Hier kun je zien welke berichten erwinz als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Marissa Nadler - New Radiations (2025)

4,0
0
geplaatst: 18 augustus 2025, 17:32 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Marissa Nadler - New Radiations - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Marissa Nadler - New Radiations
Marissa Nadler maakte de afgelopen jaren een aantal aardedonkere en wat zwaardere albums, maar keert op New Radiations terug naar het fraaie maar nog steeds behoorlijk donkere folky geluid waarmee ze ooit opdook
Ik verwacht in de zomer eigenlijk geen album van de Amerikaanse muzikante Marissa Nadler, maar deze week verscheen toch haar nieuwe album New Radiations. Het is een betrekkelijk sober album waarop de akoestische gitaar en de mooie stem van Marissa Nadler centraal staan en de atmosferisch klinkende wolken op de achtergrond de temperatuur flink wat graden laten dalen. New Radiations is een album met vooral ingetogen en zich langzaam voortslepende songs, maar dat betekent niet dat er niets gebeurt in de muziek van Marissa Nadler. De muzikante uit Nashville heeft haar nieuwe songs op fraaie wijze ingekleurd en zingt op New Radiations echt prachtig. Alvast een mooie soundtrack voor de winter.
De Amerikaanse muzikante Marissa Nadler brengt tot dusver de meeste van haar albums in de herfst of de winter uit en zelfs een album met de titel July verscheen in februari. Vrijwel al haar albums zijn bovendien gestoken in een stemmige zwart-wit cover. Dat is ook het geval bij het deze week verschenen New Radiations, dat voor de afwisseling eens wel in de zomer wordt uitgebracht.
Dat de muzikante uit Nashville, Tennessee, haar muziek over het algemeen in de donkerdere seizoenen uitbrengt en kiest voor stemmige covers kiest is niets voor niets. De meeste albums van Marissa Nadler zijn wat donker gekleurd en staan vol met muziek die tot bloei komt wanneer de zon onder is.
De zomer is een seizoen dat eigenlijk niet zo goed past bij de muziek van Marissa Nadler, maar toch doet het deze week verschenen New Radiations het bij mij verrassend goed. Het is een tijdje stil geweest rond Marissa Nadler, die in het verleden nog wel eens twee albums per jaar uitbracht, maar nu de tijd heeft genomen voor haar volgens mij tiende studioalbum.
De Amerikaanse muzikante maakte in het recente verleden een aantal behoorlijk heftige albums, waarop haar muziek niet alleen donker, maar ook behoorlijk dreigend was. Ook op New Radiations strooit Marissa Nadler zeker niet met zonnestralen, maar de wat zwaarder aangezette instrumentatie met donkere gitaarwolken heeft dit keer plaats gemaakt voor wat zweverigere en dromerigere klanken.
Het zijn geen klanken die uitnodigen tot luieren in de zon, want Marissa Nadler maakt ook op haar nieuwe album muziek voor de avond en de nacht. New Radiations is een album dat langzaam voortkabbelt met sfeervolle klanken en de karakteristieke en al even dromerige stem van Marissa Nadler. Het is een album dat het bij mij uitstekend doet op de achtergrond, maar het album wordt interessanter wanneer je het met wat meer aandacht beluistert.
In de wat atmosferische klankentapijten op het album zijn immers fraaie details verstopt en ook de stem van Marissa Nadler is minder eenvormig dan bij oppervlakkige beluistering het geval lijkt. Bij aandachtige beluistering hoor je dat Marissa Nadler weer een in alle opzichten knap album heeft gemaakt. Het is een album dat wat minder zwaar klinkt dan de meeste van haar vorige albums en weer wat meer folky klinkt, al is het wel folk-noir.
De heftige onweersbuien van de vorige albums blijven deze keer uit, maar de aardedonkere wolken komen wel steeds dichterbij, wat zorgt voor een bijzondere onderhuidse spanning. Het is een spanning die ook dit keer prachtig contrasteert met de vooral mooie stem van Marissa Nadler, die aan de ene kant dromerig zingt, maar ook ijskoude lucht de ruimte in blaast.
Marissa Nadler werkte op haar vorige albums samen met flink wat gastmuzikanten, maar maakte New Radiations grotendeels in haar eentje. De muzikante uit Nashville keert hiermee terug naar de muziek die ze in haar beginjaren maakte en dat bevalt me wel. Ik ben zeker niet vies van het donkere en zware geluid van Marissa Nadler, maar het wat kille herfstbriesje van New Radiations overtuigt makkelijk.
Het album komt nu het nog flink zomert misschien wat te vroeg, maar gaat zeker zijn waarde bewijzen wanneer de dagen op betrekkelijk korte termijn korter worden en de nachten langer, donkerder en kouder. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Review: Marissa Nadler - New Radiations - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Marissa Nadler - New Radiations
Marissa Nadler maakte de afgelopen jaren een aantal aardedonkere en wat zwaardere albums, maar keert op New Radiations terug naar het fraaie maar nog steeds behoorlijk donkere folky geluid waarmee ze ooit opdook
Ik verwacht in de zomer eigenlijk geen album van de Amerikaanse muzikante Marissa Nadler, maar deze week verscheen toch haar nieuwe album New Radiations. Het is een betrekkelijk sober album waarop de akoestische gitaar en de mooie stem van Marissa Nadler centraal staan en de atmosferisch klinkende wolken op de achtergrond de temperatuur flink wat graden laten dalen. New Radiations is een album met vooral ingetogen en zich langzaam voortslepende songs, maar dat betekent niet dat er niets gebeurt in de muziek van Marissa Nadler. De muzikante uit Nashville heeft haar nieuwe songs op fraaie wijze ingekleurd en zingt op New Radiations echt prachtig. Alvast een mooie soundtrack voor de winter.
De Amerikaanse muzikante Marissa Nadler brengt tot dusver de meeste van haar albums in de herfst of de winter uit en zelfs een album met de titel July verscheen in februari. Vrijwel al haar albums zijn bovendien gestoken in een stemmige zwart-wit cover. Dat is ook het geval bij het deze week verschenen New Radiations, dat voor de afwisseling eens wel in de zomer wordt uitgebracht.
Dat de muzikante uit Nashville, Tennessee, haar muziek over het algemeen in de donkerdere seizoenen uitbrengt en kiest voor stemmige covers kiest is niets voor niets. De meeste albums van Marissa Nadler zijn wat donker gekleurd en staan vol met muziek die tot bloei komt wanneer de zon onder is.
De zomer is een seizoen dat eigenlijk niet zo goed past bij de muziek van Marissa Nadler, maar toch doet het deze week verschenen New Radiations het bij mij verrassend goed. Het is een tijdje stil geweest rond Marissa Nadler, die in het verleden nog wel eens twee albums per jaar uitbracht, maar nu de tijd heeft genomen voor haar volgens mij tiende studioalbum.
De Amerikaanse muzikante maakte in het recente verleden een aantal behoorlijk heftige albums, waarop haar muziek niet alleen donker, maar ook behoorlijk dreigend was. Ook op New Radiations strooit Marissa Nadler zeker niet met zonnestralen, maar de wat zwaarder aangezette instrumentatie met donkere gitaarwolken heeft dit keer plaats gemaakt voor wat zweverigere en dromerigere klanken.
Het zijn geen klanken die uitnodigen tot luieren in de zon, want Marissa Nadler maakt ook op haar nieuwe album muziek voor de avond en de nacht. New Radiations is een album dat langzaam voortkabbelt met sfeervolle klanken en de karakteristieke en al even dromerige stem van Marissa Nadler. Het is een album dat het bij mij uitstekend doet op de achtergrond, maar het album wordt interessanter wanneer je het met wat meer aandacht beluistert.
In de wat atmosferische klankentapijten op het album zijn immers fraaie details verstopt en ook de stem van Marissa Nadler is minder eenvormig dan bij oppervlakkige beluistering het geval lijkt. Bij aandachtige beluistering hoor je dat Marissa Nadler weer een in alle opzichten knap album heeft gemaakt. Het is een album dat wat minder zwaar klinkt dan de meeste van haar vorige albums en weer wat meer folky klinkt, al is het wel folk-noir.
De heftige onweersbuien van de vorige albums blijven deze keer uit, maar de aardedonkere wolken komen wel steeds dichterbij, wat zorgt voor een bijzondere onderhuidse spanning. Het is een spanning die ook dit keer prachtig contrasteert met de vooral mooie stem van Marissa Nadler, die aan de ene kant dromerig zingt, maar ook ijskoude lucht de ruimte in blaast.
Marissa Nadler werkte op haar vorige albums samen met flink wat gastmuzikanten, maar maakte New Radiations grotendeels in haar eentje. De muzikante uit Nashville keert hiermee terug naar de muziek die ze in haar beginjaren maakte en dat bevalt me wel. Ik ben zeker niet vies van het donkere en zware geluid van Marissa Nadler, maar het wat kille herfstbriesje van New Radiations overtuigt makkelijk.
Het album komt nu het nog flink zomert misschien wat te vroeg, maar gaat zeker zijn waarde bewijzen wanneer de dagen op betrekkelijk korte termijn korter worden en de nachten langer, donkerder en kouder. Erwin Zijleman
Marissa Nadler - Strangers (2016)

4,5
0
geplaatst: 26 mei 2016, 12:10 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Marissa Nadler - Strangers - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
De uit Washington D.C. afkomstige maar inmiddels vanuit Boston opererende Marissa Nadler bouwt inmiddels een jaar of twaalf aan een even fraai als opvallend oeuvre.
Twee jaar geleden maakte de Amerikaanse singer-songwriter indruk met de fraaie breakup-plaat July, nu keert ze terug met het net iets luchtigere maar minstens even fraaie Strangers.
Marissa Nadler begon ooit als folkie, maar kiest tegenwoordig voor een wat bredere invalshoek. Strangers staat vol met prachtige songs en het zijn songs die wat toegankelijker klinken dan we van haar gewend zijn. Dat betekent gelukkig niet dat Marissa Nadler de strijd aan gaat met de popprinsessen van deze wereld, want ook Strangers is weer een eigenzinnige plaat van zeer hoge kwaliteit.
Strangers is voorzien van een sfeervol en atmosferisch aandoend geluid, dat meerdere kanten op kan schieten. De plaat werd net als July geproduceerd door Randall Dunn (Sunn O))), Earth, The Cave Singers) en dat is een uitstekende keuze. De mooie productie van de plaat biedt ruimte aan de folky kant van Marissa Nadler, maar geeft ook alle ruimte aan de bezwerende muziek die ze al sinds haar debuut maakt.
Door de licht zweverige instrumentatie begeven een aantal songs op de plaat zich op het terrein van Beach House, al is de instrumentatie van de muziek van Marissa Nadler subtieler en hoor ik haar stem liever. Stranger raakt echter net zo makkelijk aan de muziek van Mazzy Star of aan de intiemere songs van Lana Del Rey.
Strangers is een plaat die ik vooral met de koptelefoon erg mooi vind. Het breed uitwaaiende geluid vol strijkers, elektronica, pedaal steel en gitaren vervliegt vanuit de speakers vrij makkelijk, maar zorgt met de koptelefoon voor een fascinerende luistertrip. Het is een luistertrip die wat aan de donkere kant is, al klinkt de muziek van Marissa Nadler minder duister en beklemmend dan in het verleden.
Met July liet Marissa Nadler al horen dat ze mee kan met de betere singer-songwriters van het moment en ook Strangers is weer een plaat die makkelijk mee kan met die van de concurrentie. Dit is voor een deel de verdienste van de spannende en werkelijk wonderschone instrumentatie, maar de verleidingskracht van de vocalen van Marissa Nadler is minstens even groot. Een fraaie soundtrack voor lange en donkere avonden vol songs om steeds intenser te koesteren. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Marissa Nadler - Strangers - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
De uit Washington D.C. afkomstige maar inmiddels vanuit Boston opererende Marissa Nadler bouwt inmiddels een jaar of twaalf aan een even fraai als opvallend oeuvre.
Twee jaar geleden maakte de Amerikaanse singer-songwriter indruk met de fraaie breakup-plaat July, nu keert ze terug met het net iets luchtigere maar minstens even fraaie Strangers.
Marissa Nadler begon ooit als folkie, maar kiest tegenwoordig voor een wat bredere invalshoek. Strangers staat vol met prachtige songs en het zijn songs die wat toegankelijker klinken dan we van haar gewend zijn. Dat betekent gelukkig niet dat Marissa Nadler de strijd aan gaat met de popprinsessen van deze wereld, want ook Strangers is weer een eigenzinnige plaat van zeer hoge kwaliteit.
Strangers is voorzien van een sfeervol en atmosferisch aandoend geluid, dat meerdere kanten op kan schieten. De plaat werd net als July geproduceerd door Randall Dunn (Sunn O))), Earth, The Cave Singers) en dat is een uitstekende keuze. De mooie productie van de plaat biedt ruimte aan de folky kant van Marissa Nadler, maar geeft ook alle ruimte aan de bezwerende muziek die ze al sinds haar debuut maakt.
Door de licht zweverige instrumentatie begeven een aantal songs op de plaat zich op het terrein van Beach House, al is de instrumentatie van de muziek van Marissa Nadler subtieler en hoor ik haar stem liever. Stranger raakt echter net zo makkelijk aan de muziek van Mazzy Star of aan de intiemere songs van Lana Del Rey.
Strangers is een plaat die ik vooral met de koptelefoon erg mooi vind. Het breed uitwaaiende geluid vol strijkers, elektronica, pedaal steel en gitaren vervliegt vanuit de speakers vrij makkelijk, maar zorgt met de koptelefoon voor een fascinerende luistertrip. Het is een luistertrip die wat aan de donkere kant is, al klinkt de muziek van Marissa Nadler minder duister en beklemmend dan in het verleden.
Met July liet Marissa Nadler al horen dat ze mee kan met de betere singer-songwriters van het moment en ook Strangers is weer een plaat die makkelijk mee kan met die van de concurrentie. Dit is voor een deel de verdienste van de spannende en werkelijk wonderschone instrumentatie, maar de verleidingskracht van de vocalen van Marissa Nadler is minstens even groot. Een fraaie soundtrack voor lange en donkere avonden vol songs om steeds intenser te koesteren. Erwin Zijleman
Marissa Nadler - The Path of the Clouds (2021)

4,5
2
geplaatst: 31 oktober 2021, 10:39 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Marissa Nadler - The Path Of The Clouds - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Marissa Nadler - The Path Of The Clouds
Nu de zomer definitief lijkt verdreven wordt het tijd voor de donkere herfstsoundtracks, waarvoor Marissa Nader de lat direct bijzonder hoog legt met het wonderschone The Path Of The Clouds
Marissa Nadler bouwt inmiddels 17 jaar aan een bijzonder en zeer fraai oeuvre. Ik mis wel eens een album van de Amerikaanse muzikante, maar gelukkig heb ik het deze week verschenen The Path Of The Clouds niet gemist. Ook op haar nieuwe album tekent Marissa Nadler voor sfeervolle en dromerige maar ook wat donkere klanken, voor wonderschone vocalen en voor een unieke en vaak wat duistere sfeer die terug komt in de al even donkere verhalen. Vergeleken met veel van haar vorige albums, is The Path Of The Clouds voorzien van een voller en melodieuzer geluid, wat de kracht van de songs van de Amerikaanse muzikante nog wat verder vergroot. Het zoveelste prachtalbum van Marissa Nadler en misschien wel haar beste.
Sinds haar geweldige debuutalbum Ballads Of Living And Dying, dat toch wel enigszins tot mijn verbazing alweer 17 jaar oud is, volg ik de carrière van de Amerikaanse muzikante Marissa Nadler. Dat heb ik niet altijd even intensief gedaan, want hoewel ik flink wat albums van de muzikante uit Nashville in de kast heb staan, ontbreken er inmiddels ook heel wat.
De afgelopen jaren heb ik zeker niet goed opgelet, want na het uitstekende Strangers uit 2016 heb ik Bury Your Name uit hetzelfde jaar, For My Crimes uit 2018, Instead Of Dreaming uit 2021 en het in 2019 verschenen en samen met rockmuzikant Stephen Brodsky gemaakte Droneflower niet opgemerkt. Het laatste album is niet helemaal aan mij besteed, maar alle andere albums hadden zeker een plekje op deze BLOG verdient met For My Crimes als voorlopige favoriet.
Gelukkig duikt Marissa Nadler deze week ook alweer op met een nieuw album, The Path Of The Clouds. De muziek van de Amerikaanse muzikante werd oorspronkelijk vooral voorzien van de etiketten indiefolk en folk-noir, maar de afgelopen jaren is Marissa Nadler wat opgeschoven richting indierock.
The Path Of The Clouds kan in alle drie deze genres uit de voeten en is, net als vrijwel alle andere albums van de Amerikaanse muzikante een behoorlijk donker of zelfs aardedonker album met dit keer ook flink wat invloeden uit de ambient. Het album klinkt op hetzelfde moment overigens ook dromerig, wat zorgt voor een unieke sfeer.
Marissa Nadler beschikt over een prachtige stem, die goed uit de voeten zou kunnen in lieflijke en fluisterzachte folksongs, maar op een of andere manier heeft haar muziek altijd iets duisters. Het is niet anders op The Path Of The Clouds, dat ondanks de mooie klanken en de prachtige stem van Marissa Nadler vaak wat spooky klinkt. Het zorgt soms voor koude rillingen, maar de bijzondere sfeer op haar albums is ook de kracht van de Amerikaanse muzikante.
Ook The Path Of The Clouds doet het weer prachtig op regenachtige, donkere en kille avonden, al hou ik voor de zekerheid wel de gordijnen dicht en de deur op slot. De muziek van Marissa Nadler was in het verleden uiterst sober, maar de laatste jaren klinkt haar muziek net wat voller, wat mede het gevolg is van de samenwerking met andere muzikanten.
Op The Path Of The Clouds dragen Mary Lattimore, Amber Webber (Black Mountain, Lightning Dust), Jesse Chandler (Mercury Rev), Emma Ruth Rundle en Simon Raymonde (Cocteau Twins, Lost Horizons) bij aan de muziek van Marissa Nadler, die nog steeds ingetogen, maar wat minder Spartaans klinkt en net zo makkelijk wordt voorzien van sprookjesachtige harpklanken als van gruizige gitaren.
Het wat vollere en zeker ook melodieuzere geluid op het nieuwe album is gelukkig niet ten koste gegaan van de bijzondere sfeer die Marissa Nadler creëert op haar albums en ook de zang van de Amerikaanse muzikante is weer wonderschoon.
Op The Path Of The Clouds tekent Marissa Nadler voor een serie prachtige songs en zoals gewoonlijk ook voor een aantal duistere verhalen als die over de kanotocht van de vers gehuwden Glen en Bessie Hyde van wie er uiteindelijk maar één terug kwam en het verhaal van de mysterieuze vliegtuigkaper D.B. Cooper, die met zijn losgeld en een parachute uit het vliegtuig sprong en van de aardbodem verdween.
De lat ligt al 17 jaar hoog binnen het oeuvre van Marissa Nadler, maar The Path Of The Clouds zou zomaar haar beste album tot dusver kunnen zijn en iedere keer dat ik naar het album luister is het nog wat mooier, in dringender en bezwerender. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Marissa Nadler - The Path Of The Clouds - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Marissa Nadler - The Path Of The Clouds
Nu de zomer definitief lijkt verdreven wordt het tijd voor de donkere herfstsoundtracks, waarvoor Marissa Nader de lat direct bijzonder hoog legt met het wonderschone The Path Of The Clouds
Marissa Nadler bouwt inmiddels 17 jaar aan een bijzonder en zeer fraai oeuvre. Ik mis wel eens een album van de Amerikaanse muzikante, maar gelukkig heb ik het deze week verschenen The Path Of The Clouds niet gemist. Ook op haar nieuwe album tekent Marissa Nadler voor sfeervolle en dromerige maar ook wat donkere klanken, voor wonderschone vocalen en voor een unieke en vaak wat duistere sfeer die terug komt in de al even donkere verhalen. Vergeleken met veel van haar vorige albums, is The Path Of The Clouds voorzien van een voller en melodieuzer geluid, wat de kracht van de songs van de Amerikaanse muzikante nog wat verder vergroot. Het zoveelste prachtalbum van Marissa Nadler en misschien wel haar beste.
Sinds haar geweldige debuutalbum Ballads Of Living And Dying, dat toch wel enigszins tot mijn verbazing alweer 17 jaar oud is, volg ik de carrière van de Amerikaanse muzikante Marissa Nadler. Dat heb ik niet altijd even intensief gedaan, want hoewel ik flink wat albums van de muzikante uit Nashville in de kast heb staan, ontbreken er inmiddels ook heel wat.
De afgelopen jaren heb ik zeker niet goed opgelet, want na het uitstekende Strangers uit 2016 heb ik Bury Your Name uit hetzelfde jaar, For My Crimes uit 2018, Instead Of Dreaming uit 2021 en het in 2019 verschenen en samen met rockmuzikant Stephen Brodsky gemaakte Droneflower niet opgemerkt. Het laatste album is niet helemaal aan mij besteed, maar alle andere albums hadden zeker een plekje op deze BLOG verdient met For My Crimes als voorlopige favoriet.
Gelukkig duikt Marissa Nadler deze week ook alweer op met een nieuw album, The Path Of The Clouds. De muziek van de Amerikaanse muzikante werd oorspronkelijk vooral voorzien van de etiketten indiefolk en folk-noir, maar de afgelopen jaren is Marissa Nadler wat opgeschoven richting indierock.
The Path Of The Clouds kan in alle drie deze genres uit de voeten en is, net als vrijwel alle andere albums van de Amerikaanse muzikante een behoorlijk donker of zelfs aardedonker album met dit keer ook flink wat invloeden uit de ambient. Het album klinkt op hetzelfde moment overigens ook dromerig, wat zorgt voor een unieke sfeer.
Marissa Nadler beschikt over een prachtige stem, die goed uit de voeten zou kunnen in lieflijke en fluisterzachte folksongs, maar op een of andere manier heeft haar muziek altijd iets duisters. Het is niet anders op The Path Of The Clouds, dat ondanks de mooie klanken en de prachtige stem van Marissa Nadler vaak wat spooky klinkt. Het zorgt soms voor koude rillingen, maar de bijzondere sfeer op haar albums is ook de kracht van de Amerikaanse muzikante.
Ook The Path Of The Clouds doet het weer prachtig op regenachtige, donkere en kille avonden, al hou ik voor de zekerheid wel de gordijnen dicht en de deur op slot. De muziek van Marissa Nadler was in het verleden uiterst sober, maar de laatste jaren klinkt haar muziek net wat voller, wat mede het gevolg is van de samenwerking met andere muzikanten.
Op The Path Of The Clouds dragen Mary Lattimore, Amber Webber (Black Mountain, Lightning Dust), Jesse Chandler (Mercury Rev), Emma Ruth Rundle en Simon Raymonde (Cocteau Twins, Lost Horizons) bij aan de muziek van Marissa Nadler, die nog steeds ingetogen, maar wat minder Spartaans klinkt en net zo makkelijk wordt voorzien van sprookjesachtige harpklanken als van gruizige gitaren.
Het wat vollere en zeker ook melodieuzere geluid op het nieuwe album is gelukkig niet ten koste gegaan van de bijzondere sfeer die Marissa Nadler creëert op haar albums en ook de zang van de Amerikaanse muzikante is weer wonderschoon.
Op The Path Of The Clouds tekent Marissa Nadler voor een serie prachtige songs en zoals gewoonlijk ook voor een aantal duistere verhalen als die over de kanotocht van de vers gehuwden Glen en Bessie Hyde van wie er uiteindelijk maar één terug kwam en het verhaal van de mysterieuze vliegtuigkaper D.B. Cooper, die met zijn losgeld en een parachute uit het vliegtuig sprong en van de aardbodem verdween.
De lat ligt al 17 jaar hoog binnen het oeuvre van Marissa Nadler, maar The Path Of The Clouds zou zomaar haar beste album tot dusver kunnen zijn en iedere keer dat ik naar het album luister is het nog wat mooier, in dringender en bezwerender. Erwin Zijleman
Marissa Nadler - The Wrath of the Clouds (2022)

3,5
0
geplaatst: 11 februari 2022, 14:22 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Marissa Nadler - The Wrath Of The Clouds - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Marissa Nadler - The Wrath Of The Clouds
Marissa Nadler brengt met The Wrath Of The Clouds nog een aanvulling uit op haar jaarlijstjesalbum van vorig jaar en voegt nog een aantal songs toe die op dit album niet hadden misstaan
Ik had Marissa Nadler altijd al hoog zitten, maar het vorig jaar verschenen The Path Of The Clouds was wat mij betreft de kroon op haar werk. Die kroon krijgt er met de EP The Wrath Of The Clouds nog een paar blinkende diamanten bij. De eerste drie songs op de EP komen uit dezelfde opnamesessies als de songs op het album van vorig jaar en doen niet onder voor de songs op dit album. De instrumentatie is wederom prachtig, maar ook subtiel, en kleurt prachtig bij de stem van de Amerikaanse muzikante. Als toetje heeft Marissa Nadler ook nog twee fraaie covers toegevoegd, waardoor The Wrath Of The Clouds uiteindelijk klokt op een zeer respectabele 21 minuten.
De Amerikaanse singer-songwriter Marissa Nadler maakte vorig jaar met The Path Of The Clouds wat mij betreft één van de allermooiste albums van het jaar. Net iets meer dan vier maanden na dit album is de muzikante uit Nashville, Tennessee, alweer terug met nieuw werk. The Wrath Of The Clouds is een EP met vijf tracks, die, zoals de titel al doet vermoeden, stammen uit dezelfde periode als de songs op The Path Of The Clouds.
Marissa Nadler vond na het afronden van het album nog drie songs die tijdens de opnamen wat ondergesneeuwd waren geraakt en vond ze te goed om niet uit te brengen. Daar valt helemaal niets op af te dingen, want de eerste drie tracks op The Wrath Of The Clouds hadden inderdaad niet misstaan op het jaarlijstjesalbum dat Marissa Nadler vorig jaar afleverde.
Het zijn drie tracks die opvallen door prachtige klanken en door de al even mooie stem van de Amerikaanse muzikante. Net als op haar album van vorig jaar, vertelt Marissa Nadler op haar nieuwe EP mooie verhalen, die tot leven komen door de mooie ruimtelijke klanken en de sfeervolle en wat dromerige vocalen.
Ook dit keer zijn de instrumentatie en de zang prachtig in balans en slaagt de muzikante uit Nashville er in om mooie beelden op te roepen en een bijzondere sfeer te creëren. Haar muziek was in het verleden vaak erg ingetogen en donker, maar de vollere klanken die Marissa Nadler ook op deze EP weer laat horen, bevallen me nog net wat beter dan het sobere geluid uit het verleden.
Ook The Wrath Of The Clouds doet weer wat donker en melancholisch aan, maar het is de schoonheid van de songs die wat mij betreft domineert. Verder slaagt de Amerikaanse er ook dit keer in om heel veel moois in haar muziek te verstoppen, waardoor de songs, zeker bij beluistering met de koptelefoon, je blijven betoveren.
Na drie tracks die prachtig hadden gepast op The Path Of The Clouds en dat album naar een speelduur van een uur zouden hebben getild, gooit Marissa Nadler er ook nog twee covers tegenaan. Ik denk niet dat iedereen de originelen direct mee kan zingen, ik in ieder geval niet, maar ook de covers zijn prachtig.
Marissa Nadler maakt van Sammi Smith’s Saunders Ferry Lane een even mooie als bezwerende track en ook met Seabird van The Alessi Brothers weet ze wel raad. Weetje: deze Alessi Brothers ken ik persoonlijk alleen van de hit Oh Lori uit de jaren 70, maar het duo blijkt tot op de dag van vandaag actief en bracht dit jaar al een nieuw album uit. Geen one-hit-wonder dus, zoals Allmusic.com beweert.
Zeker de laatste cover past wat minder goed bij het vorige album van Marissa Nadler dan de eerste drie en misschien ook nog wel de vierde track, maar aangenaam klinkt het absoluut. En zo zijn de eenentwintig minuten van The Wrath Of The Clouds niet zomaar een tussendoortje, maar een waardevolle aanvulling op het vorig jaar verschenen album, dat met deze tracks nog net een stukje mooier wordt. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Marissa Nadler - The Wrath Of The Clouds - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Marissa Nadler - The Wrath Of The Clouds
Marissa Nadler brengt met The Wrath Of The Clouds nog een aanvulling uit op haar jaarlijstjesalbum van vorig jaar en voegt nog een aantal songs toe die op dit album niet hadden misstaan
Ik had Marissa Nadler altijd al hoog zitten, maar het vorig jaar verschenen The Path Of The Clouds was wat mij betreft de kroon op haar werk. Die kroon krijgt er met de EP The Wrath Of The Clouds nog een paar blinkende diamanten bij. De eerste drie songs op de EP komen uit dezelfde opnamesessies als de songs op het album van vorig jaar en doen niet onder voor de songs op dit album. De instrumentatie is wederom prachtig, maar ook subtiel, en kleurt prachtig bij de stem van de Amerikaanse muzikante. Als toetje heeft Marissa Nadler ook nog twee fraaie covers toegevoegd, waardoor The Wrath Of The Clouds uiteindelijk klokt op een zeer respectabele 21 minuten.
De Amerikaanse singer-songwriter Marissa Nadler maakte vorig jaar met The Path Of The Clouds wat mij betreft één van de allermooiste albums van het jaar. Net iets meer dan vier maanden na dit album is de muzikante uit Nashville, Tennessee, alweer terug met nieuw werk. The Wrath Of The Clouds is een EP met vijf tracks, die, zoals de titel al doet vermoeden, stammen uit dezelfde periode als de songs op The Path Of The Clouds.
Marissa Nadler vond na het afronden van het album nog drie songs die tijdens de opnamen wat ondergesneeuwd waren geraakt en vond ze te goed om niet uit te brengen. Daar valt helemaal niets op af te dingen, want de eerste drie tracks op The Wrath Of The Clouds hadden inderdaad niet misstaan op het jaarlijstjesalbum dat Marissa Nadler vorig jaar afleverde.
Het zijn drie tracks die opvallen door prachtige klanken en door de al even mooie stem van de Amerikaanse muzikante. Net als op haar album van vorig jaar, vertelt Marissa Nadler op haar nieuwe EP mooie verhalen, die tot leven komen door de mooie ruimtelijke klanken en de sfeervolle en wat dromerige vocalen.
Ook dit keer zijn de instrumentatie en de zang prachtig in balans en slaagt de muzikante uit Nashville er in om mooie beelden op te roepen en een bijzondere sfeer te creëren. Haar muziek was in het verleden vaak erg ingetogen en donker, maar de vollere klanken die Marissa Nadler ook op deze EP weer laat horen, bevallen me nog net wat beter dan het sobere geluid uit het verleden.
Ook The Wrath Of The Clouds doet weer wat donker en melancholisch aan, maar het is de schoonheid van de songs die wat mij betreft domineert. Verder slaagt de Amerikaanse er ook dit keer in om heel veel moois in haar muziek te verstoppen, waardoor de songs, zeker bij beluistering met de koptelefoon, je blijven betoveren.
Na drie tracks die prachtig hadden gepast op The Path Of The Clouds en dat album naar een speelduur van een uur zouden hebben getild, gooit Marissa Nadler er ook nog twee covers tegenaan. Ik denk niet dat iedereen de originelen direct mee kan zingen, ik in ieder geval niet, maar ook de covers zijn prachtig.
Marissa Nadler maakt van Sammi Smith’s Saunders Ferry Lane een even mooie als bezwerende track en ook met Seabird van The Alessi Brothers weet ze wel raad. Weetje: deze Alessi Brothers ken ik persoonlijk alleen van de hit Oh Lori uit de jaren 70, maar het duo blijkt tot op de dag van vandaag actief en bracht dit jaar al een nieuw album uit. Geen one-hit-wonder dus, zoals Allmusic.com beweert.
Zeker de laatste cover past wat minder goed bij het vorige album van Marissa Nadler dan de eerste drie en misschien ook nog wel de vierde track, maar aangenaam klinkt het absoluut. En zo zijn de eenentwintig minuten van The Wrath Of The Clouds niet zomaar een tussendoortje, maar een waardevolle aanvulling op het vorig jaar verschenen album, dat met deze tracks nog net een stukje mooier wordt. Erwin Zijleman
Mark Eitzel - Hey Mr. Ferryman (2017)

