Hier kun je zien welke berichten erwinz als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Young Guv - Guv IV (2022)

4,0
0
geplaatst: 29 juni 2022, 14:46 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Young Guv - GUV IV - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Young Guv - GUV IV
Ben Cook vervolgt zijn zegetocht met zijn band Young Guv met een vierde album vol met psychedelische powerpop, die opvalt door de hoeveelheid zonnestralen, maar zeker ook door het hoge niveau
De coronapandemie legde de band van de Canadese muzikant Ben Cook bijna twee jaar lam, maar een paar maanden geleden was er dan eindelijk de opvolger van de fantastische albums GUV I en GUV II uit 2019. GUV III krijgt nu al gezelschap van GUV IV en ook het vierde album uit de serie is er een om in te lijsten. GUV IV ligt in het verlengde van zijn drie onweerstaanbare voorgangers, maar klinkt ook net wat veelzijdiger en psychedelischer. Ben Cook schudt de tijdloze popliedjes vol zonnestralen ook dit keer in hoog tempo uit de hoge hoed, maar dat hoge tempo gaat niet ten koste van de kwaliteit. Ook GUV IV is immers weer een heerlijk album, dat stiekem doet uitzien naar de volgende delen in de serie.
Na de geweldige albums GUV I en GUV II uit 2019 was het een tijd stil rond Young Guv, de band van de Canadese muzikant Ben Cook. Ben Cook, die in een vorig leven overigens speelde in de Canadese punkband Fucked Up, strandde zonder enige inkomstenbron met zijn band in New Mexico, waar gelukkig wel nieuwe muziek kon worden opgenomen.
Een maand of drie geleden keerde Young Guv terug met GUV III, dat onmiddellijk even onweerstaanbaar bleek als zijn twee voorgangers. Op GUV III liet Ben Cook, net als op GUV I en GUV II, de prille lentezon zeer uitbundig schijnen met songs vol invloeden uit de powerpop zoals die in de jaren 90 werd gemaakt en invloeden uit zo ongeveer de complete catalogus van The Byrds, maar ook invloeden uit allerlei andere genres, waaronder invloeden uit de countryrock.
Die laatste invloeden hoor ik ook weer zo af en toe op het deze week verschenen GUV IV, net als de met enige regelmaat opduikende Beatlesque invloeden en natuurlijk alle invloeden uit de powerpop en uit het oeuvre van The Byrds, die ook op dit album weer domineren. GUV IV verschilt niet overdreven veel van zijn voorganger, want ook het nieuwe album van Young Guv is een album dat zeker niet zuinig is met zonnestralen.
Ik was nog lang niet uitgekeken op GUV IIII, maar ook GUV IV gaat er weer in als koek. Ook het nieuwe album van de band van Ben Cook strooit niet alleen driftig met zonnestralen, maar grossiert ook in onweerstaanbaar lekkere en verrassend veelzijdige popliedjes, die dit keer net wat psychedelischer klinken. Het zijn popliedjes die je bij eerste beluistering al decennia lijkt te kennen, maar de Canadese muzikant slaagt er ook in om zijn muziek fris en fruitig te laten klinken.
Ook GUV IV werd weer grotendeels opgenomen in New Mexico, waarna het album werd afgemaakt in Los Angeles. GUV IV verleidt makkelijk met een lekker vol geluid dat nadrukkelijk uitnodigt tot heerlijk wegdromen, maar dat toch ook makkelijk de volledige aandacht opeist, al is het maar door steeds weer net wat andere wegen in te slaan.
Ook GUV IV is een album vol invloeden uit het verleden, die zowel uit de jaren 60 en 70 als uit de jaren 80 en 90 kunnen komen, maar Ben Cook staat op hetzelfde moment meer in het heden dan de meeste muzikanten die zich thuis voelen in het hokje retro, waar ik ook GUV IV dan ook liever niet in stop.
GUV I en GUV II werden aan het eind van 2019 ook uitgebracht als het dubbelalbum GUV I & II en ook de delen drie en vier zullen nog deze zomer fysiek worden gebundeld als GUV III & IV. Dat levert dan een bijna 80 minuten soundtrack vol zomerse maar ook razend knap gemaakte popliedjes op.
Na de drie vorige delen is het lastig om nog iets echt nieuws op te schrijven over GUV IV, want in muzikaal opzicht lijken de albums flink op elkaar en ze doen bovendien niet voor elkaar onder. Dat klinkt misschien wat eentonig, maar de grootste kracht van Young Guv schuilt in het feit dat de muziek van Ben Cook nu al vier albums op rij vergelijkbaar maar ook bijzonder leuk en toch ook veelzijdig is, waardoor ik stiekem alweer uitkijk naar GUV V en GUV VI. Zo ver is het nog niet, want de zomer van 2022 mag worden opgeluisterd met GUV III en GUV IV. Het moet haast wel een hele mooie zomer gaan worden. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Young Guv - GUV IV - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Young Guv - GUV IV
Ben Cook vervolgt zijn zegetocht met zijn band Young Guv met een vierde album vol met psychedelische powerpop, die opvalt door de hoeveelheid zonnestralen, maar zeker ook door het hoge niveau
De coronapandemie legde de band van de Canadese muzikant Ben Cook bijna twee jaar lam, maar een paar maanden geleden was er dan eindelijk de opvolger van de fantastische albums GUV I en GUV II uit 2019. GUV III krijgt nu al gezelschap van GUV IV en ook het vierde album uit de serie is er een om in te lijsten. GUV IV ligt in het verlengde van zijn drie onweerstaanbare voorgangers, maar klinkt ook net wat veelzijdiger en psychedelischer. Ben Cook schudt de tijdloze popliedjes vol zonnestralen ook dit keer in hoog tempo uit de hoge hoed, maar dat hoge tempo gaat niet ten koste van de kwaliteit. Ook GUV IV is immers weer een heerlijk album, dat stiekem doet uitzien naar de volgende delen in de serie.
Na de geweldige albums GUV I en GUV II uit 2019 was het een tijd stil rond Young Guv, de band van de Canadese muzikant Ben Cook. Ben Cook, die in een vorig leven overigens speelde in de Canadese punkband Fucked Up, strandde zonder enige inkomstenbron met zijn band in New Mexico, waar gelukkig wel nieuwe muziek kon worden opgenomen.
Een maand of drie geleden keerde Young Guv terug met GUV III, dat onmiddellijk even onweerstaanbaar bleek als zijn twee voorgangers. Op GUV III liet Ben Cook, net als op GUV I en GUV II, de prille lentezon zeer uitbundig schijnen met songs vol invloeden uit de powerpop zoals die in de jaren 90 werd gemaakt en invloeden uit zo ongeveer de complete catalogus van The Byrds, maar ook invloeden uit allerlei andere genres, waaronder invloeden uit de countryrock.
Die laatste invloeden hoor ik ook weer zo af en toe op het deze week verschenen GUV IV, net als de met enige regelmaat opduikende Beatlesque invloeden en natuurlijk alle invloeden uit de powerpop en uit het oeuvre van The Byrds, die ook op dit album weer domineren. GUV IV verschilt niet overdreven veel van zijn voorganger, want ook het nieuwe album van Young Guv is een album dat zeker niet zuinig is met zonnestralen.
Ik was nog lang niet uitgekeken op GUV IIII, maar ook GUV IV gaat er weer in als koek. Ook het nieuwe album van de band van Ben Cook strooit niet alleen driftig met zonnestralen, maar grossiert ook in onweerstaanbaar lekkere en verrassend veelzijdige popliedjes, die dit keer net wat psychedelischer klinken. Het zijn popliedjes die je bij eerste beluistering al decennia lijkt te kennen, maar de Canadese muzikant slaagt er ook in om zijn muziek fris en fruitig te laten klinken.
Ook GUV IV werd weer grotendeels opgenomen in New Mexico, waarna het album werd afgemaakt in Los Angeles. GUV IV verleidt makkelijk met een lekker vol geluid dat nadrukkelijk uitnodigt tot heerlijk wegdromen, maar dat toch ook makkelijk de volledige aandacht opeist, al is het maar door steeds weer net wat andere wegen in te slaan.
Ook GUV IV is een album vol invloeden uit het verleden, die zowel uit de jaren 60 en 70 als uit de jaren 80 en 90 kunnen komen, maar Ben Cook staat op hetzelfde moment meer in het heden dan de meeste muzikanten die zich thuis voelen in het hokje retro, waar ik ook GUV IV dan ook liever niet in stop.
GUV I en GUV II werden aan het eind van 2019 ook uitgebracht als het dubbelalbum GUV I & II en ook de delen drie en vier zullen nog deze zomer fysiek worden gebundeld als GUV III & IV. Dat levert dan een bijna 80 minuten soundtrack vol zomerse maar ook razend knap gemaakte popliedjes op.
Na de drie vorige delen is het lastig om nog iets echt nieuws op te schrijven over GUV IV, want in muzikaal opzicht lijken de albums flink op elkaar en ze doen bovendien niet voor elkaar onder. Dat klinkt misschien wat eentonig, maar de grootste kracht van Young Guv schuilt in het feit dat de muziek van Ben Cook nu al vier albums op rij vergelijkbaar maar ook bijzonder leuk en toch ook veelzijdig is, waardoor ik stiekem alweer uitkijk naar GUV V en GUV VI. Zo ver is het nog niet, want de zomer van 2022 mag worden opgeluisterd met GUV III en GUV IV. Het moet haast wel een hele mooie zomer gaan worden. Erwin Zijleman
Young Marble Giants - Colossal Youth (1980)
Alternatieve titel: Colossal Youth & Collected Works

5,0
1
geplaatst: 1 oktober 2023, 21:07 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Young Marble Giants - Colossal Youth (1980) - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Young Marble Giants - Colossal Youth (1980)
Young Marble Giants maakte in 1980 met Colossal Youth een onbetwiste klassieker en het is er een die met de dag invloedrijker wordt en die bovendien nog net zo bijzonder en urgent klinkt als op de dag van de release
Als iedereen die nu hoog opgeeft over het debuutalbum van Young Marble Giants het album in 1980 had gekocht, was het waarschijnlijk een stuk beter afgelopen met het trio uit Wales, dat helaas bleef steken op één album. In 1980 was de muziekwereld nog niet echt klaar voor Colossal Youth. De muziek van het trio is bijna minimalistisch te noemen, maar wat zijn met name de bijdragen van bas, gitaar en ritmebox trefzeker. De enige verdere opsmuk zijn een eenvoudig orgeltje en de al even minimalistische en wat onderkoelde zang van Alison Statton. Colossal Youth van Young Marble Giants zou verrassend invloedrijk blijken, maar het debuut van de band uit Wales is ook nog altijd volkomen uniek.
In mijn bespreking van de eerste twee albums van Marine Girls vorige week, kwam ik door de productie van Stuart Moxham al snel uit bij de muziek van Young Marble Giants. De band uit Wales maakte gedurende haar bestaan slechts één album, maar Colossal Youth is wel de boeken in gegaan als een van de klassiekers uit de geschiedenis van de popmuziek, al hadden maar weinig muziekliefhebbers dat door toen het album in 1980 verscheen.
Er zijn een heleboel klassiekers die in vrijwel iedere goed gevulde platenkast zijn te vinden, maar je hebt ook klassiekers die in vrijwel iedere goed gevulde platenkast ontbreken. Vervang platenkast door playlist en ook muziekliefhebbers van een redelijk recent bouwjaar weten waar ik het over heb. Een van die onbekende klassiekers is dus Colossal Youth van de Britse band Young Marble Giants.
