MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten Angelo als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Ecstasy, Passion & Pain - Ecstasy, Passion & Pain (1974)

poster
2,5
Soul uit Philadelphia, maar niet van het betere soort, helaas. Dit album is misschien net een paar jaar te vroeg uitgebracht om uit te groeien tot een succes, aangezien dit veel elementen van de latere disco bevat. Het is geen vervelend album hoor, maar 't weet me ook niet te boeien. De nummers zijn eigenlijk allemaal ‘zo zo’ en luisteren wel redelijk goed weg, zonder dat het ook maar één moment blijft hangen. De rustigere nummers zijn overigens wel aan de saaie kant, en zelfs de nummers van gemiddeld drie-en-een-halve of vier minuten duren dan nog te lang. Don’t burn your bridges behind you is misschien nog wel noemenswaardig, best een mooi gesproken woord intro – de tekst is sowieso niet onaardig, en ook de melodie is wel mooi. Verder kan ook het vlotte I wouldn’t give you up er nog mee door, het is wel typische disco, maar niet slecht gedaan. Het overige weet, en kan m’n interesse niet (lang) vast te houden; het lijkt allemaal zoveel op elkaar naar mijn idee. De vocalen van de leadzangeres zijn op zich best oké, maar voor een leuk avondje Philly-soul, luister ik liever naar bijvoorbeeld de Three Degrees.

Eddie Floyd - Baby Lay Your Head Down (Gently on My Bed) (1973)

poster
4,0
Deze Knock on wood zanger heeft een aantal fijne plaatjes gemaakt voor Stax en ‘Baby lay your head down’ was zijn een-na-laatste plaat voor dat label. Dit album kent dan weliswaar geen enkel nummer dat is uitgegroeid tot een klassieker van Stax, toch is dit album consistent van begin tot eind en is biedt dit album onversneden soul in de meest pure vorm. Een van de meest opvallende nummers van dit album is de titeltrack, dit nummer kent lichte reggae invloeden. Persoonlijke favoriete nummer op dit album is de über-funky bombastische knaller: ‘The highwayman’, wat een meesterlijk nummer (!) – de instrumentatie is off the hook. Datzelfde geldt voor ‘I didn’t know what losing was ‘til I lost you’. Ook de afsluiter ‘Lay your loving on me’ vind ik erg fijn. Dit album staat garant voor kwaliteit en laat horen waar Stax in de jaren ’70 voor stond: verslavende soul. Absoluut het uitproberen waard als je ’t mij vraagt.

Eddie Floyd - I've Never Found a Girl (1968)

poster
4,5
‘I’ve never found a girl’ was het tweede album van Eddie Floyd en werd uitgebracht door Stax. Het album opent met een geheel eigen versie van Sam Cooke’s ‘Bring it on home to me’ en het tweede nummer ‘Never give up’ is tevens een cover (ditmaal van Jerry Butler). Persoonlijk vind ik zijn “eigen” nummers op dit album een heel stuk leuker dan de covers. ‘Girl I love you’, ‘I need you woman’, ‘Hobo’, ‘Water’ en ‘Sweet things you do’ zijn daar de beste voorbeelden van en behoren wat mij betreft tot de mooiste nummers op het album. Van alle covers op deze plaat vind ik ‘Slip away’ (origineel is van Clarence Carter) het meest geslaagd. Als geheel is dit een prachtig southern soul album met typische Memphis klanken. Stax op z’n best!

Edna Wright - Oops! Here I Go Again (1977)

poster
4,0
Edna Wright maakte voordat ze dit album uitbracht, deel uit van de groep Honey Cone. Die groep scoorde in hun thuisland in 1971 een no.1 hit op de Billboard Hot 100 met de hit-single 'Want ads'. Dat nummer is co-written en geproduceerd door Greg Perry. Toen in 1973 de formatie Honey Cone ophield te bestaan, begon Edna Wright aan haar solo-carrière. Drie jaar later bracht ze dan haar eerste -en enige- plaat uit op het RCA-label, maar is helaas aan het pubiek kennelijk voorbij gegaan.
De titeltrack 'Oops! here I go again' werd later gesampled door De La Soul in hun nummer 'Pass the plugs', en het nummer is hier en daar dan ook een tamelijk bekend nummer. Dat is het overige materiaal op dit album echter niet, want het album werd niet het succes waarop gehoopt werd. Dat betekent overigens niet dat het een slecht album is, integendeel, want deze gehele plaat is (ook) geproduceerd door Greg Perry, die tevens co-writer is van alle zeven nummers die hierop staan.
Oké, eerlijk is eerlijk. Echte hoogstandjes zijn het niet, maar inhoudelijk klinkt het best lekker allemaal. Vooral 'Tomorrow may never come' vind ik wel een erg fijn liedje. In zekere zin een funky nummer, maar wel erg ingetogen en bescheiden gehouden. Dat geldt overigens niet voor 'You can't see the forest (for the trees)', want dat nummer knalt echt je speakers uit. Bovendien vind ik dat specifieke nummer ook redelijk modern aangelegd. Vooral de instrumentatie is echt lekker funky! De overige nummers missen net dat beetje kracht of memorabele dat ze eigenlijk wel nodig hebben, om het album tot een hele ruime voldoende te brengen. 'If the price is right' mag er trouwens ook wel zijn. Maar ach, over het algemeen gewoon een oké album hoor. Ik heb er niet veel op aan te merken. Gewoon prima!

Edwin Birdsong - Super Natural (1973)

poster
4,0
Een stoere vent, die Edwin Birdsong. Alleen al hoe hij poseert met die veertjes in z’n haar, maakt hem een held die beschikt over een gezonde dosis ‘swag’. De inhoud van het album is echter ook niet mis. De scheurende gitaren zijn moddervet. Nee, het gevoel dat je naar een album uit 1973 luistert, heerst er geen moment bij mij. Het lijkt even alsof je naar één van de betere albums van Lenny Kravitz luistert. Maar hoewel de vergelijking onvermijdelijk is, wil ik deze rockende, coole Edwin B. absoluut niet te kort doen. Super natural heet het album, en die titel, die is passend. Ik durf best te stellen dat dit album zijn tijd ver vooruit is. Daarom heeft het ook wel iets bovennatuurlijks over zich. Het geluid is spacy, je wordt als het ware meegenomen op een (muzikale) trip. Een trip die de mensen in 1973 misschien niet op juiste waarde wisten in te schatten. De klanken van het album zouden (een kleine) twintig jaar later pas gerespecteerd en geliefd worden, en dat is zuur. Vooral omdat dit album 'n mijlpaal in de geschiedenis van de muziek had kunnen zijn. Had kunnen zijn ja, want dat is het niet geworden. Maar laten we eerlijk zijn: een goed album zal niet dateren. En gelukkig voor meneer Birdsong, is dát niet zuur. Wat een held!

Edwin Starr - Free to Be Myself (1975)

poster
4,0
Edwin Starr leek het ooit helemaal te maken als soulzanger. Met de gigantische hit War op zak, en met een platencontract bij het beroemde Motown label leek succes verzekerd. Helaas bleef met uitzondering van de de grote anti-Vietnam hit, verdere soortgelijke, of grotere successen uit. Tegen de tijd dat Free to be myself verscheen was Edwin Starr dan ook helemaal niet meer zo hot als gedacht. Een jaar eerder stond hij nog onder contract bij Motown, maar het label verloor al haar interesse en zette Starr zonder pardon op straat. Gelukkig voor hem, had het onafhankelijke label Granite nog een plaatsje over en bood Starr een nieuw onderdak aan. Met de komst van dit album wordt duidelijk dat Starr nog lang niet over zijn hoogtijdagen heen is. Integendeel, dit is misschien wel Starr op zijn best.

