MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten Edwynn als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Abigor - Leytmotif Luzifer (2014)

poster
4,0
Abigor sluisde altijd in de zwartgeschroeide slipstream van de Noorse collegae mee. Het leverde wat mij betreft albums op die niet al te origineel waren doch voldoende genietbaar om de zwarte vlam in het perverse binnenste brandende te houden.

Zo dreven Nachthymnen en Supreme Immortal Art op dezelfde diabolische golven als Emperor en Satyricon. Het latere Fractal Possession haakte in op de post apocalyptische en industriële golven die links en rechts om zich heen grepen. Het gloednieuwe Leytmotif Luzifer heeft het vizier weer op Frankrijk gericht. De dodelijke precisie van bands als Deathspell Omega en aanverwanten dient als mal voor deze ambitieuze overlevering. Ambitieus omdat er een ingewikkeld filosofisch concept aanvast hangt over zeven verleidingen van de mensheid. En ambitieus omdat de nieuwe zakelijkheid van de moderne black metal tot in de perfectie beheerst wordt. Zo groeit Abigor mee met de tijd.

De kille tentakels van Leytmotif Lucifer kruipen vrij snel naar het strottenhoofd. De verstrengeling is beklemmend en blijft beklemmend. Stukken als Stasus en Indulgence gummen gedachten aan genrevoorbeelden vrij snel uit met stevige muzikale uitdagingen en bovenal een duistere Bijbels aandoende atmosfeer.

Het geheel komt ook nog eens in een schitterend pakket met fantastisch artwork. Zo kun je zomaar weer wedijveren met de nieuwste van Mayhem. Al is die laatste net een tikkie uitdagender. Leytmotif Lucifer is onder aan de streep gewoon een uitstekend stuk nieuwe black metalzakelijkheid.

Absu - Absu (2009)

poster
4,5
Absu is niet echt een produktieve band. Voorganger Tara verscheen alweer in 2001. Maar dan heb je wel wat vind ik. Absu combineert op haar laatste evocatie de blackened thrash van Tara en Third Storm Of Cynthrayl met de meer epische geluiden van the Sun Of Tipareth en in iets mindere mate Barathrum V.I.T.R.I.O.L.
Dat levert een interessante synthese op die zich in eerste instantie niet direkt openbaart. Klonk Tara nog wat bewust amateuristisch en had het juist daardoor een ontzettend ruwe uitstraling, dan is het geluid op Absu een stuk netter en beheerster. Een netter en beheerster geluid betekent dat er net even wat meer diepgang in de nummers gebouwd kan worden. De nummers zitten stuk voor stuk boordevol interessante wendingen. Soms klinkt het heel sfeervol en magisch om op het volgende moment weer los te barsten in een wild thrash orgasme. Afwisseling troef dus.
De teksten zijn behoorlijk onbegrijpelijk, maar ongetwijfeld zal er eer verhaald worden uit rijke Keltische tradities. Het gevoel ervan weet men in ieder geval wel degelijk over te brengen. Absu brengt haar epiek en dramatiek in zeer compacte vorm en levert daarmee een plaat af waarvan de houdbaarheidsdatum ver in de toekomst ligt.

Absu - Tara (2001)

poster
4,5
Sinds The Third Storm Of Cynthraul is het Texaanse Absu afgestapt van de geijkte death/black paden die de band bewandelde. Ofschoon Absu op haar eerste twee albums toch zeker ook met een heel eigen gezicht voor de dag kwam. De thrashende lijn die op het album uit 97 werd ingezet wordt op Tara voortgezet. Zij het dat dit keer de nummers net wat meer focus hebben en ook wat beter uitgewerkt worden. Wat overeind blijft, is het mystieke concept dat Absu diepgang en sfeer geeft.

De combinatie met de primitieve garageproductie is apart en maakt het geheel ook erg ontoegankelijk, maar dat kastijdende geeft Tara gelijktijdig ook veel kracht. De drums van opperhoofd Sir Proscriptor McGovern springen nog het meest in het oor. Die staan zeer prominent in de (soort van) mix en versplinteren de schedelpan tot gruis en vermalen vervolgens je weke hersenmassa tot een hoopje stinkende pulp.

Denk aan een technischere variant van Pleasure To Kill of een Eternal Devastation, zet daar wat mysterieuze elementen bij en je komt enigszins in de buurt van datgene dat Absu hier biedt. Liefhebbers van de meer extremere thrashvarianten moeten zich hiermee zeker kunnen vermaken.

Absu - The Sun of Tiphareth (1995)

poster
4,5
Het mythische concept rondom Absu heeft mij altijd mateloos aangesproken. Die thematiek weet, gekoppeld aan de onstuimige thrash een bijzondere dimensie toe te voegen. Maar nog nooit klonk de Amerikaanse band zo opgeruimd als op The Sun Of Tiphareth.

In feite komt dat doordat Absu veelvuldig flirt met de dan in zwang zijnde tweede blackmetalgolf. Door toepassing van veel akoestische passages, meeslepende harmonieën en niet in de laatste plaats door de voorkomens van de bandleden. Alle deathmetal is uit het geluid verdreven en een keur aan stokoude thrashinvloeden worden welkom geheten.

Het meeslepende karakter van het machtige openingsepos verraadt al meteen verwantschap met de blackmetalwereld. Zij het dat Absu opgeruimd en netjes klinkt. De heldere gitaarpartijen, het grillige maar functionele drukwerk is wat Absu onderscheidt van de blackmetalwereld.

Het mooist zijn wel de extra toevoegingen van gedoseerd toetsenwerk en akoestisch getokkel zoals aan het slot van A Quest Into The 77th Novel. Daardoor ontstaat een grimmige doch magische sfeer met een uitwerking die ervoor zorgt dat een plaat als The Sun Of Tiphareth nooit gaat vervelen.

Accept - Blood of the Nations (2010)

poster
4,0
Accept keert anno 2010 zonder Udo toch onverwacht sterk terug aan het metalfront. De laatste keer dat ze een andere zanger hadden, was iets minder succesvol verlopen.
Udo zelf had het liever anders gezien, maar Wolf Hoffmann geeft terecht aan dat hij en de andere Accept bandleden gewoon willen spelen zoals ze dat altijd gedaan hadden.

Blood Of The Nations heet de jongste telg en Mark Tornillo is de nieuwe zanger. Hij is mij onbekend maar hij ziet er in ieder geval uit als een oude verlopen, motorrijdende rocker en hij klinkt als een kruising tussen Dirkscheider en Jon Oliva. Dat kan in dit geval dus zeker geen kwaad.

