger. Tiwayo doet dit door op Outsider in eerste instantie verder te gaan waar Desert Dream bijna drie jaar geleden ophield. Direct in de eerste noten van openingstrack I’ve Got to Travel Alone is er weer de bijzondere soulstem van Tiwayo en ook op zijn derde album kiest de muzikant uit Parijs voor zomerse klanken.
Outsider ligt absoluut in het verlengde van Desert Dream, maar laat ook een net wat ander geluid horen. Als ik luister naar het derde album van Tiwayo hoor ik een behoorlijk authentiek klinkend soulalbum uit de jaren 60 of 70. Het is een soort album dat de afgelopen decennia veel vaker is gemaakt en meestal wordt voorzien van een label als retro-soul.
Invloeden uit de soulmuziek van weleer speelden ook op het vorige album van Tiwayo een belangrijke rol, maar Desert Dream was qua geluid toch wat veelzijdiger en unieker dan Outsider. Ook na een aantal keren horen sla ik het tweede album van Tiwayo net wat hoger aan dan album nummer drie, maar er is echt helemaal niets mis met Outsider.
Het album is voorzien van een warmbloedig en sfeervol soulgeluid met een belangrijke rol voor strijkers. Het is een album dat het nog wat beter gaat doen als de temperaturen gaan stijgen de komende tijd, maar ook op een nog wat kille avond doet het nieuwe album van de Franse muzikant wonderen.
In muzikaal opzicht klinkt ook Outsider weer zeer verzorgd, maar Tiwayo maakt er een onderscheidend album van met zijn stem. Het is een stem met heel veel soul, maar het is ook een stem met een eigen sound, die het uitstekend doet in het wat retro-geluid op het album.
Zangeres Kendra Morris schuift aan voor een duet, maar van de gastmuzikanten is het vooral Doyle Bramhall II, die indruk maakt met spetterend gitaarwerk in Daddy Was Born with the Blues. Ook de productie van het album ademt overigens klasse, want hiervoor tekende niemand minder dan Adrian Queseda van Black Pumas. En zo komt Outsider toch behoorlijk in de buurt van de fantastische voorganger, die in 2023 MusicMeter zo op zijn kop zette. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Hiding Places - The Secret to Good Living (2026) 4,5
18 april, 10:52 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Hiding Places - The Secret To Good Living - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Hiding Places - The Secret To Good Living
The Secret To Good Living is het debuutalbum van de Amerikaanse band Hiding Places en het is een verpletterend mooi album, dat absoluut gaat uitgroeien tot een van de allerbeste gitaarplaten van dit jaar
Het debuutalbum van Hiding Places had me direct na het beluisteren van de openingstrack al te pakken, maar ik had toen echt pas een fractie van het bijzondere geluid van de band gehoord. The Secret To Good Living laat in tien songs een geluid horen dat meerdere kanten op kan. Het is een geluid waarin gitaren centraal staan, maar het gitaarwerk op het album put uit meerdere genres. De vooral door het gitaarwerk bedwelmend mooie songs van de Amerikaanse band worden nog wat mooier door de stemmen van Audrey Keelin en Nicholas Byrne, die het dromerige karakter van de muziek van Hiding Places nog wat verder versterken. Ik had dit album bijna gemist, maar koester inmiddels iedere noot.
Ik kan me niet herinneren dat ik de bandnaam Hiding Places twee weken geleden ben tegengekomen bij het doorploegen van de vele lijstjes met nieuwe albums. Dat is op zich bijzonder, want de Amerikaanse website Paste, een van mijn vaste tipgevers, noemde het album wel degelijk als een van de interessante albums van die week.
Ik weet wel zeker dat ik twee weken geleden niet heb geluisterd naar het debuutalbum van de Amerikaanse band. Dat deed ik eergisteren voor het eerst na het lezen van een zeer positieve recensie, die me op zijn minst nieuwsgierig maakte naar het album, dat nog niet overdreven veel aandacht heeft gekregen.
Ik heb The Secret To Good Living inmiddels meerdere keren beluisterd en het debuutalbum van Hiding Places is nog veel en veel beter dan de recensie die me op het spoor zette van de band suggereerde. Sterker nog, The Secret To Good Living van Hiding Places is een album dat goed genoeg is om aan het eind van het jaar hoog op te duiken in heel veel aansprekende jaarlijstjes en ook in mijn jaarlijstje gaat het album hoge ogen gooien.
Hiding Places werd opgericht toen de leden van de band studeerden aan de University of North Carolina in Chapel Hill, maar de muziek van de band kreeg pas echt vorm toen de band op het platteland van Georgia de tijd nam voor het vinden van haar muzikale vorm. Hiding Places heeft de zuidelijke staten van de Verenigde Staten inmiddels verlaten en heeft zich gevestigd in Brooklyn, New York.
De geografische reis die de band heeft afgelegd hoor je terug in de muziek op The Secret To Good Living. De muziek van Hiding Places heeft het broeierige dat je vaker hoort bij bands uit North Carolina en Georgia, maar maakt ook de rockmuziek van de grote stad. Het debuutalbum van de band is absoluut een van de betere gitaarplaten die je dit jaar zult horen en het is ook een verrassend veelzijdige gitaarplaat.
The Secret To Good Living zal vooral het stempel indierock opgedrukt krijgen, maar ik hoor echt allerlei invloeden in het geluid van de band. Zeker als het tempo wat lager ligt hoor ik heel veel invloeden uit de slowcore, maar ook invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek hebben hun weg gevonden naar het geluid van de band.
De muziek van Hiding Places klinkt af en toe heerlijk dromerig, maar de band kan ook flink uithalen met stevig gitaarwerk. Het album opent lekker stevig met redelijk rechttoe rechtaan indierock, maar eindigt met bijna verstilde klanken. Het zorgt ervoor dat het debuutalbum van de band uit New York het best tot zijn recht komt wanneer je het in zijn geheel beluistert, wat goed is voor een fascinerende luisterervaring van 47 minuten en 12 seconden.
The Secret To Good Living is een album vol fantastisch gitaarwerk, maar ook de zang op het album is geweldig. Hiding Places beschikt met Audrey Keelin en Nicholas Byrne over twee geweldige stemmen, die afwisselend het voortouw nemen, maar elkaar ook kunnen versterken. Ook de twee andere leden van de band dragen bij aan het prachtige geluid van Hiding Places met prima bas- en drumwerk en subtiele bijdragen van keyboards.
Bij beluistering van het album moet ik met enige regelmaat aan de band Wednesday denken, die vorig jaar de beste gitaarplaat van het jaar maakte, maar de muziek van Hiding Places laat zich niet vergelijken met die van één enkele band. Op The Secret To Good Living hoor je echo’s van een aantal decennia gitaarmuziek, gecombineerd in een verpletterend mooi geluid. Als gerechtigheid bestaat is Hiding Places over niet al te lange tijd een hele grote band. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Holly Humberstone - Cruel World (2026) 3,5
17 april, 21:32 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Holly Humberstone - Cruel World - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Holly Humberstone - Cruel World
Het is dringen binnen de door Amerikaanse zangeressen gedomineerde vrouwelijke popmuziek van het moment, maar de Britse muzikante Holly Humberstone doet met haar nieuwe album Cruel World zeker mee
Holly Humberstone beschikt over een stem waar je van moet houden. Het is een stem die wat mij betreft goed past bij de popmuziek die ze maakt. De Britse muzikante kreeg in het verleden nog wel eens het etiket indie opgeplakt, maar op haar nieuwe album Cruel World kiest ze vol voor de pop. Het is pop die is voorzien van een behoorlijk zwaar aangezette productielaag, waardoor het album nogal mainstream klinkt, ook vergeleken met het debuutalbum van Holly Humberstone. Het is daarom even doorbijten als je pop liever indie dan mainstream hebt, maar uiteindelijk valt er op Cruel World veel de goede kant op en vindt Holly Humberstone aansluiting bij de subtop van de pop.
Paint My Bedroom Black, het vorige album van de Britse muzikante Holly Humberstone en feitelijk haar debuutalbum na een album waarop haar eerdere EP’s waren gecombineerd, verscheen eind 2023 ongeveer gelijk met The Rise and Fall of a Midwest Princess, het in alle opzichten briljante debuutalbum van Chappell Roan.
Het duurde daarom even voor ik op De Krenten uit de Pop aandacht had voor het debuutalbum van Holly Humberstone, maar ook Paint My Bedroom Black vond ik uiteindelijk een prima popalbum, dat aan het einde van het jaar kon rekenen op een positieve recensie.
Deze week keert de Britse muzikante terug met een nieuw album en ook Cruel World is wat mij betreft een album dat mee kan met de betere popalbums van het moment. Dat is niet iedereen met mij eens, want ik ben flink wat behoorlijk zure recensies tegengekomen, waarin er niet veel overblijft van de kwaliteiten van Holly Humberstone.
Als ik zelf niet uit de voeten kan met een album, schrijf ik er niets over, maar dat is een persoonlijke keuze. Ik kan wel uit de voeten met Cruel World van Holly Humberstone, want ik ben niet vies van pure pop en dat is het soort muziek dat de Britse muzikante maakt op haar tweede album.
Op Paint My Bedroom Black hoorde ik af en toe nog wel een dun randje indie, maar op Cruel World omarmt Holly Humberstone vooral of zelfs bijna uitsluitend de blinkende popmuziek. Het album staat dan ook vol met lekker in het gehoor liggende en vaak aanstekelijke songs en het zijn songs waarop producer Rob Milton zich flink heeft kunnen uitleven.
Holly Humberstone is Brits, maar ik vind Cruel World vooral Amerikaans klinken. Het album past in het rijtje grote Amerikaanse popalbums van de afgelopen jaren en valt in dit rijtje zeker niet tegen. Over de zangkwaliteiten van Holly Humberstone zijn de meningen zeer verdeeld, maar ik vind haar tegelijkertijd zoete en wat kwetsbare stem aangenaam klinken en het is een stem die goed past bij de popsongs die op Cruel World zijn te horen.
Als ik echt moet kiezen heb ik meer met indiepop dan met de blinkende pop die domineert op het album, waardoor ik de licht naar indie neigende songs net wat beter vind, maar zo op zijn tijd klinkt de pure pop van Holly Humberstone zeer aangenaam. Het is nog niet zo goed als de pop van de allergrootsten in het genre, maar met Cruel World past de Britse muzikante wel prima in de subtop.
Cruel World is een groot deel van de tijd een mainstream popalbum, maar hier en daar is er ruimte voor wat meer ingetogen songs, waarin Holly Humberstone ook wat persoonlijkere teksten kwijt kan.
Na twee albums met Rob Milton ben ik wel benieuwd wat de Britse muzikante kan met een van de Amerikaanse topproducers binnen de pop, bijvoorbeeld Jack Antonoff of John Congleton, want ik heb het idee dat Holly Humberstone nog beter kan dan ze tot dusver heeft laten horen.
Cruel World is in de tussentijd een album dat baat heeft bij herhaalde beluistering, want nu ik het album meerdere keren heb gehoord hoor ik wat meer diepgang dan bij mijn eerste kennismaking met het album en is ook de kwaliteit van de songs wat gestegen. Voor liefhebbers van de popmuziek van het moment is er dan ook alle reden om Cruel World van Holly Humberstone eens te proberen. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
P.J.M. Bond - Coyote (King of the Island) (2026) 4,0
17 april, 14:07 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: P.J.M. Bond - Coyote (King of the Island) - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: P.J.M. Bond - Coyote (King of the Island)
De Nederlandse muzikant Paul Bond eert in verschillende gedaanten de popmuziek uit het verre verleden en doet dat ook weer bijzonder mooi op zijn deze week verschenen derde soloalbum Coyote (King of the Island)
Paul Bond trekt volle zalen met de theatershows van Her Majesty, schittert op het onlangs verschenen eerbetoon aan de Volendamse band The Cats en had ook nog tijd over voor het maken van zijn derde soloalbum en de tweede onder de naam P.J.M. Bond. Bijgestaan door een aantal ervaren krachten laat de Volendamse muzikant op Coyote (King of the Island) een aantal songs met veel countryinvloeden horen, maar imponeert hij ook met een aantal tijdloze songs die herinneren aan de grote singer-songwriters uit de jaren 70. De muziek op het album is prachtig, maar ook dit keer maakt Paul Bond nog net wat meer indruk met zijn stem. Bijzonder fraai album weer van deze Nederlandse muzikant.
De Volendamse muzikant Paul Bond dook een jaar of tien geleden op met zijn band Dandelion, die twee prima albums zou maken. In 2021 verscheen het debuutalbum van Paul Bond, al was Sunset Blues met bijna twintig minuten muziek eigenlijk meer een mini-album. Het was wel een heel goed mini-album, waarop muziek die in de jaren 60 en 70 in en rond Los Angeles werd gemaakt fraai werd gereproduceerd.
Paul Bond ging vervolgens muziek maken onder de naam P.J.M. Bond en bracht in 2023 het zeer ambitieuze album In Our Time uit. Ook op dit album liet de Nederlandse muzikant zich vooral inspireren door Amerikaanse rootsmuziek en vooral door de muziek die in de jaren 70 aan de Amerikaanse westkust werd gemaakt.
In tekstueel opzicht was In Our Time een conceptalbum over vroeg werk van Ernest Hemingway, waarmee de twee liefdes van Paul Bond, Amerikaanse muziek en literatuur, samen kwamen. Het maken van een conceptalbum over Ernest Hemingway klinkt misschien wat pretentieus, maar In Our Time is een prachtig album, waarop Paul Bond indruk maakt als muzikant, als songwriter en als zanger.
Sindsdien ging de Volendamse muzikant de Nederlandse theaters langs als lid van de band Her Majesty, die in twee uitstekende theatershows stilstond bij de muziek die in de jaren 60 en 70 respectievelijk in San Francisco en Los Angeles werd gemaakt. Recent werd hier nog een tour met een The Cats tributeband aan toegevoegd.
P.J.M. Bond bracht zijn eerste twee albums uit op het Concerto label, maar is voor zijn derde album neergestreken bij het roemruchte Excelsior label. Het levert deze week met Coyote (King of the Island) het derde album van de Nederlandse muzikant op en P.J.M. Bond verrast wederom met een uitstekend album.
Coyote (King of the Island) klinkt in eerste instantie als een album dat ergens in de jaren 60 of 70 in het diepe zuiden van de Verenigde Staten werd gemaakt met een aantal gelouterde rootsmuzikanten en verhuist later naar het Los Angeles uit ongeveer dezelfde periode.
De werkelijkheid is hier ver van verwijderd al wist Paul Bond wel een aantal zeer ervaren muzikanten te strikken voor zijn nieuwe album. Zo nam producer Frans Hagenaars plaats achter de knoppen en schoven onder andere Jeroen Kleijn, Theo Sieben en Tijmen Veelenturf aan in de studio.
Coyote (King of the Island) opent met een aantal country-getinte songs met invloeden uit de bluegrass. Het zijn songs die worden gedomineerd door het fraaie snarenwerk van Theo Sieben en de fiddle van Tijmen Veelenturf. Wanneer de fiddle in de koffer blijft schuift de muziek van P.J.M. Bond wat op richting tijdloze singer-songwriter muziek en het is nog altijd muziek die schatplichtig is aan de jaren 70.
