MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Via deze pagina blijf je op de hoogte van recente stemmen, meningen en recensies van RonaldjK. Standaard zie je de activiteiten in de huidige en vorige maand. Je kunt ook voor een van de volgende perioden kiezen: januari 2025, februari 2025, maart 2025, april 2025, mei 2025, juni 2025, juli 2025, augustus 2025, september 2025, oktober 2025, november 2025, december 2025, januari 2026

The Hassles - The Hassles (1967) 3,5

22 juli 2025, 13:02 uur

In 1967 heette dit psychedelische rock, waarbij ik moet denken aan The Spencer Davis Group of de eerste drie platen van Deep Purple. Je hoort bij The Hassles namelijk een mengsel van r&b en (westcoast) rock, waarbij expressiviteit voorop staat.
Dit is een coveralbum met werk uit de soul, eentje van Traffic (Coloured Rain) , eentje van Van McCoy (Giving Up) en één eigen compositie: I Can Tell werd geschreven door toetsenist William (Billy) Joel.

Muzikaal gezien een spannende tijd en dat geldt ook voor dit naamloze debuut van The Hassles. Het kan "alle" kanten opgaan met gitaar en elektronisch orgel als fundamenten. Zo is A Taste of Honey deels in driekwartsmaat en in Every Step I Take wordt maar liefst twee violen een bijrol gegund.
Opvallend is dat de nummers nogal eens vrij vlot worden weggedraaid, geheel naar de gewoonte van die dagen. Het doet vermoeden dat er live wel degelijk lange en geïmproviseerde versies werden gespeeld, want menigmaal is zo'n nummer nog niet af.

En nee, dit klinkt geheel niet als de Billy Joel die in het decennium erna solo doorbrak. Mede omdat ene John Dizek zingt, is het geluid van The Hassles geheel anders. Hij heeft een aangename stem met soms een rauw randje, passend bij de toegankelijke psychedelica die hier klinkt.
In 1992 kreeg The Hassles een cd-editie met bonussen, waar soul nadrukkelijker klinkt. Die versie staat op streaming. Aangenaam album, zeker voor hen die van sterk toetsenspel houden.

» details   » naar bericht  » reageer  

Heart - Fanatic (2012) 2,5

13 juli 2025, 13:52 uur

Dit is het Heart waar producer, arrangeur en multi-instrumentalist Ben Mink een grote rol speelt; voor het eerst sinds 1978 ontbreekt zelfs een compositie van Sue Ennis. Het resulteert in Fanatic, een stevig album gevuld met zware rock, die soms in grunge en vaker in blues is gemarineerd.
Het is de tweede bij het label Legacy, dat kennelijk geen overeenkomst met mijn streamingplatform heeft gesloten en dus doe ik het met YouTube. In tegenstelling tot voorganger Red Velvet Car verscheen Fanatic wél op vinyl.

Groot manco: pakkende melodieën en/of arrangementen zijn schaars, net als de ruimte voor akoestische gitaar. Het is dus vooral zwáár met minimale invloed van folk. Zoals het titelnummer, een voorbeeld van deze bloedarmoede en Dear Old America is nauwelijks beter, al is de tekst - over de vader van de zussen Wilson - persoonlijk.

Tegelijkertijd zou Heart geen Heart zijn als er minimaal één uitzondering op de magere composities is te vinden en gelukkig blijft het daar niet bij. Wat mij betreft is de eerste Walkin' Good dat op akoestische basis draait, aangevuld met strijkers, banjo en gastzangeres Sarah McLachlan, die het duet met Ann Wilson zingt.
Dan volgen enkele nummers in de categorie 'aardig'. De bluesrock van Skin and Bones is traag en smerig; bij het intro denk ik steeds dat ik een cover van Kiss van Prince/Tom Jones ga horen... Verrassend is de sequencer van A Million Miles, die de basis vormt van een uptempo nummer met weer die donkere bluesgitaar; als het heftiger wordt, krijgen we de sfeer van grunge.

De tweede helft: Pennsylvania begint klein en bouwt, ondersteund door strijkers, langzaam op naar een bescheiden climax met fraaie samenzang van Ann met zus Nancy. Opnieuw aardig, maar niet genoeg.
Meer zware gitaar in combinatie met melodiearmoede in Mashallah! Zelfs violen vermogen niet Rock Deep (Vancouver) van de middelmaat te redden, al is de tekst interessant: de zussen bezingen de jaren 1974-1975, toen de groep in het Canadese Vancouver woonde omdat de toenmalige mannelijke groepsleden wilden vermijden als militair naar Vietnam te worden uitgezonden.
Dan pas volgt het tweede muzikaal hoogtepunt: 59 Crunch is hard, uptempo, bijna metal en mét violen. Een bijzondere combinatie die het redt dankzij de prima zanglijnen, waarin de stem van Ann kan excelleren.

Wie de bonuseditie kocht, kreeg drie extra's: lekker is het bijna thrashende Beautiful Broken, medegeschreven door ene James Hetfield van dat metalen bandje, Two Silver Rings heeft het níet en het uptempo maar ontspannen Zingara is aardig.

Bij Classic Rock Revisited vond ik een interview over Fanatic. Ze waren kennelijk meer tevreden over dit rockalbum waren dan ik. Daar lees ik ook dat er eveneens in 2012 een bio van de groep verscheen, waarover bij GoodReads wordt geschreven.
Op naar hun tot dusver laatste studioalbum, dat vooral is gevuld met bewerkingen van ouder werk: Beautiful Broken.

» details   » naar bericht  » reageer  

Toyah - Toyah! Toyah! Toyah! (1980) 3,5

13 juli 2025, 09:17 uur

Al na twee studioalbums een livealbum uitbrengen is best raar. En toch: het debuut van Toyah haalde nog niet de Britse albumlijst, opvolger The Blue Meaning kwam tot #40 en dit Toyah! Toyah! Toyah! verscheen in november 1980 om na Kerstmis in januari 1981 in de albumlijst te komen, bescheiden piekend op #56. Dertien maanden later echter keert het daarin terug, maart - april '81 #22. Opgenomen met de Rolling Stones Mobile in Wolverhampton.

