MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten Ataloona als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Sage Francis - Li(f)e (2010)

poster
3,0
Gezellig album van Sage Francis die mij nog niet helemaal weet te te overtuigen. Nummers van oudere albums van Francis vond ik wel wat beter, maar hier maakt Francis mij al wel duidelijk dat hij een sterke artiest is. Een fijne flow, een poëtische stijl van schrijven en een neusje voor fijne instrumentaties maken hem al een geweldige artiest. Het is allemaal wel wat toegankelijker dan ik had verwacht. (album werd getipt in het Super Tip-Topper topic) Nog steeds gewoon een erg fijn album die soms wat te simpel voor doet komen. (Standaard folk instrumentaties) Nummers zoals Little Houdini, 16 Years en The Best of Times zijn fantastische tracks en dan nog is de rest van het album nog altijd van een aardig niveau, met nog wat kleinere uitschieters. 3,5*

Sarah Manning - Harmonious Creature (2014)

poster
4,0
Erg fijn plaatje heeft saxofoniste Sarah Manning hier afgeleverd. Kennelijk heeft ze een aantal maanden in de natuur geleefd om Harmonious Creatures te maken. Vrij letterlijk, daar ze echt maandenlang in de bossen van New Hampshire is gaan wonen om daar in serene rust te componeren en te musiceren.

Verder wordt Manning met haar altsaxofoon bijgestaan door - zonder meer - zeer getalenteerde muzikanten. Drummer Jerome Jennings klinkt vrijgevochten, maar houd structuur in zijn ritme. Eyvind Kang is met zijn tegendraadse vioolspel haast kwellend, maar levert een prachtig effect op in combinatie met Manning's gefocusde composities. Één van de meest opvallende en mooiste rollen voor dit album is weggelegd voor gitarist Jonathan Golberger, die een sound uit zijn gitaarsolo's weet te halen die in de verte doen denken aan Sonny Sharrock. De minst opvallende rol staat daarbij in schil contrast, maar dat lijkt Manning ook beoogd te hebben met bassist Rene Hart. Geen opvallende bass solos en ook weinig abstracte of vrijgevochten ritmes. Simpelweg maathouden en het podium vrijgeven aan de andere musici. Een onderschatte rol wel, die Rene Hart prima vervult.

Er is duidelijk goed over Harmonious Creature nagedacht. De plaat klinkt inderdaad zoals de titel de impressie wekt. Niet abstract, maar vooral erg melodieus en evenwichtig. Betekend echter niet dat er niets in te vinden valt voor de free-jazz fans, aangezien de combinatie drums en gitaar echt een lust voor het oor is en de tegendraadse afwisseling in viool- en altsaxofoonspel behoorlijk uniek blijkt. Misschien is de plaat ietwat zakelijk en mist het misschien soms het vrije losbandige gevoel, maar ik kan toch wel degelijk enorm speelplezier in deze plaat horen (let eens op Manning's bijzonder originele herbewerking van Neil Young's On the Beach). Niettemin doen ze dit op een zeer professionele manier. Dit werk van Sarah Manning doet mij toch wel erg uitkijken naar volgend werk en haar progressie. 4/5

Sarah Vaughan - Sarah Vaughan (1955)

Alternatieve titel: With Clifford Brown

poster
2,5
Bij mij zit de vibrato van Vaughan juist net over het randje. Mijn hemel; geen zin kan voorbij gaan zonder dat ze eindigt met vibrato. Sterker nog, zelfs het begin van iedere zin gaat gepaard met een sterke dosis vibrato van madame. Elk lied wordt haast met melismatisch gezang voorgedragen. In klassieke muziek of liturgieën kan ik dat kennelijk beter hebben. Of het moet erdoor komen dat hier zo de nadruk wordt gelegd op de stem van Vaughan als solo-instrument. Op zich ben ik best een liefhebber van haar stemgeluid (uniek zeker), maar haar techniek en melismes staan mij niet zozeer aan. Gelukkig is Clifford Brown aanwezig. Ik kan, zoals zo vaak, niet meer dan de loftrompet (ha!) over hem steken. Muzikaal wil het soms ook wat te traag en - afgezaagd argument, maar ik gebruik het toch - oubollig overkomen. Dit zal waarschijnlijk dus niet een favoriete vocal jazzplaat in mijn huis worden, maar wie weet wat de toekomst brengt.

Sixteen Horsepower - Sackcloth 'n' Ashes (1996)

poster
5,0
Kippevel, 43 minuten lang.
Betoverd ben ik door deze schitterende plaat.
Prachtige en intense muziek.
Muziek die heerlijk ontspannend werkt zonder te verslappen,
en de bezwerende stem van mijn naamgenoot Dave.
Fantastische muziek zonder twijfel.
Het past precies in mijn muzieksmaak.
Een ontbrekende schakel.
Daarom mijn eigen inbeelding van dit album.

I Seen What I Saw trekt mij gelijk het album in.
Betoverd door de beladen stem van Edwards.
De rollende drums, de slidegitaar.
Het klopt gewoon.
I Seen What I Saw,
de moord op een man door een grote gangster.
Het Amerika ten tijde van de Drooglegging.
Èèn jongen zag het maar niemand geloofde hem.
I Seen What I Saw..

Black Soul Choir,
het perfecte country-sfeertje.
Die banjo's, die hakkende drums,
de pompende bas en het klagende gezang van Edwards.
Het bandje bij de plaatselijke partijtjes.
Een band met veel in hun mars,
ondergewaardeert tot frustraties van de zanger.
De andere bandleden vinden het wel prima zo,
zij hoeven geen faam..

Scrawled In Sap gaat logischer wijs door in dezelfde toon.
Spannend dat wel.
Een man in het Wilde Westen,
eens een trouwe echtgenoot.
Eindelijk los gekomen uit zijn dagelijkse sleur.
Elke dag weer een andere vrouw,
het bordeel is zijn nieuwe thuis.
Zijn vrouw weet van niks.
Zijn kinderen zitten weer rustig aan tafel als de man thuiskomt.
Het eten staat klaar en de man vind het wel prima zo..

Horse Head is het verhaal over een zware bandiet.
Een moordenaar met vervormde stem.
Wel een paardenliefhebber,
ziet een prachtig paard liggen zonder hoofd.
Doorgeslagen door het verspilde bloed,
achter het bloedspoor aan.
Komende in een kamp.
Een paardenhoofd aan een stok.
Drie dagen later 3 mensen hoofden aan die stok..

