menu

Hier kun je zien welke berichten Snoeperd als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

AC/DC - Back in Black (1980)

4,0
Een gigaklassieker van AC/DC, historische plaat. Jammer dat ik toen nog niet geboren was.
Samen is het met Highway to Hell ook het beste wat ze hebben gemaakt. Beiden prachtalbums.
AC/DC produceert zijn albums altijd zo fijn. Het klinkt perfect maar is niet glad. Het volle geluid is één van de dingen die ik zo waardeer aan ze. De riffs op dit album horen bij de betere riffs die muziek te bieden heeft imo. Overigens op alle albums zijn de riffs goed tot fenomenaal. Ik vind dat deze plaat wel een review verdiend.

De plaat begint met één van mijn favo nummers allertijden. De klokslagen luiden en de plaat begint, dan komt die geweldige riff erin en de drums, het nummer bouwt zich langzaam op en dan begint Brian Johnson te zingen, I'm a rolling thunder, on a pouring rain, er is altijd wel kritiek op hem geweest maar op dit album is dat zeker niet van toepassing want hij zingt ( schreeuwt soms) uitstekend. Daarna komt het refrein dat je altijd zo hard mogelijk mee schreeft, Hells Bells!!!!!. Na een geweldige solo en het refrein dat vaak herhaalt wordt is het afgelopen. Een klassieker van grote klasse. Trouwens één van de vele klassiekers.

Shoot to thrill, een lekker snel rocknummer waar je eigenlijk wel op kunt dansen en niet stil bij kunt staan. Vroeger waardeerde ik het niet zo en vond ik het één van de mindere maar ik moet zeggen dat hij nu wel bij de favoriete nummers van het album hoort, wat er ook wel heel veel zijn.

What do you do for money, honey houdt het hoge niveau hoog met het ultieme meezingrefrein en de gebroeders young voorzien het nummer van uitstekend gitaarwerk. Staat gemerkt als voorkeursstem net als Hells Bells.

Givin the dog a bone is van wat minder niveau als de vorige nummers maar is nog steeds een uitstekend nummer. Lekker catchy nummer dat goed wegluisterd.

Daarna komen er een rij klassiekers om de hoek kijken, om te beginnen met 'Let me put my love into you'. De tekst is ten eerste geniaal, het refrein is gewoon heel erg goed en de combinatie van de goede riff en drums maken van dit nummer een buitenaards goed nummer.

De beste riff van het album komt van Back in Black. De mannen van AC/DC zijn zo ongelooflij goed op elkaar ingespeeld. Heerlijke instrumentatie op dit nummer. Alweer een klassieker. Tevens het titelnummer die eigenlijk op elk album tot het beste materiaal van het album horen net als op Highway to hell, Razor's Edge en Let there be rock.

You shook me all night long is weer een klassieker. Het refrein blijft zo in je hoofd hangen, maar het mooiste vind ik nog wel de intro voor het refrein. The walls were shakin', the earth was quakin', geweldig!

Daarna doet AC/DC een stapje terug met twee nummers ( Have a drink on me, Shake a leg) die niet zo opvallen tussen al die klassiekers, wat niet weg neemt dat het gewoon uitstekende nummers zijn die op de albums hierna tot het beste zouden horen. Vooral Shake a leg is toch wel een erg lekker nummer.

De afsluiter is Rock & roll aint noise pollution. Een rustige riff en er wordt half gezongen/half gepraat en daarna barst de Rock & Roll los.
Goed refrein waarna Brian Johnson het album naar een einde zingt. Een waardige afsluiter voor dit topalbum van AC/DC.

5*, voor de beste Hardrock band die er is.

AC/DC - Let There Be Rock (1977)

4,5
AC/DC - Let There Be Rock

Let There Be Rock: 7 nummers. Het zijn 7 muziekwonderen verpakt in een van de beste sounds die ik ken.
Dit album heeft een sound die AC/DC eigenlijk voor de eerste en meteen de laatste keer gebruikte. Eigenlijk best jammer. Al had dit zonder Bon Scott ook niet meer gekund. Deze sound vergt een goede timende zanger met veel bereik. Het album is een brok energie van 35 minuten dat maar doorratelt en rockt. De leden van deze groep halen hier het beste uit elkaar naar boven. Aan mij om deze 7 muziekwonderen te bespreken.

Muziekwonder nummer 1:

We trappen dit album af met het eerste wonder uit dit rijtje, genaamd Go Down. Go Down is een opgewekt, stuiterend nummer. De eerste buitenaardse riff is al meteen te vinden op dit nummer, het zorgt ervoor dat er alleen al qua instrumentatie genoeg te genieten is. Gelukkig heeft AC/DC veel en veel meer te bieden. Een Bon Scott bijvoorbeeld? Die weet wel wat hij aan moet met zulke achtergrondinstrumentatie. Een heerlijke tekst over de wijven maken en die ontzettend interessant brengen. Dat is waar hij geweldig in is en dat doet hij dan ook, met de nodige klasse.

Muziekwonder nummer 2:

Het beste refrein komt van Dog Eat Dog. Het is een grote favoriet van mij, ik kan soms niet genoeg krijgen van het refrein: Heeey heey heey every dog on his way! Soms heb ik een week dat ik dit vele malen op de stereo aan zet. Puur omdat het een hemels refrein heeft + de heerlijke strakke drums en gitaren, de instrumentatiesectie weet op dit album de meest geweldig riffs uit de kast te trekken, ze hebben er voor ieder nummer wel één klaarliggen. Het is ongelooflijk wat deze muzikanten op dit album produceren.

Muziekwonder nummer 3:

De titelsong is naast het laatste nummer een tweede grote klassieker. Het nummer heeft alles wat een AC/DC nummer kenmerkt. Het heeft een humorvolle en zeer ingenieuze tekst, het heeft het onnavolgbare drum -en gitaarwerk en een zeer soulvolle Bon Scott. Vooral in de coupletten steelt hij de show, met een perfecte timing weet hij de tekst schitterend te brengen. Het refrein is ook zeer goed gezongen, maar vooral de beukende gitaarriff moet de aandacht krijgen. Het geeft het refrein ontzettend veel kracht mee. De solo op het eind is prachtig en maakt een eind aan deze klassieker.

Muziekwonder nummer 4:
Bad Boy Boogie is een heerlijk groovend nummer, net als elk ander nummer is het zeer strak gespeeld, het rauwe randje wordt echter altijd behouden. Je merkt hoe gigantisch goed de gitaristen zijn. Je wordt van de ene riff naar de andere riff geslingerd en allemaal zijn ze even fantastisch. Het refrein is treffend en simpel. Zo is het vaak bij AC/DC, maar dat is juist een kracht:
They said stop I said go
They said fast I said slow
They said yes I said no
I do the bad boy boogie

Let vooral op die riff die direct na de laatste zin komt, dat is een ontzettend swingend riffje.

Hier staat dan eigenlijk Problem Child, die sla ik steevast over, niet omdat het slecht is. Nee, het zou zo het 8ste wereldwonder kunnen zijn. King Kong, een beest van een nummer. Maar het staat al op Dirty Deeds en kapot draaien dat doe ik dit nummer niet aan.

Muziekwonder nummer 5:

Overdose is het volgende nummer. Het begint wat aarzelend. Enkel een gitaar en af en toe drums. Het geluid wordt steeds meer opgebouwd. En dan komt er een fascinerende riff invallen. Het vormt de basis van alweer een geweldig nummer. Het is de heerlijke bluesy zang die een zeer waardig stukje toevoegt aan de basis. Bon Scott is met Marvin Gaye en Antony Hegarty mijn lievelingszanger, hij heeft een perfect bluesy stemgeluid met ook wat soul er doorheen. Daarnaast heeft hij ook nog eens een stem bereik van Los Angeles naar New York. Hij weet zinnen perfect aan elkaar te lijmen en zijn timing is altijd perfect. Het refrein behoort niet tot de beste, maar is zeker de moeite waard, het zingt allemaal erg lekker mee. Het nummer is een soort cirkel die weer eindigt waarmee het begon. Een geweldige song op dit album van de 7 muziekwonderen.

Muziekwonder nummer 6:

Hell Ain't a Bad Place to Be, als het aan AC/DC lag was dat zowiezo, die gasten deden volgens mij alles wat God verboden had.
Uit het niets rijst er weer een grootste beukende riff op. Bon Scott komt daarover heen met een erg leuke tekst met allemaal geinige tekstfragmenten. Al gaat het natuurlijk allemaal om vrouwen en het versieren daarvan, verrassend, AC/DC komt eigenlijk alleen maar met dit soort teksten. Het is meestal gewoon in de dienst van het liedje, het klinkt namelijk allemaal verbazend lekker. Zo ook de titel, ligt lekker in de mond, en de manier waarop Bon Scott het in het refrein zingt is gewoon het paradijs, de hel volgens Bon zelf.

Muziekwonder nummer 7:

Whole Lotta Rosie is eigenlijk op papier gewoon het absolute hoogtepunt. Het is de grootste klassieker die AC/DC voortbracht. Ik beschouw het ook wel een beetje als hoogtepunt, maar eigenlijk ben je er totaal niet mee bezig bij beluistering van het album, het is een van de 7 wonderen van dit album. Het is als de piramides, de bekendste, de ouwe reus, de klassieker die AC/DC helemaal op de kaart zette.
Als je dit nummer aanzet weet je al meteen waar je aan toe bent, de ontzettend beukende riffs komen als dwazen op je af. Bon Scott half, fluisterend, weet er fijne zinnetjes uit de persen tussen deze riffs door. Daarna is het repetitieve afgelopen en loopt het nummer op één vloeiende ijzersterke riff, daarover zingt Bon Scott de sterren van de hemel, misschien is dit wel een van zijn hoogtepunten. Dat refrein is namelijk prachtig en catchy gezongen, iets wat dit tot klassieker maakt. Na 2 en een halve minuut vindt Bon het wel welletje en mogen de gebroeders Young hun kunstjes vertonen, dat doen ze met verve, solo's van het aller-aller hoogste niveau, een vette gitaarsound. Daarna valt Bon Scott weer in en zet de gitarist een bizarre riff in die buitenaards goed is.

En dan is het voorbij, AC/DC is uitgeraast. Het heeft je 35 minuten lang energie gegeven zonder daarbij een druppel koffie of energydrank of wat dan ook te gebruiken. Ze zouden hierna 2 albums maken die qua kwaliteit van hetzelfde kaliber zijn. Qua sound konden ze dit echter nooit meer overtreffen. Ze ruilden dit geluid in voor een gepolijster geluid. En ze hebben niet meer kunnen terugkeren naar deze sound, mede door het overlijden van Bon Scott. Sommigen vinden het herrie zoals mijn vader, maar de fans weten beter. Dit is een van de meest geniale stukjes muziek ooit gemaakt.

Arctic Monkeys - Tranquility Base Hotel + Casino (2018)

4,5
De Monkeys gingen met AM toch wel definitief de commerciële kant op, maar bleven hun Arctic Monkeys signature sound wel behouden. Hun sound werd in een toegankelijk jasje gegoten en daar hebben ze heel veel zieltjes mee gewonnen. Waar in mijn vriendenkring de Arctic Monkeys nog geen begrip waren, waren ze dat na die plaat wel.

Deze nieuwe plaat van de pool-aapjes, Tranquility Base Hotel + Casino, lijkt een al dan niet bewuste middelvinger naar die nieuwe fans. Alhoewel, niet alleen de nieuwe fans, maar ook menig fan van het eerste uur heeft felle kritiek op dit album. Mezelf, als fan van het eerste uur, beschouw hun debuutalbum als het beste dat ze ooit gemaakt hebben. De hongerige energie van de destijds nog jonge Monkeys werd perfect vertaald op het album. Ik heb al lang geleden geaccepteerd dat ze dat album niet meer gaan overtreffen, desalniettemin volg ik de band nog steeds met veel plezier en de Monkeys weten in tegenstelling tot andere bands van hun generatie (Bloc Party, Editors, Kooks, Kaiser Chiefs) nog zeer relevante albums uit te brengen.

De nieuwste worp Tranquility Base Hotel + Casino is wellicht het beste album dat ze sinds hun debuutalbum geproduceerd hebben. Het is absoluut geen makkelijk album en de nieuwe supporters van AM die gewend waren aan een makkelijk weg te werken cocktail zullen veelal niet de tijd nemen om deze lekkere whiskey te leren drinken. Ondanks dat de onderwerpen die door meester-poëet Alex Turner worden aangesneden niet altijd even zonnig zijn, associeer ik deze plaat met de zomer die hier al vroeg aangebroken is in Brno, Tsjechië. Het is een rustige zwoele zomerplaat die het beste tot zijn recht komt tijdens een warme avond op het balkon met een glas wijn/whiskey in je hand.

De subtiele instrumentatie, met als nieuwe toevoeging de piano, is om je vingers bij af te likken. De gitaar is meer op de achtergrond geduwd, terwijl de piano, synthesizers en de fantastische bas van Nick O'Malley zich veelvuldig op de voorgrond bevinden. Elke luisterbeurt ontvouwen zich meer en meer gelaagde melodieën, als je naar de lijst van muzikanten kijkt zie je wel waarom. Behalve de instrumentatie gaat het wat mij betreft om de kleine momenten die dit album zo goed maken. Subtiele wendingen klinken gelukzalig, zoals bijvoorbeeld de overgang van One Point Perspective naar American Sports of de drums zie zo heerlijk invallen op The World's First Ever Monster Truck Front Flip. Of de mooiste gitaarsolo van het album op het verder beetje uit de toon vallende She Looks Like Fun.

Tekstueel zijn die kleine geluksmomentjes ook meermalig te vinden. Al meerdere malen genoemd is de eerste zin van het album: 'I just wanted to be one of the Strokes, look at the mess you've made me made'. En wat te denken van die prachtige passage in One Point Perspective: "Oh, just as the apocalypse finally gets prioritised' waar Alex uit het niets de hoogte ingaat. Verder ook het noemen waard is de passage 'Have I told you all about the time that I got sucked into a hole, Through a handheld device?'. Zo herkenbaar en heel treffend verwoord door meneer Turner. Waar niet iedereen gecharmeerd is van het alsmaar croonen van Alex Turner is dat juist een van de sterke punten van dit album, waarbij Alex boven de andere songwriters van deze generatie uitstijgt. Hij snijdt persoonlijke onderwerpen aan, maar biedt je ook een interessante kijk in zijn wereldbeeld. Hij uit kritiek op de huidige maatschappij, maar doet dat op een originele wijze zonder te vervallen in clichés, waar menig artiest de laatste jaren moeite mee heeft door het continu bashen van Trump.

Dit nieuwste album van de Arctic Monkeys is gewaagd maar geslaagd. Van de eerste geweldige woorden tot aan de Bowieesque meezinger Four Out Of Five tot aan het heerlijk walsende laatste nummer The Ultracheese is dit een zalige plaat. 4.5 out of 5!

Arctic Monkeys - Whatever People Say I Am, That's What I'm Not (2006)

5,0
Arctic Monkeys - Whatever People Say I Am, That's What I'm Not

Je nummer 1 recenseren is erg moeilijk, vaak is het lastig om onder woorden te brengen wat er zo goed aan is. Het kan ook makkelijk door een stuk tekst te quoten en dan er een -tekentje achter te zetten. Maar dat is niet de bedoeling van mijn recensie, sommige stukken heb ik gequote, maar het overgrote deel heb ik geprobeerd met gewoon woorden te bespreken. Anders dan een nummerbespreking lukte het mij niet om dit album te bespreken. Want over elk nummer is genoeg mooist te verellen.

Het eerste nummer op het album heet View From the Afternoon. De Arctic Monkeys beginnen meteen met een beukend ritme op dit nummer. Het test de luisteraar. Als dit meteen te hard gaat voor je kan je maar beter de eerste 5 nummers overslaan. Is het niet te hard voor je hoor je daarna een couplet die zo pakkend is dat het het refrein had kunnen zijn, het refrein daarna klinkt hoe een refrein moet klinken. Er zit ook nog een tweede test in het nummer. Met deze test kunnen ze meteen de echte fans tijdens een concert er uit pakken. De wannabe-fans gaan aan het einde klappen, als echte fan weet je natuurlijk dat dit zalige nummer nog even een minuutje door gaat, het fijne couplet en refreintje worden nog eens even overgedaan en nu is het dan echt klappen geblazen, want dat is zeker terecht na zo'n opener.

