MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten potjandosie als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Bruce Cockburn - Nothing but a Burning Light (1991)

poster
4,5
na een 4-tal mindere albums die hij in de 80's (1983/89) maakte, verscheen in 1991 "Nothing but a Burning Light" van de Canadese singer/songwriter Bruce Cockburn (spreek uit Coburn).

een "return to form" folk/roots album met sterk songmateriaal, gezongen met de aangename, warme stem van Bruce Cockburn, tevens een begenadigd gitarist die zowel op akoestische als elektrische gitaar uitstekend uit de voeten kan, in een fraaie productie van T-Bone Burnett die zijn songs van een passende sound voorziet.

11 eigen nummers waaronder 2 instrumentale "Actions Speak Louder" en het weemoedige "When It's Gone, It's Gone" dat aan het Paris, Texas sfeertje van Ry Cooder doet denken plus een fraaie, ingehouden cover van het aloude "Soul of a Man" (Blind Willie Johnson).

onder de sessiemuzikanten bevinden zich o.a. Booker T. Jones met een glansrol op organ, Larry Klein (bass), Jim Keltner (drums, percussion) en Mark O'Connor, die op meerdere nummers schittert met zijn vioolspel.
ook is het genieten van de backing vocals van Jackson Browne (tracks 5,10) en zangeres/songwriter Sam Phillips (1,5,8).

Favoriete tracks het mid-tempo "Great Big Love", het schitterende, akoestische "Indian Wars" met zang van Jackson Browne dat mede ingekleurd wordt met mandoline en viool van Mark O'Connor, en de stemmige afsluiter, de ballad "Child of the Wind", maar feitelijk is dit een "alle 12 goed" album.

een must hear/must have voor de liefhebber, dat i.t.t. zijn 80's albums van begin tot eind indruk maakt met uitsluitend sterke, memorabele liedjes. Anton Corbijn maakte de foto's bij dit album maar dat terzijde.

Album werd geproduceerd door T-Bone Burnett (production assistant: Joe Henry)
Recorded at Ocean Way Recording, Hollywood, California except track 5 Scream Studios, Los Angeles, CA

Bruce Cockburn - O Sun O Moon (2023)

poster
dankjewel Lura voor dit bericht. mijn nieuwsgierigheid is gewekt. wist niet dat de inmiddels 78 jarige man dit jaar een nieuw album had uitgebracht. volledig aan mijn aandacht ontsnapt. ben er geen recensies van tegengekomen in de muziekbladen. ga deze bij gelegenheid zeker beluisteren. overigens niet met je eens dat "The Trouble with Normal" uit 1983 een top album zou zijn. dat album werd helaas volledig ontsierd door gebruik van synthesizers en percussie en flirts met toen in zwang zijnde muziekgenres als disco en new wave. een dieptepunt in het verder grotendeels geweldige oeuvre van de man. een ander top album naast het door jou genoemde Humans is het prachtige, sfeervolle The Charity of NIght, wat mij betreft zijn beste album uit de jaren negentig.

Bruce Cockburn - Stealing Fire (1984)

poster
3,5
de maatschappelijk en politiek geëngageerde Bruce Cockburn heeft meer dan 30 albums op zijn naam staan. de man stelt zelden teleur. hij maakte naar mijn mening zijn beste albums in de seventies, hoewel het album "Humans" (1980) een hoogtepunt is binnen zijn oeuvre, waarbij de kwaliteit van een album als "The Trouble with Normal" (1983) met zijn 80's sound schril afsteekt.

op "Stealing Fire" staan wederom vrijwel uitsluitend eigen liedjes, waarvan 2 (2 en 6) co-written met collega muzikanten die op dit album meespelen.

de folk en (lichte) rock op dit album is vrij basic uitgevoerd (gitaar, bas, drums, keyboards) aangevuld met op meerdere nummers een koortje, met o.a. de in Canada woonachtige Jamaicaan Leroy Sibbles, bekend als leadzanger van het fameuze zangtrio The Heptones en af en toe een blazerssectie, zoals op "Making Contact".

voor zijn doen behoorlijk wat middelmatige songs, waarbij de opener "Lovers in a Dangerous Time" dat een hit werd voor de Canadese band The Barenaked Ladies, "Nicaragua" over het lot van Zuid-Amerikaanse vluchtelingen, de anti-war song "If I Had a Rocket Launcher" waarmee hij een grote hit scoorde en de afsluiter "Dust and Diesel", er bovenuit steken.

wederom degelijk vakwerk met de van hem bekende betrokkenheid en diepgang in zijn teksten, maar "Stealing Fire" is geen topper binnen zijn omvangrijke discografie.

