MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten dazzler als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Sex Pistols - Never Mind the Bollocks Here's the Sex Pistols (1977)

Alternatieve titel: Never Mind the Bollocks

poster
5,0
NEVER MIND THE BOLLOCKS ... 1977

Rrright!!!

Laat ik hier eens voor gaan zitten met de aflevering van Classic Albums vers in het geheugen.
Het leek wel of die aflevering speciaal gemaakt was om de oeverloze discussie die hier al
meer dan een jaar woedt definitief te beslechten. Hou pen en papier maar klaar ...

Malcolm McLaren had een kledingzaak die Sex heette. Achter de balie
stond een bescheiden mompelende bassist die van The Beatles en ABBA hield.
Glen Matlock kreeg geregeld bezoek van zijn vrienden Paul Cook en de aan lager wal
geraakte gitarist Steve Jones. McLaren (Andy Warhol in het diepst van zijn dromen) dacht na.

Misschien moet ik maar eens een groepje lanceren. Eentje dat veel herrie schopt,
zoals die bandjes die ik laatst in de US zag. Met zo'n controversieel groepje kan ik klanten
naar mijn winkel lokken. De Pistols zijn formeel: McLaren stak nooit één muzikale vinger uit.
McLaren is formeel: het enige wat ik wou is chaos creëren om mijn zaak te doen draaien.

Johnny Rotten daagt op als kandidaat zanger. Zingen kan hij niet, maar hij schrijft
in een hoekje van de repetitiekamer scherpe teksten. Hij heeft wel gevoel voor melodie
en een unieke frasering. Aan het woord zijn de geluidstechnicus en de producer van dienst.

Maar zover is het nog niet. De Pistols nemen zoveel mogelijk demo's op.
De meeste songs zijn van Glen Matlock. In de studio worden de Pistols gesteund
door Chris Spedding (toen één van de zingende poppen aka The Wombles) die de gitaren
met raad en daad op punt stelt. Op de eeuwig terugkerende vraag of Spedding ook meespeelt
op het dbuut antwoordt Jones laconiek: ja, en hij speelde ook live mee vanachter een gordijn.

Tijd om twee, flink belegen broodjes aap definitief in de vuilnisbak te dumpen.

En dan nu de songs ...

Anarchy in the UK markeert een valse start bij platenmaatschappij EMI.
Als de band live in een talkshow verschijnt begint een dronken Jones te vuilbekken.
De persbal gaat onmiddellijk aan het rollen en het herrieschoppers imago is geboren.
McLaren is uiteraard in zijn nopjes, want zijn modeboetiek spint er garen bij.

De door Tubular Oldfield rijk geworden hippie Richard Branson neemt de Pistols
onder zijn Virgin vleugels. God Save the Queen stormt de UK charts binnen en strandt
op nummer 2. Volgens de verkoopcijfers versloeg de door de BBC gebannen koningin
die week nochtans Rod Stewart. Zijn commentaar: I Don't Want to Talk about It.

Met het ijzersterke Pretty Vacant keren de seks pistolen terug in de top 10.
En er is zelfs plaats voor een vierde single: het van een meezingrefrein voorziene
Holidays in the Sun (zonder de ontslagen Glen Matlock en met klootzak Sid Vicious).

Ondertussen is het album klaar. Omdat Sid Vicious geen bal van muziek kent,
worden de baspartijen net als de gitaarpartijen ingespeeld door Steve Jones. Weliswaar
op een bijzondere manier: Jones herhaalt gewoon de gitaarpartijen op de basgitaar.

Voeg daarbij de rake manier van zingen, alsof Rotten zijn teksten in je gezicht spuwt,
en het gevoel voor melodie (een Pistols song rockt nooit eendimensionaal voor zich uit).
en de typische Sex Pistols sound is klaar om duizenden bandjes te inspireren.

Op de singles belicht Johnny Rotten meerdere, anno 1977 actuele thema's.
Hij roept op tot anarchie, hekelt een Engeland dat geen toekomstperspectief biedt
aan de jonge generatie, vraagt de werklozen om hun fierheid niet op te geven
en schrijft een reisverslag over het door muzikanten zo geliefde Berlijn.

Bodies (ook met Vicious en zonder Matlock) plaatst kanttekeningen bij abortus
(zonder een standpunt in te nemen), Submission (oorspronkelijk niet op het album,
maar bijgevoegd op 7") snijdt SM aan, Seventeen richt zich expliciet op de jongeren,
No Feelings zet een stout lief aan de deur, Liar herinnert aan de spanningen tussen
Rotten en Matlock, Problems is een zelfportret van de groep, New York handelt
over de hamburgercultuur en EMI zet de muziekindustrie te kakken.

Wat wil een mens meer aan inhoud op één plaat?

En muzikaal spat de elektriciteit er overal vanaf.
Dit album rockt en snokt de zweetdruppels uit je lijf.

Steve Jones zegt aan het eind. Mocht ik mijn mond gehouden hebben op televisie
en mocht Glen Matlock niet zijn opgestapt, we zouden meer goeie platen gemaakt hebben.

De geschiedenis zag het anders. Rotten rotte op en begon Public Image Ltd. Puist Sid Vicious
trad op de voorgrond, trok menig muziekliefhebber een kloot af en nam de Pistols mee in zijn graf.

Terug naar Andy Warhol. Er is een boutade die zegt dat iedereen die de banaan
van de Velvet Underground kocht een groep begon. Hetzelfde kan gezegd worden
van iedereen die de Sex Pistols ooit live bezig heeft gezien in originele bezetting.

Tot hier en niet verder reikt de impact van de Sex Pistols.

Simon & Garfunkel - Bookends (1968)

poster
5,0
BOOKENDS 1968

Picture Paul Simon en Art Garfunkel als twee boekenhouders
met tussen hun beide ruggen in twaalf mooie liedjes geklemd.
En zie, u heeft het perfecte beeld van het duo anno 1968.

Simon & Garfunkel groeiden stilaan een beetje uit elkaar.
Het onbezonnen folk duo uit de schooljaren werd na een geflopt debuut plots
wereldberoemd door een elektrisch versterkt arrangement van Sound of Silence.

Terug naar de duo formule dus. Maar Simon blijkt toch al gauw het songbrein.
Dat liedjes altijd een tweestemmig arrangement moeten krijgen gaat een beetje storen.
Misschien wil die Simon wel eens wat gedurfder voor de dag komen met zijn muziek.

Bookends brengt ons het breedste palet van wat S&G aan bagage in huis hadden.

De plaat opent met een thema dat een brug legt naar Parsley Sage Rosemary
and Thyme, het poëtisch geladen album dat Bookends bijna twee jaar voorafging.
Na een paar succesvolle wereldtournees ging het duo weer een plaat opnemen.

Save the Life of My Child laat meteen de breuk met het folk verleden horen.
Psychedelische elementen sluipen de songs van Simon & Garfunkel binnen.
Leg Picknick van Boudewijn de Groot er maar naast. Erg vergelijkbare registraties.
Save the Life of My Child wordt kaleidoscopisch opgesmukt met snuifjes flower power.

America is een van de klassiekers hier. Een song die Simon lang solo zou blijven spelen.
In de productie zitten opnieuw wall of sound elementen, alsook een symfonisch rock orgeltje.
America klinkt als San Francisco (Scott McKenzie) en Summer in the City (Lovin' Spoonful) samen.

Overs laat Paul Simon flirten met jazz. Een oude liefde die hij maar moeilijk kan laten rusten.
Hij zal het genre in de jaren 70 blijven verkennen, vooral op Still Crazy after All These Years (1975).
Maar Overs is ook een nummer waarop het even zoeken is naar krullenbol Art Garfunkel.
We waren hem kwijt geraakt op America, maar hij zingt nu toch mee vanuit de keuken.

Daar zat hij rond de tafel met een schare opoes te kletsen. Wat een gek idee
om zo zijn stempel op een plaat te drukken die steeds nadrukkelijker van Simon lijkt te worden.
Maar op Bookends komt Garfunkel er weg mee. Een plaat waarop immers alles mocht.

De overgang naar Old Friends met de lucifer is goed gevonden.
Maar vergis je niet, dit lied gaat niet langer over de opoes in Arts keuken.
Dit gaat over Simon & Garfunkel zelf die stilaan uitgekeken raken op elkaar.
Want het liefdeskoppel dat nu met de ruggen naar elkaar voor zich uit staart
is een stille metafoor. Bookends Theme sluit een experimentele plaatkant af.

Op de tweede zijde van het album vinden we een handvol singles
die in de loop van 1967 en 1968 verschenen waren. Fakin' It bijvoorbeeld
dat weer wat psychedelisch kruit in de maaltijd roert. De intro neigt naar Cecilia,
maar we krijgen zowaar een nummer dat aan het werk van The Beatles doet denken.

