MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten potjandosie als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Habib Koité - Eric Bibb - Brothers in Bamako (2012)

poster
3,5
een samenwerking tussen de (Malinese) Afrikaan Habib Koite en de Afro-Amerikaan Eric Bibb. de eerste staat niet bekend als bluesman en maakt mooie, toegankelijke wereldmuziek (blues, folk, Afro-pop), de tweede is meer actief in het blues/folk genre en eveneens geen uitgesproken bluesman, hoewel zijn muziek daar zeker raakvlakken mee heeft. beiden ontmoetten elkaar 10 jaar daarvoor, toen zij door het Putumayo label werden gevraagd om bij te dragen aan de verzamelaar"Mali to Memphis". Eric Bibb is een peetzoon van de sociaal activistische acteur/zanger Paul Robeson en zijn vader Leon Bibb was een folkzanger die o.a. het werk van Pete Seeger bewonderde. beide gitaristen/zangers beschikken over zoetgevooisde, warme stemmen.

vind de kruisbestuiving op dit album niet zo goed van de grond komen, maar er staan genoeg memorabele liedjes op, waarbij Eric Bibb en Habib Koite de lead vocalen afwisselen ofwel samen zingen in het Engels en Malinees dialect. een enkele keer zingen zij de sociaal bewogen teksten, zoals op het erg zoete "Send us Brighter Days" in de Engelse en Franse taal.

meerdere nummers verschenen eerder op hun solo albums, zoals "Needed Time" op het Eric Bibb album "Spirit & The Blues" en de Habib Koite nummers "L.A." en "Khafole" (beide van het album "Soo") en "Foro Bana" (album Ma-Ya) en worden op dit album in een nieuw jasje gestoken. beide laatste nummers worden door Habib Koite gezongen en behoren samen met de 2 instrumentale nummers "Nani Le" en "Mami Wata" tot de sterkhouders. de gospel folk/blues "With My Maker I Am One" (Eric Bibb) en de blues traditional "Goin' Down the Road Feelin' Bad" zijn eveneens nummers die blijven hangen.

helaas staan er een aantal nummers op zoals "Tombouctou", "We Don't Care" en het eerder genoemde "Send us Brighter Days" die dat een stuk minder doen. de door Eric Bibb stemmig gezongen Dylan cover "Blowin' in the Wind" is fraai maar niet bijzonder te noemen.

een album met weliswaar knap gespeelde, enigszins brave muziek waarbij het prettig ontspannen is, maar als luisteraar krijg je het idee dat er met een wat ruwer randje meer in deze samenwerking had gezeten.

Album werd geproduceerd door Eric Bibb & Habib Koite
Recorded at Studio Hotel Nord Sud, Bamako, Mali

Habib Koite: vocals, acoustic nylon string guitar, acoustic/electric guitar, 6-string banjo, 8-string ukulele
Eric Bibb: vocals, acoustic 6 & 7-string guitars, 6-string banjo, acoustic baritone guitar, baritone, soprano & 8-string ukuleles
Mamadou Kone: percussions
Olli Haavisto: pedal steel guitar on "Blowin' in the Wind"
Kafoune: backing vocals on "L.A."

Habib Koité - Kharifa (2019)

poster
2,5
AdrieMeijer schreef:
Ik weet niet hoe het komt dat een succesvol artiest zo de weg kwijt kan raken. Jij hebt zelf ook al geconstateerd dat zijn muziek steeds toegankelijker werd en dat hoeft geen probleem te zijn, maar het flirten met hedendaagse trends vind ik heel erg jammer. Ik hou juist zo van Habibs repertoire omdat het eens een keer wat anders is dan dat irritante ge-autotune en zo. Ik zou ook niet weten waarom een platenmaatschappij dit zou promoten, want ze snijden alleen zichzelf hiermee in de vingers.


mee eens. gezien jouw commentaar bij zijn album "Soo" uit 2014, het enige album van Habib Koite dat ik niet ken, begrijp ik dat die nog wel het beluisteren waard is

Habib Koité - Soô (2014)

poster
4,0
de in Senegal geboren Malinese singer/songwriter/gitarist en inmiddels 67-jarige Habib Koite formeerde zijn band Bamada in 1988 en maakte met hen in 1995 het debuut album "Muso Ko". sindsdien verschenen er 5 albums met die band waaronder het live album "Foly!" en 2 solo albums onder zijn eigen naam, waaronder "Soo" dat werd uitgebracht op het Belgische Contre-Jour label.

op dit door hemzelf geproduceerde album staan wederom merendeels akoestisch uitgevoerde liedjes die Habib alle zelf schreef, voorzien van sprankelende melodieen en zijn geweldige "relaxte" zang en virtuoze gitaarspel, waarbij hij werd omringd door jonge Malinese muzikanten, waaronder zijn zoon Charly Coulibaly (keyboards) aangevuld met prachtige meerstemmige zang.

Habib Koite zingt de liedjes op "Soo" in verschillende dialecten (Bambara, Malinke, Dogon en Khassonke).

op 1 van de prijsnummers "Terere" spelen de gastmuzikanten wijlen Toumani Diabate (kora) en Bassekou Kouyate (n'goni) mee, samen met "Deme", "Drapeau" en "Khafole" de hoogtepunten.

"L.A." gaat over zijn bezoek aan Los Angeles met de tekstregels "There's a special brew you should avoid drinking, Tequila gave me a moment of joy, Tequila in L.A." het wat rommelige "Balon Tan" met een rap van Master Soumi valt enigszins uit de toon, waarna het instrumentale "Djadjiry" een eerbetoon aan de Malinese griot Fanta Damba dit album fraai afsluit.

