MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten Angelo als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

The Main Ingredient - Afrodisiac (1973)

poster
3,5
Tja, als je op zoek bent naar mellow soul dan is er keuze genoeg, zo merk ik de afgelopen tijd. Dit album van The Main Ingredient bevat maar liefst zes nummers die geschreven (en wellicht geproduceerd?) zijn door Stevie Wonder. Geen van die nummers weten mij te overtuigen, maar dat had ik eerlijk gezegd ook niet verwacht. De enige redelijk swingende nummers die op dit album te vinden zijn, zijn ‘Work to do’, een cover van The Isley Brothers en ‘You can call me rover’. Dat zijn dan voor mij ook gelijk de hoogtepunten op dit album, al vind ik de ballad ‘You are the love of my life’ ook nog wel meevallen ondanks het hoge zoetheidsgehalte van dat nummer, en datzelfde geldt voor ‘Goodbye my love’. De rest (lees: de zes nummers van Stevie Wonder) is niet slecht, maar hier en daar een gaap-moment is onvermijdbaar. Daarmee is dit typisch zo’n album die ik af en toe beluister, en daarna het voor lange tijd wel weer gehoord heb. Vocaal en instrumentaal heb ik er weinig op aan te merken, het is “gewoon” oké. Voor Stevie Wonder-fans wellicht een interessant album om te checken?

The Main Ingredient - Euphrates River (1974)

poster
4,5
Eén van de betere albums van The Main Ingredient denk ik zo. Sterker nog, ik denk dat ik dit zelfs hun beste vind! Net als veel van hun andere albums, bevat ook deze weer de nodige covers zoals ‘Summer breeze’, ‘California my way’, ‘Just don’t want to be lonely’ en ‘Don’t you worry bout a thing’. Het leuke is dat ze altijd een eigen draai aan de coverversies wisten te geven, waardoor deze versies nooit (veel) slechter werden dan de originele versies, en enkele coverversies soms beter werden dan het origineel. The Main Ingredient blijft een sweet soul group, en albums van vocalisten met die stijl zijn soms te langdradig. Zo heeft deze groep ook een aantal albums gemaakt die op een gegeven (iets) teveel voort kabbelen, bij dit album heb ik dat gevoel eigenlijk niet.
De harmonieën klinken nog altijd hetzelfde, maar de instrumentatie is een stuk gevarieërder en mooier in vergelijking met een aantal van hun andere albums. Zo is de titeltrack al gelijk een mooie opener die vanwege het aanstekelijke riedeltje een aantal dagen in je hoofd blijft hangen, en datzelfde geldt voor ‘California my way’ en ‘Happiness is just around the bend’. Wie denkt dat het daarbij ophoudt, heeft het mis. De andere nummers zijn namelijk ook meer dan leuk in zijn soort. Sommige nummers klinken alsof ze hun tijd een aantal jaren (ver) vooruit waren, en dat maakt het ook zo’n leuk album. Aanrader!

The Main Ingredient - I Only Have Eyes for You (1981)

poster
2,0
Een reünie van The Main Ingredient bleek rond 1980 onvermijdelijk, en om de groep nieuw leven in te blazen, vernieuwden ze hun imago ietwat met een andere muzikale koers. Hoewel de harmonieën niet veel veranderd zijn ten opzichte van ongeveer tien jaar eerder, is de zoetsappige soul verruild voor de latere disco stijl. Veel soulacts bleken hetgeen hen jaren eerder nog zo bijzonder maakte in de jaren tachtig verloren te hebben, en het repertoire werd er (veelal) niet beter op. Datzelfde geldt voor The Main Ingredient, en zo ook het album I only have eyes for you. Dat het de bedoeling was om een album te creëren voor de dansvloer is duidelijk, het probleem is echter dat met zulke saaie en langdradige nummers geen mens de dansvloer op wil. Hoewel niet slecht, is het album toch behoorlijk vlak en vermoeiend. Hoe hard ze het ook proberen, de formule is uitgewerkt. Geen enkel nummer weet een goede indruk achter te laten, en The Main Ingredient is niet meer dan het zoveelste willekeurige trio.

The Main Ingredient - Shame on the World (1975)

poster
3,5
The Main Ingredient heeft met Shame on the world wederom een album gemaakt dat niet slecht is, maar qua vocalen te glad en zoetjes is om omver geblazen te worden. Toch vind ik dit één van de betere albums van hen. Zo is Jamaica (let me go home) een heerlijk zomers nummer die ongetwijfeld veel vrolijkheid opwekt, en is Old greyhound catchy as hell! Let me prove my love to you is bekend vanwege de sample die Alicia Keys gebruikte in haar You don’t know my name, terwijl Shame on the world op tekstueel gebied deels een gospelnummer is, en zoals ze zelf verklaren in de intro, iets is wat nieuw voor die groep was; nummers met een (lichtelijk) religieus thema hadden ze nog niet eerder gezongen. Verder zijn Lillian en If I'm gonna be sad ook zeker een prima nummers, lekker swingend met een los karakter. Het is wat beter dan de middelmaat, en dat is vooral te danken aan de voornamelijk vlotte, veelal vrolijke arrangementen. Die zorgen ervoor dat er best nogal wat genietbare nummers te vinden zijn op Shame on the world die overigens voorzien is van een mooie hoesfoto.

