menu

Hier kun je zien welke berichten deric raven als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

A Campingflight to Lowlands Paradise Vol. 2 (1994)

4,0
De promotie albums van Lowlands mogen vreemd genoeg wel op de site; misschien wel omdat je er nog best wel wat voor moest betalen, maar de Popronde cd’s zijn al snel na het toevoegen weer verwijderd.
Jammer, gewoon al leuk om te zien wat er uiteindelijk van die Nederlandse acts is geworden.
Zo ben je ook benieuwd naar het vervolg van de Lowland acts, en op dit deel staan eigenlijk geen missers op, iets wat op latere cd’s wel nog al eens het geval was.
Steeds meer acts, dus ook steeds meer cd’s; vervolgens dubbelaars, en daarna zelfs met 3 cd’s.
Steeds meer verlang ik hierdoor naar de festivals van vroeger, zoals het oude Pinkpop.
Gewoon een dag met 10 meer dan uitstekende acts, pauzes om snel wat te eten, en dan weer aan te schuiven voor de volgende redelijk grote naam.
Dat waren nog eens tijden.

A Perfect Circle - Eat the Elephant (2018)

3,0
Is dit nou echt een goed album, of zitten we gewoon te lang te wachten op de nieuwe Tool.
Als ik het begin van Eat The Elephant hoor, dan neig ik al snel naar het eerste.
Rustige geluidspassages die mij doen denken aan het rustige Nine Inch Nails werk.
Maar daarbij vind ik vooral de afwisseling tussen hard en zacht geweldig tot zijn recht komen; eens kijken wat deze A Perfect Circle verder te bieden heeft.
Ergens moet de pijn en woede toch voelbaar zijn; iets wat ik bij Nine Inch Nails ervaar, maar zeker ook bij Tool.
Disillusioned overtuigt nog niet echt, het is allemaal te rustig, als ik dit soort muziek wil horen, dan pak ik wel een album van Death Cab for Cutie uit de kast.
Bij zo’n Adams Family achtige hoes, verwacht je zwaarder werk, of juist een meer Gothic gericht geheel, en ondanks dat er best wel wat spannende muziekbogen tussen verweven zitten, neemt de drang naar een nieuwe Tool alleen maar meer toe.
Alleen The Doomed heeft die gehoopte uitbarsting, maar ook daarbij lukt het niet om het hele nummer dit etiquette toe te kennen.
Hoe moet ik deze plaat verder omschrijven; ik hoe het maar op Darkwave met alternatief gereedschap.

A Place to Bury Strangers - Hologram (2021)

4,0
geplaatst:
Met de komst van drummer Lia Simone Braswel krijgt Oliver Ackermann eindelijk die gehoopte vocale feedback die hem naar een hoger evenwichtig level tilt. De schelle uithalen verstoren aangenaam de neurotische stemmingswisselingen en zorgen voor de nodige impulsen om voorlopig in door te groeien. Het overtuigende Pinned zoekt voorzichtig die grenzen van de eighties gothic rock op, en gaat daar net heerlijk speels overheen. Eindelijk lijkt het erop dat deze samenwerking voor vele vruchtbare jaren zal zorgen. Echter als Hologram verschijnt is Lia Simone Braswel alweer van het podium verdwenen. Vervaagd en opgeslokt door het vurige ontembare demonische monster wat onder leiding van Oliver Ackermann tot bloei komt.

De leegte wordt opgevuld door drummer Sandra Fedowitz die eerder al met haar man John Fedowitz als Ceremony East Coast een aantal duistere shoegazer albums afleverde. Oliver Ackermann en John Fedowitz hebben al samen een verleden in de pre A Place To Bury Strangers periode toen ze beide actief waren in het keiharde oorverdovende shoegazergezelschap Skywave. Een grappig feit is dat John Fedowitz tijdens de tournee in 2016 als vervanger van Robi Gonzalez de plek achter het drumstel opvulde en na vijf jaar zijn terugkeer verzilvert in de rol van bassist. Dit drietal bouwt nu aan de kern van een vijftal tracks welke uiteindelijk de Hologram EP gehaald hebben. En misschien is het maar goed ook dat het hierbij gebleven is. Man, wat hakken ze er weer voluit op in zeg! De slopende energie is in ieder geval aanwezig, en dat belooft veel goed.

A Place To Bury Strangers blijft een roodgloeiende killermachine die veel muzikale levens opeist. Oliver Ackermann kapselt hierbij zijn ideeën in door ze onder te brengen bij zijn eigen netgevormde Dedstrange label, waardoor hij het overzicht van het bandgebeuren nog beter beheerst. Toch is het John Fedowitz die juist Oliver Ackermann uitdaagt om met de kale drumbeat van End of the Night aan de slag te gaan. Dit logge doomritme past perfect in het destructieve beeld wat A Place to Bury Strangers wil schetsen. Dromerige shoegazerpatronen die hulpeloos ten onder gaan in luide noise golven. Alles kan kapot, zo ook die oeroude manier van componeren. Opbouwen en bijschaven. De herkenbare kakofonische terreur ramt er weer ouderwets stevig doorheen. De meerwaarde zit hem dus vooral in die computergestuurde percussie; wat een superieure meestertrack zetten ze hier neer. A Place To Bury Strangers is de vermorzelende fase ontstegen en bevindt zich nu ergens op het retropsychedelische startpunt van Psychocandy, de alles vernietigende debuutplaat van hun persoonlijke The Jesus and Mary Chain helden.

Hologram is een eerbetoon aan de scene rondom het New York van de jaren zeventig. Hologram is een gezichtsbedreigende fata morgana waarbij de contouren van het beruchte CBGB punkhol zichtbaar zijn. Onhaalbare illusies die hier daadwerkelijk opgeroepen worden. Smerige lompe garagerockers met een duister doemrandje. Hier en daar overheersen de schaduwen van de legendarische punkiconen die in hun glorietijd het straatbeeld in New York bepaalden. Het verraadt de afkomst van deze geluidsgeweldenaren. De gitaren zorgen voor dat emotionele nostalgische randje met hier en daar wat verdwaalde keyboardklanken.

A Place to Bury Strangers - Hologram | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

a-ha - Hunting High and Low (1985)

4,0
Natuurlijk werd ik net als iedereen vooral gegrepen door de videoclip van Take On Me bij Countdown.
Toch wel iets waar de volgende dag wel over gepraat werd.
Die clip was wel erg belangrijk, want het nummer was al twee keer eerder geflopt.
Maar als ik heel eerlijk ben, kocht ik de single ook, omdat die video veel indruk op mij maakte.
Als we het over kwaliteit hebben, dan vind ik de andere singles van Hunting High And Low een stuk sterker.
Take On Me is echt zo’n Boyband gevalletje, gericht op de vrouwelijke fans.
Morten Harket zag er ook niet verkeerd uit, en was wel degelijk een tieneridool.
The Sun Always Shines on T.V. liet al een meer serieuzere kant zien, en ik was dan ook erg verrast toen ik deze voor de eerste keer hoorde.
Gewoon een goed liedje, welke het niet perse moest hebben van een mooie clip.
Al bleven de clips natuurlijk wel goed.
Hunting High And Low vond ik prachtig, overtrof met zijn klasse duidelijk die andere singles.
Train of Thought was ook prima, niet zo goed als The Sun Always Shines on T.V. en Hunting High And Low, maar zeker beter dan Take On Me.
Eigenlijk beviel heel het album mij wel, Love is Reason kende ik al als b-kant van Take On Me, en ook dit nummer richtte zich op de vrouwelijke fans.
The Blue Sky is wat aan de korte kant, maar zeker ook hitgevoelig.
Living a Boy's Adventure Tale zit wat tussen Pet Shop Boys en Simple Minds in.
And You Tell Me doet mij wat aan Yazoo denken, heeft wat weg van Only You.
I Dream Myself Alive is het minste nummer van het album, maar elk album moet nou eenmaal een minste nummer hebben.
Afsluiter Here I Stand and Face the Rain is weer een van de sterkere nummers van het album, maar weer niet geschikt om als single uitgebracht te worden, wat dan ook niet gebeurd is.
Die hoge uithalen hoeven van mij niet zo nodig.

a-ha wist zich net als Alphaville redelijk staande te houden als populair synthwave band tussen de voornamelijk Britse bandjes.
Ik schat de kans groot in, dat ze zelfs succesvoller zouden zijn geweest, als ze daar ook hun oorsprong hadden.
Opvolger Scoundrel Days vind ik vergelijkbaar met het debuut, ook hier sterke nummers zoals Cry Wolf, Manhattan Skyline en vooral I've Been Losing You.
Hierna konden ze mij een stuk minder boeien.

