Hier kun je zien welke berichten Ronald5150 als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Lohues & The Louisiana Blues Club - Grip (2005)

4,5
0
geplaatst: 24 februari 2012, 19:12 uur
Bluesmuziek is volgens de kenners de oorsprong, of de roots zo te zeggen, van de moderne popmuziek. Met die gedachte is het eens tijd om terug te gaan naar mijn eigen roots. Die roots zijn bijna 32 jaar geleden begonnen in Drenthe. En wat blijkt: Drenthe heeft niet alleen mij voortgebracht, maar ook één van mijn favoriete muzikanten, Daniël Lohues. Bij Lohues denk je niet direct aan de blues, maar wellicht eerder aan de Drentse band Skik die met het aanstekelijke “op fietse” een grote hit heeft gehad. Eerlijkheid gebied me overigens te zeggen dat ik Skik (en daarmee Daniël Lohues) in die tijd nooit echt interessant heb gevonden. Dit alles veranderde in 2003 op een personeelsfeest van de toenmalige werkgever van mijn vrouw Brigitte.
Een niet nader te noemen energiemaatschappij had op die bewuste avond de Jaarbeurs te Utrecht afgehuurd, waar diverse Nederlandse artiesten een optreden verzorgden. Op het affiche prijkte de naam “Lohues & The Louisiana BluesClub”. Dit zei mij in eerste instantie niets, maar de naam Lohues deed een belletje rinkelen en Brigitte en ik besloten deze band maar eens te gaan aanschouwen. Toen Daniël Lohues in zijn tuinbroek en met een Fender gitaar om zijn schouder het podium opstapte en de aanwezige toeschouwers in het plat Drents begroette met “Moin” ontstond er een glimlach op mijn gezicht die de hele avond niet meer verdween. Dit werd kracht bijgezet door de eerste tonen die de band produceerde. Authentieke blues gezongen in Drents dialect. Het plattelandsgevoel kwam weer bovendrijven en ik waarde mij terug in Drenthe, maar het had net zo goed Mississippi, Alabama of Louisiana kunnen zijn.
Wat mij ook in positieve zin heeft verrast is het gitaarspel van Daniël Lohues. Nu nam hij in Skik ook de gitaar ter hand, maar in de blues kan hij echt excelleren. De ene keer rauw en indringend, de andere keer intens en gevoelig. Daarnaast spat de kwaliteit van de gehele band er vanaf. Het is duidelijk merkbaar dat we hier te maken hebben met rasechte blues muzikanten. Dit draagt bij aan de echte blues sfeer die het album uitstraalt.
De verhalen op “Grip” gaan verder dan de liefde en relaties. Er komen zelfs maatschappelijke thema’s als economie versus milieu voorbij in het nummer “Nils Holgerssons blues”. In het nummer “scheuvel blues” bezingt Lohues zijn voorliefde voor de winter en dan voornamelijk volksbezigheid nummer één van ons Nederlanders; het schaatsen. Maar let op, zoals vaak bij Lohues zijn teksten, er zit altijd een addertje onder het gras (of ijs). In het slow blues nummer “boggel in ’t rad” vertelt Lohues hoe een fietstochtje met een meisje (wichie) achterop door het Drentse land ontaard in een klein drama. Je zou dit nummer als de blues interpretatie van het Skik nummer “op fietse” kunnen beschouwen. Prijsnummer is wat mij betreft het titelnummer “Grip”. Iedereen interpreteert muziek op zijn eigen manier, maar ik moet bij dit nummer direct denken aan blues klassieker “Crossroads”, waar Lohues net als blues man van het eerste uur Robert Johnson over zijn relatie met de duivel vertelt.