De grootste hit van dit album is I Bet You Look Good on the Dancefloor, het tweede nummer van de plaat. Dit nummer gaat al even hard als de vorige. Het nummer start met een beukend ritme die daarna plaats maakt voor een meer melodieuzer ritme. Toch blijft het hard gaan, een echte dansvloerkraker is dit, helaas heb ik het nog nooit gehoord in een club. In tegenstelling tot de soms hersenloze danshitjes die ze daar draaien is dit nummer in alle opzichten geweldig geniaal. Het eerste couplet is erg fijn. Vooral de drummer die er door heen zingt met 'Cold As the Night' en 'Can't Dynamite' zijn erg fijne stukken. Wat daarna volgt is het refrein, 'Dancing to electro-pop like a robot from 1984', en zo ervaar ik het refrein ook, het laatste zinnetje van het couplet klinkt al een beetje robotachtig en de rest van het refrein ook een beetje, een beetje inderdaad, want de gitaarsound blijft gewoon stevig overeind. De singles zijn niet vaak mijn favorieten van een album, ook dit nummer zal dat niet zo snel worden, maar dit nummer is net als het hele album extreem hoog niveau en extreem lekker.

Het volgende nummer is Fake Tales of San Fransisco, net als I Bet You Look Good On the Dancefloor gaat dit ook weer vrij hard, maar minder hard als de vorige nummers. Het start namelijk ook met een vrolijke riff, daar worden al snel mooie zanglijnen over heen gegooid. Het wordt allemaal alleen maar beter met het 'Kick Out' stukje dat tweestemmig wordt gezongen. Het hele nummer is erg dromerig tot aan de climax, voordat die climax komt, volgt eerst nog even het fijnste gedeelte van het hele nummer, deze is zeker het citeren waard:
Yeah but his bird thinks it's amazing, though so all that's left, is the proof that love's not only blind but deaf.
Hoe hij dit zingt hoort gewoon bij de beste momenten van het album en gezien mijn waardering voor dit album zit je dan al bij 'buitenaards goed'. Na dit stukje gaat de knop op energie en wordt het nummer hard maar erg goed uitgespeeld.

Dancing Shoes begint met een leuk zanglijntje die altijd luidkeels door mij wordt meegezongen. Daarna, na zo'n 25 seconden, gaat het op eens hard. Hoewel dat stukje ook kan worden meegezongen wordt dat stukje altijd geheadbangt bij mij. Die omzetting van rustig naar opeens zo keihard is één van die punten die zo geniaal zijn uitgevoerd bij dit album.
Bij Dancing Shoes is het alsof je bij het begin van het nummer het rotje al hebt aangestoken, maar toch komt die knal, die energie onverwacht. Na die uitbarsting gaat het weer wat rustiger, het volgende rotje is al aangestoken en daar komt dat harde stukje weer, 'the only reason that you came! Dat harde stukje in combinatie met meezingen maakt dit nummer ontzettend verslavend.
En alsof dat nog niet genoeg is wordt het nummer hervat met een zinnetje dat ongelooflijk lekker klinkt: 'Get on your dancing shoes, Your sexy little swine', na dat zinnetje volgt een klein climaxje en is dit waanzinnige nummer afgelopen. Al deze geniale stukjes verpakt in een song van 2 minuten en 23 seconden. Klasse!

You Probably Couldn't See for the Lights But You Were Staring Straight at Me, de langste titel van het album, langer dan de albumtitel. Deze titel onthoud ik dan ook maar voor helft, na Lights vergeet ik het meestal. Is dit nummer dan niet zo bijzonder? Nee hoor, bijzonder is het zeker, het valt alleen niet zo op. Daarmee is het echter niet een van de mindere nummers. In dit nummer zijn weer genoeg verassende en fijne passages te vinden. Veel tongbrekers ook in dit nummer, maar na oneindig vaak luisteren krijg je zelfs die zinnetjes onder de knie. Leuke zinnetjes vind ik: Back up to their brains to form expressions on their stupid faces, dat vind ik ook meteen het meest fantastische stukje van het hele nummer. Lekker aggressief gezongen en omdat het een erg langgerekte zin is klinkt dit zeer fijn.
And I'm talking gibberish, Tip of the tongue but I can't deliver it..., It's slightly easier to think what to say. Veel meer dan zeggen dat dit ook al zo'n meesterlijk nummer is kan ik niet doen. Een geweldige rocksong, wederom. En verslavend ook, want als het nummer een keer opvalt zet ik dit nummer zeker een paar keer extra op.

Still Take You Home mag het eerste deel van dit album afsluiten, zo ervaar ik het tenminste. Het eerste deel wordt afgesloten met misschien wel het beste nummer van het hele album. Ik heb het in ieder geval aangevinkt als favoriet. Waarom deze song zo goed is. De bridge in dit nummer komt van een andere planeet, zo geweldig. Eerst is er een fantastisch gitaarstukje, dat zich in mijn hoofd heeft genesteld en dat gitaarstukje zit gevangen in mijn hoofd en zal daar nooit meer uitgaan. Daarna in de bridge wordt er eerst eenstemmig whoo, whoo, whoo en daarna meerstemmig 'da ba da dab da' gezongen, zo simpel, maar juist dit deel van de bridge vind ik schitterend.
En dan heb je ook nog het nummer zelf. Het nummer is toch behoorlijk energiek, met als enige rustpuntje de net besproken bridge. De bridge die de ultieme tegenstelling biedt, van energiek naar hemels. In dit nummer probeert Alex Turner iemand te verleiden, althans, dat haal ik uit de tekst. Een aparte manier van flirten heeft hij wel als je de tekst leest. Maar wie verleidt hij dan eigenlijk? Een meisje, ja, dat ook. Maar het is ook de luisteraar die hij verleidt. Het duurt even, maar hoe je je ook verzet, met genoeg luisteren geef je je toch over aan dit nummer. Verleidend, dat is het perfecte woord voor deze perfecte poprocksong.

Met Riot Van wordt het tweede deel van het album geopend. Riot Van voelt voor mij aan als het kortste nummer van het album. Toch is dit nummer tot 2.13 gerekt, voor mij voelt het aan als een minuutje. Dit nummer is melancholisch en de zang heeft een grote emotionele lading. Het nummer is een rustpauze, net als The Only Ones Who Knows op het volgende album. Dit nummer is wel even een aantal niveautjes hoger als Only Ones Who Knows.
In dit nummer wordt een probleem met de politie bezongen. Het nummer zit vol emotie en daarom wordt het ook klein gehouden. Hiermee bewijzen de Monkeys voor het eerst op dit album dat rustige nummers ze ook erg goed afgaan. Het hoogtepunt van dit nummer zijn de laatste regels, deze regels vind ik confronterend en daarom erg mooi.

Thrown in the riot van,
and all the coppers kicked him in,
and there was no way he could win,
just had to take it on the chin.



Waar Riot Van erg rustig eindigt gaat Red Light Indicates Doors Are Secured gelukkig niet meteen beukend van start. Sterker nog, het nummer begint met een erg relaxed ritme, het tempo wordt steeds een heel klein beetje opgeschroefd. In het refrein gaat het dan op full-speed. Als ik auto mocht rijden en deze cd zou meehebben dan zit ik denk ik zelf ook wel op full-speed. Na dit full-speed refrein gaan ze verder met een fijn klinkende bridge. Daarna wordt het tempo weer opgevoerd. Het lijkt een soort climax te worden, maar waar je denkt dat het nummer ontploft wordt ervoor gekozen om het nummer rustig uit te spelen. Aan de ene kant jammer dat er niet nog een soort van refrein komt, maar aan de andere kant is het zó Arctic Monkeys om weer een verrassende wending in het nummer te stoppen. Ik zie het daarom zeker niet als minpunt, juist dat einde maakt dit nummer voor mij zo memorabel. En dan nog even een quotebaar stuk tekst, want o, wat zingt Alex deze regels zalig:

Didn't ya see she were gorgeous, she was beyond belief
But this lad at the side drinking a Smirnoff ice came and paid for her tropical Reef



Mardy Bum is een nummer dat meer neigt naar een popnummer. Pop kan, mits goed uitgevoerd, prachtig zijn. De meesten zullen perfecte popnummers van Johan, Midlake of Elbow wel kennen. Met Mardy Bum kunnen de Arctic Monkeys zeker meeconcurreren met de topnummers van voorgenoemde. Het nummer leunt al op een redelijk geniaal te noemen riff. Als de drums er in komen kan je de riff, tsja hoe zeg je dat, meeneuriën, voor degenen die niet begrijpen wat ik bedoel, hier de liveversie van Glastonbury. En dat terwijl er helemaal niet in wordt geneuried door de band zelf en dat is wel heel knap. Daarna komt de lieflijke en breekbare zang, de tekst is weer precies in de goede dienst van het liedje geschreven en daardoor wordt dit nummer zo pakkend. De veranderingen in de zang, van lieflijk naar breekbaar naar een versterking in de stem maken van dit nummer een topnummer. Daarnaast worden deze stukken ook nog uitstekend ondersteund door de drums die steeds op het goede moment de zang ondersteuning biedt.
Na een tijdje komt er nog een versnelling in dit nummer en dat is waarom dit nummer toch ook als een rocknummer aanvoelt. Die versnelling is briljant. Zanger Alex Turner zing wat wanhopiger en de instrumentatie is ineens een stuk dreigender en daarna wordt, zoals in veel nummers van dit album het nummer uitgeblazen. Net zoals bij When the Sun Goes Down, die qua melancholiek en structuur het meest vergelijkbaar is met dit nummer. De zoektocht van de Arctic Monkeys naar het perfecte popnummer is geslaagd met het maken van Mardy Bum.

Perhaps Vampires Is a Bit Strong But... is het op één na langste nummer van de plaat. Dit nummer is een vuige rocker. Vooral op het laatst lijkt deze song helemaal te ontsporen. Ook in dit nummer is er weer een contrast tussen melodieus en energieke rock. De melodieuze gitaarriff in het begin en die op het einde terugkomt is fantastisch. Daarnaast biedt dit nummer een grote variatie in zang en instrumentatie. In het ene stuk zingt Alex Turner verhalend en in het andere stuk zingt de zanger gewoon catchy, het refrein dus. Het refrein bestaat uit onder andere het zinnetje All you people are vampires, een zinnetje dat bij mij bij de eerste luisterbeurt al in mijn hoofd bleef hangen. Daarna leek het of deze song niet meegroeide met de rest van de nummers. Maar nu, met het schrijven van deze recensie, realiseer ik me weer hoe goed dit nummer is. De variatie in dit nummer viel me nog niet op, nu wel.
Voordat ik het vergeet nog even een fijn stuk noemen, want deze song is natuurlijk typisch Arctic Monkeys met de stilte waarbij je denkt dat het afgelopen is. Maar nee, de Arctic Monkeys plakken er nog een stukje genialiteit achteraan.

When the Sun Goes Down is een godsgeschenk. Alex Turner bezingt op hemelse manier het probleem van de prostitutie in Sheffield. Het nummer begint rustig met alleen Alex Turner op de gitaar, Alex Turner zingt met volle emotie over de 'girls' van de 'Red Light'. Dit stuk eindigt met 'Cause he's a scumbag, don't you know'. Dan wordt het zinnetje nog een keer herhaalt en dan is daar weer die plotselinge verandering van rustig naar energiek. Die overgang gaat natuurlijk vlekkeloos, de drums wekken spanning op en huppa, daar komt de gitaar erin en nog een keer huppa, Alex Turner begint te zingen. Dit stuk van het nummer is heel anders maar zeker niet minder mooi als het begin. Alex Turner's tekst is zeer indrukwekkend. Het is een mooie emotioneel geladen tekst maar toch is de tekst helemaal in dienst van het liedje geschreven. Zeer knap.
In het refrein zingt Alex dat de situatie in Sheffield verandert als de zon ondergaat. Het advies dat Alex je na al dat elektrische gitaar en drum-geweld meegeeft is 'I Hope You're Not Involved at All' en hiermee eindigt dit fantastische nummer dat zo opvalt door de mooie compositie en de aparte structuur. Met als pluspunt het onderwerp van dit nummer.

Het einde van de cd nadert, het een na laatste nummer is From the Ritz to the Rubble. Alex Turner begint alvast te zingen voordat de instrumentatie begonnen is. Hierna bouwt het nummer zich mooi op. Alex gaat steeds krachtiger zingen en ook de instrumentatie wordt krachtiger. Even later, na 23 seconden om precies te zijn, komt er erg mooi gitaarspel in, daarna volgt het ontzettend krachtige refrein, niet een van de beste refreinen van dit album maar nog steeds erg fijn. Wat na het refrein komt is eigenlijk veel leuker, waar ze zingen 'that girl's a different girl today' en zo nog wat variaties op dat zinnetje. Daarna volgt nog een keer het refrein en daarop volgt de climax, die zich opbouwt met eerst stevige instrumentatie en daarna komt er weer een leuk gitaardeuntje in. Het laatste stuk van het nummer is weer rustig en het nummer wordt met een basdeuntje uitgespeeld. Wederom een vrijwel perfect nummer met een mooie opbouw en fijne instrumentatie.

Volgens het hoesje van de cd hoort A Certain Romance niet bij het tweede deel en vormt het nummer in zijn eentje het derde deel. Ik kan daar wel inkomen. Niet dat dit nummer anders is dan de rest, maar het is een nummer van vijf minuten dat toch een iets ander sfeertje heeft. Het nummer begint rockend, maar van deze rock blijft enkel een aanstekelijk riffje over. Misschien moet ik hier al gaan praten over het beste riffje van het album. Het riffje is ontzettend aanstekelijk, een luchtig riffje die je helemaal vrolijk maakt.
Van de rock is niets meer over, het nummer neigt nu meer naar pop, zoals die in Mardy Bum. Na even van het losse riffje te genieten begint Turner te zingen. Hij zingt op een verhalende manier, met af en toe een uitspattinkje in het zingen. Alex Turner laat je wegdromen op het laatste nummer, er heerst een erg dromerig sfeertje op dit nummer waar Alex' zang ook aan meewerkt. Dit nummer laat je zweven. Het voelt episch aan, en zeker voor Arctic Monkeys begrippen is dit een erg lang nummer. Langer hebben ze nummers volgens mij niet gemaakt.
Het nummer eindigt fenomenaal. En dat begint eigenlijk al met de pauze in Turners tekst. In deze pauze is er plaats vooor een fijne bridge gevolgt door een opbouw naar de climax. Die opbouw wordt nog met zang gedaan. De climax is enkel ontzettend fijn gitaarspel. En dan is het weer afgelopen. Weer een draaibeurt erbij voor dit album. Een van de honderden, want van zulke aantallen kan ik nu al spreken.

De Arctic Monkeys zijn na dit album, heel begrijpelijk nooit meer op dit niveau geweest. Zelfs op nummergebied niet. Fluorescent Adolescent kan misschien met de minste nummers hier mee concurreren. En dat zegt wat, aangezien ik een Teddy Picker, een 505 en een Crying Lightning ook geweldige nummers vind.
Dit album is van buitenaards niveau. Beste album ooit gemaakt voor mij.

Bedankt voor de aandacht.

Cannonball Adderley - Somethin' Else (1958)

4,0
In het kader van het Tip 250-topic

Cannonball Adderley maakte met Somethin' Else, zo bleek later, een van de grootste jazz-klassiekers ooit. Dat deed hij niet in zijn eentje. Op de hoes zie je onder andere de grote namen Miles Davis en Art Blakey prijken. Er wordt zo nu en dan gediscussieerd over hoe groot de invloed van Cannonball Adderley nou eigenlijk was. Omdat ook Miles Davis bijvoorbeeld erg veel invloed zou hebben gehad. Ook zijn de composities veelal niet door hemzelf gemaakt. Dat gebeurt echter wel vaker in de jazz. Wat in ieder geval vast staat dat dit album gezien wordt als een klassieker binnen de jazz, iets wat ik alleen maar kan beamen.

