MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten potjandosie als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Terry Reid - Rogue Waves (1978)

poster
3,5
het vijfde solo album van de inmiddels 74-jarige singer/songwriter Terry Reid. behalve dat de man over een enorm stembereik beschikt (vandaar de bijnaam "Superlungs"), is de man ook een begenadigd gitarist. zijn carrière wordt gekenmerkt door vele commerciële tegenslagen. ook dit album bracht hem geen commercieel succes en tot op heden is zijn status die van een cult artiest, behalve in zijn thuisland Engeland waar de man door velen als een "living legend" wordt beschouwd. in 2018 trad de man op in het programma "Later with Jools Holland" en speelde hij een fraaie versie van "To Be Treated Rite" van zijn album "Seed of Memory".

Terry Reid verbleef destijds al vele jaren in Californië, waar hij eerder met Graham Nash als producer het prima album "Seed of Memory" opnam, toen hij in 1978 een contract tekende met Capitol Records "to cut a contemporary "Rock 'n Roll" album".

op "Rogue Waves" (monstergolven) staan 5 originals van Terry Reid (tracks 1,3,4,6 en , waarvan de funky tracks "Stop and Think it Over" en "Believe in the Magic" mij het best bevallen.

de overige 4 nummers zijn covers van:
"Baby I Love You" (Spector, Greenwich, Barry) bekend van Andy Kim en The Ronettes
"Walk Away Renee (Sansone, Calilli, Brown) bekend van The Four Tops
"Then I Kissed Her" (Spector, Greenwich, Barry) bekend van The Crystals
"All I Have To Do Is Dream" (Boudleaux Bryant) bekend van the Everly Brothers

zoals hierboven al eerder vermeld, krijgen deze nummers een degelijke rock behandeling, waarbij het stevig rockende "Then I Kissed Her" er bovenuit steekt.

dit album bevat inderdaad rock muziek met stevig gitaarwerk, uitgezonderd "All I Have To Do Is Dream" dat met de geweldige stem van Terry Reid als een akoestische ballad wordt uitgevoerd. voor mij het prijsnummer van dit album.

Album werd geproduceerd door Chris Kimsey & Terry Reid
Recorded at Brother's Studio, Santa Monica, California

Terry Reid: vocals, guitars
Lee Miles: bass
Doug Rodrigues: lead guitar
John Siomos: drums, percussion
Sterling Smith, James E. Johnson: organ
Denise Williams, Dyanne Chandler, Maxine Willard: background vocals

deelcitaat bij de remaster (1992) uit de liner notes van Roger Dopson (May 1992)
quote
"and this time everything seemed to be in place, right up until the album's release "Rogue Waves", an engaging, eclectic set which placed epic rearrangements of Rock icons alongside brilliant new material, was duly released in February '79.....but by the time it hit the stores there had been swinging staff cuts and reshuffles at Capitol, and the album received no promotion, it duly sank without a trace. What a waste"
unquote

Terry Reid - Seed of Memory (1976)

poster
4,5
alleen al het intro van Faith to Arise maakt dit tot een wereldnummer. tracks 1 t/m 4 zijn uitzonderlijk goede nummers, toch vind ik het 2e deel van dit album niet zo slecht als hier gesteld. Ooh baby is hier de mispeer en in mindere mate ook The Way You Walk, maar eens dat dit het een minder coherent album maken. als men hier de 2 beste nummers van het zwakke album The Driver (uit 1991) had geplaatst, te weten het titelnr. en The Fifth of July maar dan zonder overproductie, dan had dit album een classic kunnen zijn. het korte The Driver Part 1. zijn wel de mooiste 45 seconden ooit. The Frame vind ik een lekker ietwat jazzy nummer en Fooling You vind ik een prachtige afsluiter. een ballad geweldig gezongen door Terry Reid. op zich geen slechte songs. zag op YT een ontroerende versie van To Be Treated Rite uit het BBC programma Later with Jools Holland (2018). een oude, dikke, grijze man met gitaar met flink wat sleet op zijn stem.

Terry Reid - The Driver (1991)

poster
3,0
het zesde solo album van Terry Reid werd grotendeels geproduceerd door de bekende muzikant/producer Trevor Horn en helaas geeft hij dit album een soort van "eighties" sound mee (blikkerige drums, elektronica en synthesizers) met af en toe zelfs disco invloeden. wellicht was dit album een poging om Terry Reid alsnog aan commercieel succes te helpen, maar deze productie past niet bij zijn muziek en pakte wat mij betreft volledig verkeerd uit.

er staan welgeteld 3 memorabele songs op dit onevenwichtige "The Driver", en dat zijn los van de titeltrack, de mid-tempo nummers "Fifth of July" en "Hand of Dimes". "The Driver" werd geschreven door Terry Reid, Trevor Horne en de van vele soundtracks bekende Duitse componist Hans Zimmer.

de covers van het Mike Scott/Waterboys nummer "The Whole of the Moon" en de Spencer Davis Group klassieker "Gimme Some Lovin'", zijn niet onaardig maar komen niet in de buurt van de originele versies van deze nummers. "Gimme Some Lovin" verscheen op de soundtrack van de film Days of Thunder (met Tom Cruise).

aangezien ik de eerste 2 albums van Terry Reid niet ken, zou ik zijn volgende 4 albums kwalitatief als volgt rangschikken:

1. Seed of Memory 4,5 een semi-klassieker geproduceerd door Graham Nash (Terry Reid schreef samen met hem het nummer "Be Yourself" dat verscheen op zijn "Songs for Beginners")
2. River 4
3. Rogue Waves 3,5
4. The Driver 3

Thad Cockrell - Warmth & Beauty (2003)

poster
4,0
het 2e album van de vanuit Durham, North Carolina opererende Thad Cockrell, die alle 11 liedjes van dit album zelf schreef, waarvan 1 "Taking the View" co-written (Jim Bruno/Chris Stamey).

hoewel het album stevig aftrapt met het rockende "I'd Rather Have You" en "Taking the View" een fraai mid-tempo nummer is, overheersen de melancholische country ballads met wat folk invloeden zoals op het titelnummer, "Why Go", "She Ain't No You" en "My Favourite Memory", waarbij het wonderschone "Breaking of a Day" boven de rest uitsteekt.

een ander prijsnummer "Some Tears" gaat over zijn herinneringen aan zijn overleden grootvader, met wie hij als kind samen uit vissen ging, een lied dat hij schreef toen hij op bezoek was bij zijn grootmoeder.

de merendeels prachtige melodieën worden behalve de aangename, warme tenor? stem van Thad Cockrell voorzien van de fraaie harmoniezang van Caitlin Cary (ex Whiskeytown) en country zangeres Tift Merritt, met als begeleiders een aantal topmuzikanten, o.a. John Teer (electric guitar, fiddle) en Greg Readling (pedal steel) beide bandleden van het vermaarde americana/bluegrass gezelschap Chatham County Line en Jen Gunderman (ex Jayhawks) op piano en Wurlitzer.

enige minpuntje is wellicht de iets te zoete smartlap, de piano ballad "Are You Still Missing Me" dat dit album afsluit.

van de niet erg productieve man verscheen in 2024 het album "The Kid", dat in eigen beheer werd uitgebracht (www.thadcockrell.com)

Album werd geproduceerd door Chris Stamey & Thad Cockrell
Recorded (mostly live) at Modern Recording, Chapel Hill, North Carolina

de gelovige Thad Cockrell bedankt in de liner notes behalve de muzikanten en producer ook "The Author of my creativity and salvation, Jesus Christ, the well of your beauty is bottomless and the walk is always short".

Thad Cockrell & The Starlite Country Band - Stack of Dreams (2001)

poster
4,5
soms loop je als muziekliefhebber buiten de jou bekende gevestigde namen binnen een bepaald genre onverwachts tegen een pareltje aan. het debuutalbum van de uit Florida afkomstige singer/songwriter Thad Cockrell is zo'n album. 7 eigen songs van deze zoon van een baptistenpredikant plus 2 covers, die stuk voor stuk direct indruk maken.

hij kreeg op dit album o.a. hulp van oud Whiskeytown leden, zangeres/fiddler Caitlin Cary en drummer Skillet Gilmore, waarop verder prachtige accenten worden gelegd door Cliff Swanson die excelleert op pedal steel en de weemoedige fiddle partijen van o.a. Jon Kemppainen.

americana (folk/country) met een enkele keer wat honky tonk invloeden op de iets meer up-tempo nummers als "Pretending", "Hard Time" en het met een prachtige melodie voorziene "Why" met harmoniezang van Tift Merritt en een heerlijke accordeon partij van Greg Bell.

daarnaast maakt Thad Cockrell indruk met de ballad "How Far Can I Drive Tonight" (Brian Hall) en zijn eigen ballads "Stack of Dreams", "Burdens Rest Easy" en de religieus getinte afsluiter "He Set Me Free", een fraai duet met Caitlin Cary.

het aloude "Together Again" (Buck Owens) dat o.a. bekend werd in de versie van Emmylou Harris, krijgt een prachtige, ingetogen uitvoering met wederom fraaie duetzang van Caitlin Cary.

zijn doorleefde, emotievolle, warme stem ligt prettig in het gehoor en past perfect bij de merendeels akoestisch "intiem" uitgevoerde songs.