The Majestic Arrows - The Magic of the Majestic Arrows (1973)

poster
3,5
The Magic of Your Love werd gesampled door Talib Kweli en Madlib in het geweldige The Show (te vinden op het album Liberation uit 2007). Ik vond het eigenlijk wel leuk klinken, dus heb het volledige album van The Majestic Arrows maar eens opgezocht. Wat mij betreft een goed album, geheel in de stijl van soul die gemaakt werd in Chicago (daar komen ze dan ook vandaan). Niet echt hoogstaand, vooral de vocalen zijn erg standaard, maar toch wel leuk om te horen. Wat misschien 'n wat minder positief gegeven is, is dat de twee instrumentale nummers, Going to Make a Time Machine en One More Time, tot zo ongeveer het leukste behoort dat je op het album zult vinden. In de versies met de vocalen valt niet eens zozeer op hoe goed de instrumentale backing is; pas als je de daadwerkelijke instrumentale versies beluisterd, hoor je hoe tof de composities in elkaar steken. Van de nummers met de vocalen kies ik als favoriet de ballade I’ll Never Cry for Another Boy dat mooi wordt geopend met een gesproken woord intro door één van de zangeressen en bovendien een mooie melodielijn kent en dan toch ook maar het herkenbare The Magic of Your Love. De andere nummers wisten me ook te vermaken, maar echte kwaliteitsnummers zijn het niet. Leuk om eens te beluisteren en vooral om te horen waar Kweli en Madlib hun inspiratie vandaan haalden, en dat is het dan ook zo’n beetje.

The Manhattans - A Million to One (1972)

poster
3,0
Deze soulgroep, The Manhattans uit New Jersey, werd gevormd in 1962. Bekend zijn ze o.a. van het altijd nog prachtige ‘Kiss and say goodbye’. ‘A million to one’ is hun vierde album en is het tweede album dat leadvocals bevat van Gerald Alston die de voormalige leadzanger George Smith verving die op 16 december 1970 overleed aan de gevolgen van een hersentumor. Het album bevat een aantal soul ballads zoals ‘Do you ever’, maar ook een aantal uptempo’s met hier en daar wat funk invloeden zoals bijvoorbeeld ‘Back up’. Daarnaast bevat het album een opvallende cover: ‘Fever’ die omgetoverd is tot een prachtig soulnummer. De nummers ‘Blackbird’, 'Teenage liberaration’ en 'Strange old world' behoren ook tot de uitschieters op dit album. Helaas is niet alles op dit album even interessant en daardoor is het geheel niet bijzonder sterk, alhoewel het verre van slecht is.

The Manhattans - The Manhattans (1976)

poster
3,0
Kiss and Say Goodbye is ondertussen haast een soort anthem - in het teken van overspel - geworden. Geheel terecht uiteraard, want het is één van de mooiste soulvolle R&B-nummers ooit gemaakt. Alleen al die bariton van één van de zangers die met een monoloog het nummer opent is legendarisch. Voeg daar die prachtige melodie en tekst plus het rijke arrangement aan toe, en je wordt er gelijk weer aan herinnert waarom het zo’n ongekend mooi liedje is. In 1976 was het overigens een nummer 1 hit in de Verenigde Staten, en ook dichter bij huis deed ‘ie het erg goed; hij bereikte eveneens de eerste plaats in de Nederlandse hitlijsten! Door dit nummer ben je toch snel geprikkeld om de rest van het album te beluisteren, maar helaas kom je snel tot de conclusie dat dat ene nummer echt met kop en schouders bovenuit steekt. Wat verder nog de moeite waard is, zijn twee andere ballads: Wonderful World of Love en If You’re Ever Gonna Love Me, die ondanks hun ondergeschikte rol beiden een prima sfeer weten neer te zetten, maar 't magische gevoel van de grote hit weten ze niet over te brengen. De discoachtige uptempo nummers zijn niet speciaal in hun soort. How Can Anything So Good Be So Bad for You? zou er mee door kunnen vanwege zijn swingende, dansbare gehalte (al heeft het liedje an sich weinig om 't lijf). Als album niet de verwachte topper waarop gehoopt, maar die ene hit, die is niet kapot te krijgen!

The Meters - New Directions (1977)

poster
3,5
Nieuwe richtingen... die bleken van korte duur te zijn. Na acht jaar en in totaal acht albums, werd dit de laatste release van The Meters. Hoewel New Directions nooit de boeken in zal gaan als het beste werk van The Meters, is het een waardige afsluiter. Sowieso waardiger dan voorganger Trick Bag, dat zeker, want die liet zich zwaar beïnvloeden door de disco. Een genre dat helemaal niet representatief is voor deze toffe, fantastische groep. Op dit album is de instrumentatie op momenten gelukkig weer een stuk ruiger en rauwer, of in Meters-termen: funkier. Hoewel de nummers afzonderlijk niet heel interessant zijn, maakt vooral het vakmanschap veel goed (want dat miste ik behoorlijk bij hun vorige album). Stop That Train vind ik overigens wel een bijzonder geslaagde opname; hun handelsmerk (de funk) is goed vertegenwoordigd en tegelijkertijd wordt ook de reggae – het oorspronkelijke genre van het nummer – niet verloochend. Voor de overige nummers geldt: hoe dieper de groove... hoe beter. Funkify Your Life en vooral No More Okey Doke behoren om die reden tot de betere vondsten. Minder overtuigend zijn de meer mainstream gerichte, ietwat simplistische nummers als We Got the Kind of Love en Give It What You Can. Over de gehele linie een prima album, slechte albums hebben The Meters ook niet gemaakt, maar de échte leuke nummers heb ik zelf hier niet kunnen vinden (met uitzondering van No More Okey Doke), daar had het vorige album dan wel weer vier van, ondanks de opmerkelijke switch naar disco.

