Hier kun je zien welke berichten deric raven als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
E.R. Jurken - I Stand Corrected (2021)

3,5
0
geplaatst: 29 mei 2021, 00:28 uur
Hoe vaak loopt een artiest wel niet trots met zijn songs de studio binnen om daar de in ontwikkeling zijnde kindjes onder te brengen bij de daar aanwezige producer om uiteindelijk die plek met keurige heropgevoede liedjes huiswaarts te keren. Het mooie eigenwijze karakter is afgestraft en alle eigenzinnigheid is verdwenen. Je moet eens weten hoe vaak die creativiteit totaal is bijgeschaafd en dat er uiteindelijk bar weinig over is van die hoofd vullende ideeën. Dat het ook anders kan bewijst E.R. Jurken met zijn eersteling I Stand Corrected.
De uit Illinois afkomstige E.R. Jurken is een troubadour, een ouderwetse liedjesverkoper, die zwervend door het dal van het leven al zijn bezittingen inclusief zijn gitaren kwijtraakt en door America heen trekt om rust te vinden. Een bewuste keuze die in werking wordt gezet als de depressieve zanger in 2012 getraumatiseerd door een aardedonkere periode heen gaat en achtervolgt wordt door zijn persoonlijke demonen die hij moeizaam van zich af kan schudden. Zijn goede vriend Gene Booth trekt hem vanuit die bodemloze put omhoog en speelt een belangrijke rol in het terugvinden van de liefde voor de muziek.
Bang voor het lopende risico om in zijn oude negatieve patroon terug te vallen gaat hij onder toeziend oog van Drag City A&R-man Rian Murphy op bezoek bij Mark Greenberg. Deze geniale opnametechneut heeft in het verleden de opdracht gekregen om de tegendraadsheid van Wilco, Beck en Andrew Bird te behouden en te verfijnen. Gelukkig staan ze er verder niet alleen voor en is het de veelgevraagde blazer Paul Mertens die daar zo nodig de lichte mineurklanken en sfeertonen aan de gitaarlijnen toevoegt. Het vertrouwen in E.R. Jurken is zelfs zo groot dat hij gelijk gekoppeld wordt aan het speciaal voor hem opgerichte Country Thyme label, een nieuwe jongvolwassen dochtermaatschappij van Drag City. Een therapeutisch proces volgt welke uiteindelijk afgetoetst wordt met de voltooiing van I Stand Corrected.
E.R. Jurken onderscheid zichzelf door in zijn songs de onaardse kopstem in verschillende toonhoogtes te ontleden, te overdubben en te herdefiniëren. Een aanpak die in het verleden Bohemian Rhapsody, de monsterhit van Queen opleverde. Alleen ligt de interesse van deze nieuwe muzikale aanwinst meer op het vlak van de harmonieuze koortjes waarmee The Beach Boys halverwege de jaren zestig naam maakten, en die The Beatles vervolgens toepasten in hun psychedelische periode.
I Stand Corrected is zeker geen poging om deze meesterwerken te evenaren, maar roept wel een soortgelijke sfeer op. Lieflijke georkestreerde eenvoudige popliedjes die ook wel het verlangen naar die folk sound van jaren geleden oproepen. Geen moderne hippe Americana indietracks, maar eerlijke klein gehouden verhaaltjes. Deze vocale exclusiviteit is tevens ook een groot struikelblok, de eenzijdigheid wordt nergens afgewisseld met gedurfde wendingen, waardoor de aandacht al snel dreigt af te zakken tot standje slaapverwekkend.
Het is mooi dat een veelbelovende jonge singer-songwriter alle vrijheid krijgt om zijn eigen geluid te ontdekken. Welke huidige platenmaatschappij schept tegenwoordig nog zoveel vertrouwen in een onbekende artiest. Zo hoort het eigenlijk ook te werken. Gewoon een leerschool om je verder te ontwikkelen. Geen tijdsdruk om jezelf te schikken naar het verwachtte eindplaatje. We moeten ze koesteren, labels als Country Thyme die dus dat verschil maken. I Stand Corrected is een prettig puur debuut, uitgewerkt volgens de kernbegrippen van de Do It Yourself ideologie.
E.R. Jurken - I Stand Corrected | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
De uit Illinois afkomstige E.R. Jurken is een troubadour, een ouderwetse liedjesverkoper, die zwervend door het dal van het leven al zijn bezittingen inclusief zijn gitaren kwijtraakt en door America heen trekt om rust te vinden. Een bewuste keuze die in werking wordt gezet als de depressieve zanger in 2012 getraumatiseerd door een aardedonkere periode heen gaat en achtervolgt wordt door zijn persoonlijke demonen die hij moeizaam van zich af kan schudden. Zijn goede vriend Gene Booth trekt hem vanuit die bodemloze put omhoog en speelt een belangrijke rol in het terugvinden van de liefde voor de muziek.
Bang voor het lopende risico om in zijn oude negatieve patroon terug te vallen gaat hij onder toeziend oog van Drag City A&R-man Rian Murphy op bezoek bij Mark Greenberg. Deze geniale opnametechneut heeft in het verleden de opdracht gekregen om de tegendraadsheid van Wilco, Beck en Andrew Bird te behouden en te verfijnen. Gelukkig staan ze er verder niet alleen voor en is het de veelgevraagde blazer Paul Mertens die daar zo nodig de lichte mineurklanken en sfeertonen aan de gitaarlijnen toevoegt. Het vertrouwen in E.R. Jurken is zelfs zo groot dat hij gelijk gekoppeld wordt aan het speciaal voor hem opgerichte Country Thyme label, een nieuwe jongvolwassen dochtermaatschappij van Drag City. Een therapeutisch proces volgt welke uiteindelijk afgetoetst wordt met de voltooiing van I Stand Corrected.
E.R. Jurken onderscheid zichzelf door in zijn songs de onaardse kopstem in verschillende toonhoogtes te ontleden, te overdubben en te herdefiniëren. Een aanpak die in het verleden Bohemian Rhapsody, de monsterhit van Queen opleverde. Alleen ligt de interesse van deze nieuwe muzikale aanwinst meer op het vlak van de harmonieuze koortjes waarmee The Beach Boys halverwege de jaren zestig naam maakten, en die The Beatles vervolgens toepasten in hun psychedelische periode.
I Stand Corrected is zeker geen poging om deze meesterwerken te evenaren, maar roept wel een soortgelijke sfeer op. Lieflijke georkestreerde eenvoudige popliedjes die ook wel het verlangen naar die folk sound van jaren geleden oproepen. Geen moderne hippe Americana indietracks, maar eerlijke klein gehouden verhaaltjes. Deze vocale exclusiviteit is tevens ook een groot struikelblok, de eenzijdigheid wordt nergens afgewisseld met gedurfde wendingen, waardoor de aandacht al snel dreigt af te zakken tot standje slaapverwekkend.
Het is mooi dat een veelbelovende jonge singer-songwriter alle vrijheid krijgt om zijn eigen geluid te ontdekken. Welke huidige platenmaatschappij schept tegenwoordig nog zoveel vertrouwen in een onbekende artiest. Zo hoort het eigenlijk ook te werken. Gewoon een leerschool om je verder te ontwikkelen. Geen tijdsdruk om jezelf te schikken naar het verwachtte eindplaatje. We moeten ze koesteren, labels als Country Thyme die dus dat verschil maken. I Stand Corrected is een prettig puur debuut, uitgewerkt volgens de kernbegrippen van de Do It Yourself ideologie.
E.R. Jurken - I Stand Corrected | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Eagles - Desperado (1973)

3,5
0
geplaatst: 31 augustus 2015, 16:32 uur
Zullen we cowboytje spelen?
Ja dat is goed.
Ik wil Joe Dalton zijn, zegt Don, die rol van kleine driftige leider ligt mij goed.
Nee, ik wil Joe Dalton zijn, zegt Glenn.
Jij mag wel Averell Dalton zijn, die is een stuk groter, maar wel wat lomper.
En wij zijn wij dan, vragen de overige twee.
Bernie en Randy mogen William en Jack Dalton zijn.
Hun rol is wat kleurlozer, en gemakkelijk te vervangen.
Ik heb nog een vriend, die heet ook Don, ik zal hem vragen of hij Lucky Luke wil spelen.
Prima, zegt de andere Don, in zijn rol van Joe Dalton.
Gniffelend denkt hij; mooi, dan kan hij als ik hem niet meer nodig heb naar de noorderzon vertrekken.
Joe Dalton had ook nog een soortgelijk plan met William en Jack Dalton.
Maar eerst zou hij aan de slag gaan met het illegale casino, dit boevenhol moest ook nog een naam hebben.
Weet je wat; ik zet er gewoon het bord hotel op, dan krijg ik minder problemen met andere instanties.
Joe Dalton had helemaal geen zin meer in cowboytje spelen, maar boefje en politie leek hem wel erg leuk.
Ja dat is goed.
Ik wil Joe Dalton zijn, zegt Don, die rol van kleine driftige leider ligt mij goed.
Nee, ik wil Joe Dalton zijn, zegt Glenn.
Jij mag wel Averell Dalton zijn, die is een stuk groter, maar wel wat lomper.
En wij zijn wij dan, vragen de overige twee.
Bernie en Randy mogen William en Jack Dalton zijn.
Hun rol is wat kleurlozer, en gemakkelijk te vervangen.
Ik heb nog een vriend, die heet ook Don, ik zal hem vragen of hij Lucky Luke wil spelen.
Prima, zegt de andere Don, in zijn rol van Joe Dalton.
Gniffelend denkt hij; mooi, dan kan hij als ik hem niet meer nodig heb naar de noorderzon vertrekken.
Joe Dalton had ook nog een soortgelijk plan met William en Jack Dalton.
Maar eerst zou hij aan de slag gaan met het illegale casino, dit boevenhol moest ook nog een naam hebben.
Weet je wat; ik zet er gewoon het bord hotel op, dan krijg ik minder problemen met andere instanties.
Joe Dalton had helemaal geen zin meer in cowboytje spelen, maar boefje en politie leek hem wel erg leuk.
Eagles - Hotel California (1976)

4,0
0
geplaatst: 7 augustus 2010, 16:49 uur
Voor de buitenwereld waren The Eagles een vriendenclub.
Begonnen als begeleidingsband van Linda Ronstadt.
Kwaliteit dat al snel in goud veranderde.
Maar ook hier probeerde men elkaar af te troeven.
Halverwege de jaren zeventig ontstonden er vaker spanningen in dit soort supergroepen.
Vanwege een overschot aan talent.
Genotsmiddelen lagen op de loer.
Fleetwood Mac en Pink Floyd zijn ook duidelijke voorbeelden.
Ruzie tijdens het opnameproces.
Jaren later de commerciële knieval maken.
Voor veel geld weer samen op het podium.
Alles weer koek en ei voor de buitenwereld.
Natuurlijk weten we wel beter.
Zonder Hotel California ook geen Californication van de Red Hot Chili Peppers.
Duidelijk een begrip geworden in de Amerikaanse muziek business.
Eenmaal in die molen is er geen ontsnapping mogelijk.
Frey en Henley voelden het perfect aan.
Hotel California is synoniem voor het zwichten van het grote geld.
Zonnige stranden, cocaïne, mooie vrouwen en snelle auto's.
In de jaren tachtig verwoord in de televisieserie Miami Vice.
Ironisch genoeg zullen leden van deze band regelmatig nummers hiervoor leveren.
New Kid In Town oogt onschuldig.
Toekomstperspectief om het helemaal te maken.
Een vreemdeling in de grote stad.
Al snel in het oog vallen bij dealers.
Potentiële klant om hun waar aan te verkopen.
Ingeburgerd voor hij er erg in heeft.
Weinigen zullen de stap maken tot het grote succes.
Merendeel zal op straat moeten overleven.
Slachtoffer van Hollywood.
Oorsprong van mode.
Hypes die elkaar opvolgen.
Duurbetaalde modellen als vriendin.
Bij overschrijding van een bepaalde leeftijd inleverbaar voor een jongere versie.
Strak van het witte lijntje.
Zonnebril om achter te verschuilen
Jezelf presenteren op de rode loper.
Visitekaartje voor een plekje in The Hall Of Fame.
Life In The Fast Lane.
Voordat je het weet ben je oud.
Als een mismaakte Mickey Rourke wacht je op het laatste moment.
Vervormd door verjongeringskuren en botox.
Ouderdom blijft pijnlijk zichtbaar.
Een lelijke Chihuahua als enige vriend.
Om aanspraak te maken bij nieuwe sterren.
Alsof een Paris Hilton daar een zwak voor heeft.
Wasted Time.
De wereld is veranderd in een groot Hotel California.
Het beest heeft zich via onzinnige boulevardprogramma’s en real life soaps binnen gedrongen.
Jerry Springer vervaagde de norm.
Mediamagnaten kopten de bal in.
Coca Cola zit in ons bloed.
We ademen de hamburgerlucht van de Mac Donalds.
Het communisme dat zich de Verenigde Staten noemt.
Een geworden met die maatschappij.
Begonnen als begeleidingsband van Linda Ronstadt.
Kwaliteit dat al snel in goud veranderde.
Maar ook hier probeerde men elkaar af te troeven.
Halverwege de jaren zeventig ontstonden er vaker spanningen in dit soort supergroepen.
Vanwege een overschot aan talent.
Genotsmiddelen lagen op de loer.
Fleetwood Mac en Pink Floyd zijn ook duidelijke voorbeelden.
Ruzie tijdens het opnameproces.
Jaren later de commerciële knieval maken.
Voor veel geld weer samen op het podium.
Alles weer koek en ei voor de buitenwereld.
Natuurlijk weten we wel beter.
Zonder Hotel California ook geen Californication van de Red Hot Chili Peppers.
Duidelijk een begrip geworden in de Amerikaanse muziek business.
Eenmaal in die molen is er geen ontsnapping mogelijk.
Frey en Henley voelden het perfect aan.
Hotel California is synoniem voor het zwichten van het grote geld.
Zonnige stranden, cocaïne, mooie vrouwen en snelle auto's.
In de jaren tachtig verwoord in de televisieserie Miami Vice.
Ironisch genoeg zullen leden van deze band regelmatig nummers hiervoor leveren.
New Kid In Town oogt onschuldig.
Toekomstperspectief om het helemaal te maken.
Een vreemdeling in de grote stad.
Al snel in het oog vallen bij dealers.
Potentiële klant om hun waar aan te verkopen.
Ingeburgerd voor hij er erg in heeft.
Weinigen zullen de stap maken tot het grote succes.
Merendeel zal op straat moeten overleven.
Slachtoffer van Hollywood.
Oorsprong van mode.
Hypes die elkaar opvolgen.
Duurbetaalde modellen als vriendin.
Bij overschrijding van een bepaalde leeftijd inleverbaar voor een jongere versie.
Strak van het witte lijntje.
Zonnebril om achter te verschuilen
Jezelf presenteren op de rode loper.
Visitekaartje voor een plekje in The Hall Of Fame.
Life In The Fast Lane.
Voordat je het weet ben je oud.
Als een mismaakte Mickey Rourke wacht je op het laatste moment.
Vervormd door verjongeringskuren en botox.
Ouderdom blijft pijnlijk zichtbaar.
Een lelijke Chihuahua als enige vriend.
Om aanspraak te maken bij nieuwe sterren.
Alsof een Paris Hilton daar een zwak voor heeft.
Wasted Time.
De wereld is veranderd in een groot Hotel California.
Het beest heeft zich via onzinnige boulevardprogramma’s en real life soaps binnen gedrongen.
Jerry Springer vervaagde de norm.
Mediamagnaten kopten de bal in.
Coca Cola zit in ons bloed.
We ademen de hamburgerlucht van de Mac Donalds.
Het communisme dat zich de Verenigde Staten noemt.
Een geworden met die maatschappij.
Earth and Fire - Song of the Marching Children (1971)

3,5
0
geplaatst: 8 maart 2012, 17:36 uur
Ik heb altijd gedacht dat het album Titan van Tower met daar op de hitsingle See You Tonight de voorloper was van bands als Within Temptation en The Gathering.
Vandaag via YouTube weer eens gekeken naar de clip.
Vervolgens krijg je van die linkjes naar andere nummers.
De lijst was vooral gevuld met Earth & Fire songs.
Sinds het optreden van Jerney Kaagman bij Idols heb ik echter een soort van allergie voor haar gekregen.
Niet echt iemand met uitstraling; al weet ik dat dit ooit in een vorig leven anders was.
Toch maar besloten om Song of the Marching Children te kopen.
Deze ligt al jaren afgeprijsd in de bekende cd en games winkelketen.
Behalve dat de link naar een band als The Gathering duidelijk aanwezig is, moet ik vooral denken aan de muzikale omlijsting van de Nederlandse jeugdfilms uit de jaren 70.
Vreemd dat het beeld van sekssymbool Kaagman (want dat was ze toen zeker) in een klap kan omslaan naar het visioen van Lex Goudsmit in Peter en de Vliegende Autobus.
Feit is dat Nederland zeker al mee telde in het wereldje van de Progressieve Rock.
Samen met Kayak, Exception en Focus hadden ze ook internationaal aanzien.
Ook een Golden Earring gebruikte de nodige elementen.
Voor mij ligt de kracht van Earth & Fire vooral in de zang, al zit het muzikaal zeker sterk in elkaar.
Als we het moeten hebben van albumclassics van eigen bodem, dan hoort Song of the Marching Children daar zeker in thuis.
Ongelofelijk dat deze band een paar jaar later Weekend uit brengt; mooi gezongen, maar waarbij de muziek meer overeenkomsten heeft met BZN dan met dit binnenlands meesterwerk.
Vandaag via YouTube weer eens gekeken naar de clip.
Vervolgens krijg je van die linkjes naar andere nummers.
De lijst was vooral gevuld met Earth & Fire songs.
Sinds het optreden van Jerney Kaagman bij Idols heb ik echter een soort van allergie voor haar gekregen.
Niet echt iemand met uitstraling; al weet ik dat dit ooit in een vorig leven anders was.
Toch maar besloten om Song of the Marching Children te kopen.
Deze ligt al jaren afgeprijsd in de bekende cd en games winkelketen.
Behalve dat de link naar een band als The Gathering duidelijk aanwezig is, moet ik vooral denken aan de muzikale omlijsting van de Nederlandse jeugdfilms uit de jaren 70.
Vreemd dat het beeld van sekssymbool Kaagman (want dat was ze toen zeker) in een klap kan omslaan naar het visioen van Lex Goudsmit in Peter en de Vliegende Autobus.
Feit is dat Nederland zeker al mee telde in het wereldje van de Progressieve Rock.
Samen met Kayak, Exception en Focus hadden ze ook internationaal aanzien.
Ook een Golden Earring gebruikte de nodige elementen.
Voor mij ligt de kracht van Earth & Fire vooral in de zang, al zit het muzikaal zeker sterk in elkaar.
Als we het moeten hebben van albumclassics van eigen bodem, dan hoort Song of the Marching Children daar zeker in thuis.
Ongelofelijk dat deze band een paar jaar later Weekend uit brengt; mooi gezongen, maar waarbij de muziek meer overeenkomsten heeft met BZN dan met dit binnenlands meesterwerk.
Echo & The Bunnymen - Flowers (2001)

