MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten bikkel2 als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

David Bowie - 1.Outside (1995)

Alternatieve titel: Outside

poster
4,5
Met dit album was David Bowie weer helemaal terug op een artistiek geweldig level.
Na de teleurstellende jaren 80, zijn onbegrepen Tin Machine avontuur, en het nog net niet helemaal geslaagde Black Tie White Noise, is 1Outside een ambitieus conceptalbum waar tevens Brian Eno weer van de partij is.
Geen makkelijke kost, bij vlagen zelfs loodzwaar en grimmig, maar de strakke moderne produktie is voorbeeldig.
Misschien wel Bowie's zwaarste album ooit. De vergelijking met Low en Heroes gaat een beetje mank, omdat die albums heel anders in opbouw waren en het zware fragmentarische gedeelte zich pas halverwege aandiende.
Hier gaat Bowie vanaf het begin los met donkere electro-rock, vaak wanhopig en agressief (Hello Spaceboy) hij stoeit met wat avant garde, maar ook gas terugnemend in het schitterende Motel.
Muzikaal zeer hoogstaand, met een aparte vermelding wat mij betreft voor pianist Mike Garson ,die tussen al het gebodende een prachtig staaltje piano tentoonstelt.
Een conceptplaat met vervormde stemmen en sequencers, Bowie draait zijn hand niet om hier voor wat extra impact.
De nummers lopen naadloos inelkaar over en pas op het einde van het album wordt het iets lichter van toon en openbaren zich wat funky invloeden.
Het is net als veel albums van Bowie een album die zijn geheimen niet snel prijsgeeft en vergt wat geduld, maar is dit ook niet de kracht van Bowie ?

Een album die net als veel van zijn betere 70's werk nog altijd fier overeind staat. Een tijdloos album die wat mij betreft moeiteloos tot zijn betere werk behoort.

David Bowie - The Next Day (2013)

poster
4,0
Here I Am Not Quite Dying ! ...... schreeuwt Bowie in de openings track The Next Day.
Of we daar wel even notie van willen nemen.

David Bowie is dus terug. Op z'n verjaardag een single+ clip uitbrengen, en een aankondiging van een nieuw album. Niemand heeft het ooit in de gaten gehad.
2013 kon haast niet beter beginnen.
Want hadden we ons eigenlijk al niet verzoend met het idee dat Bowie voorgoed de bizz achter hem had gelaten ?
Nee dus, en de verwachtingen waren gespannen. Is het ook de moeite waard geweest ?
Ik zeg volmondig ja. Want The Next Day is absoluut de moeite waard.

Je kunt makkelijk beweren dat emotie's en de jubelstemming een rol spelen voor een beoordeling, maar het album mag gewoon gehoord worden.
De plaat bevat vooral een sfeer waar een lekker portie wordt gerockt.
Hoekige stijlvolle gitaarpartijen met gitarist Gerry Leonard in een soort Fripp rol en de trouwe Earl Slick die het rock 'n roll gehalte uitstekend invult.
Bowie zingt goed, geen misverstand daarover. Zijn stem klinkt wat ouder, doorleefder ook, maar stijlvol en passend bij de songs.
Zoals al veel gememoreerd en ook absoluut waar, is dat Bowie enigzins teruggrijpt naar het verleden, alleen wel in een eigentijdsere jas en met allure gedaan.
We horen weer wat funky riffs, er zijn wat weirde momentjes, her en der wat glamrock ( ( You Will ) Set The World On Fire.) maar bovenal erg vertrouwd Bowie.
Where Are We Now ? is hard op weg om een klassieker te worden wat mij betreft.
Dit is dus gewoon een pareltje. Een gepassioneerde Bowie met veel emotie, terugkijkend naar zijn Berlijn verleden, en hoe het er nu voor staat.
Uiteindelijk 1 van zijn meest essentiele songs op The Next Day.
Dit mag ook gezegd worden van de afsluiter Heat.
Beklemmend zoals het op 1Outside was. Prachtige song.

Maar het meeste wat er tussen in zit is ok. Valentine's Day en Dancing Out In Space vind ik wat minder, maar zelfs dat zijn verre van echt slechte songs.
Wat vooral opvalt is een gepassioneerd album, met pit en spelplezier.
Ook een Bowie die niet vernieuwd, is uitstekend in staat gebleken om een plaat te fabriceren die over de gehele linie aardig boeit.
En ik, met velen, hadden ook niet echt meer een waar meesterwerk verwacht.
Dat is The Next Day dan ook niet, maar het staat als een paal boven water dat hij de hoog gespannen verwachtingen heeft ingelost.

