MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten erwinz als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Isbells - Billy (2015)

poster
4,0
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Isbells - Billy - dekrentenuitdepop.blogspot.nl

De uit het Vlaamse Leuven afkomstige band Isbells leverde met haar titelloze debuut uit 2009 en Stoalin’ uit 2012 twee uitstekende platen af.

Met name Stoalin’ maakte flink wat indruk, riep de vergelijking op met de inmiddels vergeten platen van Fleet Foxes en zorgde ervoor dat Isbells zich schaarde onder de smaakmakers van de Belgische popmuziek.

Het kon even niet op voor Isbells, maar na pieken komen vaak dalen, zo ook in het geval van Isbells.

Voorman Gaëtan Vandewoude ging op zoek naar de oorsprong van zijn gevoelens van onbehagen en doet verslag op de derde plaat van Isbells, Billy.

Het is een minder uitbundige plaat dan zijn voorganger geworden en het is bovendien meer een soloplaat dan een bandplaat. Billy is op veel momenten een bijna verstilde plaat met uiterst ingetogen en van melancholie overlopende songs.

Ondanks de uiterst ingetogen songs heeft Isbells ook dit keer gekozen voor een redelijk volle instrumentatie, waarin dit keer blazers een voorname rol spelen en verder de prachtige gitaar en pedal steel uithalen opvallen.

De verdere inkleuring komt van de incidenteel ingezette maar werkelijk wonderschone harmonieën, die herinneren aan de jonge jaren van The Eagles, en de al even mooie vocale bijdragen van Chantal Acda. Het past allemaal prachtig bij de weemoedige vocalen van Gaëtan Vandewoude.

Billy is een plaat waarvoor je moet gaan zitten. Wanneer je de plaat opzet als achtergrondmuziek blijft er maar weinig hangen of kabbelt het maar voort, maar als je er helemaal induikt is het een plaat die steeds mooier, indringender en indrukwekkender wordt.

Gaëtan Vandewoude heeft diep gegraven in zijn verleden en zijn emotionele verhalen vervolgens gegoten in pure songs zonder opsmuk. Het is, zeker vergeleken met Stoalin’, even wennen, maar als je deze plaat eenmaal hebt omarmd is de liefde ook direct onvoorwaardelijk. Erwin Zijleman

ISE - Suitcase Child (2026)

poster
4,0
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: ISE - Suitcase Child - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Review: ISE - Suitcase Child
Niet iedereen zal gecharmeerd zijn van de stem van de pas 19 jaar oude Belgische muzikante Ise Smeets, maar als je vatbaar bent voor de vocale uitbarstingen op het debuutalbum van ISE is het een imponerend album

Ise Smeets won in 2024 de muziekwedstrijd De Nieuwe Lichting en wordt sindsdien gezien als een van de aanstormende talenten van de Belgische muziekscene. Dat talent komt er uit op het deze week verschenen debuutalbum van ISE. Ise Smeets is pas 19 jaar oud, maar beschikt over een verrassend rauwe stem. Het is een stem die ze ook nog eens met veel kracht en emotie gebruikt, wat van Suitcase Child een behoorlijk heftig album maakt, wat het overigens ook in tekstueel opzicht is. De jonge Belgische muzikante beschikt over een stem waar je van moet houden, maar als je vatbaar bent voor de heftige zang op haar debuutalbum, is het een album dat behoorlijk wat indruk maakt.

ISE, hier en daar ook geschreven als ise, is het alter ego van de Belgische singer-songwriter Ise Smeets. De pas 19 jaar oude muzikante uit het Belgische Bree dook twee jaar geleden op en maakte direct een onuitwisbare indruk met haar wat rauwe en emotievolle stem. Deze week verscheen haar debuutalbum Suitcase Child, waarvan de titel verwijst naar het heen en weer worden geslingerd tussen de huizen van haar gescheiden ouders.

Ise Smeets is misschien pas 19 jaar oud, maar ze weet precies wat ze wil. Suitcase Child is in eigen beheer uitgebracht en op het album heeft de Belgische singer-songwriter zich omringd met door haar zelf geselecteerde muzikanten, waaronder een aantal leden van The Haunted Youth, en de ook van Selah Sue bekende producer Dries Henderickx.

Op haar debuutalbum staat Ise Smeets stil bij haar jeugd, waarin de scheiding van haar ouders een belangrijke rol speelde. Het is een persoonlijk en vaak behoorlijk heftig album geworden en het is wat mij betreft een album dat diepe indruk maakt of dat je absoluut niet trekt.

Dat heeft alles te maken met de stem van de Belgische muzikante. In de eerste reacties die op het Internet zijn verschenen wordt de stem van Ise Smeets met veel superlatieven geprezen of juist met veel kracht verafschuwt, een tussenweg lijkt er bijna niet te zijn. Ik kan me daar wel iets bij voorstellen, want de Belgische singer-songwriter beschikt over een behoorlijk heftige stem en zingt bovendien zeer expressief.

Voor iemand van slechts 19 jaar oud beschikt Ise Smeets over een verrassend ruwe en doorleefd klinkende stem en het is bovendien een stem met veel emotie. Het is een stem die over het algemeen met veel kracht wordt gebruikt en bovendien is voorzien van een snik, die het geheel nog wat expressiever maakt.

Ik kan me goed voorstellen dat de stem van de Ise Smeets flink tegen de haren instrijkt, maar zelf vind ik de zang op Suitcase Child mooi en indrukwekkend. Dat is op zich bijzonder, want ik hou meestal van zangeressen die goed weten te doseren en vooral kiezen voor ingetogen zang. Dat laatste doet ISE maar af en toe, want het grootste deel van haar tijd zingt ze met veel power.

Ook als ze ingetogen zingt is de zang op Suitcase Child best heftig, maar het deed eigenlijk direct wat met mij en na enige gewenning vind ik de stem van ISE nog wat mooier. De stevig aangezette zang en de flinke dosis emotie in de zang voorzien Suitcase Child van een eigen gezicht en voorzien de songs van de jonge muzikante van een bijzondere lading.

Het zijn songs die niet in alle gevallen even opzienbarend zijn, maar door de karakteristieke zang maakt ISE er iets bijzonders van. De muzikanten die haar omringen sluiten fraai aan bij de stem van de Belgische muzikante door ook de instrumentatie op het album af en toe stevig aan te zetten en bovendien te zorgen voor flink wat dynamiek in de muziek.

ISE werd geboren in het huidige millennium, maar in muzikaal opzicht is ze vooral een kind van de jaren 90, waarin de wijze waarop ze haar stem gebruikt vaker voor kwam. Suitcase Child is zeker geen perfect debuut, maar voor een 19-jarige muzikante vind ik het een bijzonder knap debuut en met een stem als die van Ise Smeets zit er nog veel meer in. Het muziekjaar 2026 opent met een kleine handvol uitstekende albums en Suitcase Child van ISE is er wat mij betreft een van. Erwin Zijleman

ISMAY - Desert Pavement (2024)

poster
4,5
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: ISMAY - Desert Pavement - dekrentenuitdepop.blogspot.com

ISMAY - Desert Pavement
Het is al weer dringen binnen de Amerikaanse rootsmuziek, maar het zou echt doodzonde zijn als het bijzonder klinkende en in alle opzichten uitstekende Desert Pavement van ISMAY zou blijven liggen
Binnen de Amerikaanse rootsmuziek wordt niet al te veel geëxperimenteerd, waardoor subtiele uitstapjes buiten de paden al een duidelijk ander album opleveren. Desert Pavement van ISMAY, het alter ego van de Californische muzikant Avery Hellman, is zo’n album. Het tweede album van ISMAY klinkt in vocaal en muzikaal opzicht net wat anders dan gebruikelijk in het genre en ook de songs van Avery Hellman wijken net wat af van de norm. Het pakt allemaal prachtig uit, want Desert Pavement is een geweldig album, dat deels vertrouwd en deels eigenzinnig klinkt, maar dat steeds weer het oor streelt met een mooie en bijzondere stem, fraaie warme klanken en sterke songs.

Het muziektijdschrift No Depression vind ik de laatste jaren een stuk minder interessant dan in de hoogtijdagen in de tweede helft van de jaren 90, waarin met name ontwikkelingen binnen de destijds nieuwe alt-country op de voet werden gevolgd. De website van het tijdschrift is echter met enige regelmaat nog wel een bron van interessante tips, zeker wanneer de wat obscuurdere nieuwe releases binnen de Amerikaanse rootsmuziek onder de aandacht worden gebracht. De afgelopen week kwam No Depression met een geweldige tip, want ik ben echt compleet verslingerd geraakt aan Desert Pavement van ISMAY.