Het album opent met het swingendste nummer op deze plaat, het ritmische Stay with me. Oké, we zijn opgewarmd en klaar voor het echte werk. Abyssinia Jones is ongetwijfeld één van de diepste en hardste funknummers ooit. Een onbekend pareltje dat ongekend lekker en buitengewoon catchy is en bovendien dagenlang in je hoofd blijft rondspoken… “She was only fifteen years old and the devil had her soul /Any man she saw (and) she wanted, she could own”. Te chill nummer gewoon! Maar het album is nog niet afgelopen. Zo volgen nog een aantal funky knallers zoals bijvoorbeeld Toys waarin Edwin uitlegt dat hij helemaal geen dure auto of andere chique troep wil, maar enkel een meid, en nee – echt kieskeurig is hij niet: ”Even if they’re fat, I could deal with that!”. We funken gewoon door met Drunken Annie om vervolgens aan te belanden bij het zomerse Rainbow waarbij achtergrondvocalisten Mary Stapleton, Phyllis Stapleton en Narvelan Hunt (ofwel Splendour) genoeg ruimte krijgen om hun eigen kwaliteiten te laten horen. Met Another song for you krijgen we een tamelijk modern nummer voorgeschoteld, nog steeds erg funky, maar valt qua sfeer een beetje buiten de rest van het album. Maar wacht, er is meer. Neem bijvoorbeeld het meest ingetogen nummer Best of my past, wederom met het goede achtergrondkoortje. Dit nummer is een welkome afwisseling tussen de rest, want het creëert even wat rust tussen alle funky tracks, daarnaast lijkt dit nummer te bezitten over de mooiste songtekst. Tot slot nog een aantal funknummer zoals we eerder hoorden, maar daarom zeker niet minder goed, in de vorm van Beginning en Pain. Vooral die laatstgenoemde is ook een absolute killer en heeft een retestrakke instrumentatie! Het album eindigt met het freestyle Party, en tja, wat was het een feestje om naar dit album te luisteren. Een perfect soul en funk album dat op geen enkel moment inzakt. Van begin tot eind constante kwaliteit.

Daarmee is Free to be myself een verborgen pareltje in het soul en funk genre. Op dit album wordt duidelijk dat Edwin Starr zeker een gevestigde naam had moeten zijn en niet alleen bekend van “dat ene hitje”. Helaas zijn er altijd van die albums waarvan we van mening zijn dat ze niet de erkenning krijgen die ze verdienen, en dit is naar mijn mening zo’n album.

Eighties Ladies - Ladies of the 80's (1980)

poster
2,5
Sylvia Striplin, Susan Beaubian, Marva Hicks, Vivian Prince en Denie Corbett hadden de eer om onder de naam Eighties Ladies, het eerste album uit te brengen op het label Uno Melodic van Roy Ayers. Het album werd een mix van boogie, soul en funk. Hoewel het album in en rondom New York werd verspreid in de hoop een succes te worden, kreeg het album nauwelijks enige aandacht. Tot 2010 dan, want exact dertig jaar na de oorspronkelijke release, is het album voor het eerst uitgebracht op CD, ontving het een aantal recensies, en is het reeds volop te bestellen op het internet. Maar wat kan en mag nou eindelijk verwachten van een Roy Ayers productie? Het album ‘Ladies of the 80’s’ laat wat mij betreft typisch een jaren ’80 (boogie/funk)album horen, hoewel hij natuurlijk pas aan het begin van die decade verscheen. Dat is dan ook mijn probleem met dit album, het waren indertijd allemaal modern aangelegde nummers. Vanaf omstreeks 1980 kende de soul- en funkscene dan ook langdurige arme jaren in dat genre, de 60s en 70s soul en funk werden immers niet meer gemaakt. Pas in het nieuwe millenium zou daar weer veranderingen in komen. Voor degene die houdt van die moderne 80s boogie, soul en funk, zal dit absoluut een pareltje zijn maar voor mij is hij te beschaafd en te.... eh, modern. Er staat naar mijn idee overigens geen uitschieter op dit album. Het lijkt alsof je naar één lange medley zit te luisteren met af en toe lichte afwisselingen, maar niet meer dan dat.
Als ik dan toch een nummer moet benoemen die ikzelf het beste vind, dan wordt het 'It's easy to move' vanwege de groove die in het nummer zit, ook de samenzang is op dit nummer het beste.

El Rego - El Rego (2011)

poster
4,0
Dus. De zomer is alweer geruime tijd voorbij en Daptone komt met de meest zomerse release van het jaar, we hadden 't kunnen weten! Dat deze release het daglicht ziet hebben we te danken aan Afrobeat dj Frank Gossner. Hij reisde door de jaren heen door Afrika om zijn kennis van de plaatselijke - sixties tot seventies - soul en funkscène van dit continent uit te breiden. Landen als Ghana, Nigeria en Benin passeerden de revue en in dat laatste land maakte hij kennis met de nu 73-jarige Theophile Do Rego, beter bekend als El Rego. De beste man heeft in z'n eigen land al talloze albums gemaakt, en door de jaren heen leverde hem dat de naam “The Godfather of Benin funk” op. Daptone presenteert hier nu 'n verzamelaar met een selectie van twaalf van zijn "beste" nummers, beschouw het als zijn betere werk.

Op Feeling You Got na, een cover van de Super Eagles, worden alle nummers bezongen in de Franse of Afrikaanse taal. Deze nummers schijnen allemaal een zekere betekenis of boodschap hebben. Het liedje Vive Le Renouveau diende bijvoorbeeld als de borgsom voor zijn vrijlating toen hij in detentie zat omdat hij tot diep in de nacht in de nachtclubs van Benin speelde (iets wat toen verboden was; leiders bepaalden dat optredens tot maximaal 23:00 waren toegestaan). Naar het schijnt gaat 't nummer dus over (de) revolutie, en dat was daar indertijd het enige toegestane onderwerp om over te zingen, zo las ik. De teksten gaan gepaard met een uiterst broeierige en explosieve doch eenvoudige instrumentatie.

El Rego wordt beheerst door de rauwheid zelve. De zang van Do Rego draagt daar zeker aan bij, maar vooral de ritmische sectie. Het levert een zeer charmant album op met muziek die wij hier in het westen nooit hebben gekend, of wellicht nog beter verwoord: het levert 'n album op waarmee je de -Afrikaanse- warmte in huis haalt, en geloof me, die warmte komt op zo’n koude dag als vandaag erg goed van pas!

Eli "Paperboy" Reed - Come and Get It! (2010)

poster
4,5
Ik ken dit album nog niet bijzonder lang maar heb hem desondanks al veelvuldig beluisterd. Dit album bevalt me erg goed. Wat betreft de (vele) reacties dat de originaliteit ver te zoeken is vind ik wat krom overkomen; er zijn in de afgelopen jaren maar weinige ‘echte’ originele albums gemaakt, alle genres en combinaties zijn voor zover ik weet al gemaakt en uitgevonden. Dat er nu alwéér een artiest is die soulmuziek maakt vind ik alles behalve een ramp, ik luister veel liever naar dit ‘soort’ muziek dan die troep die we tegenwoordig in de hitlijsten vinden.

