MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten Edwynn als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Bad Manor - The Haunting (2022)

poster
4,0
Voor wie het nog niet wist: black metal dien je tegenwoordig op cassette te beluisteren. Het Amerikaanse Bad Manor heeft dit gegeven zo bont gemaakt dat de productie erop is aangepast. Dat betekent dat sommige passages bewust jengelig klinken.

Het is iets waar je even doorheen moet. Want The Haunting is nogal een bijzonder werkstukje geworden. Onheilspellend en mysterieus zijn de sleutelwoorden. Met spookachtige orgelgeluiden worden de razende composities aangekleed.

De vocalen zijn compleet geschift en gaaf tegelijk. We horen hier een kruisbestuiving tussen Corporate Death van Macabre en King Diamond. En met name die laatste invloed zorgt ervoor dat The Haunting een sonisch equivalent is van een trip door een vervallen woning waar geesten en demonen verborgen zitten. Waar priemende ogen van op schilderijen afgebeelde figuren je volgen als je door de gang loopt om een krakende trap te bestijgen.

Het is even doorbijten maar daarna staat een unieke ervaring te wachten.

Bal-Sagoth - A Black Moon Broods over Lemuria (1994)

poster
4,0
Eindelijk kwam ik dan eens in aanraking met het debuut van Bal-Sagoth. Een aparte band die ik leerde kennen met het tweede album. Waarbij ik enkel de derde nog heb gekocht en het daarna wel geloofde. Want hoe leuk en apart ook, overdaad schaadt als het gaat om deze narratieve metal.

Het debuut is dan nog iets heel anders. Ik verwachtte hetzelfde. Verhalen over tovenaars, barbaren en goden. Dat is ruimschoots aanwezig maar Bal-Sagoth brengt hier nog een frisse mix van death, black en thrashmetal en houdt de lange narratieven achterwege. Daardoor vallen de intenties nauw samen met de intenties van de vroege Cradle Of Filth. Labelgenootjes destijds.

A Black Moon Broods Over Lemuria is druk, grillig en episch. Net als Principle Of Evil van die andere band. Heel knap geconstrueerd, en rommelig charmant geproduceerd. Met terugwerkende kracht is dit een hele aangename verrassing

Bal-Sagoth - Starfire Burning Upon the Ice-Veiled Throne of Ultima Thule (1996)

poster
3,5
Zoals zovelen hier, kocht ik in de pré-internetstorie vaak dingen blind als ik er maar iets over gelezen had, het van een bepaald label kwam of dat het gewoon een coole hoes was. Ik zou niet meer weten wat in 1996 de doorslag gaf dat ik deze bij de maandelijkse geoogste stapel voegde op de weg naar de kassa van mijn favoriete platenzaak. (White Noise!) In elk geval was ik thuis redelijk in mijn nopjes met het wereldvreemde Starfire Burning Upon The Ice-Veiled Throne Of Ultima Thule.

Natuurlijk is het de verhalenvertellerij hier die van Bal Sagoth iets origineels maakt. De drukke doch niet al te extreme death/thrash/black metal dat ondergedompeld wordt in allerlei dik aangezette toetsenpartijen, wordt erg vaak naar de achtergrond gedrukt om de narratieven van de vocalist van dienst die zichzelf Lord Byron noemde, de ruimte te geven. Die nemen ons mee naar vervlogen fantasiewerelden waar gespierde helden met magische zwaarden het gaan opnemen tegen onsterfelijke goden die snode plannen smeedden om de wereld van dienst voorgoed in grauwe ellende te dompelen.

Het is vooral het werk van Basil Poledouris dat als belangrijkste inspiratiebron gediend lijkt te hebben, Zijn soundtrack voor Conan the Barbarian is al zo verschrikkelijk metal dat het geen gitaren en drums nodig had. Bal Sagoth bedacht de drukke, welhaast proggy riffjes en drumpatroontjes erbij en ging ermee aan de haal. Af en toe wat nijdige vocalen herinneren aan wat meer traditionele (black)metal dat op dat moment ontzettend populair aan het worden was.

Onlangs haalde ik ook het debuut in huis dat toch een stuk traditioneler (lees: meer als Cradle Of Filth) klinkt dan dit apart getinte album. De albums die volgden presenteerden hetzelfde truukje. En ik dat betekent dat voorzichtig geconcludeerd kan worden dat het in orde is met de juiste stand van het hoofd. Je moet er zin in hebben, zeg maar. Bal Sagoth klinkt op Starfire Burning als een op hol geslagen luisterboek dat maar moeilijk de aandacht vast kan houden.

Met de juiste mindset echter, is het dan weer een buitengewoon epische metalplaat waarbij alles wat metal gaaf maakt in de overdrive gaat. Met zowel invloeden van Virgin Steele en Manowar als invloeden uit de extremere metal. Dan snap ik ook weer direct waarom ik dit kocht, als ook waarom ik het debuut en Battle Magic in huis haalde. Het is een uitermate warrig album dat bij tijd en wijle erg goed doet, maar na verloop van tijd ook weer gaat irriteren. Ik ken eigenlijk geen andere artiesten die dat bij mij voor elkaar krijgen.

Bathory - Blood Fire Death (1988)

poster
4,5
Blood Fire Death was het eerste album waarop Quorthon de befaamde vikingelementen introduceerde. Na een stemmig intro met hoefgetrappel en gehinnik van het 8 benige paard van Oden start het album met het heldhaftige A Fine Day To Die. Na een akoestische inleiding gaat het nummer over in een stijdgewoel wat zijn weerga niet kent op comfortabel bang niveau. Onmiddellijke extase treedt in.

