Hier kun je zien welke berichten erwinz als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Madison Cunningham - Ace (2025)

4,5
0
geplaatst: 11 oktober 2025, 10:47 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Madison Cunningham - Ace - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Madison Cunningham - Ace
Madison Cunningham maakte drie jaar geleden een onbetwist jaarlijstjesalbum, kreeg vervolgens te maken met een writer’s block en een echtscheiding, maar keert nu terug met het buitengewoon indrukwekkende Ace
Ik keek al een tijdje uit naar een nieuw album van Madison Cunningham, maar vorig jaar moesten we het doen met het overigens zeer fraaie tussendoortje met Andrew Bird. Ace, het nieuwe album van de Amerikaanse muzikante, kwam er niet zonder slag of stoot, maar wat is het een indrukwekkend album geworden. Het is een album dat flink anders klinkt dan de terecht bejubelde voorganger Revealer, maar qua schoonheid doen de twee albums niet voor elkaar onder. Het vooral met piano en strijkers ingekleurde Ace is wat melancholischer en indringer dan Revealer en biedt nog wat meer ruimte aan de intense stem van deze bijzondere Californische muzikante.
Toen ik in de herfst van 2022 voor het eerst kennis maakte met de muziek van de Amerikaanse singer-songwriter Madison Cunningham, bleek ik al een aantal jaren achter de feiten aan te lopen. De Californische muzikante had op dat moment immers al een Grammy nominatie op zak voor haar officiële debuutalbum Who Are You Now uit 2019 en had bovendien een aantal prima EP’s op haar naam staan.
Ik ken inmiddels het hele oeuvre van Madison Cunningham, maar het in 2022 verschenen Revealer vind ik met afstand het meest indrukwekkend. Het is een album dat de top 15 van mijn jaarlijstje haalde en achteraf bezien ook niet had misstaan in de top 5. Het met drie topproducers gemaakte album maakte eigenlijk in alle opzichten diepe indruk en doet dat nog steeds.
De muziek op Revealer is complex en avontuurlijk, maar staat wel in dienst van songs met een kop en een staart. Het zijn songs die zich makkelijk bewegen tussen meerdere genres, met folk, jazz en indie als belangrijkste ingrediënten. In productioneel opzicht staat het album als een huis en dan is er ook nog eens de veelzijdige stem van Madison Cunningham en haar inventieve en veelkleurige gitaarspel.
Het prachtige Revealer werd bijna precies een jaar geleden gevolgd door het samen met Andrew Bird gemaakte Cunningham Bird, een remake van de op dat moment vergeten, maar vorige maand opnieuw uitgebrachte klassieker van Lindsey Buckingham en Stevie Nicks. Deze week keert Madison Cunningham terug met een nieuw album en gezien mijn liefde voor Revealer was Ace het album waar ik het meest naar uitkeek deze week.
Madison Cunningham was de afgelopen jaren te horen op nogal wat albums van andere muzikanten, maar ze kampte ondertussen zelf met een serieuze writer’s block en bovendien met een echtscheiding. De writer’s block heeft ze inmiddels overwonnen, terwijl de echtscheiding werd gevolgd door nieuwe en wederom verloren liefdes.
Ace mag door alle liefdesperikelen best een breakup album worden genoemd en het is een album dat flink anders klinkt dan Revealer. Op Revealer domineerde de gitaar, een instrument dat Madison Cunningham al vanaf haar zevende bespeelt, maar op Ace spelen de piano en strijkers en blazers een voornamere rol. Wat nog wel vertrouwd klinkt is de bijzonder mooie stem van Madison Cunningham, die door alle emotie nog wat indringender klinkt dan op Revealer. Ace heeft door de instrumentatie en de bijzondere arrangementen vaak een jaren 70 sfeertje en raakt in een aantal tracks aan het werk van Joni Mitchell uit deze periode.
Ik had op voorhand gehoopt op een album dat verder zou gaan waar Revealer drie jaar geleden stopte, maar dat is Ace zeker niet. Buiten de stem van Madison Cunningham zijn er nauwelijks raakvlakken te ontdekken tussen beide albums, maar wat is ook het nieuwe album van Madison Cunningham weer mooi en indrukwekkend.
Het is jammer dat haar gitaar dit keer vooral in de koffer is gebleven, maar de arrangementen met piano, strijkers en blazers zijn wonderschoon en passen misschien nog wel beter bij de stem van de Amerikaanse muzikante. Ace is bovendien een album vol emotie en melancholie, dat de luisteraar niet onberoerd zal laten en dat bij mij met grote regelmaat goed is voor kippenvel. Ik heb het album al even in huis en hoe vaker ik naar Ace luister, hoe mooier, indringender en indrukwekkender het album wordt. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Review: Madison Cunningham - Ace - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Madison Cunningham - Ace
Madison Cunningham maakte drie jaar geleden een onbetwist jaarlijstjesalbum, kreeg vervolgens te maken met een writer’s block en een echtscheiding, maar keert nu terug met het buitengewoon indrukwekkende Ace
Ik keek al een tijdje uit naar een nieuw album van Madison Cunningham, maar vorig jaar moesten we het doen met het overigens zeer fraaie tussendoortje met Andrew Bird. Ace, het nieuwe album van de Amerikaanse muzikante, kwam er niet zonder slag of stoot, maar wat is het een indrukwekkend album geworden. Het is een album dat flink anders klinkt dan de terecht bejubelde voorganger Revealer, maar qua schoonheid doen de twee albums niet voor elkaar onder. Het vooral met piano en strijkers ingekleurde Ace is wat melancholischer en indringer dan Revealer en biedt nog wat meer ruimte aan de intense stem van deze bijzondere Californische muzikante.
Toen ik in de herfst van 2022 voor het eerst kennis maakte met de muziek van de Amerikaanse singer-songwriter Madison Cunningham, bleek ik al een aantal jaren achter de feiten aan te lopen. De Californische muzikante had op dat moment immers al een Grammy nominatie op zak voor haar officiële debuutalbum Who Are You Now uit 2019 en had bovendien een aantal prima EP’s op haar naam staan.
Ik ken inmiddels het hele oeuvre van Madison Cunningham, maar het in 2022 verschenen Revealer vind ik met afstand het meest indrukwekkend. Het is een album dat de top 15 van mijn jaarlijstje haalde en achteraf bezien ook niet had misstaan in de top 5. Het met drie topproducers gemaakte album maakte eigenlijk in alle opzichten diepe indruk en doet dat nog steeds.
De muziek op Revealer is complex en avontuurlijk, maar staat wel in dienst van songs met een kop en een staart. Het zijn songs die zich makkelijk bewegen tussen meerdere genres, met folk, jazz en indie als belangrijkste ingrediënten. In productioneel opzicht staat het album als een huis en dan is er ook nog eens de veelzijdige stem van Madison Cunningham en haar inventieve en veelkleurige gitaarspel.
Het prachtige Revealer werd bijna precies een jaar geleden gevolgd door het samen met Andrew Bird gemaakte Cunningham Bird, een remake van de op dat moment vergeten, maar vorige maand opnieuw uitgebrachte klassieker van Lindsey Buckingham en Stevie Nicks. Deze week keert Madison Cunningham terug met een nieuw album en gezien mijn liefde voor Revealer was Ace het album waar ik het meest naar uitkeek deze week.
Madison Cunningham was de afgelopen jaren te horen op nogal wat albums van andere muzikanten, maar ze kampte ondertussen zelf met een serieuze writer’s block en bovendien met een echtscheiding. De writer’s block heeft ze inmiddels overwonnen, terwijl de echtscheiding werd gevolgd door nieuwe en wederom verloren liefdes.
Ace mag door alle liefdesperikelen best een breakup album worden genoemd en het is een album dat flink anders klinkt dan Revealer. Op Revealer domineerde de gitaar, een instrument dat Madison Cunningham al vanaf haar zevende bespeelt, maar op Ace spelen de piano en strijkers en blazers een voornamere rol. Wat nog wel vertrouwd klinkt is de bijzonder mooie stem van Madison Cunningham, die door alle emotie nog wat indringender klinkt dan op Revealer. Ace heeft door de instrumentatie en de bijzondere arrangementen vaak een jaren 70 sfeertje en raakt in een aantal tracks aan het werk van Joni Mitchell uit deze periode.
Ik had op voorhand gehoopt op een album dat verder zou gaan waar Revealer drie jaar geleden stopte, maar dat is Ace zeker niet. Buiten de stem van Madison Cunningham zijn er nauwelijks raakvlakken te ontdekken tussen beide albums, maar wat is ook het nieuwe album van Madison Cunningham weer mooi en indrukwekkend.
Het is jammer dat haar gitaar dit keer vooral in de koffer is gebleven, maar de arrangementen met piano, strijkers en blazers zijn wonderschoon en passen misschien nog wel beter bij de stem van de Amerikaanse muzikante. Ace is bovendien een album vol emotie en melancholie, dat de luisteraar niet onberoerd zal laten en dat bij mij met grote regelmaat goed is voor kippenvel. Ik heb het album al even in huis en hoe vaker ik naar Ace luister, hoe mooier, indringender en indrukwekkender het album wordt. Erwin Zijleman
Madison Cunningham - Revealer (2022)

4,5
2
geplaatst: 10 september 2022, 10:59 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Madison Cunningham - Revealer - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Madison Cunningham - Revealer
De Amerikaanse muzikante Madison Cunningham levert met Revealer een razendknap en wonderschoon album af, dat zowel in muzikaal als vocaal opzicht de fantasie eindeloos prikkelt met bijzonder spannende songs
Ik had tot voor kort nog nooit van Madison Cunningham gehoord, maar sinds mijn eerste beluistering van haar nieuwe album Revealer, acht ik de kans dat ze hoog gaat opduiken in mijn jaarlijstje in december levensgroot. De Amerikaanse muzikante beschikt over een prachtige stem en is een getalenteerd gitarist en songwriter. Samen met heel wat topmuzikanten en gerenommeerde producers, heeft ze een album gemaakt dat nooit voor de makkelijkste weg kiest, maar desondanks moeiteloos verleidt. De avontuurlijke songs van Madison Cunningham verbazen en verwonderen, maar klinken ook nog eens bijzonder aangenaam en Revealer wordt alleen maar mooier als je het album vaker hoort. Indrukwekkend.
Ik kwam de naam van Madison Cunningham pas een week of drie geleden voor het eerst tegen door haar fraaie bijdrage aan het album Vol. II van Watkins Family Hour. Het betekent dat ik drie jaar geleden niet goed heb opgelet, want toen sleepte de Amerikaanse muzikante al een Grammy nominatie in de wacht voor haar in dat jaar verschenen album Who Are You Now. Het was het tweede album van Madison Cunningham, die in 2014 in eigen beheer het album Authenticity uitbracht en de afgelopen jaren bovendien tekende voor twee stevig bewierookte EP’s, waarvan de laatste ook goed was voor een Grammy nominatie.
Dat ik dit allemaal gemist heb begrijp ik, alleen al vanwege mijn liefde voor vrouwelijke singer-songwriters, echt niet, al zal het met de drukte in het genre te maken kunnen hebben, maar dankzij het album van Watkins Family Hour heb ik het deze week verschenen Revealer gelukkig wel opgepikt. Het is een album dat niet veel tijd nodig heeft om de luisteraar te overtuigen van de muzikale kwaliteiten van de muzikante die werd geboren in Costa Mesa, California, en via Los Angeles in San Diego is terecht gekomen. Madison Cunningham laat immers direct vanaf de eerste noten een bijzonder geluid horen.
Revealer opent zowel in muzikaal, vocaal als compositorisch opzicht behoorlijk complex. De wat jazzy aandoende instrumentatie zit vol bijzondere ritmes en fascinerend gitaarspel en ook de zang van de Amerikaanse muzikante is zeker niet rechttoe rechtaan. Madison Cunningham tekent op Revealer voor songs die lekker in het gehoor liggen, maar het zijn ook songs vol verrassende wendingen die de fantasie stevig prikkelen. Het zijn songs met flink wat invloeden uit de folk en pop, maar ook invloeden uit de rock, jazz en psychedelica hebben hun weg gevonden naar het album.
Dankzij de inzet van maar liefst drie topproducers, Tyler Chester, Mike Elizondo en Tucker Martine, komt het allemaal prachtig uit de speakers en zeker bij beluistering met een goede koptelefoon is Revealer een lust voor het oor. Bovengenoemde producers hebben ook bijgedragen aan de muzikale inkleuring van de songs van Madison Cunningham, die verder wordt bijgestaan door een heel legioen aan gastmuzikanten, onder wie topdrummer Matt Chamberlain.
Het zorgt voor een vol en betrekkelijk bont ingekleurd album, waarin hier en daar flink wat strijkers opduiken, maar waarin het unieke en vaak wat stekelige gitaarspel van Madison Cunningham meestal de hoofdrol opeist. Het past allemaal prachtig bij de bijzonder mooie en heldere stem van de Amerikaanse muzikante, die meestal zacht en dromerig, maar ook expressief en emotievol zingt. Revealer klinkt hier en daar als een album dat Fiona Apple gemaakt zou kunnen hebben, ook al is de stem van Madison Cunningham geen moment te vergelijken met de stem van de eigenzinnige Fiona Apple.
Door de bijzondere klanken op het album, de veelzijdige zang en de vaak wat complexe songstructuren, is Revealer een album dat je vaker moet horen voor je er goed over kunt oordelen, al was ik direct bij eerste beluistering diep onder de indruk van het nieuwe album van Madison Cunningham. Het is zoals gezegd mijn eerste kennismaking met haar muziek, maar het is er een die is aangekomen als de spreekwoordelijke mokerslag. Wat een waanzinnig mooi en goed album. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Madison Cunningham - Revealer - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Madison Cunningham - Revealer
De Amerikaanse muzikante Madison Cunningham levert met Revealer een razendknap en wonderschoon album af, dat zowel in muzikaal als vocaal opzicht de fantasie eindeloos prikkelt met bijzonder spannende songs
Ik had tot voor kort nog nooit van Madison Cunningham gehoord, maar sinds mijn eerste beluistering van haar nieuwe album Revealer, acht ik de kans dat ze hoog gaat opduiken in mijn jaarlijstje in december levensgroot. De Amerikaanse muzikante beschikt over een prachtige stem en is een getalenteerd gitarist en songwriter. Samen met heel wat topmuzikanten en gerenommeerde producers, heeft ze een album gemaakt dat nooit voor de makkelijkste weg kiest, maar desondanks moeiteloos verleidt. De avontuurlijke songs van Madison Cunningham verbazen en verwonderen, maar klinken ook nog eens bijzonder aangenaam en Revealer wordt alleen maar mooier als je het album vaker hoort. Indrukwekkend.
Ik kwam de naam van Madison Cunningham pas een week of drie geleden voor het eerst tegen door haar fraaie bijdrage aan het album Vol. II van Watkins Family Hour. Het betekent dat ik drie jaar geleden niet goed heb opgelet, want toen sleepte de Amerikaanse muzikante al een Grammy nominatie in de wacht voor haar in dat jaar verschenen album Who Are You Now. Het was het tweede album van Madison Cunningham, die in 2014 in eigen beheer het album Authenticity uitbracht en de afgelopen jaren bovendien tekende voor twee stevig bewierookte EP’s, waarvan de laatste ook goed was voor een Grammy nominatie.
Dat ik dit allemaal gemist heb begrijp ik, alleen al vanwege mijn liefde voor vrouwelijke singer-songwriters, echt niet, al zal het met de drukte in het genre te maken kunnen hebben, maar dankzij het album van Watkins Family Hour heb ik het deze week verschenen Revealer gelukkig wel opgepikt. Het is een album dat niet veel tijd nodig heeft om de luisteraar te overtuigen van de muzikale kwaliteiten van de muzikante die werd geboren in Costa Mesa, California, en via Los Angeles in San Diego is terecht gekomen. Madison Cunningham laat immers direct vanaf de eerste noten een bijzonder geluid horen.
Revealer opent zowel in muzikaal, vocaal als compositorisch opzicht behoorlijk complex. De wat jazzy aandoende instrumentatie zit vol bijzondere ritmes en fascinerend gitaarspel en ook de zang van de Amerikaanse muzikante is zeker niet rechttoe rechtaan. Madison Cunningham tekent op Revealer voor songs die lekker in het gehoor liggen, maar het zijn ook songs vol verrassende wendingen die de fantasie stevig prikkelen. Het zijn songs met flink wat invloeden uit de folk en pop, maar ook invloeden uit de rock, jazz en psychedelica hebben hun weg gevonden naar het album.
Dankzij de inzet van maar liefst drie topproducers, Tyler Chester, Mike Elizondo en Tucker Martine, komt het allemaal prachtig uit de speakers en zeker bij beluistering met een goede koptelefoon is Revealer een lust voor het oor. Bovengenoemde producers hebben ook bijgedragen aan de muzikale inkleuring van de songs van Madison Cunningham, die verder wordt bijgestaan door een heel legioen aan gastmuzikanten, onder wie topdrummer Matt Chamberlain.
Het zorgt voor een vol en betrekkelijk bont ingekleurd album, waarin hier en daar flink wat strijkers opduiken, maar waarin het unieke en vaak wat stekelige gitaarspel van Madison Cunningham meestal de hoofdrol opeist. Het past allemaal prachtig bij de bijzonder mooie en heldere stem van de Amerikaanse muzikante, die meestal zacht en dromerig, maar ook expressief en emotievol zingt. Revealer klinkt hier en daar als een album dat Fiona Apple gemaakt zou kunnen hebben, ook al is de stem van Madison Cunningham geen moment te vergelijken met de stem van de eigenzinnige Fiona Apple.
Door de bijzondere klanken op het album, de veelzijdige zang en de vaak wat complexe songstructuren, is Revealer een album dat je vaker moet horen voor je er goed over kunt oordelen, al was ik direct bij eerste beluistering diep onder de indruk van het nieuwe album van Madison Cunningham. Het is zoals gezegd mijn eerste kennismaking met haar muziek, maar het is er een die is aangekomen als de spreekwoordelijke mokerslag. Wat een waanzinnig mooi en goed album. Erwin Zijleman
Madison McFerrin - I Hope You Can Forgive Me (2023)

3,5
0
geplaatst: 17 mei 2023, 20:30 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Madison McFerrin - I Hope You Can Forgive Me - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Madison McFerrin - I Hope You Can Forgive Me
Madison McFerrin laat op haar debuutalbum I Hope You Can Forgive Me horen dat ze de muzikale genen van haar vader Bobby heeft meegekregen en durft te experimenteren met de muzikale bagage
Iedereen die op zoek is naar een lekker dromerig en zwoel R&B album voor de kleine uurtjes is bij Madison McFerrin aan het juiste adres. De muzikante uit Brooklyn maakt echter zeker geen doorsnee R&B maar durft te experimenteren met invloeden uit zowel het heden als het verleden. In muzikaal opzicht is I Hope You Can Forgive Me spannender dan het gemiddelde R&B album en ook in vocaal opzicht kan Madison McFerrin de concurrentie aan. Het levert een even aangenaam als spannend album op met invloeden uit de R&B, soul en jazz, maar als je luistert naar I Hope You Can Forgive Me heb je ook het idee dat de jonge Amerikaanse muzikante nog veel beter kan.
Madison McFerrin, die deze week debuteert met I Hope You Can Forgive Me, is de dochter van de Amerikaanse muzikant Bobby McFerrin. Ik ken haar vader eigenlijk alleen van de hitsingle Don’t Worry Be Happy, maar van Madison McFerrin ken ik inmiddels een heel album en dat is een verrassend goed album, zeker voor een debuutalbum.
Madison McFerrin kreeg de muziek thuis met de paplepel ingegoten en al die muziek heeft een plek gekregen op I Hope You Can Forgive Me. Het is een album dat vooral het etiket R&B opgeplakt zal krijgen, maar het debuutalbum van Madison McFerrin is zeker geen dertien in een dozijn R&B album. De muzikante uit Brooklyn, New York, vermengt invloeden uit de hedendaagse R&B met de invloeden uit met name de soul en jazz die ze tijdens haar jeugd oppikte.
Madison McFerrin noemt zichzelf op haar bandcamp pagina ‘a fiercely independent artist’, wat onder andere betekent dat ze bij het opnemen van haar debuutalbum zoveel mogelijk zelf heeft gedaan. De Amerikaanse muzikante schreef de songs op het album, tekent voor de vocalen, nam het grootste deel van de productie voor haar rekening en was ook nog eens verantwoordelijk voor een belangrijk deel van de instrumentatie. Dat is knap en het wordt nog wat knapper als je het eindresultaat hoort.
I Hope You Can Forgive Me bevat lekker lome en dromerige R&B songs en het zijn R&B songs die interessanter zijn dan het merendeel van de muziek die wordt gemaakt in het genre. De songs van Madison McFerrin zijn complexer dan gebruikelijk en vallen op door het gebruik van bijzondere ritmes en vooral door eigenzinnige songstructuren. Ondanks het buiten de lijntjes kleuren klinkt het album echter net zo aangenaam als de toegankelijkere R&B albums van het lome soort.
Naast de springerige ritmes valt vooral het gebruik van elektronica op, wat de songs van Madison McFerrin voorziet van een bijzonder geluid. Het is een geluid dat fraai combineert met haar stem, die net als de songs en de instrumentatie in positieve zin opvalt. Het is een stem met meerdere klankkleuren en het is bovendien een stem die, zeker wanneer de zang in meerdere lagen is opgenomen, wordt ingezet als instrument, een trucje dat Madison McFerrin heeft afgekeken van haar vader, die er met Don’t Worry Be Happy een wereldhit mee scoorde.
Om te kunnen genieten van I Hope You Can Forgive Me is enige liefde voor R&B een vereiste, maar dat zou in de toekomst wel eens kunnen veranderen, want het album laat horen dat Madison McFerrin meerdere kanten op kan. Ik hou op zijn tijd wel van R&B en vind het debuutalbum van de jonge McFerrin telg een aangenaam en interessant album. Het is een album dat bol staat van de belofte, maar ik heb het idee dat Madison McFerrin nog veel beter kan, bijvoorbeeld wanneer ze kiest voor een soulvoller of jazzier repertoire of opschuift richting de R&B zangeressen die de grenzen van het genre nog nadrukkelijker opzoeken.
Zeker wat later op de avond vult Madison McFerrin met I Hope You Can Forgive de ruimte op bijzonder aangename maar ook avontuurlijke wijze en verleiden haar songs bijzonder makkelijk. Ik heb eigenlijk maar één ding aan te merken op het debuutalbum van Madison McFerrin en dat is dat het album met maar net iets meer dan 26 minuten echt veel te kort is. Dat kan volgende keer beter. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Madison McFerrin - I Hope You Can Forgive Me - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Madison McFerrin - I Hope You Can Forgive Me
Madison McFerrin laat op haar debuutalbum I Hope You Can Forgive Me horen dat ze de muzikale genen van haar vader Bobby heeft meegekregen en durft te experimenteren met de muzikale bagage
Iedereen die op zoek is naar een lekker dromerig en zwoel R&B album voor de kleine uurtjes is bij Madison McFerrin aan het juiste adres. De muzikante uit Brooklyn maakt echter zeker geen doorsnee R&B maar durft te experimenteren met invloeden uit zowel het heden als het verleden. In muzikaal opzicht is I Hope You Can Forgive Me spannender dan het gemiddelde R&B album en ook in vocaal opzicht kan Madison McFerrin de concurrentie aan. Het levert een even aangenaam als spannend album op met invloeden uit de R&B, soul en jazz, maar als je luistert naar I Hope You Can Forgive Me heb je ook het idee dat de jonge Amerikaanse muzikante nog veel beter kan.
Madison McFerrin, die deze week debuteert met I Hope You Can Forgive Me, is de dochter van de Amerikaanse muzikant Bobby McFerrin. Ik ken haar vader eigenlijk alleen van de hitsingle Don’t Worry Be Happy, maar van Madison McFerrin ken ik inmiddels een heel album en dat is een verrassend goed album, zeker voor een debuutalbum.
Madison McFerrin kreeg de muziek thuis met de paplepel ingegoten en al die muziek heeft een plek gekregen op I Hope You Can Forgive Me. Het is een album dat vooral het etiket R&B opgeplakt zal krijgen, maar het debuutalbum van Madison McFerrin is zeker geen dertien in een dozijn R&B album. De muzikante uit Brooklyn, New York, vermengt invloeden uit de hedendaagse R&B met de invloeden uit met name de soul en jazz die ze tijdens haar jeugd oppikte.
Madison McFerrin noemt zichzelf op haar bandcamp pagina ‘a fiercely independent artist’, wat onder andere betekent dat ze bij het opnemen van haar debuutalbum zoveel mogelijk zelf heeft gedaan. De Amerikaanse muzikante schreef de songs op het album, tekent voor de vocalen, nam het grootste deel van de productie voor haar rekening en was ook nog eens verantwoordelijk voor een belangrijk deel van de instrumentatie. Dat is knap en het wordt nog wat knapper als je het eindresultaat hoort.
I Hope You Can Forgive Me bevat lekker lome en dromerige R&B songs en het zijn R&B songs die interessanter zijn dan het merendeel van de muziek die wordt gemaakt in het genre. De songs van Madison McFerrin zijn complexer dan gebruikelijk en vallen op door het gebruik van bijzondere ritmes en vooral door eigenzinnige songstructuren. Ondanks het buiten de lijntjes kleuren klinkt het album echter net zo aangenaam als de toegankelijkere R&B albums van het lome soort.
Naast de springerige ritmes valt vooral het gebruik van elektronica op, wat de songs van Madison McFerrin voorziet van een bijzonder geluid. Het is een geluid dat fraai combineert met haar stem, die net als de songs en de instrumentatie in positieve zin opvalt. Het is een stem met meerdere klankkleuren en het is bovendien een stem die, zeker wanneer de zang in meerdere lagen is opgenomen, wordt ingezet als instrument, een trucje dat Madison McFerrin heeft afgekeken van haar vader, die er met Don’t Worry Be Happy een wereldhit mee scoorde.
Om te kunnen genieten van I Hope You Can Forgive Me is enige liefde voor R&B een vereiste, maar dat zou in de toekomst wel eens kunnen veranderen, want het album laat horen dat Madison McFerrin meerdere kanten op kan. Ik hou op zijn tijd wel van R&B en vind het debuutalbum van de jonge McFerrin telg een aangenaam en interessant album. Het is een album dat bol staat van de belofte, maar ik heb het idee dat Madison McFerrin nog veel beter kan, bijvoorbeeld wanneer ze kiest voor een soulvoller of jazzier repertoire of opschuift richting de R&B zangeressen die de grenzen van het genre nog nadrukkelijker opzoeken.
Zeker wat later op de avond vult Madison McFerrin met I Hope You Can Forgive de ruimte op bijzonder aangename maar ook avontuurlijke wijze en verleiden haar songs bijzonder makkelijk. Ik heb eigenlijk maar één ding aan te merken op het debuutalbum van Madison McFerrin en dat is dat het album met maar net iets meer dan 26 minuten echt veel te kort is. Dat kan volgende keer beter. Erwin Zijleman
Madness - Can't Touch Us Now (2016)

4,0
1
geplaatst: 17 november 2016, 17:02 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Madness - Can't Touch Us Now - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Madness was voor mij heel lang de band van One Step Beyond, Night Boat To Cairo, Baggy Trousers, Embarrassment en nog wat hits die bijna iedereen mee kan zingen en die klussen in huis tot een draaglijke of zelfs aangename bezigheid maken (ik heb er recent nog met veel plezier een plafond bij gewit).
Met The Liberty Of Norton Folgate maakte de Britse band in 2009 echter een werkelijk geweldige plaat en sindsdien neem ik Madness heel serieus.
Dat vertrouwen werd met het in 2012 verschenen Oui Oui, Si Si, Ja Ja, Da Da niet beschaamd en ook het onlangs verschenen Can’t Touch Us Now vind ik weer een prima plaat.
Ook de nieuwe plaat van Madness is weer niet zo goed als het briljante The Liberty Of Norton Folgate, maar ook op Can’t Touch Us Now laat Madness weer horen dat het haar feestmuziek uit de jonge jaren heeft getransformeerd tot een geluid dat moet worden geschaard onder de smaakmakers uit de Britse popmuziek van de afgelopen decennia.
Madness klinkt inmiddels flink anders dan haar debuut uit 1979 en heeft de invloeden uit de ska voor een deel afgezworen. Toch hoor je na een paar noten van Can’t Touch Us Now dat je met Madness te maken hebt en dat is knap. Ook op haar nieuwe plaat maakt Madness muziek waarvan je vrolijk wordt en die stil zitten lastig maakt, maar het is ook muziek met inhoud.
Zeker wanneer Madness invloeden uit de ska toelaat in haar muziek is Can’t Touch Us Now goed voor een feestje, maar de andere tracks op de plaat zijn misschien nog wel interessanter. Het zijn tracks waarin Madness aansluit bij meerdere muzikanten die de Britse muziekgeschiedenis kleur hebben gegeven, maar waarin de band uit Londen ook vasthoudt aan haar vertrouwde geluid, dat vooral door de vocalen van Graham "Suggs" McPherson, maar ook door de pianoklanken en saxofoon uithalen uit duizenden herkenbaar is.
Ik geef eerlijk toe dat ik na de eerste beluistering van de nieuwe plaat het al weer zeven jaar oude The Liberty Of Norton Folgate weer eens uit de kast heb getrokken, maar na een zwakke start verdwijnt Can’t Touch Us Now inmiddels steeds vaker in de cd speler en geniet ik van de aangename songs, die het soms moeten hebben van zoete verleiding maar ook wel eens dieper graven, en van de mooie verhalen die Madness vertelt.
De rol van Madness leek na een aantal vette jaren halverwege de jaren 80 uitgespeeld, maar de band houdt zich sindsdien op knappe wijze staande en maakt platen van een niveau waarvan het in haar beginjaren waarschijnlijk alleen maar kon dromen. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Madness - Can't Touch Us Now - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Madness was voor mij heel lang de band van One Step Beyond, Night Boat To Cairo, Baggy Trousers, Embarrassment en nog wat hits die bijna iedereen mee kan zingen en die klussen in huis tot een draaglijke of zelfs aangename bezigheid maken (ik heb er recent nog met veel plezier een plafond bij gewit).
Met The Liberty Of Norton Folgate maakte de Britse band in 2009 echter een werkelijk geweldige plaat en sindsdien neem ik Madness heel serieus.
Dat vertrouwen werd met het in 2012 verschenen Oui Oui, Si Si, Ja Ja, Da Da niet beschaamd en ook het onlangs verschenen Can’t Touch Us Now vind ik weer een prima plaat.
Ook de nieuwe plaat van Madness is weer niet zo goed als het briljante The Liberty Of Norton Folgate, maar ook op Can’t Touch Us Now laat Madness weer horen dat het haar feestmuziek uit de jonge jaren heeft getransformeerd tot een geluid dat moet worden geschaard onder de smaakmakers uit de Britse popmuziek van de afgelopen decennia.
Madness klinkt inmiddels flink anders dan haar debuut uit 1979 en heeft de invloeden uit de ska voor een deel afgezworen. Toch hoor je na een paar noten van Can’t Touch Us Now dat je met Madness te maken hebt en dat is knap. Ook op haar nieuwe plaat maakt Madness muziek waarvan je vrolijk wordt en die stil zitten lastig maakt, maar het is ook muziek met inhoud.
Zeker wanneer Madness invloeden uit de ska toelaat in haar muziek is Can’t Touch Us Now goed voor een feestje, maar de andere tracks op de plaat zijn misschien nog wel interessanter. Het zijn tracks waarin Madness aansluit bij meerdere muzikanten die de Britse muziekgeschiedenis kleur hebben gegeven, maar waarin de band uit Londen ook vasthoudt aan haar vertrouwde geluid, dat vooral door de vocalen van Graham "Suggs" McPherson, maar ook door de pianoklanken en saxofoon uithalen uit duizenden herkenbaar is.
Ik geef eerlijk toe dat ik na de eerste beluistering van de nieuwe plaat het al weer zeven jaar oude The Liberty Of Norton Folgate weer eens uit de kast heb getrokken, maar na een zwakke start verdwijnt Can’t Touch Us Now inmiddels steeds vaker in de cd speler en geniet ik van de aangename songs, die het soms moeten hebben van zoete verleiding maar ook wel eens dieper graven, en van de mooie verhalen die Madness vertelt.
De rol van Madness leek na een aantal vette jaren halverwege de jaren 80 uitgespeeld, maar de band houdt zich sindsdien op knappe wijze staande en maakt platen van een niveau waarvan het in haar beginjaren waarschijnlijk alleen maar kon dromen. Erwin Zijleman
Madness - Theatre of the Absurd Presents C'Est la Vie (2023)