Toetsen spelen een belangrijkere rol in deze songs, al is er ook ruimte voor fraai gitaarwerk. Wat in deze songs vooral opvalt is hoe mooi de stem van Paul Bond is. Het is een stem die makkelijk verleidt, maar het is ook een stem die mooier wordt wanneer je er vaker naar luistert.
Ik vind de tracks waarmee het album opent leuk, maar vind de verwarmende ballads op het middelste deel en aan het einde van het album persoonlijk het mooist. Zeker in deze tracks klinkt Coyote (King of the Island) als een vergeten singer-songwriter klassieker uit de jaren 70. Ik zoek wel eens naar dit soort vergeten klassiekers, maar ze vallen me eigenlijk altijd tegen en klinken eigenlijk nooit als het wonderschone Coyote (King of the Island) van P.J.M. Bond. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Melanie Baker - Somebody Help Me, I’m Being Spontaneous! (2026) 4,0
16 april, 17:58 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Melanie Baker - Somebody Help Me, I’m Being Spontaneous! - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Melanie Baker - Somebody Help Me, I’m Being Spontaneous!
Melanie Baker laat zich op haar debuutalbum Somebody Help Me, I’m Being Spontaneous! vooral beïnvloeden door indierock uit de jaren 90, maar geeft wel een bijzondere eigen draai aan alle echo’s uit het verleden
De Britse muzikante gaat op haar deze week verschenen debuutalbum flink los met de gitaren, die af en toe stevig ontsporen, maar ze maakt ook indruk met lekker in het gehoor liggende rocksongs. Het zijn rocksongs die de muzikante uit Newcastle met veel passie en energie vertolkt, maar ook als ze op de tweede helft van het album wat vaker gas terugneemt, blijven de songs, de muziek en de zang van Melanie Baker makkelijk overeind. Somebody Help Me, I’m Being Spontaneous! is hierdoor een album dat zich weet te onderscheiden van de meeste andere indierockalbums van het moment en dat is gezien het enorme aanbod van de laatste jaren echt een flinke prestatie.
De Britse muzikante Melanie Baker oogst direct bonuspunten met de titel van haar debuutalbum Somebody Help Me, I’m Being Spontaneous! en doet dat ook met de ruwe openingstrack AAAAAAAAHHHHHHHH!!!!. Het is een openingstrack die laat horen dat we van Melanie Baker niets anders dan een pittig rockalbum mogen verwachten.
Dat is haar deze week verschenen eerste album dan ook en als ik er een etiket op zou mogen plakken, zou ik kiezen voor indierock. En om nog wat preciezer te zijn 90’s indierock, want de Britse muzikante vindt haar inspiratie eerder in de door vrouwen aangevoerde indierock uit de jaren 90 dan in de indierock van het moment.
Dat betekent dat ze moet concurreren met stapels geweldige albums uit het verleden en dat is geen eenvoudige opgave, maar Melanie Baker heeft een album vol bravoure afgeleverd. Het is een album dat een stuk steviger klinkt dan de meeste indierockalbums van het moment. De Britse muzikante schuwt de hoge gitaarmuren en opvallend gruizig gitaarwerk niet en de gitaren mogen ook op andere manieren ontsporen.
Het herinnert me direct aan bands uit het verleden, zeker als ook nog een randje grunge wordt toegevoegd, maar Melanie Baker is ook een kind van deze tijd. Dat hoor je vooral wanneer de gitaren even gas terugnemen en Somebody Help Me, I’m Being Spontaneous! dichter tegen de indierock van het moment aankruipt, maar het grootste deel van de tijd plaats ik het debuutalbum van Melanie Baker eerder in de jaren 90 dan in het nu.
Dat betekent zeker niet dat het album klinkt als een retro indierockalbum, want de songs van Melanie Baker klinken ook fris. Het is in muzikaal opzicht een knappe niche die Melanie Baker heeft gevonden en ik vind haar debuutalbum bij herhaalde beluistering alleen maar indrukwekkender worden. Dat ligt vooral aan het gitaarwerk, dat steeds weer net wat anders klinkt en de 90s indierock ook zomaar kan verruilen voor het gitaarwerk dat is te horen op de albums uit de Berlijnse periode van David Bowie, om maar één voorbeeld te noemen.
Niet alleen de muziek, maar ook de zang op Somebody Help Me, I’m Being Spontaneous! herinnert op een of andere manier aan de jaren 90. De zang van Melanie Baker klinkt soms prettig onderkoeld, maar klinkt meestal aanstekelijk uitbundig, wat nog wat extra energie toevoegt aan het geluid op Somebody Help Me, I’m Being Spontaneous!.
In muzikaal opzicht bevat het album misschien flink wat echo’s uit het verleden, maar in tekstueel opzicht past het album goed in deze tijd met de teksten waarin Melanie Baker geen geheim maakt van haar queer identiteit, waarmee ze aansluit bij een aantal groten uit het genre.
Af en toe is het allemaal wel erg ruw en stevig, zoals in het punky Cabin Fever, maar zeker als Melanie Baker kiest voor lekker in het gehoor liggende rocksongs, en dat doet ze met grote regelmaat en zeker op de meer ingetogen tweede helft van het album, weet de muzikante uit Newcastle me makkelijk te overtuigen. Als ze dat niet direct doet is het even wennen aan al het gitaargeweld, maar ook dan wint de Britse muzikante mijn sympathie redelijk makkelijk.
Er verschijnen momenteel nogal wat albums die zich keurig houden aan het stramien van de indierock van het moment en wat dat betreft klinkt het debuutalbum van Melanie Baker fris en anders. Ik ben er van overtuigd dat ze met Somebody Help Me, I’m Being Spontaneous! een breed publiek kan aanspreken, maar ook een ieder die normaal gesproken niet zo gek is op het soort muziek dat op dit album te horen is, zou eens moeten luisteren naar de songs van Melanie Baker. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Greazy Alice - As Time Goes By (2026) 4,0
15 april, 17:06 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Greazy Alice - As Time Goes By - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Greazy Alice - As Time Goes By
Je hebt van die albums die vrijwel onmiddellijk goed zijn voor een zeer aangenaam zomergevoel, en het onlangs verschenen debuutalbum van de uit New Orleans afkomstige band Greazy Alice is zo’n album
As Time Goes By van de Amerikaanse band Greazy Alice is helaas wat ondergesneeuwd de afgelopen maanden, maar het debuutalbum van de band uit New Orleans heeft terecht een aantal lovende recensies gekregen. As Time Goes By is bij oppervlakkige beluistering een vrij standaard en wat traditioneel aandoend rootsalbum, maar luister net wat beter en je hoort dat de band zowel muzikaal als vocaal anders klinkt dan de meeste andere bands in het genre. Het was in eerste instantie vooral de aangename sfeer van het album die me aansprak, maar inmiddels hoor ik veel meer moois in de muziek van Greazy Alice, dat echt een prima eerste album heeft afgeleverd.
Maanden geleden waren de Britse muziektijdschriften Mojo en Uncut al behoorlijk enthousiast over het debuutalbum van de Amerikaanse band Greazy Alice. Het album verscheen eind januari, maar voor beluistering op de streamingplatforms moesten we wachten tot vorige week, toen As Time Goes By ook daar eindelijk beschikbaar werd gemaakt.
Ik ben blij dat ik de naam Greazy Alice ergens had opgeschreven, want ik heb wel wat met het debuutalbum van de band uit New Orleans, Louisiana. Wanneer het album van de Amerikaanse band uit de speakers komt, dringt zich immers vrijwel onmiddellijk een warm en aangenaam zomergevoel op. Het is een heerlijk loom en zorgeloos zomergevoel dat elf songs lang aanhoudt, waarmee het debuutalbum van Greazy Alice goed is voor bijna veertig zeer aangename minuten muziek.
Het geluid van Greazy Alice klinkt op het eerste gehoor nogal traditioneel en dat is niet altijd muziek waar ik warm voor loop. De band uit New Orleans maakt rootsmuziek die ook decennia oud had kunnen zijn, maar de muziek van Greazy Alice heeft ook iets bijzonders.
Bij beluistering van As Time Goes By had ik in eerste instantie heel veel associaties met het album Alpenglow van de Amerikaanse band Trampled by Turtles, dat in 2022 compleet uit het niets de top 5 van mijn jaarlijstje haalde. Toen ik het debuutalbum van Greazy Alice wat vaker had beluisterd hoorde ik ook wel wat van The Handsome Family, dat met name aan het einde van de jaren 90 en aan het begin van dit millennium een aantal prachtalbums uitbracht.
Ik moest soms ook denken aan het meer ingetogen werk van Brown Horse en het is vast geen toeval dat Spotify me na Greazy Alice het nieuwe album van deze Britse band voorschotelde. En zo kwam er meer vergelijkingsmateriaal op, maar Greazy Alice heeft ook zeker een eigen sound.
Het is een sound die deels wordt bepaald door de smaakvolle klanken op het album. As Time Goes By is voorzien van een wat traditioneel aandoend geluid, maar het is ook een luchtig of zelfs lichtvoetig geluid. De muzikanten op het album spelen lekker laidback, maar ook zeer smaakvol en laten bovendien veel ruimte open. Veel meer dan piano, gitaar, bas en drums hoor je niet op het debuutalbum van Greazy Alice en dat zorgt niet alleen voor een aangenaam geluid, maar ook voor een ontspannen sfeer.
Die sfeer hoor je terug in de zang op het album, want voorman Alex Pianovich (bijzondere naam), die niet alleen alle songs schreef maar ook de bijdragen van piano en gitaar voor zijn rekening neemt, beschikt over een stem die de wat lome sfeer op het album verder versterkt. Het is een herkenbare stem, maar ook een stem die het traditionele karakter van de muziek van Greazy Alice wat versterkt, wat me overigens niet in de weg zit.
Het geluid van de Amerikaanse band krijgt ook in vocaal opzicht een meer eigen karakter door de subtiele maar mooie en karakteristieke achtergrondzang van Jo Morris, die de muziek van Greazy Alice ook wat minder zwaar maakt. Het zorgde ervoor dat ik direct gecharmeerd was van de muziek van Greazy Alice, maar As Time Goes By is ook een album dat interessanter wordt wanneer je het wat vaker hoort. De aandacht voor het album is helaas alweer wat weggeëbd, waardoor de late release op de streamingplatforms niet handig is, maar ik zou zeker eens luisteren. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Tenille Townes - The Acrobat (2026) 4,0
15 april, 15:32 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Tenille Townes - The Acrobat - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Tenille Townes - The Acrobat
De Canadese muzikante Tenille Townes brengt op haar nieuwe album The Acrobat haar muziek terug tot de ruwe essentie en combineert dit met een stem vol kracht, doorleving en emotie, wat een indrukwekkend album oplevert
Tenille Townes is al vanaf jonge leeftijd actief in de muziek, maar wist mij nog niet eerder te bereiken met haar muziek. Ook het deze week verschenen album The Acrobat kwam ik min of meer bij toeval tegen en het is een album waar ik even aan moest wennen. The Acrobat is aan de ene kant een uiterst sober ingekleurd album, maar het is aan de andere kant een album dat opvalt door zeer expressieve zang. Tenille Townes vertolkt de persoonlijke songs op haar nieuwe album met hart en ziel. Dat is even wennen, maar als The Acrobat je raakt is het een album dat makkelijk onder de huid kruipt. Ik had op een of andere manier een countrypop album verwacht, maar The Acrobat blijkt totaal andere kost.
Tenille Townes is een Canadese muzikante, die al in haar tienerjaren aan de weg timmerde in haar vaderland en op haar zeventiende de eerste prestigieuze Canadese muziekprijs in de wacht sleepte. Uiteindelijk verruilde ze Grande Prairie, Alberta, voor Nashville, Tennessee, en begon ze aan een, naar verluidt, redelijk succesvol bestaan als songwriter en muzikante in de hoofdstad van de Amerikaanse rootsmuziek.
Ik had er tot dusver echt niets van meegekregen, tot ik deze week haar nieuwe album The Acrobat in handen kreeg. Het is onduidelijk hoeveel albums Tenille Townes voor The Acrobat heeft gemaakt, maar het zijn er zeker drie. Van deze albums is The Lemonade Stand uit 2020 het meest succesvolle album, maar ik ben er nog niet toe gekomen om naar het oudere werk van Tenille Townes te luisteren.
Mijn aandacht is immers volledig gegrepen door het deze week verschenen The Acrobat, al ging dat niet vanzelf. Ik moest wel even wennen aan het album en eigenlijk vooral aan de stem van de Canadese muzikante. Tenille Townes is inmiddels al een tijd geen tiener meer, maar haar stem klinkt op The Acrobat, zeker bij eerste beluistering, behoorlijk jong en ook wat schel. Het is een stem die me niet direct wist te verleiden, maar die me ook wel nieuwsgierig maakte naar de muzikante Tenille Townes.
Ik vond de zang op The Acrobat misschien niet direct mooi, maar ik was wel onder de indruk van de hoeveelheid gevoel die de Canadese muzikante in haar stem legt. Tenille Townes zingt niet alleen met veel emotie, maar ook met veel kracht, waardoor haar stem scheller klinkt dan hij in werkelijkheid is. Voor iemand die vooral gek is op zachte fluisterstemmen en honingzoete engelenstemmen is de zang van Tenille Townes op zijn minst even wennen, maar uiteindelijk had de muzikante uit Nashville me toch te pakken met een stem waar ook soul in zit.
Inmiddels ben ik best onder de indruk van de zang op The Acrobat en van de stem van Tenille Townes, die ondanks alle kracht en emotie nergens uit de bocht vliegt. Het is een stem die af en toe lijkt op die van Maria McKee en dat is wat mij betreft een groot compliment.
The Acrobat is niet alleen in vocaal opzicht een opvallend album, want ook in muzikaal opzicht is het geen doorsnee album. Tenille Townes heeft haar nieuwe album uiterst sober ingekleurd met alleen haar akoestische gitaar. Het akoestische gitaarspel op het album is mooi, maar vooral ondersteunend, waardoor alles neerkomt op de zang en de songs van de Canadese muzikante.
Voor The Acrobat schreef ze een aantal zeer persoonlijke songs, waarbij ze overigens in een aantal gevallen hulp kreeg van Lori McKenna. Lori McKenna is met haar stem te horen in de openingstrack van het album, terwijl de stemmen van Sara Watkins, Sarah Jarosz en Aoife O'Donovan van I’m With Her opduiken in een andere track. Verder staat Tenille Townes er op The Acrobat alleen voor en daar slaat ze zich krachtig doorheen.
The Acrobat is een singer-songwriter album waarop alles is teruggebracht tot de essentie. Dat klinkt eenvoudig, maar het tegendeel is het geval. Ik ken niet veel singer-songwriters die zich staande weten te houden op een album dat uit niet veel meer bestaat dan akoestische gitaar en zang, maar Tenille Townes doet het op indrukwekkende en indringende wijze. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
HIQPY - Slow Death of a Good Girl (2026)
14 april, 18:07 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Hiqpy - Slow Death Of A Good Girl - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Hiqpy - Slow Death Of A Good Girl
Hiqpy werd na een optreden van slechts 15 minuten op Noorderslag 2024 veelvuldig de hemel in geprezen, maar maakt de inmiddels torenhoge belofte absoluut waar op het deze week verschenen debuutalbum Slow Death Of A Good Girl
De Britse muziekpers is al decennia zeer bedreven in het creëren van een hype, maar de Nederlandse media konden er de afgelopen twee jaar ook wat van. De Amsterdamse band Hiqpy werd de afgelopen twee jaar uitgebreid bejubeld zonder al te veel muziek te hebben uitgebracht, maar moest nog wel even een debuutalbum opnemen. Slow Death Of A Good Girl, het debuutalbum van Hiqpy, is deze week verschenen en het is een prima album geworden. Hiqpy is zeer bedreven in het schrijven van catchy songs met zowel invloeden uit de indierock als uit de pop en vaak een jaren 90 vibe. De band bestaat echter ook uit prima muzikanten en beschikt over een prima zangeres, wat Slow Death Of A Good Girl in alle opzichten interessant maakt.