The Meters - Trick Bag (1976)

poster
3,5
Disco is the thing today, aldus de titel van het openingsnummer. Daaruit kan je twee dingen afleiden; één: het tijdperk van de disco is aangebroken, en twee: ook The Meters moeten eraan geloven. Trick Bag staat algemeen bekend als het minste album van deze toffe rakkers. Ieder die het album nader onder de loep neemt, zal tot de conclusie komen dat dat niet zo verassend is. Het Josie-tijdperk blijkt definitief voorbij; de muziek van dit eens zo funkende gezelschap klinkt gladder dan ooit. Op zich nog niet zo’n probleem, tenzij je concurrenten hebt die het een stuk beter doen (denk aan The Trammps of L.T.D. bijvoorbeeld). De meesters van de funk, blijken uiteindelijk toch niet goed raad te weten met de disco. Trick Bag is grotendeels niet meer dan 'n doorsnee plaat, misschien uiteindelijk wel iets beter dan dat; vergeet vooral niet dat The Meters professionele instrumentalisten zijn - daar is op dit album niet veel meer van terug te horen. Weg handelsmerk. Wat deze plaat de moeite waard maakt zijn vier nummers. In Chug-A-Lug en Honky Tonk Woman hoor je in de verte nog een klein beetje de rauwere klanken van The Meters in hun hoogtijdagen, daarom vallen deze twee op, maar het mooiste wat er op Trick Bag te vinden is, is nota bene een prachtige soulballad (!), All These Things, en het mid-tempo I Want to Be Loved by You. Omdat de funk niet meer centraal staat, ben je snel geneigd meer aandacht te besteden aan de melodieën, de teksten en de zang, en op deze gebieden zijn het toch echt de twee laatstgenoemden die er duidelijk bovenuit springen. Voor het betere werk luister je hun eerdere platen.

The Montgomery Express - The Montgomery Movement (1974)

poster
3,5
Met een groepsnaam als The Montgomery Express verwacht je haast een soort tienkoppige groep, maar in werkelijkheid gaat het gewoon om twee blinde zangers, Paul Montgomery & Charles Atkins, ergens in de 20, afkomstig uit kleine dorpje Indiantown in Florida. Wat er met hen gebeurd is, schijnt niemand te weten. De instrumentalisten, die nergens credits krijgen, schijnen lokale tieners te zijn.

En die credits, die vormen, zo blijkt, wel vaker een probleem op dit album. Ondanks de achterkant van de hoesfoto je wil doen laten geloven dat het allemaal zelfgeschreven nummers zijn, is bijna de helft puur jatwerk! Steal away is, zoals Principal2000 al aangeeft, bijna een regelrechte kopie van Let it be van de Beatles. Maar dan zijn we er nog niet. Gotta make a comeback is overduidelijk gebaseerd op het gelijknamige nummer van Eddie Floyd (vergelijk voor de grap de refreinen eens!), en I’m standing by is een aftreksel van het bijna gelijknamige nummer van Al Green. Eigenlijk vind ik vooral de rip-offs van de Beatles en Al Green helemaal niet geslaagd, en zelfs een beetje misplaatst zo. De Eddie Floyd ‘bewerking’ (ik zal het voor het gemak even een bewerking noemen), is alleraardigst en is een prima diepe soul ballade – maar ook deze kan niet tippen aan het origineel, al vind ik deze nog best wel oké.

Ondanks het gebrek aan originaliteit, is hetgeen The Montgomery Express ons voorschotelt niet eens zo slecht. De instrumentale opener, The montgomery movement is bijvoorbeeld best leuk, vooral het laidback jazzy sfeertje maakt dit een prima opener. Het tweede nummer, Who, is een charmant stukje muziek geworden vanwege zijn sobere karakter. Die hoge stem van één van de twee zangers die af en toe opeens tevoorschijn komt (later wordt die bij het refrein van Steal away nóg duidelijker aanwezig) irriteert me wel een beetje overigens (ik ervaar het als een soort afbreuk), alsof hij ergens gegrepen wordt waar je niet gegrepen wilt worden, zeg maar. Precious wing is, hoewel een beetje glad en zoet, ook een prima (zwijmel)nummer, al balanceert de tekst qua clichématigheid op het randje. Het tweede en laatste instrumentale nummer Party fever is dan wel het meest funky, maar hij is naar mijn smaak te lang uitgesponnen om interessant te blijven. De eerste twee-en-een-halve minuut zijn aardig, maar nadien dwalen mijn gedachten af. Vind deze minder dan het openingsnummer. Dan is er nog afsluiter Left me with a memory, en dit is samen met Who mijn favoriete nummer. Vooral de lage stem van de zanger klinkt zo verdrietig, zoals het hoort, een prachtige afsluiter. De uithaal halverwege het nummer zorgt bij mij voor het enige échte kippenvel-moment van het album. Dat had ik graag wat vaker beleefd.