Adderley's Somethin' Else telt vijf tracks. De eerste vier tracks zijn allen gebouwd rond een thema, wat voor mij als doetje in de jazz erg prettig luistert. Neem de eerste track bijvoorbeeld, Somethin' Else, er wordt steeds begonnen met het thema, om daarna over te gaan tot solo's, om het nummer verder uit te diepen.
Somethin' Else kan zich geen betere start wensen als met Autumn Leaves. De eerste blazers laten heel veel emotie horen. Het is een droevige start die me doet denken aan mooie landschappen onder een donkere dreigende hemel. Die toon verandert snel met de eerste solo. Het nummer is zeker nog niet vrolijk. Maar wordt wel iets minder droevig. De solo's zitten vol mooie passages, ik vind zeker niet alles even sterk aan de solo's, maar bij momenten raakt het je. Geniet je niet van de solo's, dan nog is het een swingend geheel door de stuwende baslijn.
De solo's zijn zeker niet saai en bij vlagen mooi, maar op gegeven moment verlang je wel weer naar het beginthema. Dat komt er op dit album gelukkig steeds snel genoeg, op dit nummer is de overgang van de pianosolo naar het thema subliem, de blazers knallen er dan weer in. De sfeer wordt weer even droevig als op het begin en daarmee fade dit klassieke jazznummer uit.

Autumn Leaves is echter niet mijn favoriet van deze plaat, dat is namelijk het tweede nummer Love For Sale.
Love For Sale vind ik een vrolijk nummer, ik voel me er wel bij in m'n sas. Nummers hoeven niet droevig te klinken om heel erg mooi te zijn. Daar is dit nummer het bewijs wel van. Het beginthema is zo prachtig dat het me gewoon gelukkig maakt en ook de eerste solo bijvoorbeeld is niet te versmaden. Love For Sale is ook een van de weinige jazz-nummers die ik van top tot teen helemaal voel. Bij dit nummer spelen alle instrumenten perfect op elkaar in. De piano bijvoorbeeld, die er steeds heerlijk doorheen komt.

Volgende nummer is het door Miles Davis gecomponeerde titelnummer. Wat weer opvalt zijn de deuntjes op de blazers die meteen in je hoofd blijven zitten. De eerste minuut van dit nummer kan dagen in mijn hoofd blijven zitten. Juist de solo's in dit nummer vind ik van hoog niveau. De ene na de andere fijne passage volgt met als hoogtepunt de passage rond ongeveer de 4de minuut. Ook heeft Somethin' Else een fantastisch einde, waar ik eigenlijk met het schrijven van deze recensie pas achter kom. Eerst dat ontzettend fijne stuk op de piano en dan komen die swingende blazers er weer bij. Dat is een erg krachtig stuk.

One For Daddy-O heeft misschien wel het lekkerste begin van alle jazznummers die ik ken. Het nummer start met enorm lekker vibe. Niet meeneuriën is onmogelijk. De manier waarop de eerst solo instart vind ik ook magistraal gedaan. Het stuk erna vind ik helaas iets minder. Misschien is het doordat we al tegen het einde van de plaat komen, maar het pakt me niet echt. Dan wordt het weer even de ene oor in, andere oor uit-jazz. Pas de laatste dertig seconden veer ik weer op als het thema van het begin weer terugkomt. Wie weet groeit dit nog, ik hoop het, want het begin en eind zijn fantastisch te noemen.

Het laatste nummer Dancing In The Dark is een zwoel nummer om mee te eindigen. Het heeft een beetje loom en duister sfeertje wat goed bij de titel past. Het saxofoonspel is zeer gevoelig en boeit het hele nummer lang. Tot aan het einde toe dus, en juist dat einde is briljant. Een echte goede climax zoals een jazzalbum hoort te eindigen. De baslijn stopt, alleen de fantastische blazers blijven over, waarna de piano daarna nog even terugkomt voor de laatste tonen. Het zal wel cliché zijn in de jazz, maar ik vind het ontzettend gaaf klinken.

Ik ben niet bekend met jazz en ik vraag me af of ik ooit echt een jazzliefhebber wordt. Toch ben ik nu al wekenlang in de ban van dit fantastische jazz-album en heb ik het gevoel dat dit album toch de deuren opent naar andere jazz. Voor iedereen die net zo'n beginner is als mij in het jazzgenre is dit een dikke aanrader vanwege de relatief duidelijke songstructuren en de heerlijke bas- trompet- en saxofoonloopjes.

4*

CunninLynguists - A Piece of Strange (2006)

4,0
In het kader van het Tip 250-topic

Waar er toch door behoorlijk mensen wordt geklaagd dat de mainstream hiphop niet meer zo goed is als in de jaren '90, zijn er in de underground scene in de jaren '00 erg mooie dingen gemaakt. Populaire namen zijn CYNE, Nujabes, J Dilla, Atmosphere en dus de Cunninlynguists. En juist deze namen zijn op dit forum erg populair, terwijl er toch behoorlijk veel pop en rock liefhebbers zich op deze site vertonen. Het is dan ook juist deze soort underground hiphop die niet hiphop-liefhebbers vaak kunnen waarderen.

De Cunninlynguists klinken eigenlijk precies als hun hoes doet vermoeden. De vrouw op de hoes geeft het zwoele van de muziek aan, de jungle die je om haar heen ziet staat voor de tropische sound van dit album. Net als het regenwoud is deze plaat rijk aangekleed en behoorlijk divers. En de klanken die je op deze plaat hoort zijn al net zo mooi als de verschillende dieren en planten in de tropen.

De intro zou zomaar gezongen kunnen zijn door een engelssprekende indiaan die daar met zijn maten om een kampvuur van tropisch hardhout zit. Maar nee, het is gewoon een van de goed gekozen samples die dit album veel sfeer mee geven.
Deze intro wordt ingeruild door de energieke olifantenstampenbeat van Since When. Wat ook meteen opvalt is de zeer gedreven flow van de rappers van dit collectief. Mooiste van dit nummer is echter het terugkomende stukje waar het op instrumentaal vlak erg genieten is.

Nothing To Give heeft een combinatie beat van piano en een luchtig gitaartje. Het is bij de Cunninlynguists altijd een beetje gissen wat ze nou zelf hebben verzonnen en wat ze gesampled hebben, feit is wel dat het refrein erg aanstekelijk en goed gekozen is. In dit nummer is de tweede verse van Deacon The Villain van grote klasse, kort maar van topkwaliteit.

Een opvallende naam op dit Cunninlynguists-album is Cee-Lo. Een veel grotere naam als deze hiphopgroep, maar wel actief op hiphopgebied met bijvoorbeeld onder andere Danger Mouse. Kno produceert echt ongelooflijk goed, en eigenlijk zou je deze hiphopmuziek eens net als bij The Roots in een Big Band-setting live moeten horen. Hier zijn de beats namelijk erg geschikt voor. Ze komen erg natuurlijk en organisch over.

Kant A van dit album is briljant, met vooral aanstekelijke nummers met een duidelijke structuur van refrein-couplet-refrein-couplet-refrein. Hourglass is een van de meest geweldige nummers met een beat die absoluut niet kapot kan. Hoe vaak ik het ook draai. En de verses van beide mannen zijn ook weergaloos, allebei zeer persoonlijk en vooral Deacon met een mooie knik in zijn stem.

Over die big band-vorm gesproken, Beautiful Girl zou echt heerlijk klinken met de fantastische swingende blazers op de achtergrond. Dit nummer klinkt dan ook gelijk een stuk luchtiger dan de vorige, Beautiful Girl is mijn favoriete nummer van deze plaat en staat symbool voor het constante hoge niveau van de A-kant van dit album.

Na een korte, eigenlijk niet heel bijzondere interlude (scheurende gitaartje is op zich wel lekker), volgt Brain Cell. De vrouwelijke vocalen op dit album zijn steeds uitstekend. De hele tijd lijkt de vrouw op de hoes je te bezweren met haar stem. De glasheldere vrouwenstemmen lijken steeds deel uit te maken van de beat en zorgen vaak voor het nog net wat mooiere laagje op de beat. Dit nummer steelt vooral de show vanwege de schitterende blazers op dit nummer in combinatie met het frisse pianospel. Zonder de raps zou het zomaar een geweldig jazz-nummer kunnen zijn.

America Loves Gangsters breekt een beetje met de rest van het album en dit klinkt dan ook meer als de gansterrap uit de jaren ’90. Mede doordat het wat minder past op het album en omdat het refrein niet erg sterk is, behoort het tot de mindere nummers van het album. Nog steeds lekker, dat wel, met zijn mooie zware pianoklanken en een zeer degelijke laatste verse.

Never Knows Why is gelukkig weer als de rest van het album, weer met een mooie combinatie tussen de zacht klinkende gitaar en de wat harder in de mix zittende piano. Het refrein is ook bijzonder fijn, het is nog net geen chipmunks, maar de hoogte van de vrouwenstem komt er in de buurt. Helemaal niet irritant trouwens, dit behoort juist tot een van de sterkere refreinen op dit album. Immortal Technique is ook nog uitgenodigd voor een verse en hij doet dit met verve, met zijn geweldige lage stem verzorgt hij een zeer memorabele gastbijdrage.

Dan volgt het hoogtepunt voor velen. En ook voor mij wel een beetje eigenlijk. Ik zit al de hele tijd te mijmeren over de mooie instrumentatie maar deze beat spant de kroon. Dit is een onverwoestbaar schitterende gitaarbeat en de tekst is al even briljant. Ik kan het fout hebben, maar mijn interpretatie van de tekst is dat dit over een vader gaat die zijn vrouw heeft verloren en later een nieuwe vrouw vindt, en daarvoor toestemming gaat vragen bij de toegangspoort van de hemel. De tekst geeft veel om over te denken en is daarom misschien ook zo mooi. Hoe goede de rappers van de groep ook zijn, de gastmuzikant Tonedeff levert de allerbeste bijdragen en op rapniveau het hoogtepunt van het album.

Na een korte en niet al te opzienbarende interlude volgt Hellfire, een nummer dat in het begin sampled van de welbekende Crazy World Of Arthur Brown, die met het nummer in de jaren ’60 succes behaalde. Kno verweeft dit leuk in de kenmerkende Cunninlynguists-sound en uiteindelijk wordt van het nummer een aanstekelijke beat gemaakt.

Nog meer gestolen werk vinden we terug in Remember Me (Abstract / Reality), de echte hiphopliefhebbers herkennen dit van First Person van CYNE (die het overigens ook niet van zichzelf hebben). Het is en blijft een schitterend fragment dat stukje en dit hoor je natuurlijk altijd graag. Toch kan ik dit nummer niet tot mijn favorieten rekenen omdat ik over de beat liever raps hoor. En sowieso vind ik First Person van CYNE een van de beste hiphopnummers die er is en daar moet je eigenlijk met je poten van afblijven, dus ook Kno.

What’ll You Do is een pak beter, met ook een erg sterke eigen gesmeden beat, het is eigenlijk een nummer dat niet eens zo opvalt, maar wel bijdraagt aan de constante kwaliteit die dit hiphopalbum een klassieker maken.
Laatste nummer The Light heeft een geweldig drumpatroon als basis voor de beat en voor de vocalen wordt weer eens in het vaatje van vrouwenvocalen getapt, al is het nu wel in combinatie met een mannelijke stem. Kritiek van mijn kant op de laatste nummers is dat de rap eigenlijk voor een groot deel ontbreekt. Oké, in dit laatste nummer is dan wel één verse aanwezig, en zeker geen onverdienstelijke, maar door de vele instrumentale gedeeltes is de vaart die het album in het eerste gedeelte had wel weg. Gelukkig wordt dit wel grotendeels gecompenseerd door de kwaliteit van de instrumentaties, zoals in dit laatste nummers de geweldige drums.

A Piece Of Strange is een pronkstuk en is daarmee ook een van dé albums om niet hiphop-liefhebbers te laten zien hoe mooi hiphop wel niet kan zijn. Iedereen die dit album luistert zal vallen voor de unieke beats en de unieke sfeer die dit album herbergt. Daarnaast bevat het album ook nog eens genoeg hoogtepunten en zou The Gates niet misstaan in een top 100 van de mooiste hiphopnummers ooit gemaakt.


4,5*

Ennio Morricone - C'era Una Volta Il West (1969)

Alternatieve titel: Once upon a Time in the West

4,0
Ennio Morriocone - Once Upon A Time In The West

Afgelopen week heb ik de Once Upon a Time In the West voor het eerst gezien. Mijn interesse in de film kwam mede door de muziek die ik er van kende, maar ook omdat het natuurlijk een überklassieker is. En ik moet zeggen, qua sfeer, karakters en cameragebruik was de film verbluffend. Maar op onze muzieksite wil ik het graag hebben over de muziek.

Ik ben namelijk al ruim een week in de ban van deze magistrale soundtrack, hier kan je maar niet op uitgekeken raken. Elke track heeft zijn eigen sfeer en eigen emoties. Niet alleen de bekende tracks vallen op, nee elke track staat bol van de emoties en geweldige melodieën. Het vervolgnummer van het titelnummer, As A Judgement, lijkt wel een verdieping van het titelnummer, het nummer snijdt nog meer je ziel in, vooral bij het einde voel je de emoties ervan af spatten.
Zeker als je de scène in de film kent voel je de pijn die dit nummer uitbeeldt.
Ook knap en leuk gevonden zijn de tracks die de personen aangeven. Cheyenne heeft zijn eigen, lekker luchtige tune. Heerlijk aanstekelijk deuntje.
Met The Transgression gaan we een meer experimentele kant in. Je hoort allerlei geluiden die toch met elkaar verband houden. Het is een soort erg rustige spanningsopbouw, je voelt dat er iets gaat gebeuren, maar wat, dat is gissen. The Transgression is een zeer interessant nummer door de vele dingen die er gebeuren.

Na dit experiment komt voor het eerst de o zo bekende harmonica tevoorschijn. Het is de rode draad door de film en de soundtrack ervan.
Het is een perfect deuntje. Het werkt aanstekelijk. Maar er zijn veel variaties mogelijk en ook zijn er instrumenten aan toe te voegen. Hetgeen wat perfect wordt gedaan in het nummer. De uitspatting is erg spannend en zeer emotioneel.
De thema's komen in de soundtrack telkens weer terug. En zo beleef je de film telkens weer zonder het beeld te zien. Je waant je door het wilde westen en denkt aan de mooie landschappen die ook in de film te zien zijn. Ontzettend sferisch dus, een functie van muziek die ik ook waardeer in genres als post-rock en elektronische muziek.
Na een drieluik van wat fijne thema's komen we bij het nummer Jill. Dé schoonheid in deze film, en die zeker ook in dit nummer te horen is. Je hoort de schoonheid in de instrumentatie, de violen laten je dit horen, maar voegen tegelijk ook een triest accent toe.

Naast het titelnummer, het andere beroemde nummer van de plaat is The Man With The Harmonica. Hij verschilt iets van de 'zogenaamde bonustrack' (track 5) en is iets bombastischer. Ongekend hoeveel emotie erin dit nummer is gestopt, als je het geheim van de persoon met de harmonica die op het laatst onthuld wordt niet zou weten, zou je alleen al door deze muziek al denken dat deze man een zeer donkere herinnering met zich meesleept.
A Dimly Lit Room is een rustig en wat langer uitgerekt nummer. Het is een welkom rustpunt, want veel van de nummers zijn toch redelijk bombastisch of eindigen met een climax. Dit nummer kenmerkt zich door de mooie rustgevende melodieën. Het pianogetokkel wisselt zich af met de fantastische vioolmelodie.
De bad guy Frank krijgt zowaar een van de hoogtepunten van de plaat toegewezen. De indrukwekkende melodie op dit nummer is onovertroffen en weet mij telkens weer te ontroeren. Raar dat deze een positie als bonustrack heeft gekregen, want het is duidelijk een van de mooiste momenten.