4,0
1
geplaatst: 21 november 2023, 15:55 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Madness - Theatre Of The Absurd Presents C'est La Vie - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Madness - Theatre Of The Absurd Presents C'est La Vie
Bij Madness denkt vrijwel iedereen aan dat briljante rijtje singles uit de late jaren 70 en vroege jaren 80, maar de band kan veel meer, wat goed is te horen op het verrassend veelzijdige en echt ijzersterke nieuwe album
Het is een tijdje stil geweest rond Madness, maar de Britse band is terug met een nieuw album en bijna een uur muziek. De band sloeg in 2009 nieuwe wegen in op het geweldige The Liberty Of Norton Folgate en trekt de lijn van dit album door op Theatre Of The Absurd Presents C'est La Vie, dat zijn twee voorgangers overtreft. Op het nieuwe album van de band uit Londen hoor je hier en daar flarden van het oude Madness geluid en de nodige echo’s uit een aantal decennia Britse popmuziek, maar Theatre Of The Absurd Presents C'est La Vie is ook een fris klinkend album, dat laat horen dat de Britse band, die inmiddels zes decennia actief is, nog altijd prima albums in zich heeft.
De Britse band Madness was voor mij tot 2009 een synoniem voor een serie compleet onweerstaanbare hitsingles met vooral invloeden uit de ska. One Step Beyond, Night Boat To Cairo, Embarrassment, Baggy Trousers, My House. Het zijn allemaal songs die aan het eind van de jaren 70 en het begin van de jaren 80 in je hoofd zijn terecht gekomen en die je er echt nooit meer uit gaat krijgen. Madness bleef vervolgens albums maken, al werden de tussenpauzes wel wat langer en werden de songs van de band uit Londen een stuk minder memorabel.
In 2009 veranderde mijn beeld van Madness compleet, want met The Liberty Of Norton Folgate leverde de band een geweldig album af. Het is een album dat op een of andere manier onmiskenbaar klonk als Madness, maar het is ook een album vol geweldige popsongs en een album met veel meer invloeden dan de ska die de band in haar beginjaren zo stevig omarmde. Oui Oui Si Si Ja Ja Da Da uit 2012 en Can't Touch Us Now uit 2016 waren misschien niet zo goed als The Liberty Of Norton Folgate, maar konden de concurrentie met de albums die Madness na haar gloriejaren maakte makkelijk aan.
De afgelopen jaren was het redelijk stil rond Madness, al stond de band nog wel met enige regelmaat en met veel succes op het podium. Deze week keert de Britse band terug met Theatre Of The Absurd Presents C'est La Vie en het is een behoorlijk ambitieus album geworden. Dat heeft deels te maken met de speelduur van bijna een uur, maar opvallender is het grote aantal invloeden dat Madness verwerkt op haar nieuwe album. De boos koos er voor het eerst voor om een album zelf te produceren en pakt hier en daar flink uit met een bij vlagen rijk georkestreerd geluid en een bonte mix aan genres.
Theatre Of The Absurd Presents C'est La Vie doet, veel meer dan zijn twee voorgangers, denken aan het briljante The Liberty Of Norton Folgate en doet niet heel veel onder voor dit album. Het knappe van het nieuwe album van de Britse band, die nog altijd een zeer respectabel aantal leden van het eerste uur in de gelederen heeft, is dat het direct klinkt als Madness, maar in muzikaal opzicht veel rijker is dan het originele geluid van de band.
De songs op Theatre Of The Absurd Presents C'est La Vie bevatten hier en daar nog wel een vleugje ska en zijn in een aantal gevallen aanstekelijk te noemen, maar ze graven dieper dan de singles op de eerste albums van de Britse band. De herinneringen uit het verleden worden vooral gevoed door de saxofoonuithalen, het zo karakteristieke pianospel en de herkenbare stem van Suggs, maar de rijke orkestraties voegen een nieuwe dimensie toe aan het geluid van Madness.
Theatre Of The Absurd Presents C'est La Vie bevat maar liefst twintig tracks en lijkt dankzij de gesproken woord intermezzo’s een conceptalbum. Het album bevat een aantal wat theatrale passages, maar de direct memorabele popsongs domineren op het album. Het is razend knap hoe Madness op haar twaalfde studioalbum stevig citeert uit meerdere decennia Britse popmuziek, maar op hetzelfde moment klinkt als zichzelf. Het levert wat mij betreft een van de betere en na The Liberty Of Norton Folgate misschien zelfs wel het beste Madness album tot dusver af, wat een ongelooflijk knappe prestatie is voor een band die inmiddels al ruim 47 (!) jaar bestaat. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Madness - Theatre Of The Absurd Presents C'est La Vie - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Madness - Theatre Of The Absurd Presents C'est La Vie
Bij Madness denkt vrijwel iedereen aan dat briljante rijtje singles uit de late jaren 70 en vroege jaren 80, maar de band kan veel meer, wat goed is te horen op het verrassend veelzijdige en echt ijzersterke nieuwe album
Het is een tijdje stil geweest rond Madness, maar de Britse band is terug met een nieuw album en bijna een uur muziek. De band sloeg in 2009 nieuwe wegen in op het geweldige The Liberty Of Norton Folgate en trekt de lijn van dit album door op Theatre Of The Absurd Presents C'est La Vie, dat zijn twee voorgangers overtreft. Op het nieuwe album van de band uit Londen hoor je hier en daar flarden van het oude Madness geluid en de nodige echo’s uit een aantal decennia Britse popmuziek, maar Theatre Of The Absurd Presents C'est La Vie is ook een fris klinkend album, dat laat horen dat de Britse band, die inmiddels zes decennia actief is, nog altijd prima albums in zich heeft.
De Britse band Madness was voor mij tot 2009 een synoniem voor een serie compleet onweerstaanbare hitsingles met vooral invloeden uit de ska. One Step Beyond, Night Boat To Cairo, Embarrassment, Baggy Trousers, My House. Het zijn allemaal songs die aan het eind van de jaren 70 en het begin van de jaren 80 in je hoofd zijn terecht gekomen en die je er echt nooit meer uit gaat krijgen. Madness bleef vervolgens albums maken, al werden de tussenpauzes wel wat langer en werden de songs van de band uit Londen een stuk minder memorabel.
In 2009 veranderde mijn beeld van Madness compleet, want met The Liberty Of Norton Folgate leverde de band een geweldig album af. Het is een album dat op een of andere manier onmiskenbaar klonk als Madness, maar het is ook een album vol geweldige popsongs en een album met veel meer invloeden dan de ska die de band in haar beginjaren zo stevig omarmde. Oui Oui Si Si Ja Ja Da Da uit 2012 en Can't Touch Us Now uit 2016 waren misschien niet zo goed als The Liberty Of Norton Folgate, maar konden de concurrentie met de albums die Madness na haar gloriejaren maakte makkelijk aan.
De afgelopen jaren was het redelijk stil rond Madness, al stond de band nog wel met enige regelmaat en met veel succes op het podium. Deze week keert de Britse band terug met Theatre Of The Absurd Presents C'est La Vie en het is een behoorlijk ambitieus album geworden. Dat heeft deels te maken met de speelduur van bijna een uur, maar opvallender is het grote aantal invloeden dat Madness verwerkt op haar nieuwe album. De boos koos er voor het eerst voor om een album zelf te produceren en pakt hier en daar flink uit met een bij vlagen rijk georkestreerd geluid en een bonte mix aan genres.
Theatre Of The Absurd Presents C'est La Vie doet, veel meer dan zijn twee voorgangers, denken aan het briljante The Liberty Of Norton Folgate en doet niet heel veel onder voor dit album. Het knappe van het nieuwe album van de Britse band, die nog altijd een zeer respectabel aantal leden van het eerste uur in de gelederen heeft, is dat het direct klinkt als Madness, maar in muzikaal opzicht veel rijker is dan het originele geluid van de band.
De songs op Theatre Of The Absurd Presents C'est La Vie bevatten hier en daar nog wel een vleugje ska en zijn in een aantal gevallen aanstekelijk te noemen, maar ze graven dieper dan de singles op de eerste albums van de Britse band. De herinneringen uit het verleden worden vooral gevoed door de saxofoonuithalen, het zo karakteristieke pianospel en de herkenbare stem van Suggs, maar de rijke orkestraties voegen een nieuwe dimensie toe aan het geluid van Madness.
Theatre Of The Absurd Presents C'est La Vie bevat maar liefst twintig tracks en lijkt dankzij de gesproken woord intermezzo’s een conceptalbum. Het album bevat een aantal wat theatrale passages, maar de direct memorabele popsongs domineren op het album. Het is razend knap hoe Madness op haar twaalfde studioalbum stevig citeert uit meerdere decennia Britse popmuziek, maar op hetzelfde moment klinkt als zichzelf. Het levert wat mij betreft een van de betere en na The Liberty Of Norton Folgate misschien zelfs wel het beste Madness album tot dusver af, wat een ongelooflijk knappe prestatie is voor een band die inmiddels al ruim 47 (!) jaar bestaat. Erwin Zijleman
Madrugada - Chimes at Midnight (2022)

4,0
1
geplaatst: 1 februari 2022, 15:49 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Madrugada - Chimes At Midnight - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Madrugada - Chimes At Midnight
Met de dood van gitarist Robert Burås viel in 2007 het doek voor Madrugada, maar veertien jaar na haar zwanenzang keert de Noorse band terug met een sfeervol album dat vooral een kans verdient
Lange tijd leek het er op dat de Noorse band Madrugada zou blijven steken bij vijf albums, maar deze week verscheen album nummer zes. Madrugada moet het uiteraard doen zonder de in 2007 overleden Robert Burås en sinds de meesterwerken van de band zijn inmiddels twintig lange jaren verstreken. Logisch dus dat Chimes At Midnight anders klinkt dan de eerste albums van de band, maar het album valt zeker niet tegen. Het klinkt allemaal wat minder intens en urgent dan in het verleden en ook een stuk grootser en toegankelijker, maar er zijn voldoende flarden Madrugada uit het verleden en Sivert Høyem blijft een groot zanger. Een geslaagde comeback wat mij betreft.
Bij de naam Madrugada denk ik in eerste instantie aan prachtige albums als Industrial Silence uit 1999, The Nightly Disease uit 2001 en The Deep End uit 2005. Ik denk minstens even vaak aan de zeer memorabele concerten uit dezelfde periode. Met Grit maakte de Noorse band in 2002 een wat minder album en het oeuvre van Madrugada werd in 2008 compleet gemaakt met een titelloos album.
Dat laatste album leek lange tijd de zwanenzang van de Noorse band, die met dit album de in 2007 plotseling overleden gitarist Robert Burås eerde. Zanger Sivert Høyem begon vervolgens aan een solocarrière, die uitstekend begon, maar me uiteindelijk steeds minder kon boeien, ondanks de fantastische stem van de Noorse muzikant.
Madrugada kwam in 2018 weer bij elkaar voor een serie concerten en levert nu het niet meer verwachte zesde album af. Een terugkeer na meer dan tien jaar afwezigheid is altijd al lastig, maar terugkeren zonder een muzikant die flinke invloed had op het geluid van de band is nog veel lastiger. Madrugada zonder Robert Burås is een beetje als de Rolling Stones zonder Keith Richards, maar dat is nog geen reden om Madrugada 2.0 op voorhand af te wijzen.
Ik heb me direct bij eerste beluistering voorgenomen om het deze week verschenen Chimes At Midnight niet onmiddellijk te vergelijken met de hierboven genoemde albums van de Noorse band en dat helpt. Chimes At Midnight is immers een prima album, maar een flink ander album dan het genoemde drietal uit het inmiddels verre verleden.
Op haar nieuwe album klinkt Madrugada wat minder donker en vooral wat minder intens dan in het verleden. De muzikanten zijn allemaal twintig jaar ouder en dat gaat wat ten koste van de ruwe energie in de muziek van de band. Is dat erg? Nee, wat mij betreft niet. Ik hoor bij de laatste albums van Nick Cave ook niemand klagen dat het een stuk minder rauw klinkt dan op de albums die hij maakte met The Birthday Party maakte en zo is het ook een beetje bij Madrugada.
Chimes At Midnight bevat nog flink wat flarden van het oude Madrugada geluid, maar het klinkt allemaal ook wat braver en gezapiger, al vind ik zelf de woorden toegankelijker en sfeervoller persoonlijk meer op zijn plaats. Hier en daar vind ik het allemaal net wat te gepolijst, maar ik hoor ook altijd wel wat moois.
Sivert Høyem is en blijft een groot zanger en ook op Chimes At Midnight is hij weer meerdere keren goed voor kippenvel. Ook in muzikaal opzicht valt er veel te genieten op het nieuwe album van Madrugada. De ruwe randjes ontbreken wat, zeker als het geluid van de band wat te zwaar georkestreerd is, maar er kan ook altijd zomaar een gitaarsolo doorheen scheuren en zelfs als het glazuur bijna van je tanden springt is er bijna altijd die majestueuze stem van Sivert Høyem, die dwars door de ziel snijdt.
Chimes At Midnight is zeker niet zo goed als de meesterwerken die de band in haar jonge jaren afleverde, maar is veel beter dan je had kunnen verwachten van een band die in 2007 door het noodlot werd getroffen en de afgelopen veertien jaar geen albums meer uitbracht. Chimes At Midnight bevat bijna een uur muziek en dat is net wat teveel, maar wanneer je de wat mindere tracks even vergeet, blijft er een prima album van 45 minuten over. Ik moet zeggen dat ik er heel blij mee ben. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Madrugada - Chimes At Midnight - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Madrugada - Chimes At Midnight
Met de dood van gitarist Robert Burås viel in 2007 het doek voor Madrugada, maar veertien jaar na haar zwanenzang keert de Noorse band terug met een sfeervol album dat vooral een kans verdient
Lange tijd leek het er op dat de Noorse band Madrugada zou blijven steken bij vijf albums, maar deze week verscheen album nummer zes. Madrugada moet het uiteraard doen zonder de in 2007 overleden Robert Burås en sinds de meesterwerken van de band zijn inmiddels twintig lange jaren verstreken. Logisch dus dat Chimes At Midnight anders klinkt dan de eerste albums van de band, maar het album valt zeker niet tegen. Het klinkt allemaal wat minder intens en urgent dan in het verleden en ook een stuk grootser en toegankelijker, maar er zijn voldoende flarden Madrugada uit het verleden en Sivert Høyem blijft een groot zanger. Een geslaagde comeback wat mij betreft.
Bij de naam Madrugada denk ik in eerste instantie aan prachtige albums als Industrial Silence uit 1999, The Nightly Disease uit 2001 en The Deep End uit 2005. Ik denk minstens even vaak aan de zeer memorabele concerten uit dezelfde periode. Met Grit maakte de Noorse band in 2002 een wat minder album en het oeuvre van Madrugada werd in 2008 compleet gemaakt met een titelloos album.
Dat laatste album leek lange tijd de zwanenzang van de Noorse band, die met dit album de in 2007 plotseling overleden gitarist Robert Burås eerde. Zanger Sivert Høyem begon vervolgens aan een solocarrière, die uitstekend begon, maar me uiteindelijk steeds minder kon boeien, ondanks de fantastische stem van de Noorse muzikant.
Madrugada kwam in 2018 weer bij elkaar voor een serie concerten en levert nu het niet meer verwachte zesde album af. Een terugkeer na meer dan tien jaar afwezigheid is altijd al lastig, maar terugkeren zonder een muzikant die flinke invloed had op het geluid van de band is nog veel lastiger. Madrugada zonder Robert Burås is een beetje als de Rolling Stones zonder Keith Richards, maar dat is nog geen reden om Madrugada 2.0 op voorhand af te wijzen.
Ik heb me direct bij eerste beluistering voorgenomen om het deze week verschenen Chimes At Midnight niet onmiddellijk te vergelijken met de hierboven genoemde albums van de Noorse band en dat helpt. Chimes At Midnight is immers een prima album, maar een flink ander album dan het genoemde drietal uit het inmiddels verre verleden.
Op haar nieuwe album klinkt Madrugada wat minder donker en vooral wat minder intens dan in het verleden. De muzikanten zijn allemaal twintig jaar ouder en dat gaat wat ten koste van de ruwe energie in de muziek van de band. Is dat erg? Nee, wat mij betreft niet. Ik hoor bij de laatste albums van Nick Cave ook niemand klagen dat het een stuk minder rauw klinkt dan op de albums die hij maakte met The Birthday Party maakte en zo is het ook een beetje bij Madrugada.
Chimes At Midnight bevat nog flink wat flarden van het oude Madrugada geluid, maar het klinkt allemaal ook wat braver en gezapiger, al vind ik zelf de woorden toegankelijker en sfeervoller persoonlijk meer op zijn plaats. Hier en daar vind ik het allemaal net wat te gepolijst, maar ik hoor ook altijd wel wat moois.
Sivert Høyem is en blijft een groot zanger en ook op Chimes At Midnight is hij weer meerdere keren goed voor kippenvel. Ook in muzikaal opzicht valt er veel te genieten op het nieuwe album van Madrugada. De ruwe randjes ontbreken wat, zeker als het geluid van de band wat te zwaar georkestreerd is, maar er kan ook altijd zomaar een gitaarsolo doorheen scheuren en zelfs als het glazuur bijna van je tanden springt is er bijna altijd die majestueuze stem van Sivert Høyem, die dwars door de ziel snijdt.
Chimes At Midnight is zeker niet zo goed als de meesterwerken die de band in haar jonge jaren afleverde, maar is veel beter dan je had kunnen verwachten van een band die in 2007 door het noodlot werd getroffen en de afgelopen veertien jaar geen albums meer uitbracht. Chimes At Midnight bevat bijna een uur muziek en dat is net wat teveel, maar wanneer je de wat mindere tracks even vergeet, blijft er een prima album van 45 minuten over. Ik moet zeggen dat ik er heel blij mee ben. Erwin Zijleman
Mae Powell - Making Room for the Light (2025)

4,0
0
geplaatst: 20 augustus 2025, 21:16 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Mae Powell - Make Room For The Light - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Mae Powell - Make Room For The Light
Luister naar de muziek van de Amerikaanse muzikante Mae Powell en de zon begint bijna vanzelf te schijnen, maar de songs, de muziek en de zang op Making Room For The Light ademen ook kwaliteit
Het tweede album van de Californische muzikante Mae Powell is vooralsnog niet overladen met aandacht. Dat is jammer, want Make Room For The Light heeft veel te bieden. Zo is het een ideale soundtrack voor een mooie zomerdag, maar Mae Powell beschikt ook over een soepele en bijzonder aangenaam klinkende stem, schrijft interessante songs en heeft deze zeer smaakvol ingekleurd. Make Room For The Light bevat bovendien een fraaie combinatie van stijlen en klinkt zowel eigentijds als tijdloos. De songs van Mae Powell dringen zich direct aangenaam op, maar het zijn ook songs die beter worden wanneer je ze vaker hoort. Echt een aanrader dus dit album.
De muziek van Mae Powell wordt hier en daar in het hokje jazz geduwd. Dat verklaart misschien waarom ik haar vorige album, het in 2021 uitgebrachte Both Ways Brighter, heb laten liggen en in eerste instantie ook geen rekening had gehouden met het deze week verschenen Making Room For The Light.
De muziek van Mae Powell bevat misschien wel wat ingrediënten uit de jazzmuziek, maar na beluistering van haar nieuwe album zou ik persoonlijk toch niet snel het etiket jazz op Making Room For The Light plakken. De muzikante uit San Francisco maakt op haar tweede album muziek die goed past in het hokje singer-songwriter pop. Als ik genres moet toevoegen aan de songs van Mae Powell denk ik in eerste instantie aan soul, maar in de zang hoor ik ook wel wat jazzy accenten, vooruit.
De Amerikaanse muzikante beschikt over een mooie en soepele stem, die geschoold klinkt. Voor vocaal vuurwerk en een flink arsenaal aan stembuigingen ben je bij Mae Powell echter (gelukkig) niet aan het juiste adres. De zang op Making Room For The Light is redelijk ingehouden, maar wel heel smaakvol en trefzeker. De stem van Mae Powell houdt de aandacht makkelijk vast en voegt bovendien iets bijzonders toe aan haar songs.
Wat voor de zang op het album geldt, geldt ook voor de muziek. De muziek op Making Room For The Light is net als de zang redelijk ingetogen, maar ook in muzikaal opzicht is het tweede album van Mae Powell zeer smaakvol en sfeervol. Making Room For The Light is een album dat doet uitzien naar een lange nazomer, want de meeste songs van de Californische muzikante zijn loom, dromerig en broeierig.
Het zijn songs met flink wat invloeden uit de soul en hier en daar een vleugje jazz, maar Mae Powell verwerkt ook invloeden uit de country en de pop. Het levert songs op die hier en daar wat retro klinken, al is tijdloos misschien een beter woord. De songs op Making Room For The Light klinken immers ook als songs van deze tijd.
Het zijn songs die bijna schreeuwen om luieren op lange zomerse dagen, maar de songs van Mae Powell hebben in kwalitatief opzicht veel te bieden. Er is hoorbaar heel veel zorg besteed aan de muziek op en de productie van het album, waarvoor David Parry van de Canadese band Loving tekent.
Het klinkt allemaal zeer aangenaam, maar de muziek op het album verdient aandachtige beluistering met oor voor details, zoals voor de prachtig soulvolle gitaarlijnen. Ook de zang van Mae Powell is van een bovengemiddeld niveau. Ze zingt zo soepel dat het allemaal makkelijk klinkt, maar iedere noot is raak en de verscheidenheid van de zang is verrassend groot. Het levert een album op dat het uitstekend doet op de laatste echte zomerdagen van 2025, maar wie weet wacht er nog een “Indian summer” op ons.
Ik denk dat ik vast niet de enige ben die zich deze week heeft laten afschrikken door het label jazz op het tweede album van Mae Powell en dat is jammer. Making Room For The Light is een warm en gloedvol singer-songwriter album dat ik niet graag had gemist. Het is een album met een voor mij acceptabele hoeveelheid jazz, maar vooral veel ander moois. Ik lees hier en daar ook mooie woorden over het ook door mij gemiste debuutalbum van de Amerikaanse muzikante, maar album nummer twee is wat mij betreft nog een stuk interessanter. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Review: Mae Powell - Make Room For The Light - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Mae Powell - Make Room For The Light
Luister naar de muziek van de Amerikaanse muzikante Mae Powell en de zon begint bijna vanzelf te schijnen, maar de songs, de muziek en de zang op Making Room For The Light ademen ook kwaliteit
Het tweede album van de Californische muzikante Mae Powell is vooralsnog niet overladen met aandacht. Dat is jammer, want Make Room For The Light heeft veel te bieden. Zo is het een ideale soundtrack voor een mooie zomerdag, maar Mae Powell beschikt ook over een soepele en bijzonder aangenaam klinkende stem, schrijft interessante songs en heeft deze zeer smaakvol ingekleurd. Make Room For The Light bevat bovendien een fraaie combinatie van stijlen en klinkt zowel eigentijds als tijdloos. De songs van Mae Powell dringen zich direct aangenaam op, maar het zijn ook songs die beter worden wanneer je ze vaker hoort. Echt een aanrader dus dit album.
De muziek van Mae Powell wordt hier en daar in het hokje jazz geduwd. Dat verklaart misschien waarom ik haar vorige album, het in 2021 uitgebrachte Both Ways Brighter, heb laten liggen en in eerste instantie ook geen rekening had gehouden met het deze week verschenen Making Room For The Light.
De muziek van Mae Powell bevat misschien wel wat ingrediënten uit de jazzmuziek, maar na beluistering van haar nieuwe album zou ik persoonlijk toch niet snel het etiket jazz op Making Room For The Light plakken. De muzikante uit San Francisco maakt op haar tweede album muziek die goed past in het hokje singer-songwriter pop. Als ik genres moet toevoegen aan de songs van Mae Powell denk ik in eerste instantie aan soul, maar in de zang hoor ik ook wel wat jazzy accenten, vooruit.
De Amerikaanse muzikante beschikt over een mooie en soepele stem, die geschoold klinkt. Voor vocaal vuurwerk en een flink arsenaal aan stembuigingen ben je bij Mae Powell echter (gelukkig) niet aan het juiste adres. De zang op Making Room For The Light is redelijk ingehouden, maar wel heel smaakvol en trefzeker. De stem van Mae Powell houdt de aandacht makkelijk vast en voegt bovendien iets bijzonders toe aan haar songs.
Wat voor de zang op het album geldt, geldt ook voor de muziek. De muziek op Making Room For The Light is net als de zang redelijk ingetogen, maar ook in muzikaal opzicht is het tweede album van Mae Powell zeer smaakvol en sfeervol. Making Room For The Light is een album dat doet uitzien naar een lange nazomer, want de meeste songs van de Californische muzikante zijn loom, dromerig en broeierig.
Het zijn songs met flink wat invloeden uit de soul en hier en daar een vleugje jazz, maar Mae Powell verwerkt ook invloeden uit de country en de pop. Het levert songs op die hier en daar wat retro klinken, al is tijdloos misschien een beter woord. De songs op Making Room For The Light klinken immers ook als songs van deze tijd.
Het zijn songs die bijna schreeuwen om luieren op lange zomerse dagen, maar de songs van Mae Powell hebben in kwalitatief opzicht veel te bieden. Er is hoorbaar heel veel zorg besteed aan de muziek op en de productie van het album, waarvoor David Parry van de Canadese band Loving tekent.
Het klinkt allemaal zeer aangenaam, maar de muziek op het album verdient aandachtige beluistering met oor voor details, zoals voor de prachtig soulvolle gitaarlijnen. Ook de zang van Mae Powell is van een bovengemiddeld niveau. Ze zingt zo soepel dat het allemaal makkelijk klinkt, maar iedere noot is raak en de verscheidenheid van de zang is verrassend groot. Het levert een album op dat het uitstekend doet op de laatste echte zomerdagen van 2025, maar wie weet wacht er nog een “Indian summer” op ons.
Ik denk dat ik vast niet de enige ben die zich deze week heeft laten afschrikken door het label jazz op het tweede album van Mae Powell en dat is jammer. Making Room For The Light is een warm en gloedvol singer-songwriter album dat ik niet graag had gemist. Het is een album met een voor mij acceptabele hoeveelheid jazz, maar vooral veel ander moois. Ik lees hier en daar ook mooie woorden over het ook door mij gemiste debuutalbum van de Amerikaanse muzikante, maar album nummer twee is wat mij betreft nog een stuk interessanter. Erwin Zijleman
Magda Novels - Vol. 1 Shadow Work (2025)