Ik weet het niet zo met dit album, eigenlijk. Toch een (ruime) voldoende.

The Originals - California Sunset (1975)

poster
4,0
The Originals behoren niet bepaald tot een van de bekendste groepen die Motown heeft voortgebracht maar toch is hun muziek zeker niet slecht. Dit album is overigens geproduceerd door niemand minder dan Lamont Dozier. Bovendien vind ik dit een van de rauwere soulabums die op het Motown label verschenen is.

‘Why’d you lie’ is al een heerlijke funky opener, ook het gesproken intro vormt een mooie “inleiding” voor dit album – daarnaast is dit zo’n nummer dat na een keer luisteren al gelijk in je hoofd blijft hangen. ‘Don’t turn the lights off’ is ook echt een fijn nummer over het zien van ‘jouw’ vrouw bij een ander en de pijn die daaruit voorvloeit. Een thema die eigenlijk veel vaker voorkwam bij zangeressen dan bij zangers in die tijd. ‘It could never happen’ kent weer een gesproken intro en is tevens voorzien van prachtige instrumentatie, heerlijk nummer om bij te ontspannen overigens. Ook het volgende nummer ‘Good lovin’ is just a dime away’ heeft een relaxte sfeer. De titeltrack, ‘California sunset’, is ietwat psychedelic soul en is wat mij betreft een meesterwerk, wat een vibe heeft dit nummer! ‘Sweet rhapsody’ is voor die tijd een moderne soultrack, best aardig maar niet bijzonder. ‘Fifty years’ is het eerste nummer wat ik niet leuk vind, te eentonig en aan de saaie kant. ‘Let me live in your life’ is ook weer zo’n nummer dat een heerlijke instrumentatie kent, funky, opzwepend en knallend. ‘Financial affair’ is ook pure funk en best aardig maar behoort niet tot de memorabele nummers van dit album. De afsluiter, ‘Nothing can take the place of you’, is ook een van rustigere nummers en vormt dus een mooie afsluiter voor dit album.

Zoals ik al aangaf in de eerste alinea zijn The Originals niet een van de bekendste acts van Motown en ook dit album is niet bepaald bekend. Desondanks is dit een van de betere Motown albums van de mid-jaren ’70. Opvallend is dat dit voor een Motown album wat aan de rauwe kant is, normaal maakt(e) Motown altijd iets gladdere soulmuziek, dat is dit album niet. Op een aantal mindere nummers na vind is dit gewoon een prima soulalbum dat zeker de moeite waard is om te beluisteren.

On behalf of The Originals and myself, I’d like to dedicate this album to all you beautiful music lovers. We had a ball recording these songs just for you.
-Lamont Dozier-

The Originals - Game Called Love (1974)

poster
4,0
De bekendheid die The Four Tops en The Temptations verwierven, is deze Motown-act nooit gelukt te krijgen (verre van zelfs). Waar dat nou precies aan gelegen heeft, zal mij een raadsel zijn. The Originals (en hun albums) zijn namelijk niet slechter dan de twee eerder genoemde acts. Neem dit album maar als maatstaaf, oké, het klinkt misschien een beetje gladjes (niks nieuws bij Motown), maar de samenzang en de instrumentatie is toch bovengemiddeld goed te noemen. Hun versies van ‘Behind closed doors’ en ‘Baby don’t get hooked on me’ zijn naar mijn idee goed gelukt.
Verder is de titeltrack ook erg mooi, vooral de lichte country-invloeden passen prima in het nummer. Een ander hoogtepunt is ‘She’s my old lady’, dat zelfs een beetje jazzy/bluesy is. Tot slot vind ik ‘Supernatural voodoo woman’ ook erg lekker, zoals de titel al doet vermoeden is het tekstueel (en qua instrumentatie eigenlijk ook) best duister te noemen. De overige nummers zijn aardig, maar halen het niveau niet van de nummers die ik noemde, al heeft 'You're my only world' ook wel een bepaalde charme, voornamelijk door de instrumentatie.

The Persuaders - Thin Line Between Love and Hate (1972)

poster
4,0
Moderne, en tevens erg zoete soul door nota bene een kwartet uit New York! The Persuaders zijn enkel bekend van de titeltrack, maar het overige materiaal op dit album is zeker niet minder interessant. Het thema liefde staat grotendeels centraal op het gehele album, en de nummers worden -soms met de nodige dramatiek- op leuke wijze gebracht. Ondanks de sobere begeleiding en de wens naar een funky uptempo liedje, weet het album van begin tot eind te boeien. Iets wat deels te danken is aan de teksten die erg leuk bedacht zijn, ondanks dat het onderwerp al zo vaak is bezongen. Het hoogtepunt op dit album vind ik Love is gonna pack up (and walk out), de dromerige en tegelijkertijd dreigende sfeer zorgen voor een fraai eindresultaat. Het hipste liedje is met afstand Thigh spy, de melodie heeft een haast gospelachtige sfeer en de instrumentatie is verreweg het meest ritmisch op dit album, al is het naar mijn mening nog te bescheiden om onder de “funk” categorie te vallen. Toch zorgt de strakke instrumentatie zeker ervoor dat dit nummer verreweg de meest memorabele is! Al met al eenvoudig, creatief, en erg fijn bij een zonnetje… dit album van The Persuaders. Zeer genietbaar van tijd tot tijd.

