MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten dazzler als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

U2 - Boy (1980)

poster
4,0
BOY 1980

Boy - October - War
De eerste triptiek van U2 belicht een groeiproces.

Wat Boy onderscheidt van zijn lotgenoten uit het postpunk tijdperk
is de sturm und drang, de jeugdige begeestering, een zekere vitaliteit.
Boy gaat de pijn niet uit de weg, maar blijft klinken als een adrenalinestoot.

I Will Follow
U2 start met een positieve noot. En ja, het nummer handelt over het prille verlies
van Bono's moeder. A boy tries hard to be a man, his mother takes him by the hand ...
Maar met mijn Joy Division bril zie ik ook een lijn naar die andere, muzikale gids en dichter
die zijn debuut ooit begon met I've been waiting for a guide to come and take me by the hand.

U2 was even getuige van het laatste opnameproces van Joy Division.
Martin Hannett was immers producer van hun derde single 11 o' Clock Tick Tock.
We zoeken het echt niet te ver als we daarvan sporen terugvinden op Boy.
Bono begint aan zijn zoektocht (het leven) zonder zijn gids (moeder).

Twilight
Ik dacht vroeger altijd dat het nummer ging over een jongen die man werd.
Blijkt het over de ontmoeting tussen een jonge kerel en een oudere man te gaan.
Over de ontdekking van de eigen seksualiteit. Toch een beetje een duister nummer.
Heet ook niet toevallig Twilight ... wat ik altijd vertaalde als tweesprong.
Volwassen worden zonder het kind (boy) in jou te verliezen.

An Cat Dubh / Into the Heart
Hoor ik daar schurende gitaren die aan JD's Exercise One doen denken?
Al vanaf het eerste album bewijst het jonge U2 dat ze een sfeer kan neerzetten.
Hier zitten de kiemen die Brian Eno op The Unforgettable Fire zal weten om te zetten
in een geladen klanktapijt op nummers zoals oa Promenade, 4th of July en de titelsong.
Beide tracks dragen een zekere puurheid, zeg maar ontroering in zich.

Out of Control / Stories for Boys
Remakes van hun eerste single. Songs die een link legt met de punk branie
waaraan alle new wave bands schatplichtig zijn. Meteen wordt duidelijk dat U2
virtuositeit toevoegt aan de straight forward attitude van de doorsnee punkband.
In Out of Control zit nog een schooljongen met korte broek en baard in de keel.
Storiers for Boys klinkt als een soort programmaverklaring voor het album.

The Ocean
Wat op An Cat Dubh / Into the Heart wel lukte (de sfeerschepping)
komt op deze korte instrumental een beetje geforceerd over. Het nummer staat
verder helemaal los van de andere tracks ... al verwacht je wel dat het een soort intro is.
Samen met het volgende nummer voor mij de minst beklijvende tracks op deze plaat.

A Day without Me
De eerste Boy single, eigenlijk een single die het album wat vooraf ging,
maar toch bewaard bleef in de tracklijst. Wat ik eigenlijk een beetje jammer vind.
Er zit een contrast in de frivoliteit van de muziek en de suïcidale connotaties van de tekst.
De muziek doet denken aan een gitaargestuurde instrumental van A Flock of Seagulls.
Ik had liever 11 o'Clock Tick Tock op het album terug gezien dan A Day without Me.

Another Time Another Place
Eén van de beste nummers op Boy, vind ik. The Edge die even afstand neemt
van zijn al zo herkenbare gitaarsound. Een nummer dat het nog jonge U2 ook met overtuiging
in de hele postpunk scene wortelt. Een song met erg veel karakter en solide baswerk.
Een strijdkreet zoals we er later op War nog enkele zouden terugvinden.

The Electric Co
Nog zo'n winnaar op Boy, met een definitieve versie op Under a Blood Red Sky natuurlijk.
Het stukgemaakte speelgoed is uiteraard een prima metafoor om de overstap naar October
in te leiden. Op dat album exploreert U2 de pijn van het zijn, het vallen van de bladeren.
Op The Electric Co stroomt de sturm und drang nog aan 220 volt door de aderen.

Shadows and Tall Trees
Een song die klinkt als een nog niet volledig ontwikkelt nummer.
Toch doet U2 mij hier met een eerder kaalgeplukt arrangement aan Joy Division denken.
De referenties naar October en de dood zijn subtiel, maar hoorbaar aanwezig.

Back to the cold restless streets at night
I talk to myself about tomorrow night
Walls of white protest
A gravestone in name
Who is it now
It's always the same
Who is it now
Who calls me inside
Are the leaves on the trees
Just a living disguise


Moeder en Curtis liggen begraven onder het bladerdek.
U2 wortelt in de postpunk scene, maar zal dra beginnen aan een groeiproces
tot ver daar voobij. Stap voor stap klimt de groep omhoog uit een muzikaal tijdperk
dat nog altijd iets te graag geassocieerd wordt met doemdenken en zelfbeklag.
Wie goed naar de eerste drie albums van U2 luistert, weet dat er meer is.

U2 - October (1981)

poster
4,0
OCTOBER 1981

In de jaren 80 ging het hard. Elk jaar een nieuwe plaat.
Ook U2 ontkwam niet aan die regelmaat en leverde met October een tweede album af.
De genesis van October verliep niet zonder pijn of ongemakken. Er is het bekende verhaal
van de verloren teksten die Bono verplichtten om de woorden opnieuw te schrijven.

Eerst werd Fire in 7" versie op het publiek losgelaten.
Het heilige vuur, zullen we maar zeggen, want U2 is op October in de Heer.
De single flopte, want het onvergetelijke vuur zou pas echt gaan branden in 1984.

Over naar de volgende single. Gloria trok het album definitief op gang.
Een loflied aan de Heer en in de verte hoor ik de oorlogspaarden al door de sneeuw hossen.
De definitieve versie staat voor mij toch op het live mini-album Under a Blood Red Sky.

Eer aan God in den hoge en meteen daarna komt de val.

I Fall Down brengt ons met beide voeten op de grond. October is een plaat
over ontnuchtering, over groeipijnen en teleurstelling. Bono als gevallen engel.
Maar I Fall Down overtuigt mij meer als metafoor dan als song.

October is een plaat van glasscherven en aan diggelen gegooide idealen.
In I Threw a Brick Through a Window slaat de wanhopige mens zijn eigen ruiten stuk.
Met zijn stevige gitaar riffs zet dit nummer zich bij de winnaars van deze langspeler.

Op Rejoice mag The Edge excelleren. Een song als een vuist.
Met de moed der wanhoop, maar het is die moed die centraal staat.
De gitaar snauwt en bijt om zich heen. Deze band wil door de blinde muur.

Wat October van zijn voorganger en zijn opvolger onderscheidt is de eerlijkheid.
Geen doordacht plan, geen songs die tijd kregen om bijgeschaafd te worden in de studio.
Op October gaat U2 recht door de pijn heen. De songs mogen dan iets minder sterk zijn,
ze winnen door die overgave voldoende aan puurheid en trefzekerheid. U2 snijdt diep.

