MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten potjandosie als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

k.d. lang - Hymns of the 49th Parallel (2004)

poster
4,0
een verrassend sterk cover album van de Canadese zangeres K.D. (Kathryn Dawn) Lang met een hommage aan haar favoriete (Engelstalige) Canadese singer/songwriters.

2 Neil Young covers (1 en 3), 2 van Leonard Cohen (6 en 10), 2 van Joni Mitchell (4 en 9), 2 van Jane Siberry (5 en 11) plus 1 cover "Fallen" (Ron Sexsmith), 1 cover "One Day I Walk" (Bruce Cockburn) en 1 nummer "Simple" dat zij samen met muzikant/producer Ben Mink schreef.

de pop, country of rock van haar eerdere albums is hier ver weg. zou dit eerder een roots/folk album noemen. stuk voor stuk fraaie covers gezongen met haar ietwat lijzige, vlakke stem waar ik wat emotie in mis, maar dat terzijde. de muzikale begeleiding is vrij minimaal met relatief veel door piano spel gedragen songs, aangevuld met de subtiele klanken van een strijkkwartet (viola, viool en cello).

prijsnummers "A Case of You" en "One Day I Walk" dat een "Celtic" folk sound heeft met het fiddle spel van Ben Mink. het kon haast niet misgaan met zulk sterk songmateriaal, maar de covers van Ron Sexsmith en de 2 Jane Siberry nummers blijven hier wat bij achter.

de albumtitel "Hymns of the 49th Parallel" verwijst naar de 49e breedtegraad ofwel de grenslijn tussen Canada en de V.S.

Album werd geproduceerd door Ben Mink & K.D. Lang
Recorded at Conway Recording Studios, Los Angeles

K.D. Lang: vocals
Teddy Borowiecki: piano, keyboards, accordion
Ben Mink: acoustic & electric guitars, fiddle on "One Day I Walk"
David Piltch: acoustic & electric bass
Clayton Cameron: drums on "Jericho"

Kacey Musgraves - Same Trailer Different Park (2013)

poster
3,5
gezien haar veel bejubelde album "Deeper Well" (2024) toch maar eens een album van Kacey Musgraves aangeschaft. geen mainstream country of roots/americana album, maar inderdaad een country pop album met wat lichte folk invloeden. 12 eigen liedjes van deze uit Texas afkomstige singer/songwriter alle geschreven met anderen.

dit album opent sterk met de eerste 4 nummers "Silver Lining", "My House", Merry Go Round" en "Dandelion" stuk voor stuk memorabele liedjes met fraaie melodieen. helaas houdt zij dat niveau niet over de hele linie vol, uitgezonderd het eveneens met een fraaie melodie voorziene "Keep It to Youself" en de afsluitende ballad "It Is What It Is".

het bluesy "Blowin' Smoke", "I Miss You" dat klinkt als een soort bubblegum country, en het dreinende, schreeuwerige "Stupid" ervaar ik als mindere tracks. ook "Step Off" en "Follow Your Arrow" met een koortje a la Lumineers (Ho Hey) maken weinig indruk.

opvallend zijn de fraaie bijdragen op pedal steel van Russ Pahl en wijlen Bucky Baxter, bekend van zijn werk met Steve Earle & The Dukes en als begeleider van Bob Dylan.

begrijp wel dat dit album bij velen aanslaat, maar persoonlijk mis ik bij Kacey Musgraves de authenticiteit en zeggingskracht van iemand als bij voorbeeld Lucinda Williams. haar brave ietwat kinderlijke stem helpt daar ook niet bij.

wil het feestje van de commentaren hierboven niet bederven, maar dit album zal niet vaak in de speler belanden. "It Is What It Is".

Album werd geproduceerd door Kacey Musgraves, Luke Laird & Shane McAnally
Recorded at Ben's Studio, Nashville, Tennessee

Kanda Bongo Man - Kwassa Kwassa (1988)

poster
4,0
Kanda Bongo Man (geboortenaam Bongo Kanda) heeft meer dan 20 albums op zijn naam staan. 1 daarvan "Kwassa Kwassa" vernoemd naar een Congolees dans ritme staat hier op MuMe.

1 van zijn leermeesters was de Congolese rumba muzikant/bandleider Tabu Ley Rochereau. de man had al enige naam gemaakt in zijn thuisland de Democratische Republiek Congo (voorheen Belgisch Congo/Zaïre), toen hij in 1979 besloot zich in Parijs te vestigen. begin jaren 80 oogstte hij veel succes met zijn albums "Djessy Dyna" en "Iyole".

zijn melodieuze muziek is een mengeling van Congolese rumba met de genres Caribische zouk en Afrikaanse soukous, waarvan de oorsprong in deze rumba ligt. sleutelwoorden: aanstekelijk, dansbaar, energiek en opzwepend. 4 nummers van "Kwassa, Kwassa" verschenen later op het live album "Soukous in Central Park" (1993), dat hier wel op MuMe staat vermeld.

op dit door hemzelf geproduceerde album werden alle 10 liedjes geschreven door de man zelf, voorzien van heerlijke ritmes met fraaie Afrikaanse gitaarklanken en vrolijke dameskoortjes. de inmiddels 70-jarige Kanda Bongo Man blijkt nog steeds op te treden in Europa en de U.S.A.

een aanrader voor liefhebbers van o.a. Orchestra Baobab (Senegal) en de muziek van de Congolose rumba grootmeesters Franco en Tabu Ley Rochereau.

Karan Casey - Distant Shore (2003)

poster
4,0
het derde album van de Ierse zangeres Karan Casey "A voice so beautiful, it's almost impossible to avoid falling under her spell", afkomstig uit Killmeaden, County Waterford is mijn eerste kennismaking met haar muziek. leerde haar kennen via de fijne bijdragen die zij leverde aan de onvolprezen "Transatlantic Sessions". voordat zij zich op haar solo carrière ging richten, was zij 4 jaar lang lead zangeres van de Iers/Amerikaanse folkgroep Solas. Karan is onderdeel van de Ierse folkrevival en staat er om bekend dat zij de traditionele Ierse muziek nieuwe richtingen mee wil geven. op dit album staan 2 bewerkte traditionals (7 en 10), en nummers van "hedendaagse" songwriters o.a. Billy Bragg, die het prachtige titelnummer Distant Shore componeerde (1 van de hoogtepunten op dit album), "Another Day" van Tim O'Brien en Darrell Scott, en "The Ballad of Tom Evans" van de Schotse folkzanger wijlen Ewan MacColl. alle songs worden door haar in de Engelse taal gezongen, uitgezonderd track 7) Lord MacDonald's dat in in Schots Gaelic (mede door Karen Matheson) en 9) Bata Is Bothar dat in Iers Gaelic wordt gezongen. een modern "traditioneel" album met smaakvolle arrangementen, sterke melodieën en muzikaal perfect omlijst. minder traditioneel dan de albums van haar Schotse collega Julie Fowlis. haar laatste in 2023 verschenen album "Nine Apples of Gold" werd door critici en publiek goed ontvangen. zag hier op MuMe nog geen recensie van. wellicht iets voor Lura of Erwinz om hier iets over te melden. dit "Distant Shore" werd geproduceerd door Donald Shaw, bekend van de Schotse folkgroep Capercaillie en opgenomen in studios zowel in Ierland als Schotland

de muzikanten op dit album:
Robbie Overson: 12-string guitar, acoustic guitar
Even Vernal: electric bass, double bass
James MacKintosh: drums, percussion
Donald Shaw: accordion, piano, keyboard, Wurlitzer
James Grant: acoustic guitar
MIchael McGoldrick: low whistle, bodhran, flute
Dirk Powell: banjo
Paul Meehan: bouzouki, acoustic guitar
Tim O'Brien: backing vocals, mandolin
Dezi Donnelly: fiddle
Niall Vallely: concertina
Cillian Vallely: low whistle
Karen Matheson: backing vocals
Mel Mercier: shaker, berimbao, bodhran
Signy Jacobson: frame drum
Malcolm Stitt: acoustic guitar, bouzouki
John Spillane: vocal
Brendan Gleeson: fiddle

Karen Matheson - Downriver (2005)

poster
4,0
ben een liefhebber van mooie vrouwenstemmen en dan kun je wel bij deze dame terecht. Karen Matheson is al vele jaren de leadzangeres van de traditionele uit Oban afkomstige Schotse folkgroep Capercaillie. Karen zelf is afkomstig uit het stadje Taynuilt, Argyll, Schotland. tijdens mijn rondreizen door Schotland heb ik vroeger o.a. de prachtige streek aan de Westkust van Schotland bezocht, waaronder de havenstad Oban, maar dat terzijde. dit 3e solo album van de totaal 5 solo albums die zij maakte, is gevuld met zowel nummers van hedendaagse songwriters als traditionals. het gros van de nummers zingt zij in de "Gaelic" taal en een 2 tal nummers in de Engelse taal. de muziek op dit album is merendeels zacht en melodieus uitgevoerd met mooie arrangementen. een stuk minder ritmisch en minder traditioneel dan de muziek van Capercaillie en dat bevalt prima. uit Wiki verneem ik "Karen Matheson sang a Gaelic psalm on 12 September, 2022 at the Service of Thanksgiving for the late Queen Elizabeth 2nd at St. Giles Cathedral in Edinburgh". dat zegt wel iets over haar status in Schotland en het Verenigd Koninkrijk.

een fraai luisteralbum, zonder te nadrukkelijke instrumentatie, waarbij de prachtige stem van Karen en de melodieuze songs centraal staan. album werd geproduceerd door Donald Shaw en opgenomen "at Crear studio in Kilberry, Argyll". voor de liefhebber zij leverde ook fijne bijdragen aan de onvolprezen Transatlantic Sessions vol. 1 en vol. 2.

