MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten Ronald5150 als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Macy Gray - The Id (2001)

poster
3,0
Ik ben eigenlijk helemaal geen liefhebber van R&B. Ik vind het doorgaans veel te glad. Nu is "The Id" van Macy Gray ook best glad geproduceerd, maar er is iets wat me aantrekt in haar. Ik denk dat het de groove en flow in haar uiterst prettige stemgeluid is. Het is catchy en aanstekelijk en ik word er dus heel erg vrolijk van. Misschien is de plaat wat aan de lange kant, maar dat is maar een kleinigheid. "The Id" is een vooral een zomerse plaat waar ik bij tijd en wijlen best van kan genieten.

Madonna - Ray of Light (1998)

poster
4,0
Ik ben geen fan van Madonna. Haar hitsingles zijn uiteraard bekend en die luisteren over het algemeen prima weg, maar daar blijft het wat mij betreft dan ook bij. Maar als muziekliefhebber in het algemeen moet ik gewoonweg concluderen dat "Ray of Light" een ijzersterk popalbum is. Ik ben direct geboeid vanaf de opener "Drowned World / Substitute for Love". Die geboeidheid blijft eigenlijk het gehele album in tact. Dit is mede toe te schrijven aan de fantastische productie van William Orbit. De mix tussen pop en dance werkt heel goed en af en toe zijn er vleugjes van trip-hop te horen. Het geheel doet me ook een beetje aan Bjork denken. De titeltrack is er tevens eentje om van te smullen, en met "Frozen" levert Madonna wellicht haar allerbeste liedje ooit af. Het daaropvolgende "The Power of Goodbye" is tevens prachtig. "Ray of Light" is een sfeervolle popplaat, met mooie dromerige melodieën en geluidstapijtjes. Dit levert een hypnotiserend geheel op dat spannend blijft van begin tot eind. Een compliment voor Madonna is dan ook op zijn plaats. "Ray of Light" is wat mij betreft het onbetwiste hoogtepunt uit haar oeuvre.

Magic Sam - West Side Soul (1968)

poster
5,0
Magic Sam wordt op 14 februari 1937 geboren als Gene Maghett in Mississippi. Hij leert zichzelf de blues spelen door te luisteren naar platen van Muddy Waters en Little Walter. Samen met Otis Rush, Freddie King en Buddy Guy wordt Magic Sam gezien als de belangrijkste vertegenwoordiger van de Chicago West Side Soul sound. Naar deze sound is deze prachtige plaat dan ook vernoemd. "West Side Soul" dicht de kloof tussen de blues en de meer gedisciplineerd klinkende soul. Daarnaast wordt deze plaat alom beschouwd als een van de eerste en beste electrische bluesplaten allertijden.

Magic Sam heeft, net als zovele blueslegenden, een unieke stijl van spelen. Hij was niet zozeer een gitaarvirtuoos, maar het zit hem bij Magic Sam met name in de harmonieuze klank die hij uit zijn gitaar tovert. Waar de meeste bluesgitaristen uit die tijd zich vooral hielden aan de standaard twaalf maten melodie, voegde Magic Sam hier een harmonieuze onderlaag aan toe wat er samen met zijn stem ertoe leidde dat de nummers een ongekende diepgang kregen. Luister maar eens naar het hartverscheurende "All Your Love". Daarnaast zal Magic Sam herinnert worden aan zijn tremelo gitaartechniek, waarbij hij extra emotie aanbrengt door een trillend effect aan zijn toon toe te voegen.

Naast de blues en de soul is de funk nooit ver weg op "West Side Soul". De meeslepende groove van nummers als "I Feel So Good (I Wanna Boogie)" en "Lookin' Good" verraden duidelijk de invloed die Magic Sam zal hebben op de latere funkmuziek. Magic Sam zal niet alleen invloed hebben op de funk, maar zal ook vele bluesartiesten inspireren door zijn gitaarspel, zang en componerende kwaliteiten.

"West Side Soul" zal herinnert worden als een hoogtepunt uit het bluesgenre en het zal ook het magnus opus blijken te zijn van Magic Sam. Op 1 december 1969 komt Magic Sam te overlijden aan de gevolgen van een hartaanval. Hij wordt slechts 32 jaar. We zullen nooit te weten komen hoe zijn buitengewone talenten zouden zijn ontwikkeld als hij de kans had gekregen meerdere platen uit te brengen. Voor mij is "West Side Soul" een historisch bluesdocument, een ode aan een blueslegende, een voor eeuwig vastgelegd bewijs van een buitengewone sfeervolle gitarist en zanger, maar vooral een steengoede bluesplaat die je terugbrengt naar het Chicago van eind jaren 50 en begin jaren 60.