De naam Hiqpy zoemt inmiddels al ruim twee jaar nadrukkelijk rond, maar tot deze week had ik nog geen noot van de muziek van de Nederlandse band gehoord. Dat is niet zo gek, want Hiqpy concentreerde zich lange tijd op het live-circuit en zette pas vorig jaar de eerste single op de streamingplatforms. Ik luister eigenlijk nooit naar singles, maar er stonden er inmiddels vijf online en deze zijn allemaal terug te vinden op het deze week dan eindelijk verschenen debuutalbum Slow Death Of A Good Girl, dat ook nog zeven nieuwe tracks bevat.
Er is de afgelopen twee jaar heel veel geschreven over Hiqpy en hierbij werden de superlatieven maar zelden geschuwd. Ik begon dan ook met torenhoge verwachtingen aan de beluistering van het debuutalbum van de Amsterdamse band, maar was eerlijk gezegd ook wel op mijn hoede voor een enorme hype.
Ik heb het debuutalbum van Hiqpy inmiddels een aantal malen beluisterd en begrijp inmiddels waarom de Nederlandse band de afgelopen twee jaar zo enthousiast is onthaald. De songs op Slow Death Of A Good Girl liggen namelijk ontzettend lekker in het gehoor en klinken op een of andere manier direct bekend in de oren.
Hiqpy laat zich op haar debuutalbum vooral beïnvloeden door indierock, postpunk en shoegaze uit het verleden en met name uit de jaren 90, maar is ook niet vies van een flinke dosis pop. Op de website van de band zelf wordt gesproken over een Pokémon (geen idee of dit hetzelfde is als een ‘lovechild’) van Kurt Cobain en Arianne Grande, maar zelf hou ik het erop dat Hiqpy alles dat de afgelopen decennia leuk was in de indierock en pop in een blender heeft gegooid en er een zeer smakelijke mix van heeft gebrouwen.
Daar moet je wel wat voor kunnen en dat zit wel goed bij de leden van de Amsterdamse band, die elkaar op de popafdeling van het hoofdstedelijke conservatorium tegenkwamen. Dat de band bestaat uit geschoolde muzikanten is goed te horen op Slow Death Of A Good Girl, dat niet alleen mooi, maar ook spannend klinkt.
Hiqpy begint op haar debuutalbum vaak bij de aanstekelijke pop- of rocksong en kleurt in eerste instantie redelijk netjes binnen de lijnen. Veel songs op Slow Death Of A Good Girl ontsporen echter wanneer het einde nadert en dan laat Hiqpy horen wat het in muzikaal opzicht kan.
Zeker het af en toe wild ontsporende gitaarwerk klinkt bijzonder lekker, maar ook de wat lastiger te doorgronden passages conflicteren fraai met de wat toegankelijkere klanken die Hiqpy produceert. Slow Death Of A Good Girl staat vol met aansprekende songs, klinkt in muzikaal opzicht zowel lekker als fantasierijk en is vakkundig geproduceerd door de ervaren Brit Danton Supple, die een CV heeft om bang van te worden en onder andere werkte met Elbow en Coldplay.
Nog niet genoemd, maar ook heel belangrijk voor de sound van Hiqpy is de stem van frontvrouw Abir Hamam, die beschikt over een aansprekende stem, maar ook over een eigen geluid. Het voorziet het geluid van Hiqpy van nog wat meer vertrouwen en elan.
Er is de afgelopen twee jaar heel druk gedaan over Hiqpy en er wordt momenteel wel heel driftig gestrooid met superlatieven. Er valt wat mij betreft best wat aan te merken op het debuutalbum van de Amsterdamse band, maar het is absoluut een goed debuutalbum en een album dat in Nederland en ver daarbuiten de aandacht moet kunnen trekken. Ik vind het ondanks de bij voorbaat enorm hoge verwachtingen een aangename verrassing. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Brown Horse - Total Dive (2026) 4,5
13 april, 17:02 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Brown Horse - Total Dive - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Brown Horse - Total Dive
De beste mix van countryrock, alt-country en indierock kwam de afgelopen twee jaar niet uit de Verenigde Staten maar uit Engeland en ook dit jaar heeft het Britse Brown Horse met haar nieuwe album Total Dive een sterke troef in handen
Met haar debuutalbum Reservoir legde de Britse band Brown Horse ruim twee jaar geleden de lat hoog voor zichzelf, maar het vorig jaar verschenen All The Right Weaknesses vond ik dankzij een indierock-injectie nog wat beter. Het deze week verschenen album Total Dive trekt de lijn van het vorige album door, maar het energiek en gedreven klinkende nieuwe album van Brown Horse slaagt er wat mij betreft weer in om het niveau van de band naar een nog hoger plan te tillen. De Amerikaanse band Wednesday won het vorig jaar nipt van de Britse band, maar Brown Horse slaat met het prachtige Total Dive keihard terug en levert een van de meest opwindende albums van het moment af.
De Britse band Brown Horse houdt de vaart er vooralsnog flink in. Aan het begin van 2014 verscheen het debuutalbum van de band en Reservoir was en is een prachtig album. Op Reservoir combineert de band uit Norwich op fraaie wijze invloeden uit de countryrock zoals die in de jaren 70 werd gemaakt met invloeden uit de alt-country die vanaf het begin van de jaren op de kaart werd gezet.
Op haar debuutalbum klinkt de muziek van Brown Horse eerder Amerikaans dan Brits, maar Reservoir laat ook een eigenzinnig geluid horen, waarin bij vlagen stevig gitaarwerk en de opvallende en emotievolle stem van Patrick Turner nadrukkelijk de aandacht trekken.
Brown Horse haalde in 2024 met Reservoir mijn jaarlijstje en de Britse band herhaalde dit kunstje vorig jaar met het in het voorjaar van 2025 verschenen All The Right Weaknesses. Ook op haar tweede album omarmt Brown Horse invloeden uit de 70’s countryrock en de alt-country van latere datum, maar All The Right Weaknesses klinkt een stuk steviger en gruiziger dan het debuutalbum van de band. Het is in een aantal tracks meer een indierockalbum dan een rootsalbum, al is er altijd wel iets van country te horen in de songs van de band.
Brown Horse maakte het de Amerikaanse concurrentie twee jaar achter elkaar moeilijk en duikt een jaar na All The Right Weaknesses alweer op met een nieuw album. Ook met Total Dive levert de Britse band weer een uitstekend album af en het is een album dat na de eerste twee albums voorzichtig bekend in de oren klinkt.
In de openingstrack van het nieuwe album laat Brown Horse direct weer de combinatie van behoorlijk stevig en gruizig gitaarwerk en een alt-country vibe horen. Het zorgt ervoor dat de verrassing er inmiddels misschien wat af is, maar de band doet er ook nog een schepje bovenop met nog wat steviger gitaarwerk en nog wat intensere zang van Patrick Turner.
Total Dive is me inmiddels net zo dierbaar als de jaarlijstjesalbums Reservoir en All The Right Weaknesses en ik schat het derde album misschien nog wel hoger in dan de twee geweldige voorgangers. De Britse band beschikt over vier getalenteerde songwriters en die hebben een serie fantastische songs geschreven.
Het zijn songs die nagenoeg live werden opgenomen, wat zorgt voor heel veel energie en dynamiek in de muziek van Brown Horse. Zeker als het tempo wordt opgevoerd en de gitaren en andere snareninstrumenten alle ruimte in mogen nemen, knalt Total Dive uit de speakers en denk je af en toe te luisteren naar Neil Young & Crazy Horse in hun beste dagen.
Ik heb soms wel wat moeite met de stem van Neil Young, maar Patrick Turner van Brown Horse is een geweldige zanger, die met zijn intense voordracht makkelijk overeind blijft in het volle en stevige geluid op Total Dive. Het wordt allemaal nog wat mooier wanneer een vrouwenstem invalt en als er dan ook nog eens een gruizige maar ook melodieuze gitaarsolo opduikt is het gevoel van gelukzaligheid compleet.
Toen ik vorige week alweer een nieuw album van Brown Horse zag opduiken in de releaselijsten vroeg ik me af of de band niet wat meer tijd zou moeten nemen voor haar albums, maar Total Dive nam de zorgen onmiddellijk weg en ligt goed op koers om voor de derde keer op rij mijn jaarlijstje te halen. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Scritti Politti - Songs to Remember (1982) 4,0
12 april, 19:59 uur
stem geplaatst
» details
Scritti Politti - Cupid & Psyche 85 (1985) 3,5
12 april, 19:58 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Scritti Politti - Songs to Remember (1982) / Cupid & Psyche 85 (1985) - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Scritti Politti - Songs to Remember (1982) / Cupid & Psyche 85 (1985)
Green Gartside maakte met zijn band Scritti Politti vier albums waarvan er twee behoorlijk succesvol waren en het zijn bovendien albums die iets eigenzinnigs hebben toegevoegd aan de popmuziek uit de jaren ’80
Direct bij de eerste noten van Absolute had ik herinneringen aan het midden van de jaren ’80. Mooie herinneringen en dat ondanks het feit dat ik destijds geen heel groot fan was van de muziek van Scritti Politti. Cupid & Psyche 85, het meest succesvolle album van de Britse band klinkt inmiddels wat gedateerd, maar het album heeft ook nog altijd iets bijzonders. Hetzelfde geldt voor Songs to Remember, het debuutalbum van de band uit 1982, dat wat minder klinkt als een jaren ’80 album, maar dat in 1982 eveneens een vreemde eend in de bijt was. Ik was Scritti Politti vergeten tot ik een artikel in het Britse muziektijdschrift Uncut las en ben blij dat ik de band toch nog wat beter heb leren kennen dan in 1982 en 1985.
Ik las pas in het Britse muziektijdschrift Uncut een lang en boeiend artikel over de Britse band Scritti Politti. Het is een band die ik in de jaren ’80 nooit goed kon plaatsen en ook niet altijd kon waarderen, maar die me op een of andere manier ook altijd wel intrigeerde.
De band rond de uit Wales afkomstige Green Gartside was vooral populair in de jaren ’80, waarin Scritti Politti drie albums uitbracht. Aan het eind van de jaren ’90 verscheen nog een vierde album en in 2006 het prima White Bread Black Beer, maar voor de gloriejaren van de band moeten we terug naar 1982 en 1985, de jaren waarin respectievelijk de albums Songs to Remember en Cupid & Psyche 85 verschenen.
Het artikel in Uncut ging vooral over het debuutalbum van Scritti Politti, maar dat bleek een paar weken geleden niet te vinden op de streamingplatforms en ik kon het in de kast niet zo snel vinden. Ik richtte daarom de aandacht op Cupid & Psyche 85 en dat bleek direct een feest van herkenning.
Ik begreep bij beluistering van het album overigens wel dat ik de muziek van Scritti Politti lastig kon plaatsen, want het album schiet echt alle kanten op en dan is er ook nog de bijzondere stem van Green Gartside, die op het album klinkt alsof hij aan een heliumballon heeft gelurkt.
Cupid & Psyche 85 klinkt in bijna alle opzichten als een typisch jaren ’80 album en eerlijk gezegd ook wel als een wat gedateerd jaren ’80 album, maar het is voor mij ook een album vol goede herinneringen, dat me ook na al die jaren nog intrigeert. Het geluid van Scritti Politti wordt op Cupid & Psyche 85 gedomineerd door typische jaren ’80 synths en de unieke stem van Green Gartside, maar qua genres kan het alle kanten op.
Van de reggae van The Word Girl tot het voor de dansvloer gemaakte Absolute en van de karakteristieke jaren ’80 pop van Perfect Way tot het funky Wood Beez. Door de goede herinneringen werd ik toch weer blij van Cupid & Psyche 85 en vooral van Absolute, dat op de reissue van het album ook nog in de 12-inch versie voorbij komt.
Aan de andere kant is het wat mij betreft ook een album dat de tand des tijds niet heel goed heeft doorstaan, iets wat overigens voor veel meer muziek uit de jaren ’80 geldt. Het geldt ook wel een beetje voor het in 1982 verschenen debuutalbum van Scritti Politti, maar de muziek van Songs to Remember is wat mij betreft veel beter houdbaar gebleken.
Van het album verscheen deze week een reissue, waardoor ook het debuut van Scritti Politti nu is te beluisteren op de streamingplatforms. Ook op het debuutalbum van de Britse band schiet de muziek van Green Gartside meerdere kanten op, maar zijn stem klinkt nog wat lager, waardoor Songs to Remember serieuzer overkomt dan Cupid & Psyche 85.
In muzikaal opzicht is Songs to Remember ook wel wat constanter dan de opvolger van het album. Green Gartside combineert op het debuutalbum van zijn band invloeden uit de soul, funk, reggae, pop en jazz en smeedt al deze invloeden aan elkaar in songs die tijdlozer klinken dan de typische jaren ’80 songs op Cupid & Psyche 85.
Dat heeft voor een belangrijk deel te maken met de instrumentatie die organischer klinkt. Waar Cupid & Psyche 85 het ultieme jaren ’80 album is, hoor je op Songs to Remember veel meer echo’s uit de jaren ’70 en waar het eerstgenoemde album minder werd toen ik er meerdere keren naar luisterde, vind ik het debuutalbum van Scritti Politti steeds beter worden, al blijft Green Gartside een vreemde vogel, die echter wel minstens een goed gevulde paragraaf verdient in de geschiedschrijving van de popmuziek. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Ella Langley - Dandelion (2026) 4,5
12 april, 19:57 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Ella Langley - Dandelion - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Ella Langley - Dandelion
Het is dringen binnen de countrymuziek en de countrypop van het moment, maar met Dandelion heeft Ella Langley een fantastisch album gemaakt dat je bijna een uur lang compleet van je sokken blaast
De Amerikaanse muzikante Ella Langley debuteerde nog geen twee jaar geleden veelbelovend met hungover en heeft sindsdien flinke stappen gezet. Het levert deze week met Dandelion een album op waarmee de muzikante uit Nashville zich schaart onder de grote sterren binnen de country en countrypop van het moment. Ella Langley imponeert op haar tweede album met haar stem, die is gemaakt voor de muziek die ze maakt, maar ook in muzikaal opzicht is Dandelion een verslavend album, dat ook nog eens vol staat met aansprekende songs, die country en pop op zeer smaakvolle wijze combineren, waarbij invloeden uit de country het winnen van invloeden uit de pop. Verplichte kost voor liefhebbers van countrypop.
Ella Langley groeide op in het diepe zuiden van de Verenigde Staten en kreeg in Alabama de countrymuziek met de paplepel ingegoten. Op haar twintigste vertrok ze naar Nashville om haar geld te gaan verdienen met het maken van muziek. Ze boekte een aantal bescheiden successen en bracht in de zomer van 2024 haar debuutalbum hangover uit.
