Hier kun je zien welke berichten bikkel2 als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Talk Talk - It's My Life (1984)

4,0
1
geplaatst: 5 december 2016, 22:33 uur
Zoals wellicht bekend, adoreer ik vooral de Talk Talk vanaf The Colour Of Spring.
Daar hoor ik een ontwikkeling die mij nogal aanspreekt.
Britse nuchtere anti-sterren die uiteindelijk iets gingen doen wat zij werkelijk wilden met hun muziek.
Aanvankelijk was ik ook wat sceptisch tegenover It's My Life.
Het kan alleen maar tegenvallen na de magische drie.
Een trilogie? Ik vind eigenlijk van wel.
Toch uiteindelijk een heel aardig album deze.
Je hoort de potentie wel heel duidelijk terug.
Mark Hollis is zo'n vocalist die zich natuurlijk onsterfelijk heeft gemaakt.
Toendertijd kon ik het waarderen, maar viel het mij nog niet zo op.
Een wereldvreemde snuiter, met dat maffe mutsje en dat gekke bekkie.
Dit album luisterend ben ik niet omver geblazen, maar heb ik wel bewondering voor veel van de composities.
De titelsong is geweldig. Zo'n sterk refein, wat maakt de rest van het nummer dan nog uit, maar zelfs dat is uitstekend.
Such A Shame is kwetsbaar en heeft een goede drive.
Dum Dum Girl vond en vind ik nog altijd te niemendallerig. Misschien ook te puberaal.
Renee is daarintegen een compositie van jewelste en Tommorow Started heeft al iets wat mij op The Colour Of Spring al zo aansprak.
Produktioneel is het niet altijd even indrukwekkend helaas.
Het klinkt wat te machinaal. Terwijl je soms net even wat meer power wilt horen.
Sommige passages vragen daar om, en dan komt het gewoon niet door.
Iets wat op de volgende albums veel beter voor elkaar is.
Je hoort Talk Talk hard werken en emotie tonen, maar er is nog wat te verbeteren in het totaalplaatje.
Ik zie dit It's My Life dan ook als een examen.
Net aan geslaagd.
Maar voor de vervolgopleiding een tandje bijzetten en de zaken gaan perfectioneren.
De geschiedenis leerde ons al het vervolg.
Een geweldig klasje uiteindelijk.
Daar hoor ik een ontwikkeling die mij nogal aanspreekt.
Britse nuchtere anti-sterren die uiteindelijk iets gingen doen wat zij werkelijk wilden met hun muziek.
Aanvankelijk was ik ook wat sceptisch tegenover It's My Life.
Het kan alleen maar tegenvallen na de magische drie.
Een trilogie? Ik vind eigenlijk van wel.
Toch uiteindelijk een heel aardig album deze.
Je hoort de potentie wel heel duidelijk terug.
Mark Hollis is zo'n vocalist die zich natuurlijk onsterfelijk heeft gemaakt.
Toendertijd kon ik het waarderen, maar viel het mij nog niet zo op.
Een wereldvreemde snuiter, met dat maffe mutsje en dat gekke bekkie.
Dit album luisterend ben ik niet omver geblazen, maar heb ik wel bewondering voor veel van de composities.
De titelsong is geweldig. Zo'n sterk refein, wat maakt de rest van het nummer dan nog uit, maar zelfs dat is uitstekend.
Such A Shame is kwetsbaar en heeft een goede drive.
Dum Dum Girl vond en vind ik nog altijd te niemendallerig. Misschien ook te puberaal.
Renee is daarintegen een compositie van jewelste en Tommorow Started heeft al iets wat mij op The Colour Of Spring al zo aansprak.
Produktioneel is het niet altijd even indrukwekkend helaas.
Het klinkt wat te machinaal. Terwijl je soms net even wat meer power wilt horen.
Sommige passages vragen daar om, en dan komt het gewoon niet door.
Iets wat op de volgende albums veel beter voor elkaar is.
Je hoort Talk Talk hard werken en emotie tonen, maar er is nog wat te verbeteren in het totaalplaatje.
Ik zie dit It's My Life dan ook als een examen.
Net aan geslaagd.
Maar voor de vervolgopleiding een tandje bijzetten en de zaken gaan perfectioneren.
De geschiedenis leerde ons al het vervolg.
Een geweldig klasje uiteindelijk.
Talk Talk - Laughing Stock (1991)

5,0
0
geplaatst: 26 oktober 2014, 11:27 uur
Opgeslagen in het hersenarchief. Ga deze binnenkort maar eens aandacht geven.
Evenals Colour Of Spring en Spirit Of Eden.
Ooit wel eens flarden gehoord. Maar lang geleden.....Moet er maar eens serieus werk van gaan maken.
Ultieme herfst/winter muziek toch ??
Evenals Colour Of Spring en Spirit Of Eden.
Ooit wel eens flarden gehoord. Maar lang geleden.....Moet er maar eens serieus werk van gaan maken.
Ultieme herfst/winter muziek toch ??
Talk Talk - The Colour of Spring (1986)

5,0
2
geplaatst: 12 november 2014, 16:47 uur
Je hebt dus albums waarvan alles blijkt te kloppen. Dit is er eentje van.
Ben altijd wat sceptisch over de 80's omdat door de evolutie mbt produktie dat decenium mij vaak tegenstaat.
Men wilde overdonderend klinken. Met de nieuwste snufjes en produktie technieken een grootse sound neerzetten. Maar vergaten dat de soul er totaal uit werd gemixt. Plenty voorbeelden ten over.
Talk Talk deed het anders. Dit is voorbeeldig.
Een schoolvoorbeeld van een geweldige produktie. Gevoel voor detail, knap uitgebalanceerd. Zacht en gevoelig waar nodig en aanzwellend op de juiste momenten.
Het scheelt een stuk als je Mark Hollis aan boord hebt. Een gepassioneerde vocalist die meent wat ie doet ( deed, want helaas is de man gestopt.)
En dan acht songs die allemaal iets toevoegen.
Relativeren is een onderdeel wat als thema vaak de kop op steekt. Teleurstellingen....... het leven eigenlijk.
En dat allemaal smaakvol verpakt in kleurrijke arrangementen. Trompetjes, warme dekentjes van synths en de terugkerende kalme piano. Overtolligheid geen. Smaakvol orgelwerk van niemand minder dan Steve Winwood.
Opzepend in Life's What You Make It ( remember de fraaie clip) en Living In Another World en het prachtige stilistische in April 5th. En de toekomst betreft Chameleon Day. Een track die alvast een voorproefje betreft Spirit Of Eden, het album na deze.
Alles wordt vakkundig opgebouwd , toewerkend naar de grand finale Time It's Time. Een mini epic met coir en al.
Perfectionisme werkt niet altijd. Omdat het wellicht een wat steriel en bedachte sfeer kan opleveren.
Maar niets van dit alles op The Colour Of Spring. Niets menselijks is Talk Talk vreemd.
Organisch, met het juiste gevoel en met een fraaie muzikaliteit gebracht.
Dit is geen wave, noch synthpop. Maar gewoon Talk Talk die zich doorontwikkelt heeft. Rijper en geloofwaardiger dan ooit. Meer een soort van Art-pop, als ik het een benaming moet geven.
Tijdloze plaat. Voor mij een 5 sterrenplaat. Zonder enige twijfel.
Nu al erg nieuwsgierig na de 2 die zouden volgen. En natuurlijk de soloplaat van Hollis.
Wat kan het leven soms mooi zijn !
Ben altijd wat sceptisch over de 80's omdat door de evolutie mbt produktie dat decenium mij vaak tegenstaat.
Men wilde overdonderend klinken. Met de nieuwste snufjes en produktie technieken een grootse sound neerzetten. Maar vergaten dat de soul er totaal uit werd gemixt. Plenty voorbeelden ten over.
Talk Talk deed het anders. Dit is voorbeeldig.
Een schoolvoorbeeld van een geweldige produktie. Gevoel voor detail, knap uitgebalanceerd. Zacht en gevoelig waar nodig en aanzwellend op de juiste momenten.
Het scheelt een stuk als je Mark Hollis aan boord hebt. Een gepassioneerde vocalist die meent wat ie doet ( deed, want helaas is de man gestopt.)
En dan acht songs die allemaal iets toevoegen.
Relativeren is een onderdeel wat als thema vaak de kop op steekt. Teleurstellingen....... het leven eigenlijk.
En dat allemaal smaakvol verpakt in kleurrijke arrangementen. Trompetjes, warme dekentjes van synths en de terugkerende kalme piano. Overtolligheid geen. Smaakvol orgelwerk van niemand minder dan Steve Winwood.
Opzepend in Life's What You Make It ( remember de fraaie clip) en Living In Another World en het prachtige stilistische in April 5th. En de toekomst betreft Chameleon Day. Een track die alvast een voorproefje betreft Spirit Of Eden, het album na deze.
Alles wordt vakkundig opgebouwd , toewerkend naar de grand finale Time It's Time. Een mini epic met coir en al.
Perfectionisme werkt niet altijd. Omdat het wellicht een wat steriel en bedachte sfeer kan opleveren.
Maar niets van dit alles op The Colour Of Spring. Niets menselijks is Talk Talk vreemd.
Organisch, met het juiste gevoel en met een fraaie muzikaliteit gebracht.
Dit is geen wave, noch synthpop. Maar gewoon Talk Talk die zich doorontwikkelt heeft. Rijper en geloofwaardiger dan ooit. Meer een soort van Art-pop, als ik het een benaming moet geven.
Tijdloze plaat. Voor mij een 5 sterrenplaat. Zonder enige twijfel.
Nu al erg nieuwsgierig na de 2 die zouden volgen. En natuurlijk de soloplaat van Hollis.
Wat kan het leven soms mooi zijn !

Tears for Fears - Elemental (1993)

4,0
4
geplaatst: 23 februari 2017, 22:47 uur
Elemental is eigenlijk een Roland Orzabel sologebeuren, want de andere 50%, Curt Smith dus, is hier in geen velden of wegen meer te bekennen.
Ik vind het op dit album niet bezwaarlijk en Orzabel zal zijn redenen hebben gehad om het onder de TFF vlag uit te brengen.
De centjes moeten toch binnenkomen en dan is de groepsnaam gebruiken het meest voor de hand liggend.
Ik vind dit een frisse goede plaat.
Voorganger The Seeds Of Love heeft voor mij net even te veel geforceerdheid in het geheel.
Elemental heeft dat niet.
Het is wel een gelikte produktie, maar de eenheid is een sterk punt.
Orzabel heeft de tijdsgeest goed in de gaten en het past prima in die periode.
Originele krachtige melodieuze pop/rock met een fijne drive.
Sterk begin ook met de titelsong, het geladen Cold en de single Break It Down Again.
Opvallend is dat het tekstueel ook weer wat inhoudelijker is geworden.
Wat dat aangaat is de grimmigheid van The Hurting enigzins terug.
Ook een highlightje is Brian Wilson Said.
Een vooral muzikaal erg sterk liedje.
Er wordt met gemak even Beach Boys klanken neergezet ( periode eind 60's.)
Uiteindelijk gaat het over in een soepele jazzvibe.
Toch wel een bevestiging dat Orzabel ook met Smith nog in de gelederen, het creatieve brein moet zijn geweest.
Het fraaie Goodnight Song sluit Elemental af.
Het succes wat Tears For Fears had in de 80's keerde niet meer terug.
Nieuwe goden en nieuwe stijlen waren druk doende de wereld te veroveren.
Dit viel wat tussen wal en schip, want heel succesvol was het niet echt.
Onterecht, want het is echt wel een plaat die meer had verdiend.
Een stuk beter dan je aanvankelijk zou verwachten. Bepaald geen routineklus of herhalingsoefening.
Twee jaar later flikte Orzabel het weer met Raul & The Kings Of Spain.
Meer rockgericht maar ook boordevol kwaliteit.
Ik vind het op dit album niet bezwaarlijk en Orzabel zal zijn redenen hebben gehad om het onder de TFF vlag uit te brengen.
De centjes moeten toch binnenkomen en dan is de groepsnaam gebruiken het meest voor de hand liggend.
Ik vind dit een frisse goede plaat.
Voorganger The Seeds Of Love heeft voor mij net even te veel geforceerdheid in het geheel.
Elemental heeft dat niet.
Het is wel een gelikte produktie, maar de eenheid is een sterk punt.
Orzabel heeft de tijdsgeest goed in de gaten en het past prima in die periode.
Originele krachtige melodieuze pop/rock met een fijne drive.
Sterk begin ook met de titelsong, het geladen Cold en de single Break It Down Again.
Opvallend is dat het tekstueel ook weer wat inhoudelijker is geworden.
Wat dat aangaat is de grimmigheid van The Hurting enigzins terug.
Ook een highlightje is Brian Wilson Said.
Een vooral muzikaal erg sterk liedje.
Er wordt met gemak even Beach Boys klanken neergezet ( periode eind 60's.)
Uiteindelijk gaat het over in een soepele jazzvibe.
Toch wel een bevestiging dat Orzabel ook met Smith nog in de gelederen, het creatieve brein moet zijn geweest.
Het fraaie Goodnight Song sluit Elemental af.
Het succes wat Tears For Fears had in de 80's keerde niet meer terug.
Nieuwe goden en nieuwe stijlen waren druk doende de wereld te veroveren.
Dit viel wat tussen wal en schip, want heel succesvol was het niet echt.
Onterecht, want het is echt wel een plaat die meer had verdiend.
Een stuk beter dan je aanvankelijk zou verwachten. Bepaald geen routineklus of herhalingsoefening.
Twee jaar later flikte Orzabel het weer met Raul & The Kings Of Spain.
Meer rockgericht maar ook boordevol kwaliteit.
Tears for Fears - Songs for a Nervous Planet (2024)
Alternatieve titel: Live from Franklin, TN