Habib Koite maakte met "Ma Ya" en "Baro" eerder 2 5-sterren albums. "Soo" is minder dan die 2 albums en beschouw ik ook als iets minder dan het album "Afriki", maar is een uiterst genietbaar album met toegankelijke muziek. helaas werd de opvolger "Kharifa" zijn laatste album uit 2019 een fikse tegenvaller. sindsdien werd het stil rond deze begenadigde muzikant die voor Unicef ambassadeur werd.

Habib Koité & Bamada - Afriki (2007)

poster
4,0
eens met de commentaren van BrotherJohn en bertus99. inderdaad een erg toegankelijk album, maar nog steeds zeer het beluisteren waard. de warme, aanstekelijke groove hoor ik nog wel op dit album. zal inderdaad de bedoeling van de makers zijn geweest om een groter publiek te bereiken. dit lijkt dan wel de oorzaak te zijn dat deze "minder" is dan Ma Ya en Baro, maar feit is dat op dit album de muzikaliteit als vanouds is en er nog geen sprake is van compositorische armoede, zoals op zijn laatst verschenen album "Kharifa" uit 2019. dat album lonkt veel meer dan "Afriki" wel heel erg naar de gunst van Westerse oren. de productie van dat album klinkt een stuk gladder dan op "Afriki". heb overigens geen idee waarom zijn laatste 2 albums "Soo"en "Khafira" alleen op zijn naam staan. op alle vorige albums staat Habib Koite & Bamada vermeld.

Habib Koité & Bamada - Ma Ya (1999)

poster
4,5
meesterlijk album van Habib, hoewel ik persoonlijk Baro net ietsje beter vind. bij verschijnen van dit album bleek Bonnie Raitt ook een groot fan te zijn van dit album. een leuk weetje. zoals BrotherJohn hier terecht opmerkt, hebben zowel Ma Ya als Baro de tand des tijds doorstaan. de muziek staat ruim 20 jaar later nog als een huis. de muziek op het album Macire van Boubacar Traore doet wel denken aan de muziek van Ma Ya en Baro. niet zo gek, want deze wordt verzorgd door de begeleidingsband Bamada van Habib Koite die ook zelf op dit album meespeelt. dit album kan ik aanraden aan degenen die minder gecharmeerd zijn van de latere albums van Habib.

Habib Koité & Bamada - Muso Ko (1995)

poster
4,0
het debuutalbum van Habib Koite uit 1995. de goede man is inmiddels 65 jaar oud en was dus 37 jaar oud ten tijde van dit album. het begin van een interessante ontwikkeling van zijn muziek en zijn begeleidingsband Bamada. heb dit album vaak links laten liggen ten faveure van zijn meesterwerken Ma Ya en Baro. onterecht, want dit album bevat toch een aantal heerlijke nummers. alle ingrediënten zoals de pulserende ritmes, de aanstekelijke grooves en meerstemmige zang zijn hier op een aantal nummers al rijkelijk aanwezig, met name op nr. 5 Fatma. wat mij betreft het prijsnummer van dit album. van dit nummer staat ook een geweldige uitvoering op zijn live album Foly! Live Around the World. de tracks 1) Ika Barra 4) Nanale, 7) Nimato en 9) Din Din Wo doen er niet veel voor onder. met name Nimato heeft dat zeer herkenbare "Bamada" bandgeluid. ook 10) Kunfe Ta is een lekker ritmisch, opzwepend nummer. nr. 8 Cigarette a Bana lijkt een ruwe, demo versie van de latere versie die op het album Baro verscheen. het laatste nr. 11 Koulandian is eveneens een hoogtepunt. een (h)eerlijk, verstild nummer waar zijn gitaarspel en stem prachtig tot uiting komen. dit nummer had niet misstaan op Baro. hulde aan het Belgische label Contre Jour, dat zich al die jaren heeft ingezet om de muziek van Habib onder de aandacht te brengen. het kan aan mij liggen, maar helaas vind ik zijn laatste album "Kharifa" de minste van al zijn albums. deze laatste worp uit 2019 lijkt nadrukkelijk een "product" dat verkocht dient te worden.

Hacienda Brothers - Hacienda Brothers (2005)

poster
4,0
het debuut album van de Hacienda Brothers is een album met onvervalste "americana", zoals hierboven ooit eerder beschreven. voornaamste leden waren de geweldige zanger wijlen Chris Gaffney (Gaff) en gitarist/zanger Dave Gonzalez. naast covers schreven beiden een aantal fraaie songs voor dit album.

voornamelijk prachtige country soul ballads op dit album, te beginnen met "She's Gone", een nummer van country singer/songwriter Dallas Frazier, zelf geschreven tracks als "I'm So Proud", "Walkin On My Dreams" en "Seven Little Numbers", aangevuld met "The Years That Got Away" (Dan Penn) en het geweldige "I've Got a Secret (Fred Neil).

deze worden afgewisseld met mid-tempo tracks als "Mental Revenge", een nummer van country zanger wijlen Mel Tillis, dat bekend werd in de versie van Waylon Jennings, "Leavin' On My Mind" (D. Gonzalez) met een heerlijke accordeon partij van Chris Gaffney, "Lookin For Loneliness" het 2e Dan Penn nummer op dit album met een soulvolle blazerssectie van de "Memphis Horns".

"South of Lonesome" een nummer van Carl Montgomery is een fraaie cover van het origineel van Melba Montgomery uit 1967. op "Turn to Grey" (C. Gaffney) en "Seven Little Numbers" zijn de fraaie harmony vocals van Jim Lauderdale te horen.

verder 2 instrumentale nummers, "Railed" een soort van honkytonk saloon rock en de ingetogen afsluiter "Saguaro" met een prachtig invallende trompet van Wayne Jackson, dat doet denken aan de muziek van Ennio Morricone.

mijn voorkeur gaat naar de doorleefde, soulvolle lead vocalen van Chris Gaffney, die de betere zanger van de twee is. het merendeel van de nummers wordt prachtig ingekleurd met o.a. pedal steel klanken.

een heerlijk "laid back" album dat niet alleen de liefhebbers van Dan Penn (en/of Spooner Oldham) zal aanspreken.

in 2019 verscheen hun laatste album "Western Soul", een album met niet eerder uitgebrachte studio nummers, demo's en outtakes.