Album werd geproduceerd door Chris Stamey (bekend van de Amerikaanse rockband the dB's)
Recorded at Kitchen Mastering, Chapel Hill, North Carolina

Thad Cockrell: vocals, rhythm guitar, tambourine
Jon Kemppainen: lead guitar, fiddle
Ernie Jameson: upright bass
Cliff Swanson: pedal steel guitar
Skillet Gilmore: drums
Aaron Cockrell: harmony vocals

The Albion Band - Acousticity (1993)

poster
4,0
dit akoestische album van het rond Ashley Hutchings geformeerde gezelschap The Albion Band werd in een kleine bezetting van 4 muzikanten opgenomen. een album waarop de meer ingetogen folk overheerst en de folkrock nauwelijks aanwezig is.

3 traditionals (1,2 en "Blue John Hornpipe" dat gekoppeld is aan de traditionele, meerstemmige folk van "Black Jack, Blue John and Galena" ( Ashley Huthings/Ashley Reed) dat mij aan het werk van The Watersons deed denken. 1 van de sterkhouders samen met de ballads "Flandyke Shore" (trad.), "We Lie" (Chris While/Ashley Hutchings) met prachtig vioolspel van Ashley Reed en het weemoedige "Bitter Sweet Bed" een nummer van de Engelse folkie wijlen Cyril Tawney.

de nummers met zang van Chris While maken de meeste indruk. voor de rest staan er naar mijn mening met 2. (reels/polkas), 6,10 en 12 iets teveel instrumentale nummers op dit album. het fraaie, vocale "Man of War" een nummer van de Engelse folkie Steve Knightley en de verrassende cover "Dancer to the Drum" van de Amerikaanse singer/songwriter Beth Nielsen Chapman met zang van Simon Nicol en Chris While behoren eveneens bij de sterkhouders.

Album werd geproduceerd door Simon Nicol
Recorded at Astra Studio's, Monks Horton, Ashford, Kent, England

The Albion Band ten tijde van dit album:

Ashley Hutchings: acoustic bass guitar, vocals
Simon Nicol: acoustic guitars, vocals
Ashley Reed: violin, vocals
Chris While: lead vocals, acoustic guitar

The Albion Band - Albion Heart (1995)

poster
4,0
wederom een fraai akoestisch album van The Albion Band met op dit album een bezetting van slechts 4 muzikanten.

geen traditionals maar 12 door de leden zelf geschreven liedjes afwisselend gezongen met zowel mannelijke als vrouwelijke lead vocalen, waarbij nummers als het aanstekelijke "Crododile Line" (Hutchings) en "Get Up and Do It Again" (Matthews) voorzien worden van de prachtige harmoniezang van zangeressen Julie Matthews en Chris While. beide schreven een groot deel van het songmateriaal individueel of samen en nemen de leadzang op hun eigen liedjes voor hun rekening.

op dit album staan merendeels ballads zoals de prachtige opener "Albion Heart" (Matthews/While), de piano ballad "Colours of Love" (Matthews) of "Long, Long Road" (While) echter niet alle nummers overtuigen. de folky pop van "The Devil in Me" (Matthews) en het bluesy "Gypsy" (While) beklijven minder.

de door Ashley Hutchings geschreven nummers als het eerder genoemde "Crocodile Line", "The Appalachian Front-Porch Game", "Rebecca Johnson" en het met hem co-written " Man in the Bottle" steken naar mijn mening net iets boven de overige nummers uit, uitgezonderd de fraaie, gevoelige ballad "Love Is an Ababdoned Car" (Matthews) en het meer up-tempo "Get Up and Do It Again" eveneens van Julie Matthews.

waar op hun albums "Acousticity" en "Demi-Paradise" 4 respectievelijk 2 instrumentale nummers staan, zijn op dit album alle nummers met zang, wat het luisterplezier ten goede komt.

vermoedelijk is het Engelse folk-icoon de inmiddels 80-jarige Ashley Hutchings die een enorme staat van dienst heeft, al vele jaren niet meer actief in de muziek. de 74-jarige Simon Nicol, eveneens een grootheid in het folk genre, is nog steeds actief met de groep Fairport Convention.

Album werd geproduceerd door The Albion Band
Recorded at Courtyard Recording Studio, Stockport, England

Ashley Hutchings: acoustic bass guitar, vocals
Julie Matthews: keyboards, acoustic guitar, vocals
Simon Nicol: acoustic guitar. mountain dulcimer, vocals
Chris While: acoustic guitar, vocals

The Albion Band - Demi Paradise (1996)

poster
4,0
ben niet zo bekend met "The Albion Band" het geesteskind van Ashley Hutchings, een folk gezelschap dat onder verschillende namen rond de 40 albums produceerde.

aangenaam verrast door de kwaliteit van dit "Demi Paradise". de prachtige ballad "Don't Let Me Come Home a Stranger", een nummer van het Amerikaanse folk duo Robin & Linda Williams zet meteen de toon, gevolgd door het up-tempo "Ivory Tower" (Hutchings/Matthews), waarna wederom 2 fraaie ballads volgen "Along the Pilgrim's Way" (Hutchings/While) met lead zang van Chris Leslie en de piano ballad "My Secret Place" (Matthews) met lead zang van Julie Matthews.

op de gedragen, stemmige traditional "Young Man Cut Down in His Prime" neemt Chris While de lead zang voor haar rekening, waar op de ballad/waltz "When She Sings in the Kitchen" (Hutchings/While) Chris Leslie en Ashley Hutchings de lead vocalen delen met prachtige harmoniezang van Chris While en Julie Matthews.

het aanstekelijke "White Water Running" (Matthews) is dan weer up-tempo, een vervolg op het nummer "Head-Smashed-In-Buffalo-Jump" van het album "Acousticity", waarna er weer een piano ballad "Sea of Sorrow" volgt van Julie Matthews gezongen door Chris While.

"This Blessed Plot" (Hutchings) met lead zang van Ashley Hutchings en Chris Leslie, bevat woorden van Richard Shakespeare's toneelstuk King Richard, een nummer dat als de dameszang invalt met zijn meerstemmige zang kippenvel oplevert. de ballad "Circle Round the Sun" van Chris While door haar gezongen sluit dit fraaie album af.

de instrumentale "reels" (5) en "jigs" (10) van Chris Leslie worden razendknap uitgevoerd, maar zijn niet aan mij besteed. het zijn met name de sterke songs en de prachtstemmen van Julie Matthews, Chris While en Chris Leslie die indruk maken. vandaar een 4 voor dit album.

singer/songwriters Julie Matthews en Chris While maakten beide ook een aantal solo albums en een 3-tal duo albums.

de band ten tijde van dit album:

Ashley Hutchings: acoustic & electric bass, guitars, vocals
Julie Matthews: keyboards, acoustic guitar, vocals
Chris Leslie: fiddle, vocals
Chris While: acoustic guitar, percussion, vocals
Simon Nicol: acoustic guitars, vocals

The Albion Band - Happy Accident (1998)

poster
4,0
"Happy Accident" is de opvolger van het sterke "Demi-Paradise" (1996) en is wat minder samenhangend dan zijn voorganger.

het gros van de nummers schreef Ashley Hutchings samen met gitarist/zanger Ken Nicol die later bandlid zou worden van Steeleye Span en 1 cover "Hearts of Coal" van muzikant/songwriter John Tams.

daarnaast 3 instrumentale nummers (3,5 en 7) van fiddler Joe Broughton, overigens niet de bekende jigs of reels, waarvan het pastorale "Half Each" indruk maakt.

"Wings", "A Chromosome Two" en "Wooden O" met een fraaie brass band zijn energieke, stevige folk-rock nummers en zeker het aanhoren waard, maar mijn voorkeur gaat naar de ballads "Coming Home to Me", "Pear Tree" (co-written Kellie While), het samen met Ken Nicol gezongen "The Sun Is God" en "Death Is Just a Dream (1&2)" met prachtige zang van de zangeressen Gillie Nicholls en Kellie While. ook het aanstekelijke "Midsummer Night Dreams" wil bekoren.

