MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten Brunniepoo als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

That Joe Payne - By Name. By Nature. (2020)

poster
2,5
Joe Payne heeft bij The Enid bewezen over een fantastische stem te beschikken: enorm bereik, falset, veel emotie. Helaas kwam dat bij The Enid ook eigenlijk alleen maar goed terecht op Invicta, want opvolger Dust was al te veel zang en te weinig interessante muziek.

Solo weet Payne bij mij vooralsnog geen potten te breken. De meeste nummers hebben een hoog The Enid-gehalte - niet zo vreemd als je ziet wie er allemaal aan mee hebben gewerkt - voorzien van wat jaren '80-invloeden. Het ene probleem is dat de nummers totaal niet bij me blijven hangen. Het tweede is dat Payne heel knap kan zingen, maar dat alles verzuipt in het pathos, zowel tekstueel als vocaal - de hele tijd dat ingehouden zingen gaat op een gegeven moment best vervelen.

Payne kan heel veel, maar zoals eerder bij Zio komt het er ook hier niet echt uit. Hoewel zijn stem zich echt leent voor emotie - hij zou het bijvoorbeeld geweldig kunnen doen in musicals - lijkt hij om de een of andere reden een beetje te blijven hangen in een aantal trucjes, die goed werkten op Invicta, maar daarna niet meer zo. Hopelijk een volgende keer beter.

The 5th Dimension - The Age of Aquarius (1969)

poster
3,5
Na het horen van de eerste vier nummers was het me een raadsel waarom deze plaat zo'n laag gemiddelde heeft, maar het is precies wat mijn voorganger al schrijft: daarna wordt het minder.

Gezellige gospelpop, daar niet van, maar het neigt soms wel heel erg naar formulewerk. En dat is toch jammer, want ze hebben dan al bewezen dat ze nummers geweldig kunnen coveren. Hun versie van Aquarius/Let the sunshine is voor mij zelfs een van de sterkste nummers van het decennium en de Laura Nyro-covers Blowing Away en wedding Bell Blues maken mij erg nieuwsgierig naar de originelen. De andere topper Skinny Man lijkt overigens wel speciaal voor Fifth Dimension geschreven. Maar ja, verder is het dus niet veel soeps, helaas...

The Alan Parsons Project - The Instrumental Works (1988)

poster
3,0
Ik ga hier eigenlijk wel mee met musician. De instrumentale nummers werken goed in de context van de albums waar ze voor bedoeld zijn. Rustpuntjes zou ik ze niet direct willen noemen, maar het is de afwisseling tussen vocale en instrumentale nummers die de Alan Parsons Project-albums typeren.

Een heel album met enkel de instrumentals is nog steeds herkenbaar APP, maar voor mij werkt het niet: ik hoor nu eigenlijk vooral wat ik mis.

En als je inderdaad dan ook nog eens Lucifer weglaat...

The Alan Parsons Project - The Sicilian Defence (2014)

poster
3,0
Het klinkt allemaal erg herkenbaar, op en top Alan Parsons Project, maar het is allemaal wel erg kaal. Omdat er behalve de pianomotiefjes eigenlijk niet zo veel gebeurt, duren de nummers - ondanks de toch redelijk beperkte lengte - nog best lang. Leuk om een keer gehoord te hebben, maar verder geen aanrader.

The Avonden - God Is de Liefde (2020)

poster
3,0
Teksten van Gerard Reve's Nader Tot U op muziek gezet. Oorspronkelijk overigens al in 2014 in kleine oplage verspreid, maar zonder de de rechthebbenden om toestemming te vragen, dus een grote promotiecampagne kon niet plaatsvinden.