Kant 2 opent met Tomorrow, het afscheidslied aan Bono's jong gestorven moeder.
De zwarte wagen en een ijzige wind vormen het decor van een hartverscheurend afscheid.
Misschien laat Bono hier te diep in de wonde kijken. Een lichte gêne maakt zich van me meester.
Toch mag het nummer bij de betere van dit album gerekend worden. Het folk element werkt.

En dan volgt er 2.21 minuten pure schoonheid.
De titelsong introduceert op treffende wijze de piano in U2s klankpalet.
Hoed af voor de poëzie die zowel uit de tekst als uit de muziek tot ons spreekt.

October
And the trees are stripped bare
Of all they wear
What do I care

October
And kingdoms rise
And kingdoms fall
But you go on


Dit nummer heeft dezelfde impact op mij als de intermezzo's op 17 Seconds van The Cure.
October klinkt als een prelude op The Eternal van Joy Division (moet je echt eens proberen).

With a Shout slaat spijkers met koppen en vat het dilemma mooi samen.

Oh, and where do we go, where do we go from here?

U2 herberekent de eigen koers. Natuurlijk loert het drama van het heilige Jeruzalem,
de stad van drie identieke goden en tegelijk één van de bloedigste steden om de hoek.
Maar het lijkt of Bono er tekstueel niet uit komt ... veel meer dan een kreet wordt de song niet.

Op die manier wordt het probleem van dit album blootgelegd. Het nieuwe materiaal kreeg
te weinig tijd om te rijpen. October klinkt nog te veel als een album in de steigers.

Stranger in a Strange Land drijft gelukkig wel op een mooie zanglijn.
Een spervuur van gitaren en drums pompt het adrenaline peil enigszins op.
Maar die vreemdeling (zou Camus er voor iets tussen zitten?) zit niet lekker in zijn vel.
Toch plaats ik het nummer nog net bij de betere helft van deze collectie.

Scarlet is een reprise van Rejoice. En als Fire er niet in slaagde om zich te meten
met The Unforgettable Fire, weet Scarlet wel te klinken als een nummer dat uit de sessies
van het door Eno en Lanois vormgegeven album is geglipt. Hoe ongepolijst het songmateriaal
op October ook moge klinken, de plaat zit vol met kleine kiemen naar een grote toekomst.

Toch zit ik na October altijd met een soort van "Is dit alles?" gevoel.
En laat dat nu net de titel zijn van een elfde nummer dat er echt teveel aan is.
Autobiografisch natuurlijk helemaal op zijn plaats dat moment van zelfreflectie.
Maar het nummer was misschien beter een potige rock instrumental gebleven.

Soms moet je streng zijn in de punten, zeker als de leerling meer in zijn mars heeft.

U2 - The Joshua Tree (1987)

poster
4,0
U2 - THE JOSHUA TREE (1987)

Waarom kan ik deze klassieker uit 1987 nou niet gewoon 5 sterren geven?
Laat dit een vraag zijn waar ik nu al meer dan 25 jaar lang mee worstel.

Hij liet wat lang op zich wachten deze Joshua Tree.
The Unforgettable Fire (1984) maakte een onvergetelijke indruk op me.
Eno meets U2. De luidruchtige braverock ontmoette de verstilde ambient toets.

The Joshua Tree zou een dubbelalbum worden, maar werd het niet.
De andere tracks werden dubbele b-kantjes van de bijhorende singles.
En de legende wil dat Kirsty MacColl, vrouw van producer Steve Lillywhite
de tracklijst bepaalde: ze maakte er gewoon haar eigen top 11 van.

Daniel Lanois en Brian Eno waren ook weer van de partij.
De Canadees Lanois is altijd goed voor een indian summer gevoel.
Maar laat ik tot de kern van de zaak komen: side 1 vind ik super, side 2 minder.
Nog maar eens een keertje beluisteren tijdens deze review dus.

Where the Streets Have No Name is subliem.
Met die aanzwellende gitaarintro waan je je meteen in barre oorden.
Lege straten, spooksteden ... het achterland van Amerika. De hoes spreekt.
Drums en bas blazen deuren open. Achter die deuren zieltoogt het arme zuiden.
Armoede als gevolg van een anti-politiek van economische verstikking.

I Still Haven't Found What I'm Looking For is pure gospel.
Zowel in de verfijnde tekst een psalm als in de contemplatieve muzikaliteit.
Authentieker zou de biddende Bono hierna niet meer klinken.
Voor dit nummer alleen al verdient hij zijn hemel.

Brian Eno's klavier is de spil van With or Without You.
In die elektronische mist declameert Bono het eeuwige vraagteken van de liefde.
Met haar kan ik niet leven, sprak de eerste man in een hindoeïstische scheppingsmythe
over de vrouw. Maar zonder haar kun je ook niet leven, antwoordde God met een frons
nadat hij het mooiste wezen uit zijn compositorisch brein had geschapen.

In Bullet the Blue Sky horen we plots een volwassen band.
Rock met de beide voeten in de blues. A man breathes in a saxophone.
Bono's metaforen worden sterker. Bullet the Blue Sky wordt een politiek statement.
Over de Amerikaanse contrapolitiek in Zuid-Amerika, lang voor hij bij Bush op de thee ging.

Running to Stand Still leerde ik pas voluit waarderen in zijn live versie.
The Edge slaat een country gitaar aan en Bono zingt zijn anti-drugs anthem.
Een vervolg op Wire. Maar hoe geloofwaardig is dat uit de mond van een megaster?
Laat het er nu even niet toe doen ... het lied blijft overeind.

Dat was dus kant 1. Nu op naar kant 2..

Red Hill Mining Town laat me nog steeds koud.
Ik hou niet zo van Bono's vocale uithalen in dit nummer.
Zijn stem heeft beperkingen en die worden dan uitvergroot.
Laten we het grote gebaar misschien beter aan Jim Kerr over.

In God's Country wordt vaak getipt als één van de allerbeste songs op dit album.
En opnieuw blijf ik vanop de zijlijn toekijken. Ik mis een duidelijke melodie. U2 spreekt
op kant 2 een taal die minder aan mij besteed lijkt. Wellicht de reden waarom ik hun latere
albums slechts mondjesmaat tot mij neem op enkele weergaloze singles na dan.

Trip through Your Wires laat een scheurharmonica aanrukken.
We bevinden ons op stoffige wegen. De gitaar van The Edge rammelt.
Opnieuw verraadt het nummer enige gospel ambities. Als een postkoets door de prairie.
Die cowboyhoed op de hoes is een andere hint. Ik hoor invloeden, maar mis een lied.

De eerder vermelde b-kanten ontwikkelen zich minder richting country, blues of gospel.
Naar mijn menig zat er altijd een "verover de States" geurtje aan The Joshua Tree.
Het is U2 gegund hoor, maar muzikaal spreken ze me zo minder aan.

One Tree Hill wijkt af van het nieuwe pad op kant 2.
Hier klinkt U2 weer wat meer als zichzelf. Toch meen ik betere songs
te hebben gehoord tussen de b-kanten van de bonusdisc.

Ondertussen ben ik alweer behoorlijk bevestigd in mijn twijfels.
Ook dit keer overtuigde kant 2 me niet om hoger te gaan dan 4 sterren.