4,0
4
geplaatst: 9 november 2024, 16:04 uur
Roland Orzabel en Curt Smith maakten als Tears For Fears een meer dan verdienstelijke come back met The Tipping Point uit 2022.
Een verrassend sterk album en wellicht ook therapeutisch voor Orzabel, die privé nogal wat voor de kiezen heeft gehad de laatste jaren.
Er wordt van die plaat ook aardig uitgepakt op dit puntgave livealbum met een geweldige sound en geïnspireerd spel. Orzabel merkte op dat zij live nog nooit zo goed waren als nu.
Kennelijk hadden de heren nog wat songs die mogelijk The Tipping Point niet haalde, oftewel eerder of later gecomponeerd.
In ieder geval zijn het geen overbodige studiotracks die de plaat openen en er zeker toe doen.
Ik moest wel wat wennen aan Emily Said, die zo gemaakt had kunnen zijn tijdens The Seeds of Love sessies. Een tamelijk ambitieus werkje met kindercoir en al. Het blijkt een groeier.
Het concert is sterk en hecht. Een uitermate goed en strak ingespeelde band en zowel Orzabel als Smith nog voorbeeldig bij stem.
Een afwisselend geheel ook, want geen één Tears For Fears album lijkt op elkaar en dan krijg je een boeiend overzicht voorgeschoteld.
Nogmaals veel van The Tipping Point (een teken dat het duo veel vertouwen heeft in de songs) en de Tears for Fears albums waar Smith nog een rol speelt.
Een misschien wat minder voor de hand liggende keuze als Secret van Everybody Love a Happy Ending is ook een aangename verrassing.
Spetterend is een song als Badman's Song, misschien wel de meest afwijkende song die ze ooit maakten. Een virtuoze mix van fusion, rock en prog met veel vernuftheid gebracht.
De bekendste en meest dansbare van The Hurting spelen ze natuurlijk, soms met korte uitstapjes naar house en disco + de hits van Songs From The Big Chair en The Seeds of Love is ook aardig vertegenwoordigd. Woman in Chains is en blijft een onverwoestbare klassieker.
Mooie setlist en nogmaals een uitstekende geluidskwaliteit.
Ik zou zeggen kom weer naar Nederland en een nieuw album zou ook heel welkom zijn.
Een verrassend sterk album en wellicht ook therapeutisch voor Orzabel, die privé nogal wat voor de kiezen heeft gehad de laatste jaren.
Er wordt van die plaat ook aardig uitgepakt op dit puntgave livealbum met een geweldige sound en geïnspireerd spel. Orzabel merkte op dat zij live nog nooit zo goed waren als nu.
Kennelijk hadden de heren nog wat songs die mogelijk The Tipping Point niet haalde, oftewel eerder of later gecomponeerd.
In ieder geval zijn het geen overbodige studiotracks die de plaat openen en er zeker toe doen.
Ik moest wel wat wennen aan Emily Said, die zo gemaakt had kunnen zijn tijdens The Seeds of Love sessies. Een tamelijk ambitieus werkje met kindercoir en al. Het blijkt een groeier.
Het concert is sterk en hecht. Een uitermate goed en strak ingespeelde band en zowel Orzabel als Smith nog voorbeeldig bij stem.
Een afwisselend geheel ook, want geen één Tears For Fears album lijkt op elkaar en dan krijg je een boeiend overzicht voorgeschoteld.
Nogmaals veel van The Tipping Point (een teken dat het duo veel vertouwen heeft in de songs) en de Tears for Fears albums waar Smith nog een rol speelt.
Een misschien wat minder voor de hand liggende keuze als Secret van Everybody Love a Happy Ending is ook een aangename verrassing.
Spetterend is een song als Badman's Song, misschien wel de meest afwijkende song die ze ooit maakten. Een virtuoze mix van fusion, rock en prog met veel vernuftheid gebracht.
De bekendste en meest dansbare van The Hurting spelen ze natuurlijk, soms met korte uitstapjes naar house en disco + de hits van Songs From The Big Chair en The Seeds of Love is ook aardig vertegenwoordigd. Woman in Chains is en blijft een onverwoestbare klassieker.
Mooie setlist en nogmaals een uitstekende geluidskwaliteit.
Ik zou zeggen kom weer naar Nederland en een nieuw album zou ook heel welkom zijn.
Tears for Fears - The Tipping Point (2022)

4,0
5
geplaatst: 26 februari 2022, 19:33 uur
Een vrij lange aanloop naar het nieuwe album van Tears For Fears was het wel. Zo nu en dan een nieuwe track gereleased en bij de release gisteren, dus al een aantal tracks bekend.
Dan nog is het anders om die nummers in het geheel van het album te beluisteren en dat blijkt ook te kloppen in mijn geval.
The Tipping Point is, om gelijk maar met de deur in huis te vallen, een prima plaat geworden.
Ook ik had zo mijn bedenkingen vooraf, maar het is een aangename luistertrip.
Wel meer mellow dan voorheen (de heren worden ook een dagje ouder), maar grotendeels is de coherentie en kwaliteit aanwezig.
De produktie is helder en netjes. Feitelijk geen plaats voor een ruwer randje, maar dat past in de composities wonderwel.
My Demons (het enige echte up-tempo nummer) heeft een elektronische vibe vooral en had misschien iets smeriger mogen klinken, maar aan de andere kant had het in het geheel nog meer buiten de boot gevallen.
Het is een groeier, goed liedje, maar wijkt wat af van de rest, die vooral melancholie uitstralen.
De titelsong met het geweldige typische TFF refein vond ik gelijk al erg goed en het is nog steeds mijn favo hierop.
Maar ben uiteindelijk ook erg gecharmeerd geraakt van de opener No Small Thing, wat toch een wat afwijkende compositie is gebleken. Erg mooie opbouw en verloop.
Break the Man is ook fantastisch. Soort van dreampop met een hemelse melodielijn. Helemaal af wat mij betreft.
Het 4e echte hoogtepunt is duidelijk Rivers of Mercy.
Lijkt een beetje gemaakt met in het achterhoofd Peter Gabriel in zijn latere periode. Kabbelt erg prettig en ook hier hele catchy melodielijnen.
Feitelijk de enige miskleun vind ik Please Be Happy, die ondanks de bevlogen tekst (het zijn er veel hierop) mij een teveel "The Long and Winding Road" van The Beatles gehalte heeft. Te zoet.
Het laatste gedeelte is bevredigend, maar haalt het niveau van de eerste helft niet m.i.
Stay is overigens een fraaie afsluiter.
Positief dus. Roland en Curt zijn gelukkig niet in de val getrapt de plaat vol te stouwen met nog meer nummers.
Gaat meestal niet goed (risico van teveel vulmateriaal) en nu is het een fraaie compacte plaat geworden van 42 minuten.
4 sterren is The Tipping Point dubbel en dwars waard.
Goed dat ze er nog zijn.
Dan nog is het anders om die nummers in het geheel van het album te beluisteren en dat blijkt ook te kloppen in mijn geval.
The Tipping Point is, om gelijk maar met de deur in huis te vallen, een prima plaat geworden.
Ook ik had zo mijn bedenkingen vooraf, maar het is een aangename luistertrip.
Wel meer mellow dan voorheen (de heren worden ook een dagje ouder), maar grotendeels is de coherentie en kwaliteit aanwezig.
De produktie is helder en netjes. Feitelijk geen plaats voor een ruwer randje, maar dat past in de composities wonderwel.
My Demons (het enige echte up-tempo nummer) heeft een elektronische vibe vooral en had misschien iets smeriger mogen klinken, maar aan de andere kant had het in het geheel nog meer buiten de boot gevallen.
Het is een groeier, goed liedje, maar wijkt wat af van de rest, die vooral melancholie uitstralen.
De titelsong met het geweldige typische TFF refein vond ik gelijk al erg goed en het is nog steeds mijn favo hierop.
Maar ben uiteindelijk ook erg gecharmeerd geraakt van de opener No Small Thing, wat toch een wat afwijkende compositie is gebleken. Erg mooie opbouw en verloop.
Break the Man is ook fantastisch. Soort van dreampop met een hemelse melodielijn. Helemaal af wat mij betreft.
Het 4e echte hoogtepunt is duidelijk Rivers of Mercy.
Lijkt een beetje gemaakt met in het achterhoofd Peter Gabriel in zijn latere periode. Kabbelt erg prettig en ook hier hele catchy melodielijnen.
Feitelijk de enige miskleun vind ik Please Be Happy, die ondanks de bevlogen tekst (het zijn er veel hierop) mij een teveel "The Long and Winding Road" van The Beatles gehalte heeft. Te zoet.
Het laatste gedeelte is bevredigend, maar haalt het niveau van de eerste helft niet m.i.
Stay is overigens een fraaie afsluiter.
Positief dus. Roland en Curt zijn gelukkig niet in de val getrapt de plaat vol te stouwen met nog meer nummers.
Gaat meestal niet goed (risico van teveel vulmateriaal) en nu is het een fraaie compacte plaat geworden van 42 minuten.
4 sterren is The Tipping Point dubbel en dwars waard.
Goed dat ze er nog zijn.
The Alan Parsons Project - Tales of Mystery and Imagination - Edgar Allan Poe (1976)
Alternatieve titel: Tales of Mystery and Imagination

