Hier kun je zien welke berichten erwinz als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
L'Épée - Diabolique (2019)

4,0
0
geplaatst: 24 september 2019, 15:27 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: L'Épée - Diabolique - dekrentenuitdepop.blogspot.com
L'Épée - Diabolique
De gelegenheidsband L’Épée met onder andere The Limiñanas in de gelederen bezweert en verwondert met een buitengewoon fascinerende mix van invloeden en genres
Shadow People van de Franse band The Limiñanas was voor mij de grote verrassing van 2018. Sindsdien heb ik ook de rest van het bijzondere oeuvre van de band ontdekt en aan dit oeuvre kan nu het debuut van L’Épée worden toegevoegd. In de gelegenheidsband, die verder bestaat uit producer Anton Newcombe en actrice Emmanuelle Seigner, spelen Marie en Lionel Limiñana wat mij betreft immers de hoofdrol. L’Épée tekent op Diabolique voor een fascinerende mix van garagerock, psychedelica, shoegaze, filmmuziek, Krautrock en nog veel meer. Het is niet zo gek ver verwijderd van de muziek van The Limiñanas, maar voegt ook weer een bijzondere dimensie toe. Het levert een even fascinerend als heerlijk album op.
Het Franse duo The Limiñanas haalde met het weergaloze Shadow People de hoogste regionen van mijn jaarlijstje over 2018. Shadow People was mijn eerste kennismaking met de muziek van Marie en Lionel Limiñana en smaakte naar veel en veel meer.
Dat meer kwam vorig jaar in de vorm van de verzameling restjes I've Got Trouble in Mind, Vol. 2 en inmiddels heb ik ook de rest van het bijzondere oeuvre van The Limiñanas ontdekt.
Dit jaar hoopte ik op een nieuw album van het duo uit het Franse Perpignan, maar in plaats van een nieuw album van The Limiñanas, krijgen we een album van de gelegenheidsband L’Épée voorgeschoteld.
L’Épée is een samenwerkingsproject van Marie en Lionel Limiñana en de Franse actrice en zangeres Emmanuelle Seigner (die overigens ook te horen was op Shadow People), waarna de van The Brian Jonestown Massacre en zijn samenwerking met Tess Parks bekende Anton Newcombe aanschoof als producer.
The Limiñanas staan al bekend om hun bonte mix aan invloeden en genres, maar de samenwerking met Emmanuelle Seigner en Anton Newcombe voegt nog wat dimensies toe aan het al zo unieke geluid van het tweetal, dat in de publiciteit rond het debuut van L’Épée helaas wat in de schaduw staat van de rockster en de actrice.
The Limiñanas waren al niet vies van invloeden uit de Franse filmmuziek en deze hebben op Diabolique van L’Épée aan terrein gewonnen. Zeker wanneer Emmanuelle Seigner haar teksten op even wulpse als onderkoelde wijze voordraagt, waan je je op de set van een duistere Franse film, maar ook de andere tracks op het album hebben een beeldend en benevelend karakter.
The Limiñanas zijn met hun muziek schatplichtig aan zowel The Velvet Underground als Serge Gainsbourg en invloeden van beiden zijn goed te horen op Diabolique. Het wordt gecombineerd met de ook op de albums van The Limiñanas hoorbare invloeden uit de garagerock, de shoegaze en de psychedelica. L’Épée voegt vervolgens nog wat invloeden uit onder andere de filmmuziek (zowel Frans, Italiaans als Amerikaans), de elektronica, de Krautrock en de 60s pop toe aan het al zo bonte palet.
De veelheid aan invloeden en intensiteit van de muziek zou bij de meeste bands zonder enige twijfel te veel van het goede zijn, maar wanneer Marie en Lionel Limiñana aan het roer staan is het genieten, terwijl Anton Newcombe het lo-fi achtige geluid van The Limiñanas net wat heeft opgepoetst.
Diabolique is over de hele linie niet zo heel ver verwijderd van de muziek die Marie en Lionel Limiñana samen maken, maar voegt door de bijzondere accenten en de bijdragen van Emmanuelle Seigner en Anton Newcombe ook wat toe. Ik heb The Limiñanas na het fantastische Shadow People heel hoog zitten, maar ook het debuut van de gelegenheidsband L’Épée smaakt weer naar veel meer. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: L'Épée - Diabolique - dekrentenuitdepop.blogspot.com
L'Épée - Diabolique
De gelegenheidsband L’Épée met onder andere The Limiñanas in de gelederen bezweert en verwondert met een buitengewoon fascinerende mix van invloeden en genres
Shadow People van de Franse band The Limiñanas was voor mij de grote verrassing van 2018. Sindsdien heb ik ook de rest van het bijzondere oeuvre van de band ontdekt en aan dit oeuvre kan nu het debuut van L’Épée worden toegevoegd. In de gelegenheidsband, die verder bestaat uit producer Anton Newcombe en actrice Emmanuelle Seigner, spelen Marie en Lionel Limiñana wat mij betreft immers de hoofdrol. L’Épée tekent op Diabolique voor een fascinerende mix van garagerock, psychedelica, shoegaze, filmmuziek, Krautrock en nog veel meer. Het is niet zo gek ver verwijderd van de muziek van The Limiñanas, maar voegt ook weer een bijzondere dimensie toe. Het levert een even fascinerend als heerlijk album op.
Het Franse duo The Limiñanas haalde met het weergaloze Shadow People de hoogste regionen van mijn jaarlijstje over 2018. Shadow People was mijn eerste kennismaking met de muziek van Marie en Lionel Limiñana en smaakte naar veel en veel meer.
Dat meer kwam vorig jaar in de vorm van de verzameling restjes I've Got Trouble in Mind, Vol. 2 en inmiddels heb ik ook de rest van het bijzondere oeuvre van The Limiñanas ontdekt.
Dit jaar hoopte ik op een nieuw album van het duo uit het Franse Perpignan, maar in plaats van een nieuw album van The Limiñanas, krijgen we een album van de gelegenheidsband L’Épée voorgeschoteld.
L’Épée is een samenwerkingsproject van Marie en Lionel Limiñana en de Franse actrice en zangeres Emmanuelle Seigner (die overigens ook te horen was op Shadow People), waarna de van The Brian Jonestown Massacre en zijn samenwerking met Tess Parks bekende Anton Newcombe aanschoof als producer.
The Limiñanas staan al bekend om hun bonte mix aan invloeden en genres, maar de samenwerking met Emmanuelle Seigner en Anton Newcombe voegt nog wat dimensies toe aan het al zo unieke geluid van het tweetal, dat in de publiciteit rond het debuut van L’Épée helaas wat in de schaduw staat van de rockster en de actrice.
The Limiñanas waren al niet vies van invloeden uit de Franse filmmuziek en deze hebben op Diabolique van L’Épée aan terrein gewonnen. Zeker wanneer Emmanuelle Seigner haar teksten op even wulpse als onderkoelde wijze voordraagt, waan je je op de set van een duistere Franse film, maar ook de andere tracks op het album hebben een beeldend en benevelend karakter.
The Limiñanas zijn met hun muziek schatplichtig aan zowel The Velvet Underground als Serge Gainsbourg en invloeden van beiden zijn goed te horen op Diabolique. Het wordt gecombineerd met de ook op de albums van The Limiñanas hoorbare invloeden uit de garagerock, de shoegaze en de psychedelica. L’Épée voegt vervolgens nog wat invloeden uit onder andere de filmmuziek (zowel Frans, Italiaans als Amerikaans), de elektronica, de Krautrock en de 60s pop toe aan het al zo bonte palet.
De veelheid aan invloeden en intensiteit van de muziek zou bij de meeste bands zonder enige twijfel te veel van het goede zijn, maar wanneer Marie en Lionel Limiñana aan het roer staan is het genieten, terwijl Anton Newcombe het lo-fi achtige geluid van The Limiñanas net wat heeft opgepoetst.
Diabolique is over de hele linie niet zo heel ver verwijderd van de muziek die Marie en Lionel Limiñana samen maken, maar voegt door de bijzondere accenten en de bijdragen van Emmanuelle Seigner en Anton Newcombe ook wat toe. Ik heb The Limiñanas na het fantastische Shadow People heel hoog zitten, maar ook het debuut van de gelegenheidsband L’Épée smaakt weer naar veel meer. Erwin Zijleman
L'Rain - Fatigue (2021)

4,5
0
geplaatst: 6 januari 2022, 15:39 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: L'Rain - Fatigue - dekrentenuitdepop.blogspot.com
L'Rain - Fatigue
Fatigue van L’Rain is een wonderschoon en fascinerend, maar ook een complex en ongrijpbaar album, dat je een half uur lang betovert met muziek die met geen mogelijkheid in een hokje te duwen is
Sla de jaarlijstjes over 2021 er nog eens op na en je komt Fatigue van L’Rain verrassend vaak tegen. Het was genoeg om mij nieuwsgierig te maken naar dit album, maar tussen de eerste beluistering en een groeiende liefde voor de muziek van L’Rain zat een flinke worsteling. Het alter ego van de uit Brooklyn, New York, afkomstige Taja Cheek heeft een complex album afgeleverd, dat niet is te vangen met één of twee genres. Fatigue is soms verrassend toegankelijk en jazzy of soulvol, maar minstens net zo vaak psychedelisch en experimenteel. Het levert een veelkleurige luistertrip op die een half uur lang nauwelijks houvast biedt en je verwonderd achterlaat, tot opeens alles op zijn plek valt.
Toen eind november de eerste jaarlijstjes over 2021 opdoken kwam ik verrassend vaak Fatigue van L’Rain tegen. Het is een album dat afwisselend in de hokjes R&B en avant-garde werd geduwd, wat me op zijn minst nieuwsgierig maakte naar het album. Ik ben geen groot liefhebber van R&B, maar koester de albums van smaakmakers in het genre als Solange en Janelle Monáe. Met het album van L’Rain had ik in eerste instantie aanzienlijk meer moeite.
Het alter ego van de Amerikaanse muzikante Taja Cheek heeft met Fatigue immers een behoorlijk complex en ongrijpbaar album afgeleverd. Ik heb lang geworsteld met het album, waar ik zeker bij eerste beluistering geen snars van begreep, maar dat me ook hopeloos intrigeerde.
Fatigue is een album dat zich niet zomaar in een hokje laat duwen. Het album bevat inderdaad wel wat invloeden uit de R&B en ook het hokje avant-garde is niet helemaal onzinnig, maar ik hoor ook invloeden uit de soul, gospel, jazz, psychedelica en nog veel meer. Fatigue werd gemaakt met een heel legioen aan muzikanten en werd in een flink aantal sessies opgenomen in New York en Los Angeles.
L’Rain, een eerbetoon aan de overleden moeder van Taja Cheek (Lorraine), heeft met Fatigue een buitengewoon ambitieus album afgeleverd. Het is een album dat in tekstueel opzicht stil staat bij de vermoeidheid die optreedt bij continue verandering in de samenleving. De wereld van L’Rain werd de afgelopen twee jaar onder andere op zijn kop gezet door de coronapandemie en door de Black Lives Matter beweging en beiden komen aan bod op het album.
Het is een album dat opvalt door bijzondere klankentapijten en texturen. Fatigue kan heerlijk soulvol en dromerig klinken of loom en jazzy, maar de muziek van Taja Cheek kan ook zomaar opschuiving richting ongrijpbare elektronische klankentapijten. De muzikante uit Brooklyn smeedt deze uitersten op haar tweede album op razend knappe wijze aan elkaar.
Door ook nog eens gebruik te maken van allerlei geluidsfragmenten laat Fatigue zich beluisteren als een bonte muzikale collage, waarin het zeker bij eerste beluistering zoeken is naar enige houvast. Het is een muzikale collage waarin organische klanken en elektronica op fascinerende wijze hand in hand gaan en waarin L’Rain steeds weer nieuwe wegen in slaat, hierbij geholpen door een fabuleuze productie.
In muzikaal en productioneel opzicht is het veertien tracks smullen, al strijkt het album ook met grote regelmaat tegen de haren in. Ook in vocaal opzicht is Fatigue een fascinerend album. Taja Cheek zou met haar stem een fantastische soul- of jazzplaat kunnen maken, maar de zang op haar album is net zo veelkleurig en ongrijpbaar als de instrumentatie. Het ene moment is het bloedmooi, het volgende moment schiet het alle kanten op.
Wat voor de instrumentatie en de zang geldt, geldt ook voor de songs. Fatigue bevat zoals gezegd veertien tracks, maar deze zijn met zijn allen slechts goed voor een klein half uur muziek. Dat is kort, maar Fatigue voelt geen moment aan als een kort album. In het half uur muziek gebeurt zoveel dat je na beluistering van de veertien tracks op het album hapt naar adem.
Ik heb eindeloos geworsteld met het album van L’Rain en kreeg er lange tijd geen grip op, maar inmiddels begrijp ik wel dat Fatigue hier en daar is onthaald als een meesterwerk en zelf zie ik het album inmiddels ook in deze categorie. Echt een album om eens te beluisteren, maar neem er wel de tijd voor. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: L'Rain - Fatigue - dekrentenuitdepop.blogspot.com
L'Rain - Fatigue
Fatigue van L’Rain is een wonderschoon en fascinerend, maar ook een complex en ongrijpbaar album, dat je een half uur lang betovert met muziek die met geen mogelijkheid in een hokje te duwen is
Sla de jaarlijstjes over 2021 er nog eens op na en je komt Fatigue van L’Rain verrassend vaak tegen. Het was genoeg om mij nieuwsgierig te maken naar dit album, maar tussen de eerste beluistering en een groeiende liefde voor de muziek van L’Rain zat een flinke worsteling. Het alter ego van de uit Brooklyn, New York, afkomstige Taja Cheek heeft een complex album afgeleverd, dat niet is te vangen met één of twee genres. Fatigue is soms verrassend toegankelijk en jazzy of soulvol, maar minstens net zo vaak psychedelisch en experimenteel. Het levert een veelkleurige luistertrip op die een half uur lang nauwelijks houvast biedt en je verwonderd achterlaat, tot opeens alles op zijn plek valt.
Toen eind november de eerste jaarlijstjes over 2021 opdoken kwam ik verrassend vaak Fatigue van L’Rain tegen. Het is een album dat afwisselend in de hokjes R&B en avant-garde werd geduwd, wat me op zijn minst nieuwsgierig maakte naar het album. Ik ben geen groot liefhebber van R&B, maar koester de albums van smaakmakers in het genre als Solange en Janelle Monáe. Met het album van L’Rain had ik in eerste instantie aanzienlijk meer moeite.
Het alter ego van de Amerikaanse muzikante Taja Cheek heeft met Fatigue immers een behoorlijk complex en ongrijpbaar album afgeleverd. Ik heb lang geworsteld met het album, waar ik zeker bij eerste beluistering geen snars van begreep, maar dat me ook hopeloos intrigeerde.
Fatigue is een album dat zich niet zomaar in een hokje laat duwen. Het album bevat inderdaad wel wat invloeden uit de R&B en ook het hokje avant-garde is niet helemaal onzinnig, maar ik hoor ook invloeden uit de soul, gospel, jazz, psychedelica en nog veel meer. Fatigue werd gemaakt met een heel legioen aan muzikanten en werd in een flink aantal sessies opgenomen in New York en Los Angeles.
L’Rain, een eerbetoon aan de overleden moeder van Taja Cheek (Lorraine), heeft met Fatigue een buitengewoon ambitieus album afgeleverd. Het is een album dat in tekstueel opzicht stil staat bij de vermoeidheid die optreedt bij continue verandering in de samenleving. De wereld van L’Rain werd de afgelopen twee jaar onder andere op zijn kop gezet door de coronapandemie en door de Black Lives Matter beweging en beiden komen aan bod op het album.
Het is een album dat opvalt door bijzondere klankentapijten en texturen. Fatigue kan heerlijk soulvol en dromerig klinken of loom en jazzy, maar de muziek van Taja Cheek kan ook zomaar opschuiving richting ongrijpbare elektronische klankentapijten. De muzikante uit Brooklyn smeedt deze uitersten op haar tweede album op razend knappe wijze aan elkaar.
Door ook nog eens gebruik te maken van allerlei geluidsfragmenten laat Fatigue zich beluisteren als een bonte muzikale collage, waarin het zeker bij eerste beluistering zoeken is naar enige houvast. Het is een muzikale collage waarin organische klanken en elektronica op fascinerende wijze hand in hand gaan en waarin L’Rain steeds weer nieuwe wegen in slaat, hierbij geholpen door een fabuleuze productie.
In muzikaal en productioneel opzicht is het veertien tracks smullen, al strijkt het album ook met grote regelmaat tegen de haren in. Ook in vocaal opzicht is Fatigue een fascinerend album. Taja Cheek zou met haar stem een fantastische soul- of jazzplaat kunnen maken, maar de zang op haar album is net zo veelkleurig en ongrijpbaar als de instrumentatie. Het ene moment is het bloedmooi, het volgende moment schiet het alle kanten op.
Wat voor de instrumentatie en de zang geldt, geldt ook voor de songs. Fatigue bevat zoals gezegd veertien tracks, maar deze zijn met zijn allen slechts goed voor een klein half uur muziek. Dat is kort, maar Fatigue voelt geen moment aan als een kort album. In het half uur muziek gebeurt zoveel dat je na beluistering van de veertien tracks op het album hapt naar adem.
Ik heb eindeloos geworsteld met het album van L’Rain en kreeg er lange tijd geen grip op, maar inmiddels begrijp ik wel dat Fatigue hier en daar is onthaald als een meesterwerk en zelf zie ik het album inmiddels ook in deze categorie. Echt een album om eens te beluisteren, maar neem er wel de tijd voor. Erwin Zijleman
L'Rain - I Killed Your Dog (2023)

4,0
0
geplaatst: 20 oktober 2023, 15:08 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: L'Rain - I Killed Your Dog - dekrentenuitdepop.blogspot.com
L'Rain - I Killed Your Dog
De Amerikaanse muzikante L’Rain haalde in 2021 de jaarlijstjes met een ongrijpbaar album vol invloeden en laat zich ook op haar nieuwe album weer door van alles en nog wat beïnvloeden, wat een intrigerend geluid oplevert
Laat je niet misleiden door het etiket R&B dat nog vaak op de albums van L’Rain wordt geplakt, want iedereen die een standaard R&B album verwacht van de muzikante uit Brooklyn komt van een koude kermis thuis. I Killed Your Dog is misschien wat toegankelijker dan het ongrijpbare jaarlijstjesalbum Fatigue uit 2021, maar het alter ego van Taja Cheek gaat het je ook dit keer geen moment makkelijk maken. I Killed Your Dog staat bol van de invloeden en wisselt al deze invloeden in razend tempo af. Het levert een album vol prachtige passages op, maar minstens net zo vaak zoek je tevergeefs naar houvast, wat van de beluistering van het album een bijzondere ervaring maakt.
Fatigue, het tweede album van L’Rain, kwam ik aan het eind van 2021 tegen in zoveel jaarlijstjes dat ik nieuwsgierig werd naar het album. Het is een album dat vooral het etiket R&B kreeg opgeplakt, maar met dit etiket deed je de muziek van de Amerikaanse muzikante echt flink tekort. Fatigue bevatte misschien wel wat invloeden uit de R&B, maar het was geen moment een standaard R&B album.
Het alter ego van de vanuit Brooklyn, New York, opererende Taja Cheek leverde met Fatigue een volstrekt ongrijpbaar album af, dat naast invloeden uit de R&B onder andere invloeden uit de soul, gospel, jazz, psychedelica, dreampop, elektronica en avant-garde liet horen en dat was nog maar het topje van de ijsberg. Ook de zang van Taja Cheek kon op Fatigue alle kanten op, wat verder bijdroeg aan een bijzonder fascinerend, maar ook ongrijpbaar en soms wat vermoeiend album, dat zich in tekstueel opzicht liet beïnvloeden door een snel veranderende wereld en thema’s als Black Lives Matter en de coronapandemie.
Ik heb aan het eind van 2021 leren houden van het tweede album van L’Rain, maar moet bekennen dat ik er sindsdien niet veel meer naar heb geluisterd. L’Rain keert deze week terug met haar derde album en vanwege de ervaringen met Fatigue begon ik op zijn minst met veel nieuwsgierigheid aan de beluistering van het nieuwe album. Voordat ik aan I Killed Your Dog begon heb ik eerst Fatigue er nog eens bij gepakt om al snel te constateren dat het een net zo lastige maar ook intrigerende luisterervaring was als bijna twee jaar geleden.
Ook I Killed Your Dog is zeker geen makkelijk album, maar op haar derde album strijkt L’Rain misschien net wat minder tegen de haren in dan op haar jaarlijstjesalbum uit 2021. I Killed Your Dog heeft de liefde als thema, maar focust op de donkere kanten van de liefde. L’Rain noemt het haar anti-breakup album en dat is weer eens wat anders. I Killed Your Dog lijkt wat toegankelijker dan het vorige album van L’Rain, maar toegankelijk is in het woordenboek van Taja Cheek een zeer relatief begrip.
Ook het nieuwe album van L’Rain krijgt hier en daar het etiket R&B opgeplakt, maar het is wederom geen R&B album. De Amerikaanse muzikante kiest dit keer iets vaker voor flarden van songs met een kop en een staart, maar hopt ondertussen nog wat fanatieker van genre naar genre. Alle hierboven genoemde genres komen ook op I Killed Your Dog voorbij, maar L’Rain voegt er nog wat genres aan toe, waaronder een incidentele flirt met rock en indiepop.
Verwacht echter geen standaard indie popsongs op het album, want op het derde album van L’Rain komen hooguit flarden van een indie popsong voorbij. En zo zijn er ook flarden R&B, soul, jazz, elektronica, psychedelica en noem alle genres van Fatigue maar op. Het is wederom bijzondere muziek, maar bij eerste beluistering van het album vroeg ik me wel hardop af of ik er nog een keer naar zou gaan luisteren.
Dat is inmiddels wel gebeurd, want het ongrijpbare van I Killed Your Dog heeft ook iets verslavends en stiekem heeft L’Rain haar album volgestopt met memorabele momenten. Ik had de afgelopen week veel verwacht van Jamila Woods, maar ik vond haar nieuwe album wat gewoontjes. I Killed Your Dog is geen moment gewoontjes en is soms zo ongrijpbaar dat je bijna verlangt naar een standaard R&B song, maar aan de andere kant zijn die er al genoeg. Alle ruimte dus voor deze lastige maar fascinerende luistertrip. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: L'Rain - I Killed Your Dog - dekrentenuitdepop.blogspot.com
L'Rain - I Killed Your Dog
De Amerikaanse muzikante L’Rain haalde in 2021 de jaarlijstjes met een ongrijpbaar album vol invloeden en laat zich ook op haar nieuwe album weer door van alles en nog wat beïnvloeden, wat een intrigerend geluid oplevert
Laat je niet misleiden door het etiket R&B dat nog vaak op de albums van L’Rain wordt geplakt, want iedereen die een standaard R&B album verwacht van de muzikante uit Brooklyn komt van een koude kermis thuis. I Killed Your Dog is misschien wat toegankelijker dan het ongrijpbare jaarlijstjesalbum Fatigue uit 2021, maar het alter ego van Taja Cheek gaat het je ook dit keer geen moment makkelijk maken. I Killed Your Dog staat bol van de invloeden en wisselt al deze invloeden in razend tempo af. Het levert een album vol prachtige passages op, maar minstens net zo vaak zoek je tevergeefs naar houvast, wat van de beluistering van het album een bijzondere ervaring maakt.
Fatigue, het tweede album van L’Rain, kwam ik aan het eind van 2021 tegen in zoveel jaarlijstjes dat ik nieuwsgierig werd naar het album. Het is een album dat vooral het etiket R&B kreeg opgeplakt, maar met dit etiket deed je de muziek van de Amerikaanse muzikante echt flink tekort. Fatigue bevatte misschien wel wat invloeden uit de R&B, maar het was geen moment een standaard R&B album.
Het alter ego van de vanuit Brooklyn, New York, opererende Taja Cheek leverde met Fatigue een volstrekt ongrijpbaar album af, dat naast invloeden uit de R&B onder andere invloeden uit de soul, gospel, jazz, psychedelica, dreampop, elektronica en avant-garde liet horen en dat was nog maar het topje van de ijsberg. Ook de zang van Taja Cheek kon op Fatigue alle kanten op, wat verder bijdroeg aan een bijzonder fascinerend, maar ook ongrijpbaar en soms wat vermoeiend album, dat zich in tekstueel opzicht liet beïnvloeden door een snel veranderende wereld en thema’s als Black Lives Matter en de coronapandemie.
Ik heb aan het eind van 2021 leren houden van het tweede album van L’Rain, maar moet bekennen dat ik er sindsdien niet veel meer naar heb geluisterd. L’Rain keert deze week terug met haar derde album en vanwege de ervaringen met Fatigue begon ik op zijn minst met veel nieuwsgierigheid aan de beluistering van het nieuwe album. Voordat ik aan I Killed Your Dog begon heb ik eerst Fatigue er nog eens bij gepakt om al snel te constateren dat het een net zo lastige maar ook intrigerende luisterervaring was als bijna twee jaar geleden.
Ook I Killed Your Dog is zeker geen makkelijk album, maar op haar derde album strijkt L’Rain misschien net wat minder tegen de haren in dan op haar jaarlijstjesalbum uit 2021. I Killed Your Dog heeft de liefde als thema, maar focust op de donkere kanten van de liefde. L’Rain noemt het haar anti-breakup album en dat is weer eens wat anders. I Killed Your Dog lijkt wat toegankelijker dan het vorige album van L’Rain, maar toegankelijk is in het woordenboek van Taja Cheek een zeer relatief begrip.
Ook het nieuwe album van L’Rain krijgt hier en daar het etiket R&B opgeplakt, maar het is wederom geen R&B album. De Amerikaanse muzikante kiest dit keer iets vaker voor flarden van songs met een kop en een staart, maar hopt ondertussen nog wat fanatieker van genre naar genre. Alle hierboven genoemde genres komen ook op I Killed Your Dog voorbij, maar L’Rain voegt er nog wat genres aan toe, waaronder een incidentele flirt met rock en indiepop.
Verwacht echter geen standaard indie popsongs op het album, want op het derde album van L’Rain komen hooguit flarden van een indie popsong voorbij. En zo zijn er ook flarden R&B, soul, jazz, elektronica, psychedelica en noem alle genres van Fatigue maar op. Het is wederom bijzondere muziek, maar bij eerste beluistering van het album vroeg ik me wel hardop af of ik er nog een keer naar zou gaan luisteren.
Dat is inmiddels wel gebeurd, want het ongrijpbare van I Killed Your Dog heeft ook iets verslavends en stiekem heeft L’Rain haar album volgestopt met memorabele momenten. Ik had de afgelopen week veel verwacht van Jamila Woods, maar ik vond haar nieuwe album wat gewoontjes. I Killed Your Dog is geen moment gewoontjes en is soms zo ongrijpbaar dat je bijna verlangt naar een standaard R&B song, maar aan de andere kant zijn die er al genoeg. Alle ruimte dus voor deze lastige maar fascinerende luistertrip. Erwin Zijleman
La Féline - Tarbes (2022)