David Bowie - Young Americans (1975)

poster
3,5
Het succesvolle Bowie verhaal gaat door in 1975, als hij Ziggy begraven heeft, afscheid heeft genomen van Aliddin Sane en dus ook de glamrock de nek heeft omgedraaid.
Bowie gaf dat genre een ware indeniteit , ging er mee de diepte in, maar was kien genoeg om op tijd een andere draai aan zijn tot nu toe al indrukwekkende loopbaan te geven.
Hij had gelijk; in 1975 was glamrock op zijn retour.

Young Americans is dan ook heel andere koek, al gaf hij op Diamond Dogs al een voorzetje met 1984, een song die al de nodige soul invloeden meekreeg.
De tour uit 1974 bevatte ook afwijkende versies van bestaande nummers die een souljasje kregen aangetrokken( David Live)
Dit is dan ook een plaat die de soul/funk Bowie laat horen.
Is het een geslaagde onderneming ? Ja en nee.
Ik breng niets nieuws als ik vind dat Bowie een geweldige vocale prestatie levert op dit album.
Ook dit genre ligt hem als vocalist.
Het songmateriaal is daarintegen wisselend. Plastic Soul noemde Bowie het zelf, en het lijkt of er af en toe iets te geforceerd wordt gespeeld om het allemaal goed tot zijn recht te laten komen.
Het is niet makkelijk voor een blanke om van huis uit zwarte muziek geloofwaardig neer te zetten.
Het sfeertje is best goed, de zwoele backgroundvocals, de sax ( David Sanborn) de swing, maar de echte philidelphia soul hoor ik niet echt, maar misschien was dat ook de bedoeling.
De opener en titeltack hakt er goed in. Sterk neergezet, opgetogen en een ijzersterk refein.
Fascination is ook goed. Prima funk , mooi samenspel tussen Bowie zelf en achtergrondzangeressen . Opzwepend en swingend.
Somebody Up There Like Me is uitgesponnen, maar heeft de juiste passie en de juiste drive.
Het heeft de neiging om wat eentonig te worden, maar ook hier zingt hij het tot grote hoogten, waardoor het nummer uiteindelijk meerwaarde krijgt.
Across The Universe is natuurlijk een Lennonsong uit de Beatlestijd.
Ik vind het niet heel dramatisch. Het is in ieder geval Bowieminded en heb hier meer mee dan het afgraffelde Let's spend The Night Together die op Aladdin Sane stond.
Fame is een uitsmijter van jewelste en behoort ook moeiteloos tot een classic van formaat.

Zo is Young Americans een voor mij acceptabele plaat, die bij vlagen echt boeit, maar het ook niet helemaal is. Een dipje...niet zozeer, maar geen hoogtepunt in zijn oevre.
Het staat wat verder af van wat hij presteerde en nog ging presteren de komende periode.

David Gilmour - Luck and Strange (2024)

poster
3,5
David Gilmour is in tegenstelling tot zijn ex collega Roger Waters zelden in het nieuws.
De man kruipt alleen uit zijn schulp als hij de drang heeft om iets uit te brengen en dan meestal ook een tour doet ter promotie.
Rattle that Lock van alweer 8 jaar terug was zijn laatste worp.
Je kunt het je amper voorstellen, maar Gilmour gaat richting de 80 en als het overdenken al niet begonnen was, weet je dat je het grootste deel van je leven inmiddels achter je ligt.
Luck and Strange heeft dat ook duidelijk als thema. Echtgenote en doorgaans tekstschrijver Polly Samson heeft zich ingeleefd.
De plaat zelf is typisch Gilmour met een iets verrassender resultaat, zonder dat het echt een meesterwerk is geworden.
Het kabbelt weer lekker, de sfeer is mooi gevangen door deels Gilmour's immer sterke en herkenbare gitaarspel, de mooie arrangementen en produktie.
Maar een heel album boeit hij mij nog steeds niet.
Echter zijn een aantal songs verrassend sterk en ben blij dit te constateren.
The Piper's Call is een mooi uitgewerkt stuk dat wat folky begint, maar uiteindelijk uitgebouwd wordt tot een episch stuk met Gilmour geweldig op dreef.
Between to Points, origineel van The Mont Golfier Brothers uit 1999 is ironisch genoeg mijn favo van de plaat.
Het is feitelijk Romany Gilmour met in de begeleiding haar pa, die pas aan het einde van de song nog even van zich laat horen. Prachtig liedje en ook in setting anders dan de rest van de plaat.
En dan Scattered, het meest Pink Floyd achtige op Luck and Stange, incl. de ping van Echoes, en hoorde ik ook de hartslag van Speak to Me in het begin? Fantastisch pianowerk van Roger Eno (broer van..) en Gilmour perst er één van zijn meest geweldige solo uit als climax. Geweldig nummer en mooi dat er stukjes uit het verleden terug keren. Kippenvel werkelijk.
Tja...Sings is vooral sympathiek, in de titelsong vind ik 'm niet zo sterk als vocalist, omdat ie wat acrobatiek moet toepassen om tot hoogtes te komen en dat is feitelijk de 1e keer dat ik hem moet afrekenen op zijn stem.
Hij klinkt rauwer en ouder en dat is niet verwonderlijk op zijn leeftijd, maar ik vind dat hij het hier wat had moeten doseren, maar dat kan ook een kwestie van smaak zijn.
Verder vind ik het ook niet een heel bijzonder nummer; bluessy vibe en het duurt mij ook wat te lang.
Black Cat en Vita Brevis zijn voorbij voordat je het weet en A Single Spark en Dark and Velvet Nights zijn kundig, maar geen songs die mij overdonderen.
Misschien net iets te gewoontjes in de zin van wendingen die ik al eens eerder van hem hoorde. Midtempo als basis en dan weer wat vertragen als hij soleert.
Toch hoor ik als geheel wel wat meer zeggingskracht en in ieder geval een aantal heel sterke troeven.
Een gastenlijst die indruk maakt trouwens, oa. Steve Gadd, de trouwe bassist Guy Pratt en de al eerder genoemde Roger Eno.
Producer Charlie Andrew heeft ook fraai werk geleverd.