Dat het debuut van de band uit Wales relatief onbekend is gebleven, heeft de band overigens grotendeels aan zichzelf te danken. Colossal Youth was in 1980 niet alleen een wat vreemde eend in de bijt, zeker binnen het hokje postpunk waar de band werd ingeduwd, maar het is ook het enige album van een band die uiteindelijk nog geen drie jaar bestond (al werd de band later heropgericht voor een aantal optredens).
Colossal Youth ging in 1980 zeker niet in enorme aantallen over de toonbank, maar toen aan het eind van de jaren 80 de balans van het decennium werd opgemaakt, dook het album verrassend op in flink wat lijstjes met de beste en meest invloedrijke albums uit het decennium. Ik pikte het album toen ook pas voor het eerst op en begreep direct waarom het debuut en de zwanenzang van Young Marble Giants achteraf bezien zo werd geprezen. Colossal Youth is nog altijd een album met een bijzonder geluid, maar het is ook een album dat de afgelopen decennia meerdere bands heeft beïnvloed, met The Xx als het wat mij betreft meest aansprekende voorbeeld.
Luister naar Colossal Youth en je hoort muziek die absoluut als minimalistisch is te omschrijven. Het geluid op Colossal Youth bestaat uit niet veel meer dan klanken van een eenvoudig orgeltje, voorzichtig funky baslijnen, puntige maar ook elementaire gitaarakkoorden en een ritmebox. Dit eenvoudige of zelfs minimalistische geluid krijgt gezelschap van al even sobere en wat onderkoelde zang. Alison Statton, Philip Moxham en Stuart Moxham bleven na het uit elkaar vallen van Young Marble Giants muziek maken, maar zo goed en urgent als op Colossal Youth werd het nooit meer.
Ter ere van de veertigste verjaardag van het inmiddels wel in bredere kring als klassieker bestempelde debuutalbum van Young Marble Giants, verscheen het album drie jaar geleden in een luxe maar zeer betaalbare editie, die echt al het werk van de band bevat. De vijftien tracks van Colossal Youth krijgen gezelschap van veertien extra tracks en als bonus is ook nog een live-DVD bijgevoegd. Het interessantst blijft wat mij toch het zo memorabele debuut uit 1980, dat nog net zo eigenzinnig klinkt als op de dag van de release, al is het misschien nog wel minimalistischere bonusmateriaal ook zeker de moeite waard.
Alison Statton, Philip Moxham, Stuart Moxham hebben genoeg aan minimale middelen, maar het effect dat ze sorteren is op Colossal Youth maximaal. Vooral de songs die gedragen worden door vlijmscherpe gitaarakkoorden, bijzondere ritmes, funky basloopjes en de heldere zang van Alison Statton vind ik geweldig, maar dat ligt vooral aan het feit dat ik niet zo gek ben op het wat zeurende orgeltje. Het is muziek teruggebracht tot de essentie, maar wat klinkt het nog altijd krachtig. Briljant album. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Young Marble Giants - Colossal Youth (1980) - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Young Marble Giants - Colossal Youth (1980)
Young Marble Giants maakte in 1980 met Colossal Youth een onbetwiste klassieker en het is er een die met de dag invloedrijker wordt en die bovendien nog net zo bijzonder en urgent klinkt als op de dag van de release
Als iedereen die nu hoog opgeeft over het debuutalbum van Young Marble Giants het album in 1980 had gekocht, was het waarschijnlijk een stuk beter afgelopen met het trio uit Wales, dat helaas bleef steken op één album. In 1980 was de muziekwereld nog niet echt klaar voor Colossal Youth. De muziek van het trio is bijna minimalistisch te noemen, maar wat zijn met name de bijdragen van bas, gitaar en ritmebox trefzeker. De enige verdere opsmuk zijn een eenvoudig orgeltje en de al even minimalistische en wat onderkoelde zang van Alison Statton. Colossal Youth van Young Marble Giants zou verrassend invloedrijk blijken, maar het debuut van de band uit Wales is ook nog altijd volkomen uniek.
In mijn bespreking van de eerste twee albums van Marine Girls vorige week, kwam ik door de productie van Stuart Moxham al snel uit bij de muziek van Young Marble Giants. De band uit Wales maakte gedurende haar bestaan slechts één album, maar Colossal Youth is wel de boeken in gegaan als een van de klassiekers uit de geschiedenis van de popmuziek, al hadden maar weinig muziekliefhebbers dat door toen het album in 1980 verscheen.
Er zijn een heleboel klassiekers die in vrijwel iedere goed gevulde platenkast zijn te vinden, maar je hebt ook klassiekers die in vrijwel iedere goed gevulde platenkast ontbreken. Vervang platenkast door playlist en ook muziekliefhebbers van een redelijk recent bouwjaar weten waar ik het over heb. Een van die onbekende klassiekers is dus Colossal Youth van de Britse band Young Marble Giants.
Dat het debuut van de band uit Wales relatief onbekend is gebleven, heeft de band overigens grotendeels aan zichzelf te danken. Colossal Youth was in 1980 niet alleen een wat vreemde eend in de bijt, zeker binnen het hokje postpunk waar de band werd ingeduwd, maar het is ook het enige album van een band die uiteindelijk nog geen drie jaar bestond (al werd de band later heropgericht voor een aantal optredens).
Colossal Youth ging in 1980 zeker niet in enorme aantallen over de toonbank, maar toen aan het eind van de jaren 80 de balans van het decennium werd opgemaakt, dook het album verrassend op in flink wat lijstjes met de beste en meest invloedrijke albums uit het decennium. Ik pikte het album toen ook pas voor het eerst op en begreep direct waarom het debuut en de zwanenzang van Young Marble Giants achteraf bezien zo werd geprezen. Colossal Youth is nog altijd een album met een bijzonder geluid, maar het is ook een album dat de afgelopen decennia meerdere bands heeft beïnvloed, met The Xx als het wat mij betreft meest aansprekende voorbeeld.
Luister naar Colossal Youth en je hoort muziek die absoluut als minimalistisch is te omschrijven. Het geluid op Colossal Youth bestaat uit niet veel meer dan klanken van een eenvoudig orgeltje, voorzichtig funky baslijnen, puntige maar ook elementaire gitaarakkoorden en een ritmebox. Dit eenvoudige of zelfs minimalistische geluid krijgt gezelschap van al even sobere en wat onderkoelde zang. Alison Statton, Philip Moxham en Stuart Moxham bleven na het uit elkaar vallen van Young Marble Giants muziek maken, maar zo goed en urgent als op Colossal Youth werd het nooit meer.
Ter ere van de veertigste verjaardag van het inmiddels wel in bredere kring als klassieker bestempelde debuutalbum van Young Marble Giants, verscheen het album drie jaar geleden in een luxe maar zeer betaalbare editie, die echt al het werk van de band bevat. De vijftien tracks van Colossal Youth krijgen gezelschap van veertien extra tracks en als bonus is ook nog een live-DVD bijgevoegd. Het interessantst blijft wat mij toch het zo memorabele debuut uit 1980, dat nog net zo eigenzinnig klinkt als op de dag van de release, al is het misschien nog wel minimalistischere bonusmateriaal ook zeker de moeite waard.
Alison Statton, Philip Moxham, Stuart Moxham hebben genoeg aan minimale middelen, maar het effect dat ze sorteren is op Colossal Youth maximaal. Vooral de songs die gedragen worden door vlijmscherpe gitaarakkoorden, bijzondere ritmes, funky basloopjes en de heldere zang van Alison Statton vind ik geweldig, maar dat ligt vooral aan het feit dat ik niet zo gek ben op het wat zeurende orgeltje. Het is muziek teruggebracht tot de essentie, maar wat klinkt het nog altijd krachtig. Briljant album. Erwin Zijleman
Younghusband - Swimmers (2019)

4,0
0
geplaatst: 18 juni 2019, 15:32 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Younghusband - Swimmers - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Younghusband - Swimmers
Younghusband maakt de perfecte popmuziek voor een mooie zomerdag, maar stiekem graven de aangename popliedjes van de band dieper dan je bij eerste beluistering denkt
Swimmers is mijn eerste kennismaking met de muziek van de Britse band Younghusband en wat mij betreft smaakt het naar veel meer. De Britse band verleidt in eerste instantie makkelijk met onweerstaanbare gitaarloopjes en lome zang, maar stiekem verstopt de band steeds meer moois in haar muziek en zoekt het ook zo nu en dan het experiment, bijvoorbeeld door elektronica het tijdelijk te laten winnen van de gitaren of door met duizelingwekkende snelheid door de tijd te schieten. Swimmers blijft, zeker op een zonnige dag, onweerstaanbaar, maar wordt ook steeds leuker en interessanter.
Op dagen waarop de zon overdadig schijnt en de temperaturen oplopen tot zomerse waarden, maak ik op muziekgebied andere keuzes dan op dagen waarop de zon zich niet laat zien en de regen eindeloos naar beneden klettert. Daarom vandaag geen gekwelde singer-songwriter die de wolken nog net wat donkerder en dreigender kleurt, maar een Britse gitaarband die de zon laat schijnen.
Het uit het Britse Watford afkomstige Younghusband bestaat al een aantal jaren en bracht in die jaren twee albums uit. Het deze week verschenen Swimmers is echter pas mijn eerste kennismaking met de Britse band en het is een kennismaking die me uitstekend bevalt en die zeker naar meer smaakt.
De band rond singer-songwriter Euan Hinshelwood nam haar nieuwe album op in de eigen studio in Greenwich en heeft de tijd genomen voor het in elkaar knutselen van een serie bijzonder aangename popliedjes. Het zijn waarvoor in het Engels het predicaat “breezy pop” is verzonnen en dat is popmuziek die het uitstekend doet wanneer de lente en de zomer zich aankondigen.
Swimmers opent bijzonder aangenaam met fraaie gitaarloopjes en lome vocalen en vergroot het zomergevoel nog wat verder met subtiele synths en hier en daar wat harmonieën of vrouwenstemmen. Het is muziek zoals die in Engeland al een aantal decennia wordt gemaakt, maar Younghusband klinkt toch weer net wat anders dan alle voorgangers, van wie ik bij beluistering van Swimmers het meest hoor van Travis, wiens geweldige The Man Who volgende week alweer haar twintigste verjaardag viert.
Younghusband borduurt echter zeker niet fantasieloos voort op alles dat er al is. Hier en daar klinkt een postpunk basloopje, af en toe zijn de gitaarloopjes net wat complexer, stekeliger en introspectiever en zo nu en dan nemen de synths even de hoofdrol over van de gitaren.
Swimmers van Younghusband schiet ook verrassend makkelijk door de tijd. De zomerse gitaarsongs van de band zijn sowieso van alle tijden, maar hier en daar flirt de band ook met invloeden uit 60s psychedelica of juist met elektronische muziek uit de jaren 80, om maar eens twee van de uitersten te noemen.
Het knappe van het nieuwe album van de Britse band is dat de songs op Swimmers nooit nalaten om meedogenloos te verleiden met wonderschone melodieën, maar er op hetzelfde moment in slagen om te verrassen en de fantasie te prikkelen.