Qua stijl gebeurt er uiteraard niks schokkends. Alhoewel ze het meest teruggrijpen op het geluid uit de jaren 80. Er zijn weer wat whoohoo koortjes te horen in Teutonic Terror bijvoorbeeld. Dat doet natuurlijk automatisch denken aan Balls To The Wall. En dat is natuurlijk net als thuiskomen na een lange tijd te zijn weggeweest.

De tracks zijn lekker afwisselend en doen qua gitaarspel ook best weer vaak denken aan Judas Priest.
Men trapt stevig af met Beat The Bastards. Er wordt gas teruggenomen in het imponerende The Abyss. Een epic is er weer in de vorm van Shades Of Death. En zo is er voor de doorsnee heavy metalliefhebber een hoop aardigs te beleven.

Tornillo voelt zich als een vis in het water en de band klinkt erg enthousiast. Liefhebbers van Accept hoeven dit beslist niet links te laten liggen.

Accept is back.

Accept - I'm a Rebel (1980)

poster
3,0
I'm A Rebel heb ik niet vaak aanstaan, maar ik vind het stiekem altijd wel weer leuk als ik het hoor. Het punky titelnummer is vanwege zijn heerlijke meebrulrefrein alvast een lekkere binnenkomer. en dan is het in het navolgende Save Us wel even slikken met die Abba-koortjes en dito discoritme wat met name door het baswerk wordt aangewakkerd. Maar toch: tegen het einde zit papa wel een beetje te swingen. Een feelgood hardrocktrack tot en met. I Wanna Be No Hero drijft ook op zo'n discobeat. Heel erg Kiss maar ook heel erg aanstekelijk.

Wat betreft de ballades moet No Time to Lose het wel afleggen tegen het machtige Seawinds van het debuut. Baltes zingt hier trouwens wel weer lekker down. In The King hoor ik ook veel motiefjes terug van andere 70s rockbands die wel eens ballade doen. Van Rainbow tot Scorpions. Op zich niet slecht maar niet heel bijzonder

Met Thunder And Lightning horen we dan voor het eerst wel de latere Accept. Stuwende heavymetal met als smaakmaker de harmonietjes die Wolf Hoffman er sporadisch tussen propt. Natuurlijk is er een meezingbaar refrein. China Lady is weer pure hardrocktrack die qua opzet doet denken aan wat de Scorpions in die tijd ook deden. Natuurlijk is het Dirkschneider die het dan met zijn karakteristieke stem het Acceptgezicht geeft.

Dan houden we Do It nog over dat de boel vrolijk rockend en groovend afsluit. Accept is altijd sterk geweest in het bedenken van hooks in songs die van kop en staart zijn voorzien. Het blijft allemaal gemakkelijk hangen en dat is op I'm A Rebel ook al zo. Wel hoor je dat de band nog niet echt een eigen stijl had en behoorlijk grabbelde uit het repertoire van de voorname bands uit die tijd. Dat neemt niet weg dat dit een best een amusant album is om zo nu en dan eens uit de kast te halen.

Accept - Predator (1996)

poster
3,5
Predator is wel een merkwaardig album. En misschien ook wel illustratief voor hoe Accept gedurende de 80s zichzelf in de markt had willen zien. Natuurlijk worden ze geroemd om de rampestampers die Fast As A Shark of Breaker nu één keer zijn. Maar is het niet de aparte US uitgave het Breaker album, de luchtige songs die op elk album wel staan en de de uitverkoop van Eat The Heat die laten zien dat Accept altijd op het grote podium hebben willen staan?

Wie dan denkt dat de platenmaatschappijen daar schuldig aan zijn, moet maar eens Predator onder de loep nemen. Accept was in de 90s vrij om te doen wat ze wilde en Objection Overruled en Death Row waren vrij ouderwets te noemen.

Maar als Hard Attack hier het album aftrapt, horen we een vrolijke stadionrocker die zo van een Tyketto-plaat af lijkt te komen waaien. Het is ook direct een goed visitekaartje voor het album want ook de andere songs laten een Accept horen die heel veel naar de hair uit de begin van de jaren 90 hebben geluisterd. Dat was tijd dat de 80s bands met een droger geluid hun veldtocht voortzetten om dan toch door de komst van de houthakkersbloezen gestopt te worden.

Het is dan ook weer heel erg Duits om in 1996 met zoiets aan te komen. Ze hebben schijt aan heersende trends en dat is zonder meer te prijzen. Af en toe wordt er wel een poging gedaan om agressief te doen door een hoekige riff maar van echt doorbijten is geen sprake. Het dreigende titelnummer heeft wel genoeg charisma om te overtuigen met zijn lome doch alerte sluipritme.

Zo'n nummer als Lay It Down had op Revenge van Kiss kunnen staan. Zelfs Peter Baltes doet er zijn beste Gene Simmons imitatie voor. Het zou beschamend zijn als ik niet toch stiekem zit mee te wiegen. Want eerlijk is eerlijk, Accept weet altijd wel een goede song neer te zetten. En dat doet ze hier ook gewoon. En ik ben niet vies van een beetje commerciële meuk op zijn tijd. Eat The Heat vind ik ook gewoon een goede plaat.

Crucified en Take Out The Time herinneren wel aan de klassieke Accept. Met van die typische gitaarloopjes en solo's die we van Hoffmann gewend zijn. Zelf ga ik het hardst op de voorlaatste drie tracks. Take Out The Crime, Don't Give A Damn en Run Through The Night zijn heerlijk vlotlopende nummers waarbij ik niet stil kan zitten. Primitive vaart mee met industrial hausse en is daarmee de vreemde eend in de bijt. Dit is niet heel fantastisch en doet wat denken aan hoe Guns n Roses Illusion 2 afsloot met My World. Al kan ik me ook voorstellen dat men Michael Jackson in het achterhoofd had, toen het dit opnam.

Al met al is Predator helemaal geen onaardige plaat. Je moet alleen wel van luchtige, melodieuze hardrock houden.

Acephalix - Interminable Night (2011)

poster
4,0
Hallo Peter Tägtren, Jacob Hansen, Dan Swano of hoe jullie gerespecteerde metalproducers ook allemaal mogen heten. Willen jullie als de sodemieter eens naar Interminable Night van Acephalix gaan luisteren? En dan vooral eens letten hoe je met een fractie van het gage dat jullie vragen een metalproductie kan neerzetten die wel TWINTIG keer vetter klinkt dan alles wat jullie tezamen in elkaar hebben geprutst.

En dit is dan nog wel een compilatie van twee demo's die de heren de afgelopen twee jaar opgenomen hebben.

