Hier kun je zien welke berichten dazzler als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
ABBA - Super Trouper (1980)

5,0
0
geplaatst: 31 augustus 2008, 20:43 uur
Abba was mega toen ik een prille tiener was.
Eén van de belangrijkste redenen om Abba uncool te vinden,
was wellicht het feit dat je ouders er ook gek op waren.
Naarmate je ouder werd en iets bijleerde over ritme, melodie en harmonie,
dan viel je vroeg of laat toch voor de charme van de Abba muziek.
SUPER TROUPER
vind ik het beste Abba album, omdat het naar mijn smaak
hun meest gerijpte en uitgebalanceerde songs bevat.
The Winner Takes It All heeft een ijzersterke tekst en blijft zeer
geraffineerd overeind zonder refrein (de uitdaging volgens Benny).
Super Trouper werd op de valreep aan het album toegevoegd.
En opnieuw is deze singel een vocaal verfijnde winnaar.
De heren van Abba zorgden ervoor dat beide dames om de beurt
de lead vocals hadden op de hits (en ongeveer fifty fifty op de albums).
The Winner Takes It All is voor Agnetha en Super Trouper is voor Frida.
Gek genoeg bleef het bij deze twee singels, en dat zorgde
er wellicht voor dat de meeste albumtracks van deze langspeler
overbekende radiohits zijn geworden in de loop der tijden.
Goed, in 1981 verscheen nog een limited 12" single
met daarop Lay All Your Love on Me en On and On and On,
de twee voor de hand liggende discostampers van Super Trouper.
Al was ook dat relatief, want in tegenstelling tot de beats op Voulez-Vous,
lag de klemtoon op Super Trouper vooral op melodie en harmonie.
Dan was er Andante Andante, dat steevast op mijn vaders cassettes stond.
Die zat op zondagavond klaar bij de radio om mooie liedjes op te nemen.
Dit nummer zal dan ook altijd met vader zaliger verbonden blijven.
Vocale ontroering als Agnetha's en Frida's stemmen gaan "blenden".
Een soortgelijke nostalgie grijpt me naar de keel
bij het beluisteren van Happy New Year ... op zich al origineel
om eens geen kerstliedje maar een nieuwjaarsliedje op te nemen.
Ook hier worden de oortjes verwend door de mooie samenzang.
Our Last Summer, moet ik toegeven, leerde ik pas jaren later kennen
toen ik het eindelijk cool genoeg vond om de plaat eindelijk ook zelf te kopen.
Opnieuw ben ik verwonderd door de sterkte van deze potentiële hit.
Variatie troef op dit Abba album ... luister bijvoorbeeld eens naar The Piper.
De heren van Abba hebben folkroots en dat hoor je nu en dan.
Het vlakkere Me and I is het nummer dat mij het minst aanspreekt,
maar dan praat ik nog altijd over bijzonder goede popmuziek.
The Way Old Friends Do, een live-afsluiter, heeft
een iets te groot BZN gehalte om mij echt te ontroeren.
De bonustracks zijn andermaal behoorlijk sterk.
De meeste groepen zouden goud geven voor een albumtrack
als Elaine (de uptempo b-kant van The Winner Takes It All).
Maar het kan nog straffer: het veel betere Put on Your White Sombrero,
viel op het laatste nippertje van het album omdat Super Trouper
erop moest (b-kant van die singel was immers The Piper).
De Vlaamse schlager zangeres Danna Winner
had een hit met White Sombrero onder de titel Zwoele Zomer.
Eén van de belangrijkste redenen om Abba uncool te vinden,
was wellicht het feit dat je ouders er ook gek op waren.
Naarmate je ouder werd en iets bijleerde over ritme, melodie en harmonie,
dan viel je vroeg of laat toch voor de charme van de Abba muziek.
SUPER TROUPER
vind ik het beste Abba album, omdat het naar mijn smaak
hun meest gerijpte en uitgebalanceerde songs bevat.
The Winner Takes It All heeft een ijzersterke tekst en blijft zeer
geraffineerd overeind zonder refrein (de uitdaging volgens Benny).
Super Trouper werd op de valreep aan het album toegevoegd.
En opnieuw is deze singel een vocaal verfijnde winnaar.
De heren van Abba zorgden ervoor dat beide dames om de beurt
de lead vocals hadden op de hits (en ongeveer fifty fifty op de albums).
The Winner Takes It All is voor Agnetha en Super Trouper is voor Frida.
Gek genoeg bleef het bij deze twee singels, en dat zorgde
er wellicht voor dat de meeste albumtracks van deze langspeler
overbekende radiohits zijn geworden in de loop der tijden.
Goed, in 1981 verscheen nog een limited 12" single
met daarop Lay All Your Love on Me en On and On and On,
de twee voor de hand liggende discostampers van Super Trouper.
Al was ook dat relatief, want in tegenstelling tot de beats op Voulez-Vous,
lag de klemtoon op Super Trouper vooral op melodie en harmonie.
Dan was er Andante Andante, dat steevast op mijn vaders cassettes stond.
Die zat op zondagavond klaar bij de radio om mooie liedjes op te nemen.
Dit nummer zal dan ook altijd met vader zaliger verbonden blijven.
Vocale ontroering als Agnetha's en Frida's stemmen gaan "blenden".
Een soortgelijke nostalgie grijpt me naar de keel
bij het beluisteren van Happy New Year ... op zich al origineel
om eens geen kerstliedje maar een nieuwjaarsliedje op te nemen.
Ook hier worden de oortjes verwend door de mooie samenzang.
Our Last Summer, moet ik toegeven, leerde ik pas jaren later kennen
toen ik het eindelijk cool genoeg vond om de plaat eindelijk ook zelf te kopen.
Opnieuw ben ik verwonderd door de sterkte van deze potentiële hit.
Variatie troef op dit Abba album ... luister bijvoorbeeld eens naar The Piper.
De heren van Abba hebben folkroots en dat hoor je nu en dan.
Het vlakkere Me and I is het nummer dat mij het minst aanspreekt,
maar dan praat ik nog altijd over bijzonder goede popmuziek.
The Way Old Friends Do, een live-afsluiter, heeft
een iets te groot BZN gehalte om mij echt te ontroeren.
De bonustracks zijn andermaal behoorlijk sterk.
De meeste groepen zouden goud geven voor een albumtrack
als Elaine (de uptempo b-kant van The Winner Takes It All).
Maar het kan nog straffer: het veel betere Put on Your White Sombrero,
viel op het laatste nippertje van het album omdat Super Trouper
erop moest (b-kant van die singel was immers The Piper).
De Vlaamse schlager zangeres Danna Winner
had een hit met White Sombrero onder de titel Zwoele Zomer.
ABBA - The Album (1977)

4,0
0
geplaatst: 3 februari 2009, 09:05 uur
Rhythm & Poetry schreef:
Voor Dazzler heb ik: ABBA - The Album, ik moet zelf altijd kotsen van ABBA dus ik ben benieuwd waarom jij het wel goed vindt.
Voor Dazzler heb ik: ABBA - The Album, ik moet zelf altijd kotsen van ABBA dus ik ben benieuwd waarom jij het wel goed vindt.
Ik begin met dit album één volle ster naar beneden te halen.
The Album wordt door critici graag getipt als Abba's beste album.
De vier bekendste nummers (tracks 1, 2, 4 en 7) zijn ook bijzonder goed.
De overige tracks konden we ons minder goed herinneren, en dus
gaven we het album een paar maanden geleden 5 sterren.
Goed dat ik het naar aanleiding van Rhythm & Poetry's uitdaging
het album nog eens integraal en aandachtig onder de loep nam.
The Album opent sterk met twee regelrechte ABBA klassiekers.
Zowel Eagle als Take a Chance on Me zoeken subtiel aansluiting
bij de Amerikaanse countryrock van de jaren 70. ABBA had met Fernando
maandenlang op 1 gestaan in Australië en ook Amerika lustte wel pap
van Dancing Queen, hun eerste en bijna enige top 10 hit daar.
De titel Eagle (een nationaal symbool in de VS) brengt ons al
op het spoor van The Eagles en The Steve Miller Band (Fly Like an Eagle)
die in 1977 tot die in de Europese harten waren doorgedrongen.
Eagle glijdt ook als een adelaar door de boxen.
Heel sterk gearrangeerd met frisse keyboards en zacht kringelende
gitaren die hoog boven de wolken de roofvogel tot leven brengen.
Take a Chance on Me zit sinds Erasure's parodie behoorlijk
verkracht in het collectief geheugen. De originele ABBA versie
heeft het refreintje van Albert Hammond (I'm a Train) gebruikt en knipoogt
vocaal ook naar het meerstemmige werk van The Beach Boys.
Dan komt One Man One Woman. Hier moet ik heel hard mijn best doen
om objectief te blijven. Het nummer zit behoorlijk goed in elkaar,
maar vertegenwoordigt een genre dat ik moeilijk kan verteren.
Laten we het zonder omwegen BZN muziek noemen.
The Name of the Game was de eerste single van het album.
Ik vind het één van ABBA's zwakste hits, al blijven ze desondanks
de concurrentie een paar stappen voor. Toch klinkt het nummer
bij herbeluistering iets te verknipt en gekunsteld in de opbouw.
Move On is tenenkrullend albumvulsel waar ik van walg.
Hier wist ik definitief dat er 1 van mijn 5 sterren zou sneuvelen.
Het nummer kan me nog minder bekoren dan One Man One Woman.
Bij Hole in Your Soul moest ik even aan de kotsemmer
van mijn uitdager denken: hoor ik hier beschimmelde glamrock?
We zijn 1977 en ABBA zou zich na dit album gelukkig niet meer
aan dergelijke misplaatste onzin bezondigen, al is het net
dit nummer dat het softe album stilitisch openbreekt.
De laatste drie tracks moeten op een andere wijze benaderd worden.
Ze vormen namelijk een mini-opera in drie bedrijfjes.
The Girl with the Golden Hair is de titel en Agnetha staat model.
Thank You for the Music torent hoog boven de middelmaat
van het album uit: dit is zonder tegenspraak een absolute klassieker.
De remaster uit 2001 voegt een Doris Day versie van hetzelfde lied
als bonustrack toe: als je wil hoor je ook Randy Newman invloeden.
I Wonder (Departure) is een degelijk, maar eerder kleurloos nummer
dat de score van het album nauwelijks beïnvloedt, maar ik zat
met de nummers 3, 5 en 6 heel dicht bij de 3 sterren aan.
Gelukkig is er nog I'm a Marionette dat me toch overhaalde
om het bij 4 sterren te houden. Hier laat ABBA een meer donkere kant
van zichzelf zien en met wat verbeelding en extra rockgitaren
had het nummer op een Jim Steinman rockopera kunnen staan.
Ik weet dankzij deze herbeluistering zeker
dat Super Trouper het meest mature en meest door mij gekoesterde
ABBA album zal blijven ... deze The Album vind ik licht overroepen.
De hoes van het album verwijst naar ABBA The Movie,
waar dit album tegelijk een soort soundtrack van moest zijn.
Die film speelt zich af in Australië, het land waar ABBA in 1976
enorm populair was geworden, maar waar het moeilijk even
één twee drie in televisieshows kon gaan optreden.
ABBA - Voulez-Vous (1979)

