Hier kun je zien welke berichten deric raven als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Jacco Gardner - Cabinet of Curiosities (2013)

3,0
0
geplaatst: 15 februari 2013, 01:08 uur
Jacco Gardner wordt de hemel in geschreven, en Cabinet of Curiosities moet raakvlakken hebben met The Piper at the Gates of Dawn van Pink Floyd.
Die mening deel ik niet geheel, Pink Floyd zette daarmee wel een harder en meer psychedelischer geluid neer.
Watching The Moon is een uitzondering, die heeft wat weg van een tragere Astronomy Domine.
The Doors hoor je inderdaad er ook in terug, maar dan in The Riddle, dat haperende orgeltje zit ook in nummers als You're Lost Little Girl en Alabama Song.
Ik hoor een typische Excelsior artiest, die prima in het rijtje Daryll-Ann, Ceasar en Johan en past.
Het grote verschil is dat de gitaren hier niet op de voorgrond treden.
De stem van Jacco doet mij ook regelmatig aan die van Damon Albarn van Blur denken, en muzikaal lijkt het op het Franse Air.
Zeker ook geen misselijke artiesten.
Hoe dan ook, een prima plaatje uit de Excelsiorstal.
Die mening deel ik niet geheel, Pink Floyd zette daarmee wel een harder en meer psychedelischer geluid neer.
Watching The Moon is een uitzondering, die heeft wat weg van een tragere Astronomy Domine.
The Doors hoor je inderdaad er ook in terug, maar dan in The Riddle, dat haperende orgeltje zit ook in nummers als You're Lost Little Girl en Alabama Song.
Ik hoor een typische Excelsior artiest, die prima in het rijtje Daryll-Ann, Ceasar en Johan en past.
Het grote verschil is dat de gitaren hier niet op de voorgrond treden.
De stem van Jacco doet mij ook regelmatig aan die van Damon Albarn van Blur denken, en muzikaal lijkt het op het Franse Air.
Zeker ook geen misselijke artiesten.
Hoe dan ook, een prima plaatje uit de Excelsiorstal.
Jacco Wynia - Climate Changes (2019)

4,0
0
geplaatst: 6 oktober 2020, 14:44 uur
Men is zich steeds bewuster van het feit dat de wereld aan het veranderen is. Niet alleen door wereldleiders die in eigen winstbelang handelen, waardoor er een verharding plaatsvindt. De weersomstandigheden worden hierdoor juist kwetsbaarder en weker. Met het onvoorspelbare toekomstbeeld wordt er krampachtig vastgehouden aan het conservatieve tijdsbeeld. Er wordt gevochten voor een betere toekomst; voor onze kinderen en de natuur. Deze strijd is hoorbaar in de nieuwe EP van Jacco Wynia; simpelweg Climate Changes geheten.
Toch is het te gemakkelijk om zich voornamelijk op deze problematiek te richten. Climate Changes staat ook voor de drang om muzikaal te vernieuwen. Jacco komt met dit vervolg op Discomfort weer een stap dichterbij om de samensmelting van klassiek en pop te voltooien. Het hokjesdenken is toe aan vervaging. Terwijl het Verenigd Koninkrijk de grenzen krampachtig dicht houdt wil dit alsmaar groeiende piano talent juist de boel open breken.
Durf breder te kijken, durf breder te denken. Hijzelf heeft de volgende stap gezet. Was zijn vorige plaat nog een troostvolle verwerkingsplaat, nu zet hij aan tot actie. De zwart-witte toetsen zijn voor hem een hulpmiddel geweest tot zelfontplooiing, nu is het aan de luisteraar om hiermee verder aan de slag te gaan. Probeer om niet zwart-wit in het leven te staan, maar omarm de kansen.
De beelden van animator Bram Knol brengen een vloeiend landschap tot leven in Storm Coming. Er staat een figuur centraal die de omgeving in controle lijkt te hebben, terwijl de componist zich wel bewust is van het dreigende allesvernietigende gevaar. Het is New Age voor gevorderden. Mooi om je een te voelen met de bomen om je heen, nu is de volgende stap om ze te blijven voeden en te beschermen. Spiritualiteit omgedoopt tot realiteitswaanzin.
De storm woedt vooral in de componist. De behoefte om te veranderen en te vernieuwen staat misschien nog wel meer centraal als de klimaatthematiek. Na de rust en het rond dwarrelende geluidsscala gaat het over in het gejaagdere titelstuk Climate Changes. Met het getik op de piano wordt een tijdbom in werking gesteld. Als een zwerm vogels met angstig vluchtgedrag zoeken rondvliegende klanken een uitweg.
No Way Round is de acceptatie en bezinning. Technisch gezien de meest boeiendste passage. De trieste sfeer die wordt ingezet is de overtreffende stap van de voorstudie Discomfort. Het ongemakkelijke is hem eigen geworden en mag afgesloten worden. Jacco Wynia zet een forse stap vooruit met deze sterk overtuigende EP. Het vooruitzicht is dat deze groei voorlopig nog meer tot bloei zal komen.
Jacco Wynia - Climate Changes | Klassiek | Written in Music - writteninmusic.com
Toch is het te gemakkelijk om zich voornamelijk op deze problematiek te richten. Climate Changes staat ook voor de drang om muzikaal te vernieuwen. Jacco komt met dit vervolg op Discomfort weer een stap dichterbij om de samensmelting van klassiek en pop te voltooien. Het hokjesdenken is toe aan vervaging. Terwijl het Verenigd Koninkrijk de grenzen krampachtig dicht houdt wil dit alsmaar groeiende piano talent juist de boel open breken.
Durf breder te kijken, durf breder te denken. Hijzelf heeft de volgende stap gezet. Was zijn vorige plaat nog een troostvolle verwerkingsplaat, nu zet hij aan tot actie. De zwart-witte toetsen zijn voor hem een hulpmiddel geweest tot zelfontplooiing, nu is het aan de luisteraar om hiermee verder aan de slag te gaan. Probeer om niet zwart-wit in het leven te staan, maar omarm de kansen.
De beelden van animator Bram Knol brengen een vloeiend landschap tot leven in Storm Coming. Er staat een figuur centraal die de omgeving in controle lijkt te hebben, terwijl de componist zich wel bewust is van het dreigende allesvernietigende gevaar. Het is New Age voor gevorderden. Mooi om je een te voelen met de bomen om je heen, nu is de volgende stap om ze te blijven voeden en te beschermen. Spiritualiteit omgedoopt tot realiteitswaanzin.
De storm woedt vooral in de componist. De behoefte om te veranderen en te vernieuwen staat misschien nog wel meer centraal als de klimaatthematiek. Na de rust en het rond dwarrelende geluidsscala gaat het over in het gejaagdere titelstuk Climate Changes. Met het getik op de piano wordt een tijdbom in werking gesteld. Als een zwerm vogels met angstig vluchtgedrag zoeken rondvliegende klanken een uitweg.
No Way Round is de acceptatie en bezinning. Technisch gezien de meest boeiendste passage. De trieste sfeer die wordt ingezet is de overtreffende stap van de voorstudie Discomfort. Het ongemakkelijke is hem eigen geworden en mag afgesloten worden. Jacco Wynia zet een forse stap vooruit met deze sterk overtuigende EP. Het vooruitzicht is dat deze groei voorlopig nog meer tot bloei zal komen.
Jacco Wynia - Climate Changes | Klassiek | Written in Music - writteninmusic.com
Jacco Wynia - Discomfort (2019)

3,5
0
geplaatst: 6 oktober 2020, 16:20 uur
Dat de van oorsprong in het bescheiden Barneveld opgroeiende Jacco Wijnia, tegenwoordig omgedoopt tot Wynia, bij zijn aanmelding aan de Rockacademie beweerde dat hij nog nooit van de Stones en Beatles gehoord had werkte niet in zijn voordeel. In welke grot heb je geleefd als deze grootheden je niet bekend zijn, zeker bij een opleiding waar de popmuziek centraal staat. Anderzijds zal de muzikant genoeg klassieke componisten als voorbeeld hebben, die bij mij de nodige vraagtekens oproepen. Met zijn ietwat nerderige uitstraling zal hij tevens indruk maken bij de hipsters. Deze langharige dertiger behoort bij de nieuwe lichting artiesten die wellicht in staat zal zijn om een brug te bouwen tussen zijn klassieke en de meer popgerichte achtergrond. Melodia Melancholia zou prima als basis voor een top 40 song kunnen dienen.
Hoe gedurfd is het om zelf aan de slag te gaan met sfeervolle instrumentale prachtstukken, waarbij hij alle vrijheid van beleving bij de luisteraar legt. Het persoonlijk leed wordt hier niet versterkt door woorden. Het is prima om te weten dat hij de nodige shit in zijn omgeving heeft meegemaakt, maar is dat een meerwaarde? Natuurlijk zal het zijn naasten troost geven. Discomfort staat vooral voor de ongemakkelijke situatie waarin iedereen wel eens verkeerd. Al direct bij It’s Complicated and That’s Fine worden begrippen als onmacht, vergeving, rust, hoop en verdriet onbewust dan wel bewust opgeroepen. De aarzelingen in zijn pianospel geven de essentiële keuzes in het leven zin en uitleg. Met de nodige twijfel wordt zorgvuldig telkens weer een richting gekozen.
De minder statische houding zal een voortvloeisel zijn welke versterkt is op de Rockacademie. Juist de creativiteit staat hier meer centraal. Ook een conservatorium richt zich tegenwoordig steeds meer op een bredere benadering. Door zijn werkervaring als muziekdocent blijft hij scherp en jong van geest. Het speelse, luchtige spel krijgt accentveranderingen in de duistere onderlaag, zoals duidelijk voelbaar in de trieste tonen van Obscurite Illume. De passie zit weggestopt in de verborgen diepgang met zijn vluchtige uitwegen. Hoe bewonderenswaardig is het om er ook hier weer een positieve wending aan te geven met het vrolijke tussenspel. Zelfs technisch klinkende schoonheidsfouten worden niet weg gewerkt. De menselijke kracht verwerkt in kwetsbaarheid en sterfelijkheid.
Het is te simpel om zijn muziek te plaatsen onder new age, klassiek of mediterende heling. De complexiteit wordt niet opgezocht in lastig te plaatsen tracks, maar juist meer in kleine tempowisselingen die minuscule veranderingen verbergen. Door niet in bombastische passages de weg kwijt te raken blijft er continu binding met de luisteraar. Contact is waarschijnlijk het best gekozen kernwoord. Emoties mogen opgeroepen worden, en er is ruimte om deze te uiten. Het doel van Jacco Wynia is niet gericht om deze een definitieve plek te geven, hij wil juist dat je elke keer stil staat bij de momenten in het leven die daarbij passen. Discomfort is daar een mooi handboek voor.
Jacco Wynia - Discomfort | Eigentijds | Written in Music - writteninmusic.com
Hoe gedurfd is het om zelf aan de slag te gaan met sfeervolle instrumentale prachtstukken, waarbij hij alle vrijheid van beleving bij de luisteraar legt. Het persoonlijk leed wordt hier niet versterkt door woorden. Het is prima om te weten dat hij de nodige shit in zijn omgeving heeft meegemaakt, maar is dat een meerwaarde? Natuurlijk zal het zijn naasten troost geven. Discomfort staat vooral voor de ongemakkelijke situatie waarin iedereen wel eens verkeerd. Al direct bij It’s Complicated and That’s Fine worden begrippen als onmacht, vergeving, rust, hoop en verdriet onbewust dan wel bewust opgeroepen. De aarzelingen in zijn pianospel geven de essentiële keuzes in het leven zin en uitleg. Met de nodige twijfel wordt zorgvuldig telkens weer een richting gekozen.
De minder statische houding zal een voortvloeisel zijn welke versterkt is op de Rockacademie. Juist de creativiteit staat hier meer centraal. Ook een conservatorium richt zich tegenwoordig steeds meer op een bredere benadering. Door zijn werkervaring als muziekdocent blijft hij scherp en jong van geest. Het speelse, luchtige spel krijgt accentveranderingen in de duistere onderlaag, zoals duidelijk voelbaar in de trieste tonen van Obscurite Illume. De passie zit weggestopt in de verborgen diepgang met zijn vluchtige uitwegen. Hoe bewonderenswaardig is het om er ook hier weer een positieve wending aan te geven met het vrolijke tussenspel. Zelfs technisch klinkende schoonheidsfouten worden niet weg gewerkt. De menselijke kracht verwerkt in kwetsbaarheid en sterfelijkheid.
Het is te simpel om zijn muziek te plaatsen onder new age, klassiek of mediterende heling. De complexiteit wordt niet opgezocht in lastig te plaatsen tracks, maar juist meer in kleine tempowisselingen die minuscule veranderingen verbergen. Door niet in bombastische passages de weg kwijt te raken blijft er continu binding met de luisteraar. Contact is waarschijnlijk het best gekozen kernwoord. Emoties mogen opgeroepen worden, en er is ruimte om deze te uiten. Het doel van Jacco Wynia is niet gericht om deze een definitieve plek te geven, hij wil juist dat je elke keer stil staat bij de momenten in het leven die daarbij passen. Discomfort is daar een mooi handboek voor.
Jacco Wynia - Discomfort | Eigentijds | Written in Music - writteninmusic.com
Jack Garratt - Love, Death & Dancing (2020)

4,0
0
geplaatst: 4 oktober 2020, 19:48 uur
Een aantal jaar geleden vertelde een goede vriendin mij vol enthousiasme over het waanzinnige concert wat ze gezien had van de nieuwste grote belofte uit Groot Brittannië. Zelf ben ik wat huiverig als artiesten zo gehypet en de hemel in geschreven worden. De intensiteit van deze veelvoudige instrumentalist Jack Garratt moet op het podium al veel heftiger zijn geweest dan op zijn hoog gewaardeerde debuut Phase. Toen hij al direct in 2016 de Brit Award voor nieuw talent binnen haalde werd de druk op de artiest erg hoog. Gigantisch hoog zelfs. De veerkracht van die lat staat op het punt om te knakken, en schijnbaar gebeurde dat daadwerkelijk bij deze ongekende veelzijdige muzikant.
Het leverde zoveel spanning op dat de spontaniteit en onbevangenheid plaats maakt voor een onmogelijk waar te maken drang tot perfectionisme. Het wordt beangstigend stil rondom de persoon Jack Garratt. Ik hou dan ook mijn hart vast als bij het eerste teken van leven gesproken wordt over de neerwaartse spiraal waarin hij beland is. Zijn zelfbeeld is gevormd door het verwachtingspatroon en de beklemmende onnatuurlijke inspiratiedrift die hij zich oplegt. Het is vooral een persoonlijke plaat geworden. Een bijna fatale fase waar Jack Garratt zich doorheen vecht. Wat doet het pijn als hij zichzelf neerzet als een wegwerpproduct.
Als er dan gesproken wordt over platen vullend materiaal dat in de prullenbak is verdwenen, komt de twijfel in mij opzetten. Hebben we hier te maken met een eendagsvlieg die het niet meer in de vingers heeft? De excuses die opgeofferd worden om hem kwetsbaar en geloofwaardig op te stellen kunnen ook het tegenover gestelde effect opleveren. Voor mij een overduidelijk teken om extra kritisch te luisteren naar Love, Death & Dancing.
Dat hier tevens zijn gedesulisioneerde visie op het uitgaansleven een rol in speelt is een vervelende bijkomstigheid. Zijn emoties die niet voelbaar overkomen bij het publiek wat er steeds meer op uit zijn om een geslaagde avond te hebben, maar waarbij de muziek maar bijzaak is. Een harde constatering, waarmee hij wel direct de getroffen kern raakt. De frustratie om te verdwijnen in de schaduw van zijn toehoorders, die zichzelf steeds meer tot de voorgrond opdringen. Het uitgangspunt waarmee hij noodgedwongen aftrapt in Return Them To The One.
De bezieling wordt overstemd door een veelvoud aan geluidseffecten om de inhoud te camoufleren. Een overvloed aan overdonderende effecten, pompende breakbeats en overstuurde blazers in Return Them To The One heeft een gevaarlijke wisselwerking. Het begin is prachtig, maar als snel gaat het over in een rituele duiveluitdrijving. Een bewuste valse start waarmee hij iedereen in verwarring achterlaat. Deze komt wel eventjes binnen zeg, en suist nog erg lang na. Het bijzondere ritmische spanningsveld in Get In The Way sluit hier heel sterk op aan, om vervolgens over te gaan in een spirituele biecht om met zichzelf in het reine te komen.
Na deze constatering in de openingstrack volgen de depressies die hem als een ernstig ziek persoon aan zijn bed doet kluisteren. Waarschijnlijk heeft hij dat breekpunt al eerder op het podium gehad. Een leegte welke als een ziektekiem in zijn psyche binnen dringt, en zich voed met zijn gemoedsstemming. Het diepe dal rijkt zelfs zo diep dat hij van onder de grond toekijkt op zijn eigen grafschrift in She Will Lay My Body on the Stone.
De lastige tweede plaat wordt overspoeld door een dieper, zwaar randje. Een beproeving waar je echt doorheen moet bijten. Er zit nog veel meer soul in Love, Death & Dancing dan in Phase, maar je moet er voor open staan om je mee te laten voeren in de verbitterende maar tevens optimistische preek waarmee uiteindelijk in Only the Bravest wordt afgesloten. Naast de herkenbare elektronica plaatsen zich op het album schreeuwende gitaaruithalen, die zijn gekwetste ziel bloot leggen.
Maar het tevens in alle opzichten ook een opbeurend geheel geworden. Zoals de titel al aangeeft, moet er ook ruimte zijn om te dansen, iets waar het uitnodigende Better zeker om vraagt. Dans om te vergeten, dans om verdere stappen in het leven te zetten. Wie dieper op zijn teksten inhaakt, komt echter al snel tot de conclusie dat het een verborgen vorm van escapisme betreft.
Jack Garratt heeft zijn eigen The Rise and Fall of Ziggy Stardust and the Spiders from Mars afgeleverd, waarbij de te stoppen band symbool staat voor het eenmansproject en de keuze om uiteindelijk door te gaan met het leven. En dat maakt het allemaal zo lastig. Val je voor de sympathie van Jack Garrett, of ga je het vooral vergelijken met het indrukwekkende debuut. Reëel gezien komt hij daar maar sporadisch dicht bij in de buurt. Het is voornamelijk eigenbelang om zijn overwinning op de binnen getrokken demonen te vieren.
Jack Garratt - Love, Death & Dancing | Electronic | Written in Music - writteninmusic.com
Het leverde zoveel spanning op dat de spontaniteit en onbevangenheid plaats maakt voor een onmogelijk waar te maken drang tot perfectionisme. Het wordt beangstigend stil rondom de persoon Jack Garratt. Ik hou dan ook mijn hart vast als bij het eerste teken van leven gesproken wordt over de neerwaartse spiraal waarin hij beland is. Zijn zelfbeeld is gevormd door het verwachtingspatroon en de beklemmende onnatuurlijke inspiratiedrift die hij zich oplegt. Het is vooral een persoonlijke plaat geworden. Een bijna fatale fase waar Jack Garratt zich doorheen vecht. Wat doet het pijn als hij zichzelf neerzet als een wegwerpproduct.
Als er dan gesproken wordt over platen vullend materiaal dat in de prullenbak is verdwenen, komt de twijfel in mij opzetten. Hebben we hier te maken met een eendagsvlieg die het niet meer in de vingers heeft? De excuses die opgeofferd worden om hem kwetsbaar en geloofwaardig op te stellen kunnen ook het tegenover gestelde effect opleveren. Voor mij een overduidelijk teken om extra kritisch te luisteren naar Love, Death & Dancing.
Dat hier tevens zijn gedesulisioneerde visie op het uitgaansleven een rol in speelt is een vervelende bijkomstigheid. Zijn emoties die niet voelbaar overkomen bij het publiek wat er steeds meer op uit zijn om een geslaagde avond te hebben, maar waarbij de muziek maar bijzaak is. Een harde constatering, waarmee hij wel direct de getroffen kern raakt. De frustratie om te verdwijnen in de schaduw van zijn toehoorders, die zichzelf steeds meer tot de voorgrond opdringen. Het uitgangspunt waarmee hij noodgedwongen aftrapt in Return Them To The One.
De bezieling wordt overstemd door een veelvoud aan geluidseffecten om de inhoud te camoufleren. Een overvloed aan overdonderende effecten, pompende breakbeats en overstuurde blazers in Return Them To The One heeft een gevaarlijke wisselwerking. Het begin is prachtig, maar als snel gaat het over in een rituele duiveluitdrijving. Een bewuste valse start waarmee hij iedereen in verwarring achterlaat. Deze komt wel eventjes binnen zeg, en suist nog erg lang na. Het bijzondere ritmische spanningsveld in Get In The Way sluit hier heel sterk op aan, om vervolgens over te gaan in een spirituele biecht om met zichzelf in het reine te komen.
Na deze constatering in de openingstrack volgen de depressies die hem als een ernstig ziek persoon aan zijn bed doet kluisteren. Waarschijnlijk heeft hij dat breekpunt al eerder op het podium gehad. Een leegte welke als een ziektekiem in zijn psyche binnen dringt, en zich voed met zijn gemoedsstemming. Het diepe dal rijkt zelfs zo diep dat hij van onder de grond toekijkt op zijn eigen grafschrift in She Will Lay My Body on the Stone.
De lastige tweede plaat wordt overspoeld door een dieper, zwaar randje. Een beproeving waar je echt doorheen moet bijten. Er zit nog veel meer soul in Love, Death & Dancing dan in Phase, maar je moet er voor open staan om je mee te laten voeren in de verbitterende maar tevens optimistische preek waarmee uiteindelijk in Only the Bravest wordt afgesloten. Naast de herkenbare elektronica plaatsen zich op het album schreeuwende gitaaruithalen, die zijn gekwetste ziel bloot leggen.
Maar het tevens in alle opzichten ook een opbeurend geheel geworden. Zoals de titel al aangeeft, moet er ook ruimte zijn om te dansen, iets waar het uitnodigende Better zeker om vraagt. Dans om te vergeten, dans om verdere stappen in het leven te zetten. Wie dieper op zijn teksten inhaakt, komt echter al snel tot de conclusie dat het een verborgen vorm van escapisme betreft.
Jack Garratt heeft zijn eigen The Rise and Fall of Ziggy Stardust and the Spiders from Mars afgeleverd, waarbij de te stoppen band symbool staat voor het eenmansproject en de keuze om uiteindelijk door te gaan met het leven. En dat maakt het allemaal zo lastig. Val je voor de sympathie van Jack Garrett, of ga je het vooral vergelijken met het indrukwekkende debuut. Reëel gezien komt hij daar maar sporadisch dicht bij in de buurt. Het is voornamelijk eigenbelang om zijn overwinning op de binnen getrokken demonen te vieren.
Jack Garratt - Love, Death & Dancing | Electronic | Written in Music - writteninmusic.com
Jacob Alon - In Limerence (2025)