A.A. Williams - Songs from Isolation (2021)

3,5
geplaatst:
Om al gelijk je tweede studioplaat vol te proppen met alleen maar covers, getuigd over het algemeen wel van een gebrek aan inspiratie. Zonde, zeker als je een klassieke geschoolde achtergrond hebt, en de vaardigheden om de cello en piano in liefde te koesteren, maar ook gemeen te mishandelen tot in perfectie beheerst. Forever Blue is een openbarend zwaarmoedige debuut, inclusief gothic metal uitstapjes, waarbij de Londense veelbelovende singer-songwriter A.A. Williams die kwaliteiten volledig weet uit te spelen in meeslepende harde zwarte koffie tracks, zonder de zoetigheid, het liefst zo puur mogelijk. Die overrompelende diepgang welke ze vanaf het meesterlijke All I Asked For (Was to End It All) de kamertemperatuur een aantal graden laat oplopen ontbreekt bij het aan huis gekluisterde tussenstuk Songs from Isolation.

Die duistere dreiging zit voornamelijk verborgen in de waanzinnige artiestenkeuzes die er gemaakt worden. Hiermee benadrukt ze op voortreffelijke wijze wie haar grote inspirators zijn. Het ligt allemaal sterk in het verlengde van Strange Little Girls van Tori Amos. Typerende mannennummers die vanuit de positie van de vrouw toegelicht worden. Soms breekbaar en zacht, dan weer gemeen en bijtend. De nadruk wordt bij beide zangeressen gelegd op het overtuigende pianospel. Tracks als Creep en Nights In White Satin blijven erg dicht staande bij het origineel en zijn uiteraard prachtig, maar overduidelijk vervangbaar. Into My Arms is wel een erg veilige Nick Cave keuze, zeker voor iemand die zoveel aardedonkere nummers heeft uitgebracht. Aan het aanbod ligt het zeker niet.

Lovesong wil tekstueel volledig overtuigen en geeft een andere kijk op de track, waarbij de zelfverzekerde minnares vol geduld afwacht tot haar trouwe partner weer bij haar terugkeert. Al is het toch die hartverscheurende klaagzang van Robert Smith die zo voortreffelijk goed uitkomt op Disintegration; het conceptalbum van The Cure waarbij de sterfelijkheid van de ouderdom centraal staat. Buiten deze context blijft er daadwerkelijk een liefdesliedje over, waarbij het heimelijke verlangen centraal staat. De sobere uitwerking werkt bij Where Is My Mind? ook niet echt in het voordeel, het kippenveleffect van Pixies is geëlimineerd nu de spookachtige huilzang van Kim Deal ontbreekt, en waarvoor niet iets gelijkwaardigs in de plaats is gekomen.

De maniakale roadtrack Be Quiet and Drive (Far Away) is emotioneel net zo sterk als de schreeuwerige getergde uitvoering van Deftones. Slepend en gepijnigd ontvlucht ze de waanzin van de dag waarbij levendige dagdromen vervagen in uitputtende nachtmerries. Die kracht herhaalt zich in het deprimerende No Future achtige Every Day Is Exactly the Same van Nine Inch Nails. In de handen van A.A. Williams komen de suïcidale gedachtes nog sterker op de voorgrond. Het langdradige psychedelische Porcelina of the Vast Oceans van Smashing Pumpkins is teruggebracht tot een compacte krachtige kernsong, waarbij elke gelijkenis met het origineel verdwenen is.

Geen slecht eindresultaat, maar toch valt er zoveel meer winst te behalen. Bijna alle gekozen muzikanten hebben genoeg heavy midden aarde materiaal wat de krochten van de ziel opzoekt en beter aansluit bij die meesterlijke eerste plaat van A.A. Williams. Hopelijk vervolgt ze hierna die ingeslagen weg.

A.A. Williams - Songs from Isolation | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Aaron Frazer - Introducing... (2021)

4,0
Ergens in de prille jeugd van koorknaap Durand Jones moet het moment geweest zijn dat hij die gospelbasis weet om te zetten tot zijn liefde voor de soul. Gegrepen door de funky sound die begin jaren zeventig het discotijdperk aankondigt, laat hij zich meevoeren door de muzikale helden die hun emotionele lading aan bloed, zweet en tranen over het publiek uitstorten. Heerlijke vinylplaten die ontdaan worden van alle nicotine aanslag en andere vettige substanties en de nodige draaibeurten toegedeeld krijgen.

Die soulkoorts weet hij over te brengen bij gitarist Blake Rhein, organist Justin Hubler, bassist Kyle Houpt en drummer Aaron Frazer, die met zijn hoge Prince achtige vocale kunsten de sensualiteit toevoegt aan het stukken stoerdere stemgeluid van Durand Jones. De geboorte van Durand Jones & The Indications is al snel een feit, en met hun gelijknamige debuut weten ze in 2018 direct de publieke aandacht te trekken. Al een jaar later verschijnt het gelijkwaardige American Love Call die de status als veelbelovende nieuwe soulband alleen maar versterkt.

Helaas vervult Aaron Frazer hierbij nog steeds een schaduwrol, terwijl hij vocaal wel het vermogen bezit om zelf een album te dragen. Deze overtuiging heeft de van The Black Keys bekende gitarist Dan Auerbach ook, en met zijn ervaringen als veelzijdige producer durft hij het aan om Aaron Frazer onder zijn hoede te nemen. Het resulteert in de voortreffelijke slaapkamersoul van Introducing…, een hernieuwde kennismaking met deze veelzijdige artiest, waarbij een veelvoud aan muzikanten wordt ingezet om die warme falsetuithalen een zwoele retro begeleiding mee te geven.

Dan Auerbach schakelt zijn The Arcs maatje Nick Movshon in, de bassist die bekendheid krijgt vanwege zijn begeleidende spel bij Amy Winehouse. Ook pianist Mike Royas, die hij als producer ook aanwendt bij zijn samenwerking met Marcus King, CeeLo Green en John Anderson is van de partij. Een bijzondere naam tussen de overige muzikanten is die van pianist Bobby Wood, een grootheid uit de The Memphis Boys stal, de in de jaren zestig actieve thuisband van de American Sound Studio.

You Don’t Wanna Be My Baby zou niet misstaan hebben op de Saturday Night Fever soundtrack uit 1977. Een gelikte verleidingssong waarbij de zanger alles uit de kast haalt om die onbereikbare discovamp te veroveren. Zijn stem heeft een betoverende werking op het vrouwelijke publiek, omdat ze zich juist eenvoudig identificeren met dat meisjesachtige bereik. Het heeft iets fout, zoets en smerigs in zich, de ideale schoonzoon die zich net zo gemakkelijk in een loverboy rol kan verplaatsen. Een groot compliment voor Aaron Frazer, die inhoudelijk zoveel meer is als een backing vocals verzorgende ritmische slagwerker.

De klassieke identieke retrosound wordt afgewisseld door krachtige big city funk, waarbij de beats en ritmes doordrenkt zijn met hiphop flows, wat een aards karakter aan de songs meegeeft. Het jaren zeventig gevoel wordt vergroot door Gil Scott, die met zijn gefluit een prominente rol in Bad News vervult. Dan Auerbach beperkt zijn rol niet tot het mengpaneel, vanaf Can’t Leave It Alone laat hij zijn gitaar subtiel vuil rocken, waardoor daar toch nog die duidelijke link met The Black Keys ontstaat.

Er wordt in Ride With Me nog wat geflirt met de Motown en Philadelphia sound, maar verder blijven de echte uitspattingen beperkt tot het zompige, licht psychedelische Love Is, waarbij de stemming net wat duisterder aanvoelt, het door spookachtige orgelpartijen en gepassioneerde ritmes opgejaagde Over You en de jazzy tearjerker Leanin’ on Your Everlasting Love. Is het daardoor een veilige plaat geworden? Zeker niet, het geoliede vakmanschap zorgt ervoor dat alle oneffenheden zorgvuldig weggepoetst worden, en er waanzinnige eervolle seventies soul tribute overblijft.

Aaron Frazer - Introducing... | Soul | Written in Music - writteninmusic.com

ABBA - Super Trouper (1980)

4,0
Nog voor de laatste keer een vakantie samen door brengen.
Krampachtige poging om een relatie te redden.
Terugblik op de laatste zomer samen.
Vanwege de koude buitenlucht verplicht op elkaar aan gewezen.
Openhaard aan, dikke kniekousen en foute pantoffels.
Samen op een uitgeleefd te hard bankstel.
De romantiek van de winter.
Kerst en oud op nieuw voor de deur.
Hopend op een wit besneeuwde weide.
Terwijl het allemaal kunstmatig is.
Warmte van een elektrische deken.
Typische beeldvorming van eind jaren zeventig.