4,0
0
geplaatst: 4 februari 2009, 21:49 uur
VOULEZ VOUS 1979
Geen nieuw album voor ABBA in 1978.
Dus vrij spel voor Boney M en de Bee Gees.
Naar deze laatste groep hebben Bjorn en Benny goed geluisterd.
Voulez-Vous is ABBA's discoplaat en wat voor een.
Eerst was er het aperitiefje: Summer Night City doet weinig moeite
(zie titel) om te verbergen dat Saturday Night Fever en de bijhorende
Bee Gees hits een inspiratiebron waren. Het nummer zit als bonustrack
bij de remaster van dit album. Een zwaar onderschatte single.
Geen nummer 1 ... naar ABBA normen een kleine flop dus.
As Good as New is Vivaldi goes disco.
Een heel sterke opener waarin ABBA toont dat de groep
verschillende genres perfect kan combineren ... begint als
een musical met barokke allures en stampt als een discohit.
De lijn (zie hoes) wordt consequent doorgetrokken op Voulez-Vous.
Toch werd de titelsong en discoklassieker pas als derde single uitgebracht.
Na Summer Night City was ABBA op haar hoede met disco singles.
Onterecht, want Voulez-Vous heeft wel de juiste groove en lag zowel
in Nederland als Vlaanderen heel de zomer lang in balans met
I Was Made for Loving You van Kiss ... een discozomer dus.
I Have a Dream zou de vierde en laatste single worden.
Een sfeervolle, voor velen wat kleffe, ballad die ten voordele van Unicef
op 45 toeren werd gezet in december 1979 en op die manier
het album een jaar lang bovenaan de hitparade wist te houden.
Angeleyes was de b-kant van Voulez-Vous, maar werd in Engeland
als een dubbele a-kant beschouwd. En het is na de vier hits inderdaad
het nummer met de meeste hitpotentie ... alhoewel de achilleshiel
van Angeleyes het ritme is dat verspringt tussen strofe en refrein.
The King Has Lost His Crown sluit de eerste plaatkant af.
Een nummer dat me niet kan bekoren, al wordt het nogal eens
onder de betere albumtracks gerekend ... niet zo bij mij.
Does Your Mother Know was de tweede single.
Hierop greep ABBA terug naar de sound van Waterloo.
Een glamrocker met songfestival allures en Bjorn op lead vocalen.
In het refrein wordt er naar Mamma Mia geknipoogt ... vakmanschap.
If It Wasn't for the Night maakt me wat minder warm.
Net als Lovers (Live a Little Longer) geen blijver.
En daarom ook maar 4 ipv 5 sterren.
Daartussen zit Chiquitita dat door menig popliefhebber
die ook wel van ABBA houdt graag stiefmoederlijk wordt afgedaan
als één van ABBA's meligste singles. Het was de eerste single van het album.
ABBA koos voor een ballad met zuiderse sirtaki klanken. El Condor Pasa
op een Grieks terras. Het zit hoedanook verduideld goed in elkaar. Ik vind het een klassenummer, dat net iets te vaak zal gekopieerd worden.
Kisses of Fire is beloftevol, maar deemstert al snel weg
als een aanzet tot een catchy single, maar geen afgewerkt product.
Eenzelfde gevoel heb ik bij het iets beter Lovelight, een b-kant
die op de CD remaster is terug te vinden. Alle sterke ABBA
ingediënten zijn aanwezig, en toch lukt de tovertruc hier niet.
Die lukt gelukkig wel op het werkelijk sublieme Gimme Gimme Gimme.
Jongens, wat een aanstekelijk dansnummer is dit toch. Hoog tijd om na
Madonna's Hung up die originele ABBA versie weer eens te gaan beluisteren.
Middenin het nummer zit een instrumentale break die heel duidelijk
naar Chic refereert. Maar die wervelende synthmelodie is toch zo lekker.
Meestampen tot in de vroege uurtjes: a man after midnight.
Geen nieuw album voor ABBA in 1978.
Dus vrij spel voor Boney M en de Bee Gees.
Naar deze laatste groep hebben Bjorn en Benny goed geluisterd.
Voulez-Vous is ABBA's discoplaat en wat voor een.
Eerst was er het aperitiefje: Summer Night City doet weinig moeite
(zie titel) om te verbergen dat Saturday Night Fever en de bijhorende
Bee Gees hits een inspiratiebron waren. Het nummer zit als bonustrack
bij de remaster van dit album. Een zwaar onderschatte single.
Geen nummer 1 ... naar ABBA normen een kleine flop dus.
As Good as New is Vivaldi goes disco.
Een heel sterke opener waarin ABBA toont dat de groep
verschillende genres perfect kan combineren ... begint als
een musical met barokke allures en stampt als een discohit.
De lijn (zie hoes) wordt consequent doorgetrokken op Voulez-Vous.
Toch werd de titelsong en discoklassieker pas als derde single uitgebracht.
Na Summer Night City was ABBA op haar hoede met disco singles.
Onterecht, want Voulez-Vous heeft wel de juiste groove en lag zowel
in Nederland als Vlaanderen heel de zomer lang in balans met
I Was Made for Loving You van Kiss ... een discozomer dus.
I Have a Dream zou de vierde en laatste single worden.
Een sfeervolle, voor velen wat kleffe, ballad die ten voordele van Unicef
op 45 toeren werd gezet in december 1979 en op die manier
het album een jaar lang bovenaan de hitparade wist te houden.
Angeleyes was de b-kant van Voulez-Vous, maar werd in Engeland
als een dubbele a-kant beschouwd. En het is na de vier hits inderdaad
het nummer met de meeste hitpotentie ... alhoewel de achilleshiel
van Angeleyes het ritme is dat verspringt tussen strofe en refrein.
The King Has Lost His Crown sluit de eerste plaatkant af.
Een nummer dat me niet kan bekoren, al wordt het nogal eens
onder de betere albumtracks gerekend ... niet zo bij mij.
Does Your Mother Know was de tweede single.
Hierop greep ABBA terug naar de sound van Waterloo.
Een glamrocker met songfestival allures en Bjorn op lead vocalen.
In het refrein wordt er naar Mamma Mia geknipoogt ... vakmanschap.
If It Wasn't for the Night maakt me wat minder warm.
Net als Lovers (Live a Little Longer) geen blijver.
En daarom ook maar 4 ipv 5 sterren.
Daartussen zit Chiquitita dat door menig popliefhebber
die ook wel van ABBA houdt graag stiefmoederlijk wordt afgedaan
als één van ABBA's meligste singles. Het was de eerste single van het album.
ABBA koos voor een ballad met zuiderse sirtaki klanken. El Condor Pasa
op een Grieks terras. Het zit hoedanook verduideld goed in elkaar. Ik vind het een klassenummer, dat net iets te vaak zal gekopieerd worden.
Kisses of Fire is beloftevol, maar deemstert al snel weg
als een aanzet tot een catchy single, maar geen afgewerkt product.
Eenzelfde gevoel heb ik bij het iets beter Lovelight, een b-kant
die op de CD remaster is terug te vinden. Alle sterke ABBA
ingediënten zijn aanwezig, en toch lukt de tovertruc hier niet.
Die lukt gelukkig wel op het werkelijk sublieme Gimme Gimme Gimme.
Jongens, wat een aanstekelijk dansnummer is dit toch. Hoog tijd om na
Madonna's Hung up die originele ABBA versie weer eens te gaan beluisteren.
Middenin het nummer zit een instrumentale break die heel duidelijk
naar Chic refereert. Maar die wervelende synthmelodie is toch zo lekker.
Meestampen tot in de vroege uurtjes: a man after midnight.
ABBA - Voyage (2021)

4,0
23
geplaatst: 6 november 2021, 20:51 uur
2021 VOYAGE
Een reis naar mijn kindertijd en terug.
Ik had bij de helft van de nummers tranen in de ogen. Ik heb altijd gevoeld dat ABBA een comeback zou maken: niet op het podium (al hebben ze daar mooi een virtuele mouw aan gepast) maar met nieuw plaatwerk. Mijn vader stierf in 2001. Hij was een groot ABBA fan. En daarom was ABBA niet cool toen ik jong was. Maar in mijn kindertijd kwamen al die liedjes op de radio voorbij en ze nestelden zich nietsvermoedend op mijn harde schijf. Pas toen ik student werd en mij voorbereidde op het volwassen leven kwamen die songs weer aan de oppervlakte. Toevallig was dat begin jaren '90 tijdens de ABBA Gold revival. Eens je zelf volwassen bent ga je toch anders naar je vader kijken. Bijgevolg ging ik anders naar de liedjes van ABBA luisteren. Vooral het album Super Trouper wist me te ontroeren.
Voyage is als een spiegel. Je kijkt al luisterend naar jezelf. Je ziet aan de grijze haren en de rimpels hoe het leven je getekend heeft. Je luistert dieper en je ziet jezelf terug als kind in de jaren '70. Want de ABBA fan hoort in alle tien de liedjes links naar de oude songs. En ik hoor in de teksten links naar mijn vader. Hoe hij toen moet geweest zijn. Hoe ik nu geworden ben. Op de een of andere zalige manier komen die twee sentimenten perfect samen op dit nieuwe album. Het is alsof ik twintig jaar na zijn dood mijn vader opnieuw leer kennen in deze muzikale spiegel. Ik zie in welke mate ik hem geworden ben. En ik zie ook opnieuw wie ik als kind wilde worden en hoor hoe ver ik daarvan ben afgedwaald. De melancholie in ABBA's muziek is nooit hartverscheurend maar eerder zalvend. Er wordt met weemoed teruggekeken, ook naar de gemaakte fouten en de gemiste kansen, maar nooit zonder dankbaar vrede te nemen met het nu.
Vooral bij de tragere nummers moest ik een paar tranen wegpinken. Omdat de teksten beschouwend zijn. En omdat de stemmen gerijpt zijn. Ik ben altijd een fan van Frida's stemkleur geweest. Haar stem ontroert me op Voyage meer dan ooit. Agnetha lijkt me iets meer in de schaduw te blijven, vroeger was dat omgekeerd. Maar ook zij heeft nog steeds dat pijntje in haar stem in de meer doorleefde nummers. Het uptempo materiaal is aardig en bewijst dat Benny en Bjorn nog steeds popsongs kunnen schrijven. Maar in de tragere nummers met hun meesterlijk mooie arrangementen zit voor mij de meeste magie
Favorieten: I Still Have Faith In You, Little Things (mijn vader heeft mijn kinderen nooit gekend), Don't Shut Me Down (lekkere baslijn), I Can Be That Woman, Bumblebee en Ode To Freedom.
Een reis naar mijn kindertijd en terug.
Ik had bij de helft van de nummers tranen in de ogen. Ik heb altijd gevoeld dat ABBA een comeback zou maken: niet op het podium (al hebben ze daar mooi een virtuele mouw aan gepast) maar met nieuw plaatwerk. Mijn vader stierf in 2001. Hij was een groot ABBA fan. En daarom was ABBA niet cool toen ik jong was. Maar in mijn kindertijd kwamen al die liedjes op de radio voorbij en ze nestelden zich nietsvermoedend op mijn harde schijf. Pas toen ik student werd en mij voorbereidde op het volwassen leven kwamen die songs weer aan de oppervlakte. Toevallig was dat begin jaren '90 tijdens de ABBA Gold revival. Eens je zelf volwassen bent ga je toch anders naar je vader kijken. Bijgevolg ging ik anders naar de liedjes van ABBA luisteren. Vooral het album Super Trouper wist me te ontroeren.
Voyage is als een spiegel. Je kijkt al luisterend naar jezelf. Je ziet aan de grijze haren en de rimpels hoe het leven je getekend heeft. Je luistert dieper en je ziet jezelf terug als kind in de jaren '70. Want de ABBA fan hoort in alle tien de liedjes links naar de oude songs. En ik hoor in de teksten links naar mijn vader. Hoe hij toen moet geweest zijn. Hoe ik nu geworden ben. Op de een of andere zalige manier komen die twee sentimenten perfect samen op dit nieuwe album. Het is alsof ik twintig jaar na zijn dood mijn vader opnieuw leer kennen in deze muzikale spiegel. Ik zie in welke mate ik hem geworden ben. En ik zie ook opnieuw wie ik als kind wilde worden en hoor hoe ver ik daarvan ben afgedwaald. De melancholie in ABBA's muziek is nooit hartverscheurend maar eerder zalvend. Er wordt met weemoed teruggekeken, ook naar de gemaakte fouten en de gemiste kansen, maar nooit zonder dankbaar vrede te nemen met het nu.
Vooral bij de tragere nummers moest ik een paar tranen wegpinken. Omdat de teksten beschouwend zijn. En omdat de stemmen gerijpt zijn. Ik ben altijd een fan van Frida's stemkleur geweest. Haar stem ontroert me op Voyage meer dan ooit. Agnetha lijkt me iets meer in de schaduw te blijven, vroeger was dat omgekeerd. Maar ook zij heeft nog steeds dat pijntje in haar stem in de meer doorleefde nummers. Het uptempo materiaal is aardig en bewijst dat Benny en Bjorn nog steeds popsongs kunnen schrijven. Maar in de tragere nummers met hun meesterlijk mooie arrangementen zit voor mij de meeste magie
Favorieten: I Still Have Faith In You, Little Things (mijn vader heeft mijn kinderen nooit gekend), Don't Shut Me Down (lekkere baslijn), I Can Be That Woman, Bumblebee en Ode To Freedom.
ABC - The Lexicon of Love (1982)