Mahalia Jackson - Newport 1958 (1958)

poster
3,5
Tijdens de aankondiging op het album wordt Mahalia Jackson aangekondigd als een gospelzangeres. Dat is gezien de thematiek van de liedjes ook niet zo gek, en eigenlijk niet meer dan terecht. Religie staat eigenlijk centraal in elk liedje. Toch doet de stem van Mahalia Jackson me denken aan een blueszangeres. Ze heeft een heerlijke vibrato en in de meer uptempo liedjes hoor je ook een flinke portie soul. De instrumentale begeleiding is over het algemeen redelijk sober en volledig in dienst van de indringende en intense stem van Mahalia Jackson. Ze stelt zich heel bescheiden op, zingt geconcentreerd en ik ben dan ook behoorlijk onder de indruk van haar vocale prestaties. Ondanks dat ik niet religieus bent, vind ik religieuze muziek wel intrigerend. Over het algemeen wordt het gebracht met emotie en passie en dat spat ook af van "Newport 1958". Het Newport festival heeft al vele mooie jazz- en bluesalbums voortgebracht en "Newport 1958" past volledig in die traditie.

Manic Street Preachers - Generation Terrorists (1992)

poster
3,0
Debuutplaat "Generation Terrorists" van Manic Street Preachers is vooral te kenmerken als energiek. Elementen uit de punk en rock komen voorbij en dit leidt tot een serie best aantrekkelijke, puntige, venijnige en aanstekelijke tracks. Het gitaarwerk is over de gehele plaat dik in orde. Het grote nadeel aan deze plaat is het aantal nummers. Achttien tracks is gewoon te veel als de consistentie ontbreekt. De samenhang is weg en dan is "Generation Terrorists" best een lange zit. Maar dan is er die ene track; "Motorcycle Emptiness". Dit is wellicht wel een van de mooiste liedjes uit de jaren 90. En alleen vanwege dit nummer is de debuutplaat van Manic Street Preachers memorabel. Over de gehele linie niet even sterk, maar zeer genietbaar, met een absolute uitschieter.

Manic Street Preachers - Gold Against the Soul (1993)

poster
3,0
Deze tweede plaat van Manic Street Preachers is consistenter dan hun eerste. Dit komt vooral doordat het aantal nummers een stuk behapbaarder is geworden. Daarnaast klinkt de band een stuk melodieuzer dan op het debuut. Met name de eerste helft van "Gold Against the Soul" is erg sterk. Daarna zakt het wel een beetje in. Het geluid wordt wat steviger en dan sluipt het gevaar van eentonigheid. Ook ontbreekt een song van het kaliber "Motorcycle Emptiness". Maar desondanks is deze opvolger van hun debuut een onderhoudende plaat.

Manic Street Preachers - Send Away the Tigers (2007)

poster
3,5
”Send Away the Tigers” is een opvallend toegankelijk en meezingbaar album geworden. De liedjes zijn catchy en de refreinen gaan makkelijk in je hoofd zitten. Op zich is dat niet erg, want het luistert in ieder geval lekker weg. Aan de andere kant is het onderscheidende vermogen zeer beperkt. Toch heb ik er wel een zwak voor. Iedere keer denk ik: nee dit is te standaard, skippen die handel, maar dan word ik toch weer gegrepen door een aantal onweerstaanbare melodieën. Al met al is ”Send Away the Tigers” een lekker rockalbum zonder al teveel pretenties of bijbedoelingen.

Manic Street Preachers - This Is My Truth Tell Me Yours (1998)

poster
3,0
”This is My Truth Tell Me Yours” begint sterk, waarbij met name ”If You Tolerate This Your Children Will Be Next” een prachtliedje is. Maar ook de opener en ”You Stole the Sun from My Heart” zijn fijne songs. Maar daarna zakt het niveau toch behoorlijk in. De liedjes worden te langzaam, te langdradig, zelfs saai en eentonig en kabbelen te veel voort. Een liedje als ”I’m Not Working” vind ik echt niet boeiend en zelfs slaapverwekkend. Voordat ik echt weg dreig te dommelen gaat het tempo tegen het einde van het album gelukkig weer wat omhoog en ben ik weer enigszins bij de les. Ondanks het sterke begin kunnen de Manic Street Preachers dit niet een geheel album vasthouden en vind ik ”This Is My Truth Tell Me Yours” niet meer dan een degelijk album.

Marc Ford - Holy Ghost (2014)

poster
4,5
Marc Ford, vooral bekend vanwege zijn jarenlange fantastische werk als leadgitarist van The Black Crowes, levert met ”Holy Ghost” een prachtig album af. Na zijn vertrek (en reünie en wederom vertrek) bij The Black Crowes kwam Ford op de proppen met een serie uitstekende albums vol met bluesrock. Maar ”Holy Ghost” tapt uit een ander vaatje. In 2012 produceerde Marc Ford het album ”The Pines” van Phantom Limb. Ik denk dat Ford hierdoor geïnspireerd raakte, want net als ”The Pines”, grijpt ”Holy Ghost” terug naar de authentieke roots en country van weleer. Daarom is het niet verwonderlijk dat Ford op ”Holy Ghost” wordt bijgestaan door muzikanten van Phantom Limb. De muziek is dus niet vernieuwend of baanbrekend, maar wat is het hemels mooi zeg! De instrumentatie is authentiek en het gitaarspel van Ford is, weliswaar ingetogen, van grote klasse. De afwisseling tussen akoestisch en elektrisch is gebalanceerd en smaakvol en de steel gitaar zorgt voor die mooie country snik. Wow, wat houd ik van dat instrument. Het allermooiste aan ”Holy Ghost” vind ik de prachtige melodieën. Ik krijg er met regelmaat kippenvel van. De arrangementen zijn ontzettend sfeervol. De gehele vibe van ”Holy Ghost” laat me onderdompelen in een bad van serene rust en schoonheid. Wat een album, en wat mij betreft voer voor de jaarlijstjes van 2014.

