MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten Lura als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Calicos - Sugarcoat It (2024)

poster
4,5
Zes jaar geleden wist de talentvolle Antwerpse groep The Calicos Humo’s Rock Rally te winnen. Drie jaar later debuteerde de band op overtuigende wijze met The Soft Landing, een album op het snijpunt van americana, indie en folk rock. De band produceerde het album toen zelf met hulp van levende legende Firmin Michiels en werd het album afgewerkt door Tobie Speleman (Isolde Lasoen, blackwave., Geppetto & The Whales, EMY, The Haunted Youth).

Opvolger Sugarcoat It (het mooier maken dan het is) werd opgenomen in drie sessies in 2023 en 2024, telkens met de hele band en bijna volledig live. Het resultaat is een authentiek en edgy geluid, gedistilleerd tot een fris en helder klinkend album door producer en mixer Speleman. Deze zoektocht naar een balans tussen authenticiteit en het verlangen naar een vleugje zoetigheid is ook waar Sugarcoat It om draait.

“Elk nummer vertelt een verhaal over het vinden van betekenis in de schijnbare zinloosheid van het bestaan, en hoe de kracht om die leegte te vullen uiteindelijk van binnenuit komt”, zegt zanger en gitarist Quinten Vermaelen. “Zelfonderzoek en acceptatie, een viering van het leven in al zijn aspecten. Het is een oproep om te leven zonder spijt, om authentiek te zijn en om de dualiteit van het leven met open armen te omarmen en te verwelkomen.”.

Het geluid is meer richting indie opgeschoven en bevalt mij erg goed. En niet alleen bij mij, de singles Comedown, Reliving en The Siren werden goed ontvangen op de streamingdiensten en regelmatig gedraaid op de radio. Het beste bewaren ze trouwens voor het laatst, afsluiter In Motion is folky americana waarin naar een grote climax wordt toegewerkt. Belgische optredens staan al gepland, Nederlandse optredens zullen waarschijnlijk snel volgen.

Calicos live :

29-11 DIKSMUIDE : 4AD Support: The Dead Tongues
02-12 LEUVEN : Het Depot Support: VITO
06-12 HASSELT : Café Café Support: VITO
11-12 GENT: Charlatan Support: CISKA CISKA
13-12 ANTWERPEN : Trix Support: Arend Delabie
14-12 MODAVE: Deux Ours
15-12 BRUSSEL : Ancienne Belgique Support: Arend Delabie

Bron : Music that needs attention - musicthatneedsattention.blogspot.com

Cameron Blake - Alone on the World Stage (2015)

poster
4,5
Het is heel fijn mensen te kennen die praktisch dezelfde muzieksmaak hebben. Tips van Jos neem ik dus altijd serieus. Hij wees me onlangs op Alone On The World Stage van Cameron Blake, een voor mij totaal onbekende singer songwriter, sinds enkele jaren woonachtig in Grand Rapids, Michigan.

Zijn carrière begon echter in 2009 in Baltimore, Maryland, waar overigens de onlangs debuterende Robert Chaney oorspronkelijk ook vandaan komt. Naast een live album bracht hij eerder drie studio albums uit. Alles in eigen beheer. De nieuwe plaat wordt volgens mij terecht gezien als een mijlpaal.

De inspiratie voor het nieuwe project vond hij in de muziek van Nick Drake, het werk van de Deense filmmaker Carl Dryer en in de biografie over de Japanse Butoh danser Kazuo Ohno. Laatstgenoemde staat overigens afgebeeld op de hoes van The Crying Light van Antony and the Johnsons, een van de favoriete groepen van Cameron. Hij putte hieruit ook de moed om er een solo album van te maken.

Alleen zang en zichzelf begeleidend op gitaar en in twee nummers op piano. Het eerste wat bij beluistering opvalt, is de buitengewoon aangename stem van Blake en geweldige manier waarop hij deze gebruikt. Hij is beïnvloed door de grote performers uit de jaren 60 en 70 zoals Leonard Cohen, Neil Young, Bob Dylan en Tom Waits.

Zijn teksten zijn buitengewoon mooi. Zo opent de cd met het indrukwekkende Rise and Shine, wat hij in een schrijfsessie voltooide. Het handelt over het Palestijns-Israleïsche conflict. Er zitten Bijbelse verwijzingen in de tekst. In Baltimore woonde hij in de buurt van haven en hoorde hij vaak ’s avonds de brandweerauto’s met loeiende sirenes voorbijkomen. Fireman Snowman handelt daarover.

In 2006 werd in North Dakota een nieuwe voorraad olie gevonden, hetgeen een hoop nieuwe banen opleverde. Maar vooruitgang heeft ook een keerzijde, zoals de tekst van North Dakota Oil leert. Het buitengewoon fraaie The Fisherman was een grote bevalling om te schrijven. Een paar jaar terug bezocht Cameron samen met zijn vrouw Londen. Naar aanleiding van een ritje op een dubbeldekker bus schreef hij Piccadilly Circus. Het gitaarspel herinnert me hier aan dat van Nick Drake.

In Detroit wordt de financiële teloorgang en de daarmee gepaard gaande wanhoop beschreven. Een van mijn grote favorieten is Home Movie. Hij begeleidt zich zelf op een gammele piano van 75 dollar, zo eentje als Ed Askew gebruikte op For The World. Het was het eerste nummer wat hij schreef voor Alone On The World Stage. Een conversatie met een goede vriend leverde Wild Blue Garden op.

Ultrasound is opgedragen aan zijn dochtertje Genevieve Elizabeth. Het opnemen van Welfare Street nam veel tijd in beslag. Uiteindelijk op de laatste opnamedag lukte het eindelijk om het goed vast te leggen. In Kabuki Theatre keert de piano op indrukwekkende wijze terug. Slotlied Fragile Glory is het enige liedje wat ’s morgens is geschreven. Het heeft een duidelijk andere sfeer dan de rest van de songs. De productie, mix en het opnemen werd voortreffelijk verzorgd door Peter Fox.

Ondanks de sobere invulling van de songs maakt Alone On The World Stage veel indruk. Sterker nog, het behoort voor mij tot het mooiste wat 2015 tot nu toe te bieden heeft.

Cameron Blake - Censor the Silence (2020)

poster
5,0
“Humanizing the voices of our times. The result is a collection of songs arranged for a rock combo (electric guitar, piano, bass and drums) with deep grooves, angular guitar riffs and piercing harmonies accompanying Blake’s signature prose.”.

Dat staat er treffend te lezen op zijn website in een zojuist vrijgegeven persbericht over zijn nieuwe album Censor the Silence. Het vormt het sluitstuk van een imposant drieluik, dat verder bestaat uit soloalbum Alone on the World Stage en het orkestrale Fear Not.

Deze keer koos Cameron voor de optie om songs te schrijven voor een rock combo. Dat dekt overigens niet de hele lading want er zijn ook invloeden uit andere genres te horen. Op het beginscherm van zijn website staat Cameron als een soort hedendaagse Jacques Brel afgebeeld. Net als de wereldberoemde Waal uiteraard in een net pak en met dezelfde passie zijn muziek brengend.

Op zijn voorgaande albums spreekt uit zijn teksten, dat hij vooral een geëngageerd man is. Een titel als Chemical War Child spreekt natuurlijk voor zich.

Maar ook in het ingetogen, van schitterend repeterend pianospel voorziene Six Minutes Twenty Seconds wordt een schokkend onderwerp aangesneden. Cameron schreef het na het zien van een speech van de Amerikaanse activiste Emma González. Zij maakte in februari 2018 de schietpartij mee op de Stoneman Douglas High School in Parkland. Hierbij werden 17 medeleerlingen doodgeschoten en ook nog eens 17 zwaar gewond. Daarop richtte ze samen met anderen de actiegroep Never Again MSD op, die pleit voor wapenbeheersing.

Inspiratie voor het duet met Patty PerShayla in How Dare You vond hij in de speech die Greta Thunberg hield voor de Verenigde Naties. Het begin van de song associeerde ik overigens meteen het album Red van King Crimson.

Indringend is Only Goya, het heeft betrekking op de beroemde Spaanse schilder Francisco Goya. De tekst is gebaseerd op drie schilderijen van hem, “Dutchess of Alba “(1797), “Yard with Lunatics”(1794) en “Saturn Devouring His Son” (1823).

Soms blijft Cameron dichter bij huis, het bijzonder fraaie Honey Step out of the Rain, is een liefdesliedje voor zijn vrouw. Bijna alle liedjes schreef hij trouwens in enkele dagen in een Trappistenklooster in Kentucky, de abdij van Gethsemani (bekend geworden doordat de denker/schrijver Thomas Merton er geleefd heeft).