4,0
0
geplaatst: 8 oktober 2011, 18:18 uur
THE LEXICON OF LOVE 1982
Als het plaatje klopte dan viel er in de 80s heel wat lekkers te rapen.
En bij The Lexicon of Love klopt het plaatje. New wave ontmoet soul muziek.
In 1982 was de tijd rijp voor deze crossover van stijlen.
Check voor alle zekerheid ook maar eens Too-Rye-Ay van Dexy's Midnight Runners
met Come on Eileen of Non Stop Erotic Cabaret van Soft Cell met Tainted Love.
ABC bracht echter de puurste cocktail.
Geen geflirt met folk zoals bij Dexy's Midnight Runners
en een minimum aan synthesizers in tegenstelling tot Soft Cell.
ABC trok onder kundig oog van Anne Dudley een blik violen open.
En dankzij de productie van maestro Trevor Horn luisterde The Lexicon of Love
als een roman in 9 hoofdstukken en één coda. Dudley en Horn bleven elkaar trouw
en verdiepten zich nadien in The Art of Noise en stichtten het eigenzinnige ZTT Records.
Show Me is een krachtige openingszet. Het lijkt wel de verloren hit van het album.
Het bevat alle ingrediënten die de sound van ABC zo toegankelijk en avontuurlijk maakten.
Stuwende bas, gelaagde strijkers, puntige keyboards en in de verte een huilende saxofoon.
Dit alles gaat naadloos over in Poison Arrow, de tweede single van The Lexicon of Love.
Heerlijk zijn ook de teksten die vooraan op de hoes beginnen en doorlopen op de binnehoes.
Martin Fry houdt wel van een literair krulletje in de verzen. Een meerwaarde op deze plaat.
Many Happy Returns temporiseert even. Een wat meer ingetogen song.
Een lied dat op zichzelf niet zo erg veel indruk maakt, maar wel bijdraagt tot het geheel.
Als albums ook als albums worden opgebouwd komen dergelijke nummers tot hun recht.
Tears Are Not Enough is een opgefriste versie van de debuutsingle.
Een single die met Alphabet Soup als b-kant een perfecte soul en funk plaat was.
Het visitekaartje van een groep die nooit meer beter zou worden dan The Lexicon of Love.
De oorspronkelijke a-kant van het album wordt afgesloten met Valentine's Day.
Opnieuw een nummer met hitpotentie dat de teller overtuigend op 4 winnaars zet.
Met de 3de single The Look of Love ging het gordijn voor ABC ook in Europa open.
Op het podium zaten vier netjes geklede heren die pop brachten als was het drama.
Het pensioennummer van ABC is een vaste kandidaat op menig 80s verzamelaar.
Op Date Stamp gaat producer Trever Horn loos en horen we
stereofonische vondsten (let op die snoevende bassound) die hij later opnieuw
maar met een hardcore stempel bij Frankie Goes to Hollywood gebruikt.
Samen met track 3 een minder beklijvend nummer.
Twee nummers zullen voor mij voor altijd verbonden blijven
met de prille herfst van 1982. Take a Chance with Me van Roxy Music
en All of My Heart van ABC. Liedjes die ik lang op cassette heb gekoesterd.
Net als Avalon (1982) is The Lexicon of Love (1982) meesterlijk melancholisch.
Afsluiter 4 Ever 2 Gether heeft een grandeur die past als finale.
De abrupte koerswijziging richting rock (Beauty Stab) en dance (How to Be a ... Zillionaire)
bracht ABC op een dwaalspoor. Met Alphabet City vond de inmiddels tot een duo uitgedunde formatie
weer de weg naar de hitparades met When Smokey SIngs en The Night You Murdered Love.
The Look of Love (Part 4) is een orchestrale coda met het muzikale thema van de hit.
Delen 2 en 3 bestaan trouwens ook en zijn terug te vinden op de 12" single The Look of Love.
De b-kant van All of My Heart heette Ouverture en is een orchestrale collage van verschillende thema's
van het album The Lexicon of Love. Terug te vinden op de deluxe editie van het album.
Tenslotte nog even Theme from Mantrap vermelden, een lounge versie
aan de piano van Poison Arrow. Toepasselijk als b-kant van de single ingezet.
Als het plaatje klopte dan viel er in de 80s heel wat lekkers te rapen.
En bij The Lexicon of Love klopt het plaatje. New wave ontmoet soul muziek.
In 1982 was de tijd rijp voor deze crossover van stijlen.
Check voor alle zekerheid ook maar eens Too-Rye-Ay van Dexy's Midnight Runners
met Come on Eileen of Non Stop Erotic Cabaret van Soft Cell met Tainted Love.
ABC bracht echter de puurste cocktail.
Geen geflirt met folk zoals bij Dexy's Midnight Runners
en een minimum aan synthesizers in tegenstelling tot Soft Cell.
ABC trok onder kundig oog van Anne Dudley een blik violen open.
En dankzij de productie van maestro Trevor Horn luisterde The Lexicon of Love
als een roman in 9 hoofdstukken en één coda. Dudley en Horn bleven elkaar trouw
en verdiepten zich nadien in The Art of Noise en stichtten het eigenzinnige ZTT Records.
Show Me is een krachtige openingszet. Het lijkt wel de verloren hit van het album.
Het bevat alle ingrediënten die de sound van ABC zo toegankelijk en avontuurlijk maakten.
Stuwende bas, gelaagde strijkers, puntige keyboards en in de verte een huilende saxofoon.
Dit alles gaat naadloos over in Poison Arrow, de tweede single van The Lexicon of Love.
Heerlijk zijn ook de teksten die vooraan op de hoes beginnen en doorlopen op de binnehoes.
Martin Fry houdt wel van een literair krulletje in de verzen. Een meerwaarde op deze plaat.
Many Happy Returns temporiseert even. Een wat meer ingetogen song.
Een lied dat op zichzelf niet zo erg veel indruk maakt, maar wel bijdraagt tot het geheel.
Als albums ook als albums worden opgebouwd komen dergelijke nummers tot hun recht.
Tears Are Not Enough is een opgefriste versie van de debuutsingle.
Een single die met Alphabet Soup als b-kant een perfecte soul en funk plaat was.
Het visitekaartje van een groep die nooit meer beter zou worden dan The Lexicon of Love.
De oorspronkelijke a-kant van het album wordt afgesloten met Valentine's Day.
Opnieuw een nummer met hitpotentie dat de teller overtuigend op 4 winnaars zet.
Met de 3de single The Look of Love ging het gordijn voor ABC ook in Europa open.
Op het podium zaten vier netjes geklede heren die pop brachten als was het drama.
Het pensioennummer van ABC is een vaste kandidaat op menig 80s verzamelaar.
Op Date Stamp gaat producer Trever Horn loos en horen we
stereofonische vondsten (let op die snoevende bassound) die hij later opnieuw
maar met een hardcore stempel bij Frankie Goes to Hollywood gebruikt.
Samen met track 3 een minder beklijvend nummer.
Twee nummers zullen voor mij voor altijd verbonden blijven
met de prille herfst van 1982. Take a Chance with Me van Roxy Music
en All of My Heart van ABC. Liedjes die ik lang op cassette heb gekoesterd.
Net als Avalon (1982) is The Lexicon of Love (1982) meesterlijk melancholisch.
Afsluiter 4 Ever 2 Gether heeft een grandeur die past als finale.
De abrupte koerswijziging richting rock (Beauty Stab) en dance (How to Be a ... Zillionaire)
bracht ABC op een dwaalspoor. Met Alphabet City vond de inmiddels tot een duo uitgedunde formatie
weer de weg naar de hitparades met When Smokey SIngs en The Night You Murdered Love.
The Look of Love (Part 4) is een orchestrale coda met het muzikale thema van de hit.
Delen 2 en 3 bestaan trouwens ook en zijn terug te vinden op de 12" single The Look of Love.
De b-kant van All of My Heart heette Ouverture en is een orchestrale collage van verschillende thema's
van het album The Lexicon of Love. Terug te vinden op de deluxe editie van het album.
Tenslotte nog even Theme from Mantrap vermelden, een lounge versie
aan de piano van Poison Arrow. Toepasselijk als b-kant van de single ingezet.
Air - Moon Safari (1998)