Op Punky's Dilemma gaat Paul weer aan het swingen. Met jazzy plukbas.
Een liedje dat nog wat doet denken aan het vorige album. Sterker van uitvoering
dan van compositie. En die Garfunkel zit nu vermoedelijk ergens op een terras.

En dan is er hun tweede US nummer 1 hit. Mrs Robinson uit de film The Graduate,
met een piepjonge Dustin Hoffman. Net als Satisfaction van The Rolling Stones drijft
het nummer op één geniale riff (een hele outro lang). Het meezing refrein doet de rest.

Tijdens de Summer of Love kwamen Simon & Garfunkel aanzetten
met A Hazy Shade of Winter. Nogal ironisch, maar deze single houdt de vinger
kritisch aan de pols van de flower power generatie. Een nummer dat Bo de Groot
moet geïnspireerd hebben voor Als de Rook Om Je Hoofd is Verdwenen.

Er schuilt een Randy Newman in Paul Simon. Short people met slimme teksten.
At the Zoo is Simons Animal Farm: een blik op de mensheid doorheen een dierenbril.
Met dit vrolijk gekakel besluit Paul Simon zijn Fabeltjeskrant van 29.41 minuten.

De drie laatste Simon & Garfunkel platen scoren bij mij allemaal 5*. Wat een klasse!

Simon & Garfunkel - Sounds of Silence (1966)

poster
4,0
SOUNDS OF SILENCE 1966

Een reconstructie dringt zich op. In 1964 ziet het eerste album
van een nieuw folk duo Simon & Garfunkel het levenslicht. Geen groot succes.
Paul en Art zeggen elkaar vaarwel en Simon doolt door Engeland met zijn liedjes
die hij in 1965 weet vast te leggen op een minder bekend gebleven solo-album.

Als in december 1965 The Sound of Silence in een elektrisch versterkt arrangement
(leve Bob Dylan) naar nummer 1 stijgt in de States, is Simon opnieuw op visite in Londen.
Halsoverkop keert hij terug naar huis om samen met Garfunkel het applaus waar te nemen.

Het duo duikt haastig de studio in om het album Sounds of Silence op te nemen.
Daarom klinkt deze langspeler als een huzarenslaatje met enerzijds nog akoestisch werk
en anderzijds elektrisch versterkte songs, met enerzijds herbewerkingen van songs die Paul
al op The Paul Simon Songbook (1965) had gezet en anderzijds wat onrijp, nieuw materiaal.

Naast The Sound of Silence behoren I Am a Rock, Leaves That Are Green,
April Come She Will, A Most Peculiar Man en Kathy's Song tot de oudere songs.

I Am a Rock is ongetwijfeld het bekendste nummer na The Sound of Silence.
De single deed het bijzonder goed als opvolger van de hit. En tekstueel mag het lied
meteen gerekend worden tot de klassiekers in het poëtische folk pop repertoire.

Leaves That Are Green is puur akoestisch en ontvouwt de grote klasse van Simon
die op zo'n moment eigenlijk geen Garfunkel nodigt heeft om de luisteraar te treffen.
Songwriters als Melanie en Leonard Cohen doen hetzelfde met gitaar, tekst en stem.

April Come She Will werd herschreven naar het keelgeluid van nachtegaal Garfunkel.
Meer een gedicht dan een lied misschien. En wat hun prille werk van het latere S&G oeuvre
onderscheidt, zijn de teksten die geuren naar dagboeken en nog wat last hebben van puistjes.

De eerste songs waarin Simon mensen portretteert hebben haast iets onschuldigs.
A Most Peculiar Man heeft het ritme van een postkoets en verraadt daarmee zijn heimat:
het grote, Amerikaanse songboek. Een braaf liedje dat aan hun debuutalbum doet denken.

En dan is er Kathy's Song waarvoor ik alle hoeden die ik bezit wil afnemen.
Sprak ik zonet nog over onschuld en braafheid, dan vloeit hier de pijn uit Simons pen.
Dit lied heeft de blues in zich zoals alleen een groot songwriter dat kan bezingen.
Mag ik even denken aan een andere held van mij .. Townes van Zandt.

De nieuwe nummers dan, die het elektrisch versterkte luik weerspiegelen.

Blessed bijvoorbeeld waarin Simon & Garfunkel boven de storm uitzingen.
Het religieuze thema van hun debuut blijft aanwezig, maar krijgt wat tegenwind
dankzij het arrangement. Maar het lied behoort echter niet tot de blijvers.

Dat laatste geldt eigenlijk ook voor Somewhere They Can't Find Me.
Een nummer dat vooral hip voor zijn tijd wil zijn, maar minder het klassieke
Simon & Garfunkel kwaliteitslabel draagt. Het studio arrangement met een nochtans
mooie, jazzy inkleuring gaat lopen met de punten. De song zelf is minder trefzeker.

En ook Richard Cory hoort thuis in dezelfde categorie.
Nummers die het album door hun geforceerd "eigentijds" arrangement zwaar dateren
en die ervoor zorgen dat ik in de eindafrekening op 4 in plaats van 5 sterren uitkom.

Anji is een instrumentale jazz cover en opvuller die het gitaarspel van Simon in de kijker zet.
We've Got a Groovy Thing Goin' lijkt wel een ode aan The Everly Brothers, oude idolen van S&G.
Vooral de manier waarop ze hun stemmen laten blenden, vormde een inspiratiebron.

Een album dat ik moeilijk als een totaliteit kan zien of horen.
Het laat me telkens achter met een dubbel gevoel: talent zat, maar te haastig opgenomen.
Sommige van de nieuwere songs lijken nog niet rijp genoeg. Simon & Garfunkel hebben zelf
ook hoorbaar weinig controle over de productie. Dit klinkt toch te weinig als hun plaat.

Simon and Garfunkel - Bridge over Troubled Water (1970)

poster
5,0
BRIDGE OVER TROUBLED WATER 1970

De plaat der platen in de platenkast van de buurman.
Zo sijpelde hij stilletjes de slaapkamer van mijn broer binnen.
Mijn broer kocht een gitaar, leerde zichzelf spelen, schreef songs,
hoorde The Beach Boys en startte als hobby een eigen bandje.

Ik kreeg Simon & Garfunkel dus via mijn broer ingelepeld.
Drie songs kenden we al van op de radio: Bridge, Condor en Cecilia.
Netjes volgens de wetten van de popindustrie vooraan in de tracklijst gezet.

Daarna volgde clever genoeg het minst memorabele nummer van de hele plaat.
Keep the Customer Satisfied heeft nog die psychedelische inslag van het vorige album
maar botst hier naar mijn mening te zeer met het meer gestroomlijnde songmateriaal.

En dan is er Artie farty die dweept met meester architect Frank Lloyd Wright.
Een erg goed nummer waarin Garfunkels vocale aanpak tot zijn opperste recht komt.
Mooi met die jazzy toetsen die zullen terugkeren op Still Crazy after All These Years (1975).

Kant 2 opent met The Boxer en lailalai ... kennen we dat lied niet van ergens?
Een kant en klare kampvuur klassieker waarvan ik mocht leren dat ie van S&G was.
De single uit 1969 ging het album enkele maanden vooraf, maar past perfect in het plaatje.
Later zou Simon met Duncan, Hearts and Bones en Graceland vergelijkbare story's schrijven.

Baby Driver verscheen warempel ook op single in de US.
Een vluggertje dat iets te snel voorbij raast om genietbaar te zijn.

Maar daar doemt al meteen een andere klassieker op aan de horizon.
Tom, take your plane right on time ... en we glijden zachtjes mee op de vleugels
van een wall of sound arrangement om U tegen te zeggen met vocalen die Brian Wilson
vast niet onberoerd lieten. En het is alsof ik Garfunkel al Bright Eyes hoor zingen in de verte.

Why Don't You Write Me is best een lekker nummertje.
Een soort skiffle blues met een heerlijk arrangementje.

De Bye Bye Love cover hoor [Live] te lezen in de tracklijst.
Een ode aan hun vocale mosterdpot die ze tijdens het concert in Central Park
nog eens herhaalden, maar dit keer met die andere hit Wake Up Little Susie.

En dan eindigt deze megaseller met Song for the Asking.
Uit het gejoel van de menigte doemt enkel nog Paul Simon op.
Alsof hier een link wordt gelegd naar zijn eerstvolgende solo plaat.
Song for the Asking is een liedje dat het best scoort tijdens de kerst.

Terug naar het begin van de plaat.

Naar Sint Cecilia bijvoorbeeld, patroonheilige van de muzikanten.
Aardig om weten dat Simon voor deze song startte met enkel een ritme patroon.
Daarop kantkloste hij de hele song. Een meestamper voor de fanfare van ... Sint Cecilia.
Een procedé dat hij veel later zou herhalen op het album Rhythm of the Saints (1990).