ISMAY is een project van singer-songwriter Avery Hellman, die zichzelf ziet als een non-binair persoon. Desert Pavement is het tweede album van ISMAY, want in 2020 verscheen, vlak voor de start van de coronapandemie, Songs Of Sonoma Mountain, al kan dat vanwege de speelduur van 25 minuten ook worden gezien als een mini-album. Het is een (mini-)album dat ik destijds niet tegen ben gekomen en dat is jammer, want de muziek van ISMAY was ook in 2020 al bijzonder.

Het is muziek die zich laat beïnvloeden door de wat traditionelere Amerikaanse rootsmuziek, maar die vervolgens wordt voorzien van een eigentijdse en ook eigenzinnige twist. Dat doet ISMAY op Desert Pavement nog een stuk indrukwekkender dan op Songs Of Sonoma Mountain. Die eigentijdse en eigenzinnige twist in de songs van ISMAY is overigens best lastig te beschrijven, want de Amerikaanse muzikant overdrijft de uitstapjes niet.

Het eigenzinnige zit deels in de stem van Avery Hellman, die anders klinkt dan de gemiddelde singer-songwriter in het genre. Het is een stem met net wat meer expressie en emotie dan gebruikelijk, waardoor de zang op Desert Pavement onmiddellijk de aandacht trekt. Ik vind het echt bijzonder mooie zang, want de stem van Avery Hellman heeft iets verslavends en tilt de songs op het album een flink stuk op.

Ook in muzikaal opzicht is niet altijd duidelijk waar ISMAY zich buiten de grenzen van de wat traditionelere Amerikaanse rootsmuziek begeeft. De percussie is meestal wat zwaarder aangezet dan gebruikelijk en hier en daar klinken ook de gitaren wat ruwer, maar Desert Pavement blijft altijd een warm klinkend rootsalbum. Daar drijft het album nog het verst van weg wanneer bijzondere soundscapes worden ingezet en de stem van Avery Hellman wel wat doet denken aan Suzanne Vega, maar ook dan is de rootsmuziek nooit ver weg.

Wat overblijft zijn de songs en die zijn net als de zang en de instrumentatie op subtiele wijze eigenzinnig, waardoor Desert Pavement de fantasie sterker prikkelt dan gebruikelijk in het genre. Het tweede album van ISMAY klinkt door de verschillende subtiele zijpaden net wat anders dan de meeste andere albums in het genre en zal hierdoor ook liefhebbers van wat minder traditionele Amerikaanse rootsmuziek aanspreken.

ISMAY verruilde de geboortegrond in Californië voor het opnemen van Desert Pavement voor de studio van producer Andrew Marlin van de band Watchhouse (voorheen Mandolin Orange) in Asheville, North Caroline, die ook flink wat instrumenten voor zijn rekening nam en het album binnen een paar dagen op de band zette. Dit deed hij zonder in te leveren op kwaliteit, want Desert Pavement klinkt echt geweldig.

ISMAY heeft met Desert Pavement een album gemaakt dat er in alle opzichten in positieve zin uit springt en dat bij herhaalde beluistering zeker niet aan kracht inboet. Integendeel zelfs. Alle reden dus om No Depression als interessante en relevante tipgever te blijven volgen. Ik ga mijn abonnement toch nog maar een jaartje verlengen. Erwin Zijleman

Ismena - This Time (2023)

poster
4,5
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Ismena - This Time - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Ismena - This Time
Ismena maakte twee jaar geleden een geweldig album met haar gelijknamige band, maar legt solo de lat nog wat hoger op het bijzonder sfeervol ingekleurde This Time, dat imponeert met betoverend mooie vocalen

Bij eerste beluistering was ik diep onder de indruk van This Time van Ismena en sindsdien is mijn liefde voor dit album alleen maar gegroeid. Waar de band Ismena niet vies is van rock, houdt de solomuzikante Ismena haar songs behoorlijk ingetogen. De voornamelijk akoestische klanken op This Time zijn sfeervol en kleuren mooi bij de herfst, maar ze staan volledig in dienst van de zang, die echt prachtig is. Ismena laat op This Time horen dat ze beschikt over een wonderschone stem, maar haar songs lopen ook over van gevoel, waardoor het album nog wat intenser en urgenter klinkt. This Time is een enorme verrassing en misschien wel de grootste verrassing van het muziekjaar 2023 tot nu toe.

Helemaal aan het eind van 2021 verscheen Until We Part, het debuutalbum van de Utrechtse band Ismena. Door de wat ongelukkig gekozen releasedatum kreeg het album helaas niet de aandacht die het verdiende, maar in de recensies die wel verschenen, waaronder die op de krenten uit de pop, werd het debuutalbum van Ismena volkomen terecht stevig bewierookt.

Until We Part liet zich beïnvloeden door folk, indierock, postrock en een beetje gothrock en maakte indruk met prachtige klanken en fraaie spanningsbogen. Misschien nog wel meer indruk maakte de zang van frontvrouw Ismena Goossen, die niet alleen bleek te beschikken over een wonderschone stem, maar de songs van haar band bovendien met veel gevoel vertolkte.

Ismena keerde vorige week terug met This Time, wat niet de opvolger van het bandalbum Until We Part is, maar meer een soloalbum van Ismena Goossen. De in Bosnië en Herzegovina opgegroeide muzikante bracht voor het debuutalbum van haar band al twee EP’s met solomateriaal uit en liet toen al horen dat ze uitstekend uit de voeten kan als folky singer-songwriter. Het zijn twee EP’s die ik ben gaan koesteren nadat ik het debuutalbum van Ismena had ontdekt, maar wat de Utrechtse muzikante laat horen op This Time is nog een stuk indrukwekkender. This Time zorgde bij mij direct bij eerste beluistering voor kippenvel en dat is niet meer verdwenen.

Ismena nam haar nieuwe album thuis op en tekende zelf voor gitaar, piano en zang. Die zang is van een bijna onwerkelijke schoonheid. Dat Ismena Goossen over een prachtige stem beschikt was bekend, maar op This Time klinkt haar stem nog wat mooier en komt deze bovendien nog meer binnen, wat ook te maken heeft met het persoonlijke karakter van de songs op het album. Ismena kan klinken als een roemruchte Britse folkie, maar heeft ook iets van een Scandinavische ijsprinses, wat haar album voorziet van een bijzondere sfeer. Op This Time klinkt de stem van Ismena bijna onwaarschijnlijk zuiver, maar je hoort af en toe ook de emotie op haar stembanden slaan, wat de impact van haar songs verder vergroot.

De kracht van de stem van Ismena wordt verder vergroot door de bijzondere muziek op This Time. De Utrechtse muzikante heeft haar songs behoorlijk sober ingekleurd met de akoestische gitaar of de piano, wat prachtig kleurt bij de wonderschone zang op het album. De organische en soms wat zwaar aangezette pianoklanken passen uitstekend bij het huidige seizoen, maar ze zitten de stem van Ismena nergens in de weg. De instrumentatie op het album wordt van extra spanning voorzien door subtiele baslijnen en hier en daar prachtig elektrisch gitaarwerk, dat op bijzondere wijze door de stemmige klanken heen snijdt.

De herfstklanken op This Time zijn verrassend mooi en trefzeker, maar als Ismena gaat zingen wordt This Time echt om te janken zo mooi. Ik luister een groot deel van mijn tijd naar zangeressen en heb veel stemmen die ik koester, maar ik ben al een tijdje niet zo onder de indruk geweest van een stem als van die van Ismena op This Time.

De Utrechtse muzikante trekt nog niet heel veel aandacht met haar muziek, maar nadat ze met haar band een album met internationale allure afleverde, doet ze dat nu met dit werkelijk wonderschone soloalbum, dat alleen maar beter lijkt te worden en echt keer op keer goed is voor 33 minuten en 9 seconden kippenvel. Bijzonder indrukwekkend. Erwin Zijleman

Ismena - Until We Part (2021)

poster
4,0
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Ismena - Until We Part - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Ismena - Until We Part
De Nederlandse band Ismena levert met Until We Part een bijzonder indrukwekkend debuutalbum vol internationale allure af, dat overrompelt door prachtige muziek en zang vol gevoel

Toen ik begin dit jaar het eerste voorproefje hoorde op het debuutalbum van de Utrechtse band Ismena wist ik dat er een bijzonder album aan zat te komen, waarna het lange wachten begon. Dat lange wachten werd vorige week beloond, want toen verscheen Until We Part. Het is een album dat de torenhoge belofte van de eerste single meer dan waar maakt. Ismena maakt op haar debuutalbum donkere en wat melancholische muziek vol verrassende wendingen. Het is muziek die zich niet makkelijk in een hokje laat duwen, maar die zich desondanks makkelijk opdringt. Dat doet ook de prachtige zang van Ismena Goossen, die de bijzondere songs van haar band met veel gevoel vertolkt.

