MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten deric raven als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Twain - Rare Feeling (2017)

poster
4,0
Sommige albums blijven om onverklaarbare redenen te lang in de kast liggen. Als je deze dan op een druilerige middag aan een luisterbeurt onderwerpt, valt alles op z’n plek. De juiste setting kan hierbij zo onbevangen werken. De hoogste tijd om nu nog even stil te staan bij Rare Feeling. Het brein achter het uit Brooklyn afkomstige Twain is Mat Davidson, deze veelzijdige instrumentenbespeler was ook te horen op Smart Flesh van The Low Anthem. Samen met Peter Pezzimenti op drum en keyboard en bassist Ken Woodward wordt er twee jaar lang gesleuteld in verschillende studio’s in thuisbasis New York en New England. Deze mellow, lazy americana sound is een perfecte soundtrack van een community waarbij het leven zich langzaam voortzet. Als er maar aan de basisvoorzieningen wordt voorzien, dan is het al snel goed. Of je nu de hele dag hard gewerkt hebt, of lui zit te dagdromen voor een caravan, maakt hier niks uit. Voordat de zon onder gaat, wordt er bij elkaar aangesloten om bij een kampvuur gezamenlijk muziek te maken. Zo ongedwongen komt het over. Volgens mij vind Davidson het ook allemaal prima. Bij de vorige twee Twain platen Love Is All Around en Life Labors in the Choir heeft hij gekozen om niet in zee te gaan met een platenmaatschappij, en het mooi gemakkelijk in eigen beheer te laten. Bij Rare Feeling kiest hij voor het kleine Keeled Scales label.

De soulvolle invulling van vocalist Davidson geeft Solar Pilgrim een groots geluid waarmee hij zich met gemak kan meten aan de baanbrekende grondleggers in dit genre. Het vermogen om als verhaal verteller de aandacht direct op je te richten lijkt eenvoudig, maar komt al snel gemaakt over. De oprechtheid waarmee er hier voorgedragen wordt is de juiste directe benadering voor dit soort klaagzang nummers. Mooi sfeervol passen de gitaren er tussen, en om de eentonigheid tegen te gaan wordt er flink op de pedalen van het orgel getrapt. The Sorcerer krijgt door de droge ritmische begeleiding een oud aandienende aanpak. Doordat Davidson meer de lijntjes inkleurt als zanger komt het net wat minder oprecht over. Dat zet hij echter wel eventjes recht in de hoge uithalen, die alle aandacht opeisen. De country knauw is aanwezig in Little Dog Mind, samen met de prairiehonden huilt Davidson naar de maan. Een engelachtig koor met slide gitaar doet mij verlangen naar oldschool Lassie. Hank & Georgia zou gezien kunnen worden als een bezwerend gezongen ode aan Hank Williams. Nog steeds door velen gezien als de grondlegger van de hedendaagse country.

Het dromerige simpel gehouden als lullaby gebrachte Freed from Doubt straalt het beschermende uit, als vader na een dag werken liefkozend zijn slapende kind zachtjes toezingt, en er een glimlach om de gesloten mond ontstaat. Vervolgens wordt de versterker aangesloten, er na een paar testcases gaat het vervolgens heerlijk los in het zwaar en smerig aangezette Rare Feeling v. 2. Ook hier haalt Twain met gemak het niveau van hedendaagse indiebandjes die opereren volgen het countryrock principe. Nu pas laat Davidson horen dat hij het soleren op een elektrische gitaar in alle fineness beheerst. Meer down to earth is het rustige Black Chair met het jazzy driekwartsmaat ritme als intro. Functioneel op de plek waar normaal One, Two, Three, One, Two, Three, wordt geroepen. Als een speelse wals laat de track zich openbaren. Het zoete Dear Mexico (Thank You for Joyce) is een net te vrolijk liefdesliedje. Net zoals er genoeg heartbreakers in de wereld zijn, zijn er fools in love. Zelf gaat bij mij de voorkeur uit naar het verdriet, misschien wel de reden dat dit nummer mij het minste doet. Good Old Friend laat zijn kracht gelijk horen in de sterke gitaarakkoorden, met slide uithalen. Eigenlijk staan alle instrumenten hier als een huis. Functioneel als de smaakmakers in deze waardige afsluiter. Voor mij is Rare Feeling niet de zoveelste americana plaat, daarvoor stijgt hij wel boven het gemiddelde uit.