4,5
0
geplaatst: 6 september 2014, 23:08 uur
Zomaar weer eens zin om te draaien. Mooi verhaal Misterfool. En de waarheid.
Het is inderdaad hun beste werk. Krachtig, dreigend en het concept is waanzinnig sterk uitgebouwd.
Het pop element hoor ik hier niet echt terug. Of het moet de zoetige maar wel fraaie afsluiter zijn.
Na het bezwerende intro wordt er stevig van leer getrokken.
Ook de door John Miles vertolkte stukken zijn in potentie meer rock dan pop. Maar dat is mijn opvatting.
De suite is indrukwekkend. Probeer dat maar eens uit te zitten in een donkere kamer. Prachtig stuk.
I Robot is ook nog dik in orde. Maar ik heb niet zo heel veel met hun latere werkjes.
Het wordt dan wat gladjes en de herhalingen liggen gevaarlijk op de loer.
Dit is met afstand hun beste.
Het is inderdaad hun beste werk. Krachtig, dreigend en het concept is waanzinnig sterk uitgebouwd.
Het pop element hoor ik hier niet echt terug. Of het moet de zoetige maar wel fraaie afsluiter zijn.
Na het bezwerende intro wordt er stevig van leer getrokken.
Ook de door John Miles vertolkte stukken zijn in potentie meer rock dan pop. Maar dat is mijn opvatting.
De suite is indrukwekkend. Probeer dat maar eens uit te zitten in een donkere kamer. Prachtig stuk.
I Robot is ook nog dik in orde. Maar ik heb niet zo heel veel met hun latere werkjes.
Het wordt dan wat gladjes en de herhalingen liggen gevaarlijk op de loer.
Dit is met afstand hun beste.
The Associates - The Affectionate Punch (1980)

5,0
3
geplaatst: 18 mei 2023, 19:33 uur
Debuutplaat en eentje om in te lijsten wat mij betreft.
Billy Mackenzie en collega Alan Rankine namen deze plaat op met alleen een sessiedrummer en schijnen de tijd van hun leven gehad te hebben, de ideeën bleven maar komen en dat is er van af te horen.
Alles is raak en hoe inventief, eigenwijs en interessant wil je het hebben. Ok, het helpt nogal als je een vocalist als Billy Mackenzie bent, zo intens, gemeend en uiteindelijk ook theatraal. Je kunt er wat kanten mee op.
Maar ook muzikaal is het smullen geblazen.
Prima gearrangeerd en uiterst slimme liedjes die ondanks de tegendraadsheid niet uit de bocht vliegen.
Omdat ik de opvolger Sulk als 1e beluisterd heb, dacht ik dat deze nog wel wat ontoegankelijker zou zijn, maar dat valt nogal mee.
Ik hoor hier wat pakkender materiaal die duidelijk een postpunk en new wave stempel heeft, maar ook hele melodieuze momentjes heeft.
Baspartijen zijn om te smullen en één en ander is op een prettige manier transparant geregistreerd.
Dat het 2tal erg veel lol heeft gehad is er duidelijk van af te horen.
Blijft triest hoe het uiteindelijk is afgelopen. Maar wat een geweldig debuut!
Billy Mackenzie en collega Alan Rankine namen deze plaat op met alleen een sessiedrummer en schijnen de tijd van hun leven gehad te hebben, de ideeën bleven maar komen en dat is er van af te horen.
Alles is raak en hoe inventief, eigenwijs en interessant wil je het hebben. Ok, het helpt nogal als je een vocalist als Billy Mackenzie bent, zo intens, gemeend en uiteindelijk ook theatraal. Je kunt er wat kanten mee op.
Maar ook muzikaal is het smullen geblazen.
Prima gearrangeerd en uiterst slimme liedjes die ondanks de tegendraadsheid niet uit de bocht vliegen.
Omdat ik de opvolger Sulk als 1e beluisterd heb, dacht ik dat deze nog wel wat ontoegankelijker zou zijn, maar dat valt nogal mee.
Ik hoor hier wat pakkender materiaal die duidelijk een postpunk en new wave stempel heeft, maar ook hele melodieuze momentjes heeft.
Baspartijen zijn om te smullen en één en ander is op een prettige manier transparant geregistreerd.
Dat het 2tal erg veel lol heeft gehad is er duidelijk van af te horen.
Blijft triest hoe het uiteindelijk is afgelopen. Maar wat een geweldig debuut!
The Band - Jericho (1993)

3,5
0
geplaatst: 10 november 2008, 16:53 uur
Heel aardige wederopstanding van de legendarische Band.
Zonder Robbie Robbertson , die zijn laatste wals in 1976 draaide, en daar ook nooit meer aan begon. Maar ook Richard Manuel , die zich in 1885 van het leven beroofde ( ophanging in een hotelkamer.)
Levon Helm , Rick Danko en Garth Hudson krijgen hulp van veteranen als Richard Bell , Jim Weider en Randy Ciarlante.
De overbekende sound wordt hier grotendeels in ere gehouden.Bijkomend voordeel is dat Helm en Danko toch al de meest prominente vocalisten waren.
De songs hebben dat kenmerkende van een sterk groepsgeheel; blazertjes, orgeltjes en die typische plattelandssfeer waar folk, country, rock 'n roll en blues samensmelten tot een geheel eigen geluid.
Het album mist daarintegen songmatig het "originele" van vroeger , maar komt heel lekker weg met een aantal uitstekende covers van Springsteen , Dylan en Willie Dixon. De afsluiter( Blues Stay Away From Me) ken ik in een uitvoering van The Nothing Hillbillies(project van oa.Mark Knopfler)
Met het overlijden van Danko in 1999 , mogen we er van uitgaan dat The Band definitief tot het verleden behoort.
Zonder Robbie Robbertson , die zijn laatste wals in 1976 draaide, en daar ook nooit meer aan begon. Maar ook Richard Manuel , die zich in 1885 van het leven beroofde ( ophanging in een hotelkamer.)
Levon Helm , Rick Danko en Garth Hudson krijgen hulp van veteranen als Richard Bell , Jim Weider en Randy Ciarlante.
De overbekende sound wordt hier grotendeels in ere gehouden.Bijkomend voordeel is dat Helm en Danko toch al de meest prominente vocalisten waren.
De songs hebben dat kenmerkende van een sterk groepsgeheel; blazertjes, orgeltjes en die typische plattelandssfeer waar folk, country, rock 'n roll en blues samensmelten tot een geheel eigen geluid.
Het album mist daarintegen songmatig het "originele" van vroeger , maar komt heel lekker weg met een aantal uitstekende covers van Springsteen , Dylan en Willie Dixon. De afsluiter( Blues Stay Away From Me) ken ik in een uitvoering van The Nothing Hillbillies(project van oa.Mark Knopfler)
Met het overlijden van Danko in 1999 , mogen we er van uitgaan dat The Band definitief tot het verleden behoort.
The Blue Nile - A Walk Across the Rooftops (1984)

4,5
3
geplaatst: 3 december 2016, 00:25 uur
Lang geleden dat ik deze hoorde.
De fraaie debuutplaat van The Blue Nile.
Toch maar eens in de collectie opnemen.
Prachtig breekbaar werkje.
Synthpop meets Art-Pop.
De stem van Paul Buchanan is natuurlijk fantastisch.
Wie daar niet relaxt van wordt, moet maar eens langs de dokter.
Van het begin tot het einde hoor je gewoon een klein meesterwerkje voorbij komen.
Typische bijgeluiden,trompet, de organische warme muzikaliteit en met de evergreen Tinsletown In The Rain.
Een tijdloos werkje die met name op deze donkere dagen heerlijk wegluistert.
Uiteraard is het restand ook erg mooi.
Het fijne Stay, Easter Parade, wat een voorbode is wat wij op Hats zouden gaan horen.
Maar ook het enigzins "Arty" From Rags To Riches is voorteffelijk.
Mooie worp in een druk popjaar.
Veel highlights (oa: Sylvian/ Dolby)
Deze kan er ook moeiteloos bij.
De fraaie debuutplaat van The Blue Nile.
Toch maar eens in de collectie opnemen.
Prachtig breekbaar werkje.
Synthpop meets Art-Pop.
De stem van Paul Buchanan is natuurlijk fantastisch.
Wie daar niet relaxt van wordt, moet maar eens langs de dokter.

Van het begin tot het einde hoor je gewoon een klein meesterwerkje voorbij komen.
Typische bijgeluiden,trompet, de organische warme muzikaliteit en met de evergreen Tinsletown In The Rain.
Een tijdloos werkje die met name op deze donkere dagen heerlijk wegluistert.
Uiteraard is het restand ook erg mooi.
Het fijne Stay, Easter Parade, wat een voorbode is wat wij op Hats zouden gaan horen.
Maar ook het enigzins "Arty" From Rags To Riches is voorteffelijk.
Mooie worp in een druk popjaar.
Veel highlights (oa: Sylvian/ Dolby)
Deze kan er ook moeiteloos bij.
The Cats - Collected (2014)

4,0
1
geplaatst: 4 maart 2020, 17:59 uur
Ik zeg wel eens gekscherend het beste wat Volendam heeft voortgebracht is paling en The Cats.
Wijlen muziekjournalist Jip Golsteijn gaf The Cats dan ook de benaming Palingsound.
De mannen waren vooral zangers en niet zo zeer geweldig op hun instrumenten.
Live deden ze dat wel, maar in de studio werd doorgaans gekozen voor studiomusici. Gitaristen als Jan Akkerman en Jan de Hont werden regelmatig ingehuurd bijvoorbeeld.
Die laatste speelt het prachtige snarenwerk op One Way Wind.
De typerende sound kwam dus voornamelijk voort uit de samenzang en de herkenbare leadvocals van eerst Cees Veerman en later vooral Piet Veerman.
Eind jaren 60 begint de sound orchestraler te worden en zijn met name Lea en Marianne klassiekers gebleven.
De 70's zijn frivoler en lichter en worden invloeden uit het Zuid Amerikaanse niet geschuwd.
Bassist Arnold Muhren schud de ene na de andere hit uit de mouw, maar de albums zijn nooit klassiekers gebleken.
De lol is er af in 1975, maar de hele band komt in 1982 weer bijéén. Niet lang, want Piet Veerman verkiest een solocarrière, met rechtzaken en ruzies als gevolg.
Een mooi overzicht. Alles staat er op. Best wel een ultieme Cats compilatie.
Wijlen muziekjournalist Jip Golsteijn gaf The Cats dan ook de benaming Palingsound.
De mannen waren vooral zangers en niet zo zeer geweldig op hun instrumenten.
Live deden ze dat wel, maar in de studio werd doorgaans gekozen voor studiomusici. Gitaristen als Jan Akkerman en Jan de Hont werden regelmatig ingehuurd bijvoorbeeld.
Die laatste speelt het prachtige snarenwerk op One Way Wind.
De typerende sound kwam dus voornamelijk voort uit de samenzang en de herkenbare leadvocals van eerst Cees Veerman en later vooral Piet Veerman.
Eind jaren 60 begint de sound orchestraler te worden en zijn met name Lea en Marianne klassiekers gebleven.
De 70's zijn frivoler en lichter en worden invloeden uit het Zuid Amerikaanse niet geschuwd.
Bassist Arnold Muhren schud de ene na de andere hit uit de mouw, maar de albums zijn nooit klassiekers gebleken.
De lol is er af in 1975, maar de hele band komt in 1982 weer bijéén. Niet lang, want Piet Veerman verkiest een solocarrière, met rechtzaken en ruzies als gevolg.
Een mooi overzicht. Alles staat er op. Best wel een ultieme Cats compilatie.
The Church - Further / Deeper (2014)

4,5
2
geplaatst: 19 januari 2018, 16:32 uur
Tijdje geleden besteld en vandaag maar eens opgehaald bij mijn platenzaak in het Zaanse.
Wat een luxe dat je nog lekker kunt snuffelen in de cd/ platen bakken en over muziek kunt beppen met de eigenaar. Het is bijna uniek geworden, daar er veel zaakjes zoals deze, haar deuren genoodzaakt hebben moeten sluiten.
Afijn, heel blij met dit voortreffelijke Churchalbum.
Klinkt mooi en diep door de speakers en wat is dit een fraai atmosferisch geheel.
De vrij lange speelduur is geen enkel bezwaar in deze setting en er zijn nog drie bonustracks bijgevoegd, die naadloos passen.
Marine Drive, The Girl Is Buoyant en het werkelijk sublieme Xmas.
Songs die ook met gemak regulier op Futher/ Deeper hadden kunnen staan.
Genieten, echt weer een higlight in het oevre van The Church. Voorbeeldige discografie.
Wat een luxe dat je nog lekker kunt snuffelen in de cd/ platen bakken en over muziek kunt beppen met de eigenaar. Het is bijna uniek geworden, daar er veel zaakjes zoals deze, haar deuren genoodzaakt hebben moeten sluiten.
Afijn, heel blij met dit voortreffelijke Churchalbum.
Klinkt mooi en diep door de speakers en wat is dit een fraai atmosferisch geheel.
De vrij lange speelduur is geen enkel bezwaar in deze setting en er zijn nog drie bonustracks bijgevoegd, die naadloos passen.
Marine Drive, The Girl Is Buoyant en het werkelijk sublieme Xmas.
Songs die ook met gemak regulier op Futher/ Deeper hadden kunnen staan.
Genieten, echt weer een higlight in het oevre van The Church. Voorbeeldige discografie.
The Church - Heyday (1985)