The Politicians - Psycha-Soula-Funkadelic (1972)

Alternatieve titel: The Politicians Featuring McKinley Jackson - the Hot Wax Sessions

poster
3,0
Motown had The Funk Brothers en Hot Wax (en Invictus) had The Politicians & McKinley Jackson. Een onbekende, maar o zo belangrijke groep. Eigenlijk bestond deze groep uit enkel sessiemuzikanten die doorgaans de instrumentatie verzorgden voor de platenlabels van Holland-Dozier-Holland. Sterker nog, McKinley Jackson -de man op de hoesfoto- schijnt bijna alle (!) nummers van de HDH-labels te hebben gearrangeerd. Hoewel de labels van Holland-Dozier-Holland nooit echt een succes waren, kwam het hen wel goed uit dat deze groep als instrumentalisten nooit zijn doorgebroken; ze waren een essentiële schakel binnen de bedrijfstak van de labels en konden dan ook écht niet gemist worden. Ondanks de professionaliteit van de muzikanten voelt dit album aan als één groot probeersel; georganiseerde stukken (zoals bijvoorbeeld A song for you) worden afgewisseld met chaotische stukken (zoals bijvoorbeeld Psycha soula funkadelic). Dat zorgt voor een vreemd eindresultaat. ’t Is wel aardig overigens, maar het is door andere groepen beter gedaan. Het is dan ook verre van bijzonder.

The Roots - Phrenology (2002)

poster
4,0
Hoewel ik niet bepaald bekend ben met de hiphop scène, moet ik zeggen dat ik het werk van deze groep echt weet te waarderen. The Roots zijn binnen het eerdergenoemde genre één van mijn favoriete acts. Ik merk dat ik ‘Phrenology’ de laatste tijd erg veel beluister, en hij met iedere luisterbeurt beter wordt. Productioneel steekt het gewoon ijzersterk in elkaar. Vooral dat deze plaat inhoudelijk zo coherent maar tegelijkertijd divers is, maakt iedere luisterbeurt van dit album ‘m weer steeds beter. Nummers als ‘Rock you’ en ‘Break you off’ blijven voor mij de zwakste nummers, de laatstgenoemde voornamelijk vanwege Musiq’s aandeel. Het zal menigeen vast niet verbazen dat ‘The seed (2.0)’ (ook) mijn favoriet is, maar het nummer ‘Water’ vind ik minstens zo sterk. Voor mij geen meesterwerk, maar zeker een lekker album voornamelijk vanwege de sublieme instrumentatie en goede rap stukken.

The Smith Connection - Under My Wings (1972)

poster
3,5
Deze drie broers uit St. Louis zijn nooit doorgebroken, daardoor is dit het enige album dat van hen ooit is verschenen. De originele LP is uitgebracht op Music Merchant Records en dat is voor zover ik weet, een label van Holland-Dozier-Holland. 'Under my wings' is een plaat waar je echt van moet houden, dit is mellow soul. Het is (inderdaad) mierzoet. Vind je het eerste nummer niks, dan ben je al snel klaar met het album. De samenzang is prima en ook de instrumentatie vind ik in orde, maar voor mij gebeurt er te weinig op het album waardoor ik me halverwege al bijna begin af te vragen: ,,zijn we er al bijna?''. Ik ben er niet helemaal uit wat ik vind van de Supremes cover. 'My world is empty without you' is niet slecht gedaan, misschien is hij zelfs iets beter dan het origineel al ligt dat aan de instrumentatie, maar toch ontbreekt er iets. Ook de andere cover, 'You ain't livin unless you're lovin' (Marvin Gaye & Tammi Terrell) vind ik behoren tot het betere werk. Positief punt is wat mij betreft de samenhangende sfeer van dit album; er staat geen enkel nummer op dat buiten de rest van het album valt.

The Softones - The Softones (1973)

poster
3,0
The Softones zijn een sweet soul groep uit Baltimore, Maryland. Deze plaat diende als hun debuut. Ondanks enkele luisterbeurten, weet dit album mij nog steeds niet echt te overtuigen. Het is mij soms echt te zoetjes. De arrangementen zijn echter wel prima, de conducteur was dan ook Van McCoy. Verder stoor ik me soms wat aan de hoge stem van de leadzanger Marvin Brown die wel erg prominent aanwezig is. Ook de nummers zijn soms wat storend, te langdradig. De cover 'I can't help falling in love with you' vind ik dan wel weer aardig gedaan en datzelfde geldt voor het funky 'Why why baby'. Verder vind ik 'And I remember your face' ook nog wel de moeite waard.