Ik krijg vrijwel dagelijks nieuwe muziek toegestuurd van zowel Nederlandse muzikanten als van muzikanten uit het buitenland (waarbij de hele exotische oorden niet ontbreken). Vaak gaat het om een enkele song, soms om een EP en die beluister ik over het algemeen genomen vluchtig, want het aanbod aan nieuwe albums is al groot genoeg. Af en toe zit er een song tussen die me nieuwsgierig maakt naar meer, maar ik moet eerlijk toegeven dat dit niet heel vaak voor komt.

Het is nog veel zeldzamer dat een toegestuurde track onmiddellijk een onuitwisbare indruk op me maakt. Het overkwam me begin dit jaar met een single die me werd toegestuurd door Ismena Goossen. De single van haar band Ismena maakte niet alleen indruk, maar maakte me ook nieuwsgierig naar het eerste album van de band en dat album is vorige week verschenen.

Ismena Goossen stuurde me overigens in 2018 en 2019 ook al muziek en die blijkt van hoge kwaliteit. De muzikante uit Utrecht leek in eerste instantie te kiezen voor een bestaan als folky singer-songwriter en dat ging haar op de EP Breathe Me uit 2018 uitstekend af (deze EP verdient met terugwerkende kracht alsnog het predicaat krent uit de pop). Langzaam maar zeker werd de singer-songwriter Ismena Goossen de band Ismena en die band heeft zich op haar debuutalbum Until We Part ontwikkeld tot een band met internationale allure.

Het album opent met All I Want, de single die eerder dit jaar zo’n indruk op me maakte. Het is een single die indruk maakt door fraaie spanningsbogen in de instrumentatie en door de mooie zang van Ismena Goossen. In muzikaal opzicht laat de muziek van Ismena zich niet zomaar in een hokje duwen. Invloeden uit de 90s indierock zijn duidelijk hoorbaar, maar ook invloeden uit de post-rock zijn nooit ver weg en zeker in de meer ingetogen passages kan de muziek van Ismena ook nog steeds folky klinken.

Until We Part is het debuutalbum van Ismena, maar acht songs en bijna 36 minuten lang klinkt de band uit Utrecht als een gelouterde band. Ook de zang van Ismena Goossen is van hoge kwaliteit en doet geen moment denken aan een debuterende muzikante.

De songs van Ismena zijn vaak donker en worden met veel emotie en doorleving vertolkt. Ismena Goossen is nog jong, maar mede door haar jeugd in Bosnië kent ze ook de donkere kanten van het leven. Het zijn ervaringen die met veel gevoel worden verwerkt in de mooie songs van haar band.

Het zijn songs met vooral stemmige tinten die prachtig kleuren in het huidige seizoen, maar het zijn zeker niet alleen donkere wolken die overdrijven bij beluistering van Until We Part, want wonderschone passages zijn nooit ver weg.

De muziek van Ismena laat zich lastig vergelijken met de muziek van anderen, al hoor ik veel bekends in de songs op het debuutalbum van de band. Qua sfeer doet het af en toe wel wat denken aan Scandinavische ijsprinsessen of aan de wat meer ingetogen songs van Within Temptation, maar dan zonder het bombast en de gitaarmuren.

Ismena kiest in plaats van bombast en gitaarmuren voor subtiele klanken waarin verrassende wendingen nooit ver weg zijn. De Utrechtse band maakt niet alleen indruk met prachtige klanken en zeer aansprekende zang, maar ook met songs die steeds weer net iets anders klinken en die opvallen door een bijzondere mix van aanstekelijke en toegankelijke elementen en muzikaal avontuur. Het levert een album op dat echt alle aandacht verdient, in en buiten Nederland. Erwin Zijleman

Isobel Campbell - Bow to Love (2024)

poster
4,0
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Isobel Campbell - Bow To Love - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Isobel Campbell - Bow To Love
Isobel Campbell maakte veel van haar muziek met anderen, maar op Bow To Love staat ze er weer eens alleen voor en maakt ze indruk met bijzonder sfeervolle songs en uiteraard met haar fluisterzachte prachtstem

Lang niet iedereen zal het met me eens zijn, maar ik vind de albums van Isobel Campbell het mooist wanneer ze haar muziek zonder hulp van al teveel anderen maakt. Dat doet ze ook weer op Bow To Love en het resultaat is echt prachtig. Het vierde echte soloalbum van Isobel Campbell trekt de aandacht met vrij subtiele maar bijzonder mooie klanken en natuurlijk met haar bitterzoete vocalen en melancholische songs. Bow To Love is een behoorlijk ingetogen album, maar het is ook een album dat steeds meer subtiele accenten laat horen wanneer je er vaker naar luistert. Laat je betoveren door de fraaie klanken op Bow To Love en het wordt vanzelf een beetje zomer.

De Schotse muzikante Isobel Campbell was te horen op de eerste vijf albums van Belle And Sebastian, maakte met de hulp van flink wat Belle And Sebastian leden twee fraaie albums onder de naam The Gentle Waves en maakte bovendien drie uitstekende albums met de in 2022 overleden muzikant Mark Lanegan. Hiernaast maakte ze ook nog eens drie soloalbums, die over het algemeen net wat lager worden ingeschat dan haar werk met anderen.

Daar ben ik het persoonlijk overigens niet mee eens, want ik heb echt een enorm zwak voor de soloalbums van de Schotse muzikante, die haar regenachtige geboortestad Glasgow een paar jaar geleden heeft verruild voor het zonnige Los Angeles. Ook Bow To Love vind ik weer een prachtig album. Het is een album dat Isobel Campbell maakte met haar voormalige geliefde en nog altijd muzikale partner Chris Szczech. Bow To Love is mede hierdoor een wat melancholisch album, maar het is ook een zeer sfeervol album.

De meeste songs op het album worden gedragen door fraai akoestisch gitaarspel, waarna strijkers, waaronder de cello van Isobel Campbell zelf, zorgen voor wat extra versiering. De vorige soloalbums van Isobel Campbell waren al niet heel uitbundig, maar op Bow To Love ligt het tempo nog wat lager en is de instrumentatie nog wat soberder. Het levert muziek op die uitnodigt tot luieren en dit gevoel wordt versterkt door de zachte en verleidelijke zang van de Schotse muzikante, die ook dit keer prachtig zingt, maar ook indruk maakt met haar teksten die variëren van persoonlijk tot politiek.

De songs op het vierde soloalbum van Isobel Campbell zijn vooral zacht en folky, maar de Schotse muzikante verwerkt ook andere invloeden in haar songs, waaronder een vleugje jazz en een snufje psychedelica. Ik lees vaak dat de soloalbums van Isobel Campbell als saai worden ervaren. Ik kan me daar wel iets bij voorstellen, want haar soloalbums missen de dynamiek van de albums met Belle And Sebastian en die met Mark Lanegan. Ook Bow To Love is weer een subtiel album, dat je zachtjes in slaap kan wiegen, maar dat ook veel moois te bieden heeft wanneer je er met net wat meer aandacht naar luistert.

De instrumentatie op het album is in veel songs relatief sober, maar er duiken uiteindelijk toch flink wat invloeden op, die allemaal goed zijn voor fraaie accenten en bijzondere wendingen. Zeker de strijkers voorzien het album van een bijzondere sfeer die uitstekend past bij de stem van Isobel Campbell, maar ook als in de instrumentatie wat meer gas wordt gegeven blijft de fluisterzang van de Schotse muzikante makkelijk overeind.

Ik heb zoals gezegd altijd een zwak gehad voor de soloalbums van Isobel Campbell en schat ze persoonlijk minstens net zo hoog in als haar andere werk. Ook Bow To Love voldoet volledig aan mijn verwachtingen, al is het maar omdat de meeste soloalbums van Isobel Campbell beter worden wanneer je ze vaker hoort.

Dat is ook bij Bow To Love het geval, want hoe vaker ik naar het album luister hoe meer ik onder de indruk ben van de intieme songs, van de subtiele maar fantasierijke instrumentatie, van de aangename jaren 60 vibe die hier en daar rondwaart op het album en van de werkelijk prachtige stem van Isobel Campbell, die het oor op haar nieuwe album echt genadeloos streelt en die in de slottrack ook nog eens de ultieme versie van Why Worry van Dire Straits aflevert. De cd-versie bevat overigens ook nog een Franstalige versie van het album. Erwin Zijleman

Isobel Campbell - There Is No Other... (2020)

poster
4,5
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Isobel Campbell - There Is No Other... - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Isobel Campbell - There Is No Other...
Eindelijk is het nieuwe album van Isobel Campbell van de plank gekomen en het behoort absoluut tot het mooiste dat de Schotse singer-songwriter gemaakt heeft

De soloplaten van Isobel Campbell vond ik tot dusver net wat minder dan de albums met Belle & Sebastian, The Gentle Waves en Mark Lanegan, maar het na lang wachten gelukkig toch nog uitgebrachte There Is No Other… behoort tot het beste dat de singer-songwriter uit Glasgow tot dusver heeft gemaakt. There Is No Other… vertrouwt natuurlijk op de prachtige fluisterstem van Isobel Campbell, maar ook in muzikaal opzicht valt er heel veel te genieten op een album dat meerdere wegen in slaat en keer op keer weet te overtuigen. Het derde soloalbum van Isobel Campbell betovert bij iedere luisterbeurt weer wat meer en de rek is er nog lang niet uit.