Zoals wel vaker op soundtracks (bijv. The Godfather van Nino Rota) is er ook ruimte voor wat feestachtige muziek. Ik kan niet meer helemaal terughalen bij welke scène dit hoort, maar een alleszins vrolijk riedeltje is het wel, ik zou bijna mijn cowboyhoed uit de verkleedkist pakken en gaan dansen.
Maar nee, gelukkig gaat de muziek snel weer over naar de sfeermuziek die ik zo waardeer op deze plaat. Morton zou perfect zijn voor een scènce in de trein. Zo een waarbij je uit het raam kijkt en de landschappen voorbij ziet schieten. Al is dat voorbijschieten meer het geval bij een moderne trein dan bij deze 40 km/h uur stoomlocs.
Jill's America brengt het titelnummer weer tot leven en doet me altijd weer denken aan de schitterende stationsscène, dat mijn meest bijgebleven filmmoment is.
In het epiloog en Deat's Rattle hoor je de gieren vliegen. Die beesten zijn voor mij toch onlosmakelijk verbonden met dode mensen in de woestijn. Een sfeerimpressie van mij die ik perfect terug kan vinden in de muziek. Over de dood gesproken. Cheyenne komt ook nog voor een laatste keer langs. Het deuntje doet mij altijd weer opveren.

De Finale is als een soort vaarwel uit het het prachtige Wilde Westen. Het zal geen fantastische tijd zijn geweest om te leven en de bevelhebbers daar waren natuurlijk door en door slecht, maar qua natuur, gebouwen, kleding en verhalen is deze tijd geweldig. En Morriocone, die wist daar de perfecte soundtrack voor te maken. En Leone een ultieme western.

Fresku - Maskerade (2012)

4,0
Fresku - Op de Hoogte

De hoogtijdagen van de Nederlandse hiphop ten tijde van Opgezwolle liggen inmiddels alweer een tijd achter ons. Om te zorgen dat dit fantastische genre niet uitsterft heb je goede opvolgers nodig. Niet dat het Zwollekamp geen sterke albums meer uitbrengt, dat is het niet. Kubus & Rico brachten vorig jaar een album uit waar mee zij bewezen nog steeds het beste van de Nederhop te zijn. En zo worden er ieder jaar weer zeer goede nederhopalbums uitgebracht. De titel 'beste hiphopplaat van 2012' zal ongetwijfeld voor Fresku zijn. Al maanden voor de release van Maskerade zorgde hij dat alle ogen op hem gericht waren. In een hilarische documentaire suggereerde hij dat zijn nieuwe stijl een soort van satanische hippiemuziek zou zijn. Met zijn single deed hij er nog een schepje bovenop. Hedde Druks Op is een van de meest aparte nummers op Maskerade, ook werd een clip geschoten die even geniaal als schokkend is, althans, Matthijs van Nieuwkerk vond de clip schokkend. Freskufans zullen waarschijnlijk net als mij in een deuk hebben gelegen.

Maskerade blijkt een flinke stap voorwaarts te zijn ten opzichte van het vorige album. En dat terwijl ik helemaal weg was van zijn debuutalbum, het wordt gewoon overklast. Er staan niet eens klassiekers als 'Twijfel' en Kutkop op. Maar als geheel is dit supersterk. Op het album wordt je alle kanten opgesmeten. Lachwekkende nummers worden moeiteloos afgewisseld met bloedserieuze nummers. Zelfs in een track zelf gaan humor en problemen samen. In de desbetreffende song 'Sitcom' stelt Fresku zich kwetsbaar op maar doet dat op zo'n geweldige manier dat je Sitcom wel een klein meesterwerkje kan noemen. De eerste vijf tracks met dus Sitcom, maar ook met het moddervette intro en het op zijn eigen manier dansbare Lintworm vormen het beste deel van het album. In deze vijf nummers hoor je de veelzijdigheid die Fresku in zich heeft. Onnavolgbare raps en heerlijke humor (hoor alleen al de reclame in Sitcom en je begrijpt wat ik bedoel).

Ook het exotische tripje Cirkels is van grote schoonheid. Het is bijna een huisvrouwennummer, door het lieflijke gitaarspel en de zwoele stem van Izaline Calister.
Het niveau blijft in de opvolgende nummers hoog. Status is met zijn relaxede beat een fijn tussendoortje en Fresku stelt zich kritisch op tegen de hiphopscene.
En zo komen eigenlijk alle onderwerpen op dit album wel voorbij. Zijn pasgeboren dochter (Alisha), zijn problemen in de liefde (Liefdesliedje, Keuzes), zijn roots (Kwantu Mas) en natuurlijk de niet weg te denken humor (Echte Tories, MC Spithard)

Het humorvolle Op de Hoogte vormt het absolute hoogtepunt op het album. De bling-bling en de Jeugd van Tegenwoordig worden compleet belachelijk gemaakt. Dat wordt op zo'n fantastische manier gedaan dat Op De Hoogte een ijzersterke track is. En zo had het album van mij eigenlijk wel mogen eindigen. Want dit hoogtepunt overtreft hij namelijk niet meer. Nummers als Lindsey en Littekens waren niet nodig geweest en vormen de enige kritiekpunten op het album. Gelukkig staan er in de 8 nummers na Op de Hoogte nog genoeg genietbare nummers op als Echte Tories en Keuzes.
Fresku bewijst misschien wel het grootste talent sinds Rico, Sticks en Typhoon te zijn. Hij is dan nog wel niet op het niveau van voorgenoemde, maar een persoon als Fresku kan nog lang mee en zal waarschijnlijk patent hebben op vele goede albums.

4,5*

King Crimson - In the Court of the Crimson King (1969)

Alternatieve titel: An Observation by King Crimson

4,0
King Crimson - In the Court of the Crimson King

21st Century Scizoid Man, het hardste nummer van de plaat
De bandleden hadden in het begin van de opnames waarschijnlijk veel energie
Een herkenbaar deuntje die meteen in je hoofd nestelt
Daarna de scheurende stem van de zanger
Het nog bekender geworden refrein door toedoen van Kanye West is meteen raak
Zeker als deze plaat je nog onbekend is, is het eerste nummer een goed welkom

I Talk to the Wind is ingetogen
Ze houden het nummer klein, geen echte climax
Dat maakt het nummer alleen mooier
Het steeds weer terugkomende tekstfragment werkt erg goed bij mij
Wat nog beter werkt is het fluitje
Het hele nummer lang is het fluitje de drijfveer
Wat het ook tot zo'n ongelooflijk prachtig nummer maakt

Epitaph, de naam zegt het al, episch, al betekend het niet echt episch
In het engels betekent het volgens mij grafschrift
Negen minuten lang muziek van de hoogste plank
'Confusion will be my epithaph'
Hartverscheurend mooi klinkt deze zin vanuit de mond van deze zanger
Het hele nummer is zeer triest, zoals de titel al doet vermoeden
De zanger zingt alsof hij net een heel dierbaar iemand is verloren

Moonchild, dit moet geschreven zijn toen de bandleden stoned waren
De liedjesschrijver schrijft een prachig, ingetogen begin
Waarschijnlijk is de schrijver daarna out gegaan
De bandleden dachten: O, dat maken wij wel af
Ook zij waren al een beetje van de kaart
Dat resulteerde dus in tien minuten lang stupide gepingel
Waarom de platenbaas dit goed gekeurd heeft is natuurlijk een raadsel

Om het vorige nummer goed te maken moet je met iets buitenaards op de proppen komen
Buitenaards is het niet, het bevindt zich In the Court of the Crimson King
Het vorige nummer goed maken doen ze niet, maar ze leveren wel hun beroemdste nummer af
Samen met de eerste drie nummers klassiekers in de rockgeschiedenis
De vier toppers die net niet genoeg zijn, Moonchild had het vijfde epiekje kunnen zijn
Ze verzuimen echter de perfecte plaat te maken want zeg nou eerlijk:
Als je het laatste nummer hoort hoor je vijftig jaar rockgeschiedenis voorbij komen
Dan weer ingetogen, dan weer uitbundig en een herkenbaar en heel mooi refrein
Het laatste nummer is volmaakt, wat deze plaat niet is

4,5*

Motorpsycho - Trust Us (1998)

4,0
In het kader van het Tip 250-topic

Met Trust Us blijkt Motorpsycho achteraf de meeste fans te hebben verzameld. 'Vortex Surfer' en 'Hey Jane' zijn kleine cultklassiekers en ook hier op de site geldt 'Trust Us' als beste album van Motorpsycho. Maar in een oeuvre als die van Motorpsycho is het moeilijk kiezen tussen de verschillende albums. Pak je niet dit album, dan pak je wel een van de talloze andere door muziekcritici in de hemel geprezen albums. Trust Us had met zijn toegankelijke sound best een erg groot publiek kunnen bereiken, maar een dubbelalbum is wellicht toch teveel voor een commercieel succes, 80 minuten luisteren naar dit zeer schone album is dan ook niet mis.

Het album vangt aan met Psychonaut, een opener die erg aanstekelijk is. Het riffje van dit nummer blijft erg in je hoofd hangen. In combinatie met de stevige drums zorgt dit voor een weergaloze opener van de eerste cd. De zang valt hier eigenlijk helemaal niet op tussen het gitaar -en drum-geweld. Zang is wat dat betreft ook niet meer dan een goede toevoeging aan dit nummer, want instrumentaal redt het zich makkelijk. Er wordt druk gesoleerd op hoog niveau. En met een hoog niveau bedoel ik dat je de solo's en de energie in je lijft voelt gieren.

In de inleiding noem ik de toegankelijke sound, en daarmee doel ik vooral op een nummer als Ozone, het begin van dit nummer werkt met zeer melodieuze zanglijnen. Aan de andere kant wordt het nummer wel steeds harder en ontspoort dit refreinloze nummer wederom in een stel fijne gitaarsolo's. Wat dat betreft borduurt Ozone verder op het eerste nummer en toont Motorpsycho zich een veelzijdige band door samenzang te combineren met ruig gitaarwerk.

Wat je in je hoofd hebt bij Scandinavische bands zijn de metalbands: epische symfonische platen. Waar de vorige nummers meer tegen hardrock aanleunen krijg je bij het tweeluik dat begint met An Ocean In her Eye twee echte epische songs aangeleverd.Op Ocean In Her Eye hoor je erg zware gitaarklanken die een constant voelbare spanning aan het nummer geeft. Het lijkt wel of de mannen van Motorpsycho expres een lange fade-out hebben ingebouwd om de luisteraar even te laten bekomen van de eerste minuten van het nummer.

Het nummer daarna is nog indrukwekkender. Vortex Surfer klinkt niet alleen episch, maar ook bijzonder kwetsbaar. Waar de zanger het vorige nummer nog overtuigend aan het schreeuwen was, blijkt hier hoe iel en breekbaar zijn stem is. De emotie in zijn stem raakt je, iedere keer weer. En als je daar ook nog eens een geweldige opbouw bij optelt. Heel langzaam bouwt het nummer zich stapje voor stapje op, om na 5 minuten los te barsten in een schitterende climax, waar vooral de puike riff positief opvalt. Dat hoor je vooral als je de riff nog eventjes kaal hoort.

Laatste nummer van de plaat, na een intermezzo dat Siddhardtino heet is 577. Een nummer dat diepe bassen bevat die kaal al lekker hard klinken, maar al helemaal als de muzikale deken wat dikker wordt. Moddervet noemen ze dit soort nummers ook wel eens. Zeker als ook de gitaarsolo's nog eens uitstekend zijn, solo's die lekker stuurloos zijn en nergens heen lijken te gaan. In de bridge hoeft niet gehouden te worden aan een vaste structuur en tempowisselingen en hard en zacht worden mooi afgewisseld. Dan keert de structuur weer terug en keert de zang terug met een onbegrijpbare tekst.

Dan wordt CD 2 de cd-speler ingeschoven en horen we op Evernine de kwetsbare zanger na een paar seconden alweer. Schitterende zang weer en een al even mooie tekst. Die ik interpreteer als een in zichzelf gekeerd meisje, dat in haar eigen wereld leeft. Misschien wel een autistisch meisje, dat niets moet hebben van lachende en plagende jongens die haar aanbidden, maar liever in haar eigen dromenland is. Een zeer mooie beeldende tekst waar ook nog eens uitstekende instrumentatie bij is gezocht.

Het korte Mantrick Muffin Stomp is kort maar krachtig. En zoals de titel al zegt krijg je een stomp in je gezicht, want na het dromerige Evernine gaat dit nummer ineens keihard van start. Een onvervalste rockert noemen we dit, met twee grootse uitbarstingen die je ook een refrein kan noemen. De instrumentatie is hier echt heel erg strak en er wordt een geweldig vol geluid gecrëeerd.

Radio Frequency begint akoestisch met de kwetsbare zang die minstens even mooi is als die op Vortex Surfer. Het nummer heeft een erg interessante opbouw, het begint zoals ik al zei rustig, en lijkt even een snelle climax te krijgen, toch brengen de violen de rust alweer heel snel terug naar het akoestische begin waarna we weer het geweldige akoestische begin te horen krijgen. Het net beschreven stuk wordt daarna nog een keer herhaald en daarna krijgen we een mooi soort van soundscape met vooral heerlijke fluitjes. En dan krijgen we eindelijk de climax die al twee keer leek te komen. Dit nummer heeft een prachtige spanningsopbouw en mag met recht tot een van de hoogtepunten van dit album worden gerekend.

Taifun is weer zo'n geweldig nummer. Deze song is zeer sfeervol, sfeer die is opgewekt door gitaren, maar vooral ook door de af en toe invallende Franse hoorn. Taifun neigt heel erg naar post-rock en wellicht heeft het daarom wel zo ontzettend veel sfeer, wat toch een kenmerk is van de post-rock. Taifun valt niet meteen op, maar is juist een mooi groeibriljantje op deze plaat wat ook bij mij denk ik alleen nog maar meer gaat groeien.

Superstooge is zeker niet slecht, maar kan ik zeker niet bij de hoogtepunten van het album rekenen. Het heeft een erg gave gitaarriff, dat wel. En ook het geluid is ruig en vol. De zang staat me alleen een beetje tegen in dit nummer. Het refrein vind ik maar gedeeltelijk geslaagd, omdat de zanger steeds irritant omhoog gaat in het laatste deel van zijn zin. Nou ja, heel irritant is het dan ook weer niet, maar genieten kan ik er ook niet van. Instrumentaal is het dus wel weer gewoon goed in orde.

Coventry Boy heeft dan wel een punkachtige tracktijd, maar kan wel worden gezien als een volwaardig nummer. Coventry Boy is een erg dromerig nummer met een lichtvoetig gitaarriffje wat voor een fijn sfeertje zorgt.
Voor je het weet is het voorbij en zijn we bij het laatste nummer Hey Jane aangekomen. Hey Jane kan als de tweede cultklassieker van dit album worden gezien, met een magistrale intro die ik na het horen ervan de hele dag kan meeneurieën. En niet alleen dat riffje, ook de geweldige drumroffel met vervolgens de ook al fantastische riff die de rest van het nummer voortzet. Hey Jane is een nummer dat zich eigenlijk uitstekend leent voor de radiostations met aanstekelijk riffjes en een bijzonder meezingbaar refrein die ik nochtans vaak niet uit mijn hoofd krijg. Volgens mij heeft dit nummer helaas nooit veel airplay gekregen met uitzondering van de Noorse zenders. Motorpsycho pakt met dit laatste nummer op deze dubbelcd (laatste fade-out Dolphyn niet meegerekend) nog even flink uit met een klasbak van een nummer.

Trust Us is een fantastische ontdekking die ik doe naar aanleiding van het Tip 250-topic en maakt benieuwd naar meer van deze Noorse superband. Of je nou de eerste of tweede cd van dit album tevoorschijn haalt, ze zijn beiden erg sterk en moeten eigenlijk iedere rockliefhebber moeten aanspreken. Hulde!

