Hier kun je zien welke berichten midnight boom als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Tim Knol - Soldier On (2013)

4,0
0
geplaatst: 9 november 2013, 17:51 uur
Ooit begon hij in het voorprogramma van Johan, tijdens hun afscheidstour, inmiddels is Tim Knol een begrip in Nederland. Tim Knol (2010) en Days (2011) betekenden de doorbraak van deze bijna 25-jarige singer-songwriter. Prima platen allebei, maar toch klonk de Hoornaar ergens nog wat zoekend naar een eigen geluid. Na een korte pauze, waarin Knol veel tijd spendeerde aan reizen en fotograferen is hij nu toe aan zijn derde soloalbum, Soldier On.
Meer nog dan op de vorige platen hield Knol deze keer alle touwtjes in handen. Naast het schrijven van liedjes en het spelen van gitaar nam hij voor het eerst ook de productie voor zijn rekening. Ook was zijn manager en voorheen vaste pianist Matthijs van Duijvenbode wegens een tour met Douwe Bob en Tangarine, deze keer niet betrokken bij het schrijfproces van Soldier On. Ondanks de aankomende reünie-tour met Daryll-Ann, is Anne Soldaat wel gebleven. Zijn karakteristieke gitaarspel en koortjes bepalen opnieuw een gedeelte van het geluid, maar het is vooral Knol die de functioneert als belangrijkste schakel. Hij zingt doorgaans wat lager, waardoor zijn hoge uithalen krachtiger overkomen, en klinkt ook wat ouder.
Dan de elf nieuwe liedjes. Liedjes over keuzes maken en ouder worden. Ze klinken stuk voor stuk ingetogen, gelaagd en dromerig. Niet op de laatste plaats door de veel minder knullige productie en rijkere instrumentatie. Opvallendst zijn de siervolle blazers - die voor een bijna jazzy geluid zorgen - in het geweldige 'If My Mind Could Beat My Heart'. Serieuzer, maar wel altijd luchtig, en zonder sentimenteel te worden. Daarnaast zijn er pakkende liedjes als het stevige 'Sea Of Shame' (inclusief geweldig gitaarspel), single 'Motion Of Life' en titeltrack 'Soldier On'. 'Cold Cold Rain' is een tranentrekker die een beetje doet denken aan de alternatieve country van The Jayhawks en Ryan Adams. De soms bijna gefluisterde melodie en haast onopvallende strijkers versterken het warme karakter van het liedje.
Het draagt allemaal een steentje bij aan een meer uitgedacht geluid. De onbevangen en ontspannende sfeer maken deze derde Tim Knol zeer aangenaam om naar te luisteren. Knol is een singer-songwriter die zijn vorm gevonden heeft.
Van: Daan's Muziek Blog
Meer nog dan op de vorige platen hield Knol deze keer alle touwtjes in handen. Naast het schrijven van liedjes en het spelen van gitaar nam hij voor het eerst ook de productie voor zijn rekening. Ook was zijn manager en voorheen vaste pianist Matthijs van Duijvenbode wegens een tour met Douwe Bob en Tangarine, deze keer niet betrokken bij het schrijfproces van Soldier On. Ondanks de aankomende reünie-tour met Daryll-Ann, is Anne Soldaat wel gebleven. Zijn karakteristieke gitaarspel en koortjes bepalen opnieuw een gedeelte van het geluid, maar het is vooral Knol die de functioneert als belangrijkste schakel. Hij zingt doorgaans wat lager, waardoor zijn hoge uithalen krachtiger overkomen, en klinkt ook wat ouder.
Dan de elf nieuwe liedjes. Liedjes over keuzes maken en ouder worden. Ze klinken stuk voor stuk ingetogen, gelaagd en dromerig. Niet op de laatste plaats door de veel minder knullige productie en rijkere instrumentatie. Opvallendst zijn de siervolle blazers - die voor een bijna jazzy geluid zorgen - in het geweldige 'If My Mind Could Beat My Heart'. Serieuzer, maar wel altijd luchtig, en zonder sentimenteel te worden. Daarnaast zijn er pakkende liedjes als het stevige 'Sea Of Shame' (inclusief geweldig gitaarspel), single 'Motion Of Life' en titeltrack 'Soldier On'. 'Cold Cold Rain' is een tranentrekker die een beetje doet denken aan de alternatieve country van The Jayhawks en Ryan Adams. De soms bijna gefluisterde melodie en haast onopvallende strijkers versterken het warme karakter van het liedje.
Het draagt allemaal een steentje bij aan een meer uitgedacht geluid. De onbevangen en ontspannende sfeer maken deze derde Tim Knol zeer aangenaam om naar te luisteren. Knol is een singer-songwriter die zijn vorm gevonden heeft.