Ook het huwelijk van de leden van ABBA hield niet stand.
Net zo min tijdloos als de leefkuil en bruine plavuizen.
Super Trouper is het verslag van een tournee.
Eten, drinken, optreden en slapen.
Geen mogelijkheid om een privé op te bouwen.
Vandaag niet weten waar je morgen wakker wordt.
Plotseling beseffen dat de jaarwisseling al heeft plaatsgevonden.
Vluchtig elkaar geluk toewensen.
Gedachtes gericht op de toekomst.
Egocentrische denkbeelden.
Kiezen voor een ander bestaan.
Problemen uit de weg gaan.
Alleen verliezers, geen winnaars.

Ondertussen weer het podium op.
Lachend voor de camera.
Roddelblaadjes moeten toch gevuld worden.
ABBA in de meest succesvolle periode van hun leven.
Niemand die zich verdiept in de teksten.
Verdiept in de ware ellende.
Aansteker uit de zakken.
Lichtjes vervullen de zaal.
Luidkeels maar gevoelloos elk lied meezingen.
Ze moeten daar een beetje dood gaan.
Ondanks de aankondigen werd er geen gehoor gegeven.
Popsterren horen nu eenmaal te stralen.
Dag in, dag uit.

Dan maar gewoon door gaan.
Blijkbaar komt de boodschap niet over.
We hebben er geen zin meer in.
Laat ons met rust.
Roem heeft zijn tol geëist.
Financieel veel rijker.
Emotioneel levend aan de rand van armoede.

ABBA - The Album (1977)

4,0
Benny en Björn worden vaak gezien als de creatieve motor van ABBA.
Natuurlijk zitten de melodieën sterk in elkaar.
Soort van popmuziek vermengt met een musical georiënteerde aanpak.
Verder weten ze elementen van de heersende stromingen er in te verwerken.
Zonder dat het een te cliché achtig geheel wordt.
The Album onderscheid zich wel van de rest van hun werk.
Wat ze hiervoor deden werd gedragen door een aantal nummers.
Maar van een stabiel geheel was nog geen sprake.
Echt niet alles uit de ABBA koker klinkt perfect.
Ook zij hebben moeten groeien.
Bij de albums hierna drukten de mannen nog meer hun stempel in de composities.
Het lijkt allemaal zo eenvoudig, maar het zit geniaal in elkaar.
Een stuk beter dan op The Album.

Toch is dit voor mij naar Souper Trouper de beste ABBA plaat.
De draagkracht ligt hier vooral bij de zangeressen Agnetha en Anni-Frid.
Zij zijn het die de nummers die extra impuls geven.
Voor mijn gevoel wordt er nog niet zoveel geëxperimenteerd met koortjes en laagjes.
Het totaal vormt een puur geheel.
Al zal ik zeker niet alles kunnen ontleden.
Daar leent de muziek zich voor mij niet voor.
Ben dan ook geen geleerde popprofessor.
Er zit een soort van onbevangenheid in de vrouwenzang.
Nog geen problemen in de relaties.
Men straalt het uit dat er plezier aan beleefd wordt.
Met I´m A Marionette als enige uitzondering.
Hierbij hoor je wel het uitgebalanceerde leven in terug.
Het altijd in het nieuws staan.
De positie die het winnen van het Eurovisie Songfestival hun gegeven heeft.
Iets wat als een warme, wollen, verstikkende deken hun zal blijven achtervolgen.

ABBA - Voyage (2021)

2,0
Laat ik een eerlijk oordeel geven over de plaat.
Het voelt als de remake van The Lion King.
Die tekenfilm was geweldig, maar ondanks de technische snufjes ontbrak bij mij het Wow! gevoel, terwijl mensen achter mij in de bioscoop wel in tranen waren.

AC/DC - Let There Be Rock (1977)

4,0
Australië, het vergeten continent.
Groot Brittannië in het kwadraat.
Ontdekt door Engelse ontdekkingsreizigers.
Vaak met schooiers en kanslozen aan boord.
Gevlucht of als goedkope werkkrachten.
De onderzijde van de maatschappij.

Het ruwe zeeliedenvolk is ook hoorbaar in het geluid.
AC/DC voor de dronken vechtersbazen.
Hangend in de kroeg.
De boodschap is simpel.
Harde rockmuziek over het scoren van vrouwen.

Go Down lijkt over een seksuele handeling te gaan.
Al kan het natuurlijk ook gezien worden als promotiestunt.
Australië wordt Down Under genoemd.
Go Down.
Welkom vreemdeling in het land van Crocodile Dundee.
AC/DC introduceert je.
Neem genoeg geld mee.
Want ze zuipen je er uit.
Helaas werd drank ook de ondergang van Bon Scott.

Dog Eat Dog.
Overleven is van je af bijten.
Met alleen een grote bek kom je er niet.
Harde wereld.
Hell Ain’t A Bad Place.

Problem Child.
Het gevoel een buitenstaander te zijn.
Wetend dat je roots eigenlijk hier niet liggen.
Tweedehands bewoner.
Een vreemde in een vreemd land.
Het moeilijk kunnen aanpassen.
Problemen die ontstaan door cultuurverschillen bestaan al lang.
Niet alleen van de laatste jaren.

Let There Be Rock.
Weg met de zoetsappige folk uit de jaren zestig.
In 1955 werden ze wakker geschud door Roll Over Beethoven van Chuck Berry.
Dit willen we ook.
Het ontstaan van AC/DC was al een feit.
Zo het geschiedde.
Bad Boy Boogie als logisch vervolg.

Overdose is niet het drankmisbruik van de zanger.
Maar liefde voor de hoer met de dikke tieten.
Whole Lotta Rosie.
Overdose, het voorspel.
Whole Lotta Rosie, de daad.
Het hoogtepunt.

Adele - 25 (2015)

3,5
Hoorde je bij het vorige album van Adele duidelijk de invloeden van Duffy en Amy Winehouse terug, nu heeft Adele ook duidelijk geluisterd naar de zangeressen die in de tussen liggende periode wisten te scoren.
Hello heeft bijna hetzelfde begin als Videogames van Lana Del Rey, en de rest van het nummer heeft een beat die weer terug te horen is in Del Reys Born to Die.
Send My Love (To Your New Lover) klinkt als een Lorde lied, wat meer up-tempo, maar wel erg mooi.
Natuurlijk hoor je het typische, bijna hese, verrookte stemgeluid van Adele duidelijk terug, kan ook niet anders.
De Soul invloeden zijn wat meer op de achtergrond, maar dat ze het absoluut wel kan bewijst ze in het Dusty Springfield achtige Million Years Ago.

Adrian Crowley - The Watchful Eye of the Stars (2021)

4,5
geplaatst:
De uit Dublin afkomstige Adrian Crowley is de laatste jaren erg spaarzaam met het uitbrengen van nieuw materiaal. De vorige plaat Dark Eyed Messenger dateert alweer uit 2017 en is een wat behoudende opvolger van zijn meesterwerken I See Three Birds Flying en Some Blue Morning. Adrian Crowley brengt het beste van de grote singer-songwriters samen in zijn prachtige verstilde songs.

Ierland ademt muziek uit, en het residu van de traditionele pub songs als Bread and Wine heeft zich zo in de poriën en het grondwater vermengt dat het onmogelijk is om de muziekbeleving en het dagelijkse bestaan los van elkaar te koppelen. Dit vormt ook de basis van de hechte familieband en is te herleiden tot Crow Song; het sleutelnummer van The Watchful Eye of the Stars, welke geheimen Adrian Crowley tekstueel al eerder vrij geeft. Hij opent zijn persoonlijke dagboek en neemt de luisteraar mee naar de vroegere jeugdherinneringen die hij deelt met zijn broer.

Crow Song is het verhaal van een pijnlijk verwonde kraai, wiens vleugel gebroken is. Het wezentje wordt na een verontrustende stormachtige nacht zwaar getroffen gered van de dreigende ondergang. Ondanks de liefdevolle verzorging, het zichtbare opknappen en het gedeelde geluksmoment van vrij laten wordt de vogel later toch nog dood onder een hek terug gevonden.

De nostalgische vertelling laat ons stil staan bij de onvoorwaardelijke broederliefde om samen iets moois op te bouwen. Maar we gaan ook terug naar die vroege jaren tachtig, de periode dat de vijftiger zijn jeugdjaren beleefde. Crow Song is een melancholische opbouwende track met een trieste ondertoon, een avondvertelling welke de songs op The Watchful Eye of the Stars centraliseert. Als een groot verhalenverteller neemt Adrian Crowly de positie in van een begeleidende gids die je door de duisternis heen leidt.