Bijzonder soulvol klinken Henny Penny en Pale Cloud Covering, niet in de laatste plaats door de inbreng van Debra Perry en haar Majestic Praise. Heel relaxt klinkt Balloon Man, het meest luchtige nummer van het album, met fijn, Django Reinhardt achtig gitaarspel.

Kabuki Theatre stond al op Alone on the World Stage. Hij her bewerkte het voor de band, bovendien vond hij het vanwege de tekst weer actueel.

Het album werd in drie sessies met de band opgenomen om vervolgens tijdens de vierde sessie de overdubs op te nemen. Getracht werd om de warmte die veel zestiger jaren albums kenmerken ook op Censor the Silence te verwezenlijken.

Om het album kernachtig te omschrijven; geëngageerd, passioneel, avontuurlijk en energiek. Cameron maakte het album in een periode dat hij met persoonlijk verlies te maken kreeg. Het schrijven van de liedjes hielpen bij de verwerking ervan, bovendien levert het als mooie bijkomstigheid zijn meest gedurfde, maar ook het fraaiste album uit zijn oeuvre op.

Voorlopig is het album alleen digitaal verkrijgbaar, maar naar het laat aanzien zal gelukkig een fysieke release niet lang op zich laten wachten.

Camp Cope - Running with the Hurricane (2022)

poster
4,0
De naam Camp Cope deed geen enkel belletje rinkelen. Het betreft hier een in thuisland Australië erg populair damestrio rondom frontvrouw Georgia "Georgia Maq" McDonald. Erwin Zijleman van Krenten uit de pop besteedde in 2019 zowel aandacht aan McDonald’s soloalbum als aan het tweede album van Camp Cope, getiteld How To Socialise & Make Friends.

Het enthousiasme van Erwin over McDonald’s fantastische stem deel ik volkomen en verklaart ook voor een groot deel de populariteit van dit trio uit Melbourne. Maar ik wil zeker de andere twee dames niet te kort doen.

Opener Caroline van Running with the Hurricane begint met een lekker basloopje van Kelly-Dawn Hellmrich, die Joy Division bassist Peter Hook en blink-182 bassist Mark Hoppus als grootste voorbeelden heeft. Samen tekende het trio voor de muziek, de teksten zijn van de hand van McDonald.

In het titelnummer laat McDonald haar emotionele zang volledig de vrije loop. Om hierna vervolgens in One Wink at a Time een stuk ingetogener te klinken. Bijzonder inventief laat ze hier als het ware haar stem alle kanten op fladderen. Subtiele toevoeging vormt hier trouwens het trompetspel van Shauna Boyle. Daarnaast is in opener Caroline en de toepasselijk getitelde afsluiter Sing Your Heart Out de elektrische gitaar van Courtney Barnett te horen.

Wat naast de zang het album aantrekkelijk maakt is dat de productie niet te gepolijst is. Regelmatig zijn de achtergrondkoortjes niet te versmaden. Running with the Hurricane zal zeker menig luisteraar emotioneel weten te raken.

Cara - Yet We Sing (2016)

poster
4,0
Een van de meest interessante folkgroepen van het afgelopen decennia komt niet uit Groot-Brittannië of Ierland, maar uit Duitsland. Zij het met een Schots tintje. Kim Edgar komt van oorsprong uit Edinburgh. Zij is een van de twee leadzangeressen en speelt tevens piano, een niet zo’n heel gebruikelijk instrument in de folkmuziek.

De andere frontvrouw is Gudrun Walther, naast zang speelt ze viool en diatonische accordeon. Het gezelschap wordt verder gecompleteerd door Hendrik Morgenbrodt (doedelzak), Jürgen Treyz (gitaar, dobro en achtergrondzang) en Rolf Wagels (bodhrán). Tweemaal wonnen ze al een Irish Music Award. Ze toeren geregeld over de hele wereld, waaronder zevenmaal door de Verenigde Staten.

Ook in Nederland hebben ze een behoorlijk grote schare fans en namen ze hier al een live-dvd op in het Arsenaal in Vlissingen. Yet We Sing is inmiddels hun vijfde studio album. Naast traditionals bevat hun repertoire veel eigen geschreven stukken.

Op de nieuwe schijf komen de grote thema’s van het leven aan bod; liefde, dood, religie, oorlog en hoop. Voor de eerste maal is er geen gebruik gemaakt van gastmuzikanten en heeft men getracht zo veel mogelijk het live geluid te benaderen.

Het is een gevarieerd album geworden. Zo zijn er zowel een medley van jigs en van reels te vinden. The Naked Man in the Whirlpool is de zeer toepasselijke titel van de door Treyz geschreven instrumental. Hij schreef dit nummer in een whirlpool onder het genot van een glas wijn tijdens een zonsondergang in Toscane.

Cain’s War werd vorig jaar een dag na de aanslag op de redactie van Charlie Hebdo geschreven. Het Bijbelse verhaal van Kaïn en Abel is zeer van toepassing op deze tragedie. Erg mooi is de instrumental A Wee Dobro Tune, het samenspel tussen dobro, viool en en de 100 jaar oude Steinway piano is wonderschoon.

Daarnaast een aantal traditionals, waaronder een van de allermooiste, het ruim acht minuten durende Little Musgrave, ooit bekend geworden in de uitvoering van Planxty. Er valt nog veel meer over dit album te vertellen, maar die informatie is allemaal terug te vinden in het goed gedocumenteerde tekstboekje.

Het album wordt in eigen beheer uitgegeven en is te bestellen via :: Cara - Irish Music:: - Yet We Sing - cara-music.com Yet We Sing is een gevarieerd album, waarbij de blik zowel op het verleden als op het heden is gericht.

Cari Cari - Welcome to Kookoo Island (2022)

poster
4,5
Oostenrijk is niet bepaald het eerste land waaraan je denkt bij popmuziek. Toch herbergt het land interessante acts als Soap&Skin, Schmieds Puls en Son of the Velvet Rat van het ervaren duo Georg Altziebler en Heike Binder. Met het duo Son of the Velvet Rat zal Cari Cari zich ongetwijfeld verwant voelen, want beiden zijn beïnvloed door lo-fi Californian desert rock.

Het duo Stephanie Widmer en Alexander Köck beweren ooit begonnen te zijn, omdat ze graag hun muziek in een Quentin Tarantino film wilde hebben. De opener van hun debuut EP Amerippindunkler uit 2014 heet dan ook Dear Mr. Tarantino.

Hun volwaardige debuutalbum Anaana werd door Erwin Zijleman beloond met maar liefst vijf sterren, en daar valt zeker iets voor te zeggen. Dat album was bijzonder gevarieerd, van blues, rock, Americana, triphop tot aan psychedelica. En daarin hoor je af en toe de invloed van The White Stripes en The Black Keys terug.

Ook op hun nieuwe album Welcome to Kookoo Island klinken die invloeden nog sporadisch door. Het gebodene is andermaal gevarieerd en zijn de (psychedelische) zestiger jaren invloeden ruimschoots aanwezig. Het is dan ook niet zo vreemd dat het duo al regelmatig toerde met My Baby. Toch weten ze hun muziek een eigen signatuur mee te geven.

De korte, klassiek aandoende afsluiter Departure from Kookoo Island wijkt overigens af van de rest van het album. Met Welcome to Kookoo Island gaat het duo ongetwijfeld hun populariteit verder vergroten.

Cari Cari live:

14-11 AMSTERDAM : Bitterzoet

Carla dal Forno - Come Around (2022)

poster
4,0
Haar naam klinkt Italiaans, maar singer-songwriter Carla dal Forno komt oorspronkelijk uit Melbourne, maar is tegenwoordig woonachtig in Castlemaine. Rond 2010 en de paar jaren die volgden maakte ze deel uit van het culttrio Mole House. Daarna woonde ze een tijdje in Berlijn om zich vervolgens in Londen te vestigen.

In 2014 bracht ze samen met Tarquin Manek als het duo Tarcar het album Mince Glace uit. Een jaar later werd het duo uitgebreid naar een trio met de komst van Samuel Karmel en werd de naam veranderd in F INGERS. Men bracht een album uit, getiteld Hide Before Dinner. Hierna koos dal Forno met succes voor een solocarrière.