Er is nog het patethische Exit dat zich langzaam omhoogwerkt
uit mistige rookpluimen om dan te gaan rocken als een ouwe U2.
De rustpunten breken echter de vuist die het nummer wil maken.
Toch vind ik dit het beste nummer op de tweede plaathelft.

Sting schreef in 1987 They Dance Alone. U2 hekelde het regime
van Pinochet in Mothers of the Disappeared. Een nummer dat als een coda
achteraan de tracklijst bengelt. En plots hoor ik weer een melodie, een song.
Alleen jammer dat Bono hier zo gaat mompelen. Toch een mooie afsluiter.

Ik heb mezelf nog een laatste huistaak gegeven: ik wil een beter samenstellen
van The Joshua Tree sessies dat me beter ligt dan de huidige 11 tracker. Daarvoor
moet ik de b-kanten nog eens onder de loep nemen en de beste nummers
in de plaats van de wat minder gesmaakte songs zetten.

Waarom kan ik The Joshua Tree nou niet gewoon 5 sterren geven.
Misschien omdat eerlijk het langst duurt.

U2 - The Unforgettable Fire (1984)

poster
5,0
THE UNFORGETTABLE FIRE 1984
is misschien wel mijn favoriete U2 plaat,
al komen War en Under a Blood Red Sky dicht in de buurt.

Veel heeft te maken met de nostalgie die bij deze plaat hoort.
Een aantal jongens uit mijn klas waren al U2 fan, en alhoewel ik
(door hun enthousiasme aangespoord) eerst Under a Blood Red Sky
kocht, was het toch dit album dat me definitief over de streep trok.

The Unforgettalbe Fire was toch nog net iets meer dan kwaliteitsrock.
Deze plaat had een aantal nummers die ook muzikaal dieper gingen.

Uiteraard speelt de productie van Eno en Lanois een rol.
Maar als je naar het restmateriaal van deze sessies luistert,
dringen ze zichzelf hier en daar soms zelfs te nadrukkelijk op.

Op de langspeler staan bijna alleen maar winnaars.

A Sort of Homecoming gallopeert nog wat in de Ierse mist
rond Slane Castle, en komt beter uit de verf in zijn live versie
(de versie op Wide Awake in America bijvoorbeeld is subliem).
De tekst van A Sort of Homecoming beschrijft de positie van U2
op dat moment van hun ontwikkeling: on borderland we run ...
Op de grens tussen authenticiteit en wereldfaam ...

Ik hou van ohcomawayocomawayocomaocomawaysayI ...
wat in mijn fantasie refereert naar iwalkawaywalkawayIwillfollow ...
I Will follow en A Sort of Homecoming maken een soort brug.
Beide markeren een nieuw begin in de geschiedenis van de groep.

Pride is een commercieel verantwoorde single die werkte.
U2 haalde de top 10 in Europa zonder zichzelf te verloochenen.
Natuurlijk iets braver dan bijvoorbeeld New Year's Day, maar
Pride heeft dezelfde puurheid, dezelfde overtuigingskracht.

Wire is het allerbeste U2 nummer volgens mijn broer.
In ieder geval spint The Edge een web van gitaarklanken.
Of hoe muziek de inhoud van een lied kan onderstrepen.
Het is alsof je de naalden hoort prikken ...
Gevangen en verstrikt in het web van een verslaving ...

The Unforgettable Fire is volgens mij misschien wel
het beste nummer dat U2 ooit schreef. Muzikaal een mini symfonie
en tekstueel een ode aan de ultieme poptekst.

Ben E King zong in Stand By Me

If the sky that we look upon
Should tumble and fall
And the mountains should crumble to the sea
I won't cry, I won't cry, no I won't shed a tear
Just as long as you stand, stand by me


U2 zingt in The Unforgettable Fire

And if the mountain should crumble
Or disappear into the sea
Not a tear, no not I
Stay in this time
Stay tonight in a lie
Ever after
This love in time
And if you save your love
Save it all


Stand By Me bevat fragmenten van een bijbelse psalm, zoals
soulzangers (ooit koorknapen) van het eerste uur wel vaker deden.

Het fascineert me telkens weer hoe je gebeden ook
als liefdesverklaringen kan lezen ... of hoe de ultieme YOU
in een lied zowel God als je lief kan zijn ...
En dat brengt ons natuurlijk ook bij de groepsnaam U2.
You Too ... steeds met een knipoog naar de Heer.

Promenade is een geweldig sfeerstukje, zwaar onderschat ook.
Het is net geen lied, eerder een flard, een suggestie ... maar zo mooi vormgegeven.

4th of July is niet veel meer dan een sfeervolle intro.
Eentje die muzikaal past in het album, maar ik begrijp de titel niet.
Hoe kan je een politiek statement maken van zo'n instrumental?

Bad is subliem ... een exorcisme van bad feelings.
Als je dit nummer tot je laat doordringen, word je meteen
gezuiverd van al je slechte vibes ... to let it go and so to fade away ...
Bad is als een helend gebed.

Indian Summer Sky is het enige nummer op kant 2
dat het tempo wat de hoogte in jaagt, en misschien is dat precies
de zwakte van het album als je het naast The Joshua Tree legt.
Het nummer was voor mijn part inwisselbaar met Three Sunrises
of zelfs met Boomerang II (tikt ook heel lekker voorbij) ...

Elvis Presley and America is zo'n studio improvisatie
die dan leidt tot een onweerstaanbaar intrigerend nummer.
Ik denk op dit moment ook aan Mia van Gorky of Hat van the Nits.
Songs die een zelfde genesis hadden ... stream of consciousness.

MLK is opnieuw een klein gebedje.
Misschien net één religieus moment te veel op dit album.
Want Martin Luther King kwam al voorbij in Pride.

Soms heb ik het gevoel dat The Unforgettable Fire
maar net genoeg briljante tracks telt om onvergetelijk te zijn.
Als je 4th of July en MLK (en in zekere zin ook Elvis Presley and America)
buiten beschouwing laat ... slechts 7 echte songs met kop en staart.
Maar het zijn stuk voor stuk songs die werken, die indruk maken
en de onwaarschijnlijke groeischeut van de band illustreren.

U2 - Under a Blood Red Sky (1983)

poster
5,0
UNDER A BLOOD RED SKY 1983

Dit was mijn eerste U2 plaat. Gekocht nadat ik bij een klasgenoot het pas verschenen
The Unforgettable Fire had geproefd. Die stond daardoor op cassette, dus ik kon het me
veroorloven om meteen voor een soort mini best of live te gaan. Een goede keuze.

Slim gezien ook van die platenbonzen om met een live versie van 11 O'Clock Tick Tock
(meteen de beste versie die ik ken) en het aardige Party Girl (b-kant van de flop single A Celebration)
twee rarities aan boord te hijsen, zonder dat de plaat daardoor aan impact inboet.

De versie van Gloria en The Electric Co zijn, misschien net omdat dit mijn eerste U2 album was,
voor mij de meest definitieve versies. I Will Follow en New Year's Day hoor ik liever in studio outfit.

Drie nummers van het pas verschenen album War lijkt veel,
maar ook Sunday Bloody Sunday en 40 klinken potiger dan in hun studio jas.