Album werd geproduceerd door The Albion Band
Recorded at Courtyard Studios, Stockport, England

Ashley Hutchings: vocals, acoustic & electric bass guitar
Joe Broughton: acoustic & electric fiddle, piano, synthesizer
Ken Nicol: vocals, acoustic & electric guitars
Neil Marshall: drums, percussion

with guests Gillie Nicholls (vocals - tracks 4,6,10,11,12), Kellie While (vocals - tracks 2,8,13), Brass Band (6,13)

p.s. op 18 april 2025 vond er t.g.v. de tachtigste verjaardag van Ashley Hutchings een door zijn zoon Blair Dunlop samengesteld concert plaats in de Birmingham Town Hall getiteld "The Million Dollar Bash" vernoemd naar een nummer van Bob Dylan, dat ooit gecoverd werd door Fairport Convention op hun album "Unhalfbricking" (1969). net als Steeleye Span een band waar Ashley Hutchings zijn invloeden achterliet, zoals hij dat ook deed op zijn diverse Albion Band bezettingen. gasten waren o.a. John Tams, Simon Nicol en Richard Thompson.

The Band - Islands (1977)

poster
4,0
het laatste studio album van dit legendarische gezelschap in de originele line-up inclusief Robbie Robertson.
uitgezonderd Garth Hudson telde de band 4 prima zangers, waarbij mijn voorkeur uitgaat naar de zang van Rick Danko en Levon Helm.

8 nummers van Robbie Robertson waarvan "Street Walker" co-written met Rick Danko plus 2 covers het up-tempo, stuwend rockende "Ain't That a Lot of Love" met een fraaie blazerssectie, bekend in de versie van soul legendes Sam & Dave en een versie van het aloude "Georgia On My Mind" (Hoagy Carmichael) waar de meningen over verdeeld zijn.

als je er onbevangen naar luister en hun klassiekers buiten beschouwing laat, blijkt dit een prima album te zijn. fraaie ballads als "Let the Night Fall" met zang van Levon Helm en "Christmas Must Be Tonight" worden afgewisseld met typische "vintage" Band nummers als "Street Walker" met zang van Rick Danko en het karakteristieke gitaarspel van Robbie Robertson,"The Saga of Pepote Rouge" met eveneens zang van Rick Danko of het up-tempo "Knockin' Lost John" met de van hun kenmerkende meerstemmige zang.

het up-tempo "Livin' in a Dream" met wederom Levon Helm als lead zanger sluit "Islands" sterk af.

Album werd geproduceerd door The Band
Recorded at Shangri-La (Malibu) & Village Recorders (Los Angeles)

(deel) citaat uit de liner notes van Chris Morris (Billboard Magazine)

"With the exception of the soundtrack album to Martin Scorsese's film of the Band's final concert, "The Last Waltz" (issued as a three-LP set by Warner Bros. in 1978), "Islands" would mark the last time the five original members of The Band would appear together on record. By the time of "Islands" release, the group had already hung up its rock 'n roll shoes-- The Last Waltz concert at Winterland in San Francisco on Thanksgiving 1976 was its last hurrah on stage. They would subsequently regroup as a touring unit in 1984, but without guiding light Robbie Robertson"

The Be Good Tanyas - A Collection (2012)

Alternatieve titel: 2000-2012

poster
4,0
altijd fijn om "nieuwe" muziek te ontdekken. voor mij is dat veelal muziek uit het roots/americana genre. deze verzamelaar van The Be Good Tanyas die ik onlangs uit de uitverkoopbakken viste, is mijn eerste kennismaking met de muziek van dit Canadese damestrio, hoewel de groep mede werd opgericht door de Amerikaanse Jolie Holland, die de groep verliet na hun debuutalbum "Blue Horse". de dames maakten 3 albums. op deze verzamelaar staan 6 nummers van "Blue Horse", 4 nummers van "Chinatown", 4 van "Hello Love" en 2 niet eerder uitgebrachte tracks.

als liefhebber van het genre en mooie vrouwenstemmen, valt de muziek van dit trio helemaal in mijn straatje. een heerlijke mix van (Appalachian) folk en country met veel sterke eigen composities, met spaarzame begeleiding en prachtige, meerstemmige zang. daarnaast ingetogen, ontroerende covers van "Waiting Around to Die" van Townes Van Zandt en "For the Turnstiles" van Neil Young, en fraaie bewerkingen van de traditionals "In My Time of Dying" en het aloude "Oh Susanna" van Stephen Forster, die bekend stond als de vader van Amerikaanse muziek. het tribute album "Beautiful Dreamer" (Songs of Stephen Forster) met bijdragen van o.a. wijlen John Prine, Roger McGuinn en Ron Sexsmith kan ik een ieder aanbevelen, maar dat terzijde.

de rustige, intieme songs worden afgewisseld met up-tempo pareltjes als "Light Enough to Travel" , een nummer van de Canadese singer/songwriter Geoff Berner en hun eigen "Draft Daughter's Blues".
de fiddle op het in blue grass stijl gespeelde 9) "Dog Song" en de klanken van cornet (een koperen blaasinstrument) op "Junkie Song" zorgen voor prachtige accenten.

al met al een heel fijne kennismaking met de muziek van dit al lang opgeheven trio.

ex lid Patricia (Trish) Klein maakte nog 5 albums met het eveneens uit dames bestaande trio "Po'Girl", lid van het 1e uur Jolie Holland maakte inmiddels 7 solo albums en nog een duo album met ex lid Samantha Parton en Frazey Ford maakte 3 solo albums. dat gaat nog een hele ontdekkingstocht worden. waar te beginnen? mede user RonaldjKtipte mij reeds het album "Haunted Mountain" (2023) van Jolie Holland.

Alle tracks van dit verzamelalbum werden in diverse studio's opgenomen in Vancouver, British Columbia, Canada en er speelde een aantal "special guests" mee op deze 3 albums

The Be Good Tanyas (ten tijde van dit album):

Frazey Ford: acoustic guitar, vocals, mandolin, harmony vocals
Patricia Klein: electric guitar, banjo, harmonica, acoustic guitar, harmony vocals
Samantha Parton: mandolin, vocals, acoustic guitar, banjo, piano, harmony vocals

The Beau Brummels - Bradley's Barn (1968)

poster
3,5
het vijfde album van de uit San Francisco, Californië afkomstige Beau Brummels. van de 5 koppige band uit de begintijd spelen op dit album alleen gitarist/lead zanger Ron Elliott en lead zanger Sal Valentino mee. Ron Elliott is de belangrijkste songwriter van de 2 en schreef mee aan 10 nummers waarvan 4 co-written met Sal Valentino. de afsluiter "Bless You California" is een Randy Newman cover.

de Engelse beat invloeden van de "British Invasion" zoals te horen op hun vroege albums zijn op "Bradley's Barn" verdwenen en hebben plaats gemaakt voor overwegend country rock.

de sterke opener "Turn Around" werd gecoverd door de Everly Brothers op hun album "Roots" (1968). andere sterkhouders zijn "Long Walking Down to Misery", "Cherokee Girl", "The Loneliest Man in Town" en "Love Can Fall a Long Way Down".

ook de overige liedjes willen beklijven, maar bij nummers als "I'm a Sleeper", "Jessica" en het rammelende, rommelige "Bless You California" neig ik tot skippen. het laatste nummer verscheen later ook op het gelijknamige Randy Newman tribute album (More Early Songs of Randy Newman).

de band of beter gezegd dit duo viel na de opname van "Bradey's Barn" uiteen. het gelijknamige come back album "The Beau Brummels" (1975) met het song pareltje "You Tell Me Why" bevalt beter. daarna verscheen er nog een live album en het reünie album "Continuum" (2013).

Album werd geproduceerd door Lenny Waronker
Recorded at Bradley's Barn, Mt. Juliet, Tennessee

de Nashville sessiemuzikanten op dit album:

Jerry Reed, Wayne Moss: guitars
Joe Osborn, Norbert Putnam: bass
David Briggs: keyboards
Kenny Buttrey: drums

The Black Family - Our Time Together (1999)

poster
4,5
het derde album van The Black Family met de 2 zussen Frances en Mary en de 3 broers Martin, Michael en Shay Black. alle 5 kinderen werden van jongs af aan opgevoed met muziek en zijn muzikaal zeer begaafd.

de lead vocals op dit album zijn als volgt verdeeld:

tracks 1 en 8 Michael, tracks 2, 6 en 12 Mary, tracks 4 en 9 Frances, tracks 3, 7 en 10 Shay, tracks 5 en 11 Martin.