4,5
3
geplaatst: 13 december 2016, 23:28 uur
Ambitieus album dit Heyday.
Duidelijk dat de The Church hier op zoek was naar wat andere invalshoeken en vermoedelijk ook wel naar een wat groter publiek.
Het knappe is dat de eigen id gewaarborgd blijft.
De 60's gitaarsound is nog in volle glorie te bewonderen, evenals de lichte psychedelia.
Maar het is wat meer up dan down hier.
Nergens kakt het in en de melodielijnen zijn wederom om te smullen.
Myrrh is een voortreffelijke opener en met Tristesse en Already Yesterday als uitstekende volgers, weet je dat het gek moet lopen wil dit gaan teleurstellen.
En dat doet het dan ook niet.
Het tempo zit er voor de band's doen goed in en op het fantastische Tantalized zijn er zelfs wat blazers te horen.
Het deels zwoele Night Of The Light heeft strijkers en Youth Worshipper kent duidelijk invloeden uit de late 60's, Beatlesachtig trompetje en een psycheldische vibe.
Daar de muziek doorgaans op een relaxe manier voort gaat, zijn er hier wat meer verrassingen in de songs. Van zweverig tot steviger, en dat pakt prima uit.
The Church maakt tot dan toe platen van een coherent niveau. Weinig op aan te merken.
Heyday is het album waar men de remmen voorzichtig loslaat.
Onmiskenbaar hun geluid, de lyrics weer mysterieus, maar het lijkt hier op een feestje.
Natuurlijk niet te luidruchtig en te ordinair.
Het is wel The Church.
Prachtplaat.
Duidelijk dat de The Church hier op zoek was naar wat andere invalshoeken en vermoedelijk ook wel naar een wat groter publiek.
Het knappe is dat de eigen id gewaarborgd blijft.
De 60's gitaarsound is nog in volle glorie te bewonderen, evenals de lichte psychedelia.
Maar het is wat meer up dan down hier.
Nergens kakt het in en de melodielijnen zijn wederom om te smullen.
Myrrh is een voortreffelijke opener en met Tristesse en Already Yesterday als uitstekende volgers, weet je dat het gek moet lopen wil dit gaan teleurstellen.
En dat doet het dan ook niet.
Het tempo zit er voor de band's doen goed in en op het fantastische Tantalized zijn er zelfs wat blazers te horen.
Het deels zwoele Night Of The Light heeft strijkers en Youth Worshipper kent duidelijk invloeden uit de late 60's, Beatlesachtig trompetje en een psycheldische vibe.
Daar de muziek doorgaans op een relaxe manier voort gaat, zijn er hier wat meer verrassingen in de songs. Van zweverig tot steviger, en dat pakt prima uit.
The Church maakt tot dan toe platen van een coherent niveau. Weinig op aan te merken.
Heyday is het album waar men de remmen voorzichtig loslaat.
Onmiskenbaar hun geluid, de lyrics weer mysterieus, maar het lijkt hier op een feestje.
Natuurlijk niet te luidruchtig en te ordinair.
Het is wel The Church.
Prachtplaat.
The Church - Remote Luxury (1984)

4,5
1
geplaatst: 6 december 2016, 21:56 uur
Prachtige E.P werkelijk. 10,000 Miles is zo mooi en sfeervol.
Alsof je in een mooi bos loopt, waar de sneeuw de bomen siert.
The Church pakt hier uit met New-Wave die je gelijk inpakt.
Elementen uit de 60's, licht psychedelisch en lekker loom.
Maybe These Boys... heeft dan verrassend een andere twist.
Synths en een stuwend ritme, beetje Bowie achtig hier en daar.
Ik hoor het 'm zo maar zingen. Highlight!
Begint zo zachtjes aan een favoband te worden.
Alsof je in een mooi bos loopt, waar de sneeuw de bomen siert.
The Church pakt hier uit met New-Wave die je gelijk inpakt.
Elementen uit de 60's, licht psychedelisch en lekker loom.
Maybe These Boys... heeft dan verrassend een andere twist.
Synths en een stuwend ritme, beetje Bowie achtig hier en daar.
Ik hoor het 'm zo maar zingen. Highlight!
Begint zo zachtjes aan een favoband te worden.
The Church - Seance (1983)

4,5
3
geplaatst: 30 november 2016, 23:30 uur
Goh, ja, weer een hele mooie van The Church.
Fijne band is dit toch en mag ik zeggen dat zij toch wat ondergewaardeerd zijn?
Nu ja, voor de fijnproevers van licht Psychedelische dromerige Wave, absoluut een must.
Seance is ietwat zwaarder dan de voorganger, maar juist de wat zwaarmoedige sfeer, doet het erg goed.
Zanger/bassist en voornamelijke componist Steve Kilbey, heeft een prettige dromerigheid in zijn stem.
Zal nooit capriolen uithalen, maar is wel heel treffend in de sound van The Church.
Fraaie liedjes ook hier.
Ik kan geen zwakke momenten aanduiden.
Heel coherent en een heerlijke muziektrip, die vooral in dit jaargetijde bekijft.
Ook het gitaarwerk is sterk.
Heeft een wat late 60's stijl, maar blijkt nu ook een vrij tijdloos gehalte te hebben.
De snaredrum is hier en daar niet echt mijn ding.
Klinkt wat plofferig, maar dat is gelukkig niet overal het geval.
Tekstueel is het mysterieus.
De band verkoos om de lyrics nooit bij te voegen.
Dit om de luisteraar zelf zijn beleving te laten ontstaan.
Maar de spirituele Kilbey heeft vooral Mythen, legenden en dromen en nachtmerries als vaak terugkerende onderwerpen.
Maar tevens visioenen door drugs en de bijbel.
De groepsnaam komt dus kennelijk niet helemaal uit de lucht vallen.
Favo's hier One Day, Electric, It's No Reason ( zo mooi!) Disappear en de prachtige afsluiter It Doesn't Change.
Plaatje!!
Fijne band is dit toch en mag ik zeggen dat zij toch wat ondergewaardeerd zijn?
Nu ja, voor de fijnproevers van licht Psychedelische dromerige Wave, absoluut een must.
Seance is ietwat zwaarder dan de voorganger, maar juist de wat zwaarmoedige sfeer, doet het erg goed.
Zanger/bassist en voornamelijke componist Steve Kilbey, heeft een prettige dromerigheid in zijn stem.
Zal nooit capriolen uithalen, maar is wel heel treffend in de sound van The Church.
Fraaie liedjes ook hier.
Ik kan geen zwakke momenten aanduiden.
Heel coherent en een heerlijke muziektrip, die vooral in dit jaargetijde bekijft.
Ook het gitaarwerk is sterk.
Heeft een wat late 60's stijl, maar blijkt nu ook een vrij tijdloos gehalte te hebben.
De snaredrum is hier en daar niet echt mijn ding.
Klinkt wat plofferig, maar dat is gelukkig niet overal het geval.
Tekstueel is het mysterieus.
De band verkoos om de lyrics nooit bij te voegen.
Dit om de luisteraar zelf zijn beleving te laten ontstaan.
Maar de spirituele Kilbey heeft vooral Mythen, legenden en dromen en nachtmerries als vaak terugkerende onderwerpen.
Maar tevens visioenen door drugs en de bijbel.
De groepsnaam komt dus kennelijk niet helemaal uit de lucht vallen.
Favo's hier One Day, Electric, It's No Reason ( zo mooi!) Disappear en de prachtige afsluiter It Doesn't Change.
Plaatje!!

The Church - The Blurred Crusade (1982)

4,5
1
geplaatst: 21 november 2016, 19:51 uur
Wat een heerlijke plaat is dit zeg!
En dat nog wel in een pril tijdperk van deze band.
Melodieuze wat herfstachtige klanken gegoten in een warme produktie.
Heel fijn om te luisteren.
Smaakvol gitaarwerk en er staat er niets op, wat op het stapeltje overbodig hoeft.
Degelijk vakwerk en de dromerige zang werkt hier ook goed.
Favo's: Fields Of Mars, An Interlude, Just For You en het wat langer uitgesponnen You Took.
The Church is typisch zo'n band die altijd onverstoorbaar en onopvallend zijn ding heeft gedaan.
Ik ga eens werk maken van hun discografie.
Dit past in ieder geval prima in mijn straatje.
En dat nog wel in een pril tijdperk van deze band.
Melodieuze wat herfstachtige klanken gegoten in een warme produktie.
Heel fijn om te luisteren.
Smaakvol gitaarwerk en er staat er niets op, wat op het stapeltje overbodig hoeft.
Degelijk vakwerk en de dromerige zang werkt hier ook goed.
Favo's: Fields Of Mars, An Interlude, Just For You en het wat langer uitgesponnen You Took.
The Church is typisch zo'n band die altijd onverstoorbaar en onopvallend zijn ding heeft gedaan.
Ik ga eens werk maken van hun discografie.
Dit past in ieder geval prima in mijn straatje.
The Doors - L.A. Woman (1971)