Swimmers van Younghusband is een album dat bijzonder makkelijk overtuigt, zeker wanneer de zon schijnt, maar je hoort pas hoe goed het album is wanneer je het meerdere keren hebt beluisterd. Bij herhaalde beluistering blijf je maar nieuwe dingen horen en wordt het album mij in ieder geval dierbaarder en dierbaarder. Op een donkere dag had ik het album waarschijnlijk laten liggen, maar wat ben ik inmiddels blij met de uitstekende en o zo aangename popliedjes van Younghusband. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Younghusband - Swimmers - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Younghusband - Swimmers
Younghusband maakt de perfecte popmuziek voor een mooie zomerdag, maar stiekem graven de aangename popliedjes van de band dieper dan je bij eerste beluistering denkt
Swimmers is mijn eerste kennismaking met de muziek van de Britse band Younghusband en wat mij betreft smaakt het naar veel meer. De Britse band verleidt in eerste instantie makkelijk met onweerstaanbare gitaarloopjes en lome zang, maar stiekem verstopt de band steeds meer moois in haar muziek en zoekt het ook zo nu en dan het experiment, bijvoorbeeld door elektronica het tijdelijk te laten winnen van de gitaren of door met duizelingwekkende snelheid door de tijd te schieten. Swimmers blijft, zeker op een zonnige dag, onweerstaanbaar, maar wordt ook steeds leuker en interessanter.
Op dagen waarop de zon overdadig schijnt en de temperaturen oplopen tot zomerse waarden, maak ik op muziekgebied andere keuzes dan op dagen waarop de zon zich niet laat zien en de regen eindeloos naar beneden klettert. Daarom vandaag geen gekwelde singer-songwriter die de wolken nog net wat donkerder en dreigender kleurt, maar een Britse gitaarband die de zon laat schijnen.
Het uit het Britse Watford afkomstige Younghusband bestaat al een aantal jaren en bracht in die jaren twee albums uit. Het deze week verschenen Swimmers is echter pas mijn eerste kennismaking met de Britse band en het is een kennismaking die me uitstekend bevalt en die zeker naar meer smaakt.
De band rond singer-songwriter Euan Hinshelwood nam haar nieuwe album op in de eigen studio in Greenwich en heeft de tijd genomen voor het in elkaar knutselen van een serie bijzonder aangename popliedjes. Het zijn waarvoor in het Engels het predicaat “breezy pop” is verzonnen en dat is popmuziek die het uitstekend doet wanneer de lente en de zomer zich aankondigen.
Swimmers opent bijzonder aangenaam met fraaie gitaarloopjes en lome vocalen en vergroot het zomergevoel nog wat verder met subtiele synths en hier en daar wat harmonieën of vrouwenstemmen. Het is muziek zoals die in Engeland al een aantal decennia wordt gemaakt, maar Younghusband klinkt toch weer net wat anders dan alle voorgangers, van wie ik bij beluistering van Swimmers het meest hoor van Travis, wiens geweldige The Man Who volgende week alweer haar twintigste verjaardag viert.
Younghusband borduurt echter zeker niet fantasieloos voort op alles dat er al is. Hier en daar klinkt een postpunk basloopje, af en toe zijn de gitaarloopjes net wat complexer, stekeliger en introspectiever en zo nu en dan nemen de synths even de hoofdrol over van de gitaren.
Swimmers van Younghusband schiet ook verrassend makkelijk door de tijd. De zomerse gitaarsongs van de band zijn sowieso van alle tijden, maar hier en daar flirt de band ook met invloeden uit 60s psychedelica of juist met elektronische muziek uit de jaren 80, om maar eens twee van de uitersten te noemen.
Het knappe van het nieuwe album van de Britse band is dat de songs op Swimmers nooit nalaten om meedogenloos te verleiden met wonderschone melodieën, maar er op hetzelfde moment in slagen om te verrassen en de fantasie te prikkelen.
Swimmers van Younghusband is een album dat bijzonder makkelijk overtuigt, zeker wanneer de zon schijnt, maar je hoort pas hoe goed het album is wanneer je het meerdere keren hebt beluisterd. Bij herhaalde beluistering blijf je maar nieuwe dingen horen en wordt het album mij in ieder geval dierbaarder en dierbaarder. Op een donkere dag had ik het album waarschijnlijk laten liggen, maar wat ben ik inmiddels blij met de uitstekende en o zo aangename popliedjes van Younghusband. Erwin Zijleman
Youth Lagoon - Heaven Is a Junkyard (2023)

4,5
1
geplaatst: 9 augustus 2023, 15:15 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Youth Lagoon - Heaven Is A Junkyard - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Youth Lagoon - Heaven Is A Junkyard
Youth Lagoon, het project van de Amerikaanse muzikant Trevor Powers, keerde onlangs terug na lange afwezigheid met Heaven Is A Junkyard en wat is het een mooi, bijzonder, intrigerend en verslavend album
Ik had nog niet eerder naar de muziek van Youth Lagoon of Trevor Powers geluisterd, maar toen ik na een aantal recensies vol superlatieven dan eindelijk begon aan Heaven Is A Junkyard was ik onmiddellijk verkocht. Trevor Powers heeft zijn songs zeer sfeervol ingekleurd met piano en hier en daar flink wat strijkers, maar zorgt met flink wat elektronica ook voor voldoende avontuur. De Amerikaanse muzikant beschikt over een bijzonder stemgeluid, waar je even aan moet wennen, maar dat vervolgens steeds meer indruk maakt. Heaven Is A Junkyard is een prachtig album, dat steeds weer nieuwe dingen laat horen. Voor mij een enorme verrassing dit album van Youth Lagoon.
Heaven Is A Junkyard, het vierde album van Youth Lagoon, verscheen twee maanden geleden en is me toen niet echt of eigenlijk helemaal niet opgevallen. Ik ben het album pas goed gaan beluisteren toen ik de zoveelste jubelrecensie over het album las. Op die jubelrecensies heeft Youth Lagoon kennelijk een abonnement, want toen ik wat ging graven in de geschiedenis van Youth Lagoon kwam ik ook zeer positieve recensies over The Year Of Hibernation uit 2011, Wondrous Bughouse uit 2013 en Savage Hills Ballroom uit 2015 tegen.
Het is bijna acht jaar stil geweest rond Youth Lagoon, al maakte Trevor Powers, de man achter Youth Lagoon in 2018 en 2020 met Mulberry Violence en Capricorn wel twee wat afwijkende albums onder zijn eigen naam. Ik heb het allemaal gemist, maar ik ga de schade zeker inhalen nu ik razendsnel verknocht ben geraakt aan Heaven Is A Junkyard van Youth Lagoon.
Voor ik op zoek ging naar achtergrondinformatie over het album ging ik er overigens van uit dat er een vrouwelijke muzikant schuil ging achter Youth Lagoon, want de stem van Trevor Powers zou absoluut een vrouwenstem kunnen zijn. Nu heb ik over het algemeen eerder een zwak voor vrouwenstemmen dan voor mannenstemmen, waardoor Heaven Is A Junkyard zich mogelijk nog net wat sneller opdrong.
De eerste drie albums van Youth Lagoon werden voorzien van het etiket ‘bedroom pop’ en hoewel het nieuwe album van het alter ego van Trevor Powers vaak wat dromerig klinkt, zou ik dit etiket toch niet op Heaven Is A Junkyard plakken. Het nieuwe album van Youth Lagoon vindt deels aansluiting bij de chamber pop, zeker wanneer de piano domineert en de arrangementen wat klassiek aandoen, maar Trevor Powers experimenteert er ook flink op los, net zoals hij dat deed op de albums die hij onder zijn eigen naam uitbracht.
De Amerikaanse muzikant worstelde in 2021 flink met zijn gezondheid en verloor uiteindelijk zelfs maandenlang zijn stem. Het heeft er voor gezorgd dat Heaven Is A Junkyard een wat introspectief album is, waarop Trevor Powers zijn aandacht richt op zijn directe omgeving in Idaho. De Amerikaanse muzikant strooit hierbij met bijzondere verhalen, wat het album ook in tekstueel opzicht interessant maakt.
Veel songs op Heaven Is A Junkyard hebben het stemmige pianospel van de Amerikaanse muzikant als basis. Het album overtuigt hierdoor makkelijk en vult de ruimte met mooie klanken. Het geluid van Youth Lagoon is vervolgens verrijkt met andere instrumenten en zeker ook met de zeer karakteristieke stem van Trevor Powers, die breekbaar maar bijzonder mooi klinkt.
Youth Lagoon maakt op Heaven Is A Junkyard vooral wonderschone en opvallend beeldende popliedjes die echt prachtig zijn ingekleurd en hier en daar zijn voorzien van rijke orkestraties, maar de muziek van Trevor Powers is ook altijd bijzonder door de wat experimenteler klinkende accenten van elektronica, die nergens ten koste gaan van het melodieuze karakter van de songs.
Ik liet me direct bij eerste beluistering betoveren door de prachtige klanken en de bijzondere zang, maar iedere keer dat ik naar Heaven Is A Junkyard luister hoor ik weer nieuwe dingen en wordt het nieuwe album van Youth Lagoon nog wat bijzonderder. Alle zeer lovende recensies die over het album zijn beschreven begrijp ik inmiddels dan ook volledig en wat mij betreft komen er nog flink wat jubelrecensies bij, want zo bekend is de muziek van Youth Lagoon nog niet. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Youth Lagoon - Heaven Is A Junkyard - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Youth Lagoon - Heaven Is A Junkyard
Youth Lagoon, het project van de Amerikaanse muzikant Trevor Powers, keerde onlangs terug na lange afwezigheid met Heaven Is A Junkyard en wat is het een mooi, bijzonder, intrigerend en verslavend album
Ik had nog niet eerder naar de muziek van Youth Lagoon of Trevor Powers geluisterd, maar toen ik na een aantal recensies vol superlatieven dan eindelijk begon aan Heaven Is A Junkyard was ik onmiddellijk verkocht. Trevor Powers heeft zijn songs zeer sfeervol ingekleurd met piano en hier en daar flink wat strijkers, maar zorgt met flink wat elektronica ook voor voldoende avontuur. De Amerikaanse muzikant beschikt over een bijzonder stemgeluid, waar je even aan moet wennen, maar dat vervolgens steeds meer indruk maakt. Heaven Is A Junkyard is een prachtig album, dat steeds weer nieuwe dingen laat horen. Voor mij een enorme verrassing dit album van Youth Lagoon.
Heaven Is A Junkyard, het vierde album van Youth Lagoon, verscheen twee maanden geleden en is me toen niet echt of eigenlijk helemaal niet opgevallen. Ik ben het album pas goed gaan beluisteren toen ik de zoveelste jubelrecensie over het album las. Op die jubelrecensies heeft Youth Lagoon kennelijk een abonnement, want toen ik wat ging graven in de geschiedenis van Youth Lagoon kwam ik ook zeer positieve recensies over The Year Of Hibernation uit 2011, Wondrous Bughouse uit 2013 en Savage Hills Ballroom uit 2015 tegen.
Het is bijna acht jaar stil geweest rond Youth Lagoon, al maakte Trevor Powers, de man achter Youth Lagoon in 2018 en 2020 met Mulberry Violence en Capricorn wel twee wat afwijkende albums onder zijn eigen naam. Ik heb het allemaal gemist, maar ik ga de schade zeker inhalen nu ik razendsnel verknocht ben geraakt aan Heaven Is A Junkyard van Youth Lagoon.
Voor ik op zoek ging naar achtergrondinformatie over het album ging ik er overigens van uit dat er een vrouwelijke muzikant schuil ging achter Youth Lagoon, want de stem van Trevor Powers zou absoluut een vrouwenstem kunnen zijn. Nu heb ik over het algemeen eerder een zwak voor vrouwenstemmen dan voor mannenstemmen, waardoor Heaven Is A Junkyard zich mogelijk nog net wat sneller opdrong.