uit de liner notes van Karen:
"This album is about going to a special place for me, a place in my memory where many of these songs have remained since my childhood. Songs like "Chi mi bhuam"and "Gleann baile chaoil", melodies from my home of Argyll that I've waited for the right time to record. Songs that seem to sing themselves"

een aantal van de muzikanten op dit album:
Donald Shaw: piano, harmonium, accordion, & rhodes
Donal Lunny: bouzouki, bodhran
James Grant: guitars, banjo, mandolin, e-bow, dobro, backing vocals, bass
James MacKintosh: drums and percusssion
Ewen Vernal: double bass & backing vocals
Aidan O'Rourke: fiddle
Michael McGoldrick: pipes
Stuart Nisbet: dobro
and the Scottish Ensemble (strings)

Karla Bonoff - Karla Bonoff (1977)

poster
4,0
wellicht geen klassieker als "Simple Dreams" of "Prisoner of Disguise" van collega artieste Linda Ronstadt, maar dan toch wel een semi-klassieker, dit debuut album uit 1977 van de inmiddels 71-jarige Amerikaanse singer/songwriter Karla Bonoff, afkomstig uit Santa Monica, Los Angeles. zij was/is alom gerespecteerd door haar collega's vanwege haar kwaliteiten als songwriter. van dit album werden tracks 1) "Somebody to Lay Down Beside Me" en 9) Î…Falling Star" gecoverd door Linda Ronstadt. 4) "Home" werd prachtig door Bonnie Raitt gecoverd en 6) "Isn't It Always Love" schreef zij voor country zangeres Lynn Anderson.

een tijdloos album met fraaie West Coast country-rock met stuk voor stuk sterke melodieën, of het nu midtempo nummers zijn als "I Can't Hold On", "Isn't It Always Love" of piano ballads als "Lose Again" en "If He's Ever Near".
het is genieten geblazen met o.a. de gitaarpartijen van de destijds veelgevraagde sessiemuzikant Waddy Wachtel. gelukkig overheersen de strijkers niet. haar beste album. beter zou het niet worden.

album werd geproduceerd door Kenny Edwards
Recorded at the Sound Factory, Los Angeles, California

de muzikanten op dit album:
Russ Kunkel/John A. Ware/Michael Botts: drums
Leland Sklar: bass
Waddy Wachtel: electric guitar
Karla Bonoff: piano, acoustic guitar
Steve Forman: percussion
Andrew Gold: lead electric guitar, piano, acoustic guitar, clavinet, harmonium
Kenny Edwards: acoustic guitar, mandolin, bass, electric guitar
Emory Gordy Jr.: bass
Dan Dugmore: steel guitar
Greg Ladanyi: finger cymbals
Jai Winding: piano
Andrew Gold/Kenny Edwards/Linda Ronstadt/Brock Walsh/Wendy Waldman/Glenn Frey/John David Souther: background vocals

Kasey Chambers & Shane Nicholson - Rattlin' Bones (2008)

poster
4,0
op dit duo album horen we Amerikaanse country gespeeld en gezongen door Kasey Chambers met haar toenmalige echtgenoot Shane Nicholson. de Australische Kasey Chambers is in haar thuisland een grootheid en vrijwel al haar albums bereikten daar de platina status. de Amerikaanse singer/songwriters Buddy en Julie Miller speelden mee op haar debuut album "The Captain". los van de muzikale familie waar zij in opgroeide, noemt zij Emmylou Harris als 1 van haar belangrijkste invloeden. dit prima duo album stond destijds net als meerdere van haar solo albums no. 1 in de ARIA (Australian Recording Industry Asscociation) album charts.

moderne country, soms Appalachian folk of akoestische country (rock), in goed gearrangeerde songs, sterk eigen songmateriaal en muzikaal met veelal traditionele instrumenten uitgevoerd met niet al te diepgravende teksten. het album heeft een prettige flow, klinkt weliswaar op zijn tijd behoorlijk retro, maar alle zelf geschreven liedjes beklijven. de muziek met fraaie harmoniezang doet wel denken aan de albums van Gillian Welch & David Rawlings, zoals in 2) "Once in a While". "One More Year", "Wildflower" en "Adeline" zijn prachtige, akoestische ballads met schitterende vocalen van Kasey Chambers. bluegrass is te horen op 6) "The House That Never Was" en 9) "The Devil's Inside My Head". 12) "Jackson Hole" is het enige up-tempo nummer waar een "beat" onder zit.
dit duo maakte in 2012 nog een 2e album "Wreck and Ruin".

vermoed dat de liefhebbers van het "Raising Sand" album van Alison Krauss/Robert Plant dit album zullen waarderen. vergeleken met de muziek van een vergelijkbaar duo "The Civil Wars" klinkt de muziek van Kasey Chambers en Shane Nicholson een stuk energieker, minder glad, minder gepolijst.

album werd geproduceerd door haar broer Nash Chambers & Shane Nicholson
Recorded at Freight Train Studios, Botany, Australia

de muzikanten op dit album:
Mark Collins: floor tom, banjo, resonator guitar
James Gillard: upright bass, electric bass, baritone acoustic, vocals
Bill Chambers: electric guitar, mandolin, lap steel, vocals
Shane Nicholson: acoustic guitar, resonator guitar, banjo. kick drum, stomp box, percussion, drums, vocal
Kasey Chambers: vocal
John Watson: drums
Mick Albeck: fiddle

Kassé Mady Diabaté - Kassi Kasse (2002)

Alternatieve titel: Mande Music from Mali

poster
4,0
fraaie akoestische folk muziek uit Mali van 1 van de grootmeesters (wijlen) Kasse Mady Diabate, die in eigen land een net zo grote status had als Salif Keita, die vanuit Parijs een internationale carrière opbouwde, waarbij Parijs destijds het nieuwe centrum van "world music" werd genoemd.

in navolging daarvan verhuisde Kasse Mady in 1989 naar die stad om daartoe uitgenodigd zijn eerste solo album "Fode" op te nemen "But things did not turn out as planned in Paris. Kasse Mady's non-confrontational and peaceful character did not help him to find his way through the labyrinth of royalty payments and contracts and the hard-nosed music business of Paris. Exploited and disappointed, he returned to Bamako in 1998, where things began to look up".

in het destijds verbeterde muzikale klimaat in Mali werd besloten dit album te maken in een door Discos Corason gerealiseerde opnamestudio in zijn geboortedorp Kela In Mali. zijn broer Lafia die op 4 nummers de lead vocalen voor zijn rekening neemt en leden van zijn band Super Mande spelen mee plus een aantal gastmuzikanten uit Bamako, o.a. Bassekou Kouyate (n'goni), Lansana Diabate (balafon) en de Cubaan Orlando Cachaito Lopez (double bass).

op dit album staan een aantal nieuwe opnames van zijn oude nummers, een aantal nieuwe nummers plus traditionals (6,7,8,11,14), merendeels gezongen met de prachtige stem van Kasse Mady in de Malinese talen Bamana (ofwel Bambara) en Maninka, behorend tot de Mande talen.

het akoestische gitaarspel, de percussie en instrumenten als de balafon, kora en n'goni plus de prachtige meerstemmige zang zorgen voor een prachtig klanktapijt van deze tijdloze traditionele Malinese muziek. er staan eveneens 2 fraaie "Cuban style dance songs" op, het aanstekelijke "Maimouna" en het enige in het Spaans gezongen "Balomina Mwanga".

alle liedjes o.a. dance songs, farmers songs, hunters songs en praise songs, worden uitvoerig in de liner notes toegelicht door Lucy Duran, die het album samen met Eduardo Llerenas produceerde.

Kate & Anna McGarrigle - Dancer with Bruised Knees (1977)

poster
4,5
na hun gelijknamige, geweldige debuut volgde 2 jaar later "Dancer with Bruised Knees". wederom een ijzersterke collectie aan songs, die de Canadese zussen merendeels zelf schreven, en waarop zij opnieuw hun klasse en kwaliteit als songwriters van stuk voor stuk memorabele songs bewezen.

op dit album speelde weer een keur aan sessiemuzikanten uit die tijd mee, o.a. John Cale (organ, marimba), Pat Donaldson (bass), Dave Mattacks/Stephen Gadd/Grady Tate (drums) en George Bohanon (horns).

tracks 1,7,9 (het Franstalige "Naufragee Du Tendre" co-written met Philippe Tatartcheff) en 11 werden geschreven door Anna, tracks 2,4,8,10 en 12 door Kate. 3) "No Biscuit Blues" is een nummer van Galt McDermot, 2 van de 3 Franstalige songs zijn traditionals 5) en 6).

de muzikale omlijsting is veelal spaarzaam en akoestisch met o.a. accordeon, piano en orgel. de folk sound overheerst op dit album, hoewel je op het titelnummer een vleugje jazz kunt bespeuren en op "No Biscuit Blues" een vleugje blues.

de prachtige, ingetogen piano ballads van Kate "Southern Boys", het breekbare "First Born" en "Walking Song", worden afgewisseld met de aanstekelijke, folky traditionals "Blanche Comme La Neige" dat geruisloos overgaat in "Perrine Etait Servante", beide nummers met de van hun bekende, kippenvel bezorgende prachtvocalen begeleid door de klanken van o.a. accordeon, harmonica en viool.

het luchtige "Be My Baby" van Anna zou je een iets mindere track kunnen noemen, maar daar staat het weergaloos mooie "Kitty Come Home" tegenover, een door haar geschreven ballad minimaal ingevuld met piano en orgel.

het album sluit fraai af met het door Kate geschreven licht rockende "Come A Long Way" met een viool partij van de Amerikaans/Ierse virtuoos Jay Ungar, bekend van zijn bijdragen aan de befaamde Transatlantic Sessions.