Het is een album dat destijds goed aansloot bij mijn stevig aangewakkerde liefde voor countrypop, maar het verscheen ook in een jaar met heel veel geweldige countrypopalbums. Ik was in mijn recensie van hungover dan ook aan de voorzichtige kant en gaf aan dat Ella Langley nog niet het talent had van de smaakmakers in het genre, maar dat een mooie toekomst in het verschiet lag.
Het album kreeg in de Verenigde Staten wel vijfsterren-recensies en toen ik het deze week weer eens beluisterde kon ik alleen maar concluderen dat de critici in de VS beter hadden geluisterd naar hangover dan ik. Ella Langley maakt op haar debuutalbum diepe indruk met een geweldige stem, die een stuk doorleefder klinkt dan haar leeftijd rechtvaardigt.
Ook in muzikaal opzicht staat hungover als een huis en de met alcohol en sigaretten doordrenkte teksten van Ella Langley maken haar countrypop ook iets minder braaf dan gebruikelijk in het genre. Ella Langley is in Nederland nog vrij onbekend, maar in de Verenigde Staten is ze na de release van hungover snel uitgegroeid tot een van de grote sterren binnen de countrypop van het moment.
Haar deze week verschenen tweede album is in de VS dan ook een van de grote releases van het moment en daar valt niets op af te dingen. Op hungover hoorde ik in 2024 persoonlijk vooral de belofte, maar die belofte maakt de muzikante uit Nashville op Dandelion meer dan waar.
Ook bij beluistering van Dandelion valt in eerste instantie vooral de stem van Ella Langley op. Ze beschikt over een stem die gemaakt is voor het maken van countrymuziek, maar ze heeft ook een eigen geluid met een onweerstaanbare zuidelijke tongval. Net als bijvoorbeeld Megan Moroney heeft Ella Langley een lekker ruw randje op haar stembanden, waardoor haar songs wat meer in de richting van de traditionele countrymuziek worden geduwd.
Dandelion zal vooral een countrypopalbum worden genoemd, maar Ella Langley blijft de traditionele countrymuziek waarmee ze opgroeide absoluut trouw. Nog meer dan hangover is Dandelion een album met meer country dan pop, waardoor ook liefhebbers van traditioneler klinkende countrymuziek als een blok moeten kunnen vallen voor de muzikale verleidingen van Ella Langley.
Er was hoorbaar een flink budget beschikbaar voor het opnemen van het album, want Dandelion klinkt echt fantastisch. Het lekker volle geluid vormt de perfecte basis voor de stem van de muzikante uit Nashville, die schittert op haar tweede album en in meerdere soorten songs uit de voeten kan.
Ik heb inmiddels al een aantal jaren een enorm zwak voor countrypop en zeker voor countrypop waarin de country het wint van de pop. Ik heb een flinke stapel persoonlijke favorieten, waaronder alle drie de albums van Megan Moroney, en na een paar keer horen ligt ook Dandelion van Ella Langley op deze stapel. Ik had twee jaar geleden, ten onrechte, nog wat reserves, maar met Dandelion heeft Ella Langley een verpletterend album afgeleverd. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Juni Habel - Evergreen in Your Mind (2026) 4,0
12 april, 10:10 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Juni Habel - Evergreen In Your Mind - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Juni Habel - Evergreen In Your Mind
Iets meer dan drie jaar na het uitstekende Carvings keert de Noorse muzikante Juni Habel terug met Evergreen In Your Mind, dat net als het vorige album opvalt door de bijzondere sfeer en een zeer karakteristieke stem
Ik ben niet altijd gek op traditionele Britse folk en toch is dat het genre waardoor Juni Habel zich het meest heeft laten beïnvloeden. De Noorse muzikante geeft echter wel een eigen draai aan invloeden uit de Britse folk en voegt Scandinavische ingrediënten toe aan haar muziek. Het is muziek die een onthaastend karakter heeft, maar vergeet niet om goed te luisteren naar en te genieten van de mooie muziek op Evergreen In Your Mind en van de bijzondere stem van Juni Habel, die de muziek van de Noorse muzikante een eigen karakter geeft. Alles wat Juni Habel doet is direct mooi, maar haar intieme en soms bijna verstilde nieuwe album beschikt ook over flink wat groeipotentie.
In de eerste maand van 2023 verscheen Carvings, het tweede album van Juni Habel. Het is een album dat zich zeker heeft laten inspireren door Britse folk, maar de muziek van de Noorse singer-songwriter klinkt ook absoluut Scandinavisch. Carvings is een album waarmee je even kunt ontsnappen aan de drukte van alle dag. Het tempo is laag, de muziek is het grootste deel van de tijd uiterst sober en ook de stem van Juni Habel heeft iets rustgevends.
Carvings is echter ook een album dat het verdient om aandachtig beluisterd te worden. De songs van de Noorse muzikante zitten knap in elkaar, de muziek op Carvings is subtiel maar is ook versierd met subtiele accenten en er gebeurt echt van alles in de zang van Juni Habel.
Deze week is de opvolger van Carvings verschenen en ook Evergreen In Your Mind is een album dat vrijwel onmiddellijk een serene rust brengt. Op de cover van het album zien we Juni Habel in een weids en wat ruw landschap, waar de stilte vast regeert. De Noorse muzikante nam ook haar nieuwe album grotendeels thuis op en heeft de rust van het Noorse platteland meegenomen naar haar muziek.
Evergreen In Your Mind is net als Carvings een album dat het predicaat folkalbum verdient. Ook op haar derde album laat de muzikante uit het Noorse Viken zich inspireren door traditionele Britse folk, maar ook dit keer geeft ze haar muziek een Scandinavische vibe mee.
In de basis hebben de songs van Juni Habel genoeg aan een akoestische gitaar en de stem van de Noorse muzikante, maar ook op Evergreen In Your Mind zijn fraaie versiersels toegevoegd aan het sobere geluid op het album. De accenten die zijn toegevoegd aan het akoestische gitaarspel zijn subtiel, maar zorgen er door de inzet van steeds andere instrumenten voor dat er voldoende variatie tussen de sobere songs op Evergreen In Your Mind zit.
De schoonheid van de muziek op het album hoor je vooral wanneer je het nieuwe album van Juni Habel met de koptelefoon beluistert en ervaart hoe knap de productie van Juni Habel en Stian Skaaden is. Bij beluistering met de koptelefoon hoor je bovendien veel beter hoe mooi de stem van de Noorse muzikante is.
Juni Habel heeft een stem die het goed doet in wat traditioneler klinkende Britse folk, maar ze verloochent ook haar afkomst niet en voegt een Scandinavische touch toe aan haar zang. Het unieke karakter van Evergreen In Your Mind zit hem deels in deze Scandinavische invloeden, maar wat ik vooral bijzonder vind aan het album is de wijze waarop Juni Habel de tijd neemt voor haar songs.
Dat hoor je terug in haar zang die nergens gehaast klinkt en ook de muziek op het album neemt alle tijd om zich te ontwikkelen en om ieder instrument een goede plek te geven. Bij eerste beluistering van het nieuwe album van Juni Habel was ik vooral geïntrigeerd door de bijzondere sfeer op het album, maar nu ik er vaker naar heb geluisterd, hoor ik steeds meer en steeds intenser de schoonheid van de muziek van Juni Habel.
Zeker op een zondagochtend doet Evergreen In Your Mind al snel wonderen, maar ook op de andere momenten van de dag wordt de muziek van de Noorse muzikante me steeds dierbaarder. Carvings ben ik na de indrukwekkende kennismaking helaas snel weer vergeten, maar Evergreen In Your Mind gaat zeker langer mee. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Mountaineer - Country Dragon (2026) 4,0
11 april, 08:55 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Mountaineer - Country Dragon - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Mountaineer - Country Dragon
De Nederlandse muzikant Marcel Hulst maakte met zijn band Maggie Brown twee geweldige albums en heeft met zijn project Mountaineer vanaf deze week drie echt wonderschone albums op zijn naam staan
Het titelloze debuutalbum van de Nederlandse band Maggie Brown was wat mij betreft een van de allerbeste albums van 2014 en ook met het tweede album van zijn band en met de twee albums die Marcel Hulst maakte onder de naam Mountaineer maakte de Nederlandse muzikant diepe indruk. Deze week is het derde album van Mountaineer verschenen en ook Country Dragon is weer een album dat een plek in de spotlights verdient. Het is wederom een zeer smaakvol ingekleurd album waarop relatief sobere songs zijn voorzien van fraaie versiersels. Country Dragon laat zich beluisteren als een vergeten klassieker uit vervlogen tijden, maar het is ook een album van deze tijd dat zowel in muzikaal als tekstueel opzicht wat te melden heeft.
Net iets meer dan twaalf jaar geleden kreeg ik het debuutalbum van de Nederlandse band Maggie Brown in handen. Ik noemde het op De Krenten uit de Pop destijds een briljante gitaarplaat en toen ik het album deze week weer eens beluisterde, begreep ik mijn lovende woorden uit 2014 direct. Het album staat inmiddels ook op de streamingplatforms en het is een album dat niets van zijn kracht en schoonheid heeft verloren. Het is een album dat met wat meer geluk zou zijn uitgegroeid tot een klassieker in de Nederlandse popmuziek en verdient het om beluisterd te worden.
Marcel Hulst, de zanger en gitarist van de band met de wel wat lastig te googelen naam, dook een jaar na het debuutalbum van zijn band op met het eerste album van zijn soloproject Mountaineer en ook 1974 is een prachtig album. Het is een album vol intieme en grotendeels akoestische folky popsongs die buiten de schoonheid weinig gemeen hebben met de muziek van Maggie Brown.
Maggie Brown keerde in de zomer van 2017 terug met het album Another Place, dat wat andere accenten legt dan het debuutalbum, maar niet minder mooi en indrukwekkend is. Begin 2022 bracht Marcel Hulst het zeer ambitieuze tweede album van zijn project Mountaineer uit. Lewis & Clark stapte met zevenmijlslaarzen door de geschiedenis van de popmuziek en imponeerde met wonderschone folky songs, die terecht werden bejubeld in een aantal ronkende recensies.
Ruim vier jaar na Lewis & Clark is een nieuw album van Mountaineer verschenen en ook Country Dragon is weer een prachtig album. Marcel Hulst heeft inmiddels onderdak gevonden bij het Excelsior label, dat met Country Dragon een bijzonder album aan haar indrukwekkende catalogus heeft toegevoegd.
Het is een album waarop Marcel Hulst onder andere kijkt naar de steeds brozer wordende democratie in de Verenigde Staten, die sinds het opnemen van het album nog een flinke jas heeft uitgetrokken. Country Dragon is door het wereldbeeld een wat somber album, wat nog wat werd versterkt door persoonlijke misère. Het inspireerde Marcel Hulst wel tot een serie prachtige songs.
Net als op de vorige albums van Mountaineer maakt de Nederlandse muzikant op Country Dragon vooral ingetogen songs. Het zijn songs die vaak een folky karakter hebben, maar ook invloeden uit de psychedelica hebben hun weg gevonden naar het album.
Marcel Hulst maakte zijn nieuwe album samen met producer Diederik van den Brandt en samen zijn ze goed voor een zeer sfeervol geluid. Het geluid op Country Dragon is niet alleen mooi en sfeervol, want het album klinkt ook tijdloos. De combinatie van folk, psychedelica en een vleugje country heeft meer dan eens een jaren 70-vibe en het is een hele aangename vibe.
De muziek op het album is in de basis redelijk sober, maar door de fraaie accenten die zijn toegevoegd klinkt het album ook warm en spannend. Marcel Hulst zingt op het nieuwe album van Mountaineer meestal redelijk zacht, maar hij beschikt over een mooie stem, die heel goed past bij de warme en wat melancholische klanken op het album.
De Amsterdamse muzikant is helaas nog behoorlijk onbekend, maar hij heeft inmiddels vijf prachtige albums op zijn naam staan. Het zijn albums waartussen ik onmogelijk kan kiezen, waardoor ik ook Country Dragon toevoeg aan het stapeltje albums dat ik inmiddels koester. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
The Bevis Frond - Horrorful Heights (2026) 4,5
10 april, 21:09 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: The Bevis Frond - Horrorful Heights - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: The Bevis Frond - Horrorful Heights
Nick Saloman, de man achter de Britse band The Bevis Frond, gaat inmiddels al vele decennia mee, maar heeft ook met het deze week verschenen album Horrorful Heights heeft weer een prachtig rockalbum afgeleverd
Voor Horrorful Heights van The Bevis Frond moet je echt even gaan zitten, want de band van de Britse muzikant Nick Saloman houdt niet van korte albums. Voor het nieuwe album van de band moet je bijna anderhalf uur uittrekken en in die anderhalf uur neemt The Bevis Frond je mee langs de geschiedenis van de rockmuziek. Horrorful Heights is hierdoor een interessant zoekplaatje, maar The Bevis Frond is zeker niet in het verleden blijven steken. Ook op het nieuwe album van zijn band steekt Nick Saloman weer in een grootse vorm. Het album staat vol met geweldige songs en het zijn songs die kunnen ontsporen in gitaargeweld, maar die ook heerlijk melodieus kunnen klinken. Het is goed voor een geweldige luistertrip.
Een jaar of tien geleden maakte ik dankzij een serie interessante reissues kennis met de muziek van de Britse band The Bevis Frond. De band van de Britse muzikant Nick Saloman bestond toen al zo’n 30 jaar en had al een flinke stapel van minstens 25 albums uitgebracht. Het oorspronkelijk in 1991 verschenen New River Head werd een persoonlijke favoriet, maar vanaf dat moment bleef ik de muzikale verrichtingen van Nick Saloman en zijn band volgen.
Dat leverde de afgelopen jaren een interessant rijtje albums op, want We're Your Friends, Man (2018), Little Eden (2021) en Focus on Nature (2024) zijn alle drie zeer de moeite waard. Het zijn albums waarop Nick Saloman en zijn bandleden zo ongeveer de hele geschiedenis van de Britse en Amerikaanse rockmuziek met zich mee slepen. Het zijn albums die met één been in het verleden staan, maar The Bevis Frond geeft ook altijd een eigen draai aan alle invloeden uit het verleden.
Het zijn albums die kunnen worden gekarakteriseerd als gitaaralbums en het zijn fijne gitaaralbums, want de Britse muzikant gaat een lange gitaarsolo niet uit de weg op zijn albums, die de afgelopen jaren altijd goed zijn voor minstens 75 minuten muziek. Vorige maand verscheen al eens een nieuw album van The Bevis Frond in de releaselijsten, maar deze week is Horrorful Heights dan echt verschenen.
Ook dit keer is Nick Saloman niet scheutig met nieuwe muziek. Het nieuwe album van zijn band bevat maar liefst twintig tracks en is goed voor bijna anderhalf uur muziek. De Britse muzikant werkt al heel wat jaren met dezelfde gitarist en drummer en heeft voor Horrorful Heights een nieuwe bassist gerekruteerd.
Ook het nieuwe album van de band is weer een typisch The Bevis Frond album. Het is een album dat het etiket “underground rock” verdient en het is vaak rockmuziek met een psychedelisch tintje, wat goed hoorbaar is wanneer de sitar van stal wordt gehaald. Nick Saloman beperkt zich echter ook dit keer zeker niet tot één genre. Als een pedal steel wordt ingezet krijgt de muziek van de band opeens een country vibe en als de gitaren net wat gruiziger klinken worden de jaren ’60 verruild voor de indierock van de jaren ’90.