5,0
0
geplaatst: 29 januari 2017, 09:43 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Mark Eitzel - Hey Mr Ferryman - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
In veel lijstjes met de belangrijkste releases van deze week ontbreekt tot mijn grote verbazing Hey Mr Ferryman van Mark Eitzel.
Persoonlijk schaar ik de Amerikaanse muzikant al heel wat jaren tot mijn persoonlijke favorieten en wat mij betreft heeft Mark Eitzel een oeuvre op zijn naam staan dat veel meer respect afdwingt dan het tot dusver krijgt.
Een substantieel deel van dit memorabele oeuvre van Mark Eitzel stamt uit de periode waarin hij de fameuze band American Music Club aanvoerde.
De band uit California maakte tussen 1986 en 1994 een zevental platen, waarvan er zeker drie de status klassieker verdienen. Ook de twee platen die de tijdelijk heropgerichte band in 2004 en 2008 maakte, zijn overigens wonderschoon en doen niet onder voor het beste werk van de band.
Naast de stapel platen van American Music Club is er ook nog het solowerk van Mark Eitzel, dat inmiddels uit ruim een dozijn platen bestaat. Dit solowerk is wel wat wisselvalliger dan het werk van zijn band, maar Mark Eitzel in goeden doen maakt fantastische platen.
Hey Mr Ferryman is wat mij betreft zo’n fantastische plaat. Het vreemde van de platen van Mark Eitzel is dat de schoonheid ervan zich bij eerste of oppervlakkige beluistering maar lastig openbaart.
De songs van de Amerikaan zijn warmbloedig, sfeervol, behoorlijk toegankelijk en kunnen op het eerste gehoor aangenaam maar niet heel opzienbarend voortkabbelen. Pas bij herhaalde beluistering hoor je hoe knap de songs van Mark Eitzel in elkaar steken en hoor je ook songs die steeds dieper onder de huid kruipen.
Het zijn songs die over het algemeen zijn voorzien van prachtige teksten en dit is ook op Hey Mr Ferryman een sterk wapen. Op het hoesje van de plaat zit een sticker met de tekst “America’s Greatest Living Lyricist” (een citaat ontleend aan The Guardian). Dat is misschien net wat teveel eer, maar dat de teksten van Mark Eitzel het uitpluizen waard zijn zal duidelijk zijn.
Mark Eitzel staat bekend om uiterst ingetogen muziek en ook Hey Mr Ferryman is een voornamelijk ingetogen plaat. Het is een plaat die misschien net wat uitbundiger klinkt dan veel van zijn voorgangers (maar de Phil Spector productie die Pitchfork hoort heb ik nog niet kunnen ontdekken) en dit is de verdienste van voormalig Suede gitarist Bernard Butler, die de plaat produceerde en een groot deel van de instrumentatie voor zijn rekening neemt (en af en toe mag laten horen wat een geweldig gitarist hij is).
Het kleurt allemaal fraai bij de bijzondere stem van Mark Eitzel, die zich beweegt in het spectrum tussen Morrissey, Gavin Friday, Grant Lee Phillips en Marc Almond en naarmate je de plaat vaker hoort steeds meer indruk maakt met zijn melancholische songs en bijpassende stem.
Het promo exemplaar van Hey Mr Ferryman lag al aan het begin van de vorige maand op de mat, maar ondanks talloze keren beluisteren, groeit de nieuwe plaat van Mark Eitzel nog steeds. Zeker wanneer je Hey Mr Ferryman op flink volume of met de koptelefoon beluistert, hoor je een plaat die je langzaam maar zeker opslokt en die steeds indrukwekkender, meeslepender mooier en onmisbaarder wordt.
Mark Eitzel ontbreekt misschien in de lijstjes met de belangrijkste releases van deze week, maar heeft wel een plaat gemaakt die met kop en schouders boven de andere releases van 2017 uit steekt. Bijzonder indrukwekkend. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Mark Eitzel - Hey Mr Ferryman - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
In veel lijstjes met de belangrijkste releases van deze week ontbreekt tot mijn grote verbazing Hey Mr Ferryman van Mark Eitzel.
Persoonlijk schaar ik de Amerikaanse muzikant al heel wat jaren tot mijn persoonlijke favorieten en wat mij betreft heeft Mark Eitzel een oeuvre op zijn naam staan dat veel meer respect afdwingt dan het tot dusver krijgt.
Een substantieel deel van dit memorabele oeuvre van Mark Eitzel stamt uit de periode waarin hij de fameuze band American Music Club aanvoerde.
De band uit California maakte tussen 1986 en 1994 een zevental platen, waarvan er zeker drie de status klassieker verdienen. Ook de twee platen die de tijdelijk heropgerichte band in 2004 en 2008 maakte, zijn overigens wonderschoon en doen niet onder voor het beste werk van de band.
Naast de stapel platen van American Music Club is er ook nog het solowerk van Mark Eitzel, dat inmiddels uit ruim een dozijn platen bestaat. Dit solowerk is wel wat wisselvalliger dan het werk van zijn band, maar Mark Eitzel in goeden doen maakt fantastische platen.
Hey Mr Ferryman is wat mij betreft zo’n fantastische plaat. Het vreemde van de platen van Mark Eitzel is dat de schoonheid ervan zich bij eerste of oppervlakkige beluistering maar lastig openbaart.
De songs van de Amerikaan zijn warmbloedig, sfeervol, behoorlijk toegankelijk en kunnen op het eerste gehoor aangenaam maar niet heel opzienbarend voortkabbelen. Pas bij herhaalde beluistering hoor je hoe knap de songs van Mark Eitzel in elkaar steken en hoor je ook songs die steeds dieper onder de huid kruipen.
Het zijn songs die over het algemeen zijn voorzien van prachtige teksten en dit is ook op Hey Mr Ferryman een sterk wapen. Op het hoesje van de plaat zit een sticker met de tekst “America’s Greatest Living Lyricist” (een citaat ontleend aan The Guardian). Dat is misschien net wat teveel eer, maar dat de teksten van Mark Eitzel het uitpluizen waard zijn zal duidelijk zijn.
Mark Eitzel staat bekend om uiterst ingetogen muziek en ook Hey Mr Ferryman is een voornamelijk ingetogen plaat. Het is een plaat die misschien net wat uitbundiger klinkt dan veel van zijn voorgangers (maar de Phil Spector productie die Pitchfork hoort heb ik nog niet kunnen ontdekken) en dit is de verdienste van voormalig Suede gitarist Bernard Butler, die de plaat produceerde en een groot deel van de instrumentatie voor zijn rekening neemt (en af en toe mag laten horen wat een geweldig gitarist hij is).
Het kleurt allemaal fraai bij de bijzondere stem van Mark Eitzel, die zich beweegt in het spectrum tussen Morrissey, Gavin Friday, Grant Lee Phillips en Marc Almond en naarmate je de plaat vaker hoort steeds meer indruk maakt met zijn melancholische songs en bijpassende stem.
Het promo exemplaar van Hey Mr Ferryman lag al aan het begin van de vorige maand op de mat, maar ondanks talloze keren beluisteren, groeit de nieuwe plaat van Mark Eitzel nog steeds. Zeker wanneer je Hey Mr Ferryman op flink volume of met de koptelefoon beluistert, hoor je een plaat die je langzaam maar zeker opslokt en die steeds indrukwekkender, meeslepender mooier en onmisbaarder wordt.
Mark Eitzel ontbreekt misschien in de lijstjes met de belangrijkste releases van deze week, maar heeft wel een plaat gemaakt die met kop en schouders boven de andere releases van 2017 uit steekt. Bijzonder indrukwekkend. Erwin Zijleman
Mark Olson - Good-Bye Lizelle (2014)

4,0
0
geplaatst: 2 oktober 2014, 14:33 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Mark Olson - Good-Bye Lizelle - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Mark Olson is een muzikant die precies doet wat hij zelf wil. Hij verliet The Jayhawks toen deze band net leek door te breken naar een groot publiek, maakte vervolgens in een paar jaar tijd een aantal eigenzinnige en niet altijd even geslaagde soloplaten (deels met zijn toenmalige vrouw Victoria Williams en deels met zijn band The (Orginal Harmony Ridge) Creekdippers), leverde hierna uit het niets een bescheiden meesterwerk af (The Salvation Blues), zocht verrassend toch weer de samenwerking met voormalig The Jayhawks collega Gary Louris en trad uiteindelijk zelfs weer toe tot de band die inmiddels helaas wat over haar top heen is en teert op successen uit het verleden.
De zoektocht van Mark Olson naar een eigen uitlaatklep kon daarom niet lang op zich wachten en krijgt nu vorm met het onlangs verschenen Good-bye Lizelle.
Direct wanneer de eerste noten uit de speakers komen weet je dat Mark Olson zijn inspiratie dit keer heeft gezocht en gevonden in de psychedelische West-Coast muziek uit vervlogen tijden. De openingstrack van Good-Bye Lizelle neemt je mee terug naar de jaren 60 en een groot deel van de plaat houdt je vast in deze jaren 60.
Mark Olson heeft Good-Bye Lizelle voor een belangrijk deel samen gemaakt met zijn nieuwe levenspartner, de Noorse singer-songwriter Ingunn Ringvold, die klinkt als een kruising tussen Grace Slick en Mama Cass Elliot. Het tweetal reisde de afgelopen jaren over de wereld en nam uiteindelijk songs op in met name uithoeken van Europa en bij voorkeur in natuurparken.
De meeste tracks op de plaat zijn zwaar psychedelisch en niet heel erg toegankelijk; eigenlijk precies zoals we van Mark Olson inmiddels gewend zijn. Als Mark Olson zijn eigen ding doet, doet hij dit echter ook met hart en ziel, waardoor Good-Bye Lizelle een geïnspireerd klinkende plaat is geworden.
Als je goed luistert naar de tracks op de nieuwe plaat van Mark Olson hoor je dat het psychedelische klankentapijt dat zo lijkt weggelopen uit de Californische Summer Of Love is aangevuld met de lokale klanken van de opnamelocaties, terwijl Olson hiernaast ook altijd zijn alt-country hart laat kloppen en de muzikale erfenis van The Beatles, en dit keer vooral George Harrison, in ere houdt.
Good-Bye Lizelle is een plaat die tijd nodig heeft, net zoals bijna alle platen die Mark Olson onder zijn eigen naam heeft uitgebracht, maar alle geïnvesteerde tijd betaalt zichzelf ruimschoots terug. Zeker als je de plaat wat vaker hoort valt veel op zijn plaats en kun je alleen maar concluderen dat Mark Olson een ouderwets eigenzinnige maar ook ouderwets goede plaat heeft gemaakt. Als je het mij vraagt stukken beter dan de laatste platen van The Jayhawks. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Mark Olson - Good-Bye Lizelle - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Mark Olson is een muzikant die precies doet wat hij zelf wil. Hij verliet The Jayhawks toen deze band net leek door te breken naar een groot publiek, maakte vervolgens in een paar jaar tijd een aantal eigenzinnige en niet altijd even geslaagde soloplaten (deels met zijn toenmalige vrouw Victoria Williams en deels met zijn band The (Orginal Harmony Ridge) Creekdippers), leverde hierna uit het niets een bescheiden meesterwerk af (The Salvation Blues), zocht verrassend toch weer de samenwerking met voormalig The Jayhawks collega Gary Louris en trad uiteindelijk zelfs weer toe tot de band die inmiddels helaas wat over haar top heen is en teert op successen uit het verleden.
De zoektocht van Mark Olson naar een eigen uitlaatklep kon daarom niet lang op zich wachten en krijgt nu vorm met het onlangs verschenen Good-bye Lizelle.
Direct wanneer de eerste noten uit de speakers komen weet je dat Mark Olson zijn inspiratie dit keer heeft gezocht en gevonden in de psychedelische West-Coast muziek uit vervlogen tijden. De openingstrack van Good-Bye Lizelle neemt je mee terug naar de jaren 60 en een groot deel van de plaat houdt je vast in deze jaren 60.
Mark Olson heeft Good-Bye Lizelle voor een belangrijk deel samen gemaakt met zijn nieuwe levenspartner, de Noorse singer-songwriter Ingunn Ringvold, die klinkt als een kruising tussen Grace Slick en Mama Cass Elliot. Het tweetal reisde de afgelopen jaren over de wereld en nam uiteindelijk songs op in met name uithoeken van Europa en bij voorkeur in natuurparken.
De meeste tracks op de plaat zijn zwaar psychedelisch en niet heel erg toegankelijk; eigenlijk precies zoals we van Mark Olson inmiddels gewend zijn. Als Mark Olson zijn eigen ding doet, doet hij dit echter ook met hart en ziel, waardoor Good-Bye Lizelle een geïnspireerd klinkende plaat is geworden.
Als je goed luistert naar de tracks op de nieuwe plaat van Mark Olson hoor je dat het psychedelische klankentapijt dat zo lijkt weggelopen uit de Californische Summer Of Love is aangevuld met de lokale klanken van de opnamelocaties, terwijl Olson hiernaast ook altijd zijn alt-country hart laat kloppen en de muzikale erfenis van The Beatles, en dit keer vooral George Harrison, in ere houdt.
Good-Bye Lizelle is een plaat die tijd nodig heeft, net zoals bijna alle platen die Mark Olson onder zijn eigen naam heeft uitgebracht, maar alle geïnvesteerde tijd betaalt zichzelf ruimschoots terug. Zeker als je de plaat wat vaker hoort valt veel op zijn plaats en kun je alleen maar concluderen dat Mark Olson een ouderwets eigenzinnige maar ook ouderwets goede plaat heeft gemaakt. Als je het mij vraagt stukken beter dan de laatste platen van The Jayhawks. Erwin Zijleman
Mark Olson - Spokeswoman of the Bright Sun (2017)

3,5
0
geplaatst: 4 september 2017, 19:14 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Mark Olson - Spokeswoman Of The Bright Sun - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
In 1995 verruilde Mark Olson het gestaag groeiende succes van zijn band The Jayhawks voor een onzeker bestaan als solomuzikant.
Olson vestigde zich, samen met zijn toenmalige echtgenote Victoria Williams, in de Californische woestijn en nam nadrukkelijk afstand van het wat meer pop-georiënteerde geluid van The Jayhawks.
Samen met Victoria Williams en violist Mark Russell formeerde Mark Olson The Original Harmony Ridge Creekdippers, dat vervolgens drie wat rammelende, maar door liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek enthousiast ontvangen platen afleverde.
Ook de platen die Mark Olson vervolgens onder zijn eigen naam uitbracht werden positief ontvangen en verwerkten zowel invloeden uit de pioniersdagen van de alt-country als invloeden uit de country- en folkrock uit de vroege jaren 70.
In 2005 liep het huwelijk van Mark Olson en Victoria Wilson op de klippen en de scheiding dreef Mark Olson weer in de armen van zijn voormalige bandgenoot Gary Louris en later zelfs in de armen van The Jayhawks.
Sinds zijn huwelijk met de Noorse singer-songwriter en multi-instrumentalist Ingunn Ringvold, maakt Mark Olson echter weer zijn eigen muziek. Dat leverde in 2014 het verrassend sterke Goodbye Lizelle op en die plaat wordt nu gevolgd door Spokeswoman Of The Bright Sun.
Tijdens de opnamen van Goodbye Lizelle zwierven Mark Olson en zijn nieuwe liefde nog in de uithoeken van Europa rond, maar voor Spokeswoman Of The Bright Sun is het tweetal weer teruggekeerd naar de uitvalsbasis van Mark Olson in Joshua Tree, California. De terugkeer naar de vertrouwde basis levert echter geen plaat op die in het verlengde ligt van de daar opgenomen voorgangers.
Spokeswoman Of The Bright Sun is een bijzonder klinkende plaat, die stevig citeert uit de popmuziek uit de jaren 60. In de jaren 60 vonden Mark Olson en Ingunn Ringvold ook dit keer invloeden uit de folk(rock) en country(rock), maar invloeden uit de psychedelica domineren wat mij betreft op de plaat.
Deze invloeden hebben gezorgd voor een geluid vol zonnestralen, maar Spokeswoman Of The Bright Sun is ook een flink zweverige plaat en het is een plaat die soms net zo pastoraal kan klinken als de Britse folk of de barokke pop uit de jaren 70.
Zeker wanneer de twee samen zingen of Ingunn Ringvold haar mellotron of een van haar andere exotische instrumenten er bij pakt, balanceert Spokeswoman Of The Bright Sun op het randje van goede smaak en kitsch, al is het ook een kwestie van wennen.
Ik heb alle platen die Mark Olson voor Spokeswoman Of The Bright Sun uitbracht vrijwel onmiddellijk omarmd, maar bij de nieuwe plaat wist ik het in eerste instantie niet. Het siert Mark Olson dat hij precies doet waar hij zin in heeft, maar het hippie gehalte van Spokeswoman Of The Bright Sun was me in eerste instantie iets te hoog.
Na enige gewenning valt er echter veel op zijn plaats en uiteindelijk ben ik toch wel te spreken over de nieuwe plaat van Mark Olson en zijn echtgenote, die net als Victoria Williams in het verleden soms (wat te) nadrukkelijk aanwezig is, maar ook zorg draagt voor vernieuwing in de muziek van de Amerikaanse singer-songwriter. En al die zonnestralen zijn aan het eind van de zomer eigenlijk best lekker. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Mark Olson - Spokeswoman Of The Bright Sun - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
In 1995 verruilde Mark Olson het gestaag groeiende succes van zijn band The Jayhawks voor een onzeker bestaan als solomuzikant.
Olson vestigde zich, samen met zijn toenmalige echtgenote Victoria Williams, in de Californische woestijn en nam nadrukkelijk afstand van het wat meer pop-georiënteerde geluid van The Jayhawks.
Samen met Victoria Williams en violist Mark Russell formeerde Mark Olson The Original Harmony Ridge Creekdippers, dat vervolgens drie wat rammelende, maar door liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek enthousiast ontvangen platen afleverde.
Ook de platen die Mark Olson vervolgens onder zijn eigen naam uitbracht werden positief ontvangen en verwerkten zowel invloeden uit de pioniersdagen van de alt-country als invloeden uit de country- en folkrock uit de vroege jaren 70.
In 2005 liep het huwelijk van Mark Olson en Victoria Wilson op de klippen en de scheiding dreef Mark Olson weer in de armen van zijn voormalige bandgenoot Gary Louris en later zelfs in de armen van The Jayhawks.
Sinds zijn huwelijk met de Noorse singer-songwriter en multi-instrumentalist Ingunn Ringvold, maakt Mark Olson echter weer zijn eigen muziek. Dat leverde in 2014 het verrassend sterke Goodbye Lizelle op en die plaat wordt nu gevolgd door Spokeswoman Of The Bright Sun.
Tijdens de opnamen van Goodbye Lizelle zwierven Mark Olson en zijn nieuwe liefde nog in de uithoeken van Europa rond, maar voor Spokeswoman Of The Bright Sun is het tweetal weer teruggekeerd naar de uitvalsbasis van Mark Olson in Joshua Tree, California. De terugkeer naar de vertrouwde basis levert echter geen plaat op die in het verlengde ligt van de daar opgenomen voorgangers.
Spokeswoman Of The Bright Sun is een bijzonder klinkende plaat, die stevig citeert uit de popmuziek uit de jaren 60. In de jaren 60 vonden Mark Olson en Ingunn Ringvold ook dit keer invloeden uit de folk(rock) en country(rock), maar invloeden uit de psychedelica domineren wat mij betreft op de plaat.
Deze invloeden hebben gezorgd voor een geluid vol zonnestralen, maar Spokeswoman Of The Bright Sun is ook een flink zweverige plaat en het is een plaat die soms net zo pastoraal kan klinken als de Britse folk of de barokke pop uit de jaren 70.
Zeker wanneer de twee samen zingen of Ingunn Ringvold haar mellotron of een van haar andere exotische instrumenten er bij pakt, balanceert Spokeswoman Of The Bright Sun op het randje van goede smaak en kitsch, al is het ook een kwestie van wennen.
Ik heb alle platen die Mark Olson voor Spokeswoman Of The Bright Sun uitbracht vrijwel onmiddellijk omarmd, maar bij de nieuwe plaat wist ik het in eerste instantie niet. Het siert Mark Olson dat hij precies doet waar hij zin in heeft, maar het hippie gehalte van Spokeswoman Of The Bright Sun was me in eerste instantie iets te hoog.
Na enige gewenning valt er echter veel op zijn plaats en uiteindelijk ben ik toch wel te spreken over de nieuwe plaat van Mark Olson en zijn echtgenote, die net als Victoria Williams in het verleden soms (wat te) nadrukkelijk aanwezig is, maar ook zorg draagt voor vernieuwing in de muziek van de Amerikaanse singer-songwriter. En al die zonnestralen zijn aan het eind van de zomer eigenlijk best lekker. Erwin Zijleman
Mark Olson & Ingunn Ringvold - Magdalen Accepts the Invitation (2020)

4,0
0
geplaatst: 9 juni 2020, 15:42 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Mark Olson & Ingunn Ringvold - Magdalen Accepts The Invitation - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Mark Olson & Ingunn Ringvold - Magdalen Accepts The Invitation
Mark Olson en Ingunn Ringvold kleuren op hun nieuwe album wat vaker buiten de lijntjes van de Americana, maar na enige gewenning valt alles absoluut op zijn plek
Mark Olson stond ooit aan de basis van The Jayhawks, maar is inmiddels al veel langer als solomuzikant actief. Op zijn nieuwe album krijgt zijn naam op de cover gezelschap van die van zijn echtgenote Ingunn Ringvold, die ook op de afgelopen twee albums al van de partij was. Het levert een album op dat niet uitsluitend in het hokje Americana past. De flirts met wereldmuziek en psychedelica zijn onmiddellijk geslaagd en ook de met strijkers opgepoetste songs overtuigen uiteindelijk weer vrij makkelijk op een album dat nieuwe wegen in slaat, maar uiteindelijk toch ook weer een typisch Mark Olson album is.
Mark Olson formeerde in 1985 in Minneapolis, Minnesota, samen met Gary Louris de Amerikaanse band The Jayhawks, die moet worden gerekend tot de pioniers en wat mij betreft ook tot de smaakmakers van de alt-country.
Precies tien jaar later verruilde hij de band voor een solocarrière, die al veel moois heeft opgeleverd. In eerste instantie maakte Mark Olson muziek met de band The Original Harmony Ridge Creekdippers, waar ook zijn toenmalige echtgenote Victoria Williams deel van uit maakte, maar vanaf 2000 maakt hij muziek onder zijn eigen naam. Hiernaast maakte hij een album met zijn voormalige Jayhawks collega Gary Louris en trad hij zelfs weer even toe tot de band.
De afgelopen jaren maakt Mark Olson muziek met zijn Noorse echtgenote Ingunn Ringvold, die bijdroeg aan Good-bye Lizelle uit 2014 en Spokeswoman Of The Bright Sun uit 2017. Beide albums vond ik persoonlijk erg goed, net als vrijwel alle andere albums die de Amerikaanse muzikant inmiddels op zijn naam heeft staan. Ook het deze week verschenen Magdalen Accepts The Invitation maakte Mark Olson samen met Ingunn Ringvold, die dit keer ook met haar naam op de cover staat.
Dat laatste is niet onterecht, want de Noorse muzikante drukt dit keer nadrukkelijker haar stempel dan op de afgelopen twee albums. Toch is Magdalen Accepts The Invitation nog steeds wel in het hokje Americana te duwen, al worden de grenzen van het genre zeker opgezocht. Mark Olson en Ingunn Ringvold kijken op het album terug op een aantal bijzondere plekken die ze bezocht hebben, zowel in de VS als ver daarbuiten.
Zeker als Ingunn Ringvold haar stempel drukt op de zang, klinkt Magdalen Accepts The Invitation niet als het gemiddelde Americana album en ook de instrumentatie kleurt met enige regelmaat buiten de lijntjes van het genre, bijvoorbeeld door de mellotron en wat exotische instrumenten die de Noorse muzikante heeft aangedragen en door de hier en daar toegevoegde strijkers.
Aan de andere kant is het wederom in Joshua Tree, California, opgenomen album met enige regelmaat ook een typisch Mark Olson album. De songs die wat meer op de Americana leunen wisten me stuk voor stuk onmiddellijk te overtuigen, maar de rijk georkestreerde songs deden dit niet direct. Deze songs doen zowel door de instrumentatie als de vocalen wat bombastisch aan, zeker voor Mark Olson begrippen. Hiernaast zijn er nog wat songs die meer leunen op wereldmuziek en deze songs maakten weer wel direct indruk.
Waar bij eerste beluistering de gemengde gevoelens nog wat domineerden, zeker over een deel van de tracks, valt er uiteindelijk veel op zijn plek. De zang van Mark Olson en Ingunn Ringvold is mooi en hetzelfde geldt voor de inkleuring van de beeldende songs op het album, die vaak wat psychedelisch aan doen. Zeker de combinatie van Americana en stevig aangezette strijkers is heel mooi, maar ook de inzet van de mellotron past verrassend goed in het genre.
Magdalen Accepts The Invitation klinkt hier en daar misschien wat zoetsappiger dan de muziek die Mark Olson tot dusver heeft gemaakt, maar de songs van het tweetal zijn absoluut oprecht en groeien makkelijk wanneer je ze wat meer tijd geeft. Magdalen Accepts The Invitation past zo prima in de catalogus van Mark Olson die zich nooit heeft laten beperken door de kaders van het genre waarin hij inmiddels al zo lang succesvol is. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Mark Olson & Ingunn Ringvold - Magdalen Accepts The Invitation - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Mark Olson & Ingunn Ringvold - Magdalen Accepts The Invitation
Mark Olson en Ingunn Ringvold kleuren op hun nieuwe album wat vaker buiten de lijntjes van de Americana, maar na enige gewenning valt alles absoluut op zijn plek
Mark Olson stond ooit aan de basis van The Jayhawks, maar is inmiddels al veel langer als solomuzikant actief. Op zijn nieuwe album krijgt zijn naam op de cover gezelschap van die van zijn echtgenote Ingunn Ringvold, die ook op de afgelopen twee albums al van de partij was. Het levert een album op dat niet uitsluitend in het hokje Americana past. De flirts met wereldmuziek en psychedelica zijn onmiddellijk geslaagd en ook de met strijkers opgepoetste songs overtuigen uiteindelijk weer vrij makkelijk op een album dat nieuwe wegen in slaat, maar uiteindelijk toch ook weer een typisch Mark Olson album is.
Mark Olson formeerde in 1985 in Minneapolis, Minnesota, samen met Gary Louris de Amerikaanse band The Jayhawks, die moet worden gerekend tot de pioniers en wat mij betreft ook tot de smaakmakers van de alt-country.
Precies tien jaar later verruilde hij de band voor een solocarrière, die al veel moois heeft opgeleverd. In eerste instantie maakte Mark Olson muziek met de band The Original Harmony Ridge Creekdippers, waar ook zijn toenmalige echtgenote Victoria Williams deel van uit maakte, maar vanaf 2000 maakt hij muziek onder zijn eigen naam. Hiernaast maakte hij een album met zijn voormalige Jayhawks collega Gary Louris en trad hij zelfs weer even toe tot de band.
De afgelopen jaren maakt Mark Olson muziek met zijn Noorse echtgenote Ingunn Ringvold, die bijdroeg aan Good-bye Lizelle uit 2014 en Spokeswoman Of The Bright Sun uit 2017. Beide albums vond ik persoonlijk erg goed, net als vrijwel alle andere albums die de Amerikaanse muzikant inmiddels op zijn naam heeft staan. Ook het deze week verschenen Magdalen Accepts The Invitation maakte Mark Olson samen met Ingunn Ringvold, die dit keer ook met haar naam op de cover staat.
Dat laatste is niet onterecht, want de Noorse muzikante drukt dit keer nadrukkelijker haar stempel dan op de afgelopen twee albums. Toch is Magdalen Accepts The Invitation nog steeds wel in het hokje Americana te duwen, al worden de grenzen van het genre zeker opgezocht. Mark Olson en Ingunn Ringvold kijken op het album terug op een aantal bijzondere plekken die ze bezocht hebben, zowel in de VS als ver daarbuiten.
Zeker als Ingunn Ringvold haar stempel drukt op de zang, klinkt Magdalen Accepts The Invitation niet als het gemiddelde Americana album en ook de instrumentatie kleurt met enige regelmaat buiten de lijntjes van het genre, bijvoorbeeld door de mellotron en wat exotische instrumenten die de Noorse muzikante heeft aangedragen en door de hier en daar toegevoegde strijkers.
Aan de andere kant is het wederom in Joshua Tree, California, opgenomen album met enige regelmaat ook een typisch Mark Olson album. De songs die wat meer op de Americana leunen wisten me stuk voor stuk onmiddellijk te overtuigen, maar de rijk georkestreerde songs deden dit niet direct. Deze songs doen zowel door de instrumentatie als de vocalen wat bombastisch aan, zeker voor Mark Olson begrippen. Hiernaast zijn er nog wat songs die meer leunen op wereldmuziek en deze songs maakten weer wel direct indruk.
Waar bij eerste beluistering de gemengde gevoelens nog wat domineerden, zeker over een deel van de tracks, valt er uiteindelijk veel op zijn plek. De zang van Mark Olson en Ingunn Ringvold is mooi en hetzelfde geldt voor de inkleuring van de beeldende songs op het album, die vaak wat psychedelisch aan doen. Zeker de combinatie van Americana en stevig aangezette strijkers is heel mooi, maar ook de inzet van de mellotron past verrassend goed in het genre.
Magdalen Accepts The Invitation klinkt hier en daar misschien wat zoetsappiger dan de muziek die Mark Olson tot dusver heeft gemaakt, maar de songs van het tweetal zijn absoluut oprecht en groeien makkelijk wanneer je ze wat meer tijd geeft. Magdalen Accepts The Invitation past zo prima in de catalogus van Mark Olson die zich nooit heeft laten beperken door de kaders van het genre waarin hij inmiddels al zo lang succesvol is. Erwin Zijleman
Markéta Irglová - LILA (2022)