Album werd geproduceerd door Joe Boyd
Recorded at A & R Studios, New York City, Son Quebec Studio, Montreal & Le Studio, Morin Heights, Quebec

Anna McGarrigle: banjo, button accordion, keyboards, vocals
Kate McGarrigle: guitar, piano, button accordion, organ, banjo, vocals

uit de liner notes de toelichting op "Blanche Comme La Neige"

"Blanche Neige was snoozing on a bed of roses when three capitaines came riding by. They liked her because she was white like snow and beautiful as all outdoors, and they took her off to Paris where they intended to "faire l'amour".
But then she died.
Three days later her father rode out and heard her sweet voice: "Father, father open my tomb. For three days I have feigned death "pour sauver mon honneur"

Kate & Anna McGarrigle - French Record (1980)

poster
4,5
het vierde album van de Canadese McGarrigle zussen, kinderen van gemengd Ierse en Frans/Canadese ouders, afkomstig uit Montreal. zij behoorden tot de minderheid van de bevolking in Quebec die Engels spraken. volgens Wiki werd dit album opgenomen tijdens een periode waarin de roep om een autonome staat Quebec een hoogtepunt kende. dit volledige Franstalige album dat in 1980 onder de naam "Entre la Jeunesse et la Sagesse" (Between Youth and Wisdom) verscheen en later in 1981 als "French Record" verscheen, was een gebaar van toenadering aan de Franstalige bevolking. wat wellicht ook een rol speelde, was het feit dat het nummer "Complainte Pour Ste. Catherine" een behoorlijke hit was geweest in Frankrijk (in Nederland was het een bescheiden hitje).

op dit folky album, met nummers die qua sfeer niet zouden misstaan in een saloon bar of dance-hall, staan uitsluitend eigen nummers van Kate en Anna voorzien van teksten door de Canadese dichter/songwriter Philippe Tatartcheff, uitgezonderd de traditional "En Filant Ma Quenouille".
de dames gaven op "French Record" wederom een masterclass songwriting. 10 sterke composities vervat in schitterende melodieën, met de ongeëvenaarde vanuit hun hart gezongen harmoniezang ofwel afwisselend prachtige lead vocalen van Kate en Anna, muzikaal ingekleurd met o.a. piano en accordeon.

3 songs verschenen op hun eerdere albums, t.w. track 2) op het gelijknamige debuut, track is een nieuwe versie van een nummer van "Dancer With Bruised Knees" en 11) is afkomstig van het album "Pronto Monto" (Prend Ton Manteau).

op French Record speelden los van vaste waarden als Chaim Tannenbaum (harmonium) o.a. vermaarde sessiemuzikanten uit die tijd mee als Alun Davies (acoustic guitar) een Welshman die begin 70's meespeelde/zong op albums van Cat Stevens, Andrew Gold & David Spinozza (electric guitar) waarvan de laatste veel samenwerkte met James Taylor en wiens album "Walking Man" door hem werd geproduceerd, Pat Donaldson & Freebo (bass), Steve Gadd & Gerry Conway (drums) en Jay Ungar (viool).

op dit album staan zowel aanstekelijke, uitbundige nummers als "Complainte Pour Ste. Catherine", Excursion a Venise", "En Filant Ma Quenouille", als ingetogen folk ballads "Cheminant a La Fille", "Avant La Guerre" en "Naufragee du Tendre" waar de weemoed en melancholie vanaf druipt.
je hoeft geen Frans te kennen om van deze muziek te genieten.
een feestje voor de oren niet alleen voor de folkliefhebber.

Album werd geproduceerd door Kate & Anna McGarrigle
(executive producer Jane McGarrigle)
uitgezonderd track 2) Joe Boyd & Greg Prestopino en track 11) David Nichtern
Recorded at Studio Six, Montreal, Quebec

Kate McGarrigle: piano, Hammond B3 organ, accordion, acoustic guitar, banjo, vocals
Anna McGarrigle: piano, accordion, vocals

Kate & Anna McGarrigle - Heartbeats Accelerating (1990)

poster
4,5
het zesde album van de buitengewoon getalenteerde Canadese zussen McGarrigle verscheen 8 jaar na hun vorige release "Love Over & Over" . wederom een album met vele song pareltjes met nagenoeg allemaal eigen nummers, uitgezonderd 6) "DJ Serenade" een nummer van de Canadese dichter en songwriter Philippe Tatartcheff, die al eerder meeschreef aan de Franstalige songs van hun eerdere albums en 10) de traditional "St. James Hospital".

het album verscheen oorspronkelijk op het Private Music Label van Peter Baumann, voorheen lid van de vermaarde Duitse band Tangerine Dream, een label dat in 1994 werd overgenomen door BMG.

na de "folky" sound van hun vroege albums was het even wennen aan de sound van dit album, die uitgebreid werd met synthesizers en keyboards veelal bespeeld door de eveneens Canadese muzikant, songwriter en producer Pierre Marchand. de sound is hierdoor weliswaar iets experimenteler, maar gelukkig niet mainstream. wat blijft is de kwaliteit van de songs en de van de zussen kenmerkende melancholie met songs die over het leven, de liefde en verlies gaan gezongen met hun prachtige, betoverende stemmen.

het album heeft wellicht meerdere luisterbeurten nodig, voordat de pracht van de als vanouds sterke composities van de zussen zich onthult. met vrij minimale muzikale inkleuring wordt er een maximaal effect gesorteerd, zoals in het intieme, kwetsbare "I Eat Dinner" een nummer van Kate dat verhaalt over de gescheiden moeder die alleen aan tafel "dinner" eet, ofwel de eenzaamheid waarin je terecht kunt komen na een mislukte relatie. dat breekbare, intieme keert terug in "Love Is", met een halverwege invallende accordeon die de melancholie van dit nummer versterkt en het hartverscheurend mooie "I'm Losing You" eveneens een compositie van Kate met prachtig vioolspel van Joel Zifkin, waarop zoon Rufus van Kate meezingt. de verstilde pracht van "St. James Hospital" sluit het album fraai af.

de track "Love Is" verscheen reeds eerder in 1989 op het album "Bluebird" van Emmylou Harris en de titeltrack "Heartbeats Accelerating" werd gecoverd door Linda Ronstadt op haar "Winter Light" album.
de zussen schreven ook de nummers "I Will Dream" en "Little Bird" en speelden mee op de traditional "Plaisir D' Amour" van het Emmylou Harris album "Stumble Into Grace", en schreven tevens de nummers "How She Could Sing the Wildwood Flower" en "Sailing Round the Room" voor haar album "All I Intended to Be". songs die deze albums een belangrijke kwaliteitsimpuls gaven.

"Heartbeats Accelerating" was het zoveelste album van de McGarrigle sisters, waarop zij hun enorme kwaliteiten als muzikanten, songwriters en zangeressen etaleerden.

Album werd geproduceerd door Pierre Marchand
Recorded at Studio Nomade, Montreal, Canada

Kate & Anna McGarrigle - Kate & Anna McGarrigle (1976)

poster
5,0
een klassieker, dit debuutalbum van de Canadese uit Quebec afkomstige zussen. hoewel zij Engelstalige Quebecers waren, maakten zij ook 2 albums met uitsluitend Franstalige songs, t.w. "French Record" en "La Vache Qui Pleure", beide eveneens zeer fraaie albums.

van dit bijzonder muzikale duo en beide uitstekende songwriters, verschenen er tussen 1975 en 2005 10 reguliere albums, die alle het beluisteren waard zijn. geen al te hoge productie, maar het door hun achtergelaten oeuvre is van een ongekende kwaliteit.

in 2010 verscheen er nog een verzamelaar "Odditties" (eigenaardigheden) en in 2022 verscheen het album "Tant Le Monde" met een registratie van een live optreden uit 2005 in Bremen, Duitsland. het live album "Toronto, May '82" (2016) is bij mijn weten geen officiële release.

heb verder weinig toe toe te voegen aan de lovende commentaren bij dit tijdloze album. Amerikaans/Franse folkmuziek die de dames met hun songs en ongeëvenaarde samenzang een unieke sound mee gaven.
favoriete tracks te over op deze ijzersterke collectie van 12 songs. hoogtepunten o.a. "Heart Like a Wheel" (prefereer hun versie boven die van Linda Ronstadt), "Foolish You", "Swimming Song", "Jigsaw Puzzle of Life" en "Travelin' on for Jesus".

onder de vele muzikanten die op dit album meewerkten, bevinden zich o.a. Lowell George (guitar), Bobby Keys (sax), Hugh McCracken (guitar), Stephen Gadd: drums, Tony Levin (bass), David Spinoza (guitar), Jay Unger (fiddle), Russ Kunkel (drums) en Plas Johnson (alto sax & clarinet).

de zussen werkten aan vele albums van collega artiesten mee, o.a. Emmylou Harris, Linda Ronstadt, Linda & Richard Thompson en niet te vergeten het album "No More Shall We Part" van Nick Cave, waarop zij een groot deel van de backing vocals verzorgden.

Kate McGarrigle overleed op 63-jarige leeftijd in 2010 na een lang ziekbed aan sarcoom, een zeldzame vorm van kanker. zus Anna is inmiddels 79 jaar. de vraag is of er ooit nog materiaal uit de "Archives" te voorschijn zal komen, maar ik vermoed van niet.