Album werd geproduceerd door Jon Goldsmith & Kerry Crawford
Recorded at Manta Sound, Toronto, Canada

Bruce Cockburn: guitar, voice
Jon Goldsmith: keyboards
Fergus Marsh: bass, stick
Miche Pouliot: drums
Chi Sharpe: percussion

de tekst van "If I Had a Rocket Launcher" is uitermate actueel en te beschouwen als een noodkreet:

"here comes the helicopter, second time today
everybody scatters and hopes it goes away
how many kids they've murdered only god can say
if i had a rocket launcher......I'd make somebody pay

I don't believe in guarded borders and i don't believe in hate
I don't believe in generals or their stinking torture states
and when i talk with the survivors of things too, sickening to relate
if i had a rocket launcher .... i would retaliate

on the rio lacantin one hundred thousand wait
to fall down from starvation, or some less humane fate
cry for guatemala, with a corpse in every gate
if i had a rocket launcher.... i would not hesitate

i want to raise every voice, at least i've got to try
every time i think about it water rises to my eyes
situation desperate echoes of the victims cry
if i had a rocket launcher.... some sonofabitch would die"

Bruce Cockburn - The Charity of Night (1997)

poster
4,5
een zeer fraai, "warm" album van de Canadese singer/songwriter Bruce Cockburn, tevens een zeer begaafd gitarist. uitgegroeid tot mijn favoriete album voor alle jaargetijden maar zeker geschikt voor lange december avonden. een begenadigd songschrijver. sterk songmateriaal, goede arrangementen. hij doet hier waar hij goed in is, prachtsongs uitvoeren in de van hem bekende stijl. flirten met disco, new wave of psychedelica blijft hier gelukkig achterwege. met jazzmuzikanten Gary Burton op vibes en de befaamde Rob Wasserman op bass, zijn er duidelijke jazz invloeden op de muziek, maar deze bijdragen vliegen nergens uit de bocht. 1) het uptempo Night Train en The Mines of Mozambique zijn mindere tracks maar vanaf 3) Paging The Cage een ingetogen nummer met geweldig "fingerpickin" gitaarspel is het genieten geblazen. 4) Mistress of Storms is een sfeervolle folk/jazz instrumental van grote schoonheid 5) White Night Sky wellicht 1 van zijn beste composities ooit met een heerlijke slide gitaar partij van Bonnie Raitt en Bob Weir (Grateful Dead) harmony vocal. 6) The Coming Rains een fijn ritmisch nummer met jazzy inslag (vibes) met harmony vocals van o.a. Maria Muldaur en Patty Larkin 7) het lange, epische Birmingham Shadows is 1 van de vele hoogtepunten, wederom met jazzy elementen, geweldig opgebouwd met bijna 10 minuten van begin tot eind boeiende muziek. het afsluitende trio nummers 9) t/m 11) is van ongekende schoonheid sleutelwoorden: ingetogen, pastoraal, mystiek, sfeervol. verder is het een bekend gegeven dat de man sterke teksten schrijft die wat zwaar op de hand kunnen zijn. dit prachtalbum werd geproduceerd door de man zelf met collega/muzikant Colin Linden, opgenomen in Toronto, Canada