De dreiging word doorbroken met Ruthie Lingle.
Het meisje van zijn dromen.
Een onschuldig meisje,
nog niet eens uitgehuwelijkt.
Een meisje genaamt Ruthie Lingle.
De eindeloze flirt pogingen van de man zijn niet om aan te zien.
Het stadje spreekt er schande van.
Ruthie vind het wel leuk.
Ontsluikende liefde,
ze vluchten weg en beginnen aan een eigen 'home'.

Harm's Way is spanning.
Het verhaal van een mislukte huurmoordenaar.
Geen geld meer en geen baan.
Totdat hij een rijk meisje ziet.
Hij ontvoert het meisje,
bedenkt een bandiet en tekent een compositie,
en verteld haar pa dat hij weet waar de bandiet een gaat.
Het eind is geen eind goed al goed,
nee dat zeker niet..
Onderbouwt door spannende muziek.
De bandoneon doet zijn werk.

Black Bush is een dorpfeest,
gehouden door de burgemeester.
Zijn dochter is weer terug.
Alleen overschaduwt door gruwel.
Een fout met de guillotine,
het was een ongeluk.
Maar we zullen voor je bidden, Lucy.


Heel On the Shovel.
Een vrolijke toon onder een schokkend verhaal.
Het levend begraven van iemand.
De spanning die je voelt.
Het langzaam vermoorden van iemand.
Het was de moordenaar van Lucy.
Gestraft door haar vader.
Een week later zo bleek,
stond de echte dader op.
Al was het een ongeluk,
er kwamen 2 mensen zomaar om..

American Wheeze,
mysterieus en betoverend.
Laat het inwerken.
Rustige muziek maar die bandodeon maakt het erg spannend.
Een nummer over een ziekte.
Het kwam door de lucht,
als gas.
Velen dieren dood, geesten wanen hier rond.
Geen vlees meer in de stad.
Alleen nog maar mensen, alle dieren zijn dood.
Zou het ook op de mensen kunnen overslaan?

Hiiha!!!
De vrolijke kant van het country leven wordt bezocht in Red Neck Reel.
De grappen en grollen maker.
De barman van de Saloon.
Iedereen kent hem.
Er word op vrolijke wijze verteld over de man.
Leuk die banjo's met die gitaren en de hakkende drums.
Erg swingend!

Prison Shoe Romp.
De verkeerd man in de gevangenis.
De terechte beroering in de stem van Edwards.
Veroordeelt voor de doodstraf.
Voor de beroving van een grote trein.
Alleen hij veroordeelt, hij wist alleen van het plan.
Zijn broer ervan door met het geld.
Verraden door zijn eigen bloed.
Hij zal nooit meer vrijkomen,
alleen nog maar rijden op het licht..

Neck on the New Blade.
Een smid, een nieuw zwaard aan het klaar maken.
Hij is smid tevens beul.
Hij voelt zich als tuig.
Moordend uit opdracht van de stad,
nergens mis mee.
Hij kan er niet mee leven en kiest ervoor om niet te executeren.
Later afgemaakt door zijn eigen zwaard op zijn nek..

Een afsluiting van een album,
van een verhaal.
Klagend en bezwerend als de rest.
Een man die moeite krijgt met het moorden.
Een huurmoordenaar,
hij staat bekend als de beste.
Koudbloedig en hard.
Geen uitdrukking op zijn gezicht.
Niemand weet hoe het in zijn hoofd spookt.
De spannig bouwt zich op.
Een man smekend op zijn knieën voor hem.
''Kom op!'' Zegt de huurmoordenaar tegen zichzelf.
Strong Man..

Smog - Red Apple Falls (1997)

poster
4,0
Smog - ofwel Bill Callahan - is een fascinerende artiest. Alles wat ik van hem gehoord heb was sowieso van goede kwaliteit, maar meestal zelfs van ongelovelijke kwaliteit, echter heb ik dat met dit album toch wat minder. Red Apple Falls was het 2e album wat ik van Callahan beluisterde en er opende eigenlijk een nieuwe wereld voor mij. Triest, sober, depressief, soms een aparte vorm van ironie en zelfreflectie te vinden in de teksten. Het is allemaal enorm bijzonder en mooi. Toch is dit album ietsje gedaald in mijn waardering en dat komt vooral door 2 eerdere albums van Smog, meesterwerken Julius Caesar en Wild Love. Die platen raken mij vaak diep in het hart. En deze plaat doet dat ook wel vaak, maar ik vind hem vergeleken met de 2 albums die ik noem toch wat saai. Dat komt omdat ik toch wat mis. Ik mis die experimenten en dramatiek van die 2 albums terwijl het hier toch wat ingetogener is. Erg rustig met soms een vleugje opbeurendheid zoals op I Was a Stranger en Ex-Con.

Ook klinkt het geluid hier wat anders, het klinkt killer, afstandelijker en in combinatie met de eerdergenoemde opbeurende songs levert dat toch wel een sterke combinatie op. De instrumenten klinken ook heel anders, het klinkt wat minder lo-fi en wat voller. Echter blijft dit enorm mooie oprechte muziek waar ik nooit helemaal mijn vinger op kan leggen. En op dit album blijft natuurlijk genoeg om van te genieten dankzij nummers als Blood Red Bird en I Was a Stranger. En als het einde nadert word het (nog) beter. Red Apple Falls is al sterk, maar het opbeurende Ex-Con en dan vooral Inspirational zijn echte hoogtepunten in Callahans catalogus.
4*

Smog - Wild Love (1995)

poster
4,0
Zachary Glass schreef:
De cd waardoor ik een devoot Callahan-aanhanger geworden ben.


Hier wil ik Zachary even quoten, dankzij Wild Love ben ik ook van Smog gaan houden. Red Apple Falls was zeker een leuke kennismaking, maar toen ik dit album hoorde was ik verkocht. Alleen al de opener. Zo'n droevig en zwaar nummer, maar o zo catchy gecomponeerd. De trombones (?) op de achtergrond maken het een mooi vol nummer en de drums hadden niet beter kunnen klinken. ''When I was seven, my father said to me, you couldn't swim''... ''And I thought I never could see the sea again'' Prachtig.

Na Wild Love te zijn ingetrokken door Bathysphere word ik bezig gehouden door een prachtig experiment. Vijf erg korte liedjes vol oprechte emotie die goed laten zien waar Smog allemaal capabel tot is. Het laat vele kanten van hem zien. Soms wat vreemde gitaarlijntjes met dat mooie smekende gezang van Bill. Omschrijven is haast onmogelijk, misschien kun je het nog het beste omschrijven als eigenaardige folk met pop en klassiek invloeden. (heerlijk breed ) Al is Zachary Glass' beschrijving als je de muziek kent de ultieme omschrijving.