Toen ik hierover las, had ik hier wel hoge verwachtingen van. Nader Tot U is voor mij een van de hoogtepunten in de Nederlandse literatuur en ook een werk dat goed op muziek te zetten moet zijn. Dat is op zich ook wel gelukt, maar ik ben niet echt gelukkig met de muzikale benadering. Die lijkt vooral geïnspireerd op de Velvet Underground, en hoewel die hun successen vierden in ongeveer dezelfde periode dat Reves bundel uitkwam, vind ik de muziek maar heel matig bij de gedichten passen.

Alles in mij roept dat bij deze poëzie een enorm plechtstatige benadering hoort: cello's, kerkorgels voor mijn part, en vooral een hele trage, gedragen voordracht. Daar hebben The Avonden niet voor gekozen. Misschien maar beter ook hoor, want het had snel als een enorm cliché kunnen klinken, maar met het wel bereikte resultaat kan ik in ieder geval niet zo veel.

The Beach Boys - Good Timin' (2002)

Alternatieve titel: Live at Knebworth England 1980

poster
4,0
Vergeet de cd, de dvd moet je hebben om echt te kunnen oordelen over dit optreden.

De Beach Boys hadden hun beste jaren in 1980 toch al wel een tijdje achter zich maar hun laatste worp, Keepin' the Summer Alive, was redelijk positief ontvangen en ze stonden voor een enthousiast publiek in Knebworth. Voldoende reden om volle bak te gaan dus.

De opname wordt aangeprezen vanwege de line-up: alle zes Beach Boys zijn aanwezig. Hier valt wel wat op af te dingen, Dennis Wilson is niet overdreven aanwezig en de bijdrage van Brian is vrij gering (hoofdzakelijk piano). De meeste aandacht gaat in aflopende volgorde uit naar Mike Love, Al Jardine en Carl Wilson.

Het is een gezellige drukte op het podium, behalve de zes leden zijn er ook nog eens vier extra muzikanten aanwezig. Het lijkt allemaal wat overdreven, volgens mij zijn er in totaal drie gitaristen en drie toetsenisten, maar het wordt niet helemaal duidelijk waarom. Zeker niet als Dennis op een gegeven moment de piano van Brian overneemt, die op zijn beurt weer doorschuift naar de keyboards van Bruce Johnston.

De muziek van de Beach Boys draait grotendeels om de samenzang en die komt live niet altijd even goed uit de verf maar is aan het eind van God only knows bijvoorbeeld wel erg goed. Op sommige momenten zijn liefst acht (?) stemmen te horen, wat een mooi vol geluid geeft.
De lead vocals van Mike Love overtuigen mij niet echt, afgezien van het kleine stukje van Brian is hij wat mij betreft de slechtste zanger van deze avond. Jammer dus dat hij wel het meeste zingt. Carl en Al overtuigen meer, met name de nieuwere nummers Keepin' the summer alive (Carl) en Lady Lynda (Al) zijn sterk. Ook als frontmannen komen ze duidelijk beter over.

Dit is vooralsnog het enige live-album van The Beach Boys dat ik ken dus wellicht zijn andere veel beter. Wat mij betreft is dit album (/deze dvd) echter een must-have voor de liefhebber van de muziek van deze band. Het toont dat de band ook live uit de voeten kan en het toont vooral hoeveel goede muzikanten de band telde.

Als ik dan toch een minpunt moet noemen dan is het eigenlijk wel dat ik het jammer vind dat de setlist zo focust op de eerste jaren. De band maakte ook na het mislukte Smile nog een aantal sterke albums maar daar is vrij weing van terug te vinden.

The Brian May Band - Live at the Brixton Academy (1994)

poster
3,0
Bij Queen had het misschien zijn charme als May af en toe eens een stukje zong maar wat hem heeft bezield om een hele cd in te zingen is me al een raadsel, daar waren vast betere kandidaten voor geweest.

Op cd kun je dan tenminste nog het een en ander maskeren, live wordt dat nog een stuk lastiger, en hier is het dus ook volledig mislukt. Jammer want instrumentaal is het verder allemaal dik in orde.

