Hier kun je zien welke berichten Ataloona als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Magma - Mekanïk Destruktïw Kommandöh (1973)
Alternatieve titel: M.D.K.

4,5
0
geplaatst: 27 september 2011, 22:41 uur
Fijne achtergrond informatie van Paalhaas, want ik zat toch al aardig moeilijk te doen over de ''onverstaanbare lyrics''. Gelukkig zijn die dus gewoon in een verzonnen taal... Niet dat dat veel uitmaakt, want wat is dit een heerlijke plaat. Vaak lekker gek gezongen en de betekenis van dit Zeuhl-genre word flink duidelijk gemaakt door Magma. Een episch geheel van hypnotiserende klaaglijke zang, een flinke scheut jazz, rock in de meest epische vorm, gospel en vooral - zoals Paalhaas al aangaf - de nodige Zappa en Stravinsky invloeden. Kennelijk is het zelfs een echte rockopera (ik verwijs u door naar het stuk van Paalhaas) met een absurd en humorvol verhaal. De muziek past er dan ook zeker bij. Overigens is de goede muzikaliteit van de band makkelijk te horen, alleen al het ongelovelijk mooie openingsnummer met de rollende bas en de heerlijke piano loopjes. Een album wat zeker wat aandacht verdient en het is dan ook zeker een fantastisch album. 4,5*
Manuel - Krang (1996)

3,5
0
geplaatst: 2 april 2011, 23:27 uur
De Kraaien is een begravenis, een ceremonie die tegen een wens ingaat.
Nog niks afgesproken, nog niet eens een kist. Niet betaald voor zijn uitvaard,
en nog niks besproken met Monuta. Zijn aderlijke familie alles regelend, voor de lang verloren zoon. Eenvoudig en vroom levend, totaal anders dan zijn bloedverwanten.
Het zijn goede mensen, maar anders dan hij. Hij is overleden en wordt herdacht.
Terwijl hij boven de mensen uitstijgt en alles overziet, zo had hij het niet gewild.
De stoet vanuit de kerk
Tegen al mijn wensen in
Een laatste avond in de kroeg
Maar de familie had geen zin
'T zijn zulke brave burgermensen
Grijze mussen berelaf
Ik kan sputteren wat ik wil
Ze dragen me naar mijn graf
Daarna weer terug op aarde gekomen, vol verrijking.
Eindelijk nagedacht over zijn begravenis,
veel mensen willen dat niet, dat vooruit denken over de dood.
Toch moet het eens en dat wist André ook..
Nee, Krang bestaat niet alleen uit het perfecte De Kraaien, nee ook uit andere schiterrende liederen. Zachte en grauwe liedjes met vlijmscherpe teksten van deze duizendpoot.
Cabaretier, muzikant en schrijver, hij kan van alles en hier laat hij zijn muzikale kracht zien.
Het album is van zeer hoog niveau, zonder mindere nummers en met een geweldige uitschieter, namelijk De Kraaien.
Vanaf dat De Nar het album inwijd, begint een rustige reis door zelfimpressie en eenzaamheid.
Teksten van erg hoog niveau, cynisch, scherp en humorvol.
De zwartgalligheid bekleurt het album, en dat vormt een perfecte combinatie met de teksten.
Poëzie ondersteunt door ingetogen en beschrijvende muziek.
Een singer-songwriter wil ik André Manuel wel noemen na dit album.
4,5* deel ik uit, het is prachtig, maar niet de ultieme perfectie.
Het is ook niet een album wat ik vaak zal opzetten, maar De Kraaien is wel een nummer dat ik nog vaak zal draaien. Èen van mijn favoriete nummers.
Een sterk album waar ik makkelijk van kan genieten en dus bedank ik Deric Raven voor de tip!
Nog niks afgesproken, nog niet eens een kist. Niet betaald voor zijn uitvaard,
en nog niks besproken met Monuta. Zijn aderlijke familie alles regelend, voor de lang verloren zoon. Eenvoudig en vroom levend, totaal anders dan zijn bloedverwanten.
Het zijn goede mensen, maar anders dan hij. Hij is overleden en wordt herdacht.
Terwijl hij boven de mensen uitstijgt en alles overziet, zo had hij het niet gewild.
De stoet vanuit de kerk
Tegen al mijn wensen in
Een laatste avond in de kroeg
Maar de familie had geen zin
'T zijn zulke brave burgermensen
Grijze mussen berelaf
Ik kan sputteren wat ik wil
Ze dragen me naar mijn graf
Daarna weer terug op aarde gekomen, vol verrijking.
Eindelijk nagedacht over zijn begravenis,
veel mensen willen dat niet, dat vooruit denken over de dood.
Toch moet het eens en dat wist André ook..
Nee, Krang bestaat niet alleen uit het perfecte De Kraaien, nee ook uit andere schiterrende liederen. Zachte en grauwe liedjes met vlijmscherpe teksten van deze duizendpoot.
Cabaretier, muzikant en schrijver, hij kan van alles en hier laat hij zijn muzikale kracht zien.
Het album is van zeer hoog niveau, zonder mindere nummers en met een geweldige uitschieter, namelijk De Kraaien.
Vanaf dat De Nar het album inwijd, begint een rustige reis door zelfimpressie en eenzaamheid.
Teksten van erg hoog niveau, cynisch, scherp en humorvol.
De zwartgalligheid bekleurt het album, en dat vormt een perfecte combinatie met de teksten.
Poëzie ondersteunt door ingetogen en beschrijvende muziek.
Een singer-songwriter wil ik André Manuel wel noemen na dit album.
4,5* deel ik uit, het is prachtig, maar niet de ultieme perfectie.
Het is ook niet een album wat ik vaak zal opzetten, maar De Kraaien is wel een nummer dat ik nog vaak zal draaien. Èen van mijn favoriete nummers.
Een sterk album waar ik makkelijk van kan genieten en dus bedank ik Deric Raven voor de tip!
Mario Batkovic - Mario Batkovic (2017)

4,0
1
geplaatst: 9 september 2017, 20:08 uur
Sinds ik lang geleden mijn eerste kennismaking had met de films van Bela Tarr heb ik een enorme fascinatie en voorliefde voor dit instrument. Kan perfect gebruikt worden in pop/rockmuziek, of countrymuziek, maar ook uitstekend in dit soort spannende abstracte muziek. Zeker geen klassiek gebruik van het instrument en ook zeker niet belegen. Eerder een flinke knipoog naar grootmeester Pauline Oliveros. Denk meer aan de opbouw van de accordeonsolo's van Mihaly Vig die rustig opbouwen naar (gelijksoortig aan) Oliveros' dissonante meeslepende finales. Indrukwekkend. Ik wil dit zien komende november in Utrecht.
Marion Brown - Why Not? (1967)

3,5
2
geplaatst: 3 augustus 2020, 16:31 uur
Bijzondere eend in de bijt van Marion Brown's vroege post-Coltrane carrière als bandleider. Waar zijn andere plaatjes in deze periode hard-boiled free jazz a la lettre zijn, neigt deze speelse plaat meer naar de spirituele soulvolle kant van de free jazz beweging. Niet heel veel anders dan de richting waarin die andere grote Coltrane alumnus zich bewoog: Pharoah Sanders. In de liner notes van de heruitgave van 'Why Not?' wordt tevens de vergelijking gemaakt met de Strata-East beweging. En ik moet bekennen; tijdens het luisteren - en vóór het lezen van de handige liner notes - meende ik zelfs eventjes dat deze plaat welhaast op dat label moest zijn uitgebracht, ware het niet dat dit plaatje reeds vier volle jaren werd uitgebracht vóórdat het roemruchte label überhaupt werd opgericht. Enfin.
De lineup op dit plaatje heeft mogelijk een aardige hand in mijn dwaling. Achter de piano komen we namelijk ''rookie'' Stanley Cowell tegen; potverdikkie gewoon een van de latere oprichters van Strata-East! Niet verkeerd. Naast Cowell en natuurlijk altsaxofonist Brown himself, doet ook Rashied Ali mee op de drums. Natuurlijk niet vies van een potje zweterige spirituele jazz. Zeker op de veel energiekere en meer vrije b-kant van deze plaat krijgt Ali alle ruimte om te soleren en stevig te roffelen. De a-kant daarentegen is wat soulvoller en bevat een ballade en een meanderende compositie die a-typisch voor Brown zeer melodisch is (de opener). Zoals het latere jaren 60 en 70 werk van Sanders, kenmerkt de a-zijde van deze plaat zich vooral door 1 voorname saxofonist; een continue aanwezige pianoharmonie op de achtergrond, waarbij de toetsten lichtjes maar rap worden getoucheerd; snelle drums (met zowel Afrikaanse als Latijnse ritmes) waarbij vooral de cimbalen extensief worden gebruikt en een ritmisch ostinato van de bassist. Dat laatste plekje in de lineup wordt overigens ingevuld door een toen vrij jonge Sirone, wiens gloriejaren vooral in de jaren 70 zouden aanbreken als partner van Leroy Jenkins.
Persoonlijk hoor ik Marion Brown liever in zijn claustrofobische en krachtige freejazz stijl, dan in deze ultra-romantische en soulvolle setting. Toch bevalt ook dit werkje mij wel. Er is werkelijk geen zwak puntje in deze lineup te bespeuren; ze lenen zich allen perfect voor deze composities van Brown. Brown past daarop zijn spel ook aan. Hij is hier minder abrupt en stotterend in zijn passages dan gebruikelijk. Hij soleert met meer opbouw door kabbelend toe te werken naar lange harmonieuze uithalen op z'n Eric Dolphy's. Daarnaast blijft Brown altijd origineel in zijn composities (al is de geest van Coltrane ook niet volledig weg te denken). Hij lag ten tijde van dit album in zijn muzikale exploraties, in tegenstelling tot wat reputaties van nu misschien doen veronderstellen, ook al aardig voor op Pharoah Sanders en andere mede Trane-allumni. Dat mag ook gezegd worden.
De lineup op dit plaatje heeft mogelijk een aardige hand in mijn dwaling. Achter de piano komen we namelijk ''rookie'' Stanley Cowell tegen; potverdikkie gewoon een van de latere oprichters van Strata-East! Niet verkeerd. Naast Cowell en natuurlijk altsaxofonist Brown himself, doet ook Rashied Ali mee op de drums. Natuurlijk niet vies van een potje zweterige spirituele jazz. Zeker op de veel energiekere en meer vrije b-kant van deze plaat krijgt Ali alle ruimte om te soleren en stevig te roffelen. De a-kant daarentegen is wat soulvoller en bevat een ballade en een meanderende compositie die a-typisch voor Brown zeer melodisch is (de opener). Zoals het latere jaren 60 en 70 werk van Sanders, kenmerkt de a-zijde van deze plaat zich vooral door 1 voorname saxofonist; een continue aanwezige pianoharmonie op de achtergrond, waarbij de toetsten lichtjes maar rap worden getoucheerd; snelle drums (met zowel Afrikaanse als Latijnse ritmes) waarbij vooral de cimbalen extensief worden gebruikt en een ritmisch ostinato van de bassist. Dat laatste plekje in de lineup wordt overigens ingevuld door een toen vrij jonge Sirone, wiens gloriejaren vooral in de jaren 70 zouden aanbreken als partner van Leroy Jenkins.
Persoonlijk hoor ik Marion Brown liever in zijn claustrofobische en krachtige freejazz stijl, dan in deze ultra-romantische en soulvolle setting. Toch bevalt ook dit werkje mij wel. Er is werkelijk geen zwak puntje in deze lineup te bespeuren; ze lenen zich allen perfect voor deze composities van Brown. Brown past daarop zijn spel ook aan. Hij is hier minder abrupt en stotterend in zijn passages dan gebruikelijk. Hij soleert met meer opbouw door kabbelend toe te werken naar lange harmonieuze uithalen op z'n Eric Dolphy's. Daarnaast blijft Brown altijd origineel in zijn composities (al is de geest van Coltrane ook niet volledig weg te denken). Hij lag ten tijde van dit album in zijn muzikale exploraties, in tegenstelling tot wat reputaties van nu misschien doen veronderstellen, ook al aardig voor op Pharoah Sanders en andere mede Trane-allumni. Dat mag ook gezegd worden.
Marisa Anderson - Cloud Corner (2018)