Wat zou dit een prachtige albumopener zijn geweest, maar Adrian Crowly begint bescheiden met het net zo mooie Northbound Stowaway. Een nachtelijke boottrip waarbij de zwartgrijze schaduw van de poëet observeert, consumeert en reproduceert. Het krachtige samenspel tussen de mysterieuze Crash Ensemble strijkers, het ritme van de dirigerende golven en de voorgedragen gesproken woorden, waarna de troostende echo van Nadine Khouri op de achtergrond hem bij staat. Deze zangeres is geen vreemde voor de Ierse zanger, tijdens de Dark Eyed Messenger tournee in 2018 mocht ze al voor hem openen. De andere gastrol in het woest voort wiegende startpunt is weggelegd voor de uit Wales afkomstige singer-songwriter Katell Keineg.

Het is John Parish die deze duistere zelfkant zo treffend vorm geeft in zijn productie en die schemerige zijde zo beeldend naar de oppervlakte toe trekt. Het sluit zich als een verharde tweede huid om de kwetsbare ziel van de voortreffelijke vocalist heen die zijn zware verbitterende zang afwisselt met hemelse hoge uithalen. John Parish koppelt de David Lynch achtige mystiek aan licht vibrerende eighties dreampop romantiek. Een puurheid die om gewaagde ritmische begeleiding vraagt en waarbij juist de minder gangbare instrumenten als de harp, piano, hobo, viool en cello de zachtheid en hardheid van het bestaan vertegenwoordigen, en prominenter aanwezig zijn als de ronddobberende gitaar.

The Watchful Eye of the Stars bestaat uit hedendaagse nocturnes. Een nachtelijk vaarwel voor weer een afgesloten dag welke nooit meer in die hoedanigheid terug zal keren en het verlangen om dat heimelijke gevoel in de toekomst te herbeleven. Adrian Crowley kent de draagkracht van zijn vocale vermogen en herplaatst deze sterk in die rijk vervulde sterrenhemel waarachter bij elke glinstering een berustend slaapliedje als A Shut-In’s Lament zich verschuilt.

Adrian Crowley - The Watchful Eye of the Stars | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Adrianne Lenker - Instrumentals (2020)

4,0
Totaal onverwachts wordt de wereld opgeschrikt door een onzekere toekomst waarin het maken van afspraken onmogelijk is. Het Corona virus zorgt ervoor dat Big Thief genoodzaakt is om hun volledige geplande tournee te schrappen. Deze vervelende consequentie geeft Adrianne Lenker de mogelijkheid om in alle rust te werken aan haar persoonlijke soundtracks van het nu al in de geschiedenisboeken dik onderstreepte gecatalogeerde jaar 2020.

Zich totaal afsluitend van de buitenwereld leidt de zangeres een Into The Wild achtig leeg kluizenaars bestaan. Ze verruilt Brooklyn voor een tijdelijke toevlucht in de bergen van Massachusetts, waar ze geïsoleerd werkt aan intieme klein gehouden indie folksongs. De filmische omgeving levert tevens in Instrumentals twee prachtige indrukwekkende muzikale landschilderijen op, die je los kan luisteren van Songs, maar die wel degelijk een verbintenis met elkaar hebben.

Op de instrumentale plaat ontaard zich een verborgen diepgang die we nog niet van Adrianne Lenker kennen. Die ze de mogelijkheid geeft om zich in alle stilte te ontplooien tot een songsmit, waarbij de woorden niet zozeer van belang zijn. Vaak wordt de roodgekleurde opkomst en ondergang van de zon gebruikt om dat rustgevende gevoel wat dat uitstraalt voor eeuwig vast te leggen. Een momentopname die indrukwekkende in het oog springende fotocollages oplevert.

Music for Indigo neemt juist de hemelsblauwe lucht als basis. De natuur ontwaakt en laat de gitaar van het boegbeeld van Big Thief vrijwel vanzelfsprekend haar gang gaan. Aarzelend komt het biologische leven weer op gang. Er vormen zich beelden die een gefascineerde Adrianne Lenker laten zien, die vanuit het verscholen hutje de omliggende landstreek in zich opneemt. Een muzikale spotter, genietend van de tijdloze momenten in een tijdloze omgeving. Het beginnen van de dag en tevens de afsluiting daarvan als de indigo kleur overgaat in een donkerblauw gevuld hemelrijk.

Er wordt speelser gestoeid met de aardse elementen die het nachtelijke Mostly Chimes van kleur voorzien. De kristalheldere belletjes staan voor de snel verplaatsende lichtjes van vallende sterren en de felle ogen van angstige wezens die het daglicht niet durven te aanschouwen . Met een hoog kinderlijke slaapliedjes gehalte zijn deze ook eenvoudig te transformeren tot het ontwaken van het nieuwe leven.

Natuurlijk is Songs al van ongekende schoonheid, maar de verrassing zit hem toch wel in die sfeervolle tweede plaat Instrumentals. Eigenlijk is het bijna zonde dat deze zo sterk is, waardoor Songs zichzelf een beetje weggecijferd. Je zou bijna zeggen dat de rest van Big Thief hierbij niet gemist wordt, de klasse dat Adrianne Lenker zich ook prima alleen kan redden.

Adrianne Lenker - Instrumentals | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Adrianne Lenker - Songs (2020)

4,0
Totaal onverwachts wordt de wereld opgeschrikt door een onzekere toekomst waarin het maken van afspraken onmogelijk is. Het Corona virus zorgt ervoor dat Big Thief genoodzaakt is om hun volledige geplande tournee te schrappen. Deze vervelende consequentie geeft Adrianne Lenker de mogelijkheid om in alle rust te werken aan haar persoonlijke soundtracks van het nu al in de geschiedenisboeken dik onderstreepte gecatalogiseerde jaar 2020.

Zich totaal afsluitend van de buitenwereld leidt de zangeres een Into The Wild achtig leeg kluizenaars bestaan. Ze verruilt Brooklyn voor een tijdelijke toevlucht in de bergen van Massachusetts, waar ze geïsoleerd werkt aan intieme klein gehouden indie folksongs. De filmische omgeving levert tevens in Instrumentals twee prachtige indrukwekkende muzikale landschilderijen op, die je los kan luisteren van Songs, maar die wel degelijk een verbintenis met elkaar hebben.

Dat eenzaamheid niet altijd vervelend hoeft te zijn, merk je direct terug als de fragiele schelle kinderlijke zang van Adrianne Lenker een nummer als Two Reverse helemaal opentrekt en in alle kaalheid teruggeeft aan de luisteraar. De kenmerkende schoolse dromerigheid van Big Thief is vervangen door de bewustwording om totaal in zichzelf gekeerd op zoek te gaan naar de geluksmomenten in deze roerige wereld. De doelgerichte isolatie waarbij je aangewezen bent op een in deprimerend mineur gestemde dreampop gitaar, wat eenvoudig opnameapparatuur en vooral de krachtmogelijkheden van de stem, die hier sporadisch overdubt wordt.

De verhalende puurheid in Songs ontstaat voornamelijk doordat alle bemoeizuchtige en ontregelde factoren van buitenaf geëlimineerd zijn. Het is een folky singer-songwriter album die dat kernbegrip zo natuurlijk mogelijk benaderd, zonder dat daar veel onderbrekende studio-technische stoeierij aan toegevoegd is. Schoonheidsfoutjes als het verkeerd opstarten van Forwards Beckon Rebound zitten daarbij niet in de weg, en blijven netjes behouden op de uiteindelijke versie.

De opgenomen druipende regendruppels worden gerecycled tot een zacht ritme waarmee ze op passende wijze de aansluitende zanglijnen van het door fragiele dramatiek versterkte Come openen. Een charme die tekent voor de niet als storend ervaren kwetsbaarheid. Ontluikend vogelgefluit laat de schuchtere somber gestemde Zombie Girl ontwaken uit haar winterslaap, waarbij de lente het biologische medicijn is om de depressies te bestrijden.

Toch is Songs in veel opzichten het verlangen naar het normale dagelijkse leven. Dragon Eyes benoemd hierbij de sigaret die op de rand van het bed gerookt wordt, het met een boodschappenlijstje gedachteloos de winkel intrekken en pijnlijke herinneringen aan escalerende familiegelegenheden. Gewone dierbare momenten die al mijmerend met een glimlach op de mond teruggehaald worden. Het aansluitende My Angel kondigt met zijn lange intro de overgang naar Instrumentals aan.

Adrianne Lenker - Songs | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

ADULT. - Perception is/as/of Deception (2020)

3,0
Het vanuit Detroit afkomstige ADULT. maakt al vanaf eind vorige eeuw de clubs onveilig met hun mix van Electric Body Music en synthwave. Niet geheel onbegrijpelijk als je thuisbasis gevestigd is in de Amerikaanse techno hoofdstad.