Heb dit album sinds het verschijnen misschien nog twee à drie keer beluisterd en voel ook bij dit schrijven weinig behoefte om daar verandering in aan te brengen.

The Enid - Dust (2016)

poster
3,0
Misschien wel de grootste tegenvaller van 2016. Was voorganger Invicta groots en meeslepend (en over the top), Dust is vooral hetzelfde kunstje maar dan zonder dat de nummers zelf beklijven. En ja, dan blijft alleen een album over dat volledig over the top is, waarop Joe Payne eigenlijk hoofdzakelijk irriteert en dat met een minuut of veertig zelfs aan de lange kant is.

De band is inmiddels de helft van haar leden kwijt. Ik hoop dat op een volgend album een significant andere koers wordt ingeslagen.

The Enid - First Light (2014)

poster
3,0
Twee nieuwe nummers (die later op andere albums zullen verschijnen), een livetrack, een nummer dat tot nog toe alleen op een live-album verkrijgbaar was en vier nieuwe interpretaties van ouder werk. Hoogstens leuk voor diehard-fans dus, en zelfs dat valt nog tegen. Someone shall rise is een vrij flauwe herhaling van eerder werk, het andere nieuwe nummer, Wings, is wel wat interessanter.

De herinterpretaties en deze versie van Mockingbird zijn weer wat bewijzen dat Joe Payne een ontzettend goede zanger is, alleen word ik persoonlijk doodmoe van het steeds sleutelen aan ouder werk. Natuurlijk is Payne een veel betere zanger dan Max Read, maar bij Terra Firma pasten de kille vocalen van Read mijns inziens veel beter dan de flair van Payne. Ook het toevoegen van vocalen aan Dark Hydraulic vind ik bepaald geen verbetering en Mockingbird is er evenmin op vooruit gegaan door de extra dosis pathos.

Het is helaas een ontwikkeling die (live) al een tijdje gaande is en waar de band voorlopig waarschijnlijk niet van terug gaat komen. Jammer, ik hoor liever Payne op nieuw materiaal (en op materiaal van Something wicked...) en verder gewoon de oude versies.

The Enid - Live at Symphony Hall (2012)

Alternatieve titel: Live with the City of Birmingham Symphony Orchestra & the Warwickshire County Youth Choirs

poster
5,0
Op een studio-album klinkt de muziek van de Engelse band The Enid al alles behalve bescheiden maar op dit album, opgenomen met een symfonieorkest, een 90 man tellend jeugdkoor, een aantal extra zangers en een paar trompetters, wordt er nog een tandje bijgezet.

In de zaal leidde dit soms tot een onevenwichtig geluid, vanaf mijn plek waren de zangers bijvoorbeeld goed te horen maar de toetsen en de gitaren weer minder. Het gaf mij toen enigszins het gevoel dat de band zelf een beetje meedeed terwijl het CBSO hun muziek speelde.

Op deze cd is het geluid wel mooi gebalanceerd en is het waarlijk een samenwerking tussen band en orkest. Het doet verlangen naar de dvd met 5.1-geluid, hoe mooi moet dat wel niet klinken?

De setlist op 15-10-2011 was weinig verrassend. Mirror of love werd net onderhanden genomen door Robert John Godfrey en was dus een logische keuze, de andere nummers op de eerste cd worden eigenlijk altijd wel gespeeld.
De tweede cd bestaat uit het gehele Journey's End album, waar Max Read de vocalen verzorgt, met ondersteuning van een achttal (?) zangers en het koor. Ik zal tot een minderheid behoren maar ik vind dit tweede deel beter dan het eerste.

Het emotionele eerbetoon aan de niet zo lang daarvoor overleden Wooly Woolstenholme middels het Barclay James Harvest-nummer Mockingbird vormde misschien wel hét hoogtepunt van de avond en werd alleen nog gevolgd door de vaste afsluiter Land of hope and glory (waarbij het verwachte gezwaai met vlaggetjes me een beetje tegenviel, had het wel grappig gevonden om dat eens mee te maken).