4,0
0
geplaatst: 20 november 2025, 20:33 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Magda Novels - Vol. 1 Shadow Work - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Magda Novels - Vol. 1 Shadow Work
Een groot deel van de Amerikaanse rootsmuziek van het moment wordt gemaakt in Nashville, maar dat er ook ver hierbuiten prima rootsmuziek wordt gemaakt laat de Zweedse muzikante Magda Novels horen op haar prima debuutalbum
Ik ben al een aantal maanden warm gemaakt voor de muziek van de Zweedse muzikante Magda Novels, maar deze week is haar debuutalbum Vol. 1 Shadow dan eindelijk verschenen. Het is een album waar ik even aan moest wennen, want de muziek van Magda Novels klinkt anders dan het gemiddelde rootsalbum. Dat spreekt uiteindelijk alleen maar in het voordeel van Vol. 1 Shadow Work, dat bij herhaalde beluistering een steeds leuker en aangenamer album wordt. Magda Novels zal een hele strijd moeten voeren om in de Verenigde Staten voet aan de grond te krijgen, maar haar veelbelovende debuutalbum verdient absoluut de aandacht van liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek.
Het aanbod binnen de Amerikaanse rootsmuziek is momenteel zo groot dat je als startend muzikant in het genre extreem veel talent moet hebben of heel veel geluk. Het helpt bovendien als je uit Nashville komt, want de Amerikaanse muziekhoofdstad in Tennessee heeft nog altijd een streepje voor wanneer het gaat om Amerikaanse rootsmuziek.
Magda Novels komt niet uit Nashville, maar heeft het geluk dat haar muziek op een goede manier wordt gepromoot, waardoor je in ieder geval als Nederlandse liefhebber van het genre nauwelijks kunt ontsnappen aan haar deze week verschenen debuutalbum Vol. 1 Shadow Work. Vervolgens hoor je vrij snel dat het ook met haar talent wel goed zit.
Magda Novels is het alter ego van de Zweedse muzikante Magda Andersson, die al een aantal jaren deel uitmaakt van een maar liefst 29-koppige (!) Zweedse folkpunk band. Op haar debuutalbum als solomuzikant laat ze horen dat ze zich ook in haar eentje makkelijk staande kan houden en de muziek op Vol. 1 Shadow Work bevalt me persoonlijk een stuk beter dan de muziek van de band Ye Banished Privateers.
Ik had het eerder over Amerikaanse rootsmuziek en dat is een hokje waarin het debuutalbum van Magda Novels uitstekend past. De verwerkte invloeden, de muziek en de zang sluiten goed aan bij wat gebruikelijk is in het genre, waardoor Vol. 1 Shadow Work makkelijk in de smaak zal vallen bij liefhebbers van het genre. Op hetzelfde moment klinkt het debuutalbum van Magda Novels duidelijk anders dan de albums die momenteel in Nashville worden gemaakt.
Het is niet eens zo makkelijk om te duiden waar dit aan ligt. In eerste instantie dacht ik dat het vooral lag aan de licht Zweedse tongval van Magda Andersson. Het geeft haar muziek, net als die van bijvoorbeeld Sophie Zelmani, iets eigenzinnigs, ook al is de Zweedse tongval op Vol. 1 Shadow Work zeer subtiel.
Misschien ligt het wel meer aan de stem van de Zweedse muzikante, die anders klinkt dan haar collega’s in de countrypop of de wat traditioneler aandoende countrymuziek. De stem van Magda Andersson heeft iets ruws en doorleefds, maar ook iets eigenzinnigs, wat haar debuutalbum een eigen karakter geeft. Bij eerste beluistering twijfelde ik nog of ik de stem van de muzikante uit het Zweedse Umeå mooi vond of niet. Het is nog altijd een stem die af en toe wat tegen de haren instrijkt, maar Vol. 1 Shadow Work heeft me in vocaal opzicht inmiddels wel degelijk overtuigd.
Ook de muzikale variëteit onderscheidt Vol. 1 Shadow Work van het gemiddelde rootsalbum. Magda Novels schakelt makkelijk tussen de verschillende subgenres en kleurt haar songs steeds net wat anders in, wat een veelzijdig en veelkleurig album oplevert. Het is een album met een bijzondere sfeer, die een Scandinavisch tintje toevoegt aan de muziek van Magda Novels. Het is het Scandinavische tintje dat ook de albums van Sophie Zelmani zo onweerstaanbaar maakt, al beweegt die zich in net wat andere genres dan Magda Novels.
Omdat het ook met de kwaliteit van de songs goed zit op Vol. 1Shadow Work heeft Magda Novels wat mij betreft een album gemaakt dat mee kan met alles dat in Nashville wordt gemaakt. Nashville zal de Zweedse muzikante niet zomaar veroveren, maar laten we eens beginnen bij Nederland. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Review: Magda Novels - Vol. 1 Shadow Work - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Magda Novels - Vol. 1 Shadow Work
Een groot deel van de Amerikaanse rootsmuziek van het moment wordt gemaakt in Nashville, maar dat er ook ver hierbuiten prima rootsmuziek wordt gemaakt laat de Zweedse muzikante Magda Novels horen op haar prima debuutalbum
Ik ben al een aantal maanden warm gemaakt voor de muziek van de Zweedse muzikante Magda Novels, maar deze week is haar debuutalbum Vol. 1 Shadow dan eindelijk verschenen. Het is een album waar ik even aan moest wennen, want de muziek van Magda Novels klinkt anders dan het gemiddelde rootsalbum. Dat spreekt uiteindelijk alleen maar in het voordeel van Vol. 1 Shadow Work, dat bij herhaalde beluistering een steeds leuker en aangenamer album wordt. Magda Novels zal een hele strijd moeten voeren om in de Verenigde Staten voet aan de grond te krijgen, maar haar veelbelovende debuutalbum verdient absoluut de aandacht van liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek.
Het aanbod binnen de Amerikaanse rootsmuziek is momenteel zo groot dat je als startend muzikant in het genre extreem veel talent moet hebben of heel veel geluk. Het helpt bovendien als je uit Nashville komt, want de Amerikaanse muziekhoofdstad in Tennessee heeft nog altijd een streepje voor wanneer het gaat om Amerikaanse rootsmuziek.
Magda Novels komt niet uit Nashville, maar heeft het geluk dat haar muziek op een goede manier wordt gepromoot, waardoor je in ieder geval als Nederlandse liefhebber van het genre nauwelijks kunt ontsnappen aan haar deze week verschenen debuutalbum Vol. 1 Shadow Work. Vervolgens hoor je vrij snel dat het ook met haar talent wel goed zit.
Magda Novels is het alter ego van de Zweedse muzikante Magda Andersson, die al een aantal jaren deel uitmaakt van een maar liefst 29-koppige (!) Zweedse folkpunk band. Op haar debuutalbum als solomuzikant laat ze horen dat ze zich ook in haar eentje makkelijk staande kan houden en de muziek op Vol. 1 Shadow Work bevalt me persoonlijk een stuk beter dan de muziek van de band Ye Banished Privateers.
Ik had het eerder over Amerikaanse rootsmuziek en dat is een hokje waarin het debuutalbum van Magda Novels uitstekend past. De verwerkte invloeden, de muziek en de zang sluiten goed aan bij wat gebruikelijk is in het genre, waardoor Vol. 1 Shadow Work makkelijk in de smaak zal vallen bij liefhebbers van het genre. Op hetzelfde moment klinkt het debuutalbum van Magda Novels duidelijk anders dan de albums die momenteel in Nashville worden gemaakt.
Het is niet eens zo makkelijk om te duiden waar dit aan ligt. In eerste instantie dacht ik dat het vooral lag aan de licht Zweedse tongval van Magda Andersson. Het geeft haar muziek, net als die van bijvoorbeeld Sophie Zelmani, iets eigenzinnigs, ook al is de Zweedse tongval op Vol. 1 Shadow Work zeer subtiel.
Misschien ligt het wel meer aan de stem van de Zweedse muzikante, die anders klinkt dan haar collega’s in de countrypop of de wat traditioneler aandoende countrymuziek. De stem van Magda Andersson heeft iets ruws en doorleefds, maar ook iets eigenzinnigs, wat haar debuutalbum een eigen karakter geeft. Bij eerste beluistering twijfelde ik nog of ik de stem van de muzikante uit het Zweedse Umeå mooi vond of niet. Het is nog altijd een stem die af en toe wat tegen de haren instrijkt, maar Vol. 1 Shadow Work heeft me in vocaal opzicht inmiddels wel degelijk overtuigd.
Ook de muzikale variëteit onderscheidt Vol. 1 Shadow Work van het gemiddelde rootsalbum. Magda Novels schakelt makkelijk tussen de verschillende subgenres en kleurt haar songs steeds net wat anders in, wat een veelzijdig en veelkleurig album oplevert. Het is een album met een bijzondere sfeer, die een Scandinavisch tintje toevoegt aan de muziek van Magda Novels. Het is het Scandinavische tintje dat ook de albums van Sophie Zelmani zo onweerstaanbaar maakt, al beweegt die zich in net wat andere genres dan Magda Novels.
Omdat het ook met de kwaliteit van de songs goed zit op Vol. 1Shadow Work heeft Magda Novels wat mij betreft een album gemaakt dat mee kan met alles dat in Nashville wordt gemaakt. Nashville zal de Zweedse muzikante niet zomaar veroveren, maar laten we eens beginnen bij Nederland. Erwin Zijleman
Magdalena Bay - Imaginal Disk (2024)

4,5
3
geplaatst: 9 januari 2025, 15:32 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Magdalena Bay - Imaginal Disk - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Magdalena Bay - Imaginal Disk
Magdalena Bay scoorde de afgelopen weken hoog in heel veel jaarlijstjes en dat is volkomen terecht, want Mica Tenenbaum en Matt Lewin hebben een rijk en veelkleurig popalbum vol geweldige songs gemaakt
Ik ging er vorig jaar van uit dat Imaginal Disk van Magdalena Bay niet in mijn muzikale straatje zou passen, wat werd bevestigd bij snelle beluistering van het album. Ik had veel beter moeten luisteren, want het duo uit Los Angeles heeft een briljant popalbum gemaakt. In muzikaal en productioneel opzicht is alles uit de kast getrokken, maar de muziek van Magdalena Bay is net zo makkelijk een muur van geluid als een verzameling prachtige details. Het combineert allemaal prachtig met de stem van Mica Tenenbaum. Het is een stem waar je van moet houden, maar als je eenmaal bent verleidt door de zang, de muziek en de songs is de verleiding van Magdalena Bay meedogenloos.
Imaginal Disk van het Amerikaanse duo Magdalena Bay was de afgelopen weken te vinden in verrassend veel jaarlijstjes, waaronder een aantal zeer aansprekende jaarlijstjes. Het vorige album van Mica Tenenbaum en Matt Lewin, het in 2021 verschenen Mercurial World, deed het ook al heel erg goed bij de critici, maar sprak mij bij vluchtige beluistering destijds niet direct aan.
Ook Imaginal Disk liet ik afgelopen zomer liggen, overigens zonder er heel goed naar geluisterd te hebben. Ik heb over het algemeen wat minder met het soort elektronische popmuziek dat Magdalena Bay maakt, of het soort popmuziek dat ik had verwacht van het duo uit Los Angeles. Nu ik het album wat vaker heb beluisterd begrijp ik wel dat de critici zo enthousiast zijn over Magdalena Bay, dat inmiddels ook een flinke schare fans aan zich heeft weten te binden.
Ik ben overigens begonnen bij Mercurial World en dat is zo’n album waar ik meestal geen zin in heb, maar dat heel af en toe het juiste album op het juiste moment is. Het is lekker dromerig album waarop zwoele stem van Mica Tenenbaum zorgt voor de meeste verleiding. Het is een wat meisjesachtige stem, die goed tot zijn recht komt in het elektronische geluid op het album.
Het is een geluid dat wordt bepaald door elektronica, maar het geluid van Magdalena Bay heeft op Mercurial World ook een organische en funky vibe, met hier en daar een hoog jaren 80 gehalte. Het vorig jaar verschenen Imaginal Disk vind ik persoonlijk het betere album van de twee.
Ook op het meest recente album van het duo uit Los Angeles speelt de verleidelijke sten van Mica Tenenbaum een zeer prominente rol, maar het klinkt net wat minder hijgerig dan op het vorige album van Magdalena Bay. Ook in muzikaal opzicht vind ik Imaginal Disk een beter album. Het is een album dat echt alle kanten op schiet en varieert tussen voorzichtig experimentele passages en hopeloos aanstekelijke pop.
Matt Lewin heeft alles uit de kast getrokken in de instrumentatie en productie van het album en heeft het geluid van Magdalena Bay flink vol gestopt, maar het klinkt wat mij betreft nergens overdadig. Imaginal Disk klinkt als het album dat Madonna in de jaren 80 had kunnen maken wanneer ze over de technologie van deze tijd had kunnen beschikken, maar Mica Tenenbaum en Matt Lewin sluiten net zo makkelijk aan bij de popmuziek uit het verleden, wat terug gaat tot de jaren 70, als bij de popmuziek van deze tijd.
In eerste instantie was ik vooral aan het luisteren naar alle lagen in het bijzondere geluid van Magdalena Bay, maar na een tijdje raakte ik ook steeds meer onder de indruk van de kwaliteit van de songs. Imaginal Disk doet me wel wat denken aan het album van Caroline Polachek, die twee jaar geleden zo stevig scoorde met het briljante Desire, I Want To Turn Into You, maar het album van Magdalena Bay is zeker niet minder.
Vijftien tracks en ruim vijftig minuten lang verpletteren Mica Tenenbaum en Matt Lewin je met muziek waar je alleen maar heel gelukkig van kunt worden, met popsongs waar je vanzelf zielsveel van gaat houden en dan is er ook nog eens de stem van Mica Tenenbaum, die op het eerste gehoor misschien wat kinderachtig klinkt, maar uiteindelijk steeds meedogenlozer verleidt. Zomaar laten lopen vorig jaar, maar wat is dit goed. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Review: Magdalena Bay - Imaginal Disk - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Magdalena Bay - Imaginal Disk
Magdalena Bay scoorde de afgelopen weken hoog in heel veel jaarlijstjes en dat is volkomen terecht, want Mica Tenenbaum en Matt Lewin hebben een rijk en veelkleurig popalbum vol geweldige songs gemaakt
Ik ging er vorig jaar van uit dat Imaginal Disk van Magdalena Bay niet in mijn muzikale straatje zou passen, wat werd bevestigd bij snelle beluistering van het album. Ik had veel beter moeten luisteren, want het duo uit Los Angeles heeft een briljant popalbum gemaakt. In muzikaal en productioneel opzicht is alles uit de kast getrokken, maar de muziek van Magdalena Bay is net zo makkelijk een muur van geluid als een verzameling prachtige details. Het combineert allemaal prachtig met de stem van Mica Tenenbaum. Het is een stem waar je van moet houden, maar als je eenmaal bent verleidt door de zang, de muziek en de songs is de verleiding van Magdalena Bay meedogenloos.
Imaginal Disk van het Amerikaanse duo Magdalena Bay was de afgelopen weken te vinden in verrassend veel jaarlijstjes, waaronder een aantal zeer aansprekende jaarlijstjes. Het vorige album van Mica Tenenbaum en Matt Lewin, het in 2021 verschenen Mercurial World, deed het ook al heel erg goed bij de critici, maar sprak mij bij vluchtige beluistering destijds niet direct aan.
Ook Imaginal Disk liet ik afgelopen zomer liggen, overigens zonder er heel goed naar geluisterd te hebben. Ik heb over het algemeen wat minder met het soort elektronische popmuziek dat Magdalena Bay maakt, of het soort popmuziek dat ik had verwacht van het duo uit Los Angeles. Nu ik het album wat vaker heb beluisterd begrijp ik wel dat de critici zo enthousiast zijn over Magdalena Bay, dat inmiddels ook een flinke schare fans aan zich heeft weten te binden.
Ik ben overigens begonnen bij Mercurial World en dat is zo’n album waar ik meestal geen zin in heb, maar dat heel af en toe het juiste album op het juiste moment is. Het is lekker dromerig album waarop zwoele stem van Mica Tenenbaum zorgt voor de meeste verleiding. Het is een wat meisjesachtige stem, die goed tot zijn recht komt in het elektronische geluid op het album.
Het is een geluid dat wordt bepaald door elektronica, maar het geluid van Magdalena Bay heeft op Mercurial World ook een organische en funky vibe, met hier en daar een hoog jaren 80 gehalte. Het vorig jaar verschenen Imaginal Disk vind ik persoonlijk het betere album van de twee.
Ook op het meest recente album van het duo uit Los Angeles speelt de verleidelijke sten van Mica Tenenbaum een zeer prominente rol, maar het klinkt net wat minder hijgerig dan op het vorige album van Magdalena Bay. Ook in muzikaal opzicht vind ik Imaginal Disk een beter album. Het is een album dat echt alle kanten op schiet en varieert tussen voorzichtig experimentele passages en hopeloos aanstekelijke pop.
Matt Lewin heeft alles uit de kast getrokken in de instrumentatie en productie van het album en heeft het geluid van Magdalena Bay flink vol gestopt, maar het klinkt wat mij betreft nergens overdadig. Imaginal Disk klinkt als het album dat Madonna in de jaren 80 had kunnen maken wanneer ze over de technologie van deze tijd had kunnen beschikken, maar Mica Tenenbaum en Matt Lewin sluiten net zo makkelijk aan bij de popmuziek uit het verleden, wat terug gaat tot de jaren 70, als bij de popmuziek van deze tijd.
In eerste instantie was ik vooral aan het luisteren naar alle lagen in het bijzondere geluid van Magdalena Bay, maar na een tijdje raakte ik ook steeds meer onder de indruk van de kwaliteit van de songs. Imaginal Disk doet me wel wat denken aan het album van Caroline Polachek, die twee jaar geleden zo stevig scoorde met het briljante Desire, I Want To Turn Into You, maar het album van Magdalena Bay is zeker niet minder.
Vijftien tracks en ruim vijftig minuten lang verpletteren Mica Tenenbaum en Matt Lewin je met muziek waar je alleen maar heel gelukkig van kunt worden, met popsongs waar je vanzelf zielsveel van gaat houden en dan is er ook nog eens de stem van Mica Tenenbaum, die op het eerste gehoor misschien wat kinderachtig klinkt, maar uiteindelijk steeds meedogenlozer verleidt. Zomaar laten lopen vorig jaar, maar wat is dit goed. Erwin Zijleman
Maggie Antone - Rhinestoned (2024)

4,0
0
geplaatst: 28 augustus 2024, 15:15 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Maggie Antone - Rhinestoned - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Maggie Antone - Rhinestoned
Maggie Antone is de zoveelste jonge muzikante die debuteert met een countryalbum dit jaar, maar het net wat traditioneler klinkende Rhinestoned weet flink op te vallen, al is het maar door de mooie en bijzondere zang
Rhinestoned van Maggie Antone klinkt vaak als een countryalbum dat ook in de jaren 70 gemaakt had kunnen worden, maar de muzikante uit Nashville verwerkt ook op subtiele wijze invloeden uit het heden in haar songs. Het zijn songs die worden opgetild door een aantal ervaren krachten uit Nashville en door een mooi warm klinkend rootsgeluid, maar de ster van Rhinestoned is Maggie Antone zelf. De jonge Amerikaanse singer-songwriter klinkt verrassend doorleefd en maakt indruk met een fraaie snik in haar stem. Ik ben de laatste tijd bedolven onder interessante nieuwe albums in het hokje Amerikaanse rootsmuziek, maar dit is absoluut een memorabel album.
Liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek worden dit jaar flink verwend, want wekelijks verschijnen er meerdere interessante albums in het genre, waarbij zowel aan de liefhebbers van traditionele Amerikaanse rootsmuziek als aan de liefhebbers van modernere varianten wordt gedacht. Het deze week verschenen debuutalbum van Maggie Antone zal waarschijnlijk vooral bij de eerste groep in de smaak vallen, al moeten liefhebbers van wat modernere Amerikaanse rootsmuziek het album zeker niet te snel afschrijven.
Rhinestoned volgt op een eind 2022 verschenen minialbum, dat destijds nauwelijks werd opgemerkt, maar dat wat mij betreft wel de belofte van Maggie Antone liet horen. Het komt er wat mij betreft uit op Rhinestoned, dat een volgend memorabel debuutalbum binnen de Amerikaanse rootsmuziek is.
Het debuutalbum van Maggie Antone klinkt, zeker bij eerste of oppervlakkige beluistering, als een wat traditioneel aandoend countryalbum. Dat heeft vooral te maken met de stem van Maggie Antone, die een fraaie snik in haar stem heeft en zingt zoals de countryzangeressen een aantal decennia geleden dat deden. Ook de muziek op Rhinestoned zal op het eerste gehoor wat traditioneel aandoen. Het is een geluid dat wordt gedomineerd door snareninstrumenten en dat niet alleen wat traditioneel, maar ook warm aanvoelt.
Liefhebbers van wat moderner klinkende countrymuziek zullen echter enthousiast opveren bij de derde track, want Everyone But You zou, zowel door de zang als door de klanken, met een beetje fantasie ook een song van Kacey Musgraves kunnen zijn, waarna Maggie Antone een paar tracks later dicht tegen Megan Moroney aan kruipt. Het illustreert maar weer eens dat het niet verstandig is om een album te snel in een hokje te duwen. Rhinestoned is wat mij betreft een countryalbum met veel respect voor de tradities van het genre, maar het album sluit de ogen zeker niet voor invloeden uit het heden.
Maggie Antone is nog jong, maar de in Richmond, Virginia, opgegroeide muzikante is al sinds haar tienerjaren met muziek bezig. Het zorgt er voor dat haar stem verrassend volwassen klinkt en door een aangenaam rauw randje en de eerder genoemde snik is het bovendien een stem die doorleefder klinkt dan die van de meeste andere debuterende zangeressen in het genre.
De volwassenheid hoor ik ook in de songs van Maggie Antone, die stuk voor stuk aansprekend zijn en, in ieder geval bij mij, makkelijk blijven hangen. Ik heb niet heel veel informatie over de muzikanten die zijn te horen op het album, maar vermoed dat het een aantal gelouterde muzikanten uit Nashville zijn. Ik weet wel dat Maggie Antone op haar debuutalbum samenwerkt met songwriter Nathalie Hemby en met songwriter, multi-instrumentalist en producer Carrie K., die allebei goed weten hoe een goed countryalbum moet klinken.
Het pakt allemaal prachtig uit, want Rhinestoned is een album dat vrij makkelijk indruk maakt en de aandacht vervolgens makkelijk weet vast te houden. Maggie Antone levert een debuutalbum af in een periode waarin de concurrentie moordend is, maar Rhinestoned beschikt wat mij betreft over voldoende onderscheidend vermogen, al is het maar vanwege de zeer aansprekende stem van de Amerikaanse muzikante en het feit dat het album net wat meer invloeden uit de countrymuziek van een aantal decennia geleden verwerkt, zonder het heden te vergeten. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Maggie Antone - Rhinestoned - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Maggie Antone - Rhinestoned
Maggie Antone is de zoveelste jonge muzikante die debuteert met een countryalbum dit jaar, maar het net wat traditioneler klinkende Rhinestoned weet flink op te vallen, al is het maar door de mooie en bijzondere zang
Rhinestoned van Maggie Antone klinkt vaak als een countryalbum dat ook in de jaren 70 gemaakt had kunnen worden, maar de muzikante uit Nashville verwerkt ook op subtiele wijze invloeden uit het heden in haar songs. Het zijn songs die worden opgetild door een aantal ervaren krachten uit Nashville en door een mooi warm klinkend rootsgeluid, maar de ster van Rhinestoned is Maggie Antone zelf. De jonge Amerikaanse singer-songwriter klinkt verrassend doorleefd en maakt indruk met een fraaie snik in haar stem. Ik ben de laatste tijd bedolven onder interessante nieuwe albums in het hokje Amerikaanse rootsmuziek, maar dit is absoluut een memorabel album.
Liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek worden dit jaar flink verwend, want wekelijks verschijnen er meerdere interessante albums in het genre, waarbij zowel aan de liefhebbers van traditionele Amerikaanse rootsmuziek als aan de liefhebbers van modernere varianten wordt gedacht. Het deze week verschenen debuutalbum van Maggie Antone zal waarschijnlijk vooral bij de eerste groep in de smaak vallen, al moeten liefhebbers van wat modernere Amerikaanse rootsmuziek het album zeker niet te snel afschrijven.
Rhinestoned volgt op een eind 2022 verschenen minialbum, dat destijds nauwelijks werd opgemerkt, maar dat wat mij betreft wel de belofte van Maggie Antone liet horen. Het komt er wat mij betreft uit op Rhinestoned, dat een volgend memorabel debuutalbum binnen de Amerikaanse rootsmuziek is.
Het debuutalbum van Maggie Antone klinkt, zeker bij eerste of oppervlakkige beluistering, als een wat traditioneel aandoend countryalbum. Dat heeft vooral te maken met de stem van Maggie Antone, die een fraaie snik in haar stem heeft en zingt zoals de countryzangeressen een aantal decennia geleden dat deden. Ook de muziek op Rhinestoned zal op het eerste gehoor wat traditioneel aandoen. Het is een geluid dat wordt gedomineerd door snareninstrumenten en dat niet alleen wat traditioneel, maar ook warm aanvoelt.
Liefhebbers van wat moderner klinkende countrymuziek zullen echter enthousiast opveren bij de derde track, want Everyone But You zou, zowel door de zang als door de klanken, met een beetje fantasie ook een song van Kacey Musgraves kunnen zijn, waarna Maggie Antone een paar tracks later dicht tegen Megan Moroney aan kruipt. Het illustreert maar weer eens dat het niet verstandig is om een album te snel in een hokje te duwen. Rhinestoned is wat mij betreft een countryalbum met veel respect voor de tradities van het genre, maar het album sluit de ogen zeker niet voor invloeden uit het heden.
Maggie Antone is nog jong, maar de in Richmond, Virginia, opgegroeide muzikante is al sinds haar tienerjaren met muziek bezig. Het zorgt er voor dat haar stem verrassend volwassen klinkt en door een aangenaam rauw randje en de eerder genoemde snik is het bovendien een stem die doorleefder klinkt dan die van de meeste andere debuterende zangeressen in het genre.
De volwassenheid hoor ik ook in de songs van Maggie Antone, die stuk voor stuk aansprekend zijn en, in ieder geval bij mij, makkelijk blijven hangen. Ik heb niet heel veel informatie over de muzikanten die zijn te horen op het album, maar vermoed dat het een aantal gelouterde muzikanten uit Nashville zijn. Ik weet wel dat Maggie Antone op haar debuutalbum samenwerkt met songwriter Nathalie Hemby en met songwriter, multi-instrumentalist en producer Carrie K., die allebei goed weten hoe een goed countryalbum moet klinken.
Het pakt allemaal prachtig uit, want Rhinestoned is een album dat vrij makkelijk indruk maakt en de aandacht vervolgens makkelijk weet vast te houden. Maggie Antone levert een debuutalbum af in een periode waarin de concurrentie moordend is, maar Rhinestoned beschikt wat mij betreft over voldoende onderscheidend vermogen, al is het maar vanwege de zeer aansprekende stem van de Amerikaanse muzikante en het feit dat het album net wat meer invloeden uit de countrymuziek van een aantal decennia geleden verwerkt, zonder het heden te vergeten. Erwin Zijleman
Maggie Björklund - Shaken (2014)

4,0
0
geplaatst: 18 november 2014, 14:33 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Maggie Björklund - Shaken - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Maggie Björklund komt oorspronkelijk uit Denemarken, maar dat is niet te horen in haar muziek. Luister naar Shaken, overigens al de tweede plaat van Maggie Björklund, en je waant je onderdeel van een spaghetti western van Ennio Morricone.
Dat is niet zo gek, want Maggie Björklund heeft het koude Denemarken een aantal jaar geleden al verruild voor de broeierige woestijn van Arizona.
Maggie Björklund kan uitstekend uit de voeten op de pedal steel en speelde de afgelopen jaren onder andere met leden van Calexico en Giant Sand, waardoor ze uiteindelijk de aandacht wist te trekken van Jack White, die haar rekruteerde voor zijn all-female band.
Op Shaken bespeelt Maggie Björklund niet alleen de pedal steel, maar is ze ook verantwoordelijk voor al het andere gitaarwerk. Hiernaast kon Maggie Björklund een beroep doen op een aantal van haar muzikale vrienden. Zo zijn op Shaken Calexico drummer John Convertino, Portishead bassist Jim Barr, cellist Barb Hunter en organist Dan Hemmer te horen. Niemand minder dan John Parish (vooral bekend van PJ Harvey) werd gestrikt als producer.
Het levert een indrukwekkende plaat op, die mij vooral doet denken aan het vergeten meesterwerk van OP8; een gelegenheidsband die werd gevormd door Lisa Germano, Howe Gelb (Giant Sand), Joey Burns en John Convertino (beiden Calexico). Check de band’s enige plaat Slush uit 1997.
Shaken is een donkere en wat weemoedig klinkende plaat die je diep de woestijn van Arizona insleept. De instrumentatie is donker en stemmig en biedt alle ruimte aan het geweldige gitaarwerk van Maggie Björklund, die prachtig akoestisch kan spelen, de elektrische gitaar kan laten janken en de pedal steel weemoedig kan laten snikken. Het is het gitaarwerk dat de meeste aandacht trekt, maar luister zeker ook naar het geweldige orgelspel en naar het subtiele maar o zo trefzekere drumwerk van John Convertino.
Maggie Björklund voorziet deze donkere klanken van mooie, wat weemoedige vocalen, die ook uitstekend tot zijn recht komen in het bijzonder fraaie duet met Lambchop voorman Kurt Wagner.
De muziekscene rond Tucson, Arizona, heeft al heel wat mooie platen opgeleverd. Shaken van Maggie Björklund past hier prima tussen. Qua instrumentatie sluit Shaken aan op meerdere klassiekers uit deze contreien, maar de vocalen van Maggie Björklund zorgen er ook nog eens voor dat Shaken iets toevoegt aan alles dat er al is.
Shaken is zoals gezegd een behoorlijk donkere plaat. De plaat volgt op het ziekbed en het overlijden van Maggie Björklund’s moeder wat de nodige sporen heeft achtergelaten. Het maakt van Shaken een stemmige en emotionele plaat, die makkelijk onder de huid kruipt.
Het is een plaat die in instrumentaal opzicht onmiddellijk indruk zal maken, zeker voor de liefhebbers van het snarengeweld van Maggie Björklund, maar ook de vocalen en de songs op Shaken maken steeds meer indruk.
Shaken van Maggie Björklund is een plaat die tot dusver niet heel veel aandacht krijgt en daarom makkelijk over het hoofd wordt gezien, maar daar is deze plaat echt veel te mooi en bijzonder voor. Misschien helpt het dat de herfst langzaam maar zeker zijn intrede doet in Nederland, want Shaken is uiteindelijk toch vooral een plaat voor de donkere dagen. Deze donkere dagen worden nu voorzien van een prachtige soundtrack. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Maggie Björklund - Shaken - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Maggie Björklund komt oorspronkelijk uit Denemarken, maar dat is niet te horen in haar muziek. Luister naar Shaken, overigens al de tweede plaat van Maggie Björklund, en je waant je onderdeel van een spaghetti western van Ennio Morricone.
Dat is niet zo gek, want Maggie Björklund heeft het koude Denemarken een aantal jaar geleden al verruild voor de broeierige woestijn van Arizona.
Maggie Björklund kan uitstekend uit de voeten op de pedal steel en speelde de afgelopen jaren onder andere met leden van Calexico en Giant Sand, waardoor ze uiteindelijk de aandacht wist te trekken van Jack White, die haar rekruteerde voor zijn all-female band.
Op Shaken bespeelt Maggie Björklund niet alleen de pedal steel, maar is ze ook verantwoordelijk voor al het andere gitaarwerk. Hiernaast kon Maggie Björklund een beroep doen op een aantal van haar muzikale vrienden. Zo zijn op Shaken Calexico drummer John Convertino, Portishead bassist Jim Barr, cellist Barb Hunter en organist Dan Hemmer te horen. Niemand minder dan John Parish (vooral bekend van PJ Harvey) werd gestrikt als producer.
Het levert een indrukwekkende plaat op, die mij vooral doet denken aan het vergeten meesterwerk van OP8; een gelegenheidsband die werd gevormd door Lisa Germano, Howe Gelb (Giant Sand), Joey Burns en John Convertino (beiden Calexico). Check de band’s enige plaat Slush uit 1997.
Shaken is een donkere en wat weemoedig klinkende plaat die je diep de woestijn van Arizona insleept. De instrumentatie is donker en stemmig en biedt alle ruimte aan het geweldige gitaarwerk van Maggie Björklund, die prachtig akoestisch kan spelen, de elektrische gitaar kan laten janken en de pedal steel weemoedig kan laten snikken. Het is het gitaarwerk dat de meeste aandacht trekt, maar luister zeker ook naar het geweldige orgelspel en naar het subtiele maar o zo trefzekere drumwerk van John Convertino.
Maggie Björklund voorziet deze donkere klanken van mooie, wat weemoedige vocalen, die ook uitstekend tot zijn recht komen in het bijzonder fraaie duet met Lambchop voorman Kurt Wagner.
De muziekscene rond Tucson, Arizona, heeft al heel wat mooie platen opgeleverd. Shaken van Maggie Björklund past hier prima tussen. Qua instrumentatie sluit Shaken aan op meerdere klassiekers uit deze contreien, maar de vocalen van Maggie Björklund zorgen er ook nog eens voor dat Shaken iets toevoegt aan alles dat er al is.
Shaken is zoals gezegd een behoorlijk donkere plaat. De plaat volgt op het ziekbed en het overlijden van Maggie Björklund’s moeder wat de nodige sporen heeft achtergelaten. Het maakt van Shaken een stemmige en emotionele plaat, die makkelijk onder de huid kruipt.
Het is een plaat die in instrumentaal opzicht onmiddellijk indruk zal maken, zeker voor de liefhebbers van het snarengeweld van Maggie Björklund, maar ook de vocalen en de songs op Shaken maken steeds meer indruk.
Shaken van Maggie Björklund is een plaat die tot dusver niet heel veel aandacht krijgt en daarom makkelijk over het hoofd wordt gezien, maar daar is deze plaat echt veel te mooi en bijzonder voor. Misschien helpt het dat de herfst langzaam maar zeker zijn intrede doet in Nederland, want Shaken is uiteindelijk toch vooral een plaat voor de donkere dagen. Deze donkere dagen worden nu voorzien van een prachtige soundtrack. Erwin Zijleman
Maggie Brown - Another Place (2017)