Nas - Illmatic (1994)

4,5
Na jaren heeft dit album me eindelijk echt bij de strot gepakt. Kan me nog herinneren toen ik in de 2e klas zat (inmiddels in het 2e jaar van mijn bachelor) dat ik achter in de klas zoals gewoonlijk niet al te veel aan het uitvreten was samen met een goede vriend van mij. Had toen net een tijdje Musicmeter ontdekt en was de lijstjes een beetje aan het afstruinen. In de vriendengroep luisterden we vooral Dr. Dre, Eminem en Fakkelteit van Sticks & Delic. En als je in de top 250 kijkt dan valt meteen die hoge notering van Illmatic op. Daar achter in de klas ging ik samen met die goede vriend luisteren met allebei een oortje in, we keken elkaar aan en dachten beiden: 'is dit nou de beste hiphop ooit?'
Ikzelf ben daarna nog vaak het album gaan luisteren, en hoewel ik het prettig luisteren vond en de beats aangenaam vond begreep ik de ophef nooit zo. Ook toen mijn hiphopkennis rijker werd bleef dit toch altijd een twijfelgeval. Maar nu, terwijl ik dit typ vanaf mijn pc op m'n kamer, kan ik ultiem genieten van Nas, wiens LP rustig rondjes draait op mijn net nieuwe platenspeler.
Dit album werd een keer in een hiphopdocumentaire beschreven als de 'hiphophemel'. En ik kan me er wel iets bij voorstellen, alles klinkt zo soepel, soms wil je gewoon gaan veertig minuten lang gaan liggen en alleen maar genieten van de beats die ieder nummer weer dezelfde sfeer uitbeelden, maar zich toch als geen ander weten te onderscheiden door de verschillende producers. En ondertussen luisteren naar de verhaaltjes die Nas weet te vertellen, elke verse is weer raak met allerlei spitsvondigheden en de meest geweldige rijmschema's. Illmatic is een album die je vanaf de intro verplaatst naar de straten van New York, dat in tegenstelling tot dit album niet echt de hemel is.
Ik heb die vriend met wie ik in de 2e klas zat al een hele lange tijd niet meer gesproken, ik ben benieuwd en ik hoop voor hem dat dit album ook bij hem zo geland is als bij mij.

Neurosis - The Eye of Every Storm (2004)

3,5
In het kader van het Tip 250-topic

Neurosis is een vrij grote naam binnen de metalwereld, wat niet gek is met een tien albums rijke discografie waarvan de laatste acht steevast erg goed worden ontvangen. Na twee albums werd hardcore punk ingeruild voor een doom metal -en sludge metal-sound. Wat deze sound inhoudt wil ik ontdekken met deze plaat. The Eye Of The Every Storm is een buitenbeentje in het oeuvre van Neurosis, heb ik me laten vertellen, vanwege het ontbreken van grunts en een wat lomere sound. Voor mij blijkt dit buitenbeentje een ideale instapper als Neurosis-onbekende.

Waar op de albumpagina nogal eens de ontoegankelijkheid van deze plaat wordt opgemerkt, vind ik dit juist erg meevallen. Ik durf het begin van Burn zelfs erg pakkend te noemen. 'You Will Lie In The Snow' is een onvervalste meezinger eerste klas. Wat zeker niet wil zeggen dat het een vrolijke boel is, nee, mede door de donderslagen voel je meteen de duisterheid van het album. Burn is een wonderschone opener met fantastische 'stille' passages in contrast met flinke erupties. De eerste is nog wat beheerst als je het vergelijkt met de tweede, wat een energie komt daar ineens vrij, mede ook veroorzaakt door de geweldige zang die deze climax inluidt.

Na de opener horen we een volgende sterke riff. Deze riff is erg zwaar en ook aan de lome kant, dit lijkt mij als niet-kenner van doom -en sludge metal zeker een kenmerk voor dit soort metal. Om deze sterke en lome riff kan je erg veel heen bouwen, en daar maakt Neurosis dan ook zeker gebruik van. Waar in het begin enkel een riff te horen is, wordt dit daarna op geweldige manier uitgebouwd met drums en een riff die de boel wat versneld. De riff van het begin kan je natuurlijk ook even weglaten, om hem daarna weer terug te laten komen, geweldig moment is dat.
Dit nummer is vooral door toedoen van de gave riff een erg interessant nummer.

Het titelnummer blinkt wat mij betreft wat minder uit qua riffs, maar wel vanwege de zang. Deze cleane zang is zeer duister, wat zeker past bij de donkere instrumentatie en teksten. Maar de zang is dan ook weer niet overdreven zwaar te noemen, juist erg rustgevend, en tegelijkertijd spannend. Ook de samenzangen op dit nummer zijn erg indrukwekkend.
In een stukje daarna is de genoemde zang wel zeker zwaar, maar volgens mij betreft het dan ook een andere zanger. Dit rustige stukje is erg vet door de fijn gevonden diepe bas die de schorre, zware zang ondersteunt. The Eye Of Every Storm komt vooral los in het tweede deel en dat deel bevalt me dan ook iets beter dan het eerste stuk wat toch pas op gang komt nadat de eerste samenzangen ten gehore zijn gebracht.

Left To Wander start gruizig, als een herfststorm. Dit gruizige stuk ruilt zich daarna om voor een zeer helder stuk, die zich op zijn beurt om ruilt in een beest van een refrein. Uit de refrein en de tekst wordt duidelijk dat het om wel meer dan een simpele herftstorm gaat. Het lijkt of het vergaan van de wereld bezongen wordt. Dat doen ze met veel overtuigingskracht, getuige het refrein. De aarde is weg zoals we hem kennen, de spaarzame wezens die het hebben overleeft zijn veroordeeld tot het zwerven in leegte. Er is niets meer.

Het vergaan van de wereld is een thema dat wel vaker wordt aangesneden in nummers. Een opener als Burn bijvoorbeeld beschrijft het verdwijnen van de hitte van de zon. En ook in verdere teksten draait het om het vergaan van de wereld en het leven in een eventuele 'nieuwe' wereld.
Shelter is het instrumentale vervolg van Left To Wander. En zoals de titel al lijkt te voorspellen is het ten opzichte van Left To Wander een rustiger nummer dat enkel één tempoversnellinkje heeft. Een mooi instrumentaaltje, maar toch meer een tussendoortje.

A Season In The Sky is weer een nummer van lengte en blijft lang voortkabbelen. De instrumentatie is sfeerzettend, maar de tekst doet daar nog eens een schepje bovenop. Je hoeft je niet eens te verdiepen in de tekst, om te zien en horen hoe een tekst de sfeer van een nummer kan bepalen samen met de instrumentatie. Duistere zinnen komen voorbij als 'the sky opened and the blood flowed'. Mysterieus en onheilspellend, net als de instrumentatie op eigenlijk het hele album. A Season In The Sky trapt nergens vol het pedaal in, maar wanneer het pedaal even flink wordt ingedrukt is dat voor mij al genoeg, een ontzettend vette riff en de heerlijk afwisselende drums zijn voor mij al ruim genoeg.

Bridges draait naast de gitaren en de (erg vette) drums ook grotendeels om de piano. De piano geeft tonen om ongeveer de seconde die wonderwel een prachtige melodie vormen. Die in combinatie met de al gezegde gave drums op de achtergrond een geweldige basis voor het nummer vormen. De onderhuidse spanning in dit nummer is perfect, als een goede thriller. Ook dit nummer heeft weer zo'n tekst die sterk beeldelementen kan oproepen die de sfeer bepalen, En zelfs erg dreigend kunnen zijn. Het tweede deel van het nummer stijgt je door de combinatie van harde instrumentatie en de schorre zang van een paar nummers terug je de stuipen op het lijf. Bridges is zeker een hoogtepunt op dit album: spannend, origineel met de piano, lekker hard en van grote schoonheid.

I Can See You sluit dit album af. Na Bridges, maar zeker geen moster na de maaltijd. Lang lijkt dit een rustig, akoestisch besluit te worden. Het start met een rustig en emotioneel gedeelte, waarin het verlies van medemensen bezongen wordt. Het akoestische geluid wordt nog ingeruild voor een laatste climax. Een erg fijne laatste climax, maar wel een die nog duidelijk moet groeien bij mij.

The Eye Of Every Storm heeft mij verbaasd, ik had niet verwacht dat dit zó goed zou zijn. Nu al vind ik ieder nummer indrukwekkend of indrukwekkende delen bevatten. En als de echte emotionele klik met dit album er nog bij komt kan dit album echt tot mijn favorieten gaan behoren. Nu zijn die momenten er al zeker, bij klasbakken als No River To Take Me Home en Bridges, maar dit zou nog heviger kunnen worden, nog spannender, nog energieker, nog mooier.

4* met zeker kans op meer.

Otis Redding - Otis Blue / Otis Redding Sings Soul (1965)

4,0
In het kader van het Tip 250-topic

Otis Redding is een van de vaandeldragers van de soul en heeft in zijn helaas korte carrière een geweldig oeuvre achtergelaten. In zijn carrière was er geen rem op de soulmachine die Otis Redding heette en hij produceerde in vier jaar zes albums. Toch is soul in de jaren '60 een genre wat het naar mijn mening vooral van de singles moet hebben. Maar Otis Redding is toch een klein beetje een uitzondering op die regel, want Otis Blue is over de gehele linie een behoorlijk goed album.

Wat mij een beetje tegenstaat bij soulalbums is dat vaak het merendeel van de nummers niet zelf geschreven is. Ook op dit album is dat het geval. Drie van de elf nummers schreef hij, de rest niet. De opener Ole Man Trouble is dan wel een geheel eigen nummer, het is meteen een zeer sterk begin met een inventief blazersdeuntje. Als je van warme soul houdt weet je meteen dat het goed zit na het eerste nummer.

Ook het eigen geschreven Respect is een pareltje en eigenlijk nog beter dan de opening. Ik vind Otis vaak op zijn best met zijn swingsoul. En deze song valt duidelijk in deze categorie. Vooral de eerste regels van Respect knallen er meteen in.

Het derde nummer is wereldberoemd, maar niet door toedoen van Otis Redding. Sam Cooke schreef dit geweldige nummer. En hoe cliché het ook is, het origineel blijft het beste en dat is hier niet anders. Otis Redding doet zijn best maar de versie van Sam Cooke bevat meer emotie en de strijkers die in Sam Cooke's versie juist zo mooi zijn, zijn hier grotendeels weggelaten. Niet dat dit meteen heel slecht is. Otis Redding en zijn huisband maken er toch wel een goede versie van.

Deze huisband van Otis zijn de welbekende Booker T And The MG's aangevuld met de ook zeker niet misselijke, vrij briljante labelband de Mar-Keys. Het rijke geluid waarmee zij Otis ondersteunen is goed te horen op Down In The Valley. Op dit nummer hoor je de chemie tussen Redding en de band uitermate goed.

Maar niet zo goed als op de grootse single I've Been Loving You Too Long. Hier vullen Otis en de band elkaar perfect aan. Prachtige stiltes als Otis zijn vocale kunsten ten toonspreid en wanneer Otis zijn mond dichthoudt doen de Mar-Keys dat. Ik vind het geweldig hoe zij steeds de catchy wat hardere stukken invullen. Otis Redding mag dan maar drie songs zelf hebben geschreven, deze vormen duidelijk de beste songs van de eerste helft van het album.

De titel zegt shake, Otis doet een shake. Dit nummer is weer de typische swingsoul waar ik het bij Respect al over had. Otis moet live echt een knaller van jewelste zijn geweest en wat was ik daar graag bij geweest. Maar ook in de studio gaat Otis Redding als een beest tekeer, met natuurlijk zijn kenmerkende stemtrucje die vaak terugkomt in dit nummer.

De ongekende vocale klasse van Otis Redding komt naar voren in My Girl. Een prachtig liefdesliedje wat mij pas later is gaan opvallen. De stem van Redding klinkt hier ontzettend liefdevol en brengt My Girl zo overtuigend dat je zou denken dat hij het zelf voor zijn geliefde heeft geschreven.

Wonderful World kende ik al van Sam Cooke's album Ain't That Good News. Maar stiekem vind ik de versie van Otis Redding beter. Sam Cooke klinkt namelijk op diens versie vrij monotoon waardoor het nummer me in zijn versie niet echt opviel. Otis Redding vind ik veel krachtiger klinken en ook de rauwheid in zijn stem past meer bij dit nummer. Het verschil in klasse kan je bij gelijk de eerste zin van het nummer al horen.

Kant 2 staat vol covers. Maar Redding weet wel van goede nummers uitkiezen. Rock Me Baby bevat een fantastische bluesy riff waarmee Booker T. & the MG's zelfs gemakkelijk zonder Otis een hit mee hadden kunnen scoren. Want deze instrumentatie wordt met erg veel gevoel en klasse gespeeld. Otis is een goede aanvulling op dit instrumentale feestje, want zijn vocalen in combinatie met het pittige gitaartje een erg gaaf effect.

Op Satisfaction covert Otis Redding de Stones. En ik ben er nog steeds niet uit wat ik zelf de beste versie vind. Ik hou erg van het enigszins kale maar zeer energieke nummer van de Rolling Stones, maar het lekker rijk aangeklede en soulvollere nummer van Otis heeft ook erg veel charme.

You Don't Miss Me Water is natuurlijk al een vette soulklassieker van William Bell. De band van Otis Redding voegt daar een aantal erg fijne blazersstukjes aan toe. En ook Otis Redding laat voor de laatste keer op dit album zien waar hij allemaal tot in staat is. You Don't Miss Me Water is zeker niet het beste nummer op dit album, maar bevestigd wel het constant hoge niveau op dit album.

Waar ik eerst, ik ken dit album al zeker twee jaar, nooit helemaal weg ben geweest van deze plaat. Deels vanwege het feit dat er veel covers op staan, maar ook waren mijn favorieten beperkt. Nu ik het album deze dagen weer intensief heb beluisterd valt mij eigenlijk pas de klasse op die in dit album verborgen zit en mag dit album wat mij betreft zeker in de rij van soulklassiekers worden gezet. Al mag Otis Redding op albumniveau niet tippen aan bijvoorbeeld Marvin Gaye's What's Going On, Curtis' Curtis en Michael Kiwanúka's Home Again.

4*

Red Hot Chili Peppers - I'm with You (2011)

3,5
Red Hot Chili Peppers - I'm With You

"De Red Hot Chili Peppers houden bestaansrecht met een goede poprockplaat"

De Red Hot Chili Peppers hebben een transformatie ondergaan. John Frusciante, door velen vereerd, door anderen minder gewaardeerd, verliet de band. Ongeacht van wat je van hem vind was zijn rol binnen de Peppers groot. Hoe vangen ze dit op? Dat doen ze zo:

Het eerste nummer heet Monarchy of Roses. Het begin van het nummer is rauw en ook het einde wordt gekenmerkt door rauw gitaarspel, een stijl die Josh Klinghoffer meer gebruikt. Maar het refrein is dan weer erg pop. Het refrein is zeer sterk. Een nummer met een rauwe en een poppy kant dus, maar dat combineert erg goed.
Factory of Faith is een van de sterkste nummers van het album. Het nummer is meer een popnummer dan het vorige nummer, ondersteunt door een sterke baslijn. Het couplet is erg sterk, dat ook als refrein had volstaan, want het refrein is even catchy als het couplet.
We gaan door met een akoestisch beginnend nummer: Brendan's Death Song. Lang duurt dat niet, de drums komen erin. En het refrein komt vrij snel. Groot gelijk hebben ze, want die is supersterk. Kiedis zingt met een emotionele knik in zijn stem en dat pakt geweldig uit. Het had wel klein gehouden mogen worden, de climax vind ik niet zo. Ach ja, één minpuntje.
Ethiopia begint geweldig, dat baslijntje is fijn. Dan komt een heel catchy zanglijn dat voor velen te goedkoop zal klinken. Maar daarmee is dit wel een goede single. Want ook het refrein blijft hangen en de instrumentatie, vooral het baslijntje is natuurlijk goed verzorgd. Typisch Peppers nummer vind ik, ook al is het poppy.