3,0
0
geplaatst: 10 juni 2018, 14:16 uur
Eigenlijk net als op voorganger 'Into the Light' laat de toch wel zeer begaafde gitarist Marisa Anderson op haar nieuwste worp een tikkeltje saai gitaargetokkel horen. Fingerpicking is iets wat ze tot in de miniatuur beheerst; dat kan ze wel, maar de composities zijn mij toch veelal weer wat te meanderend. Wat mij op zich aanspreekt is dat de nummers geen kop-romp-staart structuur hebben en dat je direct middenin de compositie wordt gegooid. Maar laat er nou juist in die composities niet heel veel te beleven zijn. Die missen urgentie. Op zich niet erg, maar dan moet er wel enige vernieuwende elementen te horen zijn, maar ook die ontbreken.
Het laid-back americana sfeertje is boeiend gedurende een minuut of 15, maar dan heb ik toch behoefte aan een nieuwe richting. Die 'nieuwe richting' gaat zij pas op gedurende het nummer Lift, waarbij wat meer echo en reverb te horen is. Daar veer ik even op en denk ik dat de plaat toch nog spannend gaat worden. Helaas; dat is dan ook gelijk al de laatste song. Gemiste kans.
Het laid-back americana sfeertje is boeiend gedurende een minuut of 15, maar dan heb ik toch behoefte aan een nieuwe richting. Die 'nieuwe richting' gaat zij pas op gedurende het nummer Lift, waarbij wat meer echo en reverb te horen is. Daar veer ik even op en denk ik dat de plaat toch nog spannend gaat worden. Helaas; dat is dan ook gelijk al de laatste song. Gemiste kans.
Marissa Nadler - Ballads of Living and Dying (2004)

4,0
0
geplaatst: 12 augustus 2011, 00:19 uur
Sterk album van deze dame. Ze zingt koel en klaaglijk en samen met de mooie, rustige, herhalende en bij vlagen hypnotiserende gitaarlijnen zorgt ze voor een hele mooi sfeer. Het klinkt duister en leeg. Marissa vult dit dan ook prachtig in met haar gitaar en stem. Zeker goed geproduceert en het valt mij op dat de beginfase van Marissa mij stukken beter bevalt dan de periode waarin ze nu zit. Ik hoop dat ze weer albums maakt zoals haar eerdere albums. Het album heeft zo wel zijn minpunten. Soms word het wat saai door de steeds herhalende gitaarlijnen, dit gebeurt vrijwel elk nummer en dat pakt niet altijd even lekker uit. Hoogtepunten zijn de mysterieuze en hypnotiserende opener Fifty Five Falls, Stallions, Days of Rum, Virgina en Annabelle Lee. Ik geef een 4*
Ps. Probeer de tip van Sietse eens als je Marissa Nadler kan waarderen, echt erg mooi.
Ps. Probeer de tip van Sietse eens als je Marissa Nadler kan waarderen, echt erg mooi.
Mark Lanegan Band - Bubblegum (2004)
Alternatieve titel: Bubblegum XX