Er zijn niet veel rockbands die me anderhalf uur achter elkaar kunnen boeien, maar The Bevis Frond slaagt er ook met Horrorful Heights weer glansrijk in. In muzikaal opzicht klinkt het allemaal weer fantastisch, zeker als de gitaren los mogen gaan en ook de stem van Nick Saloman klinkt na meer dan veertig jaar in de muziek nog altijd prima en zelfs beter dan in zijn jongere jaren.
De Britse muzikant schrijft bovendien songs die herinneren aan alles dat rockmuziek de afgelopen 60 jaar leuk en interessant maakte, maar ook Horrorful Heights klinkt wat mij betreft niet als een retro rockalbum. Wat het nieuwe album van The Bevis Frond extra goed maakt is de variatie en de dynamiek op het album. De Britse band mag van mij best anderhalf uur gitaargeweld uit de speakers laten komen, maar de afwisseling tussen meer ingetogen en wat stevigere passages voorziet het album van extra kracht en ook de flirts met verschillende genres pakken uitstekend uit.
Ik ken The Bevis Frond nu zelf tien jaar en het is helaas nog altijd een cultband, wat alleen vanwege de albums van de laatste jaren al onterecht is en er is nog zoveel meer te ontdekken in het bijzondere oeuvre, dat er deze week weer een prima album bij heeft gekregen. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Nina June - Seal Skin ~ Anthems of a Woman (2026) 4,0
10 april, 15:20 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Nina June - Seal Skin ~ Anthems of a Woman - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Nina June - Seal Skin ~ Anthems of a Woman
Het nieuwe album van Nina June, dat eind vorige maand verscheen, krijgt vooralsnog in vrij kleine kring aandacht, maar het is een album dat zowel in muzikaal als vocaal opzicht van een enorm hoog niveau is
Seal Skin ~ Anthems of a Woman van Nina June ontsnapte ondanks meerdere e-mails bijna aan mijn aandacht, terwijl ik in 2021 nog bijzonder lovend was over haar vorige album. Ook op haar nieuwe album maakte de Nederlandse muzikante weer veel indruk. Dat doet ze in eerste instantie met haar stem, want wat is Nina June een goede zangeres. Het is een stem die op Seal Skin ~ Anthems of a Woman uitstekend gedijt in een sfeervol geluid waarin flink wat strijkers zijn te horen. Nina June beweegt zich ook nog eens soepel door genres en heeft songs geschreven die makkelijk overtuigen maar ook over flink wat groeipotentie beschikken. Pure klasse dit album van Nina June.
De Nederlandse muzikante Nina June, het alter ego Nienke Paardekoper, bracht in 2008 haar debuutalbum Little Dreams uit, maar mijn eerste kennismaking met haar muziek stamt uit 2021, toen haar vierde album Meet Me on the Edge of Our Ruin verscheen. Het is een album dat uiteindelijk mijn jaarlijstje haalde en daar sta ik nog steeds achter.
Meet Me on the Edge of Our Ruin is een tijdloos en zeer sfeervol singer-songwriter album, dat in 2021 mee kon met de beste albums in het genre, nationaal en internationaal. Nina June maakte op haar vierde album indruk met aansprekende songs, trefzekere teksten, prachtige arrangementen, fraaie klanken en vooral met een hele mooie stem.
De opvolger van Meet Me on the Edge of Our Ruin heeft even op zich laten wachten, maar eind vorige maand verscheen Seal Skin ~ Anthems of a Woman. Nina June beschrijft het album zelf als de soundtrack van haar leven, maar het is ook de soundtrack van een vrouwenleven in meer algemene zin.
Net als het vorige album van Nina June is ook Seal Skin ~ Anthems of a Woman een album dat kwaliteit ademt. Die kwaliteit hoor je om te beginnen in de zang op het album. Nina June beschikt over een hele mooie stem, maar ze zingt ook met veel precisie en met veel gevoel, waardoor haar stem direct vanaf de eerste noten van het album van alles met je doet.
Veel zangeressen zingen tegenwoordig alleen maar voluit, maar Nina June zingt vooral ingetogen en weet de kracht in haar stem op knappe wijze te doseren. Alleen de zang maakt van Seal Skin ~ Anthems of a Woman al een bijzonder mooi album, maar ook het niveau van de songs is weer enorm hoog.
Het nieuwe album van Nina June klinkt in een aantal tracks als een tijdloos singer-songwriter album van heel lang geleden, maar de Nederlandse muzikante slaat ook bruggen naar het heden. Seal Skin ~ Anthems of a Woman is uiteindelijk het best te karakteriseren als een klassiek singer-songwriter album, maar binnen dit genre kan Nina June op meerdere terreinen uit de voeten en raakt ze ook aan genres als pop en soul.
De mooie stem van Nina June doet het uitstekend in vrij kaal ingekleurde songs of passages van songs, maar ook wanneer de songs voller zijn ingekleurd klinkt de zang op Seal Skin ~ Anthems of a Woman echt prachtig. Nina June maakte haar album in eerste instantie samen met producer Marcel Tegelaar, die onder meer werkte met Eefje de Visser, en met pianist en arrangeur Frank de Lange, die de nadrukkelijk aanwezige strijkerspartijen op het album bedacht.
Na een eerste fase ging de bekende Britse arrangeur Sally Herbert, die werkte met nogal wat hele groten uit de Britse popmuziek, met de songs aan de slag en trommelde ze een 12-koppig strijkersorkest op om de songs op Seal Skin ~ Anthems of a Woman nog verder te verfraaien. Het levert een prachtig klinkend album op, waarop de muziek en de zang niet alleen van een bijzondere schoonheid zijn, maar bovendien prachtig in balans.
Ook met haar nieuwe album heeft Nina June een album afgeleverd dat met een deel van haar songs niet direct een pop-georiënteerd publiek aan zal spreken, maar liefhebbers van tijdloze singer-songwriter muziek met klassiek aandoende arrangementen en subtiele uitstapjes naar andere genres zullen als een blok vallen voor dit mooie en zeer sfeervolle album, dat alleen maar mooier wordt wanneer je het vaker hoort. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Sophia Yau-Weeks - Misty Mountain (2026) 4,5
8 april, 18:02 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Sophia Yau-Weeks - Misty Mountain - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Sophia Yau-Weeks - Misty Mountain
Sophia Yau-Weeks is een debuterende muzikante uit Oakland, California, maar ze heeft met het echt in alle opzichten wonderschone Misty Mountain een album gemaakt dat geen moment klinkt als een debuutalbum
Al sinds mijn eerste kennismaking ben ik compleet ondersteboven van Misty Mountain van de Amerikaanse singer-songwriter Sophia Yau-Weeks. Het is nauwelijks te geloven dat ze pas een paar jaar geleden is begonnen met het schrijven van songs, want Misty Mountain is een album van een bijna ongekende schoonheid. De muziek op het album is bijzonder mooi, de productie is prachtig, de songs zijn intiem en stuk voor stuk indringend en dan is er ook nog eens de stem van de Amerikaanse muzikante die je continu in vervoering brengt. Het debuut van Sophia Yau-Weeks was voor mij direct goed voor kippenvel en mijn bewondering voor dit betoverend mooie album is alleen maar groter geworden. Wat een ontdekking!
Mijn rondje langs de nieuwe albums op het Amerikaanse muziekplatform bandcamp zette me vorige week bij toeval op het spoor van het debuutalbum van de Amerikaanse singer-songwriter Sophia Yau-Weeks. De teksten waarmee muzikanten zich op bandcamp introduceren zeggen meestal niet al te veel, maar de tekst van Sophia Yau-Weeks is behoorlijk informatief: “Sophia Yau-Weeks is a singer-songwriter based in Oakland, CA. Now back in her hometown after a two-year-stint living in London, Yau-Weeks is releasing her debut record, Misty Mountain. This vulnerable body of work, which was recorded to tape at Tiny Telephone Oakland, is rooted in slowness and introspection. The album was co-produced with Maryam Qudus (SPELLLING, Gracie Abrams, Alanis Morissette)”.
Wat ik op basis van deze introductie nog niet wist is dat de Amerikaanse muzikante min of meer werd gered door de coronapandemie. Door de coronapandemie ontsnapte ze aan de druk die eerst moest leiden tot een bestaan als een professionele violiste en later moest resulteren in een geslaagde academische carrière. Sophia Yau-Weeks zocht haar geluk in Londen, waar ze haar droom om zich te ontwikkelen tot singer-songwriter najoeg. Het is een droom die is uitgekomen met de release van haar debuutalbum Misty Mountain.
Door mijn enorme liefde voor vrouwelijke singer-songwriters beluister ik alles wat los en vast zit in het genre. Dat heeft me de afgelopen jaren heel veel albums opgeleverd die me zeer dierbaar zijn, maar ik kom niet vaak albums tegen die me zo betoveren als het debuutalbum van Sophia Yau-Weeks.
De muzikante uit Oakland schreef de songs voor haar eerste album in een voor haar zware periode, en dat hoor je. De songs op Misty Mountain zijn aan de donkere kant en daar hou ik meestal wel van. De songs van Sophia Yau-Weeks zijn niet alleen donker, maar ook zeer persoonlijk. De Amerikaanse muzikante vertolkt haar songs bovendien met heel veel gevoel, waardoor ze echt keihard binnenkomen.
De opvallend intieme songs op Misty Mountain worden nog wat mooier door de stem van Sophia Yau-Weeks en voor mij is het een van de mooiste stemmen die ik in tijden heb gehoord. Het is ook een zeer karakteristieke stem, wat de zang op Misty Mountain nog wat mooier maakt, zeker als de stem van Sophia Yau-Weeks in meerdere lagen uit de speakers komt.
Het is een stem die wordt omgeven door een zeer smaakvolle instrumentatie, die in de basis bestaat uit fraai gitaarspel. De gitaarakkoorden worden gecombineerd met strijkers en met atmosferische klanken van synths, al worden die niet genoemd in de credits van het album. Het is allemaal subliem geproduceerd door Sophia Yau-Weeks en Maryam Qudus, die samen tekenen voor een geluid vol contrasten.
Misty Mountain schakelt continu tussen breekbare en sobere klanken en beeldende en vollere klanken. het album beweegt zich hiernaast net zo makkelijk tussen echo’s uit het verleden van bijvoorbeeld de Laurel Canyon folk en de psychedelische folk als tussen echo’s uit de indiefolk van het moment.
Direct bij eerste beluistering werd ik gegrepen en betoverd door het debuutalbum van Sophia Yau-Weeks en iedere keer als ik naar het album luister vind ik het nog wat mooier en indrukwekkender. Het is puur toeval dat ik dit album ben tegengekomen, maar wat is dit mooi. Absoluut een van de mooiste albums van 2026 tot dusver. Ik ben echt diep onder de indruk. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Joe Pernice - Sunny, I Was Wrong (2026) 4,0
8 april, 17:56 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Joe Pernice - Sunny, I Was Wrong - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Joe Pernice - Sunny, I Was Wrong
De Amerikaanse muzikant Joe Pernice maakt al decennia muziek in allerlei gedaanten en doet dit op Sunny, I Was Wrong weer eens onder zijn eigen naam en dat levert, zoals gewoonlijk, een uitstekend album op
Ik heb wat met de songs van Joe Pernice. De muzikant uit Boston schrijft songs die op het eerste gehoor eenvoudig klinken, maar het blijken keer op keer songs die overlopen van kwaliteit. Het is niet anders op Sunny, I Was Wrong, dat na een album van The Pernice Brothers weer eens een soloalbum is van de Amerikaanse muzikant. Het zijn wat donker getinte songs die het goed doen als de zon onder is, maar ook in de lentezon van de laatste dagen komen de bitterzoete popsongs van Joe Pernice uitstekend tot zijn recht. Ik heb inmiddels een enorme stapel albums van de Amerikaanse muzikant, maar ook Sunny, I Was Wrong had weer niet veel tijd nodig om me te overtuigen.
De naam Joe Pernice zal niet bij iedereen een belletje doen rinkelen, maar wat mij betreft is de Amerikaanse muzikant een onbetwiste grootheid. In de jaren ’90 maakte Joe Pernice een aantal geweldige albums met zijn band Scud Mountain Boys (met name Massachusetts uit 1986 is een ware klassieker). Toen de band er aan het eind van de jaren ’90 (tijdelijk, want er kwam in 2013 nog een album) mee stopte, ging Joe Pernice samen met zijn broer Bob verder als The Pernice Brothers en ook dat leverde een stapeltje geweldige albums op.
Hiermee zijn we er nog niet, want Joe Pernice was ook de man achter de prachtalbums van zijn projecten Chappaquiddick Skyline, Big Tobacco en The New Mendicants en heeft inmiddels bovendien een aantal soloalbums op zijn naam staan. Het is inmiddels een flink stapeltje albums dat op een of andere manier is verbonden met Joe Pernice en ze zijn me eigenlijk allemaal dierbaar, want de Amerikaanse muzikant is een groot songwriter.
Bijna precies twee jaar geleden verscheen het uitstekende Who Will You Believe van The Pernice Brothers, maar deze week keert Joe Pernice terug met voor de afwisseling weer eens een album onder zijn eigen naam. Ook Sunny, I Was Wrong wist me weer onmiddellijk te overtuigen, want ik heb wat met de songs van Joe Pernice.
De muzikant uit Boston, Massachusetts, doet op zijn nieuwe album voor de afwisseling weer eens veel zelf, maar hij nodigde ook een aantal gasten uit voor een duet. Een van mijn persoonlijke helden, Aimee Mann, is te horen op Sunny, I Was Wrong, in het fraaie Deep into the Dawn, maar ook Norman Blake (Teenage Fanclub) en Rodney Crowell leveren een vocale bijdrage aan het nieuwe album van Joe Pernice, terwijl in de slottrack de piano van Jimmy Webb opduikt.
Sunny, I Was Wrong werd gemaakt met een beperkt aantal muzikanten, waaronder de bassist van The Barenaked Ladies en de drummer van The Sadies, en is geproduceerd door Joe Pernice zelf, maar het vaak wat melancholisch aandoende album klinkt mooi en sfeervol. Op zijn nieuwe soloalbum horen we weer vooral de singer-songwriter Joe Pernice en dat bevalt me uitstekend.
Op Sunny, I Was Wrong maakt de Amerikaanse muzikant voornamelijk ingetogen muziek met vooral invloeden uit de folk, af en toe een beetje country en soms een Beatlesque tintje. Het klinkt zoals gezegd vaak wat melancholisch of zelfs weemoedig, wat ervoor zorgt dat het album het vooral goed doet wanneer de zon onder is. Dat effect wordt versterkt door de bijdragen van de pedal steel en strijkers, die wat extra weemoed toevoegen aan de songs van Joe Pernice.
De wat gezapige openingstrack zette me nog even op het verkeerde been, maar hierna volgen de typische Joe Pernice songs elkaar in rap tempo op. De Amerikaanse muzikant is op zich geen groot zanger, maar zijn stem zorgt wel voor een herkenbaar eigen geluid en het is een geluid waar ik inmiddels al heel veel jaren een zwak voor heb.
