Hier kun je zien welke berichten reptile71 als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
T.V. Smith's Explorers - The Last Words of the Great Explorer (1981)

0
geplaatst: 25 januari 2021, 12:46 uur
Band van T.V. Smith, voormalig zanger van de Engelse punkband The Adverts. Op zich best een aardige plaat, geen punk meer, eerder new wave, maar nog wel met een rauw randje.
Television Personalities - The Painted Word (1984)

0
geplaatst: 22 juni 2025, 02:24 uur
Mooie plaat die raakt. Stop and Smell the Roses zet direct de toon. Als je er van houdt dan pakt het je. Hier en daar heeft het zeker weg van The Velvet Underground en hoe lekker is dat! Het klinkt gewoon puur en eerlijk, kracht van de eenvoud.
The Adventures - Theodore and Friends (1985)
Alternatieve titel: The Adventures

0
geplaatst: 22 maart 2014, 14:00 uur
Bijzonder, dat een van de betere popplaten van de jaren 80 zo enorm onbekend is gebleven. Zeker de A kant van het album is een opeenvolging van nummers die stuk voor stuks hits hadden kunnen zijn in de jaren 80.
Misschien klink het nu doorsnee, maar het is uit 1985 en had destijds gewoon aan de top kunnen staan naast artiesten als Culture Club, Spandau Ballet, Duran Duran en dat soort 80's bands die toch echt wel erg populair waren destijds. Deze plaat doet daar absoluut niet voor onder en vind ik eigenlijk zelfs een stuk beter dan een gemiddeld album van bovengenoemde bands.
Misschien klink het nu doorsnee, maar het is uit 1985 en had destijds gewoon aan de top kunnen staan naast artiesten als Culture Club, Spandau Ballet, Duran Duran en dat soort 80's bands die toch echt wel erg populair waren destijds. Deze plaat doet daar absoluut niet voor onder en vind ik eigenlijk zelfs een stuk beter dan een gemiddeld album van bovengenoemde bands.
The Arid Sea - New Roman Twilight (2005)

0
geplaatst: 5 augustus 2008, 00:59 uur
Ik blijf het een redelijk fijn cd'tje vinden. Ik moest vooral even wennen aan de drums in het begin. De drummer roffelt er spontaan op los. Nu ik er aan gewend ben, vind ik het wel lekker.
Het geroffel in Life Is Brief... Life Is Long werkt een soort van opzwepend, ik laat me gewoon meevoeren door een drummer die lekker los gaat.
Weighed Against a Feather blijft vrij ingetogen. Ik vind het gitaarloopje op zich wel pakkend.
Mercy Killing wordt pas goed als ze op de 3 minuten even lekker los gaan.
Ringing vind ik werkelijk prachtig gitaarspel hebben. Luister maar eens op 2 minuten (en op 3:27 weer): het doet me qua gitaarspel wat denken aan A Letter to Elise van The Cure. Ik vind het een mooi nummer.
Passage vind ik een stuk minder, wat saaier dan gemiddeld.
The Moon Follows Mercury bouwt mooi op. Opnieuw vind ik het gitaarspel lekker. Op 3:24 moet je zorgen dat het volume al hoog staat want dan hakt de climax erin.
Hanging is mijn favoriete nummer van dit album. Niet vreemd gezien het qua sound het dichtst in de buurt komt van de sound van Pornography van The Cure. Hoe dan ook, ik vind het een erg aanstekelijk gitaarloopje.
An Image in the Flames vind ik weer een stuk minder, of eigenlijk juist teveel: het mag allemaal wel wat gedoseerder.
Dat geldt eigenlijk ook voor Closing In, het is niet slecht, maar pakt me te weinig.
Al met al vind ik het dus een cd die wel wat is gegroeid naarmate ik hem vaker hoorde. Een aantal nummers moet ik echt voor in de stemming zijn, met name omdat het niet voldoende gedoseerd is maar teveel gitaar en drums tegelijk. Als we dan toch vergelijken met Feeding Fingers: zij weten (eigenlijk 'hij weet', want het album is Justin Curfman in zijn uppie) hoe ze moeten doseren waardoor wordt voorkomen dat er af en toe een brij van muziek ontstaat.
Het grappige is dat ik met beide gasten (Isaac, de zanger/gitarist/componist van The Arid Sea en Justin) contact heb. Ik heb Isaac laten weten dat ik zijn drummer hier en daar wat teveel vond doen en hij zei dat ze daar ook wat problemen mee hadden gehad met de opnames. Ik had vandaag de eer om 2 nummers van het nieuwe album van Feeding Fingers op mp3 te mogen ontvangen, waarvan 1 zelfs nog zonder de zang track. Justin wilde weten wat ik ervan vind, wat ik sowieso al een hele eer vind. Ik moet zeggen, het klonk allemaal heel erg goed, mijn enige opmerking was dat ik bij die instrumentaal de drums wat te zacht in de mix vond zitten. Wat hij met die feedback doet maakt me niet uit natuurlijk, maar waar ik hiermee naartoe wilde: ook hier blijkt weer dat Feeding Fingers gedoseerder te werk gaat.
Nadeel (of misschien ook wel een voordeel) overigens van mijn contact met die gasten is dat ik merk dat hun sympathiek zijn ook meer sympathie opwekt voor hun muziek.
The Arid Sea zie ik als een band met potentie en tegelijkertijd vind ik de voorman een sympathieke kerel die ik graag steun. Vandaar ook dat ik dit album 'album van de maand' heb gemaakt in mijn webshop, waar hij tijdelijk nog heel laag geprijsd is.
Het geroffel in Life Is Brief... Life Is Long werkt een soort van opzwepend, ik laat me gewoon meevoeren door een drummer die lekker los gaat.
Weighed Against a Feather blijft vrij ingetogen. Ik vind het gitaarloopje op zich wel pakkend.
Mercy Killing wordt pas goed als ze op de 3 minuten even lekker los gaan.
Ringing vind ik werkelijk prachtig gitaarspel hebben. Luister maar eens op 2 minuten (en op 3:27 weer): het doet me qua gitaarspel wat denken aan A Letter to Elise van The Cure. Ik vind het een mooi nummer.
Passage vind ik een stuk minder, wat saaier dan gemiddeld.
The Moon Follows Mercury bouwt mooi op. Opnieuw vind ik het gitaarspel lekker. Op 3:24 moet je zorgen dat het volume al hoog staat want dan hakt de climax erin.
Hanging is mijn favoriete nummer van dit album. Niet vreemd gezien het qua sound het dichtst in de buurt komt van de sound van Pornography van The Cure. Hoe dan ook, ik vind het een erg aanstekelijk gitaarloopje.
An Image in the Flames vind ik weer een stuk minder, of eigenlijk juist teveel: het mag allemaal wel wat gedoseerder.
Dat geldt eigenlijk ook voor Closing In, het is niet slecht, maar pakt me te weinig.
Al met al vind ik het dus een cd die wel wat is gegroeid naarmate ik hem vaker hoorde. Een aantal nummers moet ik echt voor in de stemming zijn, met name omdat het niet voldoende gedoseerd is maar teveel gitaar en drums tegelijk. Als we dan toch vergelijken met Feeding Fingers: zij weten (eigenlijk 'hij weet', want het album is Justin Curfman in zijn uppie) hoe ze moeten doseren waardoor wordt voorkomen dat er af en toe een brij van muziek ontstaat.
Het grappige is dat ik met beide gasten (Isaac, de zanger/gitarist/componist van The Arid Sea en Justin) contact heb. Ik heb Isaac laten weten dat ik zijn drummer hier en daar wat teveel vond doen en hij zei dat ze daar ook wat problemen mee hadden gehad met de opnames. Ik had vandaag de eer om 2 nummers van het nieuwe album van Feeding Fingers op mp3 te mogen ontvangen, waarvan 1 zelfs nog zonder de zang track. Justin wilde weten wat ik ervan vind, wat ik sowieso al een hele eer vind. Ik moet zeggen, het klonk allemaal heel erg goed, mijn enige opmerking was dat ik bij die instrumentaal de drums wat te zacht in de mix vond zitten. Wat hij met die feedback doet maakt me niet uit natuurlijk, maar waar ik hiermee naartoe wilde: ook hier blijkt weer dat Feeding Fingers gedoseerder te werk gaat.
Nadeel (of misschien ook wel een voordeel) overigens van mijn contact met die gasten is dat ik merk dat hun sympathiek zijn ook meer sympathie opwekt voor hun muziek.
The Arid Sea zie ik als een band met potentie en tegelijkertijd vind ik de voorman een sympathieke kerel die ik graag steun. Vandaar ook dat ik dit album 'album van de maand' heb gemaakt in mijn webshop, waar hij tijdelijk nog heel laag geprijsd is.
The Arms of Someone New - Promise (1988)

0
geplaatst: 19 april 2008, 00:26 uur
Omdat ik het Projekt label wat uit heb zitten pluizen en deze band daar ook 2 albums (rereleases) bij heeft kwam ik dit dus tegen. Even geluisterd op hun myspace en dat beviel me prima. Enige album wat ik te pindakazen vond (zo gaat dat nou eenmaal als je iets snel wil hebben) was dit album en het bevalt me prima. De 2 nummers van hun myspace staan hier ook op met daarbij nog een aantal andere nummers met dat lekkere new wave geluid. Er staan ook een aantal nummers op die er bijna niet bij lijken te passen omdat ze gewoon totaal anders zijn, bijna een soort van rustige britpop liedjes en weer andere nummers doen wat denken aan The Jesus & Mary Chain. Door de afwisseling in de sound denk ik eigenlijk dat dit geen regulier album is maar een verzamelaar. Ik denk dat het een paar EP's zijn die bij elkaar op een cd zijn gezet. Nietemin is het een lekker plaatje dat nu al een verslavende werking lijkt te hebben nadat ik het vandaag al een keertje of 3 heb gedraaid.
Wat kan ik toch blij worden van dit soort ontdekkinkjes.
edit: Volgens de site van de band is het toch gewoon een album voor het eerst gereleased op lp in 1988.
Wat kan ik toch blij worden van dit soort ontdekkinkjes.

edit: Volgens de site van de band is het toch gewoon een album voor het eerst gereleased op lp in 1988.
The Avonden - Wat een Cirkel Is (2018)