3,5
1
geplaatst: 22 februari 2011, 23:51 uur
Toch erg verassend als ik de berichten hier zo zie.
Velen mensen hier erg enthousiast, 217 stemmers,
je verwacht toch dat iemand hier een mening zou hebben neergepent.
Een meesterwerk, daarom mijn betekenis.
Al bij de eerste klanken,
een tragisch pianospel.
Donkere drumbeats.
Een prachtige melodie,
gedragen door de zang van Lanegan.
When Your Number Is Up.
Wanneer ben jij aan de beurt?
Wanneer ga jij dood?
Of wanneer stap jij in het bootje?
De zin van het leven,
cynisch verteld door Mark.
Vertellend over zijn kritische tante,
Hoe zij hem heeft gemaakt tot de man wie hij nu is.
When Your Number Is Up..
De tragie verwerkend,
keihard rockend.
Een perfecte melodie,
de rauwe en ruige stem van Lanegan.
De perfecte verstoten rocker.
Hij draagt het nummer.
I Hit the City.
Klaar met het lijden,
feestend naar de stad.
Nog 1 keer lol,
wat meiden oppikken en stappen met zijn vrienden.
Hit the City.
Melangolie, een soort Gorillaz achtig deuntje.
Werkt top voor mij.
Mysterieus en grauw.
De spanning voor het huwelijk,
beschreven als de vrijgezellennacht van het vorige nummer.
Nog maar een paar uur.
Nog even wat Jack Daniels achterover gieten.
When You Put On That Long White Wedding Dress.
Hierna niet meer vrij,
zich al te goed beseffend.
Wat hij allemaal opgeeft.
Wedding Dress.
Methamphetamine Blues is keihard.
Een straatwerker werkend met zijn middelen,
ook hij kan muziek werken met zijn machinale beat.
De voormalige junk,
klaar voor het echte leven.
Een baan, een familie, een tv,
een hond, buren die klagen en rekeningen betalen.
De echte volwassenheid.
Rolling, Just to Keep On Rolling,
I Don't Want to Leave This Heaven Soon..
One Hundred Days,
rustig en kalm.
Melancholisch en ingetogen.
Rustge muziek gedragen op de rauwe stem van Lanegan.
Neem nog maar eens wat ''scotch''.
Al honderd dagen getrouwd,
nu al verlangend naar een nieuw meisje.
Nu al pratend met andere meisjes.
Een kind in verwachting en een vrouw die van hem houd.
Waar kiest hij voor?
Zijn vrije, gemakkelijke leven,
of toch de zware maar volwassen oudertaak?
Het hoofd van de familie,
waarmakend wat zijn vader niet kon.
Dat alles in One Hundred Days..
De rust in Bombed,
een kort nummer.
Je verwacht woede en agressie,
maar krijgt een rustig duetje.
Kort en ingetogen.
Een liefdesspel in 1 minuut en 9 seconden..
Heel mooi,
ik droomweg op de rustige muziek.
Relaxt gitaarspel en de drummer doet zijn ding.
Rustig blijven doorgaan, de perfectie is er.
Strange Religion,
Gaande over de vreemdheid van relaties,
van het huwelijk.
Alsof het iets is wat hij niet kende.
Niet wetende wat zijn rol is.
De miscommunicaties tussen man en vrouw.
Niet kunnen zien wat de ander pijn doet.
Werkt het wel tussen de 2?
Love is a Strange Religion.
Mark Lanegan weet waar hij moet toe slaan.
Dat doet hij goed met de agressieve beuker Sideways in Reverse.
De kant van de man komt aan het licht.
Waar maken we nou ruzie om?
Altijd van die kleine dingetjes.
Wees blij dat ik er geen probleem van maak!
Kom hier en geef me gewoon je liefde..
Traag, de diepe bas.
De stemmen van Mark Lanegan en PJ Harvey als man en vrouw,
verworven tot 1 leven,
tot 1 kind.
Wat moet dat kind een goddelijke stem krijgen zeg!
Weer toenadering zoekend na een grote ruzie,
je voelt de ongemakkelijkheid,
de moeite dat het kost om sorry te zeggen.
Het is moeilijk om de juiste woorden te vinden.
Just,
Come To Me..
Een zwoel,
een drive, ja daar zit Mark op.
Al het hele album maar vooral op dit nummer.
Like Little Willie John.
De mooie kant van het vrijgezelle leven.
Zijn eerste ontmoetingen met de liefde van zijn leven.
Toen leek het allemaal perfect, nu toch wat minder.
Toen zag alles er mooi uit,
niet wetende wat het diepe karakter van haar was.
Gevallen voor het uiterlijk en haar verlijdingstechniek.
Nu tot haar veroordeelt tot aan de dood..
Can't Come Down heeft weer iets aparts over zich heen.
Dat aparte intro en hoe Mark opeens invalt.
Het werkt weer sterk.
Het weerstaan van verleidingen.
Trouw blijven aan je vrouw.
Er zwerft heel wat moois rond,
Mark heeft moeite om zich te beheersen.
Ooit de patser van de buurt,
elke dag weer een nieuwe (of 2)
Nu veroordeelt tot 1.
Het liefst komt hij helemaal los.
Freed From Temptation..
Het melangolische begin met de rauwe stem van Mark is heerlijk.
De eerste zinnen ook,
intens mooi.
Morning Glory Wine,
over het drinken.
Niet 1 glaasje, niet 2 glaasjes,
nee, eerder 1 fles per morgen.
Hij kan niet omgaan met het huwelijk.
Waar de ander vreemd gaat en de ander de scheiding aanvraagt,
daar stort Mark zich op de drank.
Zijn leven zonder drank voelt als een ''Electrocution''.
Head begint prachtig met die geweldige beat en de rauwe gitaar.
Perfect, intensief en intiem.
Rauw, hard maar ook rustig.
De topper van het album.
Donker maar er is ook licht.
Niet de depressieve dichter,
het leven wordt nog gewaardeert.
Breekbaar en klein.
Een mooie weergave wat er gebeurt in de hoofd van de man.
Hoe hij omgaat met zijn dagelijkse sleur.
Kinderen, vrouw en baas.
Een sleur waar hij niet uit komt,
en zich dus nogmaals waagt an de drank..
Driving Death Valley Blues,
eindelijk de sprong gewaagd.
Rijdend naar Las Vegas.
Met zijn 3 beste vrienden.
Een weekend vol lol.
Zonder vrouw, kinderen en baas.
Zij weten het nog niet,
zij liggen nog op bed.
De man lachend in zijn auto,
eindelijk weg..
Out of Nowhere is de afsluiting.
Na een weekend vol lol,
is Mark toch weer de tragische Mark van de familie.
Het wordt tijd voor een beslissing,
gaat hij weer terug naar zijn familie,
of kiest hij weer voor het plezier?
Verantwoordelijkheden of geen.
De keuze van een man.
So It Ends, and So It Begins..
Velen mensen hier erg enthousiast, 217 stemmers,
je verwacht toch dat iemand hier een mening zou hebben neergepent.
Een meesterwerk, daarom mijn betekenis.
Al bij de eerste klanken,
een tragisch pianospel.
Donkere drumbeats.
Een prachtige melodie,
gedragen door de zang van Lanegan.
When Your Number Is Up.
Wanneer ben jij aan de beurt?
Wanneer ga jij dood?
Of wanneer stap jij in het bootje?
De zin van het leven,
cynisch verteld door Mark.
Vertellend over zijn kritische tante,
Hoe zij hem heeft gemaakt tot de man wie hij nu is.
When Your Number Is Up..
De tragie verwerkend,
keihard rockend.
Een perfecte melodie,
de rauwe en ruige stem van Lanegan.
De perfecte verstoten rocker.
Hij draagt het nummer.
I Hit the City.
Klaar met het lijden,
feestend naar de stad.
Nog 1 keer lol,
wat meiden oppikken en stappen met zijn vrienden.
Hit the City.
Melangolie, een soort Gorillaz achtig deuntje.
Werkt top voor mij.
Mysterieus en grauw.
De spanning voor het huwelijk,
beschreven als de vrijgezellennacht van het vorige nummer.
Nog maar een paar uur.
Nog even wat Jack Daniels achterover gieten.
When You Put On That Long White Wedding Dress.
Hierna niet meer vrij,
zich al te goed beseffend.
Wat hij allemaal opgeeft.
Wedding Dress.
Methamphetamine Blues is keihard.
Een straatwerker werkend met zijn middelen,
ook hij kan muziek werken met zijn machinale beat.
De voormalige junk,
klaar voor het echte leven.
Een baan, een familie, een tv,
een hond, buren die klagen en rekeningen betalen.
De echte volwassenheid.
Rolling, Just to Keep On Rolling,
I Don't Want to Leave This Heaven Soon..
One Hundred Days,
rustig en kalm.
Melancholisch en ingetogen.
Rustge muziek gedragen op de rauwe stem van Lanegan.
Neem nog maar eens wat ''scotch''.
Al honderd dagen getrouwd,
nu al verlangend naar een nieuw meisje.
Nu al pratend met andere meisjes.
Een kind in verwachting en een vrouw die van hem houd.
Waar kiest hij voor?
Zijn vrije, gemakkelijke leven,
of toch de zware maar volwassen oudertaak?
Het hoofd van de familie,
waarmakend wat zijn vader niet kon.
Dat alles in One Hundred Days..
De rust in Bombed,
een kort nummer.
Je verwacht woede en agressie,
maar krijgt een rustig duetje.
Kort en ingetogen.
Een liefdesspel in 1 minuut en 9 seconden..
Heel mooi,
ik droomweg op de rustige muziek.
Relaxt gitaarspel en de drummer doet zijn ding.
Rustig blijven doorgaan, de perfectie is er.
Strange Religion,
Gaande over de vreemdheid van relaties,
van het huwelijk.
Alsof het iets is wat hij niet kende.
Niet wetende wat zijn rol is.
De miscommunicaties tussen man en vrouw.
Niet kunnen zien wat de ander pijn doet.
Werkt het wel tussen de 2?
Love is a Strange Religion.
Mark Lanegan weet waar hij moet toe slaan.
Dat doet hij goed met de agressieve beuker Sideways in Reverse.
De kant van de man komt aan het licht.
Waar maken we nou ruzie om?
Altijd van die kleine dingetjes.
Wees blij dat ik er geen probleem van maak!
Kom hier en geef me gewoon je liefde..
Traag, de diepe bas.
De stemmen van Mark Lanegan en PJ Harvey als man en vrouw,
verworven tot 1 leven,
tot 1 kind.
Wat moet dat kind een goddelijke stem krijgen zeg!
Weer toenadering zoekend na een grote ruzie,
je voelt de ongemakkelijkheid,
de moeite dat het kost om sorry te zeggen.
Het is moeilijk om de juiste woorden te vinden.
Just,
Come To Me..
Een zwoel,
een drive, ja daar zit Mark op.
Al het hele album maar vooral op dit nummer.
Like Little Willie John.
De mooie kant van het vrijgezelle leven.
Zijn eerste ontmoetingen met de liefde van zijn leven.
Toen leek het allemaal perfect, nu toch wat minder.
Toen zag alles er mooi uit,
niet wetende wat het diepe karakter van haar was.
Gevallen voor het uiterlijk en haar verlijdingstechniek.
Nu tot haar veroordeelt tot aan de dood..
Can't Come Down heeft weer iets aparts over zich heen.
Dat aparte intro en hoe Mark opeens invalt.
Het werkt weer sterk.
Het weerstaan van verleidingen.
Trouw blijven aan je vrouw.
Er zwerft heel wat moois rond,
Mark heeft moeite om zich te beheersen.
Ooit de patser van de buurt,
elke dag weer een nieuwe (of 2)
Nu veroordeelt tot 1.
Het liefst komt hij helemaal los.
Freed From Temptation..
Het melangolische begin met de rauwe stem van Mark is heerlijk.
De eerste zinnen ook,
intens mooi.
Morning Glory Wine,
over het drinken.
Niet 1 glaasje, niet 2 glaasjes,
nee, eerder 1 fles per morgen.
Hij kan niet omgaan met het huwelijk.
Waar de ander vreemd gaat en de ander de scheiding aanvraagt,
daar stort Mark zich op de drank.
Zijn leven zonder drank voelt als een ''Electrocution''.
Head begint prachtig met die geweldige beat en de rauwe gitaar.
Perfect, intensief en intiem.
Rauw, hard maar ook rustig.
De topper van het album.
Donker maar er is ook licht.
Niet de depressieve dichter,
het leven wordt nog gewaardeert.
Breekbaar en klein.
Een mooie weergave wat er gebeurt in de hoofd van de man.
Hoe hij omgaat met zijn dagelijkse sleur.
Kinderen, vrouw en baas.
Een sleur waar hij niet uit komt,
en zich dus nogmaals waagt an de drank..
Driving Death Valley Blues,
eindelijk de sprong gewaagd.
Rijdend naar Las Vegas.
Met zijn 3 beste vrienden.
Een weekend vol lol.
Zonder vrouw, kinderen en baas.
Zij weten het nog niet,
zij liggen nog op bed.
De man lachend in zijn auto,
eindelijk weg..
Out of Nowhere is de afsluiting.
Na een weekend vol lol,
is Mark toch weer de tragische Mark van de familie.
Het wordt tijd voor een beslissing,
gaat hij weer terug naar zijn familie,
of kiest hij weer voor het plezier?
Verantwoordelijkheden of geen.
De keuze van een man.
So It Ends, and So It Begins..
Mary Halvorson - Belladonna (2022)

3,5
2
geplaatst: 24 mei 2022, 11:53 uur
Ik ben het eens met mijn voorganger. Belladonna is bij tijd en wijlen erg interessant. De langste composities zijn inderdaad de prijsnummers waarin de vrijere muzikant in Halvorson meer naar boven komt. De bedrukkende uitwerking van de combinatie 'geregisseerd strijkkwartet' en 'vrijere gitaarsolist' vind ik daar het meest plezant klinken. Interessante keuze om niet meer jazz-solisten te juxtaposeren tegen het strijkkwartet, maar het werkt meer dan prima. Tegelijkertijd voelt Belladonna wel een beetje als een vingeroefening. Het is tenslotte ook de eerste keer dat Halvorson als dirigent-componist fungeert. Althans, in een klassieke kamersetting. Terwijl ze ondertussen ook nog als solist meespeelt. Wat dat betreft vind ik ''companion piece'' Amaryllis een stuk volwassender klinken, waarop Halvorson eens te meer benadrukt dat ze één van de beste meest ervaren jazz-componisten - én gitaristen! - van deze tijd is. Maar toch heb ik ondertussen het wellicht ietwat onwennige Belladonna al wat vaker opgelegd, want ik geniet evenzeer van het ver-van-perfecte karakter van dit plaatje. Op Amaryllis is ze meester, op Belladonna is ze (nog) student. Ik hoop in dat opzicht dat ze vaker (en brutaler) gaat experimenteren met de brug tussen kamermuziek, de avant-garde en (free)jazz. Die ontwikkeling zal het volgen ongetwijfeld waard zijn.
Mary Halvorson - Code Girl (2018)