Erg jammer dat latere CD releases (gelukkig heb ik nog een oud exemplaar liggen)
het Send in the Clowns fragmentje uit The Electric Co om auteursrechten moesten wegknippen.
Ook jammer dat de dvd in de deluxe release het integrale Red Rocks concert toont,
met uitzondering van I Fall Down omdat toen ironisch genoeg de camera uitviel.

Dat nummer had men voor de volledigheid van het concert ook met zwart scherm mogen opnemen
in de tracklijst. Maar ja, zoveel jaren geleden was ik ook al blij met deze acht songs op vinyl.

U2 - War (1983)

poster
5,0
WAR 1983

1983. U2 op het oorlogspad. Paarden en vaandels in de sneeuw.
New Year's Day druppelt de Benelux top 20 binnen op een drafje.

We zijn twee jaar na Boy en het litteken op de lip markeert de verandering.
Als een oorlogsmerk haast. Warpaint. Een nieuwe generatie balt haar vuisten.

Heel wat albums uit 1983 brengen verslag uit van een generatie die in opstand komt.
Ik noem meteen The Alarm (Wales) en Big Country (Schotland) die een gelijkaardig manifest
op plaat zetten. U2 (Ierland) is niet alleen met deze boodschap van verzet in Tatcheriaanse tijden.

Dat de 80s het tijdperk van de yuppies werd moet gerelativeerd worden.
Het is wachten op Stock, Aitken en Waterman vooraleer die trend een hype wordt.

Voor de derde maal op rij kroop Steve Lillywhite voor U2 achter de knoppen.
En de drums knallen harder als ooit tevoren. Mokerslagen. Koude oorlog, de bom.

Like a Song ... is pure adrenaline. U2 wapent zich met woorden, met songs
en chargeert frontaal tegen het militarisme in. Een revolutie van het hart.
Een batterij drums zet de rebel song kracht bij: Is there nothing left?

Het album begint met het vaak gecontesteerde Sunday Bloody Sunday.
De titel vroeg om moeilijkheden (but this is not a rebel song). Bono brengt verslag uit
van een dubbele verscheurdheid. Die van de oude en de nieuw generatie, die van katholieken
en protestanten (Bono's ouders kwamen uit beide kampen). Het verhaal van vechtende mannen
en bloedende vrouwen en kinderen. How long, how long must we sing this song?

Het refrein van Sunday Bloody Sunday verwijst al naar de bijbelse psalm 40
waarmee het album zal afsluiten. Daarin vraagt de mens hoelang dit ellendige lied
van oorlog, verdrukking en onrecht nog moet blijven duren. Daarin smeekt de mens God
om een nieuw lied te mogen zingen van vrede en herstel. I will sing, sing a new song ...

How long to sing this song? Ik heb ooit het maximum van de punten gescoord
op een examen exegese toen ik psalm 40 besprak en naast 40 van U2 mocht leggen.
Niet echt cool om dat hier neer te pennen, maar song exegese werd nadien een hobby.

Met Seconds verlegt U2 het vizier van Noord-Ierland (Bloody Sunday) naar de koude oorlog.
Marcherende soldaten, een filmische geluidscollage haast met Edge op lead vocalen, al kon ik
dat moeilijk geloven omdat je nauwelijks een verschil hoort. Seconds breekt het sterke rock trio
waarmee kant 1 van de plaat gevuld is. Het zorgt ervoor dat die kant niet te zwaar gaat wegen.

Drowning Man is een raar nummer. Lang geleden vond ik het indringend sterk.
Naast Into the Heart (Boy) en October (October) één van de weinige songs uit de beginperiode
die de groep van een wat meer intieme zijde belicht. Later, tot op vandaag zelfs, vind ik in de song
niet meer terug wat ik er vroeger zo goed aan vond. Heel eigenaardige ervaring is dat.

Kant 2 start met The Refugee, een song die graag bij de mindere tracks op War gerekend wordt.
Maar ik vind het erg meevallen. De dienstweigeraar wordt vooral muzikaal geportretteerd
door dat krachtig, hakkend arrangement. Meer een rake schets dan een volbloed song.

Two Hearts Beat As One was de 2de single van War, maar in de Benelux werd
voor Sunday Bloody Sunday gekozen dat in de UK ongetwijfeld veel te gevoelig lag.
Een love song op het eerste gehoor, maar tussen de regels toch niet vrij van politieke aspiraties,
want in Bono klopt tegelijk het hart van een Anglicaanse moeder en een katholieke vader.

Red Light is voor mij de enige, echte misser op War.
Het zou me niet verbazen als dat nummer, net als de Celebration single
(met oa Party Girl op de b-kant) geschreven is in het niemandsland tussen October en War.
Het is alsof U2 tevergeefs zoekt naar nieuwe wegen, platgetreden paden wil vermijden.
Uiteindelijk werd War een plaat die het bekende U2 geluid nog treffender etaleerde.

Eindigen doe ik met mijn twee absolute favorieten van dit album.

Er is natuurlijk de single New Year's Day. Voor mij de allereerste bewuste kennismaking
met U2. En zoals dat in 1983 ging, leerde ik het nummer via de televisie kennen. Met de clip
die me meteen aansprak omdat hij me erg deed denken aan die van OMDs Maid of Orleans.
Met die paarden in de sneeuw natuurlijk. En voor mij begon alles dankzij die OMD clip.

New Year's Day maakt het verschil dankzij de pianotoets. Een nieuw element dat U2
op October (de titelsong van het album) al met succes had geïntroduceerd. Dankzij die piano
(Eno synths op de volgende albums) verbreedde U2 haar rauwe rockgeluid. Plots sluipt er
een emotionele geladenheid in de nummers, een zekere melancholie. En die is welkom
in een song die het bilan opmaakt van wat geweest is en vooruitblikt naar de toekomst.

En dan is er Surrender. Een sleutelsong.
In het vuur (Like a Song) van de strijd (War) hijst U2 de witte vlag (overgave).
Op een bepaald moment legt de opgroeiende jongen (Boy) zich neer bij de vele vormen
van verlies (October) die hem in dit tranendal omringen. Op een bepaald moment probeer je
om te gaan met het leed omdat je beseft dat niet elke strijd kan gewonnen worden.

Die overgave is ook een centraal thema in de christelijke religie
die het prille werk van U2 doordesemt. Niemand heeft het leven volledig zelf in handen.
Gelovigen die beseffen dat zij het leven voor een stuk uit handen moeten geven, proberen het
in de handen te leggen van hun God. Of je het nu in de handen legt van een God, of als ongelovige
het lot, het toeval of de natuur, het principe blijft hetzelfde. Een mens bezit het leven niet,
hij blijft afhankelijk van zoveel externe factoren. Leven heeft met overgave te maken.

Na Surrender en het War album smeedt U2 de strijdvaardigheid in haar muziek om
tot een meer beschouwende kijk op mens en wereld. Hun muziek verliest daardoor misschien
aan de nodige punch, maar hun werk wint er op The Unforgettable Fire en The Joshua Tree
een zekere diepgang, intensiteit en op die manier een nieuwe trefzekerheid bij.

Tot hier de recensie die eindigde in een kleine preek.
Maar als Bono het mag, dan mogen de luisteraars van zijn muziek dat ook.