Album werd geproduceerd door Joe Boyd & Greg Prestopino
Recorded at A&R Studios, New York City & Sunwest Recorders, Hollywood, California

Kate & Anna McGarrigle - La Vache Qui Pleure (2003)

poster
4,5
"La Vache Qui Pleure" (The Cow That Cries) is het tweede volledig Franstalige album van de Canadese McGarrigle zussen en verscheen 23 jaar na hun "French Record" uit 1980. de dames naderden de leeftijd van 60 jaar toen zij dit album opnamen en deze werd ook wel beschouwd als een soort van eerbetoon aan hun Frans/Canadese roots.

er staan 10 eigen songs van Kate en Anna op dit album, waarvan de meeste van tekst werden voorzien door Philippe Tatartcheff, uitgezonderd "Petites Boites" een bewerking van een nummer van Malvina Reynolds en Graeme Allwrigt, dat eerder bekend werd als "Little Boxes" in de versie van folklegende Pete Seeger. hun Franstalige cajun versie gekoppeld aan de aanstekelijke melodie van dit nummer, is 1 van de hoogtepunten op dit album.

het talent om goede songs te schrijven is niet iedereen gegeven, maar dit talent is op alle albums van de zussen ruimschoots aanwezig, zo ook op dit album. er staan wederom sterke, goed gearrangeerde songs op, met de van hen bekende prachtige samenzang die worden ingekleurd met o.a. accordeon, banjo, fluit, piano en viool.

het album opent heel sterk met het trio "Petite Annonce Amoureuse", "Ah Tournesol" en "Le Bambocheur", waarna met "Hurle le Vent" de "spoken words" volgen van Philippe Tartarcheff. een mindere track, wellicht bedoelden zij dit als geste aan hun trouwe kompaan, de Canadese dichter/songwriter Philippe Tartarcheff.

de heerlijke melodie van "La Vache Qui Pleure" verhaalt over het verdriet van de moederkoe die jaarlijks haar kalfje moet afstaan en daar tevergeefs naar op zoek gaat ('je cherche mon veau, j'le cherche d'heure en heure, j'ai peur qu'il ait un grand malheur, et je ne veux pas qu'il meure")

"Ce Matin" en "Dans le Silence" zijn beide prachtige ballads mede gedragen door het vioolspel van Joel Zifkin, melancholieke ballads van het soort waar de dames patent op hadden.

de Engelstalige versie "Sunflower" (Ah Tournesol) is wellicht ietsje overbodig. de bonus track "La Complainte du Phoque en Alaska" die op de Europese uitgave van Munich Records (2005) verscheen, is een fraaie chanson van Michel Rivard, een Canadese singer/songwriter/muzikant uit Montreal, Quebec. deze track schreef hij oorspronkelijk voor de Canadese rock/folk band Beau Dommage en verscheen ook op zijn solo album "Michel Rivard" (1989).

"Rose Blanche" en "Tant le Monde" zijn op dit album iets "mindere" tracks, die minder beklijven.

naar mijn mening geen hoogtepunt uit hun oeuvre en kwalitatief wat minder dan het gouden kwartet uit de seventies en begin 80's ( het gelijknamige debuut, "Dancer with Bruised Knees", "Pronto Monto" en "French Record"), maar zoals alle albums van deze dames, is ook dit album het beluisteren meer dan waard.
dochter Lily Lanken (van Anna) en dochter Martha Wainwright (van Kate) zongen op meerdere tracks mee.

na dit negende album zou alleen nog het familie kerstalbum "The McGarrigle Christmas Album" (2005) als regulier album verschijnen. Kate McGarrigle overleed in 2010 op 63-jarige leeftijd. "The rest is history".

er waren meerdere producers bij dit album betrokken o.a. Michel Pepin en Borza Ghomeshi
Recorded at Studio Frisson, Montreal, QC
Stratosphere Sound, New York City, New York
Natural Source, St. Sauveur (hun geboorteplaats), Quebec

Kate McGarrigle: vocals, harmony vocals, banjo, piano, guitar, accordion, synthesized flutes, violin, drum

Anna McGarrigle: vocals, harmony vocals, guitar, accordion, piano, banjar (7-string banjo), synthesized flutes, synthesizer, keyboards, recorder, bass, omnichord, tambourine

Kate & Anna McGarrigle - Matapedia (1996)

poster
4,5
6 jaar na hun vorige album "Heartbeats Accelerating" en 21 jaar na hun meesterlijke, gelijknamige debuutalbum uit 1975, verscheen dit zevende album van de Canadese McGarrigle zussen.

tracks 1,3 en 6 schreef Kate, Anna schreef tracks 2,5 ("Arbre" het enige Franstalige nummer op dit album met tekst van de dichter Philippe Tatartcheff), 8 en 10. tracks 4,7 (co-written met Joel Zifkin) en 9 schreven zij samen.

Matapedia is zowel een rivier als een gemeente op een schiereiland in het Oosten van Quebec. de dames zijn door de jaren heen altijd wars van hypes of heersende populaire genres hun eigen muziek blijven maken, zo ook op dit album. waar op de voorganger "Heartbeats Accelerating" de synthesizers hun intrede deden (overigens niet te prominent aanwezig), keren zij met dit album terug naar de meer folky sound van hun vroege albums, iets wat de liefhebber van hun werk zal toejuichen. oudgedienden als Pierre Marchand, Michel Pepin, Joel Zifkin en Pat Donaldson zijn ook op dit album van de partij.

op dit album horen we 10 stuk voor stuk memorabele composities uitgevoerd met de van hen bekende geweldige samenzang, prachtig muzikaal omlijst met o.a. banjo, piano, viool en accordeon.

prijsnummer is de met percussie ingeleide titeltrack, waarna later de accordeon, viool en de betoverende harmonievocalen invallen, die het nummer langzaam naar een climax leiden. een schitterende melodie met dito tekst waarbij je de rivier "Matapedia" bij wijze van spreken hoor stromen. dochter Lily Lanken (van Anna) en Martha Wainwright (van wijlen Kate) verzorgden de backing vocals. wellicht 1 van de beste nummers uit de nadagen van hun geweldige carrière.

hun eigen versie van "Goin' Back to Harlan" prefereer ik boven de versie van Emmylou Harris op haar album "Wrecking Ball". de ballads van Kate 3) de hartenbreker "I Don't Know" en het door piano en accordeon spel gedragen 6) "Jacques et Gilles" zijn beide wonderschoon en melancholie ten top.

de andere piano ballads, waaronder het Franstalige "Arbre" met de weemoedige vioolklanken van Joel Zifkin en de afsluiter "The Bike Song" met fraaie nuances van o.a. clavecin, celeste en viool doen hier nauwelijks voor onder, evenals het klein gehouden pareltje "Song for Gaby".

wijlen Kate en de nog in leven zijnde Anna McGarrigle maakten met "Matapedia" wederom een zeer fraai album, dat zich voor een grotendeels kan meten met hun beste werk.

Album werd geproduceerd door Pierre Marchand en Michel Pepin
Recorded at Studio Morin Heights, Morin Heights, Canada & Studio Frisson, Montreal, Canada

Kate & Anna McGarrigle - Pronto Monto (1978)

poster
4,5
een merkwaardig lage score voor dit derde album van de Canadese McGarrigle zussen, want zoveel minder is de kwaliteit van dit album niet dan de vorige 2 voltreffers, het gelijknamige debuut en "Dancer With Bruised Knees".

op "Pronto Monto" speelden wederom vele klasbakken aan sessiemuzikanten mee, o.a. Stephen Gadd, Gary Mallaber (drums), Pat Donaldson, Tony Levin (electric bass), Jerry Donahue, David Spinoza (electric guitar), Freebo (tuba) en Michael Moore (upright bass).

"Pronto Monto" (Take Your Coat) werd geproduceerd door muzikant/producer David Nichtern, die door Lenny Waronker van Warner Bros. was gevraagd, nadat hij de hit "Midnight at the Oasis" voor Maria Muldaur had geschreven en een track op haar debuut album had geproduceerd. Het idee was om een meer mainstream album te maken. volgens Anna McGarrigle "the third album meant to be more commercially viable, with less folk instrumentation and maybe tighter tracks than, say "Dancer With Bruised Knees", which was the loosest of the three Warner records".

wijlen Kate en Anna McGarrigle zijn/waren beide geweldige zangeressen en songwriters van de buitencategorie. beide zijn/waren ook klassiek geschoolde muzikanten.

alle tracks op dit album schreven de dames zelf (een aantal co-written), uitgezonderd "Just Another Broken Heart" (David Nichtern), "Tryin' to Get to You" (Charlie Singleton, Rose McCoy) een nummer dat veel eerder verscheen op de debuut LP van Elvis Presley (RCA label) en "Cover Up My Head" een track van Galt MacDermot (met tekst van William Dumaresq), die de nummers schreef voor de musical "Hair".

de lead vocals op de songs worden afwisselend door Kate & Anna verzorgd ofwel met de van hen bekende prachtige harmoniezang ingevuld, af en toe aangevuld met Chaim Tannenbaum, Peter Weldon en Anna's echtgenoot, de Canadese journalist en schrijver Dane Lanken.

Favoriete tracks (voor zover van toepassing):
"Oh My Heart" (Anna McGarrigle & Dane Lanken), het aanstekelijke "Pronto Monto" (Kate & Anna McGarrigle & Philippe Tatartcheff) met accenten van mandoline en harmonica , "Stella by Artois" (Kate McGarrigle) dat opent met de regel "in Rotterdam, '77, I had a Birthday" met een heerlijke klarinet partij, en de prachtmelodie van "Bundle of Sorrow, Bundle of Joy" (Anna McGarrigle).

de zussen deden Nederland slechts 5 keer aan en gaven concerten in o.a. club Eksit, Rotterdam (1976), De Doelen, Rotterdam (1977, 1981), Melkweg, Amsterdam (1996) en de laatste keer in 2005 op het Blue Highways Festival in Vredenburg, Utrecht. benieuwd of er onder de MuMe gebruikers mensen zijn, die 1 van deze concerten hebben bijgewoond.

dit derde album voldeed niet aan de verkoopverwachtingen van Warner Bros., waarna zij door dit label werden gedropt.