Puristen zullen wellicht zeggen dat op "Grip” alle blues clichés voorbij komen. Dat mag wellicht zo zijn, maar de intensiteit, passie, maar vooral ook het plezier waarmee de muziek is gemaakt pleiten absoluut voor Daniël Lohues en zijn kompanen. Uiteindelijk is kwaliteit en het persoonlijke gevoel de doorslaggevende factor, en dat is aan Daniël Lohues wel toevertrouwd. Nederland mag zich gelukkig prijzen met een dergelijke authentieke ras muzikant als Daniël Lohues. Ook zijn recentere muzikale werkjes (de “Allennig” reeks en zijn album “Hout Moet” uit 2011) zijn weer pareltjes voor de echte liefhebber, waar zo nu en dan de blues roots van Lohues weer boven komen drijven. De cirkel is rond!
Een niet nader te noemen energiemaatschappij had op die bewuste avond de Jaarbeurs te Utrecht afgehuurd, waar diverse Nederlandse artiesten een optreden verzorgden. Op het affiche prijkte de naam “Lohues & The Louisiana BluesClub”. Dit zei mij in eerste instantie niets, maar de naam Lohues deed een belletje rinkelen en Brigitte en ik besloten deze band maar eens te gaan aanschouwen. Toen Daniël Lohues in zijn tuinbroek en met een Fender gitaar om zijn schouder het podium opstapte en de aanwezige toeschouwers in het plat Drents begroette met “Moin” ontstond er een glimlach op mijn gezicht die de hele avond niet meer verdween. Dit werd kracht bijgezet door de eerste tonen die de band produceerde. Authentieke blues gezongen in Drents dialect. Het plattelandsgevoel kwam weer bovendrijven en ik waarde mij terug in Drenthe, maar het had net zo goed Mississippi, Alabama of Louisiana kunnen zijn.
Wat mij ook in positieve zin heeft verrast is het gitaarspel van Daniël Lohues. Nu nam hij in Skik ook de gitaar ter hand, maar in de blues kan hij echt excelleren. De ene keer rauw en indringend, de andere keer intens en gevoelig. Daarnaast spat de kwaliteit van de gehele band er vanaf. Het is duidelijk merkbaar dat we hier te maken hebben met rasechte blues muzikanten. Dit draagt bij aan de echte blues sfeer die het album uitstraalt.
De verhalen op “Grip” gaan verder dan de liefde en relaties. Er komen zelfs maatschappelijke thema’s als economie versus milieu voorbij in het nummer “Nils Holgerssons blues”. In het nummer “scheuvel blues” bezingt Lohues zijn voorliefde voor de winter en dan voornamelijk volksbezigheid nummer één van ons Nederlanders; het schaatsen. Maar let op, zoals vaak bij Lohues zijn teksten, er zit altijd een addertje onder het gras (of ijs). In het slow blues nummer “boggel in ’t rad” vertelt Lohues hoe een fietstochtje met een meisje (wichie) achterop door het Drentse land ontaard in een klein drama. Je zou dit nummer als de blues interpretatie van het Skik nummer “op fietse” kunnen beschouwen. Prijsnummer is wat mij betreft het titelnummer “Grip”. Iedereen interpreteert muziek op zijn eigen manier, maar ik moet bij dit nummer direct denken aan blues klassieker “Crossroads”, waar Lohues net als blues man van het eerste uur Robert Johnson over zijn relatie met de duivel vertelt.
Puristen zullen wellicht zeggen dat op "Grip” alle blues clichés voorbij komen. Dat mag wellicht zo zijn, maar de intensiteit, passie, maar vooral ook het plezier waarmee de muziek is gemaakt pleiten absoluut voor Daniël Lohues en zijn kompanen. Uiteindelijk is kwaliteit en het persoonlijke gevoel de doorslaggevende factor, en dat is aan Daniël Lohues wel toevertrouwd. Nederland mag zich gelukkig prijzen met een dergelijke authentieke ras muzikant als Daniël Lohues. Ook zijn recentere muzikale werkjes (de “Allennig” reeks en zijn album “Hout Moet” uit 2011) zijn weer pareltjes voor de echte liefhebber, waar zo nu en dan de blues roots van Lohues weer boven komen drijven. De cirkel is rond!
Lohues & The Louisiana Blues Club - Ja Boeh (2003)