Na deze onwaarschijnlijke opening vervolgt de plaat zijn weg op een wat meer vertrouwde manier met het verpulverende The Golden Walls Of Heaven. Eigenlijk bevat Blood, Fire Death ook direct het beste van de hardere Bathory tracks. Holocaust en Dies Irae zijn eveneens bikkelharde zwartgerande thrashgranaten.

Met het oppermachtige titelnummer sluit het album af zoals het begonnen is. Heldhaftig, en majestueus. Hier duiken de akoestische passages weer op. Het serene koorwerk brengt je onmiddellijk weer naar de met bloedbesmeurde slagvelden alwaar de gevallenen de komst van de Walküren afwachten.

Dit gehoord hebbende zal men tot de slotsom komen dat Blood Fire Death een blauwdruk moet zijn voor de moderne black metal. Begonnen als Venom verering schaafde Quorthon aan zijn Bathory en gaf het meerdere gezichten. Twee van de meest graag geziene gezichten komen op dit album op voortreffelijke wijze samen.
Het is bij vlagen episch, overdonderend maar ook bij vlagen vernietigend en bikkelhard.

Bathory - Blood on Ice (1996)

poster
3,0
Na de gedrochten Octagon en Requiem maakte Quorthon met Blood On Ice een zeer welkome terugkeer naar de glorieuze dagen van Hammerheart en Twilight Of The Gods. Meeslepende veelal midtempo gespeelde, epische viking metal dus. Wat mij betreft datgene waar Bathory het beste in was. Niettemin kan ik een lichte teleurstelling niet onderdrukken bij beluistering van Blood On Ice.

Zoals in bovenstaand bericht vermeld, stamt de plaat uit 1989 maar is het destijds niet uitgekomen omdat Forsberg de wereld er niet rijp voor achtte. Het is mooi dat hij alsnog is gekomen, maar het vele knip en plakwerk maken van de plaat een rommeltje. En dat gaat ten koste van de majestueus bedoelde sfeer. En dat element is voor Bathory verdomde belangrijk. Want voor Bathory is het sowieso altijd heel moeilijk gebleken om de prima muzikale ideëen ten uitvoer te brengen.

Als het titelnummer van start gaat komen de grootse koren bijvoorbeeld niet echt goed uit de verf. De vocalen blijven te ver achter in de mix evenals de sologitaar.
In het up tempo One Eyed Old Man staat de zang daarentegen weer veel te ver naar voren. Sowieso vind ik het een matig uitgevoerd nummer. Wel is het een goed idee geweest om tussen alle midtempo geweld wat sneller nummer te plaatsen, maar het nummer mist alle drive en energie om de interesse te wekken. Daar kan de Orson Welles achtige passage niets meer aan veranderen. Verderop lijkt dat idee met Gods Of Thunder Of Wind And Of Rain wel te lukken. Die track bevat wat meer vuur.

Er zijn dus wel degelijk lichtpunten. De folky ballade Man Of Iron is ook uitstekend gelukt. The Woodwoman en The Stallion zijn ouderwets meeslepend. Krachtig, stoer en gespeeld in een comortabel bangtempo. Dan is het niet moeilijk meer om visioenen op te roepen van middeleeuwse krijgers die met hun enorme zwaarden van slagveld naar slagveld trekken een spoor van afgehakte ledematen en geronnen bloed in de ijskoude sneeuw achterlatend.

Het is overigens een conceptplaat. Het is een wraakverhaal waarin het Conanverhaal van pulpauteur Ron E. Howard copuleert met enkele elementen uit de Scandinavische mythologie. Niet bijster interessant, maar het doet recht aan de beoogde sfeer.

Voor de Bathory liefhebber die weet dat Quorthon niet de beste muzikant was die er rondliep, is er uiteindelijk voldoende te beleven op Blood On Ice. Maar het album mist coherentie waardoor de beoogde sfeer slechts gedeeltelijk geschapen wordt. En het materiaal mag daarnaast niet in de schaduw staan van het stilistisch vergelijkbare materiaal op de m.i. geweldige Hammerheart of de latere Nordland albums.

Bathory - Nordland I (2002)

poster
4,0
Na een aantal matige tot zeer slechte albums herpakt Quorthon zich met dit eerste deel uit het Nordland tweeluik.
Qua sfeer wordt ernstig teruggegrepen op de Hammerheart dagen. Mijns inziens de hoogtijdagen van Bathory. Nordland blijkt niet zo goed als Hammerheart, maar komt toch erg dicht in de buurt.

Over de muzikale (on)kunde hoef ik het niet te hebben. Quorthon was eigenlijk een bar slecht muzikant. Waar hij wel goed in was, was het scheppen van een majestueuze, ijzige sfeer die je onmiddellijk meevoert naar de Scandinavische vlakten om je getuige te laten zijn van de woeste slagvelden van de vikingen. Vervolgens klim je aan boord van een schip om daarmee de buitenlandse kusten onveilig te gaan maken.
Zo wordt je doorheen een lang vergeten vikinglandschap gesleept om in uiteindelijk in Walhalla te eindigen.

Dat is het gevoel wat de man met deze album(s) losmaakt. En dat vind ik toch verdraaide knap.

Battle Beast - Battle Beast (2013)

poster
3,5
Een schijfje met twee gezichten. Wel twee leuke gezichten. Dat wel. Enerzijds ratelende heavy metal in het vette Let It Roar, Raven en het agressieve Fight, Kill, Die. Opzwepende nummers met veel vaart. Anderzijds is er de Dokkenachtige luchtigheid van typische 'hair'-meedeiners als Out In The Streets en Into The Heart Of Danger.