3,5
1
geplaatst: 11 september 2018, 00:53 uur
King Of Kings is toch echt een beknopte samenvatting van The End van The Doors.
Ik heb al eerder aangegeven dat Echo & the Bunnymen duidelijk is beïnvloed door deze band.
Het is allemaal wat dromeriger en zweveriger dan hun oude werk; het catchy, korte pakkende is duidelijk naar de achtergrond verdwenen, waardoor je al snel de indruk krijgt dat het allemaal wat minder geïnspireerd is.
Reverberation is toch echt wel een ijkpunt geweest, je hebt de Echo & the Bunnymen van voor en die van na dat album.
De zang blijft herkenbaar, maar muzikaal gezien wel een andere band, al klinken ze vanaf Siberia wel meer als de oude band.
Men vergeet al snel de invloed van Pete de Freitas, nadat hij verongelukte veranderde de sound van de band ook.
Of het komt vanwege het ontbreken van zijn bijdrage, of het besef van dat het leven heel kort kan zijn, ik weet het niet.
Wel voel ik de impact van deze treurige gebeurtenis; alles was definitief anders.
Electrafixion was muzikaal gezien een mooiere comeback, maar niemand pikte die naam op, dan maar verder onder de oude naam.
Voor mij blijft Flowers een wat stuurloos tussendoortje, net als de albumhoes, daar weet de manfiguur ook niet hoe hij die roeispaan vast moet houden, wel de leiding nemen, maar dan zonder resultaat.
Zo zie ik de rol van Ian McCulloch ook op deze plaat.
Ik heb al eerder aangegeven dat Echo & the Bunnymen duidelijk is beïnvloed door deze band.
Het is allemaal wat dromeriger en zweveriger dan hun oude werk; het catchy, korte pakkende is duidelijk naar de achtergrond verdwenen, waardoor je al snel de indruk krijgt dat het allemaal wat minder geïnspireerd is.
Reverberation is toch echt wel een ijkpunt geweest, je hebt de Echo & the Bunnymen van voor en die van na dat album.
De zang blijft herkenbaar, maar muzikaal gezien wel een andere band, al klinken ze vanaf Siberia wel meer als de oude band.
Men vergeet al snel de invloed van Pete de Freitas, nadat hij verongelukte veranderde de sound van de band ook.
Of het komt vanwege het ontbreken van zijn bijdrage, of het besef van dat het leven heel kort kan zijn, ik weet het niet.
Wel voel ik de impact van deze treurige gebeurtenis; alles was definitief anders.
Electrafixion was muzikaal gezien een mooiere comeback, maar niemand pikte die naam op, dan maar verder onder de oude naam.
Voor mij blijft Flowers een wat stuurloos tussendoortje, net als de albumhoes, daar weet de manfiguur ook niet hoe hij die roeispaan vast moet houden, wel de leiding nemen, maar dan zonder resultaat.
Zo zie ik de rol van Ian McCulloch ook op deze plaat.
Echo & The Bunnymen - Ocean Rain (1984)

5,0
0
geplaatst: 10 mei 2010, 21:35 uur
Ocean Rain.
Flinke neerslag.
Schuilen in een grot.
Woonplaats der vleermuizen.
Vochtige wanden.
Zang die blijft weerkaatsen.
Stroming die je verder voert.
Geen peddels om er tegen in te gaan.
Vier bange konijntjes.
De klank gaat steeds meer richting het Midden Oosten.
Iets wat ook hoorbaar was bij The Cure en Siouxsie & The Banshees.
Noctural Me zou zo door Siouxsie Sioux gezongen kunnen worden.
Alsof we te maken hebben met een emigratie golf.
Wavers die donkere holen en kastelen verruilen voor piramides.
Egypte als nieuwe uitvalshoek.
Zonnestralen die trouwens ook goed zijn voor de bleke huid.
Ian McCulloch als onze eigen jojo man.
Zoekende en beïnvloedbaar.
Gaan voor een grote doorbraak.
Of toch de alternatieve kant.
Goud in de vorm van Seven Seas in handen.
Te moeilijke keuzes om in zeven sloten tegelijk te lopen.
Geen zeeën van tijd.
Killing Moon.
Een romance.
Christopher Lee die wacht op een jonge bruid.
Ian McCulloch die zijn verliefde verliest.
Aan een oudere man met scherpe hoektanden.
Fate
Up against your will
Through the thick and thin
He will wait until
You give yourself to him
Uitgesproken als een oordeel.
Rechtzaak tegen Dracula.
Strafbaar feit.
Sex met minderjarigen.
Het meest geslaagde album van Echo & The Bunnymen.
Commercieel en artistiek een groot succes.
Flinke neerslag.
Schuilen in een grot.
Woonplaats der vleermuizen.
Vochtige wanden.
Zang die blijft weerkaatsen.
Stroming die je verder voert.
Geen peddels om er tegen in te gaan.
Vier bange konijntjes.
De klank gaat steeds meer richting het Midden Oosten.
Iets wat ook hoorbaar was bij The Cure en Siouxsie & The Banshees.
Noctural Me zou zo door Siouxsie Sioux gezongen kunnen worden.
Alsof we te maken hebben met een emigratie golf.
Wavers die donkere holen en kastelen verruilen voor piramides.
Egypte als nieuwe uitvalshoek.
Zonnestralen die trouwens ook goed zijn voor de bleke huid.
Ian McCulloch als onze eigen jojo man.
Zoekende en beïnvloedbaar.
Gaan voor een grote doorbraak.
Of toch de alternatieve kant.
Goud in de vorm van Seven Seas in handen.
Te moeilijke keuzes om in zeven sloten tegelijk te lopen.
Geen zeeën van tijd.
Killing Moon.
Een romance.
Christopher Lee die wacht op een jonge bruid.
Ian McCulloch die zijn verliefde verliest.
Aan een oudere man met scherpe hoektanden.
Fate
Up against your will
Through the thick and thin
He will wait until
You give yourself to him
Uitgesproken als een oordeel.
Rechtzaak tegen Dracula.
Strafbaar feit.
Sex met minderjarigen.
Het meest geslaagde album van Echo & The Bunnymen.
Commercieel en artistiek een groot succes.
Echo & The Bunnymen - Porcupine (1983)

4,0
0
geplaatst: 17 juli 2008, 19:47 uur
The Cutter is natuurlijk een mooie opener met die Oosterse invloeden, maar het nummer wordt pas echt mooi bij de 01.45 minuten; het verfrissende deuntje en de mooie lage stem van Ian McCulloch; wat me verder juist heel erg op valt is dat zijn stem erg dicht bij die van Jim Kerr (in de begin periode van Simple Minds) ligt.
Back Of Love heeft ook dat verfrissende geluid wat ook een Siouxsie & The Banshees rond deze periode gebruiken. De zang is wel bij dit nummer wat minder dan bij The Cutter, en de structuur ontbreekt hier een heel eind.
My White Devil heeft een Joy Division-achtig intro, wat mij wel erg aanspreekt; vrij onbekend nummer met een mooie baspartij. Die belletjes er doorheen is een mooi extra element. Eigenlijk is dit stiekem een van de mooiste nummers van het album.
Clay is mooi door die galmende gitaar; alleen hadden ze die voor mij meer terug mogen laten komen.
Porcupine heeft dat heerlijke Oosterse sfeertje weer; die toch wel een stuk minder hier door klinken dan op Ocean Rain. Ian McCulloch is hier wel goed bij stem. Op het einde wordt het zelfs behoorlijk dansbaar, met weer andere Oosterse invalshoeken, die weer veel weg hebben van Voodoo Dolly van Siouxsie & The Banshees.
Heads Will Roll doet mij niet zo veel; niet dat het slecht is, maar ik mis wat. Hier komt het Oosterse wel terug, maar heeft minder effect.
Ripeness blijft ook te vlak; weinig spanning.
Higher Hell is weer van hoog nivo; mooie opzwepende drum, en prachtig gitaarwerk; na de 2 minuten wordt het wat meer up-tempo; ook een van de betere songs.
Gods Will Be Gods wijkt af van de rest, maar is wel een van de hoogtepunten; lekker dromerig met mooie zweverige zang; 10 jaar later zou men dit Shoe-gazer genoemd hebben (heeft qua sfeer ook zeker wat weg van het geluid waar Stone Roses later mee scoren; maar dat zal niet iedereen zo ervaren; denk ik).
In Bluer Skies mist weer een stuk spanning, en voegt weinig toe.
Al met al een prima album, met een aantal sterke songs, maar ook een aantal van een minder nivo.
Deze zet ik ook minder vaak op dan bijv. Ocean Rain.
Back Of Love heeft ook dat verfrissende geluid wat ook een Siouxsie & The Banshees rond deze periode gebruiken. De zang is wel bij dit nummer wat minder dan bij The Cutter, en de structuur ontbreekt hier een heel eind.
My White Devil heeft een Joy Division-achtig intro, wat mij wel erg aanspreekt; vrij onbekend nummer met een mooie baspartij. Die belletjes er doorheen is een mooi extra element. Eigenlijk is dit stiekem een van de mooiste nummers van het album.
Clay is mooi door die galmende gitaar; alleen hadden ze die voor mij meer terug mogen laten komen.
Porcupine heeft dat heerlijke Oosterse sfeertje weer; die toch wel een stuk minder hier door klinken dan op Ocean Rain. Ian McCulloch is hier wel goed bij stem. Op het einde wordt het zelfs behoorlijk dansbaar, met weer andere Oosterse invalshoeken, die weer veel weg hebben van Voodoo Dolly van Siouxsie & The Banshees.
Heads Will Roll doet mij niet zo veel; niet dat het slecht is, maar ik mis wat. Hier komt het Oosterse wel terug, maar heeft minder effect.
Ripeness blijft ook te vlak; weinig spanning.
Higher Hell is weer van hoog nivo; mooie opzwepende drum, en prachtig gitaarwerk; na de 2 minuten wordt het wat meer up-tempo; ook een van de betere songs.
Gods Will Be Gods wijkt af van de rest, maar is wel een van de hoogtepunten; lekker dromerig met mooie zweverige zang; 10 jaar later zou men dit Shoe-gazer genoemd hebben (heeft qua sfeer ook zeker wat weg van het geluid waar Stone Roses later mee scoren; maar dat zal niet iedereen zo ervaren; denk ik).
In Bluer Skies mist weer een stuk spanning, en voegt weinig toe.
Al met al een prima album, met een aantal sterke songs, maar ook een aantal van een minder nivo.
Deze zet ik ook minder vaak op dan bijv. Ocean Rain.
Echo & The Bunnymen - Reverberation (1990)

3,0
0
geplaatst: 17 juli 2008, 20:36 uur
Ik ga dan toch eens proberen om Reverberation eens goed te beoordelen.
De zang nijgt meer naar Michael Stipe van REM, en trouwens Gone,Gone, Gone heeft toch wel veel van REM weg, ook de koortjes; alleen de voor Echo & The Bunnymen typerende Oosterse geluidjes dan weer niet. Zeker geen slecht nummer.
Enlighten Me heeft de heersende Manchester Beat in zich. Hiermee maakt Echo het zich wel dubbel zo moeilijk.; een andere zanger; en het bandgeluid klinkt niet Liverpools.
Foei, foei, zal het nog goed komen?
Cut & Dried is gewoon een erg mooi liedje, en nu valt me eigenlijk wel op dat Noel Burke helemaal niet zo’n slechte zanger is; wel meer sixties invloeden, en een erg mooi uitlopend einde.
King Of Your Castle is ook meer het Manchester geluid; maar ook weer een mooi gezongen nummer; die koortjes gaan me steeds meer bevallen. Ik ben eigenlijk wel gelukkig dat hier niet geprobeerd wordt om Ian McCulloch te imiteren.
Devilment komt muzikaal nog met meeste in de buurt van het bekende Echo & The Bunnymen geluid; het gitaarwerk ligt ook wel weer in de lijn van Johnny Marr. Toevallig komen The Smiths ook uit Manchester en niet uit Liverpool.
Thick Skinned World vind ik te rustig; en tot nu toe het minste nummer hier; blijft ook niet echt bij. Waar zijn de koortjes als je ze nodig hebt?
Freaks Dwell is het aangename herstel; mooie muziek, alleen doet de zang me net iets te vaak aan Spandau Ballet denken; misschien voor Noel iets te veel up-tempo.
Senseless heeft nog het meeste weg van het oude geluid; dit is een echte Echo & The Bunnymen song; de zang van Noel kan hier door Ian overgenomen worden, en waarschijnlijk zou Senseless het live ook niet slecht doen.
Flaming Red hoort ook tot de beste nummers van dit album; ook hiervoor geld het zelfde als bij Senseless. Zou het nu tijdens een Bunnymen concert ook goed doen. En de koortjes doen gelukkig ook weer mee.
False Goodbyes is een waardige afsluiter, met een mooi gitaar intro; en gelukkig weer de koortjes. Mooi album.
En zo kwam het toch nog allemaal goed met deze verdoemde plaat. Het is inderdaad een totaal ander geluid, dan wat we gewend waren; maar is dit dan een slecht album?
Zeker niet, de waardering vind ik over het algemeen slapjes, en ik vraag me ook af, of de stemmers dit album ook objectief kunnen beluisteren en beoordelen; dan verwacht ik zeker een hoger gemiddelde score voor dit album.
De zang nijgt meer naar Michael Stipe van REM, en trouwens Gone,Gone, Gone heeft toch wel veel van REM weg, ook de koortjes; alleen de voor Echo & The Bunnymen typerende Oosterse geluidjes dan weer niet. Zeker geen slecht nummer.
Enlighten Me heeft de heersende Manchester Beat in zich. Hiermee maakt Echo het zich wel dubbel zo moeilijk.; een andere zanger; en het bandgeluid klinkt niet Liverpools.
Foei, foei, zal het nog goed komen?
Cut & Dried is gewoon een erg mooi liedje, en nu valt me eigenlijk wel op dat Noel Burke helemaal niet zo’n slechte zanger is; wel meer sixties invloeden, en een erg mooi uitlopend einde.
King Of Your Castle is ook meer het Manchester geluid; maar ook weer een mooi gezongen nummer; die koortjes gaan me steeds meer bevallen. Ik ben eigenlijk wel gelukkig dat hier niet geprobeerd wordt om Ian McCulloch te imiteren.
Devilment komt muzikaal nog met meeste in de buurt van het bekende Echo & The Bunnymen geluid; het gitaarwerk ligt ook wel weer in de lijn van Johnny Marr. Toevallig komen The Smiths ook uit Manchester en niet uit Liverpool.
Thick Skinned World vind ik te rustig; en tot nu toe het minste nummer hier; blijft ook niet echt bij. Waar zijn de koortjes als je ze nodig hebt?
Freaks Dwell is het aangename herstel; mooie muziek, alleen doet de zang me net iets te vaak aan Spandau Ballet denken; misschien voor Noel iets te veel up-tempo.
Senseless heeft nog het meeste weg van het oude geluid; dit is een echte Echo & The Bunnymen song; de zang van Noel kan hier door Ian overgenomen worden, en waarschijnlijk zou Senseless het live ook niet slecht doen.
Flaming Red hoort ook tot de beste nummers van dit album; ook hiervoor geld het zelfde als bij Senseless. Zou het nu tijdens een Bunnymen concert ook goed doen. En de koortjes doen gelukkig ook weer mee.
False Goodbyes is een waardige afsluiter, met een mooi gitaar intro; en gelukkig weer de koortjes. Mooi album.
En zo kwam het toch nog allemaal goed met deze verdoemde plaat. Het is inderdaad een totaal ander geluid, dan wat we gewend waren; maar is dit dan een slecht album?
Zeker niet, de waardering vind ik over het algemeen slapjes, en ik vraag me ook af, of de stemmers dit album ook objectief kunnen beluisteren en beoordelen; dan verwacht ik zeker een hoger gemiddelde score voor dit album.
Echo Beatty - Vision Glitch (2023)

