MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten Gajarigon als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Massive Attack - 100th Window (2003)

poster
3,5
Deze is zeker mijn favoriete Massive Attack. IJskoude electronica opgebouwd rond diepe drijvende baslijntjes die voor een intense sensuele trip zorgt. Hier en daar lopen de nummers wel wat te lang uit, en waar vele mensen hier al te kennen gaven dat de muziek met de hoofdtelefoon moet beluisterd worden, vind ik het allemaal iets te klinisch, kaal en repetitief om met volle aandacht aanhoord te worden. Uitschieters zijn de nummers met Sinéad O'Connor - wat een prachtige stem heeft die vrouw toch.

Massive Attack - Heligoland (2010)

poster
3,0
Mjah, Heligoland dus. In tegenstelling tot de publieke opinie vind ik dat Massive Attack alsmaar beter geworden is. Maar zelfs de wat koele erotiek van 100th Window vond ik hier en daar wat te voorspelbaar en vooral te lang uitgesponnen. Wat dat tweede betreft is Heligoland zeker een stap vooruit, met een gemiddelde lengte van 5 minuten per nummer treedt er zelden verveling op, en het langste nummer (afsluiter Atlas Air) is dan nog een van de beste nummers van het album. De sfeer is wel anders dan op de eerdere albums, wat toegankelijker, luchtiger, zeker easy-listening. Helaas is de kwaliteit van de nummers erg wisselvallig. Flat of the Blade vind ik maar een eentonig niemendalletje, terwijl Paradise Circus me al na enkele seconden helemaal wist te overtuigen. Uiteindelijk ontbeert het Massive Attack vooral aan verrassing, de nummers volgen teveel dezelfde formule en elke songkundige progressie is getelefoneerd. Een matig album dus, waar wel enkele erg goeie nummers opstaan. Toch een stapje terug na 100th Window.

Massive Attack - Mezzanine (1998)

poster
3,5
Opener Angel is een schot in de roos, een broeierig nummer dat zich snel onder je huid nestelt, en uitstekend spanning weet op te bouwen. Risingson is wat minder, iets te repetitief naar mijn smaak - een struikelblok dat ik meestal tegenkom bij electronica. Teardrop is die andere klassieker. De zoete zang vloekt een beetje met de sfeer van de rest van het album, maar op zich beschouwd een érg mooi nummer, het ideale nummer om iemand te laten kennismaken met Massive Attack. Het soort muziek dat je meteen naar hogere sferen brengt.

Vervolgens komen er wat Oosterse invloeden in de muziek, met de nogal bruuske overgang naar Intertia Creeps. Een wat vreemde wending in de muziek, want met Exchange komt er een soort overgangsnummer. Ideaal als achtergrondmuziekje, maar met de koptelefoon irritant repetitief.

Tweede helft van het album dan, met de geslaagde combo Dissolved Girl en Man Next Door, waarvan de drums wat aan When the Levee Breaks doen denken. Hierna zakt het album helaas als een pudding in elkaar, alsof ze plots creatieve bloedarmoede kregen. Geen spetterende finale, eerder een kwartier lange fade-out. Erg spijtig.

Mastodon - Crack the Skye (2009)

poster
4,0
Na een jaar is mijn enthousiasme toch een heel klein beetje bekoeld. Vooreerst is er de productie. De complexe, melodieuze rock die Mastodon hier brengt kan gerust zonder die extra overdrive op de drums (de basdrum klinkt gewoon lelijk). Het iets te volle geluid werkt dan ook wat vermoeiend, zodat ik zelden echt zin heb om hem te luisteren. Nochthans is het een erg goed album. Amper zeven nummers, maar met twee epische nummers van meer dan 10 minuten toch weer serieus wat muziek. De overvloed van riffs wordt vakkundig en strak gebracht, en in een keurslijf gehouden door de ritmesectie die zoals te verwachten viel weer erg goed in vorm is. Het algemene geluid is wel zachter geworden - Crack the Skye is eerder een rock album dan een metal album. Dit valt het meest op in de zang, waar de drummer nu ook zijn deeltje aan bijdraagt. Weg is de zware stem, in de plaats komt een meer toegankelijk vocaal geluid dat zeker veel nieuwe zieltjes zal lokken, al kan ik begrijpen dat fans van het eerste uur er niet veel aan vinden. Een tweede minpuntje, al is het maar een detail, is het concept. Het hele verhaal dat erachter zit slaat nergens op, maar ze kunnen het niet laten om het in elk interview te melden. Maar ja, dat is natuurlijk mierenneuken als de muziek zo mooi in elkaar zit als op Crack the Skye. Het gitaarwerk is uitstekend, ettelijke lagen door elkaar geweven tot een spetterend geheel. Mastodon heeft een serieuze ontwikkeling doorgemaakt, en persoonlijk vind ik het er een in de goeie richting. 4*