Drie jaar terug besprak ik haar uitstekende album Look Up Sharp. Muzikaal gezien tapte ze toen uit verschillende vaatjes, van lo-fi folk tot aan triphop en postpunk. Maar klonken er ook Oriëntaalse invloeden door in haar muziek zoals in het intrigerende, instrumentale Hype Sleep. Dal Forno vond toen haar inspiratie bij The Flying Lizards, Brian Eno (Another Green World), Nico (The Marble Index) en vooral bij Virginia Astley.

Sinds een paar jaar is Carla dal Forno stevig gesettled in Castlemaine, Central Victoria, en vond er stabiliteit. Bovendien is ze een zelfverzekerdere vrouw geworden. Ze is meer openhartig geworden en zingt bjvoorbeeld over de aanwezige wanorde in haar bestaan en de slapeloosheid waaraan ze lijdt.

Opener Side By Side gaat volgens haar over de anticipatie om met iemand in zee te gaan en de gevoelens van onvermijdelijkheid, transparantie en ongeduld. Zoals de tekst duidelijk maakt :

“Make your move
I recognise the method you use”

Het titelnummer is eveneens reeds vrijgegeven, het is een eenvoudige, maar heerlijk voort meanderend song geworden. Andermaal vormen onder andere Virginia Astley en Flying Lizards inspiratiebronnen en bezitten de ingetogen songs af en toe een Oriëntaals tintje en hebben ze meestal intrigerende ritmes. Af en toe heb ik door de zang assiocaties met Loma. In Slumber zingt ze een duet met Thomas Bush.

De meeste songs schreef dal Forno zelf, op een cover van The Garden of Earthly Delights van The United States of America na. Ondanks het ingetogen karakter kroop Come Around net zo snel onder de huid als de voorganger.

CARM - CARM (2021)

poster
4,5
Achter de artiestennaam CARM gaat de New Yorkse trompettist en Franse hoornspeler C.J. Camerieri schuil. Hij is medeoprichter van het gerenommeerde hedendaagse ensemble yMusic. Dit ensemble sleepte al een aantal prestigieuze prijzen in de wacht. Toch is hij vooral bekend van zijn langlopende samenwerking met Justin Vernon in Bon Iver. Daarnaast was hij ook te horen of was hij geluids-technicus op zo’n 150 studioalbums. Voordat hij aan zijn soloalbum begon, stelde hij zichzelf eerst de interessante vraag : “what kind of record would my trumpet-playing heroes from the past make today?”. Hijzelf denkt : “I believe they would want to work with the best producers, beat makers, songwriters, and singers to create new, truly culturally relevant music. That’s what I’m seeking to do.” Wat aldus geschiedde. Hij benaderde naast Justin Vernon, onder andere grensverleggende artiesten als Sufjan Stevens , leden van Yo La Tengo en Mouse on Mars om mee te werken. Het resultaat is een gevarieerd en intrigerend album. Een album wat ook niet in een hokje te plaatsen is. Het album opent nog redelijk conventioneel met het fraaie Song of Trouble. Door de zachte, fluwelen zang van Sufjan Stevens had het zeker niet misstaan op diens album Carrie & Lowell . Al een stuk avontuurlijker is het ingetogen, instrumentale Soft Night. Vervolgens schiet het muzikaal gezien alle kanten uit, tot zelfs hiphopinvloeden aan toe. Ronduit freaky is Scarcely Out, waaraan Mouse on Mars meewerkte. Het album was overigens al zo’n twee jaar klaar, want de liner notes van Trever Hagen dateren van april 2019. CARM is een album wat zich moeilijk laat omschrijven, maar gewoon een intrigerende luisterervaring die je zelf moet ondergaan

Carole King - Tapestry (1971)

poster
5,0
Afgelopen zaterdagavond waren op de BBC een drietal uitzendingen te zien over Carole King. Voor mij reden om weer eens haar klassieker Tapestry uit 1971 uit de mottenballen te halen. Haar muzikale carrière begint reeds op haar zestiende. Al Nevins en Don Kirshner richten in 1958 hun muziekuitgeverij Aldon Music op en vestigen zich in het Brill Building, een kantoorgebouw op Broadway. Hier geven ze talentvolle singer-songwriters als Carole King, Gerry Goffin, Neil Sedaka, Barry Mann en Neil Diamond een kans op een succesvolle carrière.

Zowel Sedaka als Goffin hebben een oogje op King. Ondanks Sedaka’s ode Oh! Carol kiest King al snel voor Goffin. Op haar zeventiende trouwt het stel, voor haar twintigste is ze al twee keer moeder. Dat vormt echter absoluut geen beletsel voor het schrijven van songs. Op haar zeventiende schreef ze al Will You Love Me Tomorrow, wat een jaar later een hit werd voor The Shirelles. Hierna schreef ze aan de lopende band met Goffin nummers voor anderen, waaronder The Loco-motion voor Little Eva en (You Make Me Feel Like) A Natural Woman voor Aretha Franklin, in 1974 ook gecoverd door Rod Stewart. Op de Dusty Springfield klassieker Dusty in Memphis zijn maar liefst een viertal nummers van King te vinden.

Eerdergenoemde nummers Will You Love Me Tomorrow en A Natural Woman zijn terug te vinden op het tijdloze Tapestry. Een van de best verkochte albums aller tijden, wat maar liefst zes jaar onafgebroken in de charts stond. Ook bij latere generaties werd King populair. Het favoriete liedje van Amy Winehouse was het eveneens op Tapestry terug te vinden So Far Away. Het werd gespeeld bij de afsluiting van haar uitvaart. De kracht van haar liedjes zijn de ijzersterke melodieën. Ook een hit werd You've Got a Friend. Ze gunde James Taylor het om het als eerste op te nemen. Taylor wist meteen dat hij goud in handen had en dat het een hit zou worden. Ook de overige liedjes hebben moeiteloos de tand des tijds overleefd. Mijn persoonlijke favoriet is het titelnummer, maar ik kan iedere andere keuze voor een liedje ook gemakkelijk voorstellen.

Bron : Music that needs attention - musicthatneedsattention.blogspot.com

caroline - caroline (2022)

poster
4,0
Het in Londen woonachtige achtkoppige collectief caroline is voortgekomen uit wekelijkse sessies, die begonnen in 2017. Bandleden werden bijeen gebracht door hun gedeelde muzikale interesses, waaronder emo uit het Midwesten, folk uit de Appalachen, minimalistisch klassiek en elektronische muziek. Geleidelijk werden de gelederen uitgebreid naarmate de nummers zich ontwikkelden.

caroline bestaat nu uit Jasper Llewellyn - akoestische gitaar, cello, drums, zang, Mike O'Malley - elektrische gitaar, zang, Casper Hughes - elektrische gitaar, zang, Oliver Hamilton - viool, Magdalena McLean - viool, Freddy Wordsworth - trompet, bas, Alex McKenzie - klarinet, fluit, saxofoon en Hugh Aynsley - drums, percussie.

Hun improvisatiedrift is goed terug te horen in hun folky postrock. Soms schuurt de muziek, vaak langzaam voortkabbelend en regelmatig wonderschone zang. Geregeld krijgen celli, violen en blaasinstrumenten de ruimte voor improvisatie, wat in Engine tot kakofonie leidt.

Hun eerste single Dark Blue verscheen in maart 2020 en zorgde voor een nominatie als Ones To Watch bij de 2020 AIM Awards, waar ze nipt werden verslagen door Arlo Parks. De tweede single Skydiving on the library roof verscheen mei vorig jaar.

In het persbericht worden als referenties Talk Talk, Bon Iver, Brian Eno, June Of 44, Mogwai en Lankum genoemd. Hiervan vind ik de laatstgenoemde het meest van toepassing. Niet zo verwonderlijk dat het debuutalbum caroline gemixt is door John 'Spud' Murphy (black midi, Lankum), die wel raad weet met avontuurlijke muziek.