De eerste drie albums van Youth Lagoon werden voorzien van het etiket ‘bedroom pop’ en hoewel het nieuwe album van het alter ego van Trevor Powers vaak wat dromerig klinkt, zou ik dit etiket toch niet op Heaven Is A Junkyard plakken. Het nieuwe album van Youth Lagoon vindt deels aansluiting bij de chamber pop, zeker wanneer de piano domineert en de arrangementen wat klassiek aandoen, maar Trevor Powers experimenteert er ook flink op los, net zoals hij dat deed op de albums die hij onder zijn eigen naam uitbracht.
De Amerikaanse muzikant worstelde in 2021 flink met zijn gezondheid en verloor uiteindelijk zelfs maandenlang zijn stem. Het heeft er voor gezorgd dat Heaven Is A Junkyard een wat introspectief album is, waarop Trevor Powers zijn aandacht richt op zijn directe omgeving in Idaho. De Amerikaanse muzikant strooit hierbij met bijzondere verhalen, wat het album ook in tekstueel opzicht interessant maakt.
Veel songs op Heaven Is A Junkyard hebben het stemmige pianospel van de Amerikaanse muzikant als basis. Het album overtuigt hierdoor makkelijk en vult de ruimte met mooie klanken. Het geluid van Youth Lagoon is vervolgens verrijkt met andere instrumenten en zeker ook met de zeer karakteristieke stem van Trevor Powers, die breekbaar maar bijzonder mooi klinkt.
Youth Lagoon maakt op Heaven Is A Junkyard vooral wonderschone en opvallend beeldende popliedjes die echt prachtig zijn ingekleurd en hier en daar zijn voorzien van rijke orkestraties, maar de muziek van Trevor Powers is ook altijd bijzonder door de wat experimenteler klinkende accenten van elektronica, die nergens ten koste gaan van het melodieuze karakter van de songs.
Ik liet me direct bij eerste beluistering betoveren door de prachtige klanken en de bijzondere zang, maar iedere keer dat ik naar Heaven Is A Junkyard luister hoor ik weer nieuwe dingen en wordt het nieuwe album van Youth Lagoon nog wat bijzonderder. Alle zeer lovende recensies die over het album zijn beschreven begrijp ik inmiddels dan ook volledig en wat mij betreft komen er nog flink wat jubelrecensies bij, want zo bekend is de muziek van Youth Lagoon nog niet. Erwin Zijleman
Youth Lagoon - Rarely Do I Dream (2025)

3,5
0
geplaatst: 28 februari 2025, 15:38 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Youth Lagoon - Rarely Do I Dream - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Youth Lagoon - Rarely Do I Dream
Na het prachtige vorige album van Youth Lagoon vond ik Rarely Do I Dream, zeker bij eerste beluistering, een wat taai album, maar na enige gewenning valt er gelukkig steeds meer op zijn plek
Youth Lagoon, het project van de Amerikaanse muzikant Trevor Powers, is met Rarely Do I Dream alweer toe aan het vijfde album. Ik was erg te spreken over Heaven Is A Junkyard uit 2023 en hoor de muziek op dit album voor een deel terug op het nieuwe album van Youth Lagoon. Rarely Do I Dream is echter ook veelkleuriger en bij vlagen een stuk ruwer dan zijn voorganger. Het is wederom een persoonlijk album, waarop Trevor Powers begint bij herinneringen aan zijn vroege jeugd om uiteindelijk toch weer in minder zorgeloze tijden terecht te komen. Het klinkt, mede door de zang, anders dan de meeste andere muziek van het moment, maar ook Rarely Do I Dream overtuigt weer.
Heaven Is A Junkyard was in de zomer van 2023 mijn eerste kennismaking met de muziek van Youth Lagoon. Het was al het vierde album van het alter ego van de Amerikaanse muzikant Trevor Powers en als ik de Amerikaanse muziekwebsite AllMusic.com mag geloven zijn de albums die Youth Lagoon tussen 2011 en 2015 uitbracht (The Year Of Hibernation, Wondrous Bughouse en Savage Hills Ballroom) nog een stuk beter.
Bij eerste beluistering van Heaven Is A Junkyard was ik er overigens van overtuigd dat er een vrouwelijke singer-songwriter achter Youth Lagoon zat, maar dat bleek niet het geval. Heaven Is A Junkyard vind ik nog altijd een mooi en interessant album dat hier en daar dicht tegen de chamber pop aan kruipt, waardoor ik direct nieuwsgierig was toen ik de afgelopen week een nieuw album van Youth Lagoon op de releaselijsten zag staan.
Het vorige album van Youth Lagoon was niet alleen een mooi album, maar ook een zeer persoonlijk album, waarop Trevor Powers inzoomde op de gezondheidsproblemen die hij ondervond en op zijn leven in Idaho. Ook het deze week verschenen Rarely Do I Dream begint bij de persoon Trevor Powers. De Amerikaanse muzikant liet zich dit keer inspireren door een doos met videobanden die hij vond in de kelder van het huis van zijn ouders. Het zijn videobanden waarop de prille jeugd van de Amerikaanse muzikant is vastgelegd.
In de songs op Rarely Do I Dream combineert Trevor Powers fragmenten van deze videobanden met vaak wat donkere songs waarin de onschuld van zijn jeugd wordt geconfronteerd met de boze buitenwereld. In muzikaal opzicht klinkt Rarely Do I Dream toch weer net wat anders dan Heaven Is A Junkyard, waarop de piano centraal stond, maar in de meeste recensies worden de verschillen tussen beide albums wel wat overdreven.
Op het nieuwe album van Youth Lagoon is er een grotere rol voor synths en gitaren en verwerkt de muzikante uit Boise, Idaho, meer invloeden in zijn songs. De door gitaar gedomineerde songs klinken wat gruiziger, terwijl in de door synths gedomineerde songs het tempo wat omhoog gaat. Rarely Do I Dream bevat echter ook nog een aantal door piano gedomineerde songs die niet zo heel ver verwijderd zijn van de songs op het vorige album van de Amerikaanse muzikant.
Trevor Powers deed ook dit keer veel zelf, maar de productie van Rodaidh McDonald en het gitaarwerk van Erik Eastmans voegen zeker wat toe aan het geluid op het nieuwe album van Youth Lagoon. Het is een album dat ik misschien wel niet zo hebben opgepikt als ik bijna twee jaar geleden niet had geluisterd naar het vorige album van Youth Lagoon, maar gewend aan het soort muziek dat hij maakt en aan de bijzondere stem van de Amerikaanse muzikant, had ik gelukkig genoeg geduld om het op het eerste gehoor wat minder overtuigende Rarely Do I Dream op me in te laten werken.
Ik vind Heaven Is A Junkyard nog altijd mooier dan het nieuwe album van de muzikant uit Idaho, maar ik ben inmiddels wel overtuigd van de kwaliteit van het nieuwe album en het aantal songs dat iets met me doet stijgt gestaag. Met name de Amerikaanse muziekpers is behoorlijk enthousiast over de muziek van Trevor Powers en ik begrijp dat inmiddels wel, ondanks het moeten wennen aan dit nieuwe album. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Review: Youth Lagoon - Rarely Do I Dream - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Youth Lagoon - Rarely Do I Dream
Na het prachtige vorige album van Youth Lagoon vond ik Rarely Do I Dream, zeker bij eerste beluistering, een wat taai album, maar na enige gewenning valt er gelukkig steeds meer op zijn plek
Youth Lagoon, het project van de Amerikaanse muzikant Trevor Powers, is met Rarely Do I Dream alweer toe aan het vijfde album. Ik was erg te spreken over Heaven Is A Junkyard uit 2023 en hoor de muziek op dit album voor een deel terug op het nieuwe album van Youth Lagoon. Rarely Do I Dream is echter ook veelkleuriger en bij vlagen een stuk ruwer dan zijn voorganger. Het is wederom een persoonlijk album, waarop Trevor Powers begint bij herinneringen aan zijn vroege jeugd om uiteindelijk toch weer in minder zorgeloze tijden terecht te komen. Het klinkt, mede door de zang, anders dan de meeste andere muziek van het moment, maar ook Rarely Do I Dream overtuigt weer.
Heaven Is A Junkyard was in de zomer van 2023 mijn eerste kennismaking met de muziek van Youth Lagoon. Het was al het vierde album van het alter ego van de Amerikaanse muzikant Trevor Powers en als ik de Amerikaanse muziekwebsite AllMusic.com mag geloven zijn de albums die Youth Lagoon tussen 2011 en 2015 uitbracht (The Year Of Hibernation, Wondrous Bughouse en Savage Hills Ballroom) nog een stuk beter.
Bij eerste beluistering van Heaven Is A Junkyard was ik er overigens van overtuigd dat er een vrouwelijke singer-songwriter achter Youth Lagoon zat, maar dat bleek niet het geval. Heaven Is A Junkyard vind ik nog altijd een mooi en interessant album dat hier en daar dicht tegen de chamber pop aan kruipt, waardoor ik direct nieuwsgierig was toen ik de afgelopen week een nieuw album van Youth Lagoon op de releaselijsten zag staan.
Het vorige album van Youth Lagoon was niet alleen een mooi album, maar ook een zeer persoonlijk album, waarop Trevor Powers inzoomde op de gezondheidsproblemen die hij ondervond en op zijn leven in Idaho. Ook het deze week verschenen Rarely Do I Dream begint bij de persoon Trevor Powers. De Amerikaanse muzikant liet zich dit keer inspireren door een doos met videobanden die hij vond in de kelder van het huis van zijn ouders. Het zijn videobanden waarop de prille jeugd van de Amerikaanse muzikant is vastgelegd.
In de songs op Rarely Do I Dream combineert Trevor Powers fragmenten van deze videobanden met vaak wat donkere songs waarin de onschuld van zijn jeugd wordt geconfronteerd met de boze buitenwereld. In muzikaal opzicht klinkt Rarely Do I Dream toch weer net wat anders dan Heaven Is A Junkyard, waarop de piano centraal stond, maar in de meeste recensies worden de verschillen tussen beide albums wel wat overdreven.
Op het nieuwe album van Youth Lagoon is er een grotere rol voor synths en gitaren en verwerkt de muzikante uit Boise, Idaho, meer invloeden in zijn songs. De door gitaar gedomineerde songs klinken wat gruiziger, terwijl in de door synths gedomineerde songs het tempo wat omhoog gaat. Rarely Do I Dream bevat echter ook nog een aantal door piano gedomineerde songs die niet zo heel ver verwijderd zijn van de songs op het vorige album van de Amerikaanse muzikant.
Trevor Powers deed ook dit keer veel zelf, maar de productie van Rodaidh McDonald en het gitaarwerk van Erik Eastmans voegen zeker wat toe aan het geluid op het nieuwe album van Youth Lagoon. Het is een album dat ik misschien wel niet zo hebben opgepikt als ik bijna twee jaar geleden niet had geluisterd naar het vorige album van Youth Lagoon, maar gewend aan het soort muziek dat hij maakt en aan de bijzondere stem van de Amerikaanse muzikant, had ik gelukkig genoeg geduld om het op het eerste gehoor wat minder overtuigende Rarely Do I Dream op me in te laten werken.