Enige minpuntje dat ik kan bedenken is dat het geklap van het publiek tussen de nummers soms wat kunstmatig overkomt en dat het applaus op het einde van beide cd's te lang duurt.

Voor de fans van symfonische muziek lijkt dit album me een absolute aanrader.

The Enid - The Bridge Show (2015)

Alternatieve titel: Live at Union Chapel

poster
4,0
The Enid scheert al jaren dicht tegen de kitsch aan en helaas gaan ze ditmaal die grens over. The Bridge Tour is een registratie van een zogenaamd thematisch concert, dat echter maar weinig om het lijf heeft. Het Bridge-album bevatte sowieso weinig nieuw materiaal en live werd dan ook volstaan met veel werk van Journey's End en Invicta (plus nog wat ouder werk) en daar dan een tenenkrommend verhaaltje omheen. Zit ik hier als luisteraar op te wachten? Neen.

Recent zag ik de band in Londen tijdens hun Dust-tour en dat concert leidde een beetje aan hetzelfde euvel: prima muziek (al overtuigde de Dust-nummers bij eerste beluistering nog niet echt), maar een veel te nadrukkelijke Joe Payne, die volledig over the top ging. Nu is een zekere mate van theatraliteit The Enid zeker niet vreemd - de shows uit het verdere verleden die ik van hen gezien heb, waren ook al vrij uitbundig - maar naar mijn mening begint de band hierin wel door te slaan.

Het skippen van de gesproken tussenstukken verhelpt in dit geval het euvel, maar toch koester ik de hoop dat de band dit soort strapatsen voortaan achterwege laat.

Thé Lau - Platina Blues (2014)

poster
5,0
De tijd vliegt soms echt voorbij. Thé Lau is bijna acht jaar niet meer onder ons, maar om de een of andere reden heb ik nog steeds het idee dat zijn einde nadert...

Sinds mijn vorige bericht heb ik me verzoend met Laus zang en heb ik het werk van The Scene alsnog ontdekt - beter laat dan nooit. Zijn indringende stem vind ik inmiddels zelfs perfect passen bij de broeierige sfeer, mooi aansluiten bij de nerveuze melodieën. En dan natuurlijk de fraaie, aangrijpende, maar ook wel beklemmende teksten, mooier - en vooral ook functioneler - ben ik ze zelden tegengekomen.

Platina Blues is vooral ook echte avondplaat: lichten uit, hoofdtelefoon op en dan helemaal opgaan in dit meesterwerkje...

The Louvin Brothers - Live From... the Grand Ole Opry (2019)

poster
3,5
Volledige weergave (?) van een uitzending van de radioshow die vanuit The Grand Ole Opry in Nashville de ether in werden geslingerd - inclusief de aankondigingen, flauwe grappen en (hilarisch lange) reclamespots.

De artiest wordt wel weergegeven als Louvin Brothers, en die waren ook wel de hoofdgasten, maar eigenlijk is dit album eerder een verzamelalbum. Verder bevatten de liner notes wel wat informatie over de Louvin Brothers, maar geen informatie over het jaar van opname van de eerste 34 tracks (de rest is bonusmateriaal uit 1962).

Curieuze release dus. Wel erg authentiek, maar geen echte aanrader, dan is een verzamelaar - of natuurlijk gewoon de originele albums - een veel betere keuze.

The Neal Morse Band - The Similitude of a Dream (2016)

poster
3,0
Hepie&Hepie schreef:


Kritiek is volgens mij vooral gebaseerd op het idee dat 'progressief' in progressieve muziek vooruitstrevend en vernieuwend moet zijn. Dat is bij Morse en veel andere progbands niet echt het geval. Misschien moet er een herdefinitie komen van het begrip progressieve muziek


Nou zit er natuurlijk nog wel een flinke kloof tussen 'vernieuwend' en 'eens een keer iets anders doen'. Bij Neal Morse is zelfs dat tweede goeddeels afwezig. Ik heb er geloof ik bij de laatste twee albums al opmerkingen over gemaakt, dus ook ik kan me blijven herhalen...