Na de korte nummers komt er een onwaarschijnlijk aantal prachtsongs. It's Rough is zo'n typisch cynisch popnummer á la Callahan. Sleepy Joe is dan weer een up-tempo rock nummer om dan weer 2 ingetogen folk nummers te horen totdat we bij een ander hoogtepunt zijn aangekomen: Prince Alone In the Studio. Als er een nummer is wat ik altijd draai als ik in een dip zit is het wel dat nummer. Een pure gekwelde man horen we aan het woord. De muziek is ongelovelijk dramatisch dat mijn haren er overeind van gaan staan. keiharde deprimerende teksten van een man die het alleen zijn helemaal ziek is en geen enkele uitweg meer ziet. In principe heeft hij alles, maar net hetgene waar hij het diepste naar verlangt - iemand om je leven echt mee te delen - heeft hij niet. Het nummer komt tot een ultieme uitbarsting als het einde nadert. Niet meeleven is haast onmogelijk. Zelfs mijn ouders (die dit soort muziek echt haten) werden er moedeloos van.

Maar zelfs Callahan ziet licht in het duister. Goldfish Bowlis voor mij het beste Callahan nummer. Na een album vol dramatiek, depressiviteit krijgen we een opbeurend nummer. De tekst is eigenlijk nog altijd niet vrolijk, maar o wat is de melodie ongelovelijk mooi.
''It's Like To Fish In a Goldfish Bowl''...

Soft Machine - Third (1970)

poster
4,5
Soft Machine - Third

Aan mij werd in het recensie topic gevraagd door Don Cappuccino om dit album te reviewen.
Goed dacht ik. Maar dit is toch nog een vrij moeilijk album om te reviewen. Misterfool deed dit al geweldig en nu ben ik aan de beurt.

Het was mijn eerste kennismaking met Soft Machine en het bevalt me gelijk al goed. Dit album heeft alles wat je maar nodig hebt. Het is experimenteel, psychedelisch, avant-gardisch, een flinke scheut jazz en op sommige moment is het zelfs toegankelijk

Dit album kun je niet zomaar reviewen. Na 3 luisterbeurten kun je het album nog niet onthouden. Dus ik luister de muziek tijdens de recensie. Dat houd ook in dat ik niet elk detail van elk liedje ga beschrijven. Anders zou ik morgen nog bezig zijn.

1. Facelift

Dit begint al goed met een toetsen-intro, hieraan hoor je al dat dit niet zomaar een progrock album gaat worden. Ik hoor uit het niets een gitaar scheuren. Dit is geschift! Er verschijnt een deuntje. Dit lijkt wel een arthouse versie van jaws. Een intro van zo'n 5 minuten voordat het nummer pas vorm krijgt. Zeer eigenzinnig. Knap hoe je een platenmaatschappij zover krijgt om dit uit te geven.
Als het nummer eindelijk na zo'n 5 minuten is begonnen klinkt het sterk. Goede drums, sterke bas. Dan komt er een ander ritme. Een heerlijk basritme wat wel wat weg heeft van de James Bond theme.
Een geschifte gitaar/sax solo komt er bij. Dit blaast je weg. Heerlijk experiment. En al zijn het vooral de gitaar/sax/toetsen solo's die er zijn. Mij vallen vooral de drummer (doet met denken aan Jaki liebezeit) en de bassist op. Na 10 minuten komt er weer een andere ritme. Weer een heel ander nummer. Er komt wat rust in om later het tempo met een fluit, opslepende drums en sax weer op te voeren. Sterk gedaan.
Om zo nog met een sax solo te komen en de compositie weer masochistisch te laten eindigen.

Slightly All the Time

Dit begint vrij normaal met een catchy deuntje.
Het is allemaal gewoon lekker jazzy. Sax-solo'tje.
Dat gaat zo'n 6 minuten door als er eindelijk een ander ritme komt.
Sterke baspiano, snelle drums en een wat labiele fluit om het maar te noemen. Waar een fluit je vaak rust geeft is dat hier niet het geval.
Nog een ritme-wisseling. Een lekker piano-deuntje. Goede drums. En weer een sax-solo. Een vrij jazzy nummer tot nu toe. Na zo'n 10 minuten komt er nog een schtterende toetsen-solo. Na 12 minuten komt er weer wat rust in. Je droomt weg over de wolken. Klinkt zeer sterk. Heel mooie saxofoon-solo. De rust trek na 16 minuten weer weg. Het word sneller. Het heeft wel wat weg van een achtervolging.
De toetsen, de bas en de drums. Alles heeft weg van een achtervolging maar de saxofoon weerhoud je ervan te denken dat het een achtervolging is. Ze zetten je geweldig op het verkeerde been.

Moon in June

Begint mooie met die toetsen en dat engel achtige gezang. Eindelijk zang. Had voor mij niet gehoeven maar het stoort me ook niet.
Tot zo'n 10 minuten krabbelt dit wat voort op de toetsen-solo's.
Maar plots word het spannend. Een bas-lijn om je vingers bij af te likken. Eindelijk is de gitaar weer terug, de drums zijn zoals gewoonlijk weer geniaal. Dit klinkt super!! Ze hebben het hele rustige nummer omgetoverd tot een spannend geheel van muziekinstrumenten die volledig in harmonie zijn. Er komt dan nog een heel bekent en vaak gesampeld deuntje op 13:50. Klinkt mij bekend in de oren.
Het nummer komt nog geschift tot zijn eind met muziek wat wel voor en achteruit gespoeld lijkt waar door het een sirene word.

Out-Bloody-Rageous

Het laatste nummer alweer.
Begint dromerig, zelfs een beetje spacey.
Het intro-tje met de toetsen doety me een beetje denken aan dat irritante nummer I'm Blue. Heel een word dat deuntje gespeeld. Luister maar eens goed.
Na 5 minuten begint het nummer echt.
De saxofoon komt weer uit de kast met het jazzy gedrum en weer een lekkere bas-lijn.
Dan gaat de sax weg en mag de gitaar zijn gang gaan. De toetsen komen ook weer. Klinkt weer erg mooi. na 10 minuten is er weer een ritme-wisseling. Ha, rust! Heel onheilspellend hoor je die sax op de achtergond. Terwijl de bas en piano alweer een versnellend deuntje voorbereiden. En de drummer steed ietsje harder en meer slagen toevoegd aan zijn taak. Je zou denken dat hij heel snel gaat uitbarsten maar dit is niet zo. Het duurt nog vrij lang en het is een korte, subtiele uitbarsting om opeens rustig te worden en opeens weer heel snel word en dan wéér rustig word en het nummer afgelopen lijkt te zijn. Dat is niet zo en opeens hoor je daar de snelle piano-solo. Wat een vakmanschap! Er verschijnt een glimlach op een gezicht. Dit is knap hoor! Zelfs casino's weten je er nog niet zo in te luizen. Zelfs die schooiers in Spanje die balletje-balletje heel makkelijk laten lijken en dan valsspelen waardoor je je 50 euro kwijtraakt weten je er nog niet zo inteluizen. De spacey toetsen-solo gaat door totdat het album zachtjes is afgelopen.