Nicola Kuperus deelt met haar venijnige zang forse klappen uit. De donkere uitstraling van dominante meesteres sluit perfect aan bij de retro ijskoningin look waarmee deze in zwart geklede kunstenares zich presenteert. Haar echtgenoot Adam Lee Miller mag de onweerstaanbare geluiden samenvoegen tot een huiveringwekkende dansbare sound. De grafische achtergrond van het paar is tastbaar in de abstracte ingecalculeerde muzikale uitwerking van de tracks.

De waardering van hun bevriende collega’s is het beste meetbaar op het zesde album Detroit House Guests waar ze als gastmuzikanten een grote rol vervullen. Ondertussen zijn we met Perception is/as/of Deception alweer twee platen verder, en verwoord het duo Adam Lee Miller en Nicola Kuperus als eenheid de kilte en egocentrische eenzaamheid van de hedendaagse maatschappij. Het is net wat minder springerig dan op voorganger This Behavior waardoor de slepende trage zang meer tot haar recht komt.

Zichzelf geheel uitsluitende van de buitenwereld wordt er vanuit een zwartgeverfde geïsoleerde kelder gewerkt aan een negental songs die de triestheid van de wereld en de onoverzichtelijke toekomst moeten uitstralen. Schemerige achterkamer passie welke eigenlijk niet geschikt is voor het verblindende daglicht.

Hiermee sluiten ze passend aan bij de hedendaagse zwartgalligheid waarin we leven, al moet daarbij wel de notitie gemaakt worden dat dit thema’s zijn die al jaren terug komen in het industriële harde postpunk geluid. Leegte, wanhoop en teleurstelling vormt de voedingsbodem waaruit een zwartgeblakerd zaadje zich laat ontkiemen. Hierin weet ook ADULT. zich niet in te onderscheiden.

Disregard, Look away
Voiceless stares, in dead air
Say one thing, say another
It’s so hard, not so hard… to erase
We appear/disappear
Look between each other
Merge as one, we become, invisible together
It’s so hard / not so hard …to erase
We appear/disappear (We) Look between each other

De onvrede tot uitdrukking gebracht in een enkele track, We Look Between Each Other vat het precies samen. ADULT. is er niet op uit om een boodschap achter te laten. Dit is hoe we er als individu voor staan, en daar heb je maar mee te dealen. Perception is/as/of Deception is overduidelijk gericht op het escapisme. Weekenden ontvluchten om anoniem alle frustraties van zich af te dansen. De auto industrie met de metaalverwerking vormt het kloppende hart van Motor City.

Bikkelharde beats slaan met ferme mokerslagen in op het fabriekslawaai wat gereproduceerd wordt. Een geoliede machine in topvorm draaiende. Veel moordende vintage jaren tachtig galm dus, ingeleid door destructieve noise. En daar ligt het gevaar. Het is allemaal te vanzelfsprekend. De verveling maakt ook van Nicola Kuperus een monotone robot, die gevoelloos haar teksten opdreunt.

Ondanks dat deze onverschilligheid masochistische houding een belangrijk element vormt in de gefrustreerde zenuwachtige muziek, lijkt het er steeds meer op dat ADULT. het gevaar loopt om op een dood spoor te belanden. Perception is/as/of Deception balanceert op een spanningsveld met weinig elastische veerkracht. Of zijn we in het verleden net te vaak verwend geraakt?

ADULT. - Perception is/as/of Deception | Electronic | Written in Music - writteninmusic.com

Aerosmith - Get a Grip (1993)

3,5
Aerosmith vond ik altijd een wat over het paard getild bandje met een frontman die dacht dat hij Mick Jagger was; hij staat toch echt wel ver in de schaduw van hem.
Live wel prima, ik zag ze op het Mega Music Rock Experience, ze waren daar de hoofd act, maar ik kwam er vooral voor Therapy?
Ik was dan ook verrast dat ik Dream On hoorde, dit kende ik van The Mission, maar wist niet dat het eigenlijk een Aerosmith nummer was.
Er werd veel gespeeld van Get A Grip; achteraf gezien zou dit ook hun bekendste album zijn, gevolgd door voorganger Pump.
Iedereen kent wel de clips Crazy, Crying en Amazing met dochter Liv Tyler en Alicia Silverstone.
Als dochterlief later naam maakt als filmster, scoren ze een monsterhit met het Bryan Adams achtige I Don't Want to Miss a Thing van Armageddon.
Get A Grip opent met een vette knipoog naar Walk This Way, waar Steve Tyler zelfs bijna klinkt als James Brown.
De drums klinken misschien net te schel, vergelijkbaar met die op het tweede album Time’s Up van Living Colour met aardig wat Prince invloeden.
Slechte productie?
Ach, het hoorde gewoon bij die tijd.
Het album klinkt stevig, en zelfs zonder de beroemde video’s zou deze het nog prima redden, want de nummers zijn op zich sterk genoeg.
Toch is Get A Grip mij net teveel gericht op het grote publiek; echte diepgang ontbreekt wel, maar als dan die mondharmonica binnen valt in Fever, wordt ik toch wel even helemaal gelukkig.
Misschien net als grote voorbeeld The Stones nog een prima blues cover album maken?

Agnes Obel - Myopia (2020)

4,5
Vanuit Kopenhagen weerklinkt de stem van de zangeres als een naaste bloedverwant van De Kleine Zeemeermin van Hans Christian Andersen. Haar lokroep weet als een sirene op een gepassioneerde wijze te ontroeren en je naar haar toe te dwingen. Met een sprookjesachtige sound waarbij de aandacht geaccentueerd wordt op de Deense hymnes. Waarbij de viool als het hoofdinstrument van de traditionele volksmuziek een prominente rol vervult. Ook de vele klassiek geschoolde Deense componisten uit de oudheid worden in het pianospel zeker niet vergeten.

Het heeft tot het dertigste levensjaar geduurd voordat Agnes Obel voor het eerst met haar solowerk van zich laat horen. Eerder was ze nog niet klaar om de wereld hiermee kennis te laten maken. De persoonlijke zoektocht naar de vocale stem mogelijkheden is volbracht als in 2010 Philharmonics verschijnt. Het prachtige kunstwerkje Riverside groeit door mond op mond reclame al snel uit tot een publieksliefhebber. Wie gaat er toch schuil achter dit mooie verhalende klein gehouden prachtliedje; Agnes Obel dus. Die wereld is dus wel degelijk klaar om haar te omarmen.

De dromerige hemelse popmuziek laat zich steeds verder verstillen, waardoor er volop ruimte ontstaat voor het geschoolde pianospel en de zang zich steeds meer richt op adembenemende hoogtes. Het blijkt dat het sterke Aventine een tussenstation is, om vervolgens tot ontplooiing te komen op het ook al niet misselijke Citizen of Glass. Bestaat er de mogelijkheid om je daar vanuit nog verder te ontwikkelen? Jazeker, nu is er ruim drie jaar later het meesterwerk Myopia.

De continuïteit van het hoge niveau wil nergens wegsterven tot kunstzinnig gefröbel, waardoor ze de binding met de luisteraar niet verliest. Hierdoor is Myopia een waardig stukje nationaal cultuur erfgoed geworden welke net zo illustratief voor de omgeving is als Stevns Klint en de gotische Kathedraal van Roskilde. Nu de uitvoerende artiest zich rond haar veertigste jaar in het middelpunt van het leven bevindt, komen de gevoelens van twijfel en nostalgisch terugkijken sterker op de voorgrond. De sensitieve beleving wordt anders door het afzwakken van de zintuigen, waardoor Myopia (bijziendheid) een juist gekozen titel blijkt.

Flarden pianoklanken weerspiegelen haar gemoedstoestand in het zwaar aangezette Camera’s Rolling. Er wordt al steevast het maximale uit haar vocalen gehaald, door deze meervoudig te samplen tot een spookachtig mythische godin. Gejaagde strijkinstrumenten staan hierbij familiair opgesteld als de volwassen zusters naast het dartelende, bijna kinderlijke onschuldige pianopartijen op Myopia. Een veelbelovend samenspel die zijn diepgang prijs geeft in het stabiele uitgebalanceerde tiental songs waarmee Agnes Obel je verbaal en instrumentaal volledig wegblaast.

Broken Sleep laat zich nog meer leiden door de aangestuurde effecten die niet camouflerend hun werk doen, maar het juist een vocaal gouden randje mee geven. Het cello gezelschap Charlotte Danhier en Kristina Koropecki zullen vanaf hier in het geheel twee vaak terugkomende gastrollen vervullen. Ondanks het zwevende karakter blijft het aardse gewortelde domineren, waardoor het niet in een hedendaags new age spiritueel schouwspel uitmondt. De herhalende zangpartijen willen wel hypnotiseren, maar niet tot een bewusteloze toestand bedwelmen.