Marc Ford - It's About Time (2002)

poster
5,0
Marc Ford is bekend als lead gitarist van The Black Crowes. Hij is onder andere te horen op het fantastische "The Southern Harmony and Musical Companion". Ook solo bewijst Ford een fantastische gitarist te zijn, zoals is te horen op "It's About Time". Of het nu elektrisch, akoestisch of slide is, Ford draait er zijn hand niet voor om en speelt met het grootste gemak een gevarieerde set aan songs. Op "It's About Time" laat Marc Ford niet alleen horen een goede gitarist te zijn, maar ook nog eens een goede liedjesschrijver. Daarnaast smelt Ford op deze plaat rock, soul en blues tezamen tot een aanstekelijke, intense en meeslepende mix die je maar moeilijk los kunt laten. Ook het gebruik van blazers en achtergrondzangeressen dragen bij aan de warme sfeer van deze plaat. De samenzang is prachtig en de refreinen zijn onweerstaanbaar. Ik geef direct toe dat we hier niet te maken hebben met een revolutionaire muziekstijl, het is niets nieuws of vooruitstrevend, maar het is allemaal met zoveel gevoel en passie gespeeld dat het keihard bij me binnenkomt en me tot op het bot raakt. "It's About Time" is een onbekende pareltje, maar ik ben zo blij dat ik deze heb ontdekt. Sindsdien is "It's About Time" een van mijn favoriete platen!

Marc Ford - Weary and Wired (2007)

poster
4,0
Marc Ford, vooral bekend als gitarist bij The Black Crowes, heeft sinds zijn vertrek bij die band al de nodige uitstekende soloalbums uitgebracht. ”Weary and Wired” is daarop geen uitzondering. Waar zijn laatste werk, ”Holy Ghost” uit 2014, een country en rootsalbum is, is ”Weary and Wired” onvervalste bluesrock. Maar binnen dat genre levert Ford liedjes af van grote diversiteit. ”Weary and Wired” bevat derhalve stevige bluesrockers, melodieuze midtempo liedjes, de nodige ballads, old school rock & roll, en een tweetal instrumentals (”Greazy Chicken” en ”The Big Callback) die lekker funken met warme blazers en heerlijk (wah-wah) gitaarwerk. Dat gitaarwerk is overigens over het gehele album om van te smullen. Tevens krijgt bluesklassieker ”The Same Thing” een bijzonder fraaie uitvoering. ”Weary and Wired” is daarmee een gevarieerd bluesrock album van een van mijn favoriete gitaristen.

Marc Ford & The Neptune Blues Club - Marc Ford & the Neptune Blues Club (2008)

poster
4,0
Marc Ford maakt naam als leadgitarist van The Black Crowes. Zijn eerste soloalbum komt uit in 2002 en "It's About Time" is een van mijn favoriete albums. Ford laat een mooie mix horen van blues en roots, maar met name ook een flinke portie soul. Op "The Neptune Blues Club" verschuift zijn geluid meer naar de echte blues, maar dan wel de stevige elektrische variant. Dit album rockt dan ook behoorlijk. Ford trekt bij tijd en wijlen de gitaarregisters flink open en je krijgt dan ook regelmatig associaties met Hendrix en de sfeer doet zelfs funky of psychedelisch aan. Marc Ford bespeelt een breed assortiment blues, van bluesrock tot slowblues tot boogie. De meeste stijlen komen voorbij. Persoonlijk vind ik Ford op het best als het tempo iets naar beneden gaat zoals op "Freedom Fighter" en "Mother's Day". Maar met een flinke scheut bluesy psychedelica, zoals op "Spaceman" is ook weinig mis. "The Neptune Blues Club" is een moderne funky bluesrock plaat met psychedlische invloeden, waarop Marc Ford bewijst nog steeds een fantastische gitarist te zijn. Heel fijn dit!

Maria Mena - Apparently Unaffected (2006)

poster
3,0
Vooropgesteld dat dit niet echt mijn genre is, moet ik bekennen dat Maria Mena een uitstekende zangeres is. Ze heeft een mooie heldere en indringende stem. Daarnaast zijn haar teksten treffend en persoonlijk. Wel vind ik de uptempo nummers de minste op deze plaat. Daarin onderscheid ze zich niet echt van andere zangeressen in het genre. Maria Mena overtuigt het meest in de rustige nummers, de ballads. Kippenvel bij "Miss You Love", "Just Hold Me", "Our Battles", maar ook de trilogy "If You'll Stay In My Past" is prachtig. Mooie wegdroomplaat van deze Noorse zangeres.