Ik vind Heaven Is A Junkyard nog altijd mooier dan het nieuwe album van de muzikant uit Idaho, maar ik ben inmiddels wel overtuigd van de kwaliteit van het nieuwe album en het aantal songs dat iets met me doet stijgt gestaag. Met name de Amerikaanse muziekpers is behoorlijk enthousiast over de muziek van Trevor Powers en ik begrijp dat inmiddels wel, ondanks het moeten wennen aan dit nieuwe album. Erwin Zijleman
Yukon Blonde - On Blonde (2015)

4,0
1
geplaatst: 21 juli 2015, 15:17 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Yukon Blonde - On Blonde - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
De Canadese band Yukon Blonde heeft inmiddels een aantal platen op haar naam staan, maar tot de beluistering van On Blonde was ik nog niet in aanraking gekomen met de muziek van de band uit Kelowna, British Columbia.
Bij beluistering van de openingstrack was ik ook direct om, want wat is Confused een heerlijk en onweerstaanbaar popliedje. Wat voor de openingstrack geldt, geldt gelukkig ook voor de rest van de plaat.
Yukon Blonde maakt heerlijk toegankelijke popmuziek die afwisselend associaties oproept met de jaren 60, 70, 80 en 90.
Uit de jaren 60 komen een flinke dosis psychedelica en fraaie harmonieën, de jaren 70 dragen radiovriendelijke pop en zo af en toe een funky injectie bij, de jaren 80 voorzien de gitaarpop van Yukon Blonde van typische 80s synths en een heel dun laagje kitsch, terwijl de jaren 90 invloeden uit de power pop en de indie-pop aandragen.
De muziek van Yukon Blonde laat zich beluisteren als The Flaming Lips dat flirt met pure pop, als 10CC dat de muziek uit de 80s heeft omarmd, als een willekeurig leuk 80s bandje dat ook invloeden uit de jaren 60 en 70 durft te omarmen of als The Strokes die zichzelf opnieuw hebben uitgevonden.
On Blonde is zo lichtvoetig, toegankelijk en aanstekelijk dat het kritische oor verdwijnt als sneeuw voor de zon, maar ook als je kritisch luistert naar On Blonde blijft de muziek van Yukon Blonde wat mij betreft met gemak overeind.
De aangename popliedjes van de Canadezen steken allemaal knap in elkaar, leggen steeds net wat andere accenten en bevatten ook stuk voor stuk subtiele verrassingen. De zang is van hoog niveau en hetzelfde kan gezegd worden over het gitaarwerk en de bijdragen van de synths, die ook nog eens prachtig zijn geïntegreerd in de fraaie productie en mix.
Yukon Blonde slaagt er op haar nieuwe plaat in om de jaren 60, 70, 80 en 90 aan elkaar te verbinden en doet dat ook nog eens met muziek die met beide benen in het heden staat en met geen mogelijkheid te weerstaan is. Genoeg redenen om On Blonde te omarmen dus. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Yukon Blonde - On Blonde - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
De Canadese band Yukon Blonde heeft inmiddels een aantal platen op haar naam staan, maar tot de beluistering van On Blonde was ik nog niet in aanraking gekomen met de muziek van de band uit Kelowna, British Columbia.
Bij beluistering van de openingstrack was ik ook direct om, want wat is Confused een heerlijk en onweerstaanbaar popliedje. Wat voor de openingstrack geldt, geldt gelukkig ook voor de rest van de plaat.
Yukon Blonde maakt heerlijk toegankelijke popmuziek die afwisselend associaties oproept met de jaren 60, 70, 80 en 90.
Uit de jaren 60 komen een flinke dosis psychedelica en fraaie harmonieën, de jaren 70 dragen radiovriendelijke pop en zo af en toe een funky injectie bij, de jaren 80 voorzien de gitaarpop van Yukon Blonde van typische 80s synths en een heel dun laagje kitsch, terwijl de jaren 90 invloeden uit de power pop en de indie-pop aandragen.
De muziek van Yukon Blonde laat zich beluisteren als The Flaming Lips dat flirt met pure pop, als 10CC dat de muziek uit de 80s heeft omarmd, als een willekeurig leuk 80s bandje dat ook invloeden uit de jaren 60 en 70 durft te omarmen of als The Strokes die zichzelf opnieuw hebben uitgevonden.
On Blonde is zo lichtvoetig, toegankelijk en aanstekelijk dat het kritische oor verdwijnt als sneeuw voor de zon, maar ook als je kritisch luistert naar On Blonde blijft de muziek van Yukon Blonde wat mij betreft met gemak overeind.
De aangename popliedjes van de Canadezen steken allemaal knap in elkaar, leggen steeds net wat andere accenten en bevatten ook stuk voor stuk subtiele verrassingen. De zang is van hoog niveau en hetzelfde kan gezegd worden over het gitaarwerk en de bijdragen van de synths, die ook nog eens prachtig zijn geïntegreerd in de fraaie productie en mix.
Yukon Blonde slaagt er op haar nieuwe plaat in om de jaren 60, 70, 80 en 90 aan elkaar te verbinden en doet dat ook nog eens met muziek die met beide benen in het heden staat en met geen mogelijkheid te weerstaan is. Genoeg redenen om On Blonde te omarmen dus. Erwin Zijleman
Yukon Blonde - Vindicator (2020)

3,5
0
geplaatst: 20 november 2020, 13:12 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Yukon Blonde - Vindicator - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Yukon Blonde - Vindicator
Yukon Blonde verraste vijf jaar geleden al eens met een omgevallen platenkast vol aanstekelijke invloeden uit een aantal decennia popmuziek en doet dat nogmaals met Vindicator
Bij eerste beluistering van het nieuwe album van Yukon Blonde vroeg ik me vooral of dit nu kunst of kitsch is, maar als een album zo lekker klinkt als dat van de Canadese band is dat een vraag die er eigenlijk niet toe doet. Yukon Blonde citeert ook dit keer uit een aantal decennia popmuziek en lijkt een voorkeur te hebben voor aanstekelijke popsongs die tegen cheesy aan zitten. Dit keer domineren vooral de jaren 70 en 80, maar de omliggende decennia zijn nooit ver weg. Yukon Blonde maakt muziek met een hele dikke laag chroom. Het blinkt en schittert, maar onder de blinkende laag zit ook vakkundig gemaakte popmuziek verstopt en man wat klinkt het lekker.
Een jaar of vijf geleden besprak ik al eens een album van de Canadese band Yukon Blonde. Het was een album waarop ik een aantal decennia aangename popmuziek voorbij hoorde komen. Uit de jaren 60 hoorde ik een flinke dosis psychedelica en fraaie harmonieën, de jaren 70 droegen radiovriendelijke pop en zo af en toe een funky injectie bij, de jaren 80 voorzagen de pop van Yukon Blonde van typische 80s synths en een heel dun laagje kitsch, terwijl de jaren 90 invloeden uit de power pop en de indie-pop aandroegen.
Ik omschreef de muziek van Yukon Blonde als The Flaming Lips dat flirt met pure pop, als 10CC dat de muziek uit de 80s heeft omarmd en als een willekeurig leuk 80s bandje dat ook invloeden uit de jaren 60 en 70 durft te verwerken. Ik geloof niet dat ik na mijn recensie nog vaak naar het album van de Canadese band heb geluisterd, maar deze week dook Yukon Blonde op met een nieuw album en was ik toch weer nieuwsgierig.
On Blonde sloeg zich vijf jaar geleden als de spreekwoordelijke warme deken om me heen en Vindicator deed direct bij eerste beluistering niet anders. Ondanks het feit dat het nieuwe album van de band uit Vancouver weer anders klinkt dan het vorige album dat ik ken (ik heb ook nog een album gemist), gaat mijn recensie van dat album in grote lijnen ook op voor Vindicator. Ook dit keer gaat Yukon Blonde aan de haal met een aantal decennia popmuziek, maakt het vooral schaamteloos aanstekelijke popmuziek en is de band niet bang om zich op de grens van kunst en kitsch te bewegen.
Vindicator haalt flink wat inspiratie uit de jaren 80, maar de Canadese band voegt hier zwoele klanken uit de jaren 70 en elektronische klanken uit de jaren 90 aan toe. Hier en daar klinkt het als het blue-eyed popalbum dat Prince nooit heeft gemaakt, als Air of Daft Punk dat in de tijdmachine is teruggeschoten naar de jaren 70 en 80, of juist als laatstgenoemde bands in het heden, maar geen enkele vergelijking gaat heel lang mee.
Yukon Blonde maakte Vindicator zonder hulp van anderen, maar dat is zeker niet ten koste gegaan van de kwaliteit van het album. Het klinkt vanaf de eerste tot en met de laatste noot bijzonder lekker en het klinkt bovendien als een album dat je al een eeuwigheid kent.
Bij eerste beluistering van Vindicator vroeg ik me wel constant af of Yukon Blonde met haar aanstekelijke songs en de overdadig blinkende productie aan de goede kant van de streep blijft of niet, maar dat is een vraag die uiteindelijk niet relevant is. Yukon Blonde heeft een album gemaakt dat lijkt op van alles en nog wat en op hetzelfde moment op helemaal niets. Het is een album dat licht kitscherige invloeden uit een decennia popmuziek vermengt tot een serie popsongs waarvan je alleen maar zielsgelukkig kunt worden.
En luister net wat beter en je hoort dat de songs van Yukon Blonde vaak beschikken over een dubbele bodem en verrassend knap in elkaar steken. Dit geldt overigens ook voor de instrumentatie en de zang op het album. Het klinkt allemaal bijzonder verleidelijk, maar het is ook absoluut van hoog niveau. Yukon Blonde maakte vijf jaar geleden een album dat ik na mijn recensie direct weer vergeten was. Ik hoop dat Vindicator wat langer mee gaat, want dit album wordt echt alleen maar knapper …. en aangenamer. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Yukon Blonde - Vindicator - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Yukon Blonde - Vindicator
Yukon Blonde verraste vijf jaar geleden al eens met een omgevallen platenkast vol aanstekelijke invloeden uit een aantal decennia popmuziek en doet dat nogmaals met Vindicator
Bij eerste beluistering van het nieuwe album van Yukon Blonde vroeg ik me vooral of dit nu kunst of kitsch is, maar als een album zo lekker klinkt als dat van de Canadese band is dat een vraag die er eigenlijk niet toe doet. Yukon Blonde citeert ook dit keer uit een aantal decennia popmuziek en lijkt een voorkeur te hebben voor aanstekelijke popsongs die tegen cheesy aan zitten. Dit keer domineren vooral de jaren 70 en 80, maar de omliggende decennia zijn nooit ver weg. Yukon Blonde maakt muziek met een hele dikke laag chroom. Het blinkt en schittert, maar onder de blinkende laag zit ook vakkundig gemaakte popmuziek verstopt en man wat klinkt het lekker.
Een jaar of vijf geleden besprak ik al eens een album van de Canadese band Yukon Blonde. Het was een album waarop ik een aantal decennia aangename popmuziek voorbij hoorde komen. Uit de jaren 60 hoorde ik een flinke dosis psychedelica en fraaie harmonieën, de jaren 70 droegen radiovriendelijke pop en zo af en toe een funky injectie bij, de jaren 80 voorzagen de pop van Yukon Blonde van typische 80s synths en een heel dun laagje kitsch, terwijl de jaren 90 invloeden uit de power pop en de indie-pop aandroegen.