Van: Daan's Muziek Blog
Tindersticks - The Something Rain (2012)

4,0
0
geplaatst: 19 februari 2012, 19:35 uur
Als je op zoek bent naar avontuur ben je bij Tindersticks aan het verkeerde aderes. De Engelse band doet namelijk al 20 jaar en negen albums hetzelfde: prachtige sfeervolle liedjes maken. Op the Something Rain is het niet anders. Tindersticks doen waar ze goed in zijn, maar, en daar komt het, op hun aller best. Dit negende album is dan ook een genot.
In een donkere, stille kamer zittend in een comfortabel meubilair, zo kun je het beste luisteren naar The Something Rain. Je wordt vervolgens 50 minuten meegesleurd in de prachtige donkere 'huiskamerpop'. De negen minuten durende opener 'Chocolate' is een goed begin. Het nummer opent klein, komt later aanzetten met prachtige blazers om weer klein te eindigen. Toetsenist David Boutler praat je door het nummer heen. Na het 'spoken word' intro horen we de vertrouwde stem van Stuart A. Staples weer. De warme bariton stem blijft er een uit duizenden en is uiteraard weer puur genieten. Het is 'het wapen' van Tindersticks. Er zijn maar weinig zangers in de hedendaagse popmuziek met zo'n sfeervolle stem.
Er passeren zeven prima Tindersticks liederen. De eerder uitgegeven Single Medicine en het stuwende Frozen springen er boven uit. Maar the Something Rain is vooral een album dat krachtig is in zijn geheel. Soms lijkt het album wel een soundtrack zo groots klinkt de sfeer. De bezwerende melodieën nemen je over en leidden je rond door het album. Het instrumentale slotnummer 'Goodbye Joe' klinkt als de opkomende zon. Langzaam kom je uit de grootse warme sfeer die the Something Rain heet. De ontspannende 50 minuten vliegen voorbij. Weer een mooie Tindersticks.
Op the Something Rain doet Tindersticks wat ze eigelijk al 20 jaar doen: een heel fijn album produceren. Maar wat blijft die goude formule bijzonder mooi. Tindersticks is een band met een bijzonder lange houdbaarheidsdatum. De beste plaat sinds Can Our Love.
van: http://daanmuziek.blogspot....
In een donkere, stille kamer zittend in een comfortabel meubilair, zo kun je het beste luisteren naar The Something Rain. Je wordt vervolgens 50 minuten meegesleurd in de prachtige donkere 'huiskamerpop'. De negen minuten durende opener 'Chocolate' is een goed begin. Het nummer opent klein, komt later aanzetten met prachtige blazers om weer klein te eindigen. Toetsenist David Boutler praat je door het nummer heen. Na het 'spoken word' intro horen we de vertrouwde stem van Stuart A. Staples weer. De warme bariton stem blijft er een uit duizenden en is uiteraard weer puur genieten. Het is 'het wapen' van Tindersticks. Er zijn maar weinig zangers in de hedendaagse popmuziek met zo'n sfeervolle stem.
Er passeren zeven prima Tindersticks liederen. De eerder uitgegeven Single Medicine en het stuwende Frozen springen er boven uit. Maar the Something Rain is vooral een album dat krachtig is in zijn geheel. Soms lijkt het album wel een soundtrack zo groots klinkt de sfeer. De bezwerende melodieën nemen je over en leidden je rond door het album. Het instrumentale slotnummer 'Goodbye Joe' klinkt als de opkomende zon. Langzaam kom je uit de grootse warme sfeer die the Something Rain heet. De ontspannende 50 minuten vliegen voorbij. Weer een mooie Tindersticks.
Op the Something Rain doet Tindersticks wat ze eigelijk al 20 jaar doen: een heel fijn album produceren. Maar wat blijft die goude formule bijzonder mooi. Tindersticks is een band met een bijzonder lange houdbaarheidsdatum. De beste plaat sinds Can Our Love.
van: http://daanmuziek.blogspot....
Tindersticks - The Waiting Room (2016)

4,0
0
geplaatst: 26 januari 2016, 20:03 uur
Tindersticks is één en al ervaring. De Britse band maakt al ruim vijfentwintig jaar kwalitatief hoogstaande muziek met de zwoele, doorleefde bariton van frontman Stuart A. Staples als vaste waarde. Dat is op hun tiende plaat, The Waiting Room, niet anders. De elf nieuwe liedjes zijn echt Tindersticks, maar klinken eveneens vertrouwd anders. Hoor de speelse elektronica en krautrock in 'Were We Once Lovers' of de funky afrobeat in het aanstekelijke 'Help Yourself'. Hoe onwaarschijnlijk het mag klinken, deze uitstapjes passen uitstekend bij Tindersticks. Dit vijftal bezit de gave om hun horizon telkens te verbreden en ten allen tijde even soulvol als onderkoeld te klinken. Nooit gaan de registers bij deze band volledig open, hoewel de dreiging altijd aanwezig blijft. De wonderlijke, zorgvuldig uigemeten arrangementen laten genoeg ruimte voor de liedjes van Staples. Twee keer gaat de frontman een duet aan. In het onheilspellende 'We Are Dreamers!' zingt Jehnny Beth van Savages mee, terwijl in prijsnummer 'Hey Lucinda' de overleden Lhasa De Sela te horen is. Het is romantisch op een melancholische manier, hoewel Tindersticks ook indruk weet te maken door alles juist eenvoudig te houden. 'Second Chance Man' is schitterend in alle eenvoud bijvoorbeeld. Op de overbodige intro na, is The Waiting Room eindelijk weer een echt schot in de roos. Hun beste plaat in zeker vijftien jaar.