Joe Pernice maakt inmiddels al meer dan 35 jaar muziek, maar ook op Sunny, I Was Wrong schudt hij de geweldige popsongs weer uit zijn mouw, zoals bijvoorbeeld ook Ron Sexsmith dat kan. Het is een gave die me inmiddels al heel lang doet uitkijken naar elk nieuw album van de Amerikaanse muzikant en hij stelt me wederom niet teleur. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Kalyn Fay - Garden (2026) 4,0
7 april, 16:21 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Kalyn Fay - Garden (ᎠᏫᏒᏅ) - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Kalyn Fay - Garden (ᎠᏫᏒᏅ)
De Amerikaanse singer-songwriter Kalyn Fay maakte de afgelopen tien jaar twee bijzonder mooie en veelzijdige rootsalbums en ook het deze week verschenen en echt prachtig klinkende album Garden is er weer een
Het is zeven jaar stil geweest rond Kalyn Fay, maar deze week verscheen eindelijk een nieuw album, Garden (ᎠᏫᏒᏅ). Het is een album dat volgt op twee uitstekende rootsalbums, die wat mij betreft allebei een beter lot hadden verdiend. Bible Belt en Good Company staken wat mij betreft ruimschoots boven het maaiveld uit en dat doet ook Garden. Het is een album met invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek, maar ook uitstapjes richting pop. De muziek op het album is echt prachtig en dat geldt ook voor de stem van Kalyn Fay, die wederom tekent voor persoonlijke teksten. De singer-songwriter uit Oklahoma is nog vrij onbekend, maar dat moet echt gaan veranderen met het ijzersterke Garden.
Kalyn Fay haalde in 2016 met haar debuutalbum Bible Belt met veel overtuiging mijn jaarlijstje. Het eerste album van de singer-songwriter uit Tulsa, Oklahoma, was op dat moment helaas nog niet te vinden op de streamingplatforms en kreeg hierdoor niet de aandacht die het album zo verdiende, maar wat mij betreft was Bible Belt een van de allerbeste rootsalbums van 2016.
Het is een album waarop Kalyn Fay (Barnoski) met veel gevoel vertelt over haar Cherokee wortels en over het opgroeien in de Amerikaanse Bible Belt, die er de afgelopen jaren zeker niet toleranter op is geworden. De Amerikaanse muzikante verraste niet alleen met persoonlijke teksten, maar ook met lekker in het gehoor liggende songs, die bijzonder fraai waren ingekleurd en waarin de mooie stem van Kalyn Fay de hoofdrol speelde.
Bible Belt is inmiddels gelukkig wel overal te beluisteren en dat geldt ook voor de in 2019 verschenen opvolger Good Company, waarop Kalyn Fay liet horen dat haar debuutalbum zeker geen toevalstreffer was. Ondanks twee uitstekende albums is Kalyn Fay helaas nog altijd vrij onbekend in rootskringen, waardoor ook het deze week verschenen album Garden vooralsnog niet is overladen met aandacht. Dat verdient het album wel, want ook op Garden maakt Kalyn Fay, die zich inmiddels ziet als een non-binaire persoon, Amerikaanse rootsmuziek die een breed publiek moet kunnen aanspreken.
De rootsmuziek van de muzikant uit Oklahoma schakelde op de vorige twee albums makkelijk tussen wat traditioneler klinkende Amerikaanse rootsmuziek en rootsmuziek met een randje pop en dat doet Kalyn Fay ook weer op Garden. Vergeleken met het debuutalbum is de muzikant uit Oklahoma inmiddels wel wat opgeschoven richting een wat moderner klinkend rootsgeluid, maar ook Garden is een album dat zowel liefhebbers van pure Amerikaanse rootsmuziek als liefhebbers van rootsmuziek met een vleugje pop zal aanspreken.
Garden, ook geschreven als ᎠᏫᏒᏅ, is een persoonlijk album over identiteit en cultuur dat begint bij de tuin van de grootouders van Kalyn Fay en bij de Cherokee-cultuur die nog altijd belangrijk is voor de Amerikaanse muzikant. Garden is in een aantal songs een behoorlijk sober en intiem klinkend album, maar het bevat ook een aantal songs die voller zijn ingekleurd en meer neigen naar pop met een vleugje roots of naar wat atmosferisch klinkende muziek.
Ik heb er meestal een voorkeur voor als muzikanten kiezen tussen een wat traditioneler en een wat moderner geluid, maar bij beluistering van Garden zit de veelzijdigheid van Kalyn Fay me absoluut niet in de weg. Op een of andere manier lopen de verschillende invloeden op Garden vrijwel naadloos in elkaar over en is het niet zo relevant in welk hokje het album precies past.
Ik was op de vorige albums zeer gecharmeerd van de songs van Kalyn Fay en van de muziek en de zang en zowel de songs als de muziek en de zang klinken op Garden nog wat mooier. Kalyn Fay heeft voor de derde keer op rij een album van een zeer hoog niveau afgeleverd, dat betovert met wonderschone klanken, met songs die de fantasie prikkelen en met een stem die iets met je doet. Met name Bible Belt heeft nog altijd een bijzonder plekje in mijn hart, maar ook Garden is een album dat ik vanaf nu ga koesteren. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
deary - Birding (2026) 4,0
6 april, 20:04 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: deary - Birding - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: deary - Birding
Luister naar Birding van deary en het is wel duidelijk waar de Britse band haar inspiratie heeft gevonden, maar er zijn op het moment niet veel dreampop albums die mooier zijn dan het debuutalbum van de band uit Londen
Na het prachtige mini-album Aurelia uit 2024 waren mijn verwachtingen hooggespannen, maar wat mij betreft maakt deary de verwachtingen meer dan waar met haar debuutalbum Birding, dat deze week is verschenen. Birding klinkt als de albums die in de late jaren ’80 en vroege jaren ’90 werden gemaakt in hokjes als slowcore en vooral dreampop. Echo’s van bijvoorbeeld The Cocteau Twins komen onmiddellijk aan de oppervlakte, maar deary borduurt zeker niet fantasieloos voort op muziek uit het verleden. Alles op Birding klinkt even mooi, maar de gitaren van de band en de zang van Dottie Cockram springen het meest in het oor. Het levert een prachtig debuutalbum op.
Aan het eind van 2024 schreef ik het volgende over het mini-album van de Britse band deary: “Luister naar Aurelia van het Britse duo deary en je hoort flarden van de hoogtepunten van de shoegaze, slowcore en vooral dreampop uit de late jaren ’80 en de jaren ’90. De leden van het Britse duo hebben zich nadrukkelijk laten inspireren door de muziek van The Cocteau Twins, maar ze hebben er ook hun eigen ding van gemaakt. Rebecca ‘Dottie’ Cockram en Ben Easton overtuigen op Aurelia met prachtige klanken en nog mooiere zang en maken beeldende muziek die de fantasie uitvoerig prikkelt, maar waarop het ook heerlijk wegdromen is. Het is jammer dat Aurelia slechts een mini-album is, maar het is er een die doet uitzien naar nog veel meer muziek van het Britse tweetal”.
Ik laat mini-albums meestal liggen, maar de songs van deary waren wat mij betreft te mooi om te negeren. We hebben uiteindelijk nog bijna anderhalf jaar moeten wachten op nieuw werk van Dottie Cockram en Ben Easton, maar het deze week verschenen debuutalbum van deary was het wachten meer dan waard.
Op het deze week verschenen Birding heeft het duo gezelschap gekregen van drummer Harry Catchpole, maar in muzikaal opzicht is er niet zo gek veel veranderd. Ook op Birding maakt de Britse band geen geheim van inspiratiebronnen uit het verleden. Direct vanaf de eerste noten en zeker wanneer de zang invalt had ik associaties met de muziek van bijvoorbeeld The Cocteau Twins, maar het album bevat meer invloeden uit de shoegaze, slowcore, postpunk en vooral de dreampop.
Dat zijn de afgelopen jaren wat uitgekauwde invloeden, maar net als op het mini-album uit 2024, tikt deary ook op haar debuutalbum een hoog niveau aan. De muziek van de inmiddels tot een trio uitgebreide band bestaat uit meerdere lagen breed uitwaaiende gitaarpartijen van zowel Dottie Cockram als Ben Easton en de wat ijle zang van Dottie Cockram.
Net als op het min-album zijn drums toegevoegd en hoewel de drumpartijen een iets grotere rol spelen dan op Aurelia, blijven de gitaren het geluid van deary domineren, hier en daar bijgestaan door wolken synths. Het gitaarwerk is goed voor beeldende en wat dromerige klanken met vaak breed uitwaaiende klankentapijten met hier en daar baslijnen die herinneren aan de postpunk.
Het is muziek die goed past bij de stem van Dottie Cockram, die het ruimtelijke en vaak ook wat zweverige effect dat de muziek van deary heeft nog wat versterkt met haar zang. De Britse muzikante doet meer dan eens denken aan Elizabeth Fraser, de zangeres van The Cocteau Twins en niet vanwege haar stem, maar ook vanwege haar manier van zingen. Net als Elizabeth Fraser gebruikt ook Dottie Cockram haar stem deels als instrument en zijn klanken vaak belangrijker dan de teksten die ze uitspreekt.
Er zijn de laatste jaren veel meer bands die zich hebben laten inspireren door bands als The Cocteau Twins, maar de songs van deary prikkelen mijn fantasie intenser dan de albums van andere bands met een voorliefde voor 80’s en 90’s dreampop. Ik was eind 2024 behoorlijk onder de indruk van het mini-album Aurelia, maar het deze week verschenen Birding spreekt me eigenlijk in alle opzichten net iets meer aan. De songs zijn sterker, het gitaarwerk is nog wat veelkleuriger en de stem van Dottie Cockram nog wat bedwelmender. Prachtig album! Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
U2 - Easter Lily EP (2026) 4,0
6 april, 10:11 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: U2 - Easter Lily EP - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: U2 - Easter Lily EP
Ik had de Ierse band U2 echt al talloze malen afgeschreven toen in februari de verrassend goede EP Days of Ash verscheen, die nu wordt gevolgd door het wat mij betreft nog wat betere Easter Lily
Wat mij betreft houden muzikanten zich keurig aan de vooraf samengestelde releaselijsten, al is een muzikale verrassing op zijn tijd niet zo gek. Die verrassing kwam de afgelopen week van U2, dat dit jaar wel houdt van verrassingen. In februari verscheen uit het niets de EP Days of Ash en afgelopen vrijdag was er plotseling de EP Easter Lily. Op de nieuwe EP, die zes tracks en meer dan een half uur muziek bevat, heeft U2 de goede vorm van Days of Ash vast weten te houden en zet de band zelfs volgende stappen in de goede richting. Het is voor mij echt een enorme verrassing, want ik had echt niet meer verwacht in 2026 nog eens te zeggen dat U2 prima werk heeft afgeleverd en zeker niet twee keer op rij.
Ik was al zo’n 25 jaar totaal niet meer geïnteresseerd in de muziek van de Ierse band U2 toen in februari, op Aswoensdag, de EP Days of Ash verscheen. Op deze EP klonk de band, in ieder geval een deel van de tijd, weer geïnspireerd en hoorde ik iets van het vuur dat zo nadrukkelijk brandde op de albums die de band in de jaren 80 maakte.
Van de zes tracks op Days of Ash waren er zeker vier de moeite waard en twee zelfs behoorlijk goed, wat voor mij echt een enorme verrassing was. Ik ging eerlijk gezegd uit van een eenmalige opleving of een laatste stuiptrekking van de Ierse band, maar een paar dagen geleden gooide U2 er nog een EP tegenaan.
Easter Lily, dat vlak voor Pasen op Goede Vrijdag is verschenen, bevat nog eens zes nieuwe U2-tracks en is goed voor ruim een half uur muziek. Van de door mij verwachte terugval is geen sprake, want ook op Easter Lily klinkt U2 geïnspireerd en verrast het met songs die herinneren aan de gloriedagen van de band.
Ik heb Easter Lily inmiddels een aantal keren beluisterd en schat de nieuwe EP van de band nog wat hoger in dan Days of Ash. Op Days of Ash zocht U2 de politieke confrontatie, maar op Easter Lily is meer ruimte voor persoonlijke thema’s en introspectie.
Dat hoor je niet alleen in de teksten, maar ook in de muziek, die wat meer ingetogen en wat melodieuzer klinkt. Het wat minder ruwe geluid past wat mij betreft beter bij de stem van Bono, die minder geforceerd klinkt dan op Days of Ash. Adam Clayton en Larry Mullen Jr. spelen op Easter Lily zoals altijd solide, maar hebben absoluut veel invloed op het zo karakteristieke geluid van de band.
De meeste invloed heeft echter gitarist The Edge, die op Easter Lily prachtig veelkleurig speelt. Af en toe hoor je flarden uit de roemruchte geschiedenis van de band, maar het gitaarwerk op Easter Lily heeft zich ook aangepast aan het nieuwe geluid dat U2 ook laat horen op haar nieuwe EP.
Juist die combinatie van echo’s uit het verleden en nieuwe impulsen maakt van Easter Lily zo’n knappe EP. Nog meer dan Days of Ash hoor je in de nieuwe songs van U2 de inspiratie en bevlogenheid die zo lang ontbrak in de muziek van de Ierse band. Op Easter Lily ligt het niveau wat mij betreft nog wat hoger dan op Days of Ash, dat ook nog wel een flinke miskleun bevatte in de slottrack.
Easter Lily bevat deze niet, al vind ik Easter Parade wel net wat minder dan de rest. De slottrack van Easter Lily is daarentegen een prachtige uitsmijter, waarin een soundscape van Brian Eno centraal staat en de zang op bijzondere wijze is vervormd. Brian Eno inspireerde de band halverwege de jaren 80 tot een van de beste albums van U2 en ook de slottrack van Easter Lily is prachtig.
In muzikaal opzicht zit Easter Lily dichter bij de albums The Unforgettable Fire en The Joshua Tree dan op Days of Ash, maar de EP laat ook horen dat U2 veertig jaar later nog altijd bestaansrecht heeft. Ik weet niet of er nog meer in het vat zit dit jaar, naar verluidt komt er nog een nieuw album, maar na Days of Ash en zeker na Easter Lily is nieuw werk van U2 zowaar iets waar ik naar uitkijk en dat had ik een paar maanden geleden echt niet meer verwacht. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Janet Jackson - Control (1986) 4,0
5 april, 20:39 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Janet Jackson - Control (1986) - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Janet Jackson - Control (1986)
Janet Jackson had niet veel bijzonders laten horen op haar eerste twee albums, maar met het in 1986 verschenen en zeer vakkundig geproduceerde Control groeide de Jackson-telg terecht uit tot een wereldster
Ik had in 1986 niets met Janet Jackson, al vond ik When I Think Of You best lekker klinken. Ik was in 1986 wel gek op Prince, maar had niet door dat er op het album Control van Janet Jackson nogal wat Prince-invloeden te horen zijn. Control klinkt in productioneel opzicht inmiddels ietwat gedateerd, maar je hoort wel het vakwerk van Jimmy Jam en Terry Lewis. Nog beter zijn de songs op het album, die door Janet Jackson fraai worden vertolkt. Van Control werden er in 1986 vele miljoenen verkocht en ik begrijp inmiddels wel waarom dat zo is. Met het zwak dat ik inmiddels heb voor pop kan ik alsnog genieten van het 40 jaar oude doorbraakalbum van Janet Jackson.