Twain - Rare Feeling | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Tweedy - Sukierae (2014)

poster
2,5
Zouden vader en zoon Tweedy met temperaturen zoals die wij hier nu hebben tot laat in de avond buiten op de veranda door brengen?
Biertje erbij, papa pakt de gitaar uit de serre, terwijl er door het andere familielid wat wordt mee getrommeld op de houten bank waar ze op zitten.
Is er na het voltooien van een sixpack Heineken daar ergens in Illinois besloten om de creativiteit wat verder te ontplooien?
Sukierae klinkt als een huiskamerproject.
Er zitten smerige gitaarsolo’s in verwerkt, maar verder is het wel rommelig.
Spencer Tweedy is geen muzikant, zijn drums missen de nodige spanning.
Jeff is uiteraard wel een geniale songsmid.
Hopelijk beschouwt hij dit ook als een leuk eenmalige familie aangelegenheid.

Twelfth Night - Twelfth Night (1986)

Alternatieve titel: The Virgin Album

poster
2,5
Twelfth Night is mij vandaag getipt, vanwege de New Wave invloeden die er in verwerkt zitten.
Ik moest even goed luisteren, maar hoor het er wel in terug.
Het is in eerste instantie progrock wat je hoort.
Last Song klinkt behoorlijk clean, maar je hoort wel wat Spandau Ballet en Ultravox er in terug.
Pressure heeft het bombastische van Frankie Goes to Hollywood, en het funky Duran Duran geluid.
Ook aan een nummer als The Motive van Then Jericho moet ik denken, en dan vooral door de positief klinkende zang.
Maar misschien klinkt het mij net allemaal iets te commercieel, bijna Top 40 achtig.
Dan draai ik uit deze periode net wat liever Grace Under Pressure van Rush; ook daar is het New Wave geluid aanwezig, maar is het eindresultaat net wat minder glad.
Het huwelijk tussen progrock en hitgevoelige new wave hield niet lang stand, een jaar later werden de scheidingspapieren al getekend.
Maar volgens mij gingen ze wel als vrienden uit elkaar.

Two Shell - Two Shell (2024)

poster
3,5
Nadat Daft Punk zichzelf letterlijk opblies is er nu weer een nieuwe danceact die in de anonimiteit opereert en zich achter gekleurde overvallersbivakmutsen verschuilt. Two Shell is een mysterieus tweetal, al houden Patrick Lewis en Jack Benson hun identiteit niet lang verborgen. De hype is in ieder geval geboren en levert meer dan genoeg aandacht en gespreksstof op.

De tracktitels zijn veelal net zo raadselachtig als de antihelden personages achter Two Shell, en vaak ook nog eens lastig uitspreekbaar. Het draait dus vooral om de muziek, de rest is minder relevant. Het liefste zou Two Shell hun albums illegaal onder de toonbank van een op dance gerichte platenzaak verkopen. Gewoon voor de fun aan de plaatselijke diskjockey die deze dan op een underground rave draait om het publiek op te hitsen. Two Shell biedt een totaalpakket aan, met de trance, het opzwepende en de cooling down op de afterparty. Een hoog Summer Of Love gehalte met geestverruimende middelen en een anarchistische attitude.