Van: Daans Muziek Blog
Van: Daans Muziek Blog
Tony! Toni! Toné! - The Revival (1990)

3,0
0
geplaatst: 21 juli 2009, 08:28 uur
Redelijk lekkere cd,
als het een beetje snel is en swingend is het goed
Als er een langzaam nummer is is het erg irritant.
Heelaas staan er meer slechte nummers op dan goede,
Maar de echt goede zijn dan ook erg goed (Let's Have a good time)
als het een beetje snel is en swingend is het goed

Als er een langzaam nummer is is het erg irritant.

Heelaas staan er meer slechte nummers op dan goede,
Maar de echt goede zijn dan ook erg goed (Let's Have a good time)
Toro y Moi - Anything in Return (2013)

4,0
0
geplaatst: 17 januari 2013, 22:59 uur
Begin 2009 was daar opeens Toro Y Moi, een van de grondleggers van het nieuwe Chill-Wave genre. In 2011 wist de piepjonge Colombiaan Chazwick Bundick opnieuw indruk te maken met Underneath The Pine. Dromerige dansnummers als 'New Beat', 'Still Sound' en 'Go With You' doen het nog steeds uitstekend. Maar toen ondergetekende 'Say That' hoorde viel hij bijna van zijn stoel: wat een on-weer-staanbaar fijne dancetrack! De voorloper van het vierde Toro Y Moi album Anything In Return bevestigt ons vermoeden: Bundick heeft wederom zijn vorige plaat overtroffen.
Laten we maar meteen met de deur in huis vallen: wat is de eerste helft van Anything In Return een genot voor het oor. Op de eerste pakweg zes tracks bouwt de 26-jarige Bundick een waar feest. Swingende synthesizers, strakke percussie en verknipte stemmen, het gaat er allemaal in als zoete koek. Stilzitten lijkt geen optie. 'Rose Quartz' behoord samen met 'Say That' tot de hoogtepunten van het album. Anything In Return bevat het dromerige van Washed Out of Atlas Sound vermengd met het dansbare van Dam-Funk en soms het epische van M83 ('Cake'). Opvallend is dat de songs lang niet altijd een logische songstructuur bevatten. Veel nummers hebben kop noch staart. Maar storend is dit nergens. Vocaal is Bundick erop vooruit gegaan (het irritante koortje in 'Studies' even uitgezonderd). Hij is geen briljante zanger, maar zijn stem leent zich uitstekend voor dit soort relaxte dansnummers. Tijdens de tweede helft zakt het niveau iets naar beneden. De nummers zijn hier wat minder dansbaar en uitbundig, maar nog steeds zeer genietbaar ('High Living', 'Day One').
Fijner dan 'Anything In Return' worden platen niet vaak gemaakt, maar echt vooruitstrevend is dit album niet. Maar wat deert dat? Gewoon - YOLO - leukste plaat van het moment.
Van: Daan's Muziek Blog: Toro Y ...
Laten we maar meteen met de deur in huis vallen: wat is de eerste helft van Anything In Return een genot voor het oor. Op de eerste pakweg zes tracks bouwt de 26-jarige Bundick een waar feest. Swingende synthesizers, strakke percussie en verknipte stemmen, het gaat er allemaal in als zoete koek. Stilzitten lijkt geen optie. 'Rose Quartz' behoord samen met 'Say That' tot de hoogtepunten van het album. Anything In Return bevat het dromerige van Washed Out of Atlas Sound vermengd met het dansbare van Dam-Funk en soms het epische van M83 ('Cake'). Opvallend is dat de songs lang niet altijd een logische songstructuur bevatten. Veel nummers hebben kop noch staart. Maar storend is dit nergens. Vocaal is Bundick erop vooruit gegaan (het irritante koortje in 'Studies' even uitgezonderd). Hij is geen briljante zanger, maar zijn stem leent zich uitstekend voor dit soort relaxte dansnummers. Tijdens de tweede helft zakt het niveau iets naar beneden. De nummers zijn hier wat minder dansbaar en uitbundig, maar nog steeds zeer genietbaar ('High Living', 'Day One').
