menu

Hier kun je zien welke berichten citizen als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Björk - Volta (2007)

4,5
Weinigen komen in de buurt van de eigen stijl van Björk. Dat zegt mij eigenlijk al genoeg. Hoe ingenieus moet je zijn om een stijl te ontwikkelen die significant afwijkt van de veelheid aan stijlen die vaak ook nog eens erg op elkaar lijken! Björk heeft al die jaren niets anders gedaan dan haar eigen weg te volgen en - hoewel niet altijd innovatief - vormde haar eigen melting pot van minimalisme, pop, disco, expressieve zang en modernisme (haar muziek ligt dichter bij die van bijvoorbeeld Olivier Messiaen dan je zou denken). Daar gaat de hoed voor af. Dit album ligt voor mij eerder in het verlengde van Medulla dan dat het raakvlakken heeft met voorgaand werk. Experiment wordt wederom niet geschuwd. En dat klinkt niet meteen 'lekker'. Goddank, dan valt er nog iets te leren & te ontdekken. Ook na 20 keer draaien.

Captain Beefheart and His Magic Band - Trout Mask Replica (1969)

5,0
Uniek in de muziek, maar door weinigen begrepen. Naar men zegt zelfs niet door de Magic Band zelf. Het lijkt erop dat de zgn. serieuze muziekliefhebber een mening vormt nadat hij een werk begrepen heeft, een plaats heeft gegeven.
Deze van Beefheart ontdoet de muziekadept van de neiging het werk zich eigen te maken, teneinde het te beoordelen.
Dit werk is niet eigen te maken, evenals bijvoorbeeld Ascension van John Coltrane of Metal Machine Music van Lou Reed.
Het werkstuk ondergaan is de enig optie om het op waarde te schatten. En dan vind je het hels of hemels, tenenkrommend of geniaal. Zonder opgaaf van reden.

David Sylvian and Robert Fripp - The First Day (1993)

4,0
Toen hij uitkwam in 1993 was ik een beetje teleurgesteld, omdat ik hoopte dat het zou voortgaan waar Gone To Earth was gestopt. Dat kan van deze plaat niet gezegd worden. Ik vond de songs nodeloos langdurig voortborduren op relatief lullige deuntjes...maar toch...in de loop van die jaren ben ik juist dat repetatieve gaan waarderen. Vooral 20th century vind ik geweldig. Het is natuurlijk al eerder gezegd hier, maar dat hypnotiserende effect heeft het op mij ook. Eigenlijk zijn er maar weinig platen zoals deze. Boeiend!
Toch vind ik Darshan nog steeds een miskleun van jewelste. Gewoon niet subtiel, gespeend van enige inspiratie - en het klinkt niet eens bedoeld als pretentieloos.
Programmeer dus 20th century en Bringing Down The Light achter elkaar en je hebt een serieuze trip zonder (andere) verdovende middelen.
Dergelijke sfeer wisten ze indertijd in Carré ook te verwezenlijken. Toen stond - om even op de discussie hierboven in te haken - Fripp volledig buiten de spotlights, en Sylvian deed zijn set, zei tot slot 'Thank You' en verdween. Nou ja, we heten niet allemaal Brugman, nietwaar?
Zou mooi zijn wanneer deze twee heren weer eens iets steekhoudends zouden ondernemen.

Elbow - Build a Rocket Boys! (2011)

terom schreef:
Was Blof maar zo goed!

Ik hoor voornamelijk mooie sferische nummers, die mij eerder doen denken aan een andere Nederlandse band genaamd The NIts.(het album TIng met name)

Vooralsnog laat ik BARB lekker rijpen in mijn muziekkelder, om hem daarna regelmatig digitaal te ontkurken.