Mark Knopfler - Get Lucky (2009)

poster
3,0
De soloplaten van Mark Knopfler klinken gewoon heel anders dan zijn werk bij Dire Straits. Zo ook "Get Lucky". Deze plaat is doordrenkt met Keltische invloeden. Verder is de stem van Knopfler vertrouwd. Wel mis ik een beetje dat roestbruine gitaargeluid. De Keltische klanken nemen wat mij betreft iets te vaak de overhand. Op een gegeven moment mogen die fluitjes, viooltjes en andere tierelantijntjes wel wat minder. Toch is "Get Lucky" een hele genietbare plaat. Geen hoogvlieger, maar er valt genoeg moois te ontdekken. Zo af en toe komen er nog mooie gitaarsolo's voorbij, bijvoorbeeld op "Cleaning My Gun" en "Remembrance Day". Het gitaargeluid van Knopfler is op "Get Lucky" vooral dienstbaar en sfeerbepalend. Kleine nuanceringen voegt hij aan het geluid toe met zijn karakteristieke gitaarklanken. Mooie luisterliedjes, ingetogenheid en vakmanschap typeren "Get Lucky".

Mark Knopfler - Kill to Get Crimson (2007)

poster
3,5
"Kill To Get Crimson" is een mooie ingetogen sfeervolle plaat van Mark Knopfler. De tijd van rocken is voorbij. Knopfler kiest zijn eigen weg en laat zich, net als bijvoorbeeld een Eric Clapton, niet leiden door hetgeen wat het grote publiek wellicht van hem verwacht. Knopfler kiest duidelijk voor een aanpak, waarbij het liedje centraal staat. En dat pakt op "Kill To Get Crimson" gewoon goed uit. Zijn gitaarspel is puur ondersteunend, maar wel mooi, warm en gloedvol. Zijn diepe donkere stem draagt bij aan de sfeer. Af en toe komen er wat Keltische geluiden voorbij in de vorm van een fluit of accordeon, maar dit blijft genuanceerd, en het ontaard niet in irritant gepingel. "Kill To Get Crimson" is een echte luisterplaat van een man die op subtiele wijze laat horen dat hij behoort tot een van de groten van zijn generatie.

Mark Knopfler - Privateering (2012)

poster
4,0
Het dubbelalbum "Privateering" van Mark Knopfler heeft me zeer verrast. Niet zozeer gezien de kwaliteiten van Mark Knopfler, want die zijn buiten kijf als je het mij vraagt. Zijn gitaarspel is zo herkenbaar en karakteristiek. Daar zal ik altijd van blijven houden, of het nu bij Dire Straits is of solo, of welk ander project hij ook maar doet. Maar het is vooral het bluesgeluid op "Privateering" dat me zo positief raakt. Op de laatste soloalbums van Knopfler vind ik de Keltische/Ierse volksinvloeden iets te veel aanwezig. Op "Privateering" komen die her en der ook nog wel voorbij, maar voor mij is het vooral de blues en roots die overheersen. Dit levert een twintigtal liedjes op zonder dat ik het gevoel heb dat er vullers op staan. De eerder genoemde blues komt met name op de tweede CD goed tot uiting. Ook is het fenomenale gitaarspel van Knopfler prominent aanwezig vind ik. Niet scheurend of vlammend, maar uiterst smaakvol, sfeervol en bijzonder warm. De tonen die Mark Knopfler uit zijn Fender strat tovert voelen aan als een warm bad. Heerlijk. De sfeer op "Privateering" is heerlijk laidback en doet me denken aan J.J. Cale, en dat bedoel ik positief. Knopfler levert mijn inziens met "Privateering" zijn beste album af sinds "Sailing to Philadelphia".

Mark Knopfler - Sailing to Philadelphia (2000)

poster
4,5
"Sailing to Philadelphia" is een prachtig album. De stem van Mark Knopfler en zijn gitaarspel zijn om van te smullen. Ook passen de stemmen van Knopfler en Van Morrison prima bij elkaar en vullen elkaar mooi aan, hetzelfde geldt voor James Taylor in de prachtige titelsong. De blues is op "Sailing to Philadelphia" nooit ver weg. Sterker nog, het sluimert in bijna elk liedje. Al is het alleen al door de prachtige warme klanken uit de gitaar van Knopfler. "Junkie Doll" is het meest uitgesproken blues, maar "Prairie Wedding" en "Speedway at Nazareth" hebben datzelfde gevoel. Van alle soloalbums van Mark Knopfler is "Sailing to Philadelphia" toch echt mijn favoriet. Alles wat Knopfler zo goed maakt komt op dit album terug: zijn stem, zijn gitaarspel en het beeldende karakter van de liedjes. Op "Sailing to Philadelphia" komen de liedjes echt tot leven en roept het mooie beelden op. Wat dat betreft is het een heel visualiserend album. Of hij dat zo bedoeld heeft weet ik niet, maar ik kan hier dus heerlijk op wegdromen met al die mooie vergezichten voor me. Prachtalbum dat Knopfler mijn inziens nog niet heeft weten te overtreffen, maar wie weet gebeurt dat nog eens? Tot die tijd, blijft deze tijdloos.