Je moet er niet teveel achter zoeken, maar als journalist wil je zo goed je best doen om het surrealistische Two Shell debuut te begrijpen en te analyseren. Two Shell heeft hier waarschijnlijk geen boodschap aan en lacht zich kapot. Fraai hoe ze het serieuze mediacircus bespelen en in interviews, inclusief geheimhoudingsplicht, doodleuk het geduld op de proef stellen en via mails antwoord geven. Het is een vreemd gezelschap, maar wel een komisch schijt aan de wereld gezelschap. Cyberpunkers die juist in het tijdperk van sociale media zich niet aan die regels houden. Al jouw gegevens liggen op straat en Two Shell verzet zich tegen deze gang van zaken. Geniaal, of juist een vervelende houding tegenover de pers. Ik mag deze gasten wel. Je bent bijna bang dat de plaat zichzelf na een eerste luisterbeurt volgens Inspector Gadget voorwaardes vernietigd, maar zo groot is de grap ook weer niet.

Verknipte buitenaardse stemvervormers en een op de achtergrond rond ratelende junglebreak introduceren het / symbool. De aftrap welke vervolgens naar de retro Come to Terms clubhouse leidt. De vloer is lava en nodigt uit om te bewegen. Het leven in een eindeloze mix, het repeat knopje ingedrukt. Zelfbewuste new age passages en gedachte vermoordende terreur aanslagen en dat alles in een track samengebracht. In het aanstekelijke uitnodigende (Rock✧Solid) neemt de Master Of Ceremony het over. Het is net te fragmentarisch om van een geheel te spreken, en misschien is dat ook wel de opzet, het uitgangspunt van Two Shell.

Vanuit de digitale snelweg landt een alien op aarde met de opdracht om onrust te zaaien. In Hurt Somebody smeekt zijn vredelievende stem om begrip. Diezelfde zachtheid nomineert in het hyperactieve doorgedraaide Be Gentle with Me. Moet je veel achter het verbindende Everybody Worldwide zoeken of is het slechts een eenvoudige marketingtruc om de plaat te verkopen? Het met klassiek pianospel startende ₊˚⊹Gimmi It heeft heuse songstructuren totdat ze de aanval openen en een leger aan breakbeats op los laten. Het schreeuwerige irritante /Inside// is een commerciële zelfmoord, snel vergeten dus.

De tribal Dreamcast percussie verkeerd in de hoogste versnelling en ook nu racen ze zichzelf (bewust?) voorbij. Stars… schittert in een duizelingwekkende speedgarage sterrenhemel. Een dreigende nachtelijke onweersbui die door de Be Somebody vrijkaart onderbroken wordt. Bij deze Kings Of Leon cover (nou ja cover) is nog wat herkenbaars hoorbaar, al wordt het zodanig uitgeperst dat er van de door de poriën van Caleb Followill gedragen beladen voordracht bar weinig overblijft.

Muziek is een kunstvorm. De Velvet Underground bananenhoes van Andy Warhol is ook een memorabel meesterwerk. Tegenwoordig kan je als multimiljonair een bananen duct tape kunstwerk voor zes miljoen Euro kopen en thuis in alle rust opeten. Waar ligt de grens van deze bananenrepubliek gekte. Mad Powers regeren en bepalen de verscheurde gestoordheid van de maatschappij. Laten we stellen dat Mirror deze paranoïde gestoordheid weerspiegeld. Toch levert Two Shell niet de gehoopte bevredigende reactie op, het is net te vaag en onsamenhangend. En de grap dan? Die is al vaker en beter verteld.

Two Shell - Two Shell | Electronic | Written in Music - writteninmusic.com

Ty Segall - Three Bells (2024)

poster
3,5
Na het elektronisch psychedelische Harmonizer spacerock gefreak en het akoestische solo ingespeelde “Hello, Hi” verlang je toch wel naar een ouderwetse garagerockende Ty Segall plaat. Natuurlijk zitten de omstandigheden niet mee, en mogen we van geluk spreken dat hij tijdens de pandemie beperkingen zo productief blijft. Het zorgt er in ieder geval voor dat het voor de veelzijdige multi-instrumentalist niet meer vanzelfsprekend is dat al zijn werk klakkeloos opgepakt wordt. Het dichter bij zichzelf liggende Three Bells moet die berg opnieuw beklimmen en die aansluiting bij platen als Emotional Mugger, Manipulator en het geslaagde Fuzz project evenaren dan wel omver blazen.