Geweldig album. Veel verschillende muziekstijlen door elkaar. Vakmanschap. Muzikale gekken. Beste nummer: Out-Bloody-Rageous!

Dat is wat ik erover te zeggen had.

Songs: Ohia - The Lioness (2000)

Alternatieve titel: Love & Work: The Lioness Sessions

poster
4,0
Hoe ontroerend kan muziek zijn?
Hoe kan muziek zo op je gemoed werken?
Alsof Jason wist wat hij moest doen om de juiste snaar te raken.
The Lioness zal altijd een stuk blijven van mijn ziel.
Een plaat die enorm veel voor mij betekent.
Een plaat waarbij ik mijn emoties niet kan controleren.
Tranen in mijn ogen. Verlies word herdacht.

The Black Crow, tranen springen in mijn ogen bij de eerste klanken.
Ik word gelijk weer herinnert aan een moeilijke tijd.
Een tijd waarin deze plaat mij depri maar ook vrolijk maakte.
Ook gelijk weer wetende waarom ik deze plaat lang niet heb afgespeeld.
De angst voor mijn emoties,
de confrontatie met mijzelf..

De prachtige stem van Jason, de prachtige melodiën van zijn gitaar.
De sfeer, beklemmend. Teksten die je doen nadenken,
zo herkenbaar. Een deel van jezelf.
Een plaat die je zelf had kunnen maken.
Gewoon je emoties op papier zetten.
Wij durfden het niet maar Jason wel.
Waarvoor mijn respect.
Tigress is perfectie.
Ontroerend, speciaal, beklemmend en agressief.
De emoties schieten uit het lijf.

Rust, ik kom weer terug op aard.
Terug naar de rust, Being In Love.
Even rustig ademhalen en nadenken wat ik net heb meegemaakt.
Een plekje, om even tot mijzelf te komen.
Niet opdringerig, het moment om even kalm te blijven.
Die tekst vind ik dan ook zo mooi,
Het verhaal van een nerveuse bruid.
Bang om te trouwens en vlucht dus weg...

Zwevend, even mijn ogen sluiten.
Even een moment weg van mijn toetsenbord.
Dromend over niks, even geen stress van school of stage.
Nee gewoon jij en ik. Mijn gedachten en de jouwe inneen.
Immense liefde, dat is waar ik aan denk.

Is het mogelijk dat je zo'n liefde voelt voor een album?
Zoveel gevoelens, het past gewoon.
Je wordt ingezogen in een album met zo veel gevoel.
Het is niet normaal.
Lioness benadrukt dat nogmaals.
Jason Molina is een genie.
Mijn redder in nood.
Een album voor de laat(st)e uurtjes.
Een man die nadenkt voor zijn zelfmoord.
Hij is zo nieuwschierig naar de zelfmoord dat hij een briefje achterlaat.
Zijn vriendin leest het en spert naar zijn appartement.
Ze ziet hem hangen, ze was toch te laat..

Tragisch is dit album.
Zoveel beelden kan ik mij inbeelden.
Kippevel!!

Coxcomb Red, gaat door met het bespelen van mijn gevoelens.
Dromerig maar speels.
Somber, Jason probeert iemand te waarschuwen zo lijkt het.
Over een femme fatale.

Every Kiss Is A Goodbye,
Every Kiss Is A Goodbye.


Zijn beste vriend trouwt met het meisje waarop hij ooit verliefd was.
Nu nog steeds maar het meisje is gevaarlijk.
Poison Ivy..
Letterlijk een mannenverslindster..

Back on Top,
Loom, tragisch. Een geval van The Wrestler.
The Rise and Fall of...
Rustig en kalm, maar o zo gevaarlijk en bovendien herkenbaar.

Nog steeds gehypnotiseerd door het album.
Zittend in de kou achter mijn bureau'tje.
Verdoofd starend naar de letters van mijn toetsenbord.
Baby Take a Look, zie mij eens aandachtig zitten..

Een afsluiting van een hemels album.
Ik schaam me voor wat ik met dit album heb gedaan.
Genegeerd, bang voor emoties.
Het mooiste wat ik ooit gehoord heb.
Gelijk op 1 in de top 10.
Afgesloten door Just a Spark...

Sonny Stitt / Bud Powell / J.J. Johnson - Sonny Stitt / Bud Powell / J.J. Johnson (1956)

Alternatieve titel: All God's Children Got Rhythm

poster
4,0
Wat een bopperdebop! Heerlijk energiekplaatje vol speelplezier. Echt een plaatje dat je weer tot leven wekt; dat je ontzettend vrolijk doet voelen. Zeer authentiek en bovenal uiterst genietbaar. Op sommige momenten waan je je haast Tony Curtis in een rokerige exclusieve jaren 50 nachtclub vol pracht en praal.

Hoewel vooral Bud Powell (en in de latere sessies doet John Lewis het ook prima achter de piano) mij hier regelrecht inpakt met zijn dynamische spel, ben ik ook behoorlijk overtuigd van Sonny Stitt. Zijn Sonny Side Up vond ik wat saai en gemakkelijk, maar op deze plaat is hij helemaal in zijn element. Dat vind ik bijzonder, daar deze plaat een stuk eerder is opgenomen dan Sonny Side Up (drie sessies uit 1949-1950) en Stitt in het begin van zijn carriere nogal vergelijkt werd met 'Bird'. Hoewel best wat overeenkomsten zijn te vinden (er zijn wel meer saxofonisten uit het boptijdperk waarover je dat kunt zeggen), vind ik Stitt hier behoorlijk eigenzinnig uit de hoek komen. Komt natuurlijk omdat hij hier de tenorsax oppakt, maar hoe hij afwisselt tussen zoele ballades en up-tempo escapades vind ik erg mooi.

Let overigens ook zeker op de drums. Die spontane drumroffels kunnen maar van één man zijn: een piepjonge Max Roach die even zijn signatuur komt afleveren. Hij was toen natuurlijk vooral een populaire sideman en sessiemuzikant, maar ook hier zijn al dingen te horen die hem later tot een groots bandleider zouden maken. Mooi plaatje dus!