5,0
2
geplaatst: 21 oktober 2022, 16:17 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: La Féline - Tarbes - dekrentenuitdepop.blogspot.com
La Féline - Tarbes
De Franse muzikante Agnès Gayraud, oftewel La Féline, maakte drie jaar geleden een jaarlijstjesalbum met het geweldige Vie Future en herhaalt dit kunstje nu met het minstens even intrigerende Tarbes
Ik volg de Franse popmuziek misschien niet op de voet, maar hou de nieuwe releases binnen de Franse popmuziek wel in de gaten. Ik durf daarom wel te beweren dat La Féline behoort tot het beste dat de Franse popmuziek te bieden heeft. Dat bewees het alter ego van Agnès Gayraud drie jaar geleden met het avontuurlijke maar ook wonderschone Vie Future en dat doet de Franse muzikante deze week met het minstens even mooie en bijzondere Tarbes. Ook het nieuwe album van La Féline staat weer vol met songs vol verrassing en avontuur, maar op een of andere manier is Tarbes ook een toegankelijk album. Ik schrijft ook dit album alvast op voor mijn jaarlijstje.
Ik was precies drie jaar geleden enorm onder de indruk van Vie Future van de Franse muzikante La Féline. Het alter ego van Agnès Gayraud imponeerde op haar derde album met zich langzaam voortslepende songs, bijzonder klinkende elektronica en fluisterzachte vocalen. La Féline knutselde haar album met zeer eenvoudige middelen in elkaar, maar produceerde vijfenveertig minuten lang sprookjesachtige klanken die je maar bleven betoveren en verwonderen. Vie Future haalde uiteindelijk de 37e plek in mijn jaarlijstje over 2019, maar met de kennis van nu schaar ik het album onder de allerbeste albums van het betreffende jaar.
Deze week verscheen het nieuwe album van de Franse muzikante en dit album krijgt vooralsnog zo weinig aandacht dat ik het bijna over het hoofd had gezien. Zo ver is het gelukkig niet gekomen, want ook Tarbes is weer een kunsttukje. Agnès Gayraud maakte ook haar vierde album voor een belangrijk deel in haar eentje en trekt de lijn van voorganger Vie Future door. Ook Tarbes klinkt weer een stuk experimenteler dan het gemiddelde Franse popalbum, wat overigens niet betekent dat de muziek van La Féline heel ontoegankelijk is.
De muzikante uit Lyon verrast ook dit keer met bijzondere elektronische klankentapijten, die het experiment zeker niet schuwen. Het zijn klankentapijten die weer hopeloos intrigeren, maar die ook prachtig klinken en fraai worden gecombineerd met organische klanken, die dit keer wat aan terrein hebben gewonnen, zeker wanneer gitaren en geweldige bassen de aandacht opeisen.
Agnès Gayraud combineert de bijzondere elektronica en organische accenten ook dit keer met vaak fluisterzachte vocalen, maar zingt wel iets expressiever dan op Vie Future. Hier en daar voegt ze lagen andere stemmen toe, onder andere door een flink koor in te schakelen, maar ook Tarbes is voor het grootste deel een ingetogen en intiem album.
Ook dit keer heeft La Féline een album gemaakt dat je vanaf de eerste tot en met de laatste noot op het puntje van je stoel houdt. Ondanks het feit dat de songs op Tarbes zich over het algemeen langzaam voortslepen, zijn de songs van La Féline ook dit keer songs waarin zomaar van alles kan gebeuren. Het levert spannende songs op, die zich nergens in een keurslijf laten dwingen, maar die op hetzelfde moment ook gewoon heerlijk dromerig klinken.
Ik heb absoluut een zwak voor Franse popmuziek (en dit ondanks mijn matige beheersing van de Franse taal) en ben ook zeker niet vies van de zwoele en lichtvoetige klanken van de Franse zuchtmeisjes, maar Agnès Gayraud opereert op een flink wat hoger niveau. Zeker als je het album met de koptelefoon beluistert hoor je hoe knap het klankentapijt op Tarbes in elkaar zit en hoe La Féline met subtiele toevoegingen en wendingen steeds weer het experiment opzoekt.
Vergeleken met Vie Future experimenteert Tarbes net wat nadrukkelijker met bijzondere klanken, maar iedereen die, net als ik, als een blok viel voor alle verleidingen van het vorige album van de Française, zal ook weer onder de indruk zijn van het nieuwe album. Bij het grote publiek is La Féline helaas nog niet erg bekend, maar dit hoort echt bij het allerbeste dat de Franse popmuziek op dit moment te bieden heeft. Jaarlijstjesmateriaal, wederom. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: La Féline - Tarbes - dekrentenuitdepop.blogspot.com
La Féline - Tarbes
De Franse muzikante Agnès Gayraud, oftewel La Féline, maakte drie jaar geleden een jaarlijstjesalbum met het geweldige Vie Future en herhaalt dit kunstje nu met het minstens even intrigerende Tarbes
Ik volg de Franse popmuziek misschien niet op de voet, maar hou de nieuwe releases binnen de Franse popmuziek wel in de gaten. Ik durf daarom wel te beweren dat La Féline behoort tot het beste dat de Franse popmuziek te bieden heeft. Dat bewees het alter ego van Agnès Gayraud drie jaar geleden met het avontuurlijke maar ook wonderschone Vie Future en dat doet de Franse muzikante deze week met het minstens even mooie en bijzondere Tarbes. Ook het nieuwe album van La Féline staat weer vol met songs vol verrassing en avontuur, maar op een of andere manier is Tarbes ook een toegankelijk album. Ik schrijft ook dit album alvast op voor mijn jaarlijstje.
Ik was precies drie jaar geleden enorm onder de indruk van Vie Future van de Franse muzikante La Féline. Het alter ego van Agnès Gayraud imponeerde op haar derde album met zich langzaam voortslepende songs, bijzonder klinkende elektronica en fluisterzachte vocalen. La Féline knutselde haar album met zeer eenvoudige middelen in elkaar, maar produceerde vijfenveertig minuten lang sprookjesachtige klanken die je maar bleven betoveren en verwonderen. Vie Future haalde uiteindelijk de 37e plek in mijn jaarlijstje over 2019, maar met de kennis van nu schaar ik het album onder de allerbeste albums van het betreffende jaar.
Deze week verscheen het nieuwe album van de Franse muzikante en dit album krijgt vooralsnog zo weinig aandacht dat ik het bijna over het hoofd had gezien. Zo ver is het gelukkig niet gekomen, want ook Tarbes is weer een kunsttukje. Agnès Gayraud maakte ook haar vierde album voor een belangrijk deel in haar eentje en trekt de lijn van voorganger Vie Future door. Ook Tarbes klinkt weer een stuk experimenteler dan het gemiddelde Franse popalbum, wat overigens niet betekent dat de muziek van La Féline heel ontoegankelijk is.
De muzikante uit Lyon verrast ook dit keer met bijzondere elektronische klankentapijten, die het experiment zeker niet schuwen. Het zijn klankentapijten die weer hopeloos intrigeren, maar die ook prachtig klinken en fraai worden gecombineerd met organische klanken, die dit keer wat aan terrein hebben gewonnen, zeker wanneer gitaren en geweldige bassen de aandacht opeisen.
Agnès Gayraud combineert de bijzondere elektronica en organische accenten ook dit keer met vaak fluisterzachte vocalen, maar zingt wel iets expressiever dan op Vie Future. Hier en daar voegt ze lagen andere stemmen toe, onder andere door een flink koor in te schakelen, maar ook Tarbes is voor het grootste deel een ingetogen en intiem album.
Ook dit keer heeft La Féline een album gemaakt dat je vanaf de eerste tot en met de laatste noot op het puntje van je stoel houdt. Ondanks het feit dat de songs op Tarbes zich over het algemeen langzaam voortslepen, zijn de songs van La Féline ook dit keer songs waarin zomaar van alles kan gebeuren. Het levert spannende songs op, die zich nergens in een keurslijf laten dwingen, maar die op hetzelfde moment ook gewoon heerlijk dromerig klinken.
Ik heb absoluut een zwak voor Franse popmuziek (en dit ondanks mijn matige beheersing van de Franse taal) en ben ook zeker niet vies van de zwoele en lichtvoetige klanken van de Franse zuchtmeisjes, maar Agnès Gayraud opereert op een flink wat hoger niveau. Zeker als je het album met de koptelefoon beluistert hoor je hoe knap het klankentapijt op Tarbes in elkaar zit en hoe La Féline met subtiele toevoegingen en wendingen steeds weer het experiment opzoekt.
Vergeleken met Vie Future experimenteert Tarbes net wat nadrukkelijker met bijzondere klanken, maar iedereen die, net als ik, als een blok viel voor alle verleidingen van het vorige album van de Française, zal ook weer onder de indruk zijn van het nieuwe album. Bij het grote publiek is La Féline helaas nog niet erg bekend, maar dit hoort echt bij het allerbeste dat de Franse popmuziek op dit moment te bieden heeft. Jaarlijstjesmateriaal, wederom. Erwin Zijleman
La Féline - Vie Future (2019)

4,5
1
geplaatst: 17 oktober 2019, 17:46 uur
recensiei op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: La Féline - Vie Future - dekrentenuitdepop.blogspot.com
La Féline - Vie Future
La Féline maakt een bijzonder en intiem klinkend album dat steeds meer aan schoonheid, avontuur en bezweringskracht wint
Vie Future is mijn eerste kennismaking met de muziek van La Féline en het is een kennismaking die diepe indruk heeft gemaakt. Het alter ego van Agnès Gayraud heeft een zich langzaam voortslepend album gemaakt dat wordt gedragen door bijzondere elektronische klanken en fluisterzachte vocalen. Het lijkt een sober en atmosferisch klinkend album, maar ondertussen gebeurt er van alles in de muziek van La Féline en duiken steeds weer accenten van een bijzondere schoonheid op. Ik ben niet vies van de lichtvoetige popmuziek die normaal gesproken uit Frankrijk komt, maar dit intense en avontuurlijke album is toch een paar klassen beter.
Ondanks mijn matige beheersing van de Franse taal heb ik al heel wat jaren een zwak voor Franse popmuziek en voor muziek van Franse zangeressen in het bijzonder.
Dit jaar is de spoeling vooralsnog dun. Lou Doillon leverde een prachtalbum af maar zingt in het Engels, L’Épée maakt muziek die nauwelijks aansluit bij de tradities van de Franse popmuziek en hetzelfde geldt voor de muziek van de in Frankrijk geboren Claude Fontaine, die op haar uitstekende debuut vooral aan de haal ging met reggae en bossanova.
Mijn favoriete Franse zangeressen en hun soortgenoten laten het dit jaar kennelijk afweten, maar gelukkig is La Féline er nog. Ik moet eerlijk toegeven dat ik de vorige twee albums van het alter ego van de Française Agnès Gayraud niet of nauwelijks ken, maar haar nieuwe album Vie Future is van een bijzondere schoonheid.
Agnès Gayraud is niet alleen muzikant, maar ook schrijver en filosoof. Haar filosofische interesses werden geprikkeld toen haar stiefvader stervende was en ze zelf op het punt stond om een kind te baren. Vie Future is een album over de relatie tussen geboorte en de dood of over ons bestaan in meer algemene zin.
Dat is geen licht thema en ook in muzikaal opzicht is Vie Future geen makkelijk album. Samen met producer Xavier Thiry heeft La Féline gekozen voor een zich langzaam voortslepend en opvallend ruimtelijk, of zelfs kosmisch, geluid. Het is een geluid dat subtiel is ingekleurd met elektronica en incidenteel strijkers.
Het is een geluid dat voor een belangrijk deel sferisch is, maar bijzondere accenten geven het geluid van La Féline iets eigenzinnigs en mysterieus. Het past prachtig bij de fluisterzachte stem van Agnès Gayraud, die zeker niet het zoveelste zuchtmeisje is, maar absoluut iets verleidelijks of dromerigs toevoegt aan de songs op Vie Future.
Het nieuwe album van La Féline is wonderschoon, sprookjesachtig en rustgevend, tot je door hebt hoeveel er gebeurt op het album en hoe knap het allemaal in elkaar steekt. Het is muziek die zich niet makkelijk laat vergelijken met de muziek van anderen, wat wel blijkt uit het feit dat ik iedere poging die ik tegen kwam geen moment treffend vond. Vie Future sluit zeker aan bij de tradities van de Franse popmuziek, maar klinkt ook anders.
La Féline verbindt zachte en bijna lieflijke popliedjes met flink wat avontuur. Zeker wanneer de details in de instrumentatie uiterst subtiel zijn en de zang van Agnès Gayraud fluisterzacht, is Vie Future een album dat je naar binnen zuigt en het bijzondere muzikale universum van de singer-songwriter uit Parijs in trekt. Het is een muzikaal universum waarin van alles gebeurt en dat geen grenzen kent. Wanneer voorzichtige ritmes veranderen in opzwepende ritmes sluipen invloeden uit de wereldmuziek of de synthpop het album in en zo gebeurt er in iedere track wel iets dat je niet verwacht.
Agnès Gayraud knutselde Vie Future in elkaar met haar gitaar, wat pedalen en een iPad, wat haar songs voorziet van een intiem en aards karakter. Het contrasteert prachtig met het rijke kosmische elektronische klankentapijt op het album. De oogst in Frankrijk mag dit jaar misschien tegenvallen wanneer het gaat om interessante popmuziek, maar het nieuwe album van La Féline is er een om te koesteren. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: La Féline - Vie Future - dekrentenuitdepop.blogspot.com
La Féline - Vie Future
La Féline maakt een bijzonder en intiem klinkend album dat steeds meer aan schoonheid, avontuur en bezweringskracht wint
Vie Future is mijn eerste kennismaking met de muziek van La Féline en het is een kennismaking die diepe indruk heeft gemaakt. Het alter ego van Agnès Gayraud heeft een zich langzaam voortslepend album gemaakt dat wordt gedragen door bijzondere elektronische klanken en fluisterzachte vocalen. Het lijkt een sober en atmosferisch klinkend album, maar ondertussen gebeurt er van alles in de muziek van La Féline en duiken steeds weer accenten van een bijzondere schoonheid op. Ik ben niet vies van de lichtvoetige popmuziek die normaal gesproken uit Frankrijk komt, maar dit intense en avontuurlijke album is toch een paar klassen beter.
Ondanks mijn matige beheersing van de Franse taal heb ik al heel wat jaren een zwak voor Franse popmuziek en voor muziek van Franse zangeressen in het bijzonder.
Dit jaar is de spoeling vooralsnog dun. Lou Doillon leverde een prachtalbum af maar zingt in het Engels, L’Épée maakt muziek die nauwelijks aansluit bij de tradities van de Franse popmuziek en hetzelfde geldt voor de muziek van de in Frankrijk geboren Claude Fontaine, die op haar uitstekende debuut vooral aan de haal ging met reggae en bossanova.
Mijn favoriete Franse zangeressen en hun soortgenoten laten het dit jaar kennelijk afweten, maar gelukkig is La Féline er nog. Ik moet eerlijk toegeven dat ik de vorige twee albums van het alter ego van de Française Agnès Gayraud niet of nauwelijks ken, maar haar nieuwe album Vie Future is van een bijzondere schoonheid.
Agnès Gayraud is niet alleen muzikant, maar ook schrijver en filosoof. Haar filosofische interesses werden geprikkeld toen haar stiefvader stervende was en ze zelf op het punt stond om een kind te baren. Vie Future is een album over de relatie tussen geboorte en de dood of over ons bestaan in meer algemene zin.
Dat is geen licht thema en ook in muzikaal opzicht is Vie Future geen makkelijk album. Samen met producer Xavier Thiry heeft La Féline gekozen voor een zich langzaam voortslepend en opvallend ruimtelijk, of zelfs kosmisch, geluid. Het is een geluid dat subtiel is ingekleurd met elektronica en incidenteel strijkers.
Het is een geluid dat voor een belangrijk deel sferisch is, maar bijzondere accenten geven het geluid van La Féline iets eigenzinnigs en mysterieus. Het past prachtig bij de fluisterzachte stem van Agnès Gayraud, die zeker niet het zoveelste zuchtmeisje is, maar absoluut iets verleidelijks of dromerigs toevoegt aan de songs op Vie Future.
Het nieuwe album van La Féline is wonderschoon, sprookjesachtig en rustgevend, tot je door hebt hoeveel er gebeurt op het album en hoe knap het allemaal in elkaar steekt. Het is muziek die zich niet makkelijk laat vergelijken met de muziek van anderen, wat wel blijkt uit het feit dat ik iedere poging die ik tegen kwam geen moment treffend vond. Vie Future sluit zeker aan bij de tradities van de Franse popmuziek, maar klinkt ook anders.
La Féline verbindt zachte en bijna lieflijke popliedjes met flink wat avontuur. Zeker wanneer de details in de instrumentatie uiterst subtiel zijn en de zang van Agnès Gayraud fluisterzacht, is Vie Future een album dat je naar binnen zuigt en het bijzondere muzikale universum van de singer-songwriter uit Parijs in trekt. Het is een muzikaal universum waarin van alles gebeurt en dat geen grenzen kent. Wanneer voorzichtige ritmes veranderen in opzwepende ritmes sluipen invloeden uit de wereldmuziek of de synthpop het album in en zo gebeurt er in iedere track wel iets dat je niet verwacht.
Agnès Gayraud knutselde Vie Future in elkaar met haar gitaar, wat pedalen en een iPad, wat haar songs voorziet van een intiem en aards karakter. Het contrasteert prachtig met het rijke kosmische elektronische klankentapijt op het album. De oogst in Frankrijk mag dit jaar misschien tegenvallen wanneer het gaat om interessante popmuziek, maar het nieuwe album van La Féline is er een om te koesteren. Erwin Zijleman
la loye - Sweet Dreams, See You Tomorrow (2025)

4,5
0
geplaatst: 11 mei 2025, 10:23 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: la loye - sweet dreams, see you tomorrow - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: la loye - sweet dreams, see you tomorrow
De Nederlandse muzikante Anne Lieke Heusinkveld heeft als la loye met sweet dreams, see you tomorrow een debuutalbum van een bijna onwerkelijke schoonheid afgeleverd, dat alleen maar indrukwekkender wordt
Het aanbod binnen genres als indiefolk en indiepop is momenteel groot, waardoor albums van nieuwkomers makkelijk tussen wal en schip vallen. Het zou echt doodzonde zijn als dit zou gebeuren met sweet dreams, see you tomorrow van la loye, want wat is dit een betoverend mooi album. Het alter ego van de Nederlandse muzikante Anne Lieke Heusinkveld maakt diepe indruk met zeer sfeervolle songs, die op prachtige en fantasievolle wijze zijn ingekleurd. De muziek op het album is echt prachtig en de zang doet hier zeker niet voor onder. Het lome en dromerige sweet dreams, see you tomorrow sleept je veertig minuten ver weg van alles en maakt diepe indruk. Wat een prachtig album.
Anne Lieke Heusinkveld maakt inmiddels al een aantal jaren muziek onder de naam la loye. Het leverde aan het eind van 2021 de bijzonder mooie EP to live under water op, waarop de Nederlandse muzikante indruk maakte met een handvol prachtige (indie)folksongs.
Anne Lieke Heusinkveld heeft vervolgens de tijd genomen voor het debuutalbum van la loye, dat deze week is verschenen. Met sweet dreams, see you tomorrow (wederom zonder hoofdletters) maakt la loye de belofte van de inmiddels ruim drie jaar oude EP meer dan waar.
Op het album gaat de Nederlandse muzikante deels verder waar de EP ophield. Ook sweet dreams, see you tomorrow bevat voornamelijk ingetogen en wat dromerig klinkende songs, waarin de stem van Anne Lieke Heusinkveld een belangrijke rol speelt. Vergeleken met de songs uit het verleden klinkt het debuutalbum van la loye wel een stuk voller, al blijft de muziek in de meeste songs redelijk subtiel.
Er is hoorbaar heel veel aandacht besteed aan de inkleuring van de songs op sweet dreams, see you tomorrow. De meeste songs bestaan uit meerdere lagen, waarvan er een aantal vooral atmosferisch en ruimtelijk klinken. Het wordt gecombineerd met subtiele ritmes en mooie gitaarakkoorden die diepte aanbrengen in het bijzondere geluid van la loye.
De muziek op sweet dreams, see you tomorrow is song na song echt betoverend mooi en hoe vaker je naar het bijzondere klankenpalet op het album luistert, hoe mooier het wordt. Het is een geluid dat nog altijd is te omschrijven als indiefolk, al doe je la loye met het label indiepop ook niet te kort.
De bijzonder mooie klanken op het debuutalbum van la loye worden gecombineerd met de al even mooie stem van Anne Lieke Heusinkveld. De Nederlandse muzikante zingt vooral fluisterzacht, maar ook met veel gevoel en precisie, wat uitstekend past bij de verzorgd klinkende muziek op het album.
Wanneer la loye opschuift richting indiepop hoor ik wel wat van Phoebe Bridgers en zeker ook van Billie Eilish, die de afgelopen week zoveel indruk maakte met haar concerten, maar sweet dreams, see you tomorrow roept ook associaties op met meerdere (indie)folkies.
Het is druk in de indiepop en indiefolk, maar het debuutalbum van la loye springt er in meerdere opzichten in positieve zin uit. In muzikaal opzicht verrast Anne Lieke Heusinkveld continu met bijzondere geluiden, fraaie accenten van uiteenlopende instrumenten waaronder blazers en een hele bijzondere sfeer.
Ook de zang op sweet dreams, see you tomorrow is elf songs lang echt prachtig en op een bijzondere wijze in balans met de muziek, die uiterst ingetogen maar ook groots en meeslepend kan klinken. En dan zijn er ook nog eens de songs, die eigenlijk onmiddellijk indruk maken, maar vervolgens steeds mooier en bijzonderder worden. Ik ga er van uit dat sweet dreams, see you tomorrow van la loye met bescheiden middelen is gemaakt, maar het album klinkt echt fantastisch.
Wanneer een Britse of Amerikaanse muzikante een album als dit zou hebben gemaakt zouden de Pitchforks van deze wereld superlatieven tekort zijn gekomen, maar la loye moet het vooralsnog doen met bescheiden aandacht. Ik heb het debuutalbum van de Nederlandse muzikante zelf ook min of meer bij toeval ontdekt, maar wat ben ik onder de indruk van sweet dreams, see you tomorrow. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Review: la loye - sweet dreams, see you tomorrow - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: la loye - sweet dreams, see you tomorrow
De Nederlandse muzikante Anne Lieke Heusinkveld heeft als la loye met sweet dreams, see you tomorrow een debuutalbum van een bijna onwerkelijke schoonheid afgeleverd, dat alleen maar indrukwekkender wordt
Het aanbod binnen genres als indiefolk en indiepop is momenteel groot, waardoor albums van nieuwkomers makkelijk tussen wal en schip vallen. Het zou echt doodzonde zijn als dit zou gebeuren met sweet dreams, see you tomorrow van la loye, want wat is dit een betoverend mooi album. Het alter ego van de Nederlandse muzikante Anne Lieke Heusinkveld maakt diepe indruk met zeer sfeervolle songs, die op prachtige en fantasievolle wijze zijn ingekleurd. De muziek op het album is echt prachtig en de zang doet hier zeker niet voor onder. Het lome en dromerige sweet dreams, see you tomorrow sleept je veertig minuten ver weg van alles en maakt diepe indruk. Wat een prachtig album.
Anne Lieke Heusinkveld maakt inmiddels al een aantal jaren muziek onder de naam la loye. Het leverde aan het eind van 2021 de bijzonder mooie EP to live under water op, waarop de Nederlandse muzikante indruk maakte met een handvol prachtige (indie)folksongs.
Anne Lieke Heusinkveld heeft vervolgens de tijd genomen voor het debuutalbum van la loye, dat deze week is verschenen. Met sweet dreams, see you tomorrow (wederom zonder hoofdletters) maakt la loye de belofte van de inmiddels ruim drie jaar oude EP meer dan waar.
Op het album gaat de Nederlandse muzikante deels verder waar de EP ophield. Ook sweet dreams, see you tomorrow bevat voornamelijk ingetogen en wat dromerig klinkende songs, waarin de stem van Anne Lieke Heusinkveld een belangrijke rol speelt. Vergeleken met de songs uit het verleden klinkt het debuutalbum van la loye wel een stuk voller, al blijft de muziek in de meeste songs redelijk subtiel.
Er is hoorbaar heel veel aandacht besteed aan de inkleuring van de songs op sweet dreams, see you tomorrow. De meeste songs bestaan uit meerdere lagen, waarvan er een aantal vooral atmosferisch en ruimtelijk klinken. Het wordt gecombineerd met subtiele ritmes en mooie gitaarakkoorden die diepte aanbrengen in het bijzondere geluid van la loye.
De muziek op sweet dreams, see you tomorrow is song na song echt betoverend mooi en hoe vaker je naar het bijzondere klankenpalet op het album luistert, hoe mooier het wordt. Het is een geluid dat nog altijd is te omschrijven als indiefolk, al doe je la loye met het label indiepop ook niet te kort.
De bijzonder mooie klanken op het debuutalbum van la loye worden gecombineerd met de al even mooie stem van Anne Lieke Heusinkveld. De Nederlandse muzikante zingt vooral fluisterzacht, maar ook met veel gevoel en precisie, wat uitstekend past bij de verzorgd klinkende muziek op het album.
Wanneer la loye opschuift richting indiepop hoor ik wel wat van Phoebe Bridgers en zeker ook van Billie Eilish, die de afgelopen week zoveel indruk maakte met haar concerten, maar sweet dreams, see you tomorrow roept ook associaties op met meerdere (indie)folkies.
Het is druk in de indiepop en indiefolk, maar het debuutalbum van la loye springt er in meerdere opzichten in positieve zin uit. In muzikaal opzicht verrast Anne Lieke Heusinkveld continu met bijzondere geluiden, fraaie accenten van uiteenlopende instrumenten waaronder blazers en een hele bijzondere sfeer.
Ook de zang op sweet dreams, see you tomorrow is elf songs lang echt prachtig en op een bijzondere wijze in balans met de muziek, die uiterst ingetogen maar ook groots en meeslepend kan klinken. En dan zijn er ook nog eens de songs, die eigenlijk onmiddellijk indruk maken, maar vervolgens steeds mooier en bijzonderder worden. Ik ga er van uit dat sweet dreams, see you tomorrow van la loye met bescheiden middelen is gemaakt, maar het album klinkt echt fantastisch.
Wanneer een Britse of Amerikaanse muzikante een album als dit zou hebben gemaakt zouden de Pitchforks van deze wereld superlatieven tekort zijn gekomen, maar la loye moet het vooralsnog doen met bescheiden aandacht. Ik heb het debuutalbum van de Nederlandse muzikante zelf ook min of meer bij toeval ontdekt, maar wat ben ik onder de indruk van sweet dreams, see you tomorrow. Erwin Zijleman
La Luz - Floating Features (2018)

4,5
2
geplaatst: 4 juni 2018, 16:39 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: La Luz - Floating Features - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Ik weet niet meer precies wat ik verwachte toen ik de hoes van Floating Features van La Luz voor het eerst in handen had, maar in ieder geval niet de klanken die uit de speakers kwamen.
De vier vrouwen die hun vorige thuisbasis Seattle, Washington, onlangs verruilden voor de Californische zon in Los Angeles, combineren op hun derde plaat (de vorige twee zijn me eerlijk gezegd ontgaan) invloeden uit de garagerock, psychedelische rock, Westcoast pop en dreampop en overgieten dit vervolgens met een heerlijke dosis Surf.
Ik heb toch ook nog maar even naar de vorige platen van de band geluisterd en die klinken wat rauwer en gruiziger. Absoluut het beluisteren waard, maar ik geef de voorkeur aan de nieuwe plaat, die de zomer onmiddellijk in huis haalt.
Het is bijzonder hoe La Luz muziek kan maken die enkele decennia oud lijkt, maar waarin toch ook op subtiele wijze invloeden zijn verwerkt uit genres die in de jaren 60 nog lang niet bedacht waren. De recentere invloeden komen vooral uit de dreampop, maar bij beluistering van Floating Features word je toch vooral het California uit de jaren 60 ingesleurd.
Het Amerikaanse viertal kan hierbij verleiden met bedwelmende klanken en bijna hypnotiserende koortjes, maar La Luz kiest hier en daar ook voor een wat steviger geluid, waarbij opvalt dat de vier vrouwen van de band geweldig kunnen spelen. Floating Features valt hiernaast op door een geweldige productie die van de hand van Black Keys voorman Dan Auerbach blijkt te zijn.
Auerbach heeft de retro elementen in de muziek van La Luz wat versterkt en heeft de band gestimuleerd om in muzikaal opzicht los te gaan. De gitaren mogen heerlijk rammelen en scheuren, de ritmesectie strooit met stuwende ritmes en tussen alle lagen door zeurt ook nog eens een heerlijk orgeltje. Vooral het gitaarwerk op de plaat is fantastisch, zeker wanneer flink wat invloeden uit de 60s Surfrock van stal worden gehaald.
La Luz kan er stevig tegenaan gaan, maar kan ook zwoel klinken, waarbij het klinkt als een cocktail met gelijke delen Mazzy Star en The Mamas & The Papas. In muzikaal opzicht valt er al veel te genieten, maar bij beluistering van Floating Features viel ik vooral als een blok voor de heerlijke zang en de onweerstaanbare koortjes.
En zo blijft La Luz je maar heen en weer slingeren tussen gemoedstoestanden en popmuziek van alle tijden. Het is muziek die niet zou misstaan in een documentaire over de ‘Summer of Love’, maar je ziet de vier dames ook zomaar opduiken in een David Lynch film of in een serie als Fargo of True Detective, zeker als ze zo weglopen van de bijzondere cover van de plaat.
Floating Features is een plaat die je makkelijk van je sokken blaast of in dromenland brengt, maar het is ook nog eens een plaat die in rap tempo beter wordt. Voor mij een enorme verrassing. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: La Luz - Floating Features - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Ik weet niet meer precies wat ik verwachte toen ik de hoes van Floating Features van La Luz voor het eerst in handen had, maar in ieder geval niet de klanken die uit de speakers kwamen.
De vier vrouwen die hun vorige thuisbasis Seattle, Washington, onlangs verruilden voor de Californische zon in Los Angeles, combineren op hun derde plaat (de vorige twee zijn me eerlijk gezegd ontgaan) invloeden uit de garagerock, psychedelische rock, Westcoast pop en dreampop en overgieten dit vervolgens met een heerlijke dosis Surf.
Ik heb toch ook nog maar even naar de vorige platen van de band geluisterd en die klinken wat rauwer en gruiziger. Absoluut het beluisteren waard, maar ik geef de voorkeur aan de nieuwe plaat, die de zomer onmiddellijk in huis haalt.
Het is bijzonder hoe La Luz muziek kan maken die enkele decennia oud lijkt, maar waarin toch ook op subtiele wijze invloeden zijn verwerkt uit genres die in de jaren 60 nog lang niet bedacht waren. De recentere invloeden komen vooral uit de dreampop, maar bij beluistering van Floating Features word je toch vooral het California uit de jaren 60 ingesleurd.
Het Amerikaanse viertal kan hierbij verleiden met bedwelmende klanken en bijna hypnotiserende koortjes, maar La Luz kiest hier en daar ook voor een wat steviger geluid, waarbij opvalt dat de vier vrouwen van de band geweldig kunnen spelen. Floating Features valt hiernaast op door een geweldige productie die van de hand van Black Keys voorman Dan Auerbach blijkt te zijn.
Auerbach heeft de retro elementen in de muziek van La Luz wat versterkt en heeft de band gestimuleerd om in muzikaal opzicht los te gaan. De gitaren mogen heerlijk rammelen en scheuren, de ritmesectie strooit met stuwende ritmes en tussen alle lagen door zeurt ook nog eens een heerlijk orgeltje. Vooral het gitaarwerk op de plaat is fantastisch, zeker wanneer flink wat invloeden uit de 60s Surfrock van stal worden gehaald.
La Luz kan er stevig tegenaan gaan, maar kan ook zwoel klinken, waarbij het klinkt als een cocktail met gelijke delen Mazzy Star en The Mamas & The Papas. In muzikaal opzicht valt er al veel te genieten, maar bij beluistering van Floating Features viel ik vooral als een blok voor de heerlijke zang en de onweerstaanbare koortjes.
En zo blijft La Luz je maar heen en weer slingeren tussen gemoedstoestanden en popmuziek van alle tijden. Het is muziek die niet zou misstaan in een documentaire over de ‘Summer of Love’, maar je ziet de vier dames ook zomaar opduiken in een David Lynch film of in een serie als Fargo of True Detective, zeker als ze zo weglopen van de bijzondere cover van de plaat.
Floating Features is een plaat die je makkelijk van je sokken blaast of in dromenland brengt, maar het is ook nog eens een plaat die in rap tempo beter wordt. Voor mij een enorme verrassing. Erwin Zijleman
La Luz - La Luz (2021)