5,0
0
geplaatst: 27 oktober 2012, 11:02 uur
MOON SAFARI 1998
Nieuwe albums deden me in de 90s minder dan vroeger.
Af en toe stootte ik wel op een plaat die me echt wist te raken.
Maar zelden of voelde ik nog de behoefte om zo'n band trouw te volgen.
Tot ik Moon Safari van Air een kans gaf. Een revelatie.
Deze plaat combineerde alle invloeden die muziek voor mij zo belangrijk maken.
01. La Femme d'Argent
Ambient, lounge, trip hop ... ik bezit het juiste jargon niet om deze muziek te definiëren.
Ik hoor wel heel duidelijk een electronic meets jazz sound die me heel hard weet te bekoren.
Wie niet goed luistert, kan deze muziek te snel afdoen als liftmuziek. Het melodisch improviseren,
het verschuiven van de akkoorden en het elektronisch inkleuren van de compositie gebeurt magistraal.
Ik heb geen drugs nodig om hier op te gaan trippen. Ruimte zat.
We bevinden ons zonder twijfel op de maan. De safari kan beginnen.
La Femme d'Argent laat aan het einde een Kraftwerk geluid opduiken.
Die retrotoets sluipt door de hele plaat en slaat een brug doorheen de tijd.
02. Sexy Boy
Depeche Mode, Blur en Gainsbourg in één nummer.
Mannequins in ruimtepakken defileren over de catwalk.
En opnieuw een geniale melodie die er bovenuit kriebelt.
03. All I Need
En dan is er Beth Hirsh die voor een derde invalshoek zorgt.
Na de soft elektro jazz en de synthrock krijgen we een songwriters approach.
Door haar input krijgt de plaat vocaal genoeg gewicht. De akoestisch gitaar is slim.
Dat liefde de wetten van de zwaartekracht in vraag stelt, wordt hier vakkundig bewezen.
04. Kelly Watch the Stars
We keren terug naar de synthrock van Sexy Boy.
Dit keer mag Kelly dromen. De jazzy intro doet het nummer naadloos aansluiten
bij All I Need. Let op de deepsky effecten die ons meenemen naar Star Trek episodes.
05. Talisman
Dit is mijn favoriet van Moon Safari (al eindigt de opener heel dicht).
Een compositie die een schitterende melodie laat zweven op weemoedige akkoorden.
Ik hoor symfonische echo's van Pink Floyd, Mike Oldfield en The Alan Parsons Project.
06. Remember
Een intermezzo dat uit een filmsoundtrack lijkt weggeplukt.
Met een vleugje vintage OMD ben je bij mij altijd aan het goede adres.
Als het orkest begint te strijken is Hooverphonic niet ver af meer.
07. You Make It Easy
En net zoals All I Need deed op de denkbeeldige voorkant van deze plaat,
slaagt de zangeres er met You Make It Easy opnieuw in om de elektronische muziek
van de nodige sensualiteit te voorzien. Ik moet aan de rol van Nico in Velvet Underground denken.
De song staat iets minder op eigen benen. Stem en muziek gaan in symbiose.
08. Ce Matin La
Wat zou Ennio Morricone vinden van die gitaar en die warme blazers
die een ochtend op de prairie suggereren? Filmmuziek die geen beelden nodig heeft.
Air slaagt met flair in het integreren van talloze invloeden. Het koor zorgt voor de afwerking.
09. New Star in the Sky
Een track die hoofdzakelijk op sfeerschepping rust
en de sterke melodieën van zijn voorgangers moet missen.
James Last en de liftkoker zijn dit keer wel gevaarlijk dichtbij.
10. Le Voyage de Pénélope
Een afsluiter van formaat die heel gewiekst het midden houdt
tussen de heavy sound van Sexy Boy en het symfonische geluid van Talisman.
Zelden klonk een album zo compleet, zo mooi in mijn straatje als Moon Safari van Air.
Nieuwe albums deden me in de 90s minder dan vroeger.
Af en toe stootte ik wel op een plaat die me echt wist te raken.
Maar zelden of voelde ik nog de behoefte om zo'n band trouw te volgen.
Tot ik Moon Safari van Air een kans gaf. Een revelatie.
Deze plaat combineerde alle invloeden die muziek voor mij zo belangrijk maken.
01. La Femme d'Argent
Ambient, lounge, trip hop ... ik bezit het juiste jargon niet om deze muziek te definiëren.
Ik hoor wel heel duidelijk een electronic meets jazz sound die me heel hard weet te bekoren.
Wie niet goed luistert, kan deze muziek te snel afdoen als liftmuziek. Het melodisch improviseren,
het verschuiven van de akkoorden en het elektronisch inkleuren van de compositie gebeurt magistraal.
Ik heb geen drugs nodig om hier op te gaan trippen. Ruimte zat.
We bevinden ons zonder twijfel op de maan. De safari kan beginnen.
La Femme d'Argent laat aan het einde een Kraftwerk geluid opduiken.
Die retrotoets sluipt door de hele plaat en slaat een brug doorheen de tijd.
02. Sexy Boy
Depeche Mode, Blur en Gainsbourg in één nummer.
Mannequins in ruimtepakken defileren over de catwalk.
En opnieuw een geniale melodie die er bovenuit kriebelt.
03. All I Need
En dan is er Beth Hirsh die voor een derde invalshoek zorgt.
Na de soft elektro jazz en de synthrock krijgen we een songwriters approach.
Door haar input krijgt de plaat vocaal genoeg gewicht. De akoestisch gitaar is slim.
Dat liefde de wetten van de zwaartekracht in vraag stelt, wordt hier vakkundig bewezen.
04. Kelly Watch the Stars
We keren terug naar de synthrock van Sexy Boy.
Dit keer mag Kelly dromen. De jazzy intro doet het nummer naadloos aansluiten
bij All I Need. Let op de deepsky effecten die ons meenemen naar Star Trek episodes.
05. Talisman
Dit is mijn favoriet van Moon Safari (al eindigt de opener heel dicht).
Een compositie die een schitterende melodie laat zweven op weemoedige akkoorden.
Ik hoor symfonische echo's van Pink Floyd, Mike Oldfield en The Alan Parsons Project.
06. Remember
Een intermezzo dat uit een filmsoundtrack lijkt weggeplukt.
Met een vleugje vintage OMD ben je bij mij altijd aan het goede adres.
Als het orkest begint te strijken is Hooverphonic niet ver af meer.
07. You Make It Easy
En net zoals All I Need deed op de denkbeeldige voorkant van deze plaat,
slaagt de zangeres er met You Make It Easy opnieuw in om de elektronische muziek
van de nodige sensualiteit te voorzien. Ik moet aan de rol van Nico in Velvet Underground denken.
De song staat iets minder op eigen benen. Stem en muziek gaan in symbiose.
08. Ce Matin La
Wat zou Ennio Morricone vinden van die gitaar en die warme blazers
die een ochtend op de prairie suggereren? Filmmuziek die geen beelden nodig heeft.
Air slaagt met flair in het integreren van talloze invloeden. Het koor zorgt voor de afwerking.
09. New Star in the Sky
Een track die hoofdzakelijk op sfeerschepping rust
en de sterke melodieën van zijn voorgangers moet missen.
James Last en de liftkoker zijn dit keer wel gevaarlijk dichtbij.
10. Le Voyage de Pénélope
Een afsluiter van formaat die heel gewiekst het midden houdt
tussen de heavy sound van Sexy Boy en het symfonische geluid van Talisman.
Zelden klonk een album zo compleet, zo mooi in mijn straatje als Moon Safari van Air.
Alphaville - Forever Young (1984)

4,0
0
geplaatst: 13 augustus 2012, 10:08 uur
FOREVER YOUNG
Kan je geloven dat ik dit album een paar weken geleden voor het eerst grondig heb beluisterd?
Goed, ik kende de helft van het album (de vier singles en A Victory of Love) en die rechtvaardigden
de 4* sterren ruimschoots. Maar het was toch even bang afwachten of ik bij dat aanvoelen zou blijven.
Bij de vier singles hoort uiteraard Big in Japan
waarmee het Duitse trio een stevige top 3 hit scoorde in de Benelux.
Enkel I Want to Break Free van Queen kon hen in de lente van 1984 van de top houden.
Big in Japan valt op door het ongewone ritme,
en krijgt juist daardoor een meer strijdvaardig, oosters geluid.
Mooie zanglijn, catchy refrein en uiteraard een gong om af te sluiten.
Politiek verantwoord ook. Want het land van de rijzende economie
was medio jaren 80 een issue. Hong Kong, Japan, de nieuwe beurzen.
De heren van ABBA hebben goed geluisterd toen ze One Night in Bangkok schreven.
Alphaville is een opvallende, Duitse synthpop band
die in de vaart der Neue Welle bewust koos voor een Engelstalig repertoire.
Een trio ook, terwijl we toen vooral de synthpop duo formule uit de UK gewoon waren (*).
Met het wervelende Sounds Like a Melody haalde Alphaville
in de zomer van 1984 opnieuw nipt de Benelux top 10. De extended versie
van dit met pizzicato synths opgedirkte dansnummer is een absolute aanrader.
Maar de meesten kennen Alphaville van de titelsong en derde single.
Forever Young is een ballad die vandaag nog steeds overeind blijft omdat hij
tekstueel klinkt als een testament van de jaren 80 generatie, waar ik zelf ook toe behoor.
Forever Young kende een paar jaar later een revival omdat het de US charts haalde
en bleef daardoor langer in de aandacht en op de radio dan zijn hitstatus doet vermoeden.
In de winter van 1985 verscheen tenslotte Jet Set in een nieuwe versie (zonder lidwoord)
op single, na het vertrek van Frank Mertens. Maar de albumversie vind ik toch net iets beter.
A Victory of Love opent het album weliswaar op sfeervolle wijze.
Het nummer is ook op verzamelaars te vinden, al vind ik de song niet zo overtuigend.
En daar hoor ik de achilleshiel van Alphaville. Hitpotentie zat, heerlijke synth arrangementen,
voldoende sfeer, maar als song blijven de composities niet altijd even stevig nazinderen.
Summer in Berlin had misschien zelfs meer potentie als instrumental.
Als Marian Gold zich in de lagere, vocale regionen beweegt, wordt zijn stem dunner.
To Germany with Love haakt zich vast op een funkbeat en geeft het album meer kleur.
Het enige nummer dat het niveau van de vier singles haalt is Fallen Angel.
Dat neemt je toch weer lekker mee in een heerlijk refrein en een mooi arrangement.
In the Mood en Lies klinken meer als niet onaardige albumvullers.
De sound van Alphaville doet meermaals denken aan die van het Noorse a-ha.
Vinnige uptempo synthpop wordt afgewisseld met sfeervol midtempo of ballade werk.
De zanger van a-ha is echter veel sterker en hun composities wortelen meer in de poptraditie.
Maar deze eerste van Alphaville kan je probleemloos naast het debuut van a-ha leggen.
Europop met een melancholische toets. A-ha ging daarna nog een aantal albums stevig door.
Alphaville zocht na sterke singles als Dance with Me en Jerusalem naarstig naar een nieuw geluid.
Een geluid dat ze nooit echt gevonden hebben, maar er wordt nog steeds muziek gemaakt
in eigen beheer. Een trouwe schare fans (een blik op hun website volstaat) bleef hen daarbij trouw.
3,5* zou objectiever zijn, maar een halfje erbovenop voor het jeugdsentiment.
(*) edit: Ik moet er plots aan denken dat Bronski Beat een trio was
en dat ook Yello (weliswaar niet Brits) oorspronkelijk als trio gestart is.
Kan je geloven dat ik dit album een paar weken geleden voor het eerst grondig heb beluisterd?
Goed, ik kende de helft van het album (de vier singles en A Victory of Love) en die rechtvaardigden
de 4* sterren ruimschoots. Maar het was toch even bang afwachten of ik bij dat aanvoelen zou blijven.
Bij de vier singles hoort uiteraard Big in Japan
waarmee het Duitse trio een stevige top 3 hit scoorde in de Benelux.
Enkel I Want to Break Free van Queen kon hen in de lente van 1984 van de top houden.
Big in Japan valt op door het ongewone ritme,
en krijgt juist daardoor een meer strijdvaardig, oosters geluid.
Mooie zanglijn, catchy refrein en uiteraard een gong om af te sluiten.
Politiek verantwoord ook. Want het land van de rijzende economie
was medio jaren 80 een issue. Hong Kong, Japan, de nieuwe beurzen.
De heren van ABBA hebben goed geluisterd toen ze One Night in Bangkok schreven.
Alphaville is een opvallende, Duitse synthpop band
die in de vaart der Neue Welle bewust koos voor een Engelstalig repertoire.
Een trio ook, terwijl we toen vooral de synthpop duo formule uit de UK gewoon waren (*).
Met het wervelende Sounds Like a Melody haalde Alphaville
in de zomer van 1984 opnieuw nipt de Benelux top 10. De extended versie
van dit met pizzicato synths opgedirkte dansnummer is een absolute aanrader.
Maar de meesten kennen Alphaville van de titelsong en derde single.
Forever Young is een ballad die vandaag nog steeds overeind blijft omdat hij
tekstueel klinkt als een testament van de jaren 80 generatie, waar ik zelf ook toe behoor.
Forever Young kende een paar jaar later een revival omdat het de US charts haalde
en bleef daardoor langer in de aandacht en op de radio dan zijn hitstatus doet vermoeden.
In de winter van 1985 verscheen tenslotte Jet Set in een nieuwe versie (zonder lidwoord)
op single, na het vertrek van Frank Mertens. Maar de albumversie vind ik toch net iets beter.
A Victory of Love opent het album weliswaar op sfeervolle wijze.
Het nummer is ook op verzamelaars te vinden, al vind ik de song niet zo overtuigend.
En daar hoor ik de achilleshiel van Alphaville. Hitpotentie zat, heerlijke synth arrangementen,
voldoende sfeer, maar als song blijven de composities niet altijd even stevig nazinderen.
Summer in Berlin had misschien zelfs meer potentie als instrumental.
Als Marian Gold zich in de lagere, vocale regionen beweegt, wordt zijn stem dunner.
To Germany with Love haakt zich vast op een funkbeat en geeft het album meer kleur.
Het enige nummer dat het niveau van de vier singles haalt is Fallen Angel.
Dat neemt je toch weer lekker mee in een heerlijk refrein en een mooi arrangement.
In the Mood en Lies klinken meer als niet onaardige albumvullers.
De sound van Alphaville doet meermaals denken aan die van het Noorse a-ha.
Vinnige uptempo synthpop wordt afgewisseld met sfeervol midtempo of ballade werk.
De zanger van a-ha is echter veel sterker en hun composities wortelen meer in de poptraditie.
Maar deze eerste van Alphaville kan je probleemloos naast het debuut van a-ha leggen.
Europop met een melancholische toets. A-ha ging daarna nog een aantal albums stevig door.
Alphaville zocht na sterke singles als Dance with Me en Jerusalem naarstig naar een nieuw geluid.
Een geluid dat ze nooit echt gevonden hebben, maar er wordt nog steeds muziek gemaakt
in eigen beheer. Een trouwe schare fans (een blik op hun website volstaat) bleef hen daarbij trouw.
3,5* zou objectiever zijn, maar een halfje erbovenop voor het jeugdsentiment.
(*) edit: Ik moet er plots aan denken dat Bronski Beat een trio was
en dat ook Yello (weliswaar niet Brits) oorspronkelijk als trio gestart is.
ALT - Altitude (1995)