Album werd geproduceerd door David Nichtern
Recorded at Sunset Sound Recorders, Los Angeles & A&R Studios, New York City

deelcitaat uit de liner notes:

"There's no shortage of wonderful songs on the album, many of which were grown directly out of Kate and Anna's experiences with childbirth, love and loss. Anna wrote the opener "Oh My Heart" with her husband Dane Lanken. "We were married in the late summer of 1977 and had a baby boy a week later. Now we were a family, and the song is an affirmation, for better or worse, of our love for one another. "Bundle of Sorrow, Bundle of Joy" was also written around this time with the blunt lyrics "Once there were just two of us. now there's another mouth to feed"

"Pronto Monto" failed to burn up the pop charts, but the McGarrigles went on to record many other terrific albums, in later years often joined by their extremely talented progeny and family circle. After Kate's death from cancer at age 63, Joe Boyd helmed a series of tribute concerts in London, New York and Toronto, which yielded the Nonesuch double cd "Sing Me The Songs: Celebrating The Works Of Kate McGarrigle"

Kate & Anna McGarrigle - Tell My Sister (2011)

poster
5,0
een 3-cd set van de onvolprezen McGarrigle zussen met Ierse en Frans Canadese roots. de eerste 2 albums "Kate & Anna McGarrigle" en "Dancer with Bruised Knees" remastered door Joe Boyd en John Wood klinken beter dan ooit. de liefhebber zal die al in huis hebben dus het gaat vooral om disc 3 "Tell My Sister" (demos & unreleased recordings 1971-74).

zoals hierboven eerder opgemerkt bevat deze disc 3 (nummers 25 t/m 45) spaarzaam geinstrumenteerde versies van de wat vollere album versies met Kate McGarrigle alleen achter de piano en haar solo zang, maar de meeste nummers zijn voorzien van de prachtige harmonie/duozang met haar zus Anna een enkele keer aangevuld met gitaarspel en zang van Roma Baran met wie Kate ooit een folk duo vormde, voordat zij ging samenwerken met haar zus Anna.

onder de niet eerder uitgebrachte nummers zitten pareltjes zoals "Come Back Baby", "Saratoga Summer Song", het Franstalig gezongen "Roses Blanches", "Willie Moore" (met banjo), "Oliver Remember Me" en "Over the Hill" een nummer van Kates ex echtgenoot Loudon Wainwright, van wie zij eerder "Swimming Song" opnamen op hun debuut. alle liedjes op disc 3 zijn verder van de hand van Kate & Anna uitgezonderd "Annie" (Chaim Tannenbaum) met muziek van Kate (piano, banjo, guitar, accordion), Anna (piano, accordion, bass) en Roma Baran (guitar tracks 33 & 35), vocals (track 35).

de prachtige arrangementen en ongeëvenaarde samenzang staan garant voor een juweeltje. een fijne, welkome aanvulling op de 2 bijzonder fraaie eerste 2 albums.

"Tell My Sister" verscheen een jaar na het overlijden van Kate McGarrigle (R.I.P. 18-01-2010) die slechts 63 jaar oud mocht worden. haar zus Anna zal 4 december a.s. 81 jaar oud worden. wat een prachtig oeuvre hebben de zussen ons achtergelaten.

(deel) citaat uit de liner notes van Joe Boyd:

"I look back at decades of knowing and working with Kate with similar wistfulness. She and Anna have given us a bridge to a sensibility from another time: they grew up north of Montreal in a house with no TV, a piano, and a father who was born in the 19th century. Her parents and older sister Janie sang in the evenings, and the way to earn approval was to find a harmony part. Yet Kate and Anna resisted being filed under folk, and they were right. They might not have been pop stars, but they occupy an uncharted landscape on the border between Cole Porter, Quebecois traditions, Stephen Foster, and the innocent early years of the folk revival. Wherever you locate it, the heart of North American song isn't far. Kate died January 18, 2010, surrounded by her family, everyone singing to the last. Her spirit and the richness of her heritage live on in these recordings and in the music of her sister Anna and her children, Rufus and Martha"

Kate & Anna McGarrigle - The McGarrigle Hour (1998)

poster
4,5
zoals hierboven eerder vermeld door aERodynamIC is dit een soort van familie album van de Mc Garrigle sisters met bijdragen van familieleden en door de jaren heen met hen bevriende muzikanten, die op vele van hun albums meespeelden ofwel voor wie zij songs schreven (Emmylou Harris, Linda Ronstadt).

het is een enorm veelzijdig album waarop prachtige harmoniezang van Anna en wijlen Kate, en geweldige meerstemmige samenzang is te horen, afgewisseld met songs met lead vocalen van o.a. Emmylou Harris, Martha en Rufus Wainwright en "long time collaborator" Chaim Tannenbaum.

het vrolijke "Schooldays" van Loudon Wainwright zet meteen de toon van dit album, gevolgd door een stemmige, ingetogen versie van "Skip Rope Song" met zang van Emmylou Harris, een nummer van wijlen singer/songwriter Jesse Winchester.

hoogtepunten zijn o.a. de piano ballad "Gentle Annie" (Stephen Forster) met zang van Linda Ronstadt, de cajun tune "Porte En Arriere" (D.L. Menard) met een lead vocal van Emmylou Harris, de gospel "Dig My Grave", het Franse popliedje "Bon Voyage" (J. Laure/Small) gezongen door zus Jane met prachtige accenten van piano en accordeon, de folky traditional "Green, Green Rocky Road" en de klassieker "Young Love" (Carley & Joyner) met heerlijke viool klanken van Joel Zifkin.

hun eigen klassieker "Talk to Me of Mendocino" geschreven door Kate en met een lead vocal van haar, krijgt op dit album een kale, verstilde "goosebumps" versie. een versie om stil van te worden. ook de up-tempo folky traditional "Baltimore Fire" en de a-capella gezongen sea shanty song "Johnny's Gone to Hilo", eveneens een traditional, steken er boven uit.

"NaCI" van Kate verscheen eerder in een andere versie op hun "Pronto Monto" album en het fraaie "Cool River" (Anna McGarrigle, Audrey Bean) werd bekend in de versie van Maria Muldaur op haar album "Waitress in a Donut Shop".

mindere tracks zijn "What'll I Do", een nummer uit het "Great American Songbook" van Irving Berlin, gezongen door Rufus Wainwright wiens stem je wel moet liggen, "Heartburn" een piano ballad van RW,
het Chaim Tannenbaum nummer "Time on My Hands" en de ietwat melige afsluiter "Goodnight Sweetheart"

al met al is "The McGarrigle Hour" een feestje voor de oren en eigenlijk "not to be missed" voor de liefhebbers van het werk van de McGarrigle Sisters. inderdaad een warm album dat overloopt van positieve energie.

Album werd geproduceerd Joe Boyd
Recorded by John Wood at Studio Morin Heights, Morin Heights, Quebec & Studio Brisson, Montreal, QC

Kate and Anna McGarrigle - The McGarrigle Christmas Hour (2005)

poster
4,0
we naderen de kerstperiode dus mocht je de Christmas evergreens van Bing Crosby/Dean Martin of de moderne kerstliedjes van Mariah Carey en Wham zat zijn, dan kan dit "folky roots" album van de onovertroffen Canadese McGarrigle Sisters en familie redding brengen.

er staan merendeels prachtig uitgevoerde traditionele kerstliederen op evenals 3 prima nummers van Kate & Anna McGarrigle en een fraaie uitvoering van het Jackson Browne nummer "Rebel Jesus". helaas staan daar een aantal mindere tracks tegenover, zoals "Merry Christmas & New Year" geschreven door Martha Wainwright en "Spotlight on Christmas" geschreven door Rufus Wainwright. ook tracks 5) waarop de zang van RW (te) prominent aanwezig is en 14) het obligate "Blue Christmas" (B. Hayes/J. Johnson) met zang van Chaim Tannenbaum hadden van mij achterwege mogen blijven. snap overigens, dat het uitgangspunt van dit album een familie album was en de muzikale bijdragen daar op gebaseerd zijn.

blijven over de prachtige uitvoering van "Seven Joys of Mary" (meerstemmige zang begeleid door orgel, fluit, trompet en viool), de geweldige koorzang op "Old Waits Carol", "Little Town of Bethlehem" waarop Emmylou Harris de lead vocal doet, het in het Frans gezongen prijsnummer "Il Est Ne/Ca Bergers" en de 3 nummers van Kate & Anna (tracks 9, 11 en 12) waarvan met name 11) "Wise Men" wonderschoon is.

helaas staat dit album inmiddels in een iets ander daglicht. dit was het laatste album waarop de in 2010 overleden Kate McGarrigle (wijlen echtgenoot van singer/songwriter Loudon Wainwright en moeder van Martha & Rufus Wainwright) met haar zus Anna samenwerkte. boezemvriendin Emmylou Harris nam het aan haar opgedragen nummer "Darlin' Kate" op (album "Hard Bargain"). in 2013 verscheen een documentaire film "Sing Me The Songs That Say I Love You" en de tribute 2-cd "Sing Me The Songs: Celebrating The Works of Kate McGarrigle".

"The McGarrigle Christmas Hour" werd geproduceerd door Kate & Anna McGarrigle
de opnames vonden op diverse locaties plaats in Montreal, Mille Isles (Quebec) en New York.

Kate Campbell - Songs from the Levee (1995)

poster
4,0
een verrassend sterk debuutalbum van de destijds 34-jarige singer/songwriter Kate Campbell. geboren in New Orleans, Louisiana groeide zij op in de Mississippi Delta als dochter van een dominee van de Baptisten kerk.