5 geweldig uitgevoerde traditionals (1,3,5,7 en 11) waarvan het aanstekelijke "McGilligans Daughter" met vrolijke accordeon klanken meteen de toon zet, gevolgd door prachtige ballads als "Sail On" (Dick Gaughan), "Let Her Go" (Dougie MacLean) en het gevoelige "So Here's to You" (Alan A. Bell) alle 3 prachtig gezongen door Mary Black.

dat ook haar zus Frances over een prachtige stem beschikt, valt te horen op de ballads "Rathlin Island" (Cathie Ryan) met hemels mooie samenzang en "All That You Ask Me" (KIeran Goss).

het up-tempo nummer "Killiecrankie" (trad) met fraaie fiddle klanken en de 4 a-capella gezongen nummers "Zoological Gardens" (trad), "The State of Alabama" (trad), "We For One Another" (Peggy Seeger) en het kippenvel bezorgende "Pull Down Below" (trad) zijn nummers die sterk aan het werk van het onvolprezen Engelse folkgezelschap The Watersons doen denken, zorgen voor een fijne afwisseling.

de bekende love ballad "Fare Thee Well a Store" (Padraigin Ni Uallachain) gezongen door Michael Black is eveneens 1 van de vele hoogtepunten.

het afsluitende "A Bird in a Gilded Cage" (Arthur J. Lamb/Harry Von Tilzer) was een favoriet nummer van hun moeder Patti en werd met haar zang opgenomen toen zij nog goed bij stem was.

dit bijzonder fraaie folk album werd opgedragen aan hun moeder en werd in 2004 uitgebracht en niet in 1999 zoals per abuis hierboven vermeld.

"We dedicate this album of songs to your memory. Here's to you, Mam, and our time together.
Josephine Patricia Black, born 13 March 1916, died 25 October 2003, age 87"

Album werd geproduceerd door Phil Cunningham
Recorded at Cauldron Studios, Dublin

Shay, Michael & Martin: guitars, mandolin, banjo, fiddle
Mary: bodhran
Phil Cunningham: keyboards, whistles, piano accordion
Bill Shanley: guitars
James Blennerhassett: bass guitars, double bass
Chris Stout: fiddle
Pat Crowley: piano accordion (track 6)
Daire Bracken: fiddle (track 1)
Danny O'Reilly (track 10), Eoghan Scott (track 12, Dominique Farrell (track 1): backing vocals

The Blazers - Going Up the Country (1996)

poster
3,5
deze EP is een tussendoortje van de aan Los Lobos verwante eveneens uit L.A. afkomstige The Blazers.

de studio tracks 1 en 7 zijn afkomstig van het album "East Side Soul" (1995). de live tracks "Sink or Swim", "Tiburon, Tiburon" en "Short Fuse" verschenen eerder op het studio album "Short Fuse" (1994), zoals
"Going Up the Country" en "Brother" eerder verschenen op het studio album "East Side Soul" (1995).

de weergaloze studio cover van de Canned Heat klassieker "Going Up the Country" (Alan Wilson) evenaart het origineel. de wat rommelige live versie spreekt iets minder aan.

vuig gespeelde Chicano rock (Amerikaans/Mexicaanse rock 'n roll) met 2 eigen nummers "Brother" en "Short Fuse" van de oprichters van de band Manuel Gonzales en Ruben Guaderrama.

"Brother" is een rustpuntje. het Spaanstalig gezongen "Cumbia del Sol" een fraaie cover van een nummer van de Colombiaanse zanger Hector Quintero is samen met "Going Up the Country" favoriet.

The Blazers - Just for You (1997)

poster
4,0
The Blazers werden ooit opgericht door 2 studenten van de "East L.A. High School" namelijk Manuel Gonzalez en Ruben Guaderrama. zij deelden hun passie voor muziek en met name Fender Telecasters. "However, it was due to an earthquake that their school was closed for the day providing them with a perfect opportunity to get together for the first time and as Manuel recalls "to make some noise".

na de 2 eerder door Cesar Rosas van Los Lobos geproduceerde albums is die "noise" goed terug te horen op dit derde album. een mix van o.a. blues, r&b, rock 'n roll en Tex Mex ook wel Chicano rock (Mexicaans/Amerikaanse rock 'n roll) genoemd.

op dit album staan 6 eigen nummers van de band plus een 4-tal tamelijk obscure covers. het aanstekelijke "Just for You" is een prima up-tempo opener met de orgel riedeltjes a la Augie Meyers dat herinneringen oproept aan de muziek van Doug Sahm.

energieke, vuig gespeelde rockers zoals "Nobody Told Me", "Watcha Gonna Do" en "I'm Movin" worden afgewisseld met 2 aanstekelijke Spaanstalige nummers "Las Clases del Cha Cha Cha" en "Tabaco Mascao". op de wat rustigere nummers "When You Call", "Then You Left" en de fraaie ballad "Somebody Please" een obscure cover van The Vanguards (een band uit Florida) wordt wat gas terug genomen.

de up-tempo r&b van "Oh Baby" met een vuige harmonica partij had niet misstaan op een Delbert McClinton album.

de band nu nog bestaande uit Ruben Guaderrama en Raul Medrano werd op dit album aangevuld met o.a. Lee Thornburg en Greg Smith (van de Tower of Power horns), John Logan (harmonica), Jesus Cuevas (accordion), Skip Edwards (Hammond & vox organs) en Pete Anderson (slide guitar).

"Just for You" doet zeker niet onder voor een aantal van de latere soms wat mindere Los Lobos albums.
een aanrader vooral voor de liefhebbers van de meer rockende kant van die band.

Album werd geproduceerd door Pete Anderson
Recorded at Mad Dog Studios, Burbank, California

Manuel Gonzalez: vocals, electric & acoustic guitars, slide guitar
Ruben Guaderrama: vocals, electric & acoustic guitars, high string guitars, baritone guitar, tres
Lee Stuart: vocals, electric bass, three string bass
Raul Medrano: drums, vocals

The Chieftains - Down the Old Plank Road (2002)

Alternatieve titel: The Nashville Sessions

poster
4,0
"From green grass to bluegrass, The Chieftains trace country and bluegrass music to their Irish roots with special guests" laat de sticker op dit album weten, dat de ondertitel "The Nashville Sessions" draagt.

wederom een groot aantal samenwerkingen met allerlei in dit geval Amerikaanse musici, waarop 12 door wijlen Paddy Moloney gearrangeerde traditionals staan plus covers van de coal mining classic "Dark as a Dungeon" (Merle Travis) en "Tennessee Stud" (James Driftwood), beide nummers verschenen eveneens op het onvolprezen "Will the Circle Be Unbroken" van The Nitty Gritty Dirt Band (n.m.m. in betere versies).

"Down the Old Plank Road" is een heerlijke up-tempo opener met accenten van o.a. accordeon en mandoline. "Cindy" is een aanstekelijk bluegrass nummer met zang van Ricky Scaggs, "Don't Let Your Deal Go Down" met onderkoelde zang van Lyle Lovett en "Rain and Snow" met de Del McCoury band, die een geweldig bluegrass album "The Mountain" maakten met Steve Earle, luisteren eveneens lekker weg.

als liefhebber van ballads gaat mijn voorkeur naar "Molly Ban" gezongen door de engelenstem van Alison Krauss, "Whole Heap of Little Horses" (Patty Griffin) en de wals "I'll Be All Smiles Tonight" (Martina McBride). fijne rustpunten op dit wat wisselvallige album.

absolute prijsnummer (althans voor mij) is de traditional "Katy Dear" met Gillian Welch en David Rawlings, een ingetogen versie, waarop de "Celtic sound" met o.a. Uileann pipes en fiddle bescheiden blijft.

van de 3 instrumentale nummers bevalt de onversneden bluegrass van "Sally Goodin" met o.a. banjo specialist wijlen Earl Scruggs het best. de (te) volle, rijke instrumentatie met o.a. fiddles overstuurd klinkende medley met "reels" (van oorsprong Keltische dansen met muziek in snelle 2/4 of 4/4 maat) en de lange finale "Give the Fiddler a Dram" zijn "not my cup of tea".

Album werd geproduceerd door Paddy Moloney
Recorded at Sound Emporium Studio, Nashville, Tennessee

deelcitaat uit de liner notes van Robert K. Oermann

"This album "connects the dots" between our cultures by digging for the shared roots of an Irish shamrock and a Tennessee mountain laurel. It reminds us that it is only a hop, skip and jump from jigs, reels and hornpipes to square dance melodies like "Sally Goodin" and "Cindy".