Ben misschien iets te gulzig geweest dit weekend, maar het komt me toch nog niet de keel uit, integendeel.
Al genoemd, maar toch: Neat Little Rows valt me in negatieve zin op. Voor de rest te mooi om er veel tekst tegenaan te gooien, wat mij betreft. Altijd knap dat sommigen hier zulke doorwrochte stukken schrijven kunnen, en soms raakt het de essentie ook nog. Nou ja, één poging dan...
Ik wen veel sneller aan dit album dan aan zijn voorganger, dat was met recht een groeiplaat. Neemt niet weg dat ik dit album zowel qua tekst als muziek allesbehalve saai vind. Het zit zo goed in elkaar, en bewijst dat het smeden van goede songs een kunst op zich is, die door weinigen verstaan wordt.
Hierboven werd al even de Nits ten faveure van Blof aangehaald. Nog zo'n band die binnen het tijdsbestek van een minuut of 6 het wiel op een originele manier opnieuw uitvindt - dat in tegenstelling overigens tot de, helaas Zeeuwse, middelmaat van Blof.
Bij het beluisteren van dit werk kwam mij meermalen de naam van Peter Gabriel te binnen. De stem van Garvey brengt bij mij een vergelijkbaar gevoel teweeg, dat van ontroering - het smartelijke gevoel wat zich aandient, maar waar nuchter bekeken geen aanleiding toe bestaat. Herkent u dat? Ieder werk dat zoiets bij mij losmaakt, verdient in ieder geval 4 sterren. Hierbij zet ik in met 4,5. Na de nodige draaibeurten valt Rows ook op zijn plek, waarna de volle mep. Elbow is één van de beste bands van de laatste 10 jaar. En laten we hopen ook van de komende tien.

Frank Zappa - Läther (1996)

5,0
Zappa heeft dit laten uitzenden op de radio in, naar ik meen, 1977, met als doel om zijn werk toch nog bij onder het gehoor van zijn publiek te krijgen, want WB wilde het niet uitbrengen. Later zijn grote delen hiervan uitgebracht op o.m. Sheik Yerbouti en Baby Snakes. Dit is inderdaad een origineel Zappa-werk. Je kunt je zelfs afvragen of bovengenoemde platen - en ander werk van eind jaren 70, begin 80 - in de huidige vorm het licht hadden gezien.
Ik zie Lather als de ruggegraat van het oeuvre van Z. na het verscheiden van The Mothers en eigenlijk is het een geweldige dwarsdoorsnede van zijn kunnen als componist, gitarist en performer. De meest waardevolle postume Zappa-release tot nog toe!

Godley & Creme - Consequences (1977)

4,0
De muziekpers was in 1977 niet enthousiast, al ging het hier om het debuut van het brein van 10cc. Met veel poeha gepresenteerd, maar het bleek commercieel een misser van formaat en ook artistiek was het om te huilen, volgens de mensen die het weten konden. Een conceptalbum over de vernietiging van de wereld uitbrengen in een tijd waarin de punk opkwam. De stijl waarvan de vele fans niet zitten te wachten op subtiliteit in woord en muziek. Allemaal redenen om deze plaat te haten. Maar is dat terecht, mag je je dan afvragen na ruim 30 jaar?
Ik vind van niet. Alleen al omdat dit een volstrekt uniek werkstuk is, omdat de muziek een ondergeschikte rol heeft t.o.v. het verhaal. Bijna geen songs dus, maar muziek ter ondersteuning van het verhaal. Heel veel dialogen, zoals je in de tracklist al ziet, met een strekking die zowel enigszins serieus, maar vooral hilarisch grappig en behoorlijk subtiel te noemen is. Ik ga hier niet in op verhaalinhoudelijke details, maar de naam die dit album heeft - het zou loodzwaar, bombastisch en pretentieus zijn - vind ik onterecht. Het is eerder frivool en spitsvondig...erg jammer dat het een vrijwel onvindbare titel is. Maar voor degenen die 'm ergens tegenkomen; niet twijfelen maar gewoon aanschaffen. Een genietbaar curiosum!

Henry Cow - Unrest (1974)

4,5
Avontuurlijk. Dat is op zich een goede omschrijving van het overgrote deel van de platen van Henry Cow. Deze vind ik daarbij het meest de nek uitsteken. Ik ben altijd op zoek naar dingen binnen de popmuziek die ik nog niet eerder gehoord heb, en die een vervreemdend, maar prikkelend effect hebben. Dit is er zo één. We hebben het hier over een hoekig, maar jazzy geluid met veel ruimte voor de gitaar van Fred Frith, op papier erg bizarre melodieën en ritmes en - gelukkig - volledig instrumentaal. Het geheel klinkt als uit steen gehouwen - stevig, brokkelig en concreet, bijna nuchter. Alsof het in 1 take erop geknald is, om het simpele feit dat dit niet nog eens zo zou kunnen klinken. Een vastgelegd moment van een licht absurde werkelijkheid. Dat maakt voor mij dit album juist tijdloos; hoogstwaarschijnlijk is het over 20 jaar nog steeds zeer genietbaar. (Ik weet wel dat er behoorlijk aan dit album gesleuteld moet zijn, maar toch...dat is niet de indruk die het op mij achterlaat.)