Zoals het vorige bericht van bijna twintig jaar geleden vermeldt, maakt het album niet echt indruk. In mijn beleving is het vrij vlak, zonder hoogtepunten en tegelijkertijd ook zonder door het ijs te zakken. Categorie 6,5 of krappe 7.
Een hecht spelende band, energieke new wave met een vleugje punk. Centraal staat de soms hoog uithalende stem van zangeres Toyah Wilcox, maar gum de huilende gitaarpartijen van Joel Bogen niet uit (opener Victims of the Riddle) of de toetsenpartijen van Peter Bush.
Qua songkeuze had het beter gekund, er was keuze genoeg: behalve de opener is op kant 1 alleen Tribal Look echt lekker, op kant 2 geldt dat voor Danced en in iets mindere mate voor Insects. Vormde dat laatste nummer enige inspiratie voor Lullaby (1989) van The Cure, dat over spinnen gaat?

Hoe dan ook, de albumnoteringen bewijzen dat haar populariteit stap voor stap groeide. In 2006 kreeg het een heruitgave waarmee de lengte werd verdubbeld dankzij een concertregistratie uit 1982. Hier niet meer de ritmesectie van bassist Charlie Francis en drummer Steve Bray, maar Phil Spalding en de bekende sessiedrummer Simon Phillips. Bovendien is Bush vervangen door toetsenist Steve Hale. En er staat dan wél de kraker van het debuut op, te weten Neon Womb, die eigenlijk op het originele vinyl had gemoeten. Die uitgebreide versie staat eveneens op streaming.

Mijn reis door new wave kwam vanaf de powerpop van The A's, waar ik tips kreeg over genregenoten van die groep. Sta mij toe deze op te sparen en eerst de muziek van 1980 af te maken. Op naar de gothic van Bauhaus, wier album in dezelfde novembermaand van 1980 verscheen als deze Toyah.

» details   » naar bericht  » reageer  

Stryper - Even the Devil Believes (2020) 4,0

12 juli 2025, 21:27 uur

Voorganger God Damn Evil was me te kalm, als Strypers werk in de tweede helft van de jaren '80. Even the Devil Believes is gelukkig weer explosiever.
Misschien is dat door de toetreding van bassist Perry Richardson, die voor het eerst een album inspeelde. Niet dat hij muziek schreef, maar diens energie is wellicht doorgesijpeld naar Michael Sweet, verantwoordelijk voor de composities. De laatste zou bovendien zijn brood kunnen verdienen met produceren; dat deed hij ook hier en wederom klinkt alles als een klok.

In dit interview vertelde de frontman dat ze een nooit afgemaakt nummer uit 1989 uit de kast hadden gehaald: Invitation Only werd oorspronkelijk geschreven voor Against the Law.
Even the Devil Believes verscheen in september 2020, kort na de eerste coronapandemie en bijbehorende lockdown. Touren was onmogelijk, anno 2025 alweer bijna onbegrijpelijk.

De plaat gaat knallend uit de startblokken met Blood from Above, waarna Make Love Great Again (de titel kennelijk een correctie op de maga-retoriek van Donald Trump) midtempo en zwaar vervolgt. In interviews noemt Sweet nogal eens Judas Priest als invloed: dit klinkt hier terug, maar dan met zijn heldere stem plus de koortjes in de stijl van Stryper.
Uptempo is Let Him In, waarin het vette snaredrumgeluid van Robert Sweet extra opvalt. Do unto Others doet hetzelfde maar dan midtempo, waarna het titellied met een stoempende en aparte riff doordendert. Met overal lekkere gitaarsolo's waarbij de gitaren dik in de mix zitten.

Iets kalmer is How to Fly met een sterk refrein, een apart syntheffect zit in het refrein van de rockende single Divider. Omdat ik niet zo van ballades ben, heb ik minder met This I Pray.
Twinleadgitaren in het intro van Invitation Only uit 1989, waar een eenvoudig toetsenlijntje in het refrein verrassend goed werkt en de koortjes welig tieren. Een groeier. In het rockende For God & Rock 'n' Roll legt de groep hun missie nog eens uit. Inderdaad Kronos, juist vanuit christelijke hoek kreeg Stryper in de jaren '80 zware kritiek, met name uit de kringen rond tv-dominee Jimmy Swaggart.
Laat onverlet dat menig gelovige juist met het grommende Middle Finger Messiah problemen zal hebben. Het besluit het album in vliegende vaart en bevat een tekst waarin het beeld van Jezus als goedbedoelende hippie een andere invulling krijgt. Dit zal niet snel als kerklied worden gebruikt. Alhoewel, je weet maar nooit... Wat het nummer voor de liefhebbers van metal extra aantrekkelijk maakt, is de heerlijke gitaarsolo; jammer genoeg vermeldt de hoes niet of Michael Sweet of Oz Fox deze speelt.

Een sterk album, vaker uptempo dan de voorganger en dus met meer energie. Extra knap als je beseft dat Stryper sinds 2009 elke twee, drie jaar een album uitbrengt. Dat Michael Sweet daarnaast ook solo actief is (sinds 2014 vier albums), plus albums maakte met Sunbomb (tweemaal), George Lynch (driemaal), plús bij nog eens twee projecten, maakt het alleen maar knapper.

PS Op 10 mei schreef ik dat Doug Aldrich in het prille begin lid was van de groep, toen nog Roxx Regime geheten. Dankzij Michael Sweets biografie weet ik nu dat dat incorrect is. Aldrich deed wel auditie, maar de wederzijdse klik ontbrak. Hij speelde in 2014 wél op Michael Sweets soloalbum I'm Not Your Suicide .