Mark Knopfler - The Ragpicker's Dream (2002)

poster
4,0
Waar "Sailing to Philadelphia" nog relatief dicht bij het Dire Straits geluid bleef, vaart "The Ragpicker's Dream" toch echt een andere koers. Op dit album doorklinkt de roots, country en americana. Gelukkig blijven de Keltische invloeden nog achterwege, want die vind ik op de latere albums van Knopfler niet altijd even geslaagd. Op "The Ragpicker's Dream" zijn de liedjes vooral ingetogen. Naast de kenmerkende stem is er altijd dat mooie gloedvolle gitaarspel. Ook vind ik de afwisseling tussen akoestisch en elektrisch erg mooi. Soms komt er een wat hoog honky tonky gehalte voorbij, bijvoorbeeld op "Daddy's Gone to Knoxville", maar dat heeft eigenlijk ook wel zijn charmes. Ik moet dus gewoon concluderen dat Mark Knopfler met "The Ragpicker's Dream" weer een goed album heeft afgeleverd.

Maroon 5 - Songs About Jane (2002)

poster
4,0
"Songs About Jane" vind ik een frisse pop/rock plaat waar ik nog steefs met bijzonder veel plezier naar luister. Opener "Hard to Breathe" was commercieel misschien geen succes, maar ik vind het direct een van de hoogtepunten van het album. Maar dat doet niets af aan de rest van het album. Toegankelijk, dat wel, en niet onmodig ingewikkeld. Zeer prettig in het gehoor liggende liedjes met mooie en vaak onweerstaanbare melodieen. De singles zijn sterk, maar wellicht wat vaak gedraaid op de radio. Gelukkig wordt dat gecompenseerd door de overige liedjes. Ik snap dat "Songs About Jane" het stempel commercieel krijgt. Persoonlijk ervaar ik dat minder. Ik voel me vooral aangetrokken door de frisheid en onbezonnenheid. Het commerciele karakter zie ik vooral terugkomen op alles wat Maroon 5 hierna heeft uitgebracht. Na "Songs About Jane" ben ik dan ook eigenlijk alle interesse in Maroon 5 verloren. Maar "Songs About Jane" blijft voor mij een goed album.

Martial Solal Trio - At Newport '63 (1963)

poster
3,0
Soms heb je wel eens van die momenten dat je behoefte hebt aan Jazz. En vandaag is zo'n moment. Jazz op zijn tijd werkt kalmerend en rustgevend. Dan helpt een plaat als "At Newport '63" van Martial Solal daar prima bij. Het betreft een liveregistratie van het legendarische Newport festival. Martial Solal speelt fijn in het gehoor liggende piano jazz. Solal prikkelt de luisteraar met originele ritmes en patronen, maar maakt het niet te ingewikkeld zodat je aandacht blijft behouden. Hoogtepunt vind ik het bijna twaalf minuten durende "Suite Pour une Frise". Mooie dromerige pianopartijen die prachtige klanktapijtjes vormen. "At Newport '63" is een plaat om heerlijk bij te relaxen na een dag hard werken.

Marvin Gaye - What's Going On (1971)

poster
4,0
Alles wat ik over dit album lees eindigt in superlatieven, een klassieker en een van de beste albums allertijden. Commercieel en artistiek gezien kan ik best begrijpen dat ”What’s Going On” deze status heeft. Persoonlijk vind ik dat allemaal net even wat te overdreven en vind ik ”What’s Going On” gewoon een goed album. Instrumentaal vind ik het heerlijk, de baslijntjes zijn zo lekker en de flow van het album is super. Het zorgt voor een mooi in elkaar overlopend consistent geheel. Ook zijn er dingen die me minder bevallen: de strijkers vind ik meestal erg cheesy en mierzoet en meneer Gaye hangt met regelmaat de wereldverbeteraar uit. Afhankelijk van mijn bui gaat dit me tegenstaan en vind ik het er te dik bovenop liggen. In zijn geheel slaat de balans absoluut positief uit en vind ik ”What’s Going On” een bijzonder fijn album. Echter in de grootsheid die aan deze klassieker wordt toegedicht ga ik niet helemaal mee. Gewoon goed, dat wel!

Mastodon - Crack the Skye (2009)

poster
3,5
Ik kan een flinke portie "gitaargeweld" best waarderen, maar zodra het ontaard in nutteloos geschreeuw en oeverloos gebeuk dan haak ik af. Een echte metalhead zou ik mezelf dus zeker niet willen noemen. Ik was dan ook sceptisch toen ik begon aan "Crack the Skye" van de als metalband bekend staande groep Mastodon. Maar wat schetst mijn verbazing? "Crack the Skye" is een verrassende en intrigerende plaat in het metalgenre. Moet je het eigenlijk wel metal noemen is een van de vragen die ik heb bij het beluisteren van deze plaat. Het heeft overduidelijk kenmerken van metal; zware gitaren, logge, beukende ritmes, maar op "Crack the Skye" heeft Mastodon duidelijk progressieve rockinvloeden toegevoegd. Hierdoor ontstaan complexe ritmes, tempowisselingen en tegendraadse patronen. Daarnaast is de zang echt te bestempelen als zang. Dit alles maakt "Crack the Skye" voor een niet metalhead als ik een zeer genietbare en spannende plaat. Je ontdekt telkens iets nieuws. Voor mij misschien wel een van de meest verrassende platen van de laatste tijd.