4,0
0
geplaatst: 25 oktober 2021, 16:47 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: La Luz - La Luz - dekrentenuitdepop.blogspot.com
La Luz - La Luz
La Luz neemt je ook op haar vierde album mee terug naar de jaren 60, dit keer met wat minder surfrock en garagerock en wat meer psychedelica, wat een aangenaam en bijzonder geluid oplevert
De Amerikaanse band La Luz verraste drie jaar geleden met een bijzondere mix van garagerock, Westcoast pop, psychedelica en surfrock. Het door Dan Auerbach geproduceerde album smaakte naar veel meer en dat meer is er nu. Het titelloze vierde album van de band uit Los Angeles slaat wat betreft de verwerkte invloeden wat door richting de psychedelica en het is nog altijd psychedelica met een hang naar de jaren 60. Het verleidt niet zo snel en makkelijk als het vorige album van La Luz, maar als alles op zijn plek is gevallen, kun je alleen maar concluderen dat de band uit Los Angeles flinke stappen heeft gezet op dit knappe album.
Floating Features, het derde album van de Amerikaanse band La Luz, was net iets meer dan drie jaar geleden mijn eerste kennismaking met de muziek van de band, die de voormalige thuisbasis Seattle op dat moment net had verruild voor Los Angeles. De vier dames van La Luz maakten met hun derde album flink wat indruk met een onnavolgbare mix van invloeden, waarin ik in ieder geval invloeden uit de garagerock, psychedelische rock, Westcoast pop, dreampop en surfrock tegenkwam.
Floating Features nam je vrijwel onmiddellijk mee terug naar het Californië van de jaren 60, maar de muziek van de band uit Los Angeles, die prachtig was geproduceerd door niemand minder dan Dan Auerbach, had ook zeker niet misstaan in een film van Quentin Tarantino of David Lynch.
Deze week keert La Luz terug met een nieuw album, dat geen titel heeft meegekregen. Een titelloos album wijst vaak op een nieuwe start of een nieuwe weg, maar in muzikaal opzicht gaat het nieuwe album op het eerste gehoor verder op de weg die met Floating Features werd ingeslagen en die een flink minder rauw en gruizig was dan die op de eerste twee albums van de band.
Vergeleken met het vorige album is La Luz wel gereduceerd tot een trio, dat nu bestaat uit Shana Cleveland (gitaar en zang), Alice Sandahl (keyboards en zang) en Lena Simon (bas en zang). Waar Dan Auerbach vorige keer tekende voor een prachtig retrogeluid, heeft het drietal uit Los Angeles dit keer gekozen voor producer Adrian Younge, die tot dusver vooral actief was in hiphop, R&B en jazz kringen.
Ook het nieuwe album van La Luz verwerkt invloeden uit alle bovengenoemde genres, maar vergeleken met Floating Features klinkt het album nog wat minder ruw en gruizig, zijn de aan de surfrock herinnerende gitaren wat minder nadrukkelijk aanwezig en hoor ik hier en daar wel wat jazzy invloeden. Op het nieuwe album van La Luz domineren invloeden uit de psychedelica en het Amerikaanse drietal maakt ook nog altijd muziek die zo lijkt weggelopen uit de jaren 60. Phil Spector zou er wel raad mee hebben geweten.
Waar ik bij het vorige albums nog associaties had met de soundtracks bij de films van Quentin Tarantino of David Lynch, lijkt de nog altijd beeldende muziek van La Luz vooral geschikt voor wat minder duistere films die het daglicht makkelijk verdragen, wat de muziek van La Luz geschikt maakt voor alle seizoenen en momenten.
Vergeleken met Floating Features, dat mede door de productie van Dan Auerbach makkelijk indruk maakte, is het meer ingetogen en zich langzamer voortslepende geluid op het titelloze album van La Luz, een geluid dat iets meer tijd vraagt. Als je het album die tijd geeft, wordt de nieuwe muziek van de band uit Los Angeles mooier en mooier.
In muzikaal opzicht zit het allemaal wat inventiever in elkaar, zeker als het drietal invloeden uit de jazz verwerkt en ook de zang vind ik mooier. De stemmen van Shana Cleveland, Alice Sandahl en Lena Simon kleuren nog wat mooier bij elkaar dan drie jaar geleden en herinneren aan het wat meer psychedelisch getinte vroege werk van The Bangles.
La Luz liet drie jaar geleden nog vooral een bonte mix van invloeden horen, maar op het nieuwe album zijn al deze invloeden geïntegreerd in een wat meer eigen geluid, dat ik persoonlijk in het hokje psychedelica zou duwen. Floating Features was wat mij betreft vooral een album vol belofte, maar het nieuwe album maakt deze belofte meer dan waar. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: La Luz - La Luz - dekrentenuitdepop.blogspot.com
La Luz - La Luz
La Luz neemt je ook op haar vierde album mee terug naar de jaren 60, dit keer met wat minder surfrock en garagerock en wat meer psychedelica, wat een aangenaam en bijzonder geluid oplevert
De Amerikaanse band La Luz verraste drie jaar geleden met een bijzondere mix van garagerock, Westcoast pop, psychedelica en surfrock. Het door Dan Auerbach geproduceerde album smaakte naar veel meer en dat meer is er nu. Het titelloze vierde album van de band uit Los Angeles slaat wat betreft de verwerkte invloeden wat door richting de psychedelica en het is nog altijd psychedelica met een hang naar de jaren 60. Het verleidt niet zo snel en makkelijk als het vorige album van La Luz, maar als alles op zijn plek is gevallen, kun je alleen maar concluderen dat de band uit Los Angeles flinke stappen heeft gezet op dit knappe album.
Floating Features, het derde album van de Amerikaanse band La Luz, was net iets meer dan drie jaar geleden mijn eerste kennismaking met de muziek van de band, die de voormalige thuisbasis Seattle op dat moment net had verruild voor Los Angeles. De vier dames van La Luz maakten met hun derde album flink wat indruk met een onnavolgbare mix van invloeden, waarin ik in ieder geval invloeden uit de garagerock, psychedelische rock, Westcoast pop, dreampop en surfrock tegenkwam.
Floating Features nam je vrijwel onmiddellijk mee terug naar het Californië van de jaren 60, maar de muziek van de band uit Los Angeles, die prachtig was geproduceerd door niemand minder dan Dan Auerbach, had ook zeker niet misstaan in een film van Quentin Tarantino of David Lynch.
Deze week keert La Luz terug met een nieuw album, dat geen titel heeft meegekregen. Een titelloos album wijst vaak op een nieuwe start of een nieuwe weg, maar in muzikaal opzicht gaat het nieuwe album op het eerste gehoor verder op de weg die met Floating Features werd ingeslagen en die een flink minder rauw en gruizig was dan die op de eerste twee albums van de band.
Vergeleken met het vorige album is La Luz wel gereduceerd tot een trio, dat nu bestaat uit Shana Cleveland (gitaar en zang), Alice Sandahl (keyboards en zang) en Lena Simon (bas en zang). Waar Dan Auerbach vorige keer tekende voor een prachtig retrogeluid, heeft het drietal uit Los Angeles dit keer gekozen voor producer Adrian Younge, die tot dusver vooral actief was in hiphop, R&B en jazz kringen.
Ook het nieuwe album van La Luz verwerkt invloeden uit alle bovengenoemde genres, maar vergeleken met Floating Features klinkt het album nog wat minder ruw en gruizig, zijn de aan de surfrock herinnerende gitaren wat minder nadrukkelijk aanwezig en hoor ik hier en daar wel wat jazzy invloeden. Op het nieuwe album van La Luz domineren invloeden uit de psychedelica en het Amerikaanse drietal maakt ook nog altijd muziek die zo lijkt weggelopen uit de jaren 60. Phil Spector zou er wel raad mee hebben geweten.
Waar ik bij het vorige albums nog associaties had met de soundtracks bij de films van Quentin Tarantino of David Lynch, lijkt de nog altijd beeldende muziek van La Luz vooral geschikt voor wat minder duistere films die het daglicht makkelijk verdragen, wat de muziek van La Luz geschikt maakt voor alle seizoenen en momenten.
Vergeleken met Floating Features, dat mede door de productie van Dan Auerbach makkelijk indruk maakte, is het meer ingetogen en zich langzamer voortslepende geluid op het titelloze album van La Luz, een geluid dat iets meer tijd vraagt. Als je het album die tijd geeft, wordt de nieuwe muziek van de band uit Los Angeles mooier en mooier.
In muzikaal opzicht zit het allemaal wat inventiever in elkaar, zeker als het drietal invloeden uit de jazz verwerkt en ook de zang vind ik mooier. De stemmen van Shana Cleveland, Alice Sandahl en Lena Simon kleuren nog wat mooier bij elkaar dan drie jaar geleden en herinneren aan het wat meer psychedelisch getinte vroege werk van The Bangles.
La Luz liet drie jaar geleden nog vooral een bonte mix van invloeden horen, maar op het nieuwe album zijn al deze invloeden geïntegreerd in een wat meer eigen geluid, dat ik persoonlijk in het hokje psychedelica zou duwen. Floating Features was wat mij betreft vooral een album vol belofte, maar het nieuwe album maakt deze belofte meer dan waar. Erwin Zijleman
La Luz - News of the Universe (2024)

4,5
0
geplaatst: 27 juni 2024, 15:18 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: La Luz - News Of The Universe - dekrentenuitdepop.blogspot.com
La Luz - News Of The Universe
Bij La Luz weet je inmiddels wat je kunt verwachten, maar de combinatie van dromerige gitaarlijnen, prachtige zang en hemelse koortjes klinkt op News Of The Universe nog wat overtuigender
Toen ik in 2018 het album Floating Features van La Luz in handen kreeg dacht ik even te maken te hebben met een vergeten klassieker uit de jaren 60. De verleiding van het album was met een zonnige mix van garagerock, surfrock, Westcoast pop en psychedelica meedogenloos en dat is ook weer het geval bij beluistering van het nieuwe album van La Luz. News Of The Universe klinkt wat minder gruizig dan het vroegere werk van de band uit Los Angeles, maar de prachtige gitaarakkoorden, de geweldige koortjes en de fraai zang van Shana Cleveland maken ook dit keer makkelijk indruk. News Of The Universe is de perfecte soundtrack voor een mooie zomerdag, maar is ook veel meer dan dat.
News Of The Universe van La Luz verscheen ruim een maand geleden, maar is even op de stapel blijven liggen. Dat is best bijzonder, want ik was zeer te spreken over de vorige twee albums van de Amerikaanse band en ook de soloalbums van frontvrouw Shana Cleveland zijn me zeer dierbaar. Ik hou het er maar op dat de muziek van La Luz het best tot zijn recht komt wanneer de zon schijnt en de temperatuur boven de 25 graden uit komt en dat was deze week dan eindelijk het geval.
Ik ontdekte La Luz in 2018, toen het derde album van de band uit Los Angeles verscheen. Op Floating Features vermaakte La Luz meedogenloos met een mix van garagerock, psychedelische rock, Westcoast pop en surfrock. Floating Features slingerde je vrijwel onmiddellijk terug naar het California van de jaren 60 met heerlijke gitaarakkoorden en fantastische koortjes.
Het titelloze album uit 2021 klonk vervolgens net wat minder gruizig dan Floating Features, maar betoverde minstens net zo krachtig. De afgelopen jaren waren er naast de twee albums van La Luz ook nog twee albums van frontvrouw Shana Cleveland, die vooral invloeden uit de Laurel Canyon folk verwerkten en die ik persoonlijk minstens net zo interessant vond als de albums van La Luz.
La Luz keerde zoals gezegd vorige maand terug met News Of The Universe, waarop vergeleken met het album uit 2021 niet zo gek veel is veranderd. Net als op dat album zijn de gruizige invloeden uit de garagerock wat naar de achtergrond gedrongen en hebben invloeden uit de psychedelica aan terrein gewonnen. Ook News Of The Universe is een album vol Californische zonnestralen en het is bovendien een wat nostalgisch klinkend album met een zeer aangename jaren 60 vibe.
Ook op het nieuwe album zijn de gitaarlijnen weer prachtig melodieus met hier en daar een prachtige solo, zingt Shana Cleveland werkelijk de sterren van de hemel en zijn de koortjes om van te watertanden. Luister bijvoorbeeld naar het prachtige Poppies en je begrijpt wat ik bedoel.
Het nieuwe album van La Luz klinkt net zo zonnig en onbezorgd als zijn voorganger, maar in het leven van Shana Cleveland volgden de pieken en dalen elkaar snel op. Ze werd moeder, maar kreeg ook de diagnose borstkanker en hierna begon het ook in de band nog wat te rommelen. Het is op het eerste gehoor niet terug te horen in de songs van La Luz, al hoor je bij aandachtigere beluistering hier en daar ook wel wat melancholie, zeker in de meer folky songs.
Ik vond La Luz in 2018 echt een enorme ontdekking. Inmiddels is de verrassing er misschien wel wat af, maar ik kan maar lastig begrijpen dat ik het nieuwe album van de Amerikaanse band heb laten liggen. News Of The Universe borduurt voort op de twee vorige albums van La Luz, maar heeft het geluid van de band uit Los Angeles ook verder geperfectioneerd. Het is ook de verdienste van producer Maryam Qudus (Spacemoth), die het album echt prachtig heeft opgenomen en volgestopt met bijzondere details.
News Of The Universe zou zomaar een vergeten album uit de jaren 60 kunnen zijn, maar wat komt alles mooi en helder door de speakers. Het doet het zoals gezegd uitstekend bij de zomerse temperaturen van het moment, maar News Of The Universe is veel meer dan een leuk zomerplaatje voor de dagen van het moment. Shana Cleveland leverde vorig jaar solo met Manzanita een jaarlijstjesalbum af en herhaalt dat kunstje nu met het bedwelmend mooie News Of The Universe van La Luz. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: La Luz - News Of The Universe - dekrentenuitdepop.blogspot.com
La Luz - News Of The Universe
Bij La Luz weet je inmiddels wat je kunt verwachten, maar de combinatie van dromerige gitaarlijnen, prachtige zang en hemelse koortjes klinkt op News Of The Universe nog wat overtuigender
Toen ik in 2018 het album Floating Features van La Luz in handen kreeg dacht ik even te maken te hebben met een vergeten klassieker uit de jaren 60. De verleiding van het album was met een zonnige mix van garagerock, surfrock, Westcoast pop en psychedelica meedogenloos en dat is ook weer het geval bij beluistering van het nieuwe album van La Luz. News Of The Universe klinkt wat minder gruizig dan het vroegere werk van de band uit Los Angeles, maar de prachtige gitaarakkoorden, de geweldige koortjes en de fraai zang van Shana Cleveland maken ook dit keer makkelijk indruk. News Of The Universe is de perfecte soundtrack voor een mooie zomerdag, maar is ook veel meer dan dat.
News Of The Universe van La Luz verscheen ruim een maand geleden, maar is even op de stapel blijven liggen. Dat is best bijzonder, want ik was zeer te spreken over de vorige twee albums van de Amerikaanse band en ook de soloalbums van frontvrouw Shana Cleveland zijn me zeer dierbaar. Ik hou het er maar op dat de muziek van La Luz het best tot zijn recht komt wanneer de zon schijnt en de temperatuur boven de 25 graden uit komt en dat was deze week dan eindelijk het geval.
Ik ontdekte La Luz in 2018, toen het derde album van de band uit Los Angeles verscheen. Op Floating Features vermaakte La Luz meedogenloos met een mix van garagerock, psychedelische rock, Westcoast pop en surfrock. Floating Features slingerde je vrijwel onmiddellijk terug naar het California van de jaren 60 met heerlijke gitaarakkoorden en fantastische koortjes.
Het titelloze album uit 2021 klonk vervolgens net wat minder gruizig dan Floating Features, maar betoverde minstens net zo krachtig. De afgelopen jaren waren er naast de twee albums van La Luz ook nog twee albums van frontvrouw Shana Cleveland, die vooral invloeden uit de Laurel Canyon folk verwerkten en die ik persoonlijk minstens net zo interessant vond als de albums van La Luz.
La Luz keerde zoals gezegd vorige maand terug met News Of The Universe, waarop vergeleken met het album uit 2021 niet zo gek veel is veranderd. Net als op dat album zijn de gruizige invloeden uit de garagerock wat naar de achtergrond gedrongen en hebben invloeden uit de psychedelica aan terrein gewonnen. Ook News Of The Universe is een album vol Californische zonnestralen en het is bovendien een wat nostalgisch klinkend album met een zeer aangename jaren 60 vibe.
Ook op het nieuwe album zijn de gitaarlijnen weer prachtig melodieus met hier en daar een prachtige solo, zingt Shana Cleveland werkelijk de sterren van de hemel en zijn de koortjes om van te watertanden. Luister bijvoorbeeld naar het prachtige Poppies en je begrijpt wat ik bedoel.
Het nieuwe album van La Luz klinkt net zo zonnig en onbezorgd als zijn voorganger, maar in het leven van Shana Cleveland volgden de pieken en dalen elkaar snel op. Ze werd moeder, maar kreeg ook de diagnose borstkanker en hierna begon het ook in de band nog wat te rommelen. Het is op het eerste gehoor niet terug te horen in de songs van La Luz, al hoor je bij aandachtigere beluistering hier en daar ook wel wat melancholie, zeker in de meer folky songs.
Ik vond La Luz in 2018 echt een enorme ontdekking. Inmiddels is de verrassing er misschien wel wat af, maar ik kan maar lastig begrijpen dat ik het nieuwe album van de Amerikaanse band heb laten liggen. News Of The Universe borduurt voort op de twee vorige albums van La Luz, maar heeft het geluid van de band uit Los Angeles ook verder geperfectioneerd. Het is ook de verdienste van producer Maryam Qudus (Spacemoth), die het album echt prachtig heeft opgenomen en volgestopt met bijzondere details.
News Of The Universe zou zomaar een vergeten album uit de jaren 60 kunnen zijn, maar wat komt alles mooi en helder door de speakers. Het doet het zoals gezegd uitstekend bij de zomerse temperaturen van het moment, maar News Of The Universe is veel meer dan een leuk zomerplaatje voor de dagen van het moment. Shana Cleveland leverde vorig jaar solo met Manzanita een jaarlijstjesalbum af en herhaalt dat kunstje nu met het bedwelmend mooie News Of The Universe van La Luz. Erwin Zijleman
La Sera - Hour of the Dawn (2014)

4,0
0
geplaatst: 29 mei 2014, 11:09 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: La Sera - Hour Of The Dawn - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
La Sera is het alter ego van de Amerikaanse muzikante Katy Goodman, die een enkeling onder ons zal kennen als de bassiste van de band Vivian Girls.
La Sera debuteerde al weer drie jaar geleden met een hele aardige titelloze plaat, die een jaar later een vervolg kreeg met het al even aardige Sees The Light (beide platen zijn overigens volkomen ten onrechte niet besproken op deze BLOG).
Katy Goodman kan zich na het uiteenvallen van Vivian Girls eerder dit jaar volledig richten op La Sera en doet dat direct met een ambitieuze derde plaat.
Ook Hour Of The Dawn krijgt tot dusver niet al teveel aandacht in Nederland en dat is jammer. Heel jammer zelfs. La Sera heeft immers een plaat gemaakt waarvan je alleen maar heel vrolijk kunt worden.
La Sera maakt op haar derde plaat muziek die bestaat uit gelijke delen powerpop, 60s girlpop, shoegaze en dreampop en brengt deze opwindende cocktail vervolgens op smaak met een vleugje lo-fi. Kortom, licht gruizige popmuziek met onweerstaanbare refreinen maar ook voldoende eigenzinnigheid. Het is popmuziek die de zon onmiddellijk laat schijnen en die nadrukkelijk uitnodigt tot meezingen, meefluiten of een gewenste andere vorm van interactie.
La Sera maakt muziek zoals de Dum Dum Girls dat een paar jaar geleden nog deden, of muziek zoals het Ierse Dott dat eerder dit jaar nog zo overtuigend deed. En zo kan ik nog heel wat namen noemen, maar laat ik me beperken tot recent op deze BLOG bejubelde namen als Bleached, Cults, Veronica Falls, Tennis, Best Coast, al hoor ik op één of andere manier ook wel wat van de eerste twee platen van The Pretenders. Katy Goodman noemt zelf weer hele andere namen: “I wanted the new La Sera record to sound like Lesley Gore fronting Black Flag” schrijft ze in het persbericht bij haar nieuwe plaat. Ook een mooie omschrijving, maar ik vind de zelf verzonnen namen eerlijk gezegd treffender.
De muziek van La Sera is op het eerste gehoor misschien eenvoudige muziek zonder al te veel pretenties, maar ondertussen zit het zo verrekte goed in elkaar dat je na één keer horen zwaar verslaafd bent aan Hour Of The Dawn.
Vergeleken met de vorige platen van La Sera klinkt het allemaal net wat rauwer en energieker. Kate Goodman heeft kennelijk iets van de muzikale erfenis van Vivian Girls meegenomen naar haar solocarrière en dat is een wijs besluit; een suikerspin is immers maar heel even lekker.
Hour Of The Dawn bevindt zich in muzikaal opzicht in een de laatste jaren flink uitgedijd gezelschap, maar weet zich op een aantal manieren te onderscheiden. Zo beschikt Katy Goodman over een bijzonder aangenaam stemgeluid, voorziet ze haar zoete en zachte popliedjes gelukkig van een voldoende bitter en scherp randje en is het gitaarwerk op de plaat bijna onweerstaanbaar lekker. Nog belangrijker is het feit dat Hour Of The Dawn eigenlijk geen slecht popliedje bevat. Hour Of The Dawn bevat tien tracks en het is tien keer raak.
Tegelijkertijd is het tien keer anders. De ene keer wat meer ingetogen, de volgende keer juist net wat gruiziger. De ene keer Phil Spector, de volgende keer bijna Beatlesque of juist opgeschoven richting My Bloody Valentine of de eigentijdse soortgenoten.
Hour Of The Dawn heeft uiteindelijk hetzelfde effect als de spreekwoordelijke roze bril. Met deze plaat uit de speakers is de wereld opeens een stuk mooier en aangenamer en maken donkere wolken plaats voor een stralende zon. Heerlijk. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: La Sera - Hour Of The Dawn - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
La Sera is het alter ego van de Amerikaanse muzikante Katy Goodman, die een enkeling onder ons zal kennen als de bassiste van de band Vivian Girls.
La Sera debuteerde al weer drie jaar geleden met een hele aardige titelloze plaat, die een jaar later een vervolg kreeg met het al even aardige Sees The Light (beide platen zijn overigens volkomen ten onrechte niet besproken op deze BLOG).
Katy Goodman kan zich na het uiteenvallen van Vivian Girls eerder dit jaar volledig richten op La Sera en doet dat direct met een ambitieuze derde plaat.
Ook Hour Of The Dawn krijgt tot dusver niet al teveel aandacht in Nederland en dat is jammer. Heel jammer zelfs. La Sera heeft immers een plaat gemaakt waarvan je alleen maar heel vrolijk kunt worden.
La Sera maakt op haar derde plaat muziek die bestaat uit gelijke delen powerpop, 60s girlpop, shoegaze en dreampop en brengt deze opwindende cocktail vervolgens op smaak met een vleugje lo-fi. Kortom, licht gruizige popmuziek met onweerstaanbare refreinen maar ook voldoende eigenzinnigheid. Het is popmuziek die de zon onmiddellijk laat schijnen en die nadrukkelijk uitnodigt tot meezingen, meefluiten of een gewenste andere vorm van interactie.
La Sera maakt muziek zoals de Dum Dum Girls dat een paar jaar geleden nog deden, of muziek zoals het Ierse Dott dat eerder dit jaar nog zo overtuigend deed. En zo kan ik nog heel wat namen noemen, maar laat ik me beperken tot recent op deze BLOG bejubelde namen als Bleached, Cults, Veronica Falls, Tennis, Best Coast, al hoor ik op één of andere manier ook wel wat van de eerste twee platen van The Pretenders. Katy Goodman noemt zelf weer hele andere namen: “I wanted the new La Sera record to sound like Lesley Gore fronting Black Flag” schrijft ze in het persbericht bij haar nieuwe plaat. Ook een mooie omschrijving, maar ik vind de zelf verzonnen namen eerlijk gezegd treffender.
De muziek van La Sera is op het eerste gehoor misschien eenvoudige muziek zonder al te veel pretenties, maar ondertussen zit het zo verrekte goed in elkaar dat je na één keer horen zwaar verslaafd bent aan Hour Of The Dawn.
Vergeleken met de vorige platen van La Sera klinkt het allemaal net wat rauwer en energieker. Kate Goodman heeft kennelijk iets van de muzikale erfenis van Vivian Girls meegenomen naar haar solocarrière en dat is een wijs besluit; een suikerspin is immers maar heel even lekker.
Hour Of The Dawn bevindt zich in muzikaal opzicht in een de laatste jaren flink uitgedijd gezelschap, maar weet zich op een aantal manieren te onderscheiden. Zo beschikt Katy Goodman over een bijzonder aangenaam stemgeluid, voorziet ze haar zoete en zachte popliedjes gelukkig van een voldoende bitter en scherp randje en is het gitaarwerk op de plaat bijna onweerstaanbaar lekker. Nog belangrijker is het feit dat Hour Of The Dawn eigenlijk geen slecht popliedje bevat. Hour Of The Dawn bevat tien tracks en het is tien keer raak.
Tegelijkertijd is het tien keer anders. De ene keer wat meer ingetogen, de volgende keer juist net wat gruiziger. De ene keer Phil Spector, de volgende keer bijna Beatlesque of juist opgeschoven richting My Bloody Valentine of de eigentijdse soortgenoten.
Hour Of The Dawn heeft uiteindelijk hetzelfde effect als de spreekwoordelijke roze bril. Met deze plaat uit de speakers is de wereld opeens een stuk mooier en aangenamer en maken donkere wolken plaats voor een stralende zon. Heerlijk. Erwin Zijleman
Labasheeda - Blueprints (2023)

4,5
0
geplaatst: 20 november 2023, 16:01 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Labasheeda - Blueprints - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Labasheeda - Blueprints
De Amsterdamse band Labasheeda heeft met Blueprints een werkelijk geweldig album afgeleverd, dat stekelige rocksongs combineert met nogal uiteenlopende invloeden, avontuurlijke klanken en gedreven zang
Labasheeda draait inmiddels al een tijdje mee, maar met het onlangs verschenen Blueprints kan de band uit Amsterdam wel eens flinke stappen gaan zetten. Op haar nieuwe album combineert Labasheeda invloeden uit de postpunk en indierock, maar door de bijzondere bijdragen van bijvoorbeeld de viool past de band in geen enkel hokje. De songs van Labasheeda liggen lekker in het gehoor, maar de band kiest nergens voor de makkelijkste weg, wat een spannend album oplevert, dat nog wat verder wordt opgetild door de uitstekende zang. Zonder het verleden van Labasheeda tekort te doen, durf ik wel te stellen dat Nederland er dankzij Blueprints van Labasheeda een geweldige indieband bij heeft.
Labasheeda is een Amsterdamse band, die volgend jaar twintig jaar bestaat. De band rond Saskia van der Giessen maakte in die twintig jaar een handvol albums en een aantal EP’s, die volgens mij niet overdreven veel aandacht hebben gekregen. Zelf krijg ik inmiddels al een aantal jaren de nieuwe muziek van de band toegestuurd, maar eerlijkheid gebied me te zeggen dat ik er tot voor kort hooguit met een half oor naar had geluisterd.
Dat had niet zoveel te maken met de kwaliteit van de muziek van de Nederlandse band, maar alles met het grote aanbod en een chronisch gebrek aan tijd. Vorige week leek ook het nieuwe album van Labasheeda bij mij tussen wal en schip te vallen, maar toen ik eindelijk de tijd nam om naar het album te luisteren, raakte ik snel geïnteresseerd in het zesde album van de Amsterdamse band.
Labasheeda noemde zichzelf in het verleden een punkband en heeft inmiddels de etiketten artpunk en noiserock op haar muziek geplakt. Hiermee zetten ze potentiële luisteraars wat op het verkeerde been en doen ze zichzelf tekort. Als ik luister naar het nieuwe album Blueprints hoor ik veel meer dan artpunk en noiserock en hoor ik bovendien dat Labasheeda er in is geslaagd om een bijzonder en eigenzinnig eigen geluid te creëren.
De Amsterdamse band heeft zich op Blueprints door van alles laten inspireren en, meer dan op de vorige albums van de band, die ik vluchtig heb beluisterd, valt alles op zijn plek. Het album opent met fraaie baslijnen en bijzondere percussie, waarna staccato gitaren, een bijzonder klinkende viool en de zang van Saskia van der Giessen opduiken. De openingstrack van Blueprints kan met een beetje fantasie nog wel in het hokje postpunk worden gedrongen, maar het is door de vioolbijdragen van Saskia van der Giessen en de tempowisselingen in de track wel hele bijzondere postpunk.
In de tweede track worden de gitaarriffs wat zwaarder aangezet en begrijp ik het label noiserock, tot de track weer een andere kant op gaat door bijzondere pianoklanken en de gedreven vocalen. Labasheeda klinkt opeens als Sleater-Kinney voordat het een verkeerde afslag nam en dat is wat mij betreft een groot compliment.
Labasheeda bestaat inmiddels bijna twintig jaar en dat hoor je. Saskia van der Giessen (zang, gitaar, viool, viola, piano), Arne Wolfswinkel (gitaar, bas, piano) en Bas Snabilie (drums, marimba, synthesizer, percussie) hebben niet alleen flink wat instrumenten toegevoegd aan het geluid van Labasheeda, maar spelen ook strak en fantasierijk. Met de bovenstaande instrumenten zijn we er overigens nog niet, want gastmuzikanten voegen onder andere cello, viool en bas toe aan het geluid van Labasheeda.
Het knappe van Blueprints is dat Labasheeda aan de ene kant uit de voeten kan met compacte en aangenaam stekelige rocksongs, maar dat aan de andere kant een bijzondere en meestal eigenzinnige wending nooit ver weg is. Het zesde album van de Amsterdamse band verleidt makkelijk, maar laat pas hierna horen hoe goed het werkelijk is.
Labasheeda is een heerlijk eigenwijs indierock album van een soort waarvan er in 2023 veel te weinig zijn gemaakt. Ik heb het idee dat een album als Blueprints goud zou zijn in handen van een Amerikaanse indieband, maar waarom zou een platform als Pitchfork geen album van een Amsterdamse band op kunnen pikken. Ik moet de rest van het oeuvre van Labasheeda nog goed gaan ontdekken, maar Blueprints is echt een fantastisch album in een overigens prachtig jaar voor de Nederlandse popmuziek. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Labasheeda - Blueprints - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Labasheeda - Blueprints
De Amsterdamse band Labasheeda heeft met Blueprints een werkelijk geweldig album afgeleverd, dat stekelige rocksongs combineert met nogal uiteenlopende invloeden, avontuurlijke klanken en gedreven zang
Labasheeda draait inmiddels al een tijdje mee, maar met het onlangs verschenen Blueprints kan de band uit Amsterdam wel eens flinke stappen gaan zetten. Op haar nieuwe album combineert Labasheeda invloeden uit de postpunk en indierock, maar door de bijzondere bijdragen van bijvoorbeeld de viool past de band in geen enkel hokje. De songs van Labasheeda liggen lekker in het gehoor, maar de band kiest nergens voor de makkelijkste weg, wat een spannend album oplevert, dat nog wat verder wordt opgetild door de uitstekende zang. Zonder het verleden van Labasheeda tekort te doen, durf ik wel te stellen dat Nederland er dankzij Blueprints van Labasheeda een geweldige indieband bij heeft.
Labasheeda is een Amsterdamse band, die volgend jaar twintig jaar bestaat. De band rond Saskia van der Giessen maakte in die twintig jaar een handvol albums en een aantal EP’s, die volgens mij niet overdreven veel aandacht hebben gekregen. Zelf krijg ik inmiddels al een aantal jaren de nieuwe muziek van de band toegestuurd, maar eerlijkheid gebied me te zeggen dat ik er tot voor kort hooguit met een half oor naar had geluisterd.
Dat had niet zoveel te maken met de kwaliteit van de muziek van de Nederlandse band, maar alles met het grote aanbod en een chronisch gebrek aan tijd. Vorige week leek ook het nieuwe album van Labasheeda bij mij tussen wal en schip te vallen, maar toen ik eindelijk de tijd nam om naar het album te luisteren, raakte ik snel geïnteresseerd in het zesde album van de Amsterdamse band.
Labasheeda noemde zichzelf in het verleden een punkband en heeft inmiddels de etiketten artpunk en noiserock op haar muziek geplakt. Hiermee zetten ze potentiële luisteraars wat op het verkeerde been en doen ze zichzelf tekort. Als ik luister naar het nieuwe album Blueprints hoor ik veel meer dan artpunk en noiserock en hoor ik bovendien dat Labasheeda er in is geslaagd om een bijzonder en eigenzinnig eigen geluid te creëren.
De Amsterdamse band heeft zich op Blueprints door van alles laten inspireren en, meer dan op de vorige albums van de band, die ik vluchtig heb beluisterd, valt alles op zijn plek. Het album opent met fraaie baslijnen en bijzondere percussie, waarna staccato gitaren, een bijzonder klinkende viool en de zang van Saskia van der Giessen opduiken. De openingstrack van Blueprints kan met een beetje fantasie nog wel in het hokje postpunk worden gedrongen, maar het is door de vioolbijdragen van Saskia van der Giessen en de tempowisselingen in de track wel hele bijzondere postpunk.
In de tweede track worden de gitaarriffs wat zwaarder aangezet en begrijp ik het label noiserock, tot de track weer een andere kant op gaat door bijzondere pianoklanken en de gedreven vocalen. Labasheeda klinkt opeens als Sleater-Kinney voordat het een verkeerde afslag nam en dat is wat mij betreft een groot compliment.
Labasheeda bestaat inmiddels bijna twintig jaar en dat hoor je. Saskia van der Giessen (zang, gitaar, viool, viola, piano), Arne Wolfswinkel (gitaar, bas, piano) en Bas Snabilie (drums, marimba, synthesizer, percussie) hebben niet alleen flink wat instrumenten toegevoegd aan het geluid van Labasheeda, maar spelen ook strak en fantasierijk. Met de bovenstaande instrumenten zijn we er overigens nog niet, want gastmuzikanten voegen onder andere cello, viool en bas toe aan het geluid van Labasheeda.
Het knappe van Blueprints is dat Labasheeda aan de ene kant uit de voeten kan met compacte en aangenaam stekelige rocksongs, maar dat aan de andere kant een bijzondere en meestal eigenzinnige wending nooit ver weg is. Het zesde album van de Amsterdamse band verleidt makkelijk, maar laat pas hierna horen hoe goed het werkelijk is.
Labasheeda is een heerlijk eigenwijs indierock album van een soort waarvan er in 2023 veel te weinig zijn gemaakt. Ik heb het idee dat een album als Blueprints goud zou zijn in handen van een Amerikaanse indieband, maar waarom zou een platform als Pitchfork geen album van een Amsterdamse band op kunnen pikken. Ik moet de rest van het oeuvre van Labasheeda nog goed gaan ontdekken, maar Blueprints is echt een fantastisch album in een overigens prachtig jaar voor de Nederlandse popmuziek. Erwin Zijleman
Laci Kaye Booth - The Loneliest Girl in the World (2024)