3,5
1
geplaatst: 27 december 2018, 01:33 uur
Halvorson is een groot talent dat veel uit blijft proberen en het merendeel van ''Code Girl'' is inderdaad ontzettend aangenaam, maar toch gaat hier op dat overdaad schaad. Het zijn 14 overwegend zware songs en dan ligt een speelduur van 90 minuten zwaar op de maag. ''Away With You'' uit 2016 met haar octet vond ik dan een stuk aangenamer, daar die opnamen ook meer behapbaarder zijn. En dat album is dus dertig minuten korter. Dat had hier ook eenvoudig gekund, zonder dat het ten koste was gegaan van de kwaliteit.
Desniettemin is ''Code Girl'' een fraai werk geworden. Ze speelt hier samen met haar vaste companen Fujiwara (drums) en Formanek (bas) die haar ook in octetten en haar driepersoonsband Thumbscrew begeleiden. Ditmaal doet ook zangeres Amirtha Kidambi mee die gedichten van Halvorson voordraagt. Dat doet ze op een bijzondere expressieve en melismatische manier zodat haar vocale bijdragen opgaan in de improvisaties van de band, en vooral het gitaarspel van Halvorson (welk overigens erg doet denken aan het spel van Robert Fripp), en meer aanvoelt als instrumentale bijdrage. Vooraf gaf Halvorson aan dat ze voor het eerst kop-romp-staart liedjes had geschreven voor ''Code Girl'', maar dat blijkt achteraf dus wel mee te vallen. We hebben hier toch voornamelijk te maken met vrijzinnige composities. Het werk is uiteindelijk een koel, kunstzinnig modern en vervreemdend geluidspalet geworden dat op eerste gehoor wellicht fragmentarisch aanvoelt, doch na enige aandacht intellectueel, doordacht en uitgekookt blijkt te zijn; Fujiwara en Formanek voeren een afgesproken basisritme uit (waarbinnen genoeg ruimte is voor een goede drumroffel of een paar extra basnoten) op basis waarvan Kidambi en Halvorson om en om solerend 'dansen' en elkaar langzaam in hun melodieën proberen te volgen. Zeer intrigerend.
Helaas moet ik tot slot wel bij mijn eerste conclusie blijven: overdaad schaad. Had de plaat een speelduur van om en nabij het uur bedragen, dan was het positieve gevoel nog veel groter geweest.
Desniettemin is ''Code Girl'' een fraai werk geworden. Ze speelt hier samen met haar vaste companen Fujiwara (drums) en Formanek (bas) die haar ook in octetten en haar driepersoonsband Thumbscrew begeleiden. Ditmaal doet ook zangeres Amirtha Kidambi mee die gedichten van Halvorson voordraagt. Dat doet ze op een bijzondere expressieve en melismatische manier zodat haar vocale bijdragen opgaan in de improvisaties van de band, en vooral het gitaarspel van Halvorson (welk overigens erg doet denken aan het spel van Robert Fripp), en meer aanvoelt als instrumentale bijdrage. Vooraf gaf Halvorson aan dat ze voor het eerst kop-romp-staart liedjes had geschreven voor ''Code Girl'', maar dat blijkt achteraf dus wel mee te vallen. We hebben hier toch voornamelijk te maken met vrijzinnige composities. Het werk is uiteindelijk een koel, kunstzinnig modern en vervreemdend geluidspalet geworden dat op eerste gehoor wellicht fragmentarisch aanvoelt, doch na enige aandacht intellectueel, doordacht en uitgekookt blijkt te zijn; Fujiwara en Formanek voeren een afgesproken basisritme uit (waarbinnen genoeg ruimte is voor een goede drumroffel of een paar extra basnoten) op basis waarvan Kidambi en Halvorson om en om solerend 'dansen' en elkaar langzaam in hun melodieën proberen te volgen. Zeer intrigerend.
Helaas moet ik tot slot wel bij mijn eerste conclusie blijven: overdaad schaad. Had de plaat een speelduur van om en nabij het uur bedragen, dan was het positieve gevoel nog veel groter geweest.
Massive Attack - Mezzanine (1998)

4,0
0
geplaatst: 9 augustus 2010, 17:14 uur
Mezzanine
In het recensie topic werd mij door Hoi123 gevraagd dit album van een recensie te voorzien.
Dat doe ik maar al te graag.
Dit album is heerlijk duister, mysterieus. Het pakt je, het besluipt je en als je even niet oplet pakt het je bij de keel om je mee te sleuren in onheil. Dit album kun je meerdere belevenissen geven. Deric Raven beschrijft een belevenis al prachtig en zo zijn er meer belevenissen.
Zonder ook maar naar de tekst te luisteren zie je in je fantasie een film over een duistere overval verteld door 2 kanten. De vrouwen en de mannen...
1. Angel.
Dit begint zo spannend. Erg onheilspellend geluid. Een geniale beat. Spannende geluiden. Is dit een gewoon muziek album? Nee. De toon word al gezet met dit eerste nummer. Het word sterk gezongen.
De beat veranderd. Het word harder, spannender. Damn het word weer rustig om later weer uit te barsten.De toon is zeker gezet.
Scherpe gitaren klinken. Het nummer komt tot zijn climax. Om weer rustig te eindigen. 5*
2. Risingson.
Begint onheilspellend. Huh weerwolven? Ik hoor vreemde geluiden. Er komt een beat. Er klinkt zang. Ik word er gelijk ingetrokken. De 2 zangers wisselen elkaar mooi af. Een mooie gitaarsound komt er bij. Prachtige sfeer word er gecreeërd. 4.5*
3. Teardrop.
Mijn favoriete nummer van het album.
Het begint prachtig met een lekkere beat. Er komen snaren bij. Ik stel me regen voor op een donkere dag. Een vrouw lijkt verdrietig maar ook blij en laat dat met een prachtige stem blijken.
Die piano er bij ''ties the song really together'' om ''The Dude'' maar te quoten. 5*
4. Inertia Creeps.
Dit begint een beetje om zijn indisch. Zo lijkt het. Een beetje vreemd maar mysterieus. Geweldige drums klinken. Dit is zo'n nummer die je meeneemt in een zwart gat en je de mystieken van een andere wereld laat ontdekken. "Het komt langzaam naar boven" word er gezongen. Het is zo verdraaide spannend. Dan klinkt er ook nog eens een rustige maar mooie gitaar. Damn dit is goed. Op een minuut van het eind ongeveer komt het nog even flink los. Nice!!
5*
5. Exchange.
Begint rustig en lekker. Eindelijk ben je een beetje los van de spanning van de voorgaande nummers. Een lekkere beat. Rustige piano klanken. Mooi begeleid door de bas. Met koptelefoon helemaal mooi.
Het geluid cirkelt mooi door je heen. Het heeft iets mystieks. Prachtig.
Mooi instrumentaal. Je koelt even af om door het volgende nummer weer gepakt te worden. 5*
6. Dissolved Girl.
Begint gelijk snel om je ook zo snel mogelijk mee te sleuren.
Een serieuze bas met een piano die er soms een keer door heen mag klinken. Er komt een lekkere beat. En er volgt een prachtige vrouwelijke stem. De gitaar komt er bij. En het mysterieuze sfeertje is er weer. Het lijkt een rustig nummer te zijn maar niets is minder waar. Ongeveer na een derde van het nummer volgt er een uitbarsting van gitaar geweld. Als de storm gaat liggen volgt er een energieke beat en de gitaar komt rustig terug. Het nummer vervolgt weer zoals het begin van het nummer. 4.5*
7. Man Next Door.
Begint wat vreemd met een redelijke beat. Er komt een geweldige bas bij. Klinkt goed. De beat word harder. Dit klinkt sterk. De man die hier zingt zingt dit prachtig. Een andere manier is er gewoon niet voor dit nummer. Hij zingt dit werkelijk prachtig!! Voor de rest van het nummer blijft dit het zelfde. Geen spannend nummer dus maar nog steeds een 4*
8. Black Milk.
begint leuk met een piano in een lege hal met een bas en drumstel. Het is een donkere hal. De vrouw zingt met duistere emotie in haar stel. Dit is weer lekker mysterieus. Aan het eind van het nummer word het weer wat anders maar het nummer is niet zo bijzonder. een 4*
9. Mezzanine.
Begint heel mysterieus. Een lekker deuntje, sterke beat, goede bas. Erg spannend gezongen. Op de achtergrond hoor ik nog een gitaar wat toch nog enigzinds ontspannend klinkt. Over het hele nummer zijn zeer vreemde geluiden te horen wat het allemaal zeer onheilspellend maakt. Daar houd ik wel van. Zeer Sterk nummer. 5*
10. Group Four.
Het langste nummer van het album.
Begint heel spannend. Net of je in een spannende situatie zit.
Op de achtergrond is een onheilspellende beat te horen en de gitaar maakt het wel heel erg spannend. In een klap verandert het nummer. Een man verteld zijn verhaal. Dan komt een vrouw die haar verhaal doet. Onnder begeleiding van heerlijke muziek. Goed nummer maar zeker niet het beste. 4.5*
11. (Exchange)
Een reprise van Exchange. Heerlijk rustig. Cirkelt wat rond in je gedachten. Geweldige afsluiter. 5*
Kortom: Geweldig album waar je verschillende belevenissen aan kunt koppelen. Waarschijnlijk komt dit album in mijn top 10.
Voor nu een verhoging van 4* naar 5*
In het recensie topic werd mij door Hoi123 gevraagd dit album van een recensie te voorzien.
Dat doe ik maar al te graag.
Dit album is heerlijk duister, mysterieus. Het pakt je, het besluipt je en als je even niet oplet pakt het je bij de keel om je mee te sleuren in onheil. Dit album kun je meerdere belevenissen geven. Deric Raven beschrijft een belevenis al prachtig en zo zijn er meer belevenissen.
Zonder ook maar naar de tekst te luisteren zie je in je fantasie een film over een duistere overval verteld door 2 kanten. De vrouwen en de mannen...
1. Angel.
Dit begint zo spannend. Erg onheilspellend geluid. Een geniale beat. Spannende geluiden. Is dit een gewoon muziek album? Nee. De toon word al gezet met dit eerste nummer. Het word sterk gezongen.
De beat veranderd. Het word harder, spannender. Damn het word weer rustig om later weer uit te barsten.De toon is zeker gezet.
Scherpe gitaren klinken. Het nummer komt tot zijn climax. Om weer rustig te eindigen. 5*
2. Risingson.
Begint onheilspellend. Huh weerwolven? Ik hoor vreemde geluiden. Er komt een beat. Er klinkt zang. Ik word er gelijk ingetrokken. De 2 zangers wisselen elkaar mooi af. Een mooie gitaarsound komt er bij. Prachtige sfeer word er gecreeërd. 4.5*
3. Teardrop.
Mijn favoriete nummer van het album.
Het begint prachtig met een lekkere beat. Er komen snaren bij. Ik stel me regen voor op een donkere dag. Een vrouw lijkt verdrietig maar ook blij en laat dat met een prachtige stem blijken.
Die piano er bij ''ties the song really together'' om ''The Dude'' maar te quoten. 5*
4. Inertia Creeps.
Dit begint een beetje om zijn indisch. Zo lijkt het. Een beetje vreemd maar mysterieus. Geweldige drums klinken. Dit is zo'n nummer die je meeneemt in een zwart gat en je de mystieken van een andere wereld laat ontdekken. "Het komt langzaam naar boven" word er gezongen. Het is zo verdraaide spannend. Dan klinkt er ook nog eens een rustige maar mooie gitaar. Damn dit is goed. Op een minuut van het eind ongeveer komt het nog even flink los. Nice!!
5*
5. Exchange.
Begint rustig en lekker. Eindelijk ben je een beetje los van de spanning van de voorgaande nummers. Een lekkere beat. Rustige piano klanken. Mooi begeleid door de bas. Met koptelefoon helemaal mooi.
Het geluid cirkelt mooi door je heen. Het heeft iets mystieks. Prachtig.
Mooi instrumentaal. Je koelt even af om door het volgende nummer weer gepakt te worden. 5*
6. Dissolved Girl.
Begint gelijk snel om je ook zo snel mogelijk mee te sleuren.
Een serieuze bas met een piano die er soms een keer door heen mag klinken. Er komt een lekkere beat. En er volgt een prachtige vrouwelijke stem. De gitaar komt er bij. En het mysterieuze sfeertje is er weer. Het lijkt een rustig nummer te zijn maar niets is minder waar. Ongeveer na een derde van het nummer volgt er een uitbarsting van gitaar geweld. Als de storm gaat liggen volgt er een energieke beat en de gitaar komt rustig terug. Het nummer vervolgt weer zoals het begin van het nummer. 4.5*
7. Man Next Door.
Begint wat vreemd met een redelijke beat. Er komt een geweldige bas bij. Klinkt goed. De beat word harder. Dit klinkt sterk. De man die hier zingt zingt dit prachtig. Een andere manier is er gewoon niet voor dit nummer. Hij zingt dit werkelijk prachtig!! Voor de rest van het nummer blijft dit het zelfde. Geen spannend nummer dus maar nog steeds een 4*
8. Black Milk.
begint leuk met een piano in een lege hal met een bas en drumstel. Het is een donkere hal. De vrouw zingt met duistere emotie in haar stel. Dit is weer lekker mysterieus. Aan het eind van het nummer word het weer wat anders maar het nummer is niet zo bijzonder. een 4*
9. Mezzanine.
Begint heel mysterieus. Een lekker deuntje, sterke beat, goede bas. Erg spannend gezongen. Op de achtergrond hoor ik nog een gitaar wat toch nog enigzinds ontspannend klinkt. Over het hele nummer zijn zeer vreemde geluiden te horen wat het allemaal zeer onheilspellend maakt. Daar houd ik wel van. Zeer Sterk nummer. 5*
10. Group Four.
Het langste nummer van het album.
Begint heel spannend. Net of je in een spannende situatie zit.
Op de achtergrond is een onheilspellende beat te horen en de gitaar maakt het wel heel erg spannend. In een klap verandert het nummer. Een man verteld zijn verhaal. Dan komt een vrouw die haar verhaal doet. Onnder begeleiding van heerlijke muziek. Goed nummer maar zeker niet het beste. 4.5*
11. (Exchange)
Een reprise van Exchange. Heerlijk rustig. Cirkelt wat rond in je gedachten. Geweldige afsluiter. 5*
Kortom: Geweldig album waar je verschillende belevenissen aan kunt koppelen. Waarschijnlijk komt dit album in mijn top 10.
Voor nu een verhoging van 4* naar 5*
Matt Sweeney & Bonnie 'Prince' Billy - Superwolf (2005)