Mastodon - Lifesblood (2001)

poster
2,0
Allereerste Mastodon, en het verschil met hun recenste (Crack the Skye) is echt enorm. Véél harder dan wat later zou volgen. Ik kan best geloven dat liefhebbers van het zwaardere werk dit prefereren, zelf ga ik deze niet vaak meer beluisteren denk ik.

Maybeshewill - Not for Want of Trying (2008)

poster
2,0
Door de mooie hoes gelokt heb ik dit eens beluisterd. De link met 65daysofstatic is snel gelegd door de combinatie van post-rock en elektronische drums. Maar daar stopt het dan ook, want de muziek hier is bij momenten veel zwaarder.

Laat me eerst zeggen dat ik de elektronische toevoeging maar niets vind, zowel bij 65dos als hier. Het klinkt artificieel op een lelijke manier, en de geluiden die worden toegevoegd zijn ook helemaal niet origineel. Ik heb dan veel liever het warmere geluid van een akoestische drum dan deze zielloze snares en die verschrikkelijk snerpend cyber-hi-hat. Ugh...

De rest van de instrumenten zijn wel nog leuk. Piano, vunzige bassrifjes, metal gitaarriffjes, ... het is een hele hoop genres die de revue passeren. Op zich wel leuk, maar de cohesie is dus ver te zoeken. Voeg daarbij de zang die niets toevoegt en nogal storend werkt, en nummers als Heartflusters worden echt een serieuze zit om uit te luisteren.

Op zich is het idee achter dit album niet slecht - een poging tot originele post-rock door metal en electronica te introduceren - maar de uitwerking is toch wel ondermaats. 2*

Metallica - Master of Puppets (1986)

poster
3,0
Master of Puppets, Metallica's op één na bekendste album (hun zwarte heeft net iets meer stemmen) en veruit hun best gewaardeerde. Dit is de cd die steevast wordt aangeduid als zijnde één van de beste metalalbums aller tijden. Zoveel verering doet geen enkel album goed, en ook Master of Puppets kan die druk niet aan. Misschien dat het wel één van de beste thrash albums aller tijden is, maar da's natuurlijk al heel wat anders.

Hoewel het album zeker zijn leuke momenten kent en gerust een uur als aangename achtergrondmuziek kan dienen, is het bij aandachtig luisteren met de hoofdtelefoon erg eentonig. De gitaarriffs zijn zoals het hoort voor thrash metal: snel, hevig, en eindeloos herhaald. Technisch zal het wel hoogstaand zijn, maar er is natuurlijk een limiet aan de hoeveelheid palmmuted E-snaar chuggachugga die ik kan verdragen in één uur tijd, en Master of Puppets gaat er ver boven. Elk nummer wordt er minstens één solomoment ingebouwd. Voer voor de liefhebbers, maar zelf heb ik niets met al dat geshred. Enkele solo's zijn geslaagd, maar de meeste zijn te lang en laten de nummers aanslepen. Het drumspel van Ulrich is meestal wel adequaat, maar af en toe hopeloos smaakloos qua fills. Mijn voornaamste punt van kritiek is echter de zang. Hetfield kan maar op één manier zingen, en dat is een manier die mij echt niet aanspreekt. Een fletse poging om stoer te klinken, en waaruit niet de kracht spreekt die hij hoopt tentoon te spreiden. Dan zijn er sinds '86 toch echt wel straffere metalplaten uitgekomen.
De productie door Flemming Rassmussen is matig. De solo's komen er mooi uit, maar de riffs klinken nogal bestoft. Het geluid wordt soms een ondoordringbare moes, een fletse wall of sound. Het zal gedeeltelijk wel aan de leeftijd liggen, maar dat maakt het niet minder onaangenaam om te beluisteren.Verder klinken de drums erg lelijk, iets wat ook wel vaker het geval was in de jaren '80.