Ik heb Morse als performer vrij hoog zitten en ook als componist weet hij pakkende muziek te schrijven. Het is alleen zo jammer dat doseren niet echt zijn ding is. In het verleden heb ik Morse-albums weleens uitputtingsslagen genoemd en dat geldt al helemaal voor dit werkelijk veel te lange album. In zijn geheel is er voor mij geen doorkomen aan.

Ondanks dat ik in het verleden al eens geroepen heb dat ik een volgende herhaaloefening niet meer zo nodig hoef te horen, heb ik me ditmaal toch laten verleiden door de zeer positieve kritieken. Het moge duidelijk zijn: ik deel die kritieken niet. Dit is een degelijk - maar veel te lang - Morse-album. Niet meer, niet minder, maar vooral ook: niet anders.

The Nerve Institute - Fictions (2015)

poster
4,0
Nou, plaat van het jaar zal het bij lange na niet worden maar wel een fijn album.

'Vorige plaat' is wat misleidend want deze plaat gaat aan Architects Of Flesh​-density vooraf. Het geluid is hier wat minder coherent dan op de opvolger en het schiet een beetje alle kanten op, ook binnen de nummers. Een album waar ik wel even aan heb moeten wennen en dat mij toch wat minder trekt dan Architects Of Flesh​-density. Neemt niet weg dat het een hele prestatie is om op zo jonge leeftijd zo'n album in je eentje te maken. Het lijkt me een rare kwibus maar musiceren kan Mike Judge ontegenzeggelijk. Of misschien beter gezegd: kon, want op een opvolger van Architects hoeven we voorlopig niet te rekenen.

Volledig recensie op Progwereld

The New London Chorale - The Young Verdi (1988)

poster
2,5
Deze voor het eerst in lange, lange tijd weer eens beluisterd en het is geen gelukkig wederhoren geworden. Met de wat zijige stem van Gordon Neville heb ik weinig, maar Madeline Bell en vooral Vicky Brown hebben geweldige stemmen. Toch verzuipt alles hier in een enorme kitscherigheid, met flauwe strijkers en koortjes waar ik jeuk van krijg. Nee, met dit album wordt noch aan Verdi, noch aan de zangeressen recht gedaan.

The Odeja - Winds of May (1992)

poster
4,0
Het Italiaanse Mellow-label heeft inmiddels een lange staat van dienst in het uitgeven van vergeten platen. Soms (of eigenlijk: vaak) zijn die platen weinig opzienbarend, en als het live-opnames betreft willen ze bovendien nog wel eens van erbarmelijke kwaliteit zijn. Soms weet het label echter echt ter verrassen zoals met dit plaatje van The Odeja.

De Romeinse band The Odeja kende in het clubcircuit midden jaren '80 enige faam en nam enkele nummers op. Voordat er voldoende materiaal voor een heel album was, viel de band echter door meningsverschillen uit elkaar waardoor de vier voltooide tracks een aantal jaar op de plank bleven liggen. Totdat Mellow ze in 1992 gelukkig alsnog uitbracht.

De combinatie van jazz en prog klinkt ook na bijna dertig jaar nog niet gedateerd. Saxofoon en toetsen zijn leidend in een verder organisch klinkend geheel, dat vooral uitblinkt in de relaxte sfeer die wordt neergezet. Er wordt niet veel gesoleerd en de nummers zijn niet overdreven lang, terwijl ze toch een behoorlijke opbouw kennen.

Enige minpunt is de zang. Luisa Marigliani heeft een stem en zangstijl die uitstekend bij de muziek aansluit, maar haar uitspraak is knap beroerd. Had ze in het Italiaans gezongen dan had ik deze plaat nog een halve ster extra gegeven.