3,5
0
geplaatst: 12 augustus 2011, 05:50 uur
Aardig album van Will Oldham en Matt Sweeney. Laatsgenoemde tikkelt lekker rustig en voortkabbelend door terwijl Will Oldham weer lekker in vorm is door intiem en rustig zijn teksten voor ons te zingen. De teksten zijn altijd al goed geweest bij Oldham en hier ook weer hoor. Soms komt hij heerlijk droog en cynisch uit de hoek zoals op Death In the Sea. And I want to die in the sea. Dit is een sterke cynistische opmerking naar zijn ouder wordende persoon. Hij weet mooie dingen te schrijven. Vooral in dat nummer waar mijn genoemde zin niet eens tot de hoogtepunten behoord, maar wel erg mooi is. En zo heeft hij wel meerdere leuke, maar ook bloedserieuze momenten. Hoogtepunt Blood Embrace is een personificatie van een gekwelde ziel, een ziel die helemaal alleen is. Een hoogtepunt in de discografie van Oldham. Een goed album, dat zeker. Helaas is het middenstuk van het album van een stuk lager niveau als de eerste paar nummers en de laatste 3 nummers, maar er zit nog altijd een mooie 3,5* in.
Matthew Shipp - Zero (2018)

4,0
2
geplaatst: 27 december 2018, 14:44 uur
We hebben hier te maken met een vrije improv plaat met als leidend voorwerp de piano. Matthew Shipp is hier het onderwerp en een gigantisch actieve naam in de jazzwereld die wel goed is voor een plaat of vijf op jaarbasis. Buiten alle samenwerkingen om is ''Zero'' zijn enige soloplaat van het jaar. Dat is dan ook net de reden dat ik deze plaat uit heb gekozen om kort te bespreken. Shipp is inmiddels namelijk een ware veteraan geworden en er zijn nog weinig pianisten in leven die zo tot de verbeelding spreken als deze man. Hij wordt dan ook steeds meer zelfverzekerd van zijn kunnen om ook in zijn eentje in de spotlights te staan en dat doet hij met verve op ''Zero''.
Matthew Shipp beheerst zowel een relaxte doch upbeat stijl als die doet denken aan Bud Powell alsook de harmonieën van Andrew Hill en de intense stijl van Cecil Taylor. Wat Shipp echter nog het meest heeft geërfd van zijn invloedsbronnen is de ietwat hoekige dissonante misplaatste stijl van Thelonious Monk die patronen en motieven wist te vinden in zijn piano, die men niet voor mogelijk hield. Waar nakomers zich nog wekelijks tegen- en in vast lopen. Neem “Zero Skip & A Jump”; een korte, rappe en razende improvisatie van onafgemaakte pianomotiefjes dat ontegenzeggelijk Shipp's kenmerkende stijl is (waarbij vooral opvalt dat Shipp zo nu en dan zo hard aanslaat, dat de demper goed te horen is - haast pianopercussie), maar dankzij de overgang naar het rustigere - doch net zo dissonante - ''Zero Subtract from Jazz'' is de invloed van Monk (en in dat verlengde ook Mal Waldron) immer aanwezig. Op een meer klassieke piano-improvisatie als ''Abyss Before Zero'' of ''Patterns Emerge'' doemt de melodische geest van Andrew Hill juist op.
Moest je een solopiano plaat willen uitkiezen van 2018, dan zou ''Zero'' een geschikte kandidaat zijn om rekening mee te houden. Er zijn weinigen die van piano improvisaties geen cliché maken met wat onsamenhangend 'geram' en losse flodders van noten. Shipp weet echter uit de losse pols af te wisselen tussen nocturnes, idyllische folkliedjes en gevorderde expressieve uitbarstingen en een nuttige bijdrage te leveren aan de solo-piano catalogus. ****
Matthew Shipp beheerst zowel een relaxte doch upbeat stijl als die doet denken aan Bud Powell alsook de harmonieën van Andrew Hill en de intense stijl van Cecil Taylor. Wat Shipp echter nog het meest heeft geërfd van zijn invloedsbronnen is de ietwat hoekige dissonante misplaatste stijl van Thelonious Monk die patronen en motieven wist te vinden in zijn piano, die men niet voor mogelijk hield. Waar nakomers zich nog wekelijks tegen- en in vast lopen. Neem “Zero Skip & A Jump”; een korte, rappe en razende improvisatie van onafgemaakte pianomotiefjes dat ontegenzeggelijk Shipp's kenmerkende stijl is (waarbij vooral opvalt dat Shipp zo nu en dan zo hard aanslaat, dat de demper goed te horen is - haast pianopercussie), maar dankzij de overgang naar het rustigere - doch net zo dissonante - ''Zero Subtract from Jazz'' is de invloed van Monk (en in dat verlengde ook Mal Waldron) immer aanwezig. Op een meer klassieke piano-improvisatie als ''Abyss Before Zero'' of ''Patterns Emerge'' doemt de melodische geest van Andrew Hill juist op.
Moest je een solopiano plaat willen uitkiezen van 2018, dan zou ''Zero'' een geschikte kandidaat zijn om rekening mee te houden. Er zijn weinigen die van piano improvisaties geen cliché maken met wat onsamenhangend 'geram' en losse flodders van noten. Shipp weet echter uit de losse pols af te wisselen tussen nocturnes, idyllische folkliedjes en gevorderde expressieve uitbarstingen en een nuttige bijdrage te leveren aan de solo-piano catalogus. ****
Matthew Shipp Quartet - Pastoral Composure (2000)