Nu zijn de nummers op zich meestal wel aardig. Alle muzikanten (op Ulrich na misschien) zijn getalenteerd en dat weerspiegelt zich in de muziek. Helaas vooral in veel gesoleer, want de meeste nummers ontbreken een noemenswaardige spanningsopbouw. Af en toe gaan ze gewoon hard om hard te gaan, iets waarin ze ondertussen natuurlijk al mijlenver voorbij zijn gestreefd door talloze extremere bands.

Battery begint met een fijne akoestische intro die abrupt onderbroken wordt wanneer de distortion wordt aangezet en de drums invallen. Er is een leuke afwisseling van korte hevige riffs en de langzamere passages. De drums zijn eentonig, maar de echte demper op de vreugde is de potsierlijke zang van James Hetfield. De vocalen klinken slecht en passen daarenboven melodisch niet bij de muziek. Dieptepunt is zonder twijfel het schreeuwen van de titel 'Bat-te-ry'. Het zal destijds wel agressief hebben geklonken, maar nu klinkt het toch vooral alsof hij pijnlijk geconstipeerd is.

Het titelnummer is één van de bekendste Metallica nummers en een van de betere nummers op dit album. Een geslaagde, zij het te repetitieve gitaarriff, overdadige gitaarsolo's en weer Hetfield die het nummer lijkt te willen saboteren met zijn zang.

The Thing That Should Not Be is de eerste keer dat Metallica erin slaagt om echt zwaar te klinken. Het tempo ligt wat lager, de muziek krijgt wat kans om te ademen. Veel potentieel, waarmee ze dan niets aanvangen. Zes minuten van dezelfde riff is natuurlijk te veel van het goede, en de laatste drie minuten kruipen dan ook voorbij. Mijn minst favoriete nummer van de cd.

Met Welcome Home (Sanitarium) is er dan gelukkig het beste nummer van het album. Het is een traag nummer dat er met succes in slaagt een akelig sfeertje op te bouwen. De gitaarlijnen van Kirk Hammet zijn smaakvol en voegen echt toe aan het geheel. Disposable Heroes is wat afwisselender dan de andere nummers, en bevat erg herkenbare gitaarriffs en de beste solo van de hele cd, en is samen met het voorgaande nummer het hoogtepunt van het album.

Leper Messiah is het tweede dieptepunt. De riffs lijken wel op het betere knip en plakwerk van de vorige nummers, en de zang is hier waarschijnlijk op zijn slechtst.

Het instrumentale Orion is weer een positieve uitschieter, zij het vooral door het ontbreken van de zang. Veel leuk en gevarieerd gitaarspel (vooral van de bas!), maar de slaapverwekkende drums van Ulrich doen wel wat af aan de epiek. De afsluiter Damage, Inc. lijkt wat op Battery, met een rustige intro die dan plots overgaat in zware riffage. De solo is het irritantste geshred op de hele cd, beetje spijtig want het einde is erg geslaagd.

En na 54 minuten zit Master of Puppets erop. Half gevuld met leuke muziek, half gevuld met inspiratieloze chuggachugga en slechte zang. Dit is wel nog één van mijn favoriete Metallica cd's, maar echt warm word ik er niet van.

Midwest Pen Pals - Inside Jokes (2009)

poster
2,0
Midwest Pen Pals (yuch, wat een naam ) is een typisch voorbeeld van de heropleving die 90s emo doormaakt. Dit groepje kwam voort uit Merchant Ships en leeft ondertussen voort in de vorm van William Bonney. Deze EP hebben ze ondertussen gratis en legaal te downloaden aangeboden. Muzikaal is dit best wel geinig, maar de vocalen zijn volledig ondermaats. Leuk om een paar keer te horen, maar er is veel beters te vinden in dit genre.