Binnen het genre is dit album ietwat aan de commerciële kant maar aangezien dit een major label release is (Parlophone) vind ik dat wel begrijpelijk. Commercieel betekent overigens niet altijd slecht, daar is een album als deze een goed voorbeeld van. Eli “Paperboy” Reed heeft een prachtige stem die op ieder nummer geweldig tot zijn recht komt. De arrangementen zijn erg smaakvol en het album ademt een warme sfeer uit. Of geprobeerd is om de 60s doen te herleven zet ik mijn vraagtekens bij; het voelt misschien wel aan als 60s soul maar het is niet te vergelijken met bijvoorbeeld Nicole Willis of Sharon Jones – zij proberen wel een authentieke soulvolle sound neer te zetten – iets waar ik bij Eli mijn twijfels over heb, niet alle soulmuziek hoeft immers gerefereerd te worden aan de tijd van weleer.

Affijn, ieder nummer op dit album is bovengemiddeld goed. Voor mij staat er geen enkele misser op. Ik ervaar het dan ook als een plezier om dit album van begin tot eind te beluisteren. ‘Time will tell’ vind ik echt een absoluut meesterwerk! Binnenkort maar eens zijn andere albums beluisteren.

Elle Varner - Perfectly Imperfect (2012)

poster
4,0
Ze worden dus toch nog gemaakt; pure R&B-albums die je doen denken aan het betere werk van de jaren negentig. Of nou ja, R&B? Eigenlijk klinkt Perfectly Imperfect meer als Jazmine Sullivan die My Life, het beste album van Mary J. Blige uit 1994, inzingt. Een mix van soul en hiphopachtige beats dus. RCA heeft ons aardig op een dwaalspoor gezet, want leadsingle Refill is niet meer dan een tamelijk zeikerig dertien-in-een-dozijn-R&B-meets-nogwat-productie en met afstand het minste nummer van deze plaat. Dat de 23-jarige Varner beter kan, bewijst ze op ieder ander (en dus willekeurig) nummer.

Eén van de tracks die het meepakken waard is, is albumopener Only Wanna Give it To You, met een gastbijdrage van J. Cole die het nummer helemaal afmaakt. Alsof de tijd is blijven stilstaan; al klinkt 't allerminst gedateerd. Hoewel dergelijke teksten enigszins afgezaagd overkomen, wordt deze in dit geval volledig gecompenseerd door de scherpe/dreunende productie. Terwijl op momenten wanneer de productie wat minder bijzonder lijkt, de teksten vaak weer sterker zijn (So Fly). Veel andere pseudo-90s-producties klinken vaak kaal, zoals Sound Proof Room, Not Tonight en I Don’t Care: uitstekende keuze! Dat geeft deze songs alleen maar extra charme mee. Met Stop the Clock en Oh What A Night wordt een wat moderner geluid opgezocht, maar dat deert niet: ze passen prima tussen al het overige.

Het schijnt dat Beyoncé bezig is met het opnemen van haar vijfde album, nou B, mocht je vergeten zijn hoe “échte” R&B klinkt: luister eens naar 't debuut van Varner. Perfectly Imperfect klinkt veel beter dan de (vier) albums die jij tot op heden hebt afgeleverd. Wat mij betreft één van dé R&B-albums van het jaar die je gehoord moet hebben. Maar ach, zo veel R&B-albums zijn er dan ook niet gemaakt dit jaar.

Ellen ten Damme - Het Regende Zon (2012)

poster
3,5
Wederom een erg leuk album van Ellen ten Damme (volgens mij kan ze bij mij ook niks fout doen). Hoewel je het niet meer beter krijgt dan het prachtige titelnummer, Het Regende Zon, is er genoeg variatie te vinden waardoor het album zich staande weet te houden. Ten Damme kan goed omgaan met de diversiteit hierop; of ze nou een akoestisch nummer als Er Zit Niets Anders Op Dan Jij moet bezingen, of een dynamisch en melodieus (pop-)rocknummer als Nog Nooit: ze doet het even goed. Niet Janken is zelfs pure kleinkunst. Door dat soort nummers besef je weer dat je te maken hebt met een échte vakvrouw. Fantastisch gewoon hoe ze zo'n dergelijk lied voordraagt, vooral die gesproken gedeeltes. Ik denk dat ze met Verder, Verder! sowieso het meest toegankelijke liedje als single heeft uitgebracht, wat dat betreft een uitstekende keuze dus, al zie ik twee andere pakkende nummers als Pi-Pa-Polderland en Iedereen Voor Iedereen het ook nog wel goed doen op (bijvoorbeeld) de radio. Uiteindelijk vind ik Het Regende Zon vrij gelijkwaardig aan Durf Jij?, dit album is iets gekunstelder en minder experimenteel. Dat is verder niet negatief bedoeld, eerder een constatering. Nu vind ik 't nog (net) geen vier sterren waard, maar misschien brengt de toekomst daar nog een keer verandering in.

Emeli Sandé - Our Version of Events (2012)

poster
3,5
Met een goede stem kom je al een heel eind, maar je moet wel geschikt materiaal voor jezelf weten te produceren. Daar is Sandé uiteindelijk slechts deels in geslaagd. Heaven en Daddy zijn twee unieke nummers in het muzieklandschap van vandaag de dag. Of dat aan Sandé zelf ligt? Waarschijnlijk niet eens zozeer, ook al heeft ze aan deze nummers meegeschreven. Wat die beide nummers nou vooral bijzonder maakt, is dat ze zwaar tappen uit het jaren ’90 breakbeat-vaatje. Nee, geen pop, geen dance, geen hip-hop, geen R&B of dubstep, maar breakbeat! Nooit gedacht dat je met breakbeat in een jaar als 2012 nog zo verfrissend voor de dag kan komen; het is immers een stijl die ondertussen al jaren zo goed als dood was, maar nu weer nieuw leven ingeblazen krijgt en hot is dankzij Sandé. En terecht! Ook interessant op Our Version of Events zijn de door trip-hop beïnvloedde producties My Kind of Love (geproduceerd door de producent van Lana Del Rey’s Born to Die) en Lifetime, die Sandé ook meer eigenheid meegeven. Wanneer het allemaal meer standaard wordt, wordt het nooit vervelend, maar opmerkelijk of onderscheidend is het ook niet. De hit Next to Me ligt prima in het gehoor, maar ik vrees dat de repeat-knop hiervoor niet ingedrukt hoeft te worden en hetzelfde verhaal is van toepassing voor de negen andere nummers. Een beluistering af en toe kan geen kwaad, het album is niet slecht in zijn soort, maar de singles scheppen hoge verwachtingen die het album niet (helemaal) waar kan maken. Ze beloven een stijl die niet verder wordt doorgetrokken op de rest van 't album, en dat is best jammer.

Emmylou Harris - Luxury Liner (1977)

poster
3,0
Misschien klinkt het raar maar soms word ik gewoon kriebbelig van haar stem. Vooral bij het eerste nummer, de titeltrack, ‘Luxury liner’ begin ik zowaar bijna nerveus te worden, vind het nummer ook niet mooi eigenlijk. Het tweede nummer ‘Pancho & Lefty’ vind ik al een stuk leuker, minder opzwepend dan z’n voorganger vooral de eenvoudige instrumentatie en het leuke verhaal dat verwerkt zit in ’t liedje maakt het erg leuk. ‘Making believe’ valt ook op vanwege z’n eenvoud alleen soms komt er een soort van snik tevoorschijn in haar stem en dat vind ik dan weer wat minder.