4,0
0
geplaatst: 1 maart 2023, 14:34 uur
Elimineer zoveel mogelijk alle onnodige onzinnige triphop verwijzingen, geef de warmte een donkere postpunkglans mee en vorder de Belgische experimenteerdrift terug. Heeft Annelies Van Dinter zich daadwerkelijk in de Ardennen met deze doelstelling in haar achterhoofd van de buitenwereld afgesloten? Overdag dromerig mijmerend de lijnen voor Vision Glitch uitzetten, om deze diep in de laatste resterende avonduren tot bezielende tracks te transformeren. Dit romantische beeld krijgt in mijn gedachte vorm. In alles hoor ik de nachtelijke eenzaamheid terug. Het dagelijks vertrouwen verandert dan namelijk al snel in de wantrouwende schaduwen.
Het eenmansproject Echo Beatty is van oorsprong een samenwerkingsverband met haar toenmalige liefdespartner Jochem Baelus. Maar als die liefde niet meer wederzijds is, belemmert het de samenwerking, tenzij je juist een drukkende, ijzige sound wil neerzetten. Vreemd genoeg is dit wel het effect wat de neurotische krautrock van The Silence oproept. Er is niks zo gevaarlijk, zo rumoerig, zo dreigend, zo beangstigend als de stilte. Juist in de stilte valt de leegte zo op zijn plek, en komen nikszeggende geluiden zo hard binnen. The Silence is benauwend, de antireactie van de claustrofobische eenzaamheid. The Silence opent de deuren naar de nachtmerries, en versterkt de innerlijke onvrede. Annelies Van Dinter speelt de rol als postpunk koningin perfect uit, en gebruikt haar persoonlijke onrusten om een naargeestig spiritueel effect op te roepen. Als atmosfeerbepaler heeft Omar Yakar Jr in het verleden al de songs van The War On Drugs ingekleurd, in principe doet hij ook nu niks anders. Door de natuurgeluiden in Laying Low ontwaken de bossen in de duisternis en eist het nachtleven deze griezelige song op.
Annelies Van Dinter speelt met het inlevingsvermogen van de luisteraar, speelt met ingehouden dynamiek, speelt met stemmingswisselingen. Het vintage seventies getinte Just Because duikt voorzichtig het desperate schemergebied in, en ondanks de wat meer luchtige invalshoeken blijft ook hier de basiskleur zwart. Soms leidt een song zich door de vocalen, soms is het instrumentatie, soms spelen beide factoren een beslissende rol. Hier gaan de repeterende drumslagen voorop, leggen een begaanbaar pad bloot, waarop Annelies Van Dinter de weg vervolgt. Krachtig in wanhoop, wankel in zekerheden. Toch is het allemaal niet zo zwaar. Het sensuele Candor Candor verloochend de afkomst niet en maakt gebruik van die typerende manische Belgische gekte, welke het geheel heerlijk oppompt. De gemeende spanning van het rondspokende Myriad Of (Im)possibilities haakt hier verleidend op in. Het is zo mooi om die oprechte breekbare vrouwelijkheid te ervaren. De geharde instrumentatie leiden haar al dansend de nacht door.
Op Weeping Streets laat ze haar invloedrijke sobere drumverleden gelden. Vision Glitch ademt in alles de verleden tijd uit, waarbij krachtige jaren tachtig elementen zich op de voorgrond opdringen. Vision Glitch is hoe dan ook een groeiproces. Hoe verder de nummers zich opstapelen, hoe meer de verschillende lagen zich openbaren. Annelies Van Dinter karakteriseert zich in haar vrouwelijkheid. Kwetsbaar, bemoederend, en dus zoals al eerder benoemd, verleidend sensueel. Dat is bewustwording van haar machtsbesef. Een vrouw mag weer gewoon een vrouw zijn, en stelt zich niet minder, gelijk of meer dan haar mannelijke collega’s op. Ze verschillen gewoon in aanpak en in uitvoering, en dat mag ook weer. Hoe mooi is dat om dit ook zo te ervaren. Het zijn de stevige gewortelde persoonlijkheden van Polly Jean Harvey, Kate Bush en Carla Torgerson van The Walkabouts die in het stemgeluid terugkomen.
Op het zachte liefkozende Ghosts of Past Lovers kijkt ze berustend vredig op haar afgesloten relatie terug, geen haat maar gelijkwaardige liefde. Het is geen keiharde aanval op Jochem Baelus, maar het besef dat de reis zich voor beide anders vervult, de een gaat linksaf, de ander volgt het rechterspoor. Deze conclusie laat zich breed in het zes minuten durende What If uitleiden. Hier dringt zich overduidelijk de invloed van Omar Yakar Jr. op, het ademt in alles de verstillende Americana van The War On Drugs uit. Soms is het voldoende om gepast andermans kwaliteiten te gebruiken. Vision Glitch is de plaat die Annelies Van Dinter moest maken, wij zijn enkel passerende passanten die ademloos aansluiten.
Echo Beatty - Vision Glitch | Rock | Written in Music - writteninmusic.com
Het eenmansproject Echo Beatty is van oorsprong een samenwerkingsverband met haar toenmalige liefdespartner Jochem Baelus. Maar als die liefde niet meer wederzijds is, belemmert het de samenwerking, tenzij je juist een drukkende, ijzige sound wil neerzetten. Vreemd genoeg is dit wel het effect wat de neurotische krautrock van The Silence oproept. Er is niks zo gevaarlijk, zo rumoerig, zo dreigend, zo beangstigend als de stilte. Juist in de stilte valt de leegte zo op zijn plek, en komen nikszeggende geluiden zo hard binnen. The Silence is benauwend, de antireactie van de claustrofobische eenzaamheid. The Silence opent de deuren naar de nachtmerries, en versterkt de innerlijke onvrede. Annelies Van Dinter speelt de rol als postpunk koningin perfect uit, en gebruikt haar persoonlijke onrusten om een naargeestig spiritueel effect op te roepen. Als atmosfeerbepaler heeft Omar Yakar Jr in het verleden al de songs van The War On Drugs ingekleurd, in principe doet hij ook nu niks anders. Door de natuurgeluiden in Laying Low ontwaken de bossen in de duisternis en eist het nachtleven deze griezelige song op.
Annelies Van Dinter speelt met het inlevingsvermogen van de luisteraar, speelt met ingehouden dynamiek, speelt met stemmingswisselingen. Het vintage seventies getinte Just Because duikt voorzichtig het desperate schemergebied in, en ondanks de wat meer luchtige invalshoeken blijft ook hier de basiskleur zwart. Soms leidt een song zich door de vocalen, soms is het instrumentatie, soms spelen beide factoren een beslissende rol. Hier gaan de repeterende drumslagen voorop, leggen een begaanbaar pad bloot, waarop Annelies Van Dinter de weg vervolgt. Krachtig in wanhoop, wankel in zekerheden. Toch is het allemaal niet zo zwaar. Het sensuele Candor Candor verloochend de afkomst niet en maakt gebruik van die typerende manische Belgische gekte, welke het geheel heerlijk oppompt. De gemeende spanning van het rondspokende Myriad Of (Im)possibilities haakt hier verleidend op in. Het is zo mooi om die oprechte breekbare vrouwelijkheid te ervaren. De geharde instrumentatie leiden haar al dansend de nacht door.
Op Weeping Streets laat ze haar invloedrijke sobere drumverleden gelden. Vision Glitch ademt in alles de verleden tijd uit, waarbij krachtige jaren tachtig elementen zich op de voorgrond opdringen. Vision Glitch is hoe dan ook een groeiproces. Hoe verder de nummers zich opstapelen, hoe meer de verschillende lagen zich openbaren. Annelies Van Dinter karakteriseert zich in haar vrouwelijkheid. Kwetsbaar, bemoederend, en dus zoals al eerder benoemd, verleidend sensueel. Dat is bewustwording van haar machtsbesef. Een vrouw mag weer gewoon een vrouw zijn, en stelt zich niet minder, gelijk of meer dan haar mannelijke collega’s op. Ze verschillen gewoon in aanpak en in uitvoering, en dat mag ook weer. Hoe mooi is dat om dit ook zo te ervaren. Het zijn de stevige gewortelde persoonlijkheden van Polly Jean Harvey, Kate Bush en Carla Torgerson van The Walkabouts die in het stemgeluid terugkomen.
Op het zachte liefkozende Ghosts of Past Lovers kijkt ze berustend vredig op haar afgesloten relatie terug, geen haat maar gelijkwaardige liefde. Het is geen keiharde aanval op Jochem Baelus, maar het besef dat de reis zich voor beide anders vervult, de een gaat linksaf, de ander volgt het rechterspoor. Deze conclusie laat zich breed in het zes minuten durende What If uitleiden. Hier dringt zich overduidelijk de invloed van Omar Yakar Jr. op, het ademt in alles de verstillende Americana van The War On Drugs uit. Soms is het voldoende om gepast andermans kwaliteiten te gebruiken. Vision Glitch is de plaat die Annelies Van Dinter moest maken, wij zijn enkel passerende passanten die ademloos aansluiten.
Echo Beatty - Vision Glitch | Rock | Written in Music - writteninmusic.com
Ed Sheeran - ÷ (2017)
Alternatieve titel: Divide

3,0
1
geplaatst: 17 november 2017, 01:54 uur
Gewoon erg knap hoe hij telkens weer weet te scoren.
In dit vluchtige Spotify tijdperk houdt hij zich prima staande.
Geliefd bij mijn kinderen, en vader betrapt zichzelf er op hoe gemakkelijk hij de singles mee zingt.
The Boy Next Door, maar dan wel eentje die verrekt goed weet hoe hij hits moet maken.
R.I.P Muziekindustrie?
Ed Sheeran bewijst hiermee voor de derde keer het tegendeel.
In dit vluchtige Spotify tijdperk houdt hij zich prima staande.
Geliefd bij mijn kinderen, en vader betrapt zichzelf er op hoe gemakkelijk hij de singles mee zingt.
The Boy Next Door, maar dan wel eentje die verrekt goed weet hoe hij hits moet maken.
R.I.P Muziekindustrie?
Ed Sheeran bewijst hiermee voor de derde keer het tegendeel.
Ed Starink - Synthesizer Greatest (1989)
Alternatieve titel: Synthesizer Greatest, Volume 1

3,0
0
geplaatst: 27 oktober 2015, 20:49 uur
Ach, ik had rond deze tijd zelf een keyboard van Yamaha.
Ik kon een stukje van Depeche Modes I Just Can't Get Enoug spelen, en wat van Nova's Aurora.
Een goede vriend speelde Maid Of Orleans van OMD.
Ik vond het wel hebben, dat staande achter een keyboard of synthesizer, terwijl ik totaal niet muzikaal was.
Het hoort ook wel bij die tijd; de albums van Ed Starink en ook de mixen van Ben Liebrand.
Je zette alles op tape; of het nu van de radio was, of een kopie van een cd van iemand anders.
Natuurlijk wist je dat de nummers niet echt werden uit gevoerd door Vangelis, Jarre of Oldfield, maar er stond met letters DDD op de cd vermeld, dus moest het qua geluid wel een sensatie zijn.
Later kocht ik van de Turn Up The Bass albums uit de Dreammix collectie; grappig genoeg ging het daarbij veelal om dezelfde nummers als op de Synthesizer Greatest collectie.
Ik kon een stukje van Depeche Modes I Just Can't Get Enoug spelen, en wat van Nova's Aurora.
Een goede vriend speelde Maid Of Orleans van OMD.
Ik vond het wel hebben, dat staande achter een keyboard of synthesizer, terwijl ik totaal niet muzikaal was.
Het hoort ook wel bij die tijd; de albums van Ed Starink en ook de mixen van Ben Liebrand.
Je zette alles op tape; of het nu van de radio was, of een kopie van een cd van iemand anders.
Natuurlijk wist je dat de nummers niet echt werden uit gevoerd door Vangelis, Jarre of Oldfield, maar er stond met letters DDD op de cd vermeld, dus moest het qua geluid wel een sensatie zijn.
Later kocht ik van de Turn Up The Bass albums uit de Dreammix collectie; grappig genoeg ging het daarbij veelal om dezelfde nummers als op de Synthesizer Greatest collectie.
Editors - An End Has a Start (2007)

4,5
0
geplaatst: 24 september 2015, 22:41 uur
Zenuwachtig gaat men naar buiten.
Het witte van de uniformen en de besmettelijke muren achter zich latend.
Een schuifdeur sluit zachtjes.
De duisternis omarmt het verdriet en is voor deze nacht een metgezel.
Een klein flonkerend lichtje doorbreekt de schoonheid van de nacht.
Morgen gaan we weer verder met het leven.
Vannacht vieren we de dood.
An End Has a Start.
Grilliger dan de voorganger.
De hoop van een adolescent is verworden tot de wanhoop van een jong volwassene.
Twijfel wordt krachtig vorm gegeven.
Geen escapisme meer, maar acceptatie heeft hier de boventoon.
Overgave.
Het witte van de uniformen en de besmettelijke muren achter zich latend.
Een schuifdeur sluit zachtjes.
De duisternis omarmt het verdriet en is voor deze nacht een metgezel.
Een klein flonkerend lichtje doorbreekt de schoonheid van de nacht.
Morgen gaan we weer verder met het leven.
Vannacht vieren we de dood.
An End Has a Start.
Grilliger dan de voorganger.
De hoop van een adolescent is verworden tot de wanhoop van een jong volwassene.
Twijfel wordt krachtig vorm gegeven.
Geen escapisme meer, maar acceptatie heeft hier de boventoon.
Overgave.
Editors - EBM (2022)

4,0
5
geplaatst: 11 oktober 2022, 22:38 uur
De schoonheid van het gejaagde Papillon roept herinneringen op naar die identieke new wave periode uit de jaren tachtig, met heersende synthpop en vernieuwende gedrevenheid. Wat gebeurt er als Editors een muur vult met kleurrijke vlinders, vastgespijkerd aan de museumwanden. Vrijheidsbeperkend anoniem, asgrauw vervagend. Precies, een overschot leidt tot kwaliteitsbederf, de unieke zeldzaamheid heeft geen zeggingskracht meer en vervlakt tot normalisatie. EBM ademt de koude kilte van het eighties tijdperk uit. Zielloze Electric Body Music anonimiteit, ver verwijderd van de inspirerende postpunk van het overdonderende The Back Room. De nasleep van het muzikale verval en de toelonkende hitgevoeligheid. Een verraderlijke verlichtende Judaskus van het donkere door Depeche Mode geïnspireerde The Kiss.
Ik hou van de Editors tragiek, de gemeende melancholica en de oprechte gedragenheid. Tom Smith die in mineurstemming met zijn zware doorleefde melancholisch baritonstem alle registers opentrekt om te raken en te ontroeren. Diezelfde vocalist is hier van die overtuigende prikkelende gedrevenheid geamputeerd en zoekt zijn prestatiedrang in de lichtere zangkunsten. De rol van uitgerangeerd iconisch popidool vraagt om een grimmige voortzetting, en ondanks dat het even wennen is, ligt deze aanpak hem wel. Sterker nog, met die herwaardering van zijn eigen kwaliteiten weet hij een overtuigende indruk achter te laten. Net als het grote Joy Division voorbeeld staat Editors machteloos op de kade, en besluiten ze in het diepe te duiken, het herboren New Order als een nieuwe kans. Editors volgt exact diezelfde weg.
Picturesque, de puinhoop van gisteren, lancerende schrootpercussie geprojecteerd in het heden. De grote afbraak is begonnen, reformeren en deprogrammeren. Karma Climb, distantieer je van het stelselmatige denken. Maak je klaar voor de doorstart, graaf vastgelopen cassettetapes op en herleef het verleden. Heel eventjes is daar die ouderwetse theatrale voordracht van Tom Smith weer, heel eventjes herleven we dat An End Has a Start gevoel weer. In het sober gedragen Silence stelt hij zich zelfs kwetsbaar open op, vangt de jaren in sepia herfstfoto’s en schetst een gepasseerd tijdsbeeld.
EBM staat voor de Editors & Blanck Mass verbintenis. De avontuurlijk ingestelde Benjamin John Power gooit grote ogen in het experimenteel ingestelde Fuck Buttons en maakt een gedurfde doorstart met zijn Blanck Mass soloproject en neemt op The Blanck Mass Sessions al eerder Violence onder handen. Complex, lomp, stevig en elektronisch. Maar zelfs deze doorgewinterde eigenzinnige muzikant gaat als nieuw Editors bandlid voor het grote geld en gewaarborgde zekerheid en sluit zich aan bij het helse duivelskoninkrijk, contractueel de ziel aan de commercie verkopende. Prettig in het gehoor liggende gangbare nietszeggendheid vormt het bewerkbare podiumdecor, met een glansrol voor die jeugdig zingende Tom Smith.
Heart Attack drukt nog voorzichtig op de pijnplekken, masseert de knopen los om zich in de grijs getinte coldwave te herpakken. Hoe ver ga je om de liefde te herpakken? Het stalkende geweten dat zich opdringt, binnendringt en iemands gedachten volledig overneemt. De dromerige romanticus jaagt zijn prooi op en slaat gewetenloos hard toe. De lusthongermoord is sterker dan die hang naar gepassioneerde hartstocht. De wereld is agressief hard, risicoloos boos en leeg. Er is geen ruimte voor vredelievende gevoeligheid meer, geen hoopvol verlangen meer en zeker geen plek voor melodieuze gitaarlijnen meer.
De angst voor de sterfelijkheid, als verontrustende pandemiedagen in eeuwige donkerkoude Vibe nachten versmelten. Lichtvoetig dansen met Tom Smith die zich het white soul discokoning personage aanmeet. Het is onze duisternis, ons toekomstperspectief in deze vreemde bange tijden. Pas bij die knarsschurende afsluiter Strange Intimacy slaat die genadeloze Electric Body Music sound echt hard toe. Volledig in trance, volledig in balans, helende in hypnotiserende extaseklanken. Eigenlijk komt de samenwerking tussen Editors en Blanck Mass hier het beste tot zijn recht. Anne Clark zal glimlachend toekijken.
Editors - EBM | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Ik hou van de Editors tragiek, de gemeende melancholica en de oprechte gedragenheid. Tom Smith die in mineurstemming met zijn zware doorleefde melancholisch baritonstem alle registers opentrekt om te raken en te ontroeren. Diezelfde vocalist is hier van die overtuigende prikkelende gedrevenheid geamputeerd en zoekt zijn prestatiedrang in de lichtere zangkunsten. De rol van uitgerangeerd iconisch popidool vraagt om een grimmige voortzetting, en ondanks dat het even wennen is, ligt deze aanpak hem wel. Sterker nog, met die herwaardering van zijn eigen kwaliteiten weet hij een overtuigende indruk achter te laten. Net als het grote Joy Division voorbeeld staat Editors machteloos op de kade, en besluiten ze in het diepe te duiken, het herboren New Order als een nieuwe kans. Editors volgt exact diezelfde weg.
Picturesque, de puinhoop van gisteren, lancerende schrootpercussie geprojecteerd in het heden. De grote afbraak is begonnen, reformeren en deprogrammeren. Karma Climb, distantieer je van het stelselmatige denken. Maak je klaar voor de doorstart, graaf vastgelopen cassettetapes op en herleef het verleden. Heel eventjes is daar die ouderwetse theatrale voordracht van Tom Smith weer, heel eventjes herleven we dat An End Has a Start gevoel weer. In het sober gedragen Silence stelt hij zich zelfs kwetsbaar open op, vangt de jaren in sepia herfstfoto’s en schetst een gepasseerd tijdsbeeld.
EBM staat voor de Editors & Blanck Mass verbintenis. De avontuurlijk ingestelde Benjamin John Power gooit grote ogen in het experimenteel ingestelde Fuck Buttons en maakt een gedurfde doorstart met zijn Blanck Mass soloproject en neemt op The Blanck Mass Sessions al eerder Violence onder handen. Complex, lomp, stevig en elektronisch. Maar zelfs deze doorgewinterde eigenzinnige muzikant gaat als nieuw Editors bandlid voor het grote geld en gewaarborgde zekerheid en sluit zich aan bij het helse duivelskoninkrijk, contractueel de ziel aan de commercie verkopende. Prettig in het gehoor liggende gangbare nietszeggendheid vormt het bewerkbare podiumdecor, met een glansrol voor die jeugdig zingende Tom Smith.
Heart Attack drukt nog voorzichtig op de pijnplekken, masseert de knopen los om zich in de grijs getinte coldwave te herpakken. Hoe ver ga je om de liefde te herpakken? Het stalkende geweten dat zich opdringt, binnendringt en iemands gedachten volledig overneemt. De dromerige romanticus jaagt zijn prooi op en slaat gewetenloos hard toe. De lusthongermoord is sterker dan die hang naar gepassioneerde hartstocht. De wereld is agressief hard, risicoloos boos en leeg. Er is geen ruimte voor vredelievende gevoeligheid meer, geen hoopvol verlangen meer en zeker geen plek voor melodieuze gitaarlijnen meer.
De angst voor de sterfelijkheid, als verontrustende pandemiedagen in eeuwige donkerkoude Vibe nachten versmelten. Lichtvoetig dansen met Tom Smith die zich het white soul discokoning personage aanmeet. Het is onze duisternis, ons toekomstperspectief in deze vreemde bange tijden. Pas bij die knarsschurende afsluiter Strange Intimacy slaat die genadeloze Electric Body Music sound echt hard toe. Volledig in trance, volledig in balans, helende in hypnotiserende extaseklanken. Eigenlijk komt de samenwerking tussen Editors en Blanck Mass hier het beste tot zijn recht. Anne Clark zal glimlachend toekijken.
Editors - EBM | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Editors - In Dream (2015)