Het zal me niet verbazen dat de nodige critici de loftrompet zullen gaan blazen over dit exceptionele album. Gelukkig binnenkort live te zien in de Lage Landen.

caroline live:

21-04 ROTTERDAM : Motel Mozaique
27-04 BRUSSEL : Botanique - Grand Salon
28-04 ARLON : Les Aralunaires

Caroline Rose - Superstar (2020)

poster
In 2012 bracht de New Yorkse singer-songwriter en multi-instrumentalist Caroline Rose in eigen beheer haar debuutalbum America Religious uit. Hierop was een interessante mix van folk, country en rockabilly te horen. Toch vond ze de genres te beperkt en besloot met haar derde album Loner richting indiepop op te schuiven, met veelal goed in het gehoor liggende liedjes en nogal uiteenlopende invloeden. In de video van Soul No. 5 twee jaar terug zag de inmiddels dertigjarige er nog uit als een meisje. Zowel qua uiterlijk als op haar nieuwe album Superstar is Rose meer volwassen geworden. De titel is natuurlijk ironisch bedoeld, ze heeft allerminst de status van een superster, meer die van een underdog. Ze verlangt er ook niet naar, getuige de regels in sleutelsong Got to Go My Own Way :

“Remain humble, not like all these fakers
Always get bleacher seats sitting at the L.A. Lakers”

Veel inspiratie haalde Rose uit een cult filmklassieker als “The bitter tears of Petra von Kant, David Lynch’s “Mudholland drive” en de mockumentary “Drop dead gorgeous”. Soms heeft de muziek een heerlijke groove, zoals het al vrijgegeven Feel The Way I Want, waarvan de video trouwens in zijn geheel met een iPhone gefilmd is. Maar soms ook heerlijk dromerig zoals in de bijzonder fraaie songs Freak Like Me en Pipe Dreams, waarin haar ingetogen stem goed tot zijn recht komt. Veelal bespeeld Rose de instrumenten zelf; keyboards, synthesizers, bas, gitaren, drums, percussie, fluit, ukelele en maakte veldopnames. Met Superstar lijkt Rose eindelijk haar eigen draai gevonden te hebben.

Carson McHone - Still Life (2022)

poster
4,0
Al meer dan vijftien jaar werkt singer-songwriter en violiste Carson McHone uit Austin gestaag aan haar muziekcarrière. In haar beginjaren trad ze met haar eigen liedjes veel op in bars in Texas. Ze wist op een gegeven moment de aandacht te trekken van platenlabel Loose Music. Haar tweede, internationaal door Loose uitgebrachte album Carousel uit 2018 werd geproduceerd door Mike McCarthy in Nashville. Het betekende haar internationale doorbraak.

Voor haar derde album wist Carson de avontuurlijke Canadese producer Daniel Romano te strikken. De liedjes voor Still Life scheef Carson op rustige momenten tussen tournees door in haar geboortestad Austin. Vervolgens nam ze de liedjes in Ontario met Romano op. Ze roemt de intuïtieve en organische werkwijze van Romano. “We vielen deze nummers aan als een leeg canvas.”, aldus Carson. Naast Romano deed ze een beroep op twee vrienden, de veelzijdige Mark Lalama op accordeon, piano en orgel en David Nardi op saxofoon.

Het eindresultaat is een gevarieerd album. Soms behoorlijk stevig, zoals in titelsong Still Life, om hierna te vervolgen met het bijzonder ingetogen Fingernail Moon, omkaderd door de warme accordeonklanken van Mark Lalama. De stem van Carson klinkt rijker en donkerder dan ooit te voren. Bijzonder aanstekelijk is Someone Else, met name het orgeltje is hier onweerstaanbaar.

Er wordt rijkelijk inspiratie geput uit invloeden uit de late jaren zestig, beginjaren zeventig. Denk aan artiesten als John Cale, The Kinks en Richard en Linda Thompson. Maar dan verpakt in een modern jasje.
Een van de vele hoogtepunten vormt Spoil on the Vine, met fraai akoestisch gitaarspel en aparte koortjes. Hoe fraai Carsons stem is komt het best naar voren in het ingetogen, door strijkers en sprankelend pianospel opgesierde, Sweet Magnolia. Absolute hoogtepunt vormt voor mij het stompende en gedragen Folk Song, wat klinkt als een reeds lang bekende traditional.

Overigens ben ik niet de eerste die zo enthousiast is over Still Life. Het viel al lovende recensies ten deel in Mojo en Uncut (Americana album van de maand). De titel en artwork is ontleend aan het gelijknamige schilderijtje van Bonner Bentley uit 1957. Still Life en de komende liveconcerten gaan ongetwijfeld nog veel meer nieuwe zieltjes winnen.


Carson McHone live:

29-06 NIJMEGEN : Doornroosje
30-06 UTRECHT : TivoliVredenburg, Cloud Nine
01-07 GRONINGEN : Vera
02-07 HAARLEM : Patronaat
03-07 Den Haag : Paard

Cat Clyde - Down Rounder (2023)

poster
4,5
Sinds 2017 bouwt de jonge Canadese singer-songwriter Cat Clyde flink aan haar muzikale carrière. Haar debuutalbum Ivory Castanets had niet over belangstelling te klagen, niet in de laatste plaats dankzij de hitsingle Mama Said. Belangrijke ingrediënten van haar muziek zijn vooral soulvolle blues en folk. Haar unieke stijl bevat invloeden variërend van Patsy Cline en Lead Belly tot aan Karen Dalton en Bobbie Gentry, verpakt in een modern jasje. Zelf vergelijkt ze zichzelf ook met moderne zangeressen als Alice Phoebe Lou, Adrienne Lenker en Angel Olsen.

Het bijzonder fraaie Down Rounder is intussen haar derde album. Voorafgaand aan de release verschenen al de uitstekende singles I Feel It, Mystic Light en het aanstekelijke Papa Took My Totems.

Laatstgenoemde lichtvoetige song waarbij je niet kunt stilzitten heeft volgens Cat wel een belangrijke boodschap : “This song is an expression of anger and sadness towards being a woman in a male dominated society, colonialism, and the destruction of the environment and things that are sacred - like land, water, earth, and sky. Totems to me - feel like things and places that are important and sacred. To witness the destruction of those things is difficult to deal with sometimes.”.

In eerste instantie was het de bedoeling dat Cat samen met haar partner Strummer Jasson thuis op te gaan nemen. Hun blokhut kreeg te maken met een oprukkend schimmelprobleem, dat de plannen geheel op zijn kop zette. Na hun verhuizing besloot Cat contact op te nemen met producer Tony Berg (Phoebe Bridgers, Taylor Swift, Paul McCartney), wat een gouden greep bleek. Berg haalde de juiste muzikanten in huis en waren daardoor de opnames in slechts zes dagen klaar. Over twee weken is Cat live te zien in de Melkweg om het uitstekende Down Rounder voor te stellen, absoluut een aanrader!

Cat Clyde live als voorprogramma van Lissie:

03-03 AMSTERDAM : Melkweg

bron : Music that needs attention - musicthatneedsattention.blogspot.com

Catherine Britt - Home Truths (2021)

poster
De country muziek werd Catherine Britt met de paplepel ingegoten via de platencollectie van haar vader. Ze wist al heel vroeg dat ze zangeres wilde worden en beschikte ook vroeg over een eigen wil. Haar eerste liedje Guardian Angel schreef ze op elfjarige leeftijd. Op haar veertiende verscheen haar door Bill Chambers geproduceerde EP In the Pines. De song That Don't Bother Me! hierop schreef ze met haar vriendin Kasey Chambers, intussen ook een grote naam in de Australische muziek. Vanaf haar zeventiende tot haar drieëntwintigste woonde ze in Nashville om zich verder te verdiepen in de country en folkmuziek. In de vroege jaren nul zag Elton John haar tijdens een tour in Australië optreden en was dusdanig onder de indruk dat hij haar aan een platencontract hielp bij RCA Records. Sinds die tijd bracht ze zes studioalbums uit, welke goed ontvangen werden en ging het haar voor de wind. Ook in haar persoonlijke leven, want ze trouwde eind 2013 met haar grote liefde James Beverley. Helaas werd dit prille geluk begin 2015 danig op de proef gesteld door de diagnose borstkanker. Gelukkig werd zij dankzij een operatie en chemietherapie kankervrij. Intussen is ze moeder van twee kinderen. Het nieuwe album Home Truths is haar eerste in eigen beheer uitgebrachte album, want ze wilde complete artistieke vrijheid. Het zijn eerlijke, persoonlijke en intense liedjes vol overgave door haar gezongen. Op het album zingt ze twee duetten. Hard to Love zingt ze samen met Jim Lauderdale, fan van het eerste uur en Country Fan met Lee Kernaghan. Overigens werkte al samen met een groot aantal bekende artiesten, waaronder onder andere Dolly Parton, Steve Earle, Chris Isaak, Guy Clark, Alan Jackson, Elton John en Don MacLean. Ondanks haar grote staat van dienst is toch nog maar zesendertig. In Australië lijkt het coronavirus intussen volledig onder controle en kan ze Home Truths via een groot aantal optredens gaan promoten, Europa zal helaas nog een tijdje moeten wachten.

Catherine MacLellan - Coyote (2019)

poster
Met haar album the Raven’s Sun wist de Canadese singer-songwriter Catherine MacLellan de felbegeerde Juno Award in de wacht te slepen. De muzikale genen kreeg ze mee van haar vader Gene, die ooit twee grote hits scoorde met Snowbird en Put Your Hand in the Hand.