‘You’re supposed to be feeling good’ vind ik een van de mooiste nummers op dit album vanwege het smaakvolle arrangement en de mooie tekst. ‘I’ll be your San Antone rose’ is ook een van m’n favorieten op het album wederom vanwege het arrangement en de tekst. ‘(You never can tell) C’est la vie’ is een van de hoogtepunten op het album, volgens mij werd dit ook wel een grote hit voor Emmylou en terecht want het is gewoon een prima country liedje. ‘When I stop dreaming’ gaat ook wel, alleen vind ik ‘m soms iets teveel van het goede door de clichématige tekst. Daarnaast vind ik het refrein een beetje zeikerig en ook het tweestemmige vind ik niet mooi. ‘Hello stranger’, mwa, gaat wel – er is op zich niks mis met het nummer maar echt bijzonder is ‘ie ook niet. ‘She’ is wel weer erg mooi en ingetogen, vooral tekstueel is het een van de sterkste nummers van het album. De afsluiter ‘Tulsa queen’ is hét hoogtepunt op het album, althans, ik denk dat ik deze ’t mooist vind.

Nergens echt een baanbrekend album maar zeker niet onaardig. Luchtige countrymuziek dat zorgt voor een ontspannen sfeertje. Als achtergrondmuziek is dit dan ook perfect.

En Vogue - EV3 (1997)

poster
3,5
Het laatste album van En Vogue met daarop voormalig leadzangeres Dawn Robinson (onder meer bekend van Lucy Pearl). Het abrupte vertrek leidde ertoe dat bepaalde gedeeltes van de leadvocals opnieuw moesten worden ingezongen, al is Dawn nog wel te horen op de achtergrondvocalen van vrijwel alle nummers, en als leadzangeres op een paar nummers. Het mooiste nummer op dit album, werd hun grootste hit. Dan heb ik het natuurlijk over ‘Don’t let go (love)’, de soundtrack single voor Set it off. De andere twee singles die van dit album werden geplukt, namelijk ‘Whatever’ en ‘Too gone, too long’ zijn na al die tijd ook nog steeds erg leuk. ‘Right direction’ heb ik altijd een heel apart nummer op dit album gevonden, een beetje in country stijl. In ieder geval het meest opmerkelijke nummer op dit album. Ook ‘You’re all I need’ en ‘Let it flow’ met de funky beats zijn altijd favorieten van me geweest. Kortom: een mooi album van één van de beste vrouwelijke groepen ooit. Het schijnt trouwens dat de vier dames (oorspronkelijke formatie) de studio in zijn gedoken voor een nieuw album. Ben benieuwd!

Eramus Hall - Your Love Is My Desire (1980)

poster
4,5
Laat je vooral niet misleiden door de hoesfoto. Eramus Hall is namelijk een groep opgericht door George Clinton van Parliament. Hij kwam op deze naam nadat hij een gebouw had bezocht in Chicago die deze naam had. Tegen de tijd dat dit album werd uitgebracht was vrijwel niemand meer geïnteresseerd in soul en funk. De disco was immers al op zijn beloop, en die twee andere genres waren passé. Het werd steeds moeilijker om als klein platenlabel succes te verwerven, want omstreeks 1980 waren het vooral de major labels die tegen hun releases flink wat geld aansmeten (iets wat overigens nooit is verdwenen en met de jaren erger is geworden), waardoor kleine, onfhankelijke labels relatief gezien geen kans meer kregen.
Dit album werd uitgebracht op het Westbound-label. Een label gesitueerd in Detroit, Michigan. Ook Detroit was op z'n beloop. De Motorcity ging er flink op achteruit wat betreft de auto-industrie., en ook op muzikaal gebied was het bekende label Motown niet meer wat het was. Enkel Diana Ross kon in 1980 een zeer succesvol album voor dat label maken, voor de rest was wat betreft Motown een zinkend schip. Vooral in contrast met de jaren eerder. De enige labels die zich nog bezig hielden met het soul genre was Invictus (van Holland-Dozier-Holland) en het West- of Eastbound label van Armen Boladian. Maar succes voor het label van Armen Boladian was niet voorbestemd. De laatste volledige albums van dat label verschenen omstreeks 1980, en dus zo ook dit album van Eramus Hall.
Over de groep is weinig bekend. De mensen die dit album een aantal jaren geleden als reissue uitbrachten, ontdekten in de kelders van het Atlantic-archief (daar valt West- en Eastbound nu onder) dat dit album al in december 1978 gereed voor een release was, maar door omstandigheden werd het uitbrengen van dit album vertraagd en zag hij pas zijn levenslicht in 1980 in zeer, zéér beperkte oplage. In 1999 werd dit album voor het eerst op CD uitgebracht, maar in de jaren daarvoor bestond er veel onzekerheid over de band en het album. Deze plaat was namelijk zo schaars dat men twijfelachtig reageerde of dit album überhaupt wel in 1980 commercieel werd uitgebracht.
Geheel bij het grote publiek onbekend dus, dit album. Zonde! Dit is album een prachtig modern aangelegd funk album met daarnaast fusies van de genres jazz, soul en latin. Daarmee is dit een heerlijke zomerse plaat geworden met veelal een losse sfeer, al kunnen ze er ook op los knallen zoals op 'Funk permit' of 'Super funk'. De diversiteit van dit album zorgt voor een aangename sfeer, want dit album klinkt na vele luisterbeurten nog even verfrissend en lekker als tijdens de eerste luisterbeurt. Een album die je pakt en niet meer loslaat. Vooral nu de lente weer op komst is, merk ik dat ik dit album weer vaak beluister, en tja%u2026 dan is het genieten geblazen.

Eric Saade - Saade, Vol. 1 (2011)

poster
3,0
”I will be popular / I’m gonna get there / Popular” Vanzelfsprekend doet hij 't erg goed in zijn thuisland, Zweden, maar in andere landen valt het nog wel mee met de populariteit van Eric Saade. Zo zie je toch maar weer dat nummers van het Eurovisie Songfestival wat meer kwaliteit moeten hebben dan slechts catchy te zijn en/of opvallen vanwege hun act. Wat dat betreft is een nummer á la Sattelite van Lena veel strakker en moderner; het heeft ook een veel langere houdbaarheidsdatum naar mijn idee. Het was ook één van de weinige nummers die potentie had om het wereldwijd goed te doen, en dat is met die (typische) Zweedse schlager-sound niet echt het geval. Popular zie ik bijv. geen hit worden in de USA.

Hoe dan ook, die Zweden weten wel hoe ze pakkende popliedjes in elkaar moeten flansen. Hoewel ik Popular nog steeds het beste nummer vind, staan er zeker een paar andere pakkende deuntjes op het album. Hearts in the air, Big love en Timeless zijn daarvan de drie mooie voorbeelden. Op een gegeven moment wordt het toch iets eentonig, en dan valt de enige semi-ballad (Someone new) in positieve zin op. Vooral wanneer er zeer matige teksten voorbij komen als Killed by a cop of Stupid with you, heb ik de neiging om snel wat anders te beluisteren. Still loving it is op zich nog wel redelijk, ware het niet dat het piano-riedeltje en de beat me toch net iets teveel doen denken aan Beyoncé’s Halo. De vernieuwde remix van Popular voegt verder niet veel toe op het album, maar het heeft meer een US-benadering, terwijl de oorspronkelijke versie meer europop is (en dus beter aansluit op het Eurovisie Songfestival).