Binnenkort op de bühne, waar ik wel een beetje vrees voor zijn stem.
Aardig album.

Dead Can Dance - Into the Labyrinth (1993)

poster
4,5
Prachtig album werkelijk, en wat een voortreffelijke eenheid.
Ondanks de zweverige sfeer is er zoveel wat er in de composities voorbij komt.
Een soort Worldmusic meets Folk en het Progessieve element is ook nooit ver weg.
Lissa Gerrard zorgt voor het Celtic element en Brendan Perry heeft een mooie heldere warme stem en dat geeft een mooie mix.
Ik was even bang dat het wat vermoeiend zou worden om dit als geheel te beluisteren, maar het blijft verrassend sterk de aandacht houden.
Korte fragmentarische stukjes wisselen de uitgesponnen stukken af en wat zijn er schone stukken te vinden hier.
The Carnival Is Over is een meesterwerkje, niets meer en niet minder.
Wat een prachtige hypnotiserende 5 minuten en 28 seconden.
Het vervolg is eveneens erg sterk en Tell Me About The Forrest is zowaar ook echt iconich.
Afsluiter How Fortunate The Man With None had wat korter gekund.
Het komt op een gegeven moment op een punt dat het net iets te veel doorkabbelt, maar ok, het is een zeldzaam minpuntje op dit verder prachtige album.
In sfeer, arrangementen, de keuze voor onderscheidende instrumenten en vooral ook de voortreffelijke zang + songs uiteraard, een parel van een plaat.

Mooi dat ik deze toch nog even ontdekt heb voor de Top 20 albums van 1993.

4.5....Ruim.

Dennis Wilson - Pacific Ocean Blue (1977)

poster
4,5
Een album van een gepijnigd man. Ooit de snelle jongen en de enige die ook daadwerkelijk op de surfplank stond.
Dennis Wilson bleek veel meer dan de drummer en good looking Beach Boy. Speelde geweldig piano en bleek ook liedjes te kunnen schrijven.
Danig onderschat, maar net als broer Brian een enigzins getroebleerde geest.
Sex, drugs, booze & rock and roll en dat eiste tijdens deze periode al zijn tol.
Op de hoes zien wij een verwilderde verslaafde man die al een heel wild leven achter de rug heeft.
De plaat is echter prachtig. Melancholisch, met minimale middelen gemaakt en de kapotte stem van Dennis draagt alleen maar bij aan de bedrukte fraaie sfeer.
Het album deed vrij weinig, net als The Beach Boys dat op dat moment deden.
Men is het er inmiddels over eens dat Pacific Ocean Blue een meesterwerkje is.

Dennis zakte helaas steeds verder weg in de poel van verkeerde beslissingen en foute middelen. Werd enige tijd uit de band gezet om zich te laten helpen. Dat hielp even, maar niet voor lang helaas.
De verdrinkingsdood in 1983 kwam echter wel als een schok. Maar niemand was echt verrast door zijn vroege dood.
Dit album is een mooi document. Anders, maar boordevol kwaliteit.