En alsof dat niet volstaat gaat hij in El Condor Pasa alvast op bezoek bij Los Incas.
Bijzonder om te horen hoe Simon zich op Bridge over Troubled Water langzaam los weekt
van het folkduo imago en het bijhorende, muzikale verwachtingspatroon. Hij legt het oor
te luisteren bij andere muzikale tradities en zoekt naar nieuwe invalshoeken.

En dan is er de titelsong waarmee het album begint, maar evengoed weer kan afsluiten.
Bijna letterlijk de zwanenzang van Simon & Garfunkel die hoorbaar vechten om hun vocale gelijk.
Troubled water dus. En dat water tussen beide zangers blijkt inmiddels veel te diep.

Al gaan de credits voor de song naar Simon, de vocale inkleuring is toch Arts verdienste.
Met dat mistige stemgeluid van hem draagt hij de luisteraar moeiteloos over het water.
Simon & Garfunkel: het is vijf albums lang mooi, adembenemend mooi geweest.

Amen.

Simon and Garfunkel - Parsley, Sage, Rosemary and Thyme (1966)

poster
5,0
PARSLEY SAGE ROSEMARY & THYME 1966

Mijn favoriete Simon & Garfunkel plaat.
Past als een poëzie bundel op het nachtkastje.

Het begint al met het Victoriaanse Scarborough Fair / Canticle.
Ik waan me in Dead Poets Society, een film uit 1989 met Robin Williams: carpe diem.
De manier waarop de stemmen van Paul en Art zich om elkaar heen strengelen
is meteen de grootste troef van dit album. Alsof ze naast je in de kamer staan.

Patterns heeft een perfecte titel. Een kundige impressie op akoestische gitaar.
Everly Brothers revisited met een opzwepend, tokkelend ritme. Geen Rhythm of the Saints,
maar de kiemen zijn hoorbaar gelegd. In de finale rockt het nummer door het raam naar buiten.

Cloudy is een Garfunkel moment. Een krinkelend vocaaltje dat misschien niet
had misstaan in een musical (The Sound of Music) van Rodgers & Hammerstein.
Kon je toch maar mooi een meisje mee versieren ... in je dromen toch ...

Homeward Bound was de single die tussen het vorige album Sounds of Silence
en deze langspeler in zat. Op sommige herpersingen van die eerste terug te vinden.
Het arrangement heeft minder krulletjes dan de overige songs, swingt meer voor zich uit.
Maar wat een prachtige tekst. Muzikanten op weg naar huis. Better Be Home Soon ...

Twee keer laat Simon zich verleiden tot een rocksong op deze plaat.
Zo loopt hij op The Big Bright Green Pleasure Machine hoorbaar in de voetsporen
van Bob Dylan en The Byrds. Op die manier behoedt hij de plaat slim voor de meligheid.

12 songs in nauwelijks 30 minuten. Dat kan als een paar liedjes afklokken onder de 2 minuten.
The 59th Street Bridge Song is een mini-klassieker. Een klein, maar heerlijk melodietje.
Let ook op het kriebelend fluitje dat zich subtiel in de outro mag mengen.

Het sublieme The Dangling Conversation was één van de singles.
Parels voor de zwijnen, want een song die niet meteen herinnerd wordt
als mensen een lijstje klassieke Simon & Garfunkel hits selecteren.
Het hele album in een mini-symfonie van nog geen drie minuten.

Flowers Never Bend with the Rainfal leunt het meest aan bij hun oudere folk werk.
Maar opnieuw geniet het lied van een bijzonder intelligent arrangement. Met druppelende
tamboerijn en de onweerstaanbare samenzang van Paul en Art. Uit het songwriters boekje.

A Simple Desultory Phillipic blikt al vooruit naar Bookends, de plaat waarop
het duo zich graag laat inspireren door het psychedelische klankbord van de late 60s.
Simon zingt als Dylan en doet aan namedropping. Een potige brok op het juiste moment.

Want nu stapt Garfunkel in de schijnwerpers met een vocaal arrangement waarin hij
net als op Scarborough Fair helemaal loos mag gaan. Later zou Paul zich gaan ergeren
aan dat honingzoet tegen de wind inzingen. Maar eerlijk gezegd: het blijft Arties grootste troef.
For Emily, Whenever I May Find Her is het zoveelste mooie gedicht in deze bundel van twaalf.

Met A Poem on the Underground Wall krijgen we weer zo'n geniaal miniatuurtje.
Mag ik even verwijzen naar Shadow of Doubt op het Omsk album van The Nits.
Korte liedjes met een haarfijn geslepen tekst. Om even je adem in te houden.

Je moet eens horen hoe clever de meeste liedjes op deze plaat eindigen.

Dat Garfunkel met zijn stem een hele kerstboom kan doen branden is geen geheim.
7 O'Clock News / Silent Night mag gedateerd klinken. Het maakt van Parsley Sage Rosemary
and Thyme een tijdsdocument. 1966, een jaar waarin popmuziek nog om liedjes draaide.

Deze recensie werd simultaan geschreven tijdens het draaien van de plaat in 29.26 minuten.

Simple Minds - New Gold Dream (81-82-83-84) (1982)

poster
5,0
NEW GOLD DREAM 1982

Vandaag hak ik de knoop door betreffende dit op handen gedragen
Simple Minds album. Laat ik eerst vertellen dat ik nooit een groot fan
geweest ben van de grote gebaren van Jim Kerr. Belangrijk om weten.

Someone, Somewhere in Summertime is een prachtig nummer.
Het heeft iets van een sfeervol en ingetogen anthem van de vroege jaren 80.
Dat is wellicht ook min of meer de bedoeling van dit album.

De toevoeging 81-82-83-84 lijkt te suggereren
dat dit album tegelijk terugblikt en vooruitblikt.

De manier waarop Simple Minds synthesizers inzetten,
heeft me altijd kunnen bekoren. Spaarzaam, nooit opdringerig
en voldoende zuurstof gevend aan bas, gitaren en drums.

De bas op Someone, Somewhere in Summertime
heeft de souplesse van het postpunk tijdperk.

Daarna gaat diezelfde bas de funky toer op
in Colours Fly and Catherine Wheel. En daar begint mijn probleem.
Die bas pulkt er wel aardig op los, probeert de wat magere song
op te kloppen tot iets groots ... maar ik voel niet meteen wat ...

Promised You a Miracle staat opnieuw buiten kijf.
Een stuiterende new wave klassieker die behoorlijk
wat liters zweet kon kosten op de dansvloer.

De vocalen zijn fris en gevarieerd.
Simple Minds klinkt hier als de oude Spandau Ballet,
maar dan alleen veel vlotter en zelfs hitpotenter.

Dat laatste, een eigenschap die hen later dikke hits zou opleveren.

Big Sleep vind ik een erg matig nummer.
Met dezelfde, sterke ingrediënten waarmee het album is opgebouwd,
slaagt de groep er niet in om een volwaardige song neer te zetten.

De grootste verdienste van dit album lijkt me
het ontwikkelen van een heel typisch Simple Minds geluid.
Maar niet alle songs staan als een huis.

De instrumental Somebody Up There Likes You
kan mij opnieuw niet overtuigen. De sfeerzetting zit goed.
Alhoewel ... flarden Japan en OMD ... glijdende bas.
We bevinden ons wel erg hoog in de wolken.

Op Big Sleep na, heb ik niet echt een slecht nummer gehoord.
Maar enkel de twee singles onthoud ik als 5* composities.

En als ik 6* mocht uitdelen dan deed ik dat meteen
aan de onvolprezen titeltrack New Gold Dream (81-82-83-84).
In Vlaanderen misschien wel het populairste Simple Minds nummer
naast Don't You (Forget about Me) en Alive and Kicking.

Ik zit altijd naar de hoes van het album te staren.
En dan denk ik aan de alchemisten die uit metaal goud trachtten te winnen.

Simple Minds slaagt erin om op dit album een paar goudstaven
van songs te serveren. Maar evenzo tref ik ook oud ijzer aan in de tracklijst.

Het is niet al goud wat blinkt ...

Glittering Prize (opnieuw één van de singles) is het wel.
Het lied dat nog het meest de latere hitsound van SM uitstraalt.
Opnieuw een heerlijk jeukende baslijn en hemelse synths.

Hier gekomen tijdens een luisterbeurt denk ik altijd ...
nu wil ik nog twee topsongs horen en dan overweeg ik vijf sterren.

Maar Hunter and the Hunted bezorgt me meteen een pruillip.
Opnieuw zo'n gezwollen lied dat veel suggereert, maar me niet
weet te raken zoals die andere, reeds beschreven songs.

Dokter, wat is er mis met me?

Dat fluisterend zingen van Kerr helpt ook niet echt.
Daarmee kan je enkel geheimzinnigheid suggereren, meer niet.

King Is White and in the Crowd heeft een groeimarge.
Best een puike albumtrack, met de nodige spanningsbogen.
Lekker lang uitdeinend (en uitdijend af en toe).

De drie singles en de titeltrack zijn van 5* klasse.
Tracks 2, 5 en 9 zijn goed voor een 4* nominatie.