Annie Want a Baby kan het niveau van de vorige nummers niet aan, het start net als Ethiopia wel goed en ook kwalitatief is het een goed nummer. Maar het blijft niet zo hangen als de vorige nummers. Derhalve is het kwalitatief een fantastisch nummer, alleen het heeft niet die memorabelheid.
Look Around is zalig, net als alle vorige nummers. Het nummer is lekker funky met een flinke rocklaag erover heen. Het ontbreekt enkel aan een echt goed refrein. Voor de rest een keurig nummer.
Dan krijgen we de Adventures of Raindance Maggie, een nummer die gemengde reacties opleverde. Het is een wat makkelijk nummer. Het kent goede en mindere elementen. Het refrein bijvoorbeeld klinkt op eerste gehoor erg goedkoop, al wordt dat gelukkig na een aantal luisterbeurten een stuk minder. Pluspunt is het baslijntje van Flea die met recht fantastisch is te noemen. Het geeft het nummer een hele goede vibe mee, wat het nummer toch maakt.
Did I Let You Know is een fris nummer. Volledig binnen de lijntjes, dat wel, maar dat is niet erg. Het nummer is keurig verzorgd. Leuke instrumentatie, de toevoeging van de blazers is niet bijster origineel maar wel leuk. Refrein blijft meteen hangen wat dit nummer een singlekandidaat maakt.
Het is de beurt aan Goodbye Hooray, die goede reacties kreeg sinds het te beluisteren was. Dat is logisch, het is stevig, stampend ritme, heeft een klein tintje funk, bevat een fantastisch refrein. Ja, dan heb je te maken met een geweldig nummer. Het nummer heeft ook een van de sterkste bridges op het album. Die niet op ieder nummer even goed of memorabel zijn. Op dit nummer wel. Het rustigste stukje met de hoge zang is goed uitgevoerd. En dan knalt dat refrein er weer in wat het nummer afmaakt.

Na het stampende ritme van Goodbye Hooray komen de Peppers met een nummer dat zich kenmerkt door een leuk drumritme en... de piano! Dat is een leuke toevoeging, Hapiness Loves Company klinkt daardoor echt vrolijk met ook een vrolijk refrein. Bij zulke nummers is het natuurlijk leuk dat Josh Klinghoffer die uitstekend pianowerk en- als ik me niet vergis - xylofoon werk verzorgd.
Police Station doet niet veel onder voor Goodbye Hooray en is beter dan Hapiness Loves Company, de piano is ingeruild voor mooie gitaarlijnen. Antony Kiedis zing weer erg mooi. En ook de melancholiek van het nummer werkt daaraan mee. Het is een wat droeviger nummer en staat daarmee in constrast met het vorige nummer. Police Station hoort zeker bij het sterkste materiaal van het album. De piano die soms om de hoek komt kijken is prachtig. Het geeft nog iets extra's.
Even You, Brutus was na de eerste luisterbeurt mijn grote favoriet. En nu nog steeds vind ik het het beste op het album. Dat begin is zo sterk. Die gejaagde stem en instrumentatie, gevolgd door wat softere zang en daarna een toprefrein. En daarna begint dat stuk opnieuw. En weer is dat fantastisch. Met recht het beste nummer van het album.
Met Meet Me at the Corner tappen de Peppers uit een ander vaatje. Het is een rustig en dromerig nummer. En ook deze vind ik bij het beste van het album horen. Vooral het refrein is schitterend. Ik denk het beste refrein van het hele album. Het nummer wordt ook vrij klein gehouden, wat ik goed vind passen bij het nummer.
Dance, Dance, Dance is dan een leuke afsluiter, maar toch staat hij in de schaduw van de vorige nummers. Maar die zijn dan ook wel erg sterk. Met Dance,Dance, Dance is niks mis. Het klinkt totaal niet goedkoop, hoewel de titel dat doet vermoeden. Nee het is gewoon weer een uitstekend poprocknummer.

De Red Hot Chili Peppers bewijzen met I'm With You dat ze nog bestaansrecht hebben na het vertrek van Frusciante. I'm With You is een degelijke popplaat geworden die fijn wegluistert. Het einde is zelfs erg sterk.
Toch zijn er punten die bijgeschaafd kunnen worden. Het grootste kritiekpunt is eigenlijk dat er geen klassiekers op de plaat staan. Op alle vorige albums sinds Uplift Mofo Party Plan staan er klassiekers op elke plaat. En dit album heeft niet echt een nummer dat kan uitgroeien tot een klassieker binnen het Peppers-oeuvre. Wel kan het constante niveau bejubeld worden.
Ook hoop ik dat het volgend album nog meer funk heeft. Op dit album ben ik daar al wel tevreden over. Maar ik zou graag zien dat de Peppers in hun vijde periode nog een soort van funk/afrobeat album gaan maken. Dat hebben ze zeker in huis. Van mij mogen er op een volgende plaat ook nog wel een paar stevigere nummers op staan.

4*

Serge Gainsbourg - Histoire de Melody Nelson (1971)

4,5
In het kader van het Tip 250-topic

Franstalige muziek intrigeert me al sinds ik de eerste keer La Vie En Rose hoorde. En dat ik er niks van kan maken. Soit. Zonder de betekenis te weten van de teksten vind ik de muziek al mooi. Bij de meeste Engelse teksten weet ik ook niet waar het over gaat. Veel belangrijker vind ik de klank van de Franse taal. Wat klank en uitspraak betreft vind ik de Franse taal prachtig. Ik heb het echter nooit gekozen als vak op de middelbare school, met als voornaamste reden het vele werk. Werk maak ik wel van Franstalige muziek, al is dat voor mijn gevoel nog veel te weinig. Jacques Brel ken ik goed, een groot aantal losse nummers, en deze, van Serge Gainsbourg: De beste.

Het is de combinatie van de geweldige taal en de minstens even briljante instrumentatie.
Praatzang a la Lou Reed horen we op de openingstrack Melody. Ondersteund door een lome beat vertelt Serge over zijn ontmoeting met Melody. Dit is samen met hem de hoofdpersoon van dit album. Zoals uit de inleiding al bleek kan ik zelf geen frans en baseer ik het verhaal van dit album op de beschrijvingen van anderen. De ontmoeting met Melody is ongewoon. Serge knalt een meisje van d'r fiets. En in plaats van het ruziën bij een ongeluk wat heden ten dage nogal eens gebeurt, grijpt meneer Gainsbourg deze situatie aan om haar te verleiden. Ondertussen horen we op de achtergrond allerlei spannende wendingen die mijn aandacht trekken, het vioolspel is verbluffend op deze opener. Instrumentatie van het niveau De Kift, die ook bekend zijn van hun spoken word-muziek, al is die muziek meestal nog wat absurder.

Een fantastische baslijn leidt de hit van dit album in. Ballade de Melody Nelson is een schoolvoorbeeld van een duet. Steeds op precies het juiste moment wordt de zware stem van Serge overgepakt door de zwoele, verleidende stem van 'Melody'. Mede dankzij de geweldige, volle achtergrondmuziek is dit een van de fijnste franstalige nummers die ik ken.

Op het korte Valse de Melody lijkt Serge Gainsbourg even plaats te nemen achter de tafel van de dirigent. De vioolmelodie is zo krachtig dat het lijkt dat hij door een heel orkest wordt gespeeld.
In het tevens korte Ah! Melody wordt hij verliefd, wat beschreven wordt in dit nog niet eens twee minuten durende nummer. Het is één van de minder bijzondere van het stel, maar dat is niet erg, het is immers kort en alsnog zeer prima. Het voelt ook niet echt aan als een nummer.

Zo voelt l'Hotel Particulier zeker wel. Dit is een nummer met een heerlijke drive, door de krachtige tokkels op de gitaar. De violen komen steeds weer tevoorschijn en verdwijnen daarna weer. En wanneer die violen weer eens komen inzetten wordt je dolgelukkig van deze muziek, net zoals Serge Gainsbourg dat waarschijnlijk is met zijn Melody. De violen trekken dit album naar een wereldniveau.

En Melody wordt begeleidt door een elektrische gitaar die dit nummer naar een zeer uptempo beat stuwt. Er wordt een zeer, zeer behoorlijk gitaarlijntje uit de hoge hoed getovert en daar boven op horen we de gelukskreuntjes van Melody die zoals de ondersteunde instrumentatie ook eigenlijk al zegt bezig is de liefde te bedrijven met Serge Gainsbourg.

En dan, in een schitterend einde, eindigt al het mooie in dit verhaal. Mevrouw Melody vertrekt plots, wat al erg is voor Serge zelf. Nog triester wordt het als Melody daarna omkomt bij een vliegtuigongeluk. Als de Franse zang geen duidelijkheid schept, doet de ondersteunde muziek dat wel, die eigenlijk even beelden is als een Italiaan die spreekt. Door de wendingen, triest, hard, zacht, weet je een beetje waar je je bevindt in het verhaal. De instrumentatie en vooral ook de achtergrondzang is in Cargo Culte buitenaards. Waar de vrolijke kant van het album niet mis is, is de trieste kant van het verhaal zonodig nog mooier. Het achtergrondkoortje wekt een sfeer op waar je u tegen gezegd. En de finale die volgt na een hele korte stilte is alsof je je op een kruispunt tussen hemel en aarde bevindt. Je hoort het verdriet van Serge in deze climax terug, terwijl Melody er tegelijkertijd wel vrede mee heeft dat ze nu naar de hemel vertrekt. Dit wordt verteld in een kippevelgevende climax, die zowaar sporen vertoond van de latere post-rock, en daarmee eindigt dit korte maar zeer krachtige album.

Histoire de Melody Nelson is zeer kort. Maar misschien zet je hierdoor het album wel zo vaak op, om telkens weer dit liefdesverhaal te horen, of beter gezegd, te beleven, want je lijkt er midden in te zitten. De Franse chansons staan bekend om de mooie sfeer en gevoeligheid, dit is een album die aan een ongekende sfeer voldoet en ook ontzettend veel emotie heeft, voor de liefhebber van de Franse chanson is dit dus een must.

Shad - When This Is Over (2005)

In verband met het Super Tiptopper topic:

Ik was al benieuwd geworden hiernaar en had het al in mijn iTunes staan. Maar nooit tijd gehad. Totdat R&P mij deze man tipte. En dit is heerlijke organisch klinkende hiphop. Bij de eerste luisterbeurt vond ik al meteen Rock to It, wat nog steeds dagelijks opstaat. Dat nummer raad ik iedereen aan, het is misschien wel de ultieme hiphop feel-good song. Shad heeft een hele fijne flow en de beat past precies bij hem. Een heel simpel gitaarriffje, maar er zit ontzettend veel in, want het geeft een fijne drive aan het nummer. Het refreintje is ook niet te versmaden. Als je meteen al een briljant nummer ontdekt op een album, is dat meestal positief voor het album. Want ik ben meteen gaan zoeken naar meer van dit soort nummers en daardoor heeft het album de laatste tijd veel opgestaan. Vooral op het eerste deel staan echt verschrikkelijk sterke nummers.
I Get Down is ook al gebouwd op een fantastisch gitaarriffbeat. Maar is toch heel anders dan Rock to It. Het bevat meer lagen en gaat misschien daardoor langer mee. De nummers van Shad klinken wel organisch en het lijkt of het live voor je gespeeld wordt, maar het blijft hiphop, en dus zijn ook de nodige samples en andere effecten toegevoegd. Maar het is een album dat ik aan beginners in de hiphop kan aanraden, het heeft wel wat weg van Atmosphere en ligt dichter tegen de pop/rock aan dan andere albums.
Qua lyrics vind ik Shad ook uitstekend. En ik heb de teksten niet zo goed bekeken, maar lyricaal zit het uitstekend in elkaar merk je bij het luisteren, de rhymes zijn vrijwel de hele tijd geweldig en enkele lines springen er uit. Een aantal teksten zijn volgens mij ook gemaakt om meegerapt te worden.
Toch bevat When This Is Over ook zwaardere nummers als I'll Never Understand. En als we het over mooie verhalen hebben mag je het laatste nummer absoluut niet laten ontbreken.
Het eerste deel is het sterkst, maar over de gehele linie een prachtig album van Shad.

Songs: Ohia - The Lioness (2000)

Alternatieve titel: Love & Work: The Lioness Sessions

4,0
In het kader van het Tip 250-topic

Het genre Singer-Songwriter waar deze Jason Molina alias Songs: Ohia onder valt associeer ik zelf toch bijna altijd met trieste muziek. Muziek die van alle poespas is ontdaan om zo puur mogelijk over te komen. Het genre werd wat mij betreft groot gemaakt door jaren '60-grootheden als Bob Dylan, Leonard Cohen, Nick Drake en Townes van Zandt. Wat vooral de laatste drie gemeen hebben, is dat ze mijn kijk op singer-songwriter-muziek als trieste muziek bevestigen. En anno de jaren 2000 heeft het genre niet veel aan kracht ingeboet en is daarmee een genre van alle tijden. Songs: Ohia vormt samen met Bonnie Prince Billie mijn favoriete songwriters van de milleniumwisseling. En beiden hebben grote gelijkenissen. Bij beiden focust de instrumentatie niet op gitaargetokkel, maar vooral op de donkere en lange klanken van de basgitaar.
Songs: Ohia beeldt met zijn instrumentatie en teksten de minder leuke kanten van het leven uit.

The Black Crow bezit meteen de hemels mooie donkere klanken en is gelijk het prijsnummer van het album. Het is een zeer meeslepende compositie. Jason Molina zingt over zwarte raven en zwarte katten maar vooral ook over een diepe depressie. Waar hij in het begin van het nummer nog over het licht zingt wordt je in het tweede stuk dieper en dieper in een zwart gat meegesleurd. The Black Crow is meteen ontzettend intens en ligt dan ook zwaar op de maag.

Tigress begint wat minder beklemmend en heeft een bijzonder inventief gitaarloopje. Ik krijg bij Songs: Ohia's nummers en vooral bij dit nummer de neiging om air guitar te spelen. Hetgeen ik normaal enkel doe bij hardrockbands of Modest Mouse. Tekstueel en ook qua muziek klinkt het allemaal wat luchtiger als het eerste nummer, niet dat het meteen vrolijk is, want een tekst over een schijnbaar slechte relatie is natuurlijk ook nog lang geen pretje.

Nervous Bride schaar ik onder het zelfde soort nummer als het vorige. Een lekker vlot nummer en het bevat zowaar een van de mooiste zinnen van het album. 'And It's Vaguely Goodbye' wordt meermaals gezongen. Een schitterend stukje vind ik dat. Misschien associeer ik dit nummer met het vorige omdat het weer over zijn relatie gaat. Al duurt dat niet lang meer. Het stille gesprek voelt aan als een vaag afscheid.

Het niveau van de eerste 5 nummers ligt belachelijk hoog. Vaak is het verschil tussen de nummers moeilijk aan te wijzen. Maar welk van de nummers je ook beluistert, ze maken allen indruk. Being In Love bijvoorbeeld, net als de andere nummers met zijn prachtige diepe en echoënde klanken en zoals op de andere nummers, de mooie tekst, die je door zijn directheid raakt.

Het titelnummer zal voor velen het hoogtepunt zijn. En dat is niet zo gek. The Lioness kent ongetwijfeld het mooiste intro van het hele album. Het blijft ook het meeste hangen, het is een pakkend nummer. Maar tegelijkertijd ook heel donker. Want Jason Molina heeft gewoon een ontzettend breekbare en mooie stem. En wat ook zo briljant is, zijn de geweldige toonwisselingen in dit nummer. Hij wisselt erg vaak af van fluisterzang tot mooie uitbarstingen waar de nadruk wordt gelegd. 'It's That Look Of The Lioness' zal na dit nummer nog uren door je hoofd spoken.

Na een lange fade-out komt er met Coxcomb Red geen dramatische koerswijziging. Wel kondigt het nummer voor mij altijd het tweede deel van het album aan. En ondanks het ontzettend sterke eerste deel wordt dat niveau ook op het twee deel behouden. Nee, geen verslapping want ook Coxcomb Red is weer een prachtig nummer, waar vooral het refrein blijft hangen. Indringende gitaarklanken en een mooi refrein, zaken die me aan Leonard Cohen doen denken. En dat is zeker geen belediging.

Back On Top is weer een liefdesliedje. En ook al zitten we al tegen het einde en kan eentonigheid parten gaan spelen, vind ik Back On Top zeer overtuigend. Zijn dodelijk slechte humeur komt weer eens pijnlijk naar buiten door middel van zijn stem. Breekbaar, maar toch met veel bereik gebracht. Met als hoogtepunt van het nummer natuurlijk de prachtige stemverheffing: 'When I'm Back On The Top Again!' Wellicht een van de mooiste momenten op dit album.