Fijner dan 'Anything In Return' worden platen niet vaak gemaakt, maar echt vooruitstrevend is dit album niet. Maar wat deert dat? Gewoon - YOLO - leukste plaat van het moment.
Van: Daan's Muziek Blog: Toro Y ...
Triggerfinger - By Absence of the Sun (2014)

4,0
0
geplaatst: 5 mei 2014, 09:15 uur
Triggerfinger is groter dan ooit. Niet alleen maken de drie Belgen hun opwachting voor grote zaalshows in de Heineken Music Hall en Vorst Nationaal ook prijkt By Absence of the Sun momenteel bovenaan de Hollandse en Vlaamse albumcharts. Opmerkelijk, aangezien er geen monsterlijke radiohits van het caliber van de 'I Follow Rivers'-cover op de plaat te vinden zijn. Wat we wel te horen krijgen? Een rauwe, harde en strakke rockplaat die even zompig als sexy klinkt. Ruben Block laat de gitaren zingen, schreeuwen en raggen, Mario Goossens deelt weer vele mokerslagen uit en Monsieur Paul laat zijn bas wederom pompen. Ondanks dat de allesomvattende formule van Triggerfinger op By Absence Of The Sun als bekend verondersteld mag worden, klonk het resultaat niet eerder zo goed. Net als voor All This Dancin' Around vertrok de groep naar Los Angeles om te werken met producer Greg Gordon, al wordt het typerende livegeluid van Triggerfinger dit maal beter gevangen. De plaat klinkt rauw, hard en soms een beetje donker, maar nergens liggen de liedjes zwaar op de borst. Daarvoor zijn de liedjes van Block te charmant. Zo mag de plaat nog zo in your face openen met het vol feedback overladen 'Game', de swingende samenzang van Ruben en zijn gitaar (inclusief schreeuwrefrein) laten je hoe dan ook opveren uit je stoel. Single 'Perfect Match' klinkt luchtig en kent een geweldige bridge, terwijl de adrenaline door het felle 'Black Panic' heen giert. Block klinkt boos en de zang lijkt uit zijn tenen te komen. Meer dan voorheen weerspiegelt in By Absence of the Sun de groove van Led Zeppelin ('Trail Of Love') en het strakke van Queens of the Stone Age ('And There She Was, Lying And Wait'). Daarnaast worden blues-, hard- en glamrock elementen afgewisseld met leuke jaren '70 popmelodieën ('Off The Rack'). Het resulteert in Triggerfingers' leukste en meest coherente studioplaat.
Van: Daans Muziek Blog
Van: Daans Muziek Blog
Tweedy - Sukierae (2014)

4,0
0
geplaatst: 24 september 2014, 20:38 uur
Terwijl het geduld van Wilco-fans steeds meer op de proef wordt gesteld, komt liedjesschrijvend boegbeeld Jeff Tweedy met iets anders fraais op de proppen. Na een aantal zijprojecten (Loose Fur, Golden Smog), productiewerk (voor o.a. Mavis Staples en Bill Fay), een akoestische liveplaat en vergeten soundtrack (respectievelijk Sunken Treasure en Chelsea Walls) is hier zijn eerste volwaardige soloplaat. Althans, zo mogen we Sukierae van Jeff himself eigenlijk niet bestempelen. Meer is deze dubbelaar een familieproject met zoon Spencer (18) op drums. Dat blijkt een behoorlijk ambitieuze aangelegenheid. 20 nummers passeren in ruim 70 minuten de revue terwijl er een rijk pallet aan genres en stijlen wordt aangestipt. Alle 20 dragen ze de karakteristieke Jeff Tweedy-signatuur die ook terug te vinden is het werk met Wilco. Nee, Jeff heeft zichzelf niet opnieuw uitgevonden en doet ook niks waarvan we niet wisten dat hij het kon. Toch is Sukierae geen voorspelbare of gemakzuchtige plaat geworden. Geenszins zelfs, daarvoor is dit materiaal te gevarieerd. Tweedy schakelt even makkelijk tussen liefelijke folky popliedjes ('Wait For Love', 'Summer Noon', 'Flowering'), (blues)rockers ('World Away', 'Please Don't Let Me Be So Understood') als meer experimentele liederen ('Diamond Light Pt. 1'). Het is allemaal niet zo creatief of virtuoos als het gemiddelde Wilco materiaal, maar we hebben ook niet te maken met een soortement van Wilco-light. Sukierae biedt genoeg op zichzelf staande liedjes die grotendeels even vakkundig als gelaagd zijn geschreven. Het schitterende 'Nobody Dies Anymore', het uitstekend in elkaar zittende 'Low Key' en het simplistische maar bijzonder doeltreffende 'Down From Above' zijn hier de beste voorbeelden van. Tegen het einde verslapt de spanningsboog enigszins met meer rustige(re) liedjes als het Woody Guthrie-achtige 'Fake Fur Coat'. Maar ondanks dat Sukierae als geheel sterker was geweest met de beste vijftien tracks op één schijfje blijkt het een even gevarieerd als gedurfd uitstapje. Eentje waar we met veel plezier de komende maanden naar zullen terug keren.