Het Amerikaanse Acephalix is een voormalige crust/punkband die zich sinds enige tijd aan de oldschool deathmetal laaft. En wel op de Zweedse manier. De punkinvloeden zijn nog wel waarneembaar. Het geeft juist een scherpe thrashy feel aan het moddervette deathgeluid.

Onmiddellijk schieten namen als Entombed, Dismember, Grave en een beetje Bolt Thrower door het hoofd. We horen dus ook niets nieuws onder de zon. Maar wat een enthousiasme en wat een stel te gekke nummers. En wat een overweldigend geluid. Het oermetalgevoel komt weer helemaal tot leven bij Interminable Night.
Spijkerjacks aan, spijkerbanden om, kogelriemen om en u bent klaar voor de ultieme plundertocht.

Acherontas - Malocchio: The Seven Tongues of Δαημων (2022)

poster
4,0
"Er komen tribunalen!" werd er plompverloren in onze nationale vergaderzaal geroepen. Nou, hier zijn ze. Wel zeven. Zeven duivelse poortwachters met wie je te maken krijgt als je dit op je speler durft te leggen. De hel is weer eens dichtbij de mensen gebracht. Acherontas is een Grieks orkest dat al een tijdje actief is, maar Malocchio pakt wel even uit met een zinderende moderne amalgaam van occult klinkend zwartmetaal.

Soms raast de band als een ongecontroleerde orkaan en soms keert men zich verstild in zichzelf. Daar tussenin horen we soms wat ritualistisch klinkende geluiden die het gevoel accentueren dat we in een heksenmis zijn beland. Het meest aparte is dat er in al dat geweld soms hele toegankelijke gitaarpartijen opdoemen die weer herinneren aan de ouderwetse heavy metal van weleer. Wanneer de band de dissonante kaart trekt, is ook meteen het onderscheid met inspiratiebron Deathspell Omega diffuus aan het worden. Dat is wel jammer omdat juist de wijze waarop Acherontas de boel bijelkaar veegt, een onderscheidend karakter oplevert. Daar had wat meer aandacht voor mogen zijn.

Verder hoor je mij niet klagen als mijn vrouw komt vragen of er toevallig een vorkheftruck door de achterpui naar binnen is gereden terwijl even daarvoor het pastorale intro van Hecate - Queen of the Crossroads plaatsmaakte voor een ongekend blastfestijn.

Agent Steel - Skeptics Apocalypse (1985)

poster
5,0
Price Killer is in thrashkringen een behoorlijk gewilde serie. Sommigen zijn net wat zeldzamer dan anderen. Hier staan ze op een rij. Ze zijn echt geld waard.
Het zijn lelijke uitgaven maar in veel gevallen de eerste uitgave op cd van veel titels. Soldiers Of The Night van Vicious Rumors staat volgens mij aan kop in de prijzenidioterie.

Van Skeptics Apocalypse had ik eerst een LP en nu de Century Media heruitgave. Een prima uitgave afgezien van de nogal nietszeggende bonustracks. Ofschoon ik van The Unexpected weleens een studioversie had willen horen.

Skeptics Apocalypse heeft op mij in elk geval een onuitwisbare indruk achtergelaten. De perfecte combinatie tussen thrash en opgevoerde heavy metalelementen. Hakkende riffs en geweldige solo's en gillende vocalen van aluhoedje in het kwadraat, John Cyriis. Speed metal dus. De boel klinkt als een demo en dat doet het m.i. altijd goed in dit genre.
De geschifte X Files teksten waren zijn tijd vooruit in de jaren 80.

Jammer dat Cyriis alweer weg is. Het was een droom de band eens samen met dit cultfiguur te zien optreden.

Agent Steel - Unstoppable Force (1987)

poster
4,5
Het werk van Agent Steel met John Cyriis behoort wat mij betreft tot de fijnste speedmetalmomenten ooit.
Unstoppable Force was al iets meer uitgebalanceerd dan het voorgaande Skeptics Apocalypse dat als een UFO door hyperspace aan je voorbij raasde. Unstoppable Force stopt ondanks de titel toch regelmatig om even te genieten van het uitzicht.

Met de metalballades Still Searchin, Traveler die als absolute rustpunten in de mysterieuze mist die uit de Bermuda driehoek opdoemen zal het voor menigeen even slikken zijn geweest. Maar die vreemde ondefinieerbare diepte die in Agent Steels muziek zit, blijft wel gehandhaafd. En dan is er ook nog die epische instrumental die als The Day At Guyana door het leven gaat. Stukken as het titelnummer, Never Surrender en Rager klinken daarentegen lekker vertrouwd.

Wat ook vertrouwd is, is de bizarre wereld van zanger John Cyriiss die zich in de teksten gereflecteerd weet. De illuminati zijn onder ons. Ze hebben de weg bereid voor de buitenaardsen die dankzij hen onopvallend in onze wereld kunnen resideren door ze via tekens bij de pyramide van Gizeh de atmosfeer in te geleiden. De stuiptrekkingen van de bovennatuurlijke krachten binnen de Bermuda Driehoek zullen de ware Verlichten doen ontwaken. En zij zullen ten strijde trekken...

Het is maar afwachten of John Cyriiss echt een serieus vervolg kan brengen op die legendarische albums van vroeger. Met alles wat er zich afpeelt rondom 5g lijkt de tijd er rijp voor. Als Juan Garcia kan stoppen met zijn talent te verdoen bij Body Count zou de weg nog meer open kunnen komen te liggen.

Wie weet wat er in de sterren staat geschreven?

Ahab - The Coral Tombs (2023)

poster
4,0
Van Ahab ken ik (hier op mume) de kritiek dat na het monumentale debuut de lichtere koers van daarna niet helemaal gepruimd wordt. Ook The Coral Tombs sluit weer aan op die beruchte koers die met The Giant en The Boats Of The Glen Carig vorm heeft gekregen. Toch heeft het album weer een heel eigen karakter gekregen. En dat is best knap als je kader niets meer en minder dan de mysterieuze zilte zee mag zijn.

Openingsnummer Prof. Arronax' Descent Into the Vast Oceans gaat verwarrend van start met knuppelende drumpartijen en druk riffwerk. Al snel worden de kalme wateren opgezocht en komen we in het gebruikelijke proces waarin verstilde passages afgewisseld worden met diep doordreunende doompassages. De galmende zang krijgt vaak de voorkeur boven de diepe grommen die af en toe uit een bodemloze trog opstomen. Hiermee krijgt The Coral Tombs een ritualistisch karakter en dat past een doomband als Ahab natuurlijk als een zwemvest. De nadruk ligt andermaal op atmosfeer en daaraan geen gebrek bij Ahab.