The Tangent - Auto Reconnaissance (2020)

poster
4,0
Ik zie dat ik zo ongeveer elk album van The Tangent vier sterren gegeven heb. Dat is op zich ook niet zo gek, elk Tangent-album klinkt wel zo'n beetje hetzelfde als de voorganger.

Een paar jaar geleden gaf ik al in een commentaar aan dat ik het verzadigingspunt inmiddels toch wel aan het naderen was, en nu, drie albums verder, is dat ook eindelijk gebeurd. Auto Reconnaissance is op geen enkele manier minder dan de vorige albums van Tillison en consorten, maar ook eigenlijk op geen enkele manier beter. De Muziek klinkt hetzelfde, de teksten zijn herkenbaar dan wel inwisselbaar, en eigenlijk lukt het me al jaren niet meer om de nummers überhaupt uit elkaar te houden.

Ik vind het niet per se een drama - hoewel ik andere artiesten er nog wel eens op aan wil spreken (ja, ik heb het over jou, Neal Morse...) - maar het is toch wel jammer dat het Tillison maar niet wil lukken om eens wat meer los te komen van zijn eigen sound. Toeren doet hij altijd met geroutineerde muzikanten, die ook weer in allerlei andere bands zitten. Sterker nog, de laatste keer dat ik The Tangent live zag was het niet eens een dubbeloptreden met het Karmakanic van compaan Jonas Reingold, nee, ze hadden er voor het gemak (en omwille de kosten ongetwijfeld) maar gewoon één liveband van gemaakt die nummers van beide bands speelde. Werkte prima. Maar dan speelt Tillison dus een aantal optredens Karmakanic-werk en dan zou het fijn zijn als daarvan iets door zou werken in zijn eigen werk - en dat gebeurt dus niet. Het lijkt haast wel of de man immuun is voor invloeden van buitenaf.

Hoe dan ook, Auto Reconnaissance is een prima aanvulling van de Tangent-collectie en dat zal over twee jaar ook wel weer voor de opvolger gelden...

The Urbane - Glitter (2003)

poster
3,0
Bij een nummer als Suffocate ligt de Porcupine Tree-invloed er wel erg dik op. Toch vind ik dat dan nog wel het beste nummer op een verder niet echt opzienbarende cd.

Mitchell heeft op zich best een aardige stem maar wel een die mij geen uur weet te boeien en ook de composities willen niet echt blijven hangen. En waar Mitchell bij Arena een sterk door David Gilmour beïnvloed gitaargeluid heeft blijft het hier toch een beetje hangen in een weinig originele rocksound.

Met The Urbane had John Mitchell middels een toegankelijk geluid ongetwijfeld een groter publiek willen trekken maar daar is volgens mij niet veel van terecht gekomen. Sterker, van de twee Urbane cd's zijn waarschijnlijk minder exemplaren verkocht dan van welke van zijn progbands dan ook. Nee, het is niet zo erg dat er al ruim tien jaar geen nieuwe van The Urbane meer verschenen is.

The Waterboys - Out of All This Blue (2017)

poster
2,5
De verwachtingen waren na Modern Blues al niet bijzonder hoog, maar toch weet deze plaat nog flink tegen te vallen. 34 nummers en daar zit vrijwel niets tussen dat ook maar enigszins blijft hangen, het is allemaal zo schreeuwerig en inwisselbaar. Eigenlijk zijn de schijfjes afzonderlijk al een lange zit, laat staan het gehele album.

Hopelijk spelen ze volgende week vooral oud werk, maar ik vrees het ergste.

The Waterson Family - Live at Hull Truck (2019)

poster
3,5
Oorspronkelijk uitgebracht als dvd en pas redelijk recent als een gecombineerde CD/DVD-set.