Ik had in de jaren ’80 en ’90 nog niet zo heel veel met pop en liet de grote popalbums uit deze decennia daarom meestal links liggen. Ik luister tegenwoordig wel met enige regelmaat naar pop uit de jaren ’80 en ’90 en vind veel popalbums uit deze periode inmiddels behoorlijk gedateerd klinken. Onlangs heb ik me verdiept in het werk van Janet Jackson, die net als haar andere broers en zussen altijd in de schaduw stond van broer Michael, maar die in de jaren ’80 en ’90 een tijd lang behoorlijk populair was.
Janet Jackson maakte in de eerste helft van de jaren ’80 twee albums die we maar beter zo snel mogelijk kunnen vergeten, maar met Control (1986), Rhythm Nation 1814 (1989), Janet. (1993) en The Velvet Rope (1997) leverde ze vier albums af die er absoluut mogen zijn. Het zijn vier albums waaruit het best lastig kiezen is, want ze hebben alle vier hun sterke en zwakke punten, maar ik heb uiteindelijk het meest met Control uit 1986.
Het is het album waarmee Janet Jackson even uit de schaduw stapte van haar broer, die in 1987 zijn album Bad zou uitbrengen. Control behoorde in 1986 tot de best verkochte albums, ging meer dan tien miljoen keer over de toonbank en legde het alleen af tegen Madonna, Bon Jovi en Paul Simon.
Ik gaf hierboven al aan dat veel popalbums uit de jaren 80 inmiddels wat gedateerd klinken en dat geldt eerlijk gezegd ook wel voor Control van Janet Jackson, al vind ik het album nog steeds fantastisch klinken. Op Control werkt Janet Jackson samen met producers en songwriters Jimmy Jam en Terry Lewis, die in de jaren ’80 en ’90 werkten met de groten der aarde en terecht werden beloond met meerdere Grammy’s en een plekje in de Rock and Roll Hall of Fame voor hun productiewerk en songwriting.
Jimmy Jam en Terry Lewis kwamen oorspronkelijk uit de entourage van Prince en maakten deel uit van de band The Time. Die connectie met Prince hoor je op Control heel duidelijk en met name in het gebruik van elektronica en in de dominantie van ritmes op Control, al legde het album van Janet Jackson ook de basis voor het zo karakteristieke en succesvolle Jimmy Jam en Terry Lewis geluid.
Zowel de ritmes als de elektronica op Control hebben een typisch jaren ’80 geluid, waardoor je direct hoort dat het een album uit het verleden is, maar de songs van Janet Jackson op Control hebben weinig tot niets van hun kracht verloren. Control was uiteindelijk goed voor een imposante serie singles, want met name Nasty, What Have You Done for Me Lately, When I Think of You en de ballad Let's Wait Awhile werden grote hits.
Janet Jackson stond zoals gezegd het grootste deel van haar carrière in de schaduw van haar broer Michael, maar op Control doet ze niet veel onder voor haar broer. De songs zijn uitstekend en de zang van Janet vind ik persoonlijk veel beter dan alle kreetjes van Michael.
Janet Jackson maakte tussen 1986 en 1997 echt prima albums, al is flink wat liefde voor pop noodzakelijk om te kunnen genieten van Control. Het is een album dat af en toe klinkt alsof Prince achter de knoppen zat. Als dat zo was geweest had Control inmiddels nog wat meer aanzien gehad dan nu het geval is, maar ook het productiewerk van Jimmy Jam en Terry Lewis is tot in de puntjes verzorgd. Ik zal niet heel vaak luisteren naar Control, maar het album is echt klassen beter dan in mijn herinnering. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
The Montvales - Path of Totality (2026) 4,0
5 april, 10:30 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: The Montvales - Path Of Totality - dekrentenuitdepop.blogspot.com
The Montvales - Path Of Totality
Het Amerikaanse duo The Montvales doet op het derde album Path Of Totality alles goed en overtuigt met een mooi rootsgeluid, lekker in het gehoor liggende songs en prachtig bij elkaar kleurende stemmen
Ik had Path Of Totality van The Montvales bijna over het hoofd gezien, maar het nieuwe album van Sally Buice en Molly Rochelson is me inmiddels heel dierbaar. Path Of Totality van The Montvales klinkt op het eerste gehoor als een wat traditioneler aandoend rootsalbum, maar de songs van het tweetal uit Tennessee hebben ook iets lichtvoetigs en een randje pop. Het zijn songs die zijn ingekleurd met vooral snareninstrumenten, wat een aangenaam en smaakvol geluid oplevert. Het is een geluid dat verder wordt opgetild door de mooie stemmen van Sally Buice en Molly Rochelson, die elkaar prachtig versterken. De prima songs op het album maken het helemaal af. Topalbum.
The Euro Americana Chart, een maandelijkse lijst met de beste rootsalbums van de maand volgens een stuk of 70 reporters, biedt absoluut ruimte aan vrouwelijke muzikanten, maar wordt het grootste deel van de tijd aangevoerd door mannelijke muzikanten. Deze maand is het anders en staat het nieuwe album van The Montvales bovenaan de lijst.
Het is wat zuur dat ik als groot liefhebber van vrouwenstemmen juist dit album heb gemist in de week van de release, maar dankzij The Euro Americana Chart heb ik het album gelukkig toch nog redelijk op tijd ontdekt. The Montvales is een duo uit Knoxville, Tennessee, dat bestaat uit Sally Buice en Molly Rochelson. Path Of Totality is het derde album van het tweetal, maar ik was de naam The Montvales tot de publicatie van The Euro Americana Chart van april volgens mij nog niet eerder tegengekomen.
Ik ga Sally Buice en Molly Rochelson vanaf nu wel in de gaten houden, want Path Of Totality is een erg goed album. Dat is voor een belangrijk deel de verdienste van de stemmen van Sally Buice en Molly Rochelson, want zeker bij eerste beluistering springen die het meest in het oor. Het zijn stemmen die elkaar prachtig ondersteunen, maar die elkaar ook versterken.
Het zijn stemmen die duidelijk van elkaar verschillen, maar ze kleuren echt heel mooi bij elkaar. Ook wanneer Sally Buice en Molly Rochelson niet tegelijk zingen is de zang op hun album echt bijzonder mooi, maar als de stemmen samensmelten gebeurt er iets bijzonders. Bij het soort harmonieën dat is te horen op het album van The Montvales gaat de zang vaak voluit, maar Sally Buice en Molly Rochelson zingen ook fraai ingetogen, wat de schoonheid van de zang ten goede komt.
Het nieuwe album van het duo uit Tennessee moet het niet alleen hebben van de vocale kracht van de twee, want ook de muziek op hun nieuwe album is heel mooi. Sally Buice speelt zelf banjo, terwijl Molly Rochelson zorgt voor een deel van het gitaarwerk. Het snarenwerk van de twee wordt aangevuld door een handvol extra muzikanten, die onder andere bijdragen van de pedal steel, mandoline, viool, bas, drums en nog wat extra impulsen van gitaren en de banjo toevoegen aan het verzorgd klinkende geluid op Path Of Totality.
Het is een geluid dat goed past in het hokje Amerikaanse rootsmuziek met vooral invloeden uit de folk en de country, maar veel songs van het tweetal hebben ook iets lichts door ook een vleugje pop toe te voegen aan het geluid. Ik werd in eerste instantie vooral gegrepen door de zang van Sally Buice en Molly Rochelson, maar wat klinkt het nieuwe album van The Montvales lekker.
Dat ligt niet alleen aan het fraai snarenwerk dat domineert in de muziek op het album, maar ook aan de lekker in het gehoor liggende maar ook aansprekende en vaak voorzichtig aanstekelijke songs van The Montvales. Het duo uit Knoxville heeft een album gemaakt dat in de smaak zal vallen bij liefhebbers van wat traditioneler klinkende Amerikaanse rootsmuziek, maar Path Of Totality is ook een album dat een breder publiek aan moet kunnen spreken, wat misschien ook wel blijkt uit de hoge notering in The Euro Americana Chart van deze maand.
Ik heb het album zelf ontdekt via deze lijst en wat ben ik daar blij mee. Path Of Totality van The Montvales heeft immers alles wat nodig is om uit te groeien tot een van mijn favoriete albums van 2026, al is het jaar nog lang natuurlijk. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Maria Taylor - Story's End (2026) 4,0
4 april, 11:29 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Maria Taylor - Story's End - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Maria Taylor - Story's End
Maria Taylor draait inmiddels al zo’n 35 jaar mee in de muziek en is te horen op heel veel albums, waarvan haar soloalbums helaas wat onderbelicht blijven, maar ook het deze week verschenen Story’s End is weer een prachtig album
Ik hou van de stem van Maria Taylor en dat doe ik al sinds het eerste album van Azure Ray, het duo dat ze vormde met Orenda Fink. De stem van Maria Taylor staat ook centraal op haar soloalbums en de Amerikaanse muzikante heeft er inmiddels acht gemaakt. Story’s End is deze week verschenen en is misschien wel het mooiste album van Maria Taylor tot dusver. Het is een album vol tijdloze en vaak stemmige singer-songwriter muziek, maar de muzikante uit Los Angeles kleurt ook buiten de lijntjes van het genre op een album waarop de prachtige stem van Maria Taylor is omgeven met flink wat strijkers. Story’s End is een album om eindeloos bij weg te dromen en het wordt alleen maar mooier.
De Amerikaanse muzikante Maria Taylor maakt inmiddels ruim 20 jaar soloalbums en het zijn helaas albums die gedurende de jaren steeds minder aandacht trekken. Als ik mijn favoriete album van Maria Taylor moet kiezen ga ik voor Lynn Teeter Flower uit 2007, maar ook de zes andere albums die ze tussen 2005 en 2019 maakte zijn zeer de moeite waard.
Het zijn albums waarop de Amerikaanse muzikante vaak tijdloze singer-songwriter muziek met een hang naar de jaren 70 maakt. Van dat soort albums zijn er de afgelopen twee decennia heel veel gemaakt, maar de albums van Maria Taylor zijn van een constante en hoge kwaliteit en hadden stuk voor stuk meer aandacht verdiend.
De muzikale verdiensten van Maria Taylor beperken zich overigens zeker niet tot haar solowerk. Ze is al sinds de vroege jaren 90 actief, maakte samen met Orenda Fink een flinke stapel uitstekende albums onder de naam Azure Ray, maakte deel uit van de band Now It's Overhead en tourde de laatste jaren ook met Bright Eyes, de band van Conor Oberst.
Door de reünie van Azure Ray stond het solowerk van Maria Taylor de afgelopen jaren op een laag pitje, maar deze week is de opvolger van het titelloze album uit 2019 verschenen. Ook op haar nieuwe album Story’s End laat Maria Taylor weer tijdloze singer-songwriter muziek horen en het is ook dit keer muziek die geregeld teruggrijpt op de singer-songwriter albums uit de jaren 70.
Maria Taylor kiest in de openingstrack van haar nieuwe album voor de beproefde combinatie van piano en strijkers en dat is een combinatie die ik wel kan waarderen. Het is een combinatie die op haar vorige albums wel eens een album lang stand hield, maar de tweede track van Story’s End laat een meer gitaargeoriënteerd geluid horen, dat ook fraai combineert met de weldadig ingezette strijkers.
Maria Taylor laat in de eerste twee tracks van haar nieuwe album meerdere dingen horen. Ze laat horen dat ze kan variëren met haar geluid, dat ze songs kan schrijven die zich direct opdringen en dat ze beschikt over een mooie en warme stem, die in meerdere soorten songs uit de voeten kan. Ik was na de eerste twee songs al verkocht, maar Story’s End gaat nog acht songs door.
Er volgt een stemmig duet met Conor Oberst, waarin subtiele gitaarakkoorden en baslijnen samenvloeien met heel veel strijkers. Die strijkers zijn de constante factor op het album, maar in muzikaal opzicht is Story’s End gevarieerder dan veel andere albums van Maria Taylor.
Je hoort goed dat de Amerikaanse muzikante de tijd heeft genomen voor haar nieuwe songs, die allemaal met veel zorg zijn opgenomen en prachtig geproduceerd door Ben Brodin. Het inmiddels 19 jaar oude Lynn Teeter Flower was tot voor kort mijn favoriete album van Maria Taylor, maar wat ben ik inmiddels al gehecht aan Story’s End, waarop de stem van Maria Taylor nog mooier klinkt dan in het verleden en haar creativiteit song na song piekt.
Zeker op de vroege ochtend doen de fraaie klanken van de strijkers en de prachtige stem van Maria Taylor wonderen, maar ook op de andere momenten van de dag is Story’s End een steeds trouwere metgezel. Het is jammer dat Maria Taylor steeds minder aandacht trekt met haar muziek, maar een wonderschoon album als Story’s End, dat ook in tekstueel opzicht de moeite waard is, kan toch niet onopgemerkt blijven? Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
RAYE - THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE. (2026) 4,5
3 april, 16:20 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Raye - THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE. - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Raye - THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE.
De Britse muzikante Raye heeft zich de afgelopen jaren stormachtig ontwikkeld en slaagt erin om op haar nieuwe album THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE. werkelijk alles dat ze aanraakt in goud te laten veranderen
Het eerste uur van het concert van Raye in de Ziggo Dome ruim twee maanden geleden vond ik echt imponerend, maar hierna verslapte mijn aandacht wat. Ik was bang dat dit ook bij beluistering van haar nieuwe album THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE. zou gebeuren, maar daar is geen sprake van. Raye schiet op haar nieuwe album alle kanten op en dat geldt zowel voor de genres als voor de zang en muziek op haar album. THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE. is in alle opzichten een weergaloos album en laat goed horen dat Raye echt een enorm talent is. Ze heeft er aardig voor moeten knokken, maar inmiddels ligt de wereld aan haar voeten en dat is echt volkomen terecht.
Eerder dit jaar zag ik de Britse muzikante Raye aan het werk in de Amsterdamse Ziggo Dome. Het was bij vlagen echt heel erg goed tot bijzonder imponerend, maar het was ook veel, heel veel en soms net wat te veel naar mijn smaak. Raye schakelde met haar twintigkoppige band makkelijk tussen nogal verschillende genres, wat een bont geluid opleverde.
Het ene moment maakte ze pure soul, het volgende moment was het toch meer jazz of bigband muziek, maar Raye kon ook uit de voeten met pure of juist georkestreerde pop, met filmmuziek, met R&B en met wat al niet meer. Het werd aan elkaar gepraat met soms net wat te lange verhalen en ondanks het feit dat de Britse muzikante pas één album op haar naam had staan, speelde ze een hele lange set.
Die set was zo lang omdat Raye tijdens haar tour alvast stilstond bij haar nieuwe album, dat ruim twee maanden na haar concerten in Amsterdam dan eindelijk is verschenen. Door de concerten wist ik ongeveer wat ik kon verwachten van THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE. (met punt) en het deze week verschenen album voldoet qua inhoud goed aan deze verwachtingen. In kwalitatief opzicht is het album echter veel beter dan ik had verwacht.
Ook THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE. is veel van alles. Het nieuwe album van Raye schiet alle kanten op en bestrijkt alle genres die ook tijdens haar concert voorbij kwamen. Nu is bijna twee uur lang staan in de Ziggo Dome best een opgave en op een gegeven moment was ik ook wel klaar met alle verhalen van de Britse muzikante, maar THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE. houdt mijn aandacht makkelijk 17 songs en bijna vijf kwartier vast.