In nummers als The Sea As A Desert en het beknopte Colossus Of The Liquid Graves worden de traditionele oerkrachten fijn afgewisseld met schitterend melodieus leadwerk waarmee Ahab juist zijn extra dimensies aan haar geluid weet mee te geven. Her en der duiken ook wat meer psychedelische additieven en jazzy loopjes op in het geluid die toch net weer anders toegepast worden dan op de voorgaande albums.

Ahab weet opnieuw op zeer vakkundige wijze een nautisch decor op te tuigen zonder steeds maar in herhaling te vallen. Dat ze daarmee wat meer koersen op melodie en relatieve lichtvoetigheid neem ik daarbij graag op de koop toe.

Alcest - Les Chants de l'Aurore (2024)

poster
3,5
Alcest levert met 'Les Chants de l'Aurore' een vertrouwd klinkend album af. Eigenlijk is het best knap om steeds zo fris te klinken terwijl er steeds uit dezelfde vaatjes wordt getapt. Het Franse combo is weliswaar geworteld in de (extreme) metal, maar laat daarvan slechts sporadisch iets doorklinken in haar oeuvre. In de basis levert de band rondom Neige een set dromerige klanken die links en rechts als vul-maar-in gaze wordt omschreven. Dat werkt als een trein. De plaat is open en toegankelijk en zuigt je meteen vanaf de eerste seconden de sprookjesachtige wereld in die op de hoes geschetst is.

In het verleden heb ik wel eens gemopperd dat Alcest veel te optimistisch klinkt. Maar het optimisme en de warmte die uitgaat van dit materiaal is juist iets om te omarmen door wie dat nog niet deed. Hoewel Neige in interviews somber is over de wereld waarin we leven, klinkt 'Les Chants de l'Aurore' als een troostende arm om de schouder. Wat fijn is, is de popachtige dynamiek die her en der opduikt in de werkstukjes. Dat zijn de elementen die Alcest fris houden.

Het enige waar ik wat moeite mee heb, zijn de ijl bedoelde zangpartijen. Dat blijft een aandachtspuntje. Voor de rest is het een verzameling sterke composities die van begin tot eind boeien. Bij mij springt als voorbeeld 'L'Enfant de la Lune (月の子)' eruit als hoogtepunt met zijn fraaie climax.

Alice Cooper - Paranormal (2017)

poster
4,0
Die retrovibe werd ook al gehanteerd op de recentere voorgangers zoals Along Came A Spider. Niettemin staat Paranormal bol van de spetterende tracks die eens lekker weinig pretenties hebben en die zo gemakkelijk in je hoofd gaan zitten zonder dat het vervelend wordt.

Wat Kiss al niet onverdienstelijk probeerde op Sonic Boom, lukt Alice Cooper nog veel beter. Ik begrijp alleen niet waarom Genuine American Girl en You And All Of Your Friends op een bonusschijf staan. Die hadden gewoon onderdeel van het reguliere album moeten zijn. Vooral Genuine American Girl is erg leuk met zijn Doo Wob-inslag.

Je merkt er niks van maar Larry Mullen jr. van U2 zit hier dus achter de potten en pannen. Hij zal Bono hopelijk wel eens vertellen dat je als ouwelullenband dus best geïnspireerd kan klinken op je nieuwe album.

Alice in Chains - Alice in Chains (1995)

poster
3,5
Het derde volledige album van Alice In Chains vond ik maar niets toen het uitkwam. Maar ik had destijds een totaal broertje dood aan die zich traag voortslepende ellende van in houthakkersbloezen gehulde types die hun leven niet onder controle hadden. Gekscherend riep ik wel eens dat die gasten nog een supertrage automutilatiesong met een jankrefrein konden schrijven over het feit dat ze de bus eens een keer gemist hadden. Gabbers gingen ook hard op drugs maar die joegen qua herrie wat sneller door het leven. Dus het kan wel. Maar die gabbertoestanden vond en vind ik nog steeds het ultieme dieptepunt uit de moderne muziekgeschiedenis. Dan toch maar liever grunge ofzo. Kijk traag zijn mocht van mij wel, maar dan moest het een smerige klodder doom zijn. En niets anders.

Gekheid op een stokje: Ik hield aanvankelijk dus niet van de 90s alternatieve rockscene en dat is (in tegenstelling tot electronische bonkedebonkherrie) later gaan veranderen. Wat mooi is aan deze "aus der Reihe" Alice In Chains, is de naturel productie. Alles klinkt of je er naast staat.

Anders dan Dirt of het debuut zijn er verder niet zoveel hooks te vinden. Maar wel een stapeltje songs die gewoon binnenkomen. Ik hoor dan ook geen vermoeide band ofzo. Het geluid is gewoon bijgesteld van relatief uitbundig naar iets intiemers. Dat één been in het graf verhaal deel ik dan ook verder niet. Misschien dat Staley's teksten daarnaar verwijzen maar horen doe ik het allemaal niet zo. Het is niet zo dat Alice In Chains hiervoor carnavalsmuziek voor in het café van "ons" oom Kees maakte.

Heaven Beside You is dan wel een beetje een meezingliedje en ook meteen heel erg Nirvana en is in die zin ook een beetje vreemde eend in het verhaal. Wel een leuke song. Zelf vind ik het soms jammer dat het gitaarwerk op songs als Again en Head Creeps zo ingehouden klinkt. Ingetogen en intiem zijn past wat dat betreft niet altijd. De meer slepende songs zoals Shame On You, Brush Away en het waanzinnige Frogs daarentegen zijn weer bloedmooi in al hun onderdehuidkruiperij.

De volgende donkere ballade Over Now sluit het verhaal op introspectieve wijze af. Met de waanzinnige MTV Unplugged sessie kreeg de goegemeente nog een mooie toegift van de klassieke Alice In Chains en toen was het tijdperk wel over.

Dit titelloze album is wat mij betreft niet beter dan Facelift en Dirt maar toch zeker ontzettend fraai. Misschien komt deze over een paar jaar wel op hetzelfde voetstuk bij mij. OWant deze is alleen maar aan het groeien geweest.

Alkerdeel - Slonk (2021)

poster
4,0
Als je een grote ketel had en dat volpropte met sludge, punk, post- en blackmetal. Als je dat dan even flink roerde en er vervolgens nog even gauw een dampende bolus overheen drapeerde en dat dan aan de kook brengt op een abachtelijk knapperend houtskoolvuurtje. Dan kom je wel een beetje in de buurt van de tastbare equivalent van het geluid dat Alkerdeel je op Slonk presenteert. Het gaat van de slepende dramastukken van Amenra tot de vunzige uitspattingen van Darkthrone en klinkt binnen al die uithoeken verrassend coherent.