The Soul Children - Friction (1974)

poster
3,5
Erg leuk album van The Soul Children. Een kwartet die eigenlijk nooit samenvalt met de naam Stax, hoewel ze minstens vier studioalbums voor dat label hebben opgenomen. Misschien heeft dat de maken met het feit dat ze eigenlijk nooit één of meer fatsoenlijke hits hebben gescoord en relatief onbekend zijn gebleven. Toch zijn een aantal nummers van hen erg mooi, vooral de nummers waarin de dames (of dame) de leadzang verzorgen. Zo ook op ‘Friction’, waarvan de nummers ‘I’ll be the other woman’ en ‘It’s out of my hands’ mijn favorieten zijn. Ook de nummers ‘Can’t let you go’ en ‘We’re getting too close’ mogen er wat mij betreft zijn. De overige nummers zijn niet slecht, maar mede omdat de eerder genoemde nummers zo leuk zijn, zijn de andere nummers niet echt memorabel (genoeg).

The Spinners - From Here to Eternally (1979)

poster
3,0
The Spinners in een wat mindere periode. From Here to Eternally is met alles wat het te bieden heeft dan ook geen hoogstandje. De eerste paar nummers zijn echt helemaal niet interessant. Zo zijn It’s a Natural Affair en Don’t Let the Man Get You twee behoorlijk saaie en sfeerloze uptempo nummers die onnodig lang uitgesponnen worden, en waarbij die laatste vooral opvalt vanwege zijn barslechte tekst. Ook het derde nummer (A) Plain and Simple Love Song is niets meer dan een langdradige ballad die ruim vijf minuten lang op dezelfde wijze voortkabbelt met zeer matige zangpartijen. Wat allemaal volgt zorgt ervoor dat het album een krappe voldoende krijgt. Zo vallen Are You Ready for Love en I Love the Music in het bijzonder op door de funk die erin verwerkt is, iets wat in de toenmalige discomuziek niet (meer) veel voorkwam. Met het rustigere One Man Band gaat het niveau weer iets naar beneden, al valt er nog prima naar te luisteren. Het liedje doet - qua stijl - wellicht denken aan een aantal hits van Earth, Wind & Fire uit die tijd. De laatste twee nummers zijn wel prima. De funk keert wederom terug, ditmaal een stuk steviger, in If You Wanna Do a Dance (All Night) en Once You Fall in Love die beide voorzien zijn van een fijne prominente toevoeging van de basgitaar. Of het nou aan die basgitaar ligt weet ik niet, maar het zijn zeker de twee beste nummers op heel het album! Hun eerdere albums zijn 'n stuk leuker.

The Staple Singers - Be Altitude: Respect Yourself (1972)

poster
4,0
The Staple Singers is altijd een van mijn favoriete groepen geweest sinds ze bij Stax terecht kwamen. Naar mijn idee is deze groep ook een van de belangrijkste acts voor Stax geweest. ‘Be altitude: respect yourself’ is een een aardige soulplaat. Mavis Staples neemt op deze plaat –uiteraard– weer de leadvocals voor haar rekening en dat maakt 'gewone' nummers toch altijd een stuk mooier. Niet alle nummers stellen bijzonder veel voor. Persoonlijke favorieten op dit album zijn: ‘I’m just another soldier’, ‘Who do you think you are’ (met leadvocals van Pops), ‘Who’ en ‘Are you sure’. Oftewel: de laatste vier nummers zijn erg mooi. De andere nummers zijn aardig.

The Stovall Sisters - The Stovall Sisters (1971)

poster
3,5
Te religieus voor bezoekers van de discotheek, wellicht (net iets) te ordinair voor de kerkgangers. Dat moet zo ongeveer het probleem zijn geweest met dit album van de gezusters Stovall. Ondanks dat de dames er redelijk op los funken, houden ze hun roots altijd in hun achterhoofd. In ieder nummer moet er een verwijzing naar het geloof worden gemaakt, hetzij direct, of hetzij indirect. Het album kent zo zijn mooie momenten, en daarvan vind ik Sweepin’ through the city een prima voorbeeld. De twee meest soulvolle liedjes, Rapture en The love of God, mogen zich ook berekenen tot de hoogtepunten op dit plaatje. Vooral de samenzang van de zusjes klinkt bij deze nummers mooi. Een nummer dat er écht met kop en schouders bovenuit steekt, ontbreekt er. Toch heeft het album ook zo z’n minpunten. Lillian Stovall die het voortouw neemt op bijna alle nummers mag dan wel een fijn rauw randje op haar stem-banden hebben, maar ze weet me er niet continu mee te boeien. Na een aantal nummers ben ik er wel klaar mee, om eerlijk te zijn. Dan is er nog de instrumentatie, die is hier degelijk uitgevoerd, maar niet interessant genoeg voor een heel album. Het had wat spannender gemogen, wat opzwepender, zoals het hoort bij gospel. Bij een nummer als Spirit in the sky wil ik een échte gospel sfeer proeven, en die mis ik hier wel. Dit klinkt als een feest nummer, maar niet van het soort dat gezongen werd door ’n kerk koor. Als ik Wikipedia mag geloven hebben de ouders van de Stovall zusjes goed hun best gedaan; ze hebben 22 kinderen op de wereld gezet. Daar heb ik slechts één woord op te zeggen: hallelujah!