De Waterson-familie bevat vele zingende leden, de oorspronkelijke broer en zussen, maar later ook de aanhang (Martin Carthy), kinderen en hun aanhang. Norma en Mike zijn nog aanwezig bij dit concert, Mike oogt al heel breekbaar en zou niet veel later overlijden, maar levert hier toch nog best een indrukwekkende prestatie.

Zoals te verwachten: veel ouderwetse folk, mooie harmonieën, traag tempo (iets meer up-tempo had wel gemogen) en vooral iets te veel een familiaal sfeertje. Dat is leuk voor familiebijeenkomsten, maar minder voor publicatie.

Toch zou dat allemaal niet zo erg zijn, het is namelijk een mooi document geworden. Wat alleen echt waardeloos is, is dat de dvd allerlei korte interviews tussen de nummers door bevat (doe dat toch als bonusmateriaal) én dat dit is overgenomen op de cd's. Echt, wie verzint zoiets? Het maakt dat ik een en ander eigenlijk nooit opzet en dat is zonde...

Transatlantic - KaLIVEoscope (2014)

poster
4,0
Ik merk dat Transatlantic me stukken minder doet dan tien jaar geleden. Een volgend optreden zal ik naar alle waarschijnlijkheid ook aan me voorbij laten gaan - deels ook omdat de verwachtingen de vorige keer toch niet helemaal waargemaakt werden. Toch is het absoluut wel leuk om eens in de zoveel tijd weer eens wat van deze groep te horen en live weten ze er toch best een belevenis van te maken. Ik merk alleen dat ik de enorme tijdsduur híer niet meer zo trek. Één epic is leuk hoor, maar vijf? Sowieso deed 'Kaleidoscope' me niet zo heel veel, ook live niet.

Hoogtepunten voor mij zijn de nummers met Thijs van Leer - ik kan me nog goed herinneren hoeveel plezier de heren daar zelf ook aan beleefden, The Whirlwind Medley - lang maar behapbaar - en vandaag ook vooral We All Need Some Light. Zeker niet de beste versie, maar wel precies het nummer dat ik vandaag nodig had (hoewel we het misschien niet over hetzelfde Light hebben...)

Transatlantic - The Absolute Universe: Forevermore (2021)

Alternatieve titel: Extended Version

poster
3,0
Prog en ik zijn flink uit elkaar gegroeid sinds Kaleidoscope, en dat vond ik ook al geen heel bijzonder album. Als ik deze plaat hoor, dan ga ik direct weer twaalf jaar terug in de tijd, want dit klinkt af en toe wel erg opzichtig als een vervolg op The Whirlwind.

Nou vind ik dat nog steeds een prima plaat, maar met Forevermore ga ik geen vergelijkbare band meer opbouwen. Ik zal hem vast nog een paar keer luisteren en daarna verdwijnt deze in de kast - om er vervolgens ook nooit meer uit te komen. Maar goed, dat zegt meer over mij en mijn huidige voorkeuren dan over dit album.

Treasures Left Behind (1998)

Alternatieve titel: Remembering Kate Wolf

poster
4,0
Een tribute-album waarop een keur aan artiesten nummers zingt van de twaalf jaar eerder overleden Kate Wolf.

Vriendin en voormalig muzikaal partner Nina Gerber is de drijvende kracht achter dit album. Ze benaderde de artiesten, produceerde en speelt op de meeste nummers mee.
Het overgrote deel van de artiesten zijn afkomstig uit dezelfde muzikale kring als Wolf en Gerber, die vooral actief was in Noord-Californië. Zij schreven in de liner notes ook allen persoonlijke herinneringen aan Wolf. Uitzonderingen zijn de bekendste namen op deze CD, Emmylou Harris en Lucinda Williams, die wel hun bewondering voor Wolf uitspreken, maar haar niet persoonlijk gekend hebben. Bij Nanci Griffith blijft dit in het midden.