Matchbox Twenty - Mad Season (2000)

poster
2,5
Matchbox Twenty maakt toegankelijke mainstream rock dat prettig in het gehoor ligt. "Mad Season" is wat dat betreft niet anders. Als je een album hebt gehoord, heb je ze wat mij betreft allemaal wel gehoord. Geen verrassingen of nieuwe ideeën, maar gewoon typische Amerikaanse stadionrock. Wel moet ik zeggen dat ik de stem van Rob Thomas erg fijn vind. Het debuutalbum weet me nog het meest te boeien, maar alle daaropvolgende albums, zo ook "Mad Season", zijn meer van hetzelfde. Niet slecht, maar voor mij niet boeiend genoeg en na verloop van tijd volledig inwisselbaar.

Matchbox Twenty - More Than You Think You Are (2002)

poster
2,5
Op "More Than You Think You Are" doet Matchbox Twenty wat ze altijd doen; toegankelijke rockmuziek maken. Maar zoals ik ook bij het vorige album heb ervaren is het voor mij dertien in een dozijn muziek geworden en volledig inwisselbaar. Ondanks de verdomd goede stem van Rob Thomas kan Matchbox Twenty met "More Than You Think You Are" me onvoldoende boeien.

Matt Schofield - Anything but Time (2011)

poster
4,0
Matt Schofield is één van de beste bluesgitaristen van dit moment en wordt internationaal geprezen voor zijn meeslepende gitaarspel. Op deze vierde studioplaat laat hij wederom horen waarom hij thuishoort in de top van de bluescene. Schofield is in staat een eigen stijl mee te geven aan het bluesgenre door niet te vervallen in clichés. Zijn spel is gevarieerd en heeft diepgang. Hij schroomt niet om buiten de lijntjes van de blues te kleuren door soul, funk en jazz in zijn spel te vermengen. Schofield speelt in een trio opstelling, ondersteunt door zijn vaste kompaan Jonny Henderson op de orgel, waarbij Henderson ook de bas voor zijn rekening neemt op zijn Hammond. Daarnaast wordt de ritmesectie compleet gemaakt door drumveteraan Kevin Haynes die een lekkere New Orleans shuffle meegeeft aan deze plaat. Wederom een uitstekende plaat van dit Britse snarenwonder, die live overigens ook een sensatie is.

Matt Schofield - Far as I Can See (2014)

poster
4,5
Dit is een plaat waar ik lang naar heb uitgekeken en waar ik met smart op heb gewacht. Het laatste studioalbum van Matt Schofield, ”Anything But Time”, stamt alweer uit 2011. Na die release heeft Schofield uitgebreid getourd; in Europa, ook in Nederland, maar vooral in de Verenigde Staten heeft Schofield een voet aan de grond gekregen in het live bluescircuit. In de hedendaagse muziekindustrie is een reputatie op het podium van groot belang en dat heeft Schofield onderkend. Die ervaring heeft hij meegenomen naar de opnamen van ”Far As I Can See”.

Al jaren wordt Matt Schofield gezien als een van de beste Britse bluesgitaristen van zijn generatie. Er zijn zelfs sommigen die beweren dat hij zich al mag meten met de besten allertijden. Ik ben een echte fan van zijn gitaarspel, dus wat mij betreft is dat een bewering die ik wel kan staven. Schofield is al tijden een bekend gezicht in de Britse bluesscene, ook al voordat hij zijn eigen albums uitbracht. Voorheen bekend geworden als gitarist bij The Lee Sankey Group om daarna faam te maken als gitarist en producer bij die andere hedendaagse Britse bluesheld, Ian Siegal. In 2005 volgde met ”Siftin’ Thru Ashes” zijn eerste eigen soloalbum, om vervolgens het ene na andere sterke album af te leveren.