The Supremes - New Ways But Love Stays (1970)

poster
4,0
Ik denk dat ik dit het op-een-na beste album vind van The Supremes. Op dit album bewijzen ze dat ze ook prima als trio staande houden zonder hulp van mevrouw Ross. De stem van de leadzangeres, Jean Terrell, lijkt overigens ook veel op die van Diana. Soms klinkt het zelfs bijna als een imitatie.

'Stoned love' is voor mij het hoogtepunt van het album. Ik las ooit eens dat het geboycot werd bij veel Amerikaanse radiostations gezien de flinke knipoog naar het hippytijdperk dat op dat moment heerste.

Maar ook de covers 'Bridge over troubled water', 'Come together' en 'Love the one you're with' zijn niet storend en zijn prima gedaan. Ik ben het helemaal eens met de titel van het eerste nummer, together they can make such sweet music.

The Supremes - Right On (1970)

poster
3,5
Het eerste album van The Supremes na het vertrek van Diana Ross. Opnames vonden al plaats in 1969 toen Diana Ross & The Supremes nog volop bezig waren met hun Farewell-tour. Tijdens het laatste concert werd de nieuwe zangeres Jean Terrell geïntroduceerd aan het publiek. Na afloop van het concert wilde Motown-directeur Berry Gordy zangeres Jean vervangen voor Syreeta Wright (die datzelfde jaar de vrouw van Stevie Wonder zou worden). Oorspronkelijk lid Mary Wilson weigerde die beslissing te aanvaarden, dus Jean Terrell wiens stem bepaalde overeenkomst vertoont met die van Diana Ross, bleef “gewoon” leadzangeres van de groep. Het album ‘Right on’ werd een groot succes, waardoor werd bevestigd dat ze prima zonder Ross de groep konden voortzetten. Hoewel ik dit album minder vind dan een aantal Diana Ross & The Supremes albums van enkele jaren (maanden) eerder, is hij best aardig. ‘Up the ladder to the roof’ en ‘Everybody’s got the right to love’ werden hits en behoren tot de beste nummers van het album. Verder zijn het anti-Vietnam nummer ‘Bill, when are you coming back’ en ‘The loving country’ (geschreven door Smokey Robinson en Ivy Jo Hunter) ook aardige bijdrages op deze plaat. Een echt grote knaller als 'Stoned love' of 'Nathan Jones' onbreekt hier echter.

The Supremes - Touch (1971)

poster
3,5
‘Touch’ was het derde album van The Supremes zonder voormalige leadzangeres Diana Ross en wordt veelal gezien als één van hun beste albums op vocaal gebied. Het hoogtepunt is wat mij betreft de single ‘Nathan Jones’ dat de eerste Supremes-single was waarop alle drie groepsleden de leadzang verzorgden; wat een timbre kent dat nummer! De titeltrack ‘Touch’ was de eerste single sinds het bestaan van The Supremes waarop Mary Wilson een leadzang verzorgde. Ook nummers als ‘Here comes the sunrise’ met de prachtige opbouw en instrumentatie en ‘Happy (is a bumpy road)’ en ‘It’s hard for me to say goodbye’ vind ik meer dan de moeite waard. Het probleem is echter dat ik het nummer ‘Nathan Jones’ zo goed vind, dat de rest al snel beduidend minder klinkt. Toch is het absoluut geen slecht album, maar ze hebben betere albums met én zonder Ross gemaakt.

The Sweet Vandals - The Sweet Vandals (2007)

poster
3,5
Vintage jaren ’60-’70 soul en (rauwe) funk maar dan uit 2007 van een band afkomstig uit Spanje. Wie had dat gedacht?! Ik ken deze groep pas sinds kort maar ben nu al een liefhebber. De authentieke sound is fenomenaal goed gelukt, er is niet alleen geprobeerd de tijd van weleer te doen herleven maar het is hen daadwerkelijk gelukt. Het materiaal op dit album klinkt alsof het opnamen zijn van ruim veertig jaar geleden. Het is allemaal erg opzwepend, spannend en ritmisch gezien is het dik in orde. Een tracklist dat tien nummers telt is perfect; om te voorkomen dat het teveel van het goede wordt is er gekozen voor less is more waardoor je met gemak dit album in z’n geheel kunt beluisteren.

Het enige minpunt(je) vind ik het accent van de zangeres, die begint soms iets te irriteren, haar Engelse uitspraak had wel iets beter gemogen. Verder heb ik niets negatiefs over dit album op te merken. Dit is gewoon hoe soul en funk anno (2007) 2010 moet klinken. Past prima in het rijtje thuis van Sharon Jones & The Dap-Kings, Nicole Willis & The Soul Investigators en Randa & The Soul Kingdom. De uitblinker op dit album is overigens ‘Beautiful’ dat vrijwel de enige ballad op dit album is en tevens voorzien is van de mooiste instrumentatie (door het blaaswerk e.d.). Ook de opener ‘I got you, man!’ met een extreem catchy hook en de instrumentale afsluiter ‘Nite lites’ voorzien van dezelfde hook als de albumopener zijn meer dan de moeite waard.