4,0
0
geplaatst: 24 augustus 2022, 14:23 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Markéta Irglová - Lila - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Markéta Irglová - Lila
Het was een tijd stil rond de Tsjechisch-IJslandse zangeres en muzikante Markéta Irglová, maar op het deze week verschenen Lila betovert ze als vanouds met haar mooie arrangementen en prachtige stem
Markéta Irglová werd ontdekt op haar dertiende, maakte op haar achttiende een prachtalbum met de Ierse muzikant Glen Hansard en debuteerde op haar drieëntwintigste als solomuzikant. De afgelopen jaren slokte het moederschap alle aandacht op, maar deze week keert de in Tsjechië geboren maar inmiddels op IJsland woonachtige Markéta Irglová terug met het fraaie Lila. Lila valt op door mooie arrangementen, door een fraaie mix van klassieke muziek, new age en pop, maar net als in het verleden is het vooral de stem van Markéta Irglová die indruk maakt. Lila is een album dat aangenaam vermaakt en vervolgens langzaam doorgroeit. Mooi dat Markéta Irglová terug is.
De Tsjechische zangeres en multi-instrumentalist Markéta Irglová was pas 13 jaar oud toen ze in 2001, na het vertolken van een song van The Frames op een tuinfeestje van haar ouders, werd voorgesteld aan Glen Hansard, de voorman van de op dat moment zeer populaire Ierse band. Glen Hansard was zo onder de indruk van de stem van de Tsjechische zangeres dat ze een dag later al op het podium stond met de band om nogmaals haar stem toe te voegen aan Star Star van The Frames.
Glen Hansard bleef de piepjonge Markéta Irglová hierna volgen, wat in 2006 resulteerde in het gezamenlijke album The Swell Season, dat terecht werd overladen met superlatieven. Opvolger Strict Joy werd gemaakt onder de naam The Swell Season, waarna Markéta Irglová in 2011 met Anar haar eerste soloalbum uitbracht. Het goed ontvangen solodebuut werd in 2014 gevolgd door het uitstekende Muna, waarna het stil werd rond de zangeres, die haar vaderland Tsjechië inmiddels al had verruild voor het IJslandse Reykjavik.
Markéta Irglová werd moeder en kreeg kinderen, maar pakt de draad van haar carrière in de muziek weer op met het deze week verschenen Lila. Ik moet eerlijk toegeven dat ik geen actieve herinnering meer had aan de twee soloalbums die Markéta Irglová inmiddels flink wat jaren geleden maakte, maar Lila beviel me direct uitstekend en blijkt deels in het verlengde van de twee voorgangers te liggen. Net als op Anar en Muna zijn de songs op Lila versierd met klassiek aandoende arrangementen, die op het nieuwe album van de Tsjechisch-IJslandse muzikante gezelschap hebben gekregen van een vleugje Enya achtige new age.
Het nieuwe album van Markéta Irglová ligt door de mooie klassieke arrangementen, het zweverige tintje en zeker ook het vleugje pop makkelijk in het gehoor. Soms zelfs zo makkelijk dat het album aangenaam voortkabbelt zonder een onuitwisbare indruk te maken, maar Markéta Irglová heeft het geluk dat ze beschikt over een stem die mooier is dan de meeste van haar collega’s.
Ik denk dat ik Lila zonder de prachtige stem van Markéta Irglová een aangenaam maar niet heel opvallend album zou hebben gevonden, maar de zang op Lila tilt het album uiteindelijk ruim boven de middelmaat uit. Lila is een album over de liefde, waarbinnen de inmiddels 34 jaar oude zangeres de pieken en de dalen kent.
Het is een album dat bij eerste beluistering zoals gezegd aangenaam binnen kwam, maar Lila is sindsdien flink gegroeid. Markéta Irglová heeft zich op haar derde soloalbum omringd met een aantal getalenteerde muzikanten uit alle windstreken, die niet alleen zorgen voor een mooi en aangenaam klankentapijt, maar ook voor muziek die het uitpluizen meer dan waard is. Ook in vocaal opzicht wordt Lila interessanter wanneer je het album meerdere keren hoort. De zang van Markéta Irglová is prachtig, maar het is ook zang vol gevoel en precisie, die bij iedere keer horen weer wat mooier klinkt.
Het is best lang stil geweest rond Markéta Irglová, die dit jaar ook weer tourt met haar ontdekker en voormalige liefde Glen Hansard, maar met Lila laat ze horen dat ze nog altijd een bijzondere zangeres, muzikante en songwriter is. En nu maar wachten op de winter, want ik heb het idee dat Lila in dit jaargetijde nog veel mooier en indringender gaat klinken. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Markéta Irglová - Lila - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Markéta Irglová - Lila
Het was een tijd stil rond de Tsjechisch-IJslandse zangeres en muzikante Markéta Irglová, maar op het deze week verschenen Lila betovert ze als vanouds met haar mooie arrangementen en prachtige stem
Markéta Irglová werd ontdekt op haar dertiende, maakte op haar achttiende een prachtalbum met de Ierse muzikant Glen Hansard en debuteerde op haar drieëntwintigste als solomuzikant. De afgelopen jaren slokte het moederschap alle aandacht op, maar deze week keert de in Tsjechië geboren maar inmiddels op IJsland woonachtige Markéta Irglová terug met het fraaie Lila. Lila valt op door mooie arrangementen, door een fraaie mix van klassieke muziek, new age en pop, maar net als in het verleden is het vooral de stem van Markéta Irglová die indruk maakt. Lila is een album dat aangenaam vermaakt en vervolgens langzaam doorgroeit. Mooi dat Markéta Irglová terug is.
De Tsjechische zangeres en multi-instrumentalist Markéta Irglová was pas 13 jaar oud toen ze in 2001, na het vertolken van een song van The Frames op een tuinfeestje van haar ouders, werd voorgesteld aan Glen Hansard, de voorman van de op dat moment zeer populaire Ierse band. Glen Hansard was zo onder de indruk van de stem van de Tsjechische zangeres dat ze een dag later al op het podium stond met de band om nogmaals haar stem toe te voegen aan Star Star van The Frames.
Glen Hansard bleef de piepjonge Markéta Irglová hierna volgen, wat in 2006 resulteerde in het gezamenlijke album The Swell Season, dat terecht werd overladen met superlatieven. Opvolger Strict Joy werd gemaakt onder de naam The Swell Season, waarna Markéta Irglová in 2011 met Anar haar eerste soloalbum uitbracht. Het goed ontvangen solodebuut werd in 2014 gevolgd door het uitstekende Muna, waarna het stil werd rond de zangeres, die haar vaderland Tsjechië inmiddels al had verruild voor het IJslandse Reykjavik.
Markéta Irglová werd moeder en kreeg kinderen, maar pakt de draad van haar carrière in de muziek weer op met het deze week verschenen Lila. Ik moet eerlijk toegeven dat ik geen actieve herinnering meer had aan de twee soloalbums die Markéta Irglová inmiddels flink wat jaren geleden maakte, maar Lila beviel me direct uitstekend en blijkt deels in het verlengde van de twee voorgangers te liggen. Net als op Anar en Muna zijn de songs op Lila versierd met klassiek aandoende arrangementen, die op het nieuwe album van de Tsjechisch-IJslandse muzikante gezelschap hebben gekregen van een vleugje Enya achtige new age.
Het nieuwe album van Markéta Irglová ligt door de mooie klassieke arrangementen, het zweverige tintje en zeker ook het vleugje pop makkelijk in het gehoor. Soms zelfs zo makkelijk dat het album aangenaam voortkabbelt zonder een onuitwisbare indruk te maken, maar Markéta Irglová heeft het geluk dat ze beschikt over een stem die mooier is dan de meeste van haar collega’s.
Ik denk dat ik Lila zonder de prachtige stem van Markéta Irglová een aangenaam maar niet heel opvallend album zou hebben gevonden, maar de zang op Lila tilt het album uiteindelijk ruim boven de middelmaat uit. Lila is een album over de liefde, waarbinnen de inmiddels 34 jaar oude zangeres de pieken en de dalen kent.
Het is een album dat bij eerste beluistering zoals gezegd aangenaam binnen kwam, maar Lila is sindsdien flink gegroeid. Markéta Irglová heeft zich op haar derde soloalbum omringd met een aantal getalenteerde muzikanten uit alle windstreken, die niet alleen zorgen voor een mooi en aangenaam klankentapijt, maar ook voor muziek die het uitpluizen meer dan waard is. Ook in vocaal opzicht wordt Lila interessanter wanneer je het album meerdere keren hoort. De zang van Markéta Irglová is prachtig, maar het is ook zang vol gevoel en precisie, die bij iedere keer horen weer wat mooier klinkt.
Het is best lang stil geweest rond Markéta Irglová, die dit jaar ook weer tourt met haar ontdekker en voormalige liefde Glen Hansard, maar met Lila laat ze horen dat ze nog altijd een bijzondere zangeres, muzikante en songwriter is. En nu maar wachten op de winter, want ik heb het idee dat Lila in dit jaargetijde nog veel mooier en indringender gaat klinken. Erwin Zijleman
Marlin's Dreaming - Hasten (2021)

4,0
0
geplaatst: 24 januari 2022, 17:26 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Marlin's Dreaming - Hasten - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Marlin's Dreaming - Hasten
De Nieuw-Zeelandse band Marlin’s Dreaming tekende in 2020 voor een van de beste gitaarplaten van het jaar en herhaalt dit kunstje met het meer ingetogen maar minstens even mooie Hasten
Het nieuwe album van Marlin’s Dreaming is deze week de belangrijkste nieuwe release in de mailing van het Nieuw-Zeelandse Flying Out Records. Hasten blijkt in digitale vorm al enkele maanden beschikbaar, maar heeft helaas niet veel aandacht gekregen. Hopelijk brengt de fysieke release van het album hier verandering in, want de Nieuw-Zeelandse band heeft wederom een fantastische gitaarplaat afgeleverd. Op haar vorige album schakelde de band veelvuldig tussen dromerig en gruizig, maar dit keer domineren de dromerige klanken en is de dynamiek wat subtieler. Veel verschil maakt het niet, want ook Hasten is een gitaarplaat die je na één keer horen niet meer wilt missen.
In de lente van 2020 kwam ik bij toeval in aanraking met Quotidian van de Nieuw-Zeelandse band Marlin’s Dreaming. Het album bleek al snel de perfecte soundtrack voor de lente en zomer van het betreffende jaar (waarin we nog even dachten dat de coronapandemie in een paar maanden zou overwaaien) en groeide voor mij uit tot één van de leukste gitaarplaten van de laatste jaren, al was ik het album bij het opstellen van mijn jaarlijstje over 2021 kennelijk even vergeten.
Deze week keert de band uit het Nieuw-Zeelandse Dunedin terug met een nieuw album, Hasten. Ik kwam het album tegen in de mailing van Flying Out Records, die wel vaker goed is voor geweldige tips, maar tot mijn verbazing zag ik dat het album al enkele maanden op de bandcamp pagina van Marlin’s Dreaming en op Spotify staat. Het zal wel te maken hebben met de vertraging van de fysieke release van een album, die tegenwoordig helaas eerder regel dan uitzondering is.
Het goede nieuws is natuurlijk dat er een nieuw album van de Nieuw-Zeelandse band is en ook Hasten is weer een heerlijk album. Quotidian beschreef ik twee jaar geleden als een album waarop het beste van een aantal decennia gitaarbands was samengebald, waarbij Marlin’s Dreaming uiteraard citeerde uit de archieven van de betere Nieuw-Zeelandse gitaarbands, maar ook de Britse en Amerikaanse voorbeelden niet vergat.
Marlin’s Dreaming tekende op haar vorige album voor meedogenloze verleiding met lome en dromerige gitaarsongs, die echter ook ieder moment om konden slaan in ruwe songs met hoge gitaarmuren. Hasten gaat verder waar Quotidian twee jaar geleden ophield, maar het laat de hoge gitaarmuren dit keer grotendeels achterwege. Hasten doet daarom minder denken aan de dynamiek uit de indierock van de jaren 90, maar het blijft een 100% gitaarplaat.
Ik moet eerlijk toegeven dat ik bij eerste beluistering nog wel wat verlangde naar deze dynamiek, maar nu ik het album een paar keer heb beluisterd, vind ik Hasten een beter album dan zijn voorganger. Hasten staat immers vol met heerlijk melodieuze en over het algemeen wat lome en dromerige gitaarsongs.
Het zijn nog altijd gitaarsongs vol invloeden uit het verleden en het zijn nog altijd songs vol dynamiek al zijn de overgangen dit keer een stuk subtieler en zijn ook de grootste uitbarstingen nog relatief ingehouden. Hier en daar mogen de gitaren voorzichtig ontsporen, maar meestal houdt Marlin’s Dreaming het dit keer bij redelijk ingetogen klanken, die worden gedomineerd met aangenaam dromerige zang.
Op haar vorige album overtuigde Marlin’s Dreaming niet alleen met een bijzonder aangenaam geluid, maar ook met geweldige songs. Ook op Hasten komt de ene na de andere prachtsong voorbij. Hasten streelt tien songs en bijna veertig minuten lang het oor en verdrijft de winter uit het huis.
Het vorige album van de band kreeg helaas maar weinig aandacht en ook over het, naar nu blijkt, al enkele maanden oude Hasten lees ik vrijwel niets. Het is doodzonde, want liefhebbers van gitaarplaten als deze horen het momenteel echt niet veel beter dan op de albums van Marlin’s Dreaming, waarbij kan worden gekozen tussen het gruizige Quotidian en het dromerige Hasten. Kiezen doe ik zelf niet, want beide albums zijn prachtig. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Marlin's Dreaming - Hasten - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Marlin's Dreaming - Hasten
De Nieuw-Zeelandse band Marlin’s Dreaming tekende in 2020 voor een van de beste gitaarplaten van het jaar en herhaalt dit kunstje met het meer ingetogen maar minstens even mooie Hasten
Het nieuwe album van Marlin’s Dreaming is deze week de belangrijkste nieuwe release in de mailing van het Nieuw-Zeelandse Flying Out Records. Hasten blijkt in digitale vorm al enkele maanden beschikbaar, maar heeft helaas niet veel aandacht gekregen. Hopelijk brengt de fysieke release van het album hier verandering in, want de Nieuw-Zeelandse band heeft wederom een fantastische gitaarplaat afgeleverd. Op haar vorige album schakelde de band veelvuldig tussen dromerig en gruizig, maar dit keer domineren de dromerige klanken en is de dynamiek wat subtieler. Veel verschil maakt het niet, want ook Hasten is een gitaarplaat die je na één keer horen niet meer wilt missen.
In de lente van 2020 kwam ik bij toeval in aanraking met Quotidian van de Nieuw-Zeelandse band Marlin’s Dreaming. Het album bleek al snel de perfecte soundtrack voor de lente en zomer van het betreffende jaar (waarin we nog even dachten dat de coronapandemie in een paar maanden zou overwaaien) en groeide voor mij uit tot één van de leukste gitaarplaten van de laatste jaren, al was ik het album bij het opstellen van mijn jaarlijstje over 2021 kennelijk even vergeten.
Deze week keert de band uit het Nieuw-Zeelandse Dunedin terug met een nieuw album, Hasten. Ik kwam het album tegen in de mailing van Flying Out Records, die wel vaker goed is voor geweldige tips, maar tot mijn verbazing zag ik dat het album al enkele maanden op de bandcamp pagina van Marlin’s Dreaming en op Spotify staat. Het zal wel te maken hebben met de vertraging van de fysieke release van een album, die tegenwoordig helaas eerder regel dan uitzondering is.
Het goede nieuws is natuurlijk dat er een nieuw album van de Nieuw-Zeelandse band is en ook Hasten is weer een heerlijk album. Quotidian beschreef ik twee jaar geleden als een album waarop het beste van een aantal decennia gitaarbands was samengebald, waarbij Marlin’s Dreaming uiteraard citeerde uit de archieven van de betere Nieuw-Zeelandse gitaarbands, maar ook de Britse en Amerikaanse voorbeelden niet vergat.
Marlin’s Dreaming tekende op haar vorige album voor meedogenloze verleiding met lome en dromerige gitaarsongs, die echter ook ieder moment om konden slaan in ruwe songs met hoge gitaarmuren. Hasten gaat verder waar Quotidian twee jaar geleden ophield, maar het laat de hoge gitaarmuren dit keer grotendeels achterwege. Hasten doet daarom minder denken aan de dynamiek uit de indierock van de jaren 90, maar het blijft een 100% gitaarplaat.
Ik moet eerlijk toegeven dat ik bij eerste beluistering nog wel wat verlangde naar deze dynamiek, maar nu ik het album een paar keer heb beluisterd, vind ik Hasten een beter album dan zijn voorganger. Hasten staat immers vol met heerlijk melodieuze en over het algemeen wat lome en dromerige gitaarsongs.
Het zijn nog altijd gitaarsongs vol invloeden uit het verleden en het zijn nog altijd songs vol dynamiek al zijn de overgangen dit keer een stuk subtieler en zijn ook de grootste uitbarstingen nog relatief ingehouden. Hier en daar mogen de gitaren voorzichtig ontsporen, maar meestal houdt Marlin’s Dreaming het dit keer bij redelijk ingetogen klanken, die worden gedomineerd met aangenaam dromerige zang.
Op haar vorige album overtuigde Marlin’s Dreaming niet alleen met een bijzonder aangenaam geluid, maar ook met geweldige songs. Ook op Hasten komt de ene na de andere prachtsong voorbij. Hasten streelt tien songs en bijna veertig minuten lang het oor en verdrijft de winter uit het huis.
Het vorige album van de band kreeg helaas maar weinig aandacht en ook over het, naar nu blijkt, al enkele maanden oude Hasten lees ik vrijwel niets. Het is doodzonde, want liefhebbers van gitaarplaten als deze horen het momenteel echt niet veel beter dan op de albums van Marlin’s Dreaming, waarbij kan worden gekozen tussen het gruizige Quotidian en het dromerige Hasten. Kiezen doe ik zelf niet, want beide albums zijn prachtig. Erwin Zijleman
Marlin's Dreaming - HIRL (2024)

4,0
0
geplaatst: 23 augustus 2024, 12:53 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Marlin's Dreaming - HIRL - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Marlin's Dreaming - HIRL
De Nieuw-Zeelandse band Marlin’s Dreaming is helaas niet heel bekend, maar heeft de afgelopen jaren het patent op uitstekende gitaaralbums en ook het verrassend ingetogen en melodieuze HIRL is er weer een
Marlin’s Dreaming verruilde ruim twee jaar geleden de indierock van het geweldige Quotidian voor een meer ingetogen geluid. Die lijn wordt doorgetrokken op HIRL, dat vol staat met lome en heerlijk melodieuze gitaarsongs. Quotidian noemde ik ooit de soundtrack van de zomer van 2020 en ook op HIRL domineren de zwoele en zomerse klanken, al klinkt het nieuwe album totaal anders. HIRL is subtiel maar echt bijzonder mooi ingekleurd, met een hoofdrol voor fraai gitaarwerk, wat wordt gecombineerd met aangenaam dromerige zang. Het klinkt niet alleen bijzonder lekker, maar de songs van Marlin’s Dreaming zitten ook knap in elkaar. Hoogste tijd dat deze band doorbreekt.
In de zomer van 2020, de eerste zomer van de coronapandemie, maakte de Nieuw-Zeelandse band Marlin’s Dreaming op mij een onuitwisbare indruk met haar tweede album Quotidian. Ik omschreef het album als een gitaarplaat vol invloeden en boordevol direct memorabele popsongs en noemde het bovendien een van de soundtracks van de zomer van 2020. Daar valt nog altijd weinig tot niets op af te dingen, want toen ik Quotidian onlangs weer eens beluisterde, was ik direct weer onder de indruk van de songs van de band uit Dunedin.
Op Quotidian citeerde Marlin’s Dreaming veelvuldig uit de archieven van de indierock uit de jaren 90, maar de band sleepte er echt van alles bij, waardoor het album niet alleen meedogenloos vermaakte, maar ook de fantasie prikkelde. Op het aan het begin van 2022 verschenen Hasten nam de Nieuw-Zeelandse band vervolgens flink gas terug.
Ook Hasten was een geweldige gitaarplaat, maar het gruizige gitaarwerk van Quotidian had plaats gemaakt voor een wat dromeriger geluid. Hasten drong zich net wat minder makkelijk op dan zijn voorganger, maar ook het derde album van Marlin’s Dreaming smaakte absoluut naar meer. Dat meer is deze week verschenen, want met HIRL heeft de band uit Nieuw-Zeeland haar vierde album afgeleverd.
In de openingstrack van HIRL neemt Marlin’s Dreaming nog wat meer gas terug dan op haar vorige album en zijn invloeden uit de 90s indierock volledig verdwenen. Die keren ook niet terug , want Marlin’s Dreaming borduurt op haar nieuwe album verder op de lijn die werd ingezet op Hasten. Hoewel ik zeer verknocht was en ben aan het geluid op Quotidian bevalt het nieuwe album van Marlin’s Dreaming me uitstekend.
De band uit Dunedin heeft haar nieuwe songs subtiel ingekleurd, maar omdat het nog steeds vooral vertrouwd op gitaren vind ik ook HIRL een gitaarplaat. Net als op Hasten is het geluid van Marlin’s Dreaming te omschrijven als dromerig, maar de songs op HIRL vallen wat mij betreft ook op door het zeer melodieuze karakter.
De band heeft hoorbaar veel invloed besteed aan de arrangementen en de instrumentatie, want alles klinkt even mooi. Dat geldt ook voor de zang die fraai ingetogen is en hier en daar wordt verrijkt met mooie harmonieën. Door de repeterende gitaarakkoorden heeft het vaak niet alleen wat dromerigs klinkt het ook wat benevelend, waardoor ook HIRL het weer uitstekend doet in de zomer. De meest ingetogen tracks op het album doen me wel wat denken aan de Britse band Travis ten tijde van The Man Who, maar Marlin’s Dreaming geeft haar songs ook meer dan eens een postpunk touch, zonder te vervallen in de clichés en de gebaande paden van dit genre.
Net als bij de vorige albums van Marlin’s Dreaming moet de band het vooralsnog doen met bescheiden aandacht, want zelfs de door mij zo geliefde nieuwsbrief van het Nieuw-Zeelandse Flying Out Records is nog redelijk stil over het album. Prijsnummer is voor mij overigens het zwoele duet met de eveneens Nieuw-Zeelandse en zeer getalenteerde singer-songwriter Erny Belle, maar ook alle andere songs op het album strelen genadeloos het oor.
Iedereen die Marlin’s Dreaming alleen kent van Quotidian moet waarschijnlijk even wennen aan HIRL, maar de schoonheid van het nieuwe album openbaart zich snel. Wat een leuke band is dit toch. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Marlin's Dreaming - HIRL - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Marlin's Dreaming - HIRL
De Nieuw-Zeelandse band Marlin’s Dreaming is helaas niet heel bekend, maar heeft de afgelopen jaren het patent op uitstekende gitaaralbums en ook het verrassend ingetogen en melodieuze HIRL is er weer een
Marlin’s Dreaming verruilde ruim twee jaar geleden de indierock van het geweldige Quotidian voor een meer ingetogen geluid. Die lijn wordt doorgetrokken op HIRL, dat vol staat met lome en heerlijk melodieuze gitaarsongs. Quotidian noemde ik ooit de soundtrack van de zomer van 2020 en ook op HIRL domineren de zwoele en zomerse klanken, al klinkt het nieuwe album totaal anders. HIRL is subtiel maar echt bijzonder mooi ingekleurd, met een hoofdrol voor fraai gitaarwerk, wat wordt gecombineerd met aangenaam dromerige zang. Het klinkt niet alleen bijzonder lekker, maar de songs van Marlin’s Dreaming zitten ook knap in elkaar. Hoogste tijd dat deze band doorbreekt.
In de zomer van 2020, de eerste zomer van de coronapandemie, maakte de Nieuw-Zeelandse band Marlin’s Dreaming op mij een onuitwisbare indruk met haar tweede album Quotidian. Ik omschreef het album als een gitaarplaat vol invloeden en boordevol direct memorabele popsongs en noemde het bovendien een van de soundtracks van de zomer van 2020. Daar valt nog altijd weinig tot niets op af te dingen, want toen ik Quotidian onlangs weer eens beluisterde, was ik direct weer onder de indruk van de songs van de band uit Dunedin.
Op Quotidian citeerde Marlin’s Dreaming veelvuldig uit de archieven van de indierock uit de jaren 90, maar de band sleepte er echt van alles bij, waardoor het album niet alleen meedogenloos vermaakte, maar ook de fantasie prikkelde. Op het aan het begin van 2022 verschenen Hasten nam de Nieuw-Zeelandse band vervolgens flink gas terug.
Ook Hasten was een geweldige gitaarplaat, maar het gruizige gitaarwerk van Quotidian had plaats gemaakt voor een wat dromeriger geluid. Hasten drong zich net wat minder makkelijk op dan zijn voorganger, maar ook het derde album van Marlin’s Dreaming smaakte absoluut naar meer. Dat meer is deze week verschenen, want met HIRL heeft de band uit Nieuw-Zeeland haar vierde album afgeleverd.
In de openingstrack van HIRL neemt Marlin’s Dreaming nog wat meer gas terug dan op haar vorige album en zijn invloeden uit de 90s indierock volledig verdwenen. Die keren ook niet terug , want Marlin’s Dreaming borduurt op haar nieuwe album verder op de lijn die werd ingezet op Hasten. Hoewel ik zeer verknocht was en ben aan het geluid op Quotidian bevalt het nieuwe album van Marlin’s Dreaming me uitstekend.
De band uit Dunedin heeft haar nieuwe songs subtiel ingekleurd, maar omdat het nog steeds vooral vertrouwd op gitaren vind ik ook HIRL een gitaarplaat. Net als op Hasten is het geluid van Marlin’s Dreaming te omschrijven als dromerig, maar de songs op HIRL vallen wat mij betreft ook op door het zeer melodieuze karakter.
De band heeft hoorbaar veel invloed besteed aan de arrangementen en de instrumentatie, want alles klinkt even mooi. Dat geldt ook voor de zang die fraai ingetogen is en hier en daar wordt verrijkt met mooie harmonieën. Door de repeterende gitaarakkoorden heeft het vaak niet alleen wat dromerigs klinkt het ook wat benevelend, waardoor ook HIRL het weer uitstekend doet in de zomer. De meest ingetogen tracks op het album doen me wel wat denken aan de Britse band Travis ten tijde van The Man Who, maar Marlin’s Dreaming geeft haar songs ook meer dan eens een postpunk touch, zonder te vervallen in de clichés en de gebaande paden van dit genre.
Net als bij de vorige albums van Marlin’s Dreaming moet de band het vooralsnog doen met bescheiden aandacht, want zelfs de door mij zo geliefde nieuwsbrief van het Nieuw-Zeelandse Flying Out Records is nog redelijk stil over het album. Prijsnummer is voor mij overigens het zwoele duet met de eveneens Nieuw-Zeelandse en zeer getalenteerde singer-songwriter Erny Belle, maar ook alle andere songs op het album strelen genadeloos het oor.
Iedereen die Marlin’s Dreaming alleen kent van Quotidian moet waarschijnlijk even wennen aan HIRL, maar de schoonheid van het nieuwe album openbaart zich snel. Wat een leuke band is dit toch. Erwin Zijleman
Marlin's Dreaming - Quotidian (2020)

