Hier kun je zien welke berichten RonaldjK als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Avatarium - Between You, God, The Devil and The Dead (2025)

4,5
2
geplaatst: 14 februari 2025, 18:41 uur
Woensdag was ik op bezoek bij een lieve, oude tante. Sneller dan gepland zocht ik haar op, omdat ze waarschijnlijk niet lang meer te leven heeft. Ze is heel helder en kon goed verwoorden dat het leven goed, lang en vol is geweest; maar haar levenskaars brandt steeds zwakker en ze verlangt naar de punt erachter.
Met dit waardevolle en warme gesprek in het geheugen draai ik vanavond de nieuwe Avatarium. Op hun debuut zetten de Zweden vooral doom neer, wat op de twee albums daarna werd uitgebreid naar een toenemend gevarieerde stijl. Met album 4 keerden ze terug naar doom, om die op de opvolger wederom met snellere varianten of andere zaken te verbreden. Dus vroeg ik me af of de groep op album 6 opnieuw met veel variatie te komen.
Het antwoord is nee én ja. Nee omdat het 'm deze keer niet zit in tempowisselingen en Hammondgeluiden. Het blijft vooral langzaam tot midtempo. Daarbinnen is echter veel afwisseling dankzij akoestische gitaren, vrij spaarzaam orgel of piano en andere arrangementen met de nodige jaren '70 (hard)rock. Soms wordt uitgebreid de tijd genomen voor een huilende gitaarsolo, zoals in Lovers Give a Kingdom to Each Other. Met de expressiviteit van zangeres Jennie-Ann Smith is kwaliteit gewaarborgd en riffs en andere ideeën van de hand van gitarist-toetsenist-producer Markus Jidell, zijn wederom van hoge kwaliteit.
De riffs van opener Long Black Waves doen denken aan het vroege werk van Black Sabbath, maar zonder te kopiëren of makkelijk te lenen. "I will tell my soul to sing there is no end ahead - I'm alive and I'm living, being with the dead", luiden dichtregels van Smith in Being with the Dead, alsof het een psalm is. Maar ook het instrumentale Notes from Underground mag er zijn dankzij gitaarcapriolen, net als het sfeervolle titellied dat de plaat als een eigenzinnige ballade afsluit.
Avatarium blijft één van de meest interessante en creatieve verschijningen in de hardrock en metal. Er schiet mij geen actieve hardrockende / metalen groep te binnen die zoveel sfeer oproept. Wat ik niet had verwacht, was dat het thema van dit album zo dichtbij zou komen, passend bij de situatie van die lieve tante.
Met dit waardevolle en warme gesprek in het geheugen draai ik vanavond de nieuwe Avatarium. Op hun debuut zetten de Zweden vooral doom neer, wat op de twee albums daarna werd uitgebreid naar een toenemend gevarieerde stijl. Met album 4 keerden ze terug naar doom, om die op de opvolger wederom met snellere varianten of andere zaken te verbreden. Dus vroeg ik me af of de groep op album 6 opnieuw met veel variatie te komen.
Het antwoord is nee én ja. Nee omdat het 'm deze keer niet zit in tempowisselingen en Hammondgeluiden. Het blijft vooral langzaam tot midtempo. Daarbinnen is echter veel afwisseling dankzij akoestische gitaren, vrij spaarzaam orgel of piano en andere arrangementen met de nodige jaren '70 (hard)rock. Soms wordt uitgebreid de tijd genomen voor een huilende gitaarsolo, zoals in Lovers Give a Kingdom to Each Other. Met de expressiviteit van zangeres Jennie-Ann Smith is kwaliteit gewaarborgd en riffs en andere ideeën van de hand van gitarist-toetsenist-producer Markus Jidell, zijn wederom van hoge kwaliteit.
De riffs van opener Long Black Waves doen denken aan het vroege werk van Black Sabbath, maar zonder te kopiëren of makkelijk te lenen. "I will tell my soul to sing there is no end ahead - I'm alive and I'm living, being with the dead", luiden dichtregels van Smith in Being with the Dead, alsof het een psalm is. Maar ook het instrumentale Notes from Underground mag er zijn dankzij gitaarcapriolen, net als het sfeervolle titellied dat de plaat als een eigenzinnige ballade afsluit.
Avatarium blijft één van de meest interessante en creatieve verschijningen in de hardrock en metal. Er schiet mij geen actieve hardrockende / metalen groep te binnen die zoveel sfeer oproept. Wat ik niet had verwacht, was dat het thema van dit album zo dichtbij zou komen, passend bij de situatie van die lieve tante.