3,5
0
geplaatst: 2 oktober 2015, 18:16 uur
In Dream is beslagen ruiten muziek.
De condens maakt het lastig om naar buiten te kijken.
Vingers vormen zich een weg door het vochtig en kil aanvoelend glas.
Tekenen twee woorden.
De pijn en het verdriet zit van binnen, en vervaagd in een paar secondes.
No Harm.
In Dream sluit meer aan bij In This Light and on This Evening.
Ocean of Night is positivisme, bijna Simple Minds achtig.
Forgiveness is alsof Bryan Ferry al zijn bedrogen geliefdes troostend toe zingt.
The Law wordt ondersteund met percussie welke we vooral van Depeche Mode kennen.
Rachel Goswell in de rol van Vrouwe Justitia.
Editors in de biechtstoel bij Our Love.
Vanwege het geflirt met de boys van Bronski Beat.
At All Cost heeft het serene kerkelijke van Sigur Rós, waarbij Tom gelukkig niet zo ver de hoogte in gaat als Jonsi.
In Dream klinkt bijna sacraal.
Ondanks de trieste ondertoon is dit voor mij hun meest toegankelijke album geworden.
De condens maakt het lastig om naar buiten te kijken.
Vingers vormen zich een weg door het vochtig en kil aanvoelend glas.
Tekenen twee woorden.
De pijn en het verdriet zit van binnen, en vervaagd in een paar secondes.
No Harm.
In Dream sluit meer aan bij In This Light and on This Evening.
Ocean of Night is positivisme, bijna Simple Minds achtig.
Forgiveness is alsof Bryan Ferry al zijn bedrogen geliefdes troostend toe zingt.
The Law wordt ondersteund met percussie welke we vooral van Depeche Mode kennen.
Rachel Goswell in de rol van Vrouwe Justitia.
Editors in de biechtstoel bij Our Love.
Vanwege het geflirt met de boys van Bronski Beat.
At All Cost heeft het serene kerkelijke van Sigur Rós, waarbij Tom gelukkig niet zo ver de hoogte in gaat als Jonsi.
In Dream klinkt bijna sacraal.
Ondanks de trieste ondertoon is dit voor mij hun meest toegankelijke album geworden.
Editors - In This Light and on This Evening (2009)

4,0
0
geplaatst: 1 oktober 2009, 20:39 uur
Met die mooie diepzware stem doet In This Light and on This Evening wel aan Joy Division denken. Hoe vaker ik het hoor, des te meer pakkend wordt het. Voor mij is dit wel het beste wat ze ooit gemaakt hebben. Keyboard partijen doen mij vreemd genoeg aan de Neue Welle denken. De opbouw naar de climax op het einde is magisch en hypnotiserend. Ik kan hem nu al probleemloos 5x achter elkaar horen.
De eerste tonen van Bricks and Mortar zijn vrijwel hetzelfde als Enola Gay van Orchestral Manoevres in the Dark. Toch wel een tegenvaller na die sterke opener, en weer doet het Duits aan.
Als er na White Lies een band is die dit jaar duidelijk terug grijpt naar het commerciële jaren 80 geluid, dan is het Editors wel. Voor mij echter minder pakkend.
Voor mij is Papillon een typisch Editors nummer. Hoor hier natuurlijk wel Blue Monday van New Order in, maar dat is op een prettige manier er in verwerkt. Toch werd ik niet gelijk gegrepen door de eerste single, hij is aan de lange kant en te veel herhalend.
Wat storend is bij You Don't Know Love is het hoge koortje er doorheen. Snap het nut hiervan niet helemaal. Voor mij duidelijk minder, en geen blijvertje.
Het valse orgel samplertje dat door het begin van The Big Exit klinkt maakt het origineel. Verder klinkt het muzikaal niet bijzonder. Ik mis een opbouw. Wat positief te noemen is, is de zang van Tom Smith; die duidelijk probeert meer uit zijn stem te halen.
Gelukkig maakt The Boxer weer veel goed. Hier worden de gitaren niet gemist. De keyboard wordt subtiel gebruikt. De song is op zichzelf staand al sterk genoeg en vraagt ook niet om riedeltjes. De wolken gaan open en de zon breekt door. Roept herinneringen op met het ondergewaardeerde Depeche Mode album A Broken Frame.
Like Treasure heeft de zelfde sfeer als de voorganger, maar is net wat minder sterk.
Van Eat Raw Meat = Blood Drool wordt ik vrolijk. Ben ik niet gewend van Editors. Feit is wel dat dit duidelijk bij de favorieten hoort.
Helaas bij de afsluiter Walk the Fleet Road beginnen ze weer met zo’n vervelend koortje. De hoge kerkachtige zang klinkt veel belovend; al moet ik ook wel aan A-ha denken; weer duidelijk Tom Smith die de boel hier draagt.
De genoemde A Broken Frame van Depeche Mode was een overgangs album; hopelijk is In This Light and on This Evening dat ook.
Ondanks de zeer sterke opener was mijn verwachting een stuk hoger; al sluit ik niet uit dat het gevoel nog moet groeien.
De eerste tonen van Bricks and Mortar zijn vrijwel hetzelfde als Enola Gay van Orchestral Manoevres in the Dark. Toch wel een tegenvaller na die sterke opener, en weer doet het Duits aan.
Als er na White Lies een band is die dit jaar duidelijk terug grijpt naar het commerciële jaren 80 geluid, dan is het Editors wel. Voor mij echter minder pakkend.
Voor mij is Papillon een typisch Editors nummer. Hoor hier natuurlijk wel Blue Monday van New Order in, maar dat is op een prettige manier er in verwerkt. Toch werd ik niet gelijk gegrepen door de eerste single, hij is aan de lange kant en te veel herhalend.
Wat storend is bij You Don't Know Love is het hoge koortje er doorheen. Snap het nut hiervan niet helemaal. Voor mij duidelijk minder, en geen blijvertje.
Het valse orgel samplertje dat door het begin van The Big Exit klinkt maakt het origineel. Verder klinkt het muzikaal niet bijzonder. Ik mis een opbouw. Wat positief te noemen is, is de zang van Tom Smith; die duidelijk probeert meer uit zijn stem te halen.
Gelukkig maakt The Boxer weer veel goed. Hier worden de gitaren niet gemist. De keyboard wordt subtiel gebruikt. De song is op zichzelf staand al sterk genoeg en vraagt ook niet om riedeltjes. De wolken gaan open en de zon breekt door. Roept herinneringen op met het ondergewaardeerde Depeche Mode album A Broken Frame.
Like Treasure heeft de zelfde sfeer als de voorganger, maar is net wat minder sterk.
Van Eat Raw Meat = Blood Drool wordt ik vrolijk. Ben ik niet gewend van Editors. Feit is wel dat dit duidelijk bij de favorieten hoort.
Helaas bij de afsluiter Walk the Fleet Road beginnen ze weer met zo’n vervelend koortje. De hoge kerkachtige zang klinkt veel belovend; al moet ik ook wel aan A-ha denken; weer duidelijk Tom Smith die de boel hier draagt.
De genoemde A Broken Frame van Depeche Mode was een overgangs album; hopelijk is In This Light and on This Evening dat ook.
Ondanks de zeer sterke opener was mijn verwachting een stuk hoger; al sluit ik niet uit dat het gevoel nog moet groeien.
Editors - The Back Room (2005)

5,0
0
geplaatst: 7 juli 2008, 13:41 uur
Lights opent gelijk al met de sterkste kracht van Editors namelijk het aan Ian Curtis verwante stem van Tom Smith (geen familie van Robert zo ver ik weet). Zeker niet de sterkste song van het album, maar een prima start van een geweldig album.
Munich is dus wel het sterkste nummer; het intro heeft wat weg van het oude gitaargeluid van The Edge, maar het verdere gitaarspel ademt weer de sfeer van een Johnny Marr (The Smiths).De drumpartijen hebben weer gelijkenissen met New Order. En voor een Wave liefhebber is het dus smullen.
Zo, nu heb ik de voorbeelden uit de popmuziek genoemd, zal ik verder dus niet meer doen.
Het valt trouwens op dat het thema Smoking vaak terug komt in de songs van Editors.
Blood kondigt de herfst aan, het wordt allemaal wat grimmiger; ook een van de sterkere nummers.
Fall heeft een Shoegazer- achtig begin en heeft wel wat weg van ...... (nee, ik zal geen namen meer noemen). Persoonlijk vind ik dit een van de mindere nummers, dit in vergelijking met de rest; maar dus zeker een ruime voldoende.
Werd de snelheid er bij Fall uit gehaald, bij All Sparks wordt die langzaam aan weer op gevoerd, voor velen een favoriet, voor mij toch ook een van de mindere nummers.
Camera heeft een geweldige opbouw, ik heb hier altijd het beeld van een uitgerekte steppelandschap bij, hier wordt op de juiste subtiele manier met de instrumenten om gegaan; bijna breekbaar. Zeker een van de topnummers.
Fingers in the Factories is dan weer een stapje terug, maar heeft wel een lekker dansbaar refrein.
Bullets is ook weer een meesterwerk, hier klopt wel alles aan. Mooi intro, wat verder in het nummer terug komt; prachtige zang met een mooie muzikale omlijsting.
Bij Someone Says klinkt de zang het meest krachtigst van alle nummers; past hier ook goed bij, al spreekt het breekbare stemgeluid mij dus meer aan.
Open Your Arms blijft een aparte keuze op dit album, op de een of andere manier past het er niet helemaal tussen. Muzikaal wel wat afwijkender van de rest.
Distance is weer een mooie sfeervolle afsluiter; zet de warme chocomelk maar klaar, en laat de winter beginnen.
Als debut album is dit toch wel een van de mooiste albums van de laatste jaren, dus krijgt The Black Room de volledige 5 sterren.
P.S. Voor liefhebbers van dit album raad ik ook de bands ILIKETRAINS en Dragons aan.
Munich is dus wel het sterkste nummer; het intro heeft wat weg van het oude gitaargeluid van The Edge, maar het verdere gitaarspel ademt weer de sfeer van een Johnny Marr (The Smiths).De drumpartijen hebben weer gelijkenissen met New Order. En voor een Wave liefhebber is het dus smullen.
Zo, nu heb ik de voorbeelden uit de popmuziek genoemd, zal ik verder dus niet meer doen.
Het valt trouwens op dat het thema Smoking vaak terug komt in de songs van Editors.
Blood kondigt de herfst aan, het wordt allemaal wat grimmiger; ook een van de sterkere nummers.
Fall heeft een Shoegazer- achtig begin en heeft wel wat weg van ...... (nee, ik zal geen namen meer noemen). Persoonlijk vind ik dit een van de mindere nummers, dit in vergelijking met de rest; maar dus zeker een ruime voldoende.
Werd de snelheid er bij Fall uit gehaald, bij All Sparks wordt die langzaam aan weer op gevoerd, voor velen een favoriet, voor mij toch ook een van de mindere nummers.
Camera heeft een geweldige opbouw, ik heb hier altijd het beeld van een uitgerekte steppelandschap bij, hier wordt op de juiste subtiele manier met de instrumenten om gegaan; bijna breekbaar. Zeker een van de topnummers.
Fingers in the Factories is dan weer een stapje terug, maar heeft wel een lekker dansbaar refrein.
Bullets is ook weer een meesterwerk, hier klopt wel alles aan. Mooi intro, wat verder in het nummer terug komt; prachtige zang met een mooie muzikale omlijsting.
Bij Someone Says klinkt de zang het meest krachtigst van alle nummers; past hier ook goed bij, al spreekt het breekbare stemgeluid mij dus meer aan.
Open Your Arms blijft een aparte keuze op dit album, op de een of andere manier past het er niet helemaal tussen. Muzikaal wel wat afwijkender van de rest.
Distance is weer een mooie sfeervolle afsluiter; zet de warme chocomelk maar klaar, en laat de winter beginnen.
Als debut album is dit toch wel een van de mooiste albums van de laatste jaren, dus krijgt The Black Room de volledige 5 sterren.
P.S. Voor liefhebbers van dit album raad ik ook de bands ILIKETRAINS en Dragons aan.
Editors - The Weight of Your Love (2013)

4,0
0
geplaatst: 26 juni 2013, 16:42 uur
Tom Smith klinkt bij de opener The Weight meer als Ian McCulloch van Echo & the Bunnymen.
Zijn stem ondergaat een ontwikkeling, waarbij het rauwe geluid meer naar de achtergrond is verdwenen.
Sugar heeft de muzikale omlijsting die ik op dit moment nog het beste kan vergelijken met de baspartijen van Bjork op Debut.
Ook nieuw zijn de Oosterse invloeden in het geluid, of ze moeten mij minder zijn opgevallen bij de vorige albums.
Echo & the Bunnymen, Siouxsie & the Banshees en The Mission maakten hier in de jaren 80 dankbaar gebruik van, zo ook Editors.
De invalshoek blijft postpunk, maar hoorde je bij de eerste twee albums Joy Division terug, het derde album Depeche Mode, nu worden weer andere wegen bewandeld.
Origineel is het natuurlijk niet, maar dat zijn Editors ook nooit in mijn ogen geweest, maar bij deze band valt het wel allemaal op de juiste plek.
Mijn eerste indruk is dat The Weight of Your Love een meer optimistisch, gangbaarder geluid neer zet, en ze komen er nog net goed mee weg.
Het is iets teveel op safe gespeeld, waardoor het soms klinkt als de laatste Coldplay, en of dat nu een hoogtepunt te noemen is??
Hopelijk hoor ik in een volgende album meer uitdaging terug.
Zijn stem ondergaat een ontwikkeling, waarbij het rauwe geluid meer naar de achtergrond is verdwenen.
Sugar heeft de muzikale omlijsting die ik op dit moment nog het beste kan vergelijken met de baspartijen van Bjork op Debut.
Ook nieuw zijn de Oosterse invloeden in het geluid, of ze moeten mij minder zijn opgevallen bij de vorige albums.
Echo & the Bunnymen, Siouxsie & the Banshees en The Mission maakten hier in de jaren 80 dankbaar gebruik van, zo ook Editors.
De invalshoek blijft postpunk, maar hoorde je bij de eerste twee albums Joy Division terug, het derde album Depeche Mode, nu worden weer andere wegen bewandeld.
Origineel is het natuurlijk niet, maar dat zijn Editors ook nooit in mijn ogen geweest, maar bij deze band valt het wel allemaal op de juiste plek.
Mijn eerste indruk is dat The Weight of Your Love een meer optimistisch, gangbaarder geluid neer zet, en ze komen er nog net goed mee weg.
Het is iets teveel op safe gespeeld, waardoor het soms klinkt als de laatste Coldplay, en of dat nu een hoogtepunt te noemen is??
Hopelijk hoor ik in een volgende album meer uitdaging terug.
Editors - Violence (2018)

3,5
2
geplaatst: 9 maart 2018, 15:39 uur
Een zeer hoog Imagine Dragons gehalte, valt mij toch wel tegen.
Editors was voor mij toch wel de beste band na de eeuwwisseling, maar maakt hier wel een misstap.
Editors was voor mij toch wel de beste band na de eeuwwisseling, maar maakt hier wel een misstap.
Edwyn Collins - Gorgeous George (1994)