5,0
0
geplaatst: 24 februari 2012, 19:10 uur
Bluesmuziek is volgens de kenners de oorsprong, of de roots zo te zeggen, van de moderne popmuziek. Met die gedachte is het eens tijd om terug te gaan naar mijn eigen roots. Die roots zijn bijna 32 jaar geleden begonnen in Drenthe. En wat blijkt: Drenthe heeft niet alleen mij voortgebracht, maar ook één van mijn favoriete muzikanten, Daniël Lohues. Bij Lohues denk je niet direct aan de blues, maar wellicht eerder aan de Drentse band Skik die met het aanstekelijke “op fietse” een grote hit heeft gehad. Eerlijkheid gebied me overigens te zeggen dat ik Skik (en daarmee Daniël Lohues) in die tijd nooit echt interessant heb gevonden. Dit alles veranderde in 2003 op een personeelsfeest van de toenmalige werkgever van mijn vrouw Brigitte.
Een niet nader te noemen energiemaatschappij had op die bewuste avond de Jaarbeurs te Utrecht afgehuurd, waar diverse Nederlandse artiesten een optreden verzorgden. Op het affiche prijkte de naam “Lohues & The Louisiana BluesClub”. Dit zei mij in eerste instantie niets, maar de naam Lohues deed een belletje rinkelen en Brigitte en ik besloten deze band maar eens te gaan aanschouwen. Toen Daniël Lohues in zijn tuinbroek en met een Fender gitaar om zijn schouder het podium opstapte en de aanwezige toeschouwers in het plat Drents begroette met “Moin” ontstond er een glimlach op mijn gezicht die de hele avond niet meer verdween. Dit werd kracht bijgezet door de eerste tonen die de band produceerde. Authentieke blues gezongen in Drents dialect. Het plattelandsgevoel kwam weer bovendrijven en ik waarde mij terug in Drenthe, maar het had net zo goed Mississippi, Alabama of Louisiana kunnen zijn.
Daniël Lohues had zijn band Skik in de ijskast gezet. Hij was zich aan het oriënteren op welk muzikale pad hij zich nu zou gaan begeven. Zijn voorliefde voor de bluesmuziek was een drijfveer om een bezoek te brengen aan de zuidelijke staten van Amerika. Aldaar kreeg hij het idee om een blues album op te nemen met authentieke Amerikaanse blues muzikanten, maar wel gezongen is zijn geliefde Drentse taal. En zo is debuutalbum “Ja Boeh” (2003) geboren.
“Ja Boeh” staat bol met rauwe elektrische blues. Je moet af en toe goed je best doen om de Drentse taal te verstaan en te begrijpen, maar het zal je niet verbazen dat ik dat met mijn Drentse roots snel onder de knie had. Het blijkt dat de Drentse taal zich uitstekend leent voor de blues. De klemtonen, de klanken, maar ook de eenvoud in formuleren stelt Lohues in staat om uiterst effectief zijn verhaal te vertellen. Veel van die verhalen gaan over de liefde, of het gebrek daaraan. In nummers als “stiekumste verdriet”, “regenblues”, “prachtig mooi (mar wat he’j der an)”, “ach & wee” en “’t ien of ’t ander” legt Lohues zijn ziel bloot. Maar ook alledaagse beslommeringen, zowel groot als klein, worden treffend uitgedragen in “wachten op ’n hittegolf”, “daor knap ie niet van op” en “heugste tied veur de blues”.
Wat mij ook in positieve zin heeft verrast is het gitaarspel van Daniël Lohues. Nu nam hij in Skik ook de gitaar ter hand, maar in de blues kan hij echt excelleren. De ene keer rauw en indringend, de andere keer intens en gevoelig. Daarnaast spat de kwaliteit van de gehele band er vanaf. Het is duidelijk merkbaar dat we hier te maken hebben met rasechte blues muzikanten. Dit draagt bij aan de echte blues sfeer die het album uitstraalt.