Bruce Cockburn - The Trouble with Normal (1983)

poster
2,5
ben een grote fan van deze Canadese singer/songwriter. een geëngageerd artiest. een man met het hart op de juiste plek. mag vele van zijn albums regelmatig opzetten, met name zijn top albums "Dancing in the Dragon's Jaws (1979) en "Humans"(1980). vele jaren later werd ik zeer aangenaam verrast door zijn album "The Charity of Night" uit 1997, waarop de man ouderwets zijn klasse demonstreerde. veruit zijn beste album uit de jaren negentig. ik achtte de man niet in staat om slechte albums te maken, totdat ik deze "The Trouble with Normal" aanschafte. waar ik eerder nooit moeite had om zijn albums aan 1 stuk door te beluisteren, bleek het bij dit album een hele zit te zijn en zijn er heel wat skip momenten. heb geen twijfels over de integriteit van de man, maar het geflirt met de toen in zwang zijnde genres zoals disco en new wave, doen dit album geen goed. in combinatie met het zwakke songmateriaal (wellicht had de man een songwriter's block) en het overstuurde geluid van keyboards/synthesizers en percussie, heeft dit helaas een "slecht" album tot gevolg. het is de man vergeven. een klein lichtpuntje is 4) Waiting for the Moon dat boven alle andere tracks uitsteekt en dat wel voldoet aan het kwaliteitsniveau dat we van de man gewend zijn. "The trouble with normal is it always gets worse". dat bleek gelukkig met albums die hierna volgden niet het geval

Bruce Cockburn - World of Wonders (1986)

poster
3,5
naar verhouding veel rock en minder folk ten opzichte van de albums uit zijn begintijd. dit album wordt wel het meest politieke album genoemd van de sociaal bewogen, maatschappelijk geëngageerde Bruce Cockburn.

helaas lijdt "World of Wonders" aan overproductie en en doet die typische 80's productie met dominante drums en synths zijn songs geen goed. op zich goede songs als "Call it Democracy", "Lily of the Midnight Sky" en "Down Here Tonight" worden hierdoor behoorlijk om zeep geholpen. dit zijn nummers die je feitelijk graag in een meer bescheiden productie terug zou willen horen. het up-tempo "People See Through You" klinkt als Bruce Cockburn goes disco.

favoriete tracks de sterke melodie van Î…Berlin Tonight" 1 van de weinige, meer ingetogen uitgevoerde songs en "Santiago Dawn" met fraaie accenten van flugelhorn en trompet. verder is het aanstekelijke met Calypso klanken opgesierde "See How I Miss You" het aanhoren waard.

liefhebbers van de folky akoestische albums uit zijn beginperiode als "High Winds White Sky" en "Sunwheel Dance" zal dit album vermoedelijk minder bevallen. mijn favoriete albums van de man blijven zijn klassiekers "Dancing in the Dragon's Jaws" en "Humans" die qua sound en productie met hun mix van folk/rock en soms wat jazz invloeden veel meer in balans zijn dan deze "World of Wonders" en bovendien sterkere composities bevatten.

Album werd geproduceerd door Jon Goldsmith & Kerry Crawford
Recorded at Manta Sound, Toronto, Canada
Words & music: Bruce Cockburn

Bruce Cockburn - You've Never Seen Everything (2003)

poster
3,5
over de teksten en thema's van dit album is hierboven al voldoende geschreven dus beperk me tot de muziek en die valt mij niet mee, zo ook de kwaliteit van de liedjes. waar hij met "Nothing but a Burning Light" een fraai folk/roots album maakte met direct aansprekende liedjes in een geweldige productie van T-Bone Burnett, slaat hij hier andere wegen in met op meerdere nummers "loops" (zich herhalende ritmes) en een enkele keer overdadige percussie vervat in blues, jazz, rap en in mindere mate rock.

de "spoken words" van "Postcards from Cambodia" en het (te) lange titelnummer "You've Never Seen Everything" gaan op den duur vervelen en leiden de aandacht af van de muziek.

slechts 3 tracks die willen beklijven, "Open" met harmoniezang van Sarah Harmer, "Celestial Horses" met harmonie vocalen van Jackson Browne en de afsluiter "Messenger Wind", niet toevalligerwijs zijn dit meer rustige, ingetogen liedjes, waarop nog lichte "folk" invloeden zijn te horen, een genre waar ik Bruce Cockburn het liefste in hoor.

het is te prijzen dat de man zich door zijn hele carrière heen bleef vernieuwen, maar dit album wil ook na meerdere luisterbeurten niet echt bekoren. zeker geen slecht album, maar naar mijn mening een stuk minder dan zijn albums uit de 70's en toppers als "Nothing but a Burning Light" (1991) en "The Charity of Night" (1997).