Wat me verder een beetje stoort is zijn uitspraak. Bij één nummer is dat geen probleem, bij een heel album wel. Ook lispelt hij, en ik kan me wel voorstellen dat sommigen dat wellicht irritant zullen vinden. Verder een vrij standaard pop album; waarschijnlijk is het soort muziek dat deze Eric Saade maakt niet verantwoord voor iemand van mijn leeftijd, maar voor af en toe is het best leuk, zal ik maar zeggen.

Ericka Yancey - Ericka (1997)

poster
3,5
Ericka Yancey werd geboren in 1979 in Los Angeles, en dat betekent dus dat haar album rond haar 18e levensjaar uitgebracht moet zijn. Best bijzonder, want nergens verraadt het album dat je luistert naar een cd van een tiener. Heel het album is doorspekt met maturiteit; zowel de vocalen van Yancey als de songteksten. Uit een aantal nummers blijkt dat 't jammer is dat de muziek van deze zangeres niet wat meer werd opgepikt door muziekzenders en radiostations. Haar eerste single So Good was namelijk een prima start voor haar carrière. Dit soort slowjams waren weliswaar erg standaard in de jaren ’90, maar zelfs vijftien jaar na dato blijven ze met gemak overeind en zo ook deze van Yancey.

Terwijl de R&B-divas Brandy en Moncia een jaar later kibbelden over aan wie de boy toebehoort, is Yancey beduidend meer resoluut en minder tolerant jegens the other woman. Concurrentie, die heeft ze niet. Zo brengt ze in haar slowjam duidelijk naar voren: ” It never belonged to her [love] / Woman to woman / I don’t wanna be cruel / But you cannot miss what you never had / There is no competition.”. Zeker het tweede hoogtepunt op deze cd. Ook vermeldenswaardig is het met best wel stevige beats gevulde All in All en de rauwe 90s-funk productie If Only. Wat mij betreft de vier beste tracks van de cd.

Wat haar team, denk ik, een beetje fout heeft aangepakt, is 'n gebrek aan afwisseling dat ze hebben gecreëerd. Een aantal van deze nummers hadden ze beter achterwege kunnen laten. Na So Good raakt het album in 'n sleur, en komt er ook niet meer uit. De nummers die dan volgen zijn op zichzelf niet slecht, maar lijken teveel op al hun voorgangers. Dat is wel jammer. Vooralsnog wordt het nooit vervelend om aan te horen, maar het toepassen van de skip-knop blijft uiteindelijk zeker een gevaar.

Erma Franklin - Golden Classics (1993)

poster
3,5
‘Golden classics’ is een compilatie album van Erma Franklin met deels nummers van haar debuutalbum ‘Her name is Erma’ uit 1962 en deels A- en B-kantjes van haar singles die op het Shout label verschenen. Hoewel “kleine” zus Aretha vanaf 1967 bekend werd met soul, zong zus Erma al soul vanaf 1962. Northern soul wel te verstaan dat destijds nog bekend stond als contemporary R&B.

Op dit compilatie album staat haar grootste hit: ‘Piece of my heart’, het nummer dat talloze keren gecoverd is en het meeste succes verwierf in de versie van Janis Joplin. Verder vinden we op het album een bluesachtige ballad genaamd ‘Don’t catch the dog’s bone’, een nummer dat speciaal voor Erma is geschreven door haar zusje Carolyn Franklin. Het nummer ‘Abracadabra’ heeft door de jaren heen een klassieke status verworven binnen de northern soul scene en het 45-rpm singletje is nog altijd veel gevraagd en gezocht. ‘Open up your soul’ vind ik een van de mooiste nummers op het album, het nummer laat horen waar Erma toe in staat is met haar prachtige –voor die tijd rauwe– stem. Het nummer heeft bovendien wat weg van het materiaal dat zus Aretha rond die tijd opnam. Ook de funky nummers ontbreken niet, luister maar eens ‘I’m just not ready for love’ dat tot het diepere en rauwere werk mag worden berekend.

Altijd als ik dit album of ‘Soul sister’ uit 1969 beluister, vraag ik me af hoe het kan dat deze vrouw altijd zo’n ongeluk heeft gehad wat betreft platenlabels. Deels bleek de oorzaak te liggen in de stem van Erma, platenmaatschappijen wisten niet wat ze Erma moesten laten zingen vanwege haar schorre, rauwe stemgeluid. Terwijl het eigenlijk helemaal niet zo moeilijk lijkt te zijn, ze had waarschijnlijk prima iets kunnen zingen dat in de lijn lag van Ike & Tina Turner uit diezelfde periode. Maar goed, misschien was het wel “gewoon” niet voorbestemd voor Erma. We zullen het nooit weten. Al met al een aardige verzamelaar. Het werk vanaf 1967 (de 'Shout-nummers' op dit album) en het werk dat daarna kwam ('Soul sister') vind ik het mooist.

Erma Franklin - Soul Sister (1968)

poster
4,5
Erma, de oudste zus van Aretha mocht het (ook) twee keer proberen. Haar eerste album ‘Her name is Erma’ kwam uit in 1962 en deze tweede –en tevens laatste– ‘Soul sister’ stamt af uit 1969. Voorafgaand aan deze plaat scoorde ze haar grootste hit ‘Piece of my heart’, uit 1967, dat haar zelfs een Grammy-nominatie opleverde. Het nummer zou later door talloze zangeressen worden gecoverd waarvan Janis Joplin en Beverley Knight het meest succesvol waren. Andere bekende versies werden opgenomen door o.a. Dusty Springfield en countryzangeres Faith Hill.

‘Soul sister’ is een fijn northern soul album met een groot gedeelte aan covers. Zo horen we onder andere lekkere funky versies van ‘Light my fire’ (The Doors), ‘Son of a preacherman’ (Dusty Springfield), ‘Hold on, I’m coming’ (Sam & Dave), ‘For once in my life’ (Stevie Wonder) en eerbetoon aan haar “kleine” zus, Aretha, namelijk ‘Baby, I love you’. Zuslief Aretha nam het liedje al op in 1967 en verscheen op haar album ‘Aretha Arrives’. Het grootste succes dat van dit album kwam was de single ‘Gotta find me a lover’, die in de northern soul scene behoorlijke bekendheid verwierf en hedendaags nog steeds redelijk bekend is.

Erma is een geweldige vocaliste en heeft een bepaalde krachtige, ietwat harde doch warme stem. Ze bracht een aantal 45’s uit op verschillende labels en mocht twee keer een compleet album opnemen. Helaas heeft ze, door talloze problemen bij platenlabels, nooit een echte carrière van de grond kunnen krijgen en bleef ze altijd in de schaduw staan van Aretha, bij wie ze af en toe samen met de andere zus, Carolyn, de achtergrondzang verzorgde. Erg jammer allemaal, want Erma had alles in zich om uit te groeien tot net zo’n succes als haar beroemde zus. Een ding staat vast, een soul sister is ze zeker en ik ben blij dat ik dit album op CD heb.

Het album is absoluut de moeite waard om te beluisteren en is zeker niet ondergeschikt aan het werk van haar zusters uit de jaren ’70.