2
geplaatst: 6 juli 2020, 16:07 uur
Tot voor kort had ik nooit van The Avonden gehoord. Toen ontving ik een mailtje van een groothandel (i.v.m. mijn webshop) met daarin de release van een single van The Avonden: ‘Catch’. Een cover van het nummer van The Cure met zelfs de hoes nagemaakt van de originele single. Uit nieuwsgierigheid ben ik dat nummer gaan opzoeken en luisteren. Het maakte me nieuwsgierig naar meer van The Avonden en zo kwam ik bij dit album.
Waarom precies weet ik niet, maar misschien was het een bepaalde herkenning die ik in de nummers hoorde en een stiekem verlangen om compleet verslaafd te raken aan een album, waardoor ik het album bijna ononderbroken begon te draaien. Nu werk ik ook (parttime) in de verslavingspsychiatrie en bepaalde teksten hebben gewoon sterk te maken met precies die mensen met wie ik werk. Mensen net als ik, maar door alcohol en/of drugs en/of psychische problemen in een kliniek terecht gekomen. Ik voel me sterk verbonden met deze mensen, juist omdat het mij net zo goed had kunnen gebeuren. En deze plaat raakt op vele fronten: verslaving, depressie, vervreemding, eenzaamheid, zelfisolatie, angsten, maar ook nostalgie, een bepaald verlangen naar een vroegere tijd, toen alles nog beter en onbezorgder was. Deze plaat bevat dit allemaal en op het moment van dit schrijven kan ik er na tig keer draaien nog steeds geen genoeg van krijgen. ‘Wat een Cirkel is’ opzetten is nu geworden tot thuis komen. Zelfs al zijn veel nummer best somber getint, ik kan er urenlang in vertoeven.
Laat de kerken branden
Aan het begin van het nummer hoor je zachtjes ‘In the name of God, let the churches burn.’ Het is afkomstig van het nummer ‘As Flittermice as Satans Spys’ wat te vinden is op het album ‘Transilvanian Hunger’, het vierde album van de Noorse black metal band Darkthrone. Je moet dan wel de stem die je aan het eind van het nummer hoort achterstevoren draaien. Dit achterstevoren draaien van platen komt ook terug in de tekst van dit nummer. Deze opener is absoluut geen maatstaf voor de rest van het album. Het is zelfs een van de drukkere nummers. De gitaarriff doet me wat denken aan She Sells Sanctuary (The Cult), al is het nummer verder compleet anders. ‘Dit godvergeten kutdorp...’ en dan volgt er een tekst zonder rijm of wat dan ook, maar gewoon heerlijk direct. En dat maakt het voor mij zo lekker, het heeft een hoog schijt aan gevoel. En omdat ik het zo vaak draai, blèrt mijn dochter van 10 het ook mee. Die woorden uit haar mond is natuurlijk best apart ‘Laat ze branden, laat de kerken branden...’.
De tweede deur gaat pas open (als de eerste deur is gesloten)
Dit nummer heeft een beetje een standaard rockriff. Muzikaal gezien gebeurt er niet zo veel, maar de tekst omschrijft de rit naar de kliniek waar de hoofdpersoon van het nummer voor een opname komt of voor een gesprek met een psycholoog of psychiater en zo te horen niet voor het eerst: ‘Er zijn tijdschriften, heel veel oude tijdschriften, en je kent ze uit je hoofd...’ ‘Het gaat beter dan de vorige keer, toen het beter ging dan de keer er voor... het gaat beter, maar het gaat niet goed’.
Je kunt hier rondlopen
Iemand die opgenomen zit in een psychiatrische of verslavingskliniek vertelt aan zijn bezoeker. Het zijn eigenlijk zulke nietszeggende dingen en dat is ook juist wat het zo pakkend maakt. Het geeft aan hoe klein iemands wereld kan worden in zo’n situatie. De muzikale omlijsting is prachtig, het is precies genoeg, de kracht van de eenvoud die het verhaal de ruimte geeft en tegelijkertijd het enigszins trieste ervan weergeeft.
Je bent maar 1 x 17
Het gitaarmelodietje in dit nummer klinkt opgewekt als een soort ‘Friday I’m in Love’ (The Cure). De hoofdpersonen halen wat vage illegale fratsen uit. Stukken tekst als ‘Ik vraag niet of jij je rijbewijs wel hebt, ik weet wel zeker dat jij je rijbewijs niet hebt’ en ‘Ik heb er geen goed gevoel over, maar voor een gevoel dat niet goed zou moeten voelen, voelt het nogal goed’ maken het ook wel grappig. Het nummer duurt ook geen seconde langer dan noodzakelijk.
Misschien is er iets mis met mij
Een mooi rustig liedje, maar waar gaat het over? Zitten we in het hoofd van een psychiatrische patiënt? Of is het een gevangene? Wat heeft hij gedaan? Het nummer houdt het allemaal in het midden. Of toch niet helemaal: ‘En ik weet wel dat zij er ook niks aan kan doen. Maar ze moet niet zo naar me kijken... ‘k zou het zo weer doen’. Feit is dat de hoofdpersoon weet dat hij iets fout heeft gedaan, maar het zo weer zou doen en zich afvraagt of er iets mis met hem is. Een vrij uniek onderwerp voor een liedje en feit dat je niet precies weet wat hij dan heeft gedaan, houdt het alleen maar interessant. Muzikaal is het weer mooi gedoseerd, waardoor het fijn weg luistert.
Ik heb nergens spijt van
Met 4:33 is dit veruit het langste liedje van het album. Wat mij betreft grenst het aan de perfectie. Instrumentaal vind ik het een genot met die prachtige gitaarmelodie en het lage stemgeluid van Marc van der Holst (de zanger en liedjesschrijver) klinkt erg prettig. Detail: de vrouwenstem die we heel eventjes horen in het tweede deel van het nummer vind ik zo mooi getimed en in de mix zitten dat hij van een andere wereld lijkt te komen. Voor een nummer van The Avonden heeft het nummer een ongekend lange finale (meer dan anderhalve minuut) en geheel terecht, want het is gewoon een heerlijk stukje muziek. Ook hier geeft de tekst net genoeg weg om je af te vragen waar het precies over gaat. Overigens blijkt dit wel een cover te zijn. Het origineel is ‘Isn’t It a Pity’ van George Harisson, al covert The Avonden hem weer van de Galaxie 500 uitvoering.
Ik geloof niet in spoken
Met dit nummer gaat The Avonden in de richting van de mooie luisterliedjes van The Velvet Underground. De bijna lieflijke zachte instrumentatie is een streling voor je oren. De ik-persoon klinkt enorm kwetsbaar, de tekst vind ik erg mooi. Het gaat over vervreemding en er lijkt een soort innerlijke strijd gaande tussen wat nou waar is en wat niet (zelfs verwarring), maar er is ook hoop: ‘...toch geloof ik dat er iemand is voor mij, ook al is ze er niet’. De ik-persoon zit naar mijn idee ook (nog steeds) opgenomen in een kliniek hier: ‘...dus ik denk dat ik hier nog maar even blijf, het schijnt beter te zijn voor mij. Maar ik geloof niet dat de pillen die ik slik werken...’.
Sta op en loop
Je voelt de somberheid van een depressie in dit nummer. Iemand die zichzelf voortsleept, zich verstopt voor de buitenwereld en overdag niet buiten komt. ‘Er gaan dagen voorbij dat je niet denkt aan waar je niet aan denken moet.’ Mijn interpretatie is hier dat deze persoon terugkerende zelfmoordgedachten heeft of in elk geval gedachten heeft dat hij dood wil. Hoewel ik het nummer zwaar vind aanvoelen, vind ik het melodieus erg mooi. De muziek is (opnieuw) eenvoudig, maar zeer doeltreffend.
Je weet hoe ik denk over dokters
Ook dit vind ik weer zo’n prachtig liedje. Zo kwetsbaar als Marc weer zingt en die openingszin die direct zo veelzeggend is: ‘Kun je de ramen verduisteren...’. Het is (mijn interpretatie van) de achterliggende betekenis van de tekst die me raakt: iemand die zich beroerd voelt, maar zo klaar is met alle dokters. Het enige wat hij wil is naar het water gaan, aan de vloedlijn staan... gewoon de eigen problemen vergeten.
Bride of Frankenstein
Muzikaal gezien komt het Velvet Underground-gevoel hier weer terug. Ook hier weer iemand die nogal vervreemd is van de wereld om hem heen. Hij leeft ’s nachts en zijn recept voor geluk is Ibuprofen, Paracetamol en alcohol en een dvd’tje kijken. In de film Bride of Frankenstein is het monster van Frankenstein verdrietig omdat niemand wat van hem moet hebben. Dit is naar mijn idee ook wat de ik-persoon ervaart. Door de zin ‘Ik heb liever niet dat ze naar me kijken, maar ze kunnen het niet helpen’ in combinatie met wat kenmerken van een trauma, zou het kunnen gaan om iemand die een verminking heeft opgelopen (wat natuurlijk ook psychisch kan zijn). Aan het einde van het nummer hoor je een stukje uit de echte film Bride of Frankenstein uit 1935, het stukje waarbij het monster een blinde man ontmoet, die vrienden met hem wil worden. Al met al weer een ontroerend liedje.
Zacht rood licht
Het is bijna ongelofelijk wat een sfeer dit nummer creëert. Ideale ingrediënten om ’s avonds op de bank te liggen en lekker bij weg te dromen. Het begint natuurlijk al met de muziek, een soort easy listening, maar de openingstekst zet me direct ergens in de jaren 70. Visnetten aan het plafond, een oude lavalamp geeft zacht rood licht, een oude poster van Dark Side of the Moon, een oude pick-up.... de nostalgie druipt er werkelijk vanaf. Maar ook hier lijkt er iets aan de hand: ‘Misschien is het ergste wel weer voorbij, misschien dat het nog maar net begonnen is...’ Of gaat het gewoon over het bestaan in het algemeen? Het maakt niet uit, je hoeft je alleen maar mee te laten voeren door het moment en dat is heerlijk relaxt met deze muziek op.
Ga 2 x bijna dood
Misschien is dit nummer niet het allerbeste advies voor iedereen, maar het klinkt heerlijk cynisch. Mogelijk ter confrontatie gericht aan iemand die zijn leven flink kapot aan het maken is. Ik werk met een doelgroep waarvan meerderen zichzelf zullen herkennen in deze tekst. Het is eigenlijk heel triest, het is ook wat drugsverslaving met een mens kan doen: ondanks alle ellende toch doorgaan met gebruiken. Muzikaal gezien heeft dit nummer een klein beetje iets weg van ‘1979’ van The Smashing Pumpkins.
6 lange jaren
Gewoon een lekker rocknummertje. De ik-persoon verhaalt over iemand uit zijn schooltijd die hij zich herinnert, iemand die geen vrienden had. Misschien gaat het om iemand die zijn gehele schooltijd gepest werd. Dit heeft indruk gemaakt: ‘Ik ben vergeten wat een cirkel is, ik ben jou niet vergeten’. Hij ziet er nu in elk geval de ernst van in dat hij er destijds niks aan heeft gedaan: ‘Ik hoop dat wij allemaal eeuwig zullen branden in de hel’.
Hou een plek voor me vrij
Een liedje dat me ontroert. Ook hier krijg ik een Velvet Underground-gevoel, dezelfde zachte streling van het gehoor. Het voelt als een liedje voor een vriend die is overleden: ‘Het schijnt mooi te zijn waar je bent, heen gegaan’. Persoonlijk moet ik bij dit liedje vaak denken aan mijn overleden vader. En hierna mag het stil zijn, daarom wat mij betreft de perfecte afsluiter voor dit album.
Waarom precies weet ik niet, maar misschien was het een bepaalde herkenning die ik in de nummers hoorde en een stiekem verlangen om compleet verslaafd te raken aan een album, waardoor ik het album bijna ononderbroken begon te draaien. Nu werk ik ook (parttime) in de verslavingspsychiatrie en bepaalde teksten hebben gewoon sterk te maken met precies die mensen met wie ik werk. Mensen net als ik, maar door alcohol en/of drugs en/of psychische problemen in een kliniek terecht gekomen. Ik voel me sterk verbonden met deze mensen, juist omdat het mij net zo goed had kunnen gebeuren. En deze plaat raakt op vele fronten: verslaving, depressie, vervreemding, eenzaamheid, zelfisolatie, angsten, maar ook nostalgie, een bepaald verlangen naar een vroegere tijd, toen alles nog beter en onbezorgder was. Deze plaat bevat dit allemaal en op het moment van dit schrijven kan ik er na tig keer draaien nog steeds geen genoeg van krijgen. ‘Wat een Cirkel is’ opzetten is nu geworden tot thuis komen. Zelfs al zijn veel nummer best somber getint, ik kan er urenlang in vertoeven.
Laat de kerken branden
Aan het begin van het nummer hoor je zachtjes ‘In the name of God, let the churches burn.’ Het is afkomstig van het nummer ‘As Flittermice as Satans Spys’ wat te vinden is op het album ‘Transilvanian Hunger’, het vierde album van de Noorse black metal band Darkthrone. Je moet dan wel de stem die je aan het eind van het nummer hoort achterstevoren draaien. Dit achterstevoren draaien van platen komt ook terug in de tekst van dit nummer. Deze opener is absoluut geen maatstaf voor de rest van het album. Het is zelfs een van de drukkere nummers. De gitaarriff doet me wat denken aan She Sells Sanctuary (The Cult), al is het nummer verder compleet anders. ‘Dit godvergeten kutdorp...’ en dan volgt er een tekst zonder rijm of wat dan ook, maar gewoon heerlijk direct. En dat maakt het voor mij zo lekker, het heeft een hoog schijt aan gevoel. En omdat ik het zo vaak draai, blèrt mijn dochter van 10 het ook mee. Die woorden uit haar mond is natuurlijk best apart ‘Laat ze branden, laat de kerken branden...’.
De tweede deur gaat pas open (als de eerste deur is gesloten)
Dit nummer heeft een beetje een standaard rockriff. Muzikaal gezien gebeurt er niet zo veel, maar de tekst omschrijft de rit naar de kliniek waar de hoofdpersoon van het nummer voor een opname komt of voor een gesprek met een psycholoog of psychiater en zo te horen niet voor het eerst: ‘Er zijn tijdschriften, heel veel oude tijdschriften, en je kent ze uit je hoofd...’ ‘Het gaat beter dan de vorige keer, toen het beter ging dan de keer er voor... het gaat beter, maar het gaat niet goed’.
Je kunt hier rondlopen
Iemand die opgenomen zit in een psychiatrische of verslavingskliniek vertelt aan zijn bezoeker. Het zijn eigenlijk zulke nietszeggende dingen en dat is ook juist wat het zo pakkend maakt. Het geeft aan hoe klein iemands wereld kan worden in zo’n situatie. De muzikale omlijsting is prachtig, het is precies genoeg, de kracht van de eenvoud die het verhaal de ruimte geeft en tegelijkertijd het enigszins trieste ervan weergeeft.
Je bent maar 1 x 17
Het gitaarmelodietje in dit nummer klinkt opgewekt als een soort ‘Friday I’m in Love’ (The Cure). De hoofdpersonen halen wat vage illegale fratsen uit. Stukken tekst als ‘Ik vraag niet of jij je rijbewijs wel hebt, ik weet wel zeker dat jij je rijbewijs niet hebt’ en ‘Ik heb er geen goed gevoel over, maar voor een gevoel dat niet goed zou moeten voelen, voelt het nogal goed’ maken het ook wel grappig. Het nummer duurt ook geen seconde langer dan noodzakelijk.
Misschien is er iets mis met mij
Een mooi rustig liedje, maar waar gaat het over? Zitten we in het hoofd van een psychiatrische patiënt? Of is het een gevangene? Wat heeft hij gedaan? Het nummer houdt het allemaal in het midden. Of toch niet helemaal: ‘En ik weet wel dat zij er ook niks aan kan doen. Maar ze moet niet zo naar me kijken... ‘k zou het zo weer doen’. Feit is dat de hoofdpersoon weet dat hij iets fout heeft gedaan, maar het zo weer zou doen en zich afvraagt of er iets mis met hem is. Een vrij uniek onderwerp voor een liedje en feit dat je niet precies weet wat hij dan heeft gedaan, houdt het alleen maar interessant. Muzikaal is het weer mooi gedoseerd, waardoor het fijn weg luistert.
Ik heb nergens spijt van
Met 4:33 is dit veruit het langste liedje van het album. Wat mij betreft grenst het aan de perfectie. Instrumentaal vind ik het een genot met die prachtige gitaarmelodie en het lage stemgeluid van Marc van der Holst (de zanger en liedjesschrijver) klinkt erg prettig. Detail: de vrouwenstem die we heel eventjes horen in het tweede deel van het nummer vind ik zo mooi getimed en in de mix zitten dat hij van een andere wereld lijkt te komen. Voor een nummer van The Avonden heeft het nummer een ongekend lange finale (meer dan anderhalve minuut) en geheel terecht, want het is gewoon een heerlijk stukje muziek. Ook hier geeft de tekst net genoeg weg om je af te vragen waar het precies over gaat. Overigens blijkt dit wel een cover te zijn. Het origineel is ‘Isn’t It a Pity’ van George Harisson, al covert The Avonden hem weer van de Galaxie 500 uitvoering.
Ik geloof niet in spoken
Met dit nummer gaat The Avonden in de richting van de mooie luisterliedjes van The Velvet Underground. De bijna lieflijke zachte instrumentatie is een streling voor je oren. De ik-persoon klinkt enorm kwetsbaar, de tekst vind ik erg mooi. Het gaat over vervreemding en er lijkt een soort innerlijke strijd gaande tussen wat nou waar is en wat niet (zelfs verwarring), maar er is ook hoop: ‘...toch geloof ik dat er iemand is voor mij, ook al is ze er niet’. De ik-persoon zit naar mijn idee ook (nog steeds) opgenomen in een kliniek hier: ‘...dus ik denk dat ik hier nog maar even blijf, het schijnt beter te zijn voor mij. Maar ik geloof niet dat de pillen die ik slik werken...’.
Sta op en loop
Je voelt de somberheid van een depressie in dit nummer. Iemand die zichzelf voortsleept, zich verstopt voor de buitenwereld en overdag niet buiten komt. ‘Er gaan dagen voorbij dat je niet denkt aan waar je niet aan denken moet.’ Mijn interpretatie is hier dat deze persoon terugkerende zelfmoordgedachten heeft of in elk geval gedachten heeft dat hij dood wil. Hoewel ik het nummer zwaar vind aanvoelen, vind ik het melodieus erg mooi. De muziek is (opnieuw) eenvoudig, maar zeer doeltreffend.
Je weet hoe ik denk over dokters
Ook dit vind ik weer zo’n prachtig liedje. Zo kwetsbaar als Marc weer zingt en die openingszin die direct zo veelzeggend is: ‘Kun je de ramen verduisteren...’. Het is (mijn interpretatie van) de achterliggende betekenis van de tekst die me raakt: iemand die zich beroerd voelt, maar zo klaar is met alle dokters. Het enige wat hij wil is naar het water gaan, aan de vloedlijn staan... gewoon de eigen problemen vergeten.
Bride of Frankenstein
Muzikaal gezien komt het Velvet Underground-gevoel hier weer terug. Ook hier weer iemand die nogal vervreemd is van de wereld om hem heen. Hij leeft ’s nachts en zijn recept voor geluk is Ibuprofen, Paracetamol en alcohol en een dvd’tje kijken. In de film Bride of Frankenstein is het monster van Frankenstein verdrietig omdat niemand wat van hem moet hebben. Dit is naar mijn idee ook wat de ik-persoon ervaart. Door de zin ‘Ik heb liever niet dat ze naar me kijken, maar ze kunnen het niet helpen’ in combinatie met wat kenmerken van een trauma, zou het kunnen gaan om iemand die een verminking heeft opgelopen (wat natuurlijk ook psychisch kan zijn). Aan het einde van het nummer hoor je een stukje uit de echte film Bride of Frankenstein uit 1935, het stukje waarbij het monster een blinde man ontmoet, die vrienden met hem wil worden. Al met al weer een ontroerend liedje.
Zacht rood licht
Het is bijna ongelofelijk wat een sfeer dit nummer creëert. Ideale ingrediënten om ’s avonds op de bank te liggen en lekker bij weg te dromen. Het begint natuurlijk al met de muziek, een soort easy listening, maar de openingstekst zet me direct ergens in de jaren 70. Visnetten aan het plafond, een oude lavalamp geeft zacht rood licht, een oude poster van Dark Side of the Moon, een oude pick-up.... de nostalgie druipt er werkelijk vanaf. Maar ook hier lijkt er iets aan de hand: ‘Misschien is het ergste wel weer voorbij, misschien dat het nog maar net begonnen is...’ Of gaat het gewoon over het bestaan in het algemeen? Het maakt niet uit, je hoeft je alleen maar mee te laten voeren door het moment en dat is heerlijk relaxt met deze muziek op.
Ga 2 x bijna dood
Misschien is dit nummer niet het allerbeste advies voor iedereen, maar het klinkt heerlijk cynisch. Mogelijk ter confrontatie gericht aan iemand die zijn leven flink kapot aan het maken is. Ik werk met een doelgroep waarvan meerderen zichzelf zullen herkennen in deze tekst. Het is eigenlijk heel triest, het is ook wat drugsverslaving met een mens kan doen: ondanks alle ellende toch doorgaan met gebruiken. Muzikaal gezien heeft dit nummer een klein beetje iets weg van ‘1979’ van The Smashing Pumpkins.
6 lange jaren
Gewoon een lekker rocknummertje. De ik-persoon verhaalt over iemand uit zijn schooltijd die hij zich herinnert, iemand die geen vrienden had. Misschien gaat het om iemand die zijn gehele schooltijd gepest werd. Dit heeft indruk gemaakt: ‘Ik ben vergeten wat een cirkel is, ik ben jou niet vergeten’. Hij ziet er nu in elk geval de ernst van in dat hij er destijds niks aan heeft gedaan: ‘Ik hoop dat wij allemaal eeuwig zullen branden in de hel’.
Hou een plek voor me vrij
Een liedje dat me ontroert. Ook hier krijg ik een Velvet Underground-gevoel, dezelfde zachte streling van het gehoor. Het voelt als een liedje voor een vriend die is overleden: ‘Het schijnt mooi te zijn waar je bent, heen gegaan’. Persoonlijk moet ik bij dit liedje vaak denken aan mijn overleden vader. En hierna mag het stil zijn, daarom wat mij betreft de perfecte afsluiter voor dit album.
The Avons - Music from Three Rivers Reach (1986)