De obligate toetsenpartijen zou ik zoveel mogelijk weglaten de volgende keer. De gitaren doen genoeg. Toevallig zag ik ze dit weekend op de planken en daar waren de toetsen nauwelijks te horen. Onbedoeld kwam zodoende de hele handel veel vetter uit de verf dan op plaat.

Dat laat onverlet dat deze Finnen zeer wel in staat zijn om een aantal pakkende hardrock/metalsongs aan de geschiedschrijvingen toe te vertrouwen. Eenmaal in je kop; gaat het er maar lastig uit. Absolute smaakmaker is de flamboyante zangeres Noora Louhimo. Zij is behept met een soort Leather Leone-geluid voor wie dat nog wat zegt. Buitengewoon krachtig in de kopstem. Dat er dan nog een andere bladaap wat regeltjes moet gillen, is me een compleet raadsel.

Geen uitdagende plaat, maar wel een heel onderhoudende. Je moet wel een beetje besmet zijn met een traditioneel metalvirus. Want de clichés gieren als dolle wervelwinden door de groeven heen.

Battlezone - Children of Madness (1987)

poster
3,5
Paul Di'anno's Battlezone was één van die bands waarmee de voormalig Iron Maidenfrontman de eredivisie trachtte te bereiken. Met een muzikale stijl die dan (1987) populair was, zal hij eerder zijn achterban van zich vervreemd hebben dan dat hij zieltjes ging winnen. Denk ik zo.

Children Of Madness was het tweede album in deze samenstelling. Ik vind het wel een geinig plaatje eigenlijk. Het is pure stadionhardrock. Oftewel hairmetal. Maar het is best oké. Opgepompte riffs, aanstekelijke hooks, scheurende solo's en goede vocalen van het opperhoofd.

I Don't Wanna Know (en niet I Don't Wanna Be A Hero) kwam nog wel eens voorbij op Headbangers Ball. Een toegankelijke en typische meebralsong. Het titelnummer is weer wat heavier en direct ook samen met de speedy opener Rip It Up mijn favoriet. Velen zullen het als fout bestempelen, maar wie wel wat kan met de de stevigere kanten van Kissen, de Vinnie Vincent Invasions en de Y&T's uit de jaren 80 kan hier ook wel wat mee. Wie verwacht dat Di'Anno met Battlezone net zo voor dag kwam als op de eerste Maidenreleases zal van een koude kermis thuiskomen.

Behemoth - The Satanist (2014)

poster
4,5
Behemoth heeft nog nooit teleurgesteld. Altijd kwam het trio, aangevoerd door Nergal met kwaliteitsalbums op de proppen. Sinds Satanica ebde het black metal-element weg uit de band en maakte het plaats voor een razende death metal-trein dat zich ontpopte als een soort klein broertje van Nile. Nergal wilde nooit weten dat zijn band in een death metal-band veranderd was. Het doet er ook niet toe. Maar nu ik The Satanist onder de loupe heb genomen, weet ik wel wat ik al die tijd echt gemist heb in Behemoth. Black metal.

Het is cliché om Nergals ziekte bij de haren erbij te slepen om maar te illustreren hoe gemotiveerd The Satanist is, maar ik kan me moeilijk aan de indruk onttrekken dat Behemoth herboren klinkt. Eigenlijk is The Satanist een modern black metal-album met een enorme mystieke diepgang. Dissonante riffs geselen je oren zoals hagelstormen je gelaat kunnen geselen. De vele buien van razernij herinneren aan bands als Deathspell Omega en de moderne Marduk. Natuurlijk is Behemoths eigen smoel heel duidelijk waarneembaar. De brul van Nergal natuurlijk, gelukkig heel naturel gehouden, en het herkenbare drumwerk van Inferno dat net zulke gewelddadige salvo's als altijd afvuurt.

Door de hoge mate van afwisseling komen de furieuze blastpassages extra krachtig uit je speakers gevlogen. Ze worden regelmatig onderbroken door luguber voortslepende passages die klinken als een basilisk dat zich langzaam in stelling brengt om zijn prooi met dodelijke precisie te overvallen.

Ofschoon over de gehele linie het album vrij naturel gehouden is, permitteert men zich in opener Blow Your Trumpets Gabriel het gebruik van sfeerverhogende doses bombast. Verwrongen koren en strijkers die de val van de Hoge Hemelen symboliseren. Ook het afsluitende O Father O Satan O Sun! overweldigt op theatrale wijze. Enkele schaarse solo's leveren de effectieve melodieuze accenten. Ora Pro Nobis Lucifer doet wat dat betreft mij wel eens aan Vital Remains denken.

The Satanist lijkt al het voorgaande werk te overtreffen. Furieus en bloedagressief zoals je mag verwachten, maar tegelijkertijd is er veel dynamiek en weet men weer een ongrijpbare occulte tint aan het muzikale palet toe te voegen. Dat had ik sinds Pandemonic Incantations niet meer gehoord. The Satanist is een Zwarte Mis dat zijn weerga niet kent. 2014 is amper anderhalve maand oud en de apocalyps lijkt zich alweer aan te dienen.

Bell Witch & Aerial Ruin - Stygian Bough: Volume I (2020)

poster
3,5
Op The Mirror Reaper liet Bell Witch al merken een iets lichtere koers na te streven dan op Four Phantoms en Longing. De basakkoorden dreunden minder ruw door en melodie krijgt de overhand. Die lijn wordt ny door getrokken op Stygian Bough Volume I. Ook de gedragen zangpartijen keren weer terug.