Sound - Drunk on Confusion (1999)

poster
4,0
Denk aan een collage-achtig technoalbum vol samples, wereldmuziek (de tabla is verscheidene keren te horen en met een interessante combinatie aan instrumenten worden soms ragas geformeerd), snerpende synthesizers, chaotische percussie, ambient en musique concrete (a la de meest complexe werken van Zappa en Varese of een Stockhausen. Klinkt een beetje als de jaren 90 reïncarnatie van We're Only in it for the Money van de Mothers of Invention.

De suite Phantasmagoricon vat dat eigenlijk allemaal samen. Wat een belachelijk briljante compositie is dat. Haast een sacraal werk.

Southside Johnny & The Asbury Jukes - The Fever (2017)

Alternatieve titel: The Remastered Epic Recordings

poster
4,5
Wat een prachtige uitgave is dit zeg! Dit zijn de eerste (en enige) drie platen die SSJ uitgaf op het Epic label + de allereerste uitgave op cd van de liveplaat 'Jukes Live at the Bottom Line' uit 1976. SSJ had destijds misschien wel de beschikking uit de meest begaafde samenstelling van The Asbury Jukes die er ooit geweest is met onder meer Billy Rush, Ritchie 'La Bamba' Rosenberg, 'Mad Dog' Vini Lopez, Eddie 'Clamps' Manion en natuurlijk Steven van Zandt. Tel daarbij nog eens een grote variatie aan gastartiesten op (oa. Max Weinberg, Garry Tallent, Ronnie Spector, Lee Dorsey, The Coasters, The Five Satins, The Drifters) en songwriters als 'Miami' Steve van Zandt en Bruce Springsteen en je hebt een arsenaal aan nostalgisch speelplezier. White eyed soul, r'n'b, blues, onvervalste rock, doo-wop en partymuziek in één verpakking met een ontiegelijk charismatische, energieke en doorleefde zanger genaamd Southside Johnny (Lyon). Genieten.

Ik zou overigens altijd deze uitgave aanraden van deze collectie platen. De muziek zelf klinkt stukken beter dan de oude opnames, dankzij een geweldige remastering. De muziek in de achtergrond is helderder en de sequencing is wat beter gedaan. De overgang naar de volgende songs is ook stukken vloeiender dan de - ietwat amateuristische - originele uitgaven. Én er zit een prachtig door Johnny Lyon zelf geschreven linerboekje bij met verhalen over het reilen en zeilen gedurende de tijden van deze platen, waarbij natuurlijk de verhaaltjes over de New Jersey shore bovenal genieten zijn. Erg in mijn nopjes met deze aankoop!

Sparklehorse - Vivadixiesubmarinetransmissionplot (1995)

poster
4,0
A horse, a horse, my kingdom for a horse

Zo opent Sparklehorse - de eenmansband van Mark Linkous - dit fenomenele album. Een album wat ik alweer een hele tijd lief heb, wat ik na de eerste woorden van het album al gelijk wilde aanschaffen en wat ik altijd zal blijven draaien. Soms draai ik dit album om in een betere gemoed toestand te komen. Vreemd, zou je kunnen denken, maar het ligt toch anders en daar is wat geschiedenis over Mark Linkous voor nodig.

Een geschiedenis waar ik altijd weer treurig bij wordt. Een veelbelovende jongeman die zijn hele leven eigenlijk al problemen had. Hij ging om met de verkeerde vrienden nadat zijn ouders scheidden, hij kwam meerdere keren in aanraking met justitie en begon steeds vaker aan depressies te lijden. Hij koos dankzij het Tom Waits album Swordfishtrombones om weer helemaal opnieuw te beginnen, wel te verstaan in New York. Na eigenlijk een beetje gefaald te hebben om bandjes te vormen en te houden begon hij in zijn eentje. Zijn enige wapenfeitje in een band, was met The Johnson Family en dat ging later onder een andere naam ten onder. Wel met veel inspiratie voor Linkous die samen met heel wat muzikanten zijn meesterwerk opging nemen: Vivadixiesubmarinetransmissionplot. Hij nam zijn liedjes altijd op in de nacht, wat ook goed te horen valt eigenlijk als je erover nadenkt. Het album verkocht voor geen meter, maar had een grote impact op musici en critici. Sparklehorse kwam zelfs terecht in het voorprogramma van de grote ''rising band'' Radiohead! Echter aan dat ''geluk'' kwam een eind. Mark was niet gelukkig, hij nam een overdosis en werd zelfs al voor dood verklaard, iets waar Mark later nog sarcastisch grappen over zou maken. Hij had een zwaar revalidatieproces en belandde zelfs tijdelijk in een rolstoel. Daarna maakt hij het sterke Good Morning Spider met grote namen als PJ Harvey en Tom Waits. Echter, door de overdosis (iets waarmee journalisten hem mee bleven achtervolgen) kreeg hij last van zware migraine en in combinatie van zijn depressies ondernam hij vorig jaar zijn laatste poging, een poging die helaas lukte...

Als je dan de geschiedenis weet achter zo'n plaat, dan word ik maar droef. Ware het dat mijn gemoed toestand wat beter word, alleen maar door de tragiek van deze man met zijn depressies.

De depressies waaraan hij leedt zijn ook te horen in dit album, de treurigheid en breekbaarheid in zijn stem, het lo-fi geluid, alles maakt dit tot een zeer zwaar album. De harmonie in Homecoming Queen aan het begin lijkt nog mooi en vreedzaam, maar nu denk ik daar toch anders over.

Echter kan het niet zo zijn dat het gevoel het hele album bepaald, de kwaliteit heeft ook een grote rol, en die rol word machtig door Sparklehorse vervuld. Het lome en zware geluid in Weird Sisters of de ruige indierock in Rainmaker. Mark Linkous is niet alleen multi-instrumentalist, maar ook multi-stylist. Sparklehorse waagt zich met succes in meerdere stylen en genres. De teksten samen met de droevige en breekbare stem en eveneens droevige muziek zorgen ervoor dat ik het nauwelijks kan drooghouden. Helemaal op Spirit Ditch. Wat ook mooi is, is de afwisseling van korte gevoelige nummers zoals Saturdays (mijn absolute favoriet), korte ruige nummers, en de lange onbeschrijfbare nummers zoals Cow. Of het gevoelige The Most Beautiful Widow In Town, eenzaamheid in de diepste vorm. Indrukwekkend en lo-fi country op zijn best.

Ja, dat dit album een eenzaam plekje in mijn hart heeft, dat moge zeker zijn. Lukk0 vertelde het al eigenlijk - dat hij eigenlijk wel blij was dat er een cult ontstaat om Sparklehorse - en daar heeft hij helemaal gelijk in, nu ook de jeugd (waaronder ik) dit album ontdekt. Maar toch blijf ik mij afvragen wat Mark Linkous nog meer had kunnen doen: It's a sad and beautiful world...