Van: Daans Muziek Blog
Van: Daans Muziek Blog
Twin Peaks - Wild Onion (2014)

3,5
0
geplaatst: 26 februari 2015, 10:53 uur
Alweer ruim een half jaar uit, maar nu pas verkrijgbaar in Nederland: het tweede album van nonchalante garagerockers Twin Peaks. Een viertal twintigers uit Chicago, dat qua stijl ergens balanceert tussen Mikal Cronin, Parquet Courts, The Black Lips en Together PANGEA. In de praktijk omarmt de groep met liefde de twee misschien wel meest invloedrijke bands aller tijden: The Beatles and The Stones. Vooral die laatste groep ligt er dik bovenop. In albumopener 'I Found A New Way' of 'Good Lovin' is dat meteen te horen. Articulatie en manier van zingen in 'I Found A New Way' doen denken aan Mick Jagger, terwijl de powerriff door Keith Richards geschreven had kunnen zijn. Straf liedje overigens. En zo zijn er wel meer te vinden op Wild Onion. 'Making Breakfast', 'Strawberry Smoothie' en 'Telephone' bijvoorbeeld. Noem het gerust potentiële hitjes, zo prettig gruizig en tevens onweerstaanbaar tijdloos. Zestien stuks krijgen we voorgeschoteld. Liedjes met kop en staart van drie minuten, maar ook een enkel muzikaal intermezzo als 'Stranger World', waarbij we een verrassend jazzy saxofoonsolo te horen krijgen. Het ligt allemaal heerlijk in het gehoor, maar toch laat het songmateriaal hier en daar wat te wensen over. Daarvoor is deze tijdloze garagerevival bij vlagen wat te wisselvallig. Storender nog is het gebrek aan een eigen visie. Wild Onion mist soms een eigen koers en stijl. Jammer, gezien het feit dat Twin Peaks prima in staat is liedjes te schrijven en Wild Onion zeker haar momenten kent. Echter: wat niet is kan heel goed nog komen met plaat numero drie. Daarom scharen we Twin Peaks voorlopig graag in de klassieke categorie band to watch.
Van: Daans Muziek Blog
Van: Daans Muziek Blog
Two Door Cinema Club - Beacon (2012)

3,0
0
geplaatst: 31 juli 2012, 20:59 uur
Bam. Daar was twee jaar terug zomaar het ontzettend aanstekelijke Noord-Ierse bandje Two Door Cinema Club. Goed of slecht weer, de zon ging ongetwijfeld schijnen door hun zalige debuut 'Tourist History'. Nu is het bijna tijd voor de 'moeilijke' tweede plaat én laat die nou toevallig al gelekt zijn.
Beacon start waar 'Tourist History' ophield. Juist, met 'Next Year' gaat het feest gewoon lekker verder. Gitaren worden deels ingewisseld door synthesizers, en de productie van Jacknife Lee (Snow Patrol, Editors, R.E.M.) zorgt voor een iets groter en gelikter geluid. Dit is gelukkig niet storend. Nummers als 'Someday', 'Handshake' en de leadsingle 'Sleep Alone' zing je binnen no-time mee. Leuke maar redelijk standaard popmuziek. Helaas lijkt de koek na de eerste helft toch wat op te zijn. De tweede helft van Beacon bevat vooral nummers die je niet warm of koud maken. Niemendalletjes als 'The World Is Watching' met de a-typische gastvocalen van Valentina en het vage 'Settle' behoren zeker niet tot het sterkste materiaal wat Two Door Cinema Club ooit schreef. De band is hier duidelijk niet op dreef. Het resulteert in een wat zwakke helft die maar wat voort krabbelt. Het geheel is daardoor minder snel en catchy dan het debuut. Nog even komen de drie jonge Ieren terug met de aardige titelsong, maar dit maakt niet alles goed. "Het spontane" er van af. De oprecht blijheid van het debuut is op Beacon ver(der) te zoeken. Het geheel laat dan ook een twijfelachtige indruk achter. Jammer.
van: http://daanmuziek.blogspot....