De Three Bells symboliek staat in het geloof vaak voor de geboorte, het huwelijk en de dood. Zelf ga ik er vanuit dat het met de relatie tussen Ty Segall en zijn vrouwlief Denée wel oké zit, ze overtuigt op het Feel Good prijsnummer van Harmonizer en ook hier is ze nadrukkelijk prominent in Move en het door orgel aangestuwde Denée liefdeseerbetoon aanwezig. Och, misschien staat de hele Three Bells opzet hier wel los van, Ty Segall laat zijn volgelingen lekker speculeren en geeft verder weinig bloot. Het is in ieder geval een terugblik op zijn bestaan, en waar hij nu in zijn leven staat. Ook hierin verschilt hij niks met zijn collega muzikanten, vrijwel elke inspiratie komt uit bezinning, liefde, geluk en verdriet voort. Maar laten we het vooral over de muziek van het ruim een uur aantikkende Three Bells hebben, die nummers zijn namelijk over het algemeen behoorlijk noemenswaardig.

Ty Segall vind zijn gelijke in de net zo veelzijdige Cooper Crain, die hier niet alleen de rol als producer vervult, maar tevens de nodige instrumentaria voor zijn rekening neemt. Emmett Kelly buigt zich over de baspartijen, terwijl Ty Segall niet enkel zijn gitaar laat spreken, maar net als bij Fuzz vanachter het drumstel zich in de structuurlijnen of juist het ontbreken hiervan, verdiept. Levert dit een spannend geheel op, waarbij het avontuurlijke speelgenot weer heerst? Het zijn op papier namelijk een stelletje krachtpatsers die elkaar met de stimulerende wisselwerking van de verschillende wendingen aftroeven. Staat er aan de andere kant van de regenboog een kist met goud of juist een hallucinerende pot aan toverdrank te wachten? Of is het eerder een samenvoeging van beiden? Hebben we met gezichtsbedrog te maken? Luchtkastelen die als los zand in elkaar denderen?

Tijdens het meesterlijke The Bell dreig je in hallucinerend droomwereld drijfzand weg te zakken, waarbij onheil loert en Emmett Kelly het af te leggen pad met zijn dieptes nivelleert. Het is een heerlijke laag liggende wolkendek song met de nodige broeierigheid waarvoor vooral die bas van Emmett Kelly verantwoordelijk is. De seventies psychedelica basis heeft de nodige grunge uitvluchten en zelfs Radiohead achtige Paranoid Android progrock kronkelingen. Ty Segall heeft zijn huiswerk weer eens goed gemaakt. Vanuit die geestverruimende middelenroes is het nog maar een kleine stap naar het wegzwevende luchtledige Void gevaarte. Heerlijk trippend de zwaartekracht trotseren, en geduldig afwachten waar de reis je naar toe brengt, en waar deze eindigt. Eigenlijk overstijgt het nergens het jamsessie niveau en in het geval van Ty Segall is dit vaak een meerwaarde. Hij zoekt het experiment niet op, maar laat het gewoon gecontroleerd gebeuren.

Three bells ringing
Vibration
Noise
Resistant Impedance
Wrap the curtain that shades
And…
Release, realize you are still
Now, silent being
No more reason
Only joy

We ontwaken in een vreugdevolle genotstoestand, en stappen voorzichtig het onwetende binnen.

Glamrock songs met een heuse sexappeal uitstraling, het kraakt en schuurt van alle kanten. Als een zwerm moordzuchtige roofvogels gieren de gitaarsalvo’s je tijdens I Hear om de oren. Three Bells laat zich als een Desert Session opname lezen. Alsof Josh Homme Ty Segall ergens in een geblindeerde woestijnbunker heeft opgesloten, welke hij pas mag verlaten als hij tot tevredenheid een album voltooit heeft. Het potige My Best Friend bezit iets van het groovende Queens Of The Stone Age baanwerk, maar dan wel met de Primus funkcross-over gekte. De connectie met de jaren zeventig hardrock wordt dus door de nodige stoner psychedelica ingeruild. Stiekem flirt de muzikant in Reflections nog met een handvol aan Oosterse bedwelmende postpunk riffs, waarna hij in Move door vrouwlief zelf tot orde geroepen wordt. Het is de sensualiteit van Denée die al het voorgaande overstijgt, wat een stoere rockchick is dat toch. Mag die dame in het vervolg niet gewoon op een hele plaat de duo zangpartijen verzorgen?