De afgelopen vier jaar stonden in het teken van een eerbetoon aan haar vader. Twee jaar terug bracht ze If It's Alright with You: The Songs of Gene MacLellan uit. Ze toerde ook met een show onder dezelfde naam en maakte een bekroonde documentaire over hem onder de titel The Song and the Sorrow.

Op persoonlijk vlak ging het minder voorspoedig, haar lange relatie liep op de klippen. Ze zingt erover in The Road is Divided, vooral over het moment dat je weet dat de scheiding onafwendbaar is, maar je nog steeds van de ander houdt. Out of Time gaat over wat erna gebeurt.

De titel van Coyote is ontleend aan de opener. Om haar afgelegen woning hoort ze ’s avonds regelmatig coyotes huilen, maar ze heeft er nog nooit een gezien. Emmet’s Song is een eerbetoon aan haar neefje, die gezien wordt als het zwarte schaap van de familie. MacLellan nam hem tijdens een moeilijke periode onder haar hoede. Beiden leerden veel tijdens die periode.

Een Nederlands tintje heeft Night Crossing over een bootovertocht tussen Engeland en Nederland tijdens een Europese toer :

“Taking the ferry cross the North Sea
Bones of forgotten souls beneath
The only light tonight is the moon up in the sky
Night crossing”

De prachtige stem van MacLellan heeft weinig inkleuring nodig om te kunnen boeien en blijft hier spaarzaam, maar ook gevarieerd. Zo valt bijvoorbeeld in het Breath of a Wind de cello van Nathalie Williams Calhoun op. Pure folk is te horen in The Tempest wat is afgeleid van een Ierse traditional.

Het liefst hoor ik haar in liedjes als Sweet By and By en Out of Nowhere, alleen haar stem en haar akoestische gitaar. Met haar reflecterende, hartverscheurende en hoopvolle liedjes op Coyote steekt ze the Raven’s Sun absoluut naar de kroon, misschien overtreft ze dat album wel. Haar liveoptredens waren mij helaas dit jaar ontgaan, gelukkig komt ze eind volgend jaar terug voor nieuwe.

Cedric Burnside - Benton County Relic (2018)

poster
4,0
Een paar dagen terug werd Cedric Burnside, de zoon van drummer Calvin Jackson en kleinzoon van de legendarische R.L. Burnside, veertig. Op muzikaal vlak stapte hij op jonge leeftijd in de voetsporen van zijn vader en werd drummer. Hij speelde in zijn tienerjaren al samen met mensen als Junior Kimbrough, T-Model Ford en Paul “Wine” Jones.

Het succes is hem overigens niet komen aanwaaien, bovendien groeide hij op in povere omstandigheden, zoals blijkt uit de eerste single van zijn nieuwe album Benton County Relic, We Made it. Zijn familie beschikte niet over stromend water, laat staan over radio en tv. Regels als "I come from nothin'/I done been lower than low/I keep my head straight/No matter how low I go", waren dus harde werkelijkheid.

De laatste jaren heeft de bescheiden Burnside weinig te klagen, hij kreeg in 2015 een Grammy nominatie voor Descendants of Hill Country met zijn Cedric Burnside Project. Tegenwoordig speelt hij elektrisch en akoestisch gitaar en laat hij het drumwerk over aan collega Brian Jay (tevens slide gitarist). De twee namen Benton County Relic is slechts twee dagen tijd op in de studio van Jay.

Burnside probeert met zijn liedjes de ruige, ritmische Mississippi Hill Country Blues onder de aandacht te brengen van jongere generaties, die opgegroeid zijn met bands als The White Stripes en The Black Keys. Twee bands, die in een vergelijkbare opstelling spelen.

Het zoeken naar vernieuwing heeft hij duidelijk meegekregen van zijn opa, die daar ook altijd naar op zoek was. Niet zo vreemd, dat Burnside regelmatig met vernieuwers als The Jon Spencer Blues Explosion en North Mississippi Allstars samenwerkt. Laatstgenoemde groep houdt trouwens op hun laatste twee fantastische albums regelmatig het muzikale erfgoed van R.L. Burnside in ere.

Op Benton County Relic weet Burnside met krachtige, puntige songs zeer te snel te overtuigen. Hopelijk hoeft hij niet zo lang te wachten totdat hij bij het grote publiek dezelfde erkenning krijgt als zijn opa.

Cedric Burnside - I Be Trying (2021)

poster
4,5
De toonaangevende ambassadeur van de Mississippi Hill Country blues, Cedric Burnside, is terug met zijn tweede album onder eigen naam, I Be Trying. Over voorganger Benton County Relic was ik behoorlijk enthousiast. Cedric is inmiddels tweeënveertig en heeft reeds dertig jaar ervaring “on the road”. Die carrière begon op dertienjarige leeftijd in de touringband van zijn legendarische opa, R.L. Burnside. Cedric eert hem met een cover van Bird Without a Feather. Enige andere cover is Hands Off That Girl van Deltabluesgigant Junior Kimbrough. De overige elf schreef hij zelf en bevatten verhalen over verbinding, pijn en verlossing in het zuiden van de VS. Het album werd slechts in enkele dagen opgenomen in de befaamde Royal Studios, waar Al Green, Solomon Burke, Buddy Guy en zoveel andere legendes hem voor gingen. Wederom is de inkleuring sober, Cedric zingt, speelt gitaar en op een zestal nummers drums. Op de overige speelt Reed Watson drums en percussie. Luther Dickinson (North Mississippi Allstars) speelt gitaar op Step In en Keep on Pushing. Alabama Shakes bassist Zac Cockrell is te horen op Pretty Flowers en cellist Caleb Elliot op I Be Trying en Love You Forever. Cedric is de trotse vader van drie dochters. De jongste, Portrika, pas vijftien, zingt de achtergrondvocalen op het titelnummer. Hier en daar probeert men de muziek een Al Green tintje te geven. De drums werden in Willie Mitchell stijl opgenomen en in opener The World Can Be So Cold gebruikt Cedric Al Green’s beroemde “Mic #9”. I Be Trying is andermaal een overtuigend bewijs dat Burnside nog steeds de toonaangevende ambassadeur van de Mississippi Hill Country blues is.

Cha Wa - My People (2021)

poster
4,0
Cha Wa is een Indiaanse Mardi Gras funk band rond lead zangers Joseph en diens zoon J’Wan Boudreaux. Zij zijn respectievelijk de zoon en kleinzoon van de Big Chief van de Golden Eagles, een Indiaanse Mardi Gras stam. Joseph werd door zijn vader reeds op eenjarige leeftijd meegenomen naar straatoptredens in New Orleans. Rond zijn tiende begon hij al op grote festivals te spelen. Cha Wa werd opgericht door drummer Joe Gelini. Hij is een geschoold muzikant, die studeerde aan de prestigieuze Berklee College of Music. Naast funk raakte Gelini bij terugkomst in New Orleans ook in grote mate geïnteresseerd in jazz en begon al snel met Thelonius Monk op te treden. Maar de leden van de band absorbeerden ook andere invloeden op als disco, Afrobeat en reggae. Dat leidde tot een smakelijke gumbo met een eigen signatuur. De band werd opgericht in 2014 en is nu met My People toe aan hun derde album. Vanaf de swingende opener en titeltrack My People weet de band mijn aandacht moeiteloos vast te houden. De songs zijn geëngageerd, regelmatig politiek getint. Naast eigen werk waagt men zich ook Bob Dylan’s Masters of War, geschreven op het hoogtepunt van de Cubacrisis. Op dit nummer is de ervaren blues zanger Alvin Youngblood Hart te horen. Op Love in Your Heart krijgt men hulp van de uitstekende zangeres Anjelika Jelly Joseph. Afsluiter Swallow Water, een traditional, werd live opgenomen in bar Handa Wanda’s in New Orleans.