Big Sleep en Hunter and the Hunted zijn de twee nummers die mij niet
kunnen overtuigen om dit anders mooi ingekleurde album boven de 4* uit te tillen.

Een sterk 80s new wave album dat absoluut in mijn platenkast thuishoort.
Maar voor mij als echte klassieker net iets te licht bevonden ... het zij zo.

Alea jacta est ... deze recensie is klaar.

Soft Cell - Non Stop Ecstatic Dancing (1982)

poster
4,0
NON STOP ECSTATIC DANCING
was een bijzonder intrigerend mini-album
met 6 eigenzinnige remixen van eerder uitgebracht materiaal.


Memorabilia krijgt een lovenswaardige oppoetsbeurt van producer Mike Thorne.
Ook Cindy Ecstacy (Torch) is van de partij: keychains and snowstorms.

Where DId Our Love Go is een uitgerokken mix van de Tainted Love b-side.
Zeer merkwaardig verneukte versie is dit. Verveelt na herhaaldelijk spelen.

What is een dansvloervriendelijke remix van de gelijknamige singel.
Er zitten wat extra beats op en als dusdanig op menig verzamelaar.

A Man Could Get Lost is de opgefokte instrumentale versie
van A Man Can Get Lost (originele b-kant van Memorabilia). Klinkt als Yazoo.

Chips on My Shoulder is een dub-versie van de debuutalbumtrack.
Nog veel funkier door de klarinetten en met achtergrondkreetjes.

Sex Dwarf vind ik hier beter dan op het debuutalbum.
Deze remix geeft (nog) meer "body" aan het gecontesteerde nummer.


De bonustracks zijn allemaal extended versies
die ook zijn terug te vinden op de in 2000 verschenen 3CDbox.
Soms baanbrekend en opzienbarend, soms ook gewoon langdradig.

Naar het schijnt zijn alle deze tracks binnenkort ook verkrijgbaar
op de 2CD deluxe edition van Non Stop Erotic Cabaret.

Soft Cell - Non-Stop Erotic Cabaret (1981)

poster
5,0
NON STOP EROTIC CABARET
wordt al maanden in een 2CD deluxe editie beloofd,
maar werd meermaals uitgesteld (wie weet er meer over?).

Bedoeling was om het album te combineren
met Non Stop Ecstatic Dancing, het remix-album uit 1982.
Ook alle b-kantjes en extended versies zouden van de partij zijn.

Dit debuutalbum uit 1981 in zonder meer een voltreffer.
Heerlijk gearrangeerde synths, kitscherige vocalen
en sleazy teksten over alles wat vettig en prettis is.


Frustration is een neurotische opener met een meesterlijke Ball.
En de pathetiek spat ook meteen van Almonds performance.

Tainted Love kreeg een speciaal albumarrangement.
Door het niet te laten outfaden past het beter in het concept.

Seedy Films is gewoon geniaal. Ik ben geen ervaringsdeskundige,
maar zo moet een eroscoop volgens mij aanvoelen: Isn't that you on the screen?

Youth is zo pathetisch dat je in een nostalgische huilbui zou losbarsten.
Hou die zakdoek van Seedy Films dus nog even bij de hand (wat zeg ik nou toch).

Sex Dwarf wordt vaak geciteerd als een quintessential Soft Cell nummer.
Ik vond het toch net iets te druiperig en te gortig: alleen voor SM fans.

Entertain me laat ons Almond zien zoals we hem solo zouden leren kennen.
Theatraal in het middelpunt van de kisch: cabaret met een valse noot.

Chips on My Shoulder is een hyperkinetische dansvloerkiller.
En de tekst steekt meteen de draak met de doorsnee doemdenker.

Bedsitter was de tweede singel die het in Engeland ook vrij goed deed.
In het refrein hoor ik net iets te veel Eight Days a Week van de Beatles.

Secret Life leunt in het arrangement dicht aan bij Tainted Love.
Ik vind het wellicht met Sex Dwarf het minste nummer van de plaat.

Say Hello Wave Goodbye is magistrale romantiek. Je zou bijna
vergeten dat het om een man gaat die breekt met een prostituée.


De bonustracks dan.

Memorabilia was de allereerste singel: uptempo discowave.
Geproducet door Daniel Miller en je hoort inderdaad Depeche Mode.

Where Did Our Love Go, de Supremes cover, was een commerciële blunder.
De b-kant van Tainted Love, ook een cover, en daarom geen royalties voor de band.

Facility Girls is een miniatuurtje over een meisje met twee jobs.
Keurig meisje overdag, stoeipoes 's nachts: cliché, maar mooi gemaakt.

Fun City laat Soho horen: een grootstad by night met veel neonreclame
die je in duizend kleuren heel wat plezier belooft.

Torch was een heerlijke singel en ook top 10 in de Benelux.
Met zwoele trombone en sensuele stem van Cindy Ecstacy.

Insecure Me is de opzwepende, funky b-kant van Torch.
Zoals het vaak met dit duo was: de b-kant was minstens zo sterk als de a-kant.


Non Stop Erotic Cabaret grijpt de luisteraar bij het kruis.
En zo hoort het natuurlijk: je blijft gegarandeerd met rode oortjes achter.
Nu de deluxe edition nog ...

Soft Cell - The Art of Falling Apart (1983)

poster
4,0
THE ART OF FALLING APART
kondigt in de verte reeds het einde van Soft Cell aan.
Het hitimago zat, krijgt Dave Ball hier muzikaal de vrije hand.
Marc Almond heeft een solo-project met zijn Mamba's.
Maar ook Ball is al te horen op Crackdown van Cabaret Voltaire
en op zijn eigen onvolprezen solo-album Strict Tempo.


Forever the Same doet mij altijd aan Rendez-vous van Pas De Deux denken.
Het zijn ongetwijfeld de blazers. De band wou dit nummer op singel.

Where the Heart Is werd echter de eerste singel van dit album.
Een weemoedig generatieconflict in het verlengde van Say Hello Wave Goodbye.

Numbers werd de tweede singel en is een bijzonder sterk nummer.
In zijn rubberen 12" versie nog plastischer: throw them away like cleanex.

Heat is een broeierig relaas van degeneratie.
Mensen zijn als sigaretten die zichzelf tot peuken opbranden.

Kitchen Sink Drama is kitchen sink musical op Almonds wijze.
Huisvrouw verliefd op de postbode ... kitsch met een hoofdletter.

Baby Doll leunt dicht aan bij Dave Balls Strict Tempo album.
Een als mistige misdaadroman vormgeven relaas over de prostitutie.

Loving You Hating Me grijpt terug naar de singelformule
van Where the Heart Is. Daarom als singel in de US uitgebracht.

The Art of Falling Apart is het onvermijdelijke titelnummer.
Het duo Soft Cell dat zichzelf dreigt op te blazen ... één album te vroeg.


It's a Mug's Game (hier enkel in 12" versie) is de schitterende b-kant.
Een sneer naar alle fans van Deep Purple en Led Zeppelin.

Barriers (hier enkel in 12" versie) is een wankele ballad.
Het nummer schippert muzikaal tussen vals en onafgewerkt.

Martin vulde de a-kant van een bonus 12" die bij de vinyl editie zat.
Het verhaal over een Martin duurt echter (veel) te lang.

Hendrix Medley was de b-kant van die bonus 12": niet voor Hendrix fans.
Vreemde keuze als je net nog op Deep Purple en Led Zeppelin kotste.


De singel What / So staat op het eerste album,
maar ik link hem graag aan The Art of Falling Apart.

What is derde keer dat Soft Cell een oude soul song afstoft.
Vijfde en laatste hit die in Engeland de top 10 haalt.

So vind ik een mega bangelijke instrumental.
Dave Ball solo met de soundtrack voor een nachtje autorijden.


Heb je last van het zonlicht en het gevoel in zak en as te zitten.
Dan is dit je plaat: zo luid mogelijk spelen en dansen waar mogelijk.

Soft Cell - The Twelve Inch Singles (1982)

poster
5,0
Alle 12" singels + b-kanten (ook van in extended versie) in één box.
Dat kan niet anders dan 5 sterren waard zijn, vind ik.

Hopelijk gebeurt ooit hetzelfde met New Order,
want Substance bevat heel wat edits van de originele 12" versies.

Mijn favorieten zijn de Tainted Love - Where Did Our Love Go medley,
Say Hello Wave Goodbye (leve de klarinetten), Numbers (maximum bas),
de extended b-sides Insecure Me en It's a Mug's Game
en So (beter in zijn 7" edit, maar toch zo'n lekkere instrumental).

Soft Cell - This Last Night... in Sodom (1984)

poster
3,0
THIS LAST NIGHT ... IN SODOM
is een rete stoned album van Soft Cell.
Eigenlijk was de groep al ten onder gegaan
door drugs en vooral hun hitgroep imago.