Ultravox - Brilliant (2012)

poster
4,0
BRILLIANT 2012

Hoe brilliant klinkt Ultravox anno 2012?
De Return to Eden tour werd aangekondigd als een eenmalig reünie.
Er zou geen nieuw materiaal verschijnen, daarvoor botsten de ego's te hard.

En zie ... na OMD, Blancmange en The Human League durft ook Ultravox
met nieuw materiaal naar buiten komen. Kiest het kwartet voor retro of nieuw?

Live laat er geen twijfel over bestaan.
De Return to Eden tour was een gigantisch succes en de live vibe
stak het oude vuur weer helemaal aan de lont. Live klinkt retro als Ultravox
ten tijde van Rage to Eden, het album waarop ze hun sound perfectioneerden.

De piano staat centraal en wordt aangekleed door mistige synths.
Daaronder stuitert de elektrobeat onverstoorbaar, de hartslag van Ultravox.
De vocalen staan (net als de teksten wellicht) weer bol van de highland heroïek.

Misschien kan ik de recensie hier al beëindigen.
Fijn retro geluid dat geen enkele Ultravox fan onbewogen zal laten.
Uitbundig sfeervol tijdens live concerten en een beetje kil in de woonkamer.

Alsof de tijden nooit hebben stilgestaan.

Flow durft de stuiterbeat weglaten en haalt pastorale elementen binnen.
Dat gebeurde ook op Rage in Eden, maar nu klinkt het allemaal toch wat warmer.
En er is ruimte voor de gitaar van Midge Ure (een ingrediënt dat Lament zo sterk maakte).

Probeerde OMD op History of Modern via de singles anno 2010 up to date te klinken,
dan kiest Ultravox resoluut voor het retro geluid. De titeltrack Brilliant is hierin een uitblinker.
Wie de groep enkel van de hits kent, zou zweren dat hij een albumtrack uit de jaren 80 hoort.

Change belooft verandering, maar blijft een onopvallende fluistertrack.
In de achtergrond moduleert de Ultravox synth lustig als in de oude dagen.

Ultravox leest Rise op een veel modernere elektrobeat met Kraftwerk allures.
Op deze manier valt er toch wat nieuws te ontdekken: niet onaardige poging zelfs.
Wanneer de synths weer als gitaren gaan gieren, herken je de hand van de meester.

Als de Schotten een song uitbrengen met de titel Remembering,
dan denk ik daar spontaan een graftombe bij. Zo gebeiteld zit hun sound.
Met de piano weer in de hoofdrol, krijgen we het gebruikelijke Ultravox requiem.

Hello begint als een nummer van Pet Shop Boys.
Er is hoorbaar lang geschaafd aan het comeback album.
De pianotoetsen zijn meesterlijk, de gitaar en synths duelleren.

Misschien wel het beste nummer van de plaat.

One lijkt op het eerste gehoor een te trage en kleffe ballad.
Maar het is tevens een welkgekomen rustpunt op een album van 12 tracks.
Opnieuw wordt de compositie meesterlijk opgebouwd naar een climax.

Ondertussen zijn we op een cruciaal punt gekomen.
Ofwel kakt zo'n album hier in, ofwel tovert de groep een wit konijn tevoorschijn.

Met het herfstige Fall kiest Ultravox voor een tweede ballad op rij.
Ik blijf toch geboeid luisteren, want ook nu weer gaan sfeerschepping
en muzikaliteit hand in hand. Soms beter uitgebalanceerd dan in de 80s.

De logica der tracklijst wil dat Lie een uptempo scheur wordt.
En dat is het ook. Een in volle pathos badende hemelbestormer.
En toch primeert ook nu de song op het jasje. Lekkere scheurgitaar.

Als er dan toch een nummer net iets te veel naar een kopie moet geuren,
dan is het Satellite. Het refrein mag er wezen en haalt het nummer uit het slop.
Al zitten we dicht bij The Voice bijvoorbeeld. Met een gitaar als een cello voorwaar.

Contact fungeert als coda.
Midge Ure opnieuw een fluistermodus en misschien toch wel net een ballad te veel.
Maar net als alle andere 11 nummers geen slechte compositie.

Brilliant als Ultravox haalt nu al met gemak 4 sterren.
Consistenter en van meer muzikaliteit getuigend dan OMDs History of Modern (2010).
Hinken het duo uit Liverpool andermaal op twee benen, dan brengt het Schotse kwartet
met hun comeback album een overtuigende retro plaat. Wie weet, een groeibriljant.

Ultravox - Lament (1984)

poster
4,0
LAMENT 1984

Ik herinner me de release van Ultravox' Lament en OMDs Junk Culture.
Quasi gelijktijdig en ze werden ook samen in Oor besproken.
OMD won op frivoliteit, Ultravox verloor op steriliteit.

Maar deze Lament wedijvert voor mij samen met Rage in Eden
om Ultravox' mooiste plaat . Want ik hoor hier melodieuzere popsongs
en (niet onbelangrijk) meer gitaren die het vaak stuiterende geluid
van de sequencers doorweven en zo de typische sound wat verbreden.

White China opent nochtans als vanoudsher.
Sequencers voeren de boventoon, maar warmer aangekleed.
De "Special Mix" van het nummer en de live versie (b-kant van de single
Love's Great Adventure) doen vermoeden dat de song weerhouden werd
als potentiële vierde single van dit behoorlijke album.

One Small Day is één van mijn grote favorieten.
Plots blijkt Ultravox ook onvervalst te kunnen rocken.
Het refrein hapert aantrekkelijk in het metrum, maar verklaart
daardoor misschien waarom het nummer het als eerste single
niet goed deed. Iets te moeilijk voor het eendimensionale hitpubliek.

De romantiek van Dancing with Tears in My Eyes heb ik lang gekoesterd.
De clip (hoe overleeft liefde een nucleaire ramp?), de werkelijk sublieme tekst,
maar bovenal het dramatische arrangement is brok-in-de-keel.

De instrumentale break doet menig traantje opwellen.
Als de gitaren na het alarmsignaal time time time time losbeuken
weer je dat het werkelijk over is ... de fade out klinkt als een sirene ...

Dancing with Tears in My Eyes stond één weekje op 1 in Vlaanderen.
En ik had daar met mijn singletje toe bijgedragen in de zomer van 1984.

Als een groep haar vier potentiële singles op Kant 1 zet,
dan doet die ingreep misschien een soort tweedeling vermoeden.
Kant 2 is pastoraler van aard, minder op de hitparade gericht.

De derde UK single en titelsong Lament is daarom de brug.
Een sfeervol nummer dat iets van Moments in Love (The Art of Noise) uitademt.

Lament werd geen single in de Benelux of Duitsland.
Daar koppelde men Man of Two Worlds aan Heart of the Country
als een soort dubbele A-kant single release. Beide nummers hebben
daarom ook instrumentale versies (om de 12" mee te spekken).

Man of Two Worlds suckt jammer genoeg zo hard
dat het album meteen een volle * verliest in mijn rating.

Heart of the Country heeft wel enige hitpotentie, maar heeft
mij ook beduidend minder te bieden dan de vier eerste songs.
Een behoorlijke, maar te lange albumtrack lijkt me een juist etiket.