Chad VanGaalen - World's Most Stressed Out Gardener (2021)

poster
4,0
De veelzijdige Canadees Chad VanGaalen, met ongetwijfeld Nederlandse voorouders, is niet voor een gat te vangen. Naast muzikant is hij beeldend kunstenaar, animatiemaker, regisseur, vormgever en producer. Zo regisseerde hij bijvoorbeeld video’s voor Strand of Oaks. World’s Most Stressed Out Gardener is inmiddels zijn zevende album voor Sub Pop. Ook deze keer vliegt zijn uiterst creatieve geest alle kanten op. Het kost de luisteraar, zoals altijd, de nodige tijd om zijn muzikale creaties te doorgronden. Maar wie dat doet wordt rijkelijk beloond. Bij de eerste beluistering dacht ik even dat hij voor het toepasselijk getitelde Nothing Is Strange Het Groot Walenburgs Vuilharmonisch Orkest van Harm van Ruth ingehuurd had. Een nummer met de absurdistische regels “Turn up the radio / I think we’re dead". Wat natuurlijk verwijst naar de wijze van berichtgeving over de Coronapandemie. Al spoedig hoorde ik dat alles muzikaal toch wat ingenieuzer in elkaar geknutseld is. Zoals altijd nam hij het album in alle rust op in zijn kelder in Calgary. Veelal gebruik makend van zelf gemaakte instrumenten. Het was overigens in eerste instantie de bedoeling om een album te maken waarop de fluit een dominante rol zou gaan spelen. Maar gelukkig was dat plan snel van de baan en waren we nu niet zo’n intrigerend nummer als Inner Fire of het grappige Samurai Sword rijker. De bedoeling van het album is vooral om de geestelijke staat van de mensheid door de Coronapandemie weer enigszins op te krikken en daarin is hij wat mij betreft voortreffelijk in geslaagd.

Chantal Acda - Bounce Back (2017)

poster
4,5
De in Antwerpen woonachtige, maar uit het Brabantse Helmond afkomstige zangeres Chantal Acda is vooral bekend van de populaire Belgische groep Isbells.

Daarnaast is zij een belangrijke pion in het bijzondere trio Distance, Light & Sky, waarvan ook Chris Eckman, de frontman van de legendarische groep The Walkabouts, deel uitmaakt. Dit trio bracht met Casting Nets een van de fraaiste albums van 2014 uit.

Haar eerste soloalbum Dreamly Yell verscheen reeds in 1999. Mijn eerste kennismaking met haar muziek was echter Let Your Hands Be Your Guide in 2013, een album wat nog tot stand kwam met steun van de Vlaamse overheid. Ze wordt op dit album met breekbare liedjes omringd door klasbakken als Nils Frahm, Peter Broderick, Shahzad Ismaily en Gyda Valtysdottir.

Met deze cd trok ze de aandacht van platenlabel Glitterhouse, waarop twee jaar terug The Sparkle in Our Flaws werd uitgebracht, waarmee ze voortborduurde op de voorganger.

Haar nieuwste album Bounce Back is mogelijk nog ambitieuzer van opzet. Als producer werd Phil Brown (Talk Talk) ingehuurd. Daarnaast had ze de beschikking over een van de beste gitaristen ter wereld, Bill Frisell. Deze gigant was vorig jaar nog samen met Greg Leisz sfeerbepalend op The Ghosts of Highway 20 van Lucinda Williams.

Ook op Bounce Back hoor je Frisell excelleren, zoals in I Need You to Go, een van de meeste fraaie tracks. Net als op de twee voorgangers is er ruimte voor experiment. Toch deel ik de mening van Erwin Zijleman, dat het album opvallend toegankelijk is. De vorige twee albums waren fraai, maar met Bounce Back levert ze een nog groter huzarenstukje af.

Op dit moment is Chantal volop aan het toeren, wat haar onder anderen in augustus zal brengen op het fameuze Jazz Middelheim, waarop ze vier sets zal spelen, waaronder eentje met Bill Frisell.

Charlene Soraia - Where's My Tribe (2019)

poster
4,5
November 2011 verscheen het debuutalbum Moonchild van de Londense singer-songwriter Charlene Soraia, wat nog steeds tot mijn favoriete albums behoort van het uitstekende muziekjaar 2011. In die tijd besprak ik nog geen albums, maar mijn enthousiasme was groot genoeg om Erwin Zijleman van Krenten uit de Pop te overtuigen om te gaan luisteren. Ook hij was snel om en schreef een uiterst lovende recensie.

De liedjes op Moonchild zijn geen hapklare brokken. Haar cover van The Calling’s Wherever You Will Go bezorgde haar, dankzij het gebruik ervan voor een reclamespotje, de nodige bekendheid. De albumtitel was overigens een verwijzing naar een liedje wat op het legendarische debuut van King Crimson stond. Haar grote voorliefde voor King Crimson bleek verder uit het gebruik van mellotrons.

Vier jaar later verscheen Love Is the Law, een album wat toen in Nederland niet leverbaar bleek te zijn en wat ik dus tot nu toe nooit hoorde. Debuut Moonchild en Where’s My Tribe zijn een wereld van verschil, op het nieuwe album regeert de eenvoud, directheid en rauwheid. Verder citeer ik het persbericht waar ik me erg goed in kan vinden.

Eén stem, één gitaar en tien geweldige nummers die door haar alleen in haar flat in Zuid-Londen zijn opgenomen. Zonder edits, zonder auto-tune en grotendeels in één take. Where’s My Tribe is een album van een rauwe en simplistische schoonheid.

Met titels als Beautiful People, Tragic Youth en Now You Are With Her zingt Charlene over de eenzaamheid die schuilt in het lege hart van onze super verbonden wereld waarin echte en denkbeeldige vrienden en demonen worden nagejaagd tot in de virtuele spelonken.

Zoals we konden horen op haar wereldwijde hit Wherever You Will Go is Charlene Soraia gezegend met een stem die harten doet smelten. Where’s My Tribe herinnert er ons op krachtige wijze aan dat ze ook een virtuoze gitarist is en over unieke compositorische talenten beschikt.

Universeel, maar ontzettend persoonlijk is dit een album van en voor deze tijd, waarin voor eeuwig de eenzame ziel zal weerklinken die we allemaal in ons hebben.

Charles Mingus - Mingus Ah Um (1959)

poster
5,0
Begin jaren tachtig begon mijn interesse in de ontwikkelingen van punk en new wave snel af te nemen en verschoof mijn belangstelling naar andere genres. Het allereerste jazzalbum, wat ik ooit ergens in 1980 kocht was de jubileumuitgave van Mingus Ah Um van Charles Mingus, wat in september 1979 zijn twintigjarige jubileum had gevierd.

In die dagen zat ik af en toe krap bij kas en struinde ik geregeld uitverkoopbakken af op zoek naar interessante koopjes. Het debuut van Mingus voor Columbia kocht ik voor slechts enkele guldens en behoort nog steeds tot een van mijn beste aankopen ooit.

Het is misschien wel het meest toegankelijke album wat bassist en componist Mingus ooit maakte. Het wordt samen met het beduidend minder toegankelijke The Black Saint and the Sinner Lady gerekend tot zijn allerbeste werken. Het album swingt geregeld als de neten, wat al meteen duidelijk wordt bij opener Better Git It in Your Soul. Maar het album bevat ook de nodige prachtige rustpunten.

De muziek van Mingus drukte niet alleen een grote stempel op de jazzontwikkelingen, maar ook iemand als Joni Mitchell raakte geïnteresseerd in zijn muziek. Sterker nog, zij was de laatste die ooit nog met hem samenwerkte. Maar ook iemand als Tom Barman van dEUS werd sterk beïnvloed door zijn muziek.

Tien jaar geleden verscheen er alweer een prachtige jubileumeditie, het zou me niet verbazen als er volgende maand weer een verschijnt, want Mingus Ah Um is een tijdloos album.

Charlie Dore - Dark Matter (2017)

poster
4,5
Eind jaren zeventig werd Charlie Dore in het Londense clubcircuit ontdekt door Chris Blackwell en tekende ze een contract voor diens label Island Records. Ze had direct succes want de single Pilot of the Airwaves van haar debuutalbum (opgenomen in Nashville) bereikte de elfde positie in de Verenigde Staten.

Naast zangeres is Charlie ook actrice, zo speelde ze bijvoorbeeld 18 maanden in de tv-serie Rainbow. In diezelfde periode schreef ze en trad ze samen op met Julian Littman, die ze had leren kennen op de toneelschool. In de loop der jaren namen bekende artiesten als Tina Turner, Celine Dion, Barry Manilow, George Harrison en Paul Carrack nummers van haar op.

Ook heden ten dage schrijft Charlie nog steeds liedjes samen met Julian. Haar vorige album Milk Roulette was mijn eerste kennismaking met haar fraaie muziek én teksten, die vaak vanuit interessante invalshoeken geschreven zijn.

Liedjes op dat album als Born Yesterday, Firewater en Looking Like My Mother, Acting Like My Dad bezitten memorabele melodieën. Die optimale combinatie van tekst en muziek maakt Milk Roulette tot een van mijn meest dierbare albums in mijn platencollectie.