4,5
1
geplaatst: 1 juli 2017, 11:15 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Maggie Brown - Another Place - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
De Nederlandse band Maggie Brown maakte iets meer dan drie jaar geleden één van de mooiste platen van 2014 en leverde misschien wel de beste gitaarplaat van het betreffende jaar af.
Na een solo uitstapje van zanger/gitarist Marcel Hulst (die als Mountaineer een al even mooie en indrukwekkende akoestische plaat maakte) is de Amsterdamse band nu terug met haar tweede plaat.
Op Another Place gaat Maggie Brown verder waar het iets meer dan drie jaar geleden ophield, maar zet de band ook nieuwe stappen.
Het debuut van Maggie Brown viel niet alleen op door onweerstaanbaar aangename gitaarsongs, maar maakte ook indruk met een veelheid aan invloeden, waardoor de plaat nauwelijks in een hokje was te duwen. Op Another Place zijn de songs van Maggie Brown alleen maar mooier geworden en bovendien voegt Maggie Brown nog wat invloeden toe aan haar al zo veelzijdige geluid.
Vergeleken met het debuut legt de Amsterdamse band net wat andere accenten. Waar ik op het debuut van de band invloeden hoorde van de zonnige gitaarpop van Excelsior en uit de alt-country, hoor ik nu meer Westcoast pop, die vervolgens op bijzondere wijze wordt gecombineerd met invloeden uit de indie gitaarpop van veel recentere datum. Another Place klinkt hierdoor anders dan zijn voorganger, maar is ook een logisch vervolg op het debuut.
Nog meer dan op het debuut heeft Maggie Brown op Another Place een bijzonder eigen geluid. De Amsterdamse band is hoorbaar beïnvloed door Westcoast pop uit een ver verleden, maar doet geen moment haar best om de muziek uit dit verleden te reproduceren. Aan de Westcoast pop ontleent Maggie Brown de zonnige klanken, de honingzoete melodieën en het lome tempo, maar omdat de band hier vervolgens allerlei meer eigentijdse invloeden aan toe voegt, zal niemand het in zijn hoofd halen om deze plaat in het hokje Westcoast pop te duwen.
Net als het debuut van Maggie Brown is Another Place een plaat die constant associaties oproept, maar je vervolgens steeds weer op het verkeerde been zet. Het ene moment hoor je muziek uit de jaren 60 en 70, het volgende moment muziek die Coldplay had kunnen maken wanneer het prima debuut van de Britse band was geflopt (en zwichten voor de commercie onnodig was geweest). En zo kan ik nog veel meer namen noemen, maar omdat ze allemaal maar heel even stand houden is dat zinloos.
Maggie Brown betovert op Another Place met een eigen geluid en het is een geluid om te koesteren. De songs van de band vallen ook dit keer op door zonnige en ruimtelijk klinkende gitaarlijnen, die fraai contrasteren met het ietwat melancholische karakter van veel songs van de band.
Maggie Brown stond op haar debuut al garant voor opvallend melodieuze songs, maar komt dit keer op de proppen met songs die je onmiddellijk doen smelten. Het uitstekende gitaarwerk en de honingzoete melodieën passen vervolgens weer prachtig bij de wat lome vocalen, die hier en daar zijn voorzien van fraaie koortjes (waardoor je toch weer opeens in het Californië van de jaren 60 beland), maar kunnen ook voorzichtig uitbarsten (waarna je direct weer in het heden bent) of zo benevelen dat het genre psychedelische Westcoast dreampop geboren lijkt.
De lat lag na het geweldige debuut van drie jaar geleden ontzettend hoog, maar ik kan alleen maar concluderen dat Maggie Brown er met haar tweede plaat soepel overheen gaat. Ik heb de plaat inmiddels een tijdje in huis, maar iedere keer dat ik Another Place hoor groeit de diepe bewondering en de intense liefde voor deze prachtplaat. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Maggie Brown - Another Place - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
De Nederlandse band Maggie Brown maakte iets meer dan drie jaar geleden één van de mooiste platen van 2014 en leverde misschien wel de beste gitaarplaat van het betreffende jaar af.
Na een solo uitstapje van zanger/gitarist Marcel Hulst (die als Mountaineer een al even mooie en indrukwekkende akoestische plaat maakte) is de Amsterdamse band nu terug met haar tweede plaat.
Op Another Place gaat Maggie Brown verder waar het iets meer dan drie jaar geleden ophield, maar zet de band ook nieuwe stappen.
Het debuut van Maggie Brown viel niet alleen op door onweerstaanbaar aangename gitaarsongs, maar maakte ook indruk met een veelheid aan invloeden, waardoor de plaat nauwelijks in een hokje was te duwen. Op Another Place zijn de songs van Maggie Brown alleen maar mooier geworden en bovendien voegt Maggie Brown nog wat invloeden toe aan haar al zo veelzijdige geluid.
Vergeleken met het debuut legt de Amsterdamse band net wat andere accenten. Waar ik op het debuut van de band invloeden hoorde van de zonnige gitaarpop van Excelsior en uit de alt-country, hoor ik nu meer Westcoast pop, die vervolgens op bijzondere wijze wordt gecombineerd met invloeden uit de indie gitaarpop van veel recentere datum. Another Place klinkt hierdoor anders dan zijn voorganger, maar is ook een logisch vervolg op het debuut.
Nog meer dan op het debuut heeft Maggie Brown op Another Place een bijzonder eigen geluid. De Amsterdamse band is hoorbaar beïnvloed door Westcoast pop uit een ver verleden, maar doet geen moment haar best om de muziek uit dit verleden te reproduceren. Aan de Westcoast pop ontleent Maggie Brown de zonnige klanken, de honingzoete melodieën en het lome tempo, maar omdat de band hier vervolgens allerlei meer eigentijdse invloeden aan toe voegt, zal niemand het in zijn hoofd halen om deze plaat in het hokje Westcoast pop te duwen.
Net als het debuut van Maggie Brown is Another Place een plaat die constant associaties oproept, maar je vervolgens steeds weer op het verkeerde been zet. Het ene moment hoor je muziek uit de jaren 60 en 70, het volgende moment muziek die Coldplay had kunnen maken wanneer het prima debuut van de Britse band was geflopt (en zwichten voor de commercie onnodig was geweest). En zo kan ik nog veel meer namen noemen, maar omdat ze allemaal maar heel even stand houden is dat zinloos.
Maggie Brown betovert op Another Place met een eigen geluid en het is een geluid om te koesteren. De songs van de band vallen ook dit keer op door zonnige en ruimtelijk klinkende gitaarlijnen, die fraai contrasteren met het ietwat melancholische karakter van veel songs van de band.
Maggie Brown stond op haar debuut al garant voor opvallend melodieuze songs, maar komt dit keer op de proppen met songs die je onmiddellijk doen smelten. Het uitstekende gitaarwerk en de honingzoete melodieën passen vervolgens weer prachtig bij de wat lome vocalen, die hier en daar zijn voorzien van fraaie koortjes (waardoor je toch weer opeens in het Californië van de jaren 60 beland), maar kunnen ook voorzichtig uitbarsten (waarna je direct weer in het heden bent) of zo benevelen dat het genre psychedelische Westcoast dreampop geboren lijkt.
De lat lag na het geweldige debuut van drie jaar geleden ontzettend hoog, maar ik kan alleen maar concluderen dat Maggie Brown er met haar tweede plaat soepel overheen gaat. Ik heb de plaat inmiddels een tijdje in huis, maar iedere keer dat ik Another Place hoor groeit de diepe bewondering en de intense liefde voor deze prachtplaat. Erwin Zijleman
Maggie Rogers - Don't Forget Me (2024)

4,0
0
geplaatst: 17 april 2024, 11:24 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Maggie Rogers - Don't Forget Me - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Maggie Rogers - Don't Forget Me
Maggie Rogers steekt Taylor Swift in commercieel opzicht nog lang niet naar de kroon, maar heeft met Don’t Forget Me wel een album gemaakt dat in artistiek opzicht niet onder doet voor de albums van Taylor Swift
Maggie Rogers brak een paar jaar geleden door met een niet overdreven interessant popalbum, maar liet met de muziek die ze voor en na dit album maakte horen dat ze bijzonder getalenteerd is. Het is ook weer te horen op het deze week verschenen Don’t Forget Me, dat wat opschuift richting tijdloze singer-songwriter pop en afstand neemt van de wat eendimensionale pop van het album waarmee ze doorbrak. De songs van de Amerikaanse muzikante liggen bijzonder lekker in het gehoor, maar het zijn ook in kwalitatief opzicht uitstekende songs, die ook nog eens opvallen door de mooie stem van Maggie Rogers. Don’t Forget Me is een heel aangenaam, maar ook verrassend goed album.
Maggie Rogers brak in 2019 door met het uitstekende popalbum Heard It In A Past Life. Het als een debuutalbum gepresenteerde album, dat gemaakt werd met een blik gerenommeerde producers, sloot goed aan op de andere succesvolle popalbums van dat moment en zette Maggie Rogers op de kaart als popster.
Maggie Rogers had er voor Heard It In A Past Life echter al een heel muzikaal leven op zitten. Ze maakte al vanaf jonge leeftijd muziek, studeerde aan het fameuze Berklee College of Music en aan het prestigieuze Clive Davis Institute Of Recorded Music en bracht twee folky albums uit.
De muziek die Maggie Rogers maakte voor haar popdebuut kwam in 2020 ook terecht op het dubbelalbum Notes From The Archive: Recordings 2011-2016, dat ik persoonlijk veel beter en interessanter vond dan het veel succesvollere Heard It In A Past Life. Maggie Rogers vervolgde haar weg met het in 2022 verschenen Surrender, waarop ze liet horen dat ze in muzikaal opzicht een stuk verder was dan de meeste andere popzangeressen van dat moment.
Surrender was niet zo heel ver verwijderd van de popmuziek van Taylor Swift en deed er in kwalitatief opzicht niet voor onder. Maggie Rogers is nog lang niet zo populair als Taylor Swift, maar ook op het deze week verschenen Don’t Forget Me laat ze weer horen dat ze over talent niet te klagen heeft en Taylor Swift in artistiek opzicht naar de kroon kan steken.
Don’t Forget Me werd gemaakt met de ook van Kacey Musgraves bekende Ian Fitchuk, die het album heeft voorzien van een warm geluid. Ian Fitchuk en Maggie Rogers tekenden samen voor het grootste deel van de muziek op het album en hebben zich hierbij laten inspireren door een aantal decennia popmuziek. Don’t Forget Me is een album dat song na song associaties oproept met muziek uit het verleden, variërend van de jaren 70 tot het recente verleden, maar het is ook een eigentijds klinkend popalbum met een vleugje countrypop.
Het is een album dat laat horen dat Maggie Rogers een getalenteerd songwriter is, maar ze is ook een prima zangeres, met een duidelijk eigen geluid. De Amerikaanse muzikante schuurde met Heard It In A Past Life nog tegen de jonge popsterren van dat moment aan, maar Don’t Forget Me laat horen dat Maggie Rogers vooral een singer-songwriter is. Het is een singer-songwriter die geen geheim maakt van haar bewondering voor jeugdhelden als Joni Mitchell en Fleetwood Mac, maar er op hetzelfde moment in slaagt om een fris klinkend album te maken.
De songs op Don’t Forget Me liggen stuk voor stuk lekker in het gehoor en overtuigen hierdoor makkelijk, maar als je ze wat vaker hoort valt ook op hoe goed zijn. Ik zie Taylor Swift ook nog wel eens een tijdloze singer-songwriter plaat met een eigentijds en aanstekelijk laagje maken, maar ze zal aardig haar best moeten doen om het niveau van Don’t Forget Me te halen.
Maggie Rogers heeft onlangs haar master afgerond aan de universiteit van Harvard en het is dus niet zo gek dat ze ook in tekstueel opzicht wat heeft te melden. In de teksten worden overigens ook de persoonlijke thema’s niet geschuwd, waardoor Don’t Forget Me ook nog eens beschikt over emotionele diepgang. Er is in Nederland vooralsnog nauwelijks aandacht voor het nieuwe album van Maggie Rogers, maar Don’t Forget Me is echt een bijzonder knap en bijzonder aangenaam album. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Maggie Rogers - Don't Forget Me - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Maggie Rogers - Don't Forget Me
Maggie Rogers steekt Taylor Swift in commercieel opzicht nog lang niet naar de kroon, maar heeft met Don’t Forget Me wel een album gemaakt dat in artistiek opzicht niet onder doet voor de albums van Taylor Swift
Maggie Rogers brak een paar jaar geleden door met een niet overdreven interessant popalbum, maar liet met de muziek die ze voor en na dit album maakte horen dat ze bijzonder getalenteerd is. Het is ook weer te horen op het deze week verschenen Don’t Forget Me, dat wat opschuift richting tijdloze singer-songwriter pop en afstand neemt van de wat eendimensionale pop van het album waarmee ze doorbrak. De songs van de Amerikaanse muzikante liggen bijzonder lekker in het gehoor, maar het zijn ook in kwalitatief opzicht uitstekende songs, die ook nog eens opvallen door de mooie stem van Maggie Rogers. Don’t Forget Me is een heel aangenaam, maar ook verrassend goed album.
Maggie Rogers brak in 2019 door met het uitstekende popalbum Heard It In A Past Life. Het als een debuutalbum gepresenteerde album, dat gemaakt werd met een blik gerenommeerde producers, sloot goed aan op de andere succesvolle popalbums van dat moment en zette Maggie Rogers op de kaart als popster.
Maggie Rogers had er voor Heard It In A Past Life echter al een heel muzikaal leven op zitten. Ze maakte al vanaf jonge leeftijd muziek, studeerde aan het fameuze Berklee College of Music en aan het prestigieuze Clive Davis Institute Of Recorded Music en bracht twee folky albums uit.
De muziek die Maggie Rogers maakte voor haar popdebuut kwam in 2020 ook terecht op het dubbelalbum Notes From The Archive: Recordings 2011-2016, dat ik persoonlijk veel beter en interessanter vond dan het veel succesvollere Heard It In A Past Life. Maggie Rogers vervolgde haar weg met het in 2022 verschenen Surrender, waarop ze liet horen dat ze in muzikaal opzicht een stuk verder was dan de meeste andere popzangeressen van dat moment.
Surrender was niet zo heel ver verwijderd van de popmuziek van Taylor Swift en deed er in kwalitatief opzicht niet voor onder. Maggie Rogers is nog lang niet zo populair als Taylor Swift, maar ook op het deze week verschenen Don’t Forget Me laat ze weer horen dat ze over talent niet te klagen heeft en Taylor Swift in artistiek opzicht naar de kroon kan steken.
Don’t Forget Me werd gemaakt met de ook van Kacey Musgraves bekende Ian Fitchuk, die het album heeft voorzien van een warm geluid. Ian Fitchuk en Maggie Rogers tekenden samen voor het grootste deel van de muziek op het album en hebben zich hierbij laten inspireren door een aantal decennia popmuziek. Don’t Forget Me is een album dat song na song associaties oproept met muziek uit het verleden, variërend van de jaren 70 tot het recente verleden, maar het is ook een eigentijds klinkend popalbum met een vleugje countrypop.
Het is een album dat laat horen dat Maggie Rogers een getalenteerd songwriter is, maar ze is ook een prima zangeres, met een duidelijk eigen geluid. De Amerikaanse muzikante schuurde met Heard It In A Past Life nog tegen de jonge popsterren van dat moment aan, maar Don’t Forget Me laat horen dat Maggie Rogers vooral een singer-songwriter is. Het is een singer-songwriter die geen geheim maakt van haar bewondering voor jeugdhelden als Joni Mitchell en Fleetwood Mac, maar er op hetzelfde moment in slaagt om een fris klinkend album te maken.
De songs op Don’t Forget Me liggen stuk voor stuk lekker in het gehoor en overtuigen hierdoor makkelijk, maar als je ze wat vaker hoort valt ook op hoe goed zijn. Ik zie Taylor Swift ook nog wel eens een tijdloze singer-songwriter plaat met een eigentijds en aanstekelijk laagje maken, maar ze zal aardig haar best moeten doen om het niveau van Don’t Forget Me te halen.
Maggie Rogers heeft onlangs haar master afgerond aan de universiteit van Harvard en het is dus niet zo gek dat ze ook in tekstueel opzicht wat heeft te melden. In de teksten worden overigens ook de persoonlijke thema’s niet geschuwd, waardoor Don’t Forget Me ook nog eens beschikt over emotionele diepgang. Er is in Nederland vooralsnog nauwelijks aandacht voor het nieuwe album van Maggie Rogers, maar Don’t Forget Me is echt een bijzonder knap en bijzonder aangenaam album. Erwin Zijleman
Maggie Rogers - Notes from the Archive (2020)
Alternatieve titel: Recordings 2011-2016

4,0
0
geplaatst: 23 december 2020, 16:37 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Maggie Rogers - Notes From The Archive: Recordings 2011-2016 - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Maggie Rogers - Notes From The Archive: Recordings 2011-2016
Maggie Rogers brak vorig jaar door naar een groot publiek, maar een duik in haar archieven laat een andere en zeer interessante kant horen van de jonge Amerikaanse singer-songwriter
Maggie Rogers maakte al een aantal jaren muziek toen ze vorig jaar doorbrak met Heard It In A Past Life. Iedereen die alleen dit album kent, zal zich moeilijk voor kunnen stellen dat de Amerikaanse muzikante ooit begon als uiterst ingetogen folkie. Het is allemaal te horen op Notes From The Archive: Recordings 2011-2016 dat diep in de archieven van Maggie Rogers duikt. Van sobere folk tot fraaie folkpop tot de flirts met pop en rock. Het talent spat van de songs en van de zang van Maggie Rogers. Ik was persoonlijk niet zo gecharmeerd van het uitvoerig geprezen Heard It In A Past Life, maar de duik in de archieven van de jonge muzikante levert zeer interessant materiaal op.
Heard It In A Past Life, het begin vorig jaar verschenen en zeer succesvolle major debuutalbum van de Amerikaanse singer-songwriter Maggie Rogers, weet me tot op de dag van vandaag niet volledig te overtuigen, al laat het album absoluut het talent van Maggie Rogers horen. Het is talent dat helaas wat verzuipt in een wel erg blinkende productie en een duidelijke voorliefde voor hitgevoelige en hier en daar dansbare popmuziek.
Maggie Rogers maakte jaren voordat ze doorbrak naar een groot publiek twee in eigen beheer uitgebrachte albums. Het zijn albums die een wat meer roots georiënteerd geluid laten horen en die me persoonlijk een stuk beter bevallen van het zo succesvolle Heard It In A Past Life.
Deze week verscheen een nieuw album van Maggie Rogers, maar het is niet de echte opvolger van het vorig jaar verschenen album. Op Notes From The Archive: Recordings 2011-2016 duikt de Amerikaanse singer-songwriter in de archieven en komt haar hele muzikale leven voor Heard It In A Past Life voorbij.
Maggie Rogers heeft er voor gekozen om de muziek uit haar archieven in omgekeerd chronologische volgorde voorbij te laten komen. Notes From The Archive: Recordings 2011-2016 begint in 2016, toen Maggie Rogers werkte aan een EP. Het is een EP die voorzichtig voorsorteert op haar vorig jaar verschenen album, al is in de instrumentatie nog een hoofdrol weggelegd voor gitaren, terwijl in muzikaal opzicht meer invloeden uit de rock dan uit de pop zijn te horen.
Naarmate Notes From The Archive: Recordings 2011-2016 verder terug gaat in de tijd schuift de muziek van Maggie Rogers steeds meer op richting folk en verdwijnen invloeden uit de pop uiteindelijk vrijwel volledig naar de achtergrond. Notes From The Archive: Recordings 2011-2016 verruilt eerst de EP rock uit 2016 voor het album Blood Ballet uit 2014, om vervolgens uit te komen bij The Echo uit 2012 en de eerste stappen van Maggie Rogers in de muziek.
Zoals eerder gezegd hoorde ik vorig jaar het talent van Maggie Rogers op Heard It In A Past Life, maar kwam dit talent wat mij betreft onvoldoende uit de verf. Bij beluistering van het ruim een uur durende Notes From The Archive: Recordings 2011-2016 wordt het talent in bakken over je uit gestort.
Maggie Rogers laat met haar vroegere werk horen dat ze een uitstekend songwriter is een overtuigend zangeres. Waar al dit talent vorig jaar werd overgegoten met een net wat te dikke en bijna verstikkende laag pop, zijn de opnames uit de archieven in de meeste gevallen sober en ruw. Zeker in de songs zonder enige opsmuk maakt Maggie Rogers indruk als zangeres en ook haar songs spreken meer aan.
Persoonlijk had ik het logischer gevonden als de tracks op Notes From The Archive: Recordings 2011-2016 in chronologische volgorde op het album waren geplaatst, nu hoor je een toch at onlogische ontwikkeling en hoewel haar laatste album me minder beviel, hoor je wel hoe Maggie Rogers zich steeds verder ontwikkelt.
Het is overigens grappig om te horen hoe sober de muziek van Maggie Rogers een jaar of negen geleden klonk. Van een folkie die zo lijkt weggelopen uit de Appalachen tot een heuse popprinses uit de 21e eeuw. Maggie Rogers heeft flinke stappen gezet de afgelopen tien jaar, maar Notes From The Archive: Recordings 2011-2016 bewijst voor mij dat ze als singer-songwriter net wat overtuigender is dan als popprinses. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Maggie Rogers - Notes From The Archive: Recordings 2011-2016 - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Maggie Rogers - Notes From The Archive: Recordings 2011-2016
Maggie Rogers brak vorig jaar door naar een groot publiek, maar een duik in haar archieven laat een andere en zeer interessante kant horen van de jonge Amerikaanse singer-songwriter
Maggie Rogers maakte al een aantal jaren muziek toen ze vorig jaar doorbrak met Heard It In A Past Life. Iedereen die alleen dit album kent, zal zich moeilijk voor kunnen stellen dat de Amerikaanse muzikante ooit begon als uiterst ingetogen folkie. Het is allemaal te horen op Notes From The Archive: Recordings 2011-2016 dat diep in de archieven van Maggie Rogers duikt. Van sobere folk tot fraaie folkpop tot de flirts met pop en rock. Het talent spat van de songs en van de zang van Maggie Rogers. Ik was persoonlijk niet zo gecharmeerd van het uitvoerig geprezen Heard It In A Past Life, maar de duik in de archieven van de jonge muzikante levert zeer interessant materiaal op.
Heard It In A Past Life, het begin vorig jaar verschenen en zeer succesvolle major debuutalbum van de Amerikaanse singer-songwriter Maggie Rogers, weet me tot op de dag van vandaag niet volledig te overtuigen, al laat het album absoluut het talent van Maggie Rogers horen. Het is talent dat helaas wat verzuipt in een wel erg blinkende productie en een duidelijke voorliefde voor hitgevoelige en hier en daar dansbare popmuziek.
Maggie Rogers maakte jaren voordat ze doorbrak naar een groot publiek twee in eigen beheer uitgebrachte albums. Het zijn albums die een wat meer roots georiënteerd geluid laten horen en die me persoonlijk een stuk beter bevallen van het zo succesvolle Heard It In A Past Life.
Deze week verscheen een nieuw album van Maggie Rogers, maar het is niet de echte opvolger van het vorig jaar verschenen album. Op Notes From The Archive: Recordings 2011-2016 duikt de Amerikaanse singer-songwriter in de archieven en komt haar hele muzikale leven voor Heard It In A Past Life voorbij.
Maggie Rogers heeft er voor gekozen om de muziek uit haar archieven in omgekeerd chronologische volgorde voorbij te laten komen. Notes From The Archive: Recordings 2011-2016 begint in 2016, toen Maggie Rogers werkte aan een EP. Het is een EP die voorzichtig voorsorteert op haar vorig jaar verschenen album, al is in de instrumentatie nog een hoofdrol weggelegd voor gitaren, terwijl in muzikaal opzicht meer invloeden uit de rock dan uit de pop zijn te horen.
Naarmate Notes From The Archive: Recordings 2011-2016 verder terug gaat in de tijd schuift de muziek van Maggie Rogers steeds meer op richting folk en verdwijnen invloeden uit de pop uiteindelijk vrijwel volledig naar de achtergrond. Notes From The Archive: Recordings 2011-2016 verruilt eerst de EP rock uit 2016 voor het album Blood Ballet uit 2014, om vervolgens uit te komen bij The Echo uit 2012 en de eerste stappen van Maggie Rogers in de muziek.
Zoals eerder gezegd hoorde ik vorig jaar het talent van Maggie Rogers op Heard It In A Past Life, maar kwam dit talent wat mij betreft onvoldoende uit de verf. Bij beluistering van het ruim een uur durende Notes From The Archive: Recordings 2011-2016 wordt het talent in bakken over je uit gestort.
Maggie Rogers laat met haar vroegere werk horen dat ze een uitstekend songwriter is een overtuigend zangeres. Waar al dit talent vorig jaar werd overgegoten met een net wat te dikke en bijna verstikkende laag pop, zijn de opnames uit de archieven in de meeste gevallen sober en ruw. Zeker in de songs zonder enige opsmuk maakt Maggie Rogers indruk als zangeres en ook haar songs spreken meer aan.
Persoonlijk had ik het logischer gevonden als de tracks op Notes From The Archive: Recordings 2011-2016 in chronologische volgorde op het album waren geplaatst, nu hoor je een toch at onlogische ontwikkeling en hoewel haar laatste album me minder beviel, hoor je wel hoe Maggie Rogers zich steeds verder ontwikkelt.
Het is overigens grappig om te horen hoe sober de muziek van Maggie Rogers een jaar of negen geleden klonk. Van een folkie die zo lijkt weggelopen uit de Appalachen tot een heuse popprinses uit de 21e eeuw. Maggie Rogers heeft flinke stappen gezet de afgelopen tien jaar, maar Notes From The Archive: Recordings 2011-2016 bewijst voor mij dat ze als singer-songwriter net wat overtuigender is dan als popprinses. Erwin Zijleman
Maggie Rogers - Surrender (2022)

3,5
0
geplaatst: 2 augustus 2022, 15:29 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Maggie Rogers - Surrender - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Maggie Rogers - Surrender
Maggie Rogers behoort sinds 2019 tot de populaire popprinsessen, maar op haar nieuwe album Surrender laat de Amerikaanse muzikante ook haar veelzijdigheid horen en schuwt ze het avontuur bovendien niet
Maggie Rogers transformeerde een paar jaar geleden in één klap van een piepjonge indie-folkie in een heuse popprinses. De afgelopen jaren combineerde de Amerikaanse muzikante dit met een universitaire studie, maar met Surrender ligt de aandacht weer volledig bij de muziek. Op Surrender maakt Maggie Rogers aanstekelijke pop, rock en folk, maar stiekem is haar muziek toch een stuk avontuurlijker dan die van al die andere popprinsessen. Surrender is een album vol hitpotentie, maar het is ook een persoonlijk en eigenzinnig album van een muzikante die veel in haar mars heeft en ons de komende jaren ongetwijfeld gaat verrassen met albums die nog beter zijn dan het sterke Surrender.
De Amerikaanse muzikante Maggie Rogers liet een jaar of tien geleden voor het eerst van zich horen met een in eigen beheer uitgebracht indiefolk album, The Echo, dat ze maakte toen ze nog op de middelbare school zat. Het album is, net als de uitstekende opvolger Blood Ballet uit 2014, niet te vinden op de streaming media platforms, maar nog wel op de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante.
Op de streaming media platforms begint de carrière van Maggie Rogers met de uit 2017 stammende EP Now That The Light Is Fading, met hierop de single Alaska (waarmee Maggie Rogers een onuitwisbare indruk maakte op Pharrell Williams), en vooral het in 2019 verschenen Heard It In A Past Life, waarop Maggie Rogers de indiefolk definitief verruilde voor de pop.
Het is een album dat wat mij betreft niet heel erg opviel tussen de andere popalbums van dat moment, al klonk het in muzikaal opzicht misschien net wat avontuurlijker en was de zang beter. Ik vond Heard It In A Past Life een stuk minder interessant dan het oudere werk van Maggie Rogers, dat fraai werd verzameld op de eind 2020 verschenen verzamelaar Notes From The Archive: Recordings 2011-2016, maar hoorde ook op het popalbum het talent van de Amerikaanse muzikante.
Maggie Rogers, die de afgelopen jaren ook studeerde aan de prestigieuze Harvard University, keert deze week terug met Surrender, waarop ze de touwtjes stevig in eigen handen heeft. Op haar vorige album was de Amerikaanse muzikante overgeleverd aan een heel legioen aan ervaren producers, maar haar nieuwe album produceerde ze zelf, samen met de Britse muzikant en producer Kid Harpoon.
Ook Surrender is een album waarop het etiket pop prima past, maar het is een veelzijdiger en eigenzinniger album dan het zo succesvolle Heard It In A Past Life. Op Surrender maakt Maggie Rogers de popmuziek zoals de grote popprinsessen die op het moment maken, maar de muzikante uit Maryland heeft wel wat avontuur toegevoegd aan haar songs, waardoor ook de liefhebbers van indiepop mogelijk zullen vallen voor de charmes van Maggie Rogers.
De Amerikaanse muzikante schuift nog verder op richting indie wanneer ze kiest voor een wat steviger geluid. Het blijft allemaal behoorlijk geproduceerd en gelikt klinken, maar subtiele uitstapjes maken de songs van Maggie Rogers interessanter dan die van haar soortgenoten, die ze ook in vocaal opzicht makkelijk de baas is.
Zeker na een aantal tracks met een overvol pop- en rockgeluid verlang ik wel naar wat meer ingetogen songs die de Amerikaanse muzikante in het verleden maakte en ook die zijn te vinden op Surrender, al zijn ze wel in de minderheid. Maggie Rogers laat op Surrender horen dat ze alle kanten op kan. Ze overtuigt als popprinses en als rockchick, maar ook als folkie, wat knap is.
Surrender bevat verder een serie aantrekkelijke songs die zich makkelijk opdringen en zit in muzikaal en vocaal opzicht gewoon knap in elkaar. Surrender is bovendien een zeer persoonlijk album, waarop Maggie Rogers zichzelf volledig bloot geeft. Het is zeker geen album dat hier dagelijks uit de speakers komt, maar binnen het segment waarin Maggie Rogers opereert is Surrender een album dat er makkelijk uitspringt. Het is genoeg reden om haar te blijven volgen, want net als Taylor Swift is ook Maggie Rogers in staat om een vol klinkende popplaat te verruilen voor een smaakvol indiefolk album. Ik ben benieuwd. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Maggie Rogers - Surrender - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Maggie Rogers - Surrender
Maggie Rogers behoort sinds 2019 tot de populaire popprinsessen, maar op haar nieuwe album Surrender laat de Amerikaanse muzikante ook haar veelzijdigheid horen en schuwt ze het avontuur bovendien niet
Maggie Rogers transformeerde een paar jaar geleden in één klap van een piepjonge indie-folkie in een heuse popprinses. De afgelopen jaren combineerde de Amerikaanse muzikante dit met een universitaire studie, maar met Surrender ligt de aandacht weer volledig bij de muziek. Op Surrender maakt Maggie Rogers aanstekelijke pop, rock en folk, maar stiekem is haar muziek toch een stuk avontuurlijker dan die van al die andere popprinsessen. Surrender is een album vol hitpotentie, maar het is ook een persoonlijk en eigenzinnig album van een muzikante die veel in haar mars heeft en ons de komende jaren ongetwijfeld gaat verrassen met albums die nog beter zijn dan het sterke Surrender.
De Amerikaanse muzikante Maggie Rogers liet een jaar of tien geleden voor het eerst van zich horen met een in eigen beheer uitgebracht indiefolk album, The Echo, dat ze maakte toen ze nog op de middelbare school zat. Het album is, net als de uitstekende opvolger Blood Ballet uit 2014, niet te vinden op de streaming media platforms, maar nog wel op de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante.
Op de streaming media platforms begint de carrière van Maggie Rogers met de uit 2017 stammende EP Now That The Light Is Fading, met hierop de single Alaska (waarmee Maggie Rogers een onuitwisbare indruk maakte op Pharrell Williams), en vooral het in 2019 verschenen Heard It In A Past Life, waarop Maggie Rogers de indiefolk definitief verruilde voor de pop.
Het is een album dat wat mij betreft niet heel erg opviel tussen de andere popalbums van dat moment, al klonk het in muzikaal opzicht misschien net wat avontuurlijker en was de zang beter. Ik vond Heard It In A Past Life een stuk minder interessant dan het oudere werk van Maggie Rogers, dat fraai werd verzameld op de eind 2020 verschenen verzamelaar Notes From The Archive: Recordings 2011-2016, maar hoorde ook op het popalbum het talent van de Amerikaanse muzikante.
Maggie Rogers, die de afgelopen jaren ook studeerde aan de prestigieuze Harvard University, keert deze week terug met Surrender, waarop ze de touwtjes stevig in eigen handen heeft. Op haar vorige album was de Amerikaanse muzikante overgeleverd aan een heel legioen aan ervaren producers, maar haar nieuwe album produceerde ze zelf, samen met de Britse muzikant en producer Kid Harpoon.
Ook Surrender is een album waarop het etiket pop prima past, maar het is een veelzijdiger en eigenzinniger album dan het zo succesvolle Heard It In A Past Life. Op Surrender maakt Maggie Rogers de popmuziek zoals de grote popprinsessen die op het moment maken, maar de muzikante uit Maryland heeft wel wat avontuur toegevoegd aan haar songs, waardoor ook de liefhebbers van indiepop mogelijk zullen vallen voor de charmes van Maggie Rogers.
De Amerikaanse muzikante schuift nog verder op richting indie wanneer ze kiest voor een wat steviger geluid. Het blijft allemaal behoorlijk geproduceerd en gelikt klinken, maar subtiele uitstapjes maken de songs van Maggie Rogers interessanter dan die van haar soortgenoten, die ze ook in vocaal opzicht makkelijk de baas is.
Zeker na een aantal tracks met een overvol pop- en rockgeluid verlang ik wel naar wat meer ingetogen songs die de Amerikaanse muzikante in het verleden maakte en ook die zijn te vinden op Surrender, al zijn ze wel in de minderheid. Maggie Rogers laat op Surrender horen dat ze alle kanten op kan. Ze overtuigt als popprinses en als rockchick, maar ook als folkie, wat knap is.
Surrender bevat verder een serie aantrekkelijke songs die zich makkelijk opdringen en zit in muzikaal en vocaal opzicht gewoon knap in elkaar. Surrender is bovendien een zeer persoonlijk album, waarop Maggie Rogers zichzelf volledig bloot geeft. Het is zeker geen album dat hier dagelijks uit de speakers komt, maar binnen het segment waarin Maggie Rogers opereert is Surrender een album dat er makkelijk uitspringt. Het is genoeg reden om haar te blijven volgen, want net als Taylor Swift is ook Maggie Rogers in staat om een vol klinkende popplaat te verruilen voor een smaakvol indiefolk album. Ik ben benieuwd. Erwin Zijleman
Maggie Rose - Have a Seat (2021)