Het nieuwe album is niet alleen veel, maar vaak ook behoorlijk bombastisch, maar het is wat mij betreft nergens over de top, al is dat een kwestie van smaak. Raye schakelt op haar nieuwe album razendsnel tussen genres, waardoor er enorm veel vaart en dynamiek in het album zit. In muzikaal en productioneel opzicht is THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE. echt een fantastisch album. Het geluid is extreem vol, maar het is ook een geluid vol details en vol dynamiek.
Raye schakelt binnen een paar noten van zoet naar ruwe klanken en heeft ook maar een paar noten nodig om een zwoele ballad om te laten slaan in een uptempo jazztrack. Ook organische klanken en elektronica vloeien soepel in elkaar over, waardoor THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE. met zevenmijlslaarzen door genres en door de tijd schiet.
Ook in vocaal opzicht heeft Raye een fascinerend album gemaakt. Net als de muziek op het album klinkt ook de zang op het album steeds weer anders en alles klinkt even goed. Raye is een geweldige soulzangeres, maar het is een soulzangeres die in alle richtingen reuzenstappen kan zetten.
De Britse muzikante heeft een album gemaakt waarop meer gebeurt dan in een stapel albums van de meeste andere muzikanten. Af en toe vraag je je af of ze niet moet kiezen tussen genres of zich moet beperken tot één of hooguit twee genres, maar na enige gewenning is de enorme vocale en muzikale diversiteit van Raye haar grote kracht.
Ik begon met enige reserves aan de beluistering van THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE., maar het album blies me bij eerste beluistering van mijn sokken en blijft dat doen. In de Ziggo Dome zag ik een wereldster in de dop, op THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE. is Raye een wereldster. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Diana Darby - Otterson (2026) 4,0
3 april, 16:15 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Diana Darby - Otterson - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Diana Darby - Otterson
Diana Darby maakte ruim 25 jaar geleden een werkelijk prachtig debuutalbum, maar vervolgens verloor ik haar uit het oog, tot vorige week haar vijfde en wederom bijzonder mooie album Otterson op mijn pad kwam
Wat was ik in de zomer van 2025 onder de indruk van het album Naked Time van Diana Darby, maar vervolgens verloor ik de Amerikaanse singer-songwriter snel uit het oog. Vorige week dook ze weer op, nadat na een stilte van twaalf jaar haar vijfde album Otterson was verschenen. Otterson maakte onmiddellijk net zoveel indruk als Naked Time heel lang geleden. Diana Darby schrijft mooie en vaak intieme songs, die stemmig zijn ingekleurd met vooral gitaren. Het zijn songs die van een uniek eigen karakter worden voorzien door de zeer aansprekende stem van de Amerikaanse muzikante, die haar songs voorziet van een wat donkere en indringende sfeer. Prachtalbum weer.
In een wat obscure lijst met nieuwe albums kwam ik vorige week de naam Diana Darby tegen. Het is een naam die me vaag bekend voorkwam, maar het archief van De Krenten uit de Pop bood geen uitsluitsel. In mijn platenkast vond ik echter het album Naked Time en toen ik de cover zag wist ik het weer. Naked Time is het in de zomer van 2000 verschenen debuutalbum van de singer-songwriter uit Chicago, Illinois, en het is een album waar ik inmiddels bijna 26 jaar geleden enorm van onder de indruk was.
Ik weet niet of ik in 2000 een jaarlijstje heb gemaakt en kan het in ieder geval niet meer vinden, maar als ik een lijstje heb gemaakt staat Naked Time van Diana Darby ongetwijfeld in de top 10. Ik had echt al heel lang niet meer geluisterd naar het album, maar ik bleek het nog noot voor noot te kennen. Op haar debuutalbum maakt de Amerikaanse muzikante muziek met vooral invloeden uit de country en de folk. Het is een wat traditioneel klinkend album met een vleugje Appalachenfolk, maar de muziek van Diana Darby heeft soms ook een wat rauwer randje.
Wat het meest opvalt bij beluistering van Naked Time, dat ik destijds oppikte via de Amerikaanse website cdbaby, is de stem van Diana Darby. Het is een zeer karakteristieke stem met een flinke dosis emotie en het is een stem die je direct vanaf de eerste noten vastgrijpt. Soms hoor ik wat van Gillian Welch, maar Diana Darby heeft ook een uniek eigen geluid.
Na haar debuutalbum verloor ik de muzikante uit Chicago uit het oog, maar ze bleef gewoon muziek maken. In 2003 verscheen het wat soberder klinkende Fantasia Ball, in 2005 het nog wat spaarzamer ingekleurde The Magdalene Laundries, waarna in 2012 het wederom prachtige Diana Darby IV (intravenous) verscheen. Na lange stilte dook Diana Darby vorige week weer op met haar vijfde album Otterson.
Ik heb opeens niet één maar vijf albums van de Amerikaanse muzikante in handen en ze zijn allemaal mooi. Ik heb de aandacht de afgelopen week vooral gericht op Otterson en het is een album dat in het directe verlengde ligt van het inmiddels ruim een kwart eeuw oude Naked Time.
Ook op Otterson trekt de stem van Diana Darby direct de aandacht. Het is een vrij zachte stem, maar het is een stem met heel veel expressie en gevoel. Het is een stem die me dit keer vooral aan die van de Britse folkie Kathryn Williams deed denken, maar ook op Otterson heeft Diana Darby een herkenbaar eigen geluid.
De muzikante uit Chicago maakte haar nieuwe album grotendeels met collegamuzikant JZ Barrell en samen bespelen ze een flink aantal instrumenten, al zijn gitaren dominant op Otterson. Net als op Naked Time staan invloeden uit de folk en country centraal op Otterson en ook op haar nieuwe album maakt Diana Darby muziek die wat traditioneel aandoet.
Ze verwerkt absoluut invloeden uit de folk zoals die in de late jaren 60 en vroege jaren 70 werd gemaakt, maar Otterson blijft zeker niet steken bij één bepaald geluid. Otterson wist me direct te overtuigen met de bijzondere stem van Diana Darby, maar ook de stemmige klanken en de aansprekende songs tillen het album een flink stuk op.
Het is echt puur toeval dat ik het nieuwe album van Diana Darby tegenkwam en dat haar naam ergens een belletje deed rinkelen, maar wat ben ik blij met het sfeervolle Otterson en met de vier albums die eraan vooraf gingen, want ook die zijn zeer de moeite waard. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
The Delines - The Set Up (2026) 4,0
2 april, 20:22 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: The Delines - The Set Up - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: The Delines - The Set Up
Willy Vlautin begon na het einde van zijn band Richmond Fontaine aan het project The Delines en de band uit Portland, Oregon, is inmiddels goed voor zes prachtige albums, waaronder het vorige maand verschenen The Set Up
De muziek van The Delines beluister je bij voorkeur in de kleine uurtjes en met de ogen dicht. De bijzondere verhalen van voorman Willy Vlautin nemen je vervolgens mee op avontuur, keer op keer bijzonder fraai ondersteund door de geweldige muzikanten van de Amerikaanse band. The Set Up is in muzikaal opzicht een topalbum en het is een album dat nog wat verder wordt opgetild door de stem van zangeres Amy Boone, die ook op The Set Up weer laat horen dat ze beschikt over heel veel soul, maar ook prachtig ingetogen kan zingen. Het is inmiddels bijna vanzelfsprekend dat The Delines een album van het niveau van The Set Up aflevert, maar het is echt razend knap.
Begin vorige maand verscheen The Set Up, het zesde album van de Amerikaanse band The Delines. Van de vorige albums van de band uit Portland, Oregon, heb ik er maar één gemist (Scenic Sessions uit 2015). Ik was de afgelopen twaalf jaar heel positief over de albums Colfax (2014), The Imperial (2019), The Sea Drift (2022) en Mr. Luck & Ms. Doom (2025). Het gekke is dat ik bij alle albums die sinds het debuutalbum van The Delines zijn verschenen in eerste instantie altijd denk dat ik het geluid van de band inmiddels wel ken.
Dat gevoel was vorige maand nog wat sterker bij eerste beluistering van The Set Up, waardoor ik overwoog om maar eens een album van The Delines te skippen. Dat veranderde toen The Set Up een wat kille avond wel heel erg mooi inkleurde en ik toch weer erg onder de indruk was van de muziek van The Delines.
Het is sowieso een goed idee om de muziek van The Delines pas na zonsondergang te beluisteren, want de Amerikaanse band maakt muziek voor de avond en de nacht. The Set Up laat vergeleken met de vorige albums van de band misschien niet heel veel nieuws horen, maar qua niveau doet het nieuwe album echt niet onder voor zijn voorgangers.
Ook op The Set Up vult de band de ruimte weer met zeer sfeervolle klanken. Het zijn klanken die ook dit keer vooral invloeden uit de country, de soul en de jazz bevatten, maar de muziek van The Delines is ook genre-overstijgend. Het geluid van de band uit Portland is vooral subtiel en ingetogen en neemt je mee naar een nachtclub ergens in het diepe zuiden van de Verenigde Staten.
Ook op The Set Up wordt weer met veel gevoel en precisie gespeeld, maar de muziek van The Delines klinkt ook warm en beeldend. Hier en daar worden blazers ingezet, maar de muziek op The Set Up blijft over de hele linie redelijk ingetogen. Dat is verstandig, want hierdoor krijgt de stem van zangeres Amy Boone alle ruimte.
The Delines bestaat uit een aantal geweldige muzikanten en een songwriter van wereldklasse, maar ook op het zesde album is Amy Boone wat mij betreft de ster van de band. De zang op The Set Up is echt prachtig. Amy Boone beschikt over heel veel soul, maar ze kan ook echt enorm goed doseren en ook als ze haar teksten voordraagt weet ze mij te overtuigen.
Amy Boone is voor mij de ster van de band, maar de band heeft er in de persoon van Willy Vlautin nog een. De Amerikaanse muzikant heeft ook voor het zesde album van zijn band weer een serie uitstekende songs geschreven en het zijn uiteraard songs waarin Willy Vlautin zijn schrijverskunsten etaleert. The Set Up staat vol prachtige verhalen, die de ene keer worden vertelt en de andere keer echt prachtig worden gezongen.
The Set Up geeft de gevoelstemperatuur in de ruimte een album lang een flinke boost en sorteert alvast voor op warme zomeravonden. Tegen de tijd dat die zomeravonden er zijn komt het zesde album van The Delines waarschijnlijk nog beter tot zijn recht, maar naar verluidt nam de band uit Portland zoveel songs op dat in de zomer nog een vervolg op The Set Up verschijnt.
Ook dat zal waarschijnlijk weer een album zijn dat ik in eerste instantie laat liggen, maar misschien word ik ook een keer verstandig en schat ik een album van The Delines eens een keer direct op de juiste waarde, bijvoorbeeld door de eerste beluistering uit te stellen tot na zonsondergang. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
David Gray - Nightjar (2026) 4,0
1 april, 12:29 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: David Gray - Nightjar - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: David Gray - Nightjar
Tussen 2003 en 2005 nam de Britse muzikant David Gray de songs op voor zijn album Life in Slow Motion, maar er was veel meer, zoals te horen is op het soms experimentele maar vooral prachtige album Nightjar
White Ladder was in 1998 mijn eerste kennismaking met de muziek van David Gray en het is een album dat ik tot op de dag van vandaag intens koester. De albums die direct na het zo succesvolle album verschenen vond ik net wat minder interessant, maar David Gray maakte ook in deze tijd interessante muziek. Het is te horen op Nightjar, dat songs bevat die stammen uit de tijd van het album Life in Slow Motion, dat in 2005 verscheen. Het is in mijn beleving een van mijn minst favoriete albums van David Gray, maar misschien moet ik er nog eens beter naar luisteren. Nightjar is immers een prachtig album, dat vijf kwartier lang indruk maakt met typische David Gray songs en wat experimentelere tracks.
Ik dacht even dat er zomaar uit het niets een nieuw album van de Britse muzikant David Gray was verschenen deze week, maar het ligt net wat anders. David Gray maakte in de jaren 90 een aantal weinig succesvolle en nauwelijks opgemerkte albums, maar werd een wereldster met het in 1998 verschenen en echt in alle opzichten geweldige White Ladder, dat in één klap een wereldster maakte van de Britse muzikant.
Het is een album dat zeker zou opduiken als ik een lijstje zou moeten maken met pakweg mijn 250 favoriete albums aller tijden. White Ladder is ook zo’n album dat nauwelijks of misschien zelfs wel niet te overtreffen is en als een molensteen om de nek van een muzikant kan hangen. Ook in het geval van David Gray vind ik de albums die volgden op White Ladder minder goed dan zijn meesterwerk, maar hij wist het succes in eerste instantie redelijk vast te houden.
Toen het succes wat afnam zat de Britse muzikant helaas snel zonder platencontract, maar hij herpakte zich de afgelopen tien jaar met een serie geweldige albums, die niet heel veel onderdoen voor het onaantastbaar geachte White Ladder. In 2005 verscheen het album Life in Slow Motion. Het is een album waarop nog duidelijke echo’s van White Ladder zijn te horen, al zocht David Gray ook naar een ander geluid.
Life in Slow Motion hoort niet bij mijn favoriete albums van David Gray, maar in commercieel opzicht was het album verrassend succesvol. David Gray was tijdens het opnemen van Life in Slow Motion zeer productief, want ook alle songs op Nightjar, dat deze week is verschenen, komen uit de opnamesessies die het album uit 2005 opleverden.
Ik kon in eerste instantie maar weinig vinden over Nightjar, buiten een recensie waarin het een avant-garde album wordt genoemd. Dat is wat overdreven, al is er op het album wel meer ruimte voor experiment dan op Life in Slow Motion. Die ruimte voor experiment is er niet in alle songs, want Nightjar bevat ook een aantal songs die niet hadden misstaan op het album uit 2005 of zelfs op White Ladder.
Het geldt bijvoorbeeld voor de openingstrack When I Fall in Love, waarin het uit duizenden herkenbare David Gray geluid te horen is. Nightjar bevat meer typische David Gray tracks, maar ook een aantal tracks waarin de Britse muzikant experimenteert met andere geluiden en minder conventionele songstructuren.
Ik begrijp daarom wel dat de songs op Nightjar niet zijn toegevoegd aan de eind vorig jaar verschenen luxe editie van Life in Slow Motion, waarop wel twee nieuwe songs waren te horen, die in alternatieve versies terugkeren op Nightjar. Nightjar is wat mij betreft een album dat op zichzelf staat binnen het oeuvre van David Gray.
Het knappe van Nightjar is dat het aan de ene kant een typisch David Gray album is, maar tegelijkertijd ook wat toevoegt aan zijn oeuvre. Ik was in 2005 niet zo gek op Life in Slow Motion en luister eigenlijk nooit meer naar dat album, maar Nightjar vind ik echt prachtig. Het album bevat misschien een paar wat overbodige experimenten, maar ook een aantal songs die niet onderdoen voor het mooiste dat David Gray tot dusver heeft gemaakt. Ik heb de Britse muzikant sinds zijn laatste paar albums weer extreem hoog zitten en ook met Nightjar heeft hij een album gemaakt dat ik nog vaak ga beluisteren de komende tijd en dat je vijf kwartier lang op het puntje van de stoel houdt. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