Alkerdeel lijkt zichzelf niet heel serieus te nemen maar de muziek is dat verder wel degelijk. Dynamisch, meeslepend en ruig. Geen gepolijst geluid en geen verdere fratsen. Daarnaast klinkt het ook nog eens alsof het allemaal in één take is opgenomen. De live-feel is daarmee optimaal aanwezig. De haas op de hoes is mij wat te vrolijk dus ik had het daarom maar zo over kunnen slaan ware het niet dat ik getipt werd om toch de slag te slaan. Knappe plaat hoor.

Anarkhon - Phantasmagorical Personification of the Death Temple (2020)

poster
4,5
Anarkhon draaide al langer mee in het C circuit en bracht sporadisch enkele platen uit die zich kenmerkten door het op middelmatige wijze nadoen , Cannibal Corpse en Suffocation en aanverwanten. In dat opzicht moest ik ook tientallen keren in mijn oren wrijven vooraleer ik me besefte dat Phantasmagorical Personification of the Death Temple echt van diezelfde gasten van Anarkhon afkomstig is. Over wonderbaarlijke transformaties gesproken.

Thans is Anarkhon een eigenzinnige deathmetalband geworden die middels dit vorig jaar verschenen album wat meer opschuift in de richting van de occulte deathmetal van Grave Miasma, Necros Christos en de oude Incantation. Agressief, duister en episch maar paradoxaal genoeg ook zeer compact.

De gruizige riffs , grillig drumwerk tezamen met de invloeden uit de black en doom maken van deze plaat een uitermate intense trip. Hij kwam onlangs op mijn radar omdat hij een welverdiende fysieke release kreeg via een ordentelijke ouderwetsche deal met Debemur Morti Productions. Anders had het album de jaarlijst wel kunnen halen.

Ancient Rites - Fatherland (1999)

poster
4,0
Ancient Rites presenteerde zich eerder als black metalband, maar was muzikaal gezien toch minder gemakkelijk te duiden.

De mengelmoes van black, thrash en death metal werd stevig aangelengd met wat klassieke invloeden uit de synthesizer. Op de derde langspeler Fatherland komt daar nog eens een flinke scheut onvervalste heavy metal bij. De nieuwgekomen gitaristen Erik Sprooten en Jan Yrlund zijn daarvan de hoofdschuldigen.

Na het bijzonder schone intro Avondland vliegen de knallende riffs je om de oren in de beste Iron Maiden/Metallica traditie en daar overheen laten de voornoemde heren hun gitaren nog eens lekker janken.
Vervolgens wordt er snel over geschakeld op een vertrouwd blasttempo om over te gaan tot de orde van de dag.
De adrenaline wordt stevig opgewekt door deze aanpak. Ondergetekende krijgt zijn om te pas en te onpas wat zinnen op heroïsche wijze mee te brullen.

De voordracht van opperhoofd Gunther Theys is ook weer meer gevarieerd dan voorheen. Van plechtig declamerend tot (pogingen tot) zingen alsmede de bekende screamvocalen.

De nummers zijn allen ontzettend gevarieerd en boeten nergens in op de typische middeleeuwse Ancient Rites sfeer.
Leuk zijn ook de knipoogjes naar eerder werk zoals in Dying in a Moment of Splendour.

In het agressieve The Seducer brult Mika van Impaled Nazerene ook nog een paar versjes mee.

Fatherland is opnieuw een ijzersterke schijf van deze (voormalig) Vlaamse band.

Anthrax - Kings Among Scotland (2018)

poster
4,5
Van Anthrax kun je wel zeggen dat ze in de loop van de jaren ontzettend volwassen zijn gaan klinken. Natuurlijk heeft de band middels de diverse voorkeuren van de muzikanten een breed scala aan invloeden en ervaringen waaruit ze kunnen putten. Niets is overhaast en afgeraffeld.

Wat een verschil is dat nog met Alive2 uit 2005. Kings Among Scotland is natuurlijk een registratie van een show dat For All Kings promoottte. Toch bestaat de bulk van het materiaal uit krakers uit de pre-90's. Hoe oneerbiedig ook, het is toch waar Anthrax haar populariteit aan dankt. Met het handjevol zeldzaamheden is dat helemaal niet erg. Be All End All en Imitation Of Life gaan erin als koek.

Maar ik had het over volwassenheid. A. I. R. maakt daar direct gewag van. Zo heavy als als een loden deur en zo strak als een eendereet. We hebben deze track wel eens wat gejaagder uitgevoerd horen worden. Op deze wijze trekken ook fantastische dingen als Skeleton In The Closet en Horror Of It All aan ons voorbij.

Anthrax geeft altijd 200%. Ook hier. En het enthousiasme en de ervaring bieden een bespiegeling met toevoegende waarde op die oude tracks die bijvoorbeeld op Oividnikufesin een stuk jeugdiger klonken. Met name de blues en diepte in de stem van Belladonna is indrukwekkend.

Het enige minpuntje vind ik dat de periode met John Bush genegeerd wordt. Ik heb Belladonna Only horen zingen bijvoorbeeld. Dat kan hij best. En ook Room For One More en What Doesn't Die kunnen prima wedijveren met het aloude I Am The Law of het meer recente Breathing Lightning.

Al met al is dit een hele leuke toevoeging aan de kronieken van deze New Yorkers. Grappig is ook de Rock n Roll Over hoes. Had trouwens de titel noet Kings Among Scottland moeten zijn?

Anthrax - The Greater of Two Evils (2004)

poster
2,0
Hier kan ik niet veel mee.
Het is op zich een aardig idee om je huidige zanger nummers te laten zingen van je voorganger, maar de praktijk is in veel gevallen weerbarstiger. Ook een nieuw modern geluid draagt vaak niet bij aan de oude sfeer die veel nummers in zich dragen. Dat is wat mij betreft allemaal van toepassing op The Greater Of Two Evils. Het begint al bij Death Rider. Het nummer struikelt steeds door het hakkelende ritme in de coupletten. En de monotone schreeuwzang van Bush kan de hoge uithalen van Neil Turbin hier niet doen vergeten. Terwijl hij op papier wel degelijk een veel betere vocalist is. Lone Justice (hierboven niet vermeld, staat op de bonusdisc) wordt ook door een monotone presentatie van Bush om zeep geholpen. Van de geniale brug van Belladonna in het origineel is niets meer over.

Zo kan ik bij ieder nummer wel even doorgaan. Als ik oude nummers wil horen, die door Bush gezongen worden, hoor ik liever een live plaat.

Het is hierboven al vaker geroepen: John Bush maakt er een zooitje van hier. Het lijkt wel alsof hij hier geen zin in had. Ik weet dat de man veel beter kan dan dit. Maar dat niet alleen. Ook de zielloze vetolkingen van megakrakers als Panic of Among The Living maken van The Greater Of Two Evils een prul van de eerste orde.