Het is bijna tien jaar stil geweest rond de Schotse zangeres Isobel Campbell. De zangeres uit Glasgow, die ooit deel uitmaakte van Belle & Sebastian en later opdook met de band The Gentle Waves, maakte ook nog twee soloalbums en drie albums met Mark Lanegan, waarvan de laatste, Hawk, verscheen in 2010.

Na dit album begon Isobel Campbell aan het opnemen van There Is No Other…, dat door strubbelingen met haar platenmaatschappij uiteindelijk een jaar of zes op de plank bleef liggen. Deze week verscheen het album dan toch nog via een ander label en het blijkt een wonderschoon album.

There Is No Other… is het derde soloalbum van Isobel Campbell en het is wat mij betreft haar beste. De recensie van het album verschijnt op een dag dat een zware storm Nederland binnentrekt en een groter contrast dan met de muziek van Isobel Campbell is nauwelijks denkbaar. There Is No Other… is een album vol fluisterzachte en lieflijk klinkende popliedjes, precies zoals je van Isobel Campbell verwacht.

Het is het handelsmerk van de Schotse zangeres vanaf het moment dat ze opdook met Belle & Sebastian, maar Isobel Campbell heeft zich er zeker niet makkelijk van af gemaakt. Het derde soloalbum van de singer-songwriter uit Glasgow begint waar het fraaie maar wat ondergewaardeerde Milk White Sheets alweer veertien jaar geleden eindigde, maar laat ook flink wat nieuwe invloeden horen.

Isobel Campbell heeft zich op There Is No Other… nadrukkelijk laten inspireren door de Laurel Canyon folk uit de late jaren 60 en vroege jaren 70, maar ook invloeden uit de psychedelica, bossa nova en Franse filmmuziek hebben hun weg gevonden naar het album. There Is No Other… is een album waarvoor Serge Gainsbourg waarschijnlijk graag achter de knoppen zou hebben gezeten, maar het album roept ook de sfeer op van de roemruchte folkscene uit de heuvels rond Los Angeles, niet toevallig de nieuwe woonplaats van Isobel Campbell, of van die van de wat meer psychedelisch getinte folk uit San Francisco.

Bij beluistering van het derde soloalbum van Isobel Campbell word je in eerste instantie vooral gegrepen door de mooie en fluisterzachte zang van de Schotse zangeres, maar langzaam maar zeker hoor je ook hoe mooi en veelzijdig de instrumentatie op het album is. Isobel Campbell heeft met There Is No Other… een verrassend veelzijdig album afgeleverd, waarin zelfs een met veel synths versierde versie van Tom Petty’s Runnin’ Down A Dream niet misstaat. Iedere song op het album laat weer iets nieuws horen en steeds weer staat Isobel Campbell garant voor geweldige vocalen.

Ik vond de soloplaten van de Schotse singer-songwriter tot dusver wat minder indrukwekkend dan de albums die ze met anderen maakte, maar met haar nieuwe album laat Isobel Campbell horen dat ze ook solo tot grote hoogten kan stijgen. There Is No Other… is drie kwartier van een bijzondere schoonheid, maar als je kiest voor de luxe editie van het album, krijg je er nog een half uur met al even fraaie akoestische versies van de tracks van het album bij.

Natuurlijk hebben we veel te lang op dit album moeten wachten, maar het was het wachten meer dan waard. There Is No Other… is het perfecte album om je mee op te sluiten tot de storm weer gaat liggen. Het kan me even niet lang genoeg duren. Erwin Zijleman

Isolde - Cartes Postales (2017)

poster
4,5
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Isolde - Cartes Postales - dekrentenuitdepop.blogspot.nl

De Belgische muzikante Isolde Lasoen kreeg de muziek thuis met de paplepel ingegoten. Op vierjarige leeftijd begon ze bij de lokale majorettes, maar haar ambities lagen bij de trommels, die ze gelukkig ook al op jonge leeftijd mocht bespelen.

Isolde ontwikkelde zich vervolgens tot één van de meest gevraagde percussionisten in België en speelt een voorname rol in de band van Daan. Dat ze nog veel meer kan laat ze horen op het als Isolde uitgebrachte Cartes Postales.

Het solodebuut van Isolde opent met een klassiek aandoende ouverture, die heel veel moois lijkt aan te kondigen. Dat moois komt er ook, want Cartes Postales is een plaat vol wonderschone songs en bovendien een plaat vol verrassende wendingen. Isolde laat zich op Cartes Postales meer dan eens beïnvloeden door de rijke geschiedenis van het Franse chanson, maar geeft ook haar eigen draai aan dit Franse chanson.

De muzikante uit Brugge beschikt over een mooi helder en expressief stemgeluid en het is een geluid dat gemaakt lijkt voor het vertolken van het Franse levenslied. Zeker de wat soberdere songs op de plaat sluiten aan bij de rijke historie van dit Franse levenslied, maar Isolde kleurt haar songs op vele manieren in.

Een aantal songs op Cartes Postales doet klassiek aan en bovendien zijn de songs van Isolde beeldend. De link met de Franse filmsoundtracks is snel gelegd en zeker de soundtracks uit de jaren 70 hebben absoluut invloed gehad op het zwoele en lome geluid van Isolde, dat is versierd met flink wat strijkers en blazers. Via de Franse filmsoundtracks kom je snel uit bij het imposante oeuvre van Serge Gainsbourg (dat ik langzaam maar zeker begin te ontdekken en te bewonderen), maar Isolde slaat ook bruggen naar het heden en raakt hier en daar aan de muziek van het Parijse Air of aan de muziek van landgenoten Hooverphonic in hun jongere jaren.

Isolde overtuigt op Cartes Postales zeer als zangeres. Ze vertelt verhalen en doet dat met zoveel expressie en gevoel dat je aan haar lippen hangt. Het is dan ook moedig dat Isolde haar sterkste wapen in een deel van de songs op haar debuut achterwege laat en kiest voor een aantal instrumentale songs met hier en daar hooguit een ondersteunende stem op de achtergrond. Het is een keuze die werkt, want mede door de instrumentale en klassiek aandoende intermezzo’s klinkt Cartes Postales als een eenheid. De plaat klinkt bovendien als een film waar je zelf de beelden van mag verzinnen.

Ook wanneer Isolde zingt kunnen haar songs meerdere kanten op en variëren van uiterst ingetogen tot nogal theatraal. Van dat laatste ben ik normaal gesproken geen liefhebber, maar op Cartes Postales is het theatrale functioneel en draagt het bij aan het beeldende karakter van de plaat.

Halverwege de plaat verruilt Isolde het Frans in een aantal songs voor het Engels. Dat is een keuze die maar zelden werkt, maar op Cartes Postales merkte ik het in eerste instantie niet eens en draagt de keuze voor een andere taal alleen maar bij aan de veelzijdigheid en de beeldende kracht van de plaat.

Ik ben de afgelopen weken aangenaam verrast door flink wat hele goede grotendeels Franstalige platen uit Frankrijk, maar deze uit België mag er ook zijn en is misschien wel de meest bijzondere van het stel. Hoogste tijd dus om het prachtdebuut van Isolde ook in Nederland op te pikken. Erwin Zijleman

Isolde Lasoen - Oh Dear (2023)

poster
4,5
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Isolde Lasoen - Oh Dear - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Isolde Lasoen - Oh Dear
Isolde Lasoen maakte in 2017 met Cartes Postale een wereldalbum dat door bijna iedereen over het hoofd werd gezien, maar keert nu terug met Oh Dear dat van een bijna onwerkelijke schoonheid is

De Belgische muzikante Isolde Lasoen is bij onze Zuiderburen een van de bekendste drummers en al lange tijd vaste waarde bij Daan, maar iedereen die goed heeft opgelet weet dat ze in 2017 een bijzonder fascinerend soloalbum afleverde. Dat soloalbum krijgt deze week dan eindelijk een opvolger en wat is Oh Dear een mooi en fascinerend album. Het is een album waarvoor Serge Gainsbourg in katzwijm zou zijn gevallen en dat de luisteraar meevoert in een luistertrip die je het liefst nooit meer zou verlaten. De muziek op Oh Dear is om te janken zo mooi en als Isolde Lasoen begint te zingen is de betovering compleet. Haar debuut sneeuwde uiteindelijk wat onder, maar Oh Dear verdient een plekje in alle spotlights.