3,5
1
geplaatst: 11 juni 2025, 21:51 uur
Muzikanten als de Schotse Jacob Alon moet je koesteren. Niet alleen vanwege het muzikale talent, maar vooral vanwege de breekbare zielenpijn. Hoe mooi popfolk album In Limerence ook in elkaar steekt, het is vooral de onderliggende hulpvraag die mijn aandacht trekt.
Als je op je debuutplaat over de terugkerende nachtelijke onrust, partydrugs als vervanging voor de liefde (Liquid Gold 25) en de roes van antidepressiva (Sertraline) zingt is er iets gruwelijk mis. Het door Dan Carey geproduceerde In Limerence is een schrijnende verslaglegging van een gebrek aan weerbaarheid.
Dit is melancholie ten top. Innerlijke twijfel omgezet in een brok aan emotie. Toch zit er tussen die zwaarte genoeg hoop verscholen. De jazzy aanpak breekt door de wolken heen en laat de zon laagdrempelig schijnen. Wat is het toch met deze romantische kwelgeesten, die dit gebrek aan liefde en de opvulling met leegte zo kunnen verwoorden.
Jacob Alon staat nog bij het startsein van het leven, en bezit nu al het vermogen om je zo te ontroeren. Het liefste wil je een arm om hem heen slaan, stil koesterend vertroetelen en die aandacht geven. Juist door het gebruik van thuisopnames waar je nog een ongeschonden jeugdige Jacob Alon hoort, maken het allemaal zo lastig. Ergens moet het goed fout zijn gegaan.
In het rustige Of Amber liefdesliedje zit een vreemde avontuurlijke twist als de slidegitaar er een spookachtige zilveren glans overheen legt. Het zijn de verlokkingen van de nacht, onheilspellend en donker. Een muzikaal hoogtepunt, wat hij vervolgens niet meer benadert.
Het is vrij heftig. Don’t Fall Asleep verlangt naar het moment dat de geest haar gastheer verlaat en het lichaam koud aanvoelt. De angst voor het onbekende. Het is schrijnend hoe Jacob Alon zich door het nummer heen jammert. Geen gehuil in stilte, juist die tranen de vrije loop laten. De hoge kopstem raakt je diep in je hart. Daar zit de kracht, al doet die muzikale hemelse instrumentatie ook veel. Het is de interactie waarbij dit samen komt.
Jacob Alon wordt nu al met de grote singer-songwriters vergeleken, dat is mij te voorbarig. Zelf heb ik meer met de meer geaarde nummers als het licht optimistische I Couldn’t Feed Her, zeker als hij de zwaarte van zijn vocale vermogen opzoekt, of het verhalend realistische Confession. Door het veelvoud aan geloofsverwijzingen ligt In Limerence in het verlengde van zijn Amerikaanse collega’s, daar leeft die aanpak veel meer dan in Groot Brittannië. Het is vooral de triestheid van zijn korte vertellingen wat empathie en sympathie oproept.
In Limerence is een droomdebuut, maar die traditionele herkenbare dromerigheid mag hij in het vervolg wegfilteren. Het mag best wat directer en kaler. Er zijn teveel zangers met een soort van identiek stemgeluid, Jacob Alon maakt voor mij nog niet het grote verschil.
Jacob Alon - In Limerence | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Als je op je debuutplaat over de terugkerende nachtelijke onrust, partydrugs als vervanging voor de liefde (Liquid Gold 25) en de roes van antidepressiva (Sertraline) zingt is er iets gruwelijk mis. Het door Dan Carey geproduceerde In Limerence is een schrijnende verslaglegging van een gebrek aan weerbaarheid.
Dit is melancholie ten top. Innerlijke twijfel omgezet in een brok aan emotie. Toch zit er tussen die zwaarte genoeg hoop verscholen. De jazzy aanpak breekt door de wolken heen en laat de zon laagdrempelig schijnen. Wat is het toch met deze romantische kwelgeesten, die dit gebrek aan liefde en de opvulling met leegte zo kunnen verwoorden.
Jacob Alon staat nog bij het startsein van het leven, en bezit nu al het vermogen om je zo te ontroeren. Het liefste wil je een arm om hem heen slaan, stil koesterend vertroetelen en die aandacht geven. Juist door het gebruik van thuisopnames waar je nog een ongeschonden jeugdige Jacob Alon hoort, maken het allemaal zo lastig. Ergens moet het goed fout zijn gegaan.
In het rustige Of Amber liefdesliedje zit een vreemde avontuurlijke twist als de slidegitaar er een spookachtige zilveren glans overheen legt. Het zijn de verlokkingen van de nacht, onheilspellend en donker. Een muzikaal hoogtepunt, wat hij vervolgens niet meer benadert.
Het is vrij heftig. Don’t Fall Asleep verlangt naar het moment dat de geest haar gastheer verlaat en het lichaam koud aanvoelt. De angst voor het onbekende. Het is schrijnend hoe Jacob Alon zich door het nummer heen jammert. Geen gehuil in stilte, juist die tranen de vrije loop laten. De hoge kopstem raakt je diep in je hart. Daar zit de kracht, al doet die muzikale hemelse instrumentatie ook veel. Het is de interactie waarbij dit samen komt.
Jacob Alon wordt nu al met de grote singer-songwriters vergeleken, dat is mij te voorbarig. Zelf heb ik meer met de meer geaarde nummers als het licht optimistische I Couldn’t Feed Her, zeker als hij de zwaarte van zijn vocale vermogen opzoekt, of het verhalend realistische Confession. Door het veelvoud aan geloofsverwijzingen ligt In Limerence in het verlengde van zijn Amerikaanse collega’s, daar leeft die aanpak veel meer dan in Groot Brittannië. Het is vooral de triestheid van zijn korte vertellingen wat empathie en sympathie oproept.
In Limerence is een droomdebuut, maar die traditionele herkenbare dromerigheid mag hij in het vervolg wegfilteren. Het mag best wat directer en kaler. Er zijn teveel zangers met een soort van identiek stemgeluid, Jacob Alon maakt voor mij nog niet het grote verschil.
Jacob Alon - In Limerence | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Jacob Bellens - Trail of Intuition (2018)

3,0
0
geplaatst: 7 oktober 2020, 14:17 uur
De in Sneslev geboren Deense Singer Songwriter Jacob Bellens heeft al de nodige muzikale marathon kilometers opgebouwd. Bijna gelijktijdig maakt hij rond 2005 een start met het meer melancholische Murder en het stuk toegankelijkere I Got You On Tape. Bij deze bands is hij te horen op totaal zeven albums, maar zijn creativiteit blijkt verder te rijken. Het vermogen om hedendaagse verhaaltjes van hedendaagse personen om te smeden tot songs bezit hij als geen ander. Zijn observatie dwingt hem om zich af te sluiten van de buitenwereld en als een artiest zijn zichtwijze om te zetten tot tracks. Heel slim weet hij door deze werkmethode zijn eigen ik buiten beschouwing te houden. Verwacht daar geen autobiografische nummers, maar wel beschreven situaties waar Jacob Bellens als buitenstaander getuige van is geweest.
In 2012 komt zijn eerste solo album The Daisy Age uit, en ondertussen is afgelopen jaar nummer vier verschenen; Trail of Intuition. Hij heeft qua geluid een middenweg gevonden tussen de twee bandjes, en zet dit evenwichtiger om in eigen solo producties. De zelf bepalende rol geeft meer lucht, er moet minder rekening gehouden worden met andere muzikanten. Ondanks hele toegankelijke radiovriendelijke werkstukken als All The Songs en titelstuk Trail Of Intuition is gekozen voor variatie op deze plaat. Wel wekt het de indruk dat hij zich hier een stuk openlijker presenteert dan in groepsverband. Goed mogelijk dat het privé allemaal meer op rolletjes loopt, en dat hij zich niet achter andere karakters hoeft te verschuilen. Hoe mooi eigenlijk om deze kant van Jacob Bellens te mogen ervaren. Ida Marie Arendt en Kirstine Elise Pedersen geven met klassiek pianospel en strijkers bepaalde tracks meer zeggenschap. De rockkant verdwijnt nog meer naar de achtergrond, en juist deze geschoolde muzikanten geven het een onverwachte wending door het gelijk al in Sunrise in East meer als echte popmuziek te laten klinken.
Toch wordt er goed afgewogen wat elke song afzonderlijk nodig heeft, want de elektronica wordt ook niet genegeerd. Renegade is een zweverig, ruimtelijk geprogrammeerd stuk happiness met terug kerende oerknal. De vocalen van een Europe’s Burning doen mij minder, maar de synths en drums komen wel hierop het beste tot hun recht. Het gedragen More Than Anything en meer verstilde One of a Kind vragen juist om een aanpak, die meer in het verlengde zit van Murder. Jacob Bellens blijft het weemoedige nog steeds beheersen, hier grijpt hij er gericht naar terug. Bij Sound Of Laughter slaat hij de plank volledig mis. Had dit voor veel geld aan de een of andere Boyband verkocht inclusief de privileges om dit onder hun eigen naam uit te brengen.
Trail of Intuition is een behoorlijke gemakkelijke plaat geworden van een muzikant die tot veel meer in staat hoort te zijn. Zijn emotionele aanpak bij Murder wordt gewaardeerd, zelfs I Got You On Tape levert indrukwekkendere albums op. Hier vallen vooral More Than Anything en One of a Kind op, niet door hun veelzijdigheid, maar het zijn de puurste tracks. Laat het volgende project er alstublieft weer een met Murder zijn.
Jacob Bellens - Trail of Intuition | Pop | Written in Music - writteninmusic.com
In 2012 komt zijn eerste solo album The Daisy Age uit, en ondertussen is afgelopen jaar nummer vier verschenen; Trail of Intuition. Hij heeft qua geluid een middenweg gevonden tussen de twee bandjes, en zet dit evenwichtiger om in eigen solo producties. De zelf bepalende rol geeft meer lucht, er moet minder rekening gehouden worden met andere muzikanten. Ondanks hele toegankelijke radiovriendelijke werkstukken als All The Songs en titelstuk Trail Of Intuition is gekozen voor variatie op deze plaat. Wel wekt het de indruk dat hij zich hier een stuk openlijker presenteert dan in groepsverband. Goed mogelijk dat het privé allemaal meer op rolletjes loopt, en dat hij zich niet achter andere karakters hoeft te verschuilen. Hoe mooi eigenlijk om deze kant van Jacob Bellens te mogen ervaren. Ida Marie Arendt en Kirstine Elise Pedersen geven met klassiek pianospel en strijkers bepaalde tracks meer zeggenschap. De rockkant verdwijnt nog meer naar de achtergrond, en juist deze geschoolde muzikanten geven het een onverwachte wending door het gelijk al in Sunrise in East meer als echte popmuziek te laten klinken.
Toch wordt er goed afgewogen wat elke song afzonderlijk nodig heeft, want de elektronica wordt ook niet genegeerd. Renegade is een zweverig, ruimtelijk geprogrammeerd stuk happiness met terug kerende oerknal. De vocalen van een Europe’s Burning doen mij minder, maar de synths en drums komen wel hierop het beste tot hun recht. Het gedragen More Than Anything en meer verstilde One of a Kind vragen juist om een aanpak, die meer in het verlengde zit van Murder. Jacob Bellens blijft het weemoedige nog steeds beheersen, hier grijpt hij er gericht naar terug. Bij Sound Of Laughter slaat hij de plank volledig mis. Had dit voor veel geld aan de een of andere Boyband verkocht inclusief de privileges om dit onder hun eigen naam uit te brengen.
Trail of Intuition is een behoorlijke gemakkelijke plaat geworden van een muzikant die tot veel meer in staat hoort te zijn. Zijn emotionele aanpak bij Murder wordt gewaardeerd, zelfs I Got You On Tape levert indrukwekkendere albums op. Hier vallen vooral More Than Anything en One of a Kind op, niet door hun veelzijdigheid, maar het zijn de puurste tracks. Laat het volgende project er alstublieft weer een met Murder zijn.
Jacob Bellens - Trail of Intuition | Pop | Written in Music - writteninmusic.com
Jacob D. Edward - Borderline (2025)

3,5
0
geplaatst: 16 maart 2025, 19:28 uur
Om dichtbij je diepste gevoelens te komen, werkt het goed om een confrontatie aan te gaan. In gespreksvorm klapt een slachtoffer vaak dicht en kom je geen stap verder. Dan pak je een papier en schrijf je de emoties uit. De behandelaar heeft hierdoor een basis waaruit hij een therapeutisch behandelplan kan opstellen. De uit Volendam afkomstige singer-songwriter Jack Deen kruipt in zijn alter ego Jacob D. Edwards en geeft als dit personage zijn ziel bloot. Borderline biedt geen antwoorden, het zijn veelal geschiedvertellingen die hem verder in dit proces helpen. Hoe bijzonder is het dat hij deze intimiteit vervolgens met de luisteraar deelt?
Tussen de regels door lees je bij Sophie Take Me Dancing dat het niet alleen in zijn hoofd een grote warboel is. Deze ellende zet zich in verwaarlozing voort en het daaruit voortkomende isolement. Een pijnlijke constatering en de juiste keuze dat hij nu met zichzelf aan de slag gaat. Dat opruimen begint met het leeg maken van die overvolle hersenspinsels om deze vervolgens met stukjes aan positief zelfbeeld te vullen. Helpt muziek maken hierbij? Absoluut! Langzaamaan komt de binding met de maatschappij en het gevoel van waardigheid weer terug. Verwacht dus geen krachtig statement, juist breekbare kwetsbaarheid staat centraal. In deze donkere depressieve zonloze dagen is het gemakkelijker om je met Jacob D. Edwards te identificeren. Bijna iedereen is dan een beetje een kluizenaar die naar wat daglicht verlangt.
Op Valentijnsdag staat de liefde centraal en in het geval van Jacob D. Edwards is dat zijn liefde voor muziek. De Bordeline albumrelease is een persoonlijke overwinning die hij dan heugelijk viert. De voordracht van de Sophie Take Me Dancing folk song straalt positiviteit uit en alleen dat is al winst. In veel poëten schuilt een romanticus en in de Musings countryfolk richt hij zich op het heimelijke verlangen naar een ander. Hier ligt die extreme verlatingsangst hem in de weg, die het vrijwel onmogelijk maakt om een relatie aan te gaan. Ook dit gegeven hoort in het borderliner totaalpakket thuis. Jacob D. Edwards moet leren om zichzelf te accepteren, van zichzelf te houden, dan is er pas plaats voor gedeelde liefde. Musings is de twijfel om het introverte karakter open te breken en zijn vuile was buiten te hangen.
Na dit persoonlijke relaas volgt het dieptrieste ontkrachtende Chorus, dat overduidelijk over eenzaamheid, jezelf wegcijferen en het feit dat de omgeving je vergeet, handelt. Feestdagen hebben geen zeggingskracht en meerwaarde meer. Zijn trouwe metgezel Leonard Cohen draait rondjes op de draaitafel, net zolang totdat de naald hem niet meer weet te raken. Gelukkig krijgt dit een heerlijk uptempo vervolg in het licht evangelische Self Portrait. In de duisternis bewapent de zanger zich met hoop om de ochtend te trotseren. Ook In Nomine Patris en het bezinnende zware En Route To The End zoeken het heil in het geloof, een luisterend oor om tot rust te komen. Iedereen heeft zijn zwaktes, perfectie bestaat simpelweg niet. Het schrijnend verhalende Medley benadrukt dit alleen maar, het eindeloos aan nummers sleutelen heeft geen zin.
Il Miglior Fabbro Francis Alban Blake is een waardige eerbetoon gericht aan de filosofische kunstenaar Frans de Blaak die een paar jaar geleden van de aardbodem verdween. Zijn vermoedelijke bewust gekozen dood is hierdoor een groot mysterie. Het postuum verschenen Passages wordt ook door Written In Music niet vergeten en ook Jacob D. Edwards getuigt zijn liefde voor deze bijzondere muzikant. Na het prachtige met mondharmonica inleidende intro van Medusa, volgt de stelling dat je een vriend met stabiliteit nodig hebt om je kijk op kwesties te veranderen. Zo cliché, maar oh zo waar. Na het afbrokkelende verleden begint de Restatement of Romance heroverweging om zich te herpakken. Borderline is een moedige plaat van een moedige artiest.
Jacob D. Edward - Borderline | Roots | Written in Music - writteninmusic.com
Tussen de regels door lees je bij Sophie Take Me Dancing dat het niet alleen in zijn hoofd een grote warboel is. Deze ellende zet zich in verwaarlozing voort en het daaruit voortkomende isolement. Een pijnlijke constatering en de juiste keuze dat hij nu met zichzelf aan de slag gaat. Dat opruimen begint met het leeg maken van die overvolle hersenspinsels om deze vervolgens met stukjes aan positief zelfbeeld te vullen. Helpt muziek maken hierbij? Absoluut! Langzaamaan komt de binding met de maatschappij en het gevoel van waardigheid weer terug. Verwacht dus geen krachtig statement, juist breekbare kwetsbaarheid staat centraal. In deze donkere depressieve zonloze dagen is het gemakkelijker om je met Jacob D. Edwards te identificeren. Bijna iedereen is dan een beetje een kluizenaar die naar wat daglicht verlangt.
Op Valentijnsdag staat de liefde centraal en in het geval van Jacob D. Edwards is dat zijn liefde voor muziek. De Bordeline albumrelease is een persoonlijke overwinning die hij dan heugelijk viert. De voordracht van de Sophie Take Me Dancing folk song straalt positiviteit uit en alleen dat is al winst. In veel poëten schuilt een romanticus en in de Musings countryfolk richt hij zich op het heimelijke verlangen naar een ander. Hier ligt die extreme verlatingsangst hem in de weg, die het vrijwel onmogelijk maakt om een relatie aan te gaan. Ook dit gegeven hoort in het borderliner totaalpakket thuis. Jacob D. Edwards moet leren om zichzelf te accepteren, van zichzelf te houden, dan is er pas plaats voor gedeelde liefde. Musings is de twijfel om het introverte karakter open te breken en zijn vuile was buiten te hangen.
Na dit persoonlijke relaas volgt het dieptrieste ontkrachtende Chorus, dat overduidelijk over eenzaamheid, jezelf wegcijferen en het feit dat de omgeving je vergeet, handelt. Feestdagen hebben geen zeggingskracht en meerwaarde meer. Zijn trouwe metgezel Leonard Cohen draait rondjes op de draaitafel, net zolang totdat de naald hem niet meer weet te raken. Gelukkig krijgt dit een heerlijk uptempo vervolg in het licht evangelische Self Portrait. In de duisternis bewapent de zanger zich met hoop om de ochtend te trotseren. Ook In Nomine Patris en het bezinnende zware En Route To The End zoeken het heil in het geloof, een luisterend oor om tot rust te komen. Iedereen heeft zijn zwaktes, perfectie bestaat simpelweg niet. Het schrijnend verhalende Medley benadrukt dit alleen maar, het eindeloos aan nummers sleutelen heeft geen zin.
Il Miglior Fabbro Francis Alban Blake is een waardige eerbetoon gericht aan de filosofische kunstenaar Frans de Blaak die een paar jaar geleden van de aardbodem verdween. Zijn vermoedelijke bewust gekozen dood is hierdoor een groot mysterie. Het postuum verschenen Passages wordt ook door Written In Music niet vergeten en ook Jacob D. Edwards getuigt zijn liefde voor deze bijzondere muzikant. Na het prachtige met mondharmonica inleidende intro van Medusa, volgt de stelling dat je een vriend met stabiliteit nodig hebt om je kijk op kwesties te veranderen. Zo cliché, maar oh zo waar. Na het afbrokkelende verleden begint de Restatement of Romance heroverweging om zich te herpakken. Borderline is een moedige plaat van een moedige artiest.
Jacob D. Edward - Borderline | Roots | Written in Music - writteninmusic.com
Jaimee Harris - Boomerang Town (2023)

3,5
1
geplaatst: 4 maart 2023, 14:45 uur
Hier in Nederland koppelen we countrymuziek eigenlijk altijd aan Nashville, het country paradijs. We vergeten daarbij dat befaamde namen als Waylon Jennings, Willie Nelson, Kris Kristofferson, Townes Van Zandt en Steve Earle uit de olievelden rondom het cowboy gebied van Texas afkomstig zijn. Ook singer-songwriter Jaimee Harris beschouwt dit als haar geboortegrond, al is Nashville ondertussen wel haar huidige woonplaats. Als prille dertiger heeft ze al een leven met drankverslavingen en een hoop andere shit ervaringen achter de rug. Door dat verharde trieste zelfkantleven belandt ze al op jonge leeftijd in de gevangenis, verder worstelen veel familieleden met depressieve zelfmoordneigingen. Niks rooskleurigs of romantisch aan.
Folky Mary Gauthier redt haar van het trieste straatleven bestaan, helpt en begeleidt Jaimee Harris met het maken van de juiste keuzes, op muzikaal, maar ook op relationeel vlak. Deze geëmancipeerde feministische zangeres heeft een soortgelijke achtergrond, waarin de nodige zwarte dagboekpagina’s, drank, drugs, politiecellen, bedrog en zielenpijn ook het leven bepalen. Mary Gauthier is veel meer dan een geduldige leermeester, ondanks dat ze qua leeftijdsverschil gemakkelijk haar moeder kan zijn, vinden ze elkaar ook in de liefde, de liefde voor elkaar, de liefde voor de country en de liefde voor het muzikanten vak. Deze liefde voor de muziek delen ze met producer Mark Hallman die als multi-instrumentalist tevens de rol van bassist op zich neemt. In de intrigerende Love Is Gonna Come Again liefdesverklaring valt het allemaal als puzzelstukjes in elkaar.
De Boomerang Town albumhoes symboliseert de ups en downs van het leven, diep vallen, nog dieper vallen en uiteindelijk weer opstaan. Haat/liefde relaties en de aantrekkingskracht van haar geboortegrond. Het boemerang effect, dat je daar altijd weer terugkeert. Het vrijgevochten Thelma & Louise getinte Boomerang Town titelstuk is een volwassen terugblik op kinderlijke schuld en onschuld, idealistisch droombedrog, domme misplaatste acties, maar ook een plezierige onbevangen weemoedige tijd. Muzikaal en tekstueel gezien is het allemaal nog niet zo spannend en bijzonder, die diepgang legt ze wel in de aansluitende songs.
Probeer maar eens uit dat negatieve leventje van de kleverige aan de barkruk geplakte kroegtijgers te ontsnappen. Het duistere Sam’s schets de uitzichtloze ellende van alcoholistische schrijvers, die hun inspiratie binnen de verrookte cafés opzoeken en zelf amper het besef hebben dat die vooruitziende blik zich tot het kleingehouden verrotte bestaan van de uitvoerende muzikant beperkt. Een uitgerangeerde artiest, verdrinkende in die uitgebluste neergaande spiraal. De hoofdpersoon van al dit gebeuren is degene die laat in de nacht de rekening moet ophoesten. Bescheiden neemt Mark Hallman de mondharmonica partijen onder zijn verantwoording, waarna Brian Standefer het op cello afrondt. In het sensuele The Fair and Dark Haired Lad is drank ook de grote verleider, en grijpt ze naar haar oude gewoontes terug.
Verlies en het verleden afsluiten drukt een grote stempel op Boomerang Town. Het overlijden en het afscheid van het bevriende grote voorbeeld Jimmy LaFave staat centraal op How Could You Be Gone, met prachtrollen voor violiste Michele Gazich en Brian Standefer. Het meerstemmige einde leidt de iconische muzikant naar zijn laatste rustplaats. Een gitzwarte periode, doordrenkt met tranen en onbegrip. Een soortgelijk gemis overstemd Fall (Devin’s Song), en graaft diep in de jeugdherinneringen, waarbij de dood van een jonge schoolgenoot centraal staat.
Ze hervindt zichzelf in het geloof, het grimmige On the Surface keerpunt heeft meerdere verwijzingen naar God, en het is dus niet onwaarschijnlijk dat in het toekomstig werk gospelinvloeden zich inmengen. BettySoo en Kris Nelson belichamen hierbij het achtergrondzang geweten, en bieden extra zielskracht aan. En dan ontwaak je tevreden in het kleingehouden Good Morning, My Love gitaarliedje, waarin de eenvoudige belevenissen weer waarde hebben, demonen verdringen en de accordeon van Mark Hallman het ochtendglorie verwelkomt. Missing Someone is een beetje thuiskomen, vergeten contacten oppakken, en die positieve spirit delen. De sobere Boomerang Town eenvoud overtuigt, al heb ik wat moeite als de theatrale dramatische countrysnik op de voorgrond verschijnt. Daar moet je een liefhebber van zijn, mij raakt het minder.
Jaimee Harris - Boomerang Town | Roots | Written in Music - writteninmusic.com
Folky Mary Gauthier redt haar van het trieste straatleven bestaan, helpt en begeleidt Jaimee Harris met het maken van de juiste keuzes, op muzikaal, maar ook op relationeel vlak. Deze geëmancipeerde feministische zangeres heeft een soortgelijke achtergrond, waarin de nodige zwarte dagboekpagina’s, drank, drugs, politiecellen, bedrog en zielenpijn ook het leven bepalen. Mary Gauthier is veel meer dan een geduldige leermeester, ondanks dat ze qua leeftijdsverschil gemakkelijk haar moeder kan zijn, vinden ze elkaar ook in de liefde, de liefde voor elkaar, de liefde voor de country en de liefde voor het muzikanten vak. Deze liefde voor de muziek delen ze met producer Mark Hallman die als multi-instrumentalist tevens de rol van bassist op zich neemt. In de intrigerende Love Is Gonna Come Again liefdesverklaring valt het allemaal als puzzelstukjes in elkaar.
De Boomerang Town albumhoes symboliseert de ups en downs van het leven, diep vallen, nog dieper vallen en uiteindelijk weer opstaan. Haat/liefde relaties en de aantrekkingskracht van haar geboortegrond. Het boemerang effect, dat je daar altijd weer terugkeert. Het vrijgevochten Thelma & Louise getinte Boomerang Town titelstuk is een volwassen terugblik op kinderlijke schuld en onschuld, idealistisch droombedrog, domme misplaatste acties, maar ook een plezierige onbevangen weemoedige tijd. Muzikaal en tekstueel gezien is het allemaal nog niet zo spannend en bijzonder, die diepgang legt ze wel in de aansluitende songs.
Probeer maar eens uit dat negatieve leventje van de kleverige aan de barkruk geplakte kroegtijgers te ontsnappen. Het duistere Sam’s schets de uitzichtloze ellende van alcoholistische schrijvers, die hun inspiratie binnen de verrookte cafés opzoeken en zelf amper het besef hebben dat die vooruitziende blik zich tot het kleingehouden verrotte bestaan van de uitvoerende muzikant beperkt. Een uitgerangeerde artiest, verdrinkende in die uitgebluste neergaande spiraal. De hoofdpersoon van al dit gebeuren is degene die laat in de nacht de rekening moet ophoesten. Bescheiden neemt Mark Hallman de mondharmonica partijen onder zijn verantwoording, waarna Brian Standefer het op cello afrondt. In het sensuele The Fair and Dark Haired Lad is drank ook de grote verleider, en grijpt ze naar haar oude gewoontes terug.
Verlies en het verleden afsluiten drukt een grote stempel op Boomerang Town. Het overlijden en het afscheid van het bevriende grote voorbeeld Jimmy LaFave staat centraal op How Could You Be Gone, met prachtrollen voor violiste Michele Gazich en Brian Standefer. Het meerstemmige einde leidt de iconische muzikant naar zijn laatste rustplaats. Een gitzwarte periode, doordrenkt met tranen en onbegrip. Een soortgelijk gemis overstemd Fall (Devin’s Song), en graaft diep in de jeugdherinneringen, waarbij de dood van een jonge schoolgenoot centraal staat.
Ze hervindt zichzelf in het geloof, het grimmige On the Surface keerpunt heeft meerdere verwijzingen naar God, en het is dus niet onwaarschijnlijk dat in het toekomstig werk gospelinvloeden zich inmengen. BettySoo en Kris Nelson belichamen hierbij het achtergrondzang geweten, en bieden extra zielskracht aan. En dan ontwaak je tevreden in het kleingehouden Good Morning, My Love gitaarliedje, waarin de eenvoudige belevenissen weer waarde hebben, demonen verdringen en de accordeon van Mark Hallman het ochtendglorie verwelkomt. Missing Someone is een beetje thuiskomen, vergeten contacten oppakken, en die positieve spirit delen. De sobere Boomerang Town eenvoud overtuigt, al heb ik wat moeite als de theatrale dramatische countrysnik op de voorgrond verschijnt. Daar moet je een liefhebber van zijn, mij raakt het minder.
Jaimee Harris - Boomerang Town | Roots | Written in Music - writteninmusic.com
Jake Xerxes Fussell - When I’m Called (2024)