3,5
0
geplaatst: 18 januari 2009, 23:27 uur
Met dit album zet de voormalige frontman van Orange Juice een album neer wat bij mij de sfeer van de jaren 70 op roept. Zijn werk met zijn vorige band was vooral wat vrolijker.
Hier hoor je ook een groot onderschat gitarist. Ik vind zijn manier van spelen wel wat weg hebben van Carlos Santana. Tevens een zanger met een mooi eigen geluid. Hij heeft een soulvolle warme stem.
Een goed gepolijst resultaat.
Naar het verschijnen van de geweldige single (uit het succesjaar 1994) A Girl Like You verwacht je eigenlijk wel een doorbraak.
Jammer dat er in dat jaar geen James Bond film verscheen; was gewoon een perfecte titelsong voor een Bond film. Quentin Tarantino had het natuurlijk ook mogen gebruiken in Pulp Fiction; ook prima.
De rest van Gorgeous George mag er ook wezen, al heeft het niet het nivo van A Girl Like You.
Hij is gelukkig herstellende van een hersenbloeding die hij 4 jaar geleden kreeg.
Hopelijk zijn er meerderen die dit album ontdekken; het is de moeite waard.
Hier hoor je ook een groot onderschat gitarist. Ik vind zijn manier van spelen wel wat weg hebben van Carlos Santana. Tevens een zanger met een mooi eigen geluid. Hij heeft een soulvolle warme stem.
Een goed gepolijst resultaat.
Naar het verschijnen van de geweldige single (uit het succesjaar 1994) A Girl Like You verwacht je eigenlijk wel een doorbraak.
Jammer dat er in dat jaar geen James Bond film verscheen; was gewoon een perfecte titelsong voor een Bond film. Quentin Tarantino had het natuurlijk ook mogen gebruiken in Pulp Fiction; ook prima.
De rest van Gorgeous George mag er ook wezen, al heeft het niet het nivo van A Girl Like You.
Hij is gelukkig herstellende van een hersenbloeding die hij 4 jaar geleden kreeg.
Hopelijk zijn er meerderen die dit album ontdekken; het is de moeite waard.
Eels - Electro-Shock Blues (1998)

3,0
0
geplaatst: 21 juli 2009, 19:44 uur
Toch maar een album gekocht van Eels.
Elke keer als ik een platenzaak binnen loop, liggen de albums voor zachte prijzen naar mij te loeren.
Nu bij wasverzachter; een album van Eels.
Sponsor de Klini Clowns, en krijg een album van Eels kado.
2 albums van Eels , voor de prijs van 1.
Het is net als bij die verkopers van de daklozenkrant, ze blijven je achtervolgen.
Uiteindelijk maar deze gekocht.
In de hoop om voortaan in een Eels vrije wereld te leven.
Hopelijk stoppen de nachtmerries, en kan ik nu weer slapen.
Zou ik verlost zijn van dat duiveltje Mark Oliver Everett op mijn schouder?
En gelukkig klinkt hij niet zo depressief, dan als hij schrijft.
Best een prima album, trouwens.
Alleen mogen ze in het vervolg wat betere tekenaars vragen om het boekje op te leuken.
Elke keer als ik een platenzaak binnen loop, liggen de albums voor zachte prijzen naar mij te loeren.
Nu bij wasverzachter; een album van Eels.
Sponsor de Klini Clowns, en krijg een album van Eels kado.
2 albums van Eels , voor de prijs van 1.
Het is net als bij die verkopers van de daklozenkrant, ze blijven je achtervolgen.
Uiteindelijk maar deze gekocht.
In de hoop om voortaan in een Eels vrije wereld te leven.
Hopelijk stoppen de nachtmerries, en kan ik nu weer slapen.
Zou ik verlost zijn van dat duiveltje Mark Oliver Everett op mijn schouder?
En gelukkig klinkt hij niet zo depressief, dan als hij schrijft.
Best een prima album, trouwens.
Alleen mogen ze in het vervolg wat betere tekenaars vragen om het boekje op te leuken.
Eerie Wanda - Internal Radio (2022)

4,0
1
geplaatst: 23 september 2022, 17:54 uur
Dat Marina Tadic zich niet in hokjes laat plaatsen hoor je overtuigend op het Eerie Wanda debuut Pet Town terug. De psychedelische filmische jaren zestig invloeden krijgen een antwoord in de luchtige country uitspattingen. Maar wat is het effect op die Eerie Wanda sound als deze genoodzaakt geïsoleerd in een hokje geplaatst wordt? Nou, dat levert een donker bijna postpunk achtige plaat op waarop geen plek meer voor die kindlief vrolijke uitspattingen is. Someone’s in My House deelt de internetgeheimen met de schimmige buitenwereld, een beangstigende ontwikkeling die de behoefte aan anoniem contact versterkt als fysieke omgangsnormen verboden terrein zijn. Je kan er niet omheen, Internal Radio is ook een product van de pandemie crisis.
Internal Radio is een vreemde, maar wel een eerlijk heerlijke stoorzender, waarbij de zangeres nog dieper opzoek gaat naar die juiste frequentie, die juiste gedeelde gemoedsstemming en die juiste intimiteit welke die kleine strak gehouden huiskamersfeer oproept. Internal Radio is een plaat voor de slapelozen onder ons, telkens het afsluiten van de dag weer uitstellen en tot diep in de nacht mogelijkheden opzoeken om het rusteloze hart juist deze rustbegeerte te schenken. Nog meer nineties Twin Peaks schemergebieden, nog meer bedrieglijke insomnia waanzin, en nog meer een samenhangend geheel van onsamenhangende stemmingswisselingen vanuit het sensitief duistere brein van de voortreffelijk zingende Marina Tadic, de misvormde wereld in zich opnemend en daarvanuit een indrukwekkende verslaglegging op muziek zet.
Natuurlijk roept het raakvlakken op met die fragiel breekbare beeldende gedachtegang van de vroeg overleden Julee Cruise. Internal Radio sluit tevens perfect aan bij de kwetsbaarheid van het Alison Shaw geluid, die hulpeloos schreeuwend haar gothic shoegazer band Cranes in bedwang probeerde te houden. Marina Tadic laat zich echter door die ziel brekende passie leiden, waarin geen ruimte voor noisy gewelddadigheden en andere destructieve dwalingen is. Versterkt met meestergitarist Adam Harding bouwt Eerie Wanda dat beklemmende sfeertje op welke misschien wel het fraaiste tot bloei komt in het depri regengrunge werkstuk Puzzled. Niet de minste naam trouwens, deze artiest heeft een uitgebreid muzikaal verleden opgebouwd, en vertolkte tevens een prominente rol in het Californische hobbyproject Dumb Numbers waarin ook Dinosaur Jr en Sebadoh legende Lou Barlow meespeelt. Dat dan ook nog de veelzeggende voormalige Butthole Surfers bassist en Low ontdekker (Mark) Kramer als producer en ondersteunend multi-instrumentalist aanschuift, is uiteraard een hemels geschenk.
Internal Radio leeft volledig in het nu, en dat het nu geen rooskleurige periode betreft nemen we voor lief. De troost van het schitterende najaar gevoel, de dagen dat de duisternis enkel bewoond wordt door schitterende hemellichamen, slaapwandelend de nacht betreden. Sister Take My Hand, samen verdwalen, samen de weg kwijtraken, hulp vragend verbonden, zonder gids, zonder duidelijk einddoel. En daar staat voor mij de plaat voor, een elftal flonkerende sterretjes die warmte scheppen zonder die melancholische geaardheid te verliezen. De lengte der dagen in eeuwigheid vastgelegd. Confess is zo aangenaam roetzwart als een dovende kaars die al strijdend dat laatste vlammetje laat afsterven.
Vaar het regenboog geluk tegenmoed. Sail to the Silver Sun. De grauwheid als een gepasseerd station waar de herfsttinten van de verdorde bladeren de spoorrails belemmeren. Geniet van die onthaasting, de schoonheid van het surrealisme in het realisme plaatsen. Zelfs de dood heeft iets moois spiritueels. Het mag duidelijk zijn dat Internal Radio dus voornamelijk een Marina Tadic project is en dat de in Nijmegen wonende Nederlands-Kroatische singer-songwriter verder kijkt dan de beperkte mogelijkheden van het kleine Nederland en zeker de behoefte heeft om internationaal haar horizon te verbreden. Al biedt het Le Guess Who? muziekfestival wel een mooie aangelegenheid om met de veelzijdige stemkleuren van Eerie Wanda kennis te maken.
Eerie Wanda - Internal Radio | Rock | Written in Music - writteninmusic.com
Internal Radio is een vreemde, maar wel een eerlijk heerlijke stoorzender, waarbij de zangeres nog dieper opzoek gaat naar die juiste frequentie, die juiste gedeelde gemoedsstemming en die juiste intimiteit welke die kleine strak gehouden huiskamersfeer oproept. Internal Radio is een plaat voor de slapelozen onder ons, telkens het afsluiten van de dag weer uitstellen en tot diep in de nacht mogelijkheden opzoeken om het rusteloze hart juist deze rustbegeerte te schenken. Nog meer nineties Twin Peaks schemergebieden, nog meer bedrieglijke insomnia waanzin, en nog meer een samenhangend geheel van onsamenhangende stemmingswisselingen vanuit het sensitief duistere brein van de voortreffelijk zingende Marina Tadic, de misvormde wereld in zich opnemend en daarvanuit een indrukwekkende verslaglegging op muziek zet.
Natuurlijk roept het raakvlakken op met die fragiel breekbare beeldende gedachtegang van de vroeg overleden Julee Cruise. Internal Radio sluit tevens perfect aan bij de kwetsbaarheid van het Alison Shaw geluid, die hulpeloos schreeuwend haar gothic shoegazer band Cranes in bedwang probeerde te houden. Marina Tadic laat zich echter door die ziel brekende passie leiden, waarin geen ruimte voor noisy gewelddadigheden en andere destructieve dwalingen is. Versterkt met meestergitarist Adam Harding bouwt Eerie Wanda dat beklemmende sfeertje op welke misschien wel het fraaiste tot bloei komt in het depri regengrunge werkstuk Puzzled. Niet de minste naam trouwens, deze artiest heeft een uitgebreid muzikaal verleden opgebouwd, en vertolkte tevens een prominente rol in het Californische hobbyproject Dumb Numbers waarin ook Dinosaur Jr en Sebadoh legende Lou Barlow meespeelt. Dat dan ook nog de veelzeggende voormalige Butthole Surfers bassist en Low ontdekker (Mark) Kramer als producer en ondersteunend multi-instrumentalist aanschuift, is uiteraard een hemels geschenk.
Internal Radio leeft volledig in het nu, en dat het nu geen rooskleurige periode betreft nemen we voor lief. De troost van het schitterende najaar gevoel, de dagen dat de duisternis enkel bewoond wordt door schitterende hemellichamen, slaapwandelend de nacht betreden. Sister Take My Hand, samen verdwalen, samen de weg kwijtraken, hulp vragend verbonden, zonder gids, zonder duidelijk einddoel. En daar staat voor mij de plaat voor, een elftal flonkerende sterretjes die warmte scheppen zonder die melancholische geaardheid te verliezen. De lengte der dagen in eeuwigheid vastgelegd. Confess is zo aangenaam roetzwart als een dovende kaars die al strijdend dat laatste vlammetje laat afsterven.
Vaar het regenboog geluk tegenmoed. Sail to the Silver Sun. De grauwheid als een gepasseerd station waar de herfsttinten van de verdorde bladeren de spoorrails belemmeren. Geniet van die onthaasting, de schoonheid van het surrealisme in het realisme plaatsen. Zelfs de dood heeft iets moois spiritueels. Het mag duidelijk zijn dat Internal Radio dus voornamelijk een Marina Tadic project is en dat de in Nijmegen wonende Nederlands-Kroatische singer-songwriter verder kijkt dan de beperkte mogelijkheden van het kleine Nederland en zeker de behoefte heeft om internationaal haar horizon te verbreden. Al biedt het Le Guess Who? muziekfestival wel een mooie aangelegenheid om met de veelzijdige stemkleuren van Eerie Wanda kennis te maken.
Eerie Wanda - Internal Radio | Rock | Written in Music - writteninmusic.com
Eerie Wanda - Pet Town (2019)

3,5
0
geplaatst: 7 oktober 2020, 15:43 uur
Als alter ego Eerie Wanda presenteert Marina Tadic na Hum nu haar tweede album Pet Town. Deze in Bosnië geboren zangeres heeft alweer een aantal jaren Nijmegen als thuisbasis. In haar begeleidingsband bevind zich bassist Jasper Verhulst, die net als Jacco Gardner zijn ervaringen heeft opgebouwd in het indierock bandje Lola Kite. De combinatie van de sixties psychedelica van Gardner, en de jaren tachtig postpunk van Lola Kite is absoluut terug te horen. Met het dromerige in echo’s verdrinkende stemgeluid van de frontvrouw geeft dit een mooi geheel. Samen met de dreampop elementen maakt het een sfeertje welke herinneringen oproept met de donkere Amerikaanse soundtracks die het meer gespecialiseerde publiek voor dit genre naar de filmhuizen trekt. Marina heeft de capaciteiten om zich te presenteren als een eigenzinnige singer-songwriter, die dwars tegen alle stromingen inzwemt. Op dit album wordt ze verder bijgestaan door Jeroen de Heuvel op keyboard en Nicola Mauskovic en Marnix Wilmink die de vaak minimalistische percussie verzorgen. Soms is simpel gebruik maken van de mogelijkheden van het eigen lichaam al meer dan voldoende. Het totaalbeeld vormt een aangenaam geheel, waarbij juist de minder toegankelijke invalshoeken zorgen voor een gemakkelijk in het gehoor liggende sound.
Al vanaf de opener Pet Town weet ze te verwarren. Met merseybeat klanken waar de gemiddelde Britse band eind jaren tachtig begin jaren negentig sier mee maakte laat Eerie Wanda je mee voeren. Om door middel van handgeklap een totaal andere wending aan de track te geven. De onvoorspelbaarheid geeft het een eigen karakter die je gedurende de ruim dertig minuten terug blijft horen. De ene keer door middel van het goedkope gebliep uit een gedateerde keyboard, dan weer het meer voort sjokkende country hoeftrap in Big Blue Bird. Het is lastig om bij deze titel niet aan de grote kindervriend Pino van Sesamstraat te denken. Met lichte bibberende vervorming in de vocalen swingen we door het passend genaamde Rockabiller heen. De eigen muzikaliteit van Marina staat centraal in Magnetic Woman. De akoestische gitaarklanken plaatsen je terug bij de zwaarmoedige wavebandjes waarbij de anti-depressiva hun beoogde targets hebben behaald, en er meer ruimte voor luchtigheid in de songs in de plaats kwam. Op zomerse wijze schudden we de zware kille jaargetijden van ons af. Met het dromerige Moon zou ze Jacco Gardner een goede dienst kunnen verlenen. Een song welke zich met gemak op zijn debuut Cabinet of Curiosities kan settelen. Toch gaat hier meer de voorkeur uit naar de veelzijdigheid van Pet Town. De variatie zorgt voor een aangenaam verrassingseffect.
De langzame begeleiding combineert lekker met de uptempo zang van Sleepy Eyes. Nadat het geklap wordt ingezet, gaat het meer swingend los. Hierbij lijkt het dat de inspiratie gezocht wordt in de eerste rockende platen die halverwege de jaren vijftig vanuit de Verenigde Staten via ouderwetse goederendiensten het Europese vasteland bereikten. Het herhalende The Intruder roept met zijn gitaarakkoorden een prettig warm kampvuur atmosfeer op. Dat wordt versterkt door de wat sobere keyboardklanken en een geprogrammeerde drumcomputer. deze geslaagde mix werkt niet tegendraads, al zou je dat in eerste instantie wel verwachten. Hier komt het zaterdagavond strandgevoel juist meer tot zijn recht. De holle percussie en pingelend gitaarspel van Couldn’t Tell sluit aan bij de country van Big Blue Bird. De dromerige twist maakt het iets eigens. Dat het gebruik van de mechanische percussie ook in het nadeel kan werken bewijst Hands Of The Devil. Hier wil het maar niet overtuigen. Verder allemaal prima gespeeld, maar dit leidt net teveel af. Dat er afgesloten wordt met het slaaplied achtige Truly maakt de cirkel rond. Pet Town is een album welke vraagt om een afgerond geheel, om het in alle rust af te sluiten. Beter hadden ze niet kunnen eindigen.
Eerie Wanda - Pet Town | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Al vanaf de opener Pet Town weet ze te verwarren. Met merseybeat klanken waar de gemiddelde Britse band eind jaren tachtig begin jaren negentig sier mee maakte laat Eerie Wanda je mee voeren. Om door middel van handgeklap een totaal andere wending aan de track te geven. De onvoorspelbaarheid geeft het een eigen karakter die je gedurende de ruim dertig minuten terug blijft horen. De ene keer door middel van het goedkope gebliep uit een gedateerde keyboard, dan weer het meer voort sjokkende country hoeftrap in Big Blue Bird. Het is lastig om bij deze titel niet aan de grote kindervriend Pino van Sesamstraat te denken. Met lichte bibberende vervorming in de vocalen swingen we door het passend genaamde Rockabiller heen. De eigen muzikaliteit van Marina staat centraal in Magnetic Woman. De akoestische gitaarklanken plaatsen je terug bij de zwaarmoedige wavebandjes waarbij de anti-depressiva hun beoogde targets hebben behaald, en er meer ruimte voor luchtigheid in de songs in de plaats kwam. Op zomerse wijze schudden we de zware kille jaargetijden van ons af. Met het dromerige Moon zou ze Jacco Gardner een goede dienst kunnen verlenen. Een song welke zich met gemak op zijn debuut Cabinet of Curiosities kan settelen. Toch gaat hier meer de voorkeur uit naar de veelzijdigheid van Pet Town. De variatie zorgt voor een aangenaam verrassingseffect.
De langzame begeleiding combineert lekker met de uptempo zang van Sleepy Eyes. Nadat het geklap wordt ingezet, gaat het meer swingend los. Hierbij lijkt het dat de inspiratie gezocht wordt in de eerste rockende platen die halverwege de jaren vijftig vanuit de Verenigde Staten via ouderwetse goederendiensten het Europese vasteland bereikten. Het herhalende The Intruder roept met zijn gitaarakkoorden een prettig warm kampvuur atmosfeer op. Dat wordt versterkt door de wat sobere keyboardklanken en een geprogrammeerde drumcomputer. deze geslaagde mix werkt niet tegendraads, al zou je dat in eerste instantie wel verwachten. Hier komt het zaterdagavond strandgevoel juist meer tot zijn recht. De holle percussie en pingelend gitaarspel van Couldn’t Tell sluit aan bij de country van Big Blue Bird. De dromerige twist maakt het iets eigens. Dat het gebruik van de mechanische percussie ook in het nadeel kan werken bewijst Hands Of The Devil. Hier wil het maar niet overtuigen. Verder allemaal prima gespeeld, maar dit leidt net teveel af. Dat er afgesloten wordt met het slaaplied achtige Truly maakt de cirkel rond. Pet Town is een album welke vraagt om een afgerond geheel, om het in alle rust af te sluiten. Beter hadden ze niet kunnen eindigen.
Eerie Wanda - Pet Town | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Efrim Manuel Menuck & Kevin Doria - Are Sing Sinck, Sing (2019)