Anthrax - Volume 8: The Threat Is Real (1998)

poster
3,5
Volume 8 is niet zo'n verrekte slecht album. Natuurlijk verfoeide ik het ook omdat Bushthrax zo verschrikkelijk 90's klinkt en dat is iets wat ik in de 90's niet zo bliefde. Enkele uitzonderingen daargelaten. De laatste tijd ben ik die shit aan het inhalen en zo belandde ook Volume 8 weer eens in de speler.

Ik kan me herinneren dat er nauwelijks aandacht was voor deze langspeler. In de biografie van Ian las ik de reden. Anthrax was gedropt door Elektra en kon na veel gedoe verder bij Ignite, de rockafdeling van hiphoplabel Tommy Boy. Die trokken kort na de release de stekker uit hun dochteronderneming vanwege de snel veranderende ontwikkelingen in muziekbusinessland. Daardoor stopte de productie en dat zal dan ook de reden zijn geweest dat we het lang niet op Spotify terug konden vinden.

Dat soort ontwikkelingen horen geen reet te zeggen over de muziek. En die is met de juiste (zomerse) mindset best oké. Wat gestoord zal hebben is dat de band die ooit Spreading The Disease en Among The Living in geen velden of wegen te bekennen is. No thrash or speed here.

Niettemin komt de band best agressief uit de hoek. Hortend en stotend dringt het venijnige Crush zich als opener aan je op. Een ongemakkelijke track maar wel met de fraaie opbouw in de zang van John Bush om je aan op te trekken. De laaggestemde gitaar en de holle drums verraden dat die gasten met hun benen in het 'nu' stonden. Zoals altijd eigenlijk.

Catharsis volgt en die is meteen een stuk toegankelijker. Een heerlijke track met een vlot tempo. De zeurende riff maalt nog lang door in het hoofd. Heavy, toegankelijk en zomers. Dat is Catharsis.

Zo worden we van de ene emotie naar de andere geslingerd op Volume 8. Wat mij betreft de grote kracht van de plaat. Toast Of The Extras bijvoorbeeld. Nog zomerser, nog luchtiger. Een knotsgekke track. Helemaal als het ontaardt in het woest hakkende Born Again Idiot en het schuimbekkende Killing Box.

En dan zijn er ook wat meer stemmigere wateren te varen zoals het grungy Harms Way. John Bush op zijn best.

Met zijn 63 minuten is het wel een lang album. En ik luister hem ook niet vaak in één keer uit. Afzonderlijk gezien vind ik dat Anthrax hier bol staat van allerlei gekke ideeën die wonderwel gewoon werken.

Als geheel vind ik We've Come For You All nog een stuk frisser en energieker dan deze. Die klinkt ook iets meer als een Anthraxplaat. Toch ben ik blik dat ik Volume 8 nooit heb weggedaan. Het is een uitstekende schijf vol afwisseling en pittige grooves.

Anthrax - Worship Music (2011)

poster
4,0
Ik houd van zowel Anthrax als Bushthrax. Dus mij had het eigenlijk allemaal niet zo uitgemaakt wie nu Worship Music ging inzingen. Ik ben wel blij dat Ian en Benante die Nelson gewipt hebben want zo'n metalcore/Anselmo kloon had de muziek geen goed gedaan.
Belladonna doet een helluva job. Hij klinkt meer verbeten dan vroeger en dat past goed bij het vrij moderne geluid.

Worship Music is vooral een crowdpleaser geworden. Het is niet helemaal een terugkeer naar de oude dagen geworden, maar oude (en mogelijk nieuwe)fans worden gestreeld middels stoere en gemakkelijk meebrulbare bruggetjes en refreinen. Een hoog vuist in de luchtgehalte dus. Ik vind dat allerminst erg. Want dergelijke dingen zijn schaars heden ten dage.

Ik zei al dat het niet helemaal een terugkeer naar de wortels was. Daarvoor is de toonzetting toch wat te ernstig en het geluid te modern. Het zeker geen typische thrashschijf geworden. Eerder is het een heavy metalplaat met enkele thrashy invloeden. Er hadden van mij best iets meer snelle stukken op mogen staan. Nu klinkt het wat gematigd, maar de nummers zijn afwisselend genoeg om te kunnen blijven boeien. Wel is het juist het springerige The Giant wat ineens opvalt zo in het midden van de plaat.

Op het gave Revolution Screams (met hidden track a la jaren 90, heel irritant) worden alle registers nog even opengetrokken alvorens de zwaarste Anthraxbevalling tot een mooi einde te brengen.

Arch Enemy - Covered in Blood (2019)

poster
2,0
Het valt niet mee om hier doorheen te komen. Het gaat hier zo te zien om een samenraapseltje van covers die Arch Enemy her en der deed. Zo herkende ik Scream Of Angst, Starbreaker en Aces High van het bonussschijfje dat bij mijn exemplaar van Wages Of Sin zit. De moeite die ik daar mee heb, geldt voor zowat alles wat ik hier hoor.

Hoe leuk de keuzes ook zijn, melodieus gezongen dingen effectief omzetten in het eigen gebulder vergt een creativiteit die ik hier niet echt aantref.

Neem nu Walk In The Shadows. Schitterende keuze, mooie song. En de berezware uitvoering van de hoofdriff voelt best lekker maar als dan de vocalen aan zet zijn, klinkt dat zo ongenuanceerd, plat en puberaal dat het echt pijn doet aan de oren. Illustratief voor praktisch elke track. Behalve dan Back To Back en Incarnated Solvent Abuse. Dat past wel omdat daar nauwelijks tot geen melodieuze zanglijnen verkracht hoeven te worden.

Coveralbums door metalbands zijn mij te vaak total shite. Arch Enemy's poging vormt daar geen uitzondering op. Ondanks de zeer aardige duik in de muzikale grabbelton.

Arckanum - Fenris Kindir (2013)

poster
2,0
Fenris Kindir is een tegenvaller geworden. De mythische wolf aan welke het album is opgedragen, heeft zijn vervaarlijke kaken onverbiddelijk op ongewenste plekken in de mastertapes van Arckanum weten te zetten. De aparte mix is even wennen, maar dat gaat nog. Sterker nog: ik vind dat wel gaaf gedaan. Het heeft weeral de vibe van de vroege jaren 90 met toch de nodige aandacht voor productionele en muzikale details. Daarnaast schuurt het album links en rechts er best lekker op los.