Avatarium - Death, Where Is Your Sting (2022)

4,5
1
geplaatst: 29 oktober 2022, 23:59 uur
Met de nieuwe Avatarium lijkt het erop dat de band via voorganger The Fire I Long For aan een nieuwe cyclus is begonnen. De eerste cyclus begon met het debuut en duurde drie albums, die vanuit doom metal qua muzikale variatie steeds gevarieerder werd.
Met de voorganger werd teruggekeerd naar vooral doom en via het tijdens de coronapandemie verschenen tussendoortje An Evening with Avatarium (een prima livealbum, alleen op streaming verkrijgbaar) is daar nu Death, Where is your Sting. Het tweede album van een nieuwe trilogie?
Na vier albums bij Nuclear Blast is dit hun eerste voor het AFM-label. Net als op hun tweede album wordt het muzikale palet uitgebreid. Het gevolg is meer variatie, zoals ik de band het liefst hoor. Laat onverlet dat de meeste nummers langzaam zijn. En sommige loodzwaar.
In een interview op YouTube vertelt zangeres Jennie-Ann Smith dat Stockholm werd geschreven naar aanleiding van de suïcide van een vriend. Nu ik dat weet, krijg ik de indruk dat de teksten rondom dit thema zijn ontstaan: het leven met depressie en daaraan gekoppeld, de dood.
De teksten werden door Smith geschreven. Ze is ervoor gaan zitten: in de beeldende beschrijvingen zitten heftige emoties, een enkele keer gekoppeld aan bijbelteksten. De woorden worden gekoppeld aan zanglijnen die melodieuzer zijn dan op de voorganger het geval was.
Na de cello’s in het intro van het slepende A Love like Ours, eindigend met een spetterende vioolsolo, volgt Death, where is your Sting. De titel van het lied/album is een vraag, ooit door de apostel Paulus opgetekend. Gedragen door een akoestische gitaar klinken elektrische gitaargeluiden die je eerder bij een indie gitaarband zou verwachten. In de tekst klinkt wanhoop: “In the valley of the shadow of death I tripped and fell’; het eerste deel van deze zin is een verwijzing naar een psalm. In de tekst zie je het leven door de ogen van iemand die het heel, heel zwaar heeft.
Die eerste twee nummers bouwen op naar het zware Stockholm, over de overleden vriend: “For him, for loss, and love somehow.” De gitaarsolo huilt als in de blues, een viool speelt een bescheiden rol, een gitaarmuur biedt contrast. Aan dit nummer schreef voormalig bandlid Leif Edling mee, die op deze wijze bij zijn geesteskind betrokken blijft.
Ingetogen is Psalm for the Living, waarin Smith de nabestaanden een arm om de schouder lijkt te slaan; wederom klinken de gitaargeluiden lichtelijk als die van een indieband.
Verlatenheid druipt van de doom in God is Silent, waar Smiths tekst wederom invoelbaar is. Lekkere gitaarsolo bovendien, gespeeld door Smiths echtgenoot Marcus Jidell.
Mother Can you Hear me Now is alweer zo indringend, deze keer roept een gekweld persoon om zijn moeder. Nee, dat is níet kinderachtig, zeker niet met de intensiteit waarmee deze muziek op je afkomt.
Nocturne is uptempo en beschrijft een onzichtbare vriend. Of is het een vijand? “He always creeps up from behind, He moves in time, he moves in slowly.”
Het afsluitende Trancedent is instrumentaal. Het blijft lang ingetogen en akoestisch, maar als het na een dikke twee minuten losgaat, klinkt Avatarium heftiger dan ooit tevoren met warempel een dubbele basdrum en vioolmelodie, waarna akoestisch wordt afgesloten. Een sfeervol einde, maar iedere keer wil ik meer.
Ik zet het album vervolgens (weer eens) op repeat.
Jammer dat de journalisten in metalland niet de moeite nemen om eens door te vragen over de teksten. De vragen die ik op internet en YouTube tegenkwam zijn soms op het onbenullige af. "What is your favourite Black Sabbath number?"
Ja doei, wil je ook haar lievelingskleur en favoriete boterhambeleg weten? Met een album als dit en de teksten op streaming onder handbereik verdient Smith echte interesse voor de lyrieken, zoals de overige bandleden dat toekomt voor de intense en gevarieerde composities, die hard en toch gevoelig zijn.