Mihai Edrisch - L'un Sans L'autre (2003)

poster
4,0
Het zijn de groepen die extreem experimenteren binnen het screamo genre die mijn aandacht trekken. Ik zou zelfs durven verder gaan: bands als Circle Takes the Square en Gospel - om mijn favorieten even aan te halen - houden helemaal geen rekening met de lijntjes en kleuren volledig naar eigen goeddunken. Ik denk dus dat het net daarom is dat Mihai Edrisch me zo bevalt: de manier waarop zij de dissonante hardcore van vroege Dillinger Escape Plan integreren met de typische screamo kenmerken is me uniek. Vooral het drumwerk springt eruit. Van de hectische openingsriff van Et pourtant over het tribal spel in het titelnummer tot die alles en allen overheerschende breakbeat in Je L'Appelai ( ), de percussie is gevarieerd en krachtig.

Het gitaarspel buigt vooral op dissonantie bij de harde stukken, wat de bas wel helemaal overstemd. Verder klinkt het album wel goed, en de toevoeging van de samples van spelende kinderen is geslaagd te noemen. De zang ligt erg in de lijn van pakweg Daïtro, en is geheel onverstaanbaar. Ook nogal eentonig - constant hetzelfde rauwe geschreew - en daarmee ook het voornaamste minpunt van de muziek voor mij. Dank aan leander? voor de tip, want dit is toch wel een erg fijne ontdekking. 4*

Mindless Self Indulgence - You'll Rebel to Anything (2005)

poster
1,0
Toch even op de tanden bijten om dit uit te zitten. De beschrijving Metal / Electronic zou misschien beter Rock/Electronic zijn, verder best adequaat. Mindless Self Indulgence brengt synthrock, en ook de zang wordt zwaar gemixt ten gehoor gebracht. Zelf vind ik dit vrij verschrikkelijk, met als absoluut dieptepunt de cover van Tom Sawyer.

Mineral - EndSerenading (1998)

poster
3,5
Ook het tweede en laatste album van Mineral vind ik erg geslaagd. De productie is inderdaad net een tikkeltje helderder dan The Power of Failing, en dat ligt me wel.
Vocaal is het een dubbeltje op zijn kant, met de zeurderige zang (echt elk woord wordt tot het uiterste gerekt) en die prachtige teksten van Simpson. Neem nu 'For Ivadell':
But you are safe now and effortlessly breathing
Where new weather will fall on you
Your fears break like waves
Foaming into themselves
Disappearing into the sea

Muzikaal is er niet zo veel veranderd (buiten de productie dus); nog altijd sprankelend gitaarspel met veel helder getokkel en een degelijke ritmesectie. Hun muziek doet me hier meer denken aan American Football dan aan Sunny Day Real Estate trouwens, al is het drumwerk hier wel minder goed.

Ik ga voor dezelfde beoordeling als hun debuut. Er staat geen echte uitschieter op zoals die er wel zijn op hun debuut, maar over de gehele lijn vind ik deze wel net iets beter.

Mineral - The Power of Failing (1997)

poster
3,5
Je zou het haast vergeten, maar in de tweede helft van de jaren 90 was dit wat werd bedoeld met emo; stevige indierock met centraal een soort valse zang en gitaarwerk dat wisselt tussen fijn getokkel en gruizelige distortion. Mineral behoort tot dit genre, en is er zelfs een klassieker in. Ik ben geen toegewijde fan van het genre, en dit album vind ik ook niet superspeciaal, maar het is toch wel allemaal erg degelijk gebracht. Neem nu Slower, dat eindigt met twee minuten instrumentale rockmuziek. Matig tempo, lekker baslijntje, beetje piepende gitaar eroverheen, niets uitzonderlijks maar het blijft toch goed hangen. Speciale vermelding trouwens voor de bas, die meer dan de drums hier voor de drive zorgt.

De zang van Chris Simpson is een ander pluspunt, hij heeft een leuk wanhopig stemgeluid en maakt bij momenten erg mooie teksten. Zoals op een andere favoriete track: Gloria
A brave morning
Thoughts flap their wings and fly
And I can still taste
Defeat on my lips


Het is me allemaal iets te gemoedig qua tempo - het had iets gewaagder en harder gemogen naar mijn smaak - maar toch een fijne plaat.

Moby - 18 (2002)

poster
3,0
Eén van de eerste cd's die ik ooit kocht, en tevens een cd die ik echt helemaal kapot gedraaid heb. Nu was het al een tijdje (enkele jaren?) geleden dat ik hem nog had geluisterd, en bij het luisteren besef ik waarom: ik ken hem nog helemaal vanbuiten. Moby gaat verder op het geluid van Play, met gospel samples, softe techno beats en hij perfectioneert de digitale strijkers.