Het is even fronsen geblazen bij het akoestische Heaven Torn Low I (The Passage) maar als opmaat voor het navolgende tweede deel is het weer uitermate sfeervol. Dat zal de invloed van Aerial Ruin wel zijn. Net als de uitgewerkte zangpartijen die soms in een soort polyfonisch spel lijken samen te werken zoals in het prachtige afsluitende The Unbodied Air.

Het is een dromerig geheel geworden. Een logisch vervolg op Mirror Reaper. De samenwerking met Aerial Ruin voegt wat singer-songwriteraspecten toe aan het totaalgeluid waardoor de namen Warning en 40 Watt Sun steeds vaker door mijn hoofd zijn gaan spoken. In die zin heeft Bell Witch wel wat aan eigenzinnigheid en heftigheid ingeleverd ofschoon het wel heel sterk in elkaar steekt.

Bestia Arcana - Holókauston (2017)

poster
4,0
Bestia Arcana is nauw verwant aan Nightbringer. Zo nauw (drie uit drie muzikanten zijn/waren actief in Nightbringer) dat ik me afvraag waarom Holókauston niet gewoon een Nightbringer album is. De wegen van de gehoornde zijn ondoorgrondelijk zullen we maar zeggen. Holókauston staat bol van de uitgesponnen composities die bol staan van de wendingen en sfeeraccenten. Een overweldigende ervaring. Eigenlijk klinkt Holókauston net als de laatste twee scheppingen van Nightbringer te weten Ego Dominus Tuus en Terra Damnata. Groots, majestueus en episch. Tegelijkertijd ook bij vlagen woest en agressief.

Veertig minuten spanning en sensatie uitgerold in vier nummers. Waarbij ik het waanzinnige Obscurator er even uitgepikt. Opgejaagd door profetische declamaties raast dit stuk langs een grimmige en verwrongen wereld op zoek naar de definitieve val in de onmetelijke afgrond. Een ware sonische orkaan.

Bewitched - Pentagram Prayer (1997)

poster
3,5
Bewitched bestaat volgens mij nog steeds, maar medio jaren 90 was het een bijzonder geinig bandje waarachter Anders Nyström (Katatonia) en Vargher (Ancient Wisdom) en Wrathyr (Naglfar) schuilgingen.

Wat de Sir zegt is zo raak als een scherpschutterskogel in een nietsvermoedend vijandenhoofd: zwartgeblakerde metal is retro als fuck. In een tijd dat retro eigenlijk 'not done' was. In die zin dus toch weer bijzonder.

Na twee albums met mooi allitererende titels als Diabolical Desecration en Pentagram Prayer ebde het venijn een beetje weg uit de band. Oftewel: ik had het er wel weer mee gezien.

Pentagram Prayer kent net wat meer pakkende stukken dan Diabolical Desecration. Beastchild en Cremation Of The Cross zijn toch verdomme heerlijke klodders metal om je nekwervels op ambachtelijke wijze mee in puin te slaan? Venom, Frost, Sodom, Bathory. De oude varianten dan. U mag Bewitched ongeveer in die hoek zoeken. Gauw even kijken of ik vanuit het slaapkamerraam in het opblaaszwembadje in de tuin kan stagediven.

Beyond Twilight - For the Love of Art and the Making (2006)

poster
3,0
Qua stijl sluit For The Love And Art Of Making goed aan op Section X. Het is wel een lastige kluif. Ik ben er na al die tijd eigenlijk ook nog niet uit. De korte fragmenten halen de flow, voor zover daar sprake van kon zijn, ernstig uit het album.

Finn Zierler legde uit dat het bedoeld zodat het album in allerlei denkbare volgordes afgespeeld kan worden. Zodoende kan het album elke luisterbeurt een compleet nieuwe ervaring opleveren. Dat is verdomme een interessant en origineel idee! De uitwerking daarentegen is bedroevend. Het is noodzakelijk dat de tracks vloeiend in elkaar over blijven lopen. Dat is niet het geval. Er valt met al die onderbrekingen nauwelijks op die manier naar het album te luisteren.

Gewoon van a tot z beluisteren levert dientengevolge het beste resultaat. Ik krijg het gevoel dat de experimenteerdrang boven de muziek is komen te staan. Het gaat ten koste van het fijn uitwerken van melodieën, solo's en natuurlijk de ingesloten emoties. Daarvoor kun je beter teruggrijpen naar de van een traditionele opzet voorziene albums Section X en vooral The Devil's Hall Of Fame.

Beyond Twilight - The Devil's Hall of Fame (2001)

poster
4,5
Vanwege de zinderende toplijstenmakerij van de laatste decennia op het forum kwam ik nog eens langs deze. Hij eindigt hoog in mijn persoonlijke top van de jaren 00 tot 10. Gemakshalve heb ik hem maar even tot metalalbum van de week gebombardeerd. Daar schreef ik onderstaande:

Om het tweede album van zijn band te componeren, trok de Deen Finn Zierler in afzondering een tijd de bergen in met een akoestische gitaar. Hij keerde terug met een muzikaal, technofobisch concept over een man die via een computer zijn eigen brein hackt of zoiets. De reis langs de emoties van de protagonist worden vertaald in een zestal doomy, licht progressieve heavy metaltracks en een tweetal intermezzo's, dat ik qua sfeer nogal eens vind neigen naar Black Sabbath ten tijde van Heaven And Hell.

Bent u daar nog?