En daarom kan ik eigenlijk alleen maar afsluiten met het begin en einde van Mark Linkous.

A horse, a horse, my kingdom for a horse

Split Enz - Time and Tide (1982)

poster
3,0
Split Enz is voor mij echt zo'n band die 1 heel bekend nummer heeft en sindsdien in de vergetelheid is geraakt en alleen nog maar gevolgd wordt door de echte fans.
Na het beluisteren van deze plaat is dat wel heel onterecht gebleken!

Dirty Creatures begint echt fantastisch. Vrolijke harde drumroffel en een aanstekelijk deuntje. Enorm funky nummer met een refrein wat mij behoorlijk bekent voorkomt. Als na het refrein de piano er ook nog eens perfect bijkomt is dit nummer voor mij al een 10. I Don't wanna Sail tonight. De klaagzang van een schipper? Waar is hij bang voor? De monsters in de zee?
Een perfecte opener en een nummer waar je niet stil bij kan zitten.

Giant Heartbeat begint toch wat rustiger naar de funky opening. Gitaren klinken scherp en dreigend. Die drums klinken wederom geweldig, er wordt mooi gezongen. Dit nummer is wat dreigender, wat serieuser. Komt vooral door de strijkers die enorm dreigend in het nummer naar voren komen terwijl het voor de rest niet dreigend overkomt maar wat wel voor een mooie samenhang zorgt. Een scherpe en korte gitaarsolo erbij, een mooibasloopje. Het klinkt goed hoor! De hartslag komt tot zijn eind: The Giant Heartbeat is failing.

Hello Sandy Allen is de hardere popsong. Een soort zacht luchtalarm klinkt en de gitaren knallen er door heen. De kennismaking met Sandy Allen wat duidelijk indruk op hem heeft gemaakt. We shook hands and it was amazing. Fantastische drumbreak bijgestaan door de mooie maar wederom zachte luchtalarm klinkt prettig. En dat komt weer terug om de outro te voltooien.

Never Ceases to Amaze Me is weer zo'n vrolijk getoond nummer als de opener. Weer erg funky. Duidelijk invloeden uit de funk. Ze brengen het erg goed vanaf. Het nummer lijkt qua tekst een beetje als vervolg op Hello Sandy Allen.

Lost for Words is een beetje druk. Het opent een beetje als de Talking Heads met een andere sound. De zanger klinkt zelfs een beetje als David Byrne op dit nummer. Het heeft ook een beetje die typische Talking Heads percussie in de coupletten. Dan met de drum en percussie break wordt ik toch weer blij. dat hoor ik wel graag als drummer. Het vrije deel voor de muzikanten. Gelukkig niet heel lang dit nummer maar ook totaal niet vervelend om naar te luisteren.

Small World doet me denken aan complot theorieën. Daarom is het ook zo leuk dat het gewoon vrolijke muziek is met serieuze tekst. Prachtig is dat. Mooie pianodeuntjes, fijne percussie, lekker slagwerk en een pompende bas. meer heb je niet nodig om goede muziek te maken Precies lang genoeg om veel indruk te maken.

Take a Walk is weer wat mysterieuzer. Vreemde keyboard geluiden met begeleidende drums en een stevig basloopje. Dankzij de piano is ook dit nummer aardig swingend. In het refrein krijg je een soort Bee Gees achtige samenzang waar ik opzich wel van houd. Het klinkt goed in ieder geval. De piano (gewoon keyboard maar het klinkt als piano) doet gewoon goed zijn plicht en maakt het enorm swingend. Tot zo ver is dit album nog fantastisch en nog niks slechts gehoord.

Pioneer begint als een soundtrack met de soundeffecten maar word al snel een nummer dankzij de piano en keyboards. Toch heeft het intro nog steeds de air van een soundtrack over zich heen. Ik moet een beetje aan 2001: A Space Odyssey denken. Gelukkig klinkt de muziek beter als de film.

Six Months in a Leaky Boat gaat door waar Pioneer is gestopt. Het ontpopt zich in een vrolijk pop nummer met een tekst over scheiding met een goed doordachte tekst. Aangezien Six Months in a Leaky Boat zowel je scheiding als huwelijk kan betekenen.
tegen het eind aan wordt het rustig, mooie harmonie met geneurie en mooi gitaarspel en een mooi pianodeuntje.
Een enorm leuk nummer en echt een ideale popsong. Liedjes schrijven kunnen ze wel. Waarom zijn ze ook al weer niet bekent geworden met Split Enz

Haul Away is een vrolijk liedje. Echt zo'n kampvuur nummer wat volkeren zongen voor hun kinderen en die weer op hun kinderen. Mooie harmoniën, echt zo'n vrolijk folksliedje, het klinkt simpel maar je wordt er heel vrolijk van.

Log Cabin Fever, van die naam wordt je al een beetje onaangenaam. Cabin Fever is toch een term waar al vele horrorfilms op gebaseert zijn. De muziek is dan ook onheilspellend. Gitaarlijn die heel zacht is. een pombend, traag baslijntje wat perfect voor de spanning op de voorgrond is gehaald. De basdrum die zich maar voortbeweegt met soms nog een slag op het slagwerk. De piano die ook zo onheilspellend is. Het zachte zang wat steeds harder wordt met de depressieve tekst. Dan ontpopt het spannende gedeelte zich echt in een lied. Het word een rocknummer met lekker gitaren, pombende bas en de fijn klinkende drums.
Fantastisch nummer

Make Sense of It is lastig om iets zinnigs over te zeggen. Alleen dat het een goed nummer is waar de zang niet echt op de voorgrond treed. De muziek is stukken harder en klinkt ook lekker aangenaam. een wat up-tempo nummer met fijne zang om naar te luisteren.
Ook weer een erg goed nummer!

Dit is echt een fantastisch album! Geen enkel slecht nummer met een heel aantal nummers die fantastisch zijn.

Mijn favoriete nummers zijn; Dirty Creature, Hello Sandy Allen, Small World, Six Months in a Leaky Boat en Log Cabin Fever.
Slechte nummers zijn er niet.

Dus bedankt Dazzler voor de fijne tip en ik geef dit album 4,5* met een zeer hoge kans op 5*

Spring Heel Jack and Wadada Leo Smith with Pat Thomas and Steve Noble - Hackney Road (2018)

poster
3,5
Zeker, doch nog wat moeilijk te duiden en te doorgronden. Spring Heel Jack speelt tegenwoordig zelf heel wat instrumenten in om die vervolgens op allerlei manieren te mixen, te samplen, te loopen en delen van ingespeelde motieven op te breken om ze in verschillende passages terug te laten komen. Het betere knip- en plakwerk zullen we maar zeggen. Weliswaar van hun eigen muziek.