4,5
0
geplaatst: 1 mei 2020, 16:39 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Marlin's Dreaming - Quotidian - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Marlin's Dreaming - Quotidian
Het Nieuw-Zeelandse Marlin’s Dreaming heeft een gitaarplaat vol invloeden en boordevol direct memorabele popsongs afgeleverd, die zo kunnen worden toegevoegd aan de soundtrack van de zomer
Luister naar Quotidian van de Nieuw-Zeelandse band Marlin’s Dreaming en je struikelt bijna over relevant vergelijkingsmateriaal. Bergen indie-rock uit de jaren 90, maar ook 80s grandeur of 70s experiment. Op hetzelfde moment staat de Nieuw-Zeelandse band met beide benen in het heden en heeft het een geweldige soundtrack voor mooie lentedagen en broeierige zomeravonden afgeleverd. De gitaarpop van Marlin’s Dreaming gaat meerdere kanten op, maar steeds weer ligt de perfecte popsong binnen handbereik. Volkomen onweerstaanbaar dit album.
Een paar jaar geleden kocht ik het debuut van Aldous Harding via de webwinkel van het Nieuw-Zeelandse Flying Out Music (https://flyingout.co.nz) en abonneerde ik me op de wekelijkse nieuwsbrief van de webwinkel. Dat was een gouden greep, want hoewel de afstand tussen Nederland en het andere eind van de wereld door het Internet tot bijna nul is gereduceerd, weet lang niet alle muziek uit Australië en met name Nieuw-Zeeland ons te bereiken. De nieuwsbrief van Flying Out houdt me echter keurig op de hoogte en geeft met grote regelmaat een gouden tip.
Vreemd genoeg bleef Flying Out stil over mijn laatste Nieuw-Zeelandse ontdekking, maar was het een andere muzieksite die me direct nieuwsgierig maakte naar het nieuwe album van de Nieuw-Zeelandse band Marlin’s Dreaming. Van de uiterst lovende woorden van deze muzieksite over het tweede album van de band uit Dunedin is niets gelogen, want sinds de eerste noten van het album uit de speakers kwamen, ben ik op zijn minst een beetje verliefd op Quotidian.
Laat het tweede album van Marlin’s Dreaming uit de speakers komen en er valt een goed gevulde platenkast om. Het is een platenkast die vooral gevuld is met de betere gitaarbands uit de jaren 90, maar er staan ook wel wat albums uit de jaren 80 en wat albums van recentere datum in. Marlin’s Dreaming heeft op Quotidian het patent op gitaar georiënteerde popsongs die je ook bij allereerste beluistering al jaren lijkt te kennen en het zijn songs die je ook onmiddellijk een goed gevoel geven.
Ik was bij het typen van deze recensie begonnen met een lijstje met vergelijkingsmateriaal, maar dit lijstje begon zo uit te dijen dat ik het maar heb verwijderd. Quotidian herinnert aan heel veel dat de popmuziek in de jaren 90 zo leuk maakte en is niet eenkennig bij het verwerken van invloeden. De Nieuw-Zeelandse band overtuigt met puntige gitaarsongs, maar is ook niet vies van lome en dromerige songs, die weer totaal anders klinken, maar toch niet misstaan op het album.
Ook de dynamiek die Marlin’s Dreaming toevoegt aan haar songs draagt nadrukkelijk bij aan het fraaie eindresultaat. Dromerige passages kunnen binnen enkele noten omslaan in hoge gitaarmuren, zoals Buffalo Tom (toch een naam genoemd) dat in haar beste dagen kon. Betrekkelijk sobere songs kunnen zomaar transformeren in de grote en meeslepende postpunk songs waarin in de jaren 80 niemand zich voor schaamde of juist in Beatlesque eenvoud.
Marlin’s Dreaming heeft op Quotidian het perfecte popliedje hoog in het vaandel staan, maar het zoekt af en toe ook het avontuur of het experiment, waarbij net zo makkelijk staccato gitaarlijnen, jazzy intermezzo’s of tandenpoetsgeluiden (!) ingezet kunnen worden. Het zorgt ervoor dat het album niet alleen bijna drie kwartier lang het oor streelt, maar je ook continu nieuwsgierig blijft naar hetgeen dat nog komen gaat.
De lente gaat binnenkort vast wel weer terugkomen en in de lente hebben we behoefte aan zorgeloze gitaarplaten met songs die je na één keer wilt koesteren. Het is het soort platen dat momenteel echt veel te weinig wordt gemaakt, maar gelukkig hebben we ook de andere kant van de wereld nog. Marlin’s Dreaming heeft de soundtrack voor de lente en de zomer aangevuld met een serie onweerstaanbare popliedjes. Heerlijk. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Marlin's Dreaming - Quotidian - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Marlin's Dreaming - Quotidian
Het Nieuw-Zeelandse Marlin’s Dreaming heeft een gitaarplaat vol invloeden en boordevol direct memorabele popsongs afgeleverd, die zo kunnen worden toegevoegd aan de soundtrack van de zomer
Luister naar Quotidian van de Nieuw-Zeelandse band Marlin’s Dreaming en je struikelt bijna over relevant vergelijkingsmateriaal. Bergen indie-rock uit de jaren 90, maar ook 80s grandeur of 70s experiment. Op hetzelfde moment staat de Nieuw-Zeelandse band met beide benen in het heden en heeft het een geweldige soundtrack voor mooie lentedagen en broeierige zomeravonden afgeleverd. De gitaarpop van Marlin’s Dreaming gaat meerdere kanten op, maar steeds weer ligt de perfecte popsong binnen handbereik. Volkomen onweerstaanbaar dit album.
Een paar jaar geleden kocht ik het debuut van Aldous Harding via de webwinkel van het Nieuw-Zeelandse Flying Out Music (https://flyingout.co.nz) en abonneerde ik me op de wekelijkse nieuwsbrief van de webwinkel. Dat was een gouden greep, want hoewel de afstand tussen Nederland en het andere eind van de wereld door het Internet tot bijna nul is gereduceerd, weet lang niet alle muziek uit Australië en met name Nieuw-Zeeland ons te bereiken. De nieuwsbrief van Flying Out houdt me echter keurig op de hoogte en geeft met grote regelmaat een gouden tip.
Vreemd genoeg bleef Flying Out stil over mijn laatste Nieuw-Zeelandse ontdekking, maar was het een andere muzieksite die me direct nieuwsgierig maakte naar het nieuwe album van de Nieuw-Zeelandse band Marlin’s Dreaming. Van de uiterst lovende woorden van deze muzieksite over het tweede album van de band uit Dunedin is niets gelogen, want sinds de eerste noten van het album uit de speakers kwamen, ben ik op zijn minst een beetje verliefd op Quotidian.
Laat het tweede album van Marlin’s Dreaming uit de speakers komen en er valt een goed gevulde platenkast om. Het is een platenkast die vooral gevuld is met de betere gitaarbands uit de jaren 90, maar er staan ook wel wat albums uit de jaren 80 en wat albums van recentere datum in. Marlin’s Dreaming heeft op Quotidian het patent op gitaar georiënteerde popsongs die je ook bij allereerste beluistering al jaren lijkt te kennen en het zijn songs die je ook onmiddellijk een goed gevoel geven.
Ik was bij het typen van deze recensie begonnen met een lijstje met vergelijkingsmateriaal, maar dit lijstje begon zo uit te dijen dat ik het maar heb verwijderd. Quotidian herinnert aan heel veel dat de popmuziek in de jaren 90 zo leuk maakte en is niet eenkennig bij het verwerken van invloeden. De Nieuw-Zeelandse band overtuigt met puntige gitaarsongs, maar is ook niet vies van lome en dromerige songs, die weer totaal anders klinken, maar toch niet misstaan op het album.
Ook de dynamiek die Marlin’s Dreaming toevoegt aan haar songs draagt nadrukkelijk bij aan het fraaie eindresultaat. Dromerige passages kunnen binnen enkele noten omslaan in hoge gitaarmuren, zoals Buffalo Tom (toch een naam genoemd) dat in haar beste dagen kon. Betrekkelijk sobere songs kunnen zomaar transformeren in de grote en meeslepende postpunk songs waarin in de jaren 80 niemand zich voor schaamde of juist in Beatlesque eenvoud.
Marlin’s Dreaming heeft op Quotidian het perfecte popliedje hoog in het vaandel staan, maar het zoekt af en toe ook het avontuur of het experiment, waarbij net zo makkelijk staccato gitaarlijnen, jazzy intermezzo’s of tandenpoetsgeluiden (!) ingezet kunnen worden. Het zorgt ervoor dat het album niet alleen bijna drie kwartier lang het oor streelt, maar je ook continu nieuwsgierig blijft naar hetgeen dat nog komen gaat.
De lente gaat binnenkort vast wel weer terugkomen en in de lente hebben we behoefte aan zorgeloze gitaarplaten met songs die je na één keer wilt koesteren. Het is het soort platen dat momenteel echt veel te weinig wordt gemaakt, maar gelukkig hebben we ook de andere kant van de wereld nog. Marlin’s Dreaming heeft de soundtrack voor de lente en de zomer aangevuld met een serie onweerstaanbare popliedjes. Heerlijk. Erwin Zijleman
Marlody - I'm Not Sure at All (2023)

4,5
0
geplaatst: 3 januari 2024, 13:38 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Marlody - I'm Not Sure At All - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Marlody - I'm Not Sure At All
Het debuutalbum van de Britse singer-songwriter Marlody werd bijna een jaar geleden nauwelijks opgemerkt, maar I’m Not Sure At All is echt in alle opzichten een mooi en bijzonder album
De Britse singer-songwriter Marlody leek voorbestemd voor een glanzende carrière als klassiek pianiste, maar haar hart lag bij de popmuziek. Op haar debuutalbum profiteert de muzikante uit Kent absoluut van haar verleden, want het piano- en keyboardspel op I’m Not Sure At All zijn echt prachtig. Marlody combineert klassiek aandoende arrangementen met invloeden uit de Britse folk, maar ze zoekt ook het experiment. Het levert een spannend album op dat nog wat extra indruk maakt door de bijzonder mooie zang van Marlody en haar persoonlijke songs. I’m Not Sure At All werd helaas nauwelijks opgemerkt, maar verdient een jaar na de release een veel beter lot.
I’m Not Sure At All, het debuutalbum van Marlody, verscheen helemaal aan het begin van 2023, maar ik kwam het album pas voor het eerst tegen in het singer-songwriter jaarlijstje van de online muziekencyclopedie Allmusic.com. Marlody is een singer-songwriter uit het Britse Kent, die al op hele jonge leeftijd behoorde tot de beste klassieke pianisten van haar generatie en de ene na de andere prestigieuze prijs binnen sleepte. Een mooie carrière in de klassieke muziek lag voor het oprapen, maar Marlody koos uiteindelijk voor de pop.
Met I’m Not Sure At All heeft de Britse muzikante een bijzonder mooi debuutalbum afgeleverd. Marlody laat op haar debuutalbum een voorliefde voor Britse folk horen, maar ze verwerkt invloeden uit het genre in een duidelijk eigen geluid. I’m Not Sure At All trekt direct de aandacht met bijzondere klanken, mooie zang en persoonlijke songs.
De muzikante uit Kent heeft haar songs betrekkelijk sober ingekleurd. De meeste songs op het album moeten het doen met piano of keyboard klanken, waarna wat subtiele percussie is toegevoegd. Zeker in de door piano gedragen songs hoor je de klassieke achtergrond van Marlody, want het pianospel op het album is echt prachtig. Haar klassieke achtergrond laat de Britse muzikante achter zich wanneer ze de piano verruilt voor keyboards, wat een duidelijk moderner geluid oplevert.
Wanneer Marlody kiest voor keyboards is haar muziek wat minder ingetogen, maar de instrumentatie op I’m Not Sure At All blijft over het algemeen genomen redelijk subtiel. Ik vind persoonlijk de met elektronica ingekleurde songs op het album een stuk spannender dan de songs die het moeten doen met pianoklanken, al zijn ook die songs prachtig ingekleurd.
I’m Not Sure At All is in muzikaal opzicht een fascinerend album, maar ook de zang van Marlody is verre van alledaags. De Britse muzikante kan klinken als een Britse folkie van lang geleden, maar in de wat moderner klinkende songs verrast ze net zo makkelijk met zeer expressieve vocalen. Met name de uitbundiger ingekleurde songs op het album roepen bij mij associaties op met het werk van Kate Bush, maar dit is een vergelijking die zeker niet voor alle songs op het album op gaan. Naast de muziek op het album is ook de zang op I’m Not Sure At All van hoge kwaliteit en ook met haar stem weet Marlody zich te onderscheiden van haar collega singer-songwriters.
Er is in Nederland volgens mij niets geschreven over het debuutalbum van Marlody en ook de Britse en Amerikaanse muziekpers hebben zich slechts spaarzaam uitgelaten over dit bijzonder klinkende album. I’m Not Sure At All van Marlody was mij totaal onbekend toen ik het album tegen kwam in een van de vele jaarlijstjes van AllMusic.com, maar het is misschien wel de mooiste tip die ik dit jaar in de lijstjes van andere ben tegen gekomen.
Marlody heeft een in muzikaal en vocaal opzicht indrukwekkend mooi album gemaakt, maar de Britse muzikante maakt ook nog eens indruk met intieme songs en persoonlijke teksten. Het komt allemaal prachtig uit de speakers, maar beluister I’m Not Sure At All van Marlody met de koptelefoon en de fraaie muziek en zang van de Britse singer-songwriter komt op nog veel indrukwekkendere wijze tot leven. Echt een bijzonder aangename verrassing dit album. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Marlody - I'm Not Sure At All - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Marlody - I'm Not Sure At All
Het debuutalbum van de Britse singer-songwriter Marlody werd bijna een jaar geleden nauwelijks opgemerkt, maar I’m Not Sure At All is echt in alle opzichten een mooi en bijzonder album
De Britse singer-songwriter Marlody leek voorbestemd voor een glanzende carrière als klassiek pianiste, maar haar hart lag bij de popmuziek. Op haar debuutalbum profiteert de muzikante uit Kent absoluut van haar verleden, want het piano- en keyboardspel op I’m Not Sure At All zijn echt prachtig. Marlody combineert klassiek aandoende arrangementen met invloeden uit de Britse folk, maar ze zoekt ook het experiment. Het levert een spannend album op dat nog wat extra indruk maakt door de bijzonder mooie zang van Marlody en haar persoonlijke songs. I’m Not Sure At All werd helaas nauwelijks opgemerkt, maar verdient een jaar na de release een veel beter lot.
I’m Not Sure At All, het debuutalbum van Marlody, verscheen helemaal aan het begin van 2023, maar ik kwam het album pas voor het eerst tegen in het singer-songwriter jaarlijstje van de online muziekencyclopedie Allmusic.com. Marlody is een singer-songwriter uit het Britse Kent, die al op hele jonge leeftijd behoorde tot de beste klassieke pianisten van haar generatie en de ene na de andere prestigieuze prijs binnen sleepte. Een mooie carrière in de klassieke muziek lag voor het oprapen, maar Marlody koos uiteindelijk voor de pop.
Met I’m Not Sure At All heeft de Britse muzikante een bijzonder mooi debuutalbum afgeleverd. Marlody laat op haar debuutalbum een voorliefde voor Britse folk horen, maar ze verwerkt invloeden uit het genre in een duidelijk eigen geluid. I’m Not Sure At All trekt direct de aandacht met bijzondere klanken, mooie zang en persoonlijke songs.
De muzikante uit Kent heeft haar songs betrekkelijk sober ingekleurd. De meeste songs op het album moeten het doen met piano of keyboard klanken, waarna wat subtiele percussie is toegevoegd. Zeker in de door piano gedragen songs hoor je de klassieke achtergrond van Marlody, want het pianospel op het album is echt prachtig. Haar klassieke achtergrond laat de Britse muzikante achter zich wanneer ze de piano verruilt voor keyboards, wat een duidelijk moderner geluid oplevert.
Wanneer Marlody kiest voor keyboards is haar muziek wat minder ingetogen, maar de instrumentatie op I’m Not Sure At All blijft over het algemeen genomen redelijk subtiel. Ik vind persoonlijk de met elektronica ingekleurde songs op het album een stuk spannender dan de songs die het moeten doen met pianoklanken, al zijn ook die songs prachtig ingekleurd.
I’m Not Sure At All is in muzikaal opzicht een fascinerend album, maar ook de zang van Marlody is verre van alledaags. De Britse muzikante kan klinken als een Britse folkie van lang geleden, maar in de wat moderner klinkende songs verrast ze net zo makkelijk met zeer expressieve vocalen. Met name de uitbundiger ingekleurde songs op het album roepen bij mij associaties op met het werk van Kate Bush, maar dit is een vergelijking die zeker niet voor alle songs op het album op gaan. Naast de muziek op het album is ook de zang op I’m Not Sure At All van hoge kwaliteit en ook met haar stem weet Marlody zich te onderscheiden van haar collega singer-songwriters.
Er is in Nederland volgens mij niets geschreven over het debuutalbum van Marlody en ook de Britse en Amerikaanse muziekpers hebben zich slechts spaarzaam uitgelaten over dit bijzonder klinkende album. I’m Not Sure At All van Marlody was mij totaal onbekend toen ik het album tegen kwam in een van de vele jaarlijstjes van AllMusic.com, maar het is misschien wel de mooiste tip die ik dit jaar in de lijstjes van andere ben tegen gekomen.
Marlody heeft een in muzikaal en vocaal opzicht indrukwekkend mooi album gemaakt, maar de Britse muzikante maakt ook nog eens indruk met intieme songs en persoonlijke teksten. Het komt allemaal prachtig uit de speakers, maar beluister I’m Not Sure At All van Marlody met de koptelefoon en de fraaie muziek en zang van de Britse singer-songwriter komt op nog veel indrukwekkendere wijze tot leven. Echt een bijzonder aangename verrassing dit album. Erwin Zijleman
Marlon Williams - Make Way for Love (2018)

4,5
1
geplaatst: 20 februari 2018, 15:08 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Marlon Williams - Make Way For Love - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
De Nieuw-Zeelandse muzikant Marlon Williams maakte precies twee jaar geleden diepe indruk met een plaat die zich nauwelijks in een hokje liet duwen en rijkelijk citeerde uit de geschiedenis van de popmuziek.
Ik noemde in mijn recensie van de tweede plaat van de muzikant uit Christchurch (en hiervoor Lyttelton) flink wat namen, waaronder die van Elvis Presley, The Beach Boys, The Byrds, Townes van Zandt, Jeff Buckley, Nick Drake, Roy Orbison en Nick Cave.
Het is een zeer imposant rijtje namen, maar het was nog niet genoeg om volledig recht te doen aan de mix van folk en rock ’n roll die Marlon Williams op zijn titelloze plaat presenteerde. De muziek van de Nieuw-Zeelandse muzikant klonk volstrekt tijdloos, maar het geluid van Marlon Williams was ook zeker eigentijds en eigenzinnig.
De precies twee jaar geleden verschenen plaat heeft de lat bijzonder hoog gelegd voor de opvolger, maar Make Way For Love gaat er met speels gemak overheen. En hoe.
Ook op Make Way For Love kiest Marlon Williams voor een donker geluid. Het is een geluid dat wat spookachtig aandoet dankzij een donkere onderlaag, maar deze wordt vervolgens prachtig versierd met gitaarlijnen vol galm en met gloedvolle strijkers en blazers en synths, die gelukkig subtiel worden ingezet.
De belangrijkste inspiratiebronnen van Marlon Williams lijken nog steeds in de jaren 50 te liggen. Veel songs op de plaat schuren dicht tegen die van Elvis Presley en vooral tegen die van Roy Orbison aan. Make Way For Love roept ook zeker associaties op met de platen van Chris Isaak, maar die haalde de mosterd natuurlijk ook in de jaren 50. Ik hou altijd wel van de galmende gitaren die in de jaren 50 gemeengoed waren en ook op de nieuwe plaat van Marlon Williams klinken ze werkelijk fantastisch.
Een donker maar ook open geluid als op Make Way For Love vraagt om een groot zanger en dat is Marlon Williams. De Nieuw-Zeelandse singer-songwriter zingt prachtig ingetogen, maar ook vol gevoel, wat je prachtig hoort wanneer je de volumeknop net wat verder open draait. De nieuwe plaat van Marlon Williams is nog wat sfeervoller en ingetogener dan zijn voorganger, waardoor zijn bijzondere stem alleen maar meer indruk maakt.
Marlon Williams haalt de mosterd misschien voor een belangrijk deel in de jaren 50, maar is er ook in geslaagd om een eigentijds klinkende plaat te maken, die er stiekem toch weer allerlei invloeden bijsleept, waardoor het rijtje namen aan het begin van deze recensie volledig kan worden gehandhaafd, maar ook kan worden aangevuld met de naam van Richard Hawley en soms, en vooral wanneer de piano domineert, met die van Antony (of Anohni), terwijl de plaat ook zo achter een David Lynch film of tv-serie kan worden geplakt.
Marlon Williams stort 11 songs lang zijn leed over ons uit, maar doet dat in songs die overlopen van schoonheid. En als je dan denkt dat het echt niet meer mooier kan, schuift aan het eind van de plaat landgenoot Aldous Harding aan voor een duet dat dwars door de ziel snijdt. Wat een bijzondere en bloedstollend mooie plaat. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Marlon Williams - Make Way For Love - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
De Nieuw-Zeelandse muzikant Marlon Williams maakte precies twee jaar geleden diepe indruk met een plaat die zich nauwelijks in een hokje liet duwen en rijkelijk citeerde uit de geschiedenis van de popmuziek.
Ik noemde in mijn recensie van de tweede plaat van de muzikant uit Christchurch (en hiervoor Lyttelton) flink wat namen, waaronder die van Elvis Presley, The Beach Boys, The Byrds, Townes van Zandt, Jeff Buckley, Nick Drake, Roy Orbison en Nick Cave.
Het is een zeer imposant rijtje namen, maar het was nog niet genoeg om volledig recht te doen aan de mix van folk en rock ’n roll die Marlon Williams op zijn titelloze plaat presenteerde. De muziek van de Nieuw-Zeelandse muzikant klonk volstrekt tijdloos, maar het geluid van Marlon Williams was ook zeker eigentijds en eigenzinnig.
De precies twee jaar geleden verschenen plaat heeft de lat bijzonder hoog gelegd voor de opvolger, maar Make Way For Love gaat er met speels gemak overheen. En hoe.
Ook op Make Way For Love kiest Marlon Williams voor een donker geluid. Het is een geluid dat wat spookachtig aandoet dankzij een donkere onderlaag, maar deze wordt vervolgens prachtig versierd met gitaarlijnen vol galm en met gloedvolle strijkers en blazers en synths, die gelukkig subtiel worden ingezet.
De belangrijkste inspiratiebronnen van Marlon Williams lijken nog steeds in de jaren 50 te liggen. Veel songs op de plaat schuren dicht tegen die van Elvis Presley en vooral tegen die van Roy Orbison aan. Make Way For Love roept ook zeker associaties op met de platen van Chris Isaak, maar die haalde de mosterd natuurlijk ook in de jaren 50. Ik hou altijd wel van de galmende gitaren die in de jaren 50 gemeengoed waren en ook op de nieuwe plaat van Marlon Williams klinken ze werkelijk fantastisch.
Een donker maar ook open geluid als op Make Way For Love vraagt om een groot zanger en dat is Marlon Williams. De Nieuw-Zeelandse singer-songwriter zingt prachtig ingetogen, maar ook vol gevoel, wat je prachtig hoort wanneer je de volumeknop net wat verder open draait. De nieuwe plaat van Marlon Williams is nog wat sfeervoller en ingetogener dan zijn voorganger, waardoor zijn bijzondere stem alleen maar meer indruk maakt.
Marlon Williams haalt de mosterd misschien voor een belangrijk deel in de jaren 50, maar is er ook in geslaagd om een eigentijds klinkende plaat te maken, die er stiekem toch weer allerlei invloeden bijsleept, waardoor het rijtje namen aan het begin van deze recensie volledig kan worden gehandhaafd, maar ook kan worden aangevuld met de naam van Richard Hawley en soms, en vooral wanneer de piano domineert, met die van Antony (of Anohni), terwijl de plaat ook zo achter een David Lynch film of tv-serie kan worden geplakt.
Marlon Williams stort 11 songs lang zijn leed over ons uit, maar doet dat in songs die overlopen van schoonheid. En als je dan denkt dat het echt niet meer mooier kan, schuift aan het eind van de plaat landgenoot Aldous Harding aan voor een duet dat dwars door de ziel snijdt. Wat een bijzondere en bloedstollend mooie plaat. Erwin Zijleman
Marlon Williams - Marlon Williams (2015)

4,0
0
geplaatst: 23 februari 2016, 10:05 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Marlon Williams - Marlon Williams - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Nieuw Zeeland levert de afgelopen jaren met enige regelmaat zeer interessante jonge singer-songwriters op.
Zo haalde Nadia Reid vorig jaar mijn jaarlijstje met het fraaie Listen To Formation, Look For The Signs en was het een jaar eerder Aldous Harding die me wist te verrassen met haar nog wat indrukwekkendere titelloze debuut.
Aldous Harding is te horen op het eveneens titelloze debuut van de uit het Nieuw-Zeelandse Lyttelton afkomstige, maar tegenwoordig vanuit Christchurch opererende Marlon Williams.
Deze Marlon Williams nam zijn debuut al in 2014 op, maar nu mogen we dan eindelijk ook in Nederland genieten van deze toch wel bijzondere plaat.
Het debuut van Marlon Williams is een plaat die zich niet heel makkelijk in een hokje laat stoppen en flink wat muziekgeschiedenis met zich mee sleept. Een aantal tracks op de plaat neemt je mee terug naar de rock ’n roll van Elvis, maar Marlon Williams citeert op zijn debuut ook uit het oeuvre van onder andere The Beach Boys, The Byrds, Townes van Zandt, Jeff Buckley, Nick Drake, Roy Orbison en Nick Cave, om maar eens wat namen te noemen, en smeedt op bijzondere wijze rock ’n roll, folk en country aan elkaar.
Als ik zoveel en zulke uiteenlopende namen nodig heb om de muziek van een jonge singer-songwriter te omschrijven is meestal sprake van een uniek eigen geluid en dat is ook bij Marlon Williams het geval. De songs van de jonge Nieuw-Zeelander laten volop invloeden uit een heel ver verleden horen, maar zijn in de meeste gevallen tijdloos of eigentijds.
Marlon Williams is op zijn best als hij kiest voor een wat donkerder of melancholisch geluid met emotievolle vocalen en dat doet hij gelukkig vaak. Het geeft zijn songs een bijzondere lading en de nodige impact. Het zijn ook nog eens beeldende songs, die het uitstekend zouden doen als soundtrack bij een duistere serie als True Detective.
Het debuut van Marlon Williams bevat een aantal eigen songs, maar minstens even knap zijn de vertolkingen van songs van anderen, met de versie van Silent Passage van Bob Carpenter als onbetwist hoogtepunt.
In het begin is het even wennen aan de veelheid aan invloeden, maar al snel openbaart zich de grote schoonheid van deze bijzondere plaat. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Marlon Williams - Marlon Williams - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Nieuw Zeeland levert de afgelopen jaren met enige regelmaat zeer interessante jonge singer-songwriters op.
Zo haalde Nadia Reid vorig jaar mijn jaarlijstje met het fraaie Listen To Formation, Look For The Signs en was het een jaar eerder Aldous Harding die me wist te verrassen met haar nog wat indrukwekkendere titelloze debuut.
Aldous Harding is te horen op het eveneens titelloze debuut van de uit het Nieuw-Zeelandse Lyttelton afkomstige, maar tegenwoordig vanuit Christchurch opererende Marlon Williams.
Deze Marlon Williams nam zijn debuut al in 2014 op, maar nu mogen we dan eindelijk ook in Nederland genieten van deze toch wel bijzondere plaat.
Het debuut van Marlon Williams is een plaat die zich niet heel makkelijk in een hokje laat stoppen en flink wat muziekgeschiedenis met zich mee sleept. Een aantal tracks op de plaat neemt je mee terug naar de rock ’n roll van Elvis, maar Marlon Williams citeert op zijn debuut ook uit het oeuvre van onder andere The Beach Boys, The Byrds, Townes van Zandt, Jeff Buckley, Nick Drake, Roy Orbison en Nick Cave, om maar eens wat namen te noemen, en smeedt op bijzondere wijze rock ’n roll, folk en country aan elkaar.
Als ik zoveel en zulke uiteenlopende namen nodig heb om de muziek van een jonge singer-songwriter te omschrijven is meestal sprake van een uniek eigen geluid en dat is ook bij Marlon Williams het geval. De songs van de jonge Nieuw-Zeelander laten volop invloeden uit een heel ver verleden horen, maar zijn in de meeste gevallen tijdloos of eigentijds.
Marlon Williams is op zijn best als hij kiest voor een wat donkerder of melancholisch geluid met emotievolle vocalen en dat doet hij gelukkig vaak. Het geeft zijn songs een bijzondere lading en de nodige impact. Het zijn ook nog eens beeldende songs, die het uitstekend zouden doen als soundtrack bij een duistere serie als True Detective.
Het debuut van Marlon Williams bevat een aantal eigen songs, maar minstens even knap zijn de vertolkingen van songs van anderen, met de versie van Silent Passage van Bob Carpenter als onbetwist hoogtepunt.
In het begin is het even wennen aan de veelheid aan invloeden, maar al snel openbaart zich de grote schoonheid van deze bijzondere plaat. Erwin Zijleman
Marta Arpini - Tender Superpower (2025)