0
geplaatst: 18 februari 2018, 14:29 uur
Leuke EP van deze band uit Norwich, UK, die maar kort heeft bestaan. Twee van de bandleden zaten hiervoor in The Farmer's Boys, wat verder ook niet veelzeggend is. Met name in het eerste nummer zijn invloeden van Echo & The Bunnymen te horen. Verder hoor ik invloeden van The Smiths en kan de band zich aansluiten in een lange rij Britse indie pop/rock bandjes die nooit zijn doorgebroken. Uiteraard wil dat niet zeggen dat het dan niet de moeite waard is. De uitdaging is juist daar de leuke releases uit te filteren en wat mij betreft is dit er eentje.
The B-52's - The B-52's (1979)

0
geplaatst: 16 oktober 2017, 15:12 uur
Ik hoorde The B-52’s pas ergens in de late jaren 80 voor het eerst bewust. De opvallende dame met de (ik meen) 50’s look en wat, in mijn beleving, overdreven act, had op mij een dusdanige uitwerking dat ik niet de behoefte had me er verder in te verdiepen. Ik zag het meer als zogenaamde fun-muziek o.i.d. Het pakte me niet en ging daarom verder aan me voorbij.
Wist ik veel destijds dat ze al 10 jaar langer bestonden en in 1979 al hun debuut hadden. En dat debuut vind ik een lekker plaatje. Weliswaar herken ik de latere B-52’s er ook nog in, maar je hoort toch dat het net even wat minder glad is allemaal.
Het album begint met ‘Planet Claire’, dat gebruik maakt van de Peter Gunn Theme (Henry Mancini). Gezien dat een heel bekend deuntje is dat associeert met spanning, is het een opener die je direct in de greep houdt. Op het moment dat de zang erbij komt en de muziek verandert, lijkt het ineens wel een Joy Division uitvoering van de Peter Gunn Theme: het statische drumgeluid en de eentonige lage mannelijke zang zijn de voornaamste veroorzakers hiervan. En ja, daar hou ik wel van.
‘52 Girls’ klinkt al direct heel anders. Nu nemen de zangeressen de zang voor rekening en het huppelachtige springerige ritme zet de toon. Het is het soort muziek waarvoor ik in de stemming moet zijn. Want natuurlijk luisteren we hier niet naar het donkere soort post-punk/new wave waar mijn hart het allermeest naar uitgaat. Dit is de soort die wat minder zwaar en serieus is. Noem het feelgood muziek.
‘Dance This Mess Around’ zet me vervolgens definitief op het spoor van gewoon lekker meegaan in de flow van het album, m.a.w.: laat los en doe je maffe dansje. Als je je nu niet laat gaan, dan zal je de plaat bij ‘Rock Lobster’ wel afzetten. Dat nummer trek je namelijk alleen maar als je een klein beetje in een maffe stemming bent geraakt. Dit is trouwens uitstekende muziek om je huishoudelijke karweitjes swingend en wel op te doen. De drive van het vlotte loopje houdt het werktempo er in elk geval goed in. Grappig gegeven is dat ik zelfs in deze muziek kleine stukjes Joy Division terughoor (basloopje).
De B kant start met een lekker rauw gitaargeluidje. Ja, we bevinden ons ook niet voor niks in de late 70’s. Het mag allemaal wat ongepolijst klinken en dat is een sound waar ik van hou. Het ritme blijft lekker dansbaar. De zang is een combi van man en vrouw(en) die elkaar afwisselen, nee niet als een soort duet, maar op een manier die op een of andere manier goed past bij de muziek.
‘There Is a Moon in the Sky (Called the Moon)’ blijft in dezelfde sfeer hangen van niet al te serieus nemen en je vooral mee laten nemen in die mood. M.a.w.: ga afwassen of maf staan dansen door de huiskamer.
Bij ‘Hero Worship’ krijg ik door de gitaar en het ritme even een Siouxsie and The Banshees gevoel aan het begin. Lekker natuurlijk. Het is een wat ‘serieuzer’ klinkend nummer dat lekker rockt met een zangeres die tot krijsen aan toe gaat.
Als ‘6060-842’ begint ben ik de mood een beetje kwijt, weinig pakkend nummer. ‘Downtown’ kan daar niets meer aan veranderen, ik vind het een matige afsluiter van een plaat die prima valt als je in de juiste stemming bent of weet te komen.
Interessant gegeven is wel dat dit album is geproduceerd door Chris Blackwell, die onder meer met Bob Marley heeft gewerkt.
Review afkomstig van mijn site: The B-52’s | The B-52’s – New Wave & Post-Punk Reviews - newwavepostpunkreviews.wordpress.com
Wist ik veel destijds dat ze al 10 jaar langer bestonden en in 1979 al hun debuut hadden. En dat debuut vind ik een lekker plaatje. Weliswaar herken ik de latere B-52’s er ook nog in, maar je hoort toch dat het net even wat minder glad is allemaal.
Het album begint met ‘Planet Claire’, dat gebruik maakt van de Peter Gunn Theme (Henry Mancini). Gezien dat een heel bekend deuntje is dat associeert met spanning, is het een opener die je direct in de greep houdt. Op het moment dat de zang erbij komt en de muziek verandert, lijkt het ineens wel een Joy Division uitvoering van de Peter Gunn Theme: het statische drumgeluid en de eentonige lage mannelijke zang zijn de voornaamste veroorzakers hiervan. En ja, daar hou ik wel van.
‘52 Girls’ klinkt al direct heel anders. Nu nemen de zangeressen de zang voor rekening en het huppelachtige springerige ritme zet de toon. Het is het soort muziek waarvoor ik in de stemming moet zijn. Want natuurlijk luisteren we hier niet naar het donkere soort post-punk/new wave waar mijn hart het allermeest naar uitgaat. Dit is de soort die wat minder zwaar en serieus is. Noem het feelgood muziek.
‘Dance This Mess Around’ zet me vervolgens definitief op het spoor van gewoon lekker meegaan in de flow van het album, m.a.w.: laat los en doe je maffe dansje. Als je je nu niet laat gaan, dan zal je de plaat bij ‘Rock Lobster’ wel afzetten. Dat nummer trek je namelijk alleen maar als je een klein beetje in een maffe stemming bent geraakt. Dit is trouwens uitstekende muziek om je huishoudelijke karweitjes swingend en wel op te doen. De drive van het vlotte loopje houdt het werktempo er in elk geval goed in. Grappig gegeven is dat ik zelfs in deze muziek kleine stukjes Joy Division terughoor (basloopje).
De B kant start met een lekker rauw gitaargeluidje. Ja, we bevinden ons ook niet voor niks in de late 70’s. Het mag allemaal wat ongepolijst klinken en dat is een sound waar ik van hou. Het ritme blijft lekker dansbaar. De zang is een combi van man en vrouw(en) die elkaar afwisselen, nee niet als een soort duet, maar op een manier die op een of andere manier goed past bij de muziek.
‘There Is a Moon in the Sky (Called the Moon)’ blijft in dezelfde sfeer hangen van niet al te serieus nemen en je vooral mee laten nemen in die mood. M.a.w.: ga afwassen of maf staan dansen door de huiskamer.
Bij ‘Hero Worship’ krijg ik door de gitaar en het ritme even een Siouxsie and The Banshees gevoel aan het begin. Lekker natuurlijk. Het is een wat ‘serieuzer’ klinkend nummer dat lekker rockt met een zangeres die tot krijsen aan toe gaat.
Als ‘6060-842’ begint ben ik de mood een beetje kwijt, weinig pakkend nummer. ‘Downtown’ kan daar niets meer aan veranderen, ik vind het een matige afsluiter van een plaat die prima valt als je in de juiste stemming bent of weet te komen.
Interessant gegeven is wel dat dit album is geproduceerd door Chris Blackwell, die onder meer met Bob Marley heeft gewerkt.
Review afkomstig van mijn site: The B-52’s | The B-52’s – New Wave & Post-Punk Reviews - newwavepostpunkreviews.wordpress.com
The Blue Whale - Congregation (1998)

0
geplaatst: 13 september 2008, 13:45 uur
Wat een prachtige ontdekking dit album! Een mooie gevarieerde cd met o.a. vroege (Syd Barrett-era) Pink Floyd invloeden, maar ook Galaxie 500 is terug te horen (zelfde producer). Het is een plaat die je mee op reis neemt en je nooit laat vervelen en ondanks de afwisseling als geheel toch staat als een huis. Schitterend!
waarschuwing: dit product heeft een verslavende werking!
waarschuwing: dit product heeft een verslavende werking!
The Boomtown Rats - Mondo Bongo (1980)

0
geplaatst: 26 maart 2016, 11:03 uur
Belachelijk laag gemiddelde hier, want dit is gewoon best een leuk plaatje. Maar inderdaad: niet voor luisteraars die op zoek zijn naar meer als 'We don't like Mondays..'. Nee, dat vind je hier niet echt. Dit is meer een new wave plaatje. Volop creativiteit in te vinden. Het nasale stemgeluid van Geldof vind ik niet echt geweldig, maar het voldoet gewoon en meer is niet nodig. Gewoon een lekker tussendoortje, waar een mens als ik best vrolijk van kan worden.
The Cure - 4:13 Dream (2008)

0
geplaatst: 20 oktober 2008, 21:40 uur
Dit album begint behoorlijk hoopvol met Underneath the Stars, dat me enigszins doet denken aan de betere nummers van het album Wish. Daarna komt met The Only One een ripp-off van hun eigen nummer High (ook van Wish), dat me ook nooit geboeid heeft, maar leuk voor de huppel-Cure liefhebbers, die er nou eenmaal ook zijn.
The Reasons Why.... ik merk dat The Cure me wat begint te vervelen. Ik vind RS's zang meer op gekrijs lijken dan vroeger, het zachte in zijn stem vind ik niet meer terug en ik mis de synths, het trage donkere, de sfeer, het dromerige, eigenlijk alles wat The Cure voor mij altijd zo bijzonder maakte. Freakshow vind ik zelfs ronduit irritant.
Sirensong gaat nog wel, een klein liedje met een akkoordenreeksje dat je bijna als vanzelf heen weer doet wiegen op je stoel.
The Real Snow White is opnieuw niet wat ik graag zou horen (want uiteraard ligt daar het probleem).
The Hungry Ghost brengt me op een punt dat ik eigenlijk alleen maar doorluister omdat ik het album wil horen en een kans wil geven. The Cure is door het ontbreken van de sferen van weleer meer en meer een gewoon indie rockbandje geworden. Hetgeen ze doen doen ze wel goed, maar het is gewoon een andere stijl dan destijds.
Nu ik bezig ben met de 2de luisterbeurt heb ik weinig zin om hem nog helemaal af te luisteren. Azra's favoriet Scream geef ik nog wat speciale aandacht. Heeft inderdaad wel een ouderwets donker sfeertje en klinkt behoorlijk dramatisch, een van de sterkste nummers van het album ondanks het gekrijs van RS, dat hier dan toch wel weer gepast klinkt. Ook de afsluiter brengt nog wat positiefs en spat toch aardig van het doek af beetje a la The Kiss (van Kiss Me (3x) ). Ze kunnen het ook wel, maar ze zouden EP'tjes uit moeten brengen met 3 nummers erop, in dit geval track 1, 12 en 13 op een EP en de rest bewaren voor de deluxe edition van dit album waarvan de releasedatum rond 2028 gepland staat.
The Reasons Why.... ik merk dat The Cure me wat begint te vervelen. Ik vind RS's zang meer op gekrijs lijken dan vroeger, het zachte in zijn stem vind ik niet meer terug en ik mis de synths, het trage donkere, de sfeer, het dromerige, eigenlijk alles wat The Cure voor mij altijd zo bijzonder maakte. Freakshow vind ik zelfs ronduit irritant.
Sirensong gaat nog wel, een klein liedje met een akkoordenreeksje dat je bijna als vanzelf heen weer doet wiegen op je stoel.
The Real Snow White is opnieuw niet wat ik graag zou horen (want uiteraard ligt daar het probleem).
The Hungry Ghost brengt me op een punt dat ik eigenlijk alleen maar doorluister omdat ik het album wil horen en een kans wil geven. The Cure is door het ontbreken van de sferen van weleer meer en meer een gewoon indie rockbandje geworden. Hetgeen ze doen doen ze wel goed, maar het is gewoon een andere stijl dan destijds.
Nu ik bezig ben met de 2de luisterbeurt heb ik weinig zin om hem nog helemaal af te luisteren. Azra's favoriet Scream geef ik nog wat speciale aandacht. Heeft inderdaad wel een ouderwets donker sfeertje en klinkt behoorlijk dramatisch, een van de sterkste nummers van het album ondanks het gekrijs van RS, dat hier dan toch wel weer gepast klinkt. Ook de afsluiter brengt nog wat positiefs en spat toch aardig van het doek af beetje a la The Kiss (van Kiss Me (3x) ). Ze kunnen het ook wel, maar ze zouden EP'tjes uit moeten brengen met 3 nummers erop, in dit geval track 1, 12 en 13 op een EP en de rest bewaren voor de deluxe edition van dit album waarvan de releasedatum rond 2028 gepland staat.
The Cure - Disintegration (1989)