Album werd geproduceerd door Dan Penn
Recorded at the Cavern Recording Studios, Tucson, Arizona
except tracks 1,2,4 & 9 recorded at the Honkytonk Hacienda & Esquire Ranch, Tucson, Arizona

The Hacienda Brothers:
Dave Gonzalez: vocal, acoustic & baritone guitar
Chris Gaffney: vocal, accordion, harmony vocal
David Berzansky: steel guitar
Hank Maninger: bass, nylon string guitar
Dale Daniel: drums

Special guests:
Dan Penn, Spooner Oldham, Memphis Horns (Wayne Jackson, Dennis Taylor), Bekka Bramlett, Jim Lauderdale, Carson Whitsett, Chris Lawrence, Teddy Morgan, Steve Grams, Richard Medek, Brenden Kearny

Hank Woji - Highways, Gamblers, Devils & Dreams (2023)

poster
4,5
fijn om de reactie van user Tonio hier te lezen. mijn enthousiasme is wat afgenomen. na een flink aantal luisterbeurten staat de lengte van dit album mij iets tegen. wellicht een dooddoener, om te zeggen dat kwaliteit boven kwantiteit gaat, maar dit album had een "fiver" kunnen zijn, als de tijdsduur wat korter was geweest. lang niet alle nummers zijn even memorabel. er staan toch nogal wat "mindere" tracks op, zoals 4,8,12,13,14 en 19. de man is een goede songwriter, maar niet van de buitencategorie (Townes, John Prine, Tom Russell etc.). een teken aan de wand is, dat ik 3) van Woody Guthrie, 6) van Townes Van Zandt en ook 22) de gospel van Charles A. Tindley als de hoogtepunten ervaar. van zijn eigen nummers vind ik de opener "Don't Look Back", "Chasin My Headlights Again" en "Saving Grace" er bovenuit steken. neemt niet weg dat het een heel verdienstelijk album is met een fraaie songcollectie, dat met veel liefde voor de muziek is gemaakt. zijn maatschappelijke engagement blijkt ook uit nummers als "Start Building Bridges" en "Corporations Are People" hetgeen een ieder zou moeten aanspreken. daarnaast kent Hank Woji zijn klassiekers, waarbij hij uit diverse genres put en weet hij aan wie hij schatplichtig is. inderdaad een sympathieke troubadour van de "old school". een man met visie en een missie, wiens muziek ik hoog heb zitten. checkte Hank Woji "live" op YT en daar blijkt de man schrikbarend weinig views te hebben. dat verraste mij, want de man timmert al een tijd aan de weg en heeft inmiddels een aantal zeer fraaie albums op zijn naam staan.

Hardin & Russell - Ring of Bone (1976)

poster
3,5
singer/songwriter Tom Russell en de klassiek geschoolde pianiste/zangeres Patricia Hardin maakten samen 2 albums "Ring of Bone" (1976) en "Wax Museum" (1978). hun samenwerking stopte in 1979, waarna Tom Russell solo en/of met band albums zou uitbrengen.

kwam beide albums onlangs op een platenbeurs tegen op 1 cd (Edsel) met als titel "The Early Years" (1975-79). vanwege ruimtegebrek op de cd vervielen 2 nummers van de originele lp's, "Look at Us Now" van dit album en "Mr. Faulkner in Hollywood" van Wax Museum, dat later opnieuw werd opgenomen als "William Faulkner in Hollywood" en op het album "Road to Bayamon" verscheen van de Tom Russell Band.

1 van de inspiratiebronnen van dit duo was het Canadese folk duo Ian & Sylvia Tyson.
"Ring of Bone" werd min of meer live in de studio opgenomen en bevat 6 nummers van Tom Russell en 4 nummers (6,7,8 en 11) die hij samen met Patricia Hardin componeerde.

de kwaliteit is nogal wisselend, waarbij de c/w nummers met het piano spel van Patricia Hardin minder bekoren, zo wordt 7) "Old Lady Blues" voorafgegaan door "Prelude in A Major" van Frederic Chopin.
daar staan de wat betere Tom Russell songs tegenover met fraaie duetzang.

de niet over de hele linie sterke songs worden ingekleurd met een hele reeks aan muzikanten en instrumenten, o.a. banjo, dobro, fluit, harmonica, saxofoon, trombone, trompet, etc.
de muziek klinkt daardoor niet als uitgesproken "folk".

in 1984 verscheen Tom Russell's eerste solo album "Heart On a Sleeve", het begin van het indrukwekkende oeuvre dat hij zou opbouwen met zijn band en solo albums.

Album werd geproduceerd door Tom Russell & Patricia Hardin
Recorded at Odyssey Sound Ltd, Austin, Texas

Tom Russell: vocals, acoustic guitar, banjo (track 4)
Patricia Hardin: vocals, electric & acoustic piano's

Hardin & Russell - Wax Museum (1978)

poster
3,5
2 jaar na hun debuutalbum "Ring of Bone" (1976) verscheen dit tweede album van singer/songwriter Tom Russell en de pianiste/songwriter Patricia Hardin.

de compilatie "The Early Years" (Edsel 1996) bevat beide albums, bij gebrek aan ruimte ontbreekt het nummer "Mr. Faulkner in Hollywood" op deze compilatie. een nummer dat Tom Russell later opnieuw zou opnemen voor het album "Road to Bayamon".