5,0
1
geplaatst: 15 februari 2025, 11:14 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Marta Arpini - Tender Superpower - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Marta Arpini - Tender Superpower
De Italiaanse zangeres Marta Arpini is tot dusver vooral bekend als jazzzangeres, maar op Tender Superpower laat ze horen dat ze ook wanneer ze folky popsongs maakt tot ongekende hoogten kan stijgen
Ik word niet heel vaak verrast door een nieuw album zoals ik werd verrast door Tender Superpower van Marta Arpini. De Italiaanse zangeres, die in Amsterdam woont, beschikt over een stem die je eindeloos wilt koesteren en die behoort tot de mooiste stemmen die ik in tijden heb gehoord. Ook in muzikaal opzicht is het derde album van de Italiaanse zangeres van een bijzondere schoonheid. De folky popsongs van Marta Arpini klinken anders dan gebruikelijk in het genre, maar alles aan de songs op Tender Superpower is even mooi. Ik had nog nooit van Marta Arpini gehoord, maar ben echt diep onder indruk van haar in alle opzichten wonderschone nieuwe album.
Marta Arpini is een in Italië geboren zangeres, die na een muziekopleiding in Milaan uiteindelijk op het Amsterdamse conservatorium terecht kwam. Ze woont inmiddels een aantal jaren in Amsterdam en slaagde er na haar opleiding in om een voet aan de grond te krijgen in de Nederlandse jazzscene.
Zowel met haar debuutalbum Forest Light uit 2019 als opvolger I Am A Gem uit 2022 sleept de Italiaanse zangeres een prestigieuze Edison nominatie in de categorie jazz in de wacht. Die Edison haalde ze uiteindelijk niet binnen, maar haar naam was, zeker in jazzkringen, gevestigd.
Het jazzalbum Forest Light is wat verstopt op de streaming media platforms, maar is vooral een vocaal jazzalbum. I Am A Gem is een anders klinkend en bijzonder album, waarop Marta Arpini invloeden uit de jazz vermengt met invloeden uit de folk en de pop. Die laatste twee invloeden nemen een nog prominentere plek in op het deze week verschenen Tender Superpower.
Het is een album waarop de invloeden uit de jazz voor een belangrijk deel zijn verdwenen en Marta Arpini vooral kiest voor folky popsongs. Ik ben geen groot jazzliefhebber en had daarom zelf nog nooit van de Italiaanse zangeres gehoord, maar Tender Superpower had maar een kleine minuut nodig om een onuitwisbare indruk te maken.
Openingstrack Soft Calamity maakt die onuitwisbare indruk in meerdere opzichten. Wat direct opvalt is dat Marta Arpini beschikt over een bijzonder mooie stem. Het is een zijdezachte en zuivere stem, die mij onmiddellijk wist te betoveren en die alleen maar mooier lijkt te worden. Het is zo’n stem die de ruimte vult met warme klanken waarin je je eindeloos wilt onderdompelen.
De stem van de Italiaanse zangeres is op het hele album echt betoverend mooi, waardoor Tender Superpower qua zang de competitie met alle albums die de laatste tijd zijn verschenen makkelijk aan kan. Het album kan dat ook nog eens in muzikaal opzicht, want ook de muziek is prachtig.
Invloeden uit de jazz spelen op het nieuwe album van Marta Arpini een veel minder grote rol dan op de vorige albums, maar ze zijn zeker niet helemaal verdwenen. Zeker de blazers en de drums op het album klinken behoorlijk jazzy, maar worden gecombineerd met sprookjesachtige elektronica, die het warme karakter van de muziek van de Italiaanse zangeres nog wat verder versterkt.
Tender Superpower is in muzikaal opzicht een mooi en verzorgd album, maar de muziek op het album is ook absoluut spannend, zeker wanneer wat zweverige passages worden afgewisseld met muzikale hoogstandjes en klassiek aandoende passages. Maar ook als Marta Arpini kiest voor een ingetogen en sober ingekleurde folksong klinkt alles even mooi.
De songs op Tender Superpower hebben vooral een tijdloos karakter, maar het zijn ook songs waarin alles klopt en waarin heel veel te ontdekken valt. Er is eigenlijk maar één ding jammer aan het derde album van Marta Arpini en dat is dat er maar acht songs op het album staan. Na bijna een half uur muziek zit Tender Superpower er op en wil je vooral heel veel meer.
Marta Arpini heeft liefhebbers van jazz de afgelopen jaren al overtuigd van haar kwaliteiten, maar met haar derde album moeten ook liefhebbers van folky popsongs als een blok gaan vallen voor de muzikale charmes van de Italiaanse zangeres uit Amsterdam. Tender Superpower is een album dat nog niet op heel veel plekken opduikt, maar het is in alle opzichten een album van een ongekende schoonheid. Poets die Edison maar alvast op voor Marta Arpini. Het zou niet meer dan verdiend zijn. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Review: Marta Arpini - Tender Superpower - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Marta Arpini - Tender Superpower
De Italiaanse zangeres Marta Arpini is tot dusver vooral bekend als jazzzangeres, maar op Tender Superpower laat ze horen dat ze ook wanneer ze folky popsongs maakt tot ongekende hoogten kan stijgen
Ik word niet heel vaak verrast door een nieuw album zoals ik werd verrast door Tender Superpower van Marta Arpini. De Italiaanse zangeres, die in Amsterdam woont, beschikt over een stem die je eindeloos wilt koesteren en die behoort tot de mooiste stemmen die ik in tijden heb gehoord. Ook in muzikaal opzicht is het derde album van de Italiaanse zangeres van een bijzondere schoonheid. De folky popsongs van Marta Arpini klinken anders dan gebruikelijk in het genre, maar alles aan de songs op Tender Superpower is even mooi. Ik had nog nooit van Marta Arpini gehoord, maar ben echt diep onder indruk van haar in alle opzichten wonderschone nieuwe album.
Marta Arpini is een in Italië geboren zangeres, die na een muziekopleiding in Milaan uiteindelijk op het Amsterdamse conservatorium terecht kwam. Ze woont inmiddels een aantal jaren in Amsterdam en slaagde er na haar opleiding in om een voet aan de grond te krijgen in de Nederlandse jazzscene.
Zowel met haar debuutalbum Forest Light uit 2019 als opvolger I Am A Gem uit 2022 sleept de Italiaanse zangeres een prestigieuze Edison nominatie in de categorie jazz in de wacht. Die Edison haalde ze uiteindelijk niet binnen, maar haar naam was, zeker in jazzkringen, gevestigd.
Het jazzalbum Forest Light is wat verstopt op de streaming media platforms, maar is vooral een vocaal jazzalbum. I Am A Gem is een anders klinkend en bijzonder album, waarop Marta Arpini invloeden uit de jazz vermengt met invloeden uit de folk en de pop. Die laatste twee invloeden nemen een nog prominentere plek in op het deze week verschenen Tender Superpower.
Het is een album waarop de invloeden uit de jazz voor een belangrijk deel zijn verdwenen en Marta Arpini vooral kiest voor folky popsongs. Ik ben geen groot jazzliefhebber en had daarom zelf nog nooit van de Italiaanse zangeres gehoord, maar Tender Superpower had maar een kleine minuut nodig om een onuitwisbare indruk te maken.
Openingstrack Soft Calamity maakt die onuitwisbare indruk in meerdere opzichten. Wat direct opvalt is dat Marta Arpini beschikt over een bijzonder mooie stem. Het is een zijdezachte en zuivere stem, die mij onmiddellijk wist te betoveren en die alleen maar mooier lijkt te worden. Het is zo’n stem die de ruimte vult met warme klanken waarin je je eindeloos wilt onderdompelen.
De stem van de Italiaanse zangeres is op het hele album echt betoverend mooi, waardoor Tender Superpower qua zang de competitie met alle albums die de laatste tijd zijn verschenen makkelijk aan kan. Het album kan dat ook nog eens in muzikaal opzicht, want ook de muziek is prachtig.
Invloeden uit de jazz spelen op het nieuwe album van Marta Arpini een veel minder grote rol dan op de vorige albums, maar ze zijn zeker niet helemaal verdwenen. Zeker de blazers en de drums op het album klinken behoorlijk jazzy, maar worden gecombineerd met sprookjesachtige elektronica, die het warme karakter van de muziek van de Italiaanse zangeres nog wat verder versterkt.
Tender Superpower is in muzikaal opzicht een mooi en verzorgd album, maar de muziek op het album is ook absoluut spannend, zeker wanneer wat zweverige passages worden afgewisseld met muzikale hoogstandjes en klassiek aandoende passages. Maar ook als Marta Arpini kiest voor een ingetogen en sober ingekleurde folksong klinkt alles even mooi.
De songs op Tender Superpower hebben vooral een tijdloos karakter, maar het zijn ook songs waarin alles klopt en waarin heel veel te ontdekken valt. Er is eigenlijk maar één ding jammer aan het derde album van Marta Arpini en dat is dat er maar acht songs op het album staan. Na bijna een half uur muziek zit Tender Superpower er op en wil je vooral heel veel meer.
Marta Arpini heeft liefhebbers van jazz de afgelopen jaren al overtuigd van haar kwaliteiten, maar met haar derde album moeten ook liefhebbers van folky popsongs als een blok gaan vallen voor de muzikale charmes van de Italiaanse zangeres uit Amsterdam. Tender Superpower is een album dat nog niet op heel veel plekken opduikt, maar het is in alle opzichten een album van een ongekende schoonheid. Poets die Edison maar alvast op voor Marta Arpini. Het zou niet meer dan verdiend zijn. Erwin Zijleman
Martha Bean - When Shadows Return to the Sea (2015)

4,5
0
geplaatst: 17 januari 2016, 10:04 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Martha Bean - When Shadows Return To The Sea - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Mijn jaarlijstje over 2015 heeft veel en zeer uiteenlopende reacties opgeleverd. Hieronder uiteraard ook de nodige tips. De plaat die me met afstand het meest werd aangeraden is When Shadows Return To The Sea van Martha Bean; een plaat die een aantal lezers van deze BLOG zelfs helemaal bovenaan hun jaarlijstje hadden staan.
Nu had ik de plaat van Martha Bean al maanden in huis, maar ik had tot voor kort niet de tijd genomen om er naar te luisteren. Een hele goede reden hiervoor had ik niet. Ik ging er van uit dat het een plaat vol traditionele Britse folk zou zijn en daar ben ik niet altijd voor in de stemming, maar zo af en toe kan ik er erg van genieten. Geen enkele reden dus om de plaat te lagen liggen, maar het is toch gebeurd.
When Shadows Return To The Sea van Martha Bean is echter zeker geen traditionele Britse folk plaat. Martha Bean verrast immers met een tijdloze en werkelijk prachtig georkestreerde singer-songwriter plaat.
Een aantal songs op de plaat zijn intiem en ingetogen, maar Martha Bean kan ook flink uitpakken met een meeslepend geluid vol al even meeslepende strijkers. In de meer ingetogen tracks schuurt ze inderdaad dicht tegen de Britse folk uit de jaren 60 en 70 aan, maar When Shadows Return To The Sea bevat ook uiteenlopende invloeden van veel recentere datum.
De muziek van Martha Bean laat zich niet heel makkelijk vergelijken met de muziek van anderen. De Britse muziekpers, die het talent van Martha Bean inmiddels heeft ontdekt, noemt uiteenlopende namens als Nick Drake, Joan As Policewoman, Madeleine Peyroux, Norah Jones, Jeff Buckley en zelfs Radiohead.
Ik moet bekennen dat ik de meeste van deze namen niet terug hoor op het debuut van Martha Bean. In de wat uitbundigere tracks hoor ik veel van Kate Bush, maar deze vergelijking is in andere songs weer totaal onzinnig. De wat donkerdere tracks doen me meer dan eens denken aan de muziek van de door mij zeer bewonderde Fiona Apple, maar ook deze vergelijking gaat lang niet altijd op.
Ik hou het er maar op dat Martha Bean op haar debuut een fascinerend eigen geluid heeft ontwikkeld. Het is een geluid vol echo’s uit het verleden, maar de prachtige songs en al even mooie verhalen van Martha Bean staan ook met beide benen in het heden. When Shadows Return To The Sea is ook nog eens een plaat die alleen maar mooier en indrukwekkender wordt. Inderdaad jaarlijstjes materiaal. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Martha Bean - When Shadows Return To The Sea - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Mijn jaarlijstje over 2015 heeft veel en zeer uiteenlopende reacties opgeleverd. Hieronder uiteraard ook de nodige tips. De plaat die me met afstand het meest werd aangeraden is When Shadows Return To The Sea van Martha Bean; een plaat die een aantal lezers van deze BLOG zelfs helemaal bovenaan hun jaarlijstje hadden staan.
Nu had ik de plaat van Martha Bean al maanden in huis, maar ik had tot voor kort niet de tijd genomen om er naar te luisteren. Een hele goede reden hiervoor had ik niet. Ik ging er van uit dat het een plaat vol traditionele Britse folk zou zijn en daar ben ik niet altijd voor in de stemming, maar zo af en toe kan ik er erg van genieten. Geen enkele reden dus om de plaat te lagen liggen, maar het is toch gebeurd.
When Shadows Return To The Sea van Martha Bean is echter zeker geen traditionele Britse folk plaat. Martha Bean verrast immers met een tijdloze en werkelijk prachtig georkestreerde singer-songwriter plaat.
Een aantal songs op de plaat zijn intiem en ingetogen, maar Martha Bean kan ook flink uitpakken met een meeslepend geluid vol al even meeslepende strijkers. In de meer ingetogen tracks schuurt ze inderdaad dicht tegen de Britse folk uit de jaren 60 en 70 aan, maar When Shadows Return To The Sea bevat ook uiteenlopende invloeden van veel recentere datum.
De muziek van Martha Bean laat zich niet heel makkelijk vergelijken met de muziek van anderen. De Britse muziekpers, die het talent van Martha Bean inmiddels heeft ontdekt, noemt uiteenlopende namens als Nick Drake, Joan As Policewoman, Madeleine Peyroux, Norah Jones, Jeff Buckley en zelfs Radiohead.
Ik moet bekennen dat ik de meeste van deze namen niet terug hoor op het debuut van Martha Bean. In de wat uitbundigere tracks hoor ik veel van Kate Bush, maar deze vergelijking is in andere songs weer totaal onzinnig. De wat donkerdere tracks doen me meer dan eens denken aan de muziek van de door mij zeer bewonderde Fiona Apple, maar ook deze vergelijking gaat lang niet altijd op.
Ik hou het er maar op dat Martha Bean op haar debuut een fascinerend eigen geluid heeft ontwikkeld. Het is een geluid vol echo’s uit het verleden, maar de prachtige songs en al even mooie verhalen van Martha Bean staan ook met beide benen in het heden. When Shadows Return To The Sea is ook nog eens een plaat die alleen maar mooier en indrukwekkender wordt. Inderdaad jaarlijstjes materiaal. Erwin Zijleman
Martha Wainwright - Goodnight City (2016)

4,0
0
geplaatst: 16 november 2016, 17:08 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Martha Wainwright - Goodnight City - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Als ik een nieuwe plaat van Martha Wainwright op de mat vind ben ik altijd enthousiast, maar bij eerste beluistering valt het me ook altijd wat tegen.
Dat heeft vooral te maken met de stem van deze Wainwright telg, want het is een stem die, in ieder geval bij mij, zeker in eerste instantie, flink tegen de haren instrijkt. Ook het theatrale van de muziek van Martha Wainwright stuit me overigens met enige regelmaat tegen de borst.
Inmiddels weet ik daarom dat ik een plaat van Martha Wainwright wat vaker moet horen en dat blijkt ook bij Goodnight City weer het geval.
Wanneer je eenmaal gewend bent geraakt aan de wat onvaste stem van Martha Wainwright, blijkt Goodnight City een opvallend veelzijdige plaat. Dat heeft deels te maken met het feit dat Martha Wainwright dit keer vooral de samenwerking met andere muzikanten heeft gezocht. Deze muzikanten, onder wie tante Anna McGarrigle, broer Rufus, Beth Orton, Glen Hansard en Merrill Garbus (tUnE-yArDs), bestrijken in hun eigen muziek een breed palet en hebben dat overgedragen aan Martha Wainwright, die met haar stem de verbindende factor is.
De Wainwright telgen zijn niet vies van bombast en ook op Goodnight City domineert zo af en toe de overdaad, maar gelukkig heeft Martha Wainwright het dit keer redelijk onder controle en heeft ze een plaat afgeleverd die maar zelden ontspoort.
Zeker in de songs waarin de instrumentatie betrekkelijk sober en wat rauw is, maakt Martha Wainwright indruk met gedreven songs die passie en energie uitstralen. Het zijn songs die me met grote regelmaat aan het werk van Patti Smith doen denken en dat smaakt absoluut naar meer.
Ook op Goodnight City heeft Martha Wainwright haar demonen niet altijd onder controle, wat in het gunstigste geval resulteert in songs die me doen denken aan Kate Bush, maar ook weer een aantal songs opleveren die mij betreft net over the top zijn en bij mij zorgen voor rode vlekken. Dat geldt dan weer niet voor de songs met veel saxofoonwerk, want daar heb ik sinds Bowie’s Blackstar een zwak voor.
Goodnight City is net als alle andere platen van Martha Wainwright een plaat die groeit, maar doet dat in mijn geval net wat sneller dan haar vorige platen. Een aantal songs kruipt vrij snel diep onder de huid, een aantal songs intrigeert en een aantal songs straalt kracht uit die ik nog niet kende van de Canadese singer-songwriter.
Ook dit keer vind ik zeker niet alles mooi, maar er staan ook flink wat songs op de plaat die wel goed zijn voor kippenvel, waardoor Martha Wainwright me uiteindelijk toch weer heeft overtuigd. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Martha Wainwright - Goodnight City - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Als ik een nieuwe plaat van Martha Wainwright op de mat vind ben ik altijd enthousiast, maar bij eerste beluistering valt het me ook altijd wat tegen.
Dat heeft vooral te maken met de stem van deze Wainwright telg, want het is een stem die, in ieder geval bij mij, zeker in eerste instantie, flink tegen de haren instrijkt. Ook het theatrale van de muziek van Martha Wainwright stuit me overigens met enige regelmaat tegen de borst.
Inmiddels weet ik daarom dat ik een plaat van Martha Wainwright wat vaker moet horen en dat blijkt ook bij Goodnight City weer het geval.
Wanneer je eenmaal gewend bent geraakt aan de wat onvaste stem van Martha Wainwright, blijkt Goodnight City een opvallend veelzijdige plaat. Dat heeft deels te maken met het feit dat Martha Wainwright dit keer vooral de samenwerking met andere muzikanten heeft gezocht. Deze muzikanten, onder wie tante Anna McGarrigle, broer Rufus, Beth Orton, Glen Hansard en Merrill Garbus (tUnE-yArDs), bestrijken in hun eigen muziek een breed palet en hebben dat overgedragen aan Martha Wainwright, die met haar stem de verbindende factor is.
De Wainwright telgen zijn niet vies van bombast en ook op Goodnight City domineert zo af en toe de overdaad, maar gelukkig heeft Martha Wainwright het dit keer redelijk onder controle en heeft ze een plaat afgeleverd die maar zelden ontspoort.
Zeker in de songs waarin de instrumentatie betrekkelijk sober en wat rauw is, maakt Martha Wainwright indruk met gedreven songs die passie en energie uitstralen. Het zijn songs die me met grote regelmaat aan het werk van Patti Smith doen denken en dat smaakt absoluut naar meer.
Ook op Goodnight City heeft Martha Wainwright haar demonen niet altijd onder controle, wat in het gunstigste geval resulteert in songs die me doen denken aan Kate Bush, maar ook weer een aantal songs opleveren die mij betreft net over the top zijn en bij mij zorgen voor rode vlekken. Dat geldt dan weer niet voor de songs met veel saxofoonwerk, want daar heb ik sinds Bowie’s Blackstar een zwak voor.
Goodnight City is net als alle andere platen van Martha Wainwright een plaat die groeit, maar doet dat in mijn geval net wat sneller dan haar vorige platen. Een aantal songs kruipt vrij snel diep onder de huid, een aantal songs intrigeert en een aantal songs straalt kracht uit die ik nog niet kende van de Canadese singer-songwriter.
Ook dit keer vind ik zeker niet alles mooi, maar er staan ook flink wat songs op de plaat die wel goed zijn voor kippenvel, waardoor Martha Wainwright me uiteindelijk toch weer heeft overtuigd. Erwin Zijleman
Martyn Joseph - This Is What I Want to Say (2024)

4,0
1
geplaatst: 17 januari 2024, 11:44 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Martyn Joseph - This Is What I Want To Say - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Martyn Joseph - This Is What I Want To Say
De uit Wales afkomstige singer-songwriter Martyn Joseph is in Nederland niet heel bekend, maar na het uitstekend ontvangen album 1960 uit 2021 levert hij met This Is What I Want To Say een nog beter album af
Martyn Joseph is een singer-songwriter uit Wales die de kunst van het schrijven van aansprekende songs uitstekend verstaat. De muzikant uit Cardiff heeft een goed gevoel voor tijdloze en vooral folky songs, waarin hij mooie en indringende verhalen vertelt. In muzikaal opzicht is This Is What I Want To Say een vrij sober klinkend album, maar de mooie en stemmige klanken op het album passen goed bij de karakteristieke stem van de singer-songwriter uit Wales, die met veel doorleving zingt. Martyn Joseph trok redelijk wat aandacht met zijn vorige album 1960, maar laat op This Is What I Want To Say horen dat dit zeker geen toevalstreffer was.
1960 van de Britse singer-songwriter Martyn Joseph dook aan het eind van 2021 op in verrassend veel op Americana en folk gerichte jaarlijstjes. Ik pikte het album zelf pas op toen het muziekjaar 2022 al een tijdje onderweg was, maar de eerste kennismaking met de muziek van de singer-songwriter uit Cardiff beviel me echt uitstekend. Martyn Joseph trok op 1960 de aandacht met een karakteristieke stem, met sfeervol ingekleurde en zeer aansprekende songs en met mooie verhalen. Het deed me af en toe wel wat aan de muziek van Chris Rea denken en af en toe ook aan David Gray, maar de songs van Martyn Joseph klonken wel wat folkier en authentieker.
1960, waarvan in 2022 ook nog een volledig akoestische versie verscheen, was zeker niet de eerste stap in de muziek van Martyn Joseph, want de muzikant uit Wales dook al in de tweede helft van de jaren 80 op en heeft inmiddels een flinke stapel albums op zijn naam staan. Door het uitstekende 1960 had ik zijn naam gelukkig wel onthouden, waardoor het deze week verschenen This Is What I Want To Say, naar verluidt zijn 27e album, het eerste album van Martyn Joseph is dat ik direct bij de release heb opgemerkt.
Het nieuwe album van de muzikant uit Cardiff ligt in het verlengde van het terecht zo stevig bewierookte 1960, maar persoonlijk vind ik het nieuwe album nog een stuk beter. This Is What I Want To Say is een behoorlijk sober klinkend album. In de meeste tracks op het album hoor je voornamelijk de akoestische gitaar van Martyn Joseph en zijn stem, met de op de achtergrond nog wat subtiele pianoklanken en in een aantal tracks zeer fraaie bijdragen van de cello. This Is What I Want To Say doet me net als zijn voorganger met enige regelmaat aan Chris Rea en David Gray denken, maar met enige fantasie is het ook een album dat Bruce Springsteen in zijn uppie zou kunnen maken.
De instrumentatie op het album is vergeleken met 1960 wat meer gericht op Britse folk en minder op Amerikaanse rootsmuziek, maar This Is What I Want To Say is zeker geen standaard Brits folkalbum. De instrumentatie is zoals gezegd behoorlijk sober, maar het levert desondanks een zeer sfeervol en warm klinkend album op. Dat is niet alleen de verdienste van de fraaie stemmige klanken, met een hoofdrol voor bijzonder mooi akoestisch gitaarwerk. maar ook zeker van de stem van Martyn Joseph, die een prominente rol heeft gekregen in de mix en die wat rauwer en doorleefder klinkt dan op het vorige album.
De muzikant uit Wales heeft ook dit keer een aantal aansprekende songs geschreven waarin hij mooie verhalen vertelt, die net zo makkelijk over persoonlijke beslommeringen als over wereldproblemen kunnen gaan. Het zijn verhalen die de aandacht direct opeisen, waardoor This Is What I Want To Say zich makkelijk opdringt, ook wanneer je normaal gesproken niet zo gek bent op dit soort sobere singer-songwriter albums. Ik hou er wel van, maar ik heb normaal gesproken een duidelijke voorkeur voor vrouwenstemmen. De stem van Martyn Joseph bevalt me echter uitstekend, ook wanneer hij zijn teksten bijna voordraagt. De Britse singer-songwriter laat, wat mij betreft nog meer dan op 1960, horen dat hij een zeer getalenteerd songwriter en een prima zanger is, die met This Is What I Want To Say alle aandacht verdient, ook in Nederland waar 1960 niet zo gek veel deed. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Martyn Joseph - This Is What I Want To Say - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Martyn Joseph - This Is What I Want To Say
De uit Wales afkomstige singer-songwriter Martyn Joseph is in Nederland niet heel bekend, maar na het uitstekend ontvangen album 1960 uit 2021 levert hij met This Is What I Want To Say een nog beter album af
Martyn Joseph is een singer-songwriter uit Wales die de kunst van het schrijven van aansprekende songs uitstekend verstaat. De muzikant uit Cardiff heeft een goed gevoel voor tijdloze en vooral folky songs, waarin hij mooie en indringende verhalen vertelt. In muzikaal opzicht is This Is What I Want To Say een vrij sober klinkend album, maar de mooie en stemmige klanken op het album passen goed bij de karakteristieke stem van de singer-songwriter uit Wales, die met veel doorleving zingt. Martyn Joseph trok redelijk wat aandacht met zijn vorige album 1960, maar laat op This Is What I Want To Say horen dat dit zeker geen toevalstreffer was.
1960 van de Britse singer-songwriter Martyn Joseph dook aan het eind van 2021 op in verrassend veel op Americana en folk gerichte jaarlijstjes. Ik pikte het album zelf pas op toen het muziekjaar 2022 al een tijdje onderweg was, maar de eerste kennismaking met de muziek van de singer-songwriter uit Cardiff beviel me echt uitstekend. Martyn Joseph trok op 1960 de aandacht met een karakteristieke stem, met sfeervol ingekleurde en zeer aansprekende songs en met mooie verhalen. Het deed me af en toe wel wat aan de muziek van Chris Rea denken en af en toe ook aan David Gray, maar de songs van Martyn Joseph klonken wel wat folkier en authentieker.
1960, waarvan in 2022 ook nog een volledig akoestische versie verscheen, was zeker niet de eerste stap in de muziek van Martyn Joseph, want de muzikant uit Wales dook al in de tweede helft van de jaren 80 op en heeft inmiddels een flinke stapel albums op zijn naam staan. Door het uitstekende 1960 had ik zijn naam gelukkig wel onthouden, waardoor het deze week verschenen This Is What I Want To Say, naar verluidt zijn 27e album, het eerste album van Martyn Joseph is dat ik direct bij de release heb opgemerkt.
Het nieuwe album van de muzikant uit Cardiff ligt in het verlengde van het terecht zo stevig bewierookte 1960, maar persoonlijk vind ik het nieuwe album nog een stuk beter. This Is What I Want To Say is een behoorlijk sober klinkend album. In de meeste tracks op het album hoor je voornamelijk de akoestische gitaar van Martyn Joseph en zijn stem, met de op de achtergrond nog wat subtiele pianoklanken en in een aantal tracks zeer fraaie bijdragen van de cello. This Is What I Want To Say doet me net als zijn voorganger met enige regelmaat aan Chris Rea en David Gray denken, maar met enige fantasie is het ook een album dat Bruce Springsteen in zijn uppie zou kunnen maken.
De instrumentatie op het album is vergeleken met 1960 wat meer gericht op Britse folk en minder op Amerikaanse rootsmuziek, maar This Is What I Want To Say is zeker geen standaard Brits folkalbum. De instrumentatie is zoals gezegd behoorlijk sober, maar het levert desondanks een zeer sfeervol en warm klinkend album op. Dat is niet alleen de verdienste van de fraaie stemmige klanken, met een hoofdrol voor bijzonder mooi akoestisch gitaarwerk. maar ook zeker van de stem van Martyn Joseph, die een prominente rol heeft gekregen in de mix en die wat rauwer en doorleefder klinkt dan op het vorige album.
De muzikant uit Wales heeft ook dit keer een aantal aansprekende songs geschreven waarin hij mooie verhalen vertelt, die net zo makkelijk over persoonlijke beslommeringen als over wereldproblemen kunnen gaan. Het zijn verhalen die de aandacht direct opeisen, waardoor This Is What I Want To Say zich makkelijk opdringt, ook wanneer je normaal gesproken niet zo gek bent op dit soort sobere singer-songwriter albums. Ik hou er wel van, maar ik heb normaal gesproken een duidelijke voorkeur voor vrouwenstemmen. De stem van Martyn Joseph bevalt me echter uitstekend, ook wanneer hij zijn teksten bijna voordraagt. De Britse singer-songwriter laat, wat mij betreft nog meer dan op 1960, horen dat hij een zeer getalenteerd songwriter en een prima zanger is, die met This Is What I Want To Say alle aandacht verdient, ook in Nederland waar 1960 niet zo gek veel deed. Erwin Zijleman
Marvin Gaye - What's Going On (1971)