Puristen zullen wellicht zeggen dat op “Ja Boeh” alle blues clichés voorbij komen. Dat mag wellicht zo zijn, maar de intensiteit, passie, maar vooral ook het plezier waarmee de muziek is gemaakt pleiten absoluut voor Daniël Lohues en zijn kompanen. Uiteindelijk is kwaliteit en het persoonlijke gevoel de doorslaggevende factor, en dat is aan Daniël Lohues wel toevertrouwd. Nederland mag zich gelukkig prijzen met een dergelijke authentieke ras muzikant als Daniël Lohues. Ook zijn recentere muzikale werkjes (de “Allennig” reeks en zijn album “Hout Moet” uit 2011) zijn weer pareltjes voor de echte liefhebber, waar zo nu en dan de blues roots van Lohues weer boven komen drijven. De cirkel is rond!
Een niet nader te noemen energiemaatschappij had op die bewuste avond de Jaarbeurs te Utrecht afgehuurd, waar diverse Nederlandse artiesten een optreden verzorgden. Op het affiche prijkte de naam “Lohues & The Louisiana BluesClub”. Dit zei mij in eerste instantie niets, maar de naam Lohues deed een belletje rinkelen en Brigitte en ik besloten deze band maar eens te gaan aanschouwen. Toen Daniël Lohues in zijn tuinbroek en met een Fender gitaar om zijn schouder het podium opstapte en de aanwezige toeschouwers in het plat Drents begroette met “Moin” ontstond er een glimlach op mijn gezicht die de hele avond niet meer verdween. Dit werd kracht bijgezet door de eerste tonen die de band produceerde. Authentieke blues gezongen in Drents dialect. Het plattelandsgevoel kwam weer bovendrijven en ik waarde mij terug in Drenthe, maar het had net zo goed Mississippi, Alabama of Louisiana kunnen zijn.
Daniël Lohues had zijn band Skik in de ijskast gezet. Hij was zich aan het oriënteren op welk muzikale pad hij zich nu zou gaan begeven. Zijn voorliefde voor de bluesmuziek was een drijfveer om een bezoek te brengen aan de zuidelijke staten van Amerika. Aldaar kreeg hij het idee om een blues album op te nemen met authentieke Amerikaanse blues muzikanten, maar wel gezongen is zijn geliefde Drentse taal. En zo is debuutalbum “Ja Boeh” (2003) geboren.
“Ja Boeh” staat bol met rauwe elektrische blues. Je moet af en toe goed je best doen om de Drentse taal te verstaan en te begrijpen, maar het zal je niet verbazen dat ik dat met mijn Drentse roots snel onder de knie had. Het blijkt dat de Drentse taal zich uitstekend leent voor de blues. De klemtonen, de klanken, maar ook de eenvoud in formuleren stelt Lohues in staat om uiterst effectief zijn verhaal te vertellen. Veel van die verhalen gaan over de liefde, of het gebrek daaraan. In nummers als “stiekumste verdriet”, “regenblues”, “prachtig mooi (mar wat he’j der an)”, “ach & wee” en “’t ien of ’t ander” legt Lohues zijn ziel bloot. Maar ook alledaagse beslommeringen, zowel groot als klein, worden treffend uitgedragen in “wachten op ’n hittegolf”, “daor knap ie niet van op” en “heugste tied veur de blues”.
Wat mij ook in positieve zin heeft verrast is het gitaarspel van Daniël Lohues. Nu nam hij in Skik ook de gitaar ter hand, maar in de blues kan hij echt excelleren. De ene keer rauw en indringend, de andere keer intens en gevoelig. Daarnaast spat de kwaliteit van de gehele band er vanaf. Het is duidelijk merkbaar dat we hier te maken hebben met rasechte blues muzikanten. Dit draagt bij aan de echte blues sfeer die het album uitstraalt.
Puristen zullen wellicht zeggen dat op “Ja Boeh” alle blues clichés voorbij komen. Dat mag wellicht zo zijn, maar de intensiteit, passie, maar vooral ook het plezier waarmee de muziek is gemaakt pleiten absoluut voor Daniël Lohues en zijn kompanen. Uiteindelijk is kwaliteit en het persoonlijke gevoel de doorslaggevende factor, en dat is aan Daniël Lohues wel toevertrouwd. Nederland mag zich gelukkig prijzen met een dergelijke authentieke ras muzikant als Daniël Lohues. Ook zijn recentere muzikale werkjes (de “Allennig” reeks en zijn album “Hout Moet” uit 2011) zijn weer pareltjes voor de echte liefhebber, waar zo nu en dan de blues roots van Lohues weer boven komen drijven. De cirkel is rond!
Lonnie Mack - Strike Like Lightning (1985)