Thomas speelt de piano en synthesizers in en vormt een beetje de basis voor de andere jazz muzikanten (Smith en Noble - die laatste op drums) om te kunnen soleren, terwijl SHJ vooral het geluidspalet en sound inkleurt met hun producties en overige instrumentatie en experimenten. Ook deze opnamen van Thomas worden door het duo SHJ bewerkt. Sommige pianosolo's zijn in tweeën geknipt en bij andere sequenties ingepast. Legende Smith trompeteert de ene keer korte motieven, om vervolgens na een tijd op de reservebank te hebben gezeten weer razend uit de hoek te komen. Ook hierin vermoed ik dat delen van zijn solo's door SHJ zijn ingemixed in de uiteindelijke tracks. Eigenlijk dus wat we vroeger al redelijk goed ten gehore kregen van SHJ; experimentele geluidscollages met een elektronische sound die zich door middel van het live samplen van akoestische instrumenten steeds dieper in de free jazz zou gaan nestelen. Inmiddels kunnen we echt meer spreken van een vrije improv collectief met een enigszins akoestisch/ semi-elektronische touch. Muzikaal klinkt het verloop van het album - ondanks deze beschrijving - toch redelijk vloeiend (terwijl het productieproces ook bijna een jaar behelsde), maar het blijft zeer lastig om de ideeën en improvisaties te doorgronden. Emotieve (even een Engelse verbastering erin) zware muziek.

Ben er, kortom, nog niet helemaal over uit. Interessant plaatje is het echter zeker.

Stanley Cowell - Blues for the Viet Cong (1969)

poster
4,0
Charles Tolliver nam met zijn kwartet (later Music Inc. genoemd) vroeg in juni 1969 in de studio van Polydor te London zijn album The Ringer op. Een bescheiden en obscure klassieker in bepaalde post-bop kringen. De sessies voor dat album waren niet de enige sessies die aldaar door Alan Bates (baas van Polydor en de producer van dienst) werden vastgelegd. Enkele dagen na het opnemen van The Ringer doken Stanley Cowell (piano), Steve Novosel (bas) en Jimmy Hopps (drums) - ditmaal zonder 'leider' Charles Tolliver - opnieuw de studio in voor wat extra vlieguren. Deze sessies zouden uiteindelijk resulteren in Stanley Cowell's debuutplaat als leider: Blues for the Viet Cong.

Zowel deze worp van Cowell als Tolliver's The Ringer zijn, ondanks plaatselijke populariteit in London, vrij obscuur gebleven. Een grote reden voor het onder de radar blijven van deze albums is de distributie door Polydor; die richtte zich (weliswaar met korte termijnsucces) praktisch alleen op de Europese en de Japanse markt (zoals wel vaker destijds). Tegen de tijd dat deze twee albums eindelijk de Amerikaanse markt aanboorde (respectievelijk 1977 en 1975) was de markt voor jazz en de populariteit van jazz in zijn algemeenheid sterk krimpende en had men al helemaal geen oog meer voor meer modale post-bop. Zoals wel vaker met trends, was die trend lang vervlogen en werd dat aangeduid als ''prehistorisch''. Met als resultaat dat de Polydor-sessies van de eerste week van juni, 1969 tot op de dag van vandaag beperkt aandacht hebben gekregen - op enkele online enthousiastelingen en critici na dan. Dit soort plaatjes moeten het puur van word of mouth hebben. Bij dezen.

Op 'You Took Advantage of Me' (Rodgers and Hart) na zijn alle composities van Cowell's eigen hand en in pianotrio vorm (op twee elektrische piano/jazzrock experimentjes na dan). Zoals gebruikelijk met die muziekvorm is het een ritmisch geheel. Novosel en Hopps vormen niet het meest bekende ritmische duo, maar waren eind jaren 60 een tijdje begeleiders van Roland Kirk; voordat hij zich Rahsaan ging noemen. Echt flitsend zijn ze niet, maar de grap is dan ook dat ze in Kirk, Tolliver en Cowell juist ontzettend flitsende solisten hadden. De besten in hun soort. Wat dat betreft zijn zij misschien wel perfecte aanvullingen op die topsolisten: een solide fundament. Van hen hoeft het niet te komen. Novosel's basspel is aanwezig, maar niet opdringerig. Het is er en geeft het tempo aan, maar leidt nimmer af. Hopps vult de ruimte nuttig in met een groot aantal lekkere fills. Zij die bekend zijn met The Ringer moet dit enigszins bekend in de oren komen, al moet gezegd worden dat dankzij de afwezigheid van Tolliver op deze sessies meer ruimte is weggelegd voor een aantal swingende drumroffels van Hopps (neem het uptempo openingsnummer, 'Departure').

De ster van Stanley Cowell schittert het meest op deze plaat. Op The Ringer was hij ondanks ondersteunende rol al een zeer opvallende verschijning, maar hier gaat hij helemaal zijn eigen gangetje. Zijn spel is erg emotief. Romantische ballades klinken van zijn hand soms haast spiritueel, terwijl zijn pianosound ondertussen ook een benaderbaar melancholisch aspect in zich heeft. Daarnaast waant hij zich met succes virtuoos, wanneer hij zijn innerlijke Art Tatum oproept op 'You Took Advantage To Me'. Volgens de liner-notes voelden die kleine 5 minuten voor hem als een lang halfuur en zo klinkt het ook. Art Tatum-style pianospelen is vragen om moeilijkheden. Op de drie langste tracks (ook direct de prijsnummers wat mij betreft) blijkt zijn klassiek geschoolde pianospel nog het meest virtuoos, doch niet op de haast gewelddadige wijze die tijdgenoot Cecil Taylor kenmerkt. De composities zijn modaal gestructureerd en in feite ontiegelijk catchy, maar Cowell's spel neigt meer naar freejazz. Het is vrij, soepel, subtiel, doch gepassioneerd en virtuoos en lijkt zo dikwijls evengoed te kunnen passen in een collectie pianosonates uit de latere romantiek. Een opmerkelijke speler dus.

4/5

Stavesacre - Absolutes (1997)

poster
3,0
Deze plaat is om twee redenen vrij bijzonder:
1. deze plaat is bijzonder onbekend, terwijl dit muzikaal ontzettend dicht bij Tool ligt en een duistere variant van de grunge van Pearl Jam en Mudhoney is, en;
2. deze plaat is - verrek - een Christian rockplaat. Of is het Reli-rock? Of hoe gij het ook wilt noemen.