De Belgische muzikante Isolde Lasoen begon op 4-jarige leeftijd bij de majorettes van de fanfare van Maldegem, maar bleek al snel een zeer getalenteerd trommelaar. Na haar studie aan het conservatorium van Gent ging ze aan de slag als professioneel muzikant en speelde ze met alles en iedereen binnen de Belgische muziekscene en werd ze de vaste drummer bij Daan. In 2017 verraste Isolde Lasoen vriend en vijand met het in alle opzichten briljante Cartes Postale, waarop ze liet horen dat ze ook een getalenteerd songwriter en zangeres is.

Met name op het Franstalige deel van haar debuutalbum klonk Isolde Lasoen als de meest getalenteerde muze van Serge Gainsbourg en tilde ze de muzikale erfenis van het Franse genie bovendien op succesvolle wijze de eenentwintigste eeuw in. Ik denk dat ik Cartes Postale met de kennis van nu een van de allerbeste albums van 2017 vind, maar het album kreeg uiteindelijk toch niet de waardering die het verdiende.

Deze week keert Isolde Lasoen terug met haar tweede album Oh Dear. De Belgische muzikante kiest ook dit keer voor een mix van Engelstalige en Franstalige songs, maar heeft ze op haar tweede album door elkaar gezet. Het album opent met de Engelstalige titeltrack, maar desondanks sleept Isolde Lasoen je met haar muziek onmiddellijk het Parijs van de jaren 60 en 70 in. Serge Gainsbourg kijkt ook dit keer goedkeurend toe, maar op een of andere manier zijn Nicolas Godin en Jean-Benoît Dunckel van Air ook van de partij.

Wanneer Isolde Lasoen in de tweede track het Engels verruilt voor het Frans en Bertrand Burgalat opduikt voor de tweede stem, is de associatie met de muziek van Serge Gainsbourg compleet, zeker wanneer de violen aanzwellen en Isolde Lasoen op haar lieflijkst zingt. Het klinkt allemaal aangenaam nostalgisch, maar Douce Mélancolie is ook een song van een bijna onwerkelijke schoonheid.

Oh Dear staat vol met dit soort songs, want Isolde Lasoen weet het niveau van haar geweldige debuutalbum uiteindelijk vrij makkelijk te overtreffen en doet dit op alle fronten. In muzikaal opzicht is het tweede album van de Belgische muzikante een van de mooiste albums die ik de laatste tijd gehoord heb en ik ontdek steeds weer nieuwe dingen.

Isolde Lasoen schakelt soepel tussen de Franse psychedelica en de Franse filmmuziek uit de jaren 60 en 70, maar sleept er ook Amerikaanse filmmuziek, flink wat jazz en een enkele keer zelfs wat progrock bij en heeft bovendien goed geluisterd naar het debuutalbum van Air, dat ik toevallig deze week ook veelvuldig heb beluisterd.

Isolde Lasoen werkte de songs op Oh Dear in eerste instantie zelf uit en had daarbij genoeg aan haar geweldige drumwerk, de vibrafoon en haar stem, maar uiteindelijk werd het album vol, maar nergens overdadig, ingekleurd met wonderschone arrangementen van strijkers en blazers en de bijdragen van een soepel spelende band.

Oh Dear brengt je vanaf de eerste noten in vervoering, maar het album wordt vervolgens mooier en mooier en is goed voor een gelukzalige luistertrip die zijn weerga niet kent. Het effect van deze luistertrip wordt nog eens versterkt door de prachtige zang van de Belgische muzikante, die hier en daar kiest voor honingzoete vocalen, maar ook altijd weet te ontroeren.

Oh Dear is direct bij eerste beluistering een droom van een album dat talloze jaarlijstjes aan moet gaan voeren dit jaar, maar als je jezelf na afloop van deze mooie droom even knijpt, blijkt het tweede album van Isolde Lasoen gelukkig helemaal echt. Wat een weergaloos album. Erwin Zijleman

Israel Nash - Lifted (2018)

poster
4,0
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Israel Nash - Lifted - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Israel Nash Gripka maakte het afgelopen decennium een aantal prima rootsplaten, waarvan het in 2011 verschenen Barn Doors And Concrete Floors de beste was.

Sinds 2014 brengt de Amerikaanse muzikant zijn platen uit onder de naam Israel Nash en waar er in zijn naam een schepje af ging, kwam er in muzikaal opzicht een flinke schep bij.

De nog puur aandoende rootsmuziek uit de beginjaren werd verrijkt met extra invloeden, een vol klinkende instrumentatie en arrangementen vol versiersels en tierelantijntjes. Dat levert zeker niet alleen positieve reacties op, maar ik was persoonlijk erg onder de indruk van Rain Plains uit 2013 en Silver Season uit 2015.

Op Lifted kiest de in de Ozark Mountains in Missouri geboren muzikant voor een nog wat voller geluid. Het is een geluid waarin invloeden uit de jaren 60 en 70 domineren en binnen de invloeden uit dit decennium bestrijkt Israel Nash een opvallend breed palet.

Lifted opent met Beach Boys achtige koortjes, raakt net als zijn voorgangers meerdere keren aan het werk van Neil Young, maar maakt ook geen geheim van een voorliefde voor radiovriendelijke soft-rock, muziek uit de Laurel Canyon en zweverige psychedelica. Voor liefhebbers van pure Amerikaanse rootsmuziek valt er weer wat minder te halen op Lifted, maar iedereen die de huidige zomerse temperaturen wil voorzien van een geschikte soundtrack is bij Israel Nash aan het juiste adres.

Voor de arrangementen deed de Amerikaanse singer-songwriter dit keer een beroep op de onder andere van Mercury Rev bekende Jesse Chandler, die de plaat heeft voorzien van een geluid vol versiersels van onder andere strijkers en blazers en hier en daar zorg draagt voor sprookjesachtige sferen. Het combineert fraai met de pedal steel, die altijd een voorname rol heeft gespeeld in de muziek van Israel Nash en dat gelukkig nog steeds doet.

Bij de arrangementen van Jesse Chandler ligt overdaad altijd op de loer, maar Lifted blijft wat mij betreft altijd aan de juiste kant van de streep. Israel Nash heeft een plaat gemaakt vol lome en zwoele popliedjes. Het zijn popliedjes die net zo makkelijk in de jaren 60 of 70 gemaakt hadden kunnen zijn en die zich dit keer meer hebben laten inspireren door Brian Wilson dan door Neil Young.

Lifted is een plaat die zich makkelijk opdringt, zeker zolang de zon zo overdadig schijnt, maar het is ook een plaat die aan kracht wint wanneer je je best doet om het volle geluid volledig te ontrafelen. Wanneer je dit probeert hoor je hoe hecht de band van de Amerikaan speelt, hoe mooi de accenten van Jesse Chandler zijn en hoe aangenaam de zang van Israel Nash klinkt (van de uithalen moet je houden).

Lifted is een tijdloos klinkende plaat, maar Israel Nash past wat mij betreft niet in het hokje retro. Lifted combineert hiervoor teveel invloeden en klinkt op een of andere manier en ondanks alle invloeden uit het verleden ook te eigentijds. Zeker zolang de zomer aanhoudt is Lifted van Israel Nash een graag geziene gast in de cd speler, maar ik sluit zeker niet uit dat deze plaat ook mijn herfst- en wintermaanden gaat verwarmen. Erwin Zijleman

Israel Nash Gripka - Israel Nash's Silver Season (2015)

poster
4,0
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Israel Nash - Israel Nash's Silver Season - dekrentenuitdepop.blogspot.nl

Israel Nash (Gripka) maakte een kleine twee jaar geleden diepe indruk met een plaat die heel letterlijk citeerde uit de archieven van de jaren 70, maar toch overeind bleef.

Bij beluistering van Israel Nash's Rain Plans had ik meerdere malen het idee dat ik naar het luisteren was van een vergeten meesterwerk van Crosby, Stills, Nash & Young of een ingetogen prachtplaat van Neil Young met zijn Crazy Horse.

Nu zijn dit inspiratiebronnen die veel vaker opduiken en in de meeste gevallen grijp ik na een paar keer horen toch weer terug op de originelen. Israel Nash's Rain Plans van Israel Nash was echter een blijvertje.

Het is een predicaat dat ook weer van toepassing is op de man’s nieuwe plaat Israel Nash’s Silver Season, want wat klinkt het weer lekker.

Israel Nash vindt zijn inspiratie nog steeds in de countryrock uit de vroege jaren 70 en pakt ook direct wat invloeden uit de psychedelica mee. Ook Israel Nash’s Silver Season doet weer sterk aan de muziek van alle gedaanten van Neil Young denken, maar het is muziek die Neil Young zelf al heel lang niet meer maakt.

Vergeleken met de vorige plaat klinkt de muziek van Israel Nash nog wat gepolijster en lomer. De liefhebber van de man’s vroege platen zal het daarom misschien wat zouteloos of gezapig vinden, maar ik vind Israel Nash’s Silver Season een plaat waarvan je eindeloos kunt genieten.