Baby Take a Look is nog zo'n voorbeeld van ongekende schoonheid op de tweede helft van dit album. Er staan zeker geen niemendalletjes op het einde van dit album. Weer is dit een nummer dat mede door een stemverheffing indruk maakt. Maar ook zijn manier van zingen is bezwerend en meeslepend, valt me in dit nummer weer op. Geweldig in dit nummer ook de krachtige tokkels op de gitaar als hij zijn stem verheft.

De fade-out van dit album heet Just A Spark. En natuurlijk zal dit als kortste nummer niet snel als favoriet worden genoemd. Maar van mijn kant is er zeker een grote aantrekkingskracht tot dit nummer, vooral de arrangementen van dit nummer vind ik zeer geslaagd. En natuurlijk ook Jason Molina, die met zo'n prachtig klein liedje als deze bewijst een van de koningen van de fluistermuziek te zijn.

Het enige minpunt dat je misschien kan verzinnen is 'eentonigheid. Want het lijkt allemaal wel op elkaar. En songs uit elkaar houden is dan ook niet het makkelijkst. Maar wat maakt dat uit als iedere song zeer sterk is? Dan maakt het niet uit of je nou een Coxcomb Red hoort of Tigress. Nee, op The Lioness is amper iets aan te merken en verdient dan ook een plaatsje tussen grote albums van grote singer-songwriters.

The God Machine - Scenes from the Second Storey (1993)

3,5
In het kader van het Tip 250-topic

The God Machine - Scenes From The Second Story

The God Machine maakte in zijn korte bestaan maar twee albums. Scenes From The Second Story is het debuutalbum van de band. Ze hebben nooit de stap naar een groot publiek kunnen maken, ze maken het de luisteraar dan ook niet makkelijk op dit album. Het is een kluif van 1 uur en 19 minuten, iets waarvoor veel mensen al afhaken.
Toch is deze hardrockplaat wel degelijk toegankelijk en is het een aanrader om te gaan luisteren.

Een paar jaar geleden ontdekte ik de hardrockband AC/DC. Nog steeds vind ik dit een van de beste bands die er is. Ik ging meer hardrock opzoeken, voornamelijk uit dezelfde tijd. Maar bands als Deep Purple, Guns N' Roses maar ook Dream Theater konden mijn aandacht destijds niet krijgen. AC/DC maakt dan ook een heel andere soort hardrock. The God Machine is dan weer heel anders als AC/DC. Het heeft een compleet ander geluid. Het is namelijk een stuk epischer. De nummers zijn heel groot aangezet. Een nummer als de opener is bijvoorbeeld niet alleen erg lekker maar ook erg sfeervol.

Het begin van de plaat vind ik erg sterk. De nummers zijn hier nog behoorlijk recht toe-recht aan wat er voor zorgt dat de opening van deze plaat erg aangenaam is. Bij het eerste keer luisteren van deze plaat was ik al meteen weg van nummers als She Said, dat uitblinkt met een fantastisch einde waarin de zangkwaliteiten van de zanger naar voren komen. Hij wekt in het laatste stuk van dit nummer veel emotie op met zijn wanhopige stem.
De stevige rock zet zich ook voort in de nummers The Blind Man en I've Seen The Man, waarvan The Blind Man toch een serieus hoogtepunt is met een erg goede opbouw.

Met The Desert Song maakt de plaat een omslag. De hardrock wordt aan de kant gezet en daarvoor in de plaats komt er een zeer sferische track. The Desert Song is een groot hoogtepunt op dit album. Het is een kille track met een zeer, zeer onheilspellende sfeer. De samenzang is akelig, maar echt prachtig. Mede door de tekst beeld ik me altijd het nieuws over de eigenaar van een concertzaal in die dood is gegaan in de woestijn door uitdroging. Alles aan deze track doet denken aan de dood.

Met Home volgt de kleine hit die van dit album afkomstig is. Nou ja, het kwam in de hitlijsten. Laten we het zo zeggen. Home kan qua sfeer het vorige nummer niet benaderen, maar is juist wel weer een erg lekkere hardrocktrack. Het had zomaar een nummer voor Pearl Jam kunnen zijn met de aanstekelijke en fantastische riffs in dit nummer. Home is een klasbak van een nummer, de zanger zingt hier de longen uit zijn lijf en bewijst een erg krachtige zanger te zijn met een groot bereik. En hij heeft niet alleen een groot bereik, maar ook veel gevoel in zijn stem. In It's All Over, een rustig nummer dat waarschijnlijk erg persoonlijk is voor de zanger. Dat moet wel, met prachtig gezongen regels als "She said why do all the things have to change." Voor het eerst dit album weet de zanger mij echt diep te raken. De zang op dit nummer gaat door merg en been.

Kritiekpunt op dit album is dat het wel wat aan de lange kant is. Een instrumentaal nummer als Temptation is zeker niet slecht maar het zijn wel de nummers waarbij ik twijfel of ik het album uit ga luisteren, in de wetenschap dat ik het beste al heb gehad. Niet dat erna nog louter slechte nummers komen, dat zeker niet. Want met het nummer Out is het niveau erg hoog. Out valt mij op door een erg mooie tekst, die veel ruimte laat aan de verbeelding, terwijl het toch een erg duidelijk tekst is.
Ego valt dan weer erg op door het intro. Ego begint rustig maar heeft een schitterende uitbarsting, de riff maakt dit nummer erg goed.

De schuldige aan de lengte van dit album is Seven. Dat is een 17-minuten durend nummer, dat ruim de tijd gebruikt om op te bouwen. Seven is een bezwerend nummer. En ook een nummer waar echte post-rock invloeden te vinden zijn. De riff is de hele tijd hetzelfde en aan de hand daarvan wordt naar mooie climaxen opgebouwd. Seven is een nummer dat ik erg interessant vind, maar helaas kan ik nog niet zeggen dat ik er compleet weg van ben. Maar wat niet is kan nog komen, hoop ik dan.
Purity is ook een lang nummer, maar vind ik zelf wat beter geslaagd. De gitaarriff vind ik sowieso mooier bijvoorbeeld. En de climax die vanaf ongeveer vijf minuten wordt ingezet vind ik heel erg geslaagd.

Met The Piano Song, eigenlijk wel een instrumentaal niemendalletje eindigt deze plaat. Je kan het meer zien als een soort outro, maar wat mij betreft had een stevig en episch rockalbum niet moeten eindigen met zo'n flauw pianonummertje. Purity was een betere afsluiter geweest. Al bij al een erg mooi album waarin de drums, af en toe de riffs en af en toe de zang zeer positief opvallen. Op een paar songs na is ieder nummer van hoog niveau en zijn onder andere Dream Machine, The Desert Song en Home echte uitschieters. Scenes From The Second Story zal ik in de toekomst nog al eens op gaan zetten, niet alleen omdat ik het nu al goed vind, maar ook omdat ik denk dat er nog veel meer in zit waar ik nog niet achter ben.

3,5*

The Last Shadow Puppets - The Age of the Understatement (2008)

4,0
The Last Shadow Puppets - The Age of the Understatement

De clip van 'My Mistakes Were Made For You' is wellicht de belangrijkste clip die ik ooit zag. Dit nummer en de clip vormde voor mij de kennismaking met deze samenwerking tussen de enerzijds bekende Alex Turner en de ietwat onbekendere Miles Kane.
Die samenwerking was niet heel erg soepel. De genialiteit achter het prijsnummer van deze plaat zag ik pas later in. Het was de clip die mij deed doorluisteren. De clip heeft een grote kracht, want het geeft de spanning van het nummer weer en had voor mij zelfs een soort verslavende werking. Elke keer weer komen Alex Turner en Miles Kane weer samen op een soort overdekt plekje, na een wandeling in een donkere tuin. En op dit plekje eindigen ze steeds het nummer.
Uiteindelijk besloot ik, ondanks mijn geringe waardering, het album toch een kans te geven.

Dat was een slimme keus, The Age of the Understatement zet je vaak op vanwege de korte speelduur.
De single met de lange titel blijkt het moeilijkste nummer van de plaat te zijn. De eerste luisterbeurt was namelijk al meteen gedeeltelijk raak. Meteen aan het begin zijn namelijk al de meezingers Standing Next to Me en Calm Like You te vinden.
Wat ook meteen opvalt is de prachtige sound die Alex en Miles dit album hebben meegegeven. Je waant je met dit album terug in de tijd. Veel nummers op dit album hebben een jaren '60 soul sausje meegekregen, waarbij de instrumentatie me vaak doet denken aan het album Dusty in Memphis. Deze sound wordt gecombineerd met liedjes die erg goed binnen de 60's pop passen.

Het album ken ik inmiddels al zeker meer dan een jaar. En het is een groeibriljantje van grote klasse. De eerste vijf nummers zijn ijzersterk, er komen heerlijke refreinen langs en alles is zeer scherp ingespeeld en gezongen. De violen die in elk nummer langskomen zorgen voor een constant hoogtepunt op het album. Ze zorgen voor de aangename sound van dit album, geven veel sfeer mee en staan constant in dienst van het liedje.
De violen geven of een zeer pittig sausje mee aan een nummers, zoals bij nummers als Age of the Understatement, maar kunnen ook een zeer zwoel gevoel meegeven aan nummers als The Meeting Place.
De uitschieters staan eigenlijk op het hele album verspreid. Er is één heel groot hoogtepunt, dan krijg je alle uitschieters en verder zijn er nummers die hun plicht vervullen maar verder niet het niveau aankunnen van de uitschieters. Dit zijn gelukkig maar een tweetal nummers. Daarbij geldt ook dat eigenlijk bij iedere luisterbeurt andere nummers je weer opvallen. Zo had ik gister bij 'The Meeting Place' ineens een wow-gevoel.

En ook Only The Truth, die zeker niet bij iedereen in de smaak valt, vind ik eigenlijk erg leuk. Je schrikt soms letterlijk van het intro. Je bent namelijk helemaal in een soort trance van de eerste vijf nummers waarna je wakker schrikt van het harde Only the Truth. Ook vervult Only the Truth een belangrijke rol ten opzichte van My Mistakes Were Made For You. Want waar je eerst flink aan het rocken bent wiegt het volgende nummer je in een diepe roes.
My Mistakes Were Made For You heeft niet alleen gezorgd voor mijn ultieme waardering van het debuut van de Monkeys (nummer 1 in mijn top 10) maar ik vind My Mistakes Were Made For You nog altijd het beste nummer dat Alex Turner (nu samen met Miles Kane) ooit schreef. Dit nummer heeft een ongekende subtiliteit. Elk zinnetje wordt bijgestaan door steeds de juiste instrumentatie en de violen zorgen voor constant kippenvel. My Mistakes Were Made For You is ook nog eens een schitterend staaltje poëzie. Dit is dan ook de reden waarom ieder zinnetje zo ontzettend heerlijk klinkt. Ik smelt altijd helemaal weg wanneer ik dit nummer hoor. Dit bandje is een geweldig sideproject geweest van Alex Turner, die ook nog eens een zeer begaafd en getalenteerd mannentje naast zich had: Miles Kane.

The Strokes - Angles (2011)

3,5
The Strokes - Angles

Na 5 jaar komen The Strokes weer terug met een nieuw album, genaamd Angles. De vraag is of ze na 10 jaar de frisheid van hun debuut nog hebben.
Die vraag is moeilijk te beantwoorden, The Strokes laten namelijk een ander geluid horen. Dat andere geluid klinkt al meteen door in het eerste nummer, Machu Picchu, dat leunt op een zeer sterke electrobeat, het nummer neigt dan ook erg naar pop.
Het prijsnummer volgt meteen daarna. De fans van The Strokes waren al zeer enthousiast van dit nummer wat natuurlijk hoge verwachtingen schopt voor dit album. Under Cover of Darkness, de single, kan met recht één van de beste Strokes-nummers genoemd worden. Een herkenbare riff aan het begin en Casablancas die er daarna overheen komt. Casablancas weet zich moeiteloos door alle fijne en aanstekelijke riffjes heen te wringen.
Het album kenmerkt zich door een zeer sterke A-kant met Two Kinds of Happiness en Taken for a Fool als eveneens erg sterke nummers.

Op kant B is er meer ruimte voor experiment. Zo klinkt op het geslaagde Games ook weer een stevige beat en hoewel de gitaren nooit helemaal weg worden gegooid leunt dit nummer erg op de electronics.
Call Me Back is een rustig nummer en zo hebben we The Strokes nog niet gezien. Na anderhalve minuut lijkt er een wending in het nummer te komen maar het blijft rustig. Misschien geeft dit nummer zich pas na veel luisterbeurten prijs maar vooralsnog klinkt het als een misser.
Gratisfaction is een vrolijk nummer en The Strokes pakken de draad weer op. In dit nummer klinken de synthesizers door net als in Metabolism, met Metabolism heb je ook meteen het beste nummer van de B kant. Vooral Julian Casablancas steelt de show, hij laat even zien hoe mooi hij kan zingen. Het gaat van ingetogen naar uitbundig en dat gaat allemaal helemaal vloeiend, een heel knap nummer.
Het laatste nummer sluit een sterk album af en Life Is Simple In the Moonlight doet dat met stijl. Een laidback intro, goed refrein en op het einde heel fijn gitaarspel. Dit mag ook in het rijtje topsongs van The Strokes geplaatst worden. Het album duurt maar 34 minuten en dat is een goede lengte, want bij The Strokes hoort het motto: Kort maar krachtig.

We kunnen concluderen dat The Strokes het nog lang niet verleerd zijn en als ze nummers als Under Cover of Darkness, Life Is Simple In the Moonlight en Metabolism blijven maken kunnen ze nog heel lang mee. Dit is een opvallend goed plaatje die ruimte biedt voor experiment maar anderzijds ook genoeg kwaliteit biedt. De hoes geeft de kruising tussen The Strokes en de jaren 80 pop die op dit album te horen is perfect weer.

4*

The Strokes - Is This It (2001)

5,0
Ik heb deze plaat naar de 5* geknald en ik ga 'ns uitleggen waarom.

De eerste keer dat The Strokes mijn oren bereikten was het voor mij één grote geluidsbrei die nergens naar klonk. Als iets helemaal nergens klinkt dan wil je altijd weten wat er zo geniaal is, zo werkt het althans bij mij, dus ik maar luisteren en luisteren. Na een aantal luisterbeurten hoorde ik in een aantal liedjes al leuke vrolijke melodieën en zo kwamen er steeds meer bij, uiteindelijk viel het kwartje helemaal. Nadat het kwartje was gevallen 3 maanden geleden denk ik dat Is This It het meest op heeft gestaan. De strakke gitaarpartijen die voor heerlijke melodietjes zorgen en de nonchalante stem van Casablancas zorgen voor een prachtig verslavend album. Dit is dan ook één van de enige albums die ik wel 'ns meerdere keren achter elkaar luister. De nummers apart zijn elk van hoog niveau, er staat geen enkele misser op en ook de bonustrack When It Started is van hoog niveau.
Aanvankelijk dacht ik dat die er vast op stond, ik had immers eerst een gedownloade versie en daar stond When It Started op in plaats van New York City Cops. Gevolg was toen ik de cd kocht dat ik toen op eens New York City Cops voor het eerst hoorde. Dat is jammer dat ik die niet meteen hoorde, nu moest ik dat nummer eerst heel vaak luisteren voordat ik de genialiteit in hoorde. Nu is het alsnog één van de 12 geniale nummers die op dit Strokes album staan geworden.
Favorieten heb ik niet echt, in elk nummer zit wel iets wat ik heel goed vind en sowieso zit in elk nummer fantastische instrumentatie.