10 eigen liedjes co-written met Ira Campbell en Johnny Pierce met fraaie melodielijnen, gezongen met haar loepzuivere stem, prachtig muzikaal omlijst met o.a. accordeon, dobro, Hammond B-3 organ, mandoline, slide gitaar en viool in het genre "americana" (country, folk) met een bluegrass sausje. op meerdere nummers zijn de fraaie "backing vocals" van Johnny Pierce te horen.

merendeels ballads en mid-tempo liedjes, waarbij met name de ballads "Wild Iris" over haar grootmoeder verbeeld als jong meisje, "Locust Years" over het overleven van de zware jaren 30 van de vorige eeuw en het weemoedige "Trains Don't Run From Nashville" over de vergane tijden dat die treinen daar nog reden, indruk maken.

het zijn alle sterke, verhalende liedjes die iets te vertellen hebben, zoals "A Cotton Field Away" over de Civil Right Movement uit de sixties dat opent met de stem van Martin Luther King en het prachtige "Bury Me In Bluegrass" over door de jaren heen verloren familieleden.

de muziek op dit album zal ook liefhebbers van het werk van Nanci Griffith en Iris Dement aanspreken. de inmiddels 63-jarige Kate Campbell is deze maand op tournee in Schotland en Ierland. zij heeft 18 albums op haar naam staan, waarvan ik alleen dit debuut ken. geen idee of het daarna minder werd.

de re-issue uit 2004 bevat 5 bonus tracks, waarvan nummer 4 een "alternate take" is en de nummers 2,6,8 en 10 "acoustic mixes" zijn. een fijne toevoeging aan het origineel.

Album werd geproduceerd door Johnny Pierce & Jim Emrich
(digitally re-mastered at Yes Master, Nashville, Tennessee)

Kate Campbell: vocals, acoustic guitar
Johnny Pierce: guitars, bass, mandolin, drum programming, percussion, keyboards, backing vocals
Howard Laravea: keyboards, accordion, Hammond B-3 organ
Kris Wilkinson: viola
Dan Dugmore: acoustic slide guitar, dobro
Al Perkins: dobro (tracks 9 & 10)
Dennis Burnside: piano
Joey Miskulin: accordion

Katherine Priddy - The Eternal Rocks Beneath (2021)

poster
4,5
vanwege de lovende kritieken hierboven, onlangs dit debuutalbum van de uit Birmingham afkomstige Britse folk muzikante Katherine Priddy fysiek aangeschaft. dit album eindigde op de nummer 1 plek van de officiële UK folk lijstjes en op een nummer 5 plek in de UK Americana lijstjes. volgens een review in de krant The Observer " an accomplished set of original songs delivered in a breathtaking voice".

haar carrière heeft sindsdien een enorme vlucht genomen. zo stond zij reeds in het voorprogramma van grootheden als Vashti Bunyan, The Chieftains en Loudon Wainwright, speelde op de "Acoustic Stage" van het vermaarde Glastonbury festival, trad zij in 2022 op tijdens het wereldberoemde "BBC Proms" concert in de Royal Albert Hall, gevolgd door tournees in o.a. Amerika en Australië.

de kracht van dit album ligt los van haar prachtige stem met name bij haar songwriter's talent. iets wat naar mijn bescheiden mening bij vele hedendaagse singer/songwriters wel eens ontbreekt.
Katherine Priddy schreef alle 10 songs van dit album zelf. fraaie songs met melodieën die willen beklijven. de geest van wijlen Nick Drake lijkt boven haar muziek te zweven, met name in het afsluitende pastorale trio, het kippenvel bezorgende "Ring O' Roses", "The Isle of Eigg" en het bloedmooie "The Summer Has Flown", dat begint met op de achtergrond weemoedige, bescheiden vioolklanken die naar het eind van het nummer toe in kracht toenemen en dan weer zacht eindigen. andere ingetogen nummers als "Indigo", "About Rosie" en het wonderschone "Icarus" worden een enkele keer afgewisseld met een aanstekelijk up-tempo nummer als "Letters From a Travelling Man".

haar prachtige stem vind ik vrij vlak en "braaf" , soms op het eentonige af. zij heeft niet het stembereik of de stemkleur van folk grootheden als Mary Black, Niamh Parsons of Dolores Keane en de weliswaar goede songs en teksten ontroeren en raken mij minder dan die van bij voorbeeld (wijlen) Kate & Anna McGarrigle, maar wat niet is kan nog komen. wellicht moet je dat soort vergelijkingen ook niet maken, want dit album van de nog jonge Katherine Priddy staat op zichzelf. zij droeg dit debuut op aan "Grandma, Rosemary, who was always so pleased to have another creative in the family, I think she would be proud".

al met al een delicaat, zeer fraai, behoorlijk traditioneel folk album. benieuwd naar de onlangs verschenen opvolger "The Pendulum Swing", die wat avontuurlijker schijnt te zijn.

voor de liefhebber Katherine Priddy staat op het programma van het Ramblin Roots Festival (19 oktober, 2024) in Tivoli/Vredenburg, Utrecht met o.a. Aaron Boyd, Carter Sampson, Josh Gray, Joe Pug en The Long Ryders. ik vermoed dat zij nu al te "groot" is voor het het kleine circuit, maar kan me vergissen.

Album werd geproduceerd door Simon Weaver
Recorded at Rebellious Jukebox Studios, Birmingham, U.K.

de muzikanten op dit album:

Katherine Priddy: vocals, acoustic guitar, electric guitar (track 5 &
Simon Weaver: drums, percussion, bass guitar, electric guitar (tracks 1,2 & 5)
Richard Marsh: double bass
Michael King: banjo
Ciaran Clifford: Irish tin whistle
Dan Green: bodhran
Mikey Kenney: fiddle (track 4,6,9 & 10)
Zofia Reeves: violin
Alice Brown: viola
Bart Shirm: cello
Jack Priddy: cornet
Richard Foote: trombone, bass trombone
Thomas Lenthall: accordion

Kevin Ayers - Bananamour (1973)

poster
4,0
Kevin Ayers schreef bijna alle nummers van het groene debuut album uit 1968 van de psychedelic rock band The Soft Machine, waarna hij de band verliet en in 1969 debuteerde met zijn solo album "Joy of a Toy"."Bananamour" is zijn derde solo album en de muziek op dit album vliegt regelmatig alle kanten op, maar tegelijkertijd staan er een aantal zeer toegankelijke liedjes op zoals het melodieuze "Shouting in a Bucket Blues", het soulvolle door bassist Archie Leggett gezongen "When Your Parents Go to Sleep" met blazerssectie dat iets van de Otis Redding sound weg heeft, "Oh! Wot a Dream" een lieflijk, zoet eerbetoon aan Pink Floyd icoon Syd Barrett, de wiegende piano wals melodie van "Hymn" met harmoniezang van Robert Wyatt (Soft Machine) en het ingetogen met een brass band gespeelde "Beware of the Dog".

de rammelende soul/rock van "Don't Let It Get You Down" en het overstuurd klinkende "Interview" met het orgel spel van Mike Ratledge (Soft Machine) beklijven minder.

zoals hierboven al eerder aangegeven door o.a. bikkel2 en Tonio is het 5 sterren nummer op dit album "Decadence". een muzikaal kunstje dat hij zou herhalen op het lange titelnummer van de opvolger "The Confessions of Doctor Dream".

"Bananamour" is 1 van zijn betere albums, wellicht een fractie minder dan de voorganger "Whatevershebringswesing" die ik als iets meer samenhangend ervaar.

de 4 bonus tracks op de re-issue (EMI 2003) voegen in dit geval wel iets toe met een early mix van "Decadence" en de single die voorafging aan dit album met A) side "Caribbean Moon" (overigens geen cover) dat in een ideale (muziek) wereld de zomerhit van 1973 had kunnen zijn en B) side "Take Me To Tahiti" eveneens een radiovriendelijk nummer. "Connie on a Rubber Band" de B) side van de single "Oh! Wot a Dream" bekoort minder. deze nummers uitgezonderd "Decadence" verschenen eveneens op de verzamelaar "Odd Ditties" (1976).

op "Bananamour" speelden behalve Kevin Ayers (guitars, vocals) o.a. Archie Leggett (bass guitar, harmony vocals), Eddie Sparrow (drums, percussion), Steve Hillage (lead guitar tracks 2 & 6) en zangeressen Doris Troy, Liza Strike en Barry St. John mee.

citaat uit de liner notes:
"Bananamour" failed to crack the UK chart listings and thus saw Kevin Ayers reach the end of his contract with Harvest Records. Departing to Island Records, Ayers recorded the album "The Confessions of Doctor Dream and Other Stories released in May 1974".

Album werd geproduceerd door Kevin Ayers
Recorded at Abbey Road Studios, London
( All tracks written by Kevin Ayers)

de liner notes van Kevin Ayers bij het nummer "Decadence"

"The tune of this I used to call "Marlene". Somehow it developed into a story loosely based on Nico, famous chanteuse in Velvet Underground and in her own right, who's a very inspirational lady and whose aura I absorbed slightly. I'm not sure that the lyrics are completely fair to her, might be a bit overdramatic, but songs generally turn out that way. I still use the name Marlene in the song because it sounds better than Nico"

Kevin Ayers - Joy of a Toy (1969)

poster
4,0
een "trip down memory lane" dit solo debuutalbum van de excentrieke bon-vivant (wijlen) Kevin Ayers.
op deze muziek werd begin 70's menig jointje weg gerookt en herinner me de jeugdhonken waar ze o.a. met kaas belegde bruine boterhammen in combinatie met allerlei vreemde soorten thee verkochten. het was de tijd dat je door sommigen als "langharig, werkschuw tuig" werd betiteld.

een inderdaad intrigerende, unieke mix van psychedelica en progressieve pop, zoals het circusachtige "Joy of a Toy Continued", het rammelend, swingende "The Clarietta Rag", de psychedelica van "Song For Insane Times" en het dreinende, (on) prettig gestoorde "Stop This Train" dat op den duur op de zenuwen werkt. niet bepaald makkelijk in het gehoor liggende liedjes.

hier staan een flink aantal prachtige, toegankelijke liedjes tegenover zoals "Girl on a Swing" en "Town Feeling" en een 3-tal pastoraal, lieflijk klinkende folky liedjes als "Eleanor's Cake", "The Lady Rachel" en de lichtvoetige, akoestische afsluiter "All This Crazy Gift of Time".

het grappige "Oleh Oleh Bandu Bandong" zou je met een beetje goede wil een aanstekelijke meezinger kunnen noemen, wat ook opgaat voor de vrolijke klanken van "Singing a Song in the Morning" dat met 3 versies op de bonus uitgave staat en waarvan de single versie (track 16) het beste tot zijn recht komt.
van de 6 bonus tracks verschenen 13) en 15) eerder op de moeilijk verkrijgbare verzamelaar "Odd Ditties". op de andere bonus tracks 11, 14 en 16 spelen Richard Sinclair en Richard Coughlan van de Canterbury band Caravan mee.