It should come as no surprise that the creative spark for this extraordinary roots collection came from the Chieftains. The world's most popular Irish band first recorded in Nashville for its 1992 RCA cd "Another Country". That album prefigured the explosion of interest in Southern roots music that has since occurred. The record you hold in your hands confirms the group's status as the ultimate bearer of tradition"

The Chieftains - Santiago (1996)

poster
3,5
dit album werd vernoemd naar Santiago de Compostella, de hoofdstad van de Spaanse provincie/regio Galicië en de band won hiermee in 1997 een Grammy Award voor "Best World Music Album".

wederom een "labor of love" project van wijlen Paddy Moloney, het muzikale brein achter de Chieftains, waarop de Keltische/Galicische muziek wordt vermengd met de kruisbestuiving van deze muziek die als gevolg van emigratie plaats vond in o.a. Mexico, Cuba tot aan Centraal en Zuid-Amerika.

14 door Paddy Moloney bewerkte traditionals en 1 eigen nummer van hem, het lange, instrumentale "Galician Ouverture".

heb een haat/liefde verhouding met de muziek van de Chieftains, "you either love it or you hate it" is wellicht wat te sterk uitgedrukt, maar de vele instrumentale nummers op dit album, hoe razendknap ook uitgevoerd, moeten je als luisteraar wel liggen.

mijn voorkeur gaat dan ook uit naar de nummers met zang en dat zijn er slechts 5 (tracks 3,5,8, 13 en 15), waarbij wel een aantal pareltjes zitten, zoals de koorzang op "Dum Paterfamilias", een lied uit de Middeleeuwen dat door pelgrims werd gezongen tijdens hun pelgrim tochten.

andere hoogtepunten zijn het aanstekelijke "Guadalupe" zeg maar de Mexicaanse connectie, prachtig Spaanstalig gezongen door Linda Ronstadt, de Cubaanse connectie "Galleguita/Tutankhamen" met fraaie, meerstemmige Spaanse zang en de vrolijke medley "Dublin in Vigo", een live opname van een optreden met Galicische dansers en muzikanten met daarop uitbundige zang, opgenomen in de Dublin Pub in Vigo.

Ry Cooder is op mandola te horen op tracks 12 en 13 en de Amerikaanse gitarist Eliot Fisk, een leerling van grootmeester Andres Segovia, speelde "Spanish guitar" op de flamenco muziek van "Maneo".

een 5 voor de knappe arrangementen en de hoogstaande muzikaliteit, maar vanwege de vele instrumentale nummers volsta ik met 3,5 sterren.

Album werd geproduceerd door Paddy Moloney

Recorded at:

tracks 1,2,3,4 Elkar Studios, San Sebastian, Spain
track 5 Convento de San Paio Antealtares, Santiago de Compostella, Spain
tracks 6,9,14 Windmill Lane Studios, Dublin, Ireland
tracks 7 & 10 Auditorio de Galicia, Santiago de Compostella, Spain & Windmill Lane Studios
track 8 Schnee Studios, Los Angeles, California
track 11 DoubleWTronics, Madrid, Spain
tracks 12,13 Estudio Egrem, Havana, Cuba
track 15 The Dublin Pub, Vigo, Spain

deelcitaat uit de liner notes van Paddy Moloney (July, 1996)

"More than 20 years ago my dear friend Polig Monjarret introduced me to the wonderful music of Galicia, a green and hilly region in the northwest corner of Spain. With an economy historically based on fishing and farming, it has traditionally been one of the poorest regions in Europe. Galicians speak their own language (closer to Portuguese than Spanish). The culture, particularly the music, has more in common with those of Brittany, Wales, Scotland and Ireland than Castille or Andalusia. Galicia was once described as "the world's most undiscovered Celtic country".

Other countries with music steeped in the richness of Galician tradition tempted us to continue the pilgrimage. Unfortunately, for now, time and schedules have put an end to our travels. Argentina, Brazil, Venezuela, all will have to wait for another time, another project, another journey back to Santiago"

zover is het niet gekomen, Paddy Moloney (R.I.P. 12-10-2021) begon inmiddels aan een andere reis

The Chieftains - Tears of Stone (1999)

poster
3,5
"a collection of love songs from The Chieftains and special guests" (zie boven). op dit album staan vrijwel uitsluitend traditionals, uitgezonderd "Never Give All the Heart" (muziek Paddy Moloney, tekst van de Ierse dichter W.B. Yeats), het Joni Mitchell nummer "The Magdalene Laundries" en een soort van Japanse remake
"Sake In the Jar" van de klassieker "Whisky in the Jar".

hoogtepunten zijn de versies van Bonnie Raitt, Natalie Merchant, Joni Mitchell, Sinead O'Connor en Joan Osborne. met name de laatste maakt indruk met haar versie van een andere klassieker "Raglan Road".

de bijdragen van o.a. Loreena McKennitt, de Japanse pop en jazz zangeres Akiko Yano en de 2 laatste nummers, het lang uitgesponnen, instrumentale "The Fiddling Ladies" en de jazzy uitvoering van de klassieker "Danny Boy" door de Canadese jazz zangeres/pianiste Diana Krall beklijven een stuk minder. "Siuil a Run" in een versie van de Noorse sopraan zangeres Sissel had een prima afsluiter van dit nogal wisselvallige album kunnen zijn.

deelcitaat uit de liner notes van wijlen Paddy Moloney (November 1998)

"For more than three years, balanced between the continents, the cultures and the impossible schedules of intersecting careers, we labored in love. Our goal was to marry the many-faceted voices of contemporary women artists from around the world with the simple beauty of traditional Irish music. Our dream was that through the interpretive power of these many voices a new voice might be created to accompany that tradition into the future"

The Chieftains - The Long Black Veil (1995)

poster
4,5
van de vele samenwerkingen en live albums van de Chieftains (stamhoofden) met gastartiesten blijft dit album mijn favoriet. hun reguliere albums met veelal instrumentale en traditionele volksmuziek vind ik een hele zit, maar hun albums met "guest musicians" mag ik bij tijd en wijle graag beluisteren, zoals deze "Long Black Veil".

op dit album staan vrijwel uitsluitend traditionals, uitgezonderd tracks 4) Van Morrison, 5) Kevin Connett, het instrumentale 11) van de Chieftains leden Matt Molloy en Sean Keane, en de aloude country klassieker 12) "Tennessee Waltz" (tekst Redd Stewart, muziek Pee Wee King) fraai gezongen door "good old" Tom Jones, dat gekoppeld is aan "Tennessee Mazurka" een tune van Paddy Moloney.

favoriete tracks zijn de 2 nummers met de, of je nu wel of niet van haar stem houdt, onovertroffen zang van Sinead O'Connor. het aanstekelijke titelnummer met zang van Mick Jagger, "The Lily of the West" van Mark Knopfler met ook Paul Brady op gitaar, de ingetogen ballad "Love Is Teasin'" van Marianne Faithfull met Martin O'Connor (accordeon) en James Blennerhassett (double bass) en de vrolijke afsluiter "The Rocky Road to Dublin" met de Stones.

het absolute prijsnummer is "The Coast of Malabar", een traditional met geweldig gitaarspel en prachtige zang van Ry Cooder. 1 van de mooiste, weemoedigste songs die ik ooit heb gehoord, waarop Ry Cooder bewijst wel degelijk te kunnen zingen. ook zijn bijdrage op akoestische gitaar en "floor slide" aan het instrumentale "Dunmore Lassies" mag niet onvermeld blijven.

inmiddels zijn er flink wat artiesten die op dit album meespeelden gaan hemelen, o.a. Sinead O'Connor, Charlie Watts en 4 van de Chieftains leden (Derek Bell de enige Noord-Ier van de Chieftains), Martin Fay, Sean Keane en Paddy Moloney). gelukkig kunnen we van de muziek blijven genieten.