4,5
0
geplaatst: 6 oktober 2020, 17:47 uur
Met Efrim Manuel Menuck als hoofduitvoerende artiest verwacht je uiteraard geen gemakkelijke plaat. Deze noise goeroe uit het Godspeed You! Black Emperor en Silver Mt. Zion kamp weet geluiden tevoorschijn te toveren waarvan het bestaan voorheen niet bekend is, of die het merendeel van de luisteraars niet op hun pad wenst tegen te komen. Vanuit het muziekhol van de leeuw; het Canadese Montreal zwemt hij haaks tegen alle stromingen in met zijn experimentele uitdagingen. Kevin Doria heeft zijn sporen verdiend bij het relatief onbekende Growing en Total Life. Zijn basis wordt gevormd in Washington, met zijn stadse invloeden. De samenwerking is niet helemaal nieuw, maar voortgekomen uit het elkaar vinden in het uitvoeren van de live ervaringen tijdens de tournee van Menucks solo uitstapje Pissing Stars.
Deze coöperatie levert een bijzonder project af, waarbij zelfs ruimte is voor toegankelijke stukken. Het is hoe dan ook een stuk minder duister en bewolkt dan wat Menuck normaal ten gehore brengt. Laat jezelf niet afschrikken door het gezoem en gebrom waarmee Do the Police Embrace? opent. Van een overbevolkt bijennest is de stap niet zo groot naar een kolkende metropool. Wat wil muziek anders binnen komen als er dus teksten aan toegevoegd worden. Doordat er afgeweken wordt van de normale instrumentale benadering krijgt de luisteraar vrijwel geen kans om het zelf in te vullen. Hoe duidelijk kun je de mening verkondigen tegen het harde optreden van de politie eenheid, welke al sinds de Rodney King rellen in Los Angeles; alweer daterend van 1992, plaats vinden. Nog steeds is er weinig veranderd, ergens moet er toch wel een humane ingang te vinden zijn. Een duidelijke protestsong gericht op het alsmaar falende rechtssysteem. Door aan de dramatische voordracht rustgevende klanken toe te voegen werkt het effectiever dan met volle agressie stuk te gaan op de problematiek. Steeds zwakker sterven de vocalen af tot een in twijfel trekkende hulpvraag. Een geweldige binnenkomer van deze bijzondere track die op het einde wordt bijgestaan door een overheersend achtergrondkoor van loeiende politiesirenes.
Juist de woorden verklaren de stiltes. In Fight The Good Fight wordt een trieste voorstelling gemaakt van een kapitaal loze maatschappij. De herrie is een voorbode tot een explosief einde, en wat volgt er dan? Helemaal niets. Hoe doeltreffend is het om iemand te raken met subtiel gebruikte korte zinnen. De meerwaarde hiervan is gevonden in de zoektocht van het gebruik van zware drones en andere donkere soundscapes. Door op zoek te gaan naar die grenzen, en er zelfs overheen te stappen, is het mogelijk om dit om te zetten tot rust en stabiliteit. Alsof er een hemels licht zijn intrede doet, zo mooi! Zonder deze aankondiging is het niet mogelijk om tot bezinning te komen in het hierop voortvloeiende A Humming Void an Emptied Place. De zelfontplooiing en berusting lijken kernbegrippen die in volle overgave gepresenteerd worden. Het overheersende gedreun is totaal niet meer vervelend, maar juist ontspannend te noemen.
And human words do not suffice
Precies, het belang van woorden zal uiteindelijk ook vervagen, zoals wordt aangekondigd in Joy Is on Her Mount and Death Is at Her Side. Er is meer nodig. Waarom schreeuwen en op pannen slaan als de doordringendheid zijn kracht vind in een gedoseerde combinatie van dit alles. De afstervende klaagzang van Robin Wattie werkt naar een climax toe om in zijn cocon terug te kruipen, wachtend om zich als een grauwe nachtvlinder tentoon te stellen. Dat de vernietigde bossen als inspiratiebron gelden komt goed naar voren, maar het mag gerust breder benaderd worden. De zure tranen van het vergiftigende milieu en de opwarming daarvan staat ook als statement overeind. We Will mag zelfs gezien worden als een postpunk song. Dezelfde deprimerende zwartgalligheid dringt zich op in dit adembenemend naar de strot grijpend slotakkoord.
Are Sing Sinck, Sing lijkt zich te presenteren als een conceptalbum, waarbij een geordende wereld centraal staat. Door het oude af te breken ontstaat er ruimte voor iets nieuws. Efrim Manuel Menuck weet een baanbrekend hoofdstuk toe te voegen in zijn omvangrijk oeuvre. Alsof er geheimschrift ontcijfert is, en er opeens een ontrafeling ontstaat van zijn eerdere werk. Prachtig, prachtig, prachtig.
Efrim Manuel Menuck & Kevin Doria - Are Sing Sinck, Sing | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Deze coöperatie levert een bijzonder project af, waarbij zelfs ruimte is voor toegankelijke stukken. Het is hoe dan ook een stuk minder duister en bewolkt dan wat Menuck normaal ten gehore brengt. Laat jezelf niet afschrikken door het gezoem en gebrom waarmee Do the Police Embrace? opent. Van een overbevolkt bijennest is de stap niet zo groot naar een kolkende metropool. Wat wil muziek anders binnen komen als er dus teksten aan toegevoegd worden. Doordat er afgeweken wordt van de normale instrumentale benadering krijgt de luisteraar vrijwel geen kans om het zelf in te vullen. Hoe duidelijk kun je de mening verkondigen tegen het harde optreden van de politie eenheid, welke al sinds de Rodney King rellen in Los Angeles; alweer daterend van 1992, plaats vinden. Nog steeds is er weinig veranderd, ergens moet er toch wel een humane ingang te vinden zijn. Een duidelijke protestsong gericht op het alsmaar falende rechtssysteem. Door aan de dramatische voordracht rustgevende klanken toe te voegen werkt het effectiever dan met volle agressie stuk te gaan op de problematiek. Steeds zwakker sterven de vocalen af tot een in twijfel trekkende hulpvraag. Een geweldige binnenkomer van deze bijzondere track die op het einde wordt bijgestaan door een overheersend achtergrondkoor van loeiende politiesirenes.
Juist de woorden verklaren de stiltes. In Fight The Good Fight wordt een trieste voorstelling gemaakt van een kapitaal loze maatschappij. De herrie is een voorbode tot een explosief einde, en wat volgt er dan? Helemaal niets. Hoe doeltreffend is het om iemand te raken met subtiel gebruikte korte zinnen. De meerwaarde hiervan is gevonden in de zoektocht van het gebruik van zware drones en andere donkere soundscapes. Door op zoek te gaan naar die grenzen, en er zelfs overheen te stappen, is het mogelijk om dit om te zetten tot rust en stabiliteit. Alsof er een hemels licht zijn intrede doet, zo mooi! Zonder deze aankondiging is het niet mogelijk om tot bezinning te komen in het hierop voortvloeiende A Humming Void an Emptied Place. De zelfontplooiing en berusting lijken kernbegrippen die in volle overgave gepresenteerd worden. Het overheersende gedreun is totaal niet meer vervelend, maar juist ontspannend te noemen.
And human words do not suffice
Precies, het belang van woorden zal uiteindelijk ook vervagen, zoals wordt aangekondigd in Joy Is on Her Mount and Death Is at Her Side. Er is meer nodig. Waarom schreeuwen en op pannen slaan als de doordringendheid zijn kracht vind in een gedoseerde combinatie van dit alles. De afstervende klaagzang van Robin Wattie werkt naar een climax toe om in zijn cocon terug te kruipen, wachtend om zich als een grauwe nachtvlinder tentoon te stellen. Dat de vernietigde bossen als inspiratiebron gelden komt goed naar voren, maar het mag gerust breder benaderd worden. De zure tranen van het vergiftigende milieu en de opwarming daarvan staat ook als statement overeind. We Will mag zelfs gezien worden als een postpunk song. Dezelfde deprimerende zwartgalligheid dringt zich op in dit adembenemend naar de strot grijpend slotakkoord.
Are Sing Sinck, Sing lijkt zich te presenteren als een conceptalbum, waarbij een geordende wereld centraal staat. Door het oude af te breken ontstaat er ruimte voor iets nieuws. Efrim Manuel Menuck weet een baanbrekend hoofdstuk toe te voegen in zijn omvangrijk oeuvre. Alsof er geheimschrift ontcijfert is, en er opeens een ontrafeling ontstaat van zijn eerdere werk. Prachtig, prachtig, prachtig.
Efrim Manuel Menuck & Kevin Doria - Are Sing Sinck, Sing | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Efterklang - Things We Have in Common (2024)

4,0
0
geplaatst: 17 oktober 2024, 09:24 uur
Het Deense Efterklang heeft altijd al het vermogen gehad om new age spiritualiteit in hun licht dansbare sound te stoppen. Ze zijn zich bewust van de binding met hun publiek, en ook nu Things We Have in Common, hun zevende plaat verschijnt, bedanken ze tijdens de release oprecht de volgelingen die ze altijd blijven vertrouwen, volgen en steunen. Oerlid Rune Mølgaard verlegde zijn aandacht voor een langere tijd naar de Mormoonse kerk, maar sluit hij zich nu weer bij Casper Clausen, Mads Brauer en Rasmus Stolberg aan.
Hierdoor bestaat Efterklang weer in dezelfde topsamenstelling als op hun eerste twee albums en herenigen ze de krachten waar het Things We Have in Common reisverslag uit voortvloeit. Een ontdekkingstocht welke vooral dicht bij hunzelf blijft. Forenzen in de innerlijke gedachtegang, met deurtjes die lang gesloten blijven. Onder de kieren schijnt het licht door, een openbaring welke tot een fantastisch samenspel leidt.
Ondanks dat Rune Mølgaard altijd aan het gezelschap verbonden blijft, schrijft hij nu weer volledig mee, en is de muzikant medecomponist bij zeven van de negen stukken. Rune Mølgaard heeft behoefte aan rust en regelmaat, zekerheden die Efterklang hem bieden. Het belang van vriendschap. Onbeantwoorde vragen vervagen, omdat de doelstelling daarachter van steeds minder belang is. Efterklang zoekt tegenwoordig het heil in meditatie. Het is niet zo dat het viertal op de Parades lijn verder gaat, het laatste album waar ze als bandeenheid letterlijk samen zijn, daarvoor is Efterklang teveel gegroeid. Het is dus weldegelijk een Windflowers vervolg.
Bergen verplaatsen door simpelweg stenen te verleggen. De zwaarte verdelen. In Balancing Stones introduceert de uit Guatemala afkomstige Mabe Fratti haarzelf. Ze draagt het Maya mysterie in de inheemse zangpartijen uit. Ook hier is er sprake van saamhorigheid en verbondenheid. Juist die Midden Amerikaanse cultuur maakt geen onderscheid en is een samenvoeging van volkeren die in vrede naast elkaar en met elkaar leven. Normaal verschuilt de zangeres zich achter de cello, hier is ze totaal aan haar vocale kunsten overgeleverd. Overgave dus, in een warboel van exotica en nachtclub elektronica.
Ze helpt Casper Clausen in het formeren van keuzes. Hij is niet alleen in de stilte, de spirit van Mabe Fratti waakt over hem. De Deense winter zoekt het zonlicht op en doorbreekt de Noorderlicht belevenis. Heimwee naar het onbekende, heimwee naar het nieuwe. Bij Plant is de cello wel haar metgezel. Op lichtgewicht klanken laat ze Efterklang opnieuw verdwalen, en dus ook opnieuw vinden, uitvinden. Het is bijna jammer dat Casper Clausen dit genot doorbreekt, al kleurt zijn stem prachtig bij het voorbereidende Mabe Fratti werk. Vervolgens pakt Efterklang grootst uit zoals we van ze gewend zijn. De kille synths staan voor de thuisbasis en geven er een jaren tachtig tintje aan.
Het akoestische Getting Reminders laat ons vluchten voor oorlogen, natuurgeweld en vrijheid. Opofferen en incasseren. Zach Condon van Beirut voegt hier met zijn trompetspel vreugde aan toe. Vreugde waar we onze winst uit halen, al blijft die kenmerkende treurende ondertoon zeker aanwezig. Het is een pad met de nodige strubbelingen en tegenslagen. Het Ambulance gevaarte verkeerd nog in alarmfase een. Een schurend monster waarin elektronica, koperblazers en gitaargeweld elkaar treffen en onwennig elkaar betasten. Gedurfde jazzy postpunk en stukken donkerder dan we van Efterklang gewend zijn.
Rune Mølgaard ontfermt zich over Leave It All Behind. Wat is het fijn om zijn klassieke geschoolde pianospel te horen. Als zorgvuldig geplaatste regendruppels schudt hij het verleden van zich af. Zo kan je ook een traumatische identiteitscrisis verwerken, door deze in schoonheid om te zetten. De tijd als vijand, het onvermogen om fouten te herstellen.
Zelf ben ik geen voorstander van een vocoder, sinds Bon Iver deze in de folk geïntroduceerd heeft, is dit instrument prominent aanwezig. De Shelf Break jazzbreaks maken het kloppend, waardoor deze stoorzender al snel naar de achtergrond verdwijnt. Ook nu zorgt het zenuwachtige toetsenwerk van Rune Mølgaard voor de juiste disbalans, en weten ze mij te overtuigen. Door de hoge kopstem klinkt Casper Clausen nog kwetsbaarder, nog fragieler, klein en ijl in volle overgave. Laten we bij Sentiment het beestje maar bij zijn naam noemen. De donkere dagen komen eraan, en we raken al eventjes in een kerststemming. Daar hoort de mannelijke zelfverzekerde kant van Casper Clausen bij. Deze onbelichte zijde bezit hij dus ook. Een aangename gedaanteverwisseling, nog steeds zacht, maar stukken aardser, menselijker.
Als dirigent van South Denmark Girls’ Choir geeft Sønderjysk Pigekor het Animated Heart een ziel mee. Het is een voortzetting van samenwerkingen met het Copenhagen Philharmonic Orchestra, The Happy Hopeless Orchestra en The Danish National Chamber Orchestra. Juist ondersteund door een breed scala aan geschoolde muzikanten voelt Efterklang zich in hun element. Verrassend kiezen ze hier voor een koor en niet voor een orkest. De kaalheid van Casper Clausen stem tekent zich af tegenover de hemelse klanken, die spaarzaam aanwezig zijn. In het The Beatles achtige To a New Day sluiten ze weer aan, een krachtbron welke Efterklang als trotse vrouwen op hun eindstation verwelkomt. Hopelijk geen definitieve eindbestemming, maar de juiste plek om te acclimatiseren. De pelgrimstocht is nog in volle gang.
Efterklang - Things We Have in Common | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Hierdoor bestaat Efterklang weer in dezelfde topsamenstelling als op hun eerste twee albums en herenigen ze de krachten waar het Things We Have in Common reisverslag uit voortvloeit. Een ontdekkingstocht welke vooral dicht bij hunzelf blijft. Forenzen in de innerlijke gedachtegang, met deurtjes die lang gesloten blijven. Onder de kieren schijnt het licht door, een openbaring welke tot een fantastisch samenspel leidt.
Ondanks dat Rune Mølgaard altijd aan het gezelschap verbonden blijft, schrijft hij nu weer volledig mee, en is de muzikant medecomponist bij zeven van de negen stukken. Rune Mølgaard heeft behoefte aan rust en regelmaat, zekerheden die Efterklang hem bieden. Het belang van vriendschap. Onbeantwoorde vragen vervagen, omdat de doelstelling daarachter van steeds minder belang is. Efterklang zoekt tegenwoordig het heil in meditatie. Het is niet zo dat het viertal op de Parades lijn verder gaat, het laatste album waar ze als bandeenheid letterlijk samen zijn, daarvoor is Efterklang teveel gegroeid. Het is dus weldegelijk een Windflowers vervolg.
Bergen verplaatsen door simpelweg stenen te verleggen. De zwaarte verdelen. In Balancing Stones introduceert de uit Guatemala afkomstige Mabe Fratti haarzelf. Ze draagt het Maya mysterie in de inheemse zangpartijen uit. Ook hier is er sprake van saamhorigheid en verbondenheid. Juist die Midden Amerikaanse cultuur maakt geen onderscheid en is een samenvoeging van volkeren die in vrede naast elkaar en met elkaar leven. Normaal verschuilt de zangeres zich achter de cello, hier is ze totaal aan haar vocale kunsten overgeleverd. Overgave dus, in een warboel van exotica en nachtclub elektronica.
Ze helpt Casper Clausen in het formeren van keuzes. Hij is niet alleen in de stilte, de spirit van Mabe Fratti waakt over hem. De Deense winter zoekt het zonlicht op en doorbreekt de Noorderlicht belevenis. Heimwee naar het onbekende, heimwee naar het nieuwe. Bij Plant is de cello wel haar metgezel. Op lichtgewicht klanken laat ze Efterklang opnieuw verdwalen, en dus ook opnieuw vinden, uitvinden. Het is bijna jammer dat Casper Clausen dit genot doorbreekt, al kleurt zijn stem prachtig bij het voorbereidende Mabe Fratti werk. Vervolgens pakt Efterklang grootst uit zoals we van ze gewend zijn. De kille synths staan voor de thuisbasis en geven er een jaren tachtig tintje aan.
Het akoestische Getting Reminders laat ons vluchten voor oorlogen, natuurgeweld en vrijheid. Opofferen en incasseren. Zach Condon van Beirut voegt hier met zijn trompetspel vreugde aan toe. Vreugde waar we onze winst uit halen, al blijft die kenmerkende treurende ondertoon zeker aanwezig. Het is een pad met de nodige strubbelingen en tegenslagen. Het Ambulance gevaarte verkeerd nog in alarmfase een. Een schurend monster waarin elektronica, koperblazers en gitaargeweld elkaar treffen en onwennig elkaar betasten. Gedurfde jazzy postpunk en stukken donkerder dan we van Efterklang gewend zijn.
Rune Mølgaard ontfermt zich over Leave It All Behind. Wat is het fijn om zijn klassieke geschoolde pianospel te horen. Als zorgvuldig geplaatste regendruppels schudt hij het verleden van zich af. Zo kan je ook een traumatische identiteitscrisis verwerken, door deze in schoonheid om te zetten. De tijd als vijand, het onvermogen om fouten te herstellen.
Zelf ben ik geen voorstander van een vocoder, sinds Bon Iver deze in de folk geïntroduceerd heeft, is dit instrument prominent aanwezig. De Shelf Break jazzbreaks maken het kloppend, waardoor deze stoorzender al snel naar de achtergrond verdwijnt. Ook nu zorgt het zenuwachtige toetsenwerk van Rune Mølgaard voor de juiste disbalans, en weten ze mij te overtuigen. Door de hoge kopstem klinkt Casper Clausen nog kwetsbaarder, nog fragieler, klein en ijl in volle overgave. Laten we bij Sentiment het beestje maar bij zijn naam noemen. De donkere dagen komen eraan, en we raken al eventjes in een kerststemming. Daar hoort de mannelijke zelfverzekerde kant van Casper Clausen bij. Deze onbelichte zijde bezit hij dus ook. Een aangename gedaanteverwisseling, nog steeds zacht, maar stukken aardser, menselijker.
Als dirigent van South Denmark Girls’ Choir geeft Sønderjysk Pigekor het Animated Heart een ziel mee. Het is een voortzetting van samenwerkingen met het Copenhagen Philharmonic Orchestra, The Happy Hopeless Orchestra en The Danish National Chamber Orchestra. Juist ondersteund door een breed scala aan geschoolde muzikanten voelt Efterklang zich in hun element. Verrassend kiezen ze hier voor een koor en niet voor een orkest. De kaalheid van Casper Clausen stem tekent zich af tegenover de hemelse klanken, die spaarzaam aanwezig zijn. In het The Beatles achtige To a New Day sluiten ze weer aan, een krachtbron welke Efterklang als trotse vrouwen op hun eindstation verwelkomt. Hopelijk geen definitieve eindbestemming, maar de juiste plek om te acclimatiseren. De pelgrimstocht is nog in volle gang.
Efterklang - Things We Have in Common | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Efterklang - Windflowers (2021)