Deze acht nummers grijpen de luisteraar namelijk wel direct bij de strot. Er wordt behoorlijk inventief gemusiceerd en wat direct opvalt is dat er eigenlijk altijd in dienst van het nummer gemusiceerd wordt. Geen krachtpatserij op de fret of keyboards. Je verwacht het wel in dit genre, maar missen doe ik het niet. Het zorgt er voor dat het de luisteraar gemakkelijk grip krijgt op de nummers.

De tempo’s liggen niet al te hoog. De meeslepende ritmen geven de plaat een soort doomkarakter mee. De hoofdpersoon beleeft niet de meest fraaie gebeurtenissen uit zijn leven opnieuw. Het beklemmende gevoel van het machteloos aan de zijlijn moeten toezien hoe dingen opnieuw in de soep lopen, is iets wat Beyond Twilight op The Devil’s Hall Of Fame goed weet over te brengen.

Debet aan het overbrengen van de emoties is niet in de laatste plaats de dan ineens overal opduikende Noorse vocalist Jorn Lande. Hij krijgt als enige bandlid de ruimte zijn kunsten te etaleren en tilt de nummers beslist naar een hoger niveau.

Luister eens naar het angstaanjagende Shadowland. Daarin klinkt de man als een psychotische vampier die van kwaadaardig via verdrietig naar berustend schiet in een waanzinnige dialoog met een schim uit het verleden. De ingehouden leadpartij in het midden vind ik ook een opvallend detail. Buitengewoon spannend.

Black Sabbath noemde ik even. Ik denk dat het machtige titelnummer daar het meest duidelijke voorbeeld van is. Een compositie van het kaliber Sign Of The Southern Cross of het titelnummer van Heaven And Hell in een post 2000 jasje.

Met het afwijkende Perfect Dark is de breinreis alweer over. De eerste helft van het nummer lijkt op een muzikale horroronthulling zoals King Diamond er ooit patent op had. Opnieuw is het Lande die de spanningsopbouw precies aanvoelt en verwoordt.

Misschien ben ik wat overenthousiast. Maar het proggy heavy metal wordt niet vaak in een doomy jasje verpakt. Het is juist dat plus de stem van Lande wat me zo aanspreekt. Ik kocht de plaat blind toen hij uitkwam en na al die jaren ben ik er nog steeds ondersteboven van.

Deze in mijn beleving bijzondere Beyond Twilight langspeler verdient zeker meer dan 10 luisteraars cq. stemmers.

Black Sabbath - Cross Purposes (1994)

poster
3,5
Het is toch wel erg leuk om deze met alle hernieuwde aandacht weer eens af te stoffen. 'Cross Purposes' verscheen nadat een kort avontuur met Ronnie James Dio geëindigd was in een conflict over een kortstondige live reünie van de originele Black Sabbath in 1993.

Bijzonder was dat naast de terugkeer van Tony Martin ook het 'sobere' 90s geluid van 'Dehumanizer' plaatsmaakte voor het 80s geluid van 'Eternal Idol' en 'Born Again'. Donderende drums, gillende vocalen en veel reverb. Nummers als 'I Witness, 'Dying For Love' en het geweldige 'The Hand That Rocks The Cradle' liegen er wat dat betreft niet om. Enkel de tekstuele thema's pasten compleet in de tijdsgeest.

Er is ook veel klassiek Sabbath aan boord. Het slepende 'Immaculate Deception' en het afsluitende 'Evil Eye' vallen in die tijdloze categorie. Tony Martin haalt het uit zijn tenen. En de harmonieën geven het geheel een fraaie dimensie. 'Cross Of Thorns' is ook zo'n track die verrijkt is door de zanglijnen van Martin.

Dan is er nog 'Virtual Death'. De enige track die een versmelting met de jaren 90 laat horen. Helaas is dat vanwege de opzichtige verzen die wel heel erg hard van 'Dirt' van Alice In Chains zijn komen waaien. Niettemin een leuk experiment dat misschien wel laat zien dat er nog veel meer in 'Cross Purposes' had gezeten.

Al met al is het een zeer consistente Sabbathplaat die heel amusant is, maar net niet kan tippen aan 'Tyr' en 'Headless Cross'. Op Spotify maakte ik voor het eerst kennis met 'What's The Use?' Een bonustrack die niet op mijn exemplaar staat. En ach, ik miste er ook niet veel aan.

Blind Guardian - Tokyo Tales (1993)

poster
4,0
Barbara Ann had van mij rustig weggelaten mogen worden. Al kan ik me voorstellen dat ik driftig mee had zitten swingen, mocht ik erbij geweest zijn. Wel onder voorwaarde dat ik maar genoeg bier achter de huig had zitten.

Dat gegeven daargelaten, is Tokyo Tales een bijna perfecte momentopname van de opmars van Blind Guardian in de jaren 90. Somewhere Far Beyond is het actuele album en afgezet tegen de vroegere albums zijn de composities daarop voorzien van rijkere arrangementen. Op Tokyo Tales worden alle tierlantijnen echter achterwege gelaten en krijgen we eigenlijk gewoon een flitsende speedmetal oefening voor de kiezen.

De opmerking 'jonge hondengehalte' is terecht en is ook precies hetgeen mij hier over de streep trok. Wat een gretigheid spreidt Blind Guardian hier ten toon. Nummers als Banish From Sanctuary en de ultieme Blind Guardianuitsmijter Majesty klinken inderdaad beter dan hun studiovarianten.