Album werd geproduceerd door Paddy Moloney (with Chris Kimsey & Ry Cooder)
Opnames vonden plaats in Dublin, London, New York City en Los Angeles

The Chieftains bestonden op dit album uit:

Martin Fay: fiddle
Sean Keane: fiddle
Kevin Conneff: bodhran, vocals
Matt Molloy: flute
Paddy Moloney: uileann pipes, tin whistle
Derek Bell: harp, tiompan, keyboards

The Chieftains - Voice of Ages (2012)

poster
4,0
na 13 jaar dan toch een tweede bericht. het laatste reguliere album van The Chieftains (stamhoofden) was wederom een project vol met samenwerkingen met muzikale gasten.

op dit album staan merendeels door wijlen Paddy Moloney gearrangeerde traditionals plus een aantal fraaie covers, zoals "When the Ship Comes In" (Bob Dylan) gezongen door Colin Meloy van The Decemberists, "School Days Over" van de vermaarde Engelse folkie/songwriter Ewan MacColl, een mooie, ingetogen versie met zang van Ben Knox Miller van The Low Anthem en die indrukwekkend wordt ingeleid met koorzang van het Castle Park School Choir.

andere hoogtepunten zijn de prachtige, meerstemmige zang op de Appalachian folk traditional "Come
All Ye Fair and Tender Ladies" met zang van het Amerikaanse country zangtrio Pistol Annies (met o.a. Miranda Lambert) en het bekende "Peggy Gordon" met zang van de eveneens Amerikaanse Secret Sisters (Lydia & Laura Rogers).

ook de versies van de traditionele "murder ballad" "Down In the Willow Garden" met zang van Justin Vernon (Bon Iver) , "Lily Love" met zang van The Civil Wars (John Paul White & Joy Williams), en het aanstekelijke bluegrass/cajun nummer "Pretty Little Girl" met zang van Rhiannon Giddens (Carolina Chocolate Drops) zijn het beluisteren meer dan waard.

van de aloude traditionals "My Lagan Love" met zang van Lisa Hannigan en "Hard Times Come Again No More" met zang van Paolo Nutini ken ik persoonlijk betere versies maar dat mag het luisterplezier niet drukken.

begrijp de opmerking van Bartjeking hierboven wel, maar beschouw dit album als een verzameling fraaie popliedjes met flinke folk en country invloeden en dan kom je een heel eind.
de instrumentale jigs, polkas en reels hoe razendknap ook gespeeld, zijn ook mijn "cup of tea" niet. deze komen pas vanaf track 13 aan bod en zijn dus makkelijk te skippen.

van de oer leden is alleen de 80-jarige bodhran speler Kevin Conneff nog in leven. Paddy Moloney, Matt Molloy en Sean Keane spelen nog mee op dit album en gingen hierna hemelen. eerder deden van dit illustere folkgezelschap de bandleden fiddler Martin Fay en harpist Derek Bell dit al.

Album werd geproduceerd door Paddy Moloney en T Bone Burnett
(opgenomen in studios in Los Angeles, California & Portland, Oregon en een 3-tal studios in Dublin)

The Chieftains featuring Ry Cooder - San Patricio (2010)

poster
4,5
het verhaal wil dat de Ierse Chieftains in 1996 in Cuba waren om hun album "Santiago" op te nemen, waar o.a. Ry Cooder als sessiemuzikant aan meewerkte. bandleider wijlen Paddy Moloney en Ry Cooder ontmoetten elkaar in een bar in Havana waar Paddy hem het verhaal vertelde over het Ierse San Patricio bataljon dat uit het Amerikaanse leger deserteerde om mee te vechten aan de Mexicaanse kant, zoals al eerder hierboven vermeld. van het 1 kwam het ander en uiteindelijk leidde dit later tot dit project in de vorm van een concept album.

Ry Cooder die co-producer was van dit album, speelde overigens slechts op 4 tracks (3,7,14 & 15) mee.
er staan merendeels Latijnse/Mexicaanse traditionals op, een aantal nummers van Mexicaanse componisten, 4 nummers (6,8,10 & 11) met muziek van Paddy Moloney, waarvan "Sailing to Mexico" met de Spaanse muzikant/fluitist Carlos Nunez en "Lullaby for the Dead" met zang van Moya Brennan het dichtst aan de Ierse volksmuziek raken. zijn "March to Battle (Across the Rio Grande)" met de vele tempowisselingen is een regelrecht "goosebumps" nummer, dat naar een prachtige climax toewerkt.

het enige door Ry Cooder geschreven en door hem gezongen nummer is de ballad "The Sands of Mexico", 1 van de vele hoogtepunten, evenals de door Linda Ronstadt gezongen ballad "A la Orilla de un Palmar".

voor de liefhebbers van vrolijke, zomerse conjunto, Tex-Mex en mariachi klanken valt er verder veel te genieten met de bijdragen van de norteno band Los Tigres Del Norte en de traditioneel (Amerikaans) Mexicaanse gezelschappen Los Folkloristas, Los Cenzontles en Los Camperos de Valles, maar ook de 2 bijdragen van de Mexicaanse zangeres Lila Downs en het door wijlen Costa-Ricaans/Mexicaanse zangeres Chavela Vargas intens gezongen "Luz de Luna" zijn niet te versmaden.

een rijk, gevarieerd album waar de vrolijke mariachi klanken van "Persecucion de Villa" worden afgewisseld met prachtige a-capella zang op "Ojitos Negros" ofwel de weemoedige, instrumentale klanken van het intro "Cancion Mixteca" (Ry Cooder, gitaar en Van Dyke Parks piano & accordeon) gevolgd door een aanstekelijk door Jorge Hernandez gezongen versie van hetzelfde nummer. de mooiste versie van "Cancion Mixteca" staat n.m.m. op het album "Paris, Texas" met zang van Harry Dean Stanton.

een razendknap "cross over" album met een soort van culturele kruisbestuiving waar het vakmanschap en de liefde voor muziek vanaf druipt.

Album werd geproduceerd door Paddy Moloney & Ry Cooder
Recorded at New York (NY), Mexico City, San Francisco, Dublin, Galicia (Spain), Morelos (Mexico), Hollywood (CA)

The Country Soul Revue - Testifying (2004)

poster
4,0
een fijne verzamelaar dit maar inderdaad niet zo evenwichtig. eens met Edgar18. de bijdragen 3) en 5) van Larry Jon Wilson zijn naast de 2 nummers van Tony Joe White en 2 nummers van Dan Penn wat mij betreft de hoogtepunten. met name Sapelo is een kippenvel nummer heerlijk gezongen door de man uit Swainsboro, Georgia. hij overleed in Juni 2010 aan de gevolgen van een "stroke" (beroerte).

The Decemberists - The King Is Dead (2011)

poster
4,5
mijn favoriete album van deze uit Portland, Oregon afkomstige band. de band beschikt met Colin Meloy in de gelederen over een uitstekende songwriter, die voor dit album alle songs schreef.

geen complexe songstructuren zoals op een aantal van hun andere albums, maar 10 recht-toe-recht-aan goede tot zeer goede songs met een hoog "feel good" gehalte die qua melodie onmiddellijk aanspreken.

ervaar dit meer als een roots/americana album met folk en country invloeden en niet als pop/rock, dat op aanstekelijke mid-tempo nummers als "Don't Carry It All", "Calamity Song", "Rox In the Box" en "Down By the Water" goed te horen is met de accenten van o.a. accordeon, bouzouki, fiddle, harmonica en pedal steel, voorzien van fraaie harmoniezang.

de pareltjes zijn, althans voor mij, de rustige, ingetogen liedjes als "Rise To Me" met "January Hymn" en "June Hymn" met backing vocals van Gillian Welch en David Rawlings en het wonderschone "Dear Avery" met o.a. backing vocals van Laura Veirs als uitschieters, nummers waar de melancholie van afdruipt.

de prachtige backing vocals van Gillian Welch (op een 3-tal nummers samen met die van David Rawlings) zijn eveneens te horen op tracks 1,3,4,6 en 7. Peter Buck speelde mandoline op track 1 en elektrische gitaar op tracks 2 en 6.

"The King Is Dead" is wellicht hun meest toegankelijke album, dat benieuwd maakt naar hun laatste worp "As it Ever Was, So It Will Be Again" (2024).

Album werd geproduceerd door Tucker Martine & The Decemberists
Recorded Spring/Summer 2010, Pendarvis Farm, Happy Valley, Oregon & Flora, Portland, Oregon

The Everly Brothers - Reunion Concert (1983)

poster
4,5
Don Everly was 46 jaar en Phil Everly 44 jaar toen zij in 1983 samenkwamen voor 2 uitverkochte, achteraf historische optredens in de Royal Albert Hall, Londen. dit reünie concert kan je gerust een uniek tijdsdocument noemen.

heb deze op 1 cd label Emporio (verzamelaar 1995) met helaas slechts 23 nummers, waarop o.a. nummers 10 t/m 15 ontbreken. van de 1e medley ontbreekt eveneens "I Wonder If I Care As Much". "Maybe Tomorrow" staat niet vermeld op het hoesje maar staat dan weer wel op de cd. de 2e medley hier als 1 nummer (9) vermeld, staan er als 3 aparte nummers op.

de broers brengen vele klassiekers ten gehore met de hulp van een prima begeleidingsband waaronder meester gitarist Albert Lee. hun samenzang is na al die jaren verrassend goed en klinkt als vanouds ongeëvenaard.

veel liedjes werden geschreven door het vermaarde songwriter's duo/echtpaar Felice & Boudleaux Bryant, die verantwoordelijk waren voor vele hits van de Everly Brothers, die in 1984 nog een hit scoorden met het Paul McCartney nummer "On the Wings of a Nightingale" afkomstig van het album EB 84, dat door Dave Edmunds werd geproduceerd.

er is opvallend weinig aandacht op MuMe voor de solo albums van zowel Don als Phil Everly, maar dat zal zo z'n redenen hebben. ken deze albums niet.