4,5
0
geplaatst: 20 mei 2024, 10:39 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Laci Kaye Booth - The Loneliest Girl In The World - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Laci Kaye Booth - The Loneliest Girl In The World
Er is momenteel heel veel aanbod binnen de countrypop, maar op haar debuutalbum The Loneliest Girl In The World weet Laci Kaye Booth zich makkelijk te onderscheiden, om te beginnen met haar uitstekende stem
De eerdere verrichtingen van de Amerikaanse muzikante Laci Kaye Booth, die via een bekende talentenjacht is terecht gekomen in Nashville, zijn me ontgaan, maar met haar debuutalbum zet ze zichzelf op indrukwekkende wijze in de spotlights. The Loneliest Girl In The World heeft immers alles dat een goed countrypop album moet hebben. Laci Kaye Booth houdt het randje pop in haar songs bescheiden, heeft deze songs voorzien van een sfeervol rootsgeluid met hier en daar wat strijkers en beschikt ook nog eens over een onweerstaanbaar lekkere stem met zowel een zoet als een hees randje. De talentenjacht won ze niet, maar Laci Kaye Booth gaat het ver schoppen.
Voor liefhebbers van goed gemaakte countrypop zijn het prachtige tijden, want er verschijnen de laatste tijd ontzettend veel goede albums in het genre en verrassend veel echt hele goede albums. Vorig jaar was voor mij een topjaar met meerdere countrypop albums die me inmiddels zeer dierbaar zijn en een record aantal albums in het genre dat mijn jaarlijstje wist te halen, met de top 5 notering voor Megan Moroney’s Lucky als uitschieter. Ook in de eerste helft van 2024 valt de oogst zeker niet tegen, maar er zat nog geen album tussen dat me echt van mijn sokken heeft geblazen. Tot deze week dan, want met The Loneliest Girl In The World heeft Laci Kaye Booth een sensationeel goed countrypop album afgeleverd.
Laci Kaye Booth is een jonge muzikante die opgroeide in Livingston, Texas, maar die na haar deelname aan de Amerikaanse tv-show American Idol vijf jaar geleden, inmiddels is neergestreken in Nashville, Tennessee. De Amerikaanse muzikante maakte de afgelopen jaren twee goed gevulde minialbums, die mij niet zijn opgevallen, maar die in de muziekscene van Nashville genoeg aandacht trokken om haar uit te roepen tot grote belofte voor de toekomst. Na beluistering van het deze week verschenen The Loneliest Girl In The World kan ik alleen maar concluderen dat ze het in Nashville goed gehoord hebben, want op haar debuutalbum bulkt Laci Kaye Booth van het talent.
Ze beschikt om te beginnen over een geweldige stem. Het is het soort stem dat het goed doet in de countrypop zoals die in Nashville wordt gemaakt, maar het is ook een stem met een lekker ruw en wat hees randje, waardoor de zang op The Loneliest Girl In The World echt meedogenloos verleidt. Zeker als de Texaanse muzikante haar zang wat steviger aanzet hoor je dat ze geweldig kan zingen en de concurrentie met de meeste country(pop)zangeressen van het moment makkelijk aan kan.
Alleen met haar zang wist Laci Kaye Booth me al moeiteloos te veroveren, maar The Loneliest Girl In The World heeft nog veel meer te bieden. Onlangs heb ik in een recensie uitgelegd dat in countrypop die mij kan bekoren de delen country en pop op de juiste manier in balans moeten zijn, wat in mijn geval betekent dat de country een groter aandeel heeft dan de pop. Dat is absoluut het geval op het debuutalbum van Laci Kaye Booth, dat een countryalbum met een bescheiden laagje pop is.
Dat laagje pop zorgt er wel voor dat de songs op The Loneliest Girl In The World bijzonder lekker in het gehoor liggen. Het aangename karakter dan de songs van Laci Kaye Booth wordt versterkt door de zeer smaakvolle instrumentatie, die afwisselend subtiel en vol klinkt en zich meer heeft laten beïnvloeden door Amerikaanse rootsmuziek dan door pop. Het komt allemaal samen in aansprekende songs, die door de teksten van Laci Kaye Booth worden voorzien van een persoonlijk tintje.
Zeker wanneer de strijkers aanzwellen zullen liefhebbers van pure Amerikaanse rootsmuziek minder gecharmeerd zijn van het album, maar voor liefhebbers van goed gemaakte countrypop, zoals ik, is The Loneliest Girl In The World 15 songs en ruim 50 minuten lang smullen. Vorig jaar was countrypop verrassend goed vertegenwoordigd in mijn jaarlijstje. Of dat ook dit jaar het geval zal zijn zal de tijd leren, maar voor The Loneliest Girl In The World van Laci Kaye Booth reserveer is alvast een plekje in de hoogste regionen van mijn lijstje. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Laci Kaye Booth - The Loneliest Girl In The World - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Laci Kaye Booth - The Loneliest Girl In The World
Er is momenteel heel veel aanbod binnen de countrypop, maar op haar debuutalbum The Loneliest Girl In The World weet Laci Kaye Booth zich makkelijk te onderscheiden, om te beginnen met haar uitstekende stem
De eerdere verrichtingen van de Amerikaanse muzikante Laci Kaye Booth, die via een bekende talentenjacht is terecht gekomen in Nashville, zijn me ontgaan, maar met haar debuutalbum zet ze zichzelf op indrukwekkende wijze in de spotlights. The Loneliest Girl In The World heeft immers alles dat een goed countrypop album moet hebben. Laci Kaye Booth houdt het randje pop in haar songs bescheiden, heeft deze songs voorzien van een sfeervol rootsgeluid met hier en daar wat strijkers en beschikt ook nog eens over een onweerstaanbaar lekkere stem met zowel een zoet als een hees randje. De talentenjacht won ze niet, maar Laci Kaye Booth gaat het ver schoppen.
Voor liefhebbers van goed gemaakte countrypop zijn het prachtige tijden, want er verschijnen de laatste tijd ontzettend veel goede albums in het genre en verrassend veel echt hele goede albums. Vorig jaar was voor mij een topjaar met meerdere countrypop albums die me inmiddels zeer dierbaar zijn en een record aantal albums in het genre dat mijn jaarlijstje wist te halen, met de top 5 notering voor Megan Moroney’s Lucky als uitschieter. Ook in de eerste helft van 2024 valt de oogst zeker niet tegen, maar er zat nog geen album tussen dat me echt van mijn sokken heeft geblazen. Tot deze week dan, want met The Loneliest Girl In The World heeft Laci Kaye Booth een sensationeel goed countrypop album afgeleverd.
Laci Kaye Booth is een jonge muzikante die opgroeide in Livingston, Texas, maar die na haar deelname aan de Amerikaanse tv-show American Idol vijf jaar geleden, inmiddels is neergestreken in Nashville, Tennessee. De Amerikaanse muzikante maakte de afgelopen jaren twee goed gevulde minialbums, die mij niet zijn opgevallen, maar die in de muziekscene van Nashville genoeg aandacht trokken om haar uit te roepen tot grote belofte voor de toekomst. Na beluistering van het deze week verschenen The Loneliest Girl In The World kan ik alleen maar concluderen dat ze het in Nashville goed gehoord hebben, want op haar debuutalbum bulkt Laci Kaye Booth van het talent.
Ze beschikt om te beginnen over een geweldige stem. Het is het soort stem dat het goed doet in de countrypop zoals die in Nashville wordt gemaakt, maar het is ook een stem met een lekker ruw en wat hees randje, waardoor de zang op The Loneliest Girl In The World echt meedogenloos verleidt. Zeker als de Texaanse muzikante haar zang wat steviger aanzet hoor je dat ze geweldig kan zingen en de concurrentie met de meeste country(pop)zangeressen van het moment makkelijk aan kan.
Alleen met haar zang wist Laci Kaye Booth me al moeiteloos te veroveren, maar The Loneliest Girl In The World heeft nog veel meer te bieden. Onlangs heb ik in een recensie uitgelegd dat in countrypop die mij kan bekoren de delen country en pop op de juiste manier in balans moeten zijn, wat in mijn geval betekent dat de country een groter aandeel heeft dan de pop. Dat is absoluut het geval op het debuutalbum van Laci Kaye Booth, dat een countryalbum met een bescheiden laagje pop is.
Dat laagje pop zorgt er wel voor dat de songs op The Loneliest Girl In The World bijzonder lekker in het gehoor liggen. Het aangename karakter dan de songs van Laci Kaye Booth wordt versterkt door de zeer smaakvolle instrumentatie, die afwisselend subtiel en vol klinkt en zich meer heeft laten beïnvloeden door Amerikaanse rootsmuziek dan door pop. Het komt allemaal samen in aansprekende songs, die door de teksten van Laci Kaye Booth worden voorzien van een persoonlijk tintje.
Zeker wanneer de strijkers aanzwellen zullen liefhebbers van pure Amerikaanse rootsmuziek minder gecharmeerd zijn van het album, maar voor liefhebbers van goed gemaakte countrypop, zoals ik, is The Loneliest Girl In The World 15 songs en ruim 50 minuten lang smullen. Vorig jaar was countrypop verrassend goed vertegenwoordigd in mijn jaarlijstje. Of dat ook dit jaar het geval zal zijn zal de tijd leren, maar voor The Loneliest Girl In The World van Laci Kaye Booth reserveer is alvast een plekje in de hoogste regionen van mijn lijstje. Erwin Zijleman
Lady Blackbird - Black Acid Soul (2021)

5,0
4
geplaatst: 7 september 2021, 16:40 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Lady Blackbird - Black Acid Soul - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Lady Blackbird - Black Acid Soul
Lady Blackbird imponeert op haar debuutalbum Black Acid Soul met een uiterst subtiele maar zeer trefzekere instrumentatie en met een fabelachtige stem, die je stevig bij de strot grijpt
Black Acid Soul is mijn eerste kennismaking met de muziek van Marley Munroe, de vrouw achter Lady Blackbird. Het is een kennismaking die heel veel indruk heeft gemaakt, want wat is de muzikante uit Los Angeles een geweldige zangeres. Met veel precisie en gevoel tilt de Amerikaanse muzikante de ene na de andere song naar een hoger plan en is kippenvel verzekerd. Het is een stem die alle ruimte verdient en ook krijgt in een subtiele maar zeer smaakvolle jazzy instrumentatie, waarin het pianospel van Miles Davis pianist Deron Johnson domineert. Het levert een album op dat 60 jaar oud had kunnen zijn, maar dat ook in 2021 een onuitwisbare indruk maakt.
Black Acid Soul is het debuutalbum van Lady Blackbird, het alter ego van de uit Los Angeles afkomstige muzikante Marley Munroe. Mijn eerste kennismaking met de muziek van Lady Blackbird is pas een paar dagen oud en ik ben nog aan het bijkomen van de enorme indruk die het album heeft gemaakt bij de eerste beluisteringen. Black Acid Soul was al na een paar noten goed voor kippenvel en dat kippenvel is niet meer verdwenen bij beluistering van de muziek van Lady Blackbird.
Dat dankt Black Acid Soul vooral aan de fenomenale zang van de Amerikaanse muzikante. Marley Munroe beschikt over een geweldige soulstem vol gevoel en doorleving. Het is een stem die uit de voeten kan met broeierige soul, maar ook met intieme jazz. Marley Munroe klinkt totaal anders dan de soulzangeressen van het moment, want op Black Acid Soul hoor je een oude ziel aan het werk.
Denk aan Billie Holiday, Etta James en Nina Simone, om direct drie van de allergrootsten te noemen. Laatstgenoemde duikt direct op als relevant vergelijkingsmateriaal in de openingstrack van het album, Lady Blackbird’s versie van Nina Simone’s Blackbird. Het is een van een aantal covers op het album, dat ook een aantal eigen tracks bevat.
Marley Munroe beschikt zoals gezegd over een imposant stemgeluid, maar ze zingt ook met veel precisie, waardoor iedere noot raak is. Het is een stem die hier en daar ook wordt vergeleken met die van Amy Winehouse, maar persoonlijk vind ik de stem van Marley Munroe een stuk beter, gevoeliger en doorleefder.
In de zang op het album is echt iedere noot raak en komt ook iedere noot binnen, maar ook de instrumentatie op en productie van het album zijn van een bijzondere schoonheid. Black Acid Soul is geproduceerd door Grammy winnaar Chris Seefried, die met de productie van het debuut van Lady Blackbird een intiem kunststukje aflevert.
De instrumentatie is al even mooi en wordt voor een belangrijk deel bepaald door Deron Johnson, die jaren met Miles Davis speelde en op het album tekent voor fraai jazzy pianobijdragen en hier en daar een mellotron. De piano wordt vooral begeleid door een subtiel en jazzy spelende ritmesectie, hier en daar een gitaar en eenmaal een trompet.
Het is een uiterst sobere, maar zeer smaakvolle instrumentatie, die perfect past bij de imponerende stem van Marley Monroe. Door de instrumentatie ademt het album de sfeer van jazzalbums en soulalbums uit de jaren 50, 60 en 70, maar Blackbird kan ook concurreren met de jazzy soul van het moment.
Zeker laat op de avond doet Black Acid Soul van Lady Blackbird wonderen. Iedere toetsaanslag op de piano is raak en iedere noot uit de soulvolle strot van de Amerikaanse muzikante komt aan. Ik ben normaal gesproken helemaal niet zo gek op dit soort muziek, maar het debuut van Lady Blackbird grijpt me keer op keer direct bij de eerste noten bij de strot en laat niet meer los.
Het is niet zo gek dat Marley Munroe een grote toekomst wordt voorspeld als soulzangeres, maar met de jazzy klanken op haar debuutalbum, zal ze voor de gemiddelde liefhebber van moderne soulmuziek toch wat teveel in een niche opereren. Ook als je normaal gesproken niet bent te porren voor dit soort muziek, zou ik Black Acid Soul echter zeker eens ondergaan. Grote kans dat je als een blok valt voor dit bijzonder indrukwekkende album. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Lady Blackbird - Black Acid Soul - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Lady Blackbird - Black Acid Soul
Lady Blackbird imponeert op haar debuutalbum Black Acid Soul met een uiterst subtiele maar zeer trefzekere instrumentatie en met een fabelachtige stem, die je stevig bij de strot grijpt
Black Acid Soul is mijn eerste kennismaking met de muziek van Marley Munroe, de vrouw achter Lady Blackbird. Het is een kennismaking die heel veel indruk heeft gemaakt, want wat is de muzikante uit Los Angeles een geweldige zangeres. Met veel precisie en gevoel tilt de Amerikaanse muzikante de ene na de andere song naar een hoger plan en is kippenvel verzekerd. Het is een stem die alle ruimte verdient en ook krijgt in een subtiele maar zeer smaakvolle jazzy instrumentatie, waarin het pianospel van Miles Davis pianist Deron Johnson domineert. Het levert een album op dat 60 jaar oud had kunnen zijn, maar dat ook in 2021 een onuitwisbare indruk maakt.
Black Acid Soul is het debuutalbum van Lady Blackbird, het alter ego van de uit Los Angeles afkomstige muzikante Marley Munroe. Mijn eerste kennismaking met de muziek van Lady Blackbird is pas een paar dagen oud en ik ben nog aan het bijkomen van de enorme indruk die het album heeft gemaakt bij de eerste beluisteringen. Black Acid Soul was al na een paar noten goed voor kippenvel en dat kippenvel is niet meer verdwenen bij beluistering van de muziek van Lady Blackbird.
Dat dankt Black Acid Soul vooral aan de fenomenale zang van de Amerikaanse muzikante. Marley Munroe beschikt over een geweldige soulstem vol gevoel en doorleving. Het is een stem die uit de voeten kan met broeierige soul, maar ook met intieme jazz. Marley Munroe klinkt totaal anders dan de soulzangeressen van het moment, want op Black Acid Soul hoor je een oude ziel aan het werk.
Denk aan Billie Holiday, Etta James en Nina Simone, om direct drie van de allergrootsten te noemen. Laatstgenoemde duikt direct op als relevant vergelijkingsmateriaal in de openingstrack van het album, Lady Blackbird’s versie van Nina Simone’s Blackbird. Het is een van een aantal covers op het album, dat ook een aantal eigen tracks bevat.
Marley Munroe beschikt zoals gezegd over een imposant stemgeluid, maar ze zingt ook met veel precisie, waardoor iedere noot raak is. Het is een stem die hier en daar ook wordt vergeleken met die van Amy Winehouse, maar persoonlijk vind ik de stem van Marley Munroe een stuk beter, gevoeliger en doorleefder.
In de zang op het album is echt iedere noot raak en komt ook iedere noot binnen, maar ook de instrumentatie op en productie van het album zijn van een bijzondere schoonheid. Black Acid Soul is geproduceerd door Grammy winnaar Chris Seefried, die met de productie van het debuut van Lady Blackbird een intiem kunststukje aflevert.
De instrumentatie is al even mooi en wordt voor een belangrijk deel bepaald door Deron Johnson, die jaren met Miles Davis speelde en op het album tekent voor fraai jazzy pianobijdragen en hier en daar een mellotron. De piano wordt vooral begeleid door een subtiel en jazzy spelende ritmesectie, hier en daar een gitaar en eenmaal een trompet.
Het is een uiterst sobere, maar zeer smaakvolle instrumentatie, die perfect past bij de imponerende stem van Marley Monroe. Door de instrumentatie ademt het album de sfeer van jazzalbums en soulalbums uit de jaren 50, 60 en 70, maar Blackbird kan ook concurreren met de jazzy soul van het moment.
Zeker laat op de avond doet Black Acid Soul van Lady Blackbird wonderen. Iedere toetsaanslag op de piano is raak en iedere noot uit de soulvolle strot van de Amerikaanse muzikante komt aan. Ik ben normaal gesproken helemaal niet zo gek op dit soort muziek, maar het debuut van Lady Blackbird grijpt me keer op keer direct bij de eerste noten bij de strot en laat niet meer los.
Het is niet zo gek dat Marley Munroe een grote toekomst wordt voorspeld als soulzangeres, maar met de jazzy klanken op haar debuutalbum, zal ze voor de gemiddelde liefhebber van moderne soulmuziek toch wat teveel in een niche opereren. Ook als je normaal gesproken niet bent te porren voor dit soort muziek, zou ik Black Acid Soul echter zeker eens ondergaan. Grote kans dat je als een blok valt voor dit bijzonder indrukwekkende album. Erwin Zijleman
Lady Blackbird - Slang Spirituals (2024)

4,0
0
geplaatst: 15 september 2024, 10:37 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Lady Blackbird - Slang Spirituals - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Lady Blackbird - Slang Spirituals
Na een fantastisch en vooral jazzy klinkend debuutalbum keert Lady Blackbird deze week terug met Slang Spirituals, waarop de Amerikaanse muzikante kiest voor meer soul en gospel, maar nog altijd de sterren van de hemel zingt
Black Acid Soul van Lady Blackbird kan de boeken in als een van de meest memorabele debuutalbums van de afgelopen jaren, maar hoe geef je een vervolg aan zo’n album. Lady Blackbird kiest voor een muzikale koerswijziging. Slang Spirituals verwerkt veel minder invloeden uit de jazz dan zijn voorganger en kiest vooral voor soul en gospel. Het subtiele geluid van Black Acid Soul is bovendien vervangen door een bij vlagen veel voller geluid dat zowel teruggrijpt op de soul uit het verleden als op die uit het heden. Gebleven is de geweldige zang, want Marley Munroe laat ook op het nieuwe album van Lady Blackbird weer horen dat ze behoort tot de beste soulzangeressen van het moment.
De Amerikaanse muzikante Marley Munroe debuteerde drie jaar geleden als Lady Blackbird met het bijzondere fascinerende Black Acid Soul. Black Acid Soul werd terecht onthaald als een sensationeel goed debuutalbum en als een van de allerbeste albums van 2021 en is sindsdien alleen maar indrukwekkender geworden.
Black Acid Soul maakte vooral indruk dankzij de fenomenale stem van de Amerikaanse muzikante, die direct werd vergeleken met een aantal hele grote zangeressen uit het verleden. Ik noemde zelf Billie Holiday, Etta James en Nina Simone als vergelijkingsmateriaal, maar ook de namen van een aantal andere grote jazz- en soulzangeressen uit het verleden zijn relevant. Het is een krachtige maar ook gevoelige stem die bij mij direct goed was voor kippenvel en dat nog steeds is.
Het was overigens niet alleen de stem van Marley Munroe die zoveel indruk maakte. Ook de wat broeierige en zich over het algemeen langzaam voortslepende jazzy instrumentatie voorzag het album van een bijzondere sfeer. De muziek op Black Acid Soul stond voor een belangrijk deel in dienst van de geweldige zang, maar het weergaloze pianospel van Miles Davis pianist Deron Johnson droeg absoluut bij aan de kracht van Black Acid Soul.
Het album maakte van Lady Blackbird een ster, waardoor we relatief lang hebben moeten wachten op het tweede album van de Amerikaanse muzikante. Het deze week verschenen Slang Spirituals heeft een aantal raakvlakken met Black Acid Soul, maar er zijn ook duidelijke verschillen tussen de twee albums.
Net als op haar debuutalbum zingt Marley Munroe ook op haar tweede album de sterren van de hemel. Zeker in de wat meer uptempo tracks op het album komt haar stem met orkaankracht uit de speakers, maar ook het tweede album van Lady Blackbird heeft zijn gevoelige momenten, waarin je hoort hoe mooi en soulvol de stem van de muzikante uit Los Angeles is.
In muzikaal opzicht zijn de verschillen tussen Black Acid Soul en Slang Spirituals een stuk groter. De wat broeierige en vaak ingetogen jazzy klanken op het debuutalbum van Lady Blackbird hebben plaats gemaakt voor een wat voller en bij vlagen heel vol klinkend soulgeluid. Het is een soulgeluid dat je aan de ene kant mee terugneemt naar de wat psychedelisch klinkende soul uit de jaren 60, maar de muziek op Slang Spirituals vindt ook aansluiting bij de soul van dit moment.
Naast invloeden uit de soul heeft het tweede album van Lady Blackbird ook een flinke gospelinjectie gekregen, wat ook uitstekend past bij haar imposante stemgeluid. Bij eerste beluistering verlangde ik toch wel wat terug naar de fraaie, wat subtielere en jazzy klanken op Black Acid Soul, want zeker bij de eerste kennismaking is Slang Spirituals af en toe wel heel veel van alles.
Zeker in de uptempo tracks gebeurt er in muzikaal opzicht van alles, haalt de stem van Marley Monroe vooral stevig uit en dan is er ook nog eens een gospelkoor dat het kleine beetje overgebleven ruimte met veel passie invult. Hiertegenover staan wel een aantal meer ingetogen tracks die dichter tegen het debuutalbum aan zitten en die ik persoonlijk het mooist vind.
Het tweede album van Lady Blackbird is uiteindelijk nauwelijks te vergelijken met het debuutalbum van de Amerikaanse muzikante en mist wat mij betreft de pure magie van het debuutalbum, maar het is nog altijd een uitstekend en bovendien moedig album, dat weer een andere kant laat horen van Lady Blackbird, die wederom bewijst dat ze een geweldige zangeres met een bijzonder repertoire is. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Lady Blackbird - Slang Spirituals - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Lady Blackbird - Slang Spirituals
Na een fantastisch en vooral jazzy klinkend debuutalbum keert Lady Blackbird deze week terug met Slang Spirituals, waarop de Amerikaanse muzikante kiest voor meer soul en gospel, maar nog altijd de sterren van de hemel zingt
Black Acid Soul van Lady Blackbird kan de boeken in als een van de meest memorabele debuutalbums van de afgelopen jaren, maar hoe geef je een vervolg aan zo’n album. Lady Blackbird kiest voor een muzikale koerswijziging. Slang Spirituals verwerkt veel minder invloeden uit de jazz dan zijn voorganger en kiest vooral voor soul en gospel. Het subtiele geluid van Black Acid Soul is bovendien vervangen door een bij vlagen veel voller geluid dat zowel teruggrijpt op de soul uit het verleden als op die uit het heden. Gebleven is de geweldige zang, want Marley Munroe laat ook op het nieuwe album van Lady Blackbird weer horen dat ze behoort tot de beste soulzangeressen van het moment.
De Amerikaanse muzikante Marley Munroe debuteerde drie jaar geleden als Lady Blackbird met het bijzondere fascinerende Black Acid Soul. Black Acid Soul werd terecht onthaald als een sensationeel goed debuutalbum en als een van de allerbeste albums van 2021 en is sindsdien alleen maar indrukwekkender geworden.
Black Acid Soul maakte vooral indruk dankzij de fenomenale stem van de Amerikaanse muzikante, die direct werd vergeleken met een aantal hele grote zangeressen uit het verleden. Ik noemde zelf Billie Holiday, Etta James en Nina Simone als vergelijkingsmateriaal, maar ook de namen van een aantal andere grote jazz- en soulzangeressen uit het verleden zijn relevant. Het is een krachtige maar ook gevoelige stem die bij mij direct goed was voor kippenvel en dat nog steeds is.
Het was overigens niet alleen de stem van Marley Munroe die zoveel indruk maakte. Ook de wat broeierige en zich over het algemeen langzaam voortslepende jazzy instrumentatie voorzag het album van een bijzondere sfeer. De muziek op Black Acid Soul stond voor een belangrijk deel in dienst van de geweldige zang, maar het weergaloze pianospel van Miles Davis pianist Deron Johnson droeg absoluut bij aan de kracht van Black Acid Soul.
Het album maakte van Lady Blackbird een ster, waardoor we relatief lang hebben moeten wachten op het tweede album van de Amerikaanse muzikante. Het deze week verschenen Slang Spirituals heeft een aantal raakvlakken met Black Acid Soul, maar er zijn ook duidelijke verschillen tussen de twee albums.
Net als op haar debuutalbum zingt Marley Munroe ook op haar tweede album de sterren van de hemel. Zeker in de wat meer uptempo tracks op het album komt haar stem met orkaankracht uit de speakers, maar ook het tweede album van Lady Blackbird heeft zijn gevoelige momenten, waarin je hoort hoe mooi en soulvol de stem van de muzikante uit Los Angeles is.
In muzikaal opzicht zijn de verschillen tussen Black Acid Soul en Slang Spirituals een stuk groter. De wat broeierige en vaak ingetogen jazzy klanken op het debuutalbum van Lady Blackbird hebben plaats gemaakt voor een wat voller en bij vlagen heel vol klinkend soulgeluid. Het is een soulgeluid dat je aan de ene kant mee terugneemt naar de wat psychedelisch klinkende soul uit de jaren 60, maar de muziek op Slang Spirituals vindt ook aansluiting bij de soul van dit moment.
Naast invloeden uit de soul heeft het tweede album van Lady Blackbird ook een flinke gospelinjectie gekregen, wat ook uitstekend past bij haar imposante stemgeluid. Bij eerste beluistering verlangde ik toch wel wat terug naar de fraaie, wat subtielere en jazzy klanken op Black Acid Soul, want zeker bij de eerste kennismaking is Slang Spirituals af en toe wel heel veel van alles.
Zeker in de uptempo tracks gebeurt er in muzikaal opzicht van alles, haalt de stem van Marley Monroe vooral stevig uit en dan is er ook nog eens een gospelkoor dat het kleine beetje overgebleven ruimte met veel passie invult. Hiertegenover staan wel een aantal meer ingetogen tracks die dichter tegen het debuutalbum aan zitten en die ik persoonlijk het mooist vind.
Het tweede album van Lady Blackbird is uiteindelijk nauwelijks te vergelijken met het debuutalbum van de Amerikaanse muzikante en mist wat mij betreft de pure magie van het debuutalbum, maar het is nog altijd een uitstekend en bovendien moedig album, dat weer een andere kant laat horen van Lady Blackbird, die wederom bewijst dat ze een geweldige zangeres met een bijzonder repertoire is. Erwin Zijleman
Lady Gaga - Joanne (2016)