4,0
0
geplaatst: 24 augustus 2021, 15:29 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Maggie Rose - Have A Seat - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Maggie Rose - Have A Seat
Maggie Rose beschikt over een werkelijk geweldige soulstem, maar ook de subtiele instrumentatie en de songs op haar nieuwe album Have A Seat zijn van een bijzonder hoog niveau
Ik had tot een paar weken geleden nog nooit van Maggie Rose gehoord, maar ik ben onder de indruk van haar nieuwe album, waarop de Amerikaanse muzikante een prachtig ingekleurd soulgeluid laat horen, overtuigt met volstrekt tijdloze soulsongs vol invloeden en ook nog eens de sterren van de hemel zingt met haar prachtige soulstem, die op Have A Seat echt alle kanten op kan. Maggie Rose verzet binnen de soulmuziek misschien geen bergen, maar haar tijdloze geluid blijkt keer op keer van een bijzondere kracht en schoonheid. Iedere keer als ik naar het album luister ben ik wat meer onder de indruk en dat gaat inmiddels al een aantal weken zo door.
In rootskringen wordt al een aantal weken best druk gedaan over Have A Seat van de Amerikaanse singer-songwriter Maggie Rose. Het is een naam die me eerlijk gezegd helemaal niets zei en ook de twee albums die de muzikante uit Nashville de afgelopen jaren heeft uitgebracht ben ik volgens mij nooit tegen gekomen. Toch is dat druk doen over het derde album van de Amerikaanse muzikante volkomen terecht. Have A Seat is immers een uitstekend album van een geweldige zangeres.
Maggie Rose beschikt over een lekker soulvolle stem en die benut ze uitstekend op Have A Seat, dat met minstens één been in de soul staat. Maggie Rose nam haar nieuwe album op in de fameuze FAME Studios in Muscle Shoals, Alabama, waar ze gezelschap kreeg van Alabama Shakes lid Ben Tanner, die het album produceerde. Het was vlak voor de uitbraak van de coronapandemie dringen in de legendarische studio, want Maggie Rose werd ook nog eens bijgestaan door een aantal fantastische muzikanten, waarna ook nog de nodige strijkers en blazers acte de présence gaven.
Onder de muzikanten die zijn te horen op het album komen we oude rotten als bassist David Hood en gitarist Will McFarlane tegen, die beiden speelden met de groten der aarde. In muzikaal opzicht zit het allemaal wel goed op Have A Seat, dat een fraai en authentiek klinkend soulgeluid laat horen. Het is een soulgeluid dat zich nadrukkelijk laat inspireren door de soul die decennia geleden in Muscle Shoals werd gemaakt, maar Maggie Rose slaagt er ook in om eigentijds te klinken en schuwt ook een funky injectie niet.
Het is bovendien een lekker gevarieerd geluid, waardoor Have A Seat zeker niet eenvormig klinkt, wat in het genre wel eens anders is. De geweldige muzikanten op het album spelen over het algemeen behoorlijk subtiel, waardoor de afzonderlijke instrumenten goed te onderscheiden zijn en met name het gitaarwerk van Will McFarlane keer op keer indruk maakt.
Door het vaak behoorlijk subtiele geluid is er alle ruimte voor de stem van Maggie Rose en die stem eist de aandacht nadrukkelijk op. De Amerikaanse muzikante kan geweldig uithalen met haar soulvolle strot, maar kan ook mooi ingetogen zingen. Grote soulzangeressen uit verleden en heden dienen relevant vergelijkingsmateriaal aan, maar Have A Seat doet ook met enige regelmaat denken aan de muziek van Carole King in haar beste jaren.
Wanneer Maggie Rose de zang uit haar tenen haalt doen de koortjes er nog een schep bovenop, maar doet de instrumentatie, waarin van alles opduikt, juist een stapje terug, wat een mooi en sfeervol geluid oplevert.
De criticus zal beweren dat Maggie Rose geen echt nieuwe dingen doet op Have A Seat. Dat kan ik niet ontkennen. Maggie Rose laat op haar nieuwe album een geluid horen dat ik veel vaker heb gehoord, al varieert de muzikante uit Nashville wel tussen meerdere invloeden. Ik lig er persoonlijk niet wakker van, want het soulgeluid op Have A Seat klinkt geweldig en Maggie Rose is een uitstekend zangers.
Het levert een album op zoals die in het verleden wel vaker werden gemaakt, maar hoe vaak hoor je tegenwoordig nog albums als Have A Seat van Maggie Rose. Te weinig wat mij betreft en het is ook nog eens een uitstekend album dat hier voorlopig nog wel met grote regelmaat uit de speakers blijft komen. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Maggie Rose - Have A Seat - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Maggie Rose - Have A Seat
Maggie Rose beschikt over een werkelijk geweldige soulstem, maar ook de subtiele instrumentatie en de songs op haar nieuwe album Have A Seat zijn van een bijzonder hoog niveau
Ik had tot een paar weken geleden nog nooit van Maggie Rose gehoord, maar ik ben onder de indruk van haar nieuwe album, waarop de Amerikaanse muzikante een prachtig ingekleurd soulgeluid laat horen, overtuigt met volstrekt tijdloze soulsongs vol invloeden en ook nog eens de sterren van de hemel zingt met haar prachtige soulstem, die op Have A Seat echt alle kanten op kan. Maggie Rose verzet binnen de soulmuziek misschien geen bergen, maar haar tijdloze geluid blijkt keer op keer van een bijzondere kracht en schoonheid. Iedere keer als ik naar het album luister ben ik wat meer onder de indruk en dat gaat inmiddels al een aantal weken zo door.
In rootskringen wordt al een aantal weken best druk gedaan over Have A Seat van de Amerikaanse singer-songwriter Maggie Rose. Het is een naam die me eerlijk gezegd helemaal niets zei en ook de twee albums die de muzikante uit Nashville de afgelopen jaren heeft uitgebracht ben ik volgens mij nooit tegen gekomen. Toch is dat druk doen over het derde album van de Amerikaanse muzikante volkomen terecht. Have A Seat is immers een uitstekend album van een geweldige zangeres.
Maggie Rose beschikt over een lekker soulvolle stem en die benut ze uitstekend op Have A Seat, dat met minstens één been in de soul staat. Maggie Rose nam haar nieuwe album op in de fameuze FAME Studios in Muscle Shoals, Alabama, waar ze gezelschap kreeg van Alabama Shakes lid Ben Tanner, die het album produceerde. Het was vlak voor de uitbraak van de coronapandemie dringen in de legendarische studio, want Maggie Rose werd ook nog eens bijgestaan door een aantal fantastische muzikanten, waarna ook nog de nodige strijkers en blazers acte de présence gaven.
Onder de muzikanten die zijn te horen op het album komen we oude rotten als bassist David Hood en gitarist Will McFarlane tegen, die beiden speelden met de groten der aarde. In muzikaal opzicht zit het allemaal wel goed op Have A Seat, dat een fraai en authentiek klinkend soulgeluid laat horen. Het is een soulgeluid dat zich nadrukkelijk laat inspireren door de soul die decennia geleden in Muscle Shoals werd gemaakt, maar Maggie Rose slaagt er ook in om eigentijds te klinken en schuwt ook een funky injectie niet.
Het is bovendien een lekker gevarieerd geluid, waardoor Have A Seat zeker niet eenvormig klinkt, wat in het genre wel eens anders is. De geweldige muzikanten op het album spelen over het algemeen behoorlijk subtiel, waardoor de afzonderlijke instrumenten goed te onderscheiden zijn en met name het gitaarwerk van Will McFarlane keer op keer indruk maakt.
Door het vaak behoorlijk subtiele geluid is er alle ruimte voor de stem van Maggie Rose en die stem eist de aandacht nadrukkelijk op. De Amerikaanse muzikante kan geweldig uithalen met haar soulvolle strot, maar kan ook mooi ingetogen zingen. Grote soulzangeressen uit verleden en heden dienen relevant vergelijkingsmateriaal aan, maar Have A Seat doet ook met enige regelmaat denken aan de muziek van Carole King in haar beste jaren.
Wanneer Maggie Rose de zang uit haar tenen haalt doen de koortjes er nog een schep bovenop, maar doet de instrumentatie, waarin van alles opduikt, juist een stapje terug, wat een mooi en sfeervol geluid oplevert.
De criticus zal beweren dat Maggie Rose geen echt nieuwe dingen doet op Have A Seat. Dat kan ik niet ontkennen. Maggie Rose laat op haar nieuwe album een geluid horen dat ik veel vaker heb gehoord, al varieert de muzikante uit Nashville wel tussen meerdere invloeden. Ik lig er persoonlijk niet wakker van, want het soulgeluid op Have A Seat klinkt geweldig en Maggie Rose is een uitstekend zangers.
Het levert een album op zoals die in het verleden wel vaker werden gemaakt, maar hoe vaak hoor je tegenwoordig nog albums als Have A Seat van Maggie Rose. Te weinig wat mij betreft en het is ook nog eens een uitstekend album dat hier voorlopig nog wel met grote regelmaat uit de speakers blijft komen. Erwin Zijleman
Maggie Rose - No One Gets Out Alive (2024)

4,0
0
geplaatst: 10 januari 2025, 11:55 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Maggie Rose - No One Gets Out Alive - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Maggie Rose - No One Gets Out Alive
Na het goed opgepikte derde album van Maggie Rose viel de aandacht voor het afgelopen voorjaar verschenen No One Gets Out Alive helaas wat tegen, maar ook dit is een prachtalbum, al is het maar vanwege de geweldige zang
Maggie Rose liet op haar vorige drie albums al horen dat ze beschikt over een mooie en indrukwekkende soulstem, maar op haar vierde album doet ze er nog een schepje bovenop. Dat doet de Amerikaanse muzikante ook in muzikaal opzicht, want No One Gets Out Alive klinkt nog mooier en veelzijdiger dan zijn voorgangers. Het levert een album op dat makkelijk schakelt tussen soul, Laurel Canyon folk, country, blues en singer-songwriter pop en in al deze genres maakt Maggie Rose verrassend makkelijk indruk. De concurrentie in het genre was het afgelopen jaar moordend, maar als er één album niet had mogen ondersneeuwen is het dit album wel.
Voordat het muziekjaar 2025 echt losbarst is er nog even aandacht voor vergeten albums uit 2024. Het was een jaar waarin het aantal albums van vrouwelijke singer-songwriters zelfs voor mij wat te groot was, waardoor ik met enige regelmaat albums in het genre liet liggen.
Het gebeurde ook met No One Gets Out Alive van de Amerikaanse singer-songwriter Maggie Rose, dat afgelopen voorjaar verscheen in een week met heel veel nieuwe albums, waaronder meerdere albums van vrouwelijke singer-songwriters. Ik selecteerde in de betreffende week de albums van onder andere Jane Weaver, Alice Russell, Lizzy McAlpine, Fabiana Palladino, Grace Cummings en Bnny, waarvan er twee mijn jaarlijstje haalden, maar het album van Maggie Rose had ik zeker niet moeten laten liggen.
Je hoort het eigenlijk al direct in de openingstrack, waarin de Amerikaanse muzikante imponeert met een heerlijke en krachtige soulstem, met een lekker volle productie en met een rijk en tijdloos geluid waarin net zo stevig wordt uitgepakt als Maggie Rose met haar stembanden doet. De openingstrack en titeltrack van No One Gets Out Alive is echt fantastisch, maar in de tracks die volgen houdt de muzikante uit Nashville, Tennessee, het hoge niveau verrassend makkelijk vast.
Ik had het kunnen weten, want No One Gets Out Alive is het vierde album van Maggie Rose en met name over haar derde album was ik in 2021 heel positief. Mijn recensie van Have A Seat uit de zomer van 2021 staat vol superlatieven, want ik was niet alleen diep onder de indruk van de soulstem van de Amerikaanse muzikante, maar smulde ook van de geweldige muziek op het album en van de zeer aansprekende songs.
Op No One Gets Out Alive is Maggie Rose alleen maar beter geworden. Ik heb vorig jaar niet veel albums gehoord waarop de zang beter is dan op het album van Maggie Rose. De muzikante uit Nashville zingt met veel kracht en soul, maar kan ook prachtig doseren, waardoor echt iedere noot op het album raak is.
Dat geldt niet alleen voor de zang, maar ook voor de muziek, want er wordt continu uitgepakt op het album. Maggie Rose wist twee leden uit de band van Jason Isbell te strikken, onder wie gitarist Sadler Vaden, en kon bovendien een beroep doen op een aantal andere muzikanten die hun sporen in Nashville ruimschoots verdiend hebben en dat hoor je. Het geheel werd vervolgens prachtig geproduceerd door de onder andere van Alabama Shakes, The Secret Sisters, Nicole Atkins en recent nog DeWolff bekende Ben Tanner.
No One Gets Out Alive bevat een aantal songs die in het hokje soul passen, maar Maggie Rose heeft zich dit keer ook laten inspireren door de Laurel Canyon folk en kan bovendien uit de voeten met wat gepolijst klinkende pop. Met name de songs in het laatste hokje zou ik in veel gevallen te glad en braaf vinden, maar met de geweldige stem van Maggie Rose wordt iedere song een prachtsong.
No One Gets Out Alive klinkt meer dan eens als een vergeten singer-songwriter album uit de jaren 70 en zou destijds niet hebben misstaan tussen inmiddels erkende klassiekers. Er verschenen vorig jaar echt teveel albums van vrouwelijke singer-songwriters, maar No One Gets Out Alive van Maggie Rose misstaat wat mij betreft niet tussen de uitschieters in het genre. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Review: Maggie Rose - No One Gets Out Alive - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Maggie Rose - No One Gets Out Alive
Na het goed opgepikte derde album van Maggie Rose viel de aandacht voor het afgelopen voorjaar verschenen No One Gets Out Alive helaas wat tegen, maar ook dit is een prachtalbum, al is het maar vanwege de geweldige zang
Maggie Rose liet op haar vorige drie albums al horen dat ze beschikt over een mooie en indrukwekkende soulstem, maar op haar vierde album doet ze er nog een schepje bovenop. Dat doet de Amerikaanse muzikante ook in muzikaal opzicht, want No One Gets Out Alive klinkt nog mooier en veelzijdiger dan zijn voorgangers. Het levert een album op dat makkelijk schakelt tussen soul, Laurel Canyon folk, country, blues en singer-songwriter pop en in al deze genres maakt Maggie Rose verrassend makkelijk indruk. De concurrentie in het genre was het afgelopen jaar moordend, maar als er één album niet had mogen ondersneeuwen is het dit album wel.
Voordat het muziekjaar 2025 echt losbarst is er nog even aandacht voor vergeten albums uit 2024. Het was een jaar waarin het aantal albums van vrouwelijke singer-songwriters zelfs voor mij wat te groot was, waardoor ik met enige regelmaat albums in het genre liet liggen.
Het gebeurde ook met No One Gets Out Alive van de Amerikaanse singer-songwriter Maggie Rose, dat afgelopen voorjaar verscheen in een week met heel veel nieuwe albums, waaronder meerdere albums van vrouwelijke singer-songwriters. Ik selecteerde in de betreffende week de albums van onder andere Jane Weaver, Alice Russell, Lizzy McAlpine, Fabiana Palladino, Grace Cummings en Bnny, waarvan er twee mijn jaarlijstje haalden, maar het album van Maggie Rose had ik zeker niet moeten laten liggen.
Je hoort het eigenlijk al direct in de openingstrack, waarin de Amerikaanse muzikante imponeert met een heerlijke en krachtige soulstem, met een lekker volle productie en met een rijk en tijdloos geluid waarin net zo stevig wordt uitgepakt als Maggie Rose met haar stembanden doet. De openingstrack en titeltrack van No One Gets Out Alive is echt fantastisch, maar in de tracks die volgen houdt de muzikante uit Nashville, Tennessee, het hoge niveau verrassend makkelijk vast.
Ik had het kunnen weten, want No One Gets Out Alive is het vierde album van Maggie Rose en met name over haar derde album was ik in 2021 heel positief. Mijn recensie van Have A Seat uit de zomer van 2021 staat vol superlatieven, want ik was niet alleen diep onder de indruk van de soulstem van de Amerikaanse muzikante, maar smulde ook van de geweldige muziek op het album en van de zeer aansprekende songs.
Op No One Gets Out Alive is Maggie Rose alleen maar beter geworden. Ik heb vorig jaar niet veel albums gehoord waarop de zang beter is dan op het album van Maggie Rose. De muzikante uit Nashville zingt met veel kracht en soul, maar kan ook prachtig doseren, waardoor echt iedere noot op het album raak is.
Dat geldt niet alleen voor de zang, maar ook voor de muziek, want er wordt continu uitgepakt op het album. Maggie Rose wist twee leden uit de band van Jason Isbell te strikken, onder wie gitarist Sadler Vaden, en kon bovendien een beroep doen op een aantal andere muzikanten die hun sporen in Nashville ruimschoots verdiend hebben en dat hoor je. Het geheel werd vervolgens prachtig geproduceerd door de onder andere van Alabama Shakes, The Secret Sisters, Nicole Atkins en recent nog DeWolff bekende Ben Tanner.
No One Gets Out Alive bevat een aantal songs die in het hokje soul passen, maar Maggie Rose heeft zich dit keer ook laten inspireren door de Laurel Canyon folk en kan bovendien uit de voeten met wat gepolijst klinkende pop. Met name de songs in het laatste hokje zou ik in veel gevallen te glad en braaf vinden, maar met de geweldige stem van Maggie Rose wordt iedere song een prachtsong.
No One Gets Out Alive klinkt meer dan eens als een vergeten singer-songwriter album uit de jaren 70 en zou destijds niet hebben misstaan tussen inmiddels erkende klassiekers. Er verschenen vorig jaar echt teveel albums van vrouwelijke singer-songwriters, maar No One Gets Out Alive van Maggie Rose misstaat wat mij betreft niet tussen de uitschieters in het genre. Erwin Zijleman
Maia Friedman - Goodbye Long Winter Shadow (2025)

4,0
1
geplaatst: 16 mei 2025, 14:14 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Maia Friedman - Goodbye Long Winter Shadow - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Maia Friedman - Goodbye Long Winter Shadow
Het debuutalbum van Maia Friedman haalde in 2022 volkomen terecht een aantal jaarlijstjes en ook op haar tweede album maakt de Amerikaanse muzikante makkelijk indruk met een bijzonder geluid en haar mooie stem
Under The New Light, het debuutalbum van Maia Friedman, liet zich net als zoveel albums van het moment inspireren door de singer-songwriter muziek uit de jaren 70, maar de veelzijdige muzikante gaf wel een eigen draai aan de invloeden uit het verleden. Op haar nieuwe album kiest Maia Friedman weer voor een flink ander geluid. Het is een geluid dat vooral is gevuld met veel strijkers en blazers, waardoor Goodbye Long Winter Shadow een hoog chamber pop gehalte heeft. De sfeervolle instrumentatie past uitstekend bij de prachtige stem van Maia Friedman, die nog mooier klinkt dan op haar debuutalbum. Maia Friedman is nog niet heel bekend, maar verdient echt alle aandacht.
De Amerikaanse muzikante Maia Friedman maakte deel uit van de band Dirty Projectors, maar in de biografie van de band op AllMusic.com wordt haar naam niet eens genoemd. Ik ken Maia Friedman ook niet van de band Coco, al vind ik de twee albums van deze band na beluistering zeker interessant (ik zou ze zeker eens checken).
Ook een aantal andere projecten van de Amerikaanse muzikante kende ik niet, waardoor ik er even van uit ging dat het voor mij een nieuwkomer was, tot ik nota bene op mijn eigen site een bespreking van haar vorige album tegen kwam. Ik was op de een na laatste dag van 2022 enthousiast over het album Under The New Light, het eerste soloalbum van Maia Friedman. Het is een album dat ik eerlijk gezegd volledig vergeten was, maar het is een bijzonder mooi album dat in 2022 zowel nostalgisch als eigentijds klonk en dat wel wat deed denken aan de muziek van Weyes Blood.
Het debuutalbum van Maia Friedman ontdekte ik in 2022 pas toen ik het tegen was gekomen in meerdere jaarlijstjes, maar haar nieuwe album viel me deze week direct op, ook zonder herinnering aan haar debuutalbum. Ik schreef het album onmiddellijk op voor een plekje op de krenten uit de pop en daar heb ik geen spijt van.
Ook op Goodbye Long Winter Shadow overtuigt Maia Friedman onmiddellijk met haar mooie stem. Het is een veelzijdige stem en het is een opvallend zuivere stem die haar songs een tijdloos karakter geeft. Dat tijdloze karakter hoor je ook terug in haar muziek, die net als op het vorige album een nostalgisch karakter heeft, maar ook klinkt als muziek van deze tijd.
Op het vorige album was er een grotere rol voor synths, maar op haar tweede album kiest Maia Friedman voor een flink andere inkleuring met heel veel strijkers en blazers. De inzet van strijkers en blazers versterkt zowel het nostalgische als het eigenzinnige karakter van haar muziek, maar duwt Maia Friedman ook een ander genre in.
Maia Friedman werkt op haar nieuwe album met heel veel muzikanten, maar alle instrumenten staan in dienst van haar stem, die centraal staat in de vooral ingetogen songs op het album. Het vraagt de hand van een ervaren producer, die Maia Friedman heeft gevonden in de persoon van producer en studiotechnicus Philip Weinrobe. Ook haar Coco metgezel Oliver Hill droeg bij aan de productie, die de songs flink optilt.
Op haar vorige album koos Maia Friedman vooral voor tijdloze singer-songwriter muziek. Die invloeden hoor je ook op Goodbye Long Winter Shadow, maar op haar nieuwe album schuift Maia Friedman ook flink op richting chamber pop. Het album bevat hier en daar arrangementen met veel invloeden uit de klassieke muziek en een aantal intermezzo’s die het album nog verder de kant van de chamber pop op duwen.
Ik hou persoonlijk meer van de folky songs en de tijdloze singer-songwriter muziek die waren te horen op het debuutalbum van Maia Friedman, maar ben ook verrassend gecharmeerd van de songs op Goodbye Long Winter Shadow. Het tweede album van de Amerikaanse muzikante is bijzonder sfeervol en heeft een rustgevende uitwerking op de luisteraar.
De muziek op het album is door alle strijkers, blazers en andere instrumenten rijk, maar wordt nergens pompeus. De songs zijn mooi en interessant en dan is er ook nog eens de bijzonder mooie stem van Maia Friedman, die er voor zorgt dat haar nieuwe album anders klinkt dan de andere albums van dit moment. Aanrader dus. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Review: Maia Friedman - Goodbye Long Winter Shadow - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Maia Friedman - Goodbye Long Winter Shadow
Het debuutalbum van Maia Friedman haalde in 2022 volkomen terecht een aantal jaarlijstjes en ook op haar tweede album maakt de Amerikaanse muzikante makkelijk indruk met een bijzonder geluid en haar mooie stem
Under The New Light, het debuutalbum van Maia Friedman, liet zich net als zoveel albums van het moment inspireren door de singer-songwriter muziek uit de jaren 70, maar de veelzijdige muzikante gaf wel een eigen draai aan de invloeden uit het verleden. Op haar nieuwe album kiest Maia Friedman weer voor een flink ander geluid. Het is een geluid dat vooral is gevuld met veel strijkers en blazers, waardoor Goodbye Long Winter Shadow een hoog chamber pop gehalte heeft. De sfeervolle instrumentatie past uitstekend bij de prachtige stem van Maia Friedman, die nog mooier klinkt dan op haar debuutalbum. Maia Friedman is nog niet heel bekend, maar verdient echt alle aandacht.
De Amerikaanse muzikante Maia Friedman maakte deel uit van de band Dirty Projectors, maar in de biografie van de band op AllMusic.com wordt haar naam niet eens genoemd. Ik ken Maia Friedman ook niet van de band Coco, al vind ik de twee albums van deze band na beluistering zeker interessant (ik zou ze zeker eens checken).
Ook een aantal andere projecten van de Amerikaanse muzikante kende ik niet, waardoor ik er even van uit ging dat het voor mij een nieuwkomer was, tot ik nota bene op mijn eigen site een bespreking van haar vorige album tegen kwam. Ik was op de een na laatste dag van 2022 enthousiast over het album Under The New Light, het eerste soloalbum van Maia Friedman. Het is een album dat ik eerlijk gezegd volledig vergeten was, maar het is een bijzonder mooi album dat in 2022 zowel nostalgisch als eigentijds klonk en dat wel wat deed denken aan de muziek van Weyes Blood.
Het debuutalbum van Maia Friedman ontdekte ik in 2022 pas toen ik het tegen was gekomen in meerdere jaarlijstjes, maar haar nieuwe album viel me deze week direct op, ook zonder herinnering aan haar debuutalbum. Ik schreef het album onmiddellijk op voor een plekje op de krenten uit de pop en daar heb ik geen spijt van.
Ook op Goodbye Long Winter Shadow overtuigt Maia Friedman onmiddellijk met haar mooie stem. Het is een veelzijdige stem en het is een opvallend zuivere stem die haar songs een tijdloos karakter geeft. Dat tijdloze karakter hoor je ook terug in haar muziek, die net als op het vorige album een nostalgisch karakter heeft, maar ook klinkt als muziek van deze tijd.
Op het vorige album was er een grotere rol voor synths, maar op haar tweede album kiest Maia Friedman voor een flink andere inkleuring met heel veel strijkers en blazers. De inzet van strijkers en blazers versterkt zowel het nostalgische als het eigenzinnige karakter van haar muziek, maar duwt Maia Friedman ook een ander genre in.
Maia Friedman werkt op haar nieuwe album met heel veel muzikanten, maar alle instrumenten staan in dienst van haar stem, die centraal staat in de vooral ingetogen songs op het album. Het vraagt de hand van een ervaren producer, die Maia Friedman heeft gevonden in de persoon van producer en studiotechnicus Philip Weinrobe. Ook haar Coco metgezel Oliver Hill droeg bij aan de productie, die de songs flink optilt.
Op haar vorige album koos Maia Friedman vooral voor tijdloze singer-songwriter muziek. Die invloeden hoor je ook op Goodbye Long Winter Shadow, maar op haar nieuwe album schuift Maia Friedman ook flink op richting chamber pop. Het album bevat hier en daar arrangementen met veel invloeden uit de klassieke muziek en een aantal intermezzo’s die het album nog verder de kant van de chamber pop op duwen.
Ik hou persoonlijk meer van de folky songs en de tijdloze singer-songwriter muziek die waren te horen op het debuutalbum van Maia Friedman, maar ben ook verrassend gecharmeerd van de songs op Goodbye Long Winter Shadow. Het tweede album van de Amerikaanse muzikante is bijzonder sfeervol en heeft een rustgevende uitwerking op de luisteraar.
De muziek op het album is door alle strijkers, blazers en andere instrumenten rijk, maar wordt nergens pompeus. De songs zijn mooi en interessant en dan is er ook nog eens de bijzonder mooie stem van Maia Friedman, die er voor zorgt dat haar nieuwe album anders klinkt dan de andere albums van dit moment. Aanrader dus. Erwin Zijleman
Maia Friedman - Under the New Light (2022)