5 nummers van Tom Russell, 2 van Patricia Hardin (2 en 7) beide piano ballads die minder beklijven en 3 nummers (4,6 en 10) die zij samen schreven, waarop zij afwisselend de lead vocalen delen en/of voor fraaie harmoniezang zorgen.

hoogtepunten zijn de TR nummers "House of Wax", "Tarantula" en het co-written "Wind on the Buffalo Grass" met prachtige a-capella zang. het album eindigt met de originele radio uitzending rond de ramp van de Hindenburg zeppelin, waarna het aanstekelijke up-tempo "The Hindenburg" met country invloeden dit album afsluit.

Tom Russell stond met dit duo-album nog aan het begin van zijn indrukwekkende carrière en zou later een hele reeks solo albums maken waaronder vele meesterwerkjes.

"Wax Museum" werd geproduceerd in San Francisco door Bernie Krause, ooit lid van de folk groep The Weavers en die een pionier was met de eind jaren zestig synthesizer groep Beaver and Krause.

Hayden - Elk Lake Serenade (2004)

poster
4,0
het vierde album van de uit Thornhill, Ontario afkomstige Canadese singer/songwriter Hayden (Hayden Desser) ervoer ik destijds bij de release in 2004 als een prima album. inmiddels een kleine 20 jaar ben ik toch wat minder onder de indruk, maar het blijft een fijn luisteralbum met een enkele misser als het heftig rockende "My Wife".

zijn muziek is een combinatie van alt.country, folk en rock, waarbij nummers als "Home by Saturday" en "Don't Let Down" een sterke Neil Young vibe hebben. 2 fijne songs. ook "Woody" met een fraaie harmonica partij, het up-tempo "Hollywood Ending" dat prachtig wordt ingekleurd met klanken van de flugelhorn, "Through the Rads" en "Roll Down That Wave" dat doet denken aan het werk van Will Oldham getuigen van zijn songwriter's talent.

een aantal fraaie ballads als "Killbear" met cello en viool accenten, de piano ballad "Elk Lake Serenade" en "Looking Back at Me" sieren dit album eveneens.

Album werd geproduceerd door Hayden en Howie Beck
Recorded at Skyscraper National Park (Toronto home studio)
All songs written by Hayden Desser

Hayes Carll - Little Rock (2005)

poster
4,0
het 2e album van de uit Houston, Texas afkomstige singer/songwriter inmiddels 48-jarige Hayes Carll is verre van een (klassiek) country album. de man maakt fraaie americana met folk/country en rock 'n roll invloeden met sterke, verhalende teksten.

in zijn thuisland werd hij al meermalen voor diverse prijzen genomineerd en werd hij in 2010 winnaar in de categorie "emerging artist of the year". zijn stem heeft wel iets weg van die van Steve Earle en ook de muziek op "Little Rock" toont overeenkomsten met diens muziek.

8 bovengemiddeld goede songs van Hayes Carll zelf en 4 prima co-written songs, waarvan 1 met John Evans/Adam Carroll het fraaie "Take Me Away" en het iets mindere "Sit in with the Band" (John Evans), 1 met (wijlen) Guy Clark het prijsnummer "Rivertown" met een heerlijke pedal steel partij van Bucky Baxter en een ander hoogtepunt de foot-stompin Delta blues van "Chickens" dat hij samen met Ray Wylie Hubbard schreef.

zijn eigen "Wish I Hadn't Stayed So Long" is een sterke mid-tempo opener die direct blijft hangen, zoals ook "Hey Baby Where You Been" en "Leave Her Standing" een staalkaart zijn van zijn kwaliteit als songwriter.

een fijne afwisseling van mid-tempo nummers, wat rustiger nummers als het eerder genoemde "Take Me Away" en het bluesy "Good Friends" een duet met zijn echtgenote Allison Moorer, en stevige rootsrock nummers als "Down the Road" en "Little Rock" met heerlijke gitaar riffs van Kenny Vaughn, die nergens uit de bocht vliegen.

op "Long Way Home" wordt wat gas terug genomen, een intense, ontroerende ballad die hij schreef voor zijn overleden vriend Aaron Wilkinson.

een zeer aangename verrassing de muziek van Texas songwriter Hayes Carll, dat uitnodigt om zijn oeuvre van 8 albums verder te verkennen. dit album lijkt mij een aanrader voor americana liefhebbers.

Album werd geproduceerd door R.S. Field
Recorded at Hum Depot, Nashville, Tennessee

Kenny Vaughn: electric guitar, acoustic guitar, National guitar
Jared Reynolds: bass
Jimmy Lester: drums
Allison Moorer: vocals
R.S. Field: percussion, drums, raka guitar
Hayes Carll: acoustic guitar, vocals

"Rivertown" recorded at Three Trees, Whites Creek, Tennessee
Bucky Baxter: pedal steel, backing vocals
Adam Landry: acoustic guitar
George Bradflute: bass