Het pluspunt op dit album is dat Ultravox wel tracht
om het eigen geluid verder te ontwikkelen na drie albums
die min of meer in dezelfde lijn lagen. Maar songgewijs
ontbreekt dit album me te veel aan overtuigingskracht.

When the Time Comes kabbelt ook spanningsloos verder.
Een mistige ballad op een iets traditionelere songwriters leest.
Allemaal niet onaardig, maar het hart wordt er niet warmer van vind ik.

De 8 tracks worden ook gerokken om het album vol te maken.
Spandau Ballet kon dat ook ... moet je geen 10 songs schrijven.

Gelukkig is er nog A Friend I Call Desire met Dead Can Dance gitaar.
Een nummer dat je iets milder wil stemmen om dan toch te gaan voor 4 sterren.
Maar laten we vooral Kant 1 van deze plaat onthouden.

Ik vind het heel jammer dat Love's Great Adventure,
de single die de verzamelaar Collection uit 1984 aankondigde,
op de deluxe editie ontbreekt. Die song hoort er toch echt wel bij.

De b-kantjes Easterly en Building zijn veel experimenteler
en bekoren mij daardoor eigenlijk meer dan Kant 2 van Lament.

Maar nu weet ik nog niet wie de winnaar is.
De onderkoelde wave van Rage in Eden of de synthpop
met likkebaardende gitaar van Lament ... ex aequo dan maar.

Ultravox - Quartet (1982)

poster
4,0
QUARTET 1982

De muziek van Ultravox kiest vanaf Vienna (1980) resoluut
voor de staccato stuiterbeat en de modulerende synthstrepen.

Op Rage of Eden werd het muzikaal palet verbreed
met mistige flarden mystiek uit de Schotse highlands.

Producer George Martin werd ingehaald om de melodieën wat meer
naar de oppervlakte te mixen. In dat opzicht is Quartet een verademing.
Het is heel duidelijk dat Ultravox op zoek gaat naar hitsucces.

Er is de instant hit Reap the Wild Wind ... die echter flopte.
Een heel sterke compositie met hoge meezingbaarheidsfactor.
In een syntharrangement dat wat aan OMD doet denken.

Serenade mist de hitpotentie, maar heeft de vlotheid
van een albumtrack die je na één draaibeurt in zijn greep heeft.
Een lied dat nochtans perfect de hitsound van de groep incarneert.

Mine for Life laat Midge Ure op gitaar aanrukken.
De refreinen op Quartet zijn erg goed, de arrangementen verzorgd.
Je hoort meer "instrumenten" in de mix dan op vorige platen.

En dan is er natuurlijk Hymn met zijn onweerstaanbaar refrein.
Ik begrijp echt niet waarom dit album geen hits in de Benelux opleverde.
Grappig ook hoe de synths hier een gitaarsolo imiteren.

Kant 1 kan niet meer stuk ... vier sterke songs op een rijtje.

Kant 2 opent met Visions in Blue, een soort Vienna revisited.
Ik geloof niet dat deze 3de UK single in de Benelux werd uitgebracht.
Een fijne compositie, maar iets te atmosferisch als hit.

Ultravox goes U2 op When the Scream Subsides.
Op Quartet hoor je de basgitaar iets luider grommen.
Toch vind ik dit niet zo'n sterk nummer ... te geforceerd rockend.
Die synth likjes verslappen de vuist die de song wil maken.

We Came to Dance is één van mijn absolute favorieten.
Een heel ander ritme ... Ultravox in de spots op de dansvloer.
Met deze 4de single sluit de groep perfect aan bij de synthpop sound
van de vroege jaren 80 zonder krampachtig Ultravoxiaans te zijn.

De fluisterrock van Cut and Run heeft een aardige piano.
Maar hier gebeurt net iets te veel in het arrangement.
Opvallend weinig ballads op dit album.

The Song (We Go) strooit kwistig met Ultravox clichees.
Een ritmisch nogal eendimensionale compositie. Geproducet als ging het
om een live bisnummer. Synth drums met zachte burundi toets.

De b-kantjes klinken als instrumentals waarop geen zanglijn paste.
Sfeervolle stukjes die een wat experimenteler gezicht laten zien.
Altijd leuke aanwinsten in deluxe edities van een album.

Ik kan niet anders dan dit album opwaarderen naar 4 sterren.
Het zit met Rage in Eden en Lament in het peleton van subtoppers.
En vreemd genoeg blijkt Vienna het minste album van deze vier.

Ultravox - Rage in Eden (1981)

poster
4,0
RAGE IN EDEN 1981

Ik heb de remaster met het alternatieve hoeswerk.
Weet iemand waarom het artwork gewijzigd werd voor die uitgave?
Ik heb Ultravox ook op vinyl, maar kwam nooit verder dan de singles.
Dit keer heb ik mijn huiswerk een beetje grondiger gemaakt.

The Voice en The Thin Wall zijn de enige singles.
Verrassend, want er staan nog goede nummers op Rage in Eden.
Beide singles zijn op het album ietwat overbodig uitgerokken.

The Voice is zonder meer een klasse single.
Gek (en jammer) dat hij niet als eerste single het album trok.
Melodisch sterk, boeiende zanglijnen en uitgekiend arrangement.
Verdiende met zo'n meezingbaar refrein toch veel beter in de hitlijsten.

Heb het altijd vreemd geworden dat Ultravox op Dancing with Tears in my Eyes
moest wachten voor er weer een hit van betekenis werd gescoord in de Benelux.

We Stand Alone vind ik niet zo boeiend.
De Ultravox gimmicks zijn weer overvloedig aanwezig.
Elektronische beats (minder stuitend), rockende gitaren,
modulerende synths en de pathetische 'braveheart' lyriek.

Rage in Eden greep bij de eerste beluistering mijn aandacht.
Vanuit de mistige hooglanden wordt bijzonder sfeervol gemusiceerd.
Deze meer pastorale aanpak doet de Ultravox sound deugd.

Klinkt ritmisch als een processie met de nodige gitaar mystiek.
De foto met de in gewaden gehulde dames in de inlay van de CD remaster
uit 1997 illustreert volgens mij het nummer perfect. Interessante track.

I Remember (Death in the Afternoon) is zonder twijfel
de gemiste single. Heeft meer hitpotentie dan The Thin Wall.
Net als in The Voice of Sleepwalk (Vienna) staat de melodie centraal.
Ritmisch stuiteren de elktrobeats weer behoorlijk saai voorbij.
Maar er is voldoende te beleven in deze sterke albumtrack.

The Thin Wall ... een Hadriaanse muur van elektrobeats.
Een verwijt dat je in recensies over Ultravox kan lezen is dat de groep
zichzelf vaak blijft herhalen. Er zit weinig progressie in de muziek.

En dan wordt vooral gedoeld op de arrangementen.
Ultravox gebruikt steevast dezelfde muzikale ingrediënten ...
Al kleuren gitaar en piano hier toch behoorlijk lekker in.

En ook Stranger Within dendert maar door.
Opnieuw moet de inkleuring komen van gitaren en klavieren.
Ritmisch rockt Ultravox te veel als een weinig avontuurlijke ritmebox.
Het is weer wat zoeken naar de song hier. Vocale impressies.