De vele intermezzo's halen te pas en te onpas de vaart uit het geheel en dat is zo erg dat het gewoon vervelend wordt. Die Shamaatae lijkt totaal geen gevoel te hebben voor spanningsopbouw. Net als de adrenaline begint te gieren komt er weer zo'n duivels grafriedeltje en een hese Bor de Wolf met het oplepelen van zogenaamde onheilsprofetieën. Dat is aardig in het intro, maar niet steeds tussendoor.

Scheer je weg Shamaatae! Terug naar je wolvenhol en kom er maar weer uit als je wel weer denkt een album lang te kunnen boeien.

Arcturus - Sideshow Symphonies (2005)

poster
3,5
Ik zat vanochtend eens wat Dimmu Borgir dingen te luisteren en wat me opviel was dat de werkelijke potentie van ICS Vortex daar naar mijn zin niet voldoende benut zijn. Verder dan wat stukjes waarbij je leuk kunt meezingen, ging het daar eigenlijk nooit.

Binnen Arcturus wist men daar wel meer raad mee. Ik heb het dan over die theatrale voordracht van hem die soms wat aan die van Roger Waters doet herinneren. In dat opzicht is het jammer dat Sideshow Symphonies op compositorisch vlak wat achterblijft bij de geniale voorgangers. The Chaos Path van La Masquerade Infernale leek mij een uitstekend uitgangspunt om de boel aan op te trekken.

Toch koos men op Sideshow Symphonies ervoor om wat meer binnen de kaders te blijven. Het levert, zoals eerder gesteld, helemaal geen slecht album op, hoor. Verre van zelfs. Maar er had volgens mij toch nog echt veel meer ingezeten.

Arcturus - The Sham Mirrors (2002)

poster
4,5
Arcturus is sowieso altijd een beetje een buitenbeentje geweest. Tot en met The Sham Mirrors klonk de band elke release weer totaal anders. The Sham Mirrors is relatief toegankelijk en is tegelijkertijd een mooie synthese van alles wat de band ooit gedaan heeft.

Fantastisch is ook de zang van Garm. De vocale krachtpatser zingt altijd in dienst van het nummer. Opener Kinetic vind is vanwege de zang mijn favoriete track.

De gitaarpartijen van Knut M. Valle zijn niet zo virtuoos als die van voormalig gitarist Carl August Tidemann maar zijn niettemin heel verdienstelijk. Ook hier geldt geen drang om op de voorgrond te treden.

In Radical Cut komen de black metal invloeden weer wat naar boven. Ihsahn verzorgt hier de krijspartijen.

The Sham Mirrors verwerkt veel invloeden, maar klinkt toch heel coherent en verrassend toegankelijk.

Argenthorns - The Ravening (2023)

poster
4,0
Alsof het nog 1997 moet worden, kwam het Finse Argenthorns met deze spookopera. Hij lag al een tijdje bij me te sudderen maar ondanks het leentjebuur spelen bij dingen als Dimmu Borgir, Gehenna en Obtained Enslavement, laat deze melodieuze, zwartmetalen serenade mij niet los.

Het duo grossiert in het combineren van venijnig riffwerk, dat soms smakelijk naar de heavy metal knipoogt, met allerhande bombastische additieven. Ook aan gedragen voordrachten is geen gebrek.

Het rijk vormgegeven geheel dient als decor voor een duister spookverhaal waardoor de link gemakkelijk gelegd wordt met zaken als Carach Angren en misschien ook King Diamond. Tja. De geesten hebben de scheppers geen ultimatum gegeven als het gaat om originaliteit. Maar toch weet Argenthorns zeer gemakkelijk de boel in te pakken met zeer onderhoudende composities als 'The Manor Of The Demon Duke' en Malefic Chronicle'.

Wie in is voor een avontuurlijk en bombastische blackmetalsymfonie alsof de jaren 90 nog in volle gang zijn, zit met 'The Ravening' meer dan gebeiteld.

Ark - Burn the Sun (2001)

poster
5,0
Progessief en meezingbaar tegelijk. Een smeltkroes aan stijlen zonder de rode draad uit het oog te verliezen. Burn The Sun is zoveel urgenter dan het wat warrige, maar niettemin gave debuut van een paar jaar eerder. Geen ruimte voor solo-spots maar alleen maar functionele partijen. Heal The Waters en het titelnummer zijn heel fijn maar nog wel wat standaard. Nummers als Absolute Zero en Torn daarentegen zijn ronduit zinderend.

De mediterrane sfeer laat zich middels Crazy ook gemakkelijk vermengen met de droge maar drukke metal. Feed The Fire is weer heel melodieus en welhaast lichtvoetig. Het schiet alle kanten op maar nooit krijg je het idee dat je met een sonische kameleon die aan schizofrenie lijdt, te maken hebt.

Het cement van dit album wordt gevormd door Jorn Lande. Singer for hire. Tore Østby, het brein achter dit project liet hem tot het uiterste gaan. In die zin vond ik hem toen beter dan nu. Dan denk ik ook even aan zijn werk voor Beyond Twilight of Mundanus Imperium. Lande durfde destijds uit zijn comfort zone te komen. De zanglijnen van Absolute Zero lijken wel van een Björkplaat te zijn geplukt. Dat is nog eens wat anders dan altijd maar weer Dio of Coverdale vereren.

Burn The Sun is zo'n album die mij me direct bij de strot had en me nooit meer losliet. Een album met vele gezichten een beest van een zanger.

Asagraum - Dawn of Infinite Fire (2019)

poster
4,0
Asagraum houdt met dit tweede album het vaandel voor de vaderlandse black metal zonverminderd hoog. Ik pikte het debuut op tijdens een optreden van ze. Op het podium waren ze kundig maar erg statisch en afstandelijk. Het studioalbum gaf meer van de bedoelde atmosfeer prijs. Een atmosfeer die uiteraard terugvoert naar de jaren negentig. Black metal zonder poespas dus. Die lijn trekken de dames door op de tweede langspeler.

Het gezelschap rondom opperhoofd Hanna vd Berg trekt traditioneel boosaardig en ijskoud van leer op Dawn Of The Infinite Souls. Tegelijkertijd ligt er ook veel finesse in de zwartgeblakerde composities besloten. Het bedrukte Guahaihoque is daar een prachtig voorbeeld van. Het is groots en meeslepend en dat allemaal zonder additieven uit een doosje.

En wat te denken van de onheilspellende riffs in Beyond The Black Vortex? Die brengen je op het puntje van de stoel. Enorm spannend en dreigend. Het bezwerende Waar Ik Ben, Komt De Dood is ook vermeldenswaardig. Precies de afsluiter die je bij een zwartgallig album als dit mag verwachten. Ik had hem vorig jaar gemist. Maar ik ben met terugwerkende kracht zeer positief verrast.