Ik omschreef de muziek van Yukon Blonde als The Flaming Lips dat flirt met pure pop, als 10CC dat de muziek uit de 80s heeft omarmd en als een willekeurig leuk 80s bandje dat ook invloeden uit de jaren 60 en 70 durft te verwerken. Ik geloof niet dat ik na mijn recensie nog vaak naar het album van de Canadese band heb geluisterd, maar deze week dook Yukon Blonde op met een nieuw album en was ik toch weer nieuwsgierig.
On Blonde sloeg zich vijf jaar geleden als de spreekwoordelijke warme deken om me heen en Vindicator deed direct bij eerste beluistering niet anders. Ondanks het feit dat het nieuwe album van de band uit Vancouver weer anders klinkt dan het vorige album dat ik ken (ik heb ook nog een album gemist), gaat mijn recensie van dat album in grote lijnen ook op voor Vindicator. Ook dit keer gaat Yukon Blonde aan de haal met een aantal decennia popmuziek, maakt het vooral schaamteloos aanstekelijke popmuziek en is de band niet bang om zich op de grens van kunst en kitsch te bewegen.
Vindicator haalt flink wat inspiratie uit de jaren 80, maar de Canadese band voegt hier zwoele klanken uit de jaren 70 en elektronische klanken uit de jaren 90 aan toe. Hier en daar klinkt het als het blue-eyed popalbum dat Prince nooit heeft gemaakt, als Air of Daft Punk dat in de tijdmachine is teruggeschoten naar de jaren 70 en 80, of juist als laatstgenoemde bands in het heden, maar geen enkele vergelijking gaat heel lang mee.
Yukon Blonde maakte Vindicator zonder hulp van anderen, maar dat is zeker niet ten koste gegaan van de kwaliteit van het album. Het klinkt vanaf de eerste tot en met de laatste noot bijzonder lekker en het klinkt bovendien als een album dat je al een eeuwigheid kent.
Bij eerste beluistering van Vindicator vroeg ik me wel constant af of Yukon Blonde met haar aanstekelijke songs en de overdadig blinkende productie aan de goede kant van de streep blijft of niet, maar dat is een vraag die uiteindelijk niet relevant is. Yukon Blonde heeft een album gemaakt dat lijkt op van alles en nog wat en op hetzelfde moment op helemaal niets. Het is een album dat licht kitscherige invloeden uit een decennia popmuziek vermengt tot een serie popsongs waarvan je alleen maar zielsgelukkig kunt worden.
En luister net wat beter en je hoort dat de songs van Yukon Blonde vaak beschikken over een dubbele bodem en verrassend knap in elkaar steken. Dit geldt overigens ook voor de instrumentatie en de zang op het album. Het klinkt allemaal bijzonder verleidelijk, maar het is ook absoluut van hoog niveau. Yukon Blonde maakte vijf jaar geleden een album dat ik na mijn recensie direct weer vergeten was. Ik hoop dat Vindicator wat langer mee gaat, want dit album wordt echt alleen maar knapper …. en aangenamer. Erwin Zijleman
Yumi Zouma - Present Tense (2022)

4,5
2
geplaatst: 24 maart 2022, 20:52 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Yumi Zouma - Present Tense - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Yumi Zouma - Present Tense
De Nieuw-Zeelandse band Yumi Zouma heeft al een aantal prima albums op haar naam staan, maar zet een grote stap met Present Tense dat hopelijk uitgroeit tot de soundtrack van een mooie en zorgeloze zomer
Wat van ver komt is echt niet altijd lekkerder, maar voor het nieuwe album van de Nieuw-Zeelandse band Yumi Zouma gaat het gezegde zeker op. De band leverde precies twee jaar geleden een ijzersterk album af, maar het deze week verschenen Present Tense is nog een stuk beter. Gebleven zijn de heerlijk lome en dromerige vocalen van Christie Simpson en de bijzonder lekker in het gehoor liggende popliedjes met hier en daar wat echo’s uit de jaren 80. Vergeleken met het vorige album zijn de songs alleen maar beter geworden en verder klinkt Present Tense nog wat verzorgder en veelzijdiger dan zijn voorganger, zonder dat dit ten koste is gegaan van de niet ophoudende stroom zonnestralen. Prachtalbum.
Truth Or Consequences was precies twee jaar geleden mijn eerste kennismaking met de muziek van de Nieuw-Zeelandse band Yumi Zouma. Op het derde album van de band uit Christchurch waren vooral zonnige popliedjes te horen en die deden het uitstekend in de ontluikende lentezon van dat moment.
Die lentezon laat zich op het moment ook veelvuldig zien en dus komt een nieuw album van Yumi Zouma op het juiste moment. De Nieuw-Zeelandse band heeft gelukkig niet al te veel veranderd aan de receptuur van haar muziek. Ook op het deze week verschenen Present Tense maakt Yumi Zouma heerlijk zonnige popliedjes. Het zijn over het algemeen genomen aanstekelijke en aangenaam lichtvoetige popliedjes met wat impulsen uit de elektronica, wat invloeden uit de jaren 80 en ook dit keer een hoofdrol voor de dromerige stem van zangeres Christie Simpson.
Ik noem Yumi Zouma hierboven een band uit Christchurch, maar de leden van de band zijn al jaren verspreid over drie continenten. Het vorige album van de band verscheen op de dag dat de WHO voor het eerst sprak over een pandemie, waardoor Yumi Zouma een streep kon zetten door de tour die zou volgen op Truth Or Consequences en het opnameproces voor Present Tense een complexe operatie werd.
Het album werd in 2021 in meerdere studio’s verspreid over Europa, de Verenigde Staten en Nieuw-Zeeland opgenomen, waarbij ook een flink aantal gastmuzikanten werd ingeschakeld. Dat is overigens niet te horen, want Yumi Zouma klinkt op haar vierde album als een hecht spelende band, wat ook alles te maken heeft met het feit dat Yumi Zouma ook al voor de coronapandemie op deze wijze werkte.
Vergeleken met het vorige album is het aandeel van elektronica in de instrumentatie wat geslonken, waardoor Present Tense wat warmer en organischer klinkt dan zijn voorganger. Het nieuwe album van de band klinkt lekker vol, maar de muziek van Yumi Zouma klinkt nog altijd betrekkelijk licht en heerlijk zonnig. Wanneer je wat beter luistert hoor je overigens dat het niet zo lichtvoetig is als het lijkt, want wat steken de songs van de Nieuw-Zeelandse band knap in elkaar en wat is de instrumentatie op Present Tense mooi en bijzonder.
Ook bij beluistering van Present Tense heb ik weer flink wat associaties met muziek uit de jaren 80, zonder dat ik hier heel precies de vinger op kan leggen, wat het eigen geluid van de Nieuw-Zeelandse band onderstreept. In muzikaal opzicht is Present Tense zoals gezegd nog wat interessanter dan Truth Or Consequences, maar ook dit keer komt de meeste verleiding voor mij van de heerlijke vocalen van Christie Simpson, die het zomerse gevoel dat het album oplevert nog wat verder versterkt met lome en dromerige zang.
Ik was direct bij eerste beluistering overtuigd van de zoete verleiding van het vierde album van Yumi Zouma, maar sindsdien is het album alleen maar mooier en interessanter geworden. We hebben zo langzamerhand wel weer eens een mooie en zorgeloze zomer verdiend, maar helaas denkt een oorlogszuchtig heerschap in Moskou hier vooralsnog anders over. Laten we hopen dat deze zorgeloze zomer er alsnog gaat komen dit jaar. De perfecte soundtrack ligt inmiddels klaar en komt van Yumi Zouma. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Yumi Zouma - Present Tense - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Yumi Zouma - Present Tense
De Nieuw-Zeelandse band Yumi Zouma heeft al een aantal prima albums op haar naam staan, maar zet een grote stap met Present Tense dat hopelijk uitgroeit tot de soundtrack van een mooie en zorgeloze zomer
Wat van ver komt is echt niet altijd lekkerder, maar voor het nieuwe album van de Nieuw-Zeelandse band Yumi Zouma gaat het gezegde zeker op. De band leverde precies twee jaar geleden een ijzersterk album af, maar het deze week verschenen Present Tense is nog een stuk beter. Gebleven zijn de heerlijk lome en dromerige vocalen van Christie Simpson en de bijzonder lekker in het gehoor liggende popliedjes met hier en daar wat echo’s uit de jaren 80. Vergeleken met het vorige album zijn de songs alleen maar beter geworden en verder klinkt Present Tense nog wat verzorgder en veelzijdiger dan zijn voorganger, zonder dat dit ten koste is gegaan van de niet ophoudende stroom zonnestralen. Prachtalbum.
Truth Or Consequences was precies twee jaar geleden mijn eerste kennismaking met de muziek van de Nieuw-Zeelandse band Yumi Zouma. Op het derde album van de band uit Christchurch waren vooral zonnige popliedjes te horen en die deden het uitstekend in de ontluikende lentezon van dat moment.
Die lentezon laat zich op het moment ook veelvuldig zien en dus komt een nieuw album van Yumi Zouma op het juiste moment. De Nieuw-Zeelandse band heeft gelukkig niet al te veel veranderd aan de receptuur van haar muziek. Ook op het deze week verschenen Present Tense maakt Yumi Zouma heerlijk zonnige popliedjes. Het zijn over het algemeen genomen aanstekelijke en aangenaam lichtvoetige popliedjes met wat impulsen uit de elektronica, wat invloeden uit de jaren 80 en ook dit keer een hoofdrol voor de dromerige stem van zangeres Christie Simpson.
Ik noem Yumi Zouma hierboven een band uit Christchurch, maar de leden van de band zijn al jaren verspreid over drie continenten. Het vorige album van de band verscheen op de dag dat de WHO voor het eerst sprak over een pandemie, waardoor Yumi Zouma een streep kon zetten door de tour die zou volgen op Truth Or Consequences en het opnameproces voor Present Tense een complexe operatie werd.
Het album werd in 2021 in meerdere studio’s verspreid over Europa, de Verenigde Staten en Nieuw-Zeeland opgenomen, waarbij ook een flink aantal gastmuzikanten werd ingeschakeld. Dat is overigens niet te horen, want Yumi Zouma klinkt op haar vierde album als een hecht spelende band, wat ook alles te maken heeft met het feit dat Yumi Zouma ook al voor de coronapandemie op deze wijze werkte.
Vergeleken met het vorige album is het aandeel van elektronica in de instrumentatie wat geslonken, waardoor Present Tense wat warmer en organischer klinkt dan zijn voorganger. Het nieuwe album van de band klinkt lekker vol, maar de muziek van Yumi Zouma klinkt nog altijd betrekkelijk licht en heerlijk zonnig. Wanneer je wat beter luistert hoor je overigens dat het niet zo lichtvoetig is als het lijkt, want wat steken de songs van de Nieuw-Zeelandse band knap in elkaar en wat is de instrumentatie op Present Tense mooi en bijzonder.
Ook bij beluistering van Present Tense heb ik weer flink wat associaties met muziek uit de jaren 80, zonder dat ik hier heel precies de vinger op kan leggen, wat het eigen geluid van de Nieuw-Zeelandse band onderstreept. In muzikaal opzicht is Present Tense zoals gezegd nog wat interessanter dan Truth Or Consequences, maar ook dit keer komt de meeste verleiding voor mij van de heerlijke vocalen van Christie Simpson, die het zomerse gevoel dat het album oplevert nog wat verder versterkt met lome en dromerige zang.