4,5
4
geplaatst: 26 augustus 2016, 00:46 uur
Bewogen laatste Doors plaat. De laatste met Jim en niet meer met producer Paul Rotchild, die vond dat de groep onder zijn kunnen presteerde.
Een artistieke achteruitgang noemde hij het - hij hekelde met name Love Her Madly.
L.A Woman is derhalve een geslaagde plaat.
Een tijdperk waar dingen zouden veranderen.
The Doors wilden wat meer jazz introduceren in hun sound en dat is hier in lichte mate terug te horen.
Maar de bluesrock is ook een dingetje hier.
Het is wat straighter her en der, iets wat op Morrison Hotel al zijn intrede deed.
Jim zingt zoals bekend rauwer en doorleefder.
Geen nadeel in de selectie songs die wij voorgeschotelt krijgen.
De opener The Changeling is een voorbeeldige swingende funker waar Jim goed raad mee weet.
De toevoeging van de basgitaar helpt enorm aan de impact.
Love Her Madly is een wat vertrouwdere Doors song.
De honky tonk piano is het fundument waar de band lekker om heen speelt en de akkoordenwisseling is heel goed bedacht.
De twee songs die volgen zijn aardig en bluessy maar niet onmisbaar.
De titeltrack is een classic. Opzwepend, een hese en dreigende Jim en Krieger en Manzarek die het voorbeeldig invullen en elkaar prima vinden. iHet half-time ritme in het midden.....zeer organisch gespeeld. Verveeld nooit.
L' America is een uitstekende follow up met veel afwisseling en met de nodige ritmische vernuftheden.
Je zou bijna vergeten hoe goed John Densmore wel niet was. Zeer originele drummer met zijn jazzy insteek. Topdrummers uit die tijd waren echt onderscheidend.
Ja en dan Hyacinth House. Top song wederom, mooie tekst en een geweldige akkoordenreeks van Krieger wederom. En wat zingt Jim geweldig hier. Crawling King Blues, een dreigende gemene blues met veel lading.
The Wasp, ook een memorabel werkje.
Fascinerend ook met Jim die preekt en de woorden als een volleerde dichter ten hore brengt. De band als aanjager.
1 van de sterkste songs van een plaat die in de 2e helft alsmaar beter lijken te worden.
Het slot is natuurlijk iconisch en dat zal ook nooit meer veranderen. Last best en wat valt er nog aan toe te voegen. Iedereen kent deze.
De laatste song die Jim in zong en de cirkel is dan rond.
Hij toog na de opnames naar Parijs, zijn collega's achterlatend, om bewust of onbewust daar te sterven.
Hij de rebel, die zich steeds minder goed kon aanpassen in de wereld van wetten en regels, was opgebrand.
Moe van het strijden en zijn lichaam versleten van de inmense hoeveelheden drugs en drank, maakte zijn final trip.
Indrukwekkend slotstuk. Want natuurlijk hadden de overige Doors ondanks het streven om door te gaan geen bestaansrecht meer.
Daar was de rol van hun betreurde frontman veel te groot voor.
Een artistieke achteruitgang noemde hij het - hij hekelde met name Love Her Madly.
L.A Woman is derhalve een geslaagde plaat.
Een tijdperk waar dingen zouden veranderen.
The Doors wilden wat meer jazz introduceren in hun sound en dat is hier in lichte mate terug te horen.
Maar de bluesrock is ook een dingetje hier.
Het is wat straighter her en der, iets wat op Morrison Hotel al zijn intrede deed.
Jim zingt zoals bekend rauwer en doorleefder.
Geen nadeel in de selectie songs die wij voorgeschotelt krijgen.
De opener The Changeling is een voorbeeldige swingende funker waar Jim goed raad mee weet.
De toevoeging van de basgitaar helpt enorm aan de impact.
Love Her Madly is een wat vertrouwdere Doors song.
De honky tonk piano is het fundument waar de band lekker om heen speelt en de akkoordenwisseling is heel goed bedacht.
De twee songs die volgen zijn aardig en bluessy maar niet onmisbaar.
De titeltrack is een classic. Opzwepend, een hese en dreigende Jim en Krieger en Manzarek die het voorbeeldig invullen en elkaar prima vinden. iHet half-time ritme in het midden.....zeer organisch gespeeld. Verveeld nooit.
L' America is een uitstekende follow up met veel afwisseling en met de nodige ritmische vernuftheden.
Je zou bijna vergeten hoe goed John Densmore wel niet was. Zeer originele drummer met zijn jazzy insteek. Topdrummers uit die tijd waren echt onderscheidend.
Ja en dan Hyacinth House. Top song wederom, mooie tekst en een geweldige akkoordenreeks van Krieger wederom. En wat zingt Jim geweldig hier. Crawling King Blues, een dreigende gemene blues met veel lading.
The Wasp, ook een memorabel werkje.
Fascinerend ook met Jim die preekt en de woorden als een volleerde dichter ten hore brengt. De band als aanjager.
1 van de sterkste songs van een plaat die in de 2e helft alsmaar beter lijken te worden.
Het slot is natuurlijk iconisch en dat zal ook nooit meer veranderen. Last best en wat valt er nog aan toe te voegen. Iedereen kent deze.
De laatste song die Jim in zong en de cirkel is dan rond.
Hij toog na de opnames naar Parijs, zijn collega's achterlatend, om bewust of onbewust daar te sterven.
Hij de rebel, die zich steeds minder goed kon aanpassen in de wereld van wetten en regels, was opgebrand.
Moe van het strijden en zijn lichaam versleten van de inmense hoeveelheden drugs en drank, maakte zijn final trip.
Indrukwekkend slotstuk. Want natuurlijk hadden de overige Doors ondanks het streven om door te gaan geen bestaansrecht meer.
Daar was de rol van hun betreurde frontman veel te groot voor.
The Kinks - Kinks Kollekted (2011)
Alternatieve titel: Complete History 1964 - 1994

4,5
2
geplaatst: 4 september 2011, 21:12 uur
En weer een Collected geworpen (in dit geval toepasselijk Kollected ) want dit keer zijn The Kinks aan de beurt .
Samen met The Beatles , The Stones en The Who de meest opvallende en invloedrijkste band ontstaan uit de jaren 60 .
De doorgewinterde Kinksfan weet hoe lang hoe het zit ; Twee broers Dave en Ray Davies , waarvan de eerste een kundig gitarist is , maar oudere broer Ray een waar genie blijkt in het componeren van liedjes . Ray is ook de voornaamste zanger , speelt gitaar en is de man die de lijnen uitzet .
Ray is de observator , die de maatschappij onder de loep neemt en op een elegante speelse maar vaak cynische wijze zijn teksten laat spreken .
Zover is dat in den beginne nog niet . Met You Really Got Me vinden ze min of meer de hardrock uit en krijgt dat een logisch vervolg met All Day And All Of The Night .
Maar al spoedig zijn The Kinks een band die veel meer kan dan alleen een potje hardrocken . Ray's teksten winnen aan scherpte en diepgang en muzikaal vliegt het alle kanten op . De typische sixtiespop blijkt een enorme aanwinst .
Van dit alles is vooral cd1 goed vertegenwoordigd . Nummers als Dedicated Follower Of Fashion , het briljant luie Sunny Afternoon , het venijn van Dead End Street , de onvergetelijkheid van Waterloo Sunset en de schoonheid van Days ( kan makkelijk wedijveren met God Only Knows ( Beach Boys ) en In My Life ( Beatles) - algemeen beschouwd als de best geschreven songs ooit .
Ook de 70er jaren cd 2) mogen er zijn . Met name het begin dan . Supersonic Rocket Ship is lekker naief , maar wel heel pakkend en Celluloid Heroes is een KInksclassic van de eerste orde ( met Days mijn favoriete KInksnummer .)
Nadat Ray Davies zich vanaf eind jaren 60 stort op conceptalbums ( die goed blijken uit te pakken , maar misschien wat onbegrepen zijn ) gaat de groep vanaf het midden van de jaren 70 zich op wat rechtlijnigere rock storten . Sleepwalker lijkt zo van de Steve MIller Band te kunnen komen en met ( Wish I Could Fly Like ) Superman lijken ook The Kinks achter trends aan te hollen ( disco )
Rock And Roll Fantasy is heel fraai . De feitelijke antister Davies bewoord de schijnwereld die gepaard lijkt te zijn bij het leven van een rockster . De relativering zeg maar .
Uniek is de kerstsingle Father Christmas uit ''77'' . Dit keer eens geen vrolijke kerstboodschap , maar een verzoek om een eerlijkere verdeling van de kerstvreugde . Dus geen stupide dure kerstkado's voor de rijke jochies , maar geld om de armere tak ook te laten genieten .
The Kinks waren weer even hot , en dat in de Punktijd !
Met het naderen van de jaren 80 en talloze bezettingswisselingen verder lijkt de rek er uit bij de groep . Met Lola live weet de groep in ''80'' nog aardig te scoren in Europa ( nr.1 hit in nederland ) maar daarna zakt het niveau snel . Come Dancing is vooral in Amerika een hit , maar is een erg slap liedje .
Cd3 is een verzameling albumtracks en enkele zeldzaamheidjes .
Conclussie : een meer dan uitgebreide en welkome kennismaking met de muziek van The Kinks .
Het heeft mij alleen nog maar nieuwsgieriger gemaakt naar een aantal albums van de groep .
Een unieke band , invloedrijk en artistiek in een hoop gevallen behoorlijk relavant .
Samen met The Beatles , The Stones en The Who de meest opvallende en invloedrijkste band ontstaan uit de jaren 60 .
De doorgewinterde Kinksfan weet hoe lang hoe het zit ; Twee broers Dave en Ray Davies , waarvan de eerste een kundig gitarist is , maar oudere broer Ray een waar genie blijkt in het componeren van liedjes . Ray is ook de voornaamste zanger , speelt gitaar en is de man die de lijnen uitzet .
Ray is de observator , die de maatschappij onder de loep neemt en op een elegante speelse maar vaak cynische wijze zijn teksten laat spreken .
Zover is dat in den beginne nog niet . Met You Really Got Me vinden ze min of meer de hardrock uit en krijgt dat een logisch vervolg met All Day And All Of The Night .
Maar al spoedig zijn The Kinks een band die veel meer kan dan alleen een potje hardrocken . Ray's teksten winnen aan scherpte en diepgang en muzikaal vliegt het alle kanten op . De typische sixtiespop blijkt een enorme aanwinst .
Van dit alles is vooral cd1 goed vertegenwoordigd . Nummers als Dedicated Follower Of Fashion , het briljant luie Sunny Afternoon , het venijn van Dead End Street , de onvergetelijkheid van Waterloo Sunset en de schoonheid van Days ( kan makkelijk wedijveren met God Only Knows ( Beach Boys ) en In My Life ( Beatles) - algemeen beschouwd als de best geschreven songs ooit .
Ook de 70er jaren cd 2) mogen er zijn . Met name het begin dan . Supersonic Rocket Ship is lekker naief , maar wel heel pakkend en Celluloid Heroes is een KInksclassic van de eerste orde ( met Days mijn favoriete KInksnummer .)
Nadat Ray Davies zich vanaf eind jaren 60 stort op conceptalbums ( die goed blijken uit te pakken , maar misschien wat onbegrepen zijn ) gaat de groep vanaf het midden van de jaren 70 zich op wat rechtlijnigere rock storten . Sleepwalker lijkt zo van de Steve MIller Band te kunnen komen en met ( Wish I Could Fly Like ) Superman lijken ook The Kinks achter trends aan te hollen ( disco )
Rock And Roll Fantasy is heel fraai . De feitelijke antister Davies bewoord de schijnwereld die gepaard lijkt te zijn bij het leven van een rockster . De relativering zeg maar .
Uniek is de kerstsingle Father Christmas uit ''77'' . Dit keer eens geen vrolijke kerstboodschap , maar een verzoek om een eerlijkere verdeling van de kerstvreugde . Dus geen stupide dure kerstkado's voor de rijke jochies , maar geld om de armere tak ook te laten genieten .
The Kinks waren weer even hot , en dat in de Punktijd !
Met het naderen van de jaren 80 en talloze bezettingswisselingen verder lijkt de rek er uit bij de groep . Met Lola live weet de groep in ''80'' nog aardig te scoren in Europa ( nr.1 hit in nederland ) maar daarna zakt het niveau snel . Come Dancing is vooral in Amerika een hit , maar is een erg slap liedje .
Cd3 is een verzameling albumtracks en enkele zeldzaamheidjes .
Conclussie : een meer dan uitgebreide en welkome kennismaking met de muziek van The Kinks .
Het heeft mij alleen nog maar nieuwsgieriger gemaakt naar een aantal albums van de groep .
Een unieke band , invloedrijk en artistiek in een hoop gevallen behoorlijk relavant .
The New York Rock and Soul Revue - Live at the Beacon (1991)