Beacon start waar 'Tourist History' ophield. Juist, met 'Next Year' gaat het feest gewoon lekker verder. Gitaren worden deels ingewisseld door synthesizers, en de productie van Jacknife Lee (Snow Patrol, Editors, R.E.M.) zorgt voor een iets groter en gelikter geluid. Dit is gelukkig niet storend. Nummers als 'Someday', 'Handshake' en de leadsingle 'Sleep Alone' zing je binnen no-time mee. Leuke maar redelijk standaard popmuziek. Helaas lijkt de koek na de eerste helft toch wat op te zijn. De tweede helft van Beacon bevat vooral nummers die je niet warm of koud maken. Niemendalletjes als 'The World Is Watching' met de a-typische gastvocalen van Valentina en het vage 'Settle' behoren zeker niet tot het sterkste materiaal wat Two Door Cinema Club ooit schreef. De band is hier duidelijk niet op dreef. Het resulteert in een wat zwakke helft die maar wat voort krabbelt. Het geheel is daardoor minder snel en catchy dan het debuut. Nog even komen de drie jonge Ieren terug met de aardige titelsong, maar dit maakt niet alles goed. "Het spontane" er van af. De oprecht blijheid van het debuut is op Beacon ver(der) te zoeken. Het geheel laat dan ook een twijfelachtige indruk achter. Jammer.
van: http://daanmuziek.blogspot....
Ty Segall - Sleeper (2013)

3,0
0
geplaatst: 19 augustus 2013, 12:09 uur
2012 was het jaar van Ty Segall waarin hij maarliefst drie studioplaten uitbracht. Het betekende, met lovende recensies en een optreden op Le Guess Who in Utrecht, de definitieve doorbraak van werelds hardst werkende garagerocker in Nederland. En 2013? 2013 is vooral het jaar van Ty Segall Band-bassist Mikal Cronin, die de hemel werd ingeprezen met zijn tweede soloplaat MCII. Segall houdt zich dit jaar een beetje van de vlakke, althans, voor Ty Segalls doen. Maar zijn eerste soloplaat van 2013 is wel een verassende met een ander geluid. Dan dat weer wel.
Dat andere geluid klinkt als het antwoord op Cronins MCII. Segall heeft met Sleeper namelijk ook een echte liedjesplaat gemaakt. Tien stuks. Fris. Ingetogen en - uiteraard - een onvervalste jaren '60 sfeer. Het fuzz pedaal was iniedergeval ver buiten het opnameproces te vinden, en wordt dan ook (op één hoge uitzondering na) nergens ingedrukt. De opening met 'Queen Lullabye' en 'Sweet C.C.', waarin Segall zich waagt aan een gefloten solo, voelt wat ontwenning aan. Het klinkt als een akoestische kruising tussen Nirvana en onze eigen Mozes and the Firstborn (die samenzang!). Tel daar een soms behoorlijk psychedelisch geluid (zoals in 'She Don't Care') bij op en je hebt Sleeper. Tijdens afsluiter 'The West' heeft Segall nog een verassing in petto: een country nummer. Toch is een ander nummer het hoogtepunt van de plaat. In 'Come Outside' horen we voor de enige keer op Sleeper een vertrouwd Ty Segall geluid. Het betreft een catchy melodie en een gruizige gitaarsolo die net voor het rauwe randje zorgt dat een dergelijk nummer nodig heeft.
Helaas wordt zo'n gruizige gitaarsolo op de overige nummers achterwege gelaten. De tien nummers zijn allen vergelijkbaar qua opbouw en tempo. Het kabbelgehalte op Sleeper is daardoor relatief hoog en de eentonigheid ligt constant op de loer. Daar komt bij kijken dat Segalls stem wat eenvormig is en daardoor minder geschikt is om ballads te dragen. In deze 35 minuten gebeurt dan ook relatief weinig. Onze conclusie moge duidelijk wezen. Een sterke zet van Segall om eens wat anders te proberen, maar de volgende keer toch liever weer wat anders. Por favor.
Van: Daan's Muziek Blog
Dat andere geluid klinkt als het antwoord op Cronins MCII. Segall heeft met Sleeper namelijk ook een echte liedjesplaat gemaakt. Tien stuks. Fris. Ingetogen en - uiteraard - een onvervalste jaren '60 sfeer. Het fuzz pedaal was iniedergeval ver buiten het opnameproces te vinden, en wordt dan ook (op één hoge uitzondering na) nergens ingedrukt. De opening met 'Queen Lullabye' en 'Sweet C.C.', waarin Segall zich waagt aan een gefloten solo, voelt wat ontwenning aan. Het klinkt als een akoestische kruising tussen Nirvana en onze eigen Mozes and the Firstborn (die samenzang!). Tel daar een soms behoorlijk psychedelisch geluid (zoals in 'She Don't Care') bij op en je hebt Sleeper. Tijdens afsluiter 'The West' heeft Segall nog een verassing in petto: een country nummer. Toch is een ander nummer het hoogtepunt van de plaat. In 'Come Outside' horen we voor de enige keer op Sleeper een vertrouwd Ty Segall geluid. Het betreft een catchy melodie en een gruizige gitaarsolo die net voor het rauwe randje zorgt dat een dergelijk nummer nodig heeft.