3,5
1
geplaatst: 31 oktober 2016, 15:31 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Lady Gaga - Joanne - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Lady Gaga heeft tot dusver nog geen plekje in mijn platenkast weten te veroveren, al heb ik haar eerste singles (en met name Paparazzi en Poker Face) wel als ‘guilty pleasures’ in mijn Spotify playlists staan.
Haar nieuwe plaat krijgt verrassend positieve recensies, ook in de wat kritischere muziekpers, en daarom ben ik vorige week toch wel enigszins nieuwsgierig begonnen aan Joanne.
Op Joanne neemt Lady Gaga volgens sommige recensies afstand van de pop, maar dat hoor ik echt niet. Joanne is immers een 100% pop plaat (of vooruit een 90% pop een een 10% rock plaat), maar het is wel een hele goede popplaat.
Een goede popplaat begint wat mij betreft bij een bijzondere stem en daar beschikt Stefani Joanne Angelina Germanotta over. Vergeleken met de meeste andere popprinsessen heeft Lady Gaga een lekkere rauwe strot, die, net als die van bijvoorbeeld Pink, in vocaal opzicht lekker buiten de lijntjes kleurt. De zang op Joanne laat bovendien veel meer emotie horen dan gebruikelijk in het genre.
Dat buiten de lijntjes kleuren doet Lady Gaga op Joanne ook in muzikaal opzicht. De songs op de plaat liggen stuk voor stuk lekker in het gehoor en zijn absoluut hitgevoelig, maar het zijn ook songs waarin dingen gebeuren die je niet verwacht of die je als muziekliefhebber enthousiast doen opveren. Joanne springt bovendien driftig heen en weer tussen verschillende genres en overtuigt net zo makkelijk met songs die het goed doen op de dansvloer als met bijna intieme luisterliedjes of songs met invloeden uit de Jamaicaanse dub.
Joanne is een opvallend gevarieerde plaat en dat kan ook bijna niet anders wanneer je kijkt naar de gastenlijst, waarop namen als Beck, Florence Welch (Florence And The Machine), Josh Homme (Queens Of The Stone Age) en Father John Misty en natuurlijk die van producer Mark Ronson prijken.
Ondanks de goedgevulde gastenlijst en de aanwezigheid van een topproducer is Joanne een 100% Lady Gaga plaat. Het is een plaat die refereert naar haar eerdere, behoorlijk lichtvoetige werk, maar Joanne laat ook horen dat Lady Gaga een bijzondere persoonlijkheid is, die veel meer kan dan opvallen met niet alledaagse outfits.
Iemand die niets heeft met pop, zal op Joanne waarschijnlijk maar weinig van zijn of haar gading vinden, maar als je een beetje pop wel kunt waarderen, maar ook het avontuur zoekt, valt er op Joanne juist heel veel te genieten. Zeker wanneer je de plaat met de koptelefoon beluistert is het genieten van de vele productionele hoogstandjes, maar ook de songs van Lady Gaga blijven makkelijk overeind en blijken veel voedzamer dan de standaard kauwgomballen pop en veel duurzamer dan alle elektronische wegwerp pop van het moment.
In de meeste recensies wordt misschien wat overdreven over het lage pop gehalte van het nieuwe album van Lady Gaga, maar dat Joanne een hele goede plaat is kan ook ik alleen maar beamen. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Lady Gaga - Joanne - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Lady Gaga heeft tot dusver nog geen plekje in mijn platenkast weten te veroveren, al heb ik haar eerste singles (en met name Paparazzi en Poker Face) wel als ‘guilty pleasures’ in mijn Spotify playlists staan.
Haar nieuwe plaat krijgt verrassend positieve recensies, ook in de wat kritischere muziekpers, en daarom ben ik vorige week toch wel enigszins nieuwsgierig begonnen aan Joanne.
Op Joanne neemt Lady Gaga volgens sommige recensies afstand van de pop, maar dat hoor ik echt niet. Joanne is immers een 100% pop plaat (of vooruit een 90% pop een een 10% rock plaat), maar het is wel een hele goede popplaat.
Een goede popplaat begint wat mij betreft bij een bijzondere stem en daar beschikt Stefani Joanne Angelina Germanotta over. Vergeleken met de meeste andere popprinsessen heeft Lady Gaga een lekkere rauwe strot, die, net als die van bijvoorbeeld Pink, in vocaal opzicht lekker buiten de lijntjes kleurt. De zang op Joanne laat bovendien veel meer emotie horen dan gebruikelijk in het genre.
Dat buiten de lijntjes kleuren doet Lady Gaga op Joanne ook in muzikaal opzicht. De songs op de plaat liggen stuk voor stuk lekker in het gehoor en zijn absoluut hitgevoelig, maar het zijn ook songs waarin dingen gebeuren die je niet verwacht of die je als muziekliefhebber enthousiast doen opveren. Joanne springt bovendien driftig heen en weer tussen verschillende genres en overtuigt net zo makkelijk met songs die het goed doen op de dansvloer als met bijna intieme luisterliedjes of songs met invloeden uit de Jamaicaanse dub.
Joanne is een opvallend gevarieerde plaat en dat kan ook bijna niet anders wanneer je kijkt naar de gastenlijst, waarop namen als Beck, Florence Welch (Florence And The Machine), Josh Homme (Queens Of The Stone Age) en Father John Misty en natuurlijk die van producer Mark Ronson prijken.
Ondanks de goedgevulde gastenlijst en de aanwezigheid van een topproducer is Joanne een 100% Lady Gaga plaat. Het is een plaat die refereert naar haar eerdere, behoorlijk lichtvoetige werk, maar Joanne laat ook horen dat Lady Gaga een bijzondere persoonlijkheid is, die veel meer kan dan opvallen met niet alledaagse outfits.
Iemand die niets heeft met pop, zal op Joanne waarschijnlijk maar weinig van zijn of haar gading vinden, maar als je een beetje pop wel kunt waarderen, maar ook het avontuur zoekt, valt er op Joanne juist heel veel te genieten. Zeker wanneer je de plaat met de koptelefoon beluistert is het genieten van de vele productionele hoogstandjes, maar ook de songs van Lady Gaga blijven makkelijk overeind en blijken veel voedzamer dan de standaard kauwgomballen pop en veel duurzamer dan alle elektronische wegwerp pop van het moment.
In de meeste recensies wordt misschien wat overdreven over het lage pop gehalte van het nieuwe album van Lady Gaga, maar dat Joanne een hele goede plaat is kan ook ik alleen maar beamen. Erwin Zijleman
Lady Gaga & Bradley Cooper - A Star Is Born (2018)

4,0
1
geplaatst: 10 oktober 2018, 20:52 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Lady Gaga & Bradley Cooper - A Star Is Born, Original Motion Picture Soundtrack - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Remake van een legendarische film met een al even legendarische soundtrack pakt verrassend goed uit
Bij A Star Is Born denk ik vooral aan de legendarische soundtrack van Barbara Streisand en Kris Kristofferson uit 1976. Ik had dan ook geen hoge verwachtingen van de remake van Bradley Cooper en Lady Gaga, maar deze remake is verrassend sterk. Het begint met aangename 70s rock met een vleugje roots van eerstgenoemde, maar als Lady Gaga de hoofdrol opeist wordt de soundtrack van de nieuwe versie van A Star Is Born steeds beter. De zang komt uit haar tenen en de popprinses heeft echt veel meer soul dan ik had verwacht. Eerst een aangename en tijdloze plaat, maar hij wordt echt steeds beter.
A Star Is Born is een film uit 1937 met Janet Gaynor en Fredric March in de hoofdrollen. De film vertelt het verhaal van een filmster die wel wat ziet in een jonge zangeres en haar op sleeptouw neemt. Uiteraard worden de twee verliefd en krijgen ze een relatie. De jonge zangeres wordt vervolgens steeds populairder, terwijl de oudere filmster steeds verder wegzakt in zijn alcoholverslaving en depressie.
Ik ken de film uit 1937 niet, maar ken wel de remake uit 1976. In deze remake spelen muzikanten Barbara Streisand en Kris Kristofferson de hoofdrollen en is de oude filmster een popster geworden. De soundtrack bij de film was destijds zeer succesvol en ging wereldwijd naar verluidt 15 miljoen keer over de toonbank.
Onlangs verscheen de derde remake van A Star Is Born in de bioscoop en dit keer spelen popster Lady Gaga en filmster en muzikant Bradley Cooper de hoofdrollen. Beiden waren zeker niet de eerste keus van initiator Clint Eastwood, die eigenlijk Beyonce en Johnny Depp wilde strikken. Ik heb de film nog niet gezien, maar de eerste recensies zijn zeer positief. Ook de soundtrack bij de film kan tot dusver rekenen op lovende kritieken en ik begrijp inmiddels waarom.
De soundtrack bij de 2018 versie van A Star Is Born bevat zo’n 70 minuten muziek, inclusief enkele korte soundbites en dialogen uit de film, en het is muziek die je vooral mee terugneemt naar de rockmuziek en de singer-songwriter muziek uit de jaren 70. De filmfragmenten voegen niet zoveel toe aan de soundtrack en hadden wat mij betreft achterwege gelaten kunnen worden (er is overigens ook een versie zonder de fragmenten). Ze halen ook wat de vaart uit het album, dat hier en daar naar grote hoogten stijgt.
Op het eerste deel van de plaat horen we vooral Bradley Cooper, die aangename rockmuziek met een vleugje Amerikaanse roots maakt. Op een gegeven moment wordt de rol van Lady Gaga belangrijker en laat de popprinses horen dat ze geweldig kan zingen, wat ze natuurlijk ook al liet horen op het onderschatte Joanne uit 2016. En het wordt alleen maar beter.
De soundtrack van de 2018 versie van A Star Is Born bevat vooral tijdloze popliedjes met een zwak voor drama, maar het klinkt allemaal geweldig. In muzikaal opzicht klinkt het allemaal degelijk maar smaakvol, wat ook niet anders kan met bijdragen van onder andere muzikanten Lukas Nelson en Jason Isbell en producer Dave Cobb. Laatstgenoemden voorzien het 70s rockgeluid dat een belangrijke rol speelt op de plaat vaak van een laagje roots, met hier en daar geweldig gitaarspel.
Af en toe mogen de muzikanten de hoofdrol opeisen, maar het zijn toch vooral de stemmen van Bradley Cooper en Lady Gaga die in de spotlights staan, met een hoofdrol voor Lady Gaga die de soul in de piano duetten met Bradley Cooper en in de songs waarin ze er alleen voor staat uit de tenen haalt, met een fraaie versie van La Vie En Rose, een aantal geweldige duetten en zeer overtuigende solo tracks als hoogtepunten.
Beide stemmen klinken warm en gloedvol en klinken bovendien krachtig, wat deze nieuwe soundtrack voorziet van veel energie. Het er wel erg hard ingemixte geluid van een dolenthousiast publiek klinkt wat nep, maar het draagt wel bij aan het jaren 70 gevoel dat de plaat geeft. Binnenkort de film maar eens zien, maar de soundtrack is alvast zeer de moeite waard. Een zeer aangename verrassing, vooral van Lady Gaga. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Lady Gaga & Bradley Cooper - A Star Is Born, Original Motion Picture Soundtrack - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Remake van een legendarische film met een al even legendarische soundtrack pakt verrassend goed uit
Bij A Star Is Born denk ik vooral aan de legendarische soundtrack van Barbara Streisand en Kris Kristofferson uit 1976. Ik had dan ook geen hoge verwachtingen van de remake van Bradley Cooper en Lady Gaga, maar deze remake is verrassend sterk. Het begint met aangename 70s rock met een vleugje roots van eerstgenoemde, maar als Lady Gaga de hoofdrol opeist wordt de soundtrack van de nieuwe versie van A Star Is Born steeds beter. De zang komt uit haar tenen en de popprinses heeft echt veel meer soul dan ik had verwacht. Eerst een aangename en tijdloze plaat, maar hij wordt echt steeds beter.
A Star Is Born is een film uit 1937 met Janet Gaynor en Fredric March in de hoofdrollen. De film vertelt het verhaal van een filmster die wel wat ziet in een jonge zangeres en haar op sleeptouw neemt. Uiteraard worden de twee verliefd en krijgen ze een relatie. De jonge zangeres wordt vervolgens steeds populairder, terwijl de oudere filmster steeds verder wegzakt in zijn alcoholverslaving en depressie.
Ik ken de film uit 1937 niet, maar ken wel de remake uit 1976. In deze remake spelen muzikanten Barbara Streisand en Kris Kristofferson de hoofdrollen en is de oude filmster een popster geworden. De soundtrack bij de film was destijds zeer succesvol en ging wereldwijd naar verluidt 15 miljoen keer over de toonbank.
Onlangs verscheen de derde remake van A Star Is Born in de bioscoop en dit keer spelen popster Lady Gaga en filmster en muzikant Bradley Cooper de hoofdrollen. Beiden waren zeker niet de eerste keus van initiator Clint Eastwood, die eigenlijk Beyonce en Johnny Depp wilde strikken. Ik heb de film nog niet gezien, maar de eerste recensies zijn zeer positief. Ook de soundtrack bij de film kan tot dusver rekenen op lovende kritieken en ik begrijp inmiddels waarom.
De soundtrack bij de 2018 versie van A Star Is Born bevat zo’n 70 minuten muziek, inclusief enkele korte soundbites en dialogen uit de film, en het is muziek die je vooral mee terugneemt naar de rockmuziek en de singer-songwriter muziek uit de jaren 70. De filmfragmenten voegen niet zoveel toe aan de soundtrack en hadden wat mij betreft achterwege gelaten kunnen worden (er is overigens ook een versie zonder de fragmenten). Ze halen ook wat de vaart uit het album, dat hier en daar naar grote hoogten stijgt.
Op het eerste deel van de plaat horen we vooral Bradley Cooper, die aangename rockmuziek met een vleugje Amerikaanse roots maakt. Op een gegeven moment wordt de rol van Lady Gaga belangrijker en laat de popprinses horen dat ze geweldig kan zingen, wat ze natuurlijk ook al liet horen op het onderschatte Joanne uit 2016. En het wordt alleen maar beter.
De soundtrack van de 2018 versie van A Star Is Born bevat vooral tijdloze popliedjes met een zwak voor drama, maar het klinkt allemaal geweldig. In muzikaal opzicht klinkt het allemaal degelijk maar smaakvol, wat ook niet anders kan met bijdragen van onder andere muzikanten Lukas Nelson en Jason Isbell en producer Dave Cobb. Laatstgenoemden voorzien het 70s rockgeluid dat een belangrijke rol speelt op de plaat vaak van een laagje roots, met hier en daar geweldig gitaarspel.
Af en toe mogen de muzikanten de hoofdrol opeisen, maar het zijn toch vooral de stemmen van Bradley Cooper en Lady Gaga die in de spotlights staan, met een hoofdrol voor Lady Gaga die de soul in de piano duetten met Bradley Cooper en in de songs waarin ze er alleen voor staat uit de tenen haalt, met een fraaie versie van La Vie En Rose, een aantal geweldige duetten en zeer overtuigende solo tracks als hoogtepunten.
Beide stemmen klinken warm en gloedvol en klinken bovendien krachtig, wat deze nieuwe soundtrack voorziet van veel energie. Het er wel erg hard ingemixte geluid van een dolenthousiast publiek klinkt wat nep, maar het draagt wel bij aan het jaren 70 gevoel dat de plaat geeft. Binnenkort de film maar eens zien, maar de soundtrack is alvast zeer de moeite waard. Een zeer aangename verrassing, vooral van Lady Gaga. Erwin Zijleman
Lady Lamb - Even in the Tremor (2019)

4,5
0
geplaatst: 8 april 2019, 16:46 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Lady Lamb - Even In The Tremor - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Lady Lamb - Even In The Tremor
Lady Lamb pikte ik een paar jaar geleden uit een jaarlijstje en sindsdien is ieder album weer beter, wat ook weer geldt voor deze
Lady Lamb (The Beekeeper), het alter ego van de tegenwoordig vanuit het New Yorkse Brooklyn opererende Aly Spaltro, maakte de afgelopen jaren indruk met twee uitstekende albums en een misschien nog wel betere EP. De Amerikaanse singer-songwriter duikt nu op met Even In The Tremor dat nog wat veelzijdiger en ook nog wat overtuigender klinkt dan zijn voorgangers. Aly Spaltro heeft haar levenservaring verwerkt in een serie songs die alle kanten op schieten, maar stuk voor stuk indruk maken met bijzondere arrangementen en zang vol gevoel. Lady Lamb is een blijvertje dat is wel zeker.
In de eerste dagen van 2014 maakte ik voor het eerst kennis met de muziek van Aly Spaltro. De op dat moment vanuit Brunswick, Maine, opererende Amerikaanse singer-songwriter maakte op dat moment gebruik van het alter ego Lady Lamb The Beekeeper en had volgens een aantal gerenommeerde Amerikaanse muzieksites een jaarlijstjes album afgeleverd met het aan het begin van 2013 uitgebrachte Ripely Pine.
Dat kon ik na één keer horen alleen maar bevestigen en sindsdien volg ik Aly Spaltro op de voet. Het leverde in 2015 het onder de naam Lady Lamb gemaakte After op en dat was een album dat niet onder deed voor het terecht zo bewierookte debuut. Het eerste album van Aly Spaltro vergeleek ik met de muziek van Sharon Van Etten, het tweede met de muziek van Torres, maar beide vergelijkingen waren niet heel treffend.
In de lente van 2017 keerde Lady Lamb terug met het meer ingetogen en volledig akoestische Tender Warriors Club. Het was officieel een EP, maar wel een EP met iets meer dan 30 minuten muziek en ook nog eens muziek van een bijzonder hoog niveau. Tender Warriors Club beviel me misschien nog wel beter dan de eerste twee albums van Lady Lamb en heeft de lat hoog gelegd voor haar nieuwe album (officieel dus haar derde) dat de afgelopen week verscheen.
Aly Spaltro keert, met het wederom onder de naam Lady Lamb uitgebrachte Even In The Tremor, terug naar het label Ba Da Bing Records, waarop ook haar debuut verscheen, en levert wederom een uitstekend album af. De inmiddels naar Brooklyn, New York, verhuisde Aly Spaltro noemt Even In The Tremor haar meest persoonlijke album tot dusver en het is bovendien haar meest veelzijdige album.
Aly Spaltro deed op haar vorige albums nagenoeg alles zelf, maar deed keer een beroep op een co-producer, waarvoor ze ene Erin Tonkon wist te strikken. Dat zei me eerlijk gezegd niets, maar deze producer, engineer en mixer uit New York was lange tijd de rechterhand van de legendarische Tony Visconti en speelde een belangrijke rol bij het tot stand komen van Bowie’s zwanenzang Blackstar, wat iets moet zeggen over haar talent.
Erin Tonkon heeft Lady Lamb gelukkig niet in een keurslijf geperst, maar heeft de uitersten in de bijzondere arrangementen van Aly Spaltro alleen maar geaccentueerd, onder andere door wat meer muzikanten in te zetten.
Het album opent met een ingetogen popsong die begint met gitaar en zang, maar waarin elektronica al snel de overhand heeft, om uiteindelijk te eindigen met stemmige strijkers. En zo schieten veel songs van Lady Lamb alle kanten op. Even In The Tremor is soms sober en ingetogen, soms rijk en uitbundig. Lady Lamb kan overweg met folky songs, maar schaamt zich ook niet voor een aanstekelijke popsong. Op hetzelfde moment kan Aly Spaltro ook rauw en stekelig of opvallend avontuurlijk klinken, wat van Even In The Tremor een album met vele gezichten maakt.
Het zijn gezichten die me stuk voor stuk bevallen, zeker wanneer Lady Lamb de PJ Harvey of de Lorde in zichzelf ontdekt. Aly Spaltro klinkt op haar nieuwe album nog net wat zelfverzekerder, zingt krachtiger, schrijft aansprekendere songs, maar heeft gelukkig ook haar nukken en wilde haren behouden en sleept er van alles bij op haar nieuwe album. Van folk tot new wave, van punky rock tot pop. Ik was al fan van Lady Lamb, maar met het geweldige Even In The Tremor maakt de singer-songwriter uit Brooklyn nog net wat meer indruk en schaart ze zich definitief onder de smaakmakers binnen de grote groep jonge vrouwelijke singer-songwriters van het moment. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Lady Lamb - Even In The Tremor - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Lady Lamb - Even In The Tremor
Lady Lamb pikte ik een paar jaar geleden uit een jaarlijstje en sindsdien is ieder album weer beter, wat ook weer geldt voor deze
Lady Lamb (The Beekeeper), het alter ego van de tegenwoordig vanuit het New Yorkse Brooklyn opererende Aly Spaltro, maakte de afgelopen jaren indruk met twee uitstekende albums en een misschien nog wel betere EP. De Amerikaanse singer-songwriter duikt nu op met Even In The Tremor dat nog wat veelzijdiger en ook nog wat overtuigender klinkt dan zijn voorgangers. Aly Spaltro heeft haar levenservaring verwerkt in een serie songs die alle kanten op schieten, maar stuk voor stuk indruk maken met bijzondere arrangementen en zang vol gevoel. Lady Lamb is een blijvertje dat is wel zeker.
In de eerste dagen van 2014 maakte ik voor het eerst kennis met de muziek van Aly Spaltro. De op dat moment vanuit Brunswick, Maine, opererende Amerikaanse singer-songwriter maakte op dat moment gebruik van het alter ego Lady Lamb The Beekeeper en had volgens een aantal gerenommeerde Amerikaanse muzieksites een jaarlijstjes album afgeleverd met het aan het begin van 2013 uitgebrachte Ripely Pine.
Dat kon ik na één keer horen alleen maar bevestigen en sindsdien volg ik Aly Spaltro op de voet. Het leverde in 2015 het onder de naam Lady Lamb gemaakte After op en dat was een album dat niet onder deed voor het terecht zo bewierookte debuut. Het eerste album van Aly Spaltro vergeleek ik met de muziek van Sharon Van Etten, het tweede met de muziek van Torres, maar beide vergelijkingen waren niet heel treffend.
In de lente van 2017 keerde Lady Lamb terug met het meer ingetogen en volledig akoestische Tender Warriors Club. Het was officieel een EP, maar wel een EP met iets meer dan 30 minuten muziek en ook nog eens muziek van een bijzonder hoog niveau. Tender Warriors Club beviel me misschien nog wel beter dan de eerste twee albums van Lady Lamb en heeft de lat hoog gelegd voor haar nieuwe album (officieel dus haar derde) dat de afgelopen week verscheen.
Aly Spaltro keert, met het wederom onder de naam Lady Lamb uitgebrachte Even In The Tremor, terug naar het label Ba Da Bing Records, waarop ook haar debuut verscheen, en levert wederom een uitstekend album af. De inmiddels naar Brooklyn, New York, verhuisde Aly Spaltro noemt Even In The Tremor haar meest persoonlijke album tot dusver en het is bovendien haar meest veelzijdige album.
Aly Spaltro deed op haar vorige albums nagenoeg alles zelf, maar deed keer een beroep op een co-producer, waarvoor ze ene Erin Tonkon wist te strikken. Dat zei me eerlijk gezegd niets, maar deze producer, engineer en mixer uit New York was lange tijd de rechterhand van de legendarische Tony Visconti en speelde een belangrijke rol bij het tot stand komen van Bowie’s zwanenzang Blackstar, wat iets moet zeggen over haar talent.
Erin Tonkon heeft Lady Lamb gelukkig niet in een keurslijf geperst, maar heeft de uitersten in de bijzondere arrangementen van Aly Spaltro alleen maar geaccentueerd, onder andere door wat meer muzikanten in te zetten.
Het album opent met een ingetogen popsong die begint met gitaar en zang, maar waarin elektronica al snel de overhand heeft, om uiteindelijk te eindigen met stemmige strijkers. En zo schieten veel songs van Lady Lamb alle kanten op. Even In The Tremor is soms sober en ingetogen, soms rijk en uitbundig. Lady Lamb kan overweg met folky songs, maar schaamt zich ook niet voor een aanstekelijke popsong. Op hetzelfde moment kan Aly Spaltro ook rauw en stekelig of opvallend avontuurlijk klinken, wat van Even In The Tremor een album met vele gezichten maakt.
Het zijn gezichten die me stuk voor stuk bevallen, zeker wanneer Lady Lamb de PJ Harvey of de Lorde in zichzelf ontdekt. Aly Spaltro klinkt op haar nieuwe album nog net wat zelfverzekerder, zingt krachtiger, schrijft aansprekendere songs, maar heeft gelukkig ook haar nukken en wilde haren behouden en sleept er van alles bij op haar nieuwe album. Van folk tot new wave, van punky rock tot pop. Ik was al fan van Lady Lamb, maar met het geweldige Even In The Tremor maakt de singer-songwriter uit Brooklyn nog net wat meer indruk en schaart ze zich definitief onder de smaakmakers binnen de grote groep jonge vrouwelijke singer-songwriters van het moment. Erwin Zijleman
Lady Lamb - In the Mammoth Nothing of the Night (2023)

0
geplaatst: 12 juli 2023, 15:26 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Lady Lamb - In The Mammoth Nothing Of The Night - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Lady Lamb - In The Mammoth Nothing Of The Night
Lady Lamb (The Beekeeper), het alter ego van de Amerikaanse muzikante Aly Spaltro, is nog niet heel bekend, maar op deze zeer uitgebreide heruitgave komt haar talent nadrukkelijk aan de oppervlakte
Ripely Pine, het officiële debuutalbum van Lady Lamb, toen nog Lady Lamb The Beekeeper, haalde aan het eind van 2013 een aantal jaarlijstjes en daar viel weinig of af te dingen. De muzikante uit New York viste weliswaar in een overvolle vijver, maar Ripely Pine beschikte door de veelheid aan stijlen en vooral door de eigenzinnigheid en de bijzondere stem van Aly Spaltro over meer dan voldoende onderscheidend vermogen. De afgelopen jaren was het helaas stil rond de Amerikaanse muzikante, maar die stilte wordt doorbroken met In The Mammoth Nothing Of The Night, dat zich laat beluisteren als een hele uitgebreide en zeer interessante versie van Ripely Pine.
Tussen de releases van deze week kwam ik In The Mammoth Nothing Of The Night van Lady Lamb tegen. Even hoopte ik op nieuw werk van de Amerikaanse singer-songwriter, maar in de tracklist zag ik al heel snel songs die ik ken van Ripely Pine, een album dat ik aan het begin van 2014 uit een van de jaarlijstjes over 2013 haalde. Het was mijn eerste kennismaking met de muziek van het alter ego van de Amerikaanse muzikante Aly Spaltro, die destijds nog muziek maakte onder de naam Lady Lamb The Beekeeper en het was een zeer memorabele kennismaking.
Ripely Pine bleek een fascinerend album dat overweg kon met ingetogen (indie)folksongs, maar dat ook steviger kon rocken en hier bleef het zeker niet bij. Ripely Pine imponeerde een uur lang met uitstekende en veelzijdige songs en zeker ook met de bijzondere stem van Aly Spaltro. Het is een stem die je afschuwelijk of prachtig vind, maar ik hoorde vanaf de eerste keer horen zonder enige twijfel in het laatste kamp.
Ook de albums die volgden op Ripely Pine waren van een hoog niveau, met het in 2019 verschenen Even In The Tremor als voorlopig hoogtepunt. Na vier jaar wachten was het wel weer eens tijd voor een nieuwe album van Lady Lamb, maar dat is In The Mammoth Nothing Of The Night helaas niet. Toch is het een interessant album, want naast de fraai geremasterde tracks van de originele versie van Ripely Pine krijgen we er een flinke bak songs bij, waardoor In The Mammoth Nothing Of The Night maar liefst drie uur muziek bevat in plaats van het uur van het originele album.
Lady Lamb trakteert ons op een aantal alternatieve versies van songs van het album waarmee ze in de Verenigde Staten doorbrak, maar er staan ook een flink aantal nieuwe songs op het album, waardoor In The Mammoth Nothing Of The Night op zijn minst een beetje voelt als nieuw werk. Ik heb sinds de release van Even In The Tremor niet heel vaak meer geluisterd naar de muziek van Lady Lamb, maar met deze nieuwe release laat de muzikante uit Brooklyn, New York, horen dat ze absoluut aandacht verdient.
Even In The Tremor noemde ik in 2019 het beste album tot dat moment van Lady Lamb en daar sta ik nog steeds achter, maar het ruwe en eigenzinnige Ripely Pine heeft ook wel wat. Op In The Mammoth Nothing Of The Night staat drie keer zoveel muziek als op het originele album, maar ondanks het feit dat Aly Spaltro de archieven over ons uit stort, houdt deze nieuwe release een behoorlijk hoog niveau vast.
De Amerikaanse muzikante trekt tot dusver veel te weinig aandacht met haar muziek en daar gaat dit lijvige en midden in de zomer uitgebrachte album waarschijnlijk niets aan veranderen, maar voor de liefhebber is In The Mammoth Nothing Of The Night een schatkist. Natuurlijk is het de afgelopen jaren veel te druk in dit genre en ligt verzadiging vrijwel continu op de loer, maar Lady Lamb heeft iets bijzonders.
De songs op In The Mammoth Nothing Of The Night zijn niet alleen enorm veelzijdig, maar hebben ook iets ruws en eigenzinnigs en dan is er ook nog eens de bijzondere stem van de muzikante uit New York, die ook is te vangen met beschrijvingen als ruw en eigenzinnig. Als eerste kennismaking is Even In The Tremor misschien wat geschikter, maar iedereen die dieper in het werk van Lady Lamb wil duiken moet deze release hebben. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Lady Lamb - In The Mammoth Nothing Of The Night - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Lady Lamb - In The Mammoth Nothing Of The Night
Lady Lamb (The Beekeeper), het alter ego van de Amerikaanse muzikante Aly Spaltro, is nog niet heel bekend, maar op deze zeer uitgebreide heruitgave komt haar talent nadrukkelijk aan de oppervlakte
Ripely Pine, het officiële debuutalbum van Lady Lamb, toen nog Lady Lamb The Beekeeper, haalde aan het eind van 2013 een aantal jaarlijstjes en daar viel weinig of af te dingen. De muzikante uit New York viste weliswaar in een overvolle vijver, maar Ripely Pine beschikte door de veelheid aan stijlen en vooral door de eigenzinnigheid en de bijzondere stem van Aly Spaltro over meer dan voldoende onderscheidend vermogen. De afgelopen jaren was het helaas stil rond de Amerikaanse muzikante, maar die stilte wordt doorbroken met In The Mammoth Nothing Of The Night, dat zich laat beluisteren als een hele uitgebreide en zeer interessante versie van Ripely Pine.
Tussen de releases van deze week kwam ik In The Mammoth Nothing Of The Night van Lady Lamb tegen. Even hoopte ik op nieuw werk van de Amerikaanse singer-songwriter, maar in de tracklist zag ik al heel snel songs die ik ken van Ripely Pine, een album dat ik aan het begin van 2014 uit een van de jaarlijstjes over 2013 haalde. Het was mijn eerste kennismaking met de muziek van het alter ego van de Amerikaanse muzikante Aly Spaltro, die destijds nog muziek maakte onder de naam Lady Lamb The Beekeeper en het was een zeer memorabele kennismaking.
Ripely Pine bleek een fascinerend album dat overweg kon met ingetogen (indie)folksongs, maar dat ook steviger kon rocken en hier bleef het zeker niet bij. Ripely Pine imponeerde een uur lang met uitstekende en veelzijdige songs en zeker ook met de bijzondere stem van Aly Spaltro. Het is een stem die je afschuwelijk of prachtig vind, maar ik hoorde vanaf de eerste keer horen zonder enige twijfel in het laatste kamp.
Ook de albums die volgden op Ripely Pine waren van een hoog niveau, met het in 2019 verschenen Even In The Tremor als voorlopig hoogtepunt. Na vier jaar wachten was het wel weer eens tijd voor een nieuwe album van Lady Lamb, maar dat is In The Mammoth Nothing Of The Night helaas niet. Toch is het een interessant album, want naast de fraai geremasterde tracks van de originele versie van Ripely Pine krijgen we er een flinke bak songs bij, waardoor In The Mammoth Nothing Of The Night maar liefst drie uur muziek bevat in plaats van het uur van het originele album.
Lady Lamb trakteert ons op een aantal alternatieve versies van songs van het album waarmee ze in de Verenigde Staten doorbrak, maar er staan ook een flink aantal nieuwe songs op het album, waardoor In The Mammoth Nothing Of The Night op zijn minst een beetje voelt als nieuw werk. Ik heb sinds de release van Even In The Tremor niet heel vaak meer geluisterd naar de muziek van Lady Lamb, maar met deze nieuwe release laat de muzikante uit Brooklyn, New York, horen dat ze absoluut aandacht verdient.
Even In The Tremor noemde ik in 2019 het beste album tot dat moment van Lady Lamb en daar sta ik nog steeds achter, maar het ruwe en eigenzinnige Ripely Pine heeft ook wel wat. Op In The Mammoth Nothing Of The Night staat drie keer zoveel muziek als op het originele album, maar ondanks het feit dat Aly Spaltro de archieven over ons uit stort, houdt deze nieuwe release een behoorlijk hoog niveau vast.
De Amerikaanse muzikante trekt tot dusver veel te weinig aandacht met haar muziek en daar gaat dit lijvige en midden in de zomer uitgebrachte album waarschijnlijk niets aan veranderen, maar voor de liefhebber is In The Mammoth Nothing Of The Night een schatkist. Natuurlijk is het de afgelopen jaren veel te druk in dit genre en ligt verzadiging vrijwel continu op de loer, maar Lady Lamb heeft iets bijzonders.
De songs op In The Mammoth Nothing Of The Night zijn niet alleen enorm veelzijdig, maar hebben ook iets ruws en eigenzinnigs en dan is er ook nog eens de bijzondere stem van de muzikante uit New York, die ook is te vangen met beschrijvingen als ruw en eigenzinnig. Als eerste kennismaking is Even In The Tremor misschien wat geschikter, maar iedereen die dieper in het werk van Lady Lamb wil duiken moet deze release hebben. Erwin Zijleman
Lady Lamb - Tender Warriors Club (2016)