4,0
2
geplaatst: 22 oktober 2021, 01:01 uur
Efterklang verpakt maagdelijke onschuld in tedere fragiliteit. De lokroep van deze Denen reikt veel verder dan het thuisland. In een grijs verleden hebben de betoverende klanken mij al eerder in een euforische dancetrance gebracht. Een unieke live ervaring die hooguit geëvenaard wordt door de ingetogen baarmoeder belevenis van het stukken speelsere, maar enigszins gelijkwaardige Sigur Rós.
Toch wel een aangename verrassing. Wie rekende er nou op een nieuwe Efterklang plaat? Ik in ieder geval zeker niet. Het verhaal was voor lange tijd nog niet volledig verteld, maar bij voorganger Altid Sammen viel alles passend op zijn plek. De stilte van zeven jaar was nodig om de cirkel rond te krijgen. Een prachtige memorabele titel, die ik altijd in verband breng met de eeuwige liefde. Het hemelse verbond, vorm gegeven met hemelse liefde. Het schitterende sterrenstelsel werd voor de laatste keer toegewuifd, een waardig afscheid met een flinke dosis aan progrock invloeden. Dan is het prima dat Casper Clausen eerder dit jaar samen met Peter Kember van Spaceman 3 een doorstart maakt met het experimentele Better Way. Daarop zweefde hij nog eventjes gewichtloos boven de wereld om vervolgens een geaarde landing te maken.
Helaas vraagt de geamputeerde maatschappij feitelijk gewoon om een nieuwe Efterklang plaat. De afgelopen twee jaren waren betonhard en beton grijs. Door de stilstand raken de ledenmaten ondervoed en sterft de ziel langzaam af. Het hart is verlamd geraakt door die bloedarmoede en heeft een flinke dosis aan positiviteit nodig. De schoonheid herontdekken, het in beweging zetten en voorzichtig een simpel dansje wagen. Het euforische gevoel oproepen waar ik tien jaar geleden zo intens door geraakt werd. Raken, ik herhaal het bewust zo vaak, we verdienen het om geraakt te worden.
Windflowers die hun zaadjes gemakkelijk laten verplaatsen, licht en kleurrijk. De nieuwe lente aanbiddend, de tussenliggende periode vergeten en op datzelfde punt verdergaan als waar Altid Sammen twee jaar geleden stopte. Is dat mogelijk? Ja, dat is mogelijk. Het verleden is een gepasseerde nachtmerrie, de toekomst een hoopvol sprookje, welke uiteindelijk uitgroeit tot een waardige geschiedenisles. Casper Clausen is spaarzaam met zijn zorgvuldig gekozen woordkeuze. De nostalgische eighties melancholie zit hem vooral in die prachtige combinatie van de huiskamerinstrumentatie waarbij de treurende viool en de in stilte opererende piano een grote rol speelt en elektronische veldopnames het overige werk verrichten.
Alien Arms, door de pandemie zijn wij de vervreemde buitenaardse wezens geworden. Zo lang het virus niet onder controle is, domineert deze het bestaan als een dominante gastheer. Samen te strijden trekken, met niet zozeer de muziek als wapen, maar wel als vredelievend bestrijdingsmiddel. De donkerbruine zware baspartijen van Rasmus Stolberg reiken als kolossale reuzen torenhoog boven de muzikale omlijsting uit, en kietelen voorzichtig de hemel. Als beloning geeft deze de natuurlijke warmte cadeau die vervolgens beantwoordt wordt door de zachte samenzang van Casper Clausen en Indrė Jurgelevičiūtė waar fraaie achtergrondvocalen zich daar als onbesmette witte engeltjes doorheen weven.
Als de zanger dan solo die pastorale hoogtes in Hold Me Close When You Can opzoekt, vind hij zijn meerdere in een bovennatuurlijke, bijna Goddelijke soulvolle ontmoeting. Jammer dat de vocoders in Dragonfly die puurheid in een klap wegvagen, maar daar wel pittige dansbeats voor teruggeven. Dansen, dansen, dansen, feestend op de toekomst. Je leeft maar een keer en die reservetijd is de afgelopen periode al versneld in werking gesteld. Living Other Lives heeft de energie van die bewuste avond in de concertzaal, waar ik aarzelend de dansvoer op getrokken werd om al trippend in beweging gezet te worden. Missie voltooid, eventjes wegzweven zonder gedachtes, zonder emoties, met alleen het egocentrische zelfbeeld als danspartner. Heel eventjes volledig in controle met jezelf. De kracht van het volledig los zijn.
Wat valt er dan nog te melden over Mindless Center? Die overgave laat je niet meer terugkeren naar de zoektocht om de juiste woorden te vormen, en is dat dan nog noodzakelijk? Je wordt opgeslokt in dat immense zwarte gat, de avondvullende duisternis die overgaat in dat zorgzame opgespaarde verlangen naar het nachtleven. Levenloos in gedachten zwevend op de klanken van House on a Feather, de moedertaal oerkracht omarmend in de adembenemende gezongen rave explosie van Åbent Sår. Meer heb je niet nodig.
Efterklang - Windflowers | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Toch wel een aangename verrassing. Wie rekende er nou op een nieuwe Efterklang plaat? Ik in ieder geval zeker niet. Het verhaal was voor lange tijd nog niet volledig verteld, maar bij voorganger Altid Sammen viel alles passend op zijn plek. De stilte van zeven jaar was nodig om de cirkel rond te krijgen. Een prachtige memorabele titel, die ik altijd in verband breng met de eeuwige liefde. Het hemelse verbond, vorm gegeven met hemelse liefde. Het schitterende sterrenstelsel werd voor de laatste keer toegewuifd, een waardig afscheid met een flinke dosis aan progrock invloeden. Dan is het prima dat Casper Clausen eerder dit jaar samen met Peter Kember van Spaceman 3 een doorstart maakt met het experimentele Better Way. Daarop zweefde hij nog eventjes gewichtloos boven de wereld om vervolgens een geaarde landing te maken.
Helaas vraagt de geamputeerde maatschappij feitelijk gewoon om een nieuwe Efterklang plaat. De afgelopen twee jaren waren betonhard en beton grijs. Door de stilstand raken de ledenmaten ondervoed en sterft de ziel langzaam af. Het hart is verlamd geraakt door die bloedarmoede en heeft een flinke dosis aan positiviteit nodig. De schoonheid herontdekken, het in beweging zetten en voorzichtig een simpel dansje wagen. Het euforische gevoel oproepen waar ik tien jaar geleden zo intens door geraakt werd. Raken, ik herhaal het bewust zo vaak, we verdienen het om geraakt te worden.
Windflowers die hun zaadjes gemakkelijk laten verplaatsen, licht en kleurrijk. De nieuwe lente aanbiddend, de tussenliggende periode vergeten en op datzelfde punt verdergaan als waar Altid Sammen twee jaar geleden stopte. Is dat mogelijk? Ja, dat is mogelijk. Het verleden is een gepasseerde nachtmerrie, de toekomst een hoopvol sprookje, welke uiteindelijk uitgroeit tot een waardige geschiedenisles. Casper Clausen is spaarzaam met zijn zorgvuldig gekozen woordkeuze. De nostalgische eighties melancholie zit hem vooral in die prachtige combinatie van de huiskamerinstrumentatie waarbij de treurende viool en de in stilte opererende piano een grote rol speelt en elektronische veldopnames het overige werk verrichten.
Alien Arms, door de pandemie zijn wij de vervreemde buitenaardse wezens geworden. Zo lang het virus niet onder controle is, domineert deze het bestaan als een dominante gastheer. Samen te strijden trekken, met niet zozeer de muziek als wapen, maar wel als vredelievend bestrijdingsmiddel. De donkerbruine zware baspartijen van Rasmus Stolberg reiken als kolossale reuzen torenhoog boven de muzikale omlijsting uit, en kietelen voorzichtig de hemel. Als beloning geeft deze de natuurlijke warmte cadeau die vervolgens beantwoordt wordt door de zachte samenzang van Casper Clausen en Indrė Jurgelevičiūtė waar fraaie achtergrondvocalen zich daar als onbesmette witte engeltjes doorheen weven.
Als de zanger dan solo die pastorale hoogtes in Hold Me Close When You Can opzoekt, vind hij zijn meerdere in een bovennatuurlijke, bijna Goddelijke soulvolle ontmoeting. Jammer dat de vocoders in Dragonfly die puurheid in een klap wegvagen, maar daar wel pittige dansbeats voor teruggeven. Dansen, dansen, dansen, feestend op de toekomst. Je leeft maar een keer en die reservetijd is de afgelopen periode al versneld in werking gesteld. Living Other Lives heeft de energie van die bewuste avond in de concertzaal, waar ik aarzelend de dansvoer op getrokken werd om al trippend in beweging gezet te worden. Missie voltooid, eventjes wegzweven zonder gedachtes, zonder emoties, met alleen het egocentrische zelfbeeld als danspartner. Heel eventjes volledig in controle met jezelf. De kracht van het volledig los zijn.
Wat valt er dan nog te melden over Mindless Center? Die overgave laat je niet meer terugkeren naar de zoektocht om de juiste woorden te vormen, en is dat dan nog noodzakelijk? Je wordt opgeslokt in dat immense zwarte gat, de avondvullende duisternis die overgaat in dat zorgzame opgespaarde verlangen naar het nachtleven. Levenloos in gedachten zwevend op de klanken van House on a Feather, de moedertaal oerkracht omarmend in de adembenemende gezongen rave explosie van Åbent Sår. Meer heb je niet nodig.
Efterklang - Windflowers | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Egyptian Blue - A Living Commodity (2023)

4,0
2
geplaatst: 13 december 2023, 16:57 uur
Achter de horizon schijnt niet langer de zon, maar loert de afgrond. Aan de postpunk revival lijkt nog geen einde te komen. Sterker nog, de noodzaak van het hedendaagse aanbod kan zich meten met de hoogtijdagen uit het begin van de jaren tachtig. Met een groot verschil dat daar iedere grotere band zich met een eigen geluid identificeert en dat men tegenwoordig vaak in elkaars vaarwater ronddobbert totdat het een ondoorzichtige donkere brijige modderpoel wordt en het een verdere evolutie in de weg zit.
Natuurlijk is het bij Egyptian Blue niet anders, ook dit gezelschap maakt aangenaam gebruik van de uitgesproken echo’s uit het verleden met dromerige The Feelies soundscapes en de hoekigheid van het strakke Gang of Four. A Living Commodity is een samenspel met benauwende spanningsbogen, verfrissend opgejaagd samenspel, pure jazzy breakbeats en met Andy Buss in het bezit van een uitgesproken spreekbuis voor deze uitgestreden verloren generatie. Andy Buss en Leith Ambrose laten zich vooral door het latere actieve Foals inspireren. Deze uit Oxford afkomstige indierockband zorgt voor de muzikale verbintenis van dit tweetal. Bij vrijwel alle bekende namen uit het verleden is die interactie tussen gitarist en zingende frontman de bindende factor. Zolang een van beide niet boven zichzelf uitstijgt levert het goede tracks op, al heeft die broeierige vorm van disconnectie ook wel iets.
Nou heeft Egyptian Blue verder het geluk dat ze in het slachtbeest Isaac Ide een geroutineerde drummer in huis hebben die zelfs het complexe freejazz werk niet schuwt en het snelle ritme steevast bijna hypnotiserend aanhoudt. De neurotische laag gestemde bas van Luke Phelps laat een narokend spoor achter, een heus slachtveld dus met daarin ruimte voor de nodige verlichtende mindfulness rust. Matador, hoe passend kan je de plaat openen. Na de nodige opruiende onderhuidse dreiging betreedt Egyptian Blue de arena, ze ruiken bloed, en gaan bijna minachtend het gevecht met de luisteraar aan. Matador jaagt rechtstreeks op het doel af, overtuigt op alle fronten, een wervelende aftrap van A Living Commodity, waarmee ze direct al op voorsprong staan. Matador roept hetzelfde gelukzalige enthousiasme op als toen ik de eerste keer Munich van Editors op de radio hoorde, en dat zegt wel degelijk wat.
Egyptian Blue stemt hun gitaren in gevaarlijke noodgeval akkoorden af. Hoog alarmerend met de wanhoop in de uitgespeelde partijen. Ze zijn dichtschroeiende dienaren van de heersende kamikaze gemoedstoestand, zelfmoordende riffs lancerend, enkel om te overleven. A Living Commodity staat voor de verrotte egocentrische maatschappij. We verzetten ons niet langer tegen de manipulerende Brexit gekte, we belichamen de niet terug te draaien Brexit keuzes en distantiëren ons van de grote boze mensenwereld. Skin is slechts schijn, een nauwpassend uniform waarachter de ware identiteit zich schuilhoudt. We vergiftigen ons met nepnieuws, vaccineren ons met complottheorieën. Het is de hedendaagse waanzin waarin we leven, Egyptian Blue houdt deze nietszeggende personages enkel een spiegel voor.
Na de pandemie stilte ontwaken we slaapwandelend in een egocentrische To Be Felt comateuze cocaïne roes. Genietend van sadistische pijnen, een natural high waar men risico’s neemt en grenzen overschrijdt. Het voelen van het voelen. De zinvolle uitdagingen zijn gelimiteerd, de jongere generatie zoekt de triggers in het uiterste. Een gevaarlijke ontwikkeling, Nylon Wire trekt alleen die moordende strop nog strakker aan. Uiteindelijk heb je zelf de touwtjes in handen, het is maar wat je daar zelf mee doet. Natuurlijk speelt Egyptian Blue het hard, al is er gelukkig ook ruimte voor meer genuanceerde stukken. In het zilverglinsterende A Living Commodity titelstuk staan de complexe wringende drumpartijen in schril contrast tot die hemelse gitaarlijnen, die door stotterende effectenpedalen weer op hun plek gewezen worden. Daar ligt de kracht, precies op die scheidingslijn van oorverdovende schoonheid en adembenemende noise. Verwarrend? Zeker verwarrend, Egyptian Blue is dan ook geen normale band.
Het nachtelijke Apparent Cause doet daar nog een schepje bovenop. De song ademt in sobere ingetogen deprimerende laagtes en geschoold jazzy gitaarspel. De anticlimax met ontroerende rakende vocalen. Dit bewijst nogmaals dat je niet continu van je af hoeft te schreeuwen om de toehoorder te bereiken. De zwijmelende Suit of Lights postpunk nostalgie zoekt langzaam weer die connectie met het ontremde errorgevoel op. De To Be Felt swing staat weer eigenwijs haaks op de vorige twee nummers, we zijn weer terug op dat alleszeggende broeierige nulpunt. Het gedurfd ritmische Geisha mysterie opent de deur naar toekomstveranderingen, Egyptian Blue is nog lang niet uitgespeeld, de eerste troefkaart is ingezet, nu is de luisteraar aan zet om hier wat mee te doen.
Egyptian Blue - A Living Commodity | Rock | Written in Music - writteninmusic.com
Natuurlijk is het bij Egyptian Blue niet anders, ook dit gezelschap maakt aangenaam gebruik van de uitgesproken echo’s uit het verleden met dromerige The Feelies soundscapes en de hoekigheid van het strakke Gang of Four. A Living Commodity is een samenspel met benauwende spanningsbogen, verfrissend opgejaagd samenspel, pure jazzy breakbeats en met Andy Buss in het bezit van een uitgesproken spreekbuis voor deze uitgestreden verloren generatie. Andy Buss en Leith Ambrose laten zich vooral door het latere actieve Foals inspireren. Deze uit Oxford afkomstige indierockband zorgt voor de muzikale verbintenis van dit tweetal. Bij vrijwel alle bekende namen uit het verleden is die interactie tussen gitarist en zingende frontman de bindende factor. Zolang een van beide niet boven zichzelf uitstijgt levert het goede tracks op, al heeft die broeierige vorm van disconnectie ook wel iets.
Nou heeft Egyptian Blue verder het geluk dat ze in het slachtbeest Isaac Ide een geroutineerde drummer in huis hebben die zelfs het complexe freejazz werk niet schuwt en het snelle ritme steevast bijna hypnotiserend aanhoudt. De neurotische laag gestemde bas van Luke Phelps laat een narokend spoor achter, een heus slachtveld dus met daarin ruimte voor de nodige verlichtende mindfulness rust. Matador, hoe passend kan je de plaat openen. Na de nodige opruiende onderhuidse dreiging betreedt Egyptian Blue de arena, ze ruiken bloed, en gaan bijna minachtend het gevecht met de luisteraar aan. Matador jaagt rechtstreeks op het doel af, overtuigt op alle fronten, een wervelende aftrap van A Living Commodity, waarmee ze direct al op voorsprong staan. Matador roept hetzelfde gelukzalige enthousiasme op als toen ik de eerste keer Munich van Editors op de radio hoorde, en dat zegt wel degelijk wat.
Egyptian Blue stemt hun gitaren in gevaarlijke noodgeval akkoorden af. Hoog alarmerend met de wanhoop in de uitgespeelde partijen. Ze zijn dichtschroeiende dienaren van de heersende kamikaze gemoedstoestand, zelfmoordende riffs lancerend, enkel om te overleven. A Living Commodity staat voor de verrotte egocentrische maatschappij. We verzetten ons niet langer tegen de manipulerende Brexit gekte, we belichamen de niet terug te draaien Brexit keuzes en distantiëren ons van de grote boze mensenwereld. Skin is slechts schijn, een nauwpassend uniform waarachter de ware identiteit zich schuilhoudt. We vergiftigen ons met nepnieuws, vaccineren ons met complottheorieën. Het is de hedendaagse waanzin waarin we leven, Egyptian Blue houdt deze nietszeggende personages enkel een spiegel voor.
Na de pandemie stilte ontwaken we slaapwandelend in een egocentrische To Be Felt comateuze cocaïne roes. Genietend van sadistische pijnen, een natural high waar men risico’s neemt en grenzen overschrijdt. Het voelen van het voelen. De zinvolle uitdagingen zijn gelimiteerd, de jongere generatie zoekt de triggers in het uiterste. Een gevaarlijke ontwikkeling, Nylon Wire trekt alleen die moordende strop nog strakker aan. Uiteindelijk heb je zelf de touwtjes in handen, het is maar wat je daar zelf mee doet. Natuurlijk speelt Egyptian Blue het hard, al is er gelukkig ook ruimte voor meer genuanceerde stukken. In het zilverglinsterende A Living Commodity titelstuk staan de complexe wringende drumpartijen in schril contrast tot die hemelse gitaarlijnen, die door stotterende effectenpedalen weer op hun plek gewezen worden. Daar ligt de kracht, precies op die scheidingslijn van oorverdovende schoonheid en adembenemende noise. Verwarrend? Zeker verwarrend, Egyptian Blue is dan ook geen normale band.
Het nachtelijke Apparent Cause doet daar nog een schepje bovenop. De song ademt in sobere ingetogen deprimerende laagtes en geschoold jazzy gitaarspel. De anticlimax met ontroerende rakende vocalen. Dit bewijst nogmaals dat je niet continu van je af hoeft te schreeuwen om de toehoorder te bereiken. De zwijmelende Suit of Lights postpunk nostalgie zoekt langzaam weer die connectie met het ontremde errorgevoel op. De To Be Felt swing staat weer eigenwijs haaks op de vorige twee nummers, we zijn weer terug op dat alleszeggende broeierige nulpunt. Het gedurfd ritmische Geisha mysterie opent de deur naar toekomstveranderingen, Egyptian Blue is nog lang niet uitgespeeld, de eerste troefkaart is ingezet, nu is de luisteraar aan zet om hier wat mee te doen.
Egyptian Blue - A Living Commodity | Rock | Written in Music - writteninmusic.com
Ein Abend in Wien (1991)