4,0
0
geplaatst: 30 december 2022, 16:16 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Maia Friedman - Under The New Light - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Maia Friedman - Under The New Light
Dirty Projectors zangeres Maia Friedman maakte eerder dit jaar een nauwelijks opgemerkt debuutalbum, maar Under The New Light is echt veel te mooi en bijzonder om genegeerd te worden
Zonder de notering in een alweer vergeten jaarlijstje was ik nooit op het spoor gekomen van Under The New Light van de Amerikaanse muzikante Maia Friedman. Dat zou zonde zijn geweest, want het solodebuut van de muzikante uit Brooklyn, New York, sluit vrijwel perfect aan op mijn muzieksmaak. Maia Friedman heeft een verleden in meerdere cultbands, waaronder Dirty Projectors, maar op haar eerste soloalbum maakt ze verrassend toegankelijke muziek. Het is aangenaam klinkende singer-songwriter pop met geregeld een hang naar de jaren 70, maar Maia Friedman maakt ook indruk met mooie klanken en een prachtige stem. Een helaas zwaar onderschat album.
Ik weet niet meer welk jaarlijstje het precies was, maar in een van de talloze jaarlijstjes die ik de afgelopen weken heb bekeken kwam ik Under The New Light van Maia Friedman tegen. Het is een album dat ik aan het begin van de lente niet heb opgemerkt en dat is gek, want Maia Friedman is zeker geen nieuwkomer in de muziek. De Amerikaanse muzikante is vooral bekend als lid van de band Dirty Projectors, maar ze maakte ook deel uit van een aantal andere cultbands, waaronder Coco en Uni Ika Ai.
Op basis van haar muzikale verleden had ik een wat experimenteel album verwacht van de muzikante uit Brooklyn, New York, maar dat is Under The New Light zeker niet. Op haar eerste soloalbum maakt Maia Friedman vooral toegankelijke en tijdloze singer-songwriter pop. Iedereen die, net als ik, het laatste album van Weyes Blood koestert, zal ook gecharmeerd zijn van het solodebuut van Maia Friedman.
Het is een album dat ze samen maakte met haar Uni Ika Ai collega’s Tom Deis en Peter Lalish, die mede tekenden voor de songs op het album, terwijl Coco collega Dan Molad aanschoof voor de productie. Under The New Light is een album dat direct vanaf de eerste noten bijzonder aangenaam klinkt en zelfs zo aangenaam dat het op het eerste gehoor geen album lijkt om heel druk over te doen.
Maia Friedman kiest vanaf de openingstrack van haar solodebuut voor warme en vooral organische klanken, die ze combineert met haar mooie en al even warme stem. Het zijn subtiele klanken die wat nostalgisch aandoen, waardoor Under The New Light, zeker bij vluchtige beluistering, een aangename 70s vibe heeft.
Het doet zoals gezegd wel wat denken aan de muziek van Weyes Blood, wiens And In The Darkness, Hearts Aglow in vrijwel geen enkel jaarlijstje ontbreekt dit jaar. Vergeleken met Weyes Blood kiest Maia Friedman voor wat minder uitbundige arrangementen, maar Under The New Light is absoluut zeer smaakvol ingekleurd met een hoofdrol voor subtiele maar wonderschone gitaarlijnen.
De aangename klanken op het album overtuigen bijzonder makkelijk en ook in vocaal opzicht speelt Maia Friedman vanaf de eerste noten een gewonnen wedstrijd. Vanwege de muziek die de Amerikaanse muzikante in het verleden maakte, verwacht ik constant verrassende wendingen of passages die wat meer tegen de haren in strijken, maar deze komen niet. Maia Friedman laat op haar debuutalbum als solomuzikante haar meest toegankelijke songs horen en ik moet zeggen dat dit me wel bevalt. Under The New Light is een album waarbij het heerlijk luieren of wegdromen is, maar op hetzelfde moment houdt de muzikante uit New York een behoorlijk hoog niveau vast.
Under The New Light is zo’n album dat je makkelijk vijf keer achter elkaar kunt beluisteren zonder dat het gaat vervelen en met een beetje geluk hoor je nog nieuwe dingen ook, want ondanks de consistente sfeer op het album varieert Maia Friedman voldoende in haar muziek, bijvoorbeeld door hier en daar wat dromerige en atmosferische klankentapijten toe te voegen aan haar song of door te variëren met haar stem, die prachtig fluisterzacht kan klinken, maar ook wat expressiever. Het was het afgelopen jaar dringen in het genre waarin Maia Friedman zich beweegt, maar Under The New Light steekt ruim boven de middelmaat uit. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Maia Friedman - Under The New Light - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Maia Friedman - Under The New Light
Dirty Projectors zangeres Maia Friedman maakte eerder dit jaar een nauwelijks opgemerkt debuutalbum, maar Under The New Light is echt veel te mooi en bijzonder om genegeerd te worden
Zonder de notering in een alweer vergeten jaarlijstje was ik nooit op het spoor gekomen van Under The New Light van de Amerikaanse muzikante Maia Friedman. Dat zou zonde zijn geweest, want het solodebuut van de muzikante uit Brooklyn, New York, sluit vrijwel perfect aan op mijn muzieksmaak. Maia Friedman heeft een verleden in meerdere cultbands, waaronder Dirty Projectors, maar op haar eerste soloalbum maakt ze verrassend toegankelijke muziek. Het is aangenaam klinkende singer-songwriter pop met geregeld een hang naar de jaren 70, maar Maia Friedman maakt ook indruk met mooie klanken en een prachtige stem. Een helaas zwaar onderschat album.
Ik weet niet meer welk jaarlijstje het precies was, maar in een van de talloze jaarlijstjes die ik de afgelopen weken heb bekeken kwam ik Under The New Light van Maia Friedman tegen. Het is een album dat ik aan het begin van de lente niet heb opgemerkt en dat is gek, want Maia Friedman is zeker geen nieuwkomer in de muziek. De Amerikaanse muzikante is vooral bekend als lid van de band Dirty Projectors, maar ze maakte ook deel uit van een aantal andere cultbands, waaronder Coco en Uni Ika Ai.
Op basis van haar muzikale verleden had ik een wat experimenteel album verwacht van de muzikante uit Brooklyn, New York, maar dat is Under The New Light zeker niet. Op haar eerste soloalbum maakt Maia Friedman vooral toegankelijke en tijdloze singer-songwriter pop. Iedereen die, net als ik, het laatste album van Weyes Blood koestert, zal ook gecharmeerd zijn van het solodebuut van Maia Friedman.
Het is een album dat ze samen maakte met haar Uni Ika Ai collega’s Tom Deis en Peter Lalish, die mede tekenden voor de songs op het album, terwijl Coco collega Dan Molad aanschoof voor de productie. Under The New Light is een album dat direct vanaf de eerste noten bijzonder aangenaam klinkt en zelfs zo aangenaam dat het op het eerste gehoor geen album lijkt om heel druk over te doen.
Maia Friedman kiest vanaf de openingstrack van haar solodebuut voor warme en vooral organische klanken, die ze combineert met haar mooie en al even warme stem. Het zijn subtiele klanken die wat nostalgisch aandoen, waardoor Under The New Light, zeker bij vluchtige beluistering, een aangename 70s vibe heeft.
Het doet zoals gezegd wel wat denken aan de muziek van Weyes Blood, wiens And In The Darkness, Hearts Aglow in vrijwel geen enkel jaarlijstje ontbreekt dit jaar. Vergeleken met Weyes Blood kiest Maia Friedman voor wat minder uitbundige arrangementen, maar Under The New Light is absoluut zeer smaakvol ingekleurd met een hoofdrol voor subtiele maar wonderschone gitaarlijnen.
De aangename klanken op het album overtuigen bijzonder makkelijk en ook in vocaal opzicht speelt Maia Friedman vanaf de eerste noten een gewonnen wedstrijd. Vanwege de muziek die de Amerikaanse muzikante in het verleden maakte, verwacht ik constant verrassende wendingen of passages die wat meer tegen de haren in strijken, maar deze komen niet. Maia Friedman laat op haar debuutalbum als solomuzikante haar meest toegankelijke songs horen en ik moet zeggen dat dit me wel bevalt. Under The New Light is een album waarbij het heerlijk luieren of wegdromen is, maar op hetzelfde moment houdt de muzikante uit New York een behoorlijk hoog niveau vast.
Under The New Light is zo’n album dat je makkelijk vijf keer achter elkaar kunt beluisteren zonder dat het gaat vervelen en met een beetje geluk hoor je nog nieuwe dingen ook, want ondanks de consistente sfeer op het album varieert Maia Friedman voldoende in haar muziek, bijvoorbeeld door hier en daar wat dromerige en atmosferische klankentapijten toe te voegen aan haar song of door te variëren met haar stem, die prachtig fluisterzacht kan klinken, maar ook wat expressiever. Het was het afgelopen jaar dringen in het genre waarin Maia Friedman zich beweegt, maar Under The New Light steekt ruim boven de middelmaat uit. Erwin Zijleman
Maïa Vidal - You're the Waves (2015)

4,0
0
geplaatst: 10 oktober 2015, 10:29 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Maïa Vidal - You're The Waves - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Ik heb tot dusver een zwak voor de platen van Maïa Vidal. De Amerikaanse muzikante met Frans, Duits en Japans bloed maakte met God Is My Bike en Spaces ✩ twee platen die in meerdere opzichten wisten te verrassen.
‘Waar de meeste muzikanten vooral binnen de lijntjes kleuren, vergeet Maïa Vidal de lijntjes’ schreef ik in mijn recensie van Spaces ✩ . Toch maakte Maïa Vidal op haar eerste twee platen zeker geen ontoegankelijke muziek.
De popliedjes van Maïa Vidal zijn tot dusver intiem en sprookjesachtig en het zijn popliedjes die ook in een sobere muzikale setting moeiteloos overeind zouden blijven. Voor een sobere muzikale setting ben je bij Maïa Vidal echter aan het verkeerde adres.
Op You’re The Waves heeft Maïa Vidal haar bijzondere geluid wel wat gestroomlijnd. Het van de hak op de tak springende instrumentarium van haar vorige platen is verruild voor een grotendeels elektronisch klankentapijt, maar het is wel een heel spannend elektronisch klankentapijt vol bijzondere klanken, speelse ritmes en kleuren die lak hebben aan de lijntjes.
Ondanks het wat dikker aangezette instrumentarium blijven de popliedjes van Maïa Vidal intiem. You’re The Waves is een plaat die je makkelijk opslokt, waarna je wordt gegrepen door de vele lagen in de instrumentatie en de lieflijke vocalen van Maïa Vidal.
You’re The Waves lijkt op het eerste gehoor misschien wat toegankelijker dan zijn twee voorgangers, maar wat valt er weer veel te ontdekken en te genieten in de muziek van Maïa Vidal.
Het blijft muziek waar je van moet houden, maar als je houdt van de muziek van Maïa Vidal zoals ik doe is ook You’re The Waves weer een plaat om te koesteren. Van mij mag Maïa Vidal er dit keer de wereld mee veroveren. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Maïa Vidal - You're The Waves - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Ik heb tot dusver een zwak voor de platen van Maïa Vidal. De Amerikaanse muzikante met Frans, Duits en Japans bloed maakte met God Is My Bike en Spaces ✩ twee platen die in meerdere opzichten wisten te verrassen.
‘Waar de meeste muzikanten vooral binnen de lijntjes kleuren, vergeet Maïa Vidal de lijntjes’ schreef ik in mijn recensie van Spaces ✩ . Toch maakte Maïa Vidal op haar eerste twee platen zeker geen ontoegankelijke muziek.
De popliedjes van Maïa Vidal zijn tot dusver intiem en sprookjesachtig en het zijn popliedjes die ook in een sobere muzikale setting moeiteloos overeind zouden blijven. Voor een sobere muzikale setting ben je bij Maïa Vidal echter aan het verkeerde adres.
Op You’re The Waves heeft Maïa Vidal haar bijzondere geluid wel wat gestroomlijnd. Het van de hak op de tak springende instrumentarium van haar vorige platen is verruild voor een grotendeels elektronisch klankentapijt, maar het is wel een heel spannend elektronisch klankentapijt vol bijzondere klanken, speelse ritmes en kleuren die lak hebben aan de lijntjes.
Ondanks het wat dikker aangezette instrumentarium blijven de popliedjes van Maïa Vidal intiem. You’re The Waves is een plaat die je makkelijk opslokt, waarna je wordt gegrepen door de vele lagen in de instrumentatie en de lieflijke vocalen van Maïa Vidal.
You’re The Waves lijkt op het eerste gehoor misschien wat toegankelijker dan zijn twee voorgangers, maar wat valt er weer veel te ontdekken en te genieten in de muziek van Maïa Vidal.
Het blijft muziek waar je van moet houden, maar als je houdt van de muziek van Maïa Vidal zoals ik doe is ook You’re The Waves weer een plaat om te koesteren. Van mij mag Maïa Vidal er dit keer de wereld mee veroveren. Erwin Zijleman
Maida Rose - Tales of Adolescence (2022)

4,5
0
geplaatst: 26 maart 2022, 11:52 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Maida Rose - Tales Of Adolescence - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Maida Rose - Tales Of Adolescence
Roos Meijer leverde een paar maanden geleden een prachtig folkalbum af en voegt daar nu, samen met Javièr den Leeuw, een dreampop album aan toe, dat Maida Rose op de kaart zet als smaakmaker in het genre
Dreampop is de laatste jaren weer springlevend en krijgt er deze week met het Nederlandse Maida Rose een band bij waar rekening mee moet worden gehouden. Tales Of Adolescence schuurt af en toe dicht tegen de muziek van Beach House aan, maar in muzikaal opzicht vind ik Maida Rose net wat interessanter. Het tweetal in Den Haag beschikt in de persoon van Roos Meijer bovendien over een geweldige zangeres. Dat liet ze al horen op haar pas een paar maanden oude soloalbum dat in het hokje folk paste, maar ook in dreampop van Maida Rose klinkt de stem van Roos Meijer fantastisch. Het levert een prachtig klinkend dreampop album op dat alleen maar mooier en indrukwekkender wordt en dat uiteindelijk niet onder doet voor de albums van de grote voorbeelden.
Het Amerikaanse duo Beach House heeft met Once Twice Melody de lat vorige maand behoorlijk hoog gelegd wanneer het gaat om albums die in het hokje dreampop passen. Nederland heeft geen hele rijke traditie wanneer het gaat om muziek in dit genre, maar het Haagse duo Maida Rose laat op haar debuutalbum Tales Of Adolescence horen dat het concurrentie met de grote bands in het genre best aan kan.
Maida Rose bestaat uit de Nederlandse singer-songwriters Roos Meijer en Javièr den Leeuw, die naar verluidt ruim vijf jaar hebben gewerkt aan dit debuutalbum. De naam van Javièr den Leeuw ben ik nog niet eerder tegengekomen, maar Roos Meijer kennen we natuurlijk wel. De Nederlandse muzikante debuteerde net iets meer dan vier maanden geleden razend knap met het bijzonder fraaie Why Don’t We Give It A Try? waarop ze indruk maakte met mooi ingekleurde folksongs en vooral met een prachtige stem.
Die stem is uiteraard ook een van de sterke wapens van Maida Rose, dat zich in vocaal opzicht makkelijk kan meten met het eerder genoemde Beach House. Roos Meijer liet op haar solodebuut horen dat ze een stem heeft die gemaakt lijkt voor folksongs, maar ook in het dreampop geluid van Maida Rose komt de stem van de Haagse singer-songwriter uitstekend tot zijn recht.
Alleen door de zang was ik al na één keer horen smoorverliefd op Tales Of Adolescence, maar de stem van Roos Meijer is niet het enige dat er op het debuutalbum van Maida Rose uit springt. Ook in muzikaal opzicht weet het Haagse tweetal zich vrijwel onmiddellijk te onderscheiden.
Tales Of Adolescence heeft zich laten inspireren door het beste dat de dreampop de afgelopen drie decennia te bieden had, maar kiest ook voor een duidelijk eigen geluid. Op het debuutalbum van Maida Rose duiken met enige regelmaat klanken op die onmiddellijk doen denken aan de muziek van Beach House, maar de muziek van Roos Meijer en Javièr den Leeuw is over het algemeen subtieler en wat minder pompeus.
Zoals dat hoort in de dreampop heeft Maida Rose haar muziek vol of zelfs overdadig ingekleurd, maar het klinkt niet zo zwaar en wollig als de meeste bands in het genre kunnen klinken. Het zorgt er voor dat Tales Of Adolescence bijzonder makkelijk verleidt, zeker wanneer de lentezon zo aangenaam schijnt als op het moment.
Het gelukzalige gevoel dat zich meester van je maakt wanneer het debuut van Maida Rose uit de speakers komt, contrasteert met de teksten op het album die in het teken staan van het volwassen worden, wat niet de makkelijkste fase van het leven is. Ondanks de melancholie in een aantal van de songs, is Tales Of Adolescence een album om heerlijk bij weg te dromen, zoals dat ook hoort bij een dreampop album.
Dat wegdromen is aangenaam, maar het debuut van Maida Rose is ook een album waar je geen noot van wilt missen. Het album werd in het ouderlijk huis van Javièr den Leeuw opgenomen, maar klinkt alsof het in een gerenommeerde studio met een al even gerenommeerde producer werd opgenomen. Het is een geluid dat bestaat uit meerdere lagen en dat vol bijzonder fraaie details zit.
Ik ben al een tijdje behoorlijk verknocht aan het laatste album van Beach House, maar in muzikaal en zeker in vocaal opzicht is het debuutalbum van Maida Rose misschien wel beter, nee gewoon beter. Nederland heeft er een dreampop band bij die mee kan met de allerbesten en in de persoon van Roos Meijer ook nog eens beschikt over een van de mooiste stemmen van het moment. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Maida Rose - Tales Of Adolescence - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Maida Rose - Tales Of Adolescence
Roos Meijer leverde een paar maanden geleden een prachtig folkalbum af en voegt daar nu, samen met Javièr den Leeuw, een dreampop album aan toe, dat Maida Rose op de kaart zet als smaakmaker in het genre
Dreampop is de laatste jaren weer springlevend en krijgt er deze week met het Nederlandse Maida Rose een band bij waar rekening mee moet worden gehouden. Tales Of Adolescence schuurt af en toe dicht tegen de muziek van Beach House aan, maar in muzikaal opzicht vind ik Maida Rose net wat interessanter. Het tweetal in Den Haag beschikt in de persoon van Roos Meijer bovendien over een geweldige zangeres. Dat liet ze al horen op haar pas een paar maanden oude soloalbum dat in het hokje folk paste, maar ook in dreampop van Maida Rose klinkt de stem van Roos Meijer fantastisch. Het levert een prachtig klinkend dreampop album op dat alleen maar mooier en indrukwekkender wordt en dat uiteindelijk niet onder doet voor de albums van de grote voorbeelden.
Het Amerikaanse duo Beach House heeft met Once Twice Melody de lat vorige maand behoorlijk hoog gelegd wanneer het gaat om albums die in het hokje dreampop passen. Nederland heeft geen hele rijke traditie wanneer het gaat om muziek in dit genre, maar het Haagse duo Maida Rose laat op haar debuutalbum Tales Of Adolescence horen dat het concurrentie met de grote bands in het genre best aan kan.
Maida Rose bestaat uit de Nederlandse singer-songwriters Roos Meijer en Javièr den Leeuw, die naar verluidt ruim vijf jaar hebben gewerkt aan dit debuutalbum. De naam van Javièr den Leeuw ben ik nog niet eerder tegengekomen, maar Roos Meijer kennen we natuurlijk wel. De Nederlandse muzikante debuteerde net iets meer dan vier maanden geleden razend knap met het bijzonder fraaie Why Don’t We Give It A Try? waarop ze indruk maakte met mooi ingekleurde folksongs en vooral met een prachtige stem.
Die stem is uiteraard ook een van de sterke wapens van Maida Rose, dat zich in vocaal opzicht makkelijk kan meten met het eerder genoemde Beach House. Roos Meijer liet op haar solodebuut horen dat ze een stem heeft die gemaakt lijkt voor folksongs, maar ook in het dreampop geluid van Maida Rose komt de stem van de Haagse singer-songwriter uitstekend tot zijn recht.
Alleen door de zang was ik al na één keer horen smoorverliefd op Tales Of Adolescence, maar de stem van Roos Meijer is niet het enige dat er op het debuutalbum van Maida Rose uit springt. Ook in muzikaal opzicht weet het Haagse tweetal zich vrijwel onmiddellijk te onderscheiden.
Tales Of Adolescence heeft zich laten inspireren door het beste dat de dreampop de afgelopen drie decennia te bieden had, maar kiest ook voor een duidelijk eigen geluid. Op het debuutalbum van Maida Rose duiken met enige regelmaat klanken op die onmiddellijk doen denken aan de muziek van Beach House, maar de muziek van Roos Meijer en Javièr den Leeuw is over het algemeen subtieler en wat minder pompeus.
Zoals dat hoort in de dreampop heeft Maida Rose haar muziek vol of zelfs overdadig ingekleurd, maar het klinkt niet zo zwaar en wollig als de meeste bands in het genre kunnen klinken. Het zorgt er voor dat Tales Of Adolescence bijzonder makkelijk verleidt, zeker wanneer de lentezon zo aangenaam schijnt als op het moment.
Het gelukzalige gevoel dat zich meester van je maakt wanneer het debuut van Maida Rose uit de speakers komt, contrasteert met de teksten op het album die in het teken staan van het volwassen worden, wat niet de makkelijkste fase van het leven is. Ondanks de melancholie in een aantal van de songs, is Tales Of Adolescence een album om heerlijk bij weg te dromen, zoals dat ook hoort bij een dreampop album.
Dat wegdromen is aangenaam, maar het debuut van Maida Rose is ook een album waar je geen noot van wilt missen. Het album werd in het ouderlijk huis van Javièr den Leeuw opgenomen, maar klinkt alsof het in een gerenommeerde studio met een al even gerenommeerde producer werd opgenomen. Het is een geluid dat bestaat uit meerdere lagen en dat vol bijzonder fraaie details zit.
Ik ben al een tijdje behoorlijk verknocht aan het laatste album van Beach House, maar in muzikaal en zeker in vocaal opzicht is het debuutalbum van Maida Rose misschien wel beter, nee gewoon beter. Nederland heeft er een dreampop band bij die mee kan met de allerbesten en in de persoon van Roos Meijer ook nog eens beschikt over een van de mooiste stemmen van het moment. Erwin Zijleman
Maija Sofia - True Love (2023)

4,0
0
geplaatst: 5 september 2023, 15:08 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Maija Sofia - True Love - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Maija Sofia - True Love
De Ierse muzikante Maija Sofia maakt op haar tweede album True Love indruk met een zeer karakteristieke stem, met bijzondere klanken en met intieme en persoonlijke songs die het experiment opzoeken
Het debuutalbum van Maija Sofia heb ik in 2019 helaas niet opgemerkt, maar het deze week verschenen True Love viel me direct op. De muzikante uit Dublin doet dit met een muziek en zang die in eerste instantie vooral doen denken aan die van haar landgenote en stadgenote Sinéad O'Connor, maar uiteindelijk klinkt Maija Sofia vooral als zichzelf. True Love is in vocaal opzicht een bijzonder album, maar ook de inkleuring van de songs op het tweede album van Maija Sofia is zeker niet alledaags. De songs van de Ierse muzikante dringen zich makkelijk op, maar het zijn ook songs die steeds weer nieuwe dingen laten horen en langzaam maar zeker steeds meer indruk maken.
Tussen de nieuwe releases van deze week vond ik True Love van Maija Sofia. Het is het tweede album van de Ierse muzikante, want in 2019 verscheen haar debuutalbum Bath Time. Het is een album dat bijna vier jaar geleden zeker mijn aandacht had verdiend, want het debuutalbum van Maija Sofia is een mooi en eigenzinnig klinkend album. Het zijn woorden die misschien nog wel wat meer van toepassing zijn op het deze week verschenen True Love, want op haar tweede album heeft Maija Sofia zowel haar muziek als haar zang nog wat zwaarder aangezet.
True Love deed me wel onmiddellijk aan iets denken en omdat ik de afgelopen weken heel vaak heb geluisterd naar de muziek van Sinéad O'Connor was het niet lastig om te bedenken waar het nieuwe album van Maija Sofia me aan deed denken. De stem van Maija Sofia heeft deels dezelfde klankkleur als die van haar deze zomer overleden landgenote en ook de opvallende manier van zingen lijkt geïnspireerd door het unieke geluid dat Sinéad O'Connor vanaf haar debuutalbum The Lion And The Cobra uit 1987 liet horen.
Ik heb me bij mijn eerste beluisteringen van True Love vooral afgevraagd of de overeenkomsten met de muziek van Sinéad O'Connor me in de weg zaten of niet en dat vond ik best een lastige vraag. Over het algemeen genomen vind ik het niet zo erg als muziek me aan van alles en nog wat doet denken, maar dat wordt kennelijk anders wanneer de inspiratiebron de uitersten opzocht, zoals Sinéad O'Connor deed. Uiteindelijk heb ik True Love van Maija Sofia echter vooral beoordeeld op de kwaliteiten van de muzikante uit Dublin en dat zijn er nog al wat.
Maija Sofia zingt met veel gevoel en expressie en dit voorziet haar songs van veel dynamiek en emotie. Het zorgt bovendien voor bijzonder klinkende songs en dit wordt versterkt door het gebruik van bijzondere instrumenten en de over het algemeen spaarzame inzet hiervan. Op True Love is een belangrijke rol weggelegd voor de harp, die de songs van de Ierse muzikante voorziet van een bijzondere en vaak intiems sfeer. Naast de harp duiken instrumenten als de theremin, de klarinet, het harmonium, de saxofoon en de pedal steel op, terwijl Maija Sofia zelf kiest voor piano, orgel en keyboards en af en toe de gitaar.
Er duiken alles bij elkaar genomen flink wat instrumenten op, maar de instrumentatie is over het algemeen ingetogen of zelfs sober, een enkele uitbarsting daargelaten. Het is een instrumentatie waar Sinéad O'Connor ook zomaar voor had kunnen kiezen, maar Maija Sofia verdient de credits voor de prachtige klanken op haar tweede album. De mooie klanken en de karakteristieke stem van de Ierse muzikante strijken vaak op bijzondere wijze tegen elkaar in, maar ze weten elkaar ook op bijzondere wijze te versterken.
In de spaarzaam ingekleurde songs op True Love laat Maija Sofia horen dat ze fraaie folksongs kan maken, maar de meeste songs op het album zijn wat experimenteler of op zijn minst ongrijpbaarder. Toen ik eenmaal was afgestapt van het vergelijken met de muziek van Sinéad O'Connor werd True Love al snel steeds mooier en inmiddels koester ik de meeste songs op dit bijzondere album. Maija Sofia maakt op haar tweede album misschien geen heel groot geheim van haar belangrijkste inspiratiebron(nen), maar ze slaagt er uiteindelijk toch ook in om te verrassen met een bijzonder eigen geluid dat zich steeds wat nadrukkelijker opdringt. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Maija Sofia - True Love - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Maija Sofia - True Love
De Ierse muzikante Maija Sofia maakt op haar tweede album True Love indruk met een zeer karakteristieke stem, met bijzondere klanken en met intieme en persoonlijke songs die het experiment opzoeken
Het debuutalbum van Maija Sofia heb ik in 2019 helaas niet opgemerkt, maar het deze week verschenen True Love viel me direct op. De muzikante uit Dublin doet dit met een muziek en zang die in eerste instantie vooral doen denken aan die van haar landgenote en stadgenote Sinéad O'Connor, maar uiteindelijk klinkt Maija Sofia vooral als zichzelf. True Love is in vocaal opzicht een bijzonder album, maar ook de inkleuring van de songs op het tweede album van Maija Sofia is zeker niet alledaags. De songs van de Ierse muzikante dringen zich makkelijk op, maar het zijn ook songs die steeds weer nieuwe dingen laten horen en langzaam maar zeker steeds meer indruk maken.
Tussen de nieuwe releases van deze week vond ik True Love van Maija Sofia. Het is het tweede album van de Ierse muzikante, want in 2019 verscheen haar debuutalbum Bath Time. Het is een album dat bijna vier jaar geleden zeker mijn aandacht had verdiend, want het debuutalbum van Maija Sofia is een mooi en eigenzinnig klinkend album. Het zijn woorden die misschien nog wel wat meer van toepassing zijn op het deze week verschenen True Love, want op haar tweede album heeft Maija Sofia zowel haar muziek als haar zang nog wat zwaarder aangezet.
True Love deed me wel onmiddellijk aan iets denken en omdat ik de afgelopen weken heel vaak heb geluisterd naar de muziek van Sinéad O'Connor was het niet lastig om te bedenken waar het nieuwe album van Maija Sofia me aan deed denken. De stem van Maija Sofia heeft deels dezelfde klankkleur als die van haar deze zomer overleden landgenote en ook de opvallende manier van zingen lijkt geïnspireerd door het unieke geluid dat Sinéad O'Connor vanaf haar debuutalbum The Lion And The Cobra uit 1987 liet horen.
Ik heb me bij mijn eerste beluisteringen van True Love vooral afgevraagd of de overeenkomsten met de muziek van Sinéad O'Connor me in de weg zaten of niet en dat vond ik best een lastige vraag. Over het algemeen genomen vind ik het niet zo erg als muziek me aan van alles en nog wat doet denken, maar dat wordt kennelijk anders wanneer de inspiratiebron de uitersten opzocht, zoals Sinéad O'Connor deed. Uiteindelijk heb ik True Love van Maija Sofia echter vooral beoordeeld op de kwaliteiten van de muzikante uit Dublin en dat zijn er nog al wat.
Maija Sofia zingt met veel gevoel en expressie en dit voorziet haar songs van veel dynamiek en emotie. Het zorgt bovendien voor bijzonder klinkende songs en dit wordt versterkt door het gebruik van bijzondere instrumenten en de over het algemeen spaarzame inzet hiervan. Op True Love is een belangrijke rol weggelegd voor de harp, die de songs van de Ierse muzikante voorziet van een bijzondere en vaak intiems sfeer. Naast de harp duiken instrumenten als de theremin, de klarinet, het harmonium, de saxofoon en de pedal steel op, terwijl Maija Sofia zelf kiest voor piano, orgel en keyboards en af en toe de gitaar.
Er duiken alles bij elkaar genomen flink wat instrumenten op, maar de instrumentatie is over het algemeen ingetogen of zelfs sober, een enkele uitbarsting daargelaten. Het is een instrumentatie waar Sinéad O'Connor ook zomaar voor had kunnen kiezen, maar Maija Sofia verdient de credits voor de prachtige klanken op haar tweede album. De mooie klanken en de karakteristieke stem van de Ierse muzikante strijken vaak op bijzondere wijze tegen elkaar in, maar ze weten elkaar ook op bijzondere wijze te versterken.
In de spaarzaam ingekleurde songs op True Love laat Maija Sofia horen dat ze fraaie folksongs kan maken, maar de meeste songs op het album zijn wat experimenteler of op zijn minst ongrijpbaarder. Toen ik eenmaal was afgestapt van het vergelijken met de muziek van Sinéad O'Connor werd True Love al snel steeds mooier en inmiddels koester ik de meeste songs op dit bijzondere album. Maija Sofia maakt op haar tweede album misschien geen heel groot geheim van haar belangrijkste inspiratiebron(nen), maar ze slaagt er uiteindelijk toch ook in om te verrassen met een bijzonder eigen geluid dat zich steeds wat nadrukkelijker opdringt. Erwin Zijleman
Makaya McCraven - In These Times (2022)