4,0
0
geplaatst: 20 mei 2017, 22:16 uur
Lekkere liveregistratie met als aanjager Steely Dan's Donald Fagen.
De begeleiders in deze zijn Jeff Young & The Youngsters.
Ik kocht deze toendertijd bij uitkomen en draaide het best veel.
Fagen doet Green Flower Street van The Nightfly en pakt lekker uit met Chain Lightning en Pretzel Logic van Steely Dan.
Pretzel Logic in een duet met Micheal Mcdonald, die in de 70's live mee deed. Dat was niet lang, want Becker en Fagen kregen al snel een hekel aan de livegigs.
Verder zijn er nog gasten als Bozz Scaggs, de fantastische soulzangeres Phoebe Snow ( At Last..zo mooi) Charles Brown en het soulduo Eddie & David Brigati, die een heerlijke versie van Groovin' neerzetten.
Zo te horen een fijn avondje met tal van klassiekers. Recent doen Fagen, Mcdonald en Scaggs af en toe gezamelijke optredens.
Voor soul, blues en funk liefhebbers best een aanrader.
Geen idee of dit nog makkelijk te verkrijgen is.
De begeleiders in deze zijn Jeff Young & The Youngsters.
Ik kocht deze toendertijd bij uitkomen en draaide het best veel.
Fagen doet Green Flower Street van The Nightfly en pakt lekker uit met Chain Lightning en Pretzel Logic van Steely Dan.
Pretzel Logic in een duet met Micheal Mcdonald, die in de 70's live mee deed. Dat was niet lang, want Becker en Fagen kregen al snel een hekel aan de livegigs.
Verder zijn er nog gasten als Bozz Scaggs, de fantastische soulzangeres Phoebe Snow ( At Last..zo mooi) Charles Brown en het soulduo Eddie & David Brigati, die een heerlijke versie van Groovin' neerzetten.
Zo te horen een fijn avondje met tal van klassiekers. Recent doen Fagen, Mcdonald en Scaggs af en toe gezamelijke optredens.
Voor soul, blues en funk liefhebbers best een aanrader.
Geen idee of dit nog makkelijk te verkrijgen is.
The Rolling Stones - Live at the El Mocambo (2022)
Alternatieve titel: El Mocambo 1977

4,5
4
geplaatst: 27 mei 2022, 21:44 uur
Al heel lang een zeer gewilde liveregistratie van The Stones uit maart 1977.
Een klein voorproefje is er al te horen op het in 1977 uitgebrachte Love you Live en het is wat mij betreft het beste van die wat rommelige live plaat.
Zeer terecht dat dit besloten concert uiteindelijk een officiële release heeft gekregen.
De mannen zijn gretig, geïnspireerd, ondanks dat er wel een druggy/ alcohol vibe rond hangt.
Jagger bijvoorbeeld is erg praterig voor zijn doen. Wat mij ook opvalt is dat de band wat minder gehaast speelt; The Stones kregen op een gegeven moment de neiging bepaalde songs nogal speedy te spelen, iets wat overigens weer terug keert op Still Life, maar dat terzijde.
Hier staan ze gewoon lekker te spelen en is het gewoon tof dat er geplukt wordt uit vooral Black & Blue.
Een studioalbum die gemengde kritieken kreeg, maar uiteindelijk vind ik het één van hun betere 70's albums.
Dat losse sfeertje van die plaat is ook op El Mocambo waar te nemen en wellicht dat de intieme sfeer i.p.v een inmense grote hal een rol speelt.
Er worden tevens wat oude bluesjes gespeeld en dat zit als gegoten.
Perfect is het allemaal niet, maar daar staan The Stones ook niet om bekend, maar wel de energie, de passie en de onbetwiste herkenbaarheid.
Veel afwisseling, lekker gitaarwerk en Bill en Charlie in uitstekende vorm.
Woodie en Keef zijn goed op elkaar ingespeeld en hoewel ik het vertrek van Mick Taylor nog altijd als erg jammer beschouw, is het tijdens dit concert in ieder geval geen echt gemis.
Ronnie Wood speelt de solo's prima, minder frivool, maar het kenmerkt waar de groep toen voor stond.
Een aangename plaat en terecht dat dit album een hoge waardering heeft.
Een klein voorproefje is er al te horen op het in 1977 uitgebrachte Love you Live en het is wat mij betreft het beste van die wat rommelige live plaat.
Zeer terecht dat dit besloten concert uiteindelijk een officiële release heeft gekregen.
De mannen zijn gretig, geïnspireerd, ondanks dat er wel een druggy/ alcohol vibe rond hangt.
Jagger bijvoorbeeld is erg praterig voor zijn doen. Wat mij ook opvalt is dat de band wat minder gehaast speelt; The Stones kregen op een gegeven moment de neiging bepaalde songs nogal speedy te spelen, iets wat overigens weer terug keert op Still Life, maar dat terzijde.
Hier staan ze gewoon lekker te spelen en is het gewoon tof dat er geplukt wordt uit vooral Black & Blue.
Een studioalbum die gemengde kritieken kreeg, maar uiteindelijk vind ik het één van hun betere 70's albums.
Dat losse sfeertje van die plaat is ook op El Mocambo waar te nemen en wellicht dat de intieme sfeer i.p.v een inmense grote hal een rol speelt.
Er worden tevens wat oude bluesjes gespeeld en dat zit als gegoten.
Perfect is het allemaal niet, maar daar staan The Stones ook niet om bekend, maar wel de energie, de passie en de onbetwiste herkenbaarheid.
Veel afwisseling, lekker gitaarwerk en Bill en Charlie in uitstekende vorm.
Woodie en Keef zijn goed op elkaar ingespeeld en hoewel ik het vertrek van Mick Taylor nog altijd als erg jammer beschouw, is het tijdens dit concert in ieder geval geen echt gemis.
Ronnie Wood speelt de solo's prima, minder frivool, maar het kenmerkt waar de groep toen voor stond.
Een aangename plaat en terecht dat dit album een hoge waardering heeft.
The Rolling Stones - Sticky Fingers Live (2015)
Alternatieve titel: Live at the Fonda Theatre 2015

4,0
3
geplaatst: 1 januari 2023, 15:49 uur
Prima keuze om dit concert op oudejaarsavond uit te zenden. Top 2000 a GoGo werd toch herhaald ergens middernacht, dus deze registratie bekeken en vanmorgen de audio gecheckt.
Misschien dat het aan mij ligt, maar op één of andere manier vind ik The Stones (dan ook nog in de herfst van hun carrière) altijd prima voor de dag komen in de wat intiemere zalen/ theaters en zo ook hier.
Het is al een poosje een soort van kleine hype dat classic rock bands kiezen om een ouder album in zijn geheel te spelen en dat is betreft Sticky Fingers (1971) bij voorbaat al geen straf natuurlijk.
Één van hun beste en voor velen misschien wel de beste die ze ooit maakte.
Ik heb nooit onder stoelen of banken geschoven een Mick Taylor liefhebber te zijn. Vooral met hem, verkeerde The Stones in grootse vorm, zowel artistiek als op de bühne.
Nu mag Ronnie Wood Taylor's partijen spelen en dat gaat hem goed af. Ronnie heeft niet het melodische en virtuoze van zijn voorganger, maar heeft wel een prima inlevingsvermogen en is vooral ook op slidegitaar meer dan acceptabel.
Het concert zelf is bevlogen en de mannen hebben zich hoorbaar prima voorbereid. Jagger gaat als vanouds wat meer de diepte in met zijn stem en Ronnie en Keith sparren alsof het 1976 is. Een nieuwe blazerssectie en de immer stabiele Charlie Watts, doen uitstekend hun ding.
Het plezier is hoorbaar ( op beeld ook duidelijk te zien) en het lijkt allemaal wat verzorgder en strakker dan het zoveelste arena concert.
Ok, Sway is misschien iets te snel, Bitch wat te volgepropt en Moonlight Mile mist misschien de magie van de briljante studioversie, Dead Flowers, Sister Morphine, Can You Hear me Knocking, You Gotta Move, I Got The Blues en het niet kapot te krijgen Wild Horses, krijgen een passievolle en beladen behandeling.
Wat is dat toch? De kleinere settings en The Stones. Het is dan net of ze zich toch meer moeten bewijzen en dagen zichzelf uit om een meesterwerk als Sticky Fingers met een ander soort perfectie uit te voeren.
Toch nog een heel goede liveregistratie op hun oude dag. Petje af.
Misschien dat het aan mij ligt, maar op één of andere manier vind ik The Stones (dan ook nog in de herfst van hun carrière) altijd prima voor de dag komen in de wat intiemere zalen/ theaters en zo ook hier.
Het is al een poosje een soort van kleine hype dat classic rock bands kiezen om een ouder album in zijn geheel te spelen en dat is betreft Sticky Fingers (1971) bij voorbaat al geen straf natuurlijk.
Één van hun beste en voor velen misschien wel de beste die ze ooit maakte.
Ik heb nooit onder stoelen of banken geschoven een Mick Taylor liefhebber te zijn. Vooral met hem, verkeerde The Stones in grootse vorm, zowel artistiek als op de bühne.
Nu mag Ronnie Wood Taylor's partijen spelen en dat gaat hem goed af. Ronnie heeft niet het melodische en virtuoze van zijn voorganger, maar heeft wel een prima inlevingsvermogen en is vooral ook op slidegitaar meer dan acceptabel.
Het concert zelf is bevlogen en de mannen hebben zich hoorbaar prima voorbereid. Jagger gaat als vanouds wat meer de diepte in met zijn stem en Ronnie en Keith sparren alsof het 1976 is. Een nieuwe blazerssectie en de immer stabiele Charlie Watts, doen uitstekend hun ding.
Het plezier is hoorbaar ( op beeld ook duidelijk te zien) en het lijkt allemaal wat verzorgder en strakker dan het zoveelste arena concert.
Ok, Sway is misschien iets te snel, Bitch wat te volgepropt en Moonlight Mile mist misschien de magie van de briljante studioversie, Dead Flowers, Sister Morphine, Can You Hear me Knocking, You Gotta Move, I Got The Blues en het niet kapot te krijgen Wild Horses, krijgen een passievolle en beladen behandeling.
Wat is dat toch? De kleinere settings en The Stones. Het is dan net of ze zich toch meer moeten bewijzen en dagen zichzelf uit om een meesterwerk als Sticky Fingers met een ander soort perfectie uit te voeren.
Toch nog een heel goede liveregistratie op hun oude dag. Petje af.
The The - Dusk (1993)

4,0
3
geplaatst: 23 februari 2017, 23:12 uur
Geslaagde plaat weer van The The.
Natuurlijk het geestekindje van Matt Johnston.
Geen vrolijk album ( waarom ook) maar het is ook weer geen kommer en kwel in de zin van te veel zwaarmoedigheid.
Het catchy element blijft ook hier gewaarborgd en Johnston is wederom niet echt op een specifieke stijl te betrappen.
Hij dweept met Soulinvloeden, zelfs Country, maar vooral kwalitatieve goede popmuziek met originele zijweggetjes.
Groot voordeel is Matt zijn stem, die nogal wat kanten op kan.
Zo is Dusk tekstueel een beladen plaat met een prettigere organischere sound dan Mind Bomb.
Ook een prima plaat, maar wel met het juk van de 80's in het geheel. Drums die net even te klinisch klinken en de synths die de ziel er net even te veel uit halen.
Niets van dat alles op deze.
Mooie degelijke plaat met Love Is Stronger Than Death als favo. Werkelijk een prachtig liedje.
Natuurlijk het geestekindje van Matt Johnston.
Geen vrolijk album ( waarom ook) maar het is ook weer geen kommer en kwel in de zin van te veel zwaarmoedigheid.
Het catchy element blijft ook hier gewaarborgd en Johnston is wederom niet echt op een specifieke stijl te betrappen.
Hij dweept met Soulinvloeden, zelfs Country, maar vooral kwalitatieve goede popmuziek met originele zijweggetjes.
Groot voordeel is Matt zijn stem, die nogal wat kanten op kan.
Zo is Dusk tekstueel een beladen plaat met een prettigere organischere sound dan Mind Bomb.
Ook een prima plaat, maar wel met het juk van de 80's in het geheel. Drums die net even te klinisch klinken en de synths die de ziel er net even te veel uit halen.
Niets van dat alles op deze.
Mooie degelijke plaat met Love Is Stronger Than Death als favo. Werkelijk een prachtig liedje.
The Velvet Underground - The Velvet Underground & Nico (1967)