4,0
0
geplaatst: 18 maart 2014, 21:27 uur
Ik vind dit een heel fijn album hoor. Lekkere swingende boogie woogie blues. Met ”Hound Dog Man” wordt direct de toon gezet en Lonnie Mack’s felle korte venijnige gitaarspel is direct herkenbaar en loopt als een rode draad door ”Strike Like Lightning”. Het tempo ligt lekker hoog en naast het heerlijke gitaarspel heeft Lonnie Mack een erg prettig stemgeluid doorspekt met een flinke portie soul. Op ”Satisfy Susie” wordt nog eens versterkt door het heerlijke koortje. Op ”Stop” neemt Mack even gas terug, en dit resulteert in een erg mooie slowblues. Producer Stevie Ray Vaughan speelt een moppie mee op het instrumentale ”Double Whammy” en dit mondt uit in een groovend gitaarduel tussen beide gitaristen. Dat Mack ook de akoestische gitaar beheerst bewijst hij in de smaakvolle en traditionele afsluiter ”Oreo Cookie Blues”. Dit album van Lonnie Mack verdient niet de originaliteitsprijs, maar het is verdomd lekker uitgevoerd. Niks mis mee wat mij betreft.
Los Lobos - Tin Can Trust (2010)

4,0
0
geplaatst: 5 november 2014, 10:17 uur
”Tin Can Trust” is eigenlijk het eerste volledige album dat ik van Los Lobos beluister. Uiteraard ben ik bekend met Los Lobos, zo zijn ze regelmatig te gast op het Crossroads festival van Eric Clapton. Maar zoals gezegd is dit mijn eerste albumervaring, en ik moet zeggen het bevalt me erg goed. Los Lobos waaiert heerlijk breed uit binnen het roots genre. Zo bevat ”Tin Can Trust” invloeden uit de blues, soul, americana, country, latin en tex-mex. De liedjes worden in het algemeen in het Engels gezongen, maar zo nu en dan is daar een Spaanstalig nummer. Die liedjes hebben een hele andere sfeer, maar storend vind ik het nergens. Als echte bluesliefhebber genieten de bluesy klinkende liedjes mijn voorkeur. Vooral als het tempo wat naar beneden gaat is de sfeer regelmatig broeierig en dreigend. Vooral de tegendraadse gitaarsolo's klinken fantastisch. Mijn favoriete tracks zijn: ”Jupiter of the Moon”, ”All My Bridges Burning”, ”West L.A. Fadeaway” en ”27 Spanishes”. Of ”Tin Can Trust” exemplarisch is voor de rest van het oeuvre van Los Lobos weet ik niet, maar dit album bevalt me erg goed en is zeker een aanleiding om me in de rest van Los Lobos te verdiepen.
Louis Armstrong - Plays W.C. Handy (1954)