Wel trek ik soms mijn twijfels bij de koortjes. Het is frappant dat het Japanse publiek ze welhaast perfect inzet en ik vermoed dan ook enige manipulatie. De manipulatie is in dat geval wel heel treffend gedaan want Blind Guardian bereikt met behulp van de koortjes het beoogde epische effect ruimschoots. Smullen geblazen dus!

Blitzkrieg - Blitzkrieg (2024)

poster
3,5
De nieuwe Blitzkrieg komt op enkele NWOBHM en traditionele HM fora naar voren als de aanvoerder van de jaarlijsten. Voor was dat mij de reden om hem toch eens even de revue te laten passeren in mijn beduimelde crypte. En ik werd er wel redelijk door verrast. Blitzkrieg is geen band die ik op de voet volg.

Ooit kwam het in mijn vizier omdat Metallica hun lijflied ooit coverde voor de B-kant van de Creeping Death single. Op een enkel deuntje na, geloofde ik het eerlijkgezegd allemaal wel. Maar bij een kleine groep liefhebbers is deze regelmatig van bezetting wisselende band behoorlijk populair. Schijnt. Wie weet zit ik er zelf ook naast en heb ik nog een slag te slaan in hun discografie.

Blitzkrieg brengt heavy metal in zijn puurste vorm. Ze weet middels dit nieuwe album de luisteraar om de vinger te winden met een knallend geluid en enkele opzwepende songs. Vooral Judas Priest wordt aardig op de hielen gezeten als het gaat om aansprekende songschrijverij. Energieke dingen zoals opener You Won't Take Me Alive en het epische Dragon's Eye kletsen er overheen als een roedel motorbendeleden die wat uitzoeken voor hun liefjes in de opheffingsuitverkoop van de Blokker.

Niet allen ding als If I Told You is vanwege zijn saaie groove daarentegen weer wat flauwer, maar de boventoon is buitengewoon aardig. Met de epsiche ballade Aphrodite's Kiss wordt met flair afgesloten. De kniesoor zal een album als dit uiteraard clichéstapeling noemen, maar deze clichés houden de traditionele metal wel in leven.

Mijn enige grote struikelblok is de schier ongeïnteresseerd klinkende zang van Brian Ross. Alsof hij door zijn pa en ma verplicht op zondagmorgen met de psalmen in de kerk mee moet zingen, werkt hij zijn lijntjes hier af. Dat doet echt afbreuk aan het geheel. Verder ligt er een ontzettend leuke plaat op de mat voor de liefhebber van de ouderwetsche NWOBHM-stroming.

Blut Aus Nord - Disharmonium - Nahab (2023)

poster
4,5
Als de dolende zielen dezes zich al tot in lengte van jaren wentelen in de hersenspinsels van H.P. Lovecraft, kan het bijna niet anders dan dat de machtige Cthulhu uit zijn hibernatie zou ontwaken en alles wat over hem aan de occulte geschriften wordt toevertrouwd, komt bedelven met zijn van onmenselijke stank omgeven excrementen.
Misschien dat daarom de mix van het verse hoofdstuk van de kronieken van Blut Aus Nord opnieuw compleet ruk is.

Het is dat het Franse genootschap andermaal een ongrijpbare atmosfeer neerzetten dat aan blijft trekken. Zo ook weer op het tweede uit de Disharmonium reeks. De mens die doorbijt, mag zich verheugen op een sonische horrortrip die we van de band kennen.

Persoonlijk vind ik de algehele uitstraling aantrekkelijker dan de voorganger. Maar dat zit hem in kleine details. Louter een eerste luisterbeurt helpt daarbij niets. Het is interessant genoeg om door te bijten. Dan wacht een zoete beloning.

Of de strontkar van Cthulhu..

Bob Dylan - Rough and Rowdy Ways (2020)

poster
3,5
Ja, wat moet deze gozer nu weer bij een Bob Dylan-ding zul je denken? Maar heel stiekem heb ik in mijn kast die uitpuilt van duivelse en kwaadaardige sonische terreur toch een twintigtal albums van Dylan verstopt.

Ergens ben ik wel opgehouden met het verzamelen van dingen van Bob Dylan. Maar via de spotfiets kan ik toch op de hoogte blijven en zo staat het nieuwe album hier ook wel eens aan. Over het algemeen vind ik het een zeer 'oprecht' klinkende plaat. Waarbij ik de schurende stukjes blues er echt bovenuit vind steken. In die zin is het jammer dat het album opent met een sloom lied dat uit een sentimentele zwart-witfilm op MGM classic lijkt weggewandeld te zijn. Anderszijds zet je dat wel weer lekker op het verkeerde been want het is genieten geblazen als False Prophet zijn tijdloze akkoorden op je loslaat. Sowieso vind ik de ballades dit keer ietwat slaapverwekkend. Mother Of Muses bijvoorbeeld is net als I Contain Multitudes echt niet vooruit te branden. Al is de tekst wel weer fraai natuurlijk. Black Rider uit dezelfde categorie vind ik daarentegen wel redelijk geslaagd. Zeggingskracht is het toverwoord.

Gelukkig worden die momenten af en toe sterk opgevangen door ingehouden verhalenvertellerij van Cross The Rubicon en het navolgende Key West dat echt heel sfeervol is. Murder Most Foul wordt als klapstuk gepresenteerd maar ook dit is weer een kabbelend ding dat weliswaar wel iets aan opbouw lijkt te doen maar waar de motor vervolgens nooit gestart wordt.

Het is een leuk album om bij tijd en wijlen aan te hebben. Zonder meer. Maar sommige stukken vind ik ietwat te gezapig om niet te willen overslaan.