Let vooral niet op de teksten, daar die enkel gaan over 't bestrijden van 't Beest - a ha, niet per se een indicatie van religieuze muziek; 9 van de 10 heavy metalbands bezingen hetzelfde onderwerp - ofschoon is de muziek op Absolutes toch zeker bij wijlen genietbaar.

Stephan Micus - Implosions (1977)

poster
4,0
Stephan Micus weet mij te overtuigen van zijn kunnen met Implosions. Het album is 1 mystieke hypnotiserende trip met ongelovelijk veel gevoel. Het gitaar en sitarspel is inderdaad enorm intens, niet alleen in het openingsnummer, maar door het hele album heen. Er word prachtig gezongen en het album is van pure schoonheid. Echter kan ik niet hoger dan een 4* geven. Dat komt omdat ik het album na I Crossed A Bridge of Dreams flink minder vind. Dat nummer heb ik net pas gehoord en ik ben enorm onder de indruk. Staat zeker wel in mijn top 25 nummers. Nou ja, nummers.. Dat is onderschatting van de hoogste catagorie. Het is een compositie van uitzonderlijke klasse.

Het album is ook enorm subtiel. Een mooi voorbeeld daarvan is wel For the 'Beautiful Changing Child'. Heel subtiel hoor je daar die panfluit voorbij komen en dat moment laat je dan niet meer los. Nog 1 keer word er dan nog een hoogtepunt bereikt door de prachtige gitaarritmes en de dramatische zang in For M'schr and Djingis Khan.

Een mooie ervaring en dankzij I Crossed A Bridge of Dreams zal ik die ervaring ook niet snel vergeten. Voor nu een 4*, maar zeker kans op meer.

Stephan Micus - Ocean (1986)

poster
4,5
Echt een wereldplaat. Prachtige harmonieën, magnifiek gitaarspel en een enorme diversiteit aan exotische muziek. Ocean heeft een soort van elektronische timbre over zich heen die een innerlijke reis organiseert aan de hand van je chakra's. Laat jezelf op intuïtieve wijze openstellen aan deze mondaine plaat die al het moois van deze aarde in 51 minuten illustreert. Een hele hoop vage babbels wellicht, maar dat hoort nou eenmaal bij een plaat als Ocean. 4,5*

Steve Roach - The Magnificent Void (1996)

poster
4,0
Steve Roach laat op The Magnificent Void niks anders dan een kille leegte horen. Geïnspireerd door Klaus Schulze en John Hassell. Fascinerende drones, aaneenschakelingen van geluidsmanipulaties en subtiele electronic klanken.

De tijd vliegt - verrassend genoeg - met dit album. Je wordt als het ware opgeslokt door de signifikante kosmische muziek. Een beetje new-age, maar het blijft toch vooral bij de ambient hoek in de electronic. Waar de muziek in den beginne nog zo kil, ruim, donker en nihilistisch klinkt, begint op The Magnificent Void een ware trip door het hoofd en de emoties van Roach. Niet meer de koelbloedige man in de donkere lege kamer, maar een lichte omgeving met veel warmte. De muziek komt als het ware dichterbij. Prachtig!

Altus is een hoogtepunt in de kosmische electronic muziek. Waves en drones wisselen elkaar af en er word een ongelovelijke sfeer gecreërd. Het universum wordt volledig ontdekt in deze compositie en de beelden blijven maar in je hoofd schieten. Een schitterend eind en hoogtepunt, pure emotie. 4,5*

Sudan Archives - Sudan Archives (2017)

poster
3,5
Dit wordt een must-see komende november tijdens LeGuessWho. Sudan Archives maakt een eigenzinnige en experimentele fusie van vioolgedreven wereldmuziek, elektronische folk, soul en r&b. Wat dat geheel nog bijzonderder maakt is dat ze niet klassiek geleerd is. Ze heeft zich op eigen houtje op het instrument gestort en geleerd nadat ze op school geïnspireerd is geraakt door een groep doorreizende Sudanese fiddlers (vioolspelers klinkt gewoon niet goed voor deze stijl). Ze schrijft, speelt, experimenteert en produceert alles zelf. En dan mag het resultaat er ook nog eens zijn. Groots talent!

Lees ook eens dit artikel voor fijne achtergrondinformatie.

Sun-Ra and His Astro Infinity Arkestra - Atlantis (1969)

poster
4,0
Jazz voor gevorderen, al kun je van jazz eigenlijk al niet meer spreken. Een erg abstracte plaat, heftig, geflipt, gestoord en nerveus. En dan heb ik het eigenlijk alleen nog maar over het waanzinnige titelnummer Atlantis. De rest van de plaat is eigenlijk gewoon erg toegankelijk. Doet een beetje Afrikaans aan en is zelfs bij vlagen catchy zoals het fenomenale Mu en Lemuria. Voeg er nog eens een lange maar sterke percussie solo bij en je hebt een vreemd en eigenaardig plaatje. En dat is nog een understatement voor dit album. 2 verschillende werelden eigenlijk, de eerste kant en dan de 2e kant met het compleet gestoorde Atlantis. Dit heeft mij enorm weten te overtuigen en is met recht een klassieker in zijn genre. (wat dat ook moge zijn ) 4*

Sunn O))) - Dømkirke (2008)

poster
4,0
Waar Monoliths & Dimensions mij niet bepaald heeft weten te boeien, doet dit interessante live album dat wel. Mooi is dan ook dat de plek van opname - de 900 jaar oude Domkirke - enorm veel toevoegd aan dit album en zijn geluid. Het klinkt soms erg mooi hol en soms lijkt het wel of er een kleine echo is bij de kerkorgel en de gitaren. Een mix van ambient en doommetal kun je het wel noemen. Het eerste nummer is bij vlagen interessant, maar doet me helaas niet zoveel. De kerkorgel is mooi gevonden en wanneer de zang erbij komt word het gelijk al interessant. Het nadeel is dat dit enorm lang word herhaald en er maar soms iets aan het thema word toegevoegd. Dit probleem heb ik nog meer bij het 2e nummer en dan ben ik ook erg blij met de compositie (dat mag je het wel noemen ja) Cymatics. Hier zit veel afwisseling en er word bij vlagen gefreakt en geëxperimenteerd. Echt een enorm indrukwekkend nummer. Het 4e en tevens laatste nummer is een perfect ambient nummer met indrukwekkende doom gitaren. De gitaren staan - in tegenstelling tot Canon - enorm goed, vrijwel perfect op de voorgrond waardoor Masks of the Ætmospheres mij blijft interesseren. Dankzij de laatste 2 nummers word dit album toch nog naar een erg hoog niveau getild waardoor ik op een 4* uitkom.