Ian Dury & The Blockheads - Do It Yourself (1979)

4,0
Een typisch geval van het Tweede Plaat Syndroom. Het debuut (New Boots And Panties) werd de hemel ingeprezen als tegendraads en punky, over de tweede had men aan één woord genoeg: slap.
Ik zou eerder zeggen: niet te plaatsen. De band staat behoorlijk strak te spelen (Inbetweenies, Uneasy Sunny Day), maar maat houden in zo'n relatief lullig deuntje als Lullaby For Franci(e)s lijkt te moeilijk. De teksten zijn behoorlijk absurd (Dance Of The Screamers) de voordracht is onbeholpen, bij vlagen rauw maar vooral ontroerend. En de muziek? Het is geen punk, geen ska, geen reggae, geen disco en zeker niet dertien in een dozijn. Van mij geen meewarig 'leuk geprobeerd, net echt', maar waardering en respect voor deze ultieme ode aan de imperfectie. Hun meesterwerk!

Laurie Anderson - Homeland (2010)

5,0
Het begint er op te lijken dat dit album van Laurie Anderson miet veel verder komt dan het vergeetboek, hier op MuMe. Dat mag toch op zijn minst opvallend zijn, al was het maar vanwege het feit dat dit het album is waar fans al jaren op wachten.
Het is het wachten waard geweest, al hebben we hier te maken met Lauries 'donkerste' sinds Big Science. Ze heeft ons, en natuurlijk ook de Amerikanen, op haar vroegere werk een spiegel voorgehouden, maar daar overheerste toch telkens weer de milde, speelse humor en lag de nadruk meer op het grappige van de absurditeiten die ze beschrijft. Luister in dat kader naar naar United States Live - nog steeds haar meesterwerk.
Het thema - ingezet, ooit in '81 met O Superman en voortgezet op dit werk van Anderson is de eindigheid van onze cultuur. Dat schemert door in songs over de economische crisis, milieurampen en in de koele constatering dat culturen nu een keer verdwijnen (Another Day In America). Dit stuk vormt ook de kern van het album.
Het pseudoniem Fenway Bergamot vertelt door de vocoder dat - hoewel elke dag een nieuwe wereld opent - het bijna onmogelijk is om werkelijk iets te veranderen aan de loop der dingen; sommige dingen kan je opzoeken, de rest is giswerk.
Allemaal niet al te vrolijk, maar de muziek mist zijn uitwerking niet, zeker niet in combinatie met Lauries stem - er daalt een weldadige rust op je neer tijdens het beluisteren van dit werk, haar vreemde combinatie van koelheid en menselijke warmte.
De balans van de eerste 10 jaar van deze eeuw is opgemaakt. Zelfs God wordt nog iets gevraagd - Hij is dus niet dood - "May I Call You Old? Who Are Those People?". Toch weer een knipoog. Gelukkig!

Laurie Anderson - United States Live (1983)

5,0
Eindelijk, eindelijk, eindelijk is 'ie er dan, op MuMe, o.a. zodat ik 'm direkt kan opnemen in mijn top 10, waarin die om een heleboel redenen thuishoort. Dit werk doet eigenlijk platen als Mister Heartbreak en Big Science een beetje als mosterd na de maaltijd smaken - Al was Big Science er natuurlijk al eerder. Deze multimediashow duurt eigenlijk acht uur, maar is hier teruggebracht tot vier CD's van samen 4 en een half uur speelduur. Vier CD's is lang, maar ik kán lang luisteren naar het betoverende timbe van Anderson's stem. Haar spoken word is vermakelijk, humoristisch en absurd. Ze is kritisch naar zowel de Amerikaanse consumptiemaatschappij als naar de kunst- en muziekwereld en ook vooral zichzelf. Muzikaal is er ook veel te beleven, allerlei onconventionele instrumenten zoals de Tape Bow violin zijn te horen, absurde instrumentaties zoals op Walk The Dog geven je het gevoel na al die jaren nog steeds te luisteren naar Nieuwe Muziek. En zo kan ik nog uren doorgaan. Avant Garde op zijn best!!! Je leest het al, geen al te objectief verhaal dit, maar ik hoop dat de juiste verstaander aan deze woorden genoeg heeft; Bestellen dit ding, geeft niet wat het kost, en stel je open voor de wereld van Laurie Anderson!