Bon Jovi - Burning Bridges (2015)

poster
2,0
Goed, het hele ding een paar keer gehoord hebbende, valt het stemmige A Teardrop To The Sea mij als positieve uitschieter op. Een gevoelige track waarvan het op zijn minst gewaagd is om het bal ermee te openen.

Jammer dat het vervolg onder de grauwe middelmaat schiet. Vervelende pogingen om tot die nieuwe anthem te komen. We Don't Run en Saturday Night zijn weer eens verstrikt in de genadeloze strengen van bloedeloosheid waarmee de automatische piloot van de frontman ook niet eens meer wíl worstelen.

We All Fall Down lijkt tegen het geluid van Sambora's Undiscovered Soul aan te schurken. Een song met een typische jaren 90 feel. Alleen blijft de 'soul' voorlopig 'undiscovered'. De brug en de solo daarna zijn kort maar smaakvol. Dat is een klein lichtpuntje dar het vermelden waard is. Om vervolgens door het zeikerige Blind Love weer terug de duisternis ingerost te worden.

Zo blijft het behelpen met de mannen uit New Jersey. Het zal ze een zorg zijn want de stadions blijven vollopen. Het valt op dat op Burning Bridges wel geprobeerd wordt om de stemmigheidskaart te trekken. Veel balladesk materiaal met af en toe een moment dat doet opveren. De opener is daarvan een voorbeeld en ook het getergd klinkende Who Would You Die For schaar ik daaronder. De track is mooi van opzet maar lijkt niet af te zijn. Ineens is het over en zit je met je ontredderde kadaver in het kabbelende Fingerprints

De spaarzame rockers zijn om te huilen. Life Is Beautiful en I'm Your Man zijn gespeend van al het vuur en houdem voortdurend de handrem erop. Zelfs I'm Your Man van Wham! rockt nog harder.

Burning Bridges is dus een tussendoortje met nieuwe nummers. Het sluit naadloos aan op wat Bon Jovi de afgelopen vijftien jaar uitvrat. Wel of geen Richie Sambora, het maakt allemaal geen zak uit. De spaarzame lichtpuntjes wegen niet op tegen het grote aantal dieptepunten. Het waakvlammetje wil maar niet ontbranden tot een laaiende vuurzee. De belangen van het imperium zijn kennelijk nog te groot.

Bruce Dickinson - Scream for Me Brazil (1999)

poster
4,5
Je zou kunnen zeuren over het feit dat er maar weinig tot geen nummers van zijn vroegere albums zijn geselecteerd voor een heus Dickinson live album. Neem bijvoorbeeld het fantastische Skunkworks. Volledig genegeerd. Ook zou je kunnen zeuren over waarom Powerslave en The Prisoner van Dickinsons broodheren, die wel op de setlist stonden niet uiteindelijk op Scream For Me Brazil terecht zijn gekomen. Zeuren kan ook over wat er allemaal dan wel of niet in een studio is bijgesmeerd op de geluidsbanden van zo'n optreden.

Zou kunnen. Maar doe ik niet. Want dat valt allemaal in het niet als je een album als Chemical Wedding op zak hebt. Een album waar niet vaak genoeg uit geciteerd kan worden. Die paar hoofdstukken uit Accident Of Birth en dat piepkleine beetje Balls To Picasso nemen we dan maar op de koop toe.

Tel daarbij op het broererig schreeuwende Braziliaanse publiek, de moddervette performance van de begeleidingsband en een opperhoofd die zich als een volgevreten piranha in de Amazonerivier voelt bij het plechtstatige aankondigen van die onvolprezen Chemical Wedding hoofdstukken en u heeft een liveregistratie in handen die het aanhoren meer dan waard is.

Bruce Dickinson - The Chemical Wedding (1998)

poster
4,5
Bruce Dickinson ontstijgt in mijn beleving al zijn voorgaande (ook al vrij divers gesorteerde) solowerk met groot gemak. De vergelijking met albums als Powerslave of Piece Of Mind zou ik onterecht vinden. Ik vind Chemical Wedding buiten de stem wel een iets andere uitstraling hebben dan de jaren 80 Maiden. Ik snap wel dat een Maidenfan iets sneller bij Bruce Dickinson terecht komt dan iemand anders maar zo eentje kan ook weer vrij gemakkelijk teleurgesteld rechtsomkeert maken. Dat is niet gebeurd. Over het algemeen wordt de kwaliteit die in het album zit wel erkend en gewaardeerd.

Bruce Dickinson en Roy Z zoeken én vinden een vrij eigenzinnige, mystieke sfeer en verweven dat met een voor Dickinsonbegrippen met een vrij zwaar geluid. Een mooie halfgedrogeerde ballade zoals Gates Of Urizen staat ook niet eens heel gek naast een haast huppelend nummer als The Tower, het uitgesponnen geweld van Book Of Thel of het meezingbare Trumpets Of Jericho. Veel gezichten, één ziel. Een chemie goed voor een duurzaam en bestendig huwelijk. Chemical Wedding dus.

Bruce Dickinson - The Mandrake Project (2024)

poster
4,5
Het is negentien jaar na Tyranny Of Souls dat we weer nieuw solowerk van Bruce Dickinson mogen verwelkomen. Opnieuw is de samenwerking met Roy Z. gezocht. Beide singles die voorafgaand aan de release verschenen, laten een herkenbaar Dickinsongeluid horen dat het nieuwe album een direct vervolg op Accident Of Birth, Chemical Wedding en Tyranny Of Souls is. Niets blijkt minder waar. Natuurlijk passen Afterglow Of Ragnarok, Rain On The Graves in dat stramien. En navolgend passen Eternity Has Failed en Mistress Of Mercy er ook wel in.