The Everly Brothers - Stories We Could Tell (1972)

Alternatieve titel: The RCA Recordings

poster
3,5
heb deze als "Stories We Could Tell" (The RCA Recordings) uitgave 1996 op het label Camden met alle 12 nummers van dat album aangevuld met 8 van de 12 nummers van het album "Pass the Chicken and Listen" (1972).

moest bij deze 20 nummers denken aan een schrijfsel van Tonio die ik hierbij citeer "een sterke song kan alles doorstaan, zoals een matige of slechte uitvoering of zelfs een slechte cover, maar een zwak nummer wordt nooit iets, zelfs met de beste zangers en muzikanten".

daar is wat voor te zeggen en zoiets ervaar ik bij de kwaliteit van meerdere nummers op deze compilatie, ondanks de waslijst aan gerenommeerde muzikanten die aan de nummers meewerkten. zelfs het meesterlijke gitaarwerk o.a. Clarence White en Ry Cooder kan dit niet verhelpen. voeg daar aan toe de wat rammelende, rommelige productie van Chet Atkins.

gunstige uitzonderingen zijn "Green River" (D. & P. Everly), "Christmas Eve Can Kill You" (D. Linde) en het niet kapot te krijgen "The Brand New Tennessee Waltz" van Jesse Winchester, 1 van de weinige transparant geproduceerde nummers met alle ruimte voor de prachtige vocalen van de Everly broers.

de nummers van "Pass the Chicken and Listen" bevallen mij net iets beter en de productie van dat album lijkt wat minder dicht geplamuurd dan die van "Stories We Could Tell". de melodie van "Lay It Down" (Gene Thomas) dat sommigen zullen herkennen als Zoek Jezelf een hitje van Kooten & De Bie, blijft wel hangen, maar het zijn vooral de ballads "Husbands and Wives" (Roger Miller) en "Somebody Nobody Knows" (Kris Kristofferson) die indruk maken.

helaas maken de covers van het wel erg zoete "Sweet Memories" (Mickey Newbury), "Ladies Love Outlaws" (Lee Clayton) en "Stories We Could Tell" (John Sebastian) weinig indruk en benaderen deze versies de kwaliteit van het origineel niet. ook hun versie van de rock 'n roll klassieker "Not Fade Away" (Buddy Holly/Norman Petty) wil niet echt beklijven.

ben geen die-hard fan van de EB maar ik mis hier toch wel de sprankeling en magie van hun vroege albums.

(deel) citaat uit de liner notes (J.T. '96) waaruit blijkt dat de muziek recensenten uit die tijd er kennelijk anders over dachten:

"In the early 70's they signed to RCA Records with the intention of recording again, both together and as solo artists. They released two highly acclaimed albums "Stories We Could Tell" and "Pass the Chicken and Listen". Both were produced by Chet Atkins who had previously worked with the brothers at Columbia Records in the 1950's. The finest tracks from both of those landmark records are featured on this compact disc. The albums were described as a "dazzling example of country rock in the Everly style". Although the albums were highly acclaimed by critics, sadly, it was not enough to prevent the brothers from splitting up their long partnership in 1973".

The Felice Brothers - Tonight at the Arizona (2007)

poster
4,5
het tweede album van de mij destijds onbekende Felice Brothers is door de jaren heen een tijdloze "americana" klassieker gebleken, waar geen enkele "mindere" track op staat. samen met de opvolger het gelijknamige "The Felice Brothers" en "Yonder is the Clock" vormt dit album een ijzersterk trio. na het door electronica verstierde "Celebration, Florida" haakte ik destijds af, hoewel het album "Favorite Waitress" (2014), een terugkeer naar hun vertrouwde "rootsy" sound mij aangenaam verraste, maar niet het niveau haalde van de 3 voornoemde albums.

de band bestond ten tijde van dit album uit de 3 Felice broers (Ian, Simone en James) aangevuld met de bloedbroeder bassist die bekend stond onder de naam "Christmas". op het oog een zooitje ongeregeld, maar een stel goede muzikanten die op dit "Tonight at the Arizona" een heerlijke authentieke, ongepolijste sound neerzetten.

favoriete tracks de melancholieke meezinger "Roll on Arte", de ballad "Your Belly in My Arms, de geweldige melodie van "Rockefeller Druglaw Blues" en het aanstekelijke, vrolijke "T For Texas".

een americana album (folk, country, rootsrock) van de bovenste plank. een "must hear of must have" voor de liefhebber van dit genre. benieuwd naar hun onlangs verschenen nieuwe album "Valley of Abandoned Songs" (2024)

Album werd geproduceerd door The Felice Brothers & Jeremy Backofen
All songs written by The Felice Brothers, except
T For Texas (Jimmie Rodgers)
Take This Hammer (Leadbelly)

deelcitaat uit de liner notes van Gabe Soria (February 2007)

"The Felice Brothers live and travel as a unit. Their main mode of transportation is what we call in America a "short bus", a miniature school transport usually reserved for the kind of kids that sometimes need to wear helmets just because. The Felice Brothers short bus is battered and wheezing, but it runs.

They're a bunch of slouching Hudson River Pirates. They're natives of the same wooded portion of Upstate New York that was the sometimes physical and always mythical home of The Band.

They are imperfect and rough in an age of false perfection and polish. Their edges aren't smooth; their clothes (and their voices and their instruments) are tattered, threadbare and frayed. And they're all the more golden and beautiful for it"

The Flatlanders - Now Again (2002)

poster
4,0
na hun 1e album "All American Music" met de toepasselijke ondertitel "More a Legend than a Band" uit 1990, dat overigens oorspronkelijk reeds in 1972 werd uitgebracht als "Jimmie Dale and the Flatlanders", verscheen 30 jaar later dit tweede album van de gelegenheidsformatie The Flatlanders, bestaande uit Jimmie Dale Gilmore, Butch Hancock en Joe Ely. singer/songwriters van het 1e uur alle 3 afkomstig uit Lubbock, Texas. alle 3 zijn geweldige vocalisten, waarvan Jimmie Dale Gilmore wellicht de beste is.

Jimmie Dale Gilmore is de country man, Butch Hancock de folkie en Joe Ely de rock'n roller. de heren vonden elkaar in de liefde voor muziek en begonnen met enige regelmaat met elkaar op te treden onder de groepsnaam The Flatlanders. alle 3 zijn en bleven al die jaren actief als solo artiest en hebben ieder een hele reeks solo albums op hun naam staan. de heren namen op deze albums door de jaren heen elkaar's songs op.

dit 2e album is een heerlijk, ongecompliceerd album met 1 song van de Amerikaanse folk singer Utah Philips, de geweldige opener "Going Away" met een lead vocal van Jimmie Dale Gilmore. track 2) "Julia" werd geschreven door Butch Hancock en alle overige nummers schreven de heren gezamenlijk met z'n drieën.
verwacht geen robuuste roots/rock zoals op de latere albums van Joe Ely, maar een album vol met aanstekelijke nummers, gespeeld door gerenommeerde Austin sessiemuzikanten in verschillende muziekstijlen als country, rockabilly, honky-tonk en Tex Mex. de vocalen worden afwisselend solo uitgevoerd, ofwel meerstemmig door de 3 mannen en soms ook aangevuld met zang van extra vocalisten.

een fraai, gevarieerd "feel good" album waar het spelplezier vanaf spat. niet te versmaden voor de roots/americana liefhebber. "The Flatlanders" zouden hierna nog 4 albums maken.