3,5
0
geplaatst: 8 april 2013, 18:45 uur
Lekker swingende jazzplaat van Louis Armstrong met daarnaast ook voldoende bluesinvloeden. De vocalen wisselt Louis Armstrong heerlijk af met Velma Middleton. Daarnaast speelt Armstrong natuurlijk bijzonder smakelijk trompet. De sfeer is ongedwongen en het spelplezier spat ervan af. Nergens doen de opnamen oubollig of ouderwets aan. "Louis Armstrong Plays W.C. Handy" is een ontspannende en tegelijk groovende old school jazzplaat.
Lucie Silvas - Breathe In (2004)

2,0
0
geplaatst: 20 mei 2012, 18:24 uur
"Breathe In" is een album met radiovriendelijke popmuziek. Heel degelijk, maar het blijft allemaal keurig binnen de lijntjes. Na een luisterbeurt heb ik het wel gehoord. Weinig verrassend, geen echte spanning. Mooie aangename stem, dat wel. Prima om op de radio voorbij te horen komen, maar daar blijft het wat mij betreft bij.
Lucinda Williams - Blessed (2011)

4,5
0
geplaatst: 29 april 2012, 21:36 uur
Wat is deze plaat een pareltje zeg! Fantastische melancholische plaat van Lucinda Williams. Je moet van haar stem houden, maar ik hou wel van dat rafelige rauwe randje op haar stembanden. De gitaristen Val McCallum en Greg Leisz leveren een topprestatie. Prachtig gitaarspel op de akoestische en electrische gitaar, maar ook op de slide gitaar, pedal steel en national steel gitaar. De nummers "Copenhagen" en "Born to be Loved" zijn de persoonlijke hoogtepunten. "Seeing Black" heeft een indringende bijna 2 minuten durende gitaarsolo. Wat mij beteft kan deze plaat zich meten met de Lucinda Williams klassieker "Car Wheels on a Gravel Road". Ik voel me oprecht "Blessed", want deze plaat lag notabene in de uitverkoopbak.
Lucinda Williams - Car Wheels on a Gravel Road (1998)

4,5
0
geplaatst: 30 mei 2012, 21:43 uur
"Car Wheels on a Gravel Road" valt in de categorie "platen waar je me 's nachts voor wakker kunt maken". Een regelrechte klassieker in het genre. Lucinda Williams heeft een stem die ik geloof; rauw, niet altijd even zuiver, daardoor juist overtuigender, eentje die je raakt in je ziel. Op "Car Wheels on a Gravel Road" brengt Lucinda Williams intense liedjes over nog intensere onderwerpen. Ze wordt daarbij ondersteund door klasse muzikanten die de traditie van de Amerikaanse rootmuziek in ere houden. Wat mij betreft een onweerstaanbare mix van roots, country en americana. Lucinda Williams is een zangeres die niet in een hokje is te plaatsen, eentje die niet wil meelopen met de grote massa, eentje die buiten de lijntjes kleurt. Daarom raakt ze bij mij een snaar. In de loop der jaren heeft ze zich ontwikkeld tot een van mijn favoriete zangeressen en "Car Wheels on a Gravel Road heeft zich permanent genesteld in mijn muzikale geheugen. Een klein meesterwerkje wat mij betreft.
Lucinda Williams - Down Where the Spirit Meets the Bone (2014)

4,0
0
geplaatst: 12 december 2014, 11:33 uur
Na zoveel tijd is er eindelijk weer een nieuwe plaat van Lucinda Williams. En dan is het ook nog eens een dubbelalbum. Daarmee maakt Lucinda Williams het zich wel direct moeilijk. Er zitten namelijk allerlei valkuilen aan dubbelalbum, zoals: het vasthouden van de spanningsboog, op de loer liggende saaiheid, en en de kans op mindere composities. Toch vind ik dat Lucinda Williams deze valkuilen goed heeft weten te omzeilen op ”Down Where the Spirit Meets the Bone”. Ik kan me best voorstellen dat voor anderen dit album op een gegeven moment teveel van hetzelfde dreigt te worden, maar persoonlijk blijf ik geboeid van begin tot eind. Dit komt vooral door de nog immer raspende rauwe en soms bijna tegen het valse aan schurkende stem van Williams. Deze imperfectie leidt in mijn beleving tot de constante spanning tussen de tekst en muziek. De muziek is een broeierige mix van blues, roots, americana en country. De instrumentatie is geweldig en vooral het gebruik van vele verschillende gitaren vind ik een genot voor het oor. In de meeste liedjes hoor je wel 3 tot 4 gitaarlagen, waarbij ik met name de steel gitaar fantastisch vind. Ook het ronkende orgeltje is een zeer welkome aanvulling op het geluidspallet. Lucinda Williams levert met ”Down Where the Spirit Meets the Bone” wat mij betreft wederom een prachtalbum af.
Luka Bloom - Eleven Songs (2008)