Ernie Hines - Electrified (1972)

poster
4,5
Blijkens de reacties die hier geplaatst zijn, zijn de meesten gematigd positief over dit album Aan de ene kant begrijp ik volkomen wat men mist in dit album, aan de andere kant zijn veel soulalbums niet met elkaar te vergelijken wat ervoor zorgt dat hetgeen hier gemist wordt (durf en meer sprankelende nummers), door het (productie)team bewust achterwege is gelaten. Wanneer je de visie of missie hebt om een album te maken in de stijl van sweet soul, dan kun je natuurlijk niet een rauw, funky album verwachten. Vooral aangezien We-Produce, het zuster-label van Stax erom bekend staat wat gladder te zijn dan Stax zelf. Daarom zal ik het album dan ook voornamelijk beoordelen op diens inhoud, en niet op het feit dat (ook) ik graag een tikkeltje meer spanning en sensatie had gewild in dit album.
Persoonlijk vind ik het materiaal op dit album behoorlijk lekker, het heeft allemaal een vrij ontspannende sfeer zonder dat het saai wordt (ik heb wel eens anders meegemaakt). Opvallend op dit album zijn natuurlijk het funky 'Sugar plum' en de Sam Cooke cover, die beiden een beetje buiten de sfeer van de rest van dit album vallen. 'A change is gonna come' is natuurlijk nooit overtroffen; de versie van Sam Cooke blijft de mooiste. Hoewel ik deze versie beduidend minder vind dan het origineel, heb ik wel met plezier naar deze versie geluisterd. Het blijft gewoon en ontzettend mooi liedje, die zeker niet overbodig is op dit album. Alle versies van misschien wel het mooiste soulnummer ooit (?), zijn hier welkom. Maar ook over de overige nummers kan ik niets negatiefs vertellen, ik vind ze allemaal zeer fijn. Ik denk dat Ernie Hines met dit album, z'n enige album tot 2004, heeft laten horen een prima zanger te zijn en dat hij zijn droom met dit album verwezenlijkt heeft, al kan ik begrijpen dat de massa zich niet aangesproken heeft gevoeld tot dit album. Zelf ben ik aangenaam verrast, maar viel denk ik al af te leiden uit mijn beoordeling.

Eternal - Eternal (1999)

poster
3,0
Het laatste album van Eternal, een Britse meidengroep die ooit vier leden telde. Louise was de eerste die vertrok, naar verluidt omdat ze de enige blanke in de groep was en men de platenmaatschappij wilde een zwarte groep. Een paar jaar later vertrok Kelle nadat er een ruzie ontstond tussen haar en de zussen Bennett, de zusjes betichtten haar ervan een frictie te willen veroorzaken tussen elkaar, dus moest Kelle genoodzaakt vertrekken. Volgens mij leidde het destijds zelfs tot een rechtszaak. Easther en Vernie hadden echter niks te verliezen, ze behielden immers nog hun platencontract bij EMI. In 1999 was Eternal niets meer dan een duo. Gespannen vanwege de vernieuwde formatie kwam dan eindelijk het langverwachte album, de opvolger van het behoorlijk succesvolle ‘Before the rain’. Door critici werd dit album lovend ontvangen vanwege de moderne Amerikaanse sound en -volgens hen- mooie songteksten.

In vergelijking met hun vorige albums is dit inderdaad wat meer gericht op de Amerikaanse markt. De eerste en enige single ‘What’cha gonna do’ werd een top 20 hit in hun thuisland, en in Nederland werd dat nummer ook een bescheiden hit. Drie andere nummers werden overwogen om als single uit te brengen, maar de zusjes gaven aan geen ambitie meer te hebben om hun carrière in de muziekindustrie voort te zetten en dat betekende dus het einde van Eternal. Behalve de redelijk leuke single is er verder best nog wel het één en ander te vinden wat redelijk interessant is. Geen enkel nummer hierop heeft echter de charme en pakkendheid van oudere hits als ‘I wanna be the only one’ of ‘Don’t you love me’. Dat is dan ook denk ik de voornaamste reden geweest dat dit album zo’n flop werd. Het publiek kon dit album niet indentificeren met de oudere Eternal.

De ballad ‘I cry real tears’ vind ik dan wel weer aardig, lijkt met een beetje fantasie soms zijn inspiratie te hebben gehaald bij TLC’s ‘Unpretty’ op gebied van opbouw, al is dit nummer kwalitatief een stuk minder sterk. ‘Pillow talk’ en ‘If she breaks your heart’ kennen opzich nog wel een fijne relaxte sfeer en hebben best een catchy melodie. Vooral die laatstgenoemde is denk ik mijn favoriete nummer op het album. Over het algemeen vind ik vooral de ballads/slowjams grotendeels erg veel voortkabbelen, bijna al die nummers zijn erg eentonig en aan de saaie kant. De aanwezige uptempo’s zijn niet allemaal sterk in hun soort, als maatstaaf neem ik dan bijvoorbeeld ‘Missing you’, (inderdaad) erg Amerikaans aangelegd, maar het is totaal niet memorabel en klinkt erg dertien in een dozijn. Misschien dat (behalve de single dan) de nummers ‘Sensual man’ en ‘Free to live’ nog wel potentie hadden om (kleine) hits te worden. Ik kan me best voorstellen dat die nummers in 1999 leuk waren. ‘Your love makes me weak’ kan er ook nog mee door, daar houdt het dan wat betreft dit album op.

Nee, ik luister dan toch veel liever naar het ‘Before the rain’ album dat verreweg hun leukste en frisse album is, de uitschieters op dat album zijn groter dan de uitschieters op dit album. Vanwege ‘What’cha gonna do’, ‘If she breaks your heart’ (!!!), ‘Sensual man’, ‘Free to live’ en ‘Pillow talk’ kom ik dan toch op een krappe voldoende uit. Uiteraard ook omdat vooral Easther een prachtige stem heeft op dit album.

Etta James - Come a Little Closer (1974)

poster
4,0
Geheel zonder verwachtingen heb ik dit album onlangs gekocht op CD omdat hij voor een klein prijsje te koop is. Even wat research leerde mij dat album uitkwam in een –op z’n zachtst gezegd– turbulente periode. Etta James en haar man waren langdurig zware heroïne gebruikers en dat leidde uiteindelijk tot een veroordeling. Haar man eindigde in de cel voor de duur van zo’n tien jaar en Etta belandde ook voor een tijdje in de cel, maar werd later naar een afkickkliniek gestuurd. Later zou echter blijken, dat Etta nog lang niet van haar drugsverslaving af zou komen; ze zou sowieso tot eind jaren ’80 drugs gebruiken. Tijdens de opnames van dit album zat Etta dus in een afkickkliniek en ze mocht slechts op bepaalde momenten de kliniek verlaten om vervolgens de studio in te duiken. Als ze klaar was met inzingen werd ze direct terug gebracht. Van die persoonlijke struggles hoor je overigens niet veel terug op dit album; Etta’s stem is krachtiger en oprechter dan ooit. Gezien de omstandigheden destijds, is het een wonder dat dit album het levenslicht zag. Het album ‘Come a little closer’ bevat niet alleen funk en soul; op dit album hoor je ook de oude vertrouwde blues terug. Eigenlijk is dit album dus heel divers. Van het prachtige funky en fraaie ‘Out on the streets again’ naar een prachtige soulvolle ‘Come a little closer’ naar uiteindelijk een bluesy ‘St. Louis blues’ om vervolgens door te gaan met een uptempo jazzy ‘Gonna have some fun tonight’. Ook het prachtige emotionele, soulvolle ‘Lovin arms’ verdient het om genoemd te worden, want dit nummer behoort samen met de titeltrack en het openingsnummer tot mijn favorieten. Dit album biedt voor ieder wat wils... zeker een aanrader!