Hayward Williams - Another Sailor's Dream (2007)

poster
3,5
fijn album van de Amerikaanse singer/songriter Hayward Williams. de man schijnt al vanaf de leeftijd van 13 jaar bezig te zijn met het componeren en spelen van muziek. heb hem toen hij ter promotie van dit album in NL was live gehoord/gezien tijdens de 2007 editie van het Take Root Festival in Groningen. hij was destijds 26 jaar oud en maakte daar indruk met zijn goede optreden met Nederlandse gastmuzikanten. een optreden dat hoge verwachtingen wekte. zoals Tonio hier al aangaf, zijn nummers 6) en 10) maar met name 11) een ingetogen cover versie van Bruce Springsteen's "Thunder Road" de prijsnummers van dit album. goede tweede zijn de opener "Ballad of Benson Creek" en Who's Gonna Be it Today? de rest van de nummers stijgt niet boven de middelmaat uit. overigens is dit niet zijn debuut album. hiervoor maakte hij het album "Uphill/Downhill" uit 2005 en later volgde nog het album "Every Color Blue" uit 2020. hield van mijn bezoek aan Take Root een door de man zelf gesigneerde cd over van dit album, maar vrees dat deze nooit veel waard zal worden
de muzikale bezetting op dit album is als volgt:
Hayward Williams: vocals, acoustic guitar, bass, harmonica, piano, glockenspiel, percussion
Peter Mulvey: acoustic lead guitar, electric guitar, dobro, classical guitar, backing vocals
Dan McMahon: electric guitar, piano, accordion, banjo, lap steel, drums
(Peter Mulvey is eveneens een zeer verdienstelijk singer/songwriter. er staan 8 albums van hem op MuMe)

Heather Little - By Now (2024)

poster
4,5
het tweede album van de Amerikaanse singer/songwriter Heather Little (vocals, acoustic guitar). haar in eigen beheer uitgebrachte debuut "Wings Like These" verscheen in 2013. roots/americana geworteld in folk/country met songs die direct aanspreken en vertrouwd klinken, gezongen met haar prachtige stem en op dit album ook nog eens in de vorm van 7 fraaie duetten.

13 liedjes van eigen hand waarvan 1 nummer "Gunpowder & Lead" co-written met de country zangeres Miranda Lambert. de teksten zijn wat zwaar op de hand, maar dat mag de (muzikale) pret niet drukken.

de veelal rustige, ingetogen songs worden muzikaal fraai ingekleurd door een keur aan gerenommeerde sessiemuzikanten, zoals een accordeon op het prachtige duet "Hands Like Mine" met Patti Griffin, ofwel cello op o.a. "Razor Wire" en "Landfall", dan weer een mandoline in "Better By Now", of een gedempte trompet in de indringende ballad "My Father's Roof" over een onveilige thuissituatie met de regel "There ain't no refuge, comfort, or shelter, under my father's roof".

een enkele keer gaat het tempo iets omhoog, zoals in haar jeugd herinnering "Transistor Radio" met fraai uitwaaierende gitaren of de afsluiter "Gunpowder & Lead" met schitterende viool klanken.

teveel hoogtepunten om hier op te noemen, maar wellicht komen het breekbare "break-up" liedje "This Life Without You" met wederom backing vocals van Patti Griffin en de meeslepende ballad "Sunset Inn" over relatie problematiek met de regels "I got a room at the Sunset inn, It's only mine and not for him" hiervoor in aanmerking.

dit album heeft genoeg "eigens" om zich te onderscheiden in het woud van de vele releases van M/V singer/songwriters. eens met erwinz het moet gek lopen wil dit album niet hoog eindigen in de "roots" eindejaarslijstjes van 2024.

Album werd geproduceerd door Brian Brinkerhoff & Frank Swart
Recorded at Skunkworks Studio, Capitola, California

Heather Waters - Propeller (2008)

poster
4,0
de uit Chicago, Illinois afkomstige Heather Waters (niet te verwarren met haar naamgenote) leerde ik kennen van haar vocale gastbijdragen aan albums van Delbert McClinton. zij maakte eerder een fraai americana (folk/country) abum met "Shadow of You" (2004) en wilde met dit tweede album nieuwe wegen inslaan. de sound is dan ook wezenlijk anders en de folk/country klanken zijn hier ver te zoeken.

melodieuze up-tempo nummers als "Wait for Me" en "Diamond in Your Mine" klinken als Heather Waters goes U2 met atmosferische, uitwaaierende gitaarpartijen a la The Edge.

ook het bluesy "Say You Love Me", de blues/gospel van "Joy Comes Back to Me" en de stuwende r&b van "Castaway" zijn stuk voor stuk sterke nummers met fraaie melodielijnen.

hoor haar het liefst op de wat rustigere, ingetogen nummers als "Diane" en "Six Ways to Sunday".
een 2-tal mindere nummers, het up-tempo rockende "Wherever You Go" en "Jukebox" waarop zij zich lijkt te overschreeuwen, weerhouden mij ervan om "Propeller" meer dan 4 sterren te geven.

deze opvolger van "Shadow of You" blijkt tot nu toe haar laatste album te zijn, hoewel zij nog vocaal bijdroeg aan het album "MacLear & Waters" (2014) met allemaal nummers van singer/songwriter Tom MacLear.

Heather Waters - Shadow of You (2004)

poster
4,0
het debuut album van de oorspronkelijk uit Chicago afkomstige singer/songwriter Heather Waters.

op dit album staan 6 eigen liedjes waarvan een aantal co-written plus 1 nummer "Shadow of You" van collega singer/songwriter Cheri Knight, 1 nummer "A River I Can't Cross" van songwriter Mark Simos en 2 minder bekende nummers van Gillian Welch "You Just Don't Love Me" en "Apalachicola" het hoogtepunt van dit album.

fraaie americana (folk/country) waarbij de veelal ingetogen, melancholische liedjes handelend over hartzeer, liefdesleed en relatie problematiek bescheiden worden ingekleurd met o.a. pedal steel, mandoline en orgel.

de sessiemuzikanten zijn niet de minsten met o.a. Don Heffington (percussion), Greg Leisz (guitar), Eric Heywood (pedal steel) en Rami Jaffee/Phil Parliapano (Hammond B3).