Zelfs als de zang helemaal onzichtbaar is in het klassieke drietal Roscian, Drosera en Parliament of Owls blijft het allemaal even overtuigend. Waarbij Roscian een prachtige aankondiging is naar het sensuele titelstuk Myopia waar ze zelfs de Keltische folklore opzoekt. Can’t Be gaat zelfs nog een stapje verder en is onvervalste eighties dreampop met een fluwelen postpunk randje. Met Middeleeuwse zangkoortjes schept ze in Promise Keeper een universeel landschap welke gemarkeerd kan worden als tijdloos. Dit onderstreept ze nogmaals nadrukkelijk in het ijzingwekkende koel verzorgde Won’t You Call Me.

Agnes Obel - Myopia | Pop | Written in Music - writteninmusic.com

Aidan Knight - Aidan Knight (2020)

3,5
Soms zijn vervelende situaties als onverwachte levensveranderingen noodzakelijk om dichter bij jezelf te komen. Bij Aidan Knight gebeurde dat vier jaar geleden tijdens zijn tournee door Europa. Doordat de Canadees de Brexit van heel dichtbij meemaakte, en Prince, een van zijn muzikale voorbeelden plotseling komt te overlijden krijgt hij een soort van kortsluiting in zijn gedachtegang. Dit openbaart zich in een paniekaanval op het podium in Amsterdam wat uiteindelijk een burn-out tot gevolg heeft.

De zelfverzekerdheid en positieve reflectie die hij tijdens de interviewsessies uitstraalt staat op het punt van omvallen, al is Aidan Knight zich hier in eerste instantie nog niet zo bewust van. Hoe ironisch is het dat hij feitelijk benoemd dat zijn kijk op de nummers van Each Other vier jaar later waarschijnlijk totaal kan veranderen, iets waar hij inderdaad gelijk in heeft gehad. Het roer moet drastisch om, de singer-songwriter stopt met drinken en gaat aan de slag met de opvolger van zijn doorbraakplaat.

Door zijn innerlijke verdriet en geestelijke gesteldheid dreigt hij weg te zakken in destructieve depressies, waardoor het materiaal voor zijn nieuwe album bijna in de prullenbak is beland. Hierdoor is Aidan Knight een persoonlijke verwerkingsplaat geworden, die alleen daarom al zijn naam draagt. Gelukkig zorgt zijn prille vaderschap voor genoeg positieve inspiraties waardoor er meer dan genoeg ruimte ontstaat voor gelukzalige momenten en de hoopvolle gevoelens die de geboorte van zijn kind weten op te roepen.

Toch is het geluid lekker warm, zoals we ondertussen van hem gewend zijn. En worden zijn zwaarmoedige teksten muzikaal ondersteund door een breed scala aan illustratieve strijkers in het fantastische trage Mary Turns the Pillow en het dromerige voortkabbelende St. Kierans. Door dezelfde instrumenten dreigend te laten klinken ontstaan er hypnotiserende misthoorn achtige geluidsgolven in het sfeervolle Houston TX.

Met de stevige solerende gitaarakkoorden in Julia in the Garden voegt hij er al direct een ouderwets jaren zeventig rockrandje aan toe. Het is eventjes wachten, maar op Slacker II overtreft hij zichzelf nogmaals op dit artistieke vlak. Juist die keuze om dit onmiskenbare grote talent volledig onverschillig verder te negeren, getuigd in het vertrouwen van het overige sterke materiaal. Met gemak had hij een album kunnen vullen met prachtige elektrische gitaaruitspattingen, nu blijft het beperkt tot een paar momentele dynamische toevoegingen.

Een mooi pakkend fundament om op verder te borduren, waarbij de gepassioneerde zanger dan ook geen enkele steek laat vallen. De kinderlijke slaapliedjes klanken uit de Suzuki Omnichord zorgen voor een experimenteel eighties geluid in La La. Dit Japanse gadget had doorontwikkeld moeten worden tot een keyboard die je als een gitaar bespeelt, maar is ondertussen al lang op het kerkhof der elektronische hebbedingetjes beland.

De opbeurende weg naar Aidan Knight is een lange slopende bergtocht, waarbij de singer-songwriter triomfantelijk het hoogtepunt heeft bereikt, en dit viert met een elftal zelfverzekerde eindresultaten. Wat ben ik er hem dankbaar voor dat hij uiteindelijk ervoor gekozen heeft om de tracks met ons te delen, en niet in een waan van benauwenis de hele plaat gecanceld heeft.

Aidan Knight - Aidan Knight | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Air - 10,000 Hz Legend (2001)

3,5
Ik heb hierbij beelden van een ruimtereis naar Mars, waarbij maar een van de bemanningsleden op de hoogte is dat er nooit genoeg brandstof zal zijn voor een terugreis.
Met de aanwezige zwaartekracht op de planeet zal het opbouwen van een bestaan onmogelijk zijn.
Als iedereen slaapt brengt hij verslag uit van het verloop van de tocht.
Tussendoor wordt er geswitcht naar een andere golflengte, waarbij er gewoon muziek wordt gedraaid.
Zijn geheime missie mag nooit ontdekt worden.
Terwijl de hele wereld gelooft dat de middelen niet aanwezig zijn, is dit al de derde ontdekkingstocht.
De wezens gevonden bij Roswell laten een parallelle ervaring zien.
Ook zij kwamen snel na het bereiken van de eindbestemming te overlijden.

Alanis Morissette - Jagged Little Pill (1995)

3,5
You Oughta Know was een klap in je gezicht.
Dave Navarro en Flea van Red Hot Chili Peppers zorgden met hun bijdrage voor een extra stoere push.
Stel je eens voor dat vrouwen voor hun rechten zouden opkomen.
Ik werd bijna bang voor deze feministische song.
Het tijdperk van de Debbie Gibsons en Tiffany’s leek voorbij.
Hier stond een rockchick op.
Die besloot om met haar derde album een andere koers te bevaren.
Tenminste, dat was de indruk die je kreeg naar het luisteren van de eerste single van dit album.

Gelukkig viel het allemaal wel mee.
Jagged Little Pill overtreft nergens deze nachtmerrie.
Mannen kunnen weer gerust gaan slapen.
Haar nagels werden vervolgens netjes geknipt.
Zodat ze niemands rug konden beschadigen.
Prima huisvrouwen muziek.
Tevens geschikt voor de puberende bakvis.
Wegdromend op haar tienerkamer.
Behangen met de hedendaagse idolen.

Producer Glen Ballard maakt er een toegankelijk album van.
Perfect getimed voor het grote publiek.
Alanis wordt gestileerd als vrijgevochten grungemeisje.
Blijkbaar werkt dit goed.
Avril Lavigne onderging later een soortgelijke behandeling.
Het schuchtere meisje werd punker.
Imago was mede bepalend voor het succes.

Natuurlijk is Alanis een goede zangeres.
Maar ik had liever een verdere samenwerking met Dave Navarro en Flea gezien.
Juist het product wat dat voort bracht zette haar op de kaart.

Aldous Harding - Designer (2019)

4,0
De Nieuw Zeelandse zangeres Hannah Harding uit Lyttelton brengt als Aldous Harding haar derde langspeelplaat uit. Na haar gelijknamige debuut verruilde ze met Party van maatschappij. Het vertrouwelijke Flying Nun Records werd het toepasselijke 4AD. Alsof ze het broednest heeft verlaten om haar vleugels uit te slaan, om de wereld te verkennen.

Uitgaande van de nieuwe single The Barrel verwacht je dat ze meer de elektronische kant op gaat. Toch is dit niet representatief voor de rest van Designer. Fixture Picture heeft die subtiliteit waarmee ze zichzelf bij het vorige werk al mee op de kaart zette. Uiteraard zijn dit haar heldere vocalen, waarmee ze schijnbaar meer dan genoeg indruk maakte bij het 4AD label. Ze past hiermee perfect tussen de acts die zich in de hoogtijdagen van de platenmaatschappij aan het publiek presenteerden. Verder gebruik makend van minimale drums en een terug kerend gitaar melodietje. De strijkers zijn het extra folky element.

Nog meer schud ze het grimmige imago van zich af, door een meer toegankelijkere sound. Waren de eerste twee albums vooral perfect gemaakt om in de avond en nacht te draaien. Nu durven planten hun knoppen te openen, en verlaten dieren uitgerust van de winterslaap de holen. Het is allemaal veel vrolijker en toegankelijker. Deze kan het zonlicht een stuk beter verdragen. Het is veel lichter verteerbaar, al krijg je wel het gevoel dat ze zich steeds meer schikt aan het label. Gelukkig zonder haar eigenheid te verliezen.