Helaas wordt zo'n gruizige gitaarsolo op de overige nummers achterwege gelaten. De tien nummers zijn allen vergelijkbaar qua opbouw en tempo. Het kabbelgehalte op Sleeper is daardoor relatief hoog en de eentonigheid ligt constant op de loer. Daar komt bij kijken dat Segalls stem wat eenvormig is en daardoor minder geschikt is om ballads te dragen. In deze 35 minuten gebeurt dan ook relatief weinig. Onze conclusie moge duidelijk wezen. Een sterke zet van Segall om eens wat anders te proberen, maar de volgende keer toch liever weer wat anders. Por favor.
Van: Daan's Muziek Blog
Ty Segall & White Fence - Hair (2012)

4,0
0
geplaatst: 4 mei 2012, 22:22 uur
Ty Segall en Strange Boys-lid Tim Presley (a.k.a. White Fence) hebben de handen ineen gestoken en samen een album gemaakt. Segall drumt en speelt gitaar, Presley zingt en speelt bas. Het resultaat, Time, is een krankzinnig plaatje waar het spelplezier van afdruipt. Een psychedelische trip met een lekker dikke jaren '60 invloed. Deze twee lofi-garagerock helden hebben een uitmuntend album gemaakt.
Het duo nam Time met zijn tweeën op in San Francisco. Het album ademt dan ook een warme, zomerse sfeer. Een lome lo-fi productie maakt het geheel extra sfeervol. Alsof Time op een stoffig zolderkamertje is opgenomen. Het klinkt allemaal als de zomer die op spectaculaire wijzen zijn entree heeft gemaakt. Maar de time op Time is met zijn krappe 30 minuten niet overweldigend lang. Toch gebeurt er veel op dit album. Dit komt omdat er binnen de nummers veel koerswisselingen zijn. Het vuig rockende 'Scissor People' is hier een goed voorbeeld van; het nummer is duidelijk opgebouwd uit drie delen die genadeloos in elkaar over lopen. Ja, het is knip en plak muziek én nee, het klinkt niet zo. De avontuurlijke nummers zijn stuk voor stuk genieten. Het chaotische 'Crybaby', de country invloeden van '(I Can't) Get Around You', het priele orgeltje in 'I Am Not A Game': een kleine greep uit de vele mooie details. Segall, het 24 jarige wonderkind, klinkt op Time opvallend beheerst. Maar zo nu en dan gaat hij helemaal los in zijn ontzettend vieze gitaarsolo's. Dit zijn dan ook allemaal hoogtepunten om je vinger bij af te likken. "It's Alright, We're Stoned" zingt Presley in het bijzonder fraaie titelnummer. Daar is inderdaad niks mis mee, de vlotte dromerige nummers gaan erin als zoete koek. Verslavend album dat met elke luisterbeurt beter en beter worden. Zalig.
Nadeel is natuurlijk dat Time zo kort duurt. Dit fantastische samenwerkingsverband smaakt naar (veel) meer. Maar hier hebben de heren enigszins rekening mee gehouden: zowel Ty Segall als White Fence brengen dit jaar nóg twéé platen uit. Is de hemel gevallen?
Van: http://daanmuziek.blogspot....
Het duo nam Time met zijn tweeën op in San Francisco. Het album ademt dan ook een warme, zomerse sfeer. Een lome lo-fi productie maakt het geheel extra sfeervol. Alsof Time op een stoffig zolderkamertje is opgenomen. Het klinkt allemaal als de zomer die op spectaculaire wijzen zijn entree heeft gemaakt. Maar de time op Time is met zijn krappe 30 minuten niet overweldigend lang. Toch gebeurt er veel op dit album. Dit komt omdat er binnen de nummers veel koerswisselingen zijn. Het vuig rockende 'Scissor People' is hier een goed voorbeeld van; het nummer is duidelijk opgebouwd uit drie delen die genadeloos in elkaar over lopen. Ja, het is knip en plak muziek én nee, het klinkt niet zo. De avontuurlijke nummers zijn stuk voor stuk genieten. Het chaotische 'Crybaby', de country invloeden van '(I Can't) Get Around You', het priele orgeltje in 'I Am Not A Game': een kleine greep uit de vele mooie details. Segall, het 24 jarige wonderkind, klinkt op Time opvallend beheerst. Maar zo nu en dan gaat hij helemaal los in zijn ontzettend vieze gitaarsolo's. Dit zijn dan ook allemaal hoogtepunten om je vinger bij af te likken. "It's Alright, We're Stoned" zingt Presley in het bijzonder fraaie titelnummer. Daar is inderdaad niks mis mee, de vlotte dromerige nummers gaan erin als zoete koek. Verslavend album dat met elke luisterbeurt beter en beter worden. Zalig.