5,0
2
geplaatst: 12 mei 2024, 20:07 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Marvin Gaye - What's Going On (1971) - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Marvin Gaye - What's Going On (1971)
Marvin Gaye heeft een handvol klassiekers op zijn naam staan, maar het prachtige What’s Going On uit 1971 steekt er bovenuit en is een van de mooiste en meest indrukwekkende soulalbums aller tijden
Marvin Gaye is al veertig jaar niet meer onder ons, maar zijn muziek heeft tot op de dag van vandaag invloed. Stapels albums hebben zich laten inspireren door de bijzondere sfeer op What’s Going On, wat mij betreft het beste album van Marvin Gaye. Het album uit 1971 liet een andere geluid horen dan we tot op dat moment van Marvin Gaye gewend waren. What’s Going On valt op door een bijzondere sfeer en een al even bijzondere instrumentatie. Het tempo ligt vooral laag en de orkestraties zijn weelderig. Het past allemaal prachtig bij de geweldige soulstem van Marvin Gaye, die op What’s Going On een album lang de sterren van de hemel zingt.
Er zijn de laatste tijd nogal wat (neo-)soulalbums verschenen die zich zouden hebben laten inspireren door grote soulalbums uit het verleden. Een legendarisch soulalbum dat vaak wordt genoemd is What’s Going On van Marvin Gaye. Dat is een album dat ik zelf ook wel eens heb genoemd als referentiemateriaal, bijvoorbeeld in mijn bespreking van albums van Michael Kiwanuka en Curtis Harding, maar in het geval van de recent verschenen albums hoor ik de overeenkomsten met de klassieker van Marvin Gaye niet direct.
Marvin Gaye had al een flinke stapel albums op zijn naam staan toen in 1971 What’s Going On verscheen. Het album zou uitgroeien tot de onbetwiste klassieker in het oeuvre van de Amerikaanse soulzanger, die met Let’s Get It On uit 1973, I Want You uit 1976 en Here, My Dear uit 1978 nog drie albums maakte die het predicaat klassieker verdienen. Zelf heb ik het meest met What’s Going On, dat ook 54 jaar na de release nog altijd een bijzonder fascinerend album is.
What’s Going On klonk in 1971 totaal anders dan eerder verschenen soulalbums. Motown platenbaas Berry Gordy hoorde er in eerste instantie helemaal niets in, maar zal achteraf toch blij zijn geweest met de release van een van de beste soulalbums aller tijden. Het verschil met de soulalbums die voor 1971 verschenen hoor je vooral in de muziek op What’s Going On. Het is een opvallend rijk georkestreerd album waarop de strijkers vrijwel continu aanzwellen, maar ook in alle andere opzichten is What’s Going On een opvallend vol klinkend album met fantastische bijdragen van jazzy blazers, swingende percussie en weelderige koortjes.
Het tempo ligt op What’s Going On een stuk lager dan op de albums die Motown in de jaren 60 uitbracht, wat een bezwerend effect geeft aan de songs op het album. What’s Going On veranderde de soul in muzikaal opzicht, maar ook in tekstueel opzicht is het een bijzonder album. Marvin Gaye schuwt op What’s Going On de grote maatschappelijke thema’s niet en stelt misstanden genadeloos aan de kaak. Het voorziet het album van heel veel urgentie en die urgentie is ook vele decennia later nog voelbaar.
De grootste kracht van What’s Going On schuilt echter in de zang van Marvin Gaye, die op het album de sterren van de hemel zingt. De zang op What’s Going On is negen songs lang van wereldklasse en degradeert flink wat soulzangers van het moment tot figuranten. Soulzangers van het moment denken dat het nodig is om zoveel mogelijk voluit te zingen, maar zouden eens goed moeten luisteren naar What’s Going On, waarop Marvin Gaye zowel de kracht als de inzet van zijn stem prachtig weet te doseren. De Amerikaanse muzikant zingt vooral ingetogen en geeft de prachtige klanken op het album alle ruimte.
What’s Going On is voorzien van een bijzonder aangenaam en ook bijzonder krachtige flow, die er voor zorgt dat je negen tracks lang wordt meegesleept door het album of je dat nu wilt of niet. Marvin Gaye zou een dag voor zijn 45e verjaardag worden doodgeschoten door zijn vader, maar zijn creatieve piek beleefde de Amerikaanse muzikant dertien jaar eerder. Ik luister niet eens zo heel vaak naar What’s Going On, maar als ik naar het album luister ben ik altijd weer onder de indruk van de geweldige muziek op het album en nog meer van de fascinerende stem van een van de beste soulzangers aller tijden. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Marvin Gaye - What's Going On (1971) - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Marvin Gaye - What's Going On (1971)
Marvin Gaye heeft een handvol klassiekers op zijn naam staan, maar het prachtige What’s Going On uit 1971 steekt er bovenuit en is een van de mooiste en meest indrukwekkende soulalbums aller tijden
Marvin Gaye is al veertig jaar niet meer onder ons, maar zijn muziek heeft tot op de dag van vandaag invloed. Stapels albums hebben zich laten inspireren door de bijzondere sfeer op What’s Going On, wat mij betreft het beste album van Marvin Gaye. Het album uit 1971 liet een andere geluid horen dan we tot op dat moment van Marvin Gaye gewend waren. What’s Going On valt op door een bijzondere sfeer en een al even bijzondere instrumentatie. Het tempo ligt vooral laag en de orkestraties zijn weelderig. Het past allemaal prachtig bij de geweldige soulstem van Marvin Gaye, die op What’s Going On een album lang de sterren van de hemel zingt.
Er zijn de laatste tijd nogal wat (neo-)soulalbums verschenen die zich zouden hebben laten inspireren door grote soulalbums uit het verleden. Een legendarisch soulalbum dat vaak wordt genoemd is What’s Going On van Marvin Gaye. Dat is een album dat ik zelf ook wel eens heb genoemd als referentiemateriaal, bijvoorbeeld in mijn bespreking van albums van Michael Kiwanuka en Curtis Harding, maar in het geval van de recent verschenen albums hoor ik de overeenkomsten met de klassieker van Marvin Gaye niet direct.
Marvin Gaye had al een flinke stapel albums op zijn naam staan toen in 1971 What’s Going On verscheen. Het album zou uitgroeien tot de onbetwiste klassieker in het oeuvre van de Amerikaanse soulzanger, die met Let’s Get It On uit 1973, I Want You uit 1976 en Here, My Dear uit 1978 nog drie albums maakte die het predicaat klassieker verdienen. Zelf heb ik het meest met What’s Going On, dat ook 54 jaar na de release nog altijd een bijzonder fascinerend album is.
What’s Going On klonk in 1971 totaal anders dan eerder verschenen soulalbums. Motown platenbaas Berry Gordy hoorde er in eerste instantie helemaal niets in, maar zal achteraf toch blij zijn geweest met de release van een van de beste soulalbums aller tijden. Het verschil met de soulalbums die voor 1971 verschenen hoor je vooral in de muziek op What’s Going On. Het is een opvallend rijk georkestreerd album waarop de strijkers vrijwel continu aanzwellen, maar ook in alle andere opzichten is What’s Going On een opvallend vol klinkend album met fantastische bijdragen van jazzy blazers, swingende percussie en weelderige koortjes.
Het tempo ligt op What’s Going On een stuk lager dan op de albums die Motown in de jaren 60 uitbracht, wat een bezwerend effect geeft aan de songs op het album. What’s Going On veranderde de soul in muzikaal opzicht, maar ook in tekstueel opzicht is het een bijzonder album. Marvin Gaye schuwt op What’s Going On de grote maatschappelijke thema’s niet en stelt misstanden genadeloos aan de kaak. Het voorziet het album van heel veel urgentie en die urgentie is ook vele decennia later nog voelbaar.
De grootste kracht van What’s Going On schuilt echter in de zang van Marvin Gaye, die op het album de sterren van de hemel zingt. De zang op What’s Going On is negen songs lang van wereldklasse en degradeert flink wat soulzangers van het moment tot figuranten. Soulzangers van het moment denken dat het nodig is om zoveel mogelijk voluit te zingen, maar zouden eens goed moeten luisteren naar What’s Going On, waarop Marvin Gaye zowel de kracht als de inzet van zijn stem prachtig weet te doseren. De Amerikaanse muzikant zingt vooral ingetogen en geeft de prachtige klanken op het album alle ruimte.
What’s Going On is voorzien van een bijzonder aangenaam en ook bijzonder krachtige flow, die er voor zorgt dat je negen tracks lang wordt meegesleept door het album of je dat nu wilt of niet. Marvin Gaye zou een dag voor zijn 45e verjaardag worden doodgeschoten door zijn vader, maar zijn creatieve piek beleefde de Amerikaanse muzikant dertien jaar eerder. Ik luister niet eens zo heel vaak naar What’s Going On, maar als ik naar het album luister ben ik altijd weer onder de indruk van de geweldige muziek op het album en nog meer van de fascinerende stem van een van de beste soulzangers aller tijden. Erwin Zijleman
Mary Bragg - Mary Bragg (2022)

4,0
1
geplaatst: 2 oktober 2022, 10:50 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Mary Bragg - Mary Bragg - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Mary Bragg - Mary Bragg
Mary Bragg vermengt op haar vijfde album invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek, pop en rock in even aangename als aansprekende songs, die opvallen door de uitstekende zang van de Amerikaanse muzikante
Het titelloze vijfde album van de Amerikaanse singer-songwriter Mary Bragg is mijn eerste kennismaking met haar muziek en het is een kennismaking die naar veel meer smaakt. Het is een album dat goed past in het hokje Amerikaanse rootsmuziek, maar Mary Bragg kan ook uit de voeten in omliggende genres. Haar songs liggen lekker in het gehoor, maar zowel de instrumentatie als de zang op het album verraden een goede smaak. Ook de songs van de Amerikaanse muzikante vallen in positieve zin op, waardoor Mary Bragg een album heeft afgeleverd dat op het moment behoort tot de betere albums in het genre. Een mooie ontdekking deze Mary Bragg.
Ik ging er in eerste instantie van uit dat het deze week verschenen titelloze album van de Amerikaanse muzikante Mary Bragg haar debuutalbum was, maar het blijkt al het vijfde album van de singer-songwriter uit Nashville, Tennessee, die ik volgens mij nog niet eerder ben tegengekomen, hoewel ik het genre toch nauwgezet volg. Het is een album dat in eerste instantie mijn aandacht trok door de bijdragen van Caroline Spence en vooral Erin Rae, maar Mary Bragg heeft zelf ook veel te bieden.
Op haar titelloze vijfde album vermengt de Amerikaanse muzikante invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek met zo nu en dan flink wat pop en rock. De meeste songs op het album liggen bijzonder lekker in het gehoor en zullen zowel liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek als van pop en rock met een snufje roots aanspreken, maar het zijn ook mooie songs, die er zowel in muzikaal, vocaal als compositorisch opzicht uitspringen.
Mary Bragg, die haar opleiding genoot aan het roemruchte Berklee College Of Music, beschikt allereerst over een mooie en ook veelzijdige stem. Het is een stem die niet alleen geschikt is voor Amerikaanse rootsmuziek, maar het ook uitstekend doet in de meer pop en rock georiënteerde songs op het album. Het is een stem met een flink bereik, waardoor Mary Bragg steeds weer net wat anders klinkt.
Het titelloze nieuwe album van Mary Bragg is een conceptalbum over de liefde, dat begint bij het begin van een relatie en eindigt wanneer deze relatie op de klippen loopt. Of de teksten autobiografisch zijn weet ik niet zeker, maar de muzikante uit Nashville, die momenteel vanuit Brooklyn opereert, zingt wel met veel gevoel wat de impact van haar songs vergroot.
De zang van Mary Bragg draagt stevig bij aan de kwaliteit van haar nieuwe album, dat zich in vocaal opzicht kan meten met de betere rootsalbums van het moment, maar ook in muzikaal opzicht is het een sterk album. De mix van Amerikaanse rootsmuziek, pop en rock klinkt niet alleen bijzonder aangenaam, maar is ook mooi uitgevoerd, waarbij het gitaarwerk er wat mij betreft uitspringt.
Het nieuwe album van Mary Bragg is een album dat zich door het aangename geluid makkelijk opdringt, maar de Amerikaanse muzikante kiest zeker niet altijd voor de makkelijkste weg. Het album is warm maar ook betrekkelijk subtiel ingekleurd, wat veel vraagt van de zang, die ik alleen maar sterker vind worden.
Ook over de songs zelf ben ik zeer te spreken. Mary Bragg heeft een eigentijds klinkend Amerikaans rootsalbum gemaakt dat ruimte biedt aan invloeden uit de pop en de rock, maar deze invloeden domineren nergens. Het is een album met songs die makkelijk verleiden en overtuigen, maar ik vind het nieuwe album van Mary Bragg na een aantal keren horen een stuk indrukwekkender dan bij eerste beluistering.
De muzikante uit Nashville is me, ondanks een aantal eerdere albums die met name in de VS konden rekenen op zeer positieve recensies, tot dusver niet opgevallen, maar met haar nieuwe album kan ze wat mij betreft mee met de grote beloften in het genre, onder wie Erin Rae, die samen met Mary Bragg tekent voor de mooiste song op het album. Al met al een zeer aangename verrassing dit vijfde album van de Amerikaanse muzikante. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Mary Bragg - Mary Bragg - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Mary Bragg - Mary Bragg
Mary Bragg vermengt op haar vijfde album invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek, pop en rock in even aangename als aansprekende songs, die opvallen door de uitstekende zang van de Amerikaanse muzikante
Het titelloze vijfde album van de Amerikaanse singer-songwriter Mary Bragg is mijn eerste kennismaking met haar muziek en het is een kennismaking die naar veel meer smaakt. Het is een album dat goed past in het hokje Amerikaanse rootsmuziek, maar Mary Bragg kan ook uit de voeten in omliggende genres. Haar songs liggen lekker in het gehoor, maar zowel de instrumentatie als de zang op het album verraden een goede smaak. Ook de songs van de Amerikaanse muzikante vallen in positieve zin op, waardoor Mary Bragg een album heeft afgeleverd dat op het moment behoort tot de betere albums in het genre. Een mooie ontdekking deze Mary Bragg.
Ik ging er in eerste instantie van uit dat het deze week verschenen titelloze album van de Amerikaanse muzikante Mary Bragg haar debuutalbum was, maar het blijkt al het vijfde album van de singer-songwriter uit Nashville, Tennessee, die ik volgens mij nog niet eerder ben tegengekomen, hoewel ik het genre toch nauwgezet volg. Het is een album dat in eerste instantie mijn aandacht trok door de bijdragen van Caroline Spence en vooral Erin Rae, maar Mary Bragg heeft zelf ook veel te bieden.
Op haar titelloze vijfde album vermengt de Amerikaanse muzikante invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek met zo nu en dan flink wat pop en rock. De meeste songs op het album liggen bijzonder lekker in het gehoor en zullen zowel liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek als van pop en rock met een snufje roots aanspreken, maar het zijn ook mooie songs, die er zowel in muzikaal, vocaal als compositorisch opzicht uitspringen.
Mary Bragg, die haar opleiding genoot aan het roemruchte Berklee College Of Music, beschikt allereerst over een mooie en ook veelzijdige stem. Het is een stem die niet alleen geschikt is voor Amerikaanse rootsmuziek, maar het ook uitstekend doet in de meer pop en rock georiënteerde songs op het album. Het is een stem met een flink bereik, waardoor Mary Bragg steeds weer net wat anders klinkt.
Het titelloze nieuwe album van Mary Bragg is een conceptalbum over de liefde, dat begint bij het begin van een relatie en eindigt wanneer deze relatie op de klippen loopt. Of de teksten autobiografisch zijn weet ik niet zeker, maar de muzikante uit Nashville, die momenteel vanuit Brooklyn opereert, zingt wel met veel gevoel wat de impact van haar songs vergroot.
De zang van Mary Bragg draagt stevig bij aan de kwaliteit van haar nieuwe album, dat zich in vocaal opzicht kan meten met de betere rootsalbums van het moment, maar ook in muzikaal opzicht is het een sterk album. De mix van Amerikaanse rootsmuziek, pop en rock klinkt niet alleen bijzonder aangenaam, maar is ook mooi uitgevoerd, waarbij het gitaarwerk er wat mij betreft uitspringt.
Het nieuwe album van Mary Bragg is een album dat zich door het aangename geluid makkelijk opdringt, maar de Amerikaanse muzikante kiest zeker niet altijd voor de makkelijkste weg. Het album is warm maar ook betrekkelijk subtiel ingekleurd, wat veel vraagt van de zang, die ik alleen maar sterker vind worden.
Ook over de songs zelf ben ik zeer te spreken. Mary Bragg heeft een eigentijds klinkend Amerikaans rootsalbum gemaakt dat ruimte biedt aan invloeden uit de pop en de rock, maar deze invloeden domineren nergens. Het is een album met songs die makkelijk verleiden en overtuigen, maar ik vind het nieuwe album van Mary Bragg na een aantal keren horen een stuk indrukwekkender dan bij eerste beluistering.
De muzikante uit Nashville is me, ondanks een aantal eerdere albums die met name in de VS konden rekenen op zeer positieve recensies, tot dusver niet opgevallen, maar met haar nieuwe album kan ze wat mij betreft mee met de grote beloften in het genre, onder wie Erin Rae, die samen met Mary Bragg tekent voor de mooiste song op het album. Al met al een zeer aangename verrassing dit vijfde album van de Amerikaanse muzikante. Erwin Zijleman
Mary Chapin Carpenter - Personal History (2025)

4,5
5
geplaatst: 8 juni 2025, 11:30 uur
Recensie op de krenten uit d pop:
De krenten uit de pop: Review: Mary Chapin Carpenter - Personal History - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Mary Chapin Carpenter - Personal History
Mary Chapin Carpenter is misschien net wat minder bekend dan de allergrootsten in het genre, maar in kwalitatief opzicht doet ze er zeker niet voor onder, wat ook weer is te horen op het zeer fraaie Personal History
Het is knap hoe Mary Chapin Carpenter de afgelopen vijftien jaar aan de lopende band uitstekende albums maakt. Het zijn albums die niet onder doen voor het beste dat in het genre wordt gemaakt en dat is knap voor een muzikante die al ruim veertig jaar muziek maakt. Het deze week verschenen Personal History heeft net wat langer op zich laten wachten, maar het is wederom een album van een bijzonder hoog niveau. Mary Chapin Carpenter beschikt over een hele mooie stem vol emotie, ze schrijft aansprekende songs, heeft een stel prima muzikanten om zich heen verzameld en wist ook dit keer een topproducer te strikken. Het levert een volgend prachtalbum op.
De Amerikaanse singer-songwriter Mary Chapin Carpenter dook aan het begin van de jaren 80 op in de folk scene van Washington D.C. en bracht in 1987 haar debuutalbum Hometown Girl uit. Het succes kwam in de jaren 90, maar ik ontdekte de muziek van Mary Chapin Carpenter pas in 2001, toen haar album Time* Sex* Love* verscheen. Mijn liefde voor haar muziek groeide overigens vooral de afgelopen vijftien jaar, waarin een aantal geweldige albums zijn verschenen.
Ashes And Roses uit 2012, Songs From The Movie uit 2014, The Things That We Are Made Of uit 2016, Sometimes Just The Sky uit 2018 en The Dirt And The Stars uit 2020 zijn stuk voor stuk hoogstaande singer-songwriter albums, waarop Mary Chapin Carpenter indruk maakt als zangeres en als songwriter en waarop haar stem steeds mooier en doorleefder klinkt. Het zijn ook albums die profiteerden van het werk van topproducers als Dave Cobb en Ethan Johns.
Tussen 2012 en 2020 kon je de klok zo ongeveer gelijk zetten op een nieuw album van Mary Chapin Carpenter, maar de afgelopen vijf jaar was het behoorlijk stil rond de muzikante uit Princeton, New Jersey. Aan het begin van het jaar verscheen wel het album Looking For The Thread, een samenwerkingsverband tussen Mary Chapin Carpenter, Julie Fowlis en Karine Polwart. Het is een album dat ik uiteindelijk liet liggen, maar dat meer had verdiend.
Ik kan het deze week goed maken, want met Personal History brengt Mary Chapin Carpenter dan eindelijk weer eens een nieuw soloalbum uit. De Amerikaanse muzikante staat de afgelopen vijftien jaar garant voor geweldige albums en ook Personal History is er weer een. Een aantal van de vorige albums werden opgenomen in de Real World Studios van Peter Gabriel in het Britse Bath en dat is ook de plek waar Personal History werd opgenomen.
Het is een album dat grotendeels in het verlengde ligt van de vorige albums van Mary Chapin Carpenter. De Amerikaanse muzikante deed ook dit keer een beroep op een producer van naam en faam, want zo mogen we Josh Kaufman (Cassandra Jenkins, The Hold Steady, Anaïs Mitchell, Bonny Light Horseman) inmiddels wel noemen.
Josh Kaufman heeft Personal History voorzien van een mooi geluid, maar heeft de karakteristieke sound van Mary Chapin Carpenter intact gelaten. De instrumentatie is ook dit keer zeer smaakvol, maar staat volledig in dienst van de stem van Mary Chapin Carpenter. Het is een stem die prachtig rijpt en die de afgelopen vijftien jaar alleen maar mooier is geworden.
De Amerikaanse muzikante schrijft bovendien aansprekende en tijdloze songs. Ook Personal History is hierdoor weer een singer-songwriter album dat past in de inmiddels rijke traditie van het genre. Zowel de songs, de muziek als de zang op het nieuwe album van Mary Chapin Carpenter ademen kwaliteit, maar de Amerikaanse muzikante weet me ook dit keer te raken met haar persoonlijke songs en haar bijzondere stem.
Het is wederom de zang die de meeste aandacht trekt, maar luister ook zeker goed naar de muziek op het album en bijvoorbeeld naar het subtiele maar hoogstaande gitaarspel op het album. En vervolgens is er veel meer moois te ontdekken. Mary Chapin Carpenter maakt inmiddels ruim veertig jaar albums, maar ze lijkt alleen maar beter te worden. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Review: Mary Chapin Carpenter - Personal History - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Mary Chapin Carpenter - Personal History
Mary Chapin Carpenter is misschien net wat minder bekend dan de allergrootsten in het genre, maar in kwalitatief opzicht doet ze er zeker niet voor onder, wat ook weer is te horen op het zeer fraaie Personal History
Het is knap hoe Mary Chapin Carpenter de afgelopen vijftien jaar aan de lopende band uitstekende albums maakt. Het zijn albums die niet onder doen voor het beste dat in het genre wordt gemaakt en dat is knap voor een muzikante die al ruim veertig jaar muziek maakt. Het deze week verschenen Personal History heeft net wat langer op zich laten wachten, maar het is wederom een album van een bijzonder hoog niveau. Mary Chapin Carpenter beschikt over een hele mooie stem vol emotie, ze schrijft aansprekende songs, heeft een stel prima muzikanten om zich heen verzameld en wist ook dit keer een topproducer te strikken. Het levert een volgend prachtalbum op.
De Amerikaanse singer-songwriter Mary Chapin Carpenter dook aan het begin van de jaren 80 op in de folk scene van Washington D.C. en bracht in 1987 haar debuutalbum Hometown Girl uit. Het succes kwam in de jaren 90, maar ik ontdekte de muziek van Mary Chapin Carpenter pas in 2001, toen haar album Time* Sex* Love* verscheen. Mijn liefde voor haar muziek groeide overigens vooral de afgelopen vijftien jaar, waarin een aantal geweldige albums zijn verschenen.
Ashes And Roses uit 2012, Songs From The Movie uit 2014, The Things That We Are Made Of uit 2016, Sometimes Just The Sky uit 2018 en The Dirt And The Stars uit 2020 zijn stuk voor stuk hoogstaande singer-songwriter albums, waarop Mary Chapin Carpenter indruk maakt als zangeres en als songwriter en waarop haar stem steeds mooier en doorleefder klinkt. Het zijn ook albums die profiteerden van het werk van topproducers als Dave Cobb en Ethan Johns.
Tussen 2012 en 2020 kon je de klok zo ongeveer gelijk zetten op een nieuw album van Mary Chapin Carpenter, maar de afgelopen vijf jaar was het behoorlijk stil rond de muzikante uit Princeton, New Jersey. Aan het begin van het jaar verscheen wel het album Looking For The Thread, een samenwerkingsverband tussen Mary Chapin Carpenter, Julie Fowlis en Karine Polwart. Het is een album dat ik uiteindelijk liet liggen, maar dat meer had verdiend.
Ik kan het deze week goed maken, want met Personal History brengt Mary Chapin Carpenter dan eindelijk weer eens een nieuw soloalbum uit. De Amerikaanse muzikante staat de afgelopen vijftien jaar garant voor geweldige albums en ook Personal History is er weer een. Een aantal van de vorige albums werden opgenomen in de Real World Studios van Peter Gabriel in het Britse Bath en dat is ook de plek waar Personal History werd opgenomen.
Het is een album dat grotendeels in het verlengde ligt van de vorige albums van Mary Chapin Carpenter. De Amerikaanse muzikante deed ook dit keer een beroep op een producer van naam en faam, want zo mogen we Josh Kaufman (Cassandra Jenkins, The Hold Steady, Anaïs Mitchell, Bonny Light Horseman) inmiddels wel noemen.
Josh Kaufman heeft Personal History voorzien van een mooi geluid, maar heeft de karakteristieke sound van Mary Chapin Carpenter intact gelaten. De instrumentatie is ook dit keer zeer smaakvol, maar staat volledig in dienst van de stem van Mary Chapin Carpenter. Het is een stem die prachtig rijpt en die de afgelopen vijftien jaar alleen maar mooier is geworden.
De Amerikaanse muzikante schrijft bovendien aansprekende en tijdloze songs. Ook Personal History is hierdoor weer een singer-songwriter album dat past in de inmiddels rijke traditie van het genre. Zowel de songs, de muziek als de zang op het nieuwe album van Mary Chapin Carpenter ademen kwaliteit, maar de Amerikaanse muzikante weet me ook dit keer te raken met haar persoonlijke songs en haar bijzondere stem.
Het is wederom de zang die de meeste aandacht trekt, maar luister ook zeker goed naar de muziek op het album en bijvoorbeeld naar het subtiele maar hoogstaande gitaarspel op het album. En vervolgens is er veel meer moois te ontdekken. Mary Chapin Carpenter maakt inmiddels ruim veertig jaar albums, maar ze lijkt alleen maar beter te worden. Erwin Zijleman
Mary Chapin Carpenter - Sometimes Just the Sky (2018)

4,5
0
geplaatst: 30 maart 2018, 17:09 uur
recensie op de krenten uit de pop:
review on: De krenten uit de pop: Mary Chapin Carpenter - Sometimes Just The Sky - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Mary Chapin Carpenter debuteerde iets meer dan 30 jaar geleden en heeft inmiddels een ruim dozijn platen op haar naam staan.
De singer-songwriter uit Princeton, New Jersey, stond met deze platen altijd wat in de schaduw van soortgenoten als Emmylou Harris en later ook Lucinda Williams, waardoor het in 2001 verschenen Time* Sex* Love* pas mijn eerste kennismaking met het werk van Mary Chapin Carpenter was.
Sindsdien ben ik intens van de platen van de Amerikaanse singer-songwriter gaan houden. Het zijn platen van een bijna griezelig constant en bijzonder hoog niveau en het lijkt er op dat Mary Chapin Carpenter alleen maar beter wordt naarmate de jaren vorderen.
In 2016 haalde ze met het prachtige, door Dave Cobb geproduceerde, The Things That We Are Made Of volkomen terecht mijn jaarlijstje en ook het deze week verschenen Sometimes Just The Sky is weer een prachtige plaat.
Het is een plaat die hier en daar als tussendoortje zal worden bestempeld, want ter ere van haar 30 jarig jubileum komt Mary Chapin Carpenter op Sometimes Just The Sky vooral met nieuwe versies van oude songs op de proppen.
Nieuwe versies uitbrengen van oude songs is over het algemeen een heel slecht idee en heeft draken van platen opgeleverd, maar de nieuwe plaat van Mary Chapin Carpenter is zoals gezegd prachtig.
De Amerikaanse singer-songwriter heeft natuurlijk het voordeel dat lang niet alle muziekliefhebbers die twee jaar geleden het prachtige The Things That We Are Made Of hebben opgepikt thuis zullen zijn in haar rijke oeuvre, waardoor de songs op Sometimes Just The Sky voor velen aan zullen voelen als nieuwe songs. Ik kom zelf wel wat oude bekenden tegen, maar ik vind de nieuwe versies vrijwel zonder uitzondering mooier dan de originelen.
Dat is deels de verdienste van de gelouterde producer Ethan Johns (bekend van onder andere Ryan Adams, Laura Marling en Ray LaMontagne), die Mary Chapin Carpenter naar de Real World Studios van Peter Gabriel in het Engelse Bath haalde en ook een aantal van zijn favoriete muzikanten uitnodigde.
Het zorgt er voor dat Sometimes Just The Sky in productioneel en muzikaal opzicht prachtig klinkt en is voorzien van een warm en sfeervol geluid. Op het eerste gehoor vallen vooral de subtiele bijdragen van gitaren en strijkers op, maar zeker bij beluistering met de koptelefoon maakt ook de ritmesectie diepe indruk.
De meeste indruk maakt Mary Chapin Carpenter echter zelf. Haar stem is mooier en warmer dan in haar beginjaren en is bovendien voorzien van meer emotie en doorleving, wat de songs op Sometimes Just The Sky naar grote hoogten tilt. Direct bij eerste beluistering was ik diep onder de indruk van de nieuwe plaat van de Amerikaanse singer-songwriter, maar inmiddels is de plaat me al bijna net zo dierbaar als de terecht bejubelde voorganger.
Mary Chapin Carpenter heeft een groot deel van haar carrière wat in de schaduw van anderen gestaan, maar laat ook met Sometimes Just The Sky weer horen dat ze behoort tot de grootsten in het genre. Prachtplaat. Erwin Zijleman
review on: De krenten uit de pop: Mary Chapin Carpenter - Sometimes Just The Sky - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Mary Chapin Carpenter debuteerde iets meer dan 30 jaar geleden en heeft inmiddels een ruim dozijn platen op haar naam staan.
De singer-songwriter uit Princeton, New Jersey, stond met deze platen altijd wat in de schaduw van soortgenoten als Emmylou Harris en later ook Lucinda Williams, waardoor het in 2001 verschenen Time* Sex* Love* pas mijn eerste kennismaking met het werk van Mary Chapin Carpenter was.
Sindsdien ben ik intens van de platen van de Amerikaanse singer-songwriter gaan houden. Het zijn platen van een bijna griezelig constant en bijzonder hoog niveau en het lijkt er op dat Mary Chapin Carpenter alleen maar beter wordt naarmate de jaren vorderen.
In 2016 haalde ze met het prachtige, door Dave Cobb geproduceerde, The Things That We Are Made Of volkomen terecht mijn jaarlijstje en ook het deze week verschenen Sometimes Just The Sky is weer een prachtige plaat.
Het is een plaat die hier en daar als tussendoortje zal worden bestempeld, want ter ere van haar 30 jarig jubileum komt Mary Chapin Carpenter op Sometimes Just The Sky vooral met nieuwe versies van oude songs op de proppen.
Nieuwe versies uitbrengen van oude songs is over het algemeen een heel slecht idee en heeft draken van platen opgeleverd, maar de nieuwe plaat van Mary Chapin Carpenter is zoals gezegd prachtig.
De Amerikaanse singer-songwriter heeft natuurlijk het voordeel dat lang niet alle muziekliefhebbers die twee jaar geleden het prachtige The Things That We Are Made Of hebben opgepikt thuis zullen zijn in haar rijke oeuvre, waardoor de songs op Sometimes Just The Sky voor velen aan zullen voelen als nieuwe songs. Ik kom zelf wel wat oude bekenden tegen, maar ik vind de nieuwe versies vrijwel zonder uitzondering mooier dan de originelen.
Dat is deels de verdienste van de gelouterde producer Ethan Johns (bekend van onder andere Ryan Adams, Laura Marling en Ray LaMontagne), die Mary Chapin Carpenter naar de Real World Studios van Peter Gabriel in het Engelse Bath haalde en ook een aantal van zijn favoriete muzikanten uitnodigde.
Het zorgt er voor dat Sometimes Just The Sky in productioneel en muzikaal opzicht prachtig klinkt en is voorzien van een warm en sfeervol geluid. Op het eerste gehoor vallen vooral de subtiele bijdragen van gitaren en strijkers op, maar zeker bij beluistering met de koptelefoon maakt ook de ritmesectie diepe indruk.
De meeste indruk maakt Mary Chapin Carpenter echter zelf. Haar stem is mooier en warmer dan in haar beginjaren en is bovendien voorzien van meer emotie en doorleving, wat de songs op Sometimes Just The Sky naar grote hoogten tilt. Direct bij eerste beluistering was ik diep onder de indruk van de nieuwe plaat van de Amerikaanse singer-songwriter, maar inmiddels is de plaat me al bijna net zo dierbaar als de terecht bejubelde voorganger.
Mary Chapin Carpenter heeft een groot deel van haar carrière wat in de schaduw van anderen gestaan, maar laat ook met Sometimes Just The Sky weer horen dat ze behoort tot de grootsten in het genre. Prachtplaat. Erwin Zijleman
Mary Chapin Carpenter - The Dirt and the Stars (2020)