» details   » naar bericht  » reageer  

Heart - Red Velvet Car (2010) 3,0

10 juli 2025, 12:56 uur

De opvolger van Jupiters Darling is met dezelfde kern opgenomen: Ann en Nancy Wilson en alleskunner-inclusief-gitarist Craig Bartock, gedrieën schreven ze de nummers van Red Velvet Car. Daarnaast was vaste liedjessmid Sue Ennis medeverantwoordelijk voor twee liedjes. Producer is deze keer Ben Mink, die ook de nodige instrumenten speelde.
De muziek ligt in lijn met de rock van de voorganger, zij het met twee verschillen: folk ontbreekt bijna geheel en de muzikanten met een grunge- of zelfs metalachtergrond zijn vertrokken. Daardoor klinkt meer traditionele rock met daarin de nodige blues. De stem van Ann blijkt met het klimmen van de jaren iets heser geworden en daarmee alleen maar mooier. Sessiedrummer Ben Smith is wederom van de partij.

Ondanks de zes jaar tussenpoos is het een relatief kort album geworden van 37 minuten. Waar je dan een strenge selectie zou verwachten, zijn er weinig uitspringende nummers. Weliswaar wordt recht uit het hart gemusiceerd, de composities pakken lang niet altijd.
Dat geldt niet voor W.T.F. (op mijn loonstrook bedoelen ze daar werktijdsfactor mee), dat met z'n lange akkoorden op elektrische gitaar zó op één van de eerste drie albums had gekund en extra wordt opgestuwd door de emotionele zang. Het was single maar werd geen hit.
Die kwaliteit klinkt in iets mindere mate op het titellied, waar blues prevaleert. In Hey You zowaar enige folk of misschien zelfs countrypop, met een nanana-meezingrefrein. Ingetogen is het eerste deel van Safronia's Mark, dat later op gang komt met een strijkersarrangement en Death Valley bevat de omfloerste rock van de beginjaren.

Wie van in blues gedrenkte rock houdt, zal enthousiaster zijn dan ik. Pakkende melodieën worden te vaak gemist, al houdt de stem van Ann het op een krappe voldoende. Sinds 2010 verscheen geen heruitgave, waardoor Red Velvet Car nog altijd niet op vinyl is verschenen. Het album staat niet op mijn streamingplatform, maar op YouTube vond ik deze gebruiksvriendelijke upload.

» details   » naar bericht  » reageer  

Coverdale / Page - Coverdale / Page (1993) 3,5

10 juli 2025, 06:43 uur

David Coverdale was klaar met het uiterlijk vertoon en meer rond Whitesnake. En er was iets met een gebroken liefde. Hij doekte Whitesnake op en kreeg in 1990 een sololiedje in de film Days of Thunder, het door Billy Idol en filmcomponist Hans Zimmer geschreven The Last Note of Freedom. Tegelijkertijd ging hij zichzelf heruitvinden en toen was daar de ontmoeting met Jimmy Page, die hem naar eigen zeggen het plezier in de muziek teruggaf. Terug naar de wortels, rock zoals Led Zeppelin die in 1969 introduceerde.

De blues zit logischerwijs dik in de geluidsexplosies, ook in mijn oren klinkend als David Coverdale die bij Led Zep zingt. Al is het drumgeluid conform de trend van toen groot. Dat drummer van dienst Denny Carmassi (ex-Montrose, ex-Gamma, ex-Heart) is, vond ik fijn - al las je daar destijds weinig over in de vele artikelen. Alle aandacht ging naar dit "Deep Zeppelin/Led Purple", net als in 1983 toen Ian Gillan de handen ineensloeg met Iommi, Butler en Ward en we "Deep Sabbath/Black Purple" kregen.

Het is alsof na de sterke start met Shake My Tree de boel stukje bij beetje minder en minder wordt, waarbij ik bij Over Now voor het eerst een gevoel van verveling krijg. Dat veel nummers lang duren, helpt niet. Opvallend: Coverdale zoekt vaker ofwel de lage regionen van zijn stem, ofwel de hoogste krijs daarin.

Positieve uitzonderingen in het tweede deel zijn Easy Does It, het toegankelijke Take a Look at Yourself (had zo op Whitesnakes Lovehunter kunnen staan) en slotlied Whisper a Prayer for the Dying met enerzijds akoestische kalmte en anderzijds elektrische uptempo delen op de toppen van Coverdales stembanden. Al geldt ook hier dat de tracklengtes het album van z’n vaart beroven. Een nadeel van de cd, die met z’n maximum van 80 minuten het duo te veel tijd biedt…

» details   » naar bericht  » reageer  

Heart - Jupiters Darling (2004) 4,0

9 juli 2025, 21:38 uur

De reizen door de discografieën van diverse artiesten die lennert en RuudC voorheen deden, leidden regelmatig tot leuke bijdragen. Maar zelden moest ik zo gniffelen als bij het oeuvre van Heart, kennelijk op initiatief van lennert, waar RuudC met de beste wil nauwelijks positieve zaken kon onderscheiden.. Maar wél doorgaan, niet afhaken: hulde!

Heart keerde terug met Jupiters Darling. Maar liefst zestien tracks, bij elkaar iets meer dan een uur durend. Hun langste album ooit, mede dankzij de cd.
Voorbij zijn de vele gastcomponisten van voorheen en zelfs vriendin Sue Ennis leverde maar één nummer (I Give Up), nadat zij met Ann en Nancy Wilson deel was van het project Lovemongers. Daarmee stapt Heart definitief weg van hun jaren '80. Dit met vooral eigen nummers én de kanttekening dat nieuwe gitarist, producer, arrangeur én meer Craig Bartock aan maar liefst veertien tracks meeschreef.