Marc Almond liet Dave Ball het album zo luid producen
dat beluisteren met hoofdtelefoon af te raden is.


Mr. Self Destruct is een titel die boekdelen spreekt.
Een sterke opener, maar daarna is het wisselvalligheid troef.

Slave to This is een weinig opmerkelijke albumtrack. De meeste songs passen wel in het geheel, maar blijven op zichzel onvoldoende overeind.

Little Rough Rhinestone lijkt wel een vroege solo-track van Almond.
Een bijna vrolijke meezinger, een liefdesstory

Meet Murder my Angel is best wel ok.
Een dreigend refrein, maar met de nodige theatraliteit gebracht.

The Best Way to Kill is een dreunende Dave Ball.
Maar als song stelt het niet zo veel voor.

L'Esqualita wordt vaak als prijsnummer van het album getipt.
Hierin verwerkt Almond al zijn latere affiniteit voor de Spaanse tango.

Down in the Subway was de vierde soulcover en de laatste singel.
Rommelig, zoals het hele album, maar toch net iets te veel van hetzelfde.

Surrender to a Stranger is een kleurloze albumtrack.
Een van de redenen waarom ik hier maar drie sterren uitdeel.

Soul Inside was een aan pathetische overkill lijdende singel.
Maar zoals dat met Almond wel vaker is: het werkte perfect.

Where Was Your Heart eindigt het album met een ?
Het wordt tijd dat Almond solo nieuwe paden betreedt.


De b-kanten spreken hier minder tot de verbeelding.

Disease and Desire sluit aan bij het album.
Born to Lose is yet another cover.
En You Only Live Twice en 007 Theme zijn inderdaad Bond (?) covers.

De 12" van Soul Inside is een 12 minuten durend mentaal orgasme.
Her Imagination is een nummer dat niet helemaal afgewerkt was.


Ben je een sado-masochist? En dan vooral een masochist.
Dan zegt deze 10 (11) tracks durende zwanenzang je wellicht meer.
Ik vind het best een interessant Soft Cell document,
maar nuttig het maar sporadisch en met mate.

Spandau Ballet - True (1983)

poster
4,0
TRUE 1983

Het is bon ton om lacherig te doen over Spandau Ballet.
Met de deluxe editie van True in de CDspeler ben ik eindelijk
klaar voor een recensie. Eentje die komaf wil maken met de clichees.

True opent met Pleasure.
Terecht, want het album blaakt van het spelplezier.
Heel vlotte nummers met aardige hooks en subtiele arrangementen.
De sax zit als een zonnig citroenschijfje op je cocktailglas gespeld.

Het producersduo Swain en Jolley (zie ook Imagination, Bananarama en Alison
Moyet) drukt zijn stempel. Soft jazz en soulelementen voeren de boventoon.

Pleasure werd in de Benelux als opvolger van Gold op single gezet.
Voornamelijk omdat de twee eerste singles van True hier weinig deden.

Communication was de tweede single.
Opnieuw een nummer dat swingt als de beesten.
Er zit een zomerse toets in het album en de bijhorende clips.

In dat opzicht sluit True goed aan bij het werk van Duran Duran.
Muzikaal staan deze new romantics op True nog het dichtst
bij The Lexicon of Love (1982) van ABC. New wave of soul.

Code of Love is een rustpunt op kant 1.
Een sfeervolle ballad boordevol lekkere, instrumentale likjes.
Muziek als een cocktail bij het zwembad. Een Wham! referentie.

En dan is er Gold. Een 80s anthem zonder weerga.
Die uitgekiende percussie, de klaterende piano en de vocalen.
Opmerkelijk hoe geraffineerd Spandau Ballet op True uit de hoek komt.
De twee voorgaande albums stonden bol van de vette funk grooves.

Kant 2 start met Lifeline, de allereerste single van dit album.
Net als bij Pleasure word je hier al snel blijgemutst van.
Zo'n song waarin alles klopt. Misschien wat te gelikt.

De muziek op True heeft volgens velen te weinig ballen aan het lijf.
Maar een comfortabel zittende boxershort op zijn tijd kan ook deugd doen.

Met Heaven Is a Secret zijn we op een albumvullertje gestoten.
Een lied dat niet echt blijft hangen vind ik. Maar niet slecht.

Foundation is de link met het vroegere werk.
Een nummer dat vooral uit een vlotte groove is opgetrokken.
Het refrein wordt bij voorkeur met gebalde vuisten gescandeerd.

Afsluiten doen we uiteraard met de titeltrack.
True is, hoe melig je de song ook mag vinden, een klassieker.
Tony Hadley in maatpak zingt met de flair van Bryan Ferry.

Bijna gelijktijdig gereleased met Every Breath You Take van The Police.
En beide nummers steunen op een briljante gitaarlik.

This is the sound of my soul ...

Geef dit album nog eens een kans op je Ipod bij de zwemkom.
Bij voorkeur onder een gezellige augustuszon en met een drankje.
Je zal meteen merken dat 2,72 sterren veel te weinig is.

Split Enz - Anniversary (1994)

poster
ANNIVERSARY
registreert een reünie concert 10 jaar na de split.

Moeilijk verkrijgbaar ... ik heb hem nog niet gehoord.

Split Enz - Beginning of the Enz (1980)

poster
4,0
Deze verzamelaar is nooit op CD verschenen.

Het Chrysalis label verdeelde twee albums van Split Enz in de jaren 70:
Second Thoughts (1976) onder de titel Mental Notes, en Dizrythmia (1977).

In 1980, kort na de doorbraak met het True Colours album, zag Chrysalis
de kans schoon om de beste nummers uit die twee albums te compileren
en er de non-album singel Another Great Divide (track 4) aan toe te voegen.

Tracks 6 - 9 (of kant 2) is van Second Thoughts (aka Mental Notes).
Tracks 1, 2, 3 en 5 (of kant 1) zijn van de opvolger Dizrythmia.

Met Lovey Dovey en Sweet Dreams ipv Walkind Down a Road
zou dit een perfecte 5 sterren collectie geweest zijn van hun prilste werk.

Split Enz - Conflicting Emotions (1983)

poster
4,0
CONFLICTING EMOTIONS
was voor 60% een Neil Finn album.
Zelfde line-up als bij Time & Tide, maar minder beklijvend.
Een verzameling goede songs, dat wel, maar de magie
van de vorige drie platen is hier eerder afwezig.

Misschien omdat Tim er niet meer met zijn volle aandacht bij is.
Zijn vier composities klinken als leftovers van zijn eerste soloplaat.
Vooral het met complexe ritmes opgebouwde Working Up an Appetite
en het getormenteerde Conflicting Emotions zijn iets moeilijkere
composities die wellicht daarom het catchy Escapade niet haalden.

I Wake Up Every Night werd de iets te goedkope derde singel.
Maar albumafsluister Bon Voyage is het verloren pareltje.
Een meesterlijke Tim Finn ballad ... zakdoek verplicht.

Trok Tim Finn het laken (drie singels) net iets te veel naar zich toe
op het vorige, succesvolle en sterke album Time & Tide, dan gaat dit keer
broertje Neil met het mooiste rapport van de familie aan de haal.

Natuurlijk is er de prachtige evergreen Message to My Girl,
dat perfect tussen I Got You en het latere Don't Dream It's Over past.
Een radiohitje in de Benelux en op die manier toch nog een beetje
erkenning voor het verhaal van de kiwi's dat bijna op z'n einde loopt.

http://nl.youtube.com/watch?v=YUC_jE78FNE

Let even goed op de intrigerende videoclip: twee bedenkingen:
Je ziet in de regie hoe Tim als het ware de fakkel doorgeeft aan Neil.
En het wandelen door decors doet aan de clip van Don't Dream It's Over
denken, waarin Neil wandelt doorheen verschillende woonkamers.

De eerste singel van het album was nochtans Strait Old Line.
Een jazzy nummer dat prima ingespeeld werd, maar zonder bezieling.

http://nl.youtube.com/watch?v=-5wcVpj14l0

Bullet Brain and Cactus Head en Our Day zijn behoorlijke albumtracks.
Het laatste beschrijft de komst en geboorte van Neils eerste zoon.

Interessanter zijn het aggressieve No Mischief, en het al helemaal
in Crowded House arrangementen gegoten The Devil You Know.

De b-kanten Parasite (van Eddie Rayner) en Kia Kaha (van Neil)
ontbreken op de remaster (al werd Kia Kaha hernomen op het laatste album).

Kia Kaha is een juweeltje van een b-kant.
Het beschrijft de gezellige hoogtijdagen van de band enerzijds
en mixt het met de bekende Maori krijgsdans (zie rugby games) anderzijds.
Een link met een wat flauw filmpje, maar wel met het heerlijke nummer.

http://nl.youtube.com/watch?v=cvXe9b7krs8

Split Enz - Dizrythmia (1977)

poster
4,0
Begin 1977 verschijnt Another Great Divide / Stranger Than Fiction.
Deze meer conventionele singel is opnieuw geproducet door Phil Manzanera
en laat zien hoe Tim Finn nadrukkelijker zijn stempel op de groep drukt.
Het nummer staat als bonus op de recente remaster van Dizrythmia.