3,5
2
geplaatst: 15 augustus 2024, 13:27 uur
Dat muziek maken meer inhoudt dan een gitaar stemmen om je vervolgens in het songmateriaal te verdiepen, beseft de uit North-Carolina afkomstige Jake Xerxes Fussell al op zeer jeugdige leeftijd. Zijn vader is een filosofische folklorist die zijn kennis van Zuidelijk-Amerika met zijn zoon deelt en hem onder toeziend oog met oudere muzikanten laat spelen. Zo ontdekt hij de blues- en gospelprincipes als hij bij de legendarische zangeres Precious Bryant in de leer gaat. Vervolgens bouwt hij de nodige ervaringen bij een regionale countryband op en deelt de jongeling het podium met politiek activist Etta Baker.
Toch duurt het nog een aantal jaren voordat het naar hemzelf genoemde debuutalbum Jake Xerxes Fussell verschijnt. Hier laat de singer-songwriter zich door gitarist William Tyler begeleiden. Na deze goed ontvangen eersteling vervolgt Jake Xerxes Fussell zijn weg met het bejubelde What in the Natural World en het net zo sterke Out of Sight. De artiest verloochent zijn achtergrond niet, en op het door James Elkington geproduceerde Good and Green Again grijpt hij naar bewerkte versies van traditionele folksongs terug.
Deze samenwerking bevalt zo goed dat ze samen aan de opvolger werken. Going to Georgia verschijnt eerst nog op single en op 12 juli komt vervolgens het volwaardige When I’m Called uit. Jim Elkington draagt de verantwoording over een aantal passages in Feeing Day, maar dat is meer dan een gewone amicale vriendendienst. Het is een verslaglegging van een dronken kermisweekend in Glasgow, met veel drank, veel vrouwen en heel veel plezier. Hierdoor krijg je een beetje een indruk over hoe het tweetal te werk gaat. Vanuit deze kale basis sluiten medereizigers zich aan.
When I’m Called is vooral een eerbetoon aan zijn persoonlijke mentor Art Rosenbaum. Als een tot de verbeelding sprekende Bob Ross schildert Jake Xerxes Fussell de muzikale landschappen van Art Rosenbaum over en voorziet het door hem geïnspireerde sobere Leaving Here, Don’t Know Where I’m Going drinklied en Going to Georgia zustertrack van een nieuwe verflaag. Penseelstrepen stippelen zijn onbekende pad op Leaving Here, Don’t Know Where I’m Going uit en bereiken de eindbestemming bij de definitieve Going to Georgia rustplaats. Ook het veredelde Gone to Hilo zeemanslied met de zachte echo van Robin Holcomb is een hommage aan Art Rosenbaum. Deze leraar overlijdt als Jake Xerxes Fussell halverwege het opnameproces van When I’m Called is, en vormt bewust dan wel onbewust de rode draad op de plaat. Jake Xerxes Fussell belooft hem trouw om zijn onvoltooide veldopnames van One Morning in May en Who Killed Poor Robin? tot volwaardige songs uit te werken.
Collega-muzikant Blake Mills pakt exact dezelfde rol op als die William Tyler op de eersteling vervult en coördineert de gitaarpartijen op het fladderende Cuckoo! Een fraai duet met gastzangeres en generatiegenoot Joan Shelley. De tekst is oorspronkelijk van Jane Taylor, een 18e eeuwse poëet, die tevens het wereldberoemde Twinkle, Twinkle Little Star kinderdeuntje geschreven heeft. De Britse basisschool-leraar Benjamin Britten bewerkt deze vervolgens tot een song. Mooi hoe hier het jeugdige onschuld in woorden gevangen wordt en het strijkersorkest van Jean Cook aanschuift om de song een prettige herfstige naklank te bezorgen. Herinneringen uit het verleden memoreren hem in het When I’m Called titelstuk aan zijn eigen schooltijd. Die bezielde bewustwording geeft hem jaren later een gemeende brok in zijn keel.
When I’m Called gaat dieper op de achtergrond van de klassieke folksongs in. Soms blijven deze helemaal intact, soms volgt er een totaal andere wending en herschrijven de nummers zich vanzelf. Openhartig vertelt hij in verschillende interviews over de achtergrond van de tracks en schept hiermee een volledig beeld. Andy bevat lichte verwijzingen naar Andy Warhol en is gecomponeerd door een rivaal van deze kunstenaar, Gerry Gaxiola. Het is een antireactie op de befaamde 15 minutes of fame. Geld maakt niet gelukkig, maar de ziekelijke drang van deze country & western artiest om Andy Warhol te dwarsbomen kost hem een aantal rijke levensjaren. Een serieuze kijk overtroeft de zelfspot, zet het nummer in een ander licht en legt de nadruk op het eenzame trieste bestaan.
Het beminnende One Morning in May liefdeslied is een oud nummer dat al eerder door James Taylor uitgebracht werd, maar waarbij iedereen zijn eigen invulling op los laat. Een klassieker blijft eenmaal in ontwikkeling, gaat op eigen benen staan en neemt afstand van zijn schepper. Who Killed Poor Robin? is een kindvriendelijke manier om de dood te verwerken, al zal deze hierdoor wel een angst voor vogels ontwikkelen. En dan kom je vanzelf weer bij de kern van When I’m Called uit, waar afscheid en verlies centraal staan.
Jake Xerxes Fussell - When I’m Called | Roots | Written in Music - writteninmusic.com
Toch duurt het nog een aantal jaren voordat het naar hemzelf genoemde debuutalbum Jake Xerxes Fussell verschijnt. Hier laat de singer-songwriter zich door gitarist William Tyler begeleiden. Na deze goed ontvangen eersteling vervolgt Jake Xerxes Fussell zijn weg met het bejubelde What in the Natural World en het net zo sterke Out of Sight. De artiest verloochent zijn achtergrond niet, en op het door James Elkington geproduceerde Good and Green Again grijpt hij naar bewerkte versies van traditionele folksongs terug.
Deze samenwerking bevalt zo goed dat ze samen aan de opvolger werken. Going to Georgia verschijnt eerst nog op single en op 12 juli komt vervolgens het volwaardige When I’m Called uit. Jim Elkington draagt de verantwoording over een aantal passages in Feeing Day, maar dat is meer dan een gewone amicale vriendendienst. Het is een verslaglegging van een dronken kermisweekend in Glasgow, met veel drank, veel vrouwen en heel veel plezier. Hierdoor krijg je een beetje een indruk over hoe het tweetal te werk gaat. Vanuit deze kale basis sluiten medereizigers zich aan.
When I’m Called is vooral een eerbetoon aan zijn persoonlijke mentor Art Rosenbaum. Als een tot de verbeelding sprekende Bob Ross schildert Jake Xerxes Fussell de muzikale landschappen van Art Rosenbaum over en voorziet het door hem geïnspireerde sobere Leaving Here, Don’t Know Where I’m Going drinklied en Going to Georgia zustertrack van een nieuwe verflaag. Penseelstrepen stippelen zijn onbekende pad op Leaving Here, Don’t Know Where I’m Going uit en bereiken de eindbestemming bij de definitieve Going to Georgia rustplaats. Ook het veredelde Gone to Hilo zeemanslied met de zachte echo van Robin Holcomb is een hommage aan Art Rosenbaum. Deze leraar overlijdt als Jake Xerxes Fussell halverwege het opnameproces van When I’m Called is, en vormt bewust dan wel onbewust de rode draad op de plaat. Jake Xerxes Fussell belooft hem trouw om zijn onvoltooide veldopnames van One Morning in May en Who Killed Poor Robin? tot volwaardige songs uit te werken.
Collega-muzikant Blake Mills pakt exact dezelfde rol op als die William Tyler op de eersteling vervult en coördineert de gitaarpartijen op het fladderende Cuckoo! Een fraai duet met gastzangeres en generatiegenoot Joan Shelley. De tekst is oorspronkelijk van Jane Taylor, een 18e eeuwse poëet, die tevens het wereldberoemde Twinkle, Twinkle Little Star kinderdeuntje geschreven heeft. De Britse basisschool-leraar Benjamin Britten bewerkt deze vervolgens tot een song. Mooi hoe hier het jeugdige onschuld in woorden gevangen wordt en het strijkersorkest van Jean Cook aanschuift om de song een prettige herfstige naklank te bezorgen. Herinneringen uit het verleden memoreren hem in het When I’m Called titelstuk aan zijn eigen schooltijd. Die bezielde bewustwording geeft hem jaren later een gemeende brok in zijn keel.
When I’m Called gaat dieper op de achtergrond van de klassieke folksongs in. Soms blijven deze helemaal intact, soms volgt er een totaal andere wending en herschrijven de nummers zich vanzelf. Openhartig vertelt hij in verschillende interviews over de achtergrond van de tracks en schept hiermee een volledig beeld. Andy bevat lichte verwijzingen naar Andy Warhol en is gecomponeerd door een rivaal van deze kunstenaar, Gerry Gaxiola. Het is een antireactie op de befaamde 15 minutes of fame. Geld maakt niet gelukkig, maar de ziekelijke drang van deze country & western artiest om Andy Warhol te dwarsbomen kost hem een aantal rijke levensjaren. Een serieuze kijk overtroeft de zelfspot, zet het nummer in een ander licht en legt de nadruk op het eenzame trieste bestaan.
Het beminnende One Morning in May liefdeslied is een oud nummer dat al eerder door James Taylor uitgebracht werd, maar waarbij iedereen zijn eigen invulling op los laat. Een klassieker blijft eenmaal in ontwikkeling, gaat op eigen benen staan en neemt afstand van zijn schepper. Who Killed Poor Robin? is een kindvriendelijke manier om de dood te verwerken, al zal deze hierdoor wel een angst voor vogels ontwikkelen. En dan kom je vanzelf weer bij de kern van When I’m Called uit, waar afscheid en verlies centraal staan.
Jake Xerxes Fussell - When I’m Called | Roots | Written in Music - writteninmusic.com
JAKOMO - Lobby (2023)

4,0
0
geplaatst: 23 februari 2023, 20:40 uur
Niet alle muzikanten houden ervan om in de spotlights te staan. De overgevoelige getalenteerde Julien Tanghe is eigenlijk best tevreden met die veilige anti heldenstatus. Anderzijds verdienen zijn nachtdiscotheek hotellounge liedjes wel de volledige aandacht. Het is een gedurfde stap om als control freak zijn half uitgewerkte ideeën met de tevens sterk visualiserend gitarist Wout Vermijs te delen. Met bassist Jef Ballon in de gelederen is het JAKOMO trio voltooit, en zo sta je al snel als nieuwe veelbelovende band in de Humo’s Rock Rally finale, met de in eigen beheer uitgebrachte Fastbreak EP als enige wapenfeit.
Zelf etiketteren ze hun muziek chique als suave rock. Glad, zacht, verleidend, erotisch, smoothy, kortom slaapkamerrock. De muziek ontstaat in de slaapkamer van Julien Tanghe, is in eerste instantie bedoelt om in die slaapkamer te blijven, en is zeer geschikt voor een intense, zwoel slaapkamer avontuur. Exotische bordeauxrode gitaarklanken met jazzy ontsnappingsmogelijkheden, die voortreffelijk de Brusselse rockscene weergeven. JAKOMO kiest bewust voor het kleine On The Level label van Thibault Vander Donckt. Deze voormalige popjournalist voelt de sfeer van dit drietal perfect aan, biedt ze de ruimte om zich verder te ontplooien, en wat misschien wel belangrijker is, hij geeft ze de vrijheidsmogelijkheden om de eigen identiteit van de songs te behouden.
Wasteland heeft een melancholisch soft postpunk jaren tachtig randje, en ontvlucht zelfs de slaapkamer liefdesperikelen. De kern is misschien nog wel eenzamer en memoreert naar verspilde tienerjaren in een uitgeleefde studentenkamer. Anonimiteit ergens in een nietszeggende straat, in een nietszeggende wijk in een nietszeggende stad. Het worstelende zelfvertrouwen tot een leeg nulpunt genivelleerd. De gitaartreurnis als verlengstuk van zijn ziel, die zich veilig tegen de innerlijke kwetsbaarheid bewapend. Jef Ballon plaatst zijn basgitaar in een voorbij denderende fast life sneltrein modus, waar Julien Tanghe verbaal als een diesellocomotief dromerig achteraan hobbelt. De ingehouden gekte komt in de gefrustreerde gitaaruitlopen tot leven. Het pijnlijke persoonlijke Atlas draagt het paranoïde verleden met zich mee, en bevestigd dat Julien Tanghe nog niet in geleerd heeft om liefde te ontvangen, liefde te geven.
Een vlieg op de muur, gevangen in zijn eigen gedigitaliseerde web pagina’s. Hij speelt de rol van spin die als een verleidende Dracula minnaar zijn prooi de slaapkamer binnenlokt. Heer en meester in uitgeschreven Sexdroom fantasieën. Slaafse verslavingen, overzichtelijke zekerheid, welke Julien Tanghe verliest als hij kwetsbaar naakt het daglicht aanschouwt. Het paradijselijke machtsspel beperkt binnen vier afgesloten dichtgemetselde muren. Alles is allemaal zo betrouwbaar dichtbij, zelfs de repetitieruimte ligt een steenworp van zijn huis verwijdert. Call Me Out, prikkel mij om het nu te betreden. Verlangen getriggerd, uitdagend de uitdagingen aangaan, flirten met experimentele tempoverschillen.
Hometown als overtreffende trap, waar de freakende speelsheid in een zonsverduisterende noise eclips vervaagd. De ongedwongenheid is pure escapisme, en daarin ligt de Lobby kracht verscholen. Wear fragiliteit laat zich als een niet afgerond maniakaal film noire hoofdstuk lezen. Het wazige instrumentale Cataract is de schemerige buitenwereld, waar de daglichtbestendige schaduwen door de verraderlijke nachtelijke duisternis opgeslokt worden. Windstopper heeft niks met romantiek te maken, daarvoor is de ondertoon te doorvragend griezelig. Vervoersmiddel Taxi transporteert zijn gedachtes naar andere onbereikbare plekken, en zorgt ervoor dat deze uiteindelijk ook weer de thuisbasis bereiken. Lobby ademt de pandemie eenzaamheid van Brussel uit, met de herziende stappen in het heden. Uiteindelijk ben je maar een radertje in een vastgelopen machine. Langzaamaan verovert JAKOMO Europa, beginnende in een uitverkocht Ancienne Belgique.
JAKOMO - Lobby | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Zelf etiketteren ze hun muziek chique als suave rock. Glad, zacht, verleidend, erotisch, smoothy, kortom slaapkamerrock. De muziek ontstaat in de slaapkamer van Julien Tanghe, is in eerste instantie bedoelt om in die slaapkamer te blijven, en is zeer geschikt voor een intense, zwoel slaapkamer avontuur. Exotische bordeauxrode gitaarklanken met jazzy ontsnappingsmogelijkheden, die voortreffelijk de Brusselse rockscene weergeven. JAKOMO kiest bewust voor het kleine On The Level label van Thibault Vander Donckt. Deze voormalige popjournalist voelt de sfeer van dit drietal perfect aan, biedt ze de ruimte om zich verder te ontplooien, en wat misschien wel belangrijker is, hij geeft ze de vrijheidsmogelijkheden om de eigen identiteit van de songs te behouden.
Wasteland heeft een melancholisch soft postpunk jaren tachtig randje, en ontvlucht zelfs de slaapkamer liefdesperikelen. De kern is misschien nog wel eenzamer en memoreert naar verspilde tienerjaren in een uitgeleefde studentenkamer. Anonimiteit ergens in een nietszeggende straat, in een nietszeggende wijk in een nietszeggende stad. Het worstelende zelfvertrouwen tot een leeg nulpunt genivelleerd. De gitaartreurnis als verlengstuk van zijn ziel, die zich veilig tegen de innerlijke kwetsbaarheid bewapend. Jef Ballon plaatst zijn basgitaar in een voorbij denderende fast life sneltrein modus, waar Julien Tanghe verbaal als een diesellocomotief dromerig achteraan hobbelt. De ingehouden gekte komt in de gefrustreerde gitaaruitlopen tot leven. Het pijnlijke persoonlijke Atlas draagt het paranoïde verleden met zich mee, en bevestigd dat Julien Tanghe nog niet in geleerd heeft om liefde te ontvangen, liefde te geven.
Een vlieg op de muur, gevangen in zijn eigen gedigitaliseerde web pagina’s. Hij speelt de rol van spin die als een verleidende Dracula minnaar zijn prooi de slaapkamer binnenlokt. Heer en meester in uitgeschreven Sexdroom fantasieën. Slaafse verslavingen, overzichtelijke zekerheid, welke Julien Tanghe verliest als hij kwetsbaar naakt het daglicht aanschouwt. Het paradijselijke machtsspel beperkt binnen vier afgesloten dichtgemetselde muren. Alles is allemaal zo betrouwbaar dichtbij, zelfs de repetitieruimte ligt een steenworp van zijn huis verwijdert. Call Me Out, prikkel mij om het nu te betreden. Verlangen getriggerd, uitdagend de uitdagingen aangaan, flirten met experimentele tempoverschillen.
Hometown als overtreffende trap, waar de freakende speelsheid in een zonsverduisterende noise eclips vervaagd. De ongedwongenheid is pure escapisme, en daarin ligt de Lobby kracht verscholen. Wear fragiliteit laat zich als een niet afgerond maniakaal film noire hoofdstuk lezen. Het wazige instrumentale Cataract is de schemerige buitenwereld, waar de daglichtbestendige schaduwen door de verraderlijke nachtelijke duisternis opgeslokt worden. Windstopper heeft niks met romantiek te maken, daarvoor is de ondertoon te doorvragend griezelig. Vervoersmiddel Taxi transporteert zijn gedachtes naar andere onbereikbare plekken, en zorgt ervoor dat deze uiteindelijk ook weer de thuisbasis bereiken. Lobby ademt de pandemie eenzaamheid van Brussel uit, met de herziende stappen in het heden. Uiteindelijk ben je maar een radertje in een vastgelopen machine. Langzaamaan verovert JAKOMO Europa, beginnende in een uitverkocht Ancienne Belgique.
JAKOMO - Lobby | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
James - Gold Mother (1990)
Alternatieve titel: James