Album werd geproduceerd door Bruce Cockburn & Colin Linden
All songs written by BC (except 4 & 5 co-written)

Bruce Robison - Country Sunshine (2001)

poster
3,0
de inmiddels 58-jarige Bruce Robison groeide samen met zijn broer Charlie en zus Robyn op in Bandera (vlak bij San Antonio), Texas met de muziek van o.a. Willie Nelson, Waylon Jennings en Hank Williams.
alle 3 werden als singer/songwriter actief, zijn oudere broer Charlie Robison, die 9 albums op zijn naam heeft staan, overleed in 2023 aan de gevolgen van een hartaanval en zus Robyn Ludwick maakte een 6-tal solo albums.

de Dixie Chicks, Tim McGraw & Faith Hill en George Strait scoorden in de Amerikaanse "country charts" grote hits met nummers van Bruce Robison.

op dit behoorlijk traditionele country album met wat folk invloeden staan 11 eigen nummers, waarvan 4 co-written, o.a. het mid-tempo "Can't Get There from Here" (met Allison Moorer) en het duet "Friendless Marriage" dat hij samen met zijn toenmalige vrouw/country zangeres Kelly Willis schreef waarop zij de lead vocalen delen.

hoewel een aantal liedjes zoals "Bed of Ashes" of "First Thing About Mary" de middelmaat ontstijgen houdt de kwaliteit van zijn liedjes niet over. ook zijn wat prekerige, zoete en zalvende teksten zijn in combinatie met dit soort brave country muziek niet mijn "cup of tea".

"What Would Willie Do" is een mooi eerbetoon aan Willie Nelson, maar het nummer zelf wil niet beklijven en helaas geldt dat voor meerdere nummers op dit album.

het zijn niet de minste sessiemuzikanten die aan "Country Sunshine" meewerkten, o.a. Kenny Malone (drums/percussion), Dan Dugmore (electric, steel & acoustic guitar, banjo, dobro), Dennis Crouch (bass), Eamon McLaughlin (fiddles, clarinet), Ian McLagan (Hammond organ) en Mickey Raphael (harmonica). Kelly Willis van wie hij in 2022 scheidde en Amy Noelle Farris verzorgden de "harmony vocals".

Bruce Robison heeft incl. verzamelaars en live albums 15 albums op zijn naam staan, waaronder 3 duo albums met Kelly Willis. zijn laatste project heet "The Next Waltz" a new kind of music label born in Austin, Texas.

Album werd geproduceerd door Bruce Robison
Recorded at Cowboy Arms Hotel & Recording Spa, Nashville, Tennessee

Bryn Haworth - Let the Days Go By (1974)

poster
4,0
het debuutalbum van de destijds 26-jarige Bryn Haworth die opgroeide in het Engelse plaatsje Darwen (Lancashire), waar hij via zijn moeder al vroeg muziek leerde kennen van Elvis Presley, Little Richard en Jackie Wilson. later kreeg hij invloeden mee van The Beatles en de gitaargroepen The Ventures en The Shadows.

Bryn Haworth is een begenadigd elektrische en slide gitaar specialist en een prima songwriter. het was Ry Cooder's slide gitaarspel dat hem inspireerde om zich te bekwamen in dat instrument.

in zijn vroege Engelse periode speelde hij in de psychedelische pop band Fleur de Lys met o.a. Gordon Haskell (later bekend van King Crimson) en Pete Sears (Rod Stewart en Jefferson Starship). de groep fungeerde als huisband voor Amerikaanse artiesten die Engeland aandeden. na de opheffing van die band verhuisde hij in 1969 naar de States en speelde daar met de band Red Weather met ex Blue Cheer gitarist Leigh Stevens en de band Wolfgang met o.a. bassist Leland Sklar. die band speelde mee op het 2e en derde album van de Brit Jackie Lomax. in 1972 keerde hij terug naar Engeland en John Porter (gast bassist op het Roxy Music album "For Your Pleasure") bracht hem in contact met Island records, waar hij 2 albums voor opnam waarvan dit de 1e is.