The Swiss Movement - It's Time for the Swiss Movement (1973)

poster
3,0
Het eerste en enige album van The Swiss Movement, een kwartet uit New Orleans die uiteindelijk deze plaat in Detroit opnamen. Het is het soort album dat zich niet onderscheidt van soortgenoten uit die tijd, en daar komt bij dat geen enkel nummer echt bijzonder is in zijn genre. Er zijn veel uptempo nummers hier te vinden maar ondanks dat gegeven komt het album nooit echt los - noch word je meegesleurd in de vrolijkheid, het blijft het ergens rond de middelmaat drijven. De opposanten, de ballads dus, zijn niet veel beter. Het is vooral de eenvoud van de teksten, overigens ook de zang, die stoort. Vondsten die dit album toch nog enigszins de moeite waard maken zijn onder meer If You Need Somebody to Love dat vrij stevig klinkt, in vergelijking met het andere, en dankzij het soort van soft-rock randje wat (extra) sfeer met zich meekrijgt, en ook de opener Take a Chance on a Sure Thing en If You Need Me zijn op zich in orde. Met die laatste twee proberen ze dan ook de Motown-sound na te bootsen. De nummers worden gebracht in de stijl van The Four Tops. Voor de rest niets opzienbarends of bijzonders in het algemeen.

The Temprees - Lovemen (1972)

poster
3,5
Onder contract bij We Produce dat een zuster-label van Stax is, is het niet verwonderlijk dat (ook) deze band oorspronkelijk uit Memphis, Tennessee komt. Kwalitatief een hele goede plaat, maar niet met de bekende Stax-sound. Het gehele album is meer in de sweet mellow soul stijl, maar dat maakt hem natuurlijk niet minder interessant. Voor sommigen misschien iets teveel van het goede, voor mij soms ook, daarom luister ik hem niet heel vaak. Vooral een fijn album voor in de avonduren om bij te relaxen zo nu en dan. Prima zang en prima instrumentatie, eevoudig en bescheiden, maar mooi.

The Temptations - 1990 (1973)

poster
4,0
Dit album was het laatste album van The Temptations dat geproduceerd werd door Norman Whitfield. Hij gaf hun voor dit album aanvankelijk alleen maar nummers met sociaal bewuste thema’s, tot onvrede van The Temptations. Zij zagen namelijk dat dit soort nummers niet meer aansloegen en vroegen daarom om meer ballads. Ondanks dit naar mijn idee een van de betere Temptations albums is, bleven zij echter ontevreden. Ze waren van mening dat Norman zijn stempel wat betreft productie en andere technieken te duidelijk aanwezig was en hunzelf als groep daardoor werden overschaduwd, terwijl het “hun” album was. Wat betreft dit album zelf, vind ik de uptempo’s erg goed met vooral veel funk-invloeden, de ballads zijn iets minder alhoewel een nummer als ‘Ain’t no justice’ er wel degelijk mag zijn. De instrumentatie is echt top op dit album. De albumcover vind ik trouwens erg mooi.

The Temptations - House Party (1975)

poster
4,5
Ten tijde van het verschijnen van ‘House party’, waren The Temptations -als we de verkoopcijfers onder de loep nemen- al over hun hoogtepunt(en) heen. In 1975 stelde deze groep dan ook niet meer zoveel voor. In de hoop op succes, stelde Gordy dit album samen met onuitgebrachte nummers van The Temptations die op de plank lagen te vergaren. Temptations-lid Otis Williams sprak in zijn biografie (zijn boek heet ‘Temptations’) van een "mismatched collection of shit". Hij is dus beduidend minder positief over dit album dan ik. Hoewel dit album dus losse fladders bevat, klinkt ‘House party’ als een coherent album. De nummers zijn stuk voor stuk catchy en liggen buitengewoon lekker in het gehoor. Hoewel dit album gedoemd was om te mislukken, het werd immers ook een flop, zijn alle nummers erg goed in zijn soort. ‘House party’ is vrolijk, spontaan, losjes en luchtig; een niet-typisch Temptations album. Dat maakt ‘m zo mooi. Eén van de meest onderschatte albums van deze groep, misschien wel de meest onderschatte. Het nummer ‘Ways of a grown-up man’ kan trouwens zo door als ‘Papa was a rolling stone’ part II. Misschien is het een vervolg op dat nummer? Afijn, zoals in het berichtje boven mij al staat: voor een dosis vrolijkheid van 35-minuten ben je hier aan goede adres!

The Temptations - Wish It Would Rain (1968)

poster
3,0
Best een mooi album van The Temptations. Vooral de titeltrack die ook al werd opgenomen door o.a. Gladys Knight & The Pips, Aretha Franklin en Marvin Gaye is echt één van de mooiste nummers van de Motown-catalogus, wat mij betreft zelfs een evergreen. De schoonheid van de titeltrack wordt (helaas) niet meer geëvenaard, al zijn de overige nummers ook aangenaam. Enkele mooie voorbeelden daarvan zijn ‘Fan the flame’, ‘He who picks the rose’ en ‘I’ve passed this way before’. Voor de rest geen uitmuntend album, zowel niet op gebied van zang als op gebied van instrumentatie. Dan luister ik liever naar ‘House party’. Een voldoende zit er echter wel in.