Uiteraard werkt ze op haar negende album Dark Matter wederom samen met Julian. Om maar met de deur in huis te vallen, het is wederom een prachtplaat geworden. De liedjes hadden deze keer iets meer tijd nodig om hun schoonheid prijs te geven, wellicht kwam dat doordat ik mij bij de eerste beluisteringen vooral in de teksten verdiepte.

Direct in opener Breakfast of Neutrinos worden we al geconfronteerd met Charlies tekstuele vindingrijkheid en originaliteit. Een geliefde wordt erin vergeleken met een Neutrino :

“‘Cause you were like a neutrino
Only passing through
And you, you will never know
I feel you in my heart, feel you in my bones
I feel you in my blood, feel you on my skin”

Ontroerend is A Dog Out Looking for His Day wat gaat over haar liefdevolle relatie met haar hond, die overigens altijd bij de opnames aanwezig is. Die vinden namelijk plaats in Charlies woonkamer.

Ook muzikaal valt er volop genieten, in 15 Minutes with Danny Kaye voeren dansritmes en blazers de boventoon. Het is een nostalgische ode aan een jeugdidool.

In een van de hoogtepunten, het gejaagde Personal Hell horen we de stuwende bas van vaste kracht Gareth Huw Davies en het excellerende vioolspel van Jessie May Smart.

Denis and Rose vertelt het wonderlijke, waargebeurde verhaal over hoe Denis Blackham zijn toekomstige vrouw Rose in een winkel het hof maakte.

Het voert te ver om alle liedjes te bespreken, maar ze zijn allemaal even interessant. De stem van Charlie vertoont gelijkenissen met die van de McGarrigles. Het artwork is wederom uitstekend verzorgd. In het persbericht wordt de muziek trouwens kernachtig omschreven als Zen folk for the curious.

Dark Matter is van dezelfde klasse als zijn voorganger Milk Roulette en dat zegt volgens mij genoeg.

Old Numbers - Charlie Dore - YouTube

Charlie Parr - Dog (2017)

poster
4,5
In 2008 ging het gestaag bergopwaarts met de carrière van Charlie Parr. Dat was te danken aan het feit dat in dat jaar zijn song 1922 Blues werd gebruikt in een Vodafone reclame Down Under. Het zou leiden tot een aantal succesvolle tournees door Australië, als bonus werden ook nog eens in 2010 drie van zijn songs gebruikt in de Australische western Red Hill.

Terwijl zijn carrière steeds meer bergopwaarts ging, ging het met zijn geestelijke gesteldheid langzaam maar zeker bergafwaarts. De laatste jaren kampt Parr met klinische depressies. Hierdoor werden de opnames voor zijn nieuwe album Dog, zijn tweede voor kwaliteitslabel Red House Records, tot driemaal toe uitgesteld.

Het was in eerste instantie de bedoeling dat Dog een soloalbum zou worden, omdat de songs erg persoonlijk zijn. Op het laatste moment veranderde hij echter van gedachte en vroeg Mikkel Beckmen, Dave Hundrieser, Liz Draper en Jeff Mitchell mee te werken aan de opnames.

Het album handelt volgens Parr over “about folks trying to get along when the atmosphere around them makes it difficult”. Muzikaal gezien valt er veel genieten, dat kan bijna niet anders, want er zijn weinig artiesten, die zoveel optreden als Parr, zo’n driehonderd keer per jaar.

Dat komt zijn virtuoze fingerpicking absoluut ten goede. Luister maar eens naar het zeer aanstekelijke Lowdown of Boiling Down Silas. Maar in sommige songs draait het niet om die virtuositeit, zoals in het indringende en zeer persoonlijke Sometimes I’m Alright.

Dog gaat niet in je koude kleren gaat zitten, misschien wel Parrs meest fraaie en meest persoonlijke album tot nu toe.

Charlie Parr "Dog" - YouTube

Charlie Parr - Little Sun (2024)

poster
4,5
In 2017 besprak ik Parr’s persoonlijke album Dog. De opnames hiervoor werden tot driemaal toe uitgesteld vanwege depressies. Getuige de titel en hoes van zijn voorlaatste album Last of the Better Days Ahead, zijn eerste voor Smithsonian Folkways, gaat het op dat gebied nog steeds niet van een leien dakje. Het verhindert hem echter niet om aan de lopende band fraaie albums afleveren.

Het ijzersterke achttiende album Little Sun is daarop geen uitzondering. Sterker nog, het behoort tot zijn allerbeste werk. Het eerste album dat niet volledig live is opgenomen. De producer van dienst was Tucker Martine (Laura Veirs, Rosanne Cash, The Decemberists, My Morning Jacket, Beth Orton etc).

Op het nieuwe album vormt de beleving van muziek geregeld een inspiratiebron, zoals in de reeds vrijgegeven song Boombox. “In this neighborhood music is eternal and transcendent and surrounds us at all times, whether we’re listening or not. And it affects each of us differently, and that’s a gift. Listening to music can be interactive, even if you’re alone. I want to listen intentionally.”, aldus Parr.

De titelsong is een herinnering aan het zien optreden van mondharmonicaspeler Tony “Little Sun” Glover. Volgens Parr een mythische, bijzonder intieme ervaring. Glover leerde trouwens ooit Mick Jagger mondharmonica spelen en daarnaast was hij ook lang rockcriticus. Uiteraard is in Little Sun de mondharmonica van Parr te horen.

Regelmatig vormen buren een thema; in de opener, in het eerder genoemd Boombox en in de laatste drie songs. Soms zijn de songs ingetogen, zoals het fraai voortmeanderende Bear Head Lake, waarin zijn fickerpicking talenten volledig worden benut. Maar soms ook bijzonder aanstekelijk (Boombox). Little Sun is een aanrader van de bovenste plank en staat bij mij genoteerd voor een hoge positie in mijn eindlijst van dit jaar. Parr zelf staat trouwens bij mij hoog genoteerd om ooit live te zien.

Bron : Music that needs attention - musicthatneedsattention.blogspot.com

Chastity Brown - Silhouette of Sirens (2017)

poster
4,0
De Amerikaanse zangeres Chastity Brown is bijna 35 en heeft een zwarte Amerikaanse vader en een Ierse moeder. Ze groeide echter op bij een stiefvader met losse handjes, haar daardoor traumatische jeugd vormt nog steeds een inspiratiebron voor haar songs.

Gelukkig was er ook country- en soulmuziek, die haar leven toen dragelijker maakte. Ze zong in een gospelkoor en speelde saxofoon en drums. Brown heeft in de loop der jaren al de nodige bekendheid verkregen, onder anderen door een optreden in Later… with Jools Holland.

Silhouette of Sirens is inmiddels haar vijfde album en verschijnt op het kwaliteitslabel Red House Records, waar ook fantastische artiesten als Claudia Schmidt en Ray Bonneville onder contract staan. Zoals op haar vorige albums is Brown niet echt in een hokje te plaatsen, invloeden uit blues, soul, rock, country, folk en zelfs jazz.

De helft van de songs schreef ze alleen en de andere helft samen met Robert Mulrennan, met wie ze al haar hele muziekcarrière samenwerkt. De laatste categorie songs is duidelijk afwijkend van haar eigen geschreven songs, doordat ze uptempo zijn. De andere songs zijn over het algemeen meer ingetogen en hebben duidelijke soulinvloeden.

Haar soulvolle stem heeft een heerlijk hees randje. Ze varieert ermee door af en toe tonen langer vast te houden en/of te benadrukken. Soms lijkt haar zang uit haar tenen te komen, zoals in My Stone.

Haar teksten zijn zowel autobiografisch als verzonnen. Interessant is dat ze vaak op diverse manieren te interpreteren zijn en ook vaak een open einde hebben. Het album had bij mij wat draaibeurten nodig om te landen. Mijn voorkeur gaat uit naar haar eigen, meer ingetogen, soulvolle songs.

Absolute prijsnummer is voor mij de meeslepende afsluiter Lost, waarop ze zichzelf op piano begeleidt. De strijkers zijn hier echter de kers op de taart. In juni komt deze geweldige zangeres naar Europa voor concerten, het is te hopen dat daar nog wat Nederlandse concerten aan toegevoegd worden.

Chris Cohen - Chris Cohen (2019)

poster
Al op zijn derde leerde Chris Cohen drums spelen, gevolgd door menig ander instrument. Ook leerde hij op vroege leeftijd om overdubs te maken op een viersporen recorder. Professionele ervaring deed hij op in diverse bands, waaronder tussen 2002 en 2006 in Deerhoof.