Designer zet je op het verkeerde been, na een roots getint intro wordt er vervolgens een zijstap gemaakt naar meer hedendaagse beats en zomerse percussie. Je krijgt steeds sterker het gevoel dat de singer-songwriter het stoffige zolderkamer bestaan verruilt voor een open vriendelijke benadering.

Het belangrijkste vernieuwende element lijkt een bijna overdosering aan vitamine D. Het is vooral zonlicht en warmte wat terug te horen is. Het is allemaal meer ruimtelijk georkestreerd. Door het klein te houden komt het allemaal nog meer tot zijn recht. De pianoklanken zijn de voedende katalysator die de vocalen als een dynamo aansturen.

The Barrel past beter tussen de overige tracks dan wat de single release deed vermoeden. Alleen de kinderlijke tweede stem had achterwege mogen blijven, maar verder is het een prima track om de zomer mee in te luiden. Het verleden kan ze nog niet helemaal van zich afschudden. Het afsluitend tweetal Heaven Is Empty en Pilot hebben nog genoeg zwaarmoedigheid in zich, maar ook hierbij ontbreekt het beklemmende van haar vorige werk. Een nieuwe lente met een herboren Aldous Harding.

Aldous Harding - Designer | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Alex Ebert - I Vs I (2020)

3,0
Een goede reclamecampagne met een sterke ondersteunende track levert met regelmaat ook een hitsucces op voor de uitvoerende artiest. Het pakkende deuntje is herkenbaar genoeg, en blijft wel hangen. Toch gaat er bij de naam Edward Sharpe and the Magnetic Zeros niet snel een belletje rinkelen.

Home weet iedereen wel te plaatsen, maar waar deze de oorsprong heeft, blijft een lastiger gegeven. De melodie heeft een plek verworven in ons collectieve geheugen, en ikzelf ben verbaasd dat het alweer ruim acht jaar geleden is, dat deze geïntroduceerd werd. Het folky Edward Sharpe and the Magnetic Zeros komt voort uit de explosieve powerrock van Ima Robot. Orpheo McCord en Alex Ebert besluiten om die manische energie op een zijspoor te zetten, en zich te richten op het meer evenwichtige vervolg.

Gelukkig blijf je in de vocalen van Alex Ebert dat licht gestoorde psychedelische randje door horen. Na in een grijs verleden onder de naam Alexander een meer sixties bubblegum getinte popplaat en een spannende retroseventies soundtrack voor All Is Lost uitgebracht te hebben, komt de uit Los Angeles afkomstige duizendpoot nu met een gloednieuw album, die hij voor het gemak onder zijn eigen naam laat verschijnen.

Geef een doorgeflipte neohippie een vintage synthesizer met een overschot aan effectenmogelijkheden, en je komt aardig in de buurt van I Vs I. Kitscherige kerstbaldeuntjes worden afgewisseld door met kopstem gezongen soulfunk, retro glitterdisco en kinderlijke hiphopgekte. Verbaal gezien vallen zijn beperkingen sterk op, al is het ook wel passend op de plaat. Hoe meer er vanuit de kern van een kale popsong gewerkt wordt, hoe beter het tot uiting komt.

Het catchy Stronger heeft alles in zich om grootschalig publiekelijk omarmd te worden. Een oorwurm met een eenvoudig refreintje, vorm gegeven door een open muzikaal raamwerk. Kwaliteiten die hij ook weet te gebruiken in het droog door funkende Fluid en de swingbeat van Her Love. Al komen die vooral vanwege de pure geïmproviseerde saxofoonpartijen prima tot hun recht. De zomerse dub in Press Play heeft iets strijdlustigs in zich, waarmee hij op relaxte wijze I Vs I uitluidt.

Al fluitend, stuntelend en rappend werkt hij zich door het overige songmateriaal heen, al gaat het hem zeker niet gemakkelijk af. Alex Ebert bewandelt hierdoor een lastige weg omgeven door hindernissen. Het is hem zeker gelukt om zich te onderscheiden van andere artiesten, maar moet daar nog de juiste balans in vinden.

De eigenzinnigheid werkt nog niet in zijn voordeel. De onnavolgbare uitspattingen verdoezelen net te vaak het talent van Alex Ebert. Hij functioneert in een onduidelijke schemerwereld waarvan hij alleen de passende sleutel blijkt te bezitten. I Vs I bezit dat speelse van een blije puppy, met gebrek aan discipline. Dat moet nog bijgebracht worden. Apport!

Alex Ebert - I Vs I | Electronic | Written in Music - writteninmusic.com

Algiers - There Is No Year (2020)

4,0
Dat het beleid van de Republikeinse Partij in The United States Of America nog steeds veel vragen en verzet oproept is een algemeen bekend vaststaand feit. Allen dit gegeven is al een voedingsbodem en inspiratiebron voor de onvrede en teleurstelling die overheerst. Met The Underside of Power uit 2017 weet het uit Atlanta afkomstige politiekbewuste vier individuen tellende Algiers niet alleen muzikaal iedereen te overrompelen, de confronterende teksten hakten er net zo lekker in.

Het lukte ze al om zich met het veelbelovende debuut Algiers flink geaard op de kaart te zetten, maar hiermee maakten ze een niet te evenaren overtreffende trap. Versterkt door elektronische soundscenario’s en politiek getinte samplers verwelkomden ze het publiek met een mix van blues, rock en vooral heel veel soul. Franklin James Fisher bouwt als emotionele geladen prediker zijn werkgebied steeds verder uit, om zoveel mogelijk volgelingen kennis te laten maken met zijn gepassioneerde overtuiging. Dit gaat nog een grote stap verder dan het geloof verkopen, al heeft het veel weg van een swingende religieuze kerkdienst.

De afgelopen twee jaar is het vertrouwen in de onzekere maatschappij niet toegenomen, meer dan terecht dus dat de dringende behoefte aanwezig is om ons opnieuw toe te spreken. De onrust is alleen maar versterkt, en vanaf de smeltkroes van cyberpunk en gospel in sleuteltrack There Is No Year uiten ze hun onvrede over een wereld die balanceert op het randje van de afgrond. Niet voor niets dat er ook als albumtitel is gekozen voor There Is No Year. Nog steeds overheerst die opgekropte boosheid. De Verenigde Staten staan in brand en de wanhoop openbaart zich uit in de overdonderende lyrics.

Hoe geweldig is het om juist in de levenslustige vocalen van Fisher zo weinig mogelijk van die kwaadheid terug te horen. Het is allemaal zo melodieus mogelijk gebracht en zijn coole uitstraling wil absoluut in het voordeel werken. Juist door de keuze om het geheel geen kracht bij te zetten met overstuurde duistere hardcore uitspattingen roept zoveel respect op. De houding is een stuk minder militair, ze richten zich niet alleen op de donkere gemeenschap, maar presenteren zich als spreekbuis voor de gehele kansarme klasse. Het doet denken aan de grootschalige vreedzame demonstraties waarbij het strijdbare lied het enige wapen is.

De beats zijn of loeihard of juist erg grimmig. Met deze Industrial aanpak lijkt het dat ze een opleving oproepen voor dit genre. Dit is niet zozeer het geval, maar hierdoor komt de heftigheid het beste tot zijn recht. De zelfbewustheid van Fisher wil ook de rest van de band motiveren en stimuleren. Nog meer is er aandacht besteed aan strakke ritmes en stemmige backing vocalen. Dit is de kwaliteit van Algiers waardoor There Is No Year echt een band project is geworden, en niet een opgekrikte solo plaat van Fischer. Natuurlijk moet iemand zich presenteren als spreekbuis, en daarvoor is hij de meest geschikte persoon.

Algiers - There Is No Year | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Alice in Chains - Alice in Chains (1995)

4,0
In Dirt werd nog de paranoia en pijn van het drugsgebruik bezongen, hier is het al veel meer de verdoving die je terug hoort.
Het gevecht is definitief verloren, al voelt Layne Staley zich een overwinnaar.
Zichzelf staande houdend aan de microfoonstandaard, zoals perfect weer gegeven in de clip van Grind.
Dramatisch schreeuwde hij nog Wake Up op het Mad Season album uit dezelfde periode.
Hier zijn de ogen al gesloten achter de donkere zonnebril, welke zijn leven typeert.
Gitzwart.
Niet het album is zoveel vlakker en emotielozer dan Dirt.
Staley is hier uitgeput, en dat is wat je terug hoort.

Alice in Chains - Dirt (1992)

4,5
Dirt blijft voor mij de modder van een oorlogstrauma.
Vastgekoekte klodders zand vermengt met speeksel en bloed.
Jongens die onbedoeld als volwassen mannen wachtend op de terugkeer naar het thuisfront.
Opgekropte woede en frustraties.
De soundtrack voor films als Platoon, Apocalypse Now en Full Metal Jacket.
Een verharde maatschappij.