Anders dan lennert het zeven jaar geleden proefde, klinkt wel degelijk frequent het akoestische gevoel van de jaren '70. Dat de generatie grunge assisteerde, bewijst dat Heart was omarmd als peetmoeder van de Seattlescene. Toch zijn gitarist Mike McReady (Pearl Jam, Ozzy Osbourne), gitarist Jerry Cantrell (Alice in Chains), bassist Mike Inez (Ozzy Osbourne, Alice In Chains) en sessiedrummer Ben Smith eigenlijk niet meer dan kleine stukjes chocola op de toch al smakelijke taart. Met altijd de banier van De Stem Van Ann, de terugkeer van de centrale rol van de Akoestische Gitaar Van Nancy en hun soms Verrukkelijke Zusterlijke Vocalen.

Akoestisch en vervolgens hard rockend is opener Make Me, waarna Oldest Story in the World stevig vervolgt. In Things meer akoestische gitaar met een tikkie blues in de stijl van Led Zeppelin. The Perfect Goodbye is een uptempo rocker op akoestische basis waarbij ik bijna aan Melissa Etheridge moet denken. Bijna.
Verstilling in Enough en dankzij toetsen de sfeer van midden jaren '70, naar een fraaie climax opgebouwd. Move On rockt stevig en bijna moet ik aan Meredith Brooks denken. Bijna. Liever de mandoline en opbouw van I Need the Rain! I Give Up verenigt zowel de akoestische als de rockende kant als de sfeer van Etheridge en Brooks. Had eigenlijk een 3FM-hit moeten zijn.

Tweede helft. Vainglorious rockt me te monotoon, No Other Love redt het vanaf het moment dat de mandoline bijvalt op 1'24", gevolgd door strijkers en Led to One heeft een geheimzinnige sfeer met akoestische gitaar en opnieuw violen. Down the Nile rockt robuust met mondharmonica.
Met Lost Angel keert de folkkant terug; het bouwt naar een climax om weer akoestisch te eindigen. Kleinood Hello Moonglow sluit ingetogen af; de stemmen van de zussen vallen hier fraai samen.

De Europese editie bevatte bovendien nog eens twee bonussen. Eerst een prachtige heropname van How Deep It Goes (folk en tweestemmig, oorspronkelijk op Dreamboat Annie uit 1975) en Fallen Ones rockt stevig en aangenaam met een vleugje blues erin.
Mijn voorkeur gaat uit naar de muziek met een akoestische basis. Met de tracks 1, 3, 5, 7, 10, 11, 13, 15-17 hoor ik Heart op z'n sterkst: akoestisch en emotioneel. Vaak een sterke opbouw naar de climax, anderzijds soms folk-klein. In ieder geval muziek uit het hart, ook als ze het scheurpedaal intrappen.

» details   » naar bericht  » reageer  

Blue Murder - Blue Murder (1989) 3,0

9 juli 2025, 17:09 uur

Ik vraag om bronnen en - BAM - daar zijn de weledelgeleerde heren Von Helsing en Edwynn met respectievelijk de kant van Coverdale en de kant van Sykes. Grote dank heren, niks broodje aap dus. Twee haantjes op Coverdales schip zonder onderlinge chemie, behalve dan voor de muziek. Dat werkt inderdaad niet en het valt me mee te lezen dat Coverdale meldt dat de twee zich later verzoenden, al was muzikale samenwerking uitgesloten. Geen verzoeningen zoals tussen Black Sabbath en Ronnie James Dio.

De voorbije dagen heb ik deze Blue Murder regelmatig gedraaid. Zoals ik eerder meldde: de moeite die ik destijds met Sykes' stem had, is er heden ten dage niet. Ik verbaas me zelfs over mijn toenmalige mening. Toch raak ik pas echt enthousiast bij het slotnummer.
Vijf redenen daarvoor: de composities vind ik vrij saai; die matige ideeën gaan te lang door met lengtes van vaak boven de zes minuten; de sologitaren zijn te wollig geproduceerd en bovendien is het drumgeluid (productie van Rob Rock) te galmend. Tot slot houd ik niet van fretloze bas (Tony Franklin), veel te clean en glad.
Iedere hardrockende lezer weet dus dat wie bezwaar 2 tot en met 5 niet deelt er zó minimaal één sterretje bij kan doen. Of de composities je pakken, is een persoonlijke kwestie. Oordeel dus vooral zélf.

Twee nummers bevallen me wél: de rock-in-akoestische-bluessaus van Jelly Roll en slotlied Black-Hearted Woman. Niet geheel toevallig twee nummers die zó door Whitesnake hadden kunnen opgenomen.
Maar verder: véél liever de John Sykes ten tijde van Spellbound en Thunder and Lightning (beide platen met de productie van Chris Tsangarides) of zelfs het ronder geproduceerde Crazy Nights (door Dennis MacKay).
Wat dat betreft laat de volle productie die door Def Leppard werd ingezet zich ook bij Blue Murder als invloedrijk gelden; de directheid van de New wave of British heavy metal was passé. Toch nog drie sterren van mij voor Blue Murder en dat komt door Sykes' gitaarsolo's. Wat een fenomeen was hij toch...

Opeens schiet me te binnen dat er in de eerste helft van de jaren '80 een Nederlandse Blue Murder was. New wave, moet ik ook eens gaan beluisteren.

» details   » naar bericht  » reageer  

The A's - The A's (1979) 4,0

9 juli 2025, 06:47 uur

Slim gekozen naam: met The A's sta je mooi vooraan in de platenbak. Op het titelloze debuut van de groep uit Philadelphia, Pennsylvania, zien we vier mannen in de zwartleren van de Ramones, met als frivoliteit dat gele stropdasje van de meneer vooraan, plús die ene meneer op rechts die een frivolere stijl koos, inclusief alpinopet. Het album kwam via mijn streamingkanaal als suggestie. Kijkend naar de hoes schatte ik in dat dit een popversie van Ramones zou kunnen zijn.