Ook mijn waardering blijft min of meer dezelfde als vroeger. De sterke momenten wisselen de zwakke af, met gelukkig wel een voordeel voor de sterke. Uitschieters zijn In This World, Extreme Ways, Signs of Love en Sunday, terwijl de dieptepunten vooral bij de gastartiesten liggen. Jam For the Ladies en The Great Escape zijn serieuze draken die ik niet uitgeluisterd meer krijg.

De post-9/11 psychose is trouwens sterk merkbaar bij dit album. Moby, zelf New Yorker, was zwaar onder de indruk van de ramp. Dat vertaalt zich in enkele erg intense nummers zoals Sunday en I'm Not Worried At All (prachtige afsluiter overigens).

Omdat er dus enkele ferme missers op staan, en enkele anders nummers me wat te vrijblijvend zijn (Sleep Alone), toch een halfje minder dan de voorganger.

Moby - Be the One (2011)

poster
3,0
Omdat Wait For Me zo'n aangename verrassing was, heb ik deze EP met vrij hoge verwachtingen beluisterd. Het titelnummer is alvast een tegenvaller. Na een enkel minuutje heb je het hele nummer eigenlijk gehoord, waarna dit gewoon nog enkele keren herhaald wordt. Zoals zo vaak is dit een Moby nummer dat wel leuk is, maar helemaal niet spannend is, omdat hij alles al meteen verklapt.

Sevastopol ligt meer in de lijn van de betere nummers van op 18, en is een fijne uitschieter.

Victoria Lucas begint erg rustig, en kent een langgerekte opbouw naar een sferisch hoogtepunt dat wel bij Wait For Me lijkt te passen.

Leuke EP, benieuwd wat het album gaat worden.

Moby - Hotel (2005)

poster
2,0
Matig album, dit. Enkele erg mooie nummers (zoals Slipping Away) maar oh zo vaak wordt er net iets te vaak hetzelfde couplet herhaalt (zoals Slipping Away), waardoor bijna alle nummers iets langdradigs krijgen (zoals Slipping Away). Bij elk nummer 30 seconden er af en Hotel had meer verdient dan de 2* die het nu krijgt.

Moby - Wait for Me (2009)

poster
3,5
't Is toch een rare vogel, die Moby. Met uitzondering van Massive Attack, Daft Punk en misschien Air, is hij de populairste electro-artiest. Hem gewoon in het electronica vakje stoppen zou natuurlijk afbreuk doen aan alle andere invloeden die doorschemeren in zijn muziek (en dat zijn er heel wat), maar primair blijft Richard M. Hall een echte sample-man. Als je wat vertrouwd bent met zijn werk merk je al gauw hoe vaak zijn muziek wordt gebruikt bij reportages en reclamespots. Zoals het een icoon betaamt is zijn stijl direct herkenbaar. Hoe divers zijn muzikale uitspattingen ook mogen zijn, ze zijn allemaal stuk voor stuk doordrongen van het eigenzinnige Moby-sfeertje dat de hele wereld leerde kennen in 1999 toen 'Play' uitkwam.

Wat dat sfeertje juist is, dat is moeilijk te omschrijven. Eén centraal motief is zeker melancholie. Sinds 'Why Does My Heart Feel So Bad?' en andere hits op Play is de combinatie van zachte techno, elektrische strijkers en gospelsamples eigenlijk zijn uithangbord geworden. Wat ik steevast spijtig vind, is dat Moby deze formule nooit verder heeft genomen. Hij begint een nummer door een prachtige melodie en leuke sample te introduceren, maar hij doet er veel te weinig mee. Enkel herhaling, tot in den treure. Daarnaast heeft hij ook de neiging om enkele dance nummers op zijn cd's te plaatsen (veelal missers, al was Disco Lies wel geweldig), alsook rockgeïnspireerde experimenten (zowel geslaagd - Extreme Ways - als niet geslaagd - Lift Me Up). Op dit album trapt hij nog in de eerste val, maar de tweede heeft hij wel mooi ontweken.