0
geplaatst: 18 december 2006, 21:12 uur
Dit vind ik zo'n geniaal album! Daarom leek het me leuk eens een keer elk nummer ervan apart te bespreken.
Plainsong:
Wat een opening, die belletjes en dan bijna vanuit het niets in een orgasme terechtkomen, dan de schoonheid van een eenvoudig gitaarmelodietje en dan na bijna 3 minuten een dromerige zang en dat alles in een sfeer die een weemoedig verlangen uitstraalt.
En dan dan dan ... is de reis inmiddels begonnen... wees voorbereid op veel kippevel.
Pictures of You:
Wat een prachtig melodieus nummer is dit toch. Zelfs na het tig keer gedraaid te hebben kan ik er nog van genieten. Het gevoel dat het nummer uitdraagt neem ik steeds weer over alsof het nummer steeds opnieuw in me kruipt. En weer zo'n prachtige dichterlijke, toch ook wel weer overgeromantiseerde tekst natuurlijk... Lang (en misschien nog steeds wel) één van mijn favoriete nummers geweest.
Closedown:
Toch wel een beetje de sfeer die bijvoorbeeld Atmosphere van Joy Division ook oproept. Ik ben gek op dit soort drums ook. Uiteraard nemen we ruim 2 minuten de tijd voor de zang begint en ze flikken het steeds weer dat je geboeid blijft door de schoonheid van de combinatie van synth en gitaarloopjes. Ergens is het allemaal zo eenvoudig, maar zo geniaal in elkaar gedraaid dat het bijna onwerelds klinkt. Prachtig nummer!
Love Song:
Even weer met beide benen op de grond, best wel een lief liedje. Ligt zeer commercieel in het gehoor vergeleken de meeste andere nummers op dit album, maar niet op een storende manier zoals op latere albums nog wel eens het geval was. Een mooi liedje.
Last dance:
Een slepend nummer met een huilende gitaar die je van begin tot eind in zijn greep houdt. En een tekst die een verlangen naar het verleden uitdraagt. Pakkend nummer.
Lullaby:
Dit nummer ben ik helaas een beetje zat en ik kan dan ook even niet meer zo goed zeggen wat ik ervan vindt.
Fascination Street:
Dit nummer heeft me gevoelsmatig nooit zo geraakt, voornamelijk omdat ik mijn gevoel er nooit zo in kwijt kon. Wel is het een briljant nummer, zeker kwa opbouw, wordt je als het ware opgezogen, tot zweven gebracht en meegesleurd in een trip door Fascination Street.
Prayers for Rain:
Ultiem bombastisch nummer dat gedragen wordt door de drums en de lage synth het hele nummer door. Het draagt je heerlijk mee en dat is al een genot op zich, maar gevoelsmatig zou er best nog een climax mogen komen, die uiteindelijk uitblijft. Alsof het met opzet is gedaan, heeft de live versie die climax wel als Robert geloof ik een halve minuut lang Raaaaaaaaaaaaaaaaaaaain aanhoudt. Live versie (van Entreat) mag je dus van dit nummer zeker niet missen.
The Same Deep Water as You:
Al liggend op mijn bed in het donker draaide ik dit nummer destijds. Dit is echt een emotionele trip van bijna 10 minuten, heb er geen woorden voor, deze moet je gewoon luisteren. Ik had me bedacht dat dit nummer als ik dood ga maar op mijn begrafenis gedraaid moest worden, maar achteraf vind ik dat ik dat de nabestaanden niet aan kan doen, wordt een iets te zware begrafenis dan.
Disintegration:
Ik heb nooit zo veel met dit nummer gehad, maar het doet niks af aan de cd, want het is wel een heel goed nummer. Is een gevoelskwestie, kan er mijn gevoelens niet zo in kwijt. Het zinnetje “I never said I would stay till the end.” Kon ik dan wel weer wat mee…
Nadeel van zo’n extreem goeie cd, die met name veel gevoelens oproept, is dat er dan altijd wel enkele nummers opstaan die ook steengoed zijn, maar gewoon wat minder mijn gevoel raken; dit is er dus zo één. Het mooie daaraan is dat andere mensen dan juist weer wél wat met die nummers hebben.
Homesick:
Een prachtig nummer met een mega-lang intro dat begint met mooi samenspel van piano en gitaar. Eén van de kunsten die The Cure beheerst is toch wel het door elkaar laten lopen van verschillende melodielijnen. Ik vind dit eigenlijk de afsluiter van de cd. Robert zingt “Just one more...” en klinkt uitgeput.
Untitled:
En als ik dan dit nummer weer erna hoor, denk ik, nog een afsluiter... Deze cd heeft gewoon 2 afsluitende nummers. Deze vind ik, denk ik, net wat minder dan de vorige maar dan nog is het een mooi nummer met een prachtige tekst. En als dan na dit nummer de stilte aanbreekt kun je 2 dingen doen: óf je zet hem gelijk weer op, óf je neemt eerst even wat tijd om alles te verwerken...
Deze cd is voor mij echt het neusje van de zalm. Ik heb nog geen top 10 gemaakt, maar vermoedelijk staat Disintegration bij mij op 1. Het is de cd die het meest in mij heeft losgemaakt van alle cd’s die ik ken. Het is een gevoelsplaat en als hij je heeft geraakt ben je voor eeuwig verkocht.
Plainsong:
Wat een opening, die belletjes en dan bijna vanuit het niets in een orgasme terechtkomen, dan de schoonheid van een eenvoudig gitaarmelodietje en dan na bijna 3 minuten een dromerige zang en dat alles in een sfeer die een weemoedig verlangen uitstraalt.
En dan dan dan ... is de reis inmiddels begonnen... wees voorbereid op veel kippevel.
Pictures of You:
Wat een prachtig melodieus nummer is dit toch. Zelfs na het tig keer gedraaid te hebben kan ik er nog van genieten. Het gevoel dat het nummer uitdraagt neem ik steeds weer over alsof het nummer steeds opnieuw in me kruipt. En weer zo'n prachtige dichterlijke, toch ook wel weer overgeromantiseerde tekst natuurlijk... Lang (en misschien nog steeds wel) één van mijn favoriete nummers geweest.
Closedown:
Toch wel een beetje de sfeer die bijvoorbeeld Atmosphere van Joy Division ook oproept. Ik ben gek op dit soort drums ook. Uiteraard nemen we ruim 2 minuten de tijd voor de zang begint en ze flikken het steeds weer dat je geboeid blijft door de schoonheid van de combinatie van synth en gitaarloopjes. Ergens is het allemaal zo eenvoudig, maar zo geniaal in elkaar gedraaid dat het bijna onwerelds klinkt. Prachtig nummer!
Love Song:
Even weer met beide benen op de grond, best wel een lief liedje. Ligt zeer commercieel in het gehoor vergeleken de meeste andere nummers op dit album, maar niet op een storende manier zoals op latere albums nog wel eens het geval was. Een mooi liedje.
Last dance:
Een slepend nummer met een huilende gitaar die je van begin tot eind in zijn greep houdt. En een tekst die een verlangen naar het verleden uitdraagt. Pakkend nummer.
Lullaby:
Dit nummer ben ik helaas een beetje zat en ik kan dan ook even niet meer zo goed zeggen wat ik ervan vindt.
Fascination Street:
Dit nummer heeft me gevoelsmatig nooit zo geraakt, voornamelijk omdat ik mijn gevoel er nooit zo in kwijt kon. Wel is het een briljant nummer, zeker kwa opbouw, wordt je als het ware opgezogen, tot zweven gebracht en meegesleurd in een trip door Fascination Street.
Prayers for Rain:
Ultiem bombastisch nummer dat gedragen wordt door de drums en de lage synth het hele nummer door. Het draagt je heerlijk mee en dat is al een genot op zich, maar gevoelsmatig zou er best nog een climax mogen komen, die uiteindelijk uitblijft. Alsof het met opzet is gedaan, heeft de live versie die climax wel als Robert geloof ik een halve minuut lang Raaaaaaaaaaaaaaaaaaaain aanhoudt. Live versie (van Entreat) mag je dus van dit nummer zeker niet missen.
The Same Deep Water as You:
Al liggend op mijn bed in het donker draaide ik dit nummer destijds. Dit is echt een emotionele trip van bijna 10 minuten, heb er geen woorden voor, deze moet je gewoon luisteren. Ik had me bedacht dat dit nummer als ik dood ga maar op mijn begrafenis gedraaid moest worden, maar achteraf vind ik dat ik dat de nabestaanden niet aan kan doen, wordt een iets te zware begrafenis dan.

Disintegration:
Ik heb nooit zo veel met dit nummer gehad, maar het doet niks af aan de cd, want het is wel een heel goed nummer. Is een gevoelskwestie, kan er mijn gevoelens niet zo in kwijt. Het zinnetje “I never said I would stay till the end.” Kon ik dan wel weer wat mee…

Nadeel van zo’n extreem goeie cd, die met name veel gevoelens oproept, is dat er dan altijd wel enkele nummers opstaan die ook steengoed zijn, maar gewoon wat minder mijn gevoel raken; dit is er dus zo één. Het mooie daaraan is dat andere mensen dan juist weer wél wat met die nummers hebben.
Homesick:
Een prachtig nummer met een mega-lang intro dat begint met mooi samenspel van piano en gitaar. Eén van de kunsten die The Cure beheerst is toch wel het door elkaar laten lopen van verschillende melodielijnen. Ik vind dit eigenlijk de afsluiter van de cd. Robert zingt “Just one more...” en klinkt uitgeput.
Untitled:
En als ik dan dit nummer weer erna hoor, denk ik, nog een afsluiter... Deze cd heeft gewoon 2 afsluitende nummers. Deze vind ik, denk ik, net wat minder dan de vorige maar dan nog is het een mooi nummer met een prachtige tekst. En als dan na dit nummer de stilte aanbreekt kun je 2 dingen doen: óf je zet hem gelijk weer op, óf je neemt eerst even wat tijd om alles te verwerken...
Deze cd is voor mij echt het neusje van de zalm. Ik heb nog geen top 10 gemaakt, maar vermoedelijk staat Disintegration bij mij op 1. Het is de cd die het meest in mij heeft losgemaakt van alle cd’s die ik ken. Het is een gevoelsplaat en als hij je heeft geraakt ben je voor eeuwig verkocht.
The Cure - In Between Days (1985)

0
geplaatst: 5 januari 2014, 17:51 uur
Zowel The Exploding Boy als A Few Hours After This vind ik zeer goede Cure nummers. The Exploding Boy vind ik zelfs een ultiem feelgood nummer.
Wel apart dat deze op de site mag als EP. Dan zou je zeggen dat 12 inches als Caterpillar, Catch en Just Like Heaven er ook op mogen, Of was misschien deze release er eerder dan The Head on the Door waardoor het op moment van release een EP met 3 nieuwe nummers was? Zal vast wel dan... Hoe dan ook, een prima single met twee uitstekende B kantjes!
Wel apart dat deze op de site mag als EP. Dan zou je zeggen dat 12 inches als Caterpillar, Catch en Just Like Heaven er ook op mogen, Of was misschien deze release er eerder dan The Head on the Door waardoor het op moment van release een EP met 3 nieuwe nummers was? Zal vast wel dan... Hoe dan ook, een prima single met twee uitstekende B kantjes!
The Cure - Kiss Me, Kiss Me, Kiss Me (1987)

0
geplaatst: 5 februari 2007, 04:33 uur
Aan de score te zien vind ik dit met 3,56 * toch wel een iets ondergewaardeerd album.
De opener is een ijzersterk nummer dat je knoerhard moet draaien voor het uiterste resultaat...bijna 4 minuten "intro"... kan alleen maar The Cure zijn... Robert schreeuwt zich een weg door de jankende gitaargeluiden... We landen daarna zacht in Catch, een werkelijk schitterende popsong... een liedje dat je beet zou willen pakken om tegen je aan te houden en te koesteren... kippevel, dromerig, verliefd... Om daarna in de sfeer van Torture te belanden, een toch wel lekker aanvoelende martelkamer...
If Only Tonight We Could Sleep.... wat een heerlijke sfeer draagt dat nummer, oosters aandoende klanken en een tekst die smaakt naar verlangen... mmm wat een genot....
Why Can't I Be You... als de stemming er goed voor is hebben we hier een van de beste springnummers ooit... Persoonlijk niet zo waarom ik van The Cure hou, maar goed, ook dit soort uitspattingen hebben ze nou eenmaal...
En dan How Beautiful You Are, een verhaal over Robert (?) die zwaar teleurgesteld was in zijn vriendinnetje omdat ze een stel arme mensen afwijst, die haar schoonheid bewonderen... Wat een geweldig mooie tekst (bijna beeldend verwoord) en nummer is dit, een echt juweeltje, en weer een van de beste popsongs ooit gemaakt...
En van dat popjuweeltje belanden we weer in de heerlijke vage onheilspellende sfeer van The Snakepit. En misschien is dat wel het meest verwarrende aan deze cd. We worden heen en weer geslingerd tussen mooie krachtige popsongs en duistere sferen. Alsof een schizofreen deze cd heeft samengesteld en ons een kijkje heeft gegeven in zijn verwarde geest. Dan weer vrolijk dan weer zwaarmoedig, dan weer helder, fris en romantisch en dan weer duister en onheilspellend...
The Snakepit wordt gevolgd door Just Like Heaven, mijn persoonlijke favoriet, maar weinig nummers die me zo hebben geraakt als dit nummer. Het gaat elke werkelijkheid te buiten, het is een droomwereld, het is pijn, verdriet, liefde en schoonheid in één...
En als een enorm contrast in een verwarde geest volgt All I Want, een schreeuw van verlangen die wordt gevolgd door het funky Hot Hot Hot, geen nummer dat mij wat doet, maar voor de liefhebbers van die stijl vast een lekker nummer.
Daarna worden we bijna letterlijk opgetild door One More Time (Hold me up so high and never let me go… Hold me up so high to touch the sky just one more time), weer zo’n schitterende Cure ballad.
Like Cockatoos zullen waarschijnlijk maar weinig mensen kunnen plaatsen. Wat is dat in godsnaam voor nummer? Maar hey.... luister er nog eens naar, het zet je aan het denken... en de tekst is een momentopname, net als het nummer zelf... en het zit verdomde goed in elkaar....
Icing Sugar... volgens mij vonden ze dit gewoon lekker om te spelen in de oefenruimte en hebben ze het daarom opgenomen en ook maar op de cd gezet, het lijkt bijna wel een stukje jammen, de muziek klinkt best lekker maar verder weet ik ook niet wat ik er mee aan moet.
The Perfect Girl is even een kort liefdesliedje tussendoor van een verliefde R.S.
Maar dan.... dan gaan we nog één keertje... A Thousand Hours is een prachtige gevoelsuiting, je ziet hem bijna letterlijk op zijn knieën met zijn hoofd naar de hemel zitten: For how much longer can I howl into this wind?
Daarna is het een aflopende zaak. Shiver and Shake moet je draaien als je ergens flink de tering in hebt en dan je hele kamer over hoop trappen (op eigen risico). Alleen dat wordt zo’n bende hè!
Fight is een nummer van hoop, dat je moet draaien als je iets nodig hebt om kracht uit te putten. Het is geen nummer wat je draait als je een goed Cure nummer wil horen, maar wel een positief einde van de cd.
Dit album is typerend voor The Cure, maar dan ff wat extremer dan bijvoorbeeld Disintegration of Wish, waar ook vrolijk wordt afgewisseld met melancholisch. In dit album zit net weer iets meer Pornography ook. Dit is het meest veelzijdige album van The Cure: al hun gezichten staan erop, en zeker niet in hun minste vorm. Dit album bestaat uit alles wat ze tot dan toe gedaan hebben en houdt alles in wat ze nog gaan doen. Je zou dit album daarom kunnen zien als het middelpunt van The Cure en het bevat een aantal van hun sterkste nummers. Helaas ook een aantal wat zwakkere nummers, maar de kracht van de sterke nummers is zo groot dat dit album toch minimaal 4 * zou moeten scoren.