4,0
0
geplaatst: 14 oktober 2008, 00:08 uur
Gold Mother begint met Come Home waarbij ik voornamelijk aan EMF en Carter USM moet denken. Vooruit The Only One I Know van Charlatans ook wel. Niet vreemd, dit album stamt uit dezelfde periode. De tijd dat Britpop weer van zich laat horen.
Het volgende nummer Lose Control laat toch echt de kenmerkende zang van Tim Booth horen. Ik hoor hier duidelijk een gevoel voor cabaret in terug; heerlijk klagend. Het subtiele gebruik van de trompet voegt zeker iets extra’s toe.
In Goverment Walls hoor ik de geest van Mr. Morrissey van The Smiths, al heeft het qua muziek ook veel weg van Happy Mondays. Duidelijk is dat dit soort bands elkaar rond het begin van de jaren 90 beïnvloeden.
Manchester Rules!!
God Only Knows is Carter USM met Country invloeden. Wat vaker aangehaald wordt is dat James verwijzingen heft naar het geloof en God. Zo ook in dit nummer. Het is mij echter niet duidelijk wat hun standpunt hier in is.
Toch is de band zeker veelzijdig. You Can’t Tell How Much Suffering klinkt zelfs behoorlijk Funky. Toch is dit een van de mindere nummers op Gold Mother.
How Was It For You is heerlijk up-tempo. De zang is hier erg mooi. Mooi nummer, al heeft het maar een fractie van de kracht van de song die hierna volgt.
Sit Down staat eigenlijk niet eens op de eerste persing van Gold Mother. Een gemiste kans, want dit nummer is een van de mooiste songs uit de vroege jaren 90. Geweldige zang, heerlijk pompende drum, mooie gitaarlijnen. Dit is een opbeurend nummer voor iemand die in de put zit. Eigenlijk had dit een gigantische hit mogen worden.
Mijn dank aan de Ein Abend In Wien CD. Zonder dat album was ik nooit bij Sit Down en dus ook Gold Mother terecht gekomen.
Vervolgens een mooie sfeervolle opbouw bij Walking The Ghost. Ik hoor hier U2 (voornamelijk The Edge) in terug ten tijden van het herfst album October. De viool geeft het een geslaagde meerwaarde. Stiekem weer een hoogtepunt, werkt naar een climax toe.
En dan krijg je opeens in nummer in de traditie van The Doors; weer goed gedaan trouwens. Wat een chaotische puinhoop is het titelnummer Gold Mother. Wel lekker. Je raakt er bijna van in trance. Het drumwerk doet wat Afrikaans aan, zoals een Talking Heads dat kan brengen. Voor mij was dit een waardige afsluiter geweest.
Top Of The World is een rustig nummer; iets te rustig. Had beter ergens halverwege het album gepast. Niet helemaal mijn ding. Al kan ik goed voorstellen dat er velen anders over denken.
Al met al, een goed album. Mooie instap voor mensen die kennis met James willen maken.
Het volgende nummer Lose Control laat toch echt de kenmerkende zang van Tim Booth horen. Ik hoor hier duidelijk een gevoel voor cabaret in terug; heerlijk klagend. Het subtiele gebruik van de trompet voegt zeker iets extra’s toe.
In Goverment Walls hoor ik de geest van Mr. Morrissey van The Smiths, al heeft het qua muziek ook veel weg van Happy Mondays. Duidelijk is dat dit soort bands elkaar rond het begin van de jaren 90 beïnvloeden.
Manchester Rules!!
God Only Knows is Carter USM met Country invloeden. Wat vaker aangehaald wordt is dat James verwijzingen heft naar het geloof en God. Zo ook in dit nummer. Het is mij echter niet duidelijk wat hun standpunt hier in is.
Toch is de band zeker veelzijdig. You Can’t Tell How Much Suffering klinkt zelfs behoorlijk Funky. Toch is dit een van de mindere nummers op Gold Mother.
How Was It For You is heerlijk up-tempo. De zang is hier erg mooi. Mooi nummer, al heeft het maar een fractie van de kracht van de song die hierna volgt.
Sit Down staat eigenlijk niet eens op de eerste persing van Gold Mother. Een gemiste kans, want dit nummer is een van de mooiste songs uit de vroege jaren 90. Geweldige zang, heerlijk pompende drum, mooie gitaarlijnen. Dit is een opbeurend nummer voor iemand die in de put zit. Eigenlijk had dit een gigantische hit mogen worden.
Mijn dank aan de Ein Abend In Wien CD. Zonder dat album was ik nooit bij Sit Down en dus ook Gold Mother terecht gekomen.
Vervolgens een mooie sfeervolle opbouw bij Walking The Ghost. Ik hoor hier U2 (voornamelijk The Edge) in terug ten tijden van het herfst album October. De viool geeft het een geslaagde meerwaarde. Stiekem weer een hoogtepunt, werkt naar een climax toe.
En dan krijg je opeens in nummer in de traditie van The Doors; weer goed gedaan trouwens. Wat een chaotische puinhoop is het titelnummer Gold Mother. Wel lekker. Je raakt er bijna van in trance. Het drumwerk doet wat Afrikaans aan, zoals een Talking Heads dat kan brengen. Voor mij was dit een waardige afsluiter geweest.
Top Of The World is een rustig nummer; iets te rustig. Had beter ergens halverwege het album gepast. Niet helemaal mijn ding. Al kan ik goed voorstellen dat er velen anders over denken.
Al met al, een goed album. Mooie instap voor mensen die kennis met James willen maken.
James Blake - Friends That Break Your Heart (2021)

3,5
1
geplaatst: 5 november 2021, 15:43 uur
Het blijft een bijzonder verhaal. De hooggewaardeerde dance producer James Blake, die met vier veelbelovende EP 's en zijn gelijknamige fragmentarische debuut al direct het kamp in tweeën splits. Of je vindt zijn experimentele vocoder plaat geweldig, of je struikelt over de elektronische hoogstandjes. Zelf behoor ik tot die laatste groep, al ben ik wel gelijk nieuwsgierig geworden naar de bezieling van de soulzanger. Onder de verschillende toegevoegde lagen ervaar ik het bijzondere stemgeluid, die eigenlijk die hele poespas niet nodig heeft. Maar goed, de tijd bewijst wel hoe invloedrijk hij voor collega muzikanten is geweest, die vervolgens deze technieken ook in hun werk toepassen.
We zijn ondertussen alweer tien jaar en vier platen verder, James Blake heeft de nodige herfstige openhaard warmte toegevoegd in het zeker niet afstandige folky The Colour in Anything. De kille beweeglijke beats geven de emotionele diepgang kleur, al blijven het geelbruine vallende blaadjes tinten. Dan weer deprimerend toegankelijk, vervolgens schaduw dansend afstotend. De vriendelijke dwarrelende pianotoetsen die het titelstuk van het gelukzalige Assume Form openen, krijgen vervolgens een jazzy dubstep injectie. Een meesterlijke zet, waarbij hij hulp krijgt van een overschot aan gastartiesten die de elektro tovenaar op handen dragen.
De titel Friends That Break Your Heart memoreert tevens aan deze samenwerkingsverbanden en is net wat ingetogener dan de levenslustige privaat inkijk die op de voorganger domineert. I’m So Blessed You’re Mine balanceert nog net met een voet in Assume Form, al vormt zich gedurende de track wel een spokende lichtgrijze aura om het geheel heen. James Blake begraaft zijn ego uit het verleden in het zwaarmoedige melancholische The Funeral om een lichtelijk geforceerde doorstart te maken. Famous Last Words reflecteert de pijn als verliefdheid vervaagd in “houden van” en de drempel van een vriendschappelijke verstandhouding opzoekt. Geen overgevoelig gekwijl, maar treffend realistisch neergezet. Dat de twijfel gedurende het proces blijft overheersen beaamt de singer-songwriter in het sluitstuk If I’m Insecure. In principe is hij geen stap verder gekomen en blijft hij hangen in ie vlagen van onzekerheden.
De hoge koorzanger falsetstem staat in mooi contrast met de stoere hiphop breaks en de overrompelende gastzang van de Amerikaanse getto straatrappers JID en SwaVay in het broeierige ontdooiende Frozen. Het is gewaagd om SZA de rol van partner te laten vervullen, maar Coming Back sluit volledig aan op haar tedere vrouwelijkheid, en lijkt volledig op haar persoonlijkheid geschreven te zijn. Feitelijk is dit onjuist, omdat ze als het ware de studio binnenstapt, de songbasis in zich opneemt, en de juiste aanvulling toevoegt. De kracht van dit vraag en antwoord spel valt dus in haar voordeel uit, zeker nu James Blake een afstandig stapje terug doet en haar die hoofdrol gunt. Het dromerige Show Me eist juist een stukje intieme bescheidenheid op, die Monica Martin perfect weet op te roepen.
Life Is Not the Same is een soulfunk dwaalspoor en geeft een verknipt inzicht in hoe James Blake zich eigenlijk net niet staande houdt, al verdringt zijn pure werkelijkheidsgetrouw wel het intense verdriet. Het brekende gospelgeluid van Say What You Will gaat wel over die grens heen, maar wat geeft James Blake zijn ziel hier fraai bloot. De kwetsbaarheid van de diepe krakende laagtes worden afgewisseld met onaardse hemelrijkende hoogtes. De heimwee song Lost Angel Nights is daarentegen een nostalgisch grensgevalletje jaren negentig boyband kerstmis sentiment, een vernietigende afbreuk aan de geloofwaardigheid van het verder integere Friends That Break Your Heart.
James Blake - Friends That Break Your Heart | Pop | Written in Music - writteninmusic.com
We zijn ondertussen alweer tien jaar en vier platen verder, James Blake heeft de nodige herfstige openhaard warmte toegevoegd in het zeker niet afstandige folky The Colour in Anything. De kille beweeglijke beats geven de emotionele diepgang kleur, al blijven het geelbruine vallende blaadjes tinten. Dan weer deprimerend toegankelijk, vervolgens schaduw dansend afstotend. De vriendelijke dwarrelende pianotoetsen die het titelstuk van het gelukzalige Assume Form openen, krijgen vervolgens een jazzy dubstep injectie. Een meesterlijke zet, waarbij hij hulp krijgt van een overschot aan gastartiesten die de elektro tovenaar op handen dragen.
De titel Friends That Break Your Heart memoreert tevens aan deze samenwerkingsverbanden en is net wat ingetogener dan de levenslustige privaat inkijk die op de voorganger domineert. I’m So Blessed You’re Mine balanceert nog net met een voet in Assume Form, al vormt zich gedurende de track wel een spokende lichtgrijze aura om het geheel heen. James Blake begraaft zijn ego uit het verleden in het zwaarmoedige melancholische The Funeral om een lichtelijk geforceerde doorstart te maken. Famous Last Words reflecteert de pijn als verliefdheid vervaagd in “houden van” en de drempel van een vriendschappelijke verstandhouding opzoekt. Geen overgevoelig gekwijl, maar treffend realistisch neergezet. Dat de twijfel gedurende het proces blijft overheersen beaamt de singer-songwriter in het sluitstuk If I’m Insecure. In principe is hij geen stap verder gekomen en blijft hij hangen in ie vlagen van onzekerheden.
De hoge koorzanger falsetstem staat in mooi contrast met de stoere hiphop breaks en de overrompelende gastzang van de Amerikaanse getto straatrappers JID en SwaVay in het broeierige ontdooiende Frozen. Het is gewaagd om SZA de rol van partner te laten vervullen, maar Coming Back sluit volledig aan op haar tedere vrouwelijkheid, en lijkt volledig op haar persoonlijkheid geschreven te zijn. Feitelijk is dit onjuist, omdat ze als het ware de studio binnenstapt, de songbasis in zich opneemt, en de juiste aanvulling toevoegt. De kracht van dit vraag en antwoord spel valt dus in haar voordeel uit, zeker nu James Blake een afstandig stapje terug doet en haar die hoofdrol gunt. Het dromerige Show Me eist juist een stukje intieme bescheidenheid op, die Monica Martin perfect weet op te roepen.
Life Is Not the Same is een soulfunk dwaalspoor en geeft een verknipt inzicht in hoe James Blake zich eigenlijk net niet staande houdt, al verdringt zijn pure werkelijkheidsgetrouw wel het intense verdriet. Het brekende gospelgeluid van Say What You Will gaat wel over die grens heen, maar wat geeft James Blake zijn ziel hier fraai bloot. De kwetsbaarheid van de diepe krakende laagtes worden afgewisseld met onaardse hemelrijkende hoogtes. De heimwee song Lost Angel Nights is daarentegen een nostalgisch grensgevalletje jaren negentig boyband kerstmis sentiment, een vernietigende afbreuk aan de geloofwaardigheid van het verder integere Friends That Break Your Heart.
James Blake - Friends That Break Your Heart | Pop | Written in Music - writteninmusic.com
James Blake - James Blake (2011)

2,5
0
geplaatst: 11 augustus 2016, 21:42 uur
Dit album regelmatig in de winkel zien liggen, en eigenlijk altijd wel nieuwsgierig naar geweest.
Soul met een overvloed aan elektronica.
De ene keer werkt dit beter dan de andere keer.
Voor mijn gevoel gaat het net iets te vaak ten koste van het lied.
De vocoder heeft voor mij een te grote, dominerende rol in het geheel.
Bij dat apparaat moet ik altijd aan de stemmisvormer denken die Believe van Cher vakkundig de al reeds geopende afgrond in laat struikelen.
Duidelijk gebruikt om de mindere stemkwaliteiten te verdoezelen.
Iets wat ik hier bij James Blake eigenlijk ook ervaar.
Alsof het op de badkamer in een badkuip is opgenomen, in een poging om gedeeltelijk onderwater te zingen.
James Blake is voor mij te bleek, wat kleurloos, waardoor het mij wat eentonig over komt.
De samplers komen mij net iets te haperend over, waardoor ik van die momenten beleef, waarbij ik het gevoel heb dat ik bijna in slaap val, en dan verschrikt met een flinke hoofdpijn wakker wordt.
Soul met een overvloed aan elektronica.
De ene keer werkt dit beter dan de andere keer.
Voor mijn gevoel gaat het net iets te vaak ten koste van het lied.
De vocoder heeft voor mij een te grote, dominerende rol in het geheel.
Bij dat apparaat moet ik altijd aan de stemmisvormer denken die Believe van Cher vakkundig de al reeds geopende afgrond in laat struikelen.
Duidelijk gebruikt om de mindere stemkwaliteiten te verdoezelen.
Iets wat ik hier bij James Blake eigenlijk ook ervaar.
Alsof het op de badkamer in een badkuip is opgenomen, in een poging om gedeeltelijk onderwater te zingen.
James Blake is voor mij te bleek, wat kleurloos, waardoor het mij wat eentonig over komt.
De samplers komen mij net iets te haperend over, waardoor ik van die momenten beleef, waarbij ik het gevoel heb dat ik bijna in slaap val, en dan verschrikt met een flinke hoofdpijn wakker wordt.
James Righton - Jim, I'm Still Here (2022)

3,5
0
geplaatst: 13 juli 2022, 16:25 uur
Soms vraag je jezelf af hoe bepaalde samenwerkingen nou precies tot stand komen. Johan Renck scoorde als Stakka Boo in de jaren negentig een megahit met Here We Go, maar is ondertussen alweer jaren als videoproducer bekend. De meeste indruk maakt hij toch wel met de clip van Blackstar, de prachtige zwanenzang van David Bowie. Hij wordt door de tevens uit Zweden afkomstige ABBA leden gevraagd om de visuele show bij de Voyage tour in elkaar te zetten. De voormalige Klaxons zanger James Righton is al langer in het filmwereldje actief en heeft buiten zijn popplaten al verschillende indrukwekkende scores op zijn naam staan. Johan Renck schakelt hem in om dit livespektakel te coördineren, en zo staat opeens de naam van gastmuzikant Benny Andersson op Jim, I’m Still Here vermeld.
Hier kan geen promotiepraatje tegenop, maar wekt natuurlijk wel de nodige nieuwsgierigheid op. Het bescheiden Empty Rooms leunt wel vrijwel identiek op de The Day Before You Came soberheid, dus het is net zo begrijpelijk dat James Righton van Benny Andersson toestemming heeft gekregen om de track te bewerken en te hergebruiken. Toch overtreft grimmige schaduwtrack Playing to Win die leegte van eenzaamheid en uitzichtloze relatiecrisissen. Hoogst waarschijnlijk is David Bowie de overige verbindende factor in de gesprekken met Johan Renck geweest. Die invloed hoor je namelijk sterk in het gesproken gedeelte van Livestream Superstar terug. Verdoofd door het vlakke egocentrische Thin White Duke cocaïne gehalte, inclusief het euforische overwinnaarsgevoel. Toch is James Righton meer down to earth, dan David Bowie in die creatieve fase. Vervreemd hallucinerend, een kleurrijke aftrap naar het mijlenverre tripuniversum.
The Performer is sterk pop georiënteerd en hinkt sterk op de jaren zeventig funk en psychedelica. De ultralicht spacende sound is honingzoet, en de zanger laat zich verbaal ook van zijn zachtste kant horen. De muzikale ruimtereis krijgt een vervolg in het futuristische Jim, I’m Still Here, al zijn de grenzen hierop naar de flitsende jaren tachtig verlegt. De elektro krautrock van Never Give Up on the City kondigt een nieuw decennium aan, I Want To Live, spannender, uitdagender en vooral dansbaarder. Helaas is de rol van saxofonist Jorja Chalmers, die normaal bij de live begeleidingsband van Bryan Ferry bijbeunt en deftig The Performer inkleurt, hierop uitgespeelt.
Net als op de voorganger pakken de Dewaele brothers Stephen en David van Soulwax de producentenrol weer op. Niet vreemd trouwens, de nu-ravers van Klaxons zijn net zo idioot verknipt als hun 2 Many DJ’s alter ego, een mashup aan diverse stijlen en bruikbare invloeden. Dat het drietal muzikanten grote liefhebbers van het jaren tachtig geluid van Prince zijn, valt niet te ontkennen en komt volledig tot bloei in de funkrock van Pause. Een andere geëerde held op deze albumtrack is Nick Rhodes. James Righton was niet alleen de leadzanger van Klaxons, maar tevens de keyboardspeler van de band, en zijn futuristische spel komt bangelijk dicht bij dat van de Duran Duran toetsenist in de buurt.
Het dromerig realistische Jim, I’m Still Here heeft een aanstekelijke eighties synthpop groove, dansbare swing en stoeit opzettelijk met kromgetrokken spanningsbogen. Soms smoothy en sexy, zoals in de soulfunk van Release Party of bij de new wave romantiek van het Oosters gemarkeerde Lover Boy. We leven nog, spoelen de somberheid weg, krabbelen weer overeind en vullen de lege ruimtes met muziek.
James Righton - Jim, I'm Still Here | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Hier kan geen promotiepraatje tegenop, maar wekt natuurlijk wel de nodige nieuwsgierigheid op. Het bescheiden Empty Rooms leunt wel vrijwel identiek op de The Day Before You Came soberheid, dus het is net zo begrijpelijk dat James Righton van Benny Andersson toestemming heeft gekregen om de track te bewerken en te hergebruiken. Toch overtreft grimmige schaduwtrack Playing to Win die leegte van eenzaamheid en uitzichtloze relatiecrisissen. Hoogst waarschijnlijk is David Bowie de overige verbindende factor in de gesprekken met Johan Renck geweest. Die invloed hoor je namelijk sterk in het gesproken gedeelte van Livestream Superstar terug. Verdoofd door het vlakke egocentrische Thin White Duke cocaïne gehalte, inclusief het euforische overwinnaarsgevoel. Toch is James Righton meer down to earth, dan David Bowie in die creatieve fase. Vervreemd hallucinerend, een kleurrijke aftrap naar het mijlenverre tripuniversum.
The Performer is sterk pop georiënteerd en hinkt sterk op de jaren zeventig funk en psychedelica. De ultralicht spacende sound is honingzoet, en de zanger laat zich verbaal ook van zijn zachtste kant horen. De muzikale ruimtereis krijgt een vervolg in het futuristische Jim, I’m Still Here, al zijn de grenzen hierop naar de flitsende jaren tachtig verlegt. De elektro krautrock van Never Give Up on the City kondigt een nieuw decennium aan, I Want To Live, spannender, uitdagender en vooral dansbaarder. Helaas is de rol van saxofonist Jorja Chalmers, die normaal bij de live begeleidingsband van Bryan Ferry bijbeunt en deftig The Performer inkleurt, hierop uitgespeelt.
Net als op de voorganger pakken de Dewaele brothers Stephen en David van Soulwax de producentenrol weer op. Niet vreemd trouwens, de nu-ravers van Klaxons zijn net zo idioot verknipt als hun 2 Many DJ’s alter ego, een mashup aan diverse stijlen en bruikbare invloeden. Dat het drietal muzikanten grote liefhebbers van het jaren tachtig geluid van Prince zijn, valt niet te ontkennen en komt volledig tot bloei in de funkrock van Pause. Een andere geëerde held op deze albumtrack is Nick Rhodes. James Righton was niet alleen de leadzanger van Klaxons, maar tevens de keyboardspeler van de band, en zijn futuristische spel komt bangelijk dicht bij dat van de Duran Duran toetsenist in de buurt.
Het dromerig realistische Jim, I’m Still Here heeft een aanstekelijke eighties synthpop groove, dansbare swing en stoeit opzettelijk met kromgetrokken spanningsbogen. Soms smoothy en sexy, zoals in de soulfunk van Release Party of bij de new wave romantiek van het Oosters gemarkeerde Lover Boy. We leven nog, spoelen de somberheid weg, krabbelen weer overeind en vullen de lege ruimtes met muziek.
James Righton - Jim, I'm Still Here | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
James Vincent McMorrow - The Less I Knew (2022)

3,5
0
geplaatst: 20 augustus 2022, 17:08 uur
Let The Soul In! Zielsmuziek! Singer-songwriter James Vincent McMorrow verovert alweer ruim tien jaar geleden de folk harten van deze genreliefhebbers met het ijzersterke Early in the Morning debuut. Het is dan al duidelijk dat hij van meerdere markten thuis is, This Old Dark Machine is een regelrechte soulsong en ontspringt de dans met de overige albumtracks en dartelt er eigenzinnig op los. Nederland valt al snel voor de weemoedige Ier, en zijn prachtige klein gehouden concerten versterken dat gevoel alleen maar.
Post Tropical is soberder, elektronischer en minder goed begrepen. Met het funkende We Move haakt James Vincent McMorrow op de R&B hitsuccessen in, een uitstapje welke ook nu nog op het zwoele afsluitende A Lot to Take van The Less I Knew terugkomt. Hij verspeelt de Ierse geloofwaardigheid door zich op een Verenigde Staten overstap te richten en zijn ziel aan een danceproducer te verkopen. Verdwaalt in zijn eigen kwaliteiten moddert de Ier op True Care door waar verknipte neurotische elektronica en goedbedoelde gospel het geheel niet kunnen redden. Na vier jaar stilte verschijnt het plezierig opgewekte maar oh zo veilige Grapefruit Season, negen maanden later gevolgd door The Less I Knew. Schijnbaar verschijnt er binnenkort nog een kersnieuwe plaat, het nu al reeds aangekondigde Heavyweight Champion of Dublin 8.
A beating heart gets thrown out of a car in the dark
I find it and I check it for scars and make sure it’s clean
De soul van een plaat dus, het hart van de tracks. Hoe dicht kan je bij jezelf komen. Het hart wordt dan wel aangestuurd door de hersenen, dit warme kloppende orgaan zet alles in beweging. Als die binding ontbreekt, dan wordt het een bloedeloos leeg geheel. Vertroetelen, opfrissen en opnieuw de wijde wereld insturen, gereinigd van de pijn en het verdriet. James Vincent McMorrow staat op het kruispunt van de bewandelde wegen en lijkt opnieuw richting te kiezen. Steeds meer komt het besef bovendrijven dat hij zich ondertussen als een buitenstaander tussen zijn eigen songs presenteert. Een migrant die bij zijn voordeur aanklopt en om onderdak vraagt op zijn zelf vervreemdende albums.
Heimwee versterkend drugs escapisme in Heads Look Like Drums en het I am a Masterpiece cynisme. Het moment dat de Ier door heeft dat Amerika niet Het Beloofde Land is. Lichtelijk gestoord California verslavend met de geaccepteerde Natural Born Killers mentaliteit in een notendop. Sterrenstatus arrogantie, Lighten Up boven jezelf uitzweven. Een zwaar blok aan meedragende levenservaringen zorgt ervoor dat je met beide voeten op de grond blijft staan. Hurricane is het gevoel van thuiskomen. The Mothers Of Soul backings ontfermen zich moederlijk om de zanger, vertrouwd, warm en met een gedoseerde dosis aan liefde. Techniek is belangrijk maar het zijn de altijd scherpe soulhoornblazers die er met hun krachtige adem onevenaarbare energie in stoppen. Er is een controlerende orkaan op komst, James Vincent McMorrow blijft deze net een stapje voor.
Het met achteroverleunende blazers en dromerige harpsprankelingen opgesierde Steven heeft een onverwachte twist met zijn Dublinse roots. Geen traditionele folk of pubsong, het intro is vrijwel hetzelfde als Vertigo van U2. De popkant, de intens strijdende muzikant die hervonden het podium betreedt, klaar om zijn publiek te heroveren. Het The Less I Knew titelstuk verlangt naar vroeger, de puurheid zonder de kilheid dus. Het verwaarloosde hart terugvragend. Schimmen Early in the Morning genialiteit dringen zich op en vormen de immense schaduw over deze kleine in de verdrukking geraakte intieme pianoballad schoonheid. Ingehaald door de nieuwe lichting folkzangers is The Reason I Died het wezenlijke besef dat passiviteit tot achteruitgang en stilstand leidt. James Vincent McMorrow indierockt, schuurt en slaat genadeloos zelfbewust toe.
Is The Less I Knew enigszins met het magistrale Early in the Morning te vergelijken? Zeker niet, de singer-songwriter wekt wel de indruk dat die kern weer grijpbaar in het vizier ligt. In eerste instantie maak je muziek om jezelf te vermaken, dat je met deze kwaliteiten een breder publiek bereikt is een mooie winstgevende bijzaak. Hij heeft in ieder geval weer een verhaal te vertellen. Elk nummer vraagt om een specifieke invalshoek en het is de taak van de rondom James Vincent McMorrow gevormde band om deze te beantwoorden. U vraagt, wij draaien, meer kwaliteit dan kwantiteit. Bewust gekozen voor een kort, amper een half uur durend geheel. Losse vertellingen, die de verwachte klasse bezitten maar geen eenheid zijn.
James Vincent McMorrow - The Less I Knew | Rock | Written in Music - writteninmusic.com
Post Tropical is soberder, elektronischer en minder goed begrepen. Met het funkende We Move haakt James Vincent McMorrow op de R&B hitsuccessen in, een uitstapje welke ook nu nog op het zwoele afsluitende A Lot to Take van The Less I Knew terugkomt. Hij verspeelt de Ierse geloofwaardigheid door zich op een Verenigde Staten overstap te richten en zijn ziel aan een danceproducer te verkopen. Verdwaalt in zijn eigen kwaliteiten moddert de Ier op True Care door waar verknipte neurotische elektronica en goedbedoelde gospel het geheel niet kunnen redden. Na vier jaar stilte verschijnt het plezierig opgewekte maar oh zo veilige Grapefruit Season, negen maanden later gevolgd door The Less I Knew. Schijnbaar verschijnt er binnenkort nog een kersnieuwe plaat, het nu al reeds aangekondigde Heavyweight Champion of Dublin 8.
A beating heart gets thrown out of a car in the dark
I find it and I check it for scars and make sure it’s clean
De soul van een plaat dus, het hart van de tracks. Hoe dicht kan je bij jezelf komen. Het hart wordt dan wel aangestuurd door de hersenen, dit warme kloppende orgaan zet alles in beweging. Als die binding ontbreekt, dan wordt het een bloedeloos leeg geheel. Vertroetelen, opfrissen en opnieuw de wijde wereld insturen, gereinigd van de pijn en het verdriet. James Vincent McMorrow staat op het kruispunt van de bewandelde wegen en lijkt opnieuw richting te kiezen. Steeds meer komt het besef bovendrijven dat hij zich ondertussen als een buitenstaander tussen zijn eigen songs presenteert. Een migrant die bij zijn voordeur aanklopt en om onderdak vraagt op zijn zelf vervreemdende albums.
Heimwee versterkend drugs escapisme in Heads Look Like Drums en het I am a Masterpiece cynisme. Het moment dat de Ier door heeft dat Amerika niet Het Beloofde Land is. Lichtelijk gestoord California verslavend met de geaccepteerde Natural Born Killers mentaliteit in een notendop. Sterrenstatus arrogantie, Lighten Up boven jezelf uitzweven. Een zwaar blok aan meedragende levenservaringen zorgt ervoor dat je met beide voeten op de grond blijft staan. Hurricane is het gevoel van thuiskomen. The Mothers Of Soul backings ontfermen zich moederlijk om de zanger, vertrouwd, warm en met een gedoseerde dosis aan liefde. Techniek is belangrijk maar het zijn de altijd scherpe soulhoornblazers die er met hun krachtige adem onevenaarbare energie in stoppen. Er is een controlerende orkaan op komst, James Vincent McMorrow blijft deze net een stapje voor.
Het met achteroverleunende blazers en dromerige harpsprankelingen opgesierde Steven heeft een onverwachte twist met zijn Dublinse roots. Geen traditionele folk of pubsong, het intro is vrijwel hetzelfde als Vertigo van U2. De popkant, de intens strijdende muzikant die hervonden het podium betreedt, klaar om zijn publiek te heroveren. Het The Less I Knew titelstuk verlangt naar vroeger, de puurheid zonder de kilheid dus. Het verwaarloosde hart terugvragend. Schimmen Early in the Morning genialiteit dringen zich op en vormen de immense schaduw over deze kleine in de verdrukking geraakte intieme pianoballad schoonheid. Ingehaald door de nieuwe lichting folkzangers is The Reason I Died het wezenlijke besef dat passiviteit tot achteruitgang en stilstand leidt. James Vincent McMorrow indierockt, schuurt en slaat genadeloos zelfbewust toe.
Is The Less I Knew enigszins met het magistrale Early in the Morning te vergelijken? Zeker niet, de singer-songwriter wekt wel de indruk dat die kern weer grijpbaar in het vizier ligt. In eerste instantie maak je muziek om jezelf te vermaken, dat je met deze kwaliteiten een breder publiek bereikt is een mooie winstgevende bijzaak. Hij heeft in ieder geval weer een verhaal te vertellen. Elk nummer vraagt om een specifieke invalshoek en het is de taak van de rondom James Vincent McMorrow gevormde band om deze te beantwoorden. U vraagt, wij draaien, meer kwaliteit dan kwantiteit. Bewust gekozen voor een kort, amper een half uur durend geheel. Losse vertellingen, die de verwachte klasse bezitten maar geen eenheid zijn.
James Vincent McMorrow - The Less I Knew | Rock | Written in Music - writteninmusic.com
James Vincent McMorrow - Wide Open, Horses (2024)