De muziek van Matt Schofield is een gloedvolle mix van blues, funk en jazz. Wat dit betreft is het geluid op ”Far As I Can See” vertrouwd. Al is er wel wat veranderd sinds het laatste studioalbum ”Anything But Time”. Op dat album waren de jazz invloeden wat groter, dat de funk wat naar de achtergrond verdreef. Op ”Far As I Can See” is de funk weer terug en prominenter aanwezig, zonder overigens de smaakvolle jazz nuances geheel te verdringen. Ook is de samenstelling van de band anders. Waar Matt Schofield de laatste jaren als trio fungeerde met Jonny Henderson op de toetsen en Kevin Hayes op de drums, is er op ”Far As I Can See” sprake van een vierkoppige band. Naast uiteraard Matt Schofield zelf op de vocalen en gitaar wordt hij wederom bijgestaan door zijn vaste muzikale partner Jonny Henderson op orgel en piano. De baspartijen worden gespeeld door Carl Stanbridge. Dit is een belangrijke verandering. Waar in de trio samenstelling Henderson de baspartijen verzorgde middels de pedalen van zijn orgel, is er nu een echte bassist. Hierdoor kan Henderson zich volledig richten op zijn magistrale orgel en pianowerk. Stanbridge speelt diepe baspartijen die zorgen voor een voller en warmer geluid. Dit wordt nog eens versterkt door de toevoeging van een blazerssectie van saxofoon en trompet. Jordan John neemt de drums en percussie voor zijn rekening en verzorgt daarnaast nog voor de nodige samenzang. Het gebruik van een traditionele ritmesectie van bas en drums geven Schofield een perfect platform en basis om heerlijk overheen te soleren.

Het songmateriaal op ”Far As I Can See” is ijzersterk. De meeste composities zijn van Schofield zelf, geschreven met zijn partner Dorothy Whittick. De liedjes gaan vooral relaties, de liefde en de uitdagingen die daaruit voortvloeien. En dat uiteraard op de kenmerkende manier zoals dat gewoon is in de blues, met de nodige emotie en intensiteit. Een nummer als ”Clean Break” is hier exemplarisch voor.

Wat mij vooral opvalt in het gitaarspel van Matt Schofield is de perfecte balans tussen ritmisch spel, zijn licks en fenomenale solo’s. Het ritmische spel is vooral erg funky. Het zorgt voor een ongekende groove, vooral in combinatie met stuwende orgelspel van Henderson. De licks van Schofield zijn niet nodeloos ingewikkeld, maar wel erg effectief en is een perfecte opvulling tussen de zanglijnen. Het zorgt regelmatig voor kippenvel, over de solo’s nog maar te zwijgen. Schofield is een gitarist die veelvuldig gebruik maakt van de dikke snaren op zijn gitaar. Dit zorgt voor een warm bluesgeluid met een mooie dynamiek en variatie tussen hoge en lage tonen.

Dat laatste komt prachtig tot uiting in een van de mooiste slowblues liedjes die ik de laatste jaren heb gehoord, ”The Day You Left”. Ruim negen minuten liefdesverdriet uitgedrukt in meeslepende muziek en emotioneel gezongen teksten. Er zit een kleine galm op de stem van Schofield, niet te veel, maar dat zorgt wel voor net dat beetje extra impact. Ook op ”Far As I Can See” brengt Schofield een eerbetoon aan een blues grootheid. Op eerdere albums deed Schofield dit al door Albert Collins te eren met een geweldige cover van het prachtige ”Lights Are On But Nobody’s Home”. Ook ”Woman Across the River” van Freddie King kwam al eens voorbij. Op ”Far As I Can See” wordt een funky versie gespeeld van Albert King’s ”Breaking Up Somebody’s Home”. Schofield blijft dicht bij het origineel, maar de alhier gespeelde versie is er eentje om je vingers bij af te likken.

Een belangrijk onderdeel van het totaalgeluid van Matt Schofield is het orgelspel van Jonny Henderson. Op de eerste helft van ”Far As I Can See” houdt Henderson zich nog redelijk in. Hij verzorgt met name een warme basis voor het gitaarspel van Schofield. Maar op de tweede helft neemt Henderson meer en meer het voortouw. Heerlijke Hammond B3 solo’s komen voorbij, zoals bijvoorbeeld op ”Hindsight”. De combinatie van de gitaar van Schofield en de orgel van Henderson is een heerlijke. Ze zorgen tezamen voor een modern bluesgeluid, maar zijn tegelijkertijd in staat om aloude tijden te doen herleven. Het bijna tien minuten durende afsluitende ”Red Dragon” is er eentje die qua sfeer en opbouw doet denken aan Jimi Hendrix’ ”Voodoo Chile” (niet de ”Slight Return” versie, maar de lange jamversie). Schofield evenaart het gevoel en geluid van Hendrix met het grootste gemak, maar verwerkt tussen al die klassieke Hendrix licks ook zijn eigen geluid. Het orgelspel van Henderson doet je denken aan Steve Winwood in de Hendrix klassieker en ”Red Dragon” is daarmee een van de ontelbare hoogtepunten van ”Far As I Can See”.

Het lange wachten was het meer dan waard. ”Far As I Can See” is nu al een van mijn favoriete albums van Matt Schofield. Maar eigenlijk moet ik vaststellen dat Schofield nog geen slechte plaat heeft afgeleverd. Wat dat betreft past ”Far As I Can See” moeiteloos in het rijtje eerder uitgebrachte albums. Dit zou voor mij persoonlijk wel eens het album van het jaar kunnen worden. Wellicht een voorbarige uitspraak zo vroeg in het jaar, maar het kenmerkt tegelijkertijd de kwaliteit en de klasse van Matt Schofield.