Album werd geproduceerd door Sheldon Gomberg
Recorded at the Carriage House, Los Angeles, California

Heritage Blues Orchestra - And Still I Rise (2012)

poster
4,5
zoals hierboven al eerder aangegeven door andere users, inderdaad een pareltje dit album van de Heritage Blues Orchestra. de groep ontleende zijn naam aan de invloeden uit de muzikale geschiedenis van het zuiden van Amerika. verwacht niet alleen blues op dit album, want deze muziek reikt verder dan dat.
dit ensemble serveert ons op een geweldige cocktail/mix van Delta blues, gospel, spirituals, stompin' boogie, traditionals en work songs. razendknap hoe dit gezelschap hun "heritage" (muzikale erfenis) op dit album levend houdt. een heerlijk gevarieerd album dat van begin tot eind boeit en uitnodigt tot meerdere luisterbeurten.

quote
"Heritage Blues Orchestra is an inspiring testament to the enduring power and possibilities of Afro-American music. It drives us down Highway 49 from Clarksdale to New Orleans, journeys across the Middle Passage, takes us from chain gangs and juke joints, to orchestra pits and church pews, and even to back porches
unquote

de sleutelwoorden van dit album staan op het inlegvel:
Son House, New Orleans, Blues, Debussy, Africa, Field Hollers, Duke Ellington, Mississippi Delta, Spirituals, Nina Simone, Kansas City, Work Songs, Count Basie, Hill Country, Jazz, Ravel, Highway 61, Gospel

tracks 2,3,6,8,9 en 12 zijn traditionals. de overige tracks 1) Clarksdale Moan is een nummer van Son House en doet denken aan de muziek van de North Mississippi Allstars, 4) Catfish Blues van McKinley Morganfield (Muddy Waters), 5) Go Down Hannah (van Huddie Ledbetter), 7) Don't Ever Let Nobody Drag Your Spirit Down (van Eric Bibb), 10) Levee Camp Holler (van Alan Lomax, Winston Stewart) en 11) Chilly Jordan het enige eigen nummer van bandlid Junior Mack.

favoriete tracks: "Go Down Hannah", "Get Right Church" en "Hard Times".

het bleef bij dit ene album. mede oprichter van dit gezelschap Bill Sims Jr. was een gerespecteerde blues muzikant afkomstig uit Ohio. de man, die ook 3 solo albums heeft gemaakt, overleed in 2019 op 69-jarige leeftijd.

Album werd geproduceerd door Larry Skoller
Recorded at Excello Recording Studio, Brooklyn, New York

The Heritage Blues Orchestra:
Chaney Sims: vocals, handclaps
Bill Sims Jr.: vocals, elecric and acoustic guitars, handclaps
Junior Mack: vocals, electric & electric slide guitars, dobro
Vincent Bucher: harmonica
Kenny Smith: drums & percussion
Matthew Skoller: harmonica solo on "Big-Legged Woman"

Horn Section:
Bruno Wilhelm: horn arrangements, tenor saxophone
Kenny Rampton: 1st trumpet
Steve Wiseman: 2nd trumpet
Clark Gayton: trombone, saxophone, tuba

Home Service - Alright Jack (1986)

poster
4,0
schafte ooit dit album aan in "a specialized record/cd shop" tijdens een bezoek aan het Schotse Edinburgh waar alle cd's van singer/songwriter/acteur John Tams in een apart vakje stonden samen met dit album van de band "Home Service".

op dit album staan 4 composities van John Tams, het up-tempo "Alright Jack" met prachtige meerstemmige zang, de ballad "Sorrow" dat overgaat in de stevige rock van de traditional "Babylon" met eveneens meerstemmige zang, een nummer dat aan de muziek van Steeleye Span doet denken, "Look Up Look Up" en mijn persoonlijke favoriet "Scarecrow" met geweldig gitaarspel van Graeme Taylor.

het middelpunt van dit album zijn de traditionals verzameld door de Australiër Percy Grainger "The Duke of Marlborough Fanfare" en de suite "A Lincolnshire Posy" onderverdeeld in 6 stukken. geen licht verteerbare kost maar razendknap uitgevoerd door de band.

de traditional/ballad "Rose of Allendale" bekend van o.a. Mary Black's versie wordt prachtig gezongen door John Tams en ingekleurd met fraaie accordeon accenten en wordt gevolgd door het instrumentale
"Radstock Jig".

opvallend zijn de prominente bijdragen van het blazers ensemble die de muziek een meerwaarde geven. de in het Verenigd Koninkrijk bekende John Tams speelde o.a. mee op "Son of Morris On" van de Morris On Band (Ashley Hutchings). Jonathan Davie en Graeme Taylor waren ooit lid van de progressieve Engelse folk/rock band Gryphon.

de bezetting van de band ten tijde van dit album:

John Tams: vocals, 2nd guitar
Howard Evans: trumpets, flugelhorn
Andy Findon: flutes, clarinets, saxes
Steve King: keyboards, accordion, chorus vocals
Roger Williams: trombones, tuba
Graeme Taylor: lead electric & acoustic guitar, chorus vocals
Jonathan Davie: bass guitar, chorus vocals
Michael Gregory: drums, percussion

deelcitaat uit de liner notes van Howard Evans, June 1991

"The Home Service that went into Raezor Studios in Wandsworth in December 1985 to make their third LP was a band with a pedigree second to none in its field of English music. That third LP was "Alright Jack" and it found the band on a creative streak. At the time of its release critics hailed it as one of the seminal albums in its field, one to rival the best albums that Fairport Convention, Steeleye Span, the Albion Band or Richard Thompson had produced. The passage of time has borne out how perceptive those assessments were, for like those other classic albums, it proved more than a "genre" album. ...in a quintessentially British tradition "Alright Jack" proved a classic"

Homeland 2: A Collection of Black South African Music (1990)

poster
4,0
van 4 van de artiesten/bands op dit album verschenen eerder nummers op de voorganger "Homeland" (1987) dat destijds vermoedelijk in het kielzog van het succes van Paul Simon's "Graceland" (1986) werd uitgebracht.