4,0
0
geplaatst: 26 maart 2009, 12:41 uur
Ad Brouwers schreef:
Een gelegenheidsgroepje, Tim Finn, Andy White (Hothouse Flowers)
en Liam O'Maonlai doken de studio in en namen al improviserend en cd op.
Een gelegenheidsgroepje, Tim Finn, Andy White (Hothouse Flowers)
en Liam O'Maonlai doken de studio in en namen al improviserend en cd op.
Correctie:
Het gelegenheidsgroepje bestond uit
A - Andy White (een soort Ierse Bob Dylan),
L - Liam O'Maonlai (zanger van Hothouse Flowers)
T - en Tim Finn (Split Enz, Crowded House en solo).
Ze namen aanvankelijk de song Many's the Time (in Dublin) op
voor het vierde solo-album Before & After (1993) van Tim (een collectie liedjes
die Tim voor en na zijn deelname aan Woodface (1991) van CH schreef).
We're all men ... but not the hurting kind ...
Die werkelijk uitmuntende song (Many's the Time dus)
smaakte naar meer, en dit album was daarvan het resultaat.
Boordevol kampvuurliedjes en met een bijzonder genietbare mix
tussen Ierse folk (ook de Finn broertjes hebben een Ierse mama)
en Nieuw-Zeelandse etniek (didgeridoo's incluis) ...
You make a piece of art and you throw it in the river ... mandala
Alle instrumenten zijn zelf ingespeeld (Tim doet oa de drums).
Spek voor de bek van elke Hothouse Flowers en Split Enz fanaat.
Dit album is pretentieloos, maar het vakmanschap spat eraf.
Alles begon met het vliegtuig dat Tim naar Ierland nam
om een nachtje in Dublin te gaan stappen met Andy en Liam.
I decided to fly ...
Angelo Branduardi - Collezione (1986)
Alternatieve titel: Collection

5,0
1
geplaatst: 28 februari 2009, 00:07 uur
Deze ronduit schitterende compilatie
hoorde ik voor het eerst in 't Frans in 1987.
Maar uiteraard is hij in het Italiaans zoveel zoeter.
La Pulce d'Acqua is wellicht het bekendste nummer
van deze Italiaanse tovenaar die zo zuiver weet te soleren
op viool en gitaar. Vrouwlief schreef de teksten vol zon en melodie.
Wie zou er niet verliefd worden op deze waterdraagster?
YouTube - La Pulce d'Acqua Angelo Branduardi
Il Signore di Baux zit met de wortels dieper in de Europese folk.
Donker van sfeer, muziek voor bij de onvolprezen Bruce J. Hawker strip
van William Vance. Driemasters in de haven ... een volle maan boven het water.
YouTube - Les Baux (il signore di Baux)
Cogli la Prima Mela is van het gelijknamige album uit 1979.
Als single de perfecte opvolger van La Pulce d'Acqua. De Paganini
van de folkmuziek neemt je als een rattenvanger mee in zijn spel.
Wat een aanstekelijke en dansbare refreinen schrijft Angelo.
YouTube - cogli la prima mela
Il Ciliegio of de kersenboom. Geen mooiere bloesem denkbaar.
Een nummer waarin de viool plaats moet ruimen voor de elektrische gitaar.
Warme lentewind blaast door de woonkamer ... ik hoor een hommel zoemen.
Net als track 1 en 5 afkomstig van La Pulce d'Aqua (1977).
YouTube - Angelo Branduardi IL ciliegio
Ballo in Fa Diesis Minore bestaat uit twee delen.
De eerste helft van het nummer kreunt als een processie.
En in deel 2 dansen de skeletten hun dodendans.
Doedelzakken verscherpen de dreiging, we zijn niet ver van Aion,
de middeleeuwse plaat van Dead Can Dance.
deel 2: YouTube - LA MORTE - BALLO IN FA DIESIS MINORE (Angelo Branduardi)
La Luna is een oud (1975) Branduardi nummer
dat heropgenomen werd voor Gulliver, La Luna e Alteri Disegni (1980).
Deze heropgenomen versie is als een maagdelijke volle maan
boven een zomerse branding ... haar spiegelbeeld kabbelt in de zee.
YouTube - Angelo Branduardi- La luna
Musica is de enige selectie uit Branduardi '81 (1981).
Hier integreert Angelo voorzichtig de synthpop sound in zijn werk.
Dit nummer twijfelt tussen folk en pop, maar brengt de poppen aan het dansen.
YouTube - Angelo Branduardi - Musica [Sigla iniziale di Discoring]
Alla Fiera dell'Est is van het gelijknamige album uit 1976.
Hier horen we meer de troubadour in Branduardi: samen met
track 1 en 3 zonder twijfel zijn bekendste nummer. Het verhaal over
een piepklein muisje dat achtervolgd wordt door een lange rij belagers.
YouTube - Alla Fiera dell'Est
Il Dono del Cervo is van hetzelfde album als tracks 8 en 11.
Een lied als een jachttrofee: je voelt als luisteraar perfect de statigheid
van dat edelste der dieren: oog in oog met het edelhert.
YouTube - Angelo Branduardi - Il dono del cervo - 1976
Cercando l'Oro is het minst interessante nummer.
Een poppenstoet van kinderen in de begeleidende vocalen,
alsof dit nummer uit een of andere kindermusical komt.
Van het gelijknamige, minder sterke album uit 1983.
YouTube - Angelo Branduardi - Cercando l'oro [Speciale Rete4]
La Serie dei Numeri blinkt uit in virtuoos gitaarspel.
Let ook eens hoe prachtig de teksten in de muziek passen.
Van hetzelfde niveau als de tandem Boudewijn De Groot
en Lennart Nijgh. Maar dan met meer zwier en finesse.
YouTube - La serie dei numeri Angelo Branduardi
Confessioni di un Malandrino werd net als track 6 heropgenomen.
Het ultieme troubadourslied: een zeldzame combinatie van wonderschone
poëzie en krachtige gitaarmuziek ... ga dat toch horen.
YouTube - Confessioni di un Malandrino - Angelo Branduardi (live)
Het soms wat vrouwelijk orende stemgeluid van Branduardi
zou menig rockliefhebber op het verkeerde been kunnen zetten.
Wie zich echter durft laten betoveren door de metaforisch kracht
van de liedteksten, de uitbundigheid van de melodieën en bovenal
de virtuositeit van de muzikant ... moet zwichten voor Collezione.
Stel dat ik er nu nog twee tracks zou mogen aan toevoegen,
want een CDtje van 12 nummers is toch maar wat mager.
Dan koos ik resoluut voor Gulliver uit 1980.
Zonder twijfel de grootste afwezige hier, want een publiekslieveling
op zijn optredens (ik zag hem medio jaren 90 in Turnhout ... adembenemend).
De melodie doet denken aan Zeven Dagen Lang van Bots.
YouTube - Angelo Branduardi Gulliver
En tenslotte mag ook Ninna Nanna meedoen.
Een 7 minuten durend epos uit Cogli la Prima Mela (1979).
Al was het maar om Angelo's symfonische talent te tonen.
YouTube - ninna nanna
In 1993 maakte Branduardi een sterke comeback met Si Puo Fare,
een album dat probleemloos kan tippen aan zijn vier sterkste platen
uit 1976, 1977, 1979 en 1980 waaruit deze recensie is opgebouwd.
hoorde ik voor het eerst in 't Frans in 1987.
Maar uiteraard is hij in het Italiaans zoveel zoeter.
La Pulce d'Acqua is wellicht het bekendste nummer
van deze Italiaanse tovenaar die zo zuiver weet te soleren
op viool en gitaar. Vrouwlief schreef de teksten vol zon en melodie.
Wie zou er niet verliefd worden op deze waterdraagster?
YouTube - La Pulce d'Acqua Angelo Branduardi
Il Signore di Baux zit met de wortels dieper in de Europese folk.
Donker van sfeer, muziek voor bij de onvolprezen Bruce J. Hawker strip
van William Vance. Driemasters in de haven ... een volle maan boven het water.
YouTube - Les Baux (il signore di Baux)
Cogli la Prima Mela is van het gelijknamige album uit 1979.
Als single de perfecte opvolger van La Pulce d'Acqua. De Paganini
van de folkmuziek neemt je als een rattenvanger mee in zijn spel.
Wat een aanstekelijke en dansbare refreinen schrijft Angelo.
YouTube - cogli la prima mela
Il Ciliegio of de kersenboom. Geen mooiere bloesem denkbaar.
Een nummer waarin de viool plaats moet ruimen voor de elektrische gitaar.
Warme lentewind blaast door de woonkamer ... ik hoor een hommel zoemen.
Net als track 1 en 5 afkomstig van La Pulce d'Aqua (1977).
YouTube - Angelo Branduardi IL ciliegio
Ballo in Fa Diesis Minore bestaat uit twee delen.
De eerste helft van het nummer kreunt als een processie.
En in deel 2 dansen de skeletten hun dodendans.
Doedelzakken verscherpen de dreiging, we zijn niet ver van Aion,
de middeleeuwse plaat van Dead Can Dance.
deel 2: YouTube - LA MORTE - BALLO IN FA DIESIS MINORE (Angelo Branduardi)
La Luna is een oud (1975) Branduardi nummer
dat heropgenomen werd voor Gulliver, La Luna e Alteri Disegni (1980).
Deze heropgenomen versie is als een maagdelijke volle maan
boven een zomerse branding ... haar spiegelbeeld kabbelt in de zee.
YouTube - Angelo Branduardi- La luna
Musica is de enige selectie uit Branduardi '81 (1981).
Hier integreert Angelo voorzichtig de synthpop sound in zijn werk.
Dit nummer twijfelt tussen folk en pop, maar brengt de poppen aan het dansen.
YouTube - Angelo Branduardi - Musica [Sigla iniziale di Discoring]
Alla Fiera dell'Est is van het gelijknamige album uit 1976.
Hier horen we meer de troubadour in Branduardi: samen met
track 1 en 3 zonder twijfel zijn bekendste nummer. Het verhaal over
een piepklein muisje dat achtervolgd wordt door een lange rij belagers.
YouTube - Alla Fiera dell'Est
Il Dono del Cervo is van hetzelfde album als tracks 8 en 11.
Een lied als een jachttrofee: je voelt als luisteraar perfect de statigheid
van dat edelste der dieren: oog in oog met het edelhert.
YouTube - Angelo Branduardi - Il dono del cervo - 1976
Cercando l'Oro is het minst interessante nummer.
Een poppenstoet van kinderen in de begeleidende vocalen,
alsof dit nummer uit een of andere kindermusical komt.
Van het gelijknamige, minder sterke album uit 1983.
YouTube - Angelo Branduardi - Cercando l'oro [Speciale Rete4]
La Serie dei Numeri blinkt uit in virtuoos gitaarspel.
Let ook eens hoe prachtig de teksten in de muziek passen.
Van hetzelfde niveau als de tandem Boudewijn De Groot
en Lennart Nijgh. Maar dan met meer zwier en finesse.
YouTube - La serie dei numeri Angelo Branduardi
Confessioni di un Malandrino werd net als track 6 heropgenomen.
Het ultieme troubadourslied: een zeldzame combinatie van wonderschone
poëzie en krachtige gitaarmuziek ... ga dat toch horen.
YouTube - Confessioni di un Malandrino - Angelo Branduardi (live)
Het soms wat vrouwelijk orende stemgeluid van Branduardi
zou menig rockliefhebber op het verkeerde been kunnen zetten.
Wie zich echter durft laten betoveren door de metaforisch kracht
van de liedteksten, de uitbundigheid van de melodieën en bovenal
de virtuositeit van de muzikant ... moet zwichten voor Collezione.
Stel dat ik er nu nog twee tracks zou mogen aan toevoegen,
want een CDtje van 12 nummers is toch maar wat mager.
Dan koos ik resoluut voor Gulliver uit 1980.
Zonder twijfel de grootste afwezige hier, want een publiekslieveling
op zijn optredens (ik zag hem medio jaren 90 in Turnhout ... adembenemend).
De melodie doet denken aan Zeven Dagen Lang van Bots.
YouTube - Angelo Branduardi Gulliver
En tenslotte mag ook Ninna Nanna meedoen.
Een 7 minuten durend epos uit Cogli la Prima Mela (1979).
Al was het maar om Angelo's symfonische talent te tonen.
YouTube - ninna nanna
In 1993 maakte Branduardi een sterke comeback met Si Puo Fare,
een album dat probleemloos kan tippen aan zijn vier sterkste platen
uit 1976, 1977, 1979 en 1980 waaruit deze recensie is opgebouwd.
Anne Clark - Changing Places (1983)