De opener is een ijzersterk nummer dat je knoerhard moet draaien voor het uiterste resultaat...bijna 4 minuten "intro"... kan alleen maar The Cure zijn... Robert schreeuwt zich een weg door de jankende gitaargeluiden... We landen daarna zacht in Catch, een werkelijk schitterende popsong... een liedje dat je beet zou willen pakken om tegen je aan te houden en te koesteren... kippevel, dromerig, verliefd... Om daarna in de sfeer van Torture te belanden, een toch wel lekker aanvoelende martelkamer...
If Only Tonight We Could Sleep.... wat een heerlijke sfeer draagt dat nummer, oosters aandoende klanken en een tekst die smaakt naar verlangen... mmm wat een genot....
Why Can't I Be You... als de stemming er goed voor is hebben we hier een van de beste springnummers ooit... Persoonlijk niet zo waarom ik van The Cure hou, maar goed, ook dit soort uitspattingen hebben ze nou eenmaal...
En dan How Beautiful You Are, een verhaal over Robert (?) die zwaar teleurgesteld was in zijn vriendinnetje omdat ze een stel arme mensen afwijst, die haar schoonheid bewonderen... Wat een geweldig mooie tekst (bijna beeldend verwoord) en nummer is dit, een echt juweeltje, en weer een van de beste popsongs ooit gemaakt...
En van dat popjuweeltje belanden we weer in de heerlijke vage onheilspellende sfeer van The Snakepit. En misschien is dat wel het meest verwarrende aan deze cd. We worden heen en weer geslingerd tussen mooie krachtige popsongs en duistere sferen. Alsof een schizofreen deze cd heeft samengesteld en ons een kijkje heeft gegeven in zijn verwarde geest. Dan weer vrolijk dan weer zwaarmoedig, dan weer helder, fris en romantisch en dan weer duister en onheilspellend...
The Snakepit wordt gevolgd door Just Like Heaven, mijn persoonlijke favoriet, maar weinig nummers die me zo hebben geraakt als dit nummer. Het gaat elke werkelijkheid te buiten, het is een droomwereld, het is pijn, verdriet, liefde en schoonheid in één...
En als een enorm contrast in een verwarde geest volgt All I Want, een schreeuw van verlangen die wordt gevolgd door het funky Hot Hot Hot, geen nummer dat mij wat doet, maar voor de liefhebbers van die stijl vast een lekker nummer.
Daarna worden we bijna letterlijk opgetild door One More Time (Hold me up so high and never let me go… Hold me up so high to touch the sky just one more time), weer zo’n schitterende Cure ballad.
Like Cockatoos zullen waarschijnlijk maar weinig mensen kunnen plaatsen. Wat is dat in godsnaam voor nummer? Maar hey.... luister er nog eens naar, het zet je aan het denken... en de tekst is een momentopname, net als het nummer zelf... en het zit verdomde goed in elkaar....
Icing Sugar... volgens mij vonden ze dit gewoon lekker om te spelen in de oefenruimte en hebben ze het daarom opgenomen en ook maar op de cd gezet, het lijkt bijna wel een stukje jammen, de muziek klinkt best lekker maar verder weet ik ook niet wat ik er mee aan moet.
The Perfect Girl is even een kort liefdesliedje tussendoor van een verliefde R.S.
Maar dan.... dan gaan we nog één keertje... A Thousand Hours is een prachtige gevoelsuiting, je ziet hem bijna letterlijk op zijn knieën met zijn hoofd naar de hemel zitten: For how much longer can I howl into this wind?
Daarna is het een aflopende zaak. Shiver and Shake moet je draaien als je ergens flink de tering in hebt en dan je hele kamer over hoop trappen (op eigen risico). Alleen dat wordt zo’n bende hè!
Fight is een nummer van hoop, dat je moet draaien als je iets nodig hebt om kracht uit te putten. Het is geen nummer wat je draait als je een goed Cure nummer wil horen, maar wel een positief einde van de cd.
Dit album is typerend voor The Cure, maar dan ff wat extremer dan bijvoorbeeld Disintegration of Wish, waar ook vrolijk wordt afgewisseld met melancholisch. In dit album zit net weer iets meer Pornography ook. Dit is het meest veelzijdige album van The Cure: al hun gezichten staan erop, en zeker niet in hun minste vorm. Dit album bestaat uit alles wat ze tot dan toe gedaan hebben en houdt alles in wat ze nog gaan doen. Je zou dit album daarom kunnen zien als het middelpunt van The Cure en het bevat een aantal van hun sterkste nummers. Helaas ook een aantal wat zwakkere nummers, maar de kracht van de sterke nummers is zo groot dat dit album toch minimaal 4 * zou moeten scoren.
luisteraart schreef:
Het is overigens zeker wél een kwaliteit van deze cd dat, na alle berichten gelezen te hebben, men het er vrij unaniem over eens is dat er zowel slechte als goede liedjes op staan, maar dat er geen enkele consensus is over wat nou de goede en wat nou de slechte liedjes zijn!
En dat is misschien wel de grootste kracht van The Cure en de reden waarom ze een breed publiek kunnen trekken, want als ze alleen 1 stijl hadden, hadden ze minstens de helf minder fans! Knap staaltje commercieel denkwerk van R.S. waarschijnlijk. Het is overigens zeker wél een kwaliteit van deze cd dat, na alle berichten gelezen te hebben, men het er vrij unaniem over eens is dat er zowel slechte als goede liedjes op staan, maar dat er geen enkele consensus is over wat nou de goede en wat nou de slechte liedjes zijn!

The Cure - Songs of a Lost World (2024)

7
geplaatst: 9 november 2024, 01:58 uur
Als een band als The Cure een nieuw album uitbrengt, dan zijn de verwachtingen torenhoog. Ook wel vreemd, want na 1992 vielen de albums toch best tegen. Met toch wel een flinke teleurstelling met hun laatste album 4:13 Nightmare. Maar als grootheid Robert Smith na 16 jaar eindelijk gelooft iets goed genoeg te vinden om het uit te gaan brengen, dan mag je wel iets verwachten natuurlijk. Je wil gewoon dat het goed is.
Hoewel ik niet direct helemaal overtuigd was van het nieuwe materiaal dat de wereld in werd geslingerd, had ik wel de behoefte het vaker te luisteren om de nummers te laten groeien en dat hebben ze gedaan. Er zit veel diepgang in en het persoonlijke ervan raakt me ook. Misschien is het de herkenning van het verlies en het ouder worden. Nummers als Drone:Nodrone en All I Ever Am vind ik wat minder (al groeien die ook die nog steeds), maar het overgrote deel van het album is me inmiddels behoorlijk dierbaar geworden. Ik begin nu ook te verlangen het weer te horen, want het album wordt beter bij elke luisterbeurt. Het is geen Disintegration of Pornography, maar ik ben ook geen 18 meer en kan nooit opnieuw ervaren zoals ik toen deed. Het is een andere tijd.
Uiteraard is deze plaat geen achtergrondmuziekje. Hij vraagt om je aandacht. Wacht niet tot een intro voorbij is, maar luister naar de muziek, alle nuances, laat je meevoeren, laat je oren verwennen. Dit is The Cure, weet je nog, geen 13 in een dozijn popproductie. En het is zonder meer hun beste sinds Wish.
Overigens maakt het ook nog wel uit hoe je hem draait, vanaf welke media en apparatuur. Ik lees regelmatig over 'compressed' geluid. Ik speel hem af vanaf de grey marbled vinyl versie over de stereo, en wel met een beetje volume natuurlijk en dat klinkt wat mij betreft prima. De deluxe 3 discs uitvoering volgt nog en de Blood Records picture disc wordt binnenkort bezorgd. Waarom tenslotte één uitvoering kopen als je aan drie ook voldoende hebt?
Hoewel ik niet direct helemaal overtuigd was van het nieuwe materiaal dat de wereld in werd geslingerd, had ik wel de behoefte het vaker te luisteren om de nummers te laten groeien en dat hebben ze gedaan. Er zit veel diepgang in en het persoonlijke ervan raakt me ook. Misschien is het de herkenning van het verlies en het ouder worden. Nummers als Drone:Nodrone en All I Ever Am vind ik wat minder (al groeien die ook die nog steeds), maar het overgrote deel van het album is me inmiddels behoorlijk dierbaar geworden. Ik begin nu ook te verlangen het weer te horen, want het album wordt beter bij elke luisterbeurt. Het is geen Disintegration of Pornography, maar ik ben ook geen 18 meer en kan nooit opnieuw ervaren zoals ik toen deed. Het is een andere tijd.
Uiteraard is deze plaat geen achtergrondmuziekje. Hij vraagt om je aandacht. Wacht niet tot een intro voorbij is, maar luister naar de muziek, alle nuances, laat je meevoeren, laat je oren verwennen. Dit is The Cure, weet je nog, geen 13 in een dozijn popproductie. En het is zonder meer hun beste sinds Wish.
Overigens maakt het ook nog wel uit hoe je hem draait, vanaf welke media en apparatuur. Ik lees regelmatig over 'compressed' geluid. Ik speel hem af vanaf de grey marbled vinyl versie over de stereo, en wel met een beetje volume natuurlijk en dat klinkt wat mij betreft prima. De deluxe 3 discs uitvoering volgt nog en de Blood Records picture disc wordt binnenkort bezorgd. Waarom tenslotte één uitvoering kopen als je aan drie ook voldoende hebt?

The Decorators - Tablets (1982)

0
geplaatst: 13 januari 2017, 22:33 uur
Review afkomstig van mijn site New Wave & Post-Punk Reviews
The Decorators was een Engels bandje, opgericht in 1979. Ze hebben maar een jaar of vijf bestaan en dit is hun enige langspeler. Ze hebben nog een mini-album en enkele singles uitgebracht.
Hoewel het allemaal niet heel erg new wave of post-punk klinkt, mag deze plaat daar toch wel onder geplaatst worden, vind ik. De muziek is een mix van funk, (indie-)rock en ballad-achtige nummers. Het lijkt er eigenlijk op dat deze band gewoon heel eigenwijs de muziek speelt die ze leuk vindt en dat maakt het een leuke afwisselende plaat, die niet vastgeroest zit aan één stijl. De zanger heeft een stem die ergens tussen die van Richard Butler (The Psychedelic Furs), Lou Reed en Lloyd Cole inhangt en daarmee het eigenzinnige stemgeluid dat prima past bij de muziek.
De albumopener, ‘Strange One’, is een nummer met een lekkere funky inslag, dat qua ritme wat doet denken aan ‘Life in the Gladhouse’ van Modern English. Het is in elk geval direct duidelijk dat we hier te maken hebben met een aantal prima muzikanten, waarbij de bassist en de drummer er uitspringen door de prominente rol die ze hier innemen. Dit nummer is als enige van deze plaat op single uitgebracht.
Wat ook opvallend is op deze plaat is de saxofoon die overal doorheen dwarrelt. Dan weer op de voorgrond, dan weer meer ondersteunend, maar altijd wel aanwezig. Ook piano is hier en daar van de partij. In ‘We Know It’ resulteert dat zelfs in een wat blues-rock-achtige sound.
‘Hidden Hands’ is een echte ballad en ‘Headlights’ een vrij onopvallend indie-rock nummer. Het nummer dat op de A kant naar mijn idee boven de rest uitsteekt is ‘Absent Friends’. We horen een drumgeluid dat bij new wave en post-punk gangbaar is, maar het geheel is toch net weer even anders dan wat we gewend zijn, met name ook door het melodieuze van de saxofoon. De fijne drive houdt het geheel tot het einde toe goed in stand. ‘Red Sky Over Wembley’, de afsluiter van de A kant, geeft me een beetje een Echo & The Bunnymen-gevoel, al kan ik niet eens goed plaatsen waarom.
De B kant begint met de fijne ballad ‘American Ways’ om daarna in het vlotte funky nummer ‘Half World’ terecht te komen, dat niet alleen goed gevuld zit met freaky basspel, maar ook de saxofonist gaat even goed los. Ook ‘Without You’ is een heel aardig ballad-achtig nummer, waarin ook een rol is weggelegd voor een orgeltje. ‘We Know It Part Two’ is een wat rauwer nummer. Even los van de saxofoon doet het me wel wat aan Velvet Underground denken. De afsluiter, ‘Curious’, is een wat slepend nummer, dat voor een groot deel wordt gedragen door de saxofoon en een rauw zanggeluid.
Hoewel we het hier natuurlijk niet over een new wave-klassieker hebben, is dit alles bij elkaar toch best een leuke plaat die na een aantal draaibeurten ook in staat is te groeien. De productie was in handen van Rob Keyloch, die onder meer heeft gewerkt met Department S en The Meteors. Mixing engineer op deze plaat is Neil Richmond, die met onder meer Kissing The Pink en Seventh Wave heeft gewerkt.
The Decorators was een Engels bandje, opgericht in 1979. Ze hebben maar een jaar of vijf bestaan en dit is hun enige langspeler. Ze hebben nog een mini-album en enkele singles uitgebracht.
Hoewel het allemaal niet heel erg new wave of post-punk klinkt, mag deze plaat daar toch wel onder geplaatst worden, vind ik. De muziek is een mix van funk, (indie-)rock en ballad-achtige nummers. Het lijkt er eigenlijk op dat deze band gewoon heel eigenwijs de muziek speelt die ze leuk vindt en dat maakt het een leuke afwisselende plaat, die niet vastgeroest zit aan één stijl. De zanger heeft een stem die ergens tussen die van Richard Butler (The Psychedelic Furs), Lou Reed en Lloyd Cole inhangt en daarmee het eigenzinnige stemgeluid dat prima past bij de muziek.
De albumopener, ‘Strange One’, is een nummer met een lekkere funky inslag, dat qua ritme wat doet denken aan ‘Life in the Gladhouse’ van Modern English. Het is in elk geval direct duidelijk dat we hier te maken hebben met een aantal prima muzikanten, waarbij de bassist en de drummer er uitspringen door de prominente rol die ze hier innemen. Dit nummer is als enige van deze plaat op single uitgebracht.
Wat ook opvallend is op deze plaat is de saxofoon die overal doorheen dwarrelt. Dan weer op de voorgrond, dan weer meer ondersteunend, maar altijd wel aanwezig. Ook piano is hier en daar van de partij. In ‘We Know It’ resulteert dat zelfs in een wat blues-rock-achtige sound.
‘Hidden Hands’ is een echte ballad en ‘Headlights’ een vrij onopvallend indie-rock nummer. Het nummer dat op de A kant naar mijn idee boven de rest uitsteekt is ‘Absent Friends’. We horen een drumgeluid dat bij new wave en post-punk gangbaar is, maar het geheel is toch net weer even anders dan wat we gewend zijn, met name ook door het melodieuze van de saxofoon. De fijne drive houdt het geheel tot het einde toe goed in stand. ‘Red Sky Over Wembley’, de afsluiter van de A kant, geeft me een beetje een Echo & The Bunnymen-gevoel, al kan ik niet eens goed plaatsen waarom.
De B kant begint met de fijne ballad ‘American Ways’ om daarna in het vlotte funky nummer ‘Half World’ terecht te komen, dat niet alleen goed gevuld zit met freaky basspel, maar ook de saxofonist gaat even goed los. Ook ‘Without You’ is een heel aardig ballad-achtig nummer, waarin ook een rol is weggelegd voor een orgeltje. ‘We Know It Part Two’ is een wat rauwer nummer. Even los van de saxofoon doet het me wel wat aan Velvet Underground denken. De afsluiter, ‘Curious’, is een wat slepend nummer, dat voor een groot deel wordt gedragen door de saxofoon en een rauw zanggeluid.
Hoewel we het hier natuurlijk niet over een new wave-klassieker hebben, is dit alles bij elkaar toch best een leuke plaat die na een aantal draaibeurten ook in staat is te groeien. De productie was in handen van Rob Keyloch, die onder meer heeft gewerkt met Department S en The Meteors. Mixing engineer op deze plaat is Neil Richmond, die met onder meer Kissing The Pink en Seventh Wave heeft gewerkt.
The Flys - Own (1979)

0
geplaatst: 26 november 2018, 13:35 uur
Niet echt punk, niet echt standaard rock, discogs zegt new wave, ook niet helemaal, post-punk dan? Laat ik zeggen: het is een beetje van al het genoemde. Geen hele opvallende plaat, misschien juist omdat het een beetje overal tussenin valt. Toch vind ik het wel een leuk plaatje, vol korte liedjes die er best mogen zijn. Gewoon als tussendoortje erg aangenaam met hier en daar een uitschieter, maar nergens een hoogvlieger, hoewel, Walking the Streets springt er wel aardig tussenuit.
The Icicle Works - The Icicle Works (1984)