Sterk in variatie, slepend met soms een akoestische basis en subtiele toetsenpartijen; vaak zwaar, altijd sfeervol en empatisch. Vreemd dat ik de cd/lp tot dusver niet tegenkwam in diverse platenzaken. Avatarium verdient meer aandacht. Voorlopig noteer ik 4,5 sterren.
Met de voorganger werd teruggekeerd naar vooral doom en via het tijdens de coronapandemie verschenen tussendoortje An Evening with Avatarium (een prima livealbum, alleen op streaming verkrijgbaar) is daar nu Death, Where is your Sting. Het tweede album van een nieuwe trilogie?
Na vier albums bij Nuclear Blast is dit hun eerste voor het AFM-label. Net als op hun tweede album wordt het muzikale palet uitgebreid. Het gevolg is meer variatie, zoals ik de band het liefst hoor. Laat onverlet dat de meeste nummers langzaam zijn. En sommige loodzwaar.
In een interview op YouTube vertelt zangeres Jennie-Ann Smith dat Stockholm werd geschreven naar aanleiding van de suïcide van een vriend. Nu ik dat weet, krijg ik de indruk dat de teksten rondom dit thema zijn ontstaan: het leven met depressie en daaraan gekoppeld, de dood.
De teksten werden door Smith geschreven. Ze is ervoor gaan zitten: in de beeldende beschrijvingen zitten heftige emoties, een enkele keer gekoppeld aan bijbelteksten. De woorden worden gekoppeld aan zanglijnen die melodieuzer zijn dan op de voorganger het geval was.
Na de cello’s in het intro van het slepende A Love like Ours, eindigend met een spetterende vioolsolo, volgt Death, where is your Sting. De titel van het lied/album is een vraag, ooit door de apostel Paulus opgetekend. Gedragen door een akoestische gitaar klinken elektrische gitaargeluiden die je eerder bij een indie gitaarband zou verwachten. In de tekst klinkt wanhoop: “In the valley of the shadow of death I tripped and fell’; het eerste deel van deze zin is een verwijzing naar een psalm. In de tekst zie je het leven door de ogen van iemand die het heel, heel zwaar heeft.
Die eerste twee nummers bouwen op naar het zware Stockholm, over de overleden vriend: “For him, for loss, and love somehow.” De gitaarsolo huilt als in de blues, een viool speelt een bescheiden rol, een gitaarmuur biedt contrast. Aan dit nummer schreef voormalig bandlid Leif Edling mee, die op deze wijze bij zijn geesteskind betrokken blijft.
Ingetogen is Psalm for the Living, waarin Smith de nabestaanden een arm om de schouder lijkt te slaan; wederom klinken de gitaargeluiden lichtelijk als die van een indieband.
Verlatenheid druipt van de doom in God is Silent, waar Smiths tekst wederom invoelbaar is. Lekkere gitaarsolo bovendien, gespeeld door Smiths echtgenoot Marcus Jidell.
Mother Can you Hear me Now is alweer zo indringend, deze keer roept een gekweld persoon om zijn moeder. Nee, dat is níet kinderachtig, zeker niet met de intensiteit waarmee deze muziek op je afkomt.
Nocturne is uptempo en beschrijft een onzichtbare vriend. Of is het een vijand? “He always creeps up from behind, He moves in time, he moves in slowly.”
Het afsluitende Trancedent is instrumentaal. Het blijft lang ingetogen en akoestisch, maar als het na een dikke twee minuten losgaat, klinkt Avatarium heftiger dan ooit tevoren met warempel een dubbele basdrum en vioolmelodie, waarna akoestisch wordt afgesloten. Een sfeervol einde, maar iedere keer wil ik meer.
Ik zet het album vervolgens (weer eens) op repeat.
Jammer dat de journalisten in metalland niet de moeite nemen om eens door te vragen over de teksten. De vragen die ik op internet en YouTube tegenkwam zijn soms op het onbenullige af. "What is your favourite Black Sabbath number?"
Ja doei, wil je ook haar lievelingskleur en favoriete boterhambeleg weten? Met een album als dit en de teksten op streaming onder handbereik verdient Smith echte interesse voor de lyrieken, zoals de overige bandleden dat toekomt voor de intense en gevarieerde composities, die hard en toch gevoelig zijn.