4,0
0
geplaatst: 4 december 2008, 20:02 uur
CHANGING PLACES 1983
Hou je wel van de teksten van Ian Curtis?
Dan moet je zeker Anne Clark een kans geven.
Weinig teksten wisten de maatschappelijke vervreemding
zo sterk in metaforen te gieten als deze Britse dichteres.
Changing Places is opgedeeld in twee muzikale plaatkanten.
Op zijde één (1-6) treedt synthesizer componist
David Harrow aan (een muzikaal neefje van Vince Clark).
Dat zorgt vooral in de uptempo nummers voor knetterwerk.
Sleeper in Metropolis wordt de eerste Anne Clark klassieker.
In het techno en electro tijdperk veelvuldig gesampled en geremixt.
De grootstad als een zielloze machine: de mens als
Outside the cancerous city spreads
Like an illness
It's symptoms
In cars that cruise to inevitable destinations
Tailed by the silent spotlights
Of society created paranoia
http://nl.youtube.com/watch?v=TVVc8yO7b_s
Ook Wallies dient zich aan als een hitsingle.
Dat werd het niet, al is het wel lekker dansen op dit nummer.
Over het oppervlakkige geklets van dronken jongens op een feestje.
Daartussen declameert Anne een feministisch pamflet.
Against the power of their misguidance
We must learn to fight
To be just what we want to be
Morning, noon and night
Night is for the hunters
And the hunted are you and me
Hunted for just having
Some from of identity
Op zijde twee schreef en vertolkte Vinnie Reilly
(ook bekend van Durutti Column) de muziek.
Het sterkste nummer van deze plaatkant is wellicht All Night Party,
waarin Reilly echo's aan Joy Divisions The Eternal oproept.
Clark staat op de dansvloer met een glas in haar hand.
A Forest van The Cure is dichtbij.
In my hand I hold empty desires
In my hand an emptying glass
Standing in the corner
At the all night party
Of de beklemmende stilte van Pandora's Box, een nummer
als een grafzerk van een veel te vroeg gestorven liefdesideaal.
Love is a dangerous game to play with
A battle where only one side wins
A toy that is so easily broken
Rules that are only make believe
The loser a doll you once held so close
Now left unguarded in a forgotten room
The winner a cheat whose mind's on other things
Unrelentant from the beginning
Knowing what the result would be
Hier en daar geurt de doem van de bom nog na.
Daardoor klinkt het album ook tekstueel soms wat gedateerd.
Maar laat ik het maar een onweerstaanbaar tijdsdocument noemen.
En Anne Clark is waarlijk de poëtische zielsverwante van Ian Curtis.
Hou je wel van de teksten van Ian Curtis?
Dan moet je zeker Anne Clark een kans geven.
Weinig teksten wisten de maatschappelijke vervreemding
zo sterk in metaforen te gieten als deze Britse dichteres.
Changing Places is opgedeeld in twee muzikale plaatkanten.
Op zijde één (1-6) treedt synthesizer componist
David Harrow aan (een muzikaal neefje van Vince Clark).
Dat zorgt vooral in de uptempo nummers voor knetterwerk.
Sleeper in Metropolis wordt de eerste Anne Clark klassieker.
In het techno en electro tijdperk veelvuldig gesampled en geremixt.
De grootstad als een zielloze machine: de mens als
Outside the cancerous city spreads
Like an illness
It's symptoms
In cars that cruise to inevitable destinations
Tailed by the silent spotlights
Of society created paranoia
http://nl.youtube.com/watch?v=TVVc8yO7b_s
Ook Wallies dient zich aan als een hitsingle.
Dat werd het niet, al is het wel lekker dansen op dit nummer.
Over het oppervlakkige geklets van dronken jongens op een feestje.
Daartussen declameert Anne een feministisch pamflet.
Against the power of their misguidance
We must learn to fight
To be just what we want to be
Morning, noon and night
Night is for the hunters
And the hunted are you and me
Hunted for just having
Some from of identity
Op zijde twee schreef en vertolkte Vinnie Reilly
(ook bekend van Durutti Column) de muziek.
Het sterkste nummer van deze plaatkant is wellicht All Night Party,
waarin Reilly echo's aan Joy Divisions The Eternal oproept.
Clark staat op de dansvloer met een glas in haar hand.
A Forest van The Cure is dichtbij.
In my hand I hold empty desires
In my hand an emptying glass
Standing in the corner
At the all night party
Of de beklemmende stilte van Pandora's Box, een nummer
als een grafzerk van een veel te vroeg gestorven liefdesideaal.
Love is a dangerous game to play with
A battle where only one side wins
A toy that is so easily broken
Rules that are only make believe
The loser a doll you once held so close
Now left unguarded in a forgotten room
The winner a cheat whose mind's on other things
Unrelentant from the beginning
Knowing what the result would be
Hier en daar geurt de doem van de bom nog na.
Daardoor klinkt het album ook tekstueel soms wat gedateerd.
Maar laat ik het maar een onweerstaanbaar tijdsdocument noemen.
En Anne Clark is waarlijk de poëtische zielsverwante van Ian Curtis.
Anne Clark - Joined Up Writing (1984)

4,0
1
geplaatst: 4 december 2008, 20:33 uur
JOINED UP WRITING 1984
De opvolger van haar sterkste album Changing Places.
Klemtoon ligt iets meer op de hitpotentie van de nummers.
Zo bevat dit 6 tracks tellende mini-album een paar klassiekers.
Nothing at All is bijvoorbeeld pure klasse.
Het strijkersarrangement is van Virginia Astley.
Muzikaal zit het nummer tussen het minimalisme van
Philip Glass en de treurzang van Joy Divisions Decades.
Maar ook thematisch is dit een juweeltje: op de grens tussen puberteit
en adolescentie schrijft een meisje een afscheidsbrief aan haar dagboek.
All this tenderness has come to nothing
All that we require is being rearranged
I've no wish to look to the future
For my exspectations will no doubt be changed
Just rolloing along on the rest of the waves
My statements and strategies are quickly dismissed
Poisoned pens on invisible paper
Steel knuckles concealed by velvet fists
http://nl.youtube.com/watch?v=dJqboP2Vgds
En dan is er Self Destruct met dat "onsterfelijke" openingsvers.
Opnieuw met David Harrow op synths die het macabere gedicht
in een haast vrolijke en tegelijk wrang uptempo discojasje steekt.
Suicide is an urban disease
Spread by people and places like these
A quick self destruct from the 21st floor
A smell of gas through the kitchen door
Prijsnummer van Joined up Writing en meteen ook een klassieker
in de lijn van Sleeper in Metropolis (Changing Places) is Our Darkness.
Through these city nightmares you'd walk with me
And we'd talk of it with idealistic assurance
That it wouldn't tear us apart
We'd keep our heads above the blackened water
But there's no room for ideals in this mechanical place
And you're gone now
Ik kan niet anders dan dit nummer zien
als een thematische ode aan Ian Curtis.
Er is de duidelijke verwijzing naar Love Will Tear Us Apart.
Ann schetst de poëtische strijd van Curtis en haarzelf: de zoektocht
naar een kloppend hart in een vervreemdende maatschappij.
En dan is er die angel in dat kleine zinnetje ... And you're gone now ...
Now I stand here waiting ... zingt Bernard Sumner in Blue Monday.
Een gelijkaardig gevoel van verlatenheid ... en laat Our Darkness
nu ook muzikaal de evenknie van Blue Monday zijn ... vroege
synthesizer techno met een hoofdrol voor de sequencers.
http://nl.youtube.com/watch?v=TrI715zi5YQ
Do you think our desires still burn
I guess it was desires that tore us apart
There has to be passion
A passion for living, surviving
And that means detachment
Nothing at All en Our Darkness zijn tekstueel,
maar ook muzikaal zo mooi dat iedereen die Joy Division
liefheeft omwille van Curtis' poëzie Anne Clark moet proberen.
De opvolger van haar sterkste album Changing Places.
Klemtoon ligt iets meer op de hitpotentie van de nummers.
Zo bevat dit 6 tracks tellende mini-album een paar klassiekers.
Nothing at All is bijvoorbeeld pure klasse.
Het strijkersarrangement is van Virginia Astley.
Muzikaal zit het nummer tussen het minimalisme van
Philip Glass en de treurzang van Joy Divisions Decades.
Maar ook thematisch is dit een juweeltje: op de grens tussen puberteit
en adolescentie schrijft een meisje een afscheidsbrief aan haar dagboek.
All this tenderness has come to nothing
All that we require is being rearranged
I've no wish to look to the future
For my exspectations will no doubt be changed
Just rolloing along on the rest of the waves
My statements and strategies are quickly dismissed
Poisoned pens on invisible paper
Steel knuckles concealed by velvet fists
http://nl.youtube.com/watch?v=dJqboP2Vgds
En dan is er Self Destruct met dat "onsterfelijke" openingsvers.
Opnieuw met David Harrow op synths die het macabere gedicht
in een haast vrolijke en tegelijk wrang uptempo discojasje steekt.
Suicide is an urban disease
Spread by people and places like these
A quick self destruct from the 21st floor
A smell of gas through the kitchen door
Prijsnummer van Joined up Writing en meteen ook een klassieker
in de lijn van Sleeper in Metropolis (Changing Places) is Our Darkness.
Through these city nightmares you'd walk with me
And we'd talk of it with idealistic assurance
That it wouldn't tear us apart
We'd keep our heads above the blackened water
But there's no room for ideals in this mechanical place
And you're gone now
Ik kan niet anders dan dit nummer zien
als een thematische ode aan Ian Curtis.
Er is de duidelijke verwijzing naar Love Will Tear Us Apart.
Ann schetst de poëtische strijd van Curtis en haarzelf: de zoektocht
naar een kloppend hart in een vervreemdende maatschappij.
En dan is er die angel in dat kleine zinnetje ... And you're gone now ...
Now I stand here waiting ... zingt Bernard Sumner in Blue Monday.
Een gelijkaardig gevoel van verlatenheid ... en laat Our Darkness
nu ook muzikaal de evenknie van Blue Monday zijn ... vroege
synthesizer techno met een hoofdrol voor de sequencers.
http://nl.youtube.com/watch?v=TrI715zi5YQ
Do you think our desires still burn
I guess it was desires that tore us apart
There has to be passion
A passion for living, surviving
And that means detachment
Nothing at All en Our Darkness zijn tekstueel,
maar ook muzikaal zo mooi dat iedereen die Joy Division
liefheeft omwille van Curtis' poëzie Anne Clark moet proberen.
Arbeid Adelt! - Jonge Helden (1983)