De opener en tevens titelnummer vind ik samen met Last Nite het meest poppy nummer, het begin van het nummer herken je meteen als je dit album opzet, daarna komt er een heerlijke melodie overheen en een Casablancas die zeer catchy zingt, ik moet wel zeggen dat dit nummer niet tot mijn favorieten hoort. Ook The Modern Age is van hoge kwaliteit, aangevoerd door een strak en scherp gitaarloopje. De songconstructie is in veel songs van de strokes: couplet, refrein, couplet, refrein, abrubt einde. Bij deze song is dat ook alleen heb ik zelf het gevoel dat het refrein halverwege het couplet al begint omdat hij vanaf dan zo catchy zingt, vooral dat 'Let Me Go' stukje vind ik zeker refreinachtig klinken.
Soma is een kort maar zeer krachtig nummer, het refrein vind ik heel fijn, Stop and Go, dat blijft dan dagen in mijn hoofd zitten.
Barely Legal is niet heel veel aangevinkt als favoriet nummer hier, ik kan zeker zeggen dat dit één van mijn favoriete nummers is. Hoe hij de zin 'I Just Can't Figure Out' zingt vind ik echt ongekend mooi. Voor de rest is het langste nummer van de plaat en ik vind het een heel afwisselend nummer dat heel boeiend is en het is wederom ondersteund door top gitaarspel.
Het middenstuk is mijn lievelingsstuk van de plaat, het is net maar echt ook maar net het beste stukje. Dat komt onder andere ook door Someday, één van de twee hitjes van het album, zeer goed nummer dat voor de rest geen uitleg nodig heeft, een steengoed nummer, het hele nummer lijkt één groot en mooi refrein te zijn en als je zulke song kan maken ben je echt klasse.
Alone, Together is misschien wel mijn persoonlijke favoriet, ook deze staat weinig aangevinkt als favoriete nummer, vaag, want het heeft alles wat een nummer moet hebben, catchy melodie en vooral de tempoversnelling in het nummer is echt vet, na dit nummer zit ik helemaal vol met energie. Dat wordt doorgezet bij Last Nite, een poppy feestnummer. Niet echt een feestnummer voor in de club maar ik kan er helemaal los op gaan, ik denk dat dit ook wel het meest succesvolle nummers van The Strokes is.
Ik val een beetje in herhaling, want ik noem elk nummer goed en dat zijn ze ook allemaal, zoals de volgende, Hard to Explain. Het refrein van dit nummer vind ik erg grappig gedaan. Heel snel gezongen en een opsomming aan allemaal dingen die hij verkeerd doet volgens mij, het gaat denk ik ook over een relatie die op de klippen aan het lopen is.
Verder een nummer die uitstekend in elkaar zit en waarbij de coupletten zo catchy zijn dat ik eerst niet wist wat het refrein was en wat het couplet.
New York City Cops, een nummer dat begint met een aantal opeenvolgende slagen op de drums en waar na 4 keer slaan op de drums een hele jagende riff die zeer goed werkt bij mij. Daarna zingt Casablancas daar zeer jagend en aggressief over heen wat heel goed klinkt. Wel is dit het nummer dat het meest uit de toon valt bij de rest maar daar heb je geen last van. Ik vind het juist wel leuk dat ze hier een beetje uit de bocht vliegen. Er zit ook, apart, een zeer goede en herkenbare gitaarsolo in wat ze van mij best vaker mogen doen.
Daarna zou het bonusnummer komen maar die staat niet op mijn cd wat ik eigenlijk wel jammer vind, in tegenstelling tot de vorige is When It Started een zeer opgewekt en vrolijk nummer wat erg fijn, nonchalant en zacht klinkt.
Trying Your Luck is dan weer een sober klinkend nummer is. In het refrein zing Casablancas heel breekbaar wat ik erg mooi vind.
Het laatste nummer wat zeker niet mag ontbreken is Take it or Leave it. Hier komt het wat bozig over, of aggressief. Aan het begin van het nummer denk je door de melodie weer naar een vrolijk nummer te luisteren maar als Casablancas begint te zingen is dat juist niet meer het geval. Mede door het goede refrein is dit weer één van mijn favorieten en een meer dan waardige afsluiter van dit album.

Het overduidelijke sterke punt van dit album is dat het niveau constant is en dat het niveau gewoon ongeëvenaard hoog is. Als ik een top 2000 zou maken zouden alle 12 genoemde nummer er in komen te staan, hoewel er dan denk ik geen één in de top 100 staat.
Dit zeer verslavende spul is zeker potentieel top 10 materiaal, als je over een maandje kijkt zal hij er vast al in staan maar ik wacht nog even.

5* Ongekend goed.

The xx - xx (2009)

4,5
Mijn eerste echte recensie is voor een plaat die net buiten mijn top 10 valt

The xx – XX

The xx staat voor beklemmende, sfeervolle muziek
The xx maakt doordachte muziek die van top tot teen is uitgekleed
Het voelt kaal aan, de rustige muziek, de hoes met alleen een wit kruis op de voorkant
Aan de andere kant hoor je op deze beklemmende plaat vrolijke melodieën
Het plaatje werkt verslavend
De donkere klanken die ervoor zorgen dat je dit plaatje zoveel mogelijk luistert
Crystalised, het ultieme voorbeeld, een parel, een kristal van een lied
Het heeft nicotine in zich, een verslavende werking
Maar dit is een positieve verslaving, een gelukkig gevoel
Geen lichamelijke bijwerkingen, enkel onder invloed van geluk

Crystalised is maar één van de 10 parels die op dit plaatje staan
De Intro is episch, geen zang, alleen minimale en fenomenale instrumentatie
Vrolijke melodieën hoor je terug in VCR
Het nummer wordt er door gedragen
Het positieve klinkt ook door in Islands
Een liefdeslied, uitgevoerd met perfectie
De perfectie van the xx, die de boventoon voert op dit album
Heart Skipped A Beat zit barstensvol energie
Het nummer is rustig en zo zal iedereen het ook bestempelen, als rustig
Maar als je het nummer uitkleed, voelt, dan voel je die energie
De energie die je laat bewegen, mee laat tikken en keihard mee laat zingen

Het tweede deel van de plaat wordt ingeluid door Fantasy
Het geeft je het gevoel alsof je in de ruimte zit
Of misschien zit je wel in de fantasie van de zanger
Geen idee waar je bent maar je voelt je op je gemak
Het nummer ontpopt zich niet, wat je na de rustige opbouw wel verwacht
The xx houdt het klein, wat het nummer in het begin onopmerkbaar maakte
Later ontdek je de kracht van het nummer
Shelter houdt je in de greep, het beklemmende sfeertje is volop aanwezig
Het thema is negatiever als de nummers op de eerste helft van het album
Een ruzietje wordt bezongen in dit nummer
Het boekje dat bij de cd zit toont beelden van de ruimte
Basic Space doet dat ook, net zoals Fantasy
Een nummer dat bestaat uit een hypnotiserend deuntje
Het deuntje laat je door de ruimte zweven
Het laat je wegdromen, doe je ogen dicht en je ziet de ruimte
Je schrikt wakker bij Infinity
Niet dat dit nummer zo ruig is, maar energiek is het wel
Het refrein is opgebouwd uit zang en daar achter steeds een slag
Een slag op een instrument dat ik niet ken, het klinkt elektronisch
Die slag op het onbekende maakt dit nummer tot één van de beste nummers
In Night Time is de rust teruggekeerd
Die rust blijft, ook in het laatste nummer Stars
Het album wordt rustig, beheerst en vooral mooi uitgezongen.
The xx bewijst dat je met minieme mogelijkheden een plaat kan maken die neigt naar perfectie

5*

Townes Van Zandt - Townes Van Zandt (1969)

4,0
In het kader van het Tip 250-topic

Ik ken Townes Van Zandt al sinds ik op Musicmeter kom. Het was For The Sake Of The Song die mij na een Youtube-beluistering dit album deed luisteren. Townes Van Zandt, de Amerikaan met een Nederlandse naam, kan je zien als een wat rustigere Dylan. Hij heeft dezelfde fijne rauwheid in zijn stem. Verschil met Dylan vind ik zelf dat Townes van Zandt ongekend veel emotie in zijn stem kan leggen, nog meer dan Dylan dat kan.

Het eerste nummer van de plaat is meteen For The Sake Of The Song. Het betovert van de eerste tonen tot aan de laatste tokkels op de gitaar. Dit nummer kabbelt voort, maar de hele song zit je op het puntje van je stoel. Het gevoel dat Townes overbrengt met zijn stem is van grote klasse. En ook het behoorlijk geniale gitaarlijntje is niet te versmaden.

Columbine is twee keer zo kort als For The Sake Of The Song en valt met alle respect voor dit nummer minder op dan het vorige. Een tussendoortje, waarvan het eerste stukje het mooiste is. Verder blijft het nummer iets te oppervlakkig om het gemiddelde niveau op dit album te behalen.

Waiting Around To Die is ook zo'n gruwelijk mooi pareltje. Dit is een liedje waarbij Townes je weer constant in z'n greep houdt, een zeer persoonlijk liedje lijkt, met een prachtige tekst. Je moet niet doelloos leven en je afschermen van de buitenwereld. Samen, met je vrienden, moet je wachten tot de dood je vanzelf komt ophalen. Hij verwoordt deze boodschap prachtig en ook hier weer zijn vooral de openingszinnen ernstig raak.

Townes Van Zandt crëeert een aandoenlijk sfeertje met dit album, het heeft iets wilde westen-achtigs. En wat dat betreft zou deze sferische muziek best als een soundtrack kunnen dienen. Maar waar soundtracks nog wel eens moeilijk op zichzelf kunnen staan kan je bij deze muziek je eigen beelden verzinnen. Beelden zoals op de hoes van het album, Don't Take It Too Bad, een lvoor Townes doen opgewekt liedje tegen de eenzaamheid.

Niet elk liedje is even bijzonder op Townes Van Zandt, maar ze hebben allen wel wat. En dan zijn er natuurlijk de uitschieters als Colorado Girl. Het bevat een uitzonderlijk fijn refreintje zoals alleen Townes dat kan. Zijn stem is op zijn mooist als hij de hoogte in gaat, het mag dan wel niet al te zuiver zijn, maar juist dat is zo mooi.

Lungs doet mij een beetje aan Dylan denken. Het heeft dezelfde structuur als veel Dylanliedjes en het heeft erg mooie verhalende coupletten. Wat mij betreft had dit nummer langer dan deze twee en een halve minuut mogen duren en wat meer uitgediept mogen worden. Mijn part gaat dit nummer nog twee minuten op dezelfde prettige manier door.

Bij I'll Be Here In The Morning geldt simpelheid is troef. Het is een erg pakkend liedje met een dus zeer simpel refreintje. Het enige wat hij doet in het refrein is de titel zingen en dan nog een keer maar dan niet 'the morning' op het einde maar 'for a while' en dat is juist het mooiste zinnetje van het hele nummer.

Dan volgt het hoogtepunt van het album. Fare Thee Well, Miss Carroussel is een liedje waar je bijna sentimenteel van zou worden. De coupletten zijn steeds een perfecte aanloop naar het refrein dat door merg en been gaat. Dit nummer is een klassieker binnen en buiten het singer-songwriters-genre, subliem en dat ook nog eens erg lang. Samen met mijn andere favoriet is het namelijk het langste nummer van de plaat.

Daarna horen we de Spaanse gitaren van Maria. Het nummer steelt voornamelijk de show met zijn tekst. De tekst is erg beeldend en heeft een fraai woordgebruik. De violen aan het einde van het liedje maken het nog eens helemaal af. Maria is anders aangekleedt dan de meeste andere nummers, maar voelt niet als vreemde eend in de bijt, waarschijnlijk gewoon door de kwaliteit.

Het laatste nummer None But The Rain kan niet tippen aan de vorige nummers. Het is erg kort en op het fijne fluitje na heeft het niet al te veel om handen. Het voelt dan ook meer als een outro dan een volwaardig liedje.

Het is dat er een paar minder opvallende nummers op deze plaat staan, als elk nummer van de kwaliteit van bijvoorbeeld het eerste nummer was geweest zou dit makkelijk in het rijtje Harvest, Highway 61 Revisited en Pink Moon kunnen staan. De stem die heeft hij daar namelijk wel voor, perfect door de imperfectie.

4*

Wu-Tang Clan - Enter the Wu-Tang (36 Chambers) (1993)

5,0
Hiphop heeft toch zeker een erg groot aandeel in mijn muzieksmaak. Eerst betrof dat vooral mainstream hiphop als Dr. Dre, Eminem en Kanye West. Daarna ben ik vooral de hiphopklassieker uit de jaren '00 gaan waarderen. En natuurlijk kende ik ook de essentiële platen uit de jaren '90 wel. Illmatic en ook deze dus. Maar echt intrigeren deed de muziek op dit album en ook Illmatic niet.
De hiphop uit de jaren '90 voelt kaler aan. Het is een heel ander soort beats dan ik gewend ben. Beats van artiesten als Dr. Dre (op 2001), Atmosphere en Kanye West zijn vele malen voller en misschien soms ook wel drukker. De beats van beatbakker RZA zijn veel meer gericht op de basis. Een flinke bassdrum en een melodietje er over heen. Zijn beats wisten me niet te pakken.
Tot een aantal weken geleden. Nadat ik Liquid Swords van GZA een draai had gegeven was dat me zo goed bevallen dat ik ineens erg veel zin kreeg in meer Wu-Tang Clan. Ik heb deze van de Wu toevallig een keer goedkoop ergens gekocht.

Ik schoof de cd erin en het was deze keer echt genieten geblazen. Je moet deze soort hiphop ook niet als dansbaar opvatten, wat ik wel heb met andere soorten hiphop.
Albums van de Wu-Tang Clan zijn echte sfeer-hiphop-albums.
Op Enter The Wu-Tang wordt uitstekend een erg donkere sfeer neergezet. Dit is niet alleen door de kale rauwe beats, maar ook door de skits, die vaak ruizige filmfragmenten bevatten. Een goed voorbeeld is het intro van Liquid Swords van GZA. Een prachtig filmintro die meteen de duistere sfeer neerzet van het album. Dat is hier in vele tracks ook even goed zo. Voorbeeld is bijvoorbeeld de samurai-intro van Da Mystery of Chessboxin'.
Verder is me de kracht van de afzonderlijke rappers gaan opvallen. Eerst klonk voor mij iedereen hetzelfde. Maar naarmate je het meer luistert hoor je de stijl en stem van de verschillende stemmers.

Zo valt mij Method Man zeer positief op. Deze man heeft een flow om u tegen te zeggen. Niet voor niets levert hij meermaals de refrein op dit album door zijn heerlijke stem. Ook levert hij voor mij het hoogtepunt van het album op Wu-Tang: 7th Chamber. ZIjn verse klinkt zo ongeveer als een refrein, zo heerlijk zijn z'n lines.
Ook Ghostface Killah is een van mijn favoriete mc's. Hij heeft een bijzonder aggressieve stijl van rappen. Maar zijn rauwe stem bevalt mij wel. Later zou hij ook op zijn eigen album en die van Raekwon laten zien dat hij een van de beste rappers uit de clan is.

Daaronder komen een aantal rappers die ik ook altijd met vette verses vind komen. GZA, Inspectah Deck en Raekwon vind ik eigenlijk vrijwel altijd vermakelijk. Allen hebben ze een mooie stem en ook al vallen hun verses me niet altijd op, er zitten toch een aantal zeer mooie bij.
Meest opvallend rapper op dit album is Ol' Dirty Bastard. Hij heeft duidelijk de meest uitgesproken stijl van rappen. Hij experimenteert met zijn stem en dat pakt een aantal keer fantastisch uit. Soms ook net wat minder. Maar Ol' Dirty Bastard weet je eigenlijk in elke verse wel te vermaken met zijn stemkunsten.

Dan houdt je nog RZA over. Prima rapper vind ik, maar toch van alle veelvoorkomende mc's op het album de minste. Hij valt niet echt op met z'n verses. Dat is niet erg, want hij verzorgt ook de fenomenale beats op dit album.
U-God komt in zijn enige verse wel heel erg hard, jammer dat hij niet wat vaker voorkomt op het album. Over Masta Killa weet ik niet al te veel te zeggen.

Sfeerhiphop dus. En dit album is bij mij al wekenlang in de cd-speler te vinden. En eigenlijk iedere keer als ik op mijn kamer kom zet ik even een nummertje van dit album op. En er is keuze genoeg want eigenlijk is ieder nummer raak. Ieder nummer heeft wel wat, ofwel door een geweldige beat, een heerlijk refrein, een aantal prachtige verses, of, wat meestal het geval is een combinatie van dit alles.