5,0
4
geplaatst: 19 november 2019, 15:41 uur
Dankzij het VU topic van Hacker eindelijk eens kennis gemaakt met deze 60's klassieker.
Waarom het zo lang geduurd heeft om dit album eindelijk eens op waarde te schatten weet ik eigenlijk niet. Zal wel onder het motto " komt nog wel een keer" zijn.
Lou Reed, maar zeker ook John Cale kunnen mijn waardering zeker dragen als soloartiest. Al is enige artistieke wispelturigheid beiden niet vreemd.
Dit is in ieder geval een plaat die zijn tijd vooruit is.
Een werkstuk die vooral vrijheid ademt en duistere onderwerpen als drugs, sex en zelfvernietiging behandeld, al was het de normaalste zaak van de wereld.
Andy Warhol, de geprezen wereldvreemde kunstenaar tekende voor de hoes en de scène van tallentvolle jonge eigenzinnige musici was niet weg te branden uit zijn omgeving.
Met name Lou Reed maakt een verpletterende indruk hier.
Niets geen subtiliteit, maar liever pijn, wanhoop en chaos. Dat is vooral wat hij hier wilt uitdragen.
De tijd was rijp voor nieuwe inzichten en het moest maar eens over zijn met de braafheid.
Vietnam was aan de gang en de psychedelische drugs nam een spurt. Wellicht was 1967 daardoor ook wel een fantastisch muziekjaar.
Een stel opvallende songs, waar zelfs model Nico -niet bepaald geboren met een mooie zangstem - mij wel weet te raken met haar geringe bijdragen.
De primitieve rauwe vibe en nogmaals de chaos, is perfect gevangen.
Natuurlijk is het productietechnisch een rommeltje, wordt er absoluut niet perfect gemusiceerd en komt het over dat er in een tot studio omgetoverde garage snel de boel moest worden opgenomen.
De magie zit 'm in de bezieling, het uitdragen en absoluut de zeggingskracht van de nummers.
Die nummers doen iets met je. Lastig om precies de vinger er op te leggen. Maar ik begrijp heel goed dat dit zo'n impact gemaakt heeft en het nog steeds doet.
Full score.
Waarom het zo lang geduurd heeft om dit album eindelijk eens op waarde te schatten weet ik eigenlijk niet. Zal wel onder het motto " komt nog wel een keer" zijn.
Lou Reed, maar zeker ook John Cale kunnen mijn waardering zeker dragen als soloartiest. Al is enige artistieke wispelturigheid beiden niet vreemd.
Dit is in ieder geval een plaat die zijn tijd vooruit is.
Een werkstuk die vooral vrijheid ademt en duistere onderwerpen als drugs, sex en zelfvernietiging behandeld, al was het de normaalste zaak van de wereld.
Andy Warhol, de geprezen wereldvreemde kunstenaar tekende voor de hoes en de scène van tallentvolle jonge eigenzinnige musici was niet weg te branden uit zijn omgeving.
Met name Lou Reed maakt een verpletterende indruk hier.
Niets geen subtiliteit, maar liever pijn, wanhoop en chaos. Dat is vooral wat hij hier wilt uitdragen.
De tijd was rijp voor nieuwe inzichten en het moest maar eens over zijn met de braafheid.
Vietnam was aan de gang en de psychedelische drugs nam een spurt. Wellicht was 1967 daardoor ook wel een fantastisch muziekjaar.
Een stel opvallende songs, waar zelfs model Nico -niet bepaald geboren met een mooie zangstem - mij wel weet te raken met haar geringe bijdragen.
De primitieve rauwe vibe en nogmaals de chaos, is perfect gevangen.
Natuurlijk is het productietechnisch een rommeltje, wordt er absoluut niet perfect gemusiceerd en komt het over dat er in een tot studio omgetoverde garage snel de boel moest worden opgenomen.
De magie zit 'm in de bezieling, het uitdragen en absoluut de zeggingskracht van de nummers.
Die nummers doen iets met je. Lastig om precies de vinger er op te leggen. Maar ik begrijp heel goed dat dit zo'n impact gemaakt heeft en het nog steeds doet.
Full score.
The Who - Who Are You (1978)

3,5
0
geplaatst: 4 april 2012, 21:04 uur
Een moeizaam tot stand gekomen album. Keith Moon begon steeds meer de grip te verliezen over zichzelf en ook voor de groep zelf ging het allemaal wat moeizamer.
Townsend was meer een gezinsman geworden en had een andere kijk gekregen op het hele Rock And Roll Circus.
Daarbij veranderde de muziek en alles er omheen (toepasselijke song Music Must Change.)
Who Are You is een degelijke Who schijf , maar je hoort de twijfel insluipen.
Het is allemaal niet meer zo overgeweldigend, veel toetsen en songs die lang niet allemaal bekijven.
De opener New Song bijvoorbeeld pakt niet helemaal lekker, Had Enough doet dat juist wel.
Sister Disco is wel lekker, maar nu weinig meer relevant, terwijl Music Must Change de lading wel weer dekt. Mooie song en tekstueel scherp.
Trick Of The Light is van de betreurde Enthwistle, en is eveneens een prima portie rock.
Opvallendste track is Guitar And Pen. Een verhalend nummer die de wat diepzinnigere Who laat horen.
Toch is de finale en tevens titeltrack de song waar het om draait. Een dampende Who met nog 1x Moon The Loon als drijvende kracht.
Het echte laatste redelijk tot goede album van The Who. Moon overleed, en zijn gemis bleek erg groot. Artistiek werd het nooit meer zoals het was, en geen drummer nadien heeft de betreurde Keith ooit echt kunnen benaderen. Zak Starkey(de huidige livedrummer) komt nog het dichtst in de buurt.
Townsend was meer een gezinsman geworden en had een andere kijk gekregen op het hele Rock And Roll Circus.
Daarbij veranderde de muziek en alles er omheen (toepasselijke song Music Must Change.)
Who Are You is een degelijke Who schijf , maar je hoort de twijfel insluipen.
Het is allemaal niet meer zo overgeweldigend, veel toetsen en songs die lang niet allemaal bekijven.
De opener New Song bijvoorbeeld pakt niet helemaal lekker, Had Enough doet dat juist wel.
Sister Disco is wel lekker, maar nu weinig meer relevant, terwijl Music Must Change de lading wel weer dekt. Mooie song en tekstueel scherp.
Trick Of The Light is van de betreurde Enthwistle, en is eveneens een prima portie rock.
Opvallendste track is Guitar And Pen. Een verhalend nummer die de wat diepzinnigere Who laat horen.
Toch is de finale en tevens titeltrack de song waar het om draait. Een dampende Who met nog 1x Moon The Loon als drijvende kracht.
Het echte laatste redelijk tot goede album van The Who. Moon overleed, en zijn gemis bleek erg groot. Artistiek werd het nooit meer zoals het was, en geen drummer nadien heeft de betreurde Keith ooit echt kunnen benaderen. Zak Starkey(de huidige livedrummer) komt nog het dichtst in de buurt.
Tim Buckley - Goodbye and Hello (1967)

5,0
3
geplaatst: 15 februari 2018, 15:42 uur
Er zijn vocalisten/ songwriters die je ontroeren en je inpakken.
Tim Buckely is zo'n artiest.
De man weet mij bij altijd de juiste snaar te raken.
Goodbye And Hello is zo'n plaat die ik soms wel meerdere keren achter elkaar draai.
Tim heeft sowieso een stem die wat mij betreft tot 1 van de mooiste en uniekste allertijden behoort.
Natuurlijk is dit een typische 60's plaat en de sounds en lyrics zijn ook helemaal van toen.
De overigens fraaie wat theatrale titelsong brengt mij met name in de kalmere stukken in extase.
Het is echt zijn veelzijdige stem waar hij dus alle kanten mee op kon. Het blijft de sterkste troef.
Prachtige werkjes ook zoals Once Was I, Pleasant Street, het fragmentarische Carnival ,Morning Glory en het ritmische, eigenzinnige I Never Asked To Be My Mountain.
Een plaat die met groot gemak tot het beste van het topjaar 1967 gerekend mag worden.
Folky songs in combi met grootser uitgepakte stukken met strings en koper.
Al met al een artiest die nooit echt helemaal door drong tot de menigte.
Tim Buckley was vooral een grillig artiest die zich niet liet sturen en vooral deed wat naar zijn inzicht het juiste was.
Maar wat een enorm talent had deze veel te vroeg overleden singer/songwriter.
Deze overigens verhoogd naar 5 sterren.
Ik wil mij toch eens serieus gaan storten op zijn latere avant- garde periode.
Tim Buckely is zo'n artiest.
De man weet mij bij altijd de juiste snaar te raken.
Goodbye And Hello is zo'n plaat die ik soms wel meerdere keren achter elkaar draai.
Tim heeft sowieso een stem die wat mij betreft tot 1 van de mooiste en uniekste allertijden behoort.
Natuurlijk is dit een typische 60's plaat en de sounds en lyrics zijn ook helemaal van toen.
De overigens fraaie wat theatrale titelsong brengt mij met name in de kalmere stukken in extase.
Het is echt zijn veelzijdige stem waar hij dus alle kanten mee op kon. Het blijft de sterkste troef.
Prachtige werkjes ook zoals Once Was I, Pleasant Street, het fragmentarische Carnival ,Morning Glory en het ritmische, eigenzinnige I Never Asked To Be My Mountain.
Een plaat die met groot gemak tot het beste van het topjaar 1967 gerekend mag worden.
Folky songs in combi met grootser uitgepakte stukken met strings en koper.
Al met al een artiest die nooit echt helemaal door drong tot de menigte.
Tim Buckley was vooral een grillig artiest die zich niet liet sturen en vooral deed wat naar zijn inzicht het juiste was.
Maar wat een enorm talent had deze veel te vroeg overleden singer/songwriter.
Deze overigens verhoogd naar 5 sterren.
Ik wil mij toch eens serieus gaan storten op zijn latere avant- garde periode.
Tim Buckley - Starsailor (1970)

4,5
0
geplaatst: 17 februari 2018, 20:39 uur
Starsailor lijkt een omslag in Tim Buckley's korte periode als musicus.
Het lijkt er op dat hij als een bezetende snel door ging naar andere invalshoeken.
Misschien voelde hij al iets van onrust en de gedachte dat zijn leven kort zou zijn.
Achteraf niet zo'n heel gekke gedachte.
Tim was niet al te zuinig op zichzelf en de studio sessies putte hem uit.
Dit is een nieuwe experimentele fase waar de acoustische, licht jazzy setting heeft plaats gemaakt voor lyrische dwingende jazzrock met avant garde en free jazz kantjes.
Zijn vocalen vaker als een aanvullend instrument en in sfeer bepaald duisterder en killer.
Het nodigt anders uit dan het voorgaande werk, waar Tim nog relax en zonder al te veel gekke uitspattingen te werk ging.
Totaal andere fase en waar je voorheen half liggend onderuit zakte en genoot, is dit tamelijk hyper.
Song To The Siren is prachtig rustiek en is eigenlijk een liedje die er niet echt tussen past.
Grotendeels is dit een plaat die tegendraads is en Tim de ruimte geeft zijn stem expressiever zijn gang te laten gaan.
Het heeft wel wat, al moet je misschien in een opgefoktere stemming zijn.
Muzikaal heel interessant en het schuurt, dwingt en daagt je uit.
Veel nummers kon ik al van verzameld werk.
Down To The Borderline echter niet.
Laat ik dat nu net een highlight vinden hier.
Het schurkt naar een soort alt-funk. Voodoo ritmes, koper en Tim die het wederom naar grote hoogten zingt.
Apart album, maar wel erg goed.
Deze periode van Tim Buckley vergt geduld en focus.
Het heeft bij mij ook even geduurd dit op juiste waarde te schatten.
Het lijkt er op dat hij als een bezetende snel door ging naar andere invalshoeken.
Misschien voelde hij al iets van onrust en de gedachte dat zijn leven kort zou zijn.
Achteraf niet zo'n heel gekke gedachte.
Tim was niet al te zuinig op zichzelf en de studio sessies putte hem uit.
Dit is een nieuwe experimentele fase waar de acoustische, licht jazzy setting heeft plaats gemaakt voor lyrische dwingende jazzrock met avant garde en free jazz kantjes.
Zijn vocalen vaker als een aanvullend instrument en in sfeer bepaald duisterder en killer.
Het nodigt anders uit dan het voorgaande werk, waar Tim nog relax en zonder al te veel gekke uitspattingen te werk ging.
Totaal andere fase en waar je voorheen half liggend onderuit zakte en genoot, is dit tamelijk hyper.
Song To The Siren is prachtig rustiek en is eigenlijk een liedje die er niet echt tussen past.
Grotendeels is dit een plaat die tegendraads is en Tim de ruimte geeft zijn stem expressiever zijn gang te laten gaan.
Het heeft wel wat, al moet je misschien in een opgefoktere stemming zijn.
Muzikaal heel interessant en het schuurt, dwingt en daagt je uit.
Veel nummers kon ik al van verzameld werk.
Down To The Borderline echter niet.
Laat ik dat nu net een highlight vinden hier.
Het schurkt naar een soort alt-funk. Voodoo ritmes, koper en Tim die het wederom naar grote hoogten zingt.
Apart album, maar wel erg goed.
Deze periode van Tim Buckley vergt geduld en focus.
Het heeft bij mij ook even geduurd dit op juiste waarde te schatten.
Tom Waits - Closing Time (1973)