Leun lekker achterover, draai de volumeknop open en Israel Nash neemt je een aantal decennia mee terug in de tijd. Terug naar de tijd van melodieus en meeslepend gitaarspel, uitgesponnen songs die best 6 minuten mogen duren en natuurlijk prachtige harmonieën. Het is een kunstje dat vaker is vertoond, maar deze Israel Nash beheerst het kunstje wel heel erg goed. Heerlijke plaat. Erwin Zijleman

Itasca - Imitation of War (2024)

poster
4,5
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Itasca - Imitation Of War - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Itasca - Imitation Of War
Kayla Cohen maakte als Itasca een paar jaar geleden indruk met het mooie Spring, maar overtreft dit album met het door bijzonder fraai en veelkleurig elektrisch gitaarspel gedomineerde Imitation Of War

Luister naar het nieuwe album van Itasca en je waant je in de jaren 60 en 70 en dan met name in de Laurel Canyon bij Los Angeles. Wanneer Kayla Cohen haar elektrische gitaar inzet en psychedelische akkoorden speelt verhuis je al snel naar het door psychedelica gedomineerde San Francisco van de late jaren 60. Itasca creëert met name door de inzet van de elektrische gitaar een bijzonder eigen geluid, waardoor Imitation Of War onmiddellijk opvalt in het aanbod van het moment. Het dromerige en wat zweverige karakter van het album wordt versterkt door de stem van Kayla Cohen, die al even mooi en aansprekend is, waarna de fantasierijke songs het album nog wat verder optillen. Prachtig.

De naam Itasca deed bij mij niet direct een belletje rinkelen, maar ik bleek aan het eind van 2019 behoorlijk enthousiast over Spring, het vijfde of zelfs zesde album van de Amerikaanse muzikante. Voor Spring verruilde Kayla Cohen, de vrouw achter Itasca, het mondaine Los Angeles voor de wilde natuur van New Mexico, wat een ontspannend en bij vlagen sereen klinkend album opleverde.

Sinds Spring zijn ruim vier jaren verstreken en dat is een eeuwigheid in een genre waarin het aanbod groot en de concurrentie moordend is. Niet zo gek dus dat ik Itasca eigenlijk al weer was vergeten, maar met haar nieuwe album Imitation Of War maakt de muzikante uit Los Angeles zoveel indruk dat ik haar naam vanaf nu echt niet meer ga vergeten.

Ook Imitation Of War heeft iets rustgevends, maar het is toch een flink ander album dan Spring. Waar de muziek van Itasca op het vorige album voornamelijk een akoestisch karakter had, speelt Kayla Cohen dit keer vooral elektrische gitaar. Haar Gibson SG-100 uit 1971 speelt een zeer prominente rol in vrijwel alle songs op het album, waarop haar akoestische gitaar genoegen moet nemen met een bijrol. Kayla Cohen tekent voor de gitaren en de zang, deed hiernaast een beroep op een bassist en twee drummers en vroeg de van de bands Wand en Behavior bekende Robbie Cody als co-producer van het album.

Spring riep ruim vier jaar geleden herinneringen op aan de muziek die in de late jaren 60 en vroege jaren 70 in de heuvels rond Los Angeles werd gemaakt en ook Imitation Of War heeft zich zeker laten beïnvloeden door de Laurel Canyon folk uit het verleden. Dat is het duidelijkst in de vooral akoestisch ingekleurde songs op het album, want wanneer Kayla Cohen haar elektrische gitaar er bij pakt krijgt de muziek van Itasca iets psychedelisch.

De Amerikaanse muzikante maakte op haar vorige albums indruk met haar spel op de akoestische gitaar, maar laat op Imitation Of War horen dat ze ook op de elektrische gitaar excelleert. De muzikante uit Los Angeles speelt prachtige akkoorden en neemt ook de tijd om te soleren. Imitation Of War is een album met een vrij laag tempo en het is een album waarop het fraaie gitaarspel van Kayla Cohen alle ruimte krijgt. Het draagt bij aan het ontspannen of zelfs rustgevende karakter van het album, maar het zorgt er ook voor dat de muziek van Itasca iets benevelends heeft. Op hetzelfde moment prikkelen de tijdloze songs van Itasca eindeloos de fantasie.

In muzikaal opzicht is Imitation Of War, vooral door het geweldige elektrische gitaarspel, een fascinerend album, maar ook met haar stem maakt Kayla Cohen makkelijk indruk. Ze zingt vooral zacht en ontspannen, maar ook met veel gevoel en precisie. Het is de zang die het album weer wat de kant van de Laurel Canyon folk op duwt, maar Itasca heeft op Imitation Of War ook een heel bijzonder eigen geluid.

Imitation Of War van Itasca is een album waarbij het echt heerlijk luieren of wegdromen is, maar vergeet ook niet om goed te luisteren naar het werkelijk wonderschone gitaarspel en de al even mooie zang van Kayla Cohen en naar de knappe wijze waarop haar songs in elkaar zitten. Met een beetje pech had ik dit album zomaar over het hoofd gezien, maar Imitation Of War is een betoverend mooi album, dat bij iedere volgende keer horen nog wat mooier en indrukwekkender is. Erwin Zijleman

Itasca - Spring (2019)

poster
4,0
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Itasca - Spring - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Itasca - Spring
Itasca heeft op Spring een poging gedaan om de serene rust van de natuur in New Mexico te vangen en dat is uitstekend gelukt

De vorige albums van Itasca vond ik mooi maar net niet onderscheidend genoeg. Haar nieuwe album Spring is dat zeker. Het alter ego van Kayla Cohen betovert met een sereen en rustgevend geluid, maar het is ook een geluid waarin heel veel moois blijkt verstopt. De instrumentatie op het album is subtiel maar verrassend rijk en past uitstekend bij de fluisterzachte maar ook intense vocalen van Kayla Cohen. Spring laat steeds weer nieuwe dingen horen, maar is ook een fraai album dat alle haast uit je leven haalt. Het is bovendien een album dat op fraaie wijze teruggrijpt op de Laurel Canyon folk, maar hier niet in blijft hangen.

Er is momenteel zeker geen gebrek aan jonge vrouwelijke folkies. Ook de afgelopen week kwamen er weer een aantal voorbij, maar na beluistering van een handvol albums moest ik helaas concluderen dat het onderscheidend vermogen van de nieuwe folkies van deze week niet al te groot is.

Spring van Itasca is wat mij betreft de uitzondering. Spring is niet het eerste album van het alter ego van de uit Los Angeles afkomstige Kayla Cohen, maar wel haar eerste album dat ik echt goed vind.

Kayla Cohen verruilde het mondaine Los Angeles na haar vorige album voor het uitgestrekte New Mexico, waar ze haar thuis vond in een traditioneel huis midden in de natuur. Spring van Itasca heeft zich laten inspireren door de bijzondere natuur van New Mexico en klinkt aards en puur.

Het had zomaar een uiterst sober folkalbum op kunnen leveren, maar Kayla Cohen koos tijdens het opnemen van Spring vooral voor de samenwerking met anderen. Het nieuwe album van Itasca bevat bijdragen van onder andere Chris Cohen, Cooper Crain en James Elkington en hiernaast schoven leden van de bands Gun Outfit en Sun Araw aan.

Het bovenstaande suggereert misschien dat Spring een zeer vol klinkend album is, maar dat is ook weer niet zo. Het nieuwe album van Itasca is warm en smaakvol ingekleurd met vooral organische klanken, die hier en daar verder worden ingekleurd met subtiele maar bijzonder fraaie strijkersarrangementen. Er kwamen flink wat instrumenten aan te pas, maar de instrumentatie op Spring is gelukkig subtiel en ingehouden genoeg om de fluisterzachte zang van Kayla Cohen niet te overstemmen.

Itasca heeft een ontspannen klinkend album gemaakt, dat zeker is gevoed door de overweldigende natuur van New Mexico, maar Spring is over het algemeen ook niet zo gek ver verwijderd van de muziek die een aantal decennia geleden werd gemaakt in de heuvels rond Los Angeles, door bijvoorbeeld Joni Mitchell.

De subtiele mix van Laurel Canyon folk, Britse folk (denk aan Kathryn Williams) en de indie-folk van het moment heeft mij bijzonder makkelijk overtuigd. Bij vluchtige beluistering klinkt Spring van Itasca misschien mooi maar niet heel opzienbarend, maar door de bijzonder smaakvolle instrumentatie en de ontspannen en fluisterzachte zang wint het album snel aan kracht. Het duurde dan ook niet lang voor ik flink in de ban was van de 39 minuten muziek op Spring en ik heb het idee dat het nieuwe album van Itasca me nog steeds dierbaarder wordt bij iedere keer horen.

Wat in eerste instantie vooral bijzonder aangenaam en rustgevend voortkabbelde, blijkt al snel voorzien van bijzonder fraaie accenten, die de muziek van Itasca voorzien van diepte en een eigen geluid. Die diepte en het eigen geluid hoor ik ook in de stem van Kayla Cohen, die in eerste instantie aan alles en iedereen doet denken, maar na enige tijd van een bijzondere schoonheid blijkt.