Het is een mooi project en sowieso mooi dat de muziek van Kate Wolf in ere wordt gehouden. Daarnaast gaat de opbrengst ook nog eens naar een goed doel. Maar dat gezegd hebbende: niemand zong deze nummers zo mooi als Kate Wolf zelf.

Trees - Trees (2020)

poster
4,0
Wat een rare bedoening, die 2007-remixen. Ook na het lezen van alle liner notes is het mij niet duidelijk wat het doel hiervan is geweest. Ze wijken in ieder geval wel behoorlijk af van de bekende versies, dus dat geeft ze in elk geval wel een meerwaarde.

Ze zijn helder, meer nadruk op de basgitaar en er wordt af en toe flink met strijkers gegooid. De originelen zijn me dierbaar, dus ik zou ze zeker niet in willen ruilen, maar het is leuk te horen hoe die zes nummers ook geklonken zouden kunnen hebben.

De liner notes bij de box zijn best interessant, maar eigenlijk een licht geüpdate versie van een tekst uit 2007. Het past eigenlijk wel in het totaalbeeld van een rommelig boxje, waarvoor het meeste beschikbare materiaal bij elkaar is geveegd, maar waarbij een echte urgentie ontbreekt. Ja, het is vijftig jaar na het verschijnen van Jane Delawney, maar dat is het dan ook wel.

Ook is de volgorde echt heel rommelig. Eerst de twee echte albums is logisch, maar waarom staan de demo's en de BBC-opnamen door elkaar? En waarom staan de twee livenummers uit 2018 - die niet eens echt van Trees zijn - niet als laatste? Ik begrijp er allemaal niet veel van.

Ook neem ik aan dat het optreden uit 2018 uit wel meer dan twee nummers bestond. Ik zou dan liever dát optreden gehad hebben dan die heel matig klinkende BBC-opnamen. Ondanks dat Celia Humphris daarop ontbreekt, ademt het namelijk absoluut de sfeer van Trees.

Om maar positief te eindigen: Black Widow is wel een tof nummer!

Twelfth Night - Fact and Fiction (1982)

poster
4,0
Inmiddels heb ik de Definitive Edition. Drie cd's, het originele album, veel bonusmateriaal en een hele cd met covers door bevriende artiesten. Nu stonden veel van die covers al op het Geoff Mann Tribute en is sowieso lang niet alles de moeite waard, maar een leuk extraatje is het wel.

Het draait natuurlijk om het originele album en dat is zeker een klassieker. TN had het juiste geluid op het juiste moment en dat heeft een geweldige mix van prof en new wave opgeleverd. Dat wil niet zeggen dat ik het allemaal even fantastisch vind. We are Sane is legendarisch, Creepshow en het titelnummer erg goed en van de positieve noot Love Song ben ik ook wel gecharmeerd. De overige nummers zijn wel aardig.

Twelfth Night had veel potentie en dat is er helaas toch nooit helemaal uitgekomen. Een hele goede verzamelaar, een fantastisch live-album, en een paar albums waar meer in had gezeten. Door een betere productie, maar wellicht ook al door betere songkeuzes. Want waarom staat de vocale versie van Sequences bijvoorbeeld niet op dit debuut? Dan was was het niet alleen een klassieker geweest, maar ook een echte topper in het genre. Nu geef ik toch de voorkeur aan Art & Illusion, omdat die constanter is van kwaliteit.

Twelfth Night - SKAN Demo / First Tape Demo (2013)

Alternatieve titel: SKAN Demos / First Tape Album

poster
3,0
Tja, dit is precies wat het zegt te zijn, demo's van voordat Twelfth Night debuteerde. Dit is ook allemaal uit de tijd voordat de band met een zanger ging werken, dus allemaal instrumentaal. Dat hoeft verder niet zo'n probleem te zijn, maar de geluidskwaliteit is zeker bij de eerste tape gewoon matig, dus dat help niet echt. De lange (isntrumentale) versie van Sequences blijft sterk, al verkies ik zelf de versie met Geoff Mann.