Bij het toegankelijke In My Room Bed-ins for Peace hoogstandje sluit hij zich als een junkie met pleinvrees tevreden van de buitenwereld af. Three Bells is een veelkleurige caleidoscoop welke steeds andere vormen aanneemt, soms adembenemend mooi, maar ook soms hoekig afstotend lelijk. Het lukt Ty Segall namelijk niet helemaal om een vuist te maken. Het flauwe Eggman stelt tekstueel bar weinig voor en verzandt uiteindelijk in lawaaierige industrial noisy stofwolken. Het langdradige Watcher blijft stroef steken en komt net als het repeterende Repetition maar niet op gang. Ergens in de hoek ligt nog afgedankte elektronisch Harmonizer prullaria welke bij To You goed te pas komt.

Wait, met dat geduldig afwachten ben ik ondertussen ook wel klaar. Ty Segall houdt de luisteraar voor de gek, want op het moment dat je dreigt af te haken tovert hij weer een geweldige hallucinerende solo tevoorschijn. Dat getuigt van het feit dat hij nog steeds een van de betere gitaristen van zijn tijd is. Maar misschien dringt de Ty Segall vermoeidheid ook bij de maker zelf door. De goede man teert net iets te lang op zijn cultstatus privileges en dan is ruim een uur aandachtig luisteren een behoorlijke lange zit.

Ty Segall - Three Bells | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Type O Negative - October Rust (1996)

poster
4,0
Donkere wouden in Scandinavië.
Eeuwenoude eiken die daar hun laatste jaren slijten.
Pensioenleeftijd al lang bereikt.
Als wijze druïdes waken ze over jonge breekbare sparren.
Vergelijkbaar met kwetsbare pubermeisjes.
Boomholtes als gapende vagina’s.
Onaangetast, net een maagdenvlies.
Breed gespierde houthakkers worstelen zich door de dichtgegroeide plantenmassa.
Bewakend met bijl, hakmes en kettingzaag.
Zichzelf open snijdend aan protesterende doornenstruiken.
Weerstaand biedend tegen de beulen der natuurschoon.
Binnen een uur is het gebeurd.
Totale verwoesting.
Sappen sijpelen uit ontwrichte takken.
Op het donkergroene mosdek vormen ze een soort van bloedspoor.
Tranen in de vorm van zure regen dalen neder.
Exit October Rust.

Type O Negative probeert zich kwetsbaar op te stellen.
Meer diepgang en gevoel in de nummers.
Directheid heeft plaats gemaakt voor emoties.
De man van Staal opent zijn ziel.
Bewust van zijn eigen sterfelijkheid.
Juist deze reus zou op jonge leeftijd als een Goliath geveld worden.
David zou zich als een hartaanval melden.
Gun hem een rustplaats onder een hunebed.
Want ergens geloof ik in sterke gebondenheid met de natuur.
Anders kun je dat thema niet zo mooi verwoorden in een herfst album.
Peter Steele ontwikkelde zich als roofdier tijdens Carnivore tot de Green Man.
Menselijker.
Al blijft zijn voorliefde voor vrouwelijk schoon aanwezig.
Getuige nummers als Red Water en My Girlfriend’s Girlfriend.
Blijft natuurlijk een ladykiller.

Zijn gemis is groot.
Net als zijn gestalte en persoonlijkheid.
Juist nu het weer begint te veranderen.
Is zijn kille stemgeluid voelbaar.
IJzig als de eerste vrieskou.

R.I.P.

Typhoon - Lobi da Basi (2014)

poster
4,0
Zo !!!!!