2
geplaatst: 7 september 2016, 19:29 uur
Review afkomstig van mijn nieuwe site: New Wave & Post-Punk Reviews – Reviews van new wave en post-punk releases uit mijn persoonlijke collectie - newwavepostpunkreviews.wordpress.com
The Icicle Works is een band die naar mijn idee nogal eens over het hoofd wordt gezien. Misschien komt dat doordat ze een beetje aan de zijlijn stonden, toen bands als Echo & The Bunnymen en Comsat Angels hun doorbraak hadden in de vroege jaren 80. The Icicle Works is toch een band met een enigszins vergelijkbare sound. Het is ze alleen niet gelukt om een werkelijke doorbaak te creëren.
Dit debuutalbum is waarschijnlijk hun bekendste en teven interessantste album, dat zijn weg naar de liefhebbers wel heeft gevonden. Ik zou me zo voor kunnen stellen dat in de tijd dat het uitkwam, de band enigszins als kloon van Echo & The Bunnymen werd gezien. Het album kwam namelijk uit toen hun grotere broer al drie albums uitgebracht had en de sound benadert die van hun stadsgenoten (beide komen ze uit Liverpool) bij vlagen behoorlijk. Eerlijk gezegd kan me dat niet storen, want ze hebben voldoende te bieden. Overigens zijn de vergelijkingen, zoals wel vaker het geval is, niet geheel toevallig. Dit album is namelijk geproduceerd door Hugh Jones, die niet alleen meewerkte aan de eerste twee Bunnymen albums, maar bijvoorbeeld ook verantwoordelijk is voor de productie van de klassieker From the Lions Mouth van The Sound en After the Snow van Modern English.
Om te beginnen opent de plaat al redelijk sterk met ‘Chop the Tree’. De up-tempo tribal-achtige drums hebben hun opzwepende werking. Ian McNabb heeft een prettig in het gehoor liggende stem. Gitaar, bas en synth spelen een vrij ondergeschikte rol in dit nummer ten opzichte van de drums, waardoor je min of meer gedwongen wordt je over te geven aan de ritmes.
‘Love Is a Wonderful Colour’ is een vrij bekend in het gehoor liggend nummer. Niet zo verbazingwekkend dat dit een single is geworden. De kracht van het nummer zit hem in de pakkende zanglijn van met name het refrein. Ook in het volgende nummer vinden we weer zo’n pakkend refrein.
Naarmate het album vordert vind ik het voornamelijk opvallend dat de gitaar een relatief ondergeschikte rol speelt in de productie, op de A kant van de LP althans. Waar de gitaar bij soortgelijke bands vaak kracht bij zet, lijkt die functie hier eerder weggelegd voor de drums. Die zijn namelijk zeer sterk en prominent aanwezig. Dit wil overigens niet zeggen dat de productie het laat afweten, want het zit allemaal picobello in elkaar en een prachtnummer als ‘Lover’s Day’, afsluiter van de A kant, is dan ook verwennerij voor je oren.
Op de B kant lijkt er ineens een complete omschakeling te zijn. Op ‘In the Cauldron of Love’ worden alle registers opengetrokken. De gitaar knalt er werkelijk in en de muziek bloeit helemaal op. Alles komt ineens beter tot zijn recht, niet alleen de gitaar, ook de bas en synth. Dit is toch wel een beetje wat ik miste op de A kant.
Op de ballad die daarna volgt is de kracht weer snel weggeëbt. Misschien is het contrast net wat te groot ten opzichte van het vorige nummer. Op zichzelf is het best een aardig nummer, dat door het galmende gitaargeluid wel wat dromerigs heeft. De derde track van de B kant heeft daarna weer wat meer vuur.
‘Birds Fly (Whisper to a Scream)’ is een bescheiden hit geweest in de VS. Ook weer een nummer dat zijn lekkere drive te danken heeft aan snelle tribal-achtige drums aangevuld met extra slagwerk.
Met ‘Nirvana’ heeft het album een prima afsluiter. Het nummer heeft een mooie rustige aanloop, waarbij ik een beetje het idee krijg naar The Mission the luisteren (terwijl Wayne Hussey pas het jaar daarna zijn band oprichtte). De zanger doet me in bepaalde stukken van dit nummer ook gewoon aan Hussey denken. Daarna komt er een flink tempo in, begeleid door snelle drums. Het nummer heeft een lekker instrumentaal tussenstuk, waarin de gitaar even fijn de ruimte krijgt om te janken. Dit fungeert goed als spanningsboog op weg naar een vette finale, waarin voor de laatste keer alle registers worden opengetrokken, wat leidt tot een spetterend einde van deze plaat.
Toegegeven: nergens op dit album word ik echt omver geblazen of diep geraakt, maar de overwegend fijne sound met hier en daar nog een uitschieter, maakt dit toch een prima album, dat op zijn tijd zeker een draaibeurtje verdient.
Ik heb de Engelse persing en zit gewoon een binnenhoes bij met teksten, goed leesbaar.
The Icicle Works is een band die naar mijn idee nogal eens over het hoofd wordt gezien. Misschien komt dat doordat ze een beetje aan de zijlijn stonden, toen bands als Echo & The Bunnymen en Comsat Angels hun doorbraak hadden in de vroege jaren 80. The Icicle Works is toch een band met een enigszins vergelijkbare sound. Het is ze alleen niet gelukt om een werkelijke doorbaak te creëren.
Dit debuutalbum is waarschijnlijk hun bekendste en teven interessantste album, dat zijn weg naar de liefhebbers wel heeft gevonden. Ik zou me zo voor kunnen stellen dat in de tijd dat het uitkwam, de band enigszins als kloon van Echo & The Bunnymen werd gezien. Het album kwam namelijk uit toen hun grotere broer al drie albums uitgebracht had en de sound benadert die van hun stadsgenoten (beide komen ze uit Liverpool) bij vlagen behoorlijk. Eerlijk gezegd kan me dat niet storen, want ze hebben voldoende te bieden. Overigens zijn de vergelijkingen, zoals wel vaker het geval is, niet geheel toevallig. Dit album is namelijk geproduceerd door Hugh Jones, die niet alleen meewerkte aan de eerste twee Bunnymen albums, maar bijvoorbeeld ook verantwoordelijk is voor de productie van de klassieker From the Lions Mouth van The Sound en After the Snow van Modern English.
Om te beginnen opent de plaat al redelijk sterk met ‘Chop the Tree’. De up-tempo tribal-achtige drums hebben hun opzwepende werking. Ian McNabb heeft een prettig in het gehoor liggende stem. Gitaar, bas en synth spelen een vrij ondergeschikte rol in dit nummer ten opzichte van de drums, waardoor je min of meer gedwongen wordt je over te geven aan de ritmes.
‘Love Is a Wonderful Colour’ is een vrij bekend in het gehoor liggend nummer. Niet zo verbazingwekkend dat dit een single is geworden. De kracht van het nummer zit hem in de pakkende zanglijn van met name het refrein. Ook in het volgende nummer vinden we weer zo’n pakkend refrein.
Naarmate het album vordert vind ik het voornamelijk opvallend dat de gitaar een relatief ondergeschikte rol speelt in de productie, op de A kant van de LP althans. Waar de gitaar bij soortgelijke bands vaak kracht bij zet, lijkt die functie hier eerder weggelegd voor de drums. Die zijn namelijk zeer sterk en prominent aanwezig. Dit wil overigens niet zeggen dat de productie het laat afweten, want het zit allemaal picobello in elkaar en een prachtnummer als ‘Lover’s Day’, afsluiter van de A kant, is dan ook verwennerij voor je oren.
Op de B kant lijkt er ineens een complete omschakeling te zijn. Op ‘In the Cauldron of Love’ worden alle registers opengetrokken. De gitaar knalt er werkelijk in en de muziek bloeit helemaal op. Alles komt ineens beter tot zijn recht, niet alleen de gitaar, ook de bas en synth. Dit is toch wel een beetje wat ik miste op de A kant.
Op de ballad die daarna volgt is de kracht weer snel weggeëbt. Misschien is het contrast net wat te groot ten opzichte van het vorige nummer. Op zichzelf is het best een aardig nummer, dat door het galmende gitaargeluid wel wat dromerigs heeft. De derde track van de B kant heeft daarna weer wat meer vuur.
‘Birds Fly (Whisper to a Scream)’ is een bescheiden hit geweest in de VS. Ook weer een nummer dat zijn lekkere drive te danken heeft aan snelle tribal-achtige drums aangevuld met extra slagwerk.
Met ‘Nirvana’ heeft het album een prima afsluiter. Het nummer heeft een mooie rustige aanloop, waarbij ik een beetje het idee krijg naar The Mission the luisteren (terwijl Wayne Hussey pas het jaar daarna zijn band oprichtte). De zanger doet me in bepaalde stukken van dit nummer ook gewoon aan Hussey denken. Daarna komt er een flink tempo in, begeleid door snelle drums. Het nummer heeft een lekker instrumentaal tussenstuk, waarin de gitaar even fijn de ruimte krijgt om te janken. Dit fungeert goed als spanningsboog op weg naar een vette finale, waarin voor de laatste keer alle registers worden opengetrokken, wat leidt tot een spetterend einde van deze plaat.
Toegegeven: nergens op dit album word ik echt omver geblazen of diep geraakt, maar de overwegend fijne sound met hier en daar nog een uitschieter, maakt dit toch een prima album, dat op zijn tijd zeker een draaibeurtje verdient.
BoyOnHeavenHill schreef:
Mijn Beggars Banquet-CD uit 1988 drukte zelfs de teksten af op de binnenhoes (zoals niet het geval was bij mijn elpee), maar verzuimde helaas er een loupe bij te leveren.
Mijn Beggars Banquet-CD uit 1988 drukte zelfs de teksten af op de binnenhoes (zoals niet het geval was bij mijn elpee), maar verzuimde helaas er een loupe bij te leveren.
Ik heb de Engelse persing en zit gewoon een binnenhoes bij met teksten, goed leesbaar.

The Legends - Public Radio (2005)

0
geplaatst: 31 augustus 2009, 18:20 uur
Aangezien dit bandje was toegevoegd aan de lijst met nu wave artiesten ben ik dit eens gaan luisteren. Dit is eigenlijk een project met Johan Angergård als enige vaste lid. Hij is tevens oprichter van het label Labrador.
Het eerste (vorige) album van TL is een soort poppy rock n roll plaat, erg leuk als je daar van houdt, maar niet zo mijn ding. Maar het blijkt dat Johan van verschillende soorten muziek houdt en zich ook niet geroepen voelt zich strak aan een genre te houden. Dit is zijn album waarop de jaren 80 invloeden flink naar voren komen. Alleen is het bijna genant om te horen hoe hij zijn favoriete 80's nummers soms domweg lijkt te kopiëren. Zo is Today een regelrechte rip-off van A Forest en Air van Seventeen Seconds (beide van het album Seventeen Seconds van The Cure). Geen verkeerde smaak natuurlijk en het klinkt ook niet echt slecht, maar het is allemaal net even wat te opvallend om het domweg te accepteren.
Zo doen Hide Away en People Like Us aan New Order nummers denken. Hoewel Johan er een eigen draai aan geeft heeft de laatste wel erg veel weg van Ceremony.
Ook He Knows the Sun klinkt bekend, melodietje van New Order's All the Way komt erin terug, maar Johan weet er steeds net een draai aan te geven dat het nog even anders is. Beetje andere zang, extra gitaartje of extra syntje en het is weer net even een ander nummer.
Goed, het gekopieer is duidelijk, maar stel nou dat je daar doorheen kan kijken en het tot daar aan toe wel lekker vindt klinken dan kom je bij track 7 en springt het van de vroege post-punk/wave sound ineens over naar een of ander tralala nummer. Zelfs The Cure weet de overstappen van het een naar het ander op één en hetzelfde album beter te timen. Dit is echt een van de grootste 'flikker toch op"-momenten die je kan ervaren. Je hoort dat Johan hier een kopie van Close to Me in combinatie met Lovecats heeft geprobeerd te maken, maar dat is dus even compleet verkeerd uitgepakt.
Hij pakt de draad weer op met de donkerdere sound en het bekende Seventeen Seconds drumgeluidje en gitaartje komen weer volop aan bod.
Daarna eindigt hij weer in een andere stijl, weer meer richting zijn eerste album, wat dus gewoon niet past en al zeker niet als afsluiter.
Als je track 7 en 12 weg zou laten, want die vallen er wat mij betreft duidelijk buiten, heb je eigenlijk een echte new wave plaat, maar dan wel eentje vol met rip-offs van, niet zoals mijn voorganger zegt "foute jaren '80 bands" maar juist van het betere jaren 80 materiaal, zoals ik bijv. al A Forest en Ceremony noemde. Alleen gaat TL hierin dus wat te ver waardoor het hier en daar gewoon genant wordt.
En toch staan er heel behoorlijke dingen op. Check de live uitvoering van Hide Away. Lekker toch!
Het eerste (vorige) album van TL is een soort poppy rock n roll plaat, erg leuk als je daar van houdt, maar niet zo mijn ding. Maar het blijkt dat Johan van verschillende soorten muziek houdt en zich ook niet geroepen voelt zich strak aan een genre te houden. Dit is zijn album waarop de jaren 80 invloeden flink naar voren komen. Alleen is het bijna genant om te horen hoe hij zijn favoriete 80's nummers soms domweg lijkt te kopiëren. Zo is Today een regelrechte rip-off van A Forest en Air van Seventeen Seconds (beide van het album Seventeen Seconds van The Cure). Geen verkeerde smaak natuurlijk en het klinkt ook niet echt slecht, maar het is allemaal net even wat te opvallend om het domweg te accepteren.
Zo doen Hide Away en People Like Us aan New Order nummers denken. Hoewel Johan er een eigen draai aan geeft heeft de laatste wel erg veel weg van Ceremony.
Ook He Knows the Sun klinkt bekend, melodietje van New Order's All the Way komt erin terug, maar Johan weet er steeds net een draai aan te geven dat het nog even anders is. Beetje andere zang, extra gitaartje of extra syntje en het is weer net even een ander nummer.
Goed, het gekopieer is duidelijk, maar stel nou dat je daar doorheen kan kijken en het tot daar aan toe wel lekker vindt klinken dan kom je bij track 7 en springt het van de vroege post-punk/wave sound ineens over naar een of ander tralala nummer. Zelfs The Cure weet de overstappen van het een naar het ander op één en hetzelfde album beter te timen. Dit is echt een van de grootste 'flikker toch op"-momenten die je kan ervaren. Je hoort dat Johan hier een kopie van Close to Me in combinatie met Lovecats heeft geprobeerd te maken, maar dat is dus even compleet verkeerd uitgepakt.
Hij pakt de draad weer op met de donkerdere sound en het bekende Seventeen Seconds drumgeluidje en gitaartje komen weer volop aan bod.
Daarna eindigt hij weer in een andere stijl, weer meer richting zijn eerste album, wat dus gewoon niet past en al zeker niet als afsluiter.
Als je track 7 en 12 weg zou laten, want die vallen er wat mij betreft duidelijk buiten, heb je eigenlijk een echte new wave plaat, maar dan wel eentje vol met rip-offs van, niet zoals mijn voorganger zegt "foute jaren '80 bands" maar juist van het betere jaren 80 materiaal, zoals ik bijv. al A Forest en Ceremony noemde. Alleen gaat TL hierin dus wat te ver waardoor het hier en daar gewoon genant wordt.
En toch staan er heel behoorlijke dingen op. Check de live uitvoering van Hide Away. Lekker toch!