4,0
0
geplaatst: 26 maart 2020, 16:13 uur
Bijzonder fijn plaatje van Matthew Shipp's kwartet op het Thirsty Ear label. Het fijne van dat label is dat de sound haast als een thuiskomen voelt als je meer platen van dat label uit die tijd kent. Een soort elektronisch achtergrondgeluid met kenmerkende trompetklanken maken dat het aanvoelt als een warm deken. Een geluid dat ook de albums van bijvoorbeeld Spring Heel Jack uit die tijd kenmerkte. Het kwartet van Shipp bestaat hier, naast Shipp zelf, uit goede vriend en ''frequent flyer'' William Parker, Roy Campbell en Gerald Cleaver. Normaliter is Whit Dickey de drummer van dienst op Shipp's albums, maar in de eerste helft van de 00's koos Shipp vaker voor Gerald Cleaver - een moderne drummer met duidelijke bop roots, hetgeen een hoop ruimte biedt aan Shipp en Campbell om erop los te soleren. Dat gebeurd dan ook naar hartenlust.
Shipp is hier natuurlijk bandleider, dus verwacht een hoop aandacht voor de piano. Dat betekend echter niet dat er weinig ruimte is voor andere individuen. Integendeel. Vooral Roy Campbell pakt de spotlights met zijn op Lee Morgan geïnspireerde trompetsolo's. Op Gesture in het bijzonder komt hij direct uit de startblokken geschoten met een knetterende en adembenemende solo om daarmee de geest van wijlen Lee Morgan op te wekken. Maar ook op de door Parker en Cleaver voortgestuwde titeltrack pakt hij uit met subtiel gevoelig spel. Op Visions en Prelude to a Kiss (deze laatste als solopiano) neemt Shipp geïnspireerd over van Campbell. Eerst op Visions met een aantal opgewekte passages; vervolgens streelt hij op Prelude to a Kiss (een compositie van de Duke) ingetogen de piano als zacht respectvol eerbetoon aan Ellington. Ondertussen durft het kwartet zich halverwege ook te wagen aan het Vader Jakob - om na het traditionele pianoritme compleet te ontsporen in een vlaag van razernij waarop Parker en Cleaver het uiterste vragen van hun instrumenten (Parker gaat eventjes goed met een strijkstok los op zijn contrabas).
Op Progression en een prachtcompositie als Merge trekt het kwartet meer samen op en blijkt weer eens hoeveel chemie Parker en Shipp met elkaar hebben. Op Merge bijvoorbeeld spelen Shipp en Parker tegelijkertijd bijzonder complexe passages waarbij haast niet te onderscheiden is wie nu de leiding neemt en wie nou precies aan het soleren is. De twee voelen elkaar zo goed aan dat zelfs de meest complexe stukken bijzonder comfortabel voor het oor zijn. Een goede keuze om Campbell's trompet op Merge even niet in de mix te gooien als Parker en Shipp dusdanig los gaan. Campbell krijgt daarna de kans om van Parker's bordje te eten op Inner Order en de twee heren leveren daarop samen vakwerk af. Matthew Shipp besluit het album met een solocompositie.
Piekfijn werkje. De mensen die eens in het echte jazzwerk van Matthew Shipp willen stappen kan ik aanraden om hier eens mee te beginnen.
Shipp is hier natuurlijk bandleider, dus verwacht een hoop aandacht voor de piano. Dat betekend echter niet dat er weinig ruimte is voor andere individuen. Integendeel. Vooral Roy Campbell pakt de spotlights met zijn op Lee Morgan geïnspireerde trompetsolo's. Op Gesture in het bijzonder komt hij direct uit de startblokken geschoten met een knetterende en adembenemende solo om daarmee de geest van wijlen Lee Morgan op te wekken. Maar ook op de door Parker en Cleaver voortgestuwde titeltrack pakt hij uit met subtiel gevoelig spel. Op Visions en Prelude to a Kiss (deze laatste als solopiano) neemt Shipp geïnspireerd over van Campbell. Eerst op Visions met een aantal opgewekte passages; vervolgens streelt hij op Prelude to a Kiss (een compositie van de Duke) ingetogen de piano als zacht respectvol eerbetoon aan Ellington. Ondertussen durft het kwartet zich halverwege ook te wagen aan het Vader Jakob - om na het traditionele pianoritme compleet te ontsporen in een vlaag van razernij waarop Parker en Cleaver het uiterste vragen van hun instrumenten (Parker gaat eventjes goed met een strijkstok los op zijn contrabas).
Op Progression en een prachtcompositie als Merge trekt het kwartet meer samen op en blijkt weer eens hoeveel chemie Parker en Shipp met elkaar hebben. Op Merge bijvoorbeeld spelen Shipp en Parker tegelijkertijd bijzonder complexe passages waarbij haast niet te onderscheiden is wie nu de leiding neemt en wie nou precies aan het soleren is. De twee voelen elkaar zo goed aan dat zelfs de meest complexe stukken bijzonder comfortabel voor het oor zijn. Een goede keuze om Campbell's trompet op Merge even niet in de mix te gooien als Parker en Shipp dusdanig los gaan. Campbell krijgt daarna de kans om van Parker's bordje te eten op Inner Order en de twee heren leveren daarop samen vakwerk af. Matthew Shipp besluit het album met een solocompositie.
Piekfijn werkje. De mensen die eens in het echte jazzwerk van Matthew Shipp willen stappen kan ik aanraden om hier eens mee te beginnen.
Mercury Rev - Yerself Is Steam (1991)

5,0
1
geplaatst: 9 oktober 2011, 19:50 uur
Een van mijn favoriete platen uit de jaren 90. Een psychedische walm van popmelodiën, flink wat distortion, schizofrene zang met knappe lyrics en een boel noise. Oftewel enorme kloteherrie
Alleen al het geniale Chasing a Bee. Dromerige melodiën met beroerde zang. Echter heeft die zang iets. Een fijne harmonie zou ik het zowat noemen.
Vage ritmes, soms wat ''gefreak'' zoals Red Crayola dit vroeger deed (die link ben ik niet zelf opgekomen, maar als ik het zo hoor heeft het idd overeenkomsten) en de dromerige sfeer zorgen gedurende dit hele album ervoor dat ik in een soort van diepe trans beland, alleen maar gericht op de muziek. Briljant!
Hoogtepunten zijn er te veel, maar echte uitschieters vind ik wel in Chasing a Bee, Syringe Mouth, Sweet Oddysee of a Cancer Cell, Frittering en Very Sleepy Rivers . Het album is duidelijk 1 groot hoogtepunt en een mijlpaal van de 90's. Ik verhoog van een 4,5* naar een 5* en misschien is dit nog wel een top 10 kandidaat bij mij.
Alleen al het geniale Chasing a Bee. Dromerige melodiën met beroerde zang. Echter heeft die zang iets. Een fijne harmonie zou ik het zowat noemen. Vage ritmes, soms wat ''gefreak'' zoals Red Crayola dit vroeger deed (die link ben ik niet zelf opgekomen, maar als ik het zo hoor heeft het idd overeenkomsten) en de dromerige sfeer zorgen gedurende dit hele album ervoor dat ik in een soort van diepe trans beland, alleen maar gericht op de muziek. Briljant!
Hoogtepunten zijn er te veel, maar echte uitschieters vind ik wel in Chasing a Bee, Syringe Mouth, Sweet Oddysee of a Cancer Cell, Frittering en Very Sleepy Rivers . Het album is duidelijk 1 groot hoogtepunt en een mijlpaal van de 90's. Ik verhoog van een 4,5* naar een 5* en misschien is dit nog wel een top 10 kandidaat bij mij.
Metabolist - Hansten Klork (1980)

3,5
0
geplaatst: 2 november 2016, 00:28 uur
Hoe gaan we dit werkje eens beschrijven? Behoorlijk toffe zwartgallige proto-industrial (we spreken van een industrial achtig album in 1980) met veel invloeden uit de Zeuhl-movement en krautrock á la Amon Düül en Neu. Daarnaast voelt dit behoorlijk DIY aan zit er een hoop sinistere no-wave /post-punk in verstopt (denk aan VON LMO, This Heat en songs staande op de verzamelaar 'No New York'). Bovenal zit eigenlijk dit alles alleen al versmolten in de briljante opener 'Curly Wall', wat wellicht wel één van de beste lange tracks is uit 1980. Aanradertje dus!
Ministry - The Land of Rape and Honey (1988)

4,5
0
geplaatst: 3 oktober 2011, 19:56 uur
Fantastische industrial klassieker van Ministry. Scheurende gitaren met flink wat distortion, drums die meer als mokerslagen klinken, veel electronic invloeden, (wat bijv. leidt tot mijn favoriete nummer van het album, het titelnummer The Land of Rape and Honey) enorm duistere agressieve zang en toffe echo's van aparte geluiden. Alleen al opener Stigmata weet je helemaal in de diepe krochten van de hel te zuigen om je bijna 47 minuten later pas vrij te laten. Het album is al fantastisch, maar wanneer het ritmisch perfect in elkaar stekende Hizbollah begint is het helemaal genieten te blazen met dit super album. Vrijwel alleen maar topnummers die nu nog geweldig klinken. Niks verouderd, gewoon knallen en genieten. Het voornemen was om gewoon relaxt op bed te liggen met deze plaat, maar het blijven liggen bij deze plaat is onmogelijk. Je moet gewoon stampen en meebewegen.
Een superontdekking en hopelijk doet Psalm 69 het nu eens beter bij mij. Dat was mijn kennismaking met deze band en dat vond ik nog niet zo bijzonder. Deze plaat in ieder geval wel en daarom een verdiende 4,5*
Een superontdekking en hopelijk doet Psalm 69 het nu eens beter bij mij. Dat was mijn kennismaking met deze band en dat vond ik nog niet zo bijzonder. Deze plaat in ieder geval wel en daarom een verdiende 4,5*
Misfits - Walk Among Us (1982)

4,0
1
geplaatst: 27 augustus 2012, 08:57 uur
Ontzettend cool plaatje. Niet zo ruig als Fear, origineel als Feedtime, spoorloos als Flipper, eigenzinnig als Dead Kennedys en zo waanzinnig als Chrome, maar het weet een mooie tussenweg te vinden. Behoorlijk catchy en toegankelijk ook, met een zanger die naar dit soort punkbegrippen, een behoorlijke stem heeft. Wel een laagje schuurpapier, maar geen boorstem. Heerlijk bandje gewoon, de Misfits!
Moby - Wait for Me (2009)