Album werd geproduceerd door Joe Ely
All songs recorded at Spur Studios, Austin, Texas
except "Julia" recorded at Pedernales Studio, Austin, Texas

de muzikanten op dit album:
Jimmie Dale Gilmore: vocals, acoustic guitar
Butch Hancock: vocals, acoustic guitar, harmonica
Joe Ely: vocals, electric/acoustic/bass guitars, keyboards, dobro, harmonica
Steve Wesson: vocals, saw
Tony Pearson: vocals
Robbie Gjersoe: vocals, acoustic/electric/slide guitars, slide banjo, dobro
Gary Herman: vocals, bass guitar
Rafael Gayol, Chris Searles: drums, percussion
Joel Guzman: accordion

on "South Wind of Summer" the band is:
Lloyd Maines: steel guitar & dobro
Glenn Fukunaga: bass
Mitch Watkins: guitar
Gene Elders: fiddle
Paul Glasse: mandolin
Chris Searles: drums, percussion

on "Down on Filbert's Rise the band is:
Donald Lindley: drums
Glenn Fukunaga: bass
Chris Gage: acoustic guitar

The Flying Burrito Brothers - Hot Burrito (1975)

poster
4,0
inderdaad een hele fijne verzamelaar die inclusief de 6 bonus tracks als volgt is samengesteld:

8 nummers (4,5,8,9,11,12,13,14) van "The Gilded Palace of Sin" (1969)
4 nummers (1,2,7,10) van "Burrito Deluxe" (1970)
plus
"Tried So Hard" (Gene Clark) met prachtige zang van Rick Roberts (vervanger van Gram Parsons)
van het gelijknamige FBB album (1971)
"The Train Song" van "Live At the Palomino" (1969)
"Six Days on the Road" en "Just Because" verschenen eerder op de Nederlandse verzamelaar "Honky Tonk Heaven" (1973).

over het prachtige "Wild Horses" (Jagger/Richards) wordt gezegd "Mick Jagger is said to have written "Wild Horses" for and about Gram".

(deel) citaat uit de liner notes:

"Without any doubt The Flying Burrito Brothers were the most influential band to emerge from the California based country rock movement in the late sixties. founded by former Byrds Chris Hillman and Gram Parsons, the two gentlemen largely responsible for "Sweetheart Of The Rodeo", which many consider to be the first successful attempt to merge rock and country. The Flying Burrito Brothers' first release "Gilded Palace of Sin" was greeted like a champion. Stanley Booth reviewed the album in Rolling Stone like a Gram Parsons solo album. He stated that the album is "the best, most personal Gram yet has done". Their second album "Burrito Deluxe" was released in May 1970 and like its predecessor the reviews were great and sales were low. The exception was Holland where both albums sold extremely well. The Burrito Brothers became Dutch superstars"

The Flying Burrito Brothers - The Gilded Palace of Sin (1969)

poster
4,5
via een vriend van een oudere broer leerde ik de muziek van de FBB kennen. zat zelf in de periode van het groene Soft Machine album en Ummagumma van Pink Floyd, maar volgens hem moest ik deze beluisteren. vond er destijds niet veel aan en de hoes met muzikanten met van die rare "Pipo" pakken sprak mij evenmin aan. ben de muziek pas vele jaren later gaan waarderen.

dit album wordt als een country-rock klassieker beschouwd. muziekrecensent Jan Donkers was destijds lyrisch over dit album waarop het country & western genre volgens velen voor het eerst werd vermengd met elementen uit de rock 'n roll en R&B. dat laatste valt eigenlijk wel mee op dit debuut.

mede oprichter Gram Parsons was fan van o.a. Merle Haggard, George Jones, Elvis Presley en Ray Price. op lokale radiostations kreeg hij verder ook de muziek mee van artiesten als de Louvin Brothers en de Everly Brothers. het laatste is zeker terug te horen in de prachtige harmoniezang van Gram Parsons en Chris Hillman.

liefst 9 nummers waar Gram Parsons een aandeel in had, waarvan 6 co-written met Chris Hillman, 2 "Hot Burrito No. 1 & 2" met Chris Ethridge die eerder ook deel uitmaakte van de International Submarine Band, 1 "Do You Know How It Feels" co-written met songwriter Barry Goldberg plus 2 geweldige covers "Do Right Woman" (Chips Moman/Dan Penn) en de klassieker "Dark End of the Street" (Dan Penn/Spooner Oldham), een nummer dat ook soulzanger Percy Sledge en Ry Cooder ooit prachtig coverden.

geen enkel zwak nummer op deze klassieker. ben een muziekliefhebber en geen musicoloog dus of dit album werkelijk aan de wieg stond van het ontstaan van "country-rock" en een mijlpaal is in dat genre laat ik liever over aan "deskundigen".

Album werd geproduceerd door de Burritos, Larry Marks & Henry Lewy
Recorded at the A&M Studios, Hollywood, California

Gram Parsons: lead & harmony vocals, acoustic guitar, keyboard instruments
Chris Hillman: lead & harmony vocals, acoustic & electric guitar, mandolin
Chris Ethridge: bass guitar, piano, backing vocals
Pete Kleinow (Sneaky Pete): pedal steel guitar

van de 4 drummers op dit album Eddie Hoh, Sam Goldstein, Thomas "Popeye" Phillips en Jon Corneal, was ook de laatste eerder lid van de International Submarine Band. David Crosby zong mee op "Do Right Woman"

The Full English - The Full English (2013)

poster
4,5
Full English is een gratis, digitale website die in 2013 werd opgericht met een database van waaruit je over internet kunt surfen. het bevat 1 van s'werelds grootste verzamelingen van Engelse traditionele volksmuziek. om dit feit te vieren werd zangeres/musicoloog Fay Hield verzocht door de English Folk Dance and Song Society (EFDSS) om vanuit dit immense archief nieuwe muziek te creëren. zij ging op zoek naar muzikanten om dit project uit te werken, hetgeen leidde tot de gelegenheidsformatie The Full English, vernoemd naar het webportaal. een soort van Engelse folk supergroep met grootheden als Martin Simpson, Seth Lakeman, Ben Nicholls, Nancy Kerr en 2 leden van haar band "The Hurricane Party", de multi instrumentalisten Rob Harbron en Sam Sweeney. er volgde destijds ook een tour met deze groep muzikanten.

op dit album staan uitsluitend traditionals veelal afkomstig uit de archieven en 1 "nieuw" nummer van Nancy Kerr, dat prima aansluit bij de songs op dit album. deze zijn gebaseerd op "broadsides" (posters uit het verleden die bepaalde gebeurtenissen aan het volk aankondigden), music hall, sea songs en dance tunes. bij een aantal tracks werden de woorden van de traditionals voorzien met muziek van Fay Hield, Nancy Kerr en Seth Lakeman. track 12) "Linden Lea" is een gedicht van de uit Dorset afkomstige dichter William Barnes op muziek gezet door "collector" Vaughan Williams.

favoriete tracks de opener "Awake, Awake" met schitterende a-capella zang, dat het werk van de onvolprezen The Watersons in herinnering brengt, "Creeping Jane" het enige nummer met lead vocalen van Martin Simpson en "Arthur O' Bradley" met een lead vocal van Fay Hield. op tracks als "Rounding the Horn", "The Servant Man" en met name "Man in the Moon" een ander hoogtepunt op dit album, is het genieten van de prachtige harmoniezang van Fay Hield en Nancy Kerr.

zoals op het hele album, wordt er ook geweldig gemusiceerd op de 2 instrumentale nummers "William and Nancy" en "Brigg Fair", maar daar heb ik persoonlijk minder mee.

Album werd geproduceerd door Andy Bell & The Full English
Recorded at Real World Studios & Underbank, Sheffield

de muzikanten op dit album:
Seth Lakeman: vocals, fiddle, viola, bouzouki
Martin Simpson: vocals, guitar
Fay Hield: vocals
Nancy Kerr: vocals, fiddle, viola
Ben Nicholls: vocals, double bass, concertina
Rob Harbron: vocals, concertina, fiddle
Sam Sweeney: vocals, fiddle, cello, nickelharpa, percussion

uit de liner notes van Malcolm Taylor, Vaughan Williams Memorial Library, bij The Full English:

"The thousands of traditional songs, dances, tunes and customs, mainly noted down from the mouths of rural working classes during the "golden age" of folk music collecting before the First World War, are now freely available via the internet to the world, and particularly to the communities which carried them through the centuries to the point of being recorded by the likes of Cecil Sharp, Ralph Vaughan Williams and Lucy Broadwood.

Since being collected, many of these songs were printed in books and journals, and have been an inspiration to schoolchildren and those involved in the 'high arts' and the folk 'revivals' that have periodically occurred. But they have been presented to this wider audience with varying degrees of editorial influence.
The Full English provides us with 'the voice of the people', sometimes fragmentary, often erratic, but more comprehensively and with more honesty than ever before.

Embedded in these materials is social, family and local history, the story of the collectors and how they worked together, and sometimes against each other, and a record of England in voices not often heard"