4,0
0
geplaatst: 22 februari 2013, 11:55 uur
JONGE HELDEN 1983
De belpop boom begin jaren 80 werd in de eerste plaats gekenmerkt
door een reeks schitterende mini-albums. Bijna elke band maakte gebruik
van het medium en definieerde zo kernachtig haar eigen, vaak unieke geluid.
Zo ook Arbeid Adelt! het geesteskind van saxofonist Jan Vanroelen
(broer Geert zat bij het skavriendelijke The Employees) en Marcel Vanthilt.
Vooral de bebrilde Vanthilt had al menig memorabel feit op zijn belpop kerfstok.
Als pionier bij de Brusselse vrije radio, als lichtman bij TC Matic en vooral als samensteller
van het onvolprezen Get Sprouts album, het definitieve startschot van de belpop boom.
Arbeid Adelt! debuteerde in eigen beheer met Ik Sta Scherp uit 1981.
De singleversie van dit nummer en de b-kant zijn tot op heden onvindbaar op CD.
De versie die je aantreft op Jonge Helden is namelijke een nieuwe opname.
De tweede single verscheen bij Parsley en stak de draak met charmezanger
John terra die met De Dag Dat het Zonlicht Niet Meer Scheen een megahit op zak had.
De gelijknamige single van AA was geen cover, maar een satire hierop en werd een culthit.
Mocht je de eerste twee singles en hun b-kanten aan Jonge Helden toevoegen
dan spraken we van een volwaardig album dat ik misschien wel 5 sterren had gegund.
Maar dat zou misschien afbreuk doen aan de aanwezigheid van Luc Van Acker
die het duo pas kwam vervoegen in 1983. Hij zorgde voor de nodige gitaarlijnen.
In het werkelijk sublieme De Man Die Alles Noteert bijvoorbeeld.
Je wandelt in de voetsporen van Kuifje door de straten van Brussel.
Ik Sta Scherp en Jonge Helden zijn twee nummers die erg goed
het hoekige karakter van de muziek weergeven. Eigenlijk niet echt muziek,
maar een op hol geslagen ritmebox die wordt achternagezeten door een synthklavier.
Vanthilt zingt niet, maar reciteert bijna dadaïstisch de indrukken van het moment.
Er bestaan opnames van nummers die op deze manier live op het podium ontstonden
en nadien nooit meer konden worden heropgeroepen: letterlijk muzikale momentopnames.
Capita Selecta met erotische passages uit het Latijnse oeuvre der dichters
die op de schoolbanken liever gencensureerd werden is een schot in de roos.
Tussen dat alles zit het Roodborstje dat we nog kennen uit Disneys Assepoester.
Merk op dat 65+ wil lachen met bejaarden (moet je vandaag eens proberen
om iemand van 65 een bejaarde te noemen ... het kan je een blauw oog kosten).
Het Meisje van Mijn Hart verscheen exclusief op 12" single maar brak geen potten.
De twee laatste nummers vind ik minder beklijvend
en zorgen ervoor dat ik deze score bij 4* moet houden.
Uit dezelfde periode onthouden we nog de live Public Image Cover Death Disco,
al is het eerder een ad lib geïmproviseerde variant van hun Disco Death, waarvan
de saaiheid de technicus noopte om het einde versneld te laten passeren.
Gek genoeg groeide Death Disco uit tot een clubklassieker in het new beat tijdperk.
De belpop boom begin jaren 80 werd in de eerste plaats gekenmerkt
door een reeks schitterende mini-albums. Bijna elke band maakte gebruik
van het medium en definieerde zo kernachtig haar eigen, vaak unieke geluid.
Zo ook Arbeid Adelt! het geesteskind van saxofonist Jan Vanroelen
(broer Geert zat bij het skavriendelijke The Employees) en Marcel Vanthilt.
Vooral de bebrilde Vanthilt had al menig memorabel feit op zijn belpop kerfstok.
Als pionier bij de Brusselse vrije radio, als lichtman bij TC Matic en vooral als samensteller
van het onvolprezen Get Sprouts album, het definitieve startschot van de belpop boom.
Arbeid Adelt! debuteerde in eigen beheer met Ik Sta Scherp uit 1981.
De singleversie van dit nummer en de b-kant zijn tot op heden onvindbaar op CD.
De versie die je aantreft op Jonge Helden is namelijke een nieuwe opname.
De tweede single verscheen bij Parsley en stak de draak met charmezanger
John terra die met De Dag Dat het Zonlicht Niet Meer Scheen een megahit op zak had.
De gelijknamige single van AA was geen cover, maar een satire hierop en werd een culthit.
Mocht je de eerste twee singles en hun b-kanten aan Jonge Helden toevoegen
dan spraken we van een volwaardig album dat ik misschien wel 5 sterren had gegund.
Maar dat zou misschien afbreuk doen aan de aanwezigheid van Luc Van Acker
die het duo pas kwam vervoegen in 1983. Hij zorgde voor de nodige gitaarlijnen.
In het werkelijk sublieme De Man Die Alles Noteert bijvoorbeeld.
Je wandelt in de voetsporen van Kuifje door de straten van Brussel.
Ik Sta Scherp en Jonge Helden zijn twee nummers die erg goed
het hoekige karakter van de muziek weergeven. Eigenlijk niet echt muziek,
maar een op hol geslagen ritmebox die wordt achternagezeten door een synthklavier.
Vanthilt zingt niet, maar reciteert bijna dadaïstisch de indrukken van het moment.
Er bestaan opnames van nummers die op deze manier live op het podium ontstonden
en nadien nooit meer konden worden heropgeroepen: letterlijk muzikale momentopnames.
Capita Selecta met erotische passages uit het Latijnse oeuvre der dichters
die op de schoolbanken liever gencensureerd werden is een schot in de roos.
Tussen dat alles zit het Roodborstje dat we nog kennen uit Disneys Assepoester.
Merk op dat 65+ wil lachen met bejaarden (moet je vandaag eens proberen
om iemand van 65 een bejaarde te noemen ... het kan je een blauw oog kosten).
Het Meisje van Mijn Hart verscheen exclusief op 12" single maar brak geen potten.
De twee laatste nummers vind ik minder beklijvend
en zorgen ervoor dat ik deze score bij 4* moet houden.
Uit dezelfde periode onthouden we nog de live Public Image Cover Death Disco,
al is het eerder een ad lib geïmproviseerde variant van hun Disco Death, waarvan
de saaiheid de technicus noopte om het einde versneld te laten passeren.
Gek genoeg groeide Death Disco uit tot een clubklassieker in het new beat tijdperk.
Arbeid Adelt! - Le Chagrin en Quatre-Vingts (1983)

3,0
0
geplaatst: 22 februari 2013, 12:11 uur
LE CHAGRIN EN QUATRE-VINGTS 1983
Dit tweede Arbeid Adelt! album is een als elpee vermomd mini-album.
Kijk je naar het aantal tracks dan past hij in de ene categorie, kijk je naar de speelduur
dan heeft deze plaat moeite om met een gevuld programma voor de dag te komen.
En we moeten eerlijk zijn: het verrassingseffect van Jonge Helden is uitgewerkt.
Eerste Klas, Juicy en Zas X zijn drie korte improvisaties van de drie bandleden.
Op latere compilaties worden ze aan elkaar gelast toe één merkwaardige compositie.
Het enige, echte goudklompje op deze plaat is de hitsingle Lekker Westers.
Vaak gedraaid op de radio en zelfs beland in de tipparade, maar nooit in de hitlijsten.
De kracht van het nummer zit in de cultuurbeschouwende tekst van Marcel Vanthilt
en evenzeer in de mooie synthmelodie. De cirkelzaag gitaar lijkt op de ijsbeer van Grauzone.
De b-kant In Het Gemeentehuis is terug te vinden op compilaties en zeer de moeite waard.
Tenslotte zijn Met Kuifje in de Satelliet en Help Me (Ik Stik) nog het vermelden waard.
Die laatste verscheen later ook nog op 12" toen de new beat in opmars was.
Na dit album vertrok Luc Van Acker om in 1984 uit te pakken
met het tot op heden erg gewaardeerde solo-album The Ship (1984).
Arbeid Adelt! bracht als duo in 1984 nog een crisissingle uit: Geen Ekskuzes Meer.
Om daarna in 1985 uit te pakken met twee nieuwe bandleden, en niet van de minste:
de Oostendse gitarist Willie Willie en de Brusselse zangeres Danni Klein.
Het wondermooie Stroom bracht hen zowaar nog hitparadesucces
en Witte Kom Hie bleek een geslaagde, muzikale grap.
Willie en Danni schreven samen met wijlen bassist Dirk Schoufs in 1987
Just a Friend of Mine en Vaya Con Dios werd geboren en Arbeid Adelt! begraven.
Er zou nog een bevredigend comeback album komen in 1991.
En Jan Vanroelen deed daar in 1994 nog een veredeld solo-album bij.
Dit tweede Arbeid Adelt! album is een als elpee vermomd mini-album.
Kijk je naar het aantal tracks dan past hij in de ene categorie, kijk je naar de speelduur
dan heeft deze plaat moeite om met een gevuld programma voor de dag te komen.
En we moeten eerlijk zijn: het verrassingseffect van Jonge Helden is uitgewerkt.
Eerste Klas, Juicy en Zas X zijn drie korte improvisaties van de drie bandleden.
Op latere compilaties worden ze aan elkaar gelast toe één merkwaardige compositie.
Het enige, echte goudklompje op deze plaat is de hitsingle Lekker Westers.
Vaak gedraaid op de radio en zelfs beland in de tipparade, maar nooit in de hitlijsten.
De kracht van het nummer zit in de cultuurbeschouwende tekst van Marcel Vanthilt
en evenzeer in de mooie synthmelodie. De cirkelzaag gitaar lijkt op de ijsbeer van Grauzone.
De b-kant In Het Gemeentehuis is terug te vinden op compilaties en zeer de moeite waard.
Tenslotte zijn Met Kuifje in de Satelliet en Help Me (Ik Stik) nog het vermelden waard.
Die laatste verscheen later ook nog op 12" toen de new beat in opmars was.
Na dit album vertrok Luc Van Acker om in 1984 uit te pakken
met het tot op heden erg gewaardeerde solo-album The Ship (1984).
Arbeid Adelt! bracht als duo in 1984 nog een crisissingle uit: Geen Ekskuzes Meer.
Om daarna in 1985 uit te pakken met twee nieuwe bandleden, en niet van de minste:
de Oostendse gitarist Willie Willie en de Brusselse zangeres Danni Klein.
Het wondermooie Stroom bracht hen zowaar nog hitparadesucces
en Witte Kom Hie bleek een geslaagde, muzikale grap.
Willie en Danni schreven samen met wijlen bassist Dirk Schoufs in 1987
Just a Friend of Mine en Vaya Con Dios werd geboren en Arbeid Adelt! begraven.
Er zou nog een bevredigend comeback album komen in 1991.
En Jan Vanroelen deed daar in 1994 nog een veredeld solo-album bij.
Arbeid Adelt! - Triple Best Of (2014)
Alternatieve titel: Best of 3CD