The March Violets - Natural History (1984)

1
geplaatst: 4 mei 2014, 17:15 uur
De vergelijking met The Sisters of Mercy ligt uiteraard voor de hand als we het hebben over The March Violets. Toch is er wel degelijk een heel duidelijk verschil in sound. The March Violets klinken wat rauwer en melodieuzer (minder statisch). Hoewel duidelijk gothic rock ligt het misschien wat dichter tegen punk aan waar The Sisters vaak meer het trage en donkere hebben. Uiteraard zit er ook een groot verschil in het stemgeluid van de zangers
Gezien de discografie van The March Violets bestaat uit singles is een verzamelaar uit deze periode zeer welkom. Het is ook nog eens erg lekkere muziek, die je direct in de stemming brengt voor een 80's gothic dansfeestje. Dit album is wat dat betreft een aanrader voor de liefhebbers van het genre.
Gezien de discografie van The March Violets bestaat uit singles is een verzamelaar uit deze periode zeer welkom. Het is ook nog eens erg lekkere muziek, die je direct in de stemming brengt voor een 80's gothic dansfeestje. Dit album is wat dat betreft een aanrader voor de liefhebbers van het genre.
The Mighty Wah! - A Word to the Wise Guy (1984)

1
geplaatst: 11 oktober 2013, 11:45 uur
Het album start met Yuh Learn I, een vlot bas/ritme stukje met een soort rap erover, wat als een rode draad door het album loopt doordat er, verdeeld over de plaat, nog 3 delen volgen. Dit begin kan je flink op het verkeerde been zetten. Eigenlijk valt er nog helemaal niet in te schatten wat je kan verwachten. Vervolgens belanden we in een degelijk new wave nummer, enigszins vergelijkbaar met de pakkende nummers op Modern Eon's Fiction Tales. Maar denk dan niet dat vanaf dat moment de richting is bepaald, want The Mighty Wah! houdt van afwisseling en track 3, Everwanna, kan je gewoon niet zien aankomen. Het lijkt wel of we in de jaren 60 soul zijn beland. En waarom ook niet? Het perfecte album om zonder enkele verwachting in te gaan om je gewoon mee te laten voeren van moment tot moment.
En wel degelijk komen we terug in de new wave, want The Lost Generation is een nummer dat je met beide benen weer in de midden jaren 80 zet. Niks let je er meer toe om je volumeknop ver open te gooien en te dansen alsof je je op een new wave party bevindt, zalig!
Yuh Learn II zet ons weer even terug op de rode draad waarmee het album begon om ons vervolgens af te zetten bij de prachtige afsluiter van kant A van de plaat. Traag slepend met drums die op Pornography (The Cure) niet zouden misstaan, prachtig gitaarwerk, mooie gelaagdheid, een bassist die ook om de muziek heen durft te spelen, een zanger die door merg en been weet heen te gaan en zelfs psychedelische elementen later in het nummer is I Know There Was Something voor mij het pronkstuk van het album. Dit kan zich meten met de beste new wave ooit gemaakt, wat helaas niet valt te rijmen met de grote onbekendheid die The Mighy Wah! heeft.
Als we de plaat hebben omgedraaid worden we allereerst natuurlijk weer even op die rode draad gezet met Yuh Learn III. Het basloopje dat volgt loodst je In The Bleak / Body 'N' Soul / Midwinter binnen, een vlot nummer met blazers en koortjes dat ik niet geheel kan plaatsen, maar dat past dan ook juist wel weer bij deze onnavolgbare plaat. We zouden ons tenslotte niet laten leiden door onze verwachtingen, maar ons mee laten voeren van moment tot moment. Met dat in ons achterhoofd kunnen we ons ook op positieve manier laten verrassen door Papa Crack / God's Lonely Man. Want na het uitstapje naar 60’s soul op kant A, maken we hier gewoon een uitstapje naar jaren 70 soul/funk. The Mighy Wah! doet gewoon waar ze zin in hebben wat dat betreft. En als je niet vastgeroest zit in een verwacht genre en hier voor open staat kan ik je garanderen dat je hier van gaat genieten, want het is gewoon ijzersterk uitgevoerd en heerlijk om naar te luisteren.
Met What’s Happening Here blijven we nog even in de 70’s maar dan met een sound die nog het meest in de buurt komt van disco. Ach waarom ook niet...
Via Yuh Learn IV komen we bij Come Back (The Story of the Reds), de afsluiter van dit album (in haar originele vorm). Het zal je niks verrassen dat dit nummer een single is geweest. Het is ook, naar mijn idee, veruit het meest toegankelijke nummer van de plaat. Het klinkt al snel bekend en pakkend, maar voor mij persoonlijk dan weer juist iets te gewoontjes. Misschien wel puur gemaakt omdat een platenmaatschappij dat nou eenmaal graag wil.
Al met al vind ik dit een bijzondere plaat met behalve enkele aardige verrassingen als Everwanna en Papa Crack / God's Lonely Man ook zeker een drietal krachtige new wave nummers, waarbij I Know There Was Something voor mij het ultieme hoogtepunt van de plaat is.
En wel degelijk komen we terug in de new wave, want The Lost Generation is een nummer dat je met beide benen weer in de midden jaren 80 zet. Niks let je er meer toe om je volumeknop ver open te gooien en te dansen alsof je je op een new wave party bevindt, zalig!
Yuh Learn II zet ons weer even terug op de rode draad waarmee het album begon om ons vervolgens af te zetten bij de prachtige afsluiter van kant A van de plaat. Traag slepend met drums die op Pornography (The Cure) niet zouden misstaan, prachtig gitaarwerk, mooie gelaagdheid, een bassist die ook om de muziek heen durft te spelen, een zanger die door merg en been weet heen te gaan en zelfs psychedelische elementen later in het nummer is I Know There Was Something voor mij het pronkstuk van het album. Dit kan zich meten met de beste new wave ooit gemaakt, wat helaas niet valt te rijmen met de grote onbekendheid die The Mighy Wah! heeft.
Als we de plaat hebben omgedraaid worden we allereerst natuurlijk weer even op die rode draad gezet met Yuh Learn III. Het basloopje dat volgt loodst je In The Bleak / Body 'N' Soul / Midwinter binnen, een vlot nummer met blazers en koortjes dat ik niet geheel kan plaatsen, maar dat past dan ook juist wel weer bij deze onnavolgbare plaat. We zouden ons tenslotte niet laten leiden door onze verwachtingen, maar ons mee laten voeren van moment tot moment. Met dat in ons achterhoofd kunnen we ons ook op positieve manier laten verrassen door Papa Crack / God's Lonely Man. Want na het uitstapje naar 60’s soul op kant A, maken we hier gewoon een uitstapje naar jaren 70 soul/funk. The Mighy Wah! doet gewoon waar ze zin in hebben wat dat betreft. En als je niet vastgeroest zit in een verwacht genre en hier voor open staat kan ik je garanderen dat je hier van gaat genieten, want het is gewoon ijzersterk uitgevoerd en heerlijk om naar te luisteren.
Met What’s Happening Here blijven we nog even in de 70’s maar dan met een sound die nog het meest in de buurt komt van disco. Ach waarom ook niet...
Via Yuh Learn IV komen we bij Come Back (The Story of the Reds), de afsluiter van dit album (in haar originele vorm). Het zal je niks verrassen dat dit nummer een single is geweest. Het is ook, naar mijn idee, veruit het meest toegankelijke nummer van de plaat. Het klinkt al snel bekend en pakkend, maar voor mij persoonlijk dan weer juist iets te gewoontjes. Misschien wel puur gemaakt omdat een platenmaatschappij dat nou eenmaal graag wil.
Al met al vind ik dit een bijzondere plaat met behalve enkele aardige verrassingen als Everwanna en Papa Crack / God's Lonely Man ook zeker een drietal krachtige new wave nummers, waarbij I Know There Was Something voor mij het ultieme hoogtepunt van de plaat is.
The Names - Swimming (1982)
Alternatieve titel: Swimming + Singles

0
geplaatst: 26 januari 2007, 15:09 uur
Het duurde even maar hier dan toch mijn mening over dit album.
Ik moet zeggen dat het me na de lovende woorden die ik heb gelezen toch wat tegenvalt. En ik heb het toch echt ruim de kans gegeven.
De opener, Music for Someone, wat geen originele albumtrack is, zet op zich wel een lekkere sound neer, die doet denken aan Magazine en oude Simple Minds.
Het tweede nummer, Discovery (het eerste nummer van de originele lp) begint veelbelovend, maar als het nummer op gang komt met die stijve drum en een zanger met een stemgeluid dat me niet zo lekker ligt doet het me toch weinig. Piano die er inkomt net voorbij de 2,5 minuten vind ik dan wel weer lekker gedaan.
Floating World begint redelijk met een soort van Love Will Tear Us Apart sound, opnieuw de zang die me niet lekker zit. Die soort van breakstukjes in het nummer vind ik gewoon niet mooi.
The Fire begint lekker, maar na de aanloop gaat het weer mis. Ik weet dat een Martin Hannett produktie erg statisch kan zijn en dat kan ik ook best lekker vinden klinken, maar het klinkt hier wat mij betreft allemaal wat te vlak en gemaakt.
Ook de eerste noten van Life By The Sea klinken weer veelbelovend, maar opnieuw klinkt het daarna niet natuurlijk. Het is alsof de mannen een geluid proberen neer te zetten wat eigenlijk niet bij ze past, waardoor alles maar voor de helft geloofwaardig overkomt.
White Shadow zet een behoorlijke sfeer neer, vermoedelijk heeft Hannett hier ook niet zo veel aan gesleuteld. Bescheiden maar mooi stukje piano erin, de zang op het randje, maar in dit nummer toch wel te waarderen.
Calcutta, dat geen originele albumtrack is, hakt erin met een oud Cure geluid (Killing An Arab e.d.). Dat geluid is op zich wel lekker, maar het nummer zelf vind ik weinig pakkend en verveelt me daardoor vrij snel.
Op Postcards (ook geen originele albumtrack) hoor je ook weer duidelijk Cure invloeden (het zou op 17 seconds thuis horen dan). Opnieuw pakt het me niet en vind ik het een enigszins saai nummer.
(This Is) Harmony zou normaalgesproken na White Shadow komen, dat hoor je zelfs aan de geluidseffectjes waar het ene nummer mee eindigt en het andere mee begint. Het nummer komt dan ook veel beter tot zijn recht. Het aanhoudende bezwerende van het nummer gaat me op den duur toch wat vervelen.
Ook Shanghai Gesture heeft dergelijke drum en bas die op een bezwerende manier het hele nummer doorgaan, alleen word ik dat drum en bas geluid op den duur weer zat, terwijl alle synth geluiden en de gitaar erdoor wel weer een lekkere sfeer in het nummer leggen. De herhaling in de zang op het einde vind ik ook wel pakkend.
Leave Her To Heaven... op dit punt vind ik het toch allemaal wat te saai en eentonig worden.
Light is de officiële afsluiter van het originele album. Ze zetten hier wel een lekkere volle sound neer met de synth en de gitaar die er doorheen kermt. Het lijkt bijna wel in de richting van Pornography, het Cure album dat in hetzelfde jaar het licht zag, maar helaas niet van dat niveau.
De overige nummers staan niet op het originele album.
Nightshift vind ik weinig extra’s bieden, een beetje slap nummer dat me weinig zegt.
De eerste versie van I Wish I Could Speak Your Language is nog in de droge Martin Hannett sound. Het gitaargeluid klinkt wel lekker Joy Division.
The Astronaut begint met een soort marsdrum in de ‘Pornography’-sound, wat op zich lekker klinkt, maar het refrein vind ik dan weer helemaal niks. Het kan aan mij liggen maar ik vind de zangmelodie van het refrein gewoon niet klinken bij de melancholie die de rest van het nummer draagt.
Cat begint pakkend, het geluid is weliswaar ‘geleend’ van The Cure en het synth geluid van magazine, maar de uitvoering is sterk. Opnieuw vind ik de zwakte in de zang zitten, die hier weliswaar opgepoetst is tot een Robert Smith feel, maar ik vind de zangmelodie opnieuw tegenvallen.
I Wish I Could Speak Your Language (mix)…. Misschien is dit wel de enige track van het album, die het voor mij echt gaat redden. Het is een uitermate goed dansbaar en pakkend new wave nummer. Deze mix is afkomstig van een pre-mix cassette en geeft een weergave van de sound vóór Hannett eraan gesleuteld heeft en dat is in dit geval zeer gunstig. Met de aanhoudende synthgeluiden en het lekkere gitaargeluid word je in de greep gehouden, terwijl de beat je langzaam in beweging zet. De zang zit wat ver naar achteren in de mix, maar blijkbaar is dat gunstig voor het nummer.
Concluderend:
Hoewel het absoluut geen slechte band is, vind ik dit zeker geen topalbum. Voornamelijk de zang vind ik over het algemeen vrij zwak. Niet alleen ben ik niet kapot van de stem, maar ik vind op meerdere nummers de zangmelodie het nummer verzwakken en dat mag nooit de bedoeling zijn. (Zie hoe sterk de opener Music for Someone is zonder zang!) Komt bij dat ik bij veel nummers de indruk heb dat ze anderen proberen na te doen, voornamelijk The Cure en Joy Division.
Mijn persoonlijke favorieten van dit album:
White Shadow
I Wish I Could Speak Your Language (mix)
Ik moet zeggen dat het me na de lovende woorden die ik heb gelezen toch wat tegenvalt. En ik heb het toch echt ruim de kans gegeven.
De opener, Music for Someone, wat geen originele albumtrack is, zet op zich wel een lekkere sound neer, die doet denken aan Magazine en oude Simple Minds.
Het tweede nummer, Discovery (het eerste nummer van de originele lp) begint veelbelovend, maar als het nummer op gang komt met die stijve drum en een zanger met een stemgeluid dat me niet zo lekker ligt doet het me toch weinig. Piano die er inkomt net voorbij de 2,5 minuten vind ik dan wel weer lekker gedaan.
Floating World begint redelijk met een soort van Love Will Tear Us Apart sound, opnieuw de zang die me niet lekker zit. Die soort van breakstukjes in het nummer vind ik gewoon niet mooi.
The Fire begint lekker, maar na de aanloop gaat het weer mis. Ik weet dat een Martin Hannett produktie erg statisch kan zijn en dat kan ik ook best lekker vinden klinken, maar het klinkt hier wat mij betreft allemaal wat te vlak en gemaakt.
Ook de eerste noten van Life By The Sea klinken weer veelbelovend, maar opnieuw klinkt het daarna niet natuurlijk. Het is alsof de mannen een geluid proberen neer te zetten wat eigenlijk niet bij ze past, waardoor alles maar voor de helft geloofwaardig overkomt.
White Shadow zet een behoorlijke sfeer neer, vermoedelijk heeft Hannett hier ook niet zo veel aan gesleuteld. Bescheiden maar mooi stukje piano erin, de zang op het randje, maar in dit nummer toch wel te waarderen.
Calcutta, dat geen originele albumtrack is, hakt erin met een oud Cure geluid (Killing An Arab e.d.). Dat geluid is op zich wel lekker, maar het nummer zelf vind ik weinig pakkend en verveelt me daardoor vrij snel.
Op Postcards (ook geen originele albumtrack) hoor je ook weer duidelijk Cure invloeden (het zou op 17 seconds thuis horen dan). Opnieuw pakt het me niet en vind ik het een enigszins saai nummer.
(This Is) Harmony zou normaalgesproken na White Shadow komen, dat hoor je zelfs aan de geluidseffectjes waar het ene nummer mee eindigt en het andere mee begint. Het nummer komt dan ook veel beter tot zijn recht. Het aanhoudende bezwerende van het nummer gaat me op den duur toch wat vervelen.
Ook Shanghai Gesture heeft dergelijke drum en bas die op een bezwerende manier het hele nummer doorgaan, alleen word ik dat drum en bas geluid op den duur weer zat, terwijl alle synth geluiden en de gitaar erdoor wel weer een lekkere sfeer in het nummer leggen. De herhaling in de zang op het einde vind ik ook wel pakkend.
Leave Her To Heaven... op dit punt vind ik het toch allemaal wat te saai en eentonig worden.
Light is de officiële afsluiter van het originele album. Ze zetten hier wel een lekkere volle sound neer met de synth en de gitaar die er doorheen kermt. Het lijkt bijna wel in de richting van Pornography, het Cure album dat in hetzelfde jaar het licht zag, maar helaas niet van dat niveau.
De overige nummers staan niet op het originele album.
Nightshift vind ik weinig extra’s bieden, een beetje slap nummer dat me weinig zegt.
De eerste versie van I Wish I Could Speak Your Language is nog in de droge Martin Hannett sound. Het gitaargeluid klinkt wel lekker Joy Division.
The Astronaut begint met een soort marsdrum in de ‘Pornography’-sound, wat op zich lekker klinkt, maar het refrein vind ik dan weer helemaal niks. Het kan aan mij liggen maar ik vind de zangmelodie van het refrein gewoon niet klinken bij de melancholie die de rest van het nummer draagt.
Cat begint pakkend, het geluid is weliswaar ‘geleend’ van The Cure en het synth geluid van magazine, maar de uitvoering is sterk. Opnieuw vind ik de zwakte in de zang zitten, die hier weliswaar opgepoetst is tot een Robert Smith feel, maar ik vind de zangmelodie opnieuw tegenvallen.
I Wish I Could Speak Your Language (mix)…. Misschien is dit wel de enige track van het album, die het voor mij echt gaat redden. Het is een uitermate goed dansbaar en pakkend new wave nummer. Deze mix is afkomstig van een pre-mix cassette en geeft een weergave van de sound vóór Hannett eraan gesleuteld heeft en dat is in dit geval zeer gunstig. Met de aanhoudende synthgeluiden en het lekkere gitaargeluid word je in de greep gehouden, terwijl de beat je langzaam in beweging zet. De zang zit wat ver naar achteren in de mix, maar blijkbaar is dat gunstig voor het nummer.
Concluderend:
Hoewel het absoluut geen slechte band is, vind ik dit zeker geen topalbum. Voornamelijk de zang vind ik over het algemeen vrij zwak. Niet alleen ben ik niet kapot van de stem, maar ik vind op meerdere nummers de zangmelodie het nummer verzwakken en dat mag nooit de bedoeling zijn. (Zie hoe sterk de opener Music for Someone is zonder zang!) Komt bij dat ik bij veel nummers de indruk heb dat ze anderen proberen na te doen, voornamelijk The Cure en Joy Division.
Mijn persoonlijke favorieten van dit album:
White Shadow
I Wish I Could Speak Your Language (mix)
The Osmonds - The Plan (1973)