Level 42 - Level 42 (1981)

4,0
Vergane glorie. Helaas verworden tot zo'n band die tot in lengte van dagen zal optreden op Golden Oldies-festivals, georganiseerd door Veronica. Maar deze plaat staat. Neem nou Heathrow...een instrumentaal hoogstandje. Wel erg jaren '80, maar dat betekent in 1981 gewoon eigentijds, nietwaar? Prettige tegenhanger ook van de 'doom' die in die dagen opkwam - Cure, Joy Division enz.
Gewoon een band die "moeilijke(re)" muziek (fusion à la Weather Report) voor een groot publiek toegankelijk maakte. Wel érg blank qua geluid, maar toch funky.
Voor mij zo'n typische "guilty pleasure" band. Het màg niet maar... Wat een heerlijke muziek! Zo glad als een glijbaan in het zwembad. Voor je het weet sta je weer in de rij; nog een keer, nog een keer, nog een keer, nog een keer...

Living Colour - Time's Up (1990)

4,0
Ah, pinkpop '91...those were the days! Was dat toen ook niet met Primus toen de bas van Les Claypool de schaal van Richter deed uitslaan?
Afijn, terug naar dit album. Grijs gedraaid in de vroege jaren negentig, toen van het ene moment op het andere in een hoek gedonderd en de volgende tien jaar zelden tot nooit meer beluisterd. Kreeg stuipscheuten bij Love Rears en Solace en hoofdpijn bij Information Overload. Vandaag in heroverweging genomen - mooi weer, buitendeuren open, voorjaarsschoonmaakgevoelens...het stof moest weer eens uit de boxen worden geblazen...
Hiervan stond men dus in '91 op zijn kop. Een fris, energiek gezelschap met een hang naar de tachtiger jaren nu-metal en de funk van een decennium eerder, dat alles op smaak gebracht met teksten waaruit een heuse politieke overtuiging (!) te distilleren was. Dat laatste was (helaas) al eerder herontdekt door de rappers van o.a. Public Enemy e.a. die zich aan subtiliteit en weloverwogenheid weinig gelegen lieten. Nee, dan Living Coulour! De kwalificatie 'intelligente zwarte rock' klonk regelmatig...
Is het resultaat dan nog wel interessant, als alles zo goed is uitgedacht en cultureel -politiek correct?
Ja dus.
Ik zou zeggen - schuif dit retrospectieve gelul terzijde en luister gewoon, bij voorkeur staande (stilzitten is toch te moeilijk), naar deze spannende, opzwepende klanken, voortgebracht door een van de strakst musicerende bands van hun tijd. Het maakt voor mij deze dag, hoewel het buiten langzaam aan bewolkt wordt, meer dan goed!

Loudon Wainwright III - Therapy (1989)

4,0
Nog zo'n ondergesneeuwd talent. Jarenlang bijzondere platen afleveren, geen hond die ze kent!
Dit was mijn eerste kennismaking met Wainwright. Ik kende Thanksgiving van een sampler-CD van het label Silvertone en had toen het gevoel met de een of andere grote beroemdheid van doen te hebben. Enigzins vergelijkbaar met het gevoel alsof je Johnny Cash, J.J. Cale of Leonard Cohen voor het eerst hoort en daarbij geraakt wordt door het oorspronkelijke van deze heren. Ook Wainwright maakt gebruik van een geheel eigen muzikaal (en tekstueel) idioom, dat balanceert tussen - in het slechtste geval - poppy Country & Western en introverte, sobere ballads, zoals het genoemde Thanksgiving. Deze plaat is niet zijn beste, maar is een goede balans tussen deze twee uitersten. En dan heb ik het nog niet eens gehad over de aard van zijn teksten (Therapy), waaruit een melancholische, moedeloze humor spreekt die je zelden tegenkomt. Koesteren!

Marillion - Clutching at Straws (1987)