Asagraum - Potestas Magicum Diaboli (2017)

poster
4,0
Asagraum moet toch een veelbelovende blackmetal act zijn. Afgaande op hun sociale mediakanalen, doet deze all female band het erg goed in met name Zuid Amerika. Ook in de VS en Canada komen de zwartmetalen zielen uit hun verborgen spelonken gekropen om deze dames hun boosaardige boodschappen te zien en horen verkondigen.

Zelf mocht ik deze heksenkring aanschouwen in mijn eigen woonplaats op de Veluwe niet heel ver van het Solse Gat. De griezelige sage rondom deze mysterieuze plaats in de Veluwse bossen vormen de achtergrond van de begeesterende centrale compositie Daar Waar Ik Sterf. Voor mij een hoogtepunt van deze geblakerde schijf.

Asagraum bedient zich qua stijl van de bekende tweede golf. Er is veel aandacht voor de opbouw van de nummers waarbinnen veel ruimte is voor beklemmende spanning. En dat is best knap zonder allerlei toetsen of andere additieven. Opener Transformation hakt er wat dat betreft direct in en kronkelt zich via bezwerende gitaarloopjes je hersenen in om je pas bij het uitleidende I Burn With The Devil los te laten.

Asagraum is stevig maar vliegt nooit echt uit de bocht qua extremiteit. De band houdt veel oor voor muzikaliteit en sfeer. Dat maakt het ook meteen een verslavend album. Zo zie je maar weer dat je niet per se origineel en innovatief moet zijn om een goed album af te leveren. Aandacht voor opbouw en sfeer is meer dan genoeg.

Asagraum - Veil of Death, Ruptured (2023)

poster
4,5
Veil Of Death, Ruptured is opnieuw een ijzersterk album geworden. Asagraum behoudt haar kenmerk om met relatief sobere middelen het maximale aan sfeer eruit te slepen. Door slimme muzikale passages in te bouwen en door hier en daar af en toe wat plechtige zang en gesproken woord toe te passen.

Ignem Purificat Lilitu opent eigenlijk nogal atypisch met wat luchtige akkoorden om vervolgens ongemerkt toch van leer te trekken. Het navolgende Fearless Dominance pakt uit met nog wat meer dreiging en agressiviteit. Woest, spugend en knetterend.

De Verloren Tijd knoopt wat Franse Dissonantjes en atmosferische elementen aan elkaar om als een bedrukte epic tevoorschijn te komen. De eerste zinnen die Hannah uitspreekt, doen me onbedoeld denken aan Guus Meeuwis, maar worden gelukkig al snel ondergesneeuwd door de grandeur van het nummer.

Impure Fire kenden we al als een fraaie brug tussen de dromerige sfeer van Potestas Magicum Diaboli en het pittigere Dawn Of Infinite Fire. Over hoe klassieke blackmetal de dans aangaat met de modernere varianten.

Het titelnummer is ook een staaltje vakwerk waar met enkele eenvoudig klinkende riffs een groots geluid geschapen wordt. Hier horen we ook wat van die typische tremelogekte die het licht van de volle maan op allerlei duister nachtgebroed laat schijnen. Hypnotiserend is het sleutelwoord.

Een verstild instrumentaaltje leidt ons dan het afsluitende De Waanzin Roept Mijn Naam binnen. Dit nummer straalt psychische gekte uit door met bezwerend uitgespuwde vocalen die over een moordend tempo te leggen. De goed gedoseerde breaks brengen de nodige spanning in de track.

Zo is Veil Of Death, Ruptured een nieuwe stap op de professionaliteitsladder van Asagraum. Vooral de toegenomen muzikaliteit van de dames valt op. Ze zijn zeer wel in staat om composities met een kop een staart te scheppen en die interessant te maken met ogenschijnlijk eenvoudige details. Een uitmuntend album die Asagraum wat mij betreft bovenaan in de Nederlandse scene zet.

Ascend - Ample Fire Within (2008)

poster
4,0
Deze plaat heeft een behoorlijk verslavende werking. Het duurt even om erin te komen, maar als het je eenmaal te pakken heeft, ben je tikmans.

De drone/doom is niet van een dergelijke ondoordringbare aard als Sunn O))). Er wordt genoeg ruimte gelaten om adem te kunen halen. De kabbelende tonen van het titelnummer doen soms denken aan de latere Earth. Een rustig kabbelend stroompje waar af en toe een flinke baksteen in valt. Dan worden de woofers een enkel moment even flink gegeseld.

Opener Obelisk Of Kolob fungeert als een intro en bevat met het zware koperwerk een behoorlijke scheut bombast.

In Divine horen we de Tom Waits achtige zang van Densley, zoals eerder beschreven, een aparte doch aangename rol vervullen.

Hoogtepunt is in mijn beleving het drassige V.O.G. Het nummer dient zich aan als een stinkend moeras waar de geur van rottende karkassen zich meester maken van je hele wezen. Dan komt de olifant, zoals afgebeeld op de cd, in een straf tempo aangemarcheerd om zich een weg te banen door de kolkende poel waar giftige gassen voortdurend blijven opborrelen. De begeleidende sologitaar van Kim Thayil symboliseert de striemende pijn die het beest aan zijn poten moet voelen.

Een bijzonder werkstuk is Ample Fire Within. In diverse recensies lees ik ook over jazz elementen. Die ben ik nog niet tegengekomen. Maar wie weet komt dat nog want het album is een lompe, soms verontrustende ontdekkingsreis die ook opmerkelijk veel detail bevat.

Autopsy - Severed Survival (1989)

poster
4,5
Na het bloederige debuut Scream Bloody Gore splitst drummer en beroepsperverseling Chris Reifert zich al dan niet gedwongen af van het illustere Death om te komen tot de formatie van Autopsy.
Waar Death zich meer op een volwassener manier ging ontwikkelen bleef Reifert zich op zijn debuut Severed Survival volharden in de mensonterende doodscantaten die Scream Bloody Gore ook op ziekelijke wijze ontsierden. De nummers zijn allen opgebouwd rond het grillige drumwerk van de hoofdman. De riffs en het baswerk hakken er op vunzige wijze op los totdat je organen door de opengereten wonden vanzelf naar buiten komen rollen. Immers, Charred Remains, Service For A Vacant Coffin en Ridden With Disease zijn nummers die getuigen van ongepolijste death metal die als stinkende pus uit pas opengebarsten etterbuilen je gehoorgang komt binnen glijden.
Kortom, Severed Survival bevat death metal in zijn puurste verschijningsvorm. Ruw, zompig en vooral lomp. De liefhebber heeft hiermee een klassieker in handen.