Etta James - Deep in the Night (1978)

poster
4,0
Eén van de betere Etta James albums; het is dan ook niet verassend dat het album geproduceerd werd door niemand minder dan Jerry Wexler (de man achter de meest succesvolle albums van La Franklin). Er staan veel covers op, en hoewel de één beter dan de ander is, vind ik ze allemaal de moeite waard. De blues-meets-country versie van Piece of My Heart werd echter wel een stuk beter gedaan door de oorspronkelijk uitvoerende artiest Erma Franklin. Ik krijg het idee dat James het met haar vocalen in dit liedje te gemakkelijk van af wil brengen waardoor deze versie wat flauw overkomt.

Ze weet duidelijk meer raad met de Alice Cooper cover Only Women Bleed. Ze weet deze tekst met overtuiging over te brengen en nog belangrijker: ze zet ‘m in deze uitvoering geheel naar eigen hand. Alsof het één van haar eigen nummers is (en dat gevoel is altijd goed natuurlijk). Twee verdere covers zijn Take It to the Limit van de Eagles en Sugar on the Floor van Kiki Dee, die beide ook keurig worden vertolkt en kunnen zich prima meten met de originele versies. Technisch gezien covert ze zichzelf ook nog; Blind Girl is 'n bewerking van I’d Rather Go Blind. Ook niet onaardig, maar de eerste versie blijft het mooist (de instrumentatie blijft hier oppervlakkig en minder soulvol in vergelijking met 't origineel).

Het nieuwe (?) materiaal mag er ook zijn, al werkt openingsnummer Laying Beside You enigszins misleidend. De funky instrumentatie keert niet meer terug bij de andere liedjes. Enigszins jammer. Anderzijds begrijpelijk, want het door Allen Toussaint geschreven Sweet Touch of Love en het door Frankie Miller geschreven titelnummer Deep in the Night komen erg mooi tot hun recht in het huidige bluesy jasje. Deep in the Night kent een sterke selectie qua songs. Het verdient dus meer aandacht.

Evanescence - Evanescence (2011)

poster
1,5
Het lijkt tegenwoordig alsof je aan een hoesfoto al kunt zien of een album het wel of niet gaat worden.

Een maand voor de officiële release is het album al op het internet te vinden. Voor het eerst sinds vijf jaar wordt er nieuw materiaal uitgebracht van Evanescence (lees: Amy Lee), al is de bezetting -op de zangeres na- in zijn geheel veranderd. Het album heeft de nodige vertraging opgelopen, Amy vertelde dat de opnames met de eerste producer niet het gewenste resultaat opleverde, dus werd de release-datum meerdere keren uitgesteld. Nu heeft ze dan naar eigen zeggen een album naar wens gemaakt, volgens haar is dit (wanproduct) waar Evanescence als band voor staat. Voor het album in de huidige vorm gaf Amy aan inspiratie te hebben gehaald bij de muziek van Björk, Depeche Mode, Massive Attack en Portishead. Ik mag hopen dat dat een grapje was, want dit album is op z'n zachtst gezegd een farce.

Kom op zeg, in vijf jaar tijd kon ze met niks beters komen dan dit? Het eerste wat je je afvraagt tijdens de beluistering: waar is een nummer á la Bring me to life en/of Going under? Nou, die staan er niet op. Evanescence blijkt te staan voor inspiratieloos. De eerste single What you want bleek al niet zo’n leuke voorbode te zijn, maar alles wat volgt lijkt nog wat erger te zijn. Een ballade zoals Lost in paradise bijv. kan nog niet eens in de schaduw staan van een nummer als My immortal, en My heart is broken komt niet eens in de buurt van Everybody’s fool, hoewel duidelijk geprobeerd wordt om een soort replica te maken. Geen enkel nummer is na zes luisterbeurten memorabel. De melodieën zijn eenvoudiger dan ooit tevoren, en ook de tekstueel is er geen sprankeltje originaliteit te bespeuren. Wat een tegenvaller.

Zelfs de kwaliteit van de opname klinkt echt slecht. Alsof één of ander schoolbandje een demo heeft opgenomen. Daarnaast is Amy’s stem niet meer zo helder en zuiver als dat het vroeger geweest was.

Vijf willekeurige quotes van Amy Lee over het nieuwe album:

”She stated that it would be an evolution of previous works and be better, stronger, and more interesting.”

”Amy has said the music and the lyrics have gone more aggressive than they ever have before too.”

”In an interview with MTV News she said that the new album was fun but not in a "poppy way".”

”The album’s big on groove and there's some real musicianship that we're really proud of.”

”Amy Lee described the music as epic, dark, big, beautiful and desperate.”

Allemaal leugens. R.I.P., Evanescence.

Eve - Scorpion (2001)

poster
3,5
David Browne van Entertainment Weekly schreef:
Scorpion is the first female hip hop project that even attempts to fill the void left by The Miseducation of L. Hill

Oei, daar zal ‘ie achteraf vast en zeker spijt van hebben gehad dat hij deze zin publiceerde, gezien de hedendaagse status van Hill’s album. Ondertussen zijn we tien jaar verder, en het album klinkt allang niet meer zo leuk als toen. De raps van Eve zijn niet onverdienstelijk, ze blijft, denk ik, wel een van de betere vrouwelijke MC’s, maar Scorpion weergeeft tegenwoordig een gedateerd geluid. Toch staan er best nog wel een aantal fijne nummers op, met Life is so hard als één van de hoogtepunten. Dit is in dit geval niet specifiek te danken aan Eve, maar vooral aan de fantastische productie én gastbijdrage van Teena Marie, wat een stem! Verder heb je nog de twee onsterfelijke singles Who’s that girl en het deels "crossover", door Dr. Dre geproduceerde, Let me blow ya mind met -wederom- een geslaagde gastbijdrage, ditmaal van No Doubt-zangeres Gwen Stefani. Beide singles klinken (nog steeds) oké.

Andere opmerkelijke nummers zijn de Swizz Beats productie Got what you need, dat gezien zijn refrein ongetwijfeld één van de meest pakkende nummers op het album vormt, en No, no, no met Damian en Stephen Marley. De laatste heeft, zoals je wellicht al vermoed, een flinke dosis reggae, maar ook R&B-invloeden. Verder is het nummer vrij toegankelijk, en misschien is dit wel het meest hippe nummer op het album. Het klinkt bijvoorbeeld niet meer gedateerd dan de recente hit-single Miracle worker van de SuperHeavy-formatie. Ook You had me, you lost me verdient een vermelding, want dit was vroeger mijn favoriet, en dat is vooral vanwege het ene zinnetje in het refrein dat je niet zult vergeten: ”You had me / You lost me and now you want me back / You fucked around and played around / Now you are feeling sad”. Hele slechte nummers tref je hier helaas ook aan, dat zijn Gangsta bitch, Scream double R en Be me; deze drie nummers hebben niet het vermogen om er ook maar enigszins iets positiefs over te vermelden. De gastbijdrages zijn wel overwegend positief, op de dames Mashonda Tifrere, Da Brat en Trina na, en voegen met hun aandeel zelfs voor een meerwaarde. Zoals gezegd niet zo verfrissend als indertijd, maar dat is natuurlijk niet zo vreemd na tien jaar tijd. Voor af en toe blijft het een aardig album.