0
geplaatst: 18 mei 2014, 10:11 uur
Ik heb me nooit verdiept in The Osmonds. Vast en zeker zal ik wel nummers van ze kennen, maar op dit moment niet bewust.
Dit album kreeg ik min of meer in mijn schoot geworpen en daarom draait hij nu hier vanaf de originele LP uit 1973. Het klinkt gelikt, dat zeker. Ik moet hier en daar ook sterk denken aan The Beatles (N.B.: met name op kant A van de plaat). Nu ken ik verder geen albums van The Osmonds, maar dit zou zo maar hun Sgt. Peppers kunnen zijn. En dan leg ik nog maar net kant B van de plaat op.
Door het orkestrale dreigt het zo nu en dan wat te gezapig te worden, maar afwisseling zit er ook zeker wel in. Ballads en up-tempo nummers wisselen elkaar af. Al met al niet onaardig, maar ook weer niet iets dat ik nog vaak zal opzetten. Ik denk dat er begin jaren 70 heel wat van dit soort albums zijn geproduceerd. De één natuurlijk beter dan de ander. Persoonlijk vind ik deze plaat niet van een gedenkwaardig niveau.
Dit album kreeg ik min of meer in mijn schoot geworpen en daarom draait hij nu hier vanaf de originele LP uit 1973. Het klinkt gelikt, dat zeker. Ik moet hier en daar ook sterk denken aan The Beatles (N.B.: met name op kant A van de plaat). Nu ken ik verder geen albums van The Osmonds, maar dit zou zo maar hun Sgt. Peppers kunnen zijn. En dan leg ik nog maar net kant B van de plaat op.
Door het orkestrale dreigt het zo nu en dan wat te gezapig te worden, maar afwisseling zit er ook zeker wel in. Ballads en up-tempo nummers wisselen elkaar af. Al met al niet onaardig, maar ook weer niet iets dat ik nog vaak zal opzetten. Ik denk dat er begin jaren 70 heel wat van dit soort albums zijn geproduceerd. De één natuurlijk beter dan de ander. Persoonlijk vind ik deze plaat niet van een gedenkwaardig niveau.
The Prids - ...Until the World Is Beautiful (2006)

0
geplaatst: 18 februari 2009, 23:50 uur
Ik heb dit van de week eindelijk binnen gekregen voor mijn shopje (samen met Bell Hollow, ook van Five03). Door allerlei omstandigheden bij het label heeft dat 2 en halve maand geduurd (Ik waande me dan ook tijdelijk in 1867). Ik moet zeggen dat ik reuzeblij ben dat het toch goed gekomen is, want dit is toch wel een bijzonder mooi album. Ik kende alleen een aantal nummers van The Prids en had eigenlijk niet zo zeer verwacht dat het album zo goed zou zijn. Dit klinkt echt verrassend lekker! Er worden op dit album prachtige donkere sferen gecreëerd, tegelijkertijd ligt dat er niet dik bovenop, zoals White Lies dat bijv. kan hebben waardoor het wat gemaakt kan lijken. Het klinkt allemaal puur en het geluid heeft iets warms. Je hoort gewoon ook dat hier de productie door een expert is gedaan. Werkelijk nergens is er iets te veel of te weinig, geen overweldigende geluidsmuren, maar een vorm van minimalisme, geen brei, maar alles krijgt de ruimte. En dat is dan een album met maar 2 stemmen. Hoe zonde...
De tweestemmigheid is ook mooi verdeeld. De vrouwenstem vult de mannenstem mooi aan op de juiste plaatsten.
En All That You Want en Infection zijn vanaf de eerste luisterbeurt al klassiekers.
Mooi fijn album...
De tweestemmigheid is ook mooi verdeeld. De vrouwenstem vult de mannenstem mooi aan op de juiste plaatsten.
En All That You Want en Infection zijn vanaf de eerste luisterbeurt al klassiekers.
Mooi fijn album...
The Psychedelic Furs - Midnight to Midnight (1987)

0
geplaatst: 20 november 2016, 12:30 uur
Een album dat opgenomen is onder de druk van het succes van 'Pretty in Pink' (heropgenomen single voor de gelijknamige Amerikaanse film), terwijl de band eigenlijk nog niet toe was aan een volgend album. Ook nog eens voor de Amerikaanse markt op het label Columbia. Gevolg is een overgeproduceerde gladde Amerikaans klinkende plaat (ondanks de productie door de Engelse Chris Kimsey), die mij in elk geval niets te bieden heeft. En ondanks dat het hun grootste commerciële succes tot dan toe was, was voorman Richard Butler er zelf ook niet over te spreken achteraf. Zijn woorden voor dit album: "hollow, vapid and weak".
The Room - Indoor Fireworks (1982)

0
geplaatst: 22 september 2011, 11:54 uur
Bij vlagen staan er echt fantastische stukjes muziek op deze plaat. Duidelijk een hele fijne drummer (bijv. hoe hij speelt in In Sickness and in Health), bassist en gitarist, plus een goede zangstem. Een aantal nummers met een zalige opbouw waarin de instrumenten ook de ruimte krijgen (kunst van het weglaten) en andere nummers weer te springerig naar mijn smaak. Ik hoor U2 terug en ook The Smiths en dat terwijl The Smiths nog geen album uit hadden in 1982 (leg Things Have Learnt To Walk That Ought To Crawl eens naast The Headmaster Ritual, lalalala), maar zelfs Joy Division in Heat Haze (vgl. The Sounds of Music).
Favoriet is No Dream, maar ook bijv. Bated Breath vind ik erg sterk: drum, bas, gitaar... je kan er gewoon niet omheen dat dit lekker klinkt.
Als ze hier een EP van hadden gemaakt met 6 tracks erop, was het mogelijk een topplaat geweest. Nu door wat mindere nummers toch een wat matig geheel. Als new wave-liefhebber mag je in elk geval No Dream niet missen!
Favoriet is No Dream, maar ook bijv. Bated Breath vind ik erg sterk: drum, bas, gitaar... je kan er gewoon niet omheen dat dit lekker klinkt.
Als ze hier een EP van hadden gemaakt met 6 tracks erop, was het mogelijk een topplaat geweest. Nu door wat mindere nummers toch een wat matig geheel. Als new wave-liefhebber mag je in elk geval No Dream niet missen!
The Scene - Open (1992)

0
geplaatst: 28 december 2018, 19:05 uur
Zagato schreef:
Haalt de draaitafel niet vaak...
Haalt de draaitafel niet vaak...
Dat kan ook niet, want deze bestaat niet op vinyl. Maar man man, hij is een mooie vinylpersing meer dan waard!
The Scene kende ik vnl. van Blauw en Iedereen is van de wereld. Beide nummers die stuk zijn gedraaid. Zonde, maar ik associeer ze teveel met meezingende massa's of dronkaards in kroegen. Het album Blauw ken ik verder niet.
Deze cd kwam ik vandaag toevallig in een kringloop tegen en heb ik maar meegenomen. Eerst bijna niet, maar toch maar wel. En ik draai hem nu voor de tweede keer achter elkaar, omdat het me zo prettig verrast. Wat een fijne plaat. Hij rockt en raakt, mooie melodieën en teksten. Die 1,50 nu al terugverdiend.

The SlimP - Wavelands (2009)

0
geplaatst: 23 januari 2009, 16:54 uur
Af-music is een Duits label gespecialiseerd in digitale releases op het gebied van new wave/darkwave/post-punk (ze hebben o.a. The Search onder hun hoede genomen). Digitaal hebben ze al een en ander aan moois uitgebracht, op cd is het helaas nog vrij summier. Dit is op dit moment hun nieuwste release op cd die 30 januari officieel uitkomt.
Ik heb hem inmiddels al een aantal weken (ook bij mij verkrijgbaar) en ik ben er lichtelijk aan verslaafd geraakt. Dit is post-punk oude stijl. Het heeft nog iets rauwigs over zich, geen gladgestreken productie zoals je tegenwoordig veel hoort bij de hedendaagse golf van nu wave bands, maar een 'plug and play' productie. Uiteraard wil dat niet zeggen dat het onafgewerkt klinkt. Het is de sound die je het idee geeft dat je werkelijk een plaat luistert die ergens in 1979 is opgenomen. In deze tijd vind ik dat echt een genot om naar te luisteren.
Invloeden zijn afkomstig van welbekende bands als Siouxsie & The Banshees, The Cure, Fields of the Nephilim, The Mission en Nick Cave is wat ze zelf aangeven op hun MySpace, maar ik hoor er zelf ook bijv. Patti Smith in terug, zowel door het stemgeluid van de zangeres als iets in de sound. Misschien is het het bezwerende effect. Er wordt veelal gebruik gemaakt van pakkende melodieën die het hele nummer doorlopen. Het heeft iets nostalgisch.
Hoogtepunten tot nu toe zijn voor mij:
The Gate - een melodie die al direct bekend in de oren klinkt, maar zonder dat het voelt alsof het gejat is.... “and then we pass the gate like a hundred times before....” herhaalt zich totdat je bijna letterlijk zelf langs dat hek loopt. Wat een zalig gitaargeluid en trommelgeroffel en dan die rust waarin de bas zijn melodie solo mag spelen als afsluiter.
Wavelands - begint met mooi Curish melodieus gitaarspel, daarna worden we het nummer binnengeleid met tribalachtige drums en een heerlijke gitaar eroverheen om uit te komen in een dromerig nummer: mooie rustige zang en melodieus gitaarspel.
Island Fog - Vast en zeker een Pornography geïnspireerd nummer met een hypnotiserend trage Siamese Twins-achtige drum die heerlijk doorrolt.
Lines - heeft een heerlijke bas-melodielijn die het hele nummer doorgaat en opnieuw een tribalachtige drum. Het geheel brengt je op een herfstachtige zondagmiddag waarop je al starende naar de regen buiten wordt vervult met een hevig verlangen naar iets dat je niet kan plaatsen maar niet loslaat: de kracht van de herhaling is subliem in dit nummer.
Over het geheel gezien vind ik dit een bijzonder sterk album met hoewel duidelijke invloeden in de vroege post-punk geen jatwerk en een flink aantal zeer sterke nummers die ook nog eens een verslavende werking hebben. Nergens is het overdone, teveel aan gitaar of gekrijs van de zangeres: alles heeft iets minimalistisch krachtigs over zich. Enige nummer dat ik erbuiten vind vallen en me minder aanspreekt is het uptempo Love and Lie.
Ik heb hem inmiddels al een aantal weken (ook bij mij verkrijgbaar) en ik ben er lichtelijk aan verslaafd geraakt. Dit is post-punk oude stijl. Het heeft nog iets rauwigs over zich, geen gladgestreken productie zoals je tegenwoordig veel hoort bij de hedendaagse golf van nu wave bands, maar een 'plug and play' productie. Uiteraard wil dat niet zeggen dat het onafgewerkt klinkt. Het is de sound die je het idee geeft dat je werkelijk een plaat luistert die ergens in 1979 is opgenomen. In deze tijd vind ik dat echt een genot om naar te luisteren.
Invloeden zijn afkomstig van welbekende bands als Siouxsie & The Banshees, The Cure, Fields of the Nephilim, The Mission en Nick Cave is wat ze zelf aangeven op hun MySpace, maar ik hoor er zelf ook bijv. Patti Smith in terug, zowel door het stemgeluid van de zangeres als iets in de sound. Misschien is het het bezwerende effect. Er wordt veelal gebruik gemaakt van pakkende melodieën die het hele nummer doorlopen. Het heeft iets nostalgisch.
Hoogtepunten tot nu toe zijn voor mij:
The Gate - een melodie die al direct bekend in de oren klinkt, maar zonder dat het voelt alsof het gejat is.... “and then we pass the gate like a hundred times before....” herhaalt zich totdat je bijna letterlijk zelf langs dat hek loopt. Wat een zalig gitaargeluid en trommelgeroffel en dan die rust waarin de bas zijn melodie solo mag spelen als afsluiter.
Wavelands - begint met mooi Curish melodieus gitaarspel, daarna worden we het nummer binnengeleid met tribalachtige drums en een heerlijke gitaar eroverheen om uit te komen in een dromerig nummer: mooie rustige zang en melodieus gitaarspel.
Island Fog - Vast en zeker een Pornography geïnspireerd nummer met een hypnotiserend trage Siamese Twins-achtige drum die heerlijk doorrolt.
Lines - heeft een heerlijke bas-melodielijn die het hele nummer doorgaat en opnieuw een tribalachtige drum. Het geheel brengt je op een herfstachtige zondagmiddag waarop je al starende naar de regen buiten wordt vervult met een hevig verlangen naar iets dat je niet kan plaatsen maar niet loslaat: de kracht van de herhaling is subliem in dit nummer.
Over het geheel gezien vind ik dit een bijzonder sterk album met hoewel duidelijke invloeden in de vroege post-punk geen jatwerk en een flink aantal zeer sterke nummers die ook nog eens een verslavende werking hebben. Nergens is het overdone, teveel aan gitaar of gekrijs van de zangeres: alles heeft iets minimalistisch krachtigs over zich. Enige nummer dat ik erbuiten vind vallen en me minder aanspreekt is het uptempo Love and Lie.
The Soft Moon - Deeper (2015)

0
geplaatst: 16 maart 2018, 11:48 uur
Na hun debuut hoor ik deze als tweede. Hun tweede heb ik dus nog niet gehoord, maar dit derde album heeft voor mij al veel meer inhoud dan hun debuut. Opvallend is dat de band niet meer alleen maar bezig is met het creëren van een sound, maar ook met het maken van nummers. We horen dus eindelijk echt melodieën en zang. De sound is nog lekker zwaar, maar niet meer zo overdreven gemaakt met allemaal bijgeluiden. De link met industrial en ook EBM is hier heel duidelijk aanwezig. Sommige nummers zijn meer liedjes en wat rustiger, andere zijn meer dancefloor fillers en sommige een combinatie daarvan. Ik denk dat het voor mij de samenstelling is die een bepaald evenwicht schept, waardoor ik deze plaat ook als album prettig vind. Het debuut had bij mij eerder het tegengestelde effect: een muur van geluid, zonder echt liedjes te horen. Het nummer Deeper klinkt wel een beetje als een vreemde eend in de bijt, maar het is heerlijk opzwepend en komt het best tot zijn recht als je erop danst. De afsluiter is ook opzwepend, maar is een soort combi tussen gothic rock, industrial en EBM. Al is het voor mij niet nodig om af te sluiten met bijna 3 minuten een kleregeluid aan het eind van het nummer, het mag de pret niet drukken. Het prima album is al neergezet, we zien het maar als een duidelijk signaal dat de pret nu echt over is.
Ja, dit is een plaat waar ik wat mee kan. Heb hem zelfs op mijn vinylwishlist gezet.
Ja, dit is een plaat waar ik wat mee kan. Heb hem zelfs op mijn vinylwishlist gezet.

The Soft Moon - The Soft Moon (2010)

0
geplaatst: 16 maart 2018, 10:35 uur
Muziek die naar mijn idee voornamelijk draait om het neerzetten van sounds / geluidsmuren. Het klinkt nogal opgepompt en elektronisch, waardoor ik nog eerder een link leg met EBM dan met post-punk. Qua composities van nummers stelt het naar mijn idee 3 x niks voor en daardoor kun je dit bijv. nooit vergelijken met The Cure, die daar (RS dus) juist meester in zijn. Op een gothic dansfeest zou je met gemak dit hele album kunnen draaien voor een zaal vol dubbeltjeszoekers. En als ik in de stemming ben (of op zo'n feest ben) gaat het er misschien best wel eens in, maar als ik het zo (gewoon thuis zittend achter de computer) beluister word ik er niet enthousiast van. Bij vlagen kan het me grijpen, omdat het even lekker klinkt, maar als album vind ik het too much.