op dit na 50 jaar nog steeds fris klinkende, tijdloze album staan 11 zelfgeschreven songs in het genre folk/blues/rock en wordt hij begeleid door niet de minste muzikanten, o.a. leden van The Grease Band en Kokomo.

op dit gevarieerde album wisselt hij heerlijke up-tempo folk rock "Grappenhall Rag", stevige blues rock "I Won't Lie" en "Get Yourself a Man" beide met fraai slidegitaar spel, af met fraaie folky nummers als "Ee I Love You Lass" en het ingetogen "Miss Swiss" met prachtige accenten van zijn mandoline spel.

het instrumentale "Anywhere You Want to Be" solo gespeeld met een akoestische slide gitaar sluit dit debuut prachtig af.

ter promotie van dit album trad hij op als support act van o.a. Traffic, Bad Company en Fairport Convention en ondanks voldoende airplay en een optreden in het t.v. programma "The Old Grey Whistle Test" werd dit album geen succes.

onder de sessiemuzikanten bevinden zich o.a. Bruce Rowland (drums, percussion), Gordon Haskell/John Porter (bass), Terry Stannard (drums), Mel Collins (all horns), Rabbit (Hammond organ) en Pete Wingfield (piano).

Album werd geproduceerd door Bryn Haworth & Richard Digby Smith
Recorded at Island Studios, London (except tracks 7 & 8 produced by John Porter)

"Let the Days Go By" recorded at Centre Music, Hollywood
"Anywhere You Want to Be" recorded at Marshalls Ranch, Malibu

Bryn Haworth: vocals, mandolin, mandocello, 12-string & electric guitars, harmonica, acoustic guitar, slide guitar, acoustic slide guitar, harpolek, tambourine

Bryn Haworth - Sunny Side of the Street (1975)

poster
4,5
de opvolger van zijn debuut album "Let the Days Go By" van de destijds 27-jarige Bryn Haworth is net iets sterker dan het debuut.

op dit album staan 8 "originals" van de man zelf plus de traditional "Darlin' Cory" en een cover van "Sunny Side of the Street" (McHugh/Fields). hij kreeg hulp van niet de minste muzikanten, waaronder diverse leden van Fairport Convention, Mel Collins (King Crimson) en de Britse piano/orgel legende Chris Stainton.

stevige blues rock of blues boogie nummers zoals "Good Job" met een gospel sausje met een fraai koortje met o.a. Madeline Bell, "Sunny Side of the Street", het ijzersterke "Used" met een op slide gitaar solerende Bryn Haworth worden afgewisseld met fraaie folky nummers als het up-tempo luchtige, vrolijke "Pick Me Up" 1 van de vele prijsnummers op dit album, het aanstekelijke "Darlin' Cory" met Dave Swarbrick (fiddle) en Alan Munde (banjo), het eveneens up-tempo "Dance" met heerlijke harmonica accenten en "Peace of Mind" met een fraaie mandoline en "krazy keyboard" spel van Pete Wingfield.

kort na het uitkomen van zijn debuut album bekeerden Bryn Haworth en zijn vrouw Sally zich tot het christendom. de afsluiter, de folky ballad "Thank the Lord" zit wat dat betreft nog aan de goede kant van de streep. de man zou na dit 2e Island album nog 2 albums voor het label A&M maken en meer dan 14 albums op diverse andere labels waarop hij zich ging toeleggen op meer mainstream gerichte reli-pop, waarmee hij een gevierd muzikant werd in christelijke muziek kringen.

de vandaag 77 jaar geworden Bryn Haworth speelde als sessiemuzikant mee op albums van o.a. Joan Armatrading, Gerry Rafferty, Ian Matthews, Gallagher & Lyle, Andy Fairweather Low, Chris de Burgh en John Cale. de man brengt nog steeds albums uit en treedt nog steeds op o.a. in gevangenissen.