Nadeel is natuurlijk dat Time zo kort duurt. Dit fantastische samenwerkingsverband smaakt naar (veel) meer. Maar hier hebben de heren enigszins rekening mee gehouden: zowel Ty Segall als White Fence brengen dit jaar nóg twéé platen uit. Is de hemel gevallen?
Van: http://daanmuziek.blogspot....
Ty Segall Band - Slaughterhouse (2012)

3,5
0
geplaatst: 22 juni 2012, 12:12 uur
Een productief baasje die Ty Segall. De Garagerocker gooide eerder dit jaar hoge ogen met zijn samenwerkingsverband met White Fence (Hair) en bracht precies een jaar geleden de prima soloplaat 'Goodbye Bread' uit. Ondanks dat 'Slaughterhouse' zijn derde plaat is binnen een jaar, is dit nieuwe wapenfeit er niet minder goed om geworden. Sterker nog: dit album is zijn beste tot nu toe.
Verschil met eerder solowerk is dat bij de opnames van dit album de gehele live-band werd betrokken.
Vandaar dat er anno 2012 ook 'Band' achter 'Ty Segall' is geplakt. Het levert een voller en indrukwekkender geluid op. Soms hoor je gewoon bruut garagegeweld zoals in de titelsong of 'The Tongue'. Soms ook redelijk melodische nummers als de fantastische singles 'I Bought My Eyes' en 'Wave Goodye'. Het zijn opwindende gitaarmomenten. Segall kan de boel als geen ander laten exploderen met moddervette (dubbele) solo's (lees: Black Sabbath). Het is vermakelijk en fijn om naar te luisteren. Door de Lo-Fi opnames en het speelplezier dat van dit vijfde studioalbum afdruipt, is 'Slaughterhouse' een lekker spontaan album geworden. Er is alle ruimte om na een onwijs vieze gitaarsolo even lekker 'Fuck Yeah!' te roepen, of zijn band aan te sporen met 'Extra Fast!'.
Toch zijn er nog wel wat aandachtspuntjes voor Ty Segall. Op 'Slaughterhouse' horen we veel van hetzelfde. Iets meer afwisseling zou de soms wat (te) slordig uitgevoerde muziek, niet verkeerd doen. Garage is natuurlijk muziek waar je wel voor in de stemming moet zijn, en dat geldt voor dit album ook. Waarom er een 'gitaar echo' van ruim 10 minuten op de plaat moet staan in vorm van afsluiter 'Fuzz War' is (en blijft) me een groot vraagteken. Net als die griezelige album cover overigens.
Al met al een fraai album van de grootste Garage held van het moment. Een voorlopig hoogtepunt uit de loopbaan van meneer Sygall.
van: http://daanmuziek.blogspot....
Verschil met eerder solowerk is dat bij de opnames van dit album de gehele live-band werd betrokken.
Vandaar dat er anno 2012 ook 'Band' achter 'Ty Segall' is geplakt. Het levert een voller en indrukwekkender geluid op. Soms hoor je gewoon bruut garagegeweld zoals in de titelsong of 'The Tongue'. Soms ook redelijk melodische nummers als de fantastische singles 'I Bought My Eyes' en 'Wave Goodye'. Het zijn opwindende gitaarmomenten. Segall kan de boel als geen ander laten exploderen met moddervette (dubbele) solo's (lees: Black Sabbath). Het is vermakelijk en fijn om naar te luisteren. Door de Lo-Fi opnames en het speelplezier dat van dit vijfde studioalbum afdruipt, is 'Slaughterhouse' een lekker spontaan album geworden. Er is alle ruimte om na een onwijs vieze gitaarsolo even lekker 'Fuck Yeah!' te roepen, of zijn band aan te sporen met 'Extra Fast!'.
Toch zijn er nog wel wat aandachtspuntjes voor Ty Segall. Op 'Slaughterhouse' horen we veel van hetzelfde. Iets meer afwisseling zou de soms wat (te) slordig uitgevoerde muziek, niet verkeerd doen. Garage is natuurlijk muziek waar je wel voor in de stemming moet zijn, en dat geldt voor dit album ook. Waarom er een 'gitaar echo' van ruim 10 minuten op de plaat moet staan in vorm van afsluiter 'Fuzz War' is (en blijft) me een groot vraagteken. Net als die griezelige album cover overigens.
Al met al een fraai album van de grootste Garage held van het moment. Een voorlopig hoogtepunt uit de loopbaan van meneer Sygall.
van: http://daanmuziek.blogspot....