4,0
0
geplaatst: 11 oktober 2014, 18:20 uur
TRIPLE BEST OF (I-tunes) of BEST OF 3CD (mijn exemplaar)
Blijkbaar bestaan beide titels naast elkaar, maar dat doet er eigenlijk niet toe.
Op deze box vind je ALLES wat Arbeid Adelt! ooit uitbracht en nog veel meer... ongeveer toch.
Het vierde album Noblësse Oblige (1994) ontbreekt.
Maar dat was dan ook een wat ongelukkig solo-project van oprichter Jan Vanroelen.
Het comeback album Des Duivels Oorkussen (1991) staat er wel integraal op.
Je vindt het terug op schijfje drie, samen met de recente live plaat Live@AB2011 (2011).
Op schijfje twee staan beide mini-albums uit 1983.
Namelijk Jonge Helden (1983) en Le Chagrin en Quatre-Vingts (1983).
De grootste schatten zijn te vinden op de eerste disc: alle singles, b-kanten en nog veel meer.
1981: Ik Sta Scherp / Schuld? Mij Treft Geen!
1982: De Dag Dat het Zonlicht Niet Meer Scheen / Het Amusementsbedrijf
1983: De Man Die Alles Noteert / Death Disco
1983: Lekker Westers / In het Gemeentehuis
1985: Décoiffée / Stroom
1985: Witte Komhie / Steppin' Stone
1990: Spannend / Hond
De singles Nergens Heen en Jhonnie Sexpistool uit 1991 hadden geen exclusieve b-kanten.
Dat alles aangevuld met rarities en remixen.
Toch is men erin geslaagd één single weg te laten.
1984: Geen Ekskuses Meer / Plus d'Excuses
Vreemd, aangezien het nummer eerder wel al op cd verscheen.
- hier: Bel 80 - 1984 (2005)
- maar ook als bonustrack van: Des Duivels Oorkussen (1991)
Maar die ene misser kan voor mij de pret absoluut niet derven: wereldbox!
Blijkbaar bestaan beide titels naast elkaar, maar dat doet er eigenlijk niet toe.
Op deze box vind je ALLES wat Arbeid Adelt! ooit uitbracht en nog veel meer... ongeveer toch.
Het vierde album Noblësse Oblige (1994) ontbreekt.
Maar dat was dan ook een wat ongelukkig solo-project van oprichter Jan Vanroelen.
Het comeback album Des Duivels Oorkussen (1991) staat er wel integraal op.
Je vindt het terug op schijfje drie, samen met de recente live plaat Live@AB2011 (2011).
Op schijfje twee staan beide mini-albums uit 1983.
Namelijk Jonge Helden (1983) en Le Chagrin en Quatre-Vingts (1983).
De grootste schatten zijn te vinden op de eerste disc: alle singles, b-kanten en nog veel meer.
1981: Ik Sta Scherp / Schuld? Mij Treft Geen!
1982: De Dag Dat het Zonlicht Niet Meer Scheen / Het Amusementsbedrijf
1983: De Man Die Alles Noteert / Death Disco
1983: Lekker Westers / In het Gemeentehuis
1985: Décoiffée / Stroom
1985: Witte Komhie / Steppin' Stone
1990: Spannend / Hond
De singles Nergens Heen en Jhonnie Sexpistool uit 1991 hadden geen exclusieve b-kanten.
Dat alles aangevuld met rarities en remixen.
Toch is men erin geslaagd één single weg te laten.
1984: Geen Ekskuses Meer / Plus d'Excuses
Vreemd, aangezien het nummer eerder wel al op cd verscheen.
- hier: Bel 80 - 1984 (2005)
- maar ook als bonustrack van: Des Duivels Oorkussen (1991)
Maar die ene misser kan voor mij de pret absoluut niet derven: wereldbox!
Aztec Camera - Walk Out to Winter (2011)
Alternatieve titel: The Best Of

4,0
0
geplaatst: 2 juli 2011, 23:24 uur
WALK OUT TO WINTER (2011)
Demon Music Club pakt ook dit jaar weer uit met heel aardige dubbelaars.
Aztec Camera is zo'n band waarvan je niet snel meer dan één CD in huis wil halen.
En omdat het niet zo duidelijk is welke, is er dit democratisch geprijsd overzicht.
Aztec Camera - High Land, Hard Rain (1983)
Het debuut van de Schotten op Rough Trade.
Begin jaren 80 gingen Britse singer songwriters new wave.
Een snuifje jazz en een vleugje soul waren dankbare ingrediënten.
De eerste single van dit album was het vlotte Pillar to Post.
Maar ook het fijn bassende Oblivious en het wondermooie Walk Out to Winter
mochten op 7" in 1983. The Boy Wonders opent akoestisch om dan de pan
uit te singen. Met Release en Lost Outside the Tunnel tellen we 6 tracks
van het debuut. Enkel jammer dat we We Could Write Letters missen.
Aztec Camera - Knife (1984)
Het tweede Aztec Camera album werd geproducet door Mark Knopfler.
En de gitaren in All You Need Is Everything en Still on Fire, de twee radiovriendelijke singles
laten daar geen twijfel over bestaan. Het slepende Backwards and Forwards is de ballad.
Albumtracks Just Like the USA en het akoestische Birth of the True zijn sterke songs.
In totaal 5 tracks van het wat onderschatte, tweede album.
Ook Jump (b-kant van All You Need Is Everything) en een cover van de megahit
van Van Halen ontbreekt niet. Ook Cyndi Laupers True Colors is van de partij.
Aztec Camera - Love (1987)
Met het derde album is Aztec Camera geen groep meer,
maar het veredelde soloproject van zanger en gitarist Roddy Frame.
Deze wat softere langspeler levert met de derde single Somewhere in My Heart
een onverhoopte UK top 10 hit op. Ook de andere singles zoals How Men Are,
Deep & Wide & Tall en mijn favoriet Working in a Goldmine verschijnen op single.
Wie goed kan tellen zal merken dat het volledige album (9 tracks) op deze compilatie staat.
Aztec Camera - Stray (1990)
Op de vierde elpee vond Aztec Camera even aansluiting bij de ontluikende britpop
met bands als The Stone Roses in het vizier. Mick Jones van The Clash treedt op
als gastzanger en -gitarist en -componist. De single Good Morning Britain
haalt vlot de hitlijsten in de UK. Met The Crying Scene lukte dat minder.
4 tracks van de plaat haalden deze dubbelaar.
Aztec Camera - Dreamland (1993)
Het flamenco getinte Spanish Horses en de meezinger Dream Sweet Dreams
zijn de bekendste troeven van dit wat fletsere vijfde album van Roddy Frame en co.
Opnieuw goed voor 4 vertegenwoordigers. Do I Love You is een lied dat Aztec Camera
opnam voor dit album:
Aztec Camera - Frestonia (1995)
De laatste plaat die Roddy Frame onder de vlag van Aztec Camera uitbracht
deemsterde meteen weg door het ontbreken van geprofileerde mediacampagne.
Enkel Sun verscheen op single. Slechts 2 nummers haalden deze dubbelaar.
Verder nog wat b-kantjes en covers.
Wie van Haircut100 gehoord heeft of Prefab Sprout goed vindt,
moet Aztec Camera eens een kans geven. Deze dubbelaar kan helpen.
Van Aztec Camera verschenen onlangs ook 5 albums in een kartonnen doosje.
Aztec Camera - Original Album Series (CD, Album) at Discogs
Dat zijn maw alle albums met uitzondering van hun derde hitalbum.
Net die plaat die op Walk Out to Winter integraal aanwezig is.
Demon Music Club pakt ook dit jaar weer uit met heel aardige dubbelaars.
Aztec Camera is zo'n band waarvan je niet snel meer dan één CD in huis wil halen.
En omdat het niet zo duidelijk is welke, is er dit democratisch geprijsd overzicht.
Aztec Camera - High Land, Hard Rain (1983)
Het debuut van de Schotten op Rough Trade.
Begin jaren 80 gingen Britse singer songwriters new wave.
Een snuifje jazz en een vleugje soul waren dankbare ingrediënten.
De eerste single van dit album was het vlotte Pillar to Post.
Maar ook het fijn bassende Oblivious en het wondermooie Walk Out to Winter
mochten op 7" in 1983. The Boy Wonders opent akoestisch om dan de pan
uit te singen. Met Release en Lost Outside the Tunnel tellen we 6 tracks
van het debuut. Enkel jammer dat we We Could Write Letters missen.
Aztec Camera - Knife (1984)
Het tweede Aztec Camera album werd geproducet door Mark Knopfler.
En de gitaren in All You Need Is Everything en Still on Fire, de twee radiovriendelijke singles
laten daar geen twijfel over bestaan. Het slepende Backwards and Forwards is de ballad.
Albumtracks Just Like the USA en het akoestische Birth of the True zijn sterke songs.
In totaal 5 tracks van het wat onderschatte, tweede album.
Ook Jump (b-kant van All You Need Is Everything) en een cover van de megahit
van Van Halen ontbreekt niet. Ook Cyndi Laupers True Colors is van de partij.
Aztec Camera - Love (1987)
Met het derde album is Aztec Camera geen groep meer,
maar het veredelde soloproject van zanger en gitarist Roddy Frame.
Deze wat softere langspeler levert met de derde single Somewhere in My Heart
een onverhoopte UK top 10 hit op. Ook de andere singles zoals How Men Are,
Deep & Wide & Tall en mijn favoriet Working in a Goldmine verschijnen op single.
Wie goed kan tellen zal merken dat het volledige album (9 tracks) op deze compilatie staat.
Aztec Camera - Stray (1990)
Op de vierde elpee vond Aztec Camera even aansluiting bij de ontluikende britpop
met bands als The Stone Roses in het vizier. Mick Jones van The Clash treedt op
als gastzanger en -gitarist en -componist. De single Good Morning Britain
haalt vlot de hitlijsten in de UK. Met The Crying Scene lukte dat minder.
4 tracks van de plaat haalden deze dubbelaar.
Aztec Camera - Dreamland (1993)
Het flamenco getinte Spanish Horses en de meezinger Dream Sweet Dreams
zijn de bekendste troeven van dit wat fletsere vijfde album van Roddy Frame en co.
Opnieuw goed voor 4 vertegenwoordigers. Do I Love You is een lied dat Aztec Camera
opnam voor dit album:
Aztec Camera - Frestonia (1995)
De laatste plaat die Roddy Frame onder de vlag van Aztec Camera uitbracht
deemsterde meteen weg door het ontbreken van geprofileerde mediacampagne.
Enkel Sun verscheen op single. Slechts 2 nummers haalden deze dubbelaar.
Verder nog wat b-kantjes en covers.
Wie van Haircut100 gehoord heeft of Prefab Sprout goed vindt,
moet Aztec Camera eens een kans geven. Deze dubbelaar kan helpen.
Van Aztec Camera verschenen onlangs ook 5 albums in een kartonnen doosje.
Aztec Camera - Original Album Series (CD, Album) at Discogs
Dat zijn maw alle albums met uitzondering van hun derde hitalbum.
Net die plaat die op Walk Out to Winter integraal aanwezig is.