Dát bleek aardig te kloppen: hoes geslaagd! Uitgebracht ergens in 1979, releasemaand onbekend, is de powerpop enerzijds stevig, anderzijds soms iets ingetogener. Met steeds de bedoeling om melodieuze rock 'n' roll te brengen. En zo is ieder nummer een mengsel van energieke rock, expressieve zang, pakkende melodieën en koortjes, waarbij teksten over boy-meets-girl en andere kanten van het tienerleven. De ene keer meer aan de rockende kant, zoals Five Minutes in a Hero's Life, de andere keer meer aan de popkant zoals Words, waar de koortjes extra ruimte krijgen.
Met koptelefoon op vielen de vele details op in de productie van Rick Chertoff. Een naam die ik niet kende, maar getuige Discogs was hij een ervaren kracht.

De hoes vermeldt niet wie welk instrument speelt, maar andere bronnen noemen zanger Richard Bush, gitarist Rick DiFonzo, toetsenist Rocco Notte (wedden dat hij degene is met het alpinopetje?), bassist Terry Bortman en de-drummer-die-snel-is-op-basdrum Michael Snyder. De toetsenbijdragen zijn vrij sober maar verbreden het spectrum naar goedgevulde powerpop.
Slechts op Grounded / Twist And Shout Interpolation werkt het niet, omdat een niet-passende mondharmonica opduikt en er al te nadrukkelijk wordt teruggekeerd naar de Amerikaanse wortels van rock 'n' roll. Het wordt gevolgd door pareltje Nothing Wrong with Falling in Love, behalve het slotlied ook mijn favoriet van de plaat. Als een onbekend liedje van Bruce Springsteen, prachtig vertolkt door Bush.

Aanbevolen voor liefhebbers van landgenoten The Knack en The Romantics en van het Noord-Ierse The Boomtown Rats. The A's doen daar niet voor onder.
Eigenlijk vreemd dat die groepen veel bekender werden. De reden daarvoor is echter simpel: op The A's staat geen hitsingle. De pittige, fijne opener After This Life en de makkere nummers Words / Parasite flopten op 7". Mijn voorkeur gaat echter uit naar drie andere liedjes: ik noemde al het slotnummer en verder zijn daar Artificial Love en Who's Gonna Save the World, waar orgeltje, koortjes, refrein en meer pakkend samenvallen. De puberfrustratie in Teenage Jerk Off is charmant.

In 1981 brachten The A's hun tweede elpee uit, waar ik later zal terechtkomen. Mijn reis door new wave kwam van The Associates en ik keer terug naar november 1980, livealbum Toyah! Toyah! Toyah! van... juist, die.

» details   » naar bericht  » reageer  

The Associates - The Affectionate Punch (1980) 3,5

7 juli 2025, 21:20 uur

Soms "moet" ik een spelbreker zijn. Op reis door new wave kom ik bij een favoriet album van velen hierboven, plus Bono en U2 - ze draaiden The Affectionate Punch van The Associates uit het Schotse Dundee tijdens hun eerste Britse tour in het tourbusje. Een album dat in augustus 1980 verscheen.

Dan heb ik dit inmiddels de nodige malen afgespeeld, maar helaas lieve mensen: het wil me niet pakken. Het is me wat te kil, te steriel - of hoe omschrijf ik dat? Wel leuk, die heldere tenor en stembuigingen van Billy Mackenzie, plus dat de inventieve gitaar- en baslijnen van Alan Rankine evenmin mis zijn. Soms zingen en dansen ze als bij Thin Lizzy en Iron Maiden, grootheden uit een ander muzikaal universum. En toch wil het me niet pakken. Het zit 'm ook in de droge productie, vermoed ik.

Een supporter van dit album zou me nog op twee punten kunnen proberen te overtuigen: Robert Smith van The Cure doet achtergrondzang op The Affectionate Punch and Even Dogs in the Wild. En drummer Nigel Glockler, later bij Toyah en (huh? Huh! Saxon!) is sessiedrummer van dienst, al hoor ik regelmatig ook een drumcomputer, zoals in Paper House.
Of hij wijst me op de chansoninvloeden in Mackenzies zang; dan zal ik zeggen dat ik Brel en Clerc en vele anderen met warmte vindt zingen, iets wat hij op dit album ontbeert. (Ja, ik hou ook van het klassieke chanson en ga graag naar Frankrijk, iets wat ik op MuMe niet vaak heb laten weten. Iets met de Radio Tour de France, dat eind jaren '70 het zaadje plantte.)

Liefhebbers, weest gerust: mijn 3,5 ster vermag niet het huidige gemiddelde van 4 sterren naar beneden te trekken. Ik vind dit ook geen slecht album, maar het wil me niet bij de lurven grijpen. Dat is wat muziek doet: het raakt je gevoel, je instinct. En soms niet. En soms een beetje, zoals hier.
Favorieten: de eerste vier nummers van kant 1 en op kant 2 Would I... Bounce Back, dat wint door de piano en het ruimtelijker geluid van de gitaar.

Album of singles bereikten niet de Britse lijsten. Sinds 2005 verschenen enkele geremasterde en uitgebreide cd-edities, waarbij de eigenwijze single waarmee het nog vóór deze elpee begon: de cover van Boys Keep Swinging van David Bowie.

Mijn reis door new wave kwam vanaf november 1980 en Tom Robinson/Sector 27. Voor het vervolg moet ik wederom terug in de tijd, omdat ik alweer een album had gemist: op naar 1979 en een titelloos debuut, Amerikaanse powerpop van The A's.