4,0
0
geplaatst: 18 augustus 2016, 21:53 uur
Uiteraard een mooi album, al ontbreken veel grote namen die wel aanwezig waren op dit kleine, eenmalige festival.
Nirvana, Nine Inch Nails, Blur, Carter USM, Smashing Pumpkins en Sonic Youth speelden ook nog.
Uit de periode toen we nog niet overspoeld werden door festivals, waarbij te weinig echt talent een trombose aan dicht slippende bezoekers veroorzaakt, die niet meer weten naar welke act ze moeten gaan kijken waardoor de festivals uiteindelijk ten onder gaan aan bloedarmoede van het tegenvallend aanbod.
Nirvana, Nine Inch Nails, Blur, Carter USM, Smashing Pumpkins en Sonic Youth speelden ook nog.
Uit de periode toen we nog niet overspoeld werden door festivals, waarbij te weinig echt talent een trombose aan dicht slippende bezoekers veroorzaakt, die niet meer weten naar welke act ze moeten gaan kijken waardoor de festivals uiteindelijk ten onder gaan aan bloedarmoede van het tegenvallend aanbod.
Einstürzende Neubauten - Tabula Rasa (1993)

3,5
0
geplaatst: 24 augustus 2010, 23:39 uur
Altijd afgevraagd wat die ijzerboeren met het opgehaalde schroot doen.
Blijkbaar gaat veel voor transport naar Duitsland.
Daar is al jaren een groepje kunstenaars actief.
Ergens in een schuurtje.
Met behulp van drilboor.
Chaotische geluiden gesmede tot gangbare industriële werkstukken.
Anarchie in het klankenhuis.
Gekraakt en totaal uitgeleefd.
Op de puinhopen staat Blixa.
Vuist omhoog tegen de ME.
Deze Muzikale Eenheid wordt afgestraft.
Strijdend voor erkenning.
Blume is een moderne variant van Repelsteeltje.
Blixa Bargeld als misvormd gedrongen dwerg.
Mysterieus dansend om het kampvuur.
Voor altijd het lichaam van een jong kind opeisend.
Hier geen goede afloop.
We leven niet in sprookjes.
Als storyteller zijn verhaal doen in Wüste.
Weinig woorden zijn noodzakelijk om de boodschap over te brengen.
Niet kunnen slapen.
Wekkerklok die voorbij tikt.
Schaapjes tellen zonder resultaat.
Overschakelen naar dagen.
Geestelijk in een wrak veranderend.
Insomnia.
Besef van droom en realiteit ontbreekt.
12305 (Te Nacht).
Morgen weer een seconde langer slapeloosheid.
Na jaren van drugs en onrust.
Lukt het Einstürzende Neubauten om met een redelijk gangbaar album te komen.
Al is de gekte nog steeds aanwezig.
Headcleaner moet alle schoonheid doen vervagen.
Geen ambient achtig geheel waardoor je in slaap sukkelt.
Herbeleving van de weggestopte nachtmerries.
Ontslakking van de ziel.
Psycholoog als rechterhand van de duivel.
Tabula Rasa, met een schone lei beginnen.
Onmogelijke doelstelling.
Dwangneuroses zullen altijd aanwezig blijven.
Blijkbaar gaat veel voor transport naar Duitsland.
Daar is al jaren een groepje kunstenaars actief.
Ergens in een schuurtje.
Met behulp van drilboor.
Chaotische geluiden gesmede tot gangbare industriële werkstukken.
Anarchie in het klankenhuis.
Gekraakt en totaal uitgeleefd.
Op de puinhopen staat Blixa.
Vuist omhoog tegen de ME.
Deze Muzikale Eenheid wordt afgestraft.
Strijdend voor erkenning.
Blume is een moderne variant van Repelsteeltje.
Blixa Bargeld als misvormd gedrongen dwerg.
Mysterieus dansend om het kampvuur.
Voor altijd het lichaam van een jong kind opeisend.
Hier geen goede afloop.
We leven niet in sprookjes.
Als storyteller zijn verhaal doen in Wüste.
Weinig woorden zijn noodzakelijk om de boodschap over te brengen.
Niet kunnen slapen.
Wekkerklok die voorbij tikt.
Schaapjes tellen zonder resultaat.
Overschakelen naar dagen.
Geestelijk in een wrak veranderend.
Insomnia.
Besef van droom en realiteit ontbreekt.
12305 (Te Nacht).
Morgen weer een seconde langer slapeloosheid.
Na jaren van drugs en onrust.
Lukt het Einstürzende Neubauten om met een redelijk gangbaar album te komen.
Al is de gekte nog steeds aanwezig.
Headcleaner moet alle schoonheid doen vervagen.
Geen ambient achtig geheel waardoor je in slaap sukkelt.
Herbeleving van de weggestopte nachtmerries.
Ontslakking van de ziel.
Psycholoog als rechterhand van de duivel.
Tabula Rasa, met een schone lei beginnen.
Onmogelijke doelstelling.
Dwangneuroses zullen altijd aanwezig blijven.
Einstürzende Neubauten - Zeichnungen des Patienten O.T. (1983)

3,5
1
geplaatst: 8 september 2018, 01:08 uur
De afbraak van De Berlijnse Muur begon hier al ondergronds.
Aan het fundament werd hier al gehakt en gezaagd.
In de nacht werden gangen gegraven, en bewoond door het uitschot van de stad.
Het klinkt als een luguber geheim verbond, met een dreigende beat in opener Vanadium-I-Ching als een overstuurde hartslag.
Het Berlijn dat Bowie romantiseerde, met het uitschot, anarchie, maar wel duidelijk voelbaar, het theatrale verleden.
Dit is de angst om te verdwalen in een vervallen wereld; de waanzin die je angsten voeding geeft.
Paranoïde, opgesloten zijn in lichaam, geest en stad.
Het Yin Yang waarbij gezichtsbedrog het duistere zwarte laat domineren, geprojecteerd op hoog gestapeld beton.
Einstürzende Neubauten was niet vooruitstrevend en dwars, maar juist de verwoording van het tijdsgevoel.
Nostalgie als nachtmerrie.
Onbegrijpelijk hoe deze band zich vervolgens zou ontwikkelen.
Aan het fundament werd hier al gehakt en gezaagd.
In de nacht werden gangen gegraven, en bewoond door het uitschot van de stad.
Het klinkt als een luguber geheim verbond, met een dreigende beat in opener Vanadium-I-Ching als een overstuurde hartslag.
Het Berlijn dat Bowie romantiseerde, met het uitschot, anarchie, maar wel duidelijk voelbaar, het theatrale verleden.
Dit is de angst om te verdwalen in een vervallen wereld; de waanzin die je angsten voeding geeft.
Paranoïde, opgesloten zijn in lichaam, geest en stad.
Het Yin Yang waarbij gezichtsbedrog het duistere zwarte laat domineren, geprojecteerd op hoog gestapeld beton.
Einstürzende Neubauten was niet vooruitstrevend en dwars, maar juist de verwoording van het tijdsgevoel.
Nostalgie als nachtmerrie.
Onbegrijpelijk hoe deze band zich vervolgens zou ontwikkelen.
El Michels Affair - Yeti Season (2021)

4,0
2
geplaatst: 8 april 2021, 15:56 uur
Je zou bij El Michels Affair niet snel de link leggen met de hiphop van Wu-Tang Clan. Toch wordt dit orkest ingeschakeld om live de dynamiek van deze invloedrijke rappers kracht bij te zetten. Doordat El Michels Affair het kunstje optimaal beheerst, en er lovende reacties volgen, besluiten ze om als eerbetoon Enter The 37th Chamber op te nemen. De grote man achter dit project is de van oorsprong tenorsaxofonist Leon Michels, een veelzijdige muzikant welke aan de wieg staat van de soulsensatie Sharon Jones & the Dap-Kings en die ook door The Black Keys wordt ingehuurd, om als keyboardspeler tijdens de doorbreektournee van het succesvolle Brothers een prominente rol te vervullen. Een mengelmoes aan rijke veelzijdige ervaringen, die allemaal terug te horen zijn op Yeti Season.
Een bezig baasje dus, die zich met zijn geschoolde muzikanten het liefste bezig houdt met soundtrackachtige jaren zeventig soulfunk collages die hier terug te horen zijn in het zwoele door blazers opgesierde Ala Vida. Oorspronkelijke experimentele triphop zoals in het zweverige Lesson Learned, maar dan zonder de breaks en samplers, zo puur mogelijk gehouden. Bij Yeti Season gaat de band vaak nog verder terug in de tijd, en zoeken ze de inspiratie bij de geestverruimende jaren zestig. Ze richten zich specifiek op het spirituele India, met de mediterende trance opwekkende invloeden. Een excuusbriefje voor de toenmalige popartiesten om helemaal los te gaan op drugs en al jammend in beneveltoestand de creativiteit op te roepen.
De vijfde studioplaat Yeti Season is oubollig wollig met een hoog aaibaarheidsgehalte. Toch laten ze al direct bij Unathi hun veelzijdigheid gelden. Het afrobeat intro wordt vervolgd door verleidelijke buikdanseres Hindi Bollywood zang van Piya Malik met freakende Gong achtige uitspattingen. Voordat je ervan bewust bent voegen ze er de nodige Mexicaanse blaaspartijen aan toe waardoor je verward opeens de aangrenzende filmstudio binnenstapt in een spaghetti westen decor. Een uniek rariteitenkabinet welke de verknipte hersenspinsels van Leon Michels naadloos opvolgt.
Het vintage erotische Sha Na Na haakt in op de Franse spacende ambient house die in de jaren negentig een prominente rol vervullen in de ontwikkeling van de dance cultuur. Mellow afterparty muziek met een hunkering naar de seventies B-film romantiek. Wat is het heerlijk om hierbij echte marcherende drumpartijen te horen, en dat er niet gekozen is voor afgestofte geluidsfragmenten. Zo beland je op het einde van Zaharila in een versnelde draaikolk van doorgedraaide ritmes en een laag rondvliegend fluitspel, die je niet zomaar uit een kastje tevoorschijn haalt. Die dwarsfluit wil ook met een adembenemende schoonheid afsluiten in het treurende Last Blast.
Het bedwelmende hypnotiserende effect op Murkit Gem wordt versterkt door de repeterende groove, kroegpianospel en ophitsende ratelslang percussie. Het zwaar psychedelische Dhuaan houdt zich staande op een melodieus gezongen progressieve rock onderlaag terwijl Perfect Harmony opleeft door de futuristische Moog toetsenwerk met een donker postpunk randje. Die jaren tachtig komen ook terug in de rondspokende ska invloeden van het sterk geblazen Silver Lining.
El Michels Affair switcht eenvoudig van James Last achtige kitsch naar de stoere politiek correcte blaxploitation soul van het iconische Shaft om vervolgens het avontuur op te zoeken in de James Bond soundtracks van John Barry, maar dan met die heerlijke Oosterse touch. Ook voor de muzikanten een geweldige uitdaging door aan de slag te gaan met exotische instrumenten als de sitar en de tanpura. Het zit allemaal zo doordacht geniaal in elkaar. Natuurlijk wil je eigenlijk die foeilelijke kinderlijke albumhoes niet in je kast hebben, wat zonde is. Jammer, die onschuldige gekte geeft precies weer waar Yeti Season voor staat, dus gewoon schaamteloos aanschaffen die plaat.
El Michels Affair - Yeti Season | Soul | Written in Music - writteninmusic.com
Een bezig baasje dus, die zich met zijn geschoolde muzikanten het liefste bezig houdt met soundtrackachtige jaren zeventig soulfunk collages die hier terug te horen zijn in het zwoele door blazers opgesierde Ala Vida. Oorspronkelijke experimentele triphop zoals in het zweverige Lesson Learned, maar dan zonder de breaks en samplers, zo puur mogelijk gehouden. Bij Yeti Season gaat de band vaak nog verder terug in de tijd, en zoeken ze de inspiratie bij de geestverruimende jaren zestig. Ze richten zich specifiek op het spirituele India, met de mediterende trance opwekkende invloeden. Een excuusbriefje voor de toenmalige popartiesten om helemaal los te gaan op drugs en al jammend in beneveltoestand de creativiteit op te roepen.
De vijfde studioplaat Yeti Season is oubollig wollig met een hoog aaibaarheidsgehalte. Toch laten ze al direct bij Unathi hun veelzijdigheid gelden. Het afrobeat intro wordt vervolgd door verleidelijke buikdanseres Hindi Bollywood zang van Piya Malik met freakende Gong achtige uitspattingen. Voordat je ervan bewust bent voegen ze er de nodige Mexicaanse blaaspartijen aan toe waardoor je verward opeens de aangrenzende filmstudio binnenstapt in een spaghetti westen decor. Een uniek rariteitenkabinet welke de verknipte hersenspinsels van Leon Michels naadloos opvolgt.
Het vintage erotische Sha Na Na haakt in op de Franse spacende ambient house die in de jaren negentig een prominente rol vervullen in de ontwikkeling van de dance cultuur. Mellow afterparty muziek met een hunkering naar de seventies B-film romantiek. Wat is het heerlijk om hierbij echte marcherende drumpartijen te horen, en dat er niet gekozen is voor afgestofte geluidsfragmenten. Zo beland je op het einde van Zaharila in een versnelde draaikolk van doorgedraaide ritmes en een laag rondvliegend fluitspel, die je niet zomaar uit een kastje tevoorschijn haalt. Die dwarsfluit wil ook met een adembenemende schoonheid afsluiten in het treurende Last Blast.
Het bedwelmende hypnotiserende effect op Murkit Gem wordt versterkt door de repeterende groove, kroegpianospel en ophitsende ratelslang percussie. Het zwaar psychedelische Dhuaan houdt zich staande op een melodieus gezongen progressieve rock onderlaag terwijl Perfect Harmony opleeft door de futuristische Moog toetsenwerk met een donker postpunk randje. Die jaren tachtig komen ook terug in de rondspokende ska invloeden van het sterk geblazen Silver Lining.
El Michels Affair switcht eenvoudig van James Last achtige kitsch naar de stoere politiek correcte blaxploitation soul van het iconische Shaft om vervolgens het avontuur op te zoeken in de James Bond soundtracks van John Barry, maar dan met die heerlijke Oosterse touch. Ook voor de muzikanten een geweldige uitdaging door aan de slag te gaan met exotische instrumenten als de sitar en de tanpura. Het zit allemaal zo doordacht geniaal in elkaar. Natuurlijk wil je eigenlijk die foeilelijke kinderlijke albumhoes niet in je kast hebben, wat zonde is. Jammer, die onschuldige gekte geeft precies weer waar Yeti Season voor staat, dus gewoon schaamteloos aanschaffen die plaat.
El Michels Affair - Yeti Season | Soul | Written in Music - writteninmusic.com