Matt Schofield - Heads, Tails & Aces (2009)

poster
4,5
Op "Heads, Tails & Aces" laat Matt Schofield weer een warm bluesgeluid horen. Hij kiest wel voor een andere samenstelling van zijn band dan dat we gewend zijn. Op zijn vorige platen is Matt Schofield vaak in een trio bezetting te horen, waarbij toetsenlegende Jonny Henderson ook de baspartijen voor zijn rekening nam op zijn hammond orgel. Op "Heads, Tails & Aces" is de band uitgebreid met een echte bassist, waardoor Henderson zich op zijn gloedvolle, warme en funky orgelspel kan concentreren. Het basgeluid is daardoor ook prominenter en voller aanwezig. Daarnaast is het geluid meer verschoven naar pure blues, en is de jazz en funk iets meer naar de achtergrond verdrongen. Uiteraard heeft de muziek van Schofield nog steeds die ongekende groove. Als gitarist behoort Schofield tot de buitencategorie. Zijn spel is warm en hij weet de bluesnoten met volle passie en overgave te raken. Zijn cleane toon heeft me altijd geraakt en hij balanceert perfect tussen het gebruik van de lagere en hogere tonen. Zoals gezegd klinkt Schofield op "Heads, Tails & Aces" bluesier dan ooit, met name in de bloedstollend mooie slowblues "Lay it Down". Samen met zijn vorige plaat "Ear to the Ground", behoort deze tot mijn favorieten van Matt Schofield.

Matt Schofield - Siftin' Thru Ashes (2005)

poster
4,5
Matt Schofield had al indruk gemaakt met zijn gitaarwerk in The Lee Sankey Group. Ook had hij al enkele live albums uitgebracht, maar ”Siftin’ Thru Ashes” is zijn eerste studioalbum. En wat voor een! Schofield laat een onweerstaanbare mix van blues, funk en jazz horen. Het geluid van Schofield wordt niet alleen bepaald door zijn weergaloze gitaarspel, maar ook door de heerlijke ronkende orgel van Jonny Henderson en het jazzy drumwerk. Dit alles levert een heerlijke set liedjes op die afwisselend eigen werk en covers zijn. De bewerking van Albert Collins’ ”Light Are On, But Nobody’s Home” is minstens zo goed als het origineel. En de uitvoering van ”The Letter” is een frisse benadering van deze popklassieker. Ook het instrumentale ”Djam” en de titeltrack grooven als de neten, net als het funky ”People Say”. Met dit prachtige debuut lost Schofield de verwachtingen ruimschoots in. Ik ben in ieder geval fan.

Matt Schofield with Jonny Henderson and Evan Jenkins - The Trio, Live (2004)

poster
4,5
Nu is Matt Schofield een van de beste bluesgitaristen van zijn generatie. En volgens sommigen behoort hij al tot de grootste Britse gitaristen allertijden. Inmiddels heeft Schofield een reeks albums afgeleverd, waar hij de nodige prijzen mee heeft gewonnen. Net als voor zijn gitaarwerk overigens. In het begin van zijn carrière was Schofield naas sessiemuzikant vooral een graag geziene gast in het livecircuit. Uit die periode, dus voor zijn eerste album, komt ”The Trio, Live”. Samen met drummer Evan Jenkins en toetsenist Jonny Henderson, met die laatste treedt hij overigens nog steeds op, vuurt Schofield een heerlijk salvo aan jazzy en funkende bluesnummers op je af. Er wordt veel geïmproviseerd en gejamd en het ontbreekt dus niet aan de nodige instrumentals. Niet erg wat mij betreft, want naast de passie en beleving, spat het muzikale vakmanschap er vanaf. Schofield funkt met de ritmes en soleert in de blues. Het is daarmee swingend en intens tegelijk. Daarnaast valt het jazzy drumwerk van Evans op en zorgt Henderson met zijn hammond orgel en basloopjes (met de pedalen) voor een vol en warm geluid. ”The Trio, Live” is Matt Schofield op zijn best: op het podium!

Mavis Staples - One True Vine (2013)

poster
4,0
Als niet religieus persoon heb ik religieuze muziek wel altijd interessant gevonden. Er gaat een bepaalde passie en beleving achter schuil die ik intrigerend vind en zeker als het wordt verpakt in de blues en soul zoals die is te horen op "One True Vine". De religieuze thematiek vind ik dus nergens storend. Jeff Tweedy zorgt wederom voor een heerlijke productie, maar speelt ook nog eens bijna alle instrumenten in. Afhankelijk van de toon van het liedje klinkt de muziek enerzijds opbeurend en opgewekt en anderzijds duister, donker en dreigend. Die tegenstelling hoort ook een beetje bij religie en dat draagt op een positieve manier bij aan mijn luisterbeleving. "One True Vine" is wederom een prima album van Mavis Staples. Ze zet zo in de herfst van carrière toch een prima reeks albums neer. Deze gospelblues is wat mij betreft zeer geslaagd en is het beste wat je kunt krijgen los van een echte gospelkerkdienst uit het zuiden van de Verenigde Staten.