Dit album komt er tien jaar na Play, waarvan hij het succes nooit meer heeft kunnen evenaren. Werd 18 nog onterecht 'Replay' gedoopt, Moby's experimenten op Hotel en Last Night waren naar mijn mening niet vooruitstrevend, laat staan essentieel luistermateriaal. Wait For Me is weer iets helemaal anders, want hier zijn de noodzakelijke hitnummers feitelijk achterwege gelaten. Moby gaat voluit voor het sentimentele, met quasi-ambient tracks en ingetogen beats. Niet dat er geen singles op staan, maar ze zijn niet geforceerd, en dat is een goede zaak voor de cohesie. Waar 'Jam For the Ladies' alle sfeer uit 18 helemaal onderuit haalde, wordt hier wel voluit aan hetzelfde zeel getrokken.

Zoals ik eerder al opmerkte, doen sommige nummers me denken aan Sigur Ros ('JLTF' bijvoorbeeld). Blijkt nu dat het album gemixed werd door Ken Thomas, die ook die albums van Sigur Ros onder handen neemt. Dat verklaart al heel veel, want het dromerige karakter van de muziek is bij momenten op het feeërieke af. Soms slaat de balans een beetje door naar het melige ('Walk With Me'), maar al bij al heeft Moby een goede plaat afgeleverd die de vergelijking met Play gerust aankan. Al bij al dus de beste Moby sinds 18, al is dat niet zo moeilijk.

Moving Mountains - Pneuma (2007)

poster
3,5
De Amerikaanse band Moving Mountains brengt post-rock (het instrumentale gedeelte) met een snuifje post-hardcore (de vocalen). Liefhebbers van ambient rock kunnen ook hun hart ophalen, want met behulp van trompet en xylofoon zorgen ze voor sfeervolle arrangementen die vlot in het gehoor liggen. Bij momenten doen dit album me wat denken aan Effloresce van Oceansize, zeker met de instrumentale intermezzo's en het melodieuze gitaargetokkel met daaroverheen het nasale stemgeluid van de zanger.

De productie is aardig gelukt, en het spaarzame gebruik van distortion op de gitaren voorkomt dat het allemaal één grote soep wordt, en helpt ook om de nummers wat meer smoelwerk te geven door ze elk een eigen sound te geven. De drums hadden wel iets scherpers gemogen, want de trommels klinken nogal dofjes. Qua structuur is er weinig afwisseling, want zoals dat dan gaat bij post-rock heeft elk nummer een Grote Climax. Beetje voorspelbaar dus, maar als het adequaat uitgevoerd wordt is er niets mis met epische uitbarstingen.

De zang is natuurlijk het struikelblok bij uitstek, al zijn dit naar post-hardcore normen wel erg toegankelijke vocalen (ik twijfelde dan ook even of ik ze wel post-hardcore zou noemen). Niet de beste die er zijn in het genre (of daarbuiten) want soms gaat 'ie een beetje zeuren (zoals op het voor de rest geniale "Ode We Will Bury Ourselves"), maar het kan er zeker mee door. Bij een eerste luisterbeurt kan het openingsnummer misschien wat afschrikken, maar dat is het enige moment waarop er echt geschreeuwd wordt. En hoewel het een kort nummer is om te beoordelen, lijkt me dat ze een goede keuze hebben gemaakt om het schreeuwen te beperken. Het past eigenlijk niet goed bij de zachtaardigheid van de muziek.

Als ze nog een beetje doorgroeien en meer risico's durven nemen wat betreft het songschrijven zie ik ze nog ver komen. Een aanrader.

Moving Mountains - Waves (2011)

poster
3,0
Moving Mountains kiest het ruime sop, richting commercieel succes. De post-rock invloed wordt zeer vakkundig in een strikt keurslijf van strofe/refrein nummers gegoten, en de post-hardcore is een afgevijld zodat het vlot je gehoorgang ingaat. Helaas, zonder scherpe kantjes blijft er weinig hangen, en dat was net wat Pneuma zo'n goeie plaat maakte.

Is 'Waves' dan een slechte cd? Neen, net zoals de latere platen van genregenoten Dredg en Oceansize ook niet (allemaal) slecht waren. Maar het niveau van het debuut (Wat was Ode We Will Bury Ourselves een goed nummer zeg) wordt spijtig genoeg niet gehaald.