op dit album is een mix van Zuid-Afrikaanse muziek stijlen te horen, waaronder 2 instrumentale township jive (mbaqanga) nummers van de Soweto band Boyoyo Boys die meewerkten aan het nummer "Gumboots" ("it was a track from an album by their band which first attracted Paul Simon to African music in 1984, resulting in the album Graceland").

hoogtepunten zijn de nummers van Dilika (beide chants), Nkuku & Jopie Sisters, een gezelschap afkomstig uit Noord Transvaal, maar bovenal de 2 nummers met wonderschone koorzang van het Zoeloe kerkkoor Ivangeli Loxolo, waarbij de afsluiter "Isikhalo" nog steeds kippenvel bezorgt.

ook de a-capella zang van het mannelijke Zoeloe koor Newcastle Five Roses, afkomstig uit het mijnstadje Newcastle (provincie Natal) en het aanstekelijke met fraai accordeonspel voorziene nummer van Molahlehi maken indruk, zoals vrijwel alle nummers dat doen.

slechts een 3-tal nummers beklijven minder, de township jazz van Percy Kay en de nummers van de band Makhweru die met hun "moderne" mix van Afrikaanse muziek met westerse pop invloeden en gebruik van synthesizers minder goed op dit afwisselende, kleurrijke album passen.

deze verzamelaar was destijds reden om mij meer in Afrikaanse muziek te verdiepen, waar heel veel moois viel/valt te ontdekken.

Album werd geproduceerd door Clive Risko

Horace Andy - In the Light (1977)

poster
4,5
een klassieker van de zingende nachtegaal, de met een prachtige falsetto stem gezegende Horace Andy.
roots reggae met wat dancehall invloeden, 10 zonder uitzondering sterke songs met stuk voor stuk "catchy" melodieën met heerlijke "riddims", in een zoals Venceremos eerder aangehaalde kristalheldere productie, met o.a. fraaie bijdragen van een blazerssectie.

heb zelf een voorkeur voor de vocale versie, maar inderdaad ook de dub versie laat zich prima op zichzelf staand beluisteren.

Favoriete tracks "Government Land", "Leave Rasta", "Collie Herb" en de heerlijke melodie van de titeltrack "In the Light", maar feitelijk zijn alle 10 tracks onweerstaanbaar.
o.a. reggae legende Augustus Pablo droeg op keyboards bij aan dit album.

naar mijn mening zijn beste album, een staalkaart van zijn vocale kwaliteiten.
een beetje over het hoofd gezien meesterwerk.

Album werd geproduceerd door Everton DaSilva & Horace Hinds
Recorded at A&R Recording Studio, New York & Harry J Recording Studio, Kingston, Jamaica

deelcitaat uit de liner notes van Harry Wise bij de re-issue van 2016 (VP Music Group):

"After Bob Marley & The Wailers had formally introduced the music of Kingston's ghettos to an international audience in 1975, reggae was now viewed as as a viable worldwide commercial force.
And after relocating to Hartford, Connecticut, USA, Horace Andy established his own "Rhythm" label and began to work with Everton DaSilva, a producer based in Queens, New York, in 1977. Their "In the Light" longplayer was his first record specifically designed, not as a collection of singles, but as an entire album's worth of songs. The album became "Horace's defining vocal statement"

Hot Club of Cowtown - Dev'lish Mary (2000)

poster
3,0
het derde album van dit Western Swing gezelschap/trio. de kernleden bestaan uit de uit Massachusetts afkomstige Whit Smith (gitaar, zang) en de uit Kansas afkomstige Elana Fremerman, geboortenaam Elana James (fiddle, zang). hun debuut "Swingin' Stampede" verscheen in 1998, op dit album aangevuld met bassist Matt Weiner. de band bouwde in de loop van de jaren een flinke live reputatie op en sleepte vele prijzen in de wacht. het oorspronkelijke trio maakt Amerikaanse rootsmuziek "Western Swing" met vleugjes country, folk en jazz.

op dit album staan 4 traditionals (1,2,14 en 16) plus covers van Amerikaanse componisten uit vervlogen tijden zoals o.a. "Star Dust" (Hoagy Carmichael), "Exactly Like You" (Dorothy Fields) en "Just a Little Lovin" van country legende Eddy Arnold, aangevuld met een 2-tal eigen nummers "I'd Understand Why" (Elena Fremerman) en "More Than a Dream" (Whit Smith).

een 5-tal instrumentale nummers plus nummers waarop de lead vocalen afwisselend worden gezongen door Whit Smith en Elana Fremerman. uitschieters zijn de vrolijke up-tempo meerstemmig gezongen nummers als "Dev'lish Mary" en de afsluiter "Little Liza Jane". de overige voornamelijk mid-tempo nummers klinken nogal braaf en belegen, waarbij er weinig van blijft hangen.

de band heeft sinds 1998 zijn basis in Austin, Texas en heeft inmiddels een hele reeks albums op hun naam staan. wellicht dat hun muziek de liefhebbers van een band als "Asleep at the Wheel" zal aanspreken, maar die brengen dit genre muziek een stuk energieker en gevarieerder dan op "Dev'lish Mary".