3,5
0
geplaatst: 11 maart 2011, 23:44 uur
Moby - Wait for Me
Mijn kennismaking met Moby. Ik wist dat de dag ooit ging komen dat ik iets van hem ging beluisteren. Ik ben altijd een beetje huiverig geweest om naar iets van hem te luisteren.
Onbewust zal ik dan ook wel wat liedjes van hem kennen maar dit album is toch nieuw voor mij. Don Cappuccino raadde mij dit album aan in het "Ga dat album eens reviewen!"-topic,
en laatst had ik de hoes van dit album al gezien in het topic: Hoesmeter. Die hoes vond ik wel wat hebben, simplistisch en leeg, wit en erg sfeeristisch. Don vertelde er ook bij dat de hoes perfect bij de muziek past en dat maakte mij al wel een beetje benieuwd.
Ik heb dit album vandaag gelijk maar eens 2 keer opgezet en ik zal hem ook aanzetten onder het typen. (En voor de kritikasters: vandaag kies ik voor deze schrijfsstijl in plaats van mijn korte zinnen stijl)
Het album opent stijlvol met een grauwe opener. Vrij serieus voor een artiestennaam "Moby".
Division heeft mooie strijkers die gelijk de sfeer zetten voor het hele album. Ik kan het niet laten om eventjes naar boven te scrollen om weer naar de hoes te kijken: het past gewoon.
Waarom ik zolang heb gewacht om eens een album van Moby te beluisteren snap ik echt niet.
Dit gevoel wordt dan ook bevestigd door Pale Horses. De elektronische beat komt perfect samen met de ambientsfeer die het album heeft, de prachtige vocalen dragen dit perfecte nummer groots. De strijkers zijn groots en de bas borduurt er heerlijk op voort.
We luisteren naar een duidelijk ervaren muzikant die het geheel leidt als een dirigent.
"Put me on the train, send me back to my home" De albumhoes past grandioos bij deze lyrics.
Het simplistische poppetje kijkent naar de maan..
Shot in the Back of the Head is heerlijk. Prachtig! Hij was al mooi op de stereo-installatie maar over de koptelefoon helemaal. Perfecte pop komt samen met ongeloofelijk krachtige ambient.
De sfeer wordt groots neergezet, bombastisch, maar toch klein. Het is minimaal met een groot bereik. Ja, daar houd ik het op
Vocalen zijn niet nodig in dit nummer, dat realiseert Moby zich goed. Study War is een gepaste titel na het voorgaande nummer. Een soort dominee praat een grote menigte toe, ik heb het gevoel dat ik dit eerder heb gehoord. Het heeft zeker effect. Een soort skit voor het nummer. De muziek komt langzaam op, mooie arrangementen en een heerlijke drumbeat. De muziek gaat over naar een koele en rustige sfeer om zich weer op te bouwen naar een fantastische bombast. Dit is erg goed! Ik kan tot nu toe die lage score niet begrijpen. Muziek die mij op het puntje van mijn stoel laat zitten om op momenten mij weer terug te laten zakken in mijn gedachten.
Walk With Me brengt ons naar de ruimte, het laat mij denken aan de film "Apollo 13".
De sombere electronic klanken die de sombere vocalen ondersteunen. Het laat mij koud worden, maar het wordt warm gezongen. Quasi misschien, maar mijn handen vriezen er zowat af
Mistake begint waar het intro Stock Radio afloopt. Een vreemd buitenaards geluid klinkt bovenin de lucht, de nasleep na grote rampen. Meteen komt het beeld in mij naar boven over de grote ramp die vandaag in Japan plaatsvond en wat daar de nasleep daarvan zou zijn.
Mistake heeft de tekst van een verbroken relatie maar ik zie er de knulligheid van regeringen in als er weer een grote ramp plaats vindt. Een fijn popnummer met een serieuze toon.
Moby gaat door met het dromerige Scream Pilots. Het fijne eraan is dat Moby erg dromerige nummers hier maakt die niet saai worden, en die ook niet ondoordringbaar worden.
Het blijft gewoon erg sterke kwaliteitspop.
Jltf-1 is een uitgerekt intro voor Jltf. Ambient zonder sfeer, erg kil en dat werk hier vrij intrigerend.
Stemmen klinken op de achtergrond, kon ik maar verstaan wat zij zeggen.
De muziek is begonnen, de band speelt weer. Dromerig zoals de rest van het album.
Toch verschilt er wel wat: dit is gevoeliger, breekbaar zelfs. De hoge vocalen zijn vrij ontroerend.
Tip voor de mensen die dit album nog gaan beluisteren (en ook voor de mensen die dit album al hebben beluisterd
) houd de lyrics erbij. ikzelf houd ze er niet bij dus ik weet niet precies wat er gezongen word, maar de woorden die ik versta klinken met de muziek samen erg mooi.
Er klinkt dan een koor, een beat reist op vanuit de muziek en er komen strijkers bij.
A Heated Night is bombastisch, echter ook breekbaar. Het had een soundtrack kunnen zijn van een hedendaagse film geregiseerd door "Mel Gibson", no offense voor de muziek hoor, die is prima
De titeltack Wait for Me klinkt mooi. Het piano intro doet mij niet veel maar de zang bevalt mij zeer. Ook de drums bevallen mij, die werken goed op dit album.
Tot de helft vind ik dit nummer niks maar het nummer krijgt dan een mooie vorm.
Het klinkt sterk en bij vlagen hynotiserend. Niet mijn favoriet van dit album, maar nog steeds een knappe voldoende.
Hope Is Gone is rustig en emotievol gezongen door de zangeres. Het is gevoelig en daar draagt de muziek flink aan mee. Met de sfeervolle muziek, de hoes en de vocalen is dit album nu al een blijvertje geworden bij mij! En daarom ga ik hoopvol het volgende nummer in, en dat heet: Ghost Return. Zo klinkt het ook wel, de rustige drums en de echo's van de gitaren.
Het draagt allemaal mee aan de ambiance die wordt gevormt. Een soort breekbare muur wordt gevormd gedurende dit album zich vordert. Dat is knap en ik heb nog geen moment gehad dat ik had gehoopt dat het album eindelijk voorbij zou zijn. Elk nummer vind ik tot nu toe gewoon goed tot heel goed en van uitstekend tot het ultieme "wauw!!-gevoel".
Het album komt langzamerhand op zijn einde, de laatste 2 nummers zijn: Slow Light en Isolate en die 2 nummers zijn ook weer prachtig. Die eerste heeft een perfecte swoel omzich heen.
Niet dat je swingt of zo, maar dat je toch even jezelf verraad dat je je hoofd op een tamelijk genante wijze aan het bewegen.. Een heerlijk nummer en 1 van mijn favorieten van dit album.
En dan sluiten we af, met het laatste nummer natuurlijk. Gitaar klanken vormen zich met een heerlijk piano spel, een ambient ritme en een fantastische electronische beat.
Die beat had zo van "Massive Attack" kunnen zijn. Verrassend is voor mij ook dat ik denk dat dit nummer ook zo het begin had kunnen zijn voor dit album. Het is een perfect nummer waarmee elke muzikant blij mee mag zijn dat hij hem gemaakt heeft. Je kan hem zowat overal op dit album neerzetten. Toch een goede afsluiter van een goed geslaagd album.
Een leuke kennismaking voor mij dus met Moby.
Ik ga vast en zeker meer van de man beluisteren.
Een wel hele lage score voor de kwaliteit die dit album bied.
Een mooie hoes die perfect past bij de muziek en een goede sfeer neerzet.
Don Cappuccino, dit was een succesvolle tip
Mijn kennismaking met Moby. Ik wist dat de dag ooit ging komen dat ik iets van hem ging beluisteren. Ik ben altijd een beetje huiverig geweest om naar iets van hem te luisteren.
Onbewust zal ik dan ook wel wat liedjes van hem kennen maar dit album is toch nieuw voor mij. Don Cappuccino raadde mij dit album aan in het "Ga dat album eens reviewen!"-topic,
en laatst had ik de hoes van dit album al gezien in het topic: Hoesmeter. Die hoes vond ik wel wat hebben, simplistisch en leeg, wit en erg sfeeristisch. Don vertelde er ook bij dat de hoes perfect bij de muziek past en dat maakte mij al wel een beetje benieuwd.
Ik heb dit album vandaag gelijk maar eens 2 keer opgezet en ik zal hem ook aanzetten onder het typen. (En voor de kritikasters: vandaag kies ik voor deze schrijfsstijl in plaats van mijn korte zinnen stijl)
Het album opent stijlvol met een grauwe opener. Vrij serieus voor een artiestennaam "Moby".
Division heeft mooie strijkers die gelijk de sfeer zetten voor het hele album. Ik kan het niet laten om eventjes naar boven te scrollen om weer naar de hoes te kijken: het past gewoon.
Waarom ik zolang heb gewacht om eens een album van Moby te beluisteren snap ik echt niet.
Dit gevoel wordt dan ook bevestigd door Pale Horses. De elektronische beat komt perfect samen met de ambientsfeer die het album heeft, de prachtige vocalen dragen dit perfecte nummer groots. De strijkers zijn groots en de bas borduurt er heerlijk op voort.
We luisteren naar een duidelijk ervaren muzikant die het geheel leidt als een dirigent.
"Put me on the train, send me back to my home" De albumhoes past grandioos bij deze lyrics.
Het simplistische poppetje kijkent naar de maan..
Shot in the Back of the Head is heerlijk. Prachtig! Hij was al mooi op de stereo-installatie maar over de koptelefoon helemaal. Perfecte pop komt samen met ongeloofelijk krachtige ambient.
De sfeer wordt groots neergezet, bombastisch, maar toch klein. Het is minimaal met een groot bereik. Ja, daar houd ik het op
Vocalen zijn niet nodig in dit nummer, dat realiseert Moby zich goed. Study War is een gepaste titel na het voorgaande nummer. Een soort dominee praat een grote menigte toe, ik heb het gevoel dat ik dit eerder heb gehoord. Het heeft zeker effect. Een soort skit voor het nummer. De muziek komt langzaam op, mooie arrangementen en een heerlijke drumbeat. De muziek gaat over naar een koele en rustige sfeer om zich weer op te bouwen naar een fantastische bombast. Dit is erg goed! Ik kan tot nu toe die lage score niet begrijpen. Muziek die mij op het puntje van mijn stoel laat zitten om op momenten mij weer terug te laten zakken in mijn gedachten.Walk With Me brengt ons naar de ruimte, het laat mij denken aan de film "Apollo 13".
De sombere electronic klanken die de sombere vocalen ondersteunen. Het laat mij koud worden, maar het wordt warm gezongen. Quasi misschien, maar mijn handen vriezen er zowat af

Mistake begint waar het intro Stock Radio afloopt. Een vreemd buitenaards geluid klinkt bovenin de lucht, de nasleep na grote rampen. Meteen komt het beeld in mij naar boven over de grote ramp die vandaag in Japan plaatsvond en wat daar de nasleep daarvan zou zijn.
Mistake heeft de tekst van een verbroken relatie maar ik zie er de knulligheid van regeringen in als er weer een grote ramp plaats vindt. Een fijn popnummer met een serieuze toon.
Moby gaat door met het dromerige Scream Pilots. Het fijne eraan is dat Moby erg dromerige nummers hier maakt die niet saai worden, en die ook niet ondoordringbaar worden.
Het blijft gewoon erg sterke kwaliteitspop.
Jltf-1 is een uitgerekt intro voor Jltf. Ambient zonder sfeer, erg kil en dat werk hier vrij intrigerend.
Stemmen klinken op de achtergrond, kon ik maar verstaan wat zij zeggen.
De muziek is begonnen, de band speelt weer. Dromerig zoals de rest van het album.
Toch verschilt er wel wat: dit is gevoeliger, breekbaar zelfs. De hoge vocalen zijn vrij ontroerend.
Tip voor de mensen die dit album nog gaan beluisteren (en ook voor de mensen die dit album al hebben beluisterd
) houd de lyrics erbij. ikzelf houd ze er niet bij dus ik weet niet precies wat er gezongen word, maar de woorden die ik versta klinken met de muziek samen erg mooi.Er klinkt dan een koor, een beat reist op vanuit de muziek en er komen strijkers bij.
A Heated Night is bombastisch, echter ook breekbaar. Het had een soundtrack kunnen zijn van een hedendaagse film geregiseerd door "Mel Gibson", no offense voor de muziek hoor, die is prima
De titeltack Wait for Me klinkt mooi. Het piano intro doet mij niet veel maar de zang bevalt mij zeer. Ook de drums bevallen mij, die werken goed op dit album.Tot de helft vind ik dit nummer niks maar het nummer krijgt dan een mooie vorm.
Het klinkt sterk en bij vlagen hynotiserend. Niet mijn favoriet van dit album, maar nog steeds een knappe voldoende.
Hope Is Gone is rustig en emotievol gezongen door de zangeres. Het is gevoelig en daar draagt de muziek flink aan mee. Met de sfeervolle muziek, de hoes en de vocalen is dit album nu al een blijvertje geworden bij mij! En daarom ga ik hoopvol het volgende nummer in, en dat heet: Ghost Return. Zo klinkt het ook wel, de rustige drums en de echo's van de gitaren.
Het draagt allemaal mee aan de ambiance die wordt gevormt. Een soort breekbare muur wordt gevormd gedurende dit album zich vordert. Dat is knap en ik heb nog geen moment gehad dat ik had gehoopt dat het album eindelijk voorbij zou zijn. Elk nummer vind ik tot nu toe gewoon goed tot heel goed en van uitstekend tot het ultieme "wauw!!-gevoel".
Het album komt langzamerhand op zijn einde, de laatste 2 nummers zijn: Slow Light en Isolate en die 2 nummers zijn ook weer prachtig. Die eerste heeft een perfecte swoel omzich heen.
Niet dat je swingt of zo, maar dat je toch even jezelf verraad dat je je hoofd op een tamelijk genante wijze aan het bewegen.. Een heerlijk nummer en 1 van mijn favorieten van dit album.
En dan sluiten we af, met het laatste nummer natuurlijk. Gitaar klanken vormen zich met een heerlijk piano spel, een ambient ritme en een fantastische electronische beat.
Die beat had zo van "Massive Attack" kunnen zijn. Verrassend is voor mij ook dat ik denk dat dit nummer ook zo het begin had kunnen zijn voor dit album. Het is een perfect nummer waarmee elke muzikant blij mee mag zijn dat hij hem gemaakt heeft. Je kan hem zowat overal op dit album neerzetten. Toch een goede afsluiter van een goed geslaagd album.
Een leuke kennismaking voor mij dus met Moby.
Ik ga vast en zeker meer van de man beluisteren.
Een wel hele lage score voor de kwaliteit die dit album bied.
Een mooie hoes die perfect past bij de muziek en een goede sfeer neerzet.
Don Cappuccino, dit was een succesvolle tip