De overige nummers laten een andere Dickinson horen. Eentje die af en toe wat teruggrijpt op Tattoeed Millionaire en Balls To Picasso. Maar dan wel op een hele eigenwijze en eigentijdse manier zodat The Mandrake Project een hele eigen identiteit heeft. Daarmee is het een album geworden dat ik niet helemaal verwachtte. Maar toch eentje die wat mij betreft beklijft. Het is natuurlijk de kleine zestiger zelf die de nadruk legt op en kleur geeft aan de diversiteit aan songs. Met veel pathos werkt hij zich door zijn zanglijnen heen. Dickinson is een meester in het toepassen van dictie. Het is welhaast een toneelspeler.

In dat opzicht valt Many Doors To Hell op. Een redelijk traditionele hardrocksong. Maar in de verzen horen we veel David Bowie. En dat contrasteert dan weer met een krachtig ingezet refrein. Daarmee komt het album op afstand van Iron Maiden te staan.Resurrection Men pakt uit met een Americana feel. Het Shadowsgitaartje dat abrubt verstoord wordt door vlotte riffs maakt het nummer interessant en sfeervol. Fingers In The Wound zet in met keyboards en is daarmee ook een stuk luchtiger dan het openingsnummer.

Eternity Has Failed is een bewerking van If Eternity Should Fail. Het nummer was al bedoeld voor een volgende Dickinsonplaat. Zoals bekend eindigde het op Book Of Souls. Een beetje vergelijkbaar met Bring Your Daughter To The Slaughter dat ook via de solocatalogus op een Maidenplaat eindigde. Eternity Has Failed is naast flink ingekort ook tekstueel wat aangepast. Naar analogie van de veranderde titel is het een soort reprise danwel conclusie van het oorspronkelijke nummer.

Het meest verrassend vind ik de drie slotstukken. Daarin gaat het tempo danig naar beneden om min of meer niet meer omhoog te gaan. Een finale met drie ballades beginnende met het akoestische Face In The Mirror. Een mooi maar niet opzienbarend rustpuntje met een persoonlijke tekst. Shadow Of The Gods volgt het idioom van een heavy ballad. Ruimte voor de zanger om zich te profileren.

Het mooist wordt voor het laatst bewaard. Het gothisch getinte Sonata meandert bijna tien minuten langs je buis van Eustachius. Alles wat je verwacht, gebeurt net niet en daarmee is het toch een fraaie en sfeervolle song.

Rondom het album hangt ook een één of ander concept. Een stripverhaal zat bij het mediabook dat ik heb aangeschaft. Ik ben er nog niet aan toegekomen. Maar ik begrijp dat dit uitgemolken gaat worden met allerlei vervolgstripverhalen. Ik geloof het allemaal wel. Uiteindelijk ben ik erg onder de indruk van waarmee Dickinson ons om de oren slaat. Als ik bijvoorbeeld Accident Of Birth erbij pak, meen ik dat The Mandrake Project toch veelzijdiger is. Het is in elk geval eigenwijs om niet geheel op die succesvolle plaat voort te borduren. Over het album hangt een heerlijke mystieke sluier en dat geeft het geheel extra cachet.

Al met al een album waar heel veel op te ontdekken valt. Buiten de zang gebeurt er van alles en nog wat. Van vet riffwerk tot subtiele inkleuringen. Het blijft mooi om te zien hoe Dickinson loskomt van Iron Maiden in zijn solowerk en van een aantal heavy en wat minder heavy songs een coherent geheel kan maken.

Burzum - Filosofem (1996)

poster
4,5
Filosofem blijft ondanks alle ontwikkelingen binnen het zwartmetalenspectrum een buitengewoon intrigerend album.

Destijds kocht ik de uitgave in A5 formaat met prachtige illustraties van Theo Kittelsen en enkele onbestemde verhalen die bijdragen aan de licht dreigende doch neergeslagen sfeer van deze plaat.

Dunkelheit opent het bal en is alvast een bekend repeterend Burzumverhaal. Ware het niet dat het al direct tegen de doom aanleunt. Het navolgende Jesus' Tod is wat gewelddadiger en nodigt met zijn stuwende tempo de nekspieren uit om in beweging te komen. De teksten zijn bijzonder. Prozaïsch haast en heel atypisch voor blackmetal.

Erblicket die Töchter des Firmaments is opnieuw een onversneden doomtrack met enkele hele aardige subtiliteiten. Het nummer sleept zich somber en peinzend naar het eind. Het tijdsbesef vervagend.

Gebrechligkeit I en II zijn een stuk ambienter en lijken ook wat voorzichtige drone uitstapjes te bevatten. We lachen wel eens op 's mans simpele composities maar zo effectief als hij ze neerzet, kom ik niet tegen.

Dat geldt ook voor het lange dungeonsynth stuk dat Rundgang um die Transzendentale Säule der Singularität werd gedoopt. Daar moest ik enorm aan wennen. Het was voor het eerst dat ik werd gegrepen door dit dit soort geluiden. Maar ik heb daarna veel elektronica geprobeerd en gezien dat vrijwel niemand in de buurt komt van de ongrijpbare sfeer die de Graaf steeds neerzet. De zich steeds herhalende loopjes brengen je weg naar een andere tijd en laten je via het slotstuk weer langzaam ontwaken.

Eigenlijk culmineerde de man hier zijn voorgaande werk en maakte er zijn magnum opus van.
Hoe omstreden ook, ik ben te gek op het desolate gevoel van Burzum om het te verbannen.