4,5
0
geplaatst: 4 mei 2017, 21:38 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Lady Lamb - Tender Warriors Club - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Het lijstje van Paste Magazine met de beste platen van 2017 tot dusver, is een lijstje vol verrassingen.
Na eerst te zijn veroverd door de frisse en stekelige rock van Diet Cig (op nummer 18), trof ik op plek nummer 17 van het lijstje van Paste de volgende verrassing aan. Het gaat om Tender Warriors Club van Lady Lamb.
Lady Lamb is het alter ego van de uit Portland, Maine, afkomstige Aly Spaltro.
Deze Aly Spaltro maakte in 2013 als Lady Lamb The Beekeeper een jaarlijstjesplaat in de vorm van haar debuut Ripely Pine. De plaat werd twee jaar later gevolgd door het nog veel betere After, waarop Aly Spaltro zich Lady Lamb noemde.
Tender Warriors Club is officieel een EP, maar er staan wel zeven songs en in totaal 31 minuten muziek op, waarmee het verschil met een album niet zo heel groot is.
Lady Lamb vermengde op haar eerste twee platen folk met behoorlijk rauwe rock vol gruizige gitaren. Op Tender Warriors Club kiest de Amerikaanse singer-songwriter voor een uiterst ingetogen instrumentatie. Op de EP is immers voornamelijk en vaak vrijwel uitsluitend de akoestische gitaar van Aly Spaltro te horen.
Het is geen eenvoudige opgave om met een dermate sobere instrumentatie de dynamiek van haar eerste twee platen te benaderen, maar Lady Lamb slaagt er op Tender Warrior Club glansrijk in. In de meest sobere momenten domineren subtiele akkoorden en fluisterzachte song, maar Lady Lamb kan haar akoestische gitaar ook flink geselen en hierbij in vocaal opzicht stevig uithalen.
Het maakt van Tender Warriors Club een fascinerende plaat. Het is een plaat vol onderhuidse spanning. Je voelt deze spanning wanneer Aly Spaltro ingetogen speelt en zingt en zeer incidenteel wat donkere elektronica zorgt voor een wat duistere sfeer. De spanning komt op indringende wijze aan de oppervlakte wanneer de muziek van Lady Lamb uitbarst of dreigt uit te barsten, maar dit vervolgens toch niet doet.
Het is zeker geen eenvoudige opgave om zoveel spanning aan te brengen in muziek, maar de nog piepjonge Aly Spaltro doet het op indrukwekkende wijze. De songs op Tender Warriors Club vallen niet alleen op door dynamiek en onderhuidse spanning, maar laten ook flink wat diepgang en heel veel gevoel horen.
Lady Lamb maakte indruk op haar flink aangeklede platen, maar maakt nog veel meer indruk op het bijna naakte Tender Warriors Club. Het is misschien maar een EP van net meer dan een half uur, maar in dat halve uur imponeert Lady Lamb met intense en intieme songs die dwars door de ziel snijden. Prachtplaat. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Lady Lamb - Tender Warriors Club - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Het lijstje van Paste Magazine met de beste platen van 2017 tot dusver, is een lijstje vol verrassingen.
Na eerst te zijn veroverd door de frisse en stekelige rock van Diet Cig (op nummer 18), trof ik op plek nummer 17 van het lijstje van Paste de volgende verrassing aan. Het gaat om Tender Warriors Club van Lady Lamb.
Lady Lamb is het alter ego van de uit Portland, Maine, afkomstige Aly Spaltro.
Deze Aly Spaltro maakte in 2013 als Lady Lamb The Beekeeper een jaarlijstjesplaat in de vorm van haar debuut Ripely Pine. De plaat werd twee jaar later gevolgd door het nog veel betere After, waarop Aly Spaltro zich Lady Lamb noemde.
Tender Warriors Club is officieel een EP, maar er staan wel zeven songs en in totaal 31 minuten muziek op, waarmee het verschil met een album niet zo heel groot is.
Lady Lamb vermengde op haar eerste twee platen folk met behoorlijk rauwe rock vol gruizige gitaren. Op Tender Warriors Club kiest de Amerikaanse singer-songwriter voor een uiterst ingetogen instrumentatie. Op de EP is immers voornamelijk en vaak vrijwel uitsluitend de akoestische gitaar van Aly Spaltro te horen.
Het is geen eenvoudige opgave om met een dermate sobere instrumentatie de dynamiek van haar eerste twee platen te benaderen, maar Lady Lamb slaagt er op Tender Warrior Club glansrijk in. In de meest sobere momenten domineren subtiele akkoorden en fluisterzachte song, maar Lady Lamb kan haar akoestische gitaar ook flink geselen en hierbij in vocaal opzicht stevig uithalen.
Het maakt van Tender Warriors Club een fascinerende plaat. Het is een plaat vol onderhuidse spanning. Je voelt deze spanning wanneer Aly Spaltro ingetogen speelt en zingt en zeer incidenteel wat donkere elektronica zorgt voor een wat duistere sfeer. De spanning komt op indringende wijze aan de oppervlakte wanneer de muziek van Lady Lamb uitbarst of dreigt uit te barsten, maar dit vervolgens toch niet doet.
Het is zeker geen eenvoudige opgave om zoveel spanning aan te brengen in muziek, maar de nog piepjonge Aly Spaltro doet het op indrukwekkende wijze. De songs op Tender Warriors Club vallen niet alleen op door dynamiek en onderhuidse spanning, maar laten ook flink wat diepgang en heel veel gevoel horen.
Lady Lamb maakte indruk op haar flink aangeklede platen, maar maakt nog veel meer indruk op het bijna naakte Tender Warriors Club. Het is misschien maar een EP van net meer dan een half uur, maar in dat halve uur imponeert Lady Lamb met intense en intieme songs die dwars door de ziel snijden. Prachtplaat. Erwin Zijleman
Lady Lamb the Beekeeper - After (2015)

4,5
0
geplaatst: 27 augustus 2015, 14:33 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Lady Lamb - After - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Ripely Pine van Lady Lamb The Beekeeper haalde ik aan het eind van 2013 uit het jaarlijstje van AllMusic.com en riep ik vervolgens helemaal aan het begin van 2014 uit tot grote belofte voor de toekomst.
De uit het Amerikaanse Brunswick, Maine, afkomstige Aly Spaltro maakt deze belofte meer dan waar met het onder de naam Lady Lamb uitgebrachte After, dat nu gelukkig ook Nederland heeft bereikt.
After borduurt voort op het al zo goede debuut, maar laat ook de nodige groei horen. Lady Lamb maakt nog altijd muziek met flink wat invloeden uit de folk en verrijkt deze invloeden nog altijd met stevige gitaaruithalen, flink wat dynamiek en invloeden uit de indie-rock en psychedelica.
Vergeleken met haar debuut zet Aly Spaltro het gitaargeweld op After wat spaarzamer en ook wat subtieler in, waardoor haar muziek wat minder vaak van de hak op de tak springt, maar de zo aantrekkelijke dosis avontuur heeft behouden.
Net als leeftijd- en soortgenoot Torres maakt Lady Lamb lekker in het gehoor liggende maar zeker niet alledaagse muziek. De songs van de Amerikaanse steken knap in elkaar, zitten vol verrassingen (naast de stevige gitaaruithalen is ook het incidentele gebruik van blazers bijzonder), durven te experimenteren en dringen zich langzaam maar uiteindelijk zeer nadrukkelijk op.
In muzikaal opzicht klinkt het allemaal geweldig, maar ook in vocaal opzicht maakt Aly Spaltro indruk. Ze beschikt over een krachtig en veelzijdig stemgeluid dat haar songs wat extra’s geeft en deze songs bovendien voorziet van urgentie.
Gezien mijn liefde voor het debuut van Lady Lamb (The Beekeeper) wist After me onmiddellijk te overtuigen. Als het kwartje wat minder snel valt verdient de tweede plaat van Lady Lamb als je het mij vraagt geduld, waarna de plaat in veel gevallen zal uitgroeien tot één van de verrassingen van 2015. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Lady Lamb - After - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Ripely Pine van Lady Lamb The Beekeeper haalde ik aan het eind van 2013 uit het jaarlijstje van AllMusic.com en riep ik vervolgens helemaal aan het begin van 2014 uit tot grote belofte voor de toekomst.
De uit het Amerikaanse Brunswick, Maine, afkomstige Aly Spaltro maakt deze belofte meer dan waar met het onder de naam Lady Lamb uitgebrachte After, dat nu gelukkig ook Nederland heeft bereikt.
After borduurt voort op het al zo goede debuut, maar laat ook de nodige groei horen. Lady Lamb maakt nog altijd muziek met flink wat invloeden uit de folk en verrijkt deze invloeden nog altijd met stevige gitaaruithalen, flink wat dynamiek en invloeden uit de indie-rock en psychedelica.
Vergeleken met haar debuut zet Aly Spaltro het gitaargeweld op After wat spaarzamer en ook wat subtieler in, waardoor haar muziek wat minder vaak van de hak op de tak springt, maar de zo aantrekkelijke dosis avontuur heeft behouden.
Net als leeftijd- en soortgenoot Torres maakt Lady Lamb lekker in het gehoor liggende maar zeker niet alledaagse muziek. De songs van de Amerikaanse steken knap in elkaar, zitten vol verrassingen (naast de stevige gitaaruithalen is ook het incidentele gebruik van blazers bijzonder), durven te experimenteren en dringen zich langzaam maar uiteindelijk zeer nadrukkelijk op.
In muzikaal opzicht klinkt het allemaal geweldig, maar ook in vocaal opzicht maakt Aly Spaltro indruk. Ze beschikt over een krachtig en veelzijdig stemgeluid dat haar songs wat extra’s geeft en deze songs bovendien voorziet van urgentie.
Gezien mijn liefde voor het debuut van Lady Lamb (The Beekeeper) wist After me onmiddellijk te overtuigen. Als het kwartje wat minder snel valt verdient de tweede plaat van Lady Lamb als je het mij vraagt geduld, waarna de plaat in veel gevallen zal uitgroeien tot één van de verrassingen van 2015. Erwin Zijleman
Lady Linn - Keep It a Secret (2016)

4,0
0
geplaatst: 24 april 2016, 10:07 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Lady Linn - Keep It A Secret - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
België beschikt in opvallend ruime mate over uitstekende zangeressen, waarvan er met enige regelmaat één boven zichzelf uitstijgt.
Lady Linn, het alter ego van de Vlaamse zangeres Lien de Greef (soms ontkom je echt niet aan een alter ego), maakte tot dusver nog geen onuitwisbare indruk op mij (maar haalde in België overigens wel de nodige prijzen op), maar haar nieuwe plaat Keep It A Secret heeft me al enkele weken stevig te pakken.
Lady Linn brak ooit door in de dance-scene, maar blijkt op haar vijfde plaat een bijzonder veelzijdig en ook bijzonder getalenteerd zangeres.
Op Keep It A Secret kan Lady Linn uit de voeten met jazzy tracks, maar laat ze ook heel veel soul horen. Een aantal soulvolle tracks op Keep It A Secret zouden niet misstaan op een nieuwe plaat van Adele, maar ik hoor persoonlijk veel liever Lady Linn zingen.
Waar de meeste soulzangeressen van het moment alleen maar voluit kunnen zingen, kan Lady Linn doseren en wat is dat toch een groot goed. Lady Linn kan de spanning prachtig opbouwen, zet aan waar het nodig is, maar kan ook prachtig ingetogen zingen.
De vocalen op Keep It A Secret zijn absoluut het sterkste wapen van Lady Linn, maar ook de bijzonder klinkende en opvallend veelkleurige instrumentatie tilt de plaat vrijwel continu naar een hoger niveau. Het is een instrumentatie die jazzy en organisch kan klinken, maar zo kan omslaan naar atmosferische elektronische klanken of naar stemmige klanken vol strijkers en blazers.
Keep It A Secret klinkt door de veelzijdige instrumentatie in iedere track weer anders en heeft vaak het vermogen om beelden op het netvlies te toveren (Lady Linn liet zich voor deze plaat onder andere inspireren door filmmuziek en dat hoor je).
De mooie stem van Lady Linn danst soepel door het bijzondere muzikale landschap en weet steeds weer en steeds meer te overtuigen. Het maakt Lady Linn niet uit of ze aan de haal moet met jazz, soul of met pure pop; alles klinkt even geïnspireerd en aangenaam.
De Vlaamse zangeres tikt onderweg een aantal grootheden aan, maar heeft ook een bijzonder eigen geluid dat net zo makkelijk inspiratie haalt uit de soul en jazz van lang geleden, uit de soulvolle pop uit de jaren 80 en 90 of uit het heden. Keep It A Secret is direct een aangename plaat, maar het is ook nog eens een enorme groeiplaat. Een behoorlijk verslavende groeiplaat. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Lady Linn - Keep It A Secret - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
België beschikt in opvallend ruime mate over uitstekende zangeressen, waarvan er met enige regelmaat één boven zichzelf uitstijgt.
Lady Linn, het alter ego van de Vlaamse zangeres Lien de Greef (soms ontkom je echt niet aan een alter ego), maakte tot dusver nog geen onuitwisbare indruk op mij (maar haalde in België overigens wel de nodige prijzen op), maar haar nieuwe plaat Keep It A Secret heeft me al enkele weken stevig te pakken.
Lady Linn brak ooit door in de dance-scene, maar blijkt op haar vijfde plaat een bijzonder veelzijdig en ook bijzonder getalenteerd zangeres.
Op Keep It A Secret kan Lady Linn uit de voeten met jazzy tracks, maar laat ze ook heel veel soul horen. Een aantal soulvolle tracks op Keep It A Secret zouden niet misstaan op een nieuwe plaat van Adele, maar ik hoor persoonlijk veel liever Lady Linn zingen.
Waar de meeste soulzangeressen van het moment alleen maar voluit kunnen zingen, kan Lady Linn doseren en wat is dat toch een groot goed. Lady Linn kan de spanning prachtig opbouwen, zet aan waar het nodig is, maar kan ook prachtig ingetogen zingen.
De vocalen op Keep It A Secret zijn absoluut het sterkste wapen van Lady Linn, maar ook de bijzonder klinkende en opvallend veelkleurige instrumentatie tilt de plaat vrijwel continu naar een hoger niveau. Het is een instrumentatie die jazzy en organisch kan klinken, maar zo kan omslaan naar atmosferische elektronische klanken of naar stemmige klanken vol strijkers en blazers.
Keep It A Secret klinkt door de veelzijdige instrumentatie in iedere track weer anders en heeft vaak het vermogen om beelden op het netvlies te toveren (Lady Linn liet zich voor deze plaat onder andere inspireren door filmmuziek en dat hoor je).
De mooie stem van Lady Linn danst soepel door het bijzondere muzikale landschap en weet steeds weer en steeds meer te overtuigen. Het maakt Lady Linn niet uit of ze aan de haal moet met jazz, soul of met pure pop; alles klinkt even geïnspireerd en aangenaam.
De Vlaamse zangeres tikt onderweg een aantal grootheden aan, maar heeft ook een bijzonder eigen geluid dat net zo makkelijk inspiratie haalt uit de soul en jazz van lang geleden, uit de soulvolle pop uit de jaren 80 en 90 of uit het heden. Keep It A Secret is direct een aangename plaat, maar het is ook nog eens een enorme groeiplaat. Een behoorlijk verslavende groeiplaat. Erwin Zijleman
Lady Nade - Willing (2021)

4,0
1
geplaatst: 21 juni 2021, 15:15 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Lady Nade - Willing - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Lady Nade - Willing
Lady Nade komt uit het Britse Bristol, maar imponeert op haar album Willing met Amerikaanse rootsmuziek die meerdere kanten uit kan en vooral met een mooie en fascinerende stem
Willing is mijn eerste kennismaking met de muziek van de Britse muzikante Lady Nade en het is er een die naar veel meer smaakt. Haar thuisbasis Bristol staat bekend om triphop en Caraïbische muziek, maar Lady Nade maakt vooral Amerikaanse rootsmuziek met een voorliefde voor country, folk en soul. In muzikaal opzicht klinkt het allemaal bijzonder lekker, zeker wanneer de zon schijnt, maar het sterkste wapen van Lady Nade is haar bijzondere stem. Door deze stem klinkt Willing anders dan andere albums in het genre, maar ook in muzikaal opzicht zet de Britse muzikante af en toe opvallende stappen. Een bijzonder album dat terecht wordt bejubeld in het Verenigd Koninkrijk.
Willing van Lady Nade werd onder mijn aandacht gebracht door een fanatieke Amerikaans promotor van Amerikaanse rootsmuziek, waardoor ik er van uit ging dat het een Amerikaanse muzikante betrof. Dat beeld veranderde niet toen ik het album uit de speakers liet komen, want bij beluistering van de muziek van Lady Nade waan ik me vooral aan de oevers van de Mississippi.
Lady Nade trekt met haar muziek terecht flink wat aandacht in de Verenigde Staten, maar ze is Brits en opereert vanuit Bristol. De kustplaats in het zuidwesten van Engeland is bekend als de bakermat van de triphop, maar wanneer we wat verder teruggaan in de tijd was het ook de plek waar invloeden uit het Caraïbisch gebied werden vermengd met Britse popmuziek. Bij Lady Nade hoor ik vooral invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek en het is rootsmuziek van het lome en broeierige soort.
Willing, overigens al het derde album van Lady Nade, is een album dat het uitstekend doet bij zomerse temperaturen en dat wanneer de temperaturen weer wat dalen, doet verlangen naar de zomer. Willing werd opgenomen tijdens de lockdown in een aantal studio’s en met een aantal muzikanten. Het is een album met vooral invloeden uit de folk, maar ook invloeden uit de country en de soul en soms wat jazzy klanken hebben hun weg gevonden naar het album.
In muzikaal opzicht klinkt het allemaal bijzonder aangenaam, zeker wanneer Lady Nade kiest voor warme en lome klanken. De Britse muzikante kleurt haar muziek af en toe betrekkelijk sober in met vooral akoestische gitaren, maar Willing bevat ook een aantal tracks met fraaie pedal steel bijdragen, die het album wat meer de kant van de country op trekken.
Het derde album van Lady Nade is zoals gezegd een album dat je bij eerste beluistering vooral in het hokje Amerikaanse rootsmuziek wilt duwen, maar de Britse muzikante voegt ook iets eigenzinnigs toe aan haar muziek. Het zijn invloeden uit de smeltkroes Bristol, al vind ik het lastig om ze goed te benoemen.
In muzikaal opzicht slaagt Lady Nade er in om bijzonder te klinken, maar dat doet ze in nog veel sterkere mate met haar stem. Het is een stem waar ik wel even aan moest wennen, al vond ik de zang op Willing direct bij eerste beluistering mooi. Het is een stem die goed past bij de genres die domineren op het album, maar het is ook een stem die er voor zorgt dat het nieuwe album van Lady Nade zich nauwelijks laat vergelijken met andere albums in deze genres.
Lady Nade slaagt er ook nog eens in om afwisselend traditioneel en eigentijds te klinken en hier en daar ook nog een vleugje pop toe te voegen aan haar muziek. De Britse muzikante is tenslotte bedreven in het schakelen tussen makkelijk in het gehoor liggende en betrekkelijk complexe songstructuren.
Het maakt het definitief onmogelijk om de muziek van de muzikante uit Bristol in een hokje te duwen. Dat is niet zonder risico’s, want Willing is hierdoor ook een album dat makkelijk tussen wal en schip kan vallen. Dat was bij mij niet het geval, want ik was zoals gezegd vrijwel onmiddellijk overtuigt van de kwaliteiten van Lady Nade en Willing is er bij herhaalde beluistering zeker niet minder op geworden. In eigen land haalde Lady Nade inmiddels al wat folk en americana awards binnen, maar ook in Nederland moeten we deze bijzondere muzikante snel omarmen. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Lady Nade - Willing - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Lady Nade - Willing
Lady Nade komt uit het Britse Bristol, maar imponeert op haar album Willing met Amerikaanse rootsmuziek die meerdere kanten uit kan en vooral met een mooie en fascinerende stem
Willing is mijn eerste kennismaking met de muziek van de Britse muzikante Lady Nade en het is er een die naar veel meer smaakt. Haar thuisbasis Bristol staat bekend om triphop en Caraïbische muziek, maar Lady Nade maakt vooral Amerikaanse rootsmuziek met een voorliefde voor country, folk en soul. In muzikaal opzicht klinkt het allemaal bijzonder lekker, zeker wanneer de zon schijnt, maar het sterkste wapen van Lady Nade is haar bijzondere stem. Door deze stem klinkt Willing anders dan andere albums in het genre, maar ook in muzikaal opzicht zet de Britse muzikante af en toe opvallende stappen. Een bijzonder album dat terecht wordt bejubeld in het Verenigd Koninkrijk.
Willing van Lady Nade werd onder mijn aandacht gebracht door een fanatieke Amerikaans promotor van Amerikaanse rootsmuziek, waardoor ik er van uit ging dat het een Amerikaanse muzikante betrof. Dat beeld veranderde niet toen ik het album uit de speakers liet komen, want bij beluistering van de muziek van Lady Nade waan ik me vooral aan de oevers van de Mississippi.
Lady Nade trekt met haar muziek terecht flink wat aandacht in de Verenigde Staten, maar ze is Brits en opereert vanuit Bristol. De kustplaats in het zuidwesten van Engeland is bekend als de bakermat van de triphop, maar wanneer we wat verder teruggaan in de tijd was het ook de plek waar invloeden uit het Caraïbisch gebied werden vermengd met Britse popmuziek. Bij Lady Nade hoor ik vooral invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek en het is rootsmuziek van het lome en broeierige soort.
Willing, overigens al het derde album van Lady Nade, is een album dat het uitstekend doet bij zomerse temperaturen en dat wanneer de temperaturen weer wat dalen, doet verlangen naar de zomer. Willing werd opgenomen tijdens de lockdown in een aantal studio’s en met een aantal muzikanten. Het is een album met vooral invloeden uit de folk, maar ook invloeden uit de country en de soul en soms wat jazzy klanken hebben hun weg gevonden naar het album.
In muzikaal opzicht klinkt het allemaal bijzonder aangenaam, zeker wanneer Lady Nade kiest voor warme en lome klanken. De Britse muzikante kleurt haar muziek af en toe betrekkelijk sober in met vooral akoestische gitaren, maar Willing bevat ook een aantal tracks met fraaie pedal steel bijdragen, die het album wat meer de kant van de country op trekken.
Het derde album van Lady Nade is zoals gezegd een album dat je bij eerste beluistering vooral in het hokje Amerikaanse rootsmuziek wilt duwen, maar de Britse muzikante voegt ook iets eigenzinnigs toe aan haar muziek. Het zijn invloeden uit de smeltkroes Bristol, al vind ik het lastig om ze goed te benoemen.
In muzikaal opzicht slaagt Lady Nade er in om bijzonder te klinken, maar dat doet ze in nog veel sterkere mate met haar stem. Het is een stem waar ik wel even aan moest wennen, al vond ik de zang op Willing direct bij eerste beluistering mooi. Het is een stem die goed past bij de genres die domineren op het album, maar het is ook een stem die er voor zorgt dat het nieuwe album van Lady Nade zich nauwelijks laat vergelijken met andere albums in deze genres.
Lady Nade slaagt er ook nog eens in om afwisselend traditioneel en eigentijds te klinken en hier en daar ook nog een vleugje pop toe te voegen aan haar muziek. De Britse muzikante is tenslotte bedreven in het schakelen tussen makkelijk in het gehoor liggende en betrekkelijk complexe songstructuren.
Het maakt het definitief onmogelijk om de muziek van de muzikante uit Bristol in een hokje te duwen. Dat is niet zonder risico’s, want Willing is hierdoor ook een album dat makkelijk tussen wal en schip kan vallen. Dat was bij mij niet het geval, want ik was zoals gezegd vrijwel onmiddellijk overtuigt van de kwaliteiten van Lady Nade en Willing is er bij herhaalde beluistering zeker niet minder op geworden. In eigen land haalde Lady Nade inmiddels al wat folk en americana awards binnen, maar ook in Nederland moeten we deze bijzondere muzikante snel omarmen. Erwin Zijleman
Lady Wray - Cover Girl (2025)

4,0
0
geplaatst: 3 januari, 12:49 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Lady Wray - Cover Girl - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Lady Wray - Cover Girl
Cover Girl van Lady Wray doet het de afgelopen weken goed in de R&B jaarlijstjes en daar is wat voor te zeggen, al klinkt het album misschien nog wel vaker als een klassiek soulalbum uit de jaren 60 of 70
Het derde album van de Amerikaanse muzikante Lady Wray wist me een paar maanden geleden niet te pakken. Daar begrijp ik inmiddels niets meer van, want Cover Girl klinkt vanaf de eerste noten als een vergeten soulklassieker van heel lang geleden. Dat ligt deels aan de muziek op het album, maar vooral aan de zang en de gospelkoortjes. Lady Wray is echter zeker niet alleen goed voor authentiek klinkende soul, want ze sluit ook moeiteloos aan bij de R&B van het moment en kan ook nog eens uit de voeten met funk en disco. Laat Cover Girl uit de speakers komen en de gevoelstemperatuur stijgt tot zomerse waarden en de zomer van Lady Wray laat zich niet zomaar verdrijven.
Ik heb me de afgelopen maand weer flink laten inspireren door de jaarlijstjes van anderen en de meeste inspiratie kwam opvallend genoeg uit het R&B jaarlijstje van de Amerikaanse muziekwebsite AllMusic.com. Ik heb over het algemeen niet zo heel veel met R&B, maar de liefde voor het genre komt in golven. Dit jaar was het een ware vloedgolf, die de komende dagen de krenten uit de pop zal domineren.
Het eerste album dat ik heb opgepikt uit de R&B jaarlijst van AllMusic.com is Cover Girl van Lady Wray. Het is een album dat ik het afgelopen jaar een paar keer heb geprobeerd, maar zonder resultaat. Op een koude decemberdag kwam het album echter wel binnen en sindsdien bevalt Cover Girl me steeds beter.
Nicole Wray, de vrouw achter Lady Wray, scoorde aan het eind van de jaren 90 als tiener al een flinke hit met de single Make It Hot, maar het zou vervolgend een kleine vijftien jaar duren voordat ze als helft van het duo Lady een album uitbracht. Het debuut van Lady Wray verscheen in 2016, waarna in 2022 het goed ontvangen Piece Of Me verscheen.
Ik vind het afgelopen herfst verschenen Cover Girl nog een stuk beter. Net als op haar vorige twee albums werkt Lady Wray op Cover Girl samen met producer Leon Michels, die bekend is van El Michels Affair, maar die ik vooral ken van de albums die hij produceerde voor Norah Jones, Kali Uchis en Clairo. Charm van Clairo vind ik een van de mooist geproduceerde albums van de laatste jaren en ook voor Lady Wray heeft Leon Michels vakwerk geleverd.
Cover Girl klinkt echt fantastisch en overtuigt met een geluid dat zowel aansluit bij muziek uit een ver verleden als bij de R&B van het moment. Het is een geluid waarin piano, orgels en keyboards domineren, maar let ook zeker op de fantastische baslijnen Het is niet heel onlogisch om de muziek van Lady Wray in het hokje R&B te duwen, maar de Amerikaanse muzikante verwerkt minstens net zo veel invloeden uit de soul van weleer en is bovendien niet vies van gospel, disco en funk.
De muziek op het album klinkt vooral bekend in de oren en blijft ver verwijderd van vernieuwende stromingen binnen de R&B, maar wat klinkt het album tijdloos en vooral ongelooflijk lekker.
In muzikaal opzicht krijgt Cover Girl van Lady Wray al een prima rapportcijfer, maar dat wordt nog wat verder opgetild door de zang van Nicole Wray, die beschikt over een bijzondere stem, maar ook over een geweldige soulstem. Het is een stem met subtiele echo’s van soulzangeressen uit het verleden, maar het is een stem die het ook uitstekend doet in de R&B van het moment.
Het mooie van de stem van Nicole Wray is dat ze beschikt over een duidelijk eigen geluid, waardoor Cover Girl toch net anders klinkt dan de bulk van de soulalbums uit het verleden en de R&B albums uit het heden. Het is een stem die prachtig wordt ondersteund met gospelkoortjes, die het album weer wat verder het verleden in duwen.
Het vintage karakter van de soulmuziek van Lady Wray hoor je ook in de songs waarin ze een vleugje disco toevoegt aan haar songs, maar de songs op Cover Girl kunnen ook makkelijk opschuiven van de jaren 60 en 70 naar het hier en nu. Cover Girl is een heerlijk en verwarmend album voor de winterdagen van het moment, maar ondertussen is het in productioneel, muzikaal en vocaal opzicht ook een bijzonder knap album. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Review: Lady Wray - Cover Girl - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Lady Wray - Cover Girl
Cover Girl van Lady Wray doet het de afgelopen weken goed in de R&B jaarlijstjes en daar is wat voor te zeggen, al klinkt het album misschien nog wel vaker als een klassiek soulalbum uit de jaren 60 of 70
Het derde album van de Amerikaanse muzikante Lady Wray wist me een paar maanden geleden niet te pakken. Daar begrijp ik inmiddels niets meer van, want Cover Girl klinkt vanaf de eerste noten als een vergeten soulklassieker van heel lang geleden. Dat ligt deels aan de muziek op het album, maar vooral aan de zang en de gospelkoortjes. Lady Wray is echter zeker niet alleen goed voor authentiek klinkende soul, want ze sluit ook moeiteloos aan bij de R&B van het moment en kan ook nog eens uit de voeten met funk en disco. Laat Cover Girl uit de speakers komen en de gevoelstemperatuur stijgt tot zomerse waarden en de zomer van Lady Wray laat zich niet zomaar verdrijven.
Ik heb me de afgelopen maand weer flink laten inspireren door de jaarlijstjes van anderen en de meeste inspiratie kwam opvallend genoeg uit het R&B jaarlijstje van de Amerikaanse muziekwebsite AllMusic.com. Ik heb over het algemeen niet zo heel veel met R&B, maar de liefde voor het genre komt in golven. Dit jaar was het een ware vloedgolf, die de komende dagen de krenten uit de pop zal domineren.
Het eerste album dat ik heb opgepikt uit de R&B jaarlijst van AllMusic.com is Cover Girl van Lady Wray. Het is een album dat ik het afgelopen jaar een paar keer heb geprobeerd, maar zonder resultaat. Op een koude decemberdag kwam het album echter wel binnen en sindsdien bevalt Cover Girl me steeds beter.
Nicole Wray, de vrouw achter Lady Wray, scoorde aan het eind van de jaren 90 als tiener al een flinke hit met de single Make It Hot, maar het zou vervolgend een kleine vijftien jaar duren voordat ze als helft van het duo Lady een album uitbracht. Het debuut van Lady Wray verscheen in 2016, waarna in 2022 het goed ontvangen Piece Of Me verscheen.
Ik vind het afgelopen herfst verschenen Cover Girl nog een stuk beter. Net als op haar vorige twee albums werkt Lady Wray op Cover Girl samen met producer Leon Michels, die bekend is van El Michels Affair, maar die ik vooral ken van de albums die hij produceerde voor Norah Jones, Kali Uchis en Clairo. Charm van Clairo vind ik een van de mooist geproduceerde albums van de laatste jaren en ook voor Lady Wray heeft Leon Michels vakwerk geleverd.
Cover Girl klinkt echt fantastisch en overtuigt met een geluid dat zowel aansluit bij muziek uit een ver verleden als bij de R&B van het moment. Het is een geluid waarin piano, orgels en keyboards domineren, maar let ook zeker op de fantastische baslijnen Het is niet heel onlogisch om de muziek van Lady Wray in het hokje R&B te duwen, maar de Amerikaanse muzikante verwerkt minstens net zo veel invloeden uit de soul van weleer en is bovendien niet vies van gospel, disco en funk.
De muziek op het album klinkt vooral bekend in de oren en blijft ver verwijderd van vernieuwende stromingen binnen de R&B, maar wat klinkt het album tijdloos en vooral ongelooflijk lekker.
In muzikaal opzicht krijgt Cover Girl van Lady Wray al een prima rapportcijfer, maar dat wordt nog wat verder opgetild door de zang van Nicole Wray, die beschikt over een bijzondere stem, maar ook over een geweldige soulstem. Het is een stem met subtiele echo’s van soulzangeressen uit het verleden, maar het is een stem die het ook uitstekend doet in de R&B van het moment.
Het mooie van de stem van Nicole Wray is dat ze beschikt over een duidelijk eigen geluid, waardoor Cover Girl toch net anders klinkt dan de bulk van de soulalbums uit het verleden en de R&B albums uit het heden. Het is een stem die prachtig wordt ondersteund met gospelkoortjes, die het album weer wat verder het verleden in duwen.
Het vintage karakter van de soulmuziek van Lady Wray hoor je ook in de songs waarin ze een vleugje disco toevoegt aan haar songs, maar de songs op Cover Girl kunnen ook makkelijk opschuiven van de jaren 60 en 70 naar het hier en nu. Cover Girl is een heerlijk en verwarmend album voor de winterdagen van het moment, maar ondertussen is het in productioneel, muzikaal en vocaal opzicht ook een bijzonder knap album. Erwin Zijleman
Lael Neale - Acquainted with Night (2021)