Elk nummer is een nachtmerrie.
Badend in het zweet wakker worden.
Gevoelens niet kunnen delen met je naaste.
In Dirt scheert de gitaar rond als een maniakale helikopter.
Onbestuurbaar geraakt door een flinke dosis LSD.
Logge baspartijen als legerkisten.
Steeds dieper weg zakkend in het moeras.
Layne Staley die onder invloed de pijn van zich af schreeuwt.

De kracht van de hele grunge stroming ligt veelal in de gezongen emoties.
Of je nu Staley, Cobain, Vedder, Cornell of Lanegan hoort.
Jong volwassenen die over de waanzin van een uitzichtloze toekomst zingen.
Vluchtgedrag in drank en drugs.
Niks romantiek.
Achteraf gezien een diep trieste periode.
Die veel goede muziek opleverde.
Juist vanwege het zo open stellen van je ziel.

Ongelofelijk hoe geleefd de stemmen toen klonken.
Het waren nog jonge gasten die een bagage vol levenservaringen met zich mee sleurden.
Layne Staley was hier pas 25 jaar.
Voortgekomen uit een gebroken gezin.
Waarbij voorgelogen werd dat zijn biologische vader overleden was.
Terwijl die als een junk een bestaan probeerde op te bouwen.
Iets wat ook de ondergang van Layne zou betekenen.

Alice in Chains - Facelift (1990)

3,5
Dirt was het verslag van een doorgedraaide oorlogsveteraan.
Terwijl Staley; voor zover ik weet nooit gediend heeft.
Ten onder gegaan aan escapisme door destructief gedrag.
Drugs om te vergeten.
Alzheimer vanwege genotsmiddelen.
Facelift is The Wall van Alice In Chains.
Verwerking van het verlies van een vaderfiguur.
Bij Roger Waters vanwege de 2e wereldoorlog, bij Layne Staley vanwege een overdosis.
Ongeacht de oorzaak lijkt mij het verdriet even groot.
Je mist gewoon iets tijdens een belangrijke fase in het leven.
Om iets van het bestaan te maken creëer je een eigen wereld.
Als een soort van Peter Pan ontsnappen aan de werkelijkheid.
Facelift is de klap in het gezicht.
Knockout geslagen in de eerste ronde.
En dan toch de drang hebben om door te vechten.
Met een halfzijdig verlamd spraakgebrek als Rocky roepend om je geliefde.
Adrian!!
Geen antwoord krijgend.
Alleen tranen en stilte.
Stayley was hier al niet meer te redden.
We Die Young.

Alice in Chains - Jar of Flies (1994)

4,0
Alice In Chains; tja wat moet ik er over zeggen.
Toen Nirvana en Pearl Jam groot werden had ik het niet zo met deze grunge band.
Ik vond dat ze mee liften op andermans succes, en vond de zonnebril en het sikje van Layne Staley zwaar overdreven; zo ook de ijsmuts van Jerry Cantrell.
Toch ooit dit album gekocht toen het in de aanbieding was, en er geen moment spijt van gehad, ondanks het feit dat er verkondigt werd dat er sprake was van creatieve armoede.
Dit tussendoortje ademt de sfeer van een unplugged album, terwijl dit zeker geen unplugged album is.

Rotten Apple is zeker niet de rotte appel van dit album, mooi dreigend sfeertje, waarbij de mooie samenzang van Staley en Cantrell al op valt. Zelden mee gemaakt dat de dubbele zang zo heerlijk samen gaat. Klinkt als een krachtige stem. Ook het gitaarwerk van Cantrell is dreigend maar tevens slepend.
Vervolgens krijg je het ingetogen Nutshell, waarbij weer eens opvalt dat dit vooral de band van Staley en Cantrell is. En hoe mooi het begint, zo mooi verdwijnt hij ook weer. De eb en vloed van JAR OF FLIES.
I Stay Away heeft het maniakale van Staley. Je hoort hier iemand zingen, die je liever in het donker niet tegen komt. Er wordt minimaal gebruik gemaakt van violen; met maximaal effect. Mooi nummer; ook al lijkt het intro wel verrekt veel op Wanted Dead Or Alive van Bon Jovi.
No Excuses is volgens mij samen met I Stay Away op singel verschenen. Ook hier is de samenzang tussen Staley en Cantrell de kracht van het nummer (ik kan het niet vaak genoeg zeggen). Hoe rauw kan Seattle klinken.
Het instrumentale Whale & Wasp is niet verkeerd, maar komt toch niet helemaal tot recht op dit album. Het klinkt een beetje als een singel van Metallica afgespeeld op 33 toeren.
Voor mij het minste nummer op dit album.
En zelfs Alice In Chains kan hoopvol klinken, dat bewijzen ze met Don’t Follow. Mooi ondersteund door een mondharmonica. Als het nummer halverwege sneller wordt hebben we bijna te maken met een gospel. Amen.
Staley klinkt bijna als Bono.
Swing On This is ook net wat minder. Hoe dan ook, de titel klopt in ieder geval wel. Het is bijna jazz.

Het grootste minpunt van dit album is de lengte. Een half uur is gewoon veels te kort.

Alice in Chains - MTV Unplugged (1996)

4,5
Helaas werd niet elke Unplugged sessie als album uit gebracht.
Zo was ik graag in bezit geweest van de opnames van Pearl Jam en Stone Temple Pilots.
Samen met Nirvana en Alice In Chains waren dit volgens mij de Grunge concerten.

Wat opvalt is dat juist die hardere nummers het akoestisch erg goed doen.
Zo ook dit pareltje van Alice In Chains.
Het is geen verassing dat de twee bijdrages van Jar Of Flies; namelijk Nutchell en No Excuses vrijwel identiek klinken als op het studio album.
Het geeft wel aan hoe goed deze band live kan klinken.

Verdere hoogtepunten zijn voor mij het onderschatte Nirvana achtige Heaven Beside You, Rooster en natuurlijk Would? met die geweldige openingszin, waar Staley zegt dat dit hun beste optreden van de laatste 3 jaar is. Cantrell die daarop zegt dat het ook hun enige concert is van die periode.

Net als bij Nirvana bepaalde de stemming van de verslaafde frontman het verloop van een optreden. Al valt me nu pas op dat het vooral de zang van gitarist Jerry Cantrell is, die mij het meeste aan spreekt.
Hij doet de hogere uithalen op dit Unplugged album, en heeft misschien nog wel een mooiere stem dan Layne Staley.

Alice in Chains - Rainier Fog (2018)

3,0
In eerste instantie sluit ook deze van Alice In Chains aardig aan bij de albums met Layne Staley.
De zang zit aardig in het verlengde, maar het lijkt alsof de sound een heel stuk lichter is geworden.
Het dreigende is lang niet meer zo sterk aanwezig, ook het gevoel van pijn ervaar ik hier stukken minder.
Wat over blijft is een geslaagde rockplaat, waarbij er misschien wel bewust voor gekozen wordt om een iets wat gangbare weg in te slaan.
Aardig te vergelijken met Foo Fighter na Nirvana, ook daar had de eerste plaat nog best veel raakvlakken met Nirvana, en werd dat steeds minder.
Alice In Chains heeft er dan wat meer tijd voor nodig gehad, ik vond de vorige twee platen wel een prettig vervolg; een song als Check My Brain sloot goed aan bij de nummers van Staley.
Als Rainier Fog je goed bevalt, dan kun je hierna ook moeiteloos Meliora van Ghost draaien, vind ik zelf mooi hier op aan sluiten.

Alice in Chains - The Devil Put Dinosaurs Here (2013)

3,5
The Devil Put Dinosaurs Here klinkt weer gelukkig als een echt Alice In Chains album.
Bij Black Gives Way To Blue was ik aangenaam verrast, want wat was dat een geslaagde doorstart.
Nu durf ik bij dit album voorzichtig de lat hoger te leggen.
De stemmen van DuVall en Cantrell sluiten perfect op elkaar aan, ze lijken wel de Simon & Garfunkel van de rockmuziek.
Zelden twee stemmen zo mooi horen samenvallen tot een geheel.
En daar ligt nou juist net ook hun zwakte.
Bij Staley hoorde je juist de waanzin en de pijn, terwijl Cantrell als een verzachtend geweten hem moed leek in te praten.
Schijn bedriegt.
De rol van Cantrell was die van Sister Morphine, De Engel Des Doods.
Dat mis ik hier.
Maar hoor je dan de duisternis van het titelnummer, dan ben ik weer helemaal om.
Duidelijk een song welke perfect door Staley gedragen had kunnen worden.
Eigenlijk kun je er gewoon niet omheen; Cantrell is een geharde beeldhouwer, welke uit steen iets moois kan creëren.
Al is het ontbreken van de kwellende geest steeds meer hoorbaar.