Kevin Ayers (vocals, guitars, bass, piano) kreeg op dit album hulp van diverse gastmuzikanten, o.a. de Soft Machine leden Hugh Hopper (bass), Mike Ratledge (organ, piano), Robert Wyatt (drums) en arrangeur/pianist David Bedford. de re-issue op cd (2003 EMI) klinkt overigens geweldig.

de opvolger van dit album werd het kwalitatief stuk mindere "Shooting At the Moon" (1970) met de band The Whole World, waarna hij zijn magnum-opus maakte met het sterke "Whatevershebringswesing" (1972).

de eigenzinnige Kevin Ayers overleed in 2013 op 68-jarige leeftijd en maakte destijds deel uit van een commune in Montolieu (Frankrijk). een man met een indrukwekkende staat van dienst.

Album werd geproduceerd door Peter Jenner
Recorded at Abbey Road Studios, London, England

Kevin Ayers - Whatevershebringswesing (1972)

poster
4,5
puur jeugdsentiment en nostalgie dit "Whatevershebringswesing" van bon-vivant en womanizer wijlen Kevin Ayers. 51 jaar terug in de tijd. ik was 15 toen ik dit album via via leerde kennen. het begint al met de bijzondere afbeelding op de albumhoes, baby's die uit een ei kruipen met daarbij de tekst "no eggsplanation". het waren vage tijden. je was al eerder gefascineerd geraakt door de muziek op het 1e "groene" album van de Soft Machine (met o.a. het geweldige"Hope For Happiness"). visnetten op het plafond van de "muziekkamer", brandende kaarsen bij maanlicht, wierook, tijdens snikhete zomers de ramen wijd open of tijdens ijskoude winters over besneeuwde weilanden uitkijken en dan deze vervreemdende, weirde muziek opzetten. niet echt muziek waar je vrienden mee maakte.

het begin met het orkestrale aan musical muziek herinnerende "There Is Loving/Among Us/There Is Loving" is geen makkelijke kost, evenals het psychedelische, bedwelmende "Song From the Bottom of a Well". grote kans dat men dit avontuurlijke, diverse album anno 2023 een luister trip zou noemen. een heerlijke bonustrack is de opzwepende, vrolijke meezinger met trompetgeschal omlijste, deels in het Spaans gezongen "Fake Mexican Tourist Blues", exemplarisch voor de humor van de man.

favoriete tracks het lieve, zoete "Margaret", het heerlijk uitgesponnen, melancholische titelnummer met regels als "Let's Drink some wine and have a good time", iets waar de man een reputatie in had, de sterke melodie van het up-tempo nummer "Stranger in Blue Suede Shoes" en het sfeervolle "Lullaby".
waar ik de albums van de Soft Machine nooit meer opzet, mag ik de albums van Kevin Ayers uit de seventies graag af en toe opzetten.

Album werd geproduceerd door Kevin Ayers en Andrew King

Kevin Ayers: vocals, guitar, bass, piano
David Bedford: keyboards
Mike Oldfield: lead guitar, bass
Didier Malherbe: saxophone, flute
Dave Dufort: drums
Robert Wyatt: vocal harmony on track 5, etc
Gerry Fields: electric violin
Tony Carr/William Murphy: drums, percussion
Johnny Van Derek: violin

uit de liner notes een stukje geschiedenis over de man:

"An English eccentric, a supreme musical raconteur, a quirky innovator whose inspiration was (and continued to be) derived from fine food and wine, sunshine and the Mediterranean Sea. All are descriptions of Kevin Ayers, one of the finest musical talents to emerge in Britain in the mayhem and madness of the late sixties and a musician who continues to command a large and dedicated audience throughout the world. With albums such as "Joy of a Toy", "Shooting at the Moon", Whatevershebringswesing" and "Bananamour", Kevin re-wrote the boundaries of songwriting, fusing wit, wisdom and eccentric observation to produce music of rare and lasting originality".

Kevin Ayers - Yes We Have No Mañanas-So Get Your Mañanas Today (1976)

poster
3,5
"middle of the road" zoals hierboven vermeld zou ik de muziek op dit album niet noemen. daar is de muziek toch iets te eigenzinnig voor, maar dit is wel 1 van zijn meer conventionele pop/rock albums. zoals Kevin Ayers zelf in een interview over dit album opmerkte "it is probably about as commercial as I want to get...I'm feeling very rebellious about the next one".

de excentrieke Kevin Ayers was niet gespeend van gevoel voor humor, gevraagd naar het Banana-ism was zijn antwoord "how stupid to be so serious about everything. The banana was my symbol for introducing the element of absurdity into conventionally serious situations"

ter promotie van dit album ging hij destijds op tournee met zijn nieuwe Kevin Ayers band bestaande uit hemzelf (guitar, vocals), Andy Summers (guitar), Charlie McCracken (bass), Zoot Money (keyboards) en Rob Townsend (drums). ook deze band bleef slechts 2 jaar bij elkaar.

het catchy "Mr. Cool" dat in de U.S. als single werd uitgebracht had in een ideale (muziek) wereld een mega hit moeten worden, maar werd het niet.

"Falling in Love Again" dat in de U.K. 2 x als single werd uitgebracht (Island en Harvest) is een fraaie laid-back cover van een nummer uit 1930 met muziek van de Duitse componist Friedrich Hollaender, dat bekend werd in de versie van Marlene Dietrich. curieus genoeg coverden ook de Beatles dit nummer op hun album "Live! At the Star-Club in Hamburg (1962) met leadzang van Paul McCartney.

favoriete tracks naast "Mr. Cool", het eveneens prettig in het gehoor liggende "Love's Gonna Turn You Around" en de aanstekelijke melodie van "Ballad of Mr. Snake". als mindere tracks ervaar ik "Help Me", "Yes I Do" en de wat bombastische afsluiter "Blue" met een koor arrangement van David Bedford.

Andy Roberts bekend van zijn langdurige samenwerking met Ian Matthews en de band Plainsong, speelde naast Ollie Halsall eveneens gitaar op "Everyone Knows the Song", de b-side van de Island single "Falling in Love Again".

een goede middenmoter uit zijn oeuvre, maar Kevin Ayers heeft betere albums gemaakt dan deze.

Album werd geproduceerd door Muff Winwood
Recorded at Basing Street Studios, London, UK
All tracks written by Kevin Ayers (except track 5)

Rob Townsend, Tony Newman, Roger Pope: drums
Charlie McCracken, Rick Wills, Mick Feat: bass
Billy Livsey, George "Zoot" Money: keyboards
Kevin Ayers, Roger Saunders: rhythm guitar
B.J. Cole: steel guitar (tracks 3 & 5)
Kevin Ayers, Ollie Halsall: guitar, lead guitar
Nick Rowley: keyboards, solo piano (track 9)

Kevin Ayers and the Whole World - Shooting at the Moon (1970)

poster
3,5
de opvolger van zijn solo debuutalbum "Joy of a Toy" is niet bepaald een toegankelijk album. de band The Whole World bestond uit de avant garde componist David Bedford (o.a. piano, orgel), jazz saxofonist Lol Coxhill, Mike Oldfield (bass, gitaar) en drummer Mick Fincher. deze groep begon in April 1970 met de sessies voor dit album, ging optreden ter promotie en viel in de zomer van 1971 uiteen.

de experimentele, avant garde nummers als "Pisser Dans un Vilon", "Underwater" en in mindere mate "Shooting at the Moon" dien je weliswaar in de tijdgeest met de psychedelica van toen te beoordelen, maar klinken nu 55 jaar later dermate "weird", dat het mij als "oudere jongere" moeite kost om die uit te zitten.

met de jazz ballad "May I?, het melodieuze folky duet "The Oyster and the Flying Fish" met Bridget St. John, de experimentele pop van "Clarence in Wonderland" en het jazzy "Red Green and You Blue" staan er wel een aantal memorabele liedjes op dit album. op het stevig rockende "Lunatic's Lament" soleert Mike Oldfield er op gitaar op los en Robert Wyatt is kort op zang te horen op het vreemde "Colores Para Dolores".

de remaster-cd uit 2003 (EMI/Harvest) bevat 5 bonus tracks, waarvan 2 de rocker "Gemini Child" en het lieflijke "Jolie Madame" een in het Frans gezongen duet met Bridget St. John eerder verschenen op de verzamelaar "Odd Ditties", "Puis-Je? ofwel de Franse versie van "May I? is de b-side van de single "Butterfly Dance" (1970), een bombastisch rock nummer. het van een sessie afkomstige rammelende, humoristische "Hat" werd niet eerder uitgebracht, en zou Kevin Ayers in 1978 opnieuw opnemen als "Hat Song" en verscheen op zijn album "Rainbow Takeaway".

van de excentrieke bon vivant Kevin Ayers verscheen na dit album het meesterlijke "Whatevershebringswesing", 1 van zijn beste albums en waarop o.a. ook David Bedford en Mike Oldfield meespelen.