4,5
0
geplaatst: 9 augustus 2020, 10:47 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Mary Chapin Carpenter - The Dirt And The Stars - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Mary Chapin Carpenter - The Dirt And The Stars
Een volgend topalbum van Mary Chapin Carpenter, die inmiddels al een aantal decennia hele goede albums maakt, maar de afgelopen jaren in absolute topvorm verkeert
Een beetje melancholie is Mary Chapin Carpenter niet vreemd en daarom is ook The Dirt And The Stars weer een album dat beter past in de herfst dan op een snikhete zomerdag. Toch valt er ook op deze zomerdag weer veel te genieten, want de Amerikaanse singer-songwriter heeft wederom een topalbum afgeleverd. Ook The Dirt And The Stars werd weer geproduceerd door Ethan Johns en die weet precies in welke setting de doorleefde stem van Mary Chapin Carpenter het best tot zijn recht komt. De instrumentatie en productie zijn prachtig en dat geldt ook voor de zang, de songs en de verhalen van de Amerikaanse singer-songwriter, die al decennia met de besten mee kan.
De Amerikaanse singer-songwriter Mary Chapin Carpenter debuteerde in 1987 en heeft sindsdien een bijzonder indrukwekkend CV opgebouwd. In de jaren 90 verzamelde ze de ene na de andere Grammy en gingen haar vooral country getinte albums als warme broodjes over de toonbank, maar als ik een keuze mag maken uit het inmiddels imposante oeuvre van Mary Chapin Carpenter, kies ik voor de albums die ze de afgelopen jaren uitbracht.
Het in 2015 verschenen en met de gewilde Nashville producer Dave Cobb gemaakte The Things That We Are Made Off en het door Ethan Johns geproduceerde Sometimes Just The Sky uit 2018 haalden mijn jaarlijstje en daar kan ook het deze week verschenen The Dirt And The Stars zomaar in belanden.
Ook op The Dirt And The Stars werkt de Amerikaanse singer-songwriter samen met de gelouterde producer Ethan Johns. Het nieuwe album van de muzikante uit Virginia werd ook dit keer gemaakt met haar eigen band en ook dit keer verhuisde het hele gezelschap naar de Real World Studios van Peter Gabriel in het Zuid-Engelse Bath, waar het album nagenoeg live werd opgenomen.
Toch is The Dirt And The Stars niet helemaal te vergelijken met de terecht bejubelde voorganger, want waar Mary Chapin Carpenter op haar vorige album oudere songs uit haar eigen catalogus opnieuw bewerkte, schreef ze voor The Dirt And The Stars een aantal nieuwe songs.
Ethan Johns tekent ook dit keer voor een prachtig geluid, waarin flink wat instrumenten opduiken, maar dat zeker niet overvol is. Met name het snarenwerk op het album is weer van hoge kwaliteit, wat ook niet zo gek is wanneer je een beroep kunt doen op een topkracht als Duke Levine, die prachtig ingetogen speelt, maar ook een paar keer mag soleren.
Mary Chapin Carpenter wordt al een aantal decennia geprezen om haar songwriting skills en ook op The Dirt And The Stars zijn de songs van een bijzonder hoog niveau. Het zijn songs die onmiddellijk vertrouwd en memorabel klinken en die warm aanvoelen door de bijzonder mooie instrumentatie en productie. Minstens even mooi is de zang van Mary Chapin Carpenter, die wat donkerder en doorleefder klinkt dan in haar jonge jaren. Het is een stem die wat mij betreft alleen maar aan kracht heeft gewonnen en je op The Dirt And The Stars onmiddellijk grijpt.
Mary Chapin staat niet bekend om haar vrolijke teksten en ook de songs op haar nieuwe album staan weer deels in het teken van persoonlijk leed, waarna de Amerikaanse singer-songwriter ook nog eens stil staat bij de slechte staat waarin haar vaderland verkeert.
Ik was zoals eerder gezegd bijzonder onder de indruk van de vorige twee albums van Mary Chapin Carpenter, maar het donkere en doorleefde The Dirt And The Stars is nog net wat mooier en behoort absoluut tot de beste albums die Mary Chapin Carpenter in haar inmiddels vijf decennia bestrijkende carrière heeft gemaakt. Het is ook een veelzijdig album want de muzikante uit Virginia bestrijkt binnen de Amerikaanse rootsmuziek inmiddels een breed palet. Midden in de zomer een album uitbrengen is misschien geen handige keuze en het donkere The Dirt And The Stars past ook niet heel goed bij de temperaturen van het moment, maar het is echt een album om te koesteren. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Mary Chapin Carpenter - The Dirt And The Stars - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Mary Chapin Carpenter - The Dirt And The Stars
Een volgend topalbum van Mary Chapin Carpenter, die inmiddels al een aantal decennia hele goede albums maakt, maar de afgelopen jaren in absolute topvorm verkeert
Een beetje melancholie is Mary Chapin Carpenter niet vreemd en daarom is ook The Dirt And The Stars weer een album dat beter past in de herfst dan op een snikhete zomerdag. Toch valt er ook op deze zomerdag weer veel te genieten, want de Amerikaanse singer-songwriter heeft wederom een topalbum afgeleverd. Ook The Dirt And The Stars werd weer geproduceerd door Ethan Johns en die weet precies in welke setting de doorleefde stem van Mary Chapin Carpenter het best tot zijn recht komt. De instrumentatie en productie zijn prachtig en dat geldt ook voor de zang, de songs en de verhalen van de Amerikaanse singer-songwriter, die al decennia met de besten mee kan.
De Amerikaanse singer-songwriter Mary Chapin Carpenter debuteerde in 1987 en heeft sindsdien een bijzonder indrukwekkend CV opgebouwd. In de jaren 90 verzamelde ze de ene na de andere Grammy en gingen haar vooral country getinte albums als warme broodjes over de toonbank, maar als ik een keuze mag maken uit het inmiddels imposante oeuvre van Mary Chapin Carpenter, kies ik voor de albums die ze de afgelopen jaren uitbracht.
Het in 2015 verschenen en met de gewilde Nashville producer Dave Cobb gemaakte The Things That We Are Made Off en het door Ethan Johns geproduceerde Sometimes Just The Sky uit 2018 haalden mijn jaarlijstje en daar kan ook het deze week verschenen The Dirt And The Stars zomaar in belanden.
Ook op The Dirt And The Stars werkt de Amerikaanse singer-songwriter samen met de gelouterde producer Ethan Johns. Het nieuwe album van de muzikante uit Virginia werd ook dit keer gemaakt met haar eigen band en ook dit keer verhuisde het hele gezelschap naar de Real World Studios van Peter Gabriel in het Zuid-Engelse Bath, waar het album nagenoeg live werd opgenomen.
Toch is The Dirt And The Stars niet helemaal te vergelijken met de terecht bejubelde voorganger, want waar Mary Chapin Carpenter op haar vorige album oudere songs uit haar eigen catalogus opnieuw bewerkte, schreef ze voor The Dirt And The Stars een aantal nieuwe songs.
Ethan Johns tekent ook dit keer voor een prachtig geluid, waarin flink wat instrumenten opduiken, maar dat zeker niet overvol is. Met name het snarenwerk op het album is weer van hoge kwaliteit, wat ook niet zo gek is wanneer je een beroep kunt doen op een topkracht als Duke Levine, die prachtig ingetogen speelt, maar ook een paar keer mag soleren.
Mary Chapin Carpenter wordt al een aantal decennia geprezen om haar songwriting skills en ook op The Dirt And The Stars zijn de songs van een bijzonder hoog niveau. Het zijn songs die onmiddellijk vertrouwd en memorabel klinken en die warm aanvoelen door de bijzonder mooie instrumentatie en productie. Minstens even mooi is de zang van Mary Chapin Carpenter, die wat donkerder en doorleefder klinkt dan in haar jonge jaren. Het is een stem die wat mij betreft alleen maar aan kracht heeft gewonnen en je op The Dirt And The Stars onmiddellijk grijpt.
Mary Chapin staat niet bekend om haar vrolijke teksten en ook de songs op haar nieuwe album staan weer deels in het teken van persoonlijk leed, waarna de Amerikaanse singer-songwriter ook nog eens stil staat bij de slechte staat waarin haar vaderland verkeert.
Ik was zoals eerder gezegd bijzonder onder de indruk van de vorige twee albums van Mary Chapin Carpenter, maar het donkere en doorleefde The Dirt And The Stars is nog net wat mooier en behoort absoluut tot de beste albums die Mary Chapin Carpenter in haar inmiddels vijf decennia bestrijkende carrière heeft gemaakt. Het is ook een veelzijdig album want de muzikante uit Virginia bestrijkt binnen de Amerikaanse rootsmuziek inmiddels een breed palet. Midden in de zomer een album uitbrengen is misschien geen handige keuze en het donkere The Dirt And The Stars past ook niet heel goed bij de temperaturen van het moment, maar het is echt een album om te koesteren. Erwin Zijleman
Mary Chapin Carpenter - The Things That We Are Made of (2016)

4,5
0
geplaatst: 19 mei 2016, 14:44 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Mary Chapin Carpenter - The Things That We Are Made Of - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Mary Chapin Carpenter debuteerde in 1987 en draait inmiddels dus al bijna 30 jaar mee. In die 30 jaar bouwde de singer-songwriter uit Princeton, New Jersey, een imposant oeuvre op, dat inmiddels bestaat uit zo’n 15 platen.
De platen van Mary Chapin Carpenter zijn vrijwel zonder uitzondering van een bijzonder hoog niveau, maar desondanks ontbreekt de Amerikaanse singer-songwriter in menig goed gevulde platenkast.
In mijn platenkast kan ze op een plekje rekenen sinds het uit 2001 stammende Time* Sex* Love*, maar ook bij mij moet iedere nieuwe plaat van de Amerikaanse om onduidelijke redenen weer vechten om aandacht.
The Things That We Are Made Of is de opvolger van het begin 2014 verschenen Songs From The Movie en is een totaal andere plaat dan zijn voorganger. Op haar vorige plaat koos Mary Chapin Carpenter nog voor een bijzonder rijke orkestratie door een uit de kluiten gewassen orkest, dit keer is de sfeer een stuk intiemer, al duikt er af en toe nog wel een strijker op.
Mary Chapin Carpenter laat zich dit keer bijstaan door de momenteel zeer succesvolle producer Dave Cobb (Sturgill Simpson, Chris Stapleton, Jason Isbell) en dat blijkt een uitstekende keuze.
Dave Cobb heeft The Things That We Are Made Of voorzien van een prachtig en stemmig instrumentarium en heeft er bovendien voor gezorgd dat de mooie en bijzondere stem van Mary Chapin Carpenter centraal staat. Het min of meer standaard roots instrumentarium kleurt prachtig bij de warme en doorleefde stem van de Amerikaanse, die steeds beter gaat zingen en nog altijd beschikt over een geluid dat anders klinkt dan dat van haar soortgenoten.
Met “min of meer standaard roots instrumentarium” doe ik Dave Cobb overigens flink tekort, want wat klinkt The Things That We Are Made Of mooi en gloedvol en wat zijn mooie accenten verstopt in de instrumentatie (let vooral op de gitaren en de piano).
Mary Chapin Carpenter voelde zich in de studio in Nashville als een vis in het water en tekent voor haar beste vocalen in jaren. The Things That We Are Made Of is hierdoor en door de ijzersterke songs een plaat die de aandacht opeist en die vervolgens alleen maar beter wordt.
Ik geef eerlijk toe dat ik bij het maken van een lijstje van mijn favoriete singer-songwriters waarschijnlijk niet snel bij Mary Chapin Carpenter uit zal komen, maar The Things That We Are Made Of is een plaat waarvoor de groten in het genre zich niet zouden schamen, integendeel. Hoe vaker ik hem hoor, des te meer ik er van overtuigd raak dat Mary Chapin Carpenter een bescheiden meesterwerk heeft afgeleverd. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Mary Chapin Carpenter - The Things That We Are Made Of - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Mary Chapin Carpenter debuteerde in 1987 en draait inmiddels dus al bijna 30 jaar mee. In die 30 jaar bouwde de singer-songwriter uit Princeton, New Jersey, een imposant oeuvre op, dat inmiddels bestaat uit zo’n 15 platen.
De platen van Mary Chapin Carpenter zijn vrijwel zonder uitzondering van een bijzonder hoog niveau, maar desondanks ontbreekt de Amerikaanse singer-songwriter in menig goed gevulde platenkast.
In mijn platenkast kan ze op een plekje rekenen sinds het uit 2001 stammende Time* Sex* Love*, maar ook bij mij moet iedere nieuwe plaat van de Amerikaanse om onduidelijke redenen weer vechten om aandacht.
The Things That We Are Made Of is de opvolger van het begin 2014 verschenen Songs From The Movie en is een totaal andere plaat dan zijn voorganger. Op haar vorige plaat koos Mary Chapin Carpenter nog voor een bijzonder rijke orkestratie door een uit de kluiten gewassen orkest, dit keer is de sfeer een stuk intiemer, al duikt er af en toe nog wel een strijker op.
Mary Chapin Carpenter laat zich dit keer bijstaan door de momenteel zeer succesvolle producer Dave Cobb (Sturgill Simpson, Chris Stapleton, Jason Isbell) en dat blijkt een uitstekende keuze.
Dave Cobb heeft The Things That We Are Made Of voorzien van een prachtig en stemmig instrumentarium en heeft er bovendien voor gezorgd dat de mooie en bijzondere stem van Mary Chapin Carpenter centraal staat. Het min of meer standaard roots instrumentarium kleurt prachtig bij de warme en doorleefde stem van de Amerikaanse, die steeds beter gaat zingen en nog altijd beschikt over een geluid dat anders klinkt dan dat van haar soortgenoten.
Met “min of meer standaard roots instrumentarium” doe ik Dave Cobb overigens flink tekort, want wat klinkt The Things That We Are Made Of mooi en gloedvol en wat zijn mooie accenten verstopt in de instrumentatie (let vooral op de gitaren en de piano).
Mary Chapin Carpenter voelde zich in de studio in Nashville als een vis in het water en tekent voor haar beste vocalen in jaren. The Things That We Are Made Of is hierdoor en door de ijzersterke songs een plaat die de aandacht opeist en die vervolgens alleen maar beter wordt.
Ik geef eerlijk toe dat ik bij het maken van een lijstje van mijn favoriete singer-songwriters waarschijnlijk niet snel bij Mary Chapin Carpenter uit zal komen, maar The Things That We Are Made Of is een plaat waarvoor de groten in het genre zich niet zouden schamen, integendeel. Hoe vaker ik hem hoor, des te meer ik er van overtuigd raak dat Mary Chapin Carpenter een bescheiden meesterwerk heeft afgeleverd. Erwin Zijleman
Mary Gauthier - Dark Enough to See the Stars (2022)

4,0
1
geplaatst: 8 juni 2022, 16:04 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Mary Gauthier - Dark Enough To See The Stars - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Mary Gauthier - Dark Enough To See The Stars
Mary Gauthier debuteerde 25 jaar geleden en laat ook met haar nieuwe album Dark Enough To See The Stars weer horen waarom ze al geruime tijd gerekend moet worden tot de grootheden binnen de rootsmuziek
Het lijkt wel of Mary Gauthier steeds beter wordt. Haar vorige twee albums schaar ik onder de allerbeste albums van de muzikante uit Nashville en ook het deze week verschenen Dark Enough To See The Stars doet niet onder voor haar beste werk. Ook op haar nieuwe album laat Mary Gauthier horen dat ze een groot songwriter en een uitstekend verhalenverteller is. Het zijn verhalen met een lach en een traan, die de muzikante uit Nashville met veel gevoel vertolkt. De Amerikaanse muzikante gaat steeds beter zingen en heeft ook haar nieuwe album weer laten inkleuren door een aantal gelouterde muzikanten. Dark Enough To See The Stars is een degelijk album, maar ook een album dat louter kwaliteit ademt.
Mary Gauthier was al achter in de dertig toen ze in 1999 doorbrak met het bijzondere Drag Queens In Limousines, het tweede album van de muzikante die werd geboren in New Orleans, Louisiana. Drag Queens In Limousines trok de aandacht door de opvallend rauwe en doorleefde stem van Mary Gauthier en door haar teksten die focusten op de zelfkant van de samenleving.
Het doorbraakalbum van Mary Gauthier was overigens deels autobiografisch, want ze worstelde in haar jongere jaren niet alleen met haar seksualiteit maar ook met verslavingen. Drag Queens In Limousines gaf een nieuwe invulling aan het genre ‘country-noir’ en was bovendien de start van een zeer succesvolle carrière.
Sinds Drag Queens In Limousines zijn drieëntwintig jaren verstreken en in die jaren heeft Mary Gauthier gebouwd aan een bijzonder fraai oeuvre, waarin wat mij betreft Mercy Now uit 2005, Trouble & Love uit 2014 en Rifles And Rosary Beads (dat door de oorlog in Oekraïne weer heel actueel is) uit 2018 er uit springen. De laatstgenoemde twee albums zijn de directe voorgangers van het deze week verschenen Dark Enough To See The Stars en ik had dan ook alle reden om met hooggespannen verwachtingen uit te kijken naar het negende studioalbum van Mary Gauthier.
Dark Enough To See The Stars is zeker geen album vol verrassingen, maar het is wel een album dat kwaliteit ademt, waardoor het voldoet aan mijn hoge verwachtingen. Wanneer ik Dark Enough To See The Stars vergelijk met het eerder genoemde Drag Queens In Limousines hoor ik overeenkomsten en verschillen.
Mary Gauthier vertelt nog altijd bijzondere verhalen, maar ze zijn op haar nieuwe album wel wat minder donker dan op haar doorbraakalbum. Zo is er dit keer ruimte voor het bezingen van het liefdesgeluk met collega muzikante Jaimee Harris, maar moet ook afscheid worden van muzikale helden en vrienden als John Prine, David Olney en Nanci Griffith, die overleden tijdens de coronapandemie.
Net als op haar doorbraakalbum zingt Mary Gauthier ook op haar nieuwe album vol gevoel en doorleving, maar ze is wel veel beter gaan zingen en kan bovendien beter overweg met wat meer ingetogen songs. In vocaal opzicht zit het goed op Dark Enough To See The Stars en ook met de kwaliteit van de songs en de verhalen is niets mis, waardoor het nieuwe album van Mary Gauthier eigenlijk al niet meer teleur kan stellen.
In muzikaal opzicht klinkt Dark Enough To See The Stars vooral degelijk. De muzikante uit Nashville, Tennessee, heeft een aantal geweldige muzikanten om zich heen verzameld en die tekenen voor een warm en betrekkelijk rijk ingekleurd geluid, al bevat het album ook een aantal wat soberder ingekleurde songs. Het is niet het typische countrygeluid dat we eerder hoorden bij de Amerikaanse muzikante, maar een veelzijdig geluid dat de Amerikaanse rootsmuziek in de breedste zin van het woord omvat.
Haar geliefde Jaimee Harris was niet alleen een inspiratiebron voor een aantal songs, maar schreef ook mee aan een aantal songs en draagt bovendien fraaie achtergrondvocalen toe, die de stem van Mary Gauthier flink optillen. Mary Gauthier neemt, zeker de afgelopen vijftien jaar, de tijd voor haar albums, maar de albums die ze aflevert zijn van een bijzonder hoog niveau en laten horen dat Mary Gauthier niet voor niets wordt gerekend tot de betere singer-songwriters in het genre. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Mary Gauthier - Dark Enough To See The Stars - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Mary Gauthier - Dark Enough To See The Stars
Mary Gauthier debuteerde 25 jaar geleden en laat ook met haar nieuwe album Dark Enough To See The Stars weer horen waarom ze al geruime tijd gerekend moet worden tot de grootheden binnen de rootsmuziek
Het lijkt wel of Mary Gauthier steeds beter wordt. Haar vorige twee albums schaar ik onder de allerbeste albums van de muzikante uit Nashville en ook het deze week verschenen Dark Enough To See The Stars doet niet onder voor haar beste werk. Ook op haar nieuwe album laat Mary Gauthier horen dat ze een groot songwriter en een uitstekend verhalenverteller is. Het zijn verhalen met een lach en een traan, die de muzikante uit Nashville met veel gevoel vertolkt. De Amerikaanse muzikante gaat steeds beter zingen en heeft ook haar nieuwe album weer laten inkleuren door een aantal gelouterde muzikanten. Dark Enough To See The Stars is een degelijk album, maar ook een album dat louter kwaliteit ademt.
Mary Gauthier was al achter in de dertig toen ze in 1999 doorbrak met het bijzondere Drag Queens In Limousines, het tweede album van de muzikante die werd geboren in New Orleans, Louisiana. Drag Queens In Limousines trok de aandacht door de opvallend rauwe en doorleefde stem van Mary Gauthier en door haar teksten die focusten op de zelfkant van de samenleving.
Het doorbraakalbum van Mary Gauthier was overigens deels autobiografisch, want ze worstelde in haar jongere jaren niet alleen met haar seksualiteit maar ook met verslavingen. Drag Queens In Limousines gaf een nieuwe invulling aan het genre ‘country-noir’ en was bovendien de start van een zeer succesvolle carrière.
Sinds Drag Queens In Limousines zijn drieëntwintig jaren verstreken en in die jaren heeft Mary Gauthier gebouwd aan een bijzonder fraai oeuvre, waarin wat mij betreft Mercy Now uit 2005, Trouble & Love uit 2014 en Rifles And Rosary Beads (dat door de oorlog in Oekraïne weer heel actueel is) uit 2018 er uit springen. De laatstgenoemde twee albums zijn de directe voorgangers van het deze week verschenen Dark Enough To See The Stars en ik had dan ook alle reden om met hooggespannen verwachtingen uit te kijken naar het negende studioalbum van Mary Gauthier.
Dark Enough To See The Stars is zeker geen album vol verrassingen, maar het is wel een album dat kwaliteit ademt, waardoor het voldoet aan mijn hoge verwachtingen. Wanneer ik Dark Enough To See The Stars vergelijk met het eerder genoemde Drag Queens In Limousines hoor ik overeenkomsten en verschillen.
Mary Gauthier vertelt nog altijd bijzondere verhalen, maar ze zijn op haar nieuwe album wel wat minder donker dan op haar doorbraakalbum. Zo is er dit keer ruimte voor het bezingen van het liefdesgeluk met collega muzikante Jaimee Harris, maar moet ook afscheid worden van muzikale helden en vrienden als John Prine, David Olney en Nanci Griffith, die overleden tijdens de coronapandemie.
Net als op haar doorbraakalbum zingt Mary Gauthier ook op haar nieuwe album vol gevoel en doorleving, maar ze is wel veel beter gaan zingen en kan bovendien beter overweg met wat meer ingetogen songs. In vocaal opzicht zit het goed op Dark Enough To See The Stars en ook met de kwaliteit van de songs en de verhalen is niets mis, waardoor het nieuwe album van Mary Gauthier eigenlijk al niet meer teleur kan stellen.
In muzikaal opzicht klinkt Dark Enough To See The Stars vooral degelijk. De muzikante uit Nashville, Tennessee, heeft een aantal geweldige muzikanten om zich heen verzameld en die tekenen voor een warm en betrekkelijk rijk ingekleurd geluid, al bevat het album ook een aantal wat soberder ingekleurde songs. Het is niet het typische countrygeluid dat we eerder hoorden bij de Amerikaanse muzikante, maar een veelzijdig geluid dat de Amerikaanse rootsmuziek in de breedste zin van het woord omvat.
Haar geliefde Jaimee Harris was niet alleen een inspiratiebron voor een aantal songs, maar schreef ook mee aan een aantal songs en draagt bovendien fraaie achtergrondvocalen toe, die de stem van Mary Gauthier flink optillen. Mary Gauthier neemt, zeker de afgelopen vijftien jaar, de tijd voor haar albums, maar de albums die ze aflevert zijn van een bijzonder hoog niveau en laten horen dat Mary Gauthier niet voor niets wordt gerekend tot de betere singer-songwriters in het genre. Erwin Zijleman
Mary Gauthier - Rifles & Rosary Beads (2018)