Voor Life is so hard een diepe

Executive Suite - Executive Suite 1 (1974)

poster
3,5
Soul uit Philadelphia, gebracht door 'n kwartet bestaande uit Vincent Unto, Henry Tuten, William Tyler en Charles Conyers, ofwel Executive Suite. Het is eerder gedaan en het is beter gedaan, maar zelfs ondanks die gegevens houd je zelfs meer dan 'n aardig album over. When the Fuel Runs Out wordt gebracht in de typische Philly-sfeer, en schept een behoorlijk vrolijk liedje die indertijd zeker niet had misstaan op de dansvloer. De instrumentale versie die gelijk volgt, laat horen dat het een heel fijn en energierijk nummer is. Daarmee hebben ze in ieder geval twee mooie openingsnummers gevonden voor hun eerste (en enige) album, de ietwat amateuristische / suffe tekst fungeert in dit geval als een absoluut pluspunt trouwens. Het zijn echter de twee soft-soul ballads Your Love Is Paradise en vooral I’m a Winner Now die binnen soulkringen worden beschouwd als hun twee beste nummers. Hoewel ze, inderdaad, twee prima nummers zijn, zijn ze niet beter dan het betere werk van onder andere The Four Mints of The Lost Generation. En net wanneer je denkt dat het bij gewoon een aardig album blijft, volgen de beide delen van You Got It. Ongelofelijk dat deze nummers, en met name het eerste deel, destijds niet op single zijn verschenen. De (bij vlagen) über-bombastische instrumentatie dreunt van begin tot eind heerlijk door je speakers. Fan-tas-tisch nummer, die gunstig afsteekt tegenover de rest!

Exit 9 - Straight Up (1975)

poster
5,0
New York, the city that never sleeps. Dat zeggen ze, tenminste. Niet dat dat zo verwonderlijk is hoor met zoveel rasechte muzikanten zoals onder andere deze negenkoppige band die rond 1975 hun kunsten vertoonden in deze roemruchte wereldstad. Met hetgeen Exit 9 ons voorschotelt wil je écht niet slapen, enkel uit je dak gaan en genieten van het moois dat het album te bieden heeft. Straight up betekende helaas wél gelijk de exit van Exit 9, want meer albums dan deze, hun debuut, zijn er nooit verschenen. Ontzettend jammer, want de muzikaliteit van deze band is ongekend. Hé, dat mag de pret niet drukken, want gelukkig hebben ze op z’n minst één album mogen maken. Zelden heb ik bij een funk album zo’n moddervette instrumentatie gehoord, die van begin tot eind consistent van hoogwaardige kwaliteit blijft.

En dit is ‘m dan, een plaat die even betoverend en net zo veelzijdig is als New York, alleen ditmaal op muzikaal vlak: funk, soul, rock, jazz, plus zelfs latin en conga, en misschien nog wel veel meer dan dat komen aan bod. De schelle blazers, redelijk zware drumpartijen, vette gitaarriffjes, en een frontman die de nummers met vocalen op zeer coole, bij vlagen vlotte wijze inzingt zijn een garantie die de heren de luisteraar bieden. Als leuke bijkomstigheid blijkt ook nog eens dat ieder nummer de moeite waard is! Slechts één nummer is wat minder in vergelijking met al het andere, en dat is één van de twee ballads, namelijk Julie I love you. Het is verre van een slecht nummer, maar de heerlijke losse, doch ritmische georganiseerde en spacy sfeer die het gehele album zo kenmerkt, ontbreekt hier. Daar staat wel weer tegenover dat ze een zeer dromerige, romantische en warme sfeer neerzetten die nergens (te) glad of (te) zoet wordt. Ze zoeken de grens op, maar blijven binnen de lijntjes. De andere ballad, Thoughts of you, is dan wel weer een pareltje, ook deze is voorzien van een dromerige sfeer, maar wat hem vooral zo uniek maakt is de hypnotiserende vibe die je gewoonweg blijft boeien. De invloeden van jaren ’70 latin worden nog ‘ns extra aangedikt als de zanger een refrein uit I love you! Love you completely in de Spaanse taal bezingt. O ja, voordat ik het vergeet, het plagerige Miss Funky Fox heeft een verslavende werking op je hersenen; eenmaal in je hoofd, gaat hij er nooit meer uit. Gij zijt bij deze gewaarschuwd.

Dat de zanger de woorden “We’re gonna fly...” liet vallen, is niet gelogen: de zweverigheid van deze muziek laat de luisteraar vliegen door een muzikale reis, mede mogelijk gemaakt door deze heren.

Experience Unlimited - Free Yourself (1976)

poster
3,5
Een onbekend funk album van Experience Unlimited, die pas elf jaar later doorbraken in 1988, onder de naam E.U. met de hit Da butt. Dit album heeft een wat rauwer geluid, uiteraard vanzelfsprekend voor de tijd waarin hij werd uitgebracht. Ondanks het bovenal een funk album is, creëren ze met sommige nummers een latinachtige sfeer, iets wat te danken is aan de instrumentatie. Het mooiste voorbeeld hiervan is, denk ik, Peace gone away waarbij vooral het latin genre, naast het funk genre, vrij duidelijk naar voren komt. Verder zijn ook het titelnummer en Functus absoluut de moeite waard. Hoewel je van instrumentale nummers vaak nauwelijks kan spreken van échte aanstekelijke nummers, geldt het hier zeker wel. De scheurende gitaren die bij het laatstgenoemde nummer halverwege op komen zetten, dragen daar ook aan bij, terwijl het bij het titelnummer vooral de blazers zijn die zorgen voor een catchy resultaat. Het enige nummer dat mij niet aanstaat is de enige ballad hier, People. Het klinkt niet alleen melig, ook nog eens zeikerig (dan heb ik het met name over de vocalen). Verwacht geen hoogstaand album; zowel de instrumentale als de vocale nummers zijn goed te pruimen, maar zeker niet meer dan dat. De titeltrack is dan wel weer 'n mooie uitzondering. Desondanks heb ik me er wel mee vermaakt.

Ezy & Isaac - Soul Rock (1974)

poster
3,5
Soul Rock staat noch voor soul, noch voor rock. Soul Rock staat voor plezier! Dat de beide Brazillianen niet de beste zangers denkbaar zijn, neem je maar voor lief. Soul Rock kent, ondanks hij hier en daar zijn tekortkomingen heeft, geen dieptepunten en er valt van begin tot eind goed naar te luisteren - ook vanwege de bijna altijd aanwezige funk. Het opvallendste nummer is toch wel de enige (échte) ballad, Sad to See You Go Away, dat dankzij de toevoeging van al die achtergrondzangeressen een soort van With a Little Help From My Friends-gehalte krijgt (waar op zich niets mis mee is natuurlijk) maar al met al niet goed weet te overtuigen. Al het andere, allemaal uptempo’s, varieert. Zo is Bawagbe echt heel erg vet. Swingende Afrobeat ten top! Wat mij betreft had 't album gevuld mogen worden met meer van dit. Het lijkt wel alsof hun vocalen hier ook het beste uit de verf komen. Got to Move, het enige nummer dat hier een beetje op voortborduurt mag zich ook scharen onder de hoogtepunten. Take Off!!! en Not All Bad - Not All Good vind ik overigens twee uitstekende nummers om deze plaat te openen: lekkere pretentieloze funk die de vibe van Soul Rock gelijk goed neer weten te zetten. Bad Day en in mindere mate All We Need Is Love met de melige tekst zijn al snel weer een stuk minder. De vocalen - en dan met name de meerstemmige gedeelten - zijn echt heel slecht. Dat is jammer, want vooral Bad Day is geen slecht liedje. Maar ach, met wat enthousiasme kom je al een heel eind, zo bewijzen Ezy en Isaac.