Ik was direct bij eerste beluistering overtuigd van de zoete verleiding van het vierde album van Yumi Zouma, maar sindsdien is het album alleen maar mooier en interessanter geworden. We hebben zo langzamerhand wel weer eens een mooie en zorgeloze zomer verdiend, maar helaas denkt een oorlogszuchtig heerschap in Moskou hier vooralsnog anders over. Laten we hopen dat deze zorgeloze zomer er alsnog gaat komen dit jaar. De perfecte soundtrack ligt inmiddels klaar en komt van Yumi Zouma. Erwin Zijleman
Yumi Zouma - Truth or Consequences (2020)

4,0
1
geplaatst: 19 maart 2020, 15:52 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Yumi Zouma - Truth Or Consequences - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Yumi Zouma - Truth Or Consequences
De Nieuw-Zeelandse band Yumi Zouma verdrijft even alle zorgen met zonnige elektronische popmuziek gegoten in warmbloedige en aanstekelijke songs en voorzien van even lome als verleidelijke vocalen
Je hebt van die albums die je onmiddellijk een goed gevoel geven. Truth Or Consequences van Yumi Zouma is zo’n album, al moet je wel van lome, zonnige en lichtvoetige elektronische popmuziek houden. Als je hier van houdt valt er veel te genieten. De band uit Christchurch vermengt eigentijdse elektronische klanken met een vleugje 80s synthpop en heeft een goed gevoel voor popliedjes die de zon laten schijnen. De warme klanken op het album slaan zich als een warme deken om je heen, waarna zangeres Christie Simpson de verleiding compleet maakt met haar dromerige zang. Heerlijk album.
De Nieuw-Zeelandse muziekpers geeft momenteel hoog op over Truth Or Consequences van Yumi Zouma. Dat is niet zo gek want Yumi Zouma is afkomstig uit het Nieuw-Zeelandse Christchurch en enige chauvinisme is bijna niemand vreemd. Ik begrijp het enthousiasme van de Nieuw-Zeelandse pers ook wel, want Truth Or Consequences is een album dat zich direct als een warme deken om je heen slaat.
Ik ging er in eerste instantie van uit dat Yumi Zouma de naam was van de dame die op de cover van het album prijkt, maar dat blijkt niet het geval. Yumi Zouma is de band rond boegbeeld Christie Simpson, overigens niet de oorspronkelijke zangeres van de band, en bestaat verder uit multi-instrumentalisten Josh Burgess en Charlie Ryder en drummer Olivia Campion.
De band is met Truth Or Consequences toe aan haar derde album en wil, na twee in Nieuw-Zeeland zeer goed ontvangen albums, met dit album de stap buiten het eigen vaderland zetten. Dat zou normaal gesproken makkelijk moeten lukken met dit in Christchurch, Londen en Los Angeles opgenomen album, maar sinds kort leven we in andere tijden en is het afwachten in hoeverre de muziek van de band uit Christchurch wordt opgepikt.
Aan de kwaliteit van het album zal het niet liggen. Yumi Zouma maakt op Truth Or Consequences makkelijk indruk met warmbloedige elektronische popmuziek. Het is popmuziek met flarden 80s synthpop en vaak een randje New Order, maar ook elektronische impulsen uit het heden of recente verleden. Dat is wat mij betreft normaal gesproken nogal kille muziek, maar Yumi Zouma slaagt er in om haar elektronische popmuziek te voorzien van een verrassend warm en gloedvol geluid.
Het is een vol en mooi geproduceerd geluid vol diepe bassen en subtiel ingezette synths, dat verrassend makkelijk verleidt, al is een zwak voor pop wel een vereiste om te kunnen genieten van het derde album van Yumi Zouma. Door de subtiele inzet van elektronica en de keuze voor een warm aandoend geluid heeft de muziek van de Nieuw-Zeelandse band een zomerse sfeer. Het is een sfeer die wordt versterkt door aanstekelijke en lichtvoetige popliedjes die zich makkelijk opdringen en die nog wat meer glans krijgt door de lome en zwoele zang van Christie Simpson.
Truth Or Consequences is een album waarvan je je misschien in eerste instantie afvraagt wat er zo bijzonder aan is, maar de songs van Yumi Zouma blijken knap in elkaar geknutseld, doen niet onder voor het beste in het genre en het zijn ook nog eens popliedjes die vooralsnog alleen maar aanstekelijker of zelfs verslavender worden. Of Yumi Zouma over een paar maanden alsnog de wereld gaat veroveren met dit album is de vraag, maar op de warme aanbevelingen van de Nieuw-Zeelandse muziekpers valt niets af te dingen. Of om Pitchfork te citeren: “The New Zealand band’s best songs are what one might call picnic disco: lazy in the best way, like stretching out under a hot sun with only the occasional drum loop to gently poke you awake”. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Yumi Zouma - Truth Or Consequences - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Yumi Zouma - Truth Or Consequences
De Nieuw-Zeelandse band Yumi Zouma verdrijft even alle zorgen met zonnige elektronische popmuziek gegoten in warmbloedige en aanstekelijke songs en voorzien van even lome als verleidelijke vocalen
Je hebt van die albums die je onmiddellijk een goed gevoel geven. Truth Or Consequences van Yumi Zouma is zo’n album, al moet je wel van lome, zonnige en lichtvoetige elektronische popmuziek houden. Als je hier van houdt valt er veel te genieten. De band uit Christchurch vermengt eigentijdse elektronische klanken met een vleugje 80s synthpop en heeft een goed gevoel voor popliedjes die de zon laten schijnen. De warme klanken op het album slaan zich als een warme deken om je heen, waarna zangeres Christie Simpson de verleiding compleet maakt met haar dromerige zang. Heerlijk album.
De Nieuw-Zeelandse muziekpers geeft momenteel hoog op over Truth Or Consequences van Yumi Zouma. Dat is niet zo gek want Yumi Zouma is afkomstig uit het Nieuw-Zeelandse Christchurch en enige chauvinisme is bijna niemand vreemd. Ik begrijp het enthousiasme van de Nieuw-Zeelandse pers ook wel, want Truth Or Consequences is een album dat zich direct als een warme deken om je heen slaat.
Ik ging er in eerste instantie van uit dat Yumi Zouma de naam was van de dame die op de cover van het album prijkt, maar dat blijkt niet het geval. Yumi Zouma is de band rond boegbeeld Christie Simpson, overigens niet de oorspronkelijke zangeres van de band, en bestaat verder uit multi-instrumentalisten Josh Burgess en Charlie Ryder en drummer Olivia Campion.
De band is met Truth Or Consequences toe aan haar derde album en wil, na twee in Nieuw-Zeeland zeer goed ontvangen albums, met dit album de stap buiten het eigen vaderland zetten. Dat zou normaal gesproken makkelijk moeten lukken met dit in Christchurch, Londen en Los Angeles opgenomen album, maar sinds kort leven we in andere tijden en is het afwachten in hoeverre de muziek van de band uit Christchurch wordt opgepikt.
Aan de kwaliteit van het album zal het niet liggen. Yumi Zouma maakt op Truth Or Consequences makkelijk indruk met warmbloedige elektronische popmuziek. Het is popmuziek met flarden 80s synthpop en vaak een randje New Order, maar ook elektronische impulsen uit het heden of recente verleden. Dat is wat mij betreft normaal gesproken nogal kille muziek, maar Yumi Zouma slaagt er in om haar elektronische popmuziek te voorzien van een verrassend warm en gloedvol geluid.
Het is een vol en mooi geproduceerd geluid vol diepe bassen en subtiel ingezette synths, dat verrassend makkelijk verleidt, al is een zwak voor pop wel een vereiste om te kunnen genieten van het derde album van Yumi Zouma. Door de subtiele inzet van elektronica en de keuze voor een warm aandoend geluid heeft de muziek van de Nieuw-Zeelandse band een zomerse sfeer. Het is een sfeer die wordt versterkt door aanstekelijke en lichtvoetige popliedjes die zich makkelijk opdringen en die nog wat meer glans krijgt door de lome en zwoele zang van Christie Simpson.
Truth Or Consequences is een album waarvan je je misschien in eerste instantie afvraagt wat er zo bijzonder aan is, maar de songs van Yumi Zouma blijken knap in elkaar geknutseld, doen niet onder voor het beste in het genre en het zijn ook nog eens popliedjes die vooralsnog alleen maar aanstekelijker of zelfs verslavender worden. Of Yumi Zouma over een paar maanden alsnog de wereld gaat veroveren met dit album is de vraag, maar op de warme aanbevelingen van de Nieuw-Zeelandse muziekpers valt niets af te dingen. Of om Pitchfork te citeren: “The New Zealand band’s best songs are what one might call picnic disco: lazy in the best way, like stretching out under a hot sun with only the occasional drum loop to gently poke you awake”. Erwin Zijleman
Yusuf - Tell 'Em I'm Gone (2014)

4,0
0
geplaatst: 9 januari 2015, 16:38 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Yusuf - Tell 'Em I'm Gone - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
De platen die Cat Stevens aan het begin van de jaren 70 maakte, met als uitschieters Tea For The Tillerman uit 1970 en Teaser And The Firecat uit 1971, heb ik hoog zitten. Heel hoog zelfs. Ik trek ze nog regelmatig uit de kast en ben nog steeds onder de indruk van het hoge niveau van deze platen en van de geweldige stem van de Brit.
Cat Stevens wist dit hoge niveau echter niet vast te houden en verdween aan het eind van de jaren 70 uit beeld. Hij bekeerde zich tot de Islam en noemde zich vanaf dat moment Yusuf Islam. Dat leverde lange tijd geen muziek op, maar sinds de jaren 90 brengt Yusuf Islam met enige regelmaat platen uit; vooralsnog zonder al teveel succes.
Ik heb er zelf eerlijk gezegd ook maar één in de kast staan (het overigens wel heel aardige An Other Cup) en heb daarom ook het eind vorig jaar verschenen Tell ‘Em I’m Gone lang laten staan. Ik had beter moeten weten, want de laatste plaat van Yusuf werd geproduceerd door de legendarische Rick Rubin en bevat ook nog eens gitaarwerk van niemand minder dan Richard Thompson.
Rick Rubin is er de afgelopen decennia al vele malen in geslaagd om het beste naar boven te halen bij muzikanten die ver over hun top leken en slaagt daar ook bij Yusuf weer glansrijk in. Op Tell ‘Em I’m Gone klinkt Yusuf als Cat Stevens in zijn jonge jaren en laat hij horen dat hij vorig jaar niet voor niets een plekje kreeg in de Rock and Roll Hall of Fame.
Tell ‘Em I’m Gone sluit in muzikaal opzicht aan bij de platen die Cat Stevens als beginnend muzikant maakte. Tracks met invloeden uit de blues en rhythm & blues domineren, wat uiteraard alle ruimte biedt aan het gitaarwerk van Richard Thompson, dat zoals altijd van hoog niveau is.
Yusuf is inmiddels de 65 gepasseerd, maar heeft nog niet al teveel last van slijtage op de stembanden. Zijn stem klinkt misschien iets minder bijzonder dan in de jaren 70, maar in vocaal opzicht staat het nog altijd als een huis. Dankzij de bijdragen van geweldige muzikanten is Tell ‘Em I’m Gone ook in muzikaal opzicht een uitstekende plaat en dat Rick Rubin weet hoe hij een plaat als deze moet produceren zal inmiddels bekend zijn.
Yusuf heeft voor Tell ‘Em I’m Gone een serie prachtige songs afgeleverd. Het zijn songs die aan de ene kant voortborduren op zijn jonge jaren en aan de andere kant terugblikken op een bewogen leven.