Accent on Youth verbindt Ultravox thematisch met Spandau Ballet.
Beide new romantic bands verheerlijkten de jeugdige heroiek.
Jong en atletisch (Musclebound) staat voor mooi en stijlvol.
Ultravox brengt geen gothische, maar romaanse muziek.
Een doorsnee albumtrack die niet lang blijft hangen.

The Ascent is een soort instrumentale brug tussen
het vorige nummer en Your Name (Has Slipped My Mind Again).
Een leuke sfeerzetting die de viool weer doet terugkeren.
Op zichzelf moeilijk een song met kop en staart te noemen.

Het laatste nummer sluit aan bij de titelsong.
Pastorale mystiek vanuit het regenachtige Schotland.
Beide nummers doorbreken de elektrodreun die op Vienna
prominenter aanwezig was en brengen iets meer emotie
in de muziek van deze anders zo kil aandoende band.

I Never Wanted to Begin staat weer helemaal
onder de dictatuur van de repetitieve elktrodreun.
Maar wordt halverwege behoorlijk fraai ingekleurd.

Paths and Angels rockt iets conventioneler.
Maar vocaal lost het nummer de verwachtingen niet in.
Het was misschien beter een instrumental gebleven.

Heel warm word ik er uiteindelijk toch niet van.
Ik vind het songniveau op Rage in Eden gemiddeld sterker
dan op Vienna. Het geluid wordt ook verbreed door
de pastorale toets op de titeltrack en Your Name.

Vier sterren is misschien wat veel, maar op dit album
vindt Ultravox toch definitief zijn tweede (lees: Ure era) adem.

Ultravox - Vienna (1980)

poster
3,0
VIENNA 1980

Ik heb hard geprobeerd, maar ik kom niet verder dan 3 sterren.
Dit album bestaat wel degelijk uit twee helften. De eerste vier tracks
vind ik matig tot zwak. De laatste vijf tracks zorgen voor de punten.

Astradyne meldt zich aan als een reis door de sterren.
Ergens tussen Alan Parsons en Jean-Michel Jarre zweeft
dit instrumentale thema een beetje doelloos verloren

Het doet me ook denken aan de gitaarheroiek van
A Flock Of Seagulls, maar dan veel minder spannend.
In het tweede deel duiken die typische Ultravox modulaties op.
Een hybride sound ... noch gitaar noch synthesizer ... kil.

New Europeans gooit er meteen een stevige gitaar tegenaan.
Maar die stuiterende elektro beats van Ultravox en die holle, Europese
retoriek kunnen me niet bekoren. Synthwave op sterk water voor mijn part.

Private Lives verstilt even met een piano intro.
Daarna zijn alle Ultravox clichees weer aan de orde.
Het valt me trouwens op hoe strak de drums op Vienna klinken.
Ook tekstueel kan Midge Ure me maar heel zelden bekoren.

Passing Strangers kennen we beter als de eerste single.
Een nummer dat zich veel nadrukkelijker in de jaren 70 situeert.
Hier ruikt het even naar Roxy Music, David Bowie, Japan and the like.
Een aardig nummer. Het eerste lichtpuntje op deze langspeler.

Op Sleepwalk, de tweede single, heeft Ultravox me wel bij m'n nekvel.
Wordt er op de eerste drie nummers te veel naar een muzikale identiteit
gezocht, dan staat op Sleepwalk de song zelf centraal.
Stevige vocalen en mooie solo's ... eindelijk.

Mr. X legt een directe lijn naar Kraftwerks album Trans Europe Express.
De hypnose van Hall of Mirrors en de beats van Showroom Dummies.
Ik hou er wel van, en in zijn Duitstalige bonusversie is de link nog duidelijker.
Is dit Ultravox oude stijl? Ik ken hun drie eerste albums nog niet.

Ook Western Promise start als een Kraftwerk compositie.
De integratie van oosterse klanken is een leuke vondst en kan me zeer bekoren.
Kant 2 van de oorspronkelijke plaat is toch opmerkeijk beter.

Vienna zelf is een outstanding classic.
Op album een paar seconden langer dan op single.
Mistige beats, sfeervolle pianoklanken, een solerende viool,
het opvoeren van het tempo en het passionele refrein.

All Stood Still is op dit album het meest zijn tijd vooruit.
Samen met Sleepwalk vormt het de blauwdruk van de resem
hits die zullen volgen. Het was de vierde single van de plaat.

Bonustrack Waiting heeft net als Passing Strangers
een meer conventionele opbouw (los van de sfeervolle
intro en dito intermezzo's). Een afdankertje wellicht.

Passionate Reply is een typische b-kant.
Ultravox experimenteert met geluid en arrangement.
Toch vind ik het beter klinken dan de drie eerste albumtracks.

En nu ... wachten op de eerste woedende lezersbrief ... ?

Urbanus - Donders en Bliksems (1985)

poster
2,0
DONDERS EN BLIKSEMS
bevat geen enkele grap: gewoon 10 liedjes.
De meeste nummers zijn bedenkelijk van niveau.
Gelukkig zijn er toch een paar uitschieters.

Ik Kom Af is een heerlijke underdog blues.
Het Lichtgevende Doosje is een originele remake
van het bijbelse zondeval verhaal (de live versie is beter).
Hazelnote Oogjes is een prachtig liefdesliedje.

Put Your Lips Around My Shoulders en Noix de Coco
waren singles die ik zelfs nooit op de radio hoorde.

Een jaar voor het album had Urbanus nog een behoorlijk grote hit met
De Scratchin' Zwaantjes, een breakdance remix van zijn bekendste mop.

Lieve Loemoemba is een cover van Urbanus' ontdekker: Jan De Wilde.
In 1987 komt De Wilde zelf nog eens met een plaat op aanraden van Urbanus.

Donders en Bliksems is het enige album dat nooit op CD werd gezet.

Urbanus - Is Er Toevallig een Urbanus in de Zaal? (1980)

poster
5,0
Wat een onzin allemaal.

De sketches van Urbanus zijn inleidingen op de songs.

In dit geval Moeke Medelij, Pajottenland en Hell's Angel.
De liedjes zelf staan er niet bij, maar je vindt ze studio en live
wel op andere platen van Urbanus terug. Wellicht zingt of neuriet
Urbanus exact 16 seconden in de sketches, of stemt hij zijn gitaar
(wat hij regelmatig doet tijdens optredens). Chronometer verplicht.

Koot & Bie hebben albums (Draaikonten bijvoorbeeld)
die ook voor één kant uit liedjes bestaan, dus van mijn part
mogen zij ook op de site. Enige verschil met Urbanus is dat
Urbanus zelf een liedjesmaker is, Koot & Bie niet.

Maar nu neuk ik dezelfde mieren als de MusicMeterWiki.

Urbanus - Master Serie (2005)

Alternatieve titel: Master Serie II

poster
3,0
Tot 15 tracks herleide verzamelaar.
De oorspronkelijke Master Serie telde 18 tracks
en was een rerelease van Urbanus' Plezantste Liedjes.

http://www.musicmeter.nl/album/43394

Topnummers zoals Moeke Medelij en Kodazuur,
maar ook Quand les Zosiaux Chantent dans le Bois sneuvelden.