Mede-oprichter Phil Judd verlaat de groep (zal nog even opduiken in 1978).
De band stelt Tim voor om zijn 6 jaar jongere broer Neil als gitarist in te lijven.
Neil (met brilletje) is amper 19 en zal voorlopig een dienende rol vervullen.


DIZRYTHMIA
is het laatste album waarop de groep zich profileert
als een gekscherend circus met gekuifde harlekino's.
De geschifte geest van Phil Judd zweeft nog over de plaat,
al springen vooral de iets conventionelere nummers in het oor.

My Mistake / Crosswords is de eerste singel van de elpee.
Het nummer heeft dezelfde positieve vibe als Fraction too much Friction
van Tim Finn of het latere Chocolate Cake van Crowded House.

http://nl.youtube.com/watch?v=XmRpTV5tSb4

Bold as Brass / Sugar and Spice is de tweede 7" release.
Dit nummer is stillistisch een voorbode op wat "new wave" zal heten.
Elvis Costello, Squeeze en Madness zijn referenties ...

http://nl.youtube.com/watch?v=bD3v_AFJ6JI
(die "idioot" met dat brilletje is dus de piepjonge Neil Finn)

Sugar and Spice en Without a Doubt zijn sterke albumtracks.
De laatste laat (niet voor het laatst) een autobiografische Tim Finn horen.
Tracks 3, 8 en 9 zitten nog met één been in het oudere werk.

Geen hit, maar wel een klassieker is de tragische ballad Charlie.
Een absoluut hoogtepunt in Tims songwriters carrière
en door hem tot op vandaag nog regelmatig live gespeeld.

Tot slot nog de nooit uitgebrachte promoclip voor Crosswords,
b-kant van My Mistake, maar wel een vermeende singelkandidaat.
We zijn 1977: let nogmaals op de prille punk en new wave elementen.

http://nl.youtube.com/watch?v=InFk_Au3sSw

Split Enz - Enz of an Era (1982)

poster
4,0
ENZ OF AN ERA
is een behoorlijk compilatie album, maar onvolledig
omdat het nog tijdens de levensfase van de band verscheen.

Heeft een goed evenwicht tussen Split Enz oude en nieuwe stijl.

Split Enz - Frenzy (1979)

poster
3,0
Het is 1978 en het gaat niet goed met Split Enz.
Phil Judd keerde weer om al even snel te verdwijnen
en met hem verdween ook definitief de saxofonist.

Split Enz bestaat voortaan uit zes leden:
Tim Finn (zang en piano), Eddie Rayner (toetsen en techniek),
Noel Crombie (percussie en artistieke vormgeving van hoes tot clip),
Neil Finn (zang en gitaar), Malcolm Green (drums) en Nigel Griggs (bas).

De groep verliest haar manager en haar platencontract in Europa.
Maar de groep geeft niet op en zet in nauwelijks één week tijd
bijna 30 nummers op band in een Britste studio in Luton.
Piepjonge producer David Tickle is hun assistent.

I See Red / Hermit McDermitt / Message Boy wordt de nieuwe singel.
De band zat in het rood, maar de singel haalt zowaar de top 20 in Australië.

http://nl.youtube.com/watch?v=66Tv0TbIKQk


FRENZY
is genaamd naar de fanclub van de band
die hen in deze donkere scharnierperiode blijft steunen.
Frenz of the Enz heet de fanclub en Frenzy is een soort clublied.

Maar om een of andere duistere reden gaat de groep
met een verkeerde producer in zee en kiest ze ook enkele
zwakke nummers uit de omvangrijke lijst demo's.

I See Red wordt op latere persingen aan het album toegevoegd,
maar de catchy popsound van de singel wordt niet consequent genoeg
doorgetrokken op de andere albumtracks ...

Give It a Whirl / Frenzy is de enige singel die zal volgen
en het nummer gaat de geschiedenis in als de allereerste
Neil Finn compositie die op 45 toeren wordt uitgebracht.

http://nl.youtube.com/watch?v=S26-UZbxPqM

Tracks 4, 9 en 12 zijn behoorlijk zwak en zullen vervangen worden
door veel sterkere songs (zoals de bonustracks 14 en 15) als hun nieuwe
platenfirma A&M besluit om het album in 1981 ook in Europa uit te brengen.

Hermit McDermitt heeft de doortraptheid van het oudere werk,
Stuff and Nonsense is een pathetische ballad zoals Tim er later nog
zou schrijven en She Got Body She Got Soul is een akkoestische instanthit.
Betty is een mooi portret maar valt qua stijl een beetje naast het album.

Ik eindig dit hoofdstuk graag met een nooit gebruikte promoclip
bij Hermit McDermitt ... een lied dat uiteindelijk een b-kantje bleef.
Een nummer dat toont hoe hard de groep haar best doet om meer
toegankelijk te klinken, maar nog zoekt naar de juiste formule.

http://nl.youtube.com/watch?v=O6Qwu7Af73w

Split Enz - Frenzy [Europe] (1981)

poster
4,0
Dit album mag niet verward worden met het officiële,
alleen in Australië (en Nieuw Zeeland) door Mushroom
uitgebrachte album Frenzy uit 1979 (dat 13 tracks telt).

Deze Frenzy werd in 1981 door A&M in Europa en Amerika
uitgebracht en behoudt de sterkste nummers van Frenzy (1979),
maar vervangt drie zwakkere tracks door vier "nieuwe" songs.

Op die manier wordt deze A&M Frenzy een compilatie
van wat Split Enz tussen 1978 en 1981, toen ze in crisis verkeerde
en geen internationaal platencontract meer hadden, uitbracht.

De hit I See Red is identiek aan de versie op Frenzy.
Tracks 2-7 staan in een andere volgorde op het album uit 1979.
Het zijn dezelfde opnames, maar opnieuw gemixt in 1981.

De b-kant van deze tot nog toe alleen op vinyl verkrijgbare plaat, telt
vier nummers (track 9, 10, 11 en 14) die niet op het album uit 1979 stonden.
De overige tracks stonden er wel op, maar werden rechtstreeks van de
demo's geremixt (dus zonder de "mislukte" productie van Mallory Earl).

Alle nummers van Frenzy (zowel die op de 1979 als de 1981 versie),
komen van de legendarisch Luton Tapes ... de ongeveer 30 songs tellende
demo sessie die Split Enz hield in het Engelse Luton in het jaar 1978.

Door het hermixen van de nummers, klinkt Frenzy veel overtuigender.
A&M besloot om deze plaat in 1981 uit te brengen na het succes van de albums True Colours en Waiata: het is deze versie die je bij ons op de markt aantreft.

Semi Detached was de Australische b-kant van Things.
Carried Away was de Australische b-kant van I Hope I Never.
Holy Smoke was de Australische b-kant van History Never Repeats.
Livin' It Up was nog nooit eerder op vinyl verschenen.

Split Enz - History Never Repeats (1987)

Alternatieve titel: 20th Century Masters

poster
4,0
HISTORY NEVER REPEATS
is een veel te kort overzicht van de carriere van Split Enz.

Deze CD bestaat in verschillende versies met langere tracklijsten.
Al deze verschillende releasen zijn Australische (Nieuw Zeelandse) uitgaves.

De oorspronkelijke A&M collectie bevatte slechts 11 tracks.

Split Enz - Mental Notes (1975)

poster
4,0
Dit is het verhaal van de Nieuw Zeelandse Beatles.
Hun platen zijn als kiwi's: met een raar jasje, maar boordevol popvitaminen.

INTRO

Phil Judd en Tim Finn ontmoeten elkaar
in "room 129" van de kunstacademie in Auckland.
Ze besluiten in 1972 om samen een groepje te vormen: Split Ends.
Tim is muzikaal geschoold. Phil is too weird for words.

Een eerste singeltje For You / Split Ends verschijnt in 1973.
De opvolger heet Sweet Talking Spoon Song / One Two Nine (129).

Bakvis Neil Finn is apetrots dat hij zijn vier jaar oudere broer
door het land kan volgen tijdens het groeiende aantal optredens.

In 1975 maakt Split Ends een oversteek naar Australië.
Split Ends wordt Split ENZ ("NZ" verwijst naar Nieuw Zeeland).
De singel No Bother to Me / Home Sweet Home is hun visitekaartje.

De muziek van Split Enz evolueert stilaan van een soort
avant-gardistische folk naar een abstracte crossover van rock, pop en punk.
Hun adembenemende live performances worden legendarisch.


MENTAL NOTES
wordt in Australië opgenomen en verschijnt in 1975.
De plaat zal nooit buiten Nieuw Zeeland en Australië verschijnen.
Het wordt meteen ook hun op één na minst interessante album.