Op de latere platen van Cat Stevens en Yusuf Islam hoorde ik wel vaker goede vocalen, mooie muziek en goede songs, maar ontbrak op een of andere manier de ziel, waardoor de muziek me weinig deed. Die ziel is terug op Tell ‘Em I’m Gone. Yusuf klinkt op zijn nieuwe plaat geïnspireerd en gedreven en is net zo makkelijk de doorleefde bluesman als de verhalende singer-songwriter.
Tell ‘Em I’m Gone bevat 10 tracks en ze vliegen iedere keer weer voorbij. Het is iedere keer weer genieten zodat ik alleen maar kan concluderen dat ik het talent van Yusuf vorig jaar rijkelijk heb onderschat. Tell ‘Em I’m Gone is een plaat die er in alle opzichten toe doet en is het zoveelste kunststukje van Rick Rubin. En van Cat Stevens/Yusuf Islam. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Yusuf - Tell 'Em I'm Gone - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
De platen die Cat Stevens aan het begin van de jaren 70 maakte, met als uitschieters Tea For The Tillerman uit 1970 en Teaser And The Firecat uit 1971, heb ik hoog zitten. Heel hoog zelfs. Ik trek ze nog regelmatig uit de kast en ben nog steeds onder de indruk van het hoge niveau van deze platen en van de geweldige stem van de Brit.
Cat Stevens wist dit hoge niveau echter niet vast te houden en verdween aan het eind van de jaren 70 uit beeld. Hij bekeerde zich tot de Islam en noemde zich vanaf dat moment Yusuf Islam. Dat leverde lange tijd geen muziek op, maar sinds de jaren 90 brengt Yusuf Islam met enige regelmaat platen uit; vooralsnog zonder al teveel succes.
Ik heb er zelf eerlijk gezegd ook maar één in de kast staan (het overigens wel heel aardige An Other Cup) en heb daarom ook het eind vorig jaar verschenen Tell ‘Em I’m Gone lang laten staan. Ik had beter moeten weten, want de laatste plaat van Yusuf werd geproduceerd door de legendarische Rick Rubin en bevat ook nog eens gitaarwerk van niemand minder dan Richard Thompson.
Rick Rubin is er de afgelopen decennia al vele malen in geslaagd om het beste naar boven te halen bij muzikanten die ver over hun top leken en slaagt daar ook bij Yusuf weer glansrijk in. Op Tell ‘Em I’m Gone klinkt Yusuf als Cat Stevens in zijn jonge jaren en laat hij horen dat hij vorig jaar niet voor niets een plekje kreeg in de Rock and Roll Hall of Fame.
Tell ‘Em I’m Gone sluit in muzikaal opzicht aan bij de platen die Cat Stevens als beginnend muzikant maakte. Tracks met invloeden uit de blues en rhythm & blues domineren, wat uiteraard alle ruimte biedt aan het gitaarwerk van Richard Thompson, dat zoals altijd van hoog niveau is.
Yusuf is inmiddels de 65 gepasseerd, maar heeft nog niet al teveel last van slijtage op de stembanden. Zijn stem klinkt misschien iets minder bijzonder dan in de jaren 70, maar in vocaal opzicht staat het nog altijd als een huis. Dankzij de bijdragen van geweldige muzikanten is Tell ‘Em I’m Gone ook in muzikaal opzicht een uitstekende plaat en dat Rick Rubin weet hoe hij een plaat als deze moet produceren zal inmiddels bekend zijn.
Yusuf heeft voor Tell ‘Em I’m Gone een serie prachtige songs afgeleverd. Het zijn songs die aan de ene kant voortborduren op zijn jonge jaren en aan de andere kant terugblikken op een bewogen leven.
Op de latere platen van Cat Stevens en Yusuf Islam hoorde ik wel vaker goede vocalen, mooie muziek en goede songs, maar ontbrak op een of andere manier de ziel, waardoor de muziek me weinig deed. Die ziel is terug op Tell ‘Em I’m Gone. Yusuf klinkt op zijn nieuwe plaat geïnspireerd en gedreven en is net zo makkelijk de doorleefde bluesman als de verhalende singer-songwriter.
Tell ‘Em I’m Gone bevat 10 tracks en ze vliegen iedere keer weer voorbij. Het is iedere keer weer genieten zodat ik alleen maar kan concluderen dat ik het talent van Yusuf vorig jaar rijkelijk heb onderschat. Tell ‘Em I’m Gone is een plaat die er in alle opzichten toe doet en is het zoveelste kunststukje van Rick Rubin. En van Cat Stevens/Yusuf Islam. Erwin Zijleman
Yusuf - The Laughing Apple (2017)

4,0
1
geplaatst: 15 september 2017, 15:48 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Cat Stevens / Yusuf - The Laughing Apple - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Het is dit jaar precies 50 jaar geleden dat Cat Stevens debuteerde met twee nog niet direct opzienbarende, maar uiteindelijk wel belangrijke platen.
Met New Masters en met name Matthew & Son legde Cat Stevens de basis voor zijn in 1970 en 1972 verschenen meesterwerken Tea For The Tillerman en Teaser And The Firecat, die absoluut moeten worden gerekend tot de beste en meest invloedrijke singer-songwriter platen uit de jaren 70.
Cat Stevens viert dit jaar misschien zijn 50e verjaardag als muzikant, maar van een lange carrière is zeker geen sprake. De Britse muzikant raakte al in de eerste helft van de jaren 70 gefrustreerd door de machtige muziekindustrie en hing zijn gitaar aan de wilgen nadat hij zich in 1978 had bekeerd tot de Islam en zich vanaf dat moment Yusuf Islam noemde.
Het zou bijna 30 jaar duren voor we weer als muzikant van hem zouden horen, maar het in 2006 onder de naam Yusuf verschenen Another Cup bleek een sterke plaat vol echo’s uit het verleden. Het in 2009 verschenen Roadsinger was nog veel sterker en ook het uit 2014 stammende Tell ‘Em I’m Gone had zeker zijn momenten.
Ter ere van de 50e verjaardag van zijn muzikantenbestaan staat op de cover van de man’s nieuwe plaat niet alleen de naam Yusuf, maar keert ook de naam Cat Stevens terug. Het is een keuze die vast deels is ingegeven door commerciële motieven, maar na beluistering van The Laughing Apple kan ik alleen maar concluderen dat het een besluit is dat ook vanuit artistieke motieven goed te rechtvaardigen is.
Op The Laughing Apple keert niet alleen de oude naam terug, maar werkt Cat Stevens ook weer samen met producer van het eerste uur Paul Samwell-Smith en oudgediende Alun Davies, die de grote platen van Cat Stevens voorzag van het zo herkenbare gitaarspel. Omdat The Laughing Apple ook nog eens voor een deel bestaat uit nieuwe bewerkingen van oude songs en songs die nog op de plank lagen, is het een plaat geworden die naadloos aansluit op de grote platen van Cat Stevens uit de eerste helft van de jaren 70.
Of de Brit hiermee nieuwe zieltjes gaat winnen durf ik te betwijfelen, maar voor de muziekliefhebber met een zwak voor nostalgie en een zwak voor de meesterwerken van Cat Stevens is The Laughing Apple waarschijnlijk een bijzonder aangename plaat.
De instrumentatie op de plaat is hier en daar voorzien van eigentijdse accenten en de stem van Cat Stevens is niet volledig ontsnapt aan het proces van veroudering, maar laat The Laughing Apple uit de speakers komen en je waant je weer in de tijd dat je Tea For The Tillerman en Teaser And The Firecat ontdekte (wat voor mij overigens pas ergens in de jaren 90 was).
The Laughing Apple is gelukkig niet alleen goed voor nostalgische gevoelens. De songs op de plaat zijn van hoog niveau en persoonlijk vind ik de hier en daar licht krakende stem van Cat Stevens misschien nog wel mooier dan de stem die de genoemde platen uit het verleden zo’n herkenbaar eigen geluid gaven. Genoeg redenen om blij te zijn met de wederopstanding van Cat Stevens, maar The Laughing Apple is ook gewoon beter dan de platen van de jonge Britse singer-songwriters. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Cat Stevens / Yusuf - The Laughing Apple - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Het is dit jaar precies 50 jaar geleden dat Cat Stevens debuteerde met twee nog niet direct opzienbarende, maar uiteindelijk wel belangrijke platen.
Met New Masters en met name Matthew & Son legde Cat Stevens de basis voor zijn in 1970 en 1972 verschenen meesterwerken Tea For The Tillerman en Teaser And The Firecat, die absoluut moeten worden gerekend tot de beste en meest invloedrijke singer-songwriter platen uit de jaren 70.
Cat Stevens viert dit jaar misschien zijn 50e verjaardag als muzikant, maar van een lange carrière is zeker geen sprake. De Britse muzikant raakte al in de eerste helft van de jaren 70 gefrustreerd door de machtige muziekindustrie en hing zijn gitaar aan de wilgen nadat hij zich in 1978 had bekeerd tot de Islam en zich vanaf dat moment Yusuf Islam noemde.
Het zou bijna 30 jaar duren voor we weer als muzikant van hem zouden horen, maar het in 2006 onder de naam Yusuf verschenen Another Cup bleek een sterke plaat vol echo’s uit het verleden. Het in 2009 verschenen Roadsinger was nog veel sterker en ook het uit 2014 stammende Tell ‘Em I’m Gone had zeker zijn momenten.
Ter ere van de 50e verjaardag van zijn muzikantenbestaan staat op de cover van de man’s nieuwe plaat niet alleen de naam Yusuf, maar keert ook de naam Cat Stevens terug. Het is een keuze die vast deels is ingegeven door commerciële motieven, maar na beluistering van The Laughing Apple kan ik alleen maar concluderen dat het een besluit is dat ook vanuit artistieke motieven goed te rechtvaardigen is.
Op The Laughing Apple keert niet alleen de oude naam terug, maar werkt Cat Stevens ook weer samen met producer van het eerste uur Paul Samwell-Smith en oudgediende Alun Davies, die de grote platen van Cat Stevens voorzag van het zo herkenbare gitaarspel. Omdat The Laughing Apple ook nog eens voor een deel bestaat uit nieuwe bewerkingen van oude songs en songs die nog op de plank lagen, is het een plaat geworden die naadloos aansluit op de grote platen van Cat Stevens uit de eerste helft van de jaren 70.
Of de Brit hiermee nieuwe zieltjes gaat winnen durf ik te betwijfelen, maar voor de muziekliefhebber met een zwak voor nostalgie en een zwak voor de meesterwerken van Cat Stevens is The Laughing Apple waarschijnlijk een bijzonder aangename plaat.
De instrumentatie op de plaat is hier en daar voorzien van eigentijdse accenten en de stem van Cat Stevens is niet volledig ontsnapt aan het proces van veroudering, maar laat The Laughing Apple uit de speakers komen en je waant je weer in de tijd dat je Tea For The Tillerman en Teaser And The Firecat ontdekte (wat voor mij overigens pas ergens in de jaren 90 was).
The Laughing Apple is gelukkig niet alleen goed voor nostalgische gevoelens. De songs op de plaat zijn van hoog niveau en persoonlijk vind ik de hier en daar licht krakende stem van Cat Stevens misschien nog wel mooier dan de stem die de genoemde platen uit het verleden zo’n herkenbaar eigen geluid gaven. Genoeg redenen om blij te zijn met de wederopstanding van Cat Stevens, maar The Laughing Apple is ook gewoon beter dan de platen van de jonge Britse singer-songwriters. Erwin Zijleman