» details   » naar bericht  » reageer  

Lovemongers - Here Is Christmas (1998) 3,5

Alternatieve titel: Heart Presents a Lovemonger's Christmas, 6 juli 2025, 23:08 uur

Bloedheet was het afgelopen week en in de instelling waarin ik verblijf, speelde ik LUID dit Here Is Christmas af, het tweede album van Lovemongers. Ben namelijk door de discografie van Heart aan het ploegen en had voor dit project van de dames Wilson geen zin om te wachten tot december. Het is de opvolger van Whirlygig.
Een verpleegster kwam binnen en ik groette haar vriendelijk, maar over de muziek heen riep ze met nijdig gezicht: "Of het wat zachter kan!" Toen hoorde ze dat ik kerstmuziek draaide. Ze draaide zich subiet om, keerde terug met twee sterke broeders die mij in een dwangbuis rolden en me volspoten met één of ander kalmerend middel. Luid legde ik uit waarom ik in de hitte kerstmuziek afspeelde, het mocht echter niet baten: in de isolatiecel. Na 72 uur kon ik terug naar mijn kamer en nu kan ik dan eindelijk dit stukje schrijven.

Afgezien van de thematiek is de muziek sterk genoeg om buiten het kerstseizoen af te spelen. Dit omdat het hoofdzakelijk eigen composities zijn van Ann en Nancy Wilson, hun vaste gastschrijfster Sue Ennis en vierde groepslid Frank Cox. Dit kerstalbum is de derde van Lovemongers. Van Cox' hand is The Last Noel dat hij zelf zingt, ondersteund door mandoline, een instrument dat vaker opduikt op dit sfeervolle album.
In Christmas Waits klinkt lichte jazz door in zijn gitaarspel, maar over het geheel overheerst kwaliteitspop.
Driemaal wordt er geleend: track 5 is het klassieke Ave Maria (1825) van Franz Schubert en het is bijzonder om Ann Wilson eens in die stijl te horen zingen, begeleid door harp. Geraakt tot in de tenen word ik door Bulalow, waarvan het origineel (1535) teruggaat tot de Duitse reformator Maarten Luther.

Het album verscheen oorspronkelijk in oktober ’98 onder de vlag van Lovemongers, maar in 2001 volgde een heruitgave met nieuwe hoes plus als titel Heart Presents A Lovemongers Christmas ; een volgende versie uit 2004 voegde twee nummers toe en in 2006 volgde de versie die ook op streaming staat. Hierbij is ook de trackvolgorde gewijzigd. Van die twee extra nummers domineert folk in Mary en kalme jazz in Let's Stay In, compleet met trompetsolo.
Een aangenaam, rustig plaatje dat afwijkt van hetgeen Heart doet. Dit zijn dan ook de Lovemongers. Bovendien één van de betere kerstalbums met innemend eigen werk, kerstclichés vermijdend.

De zussen Wilson legden hierna weer de nadruk op Heart. In 2004 verscheen Jupiters Darling.

» details   » naar bericht  » reageer  

Wytch Hazel - V: Lamentations (2025) 4,5

5 juli 2025, 14:02 uur

We zetten de klok terug naar circa 1975, alsof punk en digitale technologie nog niet zijn gearriveerd. Op de nieuwe (ja, echt 2025) Wytch Hazel uit Lancaster in het Verenigd Koninkrijk klinkt goudeerlijke gitaarrock van het stevige kaliber. Hardrock met véél ruimte voor twingitaren, kalme zang en in vergelijking met voorheen worden de solo's steeds pakkender.

De hoes doet onmiddellijk denken aan Argus van Wishbone Ash uit 1972 en V: Lamentations is muzikaal gezien het steviger broertje daarvan. Je zou ook vergelijkingen met het Thin Lizzy van midden jaren '70 kunnen maken. Hardrock op een akoestische basis, hier en daar instrumentale folk (Elixir bijvoorbeeld) ter variatie. Lekker stevig én transparant geproduceerd door Ed Turner.
Ik doe het nu nog met streaming (héérlijk op de snelweg, gisteren!), maar eigenlijk is dit een album dat met de hoes en de sfeer om aankoop op vinyl schreeuwt.

Bij de VRT las ik een artikel over een "groep" die het goed doet op streaming, maar in werkelijkheid is gemaakt door kunstmatige intelligentie. Mede daarom ontstaat veel aandacht daarvoor. Kunnen we het dan vervolgens niet beter over iets echts als deze Wytch Hazel hebben?

Ik begin maar eens met 4.5 ster. Vergeet voor even moderniteit en dompel je onder in dit heerlijke gitaar- en liedjesbad. Van voren af aan: we zetten de klok terug naar circa 1975, alsof...

» details   » naar bericht  » reageer  

Lovemongers - Whirlygig (1997) 4,0

3 juli 2025, 18:38 uur

Vanaf Dog & Butterfly (1978) is Sue Ennis een vaste leverancier voor Heart, door menig liedje te schrijven. En wanneer je met je groep toe bent aan een rustpauze, maar wél zin hebt om verplichtingenvrij muziek te maken, groeit daar spoedig het plan om zijproject The Lovemongers iets serieuzer aan te pakken. Dit echter zonder grootse plannen: lekker ontspannen een album opnemen en wat knusse concertjes erbij.

Blijkens dit interview begon de groep toen de gezusters Ann en Nancy Wilson in januari 1991 werden gevraagd voor een akoestisch optreden. Ennis doet mee, net als gitarist Frank Cox, wiens vrouw als makelaar in de kennissenkring van de familie Wilson was beland.
Al in 1993 is daar een eerste geluidsdrager van The Lovemongers met vier livecovers op Battle of Evermore. Vanaf 1995 belandt Heart in de koelkast, uitgezonderd incidentele optredens, waarbij Cox de nieuwe gitarist is. Maar Nancy wil meer tijd voor haar gezin en dus worden (The) Lovemongers ineens wat belangrijker. In '97 is daar Whirlygig.