Dan liever de nieuwe van Prawn, waarbij de emo invloed duidelijker doorschemert. Want binnen een maand kies ik steevast voor Pneuma als ik iets van Moving Mountains wil luisteren, zeker weten. Matige 3*

Mr. Bungle - Disco Volante (1995)

poster
1,5
Wordt je van Dillinger Escape Plan doorverwezen naar dit, zie je het stemgemiddelde en denk je 'oh wow, dat zal wel plezant worden'. Niet dus. Een enorme potpourri aan geluiden en stukjes muziek (genre zou echt wel avant-garde moeten zijn) waaraan nergens een touw vast te knopen is of een lijn te ontdekken. Zware metal, jazz, techno, noise, ... alles passeert zo'n beetje de revue. Ik lees wel dat het een groeiplaat is, maar ik denk niet dat ik deze nog eens wil uitzitten. Helemaal niet mijn ding.

Muse - Absolution (2003)

poster
3,5
Geleidelijk aan is het dan toch iets geworden met Muse. De bij momenten potsierlijke bombast, het zagerige stemmetje van Matthew Bellamy, ik neem het er nu graag bij, want er staan heel wat leuke nummers op Absolution. Mijn favorieten zijn nog steeds de nummers waar het gaspedaal wat harder wordt ingeduwd ('Stockholm Syndrome' met die lekkere drums, 'Hysteria'), maar ook de ballads kan ik ondertussen wel appreciëren. De hype kan ik zeker begrijpen - toegankelijke poprock nummers, net zacht genoeg voor het vrouwelijke deel van de bevolking, maar met genoeg leuke gitaarriffs om ook de mannen wat te amuseren. Het is misschien allemaal wat te gewoontjes om een hoge waardering te krijgen, en het irritante inademen van Bellamy voor elke zin gaat mij steevast op de zenuwen werken na enkele nummers, maar toch een erg dikke voldoende.

Mutyumu - Il Y A (2008)

poster
2,0
Ik zie het zo al voor me, reclame voor deze plaat:

"Kent u ook dat gevoel: na een lange werkdag wil je thuis eens lekker genieten van een portie loeiharde screamo, maar je vrouw prefereert toch een opera van Mozart. Niet langer getreurd! Dankzij Mutyumu kan je nu de twee combineren! Geniet van de prachtige piano en strijkers in L'Eceil Est Dieu, waarbij de samenzang bestaat uit authentiek screamogeshriek gecombineerd met Maria Callas."

Klassieke muziek doorspekt met blastbeats en geschreeuw, voor de liefhebbers.

My Bloody Valentine - Loveless (1991)

poster
5,0
Wat mij betreft heeft My Bloody Valentine met Loveless een album afgeleverd dat het beste is in zijn soort. De enorme lagen feedback, overdubbing en sample zorgen voor een uiterst sfeervolle plaat, die je oren met een sensueel, warm geluidsdeken omwikkelt. Daartussenin zweven dan ergens dromerige vocalen van Kevin Shields en Bilinda Butcher, die meer fungeren als een extra instrument dan als medium van communicatie. Dat alles wordt dan georkestreerd door de droge drums van Colm Ó Cíosóig, die bijna op alle nummers gesampled wordt. Ja, qua klank kan het niet veel beter dan dit, me dunkt.

Gelukkig is ook het songmateriaal on par. Er is een erg goede balans tussen de meer noisy sfeerportretten (To Here Knows When) en de meer standaard nummers (Only Shallow), waardoor het album nooit saai of repetitief wordt. Sommige nummers steunen wel op herhaling, wat niet iedereen zal bevallen, maar de lichtjes pulserende geluidsgolven zouden enige vorm van verveling moeten kunnen voorkomen. Uitschieters noemen is moeilijk, maar doe toch maar Only Shallow, Sometimes, When You Sleep en Soon.

Ten slot nog opmerken dat ook het artwork uitstekend is. De hoes ziet er niet alleen schitterend uit, het is ook een passende visualisatie van de muziek. Gitaar verstopt onder ettelijke lagen roze effecten, dat is Loveless. Terecht al drie jaar op 5*.

My Winter Nerve - Leave It to Science to Solve All Your Problems (2007)

poster
3,0
Rustig voortkabbelende post-rock genre Explosions in the Sky met een vleugje emo (Mineral, Appleseed Cast). Helemaal niet mis, maar niet beter dan hun invloeden.