4,0
Het lijkt erop dat veel mensen deze van Marillion de beste vinden. Terwijl bij uitkomst de pers gematigd positief was, met name wat betreft de transparantie (vlakheid) van de teksten. Overigens was dit een van de redenen om de samenwerking tussen Fish en de band wederzijds op te heffen. En ook was er kritiek op het ontbreken van de spanning, de druk die duidelijk voelbaar is in de muziek van de eerste drie platen. Weer een bewijs dat de critici niet altijd gelijk krijgen.
Voor mijzelf vind ik Fugazi het absloute topstuk, vrijwel direkt gevolgd door Script For A Jester's Tear. De complexere muziek en de introverte teksten vol beeldspraak, zwarte romantiek en wanhoop in combinatie met de broeierige productie dragen hieraan bij.
Deze vind ik minder beknellend klinken en de muziek is stukken overzichtelijker evenals de teksten. Dat geeft deze plaat een totaal ander karakter waardoor hij veel makkelijker te verteren is. De band lijkt zijn draai te hebben gevonden en laat meer een eigen groepsgeluid horen, waar Script en Fugazi duidelijker invloeden van Van Der Graaf Generator en Genesis laten horen. Dit geluid is open, licht symfonisch en compact, geolied, tikkie glad en radiogevoelig.
Jammer dat zanger en band later uit elkaar gingen. Ze hadden het samen in artistiek en commercieel opzicht nog ver kunnen brengen.

Michael Jackson - Thriller (1982)

3,0
For old times sake drie sterren dus...wist ik veel dat Michael alsnog een comeback zou maken
Misschien dan toch even de LP weer uit de kast? Ik dacht dat ik al klaar met hem was, qua muziek dan. Toch een half jaar geleden de live-dubbelaar van The Jacksons gekocht; Het bloed kroop waar het niet gaan kon, of zoiets.
Ik ken elke noot van Thriller dromen; het was mijn eerste LP - compleet aan gort gedraaid. Heb ik dan reden genoeg om hem te laten staan? Gewoon even opzetten, denk ik. En dan weer zeker weten waarom ik het beter niet had kunnen doen; niet (meer) aan mij besteed. Alsof je je oude playmobil op zolder terugvindt - na een half uurtje spelen is de lol eraf. Dat gevoel hoort voor mij ook bij Michael Jackson's Thriller. Vreemd genoeg klinkt Off The Wall nog steeds een stuk volwassener, al kwam die drie jaar eerder uit. Vind ik nog steeds zijn beste!

Paul Simon - The Rhythm of the Saints (1990)

4,5
Zonder meer te prefereren boven Graceland, welke toch vooral geheel naar de donder is gedraaid. Vooral ten tijde van het verschijnen van Graceland was het absoluut not done ook maar iets van kritiek te uiten...sommige chagrijnigen verkozen Remain In Light van Talking Heads als de ware samensmelting van westerse en Afrikaanse muziek, en niet Graceland van Paul Simon. Die werden al gauw de mond gesnoerd. Dingen die bij verschijning al gebombardeerd worden tot Magnum Opus van deze of gene artiest, wakkeren bij mij een groot wantrouwen; De tijd zal het immers leren...

Dat geheel in tegenstelling tot Rhythm Of The Saints. Deze plaat werd met name genegeerd. En hoe onterecht, want met name vanaf trackt 5 neemt Simon een vlucht die in zijn gehele voorgaande en opvolgende carrière zijn weerga niet kent. Hij dreigt zelfs de eigen grenzen van de westerse songstructuur los te laten (Further To Fly, The Cool, Cool River). Ik heb nl. altijd het idee gehad dat Paul Simon - en velen met hem - een omlijnd idee hebben hoe een 'goede' song moet klinken. Hier verlaat hij dat veilige pad, en verdwaalt langzaam maar zeker in dit zinderende muzikale oerwoud. Interessante wending in zijn ontwikkeling dus. Helaas bleef het bij deze opleving. Na 1990 bleef het bij Simon saaiheid troef.

Peter Gabriel - Scratch My Back (2010)