Natuurlijk gaat de fan vergelijken met Heart, maar men zij gewaarschuwd: dit is een hobbygroep die eens zónder de verwachtingen en verplichtingen van het moederschip vliegt. Whirlygig klinkt verrassend ontspannen en regelmatig proef ik de spontaniteit en relatieve eenvoud van de eerste albums van Heart. Oeps, trap ik meteen in de val door tóch te vergelijken...

Muzikaal klinken invloeden door van namen die Cox in het interview noemt: onder meer Joni Mitchell, Patti Smith en Dead Can Dance. Veel nummers hebben een akoestisch gevoel en een gelukzalige loomheid. Zoals opener City on a Hill, Miracle Girl bevat een vleugje countryrock en het stemmige Two Black Lambs fraaie koortjes en orgel.
In het middendeel worden zijpaadjes verkend middels buitenbeentjes. Eerst het (te?) vrolijke No School Today en The Vegas Gene, dat na een bluesstart een drumcomputertje krijgt met daarbij cafégeluiden; hier is het Cox die zingt. Meer blues in Kiss, waar Ann weer bij de microfoon staat.
Dan keren de akoestische gitaren terug om niet meer te vertrekken. Eerst het kroonjuweel van dit album, te weten Runaway. Daarin ook dwarsfluit, harp en klavecimbel. Een juweeltje. Elysian is uptempo, op het trage Heavy Sedation zingt Cox weer en Sand is een fraaie ballade tot besluit. En dat zegt iemand die niet zo van ballades is.

Tot vandaag had dit album één stem en nul berichten. Snap ik niet. Whirlygig staat op streaming: oordeel zelf of ik gelijk heb, als ik beweer dat dit een klein pareltje is. Ingetogener dan Heart, wat meer akoestisch en popgericht en vooral heerlijk ontspannen.

» details   » naar bericht  » reageer  

Def Leppard - On Through the Night (1980) 4,5

2 juli 2025, 22:26 uur

stem gewijzigd, oorspronkelijke stem was 4,0 sterren

» details  

Stryper - God Damn Evil (2018) 3,0

2 juli 2025, 20:48 uur

Met de nodige moddersmijterij was Tim Gaines bij Stryper vertrokken. Hij is tegenwoordig als sessiemuzikant actief in de country. Nieuw was Perry Richardson, zoals Kronos zeven jaar geleden al noemde; blijkens de kleine lettertjes was John O'Boyle bassist van dienst tijdens de opnamen. Hij speelt normaliter op Michael Sweets solowerk.

Hierboven en elders lees ik vooral positieve verhalen over God Damn Evil, ik word echter niet enthousiast. Qua stijl ligt alles wel vast, verrassingen kom ik niet tegen. Dat hoeft ook niet, als de composities maar goed zijn en die mis ik. Kennelijk behoor ik daarin tot een minderheid.

De scream van gastzanger Matt Bachand in opener Take It to the Cross is grappig, maar na tweemaal gaat het refrein me al vervelen. Zo blijft het in de meeste gevallen, terwijl de heren wel degelijk lekker musiceren. Er is echter weinig waarbij ik word gepakt door een melodie- of gitaar- of wat voor lijn dan ook. Veel midtempo werk, zeg maar op de wijze van klassieker To Hell with the Devil; het titelnummer lijkt zelfs een deel 2 daarvan. Vooral de eerste helft van het album lijdt hieronder.

Uitzonderingen zijn er. Allereerst het langzame, slepende You Don't Even Know Me. Dit door de riff en de melodie in de coupletten. Later wordt het uptempo.
Het eveneens trage The Valley, gebaseerd op psalm 23, slaagt erin om bij vaker afspelen te groeien; de tekst van de originele tekstschrijver (hij leefde zo'n 3000 jaar geleden) is tijdloos en het gitaarduel tussen frontman Michael Sweet en gitarist Oz Fox appetijtelijk.
Eindelijk is er dan weer uptempo werk dankzij het aardige Sea of Thieves met opnieuw een pakkend solodeel; het refrein van Beautiful mag er zijn, maar dit is weer zo'n midtempo nummer.
Net als ik in slaap sukkel, is daar de felle uitzondering The Devil Doesn't Live Here, waar de groep nog eens duidelijk maakt wat de missie is, terwijl Robert Sweet zijn drumstel in de hoogste versnelling zet en Fox een gemene solo neerzet.

Wie graag kalmere, melodieuze metal hoort zal enthousiaster zijn dan ik. Mijn indruk is dat de werkwijze van Stryper (Michael Sweet sluit zich gedurende enkele dagen op en schrijft in zijn eentje alle nummers) zijn keerzijde heeft. Jammer dat Fox zo weinig schrijft... Maar zoals gezegd: ik schijn een uitzondering te zijn.

» details   » naar bericht  » reageer  

Tom Robinson - Sector 27 (1980) 3,5

2 juli 2025, 19:59 uur

Op reis door new wave kom ik van het debuut van The Psychedelic Furs bij het solodebuut van Tom Robinson. Nou ja, solo... Gezien de hoes lijkt dat logisch, maar al lezende ontdek ik wat anders. Eigenlijk werd hij onderdeel van de groep Sector 27.

De tweede van de Tom Robinson Band was geflopt, terwijl het niet onderdeed voor het debuut. Vermoedelijk liep zijn platencontract af, vandaar de doorstart bij Sector 27, waarbij zijn naam wél op de hoes kwam. Die was immers al bekend, goed voor de publiciteit.
Wat ik tevens ontdekte: in augustus 1980 scoorde hij als co-schrijver van Elton Johns Sartorial Eloquence een #44-hit in het Verenigd Koninkrijk.