Heel bedreiglijk is de subtitel Volume 1.
Er bestaat namelijk helemaal geen Volume 2.
Blijkbaar was men dat wel van plan en het had ook perfect gekund
aangezien Urbanus genoeg materiaal songmateriaal heeft.

Drie toppers gesneuveld = één ster minder.

Urbanus - Urbanus VI (1982)

poster
4,0
URBANUS VI 1982
is van de eerste tot de laatste groef onderhoudend.
Er staan een behoorlijk aantal sterke songs op en drie moppen.
Waf-waf-waf is een live opname, tracks 9 en 10 zijn studiograppen.

De zinderende hardrocker Kodazuur en de synthpop hit Hittentit
zijn wellicht het bekendst, want het waren beide veel gedraaide singles.

Publiciteitsjaren (geen single) kreeg al snel de status van klassieker
omdat Urbanus daar zeer creatief de ontluikende sexualiteit beschrijft.
Later zou hij op de hit Poesje Stoei gelijkaardige metaforen gebruiken.

Maar ook Belastingscontroleur (ik herinner me een televisieclip)
en de middeleeuwse ballade Zonder Pracht, Zonder Praal zijn goed.

Een jaart later verscheen de single Awel Merci / 123 Rikke Tikke Tik
die eigenlijk perfect aansluit op dit door Jean Blaute geproducete album.

Urbanus - Urbanus' Plezantste (1985)

poster
4,0
Dubbele verzamelaar van Vlaanderens beroemdste komiek.

De eerste langspeelschijf bevat onuitgegeven live-materiaal.
De tweede plaat voegt daar studioversies van zijn bekendste
en iets minder voor de hand liggende liedjes aan toe.

De trackkeuze zal op de latere verzamelceedees min of meer
gehandhaafd worden, alleen worden Madammen met een Bontjas
en Bakske Vol met Stro dan in studioversie toegevoegd.

De studio versie van Als Moeder Zong staat voor zover ik weet
op geen enkele officiële Urbanus release (wel op hitscompilaties).

De grote top 3 hit uit 1980 Quand les Zosiaux Chantent dans le Bois
is de grote afwezige op deze ander behoorlijk complete dubbelelpee.

Urbanus - Urbanus' Plezantste Liedjes (1989)

Alternatieve titel: De Plezantste Liedjes

poster
4,0
CD versie van de in 1985 verschenen 2LP.
De live sketches zijn echter weggelaten en vervangen
door meer van zijn bekendste (of minder bekende) liedjes.

De versie met bonustrack 19 ken ik niet.
Die met bonustrack 18 wel. Die verscheen onder de titel Master Serie
(zelf nadien ook weer heruitgebracht met herziene tracklijst (15 tracks).

Liedjes 9, 11, 12 en 15 had ik zelf graag vervangen door
het nochtans bekende protestlied De Wereld Is om Zeep,
het politiek getinte Help Me Ik Ben Rijk, het schattige De Kampioen
en Als Moeder Zong (de oorspronkelijke a-kant van Bakske Vol met Stro).

Op geen enkele Urbanus verzamelaar wordt geput
uit het weggedeemsterde album Donders & Bliksems (1985).

Urbanus van Anus - Drie Sprookjes (1977)

poster
4,0
DRIE SPROOKJES 1977
was vergezeld van een heus sprookjesboek
met verhaaltjes en tekeningen van Urbanus zelf.

De 12 tracks zijn allemaal studio opnames.

De Zwaantjes is de enige, inmiddels legendarisch geworden,
grap met een zichzelf dubbende Urbanus in de hoofdrol(len).

Muzikaal vind Urbanus hier een mooi evenwicht
tussen grappige en ernstige, meer beschouwelijke liedjes.

Zo moest zijn eigen grafrede Als Ik Doodga lang doorgaan
als het tegengewicht van Bakske Vol met Stro ... een bewijs
dat Urbanus ook een andere, diepere zijde als artiest had.

Pajottenland, Hels Angel (voorloper van Kodazuur) en vooral
het van de radio bekende Vaarwel Theo zijn de vrolijkste uitschieters,
al zijn schijnbare niemandalletje zoals Handtekeningske of Liedje
voor Hildeke
briljant in hun vaak (on)schuldige eenvoud.

Urbanus van Anus - In de Weide (1975)

Alternatieve titel: Op de Vijver

poster
4,0
IN DE WEIDE 1975
heeft een live opgenomen A-kant en een liedjes B-kant.
Live staat hij sterk, in de studio zoekt Urbanus nog naar zijn vorm.

Nochtans behoren het als een kamerorkest gearrangeerde Moeke Medelij
(of Urbanus voor het eerst in de huid van een kind) en de protestsong
Help Me, Ik Ben Rijk tot zijn allergrootste klassiekers.

Opvallend hoe Urbanus zich in zijn beginperiode profileert als
anti-kapitalistisch, al is hij nu een meer dan verzadigd zelfstandige.

Pepulle Pinken (de mop van de zeven Zaventemse zotten)
wordt anno 2008 nog steeds door de Ben Crabbees van deze
wereld opgezegd, inclusief buiging en tongtwister met de letter "p".

De Hottendog-verkoper heeft een interessant melodietje dat we mogen
omschrijven als een speedy voorloper van Bakse Vol met Stro.

Grappig is ook de track Verhuizen, waarin Urbanus
en zijn orkest besluiten om van plaatkant te veranderen ...

Urbanus van Anus - Leevend (1974)

poster
4,0
LEEVEND 1974
is het debuut van Vlaanderens grootste komiek.
Het zou nog even duren vooraleer de Tolembekenaar
heel Nederland zou veroveren ... eerst moest Vlaanderen plat.

Kant 1 bevat 6 live opnames, waaronder een hilarisch
Engels Protestlied en zijn mega-schlager Gladde Iolen.

De Konijnenkotelaar is een live-sketch
die op kant 2 gevolgd wordt door een studio lied.

Sommige van zijn liedjes zingt hij nog in het Brabants dialect.
Het bekendste voorbeeld hiervan is het lieve Gigippeke.

Met De Wereld Is om Zeep had Urbanus zijn eigen protestsong
en op de koop toe een frequent gedraaide en meegezongen radiohit.

Urbanus van Anus - Volle Maan (1978)

poster
3,0
VOLLE MAAN 1978
is de laatste door Jan De Wilde geproducete Urbanus plaat.
Ze sluit de beginperiode van zijn carrière als "Urbanus Van Anus" af.

Tracks 5 en 10 zijn sterke live sketches
die teruggrijpen naar liedjes uit zijn vorige albums.

De overige 8 nummers zijn allemaal liedjes.

Plezant Liedje voor Lud en De Kampioen zijn het bekendst
omdat ze veel op de radio te horen waren eind jaren 70.

De Kampioen doet wat denken aan Madammen met een Bontjas.
Beide liedjes hebben een gelijkaardig, creatief tekstverloop.

De overige, eerder ernstige nummers deemsteren wat weg
in de tijd en klinken vandaag gedateerder, minder beklijvend.

Het is alsof Urbanus op dit album een laatste poging doet
om muzikaal als volwaardig artiest te worden aanzien.