4,0
Ik vind dit voor "DE nieuwe van..." wel een beetje tegenvallen, simpelweg omdat het covers zijn. Ik verwacht toch dat er binnen afzienbare tijd een plaat komt die nieuwe Gabriel bevat .
Afgezien daarvan moet ik zeggen dat de manier waarop hij deze songs overdoet, mij erg aanspreekt. Want i.t.t. zijn gehele oeuvre, m.u.v. 'Scratch' en 'Security' en enkele stukken op 'So', werkt hij alle bombast de deur uit en dat levert fijne, kaalgeschuurde resultaten op. Waar ik vooral van kan genieten is dat hij hetzelfde doet t.o.v. de meeste songs op deze plaat. Heroes van Bowie is natuurlijk geweldig, maar het wordt met veel bravoure gebracht - het is ook goed meezingen geblazen aan de bar met de maten. Het is een soort filmisch anti-helden beeld wat opgeroepen wordt.
De wanhoop die ook uit het origineel spreekt, maar naar mijn mening teveel wordt overwoekerd door de muzikale omlijsting, komt in Gabriels versie centraal te staan. Er klinkt ook een soort van "berusting in het lot" in zijn stem, dat zich mengt met de wanhoop uit de tekst. En dat levert een ontroerend resultaat op!
Dat komt zeker terug in Street Spirit. Die tekst komt hier hard aan, komt m.i. zelfs beter uit de verf dan in de originele versie.
Tussen genoemde nummers zitten nog 10 andere, die zich allen hullen in soberheid. Dat maakt een complete luisterbeurt niet al te makkelijk, want eigenlijk ben ik anders gewend van Peter Gabriel. Het werk vanaf 'So' wordt gekenmerkt door uitgekiende arrangementen en veelal een opwekkende sfeer. Dat is hier absoluut niet het geval. Ik denk dat we kunnen spreken van zijn eerste volledig melancholische album. En natuurlijk bekruipt mij het gevoel dat Peter het zo zoetjes aan wel gezien heeft. Zestig is voor een man in zijn positie - een vrijwel vlekkeloze staat van dienst - een mooie leeftijd. Als dit een afscheidsplaat blijkt te zijn, dan is het duidelijk aan wie hij de 'fakkel' wenst door te geven. Elbow, Bon Iver en Radiohead zijn niet de minste. Tegelijk kan je dit werk opvatten als een eerbetoon aan oudgedienden als Bowie en Neil Young. Toch blijf ik, zoals gezegd, hopen op DE nieuwe Gabriel!

Peter Hammill - In a Foreign Town (1988)

4,0
Laatst te pakken gekregen, ben er erg blij mee. Wat opvalt - na al die jaren - is dat het geluid en de manier van muziek maken, voor die tijd modern, nu erg 'vintage' overkomt. Gewoon een Atari-computersysteem met een 24 sporen-programma van Steinberg. Ik vind dat wel zijn charme hebben, het pakt goed uit: Hammill aan het hobbyen. Datzelfde hoor je bij Spur Of The Moment, samen met Guy Evans, uit dezelfde periode. Het geheel is voor Hammill-begrippen wel wat licht verteerbaar, maar waarom ook niet? Het was het begin van een nieuwe periode in zijn werk. Ik moet zeggen dat ik dit liever hoor dan albums als Everyone You Hold en None Of The Above, die lijken te passen bij Hammill als oudere man. Op IAFT hoor ik nog een golf van enthousiasme, het jeugdige verbazen over de toendertijd nieuwe technieken, maar ook de bondige songstructuur hier bevalt mij uitstekend.

Peter Hammill - The Fall of the House of Usher (1991)

2,0
Bij de release ook al niet al te best ontvangen. Ik moet eerlijk toegeven dat deze ook hoogst zelden de kast uitkomt. Ik zie er als een berg tegenop om op deze manier dat hele verhaal af te moeten werken. Maar toch: het is niet allemaal holle bombast. Ronduit mooi vind ik bijvoorbeeld The Haunted Palace, waarvan de versregels van Poe zelf zijn.En ook She Is Dead en Architecture kunnen mijn waardering wegdragen.
Vergeleken met de eerste versie van dit album, waarin vooral toetsen en geprogrammeerde drums werden gebruikt - en waarop helaas de speelfouten opvielen - is de rebuilt-versie een stuk opener qua geluid. Ook de toegevoegde instrumenten dragen hieraan bij. Een goede job, dus. Meer pluspunten heb ik helaas niet.
Alles bij elkaar absoluut geen aanrader. Toch een soort krukkige opera. Ik erger mij dood aan de meeste bijdragen van Andy Bell, en vooral aan die van Herbert Grönemeyer. Daar komt nog bij dat bepaalde stukken absoluut niet in het echte verhaal voorkomen, bijvoorbeeld dat van wonderdokter Herbert (The Herbalist). Ook is er geen sprake van een romance - beantwoord of niet - tussen Madeleine en de ik-persoon, die hier Montresor (My Love!) genoemd wordt. De spanning die tastbaar is tijdens het lezen van het verhaal, ontbreekt hier volledig. Jammer maar helaas.