Overeenkomst tussen The Psychedelic Furs en deze Sector 27 is producer Steve Lillywhite, in diezelfde dagen furore makend met het debuut van U2. En ja, dat is te horen. Het gitaargeluid van Stevie B (Blanchard) doet denken aan dat van de groepen Skids en U2.
Dat al meteen op bij de lekkere opener Invitation, dat inderdaad klinkt alsof Robinson zanger werd bij één van die twee groepen. Die sfeer van energieke gitaarwave zet zich voort met Not Ready, waarna Mary Lynne wat grimmiger rockt.
Met het vriendelijke en energieke Looking at You en het net zo felle maar ernstiger Five Two Five loopt kant 1 vloeiend voort. Die laatste heeft een pakkende riff, waar de bas van Jo Burton met een flangereffect melodieus tegenwicht biedt. Drummer Derek Quinton gaat aan het einde heerlijk lós.

Kant 2 opent met Total Recall, dat zomaar een fijn liedje van Fischer-Z had kunnen zijn. Het vlotte Where Can We Go laat ruimte in het arrangement, Take It or Leave It is rechttoe rechtaan en de teleurstelling van een vader in diens zoon wordt bezongen in Bitterly Disappointed, met daarin een vleugje ska. Kale, scheurende gitaar in afsluiter One Fine Day.
Op streaming vind ik drie bonussen, die blijkens Discogs niet van een cd-editie van dit album stammen - die zou nooit zijn verschenen. Komen ze van Sector 27 Complete uit 2001? Hoe dan ook, in Dungannon met reggaerock, in Now Martin's Gone synthrock en Love Comes is een zang-met-elektronisch-orgel-kleinood.

Toch is het originele album voldoende. Net als reptile71 heb ik een lichte voorkeur voor kant 1. Sector 27 verscheen in november 1980 en haalde niet de albumlijsten, mede omdat hitsingles ontbraken. Robinson verliet hierop de groep, die evenwel nog enkele jaren doorging, daarbij zonder succes enkele singles uitbrengend. Die staan dus op Sector 27 Complete.

Mijn reis door de new wave van 1980 vervolgt. Het is opnieuw de biografie 'Surrender' van Bono die me erop wijst dat ik behalve de Psychedelic Furs nóg een album was vergeten. Het komt van een lijstje met albums die U2 afspeelde tijdens de lange busreizen gedurende een Britse tournee dat jaar. Op naar het debuut van The Associates.

» details   » naar bericht  » reageer  

The Lovemongers - Battle of Evermore (1993) 4,0

1 juli 2025, 23:06 uur

In 1993 bracht Heart Desire Walks On uit, in hetzelfde jaar verscheen live EP Battle of Evermore van hun "zijproject" The Lovemongers. Nou vind ik de term EP te romantisch voor een cd-maxisingle, maar goed. Vier liedjes waarvan drie covers. Deels akoestisch, dit waren de hoogtijdagen van (MTV) unplugged.

Het titelnummer is één van de beste nummers van Led Zeppelin en ook bij Heart wordt het gedragen door mandoline. Daarna Love of the Common Man van Todd Rundgren, uit de soularchieven komt het met elektrische wahwahgitaar opgeluisterde Papa Was a Rollin' Stone van The Temptations en tot slot Crazy on You van hun eigen Heart, dat een nieuw intro kreeg.

Een beetje fanatieke fan van Heart zou dit schijfje moeten hebben.

» details   » naar bericht  » reageer  

Heart - Desire Walks On (1993) 3,5

1 juli 2025, 21:58 uur

1993. De dagen van grote haardossen zijn voorbij, ingeruild voor ruitjesoverhemden en grunge. In '91 verscheen van Heart nog Rock the House Live!, waarna bassist Mark Andes vertrok.
De successen van Heart waren in de jaren '70 en '80 enorm en laat die groep nou uit Seattle komen, de bakermat van... grunge. De gezusters Wilson werden prompt tot peetmoeders van het genre gebombardeerd, al zal dat meer vanwege de voortrekkersrol zijn geweest. Seattle ligt immers letterlijk in een verre uithoek van de VS en toch schopte Heart het tot een nationale topact, inmiddels succesvol in hun derde decennium.
Op de hoes hebben ze een jaren '60 flowerpowerkledingstijl omarmd als symbool van vernieuwing. Verder zou dit de laatste blijken met gitarist Howard Leese (album #11!) en drummer Denny Carmassi (#5).

Soms is het raak, soms niet. Al is dat echt een kwestie van smaak. In de categorie 'raak': stevig is de vlotte opener Back on Black II van de hand van Dalbello, met Back to Avalon klinkt iets van de akoestische rock van hun jaren '70-werk; piano vormt de basis van semiballade In Walks the Night, waar de jaren '80 domineren.

In de categorie 'aardig' beleef ik Rage, waarvan ik me kan voorstellen dat fans van Whitesnake en Coverdale/Paige dat kunnen waarderen. Het heeft met z'n oosterse melodielijn iets van Led Zeppelin, een favoriete groep van de gezusters. Ballade Ring Them Bells gaat me na een paar keer vervelen, maar op zich is het duet met Layne Staley van Alice in Chains (goed voor de nodige media-aandacht) best lekker. Ballade Anything Is Possible, ook van Dalbello, heeft akoestische gitaren als een minder spannende versie van RSVP van Bad Animals (1987).

De rest vind ik dus minder, waarbij Voodoo Doll met z'n "Phil Collins drums" het zwakke buitenbeentje vormt, knallend in een vervelend geluidsbad. Het titelnummer sluit met enige percussie de cd af, maar duurt te lang.
O ja, de cd! De elpee was in '93 hard aan het verdwijnen en om ons extra te verlokken tot de kleine opvolger volgen twee nummers in het Spaans. Geinig maar niet meer dan dat.

Desire Walks On. Enerzijds de muzikale pootjes nog stevig in de jaren '80, anderzijds klinken lichte verschillen. Al met al iets lekkerder dan voorganger Brigade. Het zou tot 2004 duren voordat er nieuw studiowerk van Heart verscheen, in 1993 (live-EP/cd-maxisingle) en vooral '97 was er echter een andere groep van de dames Wilson: op naar Lovemongers.

» details   » naar bericht  » reageer