3,5
0
geplaatst: 15 augustus 2024, 13:37 uur
Het enthousiasme van The Less I Knew laat al een herboren James Vincent McMorrow horen. Schijnbaar staat de white soul openingstrack Hurricane voor de ontsnapping aan de wervelwind die hem naar alle bestaande muziekklimaten loodst. Het zal best een gemeende hoera-stemming zijn, mij overtuigt hij met de overige albumtracks stukken minder. Als James Vincent McMorrow voor de release al een vervolgplaat aankondigt, hou ik mijn hart vast. Is dit niet teveel van het goede? Het album Heavyweight Champion of Dublin 8 komt er dus niet. Met beide benen op de grond grijpt hij naar de basis terug die hem naamsbekendheid oplevert, als leverancier van folky singer-songwriter nummers met een klein soulrandje.
Dat soulgevoel probeert deze Ierse singer-songwriter gedurende Wide Open, Horses vast te houden en bereikt zijn hoogtepunt in het evangelische The Standard, waar hij net nog niet Jezus als medetekstschrijver vermeldt. Wide Open, Horses ontstaat nadat James Vincent McMorrow bij try-out shows het publiek op nieuwe songs trakteert. De basis is echter wel dat de muzikant zelf achter de nummers staat. Komt een track niet binnen, dan is deze simpelweg niet geschikt voor de plaat. Soms vallen goed bedoelde handelingen totaal verkeerd uit, maar leveren deze onbewust wel het juiste resultaat op. Dit levert echter bij Give Up een misstap op, waar de door zijn dochtertje gezongen everybody sad treurnis door uitbundige Pumped Up Kicks beats afgewimpeld wordt. Verder zijn er amper afdwalingen te ontdekken.
Op de country banjoklanken van Look Up!! sjokt hij door zijn eigen industriële Westworld-filmscriptscenario heen. Amper uitgeschreven, in een beginnende zoekende fase. Brutale gitaaruitbarstingen verstoren de songstructuur van In No One Gets What They Wanted en dwingen het ritme naar de achtergrond. Deze wacht zijn momenten af, en slaat eigenwijs sputterend halverwege terug. Soms valt het natuurlijke donkergroen zo deprimerend blauw uit dat deze alle lief bedoelde emoties overstemt.
De slidegitaar kruipt bij het titelstuk Wide Open, Horses in het personage van de trouwe viervoeter die over zijn dromen waakt, afwachtend voor zijn huis de omgeving observeert en vervelende buitenstaanders de weg weigert. Slechts de dood glipt soms naar binnen, en ook die sterfelijkheid hoort nu eenmaal bij het leven. Mijmerend werkt James Vincent McMorrow er geleende Norwegian Wood melodielijnen doorheen. Net als de gespeelde uptempo vrolijkheid van Things We Tell Ourselves verwoordt het de eenzaamheid als ideeën zich niet meer aandienen en daardoor het inspirerende contact met zijn songs vervaagt. Het Call Me Back verlangen naar vastigheid en eenvoud.
Liefde hecht zich aan de dromerige folk van Stay Cool. Op de meest kwetsbare momenten van Wide Open, Horses hoor je twijfel terug. In die twijfel schuilt echter de kracht van James Vincent McMorrow om kleine liedjes grootst te laten klinken. Door het kluizenaarsbestaan wordt de songsmid zich van de schoonheid om hem heen bewust welke de natuur groen kleurt en de liefde vlammend rood laat gloeien. In het nostalgische White Out overstemt de liefde de nare pijnlijke herinneringen uit het verleden, filtert de negativiteit net zo lang totdat er vooral schoonheid overblijft. Een puurheid die maar een enkel opnamemoment vergt, thuis in het avondschemer met slechts een beschikbare microfoon voor handen.
Sleuteltrack Never Gone is het besef dat je in eerste instantie geen muziek maakt om anderen gelukkig te maken, maar dat het eigen positieve welbevinden juist een aanstekelijke uitwerking heeft. Never Gone is dus geen terugkeer, eerder een bewustwording dat diep van binnen nog steeds die ziel welke het overtuigende Early in the Morning aflevert, aanwezig is. Een plaat waarop hij zijn Ierse achtergrond eert en deze in pakkende songs omzet. Bij Never Gone voegen de instrumenten zich zwijgzaam bij de track totdat deze het nummer vanaf de solerende gitaar overnemen en zich over de souluithalen van James Vincent McMorrow ontfermen. Alles draait dus om de acceptatie van het leven welke niet alleen rooskleurige dagen aflevert. Zelfs in de Day All the Lights Went Out chaos wenkt de vreugde van het licht ons toe.
Het is een ander soort vreugde die hij oorspronkelijk bij de The Less I Knew opvolger voor ogen heeft, begrijpelijk dus dat Heavyweight Champion of Dublin 8 (tijdelijk?) in de prullenbak belandt. Darkest Days of Winter is de bewustwording dat deze opzet niet werkt. De herstart van een haperende motor, van verse olie voorzien. Door deze verversing blijft er regelmatig de nodige zuiverheid in het residu achter, en komt Wide Open, Horses niet altijd oprecht over. Het is een lastig gegeven om het publiek continu te bekoren en dit tevens met de gemeende openhartigheid te combineren. Pas bij het afsluitende prachtig van opzet in elkaar gezette Meet Me in the Garden laat James Vincent McMorrow zijn angsten toe en tilt hij het geheel naar een hoger level. Zonde dat het hem drie kwartier aan voorwerk kost.
James Vincent McMorrow - Wide Open, Horses | Pop | Written in Music - writteninmusic.com
Dat soulgevoel probeert deze Ierse singer-songwriter gedurende Wide Open, Horses vast te houden en bereikt zijn hoogtepunt in het evangelische The Standard, waar hij net nog niet Jezus als medetekstschrijver vermeldt. Wide Open, Horses ontstaat nadat James Vincent McMorrow bij try-out shows het publiek op nieuwe songs trakteert. De basis is echter wel dat de muzikant zelf achter de nummers staat. Komt een track niet binnen, dan is deze simpelweg niet geschikt voor de plaat. Soms vallen goed bedoelde handelingen totaal verkeerd uit, maar leveren deze onbewust wel het juiste resultaat op. Dit levert echter bij Give Up een misstap op, waar de door zijn dochtertje gezongen everybody sad treurnis door uitbundige Pumped Up Kicks beats afgewimpeld wordt. Verder zijn er amper afdwalingen te ontdekken.
Op de country banjoklanken van Look Up!! sjokt hij door zijn eigen industriële Westworld-filmscriptscenario heen. Amper uitgeschreven, in een beginnende zoekende fase. Brutale gitaaruitbarstingen verstoren de songstructuur van In No One Gets What They Wanted en dwingen het ritme naar de achtergrond. Deze wacht zijn momenten af, en slaat eigenwijs sputterend halverwege terug. Soms valt het natuurlijke donkergroen zo deprimerend blauw uit dat deze alle lief bedoelde emoties overstemt.
De slidegitaar kruipt bij het titelstuk Wide Open, Horses in het personage van de trouwe viervoeter die over zijn dromen waakt, afwachtend voor zijn huis de omgeving observeert en vervelende buitenstaanders de weg weigert. Slechts de dood glipt soms naar binnen, en ook die sterfelijkheid hoort nu eenmaal bij het leven. Mijmerend werkt James Vincent McMorrow er geleende Norwegian Wood melodielijnen doorheen. Net als de gespeelde uptempo vrolijkheid van Things We Tell Ourselves verwoordt het de eenzaamheid als ideeën zich niet meer aandienen en daardoor het inspirerende contact met zijn songs vervaagt. Het Call Me Back verlangen naar vastigheid en eenvoud.
Liefde hecht zich aan de dromerige folk van Stay Cool. Op de meest kwetsbare momenten van Wide Open, Horses hoor je twijfel terug. In die twijfel schuilt echter de kracht van James Vincent McMorrow om kleine liedjes grootst te laten klinken. Door het kluizenaarsbestaan wordt de songsmid zich van de schoonheid om hem heen bewust welke de natuur groen kleurt en de liefde vlammend rood laat gloeien. In het nostalgische White Out overstemt de liefde de nare pijnlijke herinneringen uit het verleden, filtert de negativiteit net zo lang totdat er vooral schoonheid overblijft. Een puurheid die maar een enkel opnamemoment vergt, thuis in het avondschemer met slechts een beschikbare microfoon voor handen.
Sleuteltrack Never Gone is het besef dat je in eerste instantie geen muziek maakt om anderen gelukkig te maken, maar dat het eigen positieve welbevinden juist een aanstekelijke uitwerking heeft. Never Gone is dus geen terugkeer, eerder een bewustwording dat diep van binnen nog steeds die ziel welke het overtuigende Early in the Morning aflevert, aanwezig is. Een plaat waarop hij zijn Ierse achtergrond eert en deze in pakkende songs omzet. Bij Never Gone voegen de instrumenten zich zwijgzaam bij de track totdat deze het nummer vanaf de solerende gitaar overnemen en zich over de souluithalen van James Vincent McMorrow ontfermen. Alles draait dus om de acceptatie van het leven welke niet alleen rooskleurige dagen aflevert. Zelfs in de Day All the Lights Went Out chaos wenkt de vreugde van het licht ons toe.
Het is een ander soort vreugde die hij oorspronkelijk bij de The Less I Knew opvolger voor ogen heeft, begrijpelijk dus dat Heavyweight Champion of Dublin 8 (tijdelijk?) in de prullenbak belandt. Darkest Days of Winter is de bewustwording dat deze opzet niet werkt. De herstart van een haperende motor, van verse olie voorzien. Door deze verversing blijft er regelmatig de nodige zuiverheid in het residu achter, en komt Wide Open, Horses niet altijd oprecht over. Het is een lastig gegeven om het publiek continu te bekoren en dit tevens met de gemeende openhartigheid te combineren. Pas bij het afsluitende prachtig van opzet in elkaar gezette Meet Me in the Garden laat James Vincent McMorrow zijn angsten toe en tilt hij het geheel naar een hoger level. Zonde dat het hem drie kwartier aan voorwerk kost.
James Vincent McMorrow - Wide Open, Horses | Pop | Written in Music - writteninmusic.com
Jamie xx - In Colour (2015)

3,0
0
geplaatst: 31 mei 2015, 22:12 uur
Vanwege het eerste bericht van Herman bij het debuut van The XX ben ik erg snel naar dat album gaan luisteren.
Hij noemde dEUS en Chris Isaak, dus ik was wel nieuwsgierig geworden.
Ondanks dat ik deze artiesten totaal niet terug hoorde, trok The XX mij wel gelijk.
Voor mij hadden ze juist raakvlakken met het kille van de jaren 80.
Het koude oorlog gevoel.
Ik moest meer aan The Hurting van Tears For Fears denken, en ook aan It’s My Life van Talk Talk.
Het verhaal van een jongen en meisje in een afstandige wereld.
Twee geliefdes?
Broer en zus relatie?
Mooi hoe die stemmen zich een weg mengen in de bijpassende muziek.
Jamie XX moest het brein achter dit gebeuren zijn, dus wel degelijk benieuwd, en met hoge verwachtingen naar In Colour gaan luisteren.
In Colour; inderdaad, er is meer kleur aanwezig, maar ik had juist meer met die 50 tinten grijs die The XX die geladen, erotische sfeer geeft.
In Colour is voor mij de omschakeling van een zwart wit televisie, met aan de zijkant zo’n draaiknop met de mogelijkheid om het beeld lichter en donkerder te maken, naar een kleuren televisie met afstandsbediening.
Ook In Colour wordt terug gegrepen naar de jaren 90, Robert Miles erotic dreamhouse, maar ook de meer eigenzinnige The Future Sound Of London, en zelfs wat van Orbital.
Zo af en toe worden er nog collega’s van The XX doorheen gemixt, maar duidelijk op de achtergrond.
Ik denk dat dit een geweldig album is voor liefhebbers van de jaren 90 dance, maar mijn voorkeur gaat over het algemeen meer uit naar de jaren 80 disco.
Voor mij is in ieder geval duidelijk, dat The XX een band is, waarbij elk aandeel van elk afzonderlijk lid even belangrijk is.
Hij noemde dEUS en Chris Isaak, dus ik was wel nieuwsgierig geworden.
Ondanks dat ik deze artiesten totaal niet terug hoorde, trok The XX mij wel gelijk.
Voor mij hadden ze juist raakvlakken met het kille van de jaren 80.
Het koude oorlog gevoel.
Ik moest meer aan The Hurting van Tears For Fears denken, en ook aan It’s My Life van Talk Talk.
Het verhaal van een jongen en meisje in een afstandige wereld.
Twee geliefdes?
Broer en zus relatie?
Mooi hoe die stemmen zich een weg mengen in de bijpassende muziek.
Jamie XX moest het brein achter dit gebeuren zijn, dus wel degelijk benieuwd, en met hoge verwachtingen naar In Colour gaan luisteren.
In Colour; inderdaad, er is meer kleur aanwezig, maar ik had juist meer met die 50 tinten grijs die The XX die geladen, erotische sfeer geeft.
In Colour is voor mij de omschakeling van een zwart wit televisie, met aan de zijkant zo’n draaiknop met de mogelijkheid om het beeld lichter en donkerder te maken, naar een kleuren televisie met afstandsbediening.
Ook In Colour wordt terug gegrepen naar de jaren 90, Robert Miles erotic dreamhouse, maar ook de meer eigenzinnige The Future Sound Of London, en zelfs wat van Orbital.
Zo af en toe worden er nog collega’s van The XX doorheen gemixt, maar duidelijk op de achtergrond.
Ik denk dat dit een geweldig album is voor liefhebbers van de jaren 90 dance, maar mijn voorkeur gaat over het algemeen meer uit naar de jaren 80 disco.
Voor mij is in ieder geval duidelijk, dat The XX een band is, waarbij elk aandeel van elk afzonderlijk lid even belangrijk is.
Jamie xx - In Waves (2024)

4,0
1
geplaatst: 20 september 2024, 15:57 uur
Doordat de Britse regering in 2020 tijdens de pandemie het volk adviseert om zoveel mogelijk binnenhuis te blijven en zelf op feestjes helemaal los gaat, roept dit een aversie op. Men zit in een dwangbuis gevangen en uit die onvrede door illegale danceparty raves te organiseren. Deze opleving trekt ook Jamie xx aan, die zelf in de Second Summer of Love is geboren, en de opkomst van Acid House en de daarop volgende breakbeats nooit bewust heeft meegemaakt. Daar ligt de opkomst van pioniers als Bomb The Bass, The Prodigy en de Amerikaanse Moby, welke zijn punkverleden afzweert en zich overduidelijk op dance gaat richten. Onbewust hou ik deze grootheden in mijn achterhoofd bij het beluisteren van In Waves. Het volgens sobere pianotoetsenwerk opgebouwde The Feeling I Get from You kan ik niet anders als een eerbetoon aan deze grondleggers beschouwen.
Jamie xx werkt tijdens de lockdown aan toekomstmuziek, maar neemt deze invloedrijke periode wel als uitgangspunt. Als in de herfst van 2024 de dagelijkse gang van zaken allang opnieuw is opgestart, brengt hij eindelijk de langverwachte opvolger van het bijna tien jaar oude In Colour uit. In Waves staat voor het alsmaar voortbewegen van de dancecultuur en het beoefenen van zijn hobby, surfen. Jamie xx reanimeert de retro sound zoals alleen hij dat kan, met nieuwe dimensies en invalshoeken. Natuurlijk staat de dansbaarheid van de tracks hierbij op de voorgrond.
Jamie xx is voor mij vooral de katalysator van de explosieve The XX branddriehoek. Het is de chemie tussen hem en het zingende tweetal Romy Madley Croft en Oliver Sim. Eigenlijk komt ook nog Baria Qureshi in dit verhaal voor, maar die cijfert zichzelf al snel weg. Ik heb een zwak voor het spannende minimalistische Crystalised waar triphop en new wave samenkomen. Op Waited All Night werkt het trio weer samen, en dan ben je benieuwd of de magie van weleer nog steeds aanwezig is. Dit is niet het enige samenwerkingsverband op In Waves, ook de Amerikaanse uit bakermat Chicago afkomstige DJ Honey Dijon is van de partij, net als de van Animal Collective bekende indiefolkzanger Panda Bear en de Zweedse elektropop singer-songwriter Robyn. Zelfs het Australische The Avalanches die de zomerse, seventies minded klassieker Since I Left You op hun conto schrijven, verlenen de medewerking aan de plaat. Kortom, een mooi breed scala aan gastartiesten.
Door de verzachtende pianoklanken is Wanna een heerlijke down to earth afterparty nummer geworden. Bijzonder dat hij juist hier mee opent, of is het slechts de berusting na de coronastilte. We mogen weer! Jamie xx pakt in ieder geval stevig met Treat Each Other Right door. Dan kom je al snel bij de achterliggende gedachte van de Second Summer of Love uit. Respecteer elkaar, en laat iedereen in zijn waarde. Een ouderwetse clubtrack, waarmee men vroeger de dansvloer veroverde. Het nodigt in ieder geval uit om te dansen. Het heerlijke open minded Still Summer is ook naar deze vrijheidsbeleving te herleiden. Wat fijn dat de deuren weer open zijn en dat claustrofobische gevoel wegnemen.
Hij gebruikt de stem van Romy Madley Croft in Waited All Night volgens de principes van Todd Terry, die Missing van Everything But The Girl naar een hoger niveau tilde en Massive Attack, die gastzangeressen toevoegen om meer emoties in hun songs te leggen. Het is mij nooit zo opgevallen dat de klankkleuren van Oliver Sim zo dicht tegen de reggae aanleunen, juist door zijn stem zo anders te benutten komt deze hier het beste tot zijn recht. Het is niet zo geniaal als The XX, maar absoluut een aangename meerwaarde. Life met Robyn leunt erg op het vroegere Daft Punk werk. Helaas komt haar kenmerkende stem door de overvloed aan geluidseffecten en het enthousiasme van Jamie xx wat in de verdrukking.
Baddy on the Floor is een dancefloorkiller zoals er velen geproduceerd zijn. Geschikt voor de clubs, verder niet bijzonder. Vergeet niet dat het de opzet van Jamie xx is om van In Waves een echte clubplaat te maken, die achterliggende gedachte is van groot belang. Kelsey Lu, John Glacier en Panda Bear ontfermen zich over Dafodil. Panda Bear zorgt voor een stukje spirituele soulbeleving, Kelsey Lu voegt er de nodige slaapkamersensualiteit aan toe. Breather ademt een soortgelijke wellust uit, al heeft het hier de functie om door mediterende mindfulness mantra’s dat opgelegde isolement te doorbreken. Jamie xx in topvorm, met het accent op het beangstigende toekomstperspectief. Een horrorscenario, met verknipte breaks en een doordringende herhalende beat. Even overstijgt hij dat clubbelang om halverwege weer daarna terug te keren en er een fantastische twist aan te geven.
Met de Electric Body Music van All You Children duikt hij de jaren tachtig in. Er zit ook een hoop Trevor Horn in de track, met hier en daar wat zwoele vroeg jaren negentig house erotiek. The Avalanches stellen zich afzijdig op, hun aandeel is niet direct tastbaar, de vibe is dat wel. De met kinderstemmen opgesierde soul van Every Single Weekend is de aanloop naar het afsluitende Falling Together waar gevoelsdier en danseres Oona Doherty met haar expressieve praatzang voor de nodige diepgang zorgt. In Waves is een meesterzet, waar je wel met een realistische blik naar moet kijken. Alles is in het verleden al eerder en beter gedaan. In Waves is een afsluiting van een roerige tijd. Alle processen verlopen in golven, slechte jaren volgen betere jaren op, vervolgens herhaalt dit zich weer. In Waves helpt Jamie xx verder in zijn ontwikkeling, op persoonlijk en artistiek vlak.
Jamie xx - In Waves | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Jamie xx werkt tijdens de lockdown aan toekomstmuziek, maar neemt deze invloedrijke periode wel als uitgangspunt. Als in de herfst van 2024 de dagelijkse gang van zaken allang opnieuw is opgestart, brengt hij eindelijk de langverwachte opvolger van het bijna tien jaar oude In Colour uit. In Waves staat voor het alsmaar voortbewegen van de dancecultuur en het beoefenen van zijn hobby, surfen. Jamie xx reanimeert de retro sound zoals alleen hij dat kan, met nieuwe dimensies en invalshoeken. Natuurlijk staat de dansbaarheid van de tracks hierbij op de voorgrond.
Jamie xx is voor mij vooral de katalysator van de explosieve The XX branddriehoek. Het is de chemie tussen hem en het zingende tweetal Romy Madley Croft en Oliver Sim. Eigenlijk komt ook nog Baria Qureshi in dit verhaal voor, maar die cijfert zichzelf al snel weg. Ik heb een zwak voor het spannende minimalistische Crystalised waar triphop en new wave samenkomen. Op Waited All Night werkt het trio weer samen, en dan ben je benieuwd of de magie van weleer nog steeds aanwezig is. Dit is niet het enige samenwerkingsverband op In Waves, ook de Amerikaanse uit bakermat Chicago afkomstige DJ Honey Dijon is van de partij, net als de van Animal Collective bekende indiefolkzanger Panda Bear en de Zweedse elektropop singer-songwriter Robyn. Zelfs het Australische The Avalanches die de zomerse, seventies minded klassieker Since I Left You op hun conto schrijven, verlenen de medewerking aan de plaat. Kortom, een mooi breed scala aan gastartiesten.
Door de verzachtende pianoklanken is Wanna een heerlijke down to earth afterparty nummer geworden. Bijzonder dat hij juist hier mee opent, of is het slechts de berusting na de coronastilte. We mogen weer! Jamie xx pakt in ieder geval stevig met Treat Each Other Right door. Dan kom je al snel bij de achterliggende gedachte van de Second Summer of Love uit. Respecteer elkaar, en laat iedereen in zijn waarde. Een ouderwetse clubtrack, waarmee men vroeger de dansvloer veroverde. Het nodigt in ieder geval uit om te dansen. Het heerlijke open minded Still Summer is ook naar deze vrijheidsbeleving te herleiden. Wat fijn dat de deuren weer open zijn en dat claustrofobische gevoel wegnemen.
Hij gebruikt de stem van Romy Madley Croft in Waited All Night volgens de principes van Todd Terry, die Missing van Everything But The Girl naar een hoger niveau tilde en Massive Attack, die gastzangeressen toevoegen om meer emoties in hun songs te leggen. Het is mij nooit zo opgevallen dat de klankkleuren van Oliver Sim zo dicht tegen de reggae aanleunen, juist door zijn stem zo anders te benutten komt deze hier het beste tot zijn recht. Het is niet zo geniaal als The XX, maar absoluut een aangename meerwaarde. Life met Robyn leunt erg op het vroegere Daft Punk werk. Helaas komt haar kenmerkende stem door de overvloed aan geluidseffecten en het enthousiasme van Jamie xx wat in de verdrukking.
Baddy on the Floor is een dancefloorkiller zoals er velen geproduceerd zijn. Geschikt voor de clubs, verder niet bijzonder. Vergeet niet dat het de opzet van Jamie xx is om van In Waves een echte clubplaat te maken, die achterliggende gedachte is van groot belang. Kelsey Lu, John Glacier en Panda Bear ontfermen zich over Dafodil. Panda Bear zorgt voor een stukje spirituele soulbeleving, Kelsey Lu voegt er de nodige slaapkamersensualiteit aan toe. Breather ademt een soortgelijke wellust uit, al heeft het hier de functie om door mediterende mindfulness mantra’s dat opgelegde isolement te doorbreken. Jamie xx in topvorm, met het accent op het beangstigende toekomstperspectief. Een horrorscenario, met verknipte breaks en een doordringende herhalende beat. Even overstijgt hij dat clubbelang om halverwege weer daarna terug te keren en er een fantastische twist aan te geven.
Met de Electric Body Music van All You Children duikt hij de jaren tachtig in. Er zit ook een hoop Trevor Horn in de track, met hier en daar wat zwoele vroeg jaren negentig house erotiek. The Avalanches stellen zich afzijdig op, hun aandeel is niet direct tastbaar, de vibe is dat wel. De met kinderstemmen opgesierde soul van Every Single Weekend is de aanloop naar het afsluitende Falling Together waar gevoelsdier en danseres Oona Doherty met haar expressieve praatzang voor de nodige diepgang zorgt. In Waves is een meesterzet, waar je wel met een realistische blik naar moet kijken. Alles is in het verleden al eerder en beter gedaan. In Waves is een afsluiting van een roerige tijd. Alle processen verlopen in golven, slechte jaren volgen betere jaren op, vervolgens herhaalt dit zich weer. In Waves helpt Jamie xx verder in zijn ontwikkeling, op persoonlijk en artistiek vlak.
Jamie xx - In Waves | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Jan Verstraeten - Violent Disco (2022)