4,5
2
geplaatst: 21 februari 2021, 10:08 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Lael Neale - Acquainted With Night - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Lael Neale - Acquainted With Night
De Amerikaanse singer-songwriter Lael Neale zocht tijdens de lockdown, samen met haar omnichord, de stilte van het Amerikaanse platteland op en maakte daar een wonderschoon album
Acquainted With Night van de Amerikaanse muzikante Lael Neale zal niet bij iedereen in de smaak vallen, maar persoonlijk vind ik het album van een bijzondere of zelfs unieke schoonheid. Het klinkt als een verstild folk album uit de jaren 60, maar dan wel met een hoofdrol voor de pas in de jaren 80 geïntroduceerde omnichord. Het is een instrument met een bezwerend geluid, dat prima past bij de al even bezwerende vocalen van Lael Neale. Het levert een album op dat een rustgevende werking heeft, maar dat op hetzelfde moment onder de huid kruipt en alleen maar mooier en intenser wordt. Een heel bijzonder album van een zeer talentvolle muzikante.
Lael Neale is een singer-songwriter uit Los Angeles, California, die een jaar of zes geleden een bijzonder fraai debuutalbum uitbracht (dat ik overigens pas deze week voor het eerst heb gehoord), maar vervolgens de inspiratie kwijt raakte of zichzelf verloor in perfectionisme.
Die inspiratie hervond de Amerikaanse muzikante toen ze een jaar of twee geleden de omnichord ontdekte. Dat is een elektronisch instrument dat aan het begin van de jaren 80 werd geïntroduceerd in Japan en er toen waarschijnlijk futuristisch uitzag, maar er inmiddels net zo verouderd uitziet als alle andere elektronische snufjes uit deze periode.
Het is wel een instrument met een bijzondere klank, waardoor het deze week verschenen tweede album van Lael Neale flink anders klinkt dan haar debuutalbum. Op dit debuutalbum klonk Lael Neale als een folky singer-songwriter uit de jaren 70. Op Acquainted With Night lijkt ze de jaren 70 te hebben verruild door de jaren 60, tot de Omnichord zijn intrede doet, al klinkt het instrument vaak als de antieke orgeltjes die je in de jaren 60 ook wel had.
Lael Neale hervond haar inspiratie niet alleen door de ontdekking van het bijzonder klinkende elektronische instrument, maar ook door de hectiek van Los Angeles te verruilen voor het platteland van Virginia, waar ze opgroeide. Tijdens de eerste Amerikaanse lockdown vanwege de coronapandemie sloot Lael Neale zich op in de boerderij van haar familie, uiteraard samen met haar Omnichord. Met zeer eenvoudige middelen werd vervolgens Acquainted With Night opgenomen.
Door de relatief eenvoudige instrumentatie en de eenvoudige opnameapparatuur klinkt het tweede album van Lael Neale wat lo-fi, maar als je eenmaal gewend bent aan de geluidskwaliteit, de hoeveelheid ruis en het bijzondere geluid van de Omnichord, is het een album vol bezwering. Die bezwering is deels de verdienste van het bijzondere geluid op het album, maar is toch vooral het resultaat van de zang van de Amerikaanse singer-songwriter.
Acquainted With Night doet af en toe denken aan Nico en haar harmonium, maar gelukkig is de stem van Lael Neale een stuk aangenamer en heb ik af en toe ook wel wat associaties met Mazzy Star, maar dan met een Omnichord. Het tweede album van Lael Neale doet me echter het meest denken aan het vorig jaar verschenen soloalbum van Big Thief zangeres Adrienne Lenker, dat in dezelfde periode en onder vergelijkbare omstandigheden werd opgenomen, maar dan uiteraard wel met andere instrumenten.
Zowel de muziek als de zang op Acquainted With Night moeten je liggen, maar als je vatbaar bent voor de bezwering van de singer-songwriter uit Los Angeles is het album niet alleen bezwerend, maar ook rustgevend. Lael Neale verliet de grote stad voor het opnemen van haar tweede album en die stad verlaat je ook als je naar het album luistert.
Ik begrijp inmiddels ook wel waarom de Amerikaanse muzikante zo gecharmeerd is geraakt van de Omnichord, want ondanks het feit dat het instrument ietwat gedateerd klinkt, biedt het verrassend veel mogelijkheden, waardoor Lael Neale de aandacht, ondanks de beperkte middelen, vrij makkelijk vast houdt. Het levert een bijzonder album op dat alleen maar mooier en indrukwekkender wordt. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Lael Neale - Acquainted With Night - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Lael Neale - Acquainted With Night
De Amerikaanse singer-songwriter Lael Neale zocht tijdens de lockdown, samen met haar omnichord, de stilte van het Amerikaanse platteland op en maakte daar een wonderschoon album
Acquainted With Night van de Amerikaanse muzikante Lael Neale zal niet bij iedereen in de smaak vallen, maar persoonlijk vind ik het album van een bijzondere of zelfs unieke schoonheid. Het klinkt als een verstild folk album uit de jaren 60, maar dan wel met een hoofdrol voor de pas in de jaren 80 geïntroduceerde omnichord. Het is een instrument met een bezwerend geluid, dat prima past bij de al even bezwerende vocalen van Lael Neale. Het levert een album op dat een rustgevende werking heeft, maar dat op hetzelfde moment onder de huid kruipt en alleen maar mooier en intenser wordt. Een heel bijzonder album van een zeer talentvolle muzikante.
Lael Neale is een singer-songwriter uit Los Angeles, California, die een jaar of zes geleden een bijzonder fraai debuutalbum uitbracht (dat ik overigens pas deze week voor het eerst heb gehoord), maar vervolgens de inspiratie kwijt raakte of zichzelf verloor in perfectionisme.
Die inspiratie hervond de Amerikaanse muzikante toen ze een jaar of twee geleden de omnichord ontdekte. Dat is een elektronisch instrument dat aan het begin van de jaren 80 werd geïntroduceerd in Japan en er toen waarschijnlijk futuristisch uitzag, maar er inmiddels net zo verouderd uitziet als alle andere elektronische snufjes uit deze periode.
Het is wel een instrument met een bijzondere klank, waardoor het deze week verschenen tweede album van Lael Neale flink anders klinkt dan haar debuutalbum. Op dit debuutalbum klonk Lael Neale als een folky singer-songwriter uit de jaren 70. Op Acquainted With Night lijkt ze de jaren 70 te hebben verruild door de jaren 60, tot de Omnichord zijn intrede doet, al klinkt het instrument vaak als de antieke orgeltjes die je in de jaren 60 ook wel had.
Lael Neale hervond haar inspiratie niet alleen door de ontdekking van het bijzonder klinkende elektronische instrument, maar ook door de hectiek van Los Angeles te verruilen voor het platteland van Virginia, waar ze opgroeide. Tijdens de eerste Amerikaanse lockdown vanwege de coronapandemie sloot Lael Neale zich op in de boerderij van haar familie, uiteraard samen met haar Omnichord. Met zeer eenvoudige middelen werd vervolgens Acquainted With Night opgenomen.
Door de relatief eenvoudige instrumentatie en de eenvoudige opnameapparatuur klinkt het tweede album van Lael Neale wat lo-fi, maar als je eenmaal gewend bent aan de geluidskwaliteit, de hoeveelheid ruis en het bijzondere geluid van de Omnichord, is het een album vol bezwering. Die bezwering is deels de verdienste van het bijzondere geluid op het album, maar is toch vooral het resultaat van de zang van de Amerikaanse singer-songwriter.
Acquainted With Night doet af en toe denken aan Nico en haar harmonium, maar gelukkig is de stem van Lael Neale een stuk aangenamer en heb ik af en toe ook wel wat associaties met Mazzy Star, maar dan met een Omnichord. Het tweede album van Lael Neale doet me echter het meest denken aan het vorig jaar verschenen soloalbum van Big Thief zangeres Adrienne Lenker, dat in dezelfde periode en onder vergelijkbare omstandigheden werd opgenomen, maar dan uiteraard wel met andere instrumenten.
Zowel de muziek als de zang op Acquainted With Night moeten je liggen, maar als je vatbaar bent voor de bezwering van de singer-songwriter uit Los Angeles is het album niet alleen bezwerend, maar ook rustgevend. Lael Neale verliet de grote stad voor het opnemen van haar tweede album en die stad verlaat je ook als je naar het album luistert.
Ik begrijp inmiddels ook wel waarom de Amerikaanse muzikante zo gecharmeerd is geraakt van de Omnichord, want ondanks het feit dat het instrument ietwat gedateerd klinkt, biedt het verrassend veel mogelijkheden, waardoor Lael Neale de aandacht, ondanks de beperkte middelen, vrij makkelijk vast houdt. Het levert een bijzonder album op dat alleen maar mooier en indrukwekkender wordt. Erwin Zijleman
Lael Neale - Altogether Stranger (2025)

4,0
1
geplaatst: 6 mei 2025, 15:45 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Lael Neale - Altogether Stranger - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Lael Neale - Altogether Stranger
Het is bijzondere muziek die de Amerikaanse muzikante Lael Neale maakt en ook op haar vierde album overtuigt ze makkelijk met even minimalistische als bedwelmende klanken en haar eigenzinnige zang
Lael Neale maakte vier jaar geleden indruk met het tijdens de coronapandemie gemaakte Acquainted With Night en deed hetzelfde met het in 2023 uitgebrachte Star Eaters Delight. Het is niet de makkelijkste muziek die de Amerikaanse muzikante maakt en ook haar stem zal niet bij iedereen in de smaak vallen, maar het is ook muziek die bijzondere dingen met je kan doen als je vatbaar bent voor de bijzondere sfeer die Lael Neale creëert op haar albums. Het is muziek die doet denken aan de muziek die in de jaren 60 werd gemaakt, maar Altogether Stranger is ook een album dat opvalt tussen de albums uit het heden. Het is allemaal niet makkelijk misschien, maar ik heb een ongelooflijk zwak voor dit album.
De Amerikaanse singer-songwriter Lael Neale klonk op haar debuutalbum I’ll Be your Man uit 2015 als een singer-songwriter uit de jaren 70. Ze had de pech dat er op dat moment heel veel jonge vrouwelijke singer-songwriters met een voorliefde voor muziek uit de jaren 70 rondliepen, waardoor het album ten onrechte nauwelijks aandacht kreeg.
Ik maakte zelf kennis met de muziek van Lael Neale toen ze aan het begin van 2021 het album Acquainted With Night uitbracht. Het is een album dat ze vanwege de coronapandemie niet in haar thuisbasis Los Angeles maakte, maar op het platteland van Virginia waar ze opgroeide en waar ze zich opsloot met haar omnichord, die het geluid op het album, dat vaak een jaren 60 sfeer had, voor een belangrijk deel bepaalde.
Het bezwerende en soms wat desolaat klinkende folkalbum werd twee jaar geleden gevolgd door het uitstekende Star Eaters Delight, dat mijn jaarlijstje haalde. Het is een album dat net wat voller klonk dan zijn voorganger en zich, mede door de inzet van flink wat elektronica, ook met grote regelmaat buiten de grenzen van de folk begaf. In mijn omgeving was zeker niet iedereen gecharmeerd van de stem van de Amerikaanse muzikante, maar ik kon zelf goed overweg met haar bijzondere zang.
Lael Neale is na de nodige omzwervingen weer terecht gekomen in Los Angeles, waar ze met name in de vroege ochtenduren haar vierde album opnam. Het is een album dat zeker in het verlengde ligt van zijn voorgangers en absoluut het unieke stempel van Lael Neale draagt.
Ook op Altogether Stranger is de muziek van de Amerikaanse muzikante dromerig en sfeervol, maar ook altijd wat minimalistisch en lo-fi. Lael Neale omringt zich nog altijd voor een belangrijk deel door ouderwets klinkende elektronica, waaronder de omnichord en de Mellotron. Het geeft haar muziek een licht psychedelische jaren 60 en The Velvet Underground vibe, maar Lael Neale klinkt ook nog altijd als een folkie uit dezelfde periode.
Van haar soms wat onvaste en hoge stem moet je houden, maar als je gevoelig bent voor de vocale verleiding van de muzikante uit Los Angeles is deze behoorlijk meedogenloos. Altogether Stranger bevat ruim een half uur muziek en het is een half uur muziek die je meesleept naar andere werelden en tijden.
Het is knap hoe Lael Neale met bescheiden middelen haar eigen muzikale universum weet te creëren en muziek maakt die op hetzelfde moment in het verleden en in het heden staat. Wat nog knapper is, is dat de songs van de muzikante uit Los Angeles alleen maar mooier worden wanneer ze haar muziek nog wat minimalistische maakt.
Een eenvoudige drummachine, een repeterend pianoakkoord of wat zweverige synths, alle middelen die Lael Neale inzet hebben een maximaal effect. Luister maar eens naar het eenvoudige maar werkelijk prachtige Tell Me How To Be There en je begrijpt precies wat ik bedoel. Altogether Stranger bevat meer van dit soort songs en met name op het tweede deel van het album dringen de songs zich stevig op.
Ik moet altijd even wennen aan de muziek van Lael Neale maar uiteindelijk zijn de vorige twee albums van de Amerikaanse muzikante me zeer dierbaar geworden. Het lijkt nog wat sneller te gebeuren met Altogether Stranger, dat ik daarom nog wat hoger aansla dan de vorige albums van Lael Neale. Aanrader dus. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Review: Lael Neale - Altogether Stranger - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Lael Neale - Altogether Stranger
Het is bijzondere muziek die de Amerikaanse muzikante Lael Neale maakt en ook op haar vierde album overtuigt ze makkelijk met even minimalistische als bedwelmende klanken en haar eigenzinnige zang
Lael Neale maakte vier jaar geleden indruk met het tijdens de coronapandemie gemaakte Acquainted With Night en deed hetzelfde met het in 2023 uitgebrachte Star Eaters Delight. Het is niet de makkelijkste muziek die de Amerikaanse muzikante maakt en ook haar stem zal niet bij iedereen in de smaak vallen, maar het is ook muziek die bijzondere dingen met je kan doen als je vatbaar bent voor de bijzondere sfeer die Lael Neale creëert op haar albums. Het is muziek die doet denken aan de muziek die in de jaren 60 werd gemaakt, maar Altogether Stranger is ook een album dat opvalt tussen de albums uit het heden. Het is allemaal niet makkelijk misschien, maar ik heb een ongelooflijk zwak voor dit album.
De Amerikaanse singer-songwriter Lael Neale klonk op haar debuutalbum I’ll Be your Man uit 2015 als een singer-songwriter uit de jaren 70. Ze had de pech dat er op dat moment heel veel jonge vrouwelijke singer-songwriters met een voorliefde voor muziek uit de jaren 70 rondliepen, waardoor het album ten onrechte nauwelijks aandacht kreeg.
Ik maakte zelf kennis met de muziek van Lael Neale toen ze aan het begin van 2021 het album Acquainted With Night uitbracht. Het is een album dat ze vanwege de coronapandemie niet in haar thuisbasis Los Angeles maakte, maar op het platteland van Virginia waar ze opgroeide en waar ze zich opsloot met haar omnichord, die het geluid op het album, dat vaak een jaren 60 sfeer had, voor een belangrijk deel bepaalde.
Het bezwerende en soms wat desolaat klinkende folkalbum werd twee jaar geleden gevolgd door het uitstekende Star Eaters Delight, dat mijn jaarlijstje haalde. Het is een album dat net wat voller klonk dan zijn voorganger en zich, mede door de inzet van flink wat elektronica, ook met grote regelmaat buiten de grenzen van de folk begaf. In mijn omgeving was zeker niet iedereen gecharmeerd van de stem van de Amerikaanse muzikante, maar ik kon zelf goed overweg met haar bijzondere zang.
Lael Neale is na de nodige omzwervingen weer terecht gekomen in Los Angeles, waar ze met name in de vroege ochtenduren haar vierde album opnam. Het is een album dat zeker in het verlengde ligt van zijn voorgangers en absoluut het unieke stempel van Lael Neale draagt.
Ook op Altogether Stranger is de muziek van de Amerikaanse muzikante dromerig en sfeervol, maar ook altijd wat minimalistisch en lo-fi. Lael Neale omringt zich nog altijd voor een belangrijk deel door ouderwets klinkende elektronica, waaronder de omnichord en de Mellotron. Het geeft haar muziek een licht psychedelische jaren 60 en The Velvet Underground vibe, maar Lael Neale klinkt ook nog altijd als een folkie uit dezelfde periode.
Van haar soms wat onvaste en hoge stem moet je houden, maar als je gevoelig bent voor de vocale verleiding van de muzikante uit Los Angeles is deze behoorlijk meedogenloos. Altogether Stranger bevat ruim een half uur muziek en het is een half uur muziek die je meesleept naar andere werelden en tijden.
Het is knap hoe Lael Neale met bescheiden middelen haar eigen muzikale universum weet te creëren en muziek maakt die op hetzelfde moment in het verleden en in het heden staat. Wat nog knapper is, is dat de songs van de muzikante uit Los Angeles alleen maar mooier worden wanneer ze haar muziek nog wat minimalistische maakt.
Een eenvoudige drummachine, een repeterend pianoakkoord of wat zweverige synths, alle middelen die Lael Neale inzet hebben een maximaal effect. Luister maar eens naar het eenvoudige maar werkelijk prachtige Tell Me How To Be There en je begrijpt precies wat ik bedoel. Altogether Stranger bevat meer van dit soort songs en met name op het tweede deel van het album dringen de songs zich stevig op.
Ik moet altijd even wennen aan de muziek van Lael Neale maar uiteindelijk zijn de vorige twee albums van de Amerikaanse muzikante me zeer dierbaar geworden. Het lijkt nog wat sneller te gebeuren met Altogether Stranger, dat ik daarom nog wat hoger aansla dan de vorige albums van Lael Neale. Aanrader dus. Erwin Zijleman
Lael Neale - Star Eaters Delight (2023)

4,0
2
geplaatst: 28 april 2023, 12:37 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Lael Neale - Star Eaters Delight - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Lael Neale - Star Eaters Delight
Lael Neale maakte twee jaar geleden met haar omnichord een bezwerend folkalbum, maar laat op het veelzijdige Star Eaters Delight horen dat ze in muzikaal en vocaal opzicht van vele markten thuis is
Het is een bijzonder oeuvre dat de Amerikaanse muzikante Lael Neale aan het opbouwen is. Op haar debuutalbum kleurde ze nog redelijk netjes tussen de lijntjes van de folk en de country, om vervolgens, gewapend met een omnichord en haar stem, in 2021 het bezwerende lockdown album Acquainted With Night af te leveren. Op album nummer drie horen we weer een andere kant van de muzikante die Los Angeles nog altijd heeft verruild voor het platteland van Virginia. Het album opent met flink wat invloeden uit de postpunk, maar uiteindelijk keert Lael Neale ook weer terug naar de folk, al heeft ze die wel wat voller ingekleurd dan op haar vorige door de omnichord gedomineerde album.
De Amerikaanse muzikante Lael Neale is met het deze week verschenen Star Eaters Delight alweer toe aan haar derde album. Haar inmiddels bijna acht jaar oude debuutalbum I’ll Be Your Man werd nog nauwelijks opgemerkt, terwijl dit waarschijnlijk het meest toegankelijke album is dat de singer-songwriter uit Los Angeles tot dusver heeft gemaakt. Het album ontging mij in 2015 overigens ook, maar ik ben inmiddels zeker gecharmeerd van de lekker in het gehoor liggende maar ook eigenzinnige folk- en countrysongs op het debuutalbum van Lael Neale.
De Amerikaanse muzikante keerde terug in 2021 met het bijzondere Acquainted With Night. Lael Neale verruilde tijdens de corona lockdowns Los Angeles voor het Amerikaanse platteland, waar ze een folkalbum maakte dat zo leek weggelopen uit de jaren 60, ware het niet dat de op het album zeer prominent aanwezige omnichord pas in de jaren 80 werd uitgevonden.
Deze week keert Lael Neale terug met Star Eaters Delight en dat is een album dat vooralsnog met gemengde gevoelens wordt ontvangen. Star Eaters Delight klinkt immers weer totaal anders dan zijn voorganger en het is bovendien een album dat makkelijk van de hak op de tak springt en daar moet je van houden.
Lael Neale is na de coronapandemie op het platteland van Virginia blijven hangen, maar had voor haar derde album wat meer nodig dan de fascinerend klinkende omnichord, die het geluid op Acquainted With Night bepaalde. Dit keer trok de Amerikaanse muzikante onder andere gitaren, orgels, een piano, keyboards, drummachines en de fameuze Mellotron uit de kast, maar ook de mellotron duikt nog een enkele keer op.
Star Eaters Delight klinkt een stuk voller dan zijn voorganger, dat de boeken in kan als een typisch lockdown album, maar Lael Neale varieert ook flink met het tempo en de dynamiek in haar songs. Verder is ze zoals gezegd weinig stijlvast op Star Eaters Delight. Wanneer ze kiest voor staccato drums, diepe baslijnen en heerlijk zeurende synths verruilt de Amerikaanse muzikante de folk van haar vorige album voor postpunk en new wave. Dat klinkt in muzikaal opzicht totaal anders dan we van haar gewend zijn, maar haar bijzondere stem is gebleven, waardoor de stijlbreuk ook weer niet volledig is.
Star Eaters Delight bevat overigens ook wat meer folky songs en hier neemt Lael Neale flink de tijd voor, waardoor er slechts ruimte is voor acht songs op haar nieuwe album. In het ruim acht minuten durende In Verona hoor je weer wat meer van de folkie Lael Neale, al zal je de track dankzij de drummachine en de vervreemdende elektronica niet snel meer in de jaren plaatsen. Later op het album kruipt Lael Neale overigens toch weer wat dichter naar de jaren 60 toe.
Star Eaters Delight is nog wat lastiger te verteren dan het vorige album van Lael Neale en ik begrijp de wisselende reacties dan ook wel. Zelf heb ik overigens totaal geen problemen met het in muzikaal opzicht wat wispelturige karakter van Lael Neale. De uptempo songs met een vleugje postpunk en doom bieden een mooi tegenwicht aan de zich langzaam voortslepende en bezwerende songs op het album en in beide uitersten blijken mooie accenten verstopt, die je het best hoort wanneer je het album beluistert met de koptelefoon. Voor een groot publiek springt Lael Neale misschien wat teveel van de hak op de tak, maar voor muziekliefhebbers van wie het best wat eigenzinniger mag is dit een zeer interessant album. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Lael Neale - Star Eaters Delight - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Lael Neale - Star Eaters Delight
Lael Neale maakte twee jaar geleden met haar omnichord een bezwerend folkalbum, maar laat op het veelzijdige Star Eaters Delight horen dat ze in muzikaal en vocaal opzicht van vele markten thuis is
Het is een bijzonder oeuvre dat de Amerikaanse muzikante Lael Neale aan het opbouwen is. Op haar debuutalbum kleurde ze nog redelijk netjes tussen de lijntjes van de folk en de country, om vervolgens, gewapend met een omnichord en haar stem, in 2021 het bezwerende lockdown album Acquainted With Night af te leveren. Op album nummer drie horen we weer een andere kant van de muzikante die Los Angeles nog altijd heeft verruild voor het platteland van Virginia. Het album opent met flink wat invloeden uit de postpunk, maar uiteindelijk keert Lael Neale ook weer terug naar de folk, al heeft ze die wel wat voller ingekleurd dan op haar vorige door de omnichord gedomineerde album.
De Amerikaanse muzikante Lael Neale is met het deze week verschenen Star Eaters Delight alweer toe aan haar derde album. Haar inmiddels bijna acht jaar oude debuutalbum I’ll Be Your Man werd nog nauwelijks opgemerkt, terwijl dit waarschijnlijk het meest toegankelijke album is dat de singer-songwriter uit Los Angeles tot dusver heeft gemaakt. Het album ontging mij in 2015 overigens ook, maar ik ben inmiddels zeker gecharmeerd van de lekker in het gehoor liggende maar ook eigenzinnige folk- en countrysongs op het debuutalbum van Lael Neale.
De Amerikaanse muzikante keerde terug in 2021 met het bijzondere Acquainted With Night. Lael Neale verruilde tijdens de corona lockdowns Los Angeles voor het Amerikaanse platteland, waar ze een folkalbum maakte dat zo leek weggelopen uit de jaren 60, ware het niet dat de op het album zeer prominent aanwezige omnichord pas in de jaren 80 werd uitgevonden.
Deze week keert Lael Neale terug met Star Eaters Delight en dat is een album dat vooralsnog met gemengde gevoelens wordt ontvangen. Star Eaters Delight klinkt immers weer totaal anders dan zijn voorganger en het is bovendien een album dat makkelijk van de hak op de tak springt en daar moet je van houden.
Lael Neale is na de coronapandemie op het platteland van Virginia blijven hangen, maar had voor haar derde album wat meer nodig dan de fascinerend klinkende omnichord, die het geluid op Acquainted With Night bepaalde. Dit keer trok de Amerikaanse muzikante onder andere gitaren, orgels, een piano, keyboards, drummachines en de fameuze Mellotron uit de kast, maar ook de mellotron duikt nog een enkele keer op.
Star Eaters Delight klinkt een stuk voller dan zijn voorganger, dat de boeken in kan als een typisch lockdown album, maar Lael Neale varieert ook flink met het tempo en de dynamiek in haar songs. Verder is ze zoals gezegd weinig stijlvast op Star Eaters Delight. Wanneer ze kiest voor staccato drums, diepe baslijnen en heerlijk zeurende synths verruilt de Amerikaanse muzikante de folk van haar vorige album voor postpunk en new wave. Dat klinkt in muzikaal opzicht totaal anders dan we van haar gewend zijn, maar haar bijzondere stem is gebleven, waardoor de stijlbreuk ook weer niet volledig is.
Star Eaters Delight bevat overigens ook wat meer folky songs en hier neemt Lael Neale flink de tijd voor, waardoor er slechts ruimte is voor acht songs op haar nieuwe album. In het ruim acht minuten durende In Verona hoor je weer wat meer van de folkie Lael Neale, al zal je de track dankzij de drummachine en de vervreemdende elektronica niet snel meer in de jaren plaatsen. Later op het album kruipt Lael Neale overigens toch weer wat dichter naar de jaren 60 toe.
Star Eaters Delight is nog wat lastiger te verteren dan het vorige album van Lael Neale en ik begrijp de wisselende reacties dan ook wel. Zelf heb ik overigens totaal geen problemen met het in muzikaal opzicht wat wispelturige karakter van Lael Neale. De uptempo songs met een vleugje postpunk en doom bieden een mooi tegenwicht aan de zich langzaam voortslepende en bezwerende songs op het album en in beide uitersten blijken mooie accenten verstopt, die je het best hoort wanneer je het album beluistert met de koptelefoon. Voor een groot publiek springt Lael Neale misschien wat teveel van de hak op de tak, maar voor muziekliefhebbers van wie het best wat eigenzinniger mag is dit een zeer interessant album. Erwin Zijleman
Laetitia Sadier - Rooting for Love (2024)