4,5
6
geplaatst: 10 september 2016, 00:44 uur
Vaak moet je wel eens de juiste sfeer en tijdstip bepalen als je een plaat goed wilt beoordelen.
Afgaande op de reacties van Closing Time, het debuut vsn Tom Waits, stelde ik dit zo lang mogelijk uit vandaag, tot de duisternis inviel.
Een goed glas port en minimaal licht.
De juiste keuze want dan komt dit werkstuk werkelijk binnen.
Het oordeel is zoals ik al dacht uitstekend.
Waits met een nog niet zo doordrenkte stem, al is ie wel onmiddelijk herkenbaar.
Hier ook nog geen extremiteiten op muzikaal gebied, sterker nog.....je verwacht dit eigenlijk meer van een artiest op leeftijd.
Tom draaide het feitelijk om. Pas veel later ging hij aan de gang met rauwere experimentelere bedenksels.
Closing Time bevind zich voornamelijk in een rustige rokerige bar en daar hoort geen lawaai.
Een bar waar zonde's worden overdacht, de nuttelozen hun glas drinken en waar de toekomst allang geen rol meer speelt.
Daar zijn ook de verliefden, de piekeraars, zwartkijkers en de onzekeren.
Tom zingt en speelt het lied voor de gasten en er zit wat tussen voor iedereen.
Perfect neergezet in een lome laidback, meestal wat jazzy feel.
Treffende melanchonie met Waits en piano in een leidende rol.
Her en der een trompet en een functionele gitaar, broeierige strings plus een relaxte ritmesectie.
Prachtig allemaal, O'l '55, Virginia Avenue, Midnight Lullaby en Martha vooral (duizelingwekkend mooi zelfs.) En dan heb ik het nog niet gehad over Lonely.
Het publiek krijgt een rolberoerte als ineens Ice Cream Man wordt ingezet, even wat pit in het geheel.
Maar voor dat er een dansje kan worden gemaakt is het jazzy uptempo gevalletje al weer voorbij. Ach.
De grand finale is in zicht en Grapefruit Moon is
een ware tranentrekker. Prachtig weer met de strijkers er bij.
Tom zet Closing Time in en de avond is voorbij.
De gasten gaan weg, terug naar de beslommeringen, vreugde en ellende.
Het had zo maar een liveplaat kunnen zijn.
Ik doe het licht weer aan en ben terug in de realiteit. Ik weet genoeg.
Afgaande op de reacties van Closing Time, het debuut vsn Tom Waits, stelde ik dit zo lang mogelijk uit vandaag, tot de duisternis inviel.
Een goed glas port en minimaal licht.
De juiste keuze want dan komt dit werkstuk werkelijk binnen.
Het oordeel is zoals ik al dacht uitstekend.
Waits met een nog niet zo doordrenkte stem, al is ie wel onmiddelijk herkenbaar.
Hier ook nog geen extremiteiten op muzikaal gebied, sterker nog.....je verwacht dit eigenlijk meer van een artiest op leeftijd.
Tom draaide het feitelijk om. Pas veel later ging hij aan de gang met rauwere experimentelere bedenksels.
Closing Time bevind zich voornamelijk in een rustige rokerige bar en daar hoort geen lawaai.
Een bar waar zonde's worden overdacht, de nuttelozen hun glas drinken en waar de toekomst allang geen rol meer speelt.
Daar zijn ook de verliefden, de piekeraars, zwartkijkers en de onzekeren.
Tom zingt en speelt het lied voor de gasten en er zit wat tussen voor iedereen.
Perfect neergezet in een lome laidback, meestal wat jazzy feel.
Treffende melanchonie met Waits en piano in een leidende rol.
Her en der een trompet en een functionele gitaar, broeierige strings plus een relaxte ritmesectie.
Prachtig allemaal, O'l '55, Virginia Avenue, Midnight Lullaby en Martha vooral (duizelingwekkend mooi zelfs.) En dan heb ik het nog niet gehad over Lonely.
Het publiek krijgt een rolberoerte als ineens Ice Cream Man wordt ingezet, even wat pit in het geheel.
Maar voor dat er een dansje kan worden gemaakt is het jazzy uptempo gevalletje al weer voorbij. Ach.
De grand finale is in zicht en Grapefruit Moon is
een ware tranentrekker. Prachtig weer met de strijkers er bij.
Tom zet Closing Time in en de avond is voorbij.
De gasten gaan weg, terug naar de beslommeringen, vreugde en ellende.
Het had zo maar een liveplaat kunnen zijn.
Ik doe het licht weer aan en ben terug in de realiteit. Ik weet genoeg.
Tom Waits - Swordfishtrombones (1983)

4,5
5
geplaatst: 25 februari 2017, 23:39 uur
Unieke plaat.
Tom goes extreme en daar Beefheart het jaar er voor zijn laatste plaat had gemaakt, was er kennelijk toch iemand die in die geest kon opereren.
Nu zat Tom met wat hij maakte toch al redelijk aan zijn plafond, dus Swordfishttombones was de perfecte move.
Het is allemaal bijzonder weird.
Achterbuurt Avent-Garde vind ik wel een typerende beschrijving wat we hier horen.
Zat Tom eerst nog rustig aan de vleugel in een verlopen nachtcafe, hier maakt hij de boel onveilig in nachtelijke sferen.
Hij komt 1x overdag zijn bed uit voor het kapel te leiden tijdens In The Neighborhood
Voor de rest gaat hij down,down, down in de grimmigheid van natte rokerige nachten.
Een schimmige nachtclub met daar achter, buiten een gevaarlijk steegje, waar junks je voor weinig mollen.
Dat is voor mij Swordfishtrombones.
Achterbuurt Avant -Garde.
Tom goes extreme en daar Beefheart het jaar er voor zijn laatste plaat had gemaakt, was er kennelijk toch iemand die in die geest kon opereren.
Nu zat Tom met wat hij maakte toch al redelijk aan zijn plafond, dus Swordfishttombones was de perfecte move.
Het is allemaal bijzonder weird.
Achterbuurt Avent-Garde vind ik wel een typerende beschrijving wat we hier horen.
Zat Tom eerst nog rustig aan de vleugel in een verlopen nachtcafe, hier maakt hij de boel onveilig in nachtelijke sferen.
Hij komt 1x overdag zijn bed uit voor het kapel te leiden tijdens In The Neighborhood
Voor de rest gaat hij down,down, down in de grimmigheid van natte rokerige nachten.
Een schimmige nachtclub met daar achter, buiten een gevaarlijk steegje, waar junks je voor weinig mollen.
Dat is voor mij Swordfishtrombones.
Achterbuurt Avant -Garde.
Tool - Fear Inoculum (2019)

4,0
3
geplaatst: 4 november 2021, 23:21 uur
Voor Toolmuziek moet je wel even gaan zitten en met dit comeback album is dat niet anders.
Onontzeggelijk hele knappe uitgewerkte nummers met beladen lyrics en de volkomen eigen sound.
Tool is echt heel herkenbaar en wat is er dan sinds 10.000 Days uit 2006 alweer, gebeurt qua opvatting en eventuele progressie?
De Amerikanen zijn ansich al progressief genoeg natuurlijk.
Steeds verder uitgebouwd naar fragmentarische progmetal met hele knappe virtuoze ritmische vondsten en vooral ook heel functionele gitaarpartijen die daar om heen is gebouwd. Nooit ellenlange solo's, maar meer licks die de toon aangeeft.
Tool's muziek is virtuoos, maar niet als doel op zich. Het knappe is dat de dynamiek altijd daar is. Geen vergezochte overgangen en gepiel, maar veel vrijheid voor de zang van Meynard.
Fear Inoculum is geen drastische verandering gebleken.
Hooguit is er wat meer ruimte voor sfeerpartijen en pakt de band wat meer rustpunten.
Door de plaat heen luisterend, zijn bekende patronen weer aanwezig en is in stijl niet heel veel anders dan het al wat minder metalminded vorige album.
Het drum en basswerk is weer inventief en echt om te smullen, maar op één of andere manier is het zo vertrouwd dat echte verrassingen moeilijk zijn te vinden.
Wat dat aangaat is de tijd wat stil blijven staan voor Tool.
Evengoed bijzonder blijft het, omdat simpelweg niemand als Tool klinkt. De oosterse percussie heel subtiel ingebracht, zo tussen de tegendraadse drumpartijen in, blijft een trekpleister van jewelste.
Invincible doet het erg goed bij mij en de vlijmscherpe vinnige afsluiter 7tempest is ook erg sterk.
Het is en blijft een wereld band. Vreemd en afstandelijk bijna, maar de emotie is altijd aanwezig.
Daarom is dit ook een plaat die met gemak in de collectie toegevoegd kan worden.
Maar het overdonderende ontbreekt wel een beetje.
Het verrassingseffect is minimaal.
Onontzeggelijk hele knappe uitgewerkte nummers met beladen lyrics en de volkomen eigen sound.
Tool is echt heel herkenbaar en wat is er dan sinds 10.000 Days uit 2006 alweer, gebeurt qua opvatting en eventuele progressie?
De Amerikanen zijn ansich al progressief genoeg natuurlijk.
Steeds verder uitgebouwd naar fragmentarische progmetal met hele knappe virtuoze ritmische vondsten en vooral ook heel functionele gitaarpartijen die daar om heen is gebouwd. Nooit ellenlange solo's, maar meer licks die de toon aangeeft.
Tool's muziek is virtuoos, maar niet als doel op zich. Het knappe is dat de dynamiek altijd daar is. Geen vergezochte overgangen en gepiel, maar veel vrijheid voor de zang van Meynard.
Fear Inoculum is geen drastische verandering gebleken.
Hooguit is er wat meer ruimte voor sfeerpartijen en pakt de band wat meer rustpunten.
Door de plaat heen luisterend, zijn bekende patronen weer aanwezig en is in stijl niet heel veel anders dan het al wat minder metalminded vorige album.
Het drum en basswerk is weer inventief en echt om te smullen, maar op één of andere manier is het zo vertrouwd dat echte verrassingen moeilijk zijn te vinden.
Wat dat aangaat is de tijd wat stil blijven staan voor Tool.
Evengoed bijzonder blijft het, omdat simpelweg niemand als Tool klinkt. De oosterse percussie heel subtiel ingebracht, zo tussen de tegendraadse drumpartijen in, blijft een trekpleister van jewelste.
Invincible doet het erg goed bij mij en de vlijmscherpe vinnige afsluiter 7tempest is ook erg sterk.
Het is en blijft een wereld band. Vreemd en afstandelijk bijna, maar de emotie is altijd aanwezig.
Daarom is dit ook een plaat die met gemak in de collectie toegevoegd kan worden.
Maar het overdonderende ontbreekt wel een beetje.
Het verrassingseffect is minimaal.