Rob Wasserman - Duets (1988)

4,0
Bassist van Lou Reed, ten tijde van New York. Hij bracht naar mijn weten twee albums uit, deze en Trios, met medewerking van artiesten van diverse pluimage. Op Duets bespeelt hij een voor die dagen ultramoderne design versterkte contrabas. Hij wordt bijgestaan door één andere artiest, die het tweede instrument en/of de zang voor zijn/haar rekening neemt. De muziek op deze cd is dientengevolge sober maar smaakvol te noemen, waarbij de medewerkenden goed uit de verf komen; eigenlijk is dat natuurlijk ook weer niet zo verwonderlijk, omdat het vaak eigen songs betreft. Het is jammer dat deze cd zo weinig bekendheid geniet. Want de meeste songs zijn echt ontzettend mooi. Ontroerend hoe Rickie Lee Jones hier zingt, en wat een vrolijk, jeugdig en onbezorgd Over The Rainbow haalt Grapelli hier uit zijn viool! Knap voor iemand die nog in de Parijse scene van vlak na WOII gespeeld heeft. En dan het ijselijke, maar loepzuivere en speelse stemgeluid van Cheryl Bentyne.
Minpuntjes zijn er natuurlijk ook: Ome Lou doet het zelden goed op cd's van anderen - zijn stijl van zingen en gitaar spelen laat zich maar moeilijk mengen. Dat mochten we bijvoorbeeld later ook horen op werk van vrouw Laurie Anderson, maar hier is zijn bijdrage zelfs een beetje overbodig, helaas.
En ik hou nu eenmaal niet zo van de Neville Brothers, dus sla ik track 1 meestal over.
Blijft over een bijzondere plaat, gemaakt vanuit een originele gedachte. De opvolger Trios bevat ook veel moois, al heeft deze wat mij betreft veruit de voorkeur.

September Songs (1997)

Alternatieve titel: The Music of Kurt Weill

4,0
Voor wie Kurt Weill (1900 - 1950) niet kent - volgens Willem Breuker de beste componist van de eerste helft van de twintigste eeuw (zie geboorte- en sterfjaar ) - doet er goed aan om deze cd eens te gaan beluisteren, mede omdat de stukken echt in de geest van Weill zijn gemaakt. Hij maakte in de eerste plaats muziek voor het volk - eenvoudig maar doeltreffend. En dat is waar het in de popmuziek ook ooit om begonnen is.
Dat wil overigens niet zeggen dat het hier om doorsnee popmuziek gaat; ook jazz, tango, gospel en het 'klassieke' lied (in de vorm van het tranentrekkend emotionele Lost In The Stars door Elvis Costello) is te beluisteren.
Drie songs die voorbij lijken te gaan aan het typisch 'Berlijnse' Weill-geluid zijn die van Lou Reed, The Persuasions en Betty Carter. Die uitvoeringen vind ik minder goed in het concept passen. Maar op zichzelf zijn dat geweldige vertolkingen, die ik altijd voorprogrammeer.
Al met al dus een plaat vol met juweeltjes, die genoeg eer doet aan Weills werk om een eerbetoon te zijn.

Spandau Ballet - Diamond (1982)

4,0
Spandau Ballet mag niet. Dat drukt gemiddeld de 'score' van hun werk op MuMe met ten minste twee sterren. Kwestie ook van imago. Maar dan: de muziek! Die is op dit album in ieder geval op een constant hoog niveau. Eighties-pop, maar hier ligt nog duidelijk de link met de new wave uit die tijd. Logisch vervolg op het debuut en zowaar een experimenteel geluid op de laatste drie tracks en een band als Japan is nooit ver weg. Ik vind dit album, zonder het mee te tellen jeugdsentiment - ik werd pas bekend met SB vanaf True, mijn favoriet.

The Swell Season - Strict Joy (2009)

4,5
Het nadeel van veel muziek kennen en herkennen is dat er weinig is wat je nog écht verrast. En dat is verrekte jammer. Want als je, zoals ik, echt gaat zitten luisteren naar een voor mij onbekend werk als dit, dan kan het niet anders of je hoort onomwonden in welke vijver er werd gevist. Zo hoor ik inderdaad Damien Rice, maar ook vlagen Waterboys en zelfs Simple Minds en U2. Logisch allemaal, logisch, logisch.
Was ik nog maar een onbeschreven blad. Ik zou mij suf genieten. Want dit is een wonderlijke, energieke, van positiviteit bruisende brok-in-de-keel plaat van jewelste. Alles is aanwezig; afgewogen composities, mooie stemmen, dito teksten. En dan heb ik het nog niet eens over de sporadische viool en piano. Was ik nog op zoek naar een onbekende, onbereikbare liefde, ik zou dit 's nachts bij thuiskomst uit de kroeg in het pikkedonker met koptelefoon beluisteren en wegdromen.
I have loved you wrong weerklinkt. Wat zeur ik nou over wat eerder kwam, de kip of het ei? Dit is een plaat waarvan je hart in je opspringt. Meer heeft een mens als ik niet nodig!