Album werd geproduceerd door Bryn Haworth & Richard Digby Smith
Recorded at Island Studios, Hammersmith and Sound Techniques

sessiemuzikanten o.a. Dave Mattacks/Bruce Rowland/Terry Stannard (drums), Pat Donaldson/Dave Pegg/Alan Spenner (bass), Chris Stainton (piano, organ), Dave Swarbrick (fiddle) en Mel Collins (horns)

Bunny Wailer - Blackheart Man (1976)

poster
5,0
een vergeten pareltje ofwel reggae klassieker, dit debuutalbum van Bunny Wailer, hoewel de liefhebber er waarschijnlijk wel mee bekend is.

Bunny Wailer (Neville Livingston) de langst in leven zijnde Wailer, kwam in 2021 op 73-jarige leeftijd te overlijden. zijn muzikale maatjes Bob Marley, overleden in 1981 werd slechts 36 jaar en Peter Tosh werd niet ouder dan 42 jaar (1987).

in 1976 verschenen eveneens albums van Bob Marley (Rastaman Vibration) en van Peter Tosh (Legalize It), maar naar mijn (bescheiden) mening stak Bunny Wailer zijn maatjes van destijds naar de kroon met dit album "Blackheart Man".

een zeer coherent album met 10 geweldige nummers, prachtig vorm gegeven met veelal spirituele teksten en af en toe ook "militante" teksten, zoals in "Fighting Against Convictions" en "The Oppressed Song, waarbij de titels voor zichzelf spreken.

het absolute prijsnummer is de afsluiter "This Train" ook wel bekend als "This Train is Bound for Glory", een Afro-Amerikaanse gospel ballad stammend uit 1922 en groot werd in de versie van Sister Rosetta Tharpe.

dit lang uitgesponnen nummer, waarvan de credits niet bekend zijn en dat herontdekt werd door Alan Lomax tijdens zijn "field recordings", wordt prachtig, langzaam opgebouwd met akoestische gitaar, melodica, percussie en meerstemmige zang. een bloedstollend mooi nummer, dat ruim 8 minuten de aandacht weet vast te houden.

de overige 9 eigen nummers van Bunny Wailer doen er nauwelijks voor onder. stuk voor stuk prachtnummers met heerlijke melodielijnen en geweldige zang. minder harde "riddims" en minder "upbeat" dan op zijn album "Rock and Groove", maar mijns inziens zijn beste album.

Album werd geproduceerd door Bunny Wailer
Recorded at The Aquarius Recording Studios, Kingston, Jamaica

Bunny Wailer - Rootsman Skanking (1987)

poster
4,5
Bunny Wailer's album "Rock and Groove", dat in 1981 op zijn eigen Solomonic label werd uitgebracht, verscheen destijds alleen op vinyl.

"Rootsman Skanking" dat hier onder verzamelaars staat, is feitelijk een re-issue van dat album op het Shanachie label, inclusief alle 7 nummers van dat album plus 3 out-takes "Collyman", "Gamblings" en "Cry to Me", die niet op "Rock and Groove" stonden. jammer dat de versies op deze cd korter zijn dan de originele versies van de LP.

de 10 tracks op dit album worden alle in stevige rootsrock reggae, dance hall dub style uitgevoerd. akoestische instrumenten, zoals op het meer ingetogen debuutalbum "Blackheart Man", zijn hier ver te zoeken.

"Ballroom Floor", "Dance Rock", "Rootsman Skanking", "Rock'n Groove" en "Another Dance" (een cover van Curtis Mayfield) kun je gerust klassiekers noemen.

mindere tracks zijn de out-takes "Gamblings" en zijn versie van "Cry to Me", dat reeds in 1965 op een album van The Wailers verscheen. een nummer van Bob Marley, dat later ook op zijn album "Rastaman Vibration" werd uitgebracht.

wijlen Bunny Wailer trad in 2014 nog op tijdens Reggae Geel, het jaarlijkse reggae festival in het Belgische stadje Geel.