De productie is matig en de groep zoekt hoorbaar nog
naar het juiste evenwicht in de complexe arrangementen.
De 5 beste nummers zullen later heropgenomen worden.

Het vlotte Amy (Maybe) / Titus wordt de enige singel.
De hoes is een schilderij van de bandleden door Phil Judd.
Met Phil en Tim heeft de groep twee songwriters en lead zangers.
Andere muzikanten (zie lijst hierboven) zullen komen en gaan.

Alvast de vroege line-up even kort voorstellen: de band
En tot slot een televisie optreden uit 1975 met Maybe / No Bother to Me

Split Enz - Second Thoughts (1976)

Alternatieve titel: Mental Notes [Europe]

poster
4,0
SECOND THOUGHTS
mag beschouwd worden als de echte debuutplaat van Split Enz.
Tracks 2, 3, 4, 6 en 7 werden heropgenomen en onder ervaren leiding
van niemand minder dan Phil Manzanera aan het vinyl toevertrouwd.

De nieuwe nummers tonen een muzikale vooruitgang.
Traditionele songelementen fleuren de maniakale arrangementen op.

Late Last Night / Time for a Change is de eerste singel.
En wie het nummer een paar draaibeurten geeft, dringt door
tot het onmiskenbare songwriters talent van Tim Finn.

http://nl.youtube.com/watch?v=c2uYINIOdWY

Matinee Idyll (129) / Lovey Dovey is de tweede singel.
Beide zijn oudere nummers, maar nu in hun definitieve jasje.
129 is het kamernummer waar de leden elkaar als studenten ontmoetten.

http://nl.youtube.com/watch?v=7UBvQUUEOiM

Van Sweet Dreams bestaat een prachtige videoclip.
Hoewel het nummer jammer genoeg niet op singel verscheen,
is het duidelijk een van de prijsnummers van dit album.
Dit keer is Phil Judd de componist en spilfiguur.

http://nl.youtube.com/watch?v=ghMq29m_l7Y

Alle hoezen, clips, kleding en decors werden trouwens
door de groep zelf ontworpen, en meer bepaald door Noël Crombie.

Vermeldenswaardig zijn Stranger Than Fiction en Time for a Change
(beiden van het debuutalbum) maar hier in optima forma.

Second Thoughts werd wereldwijd uitgebracht
onder de titel van het allereerste album Mental Notes.
De ultrakorte titeltrack Mental Notes werd daaraan toegevoegd.
In Europa door het label Chrysalis op de markt gegooid.

Split Enz - See Ya 'Round (1984)

poster
3,0
SEE YA ROUND
is het laatste album van Split Enz.
Tim Finn verliet de band tijdens de demo fase.
Neil probeert de brokken te lijmen op See Ya 'Round.
Een heerlijk jammende, maar vermoeide band hoor je op deze plaat.

Zo is er One Mouth Is Fed, een singel die al helemaal
Crowded House ademt, maar wel een beetje diepgang mist.

http://nl.youtube.com/watch?v=FkPJRSE39Cg

Een zestal nummers zijn van Neils hand, op de overige tracks
zijn de andere groepsleden plots aan het componeren geslagen.
Dat resulteert in een halfslachtig album ... Tim wordt gemist.

Wie goed op de hoes inzoemt, ziet een nieuw gezicht op de drums.
Niemand minder dan Paul Hester maakt het laatste levensjaar van
Split Enz mee en zou ook de overstap naar Crowded House maken.

Toetsenist Eddie Rayner zal de eerste jaren live inspringen
bij Crowded House, maar nooit fulltime lid worden ... de overige
bandleden duiken af en toe op (bijvoorbeeld op het Together Alone album).
Tim Finn zal op alle Crowded House platen backing vocals zingen.

Interessante tracks zijn verder het toepasselijke Years Go By
en de sublieme ballad Serge, die jammer genoeg het album niet haalde.
Ook b-kant Overdrive haalde de remaster van het album niet.

Uiteindelijk staat er één "quintessential" Split Enz song op deze plaat.
I Walk Away is het scharniernummer tussen Split Enz en Crowded House.
Het zal met aangepaste tekst op het eerste CH terugkomen.

http://nl.youtube.com/watch?v=-YPu2G-ECfI

De Split Enz versie vind ik anders veel frisser, en de tekst
gaat over Neil die niet langer aan de hand van zijn broer verder moet.
Hoe zal het gaan zonder de raad en de hulp van broer Tim?

Wel, dat verhaal is een ander (en bekender) verhaal.
Neil en Tim zullen elkaar nog regelmatig tegenkomen:
meer nog, ze doen bijna altijd mee op elkaars platen.

En is het daar niet, dan is het wel op de talloze reünie concerten
die Split Enz geregeld blijft geven (onlangs nog een keer in 2008).

Split Enz - The Beginning of the Enz (1979)

poster
3,0
Dit album verzamelt de drie eerste singels van Split Enz
die nooit op album verschenen en voegt er drie vroege demo's,
op weg naar hun eerste album Mental Notes aan toe.

De singels waren:

1973 For You / Split Ends
1973 Sweet Talking Spoon Song / One Two Nine (129)
1975 No Bother To Me / Home Sweet Home

Het nummer 129 zou in 1976 voor het album Second Thoughts
heropgenomen worden met als titel Matinee Idyll (129). Lovey Dovey
zal zowel op het debuut Mental Notes als op Second Thoughts
verschijnen en Spellbound haalt ook het debuutalbum.

Malmsbury Villa zal later nooit op album gezet worden.

Hun Europese platenfirma Chrysalis brengt in 1980
een verzamelalbum uit met als titel Beginning of the Enz.
Daarop staan echter 9 tracks uit de periode 1976-1977.

Split Enz - The Best Of (1993)

poster
3,0
Dit album is ontelbare keren heruitgebracht met verschillende hoezen.
Het betreft een compilatie die vooral focust op de jaren 70 Split Enz.

Tracks 1 tot 9 komen van de 2 albums die door Chrysalis
in Europa werden uitgebracht: Mental Notes en Dizrhythmia.

Tracks 10-16 zijn afkomstig van hun 5 meest poppy
albums die in Europa door A&M zijn uitgebracht.

Discrepanties in de de tracklijst, wat niet verwonderlijk is
omdat het album oorspronkelijk door Chrysalis (nu EMI)
werd uitgebracht ... in 1993 op precies te zijn.

Klemtoon ligt te fel op de experimentele 70s fase van de groep,
en te weinig op de 80s pop fase die veel toegankelijker is geweest.
"The Best Of" is dan ook een wat misleidende titel vind ik.

Split Enz - The Living Enz (1985)

poster
3,0
THE LIVING ENZ
is een leuke live collectie die vooral citeert
uit de allerlaatste reeks concerten die de band gaf eind 1984.

Tim Finn werd er weer even bijgeroepen.

Later zouden nog talloze reünieconcerten volgen.

Split Enz - Time and Tide (1982)

poster
5,0
TIME & TIDE
is zonder twijfel het beste album van Split Enz.
Hoewel ik een persoonlijkere band het met Waiata,
is dit album het eerste dat ik van hen in huis haalde.

Time & Tide is een conceptalbum en een groepsalbum.
Geen catchy love hits meer zoals op de vorige twee albums,
maar een beschouwelijke plaat over mens (time) en natuur (tide).

De songwriter credits zijn niet meer strikt gescheiden.
Alle bandleden dragen hier en daar hun steentje bij tot het geheel.
Drummer Malcolm Green is ondertussen vertrokken.

De voorlaatste line-up bestaat uit Tim Finn (zang - piano),
Neil Finn (zang - gitaar), Eddie Rayner (toetsen en productie),
Noel Crombie (percussie en vormgeving en Nigel Griggs (bass).
Hugh Padgham producet dit keer (samen met Rayner).

Het album telde slecht één overduidelijke hitsingel.
Six Months in a Leaky Boat (dat één geheel vormt met zijn
instrumentale intro Pioneer) beschrijft Tims mislukte huwelijk.
De Britten dachten dat het over de Falkland oorlog ging.

http://nl.youtube.com/watch?v=lXtIyKL0mKw

Nochtans werd eerst het snedige Dirty Creature op singel gezet.
In dat lied rekent Tim tekstueel sterk af met zijn eigen demonen.

http://nl.youtube.com/watch?v=-686Cuz5Tnw

Verdere Tim Finn songs zijn het prettige Never Ceazes to Amaze Me.
Er zit een huppel in de song die aan Fraction Too Much Friction doet denken.
http://nl.youtube.com/watch?v=XNWQDnoHbdA

Of het koude oorlogslied (anno 1982!) Small World ... een singelkandidaat.
En Haul Away waarin Tim zijn levensverhaal in drie minuten folkpop giet.

Gek genoeg werd geen enkele Neil Finn track als singel gekozen.
Nochtans is de jongere FInn ook hier weer goed op dreef.