4,5
1
geplaatst: 27 januari 2018, 11:01 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Mary Gauthier - Rifles & Rosary Beads - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Het is moeilijk voor te stellen dat het inmiddels al weer meer dan 18 jaar geleden is dat ik compleet van mijn sokken werd geblazen door Drag Queens In Limousines van Mary Gauthier.
De singer-songwriter uit New Orleans, Louisiana, imponeerde op haar tweede plaat met songs met zoveel emotie en doorleving dat luisteren soms pijn deed.
Drag Queens In Limousines staat inmiddels in de boeken als klassieker, maar als ik luister naar alle platen die Mary Gauthier sindsdien heeft gemaakt, moet ik concluderen dat het misschien wel de minst sterke plaat van Mary Gauthier is.
Het zegt wat over de torenhoge kwaliteit van de platen die Mary Gauthier sinds 1999 heeft uitgebracht. Met Trouble & Love deed de singer-songwriter uit New Orleans er bijna vier jaar geleden nog een schep bovenop en leverde ze haar beste plaat tot dusver af. Het is een plaat die nu stevige concurrentie krijgt van Rifles & Rosary Beads, dat in meerdere opzichten imponeert.
Ook Rifles & Rosary Beads ontleent een belangrijk deel van zijn kracht aan de geweldige stem van Mary Gauthier. Het is een stem die de afgelopen 18 jaar alleen maar mooier is geworden. Op Drag Queens In Limousines had Mary Gauthier nog een flinke snik in haar stem, maar de afgelopen jaren is ze wat meer ingetogen gaan zingen. Het is gelukkig niet ten koste gegaan van de hoeveelheid emotie en doorleving in de stem van de Amerikaanse singer-songwriter, waardoor ook Rifles & Rosary Beads je weer onmiddellijk bij de strot grijpt.
Alleen de geweldige vocalen maken van Rifles & Rosary Beads al een prachtplaat, maar er valt nog veel meer te genieten op de nieuwe plaat van Mary Gauthier. Ook dit keer is de instrumentatie subtiel en ingetogen, maar de stemmige klanken zitten ook vol mooie details en met name de bijdragen van mondharmonica en viool snijden door de ziel.
En dan zijn er ook nog de indringende verhalen op de plaat. Mary Gauthier schreef een aantal songs op de plaat met oorlogsveteranen en werkte hiernaast samen met gelouterde collega's als Beth Nielsen Chapman. Mary Gauthier vertelde op haar eerste platen vooral over de eigen ellende in haar leven (en ellende was er volop in de eerste 35 jaar van haar leven), maar focust nu op het leven van oorlogsveteranen en hun nabestaanden in de Verenigde Staten.
Het zijn mensen die ongewild een oorlog in zijn gesleept, maar na terugkeer aan hun lot werden overgelaten. Iets wat ook gebeurt met de nabestaanden van militairen die niet levend terugkeerden uit Irak of Afghanistan. Het zijn verhalen vol ellende en als iemand deze verhalen kan vertellen is dat Mary Gauthier wel.
Het geeft Rifles & Rosary Beads een bijzondere lading en een enorme intensiteit. Ik ging er eerlijk gezegd van uit dat Mary Gauthier haar creatieve piek had bereikt met Trouble & Love uit 2014, maar de lat kan nog een stukje hoger.
Rifles & Rosary Beads is in vocaal en instrumentaal opzicht een imponerende plaat, maar staat ook nog eens vol verhalen die iets met je doen. Mary Gauthier is misschien niet wereldberoemd, maar is in haar genre momenteel onaantastbaar. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Mary Gauthier - Rifles & Rosary Beads - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Het is moeilijk voor te stellen dat het inmiddels al weer meer dan 18 jaar geleden is dat ik compleet van mijn sokken werd geblazen door Drag Queens In Limousines van Mary Gauthier.
De singer-songwriter uit New Orleans, Louisiana, imponeerde op haar tweede plaat met songs met zoveel emotie en doorleving dat luisteren soms pijn deed.
Drag Queens In Limousines staat inmiddels in de boeken als klassieker, maar als ik luister naar alle platen die Mary Gauthier sindsdien heeft gemaakt, moet ik concluderen dat het misschien wel de minst sterke plaat van Mary Gauthier is.
Het zegt wat over de torenhoge kwaliteit van de platen die Mary Gauthier sinds 1999 heeft uitgebracht. Met Trouble & Love deed de singer-songwriter uit New Orleans er bijna vier jaar geleden nog een schep bovenop en leverde ze haar beste plaat tot dusver af. Het is een plaat die nu stevige concurrentie krijgt van Rifles & Rosary Beads, dat in meerdere opzichten imponeert.
Ook Rifles & Rosary Beads ontleent een belangrijk deel van zijn kracht aan de geweldige stem van Mary Gauthier. Het is een stem die de afgelopen 18 jaar alleen maar mooier is geworden. Op Drag Queens In Limousines had Mary Gauthier nog een flinke snik in haar stem, maar de afgelopen jaren is ze wat meer ingetogen gaan zingen. Het is gelukkig niet ten koste gegaan van de hoeveelheid emotie en doorleving in de stem van de Amerikaanse singer-songwriter, waardoor ook Rifles & Rosary Beads je weer onmiddellijk bij de strot grijpt.
Alleen de geweldige vocalen maken van Rifles & Rosary Beads al een prachtplaat, maar er valt nog veel meer te genieten op de nieuwe plaat van Mary Gauthier. Ook dit keer is de instrumentatie subtiel en ingetogen, maar de stemmige klanken zitten ook vol mooie details en met name de bijdragen van mondharmonica en viool snijden door de ziel.
En dan zijn er ook nog de indringende verhalen op de plaat. Mary Gauthier schreef een aantal songs op de plaat met oorlogsveteranen en werkte hiernaast samen met gelouterde collega's als Beth Nielsen Chapman. Mary Gauthier vertelde op haar eerste platen vooral over de eigen ellende in haar leven (en ellende was er volop in de eerste 35 jaar van haar leven), maar focust nu op het leven van oorlogsveteranen en hun nabestaanden in de Verenigde Staten.
Het zijn mensen die ongewild een oorlog in zijn gesleept, maar na terugkeer aan hun lot werden overgelaten. Iets wat ook gebeurt met de nabestaanden van militairen die niet levend terugkeerden uit Irak of Afghanistan. Het zijn verhalen vol ellende en als iemand deze verhalen kan vertellen is dat Mary Gauthier wel.
Het geeft Rifles & Rosary Beads een bijzondere lading en een enorme intensiteit. Ik ging er eerlijk gezegd van uit dat Mary Gauthier haar creatieve piek had bereikt met Trouble & Love uit 2014, maar de lat kan nog een stukje hoger.
Rifles & Rosary Beads is in vocaal en instrumentaal opzicht een imponerende plaat, maar staat ook nog eens vol verhalen die iets met je doen. Mary Gauthier is misschien niet wereldberoemd, maar is in haar genre momenteel onaantastbaar. Erwin Zijleman
Mary Gauthier - Trouble & Love (2014)

4,5
0
geplaatst: 12 juni 2014, 14:54 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Mary Gauthier - Trouble & Love - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Mary Gauthier debuteerde in 1997 met het compleet genegeerde Dixie Kitchen, maar brak in 1999, op 37-jarige leeftijd, door met het inmiddels bijna legendarische Drag Queens In Limousines.
Drag Queens In Limousines was en is een prachtige plaat, maar persoonlijk vind ik alle platen die volgden mooier. Filth & Fire (2002), Mercy Now (2005), Between Daylight And Dark (2007) en The Foundling (2010) waren stuk voor stuk platen die zich schaarden onder het beste dat de Amerikaanse rootsmuziek te bieden heeft en van deze platen was de laatste tot voor kort mijn favoriet. Tot voor kort, want met het onlangs verschenen Trouble & Love legt de singer-songwriter uit Thibodaux, Louisiana, de lat weer net een stukje hoger.
Het in Nashville opgenomen Trouble & Love volgt op een periode waarin Mary Gauthier een aantal persoonlijke vrienden verloor en ook nog eens haar relatie op de klippen zag lopen. Het zal dan ook niemand verbazen dat Trouble & Love een behoorlijk donkere plaat is. En behoorlijk donker is een understatement. Nu staat Mary Gauthier sowieso niet bekend om vrolijke meezingers en ook op haar vorige platen kwam de Amerikaanse singer-songwriter al het best tot haar recht wanneer je het leed met bakken van haar songs kon afscheppen.
Trouble & Love werd zoals gezegd opgenomen in Nashville, waar Mary Gauthier een beroep kon doen op een aantal geweldige muzikanten. Deze muzikanten zetten een intiem en stemmig bandgeluid neer dat live werd opgenomen en waarin de weemoedige vocalen van Mary Gauthier uitstekend gedijen. In dit hecht en meeslepend klinkende geluid valt vooral het prachtige gitaarwerk op; gitaarwerk dat overigens alleen maar mooier wordt wanneer aan het eind van de plaat ook nog eens gitaarlegende Duane Eddy opduikt voor een bijdrage.
Hoe mooi de muziek ook is, het zijn toch vooral de vocalen van Mary Gauthier die Trouble & Love zo indrukwekkend maken. In de acht tracks op de plaat, waarvan het merendeel overigens langer dan vijf minuten duurt, blikt Mary Gauthier terug op een zware periode in haar leven en maakt ze de luisteraar deelgenoot van alle misère die haar trof. Het komt hard aan, maar het is op hetzelfde moment van een ongelooflijke schoonheid en intensiteit.
De lichte snik in de stem van Mary Gauthier en haar zuidelijke tongval, zorgen voor nog net wat extra emotie, terwijl de wijze waarop onder andere Beth Nielsen Chapman, Darrell Scott en The McCrary Sisters de vocalen van Mary Gauthier versterken bijzonder trefzeker is.
Ik beluisterde Trouble & Love een week of wat geleden voor het eerst op een mooie zomerdag. Dat is misschien niet de meest geschikte setting voor de beluistering van de nieuwe plaat van Mary Gauthier, maar ik was direct onder de indruk. Zet deze plaat echter op als de zon onder is en de straten leeg zijn en Mary Gauthier snijdt met haar prachtsongs door de ziel.
Drag Queens In Limousines was 15 jaar geleden al goed genoeg om Mary Gauthier te scharen onder de beste vrouwelijke singer-songwriters in het rootssegment, maar sindsdien is ze alleen maar beter geworden. Veel beter. De ellende die Mary Gauthier de afgelopen jaren moest doorstaan gun je niemand, maar acht wat levert het een indrukwekkende plaat op. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Mary Gauthier - Trouble & Love - dekrentenuitdepop.blogspot.nl
Mary Gauthier debuteerde in 1997 met het compleet genegeerde Dixie Kitchen, maar brak in 1999, op 37-jarige leeftijd, door met het inmiddels bijna legendarische Drag Queens In Limousines.
Drag Queens In Limousines was en is een prachtige plaat, maar persoonlijk vind ik alle platen die volgden mooier. Filth & Fire (2002), Mercy Now (2005), Between Daylight And Dark (2007) en The Foundling (2010) waren stuk voor stuk platen die zich schaarden onder het beste dat de Amerikaanse rootsmuziek te bieden heeft en van deze platen was de laatste tot voor kort mijn favoriet. Tot voor kort, want met het onlangs verschenen Trouble & Love legt de singer-songwriter uit Thibodaux, Louisiana, de lat weer net een stukje hoger.
Het in Nashville opgenomen Trouble & Love volgt op een periode waarin Mary Gauthier een aantal persoonlijke vrienden verloor en ook nog eens haar relatie op de klippen zag lopen. Het zal dan ook niemand verbazen dat Trouble & Love een behoorlijk donkere plaat is. En behoorlijk donker is een understatement. Nu staat Mary Gauthier sowieso niet bekend om vrolijke meezingers en ook op haar vorige platen kwam de Amerikaanse singer-songwriter al het best tot haar recht wanneer je het leed met bakken van haar songs kon afscheppen.
Trouble & Love werd zoals gezegd opgenomen in Nashville, waar Mary Gauthier een beroep kon doen op een aantal geweldige muzikanten. Deze muzikanten zetten een intiem en stemmig bandgeluid neer dat live werd opgenomen en waarin de weemoedige vocalen van Mary Gauthier uitstekend gedijen. In dit hecht en meeslepend klinkende geluid valt vooral het prachtige gitaarwerk op; gitaarwerk dat overigens alleen maar mooier wordt wanneer aan het eind van de plaat ook nog eens gitaarlegende Duane Eddy opduikt voor een bijdrage.
Hoe mooi de muziek ook is, het zijn toch vooral de vocalen van Mary Gauthier die Trouble & Love zo indrukwekkend maken. In de acht tracks op de plaat, waarvan het merendeel overigens langer dan vijf minuten duurt, blikt Mary Gauthier terug op een zware periode in haar leven en maakt ze de luisteraar deelgenoot van alle misère die haar trof. Het komt hard aan, maar het is op hetzelfde moment van een ongelooflijke schoonheid en intensiteit.
De lichte snik in de stem van Mary Gauthier en haar zuidelijke tongval, zorgen voor nog net wat extra emotie, terwijl de wijze waarop onder andere Beth Nielsen Chapman, Darrell Scott en The McCrary Sisters de vocalen van Mary Gauthier versterken bijzonder trefzeker is.
Ik beluisterde Trouble & Love een week of wat geleden voor het eerst op een mooie zomerdag. Dat is misschien niet de meest geschikte setting voor de beluistering van de nieuwe plaat van Mary Gauthier, maar ik was direct onder de indruk. Zet deze plaat echter op als de zon onder is en de straten leeg zijn en Mary Gauthier snijdt met haar prachtsongs door de ziel.
Drag Queens In Limousines was 15 jaar geleden al goed genoeg om Mary Gauthier te scharen onder de beste vrouwelijke singer-songwriters in het rootssegment, maar sindsdien is ze alleen maar beter geworden. Veel beter. De ellende die Mary Gauthier de afgelopen jaren moest doorstaan gun je niemand, maar acht wat levert het een indrukwekkende plaat op. Erwin Zijleman
Mary Kate Teske - Mary Kate Teske (2023)

4,0
0
geplaatst: 2 augustus 2023, 17:31 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Mary Kate Teske - Mary Kate Teske - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Mary Kate Teske - Mary Kate Teske
Singer-songwriter en fotograaf Mary Kate Teske startte begin dit jaar een crowdfunding campagne voor het opnemen van haar debuutalbum, wat deze week een interessant album met traditioneel aandoende folk oplevert
Mijn onlangs opgebloeide zwak voor traditioneel aandoende country en folk leefde deze week weer extra op bij beluistering van het debuutalbum van de Amerikaanse singer-songwriter Mary Kate Teske. De muzikante uit Montana haalde via een crowdfunding campagne genoeg geld binnen voor het afhuren van een studio, het inhuren van flink wat muzikanten en produceren van haar eerste album. Het is een album vol schoonheidsfoutjes, maar het is ook een album dat nu eens niet klinkt als het gemiddelde album in het genre. Mary Kate Teske heeft haar songs speels ingekleurd met flink wat instrumenten en maakt indruk met een emotievolle stem. Ik heb wel wat met dit bijzondere debuut.
Ik was nooit zo gek op wat traditioneel aandoende Amerikaanse rootsmuziek, maar de afgelopen maanden laat ik me makkelijk verleiden door albums die zich hebben laten inspireren door met name de country en folk uit het verre verleden. Ook het titelloze debuutalbum van de Amerikaanse singer-songwriter en fotograaf Mary Kate Teske vond ik direct bij eerste beluistering een uitstekend album en dat is na meerdere keren horen zeker niet veranderd.
De muzikante uit Billings, Montana, kon haar debuutalbum maken na een geslaagde crowdfunding campagne, die net iets meer dan 5.000 Amerikaanse dollars opleverde. Het is een bedrag waarvoor de grootverdieners in de popmuziek hooguit een keer met hun ogen hoeven te knipperen, maar voor Mary Kate Teske was het het verschil tussen een album of geen album. Ik heb helaas maar heel weinig informatie over het titelloze debuutalbum van de singer-songwriter uit Montana, want zelfs op haar bandcamp pagina is maar heel weinig tekst te vinden.
Het verhaal bij haar crowdfunding campagne geeft misschien nog wel de meeste informatie en het is een mooi verhaal: “I’ve written an album of songs! Restless, and constantly moving within the borders of Montana, time has allowed me to transmute my experiences into song and lyric. Over the course of a decade, I’ve driven my 1961 Dodge Lancer with camera, and guitar in tow, through a vast range of stories. Two years ago, an angel blessed me with a magical 1952 0-18 Martin guitar that I’ve been writing with ever since it found my hands. Validated that this was my path, I saught to work with talented session musicians who have furthered my vision by accompanying me”.
Mary Kate Teske schrijft al een jaar of tien songs en dat hoor je, want de songs op haar debuutalbum vertellen mooie verhalen en houden de aandacht onmiddellijk vast. Voor haar debuutalbum koos de Amerikaanse muzikante voor een wat voller geluid dan gebruikelijk, want na de geslaagde crowdfunding campagne kon ze een aantal ervaren muzikanten aantrekken.
Het debuutalbum van Mary Kate Teske bevat naast de gitaar en de stem van de muzikante uit Billings, Montana, bijdragen van banjo, elektrische gitaar, percussie, bass, cello, piano, pedal steel, viool en trompet, want een lekker vol en wat bont gekleurd geluid oplevert. Het is een geluid dat flink anders klinkt dan het geluid op de meeste rootsalbums die in Nashville, Austin of Los Angeles worden gemaakt. Billings ligt redelijk ver van de bewoonde wereld (al doe ik de grootste stad van Montana hiermee wel wat te kort) en maar liefst 2.500 kilometer van Nashville en dat hoor je.
Ik ben persoonlijk wel gecharmeerd van het veelkleurige en soms toch ook wel wat rammelende geluid op het album. Dat rammelende hoor je ook in de stem van Mary Kate Teske, die beschikt over een mooie heldere stem, maar die af en toe ook wel wat onvast kan klinken. Ik heb daar geen moeite mee, want juist de imperfectie maakt de stem van de Amerikaanse singer-songwriter zo bijzonder.
Het is een stem vol echo’s uit het verleden, zeker wanneer de folk van Mary Kate Teske bezwerend en psychedelisch klinkt, maar het is ook een stem die op een of andere manier wat met je doet. Wereldberoemd gaat de muzikante uit Montana vast niet worden met dit debuutalbum, maar ze heeft mij absoluut geraakt met haar songs en zeker ook met haar stem en voordracht. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Mary Kate Teske - Mary Kate Teske - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Mary Kate Teske - Mary Kate Teske
Singer-songwriter en fotograaf Mary Kate Teske startte begin dit jaar een crowdfunding campagne voor het opnemen van haar debuutalbum, wat deze week een interessant album met traditioneel aandoende folk oplevert
Mijn onlangs opgebloeide zwak voor traditioneel aandoende country en folk leefde deze week weer extra op bij beluistering van het debuutalbum van de Amerikaanse singer-songwriter Mary Kate Teske. De muzikante uit Montana haalde via een crowdfunding campagne genoeg geld binnen voor het afhuren van een studio, het inhuren van flink wat muzikanten en produceren van haar eerste album. Het is een album vol schoonheidsfoutjes, maar het is ook een album dat nu eens niet klinkt als het gemiddelde album in het genre. Mary Kate Teske heeft haar songs speels ingekleurd met flink wat instrumenten en maakt indruk met een emotievolle stem. Ik heb wel wat met dit bijzondere debuut.
Ik was nooit zo gek op wat traditioneel aandoende Amerikaanse rootsmuziek, maar de afgelopen maanden laat ik me makkelijk verleiden door albums die zich hebben laten inspireren door met name de country en folk uit het verre verleden. Ook het titelloze debuutalbum van de Amerikaanse singer-songwriter en fotograaf Mary Kate Teske vond ik direct bij eerste beluistering een uitstekend album en dat is na meerdere keren horen zeker niet veranderd.
De muzikante uit Billings, Montana, kon haar debuutalbum maken na een geslaagde crowdfunding campagne, die net iets meer dan 5.000 Amerikaanse dollars opleverde. Het is een bedrag waarvoor de grootverdieners in de popmuziek hooguit een keer met hun ogen hoeven te knipperen, maar voor Mary Kate Teske was het het verschil tussen een album of geen album. Ik heb helaas maar heel weinig informatie over het titelloze debuutalbum van de singer-songwriter uit Montana, want zelfs op haar bandcamp pagina is maar heel weinig tekst te vinden.
Het verhaal bij haar crowdfunding campagne geeft misschien nog wel de meeste informatie en het is een mooi verhaal: “I’ve written an album of songs! Restless, and constantly moving within the borders of Montana, time has allowed me to transmute my experiences into song and lyric. Over the course of a decade, I’ve driven my 1961 Dodge Lancer with camera, and guitar in tow, through a vast range of stories. Two years ago, an angel blessed me with a magical 1952 0-18 Martin guitar that I’ve been writing with ever since it found my hands. Validated that this was my path, I saught to work with talented session musicians who have furthered my vision by accompanying me”.
Mary Kate Teske schrijft al een jaar of tien songs en dat hoor je, want de songs op haar debuutalbum vertellen mooie verhalen en houden de aandacht onmiddellijk vast. Voor haar debuutalbum koos de Amerikaanse muzikante voor een wat voller geluid dan gebruikelijk, want na de geslaagde crowdfunding campagne kon ze een aantal ervaren muzikanten aantrekken.
Het debuutalbum van Mary Kate Teske bevat naast de gitaar en de stem van de muzikante uit Billings, Montana, bijdragen van banjo, elektrische gitaar, percussie, bass, cello, piano, pedal steel, viool en trompet, want een lekker vol en wat bont gekleurd geluid oplevert. Het is een geluid dat flink anders klinkt dan het geluid op de meeste rootsalbums die in Nashville, Austin of Los Angeles worden gemaakt. Billings ligt redelijk ver van de bewoonde wereld (al doe ik de grootste stad van Montana hiermee wel wat te kort) en maar liefst 2.500 kilometer van Nashville en dat hoor je.
Ik ben persoonlijk wel gecharmeerd van het veelkleurige en soms toch ook wel wat rammelende geluid op het album. Dat rammelende hoor je ook in de stem van Mary Kate Teske, die beschikt over een mooie heldere stem, maar die af en toe ook wel wat onvast kan klinken. Ik heb daar geen moeite mee, want juist de imperfectie maakt de stem van de Amerikaanse singer-songwriter zo bijzonder.
Het is een stem vol echo’s uit het verleden, zeker wanneer de folk van Mary Kate Teske bezwerend en psychedelisch klinkt, maar het is ook een stem die op een of andere manier wat met je doet. Wereldberoemd gaat de muzikante uit Montana vast niet worden met dit debuutalbum, maar ze heeft mij absoluut geraakt met haar songs en zeker ook met haar stem en voordracht. Erwin Zijleman
Mary Lambert - Grief Creature (2019)

4,0
0
geplaatst: 26 november 2019, 08:58 uur
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Mary Lambert - Grief Creature - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Mary Lambert - Grief Creature
Mary Lambert rekent af met de demonen uit haar lijven op een donker en persoonlijk album dat ook verrassend toegankelijk kan klinken
Hoeveel leed kun je hebben in een leven? Kennelijk heel wat, want Grief Creature van Mary Lambert is een album vol verschrikkelijke verhalen, maar het is ook een album waarop de singer-songwriter uit Seattle afrekent met haar verleden. Ik hoorde tot dusver wel het talent in de muziek van Mary Lambert, maar echt overtuigen deed ze me niet. Tot dit album dan, want Grief Creature is een album dat diepe indruk maakt, zeker wanneer Mary Lambert kiest voor donkere pianoballads of nog veel donkerdere verhalen aan ons vertelt. Het contrasteert flink met de wat lichtvoetigere songs die je even de tijd geven om op adem te komen na al het leed.
De Amerikaanse singer-songwriter Mary Lambert debuteerde een jaar of vijf geleden met het album Heart On My Sleeve, dat ik best vaak heb beluisterd, maar me nooit helemaal wist te overtuigen.
De singer-songwriter uit Seattle, Washington, keerde een jaar of twee geleden terug met het min-album Bold, dat me al een stuk beter beviel, en nu is er dan de echte opvolger van Heart On My Sleeve, Grief Creature.
Mary Lambert noemt haar nieuwe album zelf "a breakup album to shame”. Op Grief Creature rekent ze af met een aantal drama’s en demonen in haar leven en laat ze een zware periode achter zich. De persoonlijke thema’s in de songs geven het nieuwe album van Mary Lambert een bijzondere lading, maar leggen ook, meer dan op Heart On My Sleeve, haar talenten bloot.
Zeker in de door piano gedomineerde en wat soberdere songs hoor je hoe mooi haar stem is en hoor je bovendien hoeveel gevoel Mary Lambert in haar zang legt. Grief Creature is in tekstueel opzicht een loodzwaar album, maar in muzikaal opzicht kiest de singer-songwriter uit Seattle zo nu en dan andere wegen. Een aantal songs op het album klinkt behoorlijk lichtvoetig en flirt met pop, maar het zijn (gelukkig) de stemmige en vaak loodzware ballads die domineren. Sfeervolle pianoklanken en de mooie stem van Mary Lambert kleuren de lucht al donker, maar wanneer ook nog eens strijkers worden ingezet, drijven al snel hele donkere wolken over.
Net als op Bold vertelt Mary Lambert af en toe duistere en indringende verhalen met gesproken teksten en het zijn verhalen die nu zo en dan dwars door de ziel snijden, bijvoorbeeld wanneer ze vertelt over seksueel misbruik door haar stiefvader en een verkrachting in haar tienerjaren. Het vormt een bijzondere aanvulling op de pianoballads, die verrassend toegankelijk klinken, maar waar je het leed in bakken af kunt scheppen, bijvoorbeeld wanneer de jonge Amerikaanse singer-songwriter terugblikt op een zelfmoordpoging.
Het contrasteert op bijzondere wijze met de meer pop georiënteerde songs op het album, waarin de donkere wolken deels worden verdreven door voorzichtige zonnestralen. Ook als Mary Lambert kiest voor pop hebben haar songs inhoud. De instrumentatie is in deze gevallen wat lichtvoetiger maar ook speels, terwijl de vocalen van de Amerikaanse singer-songwriter mooi en bijzonder blijven. Ik heb een duidelijke voorkeur voor de van melancholie overlopende piano ballads op het album, maar de diversiteit op Grief Creature draagt ook bij aan de kracht van het album en zonder de wat lichtvoetigere songs zou het album misschien ook wel erg zwaar worden.
Mary Lambert is in de Verenigde Staten een stuk bekender dan in Europa en heeft flink wat tijd en geld in haar album kunnen steken. Dat hoor je, want zowel de instrumentatie als haar eigen productie klinken glashelder.
Na een wat meer pop georiënteerde song doet Mary Lambert er meestal nog een schepje bovenop qua leed en maakt ze muziek die zelfs het grootste ijskonijn moet raken. De laatste track is misschien nog wel het mooist, want hierin krijgt Mary Lambert gezelschap van Julien Baker, die het leven over het algemeen ook niet door een roze bril bekijkt. In een beklemmend duet tillen de twee elkaar zeven minuten lang naar grote hoogten en wordt nog maar eens bevestigd dat Mary Lambert een prachtig album heeft gemaakt.
Niet iedereen zal gecharmeerd zijn van de wat meer uptempo popsongs op het album, maar als je die afhaalt van het ruim een uur durende album, blijft er nog altijd een volwaardig album over. Aardedonker, maar ook van een bijzondere schoonheid en intensiteit. Erwin Zijleman
De krenten uit de pop: Mary Lambert - Grief Creature - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Mary Lambert - Grief Creature
Mary Lambert rekent af met de demonen uit haar lijven op een donker en persoonlijk album dat ook verrassend toegankelijk kan klinken
Hoeveel leed kun je hebben in een leven? Kennelijk heel wat, want Grief Creature van Mary Lambert is een album vol verschrikkelijke verhalen, maar het is ook een album waarop de singer-songwriter uit Seattle afrekent met haar verleden. Ik hoorde tot dusver wel het talent in de muziek van Mary Lambert, maar echt overtuigen deed ze me niet. Tot dit album dan, want Grief Creature is een album dat diepe indruk maakt, zeker wanneer Mary Lambert kiest voor donkere pianoballads of nog veel donkerdere verhalen aan ons vertelt. Het contrasteert flink met de wat lichtvoetigere songs die je even de tijd geven om op adem te komen na al het leed.
De Amerikaanse singer-songwriter Mary Lambert debuteerde een jaar of vijf geleden met het album Heart On My Sleeve, dat ik best vaak heb beluisterd, maar me nooit helemaal wist te overtuigen.
De singer-songwriter uit Seattle, Washington, keerde een jaar of twee geleden terug met het min-album Bold, dat me al een stuk beter beviel, en nu is er dan de echte opvolger van Heart On My Sleeve, Grief Creature.
Mary Lambert noemt haar nieuwe album zelf "a breakup album to shame”. Op Grief Creature rekent ze af met een aantal drama’s en demonen in haar leven en laat ze een zware periode achter zich. De persoonlijke thema’s in de songs geven het nieuwe album van Mary Lambert een bijzondere lading, maar leggen ook, meer dan op Heart On My Sleeve, haar talenten bloot.
Zeker in de door piano gedomineerde en wat soberdere songs hoor je hoe mooi haar stem is en hoor je bovendien hoeveel gevoel Mary Lambert in haar zang legt. Grief Creature is in tekstueel opzicht een loodzwaar album, maar in muzikaal opzicht kiest de singer-songwriter uit Seattle zo nu en dan andere wegen. Een aantal songs op het album klinkt behoorlijk lichtvoetig en flirt met pop, maar het zijn (gelukkig) de stemmige en vaak loodzware ballads die domineren. Sfeervolle pianoklanken en de mooie stem van Mary Lambert kleuren de lucht al donker, maar wanneer ook nog eens strijkers worden ingezet, drijven al snel hele donkere wolken over.
Net als op Bold vertelt Mary Lambert af en toe duistere en indringende verhalen met gesproken teksten en het zijn verhalen die nu zo en dan dwars door de ziel snijden, bijvoorbeeld wanneer ze vertelt over seksueel misbruik door haar stiefvader en een verkrachting in haar tienerjaren. Het vormt een bijzondere aanvulling op de pianoballads, die verrassend toegankelijk klinken, maar waar je het leed in bakken af kunt scheppen, bijvoorbeeld wanneer de jonge Amerikaanse singer-songwriter terugblikt op een zelfmoordpoging.
Het contrasteert op bijzondere wijze met de meer pop georiënteerde songs op het album, waarin de donkere wolken deels worden verdreven door voorzichtige zonnestralen. Ook als Mary Lambert kiest voor pop hebben haar songs inhoud. De instrumentatie is in deze gevallen wat lichtvoetiger maar ook speels, terwijl de vocalen van de Amerikaanse singer-songwriter mooi en bijzonder blijven. Ik heb een duidelijke voorkeur voor de van melancholie overlopende piano ballads op het album, maar de diversiteit op Grief Creature draagt ook bij aan de kracht van het album en zonder de wat lichtvoetigere songs zou het album misschien ook wel erg zwaar worden.
Mary Lambert is in de Verenigde Staten een stuk bekender dan in Europa en heeft flink wat tijd en geld in haar album kunnen steken. Dat hoor je, want zowel de instrumentatie als haar eigen productie klinken glashelder.
Na een wat meer pop georiënteerde song doet Mary Lambert er meestal nog een schepje bovenop qua leed en maakt ze muziek die zelfs het grootste ijskonijn moet raken. De laatste track is misschien nog wel het mooist, want hierin krijgt Mary Lambert gezelschap van Julien Baker, die het leven over het algemeen ook niet door een roze bril bekijkt. In een beklemmend duet tillen de twee elkaar zeven minuten lang naar grote hoogten en wordt nog maar eens bevestigd dat Mary Lambert een prachtig album heeft gemaakt.
Niet iedereen zal gecharmeerd zijn van de wat meer uptempo popsongs op het album, maar als je die afhaalt van het ruim een uur durende album, blijft er nog altijd een volwaardig album over. Aardedonker, maar ook van een bijzondere schoonheid en intensiteit. Erwin Zijleman