Kevin Coyne - Marjory Razorblade (1973)

poster
4,5
Kevin Coyne was een aimabele man met het hart op de juiste plek. een eigenzinnig artiest wars van sterallures. een uitstekende singer/songwriter. de man overleed in 2004 op 60 jarige leeftijd. hij was een geëngageerd artiest met een serieuze boodschap die hij met een ondertoon van humor bracht. long time ago in 1973 was ik 16 en woonde ik een concert van hem bij in muziekpodium Lantaren/'t Venster in Rotterdam. de man kwam op in zijn kloffie van spijkerbroek en T-shirt, maakte direct contact met het publiek en in no time was hij "one of the guys", alsof hij zelf bij het publiek hoorde dat voornamelijk uit langharig tuig, skinheads en ander alternatief jong volk bestond. het was een intense, verbindende avond met skinheads die los gingen op de tonen van rockers als "Eastbourne Ladies" en "Chicken Wing". tussendoor speelde de man ook rustiger werk als "Old Soldier", "Jackie and Edna" en het meesterlijke "Everybody Says" een nummer waar ik 50 jaar later nog kippenvel van krijg. later Kevin nog eens gehoord/gezien in zaal Eksit eveneens In Rotterdam, waar je vaste huisdealers had die "stuff" verkochten. wederom een indrukwekkend concert in vage tijden. als opstandige puber genoot je volop van zo'n anti-establishment nummer als het hilarische "Good Boy" of "This Is Spain" met een tekst die hij lijkt uit te spugen. een kleine 50 jaar later is het nog steeds moeilijk om stil te zitten bij de heerlijke melodie en swing van "Chairmans Ball". overigens nooit geweten dat "Lonesome Valley" en (Sweet)" Heaven In My View" nummers van A.P. Carter (van de traditionele Amerikaanse folkgroep The Carter Family) zijn. dat de man ook schilder en schrijver was, kon destijds niet zo boeien. zoals hierboven al eerder opgemerkt was Kevin Coyne een mooie kerel, een bijzondere man en bovenal een groot artiest. in de seventies was hij niet zo obscuur, maar later werd hij meer en meer een cultfiguur die in de vergetelheid raakte. in een ideale wereld.....

"Everybody says, yes, I'll be flying high one day
But it's not easy, not easy to change
When you've always seen the world in color of black and grey
Everybody says, yes, hold your hands right up and smile
But I'm not smiling although I try
Show me the wretched of the world and I am liable to cry

Everybody says, yes, why do you always weep and moan,
it's because I don't expect a change
I've gone round the ballroom so many times, now I can't dance
So everybody says, yes, believe in yourself now, try and try
KIss your best friend, kiss him long
I will try to kiss him but I won't feel so very strong
I'm weakening now, I'm weakening down,
Yes I'm weakening, falling around,
Bury my head once again into that solid barren ground"

Kevin Coyne - Room Full of Fools (2000)

poster
3,5
was in de seventies groot fan van de veelzijdige Kevin Coyne (singer/songwriter, schilder, schrijver).
zijn destijds veel geprezen "Marjory Razor Blade" uit 1973 was naar mijn mening zijn magnum opus.

bezocht zijn concerten in die tijd met een geweldig rockende band achter zich die krakers als "Eastbourne Ladies" speelden, afgewisseld met solo, akoestisch gebrachte nummers als "Jackie and Edna". het waren gedenkwaardige concerten. halverwege de jaren 80 ben ik hem uit het oog verloren. blijkt dat hij na problemen met drankverslaving, zich in 1983 definitief in Neurenberg vestigde. hij overwon zijn verslaving en werkte daar verder aan zijn veelzijdige carrière.

dit album uit zijn nadagen bevalt mij prima, hoewel het niet kan tippen aan de klassiekers uit zijn hoogtijdagen. veel blues/rock songs op dit album en een enkele "folky" track als het hilarische "God Watches", voorzien van de van hem bekende veelal bijtende, humoristische, messcherpe teksten.
1 van zijn 3 zonen, Robert Coyne speelde mee op dit album en co-produceerde het.

Favoriete tracks "God Watches", "The Einstein Song", "Whispering Desert", "Take Your Pain Away" en "I Can't Take It".

Kevin Coyne die aan ernstige longproblematiek leed, waar hij uiteindelijk in 2004 op 60-jarige leeftijd aan kwam te overlijden, bleef tot het eind toe optreden met hulp van zuurstof tanks. een heel bijzondere man, met het hart op de juiste plek, een man van het volk wars van sterallures.

Album werd geproduceerd door Kevin & Robert Coyne
Recorded at Showplace Studios, Dover, New Jersey, USA & Adapoe Sound Studios, Weimar, Germany

All songs by R. Coyne & K. Coyne, except 4,8,13 & 15 by K. Coyne, 14 by S. Smith, R. Coyne, K. Coyne

Robert Coyne: guitars, bass, keyboards
Kevin Coyne: vocals, guitar, keyboards
Steve Smith, Werner Steinhauser: drums

Kevin Coyne & Brendan Croker - Life Is Almost Wonderful (2002)

poster
4,0
dat een album zich meestal niet na 1 luisterbeurt laat beoordelen, blijkt ook wel bij dit samenwerkingsalbum van wijlen Kevin Coyne (2004) en wijlen Brendan Croker (2023). beide waren ietwat dwarse, eigenzinnige, creatieve geesten met enigszins "troubled minds", die beiden met drankverslaving te kampen hadden, wars waren van enige ster allures en altijd hun eigen pad volgden.

Kevin Coyne horen we hier als troubadour en niet als rocker op dit fraaie, akoestische album, waarvan alle nummers door hem en Brendan Croker werden geschreven. de teksten zijn "witty", bijtend, humoristisch, met de van Kevin Coyne bekende scherpe observaties van "everyday life", zoals over het burgerbestaan van "Martha & Arthur" die de kou weg dansten in een grauwe Noord-Engelse stad.

15 stuk voor stuk fraaie liedjes en na meerdere luisterbeurten was ik overtuigd van de kwaliteit van dit album, hoewel die maar dat is persoonlijk, niet kan tippen aan Coyne's meesterwerken als "Marjory Razor Blade" en "Dynamite Daze".

op 1 van Kevin Coyne 's tekeningen op de binnenkant van het hoesje, staat een soort van beer getekend met een sigaar in de mond, met de tekst "I'm a genius and very difficult to live with", typerend voor zijn humor.

de live bonus DVD met 12 nummers werd opgenomen in België, Leffinge, De Zwerver 16-11-2002 en Nederland, Hardenberg, Troubadour, 01-12-2002 met 9 nummers van dit album en "Karate Kid" en "Lunatic" van Marjory Razor Blade en de mij onbekende track "We've Got A Love".

All songs written, arranged and produced Kevin Coyne & Brendan Croker

deelcitaat uit de linernotes van Karl Bruckmaier:

"Songs formed out of this empathic situation, songs made out of camaraderie and a tear now and then, songs with real guitar playing, songs with little stories so precise a Ray Davies would have been very proud of them. But without the latter's sentimentality. So Kevin got his "Alterswerk" in the form of a limited edition cd, once intended just to be merchandise, but being so much more than that, and now, 18 years later, it would have been a crime not to make the loot available to the public once more"

Kevn Kinney - Down Out Law (1994)

poster
3,0
Kevn Kinney's 2e solo album na het fijne, zeer genietbare MacDougal Blues uit 1990. de man heeft geen uitgesproken mooie stem. hij is een "story teller" verhalen die hij met zijn met typische raspende stem in veelal stemmige, ingetogen songs aan de man brengt. de man blijkt een groot bluesliefhebber te zijn, maar de invloed van blues op de muziek die op zijn solo albums staat is bij de meeste nummers niet hoorbaar. wellicht is dit wel het geval op de albums van zijn band "Drivin' N' Cryin". bij zijn solo albums past de kwalificatie folk/roots/americana beter. dit album opent heel sterk met het titelnummer 1) en 2) Save For Me. 3) Midwestern Blues en 5) Shindig with the Lord doen er niet veel voor onder, maar dan kom ik niet verder dan 4 memorabele songs. 4) Eye of the Hurricane en Chattahoochie Coochie Man met ruig gitaarwerk zijn voor de liefhebbers wellicht hoogtepunten, maar passen mijns inziens niet in de context van dit album. helaas staan er verder veel niemendalletjes op. 13) Beatnik etc. is een gesproken gedicht met begeleiding van een akoestisch staande bas, dat weinig toevoegt. jammer, want de man heeft wel degelijk goede liedjes in zich, wat hij met name op MacDougal Blues al eerder bewees. ben wel benieuwd hoe zijn solo project "A Good Country Mile" uit 2011 met The Golden Palominos is uitgepakt. zijn laatste in 2022 verschenen album "Think About It" ken ik niet en staat hier niet op de site. Kevn Kinney heeft meermalen in de kleinere clubcircuits in Nederland rond getourd zowel met zijn band D&C alswel solo. ik vermoed dat het altijd bij een kleine schare aan fans is gebleven.

Kevn Kinney - MacDougal Blues (1990)

poster
4,0
sterk album van de voorman/leadvocalist van de band Drivin'N'Cryin", met wie hij mijn inziens wisselvallige albums maakte. de combinatie van het bandgeluid roots/americana en hardrock spreekt anderen juist erg aan, maar mij niet. dit solo album van de man gevuld met country/folk songs bevalt mij prima. de man is geen songwriter van de buitencategorie (Guy Clark, Steve Earle, John Prine), maar schrijft bepaald geen slechte liedjes. dit solo debuut werd geproduceerd door Peter Buck (R.E.M.), die tevens dulcimer, guitar en mandolin speelt op dit album. de 1e 3 nummers openen dit album sterk. 4) en 6) Gotta Get Out Of Here ondanks de fijne slide gitaarpartij zijn de "mindere" nummers. 5) en 7) zijn fijne, akoestische folk ballads met een prominente rol voor de mandoline. Iron Mountain vormt samen met de 1e 3 nummers een hoogtepunt met fijne accenten van wederom mandoline, fiddle en heerlijke backing vocals van Moira Nelligan. 9) Chico & Maria met marimba opnieuw een fijn, folky nummer. 10) het vrolijke, met fingerpickin' gitaarspel voorziene Hey Landlord is een waardige afsluiting van dit debuut. een alleszins genietbaar album.