4,0
1
geplaatst: 6 maart 2022, 15:44 uur
Hoe misleidend kan een bandnaam zijn. Charlie Jones’ Big Band heeft helemaal niks met een georkestreerde blazers bigband swing te maken, maar is het project van drummer Joris De Bock en muzikaal allesvreter Jan Verstraeten. Het duo heeft meer raakvlakken met de diepzwarte motorolie zelfkant van de country blues. Stroperig primitief, inclusief jankende mondharmonica en het rituele slagwerk. Na zeven vruchtbare jaren en twee albums rijker besluit Jan Verstraeten om in 2015 solerend onder zijn eigen naam verder te gaan, en levert met het drie jaar geleden verschenen Cheap Dreams een indrukwekkende klein gehouden EP af.
Stemmige strijkers kleuren het sprookjesgeluid met traditionele filmische dramatiek en scheppen een imaginaire wereld die zich in de ontastbare hersenspinsels van de weemoedige melancholische zanger langzaam aan de oppervlakte openbaren. Door zich direct op die innerlijke intimiteit te richten ontstaat het idee om een zintuigelijke Silent Disco plaat te maken. Ogen gesloten, en in sensitief isolement je eigen feestje bouwen. Nou, die afzondering en egocentrische houding openbaart zich mondiaal in de daarop volgende corona crisis. Silent Disco wordt tot Violent Disco omgedoopt, introverte gevoelsbeleving maakt plaats voor uitbundige extroverte openheid. Violent Disco is de orkestrale bombastische popplaat waarmee men ruim tien jaar geleden spottend in verwarring gebracht zou worden, en sluit qua sfeer perfect aan bij de Charlie Jones’ Big Band benaming.
Maatschappelijke vervreemding openbaart zich in het persoonlijke van zich af schreeuwende Vampire in My Bed. Voedende met de ellende van internet bezoekers en de daaruit ontstaande fake news generatie, gebruikt hij de lege omhulsels om er een eigen bloeddorstig Netflix verhaal van te maken. De duistere kant die anoniem het binnenhuiselijke escapisme naar croonende theatrale bewoordingen omzet. De van Dez Mona bekende Nicolas Rombouts arrangeert de beeldende zwartgalligheid, filtert deze van onnodige bijzaken en levert een ijzersterke intrigerende basis af. Verlate nachtclub decors, bewoond door sprekende geesten uit het verleden, hunkerend naar liefde, vermaak en saamhorigheid.
Verbitterende leegte in hedendaagse blues vertellingen, ondersteund door ritmische beats die de stoffige krakende Bristol sfeer uit de jaren negentig reanimeren in het triphop gevoelsklimaat. Seventies soulfunk, Motown gospelkoortjes en een zware cinematische rolbenadering geven aan Gone Gone Gone die verdiende Bigger Than Life retrotoetsing waarbij de klassieke strijkers grotendeels door macho blazers vervangen zijn. Door zeurende vervelende kinderstemmen in een ander context te plaatsen ontstaat er een Cry Baby dramatiek, donker en slepend fragmentarisch. Het moment dat angst zich in het onschuldige leven mengt, en de eeuwige veiligheid van het korrelige toekomstperspectief verzand in vermorzeld puin.
Het verschil tussen illusionerende verbeelding en fictieve werkelijkheidsdrang wordt door diezelfde jeugdige vocalen in de avondduistere It’s Like a Movie strijkers onrust versterkt. Nicolas Rombouts stoft zijn contrabas af, en herpakt zijn muzikale verleden door de track met een griezelige duistere omlijsting te markeren. Vriendelijk klinkende jazzy kinderspeelgoed Flu stofdeeltjes parasiteren zich in de verraderlijke doortikkende nachturen om zich te mobiliseren tot een dreigende binnensluipende vijand.
Violent Disco, het gelijknamige vintage disco nummer breekt die nachtmerrie open en gooit er een aanstekelijke koppelende beat doorheen. Het krachtige soulgeweten krijgt vorm als de Amerikaanse soulzangeres Monique Harcum haar helende vocalen toevoegt. Dans om te overleven, hou je ogen open, wees scherp en alert. Kristalheldere Ice Dreams breekbaarheid toont zijn littekenweefselbarsten, gecamoufleerd door Disney musical pluimage en wollige oubolligheid.
Het lukt Jan Verstraeten niet om die thrillerspanning tot het einde vast te houden. Bij Bad Bad Love heb je de clou van het herhaal wel door en de Britney Spears cover Hit Me Baby is een gewaagde keuze, maar kleurt niet helemaal denderend bij de stem van Jan Verstraeten. Terwijl hij bij de rest van het zelf geschreven repertoire wel heerlijk smoothy charmant en doorleefd slepend klinkt.
Geeft dat dan iets? Welnee, Goodbye World heeft wel die pakkende zonsondergang big beat Silent Disco feeling. Optimistisch stappen we de hergeprogrammeerde toekomst binnen, en herpakken de oorspronkelijke Violent Disco setting. De ballad Lover, I Wanna Be Forgotten, is een waardige afsluiter die de pijn van een mislukte relatie met restaurerende Radioheads Street Spirit (Fade Out) achtige melodielijnen geneest, thematisch niet eens zo ver van elkaar verwijdert. Jan Verstraeten heeft de tijd genomen om zijn Violent Disco debuut te voltooien en maakt de overtuigende Cheap Dreams verwachtingen meer dan waar.
Jan Verstraeten - Violent Disco | Pop | Written in Music - writteninmusic.com
Stemmige strijkers kleuren het sprookjesgeluid met traditionele filmische dramatiek en scheppen een imaginaire wereld die zich in de ontastbare hersenspinsels van de weemoedige melancholische zanger langzaam aan de oppervlakte openbaren. Door zich direct op die innerlijke intimiteit te richten ontstaat het idee om een zintuigelijke Silent Disco plaat te maken. Ogen gesloten, en in sensitief isolement je eigen feestje bouwen. Nou, die afzondering en egocentrische houding openbaart zich mondiaal in de daarop volgende corona crisis. Silent Disco wordt tot Violent Disco omgedoopt, introverte gevoelsbeleving maakt plaats voor uitbundige extroverte openheid. Violent Disco is de orkestrale bombastische popplaat waarmee men ruim tien jaar geleden spottend in verwarring gebracht zou worden, en sluit qua sfeer perfect aan bij de Charlie Jones’ Big Band benaming.
Maatschappelijke vervreemding openbaart zich in het persoonlijke van zich af schreeuwende Vampire in My Bed. Voedende met de ellende van internet bezoekers en de daaruit ontstaande fake news generatie, gebruikt hij de lege omhulsels om er een eigen bloeddorstig Netflix verhaal van te maken. De duistere kant die anoniem het binnenhuiselijke escapisme naar croonende theatrale bewoordingen omzet. De van Dez Mona bekende Nicolas Rombouts arrangeert de beeldende zwartgalligheid, filtert deze van onnodige bijzaken en levert een ijzersterke intrigerende basis af. Verlate nachtclub decors, bewoond door sprekende geesten uit het verleden, hunkerend naar liefde, vermaak en saamhorigheid.
Verbitterende leegte in hedendaagse blues vertellingen, ondersteund door ritmische beats die de stoffige krakende Bristol sfeer uit de jaren negentig reanimeren in het triphop gevoelsklimaat. Seventies soulfunk, Motown gospelkoortjes en een zware cinematische rolbenadering geven aan Gone Gone Gone die verdiende Bigger Than Life retrotoetsing waarbij de klassieke strijkers grotendeels door macho blazers vervangen zijn. Door zeurende vervelende kinderstemmen in een ander context te plaatsen ontstaat er een Cry Baby dramatiek, donker en slepend fragmentarisch. Het moment dat angst zich in het onschuldige leven mengt, en de eeuwige veiligheid van het korrelige toekomstperspectief verzand in vermorzeld puin.
Het verschil tussen illusionerende verbeelding en fictieve werkelijkheidsdrang wordt door diezelfde jeugdige vocalen in de avondduistere It’s Like a Movie strijkers onrust versterkt. Nicolas Rombouts stoft zijn contrabas af, en herpakt zijn muzikale verleden door de track met een griezelige duistere omlijsting te markeren. Vriendelijk klinkende jazzy kinderspeelgoed Flu stofdeeltjes parasiteren zich in de verraderlijke doortikkende nachturen om zich te mobiliseren tot een dreigende binnensluipende vijand.
Violent Disco, het gelijknamige vintage disco nummer breekt die nachtmerrie open en gooit er een aanstekelijke koppelende beat doorheen. Het krachtige soulgeweten krijgt vorm als de Amerikaanse soulzangeres Monique Harcum haar helende vocalen toevoegt. Dans om te overleven, hou je ogen open, wees scherp en alert. Kristalheldere Ice Dreams breekbaarheid toont zijn littekenweefselbarsten, gecamoufleerd door Disney musical pluimage en wollige oubolligheid.
Het lukt Jan Verstraeten niet om die thrillerspanning tot het einde vast te houden. Bij Bad Bad Love heb je de clou van het herhaal wel door en de Britney Spears cover Hit Me Baby is een gewaagde keuze, maar kleurt niet helemaal denderend bij de stem van Jan Verstraeten. Terwijl hij bij de rest van het zelf geschreven repertoire wel heerlijk smoothy charmant en doorleefd slepend klinkt.
Geeft dat dan iets? Welnee, Goodbye World heeft wel die pakkende zonsondergang big beat Silent Disco feeling. Optimistisch stappen we de hergeprogrammeerde toekomst binnen, en herpakken de oorspronkelijke Violent Disco setting. De ballad Lover, I Wanna Be Forgotten, is een waardige afsluiter die de pijn van een mislukte relatie met restaurerende Radioheads Street Spirit (Fade Out) achtige melodielijnen geneest, thematisch niet eens zo ver van elkaar verwijdert. Jan Verstraeten heeft de tijd genomen om zijn Violent Disco debuut te voltooien en maakt de overtuigende Cheap Dreams verwachtingen meer dan waar.
Jan Verstraeten - Violent Disco | Pop | Written in Music - writteninmusic.com
Jane Weaver - Flock (2021)

4,0
3
geplaatst: 3 maart 2021, 23:50 uur
Nadat de indie dreampoppers van Misty Dixon in 2002 in de afrondingsfase van hun debuutplaat Iced To Mode verkeren en de kernleden Dave Tyack en Jane Weaver tevens het eerste solo uitstapje Like An Aspen Leaf van laatstgenoemde hebben afgeleverd, is er de behoefte naar een welverdiende vakantie. Alleen keert Dave Tyack nooit meer terug en wordt als vermist opgegeven. Na een periode van hoop en onzekerheid komt twee jaar later het trieste bericht naar buiten dat zijn stoffelijke resten in Corsica zijn teruggevonden. Blijkbaar is hij door een ongelukkige valpartij komen te overlijden. Jane Weaver last een pauze in om tot bezinning te komen, maar zet uiteindelijk die volgende carrière stap met de duistere gitaar folk van Seven Day Smile.
De Liverpoolse blondine werkt vervolgens samen met leden van Doves, Elbow en singer-songwriter Badly Drawn Boy. Chris Martin hangt aan de telefoon omdat hij dolgraag een fragment van de track Silver Chord wil gebruiken in de Coldplay song Another’s Arms. Een juiste beslissing dus om de muziekwereld niet vaarwel te zeggen en een doorstart te maken. Het accent is ondertussen vanuit de hemelse trippende Krautrock elementen de sfeervolle ritmische elektronische kant op verschoven. Er is ondertussen ook gewerkt aan de soundtrack van Fehérlófia, een ongeveer dertig jaar oude film die onder de bandnaam Fenella van muziek wordt voorzien. Op vrijdag 5 maart verschijnt haar negende studioplaat Flock.
Flock is luchtiger, bijna tekstueel humorvol te noemen. Na bijna twintig jaar heeft ze het dramatische zwaar dragende verleden van zich afgeschud. Een opgelucht eindresultaat waarbij ze weer durft te dromen, en durft te dromen om deze dromen te verwezenlijken. Die zweverige dreampop van Heartlow is nog zeker volgens de jaren negentig styling principe uitgewerkt en bezit nog steeds wel dat mysterieuze grimmige rafelende grungerandje, al is de rest van de invulling niet meer overwegend grijs maar heeft de diverse veelkleurigheid van de disco. De bordeauxrode nachtclubfunk van The Revolution of Super Visions is uitermate geschikt voor de dansvloer, en het grijze musje heeft zich ontwikkeld tot een ware veelzijdige diva. Eindelijk is de dolende nachtmot ontpopt tot een sprankelende rondfladderende vlinder.
Stages of Phases heeft die zuchtende verlangens naar de veilige Krautrock, maar gaat al snel over naar retrogevoelige zwoele Goldfrapp-achtige glamrock. Soms neemt die vrijheid en blijheid wel een loopje met haar zoals het met stemsamplers volgestopte Modern Reputation, het is hier net teveel van het goede. Een chaotische opeenstapeling van stembeheersing die een vervelende jeukende kakofonische uitwerking hebben. Bij het in seventies gehulde fluitwerk en met de in treurnis gevulde hobopartijen van titelstuk Flock pakt dit weer wel verrassend goed uit. Ze gebruikt haar hoge kopstem in het in soul badende zonovergoten Sunset Dreams op een mannelijke manier, waardoor het bijna androgeen overkomt.
Het is bijzonder dat Jane Weaver rond haar vijftigste levensjaar die jeugdige frisse sensualiteit heeft ontdekt en dat die oude geest in het te jonge lichaam eindelijk de berustende afsluitende weg naar buiten heeft gevonden. Flock flirt met de muziekstijlen, is uitdagend sensueel en vooral heerlijk onbevangen. Een nieuwe fase dringt zich op, met daarin de onschuld en buigzaamheid van een prille artiest. Je zou bijna vergeten dat we hier met een ervaren volwassen talent te maken hebben, dat nu opnieuw tot bloei komt.
Jane Weaver - Flock | Pop | Written in Music - writteninmusic.com
De Liverpoolse blondine werkt vervolgens samen met leden van Doves, Elbow en singer-songwriter Badly Drawn Boy. Chris Martin hangt aan de telefoon omdat hij dolgraag een fragment van de track Silver Chord wil gebruiken in de Coldplay song Another’s Arms. Een juiste beslissing dus om de muziekwereld niet vaarwel te zeggen en een doorstart te maken. Het accent is ondertussen vanuit de hemelse trippende Krautrock elementen de sfeervolle ritmische elektronische kant op verschoven. Er is ondertussen ook gewerkt aan de soundtrack van Fehérlófia, een ongeveer dertig jaar oude film die onder de bandnaam Fenella van muziek wordt voorzien. Op vrijdag 5 maart verschijnt haar negende studioplaat Flock.
Flock is luchtiger, bijna tekstueel humorvol te noemen. Na bijna twintig jaar heeft ze het dramatische zwaar dragende verleden van zich afgeschud. Een opgelucht eindresultaat waarbij ze weer durft te dromen, en durft te dromen om deze dromen te verwezenlijken. Die zweverige dreampop van Heartlow is nog zeker volgens de jaren negentig styling principe uitgewerkt en bezit nog steeds wel dat mysterieuze grimmige rafelende grungerandje, al is de rest van de invulling niet meer overwegend grijs maar heeft de diverse veelkleurigheid van de disco. De bordeauxrode nachtclubfunk van The Revolution of Super Visions is uitermate geschikt voor de dansvloer, en het grijze musje heeft zich ontwikkeld tot een ware veelzijdige diva. Eindelijk is de dolende nachtmot ontpopt tot een sprankelende rondfladderende vlinder.
Stages of Phases heeft die zuchtende verlangens naar de veilige Krautrock, maar gaat al snel over naar retrogevoelige zwoele Goldfrapp-achtige glamrock. Soms neemt die vrijheid en blijheid wel een loopje met haar zoals het met stemsamplers volgestopte Modern Reputation, het is hier net teveel van het goede. Een chaotische opeenstapeling van stembeheersing die een vervelende jeukende kakofonische uitwerking hebben. Bij het in seventies gehulde fluitwerk en met de in treurnis gevulde hobopartijen van titelstuk Flock pakt dit weer wel verrassend goed uit. Ze gebruikt haar hoge kopstem in het in soul badende zonovergoten Sunset Dreams op een mannelijke manier, waardoor het bijna androgeen overkomt.
Het is bijzonder dat Jane Weaver rond haar vijftigste levensjaar die jeugdige frisse sensualiteit heeft ontdekt en dat die oude geest in het te jonge lichaam eindelijk de berustende afsluitende weg naar buiten heeft gevonden. Flock flirt met de muziekstijlen, is uitdagend sensueel en vooral heerlijk onbevangen. Een nieuwe fase dringt zich op, met daarin de onschuld en buigzaamheid van een prille artiest. Je zou bijna vergeten dat we hier met een ervaren volwassen talent te maken hebben, dat nu opnieuw tot bloei komt.
Jane Weaver - Flock | Pop | Written in Music - writteninmusic.com
Jane Weaver - Love in Constant Spectacle (2024)