Album werd geproduceerd door Bunny Wailer
Recorded at Channel One Studios, West Kingston, Jamaica

op dit album speelde het befaamde sessiemuzikanten gezelschap "The Roots Radics" mee plus:

R. Shakespeare: bass
S. Dunbar: drums
K. Sterling: keyboards
H. Bennett, D. Fraser, R. Robinson: horns

Bunny Wailer - Sings The Wailers (1980)

poster
4,5
geweldig "roots" reggae album van wijlen Bunny Wailer (Neville Livingston), 1 van de oorspronkelijke 3 leden van The Wailers met wie hij 6 albums maakte. in 1973 of 1975? verlieten hij en Peter Tosh de groep en begonnen beiden een solo carrière.

Peter Tosh had met zijn meer op pop gerichte reggae meer commercieel succes dan Bunny Wailer, die van de drie wellicht de meest "rootsy" albums maakte, zoals ook op dit album met dancehall invloeden te horen valt. heerlijk strak gespeeld met de machtige, stuwende ritme sectie van Sly & Robbie en een fraaie blazerssectie.

een eerbetoon aan The Wailers met 4 songs van Bob Marley (2,4,5,6), 1 van Peter Tosh (track 10) en 5 songs van de man zelf.

favoriete tracks de Marley songs "Mellow Mood" en "Hipocrite", maar ook zijn eigen songs als "Dreamland" dat eerder verscheen op zijn debuutalbum "Blackheart Man" (1976), "Burial" en "Walk the Proud Land".
zijn versie van "I'm the Toughest" overtreft die van Peter Tosh.

net iets minder dan zijn klassiekers "Blackheart Man" en "Rock and Groove" (1981), waarvan de laatste de hardste riddims (Jamaicaans "slang" voor ritme) bevat.

Album werd geproduceerd door Bunny Wailer
Recorded at Harry J. Studios, Kingston, Jamaica

Bunny Wailer: vocals
Robbie Shakespeare: bass
Sly Dunbar: drums
Earl (Chinna) Smith: guitar
K. Sterling, W. Wright: keyboards
H. Bennett, D. Fraser, Nambo: horns
Sticky: percussion

Burning Spear - Calling Rastafari (1999)

poster
4,0
verrassend sterk album uit de nadagen van de inmiddels 79-jarige "living legend" Winston Rodney beter bekend als Burning Spear.

de man serveert ons op 11 sprankelende, vitale roots reggae songs in een iets commerciëler, moderner jasje dan zijn albums uit de 70's. alle upbeat nummers met sterke melodielijnen, zoals vanouds bezield gezongen met zijn uit duizenden herkenbare stem, ondersteund door een geweldige backing "Burning Band" inclusief een fraaie blazerssectie.

op "As It Is" waar een sample van "Marcus Garvey" in is verwerkt, kijkt hij terug op het verloop van zijn carrière.

Favoriete tracks "Brighten My Vision", "Calling Rastafari" en "Own Security".

geen klassieker als "Marcus Garvey" (1975) of "Social Living" (1978), maar een alleszins genietbaar album voor de reggae liefhebber, waar hij in 2000 zijn eerste Grammy Award mee won.

volledig eens met de liner notes "real drums, real horns, real bass - real reggae music"

Album werd geproduceerd door Burning Music Production
(executive producer Sonia Rodney)
Recorded at Grove Music Studio, Ocho Rios, Jamaica
All songs written by Burning Spear

Burning Spear - Marcus Garvey (1975)

poster
5,0
absoluut een klassieker en vind deze 48 jaar later nog steeds niet gedateerd. geweldige productie. Burning Spear ofwel Winston Rodney een grootmeester van de reggae, net als Bob Marley en Joseph Hill van Culture. de ritmes, de samenzang maar vooral de ijzersterke composities maken dit een ijzersterk album. mag deze anno 2023 nog steeds graag draaien met de volume knop wijd open. staat vol met hoogtepunten (titelnr., Slavery Days, Give Me, Jordan River, Tradition etc.) teveel om op te noemen. de doorleefde stem van Winston Rodney, op het smachtende af met teksten over onrecht. de man heeft een ongekend rijk oeuvre op zijn naam staan. een geëngageerd artiest met een boodschap.