Spring van Itasca onderscheidt zich van het flinke aantal soortgelijke albums in het genre door de bijzondere sfeer, de smaakvolle instrumentatie, de mooie zang en de intensiteit van de muziek. Vanwege het grote aanbod in het genre weet ik zeker dat ik een aantal eerder bejubelde albums aan het eind van het jaar alweer vergeten ben, maar het fraaie Spring van Itasca zit daar zeker niet tussen. Erwin Zijleman

Ivy - Traces of You (2025)

poster
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Ivy - Traces Of You - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Review: Ivy - Traces Of You
De afgelopen 14 jaar was het stil rond de New Yorkse band Ivy en na de dood van hun voorman was de verwachting dat het stil zou blijven, maar met Traces Of You verschijnt toch nog een nieuw en zeer aangenaam album

De Amerikaanse band Ivy timmerde vooral in de jaren 90 aan de weg. Ik heb daar destijds niets van meegekregen, maar ben absoluut gecharmeerd van de inmiddels ontdekte albums van de band uit New York. Ondanks de dood van voorman Adam Schlesinger in 2020, keert Ivy deze week, na een lange periode van stilte, terug met een nieuw album. Traces Of You bevat oude opnames, die met een aantal bevriende muzikanten zijn opgepoetst. Het album klinkt echter zeker niet als een portie opgewarmde restjes, want Traces Of You is een fris en zonnig album dat de zomer nog even voort laat duren. Ik ontdekt Ivy een jaar of 30 te laat, maar ben er toch blij mee.

Volgens mij volg ik de ontwikkelingen in de popmuziek al een aantal decennia behoorlijk goed, maar ik had tot deze week echt nog nooit van de Amerikaanse band Ivy gehoord. Het is een band die volgens AllMusic.com is beïnvloed door Everything But The Girl, Prefab Sprout, Astrud Gilberto, Aztec Camera, New Order en The Smiths en dat vind ik op zijn minst een interessant rijtje namen. De Amerikaanse muziekwebsite stopt Ivy vervolgens in hetzelfde hokje als Stereolab, The Cardigans en Broadcast en dat zijn allemaal bands die ik heb gevolgd en kan waarderen.

Het is daarom best bijzonder dat ik nog nooit van Ivy had gehoord. Het is ook nog eens geen band die op één of twee albums is blijven steken, want het trio uit New York maakte tussen 1995 en 2011 maar liefst zes albums, waarvan met name Apartment Life uit 1997 is overladen met superlatieven. Ik heb de afgelopen dagen wat door het oeuvre van Ivy gewandeld en kan alleen maar concluderen dat de Amerikaanse band muziek maakt die absoluut in mijn straatje past, wat het nog bijzonderder maakt dat ik pas bij de terugkeer van Ivy na een afwezigheid van veertien jaar voor het eerst kennis maak met de muziek van de band.

Het deze week verschenen Traces Of You bevalt me ook nog eens erg goed. Nu hoor ik eerlijk gezegd niet zo heel veel van de door AllMusic.com aangedragen inspiratiebronnen, maar het vergelijkingsmateriaal is redelijk accuraat. Dat Ivy terugkeert met een nieuw album is trouwens best bijzonder, want de grote man achter de band, Adam Schlesinger, ook voorman van Fountains Of Wayne, overleed in het voorjaar van 2020 na besmet te zijn geraakt met het op dat moment nog nieuwe en gevaarlijke COVID-19 virus.

De sessies die de basis vormen voor het nieuwe album van Ivy stammen uit de periode 1995-2012 en werden nog opgenomen met Adam Schlesinger en uiteindelijk afgemaakt met bevriende muzikanten. Ik ga er van uit dat Traces Of You echt het laatste wapenfeit van de New Yorkse band zal zijn, maar het is een afscheid in stijl.

Op het album maakt de band muziek die doet verlangen naar een Indian summer. Het is deels met strijkers en deels met elektronica ingekleurde indiepop, die verder wordt aangevuld met de zoete vocalen van Dominique Durand. Ik moet bij beluistering van het album vooral denken aan Stereolab, maar het heeft ook wel wat van de perfecte popsongs van Rilo Kiley, tijdgenoten van Ivy die ik in de jaren 90 wel heb omarmd.

De muziek van Ivy klinkt niet alleen aangenaam, maar zit ook knap in elkaar en is bijzonder mooi en fantasierijk ingekleurd met hier en daar een heel subtiel laagje bossanova. Adam Schlesinger was naar verluidt een groot fan van Prefab Sprout en Go-Betweens en deelt met deze bands de gave om lekkere maar ook interessante popsongs te schrijven. Ook de stem van Dominique Durand is van het zeer aangename soort en bovendien van het soort waar je lang naar kunt luisteren, waardoor ik steeds weer terugkeer naar Traces Of You.

Door de dood van Adam Schlesinger maakt Ivy misschien een beetje een kansloze comeback, maar het album is een mooi eerbetoon aan de veel te jong overleden muzikant en mogelijk de start van een nieuw avontuur onder een andere naam. Ik heb de carrière van Ivy helaas vrijwel volledig gemist, maar met dit fraaie slotakkoord haak ik toch nog aan. Erwin Zijleman

Ivy Falls - Sense & Nonsense (2024)

poster
4,5
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Ivy Falls - Sense & Nonsense - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Ivy Falls - Sense & Nonsense
De Belgische muzikante Fien Deman levert met Sense & Nonsense van Ivy Falls een wonderschoon album af, dat betovert met bijzondere songs, sfeervolle klanken en een stem waarvoor je onmiddellijk valt

Het is voor liefhebbers van vrouwelijke singer-songwriters een prachtige week, al gaan er waarschijnlijk ook wel wat hele mooie albums tussen wal en schip vallen. Dat mag echt niet gebeuren met Sense & Nonsense van Ivy Falls, want het project van de Vlaamse muzikante Fien Deman levert een bijzonder mooi album af. Het is een album dat in eerste instantie vooral opvalt door de echt prachtige stem van de Vlaamse muzikante, maar ook in muzikaal en productioneel opzicht is het debuutalbum van Ivy Falls een hoogstaand album, terwijl ook de veelzijdige maar zonder uitzondering pure en intieme songs op het album je niet snel zullen teleurstellen. Wat een aangename verrassing.

Unday Records is een Belgisch platenlabel van bescheiden omvang, maar slaagt er in 2024 vooralsnog in om het ene na het andere prachtalbum uit te brengen. Na de zeer fraaie albums van The Bony King Of Nowhere en met name BLUAI en de wat mij betreft op zijn minst interessante albums van Het Zesde Metaal en Porcelain id, komt het label deze week op de proppen met Sense & Nonsense van Ivy Falls.

Ivy Falls is een project van de Vlaamse muzikante Fien Deman. Het is een naam die ik volgens mij niet eerder ben tegen gekomen, maar ze maakte eerder deel uit van de band I Will, I Swear, die ooit werd gezien als een van de grootste beloften van de Belgische popmuziek. Dat begrijp ik onmiddellijk als ik luister naar de paar prachtige singles die de band maakte, maar op een of andere manier lukte het helaas niet met I Will, I Swear.

Hopelijk gaat het wel lukken met Ivy Falls, want ook met haar nieuwe project maakt Fien Deman wonderschone muziek. De muzikante uit Gent heeft de pech dat het debuutalbum van Ivy Falls is verschenen in een van de drukste releaseweken van 2024 en ook nog eens in een week met heel veel goede albums van vrouwelijke singer-songwriters, maar ondanks flink wat albums van persoonlijke favorieten selecteerde ik Sense & Nonsense van Ivy Falls als een van de eerste albums deze week.

Het heeft alles te maken met de stem van Fien Deman, die niet alleen bijzonder mooi is, maar die ook iets met je doet. De zang op het debuutalbum van Ivy Falls klinkt direct bij eerste beluistering van het album bijzonder aangenaam, maar het is ook een stem die de songs van Ivy Falls bijzonder maakt en het is een stem die nieuwsgierig maakt naar alles wat nog komen gaat.

In vocaal opzicht kan Sense & Nonsense zich absoluut meten met de albums van mijn andere favoriete vrouwelijke singer-songwriters van het moment en dat doet het album ook met de prachtige klanken op het album. Fien Deman heeft haar songs voorzien van warme en zeer sfeervolle klanken, die prachtig kleuren bij haar zo mooie stem. De songs op Sense & Nonsense zijn voor een deel behoorlijk sober en akoestisch ingekleurd, maar de songs van Ivy Falls worden ook steeds verrijkt met wat atmosferische klanken, die de songs op het album voorzien van een wat dromerig karakter, wat ook weer prachtig past bij de prachtstem van Fien Deman.