Zijn eerste soloalbum Overgrown Path verscheen in 2012. Chris Cohen is intussen zijn derde album en wat soberder ingekleurd dan beide voorgangers. In eerste instantie klinken de liedjes bedrieglijk eenvoudig, maar kruipen langzaam meer heel zeker onder de huid.

Het album werd geschreven en opgenomen gedurende de afgelopen twee jaar in zijn Lincoln Heights studio in Glendale, California. Allereerst zong Cohen de melodieën in op zijn telefoon en werkte ze vervolgens uit op de piano. Later volgde dan de teksten en verdere instrumentatie. Veelal speelde hij alles zelf in, hij kreeg wat hulp van Jay Israelson op piano/toetsen en in een drietal nummers van Kasey Knudsen op saxofoon.

Tijdens het schrijven kreeg Cohen een behoorlijke schok te verwerken, zijn ouders scheidden na meer dan vijftig jaar huwelijk, nadat zijn vader uit de kast was gekomen. Bovendien bleek zijn vader in die periode ook verslaafd te zijn geweest aan diverse drugs.

In Edit Out werpt Cohen een blik op de situatie en op zijn relatie met zijn vader. Op het album worden wonden niet verder opengereten, maar wordt het verleden juist omarmd en vooruitgeblikt op de toekomst. Bij de instrumentatie liet hij zich vooral inspireren door Pat Metheny’s Falcon and the Snowman soundtrack en Thomas Dolby’s Golden Age of Wireless.

Het repertoire is veelal indierock, uitzondering is een fraaie vertolking van de bekende Schotse traditional House Carpenter (aka The Daemon Lover). In het verleden opgenomen door illustere namen als Pentangle, Bob Dylan en Natalie Merchant.

De mastering was in de vakkundige handen van Bernie Grundman, bekend van klassiekers als Forever Changes, Purple Rain en Thriller. Chris Cohen had bij mij enige gewenning nodig, maar het zijn vaak de mooiste albums, waar je wat moeite voor moet doen en blijken dan ook vaak de langste houdbaarheidsdatum te hebben. Wellicht is dat hier ook het geval.

Chris Pureka - Back in the Ring (2016)

poster
De titel van haar zesde album Back in the Ring klinkt erg strijdvaardig, ze is er weer klaar voor. De fans waren dat zeker, want ze moesten er vijf jaar op wachten. Voorganger How I Learned to See in the Dark had veel indruk gemaakt.

Vele van die fans zullen de cd reeds in bezit hebben, want het kwam al op 1 april in eigen beheer uit. Gelukkig krijgt het nu een reguliere release op het Duitse kwaliteitslabel Haldern Pop, waar onder anderen ook de populaire groep The Slow Show onderdak heeft gevonden.

Voor wie haar nog niet kent, Pureka is een gerespecteerd singer-songwriter, die podia deelde met bijvoorbeeld Dar Williams, The Lumineers, The Cowboy Junkies, Gregory Alan Isakov, Martin Sexton en Ani DiFranco.

Vanwege haar krachtige en emotionele voordracht wordt ze regelmatig vergeleken met Gillian Welch, Ryan Adams, Bruce Springsteen en Patty Griffin. Haar stem lijkt wel enigszins op laatstgenoemde.

Net als de voorganger raakt Back in the Ring weer tot op het bot. Dit is geen licht verteerbare consumptiemuziek, nee, dit is muziek die onder je huid kruipt en niet onberoerd zal laten. Muziek die je al aanvoelt en begrijpt, zonder dat je de teksten kent.

Het enige wat ik nog kwijt wil is, ga aub luisteren. Zondag 2 oktober kan dat ook live in de Roepaen in Ottersum. Het is helaas het enige optreden in Nederland.

Chris Staples - Holy Moly (2019)

poster
4,5
Qua uiterlijk heeft singer-songwriter Chris Staples uit Seattle wat weg van Gregory Page, zijn muziek beduidend minder. Hij startte zijn muziekcarrière in 1995 en bracht al een aantal albums uit, die hier onder de radar bleven.

Zijn vorige album Golden Age uit 2016 werd hier echter goed ontvangen. Een album vol prachtige ingetogen, nergens opdringende liedjes.

Zelf omschrijft hij zijn liedjes gekscherend als spirituals / breakfast music. Het is inderdaad muziek die goed binnenkomt op de vroege morgen. Muzikaal wordt hij volgens eigen zeggen beïnvloed door artiesten als Eef Barzelay, Hayden, Delta Spirit, John Fahey, David Berman, Dave Bazan, Jason Molina, Neil Halstead, Willie Nelson en Bonnie ‘Prince’ Billy.

Grote invloed bij het schrijven van de liedjes voor Holy Moly was dat hij gestopt is met drinken. Het constant nuchter zijn had een positieve uitwerking op zijn inspiratie. Vanwege het feit dat naast hem een nieuw huis gebouwd werd kon hij overdag niet opnemen in zijn garage. Hij was zo genoodzaakt om zo van een uur of tien ’s avonds tot een uur vier ’s nachts te werken.

In periodes van ongeveer twee maanden werkte hij aan het album. Om vervolgens een korte periode niets te doen en dan te besluiten welke nummers verder uitgewerkt zouden worden. Dit proces herhaalde zich enkele malen en nam geheel 2018 in beslag.

De titel omschrijft hij zelf als volgt : “Holy Moly, as an expression, communicates a sort of disbelief. I feel like I see and hear a lot of things these days that I can barely believe. I find myself saying Holy Moly often”.

Ook deze keer is Staples erin geslaagd om een verzameling door hemzelf ingespeelde bijzonder fraaie ingetogen liedjes te produceren. Liedjes die ook zeer snel onder de huid kruipen. Staples persoonlijke favoriet is Horse and Saddle, een liedje over hoe het is om te leven als kunstenaar. Mijn persoonlijke voorkeur gaat uit naar afsluiter Running Out of Time.

De gekozen hoes vind ik enigszins vreemd, maar wel actueel, gezien de start van de Tour de France aanstaande zaterdag. Het neemt echter niet weg dat Holy Moly een prachtplaat is, die weleens veel nieuwe zieltjes voor zijn muziek zou kunnen winnen.

Christian Kjellvander - A Village: Natural Light (2016)

poster
In 2013 kreeg zijn vorige cd The Pitcher internationaal de nodige, positieve kritieken, waaronder van Thom Jurek van Allmusic, die vergelijkingen maakte met Sea Change van Beck, Looks Like Rain van Mickey Newbury en Lorca van Tim Buckley. Bepaald niet de minste albums om mee vergeleken te worden.

Ook in Nederland verschenen uiterste lovende kritieken, waaronder van Ed Muitjens van Popmagazine Heaven. Vooral de opener The Mariner maakte op veel luisteraars grote indruk, mede doordat het Gothenburg Smphony Orchestra eraan een geweldige bijdrage leverde.

Zelf was ik vooral gecharmeerd van het meer sobere The Island. Mijn enthousiasme was toch iets gematigder. The Pitcher kon ondanks de korte speelduur van 35 minuten toch niet mijn aandacht over de volle lengte vasthouden. Bovendien vond ik de songs samen niet echt een geheel vormen.

Tijdens het schrijven van A Village: Natural Light ging hij doelbewust parttime werken op een begraafplaats. Hij wilde een beroep uitoefenen, dat het dichtst bij leven en dood staat. Dus een titel als Gallow komt niet uit de lucht vallen. Het zijn songs geworden waarin het leven, de liefde en de dood centraal staan. De liefde vooral voor je directe naasten, je vrouw en kinderen.

Gelukkig heb ik de cd al een lange tijd in huis, want het is een schijf, die wat tijd nodig heeft om zijn geheimen prijs te geven. Vooral is er een belangrijke rol weggelegd voor de gitaar. In opener Shallow Sea levert dit instrument een vervreemdend effect op, soms is het gitaarspel opvallend (Misanthrope River) en soms gewoon fraai (einde van Dark Ain’t That Dark).

Veelal hebben de liedjes een spannende opbouw, een van de beste voorbeelden hiervan Midsummer (Red Dance), wat overigens, net als enkele andere songs, een onderhuidse spanning heeft. Ook hier en daar subtiele toevoegingen als lichte pianoaccenten en bevallige koortjes. En uiteraard een prominente rol voor de prachtige stem van Kjellvander, zij het helaas met een enigszins voorspelbare frasering.

In tegenstelling tot de voorganger houdt A Village: Natural Light wel constant mijn aandacht vast. Het repertoire vormt ook veel meer een geheel dan The Pitcher. Het zal voor mij zeker een langere houdbaarheidstermijn hebben dan de voorganger.