3,0
0
geplaatst: 23 augustus 2012, 20:05 uur
Prima singer/songwriter album van deze Ierse troubadour. Niet heel spannend, maar gewoon prima gedaan. Simpele maar effectieve arrangementen en rake teksten. Geen opsmuk, maar gewoon recht-door-zee. Niet heel hoogdravend, politiek of gedwongen urgent, maar vooral eerlijk. Niets meer en niets minder.
Luther Dickinson - Rock 'N Roll Blues (2014)

4,0
0
geplaatst: 30 juli 2014, 19:31 uur
De titel van dit album, ”Rock ’N Roll Blues” vind ik een beetje misleidend, want dit album vind ik best ingetogen. Af en toe swingt het behoorlijk en heeft het de eigentijdse trekjes van North Mississippi Allstars, zoals op opener ”Vandalize”, maar het grootste deel van ”Rock ’N Roll Blues” vind ik best ingetogen met invloeden uit roots, country en americana. Het album is in zijn geheel akoestisch en dat draagt bij aan de authentieke sfeer. Na een paar luisterbeurten groeien de liedjes en vind ik het vooral een lekker luisteralbum. Het is in mijn beleving niet zo goed als het laatste werk van North Mississippi Allstars, maar ”Rock ’N Roll Blues” is een lekker tussendoortje.
Lynyrd Skynyrd - (Pronounced 'Lĕh-'nérd 'Skin-'nérd) (1973)

4,5
0
geplaatst: 30 juli 2013, 16:10 uur
Het debuut van Lynyrd Skynyrd is fantastisch en wat mij betreft een onvervalste klassieker. Een hoogtepunt uit de Southern rock als je het mij vraagt. Lynyrd Skynyrd, die met de titel van het album direct maar even uitlegt hoe je de bandnaam uitspreekt, brengt Southern rock die wat meer to the point is dan een meer jamachtige band als The Allman Brothers. De mooie interactie tussen gitaar en toetsen loopt als een rode draad door "Pronounced Leh-Nerd Skin-Nerd". Over het algemeen zijn de nummers energiek en lekker uptempo, maar de hoogtepunten van dit album komen toch voort uit de wat ingetogen liedjes die dan ook direct een hele andere emotie te weeg brengt. Het prachtig aangrijpende "Tuesday's Gone" is zo'n liedje, net als het pijnlijk mooie "Simple Man". Tja en dan natuurlijk het epische "Free Bird". Voor mij een van mijn favoriete liedjes allertijden. Een hele mooie opbouw van rustig, intens en ingetogen toewerkend naar dat gitaarorgasme aan het einde. Een perfecte afsluiter van een fantastisch debuut van een grootse band.
Lynyrd Skynyrd - Second Helping (1974)

4,0
0
geplaatst: 2 november 2013, 22:24 uur
Hoewel ik het debuutalbum van Lynyrd Skynyrd net iets sterker vind, is ”Second Helping” gewoon weer een sterk album. De opener ”Sweet Home Alabama” is een onvervalste klassieker en dat gitaarloopje is legendarisch. Met het tweede nummer ”I Need You” gaat het tempo wat naar beneden en ontpopt zich een heerlijk loom meeslepend nummer. Op ”Working for MCA” klinkt Lynyrd Skynyrd heerlijk ruig om vervolgens weer gas terug te nemen in de mooie country ballad ”The Ballad of Curtis Loew”. J.J. Cale’s ”Call Me The Breeze” krijgt een heerlijk Southern Rock sausje en daarmee zet Lynyrd Skynyrd dit nummer naar haar eigen hand. ”Second Helping” is weer Southern Rock van de bovenste plank met geweldige vocalen van Ronnie Van Zand en heerlijk driedubbel gitaarwerk. De eerste twee albums van Lynyrd Skynyrd zijn gewoonweg geweldig en daarom is het des te tragisch hoe de geschiedenis van de band veranderde door dat noodlottige ongeluk. Wat voor moois hadden de mannen nog voor ons in het verschiet? Ik weet dat er na ”Pronounced Leh-Nerd Skin-Nerd” en ”Second Helping” nog twee albums zijn uitgebracht in de klassieke samenstelling, maar vooral het debuut en deze ”Second Helping” blijven me bij.