4,0
0
geplaatst: 24 april 2024, 01:39 uur
Wat zonde dat Jane Weaver nog steeds niet door het grote publiek is opgepakt. Met een tiental goede psychedelische folkpop platen op haar conto schakelt ze voor Love in Constant Spectacle de hulp van John Parish in. Zijn naam wordt in een adem met die van PJ Harvey genoemd, maar de producer heeft recentelijk ook met werk van Aldous Harding en Dry Cleaning succes geboekt. Niet dat zijn aandeel zoveel toevoegt, het houdt Jane Weaver wel fris en aandachtig geïnspireerd. Als vijftiger wijkt de niet van haar koers af, dat opnieuw zichzelf uitvinden hoeft van haar niet zo nodig meer, al is haar vorige Flock wapenfeit een stuk luchtiger dan haar eerdere werk en is de Love in Constant Spectacle aanpak juist introvert intiem.
Matt Grayson is op Flock al voor de baspartijen verantwoordelijk en omdat het zo natuurlijk aanvoelt blijft hij ook nu aan Love in Constant Spectacle verbonden. Ook de vertrouwde samenwerking met Andrew Cheetham wordt gecontinueerd. De drummer blijft zichzelf uitdagen en kiest nu voor een meer geïmproviseerde freejazz aanpak. De nieuwste huurkracht die bij het gezelschap aansluit is gitarist Joel Nicholson. Bijzonder, want hij houdt zich voornamelijk met zijn Butcher The Bar eenmansproject bezig. Geen verkeerde keuze, zijn licht provocerende glamrock spel voegt weldegelijk iets toe en waarschijnlijk kan deze muzikant ook gemakkelijk tijd voor een aankomende tournee vrijmaken.
Perfect Storm handelt over het opnameproces. Om een schrijfblokkade te voorkomen en niet in saaiheid te verzanden haalt ze de inspiratie uit het continu in beweging zijnde stadsleven. Al werkt ze de bevindingen wel in het rustige landelijke van het in Wales gelegen dorpje Rockfield uit. In die legendarische studio’s hebben oudgedienden als Manic Street Preachers, Simple Minds, Coldplay, Black Sabbath en Oasis platen opgenomen en meer recentelijk hebben daar nog acts als Shame, Aldous Harding en Tom Odell gebivakkeerd. Perfect Storm schept haakse new wave verwarring door de verschrikte instrumenten die eigenlijk niet echt bij elkaar passen, maar samen wel een harmonieus geluid neerzetten. Zoekend en aarzelend, precies zoals de teksten het aangeven.
John Parish zorgt dus voor de verfijning, een stimulans waarmee Jane Weaver weer die geheimzinnige duisternis induikt. Dit ligt haar toch het beste, het voelt in ieder geval ouderwets vertrouwd aan. Dat ouderwetse zit hem ook in het retro jaren zeventig geluid. Ze brengt in Emotional Components een soort van nachtelijke strandfunk, je proeft het zoute zeewater, en voelt de kriebelende zandkorrels onder je voeten bewegen. Toch klinkt Jane Weaver stukken soepeler, kneedbaarder en liever. Een geschikte kandidaat om ideeën bij te projecteren, de invulling daarvan is bijna vloeibaar.
De stroperige bas brengt je in extase, en de Britse zangeres hypnotiseert je als een verleidende godin. Ondanks haar leeftijd heeft Jane Weaver bezit ze nog steeds dat jeugdige, en mengt ze dit met het krachtige vrouwelijke. Begrijpelijk dus dat John Parish voor haar valt, deze eigenschappen heeft een PJ Harvey dus ook in het bezit. Waarschijnlijk is zijn belangrijkste raad om het vooral persoonlijk en dicht bij haarzelf te houden. Emotional Components moet eigenlijk een gevoel van thuiskomen zijn, maar in de praktijk valt het anders uit, het is vooral vervreemding van die zekerheden, de leegte als die invulling slechts materieel is.
Die eenzaamheid wordt door het falen van een intense relatie en het overlijden van haar vader veroorzaakt. Het Love in Constant Spectacle titelstuk onderwerpt zich aan de depressies, het eenzijdige onbeantwoorde verlangen, de zoveelste stilstand in een roerig leven. Het psychedelische Love in Constant Spectacle komt hard binnen, met het grote verschil dat de zangeres nu niet aan het dagdromen is, maar de heftige realiteit onder ogen ziet. De scheurende uitluidende gitaar staat voor het geweten, de gesmoorde fade out voor de kilheid van het bestaan. Daarentegen gaat het ingetogen folky Motif van het positieve uit. Zolang in alle grijsheid het licht doorschijnt is er ruimte voor hoop en groei. Dit soort nummers kunnen alleen maar in die berustende omgeving van het bezinnende Rockfield tot ontplooiing komen.
Bij het beladen emotionele The Axis and The Seed zoekt Jane Weaver met hees doorrookte stem de hoogtes op. Een sterk staaltje aan hedendaagse triphop met droge basherhalingen in een filmische stoffige jazzsetting. Het zelfverzekerde Is Metal is de obsessieve destructieve drang om koste wat het kost bij een geliefde te zijn. Tegendraadse pressies en het verlies van totale controle over anderen. De transformatie van een chemische liefdesreactie in een geladen spanningsveld. In het onrustige oorzoemende verdovende Happiness in Proximity zorgen de broeierige zomer regendans driekwartsmaat jazzritmes voor het evenwicht. Geluk zit in een klein hoekje, ongeluk is de heersende dominante factor. En net als je die complexiteit aanvaardt komt in het vredige Romantic Worlds de liefde weer op het pad.
De licht zwevende kosmische Universe glamkraut deelt die vrijgekomen ruimtes, van het strakke hokjes denken is geen sprake meer van. Jane Weaver koppelt zich los van de aardse zekerheid en laat het onvoorspelbare avontuur weer toe. De hoofdrol is echter voor het twinkelende postpunk gitaarspel van Joel Nicholson weggelegd. Wat een meesterlijke ontdekking is hij toch. Jane Weaver wijst zichzelf als hoofschuldige van haar misstappen aan, al vraagt ze hierbij wel om vergiffenis. Door de melancholische klaagzang identificeert ze zich met Morrissey. Universe heeft hoe dan ook opvallend veel raakvlakken met het betere The Smiths werk.
Het psychedelische met primitieve oer drumslagen opgesierde donkere Family of the Sun sluit hier tekstueel sterk op aan, al leunt de track verder duidelijk op Velvet Underground structuurlijnen. Laten we stellen dat de samenwerking met John Parish een vruchtbaar resultaat oplevert. Het is dus vooral Joel Nicholson die het verschil maakt en voor genoeg avontuurlijke wendingen zorgt. Zelfs als Family of the Sun op het einde nog eventjes van de koers afwijkt en het hemelse sterrenstelsel kruist blijft die overtuigende diepgang aanwezig. Love in Constant Spectacle overstijgt de eerdere releases, en er zijn nog steeds genoeg doorgroeimogelijkheden aanwezig.
Jane Weaver - Love in Constant Spectacle | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Matt Grayson is op Flock al voor de baspartijen verantwoordelijk en omdat het zo natuurlijk aanvoelt blijft hij ook nu aan Love in Constant Spectacle verbonden. Ook de vertrouwde samenwerking met Andrew Cheetham wordt gecontinueerd. De drummer blijft zichzelf uitdagen en kiest nu voor een meer geïmproviseerde freejazz aanpak. De nieuwste huurkracht die bij het gezelschap aansluit is gitarist Joel Nicholson. Bijzonder, want hij houdt zich voornamelijk met zijn Butcher The Bar eenmansproject bezig. Geen verkeerde keuze, zijn licht provocerende glamrock spel voegt weldegelijk iets toe en waarschijnlijk kan deze muzikant ook gemakkelijk tijd voor een aankomende tournee vrijmaken.
Perfect Storm handelt over het opnameproces. Om een schrijfblokkade te voorkomen en niet in saaiheid te verzanden haalt ze de inspiratie uit het continu in beweging zijnde stadsleven. Al werkt ze de bevindingen wel in het rustige landelijke van het in Wales gelegen dorpje Rockfield uit. In die legendarische studio’s hebben oudgedienden als Manic Street Preachers, Simple Minds, Coldplay, Black Sabbath en Oasis platen opgenomen en meer recentelijk hebben daar nog acts als Shame, Aldous Harding en Tom Odell gebivakkeerd. Perfect Storm schept haakse new wave verwarring door de verschrikte instrumenten die eigenlijk niet echt bij elkaar passen, maar samen wel een harmonieus geluid neerzetten. Zoekend en aarzelend, precies zoals de teksten het aangeven.
John Parish zorgt dus voor de verfijning, een stimulans waarmee Jane Weaver weer die geheimzinnige duisternis induikt. Dit ligt haar toch het beste, het voelt in ieder geval ouderwets vertrouwd aan. Dat ouderwetse zit hem ook in het retro jaren zeventig geluid. Ze brengt in Emotional Components een soort van nachtelijke strandfunk, je proeft het zoute zeewater, en voelt de kriebelende zandkorrels onder je voeten bewegen. Toch klinkt Jane Weaver stukken soepeler, kneedbaarder en liever. Een geschikte kandidaat om ideeën bij te projecteren, de invulling daarvan is bijna vloeibaar.
De stroperige bas brengt je in extase, en de Britse zangeres hypnotiseert je als een verleidende godin. Ondanks haar leeftijd heeft Jane Weaver bezit ze nog steeds dat jeugdige, en mengt ze dit met het krachtige vrouwelijke. Begrijpelijk dus dat John Parish voor haar valt, deze eigenschappen heeft een PJ Harvey dus ook in het bezit. Waarschijnlijk is zijn belangrijkste raad om het vooral persoonlijk en dicht bij haarzelf te houden. Emotional Components moet eigenlijk een gevoel van thuiskomen zijn, maar in de praktijk valt het anders uit, het is vooral vervreemding van die zekerheden, de leegte als die invulling slechts materieel is.
Die eenzaamheid wordt door het falen van een intense relatie en het overlijden van haar vader veroorzaakt. Het Love in Constant Spectacle titelstuk onderwerpt zich aan de depressies, het eenzijdige onbeantwoorde verlangen, de zoveelste stilstand in een roerig leven. Het psychedelische Love in Constant Spectacle komt hard binnen, met het grote verschil dat de zangeres nu niet aan het dagdromen is, maar de heftige realiteit onder ogen ziet. De scheurende uitluidende gitaar staat voor het geweten, de gesmoorde fade out voor de kilheid van het bestaan. Daarentegen gaat het ingetogen folky Motif van het positieve uit. Zolang in alle grijsheid het licht doorschijnt is er ruimte voor hoop en groei. Dit soort nummers kunnen alleen maar in die berustende omgeving van het bezinnende Rockfield tot ontplooiing komen.
Bij het beladen emotionele The Axis and The Seed zoekt Jane Weaver met hees doorrookte stem de hoogtes op. Een sterk staaltje aan hedendaagse triphop met droge basherhalingen in een filmische stoffige jazzsetting. Het zelfverzekerde Is Metal is de obsessieve destructieve drang om koste wat het kost bij een geliefde te zijn. Tegendraadse pressies en het verlies van totale controle over anderen. De transformatie van een chemische liefdesreactie in een geladen spanningsveld. In het onrustige oorzoemende verdovende Happiness in Proximity zorgen de broeierige zomer regendans driekwartsmaat jazzritmes voor het evenwicht. Geluk zit in een klein hoekje, ongeluk is de heersende dominante factor. En net als je die complexiteit aanvaardt komt in het vredige Romantic Worlds de liefde weer op het pad.
De licht zwevende kosmische Universe glamkraut deelt die vrijgekomen ruimtes, van het strakke hokjes denken is geen sprake meer van. Jane Weaver koppelt zich los van de aardse zekerheid en laat het onvoorspelbare avontuur weer toe. De hoofdrol is echter voor het twinkelende postpunk gitaarspel van Joel Nicholson weggelegd. Wat een meesterlijke ontdekking is hij toch. Jane Weaver wijst zichzelf als hoofschuldige van haar misstappen aan, al vraagt ze hierbij wel om vergiffenis. Door de melancholische klaagzang identificeert ze zich met Morrissey. Universe heeft hoe dan ook opvallend veel raakvlakken met het betere The Smiths werk.
Het psychedelische met primitieve oer drumslagen opgesierde donkere Family of the Sun sluit hier tekstueel sterk op aan, al leunt de track verder duidelijk op Velvet Underground structuurlijnen. Laten we stellen dat de samenwerking met John Parish een vruchtbaar resultaat oplevert. Het is dus vooral Joel Nicholson die het verschil maakt en voor genoeg avontuurlijke wendingen zorgt. Zelfs als Family of the Sun op het einde nog eventjes van de koers afwijkt en het hemelse sterrenstelsel kruist blijft die overtuigende diepgang aanwezig. Love in Constant Spectacle overstijgt de eerdere releases, en er zijn nog steeds genoeg doorgroeimogelijkheden aanwezig.
Jane Weaver - Love in Constant Spectacle | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Jane's Addiction - Nothing's Shocking (1988)

4,0
0
geplaatst: 29 maart 2015, 16:21 uur
Jane’s Addiction heeft het zonnige van California.
Mooie jonge modellen op rollerskates; die zich sierlijk als zwanen voort bewegen langs begroetende palmbomen.
Zichzelf een weg banend tussen de audities.
Het Mekka voor beginnende gitaarbandjes, om hun carrière op te bouwen.
De letters van Hollywood Sign als eigentijds vrijheidsbeeld voor LA.
Want de stad waarbij de mogelijkheden onbeperkt lijken is niet New York, maar Los Angeles.
Maar Jane’s Addiction laat ook de harde kant van Hollywood horen.
Sinds actrice Peg Entwistle in 1932 zelfmoord pleegde door van de H van Hollywood Sign te springen, blijkt dat deze plaats ook een andere kant heeft.
Marilyn Monroe is misschien wel het bekendste slachtoffer van deze City Of Angels
Mooie actrices vielen vaak ten prooi van Hugh Hefner achtige geldwolven, die ze lieten werken in de porno business.
Doordat hun lichaam zo vol gepompt werd door siliconen, was het vrijwel onmogelijk om hun hersenen normaal te laten functioneren.
De enige uitweg was een relatie aan te gaan met de een of andere getatoeëerde rockidool, waarbij men vervolgens ten prooi valt voor de vele verleidingen die drugs te bieden heeft.
River Phoenix en Hillel Slovak als zichtbare slachtoffers.
John Frusciante ontspringt net de dans.
Jane’s Addiction heeft die harde en zachte kant in zich.
De belichaming van de opkomst en ondergang van de Ziggy Stardust van de jaren 90.
Afsluiter Pigs in Zen doet mij denken aan de Manson Family moorden.
Een religieuze groep jonge mensen die gebrainstormd door Charles Manson moorden plegen.
Alsof ze onder invloed van meditatie totaal kalm het bloed van hun slachtoffers gebruiken om Death to Pigs op de muren te schrijven.
Ik vraag me af of dit de achterliggende gedachte bij dit nummer is, al lijkt mij dit scenario niet geheel onwaarschijnlijk.
Mooie jonge modellen op rollerskates; die zich sierlijk als zwanen voort bewegen langs begroetende palmbomen.
Zichzelf een weg banend tussen de audities.
Het Mekka voor beginnende gitaarbandjes, om hun carrière op te bouwen.
De letters van Hollywood Sign als eigentijds vrijheidsbeeld voor LA.
Want de stad waarbij de mogelijkheden onbeperkt lijken is niet New York, maar Los Angeles.
Maar Jane’s Addiction laat ook de harde kant van Hollywood horen.
Sinds actrice Peg Entwistle in 1932 zelfmoord pleegde door van de H van Hollywood Sign te springen, blijkt dat deze plaats ook een andere kant heeft.
Marilyn Monroe is misschien wel het bekendste slachtoffer van deze City Of Angels
Mooie actrices vielen vaak ten prooi van Hugh Hefner achtige geldwolven, die ze lieten werken in de porno business.
Doordat hun lichaam zo vol gepompt werd door siliconen, was het vrijwel onmogelijk om hun hersenen normaal te laten functioneren.
De enige uitweg was een relatie aan te gaan met de een of andere getatoeëerde rockidool, waarbij men vervolgens ten prooi valt voor de vele verleidingen die drugs te bieden heeft.
River Phoenix en Hillel Slovak als zichtbare slachtoffers.
John Frusciante ontspringt net de dans.
Jane’s Addiction heeft die harde en zachte kant in zich.
De belichaming van de opkomst en ondergang van de Ziggy Stardust van de jaren 90.
Afsluiter Pigs in Zen doet mij denken aan de Manson Family moorden.
Een religieuze groep jonge mensen die gebrainstormd door Charles Manson moorden plegen.
Alsof ze onder invloed van meditatie totaal kalm het bloed van hun slachtoffers gebruiken om Death to Pigs op de muren te schrijven.
Ik vraag me af of dit de achterliggende gedachte bij dit nummer is, al lijkt mij dit scenario niet geheel onwaarschijnlijk.
Jane's Addiction - Ritual de Lo Habitual (1990)

4,0
0
geplaatst: 9 februari 2010, 22:15 uur
Je houdt ervan, of je vind het totaal niks.
Het hoge schreeuwerige stemgeluid van Perry Farrel. Voor mij klinkt het altijd als Sting On Speed.
Die speed zou best kunnen kloppen, Jane’s Addiction experimenteerde volgens mij net zoveel met muziekstijlen als met drugs. Toch wel een vreemde eend tussen al het cross-over geweld.
Op het moment dat ze groot begonnen te worden besloot Farrel om met Jane’s Addiction te stoppen, en verder te gaan in Porno For Pyros.
Via die band; en het mooie nummer Pets ben ik hierbij beland.
Ook hier viel ik voor het rustige werk. Classic Girl is misschien wel een van de best bewaarde geheimen uit de jaren 90.
Voor mij was het ook een grote prettige verrassing dat Red Hot Chili Peppers gitarist Dave Navarro inpikte om mee te werken aan One Hot Minute.
Zijn bijdrage daar wordt vaak als minder af gedaan, maar juist hij tilde de songs daar nog omhoog.
Ik ben nog steeds van mening dat juist de overige Peppers in een creatief dal zaten, en hem de mindere nummers werden verweten.
Op Ritual de lo Habitual zit hij meer op zijn plek.
Hier klinkt een fris bandgeluid (ondanks de drugs), en mag gezien worden als hoogtepunt van Jane’s Addiction.
Net onder Classic Girl zit voor mij Obvious.
Muzikaal erg sterk!!
Doet me zelfs aan de betere U2 periode denken.
Three Days is een mooie jamsessie wat bij mij dezelfde sfeer oproept als het tussenstuk bij Light My Fire van the Doors.
En natuurlijk blijft de clip bij Been Caught Stealing erg grappig.
Het hoge schreeuwerige stemgeluid van Perry Farrel. Voor mij klinkt het altijd als Sting On Speed.
Die speed zou best kunnen kloppen, Jane’s Addiction experimenteerde volgens mij net zoveel met muziekstijlen als met drugs. Toch wel een vreemde eend tussen al het cross-over geweld.
Op het moment dat ze groot begonnen te worden besloot Farrel om met Jane’s Addiction te stoppen, en verder te gaan in Porno For Pyros.
Via die band; en het mooie nummer Pets ben ik hierbij beland.
Ook hier viel ik voor het rustige werk. Classic Girl is misschien wel een van de best bewaarde geheimen uit de jaren 90.
Voor mij was het ook een grote prettige verrassing dat Red Hot Chili Peppers gitarist Dave Navarro inpikte om mee te werken aan One Hot Minute.
Zijn bijdrage daar wordt vaak als minder af gedaan, maar juist hij tilde de songs daar nog omhoog.
Ik ben nog steeds van mening dat juist de overige Peppers in een creatief dal zaten, en hem de mindere nummers werden verweten.
Op Ritual de lo Habitual zit hij meer op zijn plek.
Hier klinkt een fris bandgeluid (ondanks de drugs), en mag gezien worden als hoogtepunt van Jane’s Addiction.
Net onder Classic Girl zit voor mij Obvious.
Muzikaal erg sterk!!
Doet me zelfs aan de betere U2 periode denken.
Three Days is een mooie jamsessie wat bij mij dezelfde sfeer oproept als het tussenstuk bij Light My Fire van the Doors.
En natuurlijk blijft de clip bij Been Caught Stealing erg grappig.
Janet Jackson - Control (1986)

3,5
0
geplaatst: 10 september 2018, 18:28 uur
Eigenlijk heel knap en gedurfd wat Janet Jackson hier klaar speelt.
Haar broer was behoorlijk groot geworden vanaf Thriller, en wist met meerdere singles daarvan flink te scoren.
Janet deed hetzelfde bij het album Control.
Toch wist ze goed hoe ze het aan wilde pakken.
Nadat ze met haar eerste twee solo albums niet echt bekend wist te worden, pakte ze het hier aan met een mix tussen de sound van Prince en Trevor Horn (veel Art Of Noise achtige stukken), wel net wat commerciëler gebracht allemaal.
In haar stem heeft ze absoluut raakvlakken met haar bekende broer, en ook Janet legt ook een nadruk op het dansgedeelte.
In de clips presenteert ze een soort van Streetdance, al is het net wat gemakkelijker uit te voeren dan het werk van Michael.
Ik denk dat het album Control het ook wel gered had zonder de clips, daarvoor is het hitgevoelig genoeg, al zullen we het nooit zeker weten.
Haar broer was behoorlijk groot geworden vanaf Thriller, en wist met meerdere singles daarvan flink te scoren.
Janet deed hetzelfde bij het album Control.
Toch wist ze goed hoe ze het aan wilde pakken.
Nadat ze met haar eerste twee solo albums niet echt bekend wist te worden, pakte ze het hier aan met een mix tussen de sound van Prince en Trevor Horn (veel Art Of Noise achtige stukken), wel net wat commerciëler gebracht allemaal.
In haar stem heeft ze absoluut raakvlakken met haar bekende broer, en ook Janet legt ook een nadruk op het dansgedeelte.
In de clips presenteert ze een soort van Streetdance, al is het net wat gemakkelijker uit te voeren dan het werk van Michael.
Ik denk dat het album Control het ook wel gered had zonder de clips, daarvoor is het hitgevoelig genoeg, al zullen we het nooit zeker weten.
Janis Joplin - Pearl (1971)

3,5
0
geplaatst: 25 oktober 2015, 17:25 uur
De invloed van Janis Joplin is waarschijnlijk nog het grootste geweest in de jaren 90.
Of je nu Anouk, Skunk Anansie, Alanis Morrisette, Sass Jordan of Alannah Myles noemt, ze zijn eigenlijk allemaal schatplichtig aan Janis Joplin.
Dit was toch wel de eerste rockbitch.
Met haar 27 jaar klinkt ze als een oude blueszangeres, waarbij de stem totaal kapot is gezongen, maar daardoor er zoveel levenservaring en emoties in terug te horen zijn.
Eigenlijk is ze te vergelijken met Jim Morrison; ook hij klonk op het einde van zijn leven als een oud versleten persoon.
Misschien konden deze artiesten gewoon niet ouder worden, omdat het echt al klaar was.
Onbegrijpelijk.
Pearl kwam natuurlijk pas na haar dood uit.
Als een goedlachste diva met de verkeerde kledingkeuze siert ze de albumhoes.
Nee, niet echt de uitstraling van een schoonheid, maar waarschijnlijk wel de eerste vrouw die zich verbaal staande hield in de stoere mannenwereld der popmuziek.
Wat een strot!
Of je nu Anouk, Skunk Anansie, Alanis Morrisette, Sass Jordan of Alannah Myles noemt, ze zijn eigenlijk allemaal schatplichtig aan Janis Joplin.
Dit was toch wel de eerste rockbitch.
Met haar 27 jaar klinkt ze als een oude blueszangeres, waarbij de stem totaal kapot is gezongen, maar daardoor er zoveel levenservaring en emoties in terug te horen zijn.
Eigenlijk is ze te vergelijken met Jim Morrison; ook hij klonk op het einde van zijn leven als een oud versleten persoon.
Misschien konden deze artiesten gewoon niet ouder worden, omdat het echt al klaar was.
Onbegrijpelijk.
Pearl kwam natuurlijk pas na haar dood uit.
Als een goedlachste diva met de verkeerde kledingkeuze siert ze de albumhoes.
Nee, niet echt de uitstraling van een schoonheid, maar waarschijnlijk wel de eerste vrouw die zich verbaal staande hield in de stoere mannenwereld der popmuziek.
Wat een strot!
Japan - Adolescent Sex (1978)

4,0
0
geplaatst: 2 september 2018, 23:56 uur
David Sylvian klinkt op dit debuut feller, misschien zelfs agressiever, met een sneer die bijna tegen de punk aanzit.
Eigenlijk meer zelfs als het geschoolde broertje van Johnny Rotten.
Pas later zou het zwaardere geluid met de tragische snik in de stem komen.
Minder dromerig als het latere werk, met de nodige disco en funk invloeden.
Glamrock hoor ik niet echt terug, wel zie ik het in het uiterlijk; de sound klinkt net wat chiquer.
Meer richting Young Americans, ook het uiterlijk van Sylvian gaat meer steeds richting de Bowie uit die periode.
Japan zie ik nog meer als het startsein voor de New Romantics.
Persoonlijk vind ik dit het meest dansbare en swingende plaat van Japan.
De synths, basgitaar en uiteraard ook de zang moet van invloed zijn geweest op Duran Duran, het titelnummer in ieder geval zeker; leg Adolescent Sex maar eens naast Planet Earth.
Het is heerlijk rauw, nog minder moeilijk en bedacht als het latere werk, al ben ik daar zeker ook een groot liefhebber van.
Eigenlijk meer zelfs als het geschoolde broertje van Johnny Rotten.
Pas later zou het zwaardere geluid met de tragische snik in de stem komen.
Minder dromerig als het latere werk, met de nodige disco en funk invloeden.
Glamrock hoor ik niet echt terug, wel zie ik het in het uiterlijk; de sound klinkt net wat chiquer.
Meer richting Young Americans, ook het uiterlijk van Sylvian gaat meer steeds richting de Bowie uit die periode.
Japan zie ik nog meer als het startsein voor de New Romantics.
Persoonlijk vind ik dit het meest dansbare en swingende plaat van Japan.
De synths, basgitaar en uiteraard ook de zang moet van invloed zijn geweest op Duran Duran, het titelnummer in ieder geval zeker; leg Adolescent Sex maar eens naast Planet Earth.
Het is heerlijk rauw, nog minder moeilijk en bedacht als het latere werk, al ben ik daar zeker ook een groot liefhebber van.
Japan - Quiet Life (1979)