4,0
1
geplaatst: 30 september 2022, 12:51 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Makaya McCraven - In These Times - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Makaya McCraven - In These Times
De Amerikaanse jazzmuzikant Makaya McCraven creëert op In These Times zijn eigen muzikale universum en het is er een dat van de eerste tot en met de laatste noot fascineert, verbaast, betovert en hypnotiseert
Zeker bij eerste beluistering van In These Times van Makaya McCraven had ik geen idee wat ik met dit album aan moest. Het is een album waarop het etiket jazz is geplakt, maar In These Times is zoveel meer dan jazz. Makaya McCraven gaat aan de haal met invloeden uit twee handen vol genres en smeedt alle invloeden vervolgens op fascinerende wijze aan elkaar. Soms klinkt het inderdaad jazzy, maar over het algemeen overschrijdt de Amerikaanse muzikant de grenzen van het genre ruimschoots. Er wordt onnavolgbaar gemusiceerd op dit album dat maar weinig houvast biedt, maar op een of andere manier ook iets rustgevends heeft. Absoluut een van de meest opzienbarende albums van het moment.
De krenten uit de pop werd de afgelopen week volledig gedomineerd door vrouwelijke muzikanten. Nu is het aandeel van vrouwelijke muzikanten wel vaker aan de hoge kant, maar 100% vrouwelijke muzikanten vind ik zelfs wat te veel van het goede. Daarom als extraatje een mannelijke muzikant en direct maar een die zich redelijk ver buiten mijn muzikale comfort zone beweegt. De muziek van Makaya McCraven, want daar heb ik het over, wordt over het algemeen in het hokje jazz geduwd. Daar is af en toe wel wat voor te zeggen, maar de Amerikaanse muzikant zoekt de grenzen van het genre nadrukkelijk op.
Makaya McCraven werd in Parijs geboren als kind van een Amerikaanse jazzmuzikant en een Hongaarse folkzangeres, maar groeide op in de Verenigde Staten, waar hij al op jonge leeftijd begon met het maken van muziek. Het deze week verschenen In These Times, dat de afgelopen weken al uitvoerig is bewierookt, is als ik het goed heb geteld het zevende soloalbum van de Amerikaanse muzikant, die hiernaast ook nog flink wat albums met anderen maakte, en het is wat mij betreft een album dat elf songs en ruim 41 minuten lang intrigeert.
In die 41 minuten is geen rol weggelegd voor vocalen, maar in muzikaal opzicht gebeurt er verschrikkelijk veel en zelfs zoveel dat ik ook na talloze keren luisteren nog nieuwe dingen hoor. Makaya McCraven is van oorsprong drummer en percussionist en trekt op In These Times op deze terreinen alles uit de kast. Het drumwerk op het album is fantastisch, maar het is ook ondersteunend aan een hele batterij instrumenten.
Hieronder de nodige blazers, die de muziek van Mayaka McCraven de kant van de jazz opduwen, maar wanneer de fluit, strijkers en vooral de harp worden ingezet, drijft In These Times redelijk ver af van de jazz, zoals ik die ken, en betovert het album met beeldende klanken die de fantasie prikkelen zoals maar weinig andere albums dit doen. Naast alle akoestische instrumenten verrijkt Makaya McCraven zijn songs ook nog eens met elektronica, waarna ook avant-garde gitarist Jeff Parker (onder andere bekend van Tortoise) zijn kunsten nog eens mag vertonen.
Zeker als Makaya McCraven met onnavolgbare ritmes strooit is de muziek op In These Times lastig te doorgronden, maar het album bevat ook bijna rustgevende passages. Invloeden uit de jazz, psychedelica, avant-garde, Krautrock, ambient, rock, wereldmuziek, hiphop en soul hebben allemaal hun weg gevonden naar dit bijzondere album en Makaya McCraven maakt tussendoor ook nog muziek waarvoor de genrenamen nog moeten worden bedacht.
Het is absoluut muziek die zich ver buiten mijn comfort zone beweegt, maar hoe vaker ik naar In These Times van Makaya McCraven luister hoe meer mooie dingen ik hoor en hoe dierbaarder dit album me wordt. Het is een album vol echo’s uit het verleden, maar de Amerikaanse muzikant maakt ook muziek van de toekomst.
In These Times staat vol beeldende muziek waar je zelf de beelden bij mag bedenken, maar het is ook muziek die het bewustzijn op fascinerende wijze beïnvloedt en hier en daar een hypnotiserende uitwerking heeft op de luisteraar. Ik begrijp nog steeds geen snars van In These Times van Makaya McCraven, maar wat is dit een bijzonder en bij vlagen hemeltergend mooi album. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Makaya McCraven - In These Times - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Makaya McCraven - In These Times
De Amerikaanse jazzmuzikant Makaya McCraven creëert op In These Times zijn eigen muzikale universum en het is er een dat van de eerste tot en met de laatste noot fascineert, verbaast, betovert en hypnotiseert
Zeker bij eerste beluistering van In These Times van Makaya McCraven had ik geen idee wat ik met dit album aan moest. Het is een album waarop het etiket jazz is geplakt, maar In These Times is zoveel meer dan jazz. Makaya McCraven gaat aan de haal met invloeden uit twee handen vol genres en smeedt alle invloeden vervolgens op fascinerende wijze aan elkaar. Soms klinkt het inderdaad jazzy, maar over het algemeen overschrijdt de Amerikaanse muzikant de grenzen van het genre ruimschoots. Er wordt onnavolgbaar gemusiceerd op dit album dat maar weinig houvast biedt, maar op een of andere manier ook iets rustgevends heeft. Absoluut een van de meest opzienbarende albums van het moment.
De krenten uit de pop werd de afgelopen week volledig gedomineerd door vrouwelijke muzikanten. Nu is het aandeel van vrouwelijke muzikanten wel vaker aan de hoge kant, maar 100% vrouwelijke muzikanten vind ik zelfs wat te veel van het goede. Daarom als extraatje een mannelijke muzikant en direct maar een die zich redelijk ver buiten mijn muzikale comfort zone beweegt. De muziek van Makaya McCraven, want daar heb ik het over, wordt over het algemeen in het hokje jazz geduwd. Daar is af en toe wel wat voor te zeggen, maar de Amerikaanse muzikant zoekt de grenzen van het genre nadrukkelijk op.
Makaya McCraven werd in Parijs geboren als kind van een Amerikaanse jazzmuzikant en een Hongaarse folkzangeres, maar groeide op in de Verenigde Staten, waar hij al op jonge leeftijd begon met het maken van muziek. Het deze week verschenen In These Times, dat de afgelopen weken al uitvoerig is bewierookt, is als ik het goed heb geteld het zevende soloalbum van de Amerikaanse muzikant, die hiernaast ook nog flink wat albums met anderen maakte, en het is wat mij betreft een album dat elf songs en ruim 41 minuten lang intrigeert.
In die 41 minuten is geen rol weggelegd voor vocalen, maar in muzikaal opzicht gebeurt er verschrikkelijk veel en zelfs zoveel dat ik ook na talloze keren luisteren nog nieuwe dingen hoor. Makaya McCraven is van oorsprong drummer en percussionist en trekt op In These Times op deze terreinen alles uit de kast. Het drumwerk op het album is fantastisch, maar het is ook ondersteunend aan een hele batterij instrumenten.
Hieronder de nodige blazers, die de muziek van Mayaka McCraven de kant van de jazz opduwen, maar wanneer de fluit, strijkers en vooral de harp worden ingezet, drijft In These Times redelijk ver af van de jazz, zoals ik die ken, en betovert het album met beeldende klanken die de fantasie prikkelen zoals maar weinig andere albums dit doen. Naast alle akoestische instrumenten verrijkt Makaya McCraven zijn songs ook nog eens met elektronica, waarna ook avant-garde gitarist Jeff Parker (onder andere bekend van Tortoise) zijn kunsten nog eens mag vertonen.
Zeker als Makaya McCraven met onnavolgbare ritmes strooit is de muziek op In These Times lastig te doorgronden, maar het album bevat ook bijna rustgevende passages. Invloeden uit de jazz, psychedelica, avant-garde, Krautrock, ambient, rock, wereldmuziek, hiphop en soul hebben allemaal hun weg gevonden naar dit bijzondere album en Makaya McCraven maakt tussendoor ook nog muziek waarvoor de genrenamen nog moeten worden bedacht.
Het is absoluut muziek die zich ver buiten mijn comfort zone beweegt, maar hoe vaker ik naar In These Times van Makaya McCraven luister hoe meer mooie dingen ik hoor en hoe dierbaarder dit album me wordt. Het is een album vol echo’s uit het verleden, maar de Amerikaanse muzikant maakt ook muziek van de toekomst.
In These Times staat vol beeldende muziek waar je zelf de beelden bij mag bedenken, maar het is ook muziek die het bewustzijn op fascinerende wijze beïnvloedt en hier en daar een hypnotiserende uitwerking heeft op de luisteraar. Ik begrijp nog steeds geen snars van In These Times van Makaya McCraven, maar wat is dit een bijzonder en bij vlagen hemeltergend mooi album. Erwin Zijleman
Malcolm Holcombe - Pitiful Blues (2014)

4,0
0
geplaatst: 3 september 2014, 19:35 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Malcolm Holcombe - Pitiful Blues - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Begin vorige maand verscheen Pitiful Blues van Malcolm Holcombe. Geen handig moment voor een nieuwe release, want midden in de zomervakantie worden nieuwe platen makkelijk over het hoofd gezien.
Gelukkig komt kwaliteit altijd boven drijven, waardoor ik, met enige vertraging, alsnog ben gevallen voor de nieuwe plaat van de Amerikaanse singer-songwriter.
Ik ken de muziek van Malcolm Holcombe sinds het uit 2006 stammende Not Forgotten, dat zo’n twintig jaar na Holcombe’s eerste wapenfeit verscheen. Het had Malcolm Holcombe tot dat moment niet echt mee gezeten, al bracht hij in de jaren 90 nog wel een stapeltje platen uit, maar sinds Not Forgotten krijgt iedere plaat van de singer-songwriter uit North Carolina, zeker in Nederland, flink wat aandacht.
Pitiful Blues is de opvolger van het twee jaar geleden verschenen Down The River, dat behoorlijk wat indruk wist te maken. Malcolm Holcombe wist voor zijn vorige plaat flink wat grote namen aan zich te verbinden, waardoor uiteindelijk grootheden als Darrell Scott, Kim Richey, Emmylou Harris en Steve Earle act de présence gaven.
Deze grote namen schitteren door afwezigheid op Pitiful Blues, al wist Malcolm Holcombe wel een aantal uitstekende muzikanten te strikken voor zijn nieuwe plaat, wat fraaie muzikale accenten oplevert. De grote namen worden overigens niet erg gemist, want op de platen van Malcolm Holcombe draait uiteindelijk alles om Malcolm Holcombe.
De Amerikaanse singer-songwriter wordt volgens jaar 60, maar klinkt minstens twintig jaar ouder. Een leven waarin de fles vaak centraal stond, heeft de stem van Malcolm Holcombe flink aangetast, waardoor Holcombe op Pitiful Blues meer dan eens klinkt als Johnny Cash in zijn laatste levensjaren en bovendien raakt aan een ouwe rot als Michael de Jong. Het draagt op één of andere manier alleen maar bij aan de zeggingskracht van de muziek van Malcolm Holcombe.
Ook op Pitiful Blues maakt Malcolm Holcombe weer muziek met vooral invloeden uit de folk, blues en country. Het is muziek die de afgelopen tien jaar nauwelijks is veranderd, maar wel steeds doorleefder is gaan klinken.
Bijgestaan door een subtiel spelende band en bij vlagen subliem snarenwerk, worstelt Malcolm Holcombe zich door zijn songs heen, waarbij het, zeker vergeleken met Down The River, wat meer ingetogen geluid op deze plaat de stem nog wat nadrukkelijker in de spotlights zet. De versleten stembanden zullen niet door iedereen gewaardeerd worden, maar in het geval van Malcolm Holcombe vind ik het prachtig.
Malcolm Holcombe schotelt ons dit keer 10 songs in net een half uur voor. Dat is kort, maar het is ook genoeg. De indringende verhalen van Malcolm Holcombe en zijn uitgewoonde stem gaan je immers niet in de koude kleren zitten en snijden zo af en toe dwars door de ziel. Wederom een buitengewoon indrukwekkende plaat van deze bijzondere muzikant. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Malcolm Holcombe - Pitiful Blues - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Begin vorige maand verscheen Pitiful Blues van Malcolm Holcombe. Geen handig moment voor een nieuwe release, want midden in de zomervakantie worden nieuwe platen makkelijk over het hoofd gezien.
Gelukkig komt kwaliteit altijd boven drijven, waardoor ik, met enige vertraging, alsnog ben gevallen voor de nieuwe plaat van de Amerikaanse singer-songwriter.
Ik ken de muziek van Malcolm Holcombe sinds het uit 2006 stammende Not Forgotten, dat zo’n twintig jaar na Holcombe’s eerste wapenfeit verscheen. Het had Malcolm Holcombe tot dat moment niet echt mee gezeten, al bracht hij in de jaren 90 nog wel een stapeltje platen uit, maar sinds Not Forgotten krijgt iedere plaat van de singer-songwriter uit North Carolina, zeker in Nederland, flink wat aandacht.
Pitiful Blues is de opvolger van het twee jaar geleden verschenen Down The River, dat behoorlijk wat indruk wist te maken. Malcolm Holcombe wist voor zijn vorige plaat flink wat grote namen aan zich te verbinden, waardoor uiteindelijk grootheden als Darrell Scott, Kim Richey, Emmylou Harris en Steve Earle act de présence gaven.
Deze grote namen schitteren door afwezigheid op Pitiful Blues, al wist Malcolm Holcombe wel een aantal uitstekende muzikanten te strikken voor zijn nieuwe plaat, wat fraaie muzikale accenten oplevert. De grote namen worden overigens niet erg gemist, want op de platen van Malcolm Holcombe draait uiteindelijk alles om Malcolm Holcombe.
De Amerikaanse singer-songwriter wordt volgens jaar 60, maar klinkt minstens twintig jaar ouder. Een leven waarin de fles vaak centraal stond, heeft de stem van Malcolm Holcombe flink aangetast, waardoor Holcombe op Pitiful Blues meer dan eens klinkt als Johnny Cash in zijn laatste levensjaren en bovendien raakt aan een ouwe rot als Michael de Jong. Het draagt op één of andere manier alleen maar bij aan de zeggingskracht van de muziek van Malcolm Holcombe.
Ook op Pitiful Blues maakt Malcolm Holcombe weer muziek met vooral invloeden uit de folk, blues en country. Het is muziek die de afgelopen tien jaar nauwelijks is veranderd, maar wel steeds doorleefder is gaan klinken.
Bijgestaan door een subtiel spelende band en bij vlagen subliem snarenwerk, worstelt Malcolm Holcombe zich door zijn songs heen, waarbij het, zeker vergeleken met Down The River, wat meer ingetogen geluid op deze plaat de stem nog wat nadrukkelijker in de spotlights zet. De versleten stembanden zullen niet door iedereen gewaardeerd worden, maar in het geval van Malcolm Holcombe vind ik het prachtig.
Malcolm Holcombe schotelt ons dit keer 10 songs in net een half uur voor. Dat is kort, maar het is ook genoeg. De indringende verhalen van Malcolm Holcombe en zijn uitgewoonde stem gaan je immers niet in de koude kleren zitten en snijden zo af en toe dwars door de ziel. Wederom een buitengewoon indrukwekkende plaat van deze bijzondere muzikant. Erwin Zijleman
Malcolm Holcombe - The RCA Sessions (2015)

4,0
0
geplaatst: 12 augustus 2015, 14:47 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Malcolm Holcombe - The RCA Sessions - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Het een paar maanden geleden verschenen The RCA Sessions van Malcolm Holcombe wordt afwisselend gepresenteerd als tussendoortje of als compilatie, waardoor de plaat wat minder aandacht krijgt dan een plaat van deze Amerikaanse laatbloeier verdient.
Malcolm Holcombe maakt al decennia muziek, maar pas sinds het in 2007 verschenen Not Forgotten worden zijn platen wat breder opgepikt. En terecht.
Ook op The RCA Sessions laat Malcolm Holcombe weer horen dat hij behoort tot het beste dat de Amerikaanse rootsmuziek op het moment te bieden heeft. The RCA Sessions wordt zoals gezegd gepresenteerd als verzamelaar en/of tussendoortje, maar het is feitelijk geen van beide.
The RCA Sessions werd opgenomen in de roemruchte RCA Studios in Nashville, Tennessee, alwaar Malcolm Holcombe werd bijgestaan door de crème de la crème van de muziekscene in Nashville. Voor de sessies in Nashville deed de Amerikaan een greep uit zijn inmiddels toch respectabele oeuvre, waarna de songs in een aantal dagen op de band werden geslingerd.
Het is om meerdere redenen genieten. Allereerst valt op hoe goed er wordt gemusiceerd op de plaat. Het zijn allemaal muzikanten van naam en faam die bijdragen aan de sessies in de RCA Studios en dat is te horen. Met name het snarenwerk op de plaat is van een bijzonder hoog niveau, maar hiernaast valt op hoe makkelijk de band kan schakelen tussen uiterst ingetogen en meer uitbundige passages. De muzikanten hebben kennelijk veel respect voor Malcolm Holcombe, want ze spelen af en toe alsof hun leven er van af hangt.
Het biedt een bijzondere fraaie basis voor de doorleefde vocalen van Malcolm Holcombe. De Amerikaan gromt, kreunt, piept en kraakt, maar ieder woord dat uit zijn mond komt geloof je. Het is misschien geen groot zanger, maar wat komt het hard aan.
Het klinkt allemaal geweldig, waarna je op de bijbehorende DVD ook nog eens kunt zien hoe de plaat tot stand is gekomen. Ook een aanrader.
Het levert een plaat van grote klasse op. The RCA Sessions is geen verzamelaar en geen tussendoortje, maar een fraaie aanvulling op het imposante oeuvre dat Malcolm Holcombe vooral de afgelopen tien jaar heeft opgebouwd. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Malcolm Holcombe - The RCA Sessions - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Het een paar maanden geleden verschenen The RCA Sessions van Malcolm Holcombe wordt afwisselend gepresenteerd als tussendoortje of als compilatie, waardoor de plaat wat minder aandacht krijgt dan een plaat van deze Amerikaanse laatbloeier verdient.
Malcolm Holcombe maakt al decennia muziek, maar pas sinds het in 2007 verschenen Not Forgotten worden zijn platen wat breder opgepikt. En terecht.
Ook op The RCA Sessions laat Malcolm Holcombe weer horen dat hij behoort tot het beste dat de Amerikaanse rootsmuziek op het moment te bieden heeft. The RCA Sessions wordt zoals gezegd gepresenteerd als verzamelaar en/of tussendoortje, maar het is feitelijk geen van beide.
The RCA Sessions werd opgenomen in de roemruchte RCA Studios in Nashville, Tennessee, alwaar Malcolm Holcombe werd bijgestaan door de crème de la crème van de muziekscene in Nashville. Voor de sessies in Nashville deed de Amerikaan een greep uit zijn inmiddels toch respectabele oeuvre, waarna de songs in een aantal dagen op de band werden geslingerd.
Het is om meerdere redenen genieten. Allereerst valt op hoe goed er wordt gemusiceerd op de plaat. Het zijn allemaal muzikanten van naam en faam die bijdragen aan de sessies in de RCA Studios en dat is te horen. Met name het snarenwerk op de plaat is van een bijzonder hoog niveau, maar hiernaast valt op hoe makkelijk de band kan schakelen tussen uiterst ingetogen en meer uitbundige passages. De muzikanten hebben kennelijk veel respect voor Malcolm Holcombe, want ze spelen af en toe alsof hun leven er van af hangt.
Het biedt een bijzondere fraaie basis voor de doorleefde vocalen van Malcolm Holcombe. De Amerikaan gromt, kreunt, piept en kraakt, maar ieder woord dat uit zijn mond komt geloof je. Het is misschien geen groot zanger, maar wat komt het hard aan.
Het klinkt allemaal geweldig, waarna je op de bijbehorende DVD ook nog eens kunt zien hoe de plaat tot stand is gekomen. Ook een aanrader.
Het levert een plaat van grote klasse op. The RCA Sessions is geen verzamelaar en geen tussendoortje, maar een fraaie aanvulling op het imposante oeuvre dat Malcolm Holcombe vooral de afgelopen tien jaar heeft opgebouwd. Erwin Zijleman
Malena Zavala - La Yarará (2020)

4,0
1
geplaatst: 28 april 2020, 16:57 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Malena Zavala - La Yarará - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Malena Zavala - La Yarará
Malena Zavala debuteerde in 2018 prachtig met een dromerig album vol bezwering en combineert deze klanken nu op fraaie wijze met wat meer invloeden uit de Latijns-Amerikaanse muziek
Het debuut van Malena Zavala was twee jaar geleden een zeer memorabel maar helaas in brede kring over het hoofd gezien album. Opvolger La Yarará zal het ook niet makkelijk krijgen, al is het maar omdat de Argentijnse muzikante dit keer kiest voor een wat ongrijpbaarder geluid vol invloeden uit Latijns-Amerika. De donkere en nachtelijke klanken van het debuut zijn verruild voor de zonnige klanken van de dag, maar Malena Zavala heeft zeker geen lichtvoetig Latin album gemaakt. La Yarará is een album vol bijzondere invloeden en een album dat langzaam maar zeker steeds mooier en bijzonderder wordt.
Malena Zavala is een in Argentinië geboren maar in Engeland opgegroeide muzikante, die in 2018 debuteerde met Aliso. Het is een album dat ik twee jaar geleden niet heb opgemerkt en dit ondanks het feit dat het album in 2018 in maar liefst drie versies is verschenen (naast de reguliere versie verscheen ook nog een akoestische versie en een live-album).
Het is een album waarvoor ik de afgelopen weken een enorm zwak heb gekregen en dat ik met terugwerkende kracht zo zou toevoegen aan mijn jaarlijstje over 2018. Ik kwam Aliso op het spoor door het nieuwe album van de Argentijnse singer-songwriter, maar waar het debuut van Malena Zavala direct een onuitwisbare indruk maakte en doorgroeide tot een album dat ik nog heel vaak ga beluisteren, was mijn kennismaking met het nieuwe album vooral een worsteling.
Op haar debuut maakt Malena Zavala dromerige en uiterst ingetogen muziek die zich genadeloos opdringt. Het onlangs verschenen La Yarará is, zeker vergeleken met het debuut, een vat vol tegenstrijdigheden. Het album opent met dromerige klanken die in het verlengde liggen van de songs op het debuut van Malena Zavala. Hypnotiserende klanken worden gecombineerd met de mooie en bijzondere stem van de Argentijnse muzikante, die een brug slaat tussen verstilde folkies en de verleiding van Mazzy Star. Halverwege de openingstrack gaat het roer echter om. Latijns-Amerikaanse ritmes en zonnestralen doen hun intrede en worden gecombineerd met wat staccato gitaarlijnen. Het is wat meer pop dan op het debuut van Malena Zavala en het is vooral een stuk uitbundiger.
De singer-songwriter uit Londen omarmt haar Argentijnse wortels op La Yarará een stuk steviger dan op haar debuut, maar het etiket Latin-pop dat ik hier en daar tegenkom is toch wat misplaatst. Ook La Yarará is een avontuurlijk album dat steeds iets doet dat je niet verwacht en dat invloeden uit meerdere genres op bijzondere wijze combineert. In de wat meer ingetogen en folky tracks op het album vloeien de atmosferische klanken van haar debuut prachtig samen met een zwoel vleugje Latin. Zeker de wat meer ingetogen songs op het album doen qua schoonheid niet onder voor de songs op het debuut en zeker bij beluistering met de koptelefoon hoor je hoe mooi het allemaal in elkaar zit.
Malena Zavala kiest op La Yarará voor een wat voller geluid, maar het is nog altijd een subtiel geluid vol ruimte. Hier en daar wordt de Latin knop wat verder opengedraaid en neemt de brandende zon het over van de donkere nacht. La Yarará is opeens mijlenver verwijderd van het debuut van de Argentijnse muzikante, maar het plezier spat er van af en een verrassende wending is nooit ver weg.
Ik kan nog altijd makkelijker uit de voeten met het debuut van Malena Zavala, maar bij iedere luisterbeurt valt er op haar tweede album meer op zijn plek. La Yarará is een album met buitengewoon aangenaam klinkende songs, maar het is ook een album waarop je iedere keer weer wat nieuws hoort en waarop continu bruggen worden geslagen tussen de muziek uit het geboorteland van Malena Zavala en de muziek uit het continent waarop ze is opgegroeid. Het is even wennen misschien, maar hoe vaker ik naar het album luister hoe onweerstaanbaarder het wordt. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Malena Zavala - La Yarará - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Malena Zavala - La Yarará
Malena Zavala debuteerde in 2018 prachtig met een dromerig album vol bezwering en combineert deze klanken nu op fraaie wijze met wat meer invloeden uit de Latijns-Amerikaanse muziek
Het debuut van Malena Zavala was twee jaar geleden een zeer memorabel maar helaas in brede kring over het hoofd gezien album. Opvolger La Yarará zal het ook niet makkelijk krijgen, al is het maar omdat de Argentijnse muzikante dit keer kiest voor een wat ongrijpbaarder geluid vol invloeden uit Latijns-Amerika. De donkere en nachtelijke klanken van het debuut zijn verruild voor de zonnige klanken van de dag, maar Malena Zavala heeft zeker geen lichtvoetig Latin album gemaakt. La Yarará is een album vol bijzondere invloeden en een album dat langzaam maar zeker steeds mooier en bijzonderder wordt.
Malena Zavala is een in Argentinië geboren maar in Engeland opgegroeide muzikante, die in 2018 debuteerde met Aliso. Het is een album dat ik twee jaar geleden niet heb opgemerkt en dit ondanks het feit dat het album in 2018 in maar liefst drie versies is verschenen (naast de reguliere versie verscheen ook nog een akoestische versie en een live-album).
Het is een album waarvoor ik de afgelopen weken een enorm zwak heb gekregen en dat ik met terugwerkende kracht zo zou toevoegen aan mijn jaarlijstje over 2018. Ik kwam Aliso op het spoor door het nieuwe album van de Argentijnse singer-songwriter, maar waar het debuut van Malena Zavala direct een onuitwisbare indruk maakte en doorgroeide tot een album dat ik nog heel vaak ga beluisteren, was mijn kennismaking met het nieuwe album vooral een worsteling.
Op haar debuut maakt Malena Zavala dromerige en uiterst ingetogen muziek die zich genadeloos opdringt. Het onlangs verschenen La Yarará is, zeker vergeleken met het debuut, een vat vol tegenstrijdigheden. Het album opent met dromerige klanken die in het verlengde liggen van de songs op het debuut van Malena Zavala. Hypnotiserende klanken worden gecombineerd met de mooie en bijzondere stem van de Argentijnse muzikante, die een brug slaat tussen verstilde folkies en de verleiding van Mazzy Star. Halverwege de openingstrack gaat het roer echter om. Latijns-Amerikaanse ritmes en zonnestralen doen hun intrede en worden gecombineerd met wat staccato gitaarlijnen. Het is wat meer pop dan op het debuut van Malena Zavala en het is vooral een stuk uitbundiger.
De singer-songwriter uit Londen omarmt haar Argentijnse wortels op La Yarará een stuk steviger dan op haar debuut, maar het etiket Latin-pop dat ik hier en daar tegenkom is toch wat misplaatst. Ook La Yarará is een avontuurlijk album dat steeds iets doet dat je niet verwacht en dat invloeden uit meerdere genres op bijzondere wijze combineert. In de wat meer ingetogen en folky tracks op het album vloeien de atmosferische klanken van haar debuut prachtig samen met een zwoel vleugje Latin. Zeker de wat meer ingetogen songs op het album doen qua schoonheid niet onder voor de songs op het debuut en zeker bij beluistering met de koptelefoon hoor je hoe mooi het allemaal in elkaar zit.
Malena Zavala kiest op La Yarará voor een wat voller geluid, maar het is nog altijd een subtiel geluid vol ruimte. Hier en daar wordt de Latin knop wat verder opengedraaid en neemt de brandende zon het over van de donkere nacht. La Yarará is opeens mijlenver verwijderd van het debuut van de Argentijnse muzikante, maar het plezier spat er van af en een verrassende wending is nooit ver weg.
Ik kan nog altijd makkelijker uit de voeten met het debuut van Malena Zavala, maar bij iedere luisterbeurt valt er op haar tweede album meer op zijn plek. La Yarará is een album met buitengewoon aangenaam klinkende songs, maar het is ook een album waarop je iedere keer weer wat nieuws hoort en waarop continu bruggen worden geslagen tussen de muziek uit het geboorteland van Malena Zavala en de muziek uit het continent waarop ze is opgegroeid. Het is even wennen misschien, maar hoe vaker ik naar het album luister hoe onweerstaanbaarder het wordt. Erwin Zijleman
Malford Milligan & The Southern Aces - I Was a Witness (2021)