Van der Graaf - The Quiet Zone / The Pleasure Dome (1977)

4,5
Nou ja, al met al toch een ondergewaardeerd album, blijkbaar. Ikzelf loop daarentegen absoluut niet weg met de voorganger World Record - vooral Meurglys III werkt me op de zenuwen, en in zijn totaliteit mist het de claustrofobe gekte van Godbluff en Still Life.
Nee, dan dit werk! Niet voor niks wordt de Generator weggelaten, want men was toe aan iets nieuws. Het orgel van Hugh Banton eruit, evenals de saxes van David Jackson, de viool van Graham Smith er in en oude bekende Nic Potter bast.
Vooral Smith drukt zijn stempel op het groepsgeluid, en dat levert zeer interessante songs op als Cat's Eye en The Siren Song. Tekstueel gezien is het duidelijk dat Hammill zich in een gevoelsmatig vacuum bevindt, dat kenmerkend is na het kapot gaan van een diepe relatie. Hiermee staat dit album dicht bij zijn soloplaat Over, maar waar op dat werk op een openhartige wijze de rol van man en vrouw binnen de voorbijgegane verbintenis centraal stond, klinkt hier een uit fase geslagen Hammill, die ditmaal vanuit zijn verdoofdheid de esthetiek links laat liggen, en de m.i. benevelde teksten aan het papier toevertrouwt. De muziek klinkt niet meer zo verheven als voorheen, maar soberder. Hammill zit behoorlijk stuk, maar verkiest het wederom zich zeer kwetsbaar op te stellen door dit alles met het publiek te delen.
Het levert een ietwat afwijkend, maar uniek werk op. Ik kan dit dagelijks draaien. Meesterlijk!

Van der Graaf Generator - Still Life (1976)

5,0
De beste VDGG, zonder twijfel. Niet dat de rest veel minder is, overigens. Maar als ik zou moeten kiezen, dan is het "Still Life". Ik hou vooral van de contrasten tussen de nummers onderling. Zo word je bevangen door het jongenshart-gevoel bij Pilgrims, zo sla je tegen de grond met het memento mori van het titelstuk. Zo zit je in het diepste dal der dalen tijdens "My Room", daarna word je hieruit omhooggetrokken door een verhandeling over het relatieve van het huidige bestaan in "Childlike Faith". En overal is bezieling, in stem, tekst (!) en muziek. Dit is waarlijk een meesterwerk. En dan te bedenken dat Hammill in datzelfde jaar 1976 nóg een VDDG-album aflevert en in 1977 zijn soloplaat "Over", ook een van zijn beste. Waar hààlt hij het vandaan?

Van Morrison - The Healing Game (1997)

4,5
Tja, en toen bleef het drie jaren stil op MuMe...
Twee berichten bij Van Morrison? Dat geeft aan dat de muziekliefhebber aan deze voorbij is gegaan. Het is de vraag of dat terecht is.
Op de hoes afgaan is niet verstandig bij The Healing Game. Die zonnebril en die zwartwit-foto's maken hem nog chagrijniger dan gewoonlijk. Hier lijkt het alsof er een zakkenvullertje is gemaakt. Dat je dan denkt: Hij had na No Guru ('84) moeten stoppen, net als de Stones dat al na 1978 hadden moeten doen.
Maar na beluistering constateer ik dat het om één van zijn beteren gaat. Een gloedvol soulgeluid met een jazzy inslag - Van relaxed! Het komt qua gevoel dus zelfs in de buurt van Moondance...
Maar ook het gevoel dat hij meent wat hij zingt komt goed over, in bijvoorbeeld de titelsong - en had The Piper At The Gates Of Dawn ook niet op Veedon Fleece kunnen staan?
Ja, en toch is het geen herhalingsoefening. Morrison relativeert zichzelf behoorlijk in It Once Was My Life - zelfspot is een zeldzaamheid binnen het oeuvre. En de band die hier meedoet? Die is absoluut top! Dan klonken bepaalde meesterwerken uit de jaren zeventig qua speelgemak wel minder, zoals op Saint Dominic's Preview. En dat terwijl The Healing Game zich wat de lyriek betreft zich goed met dat album kan meten. Kortom een prachtplaat!