Motherhead Bug - Zambodia (1993)

4,0
1
geplaatst: 13 april 2012, 20:21 uur
Verdomd lekker plaatje van deze - nogal - onorthodoxe band. Dit bizarre gezelschap doet met zijn blazers-en drumorkest nog het meest denken aan een stel dronken muzikanten dat bestaat uit bigbandmuzikanten en wat achtergebleven muzikanten die net van een één of andere drumparade komen.
Motherhead Bug maakt er op Zambodia vooral een feestje van, een soort bijeenkomst van muzikanten met ernstige schizofrenische stoornissen. Bij het ene nummer denk je nog aan Nick Cave als associatie, bij een ander nummer denk je dat je bij de plaatselijke carnavalsoptocht bent in Rio de Janeiro. Zambodia kan soms enorm duister klinken, maar soms klinkt het ook gewoon enorm gezellig, dronkemansgezellig.
Motherhead Bug balanceert met Zambodia een beetje op het randje van gekheid. De cabareteske, haast dronkemansachtige liedjes wisselen de suspensevolle en gemene thrillermomenten af, terwijl er ook nog een soort van festivalsfeer rondhangt. Daarbij maakt de waanzinnige rage van wereldse-en tribale ritmes het geheel geweldig af. 4/5
Motherhead Bug maakt er op Zambodia vooral een feestje van, een soort bijeenkomst van muzikanten met ernstige schizofrenische stoornissen. Bij het ene nummer denk je nog aan Nick Cave als associatie, bij een ander nummer denk je dat je bij de plaatselijke carnavalsoptocht bent in Rio de Janeiro. Zambodia kan soms enorm duister klinken, maar soms klinkt het ook gewoon enorm gezellig, dronkemansgezellig.
Motherhead Bug balanceert met Zambodia een beetje op het randje van gekheid. De cabareteske, haast dronkemansachtige liedjes wisselen de suspensevolle en gemene thrillermomenten af, terwijl er ook nog een soort van festivalsfeer rondhangt. Daarbij maakt de waanzinnige rage van wereldse-en tribale ritmes het geheel geweldig af. 4/5
Muhal Richard Abrams - Blues Forever (1981)

4,0
0
geplaatst: 4 maart 2015, 00:55 uur
Verrek, wat word ik toch in een kort tijdsbestek liefhebber van deze man. Ook op Blues Forever laat Abrams weer eens ziet wat een geweldig leider hij is en nog wel over zo'n grootschalig ensemble. Geweldige interpretatie van jaren 40 bigbandmuziek in een modern en losbandig jasje. Vooral het titelnummer is weergaloos met heerlijk vakmanschap over een aanstekelijke bluesmelodie. Wegdroomplaat!
4/5
4/5
My Morning Jacket - The Tennessee Fire (1999)

3,0
0
geplaatst: 29 mei 2011, 02:06 uur
My Morning Jacket - The Tennessee Fire
Spontaan, speels, dromerig en een mengelmousse van velen stijlen geven een redelijk album.
Ik kreeg deze tip aangeboden door Sandokan-Veld in Het 'Ga Dat Album Eens Reviewen' topic.
Ik wilde wel graag een nachtplaatje hebben en deze kreeg ik dus naar mijn hoofd geslingerd, gelukkig deed hij geen pijn
Ik vond het wel apart dat ik dit album als eerste kreeg getipt, en niet een later album die immers hogere scores krijgen op deze site, maar nu ik de plaat eenmaal luister snap ik dat wel. Een echt nachtalbum is dit, en je begint ook nog een chronologisch met een band, gelukkig is dit debuutalbum ook nog een een volwaardig album, en zo krijg je een goede tip.
Wat ik dan weer wel jammer vind, is dat er wat te overdreven gezocht word naar een ''eigen sound''. Er worden veel stylen en genres geprobeerd, maar nergens komt de combinatie goed uit de verf. Dit zorgt voor een album met nummers die wel dezelfde sfeer uitademen, maar niet een sound. Hierdoor krijgen we een echt ''nummertjes-album''. Nou kan dit slecht uitpakken of goed, en het laatste is eigenlijk wel het geval. Er staan een aantal zeer sterke songs op zoals The Bear, It's About Twilight Now, Evelyn Is Not Real, I Think I'm Going To Hell, en vooral het emotionele en herkenbare I Wil Be There When You Die. Het album heeft ook nog een aantal aardige nummers, en matige tot zeer matige.
Helaas is de productie ook niet al te best, vrij klote eigenlijk om het maar gewoon te uiten. Zeer afstandelijk, terwijl dit soort albums juist warm moeten voelen. Ook is het jammer van de lange speelduur, het album is al tamelijk saai voor 45 minuten, maar een uur al helemaal. Er had dus wel wat meer mogen gebeuren, maar het is een debuutalbum dus de band is nog aan het zoeken en de potentie is er zeker.
Toch ben ik niet al te negatief, er is potentie, ze weten een mooie dromerige sfeer neer te zetten, het klinkt lekker speels en spontaan, maar vooral de stem van de zanger kan ik goed waarderen. Erg mooi en past uitstekend bij de muziek.
Wat overblijft is een iets te lang album dat niet een geweldige balans tussen de nummers heeft, maar wel veel potentie heeft, en als ik de scores mag geloven hebben ze die potentie ook zeker waargemaakt. Het is lekkere muziek, maar ik zal het niet vaak draaien denk ik.
Om passend af te sluiten: I Think I'm Going to Hell
Spontaan, speels, dromerig en een mengelmousse van velen stijlen geven een redelijk album.
Ik kreeg deze tip aangeboden door Sandokan-Veld in Het 'Ga Dat Album Eens Reviewen' topic.
Ik wilde wel graag een nachtplaatje hebben en deze kreeg ik dus naar mijn hoofd geslingerd, gelukkig deed hij geen pijn

Ik vond het wel apart dat ik dit album als eerste kreeg getipt, en niet een later album die immers hogere scores krijgen op deze site, maar nu ik de plaat eenmaal luister snap ik dat wel. Een echt nachtalbum is dit, en je begint ook nog een chronologisch met een band, gelukkig is dit debuutalbum ook nog een een volwaardig album, en zo krijg je een goede tip.
Wat ik dan weer wel jammer vind, is dat er wat te overdreven gezocht word naar een ''eigen sound''. Er worden veel stylen en genres geprobeerd, maar nergens komt de combinatie goed uit de verf. Dit zorgt voor een album met nummers die wel dezelfde sfeer uitademen, maar niet een sound. Hierdoor krijgen we een echt ''nummertjes-album''. Nou kan dit slecht uitpakken of goed, en het laatste is eigenlijk wel het geval. Er staan een aantal zeer sterke songs op zoals The Bear, It's About Twilight Now, Evelyn Is Not Real, I Think I'm Going To Hell, en vooral het emotionele en herkenbare I Wil Be There When You Die. Het album heeft ook nog een aantal aardige nummers, en matige tot zeer matige.
Helaas is de productie ook niet al te best, vrij klote eigenlijk om het maar gewoon te uiten. Zeer afstandelijk, terwijl dit soort albums juist warm moeten voelen. Ook is het jammer van de lange speelduur, het album is al tamelijk saai voor 45 minuten, maar een uur al helemaal. Er had dus wel wat meer mogen gebeuren, maar het is een debuutalbum dus de band is nog aan het zoeken en de potentie is er zeker.
Toch ben ik niet al te negatief, er is potentie, ze weten een mooie dromerige sfeer neer te zetten, het klinkt lekker speels en spontaan, maar vooral de stem van de zanger kan ik goed waarderen. Erg mooi en past uitstekend bij de muziek.
Wat overblijft is een iets te lang album dat niet een geweldige balans tussen de nummers heeft, maar wel veel potentie heeft, en als ik de scores mag geloven hebben ze die potentie ook zeker waargemaakt. Het is lekkere muziek, maar ik zal het niet vaak draaien denk ik.
Om passend af te sluiten: I Think I'm Going to Hell
Myra Melford - Even the Sounds Shine (1995)

4,0
3
geplaatst: 12 november 2013, 19:33 uur
Dit is echt een heerlijk jazz album! Lekker speels, sterk pianospel en vooral trompettist Dave Douglas is in vorm. Douglas werd samen met saxofonist Marty Ehrlich toegevoegd aan het trio en dat werkt fantastisch! Melford laat hier echt zien wat voor een sterke componist ze is. Puike strak ingespeelde stukken maken telkens weer ruimte voor plezierige improvisatie en daar kan zowel Melford als de grandioze hoornsectie prima mee overweg. Melford is er op dit album prima in geslaagd om haar trio uit te breiden en levert hier misschien wel haar beste album af. Fijne gepassioneerde plaat die zeer prettig wegluistert. Echt een ''late night'' jazzrecord. Let bij het beluisteren trouwens direct goed op. Titelnummer Even the Sounds Shine is echt een instant classic. Wat een fantastische compositie en wat een geweldige binnenkomer!
4/5
4/5