4,0
0
geplaatst: 3 mei 2012, 22:49 uur
Dat Clearasil je van de puistjes af helpt is natuurlijk een grote leugen.
Maar als puber wil je alles proberen om maar beter in de smaak te vallen bij het vrouwelijke geslacht.
Zo ook onze Simon, die tevens aanleg heeft om wat dikker te worden.
Als je dan ook nog een achternaam heeft die simpel te herleiden is tot bonbon, dan heb je een probleem.
Het was dan ook een geschenk uit de hemel dat zich een band zich presenteerde waarbij de leden zich verschuilen achter een dikke laag make-up, en er toch cool uit zagen.
Je hoort een single en vanuit dat beginpunt besluit je een heel album te maken.
Het bewuste nummer was Quiet Life.
Het album het debuut van Duran Duran.
Natuurlijk is het image van Japan niet geheel origineel.
Ik ken opnames van David Bowie die Golden Years aan het performen is; geheel strak van de coke.
Om de lichamelijke aftakeling te verbergen werd er de nodige gezichtsverzorging toe gepast.
Maar bij David Sylvian had het een ander effect.
Zijn iets wat vrouwelijke verschijning met dito stemgeluid heeft iets mysterieus en sensueels.
Bij hem was het om de een of andere reden verantwoord.
Japan is ook een goed gekozen naam.
Op Quiet Life hoor je al de Oosterse invloeden door; iets waar ze voor mijn gevoel op Tin Drum te ver in door draaiden.
Zijn geslaagde samenwerking met Ryuichi Sakamoto als logisch vervolg.
Eigenlijk is Quit Life een overgangsplaat.
De glamrock van voorheen vervaagd langzaamaan tot het sfeervolle sobere latere werk.
Juist deze periode vind ik het meest interessante.
Postpunk heeft meestal een link met David Bowie, zo ook nu weer, alleen is nu het element van stijlicoon meer op de voorgrond gebracht.
Wave voor de gentlemen.
Maar als puber wil je alles proberen om maar beter in de smaak te vallen bij het vrouwelijke geslacht.
Zo ook onze Simon, die tevens aanleg heeft om wat dikker te worden.
Als je dan ook nog een achternaam heeft die simpel te herleiden is tot bonbon, dan heb je een probleem.
Het was dan ook een geschenk uit de hemel dat zich een band zich presenteerde waarbij de leden zich verschuilen achter een dikke laag make-up, en er toch cool uit zagen.
Je hoort een single en vanuit dat beginpunt besluit je een heel album te maken.
Het bewuste nummer was Quiet Life.
Het album het debuut van Duran Duran.
Natuurlijk is het image van Japan niet geheel origineel.
Ik ken opnames van David Bowie die Golden Years aan het performen is; geheel strak van de coke.
Om de lichamelijke aftakeling te verbergen werd er de nodige gezichtsverzorging toe gepast.
Maar bij David Sylvian had het een ander effect.
Zijn iets wat vrouwelijke verschijning met dito stemgeluid heeft iets mysterieus en sensueels.
Bij hem was het om de een of andere reden verantwoord.
Japan is ook een goed gekozen naam.
Op Quiet Life hoor je al de Oosterse invloeden door; iets waar ze voor mijn gevoel op Tin Drum te ver in door draaiden.
Zijn geslaagde samenwerking met Ryuichi Sakamoto als logisch vervolg.
Eigenlijk is Quit Life een overgangsplaat.
De glamrock van voorheen vervaagd langzaamaan tot het sfeervolle sobere latere werk.
Juist deze periode vind ik het meest interessante.
Postpunk heeft meestal een link met David Bowie, zo ook nu weer, alleen is nu het element van stijlicoon meer op de voorgrond gebracht.
Wave voor de gentlemen.
Japan - Tin Drum (1981)

4,0
0
geplaatst: 13 april 2015, 16:40 uur
De ontwikkeling van Japan vind ik vergelijkbaar met die van Talk Talk.
Een commerciële aanpak maakt steeds meer plaats voor een artistiek uitgangspunt.
Bij Talk Talk was het klaar na Laughing Stock, Japan sluit het hoofdstuk af met Tin Drum.
David Sylvian begon vervolgens een soortgelijk boek.
Mark Hollis sloot zijn memoires af met een naar zichzelf genoemd solo album.
Bij Japan ging het altijd wel om de sfeer.
Hoe verder hun carrière zich ontwikkelde, hoe meer de bandnaam aansloot bij de albums.
Het Oosterse element zou zich als een Yin Yang samen voegen tot de muziek.
Twee vrienden die samen een compromis sluiten.
Ghosts is hier het verslag van.
Nog meer dan bij Nightporter laat dit horen welke kant Sylvian op wil gaan.
Ik weet niet of het bewust is, maar Tin Drum heeft verwijzingen naar twee dominerende leiders.
Op de achtergrond van de albumhoes staat een foto van Mao Zedong, welke langzaamaan aan het los laten is.
Tin Drum is verder te herleiden tot Die Blechtrommel van Günter Grass, waarbij het tijdperk van Hitler een grote rol speelt.
De lege stoelen op de achterkant van de hoes, geeft aan dat het tijdperk Japan definitief is af gesloten.
Ze staan opgesteld alsof we net getuige zijn geweest van een persconferentie.
Een commerciële aanpak maakt steeds meer plaats voor een artistiek uitgangspunt.
Bij Talk Talk was het klaar na Laughing Stock, Japan sluit het hoofdstuk af met Tin Drum.
David Sylvian begon vervolgens een soortgelijk boek.
Mark Hollis sloot zijn memoires af met een naar zichzelf genoemd solo album.
Bij Japan ging het altijd wel om de sfeer.
Hoe verder hun carrière zich ontwikkelde, hoe meer de bandnaam aansloot bij de albums.
Het Oosterse element zou zich als een Yin Yang samen voegen tot de muziek.
Twee vrienden die samen een compromis sluiten.
Ghosts is hier het verslag van.
Nog meer dan bij Nightporter laat dit horen welke kant Sylvian op wil gaan.
Ik weet niet of het bewust is, maar Tin Drum heeft verwijzingen naar twee dominerende leiders.
Op de achtergrond van de albumhoes staat een foto van Mao Zedong, welke langzaamaan aan het los laten is.
Tin Drum is verder te herleiden tot Die Blechtrommel van Günter Grass, waarbij het tijdperk van Hitler een grote rol speelt.
De lege stoelen op de achterkant van de hoes, geeft aan dat het tijdperk Japan definitief is af gesloten.
Ze staan opgesteld alsof we net getuige zijn geweest van een persconferentie.
Japanese Breakfast - For Melancholy Brunettes (& sad women) (2025)

3,5
1
geplaatst: 27 maart 2025, 17:30 uur
Jubilee is de plaat die Michelle Zauners moet maken om het overlijden van haar moeder een plek te geven. Als geen ander hoopt haar ouder op het sterfbed dat ze in staat is om het leven weer glans te geven. Jubilee is meer dan een prachtig geslaagd eerbetoon aan de roots en aan de familiebanden van de singer-songwriter: het is de bewustwording dat het leven gewoon doorgaat. Na een zorgvuldig gekozen stilte en voorbereiding komt dan nu het waardige vervolg in de vorm van For Melancholy Brunettes (& Sad Women).
Beter dan met openingstrack Here Is Someone kan je die voortgang niet verwoorden. Al raak je met een lied slechts één persoon, dan is het doel al bereikt. Juist die songs versterken de momenten waar je jezelf aan vasthoudt. Elk nummer roept de gedachtes op naar een specifieke gebeurtenis, soms triest, soms gelukkig makend. Het is de spirituele invalshoek waar Japanese Breakfast haar werk altijd al mee inkleurt. Met deze opzet nodigt ze de luisteraar uit om na te denken. Een zelfhulppakket om mee verder te groeien. Dat dit ook nog eens prachtige songs oplevert, is een mooie bijkomstigheid.
Het volgesmeerde Here Is Someone is meer dan een ochtendontbijt, het is een rijkelijk gevulde tafel, waarbij alles op een satijnwit kleed is uitgestald. Het is vooral het samenspel tussen Michelle Zauners en producer Blake Mills. Samen zijn ze verantwoordelijk voor het merendeel van het instrumentale arrangement, waar het orgeltoetsenwerk van Dory Bavarsky en Joseph Lorge, de saxofoonuithalen van Adam Schatz en de gitaarakkoorden van Alam Khan voor de verfijning zorgen. Een aanpak die Japanese Breakfast vervolgens op de rest van de songs toepast. De grootste kracht hierbij blijft het unieke zachte stemgeluid van Michelle Zauners die zich prima voor deze van Burt Bacharach afgeleide wijze van componeren leent. Een hoog lichtgewicht vintage seventies musical sfeertje. Geniale barokke liftmuziek, maar ook een tikkeltje saai.
Het opbouwende Orlando in Love mengt het epische Orlando Innamorato veldslag heldengedicht van Matteo Maria Boiardo met het indrukwekkende The Connoisseur schilderij van Eduard von Grützner en geeft hier een eigen geromantiseerde dromerige draai aan. Dan volgt het hoogtepunt van de plaat waar Blake Mills de schoonheid van noise en shoegazer met dreampop tot een kolkend geheel laat samensmelten. Honey Water krijgt hier vervolgens nog een regenlading van pianopartijen overheen gegoten, waardoor het nazomerbriesje nog net wat sterker aangezet wordt. Tussen de regels door lees je dat een vrouw zich altijd ondergeschikt aan de man moet opstellen. Een emancipatiesong in wording, afgeremd door die onafhankelijkheidspositie.
Het uptempo heen en weer rockende Mega Circuit draagt in alles de zorgeloze zomers uit vergeten tijden uit. Daar waar de jeugdige onschuld ontmaagd wordt en men het licht opstandige gedrag nog tolereert. Ook de Little Girl zuiverheid voedt zich met die branie. De eerste publieke dronkenschap en de schaamte voor ongepast gedrag. Het zijn de onhandigheden waarvoor ze niet meer voor advies bij haar moeder kan aankloppen. Dan zoek je de verbintenis in die andere familietak. Leda is gebaseerd op het eerste contact met haar vader, na een lange periode van stilte. Onwennig, aarzelend, veilig op telefoonafstand. Het is eigenlijk te triest voor woorden, Michelle Zauners geeft die eenzaamheidszinnen hier wel betekenis.
Dat de dood van haar moeder nog steeds niet helemaal verwerkt is, merk je in het ontroerende maar tevens opwindende Picture Window. Het zijn de spoken in huis die rusteloos ronddwalen. Het zijn de geesten die de leegtes in fotolijstjes denkbeeldig opvullen. Grunge drummer Matt Chamberlain zorgt voor de opzwepende drumslagen en geeft er een rockende twist aan. Is het vreemd dat ik bij de samenwerking met Jeff Bridges aan Kris Kristofferson moet denken? Ook hier betreft het een muzikant die tevens een mooie acteer carrière heeft opgebouwd. Natuurlijk is dat niet vreemd en ook Men in Bars zou zich prima voor een filmisch liefdesdrama lenen. Jeff Bridges in de rol van getraumatiseerd oorlogsveteraan, die zijn problemen wegdrinkt. Michelle Zauners als de trouw gebleven echtgenote, die hem hierin bijstaat. Een oprechte country tranentrekker, wel typisch Amerikaans.
De Californische Winter in LA liefdesverklaring benoemt de eenzaamheid als de verlate liefde een asgrijze sluier over de zon heen drapeert. Een speels en onaf niemendalletje van een liedje, dat zich er met moeite tussen wringt. Aan de prachtige begeleiding ligt het niet, die is bij het door zware strijkers gedragen Magic Mountain ook weer hemels. Het is eerder zo dat Michelle Zauners na de dood van haar moeder ook die Zuid- Koreaanse afkomst begraaft. Juist door die invloed maakt ze tekstueel en muzikaal op Jubilee het grote verschil. Op For Melancholy Brunettes (& Sad Women) presenteert ze zich te vaak als girl next door, te gewoontjes, te onopvallend, te Amerikaans.
Japanese Breakfast - For Melancholy Brunettes (& Sad Women) | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Beter dan met openingstrack Here Is Someone kan je die voortgang niet verwoorden. Al raak je met een lied slechts één persoon, dan is het doel al bereikt. Juist die songs versterken de momenten waar je jezelf aan vasthoudt. Elk nummer roept de gedachtes op naar een specifieke gebeurtenis, soms triest, soms gelukkig makend. Het is de spirituele invalshoek waar Japanese Breakfast haar werk altijd al mee inkleurt. Met deze opzet nodigt ze de luisteraar uit om na te denken. Een zelfhulppakket om mee verder te groeien. Dat dit ook nog eens prachtige songs oplevert, is een mooie bijkomstigheid.
Het volgesmeerde Here Is Someone is meer dan een ochtendontbijt, het is een rijkelijk gevulde tafel, waarbij alles op een satijnwit kleed is uitgestald. Het is vooral het samenspel tussen Michelle Zauners en producer Blake Mills. Samen zijn ze verantwoordelijk voor het merendeel van het instrumentale arrangement, waar het orgeltoetsenwerk van Dory Bavarsky en Joseph Lorge, de saxofoonuithalen van Adam Schatz en de gitaarakkoorden van Alam Khan voor de verfijning zorgen. Een aanpak die Japanese Breakfast vervolgens op de rest van de songs toepast. De grootste kracht hierbij blijft het unieke zachte stemgeluid van Michelle Zauners die zich prima voor deze van Burt Bacharach afgeleide wijze van componeren leent. Een hoog lichtgewicht vintage seventies musical sfeertje. Geniale barokke liftmuziek, maar ook een tikkeltje saai.
Het opbouwende Orlando in Love mengt het epische Orlando Innamorato veldslag heldengedicht van Matteo Maria Boiardo met het indrukwekkende The Connoisseur schilderij van Eduard von Grützner en geeft hier een eigen geromantiseerde dromerige draai aan. Dan volgt het hoogtepunt van de plaat waar Blake Mills de schoonheid van noise en shoegazer met dreampop tot een kolkend geheel laat samensmelten. Honey Water krijgt hier vervolgens nog een regenlading van pianopartijen overheen gegoten, waardoor het nazomerbriesje nog net wat sterker aangezet wordt. Tussen de regels door lees je dat een vrouw zich altijd ondergeschikt aan de man moet opstellen. Een emancipatiesong in wording, afgeremd door die onafhankelijkheidspositie.
Het uptempo heen en weer rockende Mega Circuit draagt in alles de zorgeloze zomers uit vergeten tijden uit. Daar waar de jeugdige onschuld ontmaagd wordt en men het licht opstandige gedrag nog tolereert. Ook de Little Girl zuiverheid voedt zich met die branie. De eerste publieke dronkenschap en de schaamte voor ongepast gedrag. Het zijn de onhandigheden waarvoor ze niet meer voor advies bij haar moeder kan aankloppen. Dan zoek je de verbintenis in die andere familietak. Leda is gebaseerd op het eerste contact met haar vader, na een lange periode van stilte. Onwennig, aarzelend, veilig op telefoonafstand. Het is eigenlijk te triest voor woorden, Michelle Zauners geeft die eenzaamheidszinnen hier wel betekenis.
Dat de dood van haar moeder nog steeds niet helemaal verwerkt is, merk je in het ontroerende maar tevens opwindende Picture Window. Het zijn de spoken in huis die rusteloos ronddwalen. Het zijn de geesten die de leegtes in fotolijstjes denkbeeldig opvullen. Grunge drummer Matt Chamberlain zorgt voor de opzwepende drumslagen en geeft er een rockende twist aan. Is het vreemd dat ik bij de samenwerking met Jeff Bridges aan Kris Kristofferson moet denken? Ook hier betreft het een muzikant die tevens een mooie acteer carrière heeft opgebouwd. Natuurlijk is dat niet vreemd en ook Men in Bars zou zich prima voor een filmisch liefdesdrama lenen. Jeff Bridges in de rol van getraumatiseerd oorlogsveteraan, die zijn problemen wegdrinkt. Michelle Zauners als de trouw gebleven echtgenote, die hem hierin bijstaat. Een oprechte country tranentrekker, wel typisch Amerikaans.
De Californische Winter in LA liefdesverklaring benoemt de eenzaamheid als de verlate liefde een asgrijze sluier over de zon heen drapeert. Een speels en onaf niemendalletje van een liedje, dat zich er met moeite tussen wringt. Aan de prachtige begeleiding ligt het niet, die is bij het door zware strijkers gedragen Magic Mountain ook weer hemels. Het is eerder zo dat Michelle Zauners na de dood van haar moeder ook die Zuid- Koreaanse afkomst begraaft. Juist door die invloed maakt ze tekstueel en muzikaal op Jubilee het grote verschil. Op For Melancholy Brunettes (& Sad Women) presenteert ze zich te vaak als girl next door, te gewoontjes, te onopvallend, te Amerikaans.
Japanese Breakfast - For Melancholy Brunettes (& Sad Women) | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Japanese Breakfast - Jubilee (2021)

4,0
1
geplaatst: 19 juni 2021, 21:07 uur
Met haar eigenaardige afwijkende en zelfs wat beangstigende videoclips kondigt Japanese Breakfast haar nieuwe album Jubilee aan. Staan de vorige twee albums Psychopomp en Soft Sounds from Another Planet nog vooral in het teken van het slopende ziekteproces en het overlijden van Michelle Zauners moeder, op Jubilee draait het voornamelijk om hervonden vreugde. Maar dan volgens de principes van Japanese Breakfast. Vreemd, onnavolgbaar maar wel lekker. De Koreaanse kaki pruimen op de albumhoes staan symbool voor haar roots en de levenssituatie waar Michelle Zauners zich in bevind. Godsvruchten voor de ziel op aarde, de dood achter zich latend, voorbereidend op een hoopvol vervolg.
Nog steeds ligt de nadruk bij deze voormalige Little Big League zangeres op de dromerige indiepop. Het veelbelovende uit Philadelphia afkomstige emocore gezelschap heeft met These Are Good People en Tropical Jinx net twee doorleefde rauwe platen afgeleverd als Michelle Zauners noodgedwongen de stekker eruit trekt om zich dicht bij haar aan kanker lijdende familielid in Oregon te voegen. Nu dit alles achter de rug is en ze haar verlies van zich afgeschreven heeft in het autobiografische Crying in H Mart boekwerk kiest de vocalist uiteindelijk niet voor een doorstart met haar voormalige bandleden. Wijs geworden door verdriet en tegenslagen bewandeld ze deze eenzame weg alleen. Het is een afrondend proces welke zich nu in de laatste fase verkeert en welke ze zo treffend verwoord in In Hell.
Hell is finding someone to love
And I can’t have you
Hell is finding someone to love
And I can’t see you again
Begrafenisklanken, militant trommelgeroffel, trompettergeschal en een heus treurorkest begeleiden Paprika Gods huis uit, om vervolgens in bruiloftsstemming de poptempel opnieuw te verwelkomen. Michelle Zauners ontwaakt uit haar afstompende slaapstand om vervolgens die levensmagie weer door haar aderen te voelen stromen. Een paradox die de gunstige positieve kant oprolt en vooral innerlijke bevrijding oproept. Onder deze gemoedstoestand maken we kennis met Jubilee, waarbij deze dochter de opdracht heeft gekregen om het plezier te omarmen en te delen. Spiritueel? Misschien wel, maar zo diep hoef je er niet in te duiken.
Ondanks dat Michelle Zauners aangeeft dat de plaat bestaat uit verhaaltjes van verzonnen personages ademt Jubilee dat niet uit. Het alter ego Japanese Breakfast pakt de achterstand op die ze door haar privé omstandigheden heeft opgelopen. De clubdisco van Be Sweet is een herplaatsing in de onafgesloten tienerjaren. Een heerlijke eighties synthpopkraker met een optimistische vibe die de semi-romantische sfeer op Jubilee juist verwoord. In het folky Kokomo, IN spreekt ze het verlangen uit om heel eventjes terug te keren naar die geborgen thuissituatie uit haar jeugd. De levendige saxofoon in Slide Tackle is een surrogaat voor een berustende ouderpersoon, die bemoedigt, aanmoedigt en motiveert.
Het is echter niet alleen maar een vrolijke bedoeling. De duisternis in het soft erotische Posing in Bondage is pijnlijk en confronterend. Een verminking van het brein door ziekelijke sado machistische denkwanen. Die diepte zet zich door in de licht industriële sensualiteit van het net zo zwartdromerige Sit. Een album gevuld met helende synthpop waar een aangename verrassing in het nawoord voor een mooie eindswitch zorgt. Posing For Cars grijpt terug naar het groepsgeluk van Little Big League. De elektrische gitaar wordt aangekoppeld en ondersteund door de droge lage bas en gepassioneerde drums werkt Michelle Zauners zich hemels solerend door het gedragen slotakkoord heen. Kippenvel!
Japanese Breakfast - Jubilee | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Nog steeds ligt de nadruk bij deze voormalige Little Big League zangeres op de dromerige indiepop. Het veelbelovende uit Philadelphia afkomstige emocore gezelschap heeft met These Are Good People en Tropical Jinx net twee doorleefde rauwe platen afgeleverd als Michelle Zauners noodgedwongen de stekker eruit trekt om zich dicht bij haar aan kanker lijdende familielid in Oregon te voegen. Nu dit alles achter de rug is en ze haar verlies van zich afgeschreven heeft in het autobiografische Crying in H Mart boekwerk kiest de vocalist uiteindelijk niet voor een doorstart met haar voormalige bandleden. Wijs geworden door verdriet en tegenslagen bewandeld ze deze eenzame weg alleen. Het is een afrondend proces welke zich nu in de laatste fase verkeert en welke ze zo treffend verwoord in In Hell.
Hell is finding someone to love
And I can’t have you
Hell is finding someone to love
And I can’t see you again
Begrafenisklanken, militant trommelgeroffel, trompettergeschal en een heus treurorkest begeleiden Paprika Gods huis uit, om vervolgens in bruiloftsstemming de poptempel opnieuw te verwelkomen. Michelle Zauners ontwaakt uit haar afstompende slaapstand om vervolgens die levensmagie weer door haar aderen te voelen stromen. Een paradox die de gunstige positieve kant oprolt en vooral innerlijke bevrijding oproept. Onder deze gemoedstoestand maken we kennis met Jubilee, waarbij deze dochter de opdracht heeft gekregen om het plezier te omarmen en te delen. Spiritueel? Misschien wel, maar zo diep hoef je er niet in te duiken.
Ondanks dat Michelle Zauners aangeeft dat de plaat bestaat uit verhaaltjes van verzonnen personages ademt Jubilee dat niet uit. Het alter ego Japanese Breakfast pakt de achterstand op die ze door haar privé omstandigheden heeft opgelopen. De clubdisco van Be Sweet is een herplaatsing in de onafgesloten tienerjaren. Een heerlijke eighties synthpopkraker met een optimistische vibe die de semi-romantische sfeer op Jubilee juist verwoord. In het folky Kokomo, IN spreekt ze het verlangen uit om heel eventjes terug te keren naar die geborgen thuissituatie uit haar jeugd. De levendige saxofoon in Slide Tackle is een surrogaat voor een berustende ouderpersoon, die bemoedigt, aanmoedigt en motiveert.
Het is echter niet alleen maar een vrolijke bedoeling. De duisternis in het soft erotische Posing in Bondage is pijnlijk en confronterend. Een verminking van het brein door ziekelijke sado machistische denkwanen. Die diepte zet zich door in de licht industriële sensualiteit van het net zo zwartdromerige Sit. Een album gevuld met helende synthpop waar een aangename verrassing in het nawoord voor een mooie eindswitch zorgt. Posing For Cars grijpt terug naar het groepsgeluk van Little Big League. De elektrische gitaar wordt aangekoppeld en ondersteund door de droge lage bas en gepassioneerde drums werkt Michelle Zauners zich hemels solerend door het gedragen slotakkoord heen. Kippenvel!
Japanese Breakfast - Jubilee | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