Een deel van de instrumentatie werd overigens verzorgd door haar partner Bram Vanparys, beter bekend als The Bony King Of Nowhere, die het album ook produceerde. De combinatie van sfeervolle klanken en bijzonder fraaie zang maken van Sense & Nonsense al een bijzonder verleidelijk album, maar de songs van Ivy Falls zijn ook nog eens verrassend veelzijdig, maar wel van een consistent en bijzonder hoog niveau. De muziek van Ivy Falls schuurt af en toe tegen de indiefolk aan, maar een deel van de songs is ook voorzien van een randje pop of rock.

Zeker wanneer je het album met de koptelefoon beluistert blijf je je verbazen over alle bijzondere accenten in de muziek op het album, dwingt de fraaie productie van Bram Vanparys respect af en komt de stem van Fien Deman nog wat harder en mooier binnen. Het is zoals gezegd een drukke week in muziekland met veel nieuwe albums van muzikanten van naam en faam, maar het album van Fien Deman uit Gent zou wel eens de mooiste van het stel kunnen zijn. Erwin Zijleman

Ivy Ryann - A Nonaggressive Extreme Violation of Boundaries (2022)

poster
4,0
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Ivy Ryann - A Nonaggressive Extreme Violation Of Boundaries - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Ivy Ryann - A Nonaggressive Extreme Violation Of Boundaries
Ivy Ryann zingt op A Nonaggressive Extreme Violation Of Boundaries op indringende wijze een hoop ellende uit haar jeugd van zich af en overtuigt met een krachtige stem en een fraaie mix van roots en rock

Het valt niet mee om op te vallen binnen het enorme aanbod van het moment, maar het debuutalbum van de Amerikaanse singer-songwriter Ivy Ryann verdient wat mij betreft alle aandacht. Op A Nonaggressive Extreme Violation Of Boundaries rekent de muzikante uit Virginia af met een jeugd vol depressies in een zeer streng religieuze gemeenschap op het Amerikaanse platteland. Ivy Ryann beschikt over een zeer krachtige stem, die haar persoonlijke verhalen met hart en ziel vertolkt. Ze doet dit in songs die bestaan uit gelijke delen rock en roots en het zijn delen die keer op keer prachtig samensmelten. Het levert een uitstekend album op dat Ivy Ryann op de kaart zet als grote belofte voor de toekomst.

A Nonaggressive Extreme Violation Of Boundaries is het debuutalbum van de Amerikaanse singer-songwriter Ivy Ryann en het is een debuutalbum dat me direct bij eerste beluistering diep raakte. De muzikante uit Norfolk, Virginia, groeide op in een zeer streng religieuze gemeenschap op het platteland van Virginia en had in haar tienerjaren bovendien last van ernstige depressies. Muziek bood haar de kans om te ontsnappen aan de harde dagelijkste realiteit en muziek biedt haar nu ook een uitlaatklep om alle ervaringen uit het verleden te verwerken.

Die uitlaatklep gebruikt Ivy Ryann op zeer indrukwekkende wijze. De Amerikaanse muzikante is voorzien van een zeer krachtig stemgeluid, maar ze kan niet alleen stevig uithalen, maar ook prachtig gevoelig zingen. A Nonaggressive Extreme Violation Of Boundaries bevat een aantal zeer persoonlijke songs die zijn geïnspireerd door het verleden van Ivy Ryann, maar het is op een of andere manier geen heel melancholisch klinkend album, al komt er in de teksten de nodige ellende voorbij en zingt de muzikante uit Virginia absoluut met veel gevoel.

De zang maakt het debuutalbum van Ivy Ryann tot een zeer intens en indringend album en het was in eerste instantie de stem van de Amerikaanse muzikante die op mij de meeste indruk maakte. Het is stem die niet alleen krachtig en gevoelig is, maar die ook beschikt over een flink bereik, waardoor de songs op het debuutalbum van Ivy Ryann flink verschillend kunnen klinken.

Ivy Ryann beschikt op A Nonaggressive Extreme Violation Of Boundaries echter over veel meer sterke wapens. Het debuutalbum van de Amerikaanse muzikante is afwisselend een rockalbum en een rootsalbum en kan makkelijk schakelen tussen roots en rock. Zeker wanneer Ivy Ryann kiest voor vocalen met flink wat hard-zacht dynamiek doet A Nonaggressive Extreme Violation Of Boundaries me wel wat denken aan de muziek van Julien Baker, met wie ik ook in tekstueel opzicht wel wat raakvlakken hoor, maar het is wel Julien Baker die deels heeft gekozen voor de Amerikaanse rootsmuziek in plaats van de indierock.

De combinatie van rootsmuziek en rockmuziek zorgt voor een geluid waarmee Ivy Ryann zich wat mij betreft makkelijk weet te onderscheiden van haar collega’s binnen de rootsmuziek of juist binnen de indierock. Net als bijvoorbeeld Julien Baker en Phoebe Bridgers slaagt Ivy Ryann er song na song in om de spanning prachtig op te bouwen, wat haar songs indringender maakt dan die van haar concurrenten, waarna een flinke dosis emotie de songs van de Amerikaanse muzikante nog wat verder optilt.

De zeer gevarieerde instrumentatie en de vele kleuren van de stem van Ivy Ryann krikken het niveau van het in Nashville opgenomen A Nonaggressive Extreme Violation Of Boundaries alleen maar verder op. De combinatie van rootsmuziek en rockmuziek zou er voor kunnen zorgen dat het prachtige debuut van Ivy Ryann tussen wal en schip valt, maar ik hoop persoonlijk dat A Nonaggressive Extreme Violation Of Boundaries juist een opvallend breed publiek gaat aanspreken.

Ivy Ryann heeft een debuutalbum afgeleverd dat wat mij betreft hoort bij de beste albums van vrouwelijke singer-songwriters van het moment en A Nonaggressive Extreme Violation Of Boundaries wordt me vooralsnog alleen maar dierbaarder. Wat een belofte deze Ivy Ryann. Erwin Zijleman

Izzy Bizu - A Moment of Madness (2016)

poster
4,0
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Izzy Bizu - A Moment Of Madness - dekrentenuitdepop.blogspot.nl

Het is inmiddels al weer een jaar of drie geleden dat de Britse zangeres Izzy Bizu voor het eerst opdook.

Gezien de hoge kwaliteit van de tracks die ze tot dusver heeft uitgebracht, waren de verwachtingen met betrekking tot haar volwaardige debuut inmiddels flink hoog opgelopen, hier en daar zelfs tot onrealistische hoogten.

Het zijn verwachtingen die desondanks volledig worden ingelost met A Moment Of Madness.

Op haar debuut betovert Izzy Bizu met een smaakvolle mix van soul, neo-soul, R&B en pop. Het is een mix die door veel meer jonge zangeressen wordt geserveerd, maar Izzy Bizu doet eigenlijk alles beter dan haar leeftijds- en soortgenoten.

Dat heeft deels te maken met haar vocale capaciteiten. Izzy Bizu kan op A Moment Of Madness lekker soulvol uithalen, maar kan ook concurreren met de meest succesvolle popprinsessen of de strijd aangaan met zangeressen die grossieren in vocale hoogstandjes of stembuigingen. Waar de zangeressen in de laatste categorie wel eens irriteren door een stembuiging teveel, is de vocale acrobatiek van Izzy Bizu over het algemeen functioneel. De jonge Britse zangeres zet de lekker in het gehoor liggende tracks op haar debuut makkelijk naar haar hand met lekker soulvolle zang, maar kan haar stem ook inzetten als extra instrument.

Aan instrumenten is er overigens geen gebrek op A Moment Of Madness, want de eerste plaat van Izzy Bizu klinkt lekker vol en afwisselend. Vergeleken met de meeste platen in het genre klinkt de plaat bovendien opvallend warm en organisch.

In vocaal en muzikaal opzicht valt er dus helemaal niets te klagen en ook de productie van de plaat is van hoog niveau. Omdat A Moment Of Madness ook nog eens vol staat met prima songs, durf ik best van een ijzersterk debuut te spreken.

Izzy Bizu heeft zich naar eigen zeggen vooral laten inspireren door Amy Winehouse, Ella Fitzgerald en Marvin Gaye. Van deze namen hoor ik vooral die van Amy Winehouse terug, al is het meer de Amy Winehouse van Frank dan die van Back To Black.

In de wat meer poppy deuntjes schuurt Izzy Bizu voorzichtig tegen Adele aan, maar de naam die het vaakst bij me op komt is die van Corinne Bailey Rae. Net als Corinne Bailey Rae eerder dit jaar heeft Izzy Bizu een aangename plaat gemaakt die makkelijk schakelt tussen de verschillende soulvarianten, maar die op een of andere manier toch oorspronkelijk klinkt. Ik vind het een knappe en vooral onweerstaanbaar lekkere plaat. Erwin Zijleman