Giant Heartbeat stokt nog een beetje in zijn geforceerd ritme,
maar Hello Sandy Allen is een Crowded Housiaanse rocker pur sang.
Ook het jazzy swingende Take a Walk is 18 karaatse klassepop.
Op Log Cabin Fever drijft Neil op zijn beurt zijn demonen uit.

Lost for Words is hoofdzakelijk van bassist Griggs en de album afsluiter
Make Sense of It is een vlotte groepsjam met een wijze boodschap.

De remaster laat Fire Drill als bonustrack uit dezelfde sessies achterwege.
Tijdens dit album is Split Enz op het toppunt van zijn roem.
Massa's platen verkocht in Canada, Australië en Nieuw-Zeeland.

Maar een echte doorbraak in de US of Europa is nog niet geforceerd.
Aan het eind van 1982 verschijnt Next Exit (bonus op remaster van See Ya 'Round)
waarin Tim tekstueel zijn eerste solo-avontuur aankondigt ...

http://nl.youtube.com/watch?v=21EzFPOw39Q

Als toemaatje een clipje dat onlangs op youtube verscheen nav
het overlijden van de Amerikaanse Sandy Allen, de grootste vrouw ter wereld.
In het clipje onvermijdelijk fragmenten uit Hello Sandy Allen.

http://nl.youtube.com/watch?v=BWKWBoDoU0c

Split Enz - True Colours (1980)

poster
5,0
Eind 1979 verscheen de singel Things ... een tweede hitje voor Neil Finn.
Het nummer is als bonus toegevoegd aan de remaster van True Colours.

http://nl.youtube.com/watch?v=UdiARuwMeqo

TRUE COLOURS
is het absolute doorbraakalbum van Split Enz.
Weg zijn de absurde arrangementen en het papegaaiencircus.
Het oorspronkelijke album bevat bijna 11 potentiële singels.

Pure wave pop ... ergens tussen Squeeze en Elvis Costello.
Het album wordt wereldwijd uitgebracht door A&M en Split Enz
zal de Britse en Amerikaanse hitlijsten halen en groot worden in Canada.

De songwriter credits zijn netjes verdeeld tussen Tim en Neil Finn.
En daar zit meteen de sterkte van deze tweede popfase van de groep.
De recht voor de raapse akkoorden van Neil sluiten mooi aan
bij de melancholische melodieën van oudere broer Tim.

Tim is de auteur van de hard rockende metafoor Shark Attack,
het dagdromerige I Wouldn't Dream of It, de mierzoete ballad I Hope I Never,
de in England op singel uitgebrachte stamper Nobody Takes Me Seriously,
de melancholische "lovesong to an alien" Poor Boy (ook singel in UK)
en het iets minder onweerstaanbare How Can I Resist Her.

I Hope I Never was de tweede singel van het album en raakte
ook de gevoelige snaar bij menig luisteraar in de Benelux, al geeft
die singel een wat verkeerde (te softe) impressie van het album.

http://nl.youtube.com/watch?v=El81CRuI8bk

Er bestaat een bootleg live-cd met een concert in Nederland anno 1980.

Neil Finn tekent voor de grootste Split Enz hit I Got You, een nummer waarmee hij
eigenlijk al een aanloop neemt naar het meesterlijke popwerk van Crowded House.

http://nl.youtube.com/watch?v=DqL7baI6H6c

Verder schreef Neil de sixties rocker What's the Matter With You
en de prachtige roadsong Missing Person (door iedereen getipt
als zijnde dé hit van het album en toch nooit op singel gezet).

Toetsenist Eddie Rayner zorgt voor twee instrumentals.
De heel new wave klinkende Double Happy en The Choral Sea.

Two of a Kind is een b-kantje, net als Holy Smoke, Semi-Detached
en Carried Away b-kantjes waren uit die periode en uit dezelfde
sessie stammen als de nummers op het album Frenzy.

I Got You wordt de op één na best verkochte singel van 1980 in Australië.
True Colours wordt er de best verkochte elpee: misschien net iets te vroeg.
In 1981 wordt dat Business As Usual van Men At Work en die zullen wel
wereldwijd doorbreken met Amerikaanse en Britse nummer 1 hits

Als bonus een videoclipje bij Poor Boy, gemaakt met fragmenten uit Split Enz
documentaires ... waarin oa nog de line-up van de late jaren 70 te zien is.

http://nl.youtube.com/watch?v=AcrRcUDAEYw

Split Enz - Waiata (1981)

Alternatieve titel: Corroboree

poster
5,0
WAIATA (aka Corroboree)
is mijn lievelingsalbum van de groep.
Waiata is Maori voor "dansfeest" of "party" en Corroboree,
de titel waaronder hij in Australië en ook op alle CDs
is verschenen, is aboriginal voor hetzelfde woord.

True Colours klonk als new wave met een sterke sixties ondertoon.
Waiata (ook geproducet door David Tickle) klinkt moderner, loopt nog gesmeerder.

Eigenlijk zijn beide albums elkaar broer of zus.
Ze zijn ook met identieke ingrediënten opgebouwd,
al komt Neil steeds meer uit de schaduw van zijn broer Tim.

http://nl.youtube.com/watch?v=7OuLuGS_BVw

One Step Ahead, een broertje van I Got You toont Neil in topvorm.
Het wordt meteen de eerste singel van de plaat en continueert de succesformule.
Verder schrijft Neil het bloedmooie Iris, de instant hit History Never Repeats
(tweede singel) en het wat te opvallend van de Beatles gejatte Ships.

http://nl.youtube.com/watch?v=tzuJXqgsiSM

Oudere broer Tim heeft een radiohitje in de Benelux met het knappe
Hard Act to Follow en een derde singel "down under" met I Don't Wanna
Dance
(een college discodreun die uitmondt in heavy metal gitaren).

http://nl.youtube.com/watch?v=fyrrxH-emic

Verder schrijft hij ook het prettig gestoorde Clumsy, het adembenemend getormenteerde Walking Through the Ruins en de spookballad Ghost Girl.

Toetsenist Eddie Rayner draagt opnieuw twee instrumentals bij.
Het new wave achtige Wail en het maritieme pianostukje Albert in India.
Het stormende In the Wars komt uit dezelfde sessies en was een b-kant.

De platen van Split Enz worden vanaf True Colours wereldwijd door A&M uitgebracht.
Dat label zal in 1981 ook een opgepoetste versie van Frenzy op de markt brengen.

Als toemaatje Hard Act to Follow, waarvan geen videoclip bestaat.

http://nl.youtube.com/watch?v=AGTSUeyt-nY

Stan Ridgway - The Big Heat (1986)

poster
5,0
THE BIG HEAT
Wat een klasseplaat is dit toch.
Zelden een Amerikaan gezien die zo lekker ironisch
de Amerikaanse cultuur op de korrel neemt.

Natuurlijk was er de briljante folk pop hit Camouflage.
Met een heerlijke lange tekst ... het is alsof je een roman
zit te leven als je het tekstblad van dit album voor je neus legt.

http://nl.youtube.com/watch?v=ZFYxCIr-Byo

Maar er zit veel meer in de toverhoed van Stan Ridgway.
Inktzwarte new wave, frisse synthpop, een likje jazz en een toefje blues.
Wel alles door elkaar mixen en goed schudden voor gebruik.

The Big Heat zelf met die new wave beat en het fluitje.
Het meezingbare refrein bezorgt deze singel de nodige hitpotentie.

Een vette bas daaronder en een scheurende mondharmonica.
Weerbarstige synthpop blues ... Pick It up and Put It in Your Pocket.

Can't Stop the Show is weer zo'n boeiende kortfilm op muziek.
Met een jankende gitaar ... country blues ging ik bijna schrijven.

Pile Driver opent met haangekraai: Stan is op bezoek bij boer Teun.
Misschien het minst geslaagde nummer, maar het blijft lekker luisteren.

Walkin' Home Alone doet denken aan Moon over Bourbon Street van Sting.
Een eenzame wandeling door een avondlijke grootstad.(ook op 45 toeren)..

Drive She Said bijvoorbeeld met die REM intro.
Hier gaat Stan overvalst rocken en de harmonica scheurt mee.
Dit was ook een singel, maar niet zo bekend bij ons.

Salesman is een van mijn favorieten hier.
Vette funkbas en met een mond vol kauwgom gezongen.

Twisted gaat de meer experimentele toer op en leunt
misschien nog het best aan bij Stans Wall of Voodoo verleden.
Maar altijd zijn daar die pakkende refreinen die van deze plaat een feest maken.
Als je hem voor een prikje tegenkomt, niet aarzelen en meteen toeslaan.

Negen goede tot ijzersterke songs.
Ik ken jammer genoeg alleen bonustrack 10.
Rio Greyhound is een nachtelijke instrumental
die een perfecte soundtrack is bij de albumhoes.

Nu nog op zoek naar de CD versie met 16 nummers.