3,5
0
geplaatst: 1 maart 2024, 13:26 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Laetitia Sadier - Rooting For Love - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Laetitia Sadier - Rooting For Love
Laetitia Sadier is vooral bekend van de band Stereolab, maar ook op haar soloalbums creëert de van oorsprong Franse muzikante een geheel eigen muzikaal universum, dat afwisselend schuurt en betovert
Ik vind de muziek van Laetitia Sadier lang niet altijd makkelijk en ook haar nieuwe album Rooting For Love had weer heel wat luisterbeurten nodig om me te overtuigen. De van oorsprong Franse muzikante experimenteert er stevig op los en combineert verschillende genres tot een bijzonder geluid, dat me dit keer doet denken aan een aantal albums van Serge Gainsbourg van lang geleden, zeker wanneer Laetitia Sadier in het Frans zingt. Het wordt gecombineerd met de karakteristieke stem van de muzikante, die we vooral kennen van de band Stereolab. Ik moest er flink aan wennen, maar ik ben steeds meer gecharmeerd van dit bijzondere album.
De van oorsprong Franse muzikante Laetitia Sadier maakte aan het eind van de jaren 80 deel uit van de cultband McCarthy, maar is natuurlijk vooral bekend van de band Stereolab, die ze aan het begin van de jaren 90 samen met de Britse muzikant Tim Gane formeerde. Stereolab groeide in de jaren 90 uit tot een van de lievelingen van de critici en maakte met name in de eerste tien jaar van haar bestaan een aantal baanbrekende albums, waarop de band een hele batterij aan invloeden verwerkte en een uniek eigen geluid creëerde.
Ook in het huidige millennium maakte Stereolab nog een aantal interessante albums, maar sinds 2010 staat de band op een laag pitje, zeker wanneer het gaat om het maken van nieuwe muziek. Laetitia Sadier maakt sindsdien soloalbums en is actief in een aantal andere projecten. Ik kon niet altijd uit de voeten met de muziek van Stereolab en ook met het solowerk van Laetitia Sadier heb ik vaak wel enige moeite. Dat heeft zeker te maken met de bijzondere mix van invloeden en het experimentele karakter van haar muziek, maar ook de stem van Laetitia Sadier vind ik lang niet altijd aangenaam.
Het deze week verschenen Rooting For Love heb ik dan ook meerdere keren opzij gelegd, maar uiteindelijk intrigeerde het album me steeds meer en groeide mijn liefde voor de nieuwe muziek van Laetitia Sadier. Rooting For Love is de opvolger van het in 2017 onder de naam Laetitia Sadier Source Ensemble uitgebrachte Find Me Finding You, maar vorig jaar bracht de Franse muzikante samen met de Braziliaanse band Mombojó ook een album uit onder de naam Modern Cosmology en stond ze weer op het podium met Stereolab.
Het heeft allemaal niet heel veel invloed gehad op het geluid op Rooting For Love, want het is in alle opzichten een typisch Laetitia Sadier album. Het is een album dat in het verlengde ligt van haar eerdere soloalbums, maar ook echo’s van de muziek van Stereolab zijn duidelijk hoorbaar. Rooting For Love bevat met name invloeden uit de folk, jazz en psychedelica en is hier en daar voorzien van wat exotischer klinkende zonnestralen.
De deels Engelstalige en deels Franstalige songs zoeken hier en daar nadrukkelijk het experiment, waardoor je het album een paar keer moet horen voor alles op zijn plek valt. Vervolgens prikkelt Rooting For Love uitvoerig de fantasie. Het is een album dat hier en daar afkomstig lijkt uit het Parijs van een paar decennia geleden en er is niet veel fantasie voor nodig om je voor te stellen dat Serge Gainsbourg een flinke vinger in de pap had. Ik had bij de muziek van Laetitia Sadier niet eerder associaties met de muziek van Serge Gainsbourg, maar bij beluistering van Rooting For Love zijn ze er volop, wat het album nog wat interessanter maakt.
Rooting For Love is zowel in muzikaal als in vocaal opzicht geen moment alledaags en ook de songs van Laetitia Sadier zijn van een soort dat je niet heel vaak tegen komt. Je moet je open stellen voor de bijzondere songs, muziek en zang van de Franse muzikante, die overigens al sinds haar Stereolab jaren vanuit Londen opereert, maar als je dit doet is de kans groot dat je uiteindelijk wordt beloond. Laetitia Sadier beweegt zich ook met Rooting For Love weer met grote regelmaat buiten mijn muzikale comfort zone, maar ik raak ook steeds meer gesteld op dit bijzondere album. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Laetitia Sadier - Rooting For Love - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Laetitia Sadier - Rooting For Love
Laetitia Sadier is vooral bekend van de band Stereolab, maar ook op haar soloalbums creëert de van oorsprong Franse muzikante een geheel eigen muzikaal universum, dat afwisselend schuurt en betovert
Ik vind de muziek van Laetitia Sadier lang niet altijd makkelijk en ook haar nieuwe album Rooting For Love had weer heel wat luisterbeurten nodig om me te overtuigen. De van oorsprong Franse muzikante experimenteert er stevig op los en combineert verschillende genres tot een bijzonder geluid, dat me dit keer doet denken aan een aantal albums van Serge Gainsbourg van lang geleden, zeker wanneer Laetitia Sadier in het Frans zingt. Het wordt gecombineerd met de karakteristieke stem van de muzikante, die we vooral kennen van de band Stereolab. Ik moest er flink aan wennen, maar ik ben steeds meer gecharmeerd van dit bijzondere album.
De van oorsprong Franse muzikante Laetitia Sadier maakte aan het eind van de jaren 80 deel uit van de cultband McCarthy, maar is natuurlijk vooral bekend van de band Stereolab, die ze aan het begin van de jaren 90 samen met de Britse muzikant Tim Gane formeerde. Stereolab groeide in de jaren 90 uit tot een van de lievelingen van de critici en maakte met name in de eerste tien jaar van haar bestaan een aantal baanbrekende albums, waarop de band een hele batterij aan invloeden verwerkte en een uniek eigen geluid creëerde.
Ook in het huidige millennium maakte Stereolab nog een aantal interessante albums, maar sinds 2010 staat de band op een laag pitje, zeker wanneer het gaat om het maken van nieuwe muziek. Laetitia Sadier maakt sindsdien soloalbums en is actief in een aantal andere projecten. Ik kon niet altijd uit de voeten met de muziek van Stereolab en ook met het solowerk van Laetitia Sadier heb ik vaak wel enige moeite. Dat heeft zeker te maken met de bijzondere mix van invloeden en het experimentele karakter van haar muziek, maar ook de stem van Laetitia Sadier vind ik lang niet altijd aangenaam.
Het deze week verschenen Rooting For Love heb ik dan ook meerdere keren opzij gelegd, maar uiteindelijk intrigeerde het album me steeds meer en groeide mijn liefde voor de nieuwe muziek van Laetitia Sadier. Rooting For Love is de opvolger van het in 2017 onder de naam Laetitia Sadier Source Ensemble uitgebrachte Find Me Finding You, maar vorig jaar bracht de Franse muzikante samen met de Braziliaanse band Mombojó ook een album uit onder de naam Modern Cosmology en stond ze weer op het podium met Stereolab.
Het heeft allemaal niet heel veel invloed gehad op het geluid op Rooting For Love, want het is in alle opzichten een typisch Laetitia Sadier album. Het is een album dat in het verlengde ligt van haar eerdere soloalbums, maar ook echo’s van de muziek van Stereolab zijn duidelijk hoorbaar. Rooting For Love bevat met name invloeden uit de folk, jazz en psychedelica en is hier en daar voorzien van wat exotischer klinkende zonnestralen.
De deels Engelstalige en deels Franstalige songs zoeken hier en daar nadrukkelijk het experiment, waardoor je het album een paar keer moet horen voor alles op zijn plek valt. Vervolgens prikkelt Rooting For Love uitvoerig de fantasie. Het is een album dat hier en daar afkomstig lijkt uit het Parijs van een paar decennia geleden en er is niet veel fantasie voor nodig om je voor te stellen dat Serge Gainsbourg een flinke vinger in de pap had. Ik had bij de muziek van Laetitia Sadier niet eerder associaties met de muziek van Serge Gainsbourg, maar bij beluistering van Rooting For Love zijn ze er volop, wat het album nog wat interessanter maakt.
Rooting For Love is zowel in muzikaal als in vocaal opzicht geen moment alledaags en ook de songs van Laetitia Sadier zijn van een soort dat je niet heel vaak tegen komt. Je moet je open stellen voor de bijzondere songs, muziek en zang van de Franse muzikante, die overigens al sinds haar Stereolab jaren vanuit Londen opereert, maar als je dit doet is de kans groot dat je uiteindelijk wordt beloond. Laetitia Sadier beweegt zich ook met Rooting For Love weer met grote regelmaat buiten mijn muzikale comfort zone, maar ik raak ook steeds meer gesteld op dit bijzondere album. Erwin Zijleman
Lainey Wilson - Whirlwind (2024)

4,5
1
geplaatst: 24 augustus 2024, 10:37 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Lainey Wilson - Whirlwind - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Lainey Wilson - Whirlwind
In 2024 verscheen inmiddels al minstens een handvol geweldige countrypop albums, die nu stevige concurrentie krijgen van het in alle opzichten uitstekende Whirlwind van de zeer getalenteerde Lainey Wilson
In de Verenigde Staten werd Lainey Wilson na haar vorige album overladen met prijzen en daar viel niets op af te dingen. Het heeft de lat hoog gelegd voor haar nieuwe album, maar het deze week verschenen Whirlwind gaat er moeiteloos overheen. Het met haar eigen band en wederom met producer Jay Joyce gemaakte album maakt geen geheim van de liefde van Lainey Wilson voor traditionele countrymuziek, maar de muzikante uit Nashville is ook niet vies van een vleugje pop. Op Whirlwind klinkt Lainey Wilson opvallend energiek en gedreven en slaagt ze er in om song na songs anders te klinken, zonder aan kwaliteit in te boeten. Het levert het volgende fantastische countrypop album van 2024 op.
Vorig jaar werd mijn liefde voor countrypop stevig aangewakkerd door een flink aantal geweldige albums, maar ik heb zeker niet altijd een zwak gehad voor het genre. Zo vind ik Bell Bottom Country van Lainey Wilson inmiddels een van de allerbeste countrypop albums van de afgelopen jaren, maar toen het album aan het eind van 2022 verscheen moest ik er niet zo veel van hebben en selecteerde ik het niet eens voor een recensie.
Daar begrijp ik met de kennis van nu echt helemaal niets van, want Lainey Wilson doet op Bell Bottom Country echt alles goed. Het album bevat vooral invloeden uit de countrymuziek en slechts een klein beetje pop, bevat bijdragen van flink wat gerenommeerde muzikanten en songwriters uit Nashville, is prachtig geproduceerd door Jay Joyce en maakt nog eens indruk met de uitstekende stem van de Amerikaanse muzikante, die geweldig uit kan halen, maar ook prachtig gevoelig kan zingen.
Het bleef in de Verenigde Staten niet onopgemerkt want Lainey Wilson kreeg sindsdien zeven Country Music Association Awards, een Grammy Award en zes Academy of Country Music Awards. Haar nieuwe album Whirlwind was deze week voor mij dan ook het album waar ik het meest naar uit heb gekeken en Lainey Wilson heeft me zeker niet teleurgesteld.
Het is een klein wonder dat de muzikante uit Nashville überhaupt toe kwam aan het opnemen van een nieuw album, want ze stond de afgelopen twee jaar overal en nergens in de Verenigde Staten op het podium, maakte als actrice haar opwachting in de populaire tv-serie Yellowstone en opende ook nog eens een restaurant annex muziekpodium in Nashville.
Whirlwind werd net als Bell Bottom Country geproduceerd door Jay Joyce, die dit keer de gelouterde sessiemuzikanten verving door de vaste band van Lainey Wilson. De songs schreef Lainey Wilson dit keer vooral met haar vaste kompanen Trannie Anderson en Dallas Wilson. Dat scheelt in beide opzichten een heleboel ervaring, maar dat is niet te horen op Whirlwind, dat zich makkelijk kan meten met het terecht zo geprezen Bell Bottom Country.
Ook Whirlwind is een album waarop het etiket countrypop niet misstaat, maar vergeleken met de meeste countrypop albums die de laatste tijd zijn verschenen stopt Lainey Wilson heel veel country en relatief weinig pop in haar songs. Dat is ook niet zo gek, want ze groeide op met traditionele countrymuziek en wist al op jonge leeftijd dat ze countryzangeres wilde worden.
Lainey Wilson kreeg het zeker niet voor niets in Nashville, maar na het succesvolle Bell Bottom Country is het succes verzekerd met Whirlwind, dat ik persoonlijk nog wat hoger aan sla. Door het werken met haar eigen band klinkt Whirlwind nog wat energieker en dat komt terug in de zang, die onmiddellijk in de smaak zal vallen bij liefhebbers van country(pop).
Lainey Wilson laat op Whirlwind wat meer haar eigen gezicht zien en overtuigt met een serie uitstekende en verrassend gevarieerd klinkende songs. Ik heb dit jaar al flink wat favoriete countrypop albums opgepikt en ging er van uit dat de kaarten inmiddels voor een belangrijk deel geschud waren. Het nieuwe album van Lainey Wilson gooit de boel echter aardig overhoop en doet niet onder voor mijn andere favorieten in het genre. In de Verenigde Staten is Lainey Wilson inmiddels een grote ster en dat zal door het uitstekende Whirlwind in Europa binnenkort niet anders zijn. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Lainey Wilson - Whirlwind - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Lainey Wilson - Whirlwind
In 2024 verscheen inmiddels al minstens een handvol geweldige countrypop albums, die nu stevige concurrentie krijgen van het in alle opzichten uitstekende Whirlwind van de zeer getalenteerde Lainey Wilson
In de Verenigde Staten werd Lainey Wilson na haar vorige album overladen met prijzen en daar viel niets op af te dingen. Het heeft de lat hoog gelegd voor haar nieuwe album, maar het deze week verschenen Whirlwind gaat er moeiteloos overheen. Het met haar eigen band en wederom met producer Jay Joyce gemaakte album maakt geen geheim van de liefde van Lainey Wilson voor traditionele countrymuziek, maar de muzikante uit Nashville is ook niet vies van een vleugje pop. Op Whirlwind klinkt Lainey Wilson opvallend energiek en gedreven en slaagt ze er in om song na songs anders te klinken, zonder aan kwaliteit in te boeten. Het levert het volgende fantastische countrypop album van 2024 op.
Vorig jaar werd mijn liefde voor countrypop stevig aangewakkerd door een flink aantal geweldige albums, maar ik heb zeker niet altijd een zwak gehad voor het genre. Zo vind ik Bell Bottom Country van Lainey Wilson inmiddels een van de allerbeste countrypop albums van de afgelopen jaren, maar toen het album aan het eind van 2022 verscheen moest ik er niet zo veel van hebben en selecteerde ik het niet eens voor een recensie.
Daar begrijp ik met de kennis van nu echt helemaal niets van, want Lainey Wilson doet op Bell Bottom Country echt alles goed. Het album bevat vooral invloeden uit de countrymuziek en slechts een klein beetje pop, bevat bijdragen van flink wat gerenommeerde muzikanten en songwriters uit Nashville, is prachtig geproduceerd door Jay Joyce en maakt nog eens indruk met de uitstekende stem van de Amerikaanse muzikante, die geweldig uit kan halen, maar ook prachtig gevoelig kan zingen.
Het bleef in de Verenigde Staten niet onopgemerkt want Lainey Wilson kreeg sindsdien zeven Country Music Association Awards, een Grammy Award en zes Academy of Country Music Awards. Haar nieuwe album Whirlwind was deze week voor mij dan ook het album waar ik het meest naar uit heb gekeken en Lainey Wilson heeft me zeker niet teleurgesteld.
Het is een klein wonder dat de muzikante uit Nashville überhaupt toe kwam aan het opnemen van een nieuw album, want ze stond de afgelopen twee jaar overal en nergens in de Verenigde Staten op het podium, maakte als actrice haar opwachting in de populaire tv-serie Yellowstone en opende ook nog eens een restaurant annex muziekpodium in Nashville.
Whirlwind werd net als Bell Bottom Country geproduceerd door Jay Joyce, die dit keer de gelouterde sessiemuzikanten verving door de vaste band van Lainey Wilson. De songs schreef Lainey Wilson dit keer vooral met haar vaste kompanen Trannie Anderson en Dallas Wilson. Dat scheelt in beide opzichten een heleboel ervaring, maar dat is niet te horen op Whirlwind, dat zich makkelijk kan meten met het terecht zo geprezen Bell Bottom Country.
Ook Whirlwind is een album waarop het etiket countrypop niet misstaat, maar vergeleken met de meeste countrypop albums die de laatste tijd zijn verschenen stopt Lainey Wilson heel veel country en relatief weinig pop in haar songs. Dat is ook niet zo gek, want ze groeide op met traditionele countrymuziek en wist al op jonge leeftijd dat ze countryzangeres wilde worden.
Lainey Wilson kreeg het zeker niet voor niets in Nashville, maar na het succesvolle Bell Bottom Country is het succes verzekerd met Whirlwind, dat ik persoonlijk nog wat hoger aan sla. Door het werken met haar eigen band klinkt Whirlwind nog wat energieker en dat komt terug in de zang, die onmiddellijk in de smaak zal vallen bij liefhebbers van country(pop).
Lainey Wilson laat op Whirlwind wat meer haar eigen gezicht zien en overtuigt met een serie uitstekende en verrassend gevarieerd klinkende songs. Ik heb dit jaar al flink wat favoriete countrypop albums opgepikt en ging er van uit dat de kaarten inmiddels voor een belangrijk deel geschud waren. Het nieuwe album van Lainey Wilson gooit de boel echter aardig overhoop en doet niet onder voor mijn andere favorieten in het genre. In de Verenigde Staten is Lainey Wilson inmiddels een grote ster en dat zal door het uitstekende Whirlwind in Europa binnenkort niet anders zijn. Erwin Zijleman
Lamb - Backspace Unwind (2014)

4,0
0
geplaatst: 27 oktober 2014, 15:10 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Lamb - Backspace Unwind - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Ik dacht eerlijk gezegd dat Lamb al jaren geleden was opgedoekt, maar het duo bestaat nog steeds of in ieder geval weer.
Heel rouwig was ik een paar jaar geleden overigens niet om het vermeende uit elkaar vallen van Lamb, want de chemie tussen Louise Rhodes en Andrew Barlow leek verdwenen, waardoor platen van het kaliber van Lamb (1996), Fear of Fours (1999) en What Sound (2001) er niet meer in zaten.
Bovendien leverde Louise Rhodes de afgelopen jaren als Lou Rhodes een drietal geweldige platen af, waarop ze zich manifesteerde als een bijzonder talentvolle folkie. Drie jaar na het laatste wapenfeit van Lou Rhodes moeten we het echter weer doen met een nieuwe plaat van Lamb en die valt helemaal niet tegen.
Op Backspace Unwind gaat Lamb verder waar het een aantal jaren geleden ophield, met het verschil dat de chemie tussen Andrew Barlow en Louise Rhodes weer helemaal terug is. Aan het Lamb recept is in al die jaren overigens niet zo gek veel veranderd. Andrew Barlow zorgt op Backspace Unwind voor de elektronica, Louise Rhodes voor de vocalen.
De elektronica is zoals gewoonlijk veelzijdig en varieert van stevige beats en industriële klanken tot atmosferische klankentapijten en mooie gloedvolle pianoklanken. Dit alles wordt vervolgens aan elkaar gebreid met duistere geluidsmuren en tegendraadse ritmes. Door de inventieve klanken van Andrew Barlow klinkt iedere track op de plaat weer net wat anders, waardoor Backspace Unwind blijft boeien.
Bij de beluistering van de plaat valt trouwens op dat Andrew Barlow een meester is in het plaatsen van de juiste accenten, maar dat hij op hetzelfde moment de kunst van het weglaten uitstekend beheerst. Backspace Unwind heeft hierdoor een mooi open geluid waarin veel ruimte wordt open gelaten voor de vocalen van Louise Rhodes.
De bijzondere stem van Louise Rhodes is nog altijd de perfecte aanvulling op de elektronische muziek van Lamb, waardoor beide elkaar versterken. Louise Rhodes is in de loop der tijd steeds beter gaan zingen en trekt de songs op Backspace Unwind op imponerende wijze naar zich toe. Hier en daar heeft het zelfs wel wat van de muziek van Portishead en steekt Louise Rhodes Beth Gibbons nadrukkelijk naar de kroon, zeker als ze piept en kraakt en Andrew Barlow wonderschone klanken uit zijn batterij elektronica tovert.
In muzikaal opzicht zoekt Lamb nog altijd de gulden middenweg tussen dance en trip hop en in beide genres kan het duo uitstekend uit de voeten. Backspace Unwind is een spannende en avontuurlijke plaat die een stuk avontuurlijker is dan de meeste andere platen in het genre en ook nog eens wordt voorzien van geweldige vocalen.
Na de geweldige folkplaten van Louise Rhodes vond ik het even lastig om haar weer in de elektronische setting van Lamb te waarderen, maar ik was uiteindelijk toch vrij snel om. Backspace Unwind is een fascinerende plaat die als je het mij vraagt niet onder doet voor het beste werk van Lamb. Dat is een prestatie die ik eerlijk gezegd niet meer van Andrew Barlow en Louise Rhodes had verwacht. Ik had het niet verwacht, maar ik ben er heel blij mee. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Lamb - Backspace Unwind - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Ik dacht eerlijk gezegd dat Lamb al jaren geleden was opgedoekt, maar het duo bestaat nog steeds of in ieder geval weer.
Heel rouwig was ik een paar jaar geleden overigens niet om het vermeende uit elkaar vallen van Lamb, want de chemie tussen Louise Rhodes en Andrew Barlow leek verdwenen, waardoor platen van het kaliber van Lamb (1996), Fear of Fours (1999) en What Sound (2001) er niet meer in zaten.
Bovendien leverde Louise Rhodes de afgelopen jaren als Lou Rhodes een drietal geweldige platen af, waarop ze zich manifesteerde als een bijzonder talentvolle folkie. Drie jaar na het laatste wapenfeit van Lou Rhodes moeten we het echter weer doen met een nieuwe plaat van Lamb en die valt helemaal niet tegen.
Op Backspace Unwind gaat Lamb verder waar het een aantal jaren geleden ophield, met het verschil dat de chemie tussen Andrew Barlow en Louise Rhodes weer helemaal terug is. Aan het Lamb recept is in al die jaren overigens niet zo gek veel veranderd. Andrew Barlow zorgt op Backspace Unwind voor de elektronica, Louise Rhodes voor de vocalen.
De elektronica is zoals gewoonlijk veelzijdig en varieert van stevige beats en industriële klanken tot atmosferische klankentapijten en mooie gloedvolle pianoklanken. Dit alles wordt vervolgens aan elkaar gebreid met duistere geluidsmuren en tegendraadse ritmes. Door de inventieve klanken van Andrew Barlow klinkt iedere track op de plaat weer net wat anders, waardoor Backspace Unwind blijft boeien.
Bij de beluistering van de plaat valt trouwens op dat Andrew Barlow een meester is in het plaatsen van de juiste accenten, maar dat hij op hetzelfde moment de kunst van het weglaten uitstekend beheerst. Backspace Unwind heeft hierdoor een mooi open geluid waarin veel ruimte wordt open gelaten voor de vocalen van Louise Rhodes.
De bijzondere stem van Louise Rhodes is nog altijd de perfecte aanvulling op de elektronische muziek van Lamb, waardoor beide elkaar versterken. Louise Rhodes is in de loop der tijd steeds beter gaan zingen en trekt de songs op Backspace Unwind op imponerende wijze naar zich toe. Hier en daar heeft het zelfs wel wat van de muziek van Portishead en steekt Louise Rhodes Beth Gibbons nadrukkelijk naar de kroon, zeker als ze piept en kraakt en Andrew Barlow wonderschone klanken uit zijn batterij elektronica tovert.
In muzikaal opzicht zoekt Lamb nog altijd de gulden middenweg tussen dance en trip hop en in beide genres kan het duo uitstekend uit de voeten. Backspace Unwind is een spannende en avontuurlijke plaat die een stuk avontuurlijker is dan de meeste andere platen in het genre en ook nog eens wordt voorzien van geweldige vocalen.
Na de geweldige folkplaten van Louise Rhodes vond ik het even lastig om haar weer in de elektronische setting van Lamb te waarderen, maar ik was uiteindelijk toch vrij snel om. Backspace Unwind is een fascinerende plaat die als je het mij vraagt niet onder doet voor het beste werk van Lamb. Dat is een prestatie die ik eerlijk gezegd niet meer van Andrew Barlow en Louise Rhodes had verwacht. Ik had het niet verwacht, maar ik ben er heel blij mee. Erwin Zijleman
Lambchop - FLOTUS (2016)
Alternatieve titel: For Love Often Turns Us Still

4,0
0
geplaatst: 10 november 2016, 17:07 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Lambchop - FLOTUS - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Lambchop werd in 1993 opgericht in Nashville, Tennessee, en is inmiddels dus hard op weg naar zijn 25e verjaardag.
Het heeft tot dusver een dozijn platen opgeleverd en het zijn allemaal platen van een bijzonder hoog niveau, waartussen het heel lastig kiezen is (mijn favorieten zijn Nixon uit 2000 en Is A Woman uit 2002, maar het verschil met alle andere platen is uiterst klein).
Lambchop is tegenwoordig wat minder productief dan in haar jongere jaren, waardoor we ruim vierenhalf jaar hebben moeten wachten op de opvolger van Mr. M uit 2012.
Lambchop ontwikkelde gedurende haar bestaan een uniek eigen geluid dat met een beetje fantasie is te omschrijven als rijk georkestreerde country. Het is een geluid waar de band op FLOTUS (For Love Often Turns Us Stil) van af stapt, want op haar nieuwe plaat klinkt Lambchop vooral anders. Heel anders zelfs.
FLOTUS valt op door een warm en organisch geluid, dat voor Lambchop begrippen behoorlijk sober gearrangeerd is. De warme en organische klanken met vooral invloeden uit de jazz en de R&B worden gecombineerd met subtiele elektronica, wat een aangenaam en smaakvol geluid oplevert dat zich over meerdere genres uitsmeert.
Hoewel FLOTUS in muzikaal opzicht een flink ander geluid heeft dan de vorige platen van de band, zit het grootste verschil in de vocalen. Kurt Wagner maakt op de nieuwe plaat van Lambchop gebruikt van elektronische hulpmiddelen en zet veelvuldig de Auto-Tune in. Dat laatste instrument wordt vooral gebruikt door popprinsessen die niet kunnen zingen, maar Kurt Wagner gebruikt de moderne technologie om meerdere klankkleuren uit zijn wat eenvormige strot te krijgen.
Het is een experiment dat Lambchop naast respect ook flink wat kritiek oplevert. Ik zie niet zelden zo sterk uiteenlopende recensies. De een vindt het prachtig, de ander vindt het bagger van de meest afgrijselijke soort, waarbij opvalt dat de Amerikaanse pers lyrisch is en de Europese pers uiterst kritisch.
Ik ben FLOTUS zelf pas gaan waarderen toen ik de plaat niet als Lambchop plaat beluisterde, maar als een op zichzelf staand werk. Ik ben nog steeds niet altijd gecharmeerd van de stemvervormingen op de plaat, maar in de meeste gevallen vind ik ze nu functioneel en perfect aansluiten op het bijzondere klankentapijt.
Het is een klankentapijt dat het uitstekend doet op kille avonden of donkere nachten en dat mij 70 minuten vermaakt en stiekem ook steeds meer intrigeert (en opvallend genoeg deels op dezelfde wijze als de ook vorige week verschenen plaat van Jim James). Toch weer een fascinerende stap van deze bijzondere band uit Nashville dus. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Lambchop - FLOTUS - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Lambchop werd in 1993 opgericht in Nashville, Tennessee, en is inmiddels dus hard op weg naar zijn 25e verjaardag.
Het heeft tot dusver een dozijn platen opgeleverd en het zijn allemaal platen van een bijzonder hoog niveau, waartussen het heel lastig kiezen is (mijn favorieten zijn Nixon uit 2000 en Is A Woman uit 2002, maar het verschil met alle andere platen is uiterst klein).
Lambchop is tegenwoordig wat minder productief dan in haar jongere jaren, waardoor we ruim vierenhalf jaar hebben moeten wachten op de opvolger van Mr. M uit 2012.
Lambchop ontwikkelde gedurende haar bestaan een uniek eigen geluid dat met een beetje fantasie is te omschrijven als rijk georkestreerde country. Het is een geluid waar de band op FLOTUS (For Love Often Turns Us Stil) van af stapt, want op haar nieuwe plaat klinkt Lambchop vooral anders. Heel anders zelfs.
FLOTUS valt op door een warm en organisch geluid, dat voor Lambchop begrippen behoorlijk sober gearrangeerd is. De warme en organische klanken met vooral invloeden uit de jazz en de R&B worden gecombineerd met subtiele elektronica, wat een aangenaam en smaakvol geluid oplevert dat zich over meerdere genres uitsmeert.
Hoewel FLOTUS in muzikaal opzicht een flink ander geluid heeft dan de vorige platen van de band, zit het grootste verschil in de vocalen. Kurt Wagner maakt op de nieuwe plaat van Lambchop gebruikt van elektronische hulpmiddelen en zet veelvuldig de Auto-Tune in. Dat laatste instrument wordt vooral gebruikt door popprinsessen die niet kunnen zingen, maar Kurt Wagner gebruikt de moderne technologie om meerdere klankkleuren uit zijn wat eenvormige strot te krijgen.
Het is een experiment dat Lambchop naast respect ook flink wat kritiek oplevert. Ik zie niet zelden zo sterk uiteenlopende recensies. De een vindt het prachtig, de ander vindt het bagger van de meest afgrijselijke soort, waarbij opvalt dat de Amerikaanse pers lyrisch is en de Europese pers uiterst kritisch.
Ik ben FLOTUS zelf pas gaan waarderen toen ik de plaat niet als Lambchop plaat beluisterde, maar als een op zichzelf staand werk. Ik ben nog steeds niet altijd gecharmeerd van de stemvervormingen op de plaat, maar in de meeste gevallen vind ik ze nu functioneel en perfect aansluiten op het bijzondere klankentapijt.
Het is een klankentapijt dat het uitstekend doet op kille avonden of donkere nachten en dat mij 70 minuten vermaakt en stiekem ook steeds meer intrigeert (en opvallend genoeg deels op dezelfde wijze als de ook vorige week verschenen plaat van Jim James). Toch weer een fascinerende stap van deze bijzondere band uit Nashville dus. Erwin Zijleman