4,0
1
geplaatst: 30 september 2021, 17:09 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Malford Milligan & The Southern Aces - I Was A Witness - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Malford Milligan & The Southern Aces - I Was A Witness
De Texaanse muzikant Malford Milligan en zijn Nederlandse band The Southern Aces laten op I Was A Witness op indrukwekkende wijze horen hoe Amerikaanse rootsmuziek moet klinken
Malford Milligan en zijn band The Southern Aces maakten drie jaar geleden indruk met een prachtig klinkend rootsalbum en een stem die herinnerde aan de grote soulzangers uit het verleden. Op het deze week verschenen I Was A Witness klinkt het nog wat indrukwekkender. The Southern Aces verkeren in een geweldige vorm en spelen subtiel en gloedvol, maar ook de pannen van het dak. De stem van Malford Milligan wordt alleen maar beter en maakt gehakt van de meeste jongere soulzangers van het moment. De emotionele teksten over het als zwarte albino opgroeien in het haatdragende Texas, maken de songs op het album alleen maar indrukwekkender.
Life Will Humble You van Malford Milligan & The Southern Aces liet ik drie jaar geleden veel te lang op de stapel liggen, maar toen het album daar eindelijk af kwam, was ik onmiddellijk overtuigd van de kwaliteiten van de muzikant uit Texas, die samen met zijn Nederlandse band The Southern Aces garant stond voor een heerlijke portie Southern soul met flarden rootsrock, blues en country.
Daarmee was ik overigens zo ongeveer de laatste Nederlandse liefhebber van Amerikaanse rootsmuziek die het album omarmde, maar beter later dan nooit zal ik maar zeggen. Dit keer ben ik wel bij de les, want de opvolger van Life Will Humble You had al een aantal weken voor de release van het album mijn aandacht.
Ook op I Was A Witness werkt Malford Milligan samen met The Southern Aces en dat pakt wederom fantastisch uit. Centraal staat ook dit keer de Nederlandse muzikant Jack Hustinx, die het album prachtig produceerde en laat klinken alsof het een aantal decennia geleden werd opgenomen in de legendarische Muscle Shoals Sound Studio in Sheffield, Alabama.
Ook de rest van de band verkeert in grootse vorm. Pianist en organist Roel Spanjers vult op doeltreffende wijze de gaten, Eric van Dijsseldonk tekent voor geweldig en veelkleurig gitaarwerk, terwijl de ritmesectie die bestaat uit drummer Fokke de Jong en bassist Roelof Klijn strak maar ook swingend speelt. Malford Milligan hoeft vervolgens alleen nog maar de sterren van de hemel te zingen en dat doet de Texaanse muzikant op imponerende wijze.
Malford Milligan groeide aan het eind van de jaren 60 als zwarte albino op in Texas en dat was niet bepaald een vriendelijke omgeving. Het is een omgeving waarover noodgedwongen lang is gezwegen, maar op I Was A Witness maakt Malford Milligan je deelgenoot van de zware tijden van weleer. Het voorziet zijn stem van nog wat meer gevoel, doorleving en urgentie.
In vocaal opzicht vind ik I Was A Witness nog wat indrukwekkender dan zijn voorganger en ook in muzikaal opzicht zijn er stappen gezet. The Southern Aces klinken nog wat veelzijdiger dan op Life Will Humble You en bestrijken vrijwel het hele palet van de Amerikaanse rootsmuziek. Malford Milligan laat ook dit keer horen dat hij een geweldig soulzanger is, die associaties oproept met een aantal hele grote soulzangers, maar ook de Texaan kan binnen de Amerikaanse rootsmuziek op een breed terrein uit de voeten.
Malford Milligan en The Southern Aces blijven op I Was A Witness binnen de vaste stramienen van de genres die ze aantikken, maar het klinkt allemaal zo goed, dat ik persoonlijk geen moment treur over een gebrek aan muzikale vernieuwing. Zeker de ingetogen songs op het album snijden dwars door de ziel, maar ook de meer uptempo songs op het album sleuren je makkelijk het diepe zuiden van de Verenigde Staten in.
Malford Milligan draait al heel wat jaren mee in de muziek en hetzelfde geldt voor een aantal van zijn Nederlandse bandleden, die hun sporen in de rootsmuziek ook ruimschoots verdiend hebben. I Was A Witness laat echter horen dat de rek er nog niet uit is, wat doet uitzien naar veel meer muziek van de Amerikaanse muzikant en zijn band. I Was A Witness verdient in de tussentijd alle aandacht, nationaal en internationaal. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Malford Milligan & The Southern Aces - I Was A Witness - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Malford Milligan & The Southern Aces - I Was A Witness
De Texaanse muzikant Malford Milligan en zijn Nederlandse band The Southern Aces laten op I Was A Witness op indrukwekkende wijze horen hoe Amerikaanse rootsmuziek moet klinken
Malford Milligan en zijn band The Southern Aces maakten drie jaar geleden indruk met een prachtig klinkend rootsalbum en een stem die herinnerde aan de grote soulzangers uit het verleden. Op het deze week verschenen I Was A Witness klinkt het nog wat indrukwekkender. The Southern Aces verkeren in een geweldige vorm en spelen subtiel en gloedvol, maar ook de pannen van het dak. De stem van Malford Milligan wordt alleen maar beter en maakt gehakt van de meeste jongere soulzangers van het moment. De emotionele teksten over het als zwarte albino opgroeien in het haatdragende Texas, maken de songs op het album alleen maar indrukwekkender.
Life Will Humble You van Malford Milligan & The Southern Aces liet ik drie jaar geleden veel te lang op de stapel liggen, maar toen het album daar eindelijk af kwam, was ik onmiddellijk overtuigd van de kwaliteiten van de muzikant uit Texas, die samen met zijn Nederlandse band The Southern Aces garant stond voor een heerlijke portie Southern soul met flarden rootsrock, blues en country.
Daarmee was ik overigens zo ongeveer de laatste Nederlandse liefhebber van Amerikaanse rootsmuziek die het album omarmde, maar beter later dan nooit zal ik maar zeggen. Dit keer ben ik wel bij de les, want de opvolger van Life Will Humble You had al een aantal weken voor de release van het album mijn aandacht.
Ook op I Was A Witness werkt Malford Milligan samen met The Southern Aces en dat pakt wederom fantastisch uit. Centraal staat ook dit keer de Nederlandse muzikant Jack Hustinx, die het album prachtig produceerde en laat klinken alsof het een aantal decennia geleden werd opgenomen in de legendarische Muscle Shoals Sound Studio in Sheffield, Alabama.
Ook de rest van de band verkeert in grootse vorm. Pianist en organist Roel Spanjers vult op doeltreffende wijze de gaten, Eric van Dijsseldonk tekent voor geweldig en veelkleurig gitaarwerk, terwijl de ritmesectie die bestaat uit drummer Fokke de Jong en bassist Roelof Klijn strak maar ook swingend speelt. Malford Milligan hoeft vervolgens alleen nog maar de sterren van de hemel te zingen en dat doet de Texaanse muzikant op imponerende wijze.
Malford Milligan groeide aan het eind van de jaren 60 als zwarte albino op in Texas en dat was niet bepaald een vriendelijke omgeving. Het is een omgeving waarover noodgedwongen lang is gezwegen, maar op I Was A Witness maakt Malford Milligan je deelgenoot van de zware tijden van weleer. Het voorziet zijn stem van nog wat meer gevoel, doorleving en urgentie.
In vocaal opzicht vind ik I Was A Witness nog wat indrukwekkender dan zijn voorganger en ook in muzikaal opzicht zijn er stappen gezet. The Southern Aces klinken nog wat veelzijdiger dan op Life Will Humble You en bestrijken vrijwel het hele palet van de Amerikaanse rootsmuziek. Malford Milligan laat ook dit keer horen dat hij een geweldig soulzanger is, die associaties oproept met een aantal hele grote soulzangers, maar ook de Texaan kan binnen de Amerikaanse rootsmuziek op een breed terrein uit de voeten.
Malford Milligan en The Southern Aces blijven op I Was A Witness binnen de vaste stramienen van de genres die ze aantikken, maar het klinkt allemaal zo goed, dat ik persoonlijk geen moment treur over een gebrek aan muzikale vernieuwing. Zeker de ingetogen songs op het album snijden dwars door de ziel, maar ook de meer uptempo songs op het album sleuren je makkelijk het diepe zuiden van de Verenigde Staten in.
Malford Milligan draait al heel wat jaren mee in de muziek en hetzelfde geldt voor een aantal van zijn Nederlandse bandleden, die hun sporen in de rootsmuziek ook ruimschoots verdiend hebben. I Was A Witness laat echter horen dat de rek er nog niet uit is, wat doet uitzien naar veel meer muziek van de Amerikaanse muzikant en zijn band. I Was A Witness verdient in de tussentijd alle aandacht, nationaal en internationaal. Erwin Zijleman
Malford Milligan & The Southern Aces - Life Will Humble You (2018)

4,5
0
geplaatst: 12 januari 2019, 10:42 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Malford Milligan & The Southern Aces - Life Will Humble You - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Texaanse muzikant en een Nederlandse band maken een soulplaat die zo lijkt weggelopen uit het diepe zuiden van de Verenigde Staten
De prachtplaat van de Texaanse soulzanger Malford Milligan en zijn Nederlandse band The Southern Aces heeft echt veel te lang op de stapel gelegen, maar gelukkig is het een tijdloze plaat die nog jaren mee kan. Life Will Humble You staat vol met doorleefde Southern soul en maakt bovendien uitstapjes richting rootsrock, blues en country. De band speelt steeds weer de pannen van het dak met een glansrol voor de gitarist, maar het is de stem van Malford Milligan die deze plaat nog een flink stuk verder omhoog stuwt. Ik heb het afgelopen jaar veel soulplaten gehoord, maar dit is de beste.
Malford Milligan & The Southern Aces voeren deze maand de voorlopig helaas laatste maandlijst van de Euro Americana Chart aan. De muzikant uit Austin, Texas, en zijn gelegenheidsband doen dit al sinds november en prijkten daarom ook op de eerste plek van de jaarlijst van de site die de mening van flink wat Europese liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek de afgelopen jaren heeft gewogen en geordend.
Ondanks alle lof voor de muziek van Malford Milligan was Life Will Humble You bij mij nog steeds niet van de stapel gekomen, maar het moest er nu maar eens van komen.
De muzikant uit Austin, Texas, timmert al sinds het eind van de jaren 90 aan de weg, maar ik ken hem persoonlijk alleen van zijn bijdrage aan de plaat van de Nederlandse rootsmuzikant Jack Hustinx, die ook deel uit maakte van de uitstekende band Shiner Twins. Ook op de plaat van Jack Hustinx (uit 2015) speelden The Southern Aces een belangrijke rol.
Afgaande op de soulvolle klanken op Life Will Humble You (de titeltrack stond overigens ook op de plaat van Jack Hustinx) ging ik er van uit dat het een groep sessiemuzikanten uit de roemruchte Muscle Shoals Sound Studios uit Alabama betrof, maar The Southern Aces blijkt een Nederlandse band, die naast Jack Hustinx bestaat uit onder andere toetsenist Roel Spanjers, gitarist Eric van Dijsseldonk en bassist Roelof Klijn, terwijl JW Roy opduikt voor gastvocalen.
Life Will Humble You, dat ook nog eens is verschenen op het label van JW Roy, kwam tot stand nadat Jack Hustinx zijn oude vriend omarmde nadat deze door zware tijden ging. Life Will Humble You werd daarom niet opgenomen in een studio in Muscle Shoals of een studio in Austin, Texas, maar gewoon in ons eigen Utrecht. Zo klinkt de plaat echter niet, want Life Will Humble You van Malford Milligan & The Southern Aces ademt en zweet de Southern soul zoals deze alleen in het diepe zuiden van de Verenigde Staten kan worden gemaakt.
In muzikaal opzicht klinkt het allemaal fantastisch. The Southern Aces klinken als een onvervalste soulband, maar de Nederlandse muzikanten kunnen ook overweg met blues, rootsrock en country(soul). De ritmesectie speelt solide en swingend, de orgeltjes klinken fantastisch en de koortjes zijn trefzeker maar het is het gitaarwerk op de plaat dat op mij de meeste indruk maakt. Het is gitaarwerk dat zowel rootsy als soulvol kan klinken en het klinkt in alle gevallen geweldig.
Bij de fraaie instrumentatie op Life Will Humble You komen de bijna onwaarschijnlijk goede vocalen van Malford Milligan. De Texaanse muzikant roept herinneringen op aan de grote soulzangers uit het verleden en misschien nog wel het meest aan Otis Redding. Malford Milligan kan echter ook overwoog in songs die meer de kant van de Amerikaanse rootsmuziek op gaan en excelleert ook in de meer blues- of country-getinte songs op de plaat. Malford Milligan kan op Life Will Humble You uithalen als een volleerd soulzanger, maar de Amerikaan overtuigt minstens net zo veel in meer ingetogen ballads, waarin hij gevoelig en doorleefd klinkt en zowel zijn stem als het wonderschone snarenspel door de ziel snijden.
Ik heb vorig jaar veel soulplaten voorbij horen komen en wat mij betreft kan Life Will Humble You van Malford Milligan & The Southern Aces de concurrentie met al deze platen aan. Life Will Humble You grijpt je bij de eerste noten bij de strot en laat pas na 13 songs en 54 minuten los. Het is natuurlijk een schande dat ik de plaat zo lang op de stapel heb laten liggen, maar gelukkig is er nog ruimte voor een ereplekje voor deze fantastische plaat die ook in 2019 het hele jaar mee kan. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Malford Milligan & The Southern Aces - Life Will Humble You - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Texaanse muzikant en een Nederlandse band maken een soulplaat die zo lijkt weggelopen uit het diepe zuiden van de Verenigde Staten
De prachtplaat van de Texaanse soulzanger Malford Milligan en zijn Nederlandse band The Southern Aces heeft echt veel te lang op de stapel gelegen, maar gelukkig is het een tijdloze plaat die nog jaren mee kan. Life Will Humble You staat vol met doorleefde Southern soul en maakt bovendien uitstapjes richting rootsrock, blues en country. De band speelt steeds weer de pannen van het dak met een glansrol voor de gitarist, maar het is de stem van Malford Milligan die deze plaat nog een flink stuk verder omhoog stuwt. Ik heb het afgelopen jaar veel soulplaten gehoord, maar dit is de beste.
Malford Milligan & The Southern Aces voeren deze maand de voorlopig helaas laatste maandlijst van de Euro Americana Chart aan. De muzikant uit Austin, Texas, en zijn gelegenheidsband doen dit al sinds november en prijkten daarom ook op de eerste plek van de jaarlijst van de site die de mening van flink wat Europese liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek de afgelopen jaren heeft gewogen en geordend.
Ondanks alle lof voor de muziek van Malford Milligan was Life Will Humble You bij mij nog steeds niet van de stapel gekomen, maar het moest er nu maar eens van komen.
De muzikant uit Austin, Texas, timmert al sinds het eind van de jaren 90 aan de weg, maar ik ken hem persoonlijk alleen van zijn bijdrage aan de plaat van de Nederlandse rootsmuzikant Jack Hustinx, die ook deel uit maakte van de uitstekende band Shiner Twins. Ook op de plaat van Jack Hustinx (uit 2015) speelden The Southern Aces een belangrijke rol.
Afgaande op de soulvolle klanken op Life Will Humble You (de titeltrack stond overigens ook op de plaat van Jack Hustinx) ging ik er van uit dat het een groep sessiemuzikanten uit de roemruchte Muscle Shoals Sound Studios uit Alabama betrof, maar The Southern Aces blijkt een Nederlandse band, die naast Jack Hustinx bestaat uit onder andere toetsenist Roel Spanjers, gitarist Eric van Dijsseldonk en bassist Roelof Klijn, terwijl JW Roy opduikt voor gastvocalen.
Life Will Humble You, dat ook nog eens is verschenen op het label van JW Roy, kwam tot stand nadat Jack Hustinx zijn oude vriend omarmde nadat deze door zware tijden ging. Life Will Humble You werd daarom niet opgenomen in een studio in Muscle Shoals of een studio in Austin, Texas, maar gewoon in ons eigen Utrecht. Zo klinkt de plaat echter niet, want Life Will Humble You van Malford Milligan & The Southern Aces ademt en zweet de Southern soul zoals deze alleen in het diepe zuiden van de Verenigde Staten kan worden gemaakt.
In muzikaal opzicht klinkt het allemaal fantastisch. The Southern Aces klinken als een onvervalste soulband, maar de Nederlandse muzikanten kunnen ook overweg met blues, rootsrock en country(soul). De ritmesectie speelt solide en swingend, de orgeltjes klinken fantastisch en de koortjes zijn trefzeker maar het is het gitaarwerk op de plaat dat op mij de meeste indruk maakt. Het is gitaarwerk dat zowel rootsy als soulvol kan klinken en het klinkt in alle gevallen geweldig.
Bij de fraaie instrumentatie op Life Will Humble You komen de bijna onwaarschijnlijk goede vocalen van Malford Milligan. De Texaanse muzikant roept herinneringen op aan de grote soulzangers uit het verleden en misschien nog wel het meest aan Otis Redding. Malford Milligan kan echter ook overwoog in songs die meer de kant van de Amerikaanse rootsmuziek op gaan en excelleert ook in de meer blues- of country-getinte songs op de plaat. Malford Milligan kan op Life Will Humble You uithalen als een volleerd soulzanger, maar de Amerikaan overtuigt minstens net zo veel in meer ingetogen ballads, waarin hij gevoelig en doorleefd klinkt en zowel zijn stem als het wonderschone snarenspel door de ziel snijden.
Ik heb vorig jaar veel soulplaten voorbij horen komen en wat mij betreft kan Life Will Humble You van Malford Milligan & The Southern Aces de concurrentie met al deze platen aan. Life Will Humble You grijpt je bij de eerste noten bij de strot en laat pas na 13 songs en 54 minuten los. Het is natuurlijk een schande dat ik de plaat zo lang op de stapel heb laten liggen, maar gelukkig is er nog ruimte voor een ereplekje voor deze fantastische plaat die ook in 2019 het hele jaar mee kan. Erwin Zijleman
Mali Velasquez - I'm Green (2023)

4,0
0
geplaatst: 18 december 2023, 15:42 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Mali Velasquez - I'm Green - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Mali Velasquez - I'm Green
De jonge Amerikaanse singer-songwriter Mali Velasquez verwerkt op haar debuutalbum I’m Green de dood van haar moeder en doet dit met ruwe songs, waarin haar emotievolle stem de hoofdrol speelt
I’m Green van Mali Velasquez sneeuwde eerder dit jaar wat onder door het grote aanbod, maar het is een album dat zeker aandacht verdient. I’m Green krijgt hier en daar het label folkpop opgeplakt, maar ik hoor vooral ruwe songs, die ook flink tegen de indierock aan kunnen leunen. In muzikaal opzicht is I’m Green een aangenaam dynamisch album, maar de grootste kracht van het album schuilt in de zang van Mali Velasquez. De Amerikaanse muzikante heeft een emotievolle en soms wat onvaste stem, die direct aan Adrianne Lenker doet denken, maar die uiteindelijk toch vooral een eigen geluid heeft. De persoonlijke songs van de jonge Amerikaanse muzikante dringen zich al snel genadeloos op en worden alleen maar beter.
De Amerikaanse website Paste publiceerde de afgelopen week een lijstje met de 30 beste debuutalbums van 2023. Het is een lijstje dat wat afwijkt van de reguliere jaarlijstjes, wat me een aantal interessante tips opleverde. Van de 30 albums besprak ik er overigens 11 op de krenten uit de pop en haalden er drie mijn eigen jaarlijstje. Tussen de 19 resterende albums vond ik er vijf die ik niet graag had gemist en deze vijf albums staan deze week centraal op de krenten uit de pop.
Ik begin met I’m Green van Mali Velasquez, dat ik eerder dit jaar, ondanks een tip van hetzelfde Paste, niet of hooguit heel kort heb beluisterd. Mali Velasquez is een jonge singer-songwriter, die via haar geboortegrond in Texas in Nashville, Tennessee, is terecht gekomen. Met I’m Green heeft de jonge muzikante een indringend debuutalbum afgeleverd. Het is een album dat in het teken staat van de dood van haar moeder en de periode van rouw die hier op volgde.
Paste omschrijft het album in de korte toelichting als folk-pop, maar met dit etiket vertel je echt maar een klein deel van het verhaal van het debuutalbum van Mali Velasquez. I’m Green opent met subtiele gitaarakkoorden en de stem van Mali Velasquez, maar de emotionele openingstrack van het album klinkt maar voor een deel folky. De gitaren klinken net wat ruwer dan gebruikelijk in de folk en ook de stem van Mali Velasquez is niet precies wat je verwacht op een folkalbum.
De Amerikaanse muzikante zingt met heel veel emotie en heeft een bijzondere en wat onvaste stem. Het is een stem die mij onmiddellijk deed denken aan die van Adrianne Lenker van Big Thief. Dat is helaas nog altijd een stem die gemengde reacties oproept, maar voor mij is de vergelijking met de Big Thief zangeres een groot compliment.
De openingstrack van I’m Green kleurt niet alleen in vocaal opzicht buiten de lijntjes, maar ontspoort uiteindelijk ook in muzikaal opzicht. Mali Velasquez verruilt de folk tijdelijk voor indiepop en indierock en dit doet ze veel vaker op haar debuutalbum. De muzikante uit Nashville schrijft aansprekende songs, die steeds de balans tussen ingetogen folky klanken en veel voller en steviger klinkende passages bewaken.
Het levert een dynamisch klinkend album op, dat aan de ene kant vertrouwd klinkt, maar dat toch ook een duidelijk eigen geluid laat horen. Zeker bij eerste beluisteringen van het album had ik heel veel associaties met de muziek van Big Thief en het solowerk van Adrianne Lenker, maar in muzikaal opzicht bewandelt Mali Velasquez op I’m Green ook duidelijk andere wegen. Soms kruipt ze dicht tegen Phoebe Bridgers aan, het volgende moment kiest ze toch weer voor meer roots georiënteerde gitaarmuziek, wat een veelzijdig album oplevert.
Het is uiteindelijk de emotievolle zang van Mali Velasquez die van I’m Green zo’n goed album maakt. De gelijkenis met de stem van Adrianne Lenker is bij mij steeds meer naar de achtergrond verdwenen, terwijl de intense zang van Mali Velasquez steeds harder binnen komt. Het debuutalbum van de singer-songwriter uit Nashville heeft volgens mij niet heel veel gedaan, maar I’m Green is een album dat veel te mooi en intens is om onder te sneeuwen. Mooi dus dat Paste het album nog eens onder de aandacht heeft gebracht, helaas net wat te laat voor mijn eigen jaarlijstje. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Mali Velasquez - I'm Green - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Mali Velasquez - I'm Green
De jonge Amerikaanse singer-songwriter Mali Velasquez verwerkt op haar debuutalbum I’m Green de dood van haar moeder en doet dit met ruwe songs, waarin haar emotievolle stem de hoofdrol speelt
I’m Green van Mali Velasquez sneeuwde eerder dit jaar wat onder door het grote aanbod, maar het is een album dat zeker aandacht verdient. I’m Green krijgt hier en daar het label folkpop opgeplakt, maar ik hoor vooral ruwe songs, die ook flink tegen de indierock aan kunnen leunen. In muzikaal opzicht is I’m Green een aangenaam dynamisch album, maar de grootste kracht van het album schuilt in de zang van Mali Velasquez. De Amerikaanse muzikante heeft een emotievolle en soms wat onvaste stem, die direct aan Adrianne Lenker doet denken, maar die uiteindelijk toch vooral een eigen geluid heeft. De persoonlijke songs van de jonge Amerikaanse muzikante dringen zich al snel genadeloos op en worden alleen maar beter.
De Amerikaanse website Paste publiceerde de afgelopen week een lijstje met de 30 beste debuutalbums van 2023. Het is een lijstje dat wat afwijkt van de reguliere jaarlijstjes, wat me een aantal interessante tips opleverde. Van de 30 albums besprak ik er overigens 11 op de krenten uit de pop en haalden er drie mijn eigen jaarlijstje. Tussen de 19 resterende albums vond ik er vijf die ik niet graag had gemist en deze vijf albums staan deze week centraal op de krenten uit de pop.
Ik begin met I’m Green van Mali Velasquez, dat ik eerder dit jaar, ondanks een tip van hetzelfde Paste, niet of hooguit heel kort heb beluisterd. Mali Velasquez is een jonge singer-songwriter, die via haar geboortegrond in Texas in Nashville, Tennessee, is terecht gekomen. Met I’m Green heeft de jonge muzikante een indringend debuutalbum afgeleverd. Het is een album dat in het teken staat van de dood van haar moeder en de periode van rouw die hier op volgde.
Paste omschrijft het album in de korte toelichting als folk-pop, maar met dit etiket vertel je echt maar een klein deel van het verhaal van het debuutalbum van Mali Velasquez. I’m Green opent met subtiele gitaarakkoorden en de stem van Mali Velasquez, maar de emotionele openingstrack van het album klinkt maar voor een deel folky. De gitaren klinken net wat ruwer dan gebruikelijk in de folk en ook de stem van Mali Velasquez is niet precies wat je verwacht op een folkalbum.
De Amerikaanse muzikante zingt met heel veel emotie en heeft een bijzondere en wat onvaste stem. Het is een stem die mij onmiddellijk deed denken aan die van Adrianne Lenker van Big Thief. Dat is helaas nog altijd een stem die gemengde reacties oproept, maar voor mij is de vergelijking met de Big Thief zangeres een groot compliment.
De openingstrack van I’m Green kleurt niet alleen in vocaal opzicht buiten de lijntjes, maar ontspoort uiteindelijk ook in muzikaal opzicht. Mali Velasquez verruilt de folk tijdelijk voor indiepop en indierock en dit doet ze veel vaker op haar debuutalbum. De muzikante uit Nashville schrijft aansprekende songs, die steeds de balans tussen ingetogen folky klanken en veel voller en steviger klinkende passages bewaken.
Het levert een dynamisch klinkend album op, dat aan de ene kant vertrouwd klinkt, maar dat toch ook een duidelijk eigen geluid laat horen. Zeker bij eerste beluisteringen van het album had ik heel veel associaties met de muziek van Big Thief en het solowerk van Adrianne Lenker, maar in muzikaal opzicht bewandelt Mali Velasquez op I’m Green ook duidelijk andere wegen. Soms kruipt ze dicht tegen Phoebe Bridgers aan, het volgende moment kiest ze toch weer voor meer roots georiënteerde gitaarmuziek, wat een veelzijdig album oplevert.
Het is uiteindelijk de emotievolle zang van Mali Velasquez die van I’m Green zo’n goed album maakt. De gelijkenis met de stem van Adrianne Lenker is bij mij steeds meer naar de achtergrond verdwenen, terwijl de intense zang van Mali Velasquez steeds harder binnen komt. Het debuutalbum van de singer-songwriter uit Nashville heeft volgens mij niet heel veel gedaan, maar I’m Green is een album dat veel te mooi en intens is om onder te sneeuwen. Mooi dus dat Paste het album nog eens onder de aandacht heeft gebracht, helaas net wat te laat voor mijn eigen jaarlijstje. Erwin Zijleman
Malojian - Let Your Weirdness Carry You Home (2017)

4,5
1
geplaatst: 6 oktober 2017, 17:51 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Malojian - Let Your Weirdness Carry You Home - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Het is precies twee jaar geleden dat ik eindelijk toe kwam aan de beluistering van Southlands van Malojian. De tweede plaat van de band rond de uit het Noord-Ierse Belfast afkomstige Stevie Scullion maakte vervolgens vrijwel onmiddellijk de spreekwoordelijke onuitwisbare indruk en haalde de top 10 van mijn jaarlijstje over 2015.
Dat kunstje herhaalde de band van Stevie Scullion met het nog geen jaar geleden verschenen This Is Nowhere, dat werd geproduceerd door niemand minder dan de legendarische Steve Albini (Pixies, Nirvana, PJ Harvey, Low, Joanna Newsom, The Breeders).
Stevie Scullion heeft over inspiratie kennelijk niet te klagen, want nog geen jaar na This Is Nowhere is er al weer een nieuwe plaat van Malojian verschenen. Let Your Weirdness Carry You Home werd door Stevie Scullion zelf geproduceerd en opgenomen in een vuurtoren aan de Noord-Ierse kust.
De Noord-Ierse muzikant werd hierbij bijgestaan door muzikanten van enige naam en faam als sessiedrummer Joey Waronker, Teenage Fanclub Gerry Love en de van Yorkston, Thorne & Khan en Lamb bekende Jon Thorne, maar de meeste aandacht gaat ook dit keer uit naar Stevie Scullion, die er wederom in is geslaagd om een serie zwaar verslavende en volstrekt tijdloze popliedjes af te leveren.
Het zijn net als op de vorige twee Malojian platen popliedjes vol invloeden uit de Britse folkrock en de Amerikaanse countryrock. Hier blijft het zeker niet bij, want ook Let Your Weirdness Carry You Home klinkt weer als een omgevallen platenkast en het is ook dit keer een platenkast die een uitstekende smaak etaleert.
Malojian citeert flink uit de folkrock uit de jaren 70, maar laat ook dit keer flink wat invloeden van The Beatles horen, terwijl van recentere datum flarden Elliott Smith en Grant Lee Buffalo opduiken. Let Your Weirdness Carry You Home volgt hiermee deels hetzelfde recept als zijn voorgangers, maar klinkt toch ook weer anders.
Stevie Scullion kiest op Let Your Weirdness Carry You Home vooral voor lome en dromerige songs, waarin invloeden uit de psychedelica prachtig samenvloeien met invloeden uit de traditionele Britse folk. Waar Malojian je op haar vorige twee platen nog wel eens ruw liet ontwaken met gruizige gitaaruithalen, kiest de band op Let Your Weirdness Carry You Home vooral voor beneveling.
Het levert een fascinerende luistertrip op vol flarden uit het verleden. Ik krijg bijna wekelijks platen die zich op precies dezelfde paden begeven, maar waar de meeste van deze platen niet ontsnappen aan het etiket (overbodige) retro, zorgt Malojian ook dit keer voor heel veel luisterplezier.
Let Your Weirdness Carry You Home is een plaat die je door alle bekende invloeden al jaren lijkt te kennen, maar het is ook een plaat die je steeds weer verrast doet opveren en ondertussen strooit met zonnestralen, wonderschone accenten van strijkers en blazers en andere zoete verleidingen.
Na Southlands was ik bang dat Malojian te makkelijk zou vervallen in herhaling, maar This Is Nowhere voelde geen moment als een herhalingsoefening. Het geldt ook weer voor Let Your Weirdness Carry You Home, dat misschien nog wel iets beter verleidt dan zijn twee voorgangers. Grote kans dus dat Malojian voor de derde keer op rij de top van mijn jaarlijstje gaat halen, maar wordt het niet eens tijd voor erkenning in veel bredere kring? Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Malojian - Let Your Weirdness Carry You Home - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Het is precies twee jaar geleden dat ik eindelijk toe kwam aan de beluistering van Southlands van Malojian. De tweede plaat van de band rond de uit het Noord-Ierse Belfast afkomstige Stevie Scullion maakte vervolgens vrijwel onmiddellijk de spreekwoordelijke onuitwisbare indruk en haalde de top 10 van mijn jaarlijstje over 2015.
Dat kunstje herhaalde de band van Stevie Scullion met het nog geen jaar geleden verschenen This Is Nowhere, dat werd geproduceerd door niemand minder dan de legendarische Steve Albini (Pixies, Nirvana, PJ Harvey, Low, Joanna Newsom, The Breeders).
Stevie Scullion heeft over inspiratie kennelijk niet te klagen, want nog geen jaar na This Is Nowhere is er al weer een nieuwe plaat van Malojian verschenen. Let Your Weirdness Carry You Home werd door Stevie Scullion zelf geproduceerd en opgenomen in een vuurtoren aan de Noord-Ierse kust.
De Noord-Ierse muzikant werd hierbij bijgestaan door muzikanten van enige naam en faam als sessiedrummer Joey Waronker, Teenage Fanclub Gerry Love en de van Yorkston, Thorne & Khan en Lamb bekende Jon Thorne, maar de meeste aandacht gaat ook dit keer uit naar Stevie Scullion, die er wederom in is geslaagd om een serie zwaar verslavende en volstrekt tijdloze popliedjes af te leveren.
Het zijn net als op de vorige twee Malojian platen popliedjes vol invloeden uit de Britse folkrock en de Amerikaanse countryrock. Hier blijft het zeker niet bij, want ook Let Your Weirdness Carry You Home klinkt weer als een omgevallen platenkast en het is ook dit keer een platenkast die een uitstekende smaak etaleert.
Malojian citeert flink uit de folkrock uit de jaren 70, maar laat ook dit keer flink wat invloeden van The Beatles horen, terwijl van recentere datum flarden Elliott Smith en Grant Lee Buffalo opduiken. Let Your Weirdness Carry You Home volgt hiermee deels hetzelfde recept als zijn voorgangers, maar klinkt toch ook weer anders.
Stevie Scullion kiest op Let Your Weirdness Carry You Home vooral voor lome en dromerige songs, waarin invloeden uit de psychedelica prachtig samenvloeien met invloeden uit de traditionele Britse folk. Waar Malojian je op haar vorige twee platen nog wel eens ruw liet ontwaken met gruizige gitaaruithalen, kiest de band op Let Your Weirdness Carry You Home vooral voor beneveling.
Het levert een fascinerende luistertrip op vol flarden uit het verleden. Ik krijg bijna wekelijks platen die zich op precies dezelfde paden begeven, maar waar de meeste van deze platen niet ontsnappen aan het etiket (overbodige) retro, zorgt Malojian ook dit keer voor heel veel luisterplezier.
Let Your Weirdness Carry You Home is een plaat die je door alle bekende invloeden al jaren lijkt te kennen, maar het is ook een plaat die je steeds weer verrast doet opveren en ondertussen strooit met zonnestralen, wonderschone accenten van strijkers en blazers en andere zoete verleidingen.
Na Southlands was ik bang dat Malojian te makkelijk zou vervallen in herhaling, maar This Is Nowhere voelde geen moment als een herhalingsoefening. Het geldt ook weer voor Let Your Weirdness Carry You Home, dat misschien nog wel iets beter verleidt dan zijn twee voorgangers. Grote kans dus dat Malojian voor de derde keer op rij de top van mijn jaarlijstje gaat halen, maar wordt het niet eens tijd voor erkenning in veel bredere kring? Erwin Zijleman