Sterk in variatie, slepend met soms een akoestische basis en subtiele toetsenpartijen; vaak zwaar, altijd sfeervol en empatisch. Vreemd dat ik de cd/lp tot dusver niet tegenkwam in diverse platenzaken. Avatarium verdient meer aandacht. Voorlopig noteer ik 4,5 sterren.
Avatarium - Hurricanes and Halos (2017)

4,5
0
geplaatst: 24 oktober 2022, 16:39 uur
Met hun derde album groeit de muzikale afwisseling van deze band verder, een trend op voorganger The Girl with the Raven Mask ingezet. Het titellied daarvan en Run Killer Run bijvoorbeeld waren een stuk sneller dan de doom metal die het debuut domineerde.
Met Into the Fire / Into the Storm wordt meteen duidelijk dat de inspiratie wederom van Purple, Rainbow, Sabbath en Heep komt. Terug naar de jaren '70 dus, waarbij Avatarium meer retro klinkt als Purple en Heep heden ten dage doen.
Qua stijl is het dus niet origineel, maar noem mij bijvoorbeeld een singer-songwriter die dat wel is? Wat ik op Hurricanes & Halos hoor, zijn sterke composities. Daar gaat het mij eigenlijk altijd om, ongeacht het genre.
Ook The Starless Sleep is zo'n snel nummer (voor jaren '70-normen, verwacht geen blast beats) en bevat bovendien een betoverend mooie melodie. Wat zingt die Jennie-Ann Smith toch goed! Maar ook de rest van de band staat als een huis.
Road to Jerusalem lijkt het verhaal te zijn van een kruisridder in gewetensnood, een sfeervolle ballade met bluesgevoel, ook al zo passend bij deze retrohardrock. Medusa is iets sneller en steviger met bovendien een verrassende tempowisseling op de momenten dat de brug begint en... een kinderkoortje. Maak me gek.
The Sky at the Bottom of the Sea heeft die snelle shuffle, dat tadak-tadakritme, waarmee Uriah Heep op bijvoorbeeld Easy Livin' en Return to Fantasy excelleerde. Zo nadrukkelijk als deze hier wordt gedrumd hoor je het nooit meer. Ik weet niet of Lee Kerslake zijn muzikale kinderen ooit heeft gehoord, maar waarschijnlijk had de drummer dan net als ik volop genoten. In combinatie met het orgel van Rickard Nilsson en de gitaarsolo van Marcus Jidell aan het einde (kort en zeer krachtig) valt alles perfect samen.
A Kiss (From the End of the World) begint akoestisch, om dan over te gaan in een zware doomriff. Ze hebben me...
Dat de muziek zwaar is geproduceerd maar niet dichtgesmeerd met technieken als compressie (althans, dat vertelde Smith in een interview ten tijde van het debuut), maakt dat het album kan "ademen" en natuurlijk klinkt. Nu maar hopen dat ze ter promotie van hun laatste album naar Nederland komen, de dichtstbijzijnde show die tot dusver staat gepland is in Hamburg, iets te ver weg.
Met Into the Fire / Into the Storm wordt meteen duidelijk dat de inspiratie wederom van Purple, Rainbow, Sabbath en Heep komt. Terug naar de jaren '70 dus, waarbij Avatarium meer retro klinkt als Purple en Heep heden ten dage doen.
Qua stijl is het dus niet origineel, maar noem mij bijvoorbeeld een singer-songwriter die dat wel is? Wat ik op Hurricanes & Halos hoor, zijn sterke composities. Daar gaat het mij eigenlijk altijd om, ongeacht het genre.
Ook The Starless Sleep is zo'n snel nummer (voor jaren '70-normen, verwacht geen blast beats) en bevat bovendien een betoverend mooie melodie. Wat zingt die Jennie-Ann Smith toch goed! Maar ook de rest van de band staat als een huis.
Road to Jerusalem lijkt het verhaal te zijn van een kruisridder in gewetensnood, een sfeervolle ballade met bluesgevoel, ook al zo passend bij deze retrohardrock. Medusa is iets sneller en steviger met bovendien een verrassende tempowisseling op de momenten dat de brug begint en... een kinderkoortje. Maak me gek.
The Sky at the Bottom of the Sea heeft die snelle shuffle, dat tadak-tadakritme, waarmee Uriah Heep op bijvoorbeeld Easy Livin' en Return to Fantasy excelleerde. Zo nadrukkelijk als deze hier wordt gedrumd hoor je het nooit meer. Ik weet niet of Lee Kerslake zijn muzikale kinderen ooit heeft gehoord, maar waarschijnlijk had de drummer dan net als ik volop genoten. In combinatie met het orgel van Rickard Nilsson en de gitaarsolo van Marcus Jidell aan het einde (kort en zeer krachtig) valt alles perfect samen.
A Kiss (From the End of the World) begint akoestisch, om dan over te gaan in een zware doomriff. Ze hebben me...
Dat de muziek zwaar is geproduceerd maar niet dichtgesmeerd met technieken als compressie (althans, dat vertelde Smith in een interview ten tijde van het debuut), maakt dat het album kan "ademen" en natuurlijk klinkt. Nu maar hopen dat ze ter promotie van hun laatste album naar Nederland komen, de dichtstbijzijnde show die tot dusver staat gepland is in Hamburg, iets te ver weg.
Avatarium - The Fire I Long For (2019)

3,5
0
geplaatst: 26 oktober 2022, 22:08 uur
In maart 2020 kwam ik verplicht thuis te zitten toen de eerste coronalockdown werd afgekondigd. Ik zag daar ook wel voordelen in. Het scheelde de nodige stress en onnodige drukte. Bovendien: tijdens werktijd muziek en radio kunnen luisteren vond ik heerlijk. Zoals de show van Rob Stenders met meestal kwaliteitspop en altijd weer leuke weetjes. Op mijn werk kon/kan dat niet. Nee, alhoewel ik om mij heen zag hoe zwaar deze lockdown voor sommigen was, ontdekte ik er ook wel voordelen in.
Pas in die maand ontdekte ik dat Avatarium in september 2019 hun vierde album had uitgebracht. Enthousiast ging ik ervoor zitten, ondertussen een werkklusje aan het doen, maar jammer genoeg viel The Fire I Long For tegen: op de één of andere manier pakte de muziek me nauwelijks, zelfs bij herhaaldelijk afspelen. Op de opener na, die pakte me meteen.
De afgelopen week ben ik nogmaals gaan luisteren. Vaak komt muziek beter bij mij binnen als ik die enige tijd later nogmaals beluister. Zo ook hier.
Op het album wordt teruggekeerd naar de stijl van het debuut, waar doom metal was te horen in de stijl van de eerste drie platen van Black Sabbath. Zwaar en traag in jaren ’70-stijl. Daar houd ik wel van, maar op deze nieuwe Avatarium was het een zoeken naar sterke composities. Uiteindelijk kwamen er vier bovendrijven. Naast Voices zijn dat Lay Me Down, The Fire I Long For en Epitaph of Heroes.
Het gebrek aan pakkende melodieën en riffs, plus de verminderde variatie in tempo's veroorzaken bij de andere nummers een eenvormigheid. Ook jammer is dat de rol van toetsen is teruggebracht, waar die juist op de twee vorige albums voor extra variatie en kwaliteit zorgde.
Ik houd het bij 3,5 ster, een krappe zeven. Nog altijd een ster beter dan ik in maart 2020 zou hebben gegeven.
Pas in die maand ontdekte ik dat Avatarium in september 2019 hun vierde album had uitgebracht. Enthousiast ging ik ervoor zitten, ondertussen een werkklusje aan het doen, maar jammer genoeg viel The Fire I Long For tegen: op de één of andere manier pakte de muziek me nauwelijks, zelfs bij herhaaldelijk afspelen. Op de opener na, die pakte me meteen.
De afgelopen week ben ik nogmaals gaan luisteren. Vaak komt muziek beter bij mij binnen als ik die enige tijd later nogmaals beluister. Zo ook hier.
Op het album wordt teruggekeerd naar de stijl van het debuut, waar doom metal was te horen in de stijl van de eerste drie platen van Black Sabbath. Zwaar en traag in jaren ’70-stijl. Daar houd ik wel van, maar op deze nieuwe Avatarium was het een zoeken naar sterke composities. Uiteindelijk kwamen er vier bovendrijven. Naast Voices zijn dat Lay Me Down, The Fire I Long For en Epitaph of Heroes.
Het gebrek aan pakkende melodieën en riffs, plus de verminderde variatie in tempo's veroorzaken bij de andere nummers een eenvormigheid. Ook jammer is dat de rol van toetsen is teruggebracht, waar die juist op de twee vorige albums voor extra variatie en kwaliteit zorgde.
Ik houd het bij 3,5 ster, een krappe zeven. Nog altijd een ster beter dan ik in maart 2020 zou hebben gegeven.
Avatarium - The Girl with the Raven Mask (2015)

4,0
0
geplaatst: 23 oktober 2022, 17:01 uur
Mijn eerste kennismaking met Avatarium was bij de lyricvideo van The Girl with the Raven Mask, titelnummer van de plaat die in 2015 in diverse metalbladen ‘album van de maand’ werd, aldus Wikipedia. Ik was in de veronderstelling met vikingmetal te maken te hebben. Immers, de raaf doet het qua symboliek goed in dat genre.
Hun tweede leg bevat meer variatie dan het debuut, dat vooral langzaam is. De titelsong dendert er immers meteen op hoog tempo in, gelardeerd met verwijzingen naar het Deep Purple en Uriah Heep van voorbije dagen. Zangeres Jennie-Ann Smith knalt uit de speakers, mede dankzij de moddervette productie.
Er staat meer fraais op en ik ontdekte dat van vikingmetal géén sprake is. In Pearls and Coffins klinken nadrukkelijke bluesinvloeden; lekker nummer, al duurt het me met z’n zeven minuten net wat te lang. Hypnotized valt positief op met de variatie tussen ingetogen en uitbundige delen. De solo in het eveneens afwisselende Iron Mule brengt me terug naar de dagen dat Ken Hensley één van de populairste rocktoetsenisten ter wereld was. Leuk dat hij alsnog erkenning voor zijn werk krijgt, ik ken geen andere artiesten waar zijn invloed zo nadrukkelijk doorklinkt.
De wenkbrauwen gingen verbaasd omhoog bij het slotlied In my Time of Dying, waar de stervende ik-persoon om Jezus roept. Nee, het label vikingmetal blijkt echt niet te kloppen, daarin had ik mij zwaar vergist. In dit lied zijn zowel muziek als tekst beïnvloed door gospel en wederom blues, een verrassend slot van een sterke plaat die zoveel meer fijne verrassingen en overgangen herbergt.
Aan de doom van het debuut wordt hier het nodige toegevoegd, van uptempo riffs tot bluesy zijstapjes met her en der een lekkere gitaarsolo. Die variatie bevalt mij heel goed! Raar toch dat ik de band maar weinig in de bakken van platenzaken zie staan: de mannen en vrouw verdienen meer. Ze staan op mijn emmerlijst van bands die ik wil zien spelen. Dat moet gaan lukken met het nieuwe album dat zojuist verscheen.
Hun tweede leg bevat meer variatie dan het debuut, dat vooral langzaam is. De titelsong dendert er immers meteen op hoog tempo in, gelardeerd met verwijzingen naar het Deep Purple en Uriah Heep van voorbije dagen. Zangeres Jennie-Ann Smith knalt uit de speakers, mede dankzij de moddervette productie.
Er staat meer fraais op en ik ontdekte dat van vikingmetal géén sprake is. In Pearls and Coffins klinken nadrukkelijke bluesinvloeden; lekker nummer, al duurt het me met z’n zeven minuten net wat te lang. Hypnotized valt positief op met de variatie tussen ingetogen en uitbundige delen. De solo in het eveneens afwisselende Iron Mule brengt me terug naar de dagen dat Ken Hensley één van de populairste rocktoetsenisten ter wereld was. Leuk dat hij alsnog erkenning voor zijn werk krijgt, ik ken geen andere artiesten waar zijn invloed zo nadrukkelijk doorklinkt.
De wenkbrauwen gingen verbaasd omhoog bij het slotlied In my Time of Dying, waar de stervende ik-persoon om Jezus roept. Nee, het label vikingmetal blijkt echt niet te kloppen, daarin had ik mij zwaar vergist. In dit lied zijn zowel muziek als tekst beïnvloed door gospel en wederom blues, een verrassend slot van een sterke plaat die zoveel meer fijne verrassingen en overgangen herbergt.
Aan de doom van het debuut wordt hier het nodige toegevoegd, van uptempo riffs tot bluesy zijstapjes met her en der een lekkere gitaarsolo. Die variatie bevalt mij heel goed! Raar toch dat ik de band maar weinig in de bakken van platenzaken zie staan: de mannen en vrouw verdienen meer. Ze staan op mijn emmerlijst van bands die ik wil zien spelen. Dat moet gaan lukken met het nieuwe album dat zojuist verscheen.