Album werd geproduceerd door Lloyd Maines
Recorded at Firestation Studios, San Marcos, Texas

with guests:
Peter Ecklund: cornet (3,11,13)
Bobby Koefer: steel (1,4,7,9,15)
Don Walser: yodels (10)

Howard & Skye - Milkweed (2016)

poster
4,0
zowel de uit Austin, Texas afkomstige singer/songwriter Jonathan Howard als de uit Arkansas afkomstige Blueflower Skye, zangeres en eveneens songwriter zochten een muzikale partner en vonden elkaar in 2014 met als gevolg dit door hun zelf geproduceerde duo album uit 2016, dat tot nu toe hun enige album is gebleven.

het genre is americana (blues, country,folk) veelal rustige mid-tempo liedjes en ballads, spaarzaam geïnstrumenteerd, waarbij zij afwisselend de lead vocalen verzorgen ofwel een tweede stem toevoegen.
de muzikale omlijsting bestaat behalve de zang, beide beschikken over fraaie "rootsy" stemmen, uitsluitend uit akoestische en elektrische gitaren. slechts op "Big Joe" is een harmonica te horen.

op dit "Milkweed" staan 6 liedjes van Jonathan Howard, 3 liedjes van Blueflower Skye en 2 die zij samen schreven. de blues invloeden op "Vampyre Blues" en "Cold Morn Comin" zijn niet ver weg, waar nummers als de ballad "Pretty Weed" en "Nowhere" meer folky zijn.

favoriete nummers het meerstemmige "Cold Morn Comin", het mid-tempo "Comin' Into Memphis" en de fraaie ballads "Pretty Weed" en "43", waarbij "43" het prijsnummer van dit album is.

over de kwaliteit van de liedjes valt weinig op te merken. het klankbeeld zonder instrumenten als dobro, fiddle, mandoline of pedal steel, had wat mij betreft meer variatie mogen bieden.

Jonathan Howard: guitars, vocals
Blueflower Skye: percussion, vocals
David Hoffpair: lead electric & lead acoustic guitar, 2nd acoustic guitar
Jimi Lee: harmonica
Jaime Nichols: lead electric guitar, 2nd electric guitar

Hungrytown - Circus for Sale (2024)

poster
3,5
het vierde album van het tegenwoordig uit Vermont/U.S.A. opererende duo/stel zangeres Rebecca Hall en multi-instrumentalist Ken Anderson.

een lichte koerswijziging ten opzichte van hun fraaie, gelijknamige roots/folk debuut (2008). de folky sound van dat album is hier deels vervangen door een meer "poppy" sound en uitgebreid met o.a. strijkers, dat in combinatie met de iets mindere kwaliteit van hun songs, minder aanspreekt.

favoriete nummers zijn de traditional "Green Grow the Laurels", de cover van het melancholische Bert Jansch nummer "Morning Brings Peace of Mind" en de fraaie melodieen van hun eigen songs "Tuesday Sun" en "Little Bird". ook de door Rebecca Hall geschreven murder ballad "Man of Poor Fortune" met fraaie viool accenten van Rachael Birkin reken ik tot de hoogtepunten.

helaas staan daar een aantal nummers o.a. "Circus for Sale", "Feel Like Falling" en "Gravity" tegenover die ook na meerdere luisterbeurten niet willen beklijven. bovendien maakt de toevoeging van een strijkkwartet op een nummer als "Late New England" hun muziek wat gekunsteld.

hoop van harte dat dit muzikale duo, die een aantal jaren geleden hun banen in de stad New York opgaven en inwisselden voor een rustiger bestaan in het landelijke Vermont, van hun muziek en tournees kunnen leven.

Album werd geproduceerd door Ken Anderson
(grotendeels) recorded at Song Catcher Recording, West Townshend, Vermont

de titel van dit album "Circus for Sale" wordt in de liner notes als volgt toegelicht:

"In 2016, while touring in southwest England, we were hosted by a gentleman who had recently returned from a business trip up north. He described seeing an actual circus for sale, right down to the horses, monkeys and a tired, dejected old lion in a cage. The symbolism and imagery were so woefully relevant that we knew we had the title and theme for this album"

Hungrytown - Hungrytown (2008)

poster
4,0
het debuutalbum van het Amerikaanse (indie) folk duo en stel Rebecca Hall en Ken Anderson met hun fraai harmoniërende stemmen, waarbij de prachtige leadzang voor rekening komt van Rebecca.

het duo verbleef eerder in New York, waar zij muzikaal actief was als jazz zangeres en hij als drummer in diverse bandjes. zij gaven in 2003 hun kantoorbanen in New York op en verhuisden naar het groene, landelijke Vermont en besloten van daaruit een full-time carrière als muzikanten op te bouwen.
sindsdien zijn zij circa 6 maanden per jaar "on tour" in o.a. Amerika, Europa en Nieuw Zeeland.
momenteel zitten zij in de eindfase van een reeks optredens in de UK.

op dit fraaie album staan 9 eigen liedjes, 2 traditionals "One Morning in May" en "Sylvie" (met een strijkkwartet) plus een cover van het Gene Clark/Jesse Davis nummer "With Tomorrow".

een zeer aangename verrassing dit Amerikaanse roots/folk album met hier en daar wat Keltische invloeden en Appalachian folk met 12 liedjes die prettig weg luisteren. zij kregen o.a. hulp van 4 muzikanten van de blue grass groep Virginia Ramblers en MIchael en Ruth Meranda van de folkrock band The Mammals.

Favoriete tracks: "Lucille, Lucille", "On the Other Side" en "Hungrytown Road".

Rebecca Hall maakte voordat Hungrytown werd opgericht 2 verdienstelijke solo albums. het vierde en nieuwste album van dit duo "Circus For Sale" dat onlangs verscheen, ontving zeer goede kritieken.

Album werd geproduceerd door Ken Anderson
Recorded at Song Catcher Recording, West Townshend, Vermont & on location in West Hurley, New York and Afton, Virginia

Rebecca Hall: guitar, vocals
Ken Anderson: bass, glockenspiel, guitar, harmonica, drums, organ, piano, percussion, vocals
Zack Deming: banjo
Jeff Vogelgesang: guitar, mandolin
Zack Deming: banjo
MIchael Meranda: banjo
Eric Lee, Ruth Ungar Meranda: fiddle
Charles Frazier: guitar